Page 1

03-08-2006

11:29

Pagina 149

RAWeetjes gebundeld Rekenen / 1998

Gevenafwijkende afwijkende bestekshoeveelheden Geven bestekshoeveelrecht op verrekening? heden recht op verrekening? Heeft de aannemer recht op verrekening of bijbetaling, als verwerkte hoeveelheden afwijken van de bestekshoeveelheden?

2

1 In verband met de wijziging van de kolom ‘Hoeveelheid bouwstof’ in ‘Hoeveelheid ter inlichting’ is het genoemde RAWeetje vervallen. 2 De naam van de kolom ‘Hoeveelheid bouwstof’ is met ingang van de Standaard 2000 gewijzigd in ‘Hoeveelheid ter inlichting’.

Deel 2: hoeveelheden bouwstof In het vorige RAWeetje (pagina 146) zijn de hoeveelheden resultaatsverplichting aan bod gekomen; in deel 31 zullen hoeveelheden in de kolom omschrijving worden behandeld. De aannemer moet de bouwstoffen leveren die nodig zijn voor het werk. Dit is zo geregeld in paragraaf 6 lid 3 sub a van de U.A.V. 1989. Om te voorkomen dat iedere inschrijver alle hoeveelheden bouwstof dan maar zelf moet uittrekken, is binnen de RAWsystematiek afgesproken dat hoeveelheden bouwstof in de daarvoor bestemde kolom2 worden vermeld. Een ‘L’ of een ‘T’ in de sub-kolom geeft aan of de hoeveelheid bouwstof respectievelijk door de aannemer wordt geleverd of door de opdrachtgever ter beschikking wordt gesteld (zie de eerste pagina van deel 2.2 van een RAW-bestek ‘verklaring van de hierna volgende staat’). Door een selectie uit de kolom ‘hoeveelheden bouwstof’ zijn bestellijsten en lijsten voor de voorraadbewaking samen te stellen. De ‘T-lijst’ kan even-

tueel gekoppeld worden aan het algemeen tijdschema. Paragraaf 27 lid 1 van de U.A.V. 1989 vraagt namelijk van de aannemer aan te geven op welke tijdstippen de ter beschikking gestelde bouwstoffen nodig zijn. Is in de resultaatsbeschrijving een eenheid bij een bouwstof opgenomen, dan moet op die plaats in het bestek een hoeveelheid bouwstof worden opgenomen (die geleverd wordt of ter beschikking wordt gesteld). De eenheid die in de systematiek is vastgelegd, is de eenheid die ook in de facturering van de leverancier wordt gehanteerd. Een opdrachtgever mag zich in een RAW-bestek niet beroepen op de hiervoor genoemde paragraaf 6 van de U.A.V. 1989, met uitzondering van kleine leveringen (spijkers, schroeven en dergelijke); deze worden niet in het bestek vermeld. Paragraaf 38 lid 4 van de U.A.V. 1989 vermeldt dat de in het bestek opgenomen hoeveelheden, de in het werk gemeten hoeveelheden zijn. Dat wil zeggen dat de bestekschrijver bijvoorbeeld knip-, hak- en snijverliezen (zoals bij bestratingswerkzaamhe-

CROW | 149

44 nummer

RAWeetjesBundel


RAWeetjesBundel

03-08-2006

11:29

Pagina 150

RAWeetjes gebundeld Rekenen / 1998

(zoals bij bestratingswerkzaamheden) niet hoeft mee te rekenen; de aannemer uiteraard wel. Ook diefstal en schade zullen in veel gevallen om deze reden een zorg van de aannemer zijn, mede op basis van paragraaf 20 van de U.A.V. 1989, hoewel paragraaf 44 lid 3 aangeeft dat buitengewone omstandigheden hiervan worden uitgesloten. De kolom ‘hoeveelheid bouwstof’ vermeldt alleen die hoeveelheden bouwstoffen, die de aannemer levert, of de opdrachtgever ter beschikking stelt3. Bouwstoffen dus, die aan het werk moeten worden toegevoegd. Worden de materialen gebruikt die uit het werk vrijkomen, dan moet in de bestekspost in de kolom ‘omschrijving’ staan in welke bestekspost de vrijgekomen materialen weer moeten worden verwerkt. In de aanbrengpost komt dan weer te staan wat de herkomst is van de materialen. Zo wordt over en weer verwezen naar de verwijder- en de aanbrengpost. Voor dit soort gevallen, waar geen sprake is van ‘koop’, is behalve de gestandaardiseerde eenheid ook gebruik van een andere eenheid toegestaan. Zo mogen betonstenen in een dergelijk geval ook in een percentage of in m2 worden aangegeven. Wanneer een bestekschrijver vergeet de bouwstofkolom in te vullen, wordt geen ‘L’ afgedrukt. De aannemer zal in dergelijke gevallen vaak geen leverantie rekenen. Het is wel wenselijk

rekenen 150 | Thema Besteksregelgeving

dat inschrijvers bij Inlichtingen vragen waar de bouwstof vandaan moet komen. Wanneer een aannemer een bouwstof moet leveren voor een tijdelijke constructie, blijft deze bouwstof na het verwijderen van de constructie eigendom van de aannemer. Hiervoor wordt dan geen leverantie in het bestek opgenomen. Op basis van paragraaf 6 lid 3 sub b van de U.A.V. 1989 moet de aannemer de kosten van het gebruik (dat is het kostenverschil tussen aankoop en verkoop van een bouwstof) calculeren, ook al staat er geen ‘L’ in de kolom bouwstof. Een bestekschrijver kan dit, wanneer niet zeker is of de materialen uiteindelijk vrij zullen komen, middels bestekposten aangeven. Hierdoor zal het eenvoudiger zijn de kosten van meerof minderwerk te bepalen. De bestekschrijver kan dan bij een aanbrengpost met een ‘L’ aangegeven dat de bouwstoffen geleverd moeten worden en bij de verwijderpost vermelden dat de vrijgekomen materialen geen waarde hebben voor de opdrachtgever. In paragraaf 38 lid 3 van de U.A.V. 1989 staat: “Afwijkingen van andere dan de in het eerste of tweede lid bedoelde hoeveelheden, worden beschouwd als bestekswijzigingen en verrekend”. Deze bepaling geeft een belangrijke regel weer: de aannemer moet rekenen met het getal dat de bestekschrijver heeft vermeld. In een

3 De kolom ‘Hoeveelheid ter inlichting’ kan ook hoeveelheden bevatten ‘niet zijnde een bouwstof die door de aannemer moet worden geleverd dan wel door de opdrachtgever ter beschikking wordt gesteld’ (vaste pagina van deel 2.2 van het bestek). Deze hoeveelheden worden met het kenmerk ‘I’ in de kolom ‘Hoeveelheid ter inlichting’ aangegeven.


RAWeetjesBundel

03-08-2006

11:31

Pagina 151

RAWeetjes gebundeld Rekenen / 1998

RAW-bestek is echter een bijzondere regel geïntroduceerd op de eerste pagina van deel 2.2 van het bestek in de ‘verklaring van de staat van besteksposten’. Hierin staat in paragraaf ‘03 Hoeveelheid bouwstof’: “De in de kolom ‘hoeveelheid bouwstof’ vermelde hoeveelheden worden uitsluitend ter inlichting verstrekt. Wanneer deze hoeveelheden afwijken van die, af te leiden uit de kolom ‘hoeveelheid resultaatsverplichting’, zijn deze laatste bindend.” Leidt de inschrijver tijdens de calculatie uit de beschrijving af dat het vermelde getal onjuist is, dan wordt hij geacht met het juiste getal te calculeren. Op af te leiden hoeveelheden bouwstof vindt dus geen verrekening plaats. Is echter het vermelde getal niet af te leiden, dan komt paragraaf 38 lid 3 van de U.A.V. 1989 om de hoek kijken; de aannemer wordt geacht te calculeren met het getal dat is vermeld en de verschillen moeten worden verrekend als achteraf blijkt dat de hoeveelheid afwijkt. Een fout in het bestek in de hoeveelheid bouwstof is dus alleen ‘een aannemersrisico’ wanneer de bestekschrijver de bestekspost zodanig samenstelt dat de hoeveelheid is af te leiden.

schrijver. Het argument ‘dat had je op tekening kunnen zien’ of ‘dan had je maar buiten moeten kijken’ wordt in de kaders van de RAW-systematiek als onbillijk beschouwd. Het feit dat de hoeveelheid bouwstof altijd wordt vermeld draagt bij tot het vroegtijdig ontdekken van fouten in berekeningen of calculaties, en daarmee tot een efficiënte manier van calculeren.

Het uittrekken van tekeningen, het inventariseren van mogelijk hergebruik van materialen en daarmee het inschatten van het bijleveren van tekortkomende materialen, blijft de verantwoordelijkheid van de bestek-

CROW | 151

RAWeetje_rekenen_02  

http://www.crow.nl/nl/Binaries/PDF/PDF-RAW/PDF-RAW-RAWeetjes...