Page 1

TRENDS in SUSTAINABLE BUSINESS D i t is e proefnumen mer! Ne e m e e n jaarabonne ment (online en p rint) door 6 5 euro over te sch rijven op B E28 3 3 5 0 3225 96 20

EcoKnowledge Overzicht opleidingen in milieu & duurzaam ondernemen Recycling en hergebruik van kunststoffen: Dubbelinterview Werner&Mertz - GO4CIRCLE Sustainable Development Goals (SDG) in de Belgische bedrijven

ecoTips 18.02 - Jaargang 23, nummer 2 (apr/mei/jun 2018)


Ecoklik www.co2logic.com

We berekenen, verminderen en compenseren uw CO2-uitstoot CO2logic is gespecialiseerd in het berekenen, verminderen en compenseren van CO2-uitstoot. Wij begeleiden en helpen bedrijven bij het identificeren, rapporteren en uitvoeren van hun strategie voor duurzame ontwikkeling. Elk bedrijf is verschillend, daarom kiezen we voor een ‘op maat’ benadering. Sommige zijn aanwezig in de dienstensector terwijl andere industriële bedrijven zijn. Er zijn multinationals met veel sites overal ter wereld, anderen hebben één hoofdkantoor vanwaar alles gebeurt,... Maar ze hebben allemaal één ding gemeen, namelijk een CO2-

2. VERMINDEREN:  CO2 verminderingsadvies (kantoren, productie, fleet, logistics, gedrag...)  Energie-audits  Financiële analyse van de verschillende verminderingsscenario’s om prioriteiten te stellen  Change Management 3. COMPENSEREN:  Niet reduceerbare CO2-uitstoot compenseren om CO2 Neutral te worden  CO2-neutraliteit advies  Carbon management (‘Kyoto’ en ‘Voluntary’)  Advies en ontwikkeling van Gold

“By opting for CO2 neutrality, a company or organisation chooses to take responsibility for the true impact of its CO2 emissions instead of shifting it to society” voetafdruk afkomstig van verschillende maar gelijkaardige bronnen: energie (elektriciteit, gas, stookolie,…), transport (vloot, bedrijfsvluchten, logistiek,…), afval (papier, plastiek, organisch),… CO2logic helpt u een overzicht van deze CO2-uitstootbronnen te krijgen, opportuniteiten of dreigingen te identificeren, strategieën voor duurzame ontwikkeling ontplooien, prioriteiten voor vermindering toepassen, intern en extern communiceren,… We berekenen, verminderen en compenseren uw CO2-uitstoot. 1. BEREKENEN:  Carbon footprinting/auditing gebruik makende van het Bilan Carbone® (ADEME gecertificeerd) en/ of het GHG Protocol van het World Resource Institute/World Business Council on Sustainable Development, beide compatibel met ISO 14064.  Analyse van de levenscyclus (Life Cycle Analysis) en product/service carbon footprinting (PAS 2050 BSI) 14

ecoTips 17.1 - circulaire economie

Standard, CDM, VCS of andere VER projecten (bijvoorbeeld CO2-credits verdienen bij het ontwikkelen van CO2-reductieprojecten) 4. COMMUNICEREN:  Samen met uw departement communicatie of PR-/marketing-/ reclamebureau

 We zorgen ervoor dat deze communicatie duidelijk en correct is  Het is onze overtuiging dat bedrijven die iets positiefs doen voor het milieu door iedereen gezien en gekend moeten worden Cases: Lotus Bakeries en MVO, Delta Lloyd wordt de eerste CO2-neutrale levensverzekeraar in België, Strategisch

advies voor de Vlaamse Overheid, departement LNE. CO2logic is de eerste Carbon Disclosure Project (CDP) accredited provider voor de Benelux en ondersteunt de CO2prestatieladder in België.

Huidevettersstraat 60A, Rue d’Accolay 15-17, 1000 1000 Brussel Bruxelles Tel. +32 (0)478 41 30 07 info@co2logic.com www.co2logic.com


Moet er nog plastiek zijn?

Wanneer we eind dit jaar terugkijken op de hypes van 2018, dan weet ik al wat er in de top 3 zal staan: plastic soup, plastics in de oceanen, kortom: vervuiling met plastics. Plastics zijn overal vandaag. Niet alleen in de oceanen en in de natuur, maar ook in de politiek, in het statiegelddebat, op de radio, de TV en in de krant. Het is een zinvolle hype, dat wel. Hopelijk leidt deze ook tot een oplossing van het probleem. Want erover praten is één ding, er iets aan doen … En ja, ook wij hebben het over plastics in deze editie van ecoTips. Meer bepaald over de manier waarop het toepassen van ecodesign bij producten en hun verpakkingen, kan zorgen voor betere recycleerbaarheid en beter hergebruik. We zaten in die context ook nog aan tafel met een bedrijf dat gerecycleerde plastics gebruikt in zijn verpakkingen: Werner&Mertz. Zij praten erover en ze doen er iets aan. Maar we zijn nog ver van een echte oplossing. De kwaliteit van het recyclaat is vandaag niet voldoende. Dat heeft verschillende oorzaken en dus is er geen eenvoudige oplossing. Werner Annaert van GO4CIRCLE waarschuwt wel: “We lopen voorop als het over recycleren gaat, maar onze buurlanden zijn ons aan het inhalen als het over de implementatie van de circulaire economie gaat.” Zonde!

het plastics probleem. We kregen voor onze reeks over Belgische bedrijven en de SDG’s de persprijs van de Federale Raad voor Duurzame Ontwikkeling, en daar zijn we best fier op. In deze en de volgende edities van ecoTips lees je dus telkens een interview van een Belgisch bedrijf dat al aan de slag ging met de SDG’s. Je kan er maar inspiratie uit halen voor je eigen organisatie! Elektrische deelmobiliteit We voorzien je trouwens nog van extra inspiratie, over duurzame mobiliteit dit keer. ecoTips is geselecteerd als testrijder in het gelijknamige project van de Bond Beter Leefmilieu en de provincie Vlaams-Brabant. Vanaf de maand juni karren we rond in een elektrische Nissan Leaf, die we ook delen via het deelplatform Caramigo. Onze ervaringen lees je online via ecotips.org . Zo moeten we het niet elke dag over plastics vervuiling hebben … Hoofdredacteur

SDG Indien je als bedrijf de Sustainable Development Goals (SDG) van de Verenigde Naties als leidraad neemt, dan kom je misschien wel vanzelf tot een oplossing van

Cover door Jan Van Craesbeeck (VIZOOG) De bloemenvaas uit de reeks FloraLil, een groeiende verzameling, die bestaat uit enkele tientallen experimentele bloemenvaasjes, op basis van 'waardeloze objecten'. De assemblage bestaat uit een marmeren voetje afkomstig van een oud nachtkastje, een aangespoeld stuk hout gevonden in West-Ierland, een gerecycleerde laboknijper en een glazen reageerbuisje. De afgebeelde duurzaam geteelde bloemen komen van de Leuvense zelfoogstboerderij 't Plukgeluk. tplukgeluk.be. Hier werkt men volgens het systeem van 'Community Supported Agriculture', landbouw gedragen door een gemeenschap van leden.


COLOFON ecoTips wordt samengesteld op basis van gegevens beschikbaar binnen de wetenschappelijke, technologische en juridische actualiteit op datum van het ter perse gaan. De uitgever neemt geen verantwoordelijkheid voor informatie waarvan blijkt dat zij onvolledig, niet meer actueel of achterhaald is. De uitgever en de auteurs kunnen niet aansprakelijk gesteld worden voor geschillen of schade, van welke aard ook, die het gevolg zijn van handelingen of beslissingen die gebaseerd zijn op bedoelde informatie.

Adviesraad Raf Bouckaert, HSEQ Expert Peter De Bruyne, M-tech Karel Gemmeke, VAL-I-PAC Kurt Gutschoven, Vinçotte Kris Merckx, Sertius Filip Raymaekers, Profex Guido Redant, oprichter en oud-hoofdredacteur ecoTips Dirk Reynaert, Bureau Veritas Joerdi Roels, QUESS Philippe Tavernier, POM Werkten mee aan deze editie Karine Van Doorsselaer, Hilde De Wachter, Peter Thoelen, Departement Omgeving, Xavier De Moor, MVO Vlaanderen, Katrien Van Miert, Guido Redant

ecoTips volgt de ‘trends in sustainable business’ op de voet en houdt je op de hoogte. Actuele nieuwsberichten vind je via ecoTips.org en onze sociale mediakanalen op LinkedIn, Facebook, Twitter en Google+. Abonnees krijgen elke maand een extra nieuwsbrief en hebben ook toegang tot het online magazine. Tijdens onze evenementen, de ecoTips Bizzclubs, beleef je duurzaam ondernemen in de praktijk.

ecoTips magazine verschijnt 4 keer in print en online eT 18.1 - Klimaat en omgeving Focus op water, land, bodem, lucht, klimaat, milieu verschenen op 13 maart eT 18.2 - ecoknowledge Focus op kennis, opleidingen, netwerken, innovatie en ecodesign verschijnt op 12 juni eT 18.3 - Bedrijf en maatschappij circulaire economie, materialen, mvo verschijnt op 11 september eT 18.4 energie, mobiliteit en slimme technologie verschijnt op 11 december

Zorg ervoor dat je gezien wordt! Contacteer ecoTips voor een inhoudelijke, publicitaire samenwerking. Word ook Partner In Duurzaamheid!

ECOR EPOR TAGE EN ECOK LIK ZIJN PUBL ICITA IRE FORM ULES 04

ecoTips 18.2 - ecoknowledge

Fotografie Jeroen Willems, Pexels, Unsplash, Maarten Du Bois, Toon Kerkhofs, FRDO, Efico Kaftontwerp VIZOOG Vormgeving Ken Moens, Drukkerij Verspecht, Londerzeel Hoofdredactie & Online redactie Hilde De Wachter Abonnementen Pergamino bvba info@ecotips.org +32 (0)13 29 46 04 Een ecoTips abonnement kost 65 euro (incl. btw) en omvat 4 edities van ecoTips magazine (online en in print), online toegang tot extra artikels en achtergrondinformatie, en 1 deelname aan een ecoTips Bizzclub evenement. Overschrijven doe je op ING
IBAN: BE28 3350 3225 9620; SWIFT / BIC: BBRUBEBB Advertenties, publiciteit en partnerships Bie Van Cleuvenbergen +32 (0)475 49 48 24 bie@b-net.be Verantwoordelijke uitgever: Pergamino Hilde De Wachter Steenweg Diest 4 3271 Scherpenheuvel-Zichem Drukkerij Verspecht springt bewust om met natuurlijke grondstoffen en vertaalt dit in de praktijk door het gebruik van bio-inkten, FSC-papier, en een 100% chemieloze prepress. Meer info: verspecht.be


ecoTips april-mei-juni 2018 EcoKnowledge 03 Intro

Moet er nog plastiek zijn?

07 Ecopinie

14

Recycleren van kunststoffen, een succesverhaal?

08 Dubbelinterview met Werner&Mertz en GO4CIRCLE

Recyclage en hergebruik van kunststoffen, hype en noodzaak

14 Ecodesign integreren bij het ontwerpen van verpakkingen 17 Nieuwe Green Deal bedrijven en biodiversiteit

Nu open voor nieuwe aanmeldingen

18 Verduurzaming lokale landbouw en voeding

18

Keuze voor geleidelijke verandering gerechtvaardigd?

20 Ecoreportage

Batterijen, nieuwe trend op de PV-markt

22 Ecoknowledge

Overzicht opleidingen in milieu en duurzaam ondernemen

29 Energiebarometer 30 Interview met prof. Jean-Pascal van Ypersele

SDG’s en bedrijven: mogelijkheden genoeg maar versnelling en cultuuromslag gewenst

30

33 Boekrecensie

In het oog van de klimaatstorm

34 Belgische bedrijven en de SDG’s

Efico: langdurige relaties leiden tot integraal duurzaam beleid

38 Gebruik van gezuiverd afvalwater voor landbouwtoepassingen 40 Boekrecensie

Voeding: politiek of wetenschap?

43 Partners in duurzaamheid

34

ecoknowledge - ecoTips 18.2

05


www.m-tech.be

Milieucoördinator niveau A

Postgraduaat Cleantech Circulaire economie (is die groen, bio, blauw, ...?) Nieuwe businessmodellen (duurzaam ?) Hoe werkt transitie denken? Wat zijn Sustainable Development Goals? Wat is multi level perspective? Low carbon society Is er energie efficiëntie mogelijk? Slimme of digitale economie? Cradle to Cradle Efficiënt inzetten van hulpbronnen,.....

BruggenBouwers tussen milieu en ondernemerschap

Start

2018

28

september

MEER WETEN?

Viviane Mebis | Opleidingsmanager viviane.mebis@uhasselt.be +32 11 26 82 04

Prof. dr. Dirk Franco | Academisch verantwoordelijke dirk.franco@uhasselt.be www.uhasselt.be/milieucoordinator

Onze expertise – Omgevingsvergunningen – Milieuadvies – Milieucoördinatie

– Milieueffectrapport – Veiligheidsrapport – Natuur

Vestigingen Hasselt - Brussel - Gent - Namen - Roermond


Recycleren van kunststoffen, een succesverhaal? Begin dit jaar publiceerde de Europese Commissie de strategie voor kunststoffen in een circulaire economie. Eén van de streefdoelen is het percentage (mechanische) recyclage in de immense kunststofafvalstroom te verhogen; verbranden (thermische recyclage) is geen optie meer.

M

echanisch recycleren van kunststoffen heeft al meer dan 30 jaar te kampen met heel wat hindernissen. Om kunststoffen op een hoogwaardige manier te kunnen recycleren heb je zuiver afval nodig. Dat wil zeggen dat het product en/of de demonteerbare productonderdelen bestaan uit 1 soort kunststof met een minimale hoeveelheid additieven. Momenteel zijn de succesverhalen beperkt. PET-flessen recycleren is er één van. Waarom? Er bestaat een gecoördineerde selectieve inzameling via de PMD-zak, er is er veel beschikbaar, meestal bestaand uit monomateriaal, het recyclageproces kan de materiaaleigenschappen onder controle houden waardoor het recyclaat goede eigenschappen heeft en er dus een grote afzetmarkt is. Ketensamenwerking De sleutel tot succes voor hoogwaardige kunststofrecyclage is ketensamenwerking. De tijd dat producenten achteloos producten op de markt brengen en geen rekening houden met wat er na afdanking gebeurt, zou moeten voorbij zijn. Producenten en afvalverwerkers moeten samen aan de tafel zitten en bekijken wat mogelijk is om de kringlopen te sluiten. Elk dient zijn verantwoordelijkheid op te nemen in de circulaire economie. De ontwerper speelt hierin een belangrijke rol. Hij maakt vele keuzes. Aan hem om naast de technische en economische eisen ook de ecologische impact in rekening te brengen en te ontwerpen met ‘Design for recycling’ en ecodesign-vuistregels als leidraad. Ecodesign Hoogwaardig recycleren kan door enkele soorten kunststoffen te gebruiken, de schadelijke en storende additieven te verbannen, de scheidingstechnieken te

Karine Van Doorsselaer is docente productontwikkeling aan de universiteit Antwerpen, en specialiste ecodesign

optimaliseren, kortom de principes van ecodesign in te zetten bij het ontwerp. We leven in een geglobaliseerde wereld, met diverse milieuwetgevingen in de verschillende landen en continenten. Onze markt wordt overspoeld met producten die niet te demonteren zijn en die bestaan uit kunststofsamenstellingen die recyclaat opleveren van laagwaardige kwaliteit, soms met aanwezigheid van schadelijke additieven die bij ons verboden zijn. Zelfs indien we onze grenzen zouden sluiten voor dergelijke producten, dan nog is er geen garantie voor hoogwaardig recyclaat. Enerzijds degradeert de lange molecuulstructuur van de kunststoffen bij de thermische behandeling, waardoor de eigenschappen verminderen en afbraakmoleculen vrijkomen die schadelijk kunnen zijn wanneer het recyclaat in contact komt met voedsel. Anderzijds danken we kunststofproducten af die vele jaren geleden geproduceerd zijn, in een tijd dat de wetgeving op additieven met zware metalen of weekmakers op basis van ftalaten, nog niet bestond. Door het recycleren van deze producten blijven deze schadelijke componenten in de kringloop en zijn zelfs niet meer traceerbaar. Ecodesign implementeren kan het recycleren bevorderen, maar de eigenschappen van gerecycleerde kunststoffen blijven minder dan

de virgin kunststoffen. Deze eigenschappen fluctueren door de wisselende samenstelling van de kunststofafvalstroom. Dit remt de vraag naar recyclaten. Kunstgrepen toepasen om de afzetmarkt aan te zwengelen, heeft weinig zin en hypothekeert zelfs het recycleren van kunststof recyclaat. Circulaire economie staat voor het blijvend in de kringloop houden van materiaal, niet het éénmalig recycleren. Compatibilizers of andere stoffen toevoegen om het recyclageproces te bevorderen en om de eigenschappen op te krikken, zorgt voor contaminatie, wat verder recycleren verhindert. Afzetmarkten creëren door recyclaat met virgin materiaal te mengen men spreekt van ‘recycled content verhogen’ – is ook geen goed idee. Dit bemoeilijkt het recycleren van kunststofafval en ‘verontreinigt’ zelfs virgin materiaal met recyclaat. We zouden het recyclaat met zijn specifieke eigenschappen kunnen beschouwen als een ‘nieuwe’ kunststof. De ontwerper selecteert dan bij de materiaalkeuze van het ontwerp het recyclaat dat voldoet aan de mechanische, thermische en andere eigenschappen van zijn product. Chemische recyclage De ultieme oplossing is chemische recyclage, dat kunststofmoleculen omzet tot chemische bouwstenen die dan terug ingezet worden bij de polymerisatie van de kunststoffen of voor andere chemische toepassingen. Momenteel staan deze technieken nog in de kinderschoenen en verbruiken veel energie. Men moet investeren om deze technieken te optimaliseren, synchroon met de evolutie van hernieuwbare energie. In afwachting kunnen we kunststofafval ‘opslagen’ in producten met een lange levensduur waaraan geen grote technische eisen gesteld worden, zoals nietdragende bouwelementen. Na jaren ongebreideld kunststoffen gebruiken, is het tijd om meer doordacht om te springen met deze materialen. Het zijn waardevolle materialen met specifieke eigenschappen, die hun voordelen hebben in diverse toepassingen zoals transport en isolatie. Aan ieder van ons, als consument, als industrieel, als beleidsmaker om de toekomst van de kunststoffen te herdenken in het licht van de principes van de circulaire economie.

ecoknowledge - ecoTips 18.2

07


Dubbelinterview met

Werner&Mertz en Go4Circle Recyclage en hergebruik van kunststoffen, hype en noodzaak Tekst: Hilde De Wachter Beeld: Jeroen Willems Begin dit jaar lanceerde Europa zijn vernieuwde strategie in verband met kunststoffen. Daarnaast zijn plastics de afgelopen maanden niet meer uit het nieuws te branden. Na jarenlange desinteresse bij media en publiek, is het materiaal en dan vooral wat ervan overblijft na gebruik, een hype geworden.

T

ijd dus om eens te luisteren bij de specialisten wat zij ervan denken. ecoTips nodigde de Duitse producent van schoonmaakmiddelen, Werner&Mertz, samen met de federatie van de bedrijven in de circulaire economie, Go4Circle, uit voor een dubbelinterview.

Eric Van Raemdonck, General Manager van Werner&Mertz Benelux, en Benoit

08

ecoTips 18.2 - ecoknowledge

In 1971 werd de professionele divisie van Werner & Mertz opgericht, waarin specifieke producten voor het bedrijfsleven geproduceerd worden. Van de 360 miljoen euro omzet die het bedrijf kent, komt ongeveer 60 miljoen euro uit de verkoop aan bedrijven. De grootste afzet gebeurt in Europa, in de eerste plaats in Duitsland. Maar ook in de rest van de EU, Rusland, China, Japan, Singapore, Maleisië, Dubai… groeien de activiteiten.”

federaties zijn helemaal mee met het verhaal van de circulaire economie. Andere helemaal nog niet, zodat zo’n federatie natuurlijk niet altijd een verregaand ecologisch standpunt kan innemen, of al haar acties op de kringloopeconomie kan richten. Go4Circle wil dan ook een platform zijn waarin de bedrijven die wél meewillen, hun belangen verdedigd zien. Intussen is de federatie verruimd naar alle bedrijven die zich willen inschakelen in de circulaire economie, ook buiten de afval- en recyclagesector. Vele industrieën vinden de circulaire economie intussen wel interessant, maar Go4Circle vraagt aan haar leden wel degelijk dat ze actief zijn in het ontwikkelen van producten die passen in de circulaire economie. Wij willen een aanjager zijn naar de overheid toe, door bijvoorbeeld overheidsbestellingen te sturen in de richting van producten die ontwikkeld zijn vanuit een gesloten kringloop.”

Werner Annaert, nog even Directeur van Go4Circle vooraleer hij de overstap naar het bedrijfsleven maakt, over zijn organisatie: “Go4Circle is een federatie van zo’n 230 bedrijven die actief zijn in het sluiten van materiaalkringlopen. De federatie is gegroeid uit de afval- en recyclagesector en zoekt steeds vaker samenwerkingen met andere federaties. Dat is niet altijd eenvoudig. Sommige leden van andere

Wanneer kwam bij Werner&Mertz de omslag naar meer duurzaamheid in het bedrijf en vanwaar die keuze? Eric Van Raemdonck: “Duitsland is voor ons een belangrijke afzetmarkt want het is onze bakermat. Daar bestond de tendens om meer ecologische producten te kopen al langer, van in de jaren ’70. Toen de Groenen in de regering traden, werd dat nog versneld. In de jaren ’80 gingen we al spaarzamer om met verpakkingen: we ontwikkelden doseerdoppen en hervulbare verpakkingen. Daaruit groeide het assortiment Ecoline voor professionele toepassingen en Frosch/Froggy voor huishoudelijke producten. Daarmee hebben we ons als het groene alternatief gepositioneerd, en intussen groeit deze nichemarkt.

