Page 1

01

najaar 2015

cepezed@work


MCA

Martijn Timmer Projectmanager (2011 t/m 2014) Deerns ‘Samenwerken en communiceren gaat in de praktijk het makkelijkst wanneer teamgenoten elkaar opzoeken. Direct vanaf de start van het project is mijn ontwerpteam daarom verhuisd naar cepezed, toen nog gehuisvest aan de Phoenixstraat in Delft. In integrale workshops, georganiseerd per onderwerp, hebben we de ontwerpprincipes vastgelegd. Tijdens de workshops werkten we vrij traditioneel: pen, papier en een constructieve discussie waren daar de gereedschappen. De uitkomsten legden we daarna direct vast in BIM. Op die manier was het voor alle partijen mogelijk deze integraal, in 3D, te verifiëren. Een goed voorbeeld van optimaal BIM-gebruik is de positionering van de schachten in het gebouw. Bij de start van het proces hebben mijn ontwerpleiders ‘bouwstenen’ met de maat en andere randvoorwaarden voor de schachten aan cepezed gegeven. De architecten konden hiermee vervolgens de plattegronden ontwikkelen. In het BIM-model was daarna direct duidelijk of de schachten op iedere verdieping goed recht boven elkaar zaten en of ze toegankelijk waren. Samen met cepezed en ABT hebben we de beste locaties vastgelegd, met als resultaat dat de schachten nog steeds staan op de plek waar ze ooit bedacht zijn! Door al in de eerste ontwerpfasen een BIMmodel op te zetten, zijn diverse ‘aanlopers’ vroeg gesignaleerd. Juist hierdoor waren er nog tal van oplossingsmogelijkheden voor goede alternatieven in plaats van ‘renovatieoplossingen bij nieuwbouw’. Het resultaat mag er dan ook zijn. Er ligt een degelijk ontwerp voor een gebouw waar de klant nog jaren mee vooruit kan!’

Rendering: cepezed

najaar 2015

Rendering: cepezed

Joost Heijnis Projectleider cepezed

Richard Lam Adviseur constructies ABT De samenwerking binnen +ACDC heeft ABT als bijzonder vruchtbaar ervaren. De keuze om in een BIM-traject vroegtijdig met alle disciplines fysiek bij elkaar te gaan zitten, is een erg goede geweest. Vaak zie je bij dit soort grote projecten dat de gegevensbehoefte van alle partijen leidt tot intensief mailverkeer met een groot risico op miscommunicatie.

Foto: cepezed | Léon van Woerkom

BIM

Foto: cepezed | Léon van Woerkom

02

Boven Het atrium van het RTIC is dé ontmoetingsplek van het gebouw, vormt een logische schakel binnen de bezoekers- en patiëntenstromen en is geheel gericht op de centrale binnentuin. Onder Het 3D-model met zijn brede mogelijkheden tot perspectief alsmede in- en overzicht is instrumenteel geweest voor zowel het ontwerp van de functionele organisatie, de multidisciplinaire afstemming als het creëren van draagvlak bij de staf.

‘Het nieuwe MCA is een grote en complexe machine met hoge eisen en een krap budget waarvoor het uitvoeringsgereed ontwerp nu is vastgelegd. Voor een zo efficiënt mogelijk proces bij zo’n opgave is het essentieel dat alle partijen op ieder moment hetzelfde beeld van de stand van zaken hebben. Juist daarom hebben we Building Information Modeling ingezet. Cruciaal is ook dat er, naast goede software en betrouwbare computers, goede afspraken gelden over wie wat hoe en wanneer vastlegt in het model of de verschillende (aspect-)modellen. Naast de reguliere ontwerpteamoverleggen bleken daarom ook integrale BIM-sessies noodzakelijk. Hierin bedachten we geen oplossingen, maar besloten we wie wat moest ontwerpen, mede op basis van de afhankelijkheid van andere partijen hiervan. Juist met BIM is een continu inzicht in alle aspecten van het ontwerp mogelijk, maar wanneer niet alle partijen op hetzelfde niveau bezig zijn, kan dat ook een regelrechte valkuil zijn! Daarnaast stelden we in de BIM-overleggen vast wat de status van alle informatieonderdelen in het model was; wat er eventueel nog aan gebeuren moest en wanneer ze gereed zouden zijn. Een typische vraag was bijvoorbeeld: zijn de luchtkanalen in het model correct of nog conceptueel en wordt er nog aan gewerkt? Uiteindelijk hebben we van dit project ook heel veel geleerd. Een volgende keer probeer ik dan ook graag nog meer intelligentie in het model te stoppen. En, net zo belangrijk, er ook weer uit te halen!’

