Page 1

de wolf is terug in limburg sticks & bones alumni fotografen x-festival 2018 kunstenarij

PXL-MAD school of arts koffie Restaurant u breed De genkse jazzscene

erwin oosterbosch ga voor beeldende kunst leo timmers genkeration Asociación ONG Añañau

de kracht van creativiteit en co-creatie in en rond Genk

#04

JAARGANG 3 april 2018


In Genk ontworpen door

Neem elke kans in het leven, want sommige dingen gebeuren maar ĂŠĂŠn keer


Woord Vooraf

Het leven zit vol schijnbare tegenstellingen Als ik zeg: “Ik zou hier heel graag weg willen”, is de kans groot dat jij antwoordt: “Dus je bent hier niet gelukkig?”. Als ik zeg: “Ik ben toe aan verandering”, is het niet ondenkbaar dat jij zegt: “Dus je houdt niet van je leven zoals het nu is?”. Terwijl dat helemaal niet zo hoeft te zijn. Het leven zit vol tegenstellingen die er eigenlijk geen zijn. Soms moet je dingen loslaten om er grip op te krijgen. Soms moet je eerst naar rechts om links te eindigen. Dat lijkt allemaal tegenstrijdig en onnatuurlijk, maar dat is niet zo. We moeten ons dus verzetten tegen het denken in tegenstellingen. Als we dat niet doen, verliezen we een hoop nuances. En kunnen we elkaar nooit écht begrijpen.

S

inds de start van het eerste magazine zijn er 1.308 doelgerichte e-mails verstuurd, heb ik 72 organisaties en bedrijven gecontacteerd met de vraag om, naast Stad Genk, het magazine structureel mee te ondersteunen en heb ik ongeveer 1.463 tassen koffie gedronken. Dit laatste cijfer is eerder een onderschatting dan een overschatting. Als je ergens over piekert, is het vaak verstandig om te beslissen om eens een uur niét aan het probleem te denken. Of beter nog: een dag. Na 24 uur blijkt dikwijls dat je probleem al is opgelost of dat het nooit heeft bestaan. Met andere woorden: je kan vaak veel problemen oplossen door ze niet op te lossen.

Wees niet bang voor fouten, Er zijn er geen — Miles davis

De afgelopen zes maanden zijn een strijd geweest met als inzet het voortbestaan van Dada Magazine in zijn huidige vorm. Enerzijds was er de enorme teleurstelling die alsmaar groter werd bij de vaststelling dat er in het Genkse bedrijfsleven amper tot geen draagvlak is om mee de schouders te zetten onder de werking van dit magazine. Zelfs ‘gevestigde waarden’ gaven forfait. Een gemiste kans om eens iets terug te geven aan de Genkenaar. Anderzijds was er het gevecht met mezelf omdat ik alsmaar meer positieve feedback mocht ontvangen van enthousiaste lezers van zeer diverse pluimage. En zo, ongeveer een maand voor het magazine normaal in druk zou moeten gaan, ontving ik op een ochtend een positieve en tegelijkertijd ontroerende, e-mail die me opnieuw een energieboost gaf om deze vierde editie vooralsnog op gang te trekken. Op 1 maart trok ik dus alle registers open. Gelukkig schuilt creativiteit achter elke hoek en is er bijgevolg geen tekort aan inspiratie. Zo kwam ik op een dag voorbij het skatepark onder de grote brug in Genk waar ik een mooie graffiti zag van een bloem en een jonge BMX’er die

herhaaldelijk enkele straffe stunts uithaalde met z’n fiets. Deze sport op twee wielen gooit alle regels overhoop. De rijders racen op op maat gemaakte fietsen, terwijl ze tegelijkertijd spectaculaire acrobatische sprongen, en andere duizelingwekkende manoeuvres uitvoeren. Ook dat is, en vraagt om, creativiteit. Het behoort dan ook niet voor niets tot een van de meest extreme en gevaarlijke sporten ter wereld. Graffiti is ook van alle tijden. De Romeinen uit de klassieke oudheid schreven ook op hun muren en monumenten. Ook Vikingen brachten graffiti aan op plaatsen die ze aandeden. Bekende graffitikunstenaars Keith Haring en Jean-Michel Basquiat trokken deze stroming op gang in New York. Aangezien het ondertussen volop lente is, heb ik de jongeman – Genkenaar Sam Laute – gevraagd om even plaats te nemen voor de graffitischildering van tattooartiest Sneaky Jay zodat ik dit frisse beeld, waarin creativiteit de foto overstijgt, met jullie kan delen.

Joël Neelen Dada Design

2

|

3


Bladwijzer

8

16

20

22

24

28

26

30 32

natuur

erfgoed

fotografie

8\ De wolf is terug in Limburg De verwachting is dat wolven zich in België zullen vestigen. Is het mogelijk om een draagvlak voor de wolf te creëren?

15\ Charles Wellens en opluchtmuseum Bokrijk Wellens ging verder dan alleen maar het schilderen van oude hoeves, heidelandschappen en agrarische figuren.

20\ Alumni fotografie Vier alumni, Diane Cruysberghs, Lieven Geuns, Els Gielen en Natalie Veekmans, van de faculteit Fotografie in Genk tonen hun werk.

39\ Dada lost mysterie op Van wiens hand is de vrouwen­ buste die vorig jaar op de cover van Dada Magazine #02 stond.

cross-over

13\ Wolvensolidariteit Landschapsfilosoof Glenn Deliège stelt de vraag of bepaalde ongemakken een wilde natuur in de weg staan. 56\ Onze selectieve blindheid is dodelijk voor de levende wereld George Monbiot, Brits zoöloog bekend om zijn ecologisch en politiek activisme, schrijft een boeiende column in The Guardian.

Dadamagazine

# 04 .2018

creatief 16\ Tot op het bot met KnokeRon Genkenaar Ron Leinders toont in zijn privémuseum Sticks&Bones dierlijke skeletten en eigen ontwerpen.

28\ X-Festival 2018 Het jaarlijks cross-disciplinair, visionair, inspirerend en stimu­ lerend ideeënfestival op het kruispunt van wetenschap, technologie en kunst landt begin mei op C-mine met onder meer Daan Roosegaarde, Pauline Van Dongen, Frederik De Wilde, Theo Jansen, Elise Elsacker, Brent Sherwood, ...


34

54

40

52

58 64

68 72

78

actueel

advertorial

muziek

38\ Grensverleggend Grenzen zijn vaak erg vaag, maar soms heel erg scherp! Kunstenarij roept iedereen op deel te nemen aan ‘Grens’, hun eerste thematentoonstelling.

40\ MAD about Arts in Hasselt Maak kennis met de afstudeerrichtingen van PXL-MAD School of Arts: Grafisch vormgeving & Illustratie, Juweelontwerp & Edelsmeedkunst en Vrije Kunsten.

58\ A Great Day in Genk De Genkse jazzscene bloeit als nooit tevoren. Onze jazzmusici zijn bezig met muzikale projecten in allerhande bezettingen. 72\ Genkeration.be Deze website toont alles over muzikaal Genks talent. Een blik terug in de tijd en een mooie kijk op wat er nu leeft in Genk.

64\ Nieuwe plannen in de Genkse Academie GA voor Beeldende Kunst & Media staat voor een erg drukke periode met boeiende projecten in de maanden mei en juni.

52\ Restaurant U Bij Jo Lemmens dineer je rond de open U-vormige keuken. Hij werkt met lokale en duurzame seizoensgebonden producten.

profiel

68\ Leo Timmers wil de verbeelding stimuleren Illustrator Leo Timmers keert met interactieve expo in de bibliotheek van Genk terug naar zijn roots.

54\ Breed Breed is een gemeenschappelijk verkoops- en expositie­ platform en koppelt dit aan de verhuur van hun atelieren bureauruimtes.

78\ Zuidwaarts van Boxberg naar Cusco, Peru Ellen Bosch richtte een nieuw onderwijsproject op in de wijk San Jeronimo, een traditionele en arme buitenwijk van Cusco.

4

|

5


Colofon Dada Magazine is een zesmaandelijkse publicatie over het buurtleven, de kracht van crea­tiviteit, co-creatie, vakmanschap, vormgeving, muziek, fotografie, film en kunst in Genk en ver daarbuiten. De gedrukte versie is gratis verkrijgbaar op meer dan 60 plekken in Belgisch en Nederlands Limburg. een initiatief van — Joël Neelen (Dada Design) eindredactie — Joël Neelen, Hilde Neven Concept & vormgeving — Dada Design coverbeeld — Sam Laute, BMX rider, skatepark Genk © Joël Neelen een uitgave van — Dada Design C-mine 115 3600 Genk www.dadadesign.be Typografie — Leyton een letter van Ian Moore — Sansa een letter van Fred Smeijers — Claudia Shouter een letter van Filippo Pellini — Square Slabserif 711 Bold een letter van Georg Trump — Emmascript MVB een letter van Kanna Aoki

Met speciale dank aan — Francine Quanten, omdat zij zich engageert voor de makers en creatievelingen in Genk. — Stad Genk, voor hun bijdrage in het ondersteunen van het drukwerk. — Els Gielen, Jan Castermans en Hilde Neven voor hun enthousiasme en expertise over beelden en verhalen. — Leen Roels voor haar inzet om Dada Magazine mee te verspreiden. met medewerking van en/of dank aan — Jan Amand, Costa Arvanitidis, Jos Baar, Thomas Billen, Els Bijnens, Michel Bisceglia, Ellen Bosch, Jos Bosch, Jan Castermans, Albert Claessen, Jos Coenen, Jan Colla, Eveline Corstjens, Diane Cruys­ berghs, Glenn Deliège, Wim Dries, Elise Elsacker, Tim Finoulst, Lieven Geuns, Els Gielen, Pino Guarraci, Michiel Hendryckx, Roman Korolik, David La Mela, Sam Laute, Ronny Leinders, Jo Lemmens, Jan Loos, Katia Malecki, Jean Manca, Johan Meylaerts, Jasper Moermans, Anita Mulderij, Carlo Nardozza, Dominique Nelis, Hilde Neven, Erwin Oosterbosch, Guy Paesen, Francine Quanten, Raf Ramakers, Luc Rerren, Sonja Schrijvers, Paul Sochacki, Dirk Steenhaut, Massimiliano Sticca, Paul Van Hees, Peter Vandeurzen, Johan Vanroye, Rob Vanspauwen, Natalie Veekmans, Isabelle Verbruggen, Jan Verheyen, Karen Verresen, Marc Vos, Marc Wallican en Michel Wieczerniak contact — hallo@dadamagazine.be

druk en afwerking — Drukkerij Paesen

digitaal — www.dadamagazine.be

Oplage — 3.984 ex.

collectie limburgensia — Dada Magazine is opgenomen in de Collectie Limburgensia. Het Historisch Informatiepunt Limburg verzamelt een weloverwogen keuze van publicaties met betrekking tot Limburg. Het is hun bedoe­ling deze publicaties voor volgende generaties in de beste omstandigheden te bewaren. Illustraties & fotografie Het auteursrecht van de in dit magazine afgebeelde illustraties en foto’s behoort toe aan de oorspronkelijke ontwerpers en fotografen. Hieronder zijn de nodige credits per pagina opgesomd. Niets uit deze uitgave mag worden overgenomen zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. — p. 7 Michiel Hendryckx, p. 8 Renald Bourque, p. 9 Joël Neelen, p. 10 Massi­ miliano Sticca, p. 11 Joël Neelen, p. 12 National Digital Library Wikimedia, p. 13 Alamy, p. 14 Patrick Melton, p. 16-19 Jan Caster­mans, p. 20-21 Diane Cruysberghs, p. 22-23 Lieven Geens, p. 24-25 Els Gielen, p. 26-27 Natalie Veekmans, p. 28 Dada Design, p. 32 anp, p. 33 Michael Buholzer, p. 34 Wouter le Duc & Sharon Jane D, p. 35 Roos van de Kieft & Sid Lee, p. 36-37 Thor Balkhed, p. 38 AP, p. 43 privéarchief Maria Zangari, p. 45 Pinterest, p. 46 Tyler Nix/BaristaSociety, p. 47 Freepik, p. 47 Katemangostar/Freepik, p. 48-51 Pinterest, p. 52-53 Luc Vleugels, p. 54-55 Els Gielen, p. 55 onderaan Breed, p. 58 Art Kane, p. 59-60 Els Gielen, p. 63 Erwin Oosterbosch, p. 64-65 Michel Wieczerniak, p. 67 Joël Neelen, p. 68-71 Els Gielen, p. 72-73 Genkeration, p. 76 Anton Coene, p. 78-82 Añañau, p. 83 Marc Wallican lees online — issuu.com/dada_magazine

Bedankt voor alle steun en positieve feedback! Een klein team van creatievelingen werkt samen om nieuwe dingen in beweging te brengen. Dat vraagt telkens opnieuw een extra inspanning. Vandaar dat wij via deze weg een oproep doen naar bedrijven, organisaties en/of zelfstandigen met een boon voor creativiteit in Genk. Het voortbestaan van dit magazine hangt grotendeels af van deze return.

steun, creëren wij een advertorial voor uw bedrijf met mooie sfeerbeelden. Vraag naar onze tarieven via <hallo@dadamagazine.be> Met de opbrengst kunnen wij vervolgens een freelancejournalist, of een eindredacteur, of een fotograaf, of een illustrator een onkostenvergoeding toekennen om mee te werken aan een sterk inhoudelijk, creatief én kwalitatief magazine.

Advertorial Dada Magazine biedt u de mogelijkheid om bij te dragen tot de kwaliteit van dit magazine. In ruil voor uw

Dada Magazine per post Wens je een van de vorige edities van Dada Magazine per post te ontvangen, gelieve dan € 12 over te schrijven

Dadamagazine

# 04 .2018

met mededeling: “DadaMagazine #04, #03, #02 of #01 – «naam» en «adres»”. Zolang de voorraad strekt. bpostrekening IBAN: BE94 0004 3941 1414 BIC: BPOTBEBE Nogmaals zeer bedankt voor uw steun en posi­tieve bijdrage. De toekomst zal uitwijzen of er nog een vijfde magazine kan volgen.


Tien jaar zal hij dood zijn. En dus wordt 2018 een Hugo Claus-jaar. "We worden geboren, we neuken een beetje, en we sterven. Daar komt het toch op neer.” Ergens midden jaren 90 was het toen Hugo Claus dit in een interview zei. Een goed decennium later zou zijn eigen leven

eindigen. Tien jaar is hij dood nu, de bijna eindeloze romancier, toneelschrijver, schilder, poëet, de man met de magnifieke stem. En dus zal hij in 2018 opnieuw volop aanwezig zijn. In Antwerpen en Brussel, bijvoorbeeld, waar Hilde Van Mieghem en Marc Didden elk een tentoonstelling over Claus cureren.

Claus maakte deel uit van de Cobra-groep, met onder meer Asger Jorn, Corneille, Constant en Appel en in België Christian Dotremont en Pierre Aleschinsky.

Poëzie heeft geen normen. Poëzie danst op de maat van het ogenblik.  — Hugo Claus (1929-2008) Vlaams dichter, schrijver, kunstschilder en filmmaker 6

|

7


natuur

wolf | naya | leopoldsburg lage landen | landschap vzw

© Renald Bourque

De wolf is terug in Limburg De voorbije jaren zetten wolven opnieuw poot op zowel Belgische als Nederlandse bodem, en dat na een afwezigheid van ruim anderhalve eeuw. Zo heeft Naya, volgens Duitse wetenschappers, zich momenteel echt gevestigd op het militair domein van Leopoldsburg. Het gebied is 55 vierkante kilometer groot en het heeft dan ook geen zin om als wandelaar op zoek te gaan naar de wolf. Dit roept echter wel enkele pertinente vragen op. Lopen er binnenkort weer roedels wolven in onze bossen en moeten we schrik hebben om ’s avonds een wandeling te maken? Brengt de terugkeer van ons grootste inheemse roofdier het Roodkapjes-trauma in ons naar boven na de aanrijding van een tweede wolf in Opoeteren, of geven we hem een eerlijke kans? Tekst Dada Magazine, Jan Loos – Foto’s Renald Bourque, Joël Neelen, Massimiliano Sticca, Patrick Melton

H

elemaal onverwacht waren de eerste wolvenwaarnemingen in de Lage Landen niet, want de terugkeer van de wolf was perfect voorspeld. Nadat hij al delen van Duitsland en Frankrijk had heroverd en bleek te gedijen op minder dan 100 km van onze grenzen, was het slechts een kwestie van tijd vooraleer de wilde wolf ook de dichtst bevolkte regio van Europa zou binnentrekken.

Dadamagazine

# 04 .2018

In 2011 werd de eerste wolf op Belgische bodem waargenomen in de uitgestrekte natuur rondom Gedinne. Na een paar onzekere meldingen in de daaropvolgende jaren kreeg ook Nederland in 2015 een eerste zekere wolf op bezoek. Die kwam aangelopen vanuit Duitsland, doorkruiste de provincies Drenthe en Groningen, en verdween een week later weer naar Duitsland ... Meteen zijn heel België én Nederland in de ban van de wolf. De bescheiden voorhoede heeft zich alweer teruggetrokken achter onze

grenzen, maar terugkomen doen ze zeker! Landschap vzw, IFAW (International Fund for Animal Welfare) en Wolven in Nederland zijn blij met de terugkeer van de wolf. Als de wolf zich hier weer thuis voelt, dan is dat de kroon op het natuurbeleid. Ook ecologisch is het belangrijk, want de wolf houdt de populaties van zijn prooidieren in conditie en heeft een heilzame invloed op het hele ecosysteem. Zo’n topjager ontbreekt al veel te lang in onze natuur.


Door mythes te ontkrachten en correcte voorlichting te geven, willen ze er voor zorgen dat wolven hier oprecht welkom zijn. Na eeuwen afwezigheid is het uiteraard wel even wennen, maar in onze buurlanden is al aangetoond dat wolven en mensen vredig kunnen samenleven. Waar je ook bent op aarde, overal staat aan de top van de voedselketen een indrukwekkend roofdier. In Europa is deze rol weggelegd voor wolven en beren. Een Europese wolf heeft een krachtige hals, sterke borstkast en slanke buik, en staat hoog op zijn krachtige poten. Noordelijke – bijvoorbeeld Scandinavische – wolven zijn merkbaar groter en krachtiger dan zuidelijke, Iberische wolven. Vrouwtjes zijn doorgaans wat kleiner en lichter dan mannetjes. Onze inheemse wolf heeft een grijze vacht, met een rossig bruine kleur op rug, kop en oren. Er zijn echter geografische kleurvariaties en ook de verschillen tussen individuele wolven zijn groot. Een wilde wolf heeft een witte plek (een ‘masker’) rondom de mond en neus, lichte wangvlekken, lichte vlekken aan beide zijden van de hals en een donker zadelvormig patroon op de rug. Wolven zijn dag- en schemerdieren, maar door felle bejaging zijn ze

er in veel gebieden een nachtelijke levenswijze op na gaan houden. De wolf is een goede loper en een prima zwemmer. Hij kan zich snel verplaatsen, met een topsnelheid tot 50 km/u.

verdedigt zijn territorium tegen andere wolven. Een wolventerritorium ligt niet vast, maar verschuift naargelang de dominantie van het roedel ten opzichte van andere roedels, de vestiging van nieuwe roedels of het verdwijnen van oude.

Roedeldier Wolven zijn sociale dieren die in familiegroepen of ‘roedels’ leven die strikt georganiseerd zijn en geleid worden door een alfamannetje en -vrouwtje. Gewoonlijk hebben zij het alleenrecht op de voortplanting. De overige dieren in het roedel zijn doorgaans de welpen van dit jaar en de inmiddels volgroeide jongen van het vorige jaar. De nakomelingen van het alfapaar blijven hooguit twee jaar in de roedel. Bij een gemiddelde van vier overlevende jongen per jaar zal een Europees wolvenroedel dus uit maximaal tien dieren bestaan. De wolf kent een grote verscheidenheid aan expressiemogelijkheden. Het bekende huilen is vooral bedoeld om te communiceren over langere afstanden, tot tien kilometer ver. Het leefgebied van een roedel is in Europa ruwweg 200 vierkante kilometer groot. De exacte omvang van het territorium hangt onder meer af van het voedselaanbod. Een roedel

Doorgaans verlaten jongvolwassen wolven het geboorteroedel in het tweede levensjaar. Ze gaan dan zwerven, op zoek naar een geschikt nieuw leefgebied en een niet-verwante partner waarmee ze een nieuw roedel kunnen starten. Eenzame wolven op zoek naar een partner of nieuw territorium kunnen grote afstanden afleggen. Op één nacht overbruggen ze 50 tot 80 kilometer. In Duitsland zijn nieuwe vestigingen op 200 à 300 kilometer van de bekende roedels niet ongewoon. Uitzonderlijk worden ook afstanden van meer dan 1.000 kilometer afgelegd om een nieuwe stek te vinden. Dat betekent dat zwervende wolven eender waar in Europa plots kunnen opduiken! Er zijn niet veel barrières die wolven tegenhouden. Wolven zijn goede zwemmers en uitstekende lopers. Ze kunnen rivieren, snelwegen en dicht bevolkte gebieden kruisen en maken daarbij ook gebruik van wegen, spoorlijnen, tunnels en bruggen.

Wolf in Noorwegen © Joël Neelen

Het is toch bijzonder, het lijkt weer beter te gaan met de natuur in Vlaanderen

8

|

9


natuur

wolf | naya | leopoldsburg lage landen | landschap vzw erg schaars zijn, hebben wolven geleerd om te overleven op aas, afval en vee. Hoewel wolven de voorkeur geven aan natuurlijke prooi, worden dus ook gemakkelijk bereikbare schapen en geiten door wolven gepakt. Met een aantal eenvoudige maatregelen kan het verlies van vee echter voorkomen worden.

Wolf in Duitsland © Massimiliano Sticca

Wolvensporen

Wolven komen voor in heel uiteenlopende leefomgevingen. Van woeste toendra’s, steppen en prairies tot dichte bossen, van laagland tot ruige gebergtes, overal past de wolf zich aan. Ook in door mensen ingerichte en gedomineerde landschappen kunnen wolven goed gedijen. Bij onze Duitse buren leven wolven in productiebossen, tussen bruin-

koolmijnen en maïsakkers, maar ook in kleinschalige landbouwlandschappen en op uitgestrekte militaire domeinen. In Roemenië illustreren wolven hun extreme aanpassingsvermogen. Een roedel zwerft er ‘s nachts door Brasov, een stad met 350.000 inwoners. De dieren snuffelen in vuilcontainers en jagen in de plantsoenen op konijnen. Jager op groot en klein wild

de vraag is al lang niet meer óf de wolven eraan komen, alleen nog wannéér ze eraan komen

Dadamagazine

# 04 .2018

Een wolf jaagt op allerlei prooidieren: van grote prooien als wisenten, elanden, edelherten, reeën en everzwijnen over bevers, haasachtigen en vogels tot kleine knaagdieren als ratten en muizen. In roedelverband wordt bij voorkeur gejaagd op grotere hoefdieren, maar in de dichtstbijzijnde populatie in Duitsland jagen wolven in hun eentje. Ze eten daar vooral reeën en af en toe een jong edelhert of een jong zwijn. Waar natuurlijke prooien

Een pootafdruk van een wolf lijkt op die van een grote hond en is 8 tot 10 cm lang. De afdruk van een wolf is wat meer ovaal dan die van een hond (die is rond) en er is meer ruimte tussen achteren voortenen. Doorgaans staan pootafdrukken van een wolf in een mooie rechte lijn, iets wat bij honden zelden het geval is. Keutels van wolven bevatten erg veel kalk, botresten en haren van hun prooidieren. Omdat wolven hun keutels gebruiken om hun territorium te markeren, laten ze die vaak achter op kruispunten, op kleine heuveltjes en op andere opvallende plekken. Wolven aan de top! Als toppredator oefent de wolf een grote invloed uit op het ecosysteem. Niet zozeer rechtstreeks door de aantallen prooidieren te reduceren, maar indirect door de zogenaamde ‘ecologie van de angst’. Grazende prooidieren mijden plekken waar wolven komen of waar ze extra veel gevaar lopen. Daar krijgen ruigte en bosverjonging een kans. Zo kunnen wolven een sleutelrol spelen in een ecosysteem zonder de aantallen prooidieren noemenswaardig te beïnvloeden. Minder gezonde dieren zullen eerder ten prooi vallen dan gezonde dieren, waardoor de populatie van de prooidieren juist in conditie gehouden wordt. Zolang de prooi de vrijheid heeft om te migreren, zijn wolven al helemaal niet in staat om hun prooidieren uit te roeien.


