Page 1

M aga z i n e ov e r C O 2 r e d u c t i e e n r e st wa r m t e g e b ru i k

N u mm e r 4 , M AART 2 0 1 0

Mofverbindingen via GPS getraceerd Milieufederatie Noord-Holland ziet volop kansen voor restwarmte Aanleg Zoneiland Almere gestart Stadswarmte onzichtbaar duurzaam

Stadswarmte en koude

winst voor klimaat


LOGSTOR I ES • i n h ou d

Twee jaar na het verschijnen van het eerste nummer, ligt LOGstories nummer vier nu voor u. Hebben wij in deze periode iets bereikt? Dat is de vraag die zich dan aandient. Mijn antwoord is ‘ja’; de discussie over warmtenetwerken is nog nooit zo actueel geweest als in de afgelopen periode. De tegenvallende klimaattop in Kopenhagen ten spijt, krijgt de benutting van restwarmte of andere duurzame bronnen de volle aandacht. Ook de Stichting Warmtenetwerk heeft een vliegende start doorgemaakt en inmiddels hebben zich al honderd deelnemers aangemeld.

kest links in any construction’. Dit geldt uiteraard ook voor een warmtenet. De nieuwe LOGSTOR WeldMaster maakt het mogelijk gemonteerde mofverbindingen te traceren en

Sinds de economische crisis zijn intrede heeft gedaan, staat de nieuwbouw van woningen en dus ook de aansluiting op een warmtenet sterk onder druk. Vandaar dat nu ook serieus wordt gekeken of het in Nederland haalbaar is om bestaande bebouwing aan te sluiten op een warmtenet. Met de nieuwe Warmtewet lijkt het erg lastig, maar het is zeker wel het onderzoeken waard. Nederland kan daarbij een voorbeeld nemen aan Zweden, waar 80% van de aansluitingen op het warmtenet plaatsvindt in de bestaande bouw. Ook onze Oosterburen hanteren veel stimulerende maatregelen ten behoeve van ’Fernwarme’. Ik pleit ervoor dat we in Nederland ook inventief met regelgeving en uitvoering omgaan.

te documenteren. Het innova-

Positief is het feit dat er in 2009 verschillende interessante werken gestart zijn, waar LOGSTOR bij betrokken is. Zowel in Twente als in Alkmaar wordt dit jaar een project opgeleverd waarbij restwarmte wordt teruggewonnen uit afvalverbranding. In het interview met de Milieufederatie Noord-Holland leest u meer over het project in Alkmaar. Verder in dit nummer een artikel over de aanleg van het Zoneiland Almere en aandacht voor de nieuwe lasmachine die wij ontwikkeld hebben en die in maart in ons trainingscentrum in Hoofddorp gepresenteerd wordt.

WeldMaster wordt vanaf maart

Kortom, er is in Nederland meer dan genoeg potentieel dat de moeite waard is om voor te gaan. Wij zijn er klaar voor. Veel leesplezier.

Hendrik Jan Kors Directeur LOGSTOR Nederland, hjk@logstor.com

Inhoud 2. LOGSTOR introduceert innovatieve PE lasmachine 4. Milieufederatie Noord-Holland over mogelijkheden restwarmte 6. Zoneiland Almere draagt bij aan duurzame wereld 8. Stadswarmte duurzaam verborgen in stad en landschap 2

‘Joints are always the wea-

tieve apparaat wordt toegepast in combinatie met een PDA en mofverbindingen met chip. Dankzij de vooruitstrevende technologie levert de WeldMaster zowel opdrachtgevers als gebruikers veel voordeel op. De in Nederland geïntroduceerd. Deze verbeterde lasmachine maakt op een nieuwe, snelle en efficiënte manier gebruik van de laatste technologieën voor het lassen van PE buitenmantels van geïsoleerde leidingen. De mofverbindingen, die gebruikt worden voor het lassen van de PE buitenmantels, zijn voorzien van een zogenaamde RFID-chip. Deze chip maakt elke mofverbinding uniek en traceerbaar via het GPS-systeem. Via de chip ‘herkent’ de lasmachine elke individuele mofverbinding en voert het de juiste instellingen voor het lasproces automatisch uit. Aansturing van de lasmachine geschiedt via een handpalmcomputer, de zogenaamde PDA. De machine levert vervolgens van elke individuele las de volledige documentatie en gegevens.

