Issuu on Google+

dijkman offset, maakt het1 nieu

www.dijkman 82 x 70 mm

Het keurmerk voor verantwoord bosbeheer

■ Postbus Visseringweg AT Diemen D E K R A N T V O O R D E M A AT S C H A P P I J40, 1112 NUMMER 01 - 2013 - GRATIS1284 1

Tel. 020 398 0808

Bamboe beddengoed In een tijd waarin het belangrijk is om goede ecologische keuzes te maken, komen bedrijven met producten voor een meer ecologische en duurzame wereld. Een voorbeeld daarvan is het via een webshop verkrijgbaar beddengoed.

6

Fax 020 398 0899

dijkman@dijk

‘Ga lekker zonder stroom in het donker zitten’

Zonder Respect Geen Voetbal

12

Ondanks terugkerende geweldsincidenten op de voetbalvelden, lijken nog niet alle spelers er van doordrongen dat zinloos geweld echt niet kan. Hoe nu verder?

Tuinbouwsector duurzamer

15

Een gesprek met Loek Hermans, voorman van de tuinbouwsector in Nederland, over de rol van techniek, energiebesparende maatregelen en natuurlijk: voedselveiligheid.

Drinkwater ontwikkelingslanden De Nederlandse Stichting Helder Water, die drinkwater realiseert in ontwikkelingslanden, verkoopt sinds september 2010 gebotteld water in de Nederlandse supermarkten.

16

Een duurzaam DierenPark Amersfoort De natuur en DierenPark Amersfoort zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden en daarom streeft het park naar een duurzame samenleving met ruimte voor mens en dier.

13 Onlangs stopte Humberto Tan met zijn dagelijkse ochtendshow op BNR Nieuwsradio. Misschien geeft hem dat wat tijd om meer te leren over duurzaamheid. Tan: ‘Ik probeer wel duurzaam te leven, maar heb er nog niet veel verstand van.’

Op water de wereld rond De auto-industrie heeft veel goede voornemens voor de introductie van auto’s met een brandstofcel. Een aandrijfsysteem waarbij waterstof binnen de carrosserie van de auto wordt omgezet in elektrisch vermogen.

24 WattIS is een uitgave van de combinatie Bootspat Spetterende Media B.V. & Duurzaam Groep Nederland B.V. - info@wattis.nl - www.wattis.nl

20


WattIS? WattIS? Nee, het is geen tikfout. James Watt is degene die in de 18e eeuw paardenkracht als eenheid van vermogen introduceerde voor het classificeren van de stoommachines. De WATT Stoommachine werd een groot succes. Hij maakte de industriële revolutie mogelijk. De energie die hieruit voort kwam, noem je vermogen en dit vermogen wordt sindsdien uitgedrukt in hoeveelheden ”watt”. WattIS staat voor vermogen in duurzaamheid. Met WattIS leveren wij het vermogen om op nationaal niveau kennis te maken met duurzaamheid. WattIS is een krant en online platform die kennis deelt op het gebied van duurzaamheid. Wij informeren consumenten en bedrijven op het gebied van duurzaamheid en duurzaam ondernemen. Bewustmaking en gedragsverandering! Welke mogelijkheden zijn er voor u als consument om duurzamer te leven, zonder uw levensstijl aan te passen? Wat kan voor u als ondernemer de eerste stap zijn om uw bedrijfsvoering te verduurzamen en hoe maakt u deze keuze? Welke ontwikkelingen zijn er gaande op dit gebied en wat betekent dit voor u? Wij zijn er van overtuigd dat er heel wat mogelijkheden zijn om plezierig te leven of een succesvol bedrijf te leiden en toch duurzaam bezig te zijn. Wij gaan u hiermee helpen en informeren.

Waarom WattIS op papier Wij gebruiken papier voor het maken van onze krant. Dat is niet erg duurzaam, toch? Dat zou kunnen kloppen, want papierverbruik betekent bomen kap en dat betekent weer een aanslag op de natuurlijke hulpbronnen van onze planeet. Juist dat is van essentieel belang; het terugdringen van het gebruik van de natuurlijke hulpbronnen op onze planeet. Daarnaast is er een ander aspect dat altijd aandacht vraagt, wanneer je nadenkt over duurzaam handelen en dat is de vraag: Wat weegt zwaarder, wanneer je twee elementen met elkaar vergelijkt? In ons geval gaat het om het overbrengen van onze boodschap enerzijds en het papierverbruik anderzijds. We weten bijvoorbeeld dat veel bedrijven en organisaties die iets te vertellen hebben over duurzaamheid, dat doen via internet. Maar hoeveel mensen hebben de tijd en mogelijkheid om dit te lezen en bovenal de juiste informatie te vinden. Waar vindt men informatie over duurzaamheid. Door met de zoekmachine het woord “duurzaam” of ‘’duurzaam ondernemen’’ in te tikken? Je krijgt een enorme hoeveelheid keuzes op je computerscherm en daarmee verlies je het overzicht. Om deze reden pakken wij het anders aan. Wij hebben een eigen redactie en een groot netwerk in de wereld die duurzaamheid heet. Unieke content op een overzichtelijke manier in onze krant en op onze website. De krant wordt niet bij iedereen thuis bezorgd, want dit brengt op verschillende fronten onnodige kosten en energie met zich mee. WattIS is een krant die gratis wordt verspreid door heel Nederland, op plaatsen waar dagelijks – wekelijks – maandelijks – duizenden mensen passeren. Daarnaast wordt de krant verspreid bij bedrijven & overheid. De krant heeft een doorgeeffunctie. Niet weggooien, maar deel WattIS met mensen uit uw netwerk. De kranten drukken wij op CO2-neutraal papier met milieuvriendelijke inkt. Het papier is tevens FSC gecertificeerd en gerecycled zodat de impact van het drukken wordt geminimaliseerd. Wij wensen u namens alle medewerkers van WattIS, veel leesplezier. Het team van WattIS.

INHOUDSOPGAVE

3

ACTUEEL - Je bent een rund als je met paardenvlees stunt - Het slechte imago van grote bedrijven

4&5

BINNEN- EN BUITENLAND - Opinie Henri Bontenbal - Tegengas & Wallstreet wijst op kansen door de opwarming van de aarde

6, 7 & 8

WONEN, WERKEN & WINKELEN - De Kracht van Werkkracht - Levende plant levert elektriciteit GEZONDHEID, VOEDING & SPORT

10, 11 & 12

- Bob Huttens duurzame Indianenstam - Zonder respect geen voetbal

13

INTERVIEW HUMBERTO TAN - ‘Ga lekker zonder stroom in het donker zitten’

14

PROVINIE & GEMEENTE - Duurzaamheid in Haarlemmermeer - Den Helder heeft de wind mee

15

INTERVIEW LOEK HERMANS - Nieuwe technologie maakt tuinbouwsector duurzamer

16 & 17

ENERGIE & WATER - Een economie zonder gas, olie, kolen of kernenergie? - Mission Possible! & Het (drink)water raakt op

18

MILIEU & AFVAL - Afval? Grondstoffen! - Van gft-afval naar groen gas

19 & 20

MOBILITEIT - Bussen die opladen tijdens het rijden - Op water de wereld rond

22

ECONOMIE & FINANCIEEL - Meer werk met minder en schonere energie - IMC Weekendschool: Motivatiegericht Onderwijs

23

DUURZAME BOUW & VASTGOED - De renaissance van stadsontwikkeling - DGBC-plein op Provada

24

MAATSCHAPPELIJK & SOCIAAL - Stokstaartjes, giraffen en olifanten: samen een duurzaam DierenPark Amersfoort WATTIS ZAKELIJK

26, 27, 28, 29 & 30

- Toets uw bedrijfsfundament - Green Business Club boekt resultaten - Een schoner milieu met ICT COLOFON

31


ACTUEEL

Het slechte imago van grote bedrijven We hebben het niet zo op de meldingen van grote bedrijven dat ze ‘duurzaam’ en ‘maatschappelijk verantwoord werken’. Volgens 72 procent van

de door onderzoeksbureau Hope & Glory ondervraagde Nederlanders gebruiken grote bedrijven de kreet ‘duurzaam’ en ‘maatschappelijk ondernemen’ alleen

maar om hun imago op te poetsen. Directeur Strategie Bas van Haastrecht zegt dat Nederlanders goed kijken naar wat bedrijven doen en men

ziet eigenlijk weinig verandering. Mogelijk als gevolg van de crisis. In ieder geval wantrouwt 41 van de 100 Nederlanders de goede bedoelingen van de

bedrijven. Vorig jaar was dat nog 34 procent. Slechts 15 procent gelooft dat de grote bedrijven ‘iets doen om duurzamer te werken’.

Zonnepanelen? Dan nog snel dit jaar! Voor 2013 stelde de regering een bedrag van 30 miljoen euro aan subsidies ter beschikking. Gericht op de aankoop van zonnepanelen. Per aanvrager is er een maximum bedrag van 650 euro beschikbaar. Is het aanschaffen van zonnepanelen daardoor beter haalbaar? Dat is de vraag. Je kunt voor relatief weinig geld zelf zonnepanelen aanschaffen en wanneer je dat via een collectieve veiling doet, ben je

vaak goedkoper uit dan met de subsidie. Je kunt op www. energiesubsidiewijzer.nl precies nagaan of je voor subsidie in aanmerking komt en zo ja, voor welk bedrag. Zoals gezegd is die collectieve aankoop wellicht veel interessanter. Je schrijft je als individu in voor deelname aan de veiling en doet intussen onderzoek naar de gangbare aankoop- en installatiekosten. Bovendien kun je controleren of de aangeboden type panelen brandgevaarlijk zijn. Al in 2008

en de jaren daarna kwam het voor dat er brand ontstond op de schuine daken waar panelen waren geplaatst. Dit kwam doordat de omvormers niet goed waren en in brand vlogen. Inmiddels weet de overheid precies welke soorten van welke fabrikanten zijn en hiermee kun je als consument je voordeel doen. De kosten voor een pakket van twee panelen voor zowel een schuin als een plat dak liggen rond de 1400 euro inclusief montage en installatie

alsmede 6% BTW (geldt voor huizen ouder dan twee jaar tot 1 maart 2014). Koop je het pakket via een collectieve veiling dan ben je waarschijnlijk goedkoper uit. Zeker als je pakketten met meer panelen aanschaft. Wil je weten of jouw huis geschikt is, kijk dan op de verschillende websites op internet die hier inzicht in geven. Bedenk dat zonnepanelen gedurende 25 jaar in de energiebehoefte van jouw huis kunnen voorzien. Meestal heb je de aankoop door de

verlaagde afname van elektriciteit in 5 jaar terugverdiend en ga je daarna 20 jaar verdienen aan het ‘verkopen’ van jouw stroom aan het elektriciteitsnet respectievelijk doordat je maandelijks bijna geen kosten meer betaalt aan je energieleverancier. Inwoners van Noord-Holland kunnen overigens ook bij de provincie aankloppen voor subsidie. De provincie gaat een fonds opzetten voor duurzame energie. Zonnepanelen vallen onder dit fonds.

