Issuu on Google+

Woodstock-inventarisatie voor Groote Slink / Bunthorst en omgeving, 2007


Woodstockinventarisatie Groote Slink / Bunthorst

Woodstockinventarisatie Groote Slink / Bunthorst "Woodstockinventarisatie Groote Slink / Bunthorst" is een product van Buiting Advies, vervaardigd is opdracht van Stichting Het Brabants Landschap, de eigenaar van het bosobject. De gegevens zijn verzameld met behulp van de methode Woodstock en hebben betrekking op beheerseenheid Groote Slink / Bunthorst e.o. in 2007. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, gekopieerd, of openbaar gemaakt op enige vorm of wijze zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitvoerende bureaus. Ondanks alle besteedde zorg kunnen de uitvoerende bureaus geen enkele aansprakelijkheid aanvaarden voor eventuele schade die zou kunnen voortvloeien uit enige fout die in deze uitgave zou kunnen voorkomen.

Buiting Advies Postbus 98 NL - 6950 AB Dieren +31(0)31 619042 advies@buiting.nl

1


Woodstockinventarisatie Groote Slink / Bunthorst

Inhoud

Grafieken

1

Grafiek 1: houtvoorraad per boomsoort in % ......... 6 Grafiek 2: houtvoorraad per soort per diameterklasse8 Grafiek 3: bijgroei per boomsoort in % ................ 10 Grafiek 4: bijgroei per boomsoort per diameterklasse12 Grafiek 5: stamtal per diameterklasse totaal ......... 14 Grafiek 6: stamtal per diameterklasse zomereik .... 16 Grafiek 7: stamtal per diameterklasse berk .......... 16 Grafiek 8: verjonging zomereik........................... 18 Grafiek 9: verjonging berk ................................. 18 Grafiek 10: bosontwikkelingsfase Bunthorst ......... 20 Grafiek 11: bosontwikkelingsfase referentie ......... 20 Grafiek 12: houtkwaliteit bomen > 26 cm ............ 22

2

WOODSTOCK ................................................ 3 1.1 De methode ..................................... 3 1.2 Betrouwbaarheid .............................. 4 BESCHRIJVING GRAFIEKEN ................................. 4 2.1 Houtvoorraad per boomsoort in % ...... 5 2.2 Houtvoorraad per boomsoort per diameterklasse ................................. 7 2.3 Bijgroei per boomsoort in %............... 9 2.4 Bijgroei per boomsoort per diameterklasse ..................................................... 11 2.5 Stamtal per boomsoort per diameterklasse ..................................................... 13 2.6 Stamtal per diameterklasse per boomsoort ..................................................... 15 2.7 Bedekking verjonging per boomsoort .. 17 2.8 Bosontwikkelingsfase ....................... 19 2.9 Houtkwaliteit................................... 21

Tabellen Tabel 1: indeling overige boomsoorten .................. 5 Tabel 2: indeling dichtheid verjonging ................. 17

2


Woodstockinventarisatie Groote Slink / Bunthorst

1

Woodstock

1.1 De methode In totaal zijn op 334 steekproefpunten (of plotten) gegevens verzameld. Om te garanderen dat de punten a-selectief worden gekozen is gebruikgemaakt van een ruitennet. Dit ruitennet is over de beheerskaart gelegd. Op de kruisingen van de lijnen is de inventarisatie uitgevoerd. Deze inventarisatiepunten zijn in het veld met behulp van een kompas gelokaliseerd.

In het najaar van 2007 zijn de bossen van het beheersobject De Groote Slink / Bunthorst eigendom van Stichting Het Brabants Landschap met behulp van de methode Woodstock (zie 1.1) ge誰nventariseerd. De bossen zijn verdeeld over zes landgoederen, te weten Groote Slink / Bunthorst, de Krim, de Sijp, de Aerlesche peel en de Vinkenpeel. Samen hebben de bossen van de landgoederen een oppervlakte van 352 ha.

De grootte van een plot is variabel en wordt zodanig gekozen dat er meer dan 20 bomen in vallen (de straal is minimaal 5 en maximaal 20 meter).

In dit verslag worden ter bevordering van de leesbaarheid niet telkens alle landgoederen genoemd. Er is gekozen voor de naam De Groote Slink / Bunthorst.

Van alle bomen binnen het plot wordt de soort bepaald en de dbh1 gemeten. Daarnaast wordt per boomsoort de hoogte en de aanwas (de bijgroei gedurende de laatste 5 jaar) gemeten. Tevens worden dode bomen (dikker dan 20 cm; staand en liggend), de struiklaag en de verjonging opgenomen. De opname wordt afgesloten met het bepalen van de bosontwikkelingsfase van het plot en de schaal van het bosmoza誰ek. De uitkomsten van de inventarisatie worden in dit rapport gevisualiseerd.

