Page 1

ONS ZIEKENHUIS MEANDER MEDISCH CENTRUM Helma van den Berg & Marco Hofsté


2


ONS ZIEKENHUIS

M EANDER MEDISCH CENTRUM

3


INHOUDSOPGAVE

18

Voorwoord: Als die muren toch eens konden praten…

Jan Kleijne heeft het nieuwe Meander niet voor zichzelf gebouwd

114

Met robotarmen op speurtocht door de buikwand

122

De dokter moet nooit hoger gaan zitten dan de patiënt

132

18

Prinses Margriet voelde zich nergens te goed voor

140

Zelf kiezen wat je wilt eten

30

De oude stoomketels werken nog perfect 

148

Geestelijke zorg net zo belangrijk als een pilletje

38

Het nieuwe Meander een dorp vol ruimte en licht

156

Werk aan de winkel bij Spoedeisende Hulp

48

Een kind hoort zoveel mogelijk thuis te zijn

170

Met personeel op excursie naar proefziekenhuis op zolder

58

Na een zenuwblokkade is de rugpijn eindelijk weg

178

Wachten

66

Op kerstmorgen gaat Puttens koor alle afdelingen langs

186

Drie keer per week spoelen, dat went nooit

76

Ånske de Boer komt ieder jaar met kerstbrood naar de IC

192

Een mooie dag om een kind te krijgen

84

Kleinste baby, Dave Dapper

94

Nawoord: Meander, is ‘van ons’

194

96

Gedicht: ‘Gewoon beter met elkaar’

196

Colofon

198

Gouden meiden op oncologie, en goede dokters Intensive care, net een klein dorp

6

48

De patiënt wordt van kruin tot lies in beeld gebracht

In De Nacht is er nog tijd om naar de patiënt te luisteren

4

4

38

104


DE FEITEN:

84

58

104

122

DE VERHALEN:

Het Sint Elisabeth Gasthuis

16

Onze meid is nog niet vergeten

17

De Lichtenberg

28

Zwakke curven op de monitor

29

Zonnegloren en Maarschalksbos

36

De Valentijnen zien elkaar nog steeds

37

Eemland wordt Meander

46

Een drukke nacht op de verlosafdeling

47

Vrijwilligers en vrienden

56

Op mijn schoot het kistje met ons kindje

57

Wetenschappelijk onderzoek

64

Dat wordt een hectisch nachtje, Dirkje

65

Kwaliteitbewaking

74

Bloednerveus bladeren

75

SymforaMeander Centrum voor Psychiatrie

82

Berisping voor mijn iets te korte jurkje

75

Regionale centra

102

Sterven en blijdschap tijdens EK-finale

103

Klachtenboek

112

Excuses maken op zaal

103

Het laboratorium

120

Cultuurverschillen Elisabeth en Lichtenberg 

113

Cliëntenraad

130

Een jaar op afdeling C3

113

Sportgeneeskunde

138

Witte wijn voor koninklijke gast

121

Opleidingen en innovatie

146

Niets uitgelegd

131

Een van de grootste werkgevers

154

Op zaal met drie oude vrouwen

131

De apotheek

168

Verder leven na een aangekondigde dood

139

De evacuatie

176

Zijn laatste wens: nog één keer naar de camping

147

De huisartsen

184

Oudejaarsavond

155

Wachten op een bankje in een gang van glas

169

Lodewijk 

177

Onherkenbaar 

177

Sharita wilde nog trouwen voor haar dood

185

156

178 5


Als die muren toch eens konden praten…

voorwoord:

Het is natuurlijk niet zo, dat weet ik ook wel. Een gebouw is geen levend wezen. Een gebouw is opgetrokken uit steen, cement, beton. Dode materialen. Maar toch, maar toch, maar toch. Als ik door de gangen van het Elisabeth of van de Lichtenberg loop, of als ik zit te wachten op mijn beurt voor het bloedprikken, dan vóel ik de ruimtes leven. Ik ben beslist niet spiritueel aangelegd, maar in de oude ziekenhuizen, die binnenkort onder de slopershamer gaan vallen, zijn de heftige emoties van miljoenen angstige, verdrietige, opgeluchte, wanhopige, blije bezoekers en medewerkers in de muren getrokken. Als die stenen, die muren, die gangen, die kamers eens konden praten… Er is één gang die ik in mijn hoofd nog moeiteloos kan uittekenen, al is het meer dan 25 jaar geleden dat mijn vrouw en ik daar op twee stoelen zaten te wachten. Het was een gang aan de achterzijde van het Elisabeth, bij de kinder­afdeling, met uitzicht op een wei met beesten. Best wel idyllisch, maar achter een gesloten deur werd onze oudste dochter van negen jaar onverdoofd onder­ worpen aan een borstpunctie, nodig om vast te stellen wat de aard van de tumor in een van haar nekwervels was. Wij mochten er niet bij zijn, wel vlakbij, en we hoorden haar door de muur heen huilen en schreeuwen. Een residu van dat gejammer en van onze woedende machteloosheid zit in de stenen van die muur.

