Page 1

jaarverslag

20 11 annual report


Colofon/Colophon Coronel Instituut voor Arbeid en Gezondheid Divisie Klinische methoden en Public Health Academisch Medisch Centrum Amsterdam Coronel Institute of Occupational Health Division Clinical Methods and Public Health Academic Medical Center Amsterdam Meibergdreef 9 1105 AZ Amsterdam www.amc.nl/Coronel coronel@amc.uva.nl T +31 (0)20 566 53 25 F +31 (0)20 697 71 61

Tekst/texts: Frank van Dijk, Monique Frings-Dresen, Sanja Kezic, Paul Kuijer, Gert van der Laan, Annet Lenderink, Henk van der Molen, Marie-Christine Plat, Laura Reisma, Judith Sluiter, Paul Smits, Bas Sorgdrager Redactie/Editing: Julitta Boschman, Vincent Gouttebarge, Bibi Groendijk, Fred Moeijes, Anita Mulder, Els Ruijer Fotografie/Photography: foto voorkant: Dennis Derksen, Arbouw Ontwerp/Design: CO3 (Toon van Lieshout) Druk/Print: Grafisch Goed


inhoud

contents

Voorwoord - Crisis en gezondheid Organisatie - Afdeling Coronel Instituut voor Arbeid en Gezondheid

04 Foreword - Crisis and health 06 Organization - Coronel Institute of Occupational Health

Onderzoek

Research

Ontstaan en preventie van arbeidsgerelateerde aandoeningen PI: prof. dr. Monique HW Frings-Dresen

and Prevention of Occupational Diseases 08 Development PI: prof. dr. Monique HW Frings-Dresen

Kwaliteit van de zorg op het gebied van Arbeid en Gezondheid PI: prof. dr. Frank JH van Dijk

10

Quality of Care in Occupational Health PI: prof. dr. Frank JH van Dijk

Preventief medisch onderzoek (PMO): werkvermogen en herstel PI: dr. Judith K Sluiter

12

Workers’ Health Surveillance (WHS): work ability and recovery PI: dr. Judith K Sluiter

Individuele gevoeligheid voor (arbeidsgerelateerde) huidaandoeningen PI: dr. Sanja Kezic

14

Individual susceptibility to (occupational) skin disorders PI: dr. Sanja Kezic

Onderwijs Monitoring en signalering PatiĂŤntenzorg Kennisverspreiding De mensen achter de schermen Publicaties

16 Education 18 Monitoring and notification 22 Patient care 23 Dissemination of knowledge 26 The people behind the scenes 30 Publications

3


voorwoord

Crisis en gezondheid De economische crisis gaat niet ongemerkt aan ons voorbij; sommige landen worden harder getroffen dan anderen; dit geldt eveneens voor bedrijven binnen ons land. Crisis wordt doorgaans gekoppeld aan financiële middelen (euro’s in Nederland), maar uit onderzoek blijkt dat de crisis ook gevolgen heeft voor de gezondheid. In The Lancet (oktober 2011) beschrijven Kentikelenis et al., dat in Griekenland de crisis en de daarmee samengaande toename van werkeloosheid, een grote toename in als slecht ervaren gezondheid van de (beroeps)bevolking tot gevolg heeft gehad en tot 25% meer zelfmoorden heeft geleid dan in 2009. Vooral gevoelige groepen, o.a. mensen met chronische aandoeningen en/of ouderen, worden het hardst getroffen. In tijden van crisis bezuinigen bedrijven op arbozorg en gaan ze over tot reorganisatie en inkrimping. Dit is vanuit financieel oogpunt wellicht een goede zet, maar vanuit gezondheidkundig oogpunt helemaal niet. Reorganiseren brengt stress teweeg en een verhoging van de werkdruk voor degenen die in het arbeidsproces blijven, met alle gevolgen van dien. Werknemers in zware omstandigheden verdienen steun om risico op uitval te verkleinen en arbeidsparticipatie te bevorderen. De monitoring en bewustwording van gezondheidsrisico’s op de werplek, waarvoor ondersteuning en begeleiding door arboprofessionals cruciaal is, zouden in tijden van economische crisis juist niet ‘het kind van de rekening’ moeten zijn, maar zoals gezegd, is helaas het tegendeel waar. ‘Arbeidsparticipatie voor iedereen’, is het motto van de overheid, maar dat vereist maatwerk en evaluatie van de maatregelen en van de begeleiding die wordt ingezet. Preventief Medisch Onderzoek (PMO) bijvoorbeeld, is een goede aanpak maar wordt nog niet door alle bedrijven toegepast en bovendien is onderzoek naar de effectiviteit van PMO voor arbeidsparticipatie nog schaars. De implementatie van verworven kennis en advies over de veiligheid en gezondheid op het werk is voor werknemers, werkgevers en overheid noodzakelijk om preventie van arbeidsgerelateerde aandoeningen te realiseren. Daarvoor is samenwerking en afstemming tussen onderzoek en praktijk noodzakelijk. Helaas is dit niet altijd aan de orde en nog minder in tijden van crisis. Praktijkgericht onderzoek is het afgelopen jaar een kernactiviteit van de afdeling geweest waarmee goede resultaten zijn behaald. Dit zal ook het komend jaar een uitdaging blijven. Wij gaan ervoor.

Prof. dr. Monique HW Frings-Dresen Afdelingshoofd Coronel Instituut voor Arbeid en Gezondheid, AMC

4


foreword

Crisis and health The economic crisis is not passing us by unnoticed; some countries are being hit harder than others, and this also applies to companies in our country. Crisis is generally linked to financial resources (euros in the Netherlands), but research shows that the crisis is also having an impact on health. In The Lancet (October 2011), Kentikelenis et al., describe how in Greece the crisis and the accompanying increase in unemployment has resulted in a large increase in poor health as perceived by the (working) population and 25% more suicides than in 2009. Sensitive groups, such as people with chronic diseases and/or the elderly, are hit hardest. In times of crisis, companies economize on occupational health care as they turn to reorganization and cutbacks. While this may be a good move from a financial perspective, it is anything but good from a health point of view. Reorganization brings about stress and an increase in workload for those who remain employed, with all the associated consequences. Employees in tough conditions deserve support to reduce the risk of dropout and to promote participation in the labor force. The monitoring and awareness of health risks in the workplace, for which support and supervision by occupational health professionals is crucial, should not be ‘the victim’ in times of economic crisis, but, as stated above, unfortunately the converse is true. ‘Work participation for everyone’ is the motto of the government, but that requires customization and evaluation of the measures and of the support provided. Workers’ Health Surveillance (WHS), for example, is a good approach but is not yet applied by all companies, and, furthermore, research on the effectiveness of WHS for work participation is still sparse. The implementation of acquired knowledge and recommendations on safety and health at work is essential for employees, employers and the government in order to achieve prevention of work-related disorders. This requires cooperation and coordination between research and practice. Unfortunately this is not always on the agenda, and even less so at times of crisis. Practice-oriented research has been a core activity of the Institute in the past year, with good results achieved. This will continue to be a challenge in the year ahead. Let’s go for it.

crisis

Prof. dr. Monique HW Frings-Dresen Director of the Coronel Institute of Occupational Health, AMC

5


organisatie

Afdeling Coronel Instituut voor Arbeid en Gezondheid Het Coronel Instituut voor Arbeid en Gezondheid is een afdeling binnen het Academisch Medisch Centrum (AMC) te Amsterdam en ressorteert onder de Divisie Klinische Methoden en Public Health. Het instituut richt zich op vraagstukken op het gebied van arbeid en gezondheid. Het hoofd van de afdeling is prof. dr. Monique HW FringsDresen. De gezondheid van de werknemer of patiĂŤnt en de gezondheidszorg voor hen staan centraal. Er wordt gestreefd naar optimale preventie van beroepsziekten en bevordering van arbeidsparticipatie. Het Nederlands Centrum voor

Beroepsziekten (NCvB), het Kenniscentrum Verzekerings­ geneeskunde AMC-UMCG-UWV-VUmc (KCVG), de Polikliniek voor Mens en Arbeid (PMA) en het Kenniscentrum Medische Keuringen in Arbeid (KMKA) zijn onderdelen van de afdeling. Het instituut neemt deel in de Netherlands School of Public and Occupational Health (NSPOH) en de AOWP (Academische OpleidingsWerkPlaats). De Wereld Gezondheids Organisatie (WHO) heeft het Coronel Instituut voor Arbeid en Gezondheid aangewezen als

carpenter 6


organisation

Coronel Institute of Occupational Health WHO Collaborating Center in Occupational Health. Het Coronel Instituut is bijzonder actief in de International Commission on Occupational Health (ICOH). De afdeling heeft vier hoogleraren, te weten prof. dr. Frank JH van Dijk, prof. dr. Monique HW Frings-Dresen, prof. dr. Haije Wind, benoemd als Bijzonder Hoogleraar vanuit de Stichting Instituut Gak en prof. dr. Carel TJ Hulshof, benoemd als Bijzonder Hoogleraar vanuit de NVAB (Nederlandse Vereniging voor Arbeids- en Bedrijfsgeneeskunde). Het onderzoek van de afdeling wordt geleid door vier Principal Investigators (PI’s): prof. dr. Frank JH van Dijk, prof. dr. Monique HW Frings-Dresen, dr. Judith K Sluiter en dr. Sanja Kezic. Het onderwijs voor onder andere het Curius curriculum, studenten Medische Informatiekunde, en postgraduate en masteronderwijs wordt gecoördineerd door de staf onderwijs onder voorzitterschap van dr. P Paul FM Kuijer. Prof. dr. Monique HW Frings-Dresen en dr. Henk F van der Molen leiden het NCvB en prof. dr. Monique HW Frings-Dresen en dr. Bas Sorgdrager de PMA; dr. Judith K Sluiter en prof. dr. Carel TJ Hulshof voeren de leiding bij het KMKA; het KCVG heeft een eigen bestuursstructuur.

The Coronel Institute of Occupational Health is a department of the Academic Medical Center (AMC) in Amsterdam and is part of the Division of Clinical Methods and Public Health. The Institute’s research focuses on the field of occupational health. The department is headed by prof. dr. Monique HW Frings-Dresen. Its mission relates primarily to the health and healthcare of employees and patients. The aim is to optimize the prevention of occupational diseases and to promote participation in the labor force. The department includes the Netherlands Center for Occupational Diseases (NCvB), the Research Center for Insurance Medicine AMC-UMCG-UWVVUmc (KCVG), the People and Work Outpatient Clinic (PMA) and the Expertise Center of Pre-employment Medical Examinations and Workers’ Health Surveillance (KMKA). The Institute participates in the Netherlands School of Public and Occupational Health (NSPOH) and the Academic Collaborative Training Center (AOWP). The World Health Organization (WHO) has designated the Coronel Institute of Occupational Health as a WHO Collaborating Center in Occupational Health. The Coronel Institute is a particularly active member of the International Commission on Occupational Health (ICOH). The department has four professors, prof. dr. Frank JH van Dijk, prof. dr. Monique HW Frings-Dresen, prof. dr. Haije Wind, professor by special appointment of Stichting Instituut Gak, and prof. dr. Carel TJ Hulshof, professor by special appointment of the Netherlands Society of Occupational Medicine (NVAB). The department’s research is directed by four Principal Investigators (PIs): prof. dr. Frank JH van Dijk, prof. dr. Monique HW Frings-Dresen, dr. Judith K Sluiter and dr. Sanja Kezic. The education provided in the Curius curriculum, to Medical Informatics students, and in post­ graduate and master’s courses, is coordinated by the educational staff, chaired by dr. P Paul FM Kuijer. Prof. Monique HW Frings-Dresen and dr. Henk F van der Molen manage the NCvB and prof. dr. Monique HW Frings-Dresen and dr. Bas Sorgdrager manage the PMA; dr. Judith K Sluiter and prof. dr. Carel TJ Hulshof manage the KMKA; the KCVG has its own management structure.

7


onderzoek

Ontstaan en preventie van arbeidsgerelateerde aandoeningen PI: prof. dr. Monique HW Frings-Dresen

Development and Prevention of Occupational Diseases

Doel onderzoekslijn De onderzoekslijn schenkt aandacht aan het ontstaan en de preventie van arbeidsgerelateerde aandoeningen i.e. beroeps­ ziekten. Het onderzoek richt zich enerzijds op factoren in arbeid die (beroeps)ziekten veroorzaken en anderzijds op vraag­stukken rond arbeidsre-integratie bij mensen met een (chronische) aan­doening. Een aantal (chronische) ziekten/aandoeningen in relatie tot werk zijn aandachtspunt van studie, zoals aan­ houdende vermoeidheid, klachten van het bewegingsapparaat, reuma, tumoren, en niet-aangeboren hersenletsel. Samen met de curatieve sector wordt onderzoek uitgevoerd op het gebied van arbeidsmogelijkheden tijdens het behandel­proces van de patiënt, zoals bijvoorbeeld met het Gastro-Intestinaal Oncologisch Centrum Amsterdam (GIOCA), en reumatologie. Een aantal onderzoeksprojecten is gericht op de kwaliteit van verzekeringsgeneeskundig handelen, zoals bijvoorbeeld naar factoren die langdurige arbeidsongeschikt­heid in stand houden, naar interventies die effectief zijn bij (zieke) werklozen met depressieve stoornissen en naar factoren die relevant zijn bij de beoordeling van jonggehandicapten (Wajongers) en voor begeleiding naar werk bij patiënten met niet-aangeboren hersenletsel.