cepezed@work

Kansen voor optimale, integrale ontwerpoplossingen blijven dan liggen. Bij het MCA zijn we er in geslaagd tot een goede ontwerpafstemming te komen. Daardoor staat er een helder constructief besteksontwerp dat snel en goedkoop te bouwen is. Een valkuil van projecten in BIM is dat er relatief veel energie in het modelleren gaat zitten. De uitwerking van details en de opwerking van producten gegenereerd vanuit het model krijgen dan onvoldoende tijd en aandacht. We hebben geprobeerd duidelijke afspraken te maken over tot welk moment de adviseurs multidisciplinair zouden werken en vanaf wanneer zij hun disciplines monodisciplinair zouden uitwerken. De praktijk is weerbarstig gebleken en dat heeft soms spanning op het proces veroorzaakt. Doordat 3D-modellen zwaar werden en de onderlinge koppelingen soms lange verwerkingstijden veroorzaakten, is het bewaken van de integraliteit tussen de bouwkundige, constructieve en installatiemodellen een grote uitdaging gebleken. Dat is een aspect dat bij een volgend project zeker nog te verbeteren is. Owen Slootweg BIM-manager cepezed Het MCA in cijfers: vijftig afdelingen op bruto 53.000 m². 2.300 afzonderlijke ruimten met ieder eigen oppervlakte-eisen, bouwbesluiteisen, PvE-codes, ruimtenummers en validatiepersonen. 12.000 inrichtingsobjecten, 2.300 deuren, 110 brandslanghaspels... Met zulke grote hoeveelheden is het onmogelijk om alle voor het ontwerp belangrijke informatie uit je hoofd te kennen. Waar de gemiddelde architect zich doorgaans vooral bekommert om de lijnen en vormen die het ontwerp beschrijven, zag ik juist een mooie uitdaging in het beheersen van deze data, die op een heel andere manier een beschrijving van het ontwerp vormen. Met het modelleren van het gebouw wordt al direct veel data vastgelegd, zoals afmetingen en vormen. Andere data, bijvoorbeeld de brandwerendheidseisen en de technische omschrijvingen, worden apart ingevoerd. Het BIM-model voor het MCA bestond op een gegeven moment uit wel 13 aspectmodellen van 3 verschillende partijen, waarin tot wel 30 mensen data aan het invoeren waren. De terugvindbaarheid van die gegevens is van evident belang voor de communicatie. Daarom hebben we de data per element systematisch in het model vastgelegd: per wand, per plafond, per gevelpaneel, per vloerafwerking, et cetera. In allerlei varianten van optellingen, samentrekkingen en filteringen waren zij zodoende gemakkelijk uittrekbaar; om de onderlinge afstemmingen tussen de adviseurs te faciliteren, maar ook om het overleg met de opdrachtgever en bijvoorbeeld het vergunningentraject te vergemakkelijken. Zo beschouwd is het BIM-model een prachtige wolk van getallen, teksten, eisen en codes met een heel eigen esthetiek.

najaar 2015

De driedimensionale verschijning is daarbij eigenlijk maar het topje van de informatie-ijsberg: een BIM-model is in feite een database waarin allerlei gegevens van een project zijn verzameld, van afmetingen en kleuren tot materiaalbeschrijvingen en componentprijzen. Daarvoor zijn nieuwe technieken en vormen van samenwerken nodig. Hieronder delen vier direct betrokkenen hun ervaringen van vijf jaar samenwerken in BIM.

03

Ruben Molendijk

Boven Joost Heijnis Martijn Timmer Onder Richard Lam Owen Slootweg

Foto: cepezed | Léon van Woerkom

Afgelopen voorjaar heeft het consortium +ACDC het uitvoeringsgereed ontwerp voor het Regionaal Topklinisch Interventie Centrum (RTIC) van het Medisch Centrum Alkmaar (MCA) opgeleverd. Voor dit grote en uiterst complexe project hebben de partners van het ontwerpconsortium, architectenbureau cepezed, de ingenieursbureaus Deerns en ABT en adviesbureau Cure+Care, ervoor gekozen het gebouw uit te werken met behulp van Building Information Modeling (BIM). Hierbij tekenen de ontwerpers geen traditionele ‘platte’ tekeningen meer, maar krachtige 3Dmodellen.

Foto: cepezed | Léon van Woerkom

Tekening: cepezed

proces


Foto: cepezed | Léon van Woerkom

project

Foto: cepezed | Léon van Woerkom

Boven Mireille Henst (l) en Brenda Montanus (r) in het nieuwe KWR-gebouw in Nieuwegein. Onder De inrichting van de laboratoria en werkruimten is maximaal gericht op het werken in het groen. De opstellingen en het meubilair zijn maatwerk en in nauw overleg tussen de ontwerpers en gebruikers ontwikkeld.

alweer gewoon verrekenbare uren. Het valt enorm op hoe mensen zich hier thuis voelen en niemand zich beschroomd voelt in het atrium te gaan zitten. Iedereen ziet het echt als een extra, bijzondere plek om te werken, niet alleen maar als koffiehoek of zo.’ Het nieuwe, open en transparante gebouw vormt een groot contrast met het oude, dat een traditionele plattegrond had met afgesloten kamertjes aan weerszijden van een lange donkere gang. ‘Het oude gebouw was niet slecht,’ legt Henst uit, ‘maar bevorderde niet de manier van samenwerken die we graag wilden. Eerst moesten mensen van verschillende andere afdelingen echt een afspraak maken, waarna ze samen in een hokje gingen zitten. Nu komen medewerkers die elkaar eerst nooit zagen elkaar gewoon tegen bij de koffietafel. Dat is echt een fijne omslag.’ Henst besluit: ‘Je kunt absoluut zeggen dat KWR door dit gebouw is veranderd. Wij zijn nogal een organisatie van doe maar normaal, dan doe je al gek genoeg, maar inmiddels hebben we zelfs een vrijdagmiddagborrel ingesteld! Dat past gewoon bij dit gebouw.’

