Issuu on Google+

Va n v i e r  tot twaalf 4 5 6 7 8 9 10 11 12

Schoolgids Va n R e e n e n s c h o o l


Van vier tot twaalf De Van Reenenschool, uniek gelegen aan de rand van het bos is een school met: e e e e

Aandacht voor het individuele kind Duidelijke leerdoelen Veelzijdig aanbod op het gebied van sport en cultuur Buitenschoolse activiteiten

Wij geven uw kind bagage mee 速


Openbare school voor Basisonderwijs Spaansche Pad 1 1861 LM BERGEN tel: 072- 5812386 fax: 072-5816441 email: directie@vanreenenschool.nl www.vanreenenschool.nl


Een woord vooraf

Juli 2010

Beste ouders,

Voor u ligt een nieuwe uitgave van onze Schoolgids. Deze versie is aangepast en gewijzigd op belangrijke onderdelen. Dit is een algemene schoolgids voor een periode van vier jaar en voor elk schooljaar komt er een aparte jaarkalender met belangrijke schoolzaken zoals de vakantieregeling, groepsindeling, enzovoorts. We hopen dat u de informatie met veel plezier zult lezen en dat de inhoud van deze gids duidelijk is. We wensen iedereen een goede en leerzame schooltijd toe. Mocht u wensen of suggesties hebben ter verbetering van deze Schoolgids, dan horen wij dat graag van u. Caroline le Clercq RDO Eleonore Jansma directie Van Reenenschool


Inhoudsopgave 1. De school 1.1 Historie  1.2 Identiteit  1.3 Schoolgrootte  1.4 Bestuursvorm  2. Waar de school voor staat  2.1 Visie van de school  2.2 Onderwijskundige uitgangspunten  2.3 Contact met ouders  3. De organisatie van het onderwijs  3.1 Groepering  3.2 Groep 1 en 2  3.3 Groep 3 t/m 8  3.4 Computergebruik  3.5 Methoden  3.6 Huiswerk  3.7 E.H.B.O.en kennis eigen lichaam  3.8 BHV en Ontruiming  3.9 Het verkeersexamen  3.10 Het voortgezet onderwijs  4. De zorg voor kinderen  4.1 Opvang van nieuwe leerlingen  4.2. De ontwikkeling van kinderen volgen  4.2.1 Leerling Volgsysteem  4.3.1 Speciale zorg voor kinderen  4.3.2 Zorg voor het jonge kind  4.3.3 Toestemming voor onderzoek of behandeling  buiten de school onder schooltijd  4.4 Interne begeleiding  4.5 Orthotheek  4.6 Een groep over doen  4.7 Speciaal onderwijs  4.8 De Rugzak 

9 9 10 11 12 14 14 15 17 18 18 18 19 21 22 23 23 23 24 24 25 25 26 26 27 27 28 29 29 30 30 31


Inhoudsopgave 5. Het personeel  5.1 Groepsbezetting  6. Andere mensen in school  6.1 Vakleerkracht  6.2 ConciĂŤrge  6.3 Logopediste  6.4 Schoolbegeleider van de Onderwijsbegeleidingsdienst 6.5 Stagiaires van de PABO  6.6 Jeugdarts en verpleegkundige  6.7 Schoolfotograaf  6.8 Gastdocenten  7. De ouders  7.1 Informatiebulletin  7.2 Ouderavonden  7.3 Rapporten  7.4 Huisbezoeken  7.5 Medezeggenschapsraad  7.6 Gemeenschappelijke Medezeggenschapsraad  7.7 Ouderraad  7.8 Ouderbijdrage  7.9 Ouderhulp  7.10 Klachtenregeling  7.11 Toelating, weigering en verwijderen van leerlingen  7.12 Pestprotocol/Internetprotocol  7.13 Verkeersouder  7.14 Schoolreisjes/Excursies  8.0 Nieuwe Methoden  8.1 Nascholing  8.2 Sponsoring  9. De resultaten van het onderwijs  9.1 De doorgaande lijn  9.2 Uitstroom 

33 33 34 34 34 34 34 35 35 35 35 36 36 36 37 37 37 38 38 38 39 39 40 43 44 44 45 45 46 47 47 48


Inhoudsopgave 10. Bewegingsonderwijs, veiligheid en verantwoording  10.1 Bewegingsonderwijs  10.2 Schoolzwemmen  10.3 Schoolschaatsen  10.4 Veiligheidsbeleid ISOB  10.5 Marge  10.6 School website  11. Huishoudelijke afspraken  11.1 Schoolregels  11.2 Ziek melden  11.3 Verlof aanvragen  11.4 Regels bij bewegingsonderwijs  11.5 Overblijven  11.6 Betaling van overblijfgeld  11.7 Overblijfregels  11.8 Eten en drinken  11.9 Verjaardagen  11.10 Gevonden voorwerpen  11.11 Oud Papier  12. Naschoolse Activiteiten  12.1 Drama  12.2 Andere taal leren  12.3 Schaken  12.4 Sportschool  12.5 Eindfeest  12.6 Pleinfeest  12.7 Brede School  13. Tot Slot  14. Namen en telefoonnummers 

49 49 50 50 51 52 52 53 53 53 54 55 55 56 56 56 57 57 57 58 58 58 58 58 59 59 59 60 61


1. De School 1.1 Historie Onze school werd gebouwd in 1931. Ze behoort qua bouwstijl tot één van de mooiste scholen van Nederland. De architect was Roggeveen. Hij ontwierp het gebouw in de stijl van de “Amsterdamse School”. In 1952 kreeg de school haar naam: Van Reenenschool , genoemd naar één van de meest markante “ Heren van de Heerlijkheid”, J. van Reenen, Burgemeester van 1885 - 1923. In 2005 is er een uitgebreide renovatie afgerond, zodat de school aan de moderne eisen van deze tijd voldoet.

9


1. De School 1.2 Identiteit De Van Reenenschool is een openbare school. Dat wil zeggen dat bij de toelating geloof, huidskleur, afkomst, geaardheid en achtergrond van leerlingen geen enkele rol speelt. In onze school wordt onderwijs gegeven, maar er wordt ook opgevoed. De Nederlandse samenleving bestaat uit verschillende bevolkingsgroepen. Daarom wil een openbare school dat leerlingen opgroeien in een omgeving die net zo veelvormig is als de maatschappij waarin ze later moeten functioneren. Uitgangspunt hierbij is dat verschillen tussen leerlingen en hun leerkrachten op positieve wijze worden gewaardeerd. Om deze reden worden personeelsleden aan openbare scholen niet geselecteerd op basis van achtergrond en levensbeschouwing. De veelvormige samenstelling van het leerlingen- en het personeelsbestand is een noodzakelijke voorwaarde, maar dit is niet voldoende om de openbare identiteit van de school vorm te geven. Tijdens de verschillende lessen wordt de identiteit van onze school benadrukt. Dit gebeurt door positieve aandacht te geven aan culturele, maatschappelijke en levensbeschouwelijke verschillen tussen kinderen. Leerlingen worden gestimuleerd een eigen mening te ontwikkelen. Een vraag als: “Hoe denk jij erover?” is belangrijk. Het ontwikkelen van waarden en normen vindt plaats aan de hand van onderwerpen als: vriendschap, eerlijk of oneerlijk, goed en kwaad, enzovoort. De leerlingen wordt daarbij niet één opvatting als de enig juiste voorgehouden. Zij worden aangemoedigd tot het maken van keuzes en tot het ontwikkelen van begrip en respect voor andersdenkenden. Het ontwikkelen van verdraagzaamheid bij de leerlingen is een belangrijke doelstelling. Identiteitsvragen worden meestal niet in aparte lessen aan de orde gesteld. Afhankelijk van de situatie vindt dit op samenhangende wijze plaats tijdens de gewone lessen. Het spreekt voor zich dat de ene lessituatie zich hiervoor beter leent dan de andere.

10


1. De School 1.3 Schoolgrootte In juli 2010 bezoeken 288 kinderen onze school. Er wordt lesgegeven in 11 groepen.

11


1. De School 1.4 Bestuursvorm Sinds 1-1-2000 valt onze school onder het Bestuur van de Intergemeentelijke Samenwerking Openbaar Basisonderwijs (ISOB). Hieronder ressorteren 22 openbare basisscholen uit de volgende gemeenten: Akersloot, Bergen, Castricum, Graft - de Rijp, Heiloo, Schermer en Uitgeest. Het Bestuur bestaat uit 9 personen, een bestuursmanager en een administratieve staf. Het wordt geadviseerd door een werkgroep van directieleden. Op iedere school is een directie verantwoordelijk voor de dagelijkse gang van zaken. De directie bestaat uit een directeur en een adjunct directeur. De zeven gemeenten zijn via hun wethouder onderwijs vertegenwoordigd in de ISOB Raad. Missie, doel en uitgangspunten ISOB De ISOB heeft als statutaire opdracht en doel “het geven van openbaar (primair) onderwijs aan scholen die onder haar gezag vallen, met inachtneming van de artikelen 46 t/m 49 van de Wet op het Primair Onderwijs. Om dit doel zo goed mogelijk te verwezenlijken is het beleid van de Stichting gericht op het bevorderen van goed openbaar basisonderwijs op de scholen onder haar bevoegd gezag. De kwaliteit van het primair onderwijs, als grondslag voor alle vervolgonderwijs, is van wezenlijk belang voor de leerling en de samenleving. De Wet op het Primair Onderwijs geeft de minimum kwaliteitseisen voor het basisonderwijs. De ISOB gaat er van uit dat de school hier minimaal aan voldoet. Daarnaast dienen de scholen te voldoen aan de kwaliteitseisen van de inspectie. De scholen zijn openbaar en waarborgen onder toezicht van de Stichting, de principes die ten grondslag liggen aan dit kenmerk en leven deze actief na. Centraal in het beleid staan de leerkrachten, leerlingen en ouders. Met de Wet Medezeggenschap (W.M.S) als uitgangspunt overleggen ouders en leerkrachten in de medezeggenschapsraad. Alle gemeenschappelijke beleidszaken binnen de ISOB worden besproken in de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad. Specifieke aandachtspunten met betrekking tot de gebouwen en de schoolterreinen: de bereikbaarheid en toegankelijkheid voor minder validen en het veiligheidsbeleid van de scholen. 12


Het Bevoegd gezag staat zelf onder toezicht van de ISOB -Raad, het gemeenschappelijke orgaan van de betrokken gemeenten, aan de hand van het toezien op de kwaliteit van het onderwijs en het goedkeuren van de begroting en jaarrekening.

Statuten ISOB De ISOB organisatie kent drie geledingen: bestuur, bovenschools management en schoolmanagement. Al deze geledingen hebben hun eigen verantwoordelijkheden, bevoegdheden en taken, met als gezamenlijk doel “het geven van openbaar (primair) onderwijs op de scholen die onder haar gezag vallen”. Om tot een goed overleg en samenspel te komen, onder eindverantwoordelijkheid van het bestuur zijn drie statuten opgesteld, met als gekozen besturingsfilosofie: BESTUREN OP HOOFDLIJNEN • het Bestuursstatuut • het Managementstatuut (bovenschools) • het Directiestatuut (schoolspecifiek) Samen geven deze statuten een overzicht van de verdeling van verantwoordelijkheden, bevoegdheden en taken om functioneel en efficiënt alle bestuur- en managementzaken te onderscheiden, te regelen en tot optimale samenhang te brengen.