Lesgardeur, Product Manager nemen ons mee in de geschiedenis van het bedrijf: “Werner & Mertz is een van oorsprong Duits bedrijf dat in 1876 startte met de productie van bijenwaskaarsen, vooral voor kerken. Later volgden schoen- en vloerwas. De vloerwassen werden vooral toegepast in overheidsgebouwen, die toen hoofdzakelijk houten vloeren hadden.


V.l.n.r. Werner Annaert, GO4CIRCLE - Benoit Lesgardeur en Eric Van Raemdock, Werner&Mertz, met tussen hen in, de mascotte van het bedrijf

Voor ons telt niet alleen wat er in de verpakking zit, maar ook de verpakking zelf én hoe onze middelen geproduceerd worden. Hoeveel bedraagt het percentage ecologische producten dan ten opzichte van jullie gangbare aanbod? Eric Van Raemdonck: “In de divisie bedrijven willen we tegen 2020 50% Green Care Professional producten – dat is de huidige naam van onze ecologische lijn - afzetten. Voor sommige schoonmaakoplossingen heb je nog altijd klassieke ingrediënten nodig, waardoor we onze Tana Professional moeten blijven aanhouden. Niet voor elke toepassing zijn er ecologische alternatieven. Vele van onze Tana-middelen voldoen niet aan onze eigen criteria om in ons Green Care assortiment opgenomen te worden. Die criteria zijn overigens strenger dan die van het Ecolabel. Natuurlijk worden de Tana-producten wel in dezelfde fabriek gemaakt, op 100% hernieuwbare energie en met onze eigen waterzuiveringsintallatie.” Benoit Lesgardeur: “Momenteel zitten we in de Benelux al aan 40% verkoop van Green Care Professional producten. We hebben dus nog drie jaar om aan 50% te geraken. We ontwikkelen overigens geen nieuwe producten meer in het Tana-segment. Onze labo’s moeten daarvoor nieuwe grondstoffen onderzoeken en mengen, om ecologische producten te maken die dezelfde prestaties leveren én die ook nog aan een verkoopbare

prijs vermarkt moeten kunnen worden. Het is op zich immers niet moeilijk om ecologische poetsproducten te maken die zeer goed presteren, maar vaak kost de aankoop van ecologische grondstoffen meer dan de petroleum gebaseerde grondstoffen. Circulaire economie wil net zeggen dat de cirkel ecologisch en economisch rond is.” Is de EU-strategie rond plastics een goed initiatief? Eric Van Raemdonck: “Er zijn een aantal bedrijven die zich vanuit de Ellen MacArthur Foundation engageerden om heel concreet tegen 2025 al hun producten in gerecycleerde verpakkingen te verkopen. Dan gaat het onder meer over ons bedrijf, maar ook over Coca Cola en Pepsico. De Europese Commissie gaat niet zo ver en ze gaan minder snel; hun doelstelling staat bijvoorbeeld maar op 2030.” Werner Annaert: “Ik vind het vrij traag gaan. Ook in het kader van afhankelijkheid van grondstoffen, lijkt het me dringend tijd dat we met de Europese landen op kortere termijn zelfstandiger worden. De markten in bijvoorbeeld China en Rusland zijn afgeschermd, en het ziet er naar uit dat de VS dezelfde richting uitgaan. En er is in Europa maar één grondstof die echt massaal aanwezig is, en dat is afval.” Eric Van Raemdonck: “Dat klopt, maar de vraag is of die grondstof echt wel voldoende kwalitatief aanwezig is. Er is inderdaad heel veel afval, maar wordt er voldoende

gerecycleerd en geselecteerd op de goede kwaliteit die wij nodig hebben? Ik ben er niet zeker van of alle componenten die we nodig hebben voor onze verpakkingen in voldoende mate uit recyclage kunnen komen.” Benoit Lesgardeur: “Daar komt ook nog een technisch probleem bij: niet alle plastics zijn compatibel. Sinds 2016 loopt er in Duitsland een project waarbij we de geselecteerde plastics nog een finale sortering geven om de fracties nog zuiverder te maken. We hebben nu een fles uit 100% HDPE uit post-consumer afval. De flessen bevatten nog steeds stickers, dat is, omwille van de lijmen, moeilijker te sorteren in het recylageproces, daarom willen wij een bedrukking in afwasbare inkt. En in mei komen we ook met 100% post-consumer plastics doppen.” Eric Van Raemdonck: “Wat dat betreft maakt de Europese regelgeving het ons overigens niet gemakkelijk: als we onze schoonmaakmiddelen verkopen in 17 landen met verschillende talen, moet er veel technische en veiligheidsinformatie op de verpakkingen vermeld staan, in al die talen. Dat zouden we kunnen oplossen via een QRcode, maar dat is vandaag nog niet wettelijk. Dus blijven we verplicht om met uitplooibare papieren etiketten in de vorm van ‘boekjes’ op de flessen te werken.” Werner Annaert: “Hetgeen hier gezegd wordt over de compatibiliteit van plastics en de zuiverheid ervan, toont aan dat de ecoknowledge - ecoTips 18.2

09


Werner&Mertz won al verschillende awards met hun innovatieve verpakkingen, zoals de Sanet Platinum fles

circulaire economie enkel kan doorbreken indien er voldoende samengewerkt wordt. De kennis van de fabrikanten van verpakkingen en die van de ophaal-, sorteer- en recyclagebedrijven, moet verder ontwikkeld en samengebracht worden. Momenteel werken we aan een studie voor de federale overheid, waarin we bestuderen welk type producten er op de Belgische markt komen die niet gerecycleerd worden, of die problemen opleveren in de recyclage. Zo zullen bijvoorbeeld HDPE-verpakkingen die ook PP bevatten voor vervuiling in de recyclagefracties zorgen. Idealiter bestaat een verpakking uit één kunststof om de recyclage zo efficiënt mogelijk te maken. Dat is vandaag zeker niet de standaard.” Benoit Lesgardeur: “Onze Duitse partner beschikt intussen wel over lasertechnologie die in staat is om verschillende stukjes plastic te scheiden op basis van de kunststofsoort, en om de laatste contaminanten eruit te halen.” Werner Annaert: “Wat betreft de vraag ‘is er voldoende aanbod aan kwalitatief hoogwaardig afval?’, wil ik nog het volgende zeggen. Als ik mijn leden vraag om nog beter te sorteren, komt steevast de wedervraag ‘gaan we daarvoor genoeg afzet hebben?’. Dat is natuurlijk de vraag van de kip of het ei. Kunnen we die patstelling niet doorbreken?” Eric Van Raemdonck: “We moeten de vraag aanwakkeren. In onze optiek moet de vraag in de eerste plaats bij de eindgebruiker 10

ecoTips 18.2 - ecoknowledge

gecreëerd worden. Onze mensen op de baan proberen dat bijvoorbeeld te doen via een app die we ontwikkelden: Green Effective Calculator. Op basis van het detergentenverbruik van de klant berekent de app hoeveel CO2-besparing hij zou realiseren en hoeveel minder afval hij zou produceren indien hij op gerecycleerde verpakkingen en ecologische producten zou overstappen. Dat is natuurlijk een pluspunt in het duurzaamheidsrapport dat zo’n bedrijf publiceert.” Werner Annaert: “Ook de overheid kan hierin een voorbeeldrol opnemen. Het is wettelijk perfect mogelijk om overheden op alle niveaus (gemeentelijk, provinciaal, gewestelijk) bij aankopen voorrang te laten geven aan een bepaald type producten, zoals producten in gerecycleerde verpakkingen. Ik denk dat de tijd van de vrijblijvendheid wat dat betreft achter de rug is, en dat we, als we de circulaire economie willen stimuleren, wat meer dwang moeten inbouwen. De federale overheid heeft bovendien fiscale instrumenten zoals btw en vennootschapsbelasting om consumenten en bedrijven tot andere keuzes te bewegen, die misschien zelfs een prijsvoordeel zouden kunnen hebben. Het is overigens wel jammer dat veel beleidsmakers de mond vol hebben over de circulaire economie en duurzaamheid, maar in de praktijk niet echt tot duidelijke keuzes komen.”

Je hebt hier toch wel de 2020-aankoopdoelstellingen van de Vlaamse Overheid en de Green Deal Circulair Aankopen die vorig jaar van start ging? Werner Annaert: “Dat zijn inderdaad positieve initiatieven en ze bevatten heel wat inspirerende voorbeelden. Maar het is nog altijd wachten op wetgevende initiatieven die bepaalde soorten van producten of verpakkingen uit de markt bannen en andere bijvoorbeeld een btw-voordeel toekennen. Zo kan je de vraag creëren en zal de markt daar automatisch op inspelen. Een aantal van onze recyclingfirma’s, zeker in de kunststofsector, hebben overigens aanzienlijke investeringen gedaan, onder meer in verregaande sortering, die vandaag echter onvoldoende rendabel blijken te zijn, door een achterblijvende marktvraag.” Benoit Lesgardeur: “Ik ben voorstander om instanties of personen die verantwoordelijk zijn voor de vervuiling aan te pakken, en niet zozeer subsidies toe te kennen, die instanties of personen die een positieve keuze maken, extra geld toestoppen.” Werner Annaert: “Dat klopt. Subsidies kunnen echter wel nuttig zijn om investeringen in innovatieve en milieuvriendelijke technieken te stimuleren. De subsidies die bijvoorbeeld aan groene stroom besteed werden, zijn eerder een voorbeeld van hoe we het niet moeten doen.


Dat soort subsidies zijn overigens heel onzeker en veranderlijk op termijn.” Eric Van Raemdonck: “Ik zie ook meer heil in het opnemen van punten voor ecologie of duurzaamheid in aanbestedingen, op welke manier dan ook. Dat gebeurt nu al in een aantal individuele steden en gemeenten, maar lang niet overal.” Stel dat de stimulansen vanuit de overheid effect hebben op de markt, en er komen meer bedrijven in het ecosegment, is dat dan geen bedreiging voor Werner&Mertz? Eric Van Raemdonck: “Het is alleen maar een voordeel. Hoe meer bedrijven er inspelen op deze markt, hoe beter, want de vraag zal stijgen. Concurrentie doet de markt vaak groeien, of bedrijven zullen zich specialiseren in bepaalde onderdelen ervan. Vandaag zijn we praktisch alleen op de markt.” Werner Annaert: “En dat is voor overheidsbestellingen vaak een probleem: overheden mogen niet een bepaald bedrijf bevoordelen of aanbestedingen zo uitschrijven dat er maar één kandidaat-leverancier in aanmerking komt. Bovendien hebben de pioniers een voorsprong op de concurrentie, bijvoorbeeld als er later kwaliteitseisen of strengere normen gesteld worden.” We komen even terug op de selectie en betere sortering van het afval: volgens Go4Circle is dat niet rendabel? Werner Annaert: “Sorteren aan de bron is het best. Technologisch kan de sector achteraf

ook nog heel wat uitsorteren maar dat is duur. En natuurlijk: hoe hoger de kosten voor sortering en recycling liggen, hoe hoger ook de marktprijs van onze grondstoffen is. En we willen uiteindelijk grondstoffen aan competitieve prijzen aanbieden. Onze grootste concurrenten zijn de primaire grondstoffen. Natuurlijk kan je de kostprijs per eenheid ook doen zakken door een groter volume te verwerken, maar daarvoor moet de afname eerst voldoende groot zijn. Bij de ontwikkeling van een nieuw product zouden we ook de materiaalbalans moeten overwegen: kunnen we het maken uit recyclaat, kunnen we het recycleren? Vandaag kijken we vooral naar de functionaliteit van een product - wat ook nodig is natuurlijk-, naar het uitzicht - kan ik de consument ermee verleiden? - en naar de prijs. Alleen al de aandacht voor die vierde component, de materiaalbalans, zal ervoor zorgen dat we een belangrijke omwenteling zien in het soort verpakkingen dat we gebruiken. Soms zijn ontwerpers ook zodanig opgeslorpt door een technische oplossing en worden bijvoorbeeld acht- of negenlagige drankverpakkingen ontwikkeld, waarbij niemand zich afvraagt of die ooit nog tegen een aanvaardbare kostprijs zuiver gerecycleerd kunnen worden. Twintig jaar geleden was dat normaal, maar het is jammer dat dat vandaag nog steeds gebeurt. Dat doet mij terug belanden bij de Europese plastic strategy. Die bevat wel goede elementen, maar er hadden meer engagementen mogen komen om de

struikelstenen naar een goede recyclage weg te werken. In heel wat reglementen heb je nog bepalingen die recycling tegenhouden, denk aan het voorbeeld van de verplichte etikettering in vele talen. In België gebruikt men een regelgeving die ondergrondse buizen uit 100% recyclaat niet toelaat. In Nederland heeft men die regels niet en gebruikt men wel (tot 40%) gerecycleerde materialen in afvoerbuizen. Dit soort regelgevingen zouden we op Europees niveau moeten inventariseren en wegwerken, zodat ze de recyclage-industrie niet in de weg staan.” Benoit Lesgardeur: “Onlangs stelden de deelnemers aan de circulaire economiecommissie van het Jeugd Parlement in Brussel het idee van een soort REACH voor verpakkingen voor: een database met de registratie van alle componenten van verpakkingen, met als einddoel optimale recyclage. Het was hartverwarmend om te zien hoe die jongeren al met de circulaire economie bezig waren.” Ligt de knoop dan niet in de ontwerpfase van een verpakking? Werner Annaert: “Niemand heeft alle verantwoordelijkheid, maar een stuk van het probleem ligt inderdaad in het design van producten. We moeten bij de ontwerpers het bewustzijn rond de circulaire economie creëren. OVAM is daar trouwens al mee bezig. Maar zo’n ontwerper krijgt natuurlijk een specifieke opdracht. Als daarin zou staan dat hij wettelijk gezien rekening moet houden met recycleerbaarheid, dan zal hij daar natuurlijk

Benoit Lesgardeur: “Werner&Mertz heeft nu een fles uit 100% HDPE van post-consumer plasticafval en ook 100% post-consumer plastic doppen”

ecoknowledge - ecoTips 18.2

11


rekening mee houden. Vandaag blijft dat te veel een optie.” Eric Van Raemdonck: “Zolang de overheid geen initiatief neemt, komt er niets van in huis.” Werner Annaert: “Dat klopt. En België is daar een goed voorbeeld van. Ons land scoort wat recyclage betreft beter dan de Scandinavische landen of Nederland, onder meer omdat er bij ons zo weinig open ruimte is om te storten en weinig draagvlak om verbrandingsinstallaties te plaatsen. Dat heeft ons geleid tot de ontwikkeling van een recyclage-industrie, onder impuls van overheden zoals OVAM. Maar momenteel worden we toch weer voorbijgestoken door buurlanden, als het gaat om de pro-actieve ontwikkeling van de kringloopeconomie. Dat is jammer, omdat we het voordeel hebben dat we inzake recycling veel verder staan.” Eric Van Raemdonck: “In Nederland heb je inderdaad verscheidene stadhuizen en industrieparken die volledig Cradle-to-Cradle zijn. Dat zie je hier niet.”

C2C is in Nederland dan ook veel actiever, niet? Eric Van Raemdonck: “Er is bij ons geen specifiek kantoor, dat klopt, maar EPEA, dat de certificering doet, is er voor heel de Benelux. Toch zijn de overheidsinitiatieven in Nederland indrukwekkender, zo wordt heel Schiphol C2C en rijden de taxi’s verplicht elektrisch. Nogmaals: als de overheid niet trekt, komt er niets van in huis.” Maar Werner&Mertz heeft dit op eigen initiatief toch ontwikkeld? Jullie waren er toch al vroeger mee bezig… Was dat dan onder invloed van de Duitse overheid? Eric Van Raemdonck: “Onze eigenaar is ervan overtuigd dat hij zijn bedrijf toekomstgericht moet nalaten aan z’n kinderen, die de vijfde generatie in het bedrijf uitmaken. Het bedrijf moet daarbij opboksen tegen multinationals in de sector en moet dus zijn eigen niche bedenken. Onze USP was kiezen voor een groeiende niche in de schoonmaakbusiness.” Een ander onderwerp dat dezer dagen de debatten verhit: is statiegeld een oplossing voor het probleem van plastic afval? Werner Annaert: “Statiegeld is een andere discussie: dat gaat over de oplossing van het zwerfvuilprobleem, niet over de circulaire economie. Of je er nu via gescheiden ophaling of via statiegeld voor zorgt dat de verpakkingen terugkomen, maakt op zich niet uit. Ik heb daar dus nogal een neutraal standpunt in.” Benoit Lesgardeur: “Als we spreken over duurzaamheid in het algemeen, is statiegeld wel nuttig. Bijvoorbeeld voor het voorkomen van fenomenen zoals de ‘plastic soup’. Via statiegeld kan je ook zuiverder fracties selecteren.” Eric Van Raemdonck: “Ik vind het ook wel een goede oplossing om de mensen te verplichten om hun

Werner Annaert: “Als het om de pro-actieve ontwikkeling van de kringloopeconomie gaat, steken onze buurlanden ons momenteel voorbij. Jammer want inzake recycling staan we veel verder.”

12

ecoTips 18.2 - ecoknowledge

lege flessen en bussen terug naar de winkel te brengen. Zo komen die verpakkingen ook weer bij de recyclagebedrijven terecht.” Werner Annaert: “Voor ons maakt het op zich niet zo veel uit. De zwerfvuilproblematiek in ons land gaat ook voornamelijk over drankverpakkingen, minder over bijvoorbeeld verpakkingen van poetsproducten. De overheid moet stilaan wel beslissen: ofwel breiden we de PMD-zak uit naar allerlei kunststoffen, ook niet-verpakkingen (waar we met Go4Circle al jaren vragende partij voor zijn), ofwel kiest men voor een statiegeldsysteem. Een sorteer- en recyclageeenheid opstarten voor PMD-afval kost al snel 20 tot 25 miljoen euro. Als men later zou beslissen om toch een statiegeldsysteem op te zetten, zijn dat bijkomende kosten voor een ander ophaalsysteem. Men moet nu een consequente keuze maken voor de komende 10 tot 15 jaar. Het heeft voor onze sector weinig zin om te investeren in een systeem dat binnen 3 jaar mogelijk niet meer functioneert. Maar bon, zoals gezegd zijn we vooral vragende partij voor initiatieven die de afzet van recyclaten bevorderen. Dan maken we de waarde van afval groter en de goesting om het gewoon op straat weg te gooien een pak kleiner.” Zowel klassieke plastics als bioplastics worden ontraden in de Europese strategie. Is dat een goede of een slechte zaak? Werner Annaert: “Met bioplastics hebben wij wel wat problemen. In feite zou dat samen met organisch materiaal ingezameld moeten worden. Indien bioplastics bij de rest van het plastic afval zitten, is dat voor recycling een probleem.


Op dit ogenblik valt het nog mee, omdat de fractie bioplastics vrij klein is. Maar ook voor de composteringsbedrijven zijn de bioafbreekbare plastic folies een probleem, omdat ze toch niet voldoende snel composteren. Of nog: consumenten denken vaak dat bioplastics bij het groenten- en tuinafval op de composthoop kunnen, maar ook daar composteren die niet altijd.” Eric Van Raemdonck: “Je kan inderdaad ook verpakkingen maken uit suikerriet, dat is recycleerbaar. Maar de filosofie van Werner&Mertz is dat we daarvoor geen gronden willen gebruiken die je voor voedselproductie kan gebruiken. Hetzelfde gaat ook op voor de productie van een aantal plantaardige ingrediënten voor onze producten. Je kan deze uit tropische gewassen halen, maar wij werken liever met raapzaadolie bijvoorbeeld, om specifiek op Europese bodem te blijven. Vandaag is het misschien beter om het bestaande plastic-afval te gebruiken voor nieuwe plastic producten in plaats van plastics uit biogrondstoffen te fabriceren, maar mogelijk verandert die visie binnen pakweg 10 jaar.” Benoit Lesgardeur: “De vraag is wat we bedoelen met bioplastics? Het kan gaan over bio-afbreekbare plastics uit aardolie, over bio-afbreekbare plastics uit plantaardige grondstoffen, of over niet-bio-afbreekbare plastics uit plantaardige moleculen.” Werner Annaert: “De Europese overheid zou moeten normeren welke soort plastics er op de markt komen. Dat is enorm complex: elke maand hoor ik wel van een nieuwe kunststof waarvan ik voordien nog niet gehoord had.” Benoit Lesgardeur: “Dat klopt, en de eerste stap is dan ook niet re-cycle, maar re-think. Dat is waar wij mee bezig zijn: bedenken wat we met het afval dat we zelf produceren kunnen doen. Daarna komen re-use en dan pas re-cycle.” Europa gaat ook flink in tegen het gebruik van oxoplastics Benoit Lesgardeur: “Oxoplastics zijn een moeilijk verhaal. Deze plastics zijn niet composteerbaar, maar breken af tot microscopisch kleine deeltjes die bijzonder lang in de ecosystemen blijven zitten en misschien binnen 100 jaar in ons drinkwater terechtkomen.” Welke innovaties zitten er nog aan te komen bij Werner&Mertz? Benoit Lesgardeur: “Als KMO in de poetsmiddelenindustrie, hebben we de jongste jaren al drie wereldpremières gehad inzake innovaties van verpakkingen. We kapitaliseren daarbij op de ontwikkelingen die we al deden en de partnerships die ons bedrijf aanging.

Eric Van Raemdonck: “Er is wel voldoende afval aanwezig maar de vraag is of het van voldoende kwaliteit is. Ik ben er niet zeker van of wij vandaag al alle componenten voor onze verpakkingen uit recyclage kunnen halen. Deze moeten aan specifieke kwaliteits- en gebruikseisen voldoen.”