Wat is in 2011 bereikt? In 2011 is de tweede fase van het onderzoekprogramma van het Kenniscentrum Verzekeringsgeneeskunde AMC-UMCGUWV-VUmc van start gegaan waarin als eerste stap met stakeholders is besproken wat relevante en op de praktijk toegespitste onderwerpen zijn. Het door de Stichting Instituut Gak

PI: prof. dr. Monique HW Frings-Dresen Target

What was achieved in 2011?

This line of research addresses the etiology and prevention of work-related disorders, i.e. occupational diseases. The research focuses on work-related factors that cause occupational diseases as well as issues surrounding the occupational reintegration of people with chronic diseases. A number of chronic workrelated diseases/disorders are the subject of study. These include chronic fatigue, musculoskeletal disorders, rheumatism, tumors and acquired brain injuries. In cooperation with the curative sector research is being conducted on the possibilities of patients working during the treatment process. Examples include the Gastrointestinal Oncology Center Amsterdam (GIOCA) and rheumatology. A number of projects concern the quality of insurance medicine, such as the factors that perpetuate long-term occupational disability; finding effective interventions for people who are unemployed (due to illness) and suffer from depressive disorders; and factors that are relevant to the assessment of young people with disabilities (Wajong) and to helping people with acquired brain injuries find work.

The second phase of the research program of the Research Center for Insurance Medicine AMC-UMCG-UWV-VUmc was launched in 2011, with the first step being to discuss relevant and practice-oriented issues with stakeholders. The research program Reintegration Improvement Study (RVO) funded by the Stichting Instituut Gak held its concluding symposium in 2011, with a small number of projects carrying on into 2012. Two doctorates were conferred, to Margot Joosen for her research on effective rehabilitation strategies for patients with chronic fatigue symptoms, and to Marie-Christine Plat for her research on the implementation of job-specific worker’s health surveillance (WHS) for fire suppression personnel. These two doctoral programs were carried out under the responsibility of two PIs, Monique Frings-Dresen and Judith Sluiter, and attracted a lot of attention from the field. The feasibility of E-health intervention to help rheumatism patients retain their jobs and/or return to work was investigated in cooperation with the AMC’s rheumatology department. A major implementation study to prevent musculoskeletal injuries in

8


research gefinancierde onderzoekprogramma Re-integratie Verbeter Onderzoek (RVO) heeft in 2011 het eindsymposium gehouden, een gering aantal projecten lopen nog door in het jaar 2012. Twee promoties hebben plaats gevonden, namelijk van Margot Joosen, gericht op effectieve re-integratie strategieën bij patiënten met aanhoudende vermoeidheidsklachten en van Marie-Christine Plat naar de implementatie van een beroeps­ specifiek PMO voor repressief brandweerpersoneel. Deze twee promotietrajecten zijn onder de verantwoordelijkheid van twee PI’s uitgevoerd, namelijk Monique Frings-Dresen en Judith Sluiter, en hadden veel belangstelling vanuit de praktijk. Samen met de afdeling reumatologie (AMC) is de haalbaarheid van een E-health interventie voor behoud en terugkeer naar werk voor reumapatiënten nagegaan. Ter preventie van klachten

aan het bewegingsapparaat binnen de bouwsector is een groot implementatieonderzoek gestart in samen werking met EMGO+ (VUmc) en Arbouw. Op gebied van behoud en re-integratie naar werk voor patiënten gediagnosticeerd met kanker zijn een aantal subsidies geworven die in 2012 van start gaan; de samenwerking met GIOCA is gecontinueerd en heeft geresulteerd in een artikel in de BMJ Open over het aantal patiënten met werkgerelateerde klachten bij kanker. Met een subsidie van ZonMw is in samenwerking met professionals uit diverse disciplines en patiënten een richtlijn op gebied van beoordelen, behandelen en begeleiden van niet-aangeboren hersenletsel en arbeids­ participatie gemaakt. Dit project wordt in 2012 gecontinueerd met een implementatie onderzoek van de richtlijn in de praktijk.

Multidisciplinaire richtlijn Niet-Aangeboren Hersenletsel (NAH) en arbeidsparticipatie Door middel van literatuuronderzoek en consensus werd multidisciplinaire zorg­ afstemming ten aanzien van arbeids­participatie geëffectueerd. Zorgverleners, die betrokken zijn bij NAH en arbeidsparticipatie, dienen over voldoende expertise te beschikken. Een kern van bedrijfsarts of verzekeringsarts in de arborol en revalidatiearts, bijgestaan door neuropsycholoog, arbeidsdeskundige (en

eventueel) zorgcoördinator, is wenselijk. Samen dragen zij zorg voor eenduidigheid ten aanzien van informatieverstrekking en voor continuïteit in hulpverlening waarbij al vroeg aandacht besteed wordt aan arbeid en de visie van patiënt en mantelzorger worden meegenomen. De multidisciplinaire NAH-richtlijn voor beoordelen, behandelen en begeleiden (3B),

biedt betrokken professionals, werkgevers en patiënten handvatten hoe arbeidsparticipatie bij NAH, vanaf het begin tot het moment van arbeidsparticipatie en daarna, kan worden vormgegeven. Wetenschappelijk onderzoek is noodzakelijk om dit proces verder te ontwikkelen en samenwerking tussen betrokken disciplines te intensiveren en te optimaliseren.

Multidisciplinary guideline on Acquired Brain Injury and participation in the labor forcen Multidisciplinary healthcare coordination with regard to participation in the labor force was implemented through a review of the literature and consensus. Healthcare providers involved in acquired brain injury and participation in the labor force must have sufficient expertise. A core of an occupational physician or insurance physician of an occupational health service, assisted by a neuropsychologist, employment

expert and healthcare coordinator (if necessary), is advisable. Together they are responsible for clarity with regard to the provision of information and for continuity of care, with attention for work and the views of the patient and informal carers taken into consideration at an early stage. The multidisciplinary acquired brain injury guideline for assessment, treatment and support serves as a guide for professionals,

the construction sector was launched in cooperation with EMGO+ (VUmc) and Arbouw. With regard to job retention and rehabilitation for patients diagnosed with cancer, a number of subsidies were acquired, which will come into effect in 2012; cooperation with GIOCA continued and resulted in an article in the BMJ Open on the number of patients with work-related symptoms and cancer. Thanks to subsidy from

employers and patients in the interpretation of participation in the labor force for patients with acquired brain injuries, from the beginning up to the time of labor force participation and afterwards. Scientific research is needed in order to further develop this process and intensify and optimize cooperation between the disciplines concerned.

the Netherlands Organization for Health Research and Development (ZonMw), a guideline on the assessment, treatment and support of patients with acquired brain injuries and their participation in the labor force was developed in cooperation with professionals from various disciplines and patients. This project will be continued in 2012 with an implementation study of the guideline in practice.

9


onderzoek

Kwaliteit van de zorg op het gebied van Arbeid en Gezondheid PI: prof. dr. Frank JH van Dijk Binnen het thema ‘Kwaliteit van de zorg op het gebied van Arbeid en Gezondheid’ staan vier onderwerpen centraal: de mentale gezondheid, beroepsziekten, werkenden met een chronische aandoening en de verspreiding van wetenschap­ pelijke kennis. Psychische problemen en aandoeningen hebben ongunstige gevolgen voor de werkende, maar mogelijk ook voor anderen zoals klanten, leerlingen en patiënten. Dit jaar verschenen drie publicaties van het project Mental Vitality at Work over een groot onderzoek bij verpleegkundigen en paramedisch personeel. Publicaties gaan over de eigenschappen van een nieuwe vragenlijst om het functioneren op het werk goed te kunnen meten.

Steeds meer werkenden hebben een chronische aandoening. Kwalitatief onderzoek laat zien dat de bestaande begeleiding niet helpt bij de overgang van gedeeltelijke naar volledige werk­ hervatting bij werknemers met psychische problemen. Bij kankerpatiënten die weer aan het werk zijn komen vermoeid­ heid en depressie veel voor, samenhangend met weinig aan­ passingen op het werk. Beide onderzoeken bieden aanknopings­ punten voor de praktijk. Het blijkt dat de opvattingen van human resource managers en lijn managers over hoe werknemers te ondersteunen bij het behoud van hun werk, deels gelijk maar ook deels verschillend zijn. Dit is belangrijke informatie voor arbodeskundigen die nauw met hen samen­werken. Een door ons zelf ontwikkelde ‘empowerment’ training voor deze groep werknemers blijkt gelukkig succesvol: het zelfvertrouwen in het eigen kunnen neemt toe en de vermoeidheid wordt minder in vergelijking met een controlegroep.

Quality of Care in Occupational Health PI: prof. dr. Frank JH van Dijk The four main topics within the ‘Quality of Care in Occupational Health’ theme are: mental health, occupational diseases, employees with chronic diseases and the dissemination of scientific knowledge. Psychological problems and disorders have adverse effects on the affected employees themselves, and possibly also on others such as customers, schoolchildren and patients. This year, there were three publications by the Mental Vitality at Work project, a large study conducted among nurses and allied health professionals. The publications are about the qualities of a new questionnaire to measure performance at work. More and more employees have chronic diseases. Qualitative research shows that the existing support does not help in the transition from partial to full resumption of work among employees with psychological problems. Fatigue and depression, accompanied by few modifications at work, are

10


research

Beroepsziekten komen nog steeds veel voor. Patiënten met een hersenaandoening door oplosmiddelen (chronic solvent encephalopathy) blijken veel problemen te hebben met depressie en angststoornissen, een constatering die kan leiden tot een betere begeleiding. Gunstig is een bevinding bij werkenden met klachten aan de arm, nek en/of schouder in een onderzoek door het Nederlands Centrum voor Beroeps­ ziekten: zij blijken in één jaar tijd sterk te verbeteren in hun klachten. Meldingen van beroepsziekten door werkenden zelf is een nieuw onderzoeksthema. Een eerste artikel is verschenen. De vraag is wat er gebeurt met de duizenden wetenschappelijke artikelen over werken en gezondheid. Het belang van weten­ schappelijke kennis voor het werk van verzekeringsartsen is met voorbeelden uitgewerkt in een artikel. Werknemers en leidinggevenden hebben, net als deskundigen, veel vragen over werken en gezondheid, maar kunnen vaak geen goede ant­ woorden vinden. Daarom is een online netwerk van deskundigen opgezet (ArboAntwoord) om vragen via het internet te beantwoorden. Dit netwerk wordt bijzonder gewaardeerd en biedt informatie van een duidelijk hogere kwaliteit vergeleken met antwoorden door zelf te zoeken op het internet. Het

Coronel Instituut is internationaal actief, zoals voor de WHO. In Latijns Amerika en Spanje wordt gewerkt met onze publicatie in het Spaans over hoe te zoeken naar waardevolle informatie over werken en gezondheid op het internet.

¿Cómo buscar la evidencia en las fuentes de internet?

Autor principal: Frank van Dijk, MD, PhD.

Salud Ocupacional

Co-autores: Ingrid Braam, MSc, Patricia Dekkers Sanchez, MD, Francisco Javier Rodríguez, Paul Smits, MD, PhD, y Gonnie Zweerman, MSc. 2011 Primera edición revisada

Frank van Dijk es médico en la Salud Ocupacional y trabaja como profesor en el Instituto Coronel de la Salud Ocupacional del AMC Centro Médico Académico en Amsterdam – Países Bajos. Frank participa como docente en el curso ‘Salud Ocupacional cruzando fronteras’, organizado en los países Latinoamericanos, la directora del programa es la profesora catedrática Katja Radon, MSc, PhD del Hospital Universitario Múnich, LudwigMaximilians-Universität, Múnich, Alemania. Este libro está publicado por el Instituto Coronel de la Salud Ocupacional, Centro Médico Académico de Amsterdam – Países Bajos, en estrecha cooperación con el LMU en Múnich – Alemania y el programa de CIH.