13


2. Waar de school voor staat 2.1 Visie van de school Wij vinden het belangrijk dat de kinderen met plezier naar school gaan. De school moet een plaats zijn waar kinderen zich veilig en geaccepteerd voelen en waar zij zich kunnen ontplooien tot zelfstandige, evenwichtige individuen. Een plaats waar ook ouders en leerkrachten graag zijn en dit uitdragen en uitstralen. Wij willen de kinderen optimaal begeleiden zodat zij zich op eigen niveau zowel intellectueel als sociaal en emotioneel kunnen ontplooien. Wij vinden het belangrijk dat de kinderen veel leren en dat het onderwijs zoveel mogelijk wordt aangepast aan de mogelijkheden van het kind. Wij houden rekening met de wijze waarop kinderen leren, het leervermogen en het leertempo. Wij werken aan een fijne sfeer in de groepen en hanteren verschillende werkvormen. Er wordt klassikaal gewerkt, maar er is ook veel ruimte voor de kinderen om zelfstandig te werken. Wij verzorgen onderwijs op maat en bevorderen het zelfvertrouwen en de competentiegevoelens bij de leerlingen. Het begrip “samen” vinden wij, zowel op school- als op groepsniveau, van groot belang: Samen spelen, samen leren, samen vieren, samen beleven. Gelijkwaardigheid tussen mensen is een belangrijk uitgangspunt. Wij willen dat de kinderen respect op kunnen brengen voor waarden en normen van anderen, die zich onderscheiden in kleur, ras, status, handicap, cultuur of geloof. Wij zijn alert op discriminatie en pesten en werken vooral aan het voorkomen ervan. Door bezig te zijn in de natuur met sport / spel, creatieve en natuurvakken, ontdekken de leerlingen de wereld om zich heen. Onze prachtige schoolomgeving draagt bij aan de ontwikkeling van de leerlingen. De Van Reenenschool, uniek gelegen aan de rand van het bos is een school met: • • • •

aandacht voor het individuele kind duidelijke leerdoelen veelzijdig aanbod op het gebied van sport en cultuur buitenschoolse activiteiten

Kortom: Een goede Basis – school Wij geven uw kind bagage mee ®

14


2. Waar de school voor staat 2.2 Onderwijskundige uitgangspunten Kinderen zijn nieuwsgierig en willen steeds iets nieuws leren. Alle kinderen verdienen aandacht en zorg, maar zeker zij die moeite hebben met leren of juist erg goed zijn. De kinderen die moeite hebben met een bepaald onderdeel krijgen extra hulp en extra oefenstof. De kinderen die meer aankunnen krijgen uitdagende opdrachten. We vinden het belangrijk dat kinderen op school presteren, maar onderkennen dat prestaties voor ieder kind verschillend kunnen zijn. Het omgaan met de verschillen willen wij op onze school gestalte geven door uit te gaan van adaptief onderwijs. Wat verstaan wij daaronder: Adaptief onderwijs is onderwijs dat aansluit bij de pedagogische en didactische behoeften van kinderen. Kinderen leren alleen optimaal als ze lekker in hun vel zitten. Kinderen zitten lekker in hun vel als ze het gevoel hebben dat zij iets kunnen, dat ze er toe doen en dat zij worden gewaardeerd. Kinderen zitten acht jaar op de basisschool; dat is een hele tijd. Adaptief onderwijs is een uitdagende, veilige leeromgeving voor kinderen. De leerkracht geeft hier vorm aan door er voor te zorgen dat kinderen zich veilig voelen op school. Kinderen uitdagen waar het kan, ondersteunen waar het moet. Aan kinderen laten merken dat je vertrouwen in ze hebt. Vertrouwen geven leidt tot zelfvertrouwen. Zelfvertrouwen geven, ondersteunen en uitdagen moet in de onderwijspraktijk zichtbaar zijn. Dat betekent klassenorganisatie, instructie en interactie met de kinderen onder de loep nemen: • is mijn klas zo ingericht dat kinderen “het zèlf” kunnen? • is mijn instructie uitdagend voor alle leerlingen? • is mijn taalgebruik zo dat kinderen zich voelen aangesproken?

15


Kinderen in de kleutergroepen ontwikkelen zich en leren vanuit spelsituaties. De leerkrachten spelen daarop in door te zorgen dat er in en rond het lokaal veel materiaal is waarvan kleuters kunnen leren. In de kring wordt over allerlei dingen gepraat. Zo leren kinderen hun verhaal onder woorden brengen en wordt hun woordenschat uitgebreid. Dit is belangrijk als voorbereiding op het latere lees -taal- en rekenonderwijs. Daarnaast wordt er veel gespeeld in de kleuterklas: aan tafels, in hoeken, op de gang en op het schoolplein. In groep 1 en 2 wordt voornamelijk aan de hand van thema’s gewerkt (b.v. school, kleding, lente). Er wordt dan eerst een “woordspin” gemaakt om te kijken wat kinderen al van een onderwerp weten. In het thema komen allerlei taal -, reken- en expressieactiviteiten aan bod. Ook ondersteunen de kleuters hun tekening met een zelfgemaakte tekst. Deze wordt in de lees- en schrijfhoek of op de computer verwerkt. Vanaf groep 1 werken we met vaste methoden voor de verschillende vakgebieden. In paragraaf 3.5. vindt u een overzicht van de methoden die we gebruiken. We besteden veel aandacht aan de basisvakken rekenen, taal en lezen. Daarnaast wordt voldoende tijd ingeruimd voor de overige vakken, waaronder expressie. Van tijd tot tijd wordt een bepaald thema gedaan. Afhankelijk van het gekozen onderwerp sluit de bovenbouw zich hierbij aan. Elk jaar wordt er door alle groepen een dramavorm gepresenteerd: toneel, musical of een andere expressievorm. Inmiddels befaamd is onze jaarlijkse Playback/ Soundmix Show met echte voorronden en prijzen en een jury. De Van Reenenschool staat voor onderwijs dat een goede aansluiting waarborgt op het vervolgonderwijs. We proberen een goed evenwicht te vinden tussen het aanleren van kennis, het stimuleren van de persoonlijke ontwikkeling en het aanleren van praktische vaardigheden. De kerndoelen, die de overheid ons stelt, willen we met zoveel mogelijk leerlingen halen. Nieuwe methoden die we aanschaffen, worden daarop getoetst. 16


2. Waar de school voor staat 2.3 Contact met ouders Het team van de Van Reenenschool vindt een goed contact tussen school en ouders erg belangrijk. We hebben immers hetzelfde doel voor ogen: de zorg voor uw kind(eren)! We proberen dan ook om alles zo goed mogelijk te laten verlopen, zodat alle kinderen een plezierige en leerzame tijd bij ons op school hebben. Toch kan er wel eens iets gebeuren wat u minder prettig vindt of waar u het niet mee eens bent. Blijf dan niet met uw ongenoegen bij de voordeur steken, maar neem contact op met de leerkracht die hierbij betrokken is. Zijn het meer algemene zaken, maak dan een afspraak met de directie. Openheid werkt vaak verhelderend!

17


3. De organisatie van het onderwijs 3.1 Groepering De Van Reenenschool is in jaargroepen georganiseerd. Kinderen van dezelfde leeftijd zitten meestal in dezelfde groep. Bij grote toename van het aantal kleuters in de loop van het schooljaar, wordt een extra kleutergroep geformeerd of er komen “meer handen in de groep�. Vanaf het schooljaar 2008-2009 gebruiken wij twee lokalen in de St. Adelbertusschool. In deze twee lokalen wordt aan de halve groep vakonderwijs gegeven zoals: Beeldende vorming en E.H.B.O. Wij hanteren geen leerlingenstop

3.2. Groep 1 en 2 De jongste en oudste kleuters zitten in gemengde groepen. Dit is een bewuste keuze. We hebben gemerkt dat kinderen beter met elkaar omgaan. Bij de jongste kleuters ligt de nadruk vooral op het wennen aan school. Er is veel aandacht voor de structuur: gewoontevorming en regelmaat. Dit gaat bij de oudste kleuters door, maar hier hebben de leerkrachten een meer sturende rol. In de kleutergroepen leren en ontwikkelen kinderen zich vanuit spelsituaties. De lokalen zijn zo ingericht dat er voldoende speelmogelijkheden voor kinderen zijn. Ook de gang wordt benut. Als u door onze kleutergang loopt, zult u overal kinderen zien spelen. De kleuters hebben nog geen eigen tafeltje. In overleg met de leerkracht mogen ze aan alle tafels en in alle hoeken spelen. De kleuters hebben dagelijks bewegingsonderwijs. Dit vindt plaats in de speelzaal, in de klas of buiten. In de kleutergroepen wordt o.a. veel aandacht besteed aan het bevorderen van de zelfstandigheid.

18


3. De organisatie van het onderwijs 3.3 Groep 3 t/m 8 Vanaf groep 3 werken we op een andere manier met kinderen. De inrichting van de lokalen is dan ook anders dan in de kleutergroepen. De kinderen zitten meestal op een vaste plaats in een groepje. Alleen tijdens het maken van toetsen worden de tafeltjes uit elkaar gezet. Op die manier heeft de leerkracht goed zicht op de individuele prestaties van kinderen. We realiseren ons dat de overstap van groep 2 naar groep 3 groot is. We proberen dan ook zoveel mogelijk aansluiting te vinden. Kinderen kunnen niet opeens de hele dag geconcentreerd werken. Daarom is het lesrooster van groep 3 zo opgebouwd dat er nog voldoende momenten zijn voor spel en beweging. De kinderen wennen zo langzamerhand aan een meer ‘schoolse’ aanpak.

19


3. De organisatie van het onderwijs 3.3 Groep 3 t/m 8 Een groepsleerkracht moet de aandacht verdelen over een groot aantal kinderen. In elke groep zijn verschillende niveaus: kinderen verschillen immers in aanleg, kennis en mogelijkheden. Onderwijs op maat is een begrip dat we steeds verder ontwikkelen. In alle groepen wordt zelfstandig gewerkt door middel van het werken met een ochtendtaak. Iedere groep werkt ook met de keuzewerkkast . In deze kast vinden de kinderen verschillende spelletjes en leermiddelen waarmee zij zelfstandig kunnen werken.Tijdens het zelfstandig werken heeft de leerkracht de gelegenheid om individuele hulp te bieden waar dat nodig is. Dit gebeurt aan de zgn. instructietafel. Om de kinderen zo goed mogelijk te begeleiden gebruiken we moderne methoden die voldoen aan de kerndoelen die het Ministerie ons stelt. Daarnaast maken we gebruik van allerlei andere (aanvullende) materialen en doen we een beroep op de dienstverlening van instellingen, zoals de Openbare Bibliotheek, O.B.D.(Onderwijs Begeleidings Dienst Noord West Holland), S.K.V (Steunpunt Kunstzinnige Vorming Alkmaar). Tevens is er een goede samenwerking met kunstenaars en vakdocenten uit Bergen. Om kunstzinnige en culturele aspecten binnen ons onderwijs vorm te geven wordt met name in de hoogste groepen gewerkt met ieder jaar terugkerende thema’s en projecten rond Kunsttiendaagse, de Openbare Bibliotheek, museum “Kranenburgh” en het project “Bergen”. In april 2005 hebben de kinderen de Ruïnekerk geadopteerd. In het project Bergen wordt aandacht aan deze kerk besteed. Ook proberen we -in samenwerking met de ouderraad- regelmatig voorstellingen op school te organiseren. Cultuureducatie heeft en vaste vorm op de school en een vaste structuur. Om dit beleid uit te voeren worden jaarlijks subsidies aangevraagd door de school.

