Page 1

VERSTILLING VERBINDING ENGAGEMENT

VERSTILLING VERBINDING ENGAGEMENT  iii


FOTOGRAFIE: VEERLE FRISSEN

edito

Ik ga naar zee en ik neem mee…

Sommige mensen trekken zich terug in een abdij of een klooster om tot zichzelf te komen, de dingen op een rij te zetten, een keuze te maken of gewoon te rusten. Ik ga naar zee. Dat is mijn stilteverblijf. Een tijdje geleden had ik voor dit nummer een gesprek met de aalmoe­ zenier van het penitentiair complex van Brugge. Het kleefde wel wat aan mijn ribben, moet ik zeggen, dus reed ik verder naar de kust om mijn hoofd leeg te maken. De voorbijgangers die mij een paar uur later zagen zitten op de anti­ tankmuur met zicht op zee, dachten vast dat ik er op mijn gemak zat. Zij zagen de gedachten niet in mijn hoofd. Het werk en de interne strijd die er woedt, een overlijden in de familie, de tekst van het liedje “De Zji” van Ertebrekers, een vriend op vrijgezellenweekend, een vriendin die het momenteel heel erg lastig heeft… Al die gedachten, net voor­ bijtrekkende wolken. Het is toch allemaal zo vluchtig. Na een tijdje plofte naast mij een vrouw neer op hetzelfde muurtje. Ik keek op. Ze toeterde luid “hey, ’t zien ekik eej” in haar telefoontoestel. Boven haar krijsende meeuwen op zoek naar hapjes. In de verte een losgeslagen hond, achterna gebruld door zijn baasje. Ik stond op en wandelde weg. Onder mijn voeten knerpten en knak­ ten ‘ensis’, die lange schelpen die massaal aan onze kust liggen. Skèr­ meskes noemen ze ze daar. Ik stapte van mesje naar mesje en heel even voelde ik me kind. Ik, die als kleine jongen de niet opgeraapte en verzamelde schelpjes met plezier deed kraken onder mijn flip-flops. Ik, onbezorgd.

VERSTILLING VERBINDING ENGAGEMENT  1

FILIP D’HOOGHE Filip D’Hooghe werkt als stafmedewerker dienst identiteit en diensthoofd faci­ litaire diensten bij Broeders van Liefde. Daarnaast is hij verantwoordelijk voor PR, ­communicatie en externe relaties voor domein Menas. Hij denkt eraan een oplei­ ding fotografie te volgen en droomt ervan nog eens een rol in een toneelstuk te vertolken.


Wist je dat een bloempot over bejaarden kan waken? De Billy-Billy bloempot-robot is een initiatief van ZoraBots uit Oostende. Alleenstaande ouderen zorgen voor het plantje in de sprekende bloempot, maar de bloempot zorgt ook voor hen. Billy-Billy herinnert de bejaarde er bijvoorbeeld aan om voldoende water te drinken of medicatie te nemen en slaat alarm bij familieleden als de gordijnen langer dan normaal gesloten blijven.

www.zorarobotics.be

Hoe kan je je als vrouw met kanker beter in je vel voelen? In Heusden bestaat er een bijzondere make-up studio, Cachet. Oprichtster Sarah De Bock wou weg van de glitter en glamour en zocht naar diepgang in haar job. Ze specialiseert zich onder andere in haar- en make-uptips voor transvrouwen en vrouwen met kanker en streeft naar lichtpuntjes in moeilijke periodes. De vrouwen worden via een psychologenpraktijk doorverwezen naar Sarah.

www.cachetbeauty.be

Was je al eens op een fuif waar doven en slechthorenden samen feesten met mensen met een goed gehoor? Robi Dhondt uit Gent slaat met Why Music een brug tussen beide werelden. Robi werd zelf geboren met twee dove ouders en had lang geen besef van wat muziek was. Zijn fuiven zijn uitgerust met een vibrerende dansvloer en aangepaste lichtshow zodat doven en slechthorenden de muziek kunnen voelen en beleven. Ook naar een feest van Robi gaan? Houd zijn Facebookpagina in het oog voor toekomstige data:

www.facebook.com/W.M.Offic/

2  STILL#04


Ben je nog op zoek naar een origineel kunstwerk voor je bedrijf? KunstBaan vzw in Drongen werd opgestart door jonge ondernemer Laura Van Wingen en maakt kunst voor bedrijven in samenwerking met kunstenaars met een verstandelijke beperking. Het doel is om de sociale inclusie van deze volwassenen te verhogen door de sociale sector met de bedrijfswereld te verbinden.

www.kunstbaan.be

Associeer je bloemen doorgaans niet met rebellie? Think again! Anton Schuurmans stoorde zich al lang aan de slechte staat van wegen en voetpaden in Brussel. Uit protest gaat hij met de fiets op pad met een zak potgrond, krokussen en primula’s om gaten in het wegdek of ontbrekende kasseien op te vullen. Ook interesse in ‘guerilla gardening’? Sluit je aan bij de volgende Facebookpagina om op de hoogte te blijven:

START

Van Oostvleteren tot hartje Brussel. Met behulp van een bloempot of een laagje make-up. Het aantal engagementen om mensen te verstillen of te verbinden is onuitputtelijk. Wil je zelf starten? Dan vind je hier zeker een of meerdere hapklare ideeën. Ben je zelf met iets gestart? Laat het ons weten! – www.still-magazine.be

www.facebook.com/ guerrillagardeningbelgium/

Wil je kunst graag op een bewustere manier beleven? De Koninklijke Musea voor Schone Kunsten in Brussel leren je om mindful naar kunst te kijken. De mindfulnessrondleidingen vinden 1 keer per maand plaats, voorlopig enkel in het Frans. Ook in het Fotomuseum (FoMu) in Antwerpen kan je elke dinsdag tijdens de lunchuren terecht om traag te leren kijken naar beelden. Tijdens Slow Focus-momenten delen bezoekers onder leiding van een gids hun ervaringen.

www.fine-arts-museum.be/nl en www.fotomuseum.be/workshops-en-events/Slow_Focus WIE IS JORDY FRISSEN?

Ben je op zoek naar meer voorbeelden of heb je zelf een initiatief? Op onze website www.still-magazine.be vind je een uitgebreid overzicht van alle stilteplekken en verbindende initiatieven in Vlaanderen en kan je je eigen initiatief ook registreren.

VERSTILLING VERBINDING ENGAGEMENT  3

Jordy is illustrator, grafisch vormgever, tattoo artiest en videograaf. Zijn favoriete film is Donnie Darko. Je mag hem altijd wakker maken voor een nieuw seizoen van Rick and Morty. Hij illustreerde deze pagina. @Bloemzak  www.facebook.com/frissegraphics

WAT ZIT ER IN JORDY’S DNA? Ik vrees dat angst in mijn DNA zit, het is de enige constante in mijn leven.


EEN ZWARE TEGENSLAG IS GEEN STRAF, MAAR EEN KANS OM HET ANDERS TE DOEN

REDACTIE, FOTOGRAFIE: VEERLE FRISSEN

Renaux Evi

WIE IS EVI RENAUX? Evi schreef 2 boeken: ‘Life on sneakers’, een persoonlijke getuigenis over chronisch ziek zijn en ‘Plan B’, een boek over wanneer het leven anders loopt dan gepland. Ze heeft een dochtertje Lola (9) en woont samen met haar jongere zus. Evi houdt van de zon op haar huid, troostende muziek en ontbijten in de tuin.

4  STILL#04


M O N O LO O G

“Mensen zijn doorgaans niet geneigd om te vertellen dat ze je niet willen verliezen, behalve als het misschien bijna te laat is” Ik ben Evi (34 jaar) en ik geloof dat het leven ons soms op de proef stelt. In 2013 werd ik plots ziek. Het heeft lang geduurd voor iemand een diagnose stelde. Voor sommige vrienden was het te confronterend om contact te blijven houden met mij. Ze hadden hun eigen ‘struggles’ en dat begrijp ik ook wel. Ik was niet langer Evi, maar zieke Evi. Ik had een ziekte die ik ‘verzonnen’ had. Dat oordeel was veel erger dan de pijn. Dokters zijn zo gespecialiseerd dat ze vaak het groter plaatje uit het oog verliezen. Ik voelde me vaak een lot in een loterij. Tot er één arts alle puntjes met elkaar verbond. Mijn zieke periode beschouw ik als een geschenk. Ik heb geleerd om minder ambitieus te zijn en tijd te maken voor de dingen die echt tellen. Terwijl ik vroeger geloofde dat we zelf voor ons geluk zorgen, kan ik nu beter loslaten. Als iets gebeurt, zal er wel een reden voor zijn. Pas op, ik ben niet per se gelovig, maar de dingen gebeuren niet zomaar toevallig. Een zware tegenslag is geen straf, maar een kans om het anders te doen. Ik heb geleerd dat het leven nu eenmaal niet loopt zoals we het plannen. Ooit heeft er iemand beslist dat dit het ideale traject is: studeren, een goede job, een partner, een huis, een kind. Liefst in die volgorde en op het geschikte moment. Er zijn zoveel mensen die scheef bekeken worden omdat ze het anders doen. Voor mensen die van het geëffende pad durven afwijken, heb ik veel respect. Misschien wil ik zelf ooit een mobile home kopen en met mijn dochter van plaats naar plaats trekken. Ik heb wat ik noem een ‘kudde’. Dat zijn mensen met wie ik er regelmatig op uit trek. Na een weekendje samen voel ik me heel dankbaar dat ze in mijn leven zijn. Het zijn mensen die me gewoon laten zijn wie ik ben, zonder meer. Ik wil van mijn smartphoneverslaving af. ‘Ping’ en ik ben afgeleid. Soms zit ik op een terras te scrollen door mijn newsfeed op Facebook en mis ik ondertussen een prachtige zonsondergang of een grappige performance van mijn dochter in de tuin. Vroeger vertrok ik met de fiets naar

VERSTILLING VERBINDING ENGAGEMENT  5

de scouts en vertrouwden mijn ouders erop dat ik op een bepaald uur terug thuis was. Ze schoten niet meteen in paniek als ik later was. Mijn dochter groeit op in een wereld waarin we op elk moment digitaal aan elkaar vastgelijmd zijn. Zeg tegen iedereen wat ze voor jou betekenen. Mensen zijn doorgaans niet geneigd om te vertellen dat je belangrijk voor hen bent en dat ze je niet willen verliezen, behalve als het misschien bijna te laat is. Ik zeg nu ook vaak tegen mijn vrienden hoe graag ik ze zie. Dat kan heel ongemakkelijk zijn in het begin, maar ik blijf het herhalen tot ze het normaal vinden. Ik verafschuw labels. Toch doet iedereen er aan mee. Kinderen hebben ADHD, ADD, autisme… Volwassenen een burn-out. Tot iemand een jaar out is. ‘Hoezo, het was toch een burn-out? Moet je niet opnieuw aan de slag zijn? Is het dan een depressie?’ Ik weiger mijn dochter in een vakje te laten stoppen. Misschien vecht dat drukke kind om aandacht! Wie een stempel plakt, handelt naar die stempel in plaats van te luisteren naar de persoon. Mensen hebben altijd een voorzetje nodig. Als ik vraag hoe het met iemand gaat, volgt er meestal een droge ‘ça va’. Dus vraag ik altijd nog eens: ‘Hoe gaat het echt met je?’ Die ‘echt’, die doet het voor veel mensen. Je ziet ze wakker schieten. Het geeft de kans om in een gesprek niet langer te pingpongen over feitjes in het leven maar tot de diepere kern te komen. Ik geef veel meer complimenten dan vroeger, net zoals ik leerde om een compliment te aanvaarden. Als iemand me zegt ‘je ziet er mooi uit vandaag’ zeg ik niet langer ‘nochtans heb ik heel slecht geslapen’. Een compliment afwimpelen is de ander in de kou laten staan en zijn of haar oordeel ontkennen. Ik heb geleerd om te reageren met: ‘dank je, dat is lief’.


6  STILL#04

Christiane was mantelzorger van haar man. Ze leerde Frans kennen op haar twintigste in de bakkerij waar ze werkte. Hij had al een heel leven achter de rug. 20 jaar huwelijk, een volwassen zoon en een dochter, een carrière als kapper in Canada. Frans stierf ruim 3 jaar geleden op eigen verzoek, na een slepende darmziekte en opeenvolgende beroertes.

VROUW & MAN

CHRISTIANE VAN GENECHTEN (59) SINT-PIETERS-LEEUW

 ENGAGEMENT | MANTELZORG

REDACTIE: VEERLE FRISSEN, FOTOGRAFIE: SOPHIE CALLEWAERT


VERSTILLING VERBINDING ENGAGEMENT  ENGAGEMENT 7 7

Gebroken   De dokter weigerde in eerste instantie om de euthanasiepro­ cedure op te starten. Frans begon echter zijn zelfmoord voor te bereiden. Hij gaf zaken weg die altijd belangrijk voor hem waren geweest en zijn gedrag veranderde. Ik weet nog dat onze zoon zei: ‘Papa, je weet niet hoe je ons mama doet lijden.’ Frans voelde steeds nadruk­ kelijker dat al zijn opties op raakten. Hij ging pijlsnel achteruit. Hij zat er bij de

eindelijk verzwakte hij verder en kreeg hij hersenbloedingen. Hij was bang om te dementeren net zoals zijn zus. Dus vroeg hij euthanasie aan. Ik was teleur­ gesteld. ‘Dat was niet de afspraak’, zei ik, ‘Ik zou toch voor je zorgen?’

“Ik had geen verdriet omdat ik voor Frans moest zorgen, maar wel omdat het einde naderde”

Bang   “Frans is altijd heel actief geweest, maar een darmziekte zorgde voor donkere wolken. Hoe zieker Frans werd, hoe paniekeriger hij zich gedroeg. Angst voor de dood had hij niet. Het was angst om alleen te zijn. Als ik 3 minuten later thuis was dan afgespro­ ken, stond hij me al op te wachten. Uit­

Verdrietig  “Mantelzorger is geen officiële titel, ik rolde er als het ware beetje bij beetje in. Zorgen voor Frans, mijn man, was iets evident. Ik kon hem kalmeren wanneer zijn spraak tijdelijk weg viel of toen hij plots niet meer wist hoe hij een kastje moest opendoen. Ik werd niet verdrietig van het zorgen, maar wel van zijn naderende einde.”

aanwezigheid niet zoals ik die thuis voelde. 2 jaar later begon ik me weer sterk te voelen. Ik vernieuwde ons huis. Het oude behang maakte bijna overal plaats voor nieuwe vellen. Persoonlijke bezittingen met de meest emotionele waarde bewaar ik in 1 koffer. De koffer die hij mee had toen hij naar Canada vertrok en weer terugkeerde naar België.”

Toen mijn man euthanasie vroeg, was ik teleurgesteld. ‘Dat was niet de afspraak’, zei ik, ‘Ik zou toch voor je zorgen?’

Sterk   “Frans stierf op een vooraf bepaalde datum thuis. Daarna kreeg ik het heel zwaar. Ik ging naar Canada om de plaatsen te bezoeken waar hij geweest was, om met zijn kinderen en vrienden van vroeger te praten. Toch voelde ik zijn

dokter bij als een oud, gebroken manne­ tje. Toen stemde de dokter toch in om de euthanasieprocedure op te starten.”

“MANTELZORGER IS GEEN OFFICIËLE TITEL, JE ROLT ER ALS HET WARE IN”


FOTOGRAFIE: VEERLE FRISSEN | REDACTIE: VEERLE FRISSEN & NIKKIE STEYAERT | ILLUSTRATIES: JORDY FRISSEN

8  STILL#04


DOSSIER

juist

Uit onderzoek aan de Universiteit van Wageningen blijkt dat mensen die eten in de aanwezigheid van bloemen zich opgewekter voelen. Het boeketje bloemen verlaagt ons stressniveau, de geur geeft ons een goed humeur en vermindert onze angsten. Uitbundige kleuren maken ons blijer, zachte kleuren rustiger en geconcentreerder. Floristen Moniek Vanden Berghe en Zakiya zijn even enthousiast over de energie van bloemen. “Ik laat bloemen staan totdat ze helemaal op zijn, omdat alle stadia mooi zijn. Verwelkte bloemen horen nu eenmaal bij het leven, net zoals de dood bij het leven hoort.” Waar wacht je nog op? Haal meteen een stevige bos bloemen en schenk ze weg of zet ze in je eigen huis, maar lees eerst alles over hun verstillende en verbindende kracht aan de hand van 10 fleurige stellingen!

fout

q BLOEMEN VERSTILLEN & VERBINDEN

w BLOEMEN ZIJN VOOR VROUWEN

“Wat zou een mensheid zijn die geen bloemen kende?”

“Bloemen laten een deel van hun geur aan de hand van degene die ze schenkt”

– Maurice Maeterlinck, dichter en toneelauteur

– Chinees spreekwoord

Uiteraard is deze eerste stelling correct, anders hadden we dit thema niet belicht in dit magazine. Maar ook bloemisten Moniek en Zakiya zijn het er roerend mee eens. “Een interieur kan helemaal herop­ leven als je er bloemen aan toevoegt”, ver­ telt Moniek. “Ook de geur van bloemen is zeer belangrijk en maakt deel uit van de ervaring. Tegenwoordig zijn bloemen en planten weer in. Een goede evolutie vind ik. Het maakt je huis anders. Je wordt er rustig van. Bloemen zijn ook soms een manier om een ruzie bij te leggen of iets goed te maken.”

