Issuu on Google+

Prijs €2,50

Vraagt

geef

is

wees

ie - mand

brood,

te

e -

er - gens

nood,

hem

tot

een

ten,

ze - gen.

Foto: IKON

De zwamvlok van de kerk Anne van der Meiden Als je een paddestoel ziet, kijk je maar naar de helft van die wonderlijke plant. De andere, onzichtbare helft, zit onder de grond: de zwamvlok. Met een deftig woord: het mycelium. ‘t Is een gewaagd beeld, maar als ik denk aan diaconie, dan komt het beeld van die zwamvlok op mijn netvlies: de diaconie als zwamvlok van de kerk. Waarom? Omdat diaconie niet veel anders is dan 'onderstand' bieden, Een beetje vergeten woord, maar wel mooi: je schuift onder de nood waarin mensen zitten en vaak vastlopen een draagvlak, een steun, een voedingsbron die hen helpt met moed door te gaan. Dat

is meer dan bijstand op afstand verlenen, het beeld dat de diaconie vroeger opriep. Soms kan het niet anders, als we wereldwijd mensen moeten helpen die we niet kennen. Maar wezenlijke diaconie beoefenen, doe je pas dichtbij en concreet. Diaconie moet niet theatraal gepresenteerd worden. We zetten de fundamenten waarop ons huis rust ook niet op het dak. De echte dienstverlening blijft voor een groot deel onder de grond en zo hoort het ook. Maar je mag er zo nu en dan wel een krant over volschrijven, met portretten van mensen die de kerk ontmoeten in hun schrale bestaan. In haar lange geschiedenis heeft de kerk

altijd 'in een bocht gestaan'. Het woord waar diaconie van afgeleid is, betekent eigenlijk: je buigen zoals een bediende aan tafel zich buigt naar de gasten. Een echte kerk zoekt altijd mensen op die onderstand nodig hebben en die in hun zorgelijke wereld bemoedigd moeten worden. Niet neerbuigend, opdringerig en betuttelend, maar concreet, met hartelijke geestelijke en soms materiele genegenheid. De in deze krant geboden portretten zijn overduidelijk. Allemaal paddestoelen, soms met rode en witte stippen om te bewonderen, of elfenbankjes die uitnodigen even te gaan zitten en thuis te raken in de zwamvlokwereld van de kerk.

Lijdt iemand kou, haal hem naar binnen, roept iemand jou, laat je dan vinden. Is iemand ziek, ga hem bezoeken, is er verdriet, toon je een broeder. Leef voor de Heer, vriend van de armen, Hij zoekt zijn eer in ons erbarmen. Leef voor de Heer, kies voor de armen, leef voor de Heer, wees hartverwarmend.

Bij Matteüs 25: 31 - 46 Tekst: Hans Bouma Melodie: Sander van Marion

“Laat zien wat er beweegt!” Dat is de gedachte achter deze krant. Om vrolijk van te worden. Niet door te doen alsof er geen armoede of uitsluiting bestaat in Enschede. Niet door stoer de mouwen op te stropen en maatschappelijke problemen op te ruimen. Wel door te laten zien hoe mensen bij elkaar hun waardigheid hervinden. En hoe veel kracht er van iets kleins kan uitgaan. We delen daar graag iets van uit. Want wat je deelt wordt meer, geloven wij. Wij zijn er trots op deel van die beweging te mogen zijn. Ooit was het: híer de kerk en dáár de stad. Nu weten we wel beter. In Enschede gebeurt het. Laat zien wat er beweegt! De Diaconie van de Protestantse Gemeente Enschede, Bankrekenig: 55.44.76.592, t.n.v. Diaconie PG Enschede


HUIS VAN VERHALEN Hermien Maartens Ben Groothengel

Het Huis van Verhalen is voor Ben een plek waar hij zijn verhaal kán vertellen. “Dat hoeft niet altijd. Maar de mogelijkheid is er. Thee is er altijd. Of een kopje soep. Pas zag ik een man of tien binnenkomen. Dan fiets ik weer verder. Morgen weer”. Praten over de vuurwerkramp hoeft niet meer zo nodig. Die tijd is voor hem geweest. Hij kan het beter relativeren dan voorheen. Mediant heeft hem daar bij geholpen. En ook Esther van “Pastoraat na ramp”. Donderdagmiddag na het werk ging hij meestal naar haar toe om zich uit te kunnen spreken. Het verzekeringsgeld is uitbetaald. Ook dat heeft geholpen een punt te zetten. Hoewel soms nog steeds de gedachte zich opdringt: “Was die ramp nou zo nodig geweest?” Hoe zuinig moeten we nog zijn op het Huis van Verhalen? “Heel zuinig,” zegt Ben, “Er is te veel gebeurd. De mogelijkheid moet blijven om er over te vertellen. Er is zo veel naar mensen

geluisterd. Dat kun je niet zomaar aan de straat zetten”. Zelf ziet hij wel mogelijkheden om een bijdrage te leveren aan het Huis van Verhalen. “Ik kan mensen die veel hebben meegemaakt meenemen naar het Buurserzand om vogels te kijken. Dat geeft rust”. Directeur Hermien Maartens vindt dat Ben rustiger geworden is. Dat is het resultaat van verschillende mensen die met hem hebben opgelopen. “Wij hebben dat niet alleen gedaan”, zegt Hermien. Fysiek is het Huis van Verhalen onderdeel van het hart van Roombeek: Prismare. Maar het is meer. “We moeten het niet hebben van dat solistische”, zegt ze, “het Huis van Verhalen is er ook om kunstenaars, culturele verenigen en instellingen uit te dagen niet naar binnen gekeerd te raken”. Het Huis is onderdeel van de wijk. “Dat was zichtbaar bij de opening. Het Huis wordt gedragen. Er waren heel wat ‘noabers’ aanwezig”. De wijk leeft. Vrijwilligers hebben daarom besloten om opnieuw de wijk in te trekken met de bolderkar om verhalen te halen en te blijven oefenen in luisteren. Waar zet het Huis van Verhalen nu het eerst op in? “Op het bereiken van mensen die nu elders wonen. Hun natuurlijke omgeving herinnert niet aan de ramp. Hier in Roombeek is het