Zonnige toekomst biologische levensmiddelen De laatste tijd is de conventionele levensmiddelenindustrie vaak in het nieuws met schandalen. Scharreleieren blijken niet zo scharrel en rundvlees is eigenlijk paardenvlees. Volgens supermarktketen Marqt, leverancier van uitsluitend duurzaam geproduceerde levensmiddelen, stijgt de belangstelling voor biologisch geproduceerde levensmiddelen bij de consument nu de gevestigde handel het laat afweten. Medeoprichter Quirijn Bolle van Marqt ziet een stijgende belangstelling voor de zeven winkels van zijn supermarktketen. ‘Consumenten gaan bewuster om met voedingsmiddelen’, signaleert hij. Hoeveel mensen overschakelen op biologische producten is nog niet concreet te zeggen, laat voorzitter Henk Gerbers van de stichting Bio+ weten. Hij wacht op de kwartaalcijfers die over enige tijd worden gepresenteerd. Wel

denkt hij te kunnen stellen dat ‘het consumentenvertrouwen in voedsel daalt. Mensen komen dan al snel bij biologische producten uit.’ Volgens Gerbers is dit overigens niet alleen iets van de afgelopen tijd. ‘In 2012 groeide de vraag naar biologische producten met twintig procent, waarmee dit voor het derde opeenvolgende jaar het snelst groeiende A-merk in de supermarkt was’, zegt hij. Biologische voeding in de lift Jasper Vink van Bionext, de ketenorganisatie voor biologische landbouw en voeding, denkt ook dat veel mensen nu – definitief – zullen overstappen op biologische voeding. ‘Er is zo veel aan de hand, dat het zeker invloed heeft op het koopgedrag’, meent hij. Zijn organisatie geeft elk jaar in mei de zogeheten biomonitor uit. De afgelopen jaren zag men daarin jaarlijks een stijging van meer dan 10 procent in bestedingen

ook vlees met het ‘Beter leven’ keurmerk zijn’, zegt hij.

Vreemde vogel

aan biologische voeding. Vink denkt dat die trend nog wel even doorzet. Evenals de discussies over dierenwelzijn, zoals die over de plofkip. Daarnaast

signaleert hij dat veel mensen tegenwoordig minder vaak vlees eten, maar wel kiezen voor een betere kwaliteit. ‘Dat is niet altijd direct biologisch, maar kan

Bij het Landbouw Economisch Instituut van Wageningen Universiteit constateert onderzoeker Johan Bakker dat ‘de politieke boodschap om biologisch te consumeren eindelijk doordringt’. Hij vindt ook het imago van de koper van biologische producten verbeterd. ‘Tien jaar geleden werd je nog als vreemde vogel gezien, nu is dat anders.’ Volgens de sector is de huidige crisis goed voor de biologische branche. Collectieve verontwaardiging, zoals die over de plofkip, kan volgens Bakker snel effect hebben. ‘Een aantal jaren geleden was er veel te doen over chocoladeletters. Nu wordt ongeveer vijfentachtig procent daarvan geproduceerd met eerlijke cacao. Je ziet dat het idee dat dingen anders moeten, snel terrein wint. De schandalen van dit jaar dragen daar zeker aan bij.’

Je bent een rund als je met paard stunt Het was best even schrikken toen de Nederlandse Voedselen Waren Autoriteit ontdekte dat groothandels sjoemelden met rundvlees. In plaats van een lasagne met rundergehakt, zat je paard te eten. Dat moet niet kunnen.

Paardenvlees is van oudsher goedkoper dan rundvlees. Vroeger – tot in de jaren vijftig van de vorige eeuw – was paardenvlees vooral populair onder de minderbedeelden. Rijkere mensen kochten rundvlees, wat dan ook beduidend duurder was.

ning kan leiden. Paardenvlees heeft die reputatie niet, want die krijgen vrijwel geen antibiotica toegediend, zeker niet de paarden in Zuid- en Noord-Amerika, waarvan het vlees naar Europa wordt geëxporteerd.

Rundvlees kreeg overigens in de loop der tijd een bedenkelijke reputatie, doordat de runderen veel antibiotica toegediend kregen. Tegen mond- en klauwzeer en tegen de gevreesde gekkekoeienziekte, die ook bij mensen tot een hersenaandoe-

Rundrijden en paard eten Het probleem schuilt overigens niet zozeer in onkundigheid van de consument. Het is lastig om mals paardenvlees te onderscheiden van mals rundvlees, terwijl er betaald wordt voor het duurdere rund. Het

probleem zit hem in het ontduiken door de groothandel en de importeurs van de wet. Door goedkoop paardenvlees op de markt te brengen tegen de prijs van duur rundvlees, verrijkt men zich op niet-duurzame wijze. Daar trad de Voedsel- en Waren Autoriteit tegenop. Wat leidt tot de vraag of het transparant maken van de voedselketen (en dan met name van de vleesimport- en slachtketen) niet wettelijk vereist moet worden. Een duurzaam voedingspatroon vraagt immers ook om inzicht in de herkomst van het voedsel.

3


4

BINNEN- EN BUITENLAND

Koploperproject helpt ondernemers duurzamer ondernemen Bijna elk bedrijf, elke instelling of gemeente wil graag duurzaam ondernemen. Maar ze weten vaak niet hoe ze het concreet moeten aanpakken. Het Koploperproject biedt een oplossing. Dit project is een initiatief van projectbureau A7Westergo en diverse gemeenten in Friesland, waaronder de gemeenten Heerenveen, Skarsterlân en SúdwestFryslân. Advies- en ingenieursbureau DGMR uit Drachten verzorgt samen met Stenden Hogeschool uit Leeuwarden de inhoudelijke begeleiding.

Het Koploperproject begon twee jaar geleden op kleine schaal in één gemeente in Friesland. Het project bleek succesvol en andere Friese gemeenten haakten aan. De afgelopen twee jaar vonden er al elf Koploperprojecten plaats, waarin honderd bedrijven en gemeenten aan de slag gingen met duurzamer werken. De bedrijven bespaarden geld, vergrootten

hun netwerk en kregen nieuwe klanten.

Duurzamer in een jaar We vroegen Age Knol en Tjitske Jeltema van projectbureau A7Westergo hoe het Koploperproject nu eigenlijk in z’n werk gaat. Age: “We vormen een groep van een aantal in duurzaamheid geïnteresseerde ondernemers en een of meerdere gemeenten. In een startbijeenkomst vertellen we hoe het project werkt. De gemeenten en de bedrijven worden doorgelicht met de Milieubarometer en een Quickscan. Deze twee instrumenten bieden de deelnemers vaak verrassende inzichten in hoe ze scoren op het gebied van duurzaamheid. Met de uitkomsten gaan de bedrijven en de gemeenten aan de slag.” uit. Vaak valt er in korte tijd al veel te realiseren. Zo was er bijvoorbeeld een bedrijf dat, met wat kleine ingrepen, al vijftien procent energie bespaarde.”

Ervaringen uitwisselen Gedurende het project zijn er een of twee terugkoppelingsbijeenkomsten waar de deelnemers hun plannen en resultaten presenteren.

Nieuwe Koploperprojecten

Die terugkoppelingsbijeenkomsten leveren de ondernemers veel op, volgens projectleider Tjitske Jeltema: “Hiermee inspireren ze elkaar en de ondernemers wisselen ervaringen

De komende tijd rolt het Koploperproject verder uit in Friesland, met maar liefst 250 deelnemende bedrijven. Bedrijven of gemeenten die op een positieve en praktische manier aan de slag willen met duurzaamheid!

Wereldwijd groen gas uit afval met Nederlandse techniek De door Energieonderzoek Centrum Nederland (ECN) ontwikkelde MILENA-technologie om groen aardgas, elektriciteit of vloeibare brandstoffen te winnen uit afval en biomassa wordt de komende jaren wereldwijd toegepast. ECN heeft daarvoor een licentieovereenkomst gesloten met Royal Dahlman, dat de technologie in verschillende landen en projecten gaat inzetten. De door Energieonderzoek Centrum Nederland (ECN) ontwikkelde MILENA-technologie om groen aardgas, elektriciteit of vloeibare brandstoffen te winnen uit afval en biomassa wordt de komende jaren wereldwijd toegepast. ECN heeft daarvoor een licentieovereenkomst

gesloten met Royal Dahlman, dat de technologie in verschillende landen en projecten gaat inzetten.

oplossen van zowel het afval- als het energieprobleem. ECN heeft MILENA samen met haar partners ontwikkeld en getest. Om het gas dat uit de MILENA installatie komt onder meer van teer te zuiveren is de OLGA-technologie ontwikkeld. Royal Dahlman past beide duurzame technologieën toe. Momenteel wordt een proeffabriek voor de vergassing van afvalhout ontworpen,. In India wordt een testinstallatie gebouwd om elektriciteit te winnen uit landbouwafval. In april koos het Engelse Energie Techniek Instituut (ETI) Royal Dahlman uit om met toepassing van MILENA en OLGA de meest efficiënte elektriciteitscentrale voor de vergassing van afval te ontwerpen.

Het innovatieve aspect van MILENA is dat het allerlei soorten afval en biomassa kan omzetten in gas. In Petten werkte de testinstallatie onder meer op hout, sloophout, rijstkaf en sojastelen. Het energierijke gas dat de installatie produceert is voor meerdere toepassingen bruikbaar. Voor het opwekken van elektriciteit via gasturbines of warmtekrachtkoppeling, voor het maken van biodiesel of andere vloeibare transportbrandstoffen of voor het omzetten in bio-aardgas voor het gasnet. Op die manier levert MILENA een bijdrage aan het

Schaliegas groot avontuur Het is helemaal niet zeker dat er in Nederland gas aanwezig is in de schalie (de keiharde steenlaag diep onder de aardoppervlakte). Dat zegt Senior Fellow Lucia van Geuns van het Energie Programma (CIEP)

van Instituut Clingendael. In Amerika is gas gevonden (en ook olie) in de schalie, maar dat kun je alleen ontdekken door proefboringen uit te voeren. Mevrouw Van Geuns vreest dat de schalie in Neder-

land sterk ‘verbreukt’ is (het zijn door breuken steeds kleine formaties) en ook niet overal op dezelfde diepte ligt. “Reken je niet rijk aan schaliegas”, is het parool: “Ga eerst eens boren”.

Tegengas liegaswinning een vorm van not in my backyard? Is het slechts het eigenbelang dat zich hier manifesteert? Kan een vergoeding helpen om lokale inwoners over de streep te trekken?

De discussie over schaliegas is ook in ons land in alle hevigheid losgebarsten. In de Verenigde Staten zorgt de winning van schaliegas voor lagere gasprijzen, minder afhankelijkheid en een lagere CO2-uitstoot. In Europa kijken energie-intensieve bedrijven jaloers naar deze ontwikkeling en pleiten ook voor schaliegaswinning. Schaliegas kan daarnaast de schatkist 30 miljard opleveren. Maar de tegenstand groeit. Schaliegaswinning is immers niet zonder risico’s. Tegenstanders zijn bezorgd over de vervuiling van het grondwater, methaanlekkages en verrommeling van het landschap door boortorens. In Europa zal schaliegas ook niet tot lagere gasprijzen leiden en de voorraad in de Nederlandse bodem is beperkt. Zoals destijds bij de pilot voor CO2-opslag onder Barendrecht komt er ook nu veel verzet vanuit gemeenten. Diverse actiegroepen spannen zich in om de argumenten tegen schaliegas voor het voetlicht te brengen. En net zoals bij Barendrecht worden bezwaren van inwoners beantwoord met onderzoeksrapporten die hen niet kunnen overtuigen. Normatieve argumenten lijken opnieuw geen onderdeel van het debat te mogen zijn. Is de tegenstand tegen scha-

De Zwitserse overheid zocht enkele jaren geleden naar een goede opslagplaats voor kernafval en kwam na grondig onderzoek uit bij een klein bergdorpje. Voordat een referendum plaatsvond, peilden economen de bereidwilligheid van de inwoners. Gevraagd naar hun stemgedrag gaf 51% van hen aan te zullen voorstemmen. Zij zagen het als een persoonlijk offer voor een groter maatschappelijk belang. Vervolgens werden dezelfde inwoners gevraagd wat zij zouden stemmen als zij als compensatie een vergoeding zouden krijgen. De bereidwilligheid daalde naar 25%. Ze voelden zich omgekocht. De gedachte dat inwoners over de streep getrokken kunnen worden door een financiële vergoeding, zou daarom wel eens een misrekening kunnen zijn. Dit voorbeeld maakt duidelijk dat naast economische en ecologische argumenten ook normatieve argumenten een rol moeten spelen in de discussie over schaliegas. Niet alleen geld en veiligheid, maar ook milieu, draagvlak en ethiek horen onderdeel van deze discussie te zijn. Financiële prikkels kunnen averechts werken. Niet alles is te koop! Henri Bontenbal is zelfstandig adviseur op het gebied van energie en duurzaamheid.


