Page 31

daartegen menigmaal mort, gelijk in Job en David te zien is, als in ons lichaam, hetwelk broos en zwak is. want wij weten niet, Namelijk van onszelve, als wij in benauwdheid zijn en geen toevlucht kunnen hebben, dan tot God door het gebed. wat wij bidden

zullen, gelijk het behoort, maar de Geest Zelf bidt voor ons Het Griekse woord betekent voor iemand bidden, en wordt van Christus hierna Rom. 8:34 gezegd, die onze voorspraak is bij den Vader, en als Middelaar voor ons bidt, 1 Joh. 2:1, hetwelk den Heiligen Geest in zulker voege niet kan toegeschreven worden, alzo Hij onze Middelaar eigenlijk niet is; maar het betekent hier dat de Heilige Geest ons tot bidden met onuitsprekelijk zuchten verwekt, en ons als voorspelt onze les, hoe wij in alle zwarigheden moeten bidden, Luk. 12:11,12; Joh. 16:13; Gal. 4:6. met onuitsprekelijke

zuchtingen. 27. En Die de harten doorzoekt, Dat is, God, die alleen de harten der mensen kent, 1 Kon. 8:39; Openb. 2:23. weet, welke de

mening des Geestes zij,

Of, bedenking, betrachting. Namelijk des gebeds, dat de Geest in ons werkt. dewijl Hij naar God

voor de heiligen bidt.

Dat is, naar Gods wil, dewijl Hij weet wat God ons wil opleggen tot onze zaligheid, hoelang Hij wil dat het duren zal, hoe Hij ons daarvan wil verlossen, en of Hij door ons leven of dood wil verheerlijkt zijn, enz.; en is dit de vierde grond van onzen troost. 28. En wij weten, Hier begint de laatste reden van vertroosting, die de gelovigen in al hunne zwarigheden stellen tegen alle aanvechtingen en verdrukkingen, genomen van Gods eeuwigen raad of vast voornemen, om ons dwars door alle zwarigheden, door de volgende middelen tot de zaligheid te brengen. dat dengenen, die God

liefhebben, alle dingen medewerken Dat is, alle zwarigheden en verdrukkingen, waarvan hij tot nog toe heeft gesproken. ten

goede, namelijk dengenen, die naar Zijn voornemen Namelijk dat Hij in zichzelven

voorgenomen

heeft,

om

de

mensen uit genade door Christus zalig te maken. Zie Ef. 1:9,11, enz. geroepen zijn. Namelijk tot het ware geloof, dat door de liefde krachtig is, niet alleen door een uitwendige, maar ook door een inwendige en krachtige roeping, waar de gehoorzaamheid zekerlijk op volgt; Joh. 6:44,65; 1 Cor. 1:24,26.

29. Want die Hij te voren gekend heeft, Namelijk voor de Zijnen, gelijk Joh. 10:14,27. Dat is, die Hij van eeuwigheid in Christus heeft verkoren ten eeuwigen leven; Rom. 11:2; Ef. 1:4; 1 Petr. 1:2, en hierna Rom. 8:33. die heeft Hij ook te voren

verordineerd, den beelde Zijns Zoons gelijkvormig te zijn, Namelijk niet alleen in het lijden, maar ook inzonderheid in de heiligmaking en verheerlijking, die daarna zal volgen; 1 Cor. 13:12, en 1 Cor. 15:48, en 2 Cor. 3:18. opdat

Hij de Eerstgeborene zij onder vele broederen. 30. En die Hij te voren verordineerd heeft, dezen heeft Hij ook geroepen; Namelijk tot het geloof en de gehoorzaamheid des geloofs door een krachtige roeping, Rom. 8:28. en die Hij

geroepen heeft, dezen heeft Hij ook gerechtvaardigd; en die Namelijk voor hem, door het geloof; gelijk dit woord in dezen gehelen brief in deze stof wordt genomen, en het oogmerk des apostels medebrengt. Want deze rechtvaardigmaking is de naaste trap tot de verheerlijking. Hij

gerechtvaardigd heeft, dezen heeft Hij ook verheerlijkt. Namelijk hier, in de beginselen door de heiligmaking en aanneming tot kinderen, en hiernamaals, door de volle bezitting van deze heerlijkheid, Rom. 8:17,21; 2 Cor. 3:18. 31. Wat zullen wij dan Hier besluit de apostel de handeling van de voorgaande leer dezes briefs tot hiertoe, met een heiligen trots en roem in Christus tegen alle beschuldigingen en verdrukkingen, die de duivel en de wereld hun zouden mogen aandoen. tot deze dingen zeggen? Namelijk die dus verre tevoren geleerd en verklaard zijn. Zo God voor ons is, Dat is,

Romeinen  
Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you