doodnormaal als de ramp ter sprake komt bij het boodschappen doen. Daar niet. Veel mensen hebben de verwerking van wat gebeurd is op eigen houtje gedaan. Wij weten hoe diep de behoefte van mensen is om er toch over te kunnen praten”, aldus Hermien, “Maar de drempel is hoog om dat toe te laten bij jezelf. Daarachter zit de angst: Wat haal ik boven?” Wat zou de Diaconie voor het Huis van Verhalen kunnen betekenen? Hermien: “Meedoen in het sociale netwerk dat de hele stad bestrijkt. Kerken stimuleren om er op uit te gaan en onder de mensen te zijn. Dat deed Jezus ook. Hoe meer dat gedaan wordt, hoe beter het is. Investeer in plekjes waar mensen met ingrijpende ervaringen terecht kunnen. Die plekjes zijn er te weinig. De

kerk leeft van zingeving. Maar ze heeft er niet het patent op. Ze moet naar de mensen toe want het overgrote deel van de mensen wendt zich niet meer tot de kerk”. Ben geeft aan dat hier zijn kracht ligt: “Ik leef van er op uit gaan. Ik maak makkelijk contacten. Op verschillende plekken ben ik thuis”. Hermien beaamt dat en vervolgt: “Verder zou de Diaconie kunnen investeren in bezinning en scholing van vrijwilligers die de beweging naar buiten maken. En tenslotte zou een bijdrage in een calamiteitenpot van het Huis van Verhalen welkom zijn. Er is armoede onder de terugkeerders in deze wijk. Soms moet je snel kunnen handelen. We hebben korte lijnen met de hulpverlening. Op voorhand moet er het vertrouwen zijn dat wij verantwoord met dat geld omgaan”.

Huis van Verhalen Prismare, Roomweg 165c, 7523 BM Enschede Website: www.huisvanverhalenenschede.nl Directie: Hermien Maartens E-mail: info@huisvanverhalenenschede.nl Tel. 053 4316288

Mensen met mensen verbinden Maaike Schepers Marjet Deuten

Maaike Schepers is als vrijwilliger werkzaam bij de plaatselijke werkgroep van het NBG, het Nederlands Bijbel Genootschap. Op een gegeven moment kwam de secretaris van de afdeling met de suggestie om als plaatselijke werkgroep een keer iets heel anders te doen: een project van de stichting Present. Present bemiddelt namelijk tussen 'mensen die iets te bieden hebben' en 'mensen die daarmee geholpen kunnen worden'. “Dat was wel even schrikken”, zegt Maaike, “want het was wel heel iets anders dan waar we

normaal voor bij elkaar komen. Zouden wij werkelijk wat kunnen betekenen? Uiteindelijk zijn we met z'n vieren een ochtend naar 't Bouwhuis gegaan. De mannen zijn met een deel van de bewoners gaan wandelen. De vrouwen zijn met de overigen pizza en taart gaan bakken. “Dat is nou precies onze bedoeling”, reageert Marjet Deuten van Present. “Mensen die elkaar doorgaans niet tegenkomen worden bij elkaar gebracht. Als je een dag met iemand samen optrekt dan raak je in gesprek. En als je in gesprek komt met iemand, dan oordeel je niet meer zo snel. Het gaat ons misschien wel minstens zo zeer om het contact tussen mensen als om de hulp die gegeven wordt. Kijk maar naar ons logo:

Present wil de brug zijn tussen mensen, waarbij mensen gelijkwaardig zijn. De gever is niet meer dan de ontvanger”. “We werden heel zorgvuldig ontvangen door de manager”, aldus Maaike “Die vertelde ons over de geschiedenis van 't Bouwhuis, over de mensen die er wonen en over de werkwijze. Deze introductie stelde ons erg gerust. De leidsters van de afdeling hadden de bewoners al op hoogte gesteld: 'We krijgen bezoek!' Voor de bewoners was dat iets geweldigs: zíj moesten ons rondleiden. Samen hebben we toen taartjes en pizza gebakken. Een prachtige ervaring. Heel bijzonder is het om iemand een hele ochtend 'met de blik op oneindig' te zien, en dan ineens dat gezicht te zien opklaren op

het moment dat de taartjes uit de oven komen. Ze konden bijna niet van de taartjes afblijven. Dat was geweldig om mee te mogen maken.” Marjet Deuten is één van de twee vaste medewerkers van de stichting. “Ik werkte vroeger in de logistiek, maar vroeg me af wat nou werkelijk het belang was van het werk dat ik deed. Ik wilde meer actief zijn in de samenleving. Tegelijk was ik in mijn vrije tijd al actief in de kerk. Bij de stichting Present kon ik die beide met elkaar verbinden”. Het aardige is dat de stichting werkt vanuit het aanbod. Iedereen wil wel eens wat voor een ander doen. Maar vaak is de drempel te hoog omdat vrijwilligerswerk al snel heel verplichtend is. Bij ons is een activiteit in principe éénmalig.

Stichting Present Enschede tel. 06 - 438 33 041 Postbus 32 7500 AA Enschede info@stichtingpresent-enschede.nl www.stichtingpresent-enschede.nl Na het gedane werk zit je nergens meer aan vast. Een groep geeft bovendien zelf aan wat hij zou willen doen, en wanneer dat zou kunnen. Vanuit dat aanbod gaat Present op zoek binnen het netwerk van


Oecumenische Werkgroep Kerk en Wijk Oortjes open Annie Prieshof Femia Swaters

Annie en Femia zijn trots op De Wijkpost aan de Oostveenweg. Ruim en licht is het er. En van alle gemakken voorzien. De oecumenische werkgroep Kerk en Wijk is er thuis. Vijf jaar lang legden leden van de werkgroep huisbezoeken af in de wijk, op zoek naar verhalen van bewoners. “Met een enkele oecumenische viering raak je als kerken niet thuis in een wijk. We voelden aan dat er nood was. Maar we kwamen er niet bij in de buurt. Zo ontstond het idee om huisbezoeken aan te doen”, vertelt Annie. In De Wijkpost is er op maandagmiddag een inloop. Vrijwilligers van de werkgroep zijn er dan te vinden. Daar wordt niet druk gebruik van gemaakt. “Huisbezoek werkt beter dan inloop. Maar de mensen weten dat je er bent”. Betrokkenheid op de wijk houdt het werk gaande. Oecumenische Werkgroep Kerk en Wijk De Wijkpost (Oostveenweg) in Velve Lindenhof j.swaters@hetnet.nl

hulpverleningsinstanties waarmee ze contact hebben. Veel groepen vinden het trouwens zo leuk, dat ze vanzelf weer terug komen. “We werven vooral groepen uit kerken”, meldt Marjet, “Maar ook politieke partijen en bedrijven melden zich soms bij ons. Elke keer weer is de ervaring dat het de mensen goed doet, zowel als groep als individueel. We leven, ook als kerkmensen, allemaal zo in onze eigen wereld. Daardoor zien we vaak het werk niet dat gewoon om de hoek kan gebeuren”. Over de relatie met de diaconie zijn Maaike en Marjet het eens: “Present kan dan de kerk helpen om aan diaconaat te doen. Soms is