BINNEN- EN BUITENLAND

De smeerolie van gemakzucht Op 13 maart 2013 vonden verkiezingen plaats in Groenland. Die werden gewonnen door een politieke partij die inzet op grootschalige winning van grondstoffen als mineralen en olie. Valt de stemmers in Groenland iets te verwijten?

De aanwezigheid van grote hoeveelheden grondstoffen betekent voor Groenland een ‘ticket

to freedom’. De olie-inkomsten kunnen het kapitaal leveren voor ontwikkeling of onafhankelijkheid. En welk volk wilde er ooit afhankelijk zijn en blijven? Zijn de oliemaatschappijen dan verantwoordelijk? Natuurlijk kunnen zij een moreel betere keus maken door hun middelen in duurzame energie te investeren. Maar zolang wij aan de pomp mopperend betalen, missen de oliebaronnen het economische motief om te veranderen. Wie is er dan als schuldige aan te wijzen? Wij, als burgers en

consumenten. Wij willen zelf geen hogere energierekening betalen, voorlopig ook niet als de benzine aan de pomp duurder wordt. Laten we als consumenten onze verantwoordelijkheid niet langer afschuiven op oliebaronnen en de inwoners van Groenland. Laten we onze eigen verantwoordelijkheid nemen. Hoe? Door bedrijven te motiveren zich duurzamer te gedragen. Door het kopen van duurzame producten en diensten. Door anders naar onze behoeften te kijken. Het is tijd om onze toekomst in eigen hand te nemen.

Wallstreet wijst op kansen door de opwarming van de aarde “Hoera, de aarde warmt op en dat biedt kansen aan gespecialiseerde bedrijven”, zo reageerde de beurs in New York op de berichten van het Amerikaanse klimaatbureau NOAA eerder dit jaar. Volgens hen moeten we rekening houden met een opwarming van meer dan 2 graden Celsius. Tot nu toe werd die norm als ‘veilig’ beschouwd en kon men volstaan met investeringen in technieken en bedrijven die de aardopwarming tegengaan. Maar nu de kans groot is dat we 4 graden opwarming (of zelfs 5 graden) gaan beleven, investeren grote banken als Goldman Sachs en Morgan Stanley minder in windmolenparken, getijdenenergie en de handel in CO2-rechten. Zij investeren meer in waterrechten en in bedrijven die zich bezighouden met waterzuivering. Ook bedrijven die mogelijkheden bieden voor grote laaggelegen

en aan open water gevestigde steden om zich tegen overstromingen te beveiligen, krijgen aandacht van grote investeringspartijen.

Arcadis Het Nederlandse ingenieursbureau Arcadis trekt veel belangstelling en is zelf intussen ook de markt opgegaan. Men nam na de storm Sandy een aantal concurrenten over om daardoor sterker te staan op de wereldmarkt. Een andere ontwikkeling die in Wallstreet populair is, betreft investeren in mijnbouw ondernemingen die geïmplementeerd worden in voormalige ijskapgebieden. In Groenland blijkt zo’n trend gaande te zijn. De 2400 kilometer lange ijskap die het Deens grondgebied nu nog bedekt, is snel aan het smelten. Doordat bedrijven vermoeden dat er onder het ijs een ongekende

rijkdom aan goud, zeldzame gesteenten en metalen schuilt, bereidt men zich voor op de exploitatie daarvan. Want hoe minder ijs, hoe hoger de winsten. De meest recente cijfers van het Groenlandse bureau van statistiek zeggen dat mijnbouwondernemingen in 2010 voor $ 91,5 miljoen (€ 70 miljoen) investeerden en dat is 75 procent meer dan in 2009. Tot slot: het Amerikaanse adviesbureau Mercer heeft de consequenties opgeschreven in het scenario dat de aarde drie graden opwarmt. Negatief: ondervoeding, meer extreme gebeurtenissen, toenemende kosten van infrastructuuraanpassing om gevolgen van overstromingen tegen te gaan. Positief: betere oogsten tussen bepaalde breedtegraden en minder vraag naar binnen verwarming. Goed nieuws dus voor airco-producenten.

Auto’s moeten zuiniger, niet stiller

Het Europees Parlement maakt zich zorgen over de misleidende zuinigheidstesten van de auto-industrie. Doordat uitgeklede en fors gestroomlijnde proefmodellen een benzine- of dieselverbruik laten registreren van 1 op 40, laat de praktijk zien dat de doorsnee personenauto hooguit 1 op 12 haalt. De parlementariërs zijn er klaar mee en eisen dat de automobielindustrie echt zuinige motoren gaat bouwen. Daarnaast moeten de autobestuurders verder opgevoed worden. Het een paar jaar geleden veel gepropageerde ‘nieuwe rijden’ wordt door de meeste rijinstructeurs niet onderwezen. Zij vragen hun leerlingen op te schieten in het verkeer. Snel een kruising nemen en op de snelweg het liefst die iets trager voor je rijdende auto inhalen. Bij filedreiging goed kijken welke baan net iets sneller gaat en dus in die andere baan schieten. Dat je daarmee een nieuwe file veroorzaakt is van minder belang. Dit weggedrag tekent een beetje de niet-duurzame mentaliteit van veel mensen. Zij stellen hun eigen belang boven dat van de andere weggebruikers en

Fortune Cooker kan levens redden Een Nederlands initiatief kan in de landen tussen de 35e noordelijke en zuidelijke breedtegraad (de ‘Sunbelt’) miljarden mensen een beter leven bezorgen. Met de Fortune Cooker – een oven/ kooktoestel op zonnepanelen, met de mogelijkheid om er bij gebrek aan zon een houtvuurtje in te stoken – hoeven vrouwen en meisjes geen afmattende sprokkeltochten meer te maken. Met kans op mishandeling onderweg en diefstal van het gesprokkelde brandhout. Ook voorkom je er de jaarlijks gemiddeld vier miljoen doden en miljoenen brandwondslachtoffers, alsmede miljoenen rookblinden en longziekten mee.

Ir. Maarten Romijn is de bedenker van de Fortune Cooker. Een kooktoetsel dat het hele jaar door kan voorzien in de kookenergie van gezinnen en bedrijfjes in de Sunbelt regio’s, waar meer dan driekwart van de mensheid woont. Het is volgens Romijn ‘de eerste en enige ‘zonnekoker’ waarbij de koks niet door weerkaatste zonnestraling worden verblind’, wat komt door het speciale type spiegel waarmee het ingevangen zonlicht naar de onderkant van de pannen, respectievelijk naar de oven wordt geleid. Het toestel kan ook niet omwaaien of omgestoten worden, zoals vaak bij andere zonnekokers en houtkacheltjes gebeurt, met nare onge-

lukken als gevolg. De Fortune Cooker is geschikt om te koken, bakken, roosteren en smelten, en om water te zuiveren of drinkbaar te maken. Ook kan hij worden ingezet om brandhout te drogen. Dit is belangrijk, want van vochtig of vers hout heeft men twee keer zoveel nodig en het geeft veel meer giftige rook.

houden niet van samenspel. Ze letten minder op de gevaarlijke situaties die door hun gedrag kunnen ontstaan. Linke situaties meent het Europees Parlement ook te ontdekken als het om de geluidsproductie van elektrische auto’s gaat. Elektromotoren zijn immers van origine nogal geruisloos. Dat vinden de Europarlementariërs niet juist, want nu kunnen voetgangers en fietsers deze auto’s niet horen aankomen. Nadat er jarenlang gesteggeld is over verkeerslawaai en de vraag naar stillere benzine- en dieselmotoren van personenauto’s, bussen en vrachtwagens, vallen diezelfde vertegenwoordigers over een prachtig alternatief; de schone en vooral stille elektrische auto. Deze stille voertuigen zouden een gevaar op de weg zijn, omdat voetgangers en fietsers ze niet horen aankomen. Daarom is het verstandig als de auto-industrie wel zuinige maar geen stille auto’s maakt, ook al moet dat geluid later toegevoegd worden. Duurzame verkeersdeelnemers hebben aandacht voor elkaar, maar willen ook calamiteiten voorkomen door met geluid de weg op te kunnen.

5


6

WONEN, WERKEN & WINKELEN

Ecologisch verantwoord beddengoed moet Nederland beter laten slapen

Bamboe beddengoed Beddengoed van bamboe, dat klinkt wel duurzaam maar niet echt comfortabel. Bamboe is een plant die je bijna ziet groeien en waar ook garens van te maken zijn. Bovendien maakt bamboe zelf een antibacteriële stof aan, waardoor er bij de kweek van de plant geen bestrijdingsmiddelen als pesticiden en kunstmest nodig zijn. Als je dat vergelijkt met de katoenteelt, zie je dat katoen veel water en grote hoeveelheden kunstmest, insecticiden en pesticiden vraagt. Bamboe heeft geen behoefte aan kunstmatige beregening en krijgt wat het nodig heeft uit natuurlijke regenval. Daarnaast wordt de bamboevezel voor 100 procent biologisch afgebroken door micro-organismen in de bodem en zonneschijn. Het afbraakproces veroorzaakt geen verontreiniging van het milieu. Voor het maken van textiel worden alleen de zijtakken gebruikt, wat inhoudt dat er ieder jaar van dezelfde plant kan worden geoogst zonder de

moederplant onherstelbaar te beschadigen. De te gebruiken vezels ondergaan geen chemische bewerking, ze worden geplet en gestoomd. Van deze gestoomde massa worden draden gesponnen, waarvan textiel wordt geweven.

eerst voelt, verbaast zich over de zachtheid van het materiaal. De ademende structuur van de stof biedt een verkoelend effect in de zomer en in de winter

voelt de bamboestof warmer aan dan katoen. Ook heeft bamboe beddengoed sterk absorberende eigenschappen die helpen vocht van het lichaam weg te voeren.

Bovendien zijn de producten anti-bacterieel en hypo-allergeen. Dat maakt bamboe dekens tot duurzaam én comfortabel beddengoed.

deel aan Werkkracht en uiteindelijk kwam ze uit bij werken met jongeren. Twee maanden later startte ze met de opleiding 'Jeugdwerk' en nu is ze in de praktijk aan het werk als stagiaire. Marieke maakte een vrijwillige switch als uitkomst van het traject Werkkracht. Maar soms, bijvoorbeeld bij een reorganisatie, kom je in een situatie dat je op zoek moet naar een andere baan. Voor die doelgroep biedt FNV Formaat nu ook Werkkracht aan in combinatie met outplacement. “Werkkracht is maatwerk”, zegt trainer Laura Monden, die aangeeft dat je niet van te voren kunt zeggen: “het is niets voor mij” of “het zal wel te duur zijn”.

“Wij kunnen bepaalde deelnemers zelfs een gratis traject aanbieden”, zegt ze en legt uit dat er verschillende subsidievormen bestaan voor het 'verduurzamen van de inzet van medewerkers' in bedrijven en organisaties. “Het mooie is dat je in een korte periode gedurende zeven bijeenkomsten van verschillende tijdsduur jezelf leert om inzetbaar te blijven. Kortom jezelf een duurzamer toekomst te geven. Ook wanneer je voor een ontslagsituatie komt te staan.