6


Ik wist dat voordat de slopers aan het werk zouden gaan,

Wilhelmina Kinderziekenhuis in Utrecht, en een beeld van

reacties – erg goed gelezen. De mooiste verhalen staan

de ziel van de ziekenhuizen moest worden vastgelegd.

een piepkleine baby op de kolossale hand van een chirurg

in het boek, maar we vonden het zonde om alle andere

De Raad van Bestuur van Meander Medisch Centrum,

had een onuitwisbare indruk op me gemaakt. Ook Marco

inzendingen slechts éénmalig te gebruiken. Met hulp

toen nog onder leiding van Jan Kleijne, was het met me

koppelt groot vakmanschap aan het vermogen zichzelf voor

van een aantal sponsoren hebben we álle verhalen van

eens en gaf de opdracht tot het maken van dit boek,

de omgeving onzichtbaar te maken. Er staan in dit boek

patiënten en medewerkers kunnen bundelen. Deze extra

waarin niet de geschiedenis en niet de geneeskunst

heel wat foto’s waarvan je een brok in de keel krijgt.

uitgave is aan dit boek toegevoegd. Want het zijn ook deze

centraal zouden staan, maar de mensen die nood­

verhalen, of misschien wel juist deze verhalen die de ziel

gedwongen in de ziekenhuizen verbleven, en de mensen

Een ideaal duo dus voor de zoektocht naar de ziel van

van de ziekenhuizen blootleggen.

die er uit vrije wil werken en werkten. De ziekenhuizen

twee oude ziekenhuizen. Onderdeel van die ziel is beslist

bekeken door de ogen van de directbetrokkenen.

ook Marije Mansfeld, de gepassioneerde manager commu-

Ik ga geen poging doen die ‘ziel’ te omschrijven. Woorden

nicatie van Meander. Zij heeft het idee vanaf het allereerste

als betrokkenheid en compassie zijn te clichématig. Als het

Voor mij stond van meet af aan vast dat Helma van den

moment omarmd, het ziekenhuis rijp gemaakt voor onze

zó makkelijk zou zijn om de ziel van een ziekenhuis in een

Berg het moest schrijven. Bij de krant waar wij samen

onorthodoxe aanpak en het boek mede samengesteld.

begrip of in een paar woorden te vatten, dan was dit hele

gewerkt hebben, schreef zij met grote kennis van zaken

Daarbij hebben we veel hulp gekregen van een speciaal

boek immers niet nodig geweest.

en – nog belangrijker – met groot inlevingsvermogen over

gevormde redactieraad, bestaande uit internist Albert van

met name gezondheidszorg. We konden niet vermoeden

de Wiel, zorggroepmanager (en oud-verpleegkundige)

De ziel van de oude ziekenhuizen zit in de muren, maar

dat in de tijd dat zij aan dit boek werkte, haar eigen man

Gera de Jong en Susanne Visscher, secretaris van de

gaat met de sloop niet verloren. Integendeel, ze begint met

in de Lichtenberg zou belanden en daar al snel na de

Raad van Bestuur. De redactieraad heeft geweldig meege-

de verhuizing van alle medewerkers naar de nieuwbouw

vaststelling van zijn ziekte, zou sterven. Zij heeft er nu

dacht, heeft ons gestimuleerd en steeds vooruit geholpen.

aan een nieuw leven. Dat zou de titel van ons volgende

ook haar eigen heilige plek.

boek kunnen zijn: Nieuw Leven voor een Oude Ziel. In april 2012 hebben we in het huis-aan-huisblad

Desondanks heeft Helma de klus geklaard. Zij heeft zich als

Amersfoort Nu (en de andere aanpalende Nu-titels) een

een muurbloem in het ziekenhuis opgesteld, en zowel met

oproep gedaan aan patiënten en medewerkers van de

distantie als betrokkenheid en met grote kennis van zaken

ziekenhuizen in Amersfoort, Soest en Baarn om herin­ne­

vastgelegd wat haar ogen zagen en haar oren hoorden.

ringen naar ons toe te sturen. Dat heeft een enorme stroom

Arjeh Kalmann

aan reacties losgemaakt. In totaal hebben we meer dan Ik wist ook dat ik Marco Hofsté als fotograaf wilde hebben.

