Issuu on Google+

en havo. De methode introduceert op aansprekende wijze de tijdvakken en kenmerkende aspecten van het examenprogramma geschiedenis.

Leswijs Geschiedenis  2 vmbo-tl 2013-2014

Leswijs Geschiedenis blinkt uit door aansprekende werkvormen en een heldere en flexibele structuur. Dit maakt zelfstandig leren leuk, en daagt de leerling altijd uit op het juiste niveau. Er is veel aandacht voor verdieping en herhaling. Ook is er veel uitleg en oefenmateriaal voor de

GESCHIEDENIS

belangrijkste historische vaardigheden. Dedact educatieve uitgevers Willem Fenengastraat 2B 1096 BN Amsterdam www.dedact.nl

Dedact

GESCHIEDENIS

methode geschiedenis voor de onderbouw mavo

Leswijs Geschiedenis  |  2 vmbo-tl 2013-2014

Leswijs Geschiedenis is de complete en efficiënte

Leswijs Gschiedenis


Leswijs  Geschiedenis   |  2 vmbo-tl 2013-2014


Auteurs Sara van Doorn Marc Hannemann Patrick Hollander Ewout Klei Lineke de Jong Pim Renou Suzanne van de Ven Jan Vermeulen Eindredactie Gerard Rozing Vormgeving Guillermo Dazelle

Š 2013 Dedact Tweede druk, eerste oplage Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, geluidsband, elektronisch of op welke wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Bij de samenstelling van deze uitgave hebben de makers getracht alle rechthebbenden te achterhalen. Diegenen die desondanks menen rechten te kunnen doen gelden, worden verzocht contact met de uitgever op te nemen.


Inhoudsopgave 1.1

Introductie 6

Tijdvak 1 Tijd van jagers en boeren 9 1.1

De eerste mensen 11

1.2

Jagers en verzamelaars 25

1.3

De eerste landbouwers 37

1.4

Het Egyptische Rijk 49

1.5

De farao’s van Egypte 63

Tijdvak 2 Tijd van de Grieken en Romeinen 77 2.1

Stadstaten in het oude Griekenland 79

2.2

De cultuur van het oude Griekenland 93

2.3

Het Romeinse Rijk 105

2.4

De Romeinse cultuur 119

2.5

De opkomst van het christendom 135

2.6

Het einde van het Romeinse Rijk 153

Tijdvak 6 Tijd van regenten en vorsten 171 6.1

Bestuur in Europa en in Nederland 173

6.2

Op weg naar oost en west 189

6.3

Amsterdam in de Gouden Eeuw 207

6.4

Arm en rijk in de Gouden Eeuw 225

6.5

Kunst 245

6.6

Knappe koppen 267

Tijdvak 7 Tijd van pruiken en revoluties 285 7.1

De pruikentijd 287

7.2

Onrust in Frankrijk 303

7.3

De Franse Revolutie 327

7.4

De Fransen in Nederland 349

7.5

De Amerikaanse Revolutie 371

7.6

De slavernij 387


Leswijs Geschiedenis Introductie

Waarom bestuderen we de geschiedenis?

De structuur van het boek Leswijs Geschiedenis is ingedeeld volgens de tien tijdvakken die bij het

De geschiedenis is het verhaal van de mensheid.

vak geschiedenis gebruikt worden.

Vanaf de eerste jagers die over de vlaktes trokken,

Ieder hoofdstuk behandelt een

tot aan de grote oorlogen en revoluties in onze tijd.

tijdvak en beslaat een periode uit de

Wie de geschiedenis kent, weet als mens iets over

geschiedenis. Een hoofdstuk bestaat

de belevenissen van zijn vele voorgangers.

uit een aantal paragrafen.

De geschiedenis kleurt het heden. Mensen hebben meningen en ideeĂŤn over de wereld en elkaar op basis van hun afkomst en wat ze hebben meegemaakt. De geschiedenis van een volk heeft grote invloed op wat het belangrijk vindt en welke regels er zijn. We kunnen het nu beter begrijpen door een goed inzicht in de geschiedenis: ff

We kunnen verschijnselen uit onze tijd beter verklaren. Veel gebeurtenissen zijn nauwelijks te begrijpen zonder een begrip van de geschiedenis.

ff

Door vergelijkingen in de tijd kunnen we nieuwe inzichten krijgen, bijvoorbeeld over slavernij of democratie.

ff

Sommige dingen worden klakkeloos als traditie aanvaard. Geschiedenis maakt duidelijk waar tradities vandaan komen. We kunnen daarom beter besluiten of we de traditie in stand willen houden.

ff

Het bestuderen van de geschiedenis maakt duidelijk hoeveel moeite het kost om veranderingen voor elkaar te krijgen, bijvoorbeeld bij revoluties.

ff

Door de geschiedenis te bestuderen kom je mensen tegen die de problemen in het leven op allerlei verschillende manieren hebben opgelost. Zoals het besturen van een staat, het organiseren van de productie en handel, en voorstellingen omtrent kunst en geloof.

6

Elke paragraaf bestaat uit vier delen: deel A tot en met deel D.


Op de linkerpagina vind je de introductietekst

Vanaf de rechterpagina vind je de

en de leertekst.

bijbehorende opdrachten.

1

2 3

1 De naam van het tijdvak,

In de genummerde ‘bronnen’

2 de paragraaf en

vind je extra informatie bij de

3 het onderdeel waaraan je werkt zie je

leerstof, die je nodig hebt bij het

boven aan de pagina.

beantwoorden van een vraag.

Bij vragen waarbij je een van de historische vaardigheden oefent, zie je dit icoontje staan. Bij vragen waar je een creatieve opdracht gaat doen, zie je dit leswijs.learnbeat.nl

icoontje staan.

De bijbehorende digitale leeromgeving (leswijs.

Bij vragen waar je het internet

learnbeat.nl) bevat alle uitleg en opdrachten uit

nodig hebt, bijvoorbeeld om

het boek. Daarnaast vind je er de zelftoetsen. Je

informatie te zoeken of een filmpje

krijgt een gebruikersnaam en wachtwoord van je

te bekijken, zie je een icoontje van

docent.

een wereldbol.

7


Tijdvak 6 Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland 6.2 Op weg naar oost en west 6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw 6.5 Kunst 6.6 Knappe koppen

T IJD VA N

REGENTEN EN VORSTEN T IJDVA K 6

Leswijs Geschiedenis


Leerplan

Wat ga ik doen?

A De koning heeft de macht B Bestuur in Nederland

C Een mooi baantje

D Hoe wordt Nederland tegenwoordig bestuurd?

Hoe ga ik dit doen?

  Leertekst

  Digitaal 

  Boek

  Opdrachten

  Digitaal 

  Boek

  Leertekst

  Digitaal 

  Boek

  Opdrachten

  Digitaal 

  Boek

  Leertekst

  Digitaal 

  Boek

  Opdrachten

  Digitaal 

  Boek

  Leertekst

  Digitaal 

  Boek

  Opdrachten

  Digitaal 

  Boek

Is het afgerond?

13 mei 1619 Johan van Oldenbarnevelt onthoofd

Tijdbalk

1619 Machtsstrijd stadhouders en rijkspensionarissen

17 e eeuw Absolutisme in Frankrijk

1600-1700 De Gouden Eeuw

1588-1794 De Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden

tussen 1609-1621 Vredesbestand in Tachtigjarige Oorlog

1568-1648 Tachtigjarige Oorlog (met tussen 1609-1621 vredesbestand)

1540

1560

1580

1600

1620

1640

1660

1680

1700

1720

1740

1760

1780

1800

1820


Tijdvak 6 Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland 6.2 Op weg naar oost en west 6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw 6.5 Kunst 6.6 Knappe koppen

Paragraaf 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland De tijd van regenten en vorsten noemen we ook wel de Gouden Eeuw. Deze periode begon in 1600 en eindigde in 1700. In deze eeuw werd de VOC opgericht en was er een wapenstilstand van twaalf jaar in de Tachtigjarige Oorlog met Spanje. Dat zorgde ervoor dat Nederland rijk kon worden, door de handel. In heel Europa heersten vorsten met

Leerdoelen Na het bestuderen van deze paragraaf kun je: 1 aangeven welke vorm van bestuur er in Europa was; 2 omschrijven wat absolutisme is; 3 uitleggen hoe de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden werd bestuurd; 4 omschrijven welke bijzondere positie de Republiek innam in Europa; 5 aangeven wat de machtsstrijd tussen de raadspensionaris en de stadhouder inhield; 6 omschrijven hoe Nederland nu bestuurd wordt.

absolute macht, behalve in Nederland. Nederland was een republiek. De regenten van de zeven gewesten namen gezamenlijk besluiten in de StatenGeneraal. Maar de stadhouder en de rijkspensionaris hadden ook veel invloed. Onderling hadden zij vaak ruzie.

Leswijs Geschiedenis


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten  6.1 Bestuur in Europa en in Nederland   6.2 Op weg naar oost en west  6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

A De koning heeft de macht Lodewijk XIV (Lodewijk de veertiende)

de macht had gegeven om op aarde te

Versailles bouwen. Zijn bijnaam was de

is misschien wel de bekendste koning

heersen. Hij hield van dure kleding, luxe

Zonnekoning: zoals de zon het middel-

die Frankrijk ooit heeft gehad. Lodewijk

paleizen en uitbundige feesten. Vlakbij

punt van het heelal is, was Lodewijk

XIV geloofde dat God hem persoonlijk

Parijs liet hij het beroemde paleis van

XIV het middelpunt van Frankrijk.

Behalve liefhebber van pracht en praal was de Franse

Op het paleis ontving de koning jaarlijks duizenden

koning ook de machtigste man van Frankrijk. Hij bestuurde

bezoekers. Een verblijf aan het hof gaf veel aanzien. Hoe

zijn land en zorgde voor een groot en sterk leger. Ook in de

dichter je bij de koning mocht komen, hoe belangrijker

rest van Europa hadden koningen onbeperkte macht. Zij

je was. Zo was het een heel grote eer als je ’s ochtends

bepaalden alles wat er in het land gebeurde. De bevolking

aanwezig mocht zijn als de koning wakker werd. Sommige

had geen inspraak. We noemen dit absolutisme: een

edelen mochten zelfs een kledingstuk aangeven aan de

regeringsvorm waarbij de koning alle macht heeft en aan

koning, dat was helemaal bijzonder. De adel probeerde een

niemand hoeft uit te leggen wat hij doet, behalve aan God.

goede indruk te maken op de koning, zodat zij konden

De macht van de koning was erfelijk: de oudste zoon werd

blijven profiteren van zijn macht.

zijn troonopvolger. In de 17 e eeuw werden er veel oorlogen gevoerd. Koningen De koning kreeg bij het besturen van zijn land hulp van de

probeerden hun land nog groter te maken. Want een groter

adel. De edelen waren mensen uit rijke families die grote

land betekende meer macht en aanzien. Frankrijk had het

stukken grond bezaten. Om te voorkomen dat de adel in

grootste leger van Europa. Daarmee probeerden de Fransen

opstand zou komen, bezorgde Lodewijk XIV de adel goede

delen van Duitsland en Nederland te veroveren. Om al die

baantjes en extra rechten. De adel hoefde bijvoorbeeld geen

oorlogen te kunnen bekostigen moest de bevolking steeds

belasting te betalen. Ook werden edellieden regelmatig

meer belasting betalen.

uitgenodigd op het paleis van Versailles. De koning zorgde er zo ook voor dat hij de adel dicht in zijn buurt hield. bron 1 : Lodewijk XIV

Versailles: het paleis van Lodewijk XIV

174


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw        6.5 Kunst        6.6 Knappe koppen

1

Lees de introductietekst en bekijk bron 1. De koning in het Frankrijk van de

1a

17 e

3

17 e eeuw?

eeuw was een machtig man.

Waaraan zie je dat de koning een machtig man is? Noem minimaal drie voorbeelden uit het schilderij.

Welke bewering gaat NIET over Frankrijk in de

A

De koning bepaalt alles.

B

Het leger van Frankrijk is het grootste leger van Europa.

1 C

De koning verspilt veel geld aan oorlog, feesten en jagen.

D 2

De koning moet zich aan de grondwet houden.

4

Welke begrippen horen bij elkaar? Verbind de begrippen uit het tweede rijtje met de juiste begrippen uit het eerste rijtje.

3

1b

1

rijke families met veel grond

A Lodewijk XIV

2

Versailles

B pracht en praal

3

Zonnekoning

C adel

 e

Waarom was het in de 17 eeuw belangrijk dat er veel portretten en standbeelden van de koning in het land waren?

5

In deze vraag oefen je met de vaardigheid van het leggen van verbanden. In de 17 e eeuw bestond er in Frankrijk een verband tussen belasting betalen en oorlogvoeren.

5a

Leg uit wat belasting betalen en oorlogvoeren met elkaar te maken hadden. Gebruik beide termen in je antwoord.

2

Lees de leertekst. Er staat dat Frankrijk in de 17 e eeuw werd bestuurd volgens het absolutisme.

2a

Wat betekent dit?

5b

Leg uit wat oorlog voeren en macht in de 17 e eeuw in Frankrijk met elkaar te maken hadden. Gebruik beide termen in je antwoord.

2b

Noem twee andere manieren om een land te besturen. 1 2

175


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten  6.1 Bestuur in Europa en in Nederland   6.2 Op weg naar oost en west  6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

B Bestuur in Nederland In de 17 e eeuw ging het goed met

Maar de mensen die in die tijd leefden,

Nederland. Er werd veel geld verdiend.

noemden het zelf niet zo. De naam

Nederland was zelfs een van de rijkste

werd pas eeuwen later bedacht, toen de

landen ter wereld. Daarom wordt de 17 e eeuw (1600-1700) ook wel de Gouden

Nederlanders terugkeken op hun rijke verleden.

Eeuw genoemd.

Munt uit Bronckhorst

In de 17 e eeuw heette Nederland de Republiek der Zeven

Toch waren er ook zaken die door alle gewesten samen

Verenigde Nederlanden. Het land bestond uit zeven

besproken werden. Bijvoorbeeld als er oorlog dreigde met

provincies, die gewesten werden genoemd. Ieder gewest

Frankrijk. Dan werkten de gewesten samen en namen ze

had een eigen bestuur en samen vormden ze de zeven

met elkaar besluiten. Besluiten over de VOC werden ook

gewesten van de Republiek.

vaak met meerdere gewesten samen genomen. Elk gewest stuurde dan vertegenwoordigers naar Den Haag. Daar

Een republiek is een bestuursvorm van een land, waarbij

werden besluiten genomen die voor het hele land golden.

de macht niet erfelijk is. Dat betekent dat de macht niet van

De vergadering waarin de zeven gewesten samenkwamen,

vader op zoon wordt doorgegeven. Nederland had in de

noemen we de Staten-Generaal.

17 e eeuw geen koning. De andere landen in Europa, zoals Frankrijk, vonden dat maar vreemd. Want overal in Europa

De gewesten die bij de Republiek hoorden waren: Friesland,

had één persoon de macht in handen, behalve in Neder-

Gelderland, Holland, Overijssel, Groningen, Utrecht en

land. Daar bestuurde een kleine groep mensen het land.

Zeeland. Ook Drenthe hoorde bij de Republiek, maar dit gewest mocht geen regenten naar de Staten-Generaal

Kleine groepen burgers bestuurden de steden in de

sturen. De andere gewesten vonden dat Drenthe daarvoor

Republiek. Deze burgers, de regenten, waren rijke mensen

te weinig inwoners had en te arm was. Drenthe betaalde

die hun geld hadden verdiend met handel of een eigen

maar 1% van alle belastingen in de Republiek.

bedrijf. Er was nog geen democratie. Veel regenten hadden hun macht gekregen doordat hun vrienden ook regent waren. We noemen dit vriendjespolitiek. Ieder gewest had een eigen bestuur en bepaalde zijn eigen regels, bijvoorbeeld regels over de hoogte van de belasting die de inwoners moesten betalen. Ook de rechtspraak werd door ieder gewest zelf geregeld. Het bestuur van een gewest heette de Staten.

176

bron 2 : Elk gewest stuurde vertegenwoordigers naar

Den Haag (Emanuel de Witte, 1653)


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw        6.5 Kunst        6.6 Knappe koppen

1

Lees de introductietekst en de leertekst en bekijk bron

2

2. Er staat dat de 17 e eeuw in Nederland de ‘Gouden Eeuw’ wordt genoemd. 1a

Lees de leertekst. Nederland heette in de 17 e eeuw de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden.

2a

Wat is een republiek?

2b

Wat wordt er bedoeld met ‘zeven verenigde

Waarom noemen we de 17 e eeuw de Gouden Eeuw?

Nederlanden’?

1b

Als je een naam moest bedenken voor de 21e eeuw, de eeuw waarin jij leeft, hoe zou jij die dan noemen?

Grote Vergadering van de Staten-Generaal in de Ridderzaal in Den Haag (Anoniem 1651).

Vervolg

 177


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten  6.1 Bestuur in Europa en in Nederland   6.2 Op weg naar oost en west  6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

3

bron 3 : Kaart van het huidige Nederland

Bekijk bron 3, een kaart van het huidige Nederland. Welke provincies behoorden tot de Republiek?

3a

Kleur op de huidige kaart van Nederland de provincies in die hoorden bij De ‘Republiek’.

3b

Vergelijk bron 3, de huidige kaart van Nederland met bron 4, de kaart van Nederland van de 17 e eeuw. Noem ten minste twee verschillen. 1 2 bron 4 : Kaart van Nederland in de 17 e eeuw

4

In de leertekst lees je over de Staten en de StatenGeneraal. Wat is het verschil? Tip: om deze vraag te beantwoorden, kun je het beste eerst beide woorden uitleggen. Vul daartoe de ontbrekende tekst in. De Staten zijn

In de Staten-Generaal . Dus .

178

5

In de leertekst lees je over regenten.

5a

Wat zijn regenten?

5b

Over welke twee zaken namen de Staten-Generaal

5c

Noem twee onderwerpen waarover de gewesten zelf

beslissingen?

mochten beslissen.

1

1

2

2


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw        6.5 Kunst        6.6 Knappe koppen

Ruimte om te schrijven

179


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten  6.1 Bestuur in Europa en in Nederland   6.2 Op weg naar oost en west  6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

C Een mooi baantje Op 13 mei 1619 beklom een man van

De oude man riep tegen het publiek:

Het volgende moment suisde het

72 jaar het schavot dat voor de Ridder-

‘Mannen, geloof niet dat ik een land-

zwaard naar beneden en werd de man

zaal in Den Haag stond. De beul stond

verrader ben, ik heb eerlijk gehandeld.’

onthoofd. Zo kwam aan hij zijn eind:

klaar met zijn zwaard. Het volk was

Daarna fluisterde hij tegen de beul:

Johan van Oldenbarnevelt, raadspensi-

massaal toegestroomd voor deze groot-

‘Maak het kort, maak het kort.’

onaris van het gewest Holland.

se gebeurtenis.

Ook al had elk gewest van de Republiek een eigen bestuur,

De Republiek was sinds 1568 in oorlog met Spanje. In 1619

toch was er een hevige strijd om de macht in de Republiek.

wilde stadhouder Maurits doorgaan met oorlogvoeren

De machtigste man in de Staten-Generaal was de

tegen Spanje. Volgens Maurits waren de Spanjaarden

raadspensionaris van het gewest Holland. Omdat Holland

verzwakt en had Nederland kans om de oorlog te winnen.

het belangrijkste gewest was van de Republiek, had de

Maurits was de zoon van Willem van Oranje, die de opstand

raadspensionaris veel invloed in de vergadering van de

tegen de Spanjaarden had geleid.

Staten-Generaal. Je kunt de rol van de raadspensionaris

De raadspensionaris in die tijd, Johan van Oldenbarnevelt,

een beetje vergelijken met de rol van de minister-president

wilde dat er een langere wapenstilstand kwam. Hij vond

in onze tijd, de leider van de Nederlandse regering.

dat de oorlog te veel geld kostte en dat het de handel

Maar er was nog een persoon die veel macht had in het

verstoorde. Bij de ruzie tussen Van Oldenbarnevelt

bestuur van de Republiek: de stadhouder, de leider van het

en Maurits werden steeds meer zaken betrokken,

leger. Elk gewest koos zijn eigen stadhouder, maar in de

zoals godsdienst en de vraag wie de macht had in het

praktijk hadden de meeste gewesten dezelfde legerleider.

land. Uiteindelijk won stadhouder Maurits; hij liet Van

Dit was meestal iemand uit de adellijke familie Van Oranje.

Oldenbarnevelt veroordelen wegens landverraad.

Omdat de stadhouder de leider was van de legers van bijna alle gewesten, had hij veel macht. Soms gedroeg de

Na Van Oldenbarnevelt kwam er een nieuwe

stadhouder zich daarom als een koning.

raadspensionaris. De strijd tussen de raadspensionaris

De raadspensionaris was niet blij met de macht van

en de stadhouder bleef de hele 17 e eeuw doorgaan. Dan

de stadhouder. Bovendien hadden de stadhouder en

weer had de raadspensionaris meer macht, dan weer de

raadspensionaris regelmatig ruzie over beslissingen van de

stadhouder.

Staten-Generaal, bijvoorbeeld over oorlogsvoering.

bron 5 : Beeld van Johan van Oldenbarnevelt op het

Binnenhof in Den Haag

Stadhouder (en legerleider) Prins Maurits

180


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw        6.5 Kunst        6.6 Knappe koppen

1

Lees de introductietekst en bekijk bron 5. Dit

Nederland was in de 17 e eeuw in oorlog met Spanje.

standbeeld van Johan van Oldenbarnevelt werd in

Van Oldenbarnevelt wilde een wapenstilstand,

1954 in Den Haag neergezet. Van Oldenbarnevelt

stadhouder Maurits wilde juist verdergaan met de

kijkt naar het Binnenhof, de plek in Den Haag waar hij

oorlog tegen de Spanjaarden.

onthoofd werd. 1a

3

3a

Wat was de aanklacht tegen Van Oldenbarnevelt toen

Waarom was Van Oldenbarnevelt voor een wapenstilstand met de Spanjaarden? Noem twee redenen.

hij werd veroordeeld tot de doodstraf? 1 2 1b

Toen Van Oldenbarnevelt werd onthoofd, kwamen er veel mensen naar het Binnenhof om te kijken. Waarom

3b

tegen de Spanjaarden?

deden ze dat, denk je?

1c

Waarom wilde Maurits verdergaan met de oorlog

Denk je dat de mensen in 1954 (toen het beeld gemaakt werd) anders dachten over Van

4

Deze vraag gaat over de stadhouder en de

Oldenbarnevelt dan de mensen in 1619 (toen hij werd

raadspensionaris. Plaats de begrippen, namen en

onthoofd)? Kies het juiste antwoord en maak de zin af.

standpunten in de juiste kolom. Kies uit: voor oorlog met Spanje – politiek leider – familie Van Oranje

Ja / Nee, want

– gewest Holland – tegen oorlog met Spanje – legerleider Maurits – Johan van Oldenbarnevelt. Raadspensionaris

2

Stadhouder

Lees de leertekst. Er staat: ‘Ook al had elk gewest van de Republiek een eigen bestuur, toch was er een hevige strijd om de macht in de Republiek.’

2a

Nederland was in de 17 e eeuw een republiek. Noem een voordeel van deze vorm van bestuur.

5

In deze vraag oefen je met de vaardigheid van het herkennen van feiten en meningen. Een feit is een gebeurtenis die echt gebeurd is. Bij een mening gaat het om wat iemand vindt van bijvoorbeeld een

2b

gebeurtenis. Dat is dus persoonlijk en het geldt niet

Noem een nadeel van deze vorm van bestuur.

voor iedereen. Geef bij de volgende beweringen aan of het gaat om een feit (F) of een mening (M). [F] [M] 1

De republiek is de beste staatsvorm.

2 Van Oldenbarnevelt is ter dood veroordeeld. 2c

Noem een voordeel van de vorm van bestuur waar een koning de macht heeft.

3 De doodstraf moet worden afgeschaft. 4 De stadhouder kwam vaak uit de familie Van Oranje. 5 Bij de onthoofding van Johan van Oldenbarnevelt was publiek aanwezig.

181


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten  6.1 Bestuur in Europa en in Nederland   6.2 Op weg naar oost en west  6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

wordt Nederland D Hoe tegenwoordig bestuurd? ‘Leden van de Staten-Generaal,

Deze woorden sprak Beatrix, toen nog de koningin van Nederland, tijdens de

Willen wij het economisch herstel van

troonrede van 2010.

Nederland goed vorm kunnen geven,

Er is veel veranderd in Nederland sinds

dan is een stabiel bestuur gewenst.

de 17 e eeuw. Er is nu wel een koning,

Sinds de Tweede Kamerverkiezingen

maar de bevolking heeft door middel

van 9 juni wordt er hard gewerkt aan de

van verkiezingen meer inspraak in het

vorming van een nieuw kabinet.’

bestuur van Nederland.

(Toen nog) koningin Beatrix leest in 2010 de troonrede voor

Tegenwoordig is Nederland een monarchie, een bestuursvorm met een koning of koningin aan het hoofd, én een democratie, een land met een door het volk gekozen bestuur. Maar natuurlijk kan niet iedere Nederlander telkens weer meebeslissen over elke nieuwe wet. Dat zou veel te veel tijd kosten. Daarom mag iedere Nederlander van 18 jaar en ouder tijdens verkiezingen stemmen op iemand die hem vertegenwoordigt, een volksvertegenwoordiger. Dit zijn mensen die in de Tweede Kamer willen komen. De 150 leden van de Tweede Kamer vertegenwoordigen de Nederlanders

bron 6 : Hoe komt een wet tot stand?

1 Er is een probleem in Nederland. Bijvoorbeeld: er gebeuren veel ongelukken waarbij fietsers ernstig gewond raken. 2 De minister heeft een idee: alle fietsers

die mogen stemmen. De Tweede Kamerleden horen bij een

moeten voortaan een helm dragen. De

politieke partij. Bij de verkiezingen kun je op de partij stemmen

minister laat zijn ambtenaren hierover een

die het beste bij jouw eigen ideeën past. Hoe meer stemmen

wetsvoorstel schrijven. Nadat de minister

een partij krijgt, hoe meer mensen er voor die partij in de

het wetsvoorstel met andere ministers heeft

Tweede Kamer komen. In totaal zijn er 150 plaatsen in de

besproken, gaat het wetsvoorstel naar de

Tweede Kamer.

leden van de Tweede Kamer.