Unieke mofverbindingen Een PE buitenmantel beschermt de buitenkant van de warmtenetleidingen en de isolatie tegen invloeden van buitenaf. Daarnaast maakt de buitenmantel deel uit van de geïsoleerde constructie. Wanneer de leidingen aan elkaar worden gelast, moeten de PE buitenmantels ook met elkaar verbonden worden. Daarvoor wordt in praktijk gebruikgemaakt van een mofverbinding, die om twee leiding-einden wordt


WE LDM ASTE R • LOGSTOR I ES

Introductie innovatieve PE lasmachine

WeldMaster maakt mofverbindingen uniek en traceerbaar geplaatst. Deze lasmofverbindingen zijn uniek, omdat ze voorzien zijn van een zogenaamde RFID-chip. Deze chip is het beste te vergelijken met een minuscule harddisk, die de product- en productiegegevens van de betreffende mofverbinding bevat. Door alle chipgegevens simpelweg met de PDA te scannen, worden de juiste instellingen voor de lasmachine automatisch ingevoerd. Alle productiegegevens worden zo direct verzameld en opgeslagen voor opname in de complete documentatie.

kortsluiting krijgt de monteur direct informatie over de fout en de manier waarop hij dit kan oplossen. De lasmachine start pas, nadat de fout verholpen is. Dankzij een PDA is de machine geheel op afstand bedienbaar. Zodra de machine met lassen is gestart, heeft de monteur de volledige controle over het proces omdat het systeem automatisch aangeeft wanneer de las gereed is. De monteur kan vervolgens de installatie van de volgende mofverbinding voorbereiden, waardoor het installatiewerk efficiënter verloopt.

Voordelen voor de gebruiker: • De ingebouwde chip maakt mofverbindingen uniek en waarborgt het proces. • Het is mogelijk om meerdere mofverbindingen en verbindingstypes tegelijkertijd te lassen. • Het lasproces wordt vanuit de geul via de PDA geïnitieerd. • Het proces sluit simpele fouten uit, zoals bijvoorbeeld een verkeerde invoer. • Ingebouwde automatische controleprocedures garanderen het voorkomen van mogelijke fouten. • Rapporten tonen de projectstatus en vormen de basis voor betaling. • Alle gegevens worden in een volledig geautomatiseerd formulier naar een webserver gestuurd. Klanten kunnen de gegevens met een eigen inlogcode en wachtwoord inzien. • De GPS-positie wordt getoond via Microsoft Bing Maps en kan worden vergeleken met het GISsysteem van de opdrachtgever.

Fouten uitsluiten De kans op menselijke fouten, zoals incorrect invoeren of aflezen van data, is in elk proces aanwezig. Bij de WeldMaster worden de instellingen van de lasmachine op basis van het betreffende product en de opgeslagen lasgegevens in de RFID-chips correct ingevoerd. Daarnaast voorkomen ingebouwde controleprocedures mogelijke fouten. De PDA voert bijvoorbeeld automatisch en heel snel alle relevante gegevens in. Het systeem reageert wanneer zich iets onvoorziens in het proces voordoet. Bij een beschadiging van een kabel, een stroomstoring of

Via GPS in mofverbindingsrapport Een PDA met een ingebouwde GPSontvanger registreert de positie van elke mofverbinding ter plaatse. De GPS-unit maakt gebruik van het satellietsysteem om de plaats te bepalen en datum en tijdstip aan te geven van het uitgevoerde werk. De GPS-positie wordt automatisch in het mofverbindingsrapport ingevoerd en kan worden weergegeven via Microsoft Bing Maps, waarbij het mogelijk is de gegevens te vergelijken met het GIS-systeem van de opdrachtgever.

