Page 1

6e jaargang, nummer 12 - voorjaar 2003

verschijnt vier maal per jaar

De Columnist Officieel orgaan van Columni - Vereniging van Alumni CIW/Communicatiekunde Rijksuniversiteit Groningen

Werken in de communicatiebranche

‘Never a dull moment’ ‘De communicatiebranche heeft het dan wel moeilijk met de huidige economische teruggang, maar laat het je er niet van weerhouden in deze branche aan de slag te gaan!’ Deze bemoedigende woorden sprak Ronald de Haas, directeur van de VEA (vereniging van communicatieadviesbureaus) tijdens de voorlichtingsbijeenkomst ‘Werken in de communicatiebranche’ die het Loopbaan Advies Centrum (llac) van de RuG op 2 april 2003 organiseerde. Naast De Haas vertelden vier alumni van de RuG over hun ervaringen in de praktijk. En wat bleek? Je kunt echt alle kanten op in dit vakgebied. Met en zonder gerichte opleiding.

Inhoud Het Instituut

2

Wat doe jij nou?

3

Verenigingsnieuws

4

een tochtje langs zijn eigen loopbaan. Hij sloot daarbij aan bij de presentatie van De Haas, die een algemeen beeld schetste van de geschiedenis van – met name de commerciële – communicatie en de aanwezigen een beeld gaf van waar je bij een communicatiebureau zoal mee te maken krijgt. Daar waar De Haas vertelde over welke kwaliteiten je in verschillende functies binnen een bureau zou moeten beschikken, maakte Ten Hoor dat via anekdotes en persoonlijke ervaringen concreet. ‘Uiteindelijk begin je gewoon eerst met je poten in de modder’, zei hij over de overstap van studie naar de praktijk.

Inleven, creatief zijn en geduld hebben Het lac organiseerde dit voorjaar een aantal voorlichtingsbijeenkomsten over het werk in diverse branches en werkterreinen. De voorlichtingsbijeenkomsten zijn bedoeld voor derdeen vierdejaars studenten van zowel de RuG als de Hanzehogeschool, die zich oriënteren op de arbeidsmarkt en op een eventuele specialisatie in de studie. De bijeenkomst over de praktijk van de communicatiebranche werd dus niet alleen bezocht door studenten Communicatie maar ook door mensen met een achtergrond in bijvoorbeeld Bedrijfskunde, Psychologie, Rechten en Voeding & Marketing. N U M M E R

1 - M E I

Ook afgestudeerden, werkend en werkzoekend, klopten aan bij Cato van der Vlugt, die de bijeenkomst organiseerde.

Modder De dertig tot veertig aanwezigen in de statige Senaatszaal op Broerstraat 5 lieten het die zonnige tweede dag van april afwachtend over zich heen komen. Dat werken in de communicatiebranche leuk, afwisselend, vol perspectief en boeiend is, werd al snel duidelijk toen Perry ten Hoor, managing director van communicatiebureau Open de luisteraars meenam in 1 9 9 8

De ervaringen van Perry ten Hoor waren herkenbaar voor de andere alumni die aan de tafel zaten. Kim Elants, gedetacheerd bij Philips dap via communicatieadviesbureau Statement, had in de eerste periode van haar werk ‘het gevoel dat ze alles nog moest leren’, ook al had ze een bul op zak. ‘Je bent in het begin onzeker’, vertelde ze, ‘ook met solliciteren, je weet niet echt waar je moet beginnen.’ Ze adviseert iedereen het toch gewoon te proberen; bedrijven bellen of je eens kennis mag maken, brieven schrijven, je goed in een organisatie verdiepen. Op dat laatste vestigde De Haas later opnieuw de aandacht: ‘Leer het bedrijf goed kennen voor je er solD E

C O L U M N I S T

1


vervolg van pagina 1 liciteert. Laat ze vervolgens ook merken dat je dat gedaan hebt. En wees creatief. Juist als je bij een bureau solliciteert.’ Het geduld van Elants werd beloond toen haar cv bij Statement bij een nieuwe vacature in de portefeuille opdook.

Waarde van communicatie

2

Dat een baan krijgen na je studie soms ook heel gemakkelijk kan gaan, bleek uit de ervaringen van Janneke Nijholt, werkzaam op de marketingen communicatieafdeling van ictbedrijf Vertis. Ze kreeg haar baan door daar een stageopdracht te vervullen. Haar studie had ze al afgerond, haar stage was een handige opstap naar het ‘echte’ werk, vertelde ze. ‘Nu houd ik me bezig met veel verschillende dingen’, beschreef ze haar werk, ‘Teksten voor nieuwsbrieven, onderhoud van de websites, plaatsing van advertenties, direct mailings verzorgen, seminars organiseren.’ Ze ging daarbij in op het ook al door De Haas genoemde feit dat communicatie een jonge discipline is: ‘Binnen onze organisatie merk ik gewoon dat de waarde van communicatie en de vakkennis soms onderschat wordt. Iedereen heeft er wel verstand van, vindt ’ie.’