Prof. F.J.H. (Frank) van Dijk Coronel Institute of Occupational Health Academic Medical Center Amsterdam The Netherlands

© La publicación está bajo una licencia Creative Commons.

common among cancer patients who return to work. Both studies are useful to improve health care practice. It turns out that the views of human resource managers and line managers on how to support employees in keeping their jobs are the same in some respects and different in others. This is important information for occupational experts who work closely with them. Fortunately, the ‘empowerment’ training course we developed for this group of employees is proving successful, with an increase in self-confidence in their own ability and a decrease in fatigue compared to a control group. Occupational diseases are still common. Many patients with brain disorders caused by exposure to solvents (chronic solvent-induced encephalopathy) have been found to have problems with depression and anxiety disorders, a finding that can lead to better support. A study by the Netherlands Center for Occupational Diseases produced a favorable finding among employees with arm, neck and/or shoulder complaints: their

symptoms improved significantly within one year. Reports of occupational diseases by employees themselves are a new theme of research. The first article has been published. The question is what happens to the thousands of scientific articles on work and health. The importance of scientific knowledge for the work of insurance company physicians was explained in an article through examples. Along with the experts, employees and managers have many questions about work and health, but are often unable to find good answers. Therefore an online network of experts (ArboAntwoord) has been set up to answer questions on the Internet. This network is rated highly and the information provided is clearly of a higher quality than that found when seeking answers oneself on the Internet. The Coronel Institute operates on an international scale, for example for the WHO. Our Spanish publication on how to find valuable information on occupational health on the Internet is used in Latin America and Spain.

11


onderzoek

Preventief medisch onderzoek (PMO): werkvermogen en herstel PI: dr. Judith K Sluiter

Doel onderzoekslijn

Wat is in 2011 bereikt?

Kennisverwerving over de beoordeling van het werkvermogen (bv. tijdens medische keuringen) en het verbeteren van de prognose van functiespecifiek herstel na acute- of bij chronische gezondheidsproblematiek. Het goed kunnen (blijven) functioneren in werk is het streven. Onderzoekspopulaties: • Werknemers in zware beroepen (bv. brandweer, ambulance, medisch specialisten (in opleiding), politiepersoneel, treinpersoneel, verpleegkundigen, leger, helikopterpiloten en helikoptercrew, topsporters, bouwpersoneel). • Specifieke patiëntenpopulaties (bv. chronisch vermoeidheid, reuma/RSI, niet-aangeboren hersenletsel, stress/psychische klachten, (congenitale) hart- en vaatziekten).

De gezondheid en werkvermogen van beroepen in de gezondheidszorg, en meer specifiek van ziekenhuispersoneel stonden centraal in 2011. De ontwikkeling van een functie­ specifiek PMO voor medisch specialisten (in opleiding) is afgerond en de haalbaarheid van dit PMO is getest. Drie medisch specialismen van één UMC deden mee bij het testen. De arbodienst kon het opgestelde protocol goed uitvoeren en meer dan tweederde van de deelnemende artsen gaven aan te verwachten dat deelname aan het PMO en de verkregen adviezen hun gezondheid en werkfunctioneren positief kan beïnvloeden. Voor verpleegkundigen en paramedisch ziekenhuispersoneel is een psychische module voor PMO ontwikkeld en getest in een gerandomiseerd gecontroleerd onderzoek met drie onderzoeks­ armen (een controlegroep en twee PMO strategieën). PMO met een bezoek aan de bedrijfsarts werd hierbij vergeleken met een volledig elektronisch PMO waarbij E-health interventies digitaal werden aangeboden. De menselijke, medische maat

Workers’ Health Surveillance (WHS): work ability and recovery PI: dr. Judith K Sluiter Mission and research subjects To gain knowledge on work ability assessment (e.g. during medical examinations) and improve the prognoses for jobspecific recovery following acute or chronic health issues. The ultimate aim is to enable people to perform optimally at work. Study populations: • Employees in high demands jobs (e.g. firefighters, ambulance workers, medical specialists/residents, police, train drivers, nurses, military personnel, helicopter pilots and crew, elite athletes and construction workers).

12

• Specific patient populations (e.g. chronic fatigue, rheumatoid arthritis/RSI, acquired brain injuries, stress/psychological disorders, (congenital) cardiovascular diseases).

What was achieved in 2011? The health and work ability with regard to healthcare occupations, and specifically of hospital staff, were the focus in 2011. The development of a job-specific WHS for medical specialists and residents has been completed and the feasibility of this WHS has been tested. Three medical specialties of one


research

lijkt het van de computer te winnen in deze context. In 2012 zal over dit laatste onderzoek een eerste promotie plaatsvinden. Verder is een evaluatieonderzoek afgerond naar een interventie gericht op het verminderen van de nekbelasting bij helikopter­ personeel. Het lopende cohortonderzoek onder medische studenten uit meerdere UMC’s, dat in 2012 het derde jaar ingaat, heeft tot de eerste publicatie geleid (Van der Veer, Frings-Dresen en Sluiter, 2011, PLoS One) en veel aandacht gekregen in de landelijke pers. De ontwikkeling en implemen­ tatie van hulpmiddelen bij de medische beoordeling van werkvermogen staat centraal in twee projecten die door en voor verzekeringsgeneeskundigen worden uitgevoerd. Twee promotietrajecten zijn in 2011 succesvol afgerond: Margot Joosen (re-integratie van chronisch vermoeide werk­ nemers met participatieproblemen) en Marie-Christine Plat (implementatie van beroepsspecifiek PMO voor repressief brandweerpersoneel) promoveerden. In 2011 zijn 11 nationale en 21 internationale wetenschappelijke publicaties verschenen. Op internationale congressen werd kennis verspreid via presentaties of posters. Maatschappelijk succes is dat zowel in de ambulance- als in de brandweersector via CAO of andere regelgeving vanaf 2011 is opgenomen dat de in deze onderzoeks­ lijn ontwikkelde medische keuringen en preventief medisch onderzoek landelijk worden geïmplementeerd. Expertise is ingezet voor NWO en ZonMw. Met het Kenniscentrum

University Medical Center took part in the testing. The occupational health service was able to implement the protocol effectively and more than two-thirds of the participating doctors stated that they expected that participation in the WHS and the recommendations received could have a positive influence on their health and performance at work. A psychological WHS module for nurses and allied health professionals in hospitals was developed and tested in a three-armed randomized controlled trial. Two strategies, a visit to the occupational physician were compared with a fully electronic WHS >

Medische Keuringen in Arbeid zijn diverse onderwijs- en adviesactiviteiten ondernomen. Twee nieuwe ZonMw projecten starten in 2012: een nieuwe maat voor werk­ functioneren wordt ontwikkeld in de komende jaren en samen met de NVAB is een project gestart waarin het preventie­ consult in de bedrijfsgezondheidszorg wordt uitgetest.

Ontwikkeling, implementatie en evaluatie van medische keuringen (aanstellingskeuringen, verplichte medische keuringen en preventief medisch onderzoek) wordt in deze Onderzoekslijn in samenwerking met praktijkpartijen vormgegeven. Een kenniscentrum op het gebied van medische keuringen wordt geleid samen met de NVAB, het Kennis­centrum Medische Keuringen in Arbeid (KMKA), www.amc.nl/kmka.

This line of research defines the development, implementation and evaluation of medical examinations (pre-employment and mandatory medical examinations and workers’ health surveillance) in collaboration with the sectors concerned. The Expertise Center of Pre-employment Medical Examinations and Worker’s Health Surveillance (KMKA) is run together with the Netherlands Society of Occupational Medicine (NVAB) (www.amc.nl/kmka).

13


onderzoek

> Workers’ Health Surveillance (PMO):

work ability and recovery

with E-health interventions being offered digitally. The human approach appears to be beating the computer in this context. The first doctorate will be conferred for this latter study in 2012.

Individuele gevoeligheid voor (arbeidsgerelateerde) huidaandoeningen PI: dr. Sanja Kezic

Further, an evaluation study was completed on an intervention focused on reducing neck strain among helicopter crew. The cohort study among medical students from multiple UMCs, which enters its third year in 2012, has led to its first publication (Van der Veer, Frings-Dresen and Sluiter, 2011, PLoS One) and received a lot of attention from the national media. The development and implementation of tools used in the medical assessment of work ability are the focus of two projects being carried out by and on behalf of insurance company physicians. Two doctoral programs were completed successfully in 2011: Margot Joosen (vocational rehabilitation of workers with chronic fatigue and participation problems) and Marie-Christine Plat (implementation of job-specific WHS for fire fighters) obtained their doctorates. Eleven Dutch and 21 international scientific publications were released in 2011. Knowledge was disseminated via presentations and posters at international conferences. Societal impact was shown in the ambulance and firefighting sectors collective labor agreements or other regulations: the medical examinations and workers’ health surveillance developed in this line of research will be implemented nationally from 2011. Expertise was provided to the Netherlands Organization for Scientific Research (NWO) and the Netherlands Organization for Health Research and Development (ZonMw). Various educational and advisory activities were undertaken with the Expertise Center of Preemployment Medical Examinations and Worker’s Health Surveillance (KMKA). Two new ZonMw projects will commence in 2012: a new measure of performance at work will be developed in the coming years, and a project has been launched with the NVAB to test preventive consultation in occupational healthcare.

14

Het onderzoek richt zich op de betekenis van genetische variaties voor de ontwikkeling en prognose van beroepsgerelateerd contacteczeem (CE). Als mogelijke “gevoeligheidsgenen” worden een aantal polymorphismen onderzocht in genen die betrokken zijn bij de vorming van de huidbarrière en bij het reguleren van ontstekingsprocessen. De studies richten zich met name op de functionele gevolgen van de genetische variaties in het filaggrine gen (FLG). FLG mutaties leiden tot een minder goed functionerende huidbarrière, waardoor de huid meer doorlaatbaar wordt voor stoffen die sensitisatie en ontstekingen in de huid kunnen veroorzaken. Deze mutaties zijn een belangrijke factor in de predispositie voor atopische dermatitis (AD). Individuen met een (geschiedenis van) AD hebben een grotere kans op het ontwikkelen van CE. Echter, de afzonderlijke bijdragen van de FLG mutaties en AD voor het verkrijgen van CE zijn niet bekend. Om te bestuderen in hoeverre FLG mutaties en AD bijdragen tot het ontwikkelen van beroepsmatig CE werden twee onderzoeken uigevoerd: een prospectief onderzoek uitgevoerd bij leerling-verpleegkundigen en een case-control studie bij patiënten met chronisch contacteczeem. De functionele gevolgen van FLG mutaties en AD werden onderzocht in een experimentele irritatiestudie. Gezonde vrijwilligers en AD patiënten met en zonder FLG mutaties werden blootgesteld aan water en aan een model irritatiestof (sodium laurylsulfaat). De irritatierespons werd waargenomen door het meten van de huidbarrière, huiderytheem, en het gehalte van verschillende ontstekingsmediatoren en filaggrine afbraakproducten. Daarnaast werden de morfologische veranderingen in de epidermis bestudeerd door middel van confocale microscopie (Vivascope, MAVIG). De studies zijn onderdeel van het promotieonderzoek van Maaike Visser en zullen afgerond zijn in 2012.


research

Individual susceptibility to (occupational) skin disorders PI: dr. Sanja Kezic

This line of research focuses on the significance of genetic variations in the development and prognosis of occupational contact eczema (CE). A number of polymorphisms in genes which are involved in the formation of the skin barrier and in the regulation of inflammatory processes are being investigated as possible ‘sensitivity genes’. The studies focus primarily on the functional consequences of genetic variations in the filaggrin gene (FLG). FLG mutations lead to an improperly functioning skin barrier, as a result of which the skin becomes more permeable to substances that can cause sensitization and inflammation in the skin. These mutations are an important factor in the predisposition for atopic dermatitis (AD). Individuals with a history of AD have a greater chance of developing CE. However, the individual contributions of the FLG mutations and AD in the development of CE are not known. To investigate the extent to which FLG mutations and AD contribute to the development of occupational CD, two studies are being conducted: a prospective study among student nurses and a case-control study among patients with chronic contact eczema. The functional consequences of FLG mutations and AD were investigated in an experimental irritation study. Healthy volunteers and AD patients with and without FLG mutations were exposed to water and to a model irritant (sodium lauryl sulfate). The irritation response was observed by measuring the skin barrier, skin erythema and the level of various inflammatory mediators and breakdown products. In addition, the morphological changes in the epidermis were studied by means of confocal microscopy (Vivascope, MAVIG). The studies are part of the doctoral research of Maaike Visser and will be completed in 2012.

15


onderwijs

Onderwijs dr. P Paul FM Kuijer en dr. Paul BA Smits In 2011 heeft het Coronel Instituut voor Arbeid en Gezondheid meer dan 200 studenten Geneeskunde in de juniorco- en in de coschappen getraind om scherper te letten op de rol van werk bij het ontstaan van ziekten èn de zorg voor zieken ook te richten op deelnemen aan werk. Dit is gelukt dankzij de goede samenwerking met de Arbodienst van het AMC, ArboUnie, Achmea Vitale en HumanCapitalCare Arbozorg, en anderen zoals sportartsen en zelfstandig bedrijfsartsen. Ook het 2e jaars keuzeonderwijs ‘Topsport, dans en muziek als werk’ is weer goed beoordeeld. Het Coronel Instituut voor Arbeid en Gezondheid is ook actief in de AMC opleiding Medische Informatiekunde en in de opleiding, bij- en nascholing van bedrijfs- en verzekeringsartsen bij de Netherlands School of Public & Occupational Health (NSPOH). Dit laatste gebeurt in de Academische OpleidingsWerkPlaats (AOWP) voor Arbeid, Maatschappij en Gezondheid. In 2011 is een driejaarlijkse Topclass Occupational Health onder verantwoordelijkheid van prof. dr. Carel Hulshof gestart. Binnen de opleiding voor verzekerings­ artsen is de samenwerking met het Kennis­centrum Verzekerings­ geneeskunde AMC-UMCG-UWV-VUmc versterkt.