20


3. De organisatie van het onderwijs 3.4 Computergebruik De computer is niet meer weg te denken uit ons onderwijs. Wij gebruiken de computer niet alleen in remediërende zin, maar ook als ondersteuning van onze lesmethoden, als informatiebron en verwerkingsmogelijkheid (tekstverwerken). In alle groepen zijn één of meer computers aanwezig en in de gang staan ook enkele computers. We werken met een computernetwerk en vanaf groep 6 leren de kinderen gebruik maken van Kennisnet en Internet. Elke groep werkt met een duidelijk protocol, waarin beschreven staat hoe er met de computers omgegaan moet worden en wat de regels zijn bij het gebruik van Kennisnet en Internet. De regels zijn vooral bedoeld om ongewenst internetgedrag te voorkomen. In de groepen 1 t/m 5 kan alleen de leerkracht een internetsite of Kennisnet op starten. We werken met een wachtwoord. Sinds 2007 werken wij volgens het ISOB ICT beleidsplan. Hierin staat precies omschreven wat ons doel is en hoe we dat willen bereiken. Op de voorzolder is een aparte ICT ruimte. In elke klas hangt een digitaal Smartbord.

21


3. De organisatie van het onderwijs 3.5 Methoden Hieronder volgt een overzicht van de belangrijkste door ons gebruikte methoden: Vakgebied:

Methode: Groep:

Rekenen en wiskunde

Wereld in Getallen

3 t/m 8

Lezen

Veilig leren lezen

3

Taal- Begrijpend lezen

Taal- leesland

4 t/m 8

Schrijven

Schrijven in de Basisschool Pennenstreken

4 t/m 8 groep 3

Aardrijkskunde

Geobas + Topo

5 t/m 8

Geschiedenis Verkeer

Brandaan

5 t/m 8

Wijzer op Weg

3 t/m 8

Engels

Take it Easy

7 t/m 8

Biologie (incl. techniek)

Leefwereld

1 t/m 8

Creatief (muziek, tekenen, drama, handvaardigheid en dans)

Moet je Doen!

1 t/m 8

Sociaal-emotionele ontwikkeling

Klets

1 t/m 8

Kleuterthema methode

Kleuterplein

1 en 2

WereldoriĂŤntatie wordt in de groepen 1 t/m 4 niet methodisch, maar thematisch aangeboden. Al onze methoden voldoen aan de nieuwste herziene Kerndoelen van het Ministerie.

22


3. De organisatie van het onderwijs 3.6 Huiswerk Het komt soms voor dat een kind moeite heeft met een bepaald vak. De leerkracht kan ouders dan adviseren om thuis ook eens te oefenen. Vanaf groep 6 krijgen de kinderen regelmatig taken of opdrachten mee naar huis. Het huiswerk bestaat uit het leren voor een overhoring, bijvoorbeeld topografie, taal- of rekenlesjes, het voorbereiden van een spreekbeurt of het maken van een werkstuk. Meestal krijgen de kinderen ook tijdens de les tijd om aan deze taken te werken. De specifieke voorbereiding op het voortgezet onderwijs gebeurt in groep 8. De kinderen krijgen dan structureel, -2x per week- huiswerk en ze leren dit huiswerk te plannen

3.7 E.H.B.O. en kennis eigen lichaam

Als onderdeel van het biologieonderwijs en bevordering gezond gedrag wordt ieder jaar aan de kinderen van groep 8 een cursus Jeugd-E.H.B.O. gegeven, waarbij na een aantal theorielessen ook de praktijk aan de orde komt. Het project wordt afgesloten met het behalen van een Jeugd-E.H.B.O. diploma. In deze groep wordt ook seksuele voorlichting gegeven

3.8 B.H.V en Ontruiming Op onze school zijn vijf leerkrachten in het bezit van een B.H.V.- certificaat (Bedrijfshulpverlener). Hiervan zijn er twee met een geldig E.H.B.O. diploma. Er bestaat op school een ontruimingsplan wat ingezet wordt bij calamiteiten. Het stappenplan dat hier bij hoort hangt op verschillende plaatsen in de school. Bij een “Noodplan” horen ook plattegronden waar de vluchtwegen, blusmiddelen etc. op aangegeven staan. Het oefenen van het ontruimingsplan staat in het schooljaar op het programma. Verder bespreken we in elke groep wat er gebeuren moet in een noodsituatie. Wij werken met het “maatjes systeem”.

23


3. De organisatie van het onderwijs 3.9 Het verkeersexamen In groep 8 wordt het verkeersexamen afgenomen. Dit examen bestaat uit een theoretisch- en een praktisch gedeelte. De kinderen die geslaagd zijn krijgen na afloop een diploma.

3.10 Het voortgezet onderwijs Aan het eind van groep 7 wordt de CITO Entree toets afgenomen. Deze toets wordt aan de N.I.O. toets gekoppeld (Nederlands Intelligentietest voor Onderwijsniveau). Zo kunnen wij naast de resultaten van ons CITO leerling volgsysteem een goed advies geven voor het vervolgonderwijs. De N.I.O. toets wordt aan het begin van groep 8 afgenomen. Deze toets wordt door een psychologe afgenomen. De resultaten en het schooladvies van deze toets worden met de leerkracht van groep 8 doorgesproken. Dit advies is gebaseerd op een aantal zaken: De schoolvorderingen: hoe heeft uw kind de afgelopen jaren gewerkt, wat waren de resultaten en hoe kwamen die resultaten tot stand? Met de Entreetoets kan de leerkracht goed nagaan of de leerling op niveau presteert en of er in de kennis en vaardigheden op bepaalde punten hiaten zitten. Op basis van de uitslag van deze toets kan er een gericht plan gemaakt worden om aan deze hiaten te werken in groep 8. De uitslag van de N.I.O. toets geeft een aanvulling op de bevindingen van de leerkracht en vormt een extra ondersteuning bij de keuze voor een bepaalde vorm van voortgezet onderwijs. De uitslag van de N.I.O. toets kan bepalend zijn voor de schoolkeuze. Als uw kind in groep 8 zit, krijgt u van de groepsleerkracht een advies over de meest geschikte vorm van onderwijs na de basisschool. Deze gesprekken vinden in november plaats en dit betreft een voorlopig advies. In februari vindt een tweede gesprek plaats. Na dit gesprek, waarin de definitieve schoolkeus wordt bepaald, kunt u uw kind aanmelden bij een school voor voortgezet onderwijs. In februari houden de scholen voor voortgezet onderwijs open dagen. Let u op de brochures!

24


4. De zorg voor de kinderen 4.1 Opvang van nieuwe leerlingen Zodra een kind 4 jaar is, mag het naar school. Ouders van nieuwe leerlingen krijgen bij aanmelding van hun kind(eren) onze Schoolgids aangeboden en worden rondgeleid door het gebouw. In het aanmeldingsgesprek worden zoveel mogelijk vragen beantwoord. Voor zo’n gesprek nemen we graag ruim de tijd. We stellen het dan ook op prijs als ouders hiervoor een afspraak maken. Tijdens het aanmeldingsgesprek spreken we met de ouders af dat wij ongeveer vijf weken voordat hun kind 4 jaar wordt, contact opnemen. Op dat moment weten wij in welke groep het kind zal komen. Ouders kunnen vervolgens met de betreffende leerkracht een afspraak maken over het ‘proefdraaien’ van hun kind in de groep (vijf ochtenden of middagen). Als een kind van een andere basisschool bij ons komt (bijvoorbeeld door een verhuizing), gaat het bovenstaande verhaal natuurlijk niet op. Na aanmelding volgt meestal meteen een plaatsing, soms voorafgegaan door een dagdeel proefdraaien ter kennismaking. Tijdens het kennismaken op school wordt een intakeformulier aan de ouders meegegeven, dat thuis kan worden ingevuld. We willen dat onze nieuwe leerlingen zich zo snel mogelijk thuis voelen. Na zes weken volgt er een gesprek met de ouders, waarbij het intakeformulier besproken wordt.

25


4. De zorg voor de kinderen 4.2 De ontwikkeling van kinderen volgen In de kleutergroepen beginnen we al met het regelmatig observeren van de kinderen (PRAVOO). Belangrijke gegevens worden door de leerkrachten genoteerd. Deze bevindingen worden met de ouders besproken tijdens de 10-minutengesprekken. Vooral in de onderbouw wordt veel werk van de kinderen dagelijks mee naar huis gegeven. Tevens worden werkjes e.d. in een plakboek bewaard dat na de kleuterperiode met het kind mee naar huis gaat. U kunt dit boek tijdens een contactavond inzien. In groep 3 t/m 8 wordt het werk regelmatig bekeken door middel van toetsen uit de methode of door de leerkracht zelf gemaakte repetities. De methodegebonden toetsen worden om de 3 Ă  4 weken afgenomen en toetsen iedere keer een gedeelte van de behandelde leerstof. Op basis van deze toetsgegevens en observaties worden eventuele problemen vroegtijdig gesignaleerd.

4.2.1 Leerlingvolgsysteem Een andere manier om de kwaliteit van het onderwijs te bewaken en verder te verhogen is het werken met toetsen. Om onze leerlingen zo goed mogelijk te kunnen volgen in hun ontwikkeling maken we, naast de methodegebonden toetsen, gebruik van het CITO leerlingvolgsysteem. Het systeem levert waardevolle informatie op over de leerlingen vanaf hun vijfde jaar. Het laat zien hoeveel een kind in een bepaalde periode heeft bijgeleerd. De CITO- toetsen die we daarvoor gebruiken, worden 2 keer per jaar afgenomen bij een grote groep leerlingen verspreid over het hele land. Daardoor is het mogelijk de vorderingen van uw kind te vergelijken met de leeftijdsgenoten. De vakken rekenen, taal en begrijpend lezen worden zo op verschillende onderdelen getoetst. De resultaten van deze toetsen krijgt u in het rapport van uw kind in januari en in maart. Tijdens de oudergesprekken worden o.a. de resultaten van deze toetsen besproken. Vanaf september 2005 werkt onze school met een leerlingvolgsysteem voor de sociaal- emotionele ontwikkeling. Als school vinden wij het belangrijk om de cognitieve en de sociaal- emotionele ontwikkeling in onderlinge samenhang te zien en de kinderen hierin goed te begeleiden, zodat zij zich als evenwichtige en weerbare kinderen ontwikkelen.