Vreemde ogen Het klopt dat communicatie als discipline nog jong is. Maar in mijn ogen staat het niet meer in de kinderschoenen. Ik denk dat het vak (en wij als specialisten) steeds meer gewaardeerd wordt. Tijdens deze bijeenkomst lichtte ik – als collega van Janneke bij Vertis en met een achtergrond bij een communicatieadviesbureau – dat toe door te wijzen op het feit dat er steeds vaker communicatieadviseurs als expert worden ingeschakeld. Wil je dat (advies)vak goed beoefenen, dan moet je veel ervaring krijgen en – zoals Perry het zei – een vertrouwensband ontwikkelen met degene die je adviseert. Dat laatste krijg je misschien sneller als je binnen een organisatie werkt. Als interne communicatieadviseur merk ik echter ook dat vreemde ogen dwingen. Als externe adviseur werkend bij een adviesbureau kun je daar je voordeel mee doen. Peggy Limburg D E

C O L U M N I S T

Het Instituut Studenten die met de scriptie of de stage bezig zijn, beginnen vaak te piekeren over de toekomst. Wat moeten ze toch na de studie? Hoe begin je een carrière? Wat doe je waar, hoe zoek je? Dat vragen ze dan aan mij. ‘Carrière maken, dat doe je zó’, zou ik dan graag uitleggen. Hoe anders is de geschiedenis… Wie boven de 40 is krijgt een brief van de afdeling Personeelszaken van de universiteit met de mededeling dat het tijd is om de balans eens op te maken van de carrière. Het is niet de bedoeling dat die balans luidt ‘sinds achttien jaar universitair docent’. Dat is te kort door de bocht. Daar heb je een cursus voor, en die cursus duurt vier dagen. En daarna nog een terugkommiddag om te zien hoe het er nu voorstaat. Je bent geneigd de brief met een groot deel van de rest van de post in de oud-papierbak te gooien, maar de brief zet ook wel aan het denken. Ze hebben bij mij toch wel even gewacht met het verzenden (inmiddels 44), wat zou daarachter zitten? Was er op het Bureau van de RuG ineens het gevoel dat er een belangrijke move in mijn carrière aan zat te komen? Maar eens overleg gehad met een collega die de cursus heeft gedaan. Hij staat niet bekend als iemand die alles maar boeiend, interessant of leuk vindt wat er uit centrale bureaus komt. Toch maar gedaan toen, die cursus. Ik heb mijn ideale werksituatie getekend (met krijt!), ik heb vragen aan mezelf gesteld, ik heb mijn persoonlijke waarden vastgesteld en ook de waarden van de organisatie opgeschreven, ik heb loopbaanthema’s en loopbaanankers beschreven, ik heb mijn levensloop tegen het licht gehouden, sterktezwakte-analyses gemaakt en

tenslotte versnellers en vertragers in mijzelf en mijn omgeving ontdekt. Dat alles in Het Kasteel (een congrescentrum in de buurt) en in een Drents hotel-restaurant dat met ruim honderd kamers en vijf zalen leek te bestaan dankzij dit soort cursussen. Ik heb een balansdocument geschreven! Een ‘bado’. Het was wat. Ik bleek helemaal geen carrière te hebben, alles was eigenlijk maar toevallig gebeurd. Als Peter van Lint (oud-docent Taalbeheersing) niet met ‘super’vervroegd pensioen was gegaan was er nooit na mijn afstuderen een plaats vrij gekomen voor een docent. Als Ton van der Geest (oud-hoogleraar Taalbeheersing) niet had gezegd dat, hoewel er formeel geen seconde tijd voor was, ik dus nu met mijn proefschrift bezig ging, was ik niet gepromoveerd. Als mijn collega’s destijds de onderzoekstijd niet mogelijk hadden gemaakt ook niet. Kortom, gepland is er weinig in mijn carrière. Wat nog erger was: bij de medecursisten bleek eigenlijk iets soortgelijks. Je ging studeren omdat je nog niet wilde werken, niet in dienst wilde of zo, en je bleef dan bij de universiteit hangen. Ja, waarom? Omdat het zo toevallig ging. Van carrièreplanning had in de groep veertigers nog nooit iemand gehoord. Hoe anders gaat dat nu, zo doceerde de cursusleider. Elke vijf jaar moet in het bedrijfsleven de balans toch worden opgemaakt. Wat geef ik als antwoord aan de student met carrièrevraag? Verwar het paradijs niet met het huis aan de andere kant van de straat. En al helemaal niet met een carrière!