Bamboe geeft een aanzienlijke hoeveelheid zuurstof af aan de atmosfeer. Meer nog dan bomen. Het planten van bamboe draagt dan ook sterk bij aan het verminderen van het niveau van koolstofdioxide (CO2) in de lucht en het verminderen van bodemerosie. Het enorme wortelstelsel van bamboeplanten maakt ze dan ook tot een uitstekende keuze voor het planten ervan in hoge erosiegevoelige gebieden, zoals oevers en gebieden met modderstromen. Verder zijn ze geschikt voor gebieden die te kampen hebben met hevige aantasting van de bodem en ontbossing. Kun je wel lekker slapen onder bamboe? Iedereen die bamboe bedtextiel voor het

DE WASBEURTEN VAN LAKENS EN DEKBEDOVERTREKKEN Slapen onder een bamboe dekbedovertrek mag dan wel duurzaam zijn, maar uit hygiënisch oogpunt moet je zo’n dekbedovertrek minstens eens per week wassen. Je verliest ‘s nachts immers veel vocht, wat in het beddengoed kruipt. Een dekbedovertrek heeft twee keer zoveel textiel als een laken. Moet je dus meerdere dekbedovertrekken wassen, dan kost dat meer aparte wasbeurten, meer zeepmiddelen en water. Je kunt tussen jou en het bamboe dekbed een bamboe bovenlaken, en onder je een bamboe onderlaken (hoes) nemen. Het lichaamsvocht trekt dan in die twee lakens en niet in je dekbedovertrek. Dan hoef je dat dekbedovertrek niet elke week te wassen, maar wel je onder- en bovenlaken plus uiteraard je kussensloop. Bamboe was je op 30 graden. Huismijt komt in bamboevezels niet voor, dus je bent op alle fronten goed bezig. Daar komt je beddengoed vandaan.

De Kracht van Werkkracht De wereld om ons heen verandert snel, organisaties zijn voortdurend in beweging door reorganisaties, inkrimping, uitbreiding of veranderende functieeisen. Hoe kom je dan als medewerker zelf in beweging? Je kunt het leren, weten ze bij trainings- en adviesbureau FNV Formaat in Woerden. Zij sterken mensen in het werk en leren hoe je inzetbaar kunt blijven op de arbeidsmarkt. Zo ga je in het begeleidingstraject Werk-

kracht op zoek naar je motivatie en drijfveren en leer je deze te benutten om je loopbaan in beweging te zetten en plezier in je werk te behouden. Werkkracht laat je op een andere manier naar je werkomgeving en werkroutines kijken. Om jezelf in staat te stellen flexibel in te spelen op de veranderingen die je vrijwel elke dag in jouw organisatie ziet gebeuren. Van belang voor je zelf, maar zeker ook voor de organisatie waarin je werkt. Het begeleidingstraject Werkkracht helpt individuen om zicht te krijgen op hun persoonlijk functioneren, hun talenten, hun motivatie, drijfveren en hun

ambities. Het blijft niet hangen in goede voornemens, maar je gaat er ook echt mee aan de slag. In kleine groepen (maximaal 8 deelnemers) ga je op zoek naar je diepste drijfveren (‘waarom doe ik dit werk?’). Je komt letterlijk in beweging, verlegt je grenzen en maakt een concreet plan om je loopbaan in eigen hand te houden.

Praktijk Een mooi voorbeeld is het traject Werkkracht waaraan Marieke meedeed. Zij werkte al jaren als secretaresse, was op zich tevreden met haar baan, maar toch knaagde er iets. Eigenlijk wilde ze iets heel anders doen, maar ze wist niet wat. Ze nam

Na de training kun je jezelf beter hanteren in vrijwel elke werkomgeving”, besluit Laura Monden.


WONEN, WERKEN & WINKELEN

Echt groene stroom het is zo simpel Misschien wel het makkelijkste dat je als bedrijf of burger kunt doen; overstappen op groene stroom.

Honderdduizenden hebben het al gedaan en de vraag naar groene stroom is in Nederland in het afgelopen decennium explosief gestegen. En dat is een goeie zaak, het helpt enorm om

verdergaande klimaatverandering te voorkomen. Natuurlijk, alle stroom die geproduceerd wordt, uit kolen- of kerncentrales, uit wind of uit zon, komen op hetzelfde net. Maar groene stroom wordt streng gecertificeerd. Als er ergens schone stroom wordt gemaakt wordt daar een “Garantie van Oorsprong” bijgeleverd. Als een energiebedrijf een nieuwe klant krijgt die aangeeft groene stroom te willen wordt dat certificaat uit de markt gehaald. Zo

weten we zeker dat er niet meer gebruikt wordt dan er gemaakt wordt. Eigenlijk zou alle stroom naar herkomst gecertificeerd moeten worden, dan kan iedereen echt een bewuste keuze maken. Zo ver zijn we nog niet. Voorlopig helpt het systeem wel om de juiste keuze te maken; echt groene stroom die het milieu niet belast. Een gemiddeld gezin dat overstapt op groene stroom vermijd jaarlijks de uitstoot van

3500 kilo CO2. Een bedrijf dat dezelfde stap zet vermijd een veelvoud. En met drie telefoontjes kan het geregeld zijn. Het is wel belangrijk dat er een goede keuze wordt gemaakt, bijvoorbeeld door te kiezen voor in Nederland opgewekte groene stroom. Er zijn veel aanbieders op de markt. Elk zichzelf respecterend energiebedrijf heeft wel wat groene stroom in de etalage liggen. Soms ligt de rest van de

winkel en het magazijn dan vol met grijze, stralende en vieze stroom, gemaakt uit kolen en uranium. Het is dus zaak goed op te letten bij welke aanbieder je klant wordt. Een goeie manier om bedrijven te vergelijken is het stroometiket van het totale aanbod van een bedrijf; daarop zie je heel snel hoe groen een bedrijf werkelijk is. Gelukkig zijn er onafhankelijke organisaties die dat elk jaar netjes op een rij zetten. Zo simpel is het.

sering en ontwikkeling.Onderwerpen zijn actuele thema’s als

duurzaamheid, HR, facilitair management en leiderschap.

Flexwerken met Swung Bij flexibele werkplekken denk je aan medewerkers die elke dag achter een willekeurig bureau zitten te werken. Of aan een thuiswerkplek waarvoor de werkgever de kosten draagt. Welke uitkomst is er voor een ZZP’er of een medewerker van een groot bedrijf, die normaliter van huis uit werkt, maar daar onvoldoende ruimte heeft? In zo’n geval ben je op zoek naar een locatie waarbij alles wordt gefaciliteerd. Een plek die je voor een bepaalde tijd van de dag huurt. Swung House maakt dat mogelijk.

Schone wc’s Alweer enige tijd geleden bedacht initiatiefneemster Marinel van de Velde dat er behoefte is aan compleet ingerichte werkplekken, waar je kunt werken in je eigen kantoorruimte zonder dat je hoeft te investeren in een heel gebouw. ‘Wij willen professionals een prettige en vooral ook representatieve werkplek bieden zonder dat zij zich zorgen maken over de aanschaf van meubilair, over het gevuld houden van een pantry of het schoonhouden van de toiletten’, legt ze uit. Het leidde er toe dat Swung House op zoek ging naar ondernemers en zelfstandig werkende medewerkers die zich liever niet thuis vestigden en geen enorme investeringen wilden doen in gebouwen.

Verantwoorde verf en fairtrade koffie Eerst werd er een locatie gevonden in Den Haag en sinds maart 2013 ook in Utrecht.

Bij de opening van dat laatste gebouw benadrukte Van de Velde nogmaals dat Swung House bedoeld is om Het Nieuwe Werken op een daadwerkelijk duurzame wijze mogelijk te maken. ‘Het gaat ons natuurlijk om zaken als de beperking van het woon-werkverkeer, maar ook om het bieden van plezierige werkplekken’, zegt ze. Daarnaast moet het Swung-gebouw zelf ook zo duurzaam mogelijk zijn. Het is comfortabel en volledig duurzaam ingericht. Alle gebruikte materialen, zoals wandbekleding, meubels, vloerbedekking en verf, zijn verantwoord. De koffie is fairtrade en de catering is biologisch. ‘Daarnaast hechten we veel waarde aan de mogelijkheid dat gebruikers interactief bezig zijn, elkaar kunnen opzoeken voor overleg. Wanneer je in je eentje werkt, mis je immers toch het contact met collega’s. Doordat we bij Swung House behalve

over flexibele werkplekken ook over coachplekken, vergader- en brainstormruimtes beschikken, kun je elkaar ondersteunen en versterken.’

(Net)werken Het concept Swung House richt zich op zelfstandig professionals en medewerkers van bedrijven die een flexibele werkof vergaderplek zoeken. Het MKB is tevens een belangrijke doelgroep. Trainers en coaches kunnen er zowel met groepen als met individuele klanten terecht. Swung House is dan ook een werk- en ontmoetingsplek voor professionals, waar mensen werken, netwerken en elkaar inspireren. De Swung-manager stimuleert actief onderlinge verbinding en netwerkactiviteiten. Regelmatig zijn er workshops en bijeenkomsten voor verdere professionali-

Greenjobs: dé vacaturebank van duurzaam Nederland

G

brengt u in contact met duurzame professionals e: www.greenjobs.nl info@greenjobs.nl

7


8

WONEN, WERKEN & WINKELEN

Het Handelshuis Atlantis in Den Helder:

Lokale handel als aanjager van duurzame economie Het Handelshuis Atlantis in Den Helder heeft een missie. Sinds enkele jaren inspireren zij vele consumenten. In samenwerking met hun handelspartners, andere bedrijven en instellingen. Dat doen zij met hun gezonde lokale producten. Het liefst biologisch, maar altijd Fair Trade. Het Handelshuis Atlantis is als enige groothandel in Nederland “Waddengoud” gecertificeerd. Men verzorgt de in- en verkoop van duurzame producten en diensten voor bedrijven en instellingen. Ook houden zij zich bezig met de ontwikkeling hiervan. Daarbij geholpen door lokale partners. Voor het Handelshuis daarom geen eigen verkoop- en productieruimten, opslagloodsen en transportmiddelen. Die zijn namelijk gevestigd bij de lokale producenten. Bij hen begint de productie wanneer de klant bij het Handelshuis bestelt. Die bestelling gaat naar de producent en de klant krijgt uitsluitend en altijd vers voedsel.

De werkwijze Handelhuis Atlantis krijgt dan ook bestellingen binnen. Denk

aan restaurants, winkels en individuele consumenten. Die bestellingen worden doorgegeven aan de producenten/ partners waarmee wordt samengewerkt. Vervolgens clustert het Handelshuis de bestellingen op route. De bezorging gebeurt dan weer door één van de handelspartners, die op de betreffende route actief is. “Een voorbeeld is de activiteit van onze groenteboer”, legt André Schutte van Handelshuis Atlantis uit. “Die zit zelf in Haarlem. Hij krijgt van ons de bestellingen door van de afnemers en terwijl hij langs de producenten rijdt – bijvoorbeeld van fruit en groenten – rijdt hij ook langs de klanten om die bestelde goederen af te leveren. Daarmee voorkom je dat bijvoorbeeld twee of drie vrachtwagens deze rit maken en dat je allerlei dubbele op- en overslagwerkzaamheden hebt”. Bij dit alles maakt het Handelshuis dankbaar gebruik van de expertise en het ambacht van deze partners, die op hun beurt een beter rendement maken op hun productiemiddelen. Voorwaarde is wel dat de geproduceerde waren voldoen aan de kwalificaties die het Handelshuis stelt. Eerlijke waar, daar draait het om.