Samenwerking en transparantie zijn erg belangrijk. Zo hebben we duidelijke afspraken met leveranciers van flessen voor de levering van de kwaliteit die we willen, met een grote Duitse supermarktketen inzake inzameling en levering van lege verpakkingen enzovoort. De vernieuwingen die we ingezet hebben willen we in de komende jaren systematisch doortrekken naar al onze producten en productielijnen.” Eric Van Raemdonck: “We werken overigens niet alleen aan de inzet van gerecycleerde verpakkingen, maar ook aan de vermindering van onze verpakkingen. Zo hebben we zowel voor de industriële vaat- als voor de linnenwas een verpakking ontwikkeld die bestaat uit een buitenhoes in gerecycleerd karton met daarin een plastic zak met het product. We zijn overigens ooit zo ver gegaan dat we een machine op de markt brachten die je kan vergelijken met een professionele koffiemachine. Daarin zaten 4 componenten en met een druk op de juiste knop kon de klant tot 200 liter van zijn detergenten aftappen; de machine stelde het product samen met die 4 componenten en was verbonden met de waterleiding. Wij programmeerden de machine aan de hand van de vragen van de klant. Uiteindelijk is dat geen succes gebleken. Dat had wellicht te maken met het feit dat er in de schoonmaakbedrijven een enorm verloop aan personeel is. Bovendien was het ook een vrij dure machine, waarvoor je als poetsbedrijf al een hoge omzet moest halen om er voldoende rendement van te hebben.” Werner Annaert: “Sinds enkele jaren hebben we voor onze sector awards voor de toppers

in de circulaire economie. Bij de uitreiking daarvan was ik wel verbaasd om te zien hoe ver men vandaag eigenlijk al is voor een aantal producten, zowel voor het gebruik van recyclaat als voor het recycleerbaar zijn ervan. Ik merk ook steeds meer bereidheid tot samenwerking tussen bijvoorbeeld de chemische sector en de afvalverwerkers om samen producten te ontwikkelen. Ik verwacht de komende tijd dus steeds meer producten die uit recyclaat bestaan. De industrie neemt dit in de praktijk wel degelijk op.” Dus de toekomst ziet er voor de recyclagebedrijven wel positief uit? Werner Annaert: “Zeker. Hoewel we nog afwachten hoe de toestand in China evolueert. Het momentum is er om oplossingen binnen Europa te vinden. Maar als we niet snel reageren, bestaat de mogelijkheid dat we binnen afzienbare tijd verpakkingen of recyclaten uit Oost-Azië importeren. Dan voeren we afvalstoffen uit en importeren we afgewerkte producten uit ons eigen afval. Ik denk dat Europa qua markt groot genoeg is om zelf een bloeiende recyclage-industrie uit te bouwen.” Maar we hebben wel een land als China nodig dat de deuren dichthoudt, om die omslag te bekomen? Werner Annaert: “Veel plastic afval is inderdaad naar China geëxporteerd, omdat men daar nog arbeidskrachten kon betalen om bijvoorbeeld het afval manueel op kleur te sorteren. Misschien kunnen we via de sociale economie daar ook iets mee doen in ons land, zodat we rechtstreeks aan Europese bedrijven kunnen leveren.” ecoknowledge - ecoTips 18.2

13


Ecodesign integreren bij het ontwerpen van verpakkingen Tekst: Karine Van Doorsselaer Verpakkingen maken deel uit van ons dagelijks leven en hebben zoals alle producten een milieu-impact. Vooral de afvalstroom die verpakkingen creëren, is enorm. Op jaarbasis wordt 1.700.000.000 kg (Bron: Statbel) verpakkingsafval ingezameld in België. Afval van verpakkingen uit glas, metaal en papier zamelen we al vrij goed in en recycleren we ook, de andere materiaalstromen en dan vooral de kunststofverpakkingen hinken achterop. Van de totaal op de markt gebrachte kunststofverpakkingen wordt 39% via huishoudelijk afval (PMD-fractie) en 55% via bedrijfsafval ingezameld (Bron : IVC Activiteitenverslag 2016). De verpakkingen die niet via het Fost Plus of Val-i-Pak gecoördineerde inzamelsysteem passeren, komen in de verbrandingsoven of erger nog, in het milieu terecht. De milieu-impact beperken en de kringlopen sluiten kan door de ecodesignvuistregels te gebruiken. Levenscyclusdenken e milieu-impact van een verpakking omvat de volledige levenscyclus, gaande van de gebruikte grondstoffen/materialen, de verwerkingstechnieken, de gebruiksfase – waar de verpakking het verpakte product beschermt – worden en tenslotte de afdanking.

D

De parameters om de milieu-impact van de verpakking te bepalen, kunnen zijn : het energiegebruik, de carbon footprint of zelfs een pakket van diverse milieu-impacts (broeikaseffect, verzuring, uitputting grondstoffen, ...) zoals bij LCA-studies. Al deze berekeningen maken gebruik van aannames en bij LCA-studies worden ook weegfactoren ingezet, waardoor de resultaten vatbaar zijn voor discussie. Bij de beoordeling van de milieu-impact van de verpakking nemen wij de vuistregels van ecodesign en de principes van de circulaire economie als leidraad. In tegenstelling tot de huidige wegwerpmaatschappij streeft men in de circulaire economie naar het sluiten van de kringlopen waarbij producten, componenten en materialen blijvend hergebruikt worden. Milieu-impact verpakkingssysteem Bij de bepaling van de milieu-impact van een verpakking bekijken we in eerste instantie het verpakkingssysteem, zijnde de verpakking samen met het verpakte product. Het doel van de verpakking is de inhoud beschermen. Verlies van het verpakte product door het falen van de verpakking heeft uiteraard een grote milieu-impact. Volgens Siem Haffmans zit 90 tot 95% van de milieu-impact van een product-verpakking-combinatie in de inhoud. De uitdaging van de ontwerper is om te streven naar de ideale verhouding tussen de

hoeveelheid verpakking versus het verpakte product; te weinig verpakking kan leiden tot verlies van het product, te veel verpakking heeft uiteraard een negatieve milieu-impact. De verschillende verpakkingslagen bij veel producten roepen vragen op. Aan de ontwerper om de technische specificaties te optimaliseren, om zo ideale bescherming te garanderen. Diverse instanties kunnen daarbij advies geven en de nodige testen uitvoeren: het VerpakkingsCentrum in Hasselt en het Belgisch Verpakkingsinstituut bijvoorbeeld. De hoeveelheid verpakking minimaliseren is één ding, volgens de principes van de circulaire economie streeft men ernaar om de afgedankte verpakking in circulatie te houden, hetzij door de verpakking te hergebruiken, hetzij door de verpakking volgens de ‘Design for Recycling’- richtlijnen te ontwerpen. Kiest men bijvoorbeeld voor een dunne complexe kunststoffolie bestaande uit verschillende materialen die met een minimale hoeveelheid materiaal voldoet aan de technische eisen, maar die niet recycleerbaar is? Of kiest men een dikkere folie uit monomateriaal die evengoed tegemoetkomt aan de technische eisen en waarvoor wel recyclagemogelijkheden bestaan? Een voorbeeld daarvan zijn de shampooflacons uit PE versus de navulverpakkingen uit multimateriaal. Vanuit het standpunt van de circulaire economie is de keuze snel gemaakt.

Eco-design = levenscyclusdenken

Streven naar een miniale milieu-impact (Bron : A Global Language for Packaging and Sustainability, the Innventia AB model)

14

ecoTips 18.2 - ecoknowledge


Voedselverpakkingen Bij het verpakken van voedsel is bederf voorkomen uiteraard het streefdoel. De verpakking wordt daartoe geoptimaliseerd maar ook de verpakkingstechnologie. Zo is er de aanpak om voedsel onder beschermende atmosfeer te verpakken (MAP-verpakking). Deze evolutie stelt strengere eisen aan de verpakking, met name de doorlaatbaarheid voor de beschermende gassen moest drastisch omlaag. Bijgevolg worden multilayer verpakkingen gebruikt die echter niet recycleerbaar zijn. Dit is een voorbeeld waarbij door de optimalisatie van de verpakkingstechnologie een negatieve milieu-impact van de verpakking ontstaat. De industrie heeft de verantwoordelijkheid om het nut van sommige evoluties in vraag te stellen en om de afweging te maken tussen de voor- en de nadelen in relatie met de milieu-impact. Is het nodig om de producten in kleine porties verpakt onder beschermende atmosfeer de volledige distributieketen te laten doorlopen? Eens de verpakking geopend, verdwijnen de gassen en doorgaans zijn de porties te groot om snel te consumeren zodat alsnog bederf optreedt. Een ander voorbeeld is de individueel verpakte komkommer. Groenten en fruit hebben een natuurlijke bescherming en toch gebruiken we extra verpakkingslagen. Deze aanpak is voordelig voor de distributieketen om de bewaartijd te verlengen. Door de logistiek te optimaliseren en de korte keten te promoten is deze folie overbodig. Onderzoek via voedselverlies.be toont aan dat bij elke kg afgedankt verpakt voedsel, ca. 300 g voor rekening van de verpakking is. Het zou een onderzoek waard zijn om de hoeveelheid afgedankte voorverpakte producten in kaart te brengen om te bekijken of al dat extra verpakkingsmateriaal in de praktijk echt wel een voordeel oplevert met oog op voedselverspilling. Dé oplossing om verpakkingsafval te voorkomen is de producten in bulk vervoeren en lokaal te verpakken in porties op vraag van de consument. Een voorbeeld: Brouwerij AB Inbev heeft het plan opgevat om het bier voor de Amerikaanse caféhouders in België af te vullen in wegwerpvaten uit multilayer PET en dan te transporteren naar Amerika. Hoe logischer én vooral milieuvriendelijker is het niet om het bier in grote citernes de zeereis te laten maken en ter plaatste in herbruikbare stalen vaten af te vullen? Waar een wil is, is een weg.

Een bijkomend milieucriterium bij voedselverpakkingen is de impact op de gezondheid door migratie van stoffen uit

Foto: Foto: Amber PexelsFaust - Pexels

De taak van de overheid is alvast om herbruikbare verpakkingen te promoten onder andere door wegwerpverpakkingen te taxeren. Niets is wat het lijkt: Vanuit ecodesign- en recyclageoverwegingen is een verpakking uit PE te verkiezen boven een hervulverpakking uit een multilayerkunststof

ecoknowledge - ecoTips 18.2

15


de verpakking naar het voedsel. Dit wordt uiteraard sterk gereglementeerd, maar het is aan de consument om de voorschriften die op de verpakking staan, na te leven. Zo zijn de meeste kunststofverpakkingen niet geschikt voor blootstelling aan hoge temperaturen in de microgolf of in de zon. Alle reglementering ten spijt, men zal nooit of te nimmer de gezondheidsrisico’s van de cocktail van alle mogelijke chemicaliën in ons dagelijks leven kunnen inschatten, zodat een gulden regel is ‘Als je contact met chemicaliën kan voorkomen, doe het dan’. Glas is nagenoeg het enige verpakkingsmateriaal dat inert is. Niet alleen de verpakkingsmaterialen kunnen risico’s op migratie van schadelijke stoffen inhouden, ook de nabewerkingstechnieken moeten meer zorgvuldig ingezet worden. Studies van onder andere ILVO en Ugent naar de stabiliteit en reactiviteit van migrerende componenten uit drukinkten en lijmen, gebruikt bij verpakkingen van levensmiddelen, tonen dit aan. Algemene ecodesign richtlijnen voor verpakkingen Materiaalkeuze Het materiaal moet uiteraard voldoen aan alle technische eisen gesteld aan de verpakking. De ecodesign-richtlijnen zijn een bijkomend selectiecriterium om een kwaliteitsvolle en ecologisch verantwoorde verpakking te ontwerpen. In dit artikel kunnen we de milieu-impact van de diverse materiaalsoorten niet tot in detail bespreken en beperken we ons tot een aantal algemene ecodesign-richtlijnen. Diverse criteria bepalen de milieu-impact van verpakkingsmateriaal. Ten eerste bekijkt men de uitputbaarheid en/of hernieuwbaarheid van de grondstoffen. Uitputbare grondstoffen zijn uiteraard te vermijden. Met oog op de circulaire economie is de recycleerbaarheid van het materiaal een zeer belangrijk keuzecriterium. De term recycleerbaarheid refereert enerzijds naar de materiaalspecificaties die al dan niet recyclage mogelijk maken. Zo is glas en metaal zeer goed te recycleren. Kunststoffen en karton zijn beperkt recycleerbaar door afbraak van de moleculen of vezels tijdens het recyclageproces. Anderzijds duidt de term recycleerbaarheid op het bestaan van een logistieke keten waarbij de verpakkingen daadwerkelijk ingezameld en gerecycleerd worden bijvoorbeeld via de PMD-inzameling. Voorwaarde nummer 1 voor een succesvolle recyclage bij alle materiaalstromen is de zuiverheid van het materiaal. Een heel belangrijke ecodesignrichtlijn is dan ook : ‘ontwerp de verpakkingen uit monomaterialen die niet of zo weinig mogelijk gemodificeerd zijn met additieven of oppervlaktebehandelingen’. Doppen en sleeves maakt men bij voorkeur uit hetzelfde materiaal als de verpakking. 16

ecoTips 18.2 - ecoknowledge

Groenten en fruit hebben een natuurlijke bescherming en toch gebruiken we extra verpakkingslagen. Deze aanpak is voordelig om de bewaartijd te verlengen. Door de logistiek te optimaliseren en de korte keten te promoten is deze folie overbodig.

Verpakkingen die omwille van de technische eisen opgebouwd zijn uit verschillende materialen moeten zo ontworpen zijn dat de verschillende materialen gemakkelijk van elkaar te scheiden zijn zodat ze elk in een aparte afvalstroom gerecycleerd kunnen worden. Zonder recyclagemodaliteiten is het integreren van deze ‘Design for recycling’richtlijnen uiteraard een maat voor niets. Aan de ontwerper om bij de materiaalkeuze rekening te houden met de bestaande inzamelsystemen én recyclagemogelijkheden. Het sluiten van de materiaalkringlopen via composteren is geen optie omdat in Vlaanderen composteerbare verpakkingen niet toegelaten zijn tot de GFT-inzameling. Gezien de hoopgevende evolutie naar de circulaire economie wordt volop geïnvesteerd in diverse pistes om kringlopen te sluiten en dit met optimalisaties over de hele keten, van materiaalkeuze tot recycleren of composteren. Aan de ontwerper om deze evoluties op te volgen en als moderator op te treden in de noodzakelijke ketensamenwerking. Door de diverse ontwerpkeuzes bepaalt de ontwerper voor ca. 80% de milieu-impact van een verpakking en hij kan hierbij sturend optreden naar de andere stakeholders in de keten. Verpakkingen hergebruiken De hiërarchie van de circulaire economie is eerst het product hergebruiken en pas in laatste instantie het materiaal recycleren. Bij het verpakkingsconcept bekijkt men dus of een logistieke keten voor hergebruik van de verpakking technisch en financieel haalbaar is. De parameters voor een efficiënt retoursysteem zijn : voldoende hoeveelheid verpakkingen in omloop, snellopend, beperkte perimeter, kosten en inspanningen om de verpakking te reinigen. Kiest men voor herbruikbare verpakking, dan wordt de verpakking zodanig ontworpen dat uitval per omloop geminimaliseerd wordt en er eventueel een secundaire verpakking voorzien is. De garantie dat de consument de lege verpakking terugbrengt moedigt men aan door (voldoende hoog) statiegeld.

Een tweede mogelijkheid van herbruikbare verpakkingen is de aanpak waarbij de verpakking bij de consument een tweede leven krijgt, zoals een mosterdpotje dat na consumptie van de mosterd een drinkglas wordt. Uiteraard dient de tweede functie zinvol te zijn. Het is geen optie om de consument op te zadelen met de zoveelste voorraaddoos. Besluit We hebben de basisprincipes voor een ecologisch verantwoorde verpakking geschetst gebaseerd op de ecodesign-richtlijnen en met focus op de circulaire economie. We toetsen deze richtlijnen af in functie van het verpakte product, de distributieketen en de andere eisen gesteld aan een verpakking (informatieoverdracht, kostprijs, wetgeving). Elke situatie is anders waardoor we kunnen stellen dat er geen ecologisch verpakkingsmateriaal bestaat maar wel ecologische verantwoorde verpakkingssystemen. Aan ieder van ons, hetzij als professional, hetzij als beleidsmaker, maar vooral als consument om meer bewust om te gaan met verpakkingen. Dit kan door enerzijds overbodige verpakkingen te vermijden en anderzijds door de verpakkingen en materialen in de kringloop te houden via de bestaande inzamelsystemen. De voorkeur gaat uit naar herbruikbare verpakkingen en vervolgens naar recycleerbare verpakkingen. Ieder van ons kan milieubewuster zijn/haar consumptiegedrag afstemmen op de werkelijke noden. Door ons aankoopgedrag kunnen we als consumenten de markt sturen naar een duurzame en circulaire economie. bewustverbruiken.be In september verschijnt de herwerkte versie van het boek ‘Ecodesign. Ontwerpen voor een duurzame en circulaire economie’. De auteur schenkt 3 boeken aan bedrijven die een verpakking op de markt brengen die een voorbeeld zijn van een circulaire duurzame verpakking. Stuur jouw beschrijving van je circulaire verpakking vóór 1 oktober 2018 naar info@ecotips.org!


Nieuwe Green Deal bedrijven en biodiversiteit nu open voor nieuwe aanmeldingen Aandacht voor de biodiversiteit kan bedrijven, organisaties en steden/gemeenten heel wat voordelen opleveren. Door deel te nemen aan de Green Deal Bedrijven en Biodiversiteit kan je verkennen hoe investeringen in biodiversiteit op korte en lange termijn goed zijn voor je werknemers, klanten, en het imago. Wat is een Green Deal? en Green Deal is een vrijwillige overeenkomst tussen (privé)partners en de Vlaamse overheid om samen een groen project te starten. Daarbij worden milieudoelen nagestreefd die hand in hand gaan met een verhoogde competitiviteit en een goede bedrijfsvoering. Een Green Deal is een inspanningsverbintenis, geen resultaatsverbintenis, tenzij de partijen dit anders willen.

E

Wat is de bedoeling? Met de Green Deal Bedrijven en Biodiversiteit willen we de biodiversiteit op bedrijventerreinen verhogen en het draagvlak ervoor versterken. Werken aan biodiversiteit wordt momenteel niet vaak als belangrijk beschouwd. Deze Green Deal probeert deze drempel weg te werken en de opportuniteiten in de verf te zetten. Meer specifiek zijn de doelstellingen van deze Green Deal: 1. De natuurwaarden op bedrijventerreinen verhogen via permanente en tijdelijke natuur. 2. Het draagvlak voor natuur op bedrijventerreinen structureel verhogen bij verschillende doelgroepen zoals lokale en bovenlokale overheden, bedrijven, ontwikkelaars/beheerders van bedrijventerreinen, sectororganisaties, hogescholen, groenaannemers, etc.

3. Verhogen van het welzijn voor werknemers en imago t.o.v. klanten en leveranciers. 4. Kennisopbouw over het thema via de opstart van een lerend netwerk. Waarom zou je deelnemen? Een bedrijf, organisatie of stad/gemeente kan zich via deze Green Deal promoten als toonaangevend bedrijf. De Green Deal biedt de partners de kans om te experimenteren en te leren in een groot netwerk en geeft toegang tot kennis, instrumenten en best practices. Verder zal het lerend netwerk interessante informatie verschaffen over de financiële winsten die elk bedrijf kan boeken als het zijn beheer minder intensief maakt. Ten slotte heeft de Green Deal ook impact op het welzijn van de werknemers. Wie is er betrokken? Het initiatief voor deze Green Deal Deal werd genomen door: het Departement Omgeving, het Agentschap Natuur en Bos, Natuurpunt en Corridor. Momenteel hebben al meer dan 50 bedrijven en organisaties toegezegd, waaronder IKEA Distribution, Aquafin, Colruyt Group, Philips Lighting, VITO, The Shift en de Regionale Landschappen. Wanneer zal de deal ondertekend worden? Deze Green Deal zal officieel gelanceerd en ondertekend worden op donderdag 20 september 2018 in aanwezigheid van o.a. minister van Leefmilieu Joke Schauvliege. De looptijd van de Green Deal is 3 jaar (september 2018-2021).

Wat wordt er van je verwacht? Je kan als bedrijf, organisatie of stad/gemeente instappen in de Green Deal als: Deelnemende partij: • Opmaak van natuurvriendelijk beheerplan en/of acties die de biodiversiteit verhogen bv. inrichting permanente of tijdelijke natuur, plaatsing nestkasten of geen gebruik van pesticiden • Doorlopen van het actieplan bedrijven en biodiversiteit • Aanwezig zijn op drie bijeenkomsten van het lerend netwerk Ondersteunende partij: • Engagement om concrete acties te ondernemen die ondersteunend zijn voor de deelnemende partijen en het lerend netwerk (bv. via onderzoek, communicatie, …) • Aanwezig zijn op twee bijeenkomsten van het lerend netwerk De concrete engagementen dienen per partij ten laatste op 1 september 2018 doorgegeven te zijn. Waar vind je meer informatie? Via de website www.greendeals.be Heb je vragen omtrent de acties die je kan ondernemen of heb je interesse om deel te nemen? Neem dan contact op met steven.vanonckelen@vlaanderen.be, Vlaams Departement Omgeving.

GREENDEALS.BE

GREEN DEAL BEDRIJVEN & BIODIVERSITEIT

ecoknowledge - ecoTips 18.2

17


Verduurzaming lokale landbouw en voeding Keuze voor geleidelijke verandering gerechtvaardigd? Tekst: Hilde De Wachter Op 8 maart organiseerde het platform ‘De voedingsketen verduurzaamt’ een inspiratie-event rond de verduurzaming van de voeding in België. Diezelfde dag brak het zoveelste schandaal in de voedingsketen uit. Dit keer was vleesbedrijf Veviba uit Bastogne de boosdoener. Net nu zowel landbouw als voedingsindustrie eindelijk beginnen te beseffen dat ze open en eerlijk moeten communiceren over hun positieve projecten, worden deze initiatieven in snelheid gepakt door de steeds weer opduikende schandalen.