door Wim Vuijk

N U M M E R

1 2 - V O O R J A A R

2 0 0 3


Wat doe jij nou? Naam

Marit van Mil Afgestudeerd

augustus 1993 Studierichting

Communicatiekunde Afstudeeronderwerp

Discours Analysis/Trainer-Cursist communicatie Huidige werk

Coaching & Advies; Clustermanager a.i. bij de Centrale Archiefselectiedienst in Winschoten Lid/abonnee van

Columni, Jongeren Commerciële Club, Vereniging Nederland-Finland, Communicatie, Interne Communicatie Vervolgcursussen

Presenteren, Gespreksvoering (ATOL), Intern Communicatiemanagement (NSC), Hoger Management (ISBW) ‘Tien jaar geleden ben ik begonnen met uitvoerende communicatieklussen, zoals het schrijven van een orjaarverslag bij een waterleidingbedrijf in het westen des lands. Vervolgens kwam ik bij een organisatie waar debatten, lezingen en workshops werden georganiseerd. De werkzaamheden bestonden uit veel regelen, organiseren, sprekers benaderen, mailingen voorbereiden en het verzorgen van de publiciteit rondom het debat. Inmiddels waren we verhuisd naar Noord-Nederland en ging ik werken bij de RuG. Eerst bij de faculteit Bedrijfskunde in een pr-functie. Daarna heb ik intern de stap gemaakt naar een nieuwe activiteit van de universiteit, namelijk fondsenwerven. Dit betekende dat we met spraakmakende projecten van de RuG de boer op gingen, op zoek naar mogelijke sponsoren. Er waren ook mogelijkheden voor sponsoren om gezamenlijk een ‘tailormade’ project te ontwikkelen. Het was een leuke tijd; werken in een team, in een nieuwe dienst van de universiteit, contacten met het regionale bedrijfsleven… Maar na een paar jaar ging het ging kriebelen. Ik wilde mijn oorspronkelijke professie verder vormgeven. Ik

N U M M E R

solliciteerde op de functie ‘manager Marketing & Communicatie’ bij de Kamer van Koophandel Veluwe en Twente en werd aangenomen. Hier bleek dat het ontwikkelen van een stafafdeling en het intern aangeven van de meerwaarde van een communicatieafdeling niet eenvoudig is. Mijn ervaring is dat dit sterk samenhangt met de cultuur in een organisatie. Ook de reistijd begon mij parten te spelen; ik reed elke dag tenminste 300 kilometer en ik begon mij af te vragen: ‘wat wil ik nu?’. Ik besloot mijzelf tijd en gelegenheid om hierover na te denken.’ ‘Zo gezegd, zo gedaan. Ik sprak met mensen die werkzaam waren in diverse branches en in diverse functies en deed ondertussen een loopbaantraject. Geleidelijk ontwikkelde zich het idee om voor mijzelf te beginnen. In de afgelopen jaren was dat idee wel eens vaker de revue gepasseerd, maar waren er altijd wel redenen te verzinnen om het niet te doen; weinig werkervaring, welke dienst, welk product? Tijdens de studie had ik een groot aantal vakken gevolgd bij Arbeids- en Organisatiepsychologie. En ook gedurende mijn loopbaan heb ik altijd interesse gehad in de

1 2 - V O O R J A A R

2 0 0 3

human resource-kant van organisaties. Ik deed bijvoorbeeld projecten samen met de p&o-afdeling rond organisatie-veranderingstrajecten, stelde functieprofielen op, voerde beoordelingsgesprekken en bereidde bijeenkomsten voor als onderdeel van een veranderingstraject.’ ‘Eind vorig jaar werd ik benaderd door de Centrale Archiefselectiedienst (cas). Zij vroegen of ik zin had om een interimklus te doen. De cas is een agentschap van het Ministerie van Binnenlandse Zaken. Er worden archieven van ministeries bewerkt en toegankelijk gemaakt. Uiteindelijk gaan de archieven naar het Nationaal Archief in Den Haag, waar ze toegankelijk zijn voor het publiek. In de functie van Clustermanager ben ik eindverantwoordelijk voor de processen die plaatsvinden in mijn cluster, zoals productieplanning, werkvoorraad, kwaliteit en human resource. Mijn cluster bestaat uit 25 personen en dat is tamelijk groot. Het is ook een hele toer om zicht te krijgen op de circa dertig projecten die er op dit moment lopen. Maar ik vind het leuk om te doen; met name omdat ik nu een lijnfunctie heb. Zodoende kan je concreet bijdragen aan het resultaat en dat miste ik altijd in een communicatiefunctie. Voorlopig ben ik nog druk met deze ‘mensgerichte’ functie. Wat er daarna op mijn pad komt, dat zie ik dan wel weer...’

