Page 1

Bureau B+B

Stedenbouw en Landschaparchitectuur


Contactgegevens: Bureau B+B Stedenbouw en Landschapsarchitectuur Gedempt Hamerkanaal 96 1021 KR Amsterdam | 0206239801 | www.bplusb.nl


Bureauprofiel Geschiedenis Architectuur Park en tuin Landschap Openbare ruimte Stedenbouw


Bureau B+B stedebouw en landschapsarchitectuur

Bureau B+B stedebouw en landschapsarchitectuur koppelt ruime ervaring aan jong talent. Onze ontwerpen zijn helder en functioneel, maar hebben ook een poëtische kant. Door onderzoekend te ontwerpen vinden we antwoorden op actuele thema’s. Het bureau ontwerpt betekenisvolle plekken die mensen uitnodigen hun eigen activiteiten te ontplooien. Precisie en vakmanschap zijn essentieel in ons werk. We hebben uitgebreide technische kennis en begeleiden een project van schets tot oplevering.

Collectief talent Sinds de oprichting in 1977 heeft Bureau B+B een rijke ervaring opgebouwd. Tegelijkertijd trekken we steeds weer jong talent aan. Doordat het bureau zichzelf continu vernieuwt, vinden we verfrissende oplossingen voor actuele thema’s. Het bureau is als collectief georganiseerd, zodat alle medewerkers de ruimte krijgen om hun eigen stijl te ontwikkelen. Het team bestaat uit mensen met uiteenlopende achtergrond, temperament en fascinaties. Medewerkers groeien dikwijls uit tot toonaangevende ontwerpers en beginnen na verloop van tijd hun eigen bureau. Gelijkwaardige samenwerking en inhoudelijke kruisbestuiving zijn een constante factor binnen het bureau.


Poëtische helderheid De open, collectieve bureaucultuur brengt met zich mee dat ons handschrift van project tot project verschilt. Toch zijn onze ontwerpen te herkennen aan hun poëtische helderheid. Wij streven naar duidelijke, overzichtelijke ontwerpen. De hoofdopzet is krachtig, de detaillering subtiel en verfijnd. De ontwerpen bevatten altijd een bijzonder idee of een onconventionele ingreep die de ruimtelijke ervaring boven het functionele uittilt. Een heldere, functionalistische basis creëert ruimte voor emotie, tactiliteit en de poëtische kanten van een ontwerp.

Het verhaal van de plek Elk ontwerp start met een onderzoek naar de bestaande elementen, de tradities en het gebruik van de locatie. Wij vinden een ontwerp geslaagd als mensen zich er thuis voelen en er hun eigen activiteiten ontplooien. Tijdens het ontwerpproces kiezen we er vaak bewust voor om handmatig te schetsen en analoge maquettes te bouwen. Een handschets of maquette geeft direct en duidelijk de sfeer weer, zonder in details te verzanden. Zo krijgen intuïtie en inventiviteit de ruimte. Wij lezen de locatie en voegen er een nieuw hoofdstuk aan toe, zodat het verhaal van de plek keer op keer verteld kan worden.

Vakmanschap Een ontwerpconcept kan nog zo bijzonder zijn, een matige uitvoering haalt alles onderuit. Wij streven naar de hoogst mogelijke kwaliteit. Precisie en vakmanschap zijn hierbij essentieel. Dit komt naar voren in de detaillering van de ontwerpen, maar ook in onze kennis van constructie en materialen. Wij ontwerpen vaak unieke bestratingselementen, meubilair en hekken, speciaal toegespitst op de locatie en het ontwerp. Om het beste eindresultaat te bereiken, begeleiden we een ontwerp van schets tot realisatie.


Geschiedenis

In november 1977 starten twee jonge landschapsarchitecten, Riek Bakker en Ank Bleeker, hun eigen ontwerpbureau voor landschapsarchitectuur. Zij stellen zich tot doel het vak te emanciperen en de stedenbouw als werkgebied voor landschapsarchitecten te veroveren. Bakker en Bleeker zijn er van overtuigd dat de discipline meer te bieden heeft. De landschapsarchitect moet eerder en vooral gelijkwaardiger bij ruimtelijke processen betrokken worden. Binnen twee jaar werken er 12 mensen. Het team bestaat uit mensen met verschillende achtergronden en kwaliteiten, zoals kunstenaar Pieter van Walree en de landschapsarchitecten Jos Jacobs en Michael van Gessel. Winy Maas en Adriaan Geuze beginnen in deze periode hun carrière met een stage bij Bureau B+B. De ontwerpen in deze beginperiode zijn strak en minimalistisch met een architectonische zakelijkheid. In 1982 wint het bureau de ontwerpwedstrijd voor Parc de la Vilette in Parijs. De naam van het bureau is nu definitief gevestigd. Ank Bleeker verlaat het bureau in 1982 en Riek Bakker volgt in 1986.

In de loop van de jaren 80 en 90 wordt de ontwerpstijl expressiever, conceptueler en experimenteler. Alle Hosper wordt directeur en Tineke Blok, Sylvia Karres, Johan Meeus haken aan.Na de succesvolle projecten Prinsenland Park in Rotterdam en de Kern Gezond in Den Haag, specialiseert het bureau zich in het ontwerpen van binnensteden en parken. In 1991 vertrekt Alle Hosper en nemen Michael van Gessel en Tineke Blok het roer over. Bram Breedveld, Bart Brands, Berno Strootman, Marieke Timmermans en Mathieu Derckx vormen de nieuwe generatie. Er wordt gewerkt aan projecten op een grotere landschappelijke schaal. Bureau B+B ontwerpt ‘woonlandschappen’ als nieuwe economische dragers voor het landelijk gebied.


Tussen 1997 en 2000 is Anneke Nauta directeur. In deze periode ontwerpt het bureau de tuin voor het Nederlands Paviljoen op de Wereldtentoonstelling in Hannover. Vanaf 2001 vormen Martine van Vliet en architect Freek Loos het directieteam. Het bureau brengt de emancipatie van de landschapsarchitectuur een stapje verder door de regie te voeren over grote stedenbouwkundige projecten, zoals de Blaricummermeent en het stationsgebied van Arnhem. Een nieuwe generatie van talentvolle ontwerpers zoals Dingeman Deijs, Ronald Rietveld, Anouk Vogel, Jan Maas en Danielle Huls maken onderdeel uit van het team.

Onder leiding van Jeanette Visser en Mascha Onderwater geeft het bureau vanaf 2009 vorm aan de actuele maatschappelijke behoeften. In 2017 viert Bureau B+B het 40-jarige jubileum. Na al die jaren zijn de bureaucultuur en ontwerphouding nog steeds herkenbaar: Samenwerken met andere disciplines, meervoudig ruimtegebruik, gelijkwaardige inbreng van alle medewerkers, een analytische houding, culturele diepte en een heldere vormentaal.


Architectuur Park en tuin Landschap Openbare ruimte Stedenbouw

G


G224

Wijkeroogpark Velsen, Nederland (2004-2012)

Type: Park, Water

Opdrachtgever: Gemeente Beverwijk

Ontwerpteam: Bureau B+B stedebouw en landschapsarchitectuur in samenwerking met Erick de Lyon

Programma: Beek, Brakwatervijver, Vishevel, Parkinrichting

Oppervlak: 19 ha Bouwsom: â‚Ź 1.313.500,-

In 1964 is dwars door het Wijkeroogpark de Velsertunnel aangelegd. Dit versnipperde niet alleen het groengebied, maar verstoorde ook de bodem en de natuurlijke waterhuishouding. In samenwerking met kunstenaar Erick de Lyon herstelde Bureau B+B een oude beekloop en ontwierp nieuwe verbindingen voor het park. Scheybeek De Scheybeek stroomt van de binnenduinrand bij Heemskerk, via de parken Westerhout en Scheybeeck naar het Noordzeekanaal. De benedenloop was tot voor kort niet meer als beek herkenbaar. Bureau B+B heeft deze benedenloop in het Wijkeroogpark weer zichtbaar gemaakt. De Scheybeek rijgt de verschillende parken aan elkaar en vormt de rode draad in het vernieuwde Wijkeroogpark. In het midden van de beek loopt een betonnen goot die voorkomt dat de beek tijdens warme zomers droog valt. De kunstmatige beek is een autonoom element dat het Wijkeroogpark structureert en verbindt. Daarnaast biedt het kansen voor natuur en recreatie. Ecologie De nieuwe beekloop heeft natuurlijke oevers die variĂŤren in breedte. De betonnen goot heeft een ruwe toplaag waar sediment op blijft liggen. Hierin kunnen zich micro-organismen vestigen. Oorspronkelijk stond de Scheybeek onder invloed van eb en vloed. Op de overgang van zout naar brak water leverde bijzondere flora en fauna op zoals Zilte rus, Zulte en vissen zoals de Dikklipharder, zeeprik en zwarte gondel. Deze situatie is in het Wijkeroogpark hersteld. Bij de monding van de beek in het Noordzeekanaal vloeit het zoete beekwater in een vijver met brak water afkomstig uit het Noordzeekanaal. Via een vishevel staat de vijver in contact met het kanaal.


beplanting: bos (duurzame soorten) solitaire bomen gazon ruig gras slootkanten (ruigtekruiden) rietmoeras (voor zuivering) waterplantentuin brakwatervegetatie

oevertypen: natuurlijke oever + grasdijkje natuurlijk oeverbos steile slootoever met ruigtekruiden rietoever (voor zuiveringsfilter regenwater) natuurlijke oever (brakwater vegetatie)

kunstwerken algemeen: aquaduct (beekprofiel op betonplaat) brug (cortenstaalplaat over beek) voetgangersbrug

infrastructuur: fietspad (asfalt) voetpad (mijnsteen) wandelboulevard (asfalt) graspaden op dijkje graspad voor trailers en spoedverkeer toekomstig fietspad

zichtlijnen


Recreatie Het bestaande Wijkeroogpark bestaat uit een compositie van open ruimtes en bosschages. Door dit decor slingeren de beek en een nieuw pad voor fietsers en voetgangers. Het pad ligt soms naast de beek, waarna de wegen zich scheiden. Op onverwachte plekken ontmoeten de parkbezoeker en de waterloop elkaar weer. De bruggen over de beek zijn staalplaten afkomstig van de nabijgelegen Hoogovenfabrieken. Vanaf de smalle, lage beekovergangen kan het leven in en om de beek geobserveerd worden. In de bredere delen van de beek kan je vissen en pootje baden. Er liggen losse keien in het water die kinderen uitnodigen om dammen te bouwen en zo nog meer natuurlijke variatie te creĂŤren.


G248

Achmea Campus Apeldoorn, Nederland (2006–2014)

Type: Terreininrichting, Binnentuin, Campus Opdrachtgever: ADP Architecten

Ontwerpteam: Bureau B+B stedebouw en landschapsarchitectuur

Programma: Padenstelsel, tuinen op dek, heide, bos en 2.500 parkeerplaatsen, binnentuin, ontvangstruimte, trappen, terrassen Oppervlak: 10,2 ha, binnentuin 750 m2 Bouwsom: € 3.500.000,binnentuin € 150.000,-

Veluwe De campus van Centraal Beheer Achmea ligt aan de rand van Apeldoorn, in een uitloper van het grootste natuurgebied van Nederland: de Veluwe. ADP architecten ontwierp de uitbreiding van de bestaande bebouwing en Bureau B+B de herinrichting van het terrein. Het Veluws landschap, met duinen, berken, jeneverbes, heide en dennen, loopt naadloos over in de campus. Het nieuwe terreinontwerp versterkt het gevoel midden in de natuur te werken. Vanaf de werkplek kan je zo het landschap instappen om te lunchen, wandelen of vergaderen. Kantorenlandschap Het terrein is verbijzonderd met gestileerde plekken, die refereren aan de Veluwe: Een cirkeltuinen met fel bloeiende heidesoorten, een grillig gevormde waterpartij en twee paviljoens verscholen in het bos. De paden slingeren door het landschap als een stelsel van uitgesleten olifantenpaden. Midden op de campus stijgt het pad naar een dek, waaronder geparkeerd wordt. Tussen de auto’s staan dennen die met hun kruin boven het dek uit groeien. De campus is een samenhangend geheel: een landschap, in plaats van een kantoortuin. Binnentuin De Veluwe loopt door op de campus, maar stroomt nog verder het vergadercentrum binnen. Een ruim 750 vierkante meter grote binnentuin vult het atrium met een glooiend landschap dat van de begane grond tot op de eerste verdieping reikt. Het is een natuurlijk ogende biotoop met grazige heuvels en valleien met verschillende soorten varens. De ontvangstruimte en het restaurant zijn rondom de tuin georganiseerd. Bezoekers wachten hier op hun afspraak, medewerkers ontmoeten elkaar bij de koffieautomaat en het sinterklaasfeest wordt hier gevierd. Het is een prettige welkomstruimte, waarin het omringende landschap de werkvloer op komt.


plankaart 0

20

100

Erica tetralix ‘Conunderwood’ Erica tetralix ‘Pinkstar’ Calluna vulgaris ‘Amethyst’ Erica carnea ‘Rosalie’ Erica carnea ‘Nathalie’ Erica carnea ‘Winterbeauty’ Erica carnea ‘Winterfreude’ VI VII VIII IX

X

XI XII

I

II

III

IV

V


Binnentuin


G248

Achmea Binnentuin Apeldoorn, Nederland (2011-2012)

Type: Binnentuin, Campus

Opdrachtgever: HMADP Architecten

Ontwerpteam: Bureau B+B stedebouw en landschapsarchitectuur

Programma: binnentuin, onthaalruimte, trappen, terassen

Oppervlak: 750 m2 Bouwsom: â‚Ź 150.000,-

Veluwe De campus van Centraal Beheer Achmea ligt aan de rand van Apeldoorn, in een uitloper van het grootste natuurgebied van Nederland: de Veluwe. ADP architecten ontwierp de uitbreiding van de bestaande bebouwing en Bureau B+B de herinrichting van het terrein. Het Veluws landschap, met duinen, berken, jeneverbes, heide en dennen, loopt naadloos over in de campus. Het nieuwe terreinontwerp versterkt het gevoel midden in de natuur te werken. Vanaf de werkplek kan je zo het landschap instappen om te lunchen, wandelen of vergaderen. Binnentuin De Veluwe loopt door op de campus, maar stroomt nog verder het vergadercentrum binnen. Een ruim 750 vierkante meter grote binnentuin vult het atrium met een glooiend landschap dat van de begane grond tot op de eerste verdieping reikt. Het is een natuurlijk ogende biotoop met grazige heuvels en valleien met verschillende soorten varens. De ontvangstruimte en het restaurant zijn rondom de tuin georganiseerd. Bezoekers wachten hier op hun afspraak, medewerkers ontmoeten elkaar bij de koffieautomaat en het sinterklaasfeest wordt hier gevierd. Het is een prettige welkomstruimte, waarin het omringende landschap de werkvloer op komt.