Oorspronkelijk kwamen wolven overal in Europa voor, ook in België en Nederland. In een ver verleden was er ontzag voor wolven en hun efficiënte jacht, en mensen hadden weinig last van ze. Maar naarmate de bevolking groeide en er steeds meer schapen en ander vee werden gehouden, nam het aantal conflicten tussen mens en wolf toe. Gaandeweg zagen mensen wolven steeds meer als bedreiging of concurrent. De dieren werden alsmaar intensiever vervolgd. Omstreeks 1800 kwamen wolven nog in redelijke aantallen bij ons voor. In het begin van de 19de eeuw vormden wolven in de buitenwijken van Brussel nog een ‘serieus probleem’, maar al in 1815 waren ze bijna allemaal verdwenen. Na 1840 waren er nauwelijks nog waarnemingen in België. Hetzelfde verging het de wolf in Nederland. In 1869 werd de laatste wolf bij Schinveld in Zuid-Limburg gezien en mogelijk in 1897 nog eentje bij Heeze in Noord-Brabant. Door intensieve vervolging was de wolf eerder al uit grote delen van Nederland verdwenen. In de rest van Europa was het niet anders. Uiteindelijk werd de Europese wolf teruggedrongen tot het voormalige Oostblok en de gebergtes van Italië, Spanje en Portugal. Naarmate het platteland minder intensief gebruikt werd en de Europese bevolking zich in toene-mende mate ging concentreren in grote steden, ontstond opnieuw meer ruimte voor echte natuur, en dus ook voor de favoriete prooidieren van de wolf. Tegelijk werden zowel de wolf als zijn prooi minder bejaagd door de mens, en zo kreeg de wolf terug een klein beetje ademruimte. Na jaren van vervolging en achteruitgang is de wolf nu op tal van plaatsen weer in opmars en herovert hij delen van zijn voormalig leefgebied. In heel de

Europese Unie geniet de wolf tegenwoordig een beschermde status als bedreigde diersoort, een stukje biodiversiteit en erfgoed dat we moeten koesteren in plaats van vernietigen. Maar ook de wolf zélf maakte een veranderingsproces door: waar hij vroeger de mens schuwde en teruggetrokken leefde in woeste natuurgebieden en moeilijk toe-gankelijke gebergtes, gaat hij men-selijke aanwezigheid niet langer uit de weg. Steeds vaker vestigen wolven zich in door mensen ge-domineerde cultuurlandschappen en profiteren ze van alles wat hun grootste vijand hen – doorgaans ongewild – verschaft. Op ons continent zijn er nu pak-weg 20.000 wolven, waarvan ongeveer 10.000 in het Europees gedeelte van Rusland. De bestaande kerngebieden groeien jaarlijks verder uit en vanuit deze kerngebieden verspreiden jongvolwassen wolven zich alle kanten op. Vaak over korte afstand, maar geregeld ook over zeer lange afstanden. Inmiddels hebben alle landen in Europa weer wolven op hun grondgebied, uitgezonderd de Benelux. Wolven in de Lage Landen? België, Nederland en Luxemburg zijn de laatste Europese landen die nog niet door de wolf heroverd zijn,

maar dat is slechts een kwestie van tijd ... In 1998 werd er in de Oost-Duitse regio Lausitz, ten zuidoosten van Berlijn, een eerste roedel wolven vastgesteld. Sindsdien is de populatie hier gestaag toegenomen. In Duitsland zijn er al enkele tientallen wolvenroedels en territoria van solitaire wolven, tot zelfs op een steenworp van de Nederlandse grens. Stilaan is er weer sprake van een omvangrijke Duits-Poolse wolvenpopulatie. Buiten de vaste territoria worden geregeld jonge zwervende wolven waargenomen. Sinds 1992 zijn er waarnemingen van wolven in het zuidoosten van Frankrijk. DNA-analyse heeft aangetoond dat deze dieren afkomstig zijn van de Italiaanse populatie. Vanuit Italië zijn ze de Alpen over getrokken. Ze hebben inmiddels Oostenrijk, Zwitserland, Zuid-Duitsland en de Franse Vogezen bereikt. Ze nade-

Er zijn nachten wanneer de wolven stil zijn en alleen de maan huilt

Wolf in Noorwegen © Joël Neelen

Terug van weggeweest

10

|

11


wolf | naya | leopoldsburg lage landen | landschap vzw

ren nu ook Luxemburg en België. Franse en Duitse wolven zijn dus al opgerukt tot aan onze grenzen, maar het is net zo goed mogelijk dat er morgen een wolf rechtstreeks vanuit de Karpaten komt aangelopen ... De kans op het verschijnen van zwervende jongvolwassen wolven in België en Nederland wordt met de dag groter. Dat wolven bij ons kunnen overleven, is zo goed als zeker. Wolven mijden het cultuur-landschap niet en laten zich vooral leiden door het voorkomen van prooi­dieren zoals ree, damhert, edelhert en wild zwijn. De Arden-nen zijn zonder meer een poten­tieel leefgebied voor de wolf, maar de aanwezigheid van een dichte populatie reeën maakt wellicht ook Vlaanderen en Nederland tot een aantrekkelijk actieterrein. Wolven en mensen De terugkeer van de wolf in België en Nederland zou voor de natuur een verrijking zijn. En we hoeven ons niet ongerust te maken:

De schapen kennen de wolf als een vijand en vluchten voor hem, maar wie zal hen tegen de herders beschermen die hen slechts hoeden voor de wol

Dadamagazine

# 04 .2018

wolven en mensen kunnen prima met elkaar samenleven. Hoewel wolven een voorkeur hebben voor wilde hoefdieren, worden soms ook gemakkelijk bereikbare schapen en geiten door wolven gepakt. Nochtans zijn er efficiënte manieren om ons vee tegen wolven te beschermen. Denken we maar aan ’s nachts ophokken, schrikdraad en speciale hondenrassen als bewakers van het vee. Het zijn dan ook vooral slecht beschermde dieren die door wolven worden aangevallen. Allemaal kennen we sprookjes waarin een boze wolf de hoofdrol speelt. Al van in onze kinderjaren bepalen dergelijke verhalen ons beeld van de wolf. De belangrijkste aanleiding voor straffe wolvenverhalen was de hondsdolheid die tot 1900 nog bij Europese wolven voorkwam. Tijdens de laatste fase van deze ziekte verliest een wolf alle angst en kan hij bijtend rondtrekken. Tegenwoordig is Europa vrij van hondsdolheid. Aanvallen op mensen komen sindsdien niet meer voor. De mens – en zeker een volwassene – behoort niet tot het normale prooischema van een wolf, zodat van een gezonde wolf in de vrije natuur in principe geen enkel gevaar uitgaat. Zolang je een wolf niet in het nauw drijft, heb je niks te vrezen.

vijfhonderd kilometer op een week tijd. “Als we wolven als Naya een kans willen geven in Vlaanderen, dan zijn naast een uitgewerkt wolvenplan met sensibilisatie, compensatie in geval van schade en ontsnippering vooral ook grote, aaneengesloten natuurgebieden nodig. Op haar route door Nederland en Vlaanderen koos Naya telkens voor die grote gebieden met veilige rustplaatsen: de Sallandse Heuvelrug en Natuurpark de Maasduinen”, volgens Natuurpunt. Dat de wolf kiest voor de Vallei van de Zwarte Beek is een signaal dat vele inspanningen voor natuur lonen. En het is niet alleen de wolf die daarvan profiteert, maar ook de zeldzame scharrelaar, kraanvogels, zwarte ooievaar en de raaf. Het is wel voorbarig te stellen dat de wolf echt terug is. Een wolf zoekt een territorium met voldoende voedsel en rustmogelijkheden én een partner om zich voort te planten. Als aan die twee voorwaarden niet voldaan wordt, zal Naya verder trekken. De terugkeer kan positieve gevolgen hebben voor het ecosysteem. Dat zie je vandaag in Yellowstone (How wolves change rivers), waar de wolf

Wolvin Naya Vlaanderen associeer je niet meteen met een habitat voor wilde dieren. En toch. Na de succesvolle terugkeer van de bever bewegen ook de otter en zelfs de wolf zich opnieuw vrij rond in onze regio. Wolvin Naya kreeg in Duitsland een zender zodat wetenschappers haar spoor zouden kunnen volgen. Jonge wolven worden op een dag verstoten uit het territorium van de roedel. Dan gaan zij op zoek naar een eigen leefgebied. Dat kan heel ver zijn. Naya liep minstens

© National Digital Library Wikimedia

natuur


Wolvensolidariteit Enkele weken geleden sloop wolf Naya het land binnen. In het Vlaams parlement werd ze toen op hartverwarmende wijze welkom geheten door zowat elke fractie. Het was een hele opluchting: niemand betwistte dat de wolf een rechtmatige plaats heeft in het Vlaamse landschap. Tekst Glenn Deliège, Landschapsfilosoof, Doctor in de wijsbegeerte verbonden aan de KASK-School of Arts

A

fgelopen maand werd echter pijnlijk waar die plaats zich nu precies situeert. In Opoeteren sneuvelde een tweede wolf onder de wielen van een auto. Als we willen vermijden dat ons land, zoals Lieven De Schamphelaere in KNACK stelt, ‘het wolvenkerkhof van Europa’ wordt, zullen we nog grote inspanningen mogen leveren. Meer en beter verbonden, robuuste natuurgebieden aanleggen, bijvoor­ beeld; anders klinken onze mooie welkomstwoorden maar hol. Dat realiseren in ons verstedelijkte Vlaamse landje vraagt echter heel wat meer politieke moed dan een jubelende verklaring in het parlement.

zijn. In een natuurgebiedje hier om de hoek werd bij de opening van een nieuw knuppelpad gejubeld dat men voortaan de dotterbloemen zou kunnen bewonderen zonder modder aan de schoenen.

Het probleem is dat de nieuwe wilde natuur van wolven, maar ook bevers en everzwijnen, wel degelijk een inspanning van ons zal vragen en dat niet alleen op het vlak van infrastructuur. In zijn nog steeds brandend actuele Moeder natuur naakt laat Jan Desmet zien hoe bijna iedereen best te vinden is voor meer en zelfs wildere natuur, maar tegelijk zo goed als iedereen er de grootste moeite mee heeft als die natuur niet in de pas wil lopen. Om hem te parafraseren: “iedereen wil vlinders, maar niemand wil rupsen”. Steun voor de ongetemde natuur brokkelt snel af wanneer die ook onaangename kanten blijkt te hebben. De natuur hoeft daarvoor niet eens zo wild te

Maar die opmerkingen gaan volgens mij voorbij aan de kern van het probleem. We zijn het niet meer gewoon dat er in onze natuur nog andere spelers rondlopen die het landschap op grote schaal naar hun hand proberen zetten. Bevers doen in een handomdraai ettelijke hectaren onderlopen, een everzwijn woelt op een nacht je hele tuin om en een wolf gaat wel eens achter de schapen aan. Als je daar het slachtoffer van bent, slaat het initiële enthousiasme al snel om in afkeer. Dat geldt overigens niet alleen voor boeren of siertuiniers. Je zal maar de natuurbeheerder zijn die decennia van maaiwerk in een schraal grasland ziet verdwijnen onder centimeters vruchtbaar beekdrab.

Natuurbeschermers zijn zich doorgaans bewust van dat risico. Daarom putten ze zich uit om aan te geven dat we niets te vrezen hebben van bijvoorbeeld de wolf, slechts een minimale schade voor wat schapenboeren die zich gemakkelijk kunnen beschermen met herdershonden of schrikdraad. Mocht dat falen, dan worden ze nog altijd ruimschoots gecompenseerd.

Toen ik een aantal jaar gelden op bezoek was bij een vriend uit de Canadese Rockies, vertelde hij dat afgelopen herfst een zwarte beer was komen slapen op het dorpsplein. ‘Wat doe je als een beer komt slapen op het dorpsplein’, vroeg ik. ‘Je vermijdt even het dorpsplein’ was het laconieke antwoord. Als we meer en wildere natuur willen, dan moeten we ook bereid zijn de ongemakken erbij te nemen. De natuur laat zich niet wrijvingsloos invoegen in ons landschap en we moeten opnieuw leren aanvaarden dat ze soms met onze plannen botst. Een pleidooi voor meer en wildere natuur is onvolledig zonder een pleidooi voor tolerantie voor die ongemakken. Bovendien moeten we daarbij oog houden voor de spreiding van de lusten en de lasten. In Duitsland is er bijvoorbeeld wikiwolves (www. wikiwolves.org), een platform dat vrijwilligers in contact brengt met (schapen)boeren die zich bedreigd voelen en hen helpen met het installeren van wolfbestendige omheiningen. Het platform vertrekt vanuit de erkenning dat de terugkeer van de wolf onevenredig verdeelde lasten en lusten met zich meebrengt: de een geniet van de vlinder, de ander zit met de rupsen. Bovendien zien ze dat van elkaar niet. Door boeren en wolvenvrijwilligers direct met elkaar in contact te brengen hoopt wikiwolves daarom ook wederzijds begrip te laten ontstaan, iets waar bijvoorbeeld een louter financiële compensatiemaatregel voor verloren dieren geen oog voor heeft. Hoe klein ook, daarmee is misschien de kiem gelegd van een warme vorm van solidariteit, eentje waar onze natuur, landbouw en landschappen dringend nood aan hebben.

12

|

13


wolf | naya | leopoldsburg lage landen | landschap vzw

Wolf in Groot-Brittannië © Patrick Melton

natuur

ook terug is. Prooien gedragen zich anders, grazen op andere plaatsen, wat dan weer invloed heeft op de plantengroei. Ook everzwijnen zullen niet meer lopen waar ze willen. youtu.be/ysa5OBhXz-Q

Jawel, wolf Naya is nog steeds in Limburg. En zo te zien – nu ja, niemand die haar écht ziet – is ze gekomen om te blijven

Dadamagazine

# 04 .2018

Spotters

Welkom Wolf in Genk

De kans dat je dus een wolf in zijn leefgebied echt te zien krijgt, is biezonder klein. Mocht je zelf toch ooit oog in oog staan met een vermoedelijke wolf, besef dan eerst en vooral dat er mensen zijn die voor zulke ervaring veel geld zouden neertellen ... Tegelijk: blijf rustig! Blijf staan, hou voldoende afstand, of wandel rustig en zelfverzekerd van het dier weg. Er is absoluut geen reden tot paniek. Maar probeer, voordat het dier waarschijnlijk snel weer verdwijnt, een foto te maken! Maar toegegeven, de kans dat je effectief een wolf in de kijker krijgt in de Lage Landen, is voorlopig nog heel erg klein. Maar wat vandaag nog ongewoon is, is dat morgen misschien niet meer. Want de vraag is al lang niet meer óf de wolven eraan komen, alleen nog wannéér ze eraan komen. Wees voorbereid!

Op zaterdag 21 april organiseert Landschap vzw een voordracht over wolven en hun boeiende levenswijze in Cosmodrome Kattevennen (Auditorium ‘Wendelen’), Planetariumweg 19, Genk.

Dada: www.welkomwolf.be www.landschapvzw.be www.wolveninnederland.nl

Je komt er alles te weten over de comeback van deze fascinerende dieren en hun actuele verspreiding in Europa. Jan Loos van de campagne Welkom Wolf geeft antwoorden op vragen die op ieders lippen liggen: Hoe herken je een wolf? Zijn wolven gevaarlijk voor mensen? Hoe kunnen we vee en huisdieren beschermen? De deelnameprijs bedraagt € 6 per persoon voor leden van Landschap vzw en € 8 voor niet-leden. Kinderen jonger dan 12 jaar nemen gratis deel en hoeven niet vooraf aangemeld te worden. Inschrijven: info@landschapvzw.be


erfgoed

kunst | emile van doren charles wellens | bokrijk

In het Emile Van Dorenmuseum loopt tot 2 september een tentoonstelling over het werk van kunstenaar Charles Wellens. De expositie zoomt in op de levenslange zoektocht van Wellens naar de ziel van de Limburgse Kempen. Hij schilderde, verheerlijkte en bezong er het landschap, zijn bewoners en hun woningen en legde daarmee vast wat gedoemd was te verdwijnen. Door Kristof Reulens

De liefde voor de Kempen, zijn landschap en bewoners maakte van Chares Wellens (1889-1958) de ideale kandidaat om het openluchtmuseum op het provinciaal domein in Bokrijk mee vorm te geven. De idee voor een museum ontstond al in de jaren voor de Tweede Wereldoorlog, maar werd erna pas realiteit. Een belangrijke stap werd gezet in 1952 toen een delegatie vanuit de provincie Limburg, met o.a. gouverneur Roppe en ook Charles Wellens, het openluchtmuseum in Arnhem een bezoek bracht. En niet veel later werd alles in gereedheid gebracht om ook in Genk een gelijkaardig museum uit te bouwen.

De eerste hoeve die naar Bokrijk verhuisde was de Lummense hoeve Engelen. Deze boerderij had Wellens in zijn oorspronkelijke context geschilderd in 1951. Het schilderij schonk hij aan het gemeentebestuur uit erkentelijkheid voor de retrospectieve tentoonstelling die ze voor hem organiseerden. De reconstructie van de oude hoeve in Bokrijk werd door Wellens zelf in goede banen geleid. Hij reconstrueerde de hoeve er naar eigen inzicht. Zo spiegelde hij het grondplan, voegde een hondenrad toe aan de buitengevel en verving het originele pannendak door een rieten dak. De plaatsing van de

hoeve op het domein stemde hij af op de ligging van het kasteel. Wellens creëerde alzo zijn ideaalbeeld van een Kempische hoeve, die daarna ook door tal van zijn leerlingen geschilderd zou worden. Bij de plechtige inhuldiging in september 1953 kreeg hoeve Engelen officieel de naam Wellenshoeve. Op 12 april 1958, enkele maanden voor de dood van Wellens, opende Openluchtmuseum Bokrijk – ondertussen verder uitgebouwd met tal van Kempische relicten – zijn deuren. Sommige van deze relicten, zoals de Kilbershoeve in Meeuwen die in 1959 in Bokrijk heropgebouwd werd, had Wellens zelf nog in hun oorspronkelijke context geschilderd.

Dada: www.emilevandorenmuseum.be www.charleswellens.be

14

|

15


creatief

schedels | dieren | museum drumstokken | beenderen

Tot op het bot met KnokeRon Een bezoek brengen aan de Genkse Ron Leinders – aka KnokeRon – en zijn privé­ museum met dierlijke skeletten en eigen ontwerpen, dat is: je mee op sleeptouw laten nemen doorheen de wondere wereld die hij Sticks & Bones doopte, luisteren naar de verhalen die achter het dier én het ‘prepareren’ ervan schuilgaan, je laten verrassen door originele objecten zoals de zitbank ‘Reetje 3.0’ of de excentrieke struisvogellamp. Geen alledaags uitje, zoveel is zeker! We merkten zelfs dat we even later, tijdens een bezoek aan het Natuurhistorisch Museum in Brussel, met heel andere ogen naar de opgestelde dierenskeletten keken … Door Hilde Neven – Foto’s Jan Castermans

S Mijn collectie skeletten mondde uit in de opening van mijn museum

dadamagazine

# 04 .2018

ticks & Bones … dat moet je even uitleggen. Bij de ‘bones’ kunnen we ons natuurlijk wel iets voorstellen, maar wat is de rol van de ‘sticks’ in je verhaal? “Sticks & Bones is een symbiose van twee passies: die voor het verzamelen van drumstokjes – begeerde relikwieën die ik meebracht van concerten – enerzijds en die voor dierlijke skeletten anderzijds. Mijn fascinatie voor beenderen is ontstaan toen ik als achtjarige in

het kippenhok het skelet terugvond van het konijn dat mijn moeder ooit bereid had voor de kerstdis. Ik was meteen getriggerd: het zag er zo zuiver uit, zo puur. Dat vond ik geweldig. Een poos lang bewaarde ik het in mijn kast, tot we in het zesde leerjaar ter voorbereiding van onze latere schoolcarrière een bezoek brachten aan een middelbare school. Daar, in het biologielokaal, viel mijn oog onmiddellijk op de sneeuwwitte schedels. ‘Meneer, hoe doe je zoiets?’ Het geheim bleek in een simpel badje van


waterstofperoxide of zuurstofwater te schuilen.” “Snel daarna stuurde ik mijn mama naar de apotheek voor een flesje van dat goedje. Hoewel ik de gele patine er niet helemaal heb afgekregen – daarvoor was er te lang niets mee gebeurd – heeft hij nog altijd een plaatsje in mijn archief. Alles wat ik vandaag doe, gaat immers terug tot dat kerstkonijn. De sticks zijn er dan wel later bijgekomen, ik merk dat ze wél in mijn werken aanwezig zijn. Niet letterlijk in de vorm van drumstok, al vind je mijn hele collectie drumsticks ook in mijn museum, maar wel in de vorm van iets dat hout of een stok symboliseert.”

wat roadkill tegen langs de weg. En ik ging vroeger ook weleens aankloppen bij dierenzaken. Zodra ik mijn rijbewijs had, werd mijn actieterrein ook een pak groter (glimlacht).” “Begrijp me niet verkeerd, ik zie

heel graag levende dieren, ik zal er ook nooit zelf een doden. Mijn fascinatie start pas nadien, wanneer ze gestorven zijn. Het skelet van een dier geeft zoveel prijs over hoe het dier heeft geleefd. Dat is ontzettend boeiend. Aanvankelijk was ik vooral met de kopjes bezig,

Skeletten verzamelen, het is niet meteen een alledaagse hobby. Waar vind jij je ‘materiaal’? Niet zomaar om de hoek … “Was het maar zo gemakkelijk. Gelukkig kom je hier en daar weleens

16

|

17


creatief

schedels | dieren | museum drumstokken | beenderen

Daar zaten we dan, met een stelletje natuur- en preparateurliefhebbers midden in een bos, de ene groep zette diertjes op, de andere skeletten. Leuke bende

nadien kwamen er volledige skeletten bij. Ik ging ook opleidingen volgen. Daar zaten we dan, met een stelletje natuur- en preparateurliefhebbers midden in een bos, de ene groep zette diertjes op, de andere skeletten. Leuke bende.” Maar prepareren alleen was voor jou niet voldoende. “Dat klopt. Door de jaren heen ben ik de skeletten steeds meer gaan verwerken in kunstobjecten. Mijn collectie mondde uiteindelijk uit in de opening van mijn museum in het jaar dat ik 40 werd. Dat kwam er geen dag te vroeg en werd eindelijk mogelijk toen we dit huis met achterliggende atelierruimte hadden gekocht. Daarvoor stond alles gestockeerd op zolder, en moesten bezoekers zich een weg banen door onze slaapkamer om er te geraken. Dat vonden niet alle huisgenoten even prettig.” “De opening viel samen met een

dadamagazine

# 04 .2018

huiskamerconcert in het kader van het 30-30-30-project. Iets met knoken, skeletten en een huiskamerconcert? De combinatie kon op de nodige nieuwsgierige bezoekers rekenen, dat kan je je wel voorstellen. Wie dat wil kan mijn museum sindsdien komen bezoeken na afspraak. Ik ontvang je graag. In wat ik hier doe komen verschillende dingen samen: natuur, kunst, recyclage, upcycling, educatie ... De ontmoetingen die voortvloeien uit de museumbezoeken zijn soms heel bijzonder. Mooi toch dat zoiets kan door mijn hobby? Ook dat jullie hier zitten om naar mijn verhaal te luisteren, het in beeld te brengen en het te delen met jullie lezers: het is zo fijn dat dit op mijn pad komt. ” “Die tweedeling tussen kennis willen delen, bijvoorbeeld in mijn museum, en mijn bezigheden als kunstenaarontwerper, voel ik steeds sterker. Ik merk ook dat er op dat laatste vlak meer en meer beweegt. Ik kreeg de kans om deel te nemen


aan verschillende groepstentoonstellingen, recent nog wist ik een plekje op de Belgium Art & Design te bemachtigen, een eigenzinnige beurs waaraan ik kon deelnemen via het platform van Flanders DC, en er zitten er enkele projecten in de pijplijn. Ook hier weer gaat het voor een stuk om het samenbrengen van mensen. Verder zoek ik ook mogelijkheden om mijn ontwerpen verder te commercialiseren. Zoals de zitbank ‘Reetje 3.0’ die ik onlangs heb ontworpen, een bank uit lichte eik en glas waarin in een soort vitrine reeënschedels worden getoond. In dit ontwerp staan de poten van de bank voor de ‘Sticks’, de schedels van de ree voor de ‘Bones’. “Ik heb het gevoel dat de puzzelstukjes meer en meer samenvallen. Van dat konijn waar het ooit allemaal mee begon, tot de werken die ik vandaag maak en waarin ik alles zie samenkomen. Het zou geweldig zijn om daar in de toekomst nog veel meer mensen mee te berei-

ken. Maar tot het zover is, vind je me op werkdagen nog gewoon als verpleegkundige aan de slag in het Ziekenhuis Oost-Limburg. Op de dienst orthopedie nota bene, maar daar gaat het er vooral om om beenderen weer aan mekaar te laten groeien (lacht).” Waar haal je je inspiratie voor je werken? “Overal en nergens. Soms uit banale dingen, zoals uit de fietsbrug waarover ik dagelijks naar het werk rijd. Ik heb ook bewondering voor iemand als Koen Vanmechelen, die net als ik die fascinatie voor dieren heeft en met wie ik een grote verbinding voel. Maar ieder verhaal dat ik wil vertellen, begint natuurlijk altijd bij dat van het dier.”

Dada: www.knokeron.be www.facebook.com/designandart­ by.knokeron.5

Genk in z’n Blootje Op vrijdag 13 april opent in The Gallery een nieuwe groepstentoonstelling, Genk in z’n Blootje, een verzameling van cartoons, illustraties en beeldend werk, waaronder van KnokeRon. Curator is woordkunstenaar Jeekast. Op zaterdag 5 mei vindt ter gelegenheid van de finissage ook de lezing ‘De Botten van de Borinage’ plaats. Graficus en amateur-paleontoloog Sandra Cordier geeft een gedetailleerde reconstructie van het verhaal van de Iguanodons van Bernissart of hoeveel de opgraving van een stel knoken ons kunnen vertellen. Haar lezing zal voor de gelegenheid onder de struisvogelleeslamp van KnokeRon plaatsvinden.

18

|

19


fotografie

luca school of arts | shivkv alumni | hogeschool | genk

Alumni fotografie Elk jaar wuiven we een nieuwe lading afgestudeerde fotografen uit. In de vorige edities van Dada Magazine gaven we reeds een platform aan jonge ‘schoolverlaters’ Öznur Öztürk en Boumediene Belbachir en docenten Kristof Vrancken en Jos Coenen. Maar wat gebeurt er na de diploma-uitreiking met onze alumni. Welke weg bewandelen ze en hoe kijken ze terug op onze opleiding? In deze editie tonen vier alumni van de faculteit Fotografie van Luca School of Arts in Genk hun werk. Diane Cruysberghs, Lieven Geuns, Els Gielen en Natalie Veekmans vertellen elk over hun carrièreverloop sinds ze afstudeerden. Dat fotografen een heel gamma aan loopbaanmogelijkheden hebben, is bekend en dat tonen deze alumni ook.

wat voel je, ... , het maakt niet uit. Ondertussen zijn we ook vele jaren verder. Het digitale tijdperk brak aan, nieuw mogelijkheden en uitdagingen. Opnieuw zoeken naar andere invalshoeken. Diane blijft dit boeiend vinden en kan daarvan genieten. Schaduwen die bewegen, er plots zijn en dan weer niet. Die hele kleine dingen die zij bewaart, samenbrengt en fotografeert. Onderweg met de auto, een moment van verveling, zelf dat geeft al wel eens een mooi resultaat.