140 verhalen binnen gekregen, bijna allemaal pareltjes.

Voor de krant waar we samen gewerkt hebben, heeft hij

De wekelijkse serie in de Nu-bladen heeft veertien maanden

ooit foto’s gemaakt op de afdeling neonatologie in het

lang onafgebroken gelopen, en werd – blijkens de vele

7


8


1

De Nacht

In is er nog tijd om naar de patiĂŤnt te luisteren

9


1

DE NACHT

10

Het ziekenhuis is stil. In de gangen van de Lichtenberg geen witte jassen van haastige dokters. Geen bezoekers met bloemen, bonbons en plastic tasjes met verschoning. Geen rennende kinderen. De avond heeft alle geroezemoes uitgewist. De donkere ramen weerkaatsen slechts de neonlampen aan het plafond. Tegen tien uur maakt de avondploeg op afdeling D1 de patiënten klaar voor de nacht. Gretha, Leontine en Gert, drie verpleegkun­

digen voor 24 mensen die onlangs voor een tumor zijn geopereerd. Gert trekt een kar door de gang, vol gestapeld met infusen, stomazakken, verband, urinaals, afvalzakken, kannen en medicijnen. Leontine staat op kamer 157 naast een bed. Bij een grote man van een jaar of vijftig met gesloten ogen, liggend op zijn rug. Er loopt een slangetje uit zijn mond en één uit zijn neus. Eentje is vastgeplakt op de rug van zijn hand. Ter hoogte van zijn heup, hangt een zak met urine naast het bed. Aan de andere kant staat op een statief een klein, zacht piepend beeldscherm met lijntjes die op en neer gaan. De man blijkt klaarwakker. Leontine buigt zich naar zijn gezicht. „Heeft u pijn? Dan kunnen wij u wat geven hoor.” Ze trekt het dekbed glad en controleert het infuus. De man kreunt zachtjes. Aan het begin van de gang staat een vrouw voor een dichte deur. Ze heeft een roze badjas aan en dezelfde kleur badslippers aan haar voeten. Met haar bovenarm houdt ze een toilettas tegen zich aan. „Ik moet naar het toilet,” zegt ze tegen Gert. „Maar die is al zo lang bezet.” Gert wijst met zijn hoofd naar een andere deur. „We hebben daar nog een tweede toilet. Ik weet niet of die vrij is. Anders moet u even wachten.” De vrouw zucht en duwt nog eens tegen de dichte deur.


Behoorlijk pittig

Voor Van Galen was het leed nog niet geleden. Hij kreeg trombose. „De verpleegkundigen hier zeiden, wij gaan

Naast het toilet heeft Gretha op de teampost een telefoon­

ervoor om je er doorheen te trekken. En ze hebben woord

gesprek met de vrouw van een patiënt. Het gaat er heftig aan

gehouden. Dankzij hun aanpak en verzorging heb ik het

toe. De vrouw, naar eigen zeggen met een medische achter-

gered. Tot onlangs opnieuw kanker werd geconstateerd en

grond, is ongerust over haar man. Ze dreigt: „U moet

nu ben ik hier al weer drie weken te gast.”

medicatie regelen. Als u het niet doet, doe ik het zelf.” Gretha blijft rustig en kalmeert mevrouw uiteindelijk. Morgenochtend

Ook deze operatie slaagde, maar weer traden complicaties

zal de vrouw terugbellen. Volgens Gretha niet uitzonderlijk:

op. Een fistel, verklevingen, een wondbreuk, nierdialyse,

„Op deze afdeling kan het er behoorlijk pittig aan toe gaan.

een stoma. Niets bleef Van Galen en zijn vrouw bespaard.

Mensen zijn hier flink ziek, ze hebben vaak een zware ope-

In de stille, spaarzaam verlichte familiekamer praat hij er

ratie ondergaan, dan hebben ze veel aandacht en verzorging

rustig over. Bijna berustend. „Zo laat op de avond kun je

nodig. Maar ook hun familie moet opgevangen worden.”

alles overdenken. Over je leven, je ziekte en hoe belangrijk

Evert van Galen (1941) uit Nijkerk kan daar over meepraten.

mensen voor je kunnen zijn. Zo zat mijn vrouw naast mijn

Vijf jaar geleden werd bij hem een tumor in zijn dikke darm

bed. Ik was doodziek, had haar niets te vertellen. Maar ze

aangetroffen. In vier maanden tijd werd hij acht keer in

gaf me zoveel troost.”

