Issuu on Google+

de maan

planeet mars

de zon

Sssst ‌

Niet n !

verklappe

een marsmannetje

een raket

De Wondere Pluim ~ 2011 ~


Sssst ‌

Niet n !

verklappe

De Wondere Pluim ~ 2011 ~ Het spannende vervolgverhaal geschreven door

de leerlingen van basisschool Leut, De Triangel en De Brug.


De kinderen van het 4de leerjaar gaan op schoolreis naar zee. Dichtbij is fantasiewereld. Op het strand maken ze een zandkasteel en kuilen om in te slapen. En wat ligt daar? Een zoekkaart van fantasiewereld. Daar stond op dat ze een raket moesten bouwen. De volgende dag gaan ze aan de slag. Ze zoeken naar materiaal en beginnen meteen. Toen ze klaar waren, lag er een handleiding in de raket hoe ze moesten vertrekken. Juf Annick bestuurde de raket. Daar gingen ze. Na 5 maanden zijn ze er. Plots zien ze een bord. Er staat op:  (*) Even is iedereen stil. Dan opeens roept Rob: “We zijn op  (*) !!!” Dan komen 101 marsmannetjes aangelopen. De kinderen zijn erg bang. De marsmannetjes gaan rustig naar de kinderen toe. Ze zetten een grote stap achteruit. “Niet bang zijn”, zeggen de marsmannetjes. De kinderen trekken hun mond open. “Sssst … niet verklappen!”, zeggen de marsmannetjes.

(*) Mars

Copyright alle kinderen van de deelnemende scholen. tekeningen | Jens, Bram, Kobe, Pauline (5 jaar) vormgeving en illustraties | Shelley Swinnen Alle rechten voorbehouden. Schooljaar 2010-2011

| 4e leerjaar, basisschool Leut

3


4

De 4de klassers hadden immers gemerkt dat de marsmannetjes eigenlijk vermomde leerlingen waren van hun eigen school! Op de laatste fruitdag hadden ze betoverde kiwi’s gegeten en waren veranderd in groene, vijforige, met rode puisten en bruine haartjes bedekte aliens. Ze stonken uren in de wind omdat ze voortdurend kleine protjes moesten laten … Dit was verschrikkelijk!

… “Want wij willen eerst een akelig, eng, groen, slijmerig alienfeest! Huhuhu! We nodigen alle aliens uit en ook alle aardse griezelfiguren zoals geesten, felteux, vampieren, monsters en skeletten …”

Ondertussen waren ze er al achter gekomen dat de enige manier om te veranderen deze was: Ze moesten hun koning - zijn naam was Rik - zien terug te vinden. Die was ontvoerd door een gevaarlijke rugbyploeg uit Fantasiewereld. De rugbyploeg bestond uit stoute jongetjes uit Maasmechelen die wraak wilden nemen op alle schooldirecteurs!

Alle gasten worden verwelkomd door een reusachtige spin. De muziek wordt door huilende weerwolven gespeeld en ook de spoken doen mee in het koor. We eten dan lekkere bloedsoep met oogballetjes. Hoe dikker, hoe lekkerder.

Om de koning te vinden moesten ze 7 zware proeven afleggen. De vierde klas vroeg aan de aliens: “Welke proeven dan?” “Sssst, dat kunnen we nog niet verklappen” … was hun antwoord!

Het feest zelf gaat door op een groen slijmerig grafveld vol met dode bomen en spinnenwebben, waar het bloed vanaf druipt … in champagneglazen!

En op het einde van de dag is er … Ssst..dat verklappen we niet!

een marsmannetje

| 5e leerjaar, basisschool Leut

| 3e leerjaar, klas A, basisschool De Triangel

5


Doodmoe valt iedereen in slaap na dit griezelige lange feest. Midden in de nacht krijgt de stoerste jongen van de groep een nare droom. In zijn droom verschijnen 5 draken. Vier ervan zijn zachtaardig. Eentje echter is een kwaadaardige, hongerige, vuurspuwende draak. Hij woont boven op de hoogste berg. Om zijn honger te stillen, komt hij elke week naar beneden om drie mensenkinderen te verslinden. Om zijn vrienden te redden, zal hij de draak moeten verslaan.