Diane Cruysberghs

Z

e was amper 21 toen Diane afstudeerde aan de hogeschool in Zwartberg. Met een diploma Fotografie op zak verliet ze SHIVKV (toen nog tegenover de zoo van Zwartberg die er ondertussen ook niet meer is nvdr.). Wist zij veel. En nog veel minder wat ze hiermee wilde gaan doen. Het was sowieso niet haar eerste studiekeuze geweest, maar haar bezorgde vader had haar stilletjes die richting ingeduwd. Langzaamaan rolde Diane dan toch in het beroepsleven. Ze bracht

Dadamagazine

# 04 .2018

jaren door in donkere kamers om er films en foto’s te ontwikkelen. Het analoge tijdperk. Ondanks die vele donkere uren ontwikkelde ze een sterk gevoel voor kleur, die geleidelijk aan overging in een voorliefde voor subtiele tinten, pastels en lichte nuances die Diane wil laten overgaan in leegte, in niets en stilte. “Mochten mijn foto’s kunnen spreken, zouden ze de kijker niet veel vertellen.” Zelf heeft ze het ook niet zo met woorden. Minder wordt meer, of laat de foto’s zelf een verhaal vertellen. Wat zie je,

Ondertussen ruilde Diane de doka voor het klaslokaal. Als leerkracht in het CVO van Tessenderlo probeert ze andere wegwijs te maken in fotografie en beeldbewerking. Naast kennis over de technische kant van het vak wil ze ook aandacht schenken aan leren kijken en het ontwikkelen van een persoonlijke visie. Even belangrijk is het genieten van mooie dingen zonder de camera boven te halen. Beelden blijven langer mooi in je geheugen, en deze ‘foto’ is ook altijd goed gelukt!

Dada: diafotiek.herokuapp.com


20

|

21


fotografie

luca school of arts | shivkv alumni | hogeschool | genk

Lieven Geuns

D

e fotografische ambities van Lieven Geuns zijn eigenlijk pas begonnen op zijn 21ste. Hij is al heel zijn leven gepassioneerd bezig met auto’s en omdat hij graag foto’s wou maken van zijn eigen auto, is hij in de fotografie gerold. Nadat Lieven zijn job als carrossier aan de kant schoof om fotografie te gaan studeren is het redelijk snel uit de hand gelopen. Op een goeie manier weliswaar. Momenteel is hij cameraman in een Limburgs productiehuis en fotograaf in bijberoep. “Terug naar school gaan was een van de beste beslissingen in mijn leven,” vertelt hij. Lieven Geuns correspondeert tevens ook met enkele Engelse automagazines waarvoor hij op regelmatige basis, en in opdracht, commerciële fotoshoots van wagens doet. Naast automotive fotografie heeft hij ook een grote voorliefde voor portretfotografie. Het liefst werkt hij aan projecten die hem nauw aan het hart liggen, omdat interesse en nieuwsgierigheid voor hem de beste motivator zijn om deze onderwerpen te benaderen. Momenteel bevindt zijn fotoreeks Godspeed (2013-2017) zich in de afwerkingsfase en zoekt Lieven naar de beste manier om de gigantische hoeveelheid van beelden in een coherent geheel te gieten.

door een griezelige en bevreemdende gloed van casino’s. Met zijn truckstops, motels, tankstations, casino’s en wereldrecordpogingen, kan het voor een buitenstaander haast niet Amerikaanser ogen.

Godspeed Het project Godspeed draait rond de Amerikaanse stad Wendover en de aangrenzende Bonneville Salt Flats. Het is een eenzame, hete en stoffige stad in het midden van een Midden-Amerikaanse woestijn in de staat Utah. Je wordt begroet

Dadamagazine

# 04 .2018

De Bonneville-zoutvlakte is vooral bekend om zijn snelheidsrecords. Toegewijde snelheidszoekers van over de hele wereld strijden hier voor de titel van ‘snelste mens op aarde’. Op de Bonneville Speedway worden snelheden bereikt tot 1.000 km/u.

Lieven reisde al drie achtereenvolgende jaren heen en weer om de hoogmis van deze snelheidsracen te fotograferen. Omdat de gebeurtenis elk jaar bij aankomst letterlijk in het water viel, en afgelast werd, is hij in Wendover gestrand. Daar begon Lieven intuïtief het dagelijkse leven van deze ambigue stad te documenteren. Met zijn kale landschappen en oppervlakkigheid bezit het een soort eenzaamheid en schoonheid die hij met esthetische en grafische composities in beeld heeft gebracht.


Als documentairefotograaf ben je nu in principe bezig met de geschiedenis van morgen. Met het Bonneville-project is dat niet anders. De kleine gemeenschap kan over een aantal jaar uiteengevallen zijn en het zou zonde zijn als die dan niet vastgelegd is. “Ik heb nu in totaal zes weken doorgebracht in dit kleine dorpje en de nabije omgeving, hierdoor heb ik de community goed leren kennen”, vertelt hij enthousiast. Het doel van zijn fotoserie is hiermee ook veranderd. Voorheen wilde hij puur en alleen de race vastleggen, maar nu is dat anders. “Van tevoren wist ik natuurlijk niet wat voor bijzondere community zich op deze plek bevindt. Ik had daar ook niet op gerekend.” Het is dus maar goed dat hij de reis niet afgeblazen heeft toen de Bonneville-races uiteindelijk niet doorgingen, anders had hij deze foto’s nooit kunnen maken. Esthetiek Zijn stijl wordt vaak omschreven als esthetisch. Hij gebruikt esthetiek het liefst als middel en niet als doel. Het heeft als doel om mensen aan te trekken en nieuwsgierig maken. Omwille van zijn technische scholing en passie voor techniek is hij ook erg perfectionistisch. “Vaak ben ik eerder gefascineerd bezig met de opbouw van een beeld dan met het resultaat,” zegt Lieven. “Geboren estheet en eeuwige perfectionist. Dat omschrijft mezelf en mijn werk misschien het best.”

Dada: www.lievengeuns.com

22

|

23


fotografie

luca school of arts | shivkv alumni | hogeschool | genk

Els Gielen

S

inds haar opleiding staat ‘de mens’ centraal in het fotografisch oeuvre van Els Gielen. Portretfotografie, een reportage over mindervaliden, publiciteitsfoto’s met modellen, haar eindwerk rond het menselijk lichaam, … het kon haar allemaal bekoren. En dat is tot op heden nog niet veranderd. Als professioneel fotograaf fungeert Els als allround people-fotograaf. Ze werkt in opdracht voor zowel particulieren als de bedrijfswereld en daarnaast engageert ze zich voor sociaal-artistieke projecten. Binnen de sociale sector heeft Els reeds samengewerkt met dak- en thuislozen, verslaafden, vluchtelingen, personen met een lichamelijke en/of geestelijke beperking, jongeren die door een moeilijke periode in hun leven gaan, …

ervaring waardoor ze zichzelf in een ander daglicht zien. Dit draagt bij tot een positiever zelfbeeld. De meeste voldoening haalt Els uit de samenwerking, het zien van de positieve veranderingen bij de gasten en hun enthousiasme over het eindresultaat. Ze vindt het ook fijn als zulke mooie projecten getoond kunnen worden aan de buitenwereld, vanwege de waarde van het project. Verschillende fotoprojecten van Els kunnen niet aan een publiek getoond worden omwille van het portretrecht. Ook al mag je iedereen fotograferen, zolang je dat niet stiekem doet, dan nog mag je niet iedere foto publiceren wegens het recht op privacy dat onder bepaalde voorwaarden en voor bepaalde doelgroepen van toepassing is.

Gasten van vzw de regenbOog volgen een bakworkshop onder leiding van Ilse Maes van Het Steger vzw. Zij organiseerde voor hun ook een fotoshoot waarin ze hun lievelingsgerecht mochten presenteren. Paul Van Hees toont fier zijn zelfgebakken wortelwafeltjes.

Het fotograferen van, en voor, deze specifieke doelgroepen boeit haar omdat fotografie ook bewustwording creëert en zo een positieve invloed op mensen heeft. Voor deze mensen is het een fijne

Dadamagazine

# 04 .2018

Gelukkig zijn er ook opdrachten die wel getoond kunnen worden. Een dergelijk waardevol project is dat van ‘Monster en het Meisje’. Eefje, het Meisje, heeft een Arteriële Vasculaire Malformatie (AVM).

Het Monster is een wildgroei van aders en slagaders, wat in het geval van Eefje een levensbedreigende aandoening is, omdat de wildgroei zich rond haar hart situeert. Bij anderen met een AVM kan een amputatie het redmiddel zijn, bij Eefje is dit onmogelijk. Zij kan enkel ‘opgelapt en in leven gehouden worden’ zolang de wildgroei van aders bestreden kan worden door er ‘lijm’ in te spuiten. Els Gielen volgt Eefje tijdens het proces van onderzoeken, operaties, herstel, nog meer onderzoeken en het dagelijkse leven waarin het Monster Eefje beperkingen oplegt die een buitenstaander niet kan zien en niet kan weten. Hierbij helpt Els Eefje onzichtbare ziektes onder de aandacht te brengen, de buitenwereld bewust te maken van de lijdensweg, het lot en het niet meekunnen in de maatschappij van bepaalde medemensen. Eefje doet dit door een boek en een blog te schrijven, en het beeldverhaal van Els zet haar woorden extra kracht bij. Meer informatie over Eefje haar verhaal vind je op monsterenhetmeisje.com/blog. Naast het fotograferen geeft Els ook workshops fotografie aan eerder genoemde doelgroepen. Hier ligt de nadruk nog meer op het leren kijken, zien en samenwerken dan op techniek. Elkaar leren portretteren en creatief samenwerken, om via een vooropgestelde opdracht eigen interpretaties te fotograferen die passen in het geheel. Op deze manier brengt fotografie de deelnemers dichter bij elkaar, is het geen individueel gebeuren, maar een creatief proces dat verbindt.

Dada: www.elsgielen.be


24

|

25


fotografie

luca school of arts | shivkv alumni | hogeschool | genk

Natalie Veekmans

N

atalie Veekmans begon met fotograferen toen ze een tiener was, maar haar liefde voor paarden was er al eerder. Na haar hogere studie als fotograaf ging ze echter toch een heel andere richting uit en ging ze van start in het labo van de Gerechtelijke Politie. Sporenonderzoek en een beetje fotografie maakte deel uit van het takenpakket, maar na twee jaar begon de passie om paarden

Dadamagazine

# 04 .2018

te fotograferen terug de overhand te nemen. Ze nam ontslag en ging professioneel aan de slag als paardenfotograaf. Al snel werd Natalie gevraagd voor foto’s in verschillende paardensportbladen zoals Paardekracht, Hippo Revue, … en kregen haar foto’s zelfs publicaties in Amerika en Zweden. Ze kwam ook in contact met verschillende fokkers en professionele stallen. Alhoewel ze eerst startte met actiefotografie op wedstrijden ging ze zich later vooral toeleggen op het maken van portretten. Er kwam steeds meer vraag naar het fotograferen van kinderen met hun paarden en de stap naar kinderfotografie was gezet. “Kinderen in natuurlijk licht portretteren vind ik heerlijk. Ik probeer ook deze kinderen een unieke ervaring te laten beleven tijdens de fotoshoot.” Onlangs ontving ze nog een

mooi compliment van een twaalfjarige die ze had geportretteerd: “Natalie die heeft een fantastische job, want als je iemand zo’n goed gevoel kan geven over zichzelf door haar foto’s, dat is toch geweldig.” Twaalf jaar geleden kriebelde echter de gedachte om gaan les te geven en zette ze voorzichtig haar eerste stappen in het avondonderwijs. Ze ontdekte met lesgeven een nieuwe passie in het mensen onderrichtten, motiveren en misschien zelfs inspireren. Ondertussen is ze al 6 jaar aan de slag bij Qrios campus Viio in Tongeren. “Mijn cursisten leren kijken, het licht leren zien, laten nadenken over welke fotografische technieken ze kunnen toepassen, hun creativiteit laten ontwikkelen en wat ze willen laten zien met hun foto zijn mijn grootste doelstellingen”. Natalie gaat vaak op uitstap met haar cursisten en daar is de liefde voor nachtfotografie, architectuur en landschap ook ontstaan. Na Amsterdam, Rotterdam, Normandië en de Opaalkust gaat ze eind April met haar cursisten op driedaagse uitstap naar Parijs waar thema’s zoals langesluitertijden, fine-art en nachtfotografie op het programma staan. Voor haar eigen vrij werk is ze momenteel bezig met een project rond deze drie thema’s in Genk. “Als fotograaf wil ik alles altijd mooi in beeld brengen: de schoonheid in elk kind, de kracht van een paard, een interactie tussen mens en dier, de speciale kleuren in een nachtfoto, het mystieke in een landschap, de lichtinval, de prachtige lijnen en vormen in architectuur, …”, voegt ze eraan toe.

Dada: www.veekmans.be


26

|

27


cross-over

X-festival | symposium wetenschap | kunst | technologie

X-FESTIVAL X-Festival is een jaarlijks cross-disciplinair, visionair, inspirerend en stimulerend ideeënfestival op het kruispunt van wetenschap, technologie en kunst met het oog op een creatieve en duurzame toekomst. Het Festival wil verschillende werelden samenbrengen en innovatie stimuleren. Via cross-overs, het opzoeken van nieuwe grenzen en het exploreren van horizonten kiezen de organisatoren resoluut voor reflectie en actie. gramma aan lezingen, tentoonstellingen en interactieve wetenschappelijke experimenten. Dit uniek Wetenschap X Kunst X Technologie-festival is er voor alle generaties die geïnspireerd en ver-

wonderd willen worden. De toegang tot het symposium en de lezingen is gratis, mits registratie. Dada: www.x-festival.be

science X art X technology

X-festival 2018 cross-disciplinary science, technology & arts festival

T

ijdens X-Festival zal C-mine omgetoverd worden tot een ‘Room of Wonders’. Je kan er onder meer interactieve tentoonstellingen bezoeken van cross-over kunstenaars Daan Roosegaarde en Frederik De Wilde. Aan de hand van futuristische demonstratoren neem je ook een kijkje in de toekomst. Je werpt een blik op creatieve ideeën rond zonne-energie in het kader van SolarStad-Awards en nieuwe startups in het kader van Mix&Match.

inspirerende ideeën voor een creatieve, spannende en duurzame toekomst

X-festival Dadamagazine

# 04 .2018

INSPIRING IDEAS FOR A CREATIVE, EXCITING AND SUSTAINABLE FUTURE

Tijdens het X-Symposium op vrijdag 4 mei zullen een reeks indrukwekkende en internationale multidisciplinaire wetenschappers, kunstenaars en onderzoekers hun werk en visie bespreken om nieuwe grenzen en horizonten te verkennen. Zaterdag 5 mei zal C-mine het decor worden van een sprankelend festival van wetenschap, kunst en technologie met een gevarieerd pro-

X-festival

3-4-5 mei 2018 — genk c-mine www.X-festival.be gps adres evence coppéelaan 91


zelf fysieke interfaces ontwikkelen UHasselt-onderzoeker Raf Ramakers werd bekroond met de FWO IBM Innovation Award en de Nokia Bell Scientific Prize. De FWO IBM Innovation Award – de meest prestigieuze onderscheiding voor computerwetenschappen of -toepassingen – wordt elk jaar uitgereikt aan een doctoraat dat een originele bijdrage levert in het domein van de informatica. De Nokia Bell Scientific Prize bekroont dan weer de origineelste doctoraatsthesis rond virtual/ augmented reality, Big Data of Internet of Things. Door Dada Magazine – Foto UHasselt

V

oor zijn doctoraat onderzocht de UHasselt-onderzoeker hoe ondeskundigen fysieke interfaces kunnen ontwikkelen met behulp van enkele ondersteunende tools. “Vandaag kan iedereen aan de slag met pakweg WordPress om een website te maken. Maar in tegenstelling tot zulke digitale interfaces zijn fysieke interfaces gericht op één applicatie – een alarmklok, bijvoorbeeld. Zulke interfaces bestaan uit elektronische sensoren, software en een speciale fysieke vorm. Het maken van fysieke interfaces vergt met andere woorden veel technische expertise”, aldus Prof. Dr. Raf Ramakers. Vanuit een technisch perspectief bestaat zijn onderzoek uit het ontwikkelen, ontwerpen en evalueren van nieuwe software- en hardwaretools die het creëren van alomtegenwoordige computerinterfaces vergemakkelijken. Zijn werk is gericht op fysieke gebruikersinterfaces in de context van het alomtegenwoordig computergebruik. Als ze echter eenmaal met elkaar zijn verbonden, kunnen de ontworpen systemen ook worden beschouwd als eenheden binnen het ‘internet der dingen’.

PaperPulse Eén van de resultaten van die doctoraatsstudie was PaperPulse – waarmee gebruikers flexibele substraten, zoals papier, kunnen omvormen tot interactieve applicaties. “De tool werkt een beetje zoals PowerPoint: je kunt afbeeldingen en sensoren vormgeven op een canvas.” De elektronische circuits worden automatisch gegenereerd door de software en worden geproduceerd door een standaard printer – weliswaar gevuld met geleidende inkt. “In de toekomst zou zo’n tool het mogelijk kunnen maken om eender welk substraat – posters, menu’s in restaurants, bordspellen… – interactief te maken.” RetroFab Raf Ramakers bekeek verder hoe leken gemakkelijk bestaande fysieke interfaces – lichtschakelaars, ovens, bureaulampen… – kunnen aanpassen. “Zulke toestellen zijn niet altijd makkelijk te gebruiken voor bijvoorbeeld ouderen of mensen met een beperking. De

RetroFab-tool, die ik ontwikkelde in samenwerking met Autodesk Research in Toronto, laat toe om die gebruikstoestellen opnieuw te configureren – en te interconnecteren.” Na een 3D-scan van het gebruikstoestel genereert RetroFab een structuur met alle nodige sensoren om het toestel automatisch te bedienen. “De zogenaamde add-on structuur wordt geproduceerd via 3D-printing en dan op de schakelaar, oven, lamp… geplaatst. Je kan het bewuste toestel dan bedienen vanaf een verbeterde, gepersonaliseerde interface.” StrutModeling StrutModeling is een bouwpakket dat het voor mensen zonder 3Dmodelleerervaring mogelijk maakt om toch esthetische 3D-prototypes te creëren. Die 3D-modellen worden onmiddellijk vastgelegd door de software en kunnen vervolgens in 3D geprint worden. Uniek hierbij is dat de 3D-objecten reeds getest en nauwkeurig afgesteld kunnen worden op reeds bestaande Lees vervolg op p. 35.

28

|

29


cross-over

X-festival | symposium wetenschap | kunst | technologie

Intelligente kleding Pauline van Dongen is een Nederlandse modeontwerper gespecialiseerd in wearable technology. In 2010 richtte ze haar designstudio op. De ontwerpstudio bevindt zich op het dynamische kruispunt tussen mode en technologie en is gewijd aan collaboratief, interdisciplinair werk dat innovatie en experiment toelaat om de vorm aan te nemen van een werkelijk draagbaar en wenselijk product. Pauline’s visie is gebaseerd op het geloof dat technologie nieuwe waarde en betekenis aan mode kan toevoegen en onze ervaring van de wereld om ons heen kan verrijken. Door Dada Magazine – Foto’s Wouter le Duc, Sharon Jane D, Roos van de Kieft, Sid Lee

P

auline van Dongen is al sinds haar jeugd gefascineerd door het menselijk lichaam. Reeds tijdens haar opleidingen aan de Arnhemse modeacademie ArtEZ experimenteerde ze met materialen. “Al sinds ik me kan herinneren ben ik aan het onderzoeken”, vertelt ze. “Tijdens mijn academietijd was technologie in mode nog niet zo vanzelfsprekend, dus was ik veel meer bezig met het ontwikkelen van nieuwe materialen. Toen ik mijn eerste 3D-geprinte schoen had gemaakt tijdens m’n master, was ik verkocht.”

Omdat kleding door massaproductie een wegwerp­ artikel is geworden, probeer ik daar iets tegen in te brengen

Dadamagazine

# 04 .2018

Als ontwerper is Pauline gefascineerd door het idee van interactieve mode en onderzoekt ze het menselijk lichaam in relatie tot haar omgeving. De taal en de expressie van het lichaam geven vorm aan de stof en bewerkstelligen daarmee een intieme en persoonlijke connectie met de drager. Ze zag het helemaal niet zitten om elk jaar twee collecties te creëren en besloot zich te focussen op een projectmatige manier van werken. Ze werkte samen met verschillende bedrijven, onderzoekinstellingen en programmeurs. Haar visie is

gebaseerd op de overtuiging dat technologie een nieuwe betekenis geeft aan mode en dat het waarde toevoegt aan de manier waarop we de wereld om ons heen ervaren. Door met technologiebedrijven samen te werken gaat Pauline voorbij aan het maken van gadgets; door implementatie van haar ideeën voegt ze nieuwe materialen en een nieuwe esthetiek toe aan mode. Op SXSW Interactive 2015 presenteerde ze haar Solar Shirt wat ze in samenwerking met Holst Centre produceerde. Volgend op haar bekende project Wearable Solar Dress, omvat dit design een naadloze integrate van flexibele elektronica en zonnecellen; hiermee genereert de drager duurzame energie, die gebruikt kan worden voor bijvoorbeeld een smartphone. Door het werken met techniek heeft Van Dongen haar vakgebied verbreed van alleen mode naar sports- en activewear en zelfs


naar de medische hoek. Ze heeft bijvoorbeeld een experimenteel wedstrijdpak ontworpen voor verspringers. Het gebruikte materiaal is hierbij hetzelfde als waar condooms van zijn gemaakt. Skynfeel, een alternatief voor latex, ging vooral om materiaalonderzoek. Toch vindt ze het ook belangrijk contact te houden met de mode. Want zoals ze zelf zegt, is ‘mode een krachtig medium’. Slimme spijkerjas In 2014 ontwikkelde Pauline van Dongen voor de collectie Oloid een stof door middel van laser cutting. Het patroon in de stof verandert naarmate de drager beweegt. Het is dan ook de interactie tussen ontwerper en materiaal. In 2017 ontwierp ze een touch sensitive denim jacket dat reageert op het gedrag van degene die het draagt. Samen met een Italiaanse denim­ fabrikant ontwikkelde ze een nanocoating. Het jacket, dat de project-

naam Issho heeft meegekregen, bevat bewegingssensoren die de drager moeten aanmoedigen om in het heden te leven, “in een steeds snellere wereld waar we met onze gedachten vaak bij toekomstige gebeurtenissen zijn”. De jeansjas reageert op de drager door zachte bewegingen over de bovenrug te maken. De jas functioneert als een goede vriend. Je bouwt er een relatie mee op, doet er leuke dingen mee. Met deze jas ga je een soort dialoog aan. Hij nodigt je uit om sociale interacties op te zoeken. Bovenaan de mouwen en in de zak zitten geleidende draden in de stof verwerkt. Telkens als die stukken worden aangeraakt, wordt die informatie opgeslagen. Het werkt min of meer als een touch screen. Het herkent alleen aanrakingen met geladen onderwerpen zoals een menselijke knuffel. De spijkerjas heeft ook elektronica in de linkermouw, waarmee hij draadloos is te koppelen met een smartphone.

Technolgie versus design “Enerzijds legt de technologie vanuit ontwerpperspectief beperkingen op en moet je eigenlijk zien hoe je die beperkingen kunt vertalen in mogelijkheden. Tegelijkertijd brengt de technologie ook een uitdaging met zich mee die aan de designkant mogelijk maakt wat je anders misschien niet was tegengekomen. Die uitwisseling is eigenlijk waar ik continu naar op zoek ben.” De kledingontwerpen van Pauline van Dongen zijn nu vaak nog in de prototype fase, maar haar experimenten vormen de basis voor een toekomst waarin duurzame technologie een onderdeel wordt van onze kleding. X-Festival, 4 mei – X-Symposium

Dada: www.x-festival.be paulinevandongen.nl

30

|

31


cross-over

X-festival | symposium wetenschap | kunst | technologie

Technopoeet Daan Roosegaarde is een Nederlandse kunstenaar, ondernemer, uitvinder en ontwerper. Hij staat internationaal bekend om zijn innovatieve visie en interactieve projecten waar mens, technologie en ruimte gecombineerd worden om een betere wereld te creëren. Virtuele overstromingen, slimme snelwegen, interactieve landschappen en smog free torens; Roosegaarde en zijn team trekken technologie uit het digitale om oplossingen te onderzoeken en te activeren die het dagelijkse leven in stedelijke omgevingen verbeteren. Door Dada Magazine – Foto’s anp, Michael Buholzer

Filosofie

M

et open vizier gaat hij de sputterende oude wereld te lijf, onaangetast door reserves dat het allemaal niet kan, te gek of te naïef is. “Ik ben een vrijwillige gevangene van mijn eigen verbeelding”, zegt hij, en dat lijkt hem een aura te geven dat ver buiten Nederland draagt.

