Page 22

pagina

EM 05

rubriek

22

09 oktober 2008

achtergrond

reactie

redactie@em.eur.nl

>> Bespreking

MOHAMMED ENAIT OP ACADEMISCH OORLOGSPAD paranoïde witte man niet zoveel uit. Overigens hebben verschillende EUR-wetenschappers daar eerder op gewezen. Rechtssocioloog Roel Pieterman (‘De Voorzorgcultuur’) en socioloog Willem Schinkel (‘Denken in een tijd van sociale hypochondrie’) zien ook de gevaren van een zowel rechterlijke als parlementaire politiek, die alle risico wil uitsluiten door bijvoorbeeld de afkomst en geloofsovertuiging van personen (lees: moslims) juridisch te inventariseren en ze daarmee te reduceren tot een gevaarlijke groep, waar je vervolgens al te lichtzinnig mee om kan gaan. Om dat te zien is trouwens geen fijnzinnige ideologiekritiek nodig: voorbeelden te over in de VS, waar mensen worden weggestopt in Guantánamo en de jurisdictie het nog toestaat ook. Ook in Nederland kennen we ‘Guantánamo Vught’. Bovendien heerst er een houdgreepachtige, discriminatoire denkcultuur van: ben je een laag opgeleide moslim, dan ben je niet geïntegreerd. Ben je echter een hoog opgeleide moslim, dan ben je vast een gevaarlijke infiltrant. Het is nooit goed. De maatschappijkritiek van Enait is terecht, al is het niet zo nieuw en ‘pimped up’, zoals hij zelf wijsneuzerig beweert.

De advocaat die geen handen wil schudden en niet op wil staan in de rechtszaal, studeerde pas geleden af in de rechtsgeleerdheid aan de Erasmus Universiteit. Zijn masterscriptie heet ‘Terrornoia’: een felle aanklacht tegen zowel de politiek als zijn naaste vakbroeders bij de sectie strafrecht. tekst Daan Rutten fotografie Rhalda Jansen wee eigenschappen van Mohammed Faizel Enait’s vallen meteen op in zijn meer dan honderd pagina’s tellende scriptie: hij is een eloquente woordkunstenaar van neologismen en spitse taalvondsten (demo-n-cratic). En hij is verongelijkt over het ‘duivelse’ democratische systeem en over ’s lands rechterlijke machtssysteem. Een grote bron van de woede voor Enait zijn ook de politici (vooral Wilders en Verdonk), en de strafrechtwetenschappers aan deze universiteit: ‘Professoren die, zonder uitzondering, allemaal in zichzelf gekeerde blanken zijn, klonen van elkaar, die niet open staan voor het scala aan meningen en opinies.’ Oei, dat zijn nog eens ferme woorden. De vraag die natuurlijk meteen opdoemt is: wat heeft dit soort subjectieve, pamflettistische taal, uit naam van Allah, zoals hij expliciet vermeldt op de titelpagina, voor wetenschappelijke waarheid te verkondigen? En waarmee staaf je die beweringen over die ‘witte mannenkliek’ aan de universiteit? Om zijn subjectieve stellingname academisch te verantwoorden, kiest Enait in principe een legitieme weg, door leentjebuur te spelen bij de geestesweten-

T

schappelijke stroming van de ideologiekritiek. In lijn met Thomas W. Adorno’s ‘Kritische Theorie’, de (feministisch) geëngageerde genderwetenschap – toch een pikant detail – en de postkolonialistische cultuurkritiek (denk aan Edward Saïd) neemt hij een emancipatoir standpunt in, dat bloot moet leggen op welke plaatsen het Westerse stelsel van wetten, normen en waarden een discriminerende werking heeft ten opzichte van moslims. Enait neemt ook nog een ander cruciaal punt over uit deze wetenschappelijke school: wetten zijn arbitrair (door mensen in het leven geroepen) en zijn geheel door die cultuur bepaald en dus niet heilig.

Guantánamo Vught

Het betoog voltrekt zich als volgt. De Nederlandse cultuur is het laatste decennium onzeker van zichzelf en in crisis. De moord op Theo van Gogh en het hellevuur van 9/11 zijn de ziekmakers. De Westerse mens verwerd daardoor tot een paranoïde angsthaas. Er heerst dus een toestand van wat Enait’s terrornoia noemt, die een kwalijk effect heeft op de (altijd cultureel gestuurde) politiek en wetgeving. Uit angst neemt men immers draconische maatregelen. Dat die in strijd met de mensenrechten zijn, maakt voor de

Theekransje

Toch zullen veel lezers de scriptie van Enait als over the top beoordelen. De ronkende belofte van zijn ‘Moslim Kritische Theorie’ belooft veel te veel: in feite komt zijn theorie nergens tot wasdom, omdat een wezenlijke wet- en tekstanalyse ontbreekt. Het wijst wel op fouten in het systeem: dat leden van de Hofstadgroep – waarschijnlijk - onterecht vast zaten voor lange tijd. Maar dat de Hofstadgroep louter ‘een theekransje’ was, hoeft ook niet meteen aangenomen te worden. En uit de wetstekst van de ‘Wet Terroristische Misdrijven’ blijkt niet noodzakelijkerwijs dat islamitische theekransjes politiebezoek kunnen verwachten. Althans, de analyse van Enait levert hier weinig op. Stijgeren kan je ook bij het ontbreken van bewijs voor zijn bewering over de ‘witte professoren’ (hij voert wel een discussie op tussen een wetenschapper en een moslimstudent, maar die is fictief, en zijn vergelijkingen tussen de situatie van vandaag, de Kristallnacht en de heksenvervolgingen ten tijde van de Spaanse inquisitie, gaan mank. Daar komt bij: wanneer je waarderelativisme als heuristisch uitgangspunt neemt, hoe zit het dan met de wetten van Allah? Eén van de pijlers van ideologiekritiek is bij Enait’s voorbeeld Foucault altijd zelfrelativering geweest. Die ontbreekt totaal in de scriptie. Meer behoefte is er aan ontwapeningsvoorstellen, handreikingen. Maar ja, daar heeft Enait schijnbaar problemen mee.

‘Terrornoia’ van Mohammed Faizel Enait is beschikbaar via de UB.

Profile for Erasmus Magazine

EM 5  

Universiteitsblad

EM 5  

Universiteitsblad

Advertisement