Moniek: “Mensen geven minder en min­ der bloemen als cadeau. Terwijl het net het ideale geschenk is! Ze passen bij elke gelegenheid. Je kan er werkelijk niets mis mee doen. Een boeketje bloemen schenken zie ik als een mooi gebaar. Toch zijn jonge mensen er wat terughoudender in gewor­ den. Op feestjes wordt er vaker een fles wijn meegenomen dan een mooi boeket. Een vers boeketje vergt natuurlijk wel wat aandacht. Hoe lang je een boeket fris kan houden, hangt sterk af van de kwaliteit en de soort bloemen, maar vooral van de verzorging. Zon, tocht en warmtebronnen verkorten het vaasleven.”

Zakiya: “Steeds vaker komen klanten een boeketje halen voor zichzelf, omdat bloemen hen een goed en rustig gevoel geven. Bloemen voegen extra waarde toe aan een ruimte en je kan er in stilte van genieten. Wanneer je een boeket schenkt aan een ander, is dit altijd met goede intenties. De positieve energie van bloe­ men verbindt mensen.”

Hyacint Voorzichtigheid en wijsheid. Volgens Ovidius werd Hyacinthus per ongeluk vermoord door Apollo. Zijn bloed veran­ derde in een purperen hyacint. De hyacint wordt soms ook gezien als een attribuut van Jezus Christus.

Vrouwen krijgen gemiddeld 2 keer per jaar bloemen. Zijn we minder geneigd om een boeketje te geven aan mannen? Moniek: “Ik werk al 30 jaar voor een bedrijf dat bloemen geeft aan wie ziek is, ongeacht of het een man of een vrouw is. Een mooi gebaar!” Ward, Monieks’ man voegt eraan toe: “Van bloemen word je niet dik, geef mij maar een boeketje bloe­ men in plaats van pralines. Na een tijdje kan je de bloemen weg doen. Niet zo met geschenken die je niet mooi vindt.” Zakiya: “Ik krijg veel mannen over de vloer die op zoek zijn naar een boeketje om hun kantoorruimte op te fleuren. Ook op Vaderdag komen er veel vrouwen of kinderen langs die op zoek zijn naar een bloemetje voor de papa. Bloemen zijn voor vrouwen? Nee, die trend is voorbij.”


WIE IS MONIEK VANDEN BERGHE? • Moniek werkte een tijdje als grafisch vormgever, maar schakelde met de komst van computerwerk over naar de ambachtelijke kunsten: beeldhouwkunst, schilderkunst, keramiek,… en uiteindelijk de bloemschikkunst. “Toen ik bij exposities steeds lelijk geschikte boeketjes kreeg, dacht ik: ‘dit kan ik zelf beter’.” • Moniek geeft als meesterflorist les in binnen-en buitenland, ook is ze medewerker van het tijdschrift Fleur Creatief. • Ze werkt voor klanten uit de beroepswereld en particulieren. Via haar boekenreeks ‘Flowers in Tears’ en ‘Flowers in Love’ verwierf ze wereldwijde bekendheid.

fout e ELKE BLOEM HEEFT EEN SYMBOLISCHE BETEKENIS “Iedereen wil de schilderkunst begrijpen! Waarom ook niet het gezang van de vogels? Waarom houden wij van bloemen, de nacht, al wat ons omringt zonder te vragen wat het betekent?” – Pablo Picasso, kunstschilder

Moniek: “Veel symboliek over kleuren en bepaalde bloemen is historisch gegroeid. Ik vind het belangrijker dat de betekenis van de persoon zelf komt. Als iemand sterft die altijd in zijn moestuin heeft gewerkt, probeer ik iets in die sfeer te maken; met kleine vruchtjes en groenten of typische, nostalgische tuinbloemen zoals dahlia’s. Voor iemand met een verfijnde smaak werk ik vaak met aronskelken. Alles hangt af van de gevoeligheden van de overleden geliefde én van de mensen die achterblijven. Persoonlijk geloof ik dus niet echt in de symbolische betekenis van bloemen. Bij het samenstellen van een bruidsboeket vraag ik eerst naar de lievelingsbloemen van de bruid. Dan kijk ik naar de jurk en doe suggesties op basis van de vorm. Tegenwoordig wordt er veel naar Instagram-hippe bloemen gevraagd als pluimspiraea (Astilbe), een plant oorspronkelijk afkomstig uit Japan met pluimvormige bloeiwijze, en wasbloemen (Chamelaucium), een struik uit Zuid-West-Australië (Die bloemen werden ook gebruikt voor het bruidsboeket van Megan Markle, nvdr.). Vroeger was er meer vertrouwen in de kunde, het inzicht en de goede smaak van de florist. Pinterest en Instagram maken het soms moeilijk om zelf inspirerende suggesties te doen.”

“Initiatieven zoals ‘Bloomon’ vind ik tegelij­kertijd een vloek en een zegen”

10  STILL#04

Zakiya: “Ik hecht ook niet veel waarde aan de symbolische betekenis van bloemen. Symboliek is trouwens ook heel cultureel bepaald. Wij durven wel eens cactussen cadeau doen, zoiets vermijd je in Japan beter. Ook kleuren hebben andere betekenissen in verschillende culturen. Ik hou wel rekening met de gelegenheid of de reden waarom een bloemetje wordt gegeven. Als het een boeketje is voor een geboorte, dan kijk ik bijvoorbeeld naar het geslacht. Is het een jongetje, dan werk ik met blauwe tinten. Voor een meisje grijp ik sneller naar roosjes en kies ik meer voor een ‘meisjesachtig’ boeket.”


DOSSIER

fout

r DE TULP IS DE PERFECTE BLOEM “Geluk: de kunst om een boeketje te maken met bloemen uit je omgeving” – Jean Luc Godard, Frans filmregisseur

Moniek: “De ideale bloem samenstellen? Dat kan ik niet. Het is de natuur die bloe­ men samenstelt, wij kunnen er hoogstens eentje kiezen. De natuur maakt bloemen die ik nooit zou kunnen overtreffen qua schoonheid. Persoonlijk hou ik erg veel van seizoensbloemen. Omdat ze maar een korte periode beschikbaar zijn, hebben ze voor mij extra veel waarde. Ik denk dan aan tulpen of Fritillaria, een geslacht uit de leliefamilie. Rozen zijn zeer dankbare bloemen in een florale creatie door hun kleurenpallet. Ook haagwinde (vaste tuinplant met ondergrondse wortelstokken en witte bloemen, vaak beschouwd als onkruid, nvdr.) behoort tot mijn favorieten. Ik hou van het wilde, oncon­ troleerbare van de natuur. Extraatjes die ik vind in de eigen tuin, maken het voor mij vaak af.” Zakiya: “Bloemen zijn als mensen, ze lij­ ken op elkaar maar zijn toch verschillend. Elke bloem heeft zijn charme en is uniek. Je vindt nooit twee identieke bloemen, dat vind ik ontzettend boeiend. Ik geloof ook dat elke bloem zijn eigen karakter heeft en nooit meteen alles prijsgeeft. Hoe beter je kijkt, hoe meer je te zien krijgt. Mijn favoriete bloem, de pioenroos, gaat heel langzaam open. Het duurt wel 14 dagen voor ze toont wie ze is. Dat vind ik nu eens fascinerend.”

Tulp Liefde en ijdelheid. Volgens een oud-Perzische legende ontstond de tulp uit het bloed en de tranen van een meisje dat naar haar geliefde zocht, maar ver­ dwaalde in de woestijn.

VERSTILLING VERBINDING ENGAGEMENT  11

juist

t BLOEMEN VERHOGEN HET GEVOEL VAN MEDELEVEN “Met vrijheid, boeken, bloemen en de maan, wie kan niet gelukkig zijn?” – Oscar Wilde, Iers auteur

Moniek: “In mijn huis omring ik mezelf met bloemen en kamerplanten. Ik ben blij met alle soorten bloemen, zelfs een eenvoudig boeketje verzorg ik met aandacht. Mensen aarzelen soms om me bloemen te schenken, maar bijvoorbeeld een eenvoudige, dikke bos tulpen is al heel erg welkom.” Zakiya: “Bloemen maken gelukkig. Ik heb nog nooit iemand ontmoet die niet blij was met een boeketje bloemen. De kleuren, de geuren, de vormen, … er is zoveel om van te genieten. Bloemen doen glimlachen, telkens weer. Ze verbinden mensen.”

Anjer Huwelijk en verloving, passie van Christus. Dianthus, de Latijnse naam voor de anjer, is afgeleid van het Grieks en betekent goddelijke bloem. Hij kan verwijzen naar Christus zelf, maar ook naar zijn passie. Vanwege de vorm van de vruchten wordt de anjer in het Italiaans ook wel ‘chiodino’, of ‘kleine spijker’, genoemd. Zo werd de bloem in verband gebracht met Jezus die stierf aan het Kruis. Volgens een Noord-Europese traditie moet een bruid een anjer verbergen in haar trouwkledij. De bruidegom moet die vinden.

fout

y IEDEREEN KAN BLOEMEN SCHIKKEN “Een Japanse vrouw zal haar man nooit boos tegenspreken. Zij schikt de bloemen anders in de vaas” – Marshall McLuhan, Canadees communicatietheoreticus

Moniek: “Het mooi schikken van bloemen is enorm belangrijk en een kunst die je pas na veel oefenen onder de knie hebt. Het vergt concentratie en een zekere mate van verstilling. De meeste floristen doen er jaren over om het vak te leren en volgen geregeld extra opleidingen. Initiatieven zoals ‘Bloomon’ vind ik tegelij­ kertijd een vloek en een zegen. Aan de ene kant is het fijn dat er opnieuw meer aan­ dacht is voor bloemen en dat mensen de waarde van bloemen herwaarderen. Aan de andere kant vind ik dat de boeketten die ze aanbieden vaak een samenraapsel zijn van willekeurige bloemen zonder echte vormgeving.” Zakiya: “Een bloem heeft zoveel facetten, het is een kunst om die allemaal te zien en ze ook optimaal te benutten. Dat vergt de nodige ervaring en opleiding. Ik steek een groot stuk van mijn persoonlijkheid in mijn werk, wat zich uit in speelse en wilde boeketten. Voor mij liever niet te gelakt. Mijn klanten weten dat en komen speciaal hiervoor naar mij. Ze geven mij bijna altijd carte blanche, net omdat ze erop vertrouwen dat ik mijn vak ken.”

Iris Brenger van boodschappen, attribuut van Maria. Iris betekent regenboog. De Griekse godin Iris is de boodschapper van Juno, die de afstand tussen hemel en aarde overbrugt. In het Christendom staat de iris van­ wege haar vorm symbool voor het zwaard dat door Maria’s ziel gaat als haar zoon sterft aan het kruis.


juist

u BLOEMEN LATEN JE HART LETTERLIJK SNELLER SLAAN “Bloemen geef je niet met je handen, maar met je hart” – Phil Bosmans, pater en schrijver

Moniek: “Het zien van een florale cre­ atie kan een sterke, emotionele reactie uitlokken. In de kunstwereld bestaat er zoiets als het Stendhalsyndroom. Mensen kunnen zo aangegrepen zijn door een kunstwerk dat ze helemaal overrompeld worden. Dat uit zich in een versnelde hartslag, duizeligheid en verwarring. Kijken naar bloemen kan een gelijk­ aardig effect hebben. Een heel mooi, op maat gemaakt bruidsboeket kan blijven bestaan in de gedachten van de bruid. Ik vind het dus geen probleem dat mijn product niet zo lang blijft. Bloemen zijn zo fragiel omdat ze niet eeuwig zijn, zoals het leven zelf.”

Kathleen Le erg | 62 jaar Laatst geko chte bloemen : Vorige wee Voor wie? Vo k or mezelf. Ze staan centra tafel, zodat al op het m iedereen ze idden van de kan zien. Favoriete bl oem: Eender w elke bloem Gemiddeld die iets in m aantal boek e teweegbre etjes/jaar: Wat beteke ngt. 40 nen bloemen voor jou? N atuur

fout

i CHRYSANTEN HOREN OP EEN KERKHOF “Een cynicus is iemand die – als hij bloemen ruikt – om zich heen kijkt om te zien waar de kist staat” – Wiet van Broeckhoven, Belgisch politicus

Bloemen zijn vergankelijk en werden in het verleden steeds geassocieerd met de dood. Dat komt vaak terug in de schilderkunst van de 18e eeuw, met talloze stillevens van bloemstukken. Toch heerst er ook schoonheid in het vergaan van bloemen, vindt Moniek: “Ik laat bloemen staan totdat ze helemaal op zijn, omdat alle stadia mooi zijn. Verwelkte bloemen horen bij het leven, net zoals de dood bij het leven hoort.” Op Belgische kerkhoven zien we vaak chrysanten verschijnen in de periode van Allerheiligen en Allerzielen. In grote delen van Azië staat de chry­ sant echter symbool voor een lang en gelukkig leven en in Japan is het zelfs de nationale bloem. Moniek: “In principe kunnen alle bloemen in een

12  STILL#04

rouwstuk. Vroeger was er gewoon weinig keuze in snijbloemen in de koudere maanden. Chrysantenkwekers zijn daar op gesprongen en zorgden voor een chrysantensoort die zeer lang houdbaar is, ideaal om op graven te zetten. En wanneer je pakweg 30 jaar geleden nog mooie, witte bolchrysanten zag verschijnen op graven, zijn die nu vrijwel volledig vervangen door een kakafonie aan felgekleurde exempla­ ren. Het gevolg is dat mensen liefst geen chrysanten meer willen in een boeket, terwijl er toch erg mooie varianten bestaan, denk maar aan de Santini-chrysant, een klein­ bloemige soort.

Roos Liefde en dood. In de oudheid werd de roos geassocieerd met de godin Venus. Venus werd geboren uit het schuim van de zee. Waar ze aan land ging, ontstond een doornig bosje. Het werd besprenkeld met de nectar van de goden en daaruit groeiden witte rozen. In het oude Rome waren rozen verbonden met de doden­ cultus, in het Christendom maakte men de associatie met de martel­ dood (doornenkroon). De maagd Maria werd dan weer geassoci­ eerd met rozen zonder doornen, omdat ze niet was aangetast door de erfzonde.


DOSSIER

Narcis Eigenliefde en egoïsme. Narcissus werd als 16-jarige verliefd op zijn eigen spiegel­ beeld en viel in het water toen hij zijn geliefde probeerde te bereiken. Op die plaats ont­ sproot er een gele bloem.

Zonnebloem Toewijding en overgave. Clytia werd als jong meisje door zon­ negod Apollo bemind. Al gauw werd hij echter verliefd op een ander, waardoor Clytia door liefdesverdriet werd verteerd. Ze veranderde in een bloem die altijd naar de zon is gekeerd.

juist

o BLOEMEN VERSCHAFFEN TROOST EN LIEFDE “Liefde kweekt bloemen in het hart, lijden wiedt er het onkruid uit” – H.J. Schimmel

Moniek: “Sommige mensen onthouden heel goed welke bloemen je gebruikt hebt in het grafstuk van hun dier­ bare of in hun bruidsboeket. Het is de herinnering aan die bloemen die belangrijk en blijvend is. Volgens mij hebben bloemen een bepaalde energie, ze leggen een moment vast, dragen een boodschap over. Een troostend bloem­ stuk maken vind ik mijn zinvolste werk. Wanneer ik een rouwdienst bijvoor­ beeld mooi versier met bloemen, komen mensen achteraf zeggen hoe rustig ze ervan zijn geworden. Bloemen hebben bij een begrafenis een verstillend en helend effect.”

Zakiya: “Ik vind dat je overledenen moet vieren, ze hebben geleefd. Bloe­ men mogen dat gerust uitstralen. Ik ben geen fan van de trieste, strakke rouwkransen. Ik hou wel rekening met de leeftijd en de persoonlijkheid van de overledene. Iemand van 90 jaar heeft een mooi leven gehad, ik zal voor hen ook sneller voor witte bloemen kiezen. Maar bij jonge mensen probeer ik toch kleur in de kransen te steken. Het leven is hen te snel ontnomen, ik wil hen met fleurige bloemen een stukje leven teruggeven. Ik merk dat de omgeving daar ook vaak zo over denkt. Zo heb ik eens de bloemen verzorgd op de begra­ fenis van een jong meisje. Haar ouders wilden kleur en speelsheid, wat paste bij haar persoonlijkheid.”

“Bloemen zijn voor vrouwen? Nee, die trend is voorbij” WIE IS ZAKIYA? • Zakiya is trotse moeder van 3 kinderen en eigenaar van bloemenwinkel FLVVR in Gent. • Ze houdt van reizen, het ontdekken van nieuwe kruiden en waterpret. • Bloemen zijn voor haar een passie: ze werkt al meer dan 10 jaar in de bloemensector.

VERSTILLING VERBINDING ENGAGEMENT  13


WANNEER ONTSTOND  DE KUNST VAN HET BLOEMSCHIKKEN?    In Europa waren bloemstukken vooral populair in 18e-eeuwse aristocratische families. Ook kwamen ze veelvul­ dig voor in schilderijen van Nederlandse en Belgische kunstenaars.

Bloemschikken heeft een lange geschiedenis. Al in het oude Egypte werden er boeketten in vazen gezet. De eerste afbeeldingen dateren van 2.500 jaar voor Christus. Bloemen die frequent gebruikt wer­ den, waren de (heilige) lotus, palmen, irissen, anemonen, narcissen en allerhande kruiden.

Wist je dat?