beeld tenslotte ook bijdragen aan de functionaliteit. ‘Net een slagje meer dus,’ aldus Henst. ‘Het eindresultaat sluit nauw aan op wat KWR als organisatie is en belangrijk vindt,’ vervolgt zij. ‘Dat zijn uiteindelijk de mensen waarmee we hier werken. KWR levert geen kant-en-klare producten, maar kennis en advies gebaseerd op intensieve samenwerking. Het nieuwe gebouw is dan ook geen productieomgeving, geen koekjesfabriek. Het is echt een mensengebouw geworden. Wij vinden het echt heel gaaf dat cepezed in het ontwerpen daarvan zo ver kon meegaan.’ Thuis Met veel verschillende soorten plekken binnen de eenvoudige basisopzet is het nieuwe KWRgebouw al direct na ingebruikname een echt thuis voor de medewerkers geworden. ‘Er worden momenteel natuurlijk veel gebouwen voor Het Nieuwe Werken ontworpen,’ zegt Brenda Montanus, ‘en Mireille en ik hebben er heel wat gezien. Ik heb ook naar veel projecten met bewondering gekeken. Maar … het is echt gênant … ik vind ons gebouw toch zowel het mooiste als het meest functionele!’ Bij aanvang van het ontwerptraject had Montanus nog wat bedenkingen over het getrapte atrium. ‘In het begin dacht ik wat zonde van de meters! Ik had twijfels of al dat volume niet ten koste van andere functies zou gaan.’ Montanus’ aarzeling loste echter op als sneeuw voor de zon. De ruimte onder de cascaderende atriumvloer is immers goed benut voor het onderbrengen van bijvoorbeeld lockerwanden en opslagruimten. Ook heeft ze zich weleens afgevraagd of het atrium met zijn gemengde functies voor werken, overleggen, vergaderen, ontspannen, eten, samenkomen en ontmoeten wel gebruikt zou worden zoals bedoeld. Die zorg is ongegrond gebleken: ‘Het atrium werkt: vanaf dag één was het hier gewoon dringen!’ Mireille Henst: ‘Toen we het gebouw op maandagochtend vijf januari betrokken, heeft onze directeur Wim van Vierssen om half tien zijn nieuwjaarstoespraak gehouden. Daarna hebben we zoals ieder jaar tot elf uur een gezellige ‘morning high tea’ gehad. Van elf tot half één was het een beetje wennen en acclimatiseren. Maar ’s middags maakten we

cepezed@work

05

Mensengebouw ‘Ik weet nog dat de vraag kwam voor dit interview. Ik dacht: dan moeten we het over één ding zeker hebben,’ zegt Mireille Henst. ‘De vrouwelijke factor. Daarover hebben we ook nog één van onze tweewekelijkse blogs geschreven.’ De bouw is nog steeds een door mannen gedomineerde sector, maar toevallig zijn er bij de totstandkoming van het nieuwe KWRgebouw opvallend veel vrouwen betrokken geweest. Henst en Montanus zelf natuurlijk, maar ook vanuit projectmanager Hevo, landschapsarchitect West 8, bouwfysisch adviseur DGMR en cepezed schoven er vrouwen aan. En dat is KWR erg goed bevallen. ‘Wij denken zelf dat het grote aantal vrouwen positief heeft bijgedragen aan hoe het gebouw uiteindelijk geworden is. In mijn ervaring is er nu veel meer aandacht besteed aan hoe dingen voelen en hoe je denkt dat ze gaan werken dan bij ‘normale’ projecten,’ aldus Mireille Henst. De vrouwelijke bijdrage aan de mix van perspectieven kwam ook terug in de interactie met cepezed, waar Frederique van Alphen en

Christiaan de Wolf als projectleiders betrokken waren. ‘Frederique kon heel erg meegaan in het belang van die gevoelsfactor,’ vervolgt Henst. ‘Christiaan is natuurlijk ook een fantastische architect, maar veel meer gericht op de techniek en uitvoeringsaspecten. Juist in de wisselwerking zit, denken wij, veel meerwaarde.’ Neem bijvoorbeeld het ontwerp van de laboratoriumtafels, waaraan cepezed actief heeft bijgedragen. Brenda Montanus: ‘Frederique kon zich heel goed inleven in de gebruiksaspecten daarvan en in hoe één en ander er uiteindelijk in de praktijk aan toe zou gaan. Ze was er sterk van doordrongen dat de labs een werkomgeving vormen waarin functioneel meubilair gewoon een must is.’ Mireille Henst vult aan: ‘Maar ook allerlei esthetische kwesties van de tafels zijn uitgebreid besproken. Dan ging het over dingen als de zwarte stijgkokers voor kabels en leidingen, over de kleur van de werkbladen of bijvoorbeeld de ‘zwevende’ onderkasten.’ Visuele verfijningen die mede vanwege hun zorgvuldige uitvoering en gerichtheid op een rustig en opgeruimd

Foto: cepezed | Léon van Woerkom

KWR Watercycle Research Institute is een gerenommeerd onderzoeksinstituut op het gebied van water en watercycli dat kennis ontwikkelt en ontsluit voor uiteenlopende typen (internationale) organisaties als drinkwaterbedrijven, waterschappen, overheden en de industrie. Het nieuwe gebouw biedt een onderkomen aan uiteenlopende kantoor- en laboratoriumfuncties. Het is sterk verweven met het omliggende groene landschap naar ontwerp van West 8. De nieuwbouw heeft een simpele structuur en bestaat uit een centraal, getrapt atrium met aan weerszijden daarvan een vrij indeelbare beuk voor laboratoria en/ of kantoren. Het atrium is het sociale hart en ingericht met verschillende typen zitgelegenheden om te werken of bijvoorbeeld informeel te overleggen. Mireille Henst en Brenda Montanus, respectievelijk directiesecretaris en facilitair manager bij KWR, waren als onderdeel van zowel het ontwerp- als bouwteam nauw betrokken bij de totstandkoming van het project. cepezed@work sprak met hen over hun nieuwe gebouw en ervaringen met cepezed.

najaar 2015

Ruben Molendijk

Foto: Hevo | Hugo Thomassen

04

water

najaar 2015

KWR Het getrapte atrium vormt het hart van het KWR Watercycle Research Institute. Het is ingericht met een gevarieerd overleg- en ontmoetingslandschap en loopt vanaf het restaurant naast het buitenterras via de entree naar de eerste verdieping, de dakpatio en uiteindelijk het groendak. Aan weerszijden bevindt zich een subtiele waterstroom die bijdraagt aan de identiteit van de gebruiker. Het atrium wordt daarnaast aan beide zijden geflankeerd door volledig vrij indeelbare beuken voor laboratoria en kantoren, die daglicht ontvangen via zowel de gevels als het atrium met zijn goeddeels transparante sheddak.