Beste Starter van 2012 Het Handelshuis ‘staat voor zijn zaak’ en wil bewijzen dat duurzaam en commercieel

Atlantis Handelshuis is gevestigd op Willemsoord Den Helder.

ondernemen hand in hand gaan. Het leidde er toe dat de onderneming in 2012 werd verkozen tot “Beste starter van 2012“. Het assortiment wordt steeds groter steeds en bestaat inmiddels uit zo’n 4000 artikelen. Denk hierbij aan een hele lijn Waddengoud-producten als Texels weiderund- en lamsvlees; waddengarnalen en schelpdieren en andere delicatessen. Ook duurzaam gevangen Noordzeevis behoort er toe alsmede het grootste assortiment groenten van Nederland (veelal afkomstig uit Noord-Holland). Denk dus aan fruit, zogeheten kiemen en cressen, prijswinnende knoflook uit Slootdorp en de mooiste wijnen! Samen met lokale partners worden er producten ontwikkeld die

uiteraard bedoeld zijn om de klanten te bedienen maar ook om de afzetmarkt verder te vergroten. Een mooi voorbeeld is de WAD(den)BURGER en de WAD(den)KROKET, geproduceerd door Waddengoud-gecertificeerde handelspartners en gebruikmakend van ingrediënten vanuit Texel. Vanaf het

begin van haar bestaan levert het Handelshuis ook unieke relatiegeschenken, die worden samengebracht in “bouwdozen”. Rijk gevuld met leuke, lekkere, lokale en duurzame producten en gadgets. Het Handelshuis Atlantis, geeft het goede voorbeeld. Lokaal en duurzaam voedsel voor de consument!

zoekt voor de financiering van het project steun bij het grote publiek. Directeur Maarten de

Jong van One Planet Crowd helpt de jonge innovatieve organisatie bij deze fondsenwerving.

Levende plant levert elektriciteit Zet planten in een bad en gebruik de afbraak van het organisch materiaal rondom zijn wortels om met de vrijkomende elektronen elektriciteit op te wekken. Laat de plant gewoon lekker doorgroeien, zodat dit proces onafgebroken kan plaatsvinden. Ziedaar de resultaten van zo’n zes jaar onderzoek door dr.ir. Marjolein Helder en dr.ir. David Strik van Plant-e in Wageningen. Een zogenoemd ‘spin-off’ bedrijf van Wageningen Universiteit, waar Helder en Strik in 2007 bij de vakgroep Milieutechnologie begonnen met een experiment om met levende planten elektriciteit te maken.

“Wij bedachten dat planten organisch materiaal produceren met behulp van zonneenergie via fotosynthese. We realiseerden ons dat een deel van dat organisch materiaal wordt afgescheiden via de wortels en dat bacteriën rondom de wortels dat organisch materiaal afbreken, waarbij elektronen vrijkomen. Door aan de bacteriën een elektrode aan te bieden, worden de elektronen daaraan afgegeven. Koppel je dan een tweede elektrode aan de eerste, dan gaan de elektronen van de ene elektrode naar de andere stromen en daarmee wek je dan elektriciteit op. We

kunnen dat demonstreren door aan de tweede elektrode een kleine elektromotor te koppelen, die – in dit geval – een wereldbol om zijn as laat draaien. Maar in de praktijk kun je verdergaan en de geproduceerde stroom aan het stroomnet leveren”, vertelt Marjolein Helder.

Plant-e Plant-e ontwikkelt een systeem voor grootschalige elektriciteitsproductie in de bestaande groene gebieden zoals moerassen en rijstvelden. In 2014 hoopt men de eerste pilots te kunnen starten. Plant-e


Innotiëren

Participeren

• • • • •

Ontwikkelen

Faciliteren

technologie ontwikkeling subsidietrajecten start-up ondersteuning strategie ontwikkeling kapitaal

Duurzame inzetbaarheid van medewerkers Hoe houdt u uw medewerkers fit en gemotiveerd? • Wilt u ook dat uw medewerkers zich blijven ontwikkelen? • Hoe creëert u een goed werkklimaat? •

“Wij helpen u van idee naar commercieel succes“ Voor meer informatie, neem vrijblijvend contact met ons op. ATO - IJzergietersweg 1 - 1786 RD Den Helder t 0223 670 340 e info@ato.nl w www.ato.nl

Trainings- en adviesbureau FNV Formaat helpt u met de antwoorden op deze vragen. Lees hiervoor ook het artikel de kracht van Werkkracht in dit katern.

MEER INFORMATIE? FNV Formaat www.fnvformaat.nl 0348 - 497 397 info@fnvformaat.nl

Zonne-energie van uw eigen dak, maar dan zonder investering! Groen · duurzaam · zonne-energie · snel overstappen · Bespaar!

www.rooftopenergy.nl

Rooftop Energy B.V. Kouwe Hoek 20 2741 PX Waddinxveen +31 (0)182 74 80 90 info@rooftopenergy.nl

Binnenkort nieuw in ons assortiment overkapping of carport met zonnepanelendak! Vraag nu al vast een offerte aan via onze website!

www.verandamakerij-marcon.nl info@verandamakerij-marcon.nl www.facebook.com/verandamakerij Partner in de verduurzaming van de energieopwekking in Nederland

Uw omgeving vraagt om MVO, Rooftop Energy geeft het u gratis

T

0297-254 021


10

GEZONDHEID, VOEDING & SPORT

Bob Huttens duurzame indianenstam regio en weten we dat hij zijn dieren geen antibiotica toedient en alleen onbespoten voer geeft.’

‘Twintig jaar geleden kende ik het woord duurzaamheid niet eens, maar was ik er toch al iedere dag mee bezig.’ Bob Hutten is algemeen directeur van één van Nederlands grootste cateraars en pionier op het gebied van duurzaamheid. ‘Ik vergelijk Hutten Catering wel eens met een indianenstam; verbonden met de natuur en in harmonie levend met de omgeving.’

Food miles Al het voedsel dat Hutten Catering verwerkt moet binnen 200 food miles leverbaar zijn. Een food mile refereert aan de afstand die voedsel aflegt van de producent naar de consument. Hutten: ‘Voedsel legt gemiddeld 3.000 food miles af. Wij zoeken onze producenten regionaal en hebben een eigen voedselketen gebouwd die verse en lekkere producten garandeert.’

Innovatiecentrum

Duurzaamheid zit volgens Hutten in het DNA van zijn cateringbedrijf. ‘Eigenlijk is het vreemd dat je überhaupt over duurzaamheid moet praten. Als je veel uit de natuur neemt, is het logisch dat je ook het nodige teruggeeft. Toen duurzaamheid een hype werd, begreep ik niet dat veel bedrijven daar nog niet mee bezig waren. Het is een kwestie van hoe je omgaat met zaken als arm en rijk, delen en geven. Dat is een thema wat bij ons altijd al speelde.’

door producten die tegen de datum aanzitten op te halen en ’s nachts te verwerken tot soepen, salades en smoothies. Die kun je dan vervolgens weer terugplaatsen in de supermarkten. Onlangs was ons idee te zien op de Duitse tv-zender ARD. Zo’n initiatief wordt dus opgepikt.’

Miljoenen euro’s verspild

Duurzaam is duurder

Verspilling blijft actueel binnen de voedselindustrie. Alleen Nederlandse restaurants gooien jaarlijks al voor bijna 250 miljoen euro aan voedsel weg, blijkt uit onderzoek van Wageningen University. Hutten: ‘Een paar jaar geleden hadden wij het idee om voedselverspilling door supermarkten op te lossen

‘Wij speuren binnen het hele bedrijf naar verspilling, dat gaat niet alleen over voedselderving. Zo hebben we bijvoorbeeld pas geleden ons hele wagenpark vervangen door energiezuinige bedrijfsauto’s. Goed voor het milieu, maar helaas nog niet voor de portemonnee’, klinkt Hutten vragend. ‘Net zoals

groene stroom, daar betalen wij jaarlijks een aanzienlijk groter bedrag voor dan voor grijze stroom. Dat vind ik verbazingwekkend, want thuis betaal ik net zoveel voor groene als voor grijze stroom.’

Samenwerkers Hutten is een groot voorstander van bedrijven die kijken waarop ze kunnen verduurzamen. ‘Wat wil je bereiken? Wat kost dat? En wat levert het je op? Je kunt als bedrijf niet op alle dossiers de maximale score halen en dat hoeft ook helemaal niet’, stelt Hutten. ‘Bij ons zijn de twee belangrijkste thema’s onze werknemers en onze producten. Mijn werknemers noem ik dan ook liever samenwerkers, ik vind

Vleesloos en daarmee duurzaam Hof en Hiem is een zorggroep bestaande uit vier zorgcentra, een woonzorgboerderij en een woongemeenschap voor senioren. De zorgcentra hebben allemaal een inlooprestaurant met frontcooking. Door Hof en Hiem Thuisservice kunnen ook thuiswonende cliënten genieten van een warme maaltijd, die door vrijwilligers bij hen thuis bezorgd wordt. De cliënten hebben elke dag keuze uit twee menu’s. In het kader van duurzaamheid is er in overleg met de cliëntenraad besloten om de menucyclus daarop aan te passen. Nu kunnen de cliënten twee maal per week kiezen uit een vleesloos menu. Deze keuze

is gemaakt in het kader van maatschappelijk verantwoord ondernemen en uitdrukkelijk niet vanuit bezuinigingsoverwegingen. De uitstekende vleesvervangers die worden gebruikt zijn namelijk vaak nog duurder dan de reguliere vleesproducten. Door de cliënten twee maal per week de mogelijkheid voor een vleesloze maaltijd te bieden, gebruikt men jaarlijks 3.150 kilo minder vlees. Omgerekend staat dat gelijk aan de CO2-uitstoot van 157.500 autokilometers. Of anders gezegd, ruim 3.500 bomen moeten in de tropen een jaar groeien om een dergelijke uitstoot te compenseren. Hiermee ontlast Hof en Hiem dus het milieu en dat is iets waar Hof en Hiem in meerdere opzichten graag haar steentje aan bij draagt. Het koksmes snijdt bovendien aan twee kanten, want de cliënten krijgen nu een nog gevarieerder aanbod aan maaltijden voorgeschoteld!

het belangrijk dat ze gelukkig zijn en het leuk vinden om bij ons te werken.’

Gezonde koeien De producten zijn een verhaal apart, zeker nu. De voedselleveranciers liggen zwaar onder vuur, vooral door het grote rundvleesschandaal van afgelopen tijd. Maar bijvoorbeeld ook de prijsafspraken bij aardappelboeren en het labelen van scharreleieren, terwijl ze afkomstig zijn van kippen uit de bio-industrie. Hutten daarover: ‘Vijf jaar geleden zijn wij overgeschakeld op een transparante voedselketen. We selecteren onze leveranciers zelf en controleren ze streng. Zo komt de boer die ons rundvlees levert uit de

Hutten Catering heeft een eigen innovatiecentrum waar ze duurzame oplossingen voor de voedselindustrie zoeken. ‘Zo proberen we sportkantines af te helpen van het broodje frikadel en ze over te laten stappen op gezondere initiatieven, die toch evenveel opleveren’, legt Hutten uit. ‘Een ander project is specialistische voeding voor kankerpatiënten. Tijdens een chemokuur krijgen mensen van die flesjes met een zoet drankje erin. Wij kijken of we dat kunnen vervangen door verse voeding.’

Duurzaam geluk Tot besluit stelt Hutten dat succes niet om geld maar om geluk gaat. ‘Het gaat voor mij net zo goed om klant- en medewerkertevredenheid. Aan onze klanten licht ik vaak toe hoe wij dat aanpakken. Daarbij is duurzaamheid het belangrijkste onderdeel voor de context die zorgt dat producten op een goede manier worden verkocht.’