1

Dbh staat voor diameterborsthoogte. Dit is de diameter van de boom op 1.30 meter boven maaiveld.

3


Woodstockinventarisatie Groote Slink / Bunthorst

2

1.2 Betrouwbaarheid Elke inventarisatie is betrouwbaarder naarmate er meer gemeten wordt. Bij deze inventarisatie is de betrouwbaarheid 95%. Dit wil zeggen dat bij herhaling van de inventarisatie in 95% van de gevallen de afwijking, naar beneden en naar boven, minder dan 2,5% is. Zodoende kan de inventarisatie betrouwbaar genoemd worden.

Beschrijving grafieken

In dit rapport worden de resultaten van de inventarisatie in overzichtelijke grafieken gepresenteerd. Bij elke grafiek staat een korte uitleg met een voorbeeld. Soms wordt ook een conclusie getrokken. Bij de interpretatie is het belangrijk te onthouden dat de grafieken een uitspraak doen over het bos in zijn geheel en dus niet over een bepaalde opstand. Neem bijvoorbeeld het aandeel dikke bomen. Dรกt ze er staan is 95% betrouwbaar, wรกรกr ze staan is niet uit de inventarisatie af te leiden. Het kan zo zijn dat de dikke bomen geconcentreerd voorkomen (bijvoorbeeld in Amerikaanse eikenlanen) en dat er dus (grote) bosdelen met weinig tot geen dikke bomen zijn. Maar ze kunnen ook regelmatig verspreid voorkomen. Er wordt dus alleen uitspraak gedaan over hoeveel er in het hele object voorkomen, niet over de locatie.

Deze betrouwbaarheid geldt overigens alleen voor de hele inventarisatie, dus voor alle boomsoorten samen. Vanzelfsprekend is het zo dat naarmate een boomsoort minder voorkomt en dus minder gemeten is, de betrouwbaarheid afneemt. Uitspraken over de grove den zijn binnen deze inventarisatie dus betrouwbaarder dan uitspraken over de Japanse lariks.

4


Woodstockinventarisatie Groote Slink / Bunthorst

2.1 Houtvoorraad per boomsoort in % In grafiek 1 is het aandeel van de verschillende boomsoorten in de houtvoorraad in procenten weergegeven. Tijdens de inventarisatie zijn op 334 steekproefpunten alle bomen met een dbh > 5 cm opgenomen. Van deze bomen is de spilinhoud bepaald (inhoud in m3 vanaf het maaiveld tot de top, zonder zijtakken). Alle volumes zijn vervolgens opgeteld. De totale houtvoorraad in de bossen van Groote Slink / Bunthorst is 62.700 m3 spilhout. Dat is ongeveer 178 m3 spilhout per ha.

Voorbeeld Zomereik heeft in grafiek 1 een waarde van 7%. Dat betekent dat 7% van de totale spilhoutvoorraad uit zomereik bestaat. Er staat op dit moment dus 0,07 x 62.700 m3 = bijna 4.400 m3 spilhout zomereik in de bossen van Groote Slink / Bunthorst. Ongeveer 1% (700 m3) van de staande houtvoorraad bestaat uit loof overig. De soorten Robinia, zwarte els, zoete kers, haagbeuk, lijsterbes, paardekastanje en tamme kastanje zijn dus maar in geringe mate vertegenwoordigd.

Soorten die te weinig voorkomen om individueel te worden genoemd, zijn samengevoegd tot loof overig of naald overig. In tabel 1 staan deze soorten per groep vermeld. Loof overig Robinia Zwarte els Zoete kers Haagbeuk Lijsterbes Paardekastanje

Naald overig Fijnspar Oostenrijkse den Corsicaanse den Weymouthden Gewone zilverspar (Abies alba) Reuzenzilverspar (Abies grandis)

Tamme kastanje Tabel 1: indeling overige boomsoorten 5


Woodstockinventarisatie Groote Slink / Bunthorst

Houtvoorraad per boomsoort in % zomereik 7%

Amerikaanse eik 23%

beuk 4% berk 6%

loof overig 1%

grove den 23%

naald overig 9%

Japanse lariks 8%

douglas 19%

Grafiek 1: houtvoorraad per boomsoort in %

6


Woodstockinventarisatie Groote Slink / Bunthorst

2.2

Houtvoorraad per boomsoort per diameterklasse In grafiek 2 is de verdeling van de houtvoorraad over de verschillende diameterklassen per boomsoort weergegeven. In de grafiek staat diameterklasse 5+ voor bomen met een dbh van 5,0 tot 10,0 cm, diameterklasse 10+ staat voor bomen met een dbh van 10,0 tot 15,0 cm, enzovoorts. Tijdens de inventarisatie zijn binnen elk plot alle bomen met een diameterborsthoogte > 5 cm opgenomen. Deze bomen zijn vervolgens ingedeeld in diameterklassen van 5 cm. Per diameterklasse is vervolgens het spilhoutvolume-aandeel per boomsoort berekend. Voorbeeld De bomen in de diameterklasse 25+ hebben een gezamenlijk spilhoutvolume van 12.000 m3. Van deze 12.000 m3 heeft grove den met 3.973 m3 het grootste aandeel (33%). Zomereik heeft een aandeel van 707 m3, ofwel 6%.

7


Woodstockinventarisatie Groote Slink / Bunthorst

Houtvoorraad per soort per diameterklasse 14000

12000

houtvoorraad (m3)

10000

loof overig naald overig douglas Japanse lariks grove den berk beuk zomereik Amerikaanse eik

8000

6000

4000

2000

0 5+ 10+ 15+ 20+ 25+ 30+ 35+ 40+ 45+ 50+ 55+ 60+ 65+ 70+ 75+ 80+ diameterklasse (dbh in cm)

Grafiek 2: houtvoorraad per soort per diameterklasse 8


Woodstockinventarisatie Groote Slink / Bunthorst

2.3 Bijgroei per boomsoort in % In grafiek 3 is het aandeel in de bijgroei in procenten per boomsoort weergegeven. Tijdens de inventarisatie is van elke boomsoort door middel van een aanwasboring de bijgroei bepaald. Op dit moment neemt de staande houtvoorraad in de bossen van beheersobject Groote Slink / Bunthorst jaarlijks met 2.360 m3 toe. Dat betekent dat er per jaar per ha ongeveer 6,7 m3 spilhout bijgroeit. Voorbeeld Zomereik heeft in grafiek 3 een waarde van 6%. Dat betekent dat 6% van de totale bijgroei uit zomereik bestaat. Er groeit momenteel jaarlijks dus 0,06 x 2.360 m3 = bijna 142 m3 spilhout zomereik bij.

9


Woodstockinventarisatie Groote Slink / Bunthorst

Bijgroei per boomsoort in % zomereik 6%

Amerikaanse eik 20%

beuk 3%

loof overig 1%

berk 11%

naald overig 10%

grove den 21% douglas 22%

Japanse lariks 6%

Grafiek 3: bijgroei per boomsoort in %

10


Woodstockinventarisatie Groote Slink / Bunthorst

2.4 Bijgroei per boomsoort per diameterklasse In grafiek 4 is de verdeling van de bijgroei per diameterklassen per boomsoorten weergegeven. Ook in deze grafiek staat diameterklasse 5+ voor bomen met een dbh van 5,0 tot 10,0 cm, diameterklasse 10+ voor bomen met een dbh van 10,0 tot 15,0 cm, enzovoorts. Voorbeeld De bomen in de diameterklasse 25+ hebben een gezamenlijke jaarlijkse bijgroei van 422 m3. Van deze 422 m3 groeit grove den jaarlijks 118 m3 bij, zomereik 26 m3.

11


Woodstockinventarisatie Groote Slink / Bunthorst

Bijgroei per soort per diameterklasse 450

bijgroei (m3 per ha per jaar)

400 350 loof overig naald overig douglas Japanse lariks grove den berk beuk zomereik Amerikaanse eik

300 250 200 150 100 50 0 5+ 10+ 15+ 20+ 25+ 30+ 35+ 40+ 45+ 50+ 55+ 60+ 65+ 70+ 75+ 80+ diameterklasse (dbh in cm)

Grafiek 4: bijgroei per boomsoort per diameterklasse

12


Woodstockinventarisatie Groote Slink / Bunthorst

2.5 Stamtal per boomsoort per diameterklasse In grafiek 5 is de verdeling van het stamtal per diameterklassen per boomsoort weergegeven. Voorbeeld Samen hebben alle bomen in de diameterklasse 5+ een stamtal van bijna 88.000. Binnen deze 88.000 bomen heeft de berk met 38.500 exemplaren verreweg het grootste aandeel. Japanse lariks komt in de diameterklasse 5+ en 10+ nauwelijks voor. In het gehele object komen 8.000 bomen dikker dan 40 cm voor, waarvan er bijna 400 dikker dan 60 zijn.