D

e benadering van ‘De voedingsketen verduurzaamt’ door de initiatiefnemers ABS, Boerenbond, BFA, Comeos, Fevia, Ilvo, Vlaanderen, Rikolto en Unizo klinkt als volgt: de transformatie naar meer duurzaamheid moet geleidelijk verlopen, met oog voor de niches en gedragen

door de hele keten, rekening houdend met de ecologische, sociale en economische draagkracht. Deze aanpak komt in de huidige storm als te voorzichtig over. Maar goed, ecoTips ging toch luisteren welke duurzame initiatieven er de laatste jaren genomen zijn. Het platform is al sinds 2013 actief. Na een studieperiode gingen verschillende ‘action labs’ van start. Dat zijn praktijkgerichte experimenten die moeten voldoen aan vier criteria: ze moeten ketenoverspannend zijn, meerdere schakels verduurzamen, een concreet resultaat binnen de twee jaar tonen en impact hebben. In ruil daarvoor krijgen ze gedeeltelijke financiering. Belgisch biobrood “Hoewel er van oudsher gezegd wordt dat we in Vlaanderen geen biologische bakgranen kunnen telen omdat het hier te vochtig en te

koud is, wilden wij aantonen dat het toch kan. We wilden een bakgraan maken dat voldoende eiwit bevat en niet schimmelgevoelig is.” Aan het woord is Paul Verbeke van Bioforum. Samen met vier productiepartners, Bioplanet en Inagro, werkten zij in dit ‘action lab’. “Wij vinden dat biologische bakgranen hun plaats in de vruchtafwisseling hebben, naast maïs en grasklaver. Het is een rustgewas en het groeit dicht bij elkaar zodat onkruid weinig kans heeft. Bovendien is er vanuit de bioconsument vraag naar regionaal bakgraan. In Wallonië is er al langer een coöperatie actief: Agribio uit Havelange; dus waarom niet in Vlaanderen?” In het project werden verscheidene rassenproeven gedaan om de juiste variëteiten te kunnen selecteren. “Maar omdat 2017, ons eerste oogstjaar, een vrij droog jaar was, zagen we weinig verschil in het resultaat van de verschillende rassen. Gemiddeld haalden we

Foto: Maarten Du Bois

Fishlabs: De juiste mengeling van vissoorten voor de visburger vinden, was niet eenvoudig: niet te plakkering van textuur maar ook niet te los

18

ecoTips 18.2 - ecoknowledge


Soja van hier We worden met zijn allen aangespoord om minder vlees te eten. Eén van de producten die vaak als vleesvervanger gebruikt wordt, is soja. Maar soja wordt niet lokaal geteeld en is bovendien niet altijd GGO-vrij, wat de duurzaamheid niet ten goede komt. Europa is sterk afhankelijk van ingevoerde soja. Dat inspireerde Aveve, samen met Alpro, een aantal landbouwers en ILVO om te proberen lokaal GGO-vrije soja te telen. Toon Kerkhofs van Aveve zaden legt uit: “We wilden in 2017 50 hectare soja telen. In 2018 zullen we rond de 70 hectare zitten. ILVO gaf advies over de rassen die teelttechnisch haalbaar zijn in onze gebieden. Aveve verkocht de zaden aan de landbouwer en kocht de sojabonen terug waarna deze gedroogd werden tot een vochtpercentage tussen de 11,5% en de 13%. Alpro is de afnemer van de bonen en verwerkt ze in zijn producten.” Er werd in mei gezaaid en in september tot oktober geoogst. De opbrengst per hectare was zo’n 3 ton (omgerekend naar 13% vochtgehalte). “Dat moet hoger om

economisch rendabel te zijn voor de landbouwers,” geeft Kerkhofs toe. “En ook het eiwitgehalte was niet optimaal: we landden rond de 39% en dit moet voor Alpro minstens 42% zijn om te mogen leveren. We zullen dus nog moeten sleutelen aan de rassenkeuze. Ook de wetgever heeft nog werk te doen. Soja is een nieuwe teelt in België, wat betekent dat een aantal bestrijdings- en behandelingsmiddelen niet erkend zijn om te gebruiken op dit gewas. De erkenningen moeten dus aangepast worden wanneer deze teelt echt ingang vindt. Ondanks de werkpunten, geloven wij er alvast in.” Tot slot Er werden nog andere ‘action labs’ voorgesteld, zoals deze van FoodSavers rond de valorisatie van voedseloverschotten uit de retail, en een project dat antibioticagebruik reduceert in de varkenshouderij. Het is alleszins toe te juichen dat de nationale landbouw- en voedingsketen niet stilzit en naar duurzame oplossingen zoekt. Maar een grootschaliger aanpak en de moed om wat drastischer stappen te nemen, mét oog voor de economische leefbaarheid, zouden waarschijnlijk meer (duurzame) vruchten afwerpen.

Foto: Toon Kerkhofs

Foto: Maarten Du Bois

100% Belgische visburger Een ander interessant ‘action lab’ wil een 100% Belgische visburger op de markt brengen, op basis van vis die op de veiling geen minimumprijs krijgt en dus niet op de markt komt. Daarnaast worden er nogal wat bij ons onbekende vissoorten aan land gebracht als bijvangst. Als consument lusten we deze blijkbaar niet als afzonderlijke soort. Maar in bereide vorm zijn er mogelijkheden. Op die manier wordt het aandeel onverkochte vis op de veilingen sterk gereduceerd. Vroeger ging deze onverkochte vis naar de vismeelproductie of naar kattenvoer. Nu is er dus kans op een nieuwe afzetmarkt. “Er zijn nog wel een aantal klippen te omzeilen,” benadrukt Maarten Du Bois van Fishlabs. “De juiste textuur van de burger

vinden, is een hele uitdaging. De burger mag niet uit elkaar vallen maar hij mag ook niet te hard kleven. De arbeidskost is ook nog altijd zwaar, zelfs met de inschakeling van de sociale economie. En we zijn afhankelijk van het weer. Als het stormt, hebben we geen vis en dus ook geen visburger.” Het initiatief won wel al enkele awards en heeft toekomst. “We willen ons focussen op scholen, zorginstellingen, rust- en verzorgingstehuizen en de overheid,” eindigt Du Bois.

Foto: Toon Kerkhofs

6,1 ton per hectare met een eiwitgehalte van 11,2%, een mooi resultaat dus.” In het ‘action lab’ werd ook gekeken naar alternatieve afzet. “Niet elke partij voldoet aan de eisen voor bakgraan. Daarom keken we naar andere afzetmarkten. Die vonden we bij de producenten van biologisch veevoeder maar ook bij bedrijven die wafels, pannenkoeken en speculoos maken.” De deelnemers in het project waren alleszins positief. “Ondertussen hebben we al nieuwe partners mogen verwelkomen. Zo kregen we de vraag om biologische gerst te telen als brouwgerst voor een biologisch bier. En ook het areaal is gestegen: van 5 hectare bij de start, zitten we nu al aan 50 hectare. Maar we willen in de toekomst nog meer landbouwers motiveren.” Verder bracht het project aan het licht dat akkerbouwers doorgaans weinig zicht hebben op de prijsvorming van hun product op de markt. Een marktinformatiebulletin is dus nodig om hen hierin op te leiden. “Uiteraard besteden we veel aandacht aan de communicatie van ons product,” eindigt Paul Verbeke. “Via de Bioforum campagne rond biologisch brood, hebben we ons product in de kijker kunnen zetten. Maar ook communiceren in de keten is belangrijk.”

Fishlabs: Naast de gegeerde vissoorten komen er verschillende bijvangstsoorten binnen in de visveiling zoals steenbolk, rode poon en heek. Deze vinden hun afzet niet altijd en worden dan verwerkt als vismeel en in kattenvoeder. Met de 100% Belgische visburger is er nu ook een hoogwaardig maar nog kleinschalig alternatief.

We worden aangespoord om minder vlees te eten maar de vervangende soja komt van ver en is bovendien niet GGO-vrij. Dat bracht de deelnemers aan dit ‘action lab’ op het idee om ‘soja van hier’ te produceren.

ecoknowledge - ecoTips 18.2

19


ECOREPORTAGE

Economische en maatschappelijke meerwaarde door MVO Steeds meer bedrijven en organisaties doen inspanningen, al of niet onder druk van hun leveranciers, om hun maatschappelijke verantwoordelijkheid op te nemen KMO’s moeten vandaag meer dan ooit rekening houden met duurzaamheid en zorg voor mens en milieu. Heel wat multinationals leggen sociale voorwaarden en milieueisen op aan hun partners en leveranciers. Daarnaast beoordelen consumenten naast prijs, kwaliteit en dienstverlening steeds vaker het ethisch karakter van een bedrijf alvorens tot een aankoop over te gaan. En ook investeerders kijken niet meer alleen naar de financiële mogelijkheden van een bedrijf. Bedrijven hebben er dus alle belang bij om een duurzaamheidsbeleid te integreren in hun bedrijfsstrategie.

20

ecoTips 18.2 - ecoknowledge

MVO: wat is het? e Europese Commissie vat MVO samen als “de verantwoordelijkheid van bedrijven voor het effect dat ze op de samenleving hebben”.

D

Het doel is steeds om zoveel mogelijk gedeelde waarde te creëren voor zowel de eigenaren/ aandeelhouders als voor andere stakeholders en de samenleving als geheel. Daarnaast worden mogelijke negatieve effecten zoveel mogelijk opgespoord en geminimaliseerd. MVO is dus een proces van continue verbetering dat ondernemingen vrijwillig aangaan. De meerwaarde van MVO voor je bedrijf? MVO biedt marktkansen en concurrentievoordeel. Een positief imago, aandacht voor werkbaarheid en verbetering van de reputatie vergroten immers jouw aantrekkelijkheid als werkgever. Met de nakende krapte op de arbeidsmarkt is dat geen overbodige luxe.

Een doordacht stakeholderbeleid draagt ook bij tot een betere klantenbinding. Dit wordt steeds belangrijker in een digitale wereld waarin je alles kan kopen, waar en wanneer je maar wilt. Los van het concurrentiële voordeel gaat Maatschappelijk verantwoord

Pieter Timmermans, gedelegeerd bestuurder VBO: “De Sustainable Development Goals (SDG’s) zijn een formidabel instrument voor ondernemingen om nieuwe marktopportuniteiten te ontplooien.”


ondernemen (MVO) over de bijdrage die ondernemingen kunnen leveren aan een duurzame ontwikkeling. De Sustainable Development Goals (SDG’s) of Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen zijn een geheel van universele doelstellingen voor duurzame ontwikkeling, goedgekeurd door de 193 lidstaten van de Verenigde Naties, om de overgang naar een duurzamere samenleving verder te zetten. De SDG’s leggen de link tussen economische, sociale en ecologische uitdagingen. Uiteenlopende milieuthema’s, zoals water, klimaat, oceanen, bossen en biodiversiteit, krijgen een prominente plaats. En ook de sociale dimensie van duurzame ontwikkeling wordt versterkt, met onder meer expliciete aandacht voor ongelijkheid binnen en tussen landen. Met infrastructuur, industrialisatie en technologie komt ook de economische dimensie goed naar voren. Tenslotte proberen de ontwerpers van de SDG’s bij verscheidene thema’s, zoals energie, voedsel en landbouw, de drie dimensies van duurzame ontwikkeling simultaan tot uiting te laten komen. Pieter Timmermans, gedelegeerd bestuurder VBO, is fan van de SDG’s. “Ze zijn een formidabel instrument voor ondernemingen om nieuwe marktopportuniteiten te ontplooien.”

Naties) is een handig hulpmiddel voor bedrijven en overheidsinstellingen om de SDG’s te integreren in hun strategische aanpak en hun bijdrage aan de duurzame ontwikkelingsdoelstellingen te verbeteren.

ondernemen, maar slagen er niet in om zelf een MVO-beleid te integreren in hun dagelijkse werking. Het begint allemaal bij een goed inzicht in de impact van de bedrijfsactiviteiten op mens, milieu en maatschappij en hierover openlijk te communiceren naar de buitenwereld. Hiervoor kan www.mvoscan.be een handig instrument zijn. De MVO-scan wordt afgestemd op uw organisatie en biedt relevante vragen voor uw type werkzaamheden. Deze scan biedt u een overzicht van uw sterke en zwakke punten inzake duurzaamheid. U ontdekt de link met de Duurzame ontwikkelingsdoelen (SDG’s) en uw GRI-duurzaamheidsverslag. De volgende stap is om de negatieve effecten op te sporen, te voorkomen en te verminderen.

In verband met maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) kan je momenteel echt een groep van koplopers identificeren, terwijl het peloton voorlopig de kat uit de boom kijkt. MVO Vlaanderen tracht om via intermediaire partijen en kanalen dat peloton te sensibiliseren en in beweging te krijgen. Timmermans baseert zich op een studie van het Wereld Economisch Forum (WEF). De ‘Business and Sustainable Development Commission’ van het WEF becijferde de potentiële businessopportuniteiten van de SDG’s. Uit die studie blijkt dat ze 60 marktopportuniteiten openen voor een totale geschatte waarde van 12.000 miljard dollar. Ondernemingen die bijdragen aan de realisatie van de 17 duurzame ontwikkelingsdoelstellingen versterken niet alleen hun maatschappelijke verantwoordelijkheid, maar zouden in het algemeen beter presteren.

Sommige bedrijven gaan hierin nog een stuk verder en gaan vanuit hun expertise op zoek naar oplossingen voor maatschappelijke uitdagingen. Deze oplossingen kunnen op termijn economische waarde creëren en tegelijkertijd een positieve impact hebben op de maatschappij. Het SDG compass (een platform van de Verenigde

MVO Vlaanderen Je kan momenteel echt een groep van koplopers identificeren, terwijl het peloton voorlopig de kat uit de boom kijkt. Momenteel proberen we met MVO Vlaanderen om via intermediaire partijen en kanalen dat peloton te sensibiliseren en in beweging te krijgen. In samenwerking met die organisaties vertalen we het algemene MVO-concept naar hun specifieke doelgroep. Een echt aanbod op maat van bedrijven met vergelijkbare activiteiten bijvoorbeeld de garagesector, de modesector,… . Op onze website verzamelen we relevantie informatie per sector, goede praktijkvoorbeelden, verschillende instrumenten en tools ter inspiratie. Tevens hebben we een basisaanbod van opleidingen en informatie ontwikkeld waarmee quick wins kunnen worden behaald. We brengen met een mooi vormgegeven tijdschrift ook de inhoud van onze website in fysieke vorm tot bij de ondernemers. Hoe lager we de drempel maken en echt kunnen inspelen op de specifieke behoeften van de bedrijven, hoe sneller iedereen de weg naar MVO inslaat en hoe gunstiger de vooruitzichten voor Vlaanderen zijn. Want vergis je niet: duurzaam ondernemen is één van de belangrijkste troeven om in de toekomst business te doen en welvaart te creëren! MVO Vlaanderen Koning Albert-II laan 35 bus 20 - 1030 Brussel info@mvovlaanderen.be Tel. 09 336 78 92- Redactie & beheer Tel. 02 553 06 22 - Initiatiefnemer (Vlaamse overheid - Dep.Werk en Sociale Economie)

KENNISCENTRUM DUURZAAM ONDERNEMEN

Hoe start je als bedrijf met MVO? Heel wat bedrijven onderschrijven het belang van duurzaam ecoknowledge - ecoTips 18.2

21


EcoKnowledge Opleidingen BASISOPLEIDING

BODEM

MILIEU- EN DUURZAAMHEIDSMANAGEMENT 2018-2019 - Gent HoGent

BODEMWETGEVING: BASISOPLEIDING 5/06/18 - Diegem 22/11/18 - Berchem Kluwer

ENERGIEMANAGEMENT 2018-2019 - Kortrijk Howest

DE WIJZIGING VAN HET BODEMDECREET 12/06/18 - Edegem 11/10/18 - Hasselt 19/10/18 - Sint-Denijs-Westrem Confocus

BACHELOR IN HET MILIEU- EN PREVENTIEMANAGEMENT 2018-2019 - Brussel KU Leuven MASTER IN DE INDUSTRIËLE WETENSCHAPPEN: ENERGIE 2018-2019 - Leuven KU Leuven ENERGIETECHNOLOGIE 2018-2019 - Gent Odisee BACHELOR MILIEUNATUURWETENSCHAPPEN 2018-2019 - Gent Open Universiteit (UGent) MASTER ENVIRONMENTAL SCIENCES 2018-2019 - Gent Open Universiteit (UGent) ENERGIETECHNOLOGIE 2018-2019 - Geel Thomas More PRODUCTONTWIKKELING - ECODESIGN 2018-2019 - Antwerpen UAntwerpen MASTER IN DE MILIEUWETENSCHAP 2018-2019 - Antwerpen UAntwerpen TECHNOLOGY FOR INTEGRATED WATER MANAGEMENT 2018-2019 - Antwerpen - Gent UAntwerpen, UGent ENERGIETECHNOLOGIE 2018-2019 - Diepenbeek UCLL 22

ecoTips 18.2 - ecoknowledge

ZOMERCURSUS 2018 - MODULE 7 BODEM & SLOOPBEHEER (VM) 30/08/18 - Sint-Niklaas Bova Enviro+

BOUW CIRCULAIR BOUWEN 28/06/18 - Antwerpen Kamp C ZOMERCURSUS 2018 - MODULE 1 ALGEMENE WETTELIJKE CONTEXT & VLAAMSE CODEX RUIMTELIJKE ORDENING (VM) 21/08/18 - Sint-Niklaas Bova Enviro+

UPDATE BOUW- EN SLOOPAFVAL 1/10/18 - Kortrijk 12/11/18 - Sint-Niklaas SBM MASTERCLASS CIRCULAIRE ECONOMIE 4/10/18 tot 25/10/18 - Gent CSR Campus INZICHT IN DE CIRCULAIRE ECONOMIE 4/10/18 - Gent CSR Campus CIRCULAIRE ECONOMIE EN DE OVERHEID 11/10/18 - Gent CSR Campus CIRCULAIRE ECONOMIE TOEGEPAST: RECYCLAGE & LOGISTIEK 18/10/18 - Gent CSR Campus CIRCULAIRE ECONOMIE TOEGEPAST: CIRCULAIR AANKOPEN EN CIRCULAIR BOUWEN 25/10/18 - Gent CSR Campus

CLEANTECH ZOMERCURSUS 2018 - MODULE 4 RUIMTELIJKE PLANNING & MOBILITEIT (NM) 23/08/18 - Sint-Niklaas Bova Enviro+ RUIMTELIJKE ORDENING VOOR NIET-SPECIALISTEN (INCLUSIEF ACTUA CODEXTREIN EN OMGEVINGSVERGUNNING) 8/11/18 - Elewijt Kluwer LUCHTDICHT BOUWEN EN BOUWKNOPEN 27/11/18 - Zwijnaarde SBM

CIRCULAIRE ECONOMIE AFVAL EN CIRCULAIRE ECONOMIE 19/09/18 - Berchem Agoria

POSTGRADUCAAT CLEANTECH MANAGEMENT Op aanvraag - Hasselt UHasselt CLEANTECHAMBASSADEUR Op aanvraag Syntra CLEANTECHCONSULTANT Op aanvraag Syntra

ENERGIE ENERGIEBOEKHOUDING Op aanvraag Ibeve OPMAAK VAN EEN ENERGIEAUDIT Op aanvraag Ibeve


ENERGIEBEHEER VOOR LEIDINGGEVENDEN Op aanvraag Ibeve INTERNE ENERGIEDESKUNDIGE PUBLIEKE GEBOUWEN Op aanvraag Ibeve ISO 50001: ENERGIEMANAGEMENTSYSTEMEN 8/06/18 - Vilvoorde Allanta ENERGIEMANAGEMENT: ISO50001 IN THEORIE EN PRAKTIJK 25/09/18 - Elewijt Kluwer ENERGIEMANAGEMENT CONFORM ISO 50001 16/10/18 -Oost-Vlaanderen Amelior

GELUID OPLEIDING MILIEU- EN MER DESKUNDIGEN GELUID EN TRILLINGEN 15/06/18 - Gentbrugge VMx OMGEVINGSLAWAAI EN MILIEUZORG 13/11/18 - Zwijnaarde SBM

GEUR ZOMERCURSUS 2018 - MODULE 6 LUCHT & GEUR (NM) 28/08/18 - Sint-Niklaas Bova Enviro+ BEHEERSEN VAN GEURHINDER 17/10/18 - Zwijnaarde SBM

CLP VOOR GEVORDERDEN: INDELING VAN MENGSELS 18/09/18 - Antwerpen Amelior OPSLAG GEVAARLIJKE PRODUCTEN VOLGENS VLAREM 9/10/18 - Berchem Kluwer WEGWIJS IN- EN OPSLAG VAN GEVAARLIJKE STOFFEN 11/10/18 - Zwijnaarde SBM GEVAARLIJKE STOFFEN EN SEVESO III 17/10/18 Gent Agoria ASBEST - EENVOUDIGE HANDELINGEN 8/11/18 - Kortrijk 4/12/18 - Zwijnaarde SBM

GEVAARLIJKE STOFFEN JURIDISCH

MILIEUACTUALITEITEN: ENERGIE IN DE PRAKTIJK 14/11/18 - Hasselt Voka THERMOGRAFIE: HOE GEBRUIK IK EEN WARMTECAMERA? 20/11/18 - Zwijnaarde SBM DE 3 PIJLERS VAN ENERGIEBEHEER: METEN-LOGGEN-ANALYSE 20/11/18 - Zwijnaarde SBM ENERGIEBESPARINGEN IN PRODUCTIE 22/11/18 - Zwijnaarde SBM ENERGIEBESPARINGSTECHNIEKEN INITIATIE 26/11/18 - Zwijnaarde SBM ENERGIEZUINIG ONDERNEMEN 28/11/18 - Zwijnaarde SBM POSTGRADUAAT ENERGY EFFICIENCY SERVICES najaar 2018 - Hasselt PXL