GEZONDHEID, VOEDING & SPORT

Het vastleggen van productinformatie: transparantie? Er wordt veel informatie verzameld over levensmiddelen. Deze informatie is niet alleen terug te vinden op het etiket van het product, maar ook bijvoorbeeld supermarktketens leggen meer en meer informatie vast in hun systemen. Over de huismerk producten en vervolgens ook wie de leveranciers zijn en hoe zij deze producten produceren.

Wetgeving De belangrijkste ‘prikkel’ om informatie over levensmiddelen beschikbaar te hebben komt vanuit de wetgever. Er is een verplichting voor de fabrikant om informatie over het product op het etiket weer te geven, zij moeten rekening houden met de wetgeving. Bij de aankoop van levensmiddelen is de consument namelijk in belangrijke mate aangewezen op de informatie die daarover wordt verstrekt op dit etiket. Deze regelgeving is complex. Er is niet alleen nationale wetgeving maar ook EU wetgeving vanuit het beginsel van het vrij verkeer van goederen in de Europese Gemeenschap. Dit laat ruimte voor interpretatie en discussie over welke informatie vermeld zou moeten worden en hoe deze informatie moet worden weergegeven. Dan kan het voorkomen dat er etiketten zijn met onvolledige informatie. Daarnaast komt de set aan informatie die op het etiket zou moeten staan niet in de buurt van de totale beschik-

bare informatie over het product die relevant zou kunnen zijn voor een consument. Denk aan additionele informatie over additieven, allergenen of herkomst van ingrediënten. Op dit punt valt nog veel te verbeteren! Supermarkt ketens in Nederland Supermarktketens in Nederland lopen voorop in Europa om van alle huismerken de specificaties vast te leggen. Hierbij wordt niet alleen de wettelijk verplichte etiket informatie vastgelegd maar ook bijvoorbeeld de wettelijk verplichte laboratorium-controles, allergenen informatie en informatie over de herkomst van ingrediënten. Er gelden geen bindende regels voor wat er vastgelegd moet worden. Daarnaast heeft elke supermarktketen min of meer een eigen beleid welke data er wordt vastgelegd over het product. De vraag is of de supermarktketens deze informatie verzamelen om de informatievoorziening te verbeteren van de consument? Niet helemaal. De primaire doelstelling is het vastleggen van de specificaties van huismerken, zodat er controle kan worden uitgeoefend op de producenten van huismerken. Houden zij zich aan de afgesproken receptuur? Zit er de vastgelegde 8% cacao in het product en niet minder? Bevat het product roomboter zoals afgesproken en geen andere vetten? De supermarktketens willen zeker weten dat men geen cent teveel betaald aan de producent voor de toch al tegen een te lage prijs ingekochte huismerk producten. Deze lage prijzen en stijgende kosten van

grondstoffen kunnen producenten verleiden tot het afwijken en aanpassen van recepturen om toch winst te blijven maken. Daarmee klopt de informatie op het etiket niet meer. We hebben dit recent vastgesteld met ‘paardenvlees’ verwerkt in of door rundvleesproducten.

Voedingswaarde Dan hebben we nog de voedingswaarde informatie op het etiket. Hoeveel Kcal bevat het

product? Hoeveel koolhydraten, hoeveel vet? Deze informatie wordt veelal berekend op basis van de NEVO-tabel. Dit is een door TNO opgestelde tabel met daarin opgenomen de ‘gemiddelde’ waarden van de onderdelen van de voedingswaarde van een product. Door met deze ‘gemiddelde’ waarden te rekenen ontstaat er dus feitelijk een benadering van de werkelijke calorische waarde van het product. Er zijn gevallen

waarin de op het etiket vermelde waarde bijna 30% afwijkt van de op het laboratorium geanalyseerde waarde. Dat geeft te denken als we weer eens een dieet volgen! Kortom: het verzamelen van informatie over voedingsmiddelen is geen makkelijke opgave. Het vastleggen en weergeven, oftewel transparantie in de voedselindustrie is voer voor een stevige discussie!

Advertorial

Foodscore: partner in levensmiddelentechnologie Foodscore - Sensory In sensorisch onderzoek worden de kleur, geur, smaak en textuur van voedingsmiddelen onderzocht met behulp van proefpersonen, die deze producten onder (quasi-)experimentele omstandigheden beoordelen. Deze vorm van onderzoek is een tussenschakel tussen het sociaalpsychologisch consumentengedragsonderzoek en het natuurwetenschappelijk voedingsmiddelenonderzoek. Bij Foodscore worden smaaktesten uitgevoerd die informatie opleveren over de sensorische perceptie van een product bij consumenten. Deze informatie staat het toe de beoordeelde producten te vergelijken op mogelijke verschillen op sensorische attributen (geur,

kleur, textuur etc.). Het laten beoordelen van producten door consumenten is bij Foodscore opgesplitst in twee richtingen: retailers en fabrikanten. Bij de retailers staat de beoordeling van het private label product centraal. Doelstelling van het onderzoek is het vaststellen in hoeverre het private label product afwijkt van de referentie (veelal het A-merk).

Fabrikanten Bij de fabrikanten kent het sensorisch onderzoek een ander karakter. De onderzoeksdrijfveer is veel meer gericht op receptuurverbetering, productvernieuwing en innovatie. De te verkrijgen inzichten gaan veel meer in de richting van de verklaring van de ’likeability’ van een product en de koppeling

met de receptuur (ingrediënten). De dataverzameling vindt plaats in eigen studio’s en via mobiele teststudio’s. De teststudio’s zijn uitgerust met een keuken, testcabines en de benodigde koel- en vriesopslag. Qua consumenten heeft Foodscore per studio een eigen panel (respondenten die zich hebben aangemeld om regelmatig te komen testen) en worden via werving op straat consumenten in het onderzoek betrokken.

Expertise Foodscore heeft ook een afdeling Consultancy & Technology. De Consultancytak houdt zich onder meer bezig met laboratoriumonderzoek en etiketbeoordelingen. De Technologytak richt zich op proces engineering in de industrie. Zo is deze afdeling

momenteel bezig met de uitrol van een duurzame oplossing voor energiemanagement in fabrieken. Hierdoor kunnen fabrieken gemiddeld minimaal 10% energiebesparing realiseren (E-Fact). Meer informatie vindt u op www.foodscore-group.nl

11


12

GEZONDHEID, VOEDING & SPORT

Zonder Respect Geen Voetbal Ondanks terugkerende geweldsincidenten op de voetbalvelden, lijken nog niet alle spelers er van doordrongen dat zinloos geweld echt niet kan. ‘We moeten werken aan een blijvende gedragsverandering door het veranderen van de opvattingen over elkaar’, meent Berend Rubingh, directielid KNVB voor het amateurvoetbal en nauw betrokken bij het programma Zonder Respect Geen Voetbal.

Zonder Respect Geen Voetbal is ontstaan na het overlijden van grensrechter Van Nieuwenhuyzen, die op het voetbalveld werd gemolesteerd door spelers van de tegenpartij. Het was de druppel die de emmer deed overlopen en voor de KNVB reden om ‘heel serieus’ naar het gedrag op en rond de velden te kijken. ‘Wij werken nu al weer enige tijd met twee aandachtspunten; onderdruk geweld wanneer je het ziet gebeuren en probeer gewelddadig gedrag te voorkomen’, zegt directielid Rubingh.

Aanwijzing of aanval? Wanneer je zorgt dat er voldoende toezicht is en er personen aanwezig zijn om in te grijpen, is het onderdrukken van geweld redelijk goed uit te voeren. Gewelddadig gedrag voorkomen is veel lastiger, omdat je daarvoor als toezichthouders inzicht moet hebben in menselijk gedrag en moet kunnen ingrijpen. Natuurlijk ben je gefocust op bezoekers langs de lijn én op de spelers in het veld, ten aanzien van hun verbale en fysieke uitingen. Je hoort immers aan het schreeuwen of het gaat om aanwijzingen en aanmoedigingen, of het aanzetten tot gewelddadig gedrag. Als dat laatste het geval is, kun je zowel via de arbitrage als de aanwezige bestuursleden en ambassadeurs, de overtreders aanspreken op hun gedrag. Maar toch, het is ad hoc werk en vooral gericht op ‘brandjes blussen’. Echt voorkomen vraagt om een andere benadering.

Andere mentaliteit ‘We moeten eraan werken dat het bezoekend publiek én de spelers weer respect en waardering voor elkaar krijgen’, meent Rubingh. Hij signaleert dat de normen en waarden van vroeger zijn weggezakt. ‘Mensen

zijn steeds egocentrischer’, meent Rubingh. ‘Ze gaan voor de vervulling van hun eigen wensen en hebben daarbij geen oog voor anderen. En zeker niet wanneer dat de tegenstander in een wedstrijd is.’

Eén grote familie Het is een algemeen bekend verschijnsel geworden. Wanneer

het iemand niet zint wat een ander doet, volgt tegenwoordig al snel een opgestoken middelvinger, verwensing – of erger – een fysieke aanval. Met niet zelden ernstige lichamelijke gevolgen voor het slachtoffer en bovendien vaak psychische gevolgen. Kunnen ze in het amateurvoetbal niet beginnen het goede voorbeeld te geven?

Rubingh vertelt dat de KNVB, in nauw overleg met zowel de besturen van amateurclubs als met deskundigen en overheden, aan de grote groep leden van haar landelijke organisatie (‘we zijn toch min of meer een grote familie’) een aantal suggesties heeft gedaan. De belangrijkste daarvan is dat mensen op sportaccommodaties zijn

om elkaar te ontmoeten. Om samen een sport te beoefenen en daarin plezier te beleven. ‘Vanuit die gedachte moet je mensen kunnen leren om op een plezierige, respectvolle wijze met elkaar om te gaan’, zegt de hoofdbestuurder. En bij de duizenden amateurclubs wordt er hard aan gewerkt om daar gestalte aan te geven.

DE AMBASSADEURS VAN SSC’55 Voetbalvereniging SSC’55 uit Sprang-Capelle is volgens de KNVB ‘een mooi voorbeeld van het in de praktijk brengen van de nieuwe samenwerkingsvormen’. Voorzitter Remco Boer praat er graag over: ‘We begonnen met een paneldiscussie tijdens een bijeenkomst van onze leden, naar aanleiding van het tragische voorval met grensrechter Van Nieuwenhuyzen.’ Die discussie werd bijgewoond door diverse volwassen leden en door ouders en opvoeders van de jeugdleden. ‘Ook de wethouder voor Sportzaken en de burgemeester waren aanwezig, alsmede de directie van Sportclub RKC Waalwijk’, aldus Boer.

Commissie Sportiviteit en Respect De paneldiscussie mondde uit in een aantal concrete plannen en aanbevelingen. Allereerst werd vanuit de leden een Commissie Sportiviteit en Respect opgezet, die spontaan diezelfde avond ingevuld werd. Voor het goed functioneren van de commissie leverde de KNVB een aantal spelregels en aanwijzingen. Vervolgens werd een oproep gedaan aan alle leden om (op vrijwillige basis) de functie van zogenoemde ambassadeurs te gaan invullen. Die zijn inmiddels tijdens trainingen en wedstrijden op de velden aanwezig en praten met de bezoekers langs de lijn.