Begin dit jaar heeft KWR Watercycle Research Institute zijn intrek genomen in een nieuw, door cepezed ontworpen pand. Voor het onderzoeksinstituut betekende dit de overgang van een traditioneel gesloten cellenkantoor naar een modern gebouw geënt op nieuwe, flexibele werkvormen. Gedurende het ontwerpproces zijn cepezed en KWR vanzelfsprekend nauw opgetrokken.

Foto: cepezed | Léon van Woerkom

Tekening: cepezed

KWR

Boven Doorsnede over het centrale hart van het gebouw, met een cascaderend atrium en een sheddak voorzien van zonnepanelen. Midden Overal valt daglicht diep het gebouw in en bestaat een lichte, open atmosfeer. Onder Het gebouw is ontworpen als transparant paviljoen dat opgaat in de omliggende biodiversiteitstuin. De diepte van de glazen luifels is rondom afgestemd op het zonverloop gedurende de dag.


Rendering: cepezed

proces Het gebouw voor Technische Natuurkunde (TN) van de TU Delft ligt langs de Mekelweg naast de aula van de universiteit en is begin 1960’er jaren gebouwd. Hoewel terughoudend is het voorkomen krachtig en kenmerkend. Inmiddels loopt men echter tegen aanzienlijke bezwaren op. Zo is het pand zowel bouwkundig als installatietechnisch sterk verouderd, heeft het een gerekte, weinig efficiënte kamstructuur met lange looplijnen en heeft het een sterk horizontale oriëntatie die de interactie tussen de verdiepingen en

gebruikersgroepen frustreert. Aangevuld met een aantal nieuwbouwdelen brengt cepezed het enorme gebouw terug tot een compact en efficiënt volume met een sterk gereduceerd geveloppervlak, een multifunctioneel gebouwhart, veel mogelijkheden tot ontmoeting en een hoge mate van gebruikscomfort. Van de bouwdelen die het bureau verwijdert, krijgen de restanten een functie binnen de kwaliteitsverhoging van de omliggende, groen ingerichte Living Campus.

Verouderde kamstructuur Het bestaande gebouw is verouderd, sterk horizontaal georiënteerd en heeft een langgerekte kamstructuur die zowel interactie bemoeilijkt als de ontwikkeling en beleving van de TU-campus in de weg staat.

Naar compact en efficiënt volume De vernieuwde gebouwstructuur heeft een praktische en compacte opzet en veel mogelijkheden tot interactie. Er zijn geen verwarrende, doodlopende gangen meer, maar logisch verbonden verkeerscircuits.

Oud en nieuw De teruggebrachte kamstructuur krijgt een overzichtelijke, doelgerichte uitbreiding bestaand uit opgetilde nieuwbouwbeuken met korte looplijnen en een doordachte schakeling tussen oud en nieuw.

Dynamisch hart Een levendig en van ruim daglicht voorzien gebouwhart vormt een overdekte voortzetting van de campus buiten en is de centrale ruimte van waaruit alle verschillende functies ontsloten zijn.

Onderwijs en studie Het onderwijsprogramma en studielandschap bevinden zich met zones voor zowel dynamiek en ontmoeting als rust en concentratie in de lagere zones van het gebouw.

Opgetild onderzoek De onderzoeksfuncties bevinden zich in de nieuwe opzet voor een groot deel in de opgetilde nieuwbouwbeuken. Deze zijn gemakkelijk in te delen met verschillende configuraties aan labs en kantoren.

Doordachte routing en ontsluiting De nieuwe beuken sluiten steeds vanzelfsprekend aan op de open en intuïtief navigeerbare verkeerscircuits van het geherstructureerde gebouw, dat voor alle functies primair is ontsloten vanuit het atrium.

Gezoneerde programma-indeling Iedere vakgroep heeft zijn eigen gebied met daarin ook eigen ontmoetingsplekken. Tussen de groepen in bestaan daarnaast gedeelde ontmoetingsplekken nabij de eveneens collectieve trappenhuizen.

TN

Rendering: cepezed

07

najaar 2015

TN Het vernieuwde gebouw voor Technische Natuurkunde faciliteert het onderwijs en onderzoek met een hoge functionaliteit en verblijfskwaliteit, interessante ontmoetingsplekken, korte looproutes en goede (zicht)connecties tussen de verschillende delen. Een dynamisch hart vormt een voortzetting van de Living Campus buiten: de landschapsinrichting rondom loopt door tot aan de gevel en op strategische plekken zelfs naar binnen, waardoor letterlijk een stuk ‘indoor campus’ met een brede variëteit aan werkplekken ontstaat. Aangrenzend hieraan bevindt zich een scala aan gedeelde functies, wat sterk bijdraagt aan de interactie tussen de gebruikers.