Daarnaast verzorgt het Coronel Instituut onderwijs bij ‘in company’ opleidingen, onder andere met het Nederlands Centrum voor Beroepsziekten. Met KLM Health Services is een workshopcyclus over het signaleren van beroepsziekten gegeven. De staf onderwijs zorgt voor ontwikkeling, coördinatie en kwaliteitsborging. Dr. Paul Smits toonde aan dat 2e jaar­ studenten Geneeskunde bedrijfsgeneeskunde door e-learning niet positiever waarderen dan het gebruik van boeken, artikelen of richtlijnen (www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/22034545). In 2011 hebben drie collega’s hun Basis Kwalificatie Onderwijs (BKO) gehaald, een bewijs van didactische bekwaamheid voor docenten in het wetenschappelijk onderwijs welke wordt erkend door de Nederlandse universiteiten. In 2011 is het Spaanstalige boek van prof. dr. Frank van Dijk, ‘¿Cómo buscar la evidencia en las fuentes de internet?’ verschenen als stimulans voor het gebruik van Evidence Based Medicine in Zuid-Amerika. Er is ook een website voor internationaal onderwijsmateriaal over arbeid en gezondheid gestart: www.workershealtheducation.org

Education dr. P Paul FM Kuijer and dr. Paul BA Smits In 2011, the Coronel Institute of Occupational Health trained more than 200 medical students in (junior) internships to pay closer attention to the role of work in the development of diseases and to also focus patient care on participation in work. This was possible thanks to the close cooperation with the AMC Occupational Health and Safety Service, ArboUnie, Achmea Vitale and HumanCapitalCare, and others such as sports medicine specialists and independent occupational physicians. The second-year elective program ‘Top-class sports, dance and music as a profession’ was once again rated highly.

16

The Coronel Institute of Occupational Health also plays an active role in training students of Medicine and Medical Informatics at the AMC, and provides training and additional schooling to occupational and insurance physicians at the Netherlands School of Public & Occupational Health (NSPOH). This is done in cooperation with the Academic Collaborative Training Center (AOWP) for Labor, Society and Health. A triennial Occupational Health Topclass was launched in 2011, under the responsibility of prof. Carel Hulshof. Cooperation with the Research Center for Insurance Medicine AMC-UMCG-UWV-VUmc within the study program for insurance company physicians was intensified.


education

2e jaarstudenten Geneeskunde en enkele docenten van het keuzeonderwijs Topsport, dans en muziek als werk 2010/2011 Second-year medical students and lecturers of the elective program ‘Top-class sports, dance and music as a profession’ 2010/2011

The Coronel Institute also provides in-company training in collaboration with organizations such as the Netherlands Centre for Occupational Diseases. A workshop cycle on the identification of occupational diseases was given in cooperation with KLM Health Services. The teaching staff are responsible for development, coordination and quality assurance. Dr. Paul Smits showed that second-year medical students did not rate occupational medicine through e-learning more positively than the use of books, articles or guidelines (www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/22034545). In 2011, three colleagues earned their Basic Qualification in

Education (BKO), a teaching competence certificate for lecturers in academic higher education, which is recognized by the Dutch universities. Prof. Frank van Dijk’s Spanish book ‘¿Cómo buscar la evidencia en las fuentes de internet?’ was published in 2011 to encourage the use of Evidence-based Medicine in South America. In addition, a website for international educational material on occupational health was launched: www.workershealtheducation.org

17


monitoring en signalering

Monitoring en signalering van beroepsziekten Het Nederlands Centrum voor Beroepsziekten (NCvB) registreert in opdracht van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid het vóórkomen van beroepsziekten in Nederland. Bedrijfsartsen en verzekeringsartsen in de arborol zijn wettelijk verplicht deze te melden aan het NCvB. Het doel van deze beroepsziekteregistratie is het stimuleren van preventie van werkgerelateerde aandoeningen, individueel én collectief. Immers elke beroepsziekte is te vóórkomen. In het verslagjaar 2011 is met een vragenlijstonderzoek extra aandacht besteed aan het verkrijgen van inzicht in de factoren die het melden van beroepsziekten beïnvloeden. Er lijken nu meer barrières te bestaan dan tien jaar geleden voor een werkende om een mogelijk werkgerelateerd gezondheidsprobleem voor te leggen aan een bedrijfsarts. De meldende bedrijfsartsen blijken vooral intrinsiek gemotiveerd door hun professionele taakopvatting. In 2011 zijn 6.989 meldingen van beroepsziekten geregistreerd. Het merendeel van alle meldingen over 2011 komt uit drie categorieën beroepsziekten, namelijk: gehooraandoeningen

18

(40%), aandoeningen van het houding- en bewegingsapparaat (34%) en psychische aandoeningen (19%). In tabel 1 staan de tien meest gemelde beroepsziekten van 2011. In totaal melden 174 bedrijfsartsen via het “Peilstation Intensief Melden” de door hen gediagnosticeerde beroeps­ ziekten. Daarnaast wordt extra informatie gevraagd over de aard en omvang van hun werknemerspopulatie. In 2011 zijn via dit peilstation 1472 meldingen van beroepsziekten geregistreerd, hetgeen een incidentie betekent van 302 (95% betrouwbaarheidsinterval (BI): 287-318) beroepsziekten per 100.000 werknemersjaren. Tabel 2 geeft een overzicht van de incidentiecijfers van de beroepsziektemeldingen per 100.000 werknemersjaren per economische hoofdsectie met het bijbehorende 95% BI over 2011. Daarnaast wordt veel aandacht besteed aan de ontwikkeling en verspreiding van registratierichtlijnen en wetenschappelijke achtergronddocumenten als hulpmiddel voor het diagnosticeren en melden van beroepsziekten. >


monitoring and notification

Monitoring and notification of occupational diseases The Netherlands Center for Occupational Diseases (NCOD) registers occupational diseases in the Netherlands for the Ministry of Social Affairs and Employment. Occupational physicians of occupational health services and insurance physicians are required by law to report these diseases to the NCOD. The purpose of registering these occupational diseases is to stimulate the prevention of work-related disorders, individually and collectively. After all, every occupational

disease can be prevented. During 2011, a questionnaire was used to devote extra attention to obtaining insight into the factors that influence the notification of occupational diseases. There appear to be more barriers now than there were ten years ago for employees to put possible occupational health problems to an occupational physician. The reporting occupational physicians are intrinsically motivated primarily > by their professional attitude.

Tabel 1 Top 10 van de beroepsziektemeldingen naar diagnose over 2011 in Nederland Table 1 Top 10 occupational diseases in the Netherlands in 2011, by diagnosis

Aandoening Disorder 1

Lawaaislechthorendheid Noise-induced hearing loss

2

Aantal meldingen Number of reports

% %

2758

39,5

Aanpassingsstoornissen / surmenage Adjustment disorders

713

10,2

3

Repetitive strain injury (RSI) van schouder/bovenarm Repetitive strain injury (RSI) to shoulder/upper arm

407

5,8

4

Burn out Burnout

307

4,4

5

Chronische aspecifieke (lage) rugpijn Chronic non-specific (low) back pain

291

4,2

6

Epicondylitis lateralis Epicondylitis lateralis

232

3,3

7

Artrose van knie / gonartrose Osteoarthritis of the knee/gonarthrosis

133

1,9

8

Repetitive strain injury (RSI) van pols en hand Repetitive strain injury (RSI) to wrist and hand

106

1,5

9

Repetitive strain injury (RSI) van elleboog/onderarm Repetitive strain injury (RSI) to elbow/lower arm

104

1,5

10

Contactdermatitis / contacteczeem Contact dermatitis/contact eczema

101

1,4

Totaal top 10 Total top 10

5152

73,7

Resterende aandoeningen Other disorders

1837

26,3

6989

100,0

Totaal Total

19


monitoring en signalering Tabel 2 Incidentie beroepsziekten per 100.000 werknemersjaren per economische hoofdsectie over 2011 in Nederland Table 2 Incidence figures (per 100,000 employee years) of occupational diseases reported in the Netherlands in 2011, by economic category

Economische hoofdsectie Economic category Bouwnijverheid Construction

Incidentie per 100.000 werknemersjaren Incidence per 100,000 employee years

95% BI 95% CI

2.013

1.831-2.195

Vervoer en opslag Transportation and storage

435

362-508

Landbouw, bosbouw en visserij Agriculture, forestry and fishery

298

164-431

Openbaar bestuur en defensie; verplichte sociale verzekeringen Public administration and defense; mandatory social insurance

284

232-337

Industrie Industry

270

229-311

Onderwijs Education

270

222-318

Exploitatie van en handel in onroerend goed Operation of and trade in real estate

222

84-360

Winning van delfstoffen Extraction of minerals

210

0-622

Distributie van water; afval- en afvalwaterbeheer en sanering Distribution of water; waste and waste water management and sanitation

188

65-311

Informatie en communicatie Information and communication

184

107-260

Extraterritoriale organisaties en lichamen Extraterritorial organizations and bodies

172

0-411

Menselijke gezondheidszorg en maatschappelijke dienstverlening Human healthcare and social services

145

124-167

Kunst, amusement, recreatie Arts, entertainment, recreation

144

50-238

FinanciĂŤle activiteiten en verzekeringen Financial activities and insurance

141

87-196

Vrije beroepen en wetenschappelijke technische activiteiten Professions and academic technical activities

116

36-196

Groot- en detailhandel; reparatie van auto’s en motorfietsen Wholesale and retail trade; car and motorcycle repair

88

62-114

Overige diensten Other services

74

38-110

Administratieve en ondersteunende diensten Administrative and supporting services

72

33-111

Verschaffen van accommodatie en maaltijden Provision of accommodation and meals

71

14-128

Productie en distributie van elektriciteit, gas, stoom en gekoelde lucht Production and distribution of electricity, gas, steam and cooled air

33

0-99

20


monitoring and notification > Monitoring and notification of occupational diseases In 2011, 6,989 reports of occupational diseases were registered. The majority of all reports for 2011 were in three occupational disease categories: hearing disorders (40%), musculoskeletal disorders (34%) and mental disorders (19%). Table 1 shows the ten most frequently reported occupational diseases in 2011. A total of 174 occupational physicians report occupational diseases diagnosed by them via an Intensive Notification Surveillance Project. They are also asked to provide additional information regarding the nature and size of their employee populations. In 2011, 1472 reports of occupational diseases were registered via this surveillance project, corresponding to an incidence of 302 (95% confidence interval (CI): 287-318) occupational diseases per 100,000 employee years. Table 2 provides an overview of the incidence figures of occupational diseases per 100,000 employee years per economic category and the corresponding 95% CI for 2011.

In addition, a great deal of attention is paid to developing and distributing registration guidelines and scientific background documents as tools for the diagnosis and reporting of occupational diseases. The guidelines can also be used with regard to interventions and preventive measures. In 2011, the website was completely redesigned and European information notices were added. These information notices have been compiled by experts from the European Union. They provide additional information for the reporting of occupational diseases related to exposure to chemical and physical factors. This primarily applies to occupational diseases for which NCOD registration guidelines are not yet available. More information on the monitoring and notification of occupational diseases can be found on the NCOD’s website: www.occupationaldiseases.nl.

> Monitoring en signalering van beroepsziekten De richtlijnen kunnen tevens richting geven aan interventies en preventieve maatregelen. In 2011 is de website geheel vernieuwd en aangevuld met Europese ‘information notices’. Deze information notices zijn samengesteld door experts uit de Europese Unie. Deze bieden voor blootstelling aan chemische en fysische factoren aanvullende informatie voor het melden van beroepsziekten. Dit geldt ook voor beroepsziekten waarvoor nog geen registratierichtlijnen beschikbaar zijn. Meer informatie over de monitoring en signalering van beroepsziekten is te vinden op de website van het NCvB: www.beroepsziekten.nl. Vragen over beroepsziekten kunt u stellen via de helpdesk die te vinden is op de website www.beroepsziekten.nl.

21


patiëntenzorg patient care

Polikliniek Mens en Arbeid Binnen de Polikliniek Mens en Arbeid (PMA) worden complexe vragen op gebied van arbeidsgerelateerde gezondheids­ problemen behandeld. De PMA is een topreferent centrum binnen het AMC/Coronel Instituut voor Arbeid en Gezondheid en vormt de patientenzorg binnen de afdeling; het is een van de poliklinieken van het AMC. Door bedrijfsartsen, verzekeringsartsen, huisartsen, medisch specialisten kunnen vragen gesteld worden en patienten worden aangemeld; daarnaast verricht de PMA expertises op verzoek van verzekeraars of rechtbank. Onderwerpen die binnen de PMA worden behandeld betreffen verschillende onderwerpen zoals bijvoorbeeld OrganoPsycho Syndroom (OPS), gehoor-, cardiologie-, oogheelkunde-, neurologie-, endocrinologie- en bewegingsapparaatklachten en werk. Expertises gaan vooral over het houdings- en bewegingsapparaat en arbeidsgebonden huid­aandoeningen. Incidenteel zijn er complexe vraagstukken over kanker en werk, long­aandoeningen en psychische beroepsziekten.