CLP TOOLBOX Op aanvraag Ibeve KENNEN EN HERKENNEN VAN ASBEST Op aanvraag Ibeve BASISOPLEIDING CLP: CLASSIFICATION, LABELLING AND PACKAGING 18/09/18 - Antwerpen Amelior

NIEUWIGHEDEN VAN DE CODEX-TREIN 7/06/18 - Hasselt 4/10/18 - Edegem Confocus EHS DUE DILIGENCE: VERSCHILLENDE FASES EN VERZEKERINGSOPLOSSINGEN BIJ SPECIFIEKE AANSPRAKELIJKHEIDSRISICO’S 7/06/18 - Hasselt 13/11/18 - Edegem Confocus

Confocus, uw partner voor permanente vorming Met veertien jaar ervaring in het organiseren van opleidingen heeft Confocus met de jaren haar strepen verdiend op het vlak van erkende milieuopleidingen. Als onafhankelijke opleidingsverstrekker zijn wij uw uitgelezen partner voor permanente vorming. Onze opleidingscoördinatoren houden constant de vinger aan de pols om zo het meest actuele opleidingsaanbod aan te bieden. Samen met de Confocusexperten spelen wij kort op de bal, met speciale aandacht voor de praktische kant van het verhaal. Een persoonlijke aanpak staat centraal. Ons team staat altijd voor u klaar. Stel zelf uw opleidingsprogramma samen. Schrijf u in voor meerdere sessies tegelijk en profiteer van een mooie hoeveelheidskorting. Via de KMO-portefeuille geniet u van 30% of 40% subsidie. Daarnaast is Confocus een door ALIMENTO gecertificeerde opleidingsverstrekker waardoor werknemers uit het PC220 en PC118 aanspraak maken op een financiële tussenkomst van het sectorfonds. Meer info vindt u op www.confocus.be. ecoknowledge - ecoTips 18.2

23


NIEUWIGHEDEN VOOR DE MILIEUCOÖRDINATOR 15/06/18 - Sint-Denijs-Westrem 13/09/18 - Hasselt Confocus DE OMGEVINGSVERGUNNING 20/06/18 - Leuven Kluwer VLAREMTREIN 2017 21/06/18 - Nazareth Bova Enviro+ HET OMGEVINGSLOKET, PRAKTISCHE UITEENZETTING DOOR TWEE ERVARINGSDESKUNDIGEN 26/06/18 - Hasselt Confocus DE OMGEVINGSVERGUNNING: LAATSTE STAND VAN ZAKEN 28/06/18 - Hasselt Allanta

DE AANVRAAG VAN DE VERKAVELINGS VIA HET OMGEVINGSLOKET 21/09/18 - Gent 28/09/18 - Hasselt 23/11/18 - Antwerpen Kamp C

MANAGEMENT

UPDATE MILIEU I: UPDATE VAN DE MEEST RECENTE WIJZIGINGEN 18/10/18 - Nazareth Bova Enviro+

ISO 14001:2015 6/06/18 - Gent Allanta

DE NIEUWE VLAREM-TREIN 16/11/18 - Sint-Denijs-Westrem 4/12/18 - Antwerpen 18/12/18 - Hasselt Confocus UPDATE MILIEU II: UPDATE VAN DE MEEST RECENTE WIJZIGINGEN 22/11/18 - Nazareth Bova Enviro+

ALLE RECENTEN WIJZIGINGEN AAN HET VLAREM, VLAREMA, VLAREBO EN VLAREL 28/06/18 - Hasselt Allanta

UPDATE MILIEU III: UPDATE VAN DE MEEST RECENTE WIJZIGINGEN 20/12/18 - Nazareth Bova Enviro+

ZOMERCURSUS 2018 - MODULE 2 SOCIO-ECONOMISCHE VERGUNNING & VEGETATIEWIJZIGINGSBESLUIT (NM) 21/08/18 - Sint-Niklaas Bova Enviro+

LUCHT LUCHTVERONTREINIGING EN DIOXINES 4/10/18 - Edegem 8/11/18 - Hasselt Confocus

MILIEUMISDRIJVEN 21/09/18 - Sint-Denijs-Westrem 18/12/18 - Hasselt Confocus

UHasselt en SEE hebben een traditie opgebouwd met betrekking tot de opleiding milieucoördinator niveau A. Op vrijdag 28 september 2018 gaat immers de 12de editie van dit postgraduaat van start. De opleiding duurt 1,5 jaar en is gecertificeerd door het Departement Omgeving. Ze bereidt je voor op een job als milieucoördinator A. Maar ze doet veel meer dan enkel dat! De opleiding focust niet alleen op wat je moet kennen maar zoomt ook in op trends en hun impact op bestaande en nieuwe processen. Denk aan onderwerpen zoals cleantech, circulaire economie, transitiedenken, energieefficiëntie, cradle to cradle, de SDG’s, het multi level perspective en nog zo veel meer. Een echte onderdompeling in alles wat van ver en van dichtbij met duurzaamheid te maken heeft dus. Zo ben je na de opleiding klaar om aan de slag als milieucoördinator A en je visie op duurzaam ondernemen in praktijk te brengen. Alle info via uhasselt.be/MilieucoordinatorA 24

ecoTips 18.2 - ecoknowledge

DE VLAREM "OMGEVINGSTREIN" 5/06/18 - Zwijnaarde 3/12/18 - Zwijnaarde SBM

MER-STUDIEDAG 7/06/18 - Gentbrugge VMX ISO 14001 - TRANSITIETRAINING NAAR DE NIEUWE MILIEUNORM VERSIE 2015 12/06/18 - Brussel 13/09/18 - Antwerpen 18/12/18 - Gent NBN Academy ISO 14001:2015 INTERNE AUDITOR 13/06/18 - Gent Allanta TRACIMAT DESKUNDIGE 13/06/18 - Antwerpen 18/09/18 - Zwijnaarde Tracimat MILIEUADMINISTRATIE: DE BELANGRIJKSTE JAARLIJKSE AANGIFTES 20/06/18 - Leuven Kluwer BIJSCHOLING VOOR MILIEUCOÖRDINATOREN EN ENERGIEMANAGERS 21/06/18 - Lokeren Amelior VLARIP 21/06/18 - Brussel 20/09/18 - Brussel 18/10/18 - Brussel 15/11/18 - Brussel 13/12/18 - Brussel Essenscia MILIEUACTUALITEITEN: MILIEU IN, OP & ROND EEN BEDRIJF 27/06/18 - Hasselt Voka


JAARLIJKSE STUDIEDAG : PRODUCTBELEID 27/06/18 - Brussel Essenscia ZOMERCURSUS 2018 - MODULE 3 OMGEVING & HANDHAVING (VM) 23/08/18 - Sint-Niklaas Bova Enviro+ GRATIS WORKSHOP VOOR ADVISEURS 6/09/18 - GentBrugge VMx WORKSHOP CO2-REDUCTIE EN DE SDG'S 6/09/18 - Gent CSR Campus

Zet ook jouw opleidingen in de kijker in ecoTips magazine en online. Contacteer Bie Van Cleuvenbergen: +32 (0) 16 63 20 65 +32 (0)475 49 48 24 bie@b-net.be

GRATIS PROEFLEZING PSYCHOLOGIE VOOR DUURZAAMHEID 7/09/18 - Gent CSR Campus

POSTGRADUAAT MILIEUCOÖRDINATOR NIVEAU A 28/09/18 - Hasselt UHasselt

MVO MASTERCLASS: DUURZAAM ONDERNEMEN MET ISO 26000 9/10/18 - Gent NBN Academy

DE ISO 14001 NORM 11/09/18 - Vilvoorde Kluwer

MILIEUCOÖRDINATOR NIVEAU B 1/10/18 - Kortrijk SBM

MASTERCLASS MAATSCHAPPELIJK VERANTWOORD ONDERNEMEN 9/10/18 tot 4/12/18 - Gent CSR Campus

MILIEUACTUALITEITEN: OMGEVINGSVERGUNNING BEKEKEN VANUIT HET OOGPUNT VAN DE MILIEUCOÖRDINATOR: PRAKTISCHE INVULLING EN STAND VAN ZAKEN 12/09/18 - Hasselt Voka

LEZINGENREEKS PSYCHOLOGIE VOOR DUURZAAMHEID 5/10/18 tot 7/12/18 - Gent CSR Campus

CLUB MILIEUCOÖRDINATOREN 19/09/18 - Sint-Michiels 19/09/18 - Kortrijk SBM MILIEUADMINISTRATIE: BASISOPLEIDING 20/09/18 - Leuven Kluwer 10 X MEER IMPACT MET DUURZAAM AANKOPEN 20/09/18 - Gent 5/02/19 - Gent CSR Campus MASTERCLASS MILIEUCOÖRDINATIE 21/09/18 - Leuven Prevent DE OMGEVINGSVERGUNNING TREEDT IN WERKING 24/09/18 - Zwijnaarde SBM

DE MILIEUWETGEVING IN WALLONIË 8/10/18 Zwijnaarde 10/12/18 Kortrijk SBM DE MILIEUWETGEVING IN BRUSSEL 9/10/18 Zwijnaarde 29/11/18 Kortrijk SBM

BASISCURSUS OMGEVINGSRECHT: ALGEMEEN OVERZICHT MILIEURECHT 4/10/18 - Westerlo 29/11/18 - Gent Escala MILIEUACTUALITEITEN: AFVALSTROMEN 17/10/18 - Hasselt Voka STUDIEDAG UPDATE OMGEVINGSWETGEVING 18/10/18 - Affligem VMx

INLEIDING MAATSCHAPPELIJK VERANTWOORD ONDERNEMEN (MVO) 9/10/18 - Gent CSR Campus

ISO 44001 – DUURZAME STRATEGISCH SAMENWERKINGSVERBANDEN 19/10/18 - Antwerpen NBN Academy

INTERNE MILIEUAUDITOR 9/10/18 - Zwijnaarde SBM

ISO 14001:2015 LEAD AUDITOR TRAINING 22/10/18 - Leuven Allanta

ISO 26000 - MAATSCHAPPELIJK VERANTWOORD ONDERNEMEN 9/10/18 - Gent NBN Academy

BIZZCLUB ETHISCH BELEGGEN 22/10/18 - Leuven ecoTips

ecoknowledge - ecoTips 18.2

25


ISO 50501 - MASTERCLASS INNOVATIEMANAGEMENT 22/10/18 -Brussel NBN Academy

DAGOPLEIDING MILIEU VOOR NIET MILIEUCOÖRDINATOREN 13/11/18 - Affligem VMx

START MET DUURZAAM AANKOPEN 23/10/18 - Gent CSR Campus

MILIEU VOOR NIET-SPECIALISTEN 14/11/18 - Sint-Niklaas SBM

MASTERCLASS DUURZAAM AANKOPEN 23/10/18 tot 5/02/19 - Gent CSR Campus

ORGANISEREN VAN DE BEDRIJFSINTERNE MILIEUZORG VOLGENS ISO 14001 15/11/18 - Zwijnaarde SBM

AANDACHTSPUNTEN BIJ DE AANVRAAG VAN EEN OMGEVINGSVERGUNNING 24/10/18 - Zwijnaarde SBM STRATEGISCH AAN DE SLAG MET MVO 6/11/18 - Gent CSR Campus BASISOPLEIDING TOT MILIEUZORGCOÖRDINATOR 6/11/18 - Gent SBM ISO 20400 – NIEUWE NORM VOOR DUURZAAM INKOPEN TOEGELICHT 6/11/18 - Antwerpen NBN Academy ISO 20400 - MASTERCLASS DUURZAAM AANKOPEN 6/11/18 - Brussel NBN Academy 

SUCCESVOLLE STRATEGIEËN VOOR DUURZAAM AANKOPEN 20/11/18 - Gent CSR Campus REACH IN EEN NOTENDOP 21/11/18 - Berchem Agoria EVENT VOOR MILIEU-ADVISEURS 22/11/18 - Gent VMx INTERNE ENERGIE AUDITOR CONFORM ISO 50001 27/11/18 - Antwerpen Amelior ISO 45001 DE NIEUWE WELZIJNSNORM 28/11/18 - Kortrijk SBM

METEN EN REGISTREREN VAN MILIEUPRESTATIES 12/11/18 - Zwijnaarde SBM

EEN EFFECTIEVE AANPAK VOOR STAKEHOLDERSBETROKKENHEID 4/12/18 - Gent CSR Campus

MILIEUASPECTEN VOOR DE FACILITY MANAGER 13/11/18 - Zwijnaarde SBM

VMX STUDIEDAG DE OMGEVINGSVERGUNNING: EVALUATIE NA ÉÉN JAAR 13/12/18 - Leuven VMx

26

ecoTips 18.2 - ecoknowledge

TOOLBOX DUURZAAM AANKOPEN 18/12/18 - Gent CSR Campus RECENTE WIJZIGINGEN IN DE MILIEUWETGEVING 20/12/18 - Zwijnaarde SBM MILIEUCOÖRDINATOR NIVEAU A, VIA OVERGANGSNIVEAU 17/01/19 - Leuven Prevent MILIEUCOÖRDINATOR NIVEAU B 17/01/19 - Leuven Prevent MILIEUCOÖRDINATOR NIVEAU A 17/01/19 - Leuven Prevent STARTEN MET ISO 14001 OF EMAS Op aanvraag Ibeve MILIEUADVISEUR Zelf te bepalen - Antwerpen CVA

NATUUR INFOSESSIE BIODIVERSITEIT OP BEDRIJFSTERREINEN - BRUSSEL 12/06/18 - Brussel VMx INFOSESSIE NATUURBEHEER IN DE PRAKTIJK, TOEGEPAST BIJ DEFENSIE 9/10/18 - Leopoldsburg VMx STORMSCHADE 22/10/18 - Lummen Centrum Duurzaam Groen


PREVENTIE PREVENTIEADVISEUR NIVEAU 3 17/09/18 - Sint-Michiels 13/11/18 - Kortrijk SBM PREVENTIEADVISEUR NIVEAU 2 19/09/18 - Sint-Michiels 20/09/18 - Kortrijk 9/10/18 - Kortrijk SBM PREVENTIEADVISEUR NIVEAU 3 ISM PROVIKMO 15/10/18 - Zwijnaarde 22/11/18 - Roeselare SBM

ZOMERCURSUS 2018 - MODULE 5 ENERGIE & WATER (VM) 28/08/18 - Sint-Niklaas Bova Enviro+ BIOLOGISCHE AFVALWATERZUIVERING 4/09/18 - Gent 25/10/18 - Gent 20/11/18 - Gent EPAS OPTIMAAL OPERATIONEEL BEHEER VAN EEN WATERZUIVERINGSINSTALLATIE: TIPS & TRICKS 25/09/18 - Gent EPAS

WATER

MICROSCOPISCHE KARAKTERISERING 27/09/18 - Gent EPAS

FYSICO-CHEMISCHE AFVALWATERZUIVERING 5/06/18 - Gent 13/09/18 - Gent 16/10/18 - Gent EPAS

BASISOPLEIDING PROCESWATER: BEHEER VAN PROCESWATER INSTALLATIES 4/10/18 - Gent EPAS

DE WATERTOETS 12/06/18 - Hasselt 19/11/18 - Brugge 10/12/18 - Westerlo Escala

DE KOSTPRIJS VAN (AFVAL)WATER IN AL ZIJN FACETTEN 25/10/18 - Kortrijk SBM

WATERHUISHOUDING IN DE INDUSTRIE: BEHEERSING EN OPTIMALISATIE 15/06/18 - Sint-Denijs-Westrem 13/09/18 - Hasselt 13/11/18 - Edegem Confocus ANAEROBE AFVALWATERZUIVERING 19/06/18 - Gent EPAS

AQUARAMA: TNAV-VMX WORKSHOP LEUVEN 25/10/18 - Leuven VMx OPFRISSINGSCURSUS: AFVALWATERZUIVERING IN DE PRAKTIJK 8/11/18 - Gent EPAS

AFVALWATERHERGEBRUIK EN HAALBAARHEID TOT NULLOZING IN DE PRAKTIJK 13/11/18 - Gent EPAS KEUZESTRESS IN DE WATERTECHNOLOGIE: BEN IK NOG MEE? 4/12/18 - Zwijnaarde SBM

Staat toekomstgericht en duurzaam ondernemen hoog op de agenda van je organisatie? Ja? Maar hoe zet je dit om in de praktijk als zaakvoerder, aankoper, HR-manager, facility manager, … CSR CAMPUS helpt je met concrete inzichten, tools en best practices om duurzaamheid succesvol toe te passen in jouw professionele realiteit. Schrijf je nu in voor een opleiding of ontdek CSR Campus op de CSR Campus Days op 27 november 2018. CSR Campus Merelbekestationplein 10, 9050 Gent www.csrcampus.org www.facebook.com/csrcampus Het volledige opleidingsaanbod van CSR Campus komt in aanmerking voor de permanente vorming van de milieucoördinator. Met de KMOportefeuille kan je tevens 40% korting bekomen op alle opleidingen. Meer info vindt u op www.csrcampus.org.

Platform for training on CSR & Sustainability

CSR CAMPUS DAYS

Voor een blik op onze opleidingen surf naar www.csrcampus.org

27 november 2018

Save the date Gent Met o.a. keynote van Kate Raworth (Doughnut Economics)


EcoKnowledge Opleidingen Voor meer info: AGORIA BluePoint Brussels Bd A. Reyers 80 1030 Brussel Tel. +32 (0)2 706 78 00 jo.boullart@agoria.be

AMELIOR Beneluxpark 1 8500 Kortrijk +32 (0)56 23 20 60 info@amelior.be

ALLANTA Hendrik van Veldekesingel 150 bus 58 3500 Hasselt Tel. +32 (0)11 87 09 44 info@allanta.be

BOVA ENVIRO + Wellingstraat 102 9070 Destelbergen Tel. +32 (0)9 210 28 60 info@bovaenviroplus.be

CONFOCUS Sint-Truidersteenweg 576A 3500 Hasselt Tel. +32 (0)11 75 41 02 info@confocus.be www.confocus.be

CSR CAMPUS Merelbekestationplein 10 9050 Gent anne@csrcampus.org www.csrcampus.org

28

ecoTips 18.2 - ecoknowledge

EPAS Eco Process Assistance Dok Noord 4C bus 003 9000 Gent Tel. +32 (0)9 381 51 30 admin@epas.be

TRACIMAT VZW Lombardstraat 34-42 1000 Brussel Tel. +32 (0)2 545 58 60 info@tracimat.be

ESCALA Spoorwegstraat 14 8200 Brugge Tel. +32 (0)51 26 87 65 info@escala.be

ESSENSCIA Auguste Reyerslaan 80 1030 Brussel Tel. +32 (0)2 238 97 11 info@essenscia.be

UHASSELT - SEE Agoralaan gebouw D 3590 Diepenbeek Tel. +32 (0)11 26 81 11 info@uhasselt.be www.uhasselt.be

IBEVE Interleuvenlaan 58 3001 Heverlee Tel. +32 (0)16 39 04 90 info@ibeve.be

VMX Kerkstraat 108 9050 Gentbrugge Tel. +32 (0)9 324 40 44 info@vmx.be

KLUWER Motstraat 30 2800 Mechelen Tel. +32 (0)15 45 34 30 info@kluweropleidingen.be

VOKA Koningsstraat 154-158, 1000 Brussel Tel. +32 (0)2 229 81 11 info@voka.be

NBN ACADEMY Jozef II-straat 40 bus 6, 1000 Brussel Tel. +32 (0)2 738 01 11 info@nbn.be

PREVENT Kolonel Begaultlaan 1A/51 3012 Leuven Tel. +32 (0)16 91 09 10 prevent@prevent.be

SBM Spoorwegstraat 14 8200 Brugge Tel. +32 (0)78 35 36 38 info@sbmopleidingen.be


R E t e m o r a b e i g r e En update april 2018

De elektriciteitsprijzen op de lange termijnmarkt zijn gestegen sinds begin maart met meer dan 10% tot 43 euro/MWh voor cal19:

De daling van de gasprijzen was van korte duur. We zijn terug op het hoogste niveau sinds begin 2017:

source: ICE Data

source: ICE Data

D

eze forse stijging is het gevolg van verschillende factoren: sterke kortetermijnprijzen (waarden boven 100 euro/MWh begin maart), de CO2-certificaten die nog steeds in een stijgende trend zitten, de sterke prijsstijgingen in de omliggende landen en de hoge prijzen op de gas-, kolen- en oliemarkten. De hoge korte-termijn (day-ahead) prijzen werden voornamelijk veroorzaakt door de hoge vraag tijdens het koufront in maart. Eenmaal dit front voorbij was - wat bovendien samenviel met een recordproductie aan renewables in Europa die massaal op de markt kwamen - zagen we een dalend effect op de day-ahead prijzen. Dit hield de lange-termijnstijging echter niet tegen. De korte dip de we gezien hebben in Q1 2018 is weer helemaal tenietgegaan en we staan vandaag op het hoogste niveau van alle omringende landen sinds begin 2017.