13


Woodstockinventarisatie Groote Slink / Bunthorst

Stamtal per soort per diameterklasse 100000 90000

stamtal

80000

loof overig

70000

naald overig

60000

douglas Japanse lariks grove den

50000

berk

40000

beuk zomereik

30000

Amerikaanse eik

20000 10000 0 5+ 10+ 15+ 20+ 25+ 30+ 35+ 40+ 45+ 50+ 55+ 60+ 65+ 70+ 75+ 80+ diameterklasse (dbh in cm)

Grafiek 5: stamtal per diameterklasse totaal

14


Woodstockinventarisatie Groote Slink / Bunthorst

Voorbeeld Grafiek 6 geeft het stamtal per diameterklasse van de (PNV-soort) zomereik weer. Wat op valt is dat de zomereik slecht is vertegenwoordigd in diameterklasse 10+ en 15+: in beide klassen komen ongeveer 1000 exemplaren op 350 ha voor. Dat zijn nog geen 3 eiken per ha.

2.6

Stamtal per diameterklasse per boomsoort In de grafieken 6 en 7 wordt per boomsoort aangegeven hoe het stamtal is verdeeld over de diameterklassen. Uit deze grafieken is tevens af te lezen of het aandeel van een bepaalde boomsoort bij ongewijzigd beheer toe- of afneemt. Als uit grafiek 6 en 7 blijkt dat een bepaalde (PNV-) boomsoort niet of nauwelijks in diameterklasse 5+ voorkomt is dit een belangrijk signaal dat de verjongingsmogelijkheden ontbreken. Is de soort wel gewenst dan zal het beheer moeten ingrijpen om ervoor te zorgen dat de noodzakelijke verjongingsmogelijkheden ontstaan. Ander neemt het aandeel niet toe of verdwijnt de soort zelfs (langzaam) uit het bos.

Bij een optimale stamtal-diameterverdeling ziet de grafiek eruit als een gespiegelde J-curve; een hoog stamtal bij de lage diameters wat logaritmisch afloopt richting de hoge diameters. De stamtal-diameterverhouding van de berk in grafiek 7 is een voorbeeld van een goede opbouw.

Daarnaast is het ook van belang erop toe te zien dat voldoende exemplaren (van de gewenste soorten) doorgroeien naar de volgende diameterklasse (van 5+ naar 10+). Ook hier kan het beheer actief ingrijpen, bijvoorbeeld door de bomen van de gewenste soort consequent (en onafhankelijk van de vorm) vrij te stellen.

15


Woodstockinventarisatie Groote Slink / Bunthorst

Stamtal per diameterklasse zomereik

Stamtal per diameterklasse berk 40000

35000

35000

30000

30000

25000 st a mt 20000 al

25000 stamtal

40000

20000

15000

15000

10000

10000

5000

5000 0

0 5+

5+

10+ 15+ 20+ 25+ 30+ 35+ 40+ 45+ 50+ 55+ 60+ 65+ 70+ 75+ 80+

10+ 15+ 20+ 25+ 30+ 35+ 40+ 45+ 50+ 55+ 60+ 65+ 70+ 75+ 80+ diameterklasse (dbh in cm)

diameterklasse (dbh in cm)

Grafiek 6: stamtal per diameterklasse zomereik

Grafiek 7: stamtal per diameterklasse berk

16


Woodstockinventarisatie Groote Slink / Bunthorst

2.7 Bedekking verjonging per boomsoort In de grafieken 8 en 9 zijn de inventarisatieresultaten die betrekking hebben op de aanwezigheid van de verschillende boom- en struiksoorten in de struiklaag (van 50cm +maaiveld tot <5cm dbh) per soort gevisualiseerd.

Voorbeeld In grafiek 8 is duidelijk af te lezen dat op 92% van de oppervlakte geen zomereik in de struiklaag aanwezig is. Op 8% van de oppervlakte komt wel zomereik voor, zij het â&#x20AC;&#x2DC;ruim staandâ&#x20AC;&#x2122;. Voor de andere PNV-soort (berk, grafiek 9) is de situatie iets gunstiger: op 36% van de oppervlakte is de berk ruim staand aanwezig, op 58% ontbreekt de berk in deze laag.