Kenmerk van de vragen waarmee wordt verwezen is dat zij een complex karakter hebben en dat de beantwoording multidisciplinaire samenwerking vereist met inbreng van arbeidsgeneeskundige en klinische expertise. De PMA is door de Inspectie Leefomgeving en Transport, Rail en Wegvervoer, aangewezen als expertisecentrum voor advisering (aan keurend (bedrijfs)arts)) op gebied van medische geschikt­heidseisen en functionele mogelijkheden voor veiligheidstaken van spoorwegpersoneel. De advisering ligt daarbij met name op gebied van medicijngebruik, problemen met horen en zien, hartaandoeningen, diabetesvragen en neuro­ logische aandoeningen. De verwerking van het toenemende aanbod is onderwerp van evaluatie en vraagt herinrichting van het administratieve en logistieke proces.

People and Work Outpatient Clinic Complex questions concerning work-related health problems are answered in the People and Work Outpatient Clinic (PMA). The PMA is a specialist referral care center within the AMC/ Coronel Institute of Occupational Health and forms the patient care branch of the department; it is one of the AMC’s outpatient clinics. Occupational physicians, insurance company physicians, general practitioners and medical specialists can ask questions and refer patients; the PMA also conducts expertise studies at the request of insurance companies or courts. Issues addressed within the PMA concern a variety of subjects such as Organo Psycho Syndrome (OPS), hearing, cardiology, ophthalmology, neurology, endocrinology and disorders of the musculoskeletal system in relation to work. Expertise studies mainly concern the musculoskeletal system and occupational skin disorders. Complex questions concerning occupational cancer, pulmonary disorders and occupational mental disorders occur incidentally.

22

The questions referred are characterized by the fact that they are complex in nature and that answering them requires multidisciplinary cooperation with contributions from occupational physicians and clinical expertise. The Netherlands Shipping Inspectorate, Rail and Road Transport has designated the PMA as a center of expertise for consultancy (to examining physicians and occupational physicians) with regard to medical suitability requirements and functional possibilities for safety tasks of railway staff. The consultancy focuses primarily on the use of medication, hearing and eye problems, heart disorders, diabetes questions and neurological disorders. Processing of the increasing supply is a subject of evaluation and requires a reorganization of the administrative and logistics process.


kennisverspreiding dissemination of knowledge

Helpdesk NCvB en Arbo Antwoord

Tabel 3 Helpdeskcijfers in 2011 Table 3 Helpdesk figures in 2011 Aantal vragen in 2011*

Number of questions in 2011*

Kwartaal 1

Quarter 1

201

Kwartaal 2

Quarter 2

162

Kwartaal 3

Quarter 3

144

Kwartaal 4

Quarter 4

168

Totaal

Total

675

Vragen door bedrijfsartsen Questions by occupational physicians

365

Vragen door anderen

Questions by others

Vragen over

Questions on

Bewegingsapparaat

Musculoskeletal disorders

74

Longen en luchtwegen

Pulmonary and respiratory disorders

80

Huidaandoeningen

Skin disorders

38

Psychische aandoeningen

Mental disorders

18

Gehooraandoeningen

Hearing disorders

57

Neurologische aandoeningen

Neurological disorders

41

Infectieziekten

Infectious diseases

Kanker

Cancer

24

Reproductiestoornissen

Reproductive disorders

32

Overige / algemeen

Other / general

181

310

De Helpdesk van het NCvB (Nederlands Centrum voor Beroepsziekten) richt zich met name op het beantwoorden van vragen van professionals op het gebied van arbeid en gezond­ heid. De Helpdesk van het NCvB is een onderdeel van de website www.beroepsziekten.nl en de website www.kiza.nl. Naast arbo professionals en medici kunnen bijvoorbeeld ook beleidsmedewerkers en journalisten met vragen terecht bij deze helpdesk. Er wordt naar gestreefd om een binnen­komende vraag binnen 2 werkdagen te beantwoorden. Soms is overleg of literatuuronderzoek nodig. Voor de beroepsziektespecialisten van het NCvB kan het probleem van de vragensteller een signaal zijn van een groter achterliggend probleem of een nieuw risico. In 2011 werden er 675 vragen gesteld aan de Helpdesk van het NCvB. Ruim de helft van de vragen was afkomstig van bedrijfsartsen; de andere vragen werden gesteld door arboadviseurs, beleidsmedewerkers, journalisten, werkgevers, juristen, studenten, huisartsen en medisch specialisten.

130 * Het volledige verslag over de Helpdesk is beschikbaar via:

http://www.beroepsziekten.nl/content/jaarverslag-helpdesk-ncvb-2011

* The complete report on the Helpdesk is available at:

http://www.beroepsziekten.nl/content/jaarverslag-helpdesk-ncvb-2011

NCvB Helpdesk and ArboAntwoord The Helpdesk of the NCvB (Netherlands Center for Occupational Diseases) is aimed primarily at answering the questions of professionals in the field of occupational health. The NCvB Helpdesk is part of the websites www.beroepsziekten.nl and www.kiza.nl. As well as occupational health and safety professionals and doctors, this helpdesk is also available to policy officials, journalists and others. The aim is to answer questions within 2 working days of when they are received. Sometimes consultation or a review of the literature

is required. For the NCvB’s occupational disease specialists, the questions submitted may be an indication of a larger under­ lying problem or a new risk. In 2011, the NCvB Helpdesk received 675 questions. More than half of the questions came from occupational physicians; the other questions were asked by Occupational Health Service consultants, policy workers, journalists, employers, lawyers, students, general practitioners and medical specialists.

23


kennisverspreiding

Goed antwoord op gezondheidsvragen: ArboAntwoord

Ongezonde en onveilige werksituaties roepen vaak bezorgd­ heid en vragen op bij werkenden; niet alleen bij werknemers, maar ook bij werkgevers, zelfstandigen, managers en preventiemedewerkers. Een goed antwoord op deze vragen kan bijdragen aan het verbeteren van werkomstandigheden; een slecht antwoord brengt daarentegen mogelijk risico’s met zich mee. Uit het promotieonderzoek van Martijn Rhebergen blijkt onder meer dat werkenden regelmatig vragen hebben over werk en gezondheid, maar dat ze zelf vaak incomplete of onjuiste antwoorden geven. Onder meer omdat ze informatie moeilijk kunnen vinden, selecteren en beoordelen.

24

Om werkenden te ondersteunen bij het verkrijgen van kwalitatief goede antwoorden op vragen over werk en gezond­ heid, is daarom een online netwerk van experts gecreëerd: ArboAntwoord. Via de website www.arboantwoord.com konden werkenden (werknemers zowel als werkgevers en preventiemedewerkers) vragen over gezondheid, veiligheid en werk stellen aan circa 80 geselecteerde en hooggekwalificeerde experts op het gebied van veiligheid, gezondheid en welzijn. In de onderzoekperiode van twee jaar werden 851 vragen gesteld door 460 vragenstellers. Verreweg de meeste vraagstellers vonden ArboAntwoord gebruiksvriendelijk (81%), goed toegankelijk (75%) en makkelijk te gebruiken (67%). De vraagstellers beoordeelden de ontvangen informatie en antwoorden als volledig (69%) en bruikbaar (70%) en bijna alle vraagstellers gaven aan dat zij de informatie snel genoeg ontvingen (84%). Veel vraagstellers gaven ook aan dat de ontvangen informatie en antwoorden impact hadden. Voor 74% van hen vergrootte de informatie hun kennis en inzicht. Tweederde van hen gaf aan de informatie ook daadwerkelijk toe te willen passen in de eigen werksituatie. Voor een kwart van de vraagstellers veranderde de ontvangen informatie daadwerkelijk iets aan de werksituatie, het functioneren op het werk of de ervaren werkgerelateerde gezondheid. Daarnaast is ook gekeken naar de kwaliteit van de antwoorden ten opzichte van het in de literatuur gevonden bewijs. Hierbij werden ook de antwoorden in de helpdesk van het NCvB betrokken. Over het geheel genomen bleek de kwaliteit van de antwoorden goed: 86-93% van de antwoorden gegeven via ArboAntwoord en de Helpdesk bleek gedeeltelijke of volledig in overeenstemming met de beste mogelijke evidence uit de wetenschap en praktijk. In een onderzoek waarbij werknemers standaard vragen beantwoordden met informatie verkregen via ArboAntwoord of bronnen naar eigen keus, bleek dat de informatie via de experts van ArboAntwoord veel vaker kwalitatief goed en juist was dan die van andere bronnen. Samenvattend blijkt uit het proefschrift dat er reden is om aan te nemen dat werkenden met vragen over gezondheid en werk meer hulp nodig hebben in het proces van vraag naar antwoord. Momenteel kiezen veel zorgaanbieders, kennisinstituten en overheden ervoor om informatie over veiligheid, gezondheid en welzijn aan te bieden via websites. Dit onderzoek laat echter zien dat het simpelweg aanbieden van online informatie, zonder rekening te houden met de


dissemination of knowledge

barrières waar werkenden tegenaan lopen tijdens het zoeken, onvoldoende is. Wanneer werkenden hoog gekwalificeerde experts kunnen raadplegen voor advies, bijvoorbeeld via een online expert netwerk zoals ArboAntwoord, krijgen zij kwalitatief veel betere antwoorden. Dergelijke adviesdiensten

hebben de potentie om veilig en gezond werk verder te bevorderen, omdat de geboden informatie en advies vaak impact heeft op zowel de vragensteller als zijn omgeving.

Good answers to health-related questions: ArboAntwoord Unhealthy and unsafe situations at work often raise concerns among workers; not just employees, but also employers, the self-employed, managers and prevention workers. A good answer to these questions can help improve working conditions; on the other hand, a poor answer can lead to risks. The doctoral research carried out by Martijn Rhebergen shows that workers regularly have questions about work and health, but that they often give incomplete or incorrect answers themselves. This is partly because they have difficulty finding, selecting and assessing information. Therefore, in order to help workers obtain good quality answers to questions about work and health, an online network of experts was created: ArboAntwoord. At www. arboantwoord.com workers (employees, employers and prevention workers) were able to ask questions about health, safety and work to some 80 selected and highly qualified experts in the field of health, safety and welfare. During the two-year research period, 460 people asked 851 questions. The vast majority of those who used the site to ask questions found ArboAntwoord to be user-friendly (81%), easily accessible (75%) and easy to use (67%). The users rated the information and answers received as complete (69%) and useful (70%) and almost all users indicated that they received the information quickly (84%). Many users also indicated that the information and answers they received had an impact. For 74% the information increased their knowledge and understanding. Two-thirds indicated that they actually wanted to apply the information to their own situation at work. For one-quarter of the users the information received actually changed something about their work situation, their performance at work or their perceived work-related health.

The research also examined the quality of the answers compared to evidence found in the literature. This included the answers in the NCvB’s helpdesk. Overall, the quality of the answers was good: 86-93% of the answers provided through ArboAntwoord and the Helpdesk corresponded fully or partially with the best possible evidence from science and practice. In a study in which employees answered standard questions with information obtained through ArboAntwoord or from sources of their choice, the information obtained from the ArboAntwoord’s experts was found to be of a good quality and correct far more often than that obtained from other sources. To summarize, the doctoral thesis shows that there is reason to assume that workers with questions on health and work need more help in the process leading them from questions to answers. Many care providers, knowledge institutes and government authorities currently choose to provide information on health, safety and welfare via websites. However, this research shows that simply providing online information, without taking into account the barriers encountered by workers while searching, is insufficient. When workers can consult highly qualified experts for advice, for example through an online expert network like ArboAntwoord, the answers they receive are of a much better quality. Such advice services have the potential to further promote safe and healthy working, because the information and advice provided often has an impact on both the person asking the question and on his environment.