TU-D

06

najaar 2015

Tekeningen: cepezed

Jeroen Hendriks

cepezed@work


00 09

@work

08

najaar 2015

najaar 2015 Foto’s: cepezed | LÊon van Woerkom


Foto: cepezed | Léon van Woerkom

In de hal van treinstation Delft is eind juli het prototype geplaatst van een prefab reisinformatiepunt dat cepezed heeft ontworpen in opdracht van de Nederlandse Spoorwegen. Na een proef is het de bedoeling dat zo’n 35 exemplaren van de nieuwe unit op 30 treinstations in Nederland komen te staan. Het geklimatiseerde meubel bevat een eenpersoonsbalie met onder meer een beeldscherm, printer, folderdisplay en kastruimte en vormt een werkplek waarin medewerkers zowel staand als zittend kunnen werken.

Tekeningen en rendering: cepezed

Boven De montage van het prototype in de hal van station Delft. Goed te zien is hoe het informatiepunt is opgebouwd uit prefabsegmenten. Rechts De werkplaatstekeningen tonen het samenspel van constructie, afwerking en gebruikscomponenten.

TN

product

najaar 2015

OV-i

project

Het prefab bouwsysteem heeft een strakke en serene materialisatie grotendeels van rvs en glas, met een verfijnde detaillering van de huid, die deels is voorzien van folie. De plinthoogte is afgestemd op een efficiënte schoonmaak van de vloer rondom.

De werkverlichting is geïntegreerd in het plafond, dat in bemande situatie één groot lichtvlak vormt en zo ook bijdraagt aan de zichtbaarheid van de NS-medewerker. In onbemande situatie is het plafondlicht uit en het informatiebeeldscherm naar buiten gericht, zodat reizigers zelf informatie kunnen aflezen.

Foto: cepezed | Léon van Woerkom

Rechts De kiosk ontleed: de glazen schil met stalen dak, het rvs-frame van het meubel en het werkblad met inbouwkasten voor printers en folders. Boven het staalframe de losse meubels en apparatuur. Onder Het prototype in gebruik. Door zowel het NS-personeel, de NS-medewerkers als de ovreiziger wordt het informatiepunt zeer hoog gewaardeerd.

Onbemand is de balie daarnaast afgesloten met een strak in de vormgeving geïntegreerd glazen schuifluik voorzien van een contragewicht. Jeroen Hendriks

cepezed@work

11

Voor de grafische elementen in en op de units is nauw samengewerkt met het bureau van information designer Paul Mijksenaar, dat ook verantwoordelijk is voor het ontwerp van de algemene stationsbewegwijzering in Nederland. Conform hieraan is de bovenrand bijvoorbeeld blauw oplichtend met witte belettering in het type NS Sign.

10

najaar 2015

Daarnaast is de cabine gemakkelijk verplaatsbaar en zo desgewenst ook buiten bruikbaar. Omdat het informatiepunt van alle zijden zichtbaar, herkenbaar en benaderbaar moet zijn, heeft het een driehoekige vormgeving met afgeronde hoeken.


Wat is je leukste detail? De bevestiging van de tweedehuidfaçade van Westraven. Samen met collega Jan-Willem Visscher bedacht ik in eerste instantie een constructie met twee hoeklijnen en 100 miljoen schroeven. Die staat ver af van het opspandetail zoals we dat uiteindelijk hebben ontwikkeld. Wat is je laatste goede idee? Elke dag één goed idee, anders mag je niet naar huis.

12

Hoe ben je hier terechtgekomen? Via een stage op de HTS waarbij je drie dagen kon werken en er maar twee hoefde te studeren. Dat vond ik wel wat! Op de Ezelsveldlaan, net naast ons huidige kantoor, hadden we een speciale enclave waarin we met een grote groep mensen hard werkten aan een lange reeks seriematig te bouwen distributiecentra voor wat toen nog de PTT heette.

Foto: cepezed | Léon van Woerkom

Wat vind je van je werkomgeving? Het werken in een door onszelf tot prachtige lichte omgeving aangepast monument is fantastisch. En ik heb leuke collega’s waarmee ik intensief samenwerk en veel lach! Hoe lang werk je bij cepezed? Na een stage en een vierjarige job als werkstudent ben ik sinds 2013 fulltime architect bij cepezed. Wat is je leukste detail? De geperforeerde Cortenstalen voorzetgevel van een buitenhuis in Spanje. Gesloten abstraheert deze de woning tot de archetypische huisvorm zoals een kind die tekent. Open onthult zich een volglazen thermische gevel die een fantastisch uitzicht biedt. Wat is je laatste goede idee? Een WKO-concept met ijs(water) als opslagmedium voor de Tijdelijke Rechtbank. Doordat bij de fasetransitie van water naar ijs wel tachtig keer meer energie vrijkomt dan bij een afkoeling van zeg 23 tot 22 graden, is veel minder watervolume nodig. De waterzakken zijn hierdoor te plaatsen in demontabele betonnen bakken die gewoon meeverhuizen als het gebouw een nieuwe plek krijgt. Hoe ben je hier terechtgekomen? Tijdens mijn studie volgde ik een lezing van Michiel Cohen, de ‘c’ van cepezed, over vooral het cepezed-boek Prototypen. Hij sprak met zoveel overtuiging dat ik dit diezelfde avond bestelde en een half jaar voor mijn stage al een leuke plek zeker stelde. Wat inspireert je? De groei die cepezed doormaakt. Toen ik stage liep, werkten er zo’n 25 man. Nu meer dan vijftig. Uniek in tijden van crisis natuurlijk en een bevestiging van de specifieke kwaliteit die alle mensen op het bureau iedere dag nastreven. Het beste… is de intense blijdschap tijdens de speciaal ingelaste borrel als we weer een selectie winnen. Je hebt er hard aan gewerkt en bent al de hele dag zenuwachtig: ... Wanneer bellen ze nu? ... Wanneer komt die mail nu binnen? ...

