Page 1

Aandrijven - Besturen - Toepassen

nr. 2 Maart 2014

AANDRIJFTECHNIEK

BESTURINGEN Al onze intelligentie bevindt zich in ‘the cloud’. Software, Platform en Infrastructuur as a Service. Deze concepten beginnen ook in de industrie door te dringen: Hardware as a Service

MECHANISCH Studenten van de TU Delft bouwen een door een mens aangedreven onderzeeër, de WASUB 4. Een fietssysteem in de onderzeeër zorgt voor de aandrijving

ROBOTICA Er wordt veel geschreven over robotica. Juridische vraagstukken, bijvoorbeeld rondom de aansprakelijkheid voor robots, blijven daarin vaak onderbelicht

www.AT-aandrijftechniek.nl 01_Cover.indd 1

17-03-14 08:45


krachtige beweging Mechanische transMissietechnologie

scan met layar en ontvang de gratis usb-stick

brevini PoWer transmission brengt u verder

Waar beweging vereist is, loopt Brevini Power Transmission Benelux voorop. Onze innovatieve en bedrijfszekere oplossingen genieten wereldwijd aanzien door hun betrouwbaarheid en duurzaamheid. Of het nu gaat om installaties in de offshore, recycling, landbouw of industrie, onze planetaire en conventionele tandwiel- en reductiekasten staan garant voor een hoge productiviteit en lage onderhoudskosten. bpt.nl@brevini.com / T +31 (0) 172 47 64 64 / www.brevini.nl

INTERACTIEVE PRINT

Download de gratis Layar app

Scan de foto’s met het Layar logo

BREVINI0519_140304_ADV-13.4_aandrijftechniek_230X300.indd 1

Ontdek de extra digitale content

04-03-14 16:25


Aandrijven - Besturen - Toepassen

MAART 2014 nr. 2

AANDRIJFTECHNIEK 14 | BESTURINGEN

20 | MECHANISCH

18 | BESTURINGEN

28 | MANAGEMENT

Meer M2M door Smart Manufacturing AM Academy bundelt 3D-printopleidingen

Om de complexe besturingstaken te kunnen oplossen, is het voor Duflex belangrijk samen te werken met een automatiseringspartner.

Freddy Eggengoor is sinds 1 januari de nieuwe general manager Nederland van Parker Hannifin. Zijn doelstelling is helder: “We willen in alle disciplines de nummer één worden.”

Robotaap met flexibele wervelkolom en gevoelige voeten Machines op afstand beheren achter Chinese Firewall Prothese met gevoel

10 | ELEKTRISCH Technisch is het geen probleem om een motor ook frequentiegeregeld te laten afremmen. Emerson Industrial Automation introduceerde een volwaardige, compacte en vaak ook betaalbare vierkwadrantenregelaar.

14 | BESTURINGEN Software, Platform en Infrastructuur as a Service. Deze concepten beginnen ook in de industrie door te dringen: Hardware as a Service.

20 | MECHANISCH Studenten van de TU Delft bouwen een door een mens aangedreven onderzeeër, de WASUB 4. Met deze onderzeeër zullen ze meedoen aan de Submarine Races in Groot-Brittannië.

30 | VAKBEURS

24 | MECHANISCH

Noviteiten van deze maand.

Bij grotere vermogens en een substantiële bandrek voor bandtransporteurs is het noodzakelijk om maatregelen te treffen om zo een gelijkmatige vermogensverdeling te verkrijgen.

27 | TOYS FOR BOYS De Sportsman WV 850 HO van Polaris is een quad voor het ruige werk. De wielen zijn zonder luchtbanden.

OP DE VOORPAGINA Control Techniques en Leroy-Somer, onderdeel van Emerson Industrial Automation bieden een uniek productenplatform met innovaties voor meer productiviteit en kostenbesparing. Unidrive M en Dyneo zoals afgebeeld op de voorpagina zijn voorbeelden van sterke innovaties binnen Emerson. Een krachtige besturing tegen lage lasten met energiebesparing tot wel de helft vormen de basis van totaaloplossingen in de technologie van Emerson Industrial Automation. Emerson Industrial Automation p/a Kubus 155 3364 DG Sliedrecht Tel.: (0184) 42 05 55 www.emersonindustrial.com

03_inhoud.indd 3

36 | ROBOTICA

4 | NIEUWS

8 | TECHNISCH NIEUWS

MAART 2014

INHOUD

AT AANDRIJFTECHNIEK

Voor de Hannover Messe, die van 7 tot en met 11 april wordt gehouden tekent zich een sterke Nederlandse deelname af.

32 | PRODUCTNIEUWS KATERN ROBOTICA 36 | WETGEVING Er wordt veel geschreven over robotica. Juridische vraagstukken, bijvoorbeeld rondom de aansprakelijkheid voor robots, blijven daarin vaak onderbelicht.

42 | ZORGROBOTS Robotica is een breed terrein en varieert van grasmaaiers en stofzuigers tot industriële robots en zogenoemde zorgrobots. Aan dit laatste type robot wordt hard gewerkt.

45 | SOFTWARE Stäubli concipieert en ontwikkelt mechatronica-oplossingen. Robotics Suite 2013 is de pc software suite van deze fabrikant voor robotica applicatieontwikkeling en onderhoud.

46 | SERVICE Agenda en colofon.

www.AT-aandrijftechniek.nl

3

17-03-14 08:46


Meer M2M door Smart Manufacturing

Nadenken Veel mensen denken dat een hoofdredacteur alleen maar boze ingezonden brieven beantwoordt en zijn medewerkers de huid vol scheldt (dat laatste soms wel), maar er komt meer bij kijken. ‘Stukkies schrijven’, budget bewaken en freelancers aansturen zijn slechts enkele werkzaamheden. Volslagen irrelevante e-mails opruimen behoort ook tot mijn dagelijkse takenpakket. Terwijl ik dit tik krijg ik er weer zo een: ‘Pony’s terug in Slagharen’. Wat moet ik hier mee, zakelijk gezien? Wat ik me dan wel eens afvraag: begrijpen die afzenders nu zélf niet dat hun boodschap niet interessant is voor mij en niet relevant voor u, lezer? Kunnen mensen überhaupt nog wel denken, verbanden leggen? Ik heb het voorrecht zitting te hebben in de Technisch-Inhoudelijke Commissie voor Het Hydrauliek Symposium, dat Vereniging Platform Hydrauliek (VPH) en de Feda medio november organiseren. Een van mijn medecommissieleden constateerde iets soortgelijks. ‘Mensen denken dat hun problemen met hydraulische systemen zijn opgelost als ze de olie vervangen. Dat is niet ?? zo. Bij een lekkende slang, kapotte pomp of versleten afdichting zal nieuwe olie niet helpen. Dat begrijpen ze niet.’ Verbanden leggen tussen verschijnselen, oorzaken en remedies schijnen we niet meer te kunnen. Toen ik vanmorgen in tamelijk dikke mist kantoorwaarts koerste, zag ik heel wat auto’s met de hele kerstboom aan mistlampen aan én met ruim meer dan de toegestane maximale snelheid langs vliegen. Als het mistig is, waarom rijd je dan zo hard? Als het niet mistig is, waarom zet je dan je mistlampen aan? Zie je (bij vol daglicht) meer als je mistlicht voert? Laten we ons gezonde verstand eens leren gebruiken en goed nadenken voor we bepaalde handelingen verrichten. Maar laat ik eerlijk zijn: dat is ook niet altijd míjn sterkste kant.

?

Ad Spijkers redactie.aandrijftechniek@eisma.nl

De industrie gebruikt al lang bekabelde netwerken om handelingen op de fabrieksvloer te automatiseren. De opkomst van nieuwe machine-to-machine (M2M) systemen (zoals draadloze systemen voor de korte afstand en cellulaire netwerken voor de lange afstand) plaatsen bedrijven voor keuzes met het oog op fabrieken van de toekomst. Een nieuwe analyse van Frost & Sullivan, M2M Communication in Manufacturing, stelt dat telecommunicatiebedrijven een belangrijke partij zullen vormen bij het bieden van M2M-oplossingen en de groei van het ‘internet der dingen’ in de Europese maakindustrie. Inl.: Frost & Sullivan, tel.: +44 (0) 20 7343 83 83, www.frost.com Smart Manufacturing zorgt voor een groei van M2Mcommunicatie (foto: Festo)

ZVS Techniek distributeur Zimmer ZVS Techniek is verkozen tot exclusief distributeur van Zimmer handlingcomponenten voor de Benelux. Omdat de Zimmer Group heeft besloten om de afzonderlijke bedrijven Sommer-Automatic en Zimmer Technische Werkstätten verder door het leven te laten gaan als de Zimmer Group zal de naam Sommer-Automatic in de toekomst langzaam verdwijnen. ZVS vertegenwoordigt Sommer-Automatic al veertien jaar in Nederland en ook de producten van Zimmer Technische Werkstätten waren al enige tijd in het assortiment. De productlijnen vullen elkaar goed aan; dat ze nu uit één hand worden geleverd, brengt synergie met zich mee. Inl.: ZVS Techniek, tel.: (0492) 66 51 76, www.zvstechniek.nl ZVS Techniek levert nu de componenten van zowel SommerAutomatic als Zimmer (foto: ZVS Techniek)

Wärtsilä onderhoudt motoren Van Oord Wärtsilä Netherlands heeft een internationaal onderhoudscontract met Van Oord getekend. Het raamcontract houdt een wereldwijd systeem in waarin partnership centraal staat. In het contract (met een waarde tussen dertig en veertig miljoen euro) is overeengekomen dat Wärtsilä en Van Oord de komende drie jaar exclusief samenwerken voor de onderhouds- en reparatiewerkzaamheden voor alle Wärtsilä, Stork-Wärtsilä, Deutz en Bolnes motoren die dienst doen in de Van Oord vloot. Van Oord zal ook profiteren van Wärtsilä’s laatste technologische ontwikkelingen, waaronder verbeteringen die leiden tot lager brandstof- en smeerolieverbruik. Inl.: Wärtsilä Netherlands, tel.: (038) 425 32 53, www.wartsila.com Wärtsilä zal een speciaal, vast team samenstellen voor het onderhoud van de Van Oord-schepen die onder de overeenkomst vallen (foto: Wärtsilä)

4

04-06_Nieuws.indd 4

www.AT-aandrijftechniek.nl

maart 2014

AT AANDRIJFTECHNIEK

17-03-14 14:52


Nieuws

Schadeonderzoek kan miljarden besparen Door onderzoek naar de oorzaak van de schade, materiaalkeuze, fabricagemethoden, belasting- en omgevingscondities kunnen bedrijven besparen op reparatie- en onderhoudskosten en de beschikbaarheid van hun installaties verhogen. Per kapotte installatie kan het om tien- tot honderdduizenden euro’s gaan. Energieonderzoek Centrum Nederland (ECN) kan helpen bij onderzoek naar de oorzaken van schade. Het beschikt over experts op verschillende gebieden die samenwerken in multidisciplinaire teams. Zij kijken naar ontwerp, materiaalkeuze, fabricage en materiaalbewerking en naar het gebruik binnen de bedrijven. Na het achterhalen van de oorzaak geeft ECN advies over de beste oplossing, verdere optimalisatie van het proces en het voorkomen van falen in de toekomst.

Kort nieuws

 4Siemens heeft Cofely Experts in Amsterdam gecertificeerd voor de reparatie van Siemens en Loher ATEX elektromotoren. Cofely krijgt hiermee toegang tot alle essentiële onderdelen en documenten. Klanten kunnen nu geheel volgens fabrieksspecificatie hun motoren laten repareren, met behoud van het ATEX certificaat. 4Het Committee for European Construction Equipment (CECE), de belangenorganisatie van Europese fabrikanten van bouwmaterieel, heeft zijn portfolio uitgebreid met een nieuwe productgroep: hydraulische aanbouwdelen (hydraulic attachment tools). Het doel is om fabrikanten en afnemers van deze aanbouwdelen vanaf een centrale plaats van de juiste informatie te voorzien wat betreft normen, wetten en regels.

Inl.: ECN, tel.: (088) 515 49 49, www.ecn.nl Zijkant van een as met breuken er in (foto: ECN)

AM Academy bundelt 3D-printopleidingen In aansluiting op de beurs RapidPro is een nieuw initiatief gelanceerd dat moet zorgen voor meer samenhang tussen de opleidingen op het gebied van industrieel 3D-printen. De academie is een ‘not for profit’ initiatief waarin initiatiefnemers Fontys Hogescholen, Mikrocentrum en Additive Industries nauw samenwerken. AM Academy ontwikkelt een samenhangend pallet aan opleidingen, trainingen, workshops en master classes op het gebied van industrieel 3D-printen en Additive Manufacturing. Hierbij worden alle aspecten van 3D-printen integraal bekeken van 3D-ontwerp en engineering via materiaalkeuze en het daadwerkelijke printproces tot het nabewerken, testen en kwalificeren. Inl.: AM Academy, www.am-academy.nl

Kwalificatiedossier Verbrandingsmotortechniek De afgelopen jaren heeft de Vereniging van Importeurs van Verbrandingsmotoren (VIV) hard gewerkt om het onderwijs op gebied van verbrandingsmotortechniek op het peil te krijgen van de huidige technische status. Voor het onderwijs zijn twee zogeheten kwalificatiedossiers opgesteld: een voor de mbo-niveau 2 en 3 opleiding en een voor de mbo-niveau 4 opleiding. In een kwalificatiedossier worden de grote lijnen weergegeven waaraan een opleiding moet voldoen en waarop deelnemers aan deze opleiding moeten worden getoetst (theoretisch én praktisch). Inl.: Vereniging van Importeurs van Verbrandingsmotoren, tel.: (088) 400 85 48, www.verbrandingsmotor.nl Het onderwijs moet gelijke tred houden met de techniek van verbrandingsmotoren

4Atlas Copco Rental investeert in meer dan tachtig olievrije compressoren voor haar Europese huurvloot. Het gaat om zowel diesel- als elektrisch aangedreven compressoren, variërend van 8,6 bar tot 24 bar. Ook de investeringen in speciale offshore-apparatuur blijven toenemen. 4Ir. Marc de Leeuw is per 6 januari 2014 benoemd tot directeur van Hycom, dat sinds 6 januari 2013 onderdeel is van de Hydac-groep. Hycom is specialist in complete hydraulische systemen. 4De beurs World of Technology & Science krijgt concrete vorm. Voor de week van 30 september tot en met 3 oktober 2014 zijn er bij het afsluiten van deze AandrijfTechniek 325 aangemelde bedrijven en is er voor 13.500 m² ingetekend, waarmee de geplande beursoppervlakte voor 90 procent gevuld is. 4Hydrauvision Rental heeft het verhuurprogramma uitgebreid met een geavanceerde winch spooler, de HydrauTool Spooler 25/50. Hiermee kan lierkabel gelijkmatig over de volle breedte van een drum opgewonden worden. Het bedrijf heeft de winch spooler door moederbedrijf Hydrauvision Service laten ontwikkelen om in de verhuurmarkt met één machine aan verschillende eisen tegemoet te kunnen komen.

(foto: Benny Gudde)

maart 2014

04-06_Nieuws.indd 5

AT AANDRIJFTECHNIEK

www.AT-aandrijftechniek.nl

5

17-03-14 14:52


Eén drive profiel voor alle regelaars

Kansen in additive manufacturing Eind februari vond in Veldhoven de vakbeurs RapidPro plaats. Een van de vele activiteiten op het gebied van additive manufacturing maar wel een bijzondere. Niet alleen omdat het inmiddels de vierde editie was maar vooral ook omdat het qua aantallen exposanten en bezoekers in de topdrie in Europa staat. En daar mogen we in Nederland opnieuw trots op zijn. Raakvlakken met de aandrijftechniek zijn er legio. Op de eerste plaats maakt additive manufacturing het mogelijk om nieuwe generaties grijpers te ontwikkelen, deels vanwege de nieuwe materialen en deels vanwege de vormvrijheid en flexibiliteit in het ontwerp. Maar de mogelijkheden gaan verder en hebben ook betrekking op de apparatuur voor additive manufacturing. RapidPro liet professionele, industriële apparaten zien in het industriële deel van de vakbeurs. In het home-professional deel werden kleine, goedkope productieprinters getoond, soms voor prijzen onder duizend euro. Een aantal van die apparaten hangt toch een beetje aan elkaar van eenvoudige constructies en er zijn kansen om daar met iets verbeterde aandrijvingen een kwaliteitsimpuls te realiseren. Maar er zijn zeker ook machines die een redelijk goede kwaliteit koppelen aan een lage prijs. Zo waren er drie firma’s die productieapparaten toonden op basis van deltarobotsystemen. Dit is een relatief nieuwe ontwikkeling met ook weer specifieke problemen omdat de nauwkeurigheid van die systemen enigszins afhankelijk is van de positie op het productieplateau. Er is nog steeds sprake van een gap tussen relatief goedkope apparaten die minder nauwkeurig zijn en de nauwkeurigere maar ook duurdere industriële apparaten. Ik verwacht dat die gap in de komende jaren zal worden overbrugd met nieuwe systemen op basis van verbeterde aandrijfsystemen. Dat moet resulteren in relatief goedkope maar toch kwalitatief hoog-nauwkeurige apparaten. De Nederlandse industrie van machinebouw, industriële automatisering en aandrijftechniek laat hier kansen liggen als ze daar niet op inspeelt. De markt is gigantisch en dat geldt ook voor de businesskansen.

CAN in Automation (CiA) in Neurenberg heeft CANopen specificatie CiA 402-5 uitgegeven. Het is een belangrijke stap voorwaarts om drives en motion controllers zowel asynchrone (frequentiegeregeld) als synchrone motoren (servo) te laten besturen. Deze producten worden al vaak ondersteund door CiA 402. Dit profiel wordt gebruikt in industriële besturingssystemen, embedded controllers, lift- en deurbesturingen en elektrisch aangedreven voertuigen. CiA 402-5 beschrijft de ‘Process Data Objects mapping’ voor apparatuur die zowel asynchrone als synchrone motoren kan aansturen. De nieuwe specificatie houdt rekening met het feit dat aanbieders motorregeling (frequentie- of servoregeling) en volgorde besturingssystemen (PLC’s) steeds meer in één apparaat combineren. Voor de gebruiker is het nieuwe drive profiel al handig, maar het betekent vooral dat hij geen tweede configuratiesoftware nodig heeft. Inl.: CAN in Automation, tel.: (+49) 911 92 88 190, www.can-cia.org Met één drive profiel zijn verschillende soorten motoren aan te sturen (foto: ON Semiconductor)

Eku De Poel onderdeel Peters Het elektromechanische servicebedrijf Eku De Poel in Delfzijl zet haar activiteiten sinds februari voort als onderdeel van Peters Elektromotoren, onderdeel van de Biesheuvel Groep. Peters Elektromotoren heeft na deze integratie vier locaties en dekt de belangrijkste industriële regio’s af met kennis en dienstverlening in onder meer reparatie, revisie, leveren en installeren van elektromotoren, reductoren, frequentieregelaars, pompen en mechanical seals. Alle zijn ISO, VCA & ATEX gecertificeerd. Inl.: Peters Elektromotoren, tel.: (073) 621 88 88, www.peters.nl

Dyson investeert 5 miljoen pond in robot vision Dyson investeert 5 miljoen Engelse ponden in een gezamenlijk roboticalab met het Imperial College in Londen, dat de officiële benaming ‘The Dyson Robotics Laboratory at Imperial College’ krijgt. Het onderzoek zal zich richten op vision-systemen die tot nieuwe robotische capaciteiten leiden. Het doel is om een nieuwe generatie robots te creëren die de wereld om zich heen begrijpt en intelligent reageert op veranderingen. Onderwerp van studie zijn diverse typen huishoudelijke robots (waaronder bijvoorbeeld robotstofzuigers) en de benodigde software en wet- en regelgeving. Inl.: Dyson BV, tel.: (020) 521 98 90, www.dyson.nl Dyson is vooral bekend door de ontwikkeling van de filterloze cycloonstofzuiger

Geert Hellings Directeur Mikrocentrum

6

04-06_Nieuws.indd 6

www.AT-aandrijftechniek.nl

MAART 2014

AT AANDRIJFTECHNIEK

17-03-14 14:52


U wilt betaalbare oplossingen? U vindt compatibiliteit belangrijk? Wij hebben voor u de oplossing! WE ARE THE ENGINEERS OF PRODUCTIVITY.

Slim door eenvoud; de Optimized Motion Series van Festo

product design award

2012

Festo BV Eén compleet systeem die is opgebouwd uit een elektrische cilinder (EPCO), een geïntegreerde motor (EMMS-ST) en een compacte motorcontroller (CMMO-ST). Uniek – te bestellen onder één artikelnummer! De cilinder en de controller zijn bijzonder compact uitgevoerd, hebben een laag gewicht en zijn eenvoudig in gebruik.

!Nm

SYNTEX® met ROTEX®

SYNTEX®

015 2518759 www.festo.nl

RUFLEX® met kettingwiel

Ken uw limiet… KTR koppelbegrenzers 074 - 255 36 80

0356AdvKoppelbegrenzers_191x130.indd 1

27-01-14 16:58


Robotaap met gevoelige voeten en flexibele wervelkolom Een flexibele wervelkolom en voeten die zijn voorzien van sensoren kunnen veel betekenen voor mobiele robots. Het Robotics Innovation Center van het Deutsche Forschungszentrum für Künstliche Intelligenz (DFKI) heeft een op een aap lijkende robot Charlie ontwikkeld die tijdens balanceeroefeningen plotselinge, schommelende bewegingen kan opvangen en compenseren. De onderzoekers hebben ook het lopen op vier poten en het rechtop De biologisch geïnspireerde robotaap ‘Charlie’ kan zich dankzij een

gaan staan onderzocht voor een nieuwe generatie van robots.

