Page 9

donderdag 28 februari 2013 Reformatorisch Dagblad

9

dominee Bijna 800 begrafenissen tekst Jan van ’t Hul beeld Sjaak Verboom

Omdat de Amsterdamse begraafplaats Zorgvlied aan het water ligt, is het mogelijk de boot te gebruiken bij een uitvaart. De begraafplaats werd in 1870 oficieel geopend. In die tijd werden overledenen vaak per trekschuit naar de begraafplaats vervoerd. Voor een deel uit noodzaak: niet iedereen kon zich een koets permitteren of wilde de hele weg uit Amsterdam naar de begraafplaats achter het rijtuig aanlopen.

„Bljkbaar zjn er maar weinig mensen die er werkeljk van uitgaan dat met de dood alles is afgelopen”, stelt De Baar vast. „Op wat voor manier ook willen we ons verbonden bljven voelen met hen die ons ontvielen. Die diep existentiële behoefte wordt door de secularisatie niet ongedaan

gemaakt. Er bljft behoefte aan rituelen die steun en richting geven bj het rouwen en herdenken.” Zelf bezoekt ze in de week van Allerzielen, in november, altjd het graf van haar vader in Brabant. Om het te verzorgen en er bloemen te plaatsen. „Ik vind het prachtig om op het kerkhof bj al die graven

verse bloemen te zien staan. Ook in het buitenland breng ik graag een bezoek aan een begraafplaats, om te zien hoe de lokale gemeenschap met de doden omgaat. Vaak valt me op hoe goed de kerkhoven in het buitenland worden bjgehouden. Dat getuigt van respect voor de generaties die zjn weggevallen.”

Bjna 800 rouwdiensten en begrafenissen moet hj in 35 jaar tjd hebben geleid. „Maar de dood went nooit. Sterven is niet gewoon, het bljft een vreemd element in het leven, want de mens was niet geschapen om te sterven maar om te leven. Naar een sterfhuis neem ik niet mjn ervaring mee, maar mjn bewogenheid, en mjn Bjbel.” Ds. C. Oorschot (79) is emeritus predikant in de Hersteld Hervormde Kerk. Als pastoraal medewerker is hj verbonden aan de hersteld hervormde gemeenten van Stellendam en Nieuwe-Tonge. Daar leidt hj nog steeds rouwdiensten en begrafenissen. Ondertussen houdt hj ernstig rekening met zjn eigen levenseinde. „Iedere keer als ik met de familie op het kerkhof meeloop naar het open graf let ik op al die grafzerken. De meeste mensen die begraven liggen, waren jonger dan ik.” De moeiljkste begrafenissen zjn die waarbj de overledene in zjn leven er geen bljk van heeft gegeven de Heere te hebben gezocht, zegt ds. Oorschot. „Je ervaart dan dat er geen ruimte is om de achterbljvenden te troosten met de enige troost in leven en in sterven. Aan de andere kant wordt een predikant niet geroepen om iemand in de hemel te zetten. Ik ben geen Petrus die volgens Rome bj de hemelpoort staat en de sleutels van het hemelrjk draagt.” De mens gaat naar zjn eeuwig huis. „Dat geeft een grote klem aan het ambt, die ik in heel mjn ambteljke bediening gevoeld heb, niet het minst bj stervensbegeleiding. Steeds weer zie je wat de zonde teweeg heeft gebracht.” Geen enkele begrafenis is aan een andere geljk, zegt ds. Oorschot. „Voor jezelf maakt het veel uit of je iemand wel of niet goed gekend hebt, of je met iemand een geesteljke band had. Het maakt ook verschil of het om een oude man gaat of om een klein kind. Soms word je gevraagd voor een rouwdienst van iemand die je niet hebt gekend. Dat vind ik erg moeiljk, maar ook dan mag het Woord opengaan.” Voor ds. Oorschot is het helder: een predikant moet in de rouwdienst en aan het graf het Woord laten spreken. Niets meer en niets minder. „Het komt nogal eens voor dat familieleden zeggen: „Alstublieft geen hel en verdoemenis, meneer.” Dan zeg ik: „Daar kom ik ook niet voor. U mag van mj wel verwachten dat ik de Bjbel laten spreken en dat ik Christus verkondig, Die gekomen is om de zondaren zalig te maken. Daarbj hoop ik u eerljk te behandelen. Er zjn maar twee wegen: de ene ten leven, de andere ten dode. Die noem en verklaar ik in de rouwdienst heel concreet. En soms zie je toch opeens dat het Woord beslag legt.” Soms vraagt de familie of hj in de rouwdienst over een bepaalde Bjbeltekst wil spreken. „Dat doe ik in principe altjd. Ook als ik meen dat de tekst een bepaalde verwachting in zich heeft die mj uit het leven van de overledene niet is gebleken. Ook die tekst staat immers in het Woord, en dan kan ik geen bezwaar maken eruit te preken. Dat betekent niet dat ik zeg wat de familie graag hoort. Ook bj het levenseinde geldt voor een predikant: Heere, wat wilt Gj dat ik spreken zal.”

Ds. C. Oorschot: „Er zijn maar twee wegen.”

Als gras...  

Uitvaartbijlage, verschenen bij het Reformatorisch Dagblad van 28 februari 2013

Als gras...  

Uitvaartbijlage, verschenen bij het Reformatorisch Dagblad van 28 februari 2013