Complimentjes ‘We zijn geen politieagentje aan het spelen, maar spreken mensen aan op hun gedrag. Vooral mensen met leuke opmerkingen worden door de ambassadeurs gecomplimenteerd, waardoor je een positievere houding realiseert dan wanneer je afkeurend op iemand afstapt’, zegt één van de ambassadeurs. In de praktijk is inmiddels gebleken dat deze uitingen van goedkeuring door het publiek instemmend worden begroet. ‘Daarnaast zijn we bezig

om spelregels rond goed gedrag op het veld en in de kleedkamers op te stellen. We doen dat samen met de leden, zodat die regels breed worden gedragen’, legt Boer uit. Het is de bedoeling dat bij de start van het nieuwe seizoen een groot mededelingenbord met daarop alle spelregels wordt geplaatst bij de ingang van het sportterrein.

Fair Play Cup Als laatste maatregel wordt tijdens toernooien behalve een cup voor de winnaar ook een Fair Play-prijs ingesteld. ‘Deze Fair Play Cup gaan we voortaan nog voor de eerste prijs uitreiken’, zegt voorzitter Boer trots.


INTERVIEW

‘Ga lekker zonder stroom in het donker zitten’ het aanbod. Het aantal stoffen dat je kunt gebruiken wordt beperkt en de pakken moeten sowieso in Europa worden gemaakt. Onze pakken komen bijvoorbeeld uit Italië en niet helemaal uit China. Je kunt daarnaast meer nadenken over de verpakkingen. Wij hebben ook een pak waarvan de stof CO2-neutraal is, dus alles kan als je er maar goed over nadenkt.’

Humberto Tan is een alleskunner en -doener. Naast zijn werk als televisiepresentator is hij schrijver, dj, kledingontwerper en te zien in commercials. Onlangs stopte hij met zijn dagelijkse ochtendshow op BNR Nieuwsradio. Misschien geeft hem dat wat tijd om meer te leren over duurzaamheid. Tan: ‘Ik probeer wel duurzaam te leven, maar heb er nog niet veel verstand van.’

Wat vind je ervan dat steeds meer bedrijven zich richten op het maatschappelijk verantwoord ondernemen? Tan: ‘Daar komen goede initiatieven uit. Onlangs stond er op Schiphol een loopwiel waarin werd hardgelopen voor het goede doel. Een samenwerking tussen verschillende bedrijven en een groot succes. Daarnaast zetten veel bedrijven zich in voor het nieuwe werken, een goed initiatief. Meer thuis werken, kantoorgebouwen die duurzamer en kleiner zijn en dus minder auto’s op de weg. Supermarkten die alternatieven zoeken voor de plofkip. En zo kun je nog wel even doorgaan.’

Vorig jaar presenteerde jij een aantal events over duurzaamheid. Je gaf toen aan nog weinig over het onderwerp te weten en er ook niet veel mee te doen. Is dat nu nog steeds zo? Tan: ‘Ik ontwikkel me. Destijds gaf ik aan geen specialist in duurzaamheid te zijn. Ik weet dat het bestaat, maar niet hoe ik een duurzaam leven kan realiseren. Er valt voor mij nog een hoop winst te behalen op allerlei terreinen. Volgens mij is bewustzijn het belangrijkste, en dat ben ik steeds meer.’

Merk je tijdens je werk wat van de KNVB-actie Zonder Respect Geen Voetbal?

Waar uit dat grotere bewustzijn zich in? Tan: ‘Ik denk na over wat ik doe en wat ik nog kan doen. Het is moeilijker om me hard te maken tegen de industriële CO2-uitstoot, dan dat ik de auto af en toe laat staan en laders uit het stopcontact trek. Ik heb nog geen zonnepanelen, maar weet eigenlijk niet waarom. Als ik nu zou verhuizen, weet ik wel dat ik voor een duurzamer huis kies dan de woning die ik nu heb. Ik zou kiezen voor een wc die doorspoelt met regenwater. En natuurlijk ook voor dubbele beglazing, dat is tegenwoordig toch wel de standaard. Zonnepanelen worden volgens mij net zo normaal als dubbel glas, maar dat moet nog doorontwikkeld worden. Nu zijn de panelen groot, log en lelijk en zetten ze maar een beperkt percentage van de warmte om in energie. Ook praktisch is het lastig om zonnepanelen aan te schaffen, veel aannemers zijn er nog niet op berust.’ Zijn ze in de bouw überhaupt wel klaar voor duurzaamheid? Tan: ‘Laatst sprak ik met een architect die duurzaam ontwerpt. Hij vertelde me hoe lastig het is om een aannemer of installateur te vinden die duur-

Tan: ‘Niet echt. Behalve dat er veel over wordt gepraat en dat is volgens mij ook het doel. Het is een bewustwordingsproces. Praten met elkaar helpt wel, maar voetbal is voetbal.’

zaam kan werken. Ik generaliseer nu, maar deze mensen zijn niet erg enthousiast te noemen. Ze vinden het lastig of snappen de duurzame technieken niet, omdat ze er nooit eerder mee gewerkt hebben. Als je kritisch naar de bouw kijkt, denk ik dat er kansen liggen bij duurzame installatie.’ Je bent ambassadeur van een aantal goede doelen. Maakt dat je bewuster van de wereld om je heen? Tan: ‘Natuurlijk. Ik ben ambassadeur van het Wereld Natuur Fonds, Orange Babies en het Rode Kruis. Flora en fauna, en het jonge en oude mens. Ik interesseerde me altijd al in de mens en natuur, dat vind ik belangrijk. Ik wist al veel over verdwijnende bossen en bedreigde diersoorten. Dertig jaar geleden was ik me er al bewust van dat we spaarzaam moeten omgaan met de wereld. Eerst had je de zure regen en

vervolgens hoor je er nooit meer iets over. Is het overdreven? Opgelost? Een trend? Ik wil graag weten wat er aan de hand is en hoe we kunnen handelen.’ Je leidt een ontzettend druk leven. Heb jij eigenlijk nog wel tijd om je druk te maken over duurzaamheid? Tan: ‘Je zorgen maken moet je nooit doen. Ik kan thuis gaan zitten piekeren, maar dan verandert er niets. Je moet handelen en je bewust worden van de dingen die je zelf kunt doen. Dat is niet eenvoudig, want misschien heb je het gevoel dat je in je eentje geen verschil maakt. Maar als iedereen individueel aanpassingen maakt, sta je samen sterk. Daarnaast zijn er organisaties die ieder op hun eigen manier een verschil maken. Bijvoorbeeld het Wereld Natuur Fonds, maar ook Greenpeace. Sluit je daar bij aan om sterker te staan.’

Je verkoopt maatpakken en draagt ze ook graag. Niet echt duurzaam toch? Wat kan er verbeteren in het productieproces? Tan: ‘Je kunt van alles doen, maar dat beperkt hoe dan ook

Hoe vind je in dat kader dat PSV afgelopen seizoen heeft gehandeld rondom de incidenten met Pieters en Lens? Tan: ‘Ze hadden veel assertiever moeten reageren dan ze deden. Ingrijpen op de dag zelf. Dat straalt een kordaatheid uit die ik nu mistte.’ Doet de politiek genoeg om Nederland te verduurzamen? Tan: ‘Nee. De doelstelling om 20 procent van de energie uit duurzame bronnen te halen, redden we bij lange na niet. Nederland zit pas op 4 procent. Landelijk kunnen we meer inzetten op alternatieve bronnen, voornamelijk windenergie. Je kunt de overheid verwijten dat ze niet eerder een windmoleneiland in de Flevopolder hebben aangelegd. Dat zou nog niet voldoende zijn, maar wel een goede stap in de richting. Maar goed, over windmolens hoor je de burgers niet klagen. Ze zijn lelijk en maken lawaai. Dan denk ik: ga lekker zonder stroom in het donker zitten.’

13


14

PROVINCIE & GEMEENTE

Den Helder heeft de wind mee Den Helder, ook wel Gibraltar van het Noorden genoemd, wordt aan drie zijden omringd door water. Waarbij zon en wind eveneens in overvloed aanwezig zijn. Een ideale stad voor de ontwikkeling van duurzame energie en duurzaam bouwen. Dat blijkt ook uit het feit dat er veel onderzoekscentra (als ECN en TNO) in de kop van Noord-Holland zijn gevestigd.

Hans Verhoef is geboren en getogen in Den Helder en al tientallen jaren werkzaam bij het ECN Petten. Hij leidt onder andere verschillende duurzame offshore projecten. Naast zijn werk heeft Verhoef ook nog tijd om verschillende nevenfuncties te bekleden, zo is hij raadslid voor de D66-fractie, voorzitter van de raadswerkgroep Duurzaam Den Helder en voorzitter van Wind Energy Events.

Wind Powered Vehicle Verhoef is een bevlogen en gepassioneerd man als het gaat om de ontwikkeling van duurzaam bouwen met behulp van

voornamelijk windenergie. Zijn passie en enthousiasme werken bijzonder aanstekelijk, zeker als het gaat om de organisatie van het evenement de Racing Aeolus, waarbij studenten uit binnen- en buitenland worden uitgedaagd om een Wind Powered Vehicle te ontwerpen en te bouwen, dat tegen de wind in kan rijden en aangedreven wordt door een rotor.

Nederland als host De Racing Aeolus, een tegenhanger van de alom bekende Solar Race in Australië, werd als eerste georganiseerd in Nederland. In 2009 en 2010 had Dene-

marken de eer om het evenement te organiseren. Dit jaar heeft Nederland voor het derde aaneengesloten jaar de organisatie in handen. Studenten van universiteiten en hogescholen uit Nederland, Canada, Turkije, Denemarken, Engeland en Duitsland nemen het van 21 tot en met 24 augustus 2013 tegen elkaar op in een race waarbij de mogelijkheden van windenergie zoveel mogelijk benut worden.

Semiprofessioneel succes In totaal doen twaalf teams mee aan de prestigieuze Racing Aeolus. Wat begon als een evenement met vrijwilligers,

neemt nu al dusdanig grootse vormen aan dat de amateuristische status van de race heeft plaatsgemaakt voor een semiprofessioneel evenement met internationale allure. Waarbij al gesproken wordt over wereldrecords en tijdwaarnemingen. Dit jaar overweegt het organiserend comité zelfs een stop te moeten instellen op de deelnemende teams. Hogescholen en universiteiten uit onder andere China en Amerika hebben nu al contact opgenomen met de organisatie omtrent de voorwaarden voor deelname voor de aankomende jaren.

Duurzaamheid in Haarlemmermeer Sinds de vaststelling door de gemeenteraad in april 2011 wordt er bij Haarlemmermeer aan de uitvoering van het programma Ruimte voor Duurzaamheid gewerkt. Dit programma omvat ruim 60 projecten die concreet invulling geven aan de thema’s Duurzaamheid, Kennis en Innovatie; twee van de speerpunten van het collegeprogramma. Centraal staat hierbij Duurzaamheid vanuit economisch perspectief, waarbij Haarlemmermeer ‘een Sillcon Valley van de duurzaamheid’ (werktitel; Blue Valley) wil ontwikkelen.  Op 22 januari 2013 is de eerste van drie wereldwijde kenniscentra voor toegepast onderzoek van Arizona State

University geopend in Haarlemmermeer: het Global Sustainability Solutions Center (GSSC). Het GSSC zal de gevarieerde en krachtige middelen van universiteiten, ondernemingen, maatschappelijke organisaties, gemeenschappen en overheidsorganisaties samenbrengen om hardnekkige problemen op het gebied van duurzaamheid aan te pakken en, uiteindelijk, op te lossen. Ook Enginn (dé kickstart voor startende ondernemers) is van start gegaan. Sinds januari 2013 is het Duurzaam Bedrijf Haarlemmermeer begonnen, de gemeentelijke investering van 3,3 miljoen is met de factor tien uitgebouwd door het bedrijfsleven. Zo is op 25 januari,

met steun van het Duurzaam Bedrijf, gestart met de bouw van de laatste windmolens in Burgerveen. Verder wordt in 2013 gestart met nog  7 projecten, waaronder; het Solar Green Point een zonnepanelen-‘weide’ van ongeveer 4 hectare aangelegd voor bewoners en bedrijven zonder geschikt eigen dak, kunnen bewoners zonnepanelen ‘leasen’ via Zonnig Haarlemmermeer en kunnen icoongebouwen als het Spaarne Ziekenhuis en de Olmenhorst worden verduurzaamd. Daarnaast kunnen MKB bedrijven door middel van het project Zondermeer ook zonnepanelen aanschaffen en kunnen sportverenigingen aanspraak maken op het fonds sportverenigingen. Als laatste worden ook twee innovatieve projecten

ondersteund; het project Gelijkspanning, waarbij een kas op basis van gelijkstroom wordt voorzien in plaats van wisselstroom (25% energiewinst) en een project waarbij algen worden gekweekt voor de cosmetische industrie. Algen zijn de snelst groeiende vegetatie in de wereld en nemen CO2 op uit de lucht. Dit alles gaat gepaard met de oprichting van Haarlemmermeer Energie, waarbij in samenwerking met Ymere 3.000 huishoudens worden voorzien van zonnepanelen. De bewoners hoeven hiervoor niet zelf te investeren. De gemeente Haarlemmermeer werkt natuurlijk niet alleen aan duurzaamheid, maar samen met inwoners, scholen, bedrijven en instellingen. Samen werken aan

een verandering in denken en doen, werken aan het veranderen van de samenleving, werken aan welzijn, innovatieve slagkracht en ondernemerschap. Omdat Duurzaamheid loont.