D

e wetenschappers van het DFKI hebben de robot samen met onderzoekers van Universität Bremen ontwikkeld binnen het project ‘iStruct – intelligent Structures for Mobile Robots’. Mens en chimpansee fungeerden als voorbeeld. ‘Charlie’ moet zich stabiel en flexibel kunnen bewegen in oneffen terrein, zoals bij de ontdekking van maankraters op zoek naar waterijs. Tot dusver zijn robotwiel- of rupsvoertuigen bij het gebruik op vreemde planeten energetisch efficiënter en gemakkelijker te besturen. Lopende robotsystemen bieden echter meer mogelijkheden op moeilijk toegankelijk terrein. Met hun benen en voeten kunnen ze gericht krachten op bepaalde punten zetten en zo, zonder het evenwicht te verliezen, vooruit komen en de krachten optimaal gebruiken en verdelen. Ze kunnen dan in een steile maankrater naar beneden klimmen. Ook kunnen de ledematen worden gebruikt voor tastende en grijpende taken. De wervelkolom en de voeten, met zich De robotaap aan de bodemstructuur aanpassende is ook interesvoetzolen, hebben de potentie om de mosant om de biliteit van de robot in vergelijking tot klasovergang van sieke systemen te verbeteren. In een vierviervoeter en benige positie heeft hij een stabiele houtweevoeter en ding, die beter geschikt is voor onderzoek (vice versa) te van oneffen en ongestructureerd terrein. bestuderen In de tweebenige houding zijn verdere gebruiksmogelijkheden te bedenken, zoals de inzet van de bovenste ledematen voor aanvullende opdrachten of activiteiten. Een interessant aspect van het onderzoek is de mogelijkheid om de overdracht van bewegingspatronen van vier op twee benen en omgekeerd te onderzoeken. Kunnen bepaalde bewegingsvormen uit de vierbenige voortbeweging ook werken voor het lopen

8

08-09_technischnieuws.indd 8

www.AT-aandrijftechniek.nl

flexibele wervelkolom stabiel bewegen op oneffen terrein

op twee benen in een directe of aangepaste vorm? De antwoorden zouden aanwijzingen kunnen geven op processen, die hebben plaatsgevonden tijdens de evolutie naar het lopen op twee benen.

Wervelkolom maakt robot wendbaar Veel bewegingen van robots, vooral op het gebied van de biologisch geïnspireerde loopmachines, functioneren omslachtig en houterig, ondanks een goede besturing van de aparte gewrichten. Vaak ligt dit aan een starre constructie centraal in de robot, die dient als lichaam. Daaraan zijn de ledematen met de noodzakelijke aandrijving opgehangen. De constructie is eenvoudig en reduceert de complexiteit van de robot, maar beperkt tevens de bewegingsvrijheid. Ook vermindert deze oplossing de mogelijkheden van de robot om de specifieke energiestroom naar de achterbenen gericht om te zetten in voorwaartse beweging. De flexible iStruct-wervelkolom laat de beweging toe in zes ruimtelijke richtingen. Als gevolg daarvan kunnen nieuwe benaderingen voor het optimaliseren van de energiebenutting voor het besturen van de robot worden ontwikkeld. De onderzoekers analyseerden het samenspel van botten, spieren en pezen om de functies van de wervelkolom van complexe biologische systemen, zoals bij de mens of de aap, om te zetten op een technisch systeem. Een ander essentieel subsysteem van de robot is de voet, die zorgt voor een effectieve voortbeweging, goede grip en een stevige stand. Het onderbeen werd daarom uitgevoerd met een actieve enkel en een adaptieve sensorvoet. Inl.: DFKI, tel.: (+49) 421 178 45 4109, www.dfki.de

Via het Layar-symbool vindt u verder beelden ook videomateriaal.

maart 2014

AT AANDRIJFTECHNIEK

13-03-14 17:06


Technisch nieuws

Machines op afstand beheren achter Chinese Firewall Minder zichtbaar dan de grote Chinese Muur maar net zo aanwezig is de grote Chinese Firewall, officieel bekend als het ‘Golden Shield Project’. Deze wordt door de Chinese overheid ingezet om toegang tot informatie of internetdiensten (VPN) te beperken of te blokkeren waarvan de overheid acht dat het schadelijk is. Voor diagnose en beheer op afstand is de muur echter te omzeilen via stunnel.

Met de IXrouter en stunnel zijn machines op afstand

V

PN werd veelal gebruikt om de grote Chinese Firewall te omzeilen. Door VPN te blokkeren, kunnen machinebouwers en system integrators echter geen VPN verbindingen meer inzetten om op afstand service te verlenen op machines in China. Ook een Nederlandse machinefabrikant had niet langer toegang tot zijn machines in China, kon het zijn klanten aldaar niet langer service bieden. Het probleem werd voorgelegd aan de fabrikant van de toegepaste IX router, Ixon. Na diverse mogelijkheden te hebben getest bleek het gebruik van stunnel uitkomst te bieden. Stunnel is een open source multi-platform computerprogramma dat wordt gebruikt om een universele TLS/SSL tunnelservice op te bouwen. Met stunnel worden de OpenVPN datapakketten in het geheel nogmaals versleuteld. De stunnel-verbinding tussen de IXrouter en de IXserver op de machine kan enkel worden gebruikt voor het versturen en ontvangen van servicedata voor de machine. Omdat deze verbinding niet geschikt is voor reguliere internetdoeleinden wordt dit alternatief wel toegelaten.

ook achter de Great

Inl.: Ixon.net, tel.: (085) 744 11 05, www.ixon.net

Firewall van China te beheren

Prothese met gevoel Een internationaal onderzoekersteam van de Albert-Ludwigs-Universität Freiburg im Breisgau is er in geslaagd om bij patiënten met kunstmatige ledematen grijpen en voelen net als een echte hand mogelijk te maken. Twee elektroden leveren met elektrische signalen sensordata van de kunstmatige hand via het perifere zenuwstelsel rechtstreeks aan de hersenen.

T

ijdens een operatie plaatsten artsen bij een patiënt met een onderarmamputatie twee ragfijne elektroden rechtstreeks in de ulnaris- en de mediane zenuw in de bovenarm. De elektroden geven de patiënt informatie over de vorm en de toestand van de objecten die hij pakt, ook als het deze niet kan zien. Zonder veel training en opvallend snel was de patiënt in staat om zijn kunstmatige hand aan te sturen. Geblinddoekt kon hij voorwerpen als een kunststof beker, mandarijnen of de zware houten kubus voelen en met de juiste kracht nauwkeurig grijpen. De verbinding van techniek en biologische systemen functioneerde praktisch intuïtief. Het onderzoek helpt mensen met een amputatie om hun prothesen natuurlijk te bewegen. Omdat het hier om een eerste test gaat, moeten de elektroden op last van Europese kaders voor medische producten na dertig dagen worden verwijderd.

maart 2014

08-09_technischnieuws.indd 9

AT AANDRIJFTECHNIEK

De patiënt grijpt met zijn kunstmatige hand een mandarijn (foto: LifeHand2 Project.jpg)

Vervolgstudies worden gepland bij patiënten in Rome, Lausanne en Aalborg. Inl.: Albert-Ludwigs-Universität Freiburg im Breisgau, tel.: (+49) 761 203 74 71, www.imtek.uni-freiburg.de

www.AT-aandrijftechniek.nl

9

13-03-14 17:06


Volwaardige en compacte vierkwadrantenregelaar [tekst] Ad Spijkers [illustraties] Emerson Industrial Automation BV, Sliedrecht

Veel frequentieregelaars worden alleen gebruikt voor het aanlopen en op een bepaald toerental laten draaien van een draaistroommotor. Technisch

laar dynamisch kan aanlopen en remmen in beide draairichtingen, ofwel vierkwadrantenbedrijf.

is het geen probleem om een motor ook frequentiegeregeld te laten afrem-

De techniek van regelaars

men, in één of beide draairichtingen. Dergelijke regelaars zijn technisch wat gecompliceerder, volumineuzer en duurder. Emerson Industrial Automation introduceerde onlangs een volwaardige, compacte en vaak ook betaalbare vierkwadrantenregelaar.

D

e vraag naar een compacte vierkwadrantenregelaar komt uit de laagspanningsmarkt. Daar was een duidelijke behoefte aan een regelaar met een hoge

Geen vervanging voor Active Front End betrouwbaarheid, compacte bouw, lagere kosten (aanschaf, installatie, grootte, filters), duurzame omgang met energie, bescherming tegen externe invloeden (IP-

In de zuivelindustrie worden veel aandrijvingen met hoge traagheid gebruikt. De Powerdrive FX is heel geschikt voor de hier vaak toegepaste centrifuges, decanters en separatoren (foto: Mark Yuill)

10

10-13_emerson.indd 10

www.AT-aandrijftechniek.nl

klasse), lagere kosten, betere communicatiemogelijkheden en hogere veiligheid. Tegelijkertijd moet een regelaar uiteraard voldoen aan de eisen van de wet en energieleveranciers, met name wat betreft harmonischen en elektromagnetische compatibiliteit. Verder wenst de markt de nieuwste technieken wat betreft processorkracht, thermisch gedrag van de vermogenscomponenten (IGBT’s) en condensatoren die hoge stromen aan kunnen. En voor bepaalde toepassingen wordt van belang geacht, dat een frequentierege-

Er zijn diverse systemen op de markt die voor een belangrijk deel aan de marktbehoeften voldoen en ook al vele jaren met succes worden toegepast. Maar een bekende Amsterdammer heeft ons geleerd ‘elk voordeel heb zijn nadeel’, en dat geldt ook voor deze regelaars. De meeste frequentieregelaars op de markt zijn gebaseerd op een zes pulsen aansturing van de vermogenstrappen (afb. 1). De voedingsspanning (netspanning), in Europa veelal 400 V drie fasen, wordt via een gelijkrichter omgezet in een pulserende gelijkstroom tussenkringspanning, die wordt afgevlakt door condensatoren en een spoorspoel. Dit bufferblok is bedoeld om de naar de motor uitgaande en van de motor terugkomende energie (bij afremmen) op te vangen. Het blok neemt echter de nodige ruimte in en kan de terug ontvangen energie niet terugvoeden naar het net. Dit surplus moet via een DC-bus koppeling worden doorgegeven aan andere regelaars (of andere apparaten die op dat moment energie nodig hebben) of via remweerstanden in de vorm van warmte worden afgevoerd. Het eerste is niet altijd mogelijk (bijvoorbeeld bij autonome regelaars), het laatste niet gewenst (energievernietiging, energiekosten, extra installatiekosten). De tussenkring moet voldoende stabiel zijn om de soms flinke schommelingen in energie op te vangen. Ook zijn hoge ingangsstromen nodig, wat weer leidt tot piekstromen en harmonische vervuiling. Een bijkomende technische uitdaging is, dat het moeilijk is een hoge beschermingsklasse te realiseren en dat de levensduur van de condensatoren redelijk beperkt is. Een nieuwere ontwikkeling is de C-light tweekwadrantenregelaar (afb. 2). Hierin zijn de grote elektrolytische condensatoren vervangen door kleine polypropeen

maart 2014

AT AANDRIJFTECHNIEK

13-03-14 17:07


TECHNIEK Elektrisch

Energie

Tussenkring (DC bus)

Energie

Energie

Tussenkring (DC bus)

Energie

3~

L1 EMC Energie L2 filter

3~

EMC filter

L1

3~

EMC filter

L1

L2 L2

L3

U

Tussenkring (DC bus)

End (afb. 3). De omvormer bestaat uit twee blokken met elk zes IGBT’s met parallel geschakelde vrijloopdiode, met een lichte condensator als tussenkring (zoals bij een C-light). De tussenkringspanning is stabiel: teruggevoerde energie wordt vanuit de motor namelijk onmiddellijk teruggevoerd naar het net. Bij terugvoeding vanuit de aandrijving worden de ingangsversterkers met IGBT’s gesynchroniseerd met de netvoeding en schakelen met 50 Hz via het EMC-filter terug naar het net. De IGBT’s aan ingangszijde worden automatisch geopend wanneer de parallel geschakelde diode begint te geleiden. Ze worden uitgeschakeld door een externe signaal vanuit andere cellen op hetzelfde niveau. De terugvoeding bedraagt 50 Hz, maar heeft geen zuivere sinusvorm. Ter herinnering: een AFE doet dat met 3 kHz, een factor zestig hogere frequentie dus. Emerson benadrukt daarom dat de Powerdrive FX een vierkwadrantenregelaar is, geen regelaar met Active Front End die de harmonische vervuiling bij terugvoeding aan het net tot praktisch nul reduceert. Qua functionaliteit ligt de Powerdrive FX tussen een standaard vierkwadrantenregelaar en een Active Front End in; in feite is het een standaard vierkwadranten frequentieregelaar met extra IGBT’s naast de ingangsdiodes. Leroy-Somer heeft in eigen land octrooi gekregen op dit principe.

Energie

V

U

W

V

L3 U

W

V

L3

W

Het principe van een standaard frequentieregelaar met zes pulsen aansturing van de vermogenstrappen Afb. Energie Het1principe van een standaard frequentieregelaar met zes pulsen aansturing van de vermogenstrappen Energie

Het principe van een standaard frequentieregelaar met zes pulsen aansturing van de vermogenstrappen Energie Energie

3~

EMC filter

3~

EMC filter

U

L1 Energie

L2

L1

L2

L3 U L3

V

V

Energie W

W

U L1 EMC In een C-light zijn de grote elektrolytische condensatoren vervangen door kleine 3 ~ tweekwadrantenregelaar V filter met lageL2waarde W polypropeen exemplaren L3

In een C-light tweekwadrantenregelaar zijn de grote elektrolytische condensatoren vervangen door kleine Energie polypropeen exemplaren met lage waarde In een C-light tweekwadrantenregelaar zijn de grote elektrolytische condensatoren vervangen door kleine Afb.2 Energie polypropeen exemplaren met lage waarde 3~

3~

EMC filter

L1

EMC filter

L1

L2

L2

Energie

U

L3 U L3

V

V

W

W

L1 U EMC 3 ~ van de Powerdrive FX met L2 Opbouw blokkenL3 met elk zes IGBT’s met parallel Vgeschakelde vrijloopdiode, filter W

met een lichte condensator als tussenkring

Spanningsverloop

Opbouw van de Powerdrive FX met blokken met elk zes IGBT’s met parallel geschakelde vrijloopdiode, met een lichte condensator als tussenkring

We kijken nu even in meer detail naar het spanningsverloop (afb. 4). Bij een conventionele zespuls regelaar is sprake van een stabiele, afgevlakte gelijkspanningstussenkring. Bij de Powerdrive FX is de

Opbouw van de Powerdrive FX met blokken met elk zes IGBT’s met parallel geschakelde vrijloopdiode, met een lichte condensator als tussenkring

Afb.3

exemplaren met lage waarde (een factor honderd lager). Dit resulteert in veel lagere harmonische stromen. De beperkte opslagcapaciteit maakt de tussenkring echter ook veel minder stabiel, waardoor de regelaar veel gevoeliger is voor schom-

Lage en constante harmonischen melingen in de tussenkringspanning. Aan ingangszijde is de spanning stabiel, maar bij terugvoeding vanuit de motor kunnen spanningsproblemen in de tussenkring ontstaan en tript de regelaar vrij snel. De regelaar is alleen geschikt voor aandrijvin-

MAART 2014

10-13_emerson.indd 11

AT AANDRIJFTECHNIEK

gen met lage traagheden en lage dynamiek, tenzij remweerstanden worden bijgeschakeld. Maar de nadelen daarvan zijn al genoemd.

Powerdrive FX Om aan de bezwaren van deze regelaars tegemoet te komen, heeft Emerson Industrial Automation een C-light vierkwadrantenregelaar ontwikkeld, die nu onder de naam Powerdrive FX op de markt is gebracht. Hoewel u dat misschien zou verwachten is dit geen ontwikkeling uit de hoek van Control Techniques, maar de regelaar is ontwikkeld in Frankrijk door Leroy-Somer. Qua opbouw is de nieuwe regelaar vergelijkbaar met een regelaar met Active Front

In de logistiek (bijvoorbeeld in bovenloopkranen) komt veelvuldig vierkwadrantenbedrijf voor (links/rechts, omhoog/omlaag) en daar komt de Powerdrive FX tot zijn recht

www.AT-aandrijftechniek.nl

11

13-03-14 17:07


stroomvorm blokvormig. De tussenkringrimpel is veel groter dan bij een conventionele regelaar, wat de interne regeling bemoeilijkt. Daar staat tegenover dat er tegenwoordig microprocessoren beschikbaar zijn die de grotere rimpel naar de motoren toe kunnen compenseren. De regelaar maakt dynamisch remmen mogelijk. Bij terugvoeding blijft de sinusvorm redelijk gehandhaafd; niet zo mooi als bij een AFE maar beter dan bij een conventionele regelaar.

Regeling gebeurt analoog in IGBT’s Een belangrijk voordeel van de nieuwe regelaar is dat de harmonische effecten laag en constant zijn (afb. 5). Een conventionele regelaar geeft minder harmonischen bij een hogere belasting. Bij de Powerdrive FX zijn de harmonischen lager en juist nagenoeg onafhankelijk van de belasting. De harmonischen zijn echter nog wel altijd hoger dan bij een Active Front End. Het mooie is ook, dat het terugvoeden naar het net zonder microprocessor en software plaatsvindt. De rege-

Afb. 4. Het blokvormige spanningsverloop binnen een Powerdrive FX

Ideaal werkterrein voor de compacte vierkwadrantenregelaars: roltrappen! (foto: Fotolia)

ling gebeurt analoog in de IGBT’s zelf. Dit is vooral handig bij toepassingen als kranen en lieren. De elektrische machine kan (elektrisch gezien) razendsnel omschakelen van aandrijvend (motorbedrijf) naar aangedreven (generatorbedrijf). Door de opbouw (geen spoelen, alleen een relatief kleine condensator in plaats van volumineuze condensatoren met hoge capaciteit) is de Powerdrive FX compact gebouwd. Hij neemt dus minder ruimte in, terwijl ook de installatiekosten lager zijn dan voor een conventionele vierkwadrantenregelaar. Het lagere niveau van de harmonischen verbetert de vormfactor en de vermogensfactor en daardoor een lagere effectieve stroom. Het gevolg is dat de transformator, magneetschakelaar en bekabeling kleiner en goedkoper kunnen uitvallen. Er is ook geen remweerstand en remchopper nodig terwijl Emerson de regelaar standaard uitrust met een geoptimaliseerde lijn smoorspoel en RFI-filter. Volgens de fabrikant zijn ook de operationele kosten lager omdat dankzij dynamisch remmen geen energie wordt vernietigd en er geen elektrolytische condensatoren met een beperkte levensduur nodig zijn. Omdat de tussenkringspanning stabiel is, treedt ook minder stress op in de motorwindingen.

Uitvoering Standaard wordt de Powerdrive FX geleverd in beschermingsklasse IP20. De regelaar is ontworpen voor montage in een paneel of middels doorbouwmontage, waarbij 90 procent van de componenten

12

10-13_emerson.indd 12

www.AT-aandrijftechniek.nl

zich binnen de behuizing bevindt. Het IP54 RFI-filter en de lijnreactor zijn in een geventileerde kamer buiten het paneel ondergebracht. Standaard is een IP54/ NEMA 12 koelventilator met laag geluidsniveau ingebouwd. Voor toerentalregeling is terugkoppeling van motorpositie en -toerental met behulp van een encoder mogelijk. Dit is mogelijk in combinatie met asynchrone motoren in open of gesloten regellus, met permanent magneetmotoren in gesloten regellus en sensorloze permanent magneetmotoren zoals de Leroy-Somer Dyneo. De regelaar kan ook werken met ‘sensorless control’, met een virtuele as dus. Hierbij wordt de positie berekend uit de weerstand, de inductie en het tegen-EMK van de motor. Aangevuld met gegevens uit het uitgaande vermogensblok worden in een open regellus de positie en het toerental van de motor berekend en de magneten aangestuurd. Het programmeren gebeurt op nagenoeg dezelfde manier als bij de bestaande regelaars van Emerson. Optioneel kan de regelaar worden voorzien van een aanraakscherm, optiemodules, bussystemen, et cetera. Tweekanaals Safe Torque Off (STO), Safety Limit Speed (SLS), PLC-functionaliteit, gebruik van SD-kaarten voor programmering en dataopslag, PID-regeling voor verschillende variabelen en geavanceerd remmanagement behoren tot de opties. Standaard is de regelaar voorzien van vier analoge en zes digitale in- of uitgangen, een niet-geïsoleerde RS485 Modbus poort

MAART 2014

AT AANDRIJFTECHNIEK

13-03-14 17:08


TECHNIEK Elektrisch

voor keypad, HMI of bovenliggende besturing en een USB-poort voor het instellen van parameters of het uploaden van software. Optioneel zijn dan nog een encoderingang óf een resolveringang beschikbaar. Via insteekkaarten zijn nog meer analoge en digitale ingangen, een ethernetaansluiting en een SD-kaart te gebruiken. De regelaar kan communiceren via ethernet, Modbus, Profibus en Profinet.

Toepassing De Powerdrive FX is specifiek ontwikkeld voor toepassingen waarbij regelmatig sprake is van terugvoeding van energie vanuit de applicatie naar het net. Hierbij kunt u denken aan onder meer roltrappen, liften, centrifuges, lieren, kranen (zowel hijs- als rijaandrijving), hout- en textielindustrie, pompen, ventilatoren, gereedschapsmachines, decanters, separatoren, testbanken en ja-knikkers. De regelaar zal echter ook uitstekend functioneren in generatieve toepassingen zoals kleine windturbines en getijdecentrales. Hier kan de Powerdrive FX als low-cost een regelaar met Active Front End vervangen. Bij lage toerentallen wordt dan een hoogfrequent signaal op de motorvoeding gesuperponeerd, waardoor de machine toch met een hoog koppel kan draaien. In vergelijking met een conventionele vierkwadrantenregelaar neemt de FX maar een derde deel van volume en massa in, zijn er minder installatiekosten en hij is goedkoper dan een regelaar met AFE. Hij kán bij aanschaf duurder uitvallen dan een conventionele vierkwadrantenregelaar, maar dat is niet noodzakelijk het

geval. Het ‘kale’ apparaat is duurder dan een standaard vierkwadrantenregelaar, maar daar staat tegenover dat bij een conventionele regelaar nog filters, smoorspoelen, remweerstanden en andere componenten nodig kunnen zijn. Voor een goede vergelijking moet ook aan het ruimtebeslag een prijskaartje worden gehangen. Met name in gebouwen (liften, roltrappen) en aan boord van schepen kan dat een factor van belang zijn. De aanschafkosten zullen per applicatie moeten worden bekeken. De Powerdrive FX zal in ieder geval duurder uitvallen dan een één- of tweekwadrantenregelaar en goedkoper dan een regelaar met Active Front End.

Veel opties beschikbaar Emerson Industrial Automation biedt de Powerdrive FX aan in de vermogensrange van 22 kW tot 90 kW. Voor grotere vermogens (enkele honderden kW) zal een regelaar met Active Front End waarschijnlijk de voorkeur krijgen, gezien het absolute niveau van de resterende harmonischen. Ook het prijskaartje van een Powerdrive FX en een regelaar met Active Front End zal dan vergelijkbaar worden. Maar Emerson benadrukt nogmaals, dat de Powerdrive FX geen regelaar met Active Front End is en ook geen vervanging daarvoor. Het is een (geavanceerde) vierkwadrantenregelaar. Inl.: Emerson Industrial Automation BV, tel.: (0184) 42 05 55, www.emersonindustrial.com

Gangbare zespuls regelaar

In de houtverwerkende industrie kan de vierkwadrantenregelaar worden gebruikt voor onder meer afwikkel- en zaagmachines (foto: Scierie Duclaux)

Powerdrive FX

THDi

Regelaar met Active Front End THDi

THDi

100%

100%

100%

80%

80%

80%

60%

60%

60%

40%

40%

40%

20%

20%

20%

0%

0%

1/4

1/2

3/4

4/4 Charge

1/4

1/2

3/4

4/4 Charge

0%

1/4

1/2

3/4

4/4 Charge

Afb. 5. Vergelijking van de harmonischen bij een standaard frequentieregelaar, de Powerdrive FX en een regelaar met Active Front End

MAART 2014

10-13_emerson.indd 13

AT AANDRIJFTECHNIEK

www.AT-aandrijftechniek.nl

13

13-03-14 17:08


De tijd is rijp voor hardware op maat [tekst en foto’s] Kees Zagers, SI-Kwadraat BV, Nuenen

We worden doodgegooid met kreten als SaaS, PaaS en IaaS, respectievelijk Software, Platform en Infrastructuur as a Service. Al onze intelligentie bevindt zich in ‘the cloud’. Het voordeel: we kunnen een eenvoudige ICT maatoplossing maken voor ons bedrijf en zijn niet meer gebonden aan standaard softwarepakketten met de gebruikelijke overkill. Deze concepten beginnen ook in de industrie door te dringen: Hardware as a Service.

I

n de industriële besturingen maken we al sinds jaar en dag maatoplossingen. De afgelopen jaren zijn die steeds meer gebaseerd op standaard PLC of IPC oplossingen. De marges staan echter onder druk dus we zouden eigenlijk liever gebruikmaken van goedkope embedded controllers zoals ze in de automobielindustrie of in de mobiele telefonie worden gebruikt. Daarvoor zijn echter ‘open’ systemen nodig, waarmee onze hardware op maat gemaakt kan worden. Hardware as a Service. Open hardware is niet nieuw. Begin jaren tachtig van de vorige eeuw kwam Motorola met een nieuwe architectuur voor zijn 68000 familie processors. Omdat het bedrijf hierbij meerdere hardware-leveranciers wilde betrekken, besloot het de specificaties van deze architectuur (de VMEbus) vrij te geven. Het idee van open hardware was geboren. Nog steeds wordt gebruikgemaakt van deze standaard en er

Niet iedereen kennis laten klonen zijn diverse afgeleiden van gemaakt. De non-profit organisatie die deze open standaard ondersteunt vanaf het eerste uur (VITA) is nog steeds actief. VITA ondersteunt ook diverse aanverwante standaarden, die in het high-end van de markt kunnen worden gepositioneerd. Ook vanuit de pc-markt kwamen er meer open architecturen. ISA, PCI, PC104, et ce-

14

14-15-17_haas.indd 14

www.AT-aandrijftechniek.nl

VMEbus modules, de eerste open standaard voor hardware (bron: MicroSys)

tera gaven de mogelijkheid om de pc uit te breiden met zowel standaard als specifieke hardware. De architecturen waren open, maar de hardware die men ontwikkelde hoefde dat niet te zijn. Zo verstopte men in het algemeen zijn eigen specifieke knowhow in PAL’s, EPLD’s en later in ASIC’s en FPGA’s. Men wilde niet dat iedereen die kennis maar kon klonen.

FPGA’s en RISC Hoewel we de FPGA hierboven hebben aangegeven als component waarin men zijn eigen specifieke kennis kwijt kan, wordt deze bouwsteen ook steeds vaker gebruikt als onderdeel van een open platform. Het voordeel van de FPGA is namelijk, dat men de functie te allen tijde kan wijzigen, dus ook in bedrijf. De FPGA wordt geconfigureerd met behulp van een hardware programmeertaal, meestal VHDL. Aangezien deze programmeertalen een open karakter hebben, zijn er ook hier

natuurlijk programmeurs, die graag hun kennis met de rest van de wereld willen delen. Dit geldt zeker voor het aansturen van eenvoudige I/O, maar ook voor allerlei vormen van seriële communicatie kan met een enkele bouwsteen een complete hardware-configuratie worden vervangen. Moderne FPGA’s hebben een lokale processor ingebouwd, waarmee de flexibiliteit nog aanzienlijk wordt vergroot. Misschien is de FPGA wel de ideale component voor open hardware. Er is echter één probleem: ze zijn vrij duur in vergelijking tot conventionele componenten. Eveneens in de jaren tachtig van de vorige eeuw is op een paar universiteiten in de Verenigde Staten onderzoek gedaan naar nieuwe families processoren, die wel snel zijn maar minder complex van opbouw. We noemen dit de RISC processors (Reduced Instruction Set Computing). Door het aantal instructies voor communicatie met het geheugen te beperken, konden veel

maart 2014

AT AANDRIJFTECHNIEK

14-03-14 08:49


TECHNIEK Besturingen

eenvoudigere chips worden geproduceerd. De bekendste controllers van het eerste uur zijn de SPARC en de MIPS. Met name Unix-stations werden op basis van deze architecturen gebouwd. De latere ARM architectuur kwam begin jaren negentig beschikbaar. Deze werkt met chips met een laag stroomverbruik, die met een 32 bit architectuur toch krachtig zijn. Deze architectuur is de spil geworden voor alle mobiele apparatuur, PDA’s en later telefoons en tablets. Ook in veel andere embedded systemen, bijvoorbeeld in de automobielindustrie, werden de RISC processors steeds meer ingezet. Ze vormen echter allemaal gesloten hardware.

dere zijde bevinden zich de digitale I/O lijnen, veertien stuks in totaal. In principe moet een aantal van deze lijnen ook als PWM-signaal (pulsbreedtemodulatie) zijn te gebruiken. Op deze manier krijgen we pseudo-analoge uitgangen. Twee van de digitale lijnen kunnen normaal gesproken ook als I2C bus worden gebruikt. Deze bus dient voor het doorlussen op de verschillende gestapelde modules. Op deze manier is de hardware flexibel samengesteld.

Arduino

Er zijn inmiddels Arduino-modules met veel krachtiger controllers. Er bestaan zelfs modules met meerdere processors. Zo combineert de Arduino Yun een Atmega controller voor de I/O met een tweede controller waarop een Linux operating systeem draait. De originele Arduino modules hadden nog een RS232 interface naar de pc. De moderne hebben deze interface vervangen door USB, mede omdat de meeste pc’s geen RS232 interface meer hebben. Belangrijk is, dat volgens het Arduino concept alle hardware open dient te zijn. Dus als men een Arduino basismodule of een uitbreidingsmodule op de markt wil brengen, zal men ervoor moeten zorgen, dat de schema’s voor iedereen beschikbaar zijn. De ontwikkelaars hebben ervoor gekozen om voor het Arduino platform ook een standaard software ontwikkelomgeving beschikbaar te stellen. Deze is gratis te downloaden. Maar de Arduino architectuur wordt inmiddels ook gebruikt voor

In 2005 werd in Italië het Arduino-concept geboren. Op basis van de Atmel AVR microcontroller werd een systeem bedacht, waarbij zowel de hardware als software open zijn. Belangrijk bij de open structuur is dat men hier niet zozeer de processorbus (data en adreslijnen) als open bus definieerde, maar een I/O-bus. Met name de I/O-pinnen van de microcontroller komen uit op een connector. Zo kan gemakkelijk een veel krachtiger ARM processor worden gebruikt op hetzelfde platform. In feite kan elke microcontroller dienen als basis voor het Arduino-concept. Zo heeft Olimex bijvoorbeeld een Microchip PIC32 (een op MIPS gebaseerde controller) met een Arduino interface uitgerust. De interface is fysiek opgebouwd met twee parallelle printconnectoren. De modules die hierop kunnen worden geplaatst, noemen we shields. We kunnen daarbij stapelen zoals we dat kennen van de oudere PC104 bus. Omdat Arduino geen processorbus is maar een directe I/O bus, moet de gebruiker wel goed oppassen, dat hij de pinnen niet dubbel gebruikt.

De Sparc, een van de eerste RISC processoren (foto: Sun Microsystems)

Krachtiger processor op hetzelfde platform

Hardware en software De specificaties van Arduino zijn afgeleid van de specificaties van de Atmel AVR architectuur. Alle pinnen van deze processor zijn naar buiten uitgevoerd op enkele 6en 8-pins print header connectoren. Deze zijn opgesteld in twee rijen met beide weer twee connectoren in lijn. Op deze manier krijgen we een mechanisch stevige constructie als we printen gaan stapelen. Aan één zijde bevinden zich de analoge ingangen, zes stuks in totaal. Op de tweede connector aan deze zijde bevinden zich alle voedingsaansluitingen en nog enkele besturingslijnen. Aan de an-

maart 2014

14-15-17_haas.indd 15

AT AANDRIJFTECHNIEK

Arduino UNO, de eerste Arduino module (foto: Olimex)

andere controllers dan de ATmega familie van Atmel. Daarvoor is deze software dan natuurlijk niet geschikt. De software is een op C gebaseerd taaltje, dat ondersteuning biedt voor de in- en uitgangen van de Arduino. Een programma voor de Arduino wordt een sketch genoemd. Twee routines, te weten setup() en loop() dienen in ieder geval opgenomen te zijn in de sketch. Setup() wordt eenmalig uitgevoerd en zet de configuratie. Daarna komt men in de loop en deze wordt normaal gesproken verder continu uitgevoerd. Zowel voor de analoge als de digitale I/O zijn commando’s beschikbaar. Met de analoge ingangen en PWM-uitgangen kan men prima ‘control loops’ maken, die met een paar eenvoudige formules te configureren zijn.

Wat kunnen we hier mee? De combinatie van hardware en software heeft ertoe geleid, dat veel opleidingsinstituten en ook hobbyisten in de korte tijd dat het concept op de markt is, eenvoudige motorregelingen gebouwd hebben met Arduino modules. Maar er zijn ook complete robots mee uitgevoerd. Met shields zijn er ook allerlei netwerken te creëren met meerdere Arduino’s. Communicatie volgens ethernet, Modbus, CAN, et cetera, het bestaat allemaal al. Configureren met een pc zullen we meestal via de USB poort doen. De mens-machine interface kan eveneens via dit interface geschieden. Er zijn echter ook shields beschikbaar met LCD schermen, al dan niet met aanraakscherm. Ook deze zijn weer eenvoudig via de programmeertaal aan te spreken. Om industriële I/O mogelijk te maken, zijn er shields met signaalconditionering, galvanische scheidingen, enzovoorts. Zo is het platform, dat oorspronkelijk bedoeld

www.AT-aandrijftechniek.nl

15

14-03-14 08:49


Elektrisch voertuig bouwen? Software engineering in Automation Studio 4

Automation redefined Automation

Alpatek B.V. heeft een zeer uitgebreid assortiment aandrijfcomponenten om uw voertuig elektrisch aan te drijven: • Batterijgevoede DC- en AC-motoren 12-240 V • Wielnaafmotoren • Complete differentieelaandrijvingen 250 W - 25 kW (ook voor hydromotoren) • Tandwielkasten • Planetaire wielaandrijvingen met motoren • Toerenregelingen • Disselkoppen, voetpedalen, hall sensors • Aansluiten en programmeren elektronika

Addenshoeve 7 • 3911 TG Rhenen T O317 - 74 30 30 • info@alpatek.com

KIJK OP WWW .ALPATEK.COM

Onder druk de beste prestaties... ` Shorter development times through parallel and modular software engineering ` Reduced development costs through software reusability

Vaste en variabele plunjer- en schotten pompen/motoren van o.a. VELJAN, METARIS, CONTINENTAL HYDRAULICS, CML, SUNFAB, INLINE en HARTMANN. Toepasbare alternatieven voor bijv. Denison, Vickers, Sauer. • Enkel-, dubbel- en 3-voudige pompen • Slagvolumen tot 270 cc • Drukken tot 350 bar continue • Diverse regelingen zoals loadsense, vermogen, elektrisch • Doorbouw mogelijkheden

` A single, fully integrated tool throughout the entire life cycle of the system

www.br-automation.com/automationstudio

Perfection in Automation

www.br-automation.com

Ohmstraat 42, 3335 LT Zwijndrecht T. +31 (0)78 623 18 18 • www.rs-hydrauliek.nl

Leverancier van hydraulische- en aandrijftechnische componenten, remmen, systemen en besturingen

` Investment security through openness and full compatibility


TECHNIEK Besturingen

was voor onderwijs- en hobbydoeleinden, ook steeds meer inzetbaar voor de industrie. Om er mee te kunnen werken, moet men wel iets meer van de hardware weten, maar aangezien het allemaal open source is en er ook steeds meer informatie op internet hierover te vinden is, wordt dit probleem steeds kleiner.

Alternatieven en/of opvolgers Diverse hardware-ontwerpers hebben de kracht van het Arduino concept ingezien. Maar voor veel toepassingen liep men aan tegen de beperkte performance van de 8 bit AVR controller van Atmel. Bovendien is deze processor niet overal even goed beschikbaar. Daarom kwamen er alternatieven voor andere processors, echter wel met dezelfde hardware pinning voor de uitbreidingen. Maple is het concept, dat uitgaat van de low-power ARM controller, de Cortex STM32. De ontwikkelaars hebben hierbij ook de softwareomgeving overgenomen. Dit alternatief biedt dus grote compatibiliteit met de originele Arduino, maar wel met een veel betere performance. Pinguino heeft de op MIPS gebaseerde controllers van Microchip als uitgangspunt gekozen. Ook zij hebben de hardware-specificaties van de connector in stand gehouden. De software hebben ze uitgebreid voor zowel de 8 bit als 32 bit Microchip controllers. Helaas is de C-omgeving niet 100 procent compatibel met Arduino. Daar staat tegenover, dat men op dit platform wel de volledige C/C++ omgevingen voor MIPS en de speciale Microchip MPLAB omgevingen ondersteunt. Tevens kent dit platform ondersteuning voor de ingebouwde USB poort, waar een bootloader zorgt voor eenvoudige vervanging of upgrade van de firmware. Ook modules als BeagleBone (TI), Raspberry Pi, Nanode en Waspmote kunnen als alternatief voor Arduino worden aangemerkt. Echter in tegenstelling tot de eerder genoemde platformen zijn de hardware en software van deze modules niet volledig open.

Software-alternatieven Waarschijnlijk heeft men bij de eenvoudige 8-bit AVR controller niet veel meer keuze dan een op de I/O toegespitste Ccompiler. Maar er zijn tegenwoordig ook veel krachtigere 32-bit controllers beschikbaar voor de Arduino en aanverwante modules. Hierop kan men op basis van specifieke firmware ook allerlei script-achtige

maart 2014

14-15-17_haas.indd 17

AT AANDRIJFTECHNIEK

talen laten draaien. Zo heeft Olimex voor haar Duinomite platform een Basic interpreter beschikbaar gemaakt. Mensen, die nog ervaring hebben met Visual Basic op de pc, kunnen nu ook snel op deze target een Basic script met ondersteunende I/O commando’s schrijven. Omdat alle firmware open is, heeft SI-Kwadraat deze Basic weer kunnen uitbreiden met CAN commando’s. Met de hierop gebaseerde CAN blackbox kan uiteindelijk de eindgebruiker zelf zijn CAN toepassing realiseren.

Eenvoudige motorregelingen met Arduino modules De verwachting is, dat de Arduino platforms ook snel binnen allerlei andere omgevingen geïntegreerd gaan worden. National Instruments bijvoorbeeld heeft voor LabView al een Arduino toolkit uitgebracht. Daarvoor heeft men een eigen sketch gemaakt, die de I/O laat communiceren met de Labview applicatie. Labview ondersteunt daarbij communicatie via de standaard RS232 of USB poort, maar ook draadloos via Bluetooth of XBee. De beperking hierbij is natuurlijk, dat Labview

De Olimex Duinomite Mega met Arduino interface, maar ook een industrieel CANbus interface (foto: Olimex)

alleen de eigen sketch ondersteunt en daarmee de Arduino alleen maar omtovert tot een eenvoudige remote I/O module. Wil men andere zaken lokaal doen, dan is men weer aangewezen op de Arduino ontwikkelomgeving. Integreren binnen PLC omgevingen zouden we het liefst doen via de gebruikelijke industriële netwerken. RS485 interfacing is geen probleem, dus in principe kunnen protocollen zoals Profibus geïmplementeerd worden. Ook voor CANbus zijn er shields beschikbaar en Olimex heeft deze interface al standaard op zijn Duinomite hardware uitgevoerd. Het probleem zit hem in de protocol ondersteuning. Deze software zal toch ergens in de programmatuur ondergebracht dienen te worden. Een volgende stap is om PLC ontwikkelomgevingen direct op de Arduino te implementeren. Wie ‘googlet’ op Arduino en PLC vindt diverse links naar open PLC projecten. We zullen dus moeten erkennen, dat HaaS ook in de industriële automatisering zijn intrede gaat doen. Initiatieven zoals Arduino hebben er toe geleid, dat hardware, in navolging van software, niet langer een product meer is, maar een dienst. Bronnen: VITA (www.vita.com), Arduino (www.arduino.cc)

www.AT-aandrijftechniek.nl

17

14-03-14 08:49


Alles in één zorgt voor snelle programmering [tekst] Andreas Leu, Jetter AG, Ludwigsburg (D) [foto’s] Jetter AG

Duflex Mechatronica in Elst bouwt en verkoopt speciale machines in de meest ware zin van het woord. Sinds de oprichting in 1997 zijn meer dan 230 machines en installaties gebouwd. Alle disciplines van de automatiseringstechniek - besturen, aandrijftechniek, netwerken, visualisatie en datamanagement - komen hier aan bod. Om de complexe besturingstaken te kunnen oplossen, is het voor Duflex belangrijk samen te werken met een automatiseringspartner, die deze disciplines ook beheerst en in een systeem combineert. Vanaf het begin worden daarom bijna alle machines en installaties voorzien van het Jetweb systeem van Jetter.

D

e grootste uitdaging voor elke fabrikant van speciale machines is dat het prototype tegelijkertijd het eindproduct is. Hoewel het ontwerp en de basisopbouw van de productielijn al vastliggen, is een zekere mate van flexibiliteit vereist tijdens de uitvoeringsfase - zowel voor de mechanische constructie als de besturing en de programmeertaal. Een klassiek voorbeeld van een dergelijke productielijn is de installatie voor de productie van industriedeuren bij Alpha Deuren in Didam. Deze lijn is geleverd door Duflex.

De industriedeuren van Alpha Deuren worden op maat geproduceerd en geleverd

18

18-19_duflex.indd 18

www.AT-aandrijftechniek.nl

Maatwerk: graag! Niets lijkt het Duflex team onder leiding van Arno Dumoré onmogelijk te zijn. Opvallend aan het door Dumoré opgerichte bedrijf is de vlakke hiërarchie. En ook opmerkelijk is het spectrum van tot nu toe gerealiseerde machines en installaties. Dat varieert van productiesystemen voor contactlenzen via verpakkingsmachines tot en met installaties voor de productie van industriedeuren. Het meest opmerkelijk is echter dat één enkele werknemer de hele machine ontwerpt en daarna ook realiseert. Dit betekent dat hij zowel de mechanica als de besturing van het systeem construeert, bouwt en in bedrijf neemt. “Het is moeilijk om op de arbeidsmarkt experts te vinden die deze disciplines onder de knie hebben”, zegt Dumoré. Maar het is hem gelukt en hij en zijn tien medewerkers vormen een slagvaardig interdisciplinair team dat graag uitdagingen aangaat. Niet alleen het team van engineers, ook het automatiseringssysteem moet aan een diversiteit aan eisen voldoen. Duflex vond het antwoord daarvoor bij Jetweb. De hoge mate van integratie van alle automatiseringstaken in één systeem en vooral in de krachtige programmeertaal

JetSym STX gaven de doorslag. Het gebruik van Jetweb levert een aanzienlijke kostenbesparing op voor de softwareontwikkeling. Dumoré: “Dankzij de hogere programmeertaal JetSym STX kunnen onze medewerkers al na een korte training een totale installatie zelf programmeren.”

Programmering van assen Bij automatiseringstaken is de programmering van positioneerassen vaak een nachtmerrie voor programmeurs, maar Jetweb heeft deze angst weggenomen. Het systeemconcept - de integratie van alle automatiseringfuncties in de hardware en in het bijzonder in de software – was altijd al de filosofie die Jetter consequent nastreefde. Bij Jetweb zijn parametrering, aansturing en positionering van servo drives in de programmeertaal JetSym STX geïntegreerd. Het voordeel daarvan mag duidelijk zijn als u weet dat de productielijn die Duflex heeft gebouwd voor contactlenzen tot 25 servo drives, vijf camera’s en koppeling aan een database omvat.

Eén man construeert, bouwt en neemt in bedrijf De JetMove servoregelaar kan over de systeembus of via ethernet door de JetControl controller worden aangestuurd. Een in de programmeeromgeving geïntegreerde setup voor de servo-aandrijvingen en gemakkelijk te begrijpen motion commando’s maken een efficiënte, intuïtieve programmering mogelijk. De opdracht voor de referentie van een as heet ‘MotionHome()’ en voor een punt-puntpositionering, ‘MotionMovePtP ()’. Voor de aansluiting van apparaten van derden, zoals camera’s of weegschalen, zijn vrij programmeerbare interfaces op basis van RS-232 hardware of Ethernet TCP/IP beschikbaar.

maart 2014

AT AANDRIJFTECHNIEK

14-03-14 08:52


TECHNIEK Besturingen

Productiesysteem voor industriedeuren Alpha Deuren in Didam heeft een volledig database gestuurd productiesysteem voor industriedeuren in gebruik, met een oppervlakte van ruim 1.200 m2. Elke week kunnen hier ongeveer zevenhonderd industriedeuren worden geproduceerd. De gehele installatie is in een tijdsbestek van anderhalf jaar door Duflex ontworpen, geconstrueerd, gebouwd en in gebruik genomen. Het automatiseringssysteem omvat diverse besturingen uit de JetControl 200 en 300 serie, meer dan achthonderd in- en uitgangen, een totaal van 32 servo drives en een koppeling aan een database voor het invoeren en automatische picking van orders.

Parametrering, aansturing en positionering Het hart van het systeem is het automatische afkorten van de deurpanelen. Dit gebeurt op order, waardoor Alpha Deuren niet verschillende lengtes profielen maar slechts één lengte op voorraad hoeft te houden. Bij elke nieuwe opdracht worden allereerst de af te snijden profiellengtes in de database berekend en geoptimaliseerd. Het spreekt vanzelf dat ook bij geoptimaliseerde berekening altijd reststukken overblijven. Deze worden niet afgevoerd, maar opgeslagen en bij een volgende order opnieuw gebruikt, afhankelijk van behoefte en geschiktheid. De database bestaat uit een SQL Server als back-end en een Access database als

De portaalrobot brengt de ongesneden deurpanelen naar de zaagmachine. Servo-aandrijvingen zorgen voor een nauwkeurige positionering

De gegevens voor de productieorders worden via een eenvoudige interface ingevoerd

maart 2014

18-19_duflex.indd 19

AT AANDRIJFTECHNIEK

front-end. Het communicatiemiddel van JetDBAccess zorgt voor de data-uitwisseling tussen de besturing en de Access database. Vanuit de daarmee aangesloten besturingen vinden per seconde tot vijftig aanvragen aan de database plaats. Vanuit de database worden de orderspecifieke parameters zoals de lengten van de profielen of de freescoördinaten ter beschikking gesteld. Het totale net is uitgevoerd met Ethernet TCP/IP. Verdere productiestappen tot het eindproduct zijn het frezen van de randen, het afdichten van de profielen en het snijden van de deurgeleidingen tot en met het orderspecifieke verpakken. Bepaalde stappen worden nog met de hand gedaan, maar het is de bedoeling om de installatie geleidelijk uit te breiden en het proces verder te automatiseren. Een dergelijk systeem is een bijzondere uitdaging voor de programmeur, omdat het zeer complex is. De hogere programmeertaal JetSym STX kan toepassingen van dergelijke omvang aan. Net als de vorige programmeertalen van Jetter (zoals Sympas) is ook JetSym vanaf de basis geschikt voor multitasking. Dit betekent dat het programma niet cyclisch, maar event-, respectievelijk procesgestuurd wordt af-

gewerkt. Het multitasking operating systeem van JetSym STX kan maximaal honderd taken aan, die ieder voor zich volledig onafhankelijk functioneren. Dit komt ook overeen met het natuurlijke verloop van verschillende processen in een systeem.

Groeifactoren Dat een bedrijf als Duflex sinds de oprichting alleen door mond-tot-mondreclame genoeg orders krijgt, langzaam maar zeker groeit en tevreden medewerkers heeft, is een maatstaf van veel juiste beslissingen. Het gebruik van JetWeb-technologie heeft volgens Dumoré ook bijgedragen aan het succes. Het succesverhaal zal waarschijnlijk doorgaan en tot nieuwe, spannende uitdagingen voor het bedrijf leiden. Ook de medewerkers van Jetter en zijn vertegenwoordiger in Nederland (Vierpool) pakken de uitdagingen van toekomstige projecten graag aan. Inl.: Duflex Mechatronics BV, tel.: (0481) 35 04 93, www.duflex.nl Alpha Deuren BV, tel.: (0316) 22 80 66, www.alpha-deuren.nl Vierpool BV, tel.: (0346) 59 45 11, www.vierpool.nl

www.AT-aandrijftechniek.nl

19

14-03-14 08:52


Menselijke aandrijving in onderzeeërs [tekst] Sanne Aelfers, TU Delft WASUB [foto’s] WASUB

Achttien studenten van de faculteiten Werktuigbouwkunde, Maritieme Techniek, Lucht & Ruimtevaartechniek en Technische Bestuurskunde van de TU Delft bouwen een door een mens aangedreven onderzeeër, de WASUB 4. Met de vierde versie van deze onderzeeër zullen ze uiteindelijk meedoen aan de European International Submarine Races (EISR) in Groot-Brittannië. De ontwerpfase is inmiddels afgerond en de bouw is in volle gang. Hierna zal er ook nog heel wat moeten worden getest en aangepast.

H

et doel van de WASUB is uiteraard het winnen van de EISR, maar hiernaast is het ook belangrijk dat het project steeds bekender wordt. Bekendheid is belangrijk voor de continuïteit. Voor studenten is WASUB de uitgelezen kans om studie te kunnen toepassen in de praktijk. Ook het samenwerken in een multidisciplinair team is een leerzame ervaring. Er is een ruimte beschikbaar waar de onderzeeër kan worden gebouwd, maar de studenten moeten verder alles zelf regelen. Zo is er geld, kennis en materiaal nodig om de WASUB te kunnen bouwen.

Wedstrijd De wedstrijd die van 7 tot 11 juli in het Engelse Gosport plaatsvindt, stelt verschillende eisen aan de onderzeeër waaraan het ontwerp is aangepast. De wedstrijd vindt plaats in een sleeptank van 120 m x 60 m. Het parcours dat moeten worden afgelegd, heeft een grote invloed op het ontwerp. Het bevat een rechte lijn waar de snelheid wordt gemeten, een grote Ubocht en een slalom.

Fouten tellen zwaarder dan snelle tijd

De mal van de romp

Het parcours waaraan de vorige versie (WASUB 3) afgelopen zomer in de Verenigde Staten heeft meegedaan, bevatte enkel een rechte lijn. Deze wedstrijd werd gehouden in een 1 km lang bassin. Het enige doel bij deze wedstrijd was het parcours in rechte lijn zo snel mogelijk af te leggen. Het wereldsnelheidsrecord voor mensaangedreven onderzeeërs staat momenteel op 13,49 km/u. Dit jaar is belangrijk dat er geen fouten gemaakt worden. Het raken van objecten of het doorbreken van de wateroppervlakte zijn voorbeelden van deze fouten. De fouten tellen zwaarder dan een snelle tijd.

van de WASUB 4. Aan de stroomlijn is

Ontwerp

duidelijk de nodige

In de onderzeeër, die wegens wedstrijdeisen is gevuld met water, ligt de bestuur-

aandacht besteed

20

20-21-23_onderzeeer.indd 20

www.AT-aandrijftechniek.nl

maart 2014

AT AANDRIJFTECHNIEK

13-03-14 17:09


TECHNIEK Mechanisch

der op zijn buik. Hij of zij wordt via zuurstofflessen van zuurstof voorzien. De wedstrijdleiding heeft verschillende redenen voor deze eis, namelijk ‘engineering innovation’ en ‘sporting achievement’. Door deze eis kunnen technische aspecten beter worden ontwikkeld, in plaats van dat alle aandacht uit moet gaan naar het waterdicht maken. Een ander voordeel van een met water gevulde onderzeeër is, dat de bestuurder drijft in het water. Hij wordt niet door de zwaartekracht op de bodem geduwd, maar kan zich tegen de bovenkant afzetten om een hoger vermogen te kunnen leveren. Het ontwerp van de WASUB is ingedeeld in vier hoofdaspecten: romp, besturing, veiligheid en uiteraard de aandrijving. Romp Voor de romp is nagedacht over de optimale vorm. Om zo min mogelijk weerstand te hebben is een zo klein mogelijke oppervlakte gewenst. De bestuurder moet echter in de romp nog wel genoeg bewegingsruimte hebben om een optimaal vermogen te kunnen leveren. Marin helpt bij enkele berekeningen en de productie van de mal voor de romp. De romp zal worden gemaakt van glasvezel met een laag schuim er tussen. Het schuim zorgt voor het drijfvermogen van de onderzeeër. Het heeft ook als eigenschap dat het geen hars opneemt. De keuze voor glasvezel is gemaakt, omdat dit materiaal relatief goedkoop is maar wel sterk genoeg om een eventuele botsing veilig te houden. Dit in tegenstelling tot bijvoorbeeld koolstofvezel dat kan versplinteren bij een botsing; dit zou de

Dwarsdoorsnede van de aandrijflijn

De voorganger van de thans in aanbouw zijnde onderzeeër, de WASUB 3, in de kabels. Duidelijk zichtbaar is de goede stroomlijn van het vaartuig

maart 2014

20-21-23_onderzeeer.indd 21

AT AANDRIJFTECHNIEK

piloot in gevaar kunnen brengen. De uiteindelijke vorm van de romp is te herkenning in de mal (zie foto). Besturing De besturing moet dit jaar erg nauwkeurig zijn gegeven het parcours van de wedstrijd. Er zijn verschillende besturingstechnieken onderzocht, zoals elektrische en hydraulische besturing. Uiteindelijk is er gekozen om ook dit jaar de WASUB uit te rusten met een elektrisch besturingssysteem, dat via een joystick zal worden aangestuurd. De achtervinnen zullen met behulp van servomotoren worden bewogen om de onderzeeër naar links, rechts, onder en boven te laten gaan. Het tollen van de onderzeeër om zijn eigen as kan dan ook worden tegengestuurd. Om dit allemaal waterdicht te krijgen is natuurlijk een uitdaging; vooral een compleet waterdichte joystick blijkt lastig te vinden te zijn. Om de WASUB in de bochten stabiel te kunnen houden, zijn de vinnen goed onderzocht. Op het rechte parcours afgelopen jaar waren enkel stuurvinnen genoeg voor de stabiliteit. Aangezien het parcours dit jaar veel bochten bevat, is besloten extra vinnen op de door menskracht aangedreven onderzeeër te maken. Veiligheid Het wedstrijdreglement stelt verschillende veiligheidseisen waaraan moet worden voldaan. Deze eisen hebben vooral te maken met de noodboei en de luchtafvoer. Zo is het verplicht dat er een dodemansknop in de onderzeeër aanwezig is. Deze knop moet de bestuurder tijdens de

race vasthouden; als er iets mis is, kan of zal hij deze knop loslaten. De noodboei zal dan naar boven komen en iedereen kan zien dat er wat aan de hand is. De WASUB 4 zal gaan beschikken over een elektrisch veiligheidssysteem met een elektromagneet.

Aandrijving Een fietssysteem in de onderzeeër zorgt voor de aandrijving. Zodra de bestuurder begint met trappen, worden tandwielen

Elektrische besturing via joystick in werking gezet. Deze tandwielen drijven vervolgens een contraroterende schroef aan, waardoor de onderzeeër zich zal gaan voortbewegen. Een contraroterende schroef zorgt voor meer stabiliteit, doordat de schroeven elkaars moment opheffen. De vorm van de schroefbladen zal niet veranderen ten opzichte van vorig jaar. Wel wordt het bladoppervlak iets vergroot door de naaf van de schroef te verkleinen. Hierdoor zal de schroef meer stuwkracht leveren dan vorig jaar. De schroefbladen zullen worden gefreesd uit aluminium met behulp van een vijfassige CNC-machine. Hierna worden de bladen geanodiseerd en ingekleurd met een fel oranje kleurstof. Het is namelijk een eis van de wedstrijdleiding dat scherpe uitstekende delen zijn voorzien van een fel oranje kleur.

www.AT-aandrijftechniek.nl

4

21

13-03-14 17:09


De DataVS2 ziet alles

Met de visie van Vierpool

- Beste Vision Sensor in zijn categorie

Een kwaliteitsproduct zoals de DataVS2 is u

- Twaalf inspectietools gelijktijdig en door elkaar beschikbaar

veel waard. En het is nog veel meer waard dankzij onze visie, betrokkenheid en kennis.

- Controleert op maatvoering, contrast, vorm, helderheid, aantallen en positie

We denken namelijk actief met u mee om tot de meest efficiënte oplossing te komen

- Inclusief OCV, barcode- en datamatrixscanning

voor uw unieke vraag en situatie. Zo krijgt de

- 360° verdraaibare Pattern Match om objectpositie te bepalen

kwaliteit van DataVS2 nog meer waarde voor uw bedrijfsvoering.

T : 0346-594511 | F : 0346-574055 | E : info@vierpool.nl | W : www.vierpool.nl

®

SEMIPACK

Comprehensive Product Range – Industrial Standard For drives, softstarters and power supplies Thyristor / Diode modules High reliability 15 A - 1200 A 800 V - 2200 V

SEMIPACK® 0 ~15 A

SEMIPACK®1 ~134 A

SEMIPACK®2 ~212 A

Nederland / België +31 55-5 29 52 95

SEMIPACK®3 ~380 A

SEMIPACK®4 ~600 A

sales.sknl@semikron.com

SEMIPACK®5 ~702 A

SEMIPACK®6 ~1200 A

www.semikron.com


TECHNIEK Mechanisch

Behalve de schroef is de aandrijflijn nog in twee delen op te delen: het voorste gedeelte waar het vermogen door de fietser geleverd wordt en het achterste gedeelte waar de contraroterende beweging tot stand wordt gebracht.

Fietssysteem zorgt voor aandrijving In het voorste deel wordt het vermogen geleverd door een fietser die 100 min-1 fietst. Dit lijkt erg snel voor onder water, maar bleek afgelopen jaar bij de WASUB 3 goed haalbaar. Ook het bij deze vorige onderzeeër bepaalde optimum tussen groter vermogen door langere cranks en minder weerstand door een kleinere romp is nog steeds geldig. Daarom zullen de cranks ook dit jaar weer 145 mm lang worden. Wat wel verandert ten opzichte van WASUB 3 is de overbrengingsverhouding van de haakse overbrenging. Deze verhouding is veranderd van 3:1 naar 9:1. Omdat deze overbrengingsverhouding niet standaard leverbaar is, laat Morskate Aandrijvingen in Hengelo (Ov.) deze speciaal op maat maken. Hetzelfde geldt voor de roestvaststalen cardanas, die de verbinding vormt tussen het voorste en het achterste deel. Het achterste deel bij WASUB 3 bestond uit een tandwielkast met een drietal

maart 2014

20-21-23_onderzeeer.indd 23

AT AANDRIJFTECHNIEK

haakse tandwielen. Vanuit deze kast liep een dubbele as naar de twee afzonderlijke helften van de schroef. Vorig jaar is gebleken dat een tandwielkast tijdens onderhoud erg in de weg zit in de smalle achterkant van de onderzeeër. Er moest een manier gevonden worden om deze tandwielkast overbodig te maken. Om deze reden is er voor gekozen om een tweetraps planetair tandwielstelsel in de naaf van de schroef te verwerken. De naaf wordt van de kunststof ABS gemaakt en vormt tevens de waterdichte behuizing van het planetaire tandwielstelsel. Door het gebruik van ABS ten opzichte van aluminium vorig jaar is er een gewichtsbesparing voor de naaf gerealiseerd van grofweg 60 procent. In beide trappen van het tandwielstelsel vindt een reductie van het toerental plaats van 3:1. Hierdoor draaien de twee sets schroefbladen uiteindelijk tegen elkaar in met 300 min-1. Dit, volgens de fabrikant zeer onconventionele, contraroterende tandwielstelsel wordt geproduceerd door Sanders’ IJzergieterij en Machinefabriek in Goor. Alle tandwielen worden gecoat met een wolfraamcarbidecoating. Behalve vermindering van wrijving en slijtage maakt deze coating het ook mogelijk de tandwielen watergesmeerd te laten draaien. Van dit laatste is echter slechts sprake wanneer

de waterdichte tandwielkasten onverhoopt lek raken. Ondanks het grotere aantal tandwielen heeft de nieuwe aandrijflijn theoretisch 1,5 procent minder wrijvingsverliezen. De echte winst zit voornamelijk in de volumeen gewichtsreductie. Hierdoor kunnen de studenten gemakkelijker onderhoud plegen in de onderzeeboot en is er minder volume aan schuim nodig om de boot recht uit te trimmen.

Verwachtingen

Dwarsdoorsnede van de contraroterende schroef met de speciaal daarvoor op maat gemaakte dubbele

Het eerste WASUB team heeft in 2005 het slalomonderdeel van de International Submarine Races gewonnen en een wereldsnelheidsrecord neergezet. In 2006 kon de tweede WASUB helaas niet mee doen aan de wedstrijd. Deze onderzeeër heeft echter wel een prijs gewonnen voor het beste design en productie. Het project heeft hierna enkele jaren stil gelegen maar heeft in 2012 een doorstart gemaakt. De WASUB 3 is afgelopen zomer tweede geworden bij de International Submarine Races. Na deze successen zijn de verwachtingen voor de WASUB 4 dan ook hoog gespannen. Bent u benieuwd hoe WASUB het er dit jaar van af gaat brengen? U kunt de deelnemers volgen op hun website en op Facebook (www.facebook.com/WASUB3).

planetaire overbrenging

Inl.: TU Delft WASUB 4, www.wasub.nl

www.AT-aandrijftechniek.nl

23

17-03-14 14:48


Vermogensverdeling bij meertrommelaandrijving [tekst en foto’s] Johan Brands

De ervaring leert dat een tweemotorige aandrijving voor bandtransporteurs geen speciale voorzieningen nodig heeft om de vermogens goed te verdelen, zolang de toerenkoppelkarakteristiek niet te steil is en er weinig bandrek is. Bij grotere vermogens en een substantiële bandrek is het echter wél noodzakelijk om maatregelen te treffen om een gelijkmatige vermogensverdeling te verkrijgen.

J

aren geleden, aan het begin van mijn carrière, werd ik geconfronteerd met een bandtransporteur waarvan de aandrijving te zwak was om de gewenste capaciteit te leveren. De oplossing leek eenvoudig; we zetten er een extra motor bij aan de keertrommelzijde. Wat verbaasden we ons toen dit niet het gewenste resultaat opleverde. De bijgeplaatste motor viel telkens thermisch uit en de bandtransporteur lag

Een toerentalverschil van 0,3% lijkt klein nog vaker stil dan voorheen met één enkele aandrijving. Deze leerzame ervaring kwam een paar jaar later te pas bij de installatie van een lange, reverseerbare transportband.

Vloeistofkoppelingen Deze lange reverseerbare band werd voorzien van twee motoren met vloeistof-

Reverseerbare bandtransporteur met frequentieregelaars Enkele jaren geleden was ik betrokken bij de realisatie van een reverseerbare bandtransporteur, voorzien van twee 55 kW-motoren. Beide motoren waren voorzien van een frequentieregelaar, waarbij de ene master was en de ander slave. Dit maakt het mogelijk om de afgenomen vermogens bij beide motoren gelijk te houden of de motor aan de kop te begrenzen op zijn maximale vermogen; de snelheid is bepaald en de staartmotor levert het benodigde aanvullende koppel. Bij het omkeren van de draairichting kunnen de functies van beide motoren worden gewisseld, zodat de hardst trekkende motor altijd aan de voorzijde zit.

Bij gebruik van frequentieregelaars kunnen de functies van beide motoren in een tandemaandrijving worden gewisseld, zodat de hardst trekkende motor altijd aan de voorzijde zit

24

24-26_trommels.indd 24

www.AT-aandrijftechniek.nl

maart 2014

AT AANDRIJFTECHNIEK

13-03-14 17:10


TECHNIEK Mechanisch

koppelingen, die gelijktijdig ingeschakeld werden. De overgedimensioneerde motoren hadden dankzij de vloeistofkoppelingen een minder ongelijke vermogensverdeling en waren daardoor geschikt voor twee draairichtingen. Bij een ander project - in het Verre Oosten - is een lange bandtransporteur eveneens voorzien van een tandemaandrijving. Hierbij is, uit oogpunt van standaardisatie binnen het gehele project, gekozen voor vier motoren, om het aantal benodigde reservemotoren te minimaliseren. De vier opsteekmotorreductoren (elk 15 kW) werden over twee trommels verdeeld en direct in driehoek ingeschakeld. We hebben hier nooit problemen mee gehad, omdat de motoren klein waren en daarom een relatief vlakke toerenkoppelkarakteristiek hadden. Tijdens bedrijf zag je dat de eerste aandrijving met regelmaat zo veel kracht opwekte dat de voorspanning tussen de eerste en tweede trommel zo laag werd dat op de tweede trommel kortstondig slip optrad. Dit was waar te nemen door de vervormingen van de elastische reactiesteunen van zowel de motoren op de eerste aandrijftrommel, maar vooral van de motoren op de tweede aandrijftrommel. Bij de motoren zouden we op dat moment voor de ene motor een piekstroom en gelijktijdig voor de andere een dip hebben kunnen waarnemen. Deze situatie, voor de motoren qua belasting vergelijkbaar met regelmatig in- en uitschakelen, heeft echter nooit geleid tot overbelasting van de motoren. Toch was dit geen ideale technische oplossing.

Motorkoppels Jaren later werd mij gevraagd hoe het kon gebeuren dat bij een tandemaandrijving de motor op de tweede trommel altijd thermisch overbelast werd, lang voordat de twee aandrijvingen op de koptrommel aan hun maximum zaten; een probleem dat in de loop der jaren steeds ernstiger werd. Inmiddels had ik voldoende inzicht gekregen in de problematiek van een bandtransporteur met een meertrommelaandrijving, om dit verschijnsel te kunnen verklaren. Met een extra aandrijving op de keertrommel (uit het eerste voorbeeld) draait de aandrijftrommel, als gevolg van de toegenomen rek in de band, sneller dan de keertrommel. Naarmate het toerental in de

maart 2014

24-26_trommels.indd 25

AT AANDRIJFTECHNIEK

zou er zelfs een tegenwerking op hebben kunnen treden.

Bandrek

Bij grotere vermogens en een substantiĂŤle bandrek is het noodzakelijk om maatregelen te treffen voor een gelijkmatige vermogensverdeling

richting van 1.500 min-1 gaat, neemt het motorkoppel verder af. Op het moment dat de keertrommel zijn maximale koppel levert, bij een toerental van bijvoorbeeld 1.470 min-1 zou, als gevolg van de toegenomen bandrek van 0,3% tussen keer- en aandrijftrommel, de aandrijftrommel een toerental moeten hebben van 1,003 x 1.470 min-1 = 1.474 min-1, in verband met de snelheidstoename van de band. De motor op de keertrommel uit de eerst beschreven ervaring leverde door het lagere toerental een groter koppel dan de motor aan de kop van deze band. Een toerentalverschil van 0,3% lijkt klein, maar is groot genoeg om een belangrijk koppelverschil te veroorzaken. Dit verklaart echter nog niet waarom de inzet van een tweede motor averechts leek te werken.

Bandrek kan fiasco veroorzaken De oorzaak hiervan was vermoedelijk dat de bekledingsdikte van de koptrommel in de loop der jaren en na vele draaiuren als gevolg van slijtage was afgenomen. De diameter van de trommel zou kunnen zijn afgenomen van 420 mm tot 418 mm; een verschil van 0,5%. Opgeteld bij het 0,3% toerenverschil komt dat op een totaaleffect van 0,8%. In dit geval zou de koptrommel een toerental hebben van 1,008 x 1.470 min-1 = 1.482 min-1. Bij een toerental zo dicht tegen de 1.500 min-1 levert de koptrommel bijna geen vermogen op, of

Een band met een kD-factor van tien, waarbij de kleinste veiligheidsfactor in bedrijf op tien zit, heeft 1% rek. Is de verhouding tussen trekkracht en voorspankracht 3:1, dan is de rektoename van keer- naar aandrijftrommel 0,67%. Dit verklaart waarom bandrek - eventueel in combinatie met verschillen in trommeldiameters de tandemaandrijving in bovengenoemd voorbeeld tot een fiasco kan maken. Bij een tandemaandrijving die gekozen is om de voorspankracht in de band zo laag mogelijk te houden, zit over het algemeen een groot verschil tussen de voorspanning en de effectieve trekkracht. Dit betekent dat er na het passeren van een aangedreven trommel een sterke afbouw van bandspanning plaatsvindt. Indien de totale dynamische bandrek 1% bedraagt, wordt de dynamische bandrek teruggebracht tot 0,33% tussen de eerste en tweede aandrijftrommel. Het resultaat is een toerentalverschil van 0,67% tussen beide trommels.

Ontwerpfout In deze concrete situatie bestond een tandemaandrijving uit drie 110 kW motoren

4

Langere banden vragen complexere besturing Het verdelen van meerdere motoren over de lengte van de band vraagt om een complexere besturing. Anders dan bij een tandemaandrijving zullen de motoren niet gelijktijdig starten. De rek van het productdragende deel van de band zal met name afhangen van het gegeven of de band beladen dan wel onbeladen start. Het beladen bovenpart van de band zal aanmerkelijk meer rekken dan het retourpart. Dit betekent dat de aangedreven keertrommel enige tijd later moet worden opgestart dan de aandrijftrommel aan de kop van de band. Ook tussenliggende boosteraandrijvingen zullen niet gelijktijdig starten, maar vertraagd inkomen en een koppel leveren dat in relatie staat met de plaats en de mate van de belading op de band. Lange banden met veel rek moeten, ongeacht de aandrijving, zorgvuldig worden opgestart. Bij een voornamelijk horizontaal opgestelde band die onder vollast tot stilstand is gebracht, maakt het veel uit of dit is gebeurd middels een vrije uitloop of door te remmen. Bij het opstarten zal in eerste instantie de rek uit de band moeten worden getrokken voordat de gehele band in beweging komt. In de tussenliggende tijd zal hoofdzakelijk het spangewicht de vrijgekomen hoeveelheid band die vanaf de aandrijftrommel wordt toegeleverd compenseren. De motoren zullen de rek geleidelijk uit de band moeten trekken.

www.AT-aandrijftechniek.nl

25

13-03-14 17:10


Frequentieregelaars kunnen problemen oplossen Een bijkomend probleem was de slijtage die in de loop der jaren was ontstaan. De bekleding van de eerste trommel, voorzien van twee motoren, was door de combinatie van een grotere vlaktedruk en een grotere kruip meer gesleten dan de bekleding van de tweede trommel, die slechts van één motor was voorzien. Een afname van 0,5% in diameter geeft een toerentalverschil van 7,5 min-1 voor een vierpolige motor. Opgeteld bij de gereduceerde bandrek kunnen de verschillen in toerentallen oplopen tot ruim 1%.

Oplossing Het bewijs voor de slijtage en de gereduceerde bandrek was eenvoudig te leveren door de plaatsing van merkstrepen op de

T1

max

opl

T1 passieve banddeel T1

afl

N

met redelijk steile toerenkoppelkarakteristiek. Een kleine afwijking in toeren resulteert dan in een groot koppelverschil. Metingen gaven aan dat wanneer de tweede motor op 110 kW zat, de beide andere ieder slechts 85 kW leverden. Het maximale geleverde vermogen was daardoor begrensd op 280 kW, terwijl er 330 kW beschikbaar was. De motoren waren voorzien van een softstarter. In principe was hier sprake van een ontwerpfout. Indien de motoren waren uitgerust met vloeistofkoppelingen, had men de tweede aandrijving iets meer slip kunnen geven waardoor de vermogens waren gesynchroniseerd.

T2 =

opl -

afl

De krachtoverbrenging van de aandrijftrom-

Kruip leidt tot snelheidsverschillen in de

mel naar de transportband vindt alleen

transportband

plaats in het banddeel

trommelschilden. In theorie zou het merkteken op de eerste trommel na circa anderhalve minuut het merkteken op de tweede trommel hebben ingehaald, wat in de praktijk ook inderdaad het geval bleek te zijn. Een mogelijke oplossing voor het probleem is de toepassing van een frequentieregelaar op de tweede motor, die het maximale vermogen begrenst. Een tweemotorige aandrijving van een reverseerbare band, waarbij de motoren gelijktijdig inschakelen, functioneert goed zolang de motoren voldoende overgedimensioneerd zijn, de band niet veel rek veroorzaakt en de motoren geringe vermogens hebben zodat de koppeltoerenkarakteristiek wat minder steil verloopt. De lengte van de band is hier niet direct van invloed. Niet de absolute rek van de band is bepalend; het gaat dan ook om de procentuele rek.

Nu wil ik niet de indruk wekken dat twee motoren op een reverseerbare band altijd tot problemen zullen leiden. Reverseerbare banden staan bijna altijd horizontaal opgesteld en zijn vaak niet extreem lang. Dat betekent dat de vermogens niet hoog zijn en dat de band over het algemeen niet geselecteerd is op de sterkte. De lichte motoren hebben een relatief vlakke kromme en de procentuele bandrek is eveneens gering.

Literatuur Johan Brands, ‘Energieverliezen door bandkruip berekend’, Bulk nr. 5, 2008. Johan Brands, ‘Better Drive Control’, Bulk Solids Handling, nr. 5, 2011. Dit artikel verscheen eerder in Bulk 7, december 2013.

Over de auteur Johan Brands is sinds 1978 werkzaam geweest voor BAM, voor een handelsbedrijf dat installaties verkocht in de bouw- en sloopafval, voor steengroeves en de zanden grindwinning, voor TBO; IBT en SMA in Mierlo waar hij tot op heden werkzaam is. In al deze jaren is Brands voornamelijk actief geweest in het maken van technische concepten, basisontwerpen en prijsvorming, gaf in geval van opdracht sturing aan de engineering en werd intensief betrokken bij de inbedrijfstelling.

Johan Brands

Een bandtrommel met twee aandrijvingen

26

24-26_trommels.indd 26

www.AT-aandrijftechniek.nl

MAART 2014

AT AANDRIJFTECHNIEK

13-03-14 17:11


Toys for Boys

Ruige quad rijdt nooit lek [tekst] Jeroen Aalberts [foto’s] Polaris Industries

De Sportsman WV 850 HO van Polaris is een quad voor het ruige werk. Wat meteen opvalt zijn de wielen zonder luchtbanden. Ideaal voor gebruik op scherpe ondergronden en voor gebruik door het leger.

D

e WV 850 HO is een ATV (All Terrain Vehicle) dat oorspronkelijk voor het leger ontworpen is maar nu ook in civiele uitvoering verkrijgbaar is. De ‘TerrainArmor’ luchtloze banden (combinatie band en velg) zijn ontworpen om geweervuur met zwaar kaliber .50 (12,7 mm) en scherpe voorwerpen zoals scherven en spoorrailnagels te kunnen weerstaan. De 850 cc tweecilinder viertakt benzinemotor met enkele, bovenliggende nokkenas levert maximaal 57,4 kW en drijft via een continu variabele transmissie (met riem) een tussenbak aan waarmee de achterwielen worden aangedreven. Indien gewenst is het mogelijk om hiermee ook de vierwielaandrijving in te schakelen. Het voordeel van een automatische transmissie is niet alleen het gebruiksgemak, maar het is bij terreinrijden ideaal dat altijd het juiste toerental voorhanden is. Bij met conventionele versnellingsbakken uitgeruste voertuigen is de kans groot dat bij terugschakelen in zwaar terrein het voertuig stil valt. In combinatie met een spoorbreedte van 120 cm en een grondspeling van 28,5 cm zal je overigens niet snel vast komen te zitten. Mocht dat toch een keer gebeuren (of bij

De Polaris WV 850 HO in civiele uitvoering. Op de bagagerekken is het met de vele haken en ogen eenvoudig om spullen vast te zetten.

een ander voertuig) dan kan de lier met een capaciteit van 1.360 kg uitkomst bieden. Ook kan met de transmissie afgeremd worden op de motor. Rondom is de quad uitgerust met schijfremmen.

Luxe werkpaard De massa van het lege voertuig bedraagt 502,5 kg en het laadvermogen is 385 kg. Het bagagerek aan de voorzijde kan belast worden met een massa van 91 kg, het bagagerek aan de achterzijde met een massa van 181 kg. Om met een volbeladen voertuig eenvoudig te kunnen manoeuvreren, is de WV 850 HO voorzien van stuurbekrachtiging. Voor het zware werk heeft de

motor een koelsysteem met extra koelcapaciteit. Over het verbruik zijn er geen gegevens beschikbaar, maar met een brandstoftank van 19,9 l en een reservetank van 24,6 l (44,5 l in totaal dus!) zal de actieradius ongetwijfeld aanzienlijk zijn. Het instrumentarium van de WV 850 HO heeft naast een brandstofniveaumeter ook een snelheidsmeter, toerenteller, dagteller, waarschuwingslampje voor de temperatuur en een laadstroomcontrolelampje. Ook is er een gelijkstroomcontactdoos aanwezig, dus bijvoorbeeld een navigatiesysteem aansluiten kan heel eenvoudig. Fabrikant Polaris bouwt behalve quads ook off-road voertuigen, sneeuwscooters en motorfietsen. Naast het in Europa niet zo bekende merk Victory voert Polaris ook een lijn motoren onder de naam Indian, waarvan het de naamsrechten heeft overgenomen. Inl.: Polaris Industries Inc. Medina, Minnesota, www.polaris.com

maart 2014

27_toys.indd 27

Met een lier aan de voorzijde hoeft vast

Door de honingraatvormige constructie is

komen te zitten niet het einde van een rit te

er voldoende vering en zijn de wielen be-

betekenen

hoorlijk comfortabel

AT AANDRIJFTECHNIEK

Bekijk met de Layar app de werking van de luchtloze banden.

www.AT-aandrijftechniek.nl

27

17-03-14 14:38


“Parker Hannifin wil nummer één in motion control zijn” [tekst en foto’s] Ad Spijkers

Sinds 1 januari is Freddy Eggengoor general manager van Parker Hannifin Nederland, de verkooptak van het concern in ons land. Hij is de opvolger van Herman Schutte, die na een periode van bijna elf jaar als general manager en een ruim dertigjarig dienstverband per eind mei niet langer in dienst zal zijn van het bedrijf. AandrijfTechniek voelde de nieuwe directeur aan de tand over verleden, heden en toekomst van de grootste onderneming in de aandrijftechniek in Nederland.

O

nder leiding van Herman Schutte is de Parker sales company in Nederland gegroeid van ruim tachtig medewerkers naar een kleine tweehonderd medewerkers en is de omzet verdrievoudigd. Hij heeft in het bijzonder een belangrijke bij-

drage geleverd aan de groei die Parker in Nederland heeft doorgemaakt op het gebied van het bouwen van complete systemen. De productie van hydraulische en pneumatische systemen in Nederland staat inmiddels op een dusdanig hoog ni-

veau dat Nederland op dit gebied door de Parker wereldwijde organisatie is gecertificeerd als Global Competence Center. In de voetsporen van zijn voorganger treden zal voor Freddy Eggengoor dus geen gemakkelijke opgave zijn.

Eigen kweek Eggengoor startte zijn loopbaan bij wat toen Atlas Copco Automation heette, wat voortborduurde op het destijds befaamde Monsun Tyson. Hij begon in de binnendienstverkoop, maar was al snel actief in de buitendienst. In 1994 werd de automatiseringstak van de compressorspecialist overgenomen door Parker Hannifin. In de jaren die volgden vervulde Eggengoor heel wat functies bij de Nederlandse tak van het concern: pneumatics sales engineer, key account manager, customer service manager, sales manager automation en sales manager hydraulics & systems. Sinds 2006 is hij werkzaam als country sales manager met verantwoordelijkheid over alle sales activiteiten in Nederland.

Managers zijn eigen kweek

Freddy Eggengoor is sinds 1 januari de nieuwe general manager Nederland van Parker Hannifin. Zijn doelstelling is helder: “We willen in alle disciplines de nummer één worden”

28

28-29_eggengoor.indd 28

www.AT-aandrijftechniek.nl

In zijn twintigjarig dienstverband heeft Eggendoor dus alle stadia van Parkers sales activiteiten doorlopen en heeft hij de commerciële organisatie op een hoger peil gebracht. Die voorgeschiedenis is een groot voordeel in zijn nieuwe functie als general manager Nederland. Eggengoor: “Wil je binnen een organisatie als Parker Hannifin naar grote hoogten groeien, dan moet je alle geledingen en technologieën van het bedrijf doorlopen hebben. Als je hier niet bent opgegroeid en de bedrijfscultuur niet kent, verzuip je. Als je maar uit één discipline komt en je stijgt in de organisatie, kom je er niet. Managers binnen Parker Hannifin zijn eigen kweek. Belangrijk is vooral dat je je realiseert, dat je het met de aanwezige mensen moet doen.” Als ik hem vraag naar zijn sterke en zwakke punten moet hij even nadenken. “Mijn zwakke punt is waarschijnlijk dat ik

maart 2014

AT AANDRIJFTECHNIEK

13-03-14 17:11


INTERVIEW Management

geen blad voor de mond neem. Daarmee jaag ik onvermijdelijk wel eens mensen tegen me in het harnas, maar ik zeg oprecht wat ik meen en de waarheid kan soms hard zijn. Mijn sterke kant is, dat ik een mensen-mens ben. Je moet ze aan- en bijsturen, maar je moet ze ook stimuleren. Je moet succes delen, je moet mensen die daar rijp voor zijn promoveren, je moet ze op de juiste plek neerzetten. Mensen moeten hun werk leuk vinden, ze moeten enthousiast zijn, dan komen de prestaties vanzelf. Een ander sterk punt is dat ik sterk naar buiten ben gericht. Uiteindelijk betaalt de klant ons aller salaris. Je moet zijn wensen vertalen naar je organisatie: technologisch, financieel, logistiek, service. Een derde sterk punt is, dat ik alle takken van sport van Parker Hannifin ken en daar ook actief in ben geweest: pneumatiek, hydrauliek, elektromechanisch, maar ook instrumentatie. Ik ken de markten en de spelers die daarin actief zijn.”

Opdracht Schutte heeft in twaalf jaar de omzet van Parker Hannifin in Nederland verdriedubbeld. Van Eggengoor wordt dus het een en ander verwacht. Als ik hem vraag welke opdracht hij vanuit de concernleiding heeft gekregen, heeft hij zijn antwoord onmiddellijk klaar: “Groeien met dubbele cijfers, elk jaar. Dat geldt niet voor mij, dat geldt voor elke country manager binnen Parker Hannifin. Als leider van een verkoopmaatschappij ben je verantwoordelijk voor groei, door autonome groei en door overnames. Maar de basis wordt gevormd door je mensen, reden dat wij daar de laatste jaren veel in hebben geïnvesteerd. We willen werken met zelfsturende teams (high performance teams) die mensen ook het gevoel geven dat het hún klanten zijn.”

Je moet succes delen Telde het bedrijf bij de komst van Eggengoor zo’n 65 medewerkers, nu telt de verkooporganisatie in Oldenzaal en Hendrik Ido Ambacht ongeveer 220 medewerkers. Het realiseren van de doelen doet Parker Hannifin echter niet alleen. Behalve de eigen medewerkers houdt een aantal distributeurs, 26 Parker Stores en 26 Hose Doctors zich bezig met verkoop en dienstverlening aan klanten. Deze behoren niet

maart 2014

28-29_eggengoor.indd 29

AT AANDRIJFTECHNIEK

“Parker Hannifin wil onder meer groeien door nieuwe markten te betreden, bijvoorbeeld de olie- en gaswereld en de offshore”

tot de Parker Hannifin organisatie, maar zijn zelfstandige bedrijven of onderdeel van een wat groter bedrijf. Behalve de verkoopvestigingen in Oldenzaal en Hendrik Ido Ambacht (waar ook engineering, assemblage en maatwerk voor klanten plaatsvindt) telt Parker Hannifin nog een aantal fabrieken in Nederland. In het kader van een wereldwijde herstructurering van de productieactiviteiten worden de fabrieken voor rubber en kunststof slangen in Hoogezand respectievelijk Almelo dit jaar gesloten. Wat resteren zijn fabrieken in Arnhem (hydrauliekfilters), Etten-Leur (stikstofmembranen voor stikstof generering) en Hendrik Ido Ambacht (pneumatische systemen). Deze vallen binnen de matrixstructuur van Parker Hannifin echter niet onder de verkooporganisatie, maar onder een aantal productdivisies.

Nummer één Parker Hannifin wil wereldwijd en dus ook in Nederland nummer één zijn in motion control. Om dat te kunnen realiseren moet aan drie voorwaarden worden voldaan: het bedrijf moet zijn klanten als beste van dienst zijn, het moet financieel gezond zijn en het moet groeien in omzet, winst en marktaandeel. Eggengoor: “Dan kom je toch weer uit bij de betrokkenheid

van je medewerkers. Zonder hen gaat het nooit lekker, en daarom is Parker Hannifin doelbewust bezig met ‘people empowerment’. Je moet goede mensen vasthouden en hen de vrijheid geven zichzelf te ontplooien. Vooral de jonge generatie is daar heel gevoelig voor, die wil snel carrière maken.” Parker Hannifin is in Nederland op de goede weg om nummer één in motion control te zijn. Eggengoor: “Op het gebied van vloeistof- en gaskoppelingen en voor hydrauliekfiltratie zijn we nummer één. Bij hydrauliek en systemen zullen wij nummer één of twee zijn, afhankelijk van hoe je de markt definieert. Op het gebied van automatisering (elektronica en pneumatiek) zijn we nummer drie of vier. Hier hebben we met twee wereldwijd sterke merken te maken. Bij elektromechanische aandrijvingen zijn we nog niet zo sterk. Dit is een heel andere markt met heel andere partijen, waarvoor we ook een andere strategie moeten volgen. Hier werken we nu nog veel samen met gespecialiseerde partijen, maar we gaan dit absoluut zelf verder uitbouwen. We willen in alle disciplines de nummer één worden.” Inl.: Parker Hannifin BV, tel.: (0541) 58 50 00, www.ontdekparker.nl

www.AT-aandrijftechniek.nl

29

13-03-14 17:12


Hannover kleurt oranje [tekst] Jeroen Aalberts [foto’s] AandrijfTechniek

Voor de Hannover Messe, die van 7 tot en met 11 april wordt gehouden tekent zich een sterke Nederlandse deelname af. Dat is niet verwonderlijk, aangezien ons land dit jaar partnerland is van de ‘beurs der beurzen’.

M

inister-president Rutte opent samen met bondskanselier Merkel de beurs, en ook minister Ploumen en minister Kamp zullen ‘acte de présence’ geven. Deze editie, met als thema ‘Integrated Industry - Next Steps’, omvat beurzen op het gebied van windenergie, industriële automatisering, toelevering en onderzoek en ontwikkeling. “Industriële ondernemingen moeten, om concurrerend te blijven, efficiënt en zuinig produceren, snel op veranderingen in de markt reageren en voldoen aan de steeds grotere behoefte aan unieke producten”,

‘Smart grid’ behoeft samenwerking Ook zonder Neder-

systems

aldus dr. Jochen Köckler, lid van de raad van bestuur van Deutsche Messe. “Het antwoord op deze uitdagingen is: Integrated Industrie, dat wil zeggen productieprocessen met maximale flexibiliteit. Veel technologieën voor de uitvoering daarvan zijn gedurende de afgelopen jaren ontwikkeld. In de volgende stap moeten deze technolo-

30

www.AT-aandrijftechniek.nl

land is Oranje goed vertegenwoordigd gezien de stands vorig jaar van (v.l.n.r.) Kukka, Igus, Heinzmann, B&R, Lapp en Nord Drive-

30-31_hannovermesse.indd 30

Het Oranje-paviljoen viel afgelopen jaar qua kleur al op en zal dit jaar nog meer opvallen door de toegenomen omvang

gieën op elkaar worden afgestemd en in de industriële producten worden geïntegreerd. Hoe komt de industrie stap voor stap van de droom van de ‘smart factory’ tot de als netwerk functionerende fabriek?” De beurs richt de focus op vier actuele thema’s: Industrial Automation & IT, Energy & Environmental Technologies, Industrial Supply en Research & Technology. Verspreid over twaalf paviljoens worden de diverse thema’s nader toegelicht.

nemers verwacht, en Holland Partnerland zal op de beurs met flink wat stands en paviljoens aanwezig zijn. In hal 3 staat het grote paviljoen centraal dat is opgebouwd rond de negen topsectoren waarin Nederland sterk is en die een belangrijke bijdrage leveren aan het oplossen voor maatschappelijke vraagstukken wereldwijd. Van de sectoren zoals hightech, energie en logistiek zijn toepasselijke showcases te zien.

Dutch solutions

Industrial Automation

Voor deze editie van de Hannover Messe worden tweehonderd Nederlandse deel-

In de hallen 8, 9, 11 en 14 tot en met 17 is de voor de aandrijf- en besturingstechniek

maart 2014

AT AANDRIJFTECHNIEK

17-03-14 13:06


VAKBEURS Hannover Messe

belangrijkste beurs ondergebracht. Hannover Consultancy (de Nederlandse vertegenwoordiging van de Hannover Messe) wil een paviljoen inrichten in hal 17 over industriële automatisering en aandrijftechniek. De Nederlandse ambassade in Berlijn heeft in hal 16 een paviljoen Metropolitan Solutions. Stedelijke groei gaat maar door, en vooral de toekomst van de mobiliteit is een van de grootste uitdagingen van de komende decennia. Ook de logistiek en de energievoorziening vragen om nieuwe oplossingen.

Feiten en cijfers Datum en tijd: maandag 7 tot en met vrijdag 11 april 2014 Openingstijden: 09:00 tot 18:00 uur Plaats: Messegelände, 30521 Hannover (D) Exposanten: 6.550 (2013) Toegang: dagkaart € 35 aan de kassa, € 28 voorverkoop of registratie bij Hannover Consultancy Chartervluchten: 7 en 8 april vanaf Rotterdam (www.tradefairs.nl) Inl.: Hannover Consultancy, tel.: (0184) 69 30 50 www.hannoverconsultancy.nl

Industrial Supply In hal 4 tot en met 6 is het toneel van Industrial Supply. In hal 4 vormen Brainport Industries, Mikrocentrum, Koninklijke Metaalunie en Nevat samen met ongeveer 75 Nederlandse bedrijven een oranje gekleurd collectief. De vier organisaties gaan ook samenwerken aan seminars, pers- en netwerkbijeenkomsten, uitreikingen van awards en ontvangsten van buitenlandse brancheorganisaties en meer. Het paviljoen in hal 4 beslaat straks ruim 1.250 m 2, en kan mede door de kleur oranje niet over het hoofd worden gezien.

Research & Technology Het Holland High Tech House in hal 2 heeft, behalve een collectieve ruimte met een bargedeelte en catering, ruimte voor deelnemers om zich te presenteren. Op het innovatieplaza kunnen start-ups, spinoffs en incubators hun innovaties laten zien. Vanuit deze stand organiseert FME activiteiten en haakt aan bij het programma rond Holland Partnerland.

In hal 11, 12, 13 en 27 is de energiesector aanwezig, van energieopwekking, levering en opslag tot en met transmissie en distributie aan smart grids. Een mooie plek dus om Nederlandse energieoplossingen te promoten. Ongeveer een kwart van de standhouders van de Hannover

30-31_hannovermesse.indd 31

20% auto-onderdelen ‘made in NL’

AT AANDRIJFTECHNIEK

Hermes Award & TectoYou Deze technologieprijs voor industrieel beproefde of toegepaste producten werd in 2013 gewonnen door Bosch Rexroth. De genomineerde deelnemers en de winnaar worden bij de opening van de Messe bekendgemaakt. Om de jonge mensen te enthousiasmeren voor een beroep in de techniek is er het programma TectoYou. Het bestaat uit informatiemateriaal dat de leerlingen voor de beurs door kunnen nemen en uit een beursbezoek met een gids met workshops en seminars. Zo wordt een bezoek aan een beurs een stuk doeltreffender.

De accu is nog lang niet uitontwikkeld. Hier een compacte accu van het Karlsruher institut für

gaan communiceren: de vraag afstemmen op het aanbod. Bijvoorbeeld wasmachines gereed zetten en die automatisch laten draaien bij een piek in de energieproductie. Om een ‘smart grid’ te realiseren zullen veel partijen in uiteenlopende branches moeten gaan samenwerken in de nabije toekomst.

PUMPplaza

Energy

maart 2014

Messe houdt zich bezig met opwekking, opslag en/of distributie van energie. Met de komst van windmolens, zonnepanelen, biomassacentrales en andere energieproducerende units ontstaat een decentralisatie van de energieopwekking. Omdat een deel van die groene energieproductie afhankelijk is van de weersomstandigheden zullen in de toekomst stroomnetwerken en eindgebruikers met elkaar moeten

dag 9 april is ‘Dutch Day at the PUMPplaza’ en worden alle gasten ontvangen met specialiteiten uit Nederland en 10 april zijn er seminars en een forumdiscussie.

DdV media international organiseert met de beursorganisatie het PUMPplaza in hal 15. Op dit ‘Compentencecenter for Pumps, Pumps systems and Components’ presenteren zich meer dan dertig aanbieders van pompsystemen, aandrijftechniek, afdichtingen en meet- en regeltechniek op een stand van 800 m2. Op woens-

Technology

Uitstekende reputatie De Hannover Messe is een technologiebeurs en trekt ieder jaar meer dan 220.000 bezoekers uit meer dan negentig landen. De afgelopen editie bood de beurs ruimte aan 6.550 exposanten uit 62 landen. Aangezien Nederland dit jaar partnerland is van de Hannover Messe en Duitsland belangrijk is voor onze economie, heeft de Nederlandse ambassade in Berlijn onderzoek laten verrichten. Hieruit blijkt dat Nederlandse bedrijven in Duitsland een uitstekende reputatie hebben: Nederlanders leveren op tijd, volgens de afgesproken prijs en ze denken mee in de oplossing. We hebben in Nederland weliswaar geen autofabrieken, maar wel veel toeleveranciers. Maar liefst 20 procent van de auto-onderdelen van de bekende Duitse automerken komt uit Nederland.

www.AT-aandrijftechniek.nl

31

17-03-14 13:06


Bedienterminals

Met de PMI bed i e n te r m i n a l s (Pilz Machine Interface) zijn processen te bedienen en te visualiseren. De terminals zijn uitgevoerd met een resistive touch display in grootten variërend van een 6.5” VGA-display en een 7” WVGA breedbeeldscherm tot een 15” XGA-display. Alle apparaten zijn gebaseerd op een processormodule met 1 GHz ARM CPU en maken gebruik van 256 MB RAM. 512 MB Flash en Windows CE 6.0 het besturingssysteem. De bedienterminals vereenvoudigen het storing zoeken door gebruik te maken van de PVIS OPC-tools.

Inductieverhitter voor (de)montage

De Betex MF Quick-Heater van Bega Special Tools is een luchtgekoelde middelfrequente inductieverhitter waarmee diverse werkzaamheden zijn uit te voeren op het vlak van montage en demontage. Hierbij valt te denken aan de (de)montage van transmissieonderdelen zoals lagers, lagerringen, lagerhuizen, labyrinthringen, koppelingen, tandwielen maar ook buizen en treinwielen. Vooral bij zware werkstukken biedt de inductieverhitter voordelen. De gebruiker kan kiezen uit twee generatoren, met een vermogen van 22 kW of 44 kW. Meer info? Products4Engineers.nl: 74466 Inl.: Bega Special Tools, tel.: (0578) 66 80 00, www.bega.nl/

Meer info? Products4Engineers.nl: 74411 Inl.: Pilz Nederland, tel.: (0347) 32 04 77, www.pilz.nl

Besturing onder Linux

E.D.&A. brengt nu ook elektronica met Linux op de markt. Dit algemeen aanvaard besturingsplatform biedt standaard een waaier van mogelijkheden die anders veel extra ontwikkelingsuren zouden vragen. Er zijn tal van applicaties en bibliotheekfuncties om het systeem mee op te bouwen en uit te breiden. De onderneming ziet de toepassing voor deze systemen vooral in applicaties met uitgebreide grafische vereisten door de ondersteuning van grafische processors zoals het afspelen van geluid- en videofragmenten in de gebruikersinterface. Meer info? Products4Engineers.nl: 74273

Veiligheidsmodule voor SSI encoders

De S-DIAS SSI 021 veiligheidsmodule van Sigmatek kan twee SSI absolute encoders analyseren. De tweekanaals configuratie waarborgt het vergaren en doorsturen van positiewaarden in de SSI interface, overeenkomstig SIL3 of SIL CL 3 conform EN 62061 en PLe, Cat. 4 en EN ISO 13849. Verder zijn veiligheidsfuncties, zoals drift, snelheid, richting en ramping, te implementeren. Door twee SSI encoders als één te zien, zijn verschillende sensoren op hetzelfde moment uit te lezen, wat voordelen biedt bij toepassingen met synchronisatiefuncties. De frequentie van het signaal is softwarematig in te stellen. Meer info? Products4Engineers.nl: 74400 Inl.: SigmaControl BV, tel.: (0180) 69 57 73, www.sigmacontrol.eu

Elektronische motorbeveiliging

Eaton Electric breidt het programma uit met nieuwe PKE-XTU CP trip blocks. Hierdoor kunnen gebruikers van dit type motorbeveiliging een bestaande PKE-basisunit snel veranderen in een IEC 60947-2 vermogensautomaat voor het beschermen van kabels en leidingen. Bij gebruik in combinatie met de SmartWire-DT module kan ook de data van schakelaars of verbruikers worden uitgelezen en bewaakt, zodat de beschikbaarheid van installaties en het energieverbruik kunnen worden geoptimaliseerd. Eaton levert de nieuwe trip blocks in standaard en advanced varianten. Ze zijn leverbaar in de twee stroombereiken (15 A tot 36 A) en (30 A tot 65 A) en in de montagebreedtes 45 mm en 55 mm.

Inl.: E.D.&A. NV,

Meer info? Products4Engineers.nl: 74301

tel.: (+32) 3 620 18 18,

Inl.: Eaton Industries BV, tel.: (0418) 57 02 00,

www.edna.eu

www.eatonelectric.nl

Biologische onderdelenreiniger

Mewa Textiel Service heeft het aanbod uitgebreid met het Mewa Bio-Circle systeem, een duurzame onderdelenreiniger. Het kan vuile onderdelen weer schoon krijgen zonder gevaarlijke, schadelijke stoffen te gebruiken. De watergebaseerde reinigingsvloeistof bevat natuurlijke micro-organismen die vet en olie biologische afbreken en langdurig hetzelfde resultaat opleveren. Verzadiging van oplosmiddel in klassieke kwastwastafels en het bijbehorende verlies aan reinigingsvermogen behoren daarmee tot het verleden. Meer info? Products4Engineers.nl: 74474 Inl.: Mewa Textiel Service BV, tel.: (033) 277 92 40, www.mewa-service.nl

32

32-34_productnieuws1.indd 32

www.AT-aandrijftechniek.nl

maart 2014

AT AANDRIJFTECHNIEK

17-03-14 14:55


Productnieuws

Decentrale servoaandrijving

Kort nieuws

Met de IndraDrive Mi introduceert Bosch Rexroth een decentraal aandrijfsysteem dat besturingselektronica en een servomotor combineert in een compacte unit. Hiermee is tot 70 procent ruimte in de schakelkast te besparen en tot 85 procent op de bekabeling. De aandrijving kan dankzij de geïntegreerde Motion Logic Software (IndraMotion MLD) zowel PLC- als bewegingstaken conform IEC 61131-3 uitvoeren. Hierbij stuurt één masterdrive via het Sercos veldbussysteem maximaal negen slaves aan (real-time). De servoaandrijving is uitgevoerd met Safe Torque Off (STO), gecertificeerd conform cat. 4 PLe overeenkomstig EN ISO 138491 en SIL3 overeenkomstig EN 62061. Meer info? Products4Engineers.nl: 74230 Inl.: Bosch Rexroth BV, tel.: (0411) 65 19 51, www.boschrexroth.nl

Afstrijker voor transportbanden

Flexco biedt speciale afstrijkers die stortgoed dat aan de transportband blijft hangen, effectief verwijderen. De afstrijkers worden gemonteerd aan de zijde van de transportband waar het materiaal wordt afgeworpen en verwijderen daar het materiaal van de band. Ze zijn beschikbaar in kunststof of hardmetaal en worden gecombineerd met een spansysteem dat een optimaal contact tussen de afstrijker en de band waarborgt. Voor een optimale werking moet de gebruiker de afstrijkers regelmatig reinigen, visueel inspecteren en aandacht besteden aan de spanning van het spansysteem.

Tevel breidt het assortiment uit met Profinet encoders van Lika Electronic in zowel single turn als multiturn uitvoering. Deze encoders zijn ontworpen conform de ‘Encoder Profile Specifications V4.1’ versie 3.162. Ze voldoen aan de eisen van de ‘Application Classes 3 en 4’ en ondersteunen ze RT realtime transmission modus en IRT isochrone real-time modus. Meer info? Products4Engineers.nl: 74181 Inl.: Tevel Components BV, tel.: (026) 303 00 60, www.tevel.nl

Meer info? Products4Engineers.nl: 74344 Inl.: Leijenaar BV, tel.: (035) 693 93 05, www.leijenaar.nl

Configuratietool voor hydrauliek

Door de integratie van servopompen in de configuratietool sizemaXX biedt Baumüller nu een snelle en intuïtieve manier om servopompen en hydraulische lineaire assen te configureren. Alle belangrijke karakteristieken van de beschikbare pompen zijn in de dimensioneringssoftware voor aandrijvingen geïntegreerd. Met behulp van de configuratietool kan de klant bij het ingeven van het druk- en doorstroomprofiel snel en eenvoudig de juiste pomp selecteren. Hierbij worden de gebruiker tevens gegevens beschikbaar gesteld over het benodigde motorkoppel en het vereiste toerental op basis waarvan de passende motor en de juiste omvormer voor de servoaandrijving is te bepalen. Meer info? Products4Engineers.nl: 74218 Inl.: Baumüller Benelux BV, tel.: (076) 571 71 11, www.baumuller.nl.

Frequentieregelaar voor 690 V

De VLT AutomationDrive FC 302 frequentieregelaars van Danfoss met een vermogen van 11 kW tot 30 kW zijn nu ook beschikbaar in een 690 V uitvoering. Dit betekent dat de gebruiker geen 690 V/400 V transformator meer nodig heeft om motoren met een vermogen tot 0,37 kW aan te sturen. In vergelijking met eerdere frequentieregelaars zijn de regelaars tot 65 procent kleiner en nemen minder kastruimte in beslag. Verder zijn ze uitgevoerd met een geïntegreerde harmonische onderdrukking <40% THDi. Meer info? Products4Engineers.nl: 74345

Auma heeft het programma SQEx.2 elektrische actuatoren uitgebreid met een explosieveilige actuator die voldoet aan de Europese ATEX en internationale IECEx richtlijnen. De aanvulling past binnen het Auma modulaire concept en is te combineren met zowel vlinderkleppen als kogelkranen. Meer info? Products4Engineers.nl: 74399 Inl.: Auma Benelux BV, tel.: (071) 581 40 40, www.auma.nl

De Eco Power netvoedingen van Wago leveren een betrouwbare gelijkspanning van 24 V. Het beschikbare portfolio aan éénfase componenten wordt uitgebreid met driefasen varianten. De drie nieuwe netvoedingen stellen uitgangsstromen van 6,25 A, 12,5 A en 20 A ter beschikking. Meer info? Products4Engineers.nl: 74184 Inl.: Wago Nederland, tel.: (055) 368 35 00, www.wago.com

Inl.: Danfoss VLT Drives, tel.: (010) 249 20 77, www.danfoss.com/Holland

maart 2014

32-34_productnieuws1.indd 33

AT AANDRIJFTECHNIEK

www.AT-aandrijftechniek.nl

33

17-03-14 14:56


Productnieuws

Lineaire as

Meervoudige schijfkoppeling

De lineaire assen uit de Robot-serie van Rollon zijn opgebouwd uit een zelfdragend aluminium profiel. Type Robot-SP voorziet in twee aan de bovenzijde gemonteerde en onderhoudsvrije kogelomloop lineair geleidingen, model Robot-CE heeft vier looprollen die op twee ronde stangen uit gehard staal worden geleid. Deze ronde stangen zijn aan de buitenzijde van het aluminium profiel aangebracht. De aandrijving gebeurt via een met staal versterkte tandriem van polyurethaan met AT-tandprofiel. Een afdekriem uit polyurethaan beschermt het aandrijfsysteem tegen vervuiling.

De Ring-flex meervoudige schijfkoppelingen van Ringfeder zijn geschikt voor toepassing in testapparatuur, pompen en machinecentra waar ze nauwkeurig en spelingsvrij het gewenste koppel overbrengen. Ze bieden vooral voordelen waar de positioneernauwkeurigheid in beide richtingen van belang is. Tevens kunnen de koppelingen zowel axiale, laterale als hoekuitlijnfouten compenseren. Alle modellen zijn ook beschikbaar als enkelvoudige of dubbele cardan uitvoering. De serie biedt koppelingen met een nominaal koppel tot 260.000 Nm en as-diameters tot 250 mm. De componenten zijn te gebruiken bij temperaturen tot 240°C. Meer info? Products4Engineers.nl: 74525 Inl.: MultiComponents International BV,

Meer info? Products4Engineers.nl: 74528

tel.: (0348) 47 10 18,

Inl.: Rollon BV, tel.: (0316) 58 19 99, www.rollon.nl

www.multicomponents.nl

High-end motion control

Het programma Movi PLC besturingen van SEW-Eurodrive is uitgebreid met de UHX71B. Deze besturing is ontwikkeld voor centraal aangestuurde high-end motion control toepassingen zoals verpakkingsmachines. Ze ondersteunt onder meer een eenvoudige bediening en visualisering. De nieuwe elektronica kan maximaal 64 centraal gestuurde motion control assen binnen 1 ms regelen en biedt daarbij voldoende (reken)capaciteit voor veeleisende programma’s. Tevens voorziet de UHX71B in de op EtherCAT gebaseerde systeembus SbusPlus die de beschikbare rekencapaciteit taktsynchroon doorgeeft aan de aandrijvingen. Hiermee is de totale aandrijfketen in enkele milliseconden te bewerken. Meer info? Products4Engineers.nl: 74604 Inl.: SEW-Eurodrive BV, tel.: (010) 446 37 00, www.sew-eurodrive.nl

34

32-34_productnieuws1.indd 34

Borstelloze DC motor

Speciaal voor ruwe omgevingen introduceert Motion Control Systems de borstelloze DC motor ASB87 van Nanotec Electronic. De driefasen motor met bouwgrootte 87 mm (Nema 34) voorziet tot aan de as-uitgang in beschermingsklasse IP65 en integreert een magnetische incrementele encoder met 1.024 pulsen/omw. Het maximale toerental van de DC motor bedraagt 3.000 min-1 bij een nominaal vermogen van 250 W. De motor met een behuizing van 129 mm biedt een piekkoppel van 2 Nm. Voor OEM-ers is de motor op aanvraag ook met IP65 as-uitgangen beschikbaar. Meer info? Products4Engineers.nl: 74599 Inl.: Motion Control Systems BV, tel.: (0168) 32 50 77, www.motion.nl

As-componenten

Igus heeft nieuwe eind-/ referentieschakelaars en DCmotoren geïntroduceerd voor prijsgevoelige toepassingen waar nauwkeurige bewegingen (beter dan 0,1 mm) niet vereist zijn, bijvoorbeeld bij formaatverstellingen, camerabewegingen of verkoopautomaten. Voor dit segment heeft het bedrijf zijn programma DC-motoren en eind-/referentieschakelaars uitgebreid. De mechanische schakelaar in de low-cost variant wordt met bijbehorende houders in de groeven van lineaire assen gemonteerd. De DC-motoren kunnen door een batterij of een eenvoudig netapparaat op gang worden gebracht en van richting veranderen door ompoling van de spanning.

Picking-systeem

Het snelste picking-systeem van Omron is geïntegreerd in het Sysmac-platform. De Delta-oplossing is geschikt voor maximaal 200 cycli per minuut en is synchroniseerbaar met meerdere transportbanden om direct pick-and-place-activiteiten uit te voeren. Er zijn drie typen Delta-robotarmen leverbaar: Washdown, Delta en Mini-Delta-robot. De NJ-controller heeft een reactietijd van 2 ms bij het aansturen van acht Delta-robots of 1 ms bij vier robots. De vrijheidsgraden zijn 3+1 (rotatieas optioneel) en het draagkrachtbereik is van 1 kg tot 3 kg. Het systeem is leverbaar in IP65 en IP67.

Meer info? Products4Engineers.nl: 74426

Meer info? Products4Engineers.nl: 74571

Inl.: Elcee Holland BV, tel.: (078) 654 47 77,

Inl.: Omron Electronics BV, tel.: (023) 568 11 00,

www.elcee.nl

www.industrial.omron.nl

www.AT-aandrijftechniek.nl

maart 2014

AT AANDRIJFTECHNIEK

17-03-14 14:56


R

Katern over ontwikkelingen in Robotica 

nr. 2 Maart 2014

Robotica

WETGEVING Er wordt veel geschreven over robotica. Juridische vraagstukken blijven daarin vaak onderbelicht. AandrijfTechniek sprak hierover met Dr. Bibi van den Berg van de Universiteit Leiden

ZORGROBOTS Robotica is een breed terrein waaronder ook zogenoemde zorgrobots vallen. Aan dit laatste type robot wordt hard gewerkt, zo blijkt uit een gesprek met Dr. GertJan Gelderblom van Zuyd Hogeschool

SOFTWARE Laurent Mattheys over Robotics Suite 2013, de pc software suite van St채ubli voor robotica applicatieontwikkeling en onderhoud. Robotapplicaties worden visueel zichtbaar dankzij 3D-simulatie

maart 2014

35_coverrobotica.indd 35

R AANDRIJFTECHNIEK

www.AT-aandrijftechniek.nl

35

13-03-14 17:13


Het grijze roboticagebied: juridische vragen rondom robotica [tekst] Dirk Scheper

Er wordt veel geschreven over robotica, vanaf de eenvoudige gerobotiseerde grasmaaier via de industrierobot tot aan de zorgrobot voor huishoudelijke taken en de haptische robotondersteuning bij operatieve ingrepen. Juridische vraagstukken, bijvoorbeeld rondom de aansprakelijkheid voor robots, blijven daarin vaak onderbelicht. AandrijfTechniek gaat hierover in gesprek met Dr. Bibi van den Berg, universitair docent en onderzoekscoördinator bij eLaw, het Centrum voor Recht en Digitale Technologie aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden.

B

ibi van den Berg doet onderzoek naar juridische en reguleringsvraagstukken in relatie tot allerlei nieuwe technologieën,

Aansprakelijkheid momenteel een zwarte vlek waaronder robotica. Ze komt direct ter zake. “Als je de juridische vraagstukken rondom robotica bekijkt, kun je grofweg drie thema’s onderscheiden. Ten eerste

Landbouwmachinefabrikant Claas toonde vorig jaar op de Hannover Messe deze zelfrijdende trekker. Het moge duidelijk zijn dat de fabrikant wel heel erg zeker moet zijn van zijn zaak voordat hij deze kolos onbemand laat rondrijden (foto: Benny Gudde)

36

36-40_wetgeving.indd 36

www.AT-aandrijftechniek.nl

maart 2014

R AANDRIJFTECHNIEK

17-03-14 14:49


ROBOTICA Wetgeving

het vraagstuk rondom aansprakelijkheid, en ten tweede vragen rondom gegevensbescherming en privacy, en tot slot vragen rondom de juridische status van robots. Zeg maar de vraag of robots op termijn ook rechten moeten krijgen. Aansprakelijkheid is momenteel de belangrijkste vraag. Daarover is nog best veel onduidelijkheid.” Zeker waar het hele nieuwe toepassingsgebieden binnen de robotica betreft, zijn er nog best wat zwarte vlekken op het gebied van aansprakelijkheid. Voor ‘oudere’ toepassingen is al wel veel geregeld. Gaat het bijvoorbeeld om de robotarm in de fabriek, dan is algemeen bekend hoe dat juridisch in elkaar steekt. Hier zijn duidelijke richtlijnen voor opgesteld. “De robotarm in de fabriek is feitelijk goed te vergelijken met andere apparatuur die gebruikt wordt in fabrieken, en zelfs met consumentenelektronica, waarvoor goede wetgeving voor ondermeer de aansprakelijkheid is opgesteld.” Van den Berg noemt de waterkoker als voorbeeld. De gekochte waterkoker wordt mee naar huis genomen en na ingebruikstelling blijkt de waterkoker van een verkeerde kunststof te zijn gemaakt. Het apparaat smelt en de gebruiker raakt daardoor gewond. De wet is duidelijk (met enkele nuances omdat het per land verschilt) en zegt dat de betreffende gebruiker overal in de keten een schadeclaim kan neerleggen. Of dat nu bij de verkoper

Ingewikkeld juridisch vraagstuk is, bij de importeur, de distributeur, de fabrikant of diegene die de onderdelen maakt, is niet van belang. De keten moet uitzoeken wie verantwoordelijk is voor deze fout. “Het achterliggende idee is, dat de individuele consument niet hoeft te achterhalen wie ergens in het proces die fout heeft begaan. De gebruiker/consument krijgt de schadevergoeding en hoe dat verder in de keten wordt uitgevochten, is voor hem/haar niet van belang.” Een aantal juristen zegt nu dat ditzelfde principe ook van toepassing zou moeten zijn op robots, vooral wanneer die gebruikt worden door consumenten, bijvoorbeeld thuis. Waarom zou dat voor een waterkoker anders zijn dan een stofzuigrobot? Het product is misschien complexer, maar er zijn ook andere complexe producten, zoals auto’s en computersyste-

maart 2014

36-40_wetgeving.indd 37

R AANDRIJFTECHNIEK

Ondermeer onderzoekers van de Technische Universiteit Eindhoven werken aan robots voor huishoudelijke en medische taken (foto: TU Eindhoven)

men op de markt. Voor al die producten gelden vergelijkbare regels op het gebied van aansprakelijkheid. (Consumenten)robots zouden dus simpelweg binnen de bestaande kaders voor aansprakelijkheid kunnen worden ingepast. Andere juristen zeggen echter dat dit een onhoudbare claim is. Zij stellen dat robots (en andere technologieën!) op termijn zo complex zullen worden, dat ze niet meer onder de regels voor aansprakelijkheid rondom consumentenelektronica kunnen vallen. Er zullen vooral problemen ontstaan als robots in toenemende mate uit een variëteit van subsystemen gaan bestaan die allemaal weer met elkaar interacteren. “Er kan dan een bepaalde mate van onvoorspelbaarheid in het gedrag van de robot ontstaan, waardoor zelfs met grondig onderzoek niet meer is vast te stellen wat de robot op enig moment gaat doen. Doordat die onvoorspelbaarheid er in zit, ontstaan er problemen op het gebied van aansprakelijkheid. Wie is er verantwoordelijk voor eventuele schade die ontstaat doordat een robot, bijvoorbeeld als gevolg van een (onbedoelde) interactie tussen verschillende subsystemen, schade toebrengt aan mensen?”

Meester-slaaf principe Van den Berg: “In zo’n geval zou je ook kunnen terugvallen op andere principes in het recht. Vaak wordt daarbij bijvoor-

beeld het ‘meester-slaaf principe’ genoemd. Stel dat een kind een bal door de ramen van de buren schiet. Het kind is weliswaar een individuele actor en staat dus los van de ouder. De ouder wordt niet verantwoordelijk gesteld voor hetgeen het kind heeft veroorzaakt, maar is wel aansprakelijk. Het kind wordt niet als volwassene of autonoom iemand beschouwd, dus moet de ouder de schade vergoeden. Dat is het meester-slaaf principe. Ouders zijn verantwoordelijk voor hun kinderen, net zoals werkgevers verantwoordelijk zijn voor hun werknemers enzovoort. Dit principe geldt op een aantal punten in de wet en zou, volgens sommige juristen, ook kunnen worden toegepast op robots.” In dat geval zou het er op neerkomen dat de leverancier niet verantwoordelijk is voor datgene wat de robot veroorzaakt, maar als er schade ontstaat, moet hij wel betalen. Als de robot iets doet wat niet de bedoeling was en wat de leverancier (mogelijkerwijs) niet had kunnen voorzien, blijft overeind dat het de robot van de leverancier is. Hij is verantwoordelijk en moet de aansprakelijkheid aanvaarden. “Maar er zijn ook juristen die aangeven dat het meester-slaaf principe geen stand houdt. Nadat de schade is verrekend, gaat het om een ingewikkeld juridisch vraagstuk met als centrale vraagstelling wie nu daadwerkelijk verantwoordelijk is en wie

www.AT-aandrijftechniek.nl

4

37

17-03-14 14:49


de schade (indirect) heeft veroorzaakt. Als de schade is veroorzaakt door een interactie tussen complexe subsystemen die niemand mogelijkerwijs had kunnen voorzien, dan wordt het erg lastig om vast te stellen wie die schade dan moet dragen. Hier ligt een fundamentele vraag die nog een antwoord behoeft.”

Gedrag wordt onvoorspelbaar Zolang kan worden achterhaald wat er precies heeft plaatsgevonden en waarom het is gebeurd (bijvoorbeeld als gevolg van een programmeerfout), zijn aansprakelijkheidsvraagstukken in principe oplosbaar en vrij helder. Maar stel dat verschillende teams subsystemen ontwikkelen en hebben getest, en deze werken conform alle gestelde eisen en veiligheidsaspecten onder alle omstandigheden. Nu worden de subsystemen op elkaar aangesloten en er ontstaan onvoorziene reacties in de software die tot problemen leiden. Wie kan dan verantwoordelijk worden gesteld? Van den Berg: “Het wordt steeds erger, omdat de systemen steeds autonomer gaan worden. Dat betekent dat de robotsystemen ook zelf zelfstandig be-

paalde beslissingen kunnen nemen, bijvoorbeeld op basis van hun zelflerend vermogen.” Dat maakt de vraag rondom aansprakelijkheid nog complexer.

Zelflerend vermogen (Zelf)lerend vermogen is overigens een urgent aanpalend probleem. Wereldwijd wordt bij een veelheid aan bedrijven en universiteiten gewerkt aan het ontwikkelen van nieuwe robots en nieuwe software. Eén van de ideeën die daarbij is opgekomen is dat het zinvol zou zijn om die software via internet te delen. Zo hoef je niet elke keer als je een bestaande robot een nieuw type taken wilt laten uitvoeren zelf opnieuw de software te schrijven, maar kun je gebruikmaken van modules die al door anderen zijn gemaakt. “Stel je hebt een robot die in een ziekenhuis de was ophaalt, en je wilt diens taken uitbreiden zodat hij patiënten ook een beker water kan uitdelen. Om die functionaliteit toe te voegen, kun je zelf een nieuwe softwaremodule ontwikkelen, maar elders in de wereld rijden er al robots die bekers water kunnen uitdelen.” Het opnemen van deze informatie en de bijbehorende software in een database lijkt dan ook voor de hand te liggen. Moet de robot een nieuwe taak uitvoeren, dan

kan deze database worden geraadpleegd. De software wordt gedownload, er wordt een andere arm op de robot ‘geschroefd’ en de robot kan plotseling veel meer dan alleen de was ophalen. Van den Berg ziet wel wat juridische vragen. “Fantastisch, maar die software is ergens anders geschreven, in een andere context, onder andere omstandigheden en met andere componenten en wordt in het eigen systeem toegepast. Niemand weet wat er dan per ongeluk verkeerd kan gaan.” Een doemscenario is dat de toekomstige robot zelfstandig beslissingen neemt op basis van zijn omgeving en zelf bepaalt wanneer een (software) upgrade moet worden geïnstalleerd, deze vervolgens downloadt en installeert: Wie is dan aansprakelijk? Van den Berg: “Op dat moment ontstaat een grote mate van onvoorspelbaarheid. Het is niet bekend wat er is gedownload, op basis van welke beslissingen dat is gedaan, wie die beslissing heeft genomen, wie dat heeft geaccordeerd en hoe dat vervolgens in het rechtssysteem wordt opgenomen.” Ze ziet nog flink wat juridische onzekerheden op dit gebied. Een deel daarvan zal uiteindelijk in de praktijk opgelost worden door rechters die (de huidige) wettelijke regels interpreteren en uitspraken doen. Maar een deel is met de huidige wetgeving wellicht niet te ondervangen.

Deelgebieden

In het kader van het onderzoeksproject Stadtpilot ontwikkelde de Technische Universität Braunschweig een testauto die automatisch een bepaald traject in het normale verkeer kan rijden. Voor de veiligheid is (verplicht) wel een bestuurder aanwezig die bij problemen kan ingrijpen (foto: TU Braunschweig)

38

36-40_wetgeving.indd 38

www.AT-aandrijftechniek.nl

Er zijn ook specifieke deelgebieden die om aandacht vragen, bijvoorbeeld verkeersrecht. Als robots de weg opgaan, moet worden gedefinieerd of een robot als voertuig moet worden gezien of als een zelfstandige eenheid die aan het verkeer deelneemt. Moeten (nieuwe) verkeersborden mensen wijzen op ‘rondlopende’ robots of niet? Een proef in Italië met een robotsysteem dat vuilnisbakken leegt, maakt inderdaad gebruik van verkeersborden. Ook in Nederland loopt een voorstel om een robotzone op te zetten, in/rondom de Universiteit Twente. Van den Berg legt uit dat onderzoekers binnen de robotica van alles testen, maar vaak kan dat niet in real life omgevingen, omdat dan allerlei juridische aspecten (waaronder aansprakelijkheid en verkeersveiligheid) gaan spelen. “De robot komt dan in een omgeving waar mensen lopen, werken, rijden en recreëren. Je wilt feitelijk een robot testen onder alle mogelijke omstandigheden, maar dat is niet zomaar toegestaan. Vergelijk het met een

maart 2014

R AANDRIJFTECHNIEK

17-03-14 14:49


ROBOTICA Wetgeving

nieuwe auto die in de conceptfase op een apart circuit rijdt.”

Verzekering Een mogelijke oplossingsrichting voor vragen rondom aansprakelijkheid is verzekeren. Als bedrijven risico’s zouden kunnen afdekken met een verzekering, zouden veel van de hierboven genoemde aansprakelijkheidsvraagstukken opgelost kunnen worden. Productaansprakelijkheid zou zo als het ware (deels) kunnen worden afgekocht. Maar ook op dit punt is er momenteel nog niet genoeg geregeld. Dat is lastig met het oog op de langere termijn, wanneer robots op grote schaal in onze publieke ruimte zullen gaan participeren, maar ook op de korte termijn, omdat bedrijven of instituten zich momenteel niet kunnen verzekeren tegen onvoorziene gebeurtenissen wanneer ze met een robotsysteem de echte wereld intrekken om het te testen. Momenteel is er geen enkele verzekering waar een beroep op kan worden gedaan, laat staan dat er een verzekeraar bereid is een robotsysteem te verzekeren. Van den Berg: “In de industrie is op dit vlak wel het een en ander geregeld, maar als het gaat om mobiele robots die zelfstandig op de openbare weg rijden, ligt dat genuanceerder en zijn er nog geen verzekeringen. Verschillende juristen hebben die vraag voorgelegd aan verschillende verzekeraars, maar die geven aan dat het gaat om toekomstmuziek en zij daar zich nog niet mee willen bezighouden. Het is feitelijk het kip of het ei verhaal: onderzoekers kunnen het laboratorium niet uit omdat de verzekeraar in de weg staat en de verzekeraar zegt dat er nog geen systemen op de weg zijn.” Van den Berg: “Er is meer onderzoek nodig op dit gebied, zowel naar de vereisten die we aan robots in de publieke werkelijkheid stellen, als aan de omgeving zelf, maar ook naar de risicoafdekking die we vervolgens kunnen bieden met behulp van verzekeringen. Vooralsnog is het verstandig om met kleinschalige experimenten in een beperkte omgeving te beginnen. Daarom wil Universiteit Twente een robotzone op de campus realiseren. Dat is daar gemakkelijker te realiseren dan op de openbare weg, omdat het gaat om een bijzonder gebied, waar al andere regels gelden. Het gaat om een semi-private zone, waar de universiteit bepaalde zeggenschap over heeft, die niet geldt in een willekeurige openbare wijk in Enschede.”

maart 2014

36-40_wetgeving.indd 39

R AANDRIJFTECHNIEK

Rondom industriële

Ongekende complexiteit

robots is veel gere-

De autonome robot heeft ons na meer dan dertig jaar onderzoek wel geleerd dat het ongelooflijk moeilijk is om te voorzien wat voor obstakels (in alle betekenissen van het woord) een robotsysteem kan tegenkomen en waarmee het moet kunnen omgaan, zelfs onder laboratoriumcondities. Wordt de robot vrijgelaten in de openbare ruimte, dan ontstaat er een exponentiële toename van de mogelijkheden waarop het systeem een beslissing moet nemen of de zaken die het moet doen. Het aantal dingen dat mis kan gaan, loopt daaraan parallel. “Tegelijkertijd wordt de innovatie tegengehouden als robots het laboratorium niet uit kunnen. Dat is namelijk de enige mogelijkheid om een systeem in de praktijk te testen. Een laboratoriumomgeving is anders dan de praktijk in de openbare ruimte. Hoe complex die omgeving ook wordt samengesteld, er is een grens. Het systeem moet er op een bepaald moment uit en dan maar kijken wat er gaat gebeuren.”

geld in wetgeving en jurisprudentie. Maar bij toepassing voor recreatie, training en simulatie wordt het verhaal alweer heel anders (foto: Jeroen Aalberts)

Privacy Zoals gezegd levert gegevensbescherming en privacy een tweede cluster van juridische vragen op, naast aansprakelijkheid. Privacy is vooral van belang bij robots in de zorg en het huishouden. Zorgrobots functioneren met camera’s als ogen en microfoons als oren. Ze hebben

daarnaast nog een wisselende hoeveelheid andere sensoren. Ze nemen informatie op die wordt opgeslagen. Deze data wordt geïnterpreteerd om beslissingen te kunnen nemen, maar kan ook worden doorgegeven aan bijvoorbeeld een menselijke partij die op basis daarvan besluiten moet kunnen nemen.

Wie heeft wat gedownload en geaccordeerd? Stel dat een zorgrobot constateert dat de patiënt uit bed is gevallen en dat iemand dit probleem moet oplossen. Van den Berg: “Robots komen vooral in dit soort situaties in een unieke positie terecht. Ze komen in ruimten waar wij als mens anderen niet toelaten, tenzij het om gezinsleden gaat. Denk aan toilet, badkamer of slaapkamer. De robot ziet je op de meest kwetsbare momenten. Op basis daarvan zijn er onderzoekers die erop wijzen dat een robot een informatieverzamelende machine is, die grote hoeveelheden erg sensitieve data verzamelt. Het gaat om data over de meest intieme, persoonlijke sfeer, die niet alleen wordt verzameld en opgeslagen maar ook doorgegeven kan worden. Dat betekent dat bij dit soort robots alle traditionele vragen rondom ge-

www.AT-aandrijftechniek.nl

39

17-03-14 14:49


gevensbescherming en privacy naar voren komen: wie de data mag inzien, waar ze worden opgeslagen, hoe ze worden beveiligd, wie er toegang tot heeft, hoe lang ze worden bewaard, of ze worden doorgegeven aan derde partijen, of het mogelijk is in de systemen in te breken, of de informatie is versleuteld enzovoort. Het gaat daarbij dus niet meer om de machine zelf, maar om de data die wordt verzameld en bewaard.”

Robots zijn complexe systemen, bestaande uit complexe subsystemen. Maar als er wat onvoorziens gebeurt in het ene subsysteem, hoe reageren andere subsystemen dan? (foto: TU Eindhoven)

Europa Binnen Europa bestaat veel aandacht voor onderzoek op het gebied van juridische en ethische aspecten van robotica. Er loopt een aantal grote Europese projecten en onderzoeken om de zwarte vlekken in kaart te brengen en deze zaken juridisch goed op te lossen. In Nederland wordt er versnipperd onderzoek naar gedaan. Het probleem is dat het aan de ene kant het morgen staat te gebeuren en dat er wat mee moet worden gedaan, en dat er aan de andere kant veel zaken zijn die urgenter zijn voor wetgevers, juristen en beleidsmakers.

Praktijk moet het gaan leren Van den Berg: “In Nederland worden op de universiteit van Twente, Tilburg en Leiden kleine onderzoeken gedaan, zoals een AIO die onderzoek doet naar robotica in de zorg en de ethische zaken, of een project waar men in kaart brengt wat de problemen zijn. Op Europees niveau is er wel belangstelling voor, maar blijft het op een redelijk hoog abstractieniveau hangen. Er wordt geconstateerd dat aansprakelijkheid belangrijk is, dat verzekeren een essentieel aspect vormt en dat de privacy moet worden gewaarborgd, maar het invullen van de details en het formuleren van concrete (wetgevings)oplossingen is complex.” Van den Berg geeft aan dat het best zou kunnen dat rechter en overheid eerst moeten vastleggen hoe zaken moeten worden gezien, voordat wetenschappers daarop in kunnen spelen. “Feitelijk weet niemand hoe het verder moet. Een deel hiervan is het gevolg van de interactie met de praktijk. Zolang er geen concrete machines ‘rondlopen’ en er geen issues ontstaan, kunnen wij wel aanwijzen hoe het werkt en welke problemen er op ons afkomen maar vormt dat geen directe aanlei-

40

36-40_wetgeving.indd 40

www.AT-aandrijftechniek.nl

ding om daar nu acuut en concreet iets mee te gaan doen. De praktijk moet het gaan leren.”

Tot slot Een probleem is en blijft dat de meeste mensen denken dat de ‘robotisering’ nog wel op zich zal laten wachten. Het duurt nog wel een tijd voor we omringd worden door robots die de hele dag van alles voor

ons regelen, zo lijkt men te denken. De juridische en ethische zaken komen derhalve pas op als het concreet in de dagelijkse praktijk gaat spelen. Tot die tijd rest ons weinig anders dan het onderwerp te blijven agenderen, onder het motto ‘wees wijs, wees voorbereid’. R Inl.: Universiteit Leiden, tel.: (071) 527 88 38, www.law.leidenuniv.nl

maart 2014

R AANDRIJFTECHNIEK

17-03-14 14:50


Als u iets maakt wilt u ook dat het met zorg wordt omringd. Wij besteden aandacht aan de bescherming van uw producten. Ook voor klantspecifieke wensen maken wij ruimte. www.spelsberg.nl

voor rendement en betrouwbaarheid BeariNGs

KOYO BENELUX

e:jeb-info@jtekt.com www.koyo.eu

P.O. Box 1 2965 ZG Nieuwpoort Phone: + 31 (0)184-606800 Fax: + 31 (0)184-606857


De alleskunnende zorgrobot bestaat voorlopig nog niet [tekst] Dirk scheper [foto’s] Dr. GertJan Gelderblom, Zuyd Hogeschool, Heerlen

Robotica is een breed terrein en varieert van grasmaaiers en stofzuigers tot industriële robots en zogenoemde zorgrobots. Aan dit laatste type robot wordt hard gewerkt, zo blijkt uit een gesprek met Dr. GertJan Gelderblom, senior onderzoeker bij Zuyd Hogeschool in Heerlen.

G

ertJan Gelderblom praat vooral over langdurige zorg, niet over medische zorg en niet over robotsystemen voor ziekenhuizen of behandelmethoden. Mensen hebben bijvoorbeeld een handje extra nodig om zelfstandig thuis te kunnen blijven wonen of ze komen door welke oorzaak dan ook in een zorgomgeving terecht. Het centrale doel van Gelderblom is het ondersteunen van zorginstellingen en zorgverleners. Zijn uitdaging is om daarvoor geschikte robots te ontwerpen en te bouwen. In zijn visie is de robot een zelf-

standige entiteit die aan de hand van de omgevingskenmerken in staat is om zelf iets te bewerkstelligen. “Je wilt op een slimmere manier, door middel van kracht of verplaatsing, toegevoegde waarde voor de zorg bieden. In de toekomst wordt het systeem of de robot niet aangestuurd door bijvoorbeeld een teleoperator. Uiteindelijk bepaalt de mens wat de robot doet. Wij ontwikkelen instrumenten om zorgverleners en mensen te ondersteunen. Ouderen die thuis wonen, willen zelf bepalen waarvoor en wanneer de robot word ingezet. Zij geven de robot

De zeehondrobot is een Japanse robot met een hoge aaibaarheid die met succes wordt ingezet voor sociale interactie

42

42-44_zorgrobot.indd 42

www.AT-aandrijftechniek.nl

een taak op, ongeacht hoe die er uit ziet, en de robot voert dat uit. Ons werk is gericht op het ondersteunen van zorg, niet het overnemen van de zorg. Ons doel is niet dat ouderen met een robot zouden worden afgescheept.” Niet alleen ziet hij daarin ethische bezwaren, maar het ontbreekt de robot aan voldoende intelligentie om een dergelijke taak in de praktijk te kunnen realiseren.

Menselijk aspect Zorgverleners vinden vooral het menselijke aspect van de zorg belangrijk, vaak een reden waarom ze in die branche werkzaam zijn. Gelijktijdig is duidelijk dat zorg-

Toegevoegde waarde voor de zorg bieden verleners haast machinaal worden ingezet om binnen tijdslimieten bepaalde taken uit te voeren. Maar als ze bij een oudere komen, kijken ze verder dan alleen het uitvoeren van een handeling binnen een tijdsbestek. Ze kijken hoe het met iemand gaat, hoe hij/zij uit zijn/haar ogen kijkt. De zorgverlener doet wat extra’s, zoals een boodschap of een lapje over het aanrecht. Een hulpverlener speelt in op de gemoedstoestand van diegene die hulp nodig heeft. De reducering tot een menselijke machine om binnen 7 minuten steunkousen aangetrokken te hebben, is niet ideaal voor zowel patiënt als zorgverlener. Gelderblom: “Zware taken of taken waarbij je geen hulpverlener bij je wilt hebben, zijn misschien door een machine te doen. Dat kan eventueel slim worden gedaan en dan ontstaat een robot. Het is ook beter om over slimme machines te praten dan over robots. Het woord robot wordt direct geassocieerd met een humanoïde, een op een mens gelijkende robot die binnen komt wandelen en die van alles wil doen, voor je gaat regelen en dingen gaat doen die de persoon misschien helemaal niet wil. Voordat het werkelijk zo ver is, zijn we minimaal twintig jaar verder. Wij zoeken naar toepassingen die morgen inzetbaar

maart 2014

R AANDRIJFTECHNIEK

14-03-14 08:50


ROBOTICA Zorgrobots

zijn. Er zijn nú problemen in de zorg en die moeten nú worden opgelost. We moeten niet kijken naar een horizon in 2050.” Zuyd Hogeschool maakt geen robots maar wil samenwerken met iedereen die robots kan fabriceren. Gelderblom’s team stuurt deze bedrijven bij door aan te geven dat, als een robot wordt gebouwd, dit zodanig te doen dat deze morgen een impact binnen de zorg heeft. “Onze taak zit hierin: de toegevoegde waarde voor de zorg op orde te brengen. Daarnaast, als de robot er is, het implementatietraject goed op te zetten. Het maken van een robot betekent nog niet dat deze direct kan worden toegepast in de zorg. De zorgverlener moet aan het nieuwe apparaat wennen. Met de robot verandert het werk, de taakverdeling wordt anders, de verantwoordelijkheden wijzigen, vaardigheden moeten worden aangepast. Zorgverleners wil je ontlasten in de fysiek zware taken, de vervelende taken of de (privacy) gevoelige taken. Ze moeten worden ondersteund om het resultaat te verkrijgen dat je wilt bereiken en optimaliseren.”

Zeehondrobot Gelderblom noemt de zeehondrobot, een Japanse robot die is aangeschaft voor onderzoek onder zorgverleners. “De vraagstelling is: we hebben hier een robot, hoe

Verschillende robots voor verschillende zorgtaken kan deze binnen jullie werk worden geïmplementeerd? Daarop aansluitend is de vraag: zien jullie het zitten en hoe gaan we dat samen handen en voeten geven?” Hier is vier jaar onderzoek naar gedaan, waarbij ondermeer gekeken is hoe (mogelijke) gebruikers hiermee omgaan. De aaibaarheid van deze robot en daarmee de sociale interactie bleek een doorslaand succes. “Deze robot heeft een CE-keurmerk, wordt geleverd in een doos en er zit garantie op. Dit zijn allemaal aspecten die vooraf geregeld moeten zijn als er met een kwetsbare groep ouderen wordt gewerkt.” In samenspraak met zorgverleners is gezocht naar de mogelijkheden, hoe het binnen zijn of haar werkschema past om juist de doelstelling (het verbeteren van de kwaliteit van zijn of haar taak) te kunnen halen. Gelderblom onderstreept dat

maart 2014

42-44_zorgrobot.indd 43

R AANDRIJFTECHNIEK

Mensen willen een robot niet voor de gezelligheid maar om de basale taken thuis te kunnen blijven uitvoeren

het onderzoek niet zozeer gericht was op besparingen maar op het verbeteren van de kwaliteit in de zorg. “Hoe kan de robot worden ingezet om zorg te verbeteren. Niet: hoe kan met inzet van de robot een besparing worden doorgevoerd!” Het resultaat is dat er een complete interventie is opgesteld rondom de robot waarin staat: • wanneer wordt deze robot ingezet; • met wie, waarom en hoe; • wat moet er uit komen; • wordt het door de zorgfinancier goedgekeurd binnen een behandelplan; • wordt het vergoed. Gelderblom: “Uiteindelijk is er een praktische beschrijving uitgekomen waarin staat hoe inzet wordt gerealiseerd. Vervolgens is een praktijktest (effectonderzoek) uitgevoerd om te zien wat er daadwerkelijk uitkomt. Met andere woorden: als de robot gereed is, zijn er nog veel stappen te zetten voordat de robot op de werkvloer zijn werkzaamheden kan realiseren.”

Care robot Een ander voorbeeld is de zorgrobot (care robot ofwel Care-o-Bot) van het Fraunhofer-Institut für Produktionstechnik und Automatisierung in Stuttgart waar al tien jaar aan wordt gewerkt. Met dit instituut is een Europees project gestart om deze robot binnen de zorg te kunnen brengen.

Gelderblom: “Al snel bleek echter dat deze robot niets kan als het gaat om bijvoorbeeld ondersteuning bij een oudere thuis in de keuken. Het is een prachtige en geavanceerde machine die technologisch veel kan, maar niets kan dat met zorg heeft te maken. Wij hebben daarop een lijst opgesteld met voorwaarden waaraan een zorgrobot moet voldoen als je verschil wilt maken in de langdurige zorg voor ouderen.” Sandra Bedaf, AIO binnen de groep van Gelderblom, heeft er een studie naar gedaan met een weinig verbazende uitkomst. Het gaat om basale dingen: mensen moeten eten, ze moeten worden aangekleed, in en uit bed worden geholpen, ze moeten kousen aan- en uittrekken, naar de wc kunnen, medicijnen geven en dergelijke. Een robot moet helpen ondersteunen en daar betalen we voor. Mensen willen niet voor gezelligheid geld neer tellen, maar hebben ondersteuning nodig om de basale taken thuis te kunnen blijven uitvoeren.

Klein zetje beter dan brute kracht Volgens Gelderblom kan geen enkele robot de gewenste (zorg)taken uitvoeren. Daarbij komt dat het aspect veiligheid essentieel is. Een sterke robot die een oudere uit bed tilt, is potentieel ook een moordwapen. “De slimmigheid waarmee mensen

www.AT-aandrijftechniek.nl

4

43

14-03-14 08:50


in de zorg bezig zijn, is veel belangrijker dan brute kracht. Het gaat niet om de kracht, maar om de handigheid om mensen te helpen met de bewegingen die ze nog kunnen maken. Vaak is een klein zetje voldoende met als resultaat dat hij of zij zelfstandig kan blijven functioneren.”

Niet zoeken naar één robot die alles kan De zaken die door de robot wel eenvoudig kunnen worden uitgevoerd, zijn functionaliteiten die binnen de ICT liggen. Het worden zogenoemde ‘iPad’s op wielen’, die met mensen kunnen praten, die skypen en dergelijke. Dit zijn functies waarvoor geen robot hoeft te worden ingezet. Een of meer tablets in huis zijn niet alleen goedkoper, maar ook effectiever. Gelderblom: “Je hebt geen robot nodig om aan te geven dat er na twee uur zitten even moet worden gelopen. Dat kan prima via de telefoon of een ander hulpmiddel worden geregeld. De momentele ontwikkeling van zorgrobots gaat naar het zoeken van technisch eenvoudig te realiseren zaken, terwijl de zorgvraag veel complexer is. Het is voor de mens heel basaal wat er moet gebeuren. Maar voordat de robot in staat is om bijvoorbeeld eten te geven of om te ondersteunen bij een gang naar de wc zijn we jaren verder. Deze zaken zijn motorisch en mechanisch erg ingewikkeld en bovendien erg individueel bepaald.”

Toekomst “We moeten het concept van het robotmannetje dat je thuis moet gaan helpen, loslaten. De alleskunnende robots zijn populair in Japan, maar de benadering is niet slim. Handiger zijn dedicated systemen die slechts één of enkele taken kunnen, maar die dan ook perfect uitvoeren. Het gaat om een mechanisch hulpmiddel om de kwaliteit van het leven te verbeteren en te vergemakkelijken.” “Een zorgrobot die alles kan is een illusie. Een individu maakt gebruik van veel apparatuur, zoals een koffiemachine, wasmachine, vaatwasmachine en dergelijke. Een reeks apparaten voor uiteenlopende functionaliteiten. Alle apparaten wegdoen en vervangen door één apparaat dat alles kan, wil je niet. Als er iets stuk is, vallen alle functionaliteiten weg.

44

42-44_zorgrobot.indd 44

De Care-o-Bot van Fraunhofer-IPA is een servicerobot van ruim 1,5 hoog met een massa van bijna 150 kg

Ook zijn geen twee mensen hetzelfde. Er is derhalve een vraag naar de meest uitlopende nuances in zorgtaken. Voor terugkerende taken zoals tillen bestaan standaardoplossingen. De tillift is standaard, maar er is een scala aan opties (banden, bundels, lakens) om de tillift geschikt te maken voor een bepaald individu. Beter één apparaat dat het goed doet en alle mogelijke variaties aan kan, dan een machine die veel kan maar feitelijk nergens echt geschikt voor is.” “Verder moet een zorgrobot super betrouwbaar zijn. Alle problemen die kunnen ontstaan, moeten zijn opgelost voordat het als hulpmiddel kan worden ingezet.”

Samenwerking Momenteel zijn misschien vijf zorgrobots commercieel beschikbaar. Ze dienen voor ondersteuning van mensen met zware fysieke beperkingen, die bijvoorbeeld geen handfunctie meer hebben en gebruik moeten maken van een robothand of -arm. Deze systemen werken goed en voldoen. Gelderblom onderstreept dat niet veel bedrijven verdienen aan zorgrobots omdat het een commercieel interessant product is. “Wij werken vooral samen met zorgbedrijven en maakbedrijven. Als expertisecen-

www.AT-aandrijftechniek.nl

trum onderzoeken wij waar de problemen binnen de zorg zitten en hoe deze met behulp van robots kunnen worden opgelost.” Kansen voor zorgrobotica ziet hij voornamelijk op drie gebieden: mobiliteit in en om het huis, activiteiten voor zelfzorg en sociale isolatie. Dat laatste ziet hij als groot probleem in de ouderenzorg. Veel kan in zijn visie met ICT worden opgelost, maar niet alles. Als bijkomend probleem ziet hij, dat onderzoekers en wetenschappers voornamelijk iets realiseren wat mooi is om te maken, niet waarvoor het voor zou moeten worden ingezet. Een bijkomende factor is dat een zorgrobot op maat voor elk individu moet worden gemaakt. Een kleine machinefabriek stapt er wel in, maar grote bedrijven (die denken in nulseries van 10.000 of 100.000 stuks) blijven voorlopig afstandelijk toekijken. Maar zij weten precies wat er leeft binnen de zorgmarkt en hebben fantastische oplossingen, maar houden het commercieel voor zich. Ook hier regeert het financiële aspect en niet het menselijke aspect waarnaar wordt gerefereerd: help de medemens en maak de zorg goedkoper en uw leven rijker.” R Inl.: Zuyd Hogeschool, tel.: (045) 400 60 60, www.zuyd.nl

maart 2014

R AANDRIJFTECHNIEK

14-03-14 08:51


ROBOTICA Software

Robotapplicaties visueel zichtbaar dankzij 3D-simulatie [tekst] Dirk Scheper [foto] Stäubli Benelux, Bissegem (B)

Stäubli concipieert en ontwikkelt mechatronica-oplossingen voor een drietal uiteenlopende industrieën: textielmachines, connectoren en robotica. AandrijfTechniek sprak met Laurent Mattheys, application engineer robotics bij de Benelux-vestiging in Bissegem (bij Kortrijk), over Stäubli Robotics Suite 2013, de pc software suite voor robotica applicatieontwikkeling en onderhoud.

R

obotics Suite 2013 vormt een geïntegreerde ontwikkelings-, simulatie- en onderhoudsomgeving die op het Windowsplatform draait. Het is vooral bedoeld voor het ontwikkelen van roboticatoepassingen, waarbij de mechatronische applicaties de boventoon vormen, aldus Laurent Mattheys. De software maakt gebruik van de Windows-structuur en werkt intuïtief en is krachtig, waarbij alle beschikbare functies toegankelijk zijn.

Twee modules

Stäubli Robotics Suite 2013 is de pc software suite van deze fabrikant voor robotica applicatieontwikkeling en onderhoud

Development Studio beschikt ondermeer over ingebouwde functies voor het overzenden van bestanden tussen de pc waarop de ontwikkeling plaatsvindt en de robotcontroller, voor het automatisch en handmatig backups maken van programmatuur, visualisatie van de robotarmen in een 3D-omgeving en het uitvoeren en aanpassen van ontwikkelde en bestaande VAL3-programma’s. De krachtige VAL3

programma-editor zorgt bovendien voor additionele faciliteiten en functionaliteiten, waaronder 3D-viewing inclusief programmeergereedschappen. De workbench kan CAD-data van uiteenlopende formaten importeren, zoals STEP, IGES, STL en VRML. Daarnaast kunnen op eenvoudige wijze modellen worden opgebouwd die zijn gebaseerd op standaard primitieven (kubussen, sferische objecten enzovoort). De programma-editor is direct gekoppeld aan de 3D-scene voor het realiseren van geometrische data en biedt de mogelijkheid om dit te wijzigen en aan te passen.

Applicaties visueel zichtbaar maken De full-motion robotsimulatie toontx realistische cyclustijden door het real-time individueel klokken van elke robotcontroller in de productiecel. De workbench voorziet tevens in een krachtige botsingsdetectie, geeft duidelijk weer welke objecten in de problemen komen, houdt rekening met de minimale afstand en verifieert deze informatie continu. Deze nieuwe mogelijkheden kan kostbare applicatieontwikkeltijd reduceren.

Onderhoud Maintenance Studio is speciaal ontwikkeld voor het onderhoudspersoneel en voorziet de gebruiker in geavanceerde functionaliteiten om diagnostische bewerkingen uit te kunnen voeren. Zo biedt deze module de faciliteiten om volledig op afstand toegang tot de controller te krijgen, com-

maart 2014

45_staubli.indd 45

R AANDRIJFTECHNIEK

pleet met de 3D-visualisatie van het robotsysteem. De robot kan vanuit een remote pc worden bestuurd met live de visuele terugkoppeling van iedere uitgevoerde bewerking die door de operator in de leermodus wordt uitgevoerd. Binnen deze visualisatiemodus is de 3D-scene van de robotcel beschikbaar die vooraf in Development Studio is ontwikkeld. “De 3D-simulaties spelen in op de wens van de klant om de applicaties visueel zichtbaar te maken. Een 3D-simulatie spreekt immers meer tot de verbeelding dan een tekening. Bovendien is hiermee cyclustijden te bepalen en zijn beveiligingen te controleren”, aldus Mattheys. De software is niet alleen bedoeld om simulaties uit te voeren, maar ook om de applicatie zelf te ontwikkelen en te testen voordat deze op de markt wordt gebracht. Klanten gebruiken de software inmiddels al om kleine aanpassingen aan te brengen zonder eerst een serie testen te moeten uitvoeren om uit te zoeken of de aanpassingen ook daadwerkelijk voordelen opleveren en praktisch haalbaar zijn.

Eigen robotlijn Iedere producent van robotica beschikt wel over software die aan de wensen van de klant tegemoet komt, zoals visualisering en applicatieontwikkeling, maar deze programmatuur is meestal afgestemd op een bepaald merk componenten. Mattheys: “Niet alle bestaande software-omgevingen zijn geschikt voor elk merk. Er bestaat wel basisprogrammatuur die voor uiteenlopende merken onderdelen en robots geschikt is, maar deze software kan niet echt gebruikersvriendelijk worden genoemd en kan niet naar alle programmeertalen worden omgezet. Onze software is speciaal bedoeld, in de lijn van de andere platformen, voor onze eigen roboticalijn.” Het verschil met de andere software ziet Laurent in de mogelijkheid om in 3D de applicaties te ontwikkelen, eventueel met speciale opties. R Inl.: Stäubli Benelux, tel.: (+32) 56 36 40 01, www.staubli.be

www.AT-aandrijftechniek.nl

45

14-03-14 08:50


COLOFON Maandelijks vakblad voor ontwerpers, constructeurs en onderhoudstechnici, op het gebied van mechanische, elektrische, hydraulische en pneumatische aandrijfcomponenten en systemen, besturingen, en industriële en procesautomatisering. Redactie Hoofdredactie: ing. Ad Spijkers Redactie: Jeroen Aalberts, Benny Gudde, Eindredactie: Liedy Bisselink Basis ontwerp: Studio Putto bNO – De Rijp Restyle ontwerp: ZeeDesign - Witmarsum Tel. redactie: (088) 294 47 02 E-mail redactie: redactie.aandrijftechniek@eisma.nl Adres: Informaticaweg 3, 7007 CP Doetinchem Postbus 361, 7000 AJ Doetinchem

Nieuwsbrief en website Wekelijks brengt Aandrijftechniek zijn e-mailnieuwsbrief met actuele technische informatie, branchenieuws en de nieuwste productinformatie. Abonneren op deze gratis nieuwsbrief kan via www.AT-aandrijftechniek.nl. www.AT-aandrijftechniek.nl bevat een uitgebreid overzicht van alle producten en leveranciers, te bereiken via een handige zoek-routine. Daarnaast bevat de site dagelijks geactualiseerd nieuws uit de branche, een uitgebreide agenda en dossiers met gebundelde informatie.

Aan dit nummer werkten mee: S. Aelfers, J. Brands, J. van Huet, A. Leu, C. van der Meer, D. Scheper, M. de Wit-Blok, K. Zagers

AGENDA

Uitgave Eisma Industrialmedia b.v., Doetinchem

Empack 2014

High-Tech Systems

Directie Egbert van Hes, algemeen directeur, Bouke Hoving, financieel directeur Gerbert Tiecken, uitgeefdirecteur

Vakbeurs voor de verpakkingssector, ‘s-Hertogenbosch, 2-3 april. Inl.: EasyFairs, tel.: (0162) 40 89 99, www.easyFairs.com/empack-nl

Conferentie en beurs voor geavanceerde machinebouw, ’s-Hertogenbosch, 7-8 mei. Inl.: Techwatch BV, tel.: (024) 350 35 32, www.hightechsystems.nl

Uitgever Cobie te Nijenhuis

Hannover Messe

Advertentie-exploitatie Salesmanager: Cobie te Nijenhuis, tel.: (088) 294 47 35 Accountmanagement: Vincent Hermans, tel.: (088) 294 47 40 Rafke Kraakman, tel.: (088) 294 47 10 ZeeDesign Traffic: tel.: (0517) 531 672 fax: (0517) 531 810 aandrijftechniek@zeedesign.nl Marketing

Imke Hammerman tel.: (088) 294 47 60 i.hammerman@eisma.nl

Abonnementeninformatie Abonneeservice: Postbus 2238, 5600 CE Eindhoven. Tel.: +31 88 226 66 48 e-mail: abonnement@eisma.nl Abonnementsprijs: De abonnementsprijs bedraagt 290 euro per jaar (excl. 6% BTW) (bij automatische incasso bespaart u 3 euro administratiekosten) en is bij vooruitbetaling verschuldigd. Abonnementsprijzen voor andere landen op aanvraag. Abonnementen: Abonnementen kunnen op elk gewenst moment van het jaar ingaan en worden genoteerd tot wederopzegging. Opgave via www.AT-aandrijftechniek.nl of abonnement@eisma.nl.

 pzegging dienst schriftelijk en O minimaal een maand voor het einde van de abonnementsperiode te geschieden. U ontvangt van ons een schriftelijke bevestiging.

Bankrelatie: Voor Nederland: Rabobank Leeuwarden-Noord- west Friesland: 36.59.11.100 voor België: Postcheque Brussel: 000-0007463-91 Productie: DTP & Prepress: ZeeDesign Druk: Scholma Druk b.v.

Copyright: © 2014

Eisma Industrialmedia, Leeuwarden.

Algemene voorwaarden | Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of overgenomen, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën of enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Uitgever en auteurs aanvaarden dan ook geen enkele aansprakelijkheid voor schade, van welke aard ook, die het gevolg is van handelingenen/of beslissingen die gebaseerd zijn op bedoelde informatie. Gebruikers van dit blad wordt met nadruk aangeraden deze informatie niet geïsoleerd te gebruiken, maar af te gaan op hun professionele kennis en ervaring en de te gebruiken informatie te controleren. Leveringsvoorwaarden, zie www.eismamediagroep.nl

46

46_service.indd 46

Technologievakbeurs met onder meer Motion, Drives & Automation, Hannover, 7-11 april. Inl.: Hannover Consultancy, tel.: (0184) 69 30 50, www.hannovermesse.de

Tube 2014 Elke twee jaar presenteert Tube een vakbeurs voor de internationale buizenmarkt, Düsseldorf (D), 7-11 april. Inl.: Messe Düsseldorf, tel.: (+49) 211 45 60 01, www.tube.de

Fastener Fair Hannover 2014 Beurs op het gebied van bevestigingsmiddelen, Hannover (D), 8-10 april. Inl.: Mack Brooks Exhibitions Ltd, tel.: (+44) 1727 814 400, www.fastenerfair.com

SMT Hybrid Packaging Vakbeurs en congres over systeemintegratie in de micro-elektronica, Neurenberg (D), 6-8 mei. Inl.: Mesago, tel.: (+49) 711 61 94 60, www.smt-exhibition.com

Model-Driven Development Days 2014 De Model-Driven Development Days 2014 worden geïntegreerd in High-Tech Systems, ‘s Hertogenbosch, 7-8 mei. Inl.: Techwatch Events, tel.: (024) 350 55 44, www.hightech-events.nl

www.AT-aandrijftechniek.nl

Bus Tech 2014 Tweejaarlijkse vakbeurs voor de bussector waar innovaties en duurzame mobiliteit samenkomen, Rosmalen, 14-15 mei. Inl.: Europoint, tel.: (030) 698 18 00, www.bustech.nl

PCIM Beurs met congres voor de vermogenselektronica, intelligente aandrijftechniek en Power Quality / Energie-management, Nürnberg (D), 20-22 mei. Inl.: Mesago, tel.: (+49) 711 61946-0, www.mesago.de/pcim

SPS IPC Drives Italia Internationale vakbeurs en congres voor de elektrische automatiseringstechniek, Parma (I), 20-22 mei. Inl.: Mesago Messe Frankfurt, tel.: (+49) 711 61 94 60, www.sps-italia.net

TIV Gorinchem De Technische Industriële Vakbeurs biedt alles over de breedte van de technische industrie, Gorinchem, 20-22 mei. Inl.: Evenementenhal, tel.: (0183) 68 06 80, www.evenementenhal.nl

Sensor+Test 2014 Sensor+Test is een internationale vakbeurs voor sensoren, test- en meettechniek, Neurenberg (D), 3-5 juni. Inl.: AMA Service, tel.: (+49) 50 33 96 390, www.ama-sensorik.de

Vision, Robotics & Mechatronics Vakbeurs met congres voor (machine) vision, robotica en mechatronica, Veldhoven, 11-12 juni. Inl.: Mikrocentrum, tel.: (040) 296 99 22, www.vision-robotics.nl

AMB 2014 Innovaties en verdere ontwikkelingen van de verspaningstechniek en de precisie-industrie, Stuttgart (D), 16-20 september. Inl.: Landesmesse Stuttgart GmbH, tel.: (+49) 0 711 18 56 00, www.messe-stuttgart.de

maart 2014

AT AANDRIJFTECHNIEK

17-03-14 13:09


Smarter Embedded Designs, Faster Deployment

De combinatie van de NI LabVIEW systeemontwerpmethode en herconfigureerbare I/O (RIO) hardware helpt kleine ontwerpteams met een brede expertise om veeleisende embedded applicaties te ontwikkelen in kortere tijd. Met behulp van de grafische systeemontwerpmethode kunt u gebruik maken van één geïntegreerd softwareplatform om zowel embedded processors en FPGA’s te programmeren. Hiermee ontwikkelt u sneller applicaties voor toepassingen in de energie, transport, productie of life sciences sectoren.

De LabVIEW ontwerpsoftware biedt ultieme flexibiliteit door het programmeren van FPGA, het vereenvoudigt het hergebruik van programmacode, en helpt u programmeren precies op de manier zoals u denkt: grafisch.

>> Versnel uw productiviteit. Bezoek ni.com/embedded-platform

0348 433 466 National Instruments Netherlands BV ■ Pompmolenlaan 10 ■ Postbus 124 ■ 3440 ACWoerden ■ Tel +31 348 433 466 ■ Fax +31 348 430 673 Chamber of Commerce ■ # 301 168 13 ■ Utrecht ©2014 National Instruments. Alle rechten voorbehouden. LabVIEW, National Instruments, NI, en ni.com zijn handelsmerken van National Instruments. Andere vermelde producten en firmanamen zijn handelsmerken of handelsnamen van hun respectievelijke bedrijven. 15462

15495 NI Smarter Embedded Design Ad 230x300 NL Dutch.indd 1

28/01/2014 14:26


Motors | Automation | Energy | Transmission & Distribution | Coatings

U werkt efficiĂŤnter met goed op elkaar afgestemde frequentie regelaars, motoren en tandwielkasten.

Efficiency, betrouwbaarheid en levensduur. Dankzij - op elkaar afgestemde - producten van WEG vergroot u deze parameters binnen uw systeem en kunt u met een gerust hart produceren. Voor elke applicatie heeft WEG, frequentie omvormers, motoren en tandwielkasten beschikbaar om uw energieverbruik te reduceren, uw effectieve productietijd te vergroten en een hogere ROI te behalen. Zo blijft u uw concurrentie voor. Nu en in de toekomst. Samen met WEG.

Voor meer informatie Bezoek www.weg.net/nl

adt_2-2014  
Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you