26


4. De zorg voor de kinderen 4.3.1 Speciale zorg voor kinderen Het komt voor dat een leerling de leerstof niet goed opgenomen heeft of dat het tempo voor die leerling te hoog ligt. Dat betekent dat een leerkracht goed moet kunnen omgaan met de verschillen in de groep.In principe wordt alle extra hulp aan kinderen in de klas gegeven door de groepsleerkracht. Soms is hulp buiten de groep nodig. Ook kinderen die bijzonder goed kunnen leren krijgen speciale aandacht. Binnen de methodes is extra oefenstof aangegeven die deze leerlingen kunnen maken. Bovendien gebruiken we voor deze leerlingen speciale leerstof waaraan ze zelfstandig kunnen werken. Via de school (intern begeleider) kan een speciaal onderzoek aangevraagd worden bij het Zorgloket van Weer Samen Naar School. Hierin wordt bekeken hoe ver het kind op dat moment is. In zeer uitzonderlijke gevallen stromen kinderen versneld door naar de volgende groep. Bij de kleutergroepen kan het voor komen dat een kind een extra kleuterjaar krijgt. Op school is een protocol aanwezig waarin dit omschreven staat.

4.3.2 Zorg voor het jonge kind Wij proberen de groepen niet te groot te laten zijn en waar dat wel gebeurt kiezen wij voor “meer handen in de groep�. Dan komt er gedurende een aantal uren iemand in de groep bij. Dit kan een onderwijsassistente of een stagiaire zijn. Een andere manier is om een extra kleutergroep te starten. Dit moet echter mogelijk zijn binnen de schoolformatie en er moet een ruimte voor zijn. Ook zijn uren vrijgemaakt voor de intern begeleider. Deze kan hulp bieden waar dat nodig is.

27


4. De zorg voor de kinderen 4.3.3 Toestemming voor onderzoek buiten de school onder schooltijd Ouders kunnen de school toestemming vragen om medewerking te verlenen voor onderzoek/ behandeling/ begeleiding onder schooltijd door externen. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om logopedie, fysiotherapie, medisch of psychologisch onderzoek. Uitgangspunt hierbij is, dat een leerling zoveel mogelijk meedoet met het geplande onderwijsprogramma. Afspraken buiten de school moeten zodanig gepland worden, dat de leerling zo weinig mogelijk afwezig is. Een aanvraag voor deze vorm van verlof voor onderzoek of behandeling buiten de school moet schriftelijk worden gedaan bij de directie. Hierbij wordt gebruik gemaakt van een instemmingsformulier. Bij ondertekening daarvan nemen de ouders zelf de verantwoordelijkheid op zich gedurende de tijd dat het kind niet op school kan zijn en wordt de school gevrijwaard voor aanspraken gedurende deze tijd. Er kan alleen toestemming worden gegeven als het zeker is dat de leerling buiten de school onder begeleiding naar een externe gaat.

28


4. De zorg voor de kinderen 4.4 Interne begeleiding Om de hulp aan kinderen te coĂśrdineren en te structureren is een intern begeleider op school werkzaam die daarvoor een speciale opleiding heeft gevolgd. Om de 8 weken heeft de intern begeleider overleg met de groepsleerkracht over het functioneren van de kinderen. Mochten er problemen zijn dan wordt er samen met de leerkracht naar het kind gekeken en gezocht naar mogelijke oplossingen. Tot de taak van de intern begeleider behoort ook het ondersteunen bij een doorgaande hulplijn en het helpen opstellen en uitvoeren van een handelingsplan. Een handelingsplan is een plan waarin beschreven staat welke maatregelen er nodig zijn om het betreffende kind goed te begeleiden, wat voor extra hulp een kind met een leer- en/ of gedragsprobleem krijgt en in welke vorm. De ouders zijn hiervan op de hoogte. Na ongeveer 8 weken vindt er een evaluatie plaats en wordt indien nodig het handelingsplan bijgesteld. De intern begeleider kan als dat nodig is aanvullende tests afnemen om meer duidelijkheid te krijgen over een gesignaleerd probleem. Mocht er in overleg met de leerkracht besloten worden om aanvullende tests af te nemen worden de ouders hier altijd van op de hoogte gebracht. Soms is het noodzakelijk dat er een gespecialiseerd onderzoek plaatsvindt omdat de geboden hulp op school niet het gewenste resultaat oplevert. Ook dit gebeurt in overleg en met toestemming van de ouders. De intern begeleider kan bij externe instanties zoals de Onderwijs Begeleidingsdienst, Bureau Jeugdzorg en het Speciaal Onderwijs terecht met vragen. Alle leerkrachten kunnen een beroep doen op de ondersteuning van de intern begeleider. Mocht u als ouder een probleem willen bespreken over uw kind, doet u dat dan in eerste instantie met de groepsleerkracht. Die maakt het kind de hele dag mee en heeft een goede kijk op de ontwikkeling van het kind in de groep. Daarnaast kunt u altijd een afspraak maken met de intern begeleider. De school werkt met een zgn. Zorgteam. Dat komt elk kwartaal bij elkaar voor overleg over de zorgleerlingen.

4.5 Orthotheek De Van Reenenschool beschikt over een zogenaamde orthotheek. In deze ruimte staan veel toetsen, boeken en hulpmaterialen om kinderen met b.v. lees -, taal of rekenproblemen te kunnen helpen. De afgelopen jaren hebben we veel geld geĂŻnvesteerd in de aanschaf van nieuwe materialen. De intern begeleider beheert de orthotheek. 29


4. De zorg voor de kinderen 4.6 Een groep overdoen Dit komt alleen in uitzonderingssituaties voor en gebeurt altijd in goed overleg met de ouders. Wanneer er sprake is van een leerachterstand en wij van mening zijn dat een extra jaar niet zal leiden tot het gewenste resultaat kunnen we besluiten dat het kind (voor een bepaald vak) met een aangepast programma gaat werken. Op school is een protocol aanwezig, waarin dit omschreven staat.

4.7 Speciaal onderwijs Nu in augustus 1998 de Wet op het Primair Onderwijs van start is gegaan, werken basis- en speciaal onderwijs nauw met elkaar samen. Ons samenwerkingsverband met scholen voor speciaal onderwijs in Alkmaar heet “De Basis”. Binnen deze wet vloeien de taken van remedial teacher en intern begeleider samen. In samenwerking met de scholen die participeren in het samenwerkingsverband “De Basis” is voor leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften een z.g. Zorgplan ontwikkeld. Alle zorg aan kinderen wordt vanuit dit plan gegeven. Onder het motto Weer Samen Naar School gaan we zorgvuldig om met verwijzingen naar het speciaal onderwijs. We proberen alle kinderen zo goed mogelijk te begeleiden, toegespitst op persoonlijke mogelijkheden. In uitzonderingsgevallen verwijzen we een kind, in overleg met de ouders, toch door naar een speciale school voor basisonderwijs. Aan zo’n verwijzing is een heel proces voorafgegaan en gebeurt alleen met toestemming van de ouders. Allereerst bieden we zelf extra hulp. Als dit onvoldoende resultaat heeft, wordt er hulp van buitenaf ingeroepen. Daarvoor kunnen wij gebruik maken van een aantal specialisten, verbonden aan het samenwerkingsverband. Er volgt een uitgebreid onderzoek waar een advies op volgt. In een speciale commissie (PCL= Permanente Commissie voor Leerlingenzorg) wordt besproken met welke onderwijsondersteuning het kind het beste geholpen is. Soms is het kind het meest gebaad bij plaatsing op een SBO school. (School voor Speciaal Basisonderwijs) Het doorverwijzingpercentage van de Van Reenenschool is zeer laag.

30


4. De zorg voor de kinderen 4.8 De Rugzak Wat is de Rugzak? De rugzak is een andere naam voor de wet op de leerling gebonden financiering (LGF-wet). Deze wet geeft ouders van een kind met een handicap het recht om die school voor hun kind te kiezen die zij het meest geschikt vinden. Dat kan een reguliere (gewone) school zijn of een school voor speciaal onderwijs. De Rugzakwetgeving is bedoeld voor kinderen in het basis- en voortgezet onderwijs. Regulier onderwijs Wanneer ouders kiezen voor een gewone school en het kind extra voorzieningen nodig heeft, kunnende ouders een leerling- gebonden budget aanvragen. Het kind neemt dit budget als het ware in een Rugzakje met zich mee. Voor wie is de Rugzak bedoeld? De Rugzak - of leerling gebonden financiering- is bedoeld voor kinderen met een handicap die dus extra voorzieningen nodig hebben om regulier onderwijs te volgen. Het gaat om: • Dove en slechthorende kinderen • Kinderen met ernstige spraaktaal -moeilijkheden • Lichamelijk gehandicapte kinderen • Verstandelijk gehandicapte kinderen • Meervoudig gehandicapte kinderen • Langdurig zieke kinderen • Kinderen met ernstige psychiatrische of gedragsproblemen (b.v. autisme) Het gaat dus om kinderen die zonder extra begeleiding geen reguliere school kunnen bezoeken. Deze kinderen zitten vaak in het Speciaal Onderwijs.

31


4. De zorg voor de kinderen Hoe werkt de Rugzak? Stel: uw kind heeft een functiebeperking en u denkt na over een school voor uw kind. Wat kan de Rugzak dan precies betekenen voor u en uw kind? Wat moet u doen om uw kind in aanmerking te laten komen voor de Rugzak? Allereerst wordt gekeken of uw kind in aanmerking komt voor een leerling gebonden financiering. Dit wordt indicatiestelling genoemd. Een onafhankelijke commissie bekijkt voor welk type speciaal onderwijs uw kind in aanmerking komt. Met deze indicatie kunt u kiezen voor speciaal onderwijs. Als u kiest voor regulier onderwijs en uw kind wordt toegelaten tot een gewone basisschool, dan ontvangt u een Rugzak. Voor het regelen van de aanvraag kunt u hulp vragen bij het Regionaal Expertise Centrum. (REC) De directie of intern begeleider van de school kunnen u daar nader over informeren. Wat zit er in een Rugzak? • Een bedrag voor gedeeltelijke uitbreiding van het aantal leerkrachten. • Een bedrag voor ambulante begeleiding • Een bedrag voor aanpassing van lesmateriaal.

32


5.0. Het personeel 5.1 Groepsbezetting Niet elke leerkracht werkt vijf dagen en is alleen verantwoordelijk voor een groep. Veel collega’s werken in deeltijd, waardoor groepen te maken hebben met twee leerkrachten. De leerkrachten die in deeltijd werken, worden op een vast moment vervangen door een andere collega. Bij ziekte van leerkrachten zijn we afhankelijk van de beschikbaarheid van invallers. In ons samenwerkingsverband ISOB kunnen we gebruik maken van een invallerspool. Bij noodsituaties werken we met een vervangingsprotocol. Hierin staat welke groep er opgesplitst zal worden en waar. In onze jaarkalender staat o.a. de klassenverdeling.