Ook in China is bloemschik­ ken een echte kunstvorm die uitgaat van het principe dat alle leven heilig is, inclusief het leven van planten. Snijbloemen worden spaarzaam gebruikt en zorgvuldig geschikt. De kunst­ vorm kwam via Boeddhistische monniken naar China en Japan. Bloemen zijn voor Boeddhisten een traditioneel ritueel offer. De symboliek van bloemen kan men terugvinden in vele culturen en betekenissen verschillen van land tot land. In China sym­ boliseren bepaalde bloemen bijvoorbeeld de 4 seizoenen. Witte pruimenbloesems staan voor de winter, perzik en kersenbloesems voor de lente, lotusbloemen voor de zomer en chrysanten voor de herfst.

Japan kent zijn eigen, eeuwenoude manier van minimalistische bloem­ schikkunst, Ikebana. De kenmerken zijn eenvoud en lineariteit en hadden later ook een enorme invloed op de Westerse cultuur. Ikebana kenmerkt zich door reflectie en aan­ dacht. Het is een spirituele bezigheid die tijd vergt.

Nancy Etcoff, professor in de klinische psychologie aan Harvard University, deed onderzoek naar hoe bloemen in huis je humeur kunnen beïnvloeden. Ze concludeerde dat de proefpersonen met een boeketje bloemen op tafel binnen een week al meer medeleven voelden met anderen. Ook toonde de studie aan dat de aanwezigheid van bloemen onze gemoedstoestand positief kan beïnvloeden en dat dit effect voor de rest van de dag blijft aanhouden. Bloemen minimaliseren namelijk gevoelens van angst en stress.

Orchidee Lelie-van-Dalen Zuiverheid en nederigheid. Lelies-van-Dalen (of meiklokjes) zijn nederige bloemen omdat ze met hun kopjes omlaag staan, zoals in een buiging. Ze staan ook voor de puurheid van de Maagd Maria omwille van hun witte kleur en lekkere geur.

14  STILL#04

Vruchtbaarheid en schoonheid. In het oude Griekenland geloofde men dat als een man een grote knol van een orchidee at, hij een jongen zou verwekken. Dat is geen toeval, want de orchideeën­ knol lijkt op een teelbal en daaraan ontleende de orchidee eveneens haar naam.


DOSSIER

fout

1) BLOEMENTEELT IS ECOLOGISCH “Ook tussen de mooiste bloemen groeien brandnetels” – oorsprong onbekend

Moniek: “Ik bestel bij Belgische groothan­ delaars. Veel bloemen komen uit Neder­ land. Het is waar dat de bloementeelt momenteel nog een grote inspanning van het klimaat vraagt, ook al komt daar verbetering in. Ik vind het bijvoorbeeld jammer dat alles zoveel in plastic verpakt is. Grote bloemenkwekerijen doen steeds meer inspanning om water te hergebrui­ ken en pesticiden te beperken. Hoe korter de keten, hoe beter, maar het vergt een groot engagement. Er zijn initiatieven die ik toejuich zoals ‘Blommm’ en ‘­Velofleurs’. De eco-bloemen worden in België gekweekt en geleverd aan huis per fiets.”

David P eeters | 31 jaar Laatst g ekochte b loemen: Voor wie 3 weken ? Voor mezelf, geleden Wij heb om in d ben altij e woonk d bloem Favorie amer te en in h te bloem zetten. uis. Vro : Pioene Gemidd eger ha n of roz eld aan d ik ze en. tal boek zelfs op Wat bete etjes/ja kot. kenen b ar: 12 loemen voor jou ? Licht en warm te

Zakiya: “Ik ben op zich wel fan van bio, maar in mijn winkel gebruik ik geen biologische bloemen. Alles is ingevoerd uit andere landen. Dat maakt het assorti­ ment dat ik aanbied best anders dan dat van de gemiddelde bloemist. Die reacties hoor ik ook wel vaker bij klanten, ze vinden het leuk dat het eens iets anders is dan de standaard roos.“

Vergeet-me-nietje Romantiek en tragiek. De mythe gaat als volgt: in de middeleeuwen wandelde een ridder met zijn geliefde langs een rivier. Bij het plukken van een bosje bloemen viel hij door het gewicht van zijn harnas in het water. Vlak voor hij ver­ dronk, kon hij het bosje nog naar zijn geliefde gooien en riep hij: ‘vergeetme-niet’. Het bloempje werd vaak gedragen door vrouwen als teken van trouw en eeuwige liefde.

VERSTILLING VERBINDING ENGAGEMENT  15

en | 36 jaar Sabine Sael leden : 3 weken ge kkere chte bloemen g voor een le in nk da Laatst geko be s al , en nd ie or vr Voor wie? Vo unch. zondagse br n oem: Pioene :6 Favoriete bl eketjes/jaar bo al nt aa Gemiddeld jou? Kleur or vo en m oe n bl Wat betekene


16  STILL#04

Als Annies papa een zware hartaanval krijgt, beslist ze bij haar ouders in te trekken om voor hen te zorgen. Bijna 13 jaar later is ze nog steeds mantelzorger van haar moeder met dementie, die sinds 2 jaar in een woonzorgcentrum in het groen verblijft.

DOCHTER & MOEDER

ANNIE VERHAEGHE (59) MACHELEN

 ENGAGEMENT | MANTELZORG

REDACTIE: VEERLE FRISSEN, FOTOGRAFIE: SOPHIE CALLEWAERT


VERSTILLING VERBINDING ENGAGEMENT  ENGAGEMENT 17 17

Pendelen  “Ik maakte de drastische keuze om bij mijn ouders in te trekken.

Mont Ventoux  “In het nieuws hoor ik de laatste tijd vooral succesverhalen over mensen met dementie. Ze zingen voor de paus in Rome, beklimmen de Mont Ventoux,… Het lijkt alsof het zelfs voor hen niet mogelijk is om te ontsnappen aan onze prestatiegerichte maatschappij. Mensen met dementie lijken pas waardevol als ze tonen wat ze nog allemaal kunnen. Terwijl de fase waarin mijn moeder zit ook heel mooi kan zijn. We hebben de mond vol van mediteren, verstillen en vertragen,… dat is exact wat zij doet en wat ze me elke dag leert.”

“Ik droom ervan dat oudere mensen voor elkaar zorgen in de vorm van co-housing”

In het West-Vlaamse Eernegem! Als onderzoeker aan een Brusselse hoge­ school had ik het geluk dat mijn leiding­ gevenden toelieten dat ik voornamelijk van thuis uit zou werken en slechts af en toe de verplaatsing naar Brussel moest maken. Na 5 jaar stierf papa. Mama en ik bleven over. We besloten te pendelen. 5 jaar lang woonden we in Eernegem, maar als ik naar Brussel moest voor het werk, nam ik haar mee naar mijn eigen huis in Zaventem, waar ze verderop terecht kon in de dagop­ vang. We woonden op twee plaatsen. En dat vonden we beiden eigenlijk wel leuk. Alsof we elke week op uitstap vertrokken. We gingen samen zelfs nog verschillende keren op citytrip.”

Eigen wereld  “In 2016 ging mama verder achteruit. Ze kon niet meer alleen blijven, ik werd gedwongen haar in een woonzorgcentrum te laten opnemen. Het voelde alsof ik haar in de steek liet. Waar ze nu verblijft, is er een tuin met medicinale kruiden en volkstuintjes voor de buren. Buurtbewoners zijn welkom in de cafetaria, de bewoners met dementie worden niet afgesloten van de gemeen­ schap. Toch is de zorg er vooral praktisch van aard. De personeelsbezetting is nu eenmaal krap. Daarom kom ik elke dag als mantelzorger om mijn mama te hel­ pen bij het avondeten. Ik masseer haar, luister muziek of kijk naar natuurbeelden op tv. Daar wordt ze rustig van. Ze zit in de derde fase van dementie, ‘het ver­

Co-housen  “Natuurlijk heb ik schrik voor later. Wat als ik op oudere leeftijd zelf in een woonzorgcentrum terecht­ kom? Hoe zal de zorg eruit zien? Ik hoop dat er tijd en aandacht zal zijn voor menselijke zorg. Ik droom ervan dat oudere mensen voor elkaar zorgen in de vorm van co-housing. Zou dat niet mooi zijn?”

borgen ik’. Dat wil niet zeggen dat ze volledig ‘weg’ is, maar dat ze veel meer naar binnen gekeerd leeft, in een eigen wereld. Ik heb niet de drang om con­ stant te communiceren. Ik kan gerust in stilte bij haar zijn. Op die momenten voel ik een enorme verbondenheid.”

“ZELFS MENSEN MET DEMENTIE ONTSNAPPEN NIET AAN ONZE PRESTATIEGERICHTE MAATSCHAPPIJ”


18  STILL#04


BIJBEL 2.0

De Toren van Babel

OP ZOEK NAAR VERBINDING IN EEN WERELD VAN TORENHOGE FAÇADES EN DIGITALE SPRAAKVERWARRING

Lang geleden, toen de dieren nog spraken, deelden alle mensen op aarde één en dezelfde taal. Maar toen was er een zondvloed. Iedereen vluchtte naar de vlakte van Sinear. Ze bouwden er samen een stad met een toren die tot in de hemel reikte. Het doel: beroemdheid en uniformiteit. God vond dat een hoogmoedig idee en bestrafte de mensheid. Hij liet ze verschillende talen spreken, wat overal tot spraakverwarring leidde. Plots kon niemand elkaar nog begrijpen. De bouw van de toren werd gestaakt en de mensen verspreidden zich over de aarde. Dit eeuwenoude verhaal uit Genesis, het 1ste boek uit de Hebreeuwse Bijbel, vinden we al eeuwenlang terug in schilderijen, films en boeken. En in uitdrukkingen! Denk

maar aan de ‘Babylonische spraakverwarring’. Vandaag kroop illustratrice Penelope Deltour in haar potlood om een hedendaagse versie van de mythische toren te schetsen. “Sociale media: ze zorgen vaak voor miscommunicatie of spraakverwarring. Likes en volgers: ze geven me een dubbel gevoel. Zogenaamde influencers: ik stoor me aan hen. Blindelings wandelen we rond met onze smartphone in de hand. Er vormen zich groepen. Sommigen horen erbij, anderen worden uitgesloten. Maar in de schaduw van elke torenhoge, succesvolle en bejubelde influencer zit zijn of haar ‘ware zelf’. Achter de façade van ons succesvolle online leven zit ons échte zijn.”

PENELOPE DELTOUR? Penelope Deltour is een illustratrice met een artisanale manier van werken. Het tekenproces is duidelijk zichtbaar in haar werk. Ze besteedt veel aandacht aan het tactiele van materiaal en drager. Haar tekeningen worden vaak bestempeld als dromerig of magisch-­ realistisch. Penelope vertelt met haar illustraties verhalen met veel gevoel en emotie. www.penelo.pe @penelopedeltour

VERSTILLING VERBINDING ENGAGEMENT  19


REDACT IE: MATT IAS DEV FOTOG RIENDT RAFIE: M & LAUR ATTIAS EN VAN DEVRIE DER ST NDT & L RIECKT IES WIL LAERT

Hoe gastenverblijven in kloosters en abdijen een gat in de toeristische markt kunnen opvullen

20  STILL#04


R E P O RTAG E

Oké. Laten we beginnen met een stelling: Hoe leger de kerken, hoe voller de abdijen. Of anders gezegd: hoe minder kerkgangers, hoe meer stiltezoekers. Althans dat kunnen we toch afleiden uit de cijfers van het jaarrapport 2018 van de Katholieke Kerk in België. De 20 belangrijkste gastenverblijven en bezinningscentra noteerden volgens dat rapport in 2016 121.273 overnachtingen of meer dan 300 per dag! Stiltetoerisme: een gat in de markt? En heeft de Kerk met haar kloosters en abdijen daarvoor een gouden troef in handen? Wij zochten het uit.

IS DIT DE GOUDEN TROEF VAN DE KERK? VERSTILLING VERBINDING ENGAGEMENT  21


GEEN FLAUWE ­BELEEFDHEIDSPRAATJES WESTMALLE

“Iemand fluistert wel eens het botervlootje dichterbij of glimlacht als bedankje, maar verder zwijgen we”

We willen niet van de daken schreeuwen dat stiltetoerisme leeft – dat zou de rust verstoren – maar het is toch opvallend dat er wachtlijsten van een jaar zijn om een groepsverblijf in Averbode te boeken of dat abdijen nagelnieuwe infrastructuur hebben om hun gasten in onder te brengen. Helemaal klaar voor de toekomst, zo lijkt het. “Het parochienetwerk is aan een gigantisch tempo aan het verdampen, maar de spirituele honger verdwijnt niet mee”, zal Jos Bielen daarover zeggen als ik hem in zijn abdij in Averbode ontmoet, maar eerst even naar Westmalle.

Ik boek een verblijf bij de broeders Norbertijnen in Westmalle van 1 tot 3 januari. Dat gaat vlot. Binnen de 24u krijg ik antwoord van een gastenbroeder met de welluidende en een beetje tot de verbeelding sprekende naam ‘Albericus’. Heel persoonlijk allemaal: ‘Er is wifi op de kamers; iedere gast die dat wenst krijgt een gepersonaliseerde code.’ ‘Na de maaltijd stellen we het erg op prijs als de gasten helpen afruimen, tafels dekken voor de volgende maaltijd en een handje toesteken bij de afwas.’ ‘U kunt contant betalen of met bankkaart.’ Hij eindigt met: ‘Tot ziens op nieuwjaarsdag!’ Ik voel me al een beetje meer op mijn gemak. In het vorige nummer van Still noemde priester Pieter Delanoy de trappisten nog ‘champions league’-mannen als het aankomt op gebed en meditatie, maar blijkbaar is er tussendoor nog tijd voor vlotte e-mailtjes.

1 januari, het is bewolkt. Eerst de lange oprijlaan, dan een statige poort met een belletje naast. Een vrouw doet open. Broeder Albericus blijkt een dutje te doen. “Ze staan hier om 4u ’s morgens op voor het eerste gebed”, legt de dame uit. “En de gastenbroeder is momenteel ook volop aan het studeren, dus laten we hem zijn rust gunnen. Ik toon je wel je kamer.” Een korte uitleg over de douches

22  STILL#04


R E P O RTAG E

en de toiletten, de uurregeling van de gebedsdiensten, de koffieruimte. Alles spiksplinternieuw. “Ja, ze hebben het hier serieus verbouwd. Mooi hé”, zegt ze trots. “We zien elkaar om 18u voor het avondmaal!” Ik vraag nog snel of die gebedsdiensten verplicht zijn. “Neen, natuurlijk niet, maar de broeders vinden het wel fijn als ze je eens zien. Ze zingen zo mooi en de kapel is trouwens ook heel modern.” Om 18u zit ik aan tafel voor sandwiches met beleg. We zijn met 7 gasten en we wachten. Ik vraag me af op wie, maar dan verschijnt hij: broeder Albericus. Vrij jong, een beetje gezet, kort haar, witte pij. Aan zijn stem te horen, groeide hij op in de regio. Hij doet het gebed en daarna wordt het stil. Iemand fluistert wel eens het botervlootje dichterbij of glimlacht als bedankje voor het doorgeven van de lokale kaas, maar verder zwijgen we. Toegegeven, het voelt onwennig en tegelijk gemakkelijk. Elk kan de gedachten die hij of zij ’s middags had, ongestoord verderzetten. Hier geen flauwe beleefdheidspraatjes. Na de maaltijd wordt alles afgeruimd en afgewassen (ze hebben hier een industriële vaatwasmachine!) en wordt de tafel voor de volgende ochtend gedekt. Na één keer voelt het al als een gewoonte, zo harmonieus verloopt dit tafereel.

nachten volpension. Beschamend weinig voor de catering en zoveel comfort. Ik wil nog een paar Westmallebiertjes kopen als aandenken. Broeder Albericus geeft er mij vier mee voor de prijs van twee. “Eigenlijk moet je ze in de brouwerij kopen”, zegt hij. Ik vraag of hier vaak jongeren komen. “Af en toe wel ja. Maar wie er komt, is voor ons niet zo belangrijk. We hoeven niemand te pushen. Zij die er behoefte aan hebben, komen vanzelf.”

“Ik heb veel privacy, niemand dringt mij iets op en toch voel ik me deel van een geheel”

Hoe ik de rest van mijn tijd in Westmalle moet omschrijven? Zingende broeders, wandelen, in stilte eten, afwassen, lezen, zingende broeders, joggen, in stilte eten, afwassen, zingende broeders, slapen. Ik spreek amper, het is stil en rustig. Ik heb veel privacy, niemand dringt mij iets op of vraagt mij iets en toch voel ik me deel van een geheel. Op het einde van mijn verblijf betaal ik 60 euro voor twee

WE ZIJN MET 7 GASTEN EN WE WACHTEN. IK VRAAG ME AF OP WIE VERSTILLING VERBINDING ENGAGEMENT  23


AVERBODE

Aankomst om 15u15, meldt mijn GPS. Een kwartiertje te vroeg. Voor dit bezoek neem ik de auto, want een rechtstreekse verbinding met de trein is er niet. Averbode ligt nogal afgezonderd merk ik als ik mijn wagen onder een boom parkeer. Ik ken het van de uitgeverij, maar straks ook van mijn afspraak met broeder Jos Bielen, 52 jaar en al sinds zijn 18de broeder. Hij is de eindverantwoordelijke van het gastenverblijf in Averbode, geeft koorlessen en seminaries aan gastengroepen, maar bovenal: hij is de voorzitter van de 24 christelijke bezinnings- en stiltehuizen in Vlaanderen. “Je kan abdijen en gastenverblijven het best vergelijken met auto’s”, legt hij uit terwijl hij me binnenloodst in een huiselijke kamer, versierd met tapijten, statige oude meubels en kasten vol servies. Auto’s? “Ja, auto’s”, lacht hij. “Alle auto’s hebben hetzelfde doel, maar elk merk ziet er anders uit en heeft zijn eigen garages. Bij de ene krijg je bijvoorbeeld koffie terwijl ze je banden wisselen, bij de andere niet. Kloosterordes zijn ook zo. Norbertijnen, Trappisten, Augustijnen: de kern van al die abdijen is dezelfde, alleen heeft elke stichter andere accenten gelegd. Bij ons Norbertijnen houden we het midden tussen ons contemplatief leven van verstilling en gebed en ons actief leven waar we onze handen uit de pijen steken in de maatschappij. Trappisten zijn meer gericht op gebed en Broeders van Liefde op het maatschappelijk engagement, maar dat is niet beter of slechter. Het is anders. Aan de gasten om te kiezen in welke context ze het liefste vertoeven.” Averbode is één van die abdijen met een recent vernieuwd gastenverblijf. Tussen 2014 en 2016 hebben ze het

24  STILL#04

“Mensen die hier alleen aan zichzelf denken en ’s avonds op restaurant of café willen tot midder­ nacht, passen hier niet. Let op, ik vind dat prima, maar zij boeken gewoon beter een B&B”, vertelt broeder Jos.

