Issuu on Google+

te gast:

Orchestre Philharmonique Royal de Liège

19 april Maastricht

John Neschling dirigent Simon Diricq saxofoon

Volg ons op:

seizoen 2012 2013 | www.limburgssymfonieorkest.nl

Te gast: Orchestre Philharmonique Royal de Liège John Neschling dirigent | Simon Diricq saxofoon Respighi (1879 – 1936) Impressioni brasiliane (1927-1928) 1. Notte tropicale 2. Butantan 3. Canzona e Danza Villa-Lobos (1887 – 1959) Fantasia voor saxofoon en orkest (1948) 1. Animé 2. Lent 3. Très animé Pauze Milhaud (1892 – 1974) Scaramouche (1937-1939) 1. Vif 2. Modéré 3. Brazileira (Mouvement de Samba) Respighi (1879 - 1936) La Boutique fantasque (1919) 1. Overture 2. Tarantella 3. Mazurka 4. Danse cosaque 5. Cancan 6. Valse lente 7. Nocturne 8. Galop 9. Finale: Allegro brillante Vrijdag 19 april | Maastricht, Theater aan het Vrijthof | 20.00 uur

Resphighi | Impressioni brasiliane (1927-1928) Aan het eind van de 19e eeuw steeg de roem van Verdi tot ongekende hoogte en domineerde zijn visie en invloed grotendeels het muzikale leven. Moe van deze heersende visie op muziek besluit de Italiaanse Ottorino Respighi (1879-1936) een andere koers te varen. Hij laat de Romantiek achter zich en verlegt zijn aandacht naar het symfonisch repertoire. Zijn stijl laat zich uiteindelijk kenmerken als een voortzetting van die van de Franse impressionisten en van Rimski-Korsakov. Hoewel Respighi ook enkele opera’s heeft gecomponeerd, is hij vooral bekend door zijn instrumentale werken, in de eerste plaats het orkestrale drieluik van symfonische gedichten Fontane di Roma, Pini di Roma en Feste Romane (bekend als de Romeinse Trilogie. Tijdens een tour naar Brazilië in 1927 krijgt Resphigi de opdracht van het Philharmonisch Orkest van Rio om een symfonische suite te schrijven die gebaseerd is op Braziliaanse folklore. Tijdens zijn verblijf in Rio verzamelt Resphigi vele indrukken die hij vertaald in ‘Impressioni Brésiliennes’. Deze bijzondere en verfijnde compositie wordt gevormd door een drieluik. Respighi’s fascinatie voor oude dansen en (o.a. Braziliaanse) volksmuziek is terug te horen in ‘Brazilian Impressions’. Hij brengt de zomer van 1927 door in dat land en legt zich toe op het componeren van een Suite Brasiliana die hij een jaar later belooft uit te voeren met het Filharmonisch orkest. Direct na terugkomst in Italie begint hij enthousiast aan het werk maar door allerlei andere verplichtingen ziet hij zich genoodzaakt om het uiteindelijk in te korten van vijf naar drie delen. In juni 1928 brengt hij zijn ‘Impressioni Brasiliane’ en het wordt met enthousiasme ontvangen. ‘Notte Tropicale’ heeft alle betoverende magie die de componist ervaart tijdens zijn reizen tussen Rio en Tijuca. ‘Butantan’ ligt net buiten Sao Paulo. In het daar gelegen instituut worden slangen gehouden vanwege hun serum. De muziek schildert eerst de omgeving waarna er een overgang komt naar een soort van draaiend, kronkelend slangenthema. De thema’s wikkelen en kruipen door elkaar. Het derde gedeelte ‘Canzone e Danza’ is een fraaie finale waarin elementen van Braziliaanse zang en dans terugkeren. Resphigi brengt een feestelijke ode aan de toenmalige populaire muziek ‘gekruist’ met het ritme van de samba en maxixe (Braziliaanse tango). Het typische geluid van het carnaval.