Nieuwe wetten worden meestal bedacht door de minister. De minister moet er ook voor zorgen dat een wet goed wordt uitgevoerd. Maar hij mag wetten niet zomaar invoeren. De wetten moeten eerst worden goedgekeurd door de Tweede en Eerste Kamer. Ook controleren de Kamerleden van de Tweede en Eerste Kamer of de ministers hun werk wel goed doen. De Tweede en Eerste Kamer noemen we samen de StatenGeneraal.

3 De Tweede Kamer gaat praten over dit wetsvoorstel. Ze kunnen vóór het voorstel stemmen, ze kunnen tegen het voorstel stemmen, maar ze mogen het voorstel ook aanpassen. Bijvoorbeeld: de Tweede Kamer vindt dat de helmen alleen verplicht moeten zijn buiten de bebouwde kom. 4 Als de Tweede Kamer het voorstel heeft goedgekeurd, dan gaat de Eerste Kamer over het plan vergaderen. De leden van de Eerste

De Tweede Kamer

Kamer mogen het voorstel alleen maar goedkeuren of afkeuren. Ze mogen niets veranderen. 5 Als de Tweede én de Eerste Kamer het voorstel hebben goedgekeurd, dan zet de koning zijn handtekening onder het wetsvoorstel. Vanaf dat moment kan de wet worden uitgevoerd.

182


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw        6.5 Kunst        6.6 Knappe koppen

1

4

Lees de introductietekst en de leertekst. De Staten-Generaal bestaat al sinds de

17 e

ministers en de minister-president. Samen met de

eeuw. Ook

koning vormen zij de regering van Nederland. Er

in onze tijd bestaat de Staten-Generaal nog altijd. 1a

is bijvoorbeeld een minister van Onderwijs en een

Wat is de Staten-Generaal in onze tijd?

minister van Defensie. 4a

1b

Lees bron 6. Nederland wordt bestuurd door

Wat was de Staten-Generaal in de 17 e eeuw?

Noem nog twee ministeries. 1

2

2

Koppel de begrippen aan de juiste omschrijving. Noteer bij de letter van het begrip het cijfer van de juiste omschrijving, Begrippen Omschrijving

1

democratie

4b

Wat is de taak van een minister?

4c

Wie heeft er meer macht, een minister of de leden van

A De koning heeft alle macht.

2

constitutionele monarchie

3

republiek

B Een vorm van bestuur

de Tweede Kamer? Leg je antwoord uit.

zonder een koning.

C De koning moet zich aan de grondwet houden.

4

absolute monarchie

D Het volk heeft de macht.

5

Nederland heeft een koning, maar de koning heeft niet veel macht. Toch heeft koning Willem-Alexander

3

Nederlanders mogen niet zelf meestemmen over wetten. Toch is Nederland een democratie. Leg uit waarom in Nederland het volk toch de macht heeft.

vaak een drukke werkweek. Wat voor werkzaamheden heeft Willem Alexander? Noem ten minste twee voorbeelden. 1

2

183


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten  6.1 Bestuur in Europa en in Nederland   6.2 Op weg naar oost en west  6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

Kernbegrippen absolutisme

bestuursvorm bestuur waarbij de vorst alle beslissing neemt. Hij hoeft zich niet aan wetten te houden en aan niemand uit te leggen waarom hij iets doet

constitutionele monarchie

regeringsvorm waarbij de koning zich moet houden aan de grondwet

democratie

bestuursvorm waarin het volk de macht heeft (het volk kiest het bestuur)

Eerste Kamer

groep volksvertegenwoordigers die al of niet goedkeuring aan wetsontwerpen die in de Tweede Kamer al zijn aangenomen. De Eerste Kamer kijkt vooral of de wet wel goed in elkaar zit

gewest

voorloper van de provincie, in de 17 e eeuw

minister

persoon die deelneemt aan de regering van een land

monarchie

bestuursvorm met een koning of koningin aan het hoofd

raadspensionaris

hoogste bestuurder van het gewest Holland, het grootste gewest. De raadspensionaris was daarom een van de machtigste mensen in de Staten-Generaal

republiek

bestuursvorm waarbij de macht niet erfelijk is, maar waarbij de bestuurders gekozen worden

Republiek (der Zeven Verenigde Nederlanden)

De Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden ontstond in 1588, tijdens de Tachtigjarige Oorlog, in wat nu Nederland is. werd in de 17 e eeuw rijk door te handelen met landen over de hele wereld

regent

bestuurder van Nederlandse stad in de 17 e eeuw, meestal een rijke burger

stadhouder

leider van het leger van een gewest. Elk gewest koos zijn eigen stadhouder, maar de meeste gewesten kozen dezelfde legerleider, waardoor deze zeer machtig was

Staten

bestuur van een gewest

Staten-Generaal

gezamenlijke vergadering. In de 17 e eeuw: gezamenlijke bestuur van alle (zeven) gewesten van de Republiek over het landsbelang. Tegenwoordig: de Tweede en Eerste Kamer samen.

Tweede Kamer

groep volksvertegenwoordigers (150 in het totaal) die de regering controleren en meepraten over de wetten die de ministers bedenken

volksvertegenwoordiger

iemand die het volk vertegenwoordigt

vriendjespolitiek

fenomeen dat vrienden of familieleden worden voorgetrokken door mensen met gezag

184


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw        6.5 Kunst        6.6 Knappe koppen

Ruimte om te schrijven

185


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten  6.1 Bestuur in Europa en in Nederland   6.2 Op weg naar oost en west  6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

Zelftoets 6.1

4

Nederlanden bestuurd in de 17 e eeuw?

Bestuur in Europa en in Nederland

1

Welke bewering over koning Lodewijk XIV van Frankrijk is ONJUIST?

A

Lodewijk XIV dacht dat hij zijn macht van God had gekregen.

B

Lodewijk XIV hield veel van dure feesten en mooie paleizen.

C

Lodewijk XIV zorgde ervoor dat de armen in

Door wie werd De Republiek der Zeven Verenigde

A

de koning

B

alle burgers

C

de regenten

D

de kooplieden

5

Wat is de Staten-Generaal in de 17 eeuw?

A

de belangrijkste generaal van het leger

B

de vergadering van de zeven gewesten

 e

C

de broer van de koning

D

de vergadering van alle regenten

6

Lees de volgende zinnen en kies telkens het juiste

zijn land goed werden verzorgd. D

Lodewijk XIV voerde veel oorlog.

2

Lees de volgende beweringen over Frankrijk in de 17 e

woord. Nederland bestond in de 17 e eeuw uit zeven provincies,

eeuw. Geef aan of de bewering juist (J) of onjuist (O) is. ook wel  gewesten  / regenten genoemd. [J] [O] Iedere provincie werd bestuurd door d   e Staten  / de 1 Lodewijk XIV werd de Zonnekoning genoemd, omdat hij er altijd zo stralend

koning.

uitzag in zijn luxe kleding.

In de Staten zaten r  egenten  / generaals.

2 De adel hielp de koning bij het besturen

Omdat de macht niet erfelijk was, noemden we

van het land.

Nederland in de 17 e eeuw een monarchie /  republiek .

3 De adel betaalde belasting zodat het leger geld kreeg om zich te versterken.

7

Wat is een stadhouder?

4 De bevolking had geen inspraak in het

A

de burgemeester

B

de legerleider

bestuur van het land.

3

Lodewijk XIV was een ‘absoluut koning’. Wat betekent dit?

A B

Hij was een koning die nooit twijfelde. Hij had als koning alle macht.

C

Hij was een slechte koning.

D

Hij gaf het volk inspraak in het bestuur van zijn land.

186

C

de machtigste man van de Staten-Generaal

D

de adviseur van de raadspensionaris


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw        6.5 Kunst        6.6 Knappe koppen

8

Wat is een raadspensionaris?

A

de burgemeester

B

de legerleider

C

de machtigste man van de Staten-Generaal

D

de adviseur van stadhouder

9

Waarom werd Johan van Oldenbarnevelt door Prins Maurits veroordeeld tot de doodstraf?

A

Van Oldenbarnevelt wilde een staatsgreep plegen.

B

Van Oldenbarnevelt vond vrede en handel

11

De volgende beweringen gaan over het huidige bestuur van Nederland. Geef van elke bewering aan of deze juist (J) of onjuist (O) is. [J] [O]

1 Het hele volk beslist mee over wetten. 2 Het volk heeft niets te vertellen. 3 Het volk kiest de leden van de Tweede Kamer. 4 Het volk kiest de leden van de regering.

12

De volgende beweringen gaan over het bestuur van Nederland. Geef aan of ze juist (J) of onjuist (O) zijn. [J] [O]

belangrijker, terwijl Prins Maurits oorlogvoeren belangrijker vond. C

Van Oldenbarnevelt had als minister van Financiën verkeerde beslissingen genomen.

D

Van Oldenbarnevelt had in het geheim onderhandelingen gevoerd met de Spanjaarden.

10 Wat is een democratie? A

Een bestuursvorm waar het volk de macht heeft

B

Een bestuursvorm waar een koning de macht heeft

C

1 De koning is het staatshoofd van Nederland. 2 Je mag in Nederland stemmen vanaf 16 jaar. 3 We kiezen in Nederland de ministerpresident. 4 De koning bepaalt welke wetten er worden ingevoerd. 5 De Tweede Kamer en de Eerste Kamer moeten wetten goedkeuren voordat ze ingevoerd worden.

Een bestuursvorm waar een koning en het volk de macht hebben

D

Een bestuursvorm waar alleen de rijke mensen de macht hebben

187


Leerplan

Wat ga ik doen?

A De VOC

B Peperduur! Specerijen C Varen op een VOCschip D De WIC en slavenhandel

Hoe ga ik dit doen?

  Leertekst

  Digitaal 

  Boek

  Opdrachten

  Digitaal 

  Boek

  Leertekst

  Digitaal 

  Boek

  Opdrachten

  Digitaal 

  Boek

  Leertekst

  Digitaal 

  Boek

  Opdrachten

  Digitaal 

  Boek

  Leertekst

  Digitaal 

  Boek

  Opdrachten

  Digitaal 

  Boek

Is het afgerond?

Tijdbalk 1650 Nederland bezit ongeveer

2 april 1595

16.000 handelsschepen,

Vier Hollandse schepen vertrekken om

het land is welvarend

de zeeweg naar Oost-Azië te vinden

1597

1628

drie van de vier schepen keren

Admiraal Piet Heyn verovert

terug, de zeeweg is gevonden

de Spaanse zilvervloot

1602

1621

oprichting Verenigde Oost-

oprichting West-Indische

Indische Compagnie (VOC)

Compagnie (WIC)

1609

1622

Jan Pieterszoon Coen bouwt het fort Batavia op Java

bevolking

1642-1644

Banda-eilanden

Abel Tasman ontdekt

weggevoerd

Tasmanië, Nieuw-Zeeland en Tongatapu

1590

1595

1600

1605

1610

1615

1620

1625

1630

1635

1640

1645

1650

1655

1660


Tijdvak 6 Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland 6.2 Op weg naar oost en west 6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw 6.5 Kunst 6.6 Knappe koppen

Paragraaf 6.2 Op weg naar oost en west

Leerdoelen Na het bestuderen van deze paragraaf kun je:

Na de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC) in 1602 werd in 1621 de West-Indische Compagnie (WIC) opgericht. In beide organisaties werkten kooplieden samen. Ze lieten schepen bouwen en gingen over de hele wereld handelen. De VOC en WIC werden beroemd en berucht. Beroemd vanwege hun grote succes, de welvaart die ze Nederland brachten door de handel van onder andere specerijen. Maar ook berucht,

1

omschrijven wat de VOC is;

2 uitleggen waarom de VOC werd opgericht; 3 uitleggen wat specerijen zijn; 4 aangeven waar de VOC de specerijen vandaan haalde; 5 uitleggen waarom de VOC in specerijen handelde; 6 omschrijven hoe de tocht vanuit Nederland naar Indië verliep; 7 omschrijven hoe het leven was op een VOCschip;

omdat ze heel veel geweld gebruikten om

8 omschrijven wat de WIC is;

handelsmonopolie te bereiken.

9 aangeven waarom de WIC werd opgericht;

De WIC deed bovendien aan slavenhandel,

10 omschrijven wat de verschillen zijn tussen de

waarbij de slaven als dieren werden

WIC en de VOC.

behandeld, en aan het kapen van andere schepen. Hierbij ging het meestal om Spaanse schepen en met Spanje was toch Nederland in oorlog …

Leswijs Geschiedenis


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland   6.2 Op weg naar oost en west   6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

A De VOC In de 16e en 17 e eeuw is er in Nederland

Cornelis Houtman en Pieter Dirksz de

de meer dan 200 bemanningsleden

veel vraag naar speciale kruiden, stoffen

Keijzer de opdracht om de zeeweg naar

die vertrokken, zijn er nog maar 87

en porselein. Deze producten komen

Oost-Azië te zoeken. Op 2 april 1595

in leven. De 300 zakken kruiden die

uit het verre Azië en zijn dus zeldzaam

vertrekken ze met vier schepen uit de

zij meenemen uit Indië zijn lang niet

in Europa. Alleen de Portugezen

haven van Amsterdam.

genoeg om de kosten voor de reis te

kennen de vaarroute naar Azië. De

Na tweeënhalf jaar keren de schepen

betalen. Toch is de reis een succes, want

Nederlanders willen achter dat geheim

terug. De reis was een verschrikking!

de Nederlanders hebben de vaarroute

komen. Daarom krijgen kapiteins

Er zijn nog maar drie schepen over. Van

gevonden! De weg naar Indië ligt open.

Iedereen wilde geld verdienen aan de dure producten uit

Buitenlandse handelsschepen werden door het leger van

Azië; er ontstond er veel concurrentie.

de VOC met geweld weggejaagd. De plaatselijke bevolking

Nederlandse kooplieden vochten om de winstgevende

die de kruiden verbouwde, werd gedwongen om alleen met

producten, met elkaar, maar ook met Portugese en Engelse

de Nederlanders te handelen.

handelaars. Deze strijd kostte veel geld en maakte de lange

Mensen die het VOC-monopolie probeerden te ontduiken,

zeereizen extra gevaarlijk. Daarom wilde de Nederlandse

werden gestraft. Op de Banda-eilanden in Indië handelde

regering dat de Nederlandse kooplieden gingen

de plaatselijke bevolking stiekem in kruidnagels met

samenwerken tégen handelaren uit andere landen.

andere handelaars. Gouverneur-generaal Jan Pieterszoon Coen besloot in te grijpen. Hij was de hoogste bestuurder

In 1602 richtte de Nederlandse regering de Verenigde

van de VOC in Azië. In 1622 liet hij de hele bevolking van de

Oost-Indische Compagnie (VOC) op. In dit bedrijf werkten

Banda-eilanden wegvoeren van het eiland. De plaatselijke

de belangrijkste Nederlandse kooplieden samen. De VOC

leiders liet hij op gruwelijke wijze doden.*

werd bestuurd door de ‘heren zeventien’, die van de VOC een grote en machtige organisatie maakten. De regering

De methodes van de VOC waren bloederig, maar leverden

gaf de VOC toestemming om zelfstandig handelsverdragen

wel resultaat op. Nederlandse burgers die daar een graantje

te sluiten met de lokale bevolking in de verre landen. Ook

van mee wilden pikken, konden een aandeel kopen. In ruil

mocht de Compagnie oorlog voeren en forten bouwen.

voor dat aandeel kregen ze een deel van de winst als een

Die forten beschermden de Nederlandse schepen en

schip vol kruiden terugkeerde in de haven. De VOC was het

ze dienden als opslagplaats voor voedsel en de luxe

eerste bedrijf in de geschiedenis dat aandelen uitgaf, en

handelswaar.

het verdiende er veel geld mee. Dat geld werd gebruikt om nieuwe handelsreizen te organiseren.

De VOC wilde een handelsmonopolie hebben. Bepaalde producten zou alleen de VOC mogen verhandelen en

 * Bron: Vrij naar Riessen, M. van, Oriëntatie op geschiedenis. Basisboek

niemand anders. Vooral voor kruiden uit Indië gold dat.

voor de vakdocent (Assen 2009).

bron 1 : Cornelis Houtman op zoek naar Azië met zijn vier schepen

190


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw        6.5 Kunst        6.6 Knappe koppen

1

Lees de introductietekst en bekijk bron 1. Nederlandse

4

Stel, je bent een koopman van de VOC. Je bent op

handelaren vonden het erg belangrijk om zelf een

bezoek bij een Indische koning op de Banda-eilanden.

zeeweg naar Indië te vinden. Geef aan waarom ze dit

Je wilt dat de VOC het alleenrecht krijgt om de

zo belangrijk vonden.

specerijen van de koning te kopen. Ook natuurlijk wil je altijd dezelfde, lage prijs betalen. Je gaat een contract maken dat je door de koning wilt laten ondertekenen. Wat moet er in het contract komen te staan? Noem ten minste twee dingen. 1

2

Lees de leertekst. Het is het jaar 1602 en je bent in Amsterdam. Je schrijft een brief aan de regering van Nederland waarin je voorstelt om alle Nederlandse handelaren te laten samenwerken. 2

Geef ten minste twee redenen waarom zo’n samenwerking van kooplieden een goed idee zou zijn. 1

5

Lees de volgende bewering: ‘De plaatselijke bevolking in Indië heeft voordeel van de verkoop van specerijen aan de Nederlanders.’

5a

Noem een argument voor deze bewering. Maak de zin af. Deze bewering is juist, want

2

5b

Noem een argument tegen deze bewering. Maak de zin af. Deze bewering is niet juist, want

3

Lees de leertekst. Je leest dat de VOC veel geweld gebruikte.

3a

De VOC gebruikte veel geweld tegen de inheemse bevolking. Geef hier een voorbeeld van.

Embleem van de VOC 3b

De VOC gebruikte ook veel geweld tegen Europese concurrenten. Waarom deden ze dit?

191


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland   6.2 Op weg naar oost en west   6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

B Peperduur! Specerijen Een toerist die in de 17 e eeuw

Amsterdam was in de 17 e eeuw een wereldstad. In de haven werkten hande-

Amsterdam bezoekt, gelooft zijn ogen

laren uit allerlei landen. Producten uit alle windstreken waren er te koop. Uit

niet. Het is er druk, heel erg druk. Er

China kwamen thee, porselein en dure zijde voor de kleding van de vrouwen

zijn mensen van over de hele wereld.

van de regenten. De blauwe kleurstof Indigo uit India werd gebruikt voor het

Er zijn Duitsers en Italianen die willen

schilderen en het verven van kleren. En uit Oost-Europa kwam hout en graan.

werken voor de VOC. Er zijn Franse en Turkse (Ottomaanse) handelaars.

VOC-schepen maakten reizen naar Indië en haalden daar vooral veel

Allemaal willen ze geld verdienen in

specerijen vandaan. Dit zijn dure kruiden die in Europa niet kunnen groeien,

deze wereldstad. En iedereen spreekt

zoals peper, kaneel, foelie, nootmuskaat en kruidnagel. Met de sterke smaak

zijn eigen taal, allemaal door elkaar

van deze planten werd eten gekruid, maar de specerijen werden ook gebruikt

heen. Nee, rustig is anders!

om voedsel langer houdbaar te maken en als medicijn. En omdat kruiden zo klein zijn, past er veel van in een scheepsruim. Kooplieden uit Europese landen, zoals Spanje, Portugal, Engeland en Nederland, reisden naar verre landen en namen dure producten mee terug. Hierdoor vond handel plaats op wereldschaal. Dit heet een wereldeconomie. Aan deze wereldhandel verdienden Nederlandse kooplieden veel geld. In 1650 bezat Nederland ongeveer 16.000 handelsschepen, de helft van het totale aantal handelsschepen in Europa.* Maar lang niet al die schepen waren geschikt voor een reis naar Azië. In de 17 e eeuw werd er nog altijd meer geld verdiend met handel met Oost-Europa dan met de handel met Indië. De Nederlandse Republiek had veel voordeel van al deze reizen. Er kwam veel werk in de scheepsbouw en op de schepen zelf. Ook had de VOC veel soldaten nodig. De welvaart steeg, waardoor Nederland in de 17 e eeuw een van de rijkste landen ter wereld was.  * Bron: Vrij naar: Mckay, J.P. (2003). A history of western society. Boston en New York, p.556.

bron 2 : In het Amsterdam van de 17 e eeuw is het erg druk

192

bron 3 : Zeevaartkundige les


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw        6.5 Kunst        6.6 Knappe koppen

1

Lees de introductietekst en bekijk bron 2. Lees daarna

3

Lees bron 5, een reisverslag van Abel Tasman over zijn

de leertekst en bekijk bron 3. Op de afbeelding zie je

ontmoeting met bewoners van de Eua-eilanden ten

een aantal zeelieden bij elkaar in een kamer. Er staan

oosten van Australië.

kaarten en wereldbollen. Ze krijgen les van de man met de baard in het midden.

3a

Welke mening heeft Abel Tasman over de eilandbewoners?

1a

Waar krijgen de zeelieden les in?

1b

Waarom is het voor de zeelieden van levensbelang dat ze deze lesstof goed begrijpen als ze op zeereis gaan? 3b

Hoe zullen de inwoners van de eilanden over de Nederlanders gedacht hebben?

bron 5 : Reisverslag van Abel Tasman

2

Bekijk bron 4, je ziet vier afbeeldingen van specerijen. Koppel de juiste beschrijving aan de juiste specerij. Noteer het cijfer van de specerij bij de juiste

‘s Morgens vroeg kwam er weer een menigte van prauwen* [kleine scheepjes, een soort kano’s] langs het schip liggen met kokosnoten, zoete aardappelen, bakbananen,

omschrijving,

bananen, varkens en kippen, die wij allemaal ruilden. (...)

Omschrijvingen 1

22 januari 1643

We leidden hen benedendeks om het schip te bezichti-

fijne, ronde korrel met pittige smaak, tegenwoordig te vinden in elke keuken

gen. Wij lieten ook een van onze kanonnen afschieten, waar zij zeer van schrokken. Ze liepen er verbijsterd van weg, maar toen zij zagen dat niemand er schade door

2

kleine specerij met een scherpe smaak, werd ook gebruikt tegen kiespijn

leed, werden ze snel weer rustig. (...) Wij gaven de leider van deze personen een hemd, een broek, een spiegeltje en wat kralen, waar hij zeer blij mee was. (...) In onze sloep

3

zeldzame smaakversterker, naar muskus ruikende noot

4

zoetige stokjes, tegenwoordig bekend als smaak voor

lieten we ook enige soldaten meegaan. Hoewel deze lieden vriendelijk lijken, kunnen wij niet zeker weten hoe

thee en ijs

zij werkelijk zijn. Daarom bewapenden we ons volk om ongelukken te voorkomen.  Bron: Roeper, V. Het Journaal van Abel Tasman 1643- 1643. Zwolle,

bron 4 : Vier specerijen

B: peper

p.117.

A: kaneel

D: nootmuskaat

C: kruidnagel

Vervolg

 193


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland   6.2 Op weg naar oost en west   6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

4

Bekijk bron 6, je ziet een zeekaart uit de 17 e eeuw.

bron 7 : Papua uit Nieuw-Guinea

4a

Welke landen kun je op deze kaart herkennen?

Op ontdekkingsreizen ontvoerden Nederlanders vaak de inwoners van gebieden die ze ontdekten. Op de afbeelding zie je een Papua uit Nieuw-Guinea. De

4b

Hoe kun je zien dat de Nederlanders de eerste Europeanen waren in dit gebied?

man werd in 1705 ontvoerd door Nederlanders en meegenomen naar Batavia in Indonesië. Mensen zoals hij werden ‘Zuidlanders’ genoemd. Zij moesten de Nederlandse taal leren. Daarna reisden ze mee met de Nederlandse kooplieden op hun handelsreizen.

4c

Waarom ontbreken er stukken land op de kaart?

5

Lees bron 7. Waarom moeten deze Zuidlanders Nederlands leren en meereizen met Nederlandse kooplieden?

bron 6 : Zeekaart uit de 17 e eeuw

194


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw        6.5 Kunst        6.6 Knappe koppen

Ruimte om te schrijven

195


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland   6.2 Op weg naar oost en west   6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

C Varen op een VOC-schip De VOC werd bestuurd door ‘de heren

schreef over het Oost-Indisch huis:

bron 8 : Het Oost-Indisch Huis,

zeventien’, vanuit hun kantoor, het

‘Ik heb met verbazing gezien hoe die

het bestuursgebouw van de

Oost-Indisch Huis in Amsterdam.

arme mensen aandringen met geweld,

VOC

Hier hielden zij de vergaderingen van

alsof zij het Huis wilden bestormen

de Oost-Indische Compagnie. Ook

(...) Zodra de deur opengaat, begint het

konden mensen zich hier inschrijven

uitdelen van slagen en klappen pas

als bemanningslid voor de reizen van

goed, want iedereen wil de voorste zijn,

de VOC.

alsof er iets heerlijks te krijgen is, terwijl

De Duitser Christoph Langhansz

zij zich eigenlijk als slaaf verkopen.’