Webdocumentatie De WeldMaster biedt tevens de mogelijkheid om alle gegevens automatisch op een webserver te plaatsen, zodat klanten de gegevens van uitgevoerde lassen kunnen inzien. Dit voorkomt misverstanden over de rapportage tijdens een project. Alle lassen worden op een speciale webserver geplaatst, gedocumenteerd en bewaard. Deze nieuwe functionaliteit levert een forse tijdsbesparing op bij het verwerken van de gegevens.

3


Milieufederatie NH ziet volop kansen voor restwarmte

Realisatie blijft te vaak steken bij Nederland ontbeert een duidelijk energiebeleid; een eenduidig kader voor het gebruik van restwarmte is er niet. Het initiëren van onderzoek naar de mogelijkheden rust hierdoor op de schouders van de lagere overheden, zoals de provincie. “Iedere provincie vult dat op z’n eigen manier in. Noord-Holland heeft een voorzichtig begin gemaakt, maar loopt zeker niet voorop. Als Milieufederatie Noord-Holland (MNH) pleiten wij voor een actievere rol van de rijksoverheid en de provincie. Wij proberen op allerlei manieren aandacht te vragen voor het gebruik van restwarmte”, aldus Rolf van Arendonk en Lex de Savornin Lohman. Het onderwerp komt onder andere aan de orde in de gesprekken met bedrijven, maar ook in het kader van vergunningverlening en in de reacties van de MNH op milieu- en ruimtelijke plannen. Er zijn kansen genoeg voor restwarmte en andere duurzame opties, zoals warmte koude opslag en warmtepompen. “Noord-Holland kent een aantal kansrijke regio’s voor gebruik van restwarmte. Denk daarbij bijvoorbeeld aan het gebied rondom Alkmaar met haar afvalverbrandingsinstallatie en aan de Haarlemmermeer met Schiphol, veel kantoren en kassen. Ook voor Corus in Beverwijk en de energiecentrales en het havengebied in de regio Amsterdam zien wij mogelijkheden”, aldus be4

leidsmedewerker milieu Van Arendonk. “In een oriënterende studie naar restwarmtebenutting in Noord-Holland is berekend dat er in Noord-Holland een theoretisch warmtepotentieel aanwezig is om 270.000 woningen van warmte te voorzien. In de praktijk wordt hier nog geen 5 tot 10% van benut. In het kader van structuurvisies en de opzet van nieuwe ruimtelijke plannen pleiten wij continu om partijen bij elkaar te brengen. Veel studies naar de benutting van restwarmte zijn momenteel nog te vrijblijvend; een eerste oriënterend onderzoek krijgt veelal geen vervolg. Wij willen de aanbieders en vragers van warmte direct aan elkaar koppelen. Alleen dan is het mogelijk om het onder-

zoek een vervolg te geven in de vorm van een uitgewerkte businesscase, waarin de mogelijkheden voor restwarmte grondig worden doorgerekend. Wanneer wij echt iets willen doen aan het verminderen van de CO2-uitstoot, dan moet de provincie vervolgonderzoek bij het ontwikkelen van nieuwe terreinen verplicht gaan stellen. Hetzelfde geldt ook bij de vergunningverlening aan grote lozers van restwarmte, zoals energiecentrales, de staalindustrie en afvalverbrandingsinstallaties.”

Initiëren vervolgonderzoek “Je ziet ook dat er een groot verschil is tussen de verschillende provincies”, vervolgt De Savornin Lohman, juridisch


M I LI E U F EDER ATI E • LOGSTOR I ES

Eerste buislegging, november 2009 Mede dankzij onze inspanningen zien bestuurders en initiatiefnemers welke stappen zij concreet de komende tijd kunnen ondernemen om duurzame CO2 neutrale dromen waar te maken.” Rolf van Arendonk (l) en Lex de Savornin Lohman (r), Milieufederatie Noord-Holland