“Oortjes open”, is het motto. Annie Prieshof hoort het nodige van de wijkagent: “Ga daar eens kijken”. Zo ontstaat er vertrouwen. Ze zijn geen functionarissen. Dat is de kracht van Kerk en Wijk. Wat is het voor een wijk? Arm en rijker wonen door elkaar in verschillende blokken. In delen van de wijk houdt men er van om bij mooi weer buiten op de stoep te zitten met een pilsje er bij. Zonder elkaar te overlopen is er betrokkenheid bij elkaar. Bewoners houden van hun wijk. Iemand moet naar het ziekenhuis in Groningen met haar zieke kind. De reis is duur. Iemand zegt: “Neem mijn auto maar”. Of ook: “Ik rij je wel”. Bij de kassa van de supermarkt komt een vrouw €0,23 tekort. Een ander schiet even bij. Dat is typisch Velve Lindenhof. Het laat wel zien dat mensen het niet breed hebben. Om voor mensen geld te besparen gaat dhr. Harink van de werkgroep de buurt door en helpt hij bewoners bij het invullen van de belastingaangifte en formulieren voor kwijtschelding. Daarnaast is de werkgroep actief met de zegelactie, waardoor

boodschappenpakketten worden verdiend. Die worden in de wijk weer verdeeld op adressen die het goed kunnen gebruiken. De wijkagent weet veel . En wat hij niet weet, weet de wijkraad weer. Supermarkten werken er van harte aan mee. Tegen klanten zegt een caissière: “Als je de zegels niet gebruikt, doe ze dan bij Annie door de bus”. Femia maakt ook deel uit van de wijkraad. Er is hard gewerkt om de coffeeshops weg te krijgen uit de buurt. Na tien jaar is het gelukt. “Met de eigenaars was wel te praten, maar de bezoekers bezorgden de nodige onrust in de wijk. Plassen in portieken en zo”, zegt Femia. Een keer was er een schietpartij. Bij elke vergadering van de wijkraad komen er zo'n veertig mensen. Annie en Femia maken deel uit van de commissie Leefbaarheid & Veiligheid. “Het is goed om je gezicht te laten zien in de bijeenkomsten van de wijkraad”, zeggen Femia en Annie. De bezorging van de wijkkrant wordt door de wijkraad geregeld. “Zelf bezorgen met vrijwilligers bespaart geld dat je weer ergens anders voor kunt

gebruiken”. In Velve Lindenhof is stadsvernieuwing gaande. Gezinnen kunnen naar wisselwoningen. Velen willen terug naar de wijk. Er zijn wisselwoningen beschikbaar, in de eerste plaats voor gezinnen met kinderen. “Kunnen ze de nieuwe huur wel opbrengen? Betalen ze nu €300 - €350, straks wordt dat €475. Bewoners zitten nu vaak al krap”, aldus Femia. De schuldenproblematiek is vrij groot. Daarnaast zijn er mensen die niet of onvoldoende kunnen lezen of schrijven en onvoldoende begeleid worden in de keuzen die ze maken. Wat kan de kerk betekenen voor de wijk? De Caritas reageert direct op signalen vanuit Kerk en Wijk. Als de problematiek te ingewikkeld lijkt, gaat iemand van de Caritas als pastor van der Hulst er zelf op af. In andere gevallen pakt de werkgroep het zelf op. “Een extra waarde van de kerk is de vertrouwelijkheid. Het moet gewoon in je zitten. En het moet van twee kanten komen”.

dat helemaal niet zo moeilijk. Gewoon de handen uit de mouwen steken.”

Colofon De Diaconiekrant is een uitgave van de Diaconie van de Protestantse Gemeente Enschede p/a Scriba: B. Kinkhamer, Varviksingel 139, 7512 EK Enschede Website: home.hetnet.nl/~diaconie.enschede e-mail: diaconie@pgenscede.nl Bankrekening: 55.44.76.592 Redactie: Ds. Evert Jan Veldman, Ds. Jaco Zuurmond Gastredacteuren: Prof. dr. Willem van der Meiden, Theo Krabbe Opmaak, fotografie, eindredactie: Harm Pinkster, Peter ter Horst Druk: De Groot Drukkerij, Winterswijk


de voedselbank Daar doe je het voor...

Martin Born Ria Pieters

Martin was een van de eersten die door DMO werden aangemeld bij de Voedselbank. Hij had er over gelezen in Huis aan Huis (december 2006). “Toen ik mijn eerste pakket kwam afhalen, nog in het Kompas, was ik bloednerveus. Ik riep uit: “Zo veel..?!” en herinner me dat Ria er toen ook nog eieren bij in stopte. Wat een feest!” Na drie keer een pakket gehaald te hebben, vroeg hij of hij mee kon helpen. Martin is altijd een bezige bij geweest. Hij helpt elke week zowel bij het inpakken als bij de uitgifte. En met regelmaat gaat hij met de bestelbus mee naar de centrale uitgifte in Arnhem. “Ik zie wat er gebeuren moet”.

