Page 1

Uit: Knack.be, dinsdag 11 januari 2011.

Het Lortcher­Syndroom  Warre Borgmans, Dimitri Leue & Antoon Offeciers

© Tom Cornille

HOE LANG BEN IK AL DOOD?  De ingrediënten van paella, smurfende Toearegs in de Sahara, Malinese muizen ter grootte van   een olifant, en “herinner je nog die tijd in Leopoldstad?” vraagt Warre Borgmans alias vader   Peer.” Je bent nooit in de Congo geweest, Peer,” zegt Dimitri Leue alias zoon Marcel. “Peer” zegt   hij, niet vader. Want is hij nog wel ‘zoon van’ nu vader meer en meer terug kind wordt?  Peer heeft er geen oren naar. Hij moet naar de kliniek waar zijn kind wordt geboren. “Ik ben uw  zoon, ik ben al geboren,” probeert Leue, Marcel nogmaals. Tevergeefs. “Hoe lang ben ik dan al  dood?” vraagt Borgmans zich verschrikt af. Even tevergeefs want enkele tellen later is hij het  alweer vergeten.  De Peer valt nooit ver van de boom  Warre Borgmans en Dimitri Leue, in het echte leven oom en neef, brengen met ‘Het Lortcher­ Syndroom’ (****) een gedeelde familietragiek. Ze zagen zes van de acht oudere familieleden,  waaronder de vader van Borgmans – die model stond voor de figuur Peer ­, onttrokken worden  aan het leven door dementie, de ziekte van Alzheimer.  Nergens in het stuk valt echter het gevreesde D­woord. Er wordt aan gerefereerd als ‘De Ziekte’  of ‘Het Syndroom van Lortcher’, genoemd naar de grootmoeder van Borgmans, de  overgrootmoeder van Leue. Symptomatisch voor de ziekte: graag de dingen uitvergroten en  leven in een (gefictionaliseerde) geschiedenis. Laat het een bitterzoete ironie, een wreed­milde  speling van het lot zijn, dat Borgmans en Leue – die met hun genen een Zwaard van Damocles  boven hun hoofd hebben hangen ­ tot op heden die kenmerken vinden in hun acteerspel.  Kurken Sahara  Op een kurken vloer, zandkleurig als de Sahara uit Peers verzonnen verleden, reconstrueren de  twee acteurs met zachte moed én de nodige humor hun familiegeschiedenis.  Vader Peer, een niet onverdienstelijk componist, die huwde met de geliefde van zijn broer, nadat  die overleed in de Congo. Peer, die Josephine eenmaal bedroog met een negerin met ‘dikke  tetten’. Peer, die met harde hand werd opgevoed door zijn grootvader nadat zijn ouders  omkwamen bij een auto­ongeluk, en die de liefde voor muziek meekreeg van zijn nonkel Tuur. 


Kleine Peer die van zijn nonkel twee belangrijke levenslessen kreeg: “Er zijn mensen die werken  en mensen die spelen, iets tussenin bestaat er niet.” En ook nog: “Leert uw talen, daarmee kunt  ge den oorlog overleven.”  Zo wordt ‘Het Lortcher­Syndroom’ niet alleen maar een stuk over dementie – en wat dat betekent  voor de zieke én zijn naasten ­ maar ook een stuk over keuzes maken, opvoeding, zorg, de  muzes, de kunst en al hun onvolkomenheden.  Puzzelstukjes  Derde speler op scène is pianist Antoon Offeciers. Hij speelt de rol van een voormalig  muziekleerling van Peer. Zoon Marcel hoopt immers dat het pianospel zijn vaders gedachten  terug gaat aanscherpen, als een puzzel de stukjes weer bijeenbrengen maar deze scherven zijn  niet meer te lijmen. Peers geest leeft in het verre verleden, de recente geschiedenis steeds weer  vergetend. Zijn persoonlijke belevenissen zijn verward met die van anderen. Een  natuurdocumentaire op tv of de levensloop van zijn broer zaliger worden zijn leven.  Het mooie is hoe je ook zelf als toeschouwer die puzzelstukjes tracht in elkaar te passen, hoe je  mee met de demente weer een leven, een geschiedenis tracht bijeen te sprokkelen. Jong en oud,  heden en verleden, fictie en realiteit vermengen zich op scène en in ons hoofd om daarna weer  uiteen gereten te worden. We zien Borgmans, in het echt zoon van de vader, als dementerende  vader die weer kind wordt. We zien kleinzoon Leue als de zoon van en zoveel andere  familieleden. Vermeldenswaardig is ditmaal zeker ook de infobrochure die bij de voorstelling  wordt uitgedeeld: niet alleen een mooi uitgegeven foldertje maar een poëtische vormgegeven  stamboom van een stuk (familie)geschiedenis.  Langzaam uitdovend licht  Het slottafereel toont hoe Peer telken male de marteling van het opnieuw weten beleeft, de dood  van zijn broer, de dood van zijn vrouw, zijn eigen aftakeling. In een zeldzaam moment van  luciditeit, van helderheid verzoekt hij zijn zoon om euthanasie. “Gij zijt gemeen, wilt ge mij als een  Tantalus steeds weer dezelfde kwelling laten ondergaan?” schreeuwt Borgmans. Tegen de zoon  die hij zelf geweest is. “Ik zal eens met de dokter praten,” zegt Leue. Heeft Borgmans misschien  ook tegen zijn vader gezegd. Meer debat is soms niet nodig. De zaal begrijpt.  “Ik wil gaan,” zegt Peer in zoveel talen. Talen zijn belangrijk, ge kunt er de oorlog mee overleven.  Maar De Ziekte? Nee die niet.  Borgmans staart wezenloos voor zich uit op een stoel, Leue staat onbeholpen erbij terwijl  Offeciers de zwanezang inzet. Tot op het podium enkel nog de witte pianotoetsen reflecteren. Tot  ten slotte ook dat licht langzaam uitdooft. Een ontroerende visuele metafoor voor dementie.  ‘Het Lortcher­Syndroom’ is een aangrijpende vertelling over dementie, slim ineengezet en straf  gespeeld, niet in het minst geschraagd door de persoonlijke ervaringen van Borgmans en Leue. 

Liv Laveyne  Op tournee tot en met 13 mei  www.thassos.be 

aankondiging Het Lortcher-Syndroom Knack (c) Liv Laveyne  

aankondiging in Knack het Lortcher-syndroom

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you