33


6. Andere mensen in school 6.1 Vakleerkrachten (3) De groepen 3 t/m 8 beschikken over een vakleerkracht gymnastiek. Zij geeft elke groep één keer in de week les. Het andere gym uur wordt door een bevoegde groepsleerkracht verzorgd. Deze lessen bestaan uit spel en dans. De lessen worden in de gymzaal of bij mooi weer op het sportveld gegeven. Ook is er een vakdocent Beeldende Vorming aanwezig. Zij werkt in projectvorm met een halve klas. Voor extra muzieklessen, naast onze muziekmethode, komt er een vakdocent muziek in enkele groepen. 6.2 Conciërge Op school is er op vijf dagdelen in de week iemand die conciërgetaken heeft. 6.3 Logopediste Ieder schooljaar worden de middelste of oudste kleuters door de logopediste die verbonden is aan de Jeugd- Gezondheidszorg gescreend. Dit is bedoeld om problemen op het gebied van stem -,spraak -, taal- en mondgewoonten tijdig op te sporen. Zonodig wordt u uitgenodigd voor een adviesgesprek of een verwijzing naar een externe logopedist. Op verzoek kunnen ook kinderen uit andere jaargroepen aangemeld worden om bekeken te worden. 6.4 Schoolbegeleider van de Onderwijsbegeleidingsdienst De Onderwijsbegeleidingsdienst (OBD) adviseert scholen over de aanschaf van materialen en het invoeren van nieuwe werkwijzen. Ook verzorgt men nascholing voor leerkrachten en worden directies ondersteund bij de uitvoering van onderwijskundige vernieuwingen.

34


6. Andere mensen in school 6.5 Stagiaires van de PABO en het Horizon College Regelmatig begeleiden we stagiaires van de PABO in Alkmaar. We vinden het een goede zaak op deze wijze mee te helpen om het onderwijs ook in de toekomst te voorzien van goed opgeleide collega’s. De eindverantwoordelijkheid van de door stagiaires gegeven lessen blijft altijd bij de betreffende groepsleerkracht. De zogenaamde LIO -leerkrachten (Leraar In Opleiding) mogen zelfstandig voor de klas staan. De stagiaires van het Horizon College doen een opleiding voor klassenof onderwijsassistent of ICT. 6.6 Jeugdarts en verpleegkundige Evenals in voorgaande jaren zullen de schoolarts en de verpleegkundige van de Gezondheidsdienst onze school bezoeken. Onder voorbehoud staat het volgende op het programma. • De 5-jarigen krijgen een algeheel onderzoek. • Onderzoek van ogen, oren, enz. kan later nogmaals gecontroleerd worden. • Onderzoek van groep 5. U ontvangt altijd ruim van tevoren bericht wanneer uw kind wordt onderzocht. Het onderzoek vindt meestal plaats op school. Voor meer informatie is er op school de folder van de Jeugd- Gezondheidszorg te verkrijgen. 6.7 Schoolfotograaf Elk jaar stellen wij u in de gelegenheid om foto’s te laten maken van uw kind(eren). Hiervoor nodigen we een professionele fotograaf uit. U hoeft pas te beslissen over een eventuele aankoop, nadat u de foto’s gezien heeft. 6.8 Gastdocenten Ten slotte maken we gebruik van gastdocenten in het kader van bepaalde thema’s (Sociale redzaamheid, milieu, techniek, kunst). Zij geven vooral lessen in de hogere groepen. We denken b.v. aan Kunstenaars ,docenten van het S.K.V, (Stichting Kunstzinnige Vorming) de Stichting Parlan. 35


7. De ouders Een goed contact tussen school en ouders is erg belangrijk! We hebben immers hetzelfde doel voor ogen: het welbevinden van uw kind! ( zie ook blz.16) Het team informeert u niet alleen over alle belangrijke gebeurtenissen op school, maar ook over de ontwikkeling en de leerprestaties van uw kind. Wij van onze kant stellen het op prijs als u de school ook van belangrijke gebeurtenissen thuis op de hoogte houdt. 7.1 Informatiebulletin Ouders ontvangen maandelijks ons informatiebulletin: “Het Van Reenen Maandnieuws”. Hierin is belangrijke informatie over de schoolorganisatie te vinden. U kunt dit bulletin ook op onze website vinden. 7.2 Ouderavonden Jaarlijks organiseren we verschillende ouderavonden. In het begin van het jaar vindt altijd een informatieavond plaats. U maakt dan kennis met de leerkracht(en) van uw kind. Tijdens deze avond wordt niet over individuele kinderen gesproken. De leerkrachten geven uitleg over de leerstof en activiteiten die dat schooljaar op het programma staan. Ook worden onze schoolregels op die avond toegelicht. Tweemaal per jaar plannen we voor alle groepen een gespreksavond. De ouders worden dan allemaal uitgenodigd voor een gesprek met de groepsleerkracht. Op deze avond wordt het rapport besproken en kunt u met de leerkracht praten over de ontwikkeling, de vorderingen en het gedrag van uw kind. Voorafgaand hebben we een “inloopavond” of “inloopmiddag”. U kunt dan samen met uw kind(eren) naar school komen. Het is de bedoeling dat uw kind zijn of haar werk laat zien en vertelt waar het zoal mee bezig is geweest de afgelopen periode. Aan het eind van het schooljaar kunnen er ( facultatieve) oudergesprekken op afspraak van de ouders of de leerkracht zijn. Vooral in de onderbouwgroepen halen veel ouders hun kinderen zelf van school. Dat kan een moment zijn om iets te vragen aan de leerkracht of een afspraak te maken voor een gesprek. De leerkrachten nemen wanneer zij dat nodig vinden uiteraard ook zelf contact met u op buiten de gespreksavonden.

36


7. De ouders 7.3 Rapporten Alle kinderen krijgen vanaf eind groep 2 een rapport. In dit rapport maken we gebruik van een cijfer - en/of woord- beoordeling. 7.4 Huisbezoeken In het algemeen geldt dat de leerkrachten op huisbezoek kunnen gaan bij de kinderen uit hun klas. Dit huisbezoek kunt u met elkaar afspreken. 7.5 Medezeggenschapsraad Aan elke school is een medezeggenschapsraad (MR) verbonden. Dit inspraakorgaan heeft als doel de verschillende bij de school betrokken groepen (ouders en team) medezeggenschap te geven. Afhankelijk van het onderwerp heeft de MR het recht om advies en/of instemming te geven aan de directie of het bevoegd gezag (het I.S.O.B. bestuur). Sinds januari 2007 is er een nieuwe wet (W.M.S.) voor de medezeggenschapsraad. De taken en bevoegdheden van de medezeggenschapsraad zijn nauwkeurig omschreven in een reglement. De medezeggenschapsraad op onze school bestaat uit acht leden. Vier leden worden gekozen uit de ouders, vier leden worden gekozen uit en door het personeel van de school. Elk jaar treedt een gedeelte van de raad af volgens een rooster van aftreden en worden er zo nodig nieuwe verkiezingen uitgeschreven. Alle onderwerpen die op school van belang zijn, komen in de medezeggenschapsraad aan de orde. Mocht u een bepaald onderwerp graag behandeld zien, dan kunt u dat bij de medezeggenschapsraad inbrengen. De vergaderingen van de medezeggenschapsraad zijn openbaar. De directie is als gesprekspartner aanwezig tijdens een gedeelte van de MR- vergaderingen.

37


7. De ouders 7.6 Gemeenschappelijke Medezeggenschaps Raad De ISOB heeft een G.M.R. (Gemeenschappelijke Medezeggenschaps Raad). Onze school wordt hierin vertegenwoordigd door een ouder van de M.R. Hier wordt op dezelfde wijze advies gegeven en ingestemd als in de MR (Medezeggenschapsraad). 7.7 Ouderraad De ouderraad stelt zich tot doel om de betrokkenheid van ouders, verzorgers en voogden en de belangstelling voor de school in al haar facetten te bevorderen.De ouderraad is een vertegenwoordiging van ouders die allerlei activiteiten (mede) organiseren zoals het sinterklaasfeest, het kerstfeest, de avond- vierdaagse, het eindfeest, en de inrichting van de hal. De ouderraad kan de medezeggenschapsraad advies geven betreffende aangelegenheden van de ouders, voogden en verzorgers en/of leerlingen van de school. Tenslotte betrekt de ouderraad de ouders, voogden, verzorgers bij (buiten) schoolse activiteiten en informeert hen daarover. De ouderraad is in het schooljaar 2006-2007 een Stichting geworden. 7.8 Ouderbijdrage Bij de vaststelling van de hoogte van de vrijwillige ouderbijdrage gaan we uit van tien maanden (september t/m juni). Als een kind in de loop van het schooljaar op school komt, betaalt u vanaf de daaropvolgende maand. Streefbedrag per kind is e40,- In de hal wordt op het prikbord het jaarverslag en de begroting voor het nieuwe schooljaar bekend gemaakt. De kosten van de schoolreisjes zijn hier niet bij inbegrepen. In september ontvangt u een brief waarin staat op welke rekening u de ouderbijdrage kunt overmaken.

38


7. De ouders 7.9 Ouderhulp Wij vinden het belangrijk dat ouders betrokken zijn bij het functioneren van hun kind op school. Kinderen voelen zich beter thuis op school als hun ouders een goed contact hebben met de leerkrachten. Ouders zijn op vele manieren actief betrokken op de Van Reenenschool. Niet alleen de medezeggenschapsraad en de ouderraad spelen een belangrijke rol, maar ook andere ouders zijn actief bij veel activiteiten. 7.10 Klachtenregeling Ondanks de inzet om alles naar wens te laten verlopen op onze school kan het voorkomen dat iets niet goed is gegaan of dat de school in gebreke is gebleven. Als dit gebeurt dan betreuren wij dit zeer, maar waar gewerkt wordt kunnen fouten worden gemaakt. In voorkomende gevallen vragen wij u te overleggen met de leerkrachten van uw kind of met de persoon in kwestie om problemen op te lossen of eventueel te herstellen. Als dit niet lukt vragen wij u contact op te nemen met één van de directieleden om de zaak alsnog te regelen. Mocht dit ook niet lukken en wilt u hier een klacht over indienen dan kunt u zich wenden tot de contactpersoon van de school. Ook kan deze persoon u verder verwijzen hoe het één en ander in zijn werk gaat. De contactpersoon van onze school is: Mevrouw B. v.d. Water Telefoonnummer op school: 072- 5812386

