Page 1

Mei 2012, Jaargang 13, Nummer 4

Interview: Ko Colijn Actueel: Staken: recht of ramp? Mr.drs.-programma: Verkiezingen Faculteitsraad!


© 2011 KPMG N.V., alle rechten voorbehouden.

W W W. G A A A N . N U

Bas Huiskens, 29 jaar Adviseur KPMG IT Advisory “Tijd voor een break in de cursus: ff de boys van #advisory wegtikken #tafelvoetbal!”

Voor 24/7 updates over werken bij Audit of Advisory, check de KPMG-bloggers op www.gaaan.nu


Voorwoord - Hoofdredacteur

VOORWOORD Beste lezer,

Op het moment van schrijven is iedereen nog volop in voorbereiding voor de studiereis naar Hong Kong. Een fantastisch vooruitzicht: 10 dagen lang met 25 enthousiaste leden van In Duplo naar Azië om te ontdekken wat de stad Hong Kong ons allemaal te bieden heeft. Hierbij beloof ik de thuisblijvers alvast een uitgebreid verslag in de volgende editie van De Duplomaat.

Interview Ko Colijn

Het In Duplo feest!

De afgelopen tijd was het bij In Duplo weer erg druk met verschillende activiteiten; o.a. de Marathon Challenge, verschillende in-house dagen, de actievendag en natuurlijk het In Duplo Feest! Ik heb overal evenveel van genoten, mede door de goede sfeer tussen de In Duplo leden, kenmerkend voor elk van deze activiteiten. De redactie is ook voor deze editie weer hard aan de slag gegaan. Zo zijn we onder andere afgereisd naar Den Haag om daar meer te weten te komen over werken bij het Ministerie van Financiën, en heb ik met twee andere redactieleden het wetenschapscafé bezocht, waar we een lezing bijwoonde van oorlogsdeskundige en politicoloog Ko Colijn. Met hem zijn we daarna ook nog in gesprek gegaan, zie voor het complete interview blz. 13. Verder besteden we in deze editie veel aandacht aan het veelomvattende thema ‘work life balance’, iets waar we vroeg of laat allemaal mee te maken zullen krijgen. We zijn hiervoor ook in gesprek gegaan met Dr. Matthijs Bal, universitair docent in de Arbeidspychologie. Meer hierover in de special ‘Work life balance’, vanaf blz. 18. Ook is er in deze editie van De Duplomaat weer aandacht vragen voor de verschillende raden op de universiteit. Voor de faculteitsraad van de ESL (Rechten) hebben drie leden van In Duplo leden zich verkiesbaar gesteld, zie hiervoor blz. 46. Dan rest mij niets meer dan jullie heel veel leesplezier te wensen met deze vierde editie van De Duplomaat! Met vriendelijke groet, Savannah Hasselo - Hoofdredacteur

Wijnproeverij Ex Duplo

Diesborrel

Op bezoek bij het Ministerie van Financiën. 3


INHOUDSOPGAVE Voorwoord - Hoofdredacteur 3 Voorwoord - Voorzitter 5 Artikel - Staken: recht of ramp? 6 Bedrijfsspecial: Ministerie van Financiën 10 Activiteitenverslag - Bezoek Min Fin & Tweede Kamer 14 Activiteitenverslag - Marathon Challenge 15 Foto’s - In-housedag Stibbe 16 Activiteitenverslag - Studiereisbezoeken 17 Artikel - Work-life balance 18 Activiteitenverslag - Diesborrel 26 Activiteitenverslag - Actievendag 28 Masterspecial - Duisenberg School of Finance 30 Activiteitenverslag - Wijnproeverij met Ex Duplo 34 Activiteitenverslag - In-housedag de Breij Evers Boon 35 Interview Ko Colijn 36 Activiteitenverslag - In Duplo feest 42 Eerstejaarscolumn 45 Verkiezingen Faculteitsraad 46 Artikel - Voedselspeculatie 50 Ex Duplo 53 Agenda 54

ADVERTEERDERSINDEX KPMG 2 Loyens & Loeff 41 Linklaters 55 PWC 56

4


Voorwoord - Voorzitter

COLOFON

COLOFON De Duplomaat is het magazine van studievereniging In Duplo en verschijnt vijf maal per jaar.

Oplage: 600 Drukkerij Bestenzet Redactie: Tom van Steenbrugge Pascalle Boerrigter Michael Rabbers Maartje Kouwenberg Lay-out en design: Savannah Hasselo Hoofdredacteur: Savannah Hasselo Eindredacteur: Megan Prinsze Met dank aan: Ko Colijn Dr. Matthijs Bal Dennis van der Kamp Hidde-Jan Beukers Jordi van de Berg Het 13de bestuur Contact: Studievereniging In Duplo Kamer H16-20 Postbus 1738 3000 DR Rotterdam www. induplo.nl algemeen: info@induplo.nl De Duplomaat: hoofdredacteur@ induplo.nl

VOORWOORD Beste lezer, Terwijl ik het toetsenbord naar mij toeschuif om het voorwoord van de vierde Duplomaat te schrijven vindt er een merkwaardig schouwspel rond mij plaats. Het is bijna negen uur in de avond en de meerderheid van de campus is alweer richting huis vertrokken. Het lawaai van de werkzaamheden heeft plaats gemaakt voor het zoemende geluid van de snelweg en vooral van het tikken van de andere toetsenborden in de kamer. Waar we de afgelopen tijd bijvoorbeeld met zijn allen enorm hebben genoten van het In Duplo Feest, staan er nog genoeg activiteiten op het programma om verschillende bestuursgenoten op een doordeweekse avond op H16 bezig te houden. Zo werpt Jan-Willem een voorzichtige blik naar de rest van de mensen in de kamer alvorens hij een muziekje opzet. Wij vergeven hem; hij zal immers gezien de studiereis naar Hong Kong die bijna van start gaat vanavond nog tot het laatst bezig zijn. En terwijl Djotika bezig is met het online zetten van de foto’s, brainstorm ik met Maurits over de toekomst van In Duplo en van de universiteit als geheel. Onze commissaris extern zal volgend jaar dan ook plaatsnemen in de Universiteitsraad. Zelf hoop ik dit jaar nog plaats te kunnen nemen in de Faculteitsraad van de ESL en stellen Bas, Hidde-Jan en Jordi zich voor komend jaar verkiesbaar. De student-life balance van mr.drs.-studenten is uniek. Elk jaar weer onderscheiden ‘onze’ studenten zich door meer naast de studie te doen dan doorsnee studenten. Mijn hoop is dat dit zich de komende jaren zich blijft doorzetten en ik zo bijvoorbeeld de komende weken veel sollicitaties voor het veertiende bestuur van In Duplo mag ontdekken. Het extra stapje zetten, zelfs naast twee studies, zit nu eenmaal in het bloed van de mr.drs.-studenten. Dat onze student-life balance anders ligt, zodat we genieten van wat harder werken én wat kunnen betekenen voor anderen is een prachtig iets. Mijn ogen wenden zich af van het beeldscherm en mijn blik kruist die van Bas. Met een voldane glimlach op zijn gezicht knikt hij goedkeurend, staat op en pakt een welverdient koud appelsapje uit de koelkast. Met vriendelijke groet, Mathijs van Meer - Voorzitter

5


Artikel - Staken: recht of ramp?

Staken: recht of ramp? Door Maartje Kouwenberg en Tom van Steenbrugge Het zal waarschijnlijk niemand ontgaan zijn dat er gestaakt wordt. Overal in de wereld, opvallend vaak in Europa op het moment, wordt opgeroepen tot staken, gedreigd met staken en wordt er daadwerkelijk gestaakt. Zo ook op onze eigen universiteit waar sinds 1 januari enkele schoonmakers gestopt zijn met werken, waardoor een aantal gebouwen op de campus aan het verstoffen is. Op dit moment is daarvan nog niet veel last ondervonden, maar er zijn minder onschuldige stakingen. Zo is het luchtverkeer bij Frankfurt al meerdere malen komen stil te liggen omdat het grondpersoneel het werk erbij had neergelegd, waardoor velen schade hebben ondervonden. Hier zal eerst ingegaan worden op de economische kant van het staken, om vervolgens nog de juridische kant te bespreken. Staken – het economisch aspect Dat staken negatieve effecten op de economie kan hebben, zal iedereen wel duidelijk zijn. De staking in de haven van Antwerpen eerder dit jaar kostte ongeveer een miljoen per uur. Ergere stakingen als de Franse stakingen tegen verhoging van de pensioenleeftijd, kosten meer dan 200 miljoen per dag en kunnen daarom ook desastreuze gevolgen hebben. Of een staking zin heeft kun je vanuit verschillende oogpunten bekijken: vanuit de stakende werknemer, het bedrijf en de economie als geheel. Natuurlijk zijn er nog veel meer posities te bedenken, maar een beperking zou toch wel mooi zijn voor de lengte van dit artikel. Het zal niemand onwaarschijnlijk voorkomen dat de stakende werknemer

6

er door een staking op vooruit kan gaan, hij staakt immers voor betere arbeidsomstandigheden en daarbij horende economische welvaart. Het ergste wat er door de staking kan gebeuren is het niet inwilligen van de eisen van de stakers en een behoud van de huidige welvaart voor de werknemers. Voor een bedrijf waarbinnen gestaakt wordt is het gevolg van een staking een stuk complexer. In de eerste plaats zal een bedrijf een enorm verlies lijden als werknemers weigeren te werken. In de dienstensector zal een staking dus feitelijk een tijdelijke sluiting van het bedrijf inhouden, het is immers verboden stakende werknemers te vervangen. De gevolgen van een staking zijn echter niet voorbij zodra een staking wordt beĂŤindigd. Als er een afspraak is gemaakt met de stakers zal het bedrijf een manier moeten zoeken om de kosten te drukken


Artikel - Staken: recht of ramp? nu de lonen van werknemers meer dan voorzien zijn gestegen. Is er echter nog geen overeenstemming met de stakers, dan zal de dreiging van een toekomstige staking blijven, wat slecht is voor het vertrouwen in een bedrijf. Hierdoor kunnen weer problemen ontstaan met eventuele aandelen van het bedrijf, waardoor een staking ergere effecten heeft dan oorspronkelijk worden beoogd. Tenslotte nog een korte blik op het gevolg van een staking voor de economie als geheel. Net als bij ongeveer alle acties van een vakbond zorgt een staking er niet voor dat de arbeidsklasse er beter vanaf komt. Een selecte groep zal profiteren van de afspraken die gemaakt zijn onder dreiging van een staking, maar een andere groep zal daardoor ontslagen worden of nóg minder kans maken op een baan. Ook kan een staking ervoor zorgen dat iedereen in het land er licht op achteruit gaat. Als het openbaar vervoer staakt heeft een groot deel van de Nederlanders daar last van, terwijl alleen het bestuur van het vervoersbedrijf iets tegen de staking kan doen. Onbedoeld zorgen stakers er in sommige gevallen dus voor dat ‘onschuldige’ mensen economische schade ondervinden. In het al eerder genoemde voorbeeld van Frankrijk zal het hele land schade ondervinden door

de grootschalige staking: een afname van het BBP lijkt namelijk onvermijdelijk. Daarmee kom ik bij het slot van de economische kant van het staken: de paradox. Aan de ene kant eisen stakers meer loon, waarvoor het BBP zou moeten stijgen of anderen zouden moeten inleveren. Aan de andere kant zorgen zij ervoor dat er minder inkomen in het land beschikbaar is door de daling van het Bruto Binnenlands Product. Staken is dus eigenlijk het net zo lang taart blijven weggooien totdat je meer taart krijgt. Om niet te eenzijdig te zijn: natuurlijk zijn er wel gevallen te bedenken waarin de werkgever alleen door een staking gedwongen kan worden de juiste keuze te maken.