Villa-Lobos | Fantaisie pour saxophone (1948) De Braziliaanse componist Heitor Villa-Lobis wordt vaak omschreven als een van de belangrijkste en invloedrijkste componisten op het gebied van Braziliaanse klassiek georiënteerde muziek. Zijn omvangrijk œuvre omvat een uiteenlopende keur aan orkestrale, instrumententale en vocale werken en kamermuziek. In zijn werken hoort men zowel invloeden van Braziliaanse volksmuziek terug maar ook de stilistische elementen van de Europese klassieke traditie. Ook de saxofoon kreeg als solo-instrument een prominente plek in zijn œuvre. Aanvankelijk was Villa-Lobos niet gecharmeerd van dit instrument. Het werd volgens hem immers alleen maar bespeeld door groepen die weinig op hadden met klassieke muziek. Of zoals VillaLobos het verwoorde: ‘…op dat moment was saxofoon een slechte klasse’. Echter fascineert het instrument hem zodanig dat hij het vakkundig begint te integreren in veel van zijn composities. Tenslotte kan de saxofoon, ingezet door Villa-Lobos als solo-instrument in 1948 niet langer onderkent worden. Het instrument beleeft een premiere op 17 november 1951 in Rio met ´Fantasie voor saxofoon en orkest´.

Milhaud | Scaramouche (1937-1939) Scaramouche is een van de bekendste composities van de Franse componist en muziekpedagoog Darius Milhaud. Het stuk dankt zijn naam aan het Thèatre Scaramouche in Parijs, geleid door Henri Pascar. Dit theater was gespecialiseerd in kinderproducties. In mei 1937 schreef Milhaud toneelmuziek voor de bewerking van Charles Vildrac van Molières Le médecin volant (De vliegende dokter). Dezelfde zomer stond Milhaud onder druk om een aantal werken te schrijven voor de Wereldtentoonstelling. Hierbij was een verzoek van de gerenommeerde pianiste Marguerite Long voor een stuk voor twee piano’s voor twee van haar leerlingen, dat hij niet kon weigeren. Later zou Milhaud toegeven dat hij weinig enthousiast was geweest om dit stuk te schrijven, en dat het hem veel moeite kostte, wat opmerkelijk is voor een componist die zo gemakkelijk schreef. en Milhaud recycleerde twee stukken muziek uit Le médecin volant om de hoekdelen van de suite te vormen, Voor het langzame middendeel nam hij een stuk uit de toneelmuziek geschreven het stuk Bolivar van Jules Superville in 1936 (niet te verwarren met Milhauds opera). Voor Milhaud was deze werkwijze nogal gebruikelijk. De première werd gespeeld op 1 juli 1937 door Marcelle Meyer (een oude vriendin van Milhaud) en Ida Jankelevitch. Scaramouche werd al snel een van Milhauds populairste werken, deels tot teleurstelling van de componist, die vond dit de populariteit ten koste ging van zijn andere composities. Het bestaat uit drie delen: Vif, Modéré en Brazileira (Mouvement de Samba). De populariteit van het werk is te danken aan zijn pakkende ritmes en diatonische melodische lijnen. Bitonaliteit, een vast kenmerk van Milhauds stijl, is ook in Scaramouche gebruikt. De heldere, dartelende opening van Vif - soms bitter met bitonale effecten, maar sterk diatonisch - grijpt de aandacht vanaf het begin. Het lijkt op een valse Parijse straatpiano. Het Modéré is galant, met een rustige vallende beweging die doet denken aan volksmuziek. Het Brazileira lijkt zo uit Milhauds Saudades do Brasil uit 1921 te komen, en lijkt zo op het Braziliaanse volksmuziek dat het wel echt volksmuziek lijkt; het is een van de stukken van Milhaud die het meest door Zuid-Amerika zijn geïnspireerd.