25


de mensen achter de schermen

Wat houdt een promotietraject in? Een promotietraject houdt in dat een promovendus zich gedurende vier jaar verdiept in een onderzoeksthema, maar ook wordt geschoold in veel verschillende methoden van onderzoek en hiermee van doctorandus (letterlijk: ‘hij/zij die nog doctor worden moet’) tot doctor promoveert. In mijn geval betekende het dat ik in april 2007 startte met mijn werkzaamheden binnen het Coronel Instituut voor Arbeid en Gezondheid. Vaak start een promotietraject met het uitvoeren van een systematisch literatuuroverzicht over het onderzoeksthema waar het promotietraject over gaat. Vervolgens kunnen de inzichten van het betreffende artikel, de basis zijn van verder onderzoek. Alle onderzoeks­ resultaten worden in artikelen beschreven, die worden gepubliceerd in internationale tijdschriften zodat dit wereldwijd bekend wordt en men hier gebruik van kan maken. Binnen ons instituut worden veelal vragen uit de praktijk op een wetenschappelijk wijze onderzocht, waardoor ook terugkoppeling naar de praktijk van groot belang is. Naast de publicaties, dient er van het onderzoek een proefschrift te verschijnen. Dit ontstaat door aanvullend aan de artikelen een algemene introductie en discussie te schrijven, waarin het thema wordt geïntroduceerd en achteraf bevindingen worden bediscussieerd. Tijdens het promotietraject lever je als promovendus ook bijdragen

What does a PhD study involve? A PhD study involves a PhD student spending four years focusing on a research theme, while being trained in different methods of research, after which he/she is ‘promoted’ from being a doctorandus (literally ‘he/she who has yet to become a PhD’) to being a PhD. In my case it meant that I started working at the Coronel Institute of Occupational Health in April 2007. A PhD study often starts with a systematic literature review on the research theme of the project. The insights of the article in question can then form the basis of further research. All research results are described in articles, which are published in international journals so that the results are made available for use worldwide. Within our institute many questions from the field are investigated in a scientific manner, which means that feedback to the field is of great importance.

26

In addition to the publications, a PhD thesis must be produced on the research. This is done by supplementing the articles with a general introduction and discussion, in which the theme is introduced and the findings discussed afterwards. During the PhD study, as a PhD student you also contribute to conferences in the Netherlands and abroad and establish contacts with fellow researchers and people in the field. After the PhD thesis is assessed by an independent reading committee, the PhD study concludes with the actual defense of the thesis. This is a day on which thoughts are exchanged with opponents from the reading committee ‘in an organized manner’, followed by all kinds of festivities. The greatest reward is, of course, that you can replace your MSc. title with that of PhD!


the people behind the scenes

aan congressen in binnen- en buitenland en doe je contacten op met collega onderzoekers en mensen uit de praktijk. Na de beoordeling van het proefschrift door een onafhankelijke leescommissie, wordt het promotietraject afgerond met de daad­werkelijke promotie. Dit is een dag waarbij ‘op een geregelde manier’ van gedachte wordt gewisseld met opponenten uit de leescommissie, waarna allerlei feestelijkheden volgen. De mooiste beloning is natuurlijk dat je vervolgens je titel Drs. mag vervangen voor Dr.! Voor mij betekende het promotietraject een interessante vier jaar werken als onderzoeker, onder begeleiding van dr. Judith Sluiter en prof.dr. Monique Frings-Dresen, met als onderzoeksthema de bedrijfsgezondheidszorg in zware beroepen. De implementatie van het preventief medisch onderzoek voor brandweerlieden werd hierin bestudeerd. Het was een leerzaam traject, waarbij ik in oktober 2011 promoveerde tot doctor! Marie-Christine Plat

Van kleine deeltjes, de dingen die voorbij gaan De asbestproblematiek is nog lang niet voorbij. Professor Zielhuis vertelde me in 1976 over de interviews met weduwes van mesothelioom patiënten in Walcheren. De mannen hadden bijna allen op de scheepswerf De Schelde gewerkt, waarbij veel blauwe asbest als isolatiemateriaal werd verwerkt. Maar pas in 1993 kwam er een asbestverbod in Nederland, en in Europa in 2005. In 2010 overleden in Nederland circa 500 mensen door deze fataal aflopende asbest­ gerelateerde aandoening. Het onderwerp Kanker door Werk heb ik mijn hele arbeidsleven > bijgehouden. In 1980 heb ik hierover samen met Zielhuis

For me, the PhD study was an interesting four years spent working as a researcher under the supervision of Judith Sluiter, PhD and Prof. Monique Frings-Dresen, with the research theme of occupational healthcare in high-demand jobs. The implementation of the workers’ health surveillance for firefighters was studied. It was a very informative project, after which I was conferred a PhD in October 2011. Marie-Christine Plat

Small particles, a never ending story? The asbestos problem is far from over. Professor Zielhuis told me in 1976 about his interviews with widows of mesothelioma patients in Walcheren. Almost all of the men had been working at a large shipyard, where a lot of blue asbestos was used as insulation material. A ban on asbestos came only into effect in 1993 in the Netherlands and at a EU level in 2005. In 2010, approximately 500 people in the Netherlands died from this fatal asbestos-related disease. The subject of Work-related Cancer is something I have followed > throughout my working life. In 1980, Zielhuis and I wrote

27


de mensen achter de schermen

> Van

kleine deeltjes, de dingen die voorbij gaan

een Caput Selectum in het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde geschreven en daarna op allerlei plekken voorlichting over de risico’s van blootstelling aan asbest mogen geven. Soms was dat emotioneel beladen, zoals bij de Rijkswerf in Den Helder, waar ik voorlichting gaf aan mannen van wie de vader of broer aan asbest overleden was en die zelf ook een forse blootstelling hadden gehad. In maart 2012 was er paniek onder de bemanning van een bagger­ schip in de haven van Dubai dat onder de asbestdeeltjes zat, omdat loodsen van asbestcement op de kade grofstoffelijk werden gesloopt met ongunstige windrichting. Ik werd gevraagd om ter plekke voor­lichting en counseling aan de ongeruste mannen te geven. Echt geruststellen kon ik ze niet, maar wel risicocijfers laten zien waaruit blijkt dat de incidentele blootstelling beduidend minder risico met zich meebrengt dan bij de echte asbestwerkers. Ook heb ik een uitnodiging gekregen om voor de Wereldgezondheids­ organisatie (WHO) in Tirana een cursus over asbestgerelateerde ziektes te geven aan de Arbeidsinspecteurs en gezondheids­ autoriteiten in Albanië. Daarna mag ik in Dresden een discussie leiden over zin en onzin van screening van asbestwerkers met CT-scans; heel eervol! Je vastbijten in een onderwerp en dat niet meer loslaten heeft mijn leven erg verrijkt. De laatste jaren heb ik me ook in de risico’s van het werken met nano-deeltjes verdiept. De 65-jaarsgrens heb ik over­ schreden, maar ik werk nog volop met veel plezier en moet strak plannen om in de zomermaanden de zeiltocht naar Scandinavië te kunnen maken.

> Small

particles, a never ending story?

a review in the Netherlands Journal of Medicine (Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde). Afterwards I was asked to provide information on the risks of asbestos exposure in all kinds of workplaces. Sometimes this was emotionally charged, for example at the Naval Shipyard (Rijkswerf) in Den Helder, where I provided information to men whose fathers or brothers had died as a result of asbestos-related disease and who had been exposed to significant amounts of asbestos themselves. In March 2012, there was panic among the crew of a dredger in the port of Dubai, which was covered in asbestos particles after ware­ houses, containing asbestos cement on the quay, were demolished without proper precautions during unfavorable wind conditions. I was asked to provide the worried men with information and counseling on site. Although I was not able to truly reassure them, I showed them risk statistics which indicated that incidental exposure is clearly associated with lower risks than those faced by real asbestos workers. I have also been invited to give a course on asbestos-related diseases to Labour inspectors and health authorities in Tirana, Albania, on behalf of the World Health Organization (WHO). Afterwards, I will go to Dresden to chair a discussion on the pros and cons of screening asbestos workers by means of CT scans; a real honor! Grabbing hold of a subject and never letting go has truly enriched my life. In the last few years, I have also studied the risks of working with nanoparticles. My 65th birthday has been and gone, but I still very much enjoy working and will have to manage my schedule carefully in order to be able to make the sailing trip to Scandinavia in the summer months.

Gert van der Laan, klinisch arbeidsgeneeskundige Gert van der Laan, specialist in occupational medicine

28


the people behind the scenes

Personeelsuitje 2011

Staff outing 2011

Na een actieve zeiltocht op het IJmeer en een solex tour tussen de weilanden was het dit jaar tijd voor een educatiever programma in de Domstad. De feestcommissie had het Spoorwegmuseum in petto, waar we een kijkje kregen in andere werelden en tijden. Na ontvangst in het Maliebaanstation zijn onder andere de Oriënt express, een mijndorp uit 1800 en het koninklijk rijtuig van Bernhard en Juliana de revue gepasseerd. In de 19e eeuw was het duidelijk anders gesteld op het spoor met de arbeidsomstandigheden voor de stokers, machinisten en remmers. Zo liep de conducteur aan de buitenkant van de trein over een plank om zo de kaartjes te knippen. Alarm slaan bij een sein ging via een touw met een grote bel. Waar machines nu het werk doen, ging het destijds om noeste arbeid.

Following an active sailing trip on the IJmeer and a Solex tour among the farmland, this year it was time for a more educational program in Utrecht. The organizing committee had the Railway Museum in store for us, where we caught a glimpse of different worlds and different eras. After being welcomed at Maliebaan Station, we viewed the exhibits, including the Orient Express, a mining village from 1800 and the royal carriage of Bernhard and Juliana. Things were clearly very different on the railways in the 19th century in terms of the working conditions for the firemen, engineers and brakemen. The conductor walked on a board along the outside of the train to punch the tickets. The alarm was raised by ringing a large bell with a rope. What machines do for us today used to require hard manual labor.

Omdat samen met het natte weer ook de speurtocht in het water viel, trokken we verder naar de gemoedelijke sferen van de Utrechtse werfkelders. Hier zorgde de steengrill voor hoge temperaturen en hebben we gezellig gedineerd met deze bijzondere groep collega’s!

Because the treasure hunt was a washout along with the wet weather, we moved on to the cozy atmosphere of Utrecht’s wharf cellars where the stone grill provided higher temperatures and we enjoyed dining with this special group of colleagues!

29


publicaties

Proefschrift

Nationaal

Thesis

National

Joosen Margot CW: Vocational rehabilitation of patients with prolonged fatigue. Coronel Instituut voor Arbeid en Gezondheid. Universiteit van Amsterdam Promotor: Frings-Dresen MHW. Copromotor: Sluiter JK. 2011.

Bakker Jan, Sorgdrager Bas: Berichten uit het NCVB: Arbeidsdermatologische aanpak in kantoren. Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekeringsgeneeskunde 19(6), 2011, p.281-283.

Plat Marie Christine J: Occupational health care in high demand jobs: the usefulness of job specific workers’ health surveillance for fire workers. Coronel Instituut voor Arbeid en Gezondheid. Universiteit van Amsterdam Promotor: Frings-Dresen MHW. Copromor: Sluiter JK. 2011.

Dijk Jaap van: Richtlijnen: De multi­ disciplinaire richtlijn Hartrevalidatie 2011. Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekerings­ geneeskunde 19(9), 2011, p.410-415. Dijk Peter van, Beukering Monique van, Goessens Bart, Pal Teake: Voor de praktijk: Veneuze trombo embolieën en vliegreizen: betekenis voor de bedrijfsarts. Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekeringsgeneeskunde 19(8), 2011, p.357-360. Holland Berry van, Frings-Dresen Monique HW, Sluiter Judith K: Risicofactoren, gezondheidsgedrag en gezondheidsklachten van medisch studenten. Rapportage basismeting Erasmus MC. Coronel Instituut voor Arbeid en Gezond­ heid, AMC/UvA, 2011. (Coronel rapport­ nummer; 11-08). Holland Berry van, Frings-Dresen Monique HW, Sluiter Judith K: Risicofactoren, gezondheidsgedrag en gezondheidsklachten van medisch studenten. Rapportage basismeting AMC. Coronel Instituut voor Arbeid en Gezondheid AMC/UvA, 2011. (Coronel rapportnummer; 11-09). Holland Berry van, Frings-Dresen Monique HW, Sluiter Judith K: Risicofactoren, gezondheidsgedrag en gezondheidsklachten van medisch studenten. Rapportage basismeting UMC Maastricht. Coronel Instituut voor Arbeid en Gezondheid, AMC/UvA, 2011. (Coronel rapportnummer; 11-10).

Holland Berry van, Molen Henk van der, Frings-Dresen Monique: Campagne fysieke belasting in de bouw. Basismeting beïnvloeding en gevolgen fysieke belasting. Mei 2011. Coronel Instituut voor Arbeid en Gezond­ heid AMC/UvA, 2011. (Coronel rapport­ nummer; 11-04). ISBN 9789490943134. Hulshof Carel TJ, Sluiter Judith K: Algemene vragenlijsten zijn bij de aan­ stellingskeuring niet toegestaan.Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekeringsgeneeskunde 19(4), 2011, p.164-167. Jong M de, Pal T: Een leerkracht met stemproblemen. Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekeringsgeneeskunde 19(5), 2011, p.209-212. Joosen MCW, Frings-Dresen MHW, Sluiter JK: Wanneer is re integratie duurzaam? Een expert visie. Coronel Instituut voor Arbeid en Gezondheid, AMC/UvA, 2011. (Coronel rapportnummer; 11-03). Kuijer Paul, Molen Henk van der, Frings-Dresen Monique: NVBF: Beroepsziekte­registratierichtlijnen als signaal voor ‘te zwaar werk’. Fysiopraxis 2, 2011, p.40-42. Kuijer Paul, Dieën Jaap van, Molen Henk van der, Frings-Dresen Monique: Preventie van lage rugklachten: alleen urenbeperking lijkt onvoldoende. Tijdschrift voor Bedrijfs- en verzekeringsgeneeskunde 19(10), 2011, p.478-479. Kuijer PPaulFM, Frings-Dresen Monique HW: FCE en werkgeschiktheid: is de meet­ kwaliteit voldoende voor gebruik in de praktijk? Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekeringsgeneeskunde 19(4), 2011, p.168-170. Laan Gert van der: Meer integreren, minder inspecteren. ARBO: Vakblad voor Arbeids­ omstandigheden 5, 2011.