Zijn gezondheid liet hem in de steek. Hij kon zijn werk niet meer doen. Een uitkering liet op zich wachten. “Voor je het weet zit je in de schulden. Ik ging door een diep dal dat aan een buitenstaander moeilijk is uit te leggen”. Zo komt een mens bij de voedselbank terecht. “Je bent hier iemand voor de collegavrijwilligers, zegt Martin, “En zij gaan veel voor jou betekenen. Een soort houden van. Hier word je medemens. Je krijgt waardering terug”. Het valt Martin op dat veel cliënten er op de dag van de uitgifte vroeg bij zijn, soms uren eerder dan de uitgifte. Samen brengen ze de tijd door vóór de voedselbank. Ria: “Misschien omdat ze lotgenoten zijn. Je ziet dat je niet de enige bent die in de problemen is geraakt”. Maar Martin vermoedt dat er nog een andere kant aan zit: “Door er vroeg te zijn loop je niet de kans achter het net te vissen, wordt er gedacht. Terwijl de voedselbank helemaal niet werkt volgend het principe: wie het eerst komt, het eerst maalt”. Hoe veel tijd besteden jullie aan de voedselbank? Ria: “Je zou dit mijn tweede huis kunnen noemen. Het werk bestaat uit zo veel meer dan inpakken en uitgeven. Voor mij is het een sport om producten bij elkaar te schooieren. Het praat zich ook verder. Gaandeweg wordt het netwerk van particulieren en bedrijven die ons steunen groter. Vorig jaar belde de kerstherberg dat ze gehakt te veel hadden. Toen stond ik met kerst bij een van de andere bestuursleden thuis gehaktballen te draaien en in

te vriezen. Zo gaat dat dan”. Wat Martin en Ria beiden aanspreekt is dat de vrijwilligers samen een hecht collectief vormen. Iedereen is verschillend, maar ze zijn allemaal voor het zelfde doel bezig. Heel concreet, op mensen gericht. Zo is er gaandeweg vrijwilligersroutine gegroeid. De voedselbank draait. Het gaat niet alleen om voedsel. Ria: “Als je een klein kind hebt, horen babyspullen bij de eerste levensbehoeften. Ik zet me daar speciaal voor in. Luiers zijn duur. Giften van particulieren probeer ik daar voor te gebruiken. Als zoiets lukt, is de voldoening groot. Wat is mooier dan een mand inpakken met babyspullen en er dan een kaartje bij doen

Shridath Salikram 06 28211070 salikram@hotmail.com

Stichting Voedselbank Enschede Van Limborchstraat 33/35 7521 DS Enschede In de wijk Twekkelerveld, zijstraat van de G.J. van Heekstraat Postadres: Postbus 40202, 7504 RE Enschede Tel. voedsel: 06-20348773 (Ria Pieters) Tel. secretaris: 06-30560869 (Melanie Braamhaar) Bankrekening: 67.94.05.682

met “van harte gefeliciteerd”. “Mensen zijn er zo blij mee”. Martin beaamt dat. Hij weet uit eigen ervaring dat waspoeder en toiletartikelen een gat in het budget van de minima slaan. Terwijl het juist zo belangrijk is om je schoon en fris te kunnen presenteren. Dat is ook een kant van de voedselbank: “Het aantal cliënten groeit nog steeds. Dat is goed. Want de mensen die de voedselbank nodig hebben zijn er gewoon. Niets is erger voor een mens dan vergeten worden”. Wat zou de Diaconie voor de voedselbank kunnen betekenen? Ria: “Allereerst gelegenheid geven om een praatje te houden in de kerk, bijvoorbeeld op de dankdag voor gewas en arbeid. Mensen

de gelegenheid geven om voedsel mee te nemen naar de kerk. En hen vertellen hoe belangrijk het is dat baby's goed kunnen worden verzorgd. Publiciteit geven. Wie weet wat er weer uit dit verhaal voortkomt”. Martin benadrukt het belang van de brede blik: “Kerken moeten verder leren kijken dan hun eigen muurtjes. Samenwerken, bijvoorbeeld ook met moslims. Jezus zei immers: “Alles wat je voor de minsten hebt gedaan, heb je voor mij gedaan”. Hoe meer bruggen er kunnen worden geslagen tussen arm en rijk, des te beter het is. Mensen denken soms zo klein”.

Margriet Meijling-Togtema, humanistisch geestelijk verzorger. www.margrietmeijling.nl

U bent onze vriend Ieder mens is de en helper moeite waard Het Hindoeïsme kent diverse lofliederen om moed en kracht uit te putten op momenten dat een mens het gevoel heeft er alleen voor te staan. Een daarvan is “Tumhi ho Maata”. Het kan worden gezongen bij een Satsang (lett. samenkomst) van mensen die elkaar willen bijstaan. De vertaalde tekst van “Tumhi ho Maata” luidt: U bent onze moeder en vader / U bent onze vriend en helper. / U bent de roeier van ons leven en roeit ons door het leven in geluk en verdriet. / Wij, uw kinderen zijn als bloemen die zonder uw barmhartigheid niet kunnen bloeien. / U bent ons metgezel.

'Zelf denken samen leven' is het motto van het Humanistisch Verbond. Mensen leven met elkaar, inspireren elkaar en zorgen voor elkaar. Zonder zelf geen samen, zonder samen geen zelf. Humanisten geloven in de kracht en eigen verantwoordelijkheid van mensen en in hun vermogens op eigen wijze zin en vorm aan hun leven te geven. Ze vinden dat ieder mens omwille van zichzelf de moeite waard is en dat mensen elkaar nodig hebben. Alleen redden ze het niet.


Langestraat 51, 7511 HB Enschede 053 - 4306190. Postbankrekeningnr.: Vriendenkring van het Citypastoraat: 4393374. www.citypastoraatensche de.nl

Oecumenisch Citypastoraat Enschede Iedereen heeft wel iets dat je kunt delen

Iedere dag open van 13.00 - 17.00 uur, behalve op zondag Daarnaast dinsdag -, donderdag- en vrijdagmorgen van 10.00 12.30 uur Annet Loeven Jan Tijink