Staken – het juridische aspect Staken heeft natuurlijk, naast een economische kant, ook een juridische kant: het stakingsrecht. Maar hoe is het recht op staken eigenlijk geregeld? Wanneer juristen het woord ‘staken’ horen, is de kans erg groot dat hun eerste gedachten naar het Stakingsarrest gaan. Gezien de naam van dit arrest is dit niet verwonderlijk, toch is het misschien wat vreemd op het eerste gezicht. Deze standaarduitspraak van de Hoge Raad is immers vooral van belang geweest in

7


Artikel - Staken: recht of ramp? relatie tot de rechtstreekse werking van internationale bepalingen. Toch is uit dit arrest wel het een en ander af te leiden over het stakingsrecht in Nederland. De casus die in het arrest aan de orde is, is als volgt: in de jaren ’80 staakt het NS-personeel. De staking begint als een zogeheten ‘wilde staking’, een staking die niet wordt georganiseerd door erkende vakbonden, maar door werknemers zelf. Gedurende de staking wordt deze echter overgenomen door vakbonden, waardoor het een ‘georganiseerde staking’ wordt. De NS ondervindt uiteraard hinder van de staking van haar personeelsleden. Daarom stapt ze naar de rechter. De vakbonden zijn echter van mening dat alle werknemers het recht hebben om te staken. Ze beroepen zich hierbij op artikel 6 lid 4 van het Europees Sociaal Handvest. Opvallend is dat de vakbonden zich niet beroepen op enige nationale wet. Dit komt misschien wat onlogisch over, maar hiervoor is een goede verklaring:

8

het stakingsrecht is in Nederland niet geregeld in een nationale wet. Toch wordt het stakingsrecht vaak gezien als één van de sociale grondrechten. Dit is dan ook de reden dat meerdere ministers het stakingsrecht graag als recht in de Nederlandse wet hadden zien verschijnen. Er is dus geen nationale wet die staken tot een recht maakt. Wel is het stakingsrecht geregeld in artikel 6 lid 4 van het Europees Sociaal Handvest. Dit artikel luidt als volgt: “Teneinde de doeltreffende uitoefening van het recht op collectief onderhandelen te waarborgen, erkennen de Partijen het recht van werknemers en werkgevers op collectief optreden in gevallen van belangengeschillen, met inbegrip van het stakingsrecht, behoudens verplichtingen uit hoofde van reeds eerder gesloten collectieve arbeidsovereenkomsten.” In het Stakingsarrest uit 1986 is bepaald dat dit artikel een ieder verbindend is. Op deze wijze werkt deze internationale bepaling door in de Nederlandse


Artikel - Staken: recht of ramp? rechtsorde en hebben wij in Nederland dus ook het recht om te staken. Ook in Nederland kennen we dus het stakingsrecht. Toch mag er niet altijd zomaar gestaakt worden. De rechter kan een staking verbieden wanneer hij van mening is dat partijen zich niet genoeg hebben ingespannen het conflict middels overleg op te lossen. Het gebeurt hier echter niet vaak dat de rechter een

salaris door te betalen: de werkwilligen hadden redelijkerwijs kunnen weten dat hun werkzaamheden bemoeilijkt zouden worden. Wanneer het echter gaat om een wilde staking, moet aan de werkwilligen wel loon worden doorbetaald. Een wilde staking ligt immers in de risicosfeer van de werkgever. In het geval van een wilde staking is de kans ook groter dat de rechter zal oordelen dat deze onrechtmatig is. Hierdoor kunnen

Onbedoeld zorgen stakers er in sommige gevallen voor dat ‘onschuldige’ mensen economische schade ondervinden. staking zal tegenhouden, temeer omdat er in Nederland relatief weinig gestaakt wordt in verhouding met landen als Griekenland en Frankrijk.

werknemers gemakkelijker worden ontslagen voor deelname aan een wilde staking, dan voor deelname aan een georganiseerde staking.

Wat verder nog van belang is in relatie tot het stakingsrecht, is het onderscheid tussen wilde stakingen en georganiseerde stakingen. Dit verschil is eerder al kort aangestipt. Wilde stakingen zijn stakingen die niet zijn georganiseerd of (nog niet) overgenomen door vakbonden. Vaak zijn ze niet ruim van tevoren gepland. Wanneer vakbonden een staking hebben gepland (of zich achter een wilde staking scharen), spreken we van een georganiseerde staking. In beide gevallen hoeft de werkgever geen loon door te betalen aan de werknemers. Het kan natuurlijk zo zijn dat andere werknemers, die niet staken, door de staking worden gehinderd in hun werkzaamheden en derhalve ook niet kunnen werken. In het geval van een georganiseerde staking hoeft de werkgever ook aan hen geen

Conclusie Je kunt staken dus op meerdere manieren zien. Economisch als een, soms noodzakelijke, aanslag op de economie. Juridisch als een verworven burgerrecht waaraan niet getornd mag worden. Het is maatschappelijk gezien in ieder geval van belang dat er wordt nagedacht over de functie van stakingen en het recht hierop, nu stakingen weer volop in de belangstelling staan.

9


Bedrijfsspecial: Ministerie van Financiën

Bedrijfsspecial: Ministerie van Financiën

Het ministerie van Financiën is verantwoordelijk voor het financieeleconomisch beleid van Nederland. Beleidsmedewerkers houden zich bezig met uiteenlopende onderwerpen. Van het financieren van de staatsschuld tot het beheren van de staatseigendommen. Van het schrijven van wetten tot het optimaliseren van financiële markten. Er werken ongeveer 1.800 mensen bij het ministerie van Financiën, 1.300 op het departement in Den Haag en 500 verspreid over de rest van het land. 10


Bedrijfsspecial: Ministerie van Financiën Om meer te weten te komen over het ministerie van Financiën, reisde de redactie van De Duplomaat dit keer af naar Den Haag. We spraken daar met Rislan Zitouni. Zij werkt inmiddels al vijf jaar bij het ministerie van Financiën, en vervult momenteel de functie van beleidsmedewerker bij de directie Financiële Markten. Bo Stevens, recruiter, kon ons daarnaast wat meer vertellen over de mogelijkheden voor studenten en starters bij het ministerie van Financiën. Hoe ben je in aanraking gekomen met het ministerie van Financiën? “In eerste instantie lag een baan bij het ministerie van Financiën niet helemaal voor de hand. Ik heb eerst een Hboopleiding Management, Economie en Recht gevolgd aan de HES in Rotterdam, waarna ik mijn studie voortzette aan de Erasmus Universiteit en Rechten ging studeren. Na mij studie besloot ik vrij snel dat ik geen zogenaamd togaberoep wilde uitoefenen, maar dat ik graag ergens wilde gaan werken waar het financiële component ook een grote rol speelt. Ik ben toen rond gaan kijken en uiteindelijk heb ik nog in dezelfde maand waarin ik afstudeerde gesolliciteerd voor een functie bij het ministerie van Financiën, juist omdat de combinatie van juridische elementen en financiële elementen mij heel erg aantrok. Het was mijn eerste sollicitatie, maar het klikte direct. Gelukkig was de klik wederzijds en ben ik nu al vijf jaar werkzaam hier.” “Ik begon mijn loopbaan als accountmanager bij de afdeling Centraal Kasbeleid van de directie Financiële Markten, een directie van het ministerie van Financiën. Mijn afdeling fuseerde later met het Agentschap van de Generale Thesaurie, ook een directie van het ministerie van Financiën. Het Agentschap is verantwoordelijk voor de financiering van de staatsschuld. Daarnaast is deze directie ook verantwoordelijk voor het

schatkistbankieren, waarbij ministeries, rechtspersonen met een wettelijke taak en onderwijsinstellingen hun geld weg kunnen zetten bij de Staat. De deelnemende instellingen houden hun publieke middelen hierbij aan op hun eigen rekening-courant bij het ministerie van Financiën en ontvangen hiervoor van het ministerie van Financiën een scherpe rentevergoeding. Ik ben een aantal jaar verantwoordelijk geweest voor mijn klantenportefeuille en ging daarvoor regelmatig op pad om bijvoorbeeld bij scholen te praten over de mogelijkheden die schatkistbankieren kunnen bieden. Na anderhalf jaar stapte ik over naar de beleidsafdeling van het Agentschap. Ik kreeg al vrij snel veel verantwoordelijkheid. Ik kreeg het € 200 miljard garantieloket en de juridische begeleiding van de Alt-A portefeuille van ING als mijn dossiers. En naar mate je verantwoordelijkheden zich uitbreiden, wordt het werk alleen maar leuker.” “Sinds een aantal weken ben ik beleidsmedewerker/wetgevingsjurist bij de directie Financiële Markten. Hier komt mijn juridische achtergrond ook nog beter van pas, wij schrijven namelijk onder andere mee aan nieuwe wetgeving op het gebied van de financiële markten. Dat is een heel bijzonder, jij schrijft gewoon mee aan de wetten van morgen! Om dit zo goed mogelijk te kunnen doen, volg ik nu ook een cursus wetgevingstechniek. Zo’n

11


Bedrijfsspecial: Ministerie van Financiën externe cursus wordt je aangeboden door het ministerie, zodat je optimaal je werk kan doen. Hier is eigen initiatief ook van belang, zodra je het idee hebt dat je een bepaalde vaardigheid beter wilt ontwikkelen en dat het relevant is voor je dagelijkse werkzaamheden, krijg je de mogelijkheid om een extra cursus/ opleiding te volgen.” Hoe ziet een gemiddelde werkdag eruit bij het Ministerie van Financiën? “Het klinkt wellicht als een cliché, maar een gemiddelde werkdag bestaat niet, elke dag is anders. Ik probeer vaak voor elke dag enigszins te plannen wat ik allemaal gedaan wil krijgen, maar vaak loopt het toch weer anders. Dan wordt je bijvoorbeeld weer bijeen geroepen om een bepaalde notitie of een plan te bespreken. Ook komt het wel eens voor dat je een bepaald voorstel of een notitie moet toelichten bij de minister. Het adviseren van bewindslieden is bij een ministerie nou eenmaal ook ‘part of the job’. Daarnaast doe ik ook veel

12

V.l.n.r.; Rislan Zitouni, Bo Stevens en Savannah Hasselo

(literatuur-) onderzoek en zorg ik ervoor dat ik altijd op de hoogte ben van de actualiteiten. Dit maakt het werk ook zo interessant, het komt regelmatig voor dat ik me bezig houd met zaken die ‘s avonds op het journaal te zien zijn. Het komt ook wel eens voor dat ik bepaalde zaken ook echt geheim moet houden, wegens de grote belangen die ermee gemoeid zijn.” “De grote publieke belangen waarmee je dagelijks te maken krijgt is volgens Rislan ook een van de aspecten wat het werk bij het ministerie van Financiën zo ontzettend leuk en boeiend maakt. “Het gaat constant om grote maatschappelijke belangenafwegingen. Hier moet je wel mee om kunnen gaan, je politieke voorkeur kan je in je werk ook echt niet meenemen. Je moet in principe onder elk kabinet kunnen functioneren, ongeacht je eigen opvattingen over gevoerd beleid.” Wat heeft het ministerie van Financiën te bieden aan starters? “Jonge, startende academici krijgen bij aanvang al veel verantwoordelijkheden. Het personeelsbeleid van Financiën richt zich op het ontwikkelen van de kwaliteiten bij de medewerkers, o.a. door het aanbieden van studieverlof voor het volgen van relevante cursussen en (bij) scholing. Er zijn relatief veel vacatures voor starters, op de verschillende directies. Uiteraard met gunstige arbeidsvoorwaarden. De manier van werken bij het ministerie van Financiën wordt sowieso als heel prettig ervaren; de lijnen zijn kort, wat betekent dat ook startende academici snel met de politieke en ambtelijke top om de tafel zitten.” Bo bevestigt dat het werk bij


Bedrijfsspecial: Ministerie van Financiën het ministerie van Financiën bij uitstek veel mogelijkheden biedt om de twee studies Economie en Rechten met elkaar te combineren. “Bij Financiën gaan wetschrijven en beleidmaken samen. Deze twee disciplines zijn, in tegenstelling tot bij andere ministeries, niet gescheiden: juristen zijn betrokken bij het maken van beleid en economen denken en werken mee aan het maken van de bijbehorende wetten. Daarnaast is het financiële aspect hier natuurlijk de rode draad in al je werkzaamheden”. Rislan heeft onder andere advies geschreven over verleende garanties aan banken onder de € 200 miljard garantieregeling, Op dit moment denkt zij mee over de inhoud van de nieuwe verordening van kredietbeoordelaars en regels over de vakbekwaamheid van financiële dienstverleners. Een perfecte combinatie van Economie en Recht.” Wat ondernemen jullie met collega’s onderling? “Natuurlijk wordt er hard gewerkt, maar er is ook voldoende tijd voor ontspanning. De gemiddelde leeftijd ligt laag, de gemiddelde leeftijd bij het ministerie van Financiën ligt rond de 35 jaar. Voor jonge medewerkers is de vereniging JoFi (Jong Financiën, red.) opgericht. JoFi organiseert veel activiteiten, zoals o.a. een studiereis, een maandelijkse ledenborrel, een beachvolleybaltoernooi, lunches met de bewindslieden, etc. Wat voor studenten zoeken jullie qua profiel? “Studenten met affiniteit voor de financiële sector, liefde voor cijfers,

analytisch denkvermogen en vooral communicatief vaardig. Goede studieresultaten zijn zeker van belang, maar een interessant CV en een sterke motivatie tellen ook mee.” Kennismaken met het ministerie van Financiën en stagemogelijkheden “Er zijn veel verschillende mogelijkheden om kennis te maken met het ministerie van Financiën. Zo is er elk jaar de Studentendag en zijn we ook aanwezig op veel bedrijvendagen en banenmarkten. Daarnaast kan je als student ook solliciteren naar een (scriptie-)stage. Eigen initiatief is hier van groot belang, je komt als student zelf met een onderzoeksidee en vervolgens wordt er dan gekeken of er plek is of het onderzoek relevant is voor een bepaalde directie. Kijk voor meer informatie over recruitment-activiteiten en stagemogelijkheden op de website: www.werkenvoornederland.nl.” Financial Traineeship “Wellicht ook interessant voor mr.drs.studenten, is het Financial Traineeship. Tijdens dit tweejarige programma werk je een jaar op een directie financieel economische zaken (FEZ) van één van de deelnemende ministeries, waarna je in het tweede jaar kunt detacheren naar een ander organisatie als bijvoorbeeld de Tweede Kamer of Rijkswaterstaat. Je volgt hiernaast ook een speciaal cursusprogramma. Het Financial Traineeship start eenmaal per jaar in september. De inschrijving voor 2012 loopt tot en met 20 mei. Kijk voor meer informatie op de website (www. financialtraineeship.nl).” 13


