Page 5

donderdag 28 februari 2013 Reformatorisch Dagblad

5

ascal (1623-1662)

drager „Ik doe gewoon mijn werk” tekst Machteld Brouwer

Thijs de Haan (21) uit Enschede is drager bij Avecta, een dragersgilde dat studenten van christelijke studentenverenigingen inzet bij begrafenissen.

Cees Roubos (39) uit Aagtekerke. beeld Sjaak Verboom

eleider mjn vader weet ik hoe je je in zo’n situatie voelt.” Tot nu toe verzorgt Roubos vooral begrafenissen op Walcheren, met name in orthodox­reformatorische kring. In totaal telt het eiland twaalf uitvaartondernemers, onder wie vjf vrouwen. „Door het hele land zie je steeds meer dames in het vak komen. Misschien omdat je dit werk gemakkeljk vanuit huis kunt doen. En vrouwen zjn in het algemeen sterk in zorg en communicatie, twee belangrjke kwaliteiten voor dit beroep.” Traditie Maar zelden maakte Roubos het mee dat overledenen tjdens hun leven de invulling van hun begrafe­ nis al hadden geregeld. „Terwjl je dat in onze gezindte wel zou verwachten. In de prediking wordt vaak gewezen op het onafwend­ bare van de dood. Het is opmerke­ ljk dat mensen niet nadenken over de praktische kanten daarvan. Van­ uit welke locatie wil ik begraven worden? Wat voor graf wil ik? Wat moet er boven mjn kaart komen te staan? Mensen kunnen bj ons een wilsbeschikkingsboekje aanvragen om dit soort zaken vast te leggen.” Hét kenmerk van begrafenissen van reformatorische christenen op

Walcheren is soberheid. „De mees­ te overledenen worden hier nog thuis opgebaard. Dat vind ik een mooie traditie die heel goed is voor de rouwverwerking. Vaak helpen familieleden mee met de verzor­ ging en opbaring van de overlede­ ne. De condoleance en de rouw­ dienst vinden hier vrjwel altjd in de kerk plaats. Een kwartier voor het begin van de rouwdienst laat ik de familie de kist sluiten. Als het kan, probeer ik familieleden ook te laten dragen. Zo mogeljk lopen we

naar de begraafplaats.” De belangrjkste verschuiving op het eiland is, dat steeds vaker wordt gezongen in de rouwdienst. Ook orgelspel komt op. „Misschien dat in de toekomst wordt toege­ staan dat de kist voorin de kerk wordt gezet. Dat vind ik zelf een mooie gewoonte. Daar ben je ook gedoopt, knielde je in de huweljks­ dienst en stond je bj de doop van kinderen. Maar bepalend bljven voor mj de regels van de kerken­ raad.”

(Advertentie)

Begrafenisverzorging Roubos Reigersberg 15 Aagtekerke

info@begrafenisverzorgingroubos.nl www.begrafenisverzorgingroubos.nl

0118 - 58 22 98

Overlijden en begraven zijn momenten waarop emoties een belangrijke plaats innemen. Begrijpelijk dat u zich op een respectvolle en professionele wijze wilt laten ondersteunen. Vraag bij ons een gratis wilsbeschikkingsboekje aan om uw wensen rondom de begrafenis vast te leggen.

Een bjbaantje in de supermarkt trok Thjs de Haan (21) uit Enschede niet. Met een aantal vrienden koos hj ervoor om drager bj Avecta te worden. Dit dra­ gersgilde zet studenten van christeljke studenten­ verenigingen in bj begrafenissen in de omgeving van Twente en Zwolle. „Mensen vinden het vaak raar, maar ik zie het gewoon als mjn werk”, zegt Thjs. „De eerste keer was voor mj het spannendst. Mensen kjken naar je, je staat in zekere zin in het middelpunt. Je wilt geen fouten maken. Die spanning is er nu niet meer. Ik vind het heel belangrjk om ervoor te zorgen dat een uitvaart zo netjes en stjlvol mogeljk verloopt. Bj het werk zelf hoort vooral het dragen van de kist. Soms helpen we ook met bloemstukken, of lopen we naast de auto. Via mjn studentenvereniging werd een oproepje verspreid voor dit werk. Vrienden van mj doen het ook, dus ik had er al veel over gehoord. Het trok me, omdat het niet zo alledaags is als bjvoorbeeld een bjbaantje in een supermarkt. Dit vraagt fysiek meer van je, en leek mj veel uitdagender. Ook kun je hier­ bj als vrienden met elkaar samenwerken. Als we een kist de kerk in hebben gedragen, bljven wj als dragers niet bj de dienst. Tenzj er geen ander zaaltje beschikbaar is, dan moeten we wel. Maar de mensen kennen we niet, dus liever zitten we met z’n zessen apart. Wat we dan doen? Gewoon, kofiedrin­ ken. Soms maken we ook grappen onder elkaar. Over hoe we onze eigen uitvaart zouden willen, bjvoor­ beeld. Of ik dat als christen niet ongepast vind? Nee. Op die manier houden we het voor onszelf drageljk. Het is voor mj niet confronterend om steeds met de dood bezig te zjn. Zo zie ik het ook niet: ik doe ge­ woon mjn werk. En dat houdt vooral in dat ik ervoor zorg dat de kist op een nette manier van A naar B wordt gebracht. Soms is het moeiljk, als er emotio­ nele toespraken worden gehouden. Maar meestal is de familie zelf heel rustig. Niet iedereen is geschikt voor dit werk: een gemid­ delde lengte is belangrjk, zodat je met z’n zessen de kist op je schouders kunt dragen. Daar moet je ook sterk genoeg voor zjn. Het schouderen over grotere afstanden op een begraafplaats, of het stilstaan als het heel warm of heel koud is, kan ook zwaar zjn. We werken op oproepbasis, waardoor ik het werk goed in kan passen in mjn studie. Soms één keer in de week, soms vjf keer. Je kunt zelf aangeven op welke dagdelen je kunt werken. Maar als je dan een klus krjgt, moet er wel op je gerekend kunnen worden. Zelf ben ik één keer vergeten dat ik moest werken. Dat was echt heel slordig, het was voor mj ook een waarschuwing dat dit niet nog een keer mag gebeuren. Het mooiste aan dit werk vind ik de waardering die ik regelmatig via de uitvaartleiders van familie­ leden krjg. Mjn bjbaantje is niet iets raars, zoals veel mensen denken. Ik ben echt met iets belangrjks bezig.”

Als gras...  

Uitvaartbijlage, verschenen bij het Reformatorisch Dagblad van 28 februari 2013

Als gras...  

Uitvaartbijlage, verschenen bij het Reformatorisch Dagblad van 28 februari 2013