HIER GEVEN MENSEN RUIMTE AAN HUN LEVENSVRAGEN gastenkwartier en bezinningscentrum grondig gerenoveerd. De kamers zien er nu uit als hotelkamers met een eigen badkamer. “Wij hebben die keuze bewust gemaakt. Als mensen hun comfort hebben, voelen ze zich meer op hun gemak. Dat werkt simpelweg rustgevend. Het geeft hen een thuisgevoel”, legt hij uit. “Maar onze abdij is geen hotel. Gastvrijheid is één van onze kernwaarden en daarom doen we dit. Mensen die hier komen, verstillen en vertragen hun ritme. Ze komen hier om samen te leven met andere mensen, individueel of in groep. We leven samen in alle rust. We dringen niets op, maar we zijn er wel voor elkaar. Dat is voor mij ‘gemeenschap vormen’.

Mensen die hier alleen aan zichzelf denken en ’s avonds op restaurant of café willen tot middernacht, passen hier niet. Let op, ik vind dat prima, maar zij boeken gewoon beter een B&B”, vertelt broeder Jos. Ik vertel hem dat er elke dag 300 overnachtingen geboekt worden in een abdij of klooster. Maar wie zijn die mensen? “De meesten zijn op een grens gebotst in hun leven. Ze zoeken een plek om zich open te stellen en ruimte te geven aan hun levensvragen. Hier proberen ze stilte te vinden en de zaken weer op een rij te zetten. Al zijn we geen therapeutisch centrum en kunnen


R E P O RTAG E

JOS BIELEN Jos Bielen is geboren in 1967 en als broeder ingetreden op zijn achttiende. Hij is eindverantwoordelijke van ‘onthaal’ in de abdij van Averbode. Daarbuiten is hij voorzitter van alle bezinnings- en stiltehuizen in Vlaanderen. Vanuit christelijke hoek althans. In zijn vrije tijd geeft hij koorlessen en seminaries aan gastengroepen.

we niet iedereen helpen. Ik ben daar heel duidelijk over. Een week bekomen: prima! Maar hier 3 maanden je burnout komen uitzweten, daar zijn we niet de geschikte plek voor. Ik probeer dat in het e-mailcontact al aan te geven, zeker wanneer ik voel dat iemand op een andere plek beter geholpen is.” Even naar de hamvraag. Is dit de toekomst van de Kerk: mensen een plek bieden waar ze tot zichzelf kunnen komen in verbinding met anderen? “Voor een stuk wel. Het verdampen van het parochienetwerk is aan een gigantisch tempo bezig, maar de spirituele honger verdwijnt niet. Deze renovaties hebben we uitgevoerd precies omdat er zoveel vraag naar is. De moeder die in een scheiding zit, de zakenman die een carrièrewending wil maken, de 20-jarige die hier komt om te studeren,… Onlangs

hadden we een vrouw uit de buurt op bezoek. Ze moest voor de universiteit haar doctoraat in een boek gieten. ’s Morgens zette ze de kinderen af op school en kwam hier dan de hele dag schrijven. Tegen half 4 vertrok ze om haar kinderen op te halen. Thuis lukte het niet om te schrijven, met in haar ooghoek een afleidende stapel was en strijk en potten en pannen op het vuur.” Over eten gesproken, denk ik. Hoe gaat dat hier in zijn werk? “Om 7u is er een ochtendgebed. Voor en na het ochtendgebed is iedereen stil. Zelfs als wij, broeders, elkaar tegenkomen bij het binnengaan van de kerk, zeggen we niets. We respecteren elkaars stilte. Ik vind het zalig om rustig te kunnen ontwaken en niet meteen in de waan van de actualiteit te vervallen. Pas aan tafel zeggen we goeiemorgen, bespreken we de Brexit of de voetbaluitslagen en begint de dag. Kijk, dat zijn kleine gewoontes die een mens rustig en stil maken. Iedereen kan in zijn eigen leven zulke momenten inbouwen. Wat voor de ene werkt, hoef je niet te kopiëren. Dat zou geforceerd zijn.”

Eenmaal Averbode bezocht, kan je er niet meer aan terugdenken zonder je de majestueuze houten draaitrap te herinneren. Boven zijn de kamers sober, maar netjes. Een mix van oud en nieuw. Zal deze plek er nog zijn binnen 50 jaar als broeder Jos er niet meer is? “De zwakte van onze stilteplekken zijn de religieuze gemeenschappen. Heel wat gastenverblijven vallen weg omdat de religieuze gemeenschap het niet langer kan dragen. Je kan heel veel opvangen met personeel, maar een gesprek met een echte pater of zuster niet. De aanwezigheid van de broedergemeenschap geeft een aparte dimensie aan abdijen en kloosters. Wij zijn niet de meest speciale personen, maar we hebben wel een bijzondere keuze gemaakt. Dat boeit mensen. Door onze jarenlange zoektocht naar spiritualiteit, kijken we anders naar het leven. Ik merk dat dat mensen inspireert. Is dat niet de kern van een verblijf in een abdij of klooster?”

ABDIJEN ZIJN ALS AUTO’S. ZE HEBBEN ALLEMAAL HETZELFDE DOEL, MAAR ELK MERK ZIET ER ANDERS UIT VERSTILLING VERBINDING ENGAGEMENT  25


HET HERBESTEMMEN VAN RELIGIEUS PATRIMONIUM IS EEN EENMALIGE KANS BRUSSEL

©LIES WILLAERT

26  STILL#04

Van het landelijke Averbode reis ik naar hartje Brussel, waar het bruist van de toeristen. Ik moet uitwijken voor een fietser die zich tussen de massa een weg baant en heb zin in een ijsje, maar daar is geen tijd voor, want mijn afspraak met de verantwoordelijken van Toerisme Vlaanderen wacht. Ik wil hen vragen hoe zij naar dat stiltetoerisme kijken en wat ze ermee van plan zijn voor het te laat is en alle abdijen en kloosters in Delhaizes omgetoverd zijn. Peter De Wilde is mijn man: hij is hier de baas. “Kijk, over stiltetoerisme zijn er meer plannen dan mensen, en tegelijk is geen enkele daarvan concreet”, zegt hij. “Onze insteek is dat elk patrimonium een onbeschreven blad is. Wij reiken eigenaars de hand om samen een idee uit te werken in plaats van één overkoepelende strategie door de strot van alle stilteplekken te duwen. En het hoeven heus niet allemaal Delhaizes of Holy Food Markets te zijn.” Ik ben daar eens geweest, in die Holy Food Market en ik wist niet goed wat ik ervan moest denken. Een kapel met fancy eetkraampjes en een toog in het midden. Het kan zeker slechter, maar de ziel is een beetje uit de plek. “Sommigen noemen het religieus patrimonium ons ‘immaterieel erfgoed’, al gaat het veel verder dan dat. Het gaat over wie er geleefd heeft en wie de bezieling van de plek vormt en uitstraalt”, legt Kristof Lataire uit. Hij is zaakvoerder van Kapittel, een organisatie die herbestemmingen van kerken en kapellen begeleidt met een focus op verstilling en verbinding. “We leven in een landschap vol religieus patrimonium. In andere landen zijn ze jaloers op ons. We zijn het zo gewoon en ervaren niet meer wat die sites met ons kunnen doen. Maar tegelijk is ons religieus patrimonium als een venster dat sluit.


R E P O RTAG E

PETER DE WILDE

MARIANNA SCHAPMANS

KRISTOF LATAIRE

is als administrateur-generaal aan het werk bij Toerisme Vlaanderen. Hij is doctor in de Letteren en Wijsbegeerte. Van 2007 tot 2009 was hij kabinetschef van de Antwerpse schepen voor Cultuur en Toerisme Philip Heylen.

is werkzaam als coördinator bij Vakan­ tieparticipatie en werkt aan het recht op vakantie voor mensen die hierbij allerlei hindernissen ondervinden. Want ‘iedereen verdient vakantie’.

is zaakvoerder van Kapittel. Een organi­ satie die onderzoekstrajecten opzet naar neven- en herbestemming van religieus patrimonium zoals kloosters, kerken en kapellen. Hij hecht veel belang aan het verbinden en versterken van mensen, pro­ jecten, organisaties en ondernemingen.

We moeten nu de ziel van die plekken in kaart brengen voor de gemeenschap die errond leeft, uit elkaar valt.”

Vakantieparticipatie, werkt aan een betaalbaar vakantieaanbod voor mensen met een laag inkomen en heeft zich bij het gesprek aangesloten. Ondertussen heb ik dus 3 gesprekspartners. Het wordt gezellig hier in hartje Brussel. “Mensen linken toerisme onterecht aan ‘een massa volk’”, zegt ze. “Toerisme gaat echter over het feit dat je niet op je ‘eigen plek’ bent. Elke week lees je minstens één getuigenis van een persoon die op zoek gaat naar rust. Al die verhalen verlagen de drempel voor anderen, misschien ook voor jou, om de stap te wagen naar een abdij of klooster. Veel locaties in ons aanbod doen echt iets met mensen, ze zetten aan tot creativiteit. Die plekken, zoals Westmalle, zijn prikkelarm en brengen bezoekers in een bepaalde sfeer.” Gaat Toerisme Vlaanderen er dan marketingcampagnes voor uitschrijven? “Dat is een moeilijke. Het klinkt contradictorisch, maar het is niet onze taak om ze te promoten”, zegt Peter. “Veel rustgevende plekken zitten verstopt. Dat maakt ze net interessant en waardevol. Het is de taak van elkeen om ernaar te zoeken en ze zelf te ontdekken.

Je moet graag op de plek zijn omwille van wat ze voor jou te bieden heeft.”

Die kerkelijke sites die nu of binnen enkele jaren leegstaan: welke rol willen ze daar bij Toerisme Vlaanderen in opnemen? Of is dat een werkje voor de vastgoedsector? “Net niet”, spreekt Peter me meteen tegen. “Dit soort plekken zijn ideaal voor Toerisme Vlaanderen. Toerisme gaat over mensen. Als organisatie houden we ons bezig met heel wat facetten van het dagelijks leven: reizen, gastronomie, recreatie,… Onze rol is om bij het herbestemmen van plekken naar de menselijke waarde te kijken. Wij zijn geen vastgoedmakelaars en ook geen erfgoedbeschermers. Wij kijken hoe we plekken kunnen gebruiken om mensen iets te laten beleven en te veranderen, al is het maar een heel klein beetje.” “Hier kan Toerisme Vlaanderen een stuk in bijdragen door verhalen over hoe de plek is en wat er te doen valt, verder te verspreiden”, valt Marianne Schapmans bij. Ze is coördinator bij

Een echt plan is hier nog niet, dus kunnen we lekker dromen. Neem nu de abdij in Zevenkerken, waar de broeders het niet meer rondkrijgen om het gastenverblijf te verzorgen. Een prachtige site, omringd door enkele hectare natuur. Die plek mag niet verloren gaan. Een openbaar domein? Een speeltuin? Ruimte om te picknicken? “Het herbestemmen van religieus patrimonium is een eenmalige kans”, onderbreekt Peter mij. “De ziel gaat verloren als de herbestemming op een verkeerde manier gebeurt.” Ik kijk naar Kristof. Was hij het niet die aan het begin van dit gesprek over de ziel begon? “Een bepaalde plek is geladen door de inwoners die er met een bepaalde intentie hebben geleefd en gewoond. Ruimtes zijn speciaal ingedeeld voor specifieke activiteiten. Dat is de ziel van de plek. Breek je die ruimtes af, dan tast je ook meteen de ziel van de plek aan. Laten we daar voorzichtig mee omspringen.”

OVER STILTETOERISME ZIJN ER MEER PLANNEN DAN MENSEN, EN TEGELIJK IS GEEN ENKELE DAARVAN CONCREET


PRIORIJ REGINA PACIS SCHOTENHOF SCHOTEN

STILTEVERBLIJVEN IN BELGIË

HOF ZEVENBERGEN RANST

Zin gekregen om ook de stilte op te zoeken? Wij maakten een selectie van een aantal stilteverblijven in België.

•• 3 zusters van het Convent van Bethlehem •• Gastenverblijf, studio te huur voor 3 maanden, groepsaccommodatie, vrijwilligerswerk. •• Ze willen een zaoeja zijn: een onderkomen voor vermoeide reizigers. •• De zusters organiseren meditatiemomenten.

SINT-ANDRIESABDIJ ZEVENKERKEN BRUGGE

•• Benedictinessen •• Keramiekatelier, beeldhouwatelier, borduuratelier met spinnewielen. •• De zusters maken hun eigen wenskaarten en beschilderde kaarsen! •• Het klooster heeft een grote marmeren hal met trappenhuis, zoals in de films!

q ah

s

e d g

i

•• Benedictijnen •• Bezinningscentrum, conferentiezaal, cafetaria, Bijbelhuis, bossen & watermolenvijver. •• Eten doe je samen met de broeders. •• Loop verloren in het 50 hectare bos!

SINT-SIXTUSABDIJ WESTVLETEREN •• Monniken •• Gastenverblijf, Lourdesgrot, pelgrimskapel, brouwerij, ontmoetingscentrum. •• De maaltijden nuttig je in stilte, maar met rustige achtergrondmuziek. •• Eén kamer is ingericht voor mensen met een beperking.

w o

OUDE ABDIJ DRONGEN DRONGEN •• Jezuïeten •• Gastenkwartier en bezinningscentrum voor groepen en individuen. De kamers hebben een eigen douche en toilet. •• Sssst. Stil zijn in de kamer, kapel, gang en eetzaal. •• Er zijn in totaal 100 kamers!

MENAS SINT-MARIA-AALTER •• Broeders van Liefde •• Gastenkwartier en bezinningscentrum voor groepen en individuen. •• Groepen kunnen er verblijven met zelfkook en er is een wasmachine ter beschikking. •• In Menas kan je een inspiratiewandelroute volgen!

ABDIJ ONZE-LIEVE-VROUW VAN SCOURMONT FORGES •• Trappisten •• Brouwerij & kaasmakerij Chimay. •• Ze leven er nog met 20 broeders samen. •• Hun gastvrijheid is uitgegroeid tot een hotel!

OUDE ABDIJ KORTENBERG KORTENBERG •• Benedictinessen •• Vergaderzalen, authentieke kloosterkamers & restaurant. •• Ze plannen de opbouw van een langer durend gastenkwartier. •• Je kan yoga volgen in de oude kapel!

Alle stilteverblijven vind je op www.still-magazine.be Ken je nog een ander stilteverblijf? Stuur een mailtje naar nikkie.steyaert@fracarita.org 28  STILL#04

t


ABDIJ ONZE-LIEVE-VROUW VAN NAZARETH BRECHT

ABDIJ ONZE-LIEVE-VROUW VAN HET HEILIG HART WESTMALLE

•• Trappistinnen •• Gastenkwartier met douche en toilet op de gang & eigen zeepnijverheid. •• Deelname aan een gebedsmoment is een vast onderdeel. Tijdens het eten blijf je stil. •• De drie pijlers van de abdij zijn gebed, lezing en handenarbeid.

•• Trappisten •• Brouwerij & kaasmakerij •• Welkom om de stilte en rust te ervaren. •• De melk voor hun kaas komt van de runderen die op hun eigen boerderij verblijven.

r

f u y

ABDIJ HERKENRODE HASSELT •• Kanunnikessen •• Brouwerij, abdijwinkel, belevingscentrum, kruiden- en inspiratietuin. •• Ze hebben zelfs twee abdijbieren, een bruin en een tripel! •• Hun symbool is de eenhoorn! Het verwijst naar de christelijke symboliek, de kuisheid en de maagdelijkheid.

ABDIJ VAN AVERBODE AVERBODE

ABDIJ VAN TONGERLO TONGERLO

•• Norbertijnenorde •• Gastenkwartier & bezinningscentrum, brouwerij, bakkerij & kaasmakerij, uitgeverij, bibliotheek. •• Alle kamers zijn recent gerenoveerd en hebben een eigen badkamer. •• Eén van de pronkstukken is de majestueuze houten draaitrap.

•• Norbertijnen •• Gastenverblijf, Erfgoedhuis, Da Vincimuseum, boekhandel, abdijwinkel. •• Kamers met of zonder eigen sanitair, je kiest zelf! •• Er is WiFi!