Ik ben een vrijwillige gevangene van mijn verbeelding

Dadamagazine

# 04 .2018

“Wat we willen, kon vijf maanden geleden nog niet. 'Onmogelijk!' Tot we twee wetenschappers ontmoetten die me gelijk gaven. Je moet er toch telkens weer doorheen. Eerst zegt iedereen: 'Het kan niet'. Dan kan het misschien toch, maar mag het niet, of is het te duur. En dan breek je daar weer doorheen, en zegt iedereen: 'Hé, waarom bestáát dit nog niet?' Ja zeg, ondankbare honden ook allemaal.” Verschrikkelijk noemt hij het, dat onvermogen om out of the box te denken. “Iets meer lef zou niet verkeerd zijn in tijden als deze. De valkuil in Europa is dat we ons focussen op de eerste horizon. Techniek gebruiken om het oude tien procent minder slecht te maken. Een zonnepaneeltje op een lantaarnpaal. Dat is decoratie. Je verandert niets ten gronde. Wij focussen op die tweede of derde horizon. Technologie gebruiken om onszelf te bevrijden.” Tot zijn laatste projecten behoren het lichtgevend fietspad in Eindhoven. Bezoekers zullen in de schemering verrast worden door een ontwerp van licht en kleur, ge-

ïnspireerd op het wereldberoemde werk Starry Night van Vincent van Gogh. Deze herinterpretatie doet mensen nadenken over groene energie. In Peking ontwikkelde hij een een elektromagnetische smogzuiger die lucht in de lokale parken zuivert. Voor de Rotterdamse Club Watt ontwierp hij een Sustainable Dance Floor die energie opwekt door de beweging van dansende mensen om vervolgens een djcabine mee te voeden. Kortom, bekijk de visie van Roosegaarde voor een toekomst waar creativiteit ons echte kapitaal is. Icoon Afsluitdijk Bij de renovatie van de Afsluitdijk in Zeeland was het behoud van het bouwkundig erfgoed en de cultuurhistorie een essentieel onderdeel van de plannen. De met de hand gebouwde dijk, gerealiseerd in 1932, is een unieke plek in de wereld. Na 85 jaar intensief gebruik was het tijd voor een grootschalige renovatie. Het designinnovatieproject voor de 32 km lange iconische dijk werd toegekend aan Daan Roosegaarde en zijn team van experts. Aan de ontwerper werd gevraagd een bijdrage te leveren aan de iconische waarde van de dijk onder de naam ‘Icoon Afsluitdijk’. Met een subtiele laag die licht en duisternis en verleden en toekomst met elkaar verbindt, versterkt Roosegaarde de schoonheid van de dijk en maakt hij nieuwe koppelingen tussen mens en landschap, verleden en toekomst, duister en licht, poëzie en functionaliteit. De nieuwe futuristische entree van de Afsluitdijk Lichtpoort brengt de architectuur van de 60 monumentale heftorens uit 1932 terug tot


de essentie. Icoon Afsluitdijk werd in november 2017 gelanceerd als model voor Nederlandse innovatie. Smart Highway Daan Roosegaarde ontwerpt niet met als doel kunstobjecten in het museum te hangen, maar om er het landschap een update mee te geven. Zoals met de slimme snelweg, de Smart Highway die hij in samenwerking met Heijmans ontwikkelt. Een innovatie die goed past bij het thema duurzame mobiliteit. Roosegaarde ziet de Smart Highway als een soort innovatielab. We praten over een dynamische signalering met thermochromische verf, die met de temperatuur van kleur verandert, door inductielussen in het wegdek te leggen, op een soort speciale spitsstrook die alleen voor elektrische auto’s is bestemd. Zo promoot je elektrisch rijden. Hij houdt zich als kunstenaar bezig met asfalt, een niche product en daarom een onverwachte keuze. Roosegaarde: “De snelweg van de toekomst ontstaat niet alleen in het asfaltlaboratorium van Heijmans, maar ook in onze ontwerpstudio. Dat wij, de kunst en de wegenbouw, normaal gesproken niks met elkaar te maken hebben, vind ik juist een sterke kant van onze samenwerking. Het is net West-Side Story: twee gangs die niks met elkaar te maken hebben, maar elkaar vinden in de liefde

voor de toekomst voor het Nederlands landschap.“ Dune De zestig meter lange haag van plastic stengels met led-lampjes in de top, Dune genaamd, komt naar C-mine. Het artificieel en interactief landschap, dat bestaat uit honderden ledlampjes, sensoren en lichtvezels, is daar te zien van 25 april tot en met 13 juni. Het lichtlandschap reageert op geluid, beweging en aanraking. Onzichtbare bewegingssensoren in de voet van de installatie merken het op als mensen langslopen, -rennen of naast de haag stil blijven staan. De oorspronkelijke versie is ontworpen om veiligheid te brengen in de openbare ruimte. Dune is eerder tentoongesteld in onder andere het Victoria & Albert Museum in Londen. Een permanente versie staat langs de Maas in Rotterdam. youtu.be/R-MJ11EEYxM

Internationale faam Naast de vele internationale awards exposeerde Roosegaarde onder meer in het Rijksmuseum in Amsterdam, in Tate Modern in Londen, het National Museum in Tokio en openbare ruimtes over de hele wereld. Hij onderhandelt over projecten met stadsbesturen in Peking en Kaapstad. Zijn studio in Waddinxveen bij Rotterdam werd uitgebreid met een filiaal in Sjanghai en hij vliegt de wereld rond om lezingen te geven. Onlangs was hij nog een van de sprekers op het World Economic Forum in China. Interactie, innovatie en schoonheid staan centraal in wat hij omschrijft als ‘technopoëzie’. X-Festival, 4 mei – X-Symposium DUNE – interactieve lichtsculptuur 25 april – 13 juni Dada: www.x-festival.be www.studioroosegaarde.net

32

|

33


cross-over

X-festival | symposium wetenschap | kunst | technologie

flower power:

Electriciteits­ geleidende planten zijn de toekomst Prof. Dr. Eleni Stavrinidou van Linköping University (Zweden) is een pionier in de koppeling van elektronica met planten. Zij staat aan het hoofd van de onderzoeks­ groep Electronic Plant CE-Plants. Stavrinidou is er onder andere in geslaagd om een elektrisch circuit in te bouwen in een roos. Door Dada Magazine – Foto’s Thor Balkhed

H

et project staat nog in zijn kinderschoenen, maar Eleni Stavrinidou hoopt dat de prestaties van haar team zullen leiden tot planten met nieuwe functies. De planten zouden bijvoorbeeld meer zonlicht opnemen, wat ervoor zorgt dat ze sneller bloemen, fruit en groenten voortbrengen. Ze zouden ook meer

Dadamagazine

# 04 .2018

informatie kunnen bieden over de temperatuur, vochtigheid en zonlicht.

om in energie, die ze opsouperen in de vorm van voedingsstoffen. Maar planten en bloemen zijn middels een gesofisticeerde ingreep om te bouwen tot kleine energiecentrales. Planten kunnen ook een tijdlang een elektrische stroom geleiden, zo heeft het team van Eleni Stavrinidou recent aangetoond. Ze speelden dat voor elkaar bij een roos die ze voor de gelegenheid om hadden gebouwd tot een elektronisch circuit.

Bio-elektronica Fotosynthese is het belangrijkste energetische proces in de plantenwereld. Planten (en sommige bacteriën) zetten er zonlicht mee

In het water dat de roos kreeg, zaten de bouwstenen verwerkt die nodig waren om intern een geleidend pad te doen groeien. Eenmaal binnenin de stengel hechtten de


bouwstenen zich vast aan elkaar. Ze vormden als het ware een draad die elektriciteit geleidt door de bloem. De onderzoekers gebruikten een vloeibaar geleidend polymeer waar rozen (en wellicht ook andere planten) niet afkerig tegenover leken te staan. Integendeel: de bloemen namen de kunststof via hun stengel gretig op waarna ze zich automatisch kon verspreiden tot in de verste takjes en bloemblaadjes. Vervolgens kristalliseerde het polymeer uit en werd het vast. Het resultaat: een fijnmazig elektrisch geleidend netwerk.

objecten en specifieke behoeften van gebruikers alvorens het in productie gaat. youtu.be/hWsKtERG4PU Silicone Devices

De elektronische bouwstenen (transistors) die zo in de bloem zijn aangebracht, bevinden zich ook in elke computerchip. De chip van je smartphone bevat talloze van deze componenten die informatie opslaan en verwerken. Het is mogelijk dat bloemen ooit dergelijke chips zullen bevatten. De omgebouwde roos bleek bovendien in staat om van kleur te veranderen bij het aanleggen van een elektrisch signaal en werkte aldus als een soort primitief display. youtu.be/SNm6mJxNe7g Het onderzoek is interessant omdat wetenschappers al langer op zoek zijn naar manieren om bestaande planten om te vormen tot fabriekjes voor allerhande nuttige materialen, van grondstoffen voor afbreekbare plastics tot nieuwe medicijnen.

Silicone Devices zijn rekbare siliconen appa­raten voor het fabriceren van eender welk sensorsysteem. Door gebruik te maken van microfluïda kan een apparaat in meerdere lagen opgebouwd worden, onafhankelijk van de complexiteit, en makkelijk geproduceerd worden met een standaard lasercutter. De hoogfrequente signalen worden ondersteund doordat de circuits bestaan uit vloeibaar metaal en daarom zeer geleidend en duurzaam zijn. Alle componenten zijn volledig geïntegreerd. Niet enkel input/ output sensoren, maar ook

microcontrollers, draadloze communicatiemodules en batterijen. De rekbaarheid vermindert de kwaliteit van de sensor niet doordat de vloeibare conductor achteraf altijd terug naar zijn oorspronkelijke vorm keert (dit in tegenstelling tot vele conductieve inkten). Silicone Devices maken het voor niet-experten in doe-het-zelfomgevingen mogelijk om duurzame rekbare toestellen te ontwerpen. In de toekomst zou op deze manier bijvoorbeeld een zorgverlener heel specifieke toestellen kunnen maken (bijvoorbeeld een rekbare armband) die voldoet aan de noden van een bepaalde patient. youtu.be/cM10uk1EPEA De onderzoeken van Prof. Dr. Raf Ramakers resulteerden al in meerdere patentaanvragen. X-Festival, 4 mei

Dada: www.x-festival.be www.raframakers.net www.uhasselt.be/edm

X-Festival, 4 mei – X-Symposium

Dada: www.x-festival.be liu.se/en/employee/elest58

34

|

35


cross-over

X-festival | x-mine dag wetenschap | kunst | technologie

Duurzame ultralichte bio-bouwmaterialen Dr. Elise Elsacker, onderzoeker aan het Architectural Engineering Lab van de Vrije Universiteit Brussel (VUBARCH), recycleert alles, in het bijzonder plastic. Ze wil aantonen dat je perfect zonder plastic verpakking kunt leven waardoor je ecologische voetafdruk aanzienlijk vermindert. Elise draagt duurzaam consumeren hoog in het vaandel. Haar strategie voor een transitie naar een plasticloos leven bestaat uit vier R’en: Refuse, reduce, reuse en recylce. Door Dada Magazine – Foto Jasper Van der Linden

E

Winkelbediendes staan soms perplex als ik geen zakje wil of een rietje in mijn glas fruitsap weiger

Dadamagazine

# 04 .2018

lise weigert verpakte producten en voorkomt daardoor afval (Refuse). Ze vermindert haar consumptie en koopt bewust, met oog voor kwaliteit (Reduce). Ze heeft altijd een herbruikbare zak en een fles bij en ze probeert producten een nieuwe bestemming te geven (Reuse). Ten slotte sorteert ze haar afval grondig (Recycle). Met haar kennis over natuurlijke architectuur en microbiologie wil ze ultralichte en tegelijk solide biomaterialen ontwerpen, geïnspireerd op de natuur en cel per cel opgebouwd met 3D-printers. Ze wil bijvoorbeeld de bouwsector voorzien van bio-afbreekbare materialen die geen afval achterlaten. Elise Elsacker wordt gedreven door een nieuwe benadering op verschillende kennisgebieden en toont vooral interesse in het biologische aanpassingsvermogen van myceliumcomposieten en robotachtige additieve productietechnologieën. Ze experimenteert hartstochtelijk met levende organismen, zoals mycelium en bacteriën, om hun potentieel in architectuurontwerp en design te onderzoeken. De com-

binatie van het gebruik van computer-aided 3D-printing met het gebruik van natuurlijk gekweekte materialen, duurzame producten en bouwelementen kunnen vervaardigd worden met behulp van weinig energie en in milde omstandigheden. Toepassingen van dit onderzoek zijn bijvoorbeeld volledig biologisch afbreekbare tijdelijke paviljoens, noodopvangplaatsen, het bouwen van huiden, isolatie, interieurelementen en meubels. Elise Elsacker is tevens medeoprichter van Glimps, een strategisch designbureau gespecialiseerd in biofabricage. Ze ontwerpen biologisch afbreekbare objecten met behulp van nieuwe materialen en creëren ervaringen op het snijvlak van design, biologie en samenleving. Glimps is een baanbrekende pionier in het gebruik van mycelium­materialen, een nieuw materiaal op basis van paddenstoelen. Het hoofddoel van Glimps is om een duurzaam antwoord te bieden op de milieuproblematiek en de verspilling van grondstoffen en materialen tegen te gaan. Elise Elsacker verwierf interdisciplinaire wetenschappelijke inzichten door samen te werken met bioingenieurs, materiaalwetenschappers, champignonkwekers en designers. X-Festival, 5 mei

Dada: www.x-festival.be www.glimps.bio


De Da vinci van de Strandbeesten Theo Janssen studeerde in een vorig leven fysica, maar die studie maakte hij nooit af. Tijdens een slapeloze nacht, 27 jaar geleden, besloot hij iets anders te doen met zijn kennis: strandbeesten bouwen. Hij ging aan de slag met een heel simpel basismateriaal: gele plastieken buisjes die normaal gebruikt worden om elektriciteitskabels door te trekken. Door Dada Magazine – Foto Marco Zwinkels

O

pvallen, ongerustheid opwekken en zijn beesten zelfstandig laten overleven op het strand: dat wil Theo Jansen. Hij wordt vergeleken met Leonardo Da Vinci of Panamarenko vanwege de manier waarop hij kunst en techniek weet te verbinden. Ingenieur mag hij zich niet noemen, wel is hij ‘Kunstenaar van het jaar 2018’. Als een moderne Da Vinci berekende hij met een computerprogramma hoe hij de buisjes zo in elkaar kon passen dat het wandelende skeletten zouden worden, aangedreven door de wind. Hij ging naar de lokale doe-het-zelfzaak en hij begon te knutselen. Jansen was meteen zo verknocht aan zijn idee dat hij besloot “de buisjes een jaartje te geven”. Maar één jaar knutselen met buisjes werden er intussen al 27, en daar wil de 68-jarige Jansen nog vele jaren bijdoen.

dieren telkens “uitsterven”. Als ze goede eigenschappen hebben, neemt hij die evoluties mee in het ontwerp van een nieuw dier. Zo zijn z’n nieuwste beesten uitgerust met stappentellers en kunnen ze letterlijk nattigheid voelen om te stoppen met stappen als ze in de branding staan. Ze hebben ook geen scharnieren meer waardoor ze niet geolied moeten worden en er ook geen zand in kan komen. De nieuwe soorten kunnen ook veel meer gewicht aan, iets wat eerder niet goed mogelijk was. Dat gewicht is nodig voor de kracht die uitgeoefend wordt op de lege plastic flessen die de wind opvangen en de plastic zeilen die de

richting bepalen. Het zijn allemaal stappen die zelf overleven op het strand weer beter mogelijk maken. Zelfstandig overleven, dat is het doel wat Jansen voor zijn beesten voor ogen heeft. Voordat hij overlijdt moet dat doel zijn bereikt. “Net als in een echte evolutie probeer ik de beste eigenschappen van een soort met elkaar te combineren om zo van één plus één drie te maken.” Een paar jaar geleden vreesde Jansen dat de buisjes zelf zouden uit­sterven. Daarom heeft hij voorraad van maar liefst 50 kilometer elektriciteitsbuis gekocht. “Zo kan ik nog voor de rest van mijn dagen beesten maken, mijn levensverzekering.” X-Festival, 5 mei

Dada: www.x-festival.be www.strandbeest.com twitter.com/strandbeests

Jansen heeft reeds 39 strandbeesten gemaakt die hij ‘s zomers loslaat op een strand bij Den Haag, waar ze vrij kunnen loslopen. Een gek en fascinerend gezicht. De kunstenaar probeert jaarlijks minstens één nieuw, gek beest te maken. Na de zomer laat hij zijn

36

|

37


actueel

tentoonstelling | kunst grens | kunstenarij | 't kliniekske

Grensverleggend Genkenaren zetten in op kunst. Naast The Gallery is er sinds kort ook een nieuwe manier van verenigen en verenigingen. Dit concept, onder de naam Kunstenarij, staat voor een archipel van artistieke projecten. Ze streven naar een nieuwe verbondenheid die dynamischer is en waar voldoende ruimte aanwezig is voor creativiteit en goede ideeën van de creatievelingen.

Vanuit de ruimte zijn ook heel duidelijk grenzen zichtbaar. Denk bijvoorbeeld aan de verlichte grens tussen Pakistan en India. Of de Mount Everest die de grens afbakent tussen China en Nepal, de Alpen, de Pyreneeën, de Oeral, ...

Door Dada Magazine – Foto AP

We hebben onze eigen vreemde grens met Nederland in BaarleHertog en Baarle-Nassau. Migratie. Vluchtelingen, controles, de Verdragen van Schengen, douane. Persoonlijke grenzen. Waar liggen mijn grenzen? Wil ik mijn grenzen verleggen of blijf ik binnen mijn comfortzone? (On)begrensde mogelijkheden. Grensoverschrijdend gedrag. #metoo. Glazen plafond. Sportieve limieten. Smokkelen, niemandsland. Borderline. Marge, marginaal. Slagboom. Taalgrens … Deelnemen?

V

olgens de bezieler van de nieuwe vereniging, Bart Schepers, staat Kunstenarij voor een archipel, een eilandengroep die onder water met elkaar verbonden zijn. Kunstenaars en andere geïnteresseerde creativelingen kunnen zelf kiezen aan welke projecten ze deelnemen. Op die manier ontstaan er telkens nieuwe, tijdelijke groepen van mensen die elkaar kunnen inspireren en motiveren. Grens ‘Grens’ is het eerste project van Kunstenarij, een thematentoonstelling waarvoor iedereen zich kan inschrijven. Kunstenaars benaderen

Dadamagazine

# 04 .2018

dit thema letterlijk of figuurlijk. Ze overschrijden of bewaren grenzen. Of zijn ‘doorbreken’, ‘verleggen’ en ‘beschermen’ betere termen? Het woord ‘grens’ komt heel vaak in de media. Grenzen staan open of worden gesloten. Er zijn in het verleden grenzen verdwenen zoals de Berlijnse muur, maar er zijn andere grenzen die al eeuwenlang deel uitmaken van onze collectief geheugen zoals de Chinese muur. En er worden – helaas – nog steeds nieuwe grenzen opgetrokken zoals de muur op de grens tussen Amerika en Mexico of de muur tussen Palestina en Israël waardoor families verscheurd worden.

Grenzen zijn vaak erg vaag, maar soms heel erg scherp! Grenzen kunnen zorgen voor conflicten. Kunstenarij is geen grensgeval en nodigt iedereen uit om deel te nemen aan deze thematentoonstelling. Inschrijven is nodig. Doe dit ten laatste op 30 juni 2018 door het inschrijvingsformulier in te vullen dat je kan downloaden op de website van Kunstenarij. De tentoonstelling zal plaatsvinden in Genk-centrum van 6 tot 21 oktober, vertrekpunt in The Gallery.

Dada: www.kunstenarij.be


erfgoed

de kracht vaN creativiteit eN co-creatie iN eN roNd GeNk

#02

bouMediene belbachir connecterra stuff. het labo Marcello & fratelli

JaarGaNG 2 april 2017

kristof Vrancken dipped paintings eMile Van dorenMuseuM Veerle stinckens dear hunter

INSPIRING IDEAS FOR A CREATIVE, EXCITING AND SUSTAINABLE FUTURE

CROSS-DISCIPLINARY SCIENCE, TECHNOLOGY & ARTS FESTIVAL

dadamagazine apr2017

CROSS-DISCIPLINARY SCIENCE, TECHNOLOGY & ARTS FESTIVAL

kunst | emile van doren hector guimard | francesco Laurana

17 — HASSELT ESTIVAL.BE

GEVANGENIS MARTELARENLAAN 42

# 02 genk

productdesign Mortefonica - tour fungiMaMa on the rocks co-creationlab - ebeMa

ESTIVAL

Dada lost mysterie op Door Kristof Reulens

Een vrouwenbuste op een secretaire in het Emile Van Dorenmuseum sierde vorig jaar de cover van Dada Magazine #02. Het museum, gewijd aan de landschapschilders die Genk in de 19e (en met een residentieprogramma ook weer in de 21e eeuw) onveilig ma(a)k(t)en, bewaart twee gipsen versies van deze gestileerde vrouwenfiguur. Ze zijn haast identiek, met als enige verschil de grootte ervan. Minstens één van deze bustes komt direct uit de nalatenschap van Emile Van Doren (1865-1949) zelf en was al sinds lange tijd in zijn bezit. Het beeldje is te zien op een oude postkaart met een binnenzicht van de eetkamer in Hôtel des Artistes, dat Van Doren met zijn echtgenote Cidonie Raikem (1863-1948) vanaf het einde van de 19e eeuw tot 1919 uitbaatte.

De maker van het beeld bleef anoniem. Niemand kon er een naam op kleven. Tot nu. Het coverbeeld van Dada Magazine deed namelijk enkele mensen in de pen kruipen, onder andere een attente lezer die een kopie van hetzelfde beeld in zijn bezit had. Hij dacht dat het beeldje een ontwerp was van de Franse art-nouveau architect Hector Guimard (1867-1942). De grote versie van de buste is namelijk duidelijk zichtbaar op een andere postkaart, waar ze op de schoorsteenmantel van zijn atelier staat. Een online zoektocht met deze informatie bracht echter al snel aan het licht dat niet Guimard de maker ervan was, maar zelf een fan van dit beeld, en de maker. De vrouwenbuste die Guimard en dus ook Van Doren bewaarde, is een kopie van een marmeren beeld van de renaissance beeldhouwer Francesco Laurana (1430-1502).

Mogelijk is de afgebeelde een adellijke dame uit Aragon. De sculpturen van Laurana, gekenmerkt door een verstilde en gestileerde schoonheid, sloten perfect aan bij de nieuwe kunst en smaak die aan het einde van de 19e eeuw het licht zag en zorgde voor een hernieuwde aandacht voor zijn werk. Dit resulteerde in tal van gipsen kopieën, die in kunstateliers en academies als model, inspiratie en voorbeeld gebruikt werden. En verschillende kopieën belandde in privéhanden, en via deze weg ook in de collectie van het Emile Van Dorenmuseum, die nu eindelijk, sinds de oprichting van het museum in 1976 hun inventaris kunnen aanvullen met de maker van dit beeld. En dat mede dankzij Dada Magazine.

Dada: www.emilevandorenmuseum.be

38

|

39


Kirsten vanlangenaeker (23 jaar) masterstudent in de afstudeerrichting vrije kunsten (Vrije Grafiek)

Pieter kabergs

pia david (23 jaar) masterstudent in de afstudeerrichting juweelontwerp en Edelsmeedkunst

Dadamagazine

(25 jaar) masterstudent in de afstudeerrichting Grafisch Ontwerp (Illustratieve vormgeving)


MAD about Arts

Studeren aan de PXL-MAD School of Arts in Hasselt PXL-MAD School of Arts is een van de meest bruisende departementen aan de Hogeschool PXL. Hier worden meer dan 300 studenten opgeleid tot academische Bachelor/Master in de Beeldende Kunsten. Wij treffen er op een gure vrijdagnamiddag drie masterstudenten aan die bijna klaar zijn om uit te vliegen én hun eigen weg te gaan. “Dat zal toch wel zoeken worden,” aldus Kirsten Van Langenaeker. “Je wordt hier immers zo goed omringd.” Maar geen nood, voor het zover is, blikken wij nog even met hen terug. Door Hilde Neven – Foto’s Els Gielen

Waarom hebben jullie PXLMAD gekozen? Pia: “Voor mij was die keuze vrij snel gemaakt. Mijn studierichting wordt enkel in Antwerpen en hier in Hasselt aangeboden. Zelf ben ik van Leuven, dus moest ik sowieso op kot. Ik ben vooral gevallen voor de warmte van deze school. Die was me echt opgevallen tijdens een bezoek aan hun stand op de SID-in beurs. Dat eerste contact zat meteen goed.” Pieter: “Herkenbaar. Ook ik viel voor de interactie met de docenten op zo’n beurs. Ze stonden echt open voor mijn vragen. Namen hun tijd om ze te beantwoorden.” Kirsten: “Ik ben iets impulsiever te werk gegaan (lacht). Na mijn zesde middelbaar trok ik een jaar naar Zuid-Amerika. Met wat ik daarna zou doen, was ik toen echt niet bezig. Bij mijn terugkomst heb ik me zonder al te veel dralen ingeschreven op deze school en voor deze richting. En daar ben ik voorlopig nog heel tevreden mee. Naast de goede sfeer, vind ik het ook belangrijk dat je hier in relatief kleine groepen studeert.” Pia: “Absoluut. Daardoor ken je

mekaar door en door. Dat vertrouwen is wel nodig, voor creatieve studierichtingen als de onze, waar je toch dingen toont die je nauw aan het hart liggen.” Wat maakt het zo fijn om hier te vertoeven? Kirsten: “Ik ben vaker hier dan thuis of op kot. De ateliers zijn tot tien uur ’s avonds open.” Pia: “Dat heeft niet alleen te maken met het feit dat het materiaal

hier voorhanden is – ik denk niet dat mijn kotbaas ermee zou kunnen lachen als ik zuurstofgas op mijn kamer zou hebben.” Pieter: “Ik heb thuis alles wat ik nodig heb voor mijn werk, maar toch vind je me hier iedere dag, zelfs als ik geen les heb. Door zo vaak in de ateliers te vertoeven, ontstaan er vriendschappen over de afstudeerrichtingen heen. Dat wordt ook wel gestimuleerd tijdens de project­ weken die er georganiseerd worden.” Pia: “Tijdens zo’n projectweek wordt kunst bekeken door een andere bril. Onlangs ging het over het starten van een collectief. Met een achttal studenten hebben we toen een nieuwe religie bedacht en zelfs een mis opgedragen. Zulke projectweken zijn een aangename afwisseling. Fun maar ook leerrijk. De druk mag er even af.” Kirsten: “Neem je liever niet deel aan zo’n projectweek, dan kan je ook op studiereis naar het buitenland.”

40

|

41


Pieter: “Er valt hier altijd wel wat te beleven buiten je eigen lessen om. Lezingen door nationale en internationale experts in hun vakgebied, tentoonstellingen, … Dat werkt allemaal erg inspirerend.” Kirsten: “In het kader van het project artist talk, brengen bekende kunstenaars een bezoek aan het

atelier om er met jou over je werk te praten. Die feedback is een hele opsteker.”

De academische Bachelor/Master in de Beeldende Kunsten omvat drie afstudeerrichtingen: Grafisch Ontwerp (Grafische Vormgeving, Illustratieve Vormgeving, Interactieve Vormgeving en Reclamevormgeving), Juweelontwerp & Edelsmeedkunst en Vrije Kunsten (Keramiek, Schilderkunst, Sculptuur & Installatie, Open Lab en Vrije Grafiek). Als vervolgopleiding biedt PXL-MAD ook de Specifieke Lerarenopleiding aan. Met dat diploma kunnen studenten terecht in het hele onderwijsveld (secundair onderwijs, deeltijds kunstonderwijs en centra voor volwassenenonderwijs) en in de kunsteducatieve sector.

een goed gevulde rugzak met theoretische kennis zoals bijvoorbeeld kunstfilosofie en kunstgeschiedenis.