6

’s Morgens wanneer iedereen wakker is, vertelt hij zijn enge droom. Iedereen schrikt ervan. Samen zoeken ze naar een oplossing om de boze draak te verslaan. Na lang vergaderen hebben ze een plannetje! Sssst ‌ de draak mag het niet horen!

| 3e leerjaar, klas B, basisschool De Triangel


Hoe gaan we de gevaarlijke draak verslaan? We hebben een plan! We gaan het de brandweer vragen! Die kan water in de draak zijn mond spuiten, dan kan hij niet meer vuur spuwen. Onderweg komen ze een olifant tegen. Dat gaat ook! Met een olifant! Olifant, wil jij water spuiten? Ja? Hoera! De olifant drinkt het water op. Ze gaan samen naar de draak. De olifant spuit water met zijn slurf tegen de draak zijn vuurmond. Het vuur gaat uit! 8

Nu komt de helikopter een heel groot net over de draak doen. Zo kunnen ze de draak doden. “Joepie, wij hebben de gevaarlijke draak verslagen en wij hebben er een vriend bij: de olifant!” En nu … sssssssst … … niet verklappen!

Ineens vond Jonas een kaartje. Op dat kaartje stond geschreven: ga 4 stappen naar voor, stap dan 3 stappen naar rechts, daarna 10 stappen naar links, loop onder de brug door en sta stil. De kinderen voerden de taken uit. Voor hen was er een dikke mistlaag. Ze twijfelden lang maar gingen toch door de mistlaag … Opeens kwamen ze terecht in heksenstad! De kinderen zien allerlei gekke dingen. Ze zien de heksenschool, heksenkapper, er vliegen heksen rond op een bezem. Plots horen ze een zware stem doorheen heksenstad: “alle mensenkinderen moeten bijeenkomen om stipt 12 uur aan de drakenlantaarn.” De kinderen vinden het een beetje griezelig maar gaan er toch naartoe. Als de klok 12 uur slaat, verschijnt er een grote akelige, harige … … … Sssssst, dat verklappen we niet!

| 2e leerjaar, klas A, basisschool De Triangel

| 2e leerjaar, klas B, basisschool De Triangel

9


… een grote, harige, … zestienkoppige spin! De kinderen bibberen van angst. Ze gillen en roepen alsof hun leven ervan afhangt. De spin wordt heel boos. De heksen keken vanuit hun slaapkamer door een verrekijker en ze lachten hen heel hard uit. Niemand wist dat de heksen door de verrekijkers aan het kijken waren. Even werd het stil. En dan sloeg de spin toe. De kinderen snapten het niet. De spin wou hen geen pijn doen. Hij begon … te dansen. De kinderen dansten mee. Maar wat gebeurde er toen? Sssst … Dat verklap ik niet.

| 3e en 4e leerjaar, basisschool De Brug

11


De spin had alle kinderen doodmoe gemaakt van het dansen. Zo konden de heksen de kinderen beter opeten!

Door het zout worden de kinderen supersterk. Die kracht gebruiken ze om de vreselijke, gemene heksen op te tillen en in de hete, gezouten spinachtige brij dat ‘soep’ moest voorstellen, te gooien.

De kinderen liepen weg. De spin volgde de kinderen. Maar de kinderen waren hen te snel af. Ze hadden een plan.

Maar, oh nee, de soep sist harder en harder en harder tot … … … BOEM! De enorme soepketel ontploft.

Het plan was om hen af te leiden. Jonas maakte een val met giftige slangen, messen en een kooi.

12

De soep met zijn onmogelijke ingrediënten vliegt in het rond en bedekt iedereen met een afschuwelijke, slecht smakende smurrie.

De spin rende recht op de val af. Hij viel in de val. De kinderen lachten hem uit en maakten er spinnensoep van. De soep was niet lekker. Ze hadden geen zout.

Als de kinderen stilaan bekomen van het lawaai en de schrik, roept Jonas opeens: ‘Hé, daar ligt weer een briefje, zou het de volgende opdracht zijn?”

In de verte zagen ze de heksen met een groot zoutvat. De heksen strooiden zout over de kinderen. Er kwam ook zout in de soep. De soep begon te knetteren.

Snel raapt hij het op en leest luidop: Met succes hebben jullie de draak en de heksen verslagen. Nu is het tijd om je aan een derde opdracht te wagen. Neem je gesofisticeerde ‘Marsphone’ en volg het teken van koning Rik, de kroon! Telefoneer naar de Belg Bart de Bever, veel mensen geloven in deze taalrijke raadgever!