ABDIJ ONZE-LIEVE-VROUW BRIALMONT TIFF •• Cisterciënzers •• Productie van bruine paddenstoelen, abdijkaas, abdijbrood, diverse soorten gelei en confituur, mosterd, abdijwijn, chocolade, honing & desserts. •• Het ontbijt is met zelfbediening. •• ’s Middags krijg je een gratis snack!

2) l j

ABDIJ KEIZERSBERG LEUVEN •• Benedictijnen •• Studentenresidentie & gemeenschapshuis met christelijke identiteit. •• De studentenresidentie is enkel beschikbaar voor jongens. •• Ze hanteren een leven in gemeenschap op ritme van gebed en arbeid.

k ;

KLOOSTER VAN CHEVETOGNE CHEVETOGNE •• Benedictijnen •• Gastenverblijven met onderscheid tussen mannen, vrouwen en groepen, centrum voor congressen, uitgeverij, rondleidingen & kloosterwinkel. •• De broeders schrijven hun eigen theologisch tijdschrift ‘Irénikon’. •• Op hun website vind je webcasts van hun misvieringen!

ABDIJ ONZE-LIEVE-VROUW VAN ORVAL ORVAL •• Monniken •• Herbronningsweek, gastenverblijf, chalets, kampeerterreinen, kaasmakerij & brouwerij. •• In de zomer zijn jeugdbewegingen welkom voor hun kamp. •• Eten gebeurt hier in stilte, maar met een muzikale achtergrond.

VERSTILLING VERBINDING ENGAGEMENT  29

ABDIJ VAN MAREDSOUS DENÉE •• Benedictijnen •• Kaasmuseum, rondleidingen, gastenverblijf met animatieprogramma, bibliotheek & zes uitgestippelde wandelroutes. •• Je kan de bibliotheek enkel bezoeken na aanvraag. •• Ideaal voor met de kids, er is een speeltuin aanwezig!

MEER STILTEHUIZEN

Monasterium de Wijngaard - Begijnhof Brugge q Abdij Grimbergen Grimbergen w Abdij Roosenberg Waasmunster e Abdij van Postel Mol r Diocesaan Pastoraal Centrum Mechelen Mechelen t Kasteel Mariagaarde Hoepertingen y Priorij Onze-Lieve-Vrouw van Klaarland Bocholt u Priorij Onze-Lieve-Vrouw van Bethanië Loppem i Rosario Bever o Sareptha, het Stille Pand Brugge a Groenhove Torhout s Oud Katholiek Monasterium – De Goede Herder Temse d Sint-Benedictusabdij de Achelse Kluis Hamont-Achel f Sint-Pieters en Paulusabdij Dendermonde g Sint-Pietersabdij Steenbrugge & Huize Pax Assebroek h Abdij Onze-Lieve-Vrouw van Saint-Remy Rochefort j Abdij Saint-Maurice Clervaux-Luxemburg k Klooster Onze-Lieve-Vrouw van Ermeton Ermeton-sur-Biert Monastere N.D. Hurtebise-Saint-Hubert Saint-Hubert ; Abdij van Maredret Maredret 2)

l


BRIEF

BESTE EVA,

Het achtervolgt me al een paar weken: hoe is het mogelijk dat je in een appel hebt gebeten? Ik wil maar zeggen dat het in de streek waar het Paradijs zich volgens de bronnen bevond veel te warm was voor appels. Vijgen, ja, maar appels groeien alleen in gematigde streken. Een vertaalfout? In Genesis vond ik trouwens ook geen appel, maar een vrucht van een boom die goed was tot spijze, en dat hij een lust was voor de ogen. Een vijg, een appel, een perzik, het doet er allicht niet toe, want God heeft niet minach­ tend op je neergekeken nadat je van die boom van de kennis van goed en kwaad had gege­ ten. Hij heeft je niet met de vinger gewezen. Dat zou ook uiterst ongeloofwaardig zijn nadat hij jou en Adam naar zijn beeld had geschapen. Als man en als vrouw schiep Hij jullie, niet gelijk, maar gelijkwaardig; toch? Ik lees ook nergens in de Testamenten dat de vrouw als een treurende en boetedoende Eva met een bedekt hoofd haar dagen moet slij­ ten. Misschien hebben gemakzuchtige rab­ bijnen en Griekse filosofen, die het woord van God naar hun hand wilden zetten, dat er van gemaakt. Mannelijke censuur, geen goddelijke censuur als je ’t mij vraagt, beste Eva. Adam had je natuurlijk kunnen tegenhouden in plaats van zelf ook in de vrucht te bijten; misschien werd hij overvallen door zoveel schoonheid en liefde om zich heen. Misschien was hij verlangend naar jou aan het dagdro­ men, sprakeloos; hij is ook maar een mens. De eerste mens in het eerste verhaal. En elk verhaal kent een dramatische wending. De machtsgreep van Adam – hij is ook maar een

30  STILL#04

man? – had gevolgen. Hij gaf op vraag van God niet alleen de dieren een naam, maar ook jou, beste Eva, midden in het drama, waarmee hij je onderwierp, en dat tegen de wil van God. Het kan natuurlijk ook één grote misvatting zijn, zoals die appel. God had uit het niets de hemel en de aarde geschapen en uit de aarde de eerste mens en uit de helft van die eerste mens, jou Eva, de moeder van alle leven. Dat is niet niets. Je zou al eens in een appel of een perzik bijten als die je door een slang wordt aangeboden. Je zou je al eens gaan verzet­ ten tegen je Schepper. Ook de Schepper leek bovendien verrast door zijn schepping; alle begin is moeilijk. Als we er dus van uitgaan dat jij het noorden kwijt was toen de slang je de vrucht aanbood en Adam toen hij de macht wilde grijpen, dan is er geen schuldige aan de zondeval. Als we er echter van uitgaan dat jullie toen beiden bij volle bewustzijn waren, dan heeft Adam de orde verstoort, niet jij zoals velen denken. Want hoewel Adam je een schitterende naam gaf, heeft hij Gods gezag in de tuin van Eden daardoor ontkent. En God was wakker genoeg om in te zien dat Hij maatregelen moest nemen, voor jullie beiden. Jij zou afzien in het kraambed, Adam zou zwoegen op het land. Een zure appel. Wat als ik je vertel, beste Eva, dat God zelf een zoon zal hebben en dat hij hem zal opofferen om je hele nageslacht te redden? Zou dat er niet van getuigen dat Hij een immense liefde koestert voor de mens, dat Hij zichzelf wegcij­ fert en daarmee toont dat het belangrijk is dat we elkaar liefhebben, meer dan Hem?

WIE IS BART KOUBAA? Bart Koubaa (°1968) is schrijver en fotograaf. Zijn werk verschijnt bij uitgeverij Querido.

WAAR LIGT BART VAN WAKKER? Ik word onrustig van zaken die niet op hun plaats zijn – 22 kilogram plastic in de maag van een potvis, Trump in het Witte Huis, een gat in de ozonlaag… – en van mensen die zich volledig in het heden terugtrekken: geen verleden of toekomst, geen spijt of verlangen, maar nu nu nu!


EXPERIMENT

DEMO-MEMO Viviane en Erwin, Carlo en Jeanne en Mia en Miet. Zes mensen, waarvan drie met dementie. Zij reageerden op onze oproep naar duo’s om deel te nemen aan DEMOMEMO, in het S.M.A.K in Gent. Tijdens de demo verwoorden de mensen met dementie hun gedachten bij twee kunstwerken, terwijl de partners luisteren en de scriptor alles letterlijk neerschrijft. Bedenkster Bie Hinnekint van ‘The Courage to Grow Old’ giet hun exacte woorden in poëzie. Benieuwd? (Her)beleef de namiddag in deze reportage.

iver Uitschu /Evenwi ietvalt en cht datn taan zo blijft s

/ toren hoog ld gestape / rtement a p p a s a afw

hoe kan ik ken ant gera k r e v o e aan d r kaboute e d t k n e d

/ en/ raan kom e ik g a uw m jij een nie b e h / lt a uis Als het v / en verh t k a a m e rk g kunstwe d: buitenlan t e h r a a ik n g/ bedoelin wat is de egglijden zou het w rrast/ /kunst ve t/ vig of nie e t s t e ja/ h is t stevig/ e h t k a a m de klank t sterk. /nu is he

REDACTIE: NIKKIE STEYAERT | FOTOGRAFIE: FILIP ERKENS

VERSTILLING VERBINDING ENGAGEMENT  31


de voorbereiding

de ontvangst

Wanneer ik in het S.M.A.K. binnenkom, zie ik haar al staan aan het onthaal: Bie Hinnekint. Ze begroet me en neemt me meteen op sleeptouw door de tentoonstelling ‘Highlights for a Future’. “Ik heb de twee kunstwerken al op voorhand uitgekozen, maar ik loop vooraf toch nog graag even rond om het museum en de kunstwerken aan te voelen. Het is heel belangrijk dat ik de juiste werken selecteer. Het mag vooral niet te figuratief zijn”, vertelt Bie. “Ik kies kunstwerken die inviteren tot het openen van denkpatronen. Door die openheid van geest komen de mooiste gedachten naar boven.” We lopen trappen op en aanschouwen verschillende kunstwerken. Bie twijfelt, wikt en weegt. “Het gaat niet alleen om het kunstwerk, maar ook om het museum als plek. Je moet rekening houden met verschillende aspecten. Er moet bijvoorbeeld voldoende plaats zijn om in alle rust te kunnen zitten. De ruimte zelf mag ook niet te luid zijn, dat leidt de mensen af. Tijdens DEMO-MEMO wordt soms zelfs het geluid van andere installaties uitgezet, zodat de deelnemers ten volle kunnen opgaan in de muziek van Johan.” Wanneer Bie beslist heeft, gaan we terug naar beneden en wachtten we onze duo’s op in de hal. An, de gids, is er al en muzikant Johan Derycke heeft zich ondertussen ook bij ons gevoegd. Sinds 2017 werkt hij samen met Bie op DEMO-MEMO. “Muziek maakt bepaalde gedachten en gevoelens los, zeker bij mensen met dementie.” Ik ben benieuwd.

Een eerste duo komt door de deur, ze stellen zich voor als Viviane en Erwin, al 48 jaar getrouwd. Ze zien er beiden fris en vrolijk uit, ik kan niet zien dat één van de twee dementie heeft. We geven hen een toegangsticket en een naamsticker, die dragen we trouwens ook zelf. Terwijl we hun jas aannemen, komen nog twee andere duo’s binnen. Vriendinnen Miet en Mia en Carlo en Jeanne. Carlo heeft jongdementie en was goed bevriend met Jeanne haar overleden man. Ze komen helemaal van Geel. Als ik Mia vraag hoelang ze Miet al kent, antwoordt ze: ‘héél lang’. Mia heeft parkinsonisme, maar dat houdt haar niet tegen om hier vandaag te staan. “Het is leuk om samen een middagje uit te gaan.” “De kleine groep zorgt voor meer intimiteit", vertelt Bie. "DEMO-MEMO loopt al sinds 2015 in het S.M.A.K. en ik ben heel blij met onze samen­werking. Dankzij hun steun en hulp van het personeel, kan dit project blijven lopen. Elke keer blijft echter anders en telkens ben ik wel een klein beetje zenuwachtig vooraf, maar op een goede manier. Ik weet nooit wat te verwach­ten, dat maakt het dubbel zo fijn.”

Het juiste kunstwerk vinden, is al het halve werk

MUSEUM FOR A SMALL CITY // RICHARD VENLET

32  STILL#04

Jassen, naamstickers en een eerste kennismaking

bespreking kunstwerk 1

Ham, de zee en Huub Oosterhuis Het is de bedoeling dat Viviane, Mia en Carlo vertellen wat ze zien in het kunstwerk. De anderen zitten achter hun partner en zwijgen, luisteren en aanschouwen. An, gids in het S.M.A.K, fungeert bij DEMO-MEMO als scriptor en zal elk woord letterlijk opschrijven. Daarna verwerkt Bie de woorden in een gedicht. “We zoeken samen een titel en jullie kunnen steeds aanvullen. Het zijn jullie woorden, het is jullie gedicht. Alles kan en mag gezegd worden, niets is fout.” Bie straalt rust en vertrouwen uit. Ik zie dat de deelnemers er zin in hebben, maar ook nog wat terughoudend zijn. Mia en Miet geven toe dat ze niet goed weten wat ze moeten doen, ze schuifelen op hun stoel. Wanneer Johan op zijn klarinet begint te spelen, wordt het stil. De blikken gaan naar het beeld of naar de grond. Carlo sluit zijn ogen. Dan vraagt Bie aan Mia wat ze ziet. Ze denkt aan een liedje van Huub Oosterhuis, begint te neuriën en zingt zachtjes de tekst die ze zich herinnert. Carlo ziet de zee, ­eindeloos en ver weg. Viviane vertelt honderduit. Ze ziet zoveel. “Een gezicht, dat niet af is. Iemand die wacht op iets dat niet komt.” Bie neemt haar bij de hand en loopt rond het kunstwerk. Nog meer woorden volgen: “Een ham, iets droevigs, maar wel mooi.” Viviane buigt zich dichter naar het beeld en houdt haar handen in de lucht, alsof ze het graag wil aanraken. Bie heeft tien minuten nodig om het gedicht te maken. Ze gaat een eindje verderop op de grond zitten.


EXPERIMENT

het gedicht

Laat je gaan

De duo’s gaan weer zitten. Bie leest het gedicht voor. Iedereen is verrast. “Hebben wij dat gemaakt?” Ze zijn blij met het resultaat. Het geeft precies weer wat ze zagen. Een titel? “Laat je gaan”, zegt Carlo uit het niets. Iedereen knikt instemmend, dat wordt het. An vertelt ondertussen wat de kunstenaar met het beeld wou zeggen, ze verklapt dat het eigenlijk twee werken in één zijn. Carlo zat er met de zee helemaal niet ver van. Ik ben verwonderd, omdat ik het totaal niet zag. Misschien zorgt dementie ervoor dat je anders naar de dingen kijkt: puurder, minder oplossingsgericht en meer observerend.

“Viviane is ondertussen het meeste al vergeten, maar haar woorden zijn niet verloren.”

bespreking kunstwerk 2

Kabouters, een grote afwas en het buitenland We zitten in een andere ruimte. Voor ons staat een gigantisch beeld dat je uit je evenwicht brengt als je er rond stapt. Bie vraagt Johan nog niet te spelen, ze wil zien wat er komt, zonder muziek. Mia ziet enorm veel afwas en er wordt gelachen. De band tussen de deelnemers is opvallend sterker dan een uur geleden. Ze pikken in op elkaars gedachten. Viviane wil het aanraken, maar is het wel stabiel? “Als ik het breekt, verhuis ik naar het buitenland.” Nog meer gelach, gevolgd door een intense stilte. Iedereen denkt na. “Ik zie het niet, ik weet niet wat het betekent”, zegt Carlo. Johan begint te spelen, staccato klanken, snelle gejaagde noten. Het maakt me een beetje zenuwachtig. De muziek helpt, Carlo ziet het nu: “Is het stevig, of niet? Door de klank weet ik het: het is stevig.” Mia moet opnieuw denken aan een liedje, Willem Vermandere deze keer. Er vallen woorden zoals glazuur, en een kabouter die niet weet hoe hij naar de overkant moet. Opnieuw ben ik verwonderd over de interpretaties die naar boven komen. Ook An prijst de deelnemers. “De kunstenaar maakt een link naar de beeldtaal in het communisme. Alles wordt uitvergroot om indruk te maken. Maar daarom moeten wij dat als toeschouwer niet zomaar voor waar aannemen. We moeten durven de routine te doorbreken. Hoe kan je op een andere manier aan de overkant raken?” Mia knikt, ze zag het voor An het zei.

het afscheid

De woorden gaan niet verloren We staan opnieuw in de hal van het S.M.A.K. “Ik zou zeker nog eens meedoen”, zeggen Mia en Miet. “Iedereen is zo lief en geduldig.” Carlo vond het leuker dan verwacht. “Ik dacht dat we vooral gingen kijken, maar we mochten creëren. De muziek was ook echt een meerwaarde.” Erwin is blij dat Bie alles heeft vastgelegd in twee gedichten. “Viviane is ondertussen het meeste al vergeten, maar haar woorden zijn niet verloren. We hebben door de gedichten een aandenken aan deze dag, dat is heel fijn.”

MUZIEK WIE Johan Derycke

WAAR S.M.A.K., Gent

WAT Improvisatie op de klarinet, tijdens DEMO-MEMO

WOORD WIE Bie Hinnekint

WAAR S.M.A.K., GENT

WAT DEMO-MEMO veegt het verliesmodel van dementie radicaal uit om plaats te maken voor een andere beleving van dementie. De situatie van mensen met dementie wordt altijd gedefinieerd vanuit het verlies van vaardigheden, voornamelijk het aspect van het falend geheugen. The-Courage-to-grow-old beoogt een andere visie. Dementie is een proces van ‘bewustzijnsinvolutie’, dat wil zeggen een terugkeer naar een meer elementaire toestand waarin betekenisgeving langzaam verdwijnt en een maagdelijke vorm van ‘ervaring’ op de voorgrond treedt.