Activiteitenverslag - Bezoek aan Min Fin & de Tweede Kamer

Bezoek aan Min Fin & de Tweede Kamer

Door Maartje Kouwenberg

Dinsdag 6 maart stond geheel in het teken van de publieke sector: op deze datum vond de Inhousedag bij het ministerie van Financiën en de Tweede Kamer plaats. Vanwege de bofepidemie die genadeloos toeslaat in Rotterdam, vertrokken we ’s ochtends voor negen uur met een betrekkelijk klein groepje van slechts zeventien mr.drs.studenten richting de stad waar het dagelijks bestuur van ons land zetelt. Toen de NS ons trouw naar Den Haag Centraal had gebracht, toog het gezelschap eerst naar het ministerie van Financiën. Daar aangekomen werden we verwelkomd met koffie en thee, vergezeld van iets lekkers. Hierna begon de dag echt. De recruiters van het ministerie hebben ons allereerst uitgelegd dat het ministerie van Financiën meer doet dan alleen de miljoenennota schrijven. Zo bestaat het ministerie uit verschillende directoratengeneraal, met allemaal hun eigen taken en verantwoordelijkheden. Onder die verantwoordelijkheden valt inderdaad de Rijksbegroting, maar ook het analyseren van internationale ontwikkelingen met betrekking tot economie en financiën en het uitvoeringsbeleid ten aanzien van de belastingen zijn taken die worden volbracht door het ministerie van Financiën. Nadat wij kennis genomen hadden van de organisatie van het ministerie, was het tijd zelf aan de slag te gaan. Het gezelschap werd verdeeld in drie groepen, die ieder een directie van het ministerie vertegenwoordigden. In die hoedanigheid werd ons gevraagd ons te buigen over de afschaffing van de hypotheekrenteaftrek. Eerst moesten de directies elk tot een advies komen met betrekking tot het te voeren beleid. Nadat deze adviezen gepresenteerd waren aan de andere directies, begon het grote

14

onderhandelen: er moest één gezamenlijk advies aan de minister komen. Toen deze lastige taak was volbracht, werd het tijd om iets te gaan eten. Tijdens deze lunch werd er een spervuur van vragen op de recruiters van het ministerie van Financiën afgevuurd. Na de lunch vertrok onze groep dan ook voldaan naar de tweede bestemming van die dag: de Tweede Kamer. Op weg daarheen werd ons duidelijk dat Den Haag, met haar gezellige kinderkopjes op de straten en in het Binnenhof, een extreem vrouwonvriendelijke stad is. Toen de dames uiteindelijk ook de Tweede Kamer bereikt hadden, waren we nog op tijd om het vragenuurtje bij te wonen. Een interessante en leuke ervaring! Vervolgens kregen we een exclusieve rondleiding door de Tweede Kamer, verzorgd door twee persoonlijk medewerkers van Kamerleden. Wij mochten zelfs binnentreden in ruimtes die voor andere groepen gesloten bleven! Toen we waren aangekomen bij de vergaderzaal van de VVD, kregen we de kans in gesprek te gaan met Mathijs Huizing, Kamerlid voor de VVD. Van hem leerden wij wat het leven van een Kamerlid nu eigenlijk inhoudt, maar ook hoe je Kamerlid kan worden. Na afloop wilde het bestuur van In Duplo Mathijs Huizing natuurlijk een relatiegeschenk aanbieden als dank voor het vrijmaken van zijn tijd voor ons. Helaas was dit geschenk ons echter afgenomen tijdens de strenge veiligheidscontrole bij het binnengaan van de Tweede Kamer. Nadat wij afscheid genomen hadden van het Binnenhof, werd er nog een drankje gedaan om alle ervaringen goed op ons te laten inwerken. Een leerzame Inhousedag, die bij veel deelnemers kriebels voor de publieke sector heeft losgemaakt!


Activiteitenverslag - Marathon Challenge

Marathon Challenge Op zondag 15 april was het dan zover, de Rotterdamse Marathon! Twee dappere helden liepen de daadwerkelijke marathon, terwijl de rest van de groep het hield bij de tien kilometer loop. Uiteindelijk heeft iedereen een prima prestatie geleverd en heeft iedereen de fantastische sfeer die bij dit evenement hoort, kunnen meemaken. Maurits Burggraaf en Michiel Slag liepen de marathon uiteindelijk in iets meer dan 4 uur. Uiteraard gebeurde dit alles in het teken van het goede doel, de stichting UAF. Momenteel komen de laatste sponsorgelden binnen, dus binnenkort wordt het totaalbedrag bekend gemaakt. Al met al een sportieve prestatie waar In Duplo als vereniging erg trots op kan zijn!

15


Foto’s - In-housedag Stibbe

In-housedag Stibbe

16


Activiteitenverslag - Studiereisbezoeken

n e k e o z e b is e r ie d u St Door Michael Rabbers In het kader van de studiereis naar Hong Kong komende maand waren we met een groep vertrokken naar de Zuid As te Amsterdam. Temidden van de futuristische hoogbouw kregen wij informatie over verschillende onderwerpen. Masters, stages of zelfs toekomstige loopbanen.

Daarna werden wij volledig bijgepraat door de werknemers tijdens de vrijdagmiddagborrel en was deze dag tot zijn eind gekomen, wat het bedrijfsbezoek betreft. Later vertrokken we met een flinke groep naar een Chinees Restaurant in de Pijp waar ons een heerlijk menu stond te wachten.

Allereerst begonnen we de dag bij de Duisenberg School of Finance waar wij informatie kregen over de verschillende masters die daar gevolgd kunnen worden. Ook werden wij intellectueel uitgedagen door hoogleraar Joseph McCahery en leerden we het nodige over zijn laatste onderzoek op het gebied van Finance, in het specifiek ‘Manegerial Entrenchment’.

De dinsdag erop was het weer tijd om richting de Zuid As te gaan. Stibbe was nu aan de beurt. Hier kregen wij naast de gebruikelijke informatie over het advocatenkantoor een casus toegereikt die we door middel van onderhandelen tot een goed einde moesten brengen. Ook hier kwam in vele van ons het competitieve aardje naar boven. Nadat we de resultaten van de teams vergeleken hadden, wachtte ons nog een lunch waar wederom medewerkers waren om onze vragen te beantwoorden.

Vervolgens staken wij over om bij het Amsterdamse kantoor van Houthoff Buruma het interactieve spel te spelen, na een paar gelikte trailers voorzien van Amerikaanse voice-over werden wij verdeeld over vier groepen. Het was onze taak om in de Game een overname te regelen van een Nederlandsfamiliebedrijf door een Chinese klant. Was dit soms al in het thema van onze studiereis?

Een laatste aantekening moet wel gemaakt worden. De Zuid As is erg winderig, dus wees gewaarschuwd.

17


Artikel - Work-life balance

Work-life balance Work-life balance is het thema van de special in deze editie van De Duplomaat. Het is een term die we vrij vaak horen, maar hoe komt dat eigenlijk? De laatste jaren is er steeds meer aandacht voor work-life balance, zeker ook gezien het feit dat steeds meer bedrijven zich schikken naar haar werknemers door bijvoorbeeld ‘flex-werken’ te introduceren, of een papa-dag. Was het een aantal jaar geleden niet ondenkbaar dat een partner bij een groot advocatenkantoor elke woensdag lekker met zijn kinderen kon gaan spelen op zo’n papa-dag? Waarschijnlijk zien veel bedrijven ook in dat een goede privé-werk balans essentieel is voor het goed functioneren van haar werknemers. Een te hoge werkdruk kan immers vrij snel leiden tot een burn-out, of zelfs depressie. Veel mensen zijn immers vastberaden om het maximale uit zichzelf te halen en verliezen daarin soms zichzelf. Mogelijkheden lijken soms oneindig, maar ook daarin schuilt gevaar in de vorm van keuzestress. In deze special komt tot slot ook een arbeidspsycholoog aan het woord.

18


Artikel - Work-life balance

Leven in onbalans

Door Michael Rabbers

Het woord stress wordt te pas en te onpas gebruikt. Zo hoor je mensen het al gauw hebben over ‘stress hebben’ of ‘erdoorheen zitten’. Hoe komt dit toch? Is het modieus taalgebruik of zitten er andere redenen achter. Is er misschien een kern van waarheid? Zo berichten verschillende kranten en documentaires over het groeiend aantal mensen dat ziek thuis zit vanwege een depressie, maar niet alleen de klassieke depressie maar ook vergelijkbare ziektes zoals een burn-out en midlifecrisis worden genoemd. Zelfs de term ‘quarterlife-crisis’ heeft de revue al gepasseerd. Leven wij in stressvollere tijden dan vroeger en raken mensen sneller de balans kwijt? Termen als privé-werk balans en work life integration of work life separation zullen van uiterst belang zijn in de keuzes die gemaakt moeten worden. Wat gebeurt er nu precies? Door de komst van moderne communicatiemiddelen als internet en mobiele telefonie en zelfs smartphones is het mogelijk om op elk tijdstip bereikbaar te zijn voor je werk. Zo zijn er vele mogelijkheden ontstaan om vanuit huis te werken of bij een verzamelplek, zoals een koffiezaak, bij je in de buurt. Echter door deze nieuwe vrijheid om zelf te je tijd in te kunnen plannen ontstaat het gevaar dat je altijd door blijft werken. De e-mail die je binnenkrijgt, wil je toch nog gelijk beantwoorden en je werkt ’s avonds dan toch nog even door aan dat ene project.

de kwalen, chronische vermoeidheid, burn-out tot veel erger. Hoe groot is het probleem? Het aantal depressieven in Nederland wordt op 800 000 duizend mensen geschat. Hier vallen mensen die met een burn-out thuis zitten ook onder. Doordat deze mensen een lange tijd uit de running zijn brengt het vele kosten met zich mee. Wat zouden de redenen kunnen zijn voor het grote aantal patiënten? Hoe valt het te rijmen dat Nederland één van de gelukkigste landen ter wereld is en er tegelijkertijd steeds meer mensen depressief en overspannen raken.

Wat is het gevaar?

Wat is depressie nu precies?