Behendig rijdt Annet met haar elektrische rolstoel de ruimte van het Oecumenisch Citypastoraat binnen. Jan heet ons welkom en gaat koffie zetten. Ondertussen vertelt Annet mij het verhaal van haar nieuwe rolstoel. Wat fout kan gaan na de aanvraag, ging ook fout. Zoek geraakte gegevens. Bureaucratisch geklungel. Onbegrip. Het kost zo veel energie om voor jezelf op te komen. “Doe het niet alleen, kies een maatje uit”, zegt Annet, “Zij doen het ook niet alleen”. En ook: “Haal het maximum uit de stoel, zodat wat jij als mens in huis hebt er ook uit kan komen”. Inmiddels staat de koffie op tafel. Jan is er bij komen zitten. Hij luistert. Dit is nou typisch het Citypastoraat, denk ik: ruimte voor rust en kracht. Wat is de kracht van het Citypastoraat? “Dat je elke dag welkom bent”, zegt Annet. “Soms wacht ik even als het te druk is. Dan rijd ik nog een rondje door het centrum. Voor mij is het een oase. Op zaterdag is de stad vol en een en al beweging. Kris kras langs elkaar heen. Hier kom ik tot rust. Je hoeft niks. Maar je bent iemand. Een voorbeeld: Ik was te laat voor de kerstviering oponthoud onderweg. Maar ze hebben op mij gewacht. Ze

wilden niet zonder mij beginnen. Dat had natuurlijk helemaal niet gehoeven. Maar op zo'n moment weet je: je betekent wat”. Met de tijd is de onderlinge band sterker geworden. Van vrijwilligers en bezoekers. En van bezoekers onderling. “Je leert elkaars interesses kennen. Wat jij niet weet, weet soms een ander weer. Die groeit daar ook weer van. En er is ruimte voor een lach en een traan. Je luistert naar elkaars verhaal. Ik

kom hier regelmatig en voel me soms bijna een vrijwilliger. Je corrigeert elkaar ook. Dat gaat heel natuurlijk. De mensen die hier komen hebben vaak hun bordje vol problemen. Een enkele keer loopt het zo over dat de sfeer er onder lijdt. Dan flap het me er soms zo uit: “Hé, je bent hier wel te gast hè?” Jan is al lang vrijwilliger. Hij heeft het steeds drukker zien worden. In de begintijd zat hij soms uren te wachten op een gast. Nu zijn er dagen dat hij in twee uur tijd tien gesprekken voert, terwijl een andere vrijwilliger even intensief bezig is. “Dingen moeten hun tijd hebben. Mond op mond gaat het verder. En daar komt bij dat steeds meer mensen aan de onderkant van de samenleving terecht komen. Eenzaamheid is wel de grootste drijfveer voor mensen om te komen.” “En mensen die psychisch in de knel zijn geraakt,” voegt Annet toe. Jan knikt. Hij heeft die andere kant van het leven bij het Citypastoraat leren kennen. In het onderwijs trof hij vooral mensen uit zogenaamde betere milieus. “Het Citypastoraat heeft mijn blik verbreed. Ik heb respect voor mensen gekregen. Zo veel problemen tegelijk hebben en dan toch nog kunnen lachen! Wie hier nooit mee in aanraking komt, leeft in een reservaat”, zegt Jan. Bij het Citypastoraat is iedereen gelijkwaardig. Per dag mag je er een uur zijn en worden er twee kopjes koffie voor je ingeschonken.

Güzide Ay Pala VETCnoord@sge-enschede.nl

Eerst geef je anderen... Mijn geloof, Islam, vraagt van mij om te delen wat ik heb. Zo hebben mijn ouders mij opgevoed. Eten doe je niet alleen. Eerst geef je anderen, dan eet je zelf. Wij zeggen: “Het oog heeft rechten”. Je ziet iemands blik “Had ik maar iets daarvan!” Dan moet je kunnen geven. Anders verliest het goede van de aarde ook voor jou zijn waarde. Wie die ander is, maakt niets uit. Z(h)ij is een mens. Geven aan armen is een verplichting in Islam. Als je wat hebt, zeg je geen 'nee' tegen een collectant aan de deur, wie het ook is. Goede voorbeelden als in deze krant moeten doorverteld worden.

Dat heeft een praktische reden: de ruimte is beperkt. Maar het is ook goed. “Je maakt ruimte voor een ander,” zegt Annet. “Soms kom je die ander tegen op straat. Of bij een activiteit voor alle bezoekers, door het Citypastoraat georganiseerd een excursie of een feestje. Ongemerkt ga je met elkaar meeleven”.

Citypastoraat? “Zelf heb ik geen kerkelijke achtergrond,” vertelt Jan, “Maar ik hoop dat de kerken dit werk op waarde leren schatten. Deze plek is zo belangrijk voor mensen in de knel. Daar hebben kerken toch wat mee? Toch heb ik soms het idee dat kerken er weinig besef van hebben van wat hier speelt. Laten ze er vooral geld voor blijven vrij maken”.

Wat kan de kerk betekenen voor het Oecumenisch

Rabbijn Eliahoe Philipson e.philipson@planet.nl

Er is altijd een Helper In de Tora staat (Leviticus 19): ”heb uw naaste lief, zoals uzelf”. Dit geld in het Jodendom als een grondprincipe. Daarom moet ieder mens zoeken, in welk opzicht en op welke manier hij een ander kan helpen. Er is altijd een Helper met een hoofdletter. Dat wil evenwel niet zeggen, dat de mensen dan maar met hun handen over elkaar moeten gaan zitten, en op Hem wachten! De dominee, diaken of rabbijn is slechts een gereedschap in de hand van God. Ieder mens heeft een taak in deze wereld, of dat nou in het kader van een officiële functie is, of dat het vrijwilligerswerk is.


WOONGEMEENSCHAP DE WONNE Noorderhagen 25 7511 EK Enschede Tel. 053 4318787 E-mail: enschede@wonne.nl Website: www.wonne.nl Giro: 4142299

Harrie Lahaije Karin Bosscher

Met de mobiel aan het oor doet Harrie Lahaije open. Het gaat om krukken. Of een rollator. Beide voldoen. Met gebaren heet hij me welkom. In het halletje wacht iemand in alle rust op een boterham en een mok koffie. Als het telefoongesprek is afgerond, herinnert Harrie de gastvrouw die dienst heeft aan de gast die zit te wachten. We gaan naar de huiskamer. Daar maak ik kennis met Karin. Omdat het straks koffietijd is, besluiten we voor ons gesprek de rust te zoeken van Harrie's kamer. Karin zet een pot thee en voegt zich bij ons aan de tafel. Karin is op zoek naar rust. Daarom woont ze in De Wonne. “Ik ben nog heel onrustig in mezelf. Als ik van buiten hier weer binnen kom valt alles van me af. Hier vind ik rust en veiligheid. Ik kan de mensen van de kerngroep vertrouwen. Maar de zekerheid van binnen ontbreekt nog,” vertelt Karin. “De Wonne is thuis voor jou,” voegt Harrie toe. De rol van gastvrouw in De Wonne is Karin op het lijf geschreven. Ze is goed in zorgen. Dat is ook haar vak.