39


7. De ouders 7.11 Toelating, weigering en verwijderen van leerlingen Wat betreft toelating en verwijdering van leerlingen van de 22 basisscholen binnen de ISOB hebben wij de volgende regels vastgesteld. Toelatingsbeleid 1. Om als leerling op een van onze scholen te worden toegelaten moet deze leerling de leeftijd van 4 jaar hebben bereikt. 2. De leerlingen worden geplaatst op de dag dat zij de vierjarige leeftijd hebben bereikt of zo spoedig mogelijk daarna in overleg met de directie van de school. 3. In de periode vanaf de leeftijd van 3 jaar en 10 maanden tot het bereiken van de leeftijd van 4 jaar wordt in overleg met de ouders en de school bepaald wanneer de kinderen komen kennismaken. Hierbij wordt wettelijk uitgegaan van maximaal 5 dagen; eventueel over meer dagen verspreid. In deze periode zijn de kinderen geen leerlingen in de zin der wet. 4. De leerlingen verlaten de school na 8 jaar basisonderwijs als de basis voor het volgen van voortgezet onderwijs is gelegd, mits hier overeenstemming bestaat met de ouders. In elk geval verlaten de leerlingen de school aan het einde van het schooljaar waarin zij de leeftijd van 14 jaar hebben bereikt. 5. De beslissing over toelating en verwijdering van leerlingen berust bij het bestuur (in overleg met de directie) en beslist binnen 8 weken op een verzoek tot toelating. De toelating tot de school is ook niet afhankelijk van het houden van rechtmatig verblijf in de zin van artikel 8 van de Vreemdelingenwet 2000. De toelating is ook niet afhankelijk van een geldelijke bijdrage van de ouders. Toelating van leerlingen, afkomstig van een school voor speciaal onderwijs en voortgezet speciaal onderwijs of een instelling voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs alsmede overgang van een leerling naar een dergelijke school of instelling vindt slechts plaats in overeenstemming met de ouders en het bestuur van de betreffende school. 6. Als binnen een groep van ĂŠĂŠn van onze basisscholen de samenstelling dusdanig is, dat toelating van uw kind een te grote belasting zou zijn voor de groep en/of de leerkracht, dan kunnen wij u adviseren contact op te nemen met een andere school. 40


7. De ouders 7. Wanneer ouders een kind bij ons plaatsen waarvan bekend is, dat deze leerling veel zorg en individuele aandacht nodig heeft, en/of een lichamelijke beperking, willen wij als school kunnen inschatten waaruit de zorgvraag van deze leerling bestaat. Dit kan betekenen dat rapportages worden opgevraagd bij de vorige school of van derde deskundigen (conform de Wet Primair Onderwijs artikel 42). 8. Wanneer de zorgvraag duidelijk is gaan wij kijken naar de groep waarin het kind zou moeten worden geplaatst. Het zorgteam van de school, bestaande uit de directie en de intern begeleider, maakt de afweging of we het kind kunnen bieden wat het nodig heeft om bij ons een positieve ontwikkeling door te maken. Hierbij verwijzen wij ook naar de ISOB- tekst van de Leerling gebonden Financiering (“Rugzak leerlingen”). Als een zorgteam, na zorgvuldige en gemotiveerde weging, van mening is dat een “rugzak -leerling”nog niet tot hun school kan worden toegelaten dan vindt een gemotiveerde afwijzing plaats naar de ouders. Ook wordt de betrokken groepsleerkracht geraadpleegd. Daarnaast wordt de zorgvraag getoetst aan het schoolspecifieke aannamebeleid. Dit is ter inzage op school aanwezig. Uiteindelijk beslist het bevoegd gezag, na advies van het zorgteam, over de toelating. 9. Bij aanmelding gaan de ouders akkoord dat hun kind(eren) aan alle onderwijsactiviteiten zal/zullen deelnemen met uitzondering van die activiteiten waarvoor het bevoegd gezag vrijstelling heeft verleend. 10. Op besluiten inzake toelating van leerlingen is de Algemene Wet Bestuursrecht van toepassing. 11. Als ouders/verzorgers formeel bezwaar maken tegen een beslissing van de school over toelating en begeleiding van hun kind en/of het handelingsplan van de school, dan is de school verplicht een verzoek om advies in te dienen bij de Advies Commissie Toelating en Begeleiding.

41


7. De ouders Verwijderingsbeleid In de huidige maatschappij liggen normen en waarden niet meer vanzelfsprekend voor iedereen op dezelfde lijn. Bij inschrijving van een leerling conformeren de ouders zich aan de schoolregels. Als door het niet in acht nemen van die regels door leerlingen en/of hun ouders escalaties optreden tussen leerkrachten en directie enerzijds en leerlingen en hun ouders anderzijds, en als gevolg daarvan de relatie tussen school en thuis onherstelbaar verstoord is, kan er na uiterste zorgvuldigheid overgegaan worden tot verwijdering van een leerling. Definitieve verwijdering vindt niet plaats dan nadat het bestuur ervoor heeft zorggedragen dat een andere school, een school voor speciaal onderwijs, een school of instelling voor voortgezet speciaal onderwijs bereid is de leerling toe te laten. Indien aantoonbaar gedurende 8 weken zonder succes is gezocht naar een zodanige school of instelling waarnaar kan worden verwezen, kan in afwijking van de vorige volzin alsnog tot definitieve verwijdering worden overgegaan. Voorafgaand aan verwijdering kunnen lichte maatregelen ter voorkoming en herhaling van gedrag worden genomen. Hierbij kunt u denken aan een schriftelijke waarschuwing of schorsing. Verwijdering kan plaatsvinden op basis van: A. Gesignaleerde leer- en of gedragsproblemen. Wanneer ouders/verzorgers geen medewerking wensen te verlenen aan de procedure zoals deze in het zorgplan is vastgelegd, dan kan de school haar onderwijskundige verantwoordelijkheid niet meer ten volle dragen en kan de directeur tot uitschrijving van de leerling overgaan. Dit nadat voldoende overleg heeft plaatsgevonden met ouders en bestuur B. Niet te tolereren gedrag van de leerling. Indien het gedrag van de leerling aanleiding geeft tot ernstige ordeverstoring in de klas en/of school, waardoor de voortgang van het onderwijs in het geding is, en indien genomen maatregelen geen of weinig effect sorteren dan kan tot uitschrijving van de leerling worden overgegaan.

42


7. De ouders C. Niet te tolereren gedrag van ouder(s)/verzorger(s). Indien er sprake is van blijvend onbehoorlijk en/of intimiderend gedrag van de ouder(s)/verzorger(s) ten overstaan van leerlingen en/of medewerkers van de school, dan kan de school haar onderwijskundige verantwoordelijkheid niet meer ten volle dragen en wordt tot uitschrijving van de leerling overgegaan. Tegen de genomen besluiten kan bezwaar worden aangetekend. Het bestuur van de ISOB zal binnen 4 weken na ontvangst van het bezwaarschrift alsnog besluiten. Voor een specifieke uitwerking van de wetsteksten verwijzen wij u naar de onderstaande bronnen. Bronnen: Wet op het Primair Onderwijs Maart 2005 artikel 39,40,40b, 41 en 42 Vos / ABB: Toelating en verwijdering PO -speciale Katern Juridische zaken – nr. A ( op school ter inzage) 7.12 Pestprotocol De Van Reenenschool werkt met een pestbeleid en een pestprotocol. Dit bestaat uit een stappenplan, een plan van aanpak en adviezen aan de ouders. De afspraken en regels staan op papier en worden in alle groepen besproken en nageleefd. Er kunnen specifieke klassenregels aan toegevoegd worden, die op een centrale plaats in de klas wordt opgehangen. Er is ook een internetprotocol op school aanwezig. Verder is er ISOB beleid over de digitale middelen.

43


7. De ouders 7.13 Verkeersouder De verkeersouder vormt een brug tussen ouders, school en derden, (gemeente, politie, VVN, wijkverenigingen) als het gaat om de verkeersveiligheid van de kinderen. Hij/zij praat mee binnen de school over de mogelijke verbetering van deze verkeersveiligheid. Een verkeersouder maakt zich sterk voor: • goed verkeersonderwijs en veilige schoolroutes; • het betrekken van de ouders bij de verbetering van de verkeersveiligheid van hun eigen kind; • het maken van goede afspraken, het organiseren van “dode hoek” lessen. De verkeersouder geeft geen verkeersles. 7.14 Schoolreisjes Voor elke groep wordt jaarlijks een schoolreisje georganiseerd. Groep 7 en 8 gaan meerdere dagen op stap. De andere groepen één dag: dan proberen we zo dicht mogelijk in de buurt te blijven met een maximale reistijd van ongeveer één uur. Over de bestemming en kosten wordt u tijdig geïnformeerd.

44


8. Nieuwe Methoden De afgelopen jaren hebben we behoorlijk ge誰nvesteerd in de aanschaf van nieuwe methoden. (zie punt 3.5) Er zijn kinderen die extra moeilijk werk aankunnen en kinderen die extra oefenstof nodig hebben. Bij het kiezen van een methode en ander lesmateriaal letten we erop of er voor beide groepen voldoende leerstof in de methode zit. We toetsen nieuw materiaal aan de uitgangspunten van ons onderwijs en kijken of de methoden voldoen aan de kerndoelen die de overheid stelt. Op sociaal emotioneel gebied werken wij met een methode op dit gebied. Tevens werken wij met een leerlingvolgsysteem om de sociaal-emotionele ontwikkeling te volgen en te begeleiden. 8.1 Nascholing Nog belangrijker dan de methoden die een school gebruikt, zijn de mensen die er werken. Aan hen heeft u uw kind toevertrouwd. Zij zorgen ervoor dat de materialen en lesboeken zinvol gebruikt worden. De leerkrachten van de Van Reenenschool werken niet op eigen houtje, maar besteden veel tijd aan samenwerking en overleg. We streven een doorgaande lijn na. Ieder jaar organiseren we enkele onderwijsdagen/middagen voor alle leerkrachten. In voorgaande jaren hebben we aandacht besteed aan zelfstandig werken, omgaan met dyslexie en het werken met een dagtaak. De komende jaren worden er cursussen gevolgd op het gebied van Passend Onderwijs, het werken met een digitaal schoolbord en de kwaliteit van de school.

45


8. Nieuwe Methoden 8.2 Sponsoring Scholen kunnen te maken krijgen met bedrijven die hen willen sponsoren. Dit kan een uitkomst zijn om extraatjes te betalen. Maar er zijn ook risico’s aan verbonden. Het is dus belangrijk dat sponsoring zorgvuldig gebeurt. Het Ministerie van Onderwijs heeft met zestien organisaties een convenant gesloten waarin afspraken voor sponsoring in het primair onderwijs zijn vastgelegd. • Sponsoring moet in overeenstemming zijn met de goede smaak en het fatsoen. • Sponsoring moet verenigbaar zijn met de pedagogische en onderwijskundige taak en doelstelling van de school. • Sponsoring mag niet in strijd zijn met het onderwijsaanbod en de kwalitatieve eisen die de school aan onderwijs stelt. • Sponsoring mag de onderwijsinhoud en/of de continuïteit van het onderwijs niet beïnvloeden. • Sponsoring mag geen aantasting betekenen van de objectiviteit, de geloofwaardigheid, de betrouwbaarheid en de onafhankelijkheid van het onderwijs, de scholen en de daarbij betrokkenen. • Sponsoring mag geen schade berokkenen aan de geestelijke en/of lichamelijke gesteldheid van leerlingen. De afspraken tussen de sponsor en de school worden in overleg met het bevoegd gezag schriftelijk vastgelegd. Het bevoegd gezag heeft een algemeen sponsorbeleid dat de instemming heeft van de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad. Als ouders het niet eens zijn met beslissingen van de school, kunnen zij daarvoor een klacht indienen bij de klachtencommissie.