onderzoek medewerker. “Zo schrijft Groningen voor dat in gemeentelijke bestemmingsplannen een onderzoek naar gebruik van duurzame energie, besparing en restwarmte, altijd verplicht is. Ook Drenthe kent een heel actief bevoegd gezag. Je merkt ook een discrepantie tussen provincie en gemeenten. In Amsterdam is het gebruik van restwarmte verplicht, tenzij het echt niet anders kan. Wij pleiten ervoor dat ook de provincie Noord-Holland dit opneemt in de structuurvisie en de provinciale verordening. Onze belangrijkste doelstelling is het initiëren van vervolgonderzoek naar de toepasbaarheid van niet voor de hand liggende oplossingen. Wij beschikken zelf niet over de middelen en de capaciteit om dit onderzoek uit te voeren. Wat wij doen is oplossingsrichtingen en de stappenagenda bij bestuurders onder de aandacht brengen.”

Koppelkansen Van Arendonk: “Voor de kansrijke

Parels van jubilerende MNH De Milieufederatie Noord-Holland bestond in 2009 veertig jaar. Om dat te vieren heeft de MNH een parel uitgereikt aan twintig organisaties of personen in Noord-Holland, die inspireren en zich inzetten voor een duurzaam Noord-Holland. De heer W. van Lieshout, directeur van de HVC is één van de gelukkigen die getrakteerd is op een parel. Het bedrijf heeft de parel gekregen vanwege het op vrijwillige basis toepassen van strengere milieunormen dan vereist en voor de duurzaamheidsambities. HVC streeft ernaar om samen met 56 aandeelhoudende gemeenten en vijf waterschappen in 2020 minimaal 20% van het energieverbruik in het totale verzorgingsgebied duurzaam op te wekken.

gebieden gaan wij het komend jaar op zoek naar slimme energiezuinige oplossingen bij ruimtelijke ontwikkelingen. De lokale bestuurders en bedrijven proberen wij hiervoor warm te maken. De bouwopgaven die er in bijvoorbeeld de Haarlemmermeer liggen op het gebied van bedrijventerreinen, Schiphol, woningbouwlocaties en glastuinbouw bieden kansen om het anders en beter te doen. Denk aan het gebruik van industriële en agrarische rest- en afvalstromen, wind, toepassen van zonne- en bio-energie, wko en gebruik van restwarmte. Het zijn uitstekende ontwikkel en koppelkansen die optimaal benut moeten worden. Een mooi voorbeeld hiervan is Agriport A7 in de Wieringermeer. Op dit moment wordt een datacenter gebouwd dat zijn elektriciteit straks betrekt van de omliggende telers van paprika’s en tomaten. Deze tuinders verwarmen hun kassen weer met de hitte uit het datacenter. Zo ontstaat voor beide partijen een ‘win-win’ situatie.”

Duurzame warmte van HVC Een ander bijzonder project betreft de aanleg van een warmtenet voor Alkmaar en omgeving. Afvalenergiebedrijf HVC uit Alkmaar legt dit aan samen met de gemeente en woningcorporatie Woonwaard. In november 2009 heeft de eerste buislegging plaatsgevonden voor de aanleg van het eerste leidingentracé van circa 3,2 kilometer. Wanneer dit rond oktober 2010 gereed is, sluit HVC uiteindelijk circa 2.500 woningen en andere gebouwen op dit net aan. Het is de bedoeling het warmtenet verder door te trekken tot de gemeente Langedijk, zodat uiteindelijk ongeveer 10.000 woningen en bedrijven in Alkmaar en omgeving gebruikmaken van de duurzame warmte die HVC opwekt bij het verbranden van afval en biomassa. “Van dit soort projecten willen wij er graag meer zien en daar blijven wij ons ook voor inzetten”, besluiten beide heren. Als leverancier van de geïsoleerde leidingen voor het warmtenet is LOGSTOR ook bij dit project in Alkmaar betrokken.