Respighi | La Boutique fantasque (1919) In 1918 benaderde Sergej Diaghilev Respighi voor een samenwerking met zijn Les Ballets Russes. Diaghilev had het jaar ervoor een groot succes gescoord met zijn ballet Les femmes de bonne humeur (de goedgehumeurde dames) waarbij muziek van Domenico Scarlatti door Vicenzo Tommasini was georkestreerd. Diaghilev hield de regie bij de totstandkoming van dit stuk strak in de hand en koos zelf de stukken waaruit de muziek zou worden gecomponeerd. Het wereldberoemde ballet ‘La boutique fantasque’ is gebaseerd op melodieen die Gioacchino Rossini tijdens zijn pensionering componeerde. Ze zijn als salonmuziek (in meerderheid pianomuziek) in 13 delen gepubliceerd. Veel van deze stukken zijn humorvol en satirisch. De meeste stukken die door Diaghilev en Respighi werden geselecteerd, komen uit de verzameling ‘Quelques Riens’ (enkele nietigheden). Diaghilev besliste over de volgorde van de stukken, sneed erin, veranderde harmonieën en tempo en bemoeide zich in detail met Respighi’s werk. Dit ballet is gebaseerd op het scenario van het ballet Die Puppenfee van Joseph Bayer in 1888. De toneelsets en kostuums werden ontworpen door André Derain; de choreografie was van Léonide Massine. De première, op 5 juni 1919 in het Alhambra Theatre in Londen, was een sensationeel succes. Het ballet wordt tot op de dag van vandaag nog veelvuldig opgevoerd.

Ga naar www.philharmoniezuidnederland.nl Word online fan en maak kans op unieke prijzen!

Orchestre Philharmonique Royal de Liège / Liège Royal Philharmonic Het OPRL wordt ondersteund door de Federatie Wallonië-Brussel (met een bijdrage van de Nationale Loterij), de stad Luik en de provincie Luik, en concerteert in de prestigieuze Salle Philharmonique van Luik, maar ook op vele andere plaatsen in België (dit seizoen in Aubel, Beloeil, Brussel, Charleroi, Eupen, Hoei, Bergen, Namen, Nijvel, Oostende, Sankt Vith, Tongeren, Turnhout, Virton). Na dirigenten zoals Fernand Quinet, Paul Strauss, Pierre Bartholomée en Louis Langrée, die het orkest zijn eigen karakter hebben verleend, op de kruising van Germaanse en Latijnse invloeden, gaat Christian Arming, die sinds september 2011 muziekdirecteur is, voor excellentie en verruimt hij de horizon van het OPRL. Het seizoen 2012/2013 staat in het teken van de vrijheid. Het gaat daarbij zowel om de vrijheid van de artiest tegenover de heersende krachten of esthetische principes (Sjostakovitsj, Mahler, Schoenberg, Beethoven, Dvorak…) als het openstaan voor andere werelden (Villa Lobos, Gulda, Rouse, Ives…) en andere muziekgenres (barok, wereldmuziek, humor).

John Neschling De getalenteerde en succesvolle dirigent John Neschling is afkomstig uit Rio de Janeiro. Muziek zit diepgeworteld in zijn familie. De wereldberoemde componisten Arnold Schönberg en Arthur Bodanzky zijn immers familie van Neschling. Hij studeerde bij Hans Swarowsky in Wenen en werd assistent van Leonard Bernstein op het Tanglewood Festival (Verenigde Staten). Neschling was directeur van diverse theaters van o.a. Lissabon, Bordeaux, Palermo. In een paar seizoenen tilde hij dit orkest onder zijn leiderschap tot beste symfonische opleiding van de Zuid-Amerikaanse continent. John Neschling heeft tevens veel filmmuziek geschreven waarvan diverse composities genomineerd werden voor Oscars. Ook deed hij de grote operahuizen over de hele wereld aan (Washington, Zürich, Stuttgart, Bonn, Berlijn, Turijn, Genua, Verona. In 2009 ontving hij een “Diapason d’Or” voor de integraal van de Villa-Lobos Chôros (BIS).