  John Nederstigt (D66), Wethouder Duurzaamheid, Werk Jeugd en Onderwijs

Gemeente Rijswijk gaat voor duurzaam wonen De Zuid-Hollandse gemeente Rijswijk realiseert de komende tijd een geheel nieuwe duurzame woonwijk, genaamd RijswijkBuiten. Van begin af aan stond vast dat RijswijkBuiten een duurzame wijk moest worden. Een wijk bouw je immers niet voor tien jaar, maar voor misschien wel tien generaties. Daarom moeten alle woningen die er worden gebouwd voldoen aan heel strenge normen.

Duurzaamste wijk van Nederland Een warmtepomp die warmte uit de bodem haalt. Een ventilatiesysteem dat reageert op de aanwezigheid van mensen in een ruimte. Een douche die warmte

uit het wegspoelende water haalt. Huizen met zonnepanelen die in hun eigen energiebehoefte voorzien. Je vindt het allemaal terug in de wijk RijswijkBuiten. Volgens de gemeente wordt ‘de duurzaamste wijk van Nederland’ straks één grote showroom van moderne energiebesparende maatregelen. Waarbij de bewoners de zekerheid hebben van vaste lage energielasten. Bovendien hoeft men niet bang te zijn om als proefkonijn te dienen. Alle innovatieve tech-

nieken die worden toegepast zijn één voor één bekend, veelvuldig toegepast en met goed resultaat. Wat maakt RijswijkBuiten zo uniek? Het is de eerste wijk in Nederland waar deze technologie op zo’n grote schaal wordt toegepast!

De eerste paal en de warmtepompen Op 3 april jl. werd de eerste paal voor het bouwproject (De Tuinen van Sion) door de minister van Wonen, de heer Stef Blok, in de

grond geslagen. Niet alleen was het de starthandeling van het project, ook de eerste feestelijke starthandeling in RijswijkBuiten. De volgende bijzondere gebeurtenis is het aanbrengen van de warmtepompen voor de eerste woningen. Voor het verwarmen, het koelen en voor het verwarmen van water wordt in elke woning een warmtepomp geplaatst. De warmtepomp gebruikt ’s winters warmte uit de bodem voor het verwarmen. ’s Zomers zorgt de warmtepomp ervoor dat de overtollige warmte

uit de woning naar de bodem wordt teruggevoerd. Onder de woningen wordt daarvoor een zogeheten bodemwarmtewisselaar aangebracht tot een diepte van 110 tot 150 meter, afhankelijk van de woning. Tijdens de bouw wordt de bron aangesloten op de warmtepomp en de warmtepomp wordt aangesloten op de vloerverwarming respectievelijk het warmwater systeem. Met het aanbrengen van de bronnen realiseerde het bouwproject een tweede mooi en duurzaam begin van de wijk!


INTERVIEW

Nieuwe technologie maakt tuinbouwsector duurzamer “Niets is zo intiem als voedsel; het gaat door je hele lijf heen.” Terwijl Loek Hermans, voorman van de tuinbouwsector in Nederland, de daad bij het woord voegt en een lichte lunch tot zich neemt, schetst hij de ambities van de sector waar hij sinds twee jaar de voorman van is: in 2020 is de Nederlandse tuinbouw, zaden en zaaigoedsector wereldmarktleider als het gaat om duurzame oplossingen. Een gesprek over de rol van techniek, energiebesparende maatregelen en natuurlijk: voedselveiligheid.

“Tomaten bevatten onder invloed van licht met een bepaald kleurenspectrum drie keer zoveel vitamine C” Nieuwe technologieën spelen een grote rol bij de ontwikkelingen in de tuinbouwsector. Onder de noemer More crop per drop, of in goed Nederlands Meer met minder geeft de sector aan dat ze meer en betere producten kunnen leveren met gebruik van minder water en energie. Hermans: “De kas is niet meer een gebruiker van energie, maar een leverancier. We hebben al een aantal geo-thermieke projecten lopen waarbij tuinders gezamenlijk aardwarmte gebruiken. We zetten wespen in bij de bestrijding van ongedierte zodat we geen pesticiden hoeven te gebruiken. Het watergebruik is volledig gecontroleerd; er gaat niets verloren. Nou valt de waterschaarste in Nederland nog mee, maar in een land als Qatar is al 80 procent van het water verdampt, voordat het überhaupt bij de plant komt. In

Nederland hebben we per jaar maar liefst een opbrengst van tachtig kilo tomaten per vierkante meter. Dat is gigantisch.” Maar het gebruik van nieuwe technologie gaat veel verder. Enkele voorbeelden: tomaten bevatten onder invloed van licht met een bepaald kleurenspectrum drie keer zoveel vitamine C. Een Nederlands bedrijf heeft onlangs een speciale coating ontwikkeld voor rijstzaadjes; daardoor eten slakken die zaadjes niet meer op en wordt de productie met één-derde verhoogd. Narcissen bevatten de stof galanthamine, die voorkomt het toenemen van geheugenverlies bij mensen met Alzheimer. Groentes worden straks niet meer in de volle grond gekweekt, maar in leegstaande kantoorpanden in het centrum van de stad. Hermans: “Nederland heeft altijd met z’n ruimte moeten woekeren. Dat geeft ons een grote voorsprong op andere landen. Die kennis moeten wij gebruiken en exporteren. De wereldvoedselproblematiek is gigantisch. Eén van onze speerpunten is local for local, voedsel dat dichtbij de consument geproduceerd wordt. Een stad als Beijing heeft zes stadsringen. Dan lukt het niet om het voedsel van het platteland goed in de stad te krijgen. Je moet dus in de stad gaan produceren. Alleen al het transport is dan veel duurzamer.” Staand in zijn kantoor boven de A12 in Den Haag heeft Hermans een prachtig uitzicht over het Haagse Bos, een groene long van zo’n honderd hectare die doorloopt tot in het centrum van de stad. “In 2020 woont veertig

De kas is niet meer een gebruiker van energie, maar een leverancier. procent van de wereldbevolking in steden van meer dan één miljoen inwoners. Een groene omgeving is erg belangrijk, niet

alleen de parken, maar ook groene gebouwen en geluidswallen. Ook daar ligt een rol voor onze sector. We maken

geluidswallen groen met plantjes die de lucht zuiveren door stikstof uit de lucht te halen.” Een ander thema waar Greenport Holland zich mee bezig houdt is de voedselveiligheid. “De consument wil weten waar zijn voedsel vandaan komt en of het goed en fair is geproduceerd. Met bijvoorbeeld een app op je mobiele telefoon kun je dat precies laten zien. Het is daarom belangrijk dat we de hele keten

controleren. Van zaaigoed tot retailer. Tijdens de Ehec-crisis in 2011 wees een Duitse minister de Nederlandse komkommers aan als bron van de besmetting. Dat heeft grote gevolgen gehad voor de tuinbouwsector. Er werd geen komkommer meer verkocht. In zo’n geval moeten wij binnen 6 of 8 uur laten zien waar die komkommers vandaan komen en kunnen zeggen of daar inderdaad de bron van de besmetting zit.”

Loek Hermans (1951) was (onder meer) commissaris van de Koningin in Friesland, minister van Onderwijs in het tweede Paarse kabinet, en van 2003-2011 voorzitter van MKB Nederland. Sinds 2011 is hij voorzitter van Greenport Holland, de overkoepelende organisatie voor de Tuinbouw en Uitgangsmaterialensector. Vanuit die functie is hij ook voorzitter van de Topsector Tuinbouw en Uitgangsmaterialen dat in de Uitvoeringsagenda 2012-2016 zijn plannen voor een Groene economie heeft verwoord. www.topsectorTU.nl en www.greenportholland.com

15


16

ENERGIE & WATER

Een economie zonder gas, olie, kolen of kernenergie? Mission Possible! Nederland is verslaafd aan fossiele brandstoffen. Onze economie behoort tot de meest energie-intensieve van de Europese Unie. En meer dan in andere landen verstoken wij fossiele brandstoffen: gas, olie, kolen en kernenergie. Wat betreft schone energie hoort Nederland bij

de hekkensluiters van Europa: slechts 4,4 procent van onze energie is schoon opgewekt. Alleen Luxemburg, Malta en het Verenigd Koninkrijk doen het slechter. Kan dat ook anders? Volgens Greenpeace wel. Met de juiste maatregelen is het prima mogelijk in 2050 grotendeels te zijn afgekickt van fossiele brandstoffen. Dat is Mission Possible.

Windmolens. Foto: Karuna Ang / Greenpeace

Energie besparen is cruciaal Het Duitse Centrum voor Luchten Ruimtevaart deed in opdracht van Greenpeace Nederland een uitgebreide studie naar de mogelijkheden van een snelle omschakeling naar duurzame energie: het Energie [R]Evolutiescenario. De uitkomsten van deze scenariostudie zijn heel bemoedigend. Met een slimme mix van maatregelen lukt het om de uitstoot van broeikasgassen met 86 procent terug te dringen. Dat is volgens klimaatwetenschappers genoeg om te voorkomen dat de gemiddelde temperatuur op aarde meer dan twee graden stijgt. Dit wordt als een cruciale grens beschouwd om gevaarlijke klimaatverandering tegen te gaan. Daarnaast kan Nederland een flinke klapper maken door het energiegebruik terug te dringen. Wat je niet verbruikt, hoef je immers ook niet op te wekken. Als we huizen en gebouwen goed isoleren, het verkeer stukken zuiniger maken en energie efficienter opwekken, kunnen we 37 procent energie besparen. Kern en kolencentrales dicht, ruim baan voor zon en wind Het Energie{R]Evolutiescenario laat zien dat in 2020 vijf oude kolencentrales uit de jaren ’80 en ’90 kunnen sluiten. De drie kolencentrales die in aanbouw zijn, hoeven we niet meer in gebruik te nemen en de kerncentrale in Borssele kan volgend jaar al dicht. Het licht blijft gewoon branden, maar Nederland moet dan wel een forse inhaalslag maken met het bouwen van windmolens op land én op zee. Bij het bouwen van windmolens op land moeten omwonenden de kans krijgen te participeren en te delen in de winst. Om windmolenparken

op zee gerealiseerd te krijgen, is het vooral belangrijk dat de overheid zekerheid biