Issuu on Google+

REKENEN

geld

OriĂŤntatiefase Niveau A

X

Niveau B

X

Voorbereidingsfase

voor 1F

Transitiefase

X

Niveau C

EDU-Strux-Geld-omslag-met-rug.indd 1

31-03-14 12:52


REKENEN

geld

EDU-Strux-Geld1F.indd 1

voor 1F

31-03-14 12:40


Colofon Auteurs: Harry Bruinsma, Ton Milatz, Gerdien van den Brink. Onder redactie van: Jiska van Hall, Ad van der Hoeven, Mieke Abels (Freudenthal Instituut) en Edu’Actief b.v. Tekstredactie: Edu’Actief b.v. Vormgeving: DTP-Studio Joke Wensing Illustraties: Edu’Actief b.v. Titel: Leer-werkboek Rekenen, Geld voor 1F ISBN: 978 90 3721 256 3 Aantal studiebelastingsuren: 24 Copyright © 2014 Edu’Actief b.v. Postbus 1056 7940 KB Meppel telefoon: 0522-235 235 telefax: 0522-235 222 e-mail: info@edu-actief.nl internet: www.edu-actief.nl © 2014 Edu’Actief b.v. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, microfilm, fotokopie of op welke andere wijze ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. No part of this book may be reproduced in any form, by print, photoprint, microfilm or any other means, without written permission from the publisher. Voor zover het maken van kopieën uit deze uitgave is toegestaan op grond van artikelen 16h t/m 16m Auteurswet 1912 jo. Besluit van 27 november 2002, Stb. 575, dient men de daarvoor wettelijk verschuldigde vergoeding te voldoen aan de Stichting Reprorecht te Hoofddorp (Postbus 3060, 2130 KB) of contact op te nemen met de uitgever voor het treffen van een rechtstreekse regeling in de zin van art. 16l, vijfde lid, Auteurswet 1912. De uitgever heeft ernaar gestreefd de auteursrechten te regelen volgens de wettelijke bepalingen. Degenen die desondanks menen zekere rechten te kunnen doen gelden, kunnen zich alsnog tot de uitgever wenden. 2

EDU-Strux-Geld1F.indd 2

31-03-14 12:40


Inhoud Voorwoord 5 Hoofdstuk 1 Rekenen met munten

7

Hoofdstuk 2 Schrijfwijze van euro’s en centen

26

Hoofdstuk 3 Kleine en grote bedragen

42

Hoofdstuk 4 De geldautomaat

51

Hoofdstuk 5 Gepast betalen

63

Hoofdstuk 6 Betalen en teruggeven

73

Hoofdstuk 7 Afronden

91

Hoofdstuk 8 Sparen

100

Hoofdstuk 9 Shoppen

107

Hoofdstuk 10 Afrekenen in de winkel

123

Hoofdstuk 11 Korting

131

Hoofdstuk 12 Prijs per meter of per kilo

141

Hoofdstuk 13 Herhaling

146

Hoofdstuk 14 Eindopdracht en reflectie

153

3

EDU-Strux-Geld1F.indd 3

31-03-14 12:40


4

EDU-Strux-Geld1F.indd 4

31-03-14 12:40


Voorwoord Dit leer-werkboek gaat over rekenen met geld. Het gaat over geld teruggeven en over het schatten van prijzen. Je leert hoe je een geldbedrag moet afronden. Ook leer je hoe je korting kunt berekenen. Picto In dit boek zie je bij sommige opdrachten een picto. Een pictogram geeft je informatie over de opdracht. Hierna lees je wat de picto’s betekenen.

Bij dit picto ga je nadenken over een opdracht. Je denkt na over wat je straks gaat doen. Je gaat de opdracht voorbereiden.

Bij dit picto ga je de opdracht uitvoeren. Je gaat bijvoorbeeld iets maken. Of je gaat iets doen.

Bij dit picto ga je evalueren. Je controleert of je de opdracht goed hebt gedaan. Wat ging er goed en wat ging er minder goed? Wat vond je van de opdracht? Wat kon je eerst niet, wat je nu wel kunt? Wat ga je de volgende keer anders doen?

5

EDU-Strux-Geld1F.indd 5

31-03-14 12:40


Bij dit picto ga je reflecteren. Je denkt na over wat je hebt geleerd. En wat dat betekent voor je toekomst. Wat ga je nu doen? Hoe gaat het verder?

Bij dit picto ga je in gesprek. Om een opdracht na te bespreken gebruik je de StruX-kaarten.

Bij dit picto ga je iets bekijken op de website van StruX. Dit kan bijvoorbeeld een foto, formulier of film zijn.

Misschien werk je met een portfolio. In je portfolio stop je bewijsstukken. Als je dit picto ziet, kun je een bewijsstuk toevoegen. Bespreek dit met je begeleider.

6

EDU-Strux-Geld1F.indd 6

31-03-14 12:40


Hoofdstuk 1

Rekenen met munten Dit hoofdstuk gaat over rekenen met munten. Je kunt munten gebruiken om te betalen. Voor je boodschappen of in de bedrijfskantine. Munten kun je ook sparen. Dan kun je er later iets van kopen. Dit hoofdstuk gaat over: •• bedragen samenstellen met munten •• munten wisselen.

7

EDU-Strux-Geld1F.indd 7

31-03-14 12:40


Hoofdstuk 1 Rekenen met munten

Opdracht 1 Welke munten ken jij? Noem zo veel mogelijk munten.

Opdracht 2 Pak knipvel 1. Het knipvel zit achter in dit leer-werkboek. Knip de munten uit. Verdeel het geld eerlijk met anderen. Hoe gaan jullie dat doen?

Als je met 2 personen bent, krijgt ieder: € Als je met 3 personen bent, krijgt ieder: € Als je met 4 personen bent, krijgt ieder: €

Opdracht 3 Welke munten heb je nodig? Zet het aantal munten in het schema. Er zijn verschillende mogelijkheden. Voorbeeld 35 cent

1x

1x

1x

8

EDU-Strux-Geld1F.indd 8

31-03-14 12:40


Hoofdstuk 1 Rekenen met munten

45 cent

65 cent

90 cent

70 cent

25 cent

9

EDU-Strux-Geld1F.indd 9

31-03-14 12:40


Hoofdstuk 1 Rekenen met munten

Opdracht 4 In de bedrijfskantine op je werk kun je van alles kopen. Bijvoorbeeld thee of een broodje. Van je begeleider krijg je een werkblad. Op het werkblad staat de prijslijst van een bedrijfskantine. Je hebt € 2,- bij je. Je wilt in de bedrijfskantine wat eten en drinken kopen. Wat kun je kopen? Eten

Drinken of of of of of of

Tip! Weet je wat belangrijk is? • dat je geld goed kunt teruggeven • dat je kunt controleren wat je terugkrijgt.

10

EDU-Strux-Geld1F.indd 10

31-03-14 12:40


Hoofdstuk 1 Rekenen met munten

Opdracht 5 Je koopt iets tijdens je pauze. Reken uit hoeveel geld je terugkrijgt. Het kost

Ik geef

Ik krijg terug

40 cent

cent

30 cent

cent

15 cent

cent

25 cent

cent

35 cent

cent

55 cent

cent

75 cent

cent

11

EDU-Strux-Geld1F.indd 11

31-03-14 12:40


Opdracht 6 Hoeveel cent krijg je terug? Het kost

Ik geef

Ik krijg terug

35 cent

50 cent

cent

30 cent

40 cent

cent

70 cent

70 cent

cent

75 cent

80 cent

cent

25 cent

40 cent

cent

35 cent

40 cent

cent

45 cent

60 cent

cent

65 cent

70 cent

cent

25 cent

50 cent

cent

55 cent

60 cent

cent

55 cent

70 cent

cent

15 cent

50 cent

cent

75 cent

90 cent

cent

12

EDU-Strux-Geld1F.indd 12

31-03-14 12:40


Hoofdstuk 1 Rekenen met munten

Opdracht 7

1 munt van

is hetzelfde als

munten van

1 munt van

is hetzelfde als

munten van

1 munt van

is hetzelfde als

munten van

1 munt van

is hetzelfde als

munten van

1 munt van

is hetzelfde als

munten van

1 munt van

is hetzelfde als

munten van

1 munt van

is hetzelfde als

munten van

1 munt van

is hetzelfde als

munten van

13

EDU-Strux-Geld1F.indd 13

31-03-14 12:40


1 munt van

is hetzelfde als

munten van

1 munt van

is hetzelfde als

munten van

1 munt van

is hetzelfde als

munten van

1 munt van

is hetzelfde als

munten van

In

zit

x

In

zit

x

In

zit

x

In

zit

x

In

zit

x

14

EDU-Strux-Geld1F.indd 14

31-03-14 12:40


Hoofdstuk 1 Rekenen met munten

In

zit

x

In

zit

x

In

zit

x

In

zit

x

In

zit

x

In

zit

x

is

x

is

x

15

EDU-Strux-Geld1F.indd 15

31-03-14 12:40


Proefpakket StruX Rekenen - Geld1F