Ze werkt in zorginstelling Het Bouwhuis met verstandelijk gehandicapte mensen. “Als ik aan het werk ben, denk ik wel eens: Voor hen is het leven moeilijker dan voor mij. Het leidt af van mijn eigen probleem. Ik ben voor mijzelf op de vlucht. De zekerheid in mezelf zit wel ergens. Ik moet die alleen nog durven leren vinden”. Harrie helpt haar bij het zoeken. “Het vreemde is dat Karin voor zichzelf hulpbehoevend is, maar dat de zorg voor anderen juist haar kracht is”, vult Harrie aan. Vijf jaar geleden was het leven

van Karin vluchten, vluchten en nog eens vluchten. Ze vluchtte in haar werk. Daarbij kwam de drank. “Dan waren de zorgen tenminste even weg. Nu heb ik die drank niet meer nodig. De Wonne is er voor in de plaats gekomen”. Karin zag het mis gaan met zichzelf en heeft hulp gezocht. Eerst voor haar kinderen. En toen ook voor zichzelf. Zonder die beslissing was ze niet geweest waar ze nu is. Harrie zegt: “Ik heb ook niet altijd tijd voor Karin. En als het nodig is, kan ik haar ongezouten de waarheid vertellen”. Zoals de andere bewoners, werkt ze mee om het leven in de Wonne op orde te houden. Het liefst is ze gastvrouw. Voor Harrie is het einde van de dag een hoogtepunt. “Bij de dagsluiting in de kapel geven we elkaar de hand en bidden samen het Onze Vader. Een religieus moment dat de gemeenschap bevestigt”. Een tweede hoogtepunt is de ochtend, als alles en iedereen ontwaakt. “De absolute rust die nog in de gangen hangt. Het praatje dat ik maak met de mensen die hebben overnacht en die ik hun ontbijt breng”. Voor Karin is Harrie als een vader. “Mijn eigen vader was

dat niet voor mij. Hier in de Wonne heb ik leren ontdekken wat een vader kan zijn”. Iedereen uit de kerngroep van de Wonne vervult de rol van vertrouwenspersoon voor iemand die tijdelijk in de Wonne woont. “Noem het maar een mentor”, zegt Harrie, “de tijdelijke bewoners hebben hulpverleners buiten de deur. Om het hospitaliseren tegen te gaan. Voor iedereen is het de bedoeling weer op eigen benen te kunnen gaan”. Karin moet nog niet denken aan dat moment, maar ze werkt er wel naar toe. Heeft het ook iets met geloof

te maken? “Ik ben bezig het geloof in mezelf terug te vinden. Maar ook het geloof in God. Mijn beeld van God is aan het veranderen. Het geloof dat ik van huis uit meegekregen heb maakte me klein en onbelangrijk. Ik kan steeds eerlijker zijn, ook tegenover God. Ik heb wel eens gedacht: “Ik wil er niets meer mee te maken hebben”. Naar de vieringen op zondag ga ik niet. Terwijl ik ze wel mis. Een drempel is er niet. Die ben ik zelf. Maar ik weet dat ik weer zal gaan. Mijn familie heeft me er wel op aangekeken dat ik in een katholieke gemeenschap ging wonen”.

Werkgroep Vluchtelingen Opstandingskerk Jan van der Vliet

Een 19-jarige jongen wiens asielaanvraag binnen drie dagen werd afgewezen komt in Enschede terecht in plaats van dat hij op eigen houtje het land verlaat. Hij vermoedt dat zijn ouders en zus die hij zeven jaar daarvoor bij hun vlucht uit Azerbeidzjan is kwijtgeraakt in Nederland zijn. Een oproep via de Armeense kerk in Almelo leverde een adres van een kleinschalige asielopvang in een vervallen hotel in Agelo op. Samen met hem ga ik daar naar toe.

We stappen een kleine kamer binnen waar zich een echtpaar en een meisje van ongeveer zeventien jaar bevinden. Verwonderd kijken ze ons aan. De jongen begint te praten en ineens zakt de vrouw door haar benen op de grond en begint te huilen en te krijsen. Het blijkt inderdaad zijn moeder”. Het is één van de vele bijzondere verhalen die Jan van der Vliet kan vertellen vanuit zijn ervaringen in het vluchtelingenwerk. De vluchteling in kwestie werd overigens twee maanden later als illegaal opgepakt en vastgezet. Hij zou worden uitgezet naar Armenië, een land waar zijn voorouders vandaan kwamen maar waar

hij nog nooit geweest is. Bij het instappen in het vliegtuig heeft hij zoveel stennis geschopt dat de gezagvoerder hem niet mee wilde hebben. Daarna verdween hij in de illegaliteit rond Amsterdam. “Via zijn zus hoorde ik soms hoe het met hem ging”. Hoogtepunten en dieptepunten liggen vaak heel dicht bij elkaar in het vluchtelingenwerk. “De ene keer maak je gewoon even een praatje, de andere keer ga je mee naar een advocaat. Nu eens help je bij het invullen van allerlei papierwerk, dan weer moet je plotseling op zoek naar een huisarts voor iemand die hier illegaal is. Soms is de situatie

volkomen uitzichtloos, dan weer mag je een naturalisatiebijeenkomst bijwonen in het stadhuis, of mee gaan kijken in een zojuist betrokken woning na het ontvangen van een verblijfsvergunning”. “Zo'n tien jaar geleden zijn we met het werk begonnen. Als Opstandingskerk wilden we meer actief een bijdrage leveren aan de leefbaarheid in de wijk. Dat bracht ons ook tot de vraag: 'Wat doen we eigenlijk voor de vluchtelingen in onze wijk?' Van alles hebben we sindsdien gedaan. Met regelmaat hebben we maaltijden georganiseerd. Door de week verzorgen we vaste inloopavonden. We


Jetty Siemerink (053) 4332313 e-mail j.siemerink@solcon.nl Meer informatie over Timon vind je via (030) 6361098 of kijk op het internet bij: www.timon.nl

Geert Lassche Jetty Siemerink

“Ik heb veel bewondering voor mensen die pleegkinderen in huis nemen, maar voor mij is die stap te groot. De Timon woongroep biedt mij de kans toch iets te doen voor jongeren die het moeilijk vinden om zelfstandig te leven. Door in deze woongroep samen te leven, geef je jongeren een veilige plek. En je merkt dat dat mensen goed doet. Zo help je ze op weg”. Aan het woord is Jetty Siemerink, één van de kernbewoners (vaste bewoners) van de Timon Woongroep in Enschede. Samen met Geert Lassche kijkt ze terug op het eerste bestaansjaar van de woongroep op het randje van de wijk Roombeek.