Wat trekt je zo aan dit werk? Naast het resultaat de uitdaging om alles voor alle partijen geregeld te krijgen en zo tevreden mensen over te houden.

1op1

Wat vind je van je werkomgeving? De hal is fijn, inspirerend, prettig en licht. Bij zonneschijn door de lichtstraat af en toe te licht en wit, wat mij betreft. Het was ook even wennen aan de strakke, georganiseerde, gestructureerde werkmethodiek.

Michael van der Gaag Waar ben je mee bezig? Als projectontwikkelaar bij de aan cepezed gelieerde vastgoedontwikkelaar cepezedprojects doe ik alles van haalbaarheidsstudies tot conceptontwikkeling, projectmarketing en proces- en kwaliteitsmanagement. De nadruk ligt steeds op een integrale, ontwerpgestuurde aanpak. De Tijdelijke Rechtbank in Amsterdam en het nieuwe YES!Delft met biofaciliteiten zijn twee realisaties waaraan ik momenteel veel werk. Wat vind je van je werkomgeving? cepezed kent een goede mix tussen jonge en meer ervaren collega’s en zo een gezonde balans tussen actuele kennis en frisse blikken enerzijds en een doorgewinterd, rationeler vakmanschap anderzijds. Ik verbaas mij steeds opnieuw over de kennis binnen het bureau; bijna iedereen heeft een specifieke expertise en deelt die graag. De verhuizing naar de grote hal van het voormalige Techniekmuseum heeft kennisdelen alleen maar makkelijker gemaakt. Hoe lang werk je bij cepezedprojects? Vier jaar. Het eerste half jaar vervulde ik nog een dubbelfunctie als ontwikkelaar bij cepezedprojects en ontwerper bij cepezed. Mede daardoor werk ik makkelijk samen met architecten. Wat is je leukste detail? cepezed staat bekend om zijn slimme en verfijnde manier van detailleren, maar er is één bureau dat het nog veel beter kan: de natuur, een eindeloze inspiratiebron voor het oplossen van technologische problemen, ook binnen de bouw. Denk bijvoorbeeld aan de waterafstotende nanostructuur van Lotusplantbladeren. Wat trekt je zo aan dit werk? De complexiteit en afwisseling. Het ene moment zit je met de architect het ontwerp aan te scherpen, het andere bij de gemeente voor de vergunningen, dan weer bij de gebruiker voor afstemming op zijn wensen of met financiers/beleggers om de haalbaarheid te garanderen. Het geeft veel voldoening om een project from scratch te ontwikkelen en er uiteindelijk in rond te lopen. Dat kan om grote of kleine projecten gaan, als alle betrokkenen uiteindelijk maar tevreden zijn. Wat inspireert je? Naast reizen naar mooie plekken en het ontdekken van nieuwe urban hotspots vooral mensen met een passie voor hun vak: startups met prachtige innovaties, entrepreneurs met een duidelijke visie en mensen die de status quo doorbreken met creatieve oplossingen. Een omschrijving die ook past bij veel van mijn collega’s.

cepezed@work

Wat heb je hiervoor gedaan? Na mijn studie architectonische vormgeving en interieurarchitectuur aan de Gerrit Rietveld Academie heb ik een poosje bij Kho Liang le Associates gewerkt, met twee partners een paar jaar mijn eigen bureau gehad en daarna achttien jaar als interieurarchitect bij Merkx+Girod gezeten. Wat is je leukste detail? Van mij persoonlijk, lijflijk dus, mijn wenkbrauwen. Werkgerelateerd de open inloopkast van de stadsvilla in Rotterdam die cepezed en cepezedinterieur samen helemaal hebben gemoderniseerd. Wat is je laatste goede idee? Geen idee! Ideeën genoeg, maar de beoordeling daarvan laat ik liever aan anderen over. Hoe ben je hier terechtgekomen? Met het faillissement van Merkx+Girod zocht ik een nieuwe plek om mijn vak uit te oefenen. cepezed wilde op dat moment net zijn interieuractiviteiten verder professionaliseren. Zo is het gekomen. Wat trekt je zo aan dit werk? Van alles! Ik kan er mijn passie en energie in kwijt en heb leuke, motiverende en hardwerkende collega’s. Ik werk bovendien voor opdrachtgevers die wat willen! Althans, de meeste. Wat inspireert je? Zodra ik al mijn zintuigen openstel, haal ik inspiratie uit heel veel verschillende dingen, zowel visueel als fysiek en van cultuur tot natuur en sport. Het beste… gaat nog komen. Want het kan natuurlijk altijd beter! Dat wil niet zeggen dat ik geen tevreden mens ben!

najaar 2015

najaar 2015

Wat heb je hiervoor gedaan? Studeren en in een Ierse pub werken. Daar kon ik gewoon aan de slag omdat ik Paddy heet.

Waar ben je mee bezig? Zowel specifieke interieuropdrachten als projecten waarbij vanuit de architectuuropgave interieurinput nodig is voor een integraal resultaat. Daarbij werk ik aan zowel verwervingen als behaalde opdrachten. Je merkt dat een eigen interieurafdeling echt toegevoegde waarde heeft; steeds vaker kiezen opdrachtgevers ervoor zowel de architectuur als het interieur door cepezed te laten ontwerpen.