30


publications

Laan G van der: Beroepsziekten. In: Koenders H. (red.): Handboek voor de arbo en milieucoördinator. Alphen aan de Rijn: Kluwer bv, 2004, p. VI 1710 1-VI 1710 22.

Meide H van der, Frings-Dresen MHW,

Plat Marie Christine: Samenvatting

Sluiter JK: Over re integratie: ervaringen

proefschrift: Occupational health care in high

van professionals en Marokkaanse en Turkse

demand jobs: The usefulness of job specific

werknemers. Tijdschrift voor Bedrijfs- en

workers’ health surveillance for fire fighters.

Laan G van der: Beroepsziekten: kanker en beroep In: Koenders H. (red.): Handboek voor de arbo en milieucoördinator. Alphen aan de Rijn: Kluwer bv, 2004. p.VI 1725 1-VI 1725 12.

Verzekeringsgeneeskunde 19(3), 2011,

Tijdschrift voor Toegepaste Arbowetenschap

p.104-110.

24(4), 2011, p.144-147.

Molen Henk van der, Spreeuwers Dick, Smits Paul, Kuijer Paul, Groene Gerda de, Bakker Jan, Pal Teake, Sorgdrager Bas, Laan Gert van der , Stinis Harry , Maas Jaap, Brand Teus: Beroepsziekten in cijfers 2011. [Rapport] Amsterdam: Nederlands Centrum voor Beroepsziekten Coronel Instituut voor Arbeid en Gezondheid AMC/ UvA, 2011, ISBN 978 94 910 4303 1.

Sluiter JK, Frings-Dresen MHW: Dossier: Vermoeidheid in de arbeidssituatie. Herstel als maat voor werkvermogen? Tijdschrift voor Ergonomie 2(2), 2011, p.21-27.

Laan G van der: Boekbespreking. Triomf en tragie / M Schaapman en M Schooneveldt. Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekerings­ geneeskunde 19(3), 2011, p.138. Laan G van der: Een beslisboom voor longkanker als beroepsziekte? Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekeringsgeneeskunde 19(4), 2011, p.184. Laan G van der: OPS de wereld uit? Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekerings­ geneeskunde 19(8), 2011, p.377-378. Laan G van der: Referaat. Dieseluitlaat en longkanker. Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekeringsgeneeskunde 19(5), 2011, p. 227. Maas Jaap, Heimeriks Karin, Bouwmans Juan: Lessen van de Mexicaanse griep. ARBO: Vakblad voor Arbeids­ omstandigheden 5, 2011, p.26-28. Maas Jaap: Voor de praktijk: Sluit hiv uit, niet de werknemer met hiv. Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekeringsgeneeskunde, 19(9), 2011, p. 396-397. Maas Jaap, Heimeriks Karin, van Dijk Christa: Arbeidsveiligheid crèche en basisschool ondermaats. Kinderziekten. Organisaties in de kinderopvang en het basisonderwijs hebben onvoldoende oog voor de arbeids­ gebonden risico’s waaraan hun personeel bloot staat. Daar is ook weinig over geregeld. ARBO: Vakblad voor Arbeids­ omstandigheden 7(8), 2011, p.28-29.

Nieuwenhuijsen Karen: Berichten uit het NCvB: Werkgebonden psychische aan­ doeningen, van herkennen naar voorkómen. Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekerings­ geneeskunde 19(1), 2011, p.39-40. Pal Teake: Berichten uit het NCVB: Onregel­ matige diensten: Helpdeskvragen en beroeps­ ziektemeldingen bij het NCvB. Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekeringsgeneeskunde 19(10), 2011, p.452-453. Pal Teake: Proefschriftbespreking: Frits van Rooy; An interdisciplinary approach to occupational respiratory disorders. Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekeringsgeneeskunde 19(2), 2011, p.83-84. Pal Teake: Voor de praktijk: Bedrijfsarts en ploegendienst. Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekeringsgeneeskunde 19(10), 2011, p.446-451. Pal T: Referaat. Verhoogd risico op hart en vaatziekten bij lassers door lasrook. Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekeringsgeneeskunde 19(5), 2011, p.231-232.

Sluiter JK, Hulshof CTJ: Onderscheid op grond van fysieke belastbaarheid voor de arbeid. Forder CJ (red.): Oordelen Bundel 2010. Nijmegen: Wolf Legal Publishers, 2011. ISBN 9789058506689. p.325-333. Sluiter JK, Plat MJ, Frings-Dresen MHW: NVBR: Aanstellingskeuring voor respressief brandweerpersoneel. [Rapport] Amsterdam: Coronel Instituut voor Arbeid en Gezond­ heid, AMC/UVA, 2011, (Coronel rapport­ nummer; 11-01). Sluiter JK, Plat MJ, Frings-Dresen MHW: NVBR: PPMO (periodiek preventief medisch onderzoek) voor repressief brandweer­ personeel. [Rapport] Amsterdam: Coronel Instituut voor Arbeid en Gezondheid, AMC/ UvA, 2011, (Coronel rapportnummer; 11-02). Sluiter Judith, Hulshof Carel: Van het kenniscentrum medische keuringen in arbeid (KMKA): Beroepsspecifiek PMO en aan­ stellingskeuring voor rijdend personeel in de ambulancesector ingesteld. Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekeringsgeneeskunde 19(6), 2011, p.245-248. Smits P: Berichten uit het NCvB. Referaat. Elke beroepsziekte is te voorkomen!: Peilstation Intensief Melden succesvol. Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekeringsgeneeskunde 19(5), 2011, p.234-235.

31


publicaties

Internationaal International Snels Ingrid, Sorgdrager Bas: Interview met Han Anema: Arts voor Arbeid en Gezondheid: dokter onder de dokters?! Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekerings­ geneeskunde 19(4), 2011, p.177-179. Sorgdrager Bas: Proefschriftbespreking: Tilja van den Berg; The role of work ability and health on sustaining employability. Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekeringsgeneeskunde 19(2), 2011, p.82-83. Sorgdrager Bas: Voor de praktijk: Screenen op slaapapneu bij vrachtwagenchaffeurs: een dilemma? Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekeringsgeneeskunde 19(8), 2011, p.347-351. Sorgdrager Bas, Snels Ingrid: Interview met Haije Wind: verzekeringskunde moet dynamischer. Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekeringsgeneeskunde 19(2), 2011, p.79-81. Sorgdrager B: Berichten uit het NCvB. Beroepsziekten door slechthorendheid. Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekerings­ geneeskunde 19(3), 2011, p.137-138. Sorgdrager B: Muntendam symposium over academisering van verzekeringsgeneeskunde. Professor Anema: ‘Zet participatie in de artseneed’. Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekeringsgeneeskunde 19(2), 2011, p.86-87. Sorgdrager B: Opinie: Whiplash: erkenning is gezond. Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekerings­geneeskunde 19(7), 2011, p.302-303. Sorgdrager B, Visser R, Molen H van der, Frings-Dresen M: Berichten uit het NCvB. Registratierichtlijnen van beroepsziekten als middel voor preventie. Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekeringsgeneeskunde 19(2), 2011, p.88-89.

32

Stinis Harry: Berichten uit het NCVB: Leerzame infectieuze feiten. Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekeringsgeneeskunde 19(7), 2011, p.327-328. Varekamp Inge: Boekbespreking: Two caravans. Marina Lewycka. Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekeringsgeneeskunde 19(1), 2011, p. 6. Velzen Judith van, Bennekom Coen van, Boskamp Jacqueline, Meekel Jony: Arbeidsgerelateerde revalidatie: arbeid als onderdeel van de vroege revalidatie van mensen met niet aangeboren hersenletsel. Wijk aan Zee: Heliomare, 2011, 94p. ISBN 978 90 817787 0 1. Visser Rienk, Molen Henk F van der, Frings-Dresen Monique HW: Gebruik van registratierichtlijnen door bedrijfsartsen. [Rapport] Coronel Instituut voor Arbeid en Gezondheid, AMC/UvA, 2011, (Coronel rapportnummer; 11-07). Visser Steven, van Holland Berry, Van der Molen Henk, Kuijer Paul, FringsDresen Monique: Eindrapportage: Arbeidsbelasting en gezondheidsklachten bij vloerenleggers van zandcementdekvloeren en gietdekvloeren. [Rapport] Coronel Instituut voor Arbeid en Gezondheid, AMC/UvA, 2011, (Coronel rapportnummer; 11-06). Weel A, Hulshof C: Strijdige regelgeving bij medische keuringen. 2. Commentaar. Gezamenlijke aanpak is nodig. Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekeringsgeneeskunde 19(6), 2011, p.265-266.

Barresi Caterina, Stremnitzer Caroline, Mlitz Veronika, Kezic Sanja, Kammeyer Arthur, Ghannadan Minoo, Posa Markaryan Katja, Selden Clare, Tschachler Erwin, Eckhart Leopold: Increased Sensitivity of Histidinemic Mice to UVB Radiation Suggests a Crucial Role of Endogenous Urocanic Acid in Photoprotection. Journal of Investigative Dermatology 131(1), 2011, p.188-194. Berg Dijkmeijer Marleen L van den, Frings-Dresen Monique HW, Sluiter Judith K: Risks and health effects in operating room personnel. Work A Journal of Prevention Assessment & Rehabilitation 39(3), 2011, p.331-344. Blok Sebastiaan, Gouttebarge Vincent, Slebus Frans G, Sluiter Judith K, FringsDresen Monique HW: Facilitators and barriers in the use of a checklist by insurance physicians during work ability assessments in depressive disorder. Safety and Health at Work 2(2), 2011, p.328-335. Bockting Claudi LH, Kok Gemma D, Kamp Lillian van der, Smit Filip, Valen Evelien van, Schoevers Robert, Marwijk Harm van, Cuijpers Pim, Riper Heleen, Dekker Jack, Beck Aaron T: Disrupting the rhythm of depression using Mobile Cognitive Therapy for recurrent depression: randomized controlled trial design and protocol. BMC Psychiatry 11, 2011, p.12. Boer AGEM de, Bruinvels DJ, Tytgat KMAJ, Schoorlemmer A, Klinkenbijl JHG, Frings-Dresen MHW: Employment status and work related problems of gastro­ intestinal cancer patients at diagnosis: a cross sectional study. BMJ Open 1(2), 2011, p.e000190. Boer Angela GEM de, Taskila Taina, Tamminga Sietske J, Frings-Dresen Monique HW, Feuerstein Michael, Verbeek Jos H: Interventions to enhance return to work for cancer patients. Cochrane Database of Systematic Reviews 2011(2), 2011, p.CD007569.


publications

Boschman Julitta S, Molen Henk F van der, Sluiter Judith K, Frings-Dresen Monique HW: Occupational Demands and Health Effects for Bricklayers and Construction Supervisors: A Systematic Review. American Journal of Industrial Medicine 54(1), 2011, p. 55-77. Boschman Julitta S, Molen Henk F van der, Duivenbooden Cor van, Sluiter Judith K, Frings-Dresen Monique HW: A trial of a job specific workers’ health surveillance program for construction workers: study protocol. BMC Public Health 11(1), 2011, p.743.

Gärtner Fania R, Ketelaar Sarah M, Smeets Odile, Bolier Linda, Fischer Eva, Dijk Frank JH van, Nieuwenhuijsen Karen, Sluiter Judith K: The Mental Vitality @ Work study: design of a randomized controlled trial on the effect of a workers’ health surveillance mental module for nurses and allied health professionals. BMC Public Health 11(1), 2011, p.290. Gärtner Fania R, Nieuwenhuijsen Karen, Dijk Frank JH van, Sluiter Judith K: Psychometric Properties of the Nurses Work Functioning Questionnaire (NWFQ). Plos ONE 6(11), 2011, p.e26565.

Burdorf A, Brand T, Jaddoe VW, Hofman A, Mackenbach JP, Steegers EAP: The effects of work related maternal risk factors on time to pregnancy, preterm birth and birth weight: the Generation R Study. Occupational and Environmental Medicine 68(3), 2011, p.197-204.

Groene Gerda J de, Pal Teake M, Beach Jeremy, Tarlo Susan M, Spreeuwers Dick, Frings-Dresen Monique HW, Mattioli Stefano, Verbeek Jos H: Workplace inter­ ventions for treatment of occupational asthma. Cochrane Database of Systematic Reviews 2011(5), 2011, p.CD006308.