Vanwege het feit dat er geen afgebakende uren voor werk zijn en afgebakende rustmomenten kan je je blijven begeven in een soort sluimerstand. Altijd werkende en tussendoor kleine pauzes nemen waardoor je niet echt tot rust komt. Dit valt voor sommige mensen goed vol te houden, voor andere is het op een gegeven moment op. Dan beginnen

De term depressie is net als het woord stress aan woordinflatie onderhevig. Mensen gebruiken het in hun dagelijks taalgebruik wanneer zij zich eventjes somber voelen of wat tegenslag moeten verwerken. De term depressie die wij hier zullen aanhouden duidt op een klinische depressie. Oftewel een echte geestesziekte. Voor wie wil weten hoe

19


Artikel - Work-life balance het ongeveer voelt om depressief te zijn, is het boek Pil van Mike Boddé aan te raden. Hij vertelt hier over zijn depressie, zijn ervaringen met psychotherapie en antidepressiva. Er zijn meerdere symptomen die een depressie kenmerken maar om het niet al te uitgebreid te maken, kan je stellen dat je normale gevoel, dat ook hoogte en dieptepunten kent, en als je deze in een grafiek tekent een stuk naar beneden gaat. Zodat je meestal in dieptepunten zit en af en toe boven de ‘0 temperatuur’ komt. Verdere symptomen zijn onder andere leegheid, lethargie, angst en suïcidale gedachten. ‘’Maar we hebben het toch zo goed?’’ Vaak komt Nederland hoog in de ranglijsten van gelukkige landen. We hoeven ons over weinig dingen zorgen te

mensen met depressieve klachten in landen in Afrika ‘’Zij die teveel denken’’ genoemd. Mensen hier in Nederland die een depressie krijgen, hebben vaak ook gewoon hun zaakjes op orde. Zij krijgen van hun omgeving te horen. ‘’Maar hoe komt het toch? Je hebt toch niets te klagen?’’ Waarop zij moeilijk kunnen uitleggen hoe het precies zit. Het is niet een dipje maar een ziekelijk gevoel van somberheid, wat weinig mensen zich voor kunnen stellen. Welvaartziekte? Vroeger was er toch ook stress? Vroeger zaten mensen er toch ook weleens doorheen en bleven ze thuis? Eigenlijk is het verschil met vroeger niet goed te benoemen. Welvaart heeft invloed op de cijfers maar een depressie, burn-

Hoe valt het te rijmen dat Nederland één van de gelukkigste landen ter wereld is en er tegelijkertijd steeds meer mensen depressief en overspannen raken? maken, toch is er een groot gedeelte van de bevolking depressief. Verschillende psychiaters zijn er niet over uit hoe dat komt. Zo zijn er verschillende onderzoeken en ideeën over gemaakt. Zo stelt de Wereldgezondheidorganisatie (World Health Organisation) dat over de gehele wereld de percentages van depressieven mensen ongeveer gelijk zijn en er geen systematische verschillen te vinden zijn. Echter kijken de verschillende culturen wel heel anders tegen de ziekte depressie aan. Zo bestaat in de Westerse wereld een groter onderscheid tussen geestelijke ziektes en lichamelijke ziektes en worden

20

out is geen welvaartsziekte omdat het vroeger ook bestond. Dat het nu op grote schaal voorkomt is te wijten aan onze veranderende levensstijl en dat iedereen van alles wil combineren en succesvol wil zijn. Wie overkomt het? Psychiater Joop de Jong schat dat van de factoren die depressie veroorzaken zo ongeveer 60 % genetisch zijn en rond de 40 % omgevingsfactoren zijn. Het kan in principe iedereen overkomen die niet goed naar zijn lichaam luistert.


Artikel - Work-life balance Wat zijn mogelijke redenen? 1. Prestatiedruk. Verder wordt veel van het toenemende aantal depressies toegeschreven aan de toegenomen druk en prestatiedrang in onze samenleving. Zo kunnen lager opgeleiden en mensen met een handicap niet goed meekomen in de snelle samenleving en kunnen ze zich waardeloos gaan voelen. Maar veel geestesziekten komen voor bij hogeropgeleiden die door de grote druk op het werk er tussenuit moeten. Mensen willen niet falen en voelen hierdoor steeds meer druk. Niet falen, alles op alles zetten om goed voor elkaar te hebben. Enorme stress en druk. Hier zie je meer depressie. 2. Het taboe is doorbroken. Wat ook scheelt is dat het taboe op psychiatrie afneemt, mensen die vroeger gewoon doorgingen en uiteindelijk lichamelijke klachten kregen, denken nu sneller aan een depressie en gaan daarvoor in therapie. Zo dacht cabaretier

Mike Boddé dat hij een chronische vermoeidheid had. 3.Invloed van de farmaceutische industrie De farmaceutische industrie heeft natuurlijk baat bij als veel mensen aan de antidepressiva moeten of aan kalmeringsmiddelen. Helaas lossen pillen niet altijd het probleem om. Wat helpt? Pillen en praten. Psychotherapie: Allemaal even effectief. Welke school of gedragstherapie of hypo of psychoanalytische, allen werken ongeveer even goed. Ook bestaat er Mindfulness, dat kan een hele goede hulpbehandeling zijn, die ervoor zorgt dat mensen alles heel bewust in zich opnemen en meemaken. Het is een soort meditatie die je rust kan geven. Wat kost het de maatschappij? Depressie, stress en burn-outs hebben economische gevolgen. Zo wordt er meer gebruik gemaakt van medische voorzieningen en zijn de mensen een tijd uit de ‘’running’’ en kost het de

21


Artikel - Work-life balance maatschappij aan productieverlies rond de 953 miljoen euro. De behandelkosten worden per jaar op de 660 miljoen euro geschat. Oftewel, het is een flinke kostenpost. Wat zou een oplossing bieden? Preventie zou veel oplossen. Het moet uit de mensen zelf komen en net zo gewoon worden als handen wassen. Het wordt ook wel geestelijke hygiĂŤne genoemd.

Keuzestress Gedurende de dag komt dat moment waarop je een keuze moet maken ontelbare keren voorbij. Het begint al als je wakker wordt. Sta je meteen op of blijf je nog even liggen? Ga je eerst douchen of ontbijten? Welk geurtje doe je op? Dit zijn natuurlijk niet de belangrijkste keuzes. We denken hier doorgaans nauwelijks over na en deze keuzes zorgen op zichzelf dan ook niet voor echte keuzestress. Alle kleine, onbelangrijke keuzes bij elkaar kunnen echter wel voor problemen

Iedereen goed leren om om te gaan met stress door bijvoorbeeld mindfullnes of mediteren. Somberheid en gevoelens van falen zijn een onderdeel van het leven en dat zal geaccepteerd moeten worden door mensen. Niet alles kan opgelost worden en we zouden het nut van stress in moeten zien. Soms als een extra opsteker om nog net wat harder door te gaan en soms als teken van je lichaam om eventjes wat af te remmen en je rust te nemen.

Door Pascalle Boerrigter zorgen. Wij leven in een samenleving met onbegrensde mogelijkheden. Er zijn meer producten te koop dan we ons ooit kunnen voorstellen. Steeds vaker wordt er echter aan getwijfeld of al die keuzemogelijkheden wel goed voor ons zijn. Zorgen zij er echt voor dat wij gelukkiger worden, of brengen extra keuzes alleen maar problemen met zich mee? Het lijkt me duidelijk dat helemaal geen keuzevrijheid niet iets is waar mensen over het algemeen gelukkig van worden. Maar misschien zijn we nu ook wel een beetje doorgeslagen naar de andere kant. Zelf merk ik dat als ik bijvoorbeeld een nieuwe broek ga kopen. Of laten we nog specifieker zijn, stel ik kijk alleen naar spijkerbroeken. Dan nog zijn er talloze merken, die op hun beurt weer een scala aan verschillende pasvormen en stijlen hebben. Ik weet vantevoren dat ik uit honderden broeken kan kiezen. Als ik dus in winkel A een mooie broek vind schiet het altijd even door mijn hoofd dat ik misschien toch nog even bij winkel B moet gaan kijken. En zelfs

22


Artikel - Work-life balance als ik bij winkel B ga kijken en besluit om uiteindelijk toch de broek uit winkel A te kopen voel ik me als ik thuis kom niet dolgelukkig met mijn aankoop. Want wie zegt dat er in winkel C geen mooiere broek was? Heb ik wel de beste keuze gemaakt? Uiteindelijk kan ik hier nooit lang mee zitten, omdat de baten (de kans om een mooiere broek te vinden) niet opwegen tegen de extra energie die het kost om weer tien nieuwe broeken te passen. Toch was ik waarschijnlijk blijer geweest als ik wist dat er, naast de opties uit winkel A en B, geen andere broeken meer waren. Nu de lente weer begonnen is komt een ander voorbeeld weer naar boven. De ijssalons gaan weer open en hoewel het nu nog vrij rustig is weet ik zeker dat ik over een paar maanden in de rij sta

voor een ijsje. Het probleem is echter dat je iedere dag uit minstens achttien verschillende smaken kunt kiezen. Naast de standaard smaken aardbei, vanille en citroen zijn er dus ook nog vijftien luxe smaken. Werkelijk alle smaken heb ik wel eens voorbij zien komen. Popcorn, witte chocolade, appeltaart, cheese cake, caramel crunch... Meestal neem ik twee bolletjes ijs, met als gevolg dat ik dus maar liefst zestien smaken moet laten afvallen. Zo komt het dat ik altijd, écht altijd, met een treurig gevoel mijn ijsje eet. Eigenlijk denk ik dat ik veel gelukkiger met mijn ijsje zou zijn als ik niet zo veel keuzes had gehad. Een beetje zoals softijs. Er is maar één smaak, dus de enige vraag die de beste man achter het ijskraampje stelt is: “Klein, middel of groot?”

Interview

Dr. Matthijs Bal, Arbeidspsycholoog Dr. Mathijs Bal is universitair docent in de psychologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Met een academische achtergrond in zowel de bedrijfskunde als psychologie, is het niet vreemd dat hij zich tegenwoordig vooral bezig houdt met het snijvlak; arbeidspsychologie. Wij spraken de heer Bal in zijn eigen kantoor, op de dertiende verdieping in het T-gebouw. Hoe zou je arbeidspsychologie het beste kunnen beschrijven? “De psychologie in zijn algemeenheid houdt zich bezig met het gedrag van mensen en de arbeids- en organisatiepsychologie houdt zich bezig met gedrag van mensen in relatie tot hun werk. Work-life balance, burn-out, dat soort fenomenen zijn precies de dingen waar wij onderzoek naar doen. Daarnaast

doen we onderzoek naar allerlei onderwerpen die gaan over mensen op het werk; hoe houd je bijvoorbeeld werknemers productief en betrokken? Ikzelf doe vrij veel onderzoek naar vergrijzing met name leeftijdsverschillen, hoe verschillen jongeren en ouderen op het werk. Hierbij kan je bijvoorbeeld denken aan het stereotype dat ouderen minder open staan voor veranderingen op de werkvloer, ten opzichte van jongere

23


Artikel - Work-life balance medewerkers. Enerzijds zie je in de samenleving dat er vergrijzing optreedt, de babyboomers gaan met pensioen, anderzijds is de trend dat de afgelopen decennia er ook minder kinderen worden geworden, waardoor er op den duur ook minder starters de arbeidsmarkt zullen betreden. Door de crisis merken we nu eigenlijk nog niets van een tekort op de arbeidsmarkt, maar als de economie straks aantrekt en er steeds meer ouderen uitstromen, kan het een flink probleem worden. Nu zie je het eigenlijk alleen nog in bepaalde sectoren, zoals de zorg en het onderwijs. Zulke organisaties moeten aan de ene kant goed bekijken hoe ze jongeren kunnen aantrekken, maar daarna ook hoe ze ervoor kunnen zorgen dat de jongeren er ook op de lange termijn blijven werken. Het komt namelijk vrij veel voor dat jongeren ergens gemotiveerd aan de slag gaan, bijvoorbeeld in de zorg, maar dat ze na een paar jaar weer uitstromen. Het werk

is dan te zwaar, te hoge werkdruk, of ze hadden andere verwachtingen. Er is vaak een mismatch tussen waar de jongeren de arbeidsmarkt mee op komen en wat ze dan uiteindelijk meemaken in de organisatie.” De reden dat jongeren tegenwoordig als gevolg van een mismatch makkelijker uitstromen, heeft volgens de heer Bal ook te maken met de huidige generatie. “Tien, vijftien jaar geleden was het simpel; je deed een opleiding en na je afstuderen ging je zo snel mogelijk voor een organisatie werken. Bij een wederzijdse klik wist je vrij snel dat je daar misschien wel je hele leven zou blijven zitten. Het lifetime-employment model was heel dominant. Dit is inmiddels veranderd, door maatschappelijke veranderingen is het tegenwoordig algemeen geaccepteerd dat je je huidige baan zomaar kunt opzeggen als je het niet leuk vindt. Door middel van job-hoppen komen sommige mensen er pas echt achter wat bij hen past. De drempel om van baan te veranderen is veel lager geworden. Dit is wel een ontwikkeling van twee kanten; ook vanuit de organisaties bestaat de behoefte om veel flexibeler personeel in te kunnen zetten. De druk op het kabinet om het ontslagrecht bijvoorbeeld te herzien wordt ook steeds groter.” Work life balance; een probleem van de huidige generatie? Is de werkdruk nu echt veel hoger dan vroeger of lijkt dat maar zo?