“Timon bestaat al twintig jaar”, zo vertelt Jetty Siemerink. “Eerder heb ik in de buurt van Doorn al een aantal jaren in zo'n Timon woongroep gewoond en daar kijk ik met heel veel voldoening op terug. De jongeren die indertijd met problemen binnenkwamen zijn nu, tien jaar later, echt verder. Ze hebben een baan en hebben geleerd zelf vorm aan hun leven te geven. En dat terwijl het in zo'n woongroep allemaal zo vanzelf gaat. Want wij zijn niet de hulpverleners. Waar dat nodig is, hebben de jongeren eigen professionele begeleiding. Onze meewoners krijgen wekelijks begeleiding van een hulpverlener van Timon. Wij zijn als kernbewoners gewoon een goede buur. En dat werkt dus. Na de vuurwerkramp kwam bij mij de gedachte aan zo'n woongroep weer boven. Het zou ook goed zijn voor deze wijk, dacht ik. En ineens bleek het ook bij anderen aan te slaan. Projectbureau, architect en woningbouwvereniging zagen een woongroep in Roombeek helemaal zitten”. “Inmiddels zijn twee van de appartementen voor meewoners (tijdelijke bewoners) bewoond”, vertelt Geert Lasche. “Eén jonge man en één jonge

Woongroep Timon Roombeek

moeder met kind. De kernbewoners hebben ook kinderen. En je merkt dat het voor zo'n kind goed is van dichtbij te zien hoe andere gezinnen samenleven. Samen hebben we tien kinderen. Dat geeft kleur aan onze woongroep. Het kan er soms heerlijk luid aan toe gaan. We hebben onze meewoners verwelkomd met een maaltijd. Iedereen was vrolijk. Het was een heel speciaal moment. En nu kom je elkaar dus met regelmaat in huis tegen. Dan maak je even een praatje. Juist deze kleine momenten zijn vaak de mooiste ervaringen. Dan merk je dat je gekend wordt. Dat geldt voor iedereen, voor meewoners en voor kernbewoners”.

problemen hebben. In de toekomst zouden we ook wat willen betekenen voor de buurt. Als we zoiets gaan doen, dan kunnen we natuurlijk goed wat helpende handen uit de verschillende kerken gebruiken. Graag zien we veel kerken vertegenwoordigd in onze adviesraad. Want we hechten aan een breed kerkelijk draagvlak. En ja, ook hebben we natuurlijk geld nodig. De gemeenschappelijke ruimtes moeten wel betaald worden. Als er appartementen tijdelijk leeg staan, brengt dat

ook kosten met zich mee. Verder zou het fijn zijn wanneer jullie als kerken af en toe in jullie gebed aan onze meewoners en aan ons denken”.

Wat kan de kerk betekenen voor de woongroep? “Wij willen allereerst graag ook wat betekenen voor de kerk. We zijn trots op onze ruimtes, maar willen ook dat die optimaal worden gebruikt. We hebben bijvoorbeeld een heel mooie kapel. Daarmee is onze ruimte ideaal voor een bezinningsbijeenkomst. In hun pastoraat kunnen kerken Timon inschakelen wanneer ze in contact komen met jongeren die

geven taalles, en hebben een zgn. 'maatjes-project'. Maar ook werken we aan het vergroten van het draagvlak en proberen we de politiek te bewerken. Na het Generaal Pardon hebben we een cursus opgezet waarbij het gebruiken van de Nederlandse taal gecombineerd wordt met het opdoen van vaardigheden die nodig zijn om toe te treden tot de arbeidsmarkt. Soms zijn wij de enigen met wie Nederlands gesproken wordt…” “Wat de diaconie voor het vluchtelingenwerk kan doen? De diaconie van de PGE zou het vluchtelingenwerk in de verschillende wijkgemeentes kunnen coördineren, de achterban informeren en draagvlak creëren voor het

werk. Het organiseren van een vorm van intervisie voor de vrijwilligers en het werven van fondsen zou ook opgepakt kunnen worden. Het gaat dus om een wat meer bestuurlijke laag die in staat is de ervaringen van de vrijwilligers die direct met vluchtelingen werken en daar hun handen vol aan hebben te vertalen naar genoemde activiteiten. Deze zaken blijven nu te veel liggen en dat is jammer”. Contactpersoon: Jan van der Vliet, 053-4332179 Sumiere informatie staat op de website van de Opstandingskerk, www.opstandingskerk-enschede.nl Banknummer: 501884262 tnv wijkkerkenraad Opstandingskerk inz. vluchtelingenwerk


Stchting Oecumenische Vrouwengroep Klein kan veel Atie Meijvogel

“Het verhaal van deze vrouwen uit Bethlehem moet verteld worden; hoe ze hun kinderen proberen op te voeden met een geweldloze levenshouding, hoe ze hun gezin overeind houden temidden van economische malaise”. Om dat te doen heeft de groep de Stichting Oecumenische Vrouwengroep Twente Bethlehem opgericht. Het bezoek aan de Palestijnse vrouwen van Bethlehem is al weer een tijd geleden. Maar het is niet gedateerd geraakt. De ontmoetingen van vrouwen uit Twente met vrouwen uit Bethlehem en de daar opgedane ervaringen, zijn in het hart gaan zitten. “Wat me drijft? Ik werd gegrepen. Hoe is het mogelijk dat mensen in een uitzichtloze situatie waarin ze klein gemaakt worden, hun menselijke waardigheid weten vast te houden? Dat is zo bijzonder om mee te mogen maken,” vertelt Atie. De reis naar Bethlehem in het najaar van 2006 maakte de vrouwen uit Twente tot een groep. Ze zijn verschillend, maar allemaal geraakt door de kracht van de hoop. Contactpersoon: Gerda Dreijer, Emanuel de Wittestraat 14 7482 ZL Haaksbergen, gerdadreijer@gmail.com www.kleinkanveel.nl ABN 48 06 97 221, t.n.v. Oecumenische vrouwengroep Twente – Bethlehem

