Page 1

Erfgoeddag 2016 thema Rituelen

INFO-PERKAMENT II Tornooi: wie wordt opperbevelhebber? door Pynnock Ridders Horst vzw

BALDERIK

wichman

Adela


Feit of fabel?

d

e opperbevelhebber of ‘prefect’ was een heel belangrijk man, in oorlogstijd belangrijker dan een graaf of gravin.

De vorige opperbevelhebber was gestorven en diens zoon Godfried erfde de functie, maar hij was ‘een vadsige domkop en fysiek bijna een wrak’, volgens een kroniek uit die tijd. Adela en Balderik waren al gravin en graaf, maar wilden nog meer macht en aasden daarom op deze functie. Balderik had ooit bij een inval van de Vikingen de zieke opperbevelhebber goed vervangen. Daarom vonden hij en Adela dat Balderik recht had op de job in plaats van die zwakkeling Godfried (die trouwens zijn neef was). Godfried werd echter gesteund door zijn schoonbroer Wichman. Of Wichman echt zo ridderlijk zijn schoonbroer verdedigde als wij het voorstellen, is niet duidelijk. Misschien was hij ook uit op meer macht en zolang Godfried opperbevelhebber was, had Wichman het eigenlijk voor het zeggen. In werkelijkheid werd de ruzie over wie opperbevelhebber werd niet beslist door een tornooi, maar profiteerde Balderik van Wichmans afwezigheid (die was op pelgrimstocht) en kreeg de functie van de koning. Enkel Adela, Balderik en Wichman zijn historisch correct. De andere ridders en jonkvrouwen die je in het tornooi zag, hebben ook allemaal écht geleefd, maar wel bijna 300 jaar nà de tijd van Balderik & Adela. Ze dragen wapens en wapenuitrustingen uit de late dertiende eeuw, dus 300 jaar ‘moderner’ dan die uit de tijd van Balderik en Wichman. Wil je meer daarover weten, ga dan zeker naar de wapenuitleg van de Pynnockridders!

Weetjes Tornooien

Wist je dat tornooien niet bestonden in de tijd van Balderik & Adela? Ze ontstonden pas in de vroege twaalfde eeuw aan de grenzen van het Franse en Duitse Rijk: in Noord-Frankrijk, Vlaanderen, Henegouwen en Brabant. Dat was niet toevallig: daar was minder controle en konden groepen ridders elkaar gemakkelijker ongestoord ontmoeten voor tornooien. Al gauw werd het tornooi heel populair in heel Europa. Regelmatig werden tornooien verboden, omdat ze overlast veroorzaakten of uit de hand liepen. Ook de Kerk was tegen, zeker in tijden van kruistochten, want dan was het toch al te gek dat ridders elkaar verwondden in een tornooi, terwijl ze veel beter hun krachten konden gebruiken op kruistocht! Je kan een tornooi een beetje vergelijken met een voetbalmatch van vandaag. En net zoals je nu bekende voetballers hebt, had je toen bekende tornooiridders, zoals de Engelsman William Marshall en Jan I, hertog van Brabant, die trouwens stierf ten gevolge van een verwonding opgelopen tijdens een tornooi. Ongevaarlijk was het dus zeker niet!

Tornooidagen

Wist je dat we vandaag eigenlijk helemaal niet hadden mogen vechten? Het is zondag! In de Middeleeuwen mocht men niet vechten op zondag en vrijdag (een vastendag). Daarom werden tornooien vaak op een maandag gehouden, de dag na de kerkelijke feesten. Tornooien konden meerdere dagen duren, met één of meerdere dagen steekspelen en dan op de slotdag de mêlée. Die was zo ontzettend zwaar voor de ridders, waardoor die nooit meer dan één dag duurde.

Mêlée

Dit is een onderdeel van een tornooi, waarbij twee groepen ridders het tegen elkaar opnamen. Het was een soort ‘oefenveldslag’, al vielen er vaak gewonden en soms zelfs doden. Het doel was ridders van de tegenpartij gevangen nemen en er nadien losgeld voor vragen. De twee groepen konden erg groot zijn, soms wel enkele honderden of zelfs duizenden ridders! Dat betekent dat je zoiets niet zomaar overal kon doen. Je had een heel groot terrein nodig. Wist je dat een deel van Disneyland Parijs op een plaats staat waar vroeger tornooien werden gehouden?


Steekspel

Een steekspel is een ander onderdeel van een tornooi waarbij de ene ridder de andere uit het zadel probeert te stoten met een lans. In de loop van de dertiende eeuw werd dit het populairste deel van het tornooi, ten koste van de mêlée (ook al omdat die vaak verboden werd). Het was gemakkelijker te volgen voor het publiek en men had er veel minder ruimte voor nodig dan voor een mêlée.

©Bart Vandenbempt

Godsgericht

Bij een godsgericht gaat men ervan uit dat God de kant kiest van degene die gelijk heeft. Er zijn verschillende vormen, zoals de water- of vuurproef. Wij beelden het gerechtelijk tweegevecht uit, dat in de vroege Middeleeuwen nog bestond, maar nadien verboden werd (al bleef het wel bestaan).

Colofon verhaal: Wim Breeus, Tom Delvaux en Bart Vandenbempt uitvoering: Pynnock Ridders Horst vzw samenstelling: Bart Vandenbempt • revisie: Tinne Cockx en Werner Wouters lay-out: Goele Van Weyenbergh www.pynnockriddershorst.be

Erfgoed 20160404 infoperkament ii web  
Erfgoed 20160404 infoperkament ii web  
Advertisement