Simon Diricq De carriere van de Belgische saxofoonist Simon Diricq behoeft weinig toelichting. Simon Diricq studeerde aan de conservatoria van Mons, Versailles, Keulen en Parijs (van deze laatste ontving hij unaniem het predikaat “Zeer goed”). Tevens won Diricq diverse prestigieuze prijzen. Zo was hij winnaar van het Concours de Bruxelles (Dexia 2002), Nantes (2004), Tarragona (2004), Lille (Rotary 2005), Parijs (Ufam 2006), Bayreuth (Pacem in Terris 2007) en Benidorm (2010), en won hij de eerste Grand Prix Adolphe Sax met de 5e internationale wedstrijd van Dinant in November 2010. Hij speelde als solist met het korps van de Belgische luchtmacht, de Musique Royale des Guides, het orkestrale Ensemble van Brussel, de Chapelle Musicale de Tournai Orchestra, het Orchestre de Chambre de Wallonie, het Kamerorkest van Brugge. Daarnaast is hij lid van het Quartet Alcatrasax en het Squillante (een nonet van saxofoons) van de ´Conservatoire Supérieur´van Parijs. Hij vormt een duo met de Belgische pianist Flavien Casaccio. Ereburger van de stad Dinant, Simon Diricq is professor voor saxofoon aan het Conservatorium van Doornik en assistent/ docent aan de conservatoria van Brussel en Mons.

Uw Limburgs Symfonie Orkest live! Droom & Verlangen Günter Neuhold dirigent | Ronald Brautigam solist 25 april | Theater de Maaspoort, Venlo | 20.15 uur

WEGDROMEN MET CHOPIN’S PIANOCONCERT NR. 2!

26 april | Theater Heerlen, Heerlen | 20.00 uur 27 april | Theater aan het Vrijthof, Maastricht | 20.00 uur Inleiding voorafgaand.

Vieftig prozent Gé/ 50% LSO Gé Reinders zang en presentatie | Etienne Siebens dirigent 16 mei | Theater Heerlen, Heerlen | 20.00 uur

MIT BLOASMUZIEK!

17 mei | Theater aan het Vrijthof, Maastricht | 20.00 uur 24 mei | TheaterHotel de Oranjerie, Roermond | 20.00 uur 25 mei | Stadsschouwburg Sittard-Geleen, Sittard | 20.00 uur 26 mei | Theater de Maaspoort | Venlo

Oet Limburg kump de meziek! Amateurs, professionals en liefhebbers met elkaar verbonden door muziek Limburg is muziek. Precies die liefde voor muziek brengt jong en oud bij elkaar. Amateur, semiprofessionele en professionele muziekbeoefening zijn geen aparte werelden, maar continu met elkaar verweven. Een goede samenwerking tussen professionals en amateurs combineert het beste van twee werelden. Vrijdag 10 mei | Koninklijke Harmonie Concordia Panningen Locatie: DOK 6, Panningen | Tijdstip: 20.00 uur Zaterdag 11 mei | Harmonie de Berggalm Klimmen Locatie: De Borenburg, Voerendaal | Tijdstip: 20.00 uur Zondag 12 mei | Harmonie Sub Matris Tutela Oostrum Locatie: Schouwburg, Venray | Tijdstip: 12.00 uur Vrijdag 14 juni | Koninklijke Harmonie Horst Locatie: ’t Gasthoes, Horst | Tijdstip: 20.00 uur Zaterdag 15 juni | Harmonie St. Agnes Bunde Locatie: Dolmans Landscaping, Bunde | Tijdstip: 20.00 uur Zondag 16 juni | Fanfare St. Willibordus, Stramproy Locatie: De Zaal, Stamproy | Tijdstip: 15.00 uur Donderdag 20 juni | Harmonie Eendracht Meijel Locatie: D’n Binger, Meijel | Tijdstip: 20.00 uur Vrijdag 21 juni | Harmonie St. Caecilia Hoensbroek Locatie: Patronaat, Heerlen | Tijdstip: 20.00 uur Zondag 23 juni | Harmonie St. Cécile Eijsden Locatie: Kasteel Eijsden, Eijsden | Tijdstip: 15.00 uur Deze hafabra- concerten zijn mede mogelijk gemaakt door:


Concertfolder OPRL