Het leven aan boord van een VOC-schip was geen pretje.

scheurbuik. Hiervan werden de bemanningsleden slap,

Een reis naar Indië duurde vaak meer dan acht maanden.

ze verloren hun tanden en konden er uiteindelijk aan dood

Matrozen leefden dicht op elkaar en soldaten bleven bijna

gaan. Bemanningsleden die tijdens de reis overleden,

de hele reis weggestopt onder het dek. En dat terwijl de

werden overboord gegooid.

hoge officieren in hun ruime hutten een luxe leven leidden. Het overtreden van de regels werd zwaar gestraft en aan

Scheurbuik is gemakkelijk te voorkomen door het eten van

boord braken besmettelijke ziektes uit. Onderweg overleed

voedsel met vitamine C. Maar tijdens de maandenlange

een groot deel van de bemanning. Waarom wilden dan

zeereis was er aan vers voedsel een groot gebrek. De oude

toch duizenden mensen op een VOC-schip werken?

rijst, bonen, het scheepsbeschuit en de waterige pap die de bemanning at, hielp niet veel. Er ging wel vlees en vis mee,

De bemanning van de VOC-schepen bestond voor een

maar niet veel en het was erg zout. Daardoor was het langer

groot deel uit wezen, armen en zwervers. Die hadden

houdbaar, maar lekker was het niet.

weinig te verliezen en hoopten rijk van de zeereis terug te

Om de kans op scheurbuik te verminderen, bouwde de

komen. Ze werden opgeleid tot soldaat of matroos. Iedereen

VOC tientallen forten langs de kust van de vaarroute.

mocht één zeekist meenemen met kleren en persoonlijke

Hier verbouwden Nederlandse boeren verse groenten en

bezittingen.

fruit voor de schepen. Maar stoppen om de voorraden te

Op een groot schip gingen meer dan driehonderd mensen

verversen, kostte tijd en geld. Kapiteins krijgen daarom van

mee, veel meer dan nodig om het schip te bemannen. De

de VOC de opdracht om per reis maar één keer te stoppen.

bestuurders van de VOC wisten namelijk dat een groot deel van hen de reis niet zou overleven. Zo hadden ze dus goede

Een belangrijke bevoorradingshaven in die tijd was Kaap

reservekrachten.

de Goede Hoop, helemaal in het zuiden van Afrika. Dit was voor de bemanning de eerste keer in maanden dat zij het

De omstandigheden tijdens de zeereis waren vaak erg

schip kon verlaten. De zieken die niet meer verder konden,

slecht. Het gebeurde daarom wel eens dat de bemanning

werden hier uitgeladen en achtergelaten. Sommigen

in opstand kwam, een muiterij. Om dat te voorkomen

konden de reis niet meer aan, zij verstopten zich aan land

waren de regels op een zeereis erg streng. Voor kleine

om niet meer mee te hoeven.

overtredingen, zoals gokken of vloeken, kregen mensen

De schepen voeren hierna in één keer door naar Batavia,

een geldboete of lijfstraf. In het geval van muiterij kregen ze

de belangrijkste Nederlandse stad in Indië. Vanuit Batavia

de doodstraf.

werden de Nederlandse koloniën in het oosten bestuurd.

Na een tijd op open zee ontstonden er grote problemen.

De voorraden op het schip werden aangevuld, handelswaar

Door de kleine ruimtes onder het dek en de slechte hygiëne

werd ingekocht en verkocht, waarna de lange weg terug

braken er dodelijke ziektes uit, zoals de vlekkentyfus of

naar huis kon beginnen.

196


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw        6.5 Kunst        6.6 Knappe koppen

1

Lees de introductietekst over het Oost-Indisch Huis en

3a

bekijk bron 8. 1a

Koppel de bemanningsleden in rijtje 1 aan de juiste omschrijving in rijtje 2. Noteer de juiste letter bij het juiste nummer.

Waarom wilden zo veel mensen naar binnen bij het

Bemanningsleden Omschrijvingen

Oost-Indisch Huis? 1

kapitein

A matrozen, timmermannen, soldaten en de kok

1b

Wat verbaasde de schrijver het meest?

2

bemanningsleden

B de stuurman van het schip

3

chirurgijn

C de baas van een grote vloot met meerdere schepen

4

roerganger

D de baas van een schip

5

admiraal

E dokter en tandarts op het schip

2

In deze vraag houd je je bezig met bronnenonderzoek.

2a

Lees bron 9, een fragment uit het dagboek van een rijke koopman van de VOC in de 17 e eeuw. Hij voer van Nederland naar Batavia.

2b

3b

Welk bemanningslid had de meeste macht?

3c

En welke had de minste macht?

4

Deze vraag gaat over de vaardigheden ‘hoofd- en

Stel, je wilt deze bron gebruiken voor een werkstuk over het leven van matrozen op een VOC-schip. Is deze bron bruikbaar of niet bruikbaar? Kies je

deelvragen onderscheiden’ en ‘bronnen gebruiken’.

antwoord en maak de zin af.

Stel: je doet onderzoek naar het leven op een VOCschip. Beantwoord de volgende vragen.

Deze bron is wel /  niet  bruikbaar, omdat 4a

Welke hoofdvraag zou je kunnen stellen? Zorg dat uit je hoofdvraag duidelijk blijkt wie of wat je gaat onderzoeken, en waar en wanneer. Hoofdvraag:

bron 9 : Uit het dagboek van een rijke VOC-koopman

‘Reizen op zee is geweldig, ik ben ervoor geboren. Op land voel ik me niet half de man die ik hier op zee ben. Mijn hut achter de mast is de grootste en mooiste van het schip. Ik hoef hem met niemand te delen. Het is wat afzien wanneer het voedsel oud begint te worden.

4b

Welke deelvragen zou je moeten beantwoorden voor deze hoofdvraag? Noem er ten minste drie. Deelvraag 1:

Gelukkig krijg ik, als belangrijk man op het schip, altijd het smakelijkste voedsel aan boord.’

3

Lees de leertekst. Binnen een grote organisatie als de VOC had niet iedereen evenveel macht.

Deelvraag 2:

Ook aan boord van de VOC-schepen waren er allerlei bemanningsleden met ieder hun eigen verantwoordelijkheden. Vervolg

 197


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland   6.2 Op weg naar oost en west   6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

Deelvraag 3:

5

Een zeereis van Nederland naar Amerika is in onze eeuw een heel andere ervaring dan in de 17 e eeuw.

5a

Schrijf ten minste vijf woorden op over waar je aan denkt bij een zeereis van Rotterdam naar New York in de 21e eeuw.

Deelvraag 4:

1 2 4c

Stel, je onderzoek gaat over het leven van 17-jarige

3

jongens aan boord van een VOC-schip. Wat voor soort

4

bronnen zou je kunnen gebruiken voor je onderzoek? 5 Hierna worden vijf bronnen genoemd. Geef van elke bron aan of hij wel of niet bruikbaar is en waarom.

5b

Schrijf ten minste vijf woorden op over waar je aan denkt als het gaat over een zeereis in de 17 e eeuw.

Bron 1, ‘Plantages in de Nederlandse koloniën’, is wel 1

/  niet  bruikbaar, omdat

2 3 Bron 2, ‘Reisverslag van kapitein Abel Tasman’, is w   el  /

4

niet bruikbaar, omdat

5 5c

Noem drie duidelijke verschillen tussen een zeereis uit de 21e eeuw en een zeereis uit de 17 e eeuw.

Bron 3, ‘Een boekverslag van het jeugdboek De

1

scheepsjongens van Bontekoe’, is wel /  niet  bruikbaar, omdat 2

Bron 4, ‘(Over)leven op een schip van de VOC’, is  wel  / niet bruikbaar, omdat

Bron 5, ‘Brief van de bazen van de WIC aan Piet Heyn (1626)’, is wel /  niet  bruikbaar, omdat

198

3


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw        6.5 Kunst        6.6 Knappe koppen

Ruimte om te schrijven

199


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland   6.2 Op weg naar oost en west   6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

D De WIC en slavenhandel In het jaar 1628 vaart admiraal

gebruiken het zilver om hun oorlog

Piet Heyn van de West-Indische

tegen de Nederlandse Republiek te

Compagnie richting Zuid-Amerika. Zijn

betalen.

opdracht is om zo veel mogelijk lading

Nog hetzelfde jaar lukt het admiraal

van Spaanse schepen te veroveren. Elk

Heyn een Spaanse zilvervloot te

jaar vertrekken er Spaanse schepen vol

veroveren. De waarde van het zilver is

met zilver vanuit de Spaanse koloniën

enorm. Bij terugkomst in de Republiek

in Zuid-Amerika. De Spanjaarden

wordt hij ontvangen als een held.

Na het grote succes van de VOC besloten Nederlandse

De gewassen werden verbouwd op plantages in Amerika.

kooplieden een tweede handelscompagnie op te richten.

De Europeanen hadden mensen nodig die voor hen op

De West-Indische Compagnie (WIC) was vanaf 1621

deze plantages werkten. De oorspronkelijke bevolking van

verantwoordelijk voor de Nederlandse handel in Amerika

Amerika, de indianen, konden de Europeanen hiervoor

en westelijk Afrika. In deze gebieden begon de WIC een

niet gebruiken. Het grootste deel van hen was gestorven

aantal Nederlandse kolonies, in het huidige Suriname,

aan de besmettelijke ziektes die de eerste Europese

Brazilië, Curaçao en Noord-Amerika.

ontdekkingsreizigers met zich mee hadden gebracht. Daarom haalden handelaren van de WIC Afrikaanse

Nieuw-Amsterdam was in deze periode de belangrijkste

mannen en vrouwen per schip naar Amerika. Hier werden

stad in Noord-Amerika. De Nederlanders bouwden deze

zij als slaven verkocht aan plantage-eigenaren.

stad op het schiereiland Manhattan. In 1626 hadden Nederlandse zeelieden Manhattan gekocht van de

Een andere manier om geld te verdienen was de kaapvaart.

plaatselijke bewoners voor 60 gulden. De stad bestaat nog

De WIC had toestemming van de Nederlandse regering

steeds en heet nu New York.

om andere schepen te enteren en hun goederen in beslag

In de

17 e

eeuw was Nieuw-Amsterdam een belangrijke

te nemen, zolang het om vijanden van de Republiek ging.

haven voor Nederlands schepen. In Noord- en Zuid-

Het beroemdste voorbeeld hiervan is het veroveren van

Amerika groeiden gewassen waar mensen in Europa veel

de Spaanse zilvervloot door Piet Heyn in 1628. Piet Heyn

geld voor wilden betalen. Producten zoals tabak, suiker en

maakt 177.000 pond zilver buit. Toch heeft de WIC nooit zo

katoen werden door Nederlandse schepen naar Europa

veel winst gemaakt als de VOC.

vervoerd en daar voor veel geld verkocht.

bron 10 : Piet Heyn, de held die de

Zilvervloot veroverde

200

bron 11 : Nederlandse koloniën 17 e eeuw


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw        6.5 Kunst        6.6 Knappe koppen

1

Lees de introductietekst en bekijk bron 10. Waarvoor

3b

zou de Nederlandse Republiek het geld gebruiken dat

Wat vertelt de havenmeester aan de bestuurders van de WIC?

Piet Heyn met het veroveren van de Zilvervloot had buitgemaakt?

3c

Zullen de bestuurders tevreden geweest zijn? Leg je antwoord uit.

2

Lees de leertekst en bekijk bron 11. Je ziet een kaart met daarop de koloniën van de WIC en de VOC

3d

Wie zijn ‘de wilden’?

3e

Een klasgenoot van je zegt:

aangegeven. 2a

Welke koloniën zijn van de WIC? Kies je antwoord en maak de zin af. De  donkergrijze  / lichtgrijze koloniën zijn van de WIC, want de WIC beheerde alle koloniën ten  westen  /

‘Die “wilden” wisten waarschijnlijk niet wat ze deden

2b

oosten van Nederland.

toen ze het geld aannamen.’

Welke koloniën zijn van de VOC? Kies je antwoord en

Leg uit of je klasgenoot gelijk heeft of niet.

maak de zin af. De donkergrijze /  lichtgrijze  koloniën zijn van de VOC, want de VOC beheerde alle koloniën ten westen /  oosten  van Nederland.

3

Lees bron 12. In 1626 vaart een schip vanuit Amerika een Nederlandse haven binnen. De zeevaarders hebben nieuws over Nederlandse kolonisten in Amerika. De havenmeester schrijft er een brief over naar de bestuurders van de WIC.

3a

Waarom schrijft de havenmeester een brief aan de bestuurders van de WIC en niet aan de bestuurders van de VOC?

bron 12 : Brief van Nederlandse havenmeester aan

bestuur VOC Zeer geëerde heren, Gisteren is hier het schip Het wapen van Amsterdam aangekomen. Het schip was op 23 september uit Nieuw-Nederland weggezeild. Zij vertellen ons dat het volk daar gezond is en dat zij het eiland Manhattan* van wilden hebben gekocht voor zestig gulden.  Bron: Mak, G. (2009). De vergeten geschiedenis van Hudson, Amsterdam en New York. Amsterdam, p. 37.

Vervolg

 201


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland   6.2 Op weg naar oost en west   6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

4

Uit de kolonie Nieuw-Nederland in Amerika kwam de

5

volgende lading:

4a

Lees bron 13. In de laatste vergadering van de bestuurders van de WIC is besloten om weer een

ff

7246 bevervellen

groot aantal schepen te bouwen, die in staat moeten

ff

1781/2 ottervellen

zijn om Spaanse schepen aan te vallen. Deze brief

ff

675 ottervellen

werd geschreven aan Piet Heyn.

ff

(...)

ff

34 rattenvellen.

5a

Een historicus schrijft het volgende: ‘Een belangrijk doel van de WIC is het dwarszitten van de Spanjaarden.’

Waarvoor werden deze producten gebruikt?

Leg aan de hand van bron 13 uit of dit klopt.

4b

Welke mensen in Nederland gebruikten deze producten?

5b

Leg uit waarom de WIC de Spanjaarden wilde dwarszitten.

bron 13 : Brief van de WIC aan Piet Heyn (1626)

‘In de laatste vergadering van de Heren Negentien* is besloten om weer een groot aantal schepen aan de West-Indische Compagnie te geven. Om hiermee de Spanjaarden te hinderen.’  *Bestuurders van de WIC  Bron: Wikipedia.nl

202


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw        6.5 Kunst        6.6 Knappe koppen

Kernbegrippen handelsmonopolie

alleenrecht om te handelen in bepaalde producten

kaapvaart

vaart waarbij vijandige schepen worden aangevallen en hun lading in beslag genomen wordt, met toestemming van de regering

muiterij opstand van de bemanning van een schip tegen hun officieren plantage

stuk grond waarop op grote schaal één gewas verbouwd wordt

scheurbuik

ziekte die het gevolg is van een gebrek aan vitamine C. Kwam voor bij zeelieden op lange reizen, door slechte voeding.

specerijen

(delen van) planten die voedsel meer smaak en geur kunnen geven en soms ook als geneesmiddel gebruikt werden (bijvoorbeeld peper, kaneel, foelie, nootmuskaat en kruidnagel)

VOC

Verenigde Oost-Indische Compagnie, bedrijf waarin Nederlanders die handelden met Azië samenwerkten

wereldeconomie

handelen met landen over de hele wereld

WIC

West-Indische Compagnie, bedrijf waarin Nederlandse kooplieden die handelden met WestAfrika en Amerika samenwerkten

Ruimte om te schrijven

203


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland   6.2 Op weg naar oost en west   6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

Zelftoets 6.2

4

Waardoor neemt in de 17 e eeuw in Nederland de welvaart (rijkdom) toe? Welke twee antwoorden zijn

 Op weg naar oost en west

juist (J) en welke onjuist (O)? [J] [O] 1 Door de handel met verre landen verdienden kooplieden veel geld.

1

Koppel de volgende begrippen aan elkaar. Noteer het

2 Er kwamen veel banen voor mensen die in de handel overzee wilden werken.

juiste nummer bij de juiste letter. Rij 1 Rij 2 1

Portugezen

A kruiden

2

handelsmonopolie

B alleenrecht op handel

3

bestuurders

C geld voor nieuwe reizen

4

aandelen

D handelsroute naar Azië

5

dure producten

E Heren Zeventien

2

Nederlandse bevolking. 4 Er werden veel schilderijen gekocht door rijke Nederlanders.

5

Wat is GEEN specerij?

A

kruidnagel

B

nootmuskaat

C

peper

D

tabak

Vul de volgende zin aan met het juiste antwoord: De VOC verkocht aandelen, omdat ...

A

... alle bedrijven dat zo deden in de 17 e eeuw.

B

... ze geen winst wilden maken.

C

3 Er werden hogere belastingen gevraagd van de

6

specerijen uit Indië en graan uit Oost-Europa. Waar is in de 17 e eeuw het meeste geld mee verdiend? A

bespaart geld.

kunnen betalen. Welk land kende als eerste de zeeroute naar Azië?

A

België

B

Duitsland

C

Frankrijk

D

Portugal

Met graan uit Oost-Europa, want het is een korte, goedkope reis met weinig gevaar. Dat

... het zo aan geld kwam om nieuwe reizen te

3

In de 17 e eeuw halen Nederlandse kooplieden

B

Met graan uit Oost-Europa, want graan is in de 17 e eeuw zeldzamer dan specerijen. Dat levert geld op.

C

Met specerijen uit Indië. Die kwamen van ver en waren dus goedkoop te vervoeren. Dat bespaart geld.

D

Met specerijen uit Indië. Die kon je gemakkelijk overal verbouwen. Dat leverde geld op.

204


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw        6.5 Kunst        6.6 Knappe koppen

7

Welke uitspraak over Batavia is NIET juist?

A

Batavia is een handelsplaats.

B

Batavia is een legerplaats voor soldaten van de

11

Lees de twee beweringen. Welke bewering is juist? Kies het juiste antwoord. Bewering 1: ‘Met een kapersbrief heeft een kapitein toestemming om een

VOC. C

ander schip te overvallen en de goederen buit te maken.’

Batavia is een plaats van waaruit de

Bewering 2: ‘Piet Heyn was als admiraal van de

omliggende gebieden bestuurd werden. D

8

Welk product werkt het beste tegen scheurbuik?

A

bier

B

WIC een succesvol kaper.’

Batavia is een verversingshaven voor de WIC.

citroensap (vitamine C)

C

scheepsbeschuit

D

water

9

Waarop stond de doodstraf aan boord van een schip?

A

Bewering 1 is juist, bewering 2 is onjuist.

B

Bewering 2 is juist, bewering 1 is onjuist.

C

Beide beweringen zijn juist.

D

Beide beweringen zijn onjuist.

12

Wat was GEEN doel van de WIC?

A

A

muiten

B

vechten

C

vloeken

D

voedsel verspillen

besturen van koloniën ten oosten van Afrika

B

kaapvaart

C

oorlogsvoering

D

slavenhandel

10 Je ziet telkens een rijtje met woorden. Onderstreep in elk rijtje het woord dat er niet in thuishoort. 1 Nieuw-Amsterdam – slavenhandel – tabak – VOC 2

kaapvaart – nootmuskaat – Piet Heyn – zilver

3 Jan Pieterszoon Coen –plantages – slavernij – Nieuw-Amsterdam

205


Leerplan

Wat ga ik doen?

A Amsterdam en de stapelmarkt B Amsterdam wereldstad C De val van Antwerpen D Amsterdam en immigratie

Hoe ga ik dit doen?

  Leertekst

  Digitaal 

  Boek

  Opdrachten

  Digitaal 

  Boek

  Leertekst

  Digitaal 

  Boek

  Opdrachten

  Digitaal 

  Boek

  Leertekst

  Digitaal 

  Boek

  Opdrachten

  Digitaal 

  Boek

  Leertekst

  Digitaal 

  Boek

  Opdrachten

  Digitaal 

  Boek

Is het afgerond?

Tijdbalk

1585 Val van Antwerpen

1609 Oprichting van de Wisselbank

1578-1665 Enorme groei Amsterdam: van 30.000 naar 160.000 inwoners

1566-1589 Enorme afname van de bevolking in Antwerpen: van 90.000 naar 42.000

1550

1560

1570

1580

1590

1600

1610

1620

1630

1640

1650

1660

1670

1680

1690


Tijdvak 6 Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland 6.2 Op weg naar oost en west 6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw 6.5 Kunst 6.6 Knappe koppen

Paragraaf 6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw

Leerdoelen Na het bestuderen van deze paragraaf kun je:

De Gouden Eeuw was in De Nederlanden het meest zichtbaar in de stad Amsterdam. De stad ontwikkelde zich dankzij de scheepvaart en de initiatieven van kooplieden en het stadsbestuur, door het idee van de stapelmarkt, door de val van Antwerpen en ook door immigratie tot hテゥt handelscentrum van Europa. Nieuwe uitvindingen en initiatieven wierpen hun vruchten af, zoals de Koopmansbeurs en de Wisselbank. Ook de tolerantie op het gebied van godsdienst deed veel buitenlanders naar Amsterdam trekken.

1

uitleggen wat een stapelmarkt is;

2 aangeven welke gevolgen de stapelmarktfunctie voor Amsterdam had; 3 omschrijven hoe Amsterdam een wereldstad werd; 4 omschrijven hoe Amsterdam het financiテォle centrum van de wereld werd; 5 beschrijven hoe Antwerpen veroverd werd in 1585; 6 uitleggen wat de val van Antwerpen betekende voor Amsterdam; 7 aangeven hoe belangrijk immigratie voor Amsterdam in de 17窶各 eeuw was; 8 aangeven welke gevolgen dit had voor Amsterdam.

Ze droegen hun steentje bij aan de verdere ontwikkeling van de stad. Amsterdam groeide uit tot wereldstad.

Leswijs Geschiedenis


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west   6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw  

A Amsterdam en de stapelmarkt Je bent vast wel eens in Amsterdam

nog wel zien: bovenin zit vaak nog

Huis. Dit verwijst naar de streek waar

geweest. Als je in het oude Amsterdam

een hijsbalk waarmee de goederen

de goederen vandaan kwamen, die in de

loopt, zie je de grachten en de hoge

omhoog werden gehesen. Ook staat

pakhuizen werden opgeslagen.

huizen. Vroeger werden deze huizen

op sommige pakhuizen nog een naam,

vaak gebruikt als pakhuis. Je kunt dat

zoals: Afrika, Madagaskar, Het Spaanse

Amsterdam was in de Gouden Eeuw (1600-1700) de

Door de handel kwamen mensen naar Amsterdam om er

belangrijkste handelsstad van Europa. De Hollanders uit de

te wonen en te werken. Al die goederen moesten immers

Republiek vaarden over alle wereldzeeën. Uit het noorden

verwerkt en verhandeld worden. Er waren bijvoorbeeld

van Europa haalden ze hout en graan, uit het zuiden wijn

mensen nodig die in de nijverheid (touwslagerijen,

en zout en uit Azië specerijen, koffie, cacao, tabak en suiker.

ververijen, zeepmakerijen, enzovoort) werkten, mensen die

Maar waar gingen die goederen naartoe als de schepen

zeekaarten maakten en mensen die zich bezighielden met

volgeladen uit al die landen vertrokken? Naar Amsterdam.

verzekeringen en verkoopaktes.

Daar werden ze werden direct vervoerd naar verschillende

Amsterdam had door de komst van al die mensen

markten en verkocht, of opgeslagen in grote pakhuizen om

meer ruimte nodig. Er werden grachten uitgegraven

later verhandeld te worden. Amsterdam groeide uit tot de

en maar – hogere en diepere – pakhuizen gebouwd,

stapelmarkt van Europa: goederen vanuit de hele wereld

zodat de goederen makkelijk vervoerd en opgeslagen

werden er verzameld en opgeslagen.

konden worden. Aan de namen van die nieuwe grachten

Amsterdam was een handige plek voor de stapelmarkt,

kun je zien voor welke bevolkingsgroep de huizen

omdat het goed bereikbaar was voor zeeschepen en omdat

waren: Herengracht, Prinsengracht en Keizersgracht.

Amsterdam op de zeeroute lag van noord naar zuid. Boven-

Tegenwoordig noemen we dat de Grachtengordel. De

dien had Amsterdam na 1585 geen last meer van concur-

Grachtengordel staat sinds 2010 op de Werelderfgoedlijst.

rentie van de haven van Antwerpen, omdat die geblokkeerd

En ook nu wonen er de rijkere mensen.

werd. (Zie ook onderdeel C van deze paragraaf.)

Tot vier keer toe werd Amsterdam in de 17 e eeuw groter gemaakt. Er werden ook nieuwe scheepswerven gebouwd en er kwam een nieuwe woonwijk voor de arbeiders en de ambachtslieden: de Jordaan.

bron 1 : Amsterdamse pakhuizen

208

bron 2 : Amsterdam na 1578


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw        6.5 Kunst        6.6 Knappe koppen

1

Lees de introductietekst en bekijk bron 1. Je ziet

2c

een aantal pakhuizen aan de Brouwersgracht in

Geef vier voorbeelden van beroepen die in deze periode in Amsterdam nodig waren.

Amsterdam 1 1a

Noem drie kenmerken van een pakhuis. 2 1

3 4

2

3

Bekijk bron 2 en bron 3 nogmaals. Vergelijk de beide kaarten van Amsterdam.

3

3a

Geef een verklaring voor de uitbreiding die je ziet in bron 3.

1b

Waarom hadden sommige pakhuizen namen?

1c

Veel pakhuizen zijn tegenwoordig verbouwd tot

3b

Grachtengordel.

woonhuizen. Welk probleem zouden architecten gehad hebben toen ze van een pakhuis een woonhuis moesten maken?

2

Lees de leertekst en bekijk bron 2 en bron 3. In Amsterdam groeide het aantal inwoners tussen 1578

Markeer met een blauwe stift op de kaart in bron 3 de

3c

Waarom staat de Grachtengordel op de werelderfgoedlijst?

bron 3 : Amsterdam in 1662, na de vierde uitbreiding

en 1665 van 30.000 naar 160.000. 2a

Leg uit waardoor het aantal inwoners zo steeg.

2b

Wat is nijverheid?

Vervolg

 209


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west   6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw  

4

5

Lees de leertekst en bekijk bron 4. Je ziet een kaartje van de Republiek in de

17 e

vanuit Amsterdam.

eeuw.

Geef met rood aan welke route de schepen in de 17 e

4a

Bekijk bron 5. Je ziet wat er verhandeld werd naar en

5a

Welke producten komen uit het noorden van Europa?

eeuw moesten nemen om vanuit de Noordzee naar

4b

Amsterdam te varen.

1

Geef met blauw aan welke route de schepen in de

2

21e eeuw moeten nemen om Amsterdam te bereiken.

3

Voor het antwoord moet je op internet een kaartje zoeken van het huidige Nederland.

5b

Welk product komt uit het zuiden van Europa?

5c

Welke producten worden uit Amsterdam vervoerd?

bron 4 : De Republiek in de 17 e eeuw

z

e

e

1

o

r

d

2

N

o

3 5d

Waaraan zie je op dit kaartje dat Amsterdam voor de handel een gunstige ligging had?

Amsterdam

5e

Leg uit waarom Amsterdam door de handel de stapelmarkt van Europa werd.

bron 5 : Handel van en naar

Amsterdam in de 17 e eeuw

H

Legenda:

S G Z

Hout (H)

S

Zuivelproducten (Z) Ruwe wol (R)

S G Z

W

Graan (G) Haring (H) Wijn (W)

210

H G

R

Wollen stoffen (S)

W

S W V


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw        6.5 Kunst        6.6 Knappe koppen

Ruimte om te schrijven

211


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west   6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw  

B Amsterdam wereldstad Nog niet zo lang geleden betaalden

landen met de euro. Heel gemakkelijk

we in Nederland met de gulden. Je

natuurlijk, want nu kun je in die landen

ouders weten dat nog wel. Als je naar

betalen zonder vooraf geld te hoeven

het buitenland ging, moest je eerst naar

wisselen.

een wisselkantoor om geld te wisselen;

In de 17 e eeuw was er geen euro en wa-

peseta’s voor Spanje, lires voor Italië

ren er heel veel verschillende munteen-

en Duitse marken voor Duitsland.

heden. Soms kon de munteenheid zelfs

Sinds 2000 betalen we in veel Europese

per stad verschillen.

Als je in je eigen dorp of land iets wilt kopen, is het lastig

Koopman Dirck van Os richtte in 1609 de Wisselbank op.

als je niet overal met dezelfde munteenheid kunt betalen.

Handelaren konden hun geld hier in bewaring geven, ze

Al die verschillende munteenheden zijn natuurlijk ook

konden het wisselen en ze konden hun geld overboeken

erg verwarrend voor een handelaar die gaat handelen

naar een andere wisselbank, bijvoorbeeld die van

met verschillende steden of landen. En dat gebeurde in

Rotterdam of Middelburg. Veel buitenlandse handelaren

de 17 e eeuw. De handel nam heel sterk toe en Amsterdam

wilden graag van deze wisselbank gebruikmaken en

werd een belangrijke handelsstad. De VOC-haven in

kwamen daarvoor naar Amsterdam.

Amsterdam was de grootste haven van Holland. Er kwam

Het stadsbestuur van Amsterdam wilde graag dat de

daardoor veel buitenlands geld naar Amsterdam. Maar

handelaren in Amsterdam hun goederen op één plek

hoe wist je nu hoeveel het geld waard was? Men bepaalde

zouden gaan verhandelen. Dat gebeurde tot dan toe op

dat vroeger door het geld te wegen en te onderzoeken

verschillende plekken in de stad. Die nieuwe plek werd

hoeveel edelmetaal erin verwerkt was. Er bestonden

de Koopmansbeurs. In het gebouw werden goederen

muntgewichtdoosjes waarmee een geldwisselaar kon

verhandeld: suiker, graan, tabak, enzovoort. Maar later

meten en wegen hoeveel waarde een munt had. Naarmate

werden er ook de aandelen die men kon kopen in de VOC

de handel toenam, kwamen er meer geldwisselaars en was

en WIC verhandeld. Bovendien kon men in dit gebouw

eenheid ver te zoeken. Er moest wat gebeuren om orde in

verzekeringen en contracten afsluiten.

de chaos van de munteenheden te brengen.

Deze twee instellingen zorgden ervoor dat Amsterdam het financiële centrum van de wereld werd. Amsterdam was een wereldstad.

bron 6 : Muntgewichtdoosje

Munten uit de 17 e eeuw

212


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw        6.5 Kunst        6.6 Knappe koppen

1

Lees de introductietekst en de leertekst en bekijk bron 6. In Amsterdam kwamen er in de

17 e

bron 7 : Document van de Wisselbank

eeuw

steeds meer geldwisselaars. Deze lieden hadden muntgewichtdoosjes bij zich. 1a

Waarvoor werden deze muntgewichtdoosjes gebruikt?

1b

Waarom werd het voor de geldwisselaars steeds lastiger om de waarde van de munten te bepalen?

2

Lees de leertekst. In bron 7 zie je een bladzijde uit een van de documenten van de Wisselbank in Amsterdam.

2a

Welke functie had de Wisselbank?

3

Men zegt wel dat Amsterdam in de 17 e eeuw ‘het warenhuis van Europa’ was. Leg uit wat men hiermee bedoelt.

2b

Welke muntsoorten worden in dit document genoemd? Lees daarvoor regel 3-7.

2c

Er waren dus verschillende muntsoorten bij de Wisselbank. Wat kun je hieruit afleiden?

4

Bekijk bron 8. Je ziet een afbeelding van de Koopmansbeurs in Amsterdam.

4a

Geef twee redenen voor de oprichting van de Koopmansbeurs. 1

2d

Welke instelling van nu is de opvolger is van de Wisselbank? 2

Vervolg

 213


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west   6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw  

4b

Wat werd er verhandeld in de Koopmansbeurs? Noem

5

twee dingen.

Lees de volgende bewering: ‘In eerdere eeuwen werd wel gezegd dat alle wegen naar Rome leiden. In de 17 e eeuw leidden alle wegen

1

naar Amsterdam, de economische hoofdstad van

2

Europa.’ Je kunt deze bewering letterlijk en figuurlijk opvatten.

4c

Bekijk de afbeelding goed. Waar denk je dat de twee dingen van jouw antwoord bij vraag b verhandeld

5a

Leg uit wat deze bewering in de letterlijke betekenis inhoudt. Gebruik in je antwoord de term ‘vaarwegen’.

werden? Op de benedenvloer:

Boven in de kamers:

5b 4d

Welke instelling van tegenwoordig kan de opvolger

inhoudt. Gebruik in je antwoord de term ‘financiële

van de Koopmansbeurs genoemd worden?

wegen’.

bron 8 : De Koopmansbeurs in Amsterdam (Anoniem, 1813)

214

Leg uit wat deze bewering in de figuurlijke betekenis


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw        6.5 Kunst        6.6 Knappe koppen

Ruimte om te schrijven

215


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west   6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw  

C De val van Antwerpen ‘Hedwigepolder moet blijven’ en

Maar daarvoor moet de Schelde dieper

water te zetten. Maar daar zijn de

‘Ontpolderen nee!’ Misschien heb

en breder gemaakt worden. Dat gaat

bewoners van Zeeland het niet mee

je deze krantenkoppen over het

ten koste van de natuur op de bodem

eens.

verbreden van de Schelde wel gelezen.

van de Schelde. Om dat goed te maken

Antwerpen ligt aan de monding van

(‘compenseren’) wil de regering de

De Schelde is dus een heel belangrijke

de rivier de Schelde en wil graag dat

Zeeuwse Hedwigepolder ‘teruggeven’

rivier voor Antwerpen. En dat was in de

er grote zeeschepen kunnen komen.

aan de natuur door het weer onder

16e eeuw ook al zo.

In 1585 sloten de Nederlanders de Schelde af. Ze deden dat

goederen in Antwerpen konden komen. Een poging van de

bewust: geen schip mocht Antwerpen nog bereiken. De

Watergeuzen om de ‘schipbrug’ kapot te varen mislukte. De

afsluiting had voor Antwerpen grote gevolgen.

stad gaf zich al snel over.

In 1585 was de Nederlandse opstand tegen de bezetting van Spanje alweer bijna twintig jaar bezig. De Lage Landen

Maar kort daarna werd de Schelde nogmaals geblokkeerd,

wilden op politiek, religieus en economisch gebied meer

dit keer door een vloot van De Republiek. Zo werd

vrijheid. Ze kwamen in opstand tegen hun Spaanse koning,

Antwerpen door De Nederlanden gestraft voor zijn snelle

Filips II. Sommige steden sloten zich aan bij Willem van

overgave. De stad werd afgesloten van de overzeese

Oranje, andere bij de Spaanse koning.

handel. Deze blokkade duurde jaren. Het gevolg was dat

Filips de II liet zich in De Nederlanden vertegenwoordigen

Antwerpen geen concurrent van Amsterdam meer was.

door een landvoogd; dit was de hertog van Parma. Deze

De handelsschepen die Antwerpen niet meer konden

hertog begon met het heroveren van De Nederlanden. In

bereiken, voeren naar Amsterdam om daar hun vracht te

1586 had hij een groot deel weer in handen, zoals de steden

lossen.

Brugge, Brussel, Gent, Oudenaarde en ook Antwerpen. De inwoners van Antwerpen kregen vier jaar de tijd om Antwerpen was tot die tijd een belangrijk cultureel

onderdanig te worden aan Filips II (en dus katholiek te

en economisch centrum. Het was dé concurrent van

worden), of om de stad te verlaten. Heel veel kooplieden

Amsterdam. Het lag namelijk ook dicht bij de zee en

en ambachtslieden kozen voor het laatste en vluchtten

belangrijke vaarroutes.

weg. Ze vestigden zich in prinsgezinde, calvinistische

Maar dat veranderde toen Parma Antwerpen wilde

(protestante) steden zoals Middelburg, Dordrecht, Leiden

veroveren. De tactiek van Parma was de stad uit te

en ook Amsterdam. De bevolking in Antwerpen daalde van

hongeren, zodat de stad zich zou overgeven. Daarom

90.000 in 1566 naar 42.000 in 1589. Door de komst van de

had Parma een lange brug van schepen op de Schelde

Vlaamse handelaren werd Amsterdam nog belangrijker

gelegd, zodat er geen andere schepen en dus geen

dan het al was.

bron 9 : De schipbrug van Parma onder vuur door de

bron 10 : Vaarwegen naar Antwerpen

Watergeuzen

Sche

lde Hedwigepolder

Antwerpen

216


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw        6.5 Kunst        6.6 Knappe koppen

1

Lees de introductietekst en bekijk bron 10. Je ziet

3

een kaartje met de vaarwegen van de Noordzee naar Antwerpen. 1a

Bekijk bron 11. Op het schilderij zie je intocht van Parma in Antwerpen.

3a

Teken op de kaart in bron 10 hoe de zeeschepen

Welke gevolgen had deze intocht voor de stad Antwerpen? Noem er twee.

vanuit Antwerpen de zee moesten bereiken. 1 1b

Waarom willen de Belgen de Hedwigepolder ‘ontpolderen’ en onder water zetten? 2

4

Antwerpen was een belangrijke stad, voordat de Spanjaarden de stad innamen in 1585.

. 1c

4a

Welke positie had Antwerpen tot 1585?

4b

Waarom vluchtten er vanaf 1585 zo veel protestanten

Waarom is de provincie Zeeland hier tegen?

uit Antwerpen?

2

Lees de leertekst en bekijk bron 9. De hertog van Parma probeerde in 1585 Antwerpen tot overgave aan Spanje te dwingen.

2a

Op welke manier deed Parma dat?

4c

Waarom vluchtten er vanaf 1585 zo veel kooplieden uit Antwerpen?

2b

Op welke manier probeerden de Watergeuzen Antwerpen te bevrijden? Gebruik voor je antwoord de afbeelding in bron 9.

5

De inname van Antwerpen door de Spanjaarden had grote gevolgen voor de stad.

5a

Welke keus kregen de inwoners van Antwerpen na 1585?

bron 11 : Tekening van de intocht van Parma (op het

paard) in Antwerpen

5b

Welk gevolg had de val Antwerpen voor de stad Amsterdam?

217


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west   6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw  

D Amsterdam en immigratie ‘Amsterdam, Amsterdam, de stad waar

Ze won niet, maar het lied werd een

In 1600 was een op de drie inwoners

alles kan. Amsterdam, Amsterdam,

klassieker. Amsterdam was en is een

in Amsterdam een immigrant, een

bestaat al eeuwen lang … In die stad

stad waar heel veel nationaliteiten jou

buitenlander die in je land is komen

waar heel de wijde wereld jou begroet ...

begroeten.

wonen. Waar kwamen de immigranten

iedereen die weet ervan.’ Met deze ode

In 2012 woonden er mensen met

in de 17 e eeuw vandaan en wat kwamen

aan Amsterdam deed Maggie MacNeal

174 verschillende nationaliteiten in

ze doen in Amsterdam?

in 1980 mee aan het Songfestival.

Amsterdam.

Amsterdam groeide in de loop van de 17 e eeuw uit tot een

Uit de bouw van verschillende kerken blijkt dat het

belangrijke handelsstad. Handelaars konden veel geld

bestuur van Amsterdam welwillend stond tegenover

verdienen en in de nijverheid was veel werk. Amsterdam

deze immigranten. In 1620 begon men met de bouw

had nieuwe arbeiders en ambachtslieden nodig.

van de Westerkerk. Dit was een protestantse kerk, die

Als je naar Amsterdam kwam, hoopte je het stedelijk

gebouwd werd omdat er zo veel meer calvinisten (bepaalde

poorterschap te verkrijgen, een soort verblijfsvergunning.

protestanten) in Amsterdam kwamen wonen.

Je hoefde dan geen tol te betalen, je mocht lid van een gilde worden en je kon naar de rechter stappen als dat nodig was. Dit poorterschap kreeg je niet zomaar: je moest een baan hebben en je gezin kunnen onderhouden. Er waren ook veel migranten (mensen van buiten de stad of het land) die het poorterschap niet konden krijgen.

Ook de Joodse gemeenschap in Amsterdam groeide, doordat veel Portugese Joden uit hun land verjaagd werden. In 1642 bracht stadhouder Frederik Hendrik een bezoek aan Amsterdam waarbij hij ook een synagoge bezocht. Dat liet zien dat ook het joodse geloof in Amsterdam niet alleen getolereerd maar ook erkend

De Amsterdamse immigranten kwamen vooral uit

werd. In 1671 mocht de Joodse gemeenschap een nieuwe

Duitsland, Scandinavië, Polen, de Zuidelijke Nederlanden

synagoge bouwen. Deze is nog altijd in gebruik.

en Portugal. Zij kwamen naar Amsterdam omdat daar werk was – in de nijverheid, de handel en op de scheepswerven – of omdat ze in Amsterdam niet vervolgd werden vanwege hun geloof. Het bestuur van Amsterdam had in 1578 positie ingenomen tegen Filips II. In Amsterdam werd het protestantse geloof dus niét verboden, maar gesteund. Protestanten mochten hun kerken bouwen en konden vrij voor hun geloof uitkomen. Het katholieke en het joodse geloof werden weliswaar niet openlijk toegestaan, maar wel getolereerd. Toen in 1585 het zuiden van De Nederlanden voornamelijk in handen van Filips II kwam en het katholieke geloof daar verplicht werd, vluchtten veel protestanten naar de Noordelijke Nederlanden … ook naar Amsterdam.

De Westerkerk, een protestante kerk die in de 17 e eeuw is gebouwd

218


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw        6.5 Kunst        6.6 Knappe koppen

1

Lees de introductietekst, de leertekst en bekijk bron 12,

bron 12 : Immigratie naar De Nederlanden 1600-1900

een grafiek over de immigratie naar De Nederlanden van 1600 tot 1900. 1a

Wanneer was de immigratie naar De Nederlanden het grootst?

1b

Geef daarvoor een verklaring.

9 8 7 6 5 4 3 2 1 0

Duitsland Rest van Europa Koloniaal 1600 1650 1700 1750 1800 1850 1900

bron 13 : Beroepen van immigranten in de 17 e eeuw Geboren te

1c

Uit welk land kwamen de meeste immigranten?

2b

2c

2d

In welk beroep werkten de meeste Scandinaviërs?

2e

Bedenk een reden waarom er zo weinig buitenlanders

Totaal

N=

onbekend

5,6

34,1

15,2

2,4

4,5

8,1

100

1515

20,7

3,0

14,4

5,4

2,9

23,6

6,1

100

29005

Kleermakers

werkzaam?

Overig+

15,8

ambachtelijk

In welk beroep waren de meeste Belgen / Fransen

Scand.

Frankrijk

24,0

Amsterdam in de 17 e eeuw.

Welk beroep hadden de meeste Duitse immigranten?

België -1

14,3

Bekijk de bron 13, een overzicht van de inwoners van

Amsterdammers?

(k)

-1

varenslieden droogsch.

Welk beroep hadden de meeste geboren

Duitsland

(k) arbeiders

4,1

7,5

9,0

39,1

15,7

7,8

2,3

14,5

100

345

13,0

13,4

7,3

26,4

29,0

3,0

2,2

5,8

100

3282

7,8

12,4

21,1

13,8

31,3

4,5

1,0

8,1

100

6414

18,6

13,5

15,2

20,7

16,3

4,9

2,6

8,1

100

5718

8,3

11,0

22,4

19,2

30,7

2,6

0,8

5,0

100

2768

timmerlieden

43,8

33,9

10,8

2,3

3,1

2,1

0,6

3,4

100

4277

metselaars

26,5

31,3

12,5

17,0

5,6

4,4

0,9

1,8

100

2119

scheepstim.

68,5

20,7

1,4

2,5

1,1

0,8

2,8

2,2

100

3259

kuipers

34,1

14,8

9,5

22,1

9,0

2,7

2,8

5,9

100

3533

smeden

14,4

16,7

13,7

18,1

19,4

5,3

3,6

8,8

100

2009

bombazijnw.

23,7

13,7

2,6

5,4

10,9

36,7

0,4

6,7

100

1906

grijnw.

64,7

11,9

1,7

2,9

2,0

12,7

0,6

3,5

100

2248

zijdew.

52,8

13,9

2,3

5,7

4,2

12,8

0,0

8,3

100

829

passementw.

24,1

14,8

4,7

8,6

8,7

19,9

0,8

8,4

100

3213

wevers

40,1

14,2

10,8

3,5

15,1

9,1

0,6

6,6

100

1819

hoedemakers

20,4

17,7

10,5

8,0

15,7

20,2

1,2

6,3

100

909

schild/glaz

58,0

14,9

4,6

8,4

5,0

5,9

1,3

1,8

100

1532

drukkers

45,3

19,7

5,9

6,2

11,3

8,6

1,1

1,9

100

371

kooplieden

49,6

14,0

4,0

5,5

6,8

9,6

1,2

9,3

100

3734

chirurgijns

43,9

19,0

5,8

10,9

12,0

8,4

1,4

1,4

100

1539

totaal beroepen

28,2

18,1

7,6

13,5

11,1

6,1

9,3

6,1

100

82416

alle bruidegoms

33,7

19,2

7,9

11,1

10,4

6,4

6,3

5,1

100 141102

schoenmakers

2a

Nederland

proletarisch

opperlieden

2

A'dam

bakker

specialistisch

in de scheepsbetimmering werkten.

Vervolg

 219


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west   6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw  

3

Het dramatische verhaal van de Scandinavische immigrante Elsje Christiaens kreeg bekendheid doordat Rembrandt haar tekende na haar executie.

3a

Waar kwam Elsje Christiaens vandaan?

bron 14 : Het drama rond Elsje Christiaens

In 1664 vertrok Elsje Christiaens, net 18 jaar oud, van Jutland (Denemarken) naar Amsterdam, in de hoop zo snel mogelijk een baantje te vinden. Ze nam haar intrek bij een slaapvrouw in de buurt van de haven. Na twee weken wilde die wel eens geld zien, maar Elsje had nog

3b

Schrijf in een paar regels op wat er met Elsje gebeurde

geen werk gevonden. Er ontstond een woordenwisseling,

toen zij in Amsterdam kwam.

waarbij Elsje haar zelfbeheersing verloor en de bijl gebruikte die op een stoel voor het grijpen lag … Voor het doden van de slaapvrouw moest Elsje Christiaens met haar eigen leven boeten. Haar stoffelijk overschot werd, samen met de bijl, tentoongesteld op het galgenveld Volewijk (bij Amsterdam), om daar door ‘de locht ende ’t gevogelte verteert te worden’. Zo tekende

3c

Waarom kreeg Elsje niet het stedelijk poorterschap?

Rembrandt haar.  Bron: vrij naar artikel op oneindignoordholland.nl

4

Lees de leertekst. In de 17 e eeuw bouwde men in

5

blijkt uit het volgende fragment.

Amsterdam kerken voor verschillende geloven. 4a

Voor welke verschillende geloven werden welke ker e

De rijke Vlaamse textielwerkers waren wel erg uitbundig

ken gebouwd in de 17 eeuw in Amsterdam? Combi-

gekleed voor de sobere Nederlanders. Schrijver Bredero

neer de juiste kerk met het juiste geloof. Zet het cijfer

noemde hen een zooitje ‘opgeblazen en verwaande

van het juiste geloof bij de letter van de juiste kerk.

zotten’. Duitsers werden afgeschilderd als domme

Kerken Kerkgang 1

De Nederlanders vonden de immigranten maar raar,

de Lutherse kerk

A voor de joden

boerenkinkels. En voor Joden moest je uitkijken: dat waren bedriegers. 5a

Hoe keken de Nederlanders aan tegen de immigranten (Belgen, Duitsers en Joden), volgens Bredero?

2

de Westerkerk

B voor de katholieken

Belgen:

3

een joodse synagoge

C voor de Duitsers

Duitsers:

4

schuilkerken

D voor de protestanten

Joden:

4b

Lees de volgende bewering: ‘Het bestuur van Amsterdam was tolerant tegenover

5b

Bedenk waarom de Vlamingen en de Duitsers zo

de verschillende godsdiensten.’

genoemd werden. Bekijk hiervoor nogmaals bron 13.

Is de bewering juist of onjuist? Kies je antwoord en

De Vlamingen werden zo genoemd, omdat

maak de zin af. Deze bewering is  juist  / onjuist, want De Duitsers waren zo genoemd, omdat

220


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw        6.5 Kunst        6.6 Knappe koppen

Kernbegrippen calvinisme

stroming binnen de protestantse kerk, gebaseerd op de kerkelijke, sociale en politieke leer van de hervormer Johannes Calvijn (1509-1564)

concurrentie strijd tussen verschillende partijen in de economie om schaarse bronnen immigrant buitenlander die in je land komt wonen Koopmansbeurs

centrale plaats (gebouw) in Amsterdam waar in de 17 e eeuw gehandeld werd, en waar handelaars verzekeringen en dergelijke konden afsluiten. In die eeuw was dit het belangrijkste handelsinstituut ter wereld

nijverheid beroepen waarin iets wordt gemaakt (met grondstoffen) of bewerkt stapelmarkt

plaats waar producten van over de hele wereld naartoe vervoerd werden om te worden doorgevoerd of opgeslagen

Wisselbank

eerste centrale bank ter wereld. Handelaren konden hier geld wisselen en laten bewaren

stedelijk poorterschap

soort verblijfsvergunning in de 17 e eeuw in Amsterdam die immigranten bepaalde rechten gaf

Ruimte om te schrijven

221


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west   6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw  

Zelftoets 6.3

4

In de Koopmansbeurs …

Amsterdam in de Gouden Eeuw

1

Wat betekent het als een stad ‘stapelmarkt’ genoemd wordt?

A

A

… kon men zijn goederen verhandelen.

B

… kon men verzekeringen afsluiten.

C

… kon men aandelen kopen.

D

… kon men geld wisselen.

5

– Wisselbank – geldwisselaars – waarde – Europa – geldwisselaars – muntgewichtdoos

Dat er goederen verzameld en opgeslagen worden.

C

Lees de tekst vul de juiste woorden in. Amsterdam – Antwerpen – buitenlands – handel

Dat de goederen op de markt opgestapeld worden.

B

Welk antwoord is ONJUIST?

Na 1585 van

werd haven in

Dat er in die stad stapels goederen verkocht

was de grootste haven van

worden. . Er werd in Amsterdam heel veel D

Dat de goederen in hoge gebouwen verkocht gedreven. Er kwam daardoor

worden. veel

2

werd het handelen een chaos. De

stad Amsterdam? A

Er kwamen meer beroepen in Amsterdam.

B

Er kwamen meer pakhuizen in Amsterdam

C

van de munten was niet duidelijk. In Amsterdam waren heel veel

Er kwam meer handel.

D

De stad werd groter.

3

De stad Amsterdam maakte in de 17 e eeuw een grote

De grachtengordel werd in de

6 17 e

voorzien. eeuw grachten gedempt

De arbeiderswijk de Jordaan werd in de 17 e eeuw gebouwd.

D

Aan het IJ werden in de 17 e eeuw scheepswerven gebouwd.

222

werd

Het aantal inwoners van Antwerpen daalde na 1585

A

door uithongering, door het beleg van landvoogd Parma

17 e

om huizen te bouwen. C

wisselden. De

sterk. Hoe kwam dat?

eeuw

gebouwd om de rijke kooplieden van huizen te

Er werden in de

geld

wisselpraktijken te brengen.

Welke zinnen horen hierbij?

B

die met hun

opgericht om eenheid en duidelijkheid in deze

groei door.

A

geld in omloop. Daardoor

Wat is GEEN gevolg van de stapelmarktfunctie van de

B

door het uitbreken van de pest in Antwerpen

C

door de blokkade van de Schelde

D

door het vluchten van kooplieden en protestanten


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw        6.5 Kunst        6.6 Knappe koppen

7

9

Vul in de tekst de ontbrekende woorden in. Kies uit: schipbrug – Willem van Oranje – kooplieden – Amsterdam – economisch – belangrijk – de Schelde

A

iemand uit het buitenland die in Nederland komt wonen

– protestanten – Filips II – Noord-Nederlandse – B

Antwerpen.

Wat is een immigrant?

een Nederlander die in het buitenland gaat wonen

Antwerpen was een

cultureel C

en economisch centrum. Antwerpen koos tijdens de

een Nederlander die weer in Nederland komt wonen

Nederlandse Opstand de kant van

D

komt wonen

. Daarom moest de hertog van Parma in opdracht van

een buitenlander die tijdelijk in Nederland

10 Wat betekent ‘tolerant zijn’? Antwerpen weer

veroveren. Hij deed dat door een in de rivier te leggen. Toen gaf Antwerpen zich over. Veel

A

je eigen mening willen doorvoeren

B

respect hebben voor anderen

C

verdraagzaam zijn

D

onverdraagzaam zijn

11

Zijn de volgende beweringen juist (J) of onjuist (O)?

en

vluchtten uit Antwerpen naar steden, waaronder . Na 1585 was en

8

geen cultureel centrum meer.

Waarom was Antwerpen de concurrent van

Antwerpen was katholiek en Amsterdam was protestants.

B

Antwerpen had meer inwoners dan Amsterdam.

C

1 Amsterdam was in de 17 e eeuw blij met immigranten.

Amsterdam in de 16 e eeuw? A

[J] [O]

2 De tolerantie van de stad Amsterdam blijkt uit de vele kerken die er gebouwd zijn. 3 Je hoefde aan geen enkele voorwaarde te voldoen wanneer je als immigrant naar Amsterdam kwam. 4 De minste immigranten kwamen in de 17 e eeuw uit Duitsland. 5 De immigranten uit de Zuidelijke Nederlanden waren meestal rijke textielhandelaars.

Antwerpen was net als Amsterdam een handelscentrum.

D

Antwerpen lag centraler in Europa dan Amsterdam.

223


Leerplan

Wat ga ik doen?