Studenten krijgen behalve een opleiding in het atelier of studio van hun keuze ook algemene praktijkvakken zoals tekenen en beeldanalyse, ze worden ingewijd in de geheimen van het academisch onderzoek in de kunsten en krijgen

Dadamagazine

ADVERTORIAL

Binnenkort studeren jullie af. Maar eerst moeten jullie je masterproject nog afwerken … Kirsten: “Dat eindwerk is één ding,

PXL-MAD School of Arts mag dan wel in Hasselt liggen, met 40 partnerscholen in het buitenland krijgen studenten ruimschoots de mogelijkheid om in het buitenland te studeren of een internationale stage te doen. Het gebouw met de ateliers van de Vrije Kunsten wordt binnenkort gesloopt en wordt vervangen door een gloednieuw kunstengebouw dat voldoende ruimte en comfort biedt om de studenten in de Beeldende Kunsten in optimale omstandigheden op te leiden, tentoon-

maar wat daarna? Spannend allemaal! Ik ben wel heel blij dat ik de mogelijkheid heb gekregen om mijn master te verdelen over twee jaar. Vorig jaar was ik echt niet klaar om af te studeren. Aan dat extra jaar heb ik veel gehad.” Pia: “Ook ik heb dankbaar gebruikgemaakt van die optie. Nu heb ik wat meer ademruimte, als is het toch nog stressy genoeg.” Pieter: “Mijn werk gaat over wat te doen na mijn studies. Ik ben de hele maand september van vorig jaar in Amsterdam op straat gaan leven, waar ik tekeningen ruilde voor eten en onderdak. Om een systeem te onderzoeken waarbij ik zelf niet hoefde te werken. Maar achteraf bleek dat heel veel mensen me na afloop van het project contacteerden voor betalende opdrachten. Het heeft me ook de nodige media-aandacht opgeleverd, dat is nooit slecht als illustrator (lacht).”

stellingen te organiseren en samenwerkingsprojecten met bedrijven, cultuur- en kunstorganisaties op te zetten. Blijf je graag op de hoogte van MAD-nieuwtjes? Via de wekelijkse nieuwsbrief (inschrijven kan via www.PXL-MAD.be) kom je alles te weten over de talrijke activiteiten van kunstenaars, docenten én studenten.


erfgoed

documentaire | film mijn | winterslag | vrouw

Koolstof Regisseur Tijs Posen nam in het voorjaar van 2016 contact op met Erfgoedcel Mijn-Erfgoed met een idee om een kwalitatieve documentaire te maken over de migratie die zich afspeelt in de Limburgse Mijnstreek. Hij zocht inhoudelijke ondersteuning en bijkomende middelen om zijn projectidee te kunnen realiseren. Erfgoedcel Mijn-Erfgoed zag jaren geleden het belang van deze getuigen in en legt al sinds 2011 per gemeente jaarlijks minimaal één waardevolle getuigenis vast over de geschiedenis van de streek. Tekst Erfgoedcel Mijn-Erfgoed, Tijs en Jan Posen Foto privéarchief Maria Zangari

hebben ze hun leven elders opgeofferd om een nieuwe toekomst hier op te bouwen. Al deze verhalen kunnen exemplarisch zijn voor de zoektocht van alle mensen op alle plaatsen in alle tijden. Dit brengt de kijker bij grote thema’s zoals integratie en superdiversiteit, maar ook identiteit en eigenheid.

B

edoeling van deze documentaire, die de naam Koolstof gekregen heeft, is om de verhalen van mijnwerkers en migranten van de eerste en tweede generatie vast te leggen voordat het te laat is. Maar de reeks wil ook verder gaan en verhalen uit het verleden confron­ teren met het heden en een antwoord zoeken op vragen als: welke weerslag heeft het verleden op het heden? En welke elementen spelen vandaag nog steeds of opnieuw een rol? En kan je je ergens thuis voelen en tegelijkertijd ontheemd? Migratie is een thematiek van alle tijden en plaatsen en spreekt velen aan. In de verhalen van migranten vroeger en nu zijn heel wat parallellen terug te vinden. Allemaal

Samen met productiehuis ViviFilm werden de grote inhoudelijke lijnen van Koolstof in het najaar van 2016 en het voorjaar van 2017 uitgezet. Beslist werd om deze aflevering te focussen op de mijnwerkersvrouw, die vaak in de schaduw stond en staat van haar echtgenoot. De ideale protagonist werd gevonden in Maria Zangari, mijnwerkersdochter en -vrouw uit Winterslag, Genk. Deze aangrijpende documentaire speelt zich dus af in de schaduw van de schachttorens van Winterslag. Daar blikt Maria Zangari vanuit haar woning in de mijncité tevreden terug op haar leven. Als jong meisje vertrok ze meer dan 65 jaar geleden, samen met haar moeder en broers, vanuit Calabrië naar het onbekende Winterslag, haar vader achterna. Die had er enkele

jaren voordien ondergronds werk gevonden in de mijn. Ze herinnert zich, als de dag van gisteren, die eerste moeilijke jaren in haar nieuwe thuisland, maar ook de gelukkige momenten, die ze mocht beleven als kind en later als vrouw van een mijnwerker. Maria’s verhaal getuigt van de moed en het doorzettingsvermogen van zovele vrouwen, die elk op hun manier, leerden omgaan met de gevaren en het dikwijls ongezonde werk in de mijn van hun mannen. De documentaire verhaalt op een hartverwarmende manier over een familie van drie generaties Italiaanse migranten met een Winterslags mijnverleden, die zich op hun manier, met veel vallen en opstaan, hebben weten integreren in hun nieuwe thuisland, België, maar die het Calabrië van hun achtergebleven familie nooit zullen vergeten. Daarnaast bevat de documentaire diverse getuigenissen van mijnstreekbewoners die licht schijnen op diverse thematieken. De film is dan ook meer dan een zoveelste documentaire over de geschiedenis van de mijnen, en tracht, vertrekkende vanuit persoonlijke verhalen, een universeel verhaal over migratie te vertellen. Het verhaal van Maria wordt gespiegeld aan dat van haar moeder, haar zus en haar nichtjes enerzijds, maar ook aan dat van andere vrouwen die jaren geleden naar de Limburgse Mijnstreek gekomen zijn. Het geheel wordt doorspekt met interessant archiefmateriaal, afkomstig van het VRT-archief. De film wordt eenmalig vertoond in de grote zaal van C-mine, Genk, op donderdag 24 mei om 20u00. Vooraf, om 19u30, is er een optreden van het Regenboogkoor. Achteraf is er een gezellige receptie met Italiaanse specialiteiten. Kaarten in voorverkoop (5 euro) via info@mijnerfgoed.be, 089 811 411.

42

|

43


OPINIE

Koffie gezondheid

Denk jij ’s ochtend bij het opstaan direct aan een goede kop koffie om even lekker wakker te worden? Dan ben je zeker geen uitzondering. Alle Belgen samen drinken zo’n 19 miljoen kopjes koffie per dag. België staat hiermee op de achtste plaats in de rangschikking van grootste koffiedrinkers. Vooral in de Scandinavische landen wordt er veel koffie gedronken. Zo staan Noorwegen, IJsland, Denemarken en Zweden allemaal in de top tien. Finland spant de kroon. Dat blijkt uit cijfers van de International Coffee Organization. Vervolgens zweren de Benelux-landen trouw aan hun bakje troost. Maar is het welberaden om minder koffie te drinken? Nee. Als u geen koffie drinkt, zou u er net mee moeten beginnen. Matig koffieverbruik kent namelijk meer voor- dan nadelen. Door Joël Neelen – Foto’s Pinterst

K

offie is in principe een natuurproduct, gemaakt van gemalen bonen van de koffieplant. Het bevat onder andere magnesium, mangaan, kalium en vitamine B, essentiële voedingsstoffen die ons lichaam nodig heeft om optimaal te kunnen functioneren. Verschillende studies hebben aangetoond dat het drinken van koffie gezondheidsvoordelen kan hebben, mits de koffie organisch is en tijdens het verwerkingsproces niet is blootgesteld aan pesticiden.

Dadamagazine

# 04 .2018

Koffie, gezond of niet? Resultaten van studies die verschenen in the American Journal of Clinical Nutrition bevestigen dat koffie het risico op diabetes type 2 verlaagt. Koffie bevat antioxidanten die helpen de schade aan cellen, die tijdens de ontwikkeling van diabetes optreedt, te vertragen. Antioxidanten zijn natuurlijk voorkomende stoffen die kunnen helpen schade aan je cellen te voorkomen of vertragen. Ze doen dat door te voorkomen dat vrije radicalen zich ontwikkelen in je lichaam. Het regelmatig drinken zorgt dat je extra anti-oxidanten binnen krijgt. Je krijgt gemiddeld 1.299 mg anti-oxidanten binnen

per dag door koffie te drinken. Ook vertraagt het de opname van glucose uit de darmen waardoor de suikerspiegel beter gereguleerd wordt. Andere onderzoeken bewijzen dat het drinken van koffie ook positieve effecten heeft op de hersenen. Cafeïne zorgt er voor dat we ons na een kop koffie beter kunnen concentreren en alerter zijn. Je krijgt van koffie net die kickstart die je nodig hebt om nog meer focus te houden op het werk, in het verkeer of tijdens een belangrijk examen. De Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid (EFSA) bevestigde dat 75 mg cafeïne (de hoeveelheid in circa één standaard kopje koffie) helpt om zowel de concentratie als de alert­heid te verhogen en de cognitieve en mentale functie te verbeteren. De stimulerende werking van een kopje koffie is al merkbaar na 15 tot 45 minuten na consumptie en houdt ongeveer vier uur aan. Koffie is ook goed voor de spijsvertering omdat het de darmtransit en de stoelgang stimuleert. Dat geldt ook voor cafeïnevrije koffie. Mogelijk stimuleert koffie ook de productie van maagzuur, wat eveneens de vertering ten goede komt.


44

|

45


OPINIE

Koffie gezondheid koffie, thee of frisdrank. Gemiddeld is dit zo’n 250 mg per dag. Je behoudt daarbij in principe je normale urineproductie. Omdat cafeïne de nieren stimuleert om vocht sneller uit het lichaam te verwerken, kan het zijn dat je iets eerder naar het toilet moet dan wanneer je bijvoorbeeld alleen water drinkt. Maar je verliest niet meer vocht, zoals men vroeger dacht. Conclusie

Uit een 30 jaar durend onderzoek onder 8.000 Japans-Amerikaanse mannen tussen de 45 en de 68 jaar is tevens gebleken dat het preventief werkt tegen de ziekte van Parkinson. Verder is bewezen dat koffie beschermend werkt tegen Alzheimer en verschillende soorten van kanker, waaronder leverkanker. Er bestaat nog wel veel discussie over welke stoffen in koffie het beschermende effect precies veroorzaken. Koffie verhoogt evenwel de bloeddruk, maar die daalt ook weer snel. Het effect is vergelijkbaar met een trap oplopen of een sprintje trekken naar de bus. Koffie is dus niet slecht voor het hart. Uit observationeel onderzoek blijkt dat mensen die een

hartinfarct hebben gehad beter koffie kunnen blijven drinken. Het zou de kans op overlijden met 10 procent verlagen. Koffie afzweren voor hartpatiënten is dus niet nodig. Toch zijn er ook nadelen aan het drinken van koffie. Het bevat namelijk cafeïne. De meeste discussies die gevoerd worden over de invloed van koffie op de gezondheid gaan over deze stof. Het gebruik van cafeïne kan verschillende gevaren met zich meebrengen. Bijwerkingen van cafeïne zijn slapeloosheid, hartkloppingen, aanmaak van stresshormonen, zenuwachtigheid en nervositeit of zelfs een gevoel van paniek en angst. Deze bijwerkingen treden alleen op wanneer je te veel koffie drinkt. Bij maximaal drie kopjes per dag heb je hier niet snel last van. Fabel

we kunnen meteen een misverstand uit de weg ruimen: koffie droogt je lijf niet uit

Oude, slecht uitgevoerde onderzoeken gaven onterecht aan dat koffie vocht afdrijft en daardoor de vochtbalans in het lichaam zou verstoren. Recentelijk onderzoek toont aan dat cafeïne alleen in lichte mate vochtafdrijvend is bij mensen die normaal gesproken geen koffie drinken. De meeste mensen krijgen dagelijks wel iets van cafeïne binnen via

Dadamagazine

# 04 .2018

Dat heerlijk ruikende bakje bij het opstaan, kun je zonder twijfel drinken. Je hebt er het meeste voordeel van als je één kop zwarte koffie drinkt op de nuchtere maag voordat je gaat sporten. Met mate koffie drinken is veilig voor de meeste mensen, en drie tot vier kopjes per dag kunnen misschien wel een gunstig effect hebben op de gezondheid. Onderzoekers zeggen dat het ‘moeilijk’ is om juist vast te stellen hoe koffie een positieve impact op de gezondheid zou kunnen hebben. Mogelijk is die te danken aan de effecten van antioxidanten en anti-fibrotica. Antifibrotica zijn stoffen die de vorming van littekenweefsel afremmen. Koffiedrinkers moeten het wel houden bij ‘gezonde koffies’ zonder extra suiker, melk of room, en zonder een calorierijke zoete snack er bij. “Er is een evenwicht van risico's in het leven, en de voordelen van een matige consumptie van koffie lijken zwaarder door te wegen dan de risico's”, zegt professor Paul Roderick, co-auteur van een groot review van studies, van de faculteit geneeskunde aan de Universiteit van Southampton. Overigens zeggen de experts evenwel dat mensen nu niet koffie moeten beginnen drinken ‘om gezondheidsredenen’.


Koffie- en eethuis in de Vennestraat met zicht op de mijntorens. Broer en zus Thomas & Eline heten jullie van harte welkom. Gepetto is er voor alle lekkerbekken die graag zichzelf eens verwennen. Samen genieten van een koffie of thee en gezellig bijbabbelen.

www.gepettogenk.be

verhalenvertalen.be

Vennestraat 123 – 3600 Genk – T 089 23 48 69

hilde@verhalenvertalen.be

www.dadadesign.be

www.elsgielen.be

C-Mine 115 – 3600 Genk – hallo@dadamagazine.be

Heikantstraat 31 – 3670 Ellikom

46

|

47


follow me

Dadamagazine dadamagazine

pinterest koffie | moodboard

04 .2017 .2018 # 03


48

|

49


follow me

Dadamagazine

pinterest koffie | moodboard

# 04 .2018


50

|

51


vakmanschap | duurzaamheid | eenvoud

Restaurant U De Genkenaren noemen de Vennestraat liefkozend ‘de straat der zintuigen’ en dat mag je letterlijk nemen. Wie er rondloopt, voelt de hartenklop van een unieke gemeenschap. Het grootstedelijk geroezemoes op straat, de geuren van Italiaanse, Turkse en Griekse restaurants die komen aangewaaid tussen de prachtige mijntorens van C-mine, het cultuurcentrum dat zich nestelde in de oude mijngebouwen. Het is geen toeval dat chef-kok Jo Lemmens zich op deze plek thuisvoelt. Zijn keuken mag dan wel niet mediterraans zijn, Restaurant U is boven alles een zintuigelijke ervaring. Tekst Wouter Dewit Foto’s Luc Vleugels

U is de vorm “Transparantie is de kern van alles wat ik doe,” zegt Lemmens zelf, “van de keuze voor eerlijke, duurzame producten, tot de manier waarop ik tussen de mensen sta.”

Dadamagazine

ADVERTORIAL

Als je bij U binnenkomt, valt onmiddellijk de prachtige, kamerbrede toog in Belgische kerselaar op, een ontwerp in samenwerking met Gilberte Claes van Galeriet. Strak van design, warm in materiaal, in de vorm van – hoe kan het ook anders – een U. Die vorm is meer dan een symbool, het maakt dat je het eten ziet zoals het is. Het wordt, letterlijk, voor je neus klaargemaakt. “Als je wilt dat mensen opnieuw het product als de basis zien, moet je radicaal zijn,” vertelt Lemmens, “het concept van de toog zorgt ervoor dat je als klant rechtstreeks contact maakt met de groenten van het veld, het prachtige vlees, al die schitterende basisproducten nog voordat ze op het bord liggen.” Het Vrije Veld Die liefde voor het product, die zoektocht naar duurzaamheid


bracht Jo Lemmens als vanzelf bij Het Vrije Veld, een CSA-boerderij in Zutendaal. Al is er bij Restaurant U heerlijk vlees te eten, de groenten vormen het hart van de keuken. Lemmens kookt met wat het veld en de natuur hem wekelijks schenken. Het zorgt voor een frisse keuken, op het scherp van de snee, wars van routine. Lemmens gaat zijn eigen weg. Hij wortelt in traditie, maar is uitgesproken modern in de radicale afwezigheid van poespas. Eenvoud is hier geen belegen modewoord, maar een basishouding. Eérst het product, dan de kok.

met het vlees van Krekershof in Opoeteren en de groenten van Het Vrije Veld”, zegt Lemmens. ”Ik ben niet het middelpunt van mijn keuken, ik geef door wat de natuur mij geeft. Dat North Sea Chefs mij als enige Limburgse kok geselecteerd heeft voor het onderzoeksteam, is een eer maar

niet meer dan dat. Belangrijk is dat ik nu ondergewaardeerde, fantastische vis uit onze eigen Noordzee in mijn keuken heb liggen. Daar word ik gelukkig van.”

Dada: www.restaurant-u.be

North Sea Chefs Samen met Sergio Herman (The Jane, Air Republic) en Syrco Bakker (Pure C) proberen de North Sea Chefs vis uit onze Noordzee, vaker zelfs vis uit bijvangst, opnieuw een plaats te geven in de keuken. “Het past perfect bij wat ik al doe

52

|

53


vakmanschap | creatief | co-creatie

Nieuw creatief verhaal in de Vennestraat BREED is een initiatief van architect/ontwerper Isabelle Verbruggen en binnenhuisarchitect/beeldend kunstenaar Els Bijnens. Ze hebben een droom opgebouwd in een eengemaakt pand uit de jaren twintig, centraal gelegen in de Vennestraat. In dit pand werd reeds eerder geschiedenis geschreven. Het is enerzijds het geboortehuis van mode-icoon Martin Margiela en anderzijds het huis van Betty’s befaamde platenzaak de ‘Discobar’, onlosmakelijk verbonden met het verhaal van Rocco Granata’s eerste en grootste hit Marina. Een nieuwe glazen gevel plaatst dit pand, met zijn waardevol historisch verhaal, als het ware in een vitrinekast zoals een kostbaar museumstuk. Nu begint het aan een tweede leven.

D

e voormalige platenwinkel werd omgebouwd tot creatieve werkruimtes, met daaraan gekoppeld een expositie- en

verkoopplatform. Hier kunnen geselecteerde, talentvolle en gepassio­ neerde ontwerpers, kunstenaars of ambachtslui hun werk presenteren.

Het is een prachtige verbouwing geworden, op zich al een bezoek waard, niet alleen voor de gevel, maar ook voor de verrassende binneninrichting. Alleszins een meerwaarde voor de Vennestraat, waardoor deze laatste nog meer als voordien “the place to be” wordt voor de cultuurzoeker in de onmiddellijke nabijheid van C-mine. De kerngedachte is ook verrassend en verfrissend. Driemaandelijks komt Breed met een nieuwe verzameling van hedendaagse en eigenzinnige artefacten. In deze eerste lente-expositie zijn Isabelle en Els erin geslaagd een originele mix te brengen, gaande van jonge, veelbelovende talenten tot kunste-

Dadamagazine

ADVERTORIAL


naars en ontwerpers die dicht bij het punt van doorbraak staan. Er worden momenteel werken gepresenteerd van ontwerpers/kunstenaars die er hun atelier hebben, zoals architectuurbureau VIA, leder­aterlier Turn&Burn en schildersatelier ELSE, alsook van kunstenaars die er een atelierruimte huren. Daarnaast brengt BREED telkens nieuwe selecties sterk werk van ambitieuze ambachtslui/ontwerpers/kunstenaars die hun producten in de kijker willen zetten en te koop aanbieden. Diverse genres komen aan bod: beeldende kunsten, toegepaste en vrije kunsten, ambachtswerk, gebruiksontwerpen, illustraties, fotografie etc. Je gaat er vandaan met dingen die je raken. Geschenken waarvan je wil dat ze zich onderscheiden, eigentijdse objecten die je woning een extra touch geven, kunstwerken die je nooit beu wordt, ... of gewoon, leuke ideeën die je dag opfleuren. Zoals haar naam het immers reeds aanduidt, staat BREED open voor een heel spectrum, zolang het past in haar visie van duurzaamheid, originaliteit, authenticiteit en creativiteit. BREED staat dan ook synoniem voor ruimdenkend, veelomvattend, verreikend en divers. Met een knipoog naar het Engels to breed, wat zoveel betekent als creëren, kweken, grootbrengen, ... allemaal karakteristieken waarmee Breed zichzelf identificeert. Naast de driemaandelijkse exposities organiseert, of ontvangt, BREED activiteiten die mee haar creatieve visie uitdragen. Denk bijvoorbeeld aan workshops stooktechnieken, hout- of pottendraaien, een wijndegustatie in de wijngaard, of een huiskamer­concert bij het gezellige haardvuur. Spring eens binnen om de lente-expo te bezoeken. Meer informatie kan je steeds vinden op de website. Schrijf je in op de nieuwsbrief om op de hoogte te blijven van evenementen en activiteiten.

Dada: www.breedvennestraat.be

Vennestraat 199, 3600 Genk Woensdag tot vrijdag 12 – 18.30 uur Zaterdag 12 – 17 uur

54

|

55


natuur

natuuronderzoek | natuurbescherming biologie | nachtvlinders

Onze selectieve blindheid is dodelijk voor de levende wereld Elke generatie normaliseert de aftakeling van onze omge­ving en de verwoestende verliezen aan kwetsbare eco­systemen stapelen zich op. Wat jij ziet is niet wat anderen zien. We bewonen namelijk parallelle werelden van waarneming, begrensd door onze interesses en ervaringen. Wat voor sommigen duidelijk is, is voor anderen onzichtbaar. Ik stond bijvoorbeeld aan de grond genageld, kijkend naar een sperwer die tussen de struiken jaagde, verbaasd dat andere mensen het konden negeren. Bron George Monbiot, Brits zoöloog & columnist voor The Guardian

M

aar ze kunnen zich net zo goed afvragen hoe ik de nieuwe Jeep V6 Pentastar Sahara, die net voorbijreed, niet had gezien. Zoals de psycholoog Richard Wiseman opmerkt: “Op eender welk moment hebben je ogen en brein alleen de verwerkingskracht om naar een heel klein deel van je omgeving te kijken … je brein identificeert snel wat het als de belangrijkste aspecten van jouw omgeving beschouwt en concentreert bijna alle aandacht op deze elementen.” Al het andere blijft ongezien.

Dadamagazine

# 04 .2018

Onze selectieve blindheid is doodsbedreigend voor de levende wereld. Joni Mitchell’s bewering “you don’t know what you’ve got till it’s gone” is helaas niet waar: ons collectieve geheugen wordt schoongeveegd als gevolg van ecologisch verlies. Een van de belangrijkste concepten die onze relatie tot de natuurlijke wereld bepalen, is het Shifting Baseline Syndrome, bedacht door de visserijbioloog Daniel Pauly. De mensen van elke generatie ervaren de toestand van de ecosystemen, die ze in hun jeugd tegenkwamen, als normaal en natuurlijk. Wanneer wilde dieren uitgeroeid zijn, merken we het verlies op, maar we zijn ons er niet van bewust dat de basis waarmee we de achteruitgang beoordelen in feite een toestand van extreme uitputting is. We vergeten dus dat de standaardstatus van bijna alle ecosystemen – op het land en op zee – bestaat uit de dominantie van een megafauna. We zijn ons er niet van bewust dat er iets raars is aan onze

zeeën; ze worden niet bewoond door grote walvissen of enorme scholen blauwvintonijn, twee meter grote kabeljauwen en heilbotten zoals een paar eeuwen geleden. We zijn ons er niet van bewust dat de afwezigheid van olifanten, neushoorns, leeuwen, sabeltandkatten, hyena’s en nijlpaarden, die in deze regio leefden tijdens de laatste interglaciale periode (toen het klimaat bijna identiek was aan dat van vandaag), ook een kunstmatig gevolg is van menselijke activiteit. En ook de verwering neemt toe. Weinig mensen weten nog dat het ooit normaal was om velden vol witte champignons te zien, of rivieren die tijdens de herfstnachtevening zwart zagen van palingen, of dat netels werden uitgeroeid door rupsen. Ik kan me een moment voorstellen waarop de vogels stoppen met zingen, mensen wakker worden, ontbijt klaarmaken en naar het werk gaan zonder te merken dat er iets veranderd is. Daarentegen zorgt de duisternis waarin we leven ervoor dat we niet beseffen wat we hebben, terwijl het toch bestaat. Blue Planet II onthulde het complexe sociale leven en de opmerkelijke intelligentie van bepaalde soorten die we slechts behandelen als niets anders dan zeevruchten. Als we ons bewust waren van de vernietiging, die we met onze routinematige visvangst veroorzaken, zouden we dan niet drastisch onze koopgewoonten veranderen? Maar de marketing en


media infrastructuur helpen ons om niet te zien, om niet te denken, om ons waarnemingsvermogen niet zo af te stellen dat we een mo​​ reel wereldbeeld creëren waarnaar we kunnen handelen. De meeste mensen werken onbewust samen in dit escapisme. Het beschermt hen tegen verdriet of cognitieve dissonantie. Wanneer ze zich bewust zouden zijn van de wonderlijke en betoverende schoonheid van de wereld, van zijn verbazingwekkende wezens en complexe interacties, en tegelijkertijd ook van de opmerkelijk snelle vernietiging van bijna elk levend systeem, dan zou dit haast ondraaglijk zijn. Dit is wat de grote natuurbeschermer Aldo Leopold bedoelde toen hij schreef: “One of the penalties of an ecological education is that one lives alone in a world of wounds.”