D E

C O L U M N I S T

3


Verenigings nieuws Ledennieuwtjes Nieuwe leden

4

• Anneke Tobé (afgestudeerd in 2000) • Gelland Veldman (afgestudeerd in juli 2002) • Agnes Hemstede (afgestudeerd in januari 2003) • Rogier Brink Manager Corporate Communications Pharma Bio-Research • Gabrielle van Amelsvoort Technisch schrijver/opleider software-documentatie bij ChipSoft BV

Afgemeld als lid • Marjan Vochteloo Amsterdam

Andere baan & verhuisd • Hans Mertens communicatieadviseur Regio Randstad • Annette Woldring patiëntenvoorlichter Máxima Medisch Centrum, Eindhoven • Robert Pluis senior rtv-planner omd Nederland, Amstelveen

Digitale almanak bron voor netwerkcontacten Weten waar je collega-studenten van destijds zijn gaan werken. Dat is een van de redenen die Columni-leden aangeven om lid te zijn van de vereniging. De ledenlijst ofwel almanak van Columni houdt ons daarvan op de hoogte. De lijst vertelt niet alleen waar iemand werkt en welke functie iemand heeft, maar licht ook D E

C O L U M N I S T

een tipje van de sluier op over iemands loopbaan, tenminste... als hij of zij dat heeft ingevuld. De almanak maakt onderlinge contacten tussen Columni-leden mogelijk. Je vindt er de mensen uit jouw afstudeerjaar, je vindt er mensen die een soortgelijke functie hebben als jij of je komt mensen tegen die een werkplek hebben die jij ook ambieert. Sommigen moeten even een drempel over om de almanak te gebruiken om contact te zoeken, maar wat blijkt: bijna iedereen die door een geïnteresseerde benaderd wordt, vindt het leuk om over zijn werk te vertellen. Je gegevens in de almanak up-to-date houden is een eerste vereiste om dit te vergemakkelijken. Zeker nu de almanak komend jaar op de schop gaat, vragen we jullie je gegevens in de almanak even door te lopen. Kijk op www.columni.org bij ‘digitale almanak’ of je gegevens nog juist zijn. Je kunt wijzigingen doorgeven via columni@columni.org. Ben je je wachtwoord vergeten, mail dan naar datzelfde mailadres om het wachtwoord opnieuw aan te vragen.

Stelling nemen op de website Ben je nieuwsgierig naar wat je medeColumni-leden van een vraagstuk vinden en wil jij wel eens een stelling poneren op www.columni.org? Geef het door via columni@columni.org. En bezoek de website om jouw mening over de andere stellingen te geven!

N U M M E R

Sporten bij de aclo, een postacademische cursus of een avondje NoordNederlands Orkest. Met de speciale RuG-alumnipas kunnen oud-studenten gebruik maken van een uitgebreid servicepakket. Zo krijg je bijvoorbeeld aanzienlijke korting op diensten van de RuG en van andere instanties. De pas kost € 35,- en is drie jaar geldig. Dat kost je dus nog geen € 12,- per jaar. Met de RuG-alumnipas krijg je onder meer korting op: • Het (cursus)aanbod van Academische Opleidingen Groningen (ook hovo). • Open colleges/aanschuifonderwijs bij de faculteiten Godgeleerdheid en Godsdienstwetenschap, Letteren, ppsw en Wijsbegeerte. • Overnachtingen in het weekend bij het University Guesthouse. • Een lenerspas voor de Universiteits Bibliotheek. • Juridisch postacademisch onderwijs. • Reguliere talencursussen bij het Talencentrum. • Weekendarrangementen van de vvv Groningen. • Computers, artikelen en cursussen van het Rekencentrum van de RuG. • Het RuG-voorjaarsdiner en RuGalumnireizen. • Met de pas kun je ook een aclokaart aanschaffen bij het RuGsportcentrum. • En de pas geeft gratis toegang op alle universitaire musea. Het servicepakket van de alumnipas wordt voortdurend uitgebreid. De nieuwste informatie vind je in het magazine Broerstraat 5 of op de website van de RuG via http://www.rug.nl

1 2 - V O O R J A A R

2 0 0 3

Redactieadres: Vakgroep Taal en Communicatie, t.a.v. redactie Columnist, Postbus 716, 9700 AS Groningen. E-mail: columni@columni.org Internet: www.columni.org Vormgeving: Annette van Kelckhoven BNO, Groningen.

Met de alumnipas stiekem een beetje student blijven

columnist nr 12  

6 e jaargang, nummer 12 - voorjaar 2003 verschijnt vier maal per jaar Ook afgestudeerden, werkend en werkzoekend, klopten aan bij Cato van...

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you