Issuu on Google+

zaterdag, 25 februari 2012

Lang leve kraak antikraak ‘De onzekerheid, daar moet je tegen kunnen’

‘Je komt er wel

Er staat een oude serre in de woonkamer voor een betere isolatie. Het tafelblad is een douchedeur. Dat soort dingen. „Je moet wel creatief zijn met de ruimte die je krijgt, anders wordt het onbetaalbaar”, vertelt Bert Stelten. Hij woont samen met zijn vrouw Marie-José Simons (beiden midden vijftig), plus vijf Franse herders en zes kippen in een voormalige manege aan de Alee in Brunssum. De manege staat nu al tien jaar leeg en moet straks plaatsmaken voor de Buitenring. Stelten ziet antikraak als de perfecte oplossing voor beheerproblemen. „Als er niemand in het pand zit, verloedert het meteen. Wij zorgen bijvoorbeeld dat alle leidingen het blijven doen.” Stelten runt vanuit de manege ook nog een bedrijf. Hij begeleidt jongeren met wie ouders zich geen raad meer weten. De twee zijn in totaal al minstens 25 keer verhuisd. „We hebben allebei de ruimte nodig. Je moet ons dan ook nooit in een flatje neerzetten, dan komt het echt niet goed.” Toen het echtpaar eind 2010 introk in de manege, was deze

Vanaf de tiende verdieping van het pand kun je mooi over heel Heerlen uitkijken. Glenys van Bree (40) woont in haar eentje op de hele eerste verdieping van een voormalig kantoorpand aan de Putgraaf in Heerlen. Van Bree woont er sinds december 2011 samen met drie anderen. Ieder op zijn eigen verdieping. „Alleen de onderste vier worden verhuurd, dat scheelt in de stookkosten.” Van Bree is fotografe en kan haar woon- en werkruimte prima combineren. Het is de eerste keer dat ze antikraak woont. „Na een stukgelopen relatie moest ik verder. En zo’n grote ruimte... Dit was mijn droom. Iedereen die binnenkomt, is meteen verrast door de ruimte. Het lijkt wel een filmset”, lacht ze. Dat antikraak niet altijd feest en plezier is, bleek wel toen ze net in het pand kwam wonen: een lekkage aan de verwarming. „Deze hele afdeling stond blank. Als een pand net weer wordt opgestart, komen alle gebreken naar boven. Zo kreeg de verwarming het ook niet getrokken. Ook moet je mobiel le-

Bert Stelten en Marie-José Simons met een van de vijf honden. helemaal leeg. „Niet eens een spijker te vinden.” Nu staat één van de stallen vol met spullen voor goede doelen. „Je moet wél mobiel zijn. We wonen nu weliswaar in een groot huis, maar voor hetzelfde geld moeten we naar een

kantoorpand zonder keukentje. Ik zie dit dan ook meer als een luxe vakantie. De onzekerheid, daar moet je tegen kunnen. Je weet niet wat je te wachten staat, maar dat vind ik nou juist het mooie hieraan.”

‘Gewoon ideaal hier voor startende ondernemers’

‘In dit huis gaan

Marzena Rusyn (30) zit samen met 35 andere ondernemers met haar meubelbedrijf in het oude CBS-gebouw in Heerlen. „Het is hier gewoon ideaal voor startende ondernemers. Super goedkoop. We hebben zelfs een receptie! Ik kan hier mijn klanten goed ontvangen. Het contact onderling is super. We maken gebruik van elkaars diensten.” Rusyn zegt nooit dat ze antikraak zit. „Ik vind die term niks. Ik werk gewoon in het oude CBS-gebouw.” Rusyn is vorig jaar begonnen met haar bedrijfje en dat loopt goed. Ze studeerde zeven jaar geleden nog commerciële economie en werd daarna accountmanager. Dat werk doet ze nu nog twee dagen in de week om rond te komen. „Ik heb geen achtergrond in de kunst en dat kan soms een nadeel zijn. Maar het heeft ook voordelen: ik leef niet volgens de regels. Ik ben dit juist gaan doen, omdat ik veel bestaande kasten niet mooi vond.” Rusyn ontwerpt haar kasten in overleg met haar klanten en laat ze vervolgens maken door een professionele timmerman.

Een keurig vrijstaand huis in Landgraaf. Ze wonen er nu een jaar samen en het verkoopbord staat sinds vorige week in de tuin. Dominic Bednas (21) en Amber Reuleaux (23) zijn nog allebei student en deze situatie is ‘ideaal’. „We wilden op onszelf gaan wonen. Het is goedkoop en in de buurt van onze studies.”

Marzena Rusyn voor ‘haar kantoor’. „Ik doe het ontwerp en regel het financiële plaatje. De meeste kunstenaars willen gewoon met de handen werken en dat kan ik niet. Dus is dit ideaal voor beide partijen.” Het nadeel van deze situatie? Dat ze ieder moment moet

kunnen vertrekken, maar dat valt volgens Rusyn ‘wel mee’. „Ik denk dat het nog best lang duurt voor er daadwerkelijk iets met dit pand wordt gedaan. Als ik hier genoeg verdiend, kan ik doorschuiven naar een A-locatie in de stad.”

De twee hebben het hele huis voor zichzelf en betalen er nog minder voor dan voor een gemiddelde studentenkamer. „Ook écht de voornaamste reden dat we hier wonen. Ik heb met mijn zusje in een appartement gewoond en daar betaalde je gemiddeld zo’n 700 euro voor”, vertelt Reuleaux. Het huis zou eerst samen met dat van de achterburen tegen de vlakte gaan, omdat er op die plek vrachtwagens moesten laden en lossen. De bewoners zijn destijds uitgekocht en sindsdien wonen Reuleux en Bednas er via AdHoc. Het bedrijf komt wel af en toe controleren, maar dat valt volgens het koppel wel mee. „Vrienden van ons kunnen gewoon langskomen en we kunnen ook ge-

tekst Nils Rompen foto’s Bas Quaedvlieg

achter wat je echt belangrijk vindt’

Glenys van Bree voor ‘haar woning’. ren denken. Wat haal ik naar binnen, wat niet. Je komt er zo wel achter wat je echt belangrijk vindt. Je moet weinig eisen hebben.” Het kan zijn dat het pand binnenkort wordt verkocht of verhuurd. Dan moet Van Bree er binnen

28 dagen uit. „Daar moet je tegen kunnen. Je moet ook wel avontuurlijk zijn en kunnen omgaan met onzekerheden. Maar aan de andere kant denk ik: wat is zekerheid? Ook maar een heel relatief begrip.”

we bijvoorbeeld niet investeren’

Dominic Bednas en Amber Reuleaux voor ‘hun huis’. woon op vakantie. Dan komt AdHoc gewoon wat vaker kijken.” Het nadeel is dat ze niet weten wanneer ze moeten vertrekken. Het kan zijn dat ze er allebei binnen vier weken uit moeten. Bednas: „Dat is het spelletje

dat je speelt. We gaan bijvoorbeeld niet investeren in dit huis. Want dat levert ons niks op. Ons volgende huis kan een boerderij zijn, maar ook een klein flatje. Ik verwacht trouwens wel dat we hier nog wel even zitten.”


Camelot limburg dagblad antikraak 25 februari