Issuu on Google+

Advies Adviezen aan de Nederlandse en Vlaamse regering onderwerp

Duurzame Vlaams-Nederlandse uitwisseling en samenwerking op het gebied van welzijn

datum

20/5/2006

aan

• I. Vervotte, Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin • C. Ross-Van Dorp, Nederlands staatssecretaris Volksgezondheid, Welzijn en Sport

advies

Het advies en de bijlagen (het Samenvattend rapport van het draagvlakonderzoek dat het Verwey Jonker Instituut heeft uitgevoerd en een conceptprogramma 2006-2008) is bij het CVN-secretariaat op aanvraag verkrijgbaar. Hieronder volgt de aanbeveling:

Duurzame uitwisseling en samenwerking op het gebied van welzijn Aanbeveling De Commissie Cultureel Verdrag Vlaanderen-Nederland beveelt aan om een lichte infrastructuur voor Welzijn in te stellen die een vliegwielfunctie voor de Vlaams-Nederlandse uitwisseling zal gaan vervullen en een duurzame samenwerking tussen Vlaanderen en Nederland zal entameren en ondersteunen. Op deze wijze kan recht worden gedaan aan de bedoelingen van de verdragspartners om een structurele samenwerking en uitwisseling op gang te brengen die een zekere bestendigheid en een duurzaam karakter heeft. Het onderzoek van het Verwey-Jonker Instituut laat zien dat in het veld de behoefte aan een structurele en duurzame uitwisseling en samenwerking sterk wordt gevoeld. Ook de Vlaamse minister van Welzijn, Gezondheid en Gelijke Kansen tijdens de opening van de CVN-conferentie Welzijn in tijden van onbehagen (juni 2004) en de Nederlandse staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport in haar brief (februari 2005) hebben aangegeven veel waarde te hechten aan de continuering van de uitwisseling en samenwerking. Het gaat om een lichte infrastructuur bestaande uit een slagvaardige stuurgroep die een platformfunctie vervult, en een uitgebreider netwerk. Om deze infrastructuur werkelijk een vliegwielfunctie te kunnen laten vervullen is ondersteuning en faciltering door één voltijdse projectmedewerker die naast de voorbereiding van de advisering ook een aantal uitvoerende taken op zich kan nemen, noodzakelijk. Deze projectmedewerker moet terug kunnen vallen op de inhoudelijke ondersteuning door een Vlaamse en een Nederlandse animator die de stuurgroep steeds per project en dus voor een beperkte periode aanwijst.


Deze infrastructuur moet zich in de eerste plaats richten op de reeds bestaande samenwerking en moet al verworven kennis breder over het voetlicht brengen. Daarnaast moet aandacht worden besteed aan het bij elkaar brengen van kennisinstituten, aan de samenwerking op het gebied van wetenschapsbeleid en aan beleidsafstemming gericht op Europa. Bovendien moet rond één of twee actuele thema’s per jaar nieuwe uitwisseling op gang worden gebracht. Op deze manier worden steeds weer anderen bij de uitwisseling betrokken. De infrastructuur moet een informerende, stimulerende, bemiddelende en coördinerende rol vervullen. Door de verworven ervaring en kennis te verspreiden en door de groep die bij de uitwisseling betrokken is, te vergroten, wordt op den duur een cumulatief effect bereikt en komt de samenwerking in een stroomversnelling. De CVN-stuurgroep heeft hiertoe al enkele initiatieven in gang gezet zoals het project Vlaams-Nederlands Begrippenkader, het project Gemeentelijke Duo’s: Stimulering van samenwerking op lokaal niveau en het project Zuid-Nederlands/ Vlaams Samenwerkingsverband: Onderwijs, Onderzoek en Welzijn. Deze infrastructuur (stuurgroep, netwerk en projectmedewerker welzijn) kan het beste bij CVN worden aangehaakt vanwege de neutrale positie van CVN en omdat de brede aanpak van het project goed spoort met de brede opdracht van CVN, namelijk de permanente evaluatie van de uitvoering van het Verdrag en de advisering hierover aan de beide regeringen. Verwacht wordt dat de koppeling van de lichte infrastructuur aan CVN de advisering van CVN zal verdiepen en versterken. CVN vraagt dat Vlaanderen en Nederland CVN de mogelijkheden bieden de samenwerking en uitwisseling op het gebied van welzijn daadwerkelijk duurzaam te bevorderen en adviseert dat de verantwoordelijke bewindslieden de benodigde financiële middelen aan CVN ter beschikking stellen om deze lichte infrastructuur te realiseren.


CVN-advies Duurzame Vlaams-Nederlandse uitwisseling en samenwerking i.v.m. welzijn