Meander geopereerd. „De laatste keer durfde de chirurg het niet meer aan. Maar ik zei, het is er op of er onder.

Op de gang klossen en piepen schoenzolen op het oude

Een collega-chirurg durfde het toen wel aan. En het is hem

linoleum. De tweekoppige nachtploeg, Hendrika en Esther,

gelukt. Na de operatie straalde hij van geluk toen hij me zag.

meldt zich op de teampost, waar Gert met aanmaaklimo-

Dat gezicht vergeet ik nooit.”

nade en een zak chips op tafel, rapporten invult. „Alles

11


Van slapen is bij het merendeel van de mensen op 1D geen sprake. Ze liggen op hun rug. Soms met gesloten ogen, soms starend naar het donkere raam of de openstaande deur.

Maar van slapen is bij het merendeel van de mensen op 1D geen sprake. Ze liggen op hun rug. Soms met gesloten ogen, soms starend naar het donkere raam of de openstaande deur. Ze zeggen niets. Hier en daar wordt alleen eens flink gezucht. Hun nacht duurt lang. Op nummer 159

schrijven we op. Of iemand ontlasting heeft of niet. Of de

geeft Esther een mevrouw paracetamol in het infuus tegen

voedingssonde moeizaam gaat. Alles wat afwijkt van het

de pijn. „Een scheutje van het huis.” Ze gaat op de rand

normale wordt vermeld. Ook hoe mensen op hun arts

van het bed zitten. „Heus,” zegt ze zachtjes, „u hoeft zich

reageren. Dat soort dingen zijn belangrijk voor de collega’s

geen zorgen te maken. U heeft een zware operatie gehad.

van de nacht, maar ook voor de mensen die morgen­

Alles ziet er goed uit. Maar u moet wel goed doorademen.”

ochtend dienst hebben.” Tegen elf uur is de teampost met vijf mensen bijna te klein.

Toch is het niet alleen de pijn die de mensen wakker

Aan tafel worden de rapporten doorgenomen. De meest

houdt. Esther: „Het is ook de spanning van de operatie en

zieke patiënten worden besproken: Met die meneer gaat

behandelingen, de onzekerheid over het verloop van hun

het niet goed. Hij plast niet meer, is niet aanspreekbaar.

ziekte. Mensen zijn gewoon te druk in hun hoofd. Boven-

Hou het in de gaten. Bij die patiënt slaat de chemo niet

dien liggen ze in een vreemd bed, in een vreemde omge­

aan. Hij zal niet lang meer leven en gaat morgen met ont-

ving. En we proberen wel zo zachtjes mogelijk te doen,

slag. Dan moet er wel thuiszorg zijn geregeld. En voor die

maar wij zijn toch steeds met de mensen bezig.” Voor dat

meneer heb ik om een wondconsulent gevraagd.

doel blijven de deuren ’s nachts open staan. Dat brengt intieme geluiden de gang binnen. Een vrouw hoest. Twee

Een grote step

mannen snurken. Even verder doet een man klaterend een plas. Hendrika praat met een patiënt. Hendrika: „Dat

De avondploeg vertrekt. Esther zet een wonderlijk apparaat

is het mooie van de nachtdienst. Overdag is het zo druk.

in de gang: een grote step. Hendrika doet de neonver-

Dan heb je geen tijd voor leuke gesprekken. Nu moeten we

lichting in de gang uit. De receptiebalie wordt een donker

wel steeds onze ronde doen en iedereen goed in de gaten

eilandje. Boven de deuren glimt nog een lampje, dat geel

houden, maar we hoeven geen mensen te wassen en zo.

kleurt wanneer in die kamer een patiënt belt. Hendrika en

In plaats daarvan kun je mensen hun verhaal laten doen,

Esther maken zich op voor een ronde langs de bedden,

laten vertellen wat ze de laatste tijd hebben meegemaakt.”

de eerste van de vier die nacht. De kar wordt opnieuw vol

12

gestapeld. Beiden hebben een zaklamp in de hand. Esther:

Bij de enige gesloten deur van de gang klopt Esther aan.