Studentenpastor Kees Kuyvenhoven nam het initiatief voor het bezoek van de vrouwen. Met studenten bezocht hij Bethlehem al eerder. Zo groeide een intensief contact met een organisatie die zich richt op contacten tussen jonge moslim- en christen-palestijnen om mee te werken aan de basis voor een democratisch Palestina. Dit doen zij door trainingen te geven in leiderschap, gerechtigheid en vrede, sociale en morele waarden, en door bewustmaking van de eigen identiteit en van duurzaamheid. “Moeders spelen daarbij een cruciale rol. En het waren deze moeders die vroegen om contact met de moeders van de studenten uit Enschede. Die rol mochten wij vervullen”. Wat bewoog Atie om mee te gaan? Ze heeft een lange staat van dienst in de gezondheidszorg, met name aan de onderkant van de samenleving. Ze weet hoe mensen in de verdrukking kunnen raken. Ze kent de lange

adem die nodig is om het tij te kunnen keren. “Mensen die in de knel raken zijn er overal. Het bezoek aan Bethlehem was een mogelijkheid om mijn blik te verbreden en een scherper zicht te krijgen. Daar was ik geen hulpverlener, maar een moeder die probeerde te begrijpen wat het is om in een 'open gevangenis' zo wordt het leven achter de muur ervaren kinderen op te voeden. Ik ben gegrepen door de kracht van de moeders daar”. De oecumenische vrouwengroep bereidt nu een bezoek voor van Palestijnse vrouwen aan Twente. Daarvoor is veel geld nodig. Waar maar mogelijk, wordt het verhaal van de Palestijnse vrouwen verteld. Zo worden fondsen geworven, maar wordt er ook bewustwording gecreëerd. “Het is onze manier om achter hun overtuiging te staan. Er zal kracht uitgaan van dat bezoek. Hun zelfbewustzijn zal erdoor kunnen groeien. Door onze steun hier, worden ze daar sterker. Gelukkig staan we niet

alleen. Er zijn nog andere groepen in Europa. En laatst is Ali B. daar nog op bezoek geweest. Zo ontstaat er een netwerk dat de hoop levend houdt op vrede en gerechtigheid, dwars tegen de politieke realiteit in”. ‘Klein kan veel’, het was het levensmotto van studentenpastor Kees Kuyvenhoven. Drie woorden die passen bij de dagelijkse strijd van de vrouwen daar voor het behoud van waardigheid. Ze passen ook bij de solidariteit van de Twentse vrouwen. En bij geloofsgemeenschappen die werk maken van de opdracht om te “helpen waar geen helper is”. Daarover zegt Atie: “Geld is belangrijk. Zonder dat kunnen we de Palestijnse vrouwen niet laten komen. Maar daarnaast zijn geloofsgemeenschappen tot nu toe de belangrijkste plekjes om hun verhaal verder te vertellen”.

God in Enschede

Theo Krabbe Redacteur Geestelijk Leven bij De Twentsche Courant Tubantia Of God uit Enschede verdwenen is? Daar lijkt het wel op. Niet God, maar de Mammon regeert in Enschede. De arme textielstad van weleer werkt en bouwt aan zijn

gouden toekomst. De stad profileert zich als het centrum van Oost-Nederland op het gebied van winkelen, kopen en uitgaan, muziek en cultuur, onderwijs en wetenschap, gezondheidszorg, sport en welzijn. Zeker, nog altijd gaat een belangrijk deel van de Enschedese bevolking op verschillende plaatsen in de stad ter kerke, naar de synagoge of naar de moskee. Maar in het dagelijkse leven van de stad Enschede, en zeker in het bruisende centrum, lijkt God geen rol van betekenis meer te spelen. Op de 's zomers zo overvolle terrassen op de Oude Markt kan de aanblik van de Grote Kerk nog een herinnering aan God en het christendom oproepen. In dat monumentale kerkgebouw, het oudste hervormde gebedshuis van de

stad, wordt de Heer echter nog maar sporadisch geloofd, geprezen en bedankt. Want al jaren geleden heeft deze Grote Kerk aan de Oude Markt een louter culturele en ceremoniële bestemming gekregen. Toch is God uit het zo welvarende en kleurrijke centrum van Enschede nog niet verdwenen. Hoezeer de god van het geld de Enschedeërs ook probeert te verblinden, de God van het christendom laat zich niet verjagen. Want God in Enschede is een verborgen God, en een bescheiden God, die ook behoorlijk kan irriteren. Het is de bijbelse God, die een voorkeur heeft voor mensen die in hun leven in de knel geraakt zijn. Die bijbelse God roept op tot gerechtigheid en vreedzaam samenleven en het

doen van recht aan zwakken en verdrukten. Waar de sporen van die God in Enschede dan gezocht moeten worden? Pal naast de nieuwe muziektempel, achter de muren van het klooster van 't Larinkssticht, waar de oecumenische leefgemeenschap De Wonne gevestigd is. Mensen in nood kunnen er op verhaal komen, dak- en thuislozen krijgen er een kop koffie of een warme maaltijd. Een glimp van die God is ook te ervaren aan het einde van de Oude Markt in het Oecumenisch Citypastoraat, vlakbij de Jacobuskerk. Jan en alleman kan er zomaar even en zonder te betalen binnenlopen voor een kop koffie en een hartverwarmend gesprek. Het zijn zomaar twee van de diaconale projecten die de

Protestantse Gemeente Enschede met hart en ziel ondersteunt en zelfs tot haar kernactiviteiten rekent. Vluchtelingen, asielzoekers, exgedetineerden, (ex-)psychiatrische patïenten, uitkeringsgerechtigden, mensen die eenzaam zijn, ook in Enschede dreigen ze een vergeten groep te worden. Zij kunnen echter rekenen op oprechte aandacht en bekommernis van hun stadsgenoten, die zich laten inspireren door het verhaal van Jezus Christus. Zo heeft de Protestantse Gemeente Enschede zich een onmisbare plaats verworven op de kaart van het centrum en van de hele stad Enschede. Onmisbaar, omdat Enschede anders volledig ten prooi dreigt te vallen aan hoogmoed, genotzucht en louter vermaak.


Diaconiekrant 2008