Colkesen EB, Kraaijenhagen RA, FringsDresen MHW, Sluiter JK, Kalken CK van, Tijssen JGP, Peters RJG: Participation in a workplace web based health risk assessment program. Occupational Medicine Oxford 61(8), 2011, p.586-589.

Haafkens Joke A, Kopnina Helen, Meerman Martha GM, Dijk Frank JH van: Facilitating job retention for chronically ill employees: perspectives of line managers and human resource managers. BMC Health Services Research 11(1), 2011, p.104.

Dekkers Sánchez Patricia M, Wind Haije, Sluiter Judith K, Frings-Dresen Monique HW: What promotes sustained return to work of employees on long term sick leave? Perspectives of vocational rehabilitation professionals. Scandinavian Journal of Work Environment & Health 37(6), 2011, p.481-493.

Hopman CE, Riphagen Dalhuisen J, Looijmans van den Akker I, Frijstein G, Geest Blankert ADJ van der, Danhof Pont MB, Jager HJ de, Bos AA, Smeets E, Vries MJT de, Gallee PMM, Lenderink AF, Hak E: Determination of factors required to increase uptake of influenza vaccination among hospital based healthcare workers. Journal of Hospital Infection 77(4), 2011, p.327-331.

Dijk FJH van: ¿Cómo buscar la evidencia en las fuentes de internet? Amsterdam, 2011, ISBN 978 94 91043 02 4. Elbers Nieke A, Akkermans Arno J, Cuijpers Pim, Bruinvels David J: Empowerment of personal injury victims through the internet: design of a randomized controlled trial. Trials 12, 2011, p.29.

Hoste Esther, Kemperman Patrick, Devos Michael, Denecker Geertrui, Kezic Sanja, Yau Nico, Gilbert Barbara, Lippens Saskia, Groote Philippe de, Roelandt Ria, Damme Petra van, Gevaert Kris, Presland Richard B, Takahara Hidenari, Puppels Gerwin, Caspers Peter, Vandenabeele Peter, Declercq Wim: Caspase 14 is required for filaggrin degradation to natural moisturizing factors in the skin. Journal of Investigative Dermatology 131(11), 2011, p.2233-2241. Jakasa Ivone, Koster Ellen S, Calkoen F, McLean WH Irwin, Campbell Linda E, Bos Jan D, Verberk Maarten M, Kezic Sanja: Skin Barrier Function in Healthy Subjects and Patients with Atopic Dermatitis in Relation to Filaggrin Loss of Function Mutations. Journal of Investigative Dermatology 131(2), 2011, p.540-542. Janssens Michelle, Smeden Jeroen van, Gooris Gert S, Bras Wim, Portale Guiseppe, Caspers Peter J, Vreeken Rob J, Kezic Sanja, Lavrijsen Adriana PM, Bouwstra Joke A: Lamellar lipid organization and ceramide composition in the stratum corneum of patients with atopic eczema. Journal of Investigative Dermatology 131(10), 2011, p.2136-2138. Joosen Margot CW, Frings-Dresen Monique HW, Sluiter Judith K: Work related limitations and return to work experiences in prolonged fatigue: workers’ perspectives before and after vocational treatment. Disability and Rehabilitation 33(23 24), 2011, p.2166-2178. Joosen Margot, Frings-Dresen Monique, Sluiter Judith: Process and outcome evaluation of vocational rehabilitation interventions in patients with prolonged fatigue complaints. International Journal of Behavioral Medicine 18(2), 2011, p.160-171.

33


publicaties

Joosen MCW, Frings-Dresen MHW, Sluiter JK: Erratum to: Process and Outcome Evaluation of Vocational Rehabilitation Interventions in Patients with Prolonged Fatigue Complaints. International Journal of Behavioral Medicine 18(2), 2011, p.172. Katen Kim ten, Beelen Anita, Nollet Frans, Frings-Dresen Monique HW, Sluiter Judith K: Overcoming barriers to work participation for patients with postpoliomyelitis syndrome. Disability and Rehabilitation 33(6), 2011, p.522-529. Kezic Sanja, Rustemeyer Thomas: Report on the effect of “Derma Shield” cream for skin barrier and inflammatory response. [Rapport] Coronel Instituut voor Arbeid en Gezondheid, AMC/UvA, 2011. (Coronel rapportnummer; 11-05). Kezic S: Genetic susceptibility to occupational contact dermatitis. International Journal of Immunopathology and Pharmacology 24(1 Suppl), 2011, p.73S-78S. Kezic S, O’Regan GM, Yau N, Sandilands A, Chen H, Campbell LE, Kroboth K, Watson R, Rowland M, McLean WH Irwin, Irvine AD: Levels of filaggrin degradation products are influenced by both filaggrin genotype and atopic dermatitis severity. Allergy 66(7), 2011, p.934-940. Kok Rob, Hoving Jan L, Verbeek Jos, Schaafsma Frederieke G, Dijk Frank JH van: Integrating evidence in disability evaluation by social insurance physicians. Scandinavian Journal of Work Environment & Health 37(6), 2011, p.494-501. Kuijer PPaul FM, Frings-Dresen Monique HW, Gouttebarge Vincent, Dieën Jaap H van, Beek Allard J van der, Burdorf Alex: Low back pain: we cannot afford ignoring work. Spine Journal 11(2), 2011, p.164-168. Laan Gert van der: Tracing New Occupational Diseases in Nano Workers. Journal of Biomedical Nanotechnology 7(1), 2011, p.18.

34

Meer Marrit van der, Hoving Jan L, Vermeulen Marjolein IM, Herenius Marieke MJ, Tak Paul P, Sluiter Judith K, Frings-Dresen Monique HW: Experiences and needs for work participation in employees with rheumatoid arthritis treated with anti tumour necrosis factor therapy. Disability and Rehabilitation 33(25 26), 2011, p.2587-2595. Molen Henk F van der, Kunst Martin, Kuijer PPaul FM, Frings-Dresen Monique HW: Evaluation of the effect of a paver’s trolley on productivity, task demands, work­ load and local discomfort. International Journal of Industrial Ergonomics 41(1), 2011, p.59-63. Molen Henk F van der, Zwinderman Koos AH, Sluiter Judith K, Frings-Dresen Monique HW: Better effect of the use of a needle safety device in combination with an interactive workshop to prevent needle stick injuries. Safety Science 49(8 9), 2011, p.1180-1186. Noordik Erik, Nieuwenhuijsen Karen, Varekamp Inge, Klink Jac J van der, Dijk Frank J van: Exploring the return to work process for workers partially returned to work and partially on long term sick leave due to common mental disorders: a qualitative study. Disability and Rehabilitation 33(17 18), 2011, p.1625-1635. Oude Hengel Karen M, Blatter Birgitte M, Molen Henk F van der, Joling Catelijne I, Proper Karin I, Bongers Paulien M, Beek Allard J van der: Meeting the Challenges of Implementing an Intervention to Promote Work Ability and Health Related Quality of Life at Construction Worksites A Process Evaluation. Journal of Occupational and Environmental Medicine 53(12), 2011, p.1483-1491. Oude Hengel Karen M, Visser Bart, Sluiter Judith K: The prevalence and incidence of musculoskeletal symptoms among hospital physicians: a systematic review. International Archives of Occupational and Environmental Health 84(2), 2011, p.115-119.

Plat Marie Christine J, Frings-Dresen Monique HW, Sluiter Judith K: Feasibility and acceptability of workers’ health surveillance for fire fighters. Safety and Health at Work 2(2), 2011, p.218-228. Plat MJ, Frings-Dresen MHW, Sluiter JK: A systematic review of job specific workers’ health surveillance activities for fire fighting, ambulance, police and military personnel. International Archives of Occupational and Environmental Health 84(8), 2011, p.839-857. Rhebergen Martijn DF, Lenderink Annet F, Dijk Frank JH van, Hulshof Carel TJ: An online expert network for high quality information on occupational safety and health: cross sectional study of user satisfaction and impact. BMC Medical Informatics and Decision Making 11(1), 2011, p.72. Roelofs Jeffrey, Breukelen Gerard van, Sluiter Judith, Frings-Dresen Monique HW, Goossens Mariëlle, Thibault Pascal, Boersma Katja, Vlaeyen Johan WS: Norming of the Tampa Scale for Kinesiophobia across pain diagnoses and various countries. Pain 152(5), 2011, p.1090-1095. Sartorelli P, Kezic S, Larese Filon F, John SM: Prevention of occupational dermatitis. International Journal of Immunopathology and Pharmacology 24(1 Suppl), 2011, p.89S-93S. Sluiter JK, Plat MJ, Frings-Dresen MHW: Prevention of work stress related health complaints in fire fighters. Langan Fox J, Cooper C (red.): Handbook of Stress in the Occupations. Elgar Publishing, 2011. ISBN 100857931148. p.221.


publications

Spreeuwers D, Boer AGEM de, Verbeek JHAM, Beurden MM van, Wilde NS de, Braam I, Willemse Y, Pal TM, Dijk FJH van: Work related upper extremity disorders: one year follow up in an occupational diseases registry. International Archives of Occupational and Environmental Health 84(7), 2011, p.789-796.

Varekamp Inge, Verbeek Jos H, Boer Angela de, Dijk Frank JH van: Effect of job maintenance training program for employees with chronic disease a randomized controlled trial on self efficacy, job satisfaction, and fatigue. Scandinavian Journal of Work Environment & Health 37(4), 2011, p.288-297.

Stevens Richard G, Hansen Johnni, Costa Giovanni, Haus Erhard, Kauppinen Timo, Aronson Kristan J, Castaño Vinyals Gemma, Davis Scott, Frings-Dresen Monique HW, Fritschi Lin, Kogevinas Manolis, Kogi Kazutaka, Lie Jenny Anne, Lowden Arne, Peplonska Beata, Pesch Beate, Pukkala Eero, Schernhammer Eva, Travis Ruth C, Vermeulen Roel, Zheng Tongzhang, Cogliano Vincent, Straif Kurt: Considerations of circadian impact for defining ‘shift work’ in cancer studies: IARC Working Group Report. Occupational and Environmental Medicine 68(2), 2011, p.154-162.

Veer Tjeerd van der, Frings-Dresen Monique HW, Sluiter Judith K: Health Behaviors, Care Needs and Attitudes towards Self Prescription: A Cross Sectional Survey among Dutch Medical Students. Plos One 6(11), 2011, p.e28038.

Taskila T, Boer AGEM de, Dijk FJH van, Verbeek JHAM: Fatigue and its correlates in cancer patients who had returned to work a cohort study. Psycho Oncology 20(11), 2011, p.1236-1241.

Verbeek Jos H, Martimo Kari Pekka, Karppinen Jaro, Kuijer PPaul FM, Viikari Juntura Eira, Takala Esa Pekka: Manual material handling advice and assistive devices for preventing and treating back pain in workers. Cochrane Database of Systematic Reviews 2011(6), 2011, p.CD005958.

Worp H van der, Zwerver J, Kuijer PPFM, Frings-Dresen MHW, Akker Scheek I van den: The impact of physically demanding work of basketball and volleyball players on the risk for patellar tendinopathy and on work limitations. Journal of Back and Musculoskeletal Rehabilitation 24(1), 2011, p.49-55. Varekamp Inge, Krol Boudien, Dijk Frank JH van: Empowering employees with chronic diseases: process evaluation of an intervention aimed at job retention. International Archives of Occupational and Environmental Health 84(1), 2011, p.35-43.

Visser Maaike J, Behroozy Ali, Verberk Maarten M, Semple Sean, Kezic Sanja: Quantification of wet work exposure in nurses using a newly developed wet work exposure monitor. Annals of Occupational Hygiene 55(7), 2011, p.810-816. Zoer I, Ruitenburg MM, Botje D, FringsDresen MHW, Sluiter JK: The associations between psychosocial workload and mental health complaints in different age groups. ERGONOMICS 54(10), 2011, p.943-952.

Velzen Judith M van, Bennekom Coen AM van, Dormolen Max van, Sluiter Judith K, Frings-Dresen Monique HW: Factors influencing return to work experienced by people with acquired brain injury: a qualitative research study. Disability and Rehabilitation 33(23 24), 2011, p.2237-2246.

Verweij Lisanne M, Proper Karin I, Hulshof Carel TJ, Mechelen Willem van: Process Evaluation of an Occupational Health Guideline Aimed at Preventing Weight Gain Among Employees. Journal of Occupational and Environmental Medicine 53(7), 2011, p.722-729. Visser Ieke, Wekking Elizabeth M, Boer Angela GEM de, Joode Elisabeth A de, Hout Moniek SE van, Dorsselaer Saskia van, Ruhé Henricus G, Huijser Jochanan, Laan Gert van der, Dijk Frank JH van, Schene Aart H: Prevalence of psychiatric disorders in patients with chronic solvent induced encephalopathy (CSE). Neurotoxicology 32(6), 2011, p.916-922.

35


Jaarverslag 2011 Coronel Instituut  

Jaarverslag 2011 Coronel Instituut