En wat gebeurde er toen? Sssssssssssst dat verklappen we niet! de meerkoppige spin

Zo gebeurt het. Bart de Bever verwittigt op zijn beurt Elio Di Lupo en samen beslissen ze om de zesdeklassers van Leut op te biepen. Deze moedige helden haasten zich naar de geheime lanceerbasis in Houthalen waar kapitein Yves Determe hen opwacht. Deze deskundige kapitein vliegt hen met de supersnelle Marsfighter naar Mars waar ze veilig en wel aankomen.

| 3e en 4e leerjaar, basisschool De Brug

13


Op een koude sneeuwerige dag verzamelen we koud voor de poort van Plopsaland. We hebben een afspraak met kabouter Kwebbel. We hebben een opdracht. Samen met Kwebbel moeten we naar de hoogste toren van Plopsaland klimmen waar de volgende opdracht wacht. Waar zou ze zijn? We horen een felle vrouwenstem. Daar is Kwebbel, met rond haar nek een grote sleutel. We gaan er dan maar aan beginnen. Het eerste deel van de klim zijn we beschermd door dikke muren. Maar in het tweede gedeelte ligt heel veel sneeuw. Kwebbel gaat voor. Wij erachter. De wind blaast heel koud. Kwebbel babbelt en babbelt terwijl ze de trap op gaat! Eindelijk boven!

14

Het is er donker. Kwebbel opent de luiken in de toren. Aan het plafond zien ze een rood draadje met een knoop. Kwebbel wil aan het touwtje trekken terwijl wij bescherming zoeken tegen de rand van de toren. Plots … BOEM! FLITS! BOEM! FLITS! Er is heel veel rook. Als de rook weg is, zien we een groot gat in de vloer. Daaronder een grote zwarte leegte. Kwebbel weet waar het is.

Samen met de vierdeklassers, de marsmannetjes en de olifant komen ze terecht in … … … plopperdeplopperdeplop … jawel … Plopsaland, waar de derde opdracht moet worden volbracht. Welke opdracht? Sssssssssssst, dat verklappen we niet!

| 6e leerjaar, basisschool Leut

Ze loopt naar beneden waar zich een grote, houten deur bevindt. We lopen achter haar. Als ze de deur opent, komen we in een lege ruimte met tegelvloer. Kwebbel ontdekt een losliggende tegel. Wanneer ze de tegel aanraakt, gebeurt er iets magisch. Er komt een trap tevoorschijn. We kijken allemaal bang. Het is een lange tunnel. Donker en akelig. Niemand zegt iets. Kwebbel ontdekt 2 fakkels die ze aansteekt. Vol durf maar met een klein hartje, dalen we de trap af, de tunnel in.

15


Telkens als kwebbel een nieuwe fakkel ontdekt, steekt ze die aan. Overal zien we vieze grote ratten. Zwaaiend met de fakkels jagen we die enge beesten weg. Ze schieten alle kanten op. Dan grote stilte … minutenlang …… . Voor ons …… een megagroot spinnenweb met in het midden een dikke gevaarlijke spin. Ze slaapt. Kwebbel wijst naar de rug van de spin. Op de rug van de spin plakt de volgende opdracht. Hoe krijgen we de opdracht te pakken? En wat is de volgende opdracht? Ssssssssssssssssst …… dat verklappen we niet! 16

Boem

Boem

| 1e leerjaar, klas B, basisschool Leut

Flits

Flits


Ondertussen zijn op De Triangel de leerlingen van 5B aan de slag in de techniekklas. Ze zijn druk in de weer met een eigenaardige constructie. Op de speelplaats fluistert men dat ze bezig zijn met de bouw van een teletijdmachine. De teletijdmachine is een apparaat waarmee je kan reizen naar een andere plaats en tijd. De constructie van zo’n machine is een echt karwei. Vooral de aansluiting van de 738 verschillende kabels en draden is een delicate opdracht. Als je ook maar 1 draadje verkeerd aansluit kan de teletijdmachine helemaal tilt slaan. 18

Gelukkig heeft men op de Triangel Tom. Gewapend met een striptang en een schroevendraaier baant hij zich een weg doorheen de veelkleurige spaghetti van draden en kabels. Tot plots … Selena schreeuwt het uit: “Tommeke, Tommeke Tom, … wat doet ge nu?”