VERSTILLING VERBINDING ENGAGEMENT  33

> www.DEMO-MEMO.net

NO TITLE (STACKED PLATES) // ROBERT THERRIEN


“VERSTILLEN IS DE DAG VAN VANDAAG EEN KUNST“


> www.musketon.com

©MUSKETON

Musketon

WIE IS MUSKETON? Musketon is het creatieve alter ego van de 29-jarige Gentenaar, Bert Dries. Bert studeerde in Hasselt grafische vormgeving met een specialisatie in illustratie. Met een bachelor op zak besloot hij om zelfstandig artiest te worden. Vandaag, een kleine 12 jaar later, is hij nog steeds diezelfde artiest. Alleen meer volwassen en met een groot portfolio aan leuke projecten. Het beeld toont onze gedachten. Een doolhof waar je zelf een weg door moet banen om tot de essentie te komen. Een wirwar van verschillende mogelijkheden. Door op bepaalde punten in dit doolhof de juiste beslissingen te nemen, kom je tot het centrum. Kom je tot rust.

Verstillen is de dag van vandaag een kunst. Overal zijn er prikkels die je beletten om tot rust te komen. Geluiden, impulsen, notificaties, pop-ups die de aandacht wegtrekken van de essentie… Zelfs tijdens het schrijven van deze tekst werd ik meermaals uit mijn concentratie getrokken door een bericht dat achteraf niet eens belangrijk bleek te zijn. VERSTILLING VERBINDING ENGAGEMENT  35

  K U N ST

Doorheen de jaren ontwikkelde Bert zich meer en meer tot visual artist. Daar waar er op zijn diploma ‘Illustratief Vormgever’ staat, is hij vandaag veel meer. Hij blijft zichzelf uitdagen en is niet bang om uit zijn comfortzone te stappen. Zo heeft hij bijvoorbeeld de laatste videoclip voor The Chainsmokers geproducet. Die clip is al 35 miljoen keer bekeken!


BROOS KOEN Het keert steeds weer in mijn werk: de rust en de stilte. Het licht dat onze kijkrichting bepaalt. Het licht dat ons ook in het dagelijks leven steeds richting geeft, zonder het te beseffen. De rust in het beeld… Je weet dat er iets kan gebeuren, maar het is er nog niet, het komt.

“HET KEERT STEEDS WEER IN MIJN WERK: DE RUST EN DE STILTE”


©KOEN BROOS

> www.koenbroos.be

Het zien van twee kanten die elkaar proberen raken, aankijken en toch een soort afstand houden. Zoals twee bermen van de rivier, steeds naar elkaar kijken, elkaar nu nog niet ontmoeten, maar het komt. De bermen die beseffen: op een dag raken we elkaar aan.

  K U N ST

WIE IS KOEN BROOS? Koen Broos specialiseerde zich in schrijversportretten en theater­ fotografie en bepaalt mee de identiteit van culturele instellingen en bedrijven. Binnen de grenzen van een opdracht hanteert hij vrij zijn eigen taal. Zijn vrije werk bestaat uit onvoorspelbare en met opzet suggestieve beelden die hij in genum­ merde reeksen ordent. Koen werkt als fotograaf voor o.a. Sidi Larbi Cherkaoui, Theater Zuidpool, Compagnie De Koe en voor literaire uitgeverijen. Naast fotograaf werk hij o.a. voor graindelavoix als scenograaf en director of photo­ graphy.

VERSTILLING VERBINDING ENGAGEMENT  37


“MIJN WERK IS NIET LOUTER ILLUSTRATIEF, MAAR HEEFT DE VERBEELDING VAN DE KIJKER NODIG”


VERSTILLING VERBINDING ENGAGEMENT  39

©RACHEL GRUIJTERS

> www.larissaviaene.com

Mijn werk is een inspanning. Als illustrator ga ik een verbinding aan met de tekst, ik ga op zoek naar de extra laag tussen de woorden en voeg die toe aan mijn beelden. Er vormen zich twee verhalen. De fijne lijnen erdoorheen roepen op tot verbinding.

Mijn werk is niet louter illustratief, maar heeft de verbeelding van de kijker nodig. De illustraties vragen om een geëngageerd kijken, een willen begrijpen. Ik wil dat er energie ontstaat tussen het beeld en de kijker.

Mijn werk vernauwt de blik naar de essentie. In de eenvoud, het lijnenspel en de leegte vind je stilte. De sobere lijnen werken verstillend. Net zoals de woorden verstillen.

  K U N ST

WIE IS LARISSA VIAENE?

Larissa illustreert regelmatig poëzie. Haar bijdrages zijn geen letterlijke vertalingen, maar veeleer gevoelsmatige, abstracte weerkaatsin­ gen van tekst. Ze gebruikt eenvoudige lijnen en frisse kleurvlakken. Daarnaast schemert in haar werk de liefde voor het vreemde door dat een vertaling vindt in het gebruik van aparte, licht humoristische wezens.


WIE IS ANTOON VANDEPUTTE? • Antoon Vandeputte is van opleiding priester en onderwijzer. • Hij is aalmoezenier in de gevangenis van Brugge. • Daarnaast begeleidt Antoon projecten rond armoedezorg in Brugge en is hij pastoraal medewerker in enkele WestVlaamse voorzieningen voor mensen met een beperking.

40  STILL#04

Antoon Vandeputte

REDACTIE: VEERLE FRISSEN, FOTOGRAFIE: KÁROLY EFFENBERGER

“Afzondering en uitsluiting zijn zinloos. Het is net zoals een kind in de hoek zetten, maar niet uitleggen waarom”


ZO G E Z EG D

“HET HOEFT TOCH NIET ALTIJD WORST TE ZIJN? ” ANTOON VANDEPUTTE

“Waarom zou iemand met een leefloon geen biefstuk op het menu mogen zetten als die aan -30% wordt verkocht” NOEMT ZICHZELF GEEN PSYCHOLOOG,

maar eerder een ervaringsdeskundige. “Ouderdom is iets positiefs. Hoe rijker je bibliotheek aan ervaringen, hoe meer je kan vertellen en hoe meer vertrouwen mensen je geven. In mijn gesprekken met gevangenen wordt er niets genoteerd, dat maakt dat gedetineerden zeer open kunnen zijn.” VINDT FANTASIE HEEL BELANGRIJK omdat het de wereld draaglijker maakt. “Ik vind het zonde als een kind van amper 6 jaar te weten komt dat Sinterklaas niet bestaat. Ook volwassenen hebben nood aan fanta­ sie. Gedetineerden vertellen fantasiever­ halen om te ontsnappen aan de harde realiteit van de feiten die ze pleegden. Beetje bij beetje groeit hun vertrouwen om de werkelijkheid onder ogen te zien. Eens ze weer vertrouwen, kunnen ze beginnen rouwen om wat ze gedaan hebben.” IS ERVAN OVERTUIGD DAT een straf enkel zinvol is als er aandacht blijft voor verbinding. “Afzondering en uitsluiting, doen alsof iemand niet meer bestaat: dat is zinloos. Het is net zoals een kind in de hoek zetten, maar niet uitleggen waarom het in de hoek staat. Blijf contact houden, kort de afstand in totdat je opnieuw naast elkaar staat. En neem elkaar weer vast. Niemand is hopeloos. ‘Loos’ betekent ‘weinig’ voor mij, niet ‘zonder’. Met een sprankeltje hoop kan ik al iets doen.” IS VAN MENING DAT iedereen een tweede kans verdient. “Zelfs een derde en een

VERSTILLING VERBINDING ENGAGEMENT  41

vierde kans. Gedetineerden zijn niet hun misdaad. Ik begrijp wel dat een straf, hoe zwaar ook, de slachtoffers nooit bevre­ digt. Niet iedereen is geschikt om terug te keren naar de maatschappij. Voor hen is er gelukkig aangepaste zorg voorhanden in de vorm van internering. Zo kunnen ze, in beperkte mate, opnieuw een leven opbouwen in een maatschappij die bin­ nenshuis georganiseerd wordt.” LIGT WAKKER VAN regelneverij. “Er zijn mensen die buiten alle systemen dreigen te vallen. In het gevangeniswezen en bij instanties zoals het OCMW mis ik soms menselijkheid. Stel dat men op alle wegen ononderbroken witte lijnen zou schilde­ ren? Je rijdt achter een tractor, maar kilometerslang komt er geen tegenligger aan. Je zou toch ook gewoon over die witte lijn rijden? Dit doen we sommige mensen aan: we omwallen hun leven met volle witte lijnen.” ZAL NOOIT OORDELEN OVER mensen die in armoede leven. “Ze worden vaak met de vinger gewezen. Maar waarom zou iemand die moet rondkomen met een leefloon een keer geen biefstuk op het menu mogen zetten als die aan -30% wordt verkocht? Het hoeft toch niet altijd worst te zijn? Ik ken mensen die moord en brand schreeuwen omdat een vrouw eerst voor 1 euro in een sociaal restau­ rant eet en vervolgens een ijsje bestelt op de grote markt. Ze vergeten wel dat die vrouw nooit op vakantie gaat.”

KOMT TOT RUST in zijn appartement in

Brugge. “Het is mijn veilige cocon, mijn eiland. Het werk verdwijnt en ik laat los. In de gevangenis moet ik standaard mijn gsm afgeven. Ik ben heel blij dat ik die gewoonte ook thuis heb aangeleerd. En als ik thuis geen rust vind, bezoek ik mijn moeder of spring ik op de fiets.” BLIJFT THUIS VOOR tv-programma Down The Road. “Het is fantastisch te zien dat jonge mensen met het syndroom van Down samen op reis gaan en helemaal zichzelf kunnen zijn, zonder compromis­ sen. Ze spelen geen toneel. Ik heb vroeger vaak met mensen met een beperking gewerkt. Na al die tijd herkennen ze me nog en begroeten ze me met evenveel enthousiasme. Ik noem dat het lucht­ haveneffect. In al mijn functies heb ik trouwens het geluk gehad om met ‘echte’ mensen in contact te komen.” IS ERVAN OVERTUIGD DAT geloof overal te vinden is. “Ik bedacht een tijdje geleden tijdens een vorming een spel à la Scrab­ ble om met alle letters van het woord ‘geloven’ nieuwe woorden te vormen. De mogelijkheden bleken eindeloos. Iemand wou me te slim af zijn en zei dat het enige woord dat je met alle letters van geloven kon maken, ‘vogelen’ is. Dan denk ik: de beslissing van 2 mensen om vol overgave te kiezen voor nieuw leven: is dat niet evengoed geloven?”


REDACTIE: NIKKIE STEYAERT, FOTOGRAFIE: KÁROLY EFFENBERGER

ANN VERSCUREN? • Ann werkt als pastor in het psychiatrisch ziekenhuis Asster in Sint-Truiden en begeleidt daarnaast al 8 jaar rouwgroepen aan de Universitaire Parochie van KU Leuven. • Samen met haar man Hans woont ze in Kessel-Lo waar ze graag samen op de tandem rondfietsen en klaprozen spotten. • Ze houdt van rituelen en symbolen, de zee en klein geluk.

42  STILL#04

Ann Verscuren


ZO G E Z EG D

“JE MAG HET GERUST EENS ONEENS ZIJN MET JEZUS” ANN VERSCUREN

HECHT VEEL WAARDE AAN verhalen.

“Ik hou van wezenlijkheid, iets waar diepgang in zit. Mensen delen met mij hun herinneringen en laten in hun hart en hoofd kijken. Dat vertrouwen is heel mooi. Ook in Bijbelverhalen vind ik dat ‘essentiële’: ze gaan altijd ergens over, je moet het gewoon willen zien en begrij­ pen. Ik gebruik soms het Emmaüsver­ haal wanneer ik spreek over rouw. De apostelen herkennen Jezus niet, terwijl hij vlak naast hen loopt. Ook wij dragen onze overledenen met ons mee, zonder dat we hen zien. Maar we herkennen ze wel in het breken van het brood, in die kleine dingen die hen typeren: een uitspraak, hun lievelingseten, een plaats waar ze graag kwamen... Op die manier moeten we hen niet loslaten, maar leren we hen anders vasthouden.” BEWEERT DAT een verschil in betekenis soms leidt tot conflicten. “Wij bekijken de dingen vaak te zwart-wit met te veel nadruk op de naakte feiten en te weinig oog voor wat erachter schuilt. Neem nu het hele hoofddoekendebat. Voor

“In de godsdienstles gaat het om leren over en respect hebben voor elkaars overtuiging, niet om bekeren” VERSTILLING VERBINDING ENGAGEMENT  43

moslimvrouwen is het haar heilig en heel intiem. Hen verplichten hun hoofddoek af te nemen is in dat opzicht dus hetzelfde als mij vragen om topless over straat te lopen. Dat lijkt compleet verschillend, maar dat is enkel omdat wij er een andere betekenis aan geven.” LIGT WAKKER VAN haar rol als rouwbe­ geleider. “Veel mensen denken dat het verdriet van de mensen en dat kunnen loslaten na de werkuren, het zware gedeelte is van mijn job. Ik ervaar dat echter niet op die manier. Integendeel, twee uur lang luisteren naar oppervlak­ kige gesprekken vind ik veel vermoeien­ der. Het is de vraag of ik het wel goed doe, die mij bezighoudt. Er bestaat geen kant-en-klaar handboek voor omgaan met rouw en veel gebeurt intuïtief, dat maakt mij soms onzeker. Maar je mag de rol van begeleider ook niet overschatten. Ik kan niet rouwen in iemands plaats, dat moeten ze zelf doen. Het is een levenslang proces van pendelen tussen stilstaan bij het verlies en verder gaan met het leven.” IS ER ZEKER VAN DAT de sterkte van een lotgenotengroep ligt in herkenning en erkenning. “Wanneer je iemand verliest, lijkt het alsof je hele wereld stilstaat. Rondom jou loopt alles echter gewoon door. Na een tijdje vraagt je omgeving vaak niet meer hoe het met je gaat of hoe je je voelt. In een lotgenotengroep heb je dan wel nog ruimte om je hart te luchten. Je voelt je er veilig en begrepen, omdat

iedereen door iets gelijkaardigs gaat. Er is vaak opluchting dat de lotgenoten situaties herkennen. ‘Het is niet gek dat ik zijn stem nog wil horen op de gsm, jij hebt dat ook…’ IS ER VAN OVERTUIGD DAT Pasen altijd om de hoek schuilt. “In het psychiatrisch zie­ kenhuis kom ik soms patiënten tegen die geen einde zien aan hun pijn en lijden. Ze hebben alle hoop verloren, er is enkel nog de leegte van Goede Vrijdag. Ook mensen in rouw kunnen datzelfde gevoel ervaren. Ik wil naast die leegte ook de sprankeltjes hoop en leven blijven zoeken, samen met hen. Ik zal blijven geloven in een beetje Pasen.” HEEFT EEN MENING OVER armoede. “Ik vind het schrijnend dat er in België nog steeds mensen zijn die niet rondkomen of op straat leven. Natuurlijk geef ik ook veel om onderwijs, milieu en het klimaat, maar ik geloof dat die er vanzelf op vooruitgaan als we inzetten op armoede. Mensen gaan er vaak van uit dat armen niet om het klimaat geven, maar zij heb­ ben gewoon niet de middelen om bewust met het milieu om te gaan. De goedkoop­ ste optie is in veel gevallen niet de meest milieuvriendelijke.” PLEIT ERVOOR Jezus een plaats te (blijven) geven binnen het onderwijs. “In veel katholieke scholen zitten er verschillende andersgelovigen, maar daarom moeten we Jezus en de Bijbel niet angstvallig uit de weg gaan. Andere religies moe­ ten op hun beurt aan bod komen in de godsdienstles. Het gaat om leren over en respect hebben voor elkaars overtuiging, niet om bekeren. Je mag het ook gerust eens oneens zijn met Jezus. Hij is niet onaantastbaar en dat maakt de relatie met hem menselijk. Als je die bewe­ gingsruimte niet toelaat, krijg je rigide denkpatronen. We moeten onze geest open houden.”


v

“VERGEET NOOIT DAT JIJ MORGEN DE HULPVRAGER KAN ZIJN” DRIE-DUBBELINTERVIEW OVER VLUCHTEN EN AANKOMEN REDACTIE: NIKKIE STEYAERT & MATTIAS DEVRIENDT | FOTOGRAFIE: MATTIAS DEVRIENDT, FILIP ERKENS

23.000: zoveel asielaanvragen liepen er in 2018 in België binnen. Oorlog, politieke ideeën, seksuele geaardheid, geloofsovertuiging. Syrië, Afghanistan, El Salvador, Eritrea. Genoeg redenen en plekken. Maar ook binnen ons schijnbaar veilig Belgenlandje zijn kinderen en volwassenen op de vlucht. Pestende klasgenoten, dwingende pooiers, veeleisende dealers of agressieve partners. Wie vlucht, hoopt op een veiliger leven met meer kansen. Je weet wat je achterlaat, maar je weet niet wat er komt. Wij spraken met Myriam, bijna 20 jaar slachtoffer van huiselijk geweld, met Annelies Wynant die 8 jaar als Protection Officer en supervisor werkte op het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen in Brussel en met Geert Danneels, coördinator van Huize Triest, een vluchthuis en opvangcentrum voor armen en daklozen van Broeders van Liefde in Gent. “Er zal altijd iemand zijn die je wil helpen, je moet het alleen durven vragen.” “Ik was 24 toen ik als Protection Officer mijn eerste interview deed met asielzoekers”, vertelt Annelies. 2 maanden geleden koos ze na 8 jaar voor een andere functie op het ­Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen, maar als ze vertelt, lijkt het alsof ze het nog steeds doet. “Ik moet zeggen dat die gesprekken best overweldigend waren in het begin. Er zit een man of vrouw voor je, vaak met advocaat en tolk, die zijn of haar land is ontvlucht, weken onderweg is geweest en in 3 of 4 uur tijd aan mij helder moet uitleggen waarom het onmogelijk is om terug te keren naar het land van herkomst. Zo’n gesprekken verlopen vrij onvoorspelbaar. Wij moeten heel erg inspelen op het moment om het verhaal zo volledig en zorg­ vuldig mogelijk in kaart te brengen. De beslissing die wij op basis daarvan nemen, is voor hen levensbepalend.” BLAUW OOG Vluchten, waarom doen mensen dat eigenlijk? Annelies: “Dat is heel uiteenlopend. Elk verhaal

44  STILL#04


vluch   I N T E RV I E W

DRIE-DUBBELINTERVIEW OVER VLUCHTEN EN AANKOMEN in bij zijn ouders, maar daar mocht ik me niet domiciliëren. Ik raakte in de proble­ men met mijn identiteitsdocumenten omdat ik geen wettelijk adres had. Mijn uitkering verviel en ik mocht niet aan het werk. Na een jaar werd mijn nieuwe part­ ner gewelddadig. Ik maakte mezelf wijs dat ik het gewoon moest accepteren: de slagen, een blauw oog, de verbale agressie en vooral de angst. Ik werd zijn speelbal: hij werkte alles op mij uit en ik liet hem begaan. Ik kon maar niet geloven dat ik opnieuw in dezelfde situatie verzeild was geraakt. Ik was zo afhankelijk van hem:

Geert

VERSTILLING VERBINDING ENGAGEMENT  45

© FILIP ERKENS

is anders. Weet je, heel veel mensen willen helemaal niet vluchten. Ze zeggen mij letterlijk ‘ik had nooit gedacht dat ik mijn land zou moeten verlaten’. Maar door omstandigheden blijkt vluchten hun enige uitweg om te overleven. Als zo iemand voor je zit, snijdt dat wel. Daarom is de grondgedachte van het vluchtelingenver­ drag dat we kijken of mensen eerst in hun eigen land veiligheid kunnen vinden en dan pas in het buitenland.” Myriam: “Bij mij was vluchten inderdaad de enige uitweg. Mijn partner was enorm gewelddadig en agressief. ’s Avonds kwam hij vaak dronken naar huis en dan moest ik het bekopen met fysiek en verbaal geweld. Als ik hem hoorde thuiskomen, stond mijn hart stil. Ik was doodsbang. Een brood kopen? Daar moest ik eerst toestemming voor vragen. Ik mocht ook niet zomaar het huis verlaten om langs te gaan bij vrienden of familie. Hij zag mij als zijn eigendom. Mijn kinderen waren uiteindelijk mijn drijfveer om te vertrek­ ken. Ze wilden geen contact meer met hem, ze vroegen mij om te vertrekken. Dat was het moment waarop ik ‘stop’ zei. Ik trok weg en leerde een nieuwe man kennen. Hij had problemen met zijn gezondheid, met de belastingen en met het gerecht, maar hij was lief en attent. Dus vertrouwde ik hem. Ik verkocht mijn huis in Vilvoorde en trok

geen werk, geen geld, geen eigen huis en geen familie bij wie ik terecht kon. Ik had letterlijk niets of niemand. Duizend keer heb ik me afgevraagd wie me kon helpen. Op zeker moment had ik er genoeg van. Ik zei voor de tweede keer stop en besloot om deze keer écht hulp te vragen.” Je bent uiteindelijk meer dan 20 jaar samen geweest met gewelddadige mannen. Waarom heeft het zo lang geduurd voor je vluchtte? Myriam: “Ik wilde een perfect gezinnetje. Een kind heeft een mama én een papa nodig. Dat idee kon ik niet loslaten. Het heeft jaren geduurd voor ik besefte dat mijn man er in theorie wel was, maar in de praktijk niet. Hij was totaal afwezig in het leven van de kinderen. Ze werden bovendien constant geconfronteerd met zijn gewelddadig karakter. Het was ont­ zettend moeilijk om te vertrekken. Ik had niemand bij wie ik kon aankloppen, want mijn familie had met mij gebroken omwille van mijn keuze voor mijn eerste partner. Ze schaamden zich voor die relatie. Ik leefde twintig jaar in angst omdat ik dacht dat er niemand was die me kon helpen, maar nu weet ik dat dat niet klopt. Er zijn

“Hulpverleners moeten vooral inzetten op zelfredzaamheid en zelfvertrouwen zodat ze na een tijdje overbodig worden”


Myriam

altijd uitwegen en je moet die zelf zoeken. Niemand kan je lasten dragen, als je ze niet durft te delen. Niemand zal naar je verhaal luisteren, als je niet wil spreken. Een eerste keer om hulp vragen is zeer moeilijk, dat weet ik. Maar eenmaal je die stap overwint, gaat de bal aan het rollen. Echt waar, er zal altijd iemand zijn, daar ben ik het levende bewijs van.” Hoe komt het dat mensen het zo moeilijk hebben om hun ‘thuis’ te verlaten? Geert: “Ik zit al 39 jaar in het vak en soms denk ik bij mezelf: Geert, wat heb je nu bereikt? Mensen hervallen, willen niet geholpen worden, hun familie verzeilt in dezelfde problemen,… De geschiedenis herhaalt zich keer op keer. Soms kom ik mensen tegen die me 35 jaar gele­ den uitgescholden. Ze zitten in dezelfde

“Wie hulp vraagt aan het OCMW, vraagt vooral het recht om te bestaan”

miserie en beseffen nu pas dat ik toen al het beste met hen voor had. Het lijkt alsof het slechte ons aantrekt en we maar niet leren uit onze fouten. Dat is de befaamde vicieuze cirkel, hé: het kost ontzettend veel moed en moeite om stop te zeggen en uit een milieu te stappen. De drijfveer moet

46  STILL#04

v

sterk genoeg zijn én de persoon in kwestie moet het gevoel hebben het alleen aan te kunnen. Hulpverleners moeten dus vooral inzetten op zelfredzaamheid en zelfver­ trouwen zodat ze na een tijdje overbodig worden. Maar goed, ik blijf me optrekken aan alle mensen die wel geholpen zijn en een beter leven opbouwden. Ook de jongeren die vragen wat ze kunnen doen om onze mensen te helpen of een beetje van hun studentengeld doneren, geven mij hoop.” RACIST Vluchtelingen vertrekken, maar weten niet waar ze zullen aankomen. Het enige wat ze willen is een veilige plek. Met welke angsten kampen mensen die op de vlucht zijn? Geert: “Veel vrouwen die hier aankloppen, hebben slechte ervaringen met mannen. Ik moet me daar als mannelijke hulpver­ lener bewust van zijn. Ze stellen zich vaak zeer defensief op en het is belangrijk hen voorzichtig te benaderen. Hetzelfde geldt trouwens voor hun kinderen. Er waren eens kindjes van een vrouw die zich in de kast verstopten, telkens als ik opdook. Puur omdat ik een man ben.” Myriam: “De eerste maanden had ik veel schrik om mijn ex tegen te komen. Ik herinner mij de eerste september nog heel levendig. Ik was zo bang dat mijn ex-partner mijn kinderen zou opwachten aan school, dat hij hen zou lastigvallen of pijn zou doen. Door de angst te delen met mensen in het vluchthuis, werd ze echter lichter. En ik kon rekenen op de politie. Zij zijn er om te helpen. Ondertussen heb ik mijn angst overwonnen. Pas op, ik zal me als vrouw altijd een beetje onveilig voelen op straat, omdat ik gewoon niet dezelfde fysieke kracht heb als een man. Maar ik ben vrij, ik kan gaan en staan waar ik wil en ik moet geen verantwoording meer afleggen. Maar het is niet gemakkelijk om de knop om te draaien. Dat heeft echt tijd nodig.” Geert: “Ik ben het gewoon dat ik in dit vak met agressie geconfronteerd word. Er is altijd wel iemand die op wraak uit is. Ik ben soms de buffer tussen de hulpzoe­ kende en diegene of datgene waarvan ze vluchten. Ooit stond er een man voor

mijn neus die mijn eigen gezin bedreigde. Dan moest ik even slikken, maar ik weet waar ik aan begonnen ben. Schrik heb ik niet echt. Ik krijg vaak scheldwoorden naar mijn hoofd geslingerd. Maar ik besef dat agressie meestal voortkomt uit angst en verdriet. Daardoor kan ik het beter plaatsen.” Wie beslist te vluchten, laat zijn huis, land en cultuur achter en komt in iets nieuw terecht. Hoe lastig zijn die cultuurverschillen? Geert: “Cultuurgebonden oorzaken zijn vaak de reden waarom mensen vluch­ ten en op straat belanden. De dakloze is heus niet meer de aan alcohol verslaafde oude man met de baard, maar eerder de gekwetste tiener, de homoseksuele man die niet geaccepteerd wordt binnen zijn omgeving, de rijke zelfstandige uit Sint-Martens-Latem die plots failliet gaat en alles verliest of de mishandelde vrouw. Ik probeer heel correct te zijn en de mensen hier ook wat waarden bij te leren. Respect is belangrijk, ik help wie het nodig heeft. Wie op eigen benen kan staan, moet ook weer vertrekken. Ik moet een grens trekken in wat kan en wat niet kan. Dat is niet altijd simpel. Soms noemen ze mij ‘racist’, als ik iets niet wil doen of hulpver­ lening stopzet. Dat soort dingen kunnen bij mij niet door de beugel. Pas op, ik pen niet alles neer wat hier gebeurt, net omdat groeien gebeurt met vallen en opstaan.


vluchten   I N T E RV I E W

DRIE-DUBBELINTERVIEW OVER VLUCHTEN EN AANKOMEN

Soms moeten we iets door de vingers zien, omdat dat op dat moment het beste is voor de persoon in kwestie.” Annelies: “Ja, die cultuurverschillen zijn soms enorm groot. Wij proberen echter om elke persoon op een gelijkwaardige manier te interviewen. Soms moeten we de moeilijkheidsgraad van onze vragen aanpassen, kinderen laten we tekenen wat ze meegemaakt hebben en we hebben ook tools om hen te helpen als ze er de woorden niet voor vinden. Weet je, er zijn mensen die het interviewconcept vraag-antwoord niet eens beheersen. Toch moeten we ervoor zorgen dat ook zij de juiste elementen uit hun verhaal vertellen in die 3 à 4 uur. Natuurlijk zouden zij 2 of 3 dagen kunnen blijven vertellen, maar wij zijn geen psycholoog en ook geen hulpverlener.”

OP STRAAT Jij bent wel hulpverlener, Geert. Wat is helpen voor jou? Geert: “Helpen is luisteren en doen. En dat zit vaak in kleine dingen. Maandverban­ den halen in de winkel, mee wandelen op straat zodat een vrouw zich veilig voelt, zoeken naar een huis, wetgeving uitplui­ zen, op vrijdagavond de jongens eens meenemen naar het voetbal, iemand een rustpunt geven. Je moet ervoor zorgen dat de hulpvrager gedragen, gezien, gevoeld en gehoord wordt. En er staan, ook op mindere momenten. Vergeet nooit dat jij morgen de hulpvrager kan zijn. Mijn vader heeft een zwaar ongeval gehad waardoor hij beide benen is verloren. Van de een op de andere dag was hij zijn werk kwijt. Het kan allemaal zo snel gaan. Maar ook dan moet je hulp durven vragen. Desnoods aan de politie. Zij zijn mijn beste vrienden.

VERSTILLING VERBINDING ENGAGEMENT  47

Vaak rijden zij ’s nachts rond met mensen in de combi, op zoek naar een plaats voor overnachting. Ze weten dat ze hier terecht kunnen. Het is een wisselwerking, want ik weet ook dat ik op hen kan rekenen als het hier misgaat. Politiemannen en voorname­ lijk -vrouwen zijn bovendien heel gevoelig voor bepaalde situaties. Het zijn ook moeders en dochters.” Myriam: “Helpen gaat niet alleen over geld of spullen. Wie hulp vraagt aan het OCMW, vraagt vooral het recht om te bestaan. Soms is er gewoon nood aan een luisterend oor, een lief woord, iemand bij wie je je verhaal kwijt kan en die je last wil delen. Het feit dat je als mens wordt behandeld, dat je gezien en gehoord wordt, is enorm belangrijk en versterkt het zelfvertrouwen. Je mag niet verge­ ten dat mensen in nood vaak twijfelen aan hun recht om te bestaan. Dat is heel pijnlijk. Anders dan vluchtelingen heb ik gelukkig wel een paspoort en recht op financiële bijstand. Maar vrijheid is een basisrecht. Legaal of illegaal in het land: iedereen heeft het recht te bestaan.” Luisteren is volgens jullie cruciaal, maar mensen op de vlucht kampen vaak met stress, vermoeidheid, wantrouwen en trauma’s. Hoe stel je hen op hun gemak zodat ze hun verhaal durven brengen? Annelies: “Door te tonen dat je écht naar hen zal luisteren. Wij moeten alles noteren wat er gezegd wordt. Er staat dus een laptop tussen ons in. Ik vind het zelf enorm

Annelies

“Wij mogen niet ongevoelig zijn, maar dat wil niet zeggen dat we emotionele beslissingen moeten nemen, anders wordt ons beleid er één van willekeur” belangrijk om ondanks dat scherm in te zetten op een goeie connectie. Ik geef een rustige inleiding, bied hen iets om te drinken aan, maak heel veel oogcontact en zeg hen ook letterlijk dat elk element uit hun verhaal vertrouwelijk is en niet doorgegeven wordt aan andere instanties. Wij werken immers onafhankelijk. Wat hier gezegd wordt, heeft enkel als doel om een zo correct mogelijke beoordeling van de nood aan bescherming te maken. Dat is heel belangrijk, zowel voor ons als voor hen. Het gaat immers vaak om heel gevoe­ lige informatie uit de privésfeer waar ze soms nog nooit over gepraat hebben. Zij moeten weten dat ik niet doorvraag uit sensatie, maar wel in het belang van hun


procedure. Op het einde bedank ik hen altijd en zij mij ook soms.” Myriam: “Zo moet het, want op heel veel plekken luisteren ze niet. Toen ik bij het OCMW aanklopte, deed ik mijn hele verhaal uit de doeken. Ze verwezen me door naar een opvangcentrum. Ik vertrok samen met mijn kinderen en onze valiezen. De volgende ochtend moest ik het centrum verlaten. Mijn partner was erheen gegaan en had allerlei leugens verteld. Daardoor moest ik noodgedwongen naar hem terugkeren. Ik kon me totaal niet verdedi­ gen. Zijn verhaal was mijn waarheid. Daar stond ik dan: op straat. Ik was wanhopig en enorm teleurgesteld. Na al die jaren had ik eindelijk de moed gevonden om hulp te zoeken, en het leverde niets op. Niet veel later ben ik opnieuw gevlucht met mijn kinderen. We sliepen in het park. Mijn kinderen bleven de hele tijd dicht bij me omdat ze bang waren dat ze me zouden kwijtraken. We hadden geen geld en geen

dak boven ons hoofd. Een vriend raadde me aan om de politie te bellen en dat heb ik gedaan. Dat is het moment waarop mijn leven drastisch is veranderd. Ze zochten een plaats voor mij en mijn kinderen, waar we 4 nachten konden blijven. Na twintig jaar voelde ik voor het eerst hoop. Mijn kinderen konden slapen in een bed en kre­ gen lekker eten. Dat was het bewijs voor mij dat er altijd iemand is. Dat, als je blijft proberen, er altijd wel een deur opengaat.” Dat is gek, want je hebt in je leven vooral mensen gehad die je vertrouwen geschonden hebben. Myriam: “Ik had inderdaad een zeer groot wantrouwen. Beeld je eens in dat je eigen mama en papa weten dat je geslagen wordt, maar niets doen vanuit het idee dat je er zelf voor gekozen hebt en dat het daarom jouw fout is! Als je eigen familie al niet wil helpen en je partners misbrui­ ken je vertrouwen, op wie kan je dan nog rekenen? Wie kan je dan nog vertrouwen?

CIJFERS OVER PARTNERGEWELD IN BELGIË bron: www.rosavzw.be, www.dewereldmorgen.be, VRT Nieuws • Een op de vijf vrouwen wordt in de loop van haar leven slachtoffer van partnergeweld. • Per dag registreert de politie gemiddeld 120 aangiftes van partnergeweld. • Gemiddeld doet een slachtoffer van partnergeweld pas aangifte na 35 incidenten. • De Belgische huisartsen zien jaarlijks minstens 8.000 gevallen van partnergeweld. In de helft van de gevallen schrijft de huisarts een attest van slagen en verwondingen. Vier op

de vijf slachtoffers zijn vrouwen, negen op de tien daders mannen. De meeste slachtoffers zijn tussen 25 en 55 jaar oud. • Het risico op nieuwe aanvallen van partnergeweld vermindert met 32% als het slachtoffer een dokter inschakelt en met 59 tot 70% als zij/hij naar de politie stapt, ongeacht of de dader gestraft wordt of niet. • In gewelddadige thuissituaties worden in vier op de vijf gevallen ook kinderen blootgesteld aan geweld. In drie van de vijf gevallen worden ze zelf ook slachtoffer.

GEWELD OF MISBRUIK: BEL GRATIS 1712 Bent je slachtoffer, getuige, of vermoed je ergens geweld of misbruik? Het centrale meldnummer 1712 is er voor iedereen, ook voor kinderen. Je kan elke werkdag bellen tussen 9 en 17 uur voor al je vragen rondom geweld en misbruik. Het nummer is gratis en verschijnt niet op je telefoonrekening. Daarnaast kan je altijd terecht bij de politie, een justitiehuis, je huisarts of een opvanghuis/ vluchthuis.

48  STILL#04

Uiteindelijk was het de politie die mij naar een veilige plek bracht. Plots hadden we een bed, dan een voor vier dagen, en uit­ eindelijk een langdurig onderdak. Het was de eerste keer in 20 jaar dat mensen mij hielpen. Zo groeide mijn vertrouwen.”

v

GENÈVE Vluchtelingen nemen enorme risico’s om hun land te ontvluchten. Begrijp je dat het voor hen frustrerend is als ze hier te horen krijgen dat hun probleem ‘niet erg’ genoeg is om asiel te krijgen? Annelies: “Dat begrijp ik zeker. Wij zijn geen robots hé, wij mogen niet ongevoelig zijn voor hun verhaal, maar dat wil niet zeggen dat we emotionele beslissingen moeten nemen, anders wordt ons beleid er één van willekeur. Onze job is om de internationale afspraken over ‘vluchten’ zo goed mogelijk toe te passen. Die afspra­ ken zijn na Wereldoorlog II vastgelegd in de conventie van Genève en 147 landen onderschrijven die vandaag. (zie kaderstuk, nvdr.) Pas op, je moet je dat niet voor­ stellen als een checklist waar mensen aan moeten voldoen. Het is een juridisch kader. Als er iemand voor ons zit, is het aan ons om vast te stellen in welke mate hun ver­ haal hen asielrecht biedt in ons land. We beslissen nooit alleen. Er gaan verschil­ lende mensen over elk dossier, precies om willekeur of afwijkende beslissingen te vermijden. Kijk, met een goeie procedure en een sterk juridisch kader is het voor ons eenvoudiger om een beslissing te motiveren en voor de vluchteling om ze te aanvaarden. Er zijn mensen die me sterk geraakt hebben, maar die we hebben moe­ ten weigeren en er zijn evengoed anderen die ik helemaal niet sympathiek vond, maar die een zeer sterk dossier hadden en dus ook groen licht kregen.” Je moet het emotionele van hun verhaal dus wat kunnen loslaten… Annelies: “Inderdaad. Dat is eigen aan wie werkt met mensen zeker? Doordat we 4 gesprekken per week hebben en het contact zich tot die paar uur beperkt, blijft de inhoud ervan niet zo lang hangen. Er is altijd weer een nieuwe persoon, een nieuwe vluchteling, een nieuw verhaal. In die 8 jaar dat ik als Protection Officer werkte, ben ik 2 keer emotioneel gewor­


I N T E RV I E W den en heb ik een korte pauze moeten inlassen tijdens het interview. Het zijn de herkenbare dingen die mij het meest raken zoals mensen die een kind of partner zijn verloren. Dan denk ik wel eens: ‘amai, daar had ik kunnen zitten’. Het is mij 1 keer overkomen dat ik op straat herkend werd door een koppel dat destijds een positieve

beslissing had gekregen. Dat was wel fijn.” Geert: “Het is soms moeilijk om hulp­ verlener te zijn omdat we vaak tegen verschillende wetmatigheden aanlopen. Ik wil veel voor hen doen, maar het kost vaak veel tijd om dingen in orde te krijgen. Dat frustreert mij. Ik vind het vreselijk om naar huis te gaan en te weten dat iemand

hier zich emotioneel heel ellendig voelt. Soms zit ik te huilen in mijn wagen. De deur dichttrekken en het allemaal loslaten: dat is in mijn job één van de moeilijkste dingen. Één van de dingen waarvoor ik niet zou slagen op een examen (lacht).”

vluchten DRIE-DUBBELINTERVIEW OVER VLUCHTEN EN AANKOMEN

AANKOMEN IN BELGIË? ZO GAAT HET IN ZIJN WERK!

! Dienst Vreemdelingenzaken (Klein

MYRIAM?

• Myriam is een schuilnaam. • Ze is van Turkse afkomst. Vluchtte weg van haar eerste en haar tweede partner nadat die haar jarenlang mishandelden. • Ze zoekt momenteel naar een huurhuis, leert Nederlands en werkt vooral aan zichzelf en haar binnenkant. Ze wil een rolmodel zijn voor haar kinderen. • Ze heeft zelf vier prachtige kinderen. ‘Zij zijn mijn winnende lottoticket.’

GEERT DANNEELS? • Geert is coördinator van Huize Triest in Gent, een centrum voor armen en daklozen. Er is ook een vluchthuis voor langdurige opvang. • Hij is sinds kort opa van 2 kleinkinderen. • Hij speelde in zijn jonge jaren bij FC Latem en Eendracht Leerne. • Geert werd als jong talent gevraagd naar 1ste Nationale Lokeren te gaan, maar mocht niet van zijn vader.

ANNELIES WYNANT? • Annelies is gehuwd met Mathias en mama van 2 kindjes. • Ze groeide op in Kortrijk en woont nu in Sint-Gillis.

VERSTILLING VERBINDING ENGAGEMENT  49

Kasteeltje): de asielzoeker krijgt een oranje kaart. • Een kort intakegesprek. • Er is recht op opvang (in een opvangcentrum) en medische zorg door Fedasil. • Kinderen kunnen naar school gaan.

" Commissariaat-generaal voor de

Vluchtelingen en de Staatlozen • Ontvangen van het dossier met basisinformatie. • Een Protection Officer nodigt de asielzoeker uit voor een lang interview waarin de asielzoeker kan vertellen waarom hij gevlucht is of niet kan terugkeren. Medische attesten, documenten, bewijsstukken en andere papieren worden aan het dossier toegevoegd. • Een supervisor doet een kwaliteitscontrole en geeft een tweede mening. • De beslissing wordt juridisch onderbouwd en gemotiveerd. Er wordt eerst gekeken of er een oplossing in het land van herkomst mogelijk is en dan pas in het land van aankomst. • De commissaris-generaal neemt het finale besluit en de verantwoordelijkheid over de beslissing.

# De beslissing wordt individueel en per

brief meegedeeld. Iemand kan erkend worden als vluchteling op basis van de conventie van Genève omwille van etniciteit (vb. etnische zuivering), religie (vb. religieuze minderheid), nationaliteit (vb. Palestijnse kwestie), politiek (vb. persvrijheid) of sociale groep (vb. gender). Je kan ook zogenaamde ‘subsidiaire bescherming’ genieten omwille van een conflict (vb. Syrië), foltering of doodstraf. a. Raad voor vreemdelingen­ betwistingen • De asielzoeker kan de beslissing betwisten in beroep. b. Dienst Vreemdelingenzaken • Wie groen licht krijgt, wordt doorverwezen naar het OCMW of andere hulpverleningsinstanties om de integratie op te starten (oa. huisvesting, werk,…).


50  STILL#04

Noëlla heeft een zoon, Jelle (23). Hij heeft het Potocki Lupski syndroom, een erfelijke aandoening waardoor hij een algemene ontwikkelingsachterstand heeft. Samen met haar dochter Femke zorgt ze voor Jelle in het ouderlijk huis.

MOEDER, DOCHTER & ZOON

NOËLLA SCHOUTEDEN (57) & FEMKE KREEMERS (25) GRUITRODE

 ENGAGEMENT | MANTELZORG

REDACTIE: NIKKIE STEYAERT, FOTOGRAFIE: BOUMEDIENE BELBACHIR


VERSTILLING VERBINDING ENGAGEMENT  ENGAGEMENT 51 51

Testen  “Toen Jelle nog klein was, wisten we niet wat er was. Hij kon niets onthouden en had een grote taalach­ terstand. We hadden handen en ogen tekort. Het duurde 12 jaar voor de dokters konden vaststellen dat Jelle een algemene ontwikkelingsvertraging had, het Potocki Lupski syndroom. Toen voor het eerst het woord ‘gehandicapt’ viel, was ik in shock. Niemand had daar ooit eerder van gesproken. Het was op dat moment dat ik besefte dat hij nooit meer naar het gewoon onderwijs zou kunnen terugkeren en ook nooit zelfstandig zou zijn. Dat was zwaar. Toen ik het aanvaard had en stopte met verwachten, ging Jelle me steeds vaker verrassen. Nu tel ik op in plaats van af. Wat hij wel nog kan, zie ik als een win. Hij verrijkt mijn leven.” Toekomst  “Als mantelzorger moet ik veel zelf uitpluizen. Er zijn zoveel regel­

Blauwe bessen  “Jelle gaat overdag naar het bijzonder onderwijs, helaas leert hij er niet veel meer bij door het beperkte studieaanbod. Hij mag nog schoollopen tot aan zijn 30ste, daarna moet hij ergens anders heen. Hij wacht op een plaats in een opvanghuis, maar hij staat al jaren op de wachtlijst. In zijn vrije uren werkt hij in Blauwe Bessen Schrijnwerkers, een zorgbedrijf hier om de hoek. Hij doet het graag en het geeft hem een zinvolle tijdsbesteding. ’s Avonds komt hij naar huis, waar Femke en ik voor hem zorgen. Wij werken beiden fulltime, dus het is soms puzzelen. Gelukkig is Jelle een sociale en aangename jongen die geniet van ver­ schillende hobby’s. Het gebeurt amper dat hij alleen thuis is.”

Sportman  “Het aanvaarden van Jelle zijn beperking was niet gemakkelijk. De commentaar die ik kreeg van anderen, ging soms door merg en been. Er is veel medelijden in plaats van medeleven, maar daar heb ik niets aan. Ik ben ‘door Jelle’ verschillende vrienden verloren, maar heb er evenveel nieuwe gemaakt. Ik vind het schitterend als ze hem mee nemen naar een concert, voetbalmatch, feestje of een start to mountainbike. Hij is een echte sportman: voetbal, judo en vroeger ook paardrijden,… hij laat zich niet tegenhou­ den. Lid zijn van een club geeft hem ook een waardig gevoel. Het versterkt zijn sociale vaardigheden en zelfredzaamheid. Jelle creëert ook nieuwe ervaringen voor mij: meegaan naar Dimitri Vegas & Like Mike? Wie had dat ooit gedacht! Uitein­ delijk zijn mijn beide kinderen gelukkig, dat is het belangrijkste. We zijn een hecht gezin en dat maakt ons rijk.”

“Ik telt op in plaats van af. Alles wat hij kan, zie ik als een win”

tjes, soms zie ik door het bos de bomen niet. Het vraagt veel tijd en energie. En als ik er niet zelf achteraan ga, loop ik veel mis. Dat is vermoeiend. Ik bots ook vaak op wetgeving en bureaucratie. Ik begrijp niet dat het de dag van vandaag nog steeds zo moeilijk is om dingen gedaan te krijgen. Zorg wordt niet lichter met de tijd, dat vind ik verontrustend. Ik hoop dat Jelle kan gaan samenwonen met andere jongens, onder begeleiding, zodat hij toch van dat stukje vrijheid kan proeven. Dat hij samen met andere jongens toffe dingen kan beleven. Daar lig ik dus wakker van. Ik word bijna 60, wat als ik niet langer voor Jelle kan zorgen? Ook financieel is het niet gemakkelijk. Als ik niet meer kan werken, hoe gaan wij de nodige zorg dan betalen?” Femke: “Later zorg ik voor mama en Jelle. Ik vind het gek dat mensen daarvan opkijken. Dat is voor mij een vanzelfsprekendheid.”

“ALS MANTELZORGER MOET IK VEEL ZELF UITPLUIZEN”


FOTO: IRIS KELLY

  A K T E VA N B E RO U W

EVA HERMAN? Eva Herman heeft Writing for Performance gestudeerd aan de HKU in Utrecht, om daarna jaren niet meer te schrijven. Ondertussen heeft ze de draad weer opgepikt en schrijft ze vooral erg korte proza waarmee ze regelmatig optreedt op diverse podia. Ze organiseert ook mee de Voorleesbühne in Gent; een podium voor kort, absurd proza in huiskamers. Verder houdt ze nog steeds niet van duiven, honden en te lage fietszadels.

52  STILL#04 STILL#03

‘Is dit niet wat overdreven?’, vraagt mijn moeder terwijl ze mijn nachtlampje uit de berg spullen prutst die voor de kringwinkel bestemd is. De lamp heeft de vorm van een Janneke Maan die ietwat slinks lacht. Als kind vond ik hem mooi en eng tegelijk. Als volwassen vrouw vind ik hem sinds een paar weken kinder­ achtig. Net zoals de naaikist met rode bloemen. Net zoals het deken met daarop een dikke bij gestikt. Net zoals zowat alles wat ik bezit. Alles moet weg waar stof op ligt. Ik doe niet aan ontspullen, nee, wel aan scheepjes verbranden. Baggerschepen. Mijn moeder en ik wandelen een paar keer over-en-weer naar de kringwinkel. Ik voel me lichter worden bij iedere stap. We praten over dode vogels, kappers en andere gevoelige zaken. Ik twijfel nog over de tafel, want op de grond eten kan evengoed.

Mijn moeder vraagt of ze al aan de rode wijn mag en of ik ook een glas wil. Nee, geen wijn, anders ga ik huilen. Of ja, toch wijn, want ik ga sowieso huilen. We drinken uit de fles. Ook de glazen zijn weg. Die vond ik erg mooi, maar ik kreeg ze van jou. En je had goddomme smaak! ‘Weet je het allemaal wel zeker?’, vraagt mijn moeder in mijn bijna leeg zolderhuis, terwijl ik een tweede fles ontkurk. De randen van haar lippen kleuren altijd rood. Ik knik. Ik weet het zeker. Die tweede fles moet ook leeg. Dan trek ik naar een nieuwe stad en mis ik bijna alles wat ik op de vorige plek heb achtergelaten. Ik loop verloren waar ik zelf bij sta. Ik schuil onder de tafel en hou me vast aan de storm die ik zelf bedacht heb. Ik bel mijn moeder en zeg haar dat het allemaal fantastisch gaat. Ze gelooft me niet, omdat ik naar woorden zoek tussen het spreken door. Op de radio hoor ik een lied op theremin en ik weet dat ook jij het mooi zou vinden. Aan de overkant krabt de buurman in zijn borsthaar en ik weet dat ook jij het grappig zou vinden. Op mijn nachtkastje staat geen enge maan meer en ik weet dat ook jij het jammer zou vinden. Ik stuur berichten die voor jou bestemd zijn naar mezelf. Ik beantwoord ze zoals jij ze zou beantwoorden. Je beeld vervaagt stilaan. Het is als een spier die ik moet trainen, wil ik je beeld levend blijven herinneren. Dat wil ik niet. Ik heb daar immers zelf voor gekozen, ooit. Ondertussen is de nieuwe stad mijn stad geworden en loop ik enkel nog verloren wanneer ik dronken ben. Ondertussen staat mijn appartement alweer vol met onnodige spullen, onder het stof, en verzorg ik planten die het moeilijk hebben. We horen en zien elkaar al lang niet meer. Ik weet enkel dat je verdikt bent sinds je een kind opvoedt. Onlangs zag ik, bij stom toeval, in de kringwin­ kel een Janneke Maan staan die verdacht veel op de mijne leek. Zonder snoer. Zonder lamp. Ontredderd. Met diezelfde lach. ‘Waar was je al die tijd?’, vroeg hij mij. ‘Je bent veranderd’, zei ik. ‘Jij ook.’ Dat was nu net de bedoeling. Eva Herman


MoNOLooG MANTELZORGERS BLOEMEN ABDIJEN demEntie KuNST Ik ben Evi.

Partners, dochters en moeders aan het woord.

De verstillende en verbindende kracht van een boeketje.

Heeft de Kerk een stille toeristische troef in handen?

3 duo’s kijken en luisteren. Anders.

Koen Broos (fotografie), Larissa Viaene (illustratie) en Musketon (illustratie) over verstilling, verbinding en engagement.

vLuCHTEN

Bedreigd in eigen huis of eigen land. 3-dubbelinterview over vluchten en aankomen.

Colofon Still 04

Still is een halfjaarlijkse uitgave van domein Menas, een initiatief van de Broeders van Liefde. Still wil mensen inspireren rond de thema’s die voor de broeders belangrijk zijn: engageren in zorg en onderwijs, verbinden door in gemeenschap te leven, verstillen via gebed en meditatie. Still zoekt vanuit een open houding en via persoonlijke beleving hoe mensen vandaag tot vormen van verstilling, engagement en verbinding komen. www.domeinmenas.be. Redactie: Broeder Luc Lemmens, Veerle Frissen, Mattias Devriendt, Annelies Naert, Nikkie Steyaert, Filip D'Hooghe, Thaïs Anteunis, Koen De Fruyt. Hoofdredacteur: Mattias Devriendt. Verantwoordelijke uitgever: Filip D'hooghe, Stropstraat 119, 9000 Gent Redactiesecretariaat: Still Magazine, Stropstraat 119, 9000 Gent, T09 221 45 45, nikkie.steyaert@fracarita.org. Medewerkers: Jordy Frissen, Lies Willaert, Károly Effenberger, Bart Koubaa, Sophie Callewaert, Penelope Deltour, Koen Broos, Larissa Viaene, Musketon, Boumediene Belbachir, Filip Erkens. Vormgeving: Filip Erkens en Taisia Migov. Druk: Graphius

Still ontvangen? Registreer via www.still-magazine.be en ontvang het magazine gratis

Profile for Broeders van Liefde

Still n°4  

Still is een halfjaarlijkse uitgave van domein Menas, een initiatief van de Broeders van Liefde. Still zoekt vanuit een open houding en via...

Still n°4  

Still is een halfjaarlijkse uitgave van domein Menas, een initiatief van de Broeders van Liefde. Still zoekt vanuit een open houding en via...

Advertisement