12

Wat vind je van je werkomgeving? Erg fijn! In het paviljoen van ons vorige gebouw aan de Phoenixstraat had ik ook een aangename plek, maar ons nieuwe gebouw is mede door de hoogte enorm ruim en licht. Door de bedrijvigheid van alle collega’s om je heen heerst er ook een fijne atmosfeer.

Waar ben je mee bezig? De Tijdelijke Rechtbank Amsterdam, een erg leuk en snel project dat ik van de tenderfase tot uitvoering doorloop. Daarnaast rol ik langzaam in mijn nieuwe functie als tendercoördinator.

inspiartie project

Waar ben je mee bezig? Projecten zoals de transformatie van het TU-gebouw van Technische Natuurkunde en laboratoriumgebouwen voor DSM, Genmab en YES!Delft met biofaciliteiten. Daarnaast met bijvoorbeeld de omvorming van de Knoopkazerne in Utrecht tot rijkskantoor en de uitvoering van de DUWO-studentenhuisvesting bijna tegenover ons bureau, aan de overzijde van de Schie. Ook houd ik me veel bezig met bureaubrede zaken. Aanbiedingen, kostenramingen en de controle daarvan behoren ook tot mijn pakket.

Det van Oers

atrium

Paddy Sieuwerts

Job van den Heuvel

Foto: cepezed | Léon van Woerkom

Foto: cepezed | Léon van Woerkom

Foto: cepezed | Léon van Woerkom

team


product

Voor de verblijfskamers in het nieuwe MCA geldt een veelheid van eisen, waaronder dus op installatiegebied. Daarbij zijn niet alle kamers hetzelfde; ze hebben verschillende afmetingen, verschillende soorten en aantallen gebruikers en kennen zo ook verschillende randvoorwaarden. cepezed zocht daarom naar een methodische manier van organiseren waarbij een diversiteit aan technische elementen steeds visueel eenduidig te vatten was in één, op de concrete situatie aanpasbaar type element. De plafondmodule die het bureau uiteindelijk ontwikkeld heeft, bevat onder meer de klimaatbehandeling en alle verlichting. Ook is de component geschikt voor de doorvoer van kabels en leidingen, zoals bijvoorbeeld de rioolaansluiting van een bovengelegen toilet. Zelfs is op de module een XY-tillift aan te sluiten. Een uitgekiende engineering houdt alle techniek bovendien voortdurend gemakkelijk bereikbaar. Hans Cool: ‘Een verlaagd plafond snoept normaliter over het volle kameroppervlak zo’n zeventig centimeter vrije hoogte af en resulteert in een feitelijke belevingshoogte van zo’n 2,60 m. De ontwikkelde plafondmodule strekt zich kamerbreed alleen boven de bedzones uit en is slechts 30 cm hoog. De vrije hoogte boven de bedden is daardoor al drie meter, in de zones ernaast zelfs 3,30 m. Dat is een aanmerkelijk verschil!’

Tekening: cepezed | Ergocare | Waterloo

Jeroen Hendriks

1 4 2

3 5

6

14

8

9

Foto: cepezed | Léon van Woerkom

Foto: cepezed | Léon van Woerkom

Installatie zone Inductie unit Draagconstructie Inspectieluik (incl. LED-verlichting) LED-verlichting Klepje voor tillift Draagstructuur XY-tilliftsysteem Rail tillift Tillift

Links Proefopstelling in garage van liftproducent Ergocare. Aanzicht op de kopse kant van het proefmodel. Overdwars de XY-tillift. Midden Lichttest. Doorlopende LED-strips lichten het plafond aan, separate lichtpunten zijn naar gelang de situatie in verschillende modi te schakelen. Rechts Rendering van een patiëntenkamer. De hoge ramen laten veel licht binnen, het prefab plafondelement gevoed vanuit een koof in de kastenwand zorgt voor maximale ruimtelijkheid.

‘In de module komt een enorme hoeveelheid expertise van verschillende partijen bijeen,’ vertelt Hans Cool. ‘Van het MCA zelf natuurlijk, maar ook van de verschillende specialisten op het gebied van klimaatinstallaties, verlichting, lifttechniek, ruimtelijk ontwerp et cetera. Hiervoor hebben we onder meer samengewerkt met onze ontwerpteampartner ingenieursbureau Deerns, maar ook met productleveranciers als Waterloo voor de lucht- en klimaatapparatuur, Rena voor de LED-verlichting en Ergocare, dat veel energie heeft gestoken in de technische integratie van de tillift. De werking en werkbaarheid van aspecten als de verlichting en de onderhoudbaarheid via de zijkleppen zijn aangetoond middels twee mock-ups waarvoor vooral Jan Reedijk van Waterloo zich tot het uiterste heeft ingespannen om ze helemaal goed te krijgen. De module is uiteindelijk te bedienen via een speciale tablet waarmee de patiënt straks ook zijn eten kan bestellen, de televisie bedienen, zijn dossier bekijken en de volgende doktersafspraak kan checken.’

De modules zijn volledig prefab en bestaan in essentie uit een koof van stalen plaatwerk met overdwars verschillende tussenschotten voor de stijfheid. De schotten zijn in vormgeving dusdanig open en geminimaliseerd dat voldoende ruimte bestaat voor de doorvoer van kabel- en leidingwerk, dat verholen afkomstig is vanuit een zone boven de prefab sanitaire cel of een koof boven de kastenwand aan het hoofdeind van de bedden. Over de volledige lengterichting ligt in het hart van de module een rooster voor de lucht- en klimaatbehandeling.