Terwijl Bart De Bever en Elio Di Lupo ruzie maken over wie nu het woord moet nemen, trekt Yves Determe het briefje van de spin los. “Stop!”, zegt hij. “Volgens dit briefje hebben we geen tijd te verliezen. Voor middernacht moeten we de geest van De Triangel vangen. Het is de geest van een oude directeur die al jaren door de kelders van De Triangel dwaalt.” Omdat de kelders zo uitgestrekt zijn, stelt Yves Determe voor de groep te splitsen. De Bever en Di Lupo zullen elk een team aanvoeren. Of dat allemaal goed zal aflopen, blijft een groot geheim. 19

De teletijdmachine begint heen en weer te daveren en de 113 controlelampjes beginnen te flitsen als een op hol geslagen kerstboom met te veel lichtjes. Een oorverdovende knal! De kinderen van 5B vliegen achteruit op de grond. Als ze enkele seconden later hun verwarde hoofden boven de werktafels uitsteken, geloven ze hun ogen niet. Bart de Bever en Elio Di Lupo, Yves Determe, een olifant, een verdwaalde heks, een kwebbelend kaboutervrouwtje, enkele marsmannetjes, kinderen uit Leut en een vreselijk achtpotig wezen met een briefje op zijn rug, allemaal in hun techniekklas! ”Waaaaaaah … de spin!”, krijst het gezelschap. “Dat moet dat achtpotig wezen zijn!” mompelt de ondertussen half geëlektrocuteerde Tom. En dat terwijl hij net de achtste en laatste poot van de spin vakkundig aan de tafel vastlijmt met zijn lijmpistool.

Bart de Bever

| 5e leerjaar, klas B, basisschool De Triangel


De leerlingen van 5B durven de deur van de kelder niet te openen en roepen de moedige en stoere leerlingen van het 4de leerjaar. De Bever en Di Lupo nemen elk 14 kinderen mee in de duistere gangen van de kelder. Een groep gaat links, de andere rechts. De kinderen beven van angst, maar plots horen ze een zware stem:

20

Plots verschijnt er een grote ballon. Bart De Bever en de juf zien de ballon zweven. In de ballon zien ze een gouden sleutel hangen. Maar wat gebeurt er … ? De ballon leidt hen naar het 6de leerjaar van De Triangel. In de klas van het 6de leerjaar is het zeer warm omdat ze met 30 personen zijn. De ballon zweefde de klas binnen.

“Ik ben de geest van de vroegere directeur van de Triangel waarnaar jullie op zoek zijn. Ga op zoek naar de brief met de 5 opdrachten. Als die lukken, vinden jullie de schatkist waar mijn geest verborgen zit.”

En ja hoor, de ballon ontploft en de gouden sleutel valt op de grond.

In het licht van de fakkels vinden ze een brief op een oude, vergeten tafel. De kinderen proberen de opdrachten uit te voeren maar geen enkele opdracht lukt.

De meester en de kinderen zoeken het op het web. Ze googelen het woord ‘Geestenwereld’. Plotseling verschijnt er een virus genaamd ‘Geestenwereld’. Het virus opent een spel. Het spel werd werkelijkheid. De kinderen splitsen zich op en zoeken naar aanwijzingen. Ze moeten opdrachten uitvoeren. Dit zijn moeilijke opdrachten om uit te voeren.

Hierdoor verdwijnen ze allemaal, behalve de leerkracht en Bart De Bever. Of de kinderen gered worden en de geest van de directeur in de schatkist verborgen is, sssssssssst, dat verklappen we niet!

| 4e leerjaar, basisschool De Triangel

De meester van het 6de leerjaar raapt de sleutel op. Op de sleutel staat geschreven: ‘Geestenwereld’.

Alle kinderen van het 6de leerjaar doen zo goed hun best dat ze het spel hebben kunnen uitspelen. Tegen de muur zien we op de computer een code verschijnen met daarnaast een kist met een gouden slot. We openen de kist met de code en de sleutel. De kist gaat open en we zien een briefje. In dit briefje zit een zilveren sleutel verstopt.