Die ochtend werd ik een betere natuuronderzoeker en een betere natuurbeschermer. Ik begon nauwkeuriger te kijken, op zoek naar het onzichtbare In juli 2017 scheen een krachtig licht – 125 watt om precies te zijn – in een hoek van mijn eigen duisternis. Twee natuuronderzoekers uit Vlaanderen, mottenvanger Bart Van Camp en natuurfotograaf Rollin Verlinde, vroegen of ze naar

onze kleine stadstuin mochten komen om er een lichtval op te zetten. De resultaten van deze nachtvlindervangst waren een openbaring. Ik dacht dat de tuin – ondanks onze beste inspanningen – bijna dood was en dat vlinders en kevers eerder zeldzame bezienswaardigheden waren. Maar toen Bart en Rollin ons de motten lieten zien die ze hadden gevangen, besefte ik dat hetgeen we zien niet hetzelfde is als wat er is. Er zijn 59 soorten vlinders in het Verenigd Koninkrijk, en maar liefst 2.500 soorten motten. Ons onvermogen om de ecologie van de duisternis te begrijpen beperkt ons begrip van de levende wereld. Toen ze de val openden, was ik stomverbaasd over de omvang en de schoonheid van hun vangst: roze en olijfgroene groot avondrood, askleurige dennenpijlstaart, vuursteenvlinders met een verguld patroon als de achterkant van een kerkuil, houtspaanders in gepolijst messing, vliervlinders met gele windvliegervormige vleugels, kleine zomervlinders met smaragdachtige kleuren van een noordelijke zee met strepen van schuimkoppen, een psi-uil met een camouflerend patroon als kiezelsteen of zandgrond, een gewone coronamot, een taxusspikkelspanner, een brandnetelmot, een zwartkamdwergspanner en een strooiselmot. Van hun namen alleen al geraak je onder de indruk. Ze getuigen van een bloeiende relatie tussen deze wezens en degenen die van hen houden. In totaal waren er 217 motten van 50 verschillende soorten. Dit was, vertelde Van Camp en Verlinde me, ongeveer wat ze hadden verwacht te vinden. Vijfentwintig jaar geleden zouden het er veel meer zijn geweest. Hun voedselketen stort in elkaar, waarschijnlijk door een combinatie van pesticiden, de vernietiging van habitats en lichtver-

vuiling. En wij zijn ons nauwelijks bewust van hun bestaan. Motten evolueerden ongeveer 190 miljoen jaar geleden. Vlinders zijn een relatief recente ontwikkeling, een afsplitsing die 140 miljoen jaar later plaatsvond. De meeste verklaringen voor deze afsplitsing baseren zich op de verspreiding van bloeiende planten. Maar heeft het misschien ook niet meer te maken met het feit dat vleermuizen een echolocatie hebben ontwikkeld, waardoor ze hun prooi kunnen detecteren, rond ongeveer diezelfde tijd? Kon de dagvlinder een reactie zijn geweest op een dodelijke aanpassing door het belangrijkste roofdier van de nachtvlinder? Elke zomeravond ontvouwt er zich een onzichtbaar drama boven onze tuinen, wanneer motten, waarvan de oren zijn afgestemd op de echo-lokaliserende geluiden die vleermuizen maken, als stenen uit de lucht vallen om hun vijand te verschalken. Sommige nachtvlinders zijn geëvolueerd. De Bertholdia trigona kan de echolocatie van vleermuizen verstoren door klikkende geluiden te maken. Hij is daarbij in staat om goed te waar te nemen wanneer er werkelijk een aanval dreigt. We vernietigen de wonderen van deze onzichtbare wereld vooraleer we ze waarderen. Die ochtend werd ik een betere natuuronderzoeker en een betere natuurbeschermer. Ik begon nauwkeuriger te kijken, op zoek naar het onzichtbare, en te bedenken wat erachter schuilgaat. Én te beseffen hoeveel we te verliezen hebben. George Monbiot bedoelt hiermee dat als we niet vlug iets doen, we naar de toekomst toe heel wat te verliezen hebben.

Dada: www.monbiot.com

56

|

57


muziek

genk jazz | swing

A Great Day in Genk! De bloeiende Genkse jazzscene onder de loep De Genkse jazzscene bloeit als nooit tevoren. Een hele schare aan fijne jazzmuzikanten is bezig met muzikale projecten in allerhande bezettingen. Een aantal van hen zijn al aardig bekend in de jazzwereld in België – en sommige ook daarbuiten –, andere klinken misschien minder bekend in de oren, maar timmeren minstens zo hard aan hun weg in het wereldje. Door Marc Vos – Foto’s Art Kane, Els Gielen

waar de meesten van hen trouwens al op het podium hebben gestaan. Voor het idee van de foto lieten we ons een tikkeltje inspireren door de prachtige, historische foto die ooit in Harlem (New York) werd genomen en waar een zéér uitgelezen gezelschap van 57 jazz­muzikanten op prijkt: A Great Day in Harlem of Harlem 1958 (zie foto links). A Great Day in Genk Zoals jazz in Genk in het verleden leefde, leeft het nu als nooit te voren, en zal ook in de toekomst overleven. En dit dankzij mensen als de hieronder opgesomde muzikanten, die werkelijk zeer de moeite waard zijn om eens live te gaan beluisteren! — Michel Bisceglia

I Jazz is er en verdwijnt. Het gebeurt. Je moet er wel voor aanwezig zijn. zo simpel

Dadamagazine

# 04 .2018

n ieder geval hebben we de laatste jaren nogal waten platen beluisterd en concerten bezocht. En een van de geweldige dingen aan jazz is dat muzikanten vaak openstaan voor allerhande samenwerkingen, die dan op hun beurt weer leiden tot heel fijne muzikale kruisbestuivingen. Spannend en uitdagen, niet alleen voor de muzikanten zelf, maar zeker ook voor de luisteraar. Dreig je het noorden te verliezen bij zoveel klankkleur? Begrijpelijk. Daarom besloten wij een foto te nemen met zoveel mogelijke Genkse jazzcats op een typisch Genkse plaats, namelijk op C-mine,

Michel Bisceglia is niet minder dan een fenomeen. Deze muzikant met Italiaanse roots werd zowel beïnvloed door klassieke muziek als jazz, zowel door Mozart als door Keith Jarrett dus, om het een beetje kort door de bocht te stellen. Hij maakt furore in binnen- en buitenland, treedt op in zowat heel Europa, en was zelfs al op Japanse bodem te vinden. Meer dan 20 jaar geleden begon hij zijn eigen jazztrio, waarmee hij nog steeds in de originele bezetting speelt (met bassist Werner Lauscher en drummer Marc Lehan). Hun laatste album Singularity werd internatio­ naal geprezen. En vorig jaar werd de prachtige compilatie Michel Bisceglia Trio – 20 Years Recordings (Prova Records) uitgebracht, een ideale inleiding tot zijn oeuvre.


A DATE WITH JAZZ INâ&#x20AC;&#x2122; GENK

A GREAT DAY IN GENK

Costa Arvanitidis Michelino Bisceglia Tim Finoulst Alano Gruarin Pino Guarraci Roman Korolik Katia Malecki Carlo Nardozza Dominique Nelis Peter Vandeurzen Karen verresen

58

|

59


muziek

genk jazz | swing

Vlnr: Karen Verresen, Rob Vanspauwen (Bilzen), Peter Vandeurzen, Pino Guarraci, Costa Arvanitidis, Roman Korolik, Dominique Nelis, Tim Finoulst, Michel Bisceglia, Alano Gruarin, Carlo Nardozza, Katia Malecki en David La Mela (Houthalen-Helchteren).

Michel Bisceglia werkte ook samen met nogal wat gerenommeerde jazzmuzikanten. Denk maar aan onder anderen Randy Brecker, Bob Mintzer en Toots Thielemans, maar ook met artiesten als Rocco Granata (de prachtige plaat Paesellu Miu), Ozark Henry (het aangrijpende Out To Sea), Brian Molko (Placebo), Bent Van Looy, Melanie De Biasio, Jasper Steverlinck, Mauro Pawlowski, Joost Zweegers (Novastar), Sarah Bettens, Ruben Block (Triggerfinger) en Buscemi. Tegenwoordig legt hij zich ook toe op het maken van soundtracks. Zo componeerde hij al muziek voor films als Blue Bird (film van Gust Van den Berghe; 2011), het echte Genkse en zeer succesvolle film­ project Marina (Stijn Coninx; 2013). Vorig jaar werkte hij mee aan maar liefst vier films, waaronder ook Le Fidèle van Michaël R. Roskam. Bisceglia was ook het muzikale

Dadamagazine

# 04 .2018

brein achter het succesvolle project Viktor Lazlo sings Billie Holiday, waarmee hij in 2016 ook op de planken stond tijdens Music @ The Casino in Waterschei, en er zowaar tweemaal optrad, met zijn trio voor de pauze en nog een keer als begeleiders van Viktor Lazlo. Bisceglia bracht, in openlucht en live, het prachtige stuk OuverTHORe, ter gelegenheid van de inhuldiging van Thor Central, samen met het Brussels Chamber Orchestra, An Pierlé en de trompettist Carlo Nardozza. Nog zo’n welklinkende naam, deze laatste, die in Genk vele belletjes doet rinkelen, of eerder nog, trompetten doet schallen! — Carlo Nardozza Deze fantastische, virtuoze trompettist speelde en speelt nog steeds mee met zowat iedereen uit de Belgische jazz. Naast zijn solocarrière (of met zijn kwintet), waarbij hij

al een reeks mooie albums maakte (zelfs eentje met de titel Winterslag!), speelt hij onder meer mee met het Brussels Jazz Orchestra, het Rebirth Collective, en The Muze Jazz Orchestra. De cd Duology nam hij op samen met bassist Christophe Devisscher en de plaat 11 samen met Michel Bisceglia. Verder werkte hij al met grote namen als Bert Joris, Philip Catherine, Paul Michiels, Clouseau, Lee Konitz, George Duke, Bruno Castelluci en Raymond Van Het Groenewoud. Carlo Nardozza’s meest recente project – samen met twee anderen – is het: Trio In Bocca Al Lupo. ‘In bocca al lupo’ (letterlijk ‘in de muil van de wolf’) wordt in het Italiaans gebruikt als je iemand veel succes wenst. De uitdrukking kwam oorspronkelijk uit de Italiaanse theater- en operawereld, maar wordt nu courant gebruikt in de dagdagelijkse spreektaal.


Dit trio wordt gevormd door drie Genkse klasbakken uit de jazz: Tim Finoulst (gitaar), Alano Gruarin (piano) en Carlo dus. In 2017 verscheen hun prachtige plaat Nostalgia. Een passende titel, want de meeste nummers zijn klassiekers uit het Italiaanse repertoire. Nummers als de Tarantella “Godfather” (Carmine Coppola), Il Padrino (Nino Rota), Gente Di Mare (Umberto Tozzi) en het wijsje van Bella Ciao kent iedereen in Italië, en ook velen daarbuiten, en al zeker in Genk. — Tim Finoulst Tim Finoulst zagen we met zijn trio vorige zomer nog live schitteren op C-mine Jazz, en daarna nog wel enkele keren. Tim is dan ook – zo jong als hij nog is – al een echte gitaarvirtuoos; hij volgde niet voor niets masterclasses bij zeer grote namen uit de jazz als John Scofield (!), Philip Catherine en Charlie Haden. Er wacht hem ongetwijfeld nog een grote toekomst als jazzgitarist. In 2017 maakte hij de mooi cd Narrative. Daarvoor nam hij ook al de plaat Tim & Kim op met jazzzangeres Kim Versteynen. — Alano Gruarin De derde muzikant uit Trio In Bocca Al Lupo is pianist en producer, en heeft ook al een prima solo-cd opgenomen op met voornamelijk eigen composities, namelijk Profondo Blu (2007). Gruarin speelde ook al samen met Mich Walschaerts (Kommilfoo), Filip Jordens (Hommage à Brel) en Jef Neve, en droomt ervan soundtracks voor films te maken. Verder werkte hij al met artiesten als Sam Vloemans, Rocco Granata, Raymond van het Groenewoud, Michel Bisceglia, Kris De Bruyne, Rony Verbiest, Bert Joris en Mauro Pawlowski. Bovendien produceerde hij ook het debuutalbum Love and

Time van Karen Verresens formatie Bovarii, waar hij zelf ook deel van uitmaakt. — Bovarii / Karen Verresen Bovarii is het project van de Genkse zangeres Karen Verresen en bovenstaande Alano, samen met een contrabassist en een gitarist. In 2012 verscheen het album Love And Time, een heel mooie cd met muziek die een mix is van jazz, pop en folk. Ook live staat Karen haar mannetje (vrouwtje!) met haar prachtige stem, zo mochten we al een enkele malen ervaren. — Pino Guarraci / Clown De Genkse band Clown speelde symfonische rock en werd opgericht in 1977. De groep bestond toen uit Carlo Ooms (gitaar), Loreto Gruarin (bas), Pino Guarraci (keyboards) en Tano Tavormina (drums). Clown bracht pop met jazzy, klassieke en rockinvloeden en behaalde in 1978 de derde plaats tijdens de allereerste editie van de Rock Rally. Clown stond in 1978 op het hoofdpodium van Jazz Bilzen en verzorgde ook de het voorprogramma van Golden Earring, Gruppo Sportivo, Bots, Normaal en Kayak.

behoorlijk wat jazzmuzikanten met naam en faam muziek hebben opgenomen. Dan denken we onder meer aan Toots Thielemans, Bob Mintzer, Randy Brecker, Michel Bisceglia, Carlo Nardozza, Ivan Paduart Trio, Jokke Schreurs, Mimi Verderame en Rony Verbiest. Hiermee staat Genk toch ook weer een beetje meer op de ‘jazzkaart’. — Dominique Nelis Dominique is nog zo een ervaren rot uit de Genkse muziek. Hij speelde immers al enorm veel concerten in nogal wat groepen. Het combineren van verschillende stijlen heeft hem altijd aangesproken. Hij speelt en geeft les in rock, pop, jazz en klassieke gitaar. Bijzonder mooi is zijn gypsy-jazz project Sa Swing, muziek in de traditie van de legendarische Django Reinhardt. Wat Dominique Nelis uit zijn gitaar haalt, doen weinigen hem na. Technische virtuositeit en een groot vakmanschap gaan in zijn prachtige gitaarspel samen met een passionele liefde voor zijn instrument. Vorig jaar maakte hij de prachtige plaat Only Acoustic Guitar. Muziek in het grensgebied van pop, klassiek, jazz, flamenco en folk. — Freddy Birset

In 1998 stond Clown op de affiche van het Jazz-Bilzen revival festival. In 2012 kwam er een reünie ter gelegenheid van het Muzikant Rijk Genk festival op C-mine (georganiseerd door Albert Claesen). In 2013 stond Clown op de mainstage van Genk On Stage en speelde de band een fabuleus concert. Speciaal voor die gelegenheid verscheen er toen een gelimiteerde live-cd met opnames van het Muzikant Rijk Genk festival.

Iedereen in Genk kent Freddy Birset! Hij begon zijn muzikale carrière in een balorkest dat Rocco Granata begeleidde. In de jaren zeventig leerde Freddy ook jazz kennen. Zijn eerste groep heette het Quintet Internationale, met op het repertoire voornamelijk covers. Vanaf de jaren tachtig legde hij zich toe op het Franse chanson. Een mooie selectie van zijn werk staat op de cd Chansons à la carte XXL (2008).

Vermeldenswaard is ook Studio Crescendo van Pino Guaracci, waar

Een cruciale rol in de Genkse muziek­wereld was weggelegd voor

60

|

61


muziek

genk jazz | swing

muziekcafé Het Hikske, dat door Birset werd opgestart, en waar ooit vele concerten hebben plaatsgevonden, zowel voor liefhebbers van rock, jazz als die van het Franse chanson. In 1982 was Freddy Bierset medeoprichter van het festival Swingin’ Genk, de voorloper van het huidige Genk On Stage. Pourkwappa / Chief Joseph / Pasta Man Chief Joseph (wereldmuziek) en Pasta Man (reggae) waren fijne livebands, die reggae, jazz, funk en wereldmuziek combineerden. Met Chief Joseph werd heel wat eigen muziek geschreven en werd er ook samengewerkt met jazzsaxofonist Walter Baeken. Na verloop van tijd zijn delen van de twee bands Chief Joseph en Pasta Man samen verder gegaan onder de naam Pourkwappa, met als bandleden Rob Maussart (zang en ritmegitaar), Peter Vandeurzen (toetsen), Wille Gielen (gitaar), Jean-Marie Rajewski (bas en percussie) en Tuur Castro (drums). Ze brachten groovy muziek met wortels in reggae & afrobeat. Ooit speelden ze zelfs het voorprogramma van Tony Allen (drummer van Fela Kuti) en stonden ze op festivals als Mano Mundo en Afro-Latino. Met Toon Loenders werd een video­ clip gemaakt voor het nummer Home Town, een ode aan Genk, waarvoor er opnames werden gemaakt op C-mine en in Genkcentrum: youtu.be/R_Y8rxG5EYA

— Katia Malecki Deze zangeres zag ik al een aantal keer aan het werk en ze maakt indruk met haar mooie stem. Ze stond ook met Dominique Nelis op het podium onder de naam KaDo waarmee ze toen gipsy/django jazz brachten. Samen met Carlo Nardozza orga­ niseert ze sinds een tijdje jazzconcerten in hun huiskamer onder de naam Casa Nardo. Beslist een fijn initiatief – leuk om kwalitatief hoogstaande jazz in zo’n ongedwongen sfeer te kunnen meemaken, ga vooral zelf een keer luisteren. — Roman Korolik Roman Korolik is een allround bassist die je tegenkomt op diverse podia, met artiesten variërend in de genres van pop, funk, fusion tot jazz. Hij begeleidde Tars Lootens met zijn Touch of Colour-tournee en speelde al samen met artiesten als Sofie, Jo Lemaire, Toots Thielemans, Paul Michiels, Jan Akkerman en Bruno Castellucci. — Costa Arvanitidis Costa is een enthousiaste docent Gitaarpop & Jazz op GA Voor Beeldende Kunst & Media in Genk. Hij speelde als livemuzikant mee met nogal wat grote namen. Samen met Roman Korolik maakte hij deel uit van de formatie Icaros (jaren 80-90), die zich bewoog in het genre van jazz en fusion. Genkse Jazz in het verleden

— Arnout Hellofs De geschoolde jazzdrummer Arnout Hellofs, die momenteel bij Hooverphonic drumt, speelde ook al met artiesten als Kris De Bruyne, Admiral Freebee en Eva De Roovere. Arnout is ook docent aan de PXL Rockacademie in Hasselt.

Dadamagazine

# 04 .2018

Vanaf de jaren veertig tot de jaren zestig was de bigband The Skyliners actief, met als bassist de Genkenaar Jaak Dries. Muziek van die tijd werd door dit amusementsorkest op sfeervolle wijze in een mambo/jazz-kleedje gestoken. Met het orkest van Bobby Carnarius

vormden ze bij gelegenheid ook een grotere band. Al Houben was in de sixties actief met zijn dixieland- en jazzband Albert Houben Sextet. Leden waren Albert Houben, Jef Steegmans (contrabas), Michel Dierckx (drums, later vervangen door Johny Broeders), Raymond Heren (zang & accordeon), Sooi Knops (accordeon), Willy Fransen (bas en trompet), Angelo Contartese (gitaar). De Al Houben Band fungeerde ook als vast begeleidingsorkest van Annie Heuts (Zwarte Lola), en voor Belgische artiesten als Bob Benny, Louis Neefs, Marva en Jacques Raymond.

Dada: interactive.nydailynews. com/2016/08/story-behind-great-day-in-harlem-photo/ www.michelbisceglia.org www.carlonardozza.eu www.timfinoulst.com www.alanogruarin.be www.karenverresen.be www.dominiquenelis.be www.freddybirset.be www.ka-do.be

Katia Malecki, Carlo Nardozza en Tim Finoulst treden samen op met Lisa Castelli tijdens de huiskamerconcertendag 30/30/30 in het Ziekenhuis Oost-Limburg, Schiepse Bos 6 van 13 tot 16 uur. Dit artikel heeft als doel een korte inleiding te geven op wat er aan jazz allemaal leeft in Genk en beoogt daarbij geenszins volledig te zijn. Hartelijk dank ook aan volgende mensen bij het samenstellen ervan: Albert Claesen (www. genkeration.be), Johny Broeders en Peter Vandeurzen.


Zonder titel, collage Een beeldend kunstwerk begint bij een tekening. Maar niet altijd. Tot voor de uitvinding van de fotografie kwam elk schilderij tot stand door voorafgaande tekeningen en schetsen; een voorontwerp. De waardering voor tekeningen als zelfstandige kunstwerken stamt zelfs uit veel latere periodes dan waarin deze gemaakt werden. Tekst/foto’s Erwin Oosterbosch

V

anaf de uitvinding van het fotografie, iets voor het ontstaan van het impressionisme, zullen kunstenaars veelvuldig gebruik maken van foto’s als hulpmiddel voor hun schilderijen. Bij de digitale revolutie eind 2Oe eeuw (computers, scanners, photoshop, printers, iPads, ...) is de invloed van de fotografie in de kunst alleen maar toegenomen. Maar er was nog een andere manier om tot nieuwe beelden te komen. De collage. Bestaand materiaal, gaande van drukwerk van oude of-

ficiële documenten, illustraties uit tijdschriften, behangpapierpatronen, maar ook fineerhout, textiel, papierafval tout court zou gebruikt worden voor nieuwe kunstwerken. Knippen, scheuren, ordenen en plakken. Veredeld knutselwerk? Niet echt. Grote kunstenaars zoals Picasso en Matisse, maar ook hele kunststromingen zoals dada, surrealisme en popart zouden niet bestaan zonder de collage. Dus, blijft tekenen voor jou moeilijk, wil je niet vertrekken van fotowerk, verzamel papier en allerhande

drukwerk van vroeger en nu, (er zijn rommelmarkten gespecialiseerd in oud interessant drukwerk!) en je maakt verrassend werk uit uniek materiaal. Mijn collages bestaan uit resten van oud grafisch werk (zeefdrukken, houtsnedes en etsen, maar ook landkaarten e.d.). Ik werk bewust op vierkante formaten, waardoor ik een determinerende ‘bovenkant’, ‘onderkant’ of richting vermijd. Je kunt de collages bekijken en ophangen zoals je zelf wil. Je kunt ze op hun ‘juiste’ zijde hangen, maar ook ondersteboven of zelfs op zijn punt, zoals een ruitvorm. Ze zijn onderling combineerbaar tot nieuwe ‘collages’. Met andere woorden, je bepaalt zelf het finale zicht van het werk. Erwin Oosterbosch is docent Grafiek aan de Genkse Academie voor Beeldende Kunst en Media.

62

|

63


actueel

kunstacademie | beeldende kunst vrije grafiek | open atelier dagen | molenvijvers

Nieuwe plannen in de Genkse Academie De Genkse Academie voor Beeldende Kunst & Media staat voor een erg drukke periode. Boeiende projecten in de maanden mei en juni en nieuwe studiemogelijkheden vanaf september betekenen een hele uitdaging voor ons team. Door Michel Wieczerniak – Foto’s Michel Wieczerniak

‘Drukdrukdruk’ Minder techniek, meer grafiek! ‘Drukdrukdruk’ is een overkoepelend nationaal evenement ter promotie van de vrije grafiek. Je krijgt de gelegenheid om een kijkje te nemen waar de actuele vrije grafiek nu staat. Digitale technieken en gebruiksvriendelijke methodes deden intrede in ons atelier. Nieuwsgierig? Je bent welkom op zaterdag 5 mei in ons atelier, eerste verdieping en dan direct naar links! (zie ook www.drukdrukdruk.org) Kunst in het Park Als academie zijn we dit jaar in mei betrokken bij de ‘Maand van het park’. Zowel in het Molenvijverpark als in diverse wijken zullen er leuke activiteiten plaatsvinden.

Dadamagazine

# 03 .2017

Wij zijn op dit moment bezig met een drietal ‘paviljoenen’ voor het Molenvijverpark. Onze studenten van de optie architectuurtekenen ontwierpen een achttal mooie houten constructies. We hopen er drie officieel in te huldigen op zaterdag 26 mei om 14 uur. De paviljoenen waar je in en door kan lopen, zullen drie jaar blijven staan en zullen zeker publiekstrekkers worden. Open Atelier Dagen en de Finale Enkele weken later op 15, 16 en 17 juni is het dubbel feest. De academie stelt haar deuren open voor de ‘Open Atelier Dagen’ en wordt dan omgetoverd tot een grote tentoonstellingsruimte. Open op vrijdag 15 juni van 19 tot 21 uur en op zaterdag en zondag van 14 tot 18 uur. Vrijdagavond om 19 uur wordt de ‘Finale’ feestelijk geopend. Dat is de tentoonstelling van de afstudeerprojecten van de volwassenen. De tentoonstelling vindt plaats in

het ‘Home’, het gebouw op zuilen naast de academie. De expo zal open zijn tijdens de Open Atelier Dagen én het daaropvolgende weekend van 22, 23 en 24 juni (openingsuren idem als Open Atelier Dagen). De Kunsttruck en de academie breken uit Dit jaar bestaat de Kunsttruck drie jaar. De Kunsttruck is een project dat van start ging in september 2015 in samenwerking met de bibliotheek. Enkele van onze docenten brachten kunst naar de Genkse basisscholen. Vertrekpunt voor de samenwerkende klassen was het kinderboek. Om drie jaar Kunsttruck de nodige luister mee te geven, banen we ons een weg uit de academie. Zo vinden op woensdagnamiddag 20 juni de tentoonstelling en de tekenlessen van onze kinderen plaats in de Shopping 1. Vriendjes, vriendinnetjes, ouders, broertjes, zusjes, oma’s en opa’s, ... iedereen mag meedoen. Nieuwe mogelijkheden vanaf september 2018! Vanaf 1 september starten de lessen opnieuw. Vervolgens zal een nieuw onderwijsdecreet voor de academies in voege treden, dat ons toelaat het aanbod uit te breiden. Op dit moment zijn we volop bezig met de voobereidingen hiervoor. Meer nieuws daarover volgt later en zal je kunnen lezen op onze website, facebookpagina en andere publicaties.