7

1 2 3 4 5 6 7 8 9

De module kent uiteindelijk vijf verschillende versies, alle geënt op een ‘basismodel’ dat op onderdelen aanpasbaar is. Iedere versie biedt steeds vrijwel dezelfde aanblik en in ieder geval dezelfde uitstraling. Hans Cool: ‘We hebben ons erg gericht op het ontwerpen van een familie, zowel betreft de aanblik als betreft de technische en organisatorische aspecten.’

cepezed@work

najaar 2015

Hans Cool

In het plaatwerk zijn goten verwerkt waarin de uiterst energiezuinige verlichting is opgenomen. Langs de zijkanten lopen door deze goten ononderbroken LED-strips die het plafond aanlichten en zo de indirecte verlichting vormen. Twee symmetrisch gepositioneerde geulen aan de onderzijde bevatten losse LEDpunten voor de directe verlichting. Deze is schakelbaar in verschillende modi: algemene verlichting, onderzoeksverlichting, oriëntatieverlichting en leesverlichting. De LED-punten kennen hiervoor verschillende posities, naar gelang met één, twee of drie LEDs per positie, alsmede een lensje erop of een folie om het licht te bundelen en richten. De verlichtingshoeken zijn geoptimaliseerd middels de vormgeving van de geulen. Bevestiging van de modules aan het plafond vindt plaats met stalen strips voorzien van boorgaten. De zijwanden zijn opklapbaar zodat alle techniek bereikbaar blijft. Aan de uiteinden van de onderkant zijn twee symmetrisch gepositioneerde stroken eveneens open te klappen voor bevestiging van de tillift.

15

Foto: cepezed | Léon van Woerkom

Architect Hans Cool van cepezed: ‘Een ziekenhuis is erg installatie-intensief en behoorlijk verzadigd van kabel- en leidingwerk. De makkelijkste oplossing daarvoor is een flink verlaagd plafond waarachter je dat allemaal wegwerkt. Dat zie je ook bijna overal toegepast, maar wij hebben voor die kwestie echt iets anders willen bedenken; in ieder geval voor de patiëntenkamers. Zo’n verlaagd plafond neemt vreselijk veel van je vrije hoogte weg, waardoor ruimten veel lager zijn en bedrukter aandoen dan hoeft en je zou willen. Als je de vrije hoogte zo veel mogelijk kunt behouden, voelt dat veel ruimtelijker en aangenamer en draagt dat dus ook bij aan een healing environment.’

Rendering: cepezed

najaar 2015

Een strakke, systematische organisatie op alle terreinen en daarmee verbonden optische rust en helderheid zijn net als veel daglicht, een sterke ruimtelijke beleving en de integratie van functies typische kenmerken van de cepezedarchitectuur. Om hiertoe te komen, gaat het bureau soms erg ver. Voor de patiëntenkamers van het nieuwe Medisch Centrum Alkmaar in Heerhugowaard ontwierp het een plafondmodule waarin esthetiek, functionaliteit en techniek naadloos samensmelten. Daarvoor was veel samenwerking en afstemming nodig, zowel tussen de ontwerpende disciplines onderling als tussen ontwerpers en productleveranciers.

BIM

MCA

proces inspiartie

MCA Dit fragment toont één van de vele typen exports die het BIM-model van het MCA Regionaal Topklinisch Interventiecentrum voor verschillende doeleinden gemakkelijk kan genereren. Het laat de complexe wisselwerking zien tussen de installaties, constructies en bouwkundige opzet. Te onderscheiden zijn onder meer de voedingen van de luchtbehandelingsinstallaties, die uit oogpunt van latere optoppingsmogelijkheden vanuit de kruipruimte lopen in plaats van langs het dak. In het rechter deel van het model zijn tevens de geïntegreerde prefab plafondeilanden in het verblijfsgebouw herkenbaar.


project

Foto: cepezed | LĂŠon van Woerkom

stek

najaar 2015 16 cepezed | cepezedinterieur | cepezedprojects ezelsveldlaan 61 | postbus 3068 | 2601 db delft | +31 15 2150000 | post@cepezed.nl | www.cepezed.nl Ontwerp: Reynoud Homan ism Robbert Zweegman | Lithografie: Marc Gijzen | Druk: Drukkerij Mart. Spruijt

Stek De voormalige, historische TU-laboratoria voor Scheeps- en Werktuigbouwkunde in Delft vormen nu ruim een jaar de nieuwe stek van cepezed. In een ongekende ruimtelijkheid en een zee van daglicht werken de medewerkers hier dagelijks aan gebouw- en productontwerpen die opdrachtgevers en gebruikers optimale value for money leveren. Het kantoor is net als veel van de gebouwen die cepezed momenteel realiseert geheel gericht op ontmoeten, samenwerken en kennis delen: in teamverband werken de architecten er met elkaar aan grote, door het bureau zelf ontworpen werktafels met veel ruimte voor hun computers, schetsrollen, tekeningen en dossiers. Wie de specifieke expertise van iemand anders nodig heeft, ziet direct of diegene aanwezig is en loopt er op weg naar het espressoapparaat zo even langs. De aanpalende nieuwbouw is ingericht met aangename, ruime en lichte spreekkamers voor overleg met partners en opdrachtgevers.

cepezed@work  

De eerste editie van het magazine cepezed@work, dat aan de hand van recente projecten een inkijkje geeft in de dagelijkse praktijk bij archi...

cepezed@work  

De eerste editie van het magazine cepezed@work, dat aan de hand van recente projecten een inkijkje geeft in de dagelijkse praktijk bij archi...

Advertisement