G269

Straatjes, bruggen, banen, sporen en paden Industriestrasse - Bocholter Aa, Bocholt, Duitsland (2009)

Type: Stedenbouw, Park, Water

Tussen het centrum van Bocholt en de Aa See ligt een vergeten industriegebied. Het heeft veel verborgen kwaliteiten: de rivier de Aa, industrieel erfgoed en een textielmuseum. Bureau B+B en SeARCH maakten een plan om het gebied te transformeren tot een levendig, multifunctioneel stadsdeel.

Opdrachtgever: Stadt Bocholt

Transformatie Het gebied transformeert in drie fasen:

Ontwerpteam: Bureau B+B stedebouw en landschapsarchitectuur in samenwerking met SeARCH

Programma: -

Oppervlak: 35 ha Bouwsom: € 14 Million incl bruggen

1. Ontsluiten De eerste fase bestaat uit het ontsluiten en toegankelijk maken van het gebied voor voetgangers en fietsers. Langs de rivier de Aa worden paden aangelegd van het centrum naar de Aa See. Verschillende bruggen verbinden de noord- en de zuidoever. 2. Activeren Nadat het gebied toegankelijk gemaakt is, worden mensen verleid om het gebied te ontdekken. Bij het textielmuseum komt een aantrekkelijk terras. Lege fabrieken bieden ruimte aan tijdelijke evenementen: een secret garden, een guerrilla café, skate park, boeken- en vlooienmarkt, een concert, dance festival, een open air bioscoop… 3. Programmeren De laatste fase van de transformatie bestaat uit het toevoegen van nieuw programma. Oude fabrieksgebouwen kunnen al in een vroeg stadium omgebouwd worden tot woningen. De pioniers die zich hier vestigen zullen het transformatieproces aanjagen. Er volgt meer woningbouw, een uitbreiding van het textielmuseum, een muziekschool en een Eventhalle. Rivier De rivier de Aa is de levensader van KuBAaI Bocholt. De rivier verbindt het gebied met het centrum en met de Aa See. Het geeft een bijzondere identiteit en vergemakkelijkt de oriëntatie. Tot voor kort liep de rivier verscholen achter fabrieken langs. Met paden, vlonders en bruggen is het water beleefbaar gemaakt. Er komen natuurvriendelijke oevers waar oeverplanten het water zuiveren. De ruige beplanting benadrukt het contrast tussen industrie en ecologie. Op verschillende plekken wordt de Aa verbreedt, zodat de kades bij hoog water niet meer overstromen.


Wende- eit möglichk

2

L 57

ro's

Maest KLUP

traße

osco-S

Don-B

st arck Bism raße g-

Overber schule

lle

Sportha

Text We ilWerk bere Boch i o

Gleise

hDre eibe sch

lt

Web

erei

plat

Rin

Café

z

Gle ise

ellweg

g latz

rkp

Pa

Po d

ium

-B

rü ck e

Uhlandstr aße

Radschn

Café

en

stuf

elzone

rwechs

rücke

Wasse Steg

Sekundäraue

and

dw

alte

Spun

Auenpark

Pla tz

Sitzstufe n

Brücke

Quartiersbrücke

menade

Uferpro

Versunkene

en

stuf

Sitz

Steg

Platz

Alte Eisenba hnb

Theodor-Heuss-Ring

Sitz

Wasserspi

elplatz

Eisenba

Radweg

hnplatz

dweg

Ra

L 572

Wohnen

Museumsplatz

ain

Königsm

ühle

Birkenh

Lernwerk

An der

Theodor-Heuss-Ring

le r üh Wehnigsm Kö

Staubturm

Torgebäude

Ehem. Maschinenhaus

Parken

Platz

Büro / Dienstleistung

Industriestraße

TextilWerk Bocholt Spinnerei

Verwaltungsbau (Bestand)

Büro / Dienstleistung

Bürogebäude

Industriestraße

Autohaus Citroen


Industrieel erfgoed Bocholt is een oude textielstad. Meer dan twee eeuwen lang zijn hier de wereldberoemde blauw en rood geblokte theedoeken geproduceerd. Langs de rivier de Aa ontstond hierdoor een kleinschalig industrielandschap met sheddaken, baksteenmuren, schoorstenen en productierelicten. Dit industriële erfgoed wacht nu op herontwikkeling. Bureau B+B en SeARCH brachten de sporen uit het industriële verleden in kaart. Sommige fabrieken kunnen omgebouwd worden tot woningen. Andere industriële elementen kunnen worden ingepast in nieuwbouw. De nieuwbouw krijgt een terughoudende architectuur, zodat de oude gebouwen goed uit de verf komen. Daarnaast onderstreept de eigentijdse vormgeving de vernieuwing van het gebied.


G273

Sophia Revalidatie Den Haag, Nederland (2010–heden)

Type: Terreininrichting, Gezondheidszorg, Park, Tuin Opdrachtgever: Terreininrichting, Gezondheidszorg, Park, Tuin

Ontwerpteam: Bureau B+B stedebouw en landschapsarchitectuur in samenwerking met MAS Architectuur

Programma: 230 parkeerplaatsen, sportkooi, speeltuin en revalidatie tuinen

Oppervlak: 4,0 ha

In de Den Haag verrijst een groen zorgeiland, met een revalidatiecentrum en een school voor speciaal onderwijs. Bureau B+B ontwerpt het terrein. Groen eiland Het revalidatiecentrum en de speciale school liggen in een groene zone van het naoorlogse stadsdeel Escamp. Dit groene assenkruis is essentieel voor de stedenbouwkundige en ecologische structuur van de wijk. Daarom is het belangrijk dat het groene karakter wordt versterkt. Het terrein is omgeven door water met natuurvriendelijke oevers. De buitenste rand bestaat uit bomen op een gazon. Daarbinnen liggen de gebouwen, parkeerplaatsen, thematuinen en een speelplaats. Het water en de groene rand geven het eiland een veilige beslotenheid, terwijl het toch openbaar toegankelijk is voor voetgangers en fietsers. Revalidatie De terreininrichting ondersteunt het revalidatieproces, door de patiënt stap voor stap terug te brengen naar de maatschappij. Direct naast het gebouw liggen intieme thematuinen, waar mensen in alle rust een frisse neus kunnen halen. De tuinen verschillen van elkaar, zodat de patiënt wordt verleid om op ontdekking uit te gaan. Hoe verder men van het gebouw af wandelt, hoe levendiger het terrein wordt. Er staan bankjes en speeltoestellen. Uiteindelijk bereikt de patiënt het doorgaande fietspad en de openbare weg, waar het leven van alledag zich afspeelt.

Bouwsom: € 2.000.000,-

Bloembakken voor rolstoelgebruikers


locatie in het groene assenkruis

een eiland

buitenrand ecologie

een rand van bomen

plein

thematuinen


Direct naast het gebouw liggen intieme thematuinen. Hoe verder men van het gebouw af wandelt, hoe levendiger het terrein wordt.

De tuinen verleiden de patiĂŤnt om op ontdekking uit te gaan.

Uiteindelijk bereikt de patiĂŤnt het doorgaande fietspad en de openbare weg, waar het leven van alledag zich afspeelt.


Meervoudig ruimtegebruik De school voor speciaal onderwijs wordt bezocht door kinderen met allerlei ziektes en beperkingen. Sommige kinderen zitten in een rolstoel, anderen zijn slechtziend. Ze worden vaak in busjes naar school gebracht. Er zijn daarom veel parkeerplaatsen nodig. ’s Middags is de parkeerplaats leeg en kan het gebruikt worden voor sport en spel. Dichter bij de school ligt een besloten speeltuin met aangepaste speeltoestellen.


G281

Steekterpoort Alphen aan de Rijn, Nederland (2011–2014)

Type: Terreininrichting Opdrachtgever: Blok Kats van Veen architecten, Provincie ZuidHolland Ontwerpteam: Bureau B+B stedebouw en landschapsarchitectuur in samenwerking met Blok Kats van Veen architecten

Programma: Inpassing gebouw, kade inrichting, bloemrijk grasland, ontsluiting parkeerterrein Oppervlak: 6.800 m2 Bouwsom: € 1.200.000,-

Bureau B+B en Blok Kats van Veen architecten realiseerden het meest duurzame brugbedieningscentrum van Nederland. Zowel het gebouw als de terreininrichting weerspiegelen het hoogste ambitieniveau. Het terrein is soortenrijk, representatief en aantrekkelijk voor mensen en dieren. Utilitair en robuust Het bedieningscentrum Steekterpoort ligt op de plaats waar de gekanaliseerde Gouwe uitkomt in de Oude Rijn. Zowel gebouw als terrein zijn afgestemd op het utilitaire karakter van de Gouwe en de industriële Gouwesluisbrug. De terreininrichting sluit aan bij het duurzame karakter van het bedieningscentrum en bij de kwaliteiten en karakteristieken van het omringende landschap. Aan de westzijde staat het bedieningscentrum op een stoere kade van asfalt en stelconplaten. Parkeren wordt daarbij opgenomen onder de nieuwbouw of bij het aangrenzende talud en wordt hierdoor aan het zicht onttrokken. De kade is openbaar toegankelijk. Lange banken staan op de kade en in het omringende landschap. Watersysteem Aan de oostzijde bestaat het terrein uit een kruidenrijk grasland op een flauwe helling van de Boskoopseweg naar de nieuwbouw. Een slingerende greppel verzamelt, buffert en zuivert het omgevingswater en zorgt voor nattere zones met een gevarieerde oeverbeplanting en drogere zones met inheemse bermbeplanting. Op de kade wordt het water door een verdiepte goot in de betonnen ondergrond geleid. Aan de binnenzijde zijn uitsparingen gemaakt waar planten in kunnen groeien.


Ecologie De ambities op het gebied van duurzaamheid worden in de terreininrichting doorgezet. Voor de buitenruimte is daarom bewust gekozen om gĂŠĂŠn beplanting in te zaaien, maar om het gebied op natuurlijke wijze te laten begroeien met de zaadjes die op verschillende manieren het terrein bereiken (door de lucht, vogels, mensen, en andere dieren). Op die manier is er een kruidenrijk en kleurrijk grasland ontstaan. De boomstructuur bestaat uit een combinatie van verschillende essensoorten met verschillende bladvormen, bloeiwijzen en herfstkleuren. De ecologie van het terrein is overal te beleven. Vooral het functioneren van het watersysteem wordt op verschillende plaatsen zichtbaar gemaakt. Het pad van de Boskoopseweg naar de hoofdentree van het centrum loopt door het grasland en kruist op twee plaatsen de greppel. Het bestaande fietspad wordt opgenomen in het totaalontwerp. Met de terreininrichting wordt het bedieningscentrum op natuurlijke wijze opgenomen in zijn omgeving.

duurzaam watersysteem

afwatering landschappelijk deel

afwatering en wateropvang op het utilitair deel


G282

Landschapspark de Kanjel Maastricht, Nederland (2011–heden)

Type: Openbare Ruimte, Infrastructuur, Brug Opdrachtgever: Gemeente Maastricht

Ontwerpteam: Bureau B+B stedebouw en landschapsarchitectuur in samenwerking met Jan Maas

Programma: Landschapspark, Twaalf Bruggen

Oppervlak: 8.850 m2 Bouwsom: -

In het stroomgebied van de Kanjel, iets ten Noorden van Maastricht liggen kasteel Bethlehem en buitenplaats Jeruzalem, als onderdeel van de landgoederenzone Maastricht – Meerssen. Kasteel Bethlehem en de bijbehorende kasteeltuin zijn tegenwoordig in gebruik door de Hoge Hotelschool Maastricht. Bureau B+B werd gevraagd om een landschapspark te ontwerpen, met als opdracht om de kasteeltuin en buitenplaats te verbinden met de omliggende wijken en het gebied hierdoor terug te geven aan de inwoners van de stad. De kasteeltuin en buitenplaats verkeren in vervallen staat. Ze worden gerenoveerd en deels uitgebreid. De Kanjel, Limburgs voor goot, is een cultuurhistorisch waardevolle gegraven waterloop met het karakter van een beek. In het ontwerp wordt de Kanjel als bindend element ingezet tussen de kasteeltuinen die samen een landschapspark vormen. Het gebied wordt ontsloten en haakt aan op de regionale fiets en wandelpaden en de Kanjel krijgt een prominente plek in het landschap. Met een boomgaard, biologische groentetuinen en stadslandbouw wordt de omgeving geactiveerd om het gebied te gebruiken. Door de aanwezigheid van de Kanjel en de slotgrachten rond het Kasteel en de buitenplaats vormt water een belangrijk onderdeel in de beleving van landschapspark de Kanjel. De verschillende routes worden dan ook op verschillende plekken over het water geleid door een familie van bruggen. De vormgeving van de bruggen is geïnspireerd op lokale ‘vondsten’. De bruggen zijn architectonische pareltjes van het gebied en variëren van hoog en dramatisch tot asymmetrisch licht gebogen. Het zijn de plekken waar een landschap aanvoelt als een park.