5


LOGSTOR I ES • ZON E I L AND

Nacap Benelux levert en installeert immens collectorveld Nuon

Zoneiland Almere draagt bij aan een duurzame wereld Voor het eerst in Nederland wordt een woonwijk collectief verwarmd met zonne-energie. Aan de rand van de nieuwbouwwijk Noorderplassen-West in Almere wordt Zoneiland Almere aangelegd, het op drie na grootste zonnecollectorveld ter wereld. Initiatiefnemer van dit innovatieve en spraakmakende project is Nuon. Nacap mag het immense collectorveld leveren en installeren, in samenwerking met de Deense partners Sunmark en LOGSTOR. In Nederland is het nog niet eerder vertoond: een eiland met 7.000 vierkante meter aan zonnecollectoren. Dat is nagenoeg gelijk aan de oppervlakte van een voetbalveld. De collectoren leveren jaarlijks 9.750 gigajoules aan energie, in de vorm van warm water. De warmte wordt toegevoegd aan het stadswarmtenet, dat voor verwarming van woningen zorgt en door middel van een warmtewisselaar ook leidingwater opwarmt. Volgens berekeningen levert 6

het zoneiland water met een temperatuur van 70 graden Celsius.

CO2-uitstoot gehalveerd

Zoneiland Almere is daadwerkelijk een eiland. Een soort slotgracht omringt het ovale stuk grond. Alleen een busbaan doorkruist het gebied. De eerste werkzaamheden zijn inmiddels begonnen. Een aannemer is bezig met het bouwen van een technische ruimte, het warmteoverdrachtstation. Dit is de

plaats waar het warme water van de collectoren straks aan het stadswarmtenet wordt toegevoegd. “We zijn al woningen op het stadswarmtenet aan het aansluiten”, vertelt businessmanager Frank de Vries van Nuon Warmte. “De hoofdbron is een elektriciteitscentrale. Daar kopen we restwarmte in die vrijkomt bij het opwekken van elektriciteit. Met deze restwarmte kunnen we 45.000 woningen verwarmen. Met de duurzame


Voor LOGSTOR is het niet voor het eerst dat geïsoleerde leidingsystemen worden geleverd voor een omvangrijk project met zonne-collectoren. Al in 1996 heeft LOGSTOR de geïsoleerde leidingen geleverd voor een project van Marstal Fjernvarme, een Deense lokale energiemaatschappij. Tegenwoordig maakt deze energieleverancier gebruik van 18.365 m² zonnepanelen, die circa 30% van Marstal’s stadswarmte produceren en daarnaast 1.406 huishoudens van warmwater voorzien. Voor Marstal Remove Heating, het grootste zonnecollectorenveld in Denemarken, heeft LOGSTOR het complete warmtenet geleverd. In 2010 staan er nog drie projecten op stapel, waarbij LOGSTOR materialen levert aan Sunmark voor de aanleg van zogenaamde ‘solar plants’ van respectievelijk 10.000 m², 8.000 m² en 8.000 m².

warmte afkomstig van de collectoren in het zoneiland kunnen we 10% van de jaarlijkse energiebehoefte van 2.700 woningen in de wijk NoorderplassenWest invullen.” Samen met de stadswarmte zorgen de zonnecollectoren voor een vermindering van 50% van de CO2-uitstoot, naast een besparing van vele kubieke meters aardgas.

Pilotproject Voor Nuon Warmte is Zoneiland Almere een pilotproject, laat Frank de Vries weten. “We willen onderzoeken hoe we in de toekomst om moeten gaan met alternatieve energiebronnen. Dat kan hier prima omdat het leidingnet voor stadswarmte er al ligt. Daar kunnen we vrij eenvoudig alternatieve bronnen op aansluiten. Wij doen ervaring op met de techniek en financiële consequenties. De gemeente Almere is eveneens blij met dit project, met het oog op de Almere Principles”. De Almere Principles is een beginselverklaring ‘voor een ecologisch, sociaal en economisch duurzame toekomst van Almere 2030’. Realisatie van Zoneiland Almere is mogelijk dankzij een Europese subsidie én een bijdrage van bewoners via de koopsom van hun woning. Nuon neemt de helft van de kosten voor zijn rekening.