A Armenzorg

B Het Rasphuis

C Rijkdom in de Gouden Eeuw D Armoede in de Gouden Eeuw

Hoe ga ik dit doen?

  Leertekst

  Digitaal 

  Boek

  Opdrachten

  Digitaal 

  Boek

  Leertekst

  Digitaal 

  Boek

  Opdrachten

  Digitaal 

  Boek

  Leertekst

  Digitaal 

  Boek

  Opdrachten

  Digitaal 

  Boek

  Leertekst

  Digitaal 

  Boek

  Opdrachten

  Digitaal 

  Boek

Is het afgerond?

Tijdbalk

1531 Karel V voert wet in die bepaalt dat de stadsbesturen ook armenzorg moeten regelen 1596 Stichting van het Rasphuis in Amsterdam, tuchthuis voor jongens en later ook mannen

1597 Stichting van het Spinhuis Amsterdam, tuchthuis voor vrouwen

1653 Nicolaas van Loon komt in de vroedschap (het stadsbestuur) van Amsterdam

1530

1540

1550

1560

1570

1580

1590

1600

1610

1620

1630

1640

1650

1660

1670


Tijdvak 6 Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland 6.2 Op weg naar oost en west 6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw 6.5 Kunst 6.6 Knappe koppen

Paragraaf 6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw

Leerdoelen Na het bestuderen van deze paragraaf kun je:

Naast grote welvaart bestond er in de Gouden Eeuw ook nog armoede onder de bevolking. In de Middeleeuwen waren de armen vaak aangewezen op de hulp van de kerk. In de

1 uitleggen wat armenzorg in de 17 e eeuw inhield; 2 omschrijven hoe de ideeën over straffen veranderden;

Gouden Eeuw gingen ook stadsbesturen

3 omschrijven wat het Rasphuis was;

aan armenzorg doen. Ook ontstond er een

4 aangeven wat rijkdom in de Gouden Eeuw

informele economie, een ‘scharreleconomie’, van kleine bijbaantjes. De rijken schaamden zich niet voor hun welvaart. Integendeel: ze bewogen zich graag voort in hun koetsen, goed gekleed. En ze lieten grote grachtenpanden bouwen. Wie zo succesvol was, kon een baan als regent

inhield; 5 aangeven wie de rijken waren in de Gouden Eeuw; 6 omschrijven hoe een grachtenpand eruitzag in de 17 e eeuw; 7 uitleggen welke denkbeelden er waren over armoede; 8 omschrijven hoe armen leefden in de 17 e eeuw.

verdienen. Geld en macht gingen samen. In Gouden Eeuw veranderden de ideeën over straffen. Waar in de Middeleeuwen lijf- en schandstraffen gewoon waren, bedachten de regenten van de steden dat werkstraffen meer zin hadden. Ook om de gestraften iets te leren. In deze periode ontstonden bekende tuchthuizen.

Leswijs Geschiedenis


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west  6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

A Armenzorg De Gouden Eeuw (1600-1700) wordt

geweest zodat iemand geen producten

bron 1 : Huis-aan-huiscollecte

zo genoemd omdat de Republiek

kon verkopen en niets verdiende. Of

voor de armenzorg

(zo werd Nederland in de 17 e eeuw

iemand had een te zwakke gezondheid

genoemd) een zeer welvarende periode

om te werken. Het kon ook gebeuren

doormaakte. Er waren heel veel rijke

dat je gewoon geen werk kon vinden.

kooplieden. Maar ook in de Gouden

Er werd gelukkig wel voor deze arme

Eeuw waren er arme mensen. Zo kon

mensen gezorgd. Dat noem je de

het gebeuren dat er een misoogst was

armenzorg.

In de Middeleeuwen (500-1500) zorgde de Katholieke Kerk voor de armen. De kerk deelde eten, kleding en brandstof

Daarnaast waren er hofjes, gasthuizen en weeshuizen.

uit (‘de Tafel van de Heilige Geest’ werd dat genoemd). Bij

Hofjes waren instellingen voor oudedagsvoorziening

sommige kloosters was een gasthuis waar zieken, armen of

van mensen die in moeilijke omstandigheden leefden.

ouderen konden verblijven. De kerk en de kloosters deden

Het waren huisjes rondom een binnenplaats. De tuintjes

dit uit liefdadigheid. Men zag de zorg voor de armen als een

gebruikten de bewoners om groenten en bloemen te

goed werk, waarmee een plekje in de hemel te verdienen

kweken. De hofjes werden bestuurd door de regenten van

was. In de middeleeuwse stad hielpen de gilden hun leden

de stad. In Amsterdam had je bijvoorbeeld het Begijnhof en

als die ziek of oud waren.

het Karthuizerhof. Gasthuizen waren oorspronkelijk opvanghuizen bij

In de Nieuwe Tijd (1500-1800) veranderde de armenzorg

kloosters voor mensen die arm en ziek waren. Toen

langzamerhand. Keizer Karel V (1500-1558) regeerde in

de welvaart groeide, kregen de gasthuizen van de

de

16 e

eeuw over een groot deel van het huidige Europa.

stadsbesturen grotere ruimtes ter beschikking. Gasthuizen

In 1543 werd hij landsheer van De Nederlanden. Karel

waren ook bestemd voor zieke mensen. Tegenwoordig

V had in 1531 een wet ingevoerd die bepaalde dat de

heten sommige ziekenhuizen ook nog wel ‘gasthuis’, het

stadsbesturen ook armenzorg moesten gaan regelen. De

Onze Lieve Vrouwe Gasthuis in Amsterdam bijvoorbeeld.

stadsbesturen richtten ‘huiszittenhuizen’ op, huizen van

Weeshuizen waren er voor kinderen zonder ouders. Er

waaruit zorg werd geregeld voor armen die nog wel een

waren weeshuizen voor kinderen van rijke ouders, zij

huisje hadden (maar geen werk). De ‘huiszitters’ konden er

kregen daar een opleiding. Ook deze weeshuizen werden

voedsel en kleding krijgen. Deze zorg kun je wel vergelijken

bestuurd door regenten. De bestuurders verhuurden

met de voedselbank van nu.

kinderen aan ondernemers als ze tussen de 10 en 14 jaar

De wet van 1531 regelde ook dat armen niet van stad

oud waren. De stadsbesturen ontvingen de lonen van

naar stad mochten trekken om te bedelen. Je mocht pas

deze kinderen. In Amsterdam had je bijvoorbeeld het

gebruikmaken van de bedeling (de zorg voor de armen) als

Burgerweeshuis.

je langer dan een jaar ergens woonde. Toen in de

16 e

eeuw

de protestantse kerken ontstonden, kwamen er nog meer

De verschillende instellingen kwamen aan geld door

instellingen bij die aan armenzorg deden. Voorwaarde voor

collectes, subsidies, giften en leningen. Doordat de

het ontvangen van deze zorg was wel dat je lid was van die

Republiek een sterke economische groei doormaakte,

kerk en dat je een net leven leidde.

werd er ook meer geld aan armenzorg besteed. Maar de armen moesten er wel iets voor terugdoen. De kinderen

In de Gouden Eeuw waren er dus diverse organisaties die

in de weeshuizen moesten zich aan regels houden: geen

aan armenzorg deden. Ze deelden voedsel en kleding uit,

ruzie maken, niet vloeken en niet kaarten. Zij moesten zich

en ook ‘armenpenningen’ of ‘armenloodjes’. In ruil daar-

gedragen zoals dat in het christelijke gezin hoorde.

voor konden de armen brood en turf (brandstof) kopen.

226


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw         6.5 Kunst        6.6 Knappe koppen

1

In Nederland bestaat de mogelijkheid een uitkering

2d

Waarom werd die wet ingesteld?

2e

Noem drie organisaties die in de Gouden Eeuw aan

aan te vragen. Dat betekent dat je geld krijgt van de overheid om rond te kunnen komen. 1a

Wanneer kun je in Nederland een uitkering aanvragen?

1b

Noem twee organisaties in Nederland die hulp geven

armenzorg deden.

als mensen (te) weinig geld hebben.

1

1

2

2

3 1c

Lees de volgende bewering: ‘In Nederland is niemand arm.’

3

Bekijk bron 2, je ziet verschillende armenpenningen van de stad Amsterdam.

Geef een argument voor deze bewering. 3a

De armen konden met zo’n armenpenning hulp krijgen. Welke hulp was dat?

Geef een argument tegen deze bewering.

3b

Bij welke organisatie kunnen mensen die tegenwoordig arm zijn in Nederland voedsel krijgen?

3c

2

Zoek op internet naar gegevens over deze organisatie. Wanneer kun je terecht bij deze organisatie?

Lees de introductietekst en de leertekst en bekijk bron 1. Ook in de Gouden Eeuw konden mensen arm worden.

2a

Noem twee oorzaken voor armoede bij mensen in de 16 e en 17 e eeuw. 1 2

2b

3d

Wat is het doel van deze organisatie? Noem er twee. 1

Noem twee instellingen die armen in de Middeleeuwen hielpen.

2

1 2 bron 2 : Armenpenningen

2c

Welke gevolgen had de wet die Karel V instelde voor de stadsbesturen met betrekking tot de armenzorg?

Vervolg

 227


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west  6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

4

‘Voor wat, hoort wat’, volgens het volgende fragment.

5

Bekijk bron 3, je ziet de inkomsten van de Amsterdamse instellingen die zorgden voor de armen in de stad.

‘Het stadsbestuur wilde voor de hulp die zij aan de armen gaven wel iets terug (…) van de armen wordt toch wel verwacht dat zij netjes en volgens de regels leven.’

5a

Noem vijf inkomstenbronnen van de armenzorginstellingen.

 Bron: At. van Deursen (1991). Mensen van klein vermogen. Bert

1

Bakker, p. 81)

2 4a

Wat werd, volgens dit fragment, van de armen 3

verwacht als zij hulp kregen?

4 5 4b

Het stadbestuur gaf niet zomaar hulp aan de armen van de stad. De armen moesten netjes leven. Ben jij

5b

het eens of oneens met het stadsbestuur?

Welke instelling kreeg als enige subsidie? En waarom? Kies je antwoord en maak de zin af.

Ik ben het eens / oneens met het stadsbestuur, want

5c

Lees de volgende bewering: ‘De Hervormde Kerk en de Lutherse kerk (dit zijn protestantse kerken) hadden meer gelovigen dan de Katholieke kerk.’ Is deze bewering juist of onjuist? Kies je antwoord en maak de zin af. Gebruik hierbij bron 3. Deze bewering is  juist  / onjuist, want

bron 3 : Inkomsten van de Amsterdamse instellingen  (Uit: M.H.D. van Leeuwen (1996). Amsterdam en de armenzorg tijdens de republiek. NEHA jaarboek. p.140)

228


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw         6.5 Kunst        6.6 Knappe koppen

Ruimte om te schrijven

229


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west  6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

B Het Rasphuis Het Rasphuis in Amsterdam

nieuwe gevangenen. Dat wordt niets.

waterkelder opgesloten.

Weer zo’n idioot die allang blij is dat

Ergens in het tehuis klinkt gerucht;

‘Doorwerken, luie sodemieter!’, brult

hij aan de galg ontkomen is, maar die

een massief houten deur naar de

de opzichter en hij laat zijn gesel met

nog niet in de gaten heeft waar hij nu is

binnenplaats zwaait knarsend open. De

kracht neerkomen op de blote rug van

beland.

gevangenen gluren door hun oogharen

een gevangene die nog maar kort in het

Twee mannen moeten per dag

naar een zo te zien welgesteld gezin dat

verbeterhuis werkt. ‘Moorden en stelen

vijftig pond hout kunnen raspen,

door de regent van het Rasphuis wordt

kun je al, maar hier zullen we je leren

hard tropenhout uit Zuid-Amerika,

rondgeleid. Menig Amsterdammer

wat werken voor je brood betekent!’

waarvan verf wordt gemaakt. Wie dat

heeft wel een duitje over voor een kijkje

Reinout richt zich heel even op om zijn

niet haalt, krijgt niet te eten. Wie de

in het Rasphuis.’

rug te strekken voor hij weer verder

volgende dag nog niets geleerd heeft of

 Bron: Vrij naar: Simone van der Vlugt (1996).

zaagt. Voorzichtig kijkt hij even naar de

opstandig gedrag vertoont, wordt in de

Bloedgeld. Rotterdam: Lemniscaat, blz. 8-9.

In de Middeleeuwen was het niet gebruikelijk mensen te

Onder in het Rasphuis was een kelder die onder water

straffen door ze in een gevangenis te stoppen. Mensen

gezet kon worden. Er stond ook een handpomp om het

kregen een lijfstraf (je werd bijvoorbeeld geslagen met een

water weg te pompen. Als je voor straf de kelder in moest,

zweep, gebrandmerkt of je vingers werden eraf gehakt), de

moest je pompen, anders verdronk je: het was ‘pompen of

doodstraf of een schandstraf. Bij een schandstraf werd je

verzuipen’.

vastgebonden aan een paal of schandblok en werd je zo te

In het Rasphuis zaten ook kinderen van rijkelui, op een

kijk gezet. Mensen die de wet hadden overtreden, konden

aparte, gesloten afdeling omdat niemand mocht weten ze

ook verbannen worden of verplicht op bedevaart gestuurd

daar zaten. Ze werden ‘wittebroodskinderen’ genoemd: ze

worden.

hoefden niet te werken maar moesten hun verkeerde daden

Vanaf de 16 e eeuw ging men anders denken over straffen.

overdenken.

Mensen moesten een heropvoeding krijgen en de mogelijkheid om een vak te leren. Dan zou hun gedrag wel

In de loop der tijd werd het Rasphuis door stadsbesturen

verbeteren. Bovendien zouden mensen hard werken een

steeds meer gebruikt als bron van goedkope

zwaardere straf vinden dan een lijfstraf. In tuchthuizen en

arbeidskrachten en kwamen er ook meer volwassenen

werkhuizen werden de criminelen (bedelaars, dieven en

werken, onder barre omstandigheden. Nicolaas van Loon,

moordenaars) hard aan het werk gezet. De lijfstraffen en de

een van de regenten van Amsterdam, was bestuurder van

andere straffen bleven overigens nog wel bestaan.

het Rasphuis in Amsterdam.

In 1596 werd in Amsterdam het Rasphuis gesticht. Een jongen van goede afkomst, Evert Jansz, had gestolen van zijn baas en zou een lijfstraf moeten krijgen. Maar het stadsbestuur vond dat deze jongen heropgevoed moest worden. En daarom richtte men het Rasphuis op, een tuchthuis of verbeterhuis voor jonge, mannelijke misdadigers. Vrouwen moesten voor straf spinnen en naaien in het Spinhuis. Jongens moesten hout tot poeder raspen, voor de verfindustrie. Wie niet wilde werken, kreeg straf.

230

bron 4 : Binnenplaats van het Rasphuis


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw         6.5 Kunst        6.6 Knappe koppen

1

Lees de introductietekst en de leertekst. Naast lijfstraffen werden er in de 16 e eeuw ook straffen als een verblijf in een ‘verbeterhuis’ opgelegd.

1a

Waarom werd zo’n huis een ‘verbeterhuis’ genoemd?

bron 5 : Toegangspoort Rasphuis

Boven de poort staat een Latijnse spreuk, vertaald: ‘Wilde beesten moet men temmen.’ Tegenwoordig is de poort de toegangspoort van een winkelcentrum.

1b

Lees de introductietekst. Noem twee voorbeelden waaruit blijkt dat de omstandigheden in het Rasphuis slecht waren. 1

2

1c

Waarom denk je dat ‘menig Amsterdammer wel een duitje over had voor een kijkje in het Rasphuis?’

2

Bekijk bron 4, je ziet de binnenplaats van het Rasphuis.

4

Lees het fragment over de nieuwe manier van straffen.

Verklaar de term ‘Rasphuis’ door uit te leggen wat er gebeurt.

Nieuwe manier van straffen ‘Deze nieuwe manier van straffen was in Europa een bijzonder experiment. Veel buitenlanders kochten een kaartje voor de publieke tribune van het Rasphuis, waar ze de gestraften Braziliaans hardhout tot poeder konden zien raspen. Het geld voor de entreekaartjes kwam, samen met wat het raspen opleverde (het poeder was de grondstof

3

Bekijk bron 5 en geef een verklaring voor de Latijnse spreuk die boven de poort van het Rasphuis staat.

voor verf), ten goede aan het tuchthuis.’  Bron: volkskrant.nl

4a

Wat was de nieuwe manier van straffen?

Vervolg

 231


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west  6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

4b

Waarom was dit een bijzonder experiment?

5

Bekijk bron 6, je ziet een afbeelding van een ‘t Wittebroodskint’.

5a

Wie werden er in het Rasphuis ‘wittebroodskinderen’ genoemd?

4c

Hoe werden misdadigers in de Middeleeuwen gestraft? 5b

bron 6 : ‘t Wittebroodskint’

232

Waarom werden ze zo genoemd?


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw         6.5 Kunst        6.6 Knappe koppen

Ruimte om te schrijven

233


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west  6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

C Rijkdom in de Gouden Eeuw De rijken van nu kun je vinden in

In de Gouden Eeuw liet men zijn

Meestal hadden de rijken ook nog een

alle bevolkingslagen. Iedereen kan

rijkdom ook graag zien. Rijke mensen

buitenhuis. Aan de rivier de Vecht

rijk worden, door bijvoorbeeld een

hadden dure huizen, bijvoorbeeld

bijvoorbeeld.

succesvol eigen bedrijf te runnen of

grachtenpanden. Die zagen er heel

door het winnen van de loterij. Rijkdom

‘rijk’ uit. Ze hadden grote deuren en

herken je aan dure huizen, auto’s, boten

bijzondere gevels. Er waren trapgevels,

en een luxe levensstijl.

halsgevels, lijst- en klokgevels.

Rijke mensen kon je in de Gouden Eeuw herkennen aan

matroos en klom op tot viceadmiraal bij de marine, en Jan

hun mooie kleren. In de loop van de eeuw gingen mensen

Poppen: van eenvoudige kantoorbediende werkte hij zich

meer gekleurde kleren dragen, van luxe stoffen als zijde en

op tot succesvol koopman. Zijn zoon Jacob was in 1624, bij

satijn, met borduursels van gouddraad. Bij vrouwen kwam

zijn overlijden, de rijkste man van Amsterdam.

het dragen van driekwartsmouwen in de mode, zodat de armbanden zichtbaar werden. Regenten gingen doorgaans

Een ander voorbeeld van rijkdom in de Gouden Eeuw

in het zwart gekleed met witte kragen. Het rijden in een

was de familie Van Loon. Nicolaas van Loon (1602-1675)

koets was ook een uiting van rijkdom. Men maakte graag

was een zoon van een van de bestuurders van de VOC in

indruk met zijn rijkdom.

Amsterdam. Nicolaas was een rijke koopman en hij kon daardoor in 1653 in de vroedschap (het stadsbestuur) van

De adel (de mensen die veel land bezaten) behoorde in het

Amsterdam komen. Je moest aan een aantal eisen voldoen

begin van de Gouden Eeuw al tot de rijken van De Neder-

als je lid wilde worden van het stadsbestuur. Zo moest je lid

landen. Tijdens de Gouden Eeuw kwamen daar de regenten

zijn van de protestantse kerk en je moest een huis bezitten.

en kooplieden bij. Door hun rijkdom konden zij een plek in

Het huis van de familie Van Loon in Amsterdam is nog

het bestuur van de steden van de Republiek ‘kopen’. Banen

steeds te bezichtigen.

werden onderling verdeeld en het was niet makkelijk daar tussen te komen. Maar je kon wel van een eenvoudig baan-

De rijken woonden vooral in het gewest Holland.

tje ‘opklimmen’ naar een goede baan. De bekendste voor-

Amsterdam en Den Haag waren de steden waar de meeste

beelden hiervan zijn wel Michiel de Ruyter: hij begon als

rijken woonden.

bron 7 : In de tuin van het buitenhuis: rijkdom in de 17 e eeuw

234


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw         6.5 Kunst        6.6 Knappe koppen

1

Lees de introductietekst.

1a

Geef vijf voorbeelden waaraan je in de 17 e eeuw kon

2b

antwoord en maak de zin af.

zien of iemand rijk was.

1b

Kon iedereen in de Gouden eeuw rijk worden? Kies je

 Ja  / Nee, want

Bekijk bron 7, je ziet een schilderij van een Amsterdamse koopman in de 17 e eeuw. Welke voorbeelden van rijkdom zie je op dit schilderij terug? 1

3

Bekijk bron 8, je ziet een schilderij van het huwelijk

2

van Willem van Loon (de broer van Nicolaas) met

3

Margaretha Bas.

2

Lees de leertekst.

2a

Geef twee redenen waardoor mensen in de Gouden

3a

Wie was de familie van Loon?

3b

Noem drie dingen in het schilderij waaraan je kunt zien

Eeuw rijk konden worden. 1

2

dat dit een rijke familie was. 1 2 3

bron 8 : Huwelijk van Willem van Loon (1637)

Vervolg

 235


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west  6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

4

5

Bekijk bron 9. In Amsterdam hebben de grachtenpanden verschillende soorten gevels.

4a

grachtenpand eruitzag. Gebruik daarvoor bijvoorbeeld de site goudeneeuw.nl.

Welke soorten gevels zie je? Zet de juiste gevel bij

In overleg met je leraar werk je in groepjes of alleen.

het juiste nummer. Kies uit: trapgevel – klokgevel – 5a

halsgevel

In deze opdracht ga je zelf ontdekken hoe een

Je gaat op internet zoeken naar verschillende soorten grachtenpanden. Je kiest er vervolgens een uit. Van dit

1

grachtenpand maak je een tekening.

2

Schrijf kort op wat de uiterlijke kenmerken van jullie grachtenpand zijn. De volgende vragen gebruik je

4b

3

hierbij:

Welk soort gevel ontbreekt?

1 Hoe ziet de gevel eruit? 2 Welke verschillende soorten gevels bestonden er? 3 Hoe ziet de deur eruit? Waarom werd de deur vaak

4c

hoger geplaatst?

Waarom werden grachtenpanden met deze gevels

4 Zijn er veel versierselen aan het pand te

gebouwd?

ontdekken? Zo ja, waarom bracht men deze aan? 5b

Zoek (op internet) op hoe de binnenkant van een grachtenpand eruit zag (bijvoorbeeld op www.grachtenpand.nl, lesmateriaalvoorhoogbegaafden.com/geschiedenis). Beantwoord de volgende vragen. 1 Hoe was de indeling van een grachtenpand? Maak een plattegrond van een grachtenpand. 2 Welke meubels werden gebruikt? 3 Wat hing er aan de muur?

5c

Vul nu de plattegrond in met meubels en dergelijke. Hang je plattegrond vervolgens aan de muur: je hebt nu samen met je klasgenoten een grachtengordel gemaakt!

bron 9 : Amsterdamse gevels

5d

Bezoek, in overleg met de leraar, een grachtenpand in Amsterdam, bijvoorbeeld Museum Van Loon, Museum

1

2

3

Geelvinck, Museum Willet-Holthuysen of museum Het Grachtenhuys. Al deze musea hebben een site. Daar kun je ook informatie over grachtenpanden vinden.

236


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw         6.5 Kunst        6.6 Knappe koppen

Ruimte om te schrijven

237


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west  6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

D Armoede in de Gouden Eeuw Wanneer is iemand arm? Als je geen

als mensen arm zijn. Want iedereen is

eten kunt betalen? Als je geen huis

toch gelijk?

hebt? Is arm in Nederland hetzelfde

In de Gouden Eeuw dacht men

als arm in Afrika? Zomaar een aantal

anders over armoede dan wij nu doen.

vragen waar je niet direct een antwoord

Armoede hoorde bij het leven. Het was

op hebt. Arm zijn is betrekkelijk. Wat

niet iets wat opgelost hoefde te worden.

de een arm vindt, ervaart de ander

Men probeerde de armen wel te helpen.

misschien niet als arm. Tegenwoordig is

Vandaar de uitgebreide armenzorg in

het wel zo dat we het oneerlijk vinden

de Republiek.

bron 11 : Centsprentje

Dat er armen waren in de Republiek, weten we omdat

Werkzaamheden waren onder andere: stovenzetten

documenten aantonen dat zo’n 10 tot 15% van de bevolking

in de kerk (stoven waren houten kistjes met hete kolen

afhankelijk was van de bedeling. Als je geen inkomsten

waarop de kerkgangers hun voeten konden verwarmen),

had, bepaalde het stadsbestuur of je recht had op

boodschappen doen, pannenkoeken bakken, ratten

ondersteuning. Je kon dan eten of kleding krijgen. Er vielen

vangen en waarzeggen. Ook werkten veel mensen in

ook mensen buiten de bedeling, bijvoorbeeld omdat ze

seizoensarbeid, als veensteker of in de landbouw en

niet eerlijk waren, bedelden of uit andere dorpen of landen

visserij.

kwamen.

De mensen in de Gouden Eeuw aten voornamelijk

De regenten waren vaak negatief over mensen die

roggebrood. Als je dat niet meer kon betalen, at je een soort

bedelden. Bedelaars vond men lui. Toch hadden bedelaars

bonensoep. Vis en grutten (bonen) werd ook veel door de

hun situatie niet altijd aan zichzelf te danken. Als een boer

armen gegeten.

een misoogst had of een wever te maken had met een crisis in de lakennijverheid, dan konden zij soms niets

Van de rijken uit de Gouden Eeuw zijn best veel dingen

anders doen dan bedelen.

bewaard gebleven: kleding, huizen en kunst. Van de armen

Hoeveel mensen bedelden, weten we niet. Maar in

niet, zij hadden niet veel. De kwaliteit was meestal ook niet

vergelijking met andere landen in wereld viel de armoede

zo dat het de eeuwen kon doorstaan. En mensen vonden

in de Republiek nog mee. Mensen kwamen in de Republiek

de spullen van de armen ook het bewaren niet waard. Er

niet om van de honger, maar breed hadden velen het niet.

zijn wel wat dingen gevonden, bijvoorbeeld centsprenten.

Vele mensen scharrelden met kleine baantjes wat

Dat waren heel goedkope afbeeldingen die mensen in hun

geld bij elkaar. We noemen dit een scharreleconomie.

woonkamer konden ophangen.

bron 10 : Ontwikkeling armoede in Nederland 1995-2005

1.000 800 600 400 200 0

1995

1996

1997

1998

1999

2000

2001

2002

2003

2004

   lage-inkomensgrens   niet-veel-maar-toereikendgrens   basisbehoeftengrens

238

2005


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw         6.5 Kunst        6.6 Knappe koppen

1

Lees de introductietekst en bekijk bron 10.

