Page 13

13_USA report:13 06-10-10 12:13 Pagina 13

Wereldwijd

[Mike Wilson]

Amerikaanse T-bone terug in Koreaans menu De Koreaanse supermarktketen Lotte Mart is gestart met de verkoop van T-bone steaks uit de Verenigde Staten. Het is voor het eerst sinds het opheffen van de importstop op Amerikaans vlees dat deze vleessoort verkrijgbaar is in Koreaanse supermarkten. Amerikaanse handelaren zien in de vraag naar dit specifieke vlees een bewijs dat Koreanen hun terughoudendheid ten opzichte van Amerikaans vlees van zich hebben afgeworpen. “Consumentenacceptatie van Amerikaans vlees in Korea groeit als gevolg van positieve productbenadering, actieve promotie en samenwerking tussen leveranciers, importeurs en retail”, aldus Junil Park van de Amerikaanse vleesexportfederatie (USMEF). Deze federatie organiseerde afgelopen voorjaar een seminar over de veiligheid en kwaliteit van Amerikaans vlees. Dit werd positief ontvangen door de Koreaanse retail. Supermarktketen Lotte Mart, de derde in grootte in Korea, verkoopt naast Tbone ook biefstukken. Ongeveer een derde van het geïmporteerde vlees is afkomstig uit de Verenigde Staten. Amerikaans vlees staat weer op het menu in Korea.

Meer land in buitenlandse handen Het Amerikaanse landbouwservice agentschap (FSA) heeft vastgesteld dat begin vorig jaar 8,9 miljoen hectare landbouwgrond in eigendom was van buitenlanders. Dat is een toename van 0,5 miljoen hectare ten opzichte van een jaar eerder. In het jaarrapport van FSA wordt duidelijke dat 1,7 procent van het Amerikaanse landbouwareaal in handen is van buitenlandse investeerders en 0,98 procent van het land in de Verenigde Staten. Volgens het jaarrapport is 59 procent van al het bosbouwland in handen van buitenlanders. Zo’n 14 procent van het totale akkerbouwland en 27 procent van het grasland heeft enige vorm van buitenlands kapitaal in eigendomsverband. Bijna een derde daarvan betreft Canadese belangstelling, een even zo groot aandeel is in handen van Nederlandse, Duitse en Britse eigenaren. De staten met het hoogste aandeel buitenlands kapitaal in landbouwgrond zijn Maine, Hawai, Washington, Nevada en Alabama.

Bedrijfsomvang nader bekeken De Amerikaanse landbouw lijkt af te stevenen op een tweespalt: groot en klein, maar niet veel daartussenin. Zo’n 88 procent van de landbouwbedrijven betreft kleine familieondernemingen, met een jaarlijkse omzet van ongeveer 250.000 dollar, zo blijkt uit een evaluatierapport van de USDA over 2007. Deze familiebedrijven hebben ongeveer 64 procent van alle bezittingen in eigendom, inclusief 63 procent van de landbouwgrond. Familiebedrijven maken veel gebruik van de zogenoemde ‘land-retirement programs’; ongeveer 76 procent van het areaal wordt daarvoor aangemeld. Hele grote familiebedrijven en landbouwbedrijven die niet in eigendom zijn van boerenfamilies leveren echter de grootste bijdrage aan de agrarische productie in de Verenigde Staten. Grootschalige bedrijven met een omzet die hoger is dan 250.000 dollar op jaarbasis, zijn samen goed voor slechts 12 procent van het aantal bedrijven. Deze bedrijven leveren echter 84 procent van de totale waarde van de Amerikaanse agrarische productie, zo blijkt uit berekeningen van USDA.

Grote landbouwbedrijven goed voor kleine dorpen In de Amerikaanse staat Iowa wordt de ontwikkeling van grote landbouwbedrijven toegejuicht. Een onlangs door de Iowa State University uitgevoerd onderzoek toont aan dat er een ‘bescheiden positief effect’ uitgaat van de aanwezigheid van grootschalige landbouw op kleine dorpen en steden in de Amerikaanse staat. “Opvallend is dat dit positieve effect vooral in het Midwesten zo wordt beleefd. In andere staten wordt grootschalige landbouw als regel geassocieerd met verminderde kwaliteit van de leefomgeving”, aldus Steve Sapp, hoogleraar sociologie. Bij de beoordeling van ‘kwaliteit van de leefomgeving’ wordt gevraagd naar het oordeel van bewoners als het gaat om overheidsdiensten (politie, brandweer, gemeentediensten, vuilophalen) en aanwezigheid van faciliteiten zoals scholen, medische zorg, winkelvoorzieningen, recreatie en sport, kinderopvang, seniorenvoorzieningen en jeugdprogramma’s. Deze aspecten werden gemeten voor een stad/dorp in elk van de gemeenten van de staat Iowa. In de stad of het dorp werden 150 willekeurige huishoudens bevraagd.

12

13

D e M o l e n a a r n r. 1 4 1 5 o k t o b e r 2 0 1 0

demolenaar-2010-14  
demolenaar-2010-14  

Fefac-voorzitter: ‘Samenwerken speerpunt’ Voer voor goede voeten Fefac-voorzitter: ‘Samenwerken speerpunt’ Voer voor goede voeten 13 vakblad...