„Dat is om mensen niet onnodig wakker te maken. We

Er ligt een vrouw van midden zeventig in bed. Aan de ene

laten de kamers donker. Met zo’n lampje kunnen mensen

hand een vastgeplakt slangetje, aan de ander de hand

je toch zien en kunnen wij ons werk doen.”

van haar partner die in een boxershort naast haar op een


De deuren blijven ’s nachts open staan. Dat brengt intieme geluiden de gang binnen. 13


14


stretcher ligt. Ze zijn beiden wakker. De vrouw knikt Esther

Margriet, vraagt vanaf de Spoedeisende Hulp of alles

toe. „Ik ben zo blij dat hij vannacht bij me kan blijven.

goed gaat. Of ze misschien zin hebben in een kroketje of

Dat geeft me een boel rust. Ik heb nu veel minder pijn.”

patat. Dan laat ze het door broodjeszaak Sjors bezorgen.

Aan de overkant piept een bel. Een man van begin zeventig

Hendrika geeft een bestelling op. Ze lacht: „Wedden,

wil zijn bed uit, los van alle slangen en stoma. Hendrika

dat komt precies wanneer we hartstikke druk zijn en

en Esther proberen hem te overreden om een rustgevend

geen tijd hebben om te eten. Zo gaat het altijd.”

pilletje in te nemen. Hendrika: „U hebt het gevoel dat wij u in de maling nemen. Maar we hebben echt het beste met

Na de tweede ronde, zo tegen drie uur, slaat de

u voor. De dokter heeft u dit voorgeschreven. Als u vannacht

vermoeidheid toe. Hendrika en Esther, jonge vrouwen van

goed slaapt, voelt u zich morgen wat beter.”

respectievelijk 27 en 24 jaar, hebben rode ogen. Vanaf nu controleren ze elkaar consequent. Het klaarzetten van

Dan gaat, iets na middernacht, op de teampost de telefoon.

medicijnen wordt dubbel gecheckt. Het kroketje moet

Nu blijkt hoe handig de step is. De post is helemaal aan het

inderdaad even wachten: een stoma is losgeschoten.

begin van de lange gang. Toch is Hendrika binnen luttele

Geen lekkere klus.

seconden de gang door en weet zij wat er aan de hand is: een spoedopname op 1C, of iemand kan assisteren.

Mooiste beroep

Hendrika wimpelt af: „We hebben hier een patiënt die behoorlijk recalcitrant is. We moeten hier met z’n tweeën blijven.”

Hendrika en Esther zitten er niet mee. „Als je veel geld wil verdienen, moet je hier niet zijn,” zeggen ze. „Maar

Opstandig

wij vinden dit het mooiste beroep van de wereld. Mensen

„Ik ben zo blij dat hij vannacht bij me kan blijven. Dat geeft me een boel rust. Ik heb nu veel minder pijn.”

helpen, het contact met mensen, dat is gewoon leuk. Onderhand wint Esther het vertrouwen van de man.

En met elkaar proberen om mensen na hun ziekte er weer

Hij slikt het pilletje en moppert, gekalmeerd, nog wat na.

bovenop te krijgen, geeft je steeds weer nieuwe energie.”

Hendrika: „Zo gaat het vaak. Mensen komen hier ziek binnen, ondergaan een zware operatie. Dat maakt menig-

Die energie doen de ‘nachtzusters’ kennelijk ook nu op.

een boos en opstandig. Wanneer ze hier langer zijn, zie je

Tussen het gebel van de patiënten en veel schrijfwerk door,

dat veranderen. Hun ziekte krijgt een plek. Dan zie je, vooral

kruipen ze in de teampost samen achter de computer

’s nachts, dat ze zich aan ons overgeven. Steeds weer mooi

voor bijscholing. Een digitaal programma van het vakblad

om mee te maken.” De bellen laten die nacht flink van zich

Nursing met multiplechoicevragen om hun medische ken-

horen. Esther en Hendrika steppen heel wat af.

nis te testen. Ze laten zich door de uitslag niet uit het veld slaan: ze zijn gezakt. Even goedgemutst bereiden Hendrika

Voor infuus- en stomazakken. Volle en lege urinaals en

en Esther om half zeven de patiënten van 1D voor op een

po’s. Een losschietende slang of zomaar een geruststel-

nieuwe dag: „Goedemorgen, lekker geslapen?” Alleen Evert

lend woord. Weer gaat de telefoon. De dienstdoende arts,

van Galen beaamt dit met een brede grijns.

15


„Dank je wel, zuster.”

16


17

Ons Ziekenhuis, Meander Medisch Centrum  

In de oude ziekenhuizen Elisabeth en Lichtenberg die binnenkort onder de slopershamer vallen, zijn de heftige emoties van miljoenen angstige...

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you