1a

Hoeveel mensen leven in Nederland in de periode

2b

te komen over het dagelijks leven van de armen in de Gouden Eeuw?

1995 tot en met 2005 rond de basisbehoeftengrens?

1b

Zijn centsprentjes goede bronnen om meer te weten

Wat zijn de drie basisbehoeften? 1 2c 2

Waarom weten we zo weinig over het leven van de armen in de Gouden Eeuw?

3 1c

In de 17 e eeuw probeerde men de armoede niet op te lossen maar dragelijk te maken. Proberen wij in de 21e eeuw armoede wel op te lossen? Leg je antwoord uit.

3

Bekijk bron 12, je ziet een afbeelding van een kleermakerswinkel in de 17 e eeuw.

3a

2

2a

Welke drie bevolkingslagen zie je op deze afbeelding?

Lees de leertekst en bekijk bron 11, je ziet een

Vul bij de nummers de juiste bevolkingslaag in. Kies uit:

centsprentje.

middenstand, armen, rijken.

Wat zijn centsprentjes?

1 2 3

bron 12 : Kleermakerswinkel in de 17 e eeuw

1

2

3

Vervolg

 239


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west  6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

3b

Waaraan kun je dit zien? Omschrijf de kleding van de

bron 13 : De burgemeester van Delft

drie groepen.

(Jan Steen, 1655)

Rijken:

Middenstand:

Armen:

4

Bekijk bron 13, je ziet een schilderij van de burgemeester van Delft met zijn dochter. Naast de burgemeester staat een bedelares met haar dochter. Zij krijgen geld van de burgemeester.

4a

Omschrijf het verschil in kleding tussen de burgemeester en zijn dochter en de bedelares en haar kind.

4b

Waarom denk je dat de burgemeester zich zo liet schilderen?

5

Bekijk bron 14, je ziet een stilleven van een avondmaal uit de Gouden Eeuw.

5a

Op dit schilderij zie je ook het voedsel dat de armen aten in de Gouden Eeuw. Welk voedsel was dit?

bron 14 : Avondmaal (Pieter Claesz, 1627)

240

5b

Ook zie je het voedsel dat de rijken aten in de Gouden Eeuw. Welk voedsel was dit?


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw         6.5 Kunst        6.6 Knappe koppen

Kernbegrippen armenzorg

hulpverlening aan mensen die in armoede leven

bedeling

geven van hulp aan armen: het uitdelen van voedsel en kleding, en het geven van onderdak

centsprent

goedkope afbeelding die mensen in hun huis konden ophangen

heropvoeding

opnieuw opgevoed worden, opdat iemands gedrag verbetert

hofje

verschillende kleine huisjes in de stad, met rondom een binnentuin. Instelling voor oudedagsvoorziening van mensen die in moeilijke omstandigheden leefden

gasthuis

opvanghuis bij klooster voor mensen die arm en ziek waren

grachtenpand

huis aan de gracht, vaak oud. Meestal zijn de huizen smal, diep en hoog. Veel grachtenpanden hadden een pakzolder, waar handelsvoorraad kon worden opgeslagen

lijfstraf

straf waarbij men je lichaam schendt door je te pijnigen

Rasphuis

Amsterdams tuchthuis voor jongens, later ook voor mannen. De gestraften moesten hout raspen, als werkstraf

schandstraf

straf waarbij je wordt vastgebonden aan een paal of schandblok en zo te kijk wordt gezet

scharreleconomie

het geld dat verdiend wordt met kleine bijbaantjes, geen officieel werk.

Spinhuis

tuchthuis voor vrouwen die daar als werkstraf moesten spinnen

vroedschap

stadsbestuur, nam vooral beslissingen over economische kwesties

weeshuis

tehuis voor kinderen zonder ouders

Ruimte om te schrijven

241


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west  6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

Zelftoets 6.4

4

Zet de zinnen in de juiste chronologische volgorde: 1 Het Rasphuis wordt geopend.

Arm en rijk in de Gouden Eeuw

2 In het Rasphuis komen ook volwassenen werken. 3 In de Middeleeuwen zijn er voornamelijk lijfstraffen.

1

Welke organisaties deden in welk tijdvak aan armenzorg? Geef aan of onderstaande begrippen horen bij de ‘Middeleeuwen’ (500-1500) (M) of bij de ‘Nieuwe Tijd’ (1500-1800) (NT). [M] [NT]

1 Protestantse Kerk 2 Rooms-Katholieke Kerk 3 stadsbesturen

5

Voor wie was het Rasphuis NIET bedoeld?

A

voor rijke criminele jongens

B

voor criminele vrouwen

C

voor arme criminele jongens

D

voor criminele volwassen mannen

6

In de Nieuwe Tijd was er hulp voor armen met en zonder huis.

4 gilden 6a

2

Karel V voerde in 1531 een wet in om de armenzorg

Waar kon je in de Nieuwe Tijd (1500-1800) heen als je zelf geen huis had? Noem drie mogelijkheden.

door de stadsbesturen te laten uitvoeren. Waarom

A

deed hij dit? Kies het juiste antwoord.

1

Hij voerde de wet in, omdat …

2

… de kerk de hoeveelheid armenzorg niet

3

aankon. B

… de bevolking groeide en dus ook de

6b

hadden?

hoeveelheid armen toenam. C

Welke hulp was er voor mensen die zelf wel een huis

… er veel meer bedelaars kwamen en dat overlast veroorzaakte.

D

… de stadsbesturen de macht van de Kerk wilde verkleinen.

3

In 1596 werd in Amsterdam het Rasphuis opgericht.

3a

Wat was in 1596 de aanleiding tot het oprichten van

7

Adriaan Pauw zit. Hij was een belangrijke regent in Amsterdam in 17 e eeuw. 7a

Wat was de oorzaak van het oprichten van het Rasphuis in Amsterdam?

Waaraan kun je op dit schilderij zien dat Adriaan Pauw rijk was?

het Rasphuis in Amsterdam?

3b

Op de afbeelding in bron 1 zie je een koets waarin

7b

Hoe laten mensen in onze tijd zien dat zij rijk zijn? Noem twee voorbeelden. 1 2

242


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw         6.5 Kunst        6.6 Knappe koppen

8

Rijkdom en macht gingen zowel in de Middeleeuwen

10 Welke beweringen zijn juist (J) en welke onjuist (O)?

als in de Gouden Eeuw vaak samen. 8a

Welke bevolkingsgroep was in de Middeleeuwen rijk

[J] [O] 1 Mensen gingen bedelen omdat ze geen zin

en machtig?

hadden om te werken. 2 Bedelaar kon je worden als je als boer een misoogst had gehad.

8b

In de Gouden Eeuw werd een andere bevolkingsgroep rijk en machtig. Welke groep was dat?

3 Bedelaar kon je worden, als je als wever een crisis in de lakennijverheid moest meemaken. 4 Bedelaar werd je wanneer je in een

8c

bedelaarsfamilie geboren was.

Leg uit hoe deze groep rijk en machtig is geworden.

11

Geef voor elke bewering hieronder aan of deze hoort bij de 17 e eeuw of bij de 21e eeuw. [17] [21]

1 Arm zijn is niet eerlijk. 2 Armoede hoort bij het leven. 3 We kunnen armoede oplossen.

9

Welke antwoord is ONJUIST?

4 De mensen zijn ongelijk.

Je kon lid worden van de vroedschap als … A

… je lid was van de gereformeerde kerk.

B

… je een huis bezat.

C

… je uit een rijke familie kwam.

D

… je opkwam voor de rechten van de armen.

12

Lees het fragment over scharreleconomie.

‘Bijeen scharreleconomie is het werk dat wordt gedaan geen officieel werk. Mensen betalen geen belasting en voor dit werk zijn er geen regels en wetten. Deze economie wordt ook wel informele economie genoemd. 12a In welke landen vind je tegenwoordig nog een

bron 1 : Regent Adriaan Pauw op reis (1648)

scharreleconomie?

12b Leg uit waarom de term scharreleconomie van toepassing is op de 17 e eeuw.

243


Leerplan

Wat ga ik doen?

A Wie waren de opdrachtgevers in de kunst? B Rembrandt en De Nachtwacht C Feest in de Gouden Eeuw D Het Stadhuis op de Dam

Hoe ga ik dit doen?

  Leertekst

  Digitaal 

  Boek

  Opdrachten

  Digitaal 

  Boek

  Leertekst

  Digitaal 

  Boek

  Opdrachten

  Digitaal 

  Boek

  Leertekst

  Digitaal 

  Boek

  Opdrachten

  Digitaal 

  Boek

  Leertekst

  Digitaal 

  Boek

  Opdrachten

  Digitaal 

  Boek

Is het afgerond?

Tijdbalk

1586 Schilder Frans Hals vlucht uit Antwerpen naar Haarlem en gaat daar werkte

1632 Rembrandt wordt beroemd om zijn schilderij

1656

‘De anatomische les van Dr. Tulp’

Rembrandt gaat failliet en moet al zijn bezittingen verkopen 1642

Rembrandt is klaar met het

1669

schilderen van De Nachtwacht

Rembrandt overlijdt

1648 - 1697 Bouw van het nieuwe Stadhuis op de Dam in Amsterdam

1570

1580

1590

1600

1610

1620

1630

1640

1650

1660

1670

1680

1690

1700

1710


Tijdvak 6 Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland 6.2 Op weg naar oost en west 6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw 6.5 Kunst 6.6 Knappe koppen

Paragraaf 6.5 Kunst

Leerdoelen Na het bestuderen van deze paragraaf kun je:

De Gouden Eeuw was ook een ‘gouden’ tijd voor de kunst, vooral de schilderkunst. Rijke handelaren hingen graag grote schilderijen aan de muren van hun grote huizen. Vaak

1 aangeven wie de opdrachten gaven aan de kunstenaars; 2 verklaren waarom die opdrachtgevers de kunstenaars de opdrachten gaven;

stonden ze er zelf op. Veel kunstenaars

3 beschrijven wie Rembrandt was;

konden leven van het maken van zulke

4 uitleggen wat De Nachtwacht is;

portretten. De Gouden Eeuw leverde dan

5 verklaren waarom De Nachtwacht geschilderd

ook veel grote namen op als het gaat om schilderen: Rembrandt van Rijn, Frans Hals, Jan Steen en nog vele anderen. De meeste beroemde schilders gaven ook schilderles en

is; 6 aangeven wie Frans Hals en Jan Steen zijn; 7 omschrijven wat voor schilderijen zij maakten; 8 vertellen wat de betekenis is van de schilderijen;

zo kwamen er meer goede schilders bij.

9 uitleggen wat het Paleis op de Dam was;

De stad Amsterdam liet graag aan de

10 uitleggen waarom het paleis gebouwd werd;

buitenwereld zien hoe succesvol ze was.

11 omschrijven welke functie het paleis in onze

Er was een nieuw stadhuis nodig, en dat

tijd nog heeft.

moest een heel mooie worden. Eind 17 e eeuw was het klaar: het Stadhuis op de Dam, tegenwoordig bekend als Paleis op de Dam.

Leswijs Geschiedenis


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west  6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

A Wie waren de opdrachtgevers in de kunst? Het is druk op de kunstmarkt in

geldnood komt, kun je het altijd weer

Amsterdam. Schilders verkopen

verkopen.

er schilderijen in alle soorten en

De echt rijke burgers zie je niet op de

maten. Landschapjes, zeegezichten,

kunstmarkt. Die zoeken beroemde

winterbeelden en vreemde portretten.

schilders thuis op om voor veel geld hun

In de 17 e eeuw kopen veel mensen een

portret te schilderen. Of nog gezelliger:

schilderij als goede besteding voor hun

ze laten hun portret schilderen met de

gespaarde geld. Je kunt dat schilderij

hele familie erbij.

aan de muur hangen, en als je ooit in

De 17 e eeuw was een ‘gouden’ tijd voor Nederland.

Er werden heel verschillende dingen geschilderd. Er

Nederland was in die tijd een geweldige plek voor

bestonden in die tijd nog geen foto’s. Dus als je een portret

kunstenaars. In een periode van honderd jaar werden

van jezelf wilde hebben, moest je het laten schilderen.

tienduizenden schilderijen gemaakt en verkocht. Daar ging

Veel rijke Nederlanders bestelden zo’n portret. Ze lieten

veel geld in om. Dit geld verdienden de Nederlanders met

zich meestal alleen schilderen, maar soms ook als groep,

de handel, maar ook door het veroveren van verre gebieden

bijvoorbeeld met familie of collega’s. In zo’n groep betaalde

en de verkoop van slaven. Van hun winsten kochten ze ook

iedereen voor zich. En hoe beter jouw plek was op het

mooie dingen, zoals schilderijen.

schilderij, hoe meer geld het je kostte.

Schilderijen waren er in allerlei soorten. Rijke handelaars

Schilders maakten ook schilderijen van landschappen,

hadden grote, dure schilderijen in hun huis hangen. Die

van het leven in de stad en van voorwerpen (stillevens).

waren geschilderd door de beroemdste schilders van die

Dan was tijdens het schilderen meestal nog niet bekend

tijd: Rembrandt van Rijn, Johannes Vermeer, Frans Hals,

of het schilderij verkocht kon worden, zoals bij een

Jan Steen en nog vele anderen. Maar niet alleen de rijke

portret wel het geval was. Schilders specialiseerden zich

burgers konden schilderijen betalen. Ook handwerkslieden

meestal in één soort werk. Zo had je schilders die alleen

konden dat, maar die schilderijen waren veel goedkoper

winterlandschappen maakten, of schilders die grote

dan de prachtige exemplaren die bij de hoge heren aan de

zeeslagen schilderden. Zo hoopten ze daar heel goed in te

muur hingen.

worden en veel schilderijen te kunnen verkopen.

bron 1 : De kunstcollectie van

aartshertog Leopold Wilhelm In de 17 e eeuw lieten kunst­ bezitters soms een overzicht van hun belangrijkste schilderijen schilderen. Al deze schilderijen lieten zij dan in een kunstkamer zien. Vaak stonden zij zelf ook op het schilderij. Zo’n schilderij van een kunstkamer zie je hiernaast.

246


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw          6.5 Kunst          6.6 Knappe koppen

1

Lees de introductietekst en bekijk bron 1. Je kunt bron 1 gebruiken om meer te weten te komen over het leven van rijke mensen in de 17 e eeuw.

1a

2

Bekijk bron 2, je ziet een stilleven.

2a

De voorwerpen in het schilderij hebben een symbolische betekenis. Koppel de juiste voorwerpen aan de juiste betekenissen.

Waarover kun je via deze kunstkamer meer te weten komen? Geef aan welke antwoorden juist (J) zijn en

Voorwerpen Betekenissen

welke onjuist (O). [J] [O] 1 de kledingstijl van rijke mensen in de 17 e eeuw

1

bloemen

A eens raakt jouw tijd op

2

kaars

B mooi om te horen, maar als de laatste noot gespeeld is,

2 het aantal bediendes bij rijke families 3 het voedsel dat rijke mensen in de 17 e eeuw aten

is het voorbij 3

zandloper

C mooi om te zien, maar verwelken snel

4 welke schilderijen en schilders populair waren in de 17 e eeuw

4

schedel

breekbaar

5 de inrichting van een gemiddeld huis in de 17 e eeuw 1b

5

heeft?

bladmuziek /

E wij zijn allemaal sterfelijk

muziekinstrument

Waarom laat een kunstbezitter een schilderij maken van de belangrijkste schilderijen die hij in zijn bezit

D mooi om te zien, maar erg

6

schelp

F brandt op, zijn licht is tijdelijk

2b

Het stilleven in bron 2 gaat over de dood. Waaraan kun je dat zien? Gebruik je antwoord bij vraag a.

bron 2 : 17 e-eeuws stilleven (Simon Renard)

In een stilleven is vaak juist weinig leven te zien. Het belangrijkste in het schilderij zijn de stilliggende voorwerpen. Zij hebben allemaal een eigen betekenis. 2c

De voorwerpen in het schilderij geven aan dat het leven op aarde minder belangrijk is dan het leven na de dood. Leg uit wat dit met geloof te maken heeft.

Vervolg

 247


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west  6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

3

Lees bron 3 en bekijk het schilderij.

3a

Waarom mochten mensen in Nederland niet te

4c

Bekijk bron 4 nog eens goed. Met welk doel laat de familie dit portret maken?

veel van hun rijkdom laten zien? Gebruik het begrip protestantisme in je antwoord.

3b

Bekijk het schilderij van Pieter van den Broecke. Waaraan zie je toch dat dit een rijke man is?

bron 3 : Portret van Pieter van den Broecke

(Frans Hals, 1633) In de Gouden Eeuw zijn de meeste Nederlanders protestant. Volgens het protestantse geloof moet je een eenvoudig leven leiden, veel rijkdom en luxe past daar niet bij. Dat zou te veel afleiden van het vereren van God. De nette kleren van rijke mensen in Nederland waren in

4

Bekijk bron 4, je ziet een familieportret.

4a

Is de familie op dit schilderij een rijke of een arme familie? Kies je antwoord en maak de zin af. De familie is r  ijk  / arm, want

4b

Op het schilderij zie je verschillende mensen afgebeeld. Geef twee kenmerken van de kleding die in de mode was in de 17 e eeuw. 1

2

248

de 17 e eeuw dan ook zwart van kleur. Men gebruikte geen felle kleuren, want daarmee zou men te veel aandacht voor zichzelf opeisen. Dit is ook te zien in het schilderij dat Frans Hals maakte van Pieter van den Broecke.


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw          6.5 Kunst          6.6 Knappe koppen

5

Stel dat jij een portret van jouw familie zou laten schilderen door een 17 e-eeuwse schilder.

5a

6

In de 17 e eeuw bloeide de schilderkunst enorm.

6a

Hoe kwam dit? Zet de volgende gebeurtenissen in de juiste volgorde.

Wat vind jij dan belangrijk dat anderen van jouw familie moeten weten als ze het schilderij zien? (Voorbeelden: jouw familie is vriendelijk, een beetje gek, rijk of liefdevol.)

1

Om hun rijkdom te tonen kopen zij schilderijen.

2

Met overzeese handel wordt veel winst gemaakt

3

Er komen steeds meer rijke kooplieden in Amsterdam.

5b

4

De schilderkunst bloeit enorm.

6b

Welke soorten schilderijen werden met name in de 17 e

Maak een schets van een familieportret van jouw gezin waarin de kenmerken die je in vraag a koos duidelijk te zien zijn. Gebruik hiervoor een apart vel papier.

gemaakt? Geef aan of de onderstaande soorten wel (W) of niet (N) typisch zijn voor de 17 e eeuw.

5c

[W] [N]

Verschilt jouw gezin in je schets veel van de familie die in bron 4 geschilderd is? Zo ja, waardoor komt dat?

1

portret

2

stilleven

3

beeltenis van een heilige

4

stadsgezicht

5

zeegezicht

6

familieportret

7

natuurtafereel

8

abstracte kunst

bron 4 : Burgemeestersfamilie (schilder onbekend, 1640)

249


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west  6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

B Rembrandt en De Nachtwacht In de 17 e eeuw beschermen schutters

portret van hen te schilderen. Een voor

Rembrandt heeft ze geschilderd als een

van de stadswacht (de schutterij) de

een gaan de schutters bij Rembrandt

zooitje ongeregeld in plaats van een

steden in Nederland. De meeste schut-

langs. Doodstil moeten ze zitten, terwijl

trotse, georganiseerde groep soldaten.

ters zijn redelijk rijk, want hun geweer

Rembrandt hun gezicht schetst. Later

Maar de kapitein van de schutters is er

en kleren moeten zij zelf betalen. In

schildert hij ze allemaal op één schil-

zo blij mee dat hij voor zichzelf een klei-

1639 geven de officieren van een groep

derij.

ne versie van De Nachtwacht bestelt.

schutters in Amsterdam de schilder

De schutters schrikken als ze de eerste

Een leerling van Rembrandt schilderde

Rembrandt de opdracht om een groeps-

keer het schilderij ‘De Nachtwacht’ zien.

vervolgens het hele schilderij na.

Rembrandt van Rijn (1606-1669) was de zoon van een

Zijn schilderstijl was erg populair. Voor zijn beroemde

molenaar uit Leiden. Hij wilde graag schilder worden

schilderij ‘De Nachtwacht’ kreeg hij 1600 gulden, een

en raakte al snel bekend om zijn mooie portretten. Die

gigantisch bedrag in de 17 e eeuw. Met zijn eerste vrouw

verkocht hij vooral aan rijke Amsterdammers. Hij verhuisde

Saskia woonde hij in een groot, luxe huis in Amsterdam.

naar die stad en maakte er een schilderij dat hem in één

Zij kregen daar vier kinderen, maar daarvan bleef alleen

keer beroemd maakte: ‘De anatomische les van Dr. Tulp’.

zoontje Titus (als kind) in leven. Kort na de geboorte van

Op dat schilderij zie je hoe dokter Tulp een lijk (van een

Titus stierf ook Saskia. Ze was pas dertig jaar.

misdadiger) opensnijdt. Zijn leerlingen staan er gespannen bij te kijken. Je ziet meteen de schilderstijl waar Rembrandt

Rembrandt kreeg daarna een relatie met zijn twintig jaar

bekend om is. Je kunt de spieren tellen in de opengesneden

jongere huishoudster Hendrickje Stoffels. Ook met haar

arm van het lijk, zo precies is het geschilderd.

kreeg hij een kind. Rembrandt hield ervan om geld uit

Rembrandt schilderde de mensen met veel detail. De

te geven. Hij kocht meer spullen dan hij kon betalen. Hij

achtergrond liet Rembrandt heel donker, terwijl hij de

schilderde tijdens zijn leven honderden schilderijen, maar

personen fel in het licht zette. Alle mannen op het schilderij

dat was niet genoeg om zijn leningen mee af te betalen.

van ‘De Nachtwacht’ zijn levensecht geschilderd. Ze

In 1656 ging hij failliet en moest hij al zijn bezittingen

staan niet netjes op een rijtje, hun gezichten staan juist

verkopen. Met Hendrickje verhuisde hij naar een veel

alle kanten op. Het is net alsof ze opschrikken van hun

kleiner huis in Amsterdam. In 1669 overleed Rembrandt,

werk. Op deze manier maakte Rembrandt zijn schilderijen

zonder de luxe die hij gewend was.

spannend om naar te kijken. bron 5 : ‘De Nachtwacht’

(Rembrandt van Rijn, 1639-1642) Schutters van de stadswacht van Amsterdam wilden een groepsportret hebben. Zij besloten de opdracht te geven aan Rembrandt van Rijn. Elke schutter moest Rembrandt betalen, anders zou hij niet op het schilderij komen.

250

bron 6 : ‘De anatomische les van Dr. Tulp’

(Rembrandt van Rijn, 1632)


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw          6.5 Kunst          6.6 Knappe koppen

1

1a

Lees de introductietekst en bekijk bron 5, ‘De

3

Bekijk bron 7. Rembrandt gaf veel geld uit. Op een

Nachtwacht’. Niet alle schutters staan even duidelijk

gegeven moment kon hij zijn schulden niet meer

op het schilderij.

betalen. Mensen die nog geld van hem kregen, wilden een deel van zijn bezit om de schuld af te betalen.

Zoek de schutter die het minst duidelijk te zien is.

Daarom werd er een lijst gemaakt van alles wat

Noteer waar hij op het schilderij staat en hoe hij eruit

Rembrandt bezat. Een deel van die lijst zie je in bron 7.

ziet. 3a

Waaraan kun je op de lijst zien dat Rembrandt veel geld uitgaf? Noem een goed voorbeeld waaruit dat blijkt.

1b

Noem een schutter die wél duidelijk te zien is. Vertel waar hij op het schilderij staat en hoe hij eruit ziet. 3b

Waar zou hij deze voorwerpen voor gebruikt hebben? Leg je antwoord uit.

1c

Wie zal er meer aan Rembrandt betaald hebben? De schutter uit het antwoord van vraag a, of die uit het antwoord van b? Leg je antwoord uit. bron 7 : Deel van de lijst met bezittingen van Rembrandt

– 60 Indische handwapens, pijlen, schichten, speren en bogen – 1 3 bamboe blaasinstrumenten – 1 3 pijlen, bogen, schilden en dergelijke – een partij hertengeweien – 4 kruis

2

Lees de leertekst en bekijk bron 5 en bron 6. Rembrandt gebruikt vaak schildertrucs om zijn schilderijen spannend te maken. Noem er twee. 1

– en voetbogen – 5 antieke helmen en schilden – 9 kalebassen en flessen – 2 gebeeldhouwde portretten van een man en zijn vrouw – een gipsen afgietsel van een Grieks antiek beeld – het beeld van de Romeinse keizer Agrippa – het beeld van de Romeinse keizer Aurelius – een klein metalen kanon – 20 hellebaarden, slagzwaarden en Indische waaiers – een hoofd van een reus

2

– een leeuwen – en een leeuwinnenhuid – 47 opgezette land – en zeedieren

Vervolg

 251


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west  6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

3c

5

Geschiedkundigen (historici) zijn best blij met de

In 2005 moet popster Michael Jackson voor de

geldproblemen die Rembrandt vierhonderd jaar

rechter verschijnen. Hij heeft dan ongeveer 300

geleden had. Leg uit waarom.

miljoen dollar schuld. Tijdens het proces noemde de aanklager Jackson een ‘koopverslaafde met de bestedingsgewoontes van een miljardair maar met het budget van een miljonair’. 5a

Vergelijk Michael Jackson met Rembrandt. Welke overeenkomsten hebben zij? Geef ten minste twee voorbeelden.

4

Vul de antwoorden op de vragen over Rembrandt in in

1

de puzzel. Van links naar rechts 1. De schilderijen van Rembrandt zijn beroemd 2

vanwege zijn gebruik van … 4. Het beroemdste schilderij van Rembrandt is de … 8. Rembrandt was de zoon van een … Van boven naar beneden

1

2. De laatste vrouw van Rembrandt heette …

2

3. Rembrandt koopt veel mooie spullen, maar gaat hierdoor … 5. In Amsterdam maakte Rembrandt een schilderij voor dokter … 6. De oudste zoon van Rembrandt heette … 7. De eerste vrouw van Rembrandt heette …

3 4

5

7 8

252

6


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw          6.5 Kunst          6.6 Knappe koppen

Ruimte om te schrijven

253


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west  6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

C

Feest in de Gouden Eeuw

Het is het jaar 1586 en schilder Frans

kiezen: zich bekeren tot het katholieke

Hals moet vluchten. Het is de tijd

geloof of de stad verlaten. Frans Hals

van de Nederlandse Opstand, een

wil zich niet bekeren en besluit naar de

opstand van Nederland tegen Spanje.