Ook de namen van de opleidingen veranderen, en hier en daar ook de inhoud van de lessen. Volwassenen kunnen bij ons les volgen in volgende ateliers: architecturaal ontwerp, beeldhouwen en ruimtelijke kunst, grafisch ontwerp en illustratie, keramiek, kunstambacht boekbinden, schilderkunst, tekenkunst, textiele kunst, grafiekkunst.

bieden we volgende mogelijkheden aan: audiovisueel atelier (animatie­film), architectuur atelier, beeldatelier, digitaal beeldatelier en initiatieatelier. Kinderen van 6 tot 11 jaar kunnen beeldatelier volgen. Vanaf 8 jaar kunnen ze ook kiezen voor audiovisueel atelier of animatiefilm.

Voor jongeren van 12 tot 17 jaar

Inschrijven kan vanaf de Open Atelier Dagen op 15, 16 en 17 juni in de academie of online.

Dada: www.gavoorkunst.be www.facebook.com/academie­ genkbeeldendekunstenmedia

64

|

65


actueel

autoweg | op- en afrit zwerfvuil | sluikstorten

Onze Genkse afritten worden gerecreëerd tot vuilnisbelt Zwerfvuil staat hoog op de lijst van hoogste ergernissen bij de inwoners. Dit probleem verdient daarom extra aandacht. In de wegbermen naast de drie Genkse op- en afritten 30, 31 en 32 aan de E314 wordt steeds meer afval achtergelaten.

Welkom in de gemeente Genk

Door Tim Lenaerts, Joël Neelen – Foto’s Joël Neelen

W

aarschijnlijk heeft elke gemeente die grenst aan een autostrade te kampen met toenemend zwerfvuil, maar ik kan me niet van de indruk ontdoen dat het fenomeen steeds grotere proporties aanneemt. Elk jaar meer belandt er steeds meer zwerfvuil langs gewest- en snelwegen in Vlaanderen. Sluikstorten lijkt wel een nieuwe nationale sport. Laten we allemaal samen een halt toeroepen aan dit natuur- en milieuvervuilend fenomeen.

De moeilijkste stap in de strijd tegen zwerfvuil is die van bewustwording naar aanpassing van het gedrag

Dadamagazine

# 04 .2018

Zwerfvuil Zwerfvuil is klein afval dat buitenshuis wordt achtergelaten op een plaats waar dat niet hoort. Dat kan bewust of onbewust zijn. Voorbeelden genoeg: sigarettenpeuken, kauwgom, etensresten, verpakkingen, tickets, blikjes, flesjes, paraplu’s, zakdoekjes, … Een klein zakje met picknickafval of de as uit een autoasbak is ook afval dat buitenshuis ontstaat. Burgers mogen dat soort afval, afkomstig van producten die ze onderweg geconsumeerd hebben, meteen na gebruik in een straatvuilnisbak deponeren, zonder dat ze daarvoor beboet kunnen worden. Zo wordt zwerfvuil voorkomen. Maak van je auto een stort De OVAM, de Openbare Afvalmaat­ schappij, startte reeds een grote affichecampagne langs de weg. ‘Neem de volgende afrit richting vuilbak’, staat erop, of ‘Maak van je auto een stort’. De bedoeling is om mensen te stimuleren om hun afval niet te dumpen langs de snelwegen en de gewestwegen. Het gaat vooral om blikjes, flesjes,

koffiebekertjes en snoeppapiertjes, maar soms ook hele zakken huisafval. Toch gooit bijna 1 op de 4 mensen zelf ook wel eens wat op straat. De omgeving is van invloed op hoe mensen zich gedragen: vuil trekt vuil aan. Op plekken met veel zwerfvuil gooien mensen dus makkelijker rommel op straat of in de natuur. Andersom geldt dat mensen zich in een schone omgeving ook schoner gedragen. Helaas zijn er die het niet zo nauw nemen In Vlaanderen gaat het over duizen­ den tonnen afval per jaar. De hoeveelheid zwerfvuil nam bovendien toe met 40% ten opzichte van 2013. Afval in de openbare ruimte veroorzaakt niet alleen voor veel ergernis. Het is ook heel duur. Het stadsbestuur doet grote inspanningen om Genk netjes te


stand te houden. Wie het rommel of afval illegaal dumpt langs wegen, in bossen of natuurgebieden is bijvoorbeeld strafbaar. Dit geldt ook wanneer een private tuin of het eigen terrein worden omgetoverd tot een stortplaats van afval, auto­banden en zo meer. Het is ook niet toegelaten rommel te storten wanneer één van onze vuilnisbakken al overvol is. Maar het is sowieso ongehoord om je afval achter te laten wanneer er niet onmiddellijk een vuilbak in de buurt is. Wie zich de moeite doet om bijvoorbeeld een drankje te gaan kopen, dient zich er toch ook van bewust te zijn dat je dat ook ergens netjes terug deponeert. houden. Dit zowel door regelmatig ploegen uit te sturen, maar ook door op veel plaatsen publieke vuilnisbakken te voorzien. Tevens zijn er in Genk 130 vrijwilligers aanwezig die meehelpen bij het opruimen van zwerfvuil. Zij houden hun straat, of nabijgelegen bosje, of een nog groter gebied zwerfvuilvrij. Zij worden op diverse manieren in de bloemetjes gezet (bedankmoment, subsidie, …). Genk wordt dan ook als een propere stad ervaren. Er zijn ook een aantal regels die ons helpen dit in

In 2016 hebben de werknemers van stad Genk 557,486 ton zwerfvuil opgeruimd, wat neerkomt op 8,52 kg zwerfvuil per Genkenaar. Stad Genk heeft reeds een tiental jaren een belastingsreglement waarbij belastingen worden geïnd voor het opruimen van sluikstortingen (indien de dader gekend is). Hier komen ze aan 130 belastingen voor 2017. Daarnaast werkt de stad met mobiele camera’s om sluikstorters te betrappen. Op vier jaar tijd (2014-2017) hebben ze exact 300 vaststellingen gedaan met GAS-boetes tot gevolg.

Statiegeld Statiegeld op plastic flessen en blikjes zou het zwerfvuil met zo’n 40% afnemen. “De cijfers tonen aan dat statiegeld wel degelijk een oplossing kan zijn”, vertelde Rob Buurman van Recycling Netwerk aan Apache. “De kosten van zwerfvuil liggen nog hoger dan gedacht, dus het invoeren van een systeem van statiegeld wordt nog interessanter.” Gemeentes die nu opdraaien voor het zwerfvuil kunnen tientallen miljoenen euro’s besparen door één simpele maatregel: statiegeld. Een op de drie Europeanen kent al statiegeld op plastic flessen en ook in Vlaanderen is er brede steun onder de bevolking. Volgens Het Belang van Limburg is 8 op 10 voorstander van statiegeld op flessen en blikjes en volgens Test-Aankoop is dat 2 op 3. Van alle drie de regeringspartijen steunt de achterban in meerderheid statiegeld. Dat is ook het mooie: zwerfvuil kent geen politieke kleur, het stoort iedereen. Onze straten en bermen zouden er properder bijliggen en Vlaamse bedrijfjes in de circulaire economie zouden een boost krijgen door de recyclage die op gang komt door statiegeld. Mooimakers Stad Genk is lid van Mooimakers. be en werken regelmatig met hun samen (bijvoorbeeld Handhavingsweek, Straat.net, ….). Ook bestellen zij diverse materialen via hun: lint, infoborden, beeldmateriaal, …. Op de website Mooimakers.be vind je onder meer campagneinformatie, promotiemateriaal en lespakketten. Een groot deel van het zwerfafval is het gevolg van onbewust gedrag en slordigheid. Gooi afval altijd in een openbare vuilnisbak of neem het mee naar huis.

66

|

67


actueel

tentoonstelling | bibliotheek illustratie | kinderboeken

“Ik wil de “Ik verbeelding stimuleren” Illustrator en auteur Leo Timmers keert met interactieve expo terug naar zijn roots We ontmoeten Leo Timmers in zijn tekenkamer, één hoog in Jette. Het licht valt ruim binnen. Hij is net begonnen aan een nieuw kinderprentenboek. De kamer straalt rust uit. Veel wit, een ellelange kinderboekenbibliotheekkast en een loungezetel. O p de speelse kat na, is het behoorlijk stil ten huize Timmers. Of toch niet, een van zijn dochters speelt zachtjes op de piano beneden in het salon. Vandaag herken je Timmers’ stijl uit de duizend. De Genkse stadsbibliotheek viert dit jaar de tiende verjaardag van het indrukwekkende bib-gebouw op het Stadsplein. Daar hoort uiteraard een heel feestprogramma bij. Een van de hoogtepunten is de prestigieuze tentoonstelling over de wondere wereld van Leo Timmers. Door Jan Colla, Dada Magazine – Foto’s Els Gielen

H

outhalenaar Leo Timmers (48, geboren in Genk) tekent en schrijft al op zijn achtste een eerste stripverhaal. In 1993 debuteert hij als illustrator met Ted en Netje van Agnes Verboven. Al snel gaat hij ook zijn eigen prentenboeken schrijven. Bekende

Dadamagazine

# 04 .2018

titels zijn onder andere Wie rijdt?, Garage Gust, Franky, Meneer René, Diepzeedokter Diederik, Kraai, en Boem!. “Ik wil pure prentenboeken maken”, zegt Leo zelf. “Visueel vertellen door middel van uitgepuurde beelden. Ik hou ervan sterke eenvoudige verhalen te maken. Met enkele woorden en eenvoudige beelden tracht ik een wereld op te roepen.” Behalve met boeken maken is Leo de laatste jaren ook met animatie bezig. Zo bedacht hij de tv-reeks Ziggy en de Zootram (Ketnet) en staat er een tv-bewerking van Diepzeedokter Diederik op stapel. Leo Timmers is meermaals bekroond voor zijn werk, en zijn boeken zijn wereldwijd vertaald en uitgegeven. Hij hanteert een heel persoonlijke stijl, zowel in zijn humor, vorm als kleurgebruik. Leo Timmers slaagt erin met beelden


In maar liefst 25 talen zijn zijn boeken vertaald. En zelfs de prestigieuze New York Times schrijft lovend over zijn werk een eigen wonderlijke wereld te creëren voor kinderen, en dat is ook wat er in de Bib gebeurt. Je bent geboren in Genk, opgegroeid in Houthalen, maar woont al jaren in Jette, vlakbij Brussel. Is de expo een beetje thuiskomen? “Toch wel. Genk is voor mij een bijzondere plek. Als tiener was ik al gepassioneerd bezig met tekenen. Wat weinig mensen weten, is dat ik mijn eerste werkjes verkocht op de zondagsmarkt. Ik herinner me nog precies het plekje waar ik stond, elke zondag. (lacht) Met een beetje verbeelding zou je kunnen zeggen

dat mijn carrière daar begonnen is. De Genkse bib is vandaag trouwens een prachtig gebouw. Ik ben heel blij dat mijn expo hier te zien is, vlakbij de plek waar ik ben groot geworden.” Even terug naar Houthalen. Je vader, beeldhouwer Staf Timmers, heeft daar een bekende ‘beeldentuin’. Het klinkt bijna als een metafoor, opgroeien in een beeldentuin. Ligt daar de kiem van je artistieke loopbaan? “Heel zeker. Het was een fantastische omgeving voor mij om op te groeien. Ik wilde altijd bezig zijn, en in ik bracht uren door in de garage van mijn vader. Overal vond ik wel voorwerpen om mee bezig te zijn, en later lag er overal inspiratie om te tekenen. En dan is het wel fijn om een vader te hebben aan wie je kan vragen hoe je het best pakweg een hand tekent, iemand die je spelenderwijs het vak leert.” Dat je als kind strips las in plaats van boeken, kwam – zo leert Google – door je dyslexie. Klopt

het dat je die leeshindernis hebt omgebogen tot een troef? “Eigenlijk wel, ja. Ik was absoluut geen goeie leerling, mijn schoolresultaten waren verre van geweldig. Tegenwoordig wordt dyslexie snel herkend, maar dat was in mijn schooltijd nog niet zo. Voor mij, als kind en als tiener, was het daarom zo belangrijk dat ik iets vond waarin ik wél heel goed was. Het is superbelangrijk dat mensen de kans krijgen om hun talent te ontdekken, en positief gesimuleerd worden om daar hun weg in te zoeken. Voor mij was dat tekenen een uitlaatklep, en ik heb het geluk gehad dat ik daar later mijn job van heb kunnen maken.” Hoe ga je als tekenaar tewerk? Wat kenmerkt de stijl van Leo Timmers? “Ik werk nog altijd heel ambachtelijk. Uren, dagen en nachten spendeer ik thuis in mijn atelier. Voordat een tekening in een boek terechtkomt, gaan daar honderden schetsen aan vooraf, in mijn hoofd

68

|

69


actueel

tentoonstelling | bibliotheek illustratie | kinderboeken

en op papier. Zo ontstaan uitgepuurde vormen en verhalen waarbij alle overbodigheden worden weggelaten. De illustraties worden allemaal met de hand geschilderd met penseel en verf. Daar komt geen computer aan te pas.” Zijn je personages allemaal een stukje van jezelf? Op wie lijk je het meest? “Da’s een goeie vraag. Ik denk dat in alle personages stukjes van mezelf zitten. Mijn personages zijn vaak ‘loners’ die niet zo makkelijk aansluiting vinden bij anderen. Ik zie dat in Kraai, Boem, Franky en Meneer René terugkomen. Vaak zijn het ook personages die in hun eigen wereld leven, waarin dingen gemaakt en uitgevonden worden, waar creativiteit en verbeelding belangrijk zijn. Maar als ik echt één personage moet kiezen dat het nauwst bij mij aansluit, dan zal dat Meneer René zijn. Hij is ook zo’n een eenzaat, een schilder die in zijn eigen wereld zit, maar op het einde toch herkend en erkend wordt. Nog zo’n thema dat vaak terugkomt ...” De expo in de Bib, ‘De wereld van Leo Timmers’, is een heel concrete vertaling geworden. Hoe moest die er voor jouw uitzien? “De Bib vroeg uitdrukkelijk om er een interactieve expo van te maken. We wilden kinderen zo veel mogelijk meetrekken in de wereld die in mijn boeken wordt opgeroepen. Het was al snel duidelijk dat we echt konden bouwen, en zo ontstond het idee voor de tram. Omdat in de Jeugdboekenmaand het thema techniek centraal staat, zijn we uitgegaan van de boeken die daar het meest bij aansluiten. Naast Ziggy en de zootram zijn dat vooral Garage Gust, Diepzeedokter Diederik, en Franky. Die concrete wereld combineren we met originele tekeningen – dat is

Dadamagazine

# 04 .2018

dan het ‘serieuzere’ overzichtsgedeelte met werk uit magazines als Humo, posters en mijn overige prentenboeken.” Hoe gek is het voor een illustrator om zijn eigen getekende fantasiewereld plots heel concreet uitvergroot te zien? “Eigenlijk was dat maar een kleine stap. Die ontwerpen zaten sowieso

in mijn hoofd, dat ruimtelijke aspect zit al in mijn tekeningen. Bij het schetsen van Garage Gust maakte ik honderden ontwerpen voordat ik de juiste garage gevonden had. Vierkante ramen, rood-witte kleuren, … Je zoekt naar de typiche kenmerken van een garage, die dan gestileerd worden. Die vorm hebben we vertaald naar een ruimtelijke installatie, net als de zootram. Het valt me trouwens


Bij het schetsen van Garage Gust maakte ik honderden ontwerpen voordat ik de juiste garage gevonden had op dat veel van mijn boeken ook lezers inspireren om aan de slag te gaan. Ik kreeg in de loop der jaren bijvoorbeeld al heel wat foto’s van robots toegestuurd die lezers maken op basis van het boek Franky.” Hoe opgetogen ben je met het resultaat? “Ik kon niet méér tevreden zijn, de expo overtreft mijn eigen verwachtingen. De hele expo voelt als een geheel. Er zit een eenheid in. Onwillekeurig ga je toch terugkijken naar de afgelopen 25 jaar, en nu zie ik dat daar een mooie lijn door loopt. Het voelt bijna als het afsluiten van een hoofdstuk.”

Heb je zelf een favoriet plekje? “Dat is een moeilijke vraag, een beetje zoals vragen wat mijn favoriete boek is. Als ik echt moet kiezen, dan zeg ik: de garage van Gust. Die is zo authentiek geworden, met echte voorwerpen die wonderwel passen in de sfeer van het boek, zoals de brommer of de kleine olieblikjes. Samen met het boekenbad en de koelkast die daar perfect bij passen, roept de garage echt mijn wereld op.” Welke ervaring hoop je dat bezoekers van je tentoonstelling beleven?

“Ik hoop dat ze net als mijn boek de verbeelding stimuleert. Op de expo staat de wereld uit mijn boeken er plots echt. Je kan erin rondlopen, en zo wordt de kracht van de boeken versterkt. Laat mensen maar verbaasd zijn, laat ze maar lachen met de humor, luisteren naar de verhalen, kijken naar de tekeningen. Ik vind het belangrijk om origineel werk te tonen, zodat mensen zien dat de illustratiekunst ook een volwaardige kunstvorm is. Het is in ieder geval een expo die alle zintuigen prikkelt!”

Dada: www.leotimmers.com

70

|

71


MUZIEK

genk | cultureel erfgoed website | historiek

Genkeration.be Een bende gedreven vrijwilligers met een gezamenlijke passie voor muziek, verenigd onder de naam vzw De Draaischijf, is van mening dat de rijke muzikale geschiedenis van Genk kan beschouwd worden als cultureel erfgoed. Muziek is ook altijd een sterk sociaal bindmiddel geweest in onze mijngemeente. De samenwerking tussen muzikanten, muziekcafés en festival­organisatoren werkt daarenboven stimulerend voor nieuw talent. De Draaischijf bouwde haar facebookpagina uit tot een encyclopedische website. De site biedt je een historisch overzicht van het merendeel van de bands en artiesten met Genkse roots. is juist dat ‘iedereen’ die muzikaal actief geweest is, en/of dat nog steeds actief is in Genk, een plaatsje verdient op Genkeration.

Tekst Marc Vos – Foto’s Genkeration

Niet enkel de bekende namen komen hier aan bod. Genkeration is met andere woorden een waarde­ volle muzikale databank die zowel voor muziekliefhebbers en muzikanten, als voor concertorganisatoren een schat aan informatie bevat. En uiteraard ook voor mensen met interesse in de muziekgeschiedenis van Genk. Je kan via een tijdslijn muziek zoeken uit een specifiek decennium of zoeken op een bepaald genre zoals bijvoorbeeld beat, dansorkest, jazz, koor, punk, metal of amusementsorkest. Je vindt er zelfs naar concertloca­ ties en wie er allemaal heeft opgetreden.

G

enkeration is een Genkse muziekwebsite gemaakt voor iedereen met een interesse in de zeer uitgebreide en rijke Genkse muziekscène van vroeger én nu.

Dadamagazine

# 04 .2018

Nogal wat grote namen zijn van Genk afkomstig en hebben hier hun muzikale carrière opgebouwd. Denken we maar aan Clown, Climax (zie foto), Rocco Granata, Freddy Bierset, Michel Bisceglia, Carlo Nardozza, Tim Finoulst, Siglo XX, Lions Pride enz. Daarenboven hebben nogal wat Genkse muzikanten ooit een grote rol gespeeld – en/of doen dat nog steeds – bij bekende (Belgische) artiesten, soms achter de schermen, soms in de spotlights. Maar het bijzondere

Wat ook leuk is, is dat de foto’s een goed beeld schetsen van het uitgaansleven in Genk doorheen de jaren. Hoe de bal aan het rollen ging Albert Claessen, mede-uitbater van muziekcafé George and The Bear, is de bezieler van het project. Via de Facebook-pagina Muzikant Rijk Genk lanceerde hij een aantal jaar geleden een oproep om informatie en fotomateriaal te verzamelen over alle mogelijke Genkse bands en muzikanten, al dan niet met


bijbehorende verhalen. De respons was enorm en velen vonden het leuk om al die oude foto’s terug te zien en herinneringen op te halen. Zo ontstond al snel het idee om met al deze informatie een website te bouwen om de boeiende muziekgeschiedenis van de stad in kaart te brengen. “We lanceerden een oproep en de reacties waren enorm. Al gauw bleek dat – bij wijze van spreken – nergens zoveel bands per vierkante meter bestaan dan in de regio Genk,” vertelt Claessen. Bedoeling was om deze website zodanig samen te stellen dat ze een duidelijk overzicht geeft over het rijke muzikale leven van de afgelopen decennia in Genk. Webmaster Filip Thillmann heeft hiervoor prachtig werk geleverd. In eerste instantie werd inhoudelijk gefocust op de jaren zestig tot en met eind jaren negentig van vorige eeuw. Uiteraard is een dergelijk overzicht nooit helemaal compleet. Maar door het online plaatsen van de website in juni 2017 werd er alvast een grote stap gezet, dit is een stimulans om vooralsnog ontbrekend materiaal toe te voegen. Hulp en bijdragen “Een aantal mensen hebben een grote bijdrage geleverd met het aanbrengen van informatie,” aldus Albert Claesen. “Denken we maar aan mensen als Paul Hendrikx, Jo Vandebroek, Clarence Akkermans, Patrick Broekmans, Pino Guarraci, Lou Muzillo, Freddy Birset en Marc Vandebosch. Allemaal mensen die het reilen en zeilen in

de Genkse muziekwereld van zeer dichtbij hebben meegemaakt, als muzikant, muziekliefhebber of organisator. En dan zijn er nog al degenen die met plezier hun fotoalbums voor langere tijd hebben uitgeleend. Bovendien heeft de stad Genk eveneens een aardig steentje bijgedragen om de vzw De Draaischijf te voorzien van de broodnodige ondersteuning bij het maken van de website.”

De toekomst In de toekomst zal vzw De Draaischijf de website op regelmatige basis onderhouden en aanvullen. Een werk van liefde voor muziek dat nooit helemaal af zal zijn.

Dada: www.genkeration.be

Joe Berluck Genkenaar Josef Stultjens, beter bekend onder het pseudoniem Joe Berluck, begon zijn muziekcarrière als presentator bij Radio Luxemburg. Hij baatte ook de Texasbar in Water­schei uit, die in de jaren zeventig afbrandde. In die taverne, (gelegen tegenover het huidig voetbalstadion) plaatste Stultjens in 1962 de eerste Belgische discobar. Peter Koelewijn, die toen ook diskjockey was bij Radio

Luxemburg, bevestigt dat hij bij zijn collega Berluck de inspiratie vond voor de Radio Luxemburg Record Beatshow die in onze contreien zowat de eerste moet zijn geweest om de baan op te gaan. Zelfs de ‘gogo girls’ die hen vergezelden, waren afgekeken van de meisjes die in de Texas Bar katoen gaven. In 2010 bracht Joe Berluck samen met Mauro Pawlowski een dj-set op Dranouter. Daarnaast brachten ze een single uit: Try A Little Love.

72

|

73


Leesvoer

boek | illustratie verjaardag | avontuur

Verras je kind met The Birthday Thief In The Birthday Thief (De Verjaardagsdief), van uitgeverij Wonderbly, gaat jouw kind op avontuur om zijn of haar gestolen verjaardag terug te vinden. Heldere en vrolijke illustraties spreken de kinderen aan en leiden hen op een verbazingwekkend avontuur in een persoonlijk verjaardagsverhaal. Door Joël Neelen

V

erjaardagen zijn vaak heel belangrijk. Kinderen vinden het heerlijk om deze ​​dag te vieren. Ze voelen zich speciaal en staan in het middelpunt van de belangstelling (tenminste iets meer dan op andere dagen). Het zou dus een ramp zijn als hun verjaardag niet zou plaatsvinden ... Of plots verdwijnen ... zoals in The Birthday Thief, een leuk gepersonaliseerd boek in navolging van Wat Een Pech, Mijn Naam Is Weg. In het verhaal staat het hoofdpersonage – jouw kind – klaar om zijn (of haar) feest te vieren. Terwijl het

op zijn vrienden wacht, verdwijnt plots alles! Een spoor van inpakpapier leidt jouw kind naar de klok, waar de jarige een prachtige, nieuwe wereld ontdekt! Hier ontmoeten ze de 31 Moon Makers, die hen verderhelpen door het spoor van het cadeaupapier aan te wijzen ... naar het Royal Park, waar de verjaardagsmaand van het kind naar een volgende aanwijzing helpt. Ten slotte brandt een tovenaar verjaardagskaarsen voor het geboortejaar van jouw kind die de weg naar de verjaardagsdief verlichten. Onderweg vertellen diverse perso-

nages dat verjaardagen belangrijk zijn, maar dat ook de andere dagen voornaam zijn. Ze zijn wat ons ouder maakt ... maar dat weet je allemaal, is het niet? Zoals bij alle andere Wonderblyboeken, beleef je plezier aan het personaliseren van dit boek voor je kinderen. Je kan hun avatars aanpassen zodat ze er allemaal een beetje anders uitzien in hun boek. Omdat hun verjaardagen op verschillende dagen, in verschillende maanden vallen, ontmoeten ze elk verschillende karakters in hun boeken. Sommigen kinderen worden geholpen door Professor May, andere krijgen aanwijzingen van Prince November. Dit boek is een geweldig verjaardagsgeschenk voor elk kind van 3 tot 10 jaar. Ze vieren ook de dagen tussen hun verjaardagen en worden er gedurende het verhaal aan herinnerd dat alle dagen van ons leven belangrijk zijn. Het is gemakkelijk om je te concentreren op gedenkwaardige dagen, zoals verjaardagen of kerst- en zomervakanties, en om ongeduldig te zijn op de dagelijkse, normale dagen. Maar die dagen hebben ook hun eigen speciale herinneringen ... zo leren de kinderen in The Birthday Thief. Dit gepersonaliseerd boekje kan je aanmaken en bestellen op de website van Wonderbly.