46


9. De resultaten van het onderwijs Ouders worden gedurende de basisschoolperiode op diverse manieren geĂŻnformeerd over de resultaten van hun kind(eren). De resultaten zijn voor ouders en kind(eren) van belang om te weten hoe de vorderingen zijn en waar eventuele problemen liggen. De school gebruikt de resultaten van de kinderen om steeds een tussenstand te kunnen vaststellen. Met behulp hiervan bepalen we de vorderingen van kinderen. We willen de resultaten niet gebruiken om kinderen met elkaar te vergelijken. Ieder kind komt met zijn eigen aanleg en sociale achtergrond de school binnen. Met dat gegeven probeert de school het optimale resultaat te bereiken. De wijze waarop we dat doen, bepaalt de kwaliteit van ons onderwijs! Onze zorg is een goede aansluiting op het voortgezet onderwijs: elk kind moet op dĂ­e school komen die het beste aansluit bij zijn of haar capaciteiten. De resultaten van de Van Reenenschool zijn goed. Met ons leerlingvolgsysteem, de Entree toets en de N.I.O. toets in groep 8 hebben we een duidelijke indicatie over de schoolvorderingen en de mogelijkheden van het kind. De C.I.T.O. eindtoets nemen wij niet af, omdat wij dat gezien het tijdstip van afname te laat vinden. Wij willen er op wijzen dat in het inspectierapport bij de opbrengsten van het onderwijs een negatieve score kan staan. De inspectie wil graag dat wij alle C.I.T.O toetsen afnemen i.v.m. een vergelijking met andere scholen. Dat is wettelijk niet verplicht. Wij hebben daar een eigen visie over en vinden dat onze leerresultaten en schoolvorderingen goed zijn. Dit wordt ook in het inspectierapport bevestigd. 9.1 De doorgaande lijn Ons schoolteam begeleidt het leren van de kinderen zo goed mogelijk. Dit gebeurt in een doorgaande lijn, steeds een stap verder, iets erbij leren, nieuwe ervaringen opdoen, zelfstandigheid bevorderen, elkaar helpen enzovoort. Kinderen verschillen in aanleg, aard, kennis, inzicht en tempo. De leerkrachten houden hiermee rekening bij het geven van uitleg en het aanbieden van leerstof.

47


9. De resultaten van het onderwijs 9.2 Uitstroom We streven ernaar om in de leerbehoeften van ieder kind te voorzien. Toch komt het soms voor dat de leerproblemen van een kind te groot zijn om in onze school op te vangen. Verwijzing naar een speciale school voor basisonderwijs kan dan voor het kind een goede stap zijn. Aan het eind van groep 8 maken onze leerlingen de overstap naar het voortgezet onderwijs. Vanaf het schooljaar 1999- 2000 bestaat er een nieuwe onderwijsvorm: VMBO, (Voorbereidend Middelbaar Beroeps Onderwijs) waarin het vroegere IVBO, VBO en MAVO een plaats hebben gekregen. Op het VMBO zijn verschillende stromen te onderscheiden die gekozen kunnen worden na een basisperiode van twee jaar. (zie staatje) Daarnaast bieden veel scholen een mengvorm aan VMBO hoog (TL/GL) die zich vooral richt op toekomstig Hoger Beroepsonderwijs. Onze leerlingen gingen in de afgelopen jaren naar de volgende schooltypen:

2007 2008 2009 2010 VMBO KBL 1 3 - 2 VMBO TL/GL 1 9 3 7 HAVO/VMBOTL 7 4 15 10 VWO/ HAVO 9 5 11 10 Gymnasium 3 5 - 4 LWOO 2 - - 2 Praktijkonderwijs - - - 7e klas Vrije School 1 - 3 1 Uit de informatie die wij jaarlijks van het voorgezet onderwijs krijgen blijkt dat de uitgestroomde leerlingen naar verwachting functioneren. Dit blijkt uit rapportage van de overgang naar volgende jaren en het percentage dat slaagt voor het examen. 48


10. Bewegingsonderwijs, veiligheid en verantwoording 10.1 Bewegingsonderwijs Op maandagochtend en donderdagmiddag wordt er door de vakleerkracht gymnastiek aan de groepen 3 t/m 8 gymles gegeven. Het bewegingsonderwijs wordt in de gymzaal naast de school gegeven (Jan Hogervorst gebouw) of op het veld in het bos voor de school. De zwemles voor groep 5 is op donderdagmiddag. Er zijn kosten aan verbonden. Dit hoort u van de groepsleerkracht van groep 5 of zie punt 10.2. De kleuters hebben een eigen speellokaal( zolder). Deze kan naar behoefte voor bewegingsonderwijs ingericht worden.

49


10. Bewegingsonderwijs, veiligheid en verantwoording 10.2 Schoolzwemmen Schoolzwemmen is een “onderwijsactiviteit” waarbij naast de school ook het zwembad betrokken is. In het kader van het ISOB- veiligheidsbeleid worden er naar inhoud, organisatie en verantwoordelijkheden duidelijke afspraken gemaakt. Deze worden vastgelegd in een samenwerkingsovereenkomst tussen de school en het zwembad. De directie van de school en de vertegenwoordigers van het zwembad stellen daarnaast jaarlijks een Werkplan Schoolzwemmen vast. In dit plan worden doelstellingen, verantwoordelijkheden en aansprakelijkheid vastgelegd. Tevens is een veiligheidsprotocol opgenomen. Voor verder informatie verwijzen wij u naar de Samenwerkingsovereenkomst Schoolzwemmen. Deze nota is op school aanwezig. Het schoolzwemmen wordt aan groep 5 gegeven. Het is vooral gebaseerd op zwemvaardigheid. Voor het schoolzwemmen wordt aan de ouders een bijdrage gevraagd van ongeveer € 65,- voor dat jaar. U krijgt hiervoor een rekening. Aan alle ouders van groep 5 wordt hun medewerking gevraagd om een groep kinderen naar en van het zwembad te vervoeren. 10.3 Schoolschaatsen In groep 6 en 7 wordt elk jaar schaatsles gegeven. Dit wordt in een blok van vier lessen door een schaatsleraar van de Schaatsschool Balans in Alkmaar aangeboden. De school betaalt deze schaatslessen.

50


10. Bewegingsonderwijs, veiligheid en verantwoording 10.4 Veiligheidsbeleid ISOB Veiligheid is zeer belangrijk. Daarom heeft de ISOB intern verschillende beleidsmaatregelen genomen. Basis is de verantwoordelijkheid van alle betrokkenen om risico’s zoveel mogelijk uit te sluiten. Om dit te bereiken zijn binnen de ISOB scholen vijf beleidsmaatregelen veiligheidsbeleid vastgesteld: • Per school minimaal twee bedrijfshulpverleners en twee EHBO-ers. Er wordt rekening gehouden met de deeltijdbanen van de collega’s. Op elke schooldag is er een BHV -er op school aanwezig. Zij zorgen voor de coördinatie bij calamiteiten en verlenen zonodig eerste hulp. • Veilige gebouwen en schoolterreinen •Iedere school beschikt over een duidelijk ontruimingsplan en zorgt voor een veilige werk- en speelomgeving. • Goed afgestemd personeelsbeleid Er is onder de leerkrachten een duidelijke taakverdeling. Daarnaast wordt aandacht besteed aan een goede werksfeer waardoor verzuim tot een minimum wordt beperkt. • Een goed pedagogisch klimaat Hierbij is van belang dat de kinderen zich veilig voelen. Goed toezicht op de leerlingen en het creëren van een goede sfeer van respect en samenwerking staan hier centraal. • Specifieke maatregelen Naast de eerder genoemde beleidsmaatregelen worden specifieke maatregelen genomen om de veiligheid van de leerling en de leerkracht te waarborgen. Om dit veiligheidsbeleid te optimaliseren wordt op alle scholen een RIE (Risico Inventarisatie en Evaluatie) afgenomen. • Na de renovatie van de school is er een aantal veiligheidsmaatregelen genomen voortkomende uit deze RIE: o.a. rolstoeltoegankelijkheid, aangepaste trap, kapstokken, invalidentoilet.

51


10. Bewegingsonderwijs, veiligheid en verantwoording 10.5 Marge Leerlingen uit groep 1 t/m 4 krijgen bij onze school minimaal 880 uur per jaar les. Voor kinderen uit groep 5 t/m 8 ligt dat aantal op 1000 uur. Door de gelijke schooltijden van onderbouw en bovenbouw maken de kinderen uit de groepen 1 t/m 4 te veel uren. Hierdoor kunnen we de onderbouw elke vrijdagmiddag vrij geven. De marge geeft ieder jaar ruimte voor het organiseren van een of meer studiedagen voor het team. De kinderen zijn dan vrij ( zie onze jaarkalender). 10.6 School website Op onze school website staan regelmatig digitale foto’s, filmpjes van allerlei activiteiten. Uw kind kan op die foto’s voorkomen. Mocht u dit bezwaarlijk vinden dan kunt u dit kenbaar maken bij de groepsleerkracht en de directie. www.vanreenenschool.nl

52


11. Huishoudelijke afspraken 11.1 Schoolregels • • • • • • •

Wij gaan respectvol met elkaar om. Wij dragen met z’n allen zorg voor een net gebouw en omgeving. Wij gedragen ons rustig in het gebouw. De kinderen komen zonder mobiele telefoon naar school. Wij fietsen niet op het plein. De kinderen gebruiken alleen make-up bij bijzondere feesten. De ouders mogen de kinderen t/m groep 4 tot de klas brengen. De ouders van de kinderen van groep 5 t/m 8 nemen bij het hek afscheid van hun kind(eren) • Wij beginnen op tijd: om 8.30 en om 13.00 uur. 11.2 Ziek melden Bij ziekte van uw kind wordt u verzocht dit zo spoedig mogelijk te melden. Het liefst voor 8.30 uur. Mochten wij na 9.00 uur niets gehoord hebben dan nemen wij contact met u op.