Noordelijke Nederlanden te gaan. Hij

De Spanjaarden hebben zijn thuisstad

wil naar Haarlem. Daar is het veilig, en

Antwerpen ingenomen. Alle protes-

misschien kan hij daar mensen vinden

tanten moeten van de Spanjaarden

die zijn schilderijen willen kopen.

bron 8 : Portret van Meneer

Verdonck (Frans Hals)

De vlucht lukte en Frans Hals kon zijn schilderijen in Haarlem inderdaad verkopen. In Antwerpen verkochten zijn godsdienstige schilderijen altijd goed, maar dat kon in Haarlem niet. De inwoners van Haarlem vonden dat christelijke schilderijen in de katholieke kerken van de Spanjaarden hoorden. En Spanje, dat is de vijand. Frans Hals veranderde daarom van onderwerpen voor zijn schilderijen. Hij maakte en verkocht veel portretten, maar tekende ook graag gewone mensen die thuis aan het werk waren. Vanuit hun lijst kijken ze je lachend aan. Een andere, bekende schilder is Jan Steen. Hij schilderde ondeugende kinderen, slechte ouders en domme schoolmeesters. Met zijn schilderijen liet Jan Steen zien hoe je vooral niet moest leven. Jan Steen was in zijn eigen tijd al bekend om zijn mooie schilderijen. Na de dood van zijn vrouw moest hij alleen voor zijn zes kinderen zorgen. Hij raakte hierdoor in geldnood. Jan Steen en Frans Hals zijn beiden feestelijke schilders van de Gouden Eeuw. Ze waren lid van het gilde van Sint-Lucas. Alle schilders die schilderijen wilden verkopen en leerlingen wilden opleiden, moesten lid van dit gilde zijn. De ouders betaalden de gildeleden voor de schilderles voor hun kind. De leerlingen leerden tekenen en verf mengen en hielpen hun leermeesters met hun schilderijen. Voor de leermeesters was het vooral een goede manier om geld bij te verdienen. En als je als gildelid ziek of arm werd, dan hielp het gilde je.

254

Het vrolijke huisgezin (Jan Steen, 1668)

bron 9 : Portret van zijn

echtgenote Saskia, geschilderd door Rembrandt


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw          6.5 Kunst          6.6 Knappe koppen

1

Lees de introductietekst. Waarom werden er in Nederland in de

17 e

3b

Noem een praktische reden waarom een meisje van deze leeftijd tegenwoordig niet meer dit soort kleren

eeuw minder christelijke

schilderijen gemaakt dan in de 15e eeuw?

draagt.

3c

Leg uit hoe je aan het verschil in kleding in de 17 e en de 21e eeuw kunt zien dat volwassenen toen anders met kinderen omgingen dan nu.

2

Vergelijk bron 8 en bron 9, een schilderij van Rembrandt en een van Frans Hals, beiden beroemde schilders in de 17 e eeuw.

2a

Noem ten minste twee verschillen in de stijl van schilderen tussen Rembrandt en Frans Hals.

bron 10 : Schilderij van Helena van der Schalcke

(Gerard ter Borch, 1646) 1

2

2b

Door wie zou jij liever geschilderd worden? Leg je antwoord uit.

3

Bekijk bron 10, een afbeelding van een meisje in de 17 e eeuw.

3a

Hoe oud denk je dat het meisje op het schilderij is? Leg je antwoord uit.

Vervolg

 255


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west  6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

4

Lees bron 11 en bekijk de schilderijen. Je ziet een links schilderij van Frans Hals

(17 e

eeuw) en rechts een

schilderij van Van Meegeren (20e eeuw). 4a

Waarom werd Van Meegeren gestraft voor het verkopen van zijn schilderijen?

5

Bekijk bron 12. Het schilderij ‘Naakte engeltjes’ van Rubens deed stof opwaaien. Stel, je bent een protestantse dominee uit Amsterdam. Je ziet het schilderij uit bron 11 in de stad hangen en je vindt het verschrikkelijk. Je schrijft een korte brief aan het stadsbestuur van Amsterdam, waarin je eist dat ze het schilderij verwijderen. Gebruik ten minste vijftig woorden. Leg uit waarom je vindt dat dit schilderij niet past in een stad met een protestants bestuur. Gebruik een apart vel papier.

bron 12 : Naakte engeltjes (Rubens, 17 e eeuw)

4b

Is het logisch dat het schilderij rechts minder waard is nu bekend is dat het niet door Frans Hals geschilderd is? Geef een reden waarom het wel logisch is.

4c

Geef ook een reden waarom het niet logisch is.

bron 11 : Een echte ‘Frans Hals’ en een vervalsing

Schilderijen van belangrijke schilders uit de Gouden Eeuw zijn tegenwoordig zeer waardevol. Daarom schilderde kunstenaar Han van Meegeren aan het begin van de 20e eeuw zijn eigen schilderijen in de stijl van schilders als Frans Hals en Johannes Vermeer. Hij maakte zijn schilderijen in het geheim en vertelde kopers dat het echte 17 e -eeuwse schilderijen waren. Hij verdiende er veel geld mee, totdat hij werd betrapt. Van Meegeren moest voor een jaar naar de gevangenis. Zijn schilderijen waren meteen veel minder geld waard.

256


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw          6.5 Kunst          6.6 Knappe koppen

Ruimte om te schrijven

257


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west  6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

D Het Stadhuis op de Dam Het is 1648 en de Amsterdammers

rijk en machtig. De Amsterdammers

bouwen alsof hun leven ervan afhangt.

voelen zich erg machtig; alsof ze het

Er moet een nieuw stadhuis komen

middelpunt van de wereld zijn. Nu

voor de stad. Ze hebben wat te vieren:

nog een groot stadhuis om het de hele

de oorlog met Spanje is gewonnen

wereld te laten zien!

en Nederland was nooit eerder zo

Het ging goed met de inwoners van Amsterdam. Door de handel in de

17 e

eeuw werd een deel van de Amsterdamse

bovenste verdieping nog niet gebouwd was. Pas in 1697 was het stadhuis klaar.

burgers steenrijk. Zij hadden het geld om grote schilderijen te laten maken en mooie grachtenhuizen te laten bouwen.

Het stadhuis deed de eerste 150 jaar dienst als belasting-

Mensen en producten vanuit de hele wereld kwamen naar

kantoor, wapenkamer, bureau van politie en rechtbank van

de stad. Vanaf de kades werd de koopwaar uit de schepen

Amsterdam. Niet allemaal tegelijk, maar meestal na elkaar.

getakeld en direct in de pakhuizen opgeslagen.

Het stadhuis heeft een grote burgerzaal waar mensen vrij in en uit konden lopen. Op de vloer van deze zaal staat de

De Amsterdammers wilden iedereen laten zien hoe belang-

wereld in twee grote landkaarten afgebeeld. In de 17 e eeuw

rijk de stad geworden was. Zij besloten een groot stadhuis

lag de wereld letterlijk aan de voeten van de inwoners van

te bouwen in het centrum van de stad. Bouwmeester Jacob

Amsterdam!

van Campen ontwierp een gebouw dat er eerder uitzag als een paleis dan als een stadhuis; een gebouw met hoge witte

Tegenwoordig is het stadhuis beter bekend als het Paleis op

muren, versierd met grote beelden en een klokkentoren.

de Dam. In de 17 e eeuw had Nederland geen koning. Tegen-

Bouwvakkers begonnen in 1648 aan de bouw van het

woordig is Nederland wel een koninkrijk en is het voormali-

nieuwe stadhuis. Tijdens de bouw brandde het oude

ge stadhuis een van de paleizen van de vorst. De Nederland-

stadhuis af, waardoor ze nog sneller moesten werken. Het

se vorst ontvangt er belangrijke gasten uit het buitenland.

gebouw werd al in 1655 in gebruik genomen, terwijl de

Daarom heet het tegenwoordig ‘Paleis op de Dam’.

bron 13 : Het Stadhuis op de Dam in de 17 e eeuw

(Gerrit Adriaenszoon Berckheyde)

bron 14 : Het Paleis op de Dam in de 21e eeuw

258


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw          6.5 Kunst          6.6 Knappe koppen

1

Lees de introductietekst en bekijk bron 15. Je ziet de

2

ontwerptekening van de vloer van het stadhuis op de

af was. De Nederlandse dichter Joost van den Vondel

Dam.

schreef voor de opening van het stadhuis een gedicht.

De twee wereldkaarten en de sterrenkaart verbeeldden

Hij zei in zijn gedicht dat het stadhuis er in de zomer

de wereldmacht van de Nederlandse Republiek.

uitzag als een bruid die trots op een kussen zit tijdens de mooiste dag van haar leven, terwijl iedereen om

Waarom moesten er twee wereldkaarten getoond

haar heen danst.

worden? Je noemt drie redenen. 1a

Bekijk bron 13, je ziet het nieuwe stadhuis toen het net

Gebruik bij de eerste reden het woord ‘handel’.

2a

Vond Vondel het gebouw van het nieuwe stadhuis mooi of niet mooi? Leg je antwoord uit.

2b

Leg uit waarom Vondel het stadhuis vergelijkt met een bruid. (Tip: denk aan de kleur.)

1b

Gebruik bij de tweede reden de woorden ‘veroverde gebieden’.

3

Bekijk bron 14. Tegenwoordig is het 17 e-eeuwse Stadhuis op de Dam in het centrum van Amsterdam bekend als het Paleis op de Dam. Vind je de naam ‘Paleis op de Dam’ goed gekozen?

3a

1c

Geef een reden waarom de naam GEEN goede keuze is.

Gebruik bij je derde reden het woord ‘wetenschap’.

bron 15 : Ontwerptekening van de vloer van het Stadhuis op de Dam (1661)

259


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west  6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

3b

Geef een reden waarom de naam WEL een goede

4b

Welke verschillen zie je tussen een stadhuis in de 17 e eeuw en een stadhuis van tegenwoordig?

keuze is.

Gebruik bij je antwoord het schilderij in bron 16.

4

4a

Bekijk bron 16, je ziet een schilderij van een muziek­ makend gezelschapje in het Stadhuis op de Dam.

5

Het Stadhuis op de Dam is tot 1808 stadhuis gebleven.

Welke functies heeft een stadhuis in de huidige tijd?

5a

De volgende zinnen gaan over het Stadhuis op de

Noem ten minste drie dingen.

Dam. Vul de goede woorden in op de lege plekken.

1

Kooplieden werden rijk door de

.

ontwierp het Paleis op de Dam.

2

Het Paleis op de Dam was eigenlijk een

.

Het Paleis op de Dam staat in

.

Het oude stadhuis was vernietigd door

.

Een belangrijke zaal in het Paleis op de Dam is de

3

. In de 17 e eeuw lag de wereld letterlijk van de inwoners!

bron 16 : Muziek in het Stadhuis op de Dam (Schilderij van Pieter de Hooch, 17 e eeuw)

260

5b

Zoek de ingevulde woorden bij vraag a op in de woordzoeker.

Y

C

H

Y

M

X

Y

N

Q

B

A

N

W

W

J

A

Q

Z

H

F

M

A

E

E

M

R

P

I

N

E

F

A

N

P

A

P

H

S

U

P

L

D

D

D

X

I

O

M

B

L

A

A

Z

R

E

G

R

U

B

A

R

X

O

L

E

V

J

L

E

T

A

C

A

N

R

T

O

V

K

U

U

D

U

N

N

W

S

E

C

L

H

I

A

E

W

A

D

M

T

K

K

H

B

Q

R

C

D

V

A

E

E

A

O

O

U

Y

S

M

X

A

N

S

T

A

D

H

U

I

S

K

W

W

Z

C

K

R

U

H

Z

O

K

W

K

H


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw          6.5 Kunst          6.6 Knappe koppen

Kernbegrippen bekeren

ervoor zorgen dat iemand een (ander) geloof aanneemt

gilde

vereniging van ambachtslieden of handwerklieden. Er bestonden gilden van timmerlieden, metselaars, zilversmeden, enzovoort

kunstkamer

schilderij waarin alle schilderijen van een persoon getekend zijn. Vaak staat de persoon er zelf ook op

schutterij

kleine stadslegertjes, die hun stad konden beschermen. In de Middeleeuwen, de Gouden Eeuw, tot aan de 20e eeuw

Ruimte om te schrijven

261


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west  6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

Zelftoets 6.5

2

Dam gezeten?

Kunst

1

Waarom werd het Stadhuis op de Dam gebouwd?

A

Amsterdam had eerst geen stadhuis, daarom

A

de belastingdienst

B

de brandweer

C

de politie

D

de rechtbank

3

‘In de 17 e eeuw lag de wereld letterlijk aan de voeten van de inwoners van Amsterdam!’ Met deze zin eindigt

moest er een gebouwd worden. B

de leertekst over het nieuwe stadhuis.

De koning had een paleis nodig in de

Wat bedoelen we met deze zin?

hoofdstad. C

De regenten wilden laten zien hoe rijk en

A

Het oude stadhuis was afgebrand, dus er

Dat Amsterdam een belangrijke stad in Nederland was.

belangrijk de republiek was. D

Welke organisatie heeft er NIET in het Stadhuis op de

B

Dat Amsterdam overal op de wereld de baas was.

moest een nieuwe komen. C

Dat het nieuwe stadhuis gebouwd werd om de macht van Amsterdam aan de rest van de wereld te laten zien.

D

A

nieuwe delen van de wereld ontdekten.

B

C

bron 1 : Zes 17 e-eeuwse

schilderijen

262

Dat kooplieden uit Amsterdam door hun reizen


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw          6.5 Kunst          6.6 Knappe koppen

4

Bekijk bron 1, je ziet zes 17 e-eeuwse schilderijen. Kies

5

per afbeelding wat voor soort schilderij het is. Zet bij elk soort schilderij het juiste nummer.

Gouden Eeuw en hoe kwam dat? A

groepsportret

2

landschap

3

portret

stad Amsterdam. B

godsdienstige schilderijen populair, maar daar was de Protestantse Kerk op tegen. C

stilleven

6

zeegezicht

Het zijn vaak landschappen, dat vond men mooi. Vóór de Gouden Eeuw waren

4 stadsgezicht 5

Er staan veel mensen in rood met zwarte kleding op, want dat zijn de kleuren van de

Soorten schilderijen 1

Wat is opvallend aan de Nederlands schilderijen uit de

Er zijn veel portretten met honden, want stadhouder Maurits hield van dieren.

D

Er zijn veel schilderijen van verre landen. Zo konden mensen zien wat de Nederlandse handelaars zagen op hun zeereizen.

D

E

F

263


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west  6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

6

In de 17 e eeuw werden er veel schilderijen gemaakt en

9

verkocht in Nederland. Hoe kwam dat? A

Bewering 1: ‘Rembrandt was handig in geldzaken.’ Bewering 2: ‘Rembrandts vrouw Hendrickje stierf

Door de toenemende handel waren er veel

vroeg.’

goedkope grondstoffen om verf te maken voor de schilders. B

Er was veel werkloosheid, waardoor veel mensen gingen schilderen om geld te verdienen.

C

Er werd veel geld verdiend met de handel,

Lees de volgende beweringen. Welke bewering is juist?

A

Bewering 1 en bewering 2 zijn allebei juist.

B

Bewering 1 is juist en bewering 2 is onjuist.

C

Bewering 1 is onjuist en bewering 2 is juist.

D

Bewering 1 en bewering 2 zijn allebei onjuist.

waardoor veel mensen geld konden besteden aan kunst. D

10 Alle schilders waren lid van het Sint-Lucasgilde. Voor alle schilders die lid zijn van het gilde gelden dezelfde

In Nederland was veel woeste natuur, die

regels. Wat bepaalde het gilde voor de schilders?

schilders schilderden in hun schilderijen. A

7

Zet de gebeurtenissen in het leven van Rembrandt in de goede volgorde (van vroeger naar later). Noteer alleen de cijfers.

1

Hendrickje en Rembrandt krijgen een dochter: Cornelia.

2

Rembrandt is failliet.

3

Rembrandt schildert ‘De Anatomische les van Dr.

Het gilde bepaalde welke schilders les mochten geven aan schildersleerlingen.

B

Het gilde bepaalde welke kleuren een schilder mocht gebruiken in zijn schilderij.

C

Het gilde bepaalde welke dingen een schilder mocht schilderen.

D

Het gilde bepaalde waar een schilder zijn schilderijen mocht verkopen.

Tulp’. 4

Rembrandt woont in Leiden.

5

Saskia en Rembrandt krijgen een zoon: Titus.

11

De schilder Frans Hals vluchtte van het katholieke zuiden naar het protestantse Haarlem. Hij schilderde veel portretten, maar bijna geen christelijke schilderijen. Hoe kwam dat?

A

Christelijke schilderijen verkochten niet goed in het protestantse Haarlem.

8

Maak de zin op de juiste manier af. Er kunnen meer antwoorden juist zijn. De schilderijen van Rembrandt zijn beroemd, omdat …

A B

… Rembrandt zo goed heiligen kon schilderen. … Rembrandt zo ontzettend goed gebruikmaakte van het verschil in licht en donker.

C

… Rembrandt mensen op een levendige manier schilderde en dat was nieuw in zijn tijd.

D

264

… Rembrandt veel landschappen schilderde.

B

Frans Hals was zelf niet christelijk.

C

Frans Hals vond christelijke schilderijen saai om te maken.

D

In Haarlem woonden weinig christenen.


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw          6.5 Kunst          6.6 Knappe koppen

12

In de 17 e eeuw woonden er veel bekende schilders in

12b Hieronder staan drie schilderijen. Plaats het juiste

Nederland. Voorbeelden hiervan zijn Frans Hals, Jan

schilderij bij de juiste schilder. Zet het juiste nummer

Steen en Rembrandt.

bij de juiste schilder.

12a Hieronder staan drie beschrijvingen die horen bij deze drie schilders. Plaats de juiste schilder bij de juiste beschrijving. Schilders Beschrijvingen 1

Rembrandt

A Deze schilder schildert vaak portret-

Schilders 1

Rembrandt

2

Jan Steen

3

Frans Hals

ten en heeft een losse schilderstijl. De mensen op zijn schilderijen zien er vaak vrolijk uit. 2

Jan Steen

B Deze schilder schildert graag mensen die zich misdragen. Zijn schilderijen laten vaak een chaotisch gezin zien.

3

Frans Hals

C Deze schilder beheerst veel verschillende stijlen. In zijn schilderijen zijn lichte delen heel licht en donkere delen juist heel donker.

A

B

C

265


Leerplan

Wat ga ik doen?

A Een nieuwe wetenschap B De ‘beeskens’ van Antoni van Leeuwenhoek C Christiaan Huygens – hoofd in de sterren D Jan Adriaanszoon Leeghwater

Hoe ga ik dit doen?

  Leertekst

  Digitaal 

  Boek

  Opdrachten

  Digitaal 

  Boek

  Leertekst

  Digitaal 

  Boek

  Opdrachten

  Digitaal 

  Boek

  Leertekst

  Digitaal 

  Boek

  Opdrachten

  Digitaal 

  Boek

  Leertekst

  Digitaal 

  Boek

  Opdrachten

  Digitaal 

  Boek

Is het afgerond?

Tijdbalk 1609 Galileo Galilei verbetert de eerste telescoop en doet daarmee verschillende ontdekkingen over de maan en de sterren.

1633 Galileo Galilei wordt veroordeeld omdat hij beweert dat de aarde om de zon draait, in plaats van andersom

1666

1677

Christiaan Huygens verhuist naar Parijs, waar hij gaat werken

Antoni Van Leeuwenhoek ontdekt

bij de Franse Academie van Wetenschappen. Huygens doet er

bacteriën door zijn microscoop

verschillende ontdekkingen, waaronder het slingeruurwerk en de stoommachine, en op het gebied van de sterrenkunde

1698 Huygens laatste boek

1607-1643

komt uit, na zijn overlij-

Jan Adriaanszoon Leeghwater heeft de

den: Cosmotheoros, over

leiding over diverse droogleggingen

de mogelijkheid van leven op andere planeten.

1590

1600

1610

1620

1630

1640

1650

1660

1670

1680

1690

1700

1710

1720

1730


Tijdvak 6 Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland 6.2 Op weg naar oost en west 6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw 6.5 Kunst 6.6 Knappe koppen

Paragraaf 6.6 Knappe koppen

Leerdoelen Na het bestuderen van deze paragraaf kun je:

Veel van wat we nu over de wereld weten, is ontdekt in de

17窶各

eeuw. In deze eeuw

ontstond de wetenschappelijke revolutie: mensen gingen onderzoek doen met de pas uitgevonden microscoop en telescoop, deden ontdekkingen en praten erover met elkaar. En daardoor werd er steeds meer uitgevonden.

1 uitleggen waarom geleerden op zoek waren naar meer kennis; 2 omschrijven waarom de ideeテォn van de geleerden anders waren dan de ideeテォn van de kerk; 3 aangeven wie Antoni van Leeuwenhoek was; 4 uitleggen waarom zijn uitvindingen belangrijk waren;

Er mocht veel meer dan in Middeleeuwen, al

5 aangeven wie Christiaan Huygens was;

kwamen sommige wetenschappers toch nog in

6 uitleggen waarom zijn uitvindingen belangrijk

conflict met de kerk, vooral de Katholieke.

waren.

Wetenschappers moesten dus nog wel

7 aangeven wie Jan Leeghwater was;

oppassen met wat ze beweerden, maar dat

8 uitleggen waarom zijn uitvinding(en) belangrijk waren.

weerhield mensen als Galileo, Huygens, Van Leeuwenhoek en Swammerdam er niet van veel onderzoek te doen en zo tot belangrijke uitvindingen en ontdekkingen te komen. In Nederland deed Leeghwater ervaring op met het inpolderen van land. Men kreeg het steeds beter onder de knie. Dat was heel belangrijk voor de ontwikkeling van Nederland, dat altijd tegen het water had moeten vechten.

Leswijs Geschiedenis


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west  6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

A Een nieuwe wetenschap Voor de Italiaanse wetenschapper

Volgens de leiding van de Kerk draait

bron 1 : Galileo was de eerste die

Galileo Galilei dreigt een martel-

het hele heelal om de aarde. Galileo

beweerde dat de aarde om de zon

straf. Het is 1633 en Galilei is door de

bekent zijn fout en daarom krijgt hij een

draaide

Katholieke Kerk weer voor de rechter

lichtere straf. Hij krijgt huisarrest en

gebracht. Hij moet van de rechtbank

mag de rest van zijn leven zijn woning

in Rome bekennen dat hij het bij het

niet meer verlaten. Hij is dan 69, wat in

verkeerde eind heeft. De aarde draait

die tijd overigens heel oud was.

niet om de zon, zoals Galilei beweert.

Galileo had echter geen fout gemaakt. Hij keek zelf naar de sterren en ontdekte dingen die nog nooit iemand gezien had. Als eerste gebruikte hij een nieuwe Nederlandse uitvinding: de telescoop. Zo kon hij zien dat niet alles om de aarde draait. Hij zag manen om de planeet Jupiter draaien in plaats van om de aarde. De aarde kon dus niet het middelpunt van het heelal zijn. Jan Swammerdam is een ander voorbeeld van een 17 e-eeuwse wetenschapper die zelf de wereld onderzocht. Hij studeerde voor dokter in Leiden, maar hield zich vooral bezig met dierproeven. Die proeven deed hij op zijn studentenkamer. Sommige dieren leefden nog terwijl Swammerdam ze opensneed. Dat snijden deed hij niet alleen bij dieren, maar ook bij lijken van mensen, die hij kreeg van het ziekenhuis. Zo ontdekte Swammerdam dat niet alleen vogels en vissen eieren maken, maar dat elke diersoort dit doet. Bij mensen zitten deze kleine eitjes in de eierstokken van de vrouw, ontdekte hij. Swammerdam wilde zijn ontdekkingen ook aan andere wetenschappers laten zien. Daarom maakte hij tekeningen van alles

Jan Swammerdam

wat hij zag. Ook bewaarde hij delen van de onderzochte lichamen. Om ervoor te zorgen dat de onderdelen niet bedorven, spoot hij bijenwas in de aderen. Hierdoor kon een lichaam wel honderd jaar bewaard blijven. Galileo en Swammerdam hoorden bij een nieuw soort wetenschappers. Zij onderzochten de wereld door zelf te kijken en niet door kennis uit boeken te halen. Zij deden proeven, gingen kijken wat er gebeurt, en probeerden dan uit te leggen waarom dat zo gebeurt. Door deze nieuwe manier van onderzoek doen ontstond er ook in Nederland een wetenschappelijke revolutie. Dit betekent dat er in hoog tempo nieuwe uitvindingen en ontdekkingen gedaan werden. Veel van wat we nu over de wereld weten, is ontdekt in de 17 e eeuw.

268

bron 2 : Een detailtekening van

Jan Swammerdam


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw        6.5 Kunst         6.6 Knappe koppen  

1

Lees de introductietekst en bekijk bron 1.

1a

Hoe luidde tot in de 17 e eeuw de algemene opvatting

2c

Deze persoon leefde in de 17 e eeuw. Waarom zou deze beslissing zo lang geduurd hebben, denk je?

over het heelal en de positie van de aarde daarin? Gebruik in je antwoord de woorden ‘planeet Aarde’ en ‘zon’.

3

Lees de leertekst en bekijk bron 2. Je leest dat Jan Swammerdam experimenten deed op levende dieren.

1b

Wat was het denkbeeld van Galileo daarentegen?

Hij sneed bijvoorbeeld het hart uit een levende kikker en zag dat het dier ook zonder zijn hart nog zijn spieren kon bewegen. 3a

Doe je tijdens de biologieles ook wel eens dit soort experimenten met levende dieren? Waarom wel of waarom niet?

1c

De Katholieke Kerk veroordeelde Galileo vanwege zijn denkbeelden over het heelal. Waarom zal Galileo schuld bekend hebben?