G282

Spooronderdoorgang Kanjelzone Maastricht, Nederland (2011–2015)

Type: Openbare Ruimte, Infrastructuur, Brug Opdrachtgever: Gemeente Maastricht

Ontwerpteam: Bureau B+B stedebouw en landschapsarchitectuur in samenwerking met Michiel Kluiters (beeldend kunstenaar)

Programma: Spooronderdoorgang en landschappelijke inpassing

Oppervlak: 8.850 m2 Bouwsom: €-

photo: Michiel Kluiters

Een nieuwe spooronderdoorgang verbindt de wijken Limmel en Nazareth. Fietsers en voetgangers kunnen nu via een aantrekkelijke en veilige route naar het winkelcentrum. Verbinding De Maastrichtse wijken Limmel en Nazareth krijgen samen een nieuw winkelcentrum. Om het centrum voor iedereen goed bereikbaar te maken, is een spooronderdoorgang gerealiseerd. De ongelijkvloerse spoorbrug vervangt een gelijkvloerse spoorovergang met slagbomen. Met een lange luie bocht worden de bewoners van Nazareth via een rotonde op een logische manier naar Limmel geleid. Brug De spoorbrug heeft een asymmetrische opzet. De brug lijkt zichzelf te dragen aan de noordzijde en te leunen op de kerende wand aan de zuidzijde. Het spoordek heeft een randafwerking die de liggers ‘slanker’ doen lijken. Hierdoor wordt de brug niet benadrukt maar de verbinding. Aan de zuidzijde van de brug wordt het hoogteverschil opgevangen door een betonnen kerende wand met een trap. Beiden zijn afgewerkt in natuursteen dat aansluit bij de omgeving. Onderdoorgang Er loopt een breed voetpad onder de spoorbrug door met een aftakking richting de entree van het winkelcentrum. Dankzij een vide tussen de liggers treedt er daglicht onder de liggers toe. Dit vergroot de sociale veiligheid in de tunnel. Michiel Kluiters verzorgde de kunstwerken op de wanden van de onderdoorgang. Het werk verbeeldt het bijzondere verbindende karakter van de spoorbrug.


DOORSNEDE KEERMUUR MET BEPLANTING

Kunstwerk van Michiel Kluiters

BLAD PARTHENOCISSUS TRICUSPIDATA ‘VEITCHII’

HERFSTKLEUR


G294

POP VRIEND SEEDS Bedrijfstuin, Andijk, Nederland (2012-2014)

Type: Tuin

Opdrachtgever: Pop Vriend Seeds

Ontwerpteam: Bureau B+B stedebouw en landschapsarchitectuur i.s.m. WEST Beplantingsadvies

Programma: voortuin, terreininrichting, binnentuinen, infrastructuur, parkeerplaatsen

Oppervlak: 3 ha Bouwsom: â‚Ź125.000,-

Pop Vriend Seeds is al decennia lang gevestigd aan de Middenweg in Andijk. Recentelijk is er een nieuw gebouw gerealiseerd met kantoren en laboratoria. Ook het terrein is vernieuwd. Het bedrijf verwelkomt nu medewerkers uit de directe omgeving en klanten en distributeurs uit de hele wereld met uitbundig bloeiende velden. De bedrijfstuin creĂŤert een vloeiende overgang van dorp naar landschap. De voortuin, gelegen aan de Middenweg, past in de reeks van voortuinen van de buren. Tegelijkertijd biedt het een verassend doorzicht naar het iets teruggelegen hoofdkantoor. Hier zetten de tuinen door. Naarmate men verder het terrein op komt, voegen ze zich in het ritme van het omringende landschap. De tuin is rijk aan bloeiende plantensoorten die het terrein door het jaar heen kleur geven. De soortenrijkdom van de velden weerspiegelt de rijkdom aan zaden die in de depots en laboratoria bewerkt worden. Een asfaltweg snijdt dwars door de bloemenvelden heen, vanaf de inrit tot aan het loadingdock achterop het terrein. Opvallende gele markeringen begeleiden bezoekers en zaden naar hun bestemming. Net iets opgetild boven de velden staat het nieuwe kantoor. Trappen van rood staal leiden de bezoeker naar binnen, waar het uitzicht op het landschap weids is. In de besloten binnentuin manifesteert de beplanting zich anders dan in de open velden. Vijf hemelbomen vormen een dak boven de binnentuin. Door hun eigenwijze groeivorm hebben ze allemaal een eigen karakter. Het terrein van Pop Vriend Seeds heeft een sterk kleurenpallet met het rood van de hemelbomen en het staal, de verschillende tinten van brons via oranje naar oker van de beplanting en het geel van de wegbelijning. Het is een in het oog springende, samenhangende tuin met respect voor haar omgeving en een link naar de bedrijfsvoering.


G300

Victor Hugo Plantsoen Utrecht, Nederland (2013-2015)

Opdrachtgever: NEXT Architects

In het Victor Hugoplantsoen is een schoolgebouw geïntegreerd met een fietsbrug. Bureau B+B werkte samen met de architecten om alle elementen tot een landschappelijk geheel te smeden. Fietsers rijden via een brede fietslus over het dak van de school het Amsterdam Rijnkanaal over. Het veilig omsloten schoolplein oriënteert zich op het plantsoen: een continue groene ruimte waarin alle nieuwe elementen zorgvuldig zijn ingepast.

Ontwerpteam: Bureau B+B stedebouw en landschapsarchitectuur i.s.m. NEXT Architects, Rudy Uytenhaak architecten, ARUP en RODOR

Geïntegreerd ontwerp De nieuwe fietsbrug over het Amsterdam Rijnkanaal verbindt Leidsche Rijn en de Utrechtse binnenstad. Om de scheepvaart niet te belemmeren stijgt de brug naar een hoogte van 7 meter. Hierdoor is er onder de brug alle ruimte voor een brede school. Het gebouw, de brug en het omliggende Victor Hugoplantsoen zijn ontworpen als een samenhangend geheel. Dit vroeg om een intensieve samenwerking tussen de architect, de brugontwerper en de landschapsarchitect.

Type: Landschapsontwerp

Programma: Buurtpark, school met schoolplein, fietsroute, brug, 12 woningen

Oppervlak: 1,68 ha Bouwsom landschapsontwerp: € 650.000,-

Fietservaring Omdat de fietsbrug over het dak van de school heen loopt, is het gebouw aan alle kanten omringd door licht en ruimte. Er zijn geen blinde gevels. Het uitzicht van de fietsende passant wordt nergens belemmerd door het gebouw. Met een ruime bocht wordt de fietser via een fietslus opgetild uit het plantsoen, om over het dak van de gymzaal te worden geleid. De route vervolgt door de kruinen van bomen naar een panoramisch uitzicht over het kanaal. De gevlochten kabels van de brug vormen een ranke poort naar de nieuwe stad.


Amsterdam Rijnkanaal

nieuwe fietsbrug

school

schoolplein Daktuin

nieuwbouw woningen

fietslus


een drie eenheid, park, dak en brug

Schoolplein De vorm van het schoolgebouw creĂŤert een veilige omsloten speelruimte voor de kinderen. De brede kant van de school sluit het plantsoen af van het kanaal. De school en het plein oriĂŤnteren zich duidelijk op het plantsoen. Omdat het gebouw aan de oostkant onder de brug wat smaller is ontstaat hier een vanzelfsprekende hoofdingang in het verlengde van de straat. Het is een goed zichtbare plek voor halen en brengen.

Continue groen In het ontwerp is ernaar gestreefd om het oorspronkelijke plantsoen zo groot mogelijk te laten. De meeste bomen konden worden behouden. Het plantsoen is een doorlopende open groene ruimte. De nieuwe elementen zijn zorgvuldig ingepast in het landschap. De komvormige ruimte binnen de fietslus vraagt hierbij om extra aandacht. De kom is toegankelijk via een opening onder de brug bij het schoolplein. In de kom bevindt zich een zonnig sportveld. Hierdoor wordt de kom een karakteristiek onderdeel van het geheel. N SCHOOL UTRECHT/ 27-05-2014

N

gebouw als aanlanding van de brug

heldere ontsluiting

doorzichten


IN

Dit doc het Am basissc opgave

De nieu Rijn en ingepa

drie eenheid: park, dak, brug

levendige gevels door brede school onder de brug

→ EEN

Een bru maken van de gebouw

→ RUIM

Met de het sch school schoolp de stra school speelru ↑ MAQUETTEBEELD

doorzichten

logische ontsluiting

→ GRO

We will worden Uitgang zijn ing ruimte de kom schoolp onderd

→ EEN

↑ MAQUETTEBEELD VAN DE DRIE GEÏNTEGREERDE PROJECTEN

↑ MAQUETTE PLANGEBIED

Het uitg het plan publiek zwerfaf die het geval v


G310

Aan tafel Tuin Johan de Witt huis, Den Haag (2015)

Type: Tuin

Opdrachtgever: Rijksvastgoedbedrijf/ Atelier Rijksbouwmeester

Ontwerpteam: Bureau B+B stedebouw en landschapsarchitectuur

Programma: Representatieve vergaderen ontvangstlocatie van het Ministerie BZ. diners, evenementen Oppervlak: 490 m2 Bouwsom: -

De tuin als idyllische plek moet intiem aanvoelen voor de gebruiker die de tuin inloopt om even een luchtje scheppen, zijn gedachten te ordenen, rustig iets uit te werken op zijn laptop, even te bellen, een onderonsje te houden of gewoon een moment alleen wil zijn. Anderzijds moet de representatieve tuin ruimte bieden aan een grote groep mensen. De tweeledige functie van de tuin zorgt voor de noodzaak van een innovatieve oplossing voor het ruimtegebruik. Wij introduceren een waterspiegel in de tuin. Het water laten we weglopen bij grote bijeenkomsten, zo is de tuin naar wens aanpasbaar, en kan plaats bieden aan grote groepen genodigden. De tafel - over de laatste eeuwen bijna symbool geworden van samenkomen - kan door zijn specifieke (voor deze tuin ontworpen) vorm, informeel of formeel samengesteld worden voor kleine alsook grote groepen bezoek. Als één tafel uit de muur wordt genomen ontstaat een nis die ruimte biedt om even overdekt en uit het zicht van de omgeving een sigaretje te roken. Als alle tafels uit de muur genomen zijn, is er plaats om een heel buffet uit te stallen. De nieuwe tuinmuur geeft opslagruimte voor alle 14 tafels die door hun maat en materiaal gemakkelijk door 1 persoon uit de wand te nemen zijn. Ook de stoelen worden in deze nieuwe muur opgeslagen. Een wifi-spot en stroomaansluiting zijn geïntegreerd in de achtermuur, waardoor het ook mogelijk is aan een tafel te werken met een laptop. Wij vatten de tuin op als een nieuwe stijlkamer. Voor het versterken van identiteit van de kamer pakken we de bestaande tuinmuren aan. Gebaseerd op treillage - het historische ‘behang’ van buitenruimtes – ontwerpen we een nieuwe stijl treillage. ETussen de tuin en het parkeerhof wordt een nieuwe wand toegevoegd, tevens opgebouwd uit deze treillage. Deze wordt eigentijds geproduceerd door middel van 3D printen of laserstralen. De historische ornamentiek in de woning kan door middel van deze technieken in de tuin worden vertaald.


Moment 1 - Waterspiegel

Moment 2 - Lange tafel

[A]: Informeel, dagelijks gebruik , [B]: Klein formeel diner, 24 plaatsen , [C]: Groot formeel diner, 48 plaatsen [D]: Informeel buffet, 52 plaatsen, [E]: Tuinkamerconcert, 15 zitplaatsen, [F]: Informeel, dagelijks gebruik


Tuinmuur met uitneembare meubels De genereuze onderbeplanting samen met de vorm van de paden zorgen voor een afwisselende choreografie in de tuin, en het bladerplafond van meerstammige bomen in de tuin waarborgt de privacy. Hierdoor ontstaan er intieme plekken om rustig te werken en te zitten. We gebruiken het bestaande hoogteverschil in de tuin, maar geven dit op andere wijze vorm. De paden in ons ontwerp komen onder een afschot naar beneden te liggen, terwijl de beplanting op hoogte blijft. Met het hoogteverschil wordt ruimtelijke diversiteit gecreĂŤerd. De relatie tussen gebruiker en vegetatie is overal in de tuin verschillend. Vanaf het bordes toont de tuin zich bijna als een landschapsschilderij, een ‘gesamtkunstwerk’, dat oneindig door zou kunnen gaan. Het betreden van de smalle paden met hoge varens en stinzevegetatie aan weerszijden geeft een weelderige impressie, en bij het langzaam afdalen naar de achterzijde van de tuin wordt je steeds meer omsloten door de beplanting. De beplanting bevind zich op ooghoogte. Doorlopend naar de waterspiegel wordt de sfeer weer opener.

Modulair principe tafel


G303

Stadspark Kerkrade Kerkrade, Nederland (2014-2016)

Type: Parkontwerp

Opdrachtgever: Gemeente Kerkrade

Ontwerpteam: Bureau B+B stedebouw en landschapsarchitectuur

Programma: Park, Centraal plein, Hertenkamp, Waterloop en Waterval

Oppervlak: 75.000 m2

Bouwsom : € 2.750.000,-

Het stadspark in Kerkrade is gerenoveerd. Het vormt nu een aantrekkelijke verbinding tussen stad en land. In de loop der tijd was het park verrommeld. Vervuilde grond creëerde een extra uitdaging. Bureau B+B verplaatste de hertenweide en transformeerde een steilrand naar een amfitheater. De paden zijn verlegd en een verdwenen beek stroomt weer door het park. Renovatie Het stadspark in Kerkrade is aan het begin van de 20ste eeuw aangelegd in een klassieke Engelse landschapsstijl. Er zijn slingerende paden, waterpartijen, boomgroepen en een hertenweide. Een voormalige vuilstort op de locatie zorgt voor een flink hoogteverschil. Het Stadspark is een groene schakel tussen het centrum, de Gaiazoo, kasteel Erenstein en het omringende landschap. Door verschillende toevoegingen en vernieuwingen is het park in de loop der tijd verrommeld. Bureau B+B kreeg de opdracht om er weer een aantrekkelijk geheel van te maken. Ruimtelijke eenheid Bureau B+B trof een opgeknipt stadspark aan in Kerkrade. Aan de ene kant blokkeerde de hertenweide de ruimtelijke eenheid, aan de andere kant een steile rand. De hertenweide krijgt een nieuwe plek en de stijlrand is getransformeerd van een obstakel naar een verblijfsplek. Natuurstenen randen creëren terrassen als een amfitheater. De dichte begroeiing is hier geopend, voor een doorzicht van hoog naar laag. Een nieuwe padenstructuur zorgt voor fysieke verbindingen. De entrees zijn duidelijker gemarkeerd, zodat het park een vanzelfsprekende route wordt tussen het centrum, de omliggende wijken en het landschap.


Vervuilde grond De grond van de voormalige vuilstort is vervuild. Toen de vuilstort nog in gebruik was, werd het vuilnis steeds afgedekt met een laag grond voordat de volgende laag werd gestort. De bodem bestaat daarom voor 50% uit vuil en 50% grond. Hierdoor is de grond net schoon genoeg om niet gesaneerd te hoeven worden, maar wel te vies om af te graven. Het reliëf kon daarom alleen aangepast worden door ophoging. Het was een uitdaging om op deze manier aantrekkelijke glooiingen te creëren, en tegelijkertijd zo veel mogelijk bomen te sparen. Beek Op de locatie van het Stadspark stroomde vroeger de Nierspringbeek. Door de vuilstort is deze beek ondergronds geraakt. Nu stroomt het water weer zichtbaar door het park. Op het hoogste punt van het park verzamelt het water zich in een ‘bron’, een glooiend bassin met stapstenen. Vanuit de ‘bron’ stroomt het water in een goot van kasseien. Via de goot stroomt het water heuvelafwaarts, over de terrassen van de stijlrand. Hoe verder de beek het park instroomt, hoe natuurlijker de waterloop. De beek mondt uit in een vijver, op het laagste punt van het park. De beek is een verbindend element en een spelaanleiding. Tegelijkertijd reguleert het de afwatering. Vanuit de omringende wijk stroomt regenwater naar de bron. Bij hevige regen verandert de beek in een woeste stroom. Tijdens droge periodes wordt het water via de bron rondgepompt.

ontwerp in hoogtelijnen

relief en beek


G238

CiBoGa Groningen, Nederland (2004-heden)

Type: Openbare Ruimte, Tuin, Park

Opdrachtgever: Gemeente Groningen

Ontwerpteam: Bureau B+B stedebouw en landschapsarchitectuur

Programma: -

Oppervlak: OR 25.000 m2, Schots Drie 1.020 m2, Schots Vijf 1.475 m2 Bouwsom: €3.325.000,-

Ciboga is een omvangrijk woningbouwproject aan de rand van de Groninger binnenstad, op de voormalige stadsomwalling. Het stedenbouwkundig plan omvat elf vrijwel gesloten bouwblokken, ‘schotsen’, gezet in een openbaar, parkachtig landschap. Een essentieel onderdeel zijn de semiopenbare binnentuinen, die moeten bemiddelen tussen de vele woningen in een hoge dichtheid met weinig privé-buitenruimte en de groene openbare ruimte die van de stad is. Bureau B+B ontwierp het parklandschap rondom de schotsen en de binnentuin van Schots Drie, een gebouw van AAS architecten. De openbare ruimte tussen de schotsen bestaat uit een autoluwe woonomgeving, voor een groot deel gelegen op een parkeergarage. De tussenruimtes zijn vaak smal. Uitgangspunt voor de inrichting is om de buitenruimte als een parkachtige sfeer zo eenduidig mogelijk in te richten en geen traditionele straatprofielen te creëren. Smalle asfaltpaden afgestrooid met parelgrind. De vormgeving van de binnentuin van Schots drie is gebaseerd op een oude Joodse begraafplaats die hier eens lag, en waar, zoals gebruikelijk, bomen niet gekapt mochten worden, met als gevolg dat ze op bijzondere, informele wijze tussen de graven groeiden. Dit idee komt terug in een pad dat is vormgegeven als een tak die een weg zoekt door het blok, en tegelijk de ontsluiting van de woningentrees verzorgt. Het strakke betonpad – met een toeslag van ijzervijlsel, waardoor het na verloop van tijd roestbruin kleurt – vormt een mooi contrast met de vele soorten siergras in verschillende hoogtes. De hogere grassen geven de aangrenzende privéruimtes een besloten sfeer op zithoogte en verdelen de tuin in open, beschutte en ook verborgen plekken. Crocosmia en Imperata cylindrica ‘Red Baron’ geven de tuin het hele jaar door kleur. Fluweelbomen zorgen in de zomer en herfst voor een bijzonder kleuraccent. De tuin werd genomineerd voor de internationale prijs ‘Best private plots 2010 /Die besten Gärten 2010’.


G310

Landgoed De Tempel en Nieuw Rhodenrijs Rotterdam (2015-heden)

Type: Zorg, Landgoed, Cultuurhistorie Opdrachtgever: Gemeente Rotterdam (i.s.m. Natuurmonumenten en Golden Years) Ontwerpteam: Bureau B+B stedebouw en landschapsarchitectuur

Programma: Zorgwoningen, Dementie, Congresruimte, Cafe, Parkeren, Tuin, Bos, Park

Oppervlak: 15 ha Bouwsom: -

Onder de rook van Rotterdam liggen twee monumentale landgoederen: De Tempel en Nieuw Rhodenrijs. Binnenkort worden de landgoederen herontwikkeld tot een woonomgeving voor zorgbehoevende ouderen in een publiek toegankelijk recreatiegebied. De Tempel is al meer dan 300 jaar oud en het gebied heeft een rijke flora en fauna. De inpassing van zorg en recreatie moet dan ook zorgvuldig gebeuren. Bureau B+B stelde een ontwikkelvisie op. 300 jaar tuinhistorie De landgoederen aan de Schie bevatten sporen van 300 jaar tuingeschiedenis: De Tempel heeft een 18e eeuwse basisopzet met classicistische lanen, barokke waterpartijen en een beeldenpark. In de negentiende eeuw zijn daar slingerpaden aan toegevoegd in een pseudo landschapsstijl. Nieuw Rhodenrijs is aangelegd in het begin van de 20ste eeuw in een strakke architectonische tuinstijl. We versterken de beleving van de verschillende historische perioden door beeldbepalende elementen in ere te herstellen. Daarnaast voegen we nieuwe, eigentijdse elementen toe. Een modern vlonderpad van cortenstaal zal de twee landgoederen onderling met elkaar verbinden. Aan de Schie komt een aanlegsteiger voor recreatievaart met een terras en een paviljoen. Zorg Op het zorglandgoed verrijzen ongeveer vijftig woonunits voor zorgbehoevende ouderen. Het terrein zal ingedeeld worden in verschillende domeinen, die variĂŤren in sfeer. Bewoners kunnen zelf bepalen of ze behoefte hebben aan privacy of gezelligheid, aan rust of aan activiteit. De gebouwen hebben een directe relatie met de tuin, zodat bewoners worden uitgenodigd om elke dag even naar buiten gaan en de natuur te beleven. De tuin is zeer goed verzorgd en levendig en sluit aan op de beleving van mensen met dementie.

DE TEMPEL

SC HI E

NIEUW RHODENRIJS


G184

Geprogrammeerde toverbal Expo 2000, Hollandse Tuin, Duitsland (1998–2000)

Type: Tuin, Terreininrichting

Opdrachtgever: Stichting Nederlandse Wereldtentoonstellingen

Ontwerpteam: Bureau B+B stedebouw en landschapsarchitectuur in samenwerking met MVRDV en Jaqueline van der Kloet

Programma: Plantentuin, Route naar het paviljoen

Oppervlak: 9.000 m2 Bouwsom: € 450.000,-

De Hollandse Tuin op de Expo 2000 in Hannover was, net als het bureauproject Looking for Jane in Makeblijde, een tentoonstellingstuin met een ijzersterk concept. Het gestapelde Nederlandse paviljoen van mvrdv was een statement over de omgang met de schaarse ruimte in het dichtbevolkte Nederland. Het paviljoen was uitermate compact: rondom het gebouw bleef een terrein over van maar liefst 8000 vierkante meter. Voor de vormgeving ervan schreef de pdrachtgever van de Nederlandse presentatie, de Stichting Nederland ereldtentoonstellingen, een besloten prijsvraag uit, die Bureau B+B won. De Hollandse Tuin die het bureau ontwierp was een directe reactie op het gebouw. De ontwerpers vatten de ruimte op als een nog ongeplande plek, wachtend op nieuwe ontwikkelingen: een verademing in een land waar elke vierkante meter een bestemming heeft. Dergelijke raakliggende terreinen bevinden zich tijdelijk in een pioniersstadium met een ratjetoe aan beplanting: een nieuwe natuur in aanzet. Dit gegeven werd verwerkt in een ontwerp waarbij bezoekers door eenuitgestrekt tapijt van verschillende bloemen min of meer hun eigen weg moesten vinden. Om een ‘natuurlijk’ proces in gang te zetten, was alleen een startpositie gecreëerd van waaruit de tuin gedurende de tentoonstelling langzaam vaste vorm kreeg. Dynamische invloeden zoals het weer, plantengroei en spontane bewegingen van bezoekers droegen bij aan het wisselende aanzicht van de tuin. Een eindbeeld was er niet. Deze schijnbare toevalligheid was extreem gepland, erg hightech en typisch Nederlands. De ondergrond bestond uit verschillende lagen rood mijnsteen en zwart sediment. Daarop waren beplantingsvakken aangegeven met vier verschillende plantdichtheden. Op plekken waar veel bezoekers liepen, verdween het kleine zwarte split tussen het grovere rode mijnsteen en kreeg beplanting minder kans. Elders verdichtte de flora. De twintig verschillende plantensoorten – er werden geen heesters of bomen gebruikt, slechts bollen, eenjarigen en vaste planten – hadden verschillende kleuren en bloeitijden. Een uitgebreid leidingennetwerk voor druppelbevloeiing zorgde ervoor dat een proces dat normaal gesproken vijf jaar in beslag zou nemen, zich binnen één jaar voltrok. Vlonders, afscheidingen en andere niet-levende materialen die een bepaald gebruik konden aanduiden, werden bewust gemeden. Toch moest er één compromis gesloten worden: om het verwachte miljoenenpubliek enigszins te stroomlijnen, werd een slingerende route naar de entree ontworpen. Door, vooraf gepland, toeval en willekeur veranderde de tuin als een toverbal van dag tot dag, een steeds veranderende context voor het Nederlandse paviljoen.


Architectuur Park en tuin Landschap Openbare ruimte Stedenbouw

O


O003

Station Arnhem Arnhem, Nederland (2002-2016)

Type: Openbare Ruimte, Infrastructuur

Opdrachtgever: Gemeente Arnhem

Ontwerpteam: Bureau B+B stedebouw en landschapsarchitectuur in samenwerking met UNStudio, Atelier Lek Programma: Stationsplein, trolleybussenplein, kantorenplein, groen, zitelementen en verlichting Oppervlak: 45.000 m2

Foto: Frank Hanswijk

Het Centraal Station van Arnhem is een levendig knooppunt van treinen, trolleybussen, auto’s, voetgangers en fietsers. UNStudio was verantwoordelijk voor de gebouwen en het masterplan. Bureau B+B ontwierp de openbare ruimte: Een stedelijk landschap voor ontmoeting en interactie. Stedelijk landschap Het stationsgebied van Arnhem ligt in een glooiend landschap op de overgang van de Hoge Veluwe naar de lager gelegen Rijn. Dit hoogteverschil is de basis voor het ontwerp. Het stationsplein sluit naadloos aan op de vloeren van het stationsgebouw. De natuurstenen bestrating volgt het glooiende maaiveld. Grotere hoogteverschillen worden opgevangen door ‘plooien’ in de bestrating, met houten zittingen er op. Het landschap van de Veluwe en de Rijn komt ook tot uitdrukking in de beplanting: Schaduwminnende beplanting aan de lage oostzijde en kleurrijke droogteminnende beplanting op de hogere en zonnige delen. Indrukwekkende platanen vormen oriëntatiepunten, transparante gleditsia’s markeren de ontmoetingsplekken. Verblijfskwaliteit Het ontwerp van UNStudio is gebaseerd op beweging. Reizigers worden door de vorm van het gebouw de juiste kant op geleid. Bureau B+B voegde aan deze dynamische omgeving verblijfskwaliteit toe. De banken en het groen zorgen ervoor dat de stationsomgeving meer is dan een plek is waar je doorheen rent om de trein te halen. Het is een plek om langer te blijven. Voor een ontwerper is het een groot compliment als de openbare ruimte die je hebt ontworpen intensief wordt gebruikt. Daarom vindt Bureau B+B het leuk dat het nieuwe station van Arnhem populair is onder skateboarders.


Landschappelijke context

Foto: Frank Hanswijk


Detaillering De natuurstenen bestrating volgt het glooiende maaiveld in diverse legrichtingen. Speciaal gevormde tegels zorgen voor vloeiende overgangen. Verspreid over de vloer liggen roestvrijstalen cijfers die de hoogteverschillen markeren. De banken duiken uit de bestrating op als golven of stuifduinen. Het verlichtingsconcept is ontwikkeld in samenwerking met Atelier Lek. Lijnverlichting en verlichting in de trapleuning begeleiden de looproutes. Hoge lichtmasten maken het plein veilig en overzichtelijk, terwijl kleine armaturen zorgen voor sfeerverlichting bij de banken. Grondspots belichten de monumentale bomen.

Roestvrijstalen cijfers geven het hoogteverschil aan. Foto: Ben ter Mull

Foto: Frank Hanswijk

Op maat gemaakte straatstenen. Foto: Frank Hanswijk


Foto: Frank Hanswijk

Foto: Frank Hanswijk


O021

Bloeiende stad Nieuwegein, Nederland (1997–2014)

Type: Stedenbouw, Binnenstad

Opdrachtgever: Gemeente Nieuwegein

Ontwerpteam: Bureau B+B stedebouw en landschapsarchitectuur in samenwerking met UNStudio en Michael van Gessel

Programma: Winkelcentrum, Marktplein, Beplanting op parkeerdek

Oppervlak: 67.000 m2 Bouwsom: € 13.200.000

Marktplein

Het jaren 70 winkelcentrum van Nieuwegein heeft een facelift gekregen. Het overkoepelende concept is ‘Blooming City’. Op het parkeerdek staan verhoogde beplantingsvakken die elk seizoen kleurrijk zijn. In de bestrating is een patroon van bloemen en takken aangebracht. Het centrum is verdeeld in drie pleinen en een boulevard, die door niveauverschillen en gevarieerde beplanting een eigen karakter hebben. Transformatie Net als veel andere groeikernen stond Nieuwegein eind jaren negentig voor de opgave het verouderde winkelcentrum om te vormen tot een kloppend stadshart. Bureau B+B werkte de ontwikkelingsvisie van de gemeente uit in samenwerking met UNStudio en Michael van Gessel. De jaren zeventig structuur ging hierbij volledig op de schop. Het vernieuwde winkelcentrum is uitnodigend door het open karakter en een intensief, meervoudig ruimtegebruik. Het winkeloppervlak is verdubbeld en er zijn woningen, kantoren, een gemeentehuis, theater, bioscoop, muziekcentrum, en een bibliotheek aan het programma toegevoegd. Bloeiend parkeerdek Het overkoepelende concept voor de openbare ruimte is ‘Blooming City’. Dit kan figuurlijk opgevat worden als een bruisend winkelcentrum, maar ook letterlijk als een plek met veel bloemen. Omdat het winkelcentrum grotendeels op een parkeerdek ligt, kon het groen alleen in verhoogde vakken worden aangeplant. Er is gekozen voor een combinatie van soorten die in elk jaargetijde kleurrijk is. De beplantingsvakken en het straatmeubilair zijn geïntegreerd in een glooiend maaiveld. Het concept is doorvertaald in de natuurstenen bestrating met een patroon van abstracte takken en bloemen.


Winkelplein Markt

Stadhuis

Marktplein


Drie pleinen en een boulevard Het winkelcentrum is verdeeld in drie pleinen en een boulevard; het Winkelplein, het Marktplein, het Stadsplein en de Stadsboulevard. Door de niveauverschillen en de gevarieerde beplanting heeft elk plein een eigen karakter. Het winkelplein heeft een hoog en een laag gedeelte, verbonden door een brede theatrale trap, een lift en een roltrap. Op het hogergelegen deel zorgen plantvakken met vaste planten en bollen voor een groene sfeer. Op het lagergelegen deel is een speciaal ontworpen bloemenhekwerk geplaatst. Het Stadsplein is een representatieve ruimte waar zowel de entree van het stadshuis als het theatercomplex aan ligt. Hier vindt de zaterdagmarkt plaats en het biedt ruimte voor evenementen. De bomen zijn zo geclusterd dat in elk seizoen minimaal één boom in volle bloei staat. De opstaande rand van de boomeilanden bieden zitplaatsen met uitzicht over de lagergelegen Stadsboulevard. Het Marktplein is een plein met horeca, terrassen en winkels. Er staan verschillende soorten bloeiende magnolia’s. Door een verhoging van de bestrating onder de bomen hebben de wortels voldoende ruimte. Rond de boomgroepen vormen banken gezellige zitjes. Vanaf de Weverstede kunnen voetgangers via een geknikt oplopend straatniveau het verhoogde plein bereiken. De stadsboulevard bestaat uit een fiets- en voetpad langs het water van de Doorslag. De kade heeft aantrekkelijke zitplekken onder hoge platanen (Platanus acerifolia ‘Tremonia’). Dankzij nieuwe aanlegplaatsen kan nu ook de recreatievaart de binnenstad bezoeken.

Doorslag

Winkelplein

Winkelplein


Marktplein

Winkelplein


Stadhuisplein


Stadhuisplein


O028

St Plechelmusplein Oldenzaal, Nederland (2009–2015)

Type: Openbare Ruimte, Binnenstad Opdrachtgever: Gemeente Oldenzaal

Ontwerpteam: Bureau B+B stedebouw en landschapsarchitectuur

De St. Plechelmusbasiliek is al vanaf de twaalfde eeuw het hart van Oldenzaal. In de loop der tijd is deze prominente plek verwaterd tot niet veel meer dan een parkeerplaats. Hier moest verandering in komen, vond het gemeentebestuur. Het St. Plechelmusplein moest weer het mooiste plein van Twente worden. Bureau B+B Stedebouw en Landschap maakte het ontwerp voor de herinrichting van het plein. Van oorsprong leiden alle landwegen naar de St. Plechelmusbasiliek. Deze centrale rol komt nu weer tot uitdrukking in de vormgeving. De auto’s zijn verbannen, zodat er ruimte is voor een echt stadsplein. Een bomenrand en een hardstenen muurtje versterken de pleinruimte. De basiliek is op een voetstuk gezet door een bijzonder bestratingpatroon, geïnspireerd door de gebrandschilderde ramen van de basiliek. Het patroon bestaat uit gietijzeren vakwerk, opgevuld met een baksteenmengsel dat past bij de kleur van de Bentheimer zandsteen van de basiliek.

Programma: -

Oppervlak: 7.550 m2 Bouwsom: € 1.800.000,-

Archeologisch onderzoek op het plein toonde aan dat hier vroeger een kerkhof was: er zijn menselijke botresten gevonden. Als verwijzing hiernaar zijn op verschillende plekken kruizen in de klinkers aangebracht. Atelier LEK maakte het lichtplan. Op het plein staan lichtmasten met richtbare armaturen. Met grondspots wordt het reliëf en de vorm van de massieve toren benadrukt. Een smeedijzeren hek en het standbeeld van Sint Plechelmus werpen hun schaduwen op de gevel. Het St. Plechelmusplein heeft ’s avonds een sprookjesachtige sfeer.


O032

Stationsplein Zwijndrecht Zwijndrecht, Nederland (2007–2012)

Type: Openbare Ruimte

Opdrachtgever: Gemeente Zwijndrecht

Ontwerpteam: Bureau B+B stedebouw en landschapsarchitectuur in samenwerking met de gemeente Zwijndrecht en het Ingenieursbureau Drechtsteden Programma: Aaneengesloten pleinruimte, ensemble van groene eilanden, bushaltes, taxistandplaats Oppervlak: 11.100 m2 Bouwsom: € 1.850.000,-

Bij aanvang van het project trof Bureau B+B een woestijn aan van verschillende soorten en kleuren steen. Een ruimte waar de voetganger aan zijn lot werd overgelaten op een voor busverkeer ingerichte pleinruimte. Geen representatief entreeplein van de tuinstad Zwijndrecht. Directe aanleiding voor de herinrichting van het stationsplein Zwijndrecht is het project ‘Hoogwaardig Openbaar Vervoer Drechtsteden’. Een regionaal project met de intentie het openbaar vervoer sneller, klantvriendelijker en veiliger te maken. Wij hebben ons in dit project afgevraagd hoe dit stationsplein getransformeerd kon worden tot een representatieve entree van Zwijndrecht, waarbij de specifieke lokale groene kwaliteiten het beste tot uitdrukking kwamen. Er is om die reden voor gekozen om de bushaltes te verplaatsen en een compacte opstelling van bushaltes aan de Stationsweg te maken. Met deze keuze kwam er veel ruimte vrij voor het stationsgebouw. Een aaneengesloten pleinvloer van gebakken steen loopt van het station tot de gevels van de winkels aan de overzijde. Deze vloer zorgt voor een rustige basis en smeedt het plein tot een geheel. Door een ensemble van verhoogde groene eilanden krijgt het plein een uitgesproken groen karakter. Deze eilanden begeleiden bezoekers over het plein naar de bussen, taxistandplaatsen en belangrijkste aansluitende straten. Ze zijn beplant met een mengsels van siergrassen, aangevuld met vaste planten en bollen. Elk eiland heeft één kleur bloeiende beplanting die door het jaar heen verschillende bloemen geeft. De beplanting wordt in het voorjaar gemaaid, waardoor de vegetatie een compactere groeiwijze krijgt en onkruid wordt tegengegaan. Door het eenvoudige beheersregime kan de vegetatie binnen het beperkte beheerbudget worden onderhouden. De randen zijn vormgeven met prefab betonelementen die als zitrand kunnen worden gebruikt. Hiermee is het plein zowel een ontmoetingsplek als een aangename transitiezone geworden.


^

^ voor herinrichting

na herinrichting


O054

Speelruimte, een transformatie voor Cruquius Amsterdam, Nederland (2010–2012)

Type: Openbare Ruimte

Opdrachtgever: POR, platform Openbere Ruimte i.s.m. AMVEST

Ontwerpteam: Bureau B+B stedebouw en landschapsarchitectuur in samenwerking met Investeren in Ruimte

Programma: -

Oppervlak: 17 ha Bouwsom: -

Prijsvraag voor de herontwikkeling van het schiereiland Cruquius, Oostelijk Havengebied Amsterdam. Met de inzending ‘Speelruimte’ heeft Bureau B+B i.s.m. Investeren in Ruimte de prijsvraag ‘Cruquius: Openbare ruimte als motor voor transformatie’ gewonnen. De prijsvraag, uitgeschreven door Platform Openbare Ruimte roept op tot innovatieve ontwikkelingsvisies en -strategieën voor de herontwikkeling van het schiereiland Cruquius in het Amsterdamse Oostelijk Havengebied’. Uit 55 inzendingen koos de jury unaniem voor de strategie ‘Speelruimte’. In het plan wordt geschetst hoe de transitie van het verouderde bedrijventerrein in gang wordt gezet vanuit een krachtige visie op de ruimtelijke kernkwaliteiten van het gebied. Op cruciale plekken wordt letterlijk ruimte geschapen. Met geel/zwarte signalering uit scheepvaart en tijdelijke wegenbouw worden deze voids als speciale plekken gemarkeerd. De leegte schept kansen voor tijdelijke evenementen of programma dat Cruquius activeert en haar verborgen kwaliteiten uitlicht. Tegelijkertijd zwengelt leegte een nieuwe dynamiek aan voor bedrijvigheid en (op termijn) wonen. Er wordt ruimte gecreëerd voor doorschuifmogelijkheden en doorgroeimogelijkheden binnen het gebied. Uit het juryrapport: “De jury prijst ‘Speelruimte’ als een fluïde en adaptief plan dat de ontwikkeling in de tijd kan opnemen zonder dat de hoofdstructuur wordt aangetast en een stedenbouwkundige strategie die ook ontwikkeling in de toekomst kan opnemen zonder dat het op plekken vastloopt. Het transformatieproces krijgt nadrukkelijk een rol met duidelijke uitspraken over tussentijd en flexibiliteit.” En “‘Speelruimte’ is een nieuw type plan waardoor zij een belangrijke bijdrage levert aan de vakontwikkeling als geheel.” Voor meer informatie over de prijsvraag en het juryrapport zie de website van Platform Openbare Ruimte.


Toegevoegde elementen voor herkenbaarheid en sfeer in de openbare ruimte.


Nu: Het gebied is afgesloten door hekken muren en bebouwing. Er is geen visuele verbinding naar het water. De kaders worden niet benut. Kansen De ligging in de stad is positief, het goed ontsluiten van fiets en autoverkeer zorgt voor meer activiteit. De bestaande silo’s, wijnvaten, kranen,Sigma Verffabriek en Huis van Magnus bieden sfeer en verschillende gebruiksmogelijkheden.

Ingreep Door leegte te maken, door hekken te verwijderen, gebouwen te slopen of zwart te verven en stelconplaten te leggen ontstaat er schuifruimte. De blackboxes worden bakens in de skyline van transitie, er ontstaan visuele en fysieke verbindingen met de omgeving en naar de waterkant.

t=01 Door de Cruquiusweg in te zaaien met groene kruiden, gele markering aan te brengen, bestaande loodsen zwart te verven en clip-on’s toe te voegen ontstaat er een herkenbare openbare ruimte waar evenementen kunnen worden georganiseerd. Ook kunnen er pontjes naar Sporenburg en Zeeburgereiland gaan varen. Het tijdelijk gebruik ontplooit de identiteit van het gebied in transitie

t=02 De schuifruimte blijft gewaarborgd en de oevers van de Nieuwe Vaart worden zachter en ingeplant. De smalle straten op de havenpier richten zich op het Entrepothaven. De open landschappelijke atmosfeer aan de zuidzijde verbindt Cruquius met de Nieuwe Vaart.

t=03 De kop van Cruquius wordt losgeknipt en fungeert als schakel van de stad. De lange havenpier voegt zich bij Java, KNSM, Borneo en Sporenburg. De schuifruimte blijft gewaarborgd, De kop van Cruquius wordt ontwikkeld en met het IJ verbonden de Entrepothaven leeft op. Het huis van Magnus krijgt een nieuwe bestemming.


doorsnede in transitie

t=huidige situatie

t= 01

t= 02


S311

Openbare ruimte Innovatiepool Turnhout, Belgie (2010–heden)

Type: Stedenbouw, Openbare Ruimte Opdrachtgever: Stad Turnhout

Ontwerpteam: Bureau B+B stedebouw en landschapsarchitectuur in samenwerking met Barchitecten Programma: 60.690 m2 wonen, 8.450 m2 commercieel, 34.030 m2 kantoren, 5.265 m2 publiek, spoorwegonderdoorgang, stationsplein, busstation, plein, hof, openbare tuin en straten Oppervlak: 27.000 m2 Bouwsom: €-

Masterplan

De ruimtelijke ontwikkelingsvisie voor het voormalige industriegebied achter het station in Turnhout: het ‘Masterplan Stedelijke Innovatiepool Turnhout’ is in 2012 door Bureau B+B, in samenwerking met met B-Architecten, opgeleverd. In het masterplan ligt de nadruk op zorg en wonen, samenleven van jonge gezinnen met zorgbehoevende ouderen, duurzaamheid en vernieuwing in wonen en werken. Een rijke schakering aan verschillende openbare ruimtes creëert een buurt die tot doel heeft het dagritme van de bewoners en de bezoekers te faciliteren. Vier verschillende stedenbouwkundige elementen, elk met een eigen karakter, schaal en inrichting vormen de basis van het masterplan voor de Innovatiepool: het plein, het hofje, de straat en de tuin. Gaanderijen steeds in één van de 3 markante gebouwen rond het nieuwe plein vormen een informele route die de stedeling - de wandelaar of de fietser- bij uitstek op een comfortabele wijze door het gebied loodst. Vervolgens is Bureau B+B gevraagd voor de uitwerking van de openbare ruimte. In 2013 is hiermee, in samenwerking met het Kortrijkse technische ontwerpbureau Topokor gestart. De uitwerking van openbare ruimte is in nauwe samenwerking met de betrokken architecten gedaan. Het eerste deelgebied, een woonbuurtje, bestaat uit een autoluw hof. De ruimte heeft een stedelijke kant en een intiemere kant waar publieke tuinen aan gesitueerd zijn. De plint die voor de woningen langs loopt, een drempelruimte tussen gebouw en plein, vormt de overgang tussen privé en publiek en biedt ruimte voor allerlei activiteiten. Uiteindelijk zal de plint samen met de gaanderijen het verbindende element vormen in het plan. Het hofje is een fijne ontmoetingsplek voor de omwonende en de bewoners van het stationsgebied. De mix van rode genuanceerde gebakken klinkers geeft een warme uitstraling aan het hof. In het hof komen plantvakken met bloeiende planten in de kleuren rood, roze en wit. Door de plantvakken worden paden aangelegd van kasseien, deze sluiten aan op het hof en de plint en uitnodigen bewoners en bezoekers uit om een wandeling te maken door het hof en te genieten van de bloemenzee.


Deelplan 1

Masterplan


Speelplaats en verblijfsplek voor de buurt De achterpaden ontsluiten de privĂŠtuinen en vormen samen een padenstructuur voor de bewoners die zo ook vlugge korte doorsteekjes kunnen maken van de ene naar de ander kant van de buurt. Hier komt een verblijfsplek voor de buurt met een speelobject voor kinderen van verschillende leeftijden. Diverse soorten bomen met bijzondere bloei en of bladkleur maken deze plek aangenaam en interessant in verschillende seizoenen. Kinderen kunnen er spelen en je kan er ook rustig een boek lezen in de zon. Dit is voor alle buurtbewoners en een plek bij uitstek om op een zomerse avond bijeen te komen voor een barbecue. Er is ingezet op een duurzaam ontwerp: duurzaam qua milieuaspecten (afwatering, energie, onderhoud, materiaalkeuze) maar ook een ontwerp waar men over 100 jaar nog steeds achter staat. Een sociaal duurzaam ontwerp: de openbare ruimte moet uitnodigen tot activiteit, het moet een prettige omgeving zijn om te verblijven. Steden veranderen, maar daarbij is het de uitdaging dat zij voor haar bewoners herkenbaar en vertrouwd blijven. In de stedelijke ruimte betekent duurzaamheid het maken en beheren van een robuust stelsel van openbare ruimtes, herkenbaar en passend bij het karakter van de stad.

Deelplan 1


Plankaart Deelplan 1


O056

Zierikzee Zierikzee, Nederland (2011–2016)

Type: Openbare ruimte, Binnenstad, park Opdrachtgever: Gemeente Schouwen Duiveland

Ontwerpteam: Bureau B+B stedebouw en landschapsarchitectuur

Opdracht: Visie op de openbare ruimte Ontwerp voor Havenplein, Havenpark en Oude Haven

Oppervlak: 7280 m2 Bouwsom: â‚Ź 1.210.000,-

Zierikzee is een pittoreske vestingstad met een rijk nautisch verleden. Toeristen komen er graag. Om de historische binnenstad nog aantrekkelijker te maken, zijn de parkeerplaatsen voor bezoekers verplaatst naar terreinen buiten het centrum. Bureau B+B ontwikkelde een visie op de openbare ruimte en maakte een nieuw ontwerp voor het Havenplein en het Havenpark. Visie op de openbare ruimte De historische binnenstad van Zierikzee is zeer compact. Een stadswal met een singelgracht en stadspoorten omsluiten het centrum. In de visie van Bureau B+B wordt het contrast tussen buiten en binnen de vesting versterkt door de openbare ruimte als een samenhangend geheel te ontwerpen. In de hele binnenstad bestaat de verharding uit dezelfde natuursteen en gebakken klinker, toegepast in variabele combinaties. Het straatmeubilair maakt deel uit van dezelfde familie en het reclame- en terrassenbeleid is aangescherpt. Het gefragmenteerde groen langs de singel wordt getransformeerd tot een herkenbare eenheid met de allure die hoort bij een oud verdedigingswerk. Routing Binnen het centrum zijn vier straattypes te onderscheiden: stegen, aanloopstraten, kerngebiedstraten en woonstraten. Voor ieder straattype is een principeprofiel ontworpen. Hierdoor kunnen bezoekers zich makkelijker oriĂŤnteren en verbetert de routing tussen de parkeerterreinen en het kerngebied. Ingetogen bewegwijzering ondersteunt de routing van en naar de parkeerterreinen.


Havenplein - Havenpark - Oude Haven In de Oude haven stroomt de Oosterschelde Zierikzee binnen. De wisselende getijden zijn duidelijk te zien. Oorspronkelijk waren het Havenplein en het Havenpark ook onderdeel van de Oude Haven. Nu vormen ze nog steeds een ruimtelijke drie-eenheid. Het ontwerp van Bureau B+B versterkt die samenhang. Een rand van gebakken klinkers bindt de drie ruimtes samen. Zichtlijnen en een nieuw pad verstevigen de relatie. Glooiende lijnen in de natuurstenen bestrating van het plein verbeelden de geulen van de Oosterschelde. Doordat de parkeerplaatsen zijn verplaatst heeft het Havenplein veel meer verblijfskwaliteit gekregen. De open ruimte kan nu gebruikt worden voor markten, terrassen en evenementen. Voorheen was het Havenpark niet toegankelijk. Dankzij een nieuw pad kunnen mensen nu ook via park naar de haven lopen. Op de kop van de haven leidt een steigertrap naar het water. Detaillering De terughoudende vormgeving van het plein laat de rijke gevels goed tot hun recht komen. De panden hebben weer een eigen, traditionele stoepje gekregen. De roodbruine gemĂŞleerde baksteenmix is geĂŻnspireerd op de kleur van meekrap, bloedkoraal en de kleur van getaande zeilen. Midden op het Havenplein is een waterelement in de bestrating opgenomen. Het water wordt opgevangen in een verholen goot. In het Havenpark staat een replica van een kikkerfontein. Het straatmeubilair is versierd met een patroon dat verwijst het filigraan van de Zeeuwse knoop.

Overzicht parkeren en aanlooproutes

Havenplein

Havenpark

Oude Haven


Havenplein


Principeprofielen voor aanloopstraten, kerngebiedstraten, woonstraten en stegen

Havenpark


O065

Mariahilfer Strasse, Wenen Europa’s langste shared space (2013–2015)

Type: Binnenstad, Openbare Ruimte Opdrachtgever: Stadt Wien MA 19 Architekturund Stadtgestaltung Ontwerpteam: Bureau B+B stedebouw en landschapsarchitectuur in samenwerking met orso.pitro

Programma: winkelstraat, shared space, zitelementen, verlichting, busbaan

Oppervlak: 1,6 km 42.753 m2 Bouwsom: € 25.000.000,-

De Mariahilfer Strasse is een chique, negentiende-eeuwse winkelboulevard in Wenen. De laatste decennia ontstond er steeds meer verkeersoverlast. Daarom besloot de Gemeente Wenen om de straat voetgangervriendelijk te maken. Bureau B+B maakte hiervoor het ontwerp, samen met het Weense architectenbureau orso.pitro. Shared Space De 1,6 km lange Mariahilfer Strasse is in drie zones verdeeld. Het middelste deel, de nieuwe voetgangerszone, vormt het nieuwe hart van de straat. De twee buitenste zones zijn naar het shared space principe ingericht. In een shared space wordt de straat meer opgevat als een verblijfsruimte dan als een verkeersruimte. Auto’s, fietsers en voetgangers gebruiken dezelfde rijbaan. Als gevolg daarvan moeten alle verkeersdeelnemers rekening met elkaar houden en daarom voorzichtiger rijden. De meest drastische ingreep was echter het omleiden van het doorgaand verkeer. Halverwege de Mariahilfer Strasse is een knip gemaakt. Referendum Het idee om de Mariahilfer Strasse verkeersluw te maken wekte in eerste instantie veel weerstand op. De inwoners van Wenen houden van autorijden en winkeliers waren bang voor omzetdaling als klanten niet meer voor de deur zouden kunnen parkeren. Het ontwerp voor de Mariahilfer Strasse werd uiteindelijk zelfs inzet van een referendum. Voorafgaand aan het referendum organiseerden de betrokken stadsdelen samen met de ontwerpers informatiemiddagen. De straat werd tijdelijk afgezet en er werden prototypes van het nieuwe straatmeubilair geplaatst, zodat bewoners zelf konden ervaren hoe het zou kunnen worden. Uiteindelijk stemde tijdens het referendum 53% voor het ontwerp.


2012 voor uitvoering

2015 na uitvoering


City lounges De Mariahilfer Strasse is van gevel tot gevel á niveau geplaveid. De geleidingslijnen voor de verschillende gebruikers zijn subtiel in de bestrating aangegeven. De nieuwe straatmeubels met beplantingsbakken en waterelementen zijn in de brede binnenbochten geplaatst. Ze zijn gegroepeerd in ‘Citylounges’, plekken voor ontmoeting en interactie. De bestrating en het straatmeubilair zijn gemaakt van graniet uit een lokale groeve. Hierdoor sluit de materialisatie van openbare ruimte naadloos aan op de gevels. De bestaande bomen in de Mariahilfer Strasse zijn hoog opgekroond. In de beplantingsbakken zijn lagere, kleurrijke bomen geplaatst, zodat de Citylounges een meer besloten, intiem karakter krijgen. De openbare verblijfsplekken creëren momenten van rust in de drukke winkelstraat, waar je mag ‘zijn zonder pinpas’. Voetgangersvriendelijk De herinrichting van de Mariahilfer Strasse heeft verschillende positieve effecten op de stad. Doordat het autoverkeer drastisch is afgenomen is er minder geluidsoverlast en luchtverontreiniging in de directe omgeving van de winkelboulevard. De straat is nu aangenaam om doorheen te lopen of fietsen. Dit leidt tot extra lichaamsbeweging, wat uiteindelijk de volksgezondheid ten goede komt. Ondernemers zijn ook blij met de herinrichting: mensen blijven langer in de straat en geven gemiddeld meer geld uit. Tegelijkertijd biedt de straat de mogelijkheid om ‘te zijn zinder pinpas’. De City Lounges zijn een openbaar en aantrekkelijk alternatief voor terrasjes bij cafés.

City Lounges


afbeeldingen gewijzgigd


Participatie


O067

Harmelen, gevlochten lint Harmelen, Gemeente Woerden, Nederland (2014-heden)

Type: Herinrichting Dorpsstraat

Opdrachtgever: Gemeente Woerden

Ontwerpteam: Bureau B+B stedebouw en landschapsarchitectuur

Programma: Dorpsstraat, pleinen, Jaagpad,

Oppervlak: Bouwsom: -

De gemeente Woerden heeft het voornemen de Dorpsstraat van Harmelen te herinrichten. Directe aanleiding is de aanleg van de Westelijke en Zuidelijke randweg waardoor het centrum van Harmelen niet meer belast zal worden met doorgaand verkeer. Dit biedt kansen om bij de herinrichting meer aandacht te geven aan fietsers en voetgangers en de verblijfskwaliteit in het dorp te verbeteren. De Dorpsstraat in Harmelen is een zeer belangrijke structuurdrager van het dorp en loopt parallel aan de Leidse Rijn en het Jaagpad. Deze zien wij samen als drie linten. Bij de herinrichting van de Dorpsstraat en de aanliggende pleinen en plekken zien we dit als belangrijk aanknopingspunt. Deze drie linten spelen namelijk een belangrijke rol in de geschiedenis van het dorp, waar Harmelen vandaag voor een groot deel haar identiteit aan ontleent. Door de drie linten met elkaar te verknopen ontstaat een “gevlochten lint�, met een rijk systeem van routes en plekken. De pleintjes zijn daarbij de verbindende schakels.De openbare ruimte van de Dorpsstraat wordt hierdoor een lint met verschillende schakels, oftewel een route over verschillende pleinen. Deze route krijgt een vloeiend verloop zonder scherpe hoeken of knikken. De Dorpsstraat wordt uitgevoerd met een rijloper van asfalt en royale trottoirs van rode gebakken klinkers. Ter plaatse van de onderscheidende plekken gaat de Dorpsstraat op een vloeiende manier over in een pleinruimte. De gehele ruimte wordt hier uitgevoerd in rode gebakken klinkers, waardoor het pleinkarakter extra benadrukt wordt. Het kerkplein wordt het hoogtepunt van deze reeks pleinen, met extra aandacht voor bijzondere beplanting en fijne plekken voor ontmoeten en activiteiten. Door het terugdringen van de verkeersruimte ontstaat er ruimte om de verblijfskwaliteit van de Dorpsstraat te verhogen. Een onderdeel hiervan is het toevoegen van markante bomen op strategisch gekozen plekken waardoor een route ontstaat met om elke hoek een boom. Deze bomen zorgen voor vergroening van het straatbeeld en fungeren als markering van bijzondere plekken. Bijvoorbeeld in de bocht op de hoek van het Kerkplein, of als omlijsting van het zicht naar het landschap.


Drie linten

Gevlochtend lint

EMTÉ

Pompersplein

Groenplaats

Kerkplein

Jaagpad


Ontwerpvoorstel

Fietsnietjes Boomspiegel Afvalbak Bank en stoel

De ruit van Harmelen


Materialen Het hoofdmateriaal van de Dorpsstraat is een genuanceerde mix van rode gebakken klinkers. Hieruit worden de trottoirs en de pleinen vervaardigd. De rijloper van de Dorpsstraat wordt uitgevoerd in hoogwaardig zwart asfalt. Het verloop van de rijloper wordt gemarkeerd door een donkere opsluitband. De markering van de rijloper op de pleinen wordt verwerkt in de klinkerverharding. Het parkeren vindt plaats in een parkeerstrook die uitgevoerd wordt in gebakken klinkers. Deze parkeerstroken worden gemarkeerd door een kader van donkere gebakken klinkers verwerkt in de verharding. De gehele Dorpsstraat krijgt een familie van hoogwaardig meubilair. De banken, stoelen, afvalbak, fietsbeugels en boomroosters ogen tijdloos en zijn allen vervaardigd uit donker staal. De ruit van Harmelen De Ruit uit het wapen van Harmelen geeft aanleiding tot het verbijzonderen van ondermeer het straatmeubilair. De Ruit wordt als embleem voor het dorp verwerkt in de leuning van de bank, op de zijkant van de afvalbak en in bijzondere markeringen in de verharding.


O070

De Kern Bijzonder Den Haag, Nederland (2016)

Type: Nota openbare ruimte

Na bijna dertig jaar maakt Bureau B+B een update van het beroemde plan ‘De Kern Gezond’. De economische en maatschappelijke omstandigheden zijn veranderd, maar de stad vraagt nog steeds om samenhang, identiteit en kwaliteit.

Opdrachtgever: Gemeente Den Haag

De Kern Gezond Bijna 30 jaar geleden ontwierp Bureau B+B het masterplan voor de herinrichting van de binnenstad. De visie is gebaseerd op vijf sfeerlijnen, met elk hun eigen ruimtelijke karakter. De hartlijn verbond de verschillende zones. Elke sfeerlijn kreeg een herkenbare identiteit, zodat de binnenstad tot een samenhangend geheel werd gesmeed. De Kern Gezond was trendsettend voor de opwaardering van de Nederlandse binnensteden.

Ontwerpteam: Bureau B+B stedebouw en landschapsarchitectuur

Programma: Herinrichting openbare ruimte

Oppervlak: Bouwsom: -

De Kern Bijzonder In 2016 maakt de Gemeente Den Haag een vervolg op De Kern Gezond: De Kern Bijzonder. De ruimtelijke sfeerlijnen zijn aangevuld met vijf sfeergebieden die een functionele, economische eenheid vormen. De hartlijn wordt getransformeerd tot een voetgangervriendelijk gebied; auto’s en trams worden grotendeels omgeleid. Bureau B+B werkte mee aan de nieuwe nota en maakt momenteel een schetsontwerp voor de herinrichting van de Hartlijn. De Hartlijn De Hartlijn is de ruggengraat van De Kern Bijzonder. Ze zorgt voor samenhang in de veelzijdige binnenstad en dient als vanzelfsprekende route tussen hoogtepunten van de hofstad. Tegelijkertijd moet de Hartlijn zelf ook een prettige plek zijn om te flaneren. De opwaardering van de Hartlijn werkt als een vliegwiel voor de opwaardering van de hele Haagse binnenstad.


Shared Space Boulevard Het terugdringen van het autoverkeer maakt het mogelijk om van de hartlijn een shared space boulevard te maken. In deze shared space maken de fiets, het openbaar vervoer en het bestemmingsverkeer gezamenlijk gebruik van een subtiel aangeduide middenloper. Daarnaast ontstaan royale zijlopers voor voetgangers. De hartlijn wordt getransformeerd van een ruimte voor ontsluiting naar een ruimte voor flaneren en verblijven. Volwaardige pleinen Op de plekken waar de hartlijn pleinen kruist, is de vormgeving van de straat dominanter dan de vormgeving van de pleinen. De pleinen zijn hierdoor ondergeschikt geraakt. In de voorgestelde situatie worden de pleinen niet versnipperd door de rijbanen, maar loopt de rijloper ingetogen over het plein. De pleinen vullen de hele ruimte en presenteren zich op de route van de hartlijn.


Architectuur Park en tuin Landschap Openbare ruimte Stedenbouw

S


S187

Kernwinkelgebied Maastricht, Nederland (1996–2004)

Type: Openbare Ruimte, Binnenstad Opdrachtgever: Gemeente Maastricht

Ontwerpteam: Bureau B+B stedebouw en landschapsarchitectuur

Programma: Winkelstraten en pleinen

Oppervlak: 22.000 m2 Bouwsom: € 7.700.000,-

Dat een mooie openbare ruimte bijdraagt aan een economisch sterke binnenstad bewijst Maastricht, waar het bureau de belangrijkste winkelstraten aanpakte. De gemeente en diverse private partijen wilden de positie van de stad als internationaal koopcentrum handhaven en versterken door een herinrichting van het kernwinkelgebied. De binnenstad, gelegen aan beide zijden van de Maas, kenmerkt zich door een menging van woningen en winkels. De stadsplattegrond is nog vrijwel gelijk aan de middeleeuwse, wat samen met de prachtige historische bebouwing en de typische menging van woningen en winkels de identiteit van de stad bepaalt. Het bureau onderscheidde winkelstraten, woonstraten en de centrale ‘stadsas’. De straten zijn in de inrichting duidelijk familie van elkaar, maar verschillen van profiel en sfeer. De oorspronkelijke driedeling in de profielen van de straten is weer teruggebracht: een zone met stoepen aan de randen en een loper in het midden. De belijning met banden evenwijdig aan de gevels benadrukt het karakteristieke stratenpatroon. Een ingetogen inrichting van de openbare ruimte met een grijs palet van natuursteen laat de gevels optimaal tot hun recht komen. Bovendien wordt hiermee aangesloten op het traditionele materiaalgebruik van de stad. Er is een minimum aan straatmeubilair toegepast en uitstallingen zijn niet toegestaan. De bestaande hangende verlichtingsarmaturen zijn vervangen door eigentijdse armaturen met een betere lichtspreiding en zacht wit licht.


S277

Het Deltamodel Blaricummermeent, Blaricum, Nederland (2004-heden)

Type: Stedenbouw, Water, Openbare Ruimte, Park Opdrachtgever: Gemeente Blaricum

Ontwerpteam: Bureau B+B stedebouw en landschapsarchitectuur in samenwerking met Loos van Vliet

Programma: 830 woningen (incl. woon/ werk-woningen), 156.155 m2 bedrijven

Oppervlak: 71,2 ha waarvan 18,5 ha bedrijventerrein Bouwsom: € -

Bureau B+B werkt vanaf 2004 aan Blaricummermeent, een nieuwe wijk met 830 woningen en een bedrijventerrein van 18,5 hectare. B+B is verantwoordelijk voor het maken van het stedenbouwkundig masterplan en beeldkwaliteitsplan, de stedenbouwkundig uitwerking van de eerste deelgebieden, het ontwerp van de openbare ruimte (inclusief meubilair en de bruggen), de uitwerking van het Lineair park met beplantingsplan en het ontwerp van de sluis. De locatie Blaricummermeent ligt ingesloten tussen de A27 aan de oostzijde, het Eemmeer aan de noordzijde, de bestaande bebouwing van Blaricum aan de zuidzijde en het Vierde Kwadrant van Huizen aan de westzijde. De centrale vraag was om in deze nieuwe woonomgeving een aansluiting te realiseren met deze randen en om een waterrijk woonomgeving te maken met een, ondanks de hoge woningdichtheid, Blaricums en dorps karakter. De locatie ligt op de overgang van het lager gelegen Eemmeer en het 30 meter hoger gelegen Blaricum-Dorp. De relatie met het meer, de natuurlijke hoogteverschillen in het maaiveld en de afwatering vormen de ankers voor de identiteit van de wijk en zijn daarom in dit plan met elkaar geïntegreerd tot één rivierdelta. De bestaande landschappelijke kenmerken worden versterkt en hierin worden de waterafvoer, waterberging en ecologie met elkaar gekoppeld. De centraal door het plangebied slingerende rivier verbindt het bestaande water uit de naastgelegen wijk de Bijvanck met het Gooimeer. De rivier is geïnspireerd op een mogelijke zijtak van de Eem, die hier eeuwen geleden gelopen moet hebben. Aan het riviertje ligt een langgerekt park dat het hart van de wijk vormt en Blaricum met het Gooimeer verbindt door wandel- en fietspaden. Het waterbeheer is geïntegreerd in het ontwerp van de rivier en van de wijk. Door de hoogteverschillen in het natuurlijke maaiveld is het noodzakelijk om twee waterpeilen te gebruiken. Het zuidelijke deel sluit aan op het waterpeil van Blaricum. Op deze manier kan men vanuit het Dorp met een kano of klein bootje de wijk betreden. Het noordelijke gedeelte sluit aan op het waterpeil van het Gooimeer. Daardoor kunnen grotere boten de delta betreden. Binnen het watersysteem ontwierp B+B bruggen, schutsluizen, stuwen en kademuren. Langs de kades zijn aanlegvoorzieningen en natuurlijke oevers. Op deze manier ontstaat een optimaal deltalandschap waarin water, ecologie en recreatie hand in hand gaan.


De twee waterpeilen knippen het plangebied functioneel in twee delen. Op deze manier ontstaan er de Monding en het Stroomgebied. Dit is de aanleiding om twee verschillende woonmilieus te creëren: ‘Delta’ en ‘Stroom’. Het gebied Delta is hoofdzakelijk georiënteerd op het water en kenmerkt zich door woonvormen in, op en aan het water; ruime kavels met vrijstaande woningen met aanlegsteigers voor boten. In de rietoevers langs het Gooimeer is een locatie gecreëerd waar zich drijvende woningen bevinden. Het gebied Stroom kenmerkt zich door een groene uitstraling met woonvormen nabij of aan het water en met een grote diversiteit aan woningtypen. De wegenstructuur is fijnmazig en kleinschalig. In het plan is gezocht naar een juiste aansluiting op het groene en informele karakter van Blaricum. Deze ontwerpkeuze is in nauwe samenwerking met de verkeerskundigen van de gemeente tot stand gekomen. Fietsers en voetgangers maken gebruik van de rijbaan. De auto is te ‘gast’ en mag maximaal 30 kilometer per uur rijden. De woonstraten hebben een smal en groen profiel door de hagen die dienen als erf afscheiding en door de bomen op particuliere tuinen. Voor het stedenbouwkundige plan is een beeldkwaliteitsplan opgesteld met daarin richtlijnen voor de architectuur.


S296

Ode aan het Brabantse land Veghels Buiten, Veghel, Nederland (2006−2012)

Type: Stedenbouw, Landschap

Opdrachtgever: Gemeente Veghel

Ontwerpteam: Bureau B+B stedebouw en landschapsarchitectuur vanaf 2009 in samenwerking met LoosvanVliet

Programma: 2.000 woningen, basisschool 5.000m2 bvo, wijkcentrum 1.500m2 bvo, detailhandel 1.500m2 bvo en zorgcentrum 550m2 bvo Oppervlak: 330 ha Bouwsom: €-

De ruimtelijke opgave voor Veghels Buiten bestaat uit het gefaseerd realiseren van 2000 woningen met aanvullende voorzieningen. Het nieuwe woongebied wordt niet in één keer planmatig ontwikkeld. Het masterplan van Bureau B+B is een organisch groeimodel en houdt een geleidelijk op de behoefte afgestemde ontwikkeling in. De ontwerpers interpreteerden het gebied als een ‘Brabant in het klein’, waar in de twintigste eeuw verschillende pogingen om tot te komen een concentratie van verstedelijking zijn stukgelopen en het gespreide patroon van nederzettingen nog altijd het karakter bepaalt. Veghels Buiten is aldus opgezet als een ‘suburbane sterrennevel van dorpse enclaves’: compact bouwen in nieuwe woonkernen met circa 30 tot 250 woningen. De kernen hebben elk een eigen identiteit. Ze liggen vrij in het landschap en worden verbonden door een eenvoudig nieuw bochtig lint met een landelijk karakter en een lage toegestane rijsnelheid. Op basis van het oude verkavelingspatroon onthouden nieuwe coulissen de bezoeker van verre zichten en wekken ze de verwachting van een eindeloos onthaast landschap. Tussen de enclaves ligt een fiets- en voetpadenstructuur die gebruikmaakt van oude zandpaden. Extensieve veehouderijen, eventueel gecombineerd met hobbyboeren en paardenweides, zullen de basis vormen van het landschapsbeheer. Het watersysteem bestaat uit vloeivelden, bestaande watergangen en een nieuwe ecologische greppelstructuur. Het masterplan onderscheidt twee landschappelijke eenheden: de oude ontginning, een kleinschalig landschap met kronkelige linten en mooie doorzichten en de nieuwe ontginning, een regelmatig, meer open boomkamerlandschap. Op de oude ontginning wordt niet drastisch uitgebreid, waar mogelijk worden kleine hoeveelheden woningen toegevoegd, meestal achter de bestaande kernen. Op de nieuwe ontginning is de nieuwbouw te gast in het


Brabantse land, maar is het landschap flexibeler en, volgens de ontwerpers, meer bereid zich aan te passen. In totaal zijn er drie typen enclaves, oplopend in grootte: de erfenclave, de hofenclave en de kloostertuinenclave. De typologie van de erfenclave is geïnspireerd op het boerenerf: een erf met een entreewoning en opstallen in de vorm van geschakelde en rijwoningen aan het landschap. De hofenclave is geïnspireerd op de boerenhoeve. Ze zijn middelgroot en bestaan uit één of meerdere door bebouwing omsloten hoven, en een buitenrand

de erfenclave in de nieuwe ontginning

de kloostertuinenclave in de nieuwe ontginning nenclave in de nieuwe ontginning


S317

Aldenhofpark Hoensbroek, Heerlen, Nederland (2011-heden)

Type: stedenbouwkundig ontwerp, park Opdrachtgever: Gemeente Heerlen

Ontwerpteam: Bureau B+B stedebouw en landschapsarchitectuur i.s.m. Buitenom

Programma: woningen, school, park

Oppervlak: 6,2 ha

Hoensbroek krimpt Net als veel steden in Limburg is Hoensbroek op zoek naar oplossingen hiervoor. In het hart van Hoensbroek is een gat ontstaan na de sloop van Lagere technische School en slecht onderhouden na-oorlogse portiekflats. Het Aldenhofpark neemt hiervoor de plek in. Bureau B+B maakte in samenwerking met Buitenom het stedenbouwkundig plan en het ontwerp. Samen met de gemeente zetten we het park in om grip te krijgen op de leegstand en een nieuwe hoogwaardige ontwikkeling te realiseren. De gedateerde, grotendeels leegstaande portiekflats maken plaats voor een beperkt aantal levensloopbestendige woningen en een Brede Maatschappelijke Voorziening (BMV). Participatie Om te komen tot een goed plan waar de gebruikers achter staan, is het vroeg betrekken van de onwonenden essentieel. Daarom is in enkele ateliers aan het begin van het planproces uitvoerig gesproken met verschillende maatschappelijke groepen en bewoners. Deze sessies leverden specifieke informatie en lokale input voor het plan. Zo bleek dat wonen in een aantrekkelijke groene omgeving, dichtbij het centrum en met een dorpse uitstraling een grote wens was. We stelden een plan voor waarin de transformatie van het gebied de sociale duurzaamheid van de directe omgeving benut. Concept Hoensbroek bevindt zich midden in het voormalige mijnbouwgebied. Op historische kaarten is te zien hoe de ontwikkeling van het dorp op de de nabijgelegen staatsmijn georiĂŤnteerd is. Het ontwerp voor het park baseert zich op de rijkdom van de ondergrond. De gelaagdheid van de Zuid-limburgse geologie wordt in het park ervaarbaar gemaakt


Geologische scheggen in de Zuid Limburgse bodem

Verschillende ruimtelijke belevenissen in de structuur van het park en bieden de bezoeker verschillende ruimtelijke ervaringen. Op de scheggen bevinden zich de verschillende functies die de bewoners voor ogen hadden. Ook aantrekkelijk in de tussentijd De transformatie van het park verloopt geleidelijk. Hierdoor is er gelegenheid om verschillende activieteiten met de bewoners te ontplooien. Deze activiteiten zorgen voor betrokkenheid en geven het park een aantrekkingskracht die uitstraalt op de hele omgeving. Zo zijn er onder andere kleurrijke windzakken gemaakt door de bewoners. Er is een bijenhotel gebouwd en er zijn boomplantdagen georganiseerd met de kinderen van de nieuwe school. Alle activiteiten hebben een sociaal en duurzaam karakter.Ze leiden tot grote betrokkenheid en participatie, zowel bij de inrichting als bij het beheer van het Aldenhofpark. Woningen geven het park een duidelijke rand Het park wordt begrensd door de nieuwe woningen. Zij hebben brede fronten en bakenen daarmee het park duidelijk af. De woningen varieren in type en grootte, maar zijn allemaal levensloopbestendig. Door de variatie bieden ze plek aan verschillende doelgroepen. Bijzonder aan de woningen zijn de hobbyruimtes en de werkplaatsen. De Brede Maatschappelijke Voorziening (BMV) en het schoolplein Het beeldkwaliteitsplan dat Bureau B+B maakte voor de nieuwbouw omvatte ook de BMV. Deze is opgebouwd uit


verschillende bouwmassa’s, geschakeld rondom twee binnenhoven en een voorplein. Het voorplein is het schoolplein aan het park, waar de kinderen tijdens, maar ook na schooltijd kunnen spelen. Het eerste binnenhof vormt de entree van het gebouw. Aan de zijkant ligt een enorme trap waar de hele school op kan zitten tijdens bijvoorbeeld een les in de buitenlucht, een toespraak of uitvoering. Het tweede binnenhof kan men afsluiten van het voorplein en is ingericht voor het kinderdagverblijf dat ook in de BMV huist. De BMV heeft deels een beloopbaar dak met een trap, die de verbinding maakt tussen een achtergelegen parkeerplaats, het voorplein en het park. Het dak is toegankelijk vanuit meerdere lokalen en kan ook worden gebruikt om buiten les te geven. Een groot deel van het dak is bedekt met zonnepanelen. De BMV (ontwerp DAT architecten, Tilburg) is reeds gebouwd. De BMV ligt verankerd in het park. De doorlopende weg die voorheen tussen de school en het park liep is opgeheven. Zo staat de BMV nog directer in verbinding met het park. De vorm van het schoolplein beweegt mee in de belijning van de scheggen. Duurzaamheid In het park zijn zoveel mogelijk hergebruikte materialen gebruikt, zowel in de tussentijd als in de definitieve inrichting . Zo zijn de paden over de scheggen bestraat met klinkers uit een straat verderop die herbestraat werd, en is het hekwerk om het schoolplein gemaakt van hergebruikte balkonhekken van de gesloopte woningen in het park. De scheggen van het park zijn zo gepositioneerd dat zoveel mogelijk water kan infiltreren in de bodem van het park. Het eventuele overschot aan water komt terecht in de waterpartij voor het appartementencomplex. In het geval van extreme wateroverlast zit er in de vijver een overstort naar het riool. Ook worden alle waardevolle bomen uit de locatie behouden en worden er inheemse boom- en bloemsoorten ingeplant. Voordat het park werd aangelegd, is het braakliggende stuk land ingezaaid met een rijke bloemenmix waar de bijen uit het bijenhotel van konden profiteren. Wegens het grote succes van het bijenhotel, is besloten dat het moest blijven in het park. Daarom is er voor gekozen om het park in te zaaien met bloemen en planten die speciaal aantrekkelijk zijn voor de bijen. Meerwaarde voor de wijk Aldenhof ligt vlak naast het winkelcentrum van Hoensbroek. In het centrum is weinig groen te vinden. Het park vervult naast de wijkfunctie ook de functie als ‘stadspark’, waar veel mensen op weg naar het centrum doorheen zullen komen. De wijk is getransformeerd van een slecht onderhouden ‘no-go area’ naar een waardevolle groene plek in de stad, tot stand gekomen mét de bewoners vóór de bewoners. De gebruikers hebben het gevoel dat zij mede verantwoordelijk zijn voor de totstandkoming van dit stukje stad en zijn daar enorm trots op!

Bewoners planten bomen in het park

De aangelegde scheggen worden al tijdens de uitvoering intensief gebruikt door de jonge bezoekers.


Paden met hergebruikt steen


S318

Zorgtuin buitenplaats Heerewegen Zeist, Nederland (2012–heden)

Type: Gezondheidszorg, Tuin, Duurzaamheid, Regenwateropvang, Opdrachtgever: Warande

Ontwerpteam: Bureau B+B stedebouw en landschapsarchitectuur i.s.m Rau Architecten en Next Architects

Programma: Tuin, Water, Dierenverblijf

Oppervlak: 3700m2 Bouwsom: € 500.000

Op de historische buitenplaats Heerewegen is een zorginstelling voor ouderen gelegen. Door Bureau B+B is samen met Next Architects en Rau Architecten een visie ontwikkeld voor het gehele landgoed - met nieuwbouw voor mensen met dementie en renvatie van het bestaande zorghotel. Twee nieuwe woongebouwen vormen samen met bestaande bebouwing het hart van de buitenplaats. We streven naar een zo groot mogelijke bandbreedte en bewegingsvrijheid voor de bewoners met dementie. Dat lichaamsbeweging niet alleen ons lijf maar ook ons brein in conditie houdt, blijkt steeds duidelijker uit wetenschappelijk onderzoek. Door het padensysteem als een continuüm te ontwerpen, bereikt men nooit een einde en kunnen bewoners eindeloos blijven dwalen door de tuin. In tegenstelling tot de bestaande trend van frictieloze en gelijkvloerse oplossingen geloven wij dat binnen de dagelijkse routing van de bewoner fysieke uitdaging en een bepaalde mate van frictie juist noodzakelijk is.Er hier bewust gekozen voor verschillende gradaties van bewegingsvormen. Er wordt gespeeld met glooiingen in het landschap en kleine hoogteverschillen om bewoners fysiek uit te dagen. De begrenzing van de tuin is een element dat zich langs de padenstructuur voegt. Het herbergt een waterpartij en twee lange zitelementen. Doorgangen zijn hierin subtiel en onopvallend vormgegeven en hierdoor is het een vriendelijke afgrenzing mogelijk. Naast beweging is ook de prikkeling van zintuigen essentieel voor onze cognitieve functies. Beleving van licht, geluid en geur prikkelen onze zintuigen en houden daarmee ons brein gezond. De tuin biedt allerlei mogelijkheden om de zintuigen te prikkelen: geurende bloemen, de tactiliteit van planten, het geluid van stromend water, een vlaag wind en de schittering van het zonlicht. Deze beleving kan variëren door de verschillen in seizoenen te benutten wordt de tuin een continue wisselend schouwspel. Het regenwater van de daken van de gebouwen wordt opgevangen en gebruikt voor bewatering van de planten. De tuin biedt speelruimte aan de kinderen van de het kinderdagverblijf - zodat interactie tussen meerdere generaties wordt versterkt. Het dierenverblijf - vormgegeven als moderne vertaling van de oude duiventillen die op de landgoederen stonden - biedt plaats aan de dieren van de instelling.


Renovatie zorghotel Bovenwegen Restaurant en Kinderdagverblijf

´t Paviljoen nieuwbouw bewoners met dementie

tuin bewoners met dementie

waterbekken

speelplek

de Villa, nieuwbouw bewoners met dementie


De beplanting vormt een steeds wisselend beeld langs het continuĂźm van paden

B

Het waterbekken vormt twee delen in de tuin voor verschillende gebruikers

0.3 m


Bank Doorgang

Waterbekken

Doorgang

Bank Het nieuwe dierenverblijf in de tuin thuis voor zangvogels, kippen en konijnen

Waterelement

hoogte max 1 m

buffer

B'


S323

Doornsteeg Nijkerk, Nederland (2013-heden)

Type: stedenbouwkundig masterplan Opdrachtgever: Gemeente Nijkerk

Ontwerpteam: Bureau B+B stedebouw en landschapsarchitectuur

Programma: felxibel (gerekend met 1100 woningen)

Oppervlak: 59 hectare Bouwsom: n.v.t.

In opdracht van de gemeente Nijkerk heeft B+B een masterplan gemaakt voor het gebied Doornsteeg in Nijkerk. De opgave voor Doornsteeg is om met rekenschap van de huidige marktomstandigheden een onderscheidende wijk te realiseren met een eigen identiteit. Hierbij zijn de thema’s “kind- en gezinsvriendelijk” en “duurzaam” belangrijk. Een groene wijk met diverse woonmilieus en een hoge mate van sociale cohesie. De tijd van ideologische blauwdrukplannen met een gedefinieerd eindbeeld is voorbij. De ontwikkelingsopgave in het stedelijk gebied ligt in primair in het verbinden van plekken, mensen en partijen, en pas in tweede instantie in het ontwikkelen van vastgoed. Essentieel is flexibiliteit en het scheppen van voorwaarden voor een geleidelijke transformatie. Het masterplan verbeeldt het karakter en de kwaliteiten van het gebied nu en in de toekomst.Het geeft daarmee een beeld van de kwaliteiten die behouden blijven en een doorzicht naar het toekomstige wensbeeld. Daarnaast legt het masterplan het eindbeeld niet vast, maar biedt het een raamwerk van landschappelijke ruimten, openbare ruimte en infrastructuur. Het ontwerp van het raamwerk brengt structuur aan in het gebied. De tussengelegen ruimtes maken flexibele stedelijke ontwikkelingen mogelijk en zal zoveel mogelijk worden gedaan in samenspraak met de huidige en toekomstige bewoners, omwonenden, ontwikkelaars en ondernemers. Ze bouwen gezamenlijk de wijk. Hiermee stelt het plan mensen in de gelegenheid invloed uit te oefenen op hun eigen woonomgeving. Er ontstaat ruimte voor een organische ontwikkeling. Er ligt een zeer hoge ambitie voor de locatie, waarin wordt uitgegaan van een aangename groene wijk. De richtlijn is een lagere dichtheid dan de gemiddelde vinex-locatie te realiseren om een écht onderscheidend plan te ontwikkelen. In de wijk wordt de relatie tussen het stedelijk gebied en het landschap versterkt door het naastgelegen landschap van de Arkemheen het plangebied in te trekken. Het groen ligt centraal in de wijk zodat zoveel mogelijk bewoners er op uit kijken en


Hoofdstructuur landschap

Boomstructuur


een directe relatie hebben met het groen. Deze groenzone, de ‘Beektuin’ genaamd is het hart van de wijk en vormt het belangrijkste structuurdragende element van het ontwerp. De beektuin is gebaseerd op een van de grootste bestaande kwaliteiten van het plangebied: de beek. Daarnaast blijft de bestaande bomenlaan de Doornsteeg behouden en slingert er een groene, recreatieve wandelroute dwars door de wijk. De boomstructuur wordt versterkt en aangevuld langs de bestaande sloten, die eveneens behouden blijven. De tussengelegen ruimtes in deze landschappelijke hoofdstructuur kunnen afzonderlijk ontwikkeld worden, maar kunnen ook in hun huidige vorm behouden blijven. Iedere fase zou een eindfase kunnen zijn. De heldere hoofdontsluiting en buurtontsluitingsprincipes zorgen ervoor dat de nieuwe bewoners niet voortdurend in een ‘bouwput’ wonen.


Portfolio Kleine Projecten  
Portfolio Kleine Projecten  
Advertisement