24

“Hogere werkdruk is wel een deel van de verklaring, maar er wordt de laatste jaren ook veel meer aandacht besteed aan work-life balance en burn-out. Op het moment dat er voor het fenomeen burnout meer aandacht kwam in de media, omdat het wetenschappelijk onderzocht werd, konden mensen het ook veel beter


Artikel - Work-life balance herkennen. Een aantal veranderingen in de maatschappij hebben er wel voor gezorgd dat ook zoiets als work-life balance een veel prominentere rol is gaan spelen. Ten eerste natuurlijk het feit dat steeds meer vrouwen zijn gaan werken, waarbij het vraagstuk ‘wie zorgt er dan voor de kinderen?’ opdoemt. Als je als stel allebei een drukke baan hebt én jonge kinderen, is dat een ontzettende drukke periode, ook wel ‘het spitsuur van het leven’ genoemd, zo tussen de leeftijd 28 en 35 jaar. Toch is de perceptie ook wel dat mensen tegenwoordig ook zeker harder moeten werken en dat er ook meer van je wordt verwacht.” Je ziet dat juist starters heel snel een burnout krijgen. Toch heb je als student gemiddeld genomen ook een heel druk bestaansleven; dus waar ligt dat aan? Hebben afgestudeerden dan toch een verkeerd beeld van het werkende leven? “De verhoogde kans op burn-out kan een gevolg zijn van een mismatch tussen wat je als starter verwacht, en wat je uiteindelijk hebt gekregen. De algemene perceptie is dat studeren best zwaar is, zeker met twee studies in jullie geval, maar je hebt zelf wel heel veel vrijheid om je bezigheden zelf in te plannen. Als je veel vrijheid hebt, kan je ook veel beter omgaan met een hoge werkdruk en er gezond onder blijven. Als je begint met werken wordt er veel van je gevraagd; hard werken en lange dagen maken. Op zo’n moment kan de druk om te presteren te hoog worden, je wilt jezelf immers bewijzen in zo’n nieuwe organisatie. Toenemende concurrentie tussen de werknemers zal dit alleen maar op de spits drijven. Daarnaast is de huidige generatie ook opgegroeid met de overtuiging dat je moet doen wat je het meest gelukkig maakt en dat

je je hart moet volgen. Daardoor krijg je anderzijds ook nog verwachtingen vanuit de werknemer zelf, die twijfel of hun baan ook echt de baan is die het beste bij hen past.” De heer Bal gaat verder door uit te leggen dat leidinggevenden vaak niet genoeg ‘people skills’ bezitten om daadwerkelijk een team met werknemers goed te kunnen leiden. “Als je bedrijfskunde of management hebt gestudeerd weet je vaak alles van cijfers of bedrijfsmodellen, maar dat is niet voldoende. Als leidinggevende is het ook je taak om je werknemers goed te kunnen motiveren en ze veel feedback op hun werkzaamheden te geven. Als dit beter zou gebeuren, kan dat veel gevallen van een burn-out bijvoorbeeld zelfs voorkomen. Ook is het heel belangrijk dat je als management goed op de hoogte bent van de ambities van de mensen in je team. Pas dan kan je gericht gaan kijken welke verwachtingen je van iemand hebt en in hoeverre ze die dan waarmaken.” Welke tip zou u aan pas afgestudeerden willen meegeven? “Je moet zelf heel proactief zijn: de enige die ervoor kan zorgen dat jij een leuke baan hebt waar je voldoening uit kunt halen, dat ben je zelf. Het is een belangrijke factor om gemotiveerd de arbeidsmarkt te betreden. Als je het omdraait; niemand zit op jou te wachten, tenzij jij op hen afstapt. Een dergelijke houding wordt vaak nog onderschat, maar het is echt van groot belang.”

25


Activiteitenverslag -Diesborrel

Diesborrel

Door Tom van Steenbrugge

Hiep, hiep hoera! Op 28 februari 2012 bestaat studievereniging In Duplo alweer 12 jaren vol kennis, ambitie en vreugde. Natuurlijk is een informele borrel hier op zijn plaats, welke dan ook plaatsvond op 1 maart. Hoewel, informeel? Maarten van Denzen en Tycho van der Meer stalen de show met hun traditionele kledij en functies van pedeldrager en gastenboekdrager. Op deze drukbezochte borrel werden leuke muffins met een kaarsje uitgedeeld, uiteraard was er ook het “gezonde” alternatief van een banaan. Terwijl mensen elkaar feliciteerden en proosten op het bestaan van de vereniging werd het tijd voor de gelukswensen en cadeau’s. Enkele andere verenigingen en oud-bestuurderen wensten In Duplo succes en gaven kleine geschenken terwijl de aanwezige leden zich prima vermaakten of luisterden naar de felicitaties. Hoewel In Duplo officieel maar eens per 4 jaar zijn verjaardag kan vieren kijken we nu al uit naar 1 maart 2013!

26


Foto’s - Diesborrel

27


Activiteitenverslag - Actievendag

g a d n e v e i t Ac

Door Michael Rabbers

De precieze invulling van de jaarlijkse actievendag was tot de dag zelf zorgvuldig geheim gehouden. Onderweg werd ons dan ook pas duidelijk dat we op weg waren naar Dutch Water Dreams! Deze dag kon figuurlijk niet meer in het water vallen. Allereerst stond flowboarden op het programma. Voorzichtig probeerden wij op een soort surfboardje een waterstraal die met 15 km p/u spoot te trotseren. Velen vielen, maar sommigen bleken een verborgen talent te hebben. Na veel gelachen te hebben en wat mooie smakken in het water, was het tijd voor iets heftigers. Buiten stond een grote wildwaterbaan te wachten. Gewapend met helms en reddingsvesten en onze warmhoudende wetsuits werden wij één voor één ten prooi gegooid van het wassende wilde water. Voor velen onder ons een schrik, voor anderen juist een kick. Daarvan bijgekomen stond je voor een keuze; hoe ga je de wildwaterbaan af, met een band of zonder band? De meesten kozen om in een band de baan af te gaan en slechts de diehards, waaronder ikzelf natuurlijk, begaven ons met flippers en een bodyboard weer in het water. Ik heb zeker wat angstige momenten meegemaakt! Hierna was het tijd voor wat ontspanning en zo keerden wij terug naar Rotterdam waar we de geweldige dag afsloten onder het genot van een lekkere maaltijd in Hoofdstuk II bij Oostplein. Al met al, een top dag voor de actieven van In Duplo. Dat had je toch niet willen missen?

28


Foto’s - Actievendag

29


Masterspecial: DSF

Masterspecial:

Duisenberg School of Finance

De Duisenberg School of Finance is een internationale businessschool, in Amsterdam, gevestigd temidden grote bedrijven en advocatenkantoren op de Zuidas. De Duisenberg School of Finance biedt verschillende masterprogramma’s aan, allemaal gericht op finance. Kenmerkend voor de Duisenberg School of Finance is de sterke band met het bedrijfsleven en de grote mogelijkheden voor haar studenten die daarmee gepaard gaan. Alleen de beste studenten worden dan ook toegelaten tot een masteropleiding aan DSF. 30


Masterspecial: DSF Om meer te weten te komen over de Duisenberg School of Finance, reisden we af naar de Zuidas om met eigen ogen deze bijzondere businessschool te zien. We spraken daar met Jesper van de Vooren, Marketing & Admissions Coordinator, die ons wat meer kon vertellen over de masterprogramma’s voor studenten bij de Duisenberg School of Finance en de aanmeldingsprocedure. Daarnaast spraken we ook met Prof. Dr. Joseph McCahery, programme director voor de masterprogramma’s ‘Finance and Law’, zowel voor de MSc als de LLM. Duisenberg School of Finance (DSF) bevindt zich op de Zuidas, midden tussen bekende bedrijven als Boekel de Nerée, Linklaters, ING, ABN Amro, etc. Deze ligging staat symbool voor de kracht van de Duisenberg School of Finance: de sterke verbondenheid met het bedrijfsleven. Studenten maken dan ook tijdens hun studie kennis met een groot aantal bedrijven door bijvoorbeeld gastcolleges en workshops, welke regelmatig worden gegeven.

verzekeringsmaatschappijen en universiteiten. Deze behoefte kwam deels ook voort als een reactie op de financiële crisis. DSF zou een netwerk worden tussen de industrie en de wetenschap. De naam Duisenberg doet bij velen een belletje rinkelen, meneer Duisenberg is namelijk de vader van de euro, de eerste president van de Europese Centrale Bank en een innovatieve denker op het gebied van de connecties tussen de industrie en wetenschap.

Jesper vertelde ons wat meer over de achtergrond van de Duisenberg School of Finance (DSF). DSF is opgericht in 2008 uit een behoefte voor een vooraanstaande finance universiteit, door een combinatie van grote banken, advocatenkantoren,

Duisenberg School of Finance heeft als doel het gat tussen de industrie en wetenschap, welke ontstaat doordat normale universiteiten zich alleen richten op de theorie, te vullen. Hiervoor hebben zij een programma opgericht wat bestaat uit drie ‘key elements’: 1. Het Duisenberg Leadership Programme (DLP).

Wim Duisenberg.

In elk van de vijf masteropleidingen is dit intensieve programma verwerkt. Het programma is gefocust op de persoonlijke vaardigheden van de jonge studenten. Door veel studenten wordt dit onderdeel ook als hét onderscheidende aspect van DSF omschreven. Bedrijven onderkennen de waarde van een dergelijk programma absoluut niet, ook van hun kant is er een grote behoefte aan ‘responsible financial leadership’.

31


Masterspecial: DSF 2. Vijf verschillende masterprogramma’s met specifieke cursussen: - MSc in Corporate Finance and Banking - MSc in Risk Management - MSc in Finance and Law - LLM in Finance and Law - PhD in Finance Hiervan zullen de MSc en LLM in Finance and Law het meest interessant zijn voor mr.drs.-studenten. 3. Een individuele stage bij een vooraanstaande financiële instelling. Deze verplichte stage geeft de student de kans om te laten zien wat hij heeft geleerd en wat hij waard is. De professionele ervaring die men hiermee opdoet maakt de student ook competitiever in de arbeidsmarkt.

MSc of LLM in Finance and Law? Het grote verschil tussen deze twee masteropleidingen is de focus. Studenten die meer gericht zijn op ‘advanced finance’ en interesse hebben om als financiële marktanalist te werken, passen goed bij het MSc programma. Het LLM

32

programma biedt meer de mogelijkheid voor traditionele rechtenstudenten om de implicaties van financiële constructies te begrijpen. Het onderwijs bij DSF wordt gekenmerkt door hoge kwaliteit en een persoonlijke aanpak. Je hebt college in relatief kleine groepen en de beste professoren uit de hele wereld worden ingevlogen om les te geven, bijvoorbeeld van Harvard, Cambridge, Colombia en de London School of Economics. Daarnaast krijg je ook veel college van ervaren professionals uit het bedrijfsleven.

Carrière Dat de Duisenberg School of Finance een carrière gedreven school is, blijkt uit alles. Na het afstuderen staan vooraanstaande financiële instellingen al in de rij om de studenten een ‘offer’ aan te bieden, denk hierbij aan bedrijven als ING, JP Morgan, AMB Amro, Bain, Barclays Capital, etc. Mocht je nog geen aanbieding hebben gekregen naar aanleiding van je stage natuurlijk, wat bij veel studenten gebeurt. Tijdens je studie wordt er constant aandacht besteed aan je verdere loopbaan.


Masterspecial: DSF

Deze activiteiten worden georganiseerd door het Career Rescource Center en variëren van oriënterende bijeenkomsten tot sollicitatietraingen, van netwerkevenementen tot workshops en zelfs echte sollicitatiedagen. Zij verzorgen ook professionele businesscards voor elke student en een speciaal CV boek, waar het gehele cohort van een bepaald studiejaar met uitgebreid CV in staat vermeld. 500 exemplaren hiervan worden elk jaar aan verschillende bedrijven toegezonden.

Aanmeldingsprocedure: ‘Only best’

the

Duisenberg School of Finance weet precies wat voor talent de financiële sector nodigt heeft, en handhaaft daardoor een bijzonder persoonlijke selectieprocedure. Studenten worden zorgvuldig geselecteerd uit een internationale groep van de meest gemotiveerde en getalenteerde kandidaten. Eén van de belangrijkste onderdelen van de aanmeldingsprocedure is je motivatie. DSF kan zich geen deelnemers permitteren die falen en wanneer je bent aangenomen voor een van hun programma’s, weet DSF dat je het zult halen. Kijk voor meer informatie over de

selectieprocedure op de website: www. dsf.nl/home/admissions of neem contact op met Jesper van de Vooren (jesper.van. de.vooren@dsf.nl).

‘Financial aid’ Duisenberg School of Finance is een particuliere school, wat er op neer komt dat het collegegeld een stuk hoger is dan bij een reguliere masteropleiding, namelijk €26.000,- Om het voor zoveel mogelijk studenten mogelijk te maken een masteropleiding bij DSF te volgen, biedt de school financiële hulp. Zo krijg je na je selectie een deel als beurs aangeboden en het andere gedeelte kan je bijvoorbeeld tegen een voordelige rente bij ING lenen, welke overigens ook sponsor is van DSF. Het verschil in wat de school als beurs aanbiedt en wat een student moet lenen is per student verschillend. Een masteropleiding bij DSF is een investering in jezelf en je verdere loopbaan!

33


Activiteitenverslag: Wijnproeverij met Ex Duplo

Wijnproeverij met Ex Duplo Op 26 april vond de eerste activiteit met Ex Duplo plaats, een wijnproeverij. Bij de Smaak Academie op het Westelijk Handelsterrein werd ons het nodige bijgebracht over wijnen, het verschil tussen de ‘oude wereld’ en de ‘ nieuwe wereld’ en konden we uitgebreid vragen stellen aan de verscheidene aanwezigen van Ex Duplo. Al met al een zeer geslaagde avond!

34


Activiteitenverslag: In-housedag de Breij Evers Boon

In-housedag de Breij Evers Boon Dit jaar bezocht In Duplo voor het eerst advocatenkantoor de Breij Evers Boon, een klein ondernemingsrechtelijk kantoor, gevestigd in een statig pand in Amsterdam Oud-Zuid, op een steenworp van het Vondelpark. We kregen er een leerzame middag voorgeschoteld, met een pittige casus en workshop ondernemingsrechtelijk schrijven. De dag werd afgesloten met een gezellige borrel.

35


Interview Ko Colijn

INTERVIEW

Ko Colijn

Ko Colijn (1951) is defensie-deskundige en is naast de wetenschap ook actief in de journalistiek. Hij werkt sinds 1978 bij Vrij Nederland. Hij schrijft over alles wat met oorlog en vrede te maken heeft: de koude oorlog, internationale wapenhandel, buitenlandse politiek, internationale organisaties als de VN of het Strafhof in Den Haag, oorlogen (Iran-Irak, Balkan, Afghanistan), terrorisme en de War On Terror. Hij is bijzonder hoogleraar Internationale betrekkingen, in het bijzonder mondiale veiligheidsvraagstukken aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam. Daarnaast is hij onder meer als onderzoeker/docent verbonden aan Instituut Clingendael, waar hij 36 sinds 2011 ook directeur van is.


Interview Ko Colijn

“Een defensie-deskundige op een driesprong” Op een mooie maandagavond begaven drie studenten zich naar het wetenschapscafé, een terugkerend evenement waar de wetenschap toegankelijk wordt gemaakt door middel van interessante lezingen in een informele setting. De locatie? Het café van de bibliotheek bij Blaak. Eenmaal aangekomen bleek dat de gemiddelde leeftijd van de aanwezigen een stuk hoger lag dan verwacht. De zaak zat stampend vol, vooral met ouderen.

wereld’. Volgens de heer Colijn lag hierin een groot probleem verscholen, wat de Verenigde Naties ook snel ontdekte. Waar het aantal mensen die leven met honger of het aantal kinderen dat geen basisonderwijs krijgt, relatief gemakkelijk gemeten kan worden, is het nog maar de vraag hoe je zoiets als globale veiligheid kunt meten? Daarom gaf de VN opdracht aan verschillende vredesinstituten om te rapporteren over de mate van veiligheid over de tijd. Hiervoor werden

“De betekenis van het begrip veiligheid is constant in verandering.” Een lezing over mondiale veiligheid van oorlogsdeskundige Ko Colijn stond ons te wachten. Op een rustige wijze vertelde de heer Colijn zijn verhaal, zittend op een barkruk in plaats van staand. Kenmerkend was zijn karakteristieke nuchterheid, zelfs over de meest gevoelige zaken praatte Colijn rustig en vrijwel zonder emotie. Relativeren was het ‘key word’. Over het begrip ‘veiligheid’ kan de heer Colijn onuitputtelijk vertellen. Tijdens de lezing staat hij vooral stil bij de precieze definitie van het begrip, omdat ‘veiligheid’ geen concrete betekenis heeft. Deze gedachtegang kwam voort uit één van de milleniumdoelen, kort gezegd ‘het veiliger maken van de

een aantal aspecten meegenomen, namelijk het aantal oorlogen en het aantal oorlogs- slachtoffers. Het bleek allemaal niet zo simplistisch te zijn, want alleen het begrip ‘oorlog’ staat open ter discussie. Zijn kleinere conflicten ook niet noemenswaardig in een dergelijk onderzoek? Als er alleen gekeken wordt naar oorlogen in de zin van een groot conflict, waar de legermacht van minstens één staat bij is betrokken, met meer dan duizend doden per jaar, is het aantal oorlogen in de afgelopen decennia gedaald, van 60 in 1989 tot 25 in 2007. De heer Colijn vervolgde zijn verhaal door stil te staan bij het feit dat cijfers

37


Interview Ko Colijn alleen niet voldoende zijn om de mate van veiligheid te bepalen. Percepties, de beleving van mensen en de gevoelens van onveiligheid spelen ook een grote rol. Wat bleek? Waar de cijfers rapporteerde over veiligheid vandaag de dag als ‘2 keer zo goed’, rapporteerde de steekproeven met betrekking tot de percepties met ‘2 keer zo slecht’. Vooral de media is hiervan de oorzaak, door berichtgeving op tv is de indringendheid van de oorlog veel groter dan vroeger. Daarnaast is de definitie van het begrip veiligheid ook veel groter geworden en omvat het meer dan alleen de angst voor een oorlog tussen naties, maar ook angst voor terrorisme. Na de lezing hebben wij nog wat overige vragen kunnen stellen aan de heer Colijn.

Kunt u ons wat vertellen over uw studietijd? Ik studeerde politieke wetenschappen aan de Universiteit van Leiden, met als specialisatie internationale betrekkingen. Dat klinkt misschien vreemd, maar dat kwam niet door een inspirerende persoon als Karl Marx of Plato of iets dergelijks.” Meer van invloed waren de roerige jaren zestig, zijn

38

inspirerende geschiedenisleraar en de radio die thuis altijd aanstond, waarbij er elke week werd afgestemd op de radiocolumn van mr. G.B.J. Hilterman, ‘De toestand in de wereld’. “Eind jaren zestig was dat, dat moet je ook je ouders maar eens vragen.” De heer Colijn gaat verder door uit te leggen dat in die roerige periode al duidelijk werd dat het begrip ‘veiligheid’ eigenlijk veel meer besloeg dan tot dan toe gedacht werd. “Het waren niet alleen meer de belangen en conflicten van 193 individuele landen, maar er waren veel meer actoren in het spel. Het militair-industrieel complex, de Verenigde Naties, de Europese Gemeenschap, het Internationaal Atoomagenschap: allemaal spelers die de dynamiek op het wereldtoneel mede gingen bepalen.” Met al deze actoren werd veel te weinig rekening gehouden, vond Colijn. Als student begon hij daarom met een groepje medestudenten - ‘geloofsgenoten’ noemt hij ze zelf een eigen ‘bibliotheek’ met literatuur over deze ‘nieuwe’ internationale betrekkingen. Zijn promotieonderzoek over het Nederlandse wapenexportbeleid, dat hij samen met één van de partners van zijn studentenbibliotheek uitvoerde, was hier een uitvloeisel van.

V.l.n.r.: Michael Rabbers, Savannah Hasselo, Frans Weisglas en Bastiaan Woudstra.

U bent zowel wetenschapper als journalist. Waar ligt voor u de focus van uw werk? Dat is moeilijk te bepalen, ik bevindt me eigenlijk op een driesprong. Tegelijkertijd ben ik wetenschapper, journalist en en radio-/tv-deskundige. Deze drie rollen hebben allemaal hun voor- en nadelen. De wetenschap is zeer degelijk, maar vaak ook saai en langdradig. Het leuke van


Interview Ko Colijn

Het Clingendael Instituut in Den Haag.

journalistiek is snelheid; het dwingt tot nadenken en het scheiden van hoofd- en bijzaken. Aan de andere kant is zij ook erg vluchtig en gevoelig voor ‘hypes’. Iets is één keer in het nieuws en er daarna op terugkomen is vrij zeldzaam. Een conflict heeft daardoor in feite maar één kans om zich te ‘bewijzen’. Conflicten die vaak jaren duren worden de laatste tijd niet als lopende conflicten beschouwd, maar,

Wat betreft zijn wetenschappelijke collega’s die op tv komen, is de heer Colijn vooral lovend. “Maar”, zegt hij, “we zijn allemaal monopolistjes, koninkjes in onze eigen koninkrijkjes.” Hiermee bedoelt hij dat veel deskundigen eigenlijk zo weinig concurrentie hebben dat ze het echt op hun eigen manier kunnen invullen. “Dat kan natuurlijk prima zijn, maar komt ook niet altijd de boodschap ten goede.” Als voorbeeld van iemand die effectief van de media gebruik maakt bij het verspreiden van zijn gedachtegoed noemt hij Maarten van Rossem: “Hij voert natuurlijk een act op, die als verpakkingsmateriaal dient om de achterliggende boodschap aan de man te brengen.”

“We zijn allemaal monopolistjes, koninkjes in onze eigen koninkrijkjes.” als ze uberhaupt in het nieuws komen, altijd als crises. Die aanpak leidt, ook bij politici, vaak tot een overhaaste of overdreven reactie.” “Als je op tv of radio komt, vergroot dat natuurlijk je publiek. Daartegenover staat dat je niet zo veel tijd hebt om dingen uit te leggen. Je wordt dus gedwongen om zo helder en kort mogelijk te formuleren.” Vroeger zag de heer Colijn hier eerlijk gezegd wel eens tegenop, vooral gezien veel conflicten enorm ingewikkeld zijn, maar in de praktijk valt het uiteindelijk best mee.

Wat vindt u van de ontwikkeling dat social media ook steeds meer gaan bijdragen aan de beeldvorming van conflicten, zoals bijvoorbeeld onlangs de youtube video van Kony? “Begrijpelijk dat je dat noemt, jullie generatie spendeert immers veel tijd op de verschillende varianten van social media.” De heer Colijn heeft zes jaar geleden een uitgebreide column geschreven voor Vrij Nederland, geheel gewijd aan het conflict in Oeganda met Joseph Kony in de hoofdrol. “Dat was niet

39


Interview Ko Colijn zo bijzonder, want ik herinner me veel geschreven aandacht voor de misdaden van Joseph Kony sinds zijn Leger van de Heer zesentwintig jaar geleden actief werd.” Geciteerd uit de column: ‘Al heb ik het niet gecheckt, ik geef deemoedig en ook wel jaloers toe dat die column niet door 71 miljoen mensen is gelezen, het fabuleuze aantal keren dat het filmpje Kony 2012 met precies dezelfde informatie de afgelopen twee weken op YouTube is bekeken. Waarschijnlijk geldt dat zelfs voor alle artikelen bij elkaar die sinds 1986 over Joseph Kony’s Leger van de Heer zijn geschreven.’ Tegenwoordig is een saai nieuwsbericht of een VN rapport lang niet meer voldoende om de achterliggende boodschap echt goed te laten bezinken, aldus Colijn. “Een goed voorbeeld is een fotoreportage die het blas Foreign Policy uitbracht. Joseph Kony bleef zijn gang maar gaan, wat reden was voor het blad om het eens op een andere manier te proberen, met als doel extra aandacht voor het onderwerp. Met een fotoreportage lieten ze in maart 2006 full colour zien hoe tienduizenden slachtoffertjes van Kony elke avond in de schemering naar een schuilplaats (vaak een vuilnisbelt in het oerwoud) vluchtten, in een poging om aan de kinderrovers van het Leger van de Heer te ontkomen. Het middel was nogal gedurfd, een uitgesproken glossy beeldverslag in plaats van een ‘saai’ VN-rapport. Het veronderstelde dat lezen niet meer genoeg is, de zintuigen moeten tegenwoordig maximaal worden ingeschakeld om nog iets van de boodschap te redden. En dat bleek dus nog niet genoeg, wat het wellicht overdreven filmpje dit jaar liet zien.” Het is wel jammer dat er tegenwoordig

40

Ko Colijn is vaak te gast bij het NOS Journaal.

zoveel voor nodig is om een probleem onder de aandacht te brengen, verzucht de heer Colijn. “Maar uiteindelijk dienen we als journalisten allemaal hetzelfde doel; een verhaal naar buiten brengen. En dat is hoe dan ook gelukt, misschien wel een beetje aan de late kant.”

Hoe denkt u over handelspolitiek als middel om conflicten op te lossen? “In het verleden is gebleken dat handelspolitiek, (dreigen met) boycotten en dergelijke, prima kunnen werken om een situatie van vrede te herstellen. Toch is het van groot belang om zulke acties heel gericht uit te oefenen. Het zou alleen de mensen in een land moeten treffen die ook daadwerkelijk schuld hebben of iets kunnen ondernemen om de situatie te veranderen. Dit maakt het wel heel lastig, maar des te meer de moeite waard als het daadwerkelijk lukt.” Als handelspolitiek ook de onschuldige burger in een land treft, is het volgens Colijn geen adequaat middel om als natie je doel te bereiken. Als we tot slot vragen of de heer Colijn de mr.drs.-studenten nog iets wilt meegeven, blijft het even stil. Komt er een filosofische one-liner over wereldvrede of de ongewisse toekomst? Maar dan klinkt het droogjes: “Lees Vrij Nederland!”


Sommige studenten hebben een wereldreis nodig om zichzelf te leren kennen. Anderen doen het in 5 dagen.

De Loyens & Loeff Summer Course 2012. Ben jij die talentvolle derde- of vierdejaars student Nederlands recht, notarieel recht, fiscaal recht en/of fiscale economie, die deze zomer zichzelf ĂŠn Loyens & Loeff nog beter wil leren kennen? Meld je dan aan voor deze ministage van 9 t/m 13 juli, waarbij je op onze kantoren in Amsterdam, Rotterdam en Londen aan een actuele casus werkt en diverse trainingen volgt. Inschrijven kan tot 18 mei via www.loyensloeffacademy.com AC A D E M Y


Activiteitenverslag: In Duplo Feest

! t s e e F o l p u D Het In

Door Michael Rabbers

Eens per jaar komt de crème de la crème van In Duplo bijeen om uitgedost en wel zich te vermaken op ‘Het In Duplo Feest’. Dit jaar was cocktailbar Elit the place to be en zo kwamen er ook velen naar dit geweldige fees, uiteraard met een cocktail tintje. Zo rond een uur of 10 begon de avond met een welkomstdrankje en rustige muziek om weer eens even goed bij te praten met je studiegenoten. Zo werden alle outfits, die met grote zorg waren uitgezocht, bekeken en de dragers van deze vondsten gecomplimenteerd. Het werd drukker en drukker en plotsklap bij klokslag 12 uur ging er een knop om. Iedereen ging, soms onder wat druk, de dansvloer op! Een discjockey , in populair taalgebruik DJ, vulde de ruimte met fijne beats. Achter de bar werden wij verzorgd door het flitsende en snelle barpersoneel dat met ongeziene krachten lekkere en bijzondere cocktails klaarmaakten. De bereiding was al een show op zich. Het was absoluut een mooie avond die helaas, zoals alle mooie dingen, ook tot een einde kwam.

42


Foto’s - In Duplo Feest

43


Foto’s - Het In Duplo Feest

44


Eerstejaarscolumn

Eerstejaarscolumn Wekenlang leef ik er al naartoe, want een groot feest vraag om grote voorbereidingen. Zo ook het In Duplo feest. De eerste en meteen ook de lastigste vraag die bij me opkomt was: wat moet ik aan?! Gewoon de kleren aanhouden waar je de hele dag al in loopt, zoals je bij de In Duplo borrels eventueel zou kunnen doen, was nu absoluut niet mogelijk. De dresscode was namelijk cocktail. Nu heb ik genoeg jurkjes in mijn kast hangen, maar die voldoen helaas niet aan de dresscode en dus moest er gewinkeld worden. Ik zocht een leuk jurkje dat niet te simpel was, maar waarmee ik ook niet overdressed zou zijn. Na een middagje winkelen kon ik “jurkje” van mijn denkbeeldige checklist afstrepen. Schoenen had ik al en als ik mijn telefoon gewoon in mijn jaszak zou laten zitten was ik een tasje niet nodig. Outfit compleet! Nu de rest nog... Ik had kaartjes gekocht voor mijn nichtje, die ik als introduce meenam, en voor mezelf. Omdat zij in Tilburg studeert zou ze bij mij blijven slapen. We hadden er allebei super veel zin en en vooral ik liet dat goed merken door om de tien minuten mijn fantastische -ahum- zelfbedachte zinnetje te zingen: Cause there ain’t no party like a real In Duplo party! Wij waren er klaar voor, maar het huis nog niet. De enige echte Tom van Steenbrugge zou namelijk ook blijven slapen. Even voor de mensen die zijn geweldige advertentie op facebook niet hebben gezien: Tom had nog geen

45

Door Pascalle Boerrigter

slaapplek en kon anders niet naar het feest. Bovendien zou hij betalen in natura. Sorry Tom, ik weet wel dat dat een grapje was hoor. Omdat het feest niet compleet zou zijn zonder redacteur Tom besloot ik mijn bank ter beschikking te stellen en beloofde zelfs dat, als hij zou helpen sjouwen, ik een matras van de zolder zou halen. Helaas had ik me mijn huisje iets groter voorgesteld dan het daadwerkelijk is toen ik dat beloofde, want dat matras konden we nergens kwijt zonder de boel te verbouwen. Gelukkig nam Tom genoegen met de bank waar hij, na het geweldige feest (waarover je meer kan lezen in het activiteitenverslag) zelfs nog vier uurtjes op heeft kunnen slapen! Prima bank dus, en een geweldig feestje. Ik kijk nu al uit naar volgend jaar!


Mr.drs.-studenten in de U-raad & F-raad

Mr.drs.-studenten in de Universiteits- en Faculteitsraad

Universiteitsraad

2012-2013 Beste In Duplo leden,

Trots mag ik jullie berichten dat ik volgend collegejaar de ESE-studenten in het algemeen en de mr.drs.-studenten in het bijzonder mag vertegenwoordigen in de Universiteitsraad. In deze turbulente tijden waarin het studeren en het studentenleven volledig op hun kop staan vanwege onder andere de invoering van nominaal is normaal, is het van groot belang dat studenten opkomen voor hun belangen. Het is dan ook zeer belangrijk om als vertegenwoordigend orgaan dicht bij het electoraat te staan en altijd vanuit de studenten en hun belangen te blijven denken. Natuurlijk heb ik zelf een aantal punten waarvoor ik wil gaan strijden in de Universiteitsraad volgend jaar, maar graag zou ik van jullie als mr.drs.studenten horen wat jullie belangrijke zaken vinden en waarvoor ik mij het komende jaar hard moet gaan maken. Ik wil hierbij dan ook een oproep doen om suggesties, zorgen, problemen en oplossingen naar mij te e-mailen, zodat ik hier vanaf september hier volop mee

46

aan de slag kan gaan. Mijn e-mailadres is: mauritsburggraaf@gmail.com. Mocht je je ideeĂŤn of standpunten graag mondeling kenbaar willen maken, mag je ook altijd een kopje koffie komen drinken op H16-20. Maurits Burggraaf


Mr.drs.-studenten in de U-raad & F-raad

Verkiezingen Faculteitsraad ESL Huidig collegejaar De Erasmus School of Law staat op het punt om veel veranderingen door te voeren in het onderwijs. Deze (mogelijke) veranderingen betreffen onder andere een verhoging van het BSA, een harde knip tussen elk jaar en meer probleem gericht onderwijs (PGO). Het gevolg zal zijn dat er een heftige intensivering zal plaatsvinden als al deze veranderingen doorgevoerd worden. Deze veranderingen moeten slechts mogelijk zijn indien er een duidelijk plan is hoe hiermee om te gaan, flexibiliteit wordt gecreĂŤerd voor uitzonderlijke gevallen en als een vorm van overgangsregeling. Als voorbeeld zullen het aantal compensatieregelingen moeten worden uitgebreid om tegemoet te komen aan de eis dat straks alle vakken in een jaar gehaald moeten worden alvorens een student verder kan gaan naar een volgend jaar. Vanuit mijn functie ben ik vanaf het begin van het jaar al op de hoogte van de plannen op zowel het niveau van de universiteit als op het niveau

van de faculteit. Gezien de grote plannen van de ESL, zou ik graag een kritische tegengeluid willen geven wat direct invloed kan hebben. Vind jij dat veranderingen in het onderwijs gepaard moeten gaan met een goed doordacht plan en juiste maatregelen? Dan kan ik je stem goed gebruiken om hiervoor te zorgen! Mathijs van Meer

47


Mr.drs.-studenten in de U-raad & F-raad

Verkiezingen Faculteitsraad ESL Collegejaar 2012-2013

Beste medestudenten, Momenteel zijn de faculteitsraadsverkiezingen in volle gang. Ik heb me aangemeld als kandidaat voor de faculteitsraad van de ESL omdat ik graag meedenk over het te vormen beleid. In het verleden ben ik actief geweest in aan medezeggenschapsraden en dit jaar wil ik me graag inzetten voor de ESL. Een faculteitsraad die voor studenten opkomt vind ik essentieel, zeker nu het beleid meer dan ooit is veranderd. Een van mijn standpunten is het verminderen van de verschoolsing van de opleiding. Ambitieuze studenten, zoals mr.drsstudenten, moeten alle ruimte blijven hebben om zichzelf te ontplooien. Daarnaast wil ik mij inzetten voor een groter aanbod van digitale colleges. Tot slot ben ik van mening dat de inschrijvingsprocedure voor tentamens geautomatiseerd kan worden. Andere ideeĂŤn kun je lezen op www.eur.nl/stem.

48

Ik hoop dat ik een duidelijk beeld van mijzelf en mijn standpunten heb geschetst. Mocht je nog vragen en/ of suggesties hebben, aarzel niet om contact op te nemen via jordivdberg@ student.eur.nl. Een stem op mij, is een stem die jouw belangen verdedigt. Jordi van den Berg


Mr.drs.-studenten in de U-raad & F-raad Dit jaar stel ik mij opnieuw verkiesbaar voor de faculteitsraad op de Erasmus school of law. Er is nog geen ‘raadsjaar’ voorbij en nu al zijn de effecten van onze actieve studentgeleding zichtbaar geworden. Wij zijn actief betrokken bij besluitvorming omtrent de onderwijsherziening en zetten ons continu in voor een optimale uitkomst voor de studenten. Daarbij richt ik me voor een belangrijk deel op de categorie mr.drs.-studenten, maar ook de andere studenten. Continuïteit is van groot belang in de Faculteitsraad. Er staan grote veranderingen klaar, waar wij ons als geleding inmiddels veel mee bezig hebben gehouden. Ik zou me graag nog een jaar inzetten voor de studenten van de faculteit om ons werk af te maken.

Het wordt talentvolle studenten niet makkelijk gemaakt studies te combineren of zich nog te ontplooien naast de studie. Mijn belangrijkste doel is ruimte te creëren voor deze studenten! Hidde-Jan Beukers

Mijn naam is Bas Woudstra en jullie kennen me waarschijnlijk al penningmeester van onze vereniging.Ik stel me kandidaat voor de faculteitsraad van de ESL voor het collegejaar 20122013. Volgend jaar loop ik als vijfdejaars mr.drs.-student al enige tijd rond op deze faculteit. Door de jaren heen heb ik een en ander zien veranderen en met de invoering van het PGO aan de ESL staan we aan de vooravond van misschien wel een van de grootste veranderingen sinds tijden. Het is belangrijk dat met deze ingrijpende verandering de stem van de student gehoord blijft worden in de raad. Er is altijd ruimte voor verbetering en door nauwe samenwerking van student en staf kunnen we constructief meedenken om het onderwijs voor iedereen beter te maken. Hierbij komt dat er bij de

voortschrijdende stroomlijning van het onderwijs rekening moet worden blijven gehouden met het individu, zoals studenten die naast de rechtenstudie een intensieve nevenactiviteit ontplooien, een extra studie volgen of andere bijzondere omstandigheden hebben. Met name hiervoor wil ik mij inzetten.

49


Artikel - Voedselspeculatie

“Gevaert is dood maar Hebbaert leeft.” Door Maartje Kouwenberg Vanaf 31 oktober 2011 telt de aarde officieel zeven miljard bewoners. Om te illustreren hoe veel dat eigenlijk is, hier in getallen: dit zijn 7.000.000.000 wereldburgers, een zeven met daarachter maar liefst negen nullen. De wereldbevolking stijgt exponentieel: moesten we tot 1806 de aarde delen met nog geen miljard anderen, de laatste decennia is er steeds een nieuwe mijlpaal in het aantal aardbewoners. In 1987 en 1999 werd er nog feest gevierd vanwege de geboorte van de vijfmiljardste en de zesmiljardste wereldburger. De Verenigde Naties zeggen echter dat de mijlpaal van zeven miljard geen reden is voor een feestje. Sterker nog, we moeten ons ernstig zorgen gaan maken over hoe we al deze mensen te eten gaan geven en gezond houden. Zo hebben de VN achterhaald dat de zevenmiljardste aardbewoner is geboren in India, een land dat bekendstaat om haar grote bevolkingsgroei en haar slechte leefomstandigheden. En hierin is deze baby niet de enige: de meeste van de wereldburgers leven immers in derdewereldlanden, waar een ware struggle for life plaatsvindt. Dit zal nog even voortduren, want de VN hebben ook berekend dat de wereldbevolking pas zal afnemen na 2050, wanneer er meer dan negen miljard mensen op de aarde leven. Hoe gaan we al deze monden voeden? Eigenlijk hebben we het hier over een niet-bestaand, of minder kort door de bocht: een goed op te lossen, probleem. Het klopt dat ongeveer een miljard mensen op aarde honger lijden, maar in principe wordt er meer dan genoeg voedsel geproduceerd om iedere wereldburger dagelijks een voedzame maaltijd voor te zetten. De mondiale voedselproductie is zo hoog, dat we zelfs in 2050, wanneer er dus meer dan negen miljard monden te voeden zijn, iedereen van eten zouden moeten kunnen voorzien. Het probleem zit hem dan ook niet in de productie van voedsel, maar in de verdeling ervan. Bijna alle mensen die dagelijks met een lege maag naar bed moeten, wonen op het zuidelijk halfrond.

50

Toch wordt juist daar veel voedsel verbouwd: erg bekend zijn vooral de talloze rijstvelden in Zuidoost-Azië. Dit voedsel moet nog wel bij hongerige mensen terechtkomen, dit gebeurt door internationale handel. Neem bijvoorbeeld een boer in Afrika. Hij heeft een klein stukje land, maar door droogte kan hij niet leven van de opbrengst ervan. De boer besluit naar de stad te trekken, in de hoop daar meer te verdienen en zo zijn gezin te onderhouden. In de stad zijn de eetgewoonten heel anders: men eet daar geen maniok, zoals de boer gewend was, maar rijst en brood. Dit moet worden geïmporteerd uit andere landen. De internationale handel wordt gedomineerd door westerlingen. Zij


Artikel - Voedselspeculatie kopen producten in een bepaalde regio, om het vervolgens elders op de wereld weer te verkopen. Omdat de Afrikaanse boer niet de enige is die graag voedsel wil, stijgen de prijzen van voedsel enorm. De handelaren kopen goedkoop voedsel in AziĂŤ, om het vervolgens duur te verkopen aan de hongerige boer in Afrika. Deze boer verdient zijn geld echter met bijvoorbeeld een baan in de katoenverwerkingsindustrie. De vraag naar katoen is sterk gedaald, doordat de rendementen van voedselhandel zo groot zijn. Hierdoor verdient de Afrikaanse boer te weinig. Doordat zijn inkomsten zijn gedaald en de prijzen van voedsel zijn gestegen, heeft hij nog steeds honger. De hierboven geschetste situatie is een,zij het in sterke mate versimpeld, voorbeeld van voedselspeculatie. Dit kan, doordat het de voedselprijzen sterk opdrijft, leiden tot nog meer honger in de wereld. In praktijk geschiedt voedselspeculatie doorgaans door middel van het aangaan van termijncontracten. Het principe hiervan is al oud. Leveranciers en afnemers spreken van tevoren prijzen af voor de producten, waardoor zij beide zijn verzekerd van een redelijke prijs wanneer er veel meer of minder wordt geoogst dan verwacht werd. In 2000 werd de

voedselhandel geliberaliseerd: iedereen mag sinds dat moment deelnemen aan de voedselhandel. Samen met de steeds sneller groeiende wereldbevolking heeft dit ervoor gezorgd dat de internationale handel in voedsel steeds aantrekkelijker is geworden voor partijen die inhoudelijk weinig met voedsel te maken hebben, maar die wel dollartekens zien. Immers, hoe groter de vraag, hoe hoger de prijs. Deze voedselspeculanten kopen voedselcontracten op momenten dat de prijs laag is en verkopen dezelfde termijncontracten wanneer de prijs gestegen is. In principe lijkt hier weinig mee mis. Het speculeren met voedsel heeft alleen wel enorme gevolgen. Doordat de speculanten telkens contracten kopen en verkopen, kunnen de prijzen van het voedsel sterk fluctueren. Hierdoor gebeurt het dat leveranciers weinig geld krijgen voor een prima oogst, zelfs wanneer er geen overschot is. Ook moeten afnemers vaak veel geld neertellen voor voedsel wanneer er geen sprake is van een kleine oogst. Voor inwoners van eerste- en tweedewereldlanden is dit vervelend, maar ook niet veel meer dan dat. Omdat wij slechts vijftien procent van ons inkomen besteden aan voedsel, brengt het stijgen van voedselprijzen voor ons weinig consequenties met

51


Artikel - Voedselspeculatie zich. De allerarmsten in de wereld spenderen echter ruim tachtig procent van hun inkomen aan voedsel. Wanneer voedselprijzen ineens sterk stijgen, is dit voor hen desastreus. Ze kunnen zich het kopen van voldoende voedsel gewoonweg niet meer veroorloven. Dit gezegd hebbende, is het misschien minder vreemd dat meerdere partijen voedselspeculatie zien als onethische en immorele zakkenvullerij. Zij willen iets doen tegen de speculatie op de voedselmarkt. Zo is in de Verenigde Staten een nieuwe wet ondertekend, die bepaald dat speculanten nog maar maximaal 2,5 procent van de hoeveelheid van een product op een bepaalde markt in zijn bezit mag hebben. Voorheen waren hiervoor geen regels. De invoering van deze regeling gaat echter niet zonder slag of stoot: verschillende betrokkenen willen de wet tegenhouden. Ook de Franse president Sarkozy vindt dat er een eind moet komen aan voedselspeculatie. De Europese Unie heeft daarom besloten het toezicht op deze markt aan te scherpen. Op deze manier kan ze in de gaten houden welke handelaren wat precies verhandelen. Critici zeggen dat dit niet genoeg is: de markttoezichthouder kan waarschijnlijk niet optreden, waardoor voedselspeculatie gewoon door zal gaan.

52

Tot slot heeft ook paus Benedictus XVI zich uitgelaten tegen voedselspeculatie: hij herinnerde de Wereldvoedselorganisatie eraan dat de mens doorgaans de oorzaak is van honger en armoede, en dat het streven naar winst niet alle handelingen rechtvaardigt. Naastenliefde moet, ook in deze tijd, deel uitmaken van ons leven en voedselspeculatie past hier niet bij. Voedselspeculatie, het klinkt als een ver-van-mijn-bed-show. Toch hebben ook wij er dagelijks, weliswaar indirect, mee te maken. We hebben ons allemaal laten verzekeren van een pensioen over een flink aantal jaren. Grote Nederlandse pensioenverzekeraars speculeren echter massaal in voedsel: in totaal gaat het om een bedrag van vijf miljard euro. Hiermee vormen de pensioenfondsen de grootste Nederlandse speler in de speculatiemarkt voor voedsel. Zij worden echter op de voet gevolgd door Nederlandse banken, die grote hoeveelheden geld steken in de veelbelovende voedselmarkt. Opvallend is dat al deze organisaties aangeven de mensenrechten, terug te vinden in de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens, van groot belang te achten. Tegelijkertijd schenden deze grote spelers de rechten die ze zo belangrijk vinden. Gezegd moet wel worden, dat in ieder geval enkele banken al hebben toegezegd met een ethisch oog een blik te werpen op hun investeringen. Een begin is er dus, laten we hopen dat meer bedrijven volgen. Alleen door samen op te treden tegen deze ‘handel in honger’, zoals het documentaireprogramma Zembla de voedselspeculatie noemt, kunnen we er een eind aan maken. Want ook in 2050 willen we dat alle wereldburgers, en dat zijn er dan negen miljard, een menswaardig bestaan leiden. Zonder honger!


Ex Duplo

EX DUPLO

Dennis van der Kamp over zijn werk bij Rembrandt Fusies & Overnames.

Op maandag 26 september kreeg ik het telefoontje dat ik aan de slag kon als consultant bij Rembrandt Fusies & Overnames en nog geen week later zat ik al op het kantoor in Rotterdam. Terugkijkend past dit goed bij de snelle ontwikkeling die ik in mijn eerste maanden bij Rembrandt heb doorgemaakt. Als consultant werk je samen met een van de projectleiders van Rembrandt aan uiteenlopende projecten, variërend van de verkoop van een familieonderneming tot een fusie tussen internationale partijen. Rembrandt richt zich met name op het MKB segment, waarbinnen wij marktleider zijn en jaarlijks meer dan 50 transacties succesvol afronden. Vanaf het eerste begin draai je als een projectmedewerker volledig mee bij projecten, ga je naar prospectgesprekken,

onderhoud je de contacten met klanten of voer je bijvoorbeeld indicatieve waardebepalingen uit. Bij Rembrandt krijg je alle ruimte om snel te groeien en veel te leren waarbij het tempo grotendeels door jezelf wordt bepaald. Natuurlijk werk je altijd nauw samen met de betrokken projectleider, maar veel van de werkzaamheden worden door de consultant uitgevoerd waarbij je al veel verantwoordelijkheid krijgt. Hierdoor is het werken bij Rembrandt vanaf dag één al een uitdaging. Dat je bij Rembrandt vanaf het begin volledig meedraait, blijkt wel uit het feit dat ik al bij 16 projecten betrokken ben, waarvan één project zeer waarschijnlijk zal leiden tot één van de grootste transacties die Rembrandt ooit gedaan heeft en waarbij we in contact zijn met grote internationale spelers. Dit geeft ook meteen de grote diversiteit van de projecten aan waarmee je in aanraking komt, of het nou een kleine dienstverlener is of een grote handelsmaatschappij, ieder project is anders waardoor geen dag hetzelfde is en dat is wat dit werk zo leuk, enerverend en interessant maakt. Hierbij ga ik bijna voorbij aan misschien wel het belangrijkste; de geweldige werksfeer bij Rembrandt. Hoewel professionaliteit natuurlijk enorm belangrijk is, is er altijd ruimte voor humor en gezelligheid. Daarnaast is Rembrandt heel betrokken bij alle medewerkers waardoor het een hele plezierige organisatie is om voor te werken waar ik me direct thuis voelde.

53


AGENDA Mei - 24 mei: Almanakborrel

Op 24 mei zal de langverwachte almanakborrel plaatsvinden. Kom dus allemaal naar Sus & Co om de almanakuitreiking bij te wonen en meteen je eigen almanak in ontvangst te nemen!

- 25 mei: Golfclinic

Op vrijdag 25 mei zal de jaarlijkse golfclinic plaatsvinden. Maak kennis met de Accountancy sector tijdens een ontspannende middag op het Golf Centrum Rottedam. Inclusief afsluitende barbeque. Schrijf je snel in op www.induplo.nl

- 29 mei: In-housedag Linklaters Eind mei zullen we met In Duplo een bezoek brengen aan het advocatenkantoor Linklaters in Amsterdam. Heb jij interesse in de internationale advocatuur? Ga dan snel naar www.induplo.nl voor meer informatie en om je in te schrijven.

Juni - 14 juni: Bestuursbekendmakingsborrel

Het lijkt misschien nog ver weg, maar binnenkort wordt alweer het veertiende bestuur van In Duplo bekend gemaakt! Zij zullen volgend collegejaar de studievereniging gaan leiden. Ben jij benieuwd wie dit worden? Op donderdag 14 juni wordt het f.t. bestuur op de borrel bekend gemaakt.

54


Link up. Vind je het een spannende uitdaging om hechte relaties op te bouwen met gerenommeerde, internationale cliënten? Wil je de grenzen van je praktijkgebied verleggen naar een breed spectrum van sectoren? Heb je het talent, inzicht én de energie om de meest complexe transacties succesvol af te ronden? Link dan met Linklaters! Wij zijn een wereldwijd, toonaangevend kantoor met advocaten, notarissen en fiscalisten. We zijn altijd op zoek naar jong toptalent. Dus als jij carrière wilt maken in een open en toegankelijke omgeving, waarin pragmatisme en vernieuwend denken centraal staan, bekijk dan onze stagemogelijkheden en vacatures op www.linklatersgraduates.nl Delicious

Flickr

Twitter

Retweet

Facebook

MySpace

StumbleUpon

Digg

Slash Dot

Mixx

Skype

Technorati


www.werkenbijpwc.nl

Soms weet je precies wat je wilt

Soms sta je open voor suggesties Je hebt tijdens je studie alle mogelijke kennis opgedaan. En nu wil je aan de slag. Op een plek waar je al je ambities kwijt kunt. Waar de lat hoog ligt en waar je samenwerkt met professionals. Je start je carrière vliegend en gaat recht op je doel af. Dat is: het beste in jezelf naar boven halen.

Kom verder op werkenbijpwc.nl

Neem voor meer informatie contact op met een recruiter: 088 792 87 77 werkenbijpwc@nl.pwc.com www.werkenbijpwc.nl/contact Volg werkenbijpwc op Facebook en Twitter

Š 2012 PricewaterhouseCoopers B.V. (KvK 3412089) Alle rechten voorbehouden.

De Duplomaat: Jaargang 13 Nummer 04.  

De Duplomaat: Jaargang 13 Nummer 04.

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you