3b

Swammerdam en zijn tijdgenoten in de 17 e eeuw vonden het geen probleem om in levende dieren te snijden. Leg uit wat er veranderd is in 21e eeuw.

2

Lees de introductietekst en de leertekst. Lees daarna het krantenberichtbericht uit 1992 over de Paus, de baas van de Katholieke Kerk.

Meer dan 350 jaar na de veroordeling van ___________

4

Al in de 15e eeuw deed men in Europa veel onderzoek;

door de Katholieke Kerk, herstelt Paus Johannes Paulus de

hiertoe lazen wetenschappers de 2.000 jaar oude

tweede een van de grootste fouten van de kerk. De Paus

boeken die de Griekse en Romeinse wetenschappers

zegt dat deze man nooit veroordeeld had mogen worden.

hadden geschreven.

Het is geen misdaad om te zeggen dat de aarde om de zon draait.

Lees de leertekst en bekijk bron 2.

4a

Wat is een voordeel van deze manier van onderzoek doen?

2a

In welke eeuw dit krantenbericht geschreven?

2b

Welke naam moet er op de lijn staan?

269


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west  6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

4b

Wat is een nadeel van deze manier van onderzoek

6

Je gaat een discussie voeren over de wereldbeelden in de 17 e eeuw. Laat de discussie ook fictief plaatsvinden

doen?

in de 17 e eeuw. Doe deze opdracht in tweetallen. Verdeel de rollen: ff

leerling 1 gelooft in de theorie van Galileo;

ff

leerling 2 gelooft in de theorie van de Katholieke Kerk.

4c

In Nederland werd in de 17 e eeuw op een andere manier onderzoek gedaan dan in de

15e

6a

eeuw. Hoe?

Schrijf als voorbereiding een spiekbriefje met daarop de belangrijkste redenen waarom jouw theorie de beste is. Laat dit niet lezen aan de ander.

6b

Neem allebei één minuut om aan de ander uit te leggen waarom jouw theorie de beste is.

5

5a

Bekijk bron 3, je ziet een beeld van de museumten-

Heeft de ander zijn argumenten duidelijk kunnen

toonstelling Bodies. In de tentoonstelling kun je kijken

verwoorden? Schrijf nu de argumenten op waarvan je

naar de geprepareerde lichamen van mensen.

denkt dat de ander die op zijn briefje heeft staan.

Lees de volgende bewering: ‘Zonder het onderzoek van Jan Swammerdam was deze tentoonstelling er nooit geweest.’ Ben jij het eens of oneens met deze bewering? Kies je antwoord en maak de zin af. Ik ben het eens / oneens met de bewering, want

bron 3 : Beeld van de museumtentoonstelling Bodies

270

6c

6d

Vergelijk wat jij hebt opgeschreven met het spiekbriefje van de ander. Staat er hetzelfde?


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw        6.5 Kunst         6.6 Knappe koppen  

Ruimte om te schrijven

271


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west  6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

‘beeskens’ van Antoni B De van Leeuwenhoek In 1673 schrijft Antoni van Leeuwen-

met hun eigen ogen te zien. Door de

hoek een heel vreemde brief aan een

microscoop van Van Leeuwenhoek

aantal wetenschappers in Londen. Hij

zien ze dat hij gelijk heeft. Er bestaat

beschrijft dat hij in een druppel water

een wereld aan kleine diertjes die voor

onder zijn microscoop kleine ‘dier-

de mens onzichtbaar zijn, behalve door

kens’ zag. De wetenschappers komen

de microscopen van Antoni van Leeu-

speciaal naar Nederland om dit wonder

wenhoek.

Antoni van Leeuwenhoek werd in 1632 geboren in Delft. Hij was boekhouder van beroep en werkte in de lakenhandel, maar zijn interesse lag bij de wetenschap. De wetenschappers van zijn tijd namen hem niet serieus, want hij had er niet eens voor gestudeerd ... Dit veranderde toen Van Leeuwenhoek met spannende nieuwe ontdekkingen kwam. Van Leeuwenhoek maakte namelijk heel nauwkeurige microscopen waarmee hij dingen bijna 270 keer kon vergroten. Van water tot snot, alles bekeek hij door zijn microscoop. Antoni van Leeuwenhoek zag dingen die geen mens ooit eerder had gezien. Hij ontdekte zaadcellen in sperma en schreef dat kinderen via deze zaadcellen eigenschappen erven van hun vader. Hij keek naar sporen van schimmels en rode bloedcellen en ontdekte bacteriën. Dit deed hij door zijn eigen tandplak onder de microscoop te bekijken. Hij schreef brieven over zijn ontdekkingen en stuurde die naar een belangrijke groep wetenschappers in Londen. Deze raakten zeer geïnteresseerd. Door uitvinding van de microscoop was het in de 17 e eeuw

Antoni van Leeuwenhoek

mogelijk om delen van de natuur te zien die eerst verborgen waren. Van Leeuwenhoek vertelde iedereen over wat hij

bron 4 : Van Leeuwenhoek over zijn ontdekking

ontdekte met zijn microscopen. Maar wat hij niemand

van tandplak (1677)

vertelde, was het geheim achter zijn goede microscopen. Dat hield hij voor zichzelf.

‘Hoe schoon mijn tanden ook zijn, er groeit tussen mijn tanden en kiezen altijd een beetje witte stof, die op meel lijkt. Wanneer ik dit onder mijn microscoop bekijk, zie ik dat er levende diertjes in zitten.’  Bron: D.J. Struik (1958). Het land van Stevin en Huygens. Amsterdam: Pegasus, p.127.

Microscoop van Van Leeuwenhoek

272


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw        6.5 Kunst         6.6 Knappe koppen  

1

1a

Lees de introductietekst en bron 4. Antoni van

3

Lees de leertekst. Er staat: ‘Antoni van Leeuwenhoek

Leeuwenhoek hield de werking van een belangrijke

zag dingen die geen mens ooit eerder had gezien.’

uitvinding geheim, maar vertelde wel iedereen over

Noem ten minste drie dingen die van Leeuwenhoek

zijn onderzoek.

ontdekte.

Met welk apparaat deed Van Leeuwenhoek onderzoek?

1 2

1b

3

Van Leeuwenhoek vertelde niet aan anderen hoe hij zijn microscopen maakte. Waarom was het beter voor de wetenschap geweest als hij dat wel had gedaan?

4

Een belangrijk ziekenhuis in Amsterdam is het Antoni van Leeuwenhoek Ziekenhuis.

4a

Waarom zouden ze het ziekenhuis deze naam gegeven hebben?

1c

Lees de volgende bewering:

4b

‘De manier waarop Van Leeuwenhoek onderzoek

Noem vier dingen die Van Leeuwenhoek als eerste ontdekte met zijn microscoop.

deed, is een goed voorbeeld van de nieuwe manier van wetenschappelijk onderzoek doen in de 17 e eeuw.’

1

Is deze bewering juist of onjuist? Kies je antwoord en

2

maak de zin af.

3

Deze bewering is  juist  / onjuist, want

4 4c

Noem ten minste één ziekte of aandoening die we niet meer zouden kunnen genezen als deze dingen niet door Van Leeuwenhoek ontdekt waren.

2

Lees de volgende bewering: ‘Door de ontdekkingen van Van Leeuwenhoek

5

Je gaat een poster maken waarin je de microscopen

veranderde de manier waarop wetenschappers naar

van Antoni van Leeuwenhoek aanprijst.

de wereld kijken.’

Aandachtspunten:

Is deze bewering juist of onjuist? Kies je antwoord en maak de zin af. Deze bewering is  juist  / onjuist, want

ff

Maak je poster voor een 17 e-eeuws publiek.

ff

Maak duidelijk wat een microscoop is.

ff

Maak duidelijk waarom een microscoop belangrijk is voor wetenschappelijk onderzoek.

273


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west  6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

C Christiaan Huygens – hoofd in de sterren Het is 14 januari 2005. Op het hoofd-

beneden, tot hij de grond van de maan

te laten landen, 350 jaar nadat de Neder-

kwartier van de Europese ruimtevaar-

Titan raakt. De sonde stuurt foto’s van

lander Christiaan Huygens als eerste de

torganisatie ESA houdt iedereen zijn

zijn landing naar de aarde. Iedereen is

maan Titan zag. En die robot draagt zijn

adem in. Langzaam daalt de Huy-

dolblij! Het is mensen gelukt om een ro-

naam: de Huygens-sonde!

gens-sonde aan een parachute naar

bot op een van de manen van Saturnus

Christiaan Huygens werd in 1629 geboren in een rijke

Huygens om in zijn academie te komen werken.

regentenfamilie uit Den Haag. Zijn vader Constantijn was

Huygens deed het en kreeg het naar zijn zin in Frankrijk.

diplomaat en een belangrijk adviseur van prins Maurits, de

Zozeer zelfs dat toen Frankrijk in 1672 Nederland de oorlog

zoon van Willem van Oranje. Christiaan was een slimme

verklaarde, Huygens in Frankrijk bleef. Pas aan het eind van

jongen. Hij ontwierp de eerste klok met slingeruurwerk

zijn leven keerde hij terug naar Den Haag, naar het huis

en op zijn

22e

schreef hij al een belangrijk boek over

van zijn hoogbejaarde vader. Hier stierf hij in 1695.

wiskunde. Dankzij de boekdrukkunst kon zijn boek makkelijk verspreid worden. Huygens werd in een klap

In 1698 kwam er nog één boek van hem uit, de

beroemd!

Cosmotheoros. Huygens had dit aan het einde van zijn leven geschreven, maar stierf voordat het was uitgegeven.

Huygens was ook erg geïnteresseerd in sterrenkunde. Hij

In dit boek schreef Huygens: ‘Misschien zijn er planten

maakte samen met zijn broer zijn eigen telescooplenzen.

en dieren op de oppervlakte van andere planeten. Maar

Met hun telescopen keken ze naar het heelal. Zo zag hij

waarom zouden zij hetzelfde moeten zijn als die in onze

dat de beroemde wetenschapper Galileo Galilei een fout

natuur? De natuur op een andere planeet kan erg anders

gemaakt had. Galileo had Saturnus bekeken door zijn

zijn dan op de onze, in groei, vorm of samenhang.

telescoop en schreef dat de planeet twee handvatten had.

Misschien is het daar wel zo anders dat wij het niet kunnen

Huygens zag veertig jaar later dat die ‘handvatten’ ringen

begrijpen en het ons niet voor kunnen stellen.’

zijn die rond de planeet Saturnus zweven.

Huygens schreef dit meer dan driehonderd jaar geleden. Of hij gelijk heeft en er misschien buitenaards leven bestaat,

Huygens was in zijn tijd zo beroemd dat hij door koning

ver weg in het heelal … De toekomst zal het leren.

Lodewijk XIV in Frankrijk werd uitgenodigd. Lodewijk wilde de beste geleerden van de wereld aan zijn hof verzamelen in een wetenschappelijke academie. Hij vroeg

Christiaan Huygens

bron 5 : De Huygens-sonde

bron 6 : Zijaanzicht van klok

die Huygens uitvond

274


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw        6.5 Kunst         6.6 Knappe koppen  

1

Lees de introductietekst en bekijk bron 5. De sonde die op de maan Titan landde, heette de Huygens-sonde.

1a

Waarom is het logisch om deze sonde naar Christiaan Huygens te noemen?

bron 7 : Christiaan Huygens over de aarde

‘Mensen zouden moeten begrijpen hoe groot de sterren en planeten zijn, en hoe klein de aarde, waar wij mensen zo veel voor over hebben. Ik zou willen dat onze koningen en alleenheersers dit leerden en bedachten. Dan weten zij hoe onbelangrijk het is wanneer het hen lukt om in hun verschrikkelijke oorlogen een klein stukje land te veroveren.’

1b

Zou Huygens gelukkig zijn geweest met deze sonde,

[‘Hier uit kan men verstaan hoe groot de ruimtes van die

als hij nog geleefd had? Leg uit waarom je denkt van

ronde [hemels-]lichamen zijn, en hoe klein, ten haren

wel, of van niet.

opzigte, het Klootjeder Aarde is, waar in wy menschen zoo veel voor hebben, zoo veel ‘t scheep varen en zoo vele oorlogen voeren. ’t Welk te wenschen was dat onze Koningen en Alleenheerschers leerden en bedagten … Op dat zy mogten weten, in wat een kleine zaak zy hun zelven afslooven, als zy om een hoek lands in te nemen, tot groot verderf van velen, alle hunne krachten inspannen.’]

3

Bekijk bron 6, je ziet een tekening van de klok die Christiaan Huygens heeft uitgevonden.

3a

Zet de uitvinding van de volgende klokken in de juiste volgorde van vroeger naar later: atoomklok – zonnewijzer – slingeruurwerk – zandloper. 1

2

Lees bron 7, een tekst van Christaan Huygens.

2a

Wat wil Christiaan Huygens aan de ‘koningen en

2 3

alleenheersers’ duidelijk maken?

4 3b

Wat voor een klok heeft Christiaan Huygens uitgevonden?

3c

De klok van Huygens was de eerste die zo precies werkte dat deze ook de seconden kon aangeven. Geef ten minste één voorbeeld van een situatie waarin

2b

Lees het tweede deel van de tekst nog eens door. Zou je deze tekst ook in onze tijd nog kunnen gebruiken?

je een klok nodig hebt die nauwkeurig seconden aan kan geven.

Leg je antwoord uit.  Ja  / Nee, want

Vervolg

 275


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west  6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

4

Bekijk bron 8, je ziet een schilderij waarop koning

4c

Lodewijk XIV van Frankrijk wordt omringd door

Waarom laat de koning zich afbeelden met wetenschappers en wetenschappelijke voorwerpen?

wetenschappers van zijn Académie des Sciences. Christiaan Huygens is een van deze wetenschappers. 4a

Waar zie je de koning op deze bron?

5

Koningen en wetenschappers hadden elkaar nodig in de 17 e eeuw.

5a

Waarom hadden wetenschappers in de 17 e eeuw koningen nodig?

4b

Welke voorwerpen die je op het schilderij kunt zien, werden gebruikt voor wetenschappelijk onderzoek? Noem er ten minste drie.

5b

Waarom hadden koningen in de 17 e eeuw wetenschappers nodig?

bron 8 : Académie des Sciences

276


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw        6.5 Kunst         6.6 Knappe koppen  

Ruimte om te schrijven

277


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west  6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

D Jan Adriaanszoon Leeghwater Het grondgebied van Nederland was

mensen moeten altijd voorbereid

In de 17 e eeuw verandert dit.

altijd bezaaid met rivieren, meren en

zijn op overstromingen, die al hun

Wetenschappers, molenbouwers

moerassen. Al in het jaar 98 beschrijft

bezittingen kunnen wegspoelen.

en werklieden weten het water

de Romein Tacitus hoe de mensen

Het water is vooral een gevaar voor

te beheersen en terug te dringen,

hier misdadigers straffen door ze te

de mensen die in het laaggelegen

waardoor er nieuw land ontstaat: de

verdrinken in het moeras. Gewone

Nederland wonen.

polder.

Jan Adriaanszoon verloor in zijn jeugd twee broers bij een

verkeerd in. Tijdens zijn beroemde polderproject in de

overstroming. Misschien was dat de oorzaak dat hij water

Beemster maakte hij de dijken niet sterk genoeg. Ze braken

zo interessant vond. Adriaanszoon werd timmerman en

en al het water liep terug het meer in. Het leegpompen van

molenbouwer. Zijn molens ging hij gebruiken om water uit

het Beemstermeer duurde jaren langer dan verwacht.

meren weg te pompen. Daardoor ontstond er vaste grond waar eerst water stroomde. Dit heet een polder. Omdat Jan Adriaanszoon door zijn polders steeds bekender werd, gaf hij zichzelf de achternaam Leeghwater.

Heel soms was het juist de bedoeling dat een gebied onder water liep. Dit was een onderdeel van oorlogsvoering. De Nederlanders konden grote delen van het land onder een laagje water zetten. Deze verdedigingslinie heet

Jan Adriaanszoon Leeghwater kreeg veel werk. Er waren

de Hollandse waterlinie. Door het water verzakten de

diverse rijke regenten die geld wilden betalen voor de dure

vijanden met hun kanonnen in de modder, maar het water

polderprojecten, in de hoop er bruikbaar land voor terug

was te laag om er met een boot overheen te varen. Zo liep

te krijgen. Op water kon je alleen maar vissen, terwijl je op

de vijand vast, was het idee. Hiervoor was het nodig om de

land gebouwen kon maken en voedsel kon verbouwen.

waterstand heel precies te kunnen regelen. Bouwmeesters

Land is daarom veel geld waard, dus namen zij het risico

zoals Leeghwater konden daarvoor zorgen. Door alle dijken,

van de investering. Maar vaak leden de regenten verlies:

molens, polders en de waterlinie veranderden deze 17 e

door organisatiefouten kostten de polders vaak meer dan

eeuwse bouwmeesters de kaart van Nederland voorgoed.

dat ze opleverden. Ook Leeghwater maakte soms grote fouten. Het inpolderen

bron 11 : Droogleggen

begint meestal met het aanleggen van dijken rondom het

Om een meer droog te malen

water dat je weg gaat pompen. De dijken voorkomen dat

werden eerst dijken aangelegd,

het water terugstroomt. Daarna bouw je molens die het

zodat er geen water meer naar

water uit het meer in kanalen pompen, waar het weg kan

het meer toe kon stromen. Mo-

stromen. Maar Leeghwater schatte de situatie wel eens

lens pompen het water uit het meer naar buiten de dijken. Bui-

bron 9 : Jan Adriaanszoon

Leeghwater

bron 10 : Ontwatermolen

ten de dijken zijn kanalen gegraven om het water af te voeren. Binnen de dijken worden kleine rechte slootjes gegraven voor een makkelijke waterafvoer. Op de afbeelding zie je een ontwerp dat Leeghwater maakte voor een molengang. Elke waterrad zit vast aan een molen en pompt het water een stukje verder omhoog.

278


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw        6.5 Kunst         6.6 Knappe koppen  

1

Lees de introductietekst en de leertekst en bekijk bron

Een boer in de buurt van de Beemster is er g   elukkig  /

9 en bron 10. Jan Leeghwater was molenmaker. Molens niet gelukkig mee, want

waren belangrijk in zijn latere werk: land inpolderen. 1a

Leg uit waarom deze molens belangrijk zijn voor het werk van Leeghwater. De landheer van het gebied waar de Beemster bij hoort, is er  gelukkig  / niet gelukkig mee, want

Een schipper die zijn lading over het water vervoert, is er 1b

Waaraan kun je zien dat de molen in bron 10 niet gelukkig /  niet   gelukkig  mee, want

gebruikt werd om graan te malen of hout te zagen?

4

Lees bron 11 en bekijk de bijbehorende afbeelding.

4a

Waarom is het nodig om eerst een dijk om het meer te leggen voordat je begint met pompen?

2

De

17 e

eeuw wordt ook wel de ‘Nederlandse Gouden

Eeuw’ genoemd. 2a

Wat wordt met ‘Gouden Eeuw’ bedoeld? 4b

Bekijk bron 12 goed. Teken nu zelf een 17 e eeuwse polder. Gebruik hiervoor ook de beschrijving in bron 11. Teken in elk geval:

2b

3

ff

de rechte slootjes

ff

een molengang

Was het ook voor de wetenschap een gouden eeuw?

ff

de kanalen

Geef bij je antwoord een voorbeeld.

ff

de dijken

ff

welke kant het water opstroomt, met een pijl

Bedenk per persoon die hierna is genoemd, of hij gelukkig is of niet gelukkig is met het droogmalen van de Beemster en leg je antwoord uit. Voorbeeld: Een visser is er gelukkig / niet gelukkig mee, want hij kan er geen vis meer kan vangen. Jan Adriaanszoon Leeghwater is er  gelukkig  / niet gelukkig mee, want

Vervolg

 279


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west  6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

5

In 2005 zorgde de orkaan Katrina voor grote

wetenschappers besproken. Welke 17 e-eeuwse

Door de orkaan was het water door de dijken

wetenschapper heeft volgens jou het meeste invloed

gebroken. Nederlandse bedrijven werden door het

gehad op de manier waarop we nu leven? Leg je

bestuur van de stad New Orleans gevraagd om mee te

antwoord uit.

Wat heeft deze gebeurtenis in 2005 te maken met de geschiedenis van Jan Leeghwater?

5b

Denk je dat deze ontwikkeling in de Nederlandse geschiedenis een reden is geweest voor de Amerikanen om de Nederlanders om hulp te vragen?

bron 12 : Tekening van de Beemsterpolder

Aan dit project heeft Leeghwater meegewerkt.

280

In deze paragraaf zijn veel bekende 17 e-eeuwse

overstromingen in de Amerikaanse stad New Orleans.

denken over een nieuwe verdediging tegen het water. 5a

6


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw        6.5 Kunst         6.6 Knappe koppen  

Kernbegrippen wetenschapper

iemand die kennis verwerft door het doen van onderzoek, door goed te kijken en te proberen dingen te begrijpen. Het delen van de kennis met anderen is hierbij belangrijk

wetenschappelijke revolutie

periode in de 17 e en 18e eeuw waarin ontdekkingen werden gedaan op het gebied van onder meer natuurkunde, wiskunde en astronomie. De wetenschappers gebruikten de grotere vrijheid die ze hadden gekregen om dingen te onderzoeken en daarover met elkaar te praten. Op deze manier deed men de ene ontdekking na de andere

polder

door dijken omringd gebied dat eerst (gedeeltelijk) onder water lag, maar waar het water uit is weggepompt

Hollandse waterlinie

rij van verdedigingswerken met daartussen gebieden die onder water gezet kunnen worden om een eventuele vijand vast te laten lopen

Ruimte om te schrijven

281


Tijdvak 6  Tijd van regenten en vorsten 6.1 Bestuur in Europa en in Nederland  6.2 Op weg naar oost en west  6.3 Amsterdam in de Gouden Eeuw 

Zelftoets 6.6

5

bekend geworden om …

Knappe koppen A

1

Wat is een overeenkomst tussen Galileo Galilei en Jan Swammerdam?

A B

Zij deden allebei het liefst zelf proeven. Zij gebruikten allebei een telescoop voor hun onderzoek.

C

Zij woonden allebei in Nederland in de 17 e eeuw.

D

Zij werden allebei aangeklaagd door de kerk.

2

Wat is een wetenschappelijke revolutie?

A

de uitvinding van de telescoop

B

de veroordeling van Galileo Galilei

C

geloven dat de aarde het centrum van het heelal is

D

een periode waarin veel nieuwe ontdekkingen snel achter elkaar plaatsvinden

3

Wat onderzocht de wetenschapper Jan Swammerdam?

A

dieren

B

het heelal

C

nieuwe wapens

D

windmolens

4

Waarom ging de kennis van de medische wetenschap

door de uitvinding van de aspirine

B

door de uitvinding van de boekdrukkunst in de 17 e eeuw

C

door de uitvinding van de microscoop

D

door het openen van de eerste universiteit

… zijn goede microscopen.

B

… zijn onderzoek op lijken van mensen.

C

… zijn ontdekking van het pokkenvirus.

D

… zijn ontdekking van witte bloedcellen.

6

Wat heeft Christiaan Huygens NIET ontdekt?

A

de maan Titan

B

de microscoop

C

de ringen van Saturnus

D

een nieuw soort klok

7

Wat was de Académie van koning Lodewijk de 14e?

A

een dansschool aan het hof van de Frans koning

B

een Franse Krant

C

een Franse universiteit

D

8

een groep geleerden in Frankrijk Waarom werd het boek van Huygens over buitenaards leven pas na zijn dood gedrukt?

A

Hij kon geen drukker vinden.

B

Hij kon niemand vinden die zijn boek wilde lezen.

C

Hij wachtte bewust omdat hij bang was voor represailles.

D

Hij was niet zeker van zijn onderzoek.

9

Hoe kwam Leeghwater aan het geld om nieuw land droog te leggen?

in de 17 e eeuw snel vooruit? A

Welke uitspraak is juist? Antoni van Leeuwenhoek is

A

Hij kreeg geld van boeren die meer landbouwgrond nodig hadden.

B

Hij kreeg geld van het Nederlandse leger dat last had van de vele rivieren in Nederland.

C

Hij kreeg geld van rijke kooplieden, die hoopten geld te verdienen met het nieuwe land.

D

Hij was zelf zo rijk geworden dat hij geen extra geld meer nodig had.

282


6.4 Arm en rijk in de Gouden Eeuw        6.5 Kunst         6.6 Knappe koppen  

10 Rijke burgers in de 17 e eeuw betaalden vaak veel geld

11

aan projecten die het land drooglegden. Zij hoopten dat geld terug te verdienen en winst te maken. Dat lukte vaak niet. Wat was de oorzaak dat het droogleggen vaak weinig geld opbracht? Er zijn twee antwoorden juist. A

fouten in de berekening van de dijksterkte

B

organisatiefouten

C

De regering nam het land in beslag.

D

Het nieuwe land werd door de Spanjaarden veroverd.

Hoe werd water gebruikt om tijdens een oorlog de vijand dwars te zitten?

A

De dijken werden doorgestoken zodat de vijand verdronk.

B

Rivieren zorgden ervoor dat de Nederlandse soldaten snel per boot vervoerd konden worden.

C

Er werd water weggepompt, zodat vijandelijke schepen niet over de rivieren konden varen.

D

De weilanden werden onder water gezet, zodat het leger in het water bleef steken.

283


en havo. De methode introduceert op aansprekende wijze de tijdvakken en kenmerkende aspecten van het examenprogramma geschiedenis. Leswijs Geschiedenis blinkt uit door aansprekende werkvormen en een heldere en flexibele structuur. Dit maakt zelfstandig leren leuk, en daagt de leerling altijd uit op het juiste niveau. Er is veel aandacht voor verdieping en herhaling. Ook is er veel uitleg en oefenmateriaal voor de

GESCHIEDENIS

belangrijkste historische vaardigheden. Leswijs Geschiedenis is een product van Dedact Levantplein 70 1019 MB Amsterdam

Leswijs Geschiedenis  1 mavo/havo 2012-2013

www.dedact.nl 020-7009854

1 Dedact

GESCHIEDENIS

methode geschiedenis voor de onderbouw mavo

Leswijs Geschiedenis PENTA college CSG Bahûrim  1 mavo/havo 2012-2013

Leswijs Geschiedenis is de complete en efficiënte

PENTA college CSG Bahûrim


Proefexemplaar Leswijs Geschiedenis site