De opwaartse trend werd initieel ingezet door de hoge day-aheadprijzen op TTF. Deze prijzen gingen tot 300 à 400% hoger dan normale waarden tijden de koude dagen in maart. Een andere reden van de hoge prijzen zijn zowel lage voorraden in de LNG terminals (minder schepen komen naar Europa) als de lage gasvoorraden in de meeste West-Europese landen. Daarnaast – vooral door de sluiting van de vele kolencentrales in Europa – wordt er stelselmatig meer gas gestookt worden om te voldoen aan de huidige elektriciteits vraag. Olieprijzen zijn op 1 jaar tijd met 50% gestegen:

source: ICE Data

source: ICE Data

De belangrijkste oorzaak van de huidige stijging van de elektriciteitsprijzen, is het bullish karakter van de CO2-prijzen. Sinds 1 maart zijn deze met ongeveer 35% gestegen van 10 euro tot 13,5 euro per MWh.

bron: ICE Data

De rubriek energiebarometer wordt verzorgd door Condugo, Xavier De Moor, xavier.demoor@condugo.com

De grootste reden van deze stijgende prijzen het laatste jaar, is van geopolitieke aard. De spanningen in het Midden-Oosten blijven duren, de precaire situatie rond het Iraanse nucleaire akkoord en de banden van dat land met de OPEC-landen (vooral de relatie Saoudi-Arabië-Iran is cruciaal). Daarnaast veroorzaakt een mogelijke handelsoorlog tussen China en de VS een stijging van de volatiliteit op de oliemarkten. Tot slot zijn er natuurlijk ook de – nog steeds - positieve groeicijfers in meeste landen en de lage werkloosheidscijfers wereldwijd. Weetjes: enkele termen vanuit de tradingwereld: • Bullish: een lange periode van stijgende energie prijzen • Bearish: een lange periode van dalende energieprijzen • Volatility: hoe meer de prijzen (op en neer) bewegen in een markt, hoe meer volatiel een markt is • Hedging: Om je risico (en vaak je verbruiksprofiel) op voorhand in te dekken, ga je reeds energie inkopen. Deze inkoop wordt vaak geassocieerd met hedging. • EUA: European Union Allowance: refereert naar de ‘carbon credits’ verhandeld in het EU Emissions Trading Scheme (ETS). • Prompt: Elektriciteit met levering binnen de huidige kalendermaand. Dit bevat meestal day-ahead en week-ahead contracten. • Locational marginal pricing: dit is één van de belangrijkste concepten in elektriciteitsmarkten. ‘Locational’ refereert naar de prijs op een bepaald moment op een bepaalde plaats. ‘Marginal’ houdt in dat prijs is vastgelegd door de kost van het afleveren van 1 extra MW (megawatt). Dus LMP heeft 3 belangrijke componenten: Energiekost, de congestie en de verliezen. ecoknowledge - ecoTips 18.2

29


Interview met

prof. Jean-Pascal van Ypersele SDG’s en bedrijven: mogelijkheden genoeg, maar versnelling en cultuuromslag gewenst Tekst: Peter Thoelen Professor Jean-Pascal van Ypersele is een befaamde klimatoloog, verbonden aan de Université catholique de Louvain (UCL), waar hij hoogleraar is aan het Earth & Life Institute (ELI). Hij zetelde jarenlang in het VN-klimaatpanel IPCC (Intergovernmental Panel on Climate Change), waarvan hij tussen 2008 en 2015 vicevoorzitter was. Sinds januari van vorig jaar maakt hij deel uit van een comité van 15 toonaangevende experts dat voor de Verenigde Naties (VN) een vierjaarlijks rapport zal opstellen over de vooruitgang van de duurzame ontwikkelingsdoelen (SDG’s of Sustainable Development Goals). Het eerste rapport is gepland voor 2019.

V

an Ypersele bracht in 2017 ook een boek uit bij uitgeverij EPO ‘In het oog van de klimaatstorm’. De recensie daarvan lees je verderop in deze ecoTips.

Vanwaar komen die SDG’s en wat is hun doel? De SDG’s zijn eigenlijk de voortzetting van de MDG’s (Millenniumdoelstellingen of Millennium Development Goals), die door de VN opgesteld werden in 2000 en die de armoede uit de wereld wilden helpen. Het was snel duidelijk dat ‘de armoede uit de wereld helpen’ echter niet altijd bijdraagt tot ‘duurzame ontwikkeling’: de MDG’s waren vooral van belang voor landen in ontwikkeling en veranderden niet fundamenteel onze manier van produceren en consumeren. De goede zorg voor de aarde en het rationeel beheer van de natuurlijke grondstoffen kwamen wel aan bod in de VN-conferenties over milieu en (duurzame) ontwikkeling in 1992 (Rio De Janeiro), 2002 (Johannesburg) en 2012 (Rio). De SDG’s uit 2016 hebben dan ook een hele reeks doelstellingen toegevoegd aan de MDG’s. Het werd stelselmatig duidelijk dat we alle problemen waar de mensheid tegenwoordig voor staat, niet apart kunnen oplossen, omdat ze met elkaar 30

ecoTips 18.2 - ecoknowledge

Prof. Jean-Pascal van Ypersele: “Wie de SDG’s verder leest tot aan de subdoelstellingen en de intussen ontwikkelde indicatoren, moet zeker concrete handvatten kunnen vinden, om mee aan de slag te gaan in zijn bedrijf”

Sommige SDG’s, zoals armoedebestrijding, lijken inderdaad nogal ver van het bed van een doorsnee Belgisch bedrijf. Maar een boemerang vliegt ook ver, vooraleer hij terugkeert …

samenhangen (denk aan het verband tussen oorlog, armoede, gebrek aan onderwijs en vluchtelingen…). Elke aparte crisis is meestal een symptoom van een dieperliggende

oorzaak. Soms is het gemakkelijker om alle problemen samen en geïntegreerd aan te pakken. De SDG’s raken nu eenmaal aan bijna alle menselijke activiteiten wereldwijd. Wat betekenen de SDG’s voor het beheer van een bedrijf? Zijn die doelstellingen concreet genoeg om ermee aan de slag te gaan? Wie verder leest tot aan de subdoelstellingen en de intussen ontwikkelde indicatoren, moet zeker concrete handvatten kunnen vinden, om mee aan de slag te kunnen. Enkele voorbeelden: Tegen 2030 in aanzienlijke mate het aantal sterfgevallen en ziekten verminderen als gevolg van gevaarlijke chemicaliën en de vervuiling en besmetting van lucht, water en bodem (SDG 3.9); Verzekeren van de volledige en doeltreffende deelname van vrouwen en voor gelijke kansen


inzake leiderschap op alle niveaus van de besluitvorming in het politieke, economische en openbare leven (SDG 5.5); Tegen 2030 in aanzienlijke mate het aandeel hernieuwbare energie in de globale energiemix verhogen en de globale snelheid van de verbetering in energie-efficiëntie verdubbelen (SDG 7.2 & 7.3); Op duurzame wijze een einde maken aan corruptie en omkoperij in al hun vormen (SDG 16.5). De SDG’s zouden een aanleiding voor louter ‘greenwashing’ kunnen zijn. Maar ik denk dat bedrijven die dat zo zien, op vrij korte termijn aan de verliezende kant zullen staan. Ik geloof niet dat ‘greenwashing’ lang vol te houden is. Toch zijn er bedrijven die al vele jaren lang aan ‘greenwashing’ doen… Ja, maar dat blijft toch niet duren; consumenten zijn steeds beter geïnformeerd. Wat tien jaar geleden nog geclaimd kon worden, kan tegenwoordig vaak niet meer door de beugel. Bedrijven die nu alléén nog maar aan ‘greenwashing’ doen, zonder ook reële inspanningen te leveren voor milieu en duurzame ontwikkeling, nemen op lange termijn een groot risico op verlies. Nochtans lijkt bijvoorbeeld doelstelling 1, armoedebestrijding, nogal ‘ver-van-mijn-bed’ voor een Belgisch bedrijf, niet? Dat lijkt inderdaad ver, maar een boemerang vliegt ook ver weg, alvorens terug te komen. Onlangs nam ik deel aan een congres van de Belgische zuivelfederatie. Op heel wat domeinen heeft die sector vooruitgang gemaakt, vooral op vlak van milieu. Niettemin, en dat is geen kritiek maar een vaststelling, exporteert de Europese landbouwindustrie heel wat melkpoeder naar Afrika, aan zeer lage prijzen. Dat maakt het werk voor Afrikaanse veehouders zeer moeilijk, en draagt mogelijk bij tot armoede in Afrika. Ik denk dat alle bedrijven, via hun producten of diensten, een mogelijke band kunnen vinden met armoede in de wereld. Ze zouden minstens het besef moeten hebben dat hetgeen ze doen ook invloed kan hebben in andere delen van de wereld. Die is ook steeds meer ‘geconnecteerd’. Armoede leidt tot onzekerheid, instabiliteit en migratiestromen in de wereld. Men kan niet beweren dat

het onveiligheidsgevoel en het recente terrorisme bij ons niets te maken hebben met ongelijkheid en de armoede in landen ‘ver van ons bed’. Ongetwijfeld, maar dat is het omgekeerde: indien men via de SDG’s lokale producenten in Afrika wil ondersteunen, of de export van goedkoop melkpoeder zou verbieden, dan is dat niet in het belang van een Europees melkbedrijf. Waarom zou zo’n bedrijf dan meewerken aan de promotie van lokale productie in Afrika? Ik ben natuurlijk klimatoloog en geen melkof landbouwexpert. Maar ik kan moeilijk geloven dat er geen partnerships gevonden kunnen worden, waarbij een bedrijf van bij ons zou samenwerken met een lokale Afrikaanse producent. De afschaffing van de export van zeer goedkope producten kan wellicht vervangen worden door de export van producten met een hogere toegevoegde waarde of kwaliteit. Vroeg of laat zullen bedrijven in die landen lokaal produceren en zelfs naar hier exporteren. Elk bedrijf kan zoeken naar een betere en meer evenwichtige samenwerking op haar domein. Maar er is duidelijk geen eenvoudig antwoord op die vraag. Wat ontbrak er volgens u de afgelopen decennia om meer bedrijven massaal te doen overschakelen op doorgedreven duurzaam ondernemen? We spreken immers al 30 jaar

Volgens een studie van Price Waterhouse Coopers uit 2015, wil slechts 41% van de bedrijven de SDG’s de komende 5 jaar integreren in hun bedrijfsstrategie. Erger nog: slechts 13% van de bedrijven hebben de instrumenten geïdentificeerd die ze nodig hebben om hun impacts ten opzichte van de SDG’s te beoordelen.

over ‘duurzame ontwikkeling’; het is geen nieuw concept... Het is inderdaad geen nieuw concept. Wat remmend werkt is natuurlijk het ‘short-termism’, het denken op korte termijn, dat eigen is aan de huidige bedrijfslogica. Vaak ontbreekt het toch nog aan een visie op lange termijn over de gevolgen van beslissingen die een bedrijf neemt. Korte-termijnstrategieën werken gedurende enkele jaren, maar op termijn komt dat terug in ons gezicht. Denk aan het afvalprobleem. Veel afval van papier, textiel, elektronica ging zo naar onder meer China of Ghana. Op dit ogenblik sluit China de grenzen daarvoor af, Ghana zal dat vroeg of laat ook doen, en zeggen ‘trek je plan zelf met je afval’. De dag dat die boemerang teruggekomen is, zullen bedrijven die nu investeren in een duurzaam ecologisch en sociaal programma, wél klaar zijn en een enorm voordeel hebben op de concurrentie. Ik geef nog een voorbeeld: de uitstootnormen voor auto’s zullen straks in de VS afgezwakt zijn. Dat kan op korte termijn wat meer verkoop en meer winst opleveren voor een paar Amerikaanse bedrijven. Maar op iets langere termijn zal niemand buiten de VS die auto’s nog willen aankopen, want de rest van de wereld én de consumenten zetten in op properder auto’s. Het is wel stuitend dat, volgens een studie van Price Waterhouse Coopers uit 2015, slechts 41% van de bedrijven de SDG’s de komende 5 jaar willen integreren in hun bedrijfsstrategie. En die overige 60% dan? Erger nog: slechts 13% van de bedrijven hebben de instrumenten geïdentificeerd die ze nodig hebben om hun impacts ten opzichte van de SDG’s te beoordelen. Bijna alle SDG’s stonden eigenlijk al op een of andere manier, en vaak veel concreter, opgesomd in ‘Our Common Future’ (het ‘Brundtland-rapport’) uit 1987. Momenteel zijn de SDG’s een wereldwijd compromis, en dat is goed, maar zal het volgens u bij de bedrijven nu sneller vooruitgaan dan voorheen? Ik heb de indruk van wel, maar dat is misschien omdat ik een optimist ben. Toch lees ik in het voorwoord van Pieter Timmermans (Gedelegeerd Bestuurder VBO) van Reflect nr. 14* het volgende: ‘Hoe kunnen we een duurzame economie realiseren in een wereld

ecoknowledge - ecoTips 18.2

31


We moeten zo vlug mogelijk overgaan van een economie die voor 80% afhankelijk is van fossiele brandstoffen naar een circulaire economie die gebaseerd is op hernieuwbare energie. En het is duidelijk dat we daarvoor ook moeten kunnen rekenen op de mogelijkheden van het bedrijfsleven.

waar de ongelijkheden almaar toenemen, waar de klimaatverandering duizenden mensen treft en op de vlucht doet slaan, waar landen steeds meer op zichzelf terugplooien, en waar de biodiversiteit, de basis van onze economie, blijft aftakelen?’. Dat is buitengewoon! Niet langer dan 10 jaar geleden zat het VBO nog bijna in het kamp van de klimaatsceptici. Ik zie dus wel degelijk een kentering in het denken vanuit de bedrijfswereld. Wat zou bedrijven uitdagen om sneller te handelen? Ook een oud principe, tenminste voor de milieu-aspecten: het doorrekenen van milieukosten. Het is geld dat bedrijven in de ene of de andere richting zal bewegen. Momenteel betalen bedrijven 10 euro per ton uitgestoten broeikasgassen, nadat het gedurende 200 jaar eigenlijk zonder kost gebeurde. Maar 10 euro is nog steeds geen reflectie van de werkelijke milieukost. Als dat toeneemt tot 100, 200 of zelfs 300 euro per ton, zal de situatie veranderen. En sommige bedrijven bereiden zich daarop voor, door bijvoorbeeld intern al te rekenen met 20-40 euro per ton. Zij zullen veel beter voorbereid zijn dan de bedrijven die niet mee zijn met het totaalplaatje van duurzame ontwikkeling. De SDG’s gaan nog steeds uit van economische groei en vermelden dat die zou moeten verlopen via de ontkoppeling van de groei en het verbruik van grondstoffen. Met andere woorden: meer groei met minder grondstoffen. Onder meer volgens professor Tim Jackson** van de universiteit van Surrey is dat onmogelijk. Dat is inderdaad gebaseerd op de formule van Ehrlich-Holdren, die zegt dat de milieu-impact gelijk is aan het product van de bevolkingsgrootte, het gemiddeld inkomensniveau en de inzet van technologie of grondstoffen. Indien de bevolking blijft groeien en het inkomen blijft stijgen (wat wereldwijd nu het geval is), wordt het inderdaad moeilijk om meer te produceren met minder grondstoffen. Hoe rijm je dat dan met SDG 8 waarin economische groei geëxpliciteerd wordt? Tja, je kan geen wereldwijde consensustekst samenstellen zonder te verwachten dat daar niet enkele tegenstrijdigheden zouden inzitten. Maar we moeten ook opletten met slagzinnen zoals ‘welvaart zonder groei’. Dat is wel een ‘catchy’ titel, maar over welke groei en welke welvaart spreken we? In welk deel van de 32

ecoTips 18.2 - ecoknowledge

Soms gaat een verandering in cultuur of gewoontes erg snel maar dikwijls is er toch een wettelijke aansturing nodig

wereld? In grote delen van Afrika welvaart creëren zonder economische groei zal niet mogelijk zijn. Maar nog meer auto’s produceren voor de Belgische markt maakt ons daarom niet gelukkiger of welvarender. Dat is natuurlijk een moeilijke boodschap: als we genoeg voedsel, kleding, gebruiksvoorwerpen enz. hebben, kan de groei in productie stoppen? Alles wat we doen inzake duurzame ontwikkeling heeft ook te maken met cultuurverandering. Nog niet zo lang geleden vond iedereen het normaal om te roken op kantoor, tijdens vergaderingen, in publieke ruimtes, in de auto of op de trein, zelfs op restaurant. Op korte termijn is die houding helemaal omgeslagen en niemand wil terug naar de tijd dat na elk cafébezoek je kleren doordrenkt waren met sigarettenrook. En natuurlijk ging dat in tegen de groei-ambities van de tabaksindustrie. Daarvan heeft heel de maatschappij echter gezegd: die groei is eigenlijk niet aanvaardbaar. Soms kan het dus snel gaan. Maar dat vergt vaak wel een wettelijke aansturing. Nu gebeurt stap voor stap hetzelfde voor houtverbranding in kachels, open haarden en zelfs in open lucht. Vele mensen vinden dat gezellig, maar de effecten op het milieu en de gezondheid zijn veel ernstiger dan we ooit gedacht hadden. Nog maar kort geleden werden boven Vlaanderen bijvoorbeeld onverklaarbaar hoge concentraties van fijn stof gemeten. Achteraf bleek dat die kwamen van verbranding van hout in Noord-Duitsland, naar aanleiding van paasvuren. Op termijn zal dat ook niet meer aanvaard worden. Zo zijn er nog sectoren waarvan de groei na een culturele kentering niet meer aanvaard zal worden. Ik hoop dat die cultuuromslag zich ook snel in de bedrijven voordoet, want alle wetenschappelijke rapporten maken duidelijk dat we klimaatmaatregelen echt niet langer kunnen uitstellen. We moeten zo vlug mogelijk overgaan van een economie die voor 80% afhankelijk is van fossiele brandstoffen naar een circulaire economie die gebaseerd is op hernieuwbare energie. En het is duidelijk dat we daarvoor ook moeten kunnen rekenen op de mogelijkheden van het bedrijfsleven. Dit artikel kwam tot stand met de steun van de Federale Raad voor Duurzame Ontwikkeling

*: Het VBO publiceerde in de herfst van 2017 een themanummer (nr. 14) van Reflect ‘Voor duurzame winst’. **: In 2009 schreef Tim Jackson ‘Prosperity without growth’, in 2010 vertaald als ‘Welvaart zonder groei’, uitgeven door Uitgeverij Jan Van Arkel en Oikos.


Boekrecensie

In het oog van de klimaatstorm

Door Jean-Pascal van Ypersele Tekst: Hilde De Wachter Zijn overgrootvader was advocaat van priester Daens en zijn nonkel kabinetschef van koning Boudewijn en koning Albert II. Zelf koos hij een heel ander pad: Jean-Pascal van Ypersele is de belangrijkste klimaatwetenschapper van België. In 2015 schopte hij het zelfs ei zo na tot grote baas van het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC), de organisatie van de Verenigde Naties die de risico’s van de klimaatverandering evalueert. Maar het mocht, omwille van een aantal politieke spelletjes, net niet zijn.

N

iemand is beter geplaatst dan van Ypersele om ons een blik te gunnen achter de schermen van de grote klimaatconferenties. Dat is dan ook wat je van dit boek mag verwachten, naast een biografie van de schrijver. Het boek is geschreven als een lang interview, doorspekt met anekdotes en (soms grappige) weetjes. We zijn het misschien alweer bijna vergeten, maar nog niet zo heel lang geleden werden klimaatwetenschappers die ons waarschuwden dat de aarde door menselijke activiteit gevaarlijk aan het opwarmen was, ongelovig aangekeken en weggelachen. Zelfs vandaag nog hoedt van Ypersele zich voor bepaalde landen en stromingen die het bewijs telkens weer in twijfel trekken. “Het is dan ook een erg complex probleem en we kennen ook vandaag nog niet alle elementen die impact hebben op de opwarming van de aarde. Voeg daarbij het feit dat wetenschappers geen uitspraken doen indien deze niet 100% afgedekt zijn door onderzoek, en je hebt een ideale cocktail voor sceptici.”

klimaatopwarming, mocht er toch nog ergens twijfel zijn. En het geeft ons inzichten in de historiek van de klimaatwetenschap. Hoe de VS bijvoorbeeld een voorloper waren in het klimaatonderzoek. In de uitwerking van de interviews hangt het soms wel tussen vulgarisatie en wetenschappelijk werk in. In het Frans verscheen het boek al in 2015 maar het werd wel bijgewerkt voor de vertaling. De klimaatkennis evolueert dan ook snel. Jill Peeters schreef het voorwoord en Brice Lalonde het nawoord.

In het oog van de klimaatstorm Jean-Pascale van Ypersele ISBN 9789462671225 19,90 euro Paperback, 184 pagina’s Uitgeverij Epo - 2018

Voor iedereen die voeling wil krijgen met de manier waarop de klimaatwetenschap en het bewijs voor de opwarming van de aarde door menselijk toedoen, vorm kreeg in de afgelopen decennia, een aanrader. Ook voor diegenen die willen weten hoe het er tijdens een klimaatconferentie achter de schermen aan toegaat, interessante lectuur. Van Ypersele kan als geen ander duiden waarom de ene conferentie wel tot engagementen leidt en de andere roemloos mislukt. Al spreekt de auteur zelden over een echte mislukking. Wat voor de buitenwereld een mislukking lijkt omdat er geen eensgezind standpunt ingenomen wordt, is voor van Ypersele dikwijls een noodzakelijke stap om daarna tot een krachtiger akkoord te komen. En regelmatig bevind je je dan als klimaatwetenschapper in het oog van de storm.

Van Ypersele was al betrokken bij het onderzoek naar de opwarming van de aarde toen dat nog helemaal geen dagelijks nieuws was. Aan kennis en ervaring geen gebrek. Als Belgen mogen we terecht fier zijn op onze landgenoot, die zich telkens weer inzet om wetenschappelijk bewijs te proberen verenigen met politiek en beleid. En dat dit niet altijd even eenvoudig is, bewijzen de vele anekdotes die als aparte kaderstukken in het boek opgenomen zijn. Het boek heeft als verdienste dat het de puntjes nog eens op de i zet in verband met de 33

ecoknowledge - ecoTips 18.2

33


Sustainable Development Goals in de Belgische bedrijven Efico: langdurige relaties leiden tot integraal duurzaam beleid Tekst: Hilde De Wachter en Peter Thoelen Beeld: Efico Als koffiedrinker ken je Efico waarschijnlijk niet. Maar de kans is groot dat de koffie die je drinkt, via Efico tot bij jou gekomen is. Het bedrijf handelt in groene (ongebrande) koffiebonen en werd opgericht in 1926. En net dat zorgt volgens de woordvoerders voor een nauwe en generaties lang opgebouwde band met de koffieboeren. Daaruit ontstond een

34

ecoTips 18.2 - ecoknowledge

rijk en breed duurzaamheidsprogramma. Vorig jaar werd 87% van de koffie rechtstreeks van lokale coöperatieven en lokale exporteurs aangekocht. Efico behaalde verscheidene labels en certificaten op vlak van duurzame landbouw, eerlijke handel, biologische teelt en kwaliteitszorg.