Eind januari 2010 is de aanleg gestart van het collectorveld. Nacap kreeg de opdracht hiervoor na een Europese aanbesteding en fungeert als hoofdaannemer. De zonnecollectoren zijn afkomstig van het Deense bedrijf Sunmark. Leverancier van de geïsoleerde ondergrondse leidingen is LOGSTOR. Nacap is blij en trots een bijdrage te mogen leveren aan Zoneiland Almere. “We hechten grote waarde aan duurzame energieproductie”, laat Henri van Dommele, algemeen directeur van Nacap Benelux, weten. “Zonne-energie direct omzetten in warmte is vele malen efficiënter dan de omzetting naar elektriciteit. Er is voor de oplossing van Nacap-Sunmark-LOGSTOR gekozen omdat we de meeste joules per geïnvesteerde euro kunnen bieden.”

Meeste joules per euro

Nu de praktijk

veld met de omvang van een voetbalveld is uniek. “Het is best spannend te zien hoeveel warmte het zoneiland gaat opleveren”, vindt Frank de Vries van Nuon Warmte. “Natuurlijk hebben we grafieken en meteorologische gegevens van het KNMI. Maar het moet zich nog wel bewijzen in de praktijk. Ook zijn we benieuwd naar de mate van bevuiling van de collectoren en de gevolgen hiervan.” Zeker is dat Zoneiland Almere bij een grote groep mensen tot de verbeelding zal spreken. Het eiland wordt een nieuw icoon in het Almeerse landschap en zal naar verwachting veel belangstelling trekken. “We gaan bewoners en scholen zoveel mogelijk proberen bij het project te betrekken. Daarmee draagt Zoneiland nog meer bij aan een duurzame wereld”, besluit de businessmanager.

Op 9 september 2009, de Dag van de Duurzaamheid, sloeg minister Cramer (VROM) de eerste paal van het project.

Zoneiland Almere is voor Nuon Warmte niet het eerste collectorveld. Er is een kleinere opstelling in Culemborg. Een

Dit artikel is overgenomen uit het decembernummer van Nacap Connect. Auteur: Wim Mulder

7


LOGSTOR I ES • O N ZIC H T BA AR

Kopenhagen, 2005

Stadswarmte duurzaam verborgen in stad en landschap Wikipedia definieert de term duurzame energie als volgt. Het is energie waarover de mensheid in de praktijk voor onbeperkte tijd kan beschikken en waarbij, door het gebruik ervan, het leefmilieu en de mogelijkheden voor toekomstige generaties niet worden benadeeld. Veel mensen denken dan direct aan zonne-energie, waarbij strakke zonnepanelen en collectoren zonlicht omzetten in warmte of elektriciteit. Ook bij windenergie heeft iedereen direct een beeld: hoge witte windmolens staan als een baken in zee of in het polderlandschap. Stadswarmte is minstens zo duurzaam, maar minder bekend en ook veel moeilijker te visualiseren.

Lienz, Oostenrijk, 2001

De leidingen van een warmtenet liggen namelijk ondergronds. Het leidingsysteem van stadswarmte doorkruist landschap en steden zonder dat mensen er weet van hebben. Van visuele vervuiling is geen sprake. Deze foto’s, gemaakt tijdens de aanleg van het leidingsysteem in verschillende Europese landen, zijn daar een prachtig voorbeeld van.

Stadscentrum Kopenhagen, 2006

Colofon Redactie: LOGSTOR Nederland, Hendrik Jan Kors en Jort van Kruiningen, DeJong&Verder Met medewerking van: LOGSTOR Denemarken, HVC, NUON, Nacap

Fotografie: René van der Meulen (HVC), Jolanda Fisser, NUON, LOGSTOR Ontwerp en layout: Nout Design Druk: Tailormade

LOGstories is een uitgave van LOGSTOR Nederland. De artikelen in dit magazine zijn ter informatie. Aan de inhoud kunnen geen rechten worden ontleend. Overname voor eigen gebruik is toegestaan. Verspreiding alleen na toestemming van LOGSTOR.

LOGSTOR Nederland BV Debbemeerstraat 21 2131 HE Hoofddorp 023 56 32 534 jwk@LOGSTOR.com www.LOGSTOR.com

Logstories 4 - maart 2010  

Magazine over CO2-reductie en restwarmtegebruik