21


De sleutel dient om de geest van de directeur te bevrijden. Op de brief staat een tip waar de laatste kist staat met de geest van de oude directeur. De tip is: ‘niet hoog, niet laag, jullie zijn te traag. Zoek de kist hoog in de mist. Als je dat eens wist.’ Vinden de kinderen de tweede kist? Ssssst … dat verklappen we lekker niet …

De kinderen van het 6de dachten lang na over de tip. Ze zagen het echt niet zitten om het raadsel op te lossen. Toen vroegen ze raad aan 5A. Daar zaten wel een paar slimme kinderen in. Door hard samen te werken, konden ze in een wip het raadsel oplossen. Zo vonden ze de kist met de geest van de directeur. Ze hadden geen tijd te verliezen, want het was bijna middernacht! En de geest moest voor die tijd bevrijd zijn. Met de zilveren sleutel probeerden ze de kist open te maken. De sleutel draaide in het slot. Alles kraakte en piepte want het was al jaren geleden dat de kist op slot gedaan was. Met een bang hart wachtten ze allemaal af wat er zou gebeuren.

22

Om 1 seconde voor 12 vloog de kist met veel lawaai open! Onmiddellijk daarna riep de geest: “wie verstoort hier mijn rust?” het gevaarlijke computerspel

De kinderen waren niet bang van de geest. Ze vertelden vlug het hele verhaal en zeiden dat ze geen kwade bedoelingen hadden. De geest dacht even na en begreep hen. Eigenlijk was hij wel blij dat hij na zoveel jaren eindelijk uit die kleine kist was! Hij was weer vrij en kon zijn benen weer strekken. Als dank vertelde hij waar de kinderen van het 4de waren. Hij wees hen zelfs de weg doorheen het doolhof van de kelder.

| 6e leerjaar, basisschool De Triangel

23


Niet lang daarna was iedereen bevrijd en konden ze naar huis. Na deze vermoeiende dag verlangden ze allemaal naar hun bedje. Iedereen dacht dat alles nu was opgelost. Maar was dat ook wel zo? Of stonden hen nog nieuwe avonturen te wachten?

Ssssssssssssssst dat verklappen wij lekker niet !!! 24

Toen ze sliepen, droomden ze over wat er allemaal was gebeurd! ’s Morgens werden ze allemaal wakker maar waren niet uitgeslapen. Ze hadden niet goed geslapen. Op school vertelden ze elkaars dromen, of beter gezegd nachtmerries. De juf opende het smartbord en wat zagen ze toen … Op het bord verscheen een opdracht. Eén van de leerlingen las de opdracht voor. De opdracht luidde: “Zoek een gouden steen. Jullie kunnen de steen in de zandbak vinden.” De leerlingen haastten zich naar de zandbak en begonnen te graven. Zodra ze de steen hadden gevonden, verscheen het vervolg van de opdracht op het bord. “Gooi de steen in het kanaal.” Ze gooiden de steen in het water en het water kleurde goud. Uit het water verschenen gouden letters. Die letters vormden het vervolg van de opdracht: “Drink allen een slok van dat water!” De leerlingen namen allemaal een grote slok. Plots gebeurde er iets. Iedereen werd een standbeeld. Behalve 1 leerling niet, want hij durfde niet van het water te drinken. Hij moest een drankje brouwen om de standbeelden weer om te toveren tot zijn klasgenoten. Op het smartbord verschenen de ingrediënten: 1 liter water 2 eetlepels suiker ½ liter kokossap en per standbeeld 2 druppels goud kanaalwater.

| 5e leerjaar, klas A, basisschool De Triangel

25


Die ene leerling was superblij! Want … iedereen werd terug levend. Onmiddellijk na schooltijd renden de kinderen heel snel naar huis om het aan mama en papa te vertellen. Ze vertelden precies hoe het gebeurd was. Ze konden het bijna niet geloven! Maar … de dag nadien stond er weer iets heel leuks op het bord: ER WERD EEN HELE NIEUWE SCHOOL GEBOUWD! 26

… waar we ook konden spelen! Want … er kwam een nieuw kindje in de klas dat heel wat leuke ‘dingetjes’ bij had. Maar … welke leuke spulletjes het waren, … gaan we lekker NIET vertellen … !

Elk standbeeld had 10 druppels van dat mengsel nodig. Werd iedereen terug normaal? Sssssssssssssst … Dat vertellen we niet!

| 5e en 6e leerjaar, basisschool De Brug

| 1e leerjaar, klas A, basisschool Leut

27


Het kindje had één heel speciaal voorwerp bij. Dat had nog niemand op een school gezien.

Het waren allemaal leuke speeltjes voor jongens en voor meisjes om samen mee te spelen op de speelplaats.

Het was een ronde bal en hij schitterde fel. Het was een gouden toekomstbal.

Ze zagen skateboarden, tennisballen en raketten, roller skates, mountain bikes, een break dance baan, honderden springtouwen, materiaal om te hockeyen, karatepakken, een racebaan met raceauto’s en een draaimolen die supersnel gaat.

Ze vroeg of iedereen mee wou kijken. Opeens verscheen er de geest van de oude directeur in. Iemand vroeg: “Wat doe jij hier in die toekomstbal?”

30

“Ik kom een heel belangrijke opdracht geven: jullie moeten tegen de kinderen van het 3de leerjaar zeggen dat ze een betoverde stok moeten zoeken! Hij ligt onder een “ jump” op het pleintje van Leut!”

Wat doet die toverstok toch allemaal? Is dit echt? Of is het een droom? Plots kwam er een groep honden naar het plein. Ze zagen er gevaarlijk uit … ! 31

Ze vonden de stok al gauw. Er hing een briefje aan met een toverspreuk. Tom riep de toverspreuk: Hapke bapke Boem! En opeens … regende het speeltjes en wat er verder gebeurt, verklappen we lekker niet … !

| 3e leerjaar, basisschool Leut

Brrrrr ... een spook

| 2e leerjaar, basisschool Leut


Maar … het zijn heel lieve honden. De honden geven een opdracht aan de kinderen. Deze is: zonder ruzie samen spelen. Ook de honden spelen mee. Als deze opdracht lukt, dan wijzen de honden de weg naar een schat. De kinderen en de honden spelen urenlang samen. Dan lopen de honden naar een donker bos. 32

Het is er heeeeel griezelig. De kinderen gaan mee. Er zijn veel spoken. Dan zien ze een gouden kist achter een dikke boom. Rik opent de kist! Oooooohhh!!! ??? Deze kist zit vol met heerlijke snoepjes. En dan … sssst … dat verklappen we niet!

Het waren hele gekke, rare snoepjes in een zwart papiertje. Wat we niet wisten, was dat de groene zure snoepjes vergiftigd waren! We smulden ervan omdat we erge honger hadden. Eén voor één verandereden we in groene vieze kikkers. Ook de juffrouw. Nu moesten we vliegen en andere beestjes eten. Er was een heel dikke vlieg die we niet mochten opeten want die kon praten. Ze vertelde aan onze kikkerjuf dat we in het bos op zoek moesten gaan naar een hut met een oud vrouwtje. Die zou ons pilletjes geven om terug gewone leerlingen te worden. We moesten pijlen volgen die gemaakt waren van takjes.

33

Gennaro vond als eerste de hut met het oude vrouwtje. Ze was heel lief en ze gaf een doosje met pilletjes. We moesten onze ogen dicht doen, het pilletje inslikken en dan 100 stappen doen. 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, … 99 … BOEM!!!! Plots stonden we op de speelplaats van onze school ‘De Triangel’. En toen … sssst … dat verklap ik niet! de kikkerjuf

| 1e leerjaar, klas A, basisschool De Triangel

| 1e leerjaar, klas B, basisschool De Triangel


De kinderen waren weer superblij omdat ze weer normaal waren. Nu kunnen we weer gewoon spelen. Meer dan zien ze wéér een brief op de rand van de zandbak liggen. De juf opent de brief. In de brief staat dat ze naar de speeltuin moeten gaan. Op de glijbaan ligt alweer een brief: “Ga naar de kelder van basisschool De Brug en zoek het spook van vlees en bloed.”

34

Uit de kelder komen veel spoken van vlees en bloed. De spoken zeggen dat het “spook van vlees en bloed” verder bij de schatkist zit. De kinderen vragen wat er in de schatkist zit. Zouden er goudstukken in zitten of een geheime sleutel? Ze breken de schatkist open. Er zit een toverdrankje in. Op dat toverdrankje staat: “al je wensen komen uit.” De kinderen wensen dat ze veilig thuis komen! De dag erna worden ze wakker in hun eigen bedje.

EINDE | 2e leerjaar, basisschool De Brug


De Wondere Pluim is een project van de Veerman vzw met steun van de provincie Limburg.

Dit boekje kwam tot stand met de geweldige hulp van de gemeente Maasmechelen, de bibliotheek en de basisscholen de Brug, de Triangel en Leut. â?‰


een vliegende schotel

de meerkoppige spin

Bart de Bever

de kikkerjuf basisschool De Brug basisschool De Triangel

basisschool Leut


Sssst ... niet verklappen