53


11. Huishoudelijke afspraken 11.3 Verlof aanvragen Kinderen mogen in Nederland vanaf vier jaar naar de basisschool. Vanaf vijf jaar zijn ze leerplichtig volgens de leerplichtwet. In deze wet staat in welke gevallen ouders verlof mogen vragen voor hun kind(eren). In de volgende drie gevallen kan verlof worden verleend: • Vakantieverlof kan alléén aangevraagd worden als u door uw beroep in geen enkele vastgestelde schoolvakantie met uw gezin op vakantie kunt gaan. Bij een verlofaanvraag moet u een werkgeversverklaring overleggen waaruit dit blijkt. Het verlof kan éénmaal per cursusjaar worden verleend voor ten hoogste 10 dagen en mag niet vallen in de eerste twee weken van het schooljaar. • Gewichtige omstandigheden zoals huwelijk, jubilea, overlijden of ernstige ziekte in de familie zijn ook reden tot het verlenen van verlof. • Godsdienstige of levensbeschouwelijke overtuigingen kunnen verplichtingen met zich meebrengen waarvoor u verlof moet aanvragen. • U kunt geen verlof vragen aansluitend aan de zomervakantie. U kunt het verlof aanvragen (acht weken van te voren) door middel van een formulier dat bij de directie verkrijgbaar is. Dit formulier kunt u alleen indienen mits de werkgeversverklaring ingevuld is. Het ingevulde formulier wordt beoordeeld door de directie. Indien het gevraagde verlof niet wordt toegekend door de directeur, stuurt zij de aanvraag naar de leerplicht ambtenaar. Uit het bovenstaande kunt u afleiden dat voor alle gevallen van ongeoorloofd schoolverzuim door de leerplichtambtenaar een sanctie wordt opgelegd. Op school kunt een folder over Luxe- verzuim vragen. Vrij vragen voor een bezoek aan de dokter, tandarts of orthodontist kunt u zonder formulier rechtstreeks bij de groepsleerkracht doen. Wel willen we u verzoeken deze bezoeken zoveel mogelijk buiten de schooltijden te plannen.

54


11. Huishoudelijke afspraken 11.4 Regels bij bewegingsonderwijs De kleuters kunnen hun gymschoenen in een tas bij hun jas hangen. Dan zijn de schoenen altijd op school aanwezig. • De school stelt geen specifieke eisen aan de kleur of het uiterlijk van de gymkleding. In verband met de hygiëne hebben de kinderen wel aparte sportkleding en gymnastiekschoenen nodig. Het is erg praktisch om alle gymkleding te voorzien van de naam van uw kind. • Wilt u regelmatig de gymkleding wassen? Schoolzwemmen is evenals gym en schaatsen een onderdeel van ons lesprogramma. Wilt u de leerkracht, schriftelijk, op de hoogte stellen als uw kind een keer niet kan gymmen, schaatsen en/of zwemmen? 11.5 Overblijven Kinderen kunnen op school overblijven. Aan het overblijven zijn kosten verbonden (zie paragraaf 11.6.). • De kinderen vallen onder het toezicht van daarvoor betaalde overblijfkrachten. • U dient zelf voor een lunchpakket te zorgen. • Wij hebben een koelkast om lunchpakketten te bewaren. Sinds 1 augustus 2006 is de Stichting Tussenschoolse Opvang verantwoordelijk voor de kinderen die overblijven. Wij verzoeken u om uw kinderen die niet overblijven ‘s middags niet eerder dan 12.45 uur naar school te laten gaan.

55


11. Huishoudelijke afspraken 11.6 Betaling van overblijfgeld Sinds september 2006 wordt het overblijven door de professionele instelling Alles Kits geregeld. Er is een coรถrdinator aangesteld om het overblijven op onze school te regelen. Deze tussen schoolse opvang kost e2,- per kind per dag. U hoeft niet meer contant te betalen en Alles Kits zorgt voor de afhandeling van de betalingen met een eigen administratie- systeem. Wilt u het altijd telefonisch doorgeven als uw kind incidenteel gaat overblijven? Tel.nr. 06-44194484 De voice mail wordt altijd afgeluisterd en de aanmeldingen worden aan de overblijfouders doorgegeven. De verantwoordelijkheid voor het overblijven ligt bij Alles Kits. Aanmeldingen kunnen ook per e-mail: info@alleskits.org 11.7 Overblijfregels Kinderen houden zich aan de regels die in overleg met de school door Alles Kits zijn opgesteld. Dit gaat ook in overleg met de school. Heeft u vragen of opmerkingen dan kunt u contact opnemen met de coรถrdinator. 11.8 Eten en drinken Voor en tijdens de ochtendpauze krijgen de kinderen de gelegenheid om iets te eten of te drinken. Wij adviseren dringend om een gezonde keuze te doen bij het vullen van de broodtrommeltjes: dus geen snoep, maar fruit of een boterham. Een beter milieu begint bij jezelf met het oog hierop verzoeken we u geen pakjes drinken mee te geven, maar bekers te gebruiken. Wilt u bekers, trommels, etc. voorzien van de naam van uw kind(eren)?

56


11. Huishoudelijke afspraken 11.9 Verjaardagen Wanneer een kind jarig is, mag het natuurlijk zijn verjaardag vieren op school. De jarige wordt in de klas in het zonnetje gezet. In de onderbouwgroepen is er een feeststoel. Wilt u bij het trakteren van lekkers rekening houden met een verantwoorde traktatie? De jarige kinderen mogen de klassen rond en krijgen een speciale verjaardagskaart. 11.10 Gevonden voorwerpen Regelmatig blijven op school kledingstukken, zwemspullen, tassen, bekers en broodtrommels achter. Wilt u tijdig controleren? U kunt ons helpen door kleding en andere gebruiksvoorwerpen te merken en door na verlies op school te informeren of er iets gevonden is. 11.11 Oud papier/ batterijen/ cartridges Bij het hoofdgebouw staan (groene) containers waarin u oud papier kunt deponeren. Deze staan naast de fietsenstalling Wilt u het oud papier zoveel mogelijk los in de container doen? Zo neemt het papier de minste plaats in. Dozen graag kapot gescheurd er in doen. Lege batterijen kunnen in de Stibat batterijton in de hal worden gedaan. We doen als school mee aan een spaaractie voor het inzamelen van de batterijen. We krijgen daar mooie kinderboeken en cd’s voor. Ook lege cartridges, inktjet patronen of oude mobiele telefoons kunnen in de daarvoor bestemde dozen verzameld worden. Hier is voor de school een leuk spaarsysteem aan verbonden.

57


12. Naschoolse Activiteiten De Van Reenenschool biedt op een aantal gebieden tegen vergoeding naschoolse activiteiten aan. De ouderraad coördineert deze cursussen. 12.1 Drama In de groepen 4 en 5 kunnen kinderen zich voor de naschoolse cursus Drama opgeven. Deze wordt op maandagmiddag van 15.15 tot 16.15 uur op zolder gegeven door dhr. Theo Olthuis. Dit is geen gratis cursus. Opgave formulieren krijgen de kinderen mee naar huis. Alles Kits organiseert deze cursus eveneens. 12.2 Andere taal leren Er is een mogelijkheid om op school een cursus Spaans of Frans te volgen als naschoolse activiteit. Deze cursussen worden door Alles Kits georganiseerd en zijn voor alle leerlingen die in de doelgroep vallen. 12.3 Schaken In het komend schooljaar start er een nieuwe serie schaaklessen voor kinderen van groep 5 t/m 8. De lessen worden door een ouder van de school gegeven. 12.4 “Sportschool” De sport neemt op de Van Reenenschool een belangrijke plaats in. Het is ons streven om de kinderen tijdens hun schoolperiode in contact te brengen met alle sporten die zich aandienen. Dat we hierbij vaak succesvol zijn is meegenomen, maar het plezier en de sportiviteit staan voorop. Sporten die tot ons vaste aanbod behoren zijn: handbal, tafeltennis, zwemmen, schaken, skiën, voetbal, tennis, badminton en hardlopen.

58


12. Naschoolse Activiteiten 12.5 Eindfeest Elk schooljaar sluiten we af met het Eindfeest. Dit wordt meestal op de laatste woensdagochtend voor de grote vakantie gehouden. De ouderraad en het team organiseren deze dag. Het eindfeest wordt meestal voor ouders en kinderen feestelijk afgesloten met een ludieke actie. 12.6 Pleinfeest Als afsluiting of opening van het schooljaar kan er een “Pleinfeest� georganiseerd worden. Dit is een informele bijeenkomst aan het einde van de dag. De organisatie is in handen van ouders en de school. 12.7 Brede School In onze school is vanaf september 2005 Naschoolse Opvang gerealiseerd. De kinderen kunnen op hun eigen school voor-, tussen- en naschoolse opvang krijgen. Tevens kunnen kinderen die een verlengde schooldag krijgen kiezen voor het aanbod van de naschoolse cursussen. Er is opvang mogelijk van 7.45 uur tot 19.00 uur. De naschoolse opvang wordt door Alles Kits geregeld.

59


13. Tot slot

Bergen, juli 2010

Wij zetten nog even op een rij waarom wij vinden dat u met uw keus voor onze school een goede beslissing hebt genomen. Wij willen een veilige school zijn voor iedereen! Onze school profiteert van een geweldige ligging en is in 2005 gerenoveerd. Het gebouw ademt een unieke sfeer. Wij vinden dat we een enthousiast team hebben dat het goed met elkaar kan vinden. We streven een grote flexibiliteit en veranderingsbereidheid na en we proberen onze leerlingen normen en waarden bij te brengen. Ons onderwijs is gericht op een goede aansluiting op elke vorm van voortgezet onderwijs. Wij hebben hoge verwachtingen van uw kind en spreken het ook aan om deze verwachtingen te realiseren. Uw kind komt gedurende de acht jaren die bij ons worden doorgebracht in aanraking met allerlei vormen van muziek, dans en/of toneel; er is verder aandacht voor cultuur en educatie middels thema’s, projecten en excursies. Binnen de naschoolse activiteiten kan worden deelgenomen aan diverse cursussen Uw kind kan bij ons kennismaken met en deelnemen aan vele takken van sport middels toernooien en voorbereidingen daarop. We hebben een grote groep meedenkende, meelevende en meewerkende ouders. Kortom, een hechte ouderparticipatie.

60


14. Namen en telefoonnummers Van Reenenbasisschool 072-5812386( telefoon) 072-5816441 (fax) directie@vanreenenschool.nl www.vanreenenschool.nl Caroline le Clercq, directeur 072- 5899206. Eleonore Jansma, adjunct directeur: 072- 5332592

vragen over onderwijs 0800- 8051 (gratis) Vertrouwensinspecteur Sexuele Intimidatie en Fysiek Geweld M.van Tuijl Jeugd Gezondheids Zorg(JZG) van de G.G.D, 072 –5662662 Jeugd Zorg Steunpunt Jeugdzorg 072- 5672200

Externe personen: Bestuur: ISOB Bestuursmanager: dhr. P. Went Sokkerwei 2 1901 KZ Castricum 0251-319888 info@isob.net

Logopediste J.Z.G. steunpunt Heiloo 072 -5320074

Naschoolse Opvang Alles Kits info@alleskits.org

Zwembad: de Beeck Schaatsbaan: “de Meent”.

Accommodaties: gymnastiek: Jan Hogervorst gebouw (naast ons hoofdgebouw)

Inspectie van het onderwijs info@owinsp.nl www.onderwijsinspectie.nl

61


Van Reenenschool Spaansche Pad 1 1861 LM Bergen T 072 5812 386 F 072 5816 441


Schoolgids Van Reenenschool