Page 8



thema dossier

de

Linkse Socialist

Vier vragen om te beantwoord WAT ZOU ER GEBEUREN ALS ER GEEN LINKS ALTERNATIEF KOMT?

27 april. Meeting in Charleroi voor een alternatief links van de PS en Ecolo

EEN VAKBONDSPARTIJ?

VOOR EEN POLITIEKE VERTEGENWOORDIGING VAN DE ARBEIDERSSTRIJD!

“S

amen een links alternatief bouwen op de kapitalistische crisis”. Dat is het onderwerp van een belangrijke meeting in Charleroi op 27 april. Het is het vervolg op de gedurfde toespraak van Daniel Piron, algemeen secretaris van FGTB-Charleroi-Sud Hainaut, vorig jaar op 1 mei.(1) Daarin stelde hij vast dat “PS en Ecolo de eisen van de werkende bevolking niet langer vertalen”. Hij riep op tot “een bundeling van de krachten links van deze partijen om de hoop en de waardigheid van de werkende bevolking te herstellen.” De meeting in Charleroi is een gezamenlijk initiatief van FGTB Charleroi-Sud Hainaut, CNE Hainaut en zowat alle consequente linkse partijen en groeperingen.(2)

De toespraak van Piron was geen persoonlijke oprisping, maar het resultaat van rijp overleg met alle centrales van het gewest op basis van discussies met de militanten. Bij de militanten werd ze warm onthaald. Aan de apparaten van de PS, van Ecolo en wellicht ook aan delen van de vakbonden bezorgde ze koude rillingen. De pers, die dergelijke verklaringen doorgaans negeert, was wel verplicht er ruchtbaarheid aan te geven. Piron vertegenwoordigt immers een gewest met 110.000 leden en een sterke traditie. Rechtse en patronale kringen doen wat neerbuigend en hopen wellicht dat het allemaal overwaait, maar het zou ons sterk verbazen dat ze het initiatief niet aandachtig in het oog houden. De secretarissen van het FGTB-gewest hadden een gemakkelijker weg kunnen kiezen. Zoals zovelen, hadden ze hun schouders kunnen ophalen en wachten tot iemand anders de kastanjes uit het vuur haalde. Er is altijd wel een reden om te stellen dat het te vroeg of te laat is. Ofwel zijn de mensen er niet rijp voor of de andere gewesten volgen niet of het is aan politici om het initiatief te nemen etc. Ze hebben echter gehandeld zoals ze dat van hun beste militanten gewoon zijn. Actie is altijd een risico. Is de patroon niet uit op provocatie? Zal de achterban wel volgen? Zijn de andere vakbonden mee? Loopt men niet het risico zich te isoleren en bloot te stellen aan represailles? Dat zijn terechte afwegingen, waar men niet lichtzinnig aan voorbij mag. Maar wie nooit iets onderneemt, is bij voorbaat verloren. Wat volgde, was een periode van maanden waarin het terrein werd afgetast, interviews werden verleend en aan debatten deelgenomen werd. Uiteindelijk werd vanaf januari samen gekomen met vertegenwoordigers van de consequente

linkse partijen om hun reactie in te schatten en hun voorstellen te overwegen. Van bij het begin maakten de secretarissen duidelijk dat ze niet wilden overhaasten, dat ze geen herhaling wensten van Gauches Unie (3) of wie dan ook onder druk wilden zetten, maar streefden naar een consensus. Maar ze wezen wel op de dringendheid. Hun kop uitsteken, dat hadden ze al gedaan op 1 mei 2012. Ze verwachtten duidelijk een volgende stap, die rekening houdt met de moeilijkheden en de gevoeligheden, maar toch beantwoordt aan de dringendheid. Dat is hoe we uiteindelijk aanbelandden bij deze meeting, waar de kwestie van een politieke vertegenwoordiging zonder omwegen zal voorgelegd worden aan enkele honderden militanten. Waar militanten van andere vakbonden, andere centrales en gewesten, die misschien nog twijfelen, mee de sfeer kunnen opsnuiven vooraleer ze de sprong wagen. Waar consequente linkse partijen en groeperingen niet alleen hun opinie kunnen delen, maar vooral kunnen komen inschatten hoe de syndicale achterban daarover denkt. Waar tenslotte, en dat is waarom 27 april werd uitgekozen, de basis kan gelegd worden om met de militanten op de talloze 1 mei activiteiten in heel het land, in discussie te treden over die cruciale kwestie. De Belgische arbeidersbeweging heeft historisch fors geleden onder de talloze verdeel-en-heersmechanismen die de burgerij in ons systeem heeft ingebouwd, vooral die op basis van taal en religie. Maar bij de gewestelijke secretarissen was er gelukkig geen spoor van regionalistische illusies te bespeuren. Vlaamse militanten zijn meer dan welkom, niet als toeschouwers uit een ander landsgedeelte, maar als noodzakelijke bondgenoten. Als het initiatief

verder uitbreiding vindt, zullen we daarvoor nog moeten oppassen. Bovendien zal de christelijke bediendenbond CNE plaats nemen op de tribune naast FGTB Charleroi-Sud Hainaut. De uitspraken van haar algemeen secretaris Felipe van Keirsbilck worden wel degelijk gedragen door zijn achterban, ook al geeft het CNE, goed voor 170.000 leden, grif toe dat de discussie met haar militanten nog niet zo ver gevorderd is als in het FGTB-gewest. Dit verklaart waarom geopteerd werd voor een interne mobilisatie van enkele honderden militanten en nog niet voor een brede publieke mobilisatie met talloze pamfletten in de bedrijven en op publieke plaatsen. Dat volgt hopelijk nog. Tegenstanders van de oproep zullen uiteraard alle zwakheden uitvergroten. Onder de titel “linkse bedreiging voor de PS en Ecolo” wijst het Franstalig magazine Le Vif erop dat “Piron en de zijnen geconfronteerd zijn met een behoorlijk probleem: hun isolement in de socialistische vakbond.” Fijntjes wordt aangehaald dat de CNE uitsluit openlijk op te roepen voor een lijst in 2014. “Onze statuten verbieden ons politieke vrienden te hebben”, citeert het Van Keirsbilck. Maar Van Keirsbilck voegt er wel aan toe dat de verkozenen die binnenkort het Europees verdrag zullen tekenen “ons vertrouwen niet zullen hebben in 2014. In het stemhokje zal dat al een pak kandidaten elimineren.” Dat er nog een lange weg af te leggen is, zal niemand ontkennen, zeker de initiatiefnemers niet. De kwestie van een gezamenlijke lijst in 2014 is trouwens niet aan de orde. Maar er is wel een reden waarom Le Vif hierover moet schrijven, en waarom ook andere media dit niet in de doofpot kunnen stoppen: dat een volledig gewest van het FGTB en een centrale van het CSC die gezamenlijk 280.000 leden tellen, zich zo expliciet uitspreken voor een links alternatief, is een absolute primeur. Dat zal niet zomaar verdwijnen, het drukt de groeiende kloof uit tussen de vakbondsbasis en hun traditionele politieke partners, een kloof die de komende maanden en jaren enkel zal verdiepen.

ANTI-KAPITALISTISCH?

SYNDICALE ONAFHANKELIJKHEID?

De Linkse Socialist, mei 2013  

meinummer van maandblad 'De Linkse Socialist'

Advertisement