In de grafieken is een indeling gemaakt op basis van de in het veld aangetroffen bedekkingspercentages. In onderstaande tabel is deze indeling weergegeven. Er wordt daarbij onderscheidt gemaakt op basis van de mate van aanwezigheid: geen, ruim staand, matig dicht, dicht en massaal. Verjonging Bedekkingspercentage Geen 0% Ruim staand <10% Matig dicht <25% Dicht <50% Massaal >50% Tabel 2: indeling dichtheid verjonging

17


Woodstockinventarisatie Groote Slink / Bunthorst

8%

0%

0%

0%

Verjonging berk (50 cm hoog - 5 cm dik)

Verjonging zomereik (50 cm hoog - 5 cm dik)

1%

2%

3%

geen ruim staand matig dicht dicht massaal

36% 58%

92%

Grafiek 8: verjonging zomereik

Grafiek 9: verjonging berk

18


Woodstockinventarisatie Groote Slink / Bunthorst

Voorbeeld In grafiek 10 is te zien dat 88% van het bos zich in de boomfase bevindt, 13% is dichte- en stakenfase en 7% open en jonge fase.

2.8 Bosontwikkelingsfase In grafiek 10 is de verdeling van de bosontwikkelinsfasen weergegeven. De indeling is tot stand gekomen door op ieder plot de huidige bosontwikkelinsfase vast te leggen. Daarbij is gebruik gemaakt van de indeling van Leibundgut (open, jonge, dichte, staken-, boom- en oude fase). De exacte omschrijving van de bosontwikkelingsfasen is beschreven in tabel 3.

Grafiek 11 laat zien dat in de natuurlijke referentie het aandeel boomfase veel lager is (50% i.p.v. 88%). Hierdoor komt er ruimte voor de open en jonge fase (20% i.p.v. de huidige 7%) en de dichte- en stakenfase (30% i.p.v. 13%).

Grafiek 11 toont de natuurlijke referentie, zoals die is beschreven door Hekhuis (1994).

Meer open en dichte fase kan worden gerealiseerd door groepsgewijs boomfase te verwijderen. Dichte en stakenfase kunnen worden gerealiseerd door de onder het kronendak aanwezige verjonging groepsgewijs vrij te stellen (groepsgewijs lichten van het kronendak).

19


Woodstockinventarisatie Groote Slink / Bunthorst

Bosontwikkelingsfase Bunthorst

dichte- en stakenfase 13%

Bosontwikkelingsfase referentie (H. Hekhuis)

dichte- en stakenfase 30%

boom- en oude fase 80%

boom- en oude fase 50%

open en jonge fase 7%

open en jonge fase 20%

Grafiek 10: bosontwikkelingsfase Bunthorst

Grafiek 11: bosontwikkelingsfase referentie

20


Woodstockinventarisatie Groote Slink / Bunthorst

2.9 Houtkwaliteit Tijdens de inventarisatie zijn bomen > 26 cm steekproefsgewijs op een aantal criteria met betrekking tot de houtkwaliteit beoordeeld. Van de naaldbomen is 20% beoordeeld, van de loofbomen 50%. Het gaat daarbij om de volgende eigenschappen: afwezigheid van beschadiging, takvrijheid van de eerste 6 meter, aanwezigheid van een ronde stam, volhoutigheid, aanwezigheid van voldoende werkhoutlengte ( lengte >12 m of een hoogte >17 m), aanwezigheid van een rechte stam. De beoordeelde bomen kunnen op meerdere eigenschappen niet aan de criteria voldoen. Een boom kan dus zowel beschadigd zijn als te weinig werkhoutlengte hebben. De som van de percentages uit de grafiek ligt dan ook hoger dan 100%. Voorbeeld Uit grafiek 12 blijkt dat 100-85 = 15% van de bomen > 26 cm beschadigd zijn. Slechts 7% van de bomen voldoet aan alle criteria.

21


Woodstockinventarisatie Groote Slink / Bunthorst

Houtkw aliteit (dbh >26 cm ) 100%

60% 92%

85%

20%

82%

22%

18%

26%

7% foutvrij

40%

rechte stam

% bomen

80%

Grafiek 12: houtkwaliteit bomen > 26 cm

22

voldoende w erkhoutlengte

volhoutig

ronde stam

takvrij

schadevrij

0%


Colofon Dit is een product van Buiting Advies, vervaardigd in opdracht van Stichting Het Brabants Landschap. De gegevens zijn verzameld m.b.v. de methode Woodstock en hebben betrekking op beheerseenheid Groote Slink / Bunthorst e.o. in 2007.

Buiting Advies Postbus 98 NL - 6950 AB Dieren +31(0)313 619042 advies@buiting.nl


woodstock inventarisatie Groote Slink