A

an onze tafel zitten Michel Germanès, Managing Director & Head of Trade maar ook voorzitter van de Beroepsvereniging van de Antwerpse KoffieInvoerhandel en officiële vertegenwoordiger voor België in de European Coffee Federation Contracts Committee. Verder Katrien Delaet, Head of Sustainability en Dorien Van Dun, Marketing & Communications Executive.


Waar Efico voor staat en wat we dagelijks in de bedrijfsvoering toepassen, past mooi in het globale kader van de SDG’s. Ons engagement vertaalt zich in SDG12, SDG8, SDG4, SDG7 en SDG17.

Traditie in duurzaamheid In 2003 ondertekende Efico als eerste koffiehandelaar de UN Global Compact Code. Fair trade en Max Havelaar bestonden al, maar weinig bedrijven in de koffiebranche waren ermee bezig. Maar Efico wel. Michel Germanès: “Dat sloot aan op de oprichting van onze Efico Foundation in datzelfde jaar. Wij deden al vrij lang in fair trade koffie. Dat label behaalden we als eerste in België, in 1987. Maar we waren van mening dat we nog meer moesten doen voor de lokale koffiekwekers en zo hebben we onze eigen stichting opgericht. Voor mij zit duurzaamheid bij familiale bedrijven in de genen. Ook de bakker, de beenhouwer, de kleine winkel hebben de bedoeling om hun leveranciers en klanten te respecteren, om juist die duurzaamheid te creëren. Als je in de koffiewereld op een correcte manier wilt handeldrijven, kom je trouwens automatisch uit bij langdurige relaties. Ik ben nu 37 jaar in het vak, waarvan 34 jaar bij Efico en ik heb klanten en leveranciers die ik al even lang ken. Wij verkopen een basisproduct en de meeste professionele klanten kopen jarenlang bij ons.

Hetzelfde geldt voor de leveranciers. Heel het SDG-kader komt dan ook overeen met wat wij wensen.” Katrien Delaet: “Veel koffieleveranciers bieden een duurzaam product aan via certificeringen en labels. In principe kan je jaarlijks een andere leverancier kiezen, afhankelijk van de kostprijs van gelabelde koffie in dat jaar. Wij willen echter partnerschappen op lange termijn met onze leveranciers. Op die manier bouw je goede banden op en kan je ook op vlak van duurzaamheid beter samenwerken.” Uit de missie en visie van Efico blijkt het belang van het familiale bedrijf, de correcte behandeling van leveranciers en klanten en kwaliteitszorg. Daarnaast legt het bedrijf de expliciete nadruk op sociale, economische en ecologische duurzaamheid. Michel Germanès: “Toch was het niet moeilijk om met lokale leveranciers tot afspraken te komen omtrent goede arbeidsomstandigheden . De meeste bedrijven waar wij mee samenwerkten waren daar zelf al mee bezig. Wij kopen vrij veel in via coöperatieven in de koffieherkomstlanden.

Die bedrijven zijn eigendom van de boeren zelf. Het coöperatieve bedrijfsmodel hanteert vanuit zijn aard zelf al heel wat SDG’s, vooral op sociaal-economisch vlak. De bedrijven waarmee wij samenwerken hebben niet ineens alles moeten veranderen. En we hebben gelukkig nooit wantoestanden moeten corrigeren.” Efico lag daarnaast mee aan de basis van de 4coffee association (Global Coffee Platform). Katrien Delaet: “4C is in 2004 opgericht als platform. Toen was gecertificeerde koffie nog veel minder bekend dan nu. We wilden eigenlijk dat de standaarden wereldwijd op mekaar afgestemd werden. We vinden het nog steeds belangrijk dat Efico vertegenwoordigd is in diverse internationale koffie-organisaties.” Dorien Van Dun: “Dat kan je ook afleiden uit de functies die Michel in verscheidende organisaties bekleedt. We willen daar duidelijk een eigen bijdrage doen, maar ook leren van anderen. Dat geldt ook voor onze aansluiting bij nationale en lokale netwerken zoals The Shift hier in België.” Bio en andere certificaten Naast de sociale, fair trade en milieulabels heeft Efico ook een assortiment met biolabel. Michel Germanès: “Bio is de laatste tijd sterk geëvolueerd. Zo’n 20 jaar geleden was dat assortiment zeer klein. De jongste 15 jaar is het enorm gegroeid en we denken dat de biomarkt de komende jaren nog zal groeien. Dat motiveert ons natuurlijk om verder te gaan op die weg. We kunnen producten promoten, maar we hangen wel af van de vraag van onze klanten.”

Efico Foundation: duurzame ontwikkeling in de praktijk Het Efico Fonds overstijgt het engagement voor duurzame ontwikkeling van vele bedrijven. Het fonds is opgericht ‘ter verbetering van de levensomstandigheden van bevolkingsgroepen die koffie-en/of cacao produceren in ontwikkelingslanden’. Het fonds telt 65 projecten in 17 koffieproducerende laden in Zuid-Amerika, Afrika, en Azië. De projecten dekken een zeer breed scala van SDG’s: ondersteuning en training voor het behalen van andere certificaten, verbetering van arbeidsomstandigheden voor vrouwen, educatie over mensenrechten, duurzaam waterbeheer en waterzuivering, agroforestry, vormingsprogramma’s voor duurzaam ondernemen voor jongeren, technische verbeteringen in de productie, ICT-leerprogramma’s in rurale scholen, diversificatie en verbetering voedselzekerheid voor lokale boeren door introductie van bijenhouderij, gezonde en hygiënische huisvesting, verdere scholing ter voorkoming van kinderarbeid, oprichting van gemeenschaps- en zorgcentra, verlenen van micro-kredieten voor kleine boeren…

Het 1ste Efico Foundation Project startte in 2004: El Platanillo School

Het gaat om samenwerkingsverbanden van lokale actoren met NGO’s, lokale besturen, universiteiten, coöperatieven, ... Details van het programma en de projecten vind je op www.eficofoundation.org ecoknowledge - ecoTips 18.2

35


Michel Germanès: “Sommige boeren hebben we leren exporteren. Ze hebben installaties om de bonen klaar te maken voor export. Sommigen werken dan weer samen met andere partners ter plekke. Maar niet elke koffieboer wil meer taken opnemen. Na transport komen de bonen in Zeebrugge of in Antwerpen toe. In beide havens hebben we een eigen magazijn. Ons magazijn in Zeebrugge, dat 9 jaar geleden gebouwd werd, is uitgerust om koffie te kunnen opslaan in de meest optimale omstandigheden: de lucht wordt gezuiverd, het vochtgehalte en de temperatuur worden heel het jaar door gemeten en gecontroleerd. Ik denk dat we niet onbescheiden zijn als we zeggen dat dit wereldwijd het mooiste magazijn voor ruwe koffie van hoge kwaliteit is. We kozen er trouwens bewust voor om er een duurzaam gebouw van te maken. We hebben bestudeerd hoe we voor konden zijn op onze tijd en waarmee we ons konden onderscheiden in de wereld van de koffietraders. En dat zonder in concurrentie te gaan met klanten of leveranciers. We hadden natuurlijk zelf plantages kunnen opkopen of een koffiebranderij oprichten, maar dat wilden we niet. Bovendien: als je een plantage koopt in bijvoorbeeld Brazilië, dan valt dat niet op tussen de tienduizenden hectaren koffieplantages. Dus een verschil konden we daar toch niet maken. Ook in de scheepvaart zijn we op wereldvlak een kleine speler. Eigenlijk bleef er nog maar 1 punt over waarop we iets opvallends en impactvol konden doen, en dat was in onze eigen logistiek.” Uitdagingen Dat er ook wel eens moeilijkheden zijn in het duurzaamheidsverhaal, beaamt Delaet. Katrien Delaet: “Soms gaat het behalen en managen van de verschillende certificaten en labels wel wat moeizaam. Dat heeft toch een grote impact op de organisatiestructuur bij de boeren. Je moet er dan ook zeker voor zorgen dat er een afzetmarkt voor is, wanneer je die mensen vraagt om er inspanningen voor te leveren. Anderzijds wil je ook de klanten niet teleurstellen als ze een vraag hebben. Duidelijke afspraken en verwachtingen van alle partijen afstemmen is hierbij uitermate belangrijk.” Katrien Delaet: “Het beheren van bioplantages is een stuk arbeidsintensiever voor de koffieboeren. Om te beginnen heb je al drie jaar nodig om een plantage om te schakelen naar gecertificeerd biologisch -er kunnen immers nog substanties uit de klassieke landbouw in de bodem zitten. Daarna moet je methodes vinden om de koffie te kweken en de oogst te beschermen zonder pesticiden. Dat vergt extra kennis en reorganisatie. Let wel: wij leggen nooit op dat een boer ‘bio’ moet gaan kweken. Hij moet er zelf van overtuigd zijn. Verdeeld over 36

ecoTips 18.2 - ecoknowledge

alle leveranciers en alle labels samen, was 51% van onze verhandelde bonen vorig jaar gecertificeerd of geverifieerd: bio, rainforest alliance, fair trade, UTZ, ... Daarvan zal ongeveer 15% bio zijn.”

Michel Germanès: “Wij wisten 15 jaar geleden wel waarheen we wilden evolueren, maar dat was moeilijk om te laten doordringen bij onze klanten. Sommigen waren meteen mee, anderen niet. Gelukkig is de maatschappij sindsdien geëvolueerd.”

Meerwaarde Katrien Delaet: “Efico beperkt zich niet tot waardecreatie bij het kweken en verkopen van de bonen. Na het telen van de koffiebessen heb je nog 2 bewerkingsstappen: de bonen uit de bessen halen en sorteren. Daarna volgt transport en het werk in de havens.”

Katrien Delaet: “Het blijft een uitdaging om de eindconsument mee te krijgen. We leven in een omgeving waarin voedingsproducten veel te goedkoop zijn. Mensen willen wel duurzaam consumeren, maar zijn niet steeds bereid om de correcte prijs voor een rechtvaardig en zuiver product te betalen.


Dat is spijtig als je als producent of handelaar inspanningen levert voor maatschappelijk verantwoord ondernemen.” Evolutie koffiemarkt Michel Germanès: “Of de prijzen van gecertificeerde en niet-gecertificeerde producten naar elkaar toegroeien, hangt trouwens af van de evolutie van de koffiemarkten. Vandaag zit de basisprijs vrij laag en er zit weinig marge op. Dat wil zeggen dat iedereen in de keten blij is dat er producten aan een wat hogere prijs verkocht kunnen worden. Als de markten stijgen, is die meerprijs minder belangrijk. En dat kan binnen 6 maanden al anders liggen.” Katrien Delaet: “Als de marktprijs hoog staat, is het voor de boeren minder interessant om het extra papierwerk, audits, transactiekosten en de reorganisatie die labeling met zich meebrengt, op te brengen. Maar met zo’n lage prijzen als vandaag, waarbij boeren soms een kostprijs hebben die hoger is dan de wereldmarktprijs, zijn extra premies voor labels zeer belangrijk voor hen.” Eigen fonds Efico richtte de Efico Foundation op. De Koning Boudewijnstichting beheert de fondsen. Michel Germanès: “Wij steunen de Foundation uit onze eigen winsten. We proberen daarnaast ook een contributie te verkrijgen van onze klanten, bijvoorbeeld per kilogram koffie. Maar er zijn ook klanten die een gift doen. Wij garanderen dat 100% van wat ze storten, naar de projecten van de Efico Foundation gaat. Alle operationele kosten en personeelskosten nemen wij op ons. Het beheer van de Foundation, en de jury die de kwaliteit van de projecten beoordeelt, zitten bij de Koning Boudewijnstichting. Er wordt een call georganiseerd, maar soms ontstaat een project ook uit een spontane vraag die past bij onze visie. Klanten hebben altijd de mogelijkheid om samen met ons een project op te starten. Maar daar is het niet toe beperkt. Vaak kan je via zo’n rechtstreekse vraag met een budget van bijvoorbeeld 5.000 euro al mooie dingen realiseren. Zo hebben we voor een klant in Guatemala een kleuterschool mee opgericht. Voor de lokale gemeenschap was die kleine steun van grote betekenis.”

gaan over lokale samenwerkingsverbanden of partners van leveranciers. Eén van de SDG’s waar we op inzetten is bijvoorbeeld ‘quality education’. De frequentie van een call, hangt af van de beschikbare middelen die we opsparen. Als we een call doen, kunnen we die ook thematisch aflijnen. Tot 2020 zijn de hoofdthema’s kennisoverdracht, klimaatverandering, adaptatie en mitigatie en duurzaam inkomen voor landbouwers. De jury zal de dossiers dan ook beoordelen vanuit die thema’s.” Dorien Van Dun: “De Efico Foundation steunde vorig jaar 8 projecten in 3 continenten, met 810 directe begunstigden en 2.200 begunstigde families. In zo’n projecten is er soms wel een leverancier betrokken, maar de ondersteuning kan ook gaan naar een lokale gemeenschap of een school. Onze partners in de projecten spelen een belangrijke rol. En dan komen we terug bij SDG 17: samen kan je meer bereiken.” Duurzaam magazijn in Zeebrugge Efico’s magazijn en distributiecentrum in Zeebrugge behaalde het ‘Green Building Certificate’ en voldoet daarmee aan een hele reeks duurzaamheidsvereisten op gebouwniveau. Op het dak van het ‘Seabridge’-gebouw liggen 4.600m2 zonnepanelen. De groene energie die deze zonnepanelen opleveren, wordt gebruikt voor het machinepark, de elektrische vorkliften, en de klimaatregeling (vocht, temperatuur) voor de ideale bewaaropslagomstandigheden voor groene koffiebonen. Ter vergelijking: de zonnepanelen voorzien een equivalent aan elektriciteit voor ongeveer 300 gezinnen (1 MWpiek). Als er toch meer energie nodig is, koopt het bedrijf gecertificeerde groene energie aan.

Meer info De UN Global Compact Code beschrijft 10 principes van maatschappelijk verantwoord ondernemen, op vlak van mensenrechten, arbeidsomstandigheden, milieu en anticorruptie. Bedrijven kunnen de principes onderschrijven en zich aansluiten. De Global Compact Code moedigt bedrijven ook aan om de SDG’s te implementeren. Er is een jaarlijkse vooruitgangsrapportage verplicht. unglobalcompact.org Het Global Coffee Platform (voorheen 4C Association) is een stakeholderplatform uit de koffiesector dat duurzaamheidsthema’s op een ‘pre-competitieve manier’ aankaart en standaardiseert. Efico is stichtend lid en lid van het Technisch Comité over Klimaatverandering. globalcoffeeplatform.org Dit artikel kwam tot stand met de steun van de Federale Raad voor Duurzame Ontwikkeling Zeebrugge kwam na een locatie-analyse uit de bus als goede vestigingsplaats, omdat het bedrijf daar optimaal kon inzetten op intermodaal transport, zoals watertransport (overzees en binnenvaart) en treinvervoer (samen 98% van de inkomende goederen en 57% van de uitgaande producten). Wegtransport, files en brandstofuitstoot van vrachtwagens wil Efico zo veel mogelijk vermijden. Seabridge nam verder ook maatregelen rond duurzaam afvalbeheer. Alle afvalstromen zijn in kaart gebracht, 89% van de afvalstromen wordt gerecycleerd. De rest wordt verbrand met energierecuperatie. Seabridge werkt samen met een bedrijf dat de afgedankte zakken verwerkt tot nieuwe materialen. Meer op www.seabridge.eu

Katrien Delaet: “We hebben de Foundation indertijd opgericht omdat we bij de producenten vaak vragen kregen voor bepaalde ondersteuning. In plaats van dat ad hoc te blijven doen, wilden we dat op een structurele manier organiseren. Vandaar de Foundation. Het zijn trouwens niet noodzakelijk leveranciers die we ondersteunen. Het kan ook ecoknowledge - ecoTips 18.2

37


Gezuiverd afvalwater als oplossing voor landbouwtoepassingen Tekst: Katrien Van Miert Beeld: Pexels Verdien je de kost in de akkerbouw? Of heb je thuis een grasperkje liggen om trots op te zijn? Dan zitten de extreme droogte en waterbesparingsmaatregelen van vorige zomer ook bij jou zeker nog vers in het geheugen. Onze watervoorraden komen steeds meer onder druk te staan. Deze grondstof wordt schaarser en de kwaliteit gaat achteruit. Eén oplossing staat alvast hoog op de agenda. Zowel Europa als Vlaanderen bekijken de mogelijkheden voor hergebruik van gezuiverd afvalwater (effluent) voor de irrigatie van landbouwgronden. Onzekerheid resulteert in grootschalige lozing afvalwater et inzetten van gerecycleerd water voor landbouwdoeleinden blijkt in Europa een zeldzaamheid. Hoewel het in de droogste landen wel een aanvaarde praktijk is, wordt ook daar het meeste afvalwater gewoon geloosd. De onzekerheid omtrent eventuele gezondheids- en milieurisico’s weegt momenteel niet op tegen de voordelen. Elk land hanteert eigen regels omtrent gebruiksmogelijkheden, monitoring, kwaliteitseisen,… Wat de landen wel gemeen hebben, is dat er geen duidelijk kader bestaat en vooral op safe gespeeld wordt. Ondertussen wegen de klimaatsverandering, droogte en verstedelijking steeds zwaarder door op onze watervoorraden. Het hergebruik van gezuiverd afvalwater kan niet alleen een antwoord helpen bieden op schaarste en vervuiling. Ook het marktpotentieel voor de Europese waterindustie is van onschatbare waarde. Waarom zou Europa niet aan de wereldwijde top willen staan op vlak van watergerelateerde innovatie en technologie?

H

Onderzoeksrapport Europese Commissie In februari publiceerde de Europese Commissie een onderzoeksrapport omtrent de kwaliteitseisen voor effluenten bestemd voor de irrigatie van landbouwgrond. Deze studie kadert in een breder Europees actieplan dat de weg naar de circulaire economie moet helpen plaveien. Het document zal de basis vormen voor een coherente – lokale – regelgeving doorheen Europa en zo verdere duidelijkheid creëren voor marktspelers die willen investeren in het hergebruik van water. Gerecycleerd water voor Israëlische landbouw  Het Europese onderzoeksrapport bevat, niet geheel toevallig, ook heel wat informatie uit Israëlische studies. Het Midden-Oosten droogt 38

ecoTips 18.2 - ecoknowledge

op en voor een land als Israël - dat niet moet rekenen op een vlotte samenwerking met de buren - is dat een groot probleem. Reeds sinds de jaren ’90 zet Israël volop in op hergebruik van afvalwater. Ondertussen gebeurt 60% van de landbouwirrigatie er met behulp van effluenten. Aquafin biedt aan Het potentieel van gezuiverd afvalwater staat niet ter discussie. Daarom staan er ook in Vlaanderen wel wat partijen te popelen om een duidelijk kader. Tijdens de droogte van juli 2017 maakte Aquafin de landbouwsector attent op de reeds bestaande mogelijkheden: “Elk bedrijf kan met ons een overeenkomst afsluiten voor de levering van effluenten,” vertelt Wouter Boncquet van Aquafin. “Jaarlijks zuiveren we bijna één miljard kubieke meter huishoudelijk afvalwater in onze rioolwaterzuiveringsinstallaties (RWZI’s). Na een mechanische en biologische behandeling voldoet de kwaliteit aan de vereisten om het te lozen in oppervlaktewater. Maar het is ook perfect geschikt voor toepassingen die geen drinkwaterkwaliteit vereisen. Zo wordt het bijvoorbeeld gebruikt in de industrie, al dan niet na een verdere zuivering die op het bedrijf zelf plaatsvindt.”  De landbouwsector zet afvalwater voorlopig enkel in tijdens crisisperiodes, en ook dan

Voor toepassing op gewassen die rauw gegeten worden, is gezuiverd afvalwater niet zo’n interessante optie. Maar er zijn in de landbouwsector nog vele andere toepassingen waar gezuiverd afvalwater wel zijn plaats kan hebben.

gebeurt het in zeer beperkte mate. Boncquet: “De psychologische drempel is hoog en er staan ook een aantal praktische hinderpalen in de weg, zoals transport. Maar het ontbrekende wettelijk kader is toch wel het grootste probleem. Momenteel is iedereen overgeleverd aan zijn gezond verstand. Wij raden effluenten vooral aan voor bevloeiing over de grond. Het bespuiten van groenten en fruit die bestemd zijn om rauw gegeten te worden, lijkt ons een minder goed idee. Aquafin onderzoekt trouwens elke aanvraag apart in functie van de waterloop die het gezuiverde afvalwater normaal gezien ontvangt. Het ecologisch evenwicht mag daar immers niet verstoord worden.” Europees kader Momenteel werkt de Europese Commissie aan een concreet kadervoorstel omtrent de minimale kwaliteitseisen voor het hergebruik van gezuiverd afvalwater in Vlaanderen. Het dossier, dat dit jaar nog verwacht wordt, zal onder andere onderbouwd worden met behulp van het recente rapport. “In Vlaanderen valt het project onder de verantwoordelijkheid van de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM). Deze organisatie zal verschillende partijen, waaronder het Departement Landbouw en Visserij, de sectoren, het FAVV en de FOD Leefmilieu betrekken bij de uitwerking,”


vertelt Bart Debussche, sectoradviseur bij het Departement Landbouw en Visserij. “De scope in dit dossier ligt weliswaar voornamelijk op het gebruik van effluenten van rioolwaterzuiveringsinstallaties en niet zozeer op gezuiverd bedrijfsafvalwater. Maar ook dat is een interessante piste. Het hergebruik van proces- en waswater vanuit voedingsindustrieën kan bijvoorbeeld tijdens droogtes een win-winsituatie creëren.” Samenwerking met Nederland Hiernaast is het grensoverschrijdende F2AGRI-project ook eentje om in de gaten te houden. De Nederlandse bierbrouwerij Bavaria (Lieshout) en het Vlaamse groenteverwerkend bedrijf Ardo (Ardooie) zullen hun gezuiverde afvalwater ter beschikking te stellen voor de bevloeiing van land- en tuinbouwers in de onmiddellijke omgeving. “Met de steun van het Interreg-fonds zal bij Bavaria een waterverdeelsysteem geïnstalleerd worden en bij Ardo een irrigatienetwerk. In 2019 zullen een 120 landbouwers gebruik kunnen maken van het gezuiverde water”, vertelt Charlotte Boeckaert van het Vlaams Kenniscentrum Water.