Dada: www.wonderbly.com

Dadamagazine

# 04 .2018


Leesvoer

boek | illustratie bijbel | testament

Een bijbel Een bijbel is een schatkist om op tijd en stond eens open te slaan. Zoals het lidwoord in de titel meteen duidelijk maakt: dit is niet dé bijbel. Al evenmin een kinderbijbel – mocht je dat denken wanneer je naar de illustraties kijkt. Dit is een interpretatie van het Franse duo Lechermeier-Dautremer. Door Barbara Rottiers

E

en religieuze boodschap hebben ze niet, wel een voorliefde voor de eeuwenoude teksten die de basis vormen van onze cultuur. Zowel in tekst als beeld is gefocust op het menselijke aspect. Alle personages zijn mensen van vlees en bloed. Ze hebben last van de hitte in de woestijn. Ze zijn bang voor Herodes. En als Jezus over het water loopt, brengt dat een fysieke jubelsensatie met zich mee die we wellicht allemaal zouden voelen als het ons op een dag zou lukken – prachtig verbeeld door Dautremer. En als Jezus, net nadat Maria haar eerste grijze haar heeft ontdekt, de deur uitgaat om aan zijn publieke leven te beginnen, scheurt Maria’s hart, net zoals ieder moederhart dat op dat moment zou doen. Waar het Nieuwe Testament wat tekst betreft een mooi coherent geheel vormt, heeft schrijver Philippe Lechermeier er in het Oude Testa-

ment voor gekozen om de veelheid van herkomsten van de verhalen (van hellenistische tot Egyptische, Babylonische en Mesopotamische invloeden) weer te geven door verschillende vertelvormen te hanteren. Het verhaal van Mozes in zijn mandje wordt dan weer verteld vanuit het standpunt van een vlieg. De vlieg die de baby Mozes irriteert met zijn gezoem om hem aan het huilen te maken zodat hij wordt opgemerkt door de badende dochter van de farao. Hier en daar neemt Lechermeier afstand van het originele verhaal en geeft hij zijn eigen invulling. Zo is het niet de engel Gabriël die Maria komt melden dat ze moeder zal worden van de zoon van God maar de vogelman. De vogelman gaat het goeie nieuws ook zelf melden bij de drie koningen die ieder vanuit een ander werelddeel tot Betlehem

zullen reizen. Maar ondanks die persoonlijke touch: een parodie wordt het nergens. Cultureel gemeengoed als de bijbel heruitgeven is natuurlijk geen sine­cure. Zoals illustratrice Rébecca Dautremer het zelf zegt: “Het eigen­aardige van de Bijbel is dat je je verplicht voelt je keuzes, je positie en, uiteindelijk, je geloof te rechtvaardigen. Maar dat mag niet het onderwerp zijn. Dus, ja, aanvankelijk was ik geïntimideerd. De blik van anderen kan zeer verlammend zijn. Je hebt de neiging je in te houden, te geloven dat je niets nieuws brengt. In het begin heb ik mezelf verplicht om zeker en vast geen scènes te illustreren die bij deze of gene al bestaan. En daarna, beetje bij beetje, stond ik mezelf toe om te denken 'En waarom niet?’” En zo krijgen we haar eigen interpretatie van de kruisiging: herkenbaar, maar toch ook origineel door de keuze voor het detail van de vlieg op een nagel. In deze bijbel laat Dautremer het sprookjesachtige en kleurrijke uit haar eerdere werk steeds vaker achterwege om alleen nog maar met zwart en grijstinten over te blijven. Dautremer kiest voor gedurfde beelden die je regelrecht naar de strot grijpen, zoals het ingetogen portret van de melaatse. Ze ontroert. Ze is grimmig. Ze laat je glimlachen. De variatie in beeld is minstens zo groot als de invalshoeken die Lechermeier kiest om de verhalen met tekst te vertellen. En toch klopt alles als geheel. Door het lezen ervan zal je niet over water lopen en water zal evenmin in wijn veranderen. Maar je mond zal regelmatig openvallen van verbazing om zoveel schoonheid, dat wel.

Dada: www.rebeccadautremer.com

74

|

75


piekuup

muziek | platenspeler vinyl | elpee | belpop

Belgian Grooves From The 70's De dubbel-lp Funky Chicken brengt een reeks van de beste Belgische groovy dansnummers, uit de vroege jaren zeventig, aan het licht. Ontpopt in een land waar vrijwel elke muzikale golf doorheen raast, werden de meeste van deze jazzy melodieën gemaakt én opgenomen door een paar begaafde Belgische sessiemuzikanten en componisten.

tijd dreigden te verdwijnen en soms op smaak worden gebracht met jazzinvloeden. Eigenlijk is deze verzamelaar de ontbrekende link tussen de variété-orkesten uit de fifties en sixties en de elektronicapioniers van de eighties. Toch zijn de meeste nummers nooit hits geweest.

S

ommige van hun releases waren échte hitparadekanonnen, maar af en toe, leidde wat vrije studiotijd of de dringende behoefte aan een B-kant tot memorabele muzikale experimenten. Funky Chicken is een post-fact documentatie, het resultaat van een zoektocht naar een periode waar maar weinig informatie over bestaat; het ‘zwarte gat’ in de Belgische geschiedenis van populaire muziek of de dorre woestenij tussen de verschillende orkesten van de jaren zestig en de elektronische revolutie van de late jaren zeventig en vroege jaren tachtig. Funky Chicken is een verrassend geslaagde selectie met flarden (Afro)funk, soul, latin en disco, die definitief tussen de plooien van de

Dadamagazine

# 04 .2018

Dat nogal wat smeltkroesmuziek uit Funky Chicken zo onopgemerkt bleef, is zeker te wijten aan het feit dat de hier verzamelde combo’s zo goed als uitsluitend uit studiomuzikanten bestonden en daardoor een gezichtsloze indruk maakten. Het gros van de tracks is te danken aan de muzikale dynastieën, in het leven geroepen door Belgische entrepreneurs zoals de broers Jean & Roland Kluger (die zich behalve met Will Tura ook bezighielden met The Cousins, Two Man Sound en Plastic Bertrand) en Marcel De Keukeleire (verantwoordelijk voor De vogeltjedans en het succes van Patrick Hernandez). Het waren onafhankelijke maar gladde zakenlui met een neus voor commercie. Van alles wat in het buitenland succes had, wilden ook zij een plaatselijk equivalent. Maar doordat ze gebruikmaakten van getalenteerde studioratten, ont-

stonden er soms best experimentele nummers, die dan terechtkwamen op B-kantjes of als vullers op de lp’s die slechts in kleine oplagen werden verspreid en intussen al lang collectors’ items zijn geworden. Tot de bekendere namen op Funky Chicken behoort de kleurrijke latin soul- en mamboband Chakachas, die in 1971 een Amerikaanse toptienhit scoorde met Jungle Fever. Diezelfde muzikanten bleken overigens ook schuil te gaan achter El Chicles en Super Funk Special. Hammondorganist André Brasseur manifesteerde zich in de late jaren zestig al als een discopionier, terwijl Marc Moulin zich met Placebo aan een jazzrockfusion begaf. Orkestleider en bassist Nico Gomez was gespecialiseerd in naar Cuba lonkende swing met veel Afrikaanse percussie. Opvallend detail: op zijn track Ritual is zijn zoon te horen, die later naam zal maken als Raymond van het Groenewoud. En achter het pseudoniem Leo Cavallo verschuilt zich zowaar Leo Caerts, die 40 miljoen plaatjes verkocht van het door hem bedachte Eviva España en later de eerste lp van The Kids zou producen. De meeste van de tracks op Funky Chicken mogen dan al bijna vijftig jaar oud zijn, ook vandaag kun je er tijdens huisfeestjes je genodigden nog altijd mee in beweging krijgen. Tijdloos spul dus. En funky as hell. Stefaan Vandenberghe, vooral bekend als baas van N.E.W.S. Records of als de man achter het masker van Dr. Lektroluv, bracht deze 29 onbekende vondsten van eigen bodem samen. De deluxe-editie komt met een fraai boekje met nota’s door journalist en Belpopspecialist Jan Delvaux.

Dada: sdbanrecords.bigcartel.com dikkedelvaux.radio1.be


Belgische spruiten Get Sprouts is een compilatiealbum met muziek van Belgische bands dat in 1980 werd samengesteld door Marcel Vanthilt en Gust De Coster, toen beiden actief in de wereld van de vrije radio. Zij stelden een compilatie samen met werk van vijftien jonge Belgische punk-, postpunk- en new­ wavegroepen. De plaat was een geschenk voor jongeren die een spaarrekening openden bij de bank ASLK.

Rallye, waren in de studio gesignaleerd met hun eerste single: Nummer Een. Doe de Kreun is dus ook een van hun allereerste opnames. Belpop

T

oen ASLK nog niet volledig in handen was van de Fortis-groep en alles nog meezat in het bankwezen, werd Marcel Vanthilt gevraagd om voor de jonge spaarders een langspeler te compileren met rock van onze eigen, Belgische bodem. Vanthilt was nog piepjong, maar kende een aantal bands aangezien hij een radioprogramma had op een Brusselse vrije zender. Hij was ook lichtman bij het gloednieuwe T.C. Matic. De groep rond Arno Hintjens had pas vijf nummers opgenomen in Londen en vier daarvan uitgebracht op een allereerste epeetje. Bazooka Joe was het vijfde nummer ... en belandde zo op Get Sprouts. Ook De Kreuners, een product van de allereerste Humo’s Rock Rally in 1978 – toen nog

Het zeer goed onthaalde album werd snel een groot succes en betekende voor heel wat bands de doorbraak bij het grote publiek. Drie nummers op de elpee waren in 1979 al op plaat verschenen, de rest was nieuw werk. Naast De Kreuners en T.C. Matic zouden groepen als The Kids, Telex (Marc Moulin), The Machines en Jo Lemaire + Flouze de daarop­ volgende jaren nog vele hits scoren. Samen met Humo’s Rock Rally wordt deze elpee dan ook weleens gezien als het begin van de Belpop, een term die overigens door samensteller Gust De Coster gelanceerd werd. Tegenwoordig geldt het als een verzamelobject.

nummers van grote Belpop-namen in spe stonden allemaal zij aan zij op deze legendarische verzamelaar. Een betere Belpop-belegging had ASLK zich niet kunnen dromen. Storingen Mijn favoriete nummer op Get Sprouts is Storingen van Specimen & The Rizikoos, een kortlevende muziekband samengesteld door Walter Verdin in 1979. Het nummer werd geschreven door Verdin en Josse De Pauw. Jean-Marie Aerts was een van de muzikanten. Walter Verdin (ook Pas de Deux), en Luckas Vander Taelen (Lavvi Ebbel), waren generatie- en studiegenoten in de kustacademie. Beide heren hebben na hun muzikale carrière nog furore gemaakt in de filmwereld. Verdin in de video- en reclamekunst en Vander Taelen in het draaien van reportages voor televisie. Maar niet alle bands kenden een succesverhaal na Get Sprouts. Toy scoorde na dit album nog één hit, Suspicion, maar bleef relatief onbekend. Van Klang bestaan twee langspeelplaten, maar ook zij slaagden er niet in breed door te breken. Ook Ivy & the Teachers en The Plant (eigenlijk een deel van de punkgroep De Kommeniste) hielden op met bestaan na één elpee. Witloof vs. Wit-Lof

Get Sprouts zorgde mee voor de doorbraak van de Belpop, een beweging waartoe ook groepen als Scooter, Machiavel, The Bet en 2 Belgen gerekend worden. De verzamelplaat kwam in veel Vlaamse huiskamers terecht, wat de populariteit van de deelnemende groepen ten goede kwam. Exclusieve

Na de spruiten volgden in 1990 nog een reeks verzamel-cd’s met Belgische muziek onder de naam Wit-Lof From Belgium.

Dada: dikkedelvaux.radio1.be

76

|

77


profiel

onderwijs | ontwikkelingssamenwerking boxberg | peru | cusco

Zuidwaarts van Boxberg naar Cusco

Peru is een land van grote verschillen. De totale economie is groeiende, maar de armoede en ongelijkheid nemen toe. Kleuters, kinderen en jongeren uit kansarme gezinnen en etnische minderheden worden uit het oog verloren. Vaak hebben ze geen toegang tot degelijk onderwijs. Hier wil Añañau wat aan doen, zodat ook zij dezelfde kansen krijgen als anderen. Añañau is één van de projecten van het 4de pijler steunpunt van de Vlaamse ontwikkelingssamenwerking. Op zaterdag 24 februari vond in het Vlaams Parlement voor de vijfde keer een inspirerende dag vol ontmoetingen en uitwisselingen plaats, waar je als vrijwilliger met een hart voor het Zuiden centraal staat. Door Dada Magazine – Foto’s Añañau

D

e van Boxbergheide afkomstige Ellen Bosch behaalde in 2003 haar diploma van bachelor in het secundair onderwijs; Frans en Plastische Opvoeding aan het departement Education van Hogeschool PXL. De Genkse verhuisde in 2010 naar Cusco, Peru waar ze werkt in de ontwikkelingshulp.

Dadamagazine

# 04 .2018

Eind december 2014 richtte ze samen met een Peruaanse collega een nieuw onderwijsproject op in de wijk San Jeronimo, een traditionele en arme buitenwijk van Cusco. De nieuwe organisatie heet Asociación ONG Añañau. Met het onderwijsproject nam Ellen Bosch deel aan een wedstrijd van de Vlaamse regering. De wedstrijd focuste op de 4de Pijler. Dit is een verzamelnaam voor alle burgerprojecten voor ontwikkelingssamen­ werking die vanuit Vlaanderen wereld­wijd ondernomen worden. De deelnemers moesten hun project

in een filmpje van honderd seconden voorstellen. Uit 48 inzendingen nomineerde een jury tien films waaronder dat van Asociación ONG Añañau. Het is een non-profit en niet-gouvernamentele organisatie. Ellen werkt met kinderen en jongeren tussen 4 en 18 jaar oud die in situaties van extreme armoede en onstabiele familiesituaties leven. Sinds januari 2015 is de organisatie als officiële NGO erkend in Peru. Añañau betekent ‘Qué bonito!’ in het Spaans, of ‘Hoe mooi’ in het Nederlands. In Peru leeft ruim de helft van de bevolking in armoede. Het inkomen van de gezinnen van San Jeronimo is erg laag en onvoldoende om goed te kunnen leven. Zij hebben


centratieproblemen ten gevolge van deze éénzijdige voeding of een voedingstekort gedurende de dag.

geen eigendom en leven in arme, primitieve omstandigheden: geen stromend water, geen wc, vijf of meer personen in een kamer, houtvuur, geen isolatie of ramen, … De kinderen hebben vaak te kampen met gezondheidsproblemen.

Belangrijkste oorzaken zijn een gebrek aan de juiste voeding, voldoende kledij en educatie. De meeste kinderen zijn ondervoed. Hun ontbijt bestaat uit droog brood en thee, de lunch bestaat uit rijst en soms aardappelen en het avondmaal wordt meestal overgeslagen. Een terugkomend fenomeen zijn aandacht- en con-

Ook hebben nog steeds heel wat kleuters, kinderen en jongeren in Peru geen toegang tot degelijk onderwijs. En nog te vaak worden kinderen en jongeren uit kansarme gezinnen en etnische minderheden uit het oog verloren. Hier wil Añañau wat aan doen, zodat ook zij dezelfde kansen krijgen als anderen. Añañau gelooft in de kracht van goed onderwijs als springplank naar een betere toekomst.

leerkrachten staan vaak voor klassen van bijna 40 kinderen in scholen waar de infrastructuur zeer slecht is en waar amper middelen aanwezig zijn 78

|

79


profiel

onderwijs | ontwikkelingssamenwerking boxberg | peru | cusco

Onderwijs, gezondheid, hygiëne & voeding Via verschillende projecten stimuleert Añañau de ontwikkeling van de kinderen en helpen ze hen met het ontplooien van hun talenten. Ze werken rond drie grote pijlers: onderwijs, gezondheid en algemene socio-culturele ontwikkeling. Daarnaast vinden ze het belang-

rijk om samen te werken met de ouders en de gemeenschap. Añañau heeft tot doel elk kind een zinvolle toekomst te bieden. Dit houdt in dat elk kind recht heeft op een goede intellectuele opvoeding, kwaliteitsvol onderwijs en later een goed beroep. De projectwerking van Añañau staat in het teken van de wereld-

wijde Sustainable Development Goals, in het bijzonder Goal4 omtrent kwalitatief en inclusief onderwijs. Sinds vorig jaar biedt hun ICT-project de kinderen de kans om kennis te maken met technologie. Zo probeert men de digitale kloof beetje bij beetje te dichten. Ze werken rond de basis computervaardigheden en mediawijsheid zodat ook deze kinderen zich beter kunnen voorbereiden op een verdere studie. Verder kunnen de oudere kinderen ook deelnemen aan Engelse lessen. De jaarlijkse medische campagne en onder meer het correct aanleren en dagelijks toepassen van het handenwassen en het tandenpoetsen dragen bij aan de gezondheidseducatie. Verder zet Añañau ook in op ouderparticipatie en empowerment. Ze bieden via het project de Peru­viaanse ouders meer mogelijkheden om betrokken te zijn bij de (onderwijs)ontwikkeling van hun kinderen en deze te ondersteunen via sociaal-culturele interventies. De meeste ouders, in het bijzonder de moeders, zijn analfabeet en spreken enkel Quechua. Daarom gaat Añañau dit jaar van start met een scholingsprogramma voor de ouders zodat ze kunnen leren

Dadamagazine

# 04 .2018


lezen en schrijven en zich verder kunnen ontplooien. Zo kunnen ze hun kinderen beter de steun bieden die ze nodig hebben. De moeders van Añañau hebben ook een beperkte kennis van goede voeding en uitgebalanceerde maaltijden. Daarom willen ze de moeders en oudste kinderen ook betrekken in de maaltijdbereiding. Verder bestaat het voedingsprogramma in het project uit het aanbieden van een wekelijks menu waarbij een groente-, fruit- en soepdag worden voorzien. De andere dagen wordt een maaltijd aangeboden op basis van voedzame lokale producten. Een student dieetleer zorgde voor de herinrichting van de keuken, zodat deze meer aangepast is om te koken voor een grote groep. Zij stelde ook een werkplan voor met regels rond hygiëne voor het bereiden van de maaltijden en voor het onderhoud van de keuken. Hiervoor zullen extra voorraaddozen en andere materialen gekocht worden zodat de voedingsmiddelen beter gestockeerd kunnen worden. Voorts zette de student een reeks van workshops op voor de moeders en de kinderen omtrent gezonde voeding en hygiëne. Tot slot wil Añañau voor elk kind tijdens de koudste wintermaanden (mei-augustus) een kledingspakket voorzien om zich te wapenen tegen de koude. Dit pakket bestaat uit sokken, ondergoed, broek, T-shirt, warme trui en mogelijks een jas. Dit jaar werd ook een mijlpaal bereikt: twee van de oudste kinderen van het project kregen de kans om te starten aan de voorbereidende academie van het hoger onderwijs. Na hen jarenlang steun te bieden via de projectwerking is het geweldig om hen deze kans te zien grijpen. Met Añañau zullen ze hen ook in het hoger onderwijs (financieel) blijven ondersteunen in samenwerking met het gezin.

Vrijwilligers komen en gaan Op tussenstop tijdens haar reis doorheen Zuid-Amerika kwam de Genkse Jesse Hendrikx ons tijdens de maand oktober een hand toesteken in het project. Jesse is van opleiding leerkracht in het lager onderwijs en kon daarom de jongere kinderen heel erg goed helpen bij moeilijkheden met hun huiswerk of bepaalde leerstof. De organisatie is ook erg trots op Hanne Maenhout, studente aan de Hogeschool Gent. Zij is de nieuwe laureaat van het Fonds

Piet Cleemput. Hanne schreef een scriptie Mama, puedes ayudarme con mis tareas? – Kan de organisatie Añañau Peruviaanse ouders meer mogelijkheden bieden om de (onderwijs)ontwikkeling van hun kinderen te ondersteunen via sociaal-culturele interventies? Het is een pilootproject rond huiswerkondersteuning dat zij, in samenwerking met de Añañau, opstartte in Cusco. Staking leerkrachten in Peru Gedurende de maanden juli en augustus hebben de leerkrachten

uit het staatsonderwijs in Peru gestaakt. Dat wil dus ook zeggen dat de kinderen gedurende deze maanden niet naar school zijn kunnen gaan. Daarom heeft Añañau heel wat extra leuke en leerrijke activiteiten aangeboden tijdens die periode. De leerkrachten wilden op deze manier opkomen voor betere beroepsvoorwaarden en een eerlijker loon. De realiteit is dat de leerkrachten hier een heel erg laag loon ontvangen, maar enorm hard moeten werken in moeilijke omstandigheden. Ze staan vaak voor klassen van bijna 40 kinderen in scholen waar de infrastructuur

zeer slecht is en er amper middelen aanwezig zijn om goed onderwijs te kunnen bieden. “Jammer genoeg is onderwijs voor de regering op dit moment absoluut geen prioriteit (net zoals de gezondheidszorg) en staan de (mijnbouw)industrie en economische vooruitgang eerder voorop,” vertelt Ellen, “Er is nog heel wat werk aan de winkel wat betreft het onderwijs en we hopen dat daar in de toekomst verandering in kan komen. Via de projectwerking van Añañau en het werken rond kwalitatief en inclusief onderwijs

80

|

81


op macroniveau proberen we hun steentje hier aan bij te dragen.”

zal een groep van scoutsmeisjes de brieven beantwoorden en terugschrijven naar onze kinderen.

Penvriendproject Spelend leren Tía Gabriela Macias, één van de vrijwilligers, startte in vorig jaar een fantastisch penvriendproject op. Samen met haar hebben al de kinderen van het lager onderwijs hun eerste brief geschreven in het Engels met een korte presentatie over henzelf en versierd met mooie tekeningen en kleuren. Met de Engelse lessen die ze volgen in het project was dit weer een fijne oefening om te herhalen wat ze ondertussen al allemaal geleerd hadden. Gabriele heeft de eerste brieven met haar mee naar huis genomen naar de Verenigde Staten en daar

Gedurende zes weken werkten twee studenten Ergotherapie van Vives Hogeschool Brugge een project uit omtrent spelend leren. Aangezien we in het lokaal van de kleuters werken met verschillende leeftijden en er onder de kinderen heel wat verschillende ontwikkelingsniveau’s zijn, besloten ze hier aan tegemoet te komen door leuke ééntaakdozen uit te werken met allerlei gerichte oefenspelletjes rond de verschillende vaardigheden en thema’s om zo de ontwikkeling te stimuleren. Dit gaat van kleuren en vormen, tot de fijne en grove motoriek, rekenen, creatieviteit en probleemoplossend denken. Genkse jazzmuzikanten speelden benefietconcert Op zaterdag 18 november was er opnieuw een jaarlijks benefiet­

Dadamagazine

# 04 .2018

evenement van vzw Qué bonito! ten voordele van de projectwerking van Añañau in Peru. Het was een schitterende avond met lekkere hapjes en drankjes, veel gezelligheid en een top muzikaal programma dat bestond uit een prachtaffiche met optredens van het jazztrio Tim Finoulst (gitaar), Kirsten Cornwell (zang) en Michel Bisceglia (piano) en daarna een intiem concert van Raymond van het Groenwoud onder begeleiding van Carlos Nardozza (trompet). Dankzij de fantastische organisatie, de hulp van heel wat vrijwilligers en de prachtige opkomst bracht dit evenement opnieuw een hele mooie som op waarmee de projectwerking van Añañau verder ondersteund kan worden.

Dada: www.ananau.org


epiloog

Creativiteit en politiek … water en vuur? Door Wim Dries – Foto Marc Wallican

Dada Magzine begint stilaan een begrip te worden in Genk. Joël slaagt erin om veel gekend, maar ook ongekend talent aan bod te laten komen. Talent dat onze regio versterkt. Talent dat de noodzakelijke transitie naar een creatieve, innovatieve maakeconomie meehelpt realiseren. Talent dat van Genk de stad maakt waar creativiteit op een mooie wijze bloeit en groeit. De iPhone.. Een prachtig product. Maar mocht de Amerikaanse overheid niet zo veel geïnvesteerd hebben in nieuwe technologiën en toepassingen, zou Steve Jobs nooit zijn droomtelefoon hebben kunnen ontwikkelen. Creativiteit en politiek hoeven geen water en vuur te zijn. Ze kunnen elkaar aanvullen, ondersteunen en inspireren. Een overheid heeft een belangrijke rol te vervullen in de stimulatie van creatie en innovatie. Maar hoe vertaal je dit naar een lokale situatie? Ondernemers, kunstenaars, creatievelingen spreken vaak over een overheid als een stroef apparaat. “Te weinig ruimte voor creativiteit”, of “Te vastgeroest om mee in zee te gaan”, hoor ik regelmatig. Tijdens de opening van C-mine stelde ik het anders. Als je als overheid creatieve medewerkers wil, moet je ze ruimte geven om te inspireren en te spelen. Je moet ruimte en tijd geven aan mensen. Want zij maken at the end het verschil. Voorzie een vruchtbare voedingsbodem waarop creativiteit kan ontgonnen worden. Geef mensen geborgenheid, zodat ze op een veilige, aangename manier zichzelf kunnen ontplooien. Als stadsbestuur willen we die ruimte geven, willen we kracht geven aan creatievelingen. Dat lukt ook, getuige heel wat mooie voorbeelden in dit magazine. We willen in die richting verder zetten.

En is het dan ook niet een beetje zoals water en vuur? Water heb je nodig om van zand vruchtbare grond te maken. Maar in Genk werden heidelandschappen in lichterlaaie gezet om op de woeste ondergrond een stad uit te bouwen. Creativiteit en politiek moeten geen water en vuur zijn. Of misschien net wel. Wie weet houden ze elkaar dan ook echt in evenwicht. Hoe dan ook, Genk gaat voor creativiteit. Op ons kan je rekenen!


science X art x technology

X-festival 2018 donderdag 3 mei

start

x–hibitions

studio Roosegaarde, Frederik De Wilde, room of wonders, …

Friday 4th of may

cross-over

x–symposium

(in english)

Daan Roosegaarde, raf ramakers, brent sherwood, Eleni Stavrinidou, Pauline van Dongen, …

al

voor alle generaties die geïnspireerd en verwonderd willen worden

Wetenschap X Kunst X Technologie

X-Lezingen: theo jansen, Piet Stockmans, Frederik De Wilde, elise elsacker, Natalie Beenaerts Familie-activiteiten: room of wonders, tentoonstellingen, solar-stad awards, 3d-pannenkoeken, thor-hamer, magische wetenschap-proefjes, …

inspiring ideas for a creative, exciting and sustainable future

zaterdag 5 mei

X-festiva

3-4-5 mei 2018 — genk c-mine www.x-festival.be gps adres evence Coppéelaan 91

Dadamagazine #04  
Dadamagazine #04  
Advertisement