Geen ultiem redmiddel Vlaanderen is één van de meest waterstressgevoelige gebieden in Europa. Dat hebben we te danken aan onze hoge bevolkingsdichtheid en het al te lage grondwaterpeil in sommige regio’s. We halen daarom best alles uit de kast om tekorten op te vangen. Het hergebruiken van afvalwater kan daarbij helpen, maar zal ons niet volledig uit de nood helpen. Charlotte Boeckaert: “De goedkoopste druppel water is tenslotte nog altijd de druppel water die niet wordt gebruikt. We moeten daarom eerst besparen op ons waterverbruik en vervolgens zo veel mogelijk water hergebruiken, ofwel intern in het bedrijf, ofwel via externen. Maar om de klimaatverandering daadwerkelijk het hoofd te kunnen bieden, moet worden ingezet op het extra bergen van zoet water wanneer er voldoende beschikbaar is. In plaats van het water naar de zee te laten stromen, opteren we beter om het actief en veilig te stockeren in onze ondergrond. Dergelijke watervoorraden zullen ons pas echt veerkrachtig maken tegen de klimaatverandering.” Wordt dus zeker vervolgd…

Vooral in gebieden waar men al jaren kampt met droogte, zoals in Israël, gebruikt men al gezuiverd afvalwater in de landbouw. Europa onderzoekt onder welke omstandigheden het ook hier kan.


Boekrecensie

Voeding: politiek of wetenschap?

Hoe circulaire economie werkt voor ondernemers Tekst: Guido Redant Is voeding het grootste kruispunt van het westerse ondernemen? Misschien wel want meer dan de helft van onze industriële activiteit heeft te maken met voeding: produceren, transporteren, conserveren, verpakken, verkopen, consumeren. De laatste jaren is voeding ook heel manifest aanwezig in de media: SOS Piet, Dagelijkse Kost, Masterchef, Jamie Oliver... elk met een eigen arsenaal aan websites en kookboeken. Voeding beroert het debat, dat is duidelijk. Daarom las ecoTips enkele interessante publicaties, waarin vooral voeding en duurzaamheid centraal staan. We bespreken ‘Voer’ van Sandra Van Kampen en Youetta Visser, ‘Ons voedsel’ van Tessa Avermaete en Wannes Keulemans, en ‘De wereld achter

Voer, vaart maken met de voedseltransitie In het boek ‘Voer’ gaan Sandra van Kampen en Youetta Visser op zoek naar de redenen waarom transities in de voedingssector niet - of niet snel genoeg - plaatsvinden. ‘Voer, vaart maken met de voedseltransitie’ is een boek dat geschreven is met heel veel energie en overtuiging. Het lijkt wel een grote stakeholdermeeting, waarin vertegenwoordigers uit alle betrokken sectoren (akkerbouw, tuinbouw, visserij, veeteelt), alle betrokken actoren (onderwijs, overheid, consument) en heel wat nicheondernemers aan het woord komen. Voorbeelden Door die menigvuldige input is het een heel bont boek geworden - ook letterlijk - met een vaak zeer persoonsgebonden inslag. Verhalen van ervaringsdeskundigen en niche-spelers 40

ecoTips 18.2 - ecoknowledge

ons voedsel’ van Henk Gloudemans en John Habets.

O

p het politieke toneel staat het thema voeding vaak geïsoleerd. Het klassieke debat ontwikkelt zich ook op vandaag nog al te vaak rond de as 'traditioneel versus bio' met als epicentrum de eigen voorziening. De derdewereldproblematiek wordt daarbij deskundig op afstand gehouden. Nochtans, toen de NASA haar eerste experimenten deed met mensen in de ruimte was de ontwikkeling van kosmonautenvoeding één van de perspectieven die de wereld zou veranderen. Daar is weinig of niets van in huis gekomen. Bij uitbreiding doet dat denken aan de veevoedingssector, waar droogvoer wordt

zoals de veeteler met slechts zestig koeien, de (CSA-)zelfoogst-telers en de vele andere persoonlijke initiatieven getuigen van een gezonde creativiteit maar zijn niet altijd even objectief. Als je zestig koeien op 38,6 hectare zet, is dat niét ‘iets meer dan 1 ha per koe’. Terzijde: indien elke koe inderdaad één hectare weidegrond nodig heeft om gelukkig te zijn, hoeveel koeien kunnen we ons dan permitteren? Idem met de aardappelkweker, die slechts 3 eurocent krijgt voor aardappels die 1,98 euro kosten op pagina 202 en 80 eurocent op pagina 206.

Je hebt er niets aan om de beste boer te zijn in een verkeerd systeem

De niche-ondernemers die aan het woord komen, zijn vaak individuen die het vooral belangrijk vinden alles zelf én alles alleen te doen. In vele verhalen is de basisgedachte

samengesteld tot op de ppm: juiste hoeveelheid vezel, juiste hoeveelheid drogestof met daarin alle essentiële mineralen; zelfs de aminozurensamenstelling is dermate gecontroleerd - door het monitoren van methionine als bepalende drempel - dat de opname optimaal is. Als we onszelf op dezelfde, gecontroleerde manier zouden voeden, zouden heel wat cholesterol- en suikergerelateerde ziektes verdwijnen. Geen vitaminetekort meer, iedereen voldoende kalk en magnesium. Niet alleen kwalitatief zou de wereld er op vooruitgaan. Als we zo zorgvuldig zouden omspringen met grondstoffen en nutriënten, zou er heel veel minder honger zijn in de wereld: dan is er genoeg voor iedereen.

dezelfde: ‘kost gaat voor de baat uit’. Ook het concept ‘direct contact met de klant’ komt vaak terug. Daardoor vervallen enkele testimonials al vlug in ‘de dingen goed doen’ in plaats van ‘de goede dingen doen’. Wie speelt welke rol Over de rol die de overheid zou moeten kunnen spelen - of niet spelen - is nagenoeg niemand het eens in dit boek. Voor de ene kan die rol best ondersteunend zijn, voor anderen stimulerend en nog andere partijen vinden dat de overheid zich vooral moet toeleggen op het wegnemen van hindernissen. Bovendien lijkt veel samen te hangen met het niveau waarop de bevoegdheden zich

De markt lost niet alles op bevinden: rijk, provincie of gemeente. Herkenbaar is zeker het voorbeeld van iemand die geen vergunning krijgt omdat er voor de aangevraagde activiteit geen code bestaat in het computersysteem.


Ook in het debat consument/producent trekken de auteurs geen duidelijke lijn. De pionier vindt dat de consument zijn verantwoordelijkheid moet nemen en de productie aansturen door bewust aan te kopen. De ondernemer meent dat gerichte marketingcampagnes het tij kunnen keren. ‘De kip en het ei’ beslaat een vol hoofdstuk in het boek.

Zoals het nu is, bouw ik liever mijn eigen keten Oogst De auteurs hebben moeite noch kosten gespaard om het onderwerp voedseltransitie grondig te documenteren. Nagenoeg elk hoofdstuk begint met een inleidend artikel waarin de actuele situatie geanalyseerd wordt en waar mogelijk in cijfers gebracht. En onder de titel ‘oogst’ eindigt elk hoofdstuk met een ‘punctuele’ samenvatting. Daar zit een angeltje: ‘Voer’ richt zich integraal tot de Nederlandse markt en beperkt daardoor zijn eigen draagkracht. Waar het over de consument gaat bijvoorbeeld, wordt er telkens verwezen naar 17 miljoen consumenten. Dat is erg jammer, want de voedselproblematiek reikt verder dan onze eigen navel. Anderzijds is dat misschien juist de boodschap: als iedereen veegt voor eigen deur...

Voer, vaart maken met de voedseltransitie Sandra Van Kampen & Youetta Visser ISBN 9789062240340 27,50 euro Paperback, 240 pagina’s Jan van Arkel/Epodistributie - 2017

derwijs, sumentenijvers een

rlijke

mie tegenover enschappelijke kunnen hoogleraar

VOER Sandra van Kampen & Youetta Visser

in Nederland. al verandew? Krijgen dt de nieuwe

VOER r Vaa

240340

Ons voedsel, geschreven door Tessa Avermaete en Wannes Keulemans is een stevig onderbouwd opiniestuk. De auteurs zelf noemen het - niet ten onrechte - een visienota. Kritische vragen als ‘is er genoeg voor iedereen’ en ‘wat met verspilling’ tot ‘hoe ziet duurzame landbouw eruit’ en ‘wat is een goed voedselbeleid’ worden op een zeer wetenschappelijke wijze geanalyseerd.

Zelfvoorziening in een geglobaliseerde wereld is een naïef ideaal De keerzijde van de medaille Wat het werk zo interessant maakt, is dat binnen elke topic alle argumenten systematisch en met wetenschappelijke nauwkeurigheid op een rij geplaatst worden: wat is juist de impact van de huidige situatie, welke alternatieven zijn er voor deze situatie en wat zal de impact zijn van die alternatieven. In elk hoofdstuk wordt één topic scherpgesteld en wordt meteen ook aangegeven hoe groot de keerzijde van de medaille is... met daarbij in het achterhoofd het Chinese spreekwoord ‘de keerzijde van de medaille is even groot’. Voorbeeld van een dergelijke analyse: ‘wanneer men rekening houdt met het lager rendement en het grotere landbeslag van biologische landbouw, is het weinig waarschijnlijk dat deze alternatieve productiewijze een kleinere milieu-impact zou hebben’.

en de dingen gaan halen/importeren daar waar ze het meest efficiënt geproduceerd kunnen worden? Het lijkt heel erg op de SuperSmartGrid uit het energiedebat: laat ons een netwerk maken waarmee we zonneenergie kunnen aanvoeren uit de Sahara, windenergie van de kusten van Portugal en hydro-energie uit Zweden of Noorwegen. Zo zou ook het voedseldebat aan relevantie winnen - en we citeren de auteurs - ‘als het gevoerd zou worden op basis van objectieve cijfergegevens en de meerwaarde van verschillende alternatieven, eerder dan op basis van gevoelsmatige overtuigingen’. Voedselzekerheid als basisrecht Naast een korte visie over de Vlaamse situatie, schetsen de auteurs in het laatste hoofdstuk ook het bredere kader: ‘voedselzekerheid is een basisrecht en de voedselproductie heeft sterke sociaalculturele wortels’. Wie zich hierin vindt, zich in dit debat wil mengen of wil bijdragen tot de realisatie ervan, vindt in ‘Ons Voedsel’ de perfecte achtergrond om een onderbouwde opinie te vormen.

Alleen idealisten beginnen nog aan een landbouwbedrijf

Wat met ons voedsel? Wannes Keulemans & Tessa Avermaete ISBN 9789401437967 19,99 euro Paperback, 160 pagina’s Lannoo Campus - 2017

Sandra van Kampen & Youetta Visser

t

-6224-034-0

Wat met ons voedsel?

mak en m

et d

e voe dseltra n

sitie

Honger is een politiek probleem, want eigenlijk is er genoeg eten voor iedereen Achtergrondinformatie Op die manier reikt het boek denklijnen en achtergrondinformatie aan, op basis waarvan de lezer zijn eigen opinie kan vormen. Wat is beter: de korte keten en zo veel mogelijk zelfvoorziening, waardoor we gewassen gaan kweken die hier misschien niet zo efficiënt groeien maar die we zelf kunnen oogsten bij mensen die we kennen, dan wel te kiezen voor de meest efficiënte productie ecoknowledge - ecoTips 18.2

41


De wereld achter ons voedsel Aan de hand van ongeveer twintig infographics op nauwelijks zesenzeventig kleurrijke pagina’s schetsen Henk Gloudemans en John Habets de wereld achter ons voedsel. Een boek dat je vanaf pagina één naar de keel grijpt: ‘wereldwijd wordt 30-40% van de geproduceerde calorieën niet gebruikt voor het voeden van mensen, maar voor veevoer en biobrandstoffen. Hiermee zouden drie miljard mensen gevoed kunnen worden’. De wereld zoals hij is Een heel ruim aanbod aan onderwerpen, gaande van ‘wat de wereld eet’, ‘voedselverspilling’ en ‘wereldmaaltijd’ tot meer specifieke items als ‘de sojaketen’, ‘de watervoetafdruk’ en ‘de echte kosten van ons voedsel’ worden genadeloos in cijfers weergegeven. En die cijfers zijn echt wel genadeloos. De wereldkaart op pagina 57, waarin het percentage ondervoede kinderen onder de vijf jaar wordt weergegeven op

Iedere mens heeft recht op een levensstandaard die hoog genoeg is voor de gezondheid en het welzijn van zichzelf en zijn gezin (Artikel 15 van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens)

Tot slot De voedingsproblematiek is een sociaalcultureel debat, dat gedragen wordt door ervaring (de cijfers spreken boekdelen), door wetenschap (academisch en empirisch) en door een globale politiek. In die zin geven de Sustainable Development Goals van de Verenigde Naties een goede voorzet. Aanvulling met publicaties die sensibiliseren (Ons Voedsel), informeren (De wereld achter ons voedsel) en inspireren (Voer, vaart met de voedseltransitie) dragen zeker bij tot een snellere realisatie. Warm aanbevolen, maar ook koud goed verteerbaar.

42 42

ecoTips 18.2 - ecoknowledge

een schaal van < 5% (wit) tot >40% (rood), vergeet je nooit meer. Een andere wereld is mogelijk ‘De wereld achter ons voedsel’ bevat niet alleen massaal véél informatie, zowel in cijfers als in bronduiding. Het boek biedt ook inspiratie. Een lijst van meer dan zeventig relevante websites zet de virtuele lezer alvast op het goede pad, maar ook de actieve lezer vindt er concrete informatie over initiatieven zoals schoolvoedselprogramma’s (Londen, Rome), de Wereldvoedseldag op 16 oktober en vele andere. Een mooie uitsmijter voor lezers met organisatorisch talent, is de wereldachter-ons-voedsel quiz. De quiz bestaat uit slechts tien vragen, maar de cijfers in de multiple-choice keuzemogelijkheden doen de quizende lezer zéker schrikken. Een voorbeeld: ‘Hoeveel dieren worden er jaarlijks geslacht voor de vleesproductie: 65 miljard, 34 miljard of 17 miljard?’ Laat niemand achter Voor een werk als ‘de wereld achter ons voedsel’ kan je geen mooier slot bedenken dan de lijst van zeventien ontwikkelingsdoelstellingen, de veelbesproken United Nations Sustainable Development Goals. Daarmee gaan de auteurs - en de impact van dit werk - veel verder dan SDG2: ‘het bannen van honger, het realiseren van voedselzekerheid en verbeterde voeding en het bevorderen van duurzame landbouw’. De auteurs beklemtonen de onderlinge samenhang tussen alle doelstellingen: op een duurzame wijze voorzien in de behoeften van alle mensen. Het is de morele oproep achter de zeventien duurzame ontwikkelingsdoelen: Laat niemand achter.

Watervoetafdruk: de gemiddelde wereldburger verbruikt ruim 4.000 liter water per dag

Er zijn meer dan 30.000 eetbare plantensoorten. Maar slechts 4 planten zorgen voor 50% van alle plantaardige calorieën: tarwe, rijst, suiker en maïs. De wereld achter ons voedsel John Habets & Henk Goudemans ISBN 9789082060829 12,50 euro Paperback, 72 pagina’s Stichting WereldDelen/Epodistributie 2016


Trots op onze Partners in duurzaamheid CARMANS

RESPONSIBLE OFFICE

Kanaalstraat 14 3560 Lummen Tel. +32 (0)11 45 48 45 info@carmans.be www.carmans.be

Bruyndonckxstraat 31, 1780 Wemmel Tel. +32 (0)477 56 43 65 info@responsible-office.be www.responsible-office.be

INDEA ENERGIE ADVISEURS Spaarzaamheidstraat 2A 9300 Aalst Tel: 0479 / 239 009 valerie.degroote@indea.be www.indea.be

PEFC BELGIUM

THEVAN SHIFTAANPAKKEN SAMEN WETEN WE

Hoogstraat 600.000 ton bedrijfsverpakkingsafval wordt139 jaarlijks gerecycleerd 1000 Brussel Tel: +32 (0)2 503 54 18 hi@theshift.be theshift.be

Belgische bedrijven en afvalophalers leveren al 17 jaar samen met VAL-I-PAC groot werk in het beheren van

VAL-I-PAC

bedrijfsverpakkingsafval. Vorig jaar werd er, van de 700.000 ton bedrijfsverpakkingen die op de Belgische markt

gekomen goed als 100%59A van de kartonnen KoninginzoAstridlaan bus 11, Centrumgalerij Blok 2, bus 289 zijn, maar liefst 600.000 ton gerecycleerd. Zo krijgt bijvoorbeeld verpakkingen vandaag na gebruik een nieuw leven. Efficiënt, economisch beter voor het milieu. Proper gedaan! 1780enWemmel 1000 Brussel Tel. +32 (0)2 456 83 10 Tel. +32 (0)2 223 44 21 SAMEN BEDRIJFSVERPAKKINGSAFVAL BEHEREN EN RECYCLEREN info@valipac.be info@pefc.be Ontdek hoe op www.valipac.be www.valipac.be www.pefc.be

4905_VIP_Ad-Container_MASTER_NL_A4.indd 1

23/08/16 16:33

WERNER & MERTZ PROFESSIONAL BENELUX

PV CYCLE BELGIUM VZW Brand Whitlocklaan 114/5, 1200 Sint-Lambrechts-Woluwe Tel. +32 (0)2 880 72 60 belgium@pvcycle.org www.pvcycle.be

Drève Richelle 161 K box 29 1410 Waterloo Tel: +32 (0)2 352 04 00 infoS@werner-mertz.com www.wmprof.com

Marlex is een groeiend multinichekantoor met gespecialiseerde ondernemersadvocaten. Marlex draagt een pragmatische aanpak hoog in het vaandel zodat u concreet en doelgericht geadviseerd wordt. Het team ‘Overheid en Omgeving’ binnen Marlex beschikt over de nodige specialisatie en kennis om u bij te staan en te begeleiden in alle facetten van het complexe omgevingsrecht:

Dirk Martensstraat 23 - 8200 Brugge Tel: 050/83 20 38 - Fax: 050/83 20 36 advocatenkantoor@marlex.be

• • • • • • •

Ruimtelijke ordening, stedenbouw en milieurecht Bodemrecht Onteigeningen Overheidsopdrachten Agrarisch recht Hernieuwbare energie ...


Dé referentie voor milieuopleidingen Als onafhankelijke opleidingsverstrekker zijn wij de geknipte partner voor uw permanente vorming. Onze opleidingscoördinatoren houden constant de vinger aan de pols om zo het meest actuele opleidingsaanbod samen te stellen. Samen met de Confocusexperten spelen wij kort op de bal, met speciale aandacht voor de praktische kant van het verhaal.

CONFOCUS, UW PARTNER VOOR PERMANENTE VORMING MILIEUOPLEIDINGEN 2018 • Waterhuishouding in de industrie: beheersing en optimalisatie

• Structuur- en bodemschade 11-10-2018 Hasselt 09:00 - 12:30 19-10-2018 Gent 13:30 - 17:00 • De wijziging van het Bodemdecreet

15-06-2018 Gent 09:00 - 12:30

11-10-2018 Hasselt 13:30 - 17:00

13-09-2018 Hasselt 13:30 - 17:00

19-10-2018 Gent 09:00 - 12:30

13-11-2018 Antwerpen 09:00 - 12:30 • Nieuwigheden voor de milieucoördinator 15-06-2018 Gent 13:30 - 17:00 13-09-2018 Hasselt 09:00 - 12:30 • Het omgevingsloket, praktische uiteenzetting door twee ervaringsdeskundigen 26-06-2018 Hasselt 09:00 - 17:00 • De verkaveling in het kader van de nieuwe

• Hygiëne in de voedselketen 08-11-2018 Hasselt 13:30 - 17:00 • EHS due diligence: verschillende fases en verzekeringsoplossingen bij specifieke aansprakelijkheidsrisico’s met focus op milieu en veiligheid (EHS) 13-11-2018 Antwerpen 13:30 - 17:00 • De nieuwe Vlarem-trein 16-11-2018 Gent 09:00 - 12:30

omgevingsvergunning: juridische stand van zaken

04-12-2018 Antwerpen 09:00 - 12:30

i.v.m. de verkavelingsvergunning | de aanvraag van

18-12-2018 Hasselt 09:00 - 12:30

de verkaveling via het omgevingsloket 21-09-2018 Gent 09:00 - 13:15 28-09-2018 Hasselt 13:00 - 17:15 23-11-2018 Antwerpen 09:00 - 13:15 • Milieumisdrijven, een case study met als invalshoek het deskundigenonderzoek in strafzaken (NIEUW!) 21-09-2018 Gent 09:00 - 12:30 18-12-2018 Hasselt 13:30 - 17:00 • Nieuwigheden van de Codex-trein 04-10-2018 Antwerpen 09:00 - 13:00 • Luchtverontreiniging en dioxines 04-10-2018 Antwerpen 13:30 - 17:00 08-11-2018 Hasselt 09:00 - 12:30

Meer info en inschrijven via www.confocus.be/milieu VRAGEN? Contacteer Barbara: barbara.castermans@confocus.be of 0473 222 152.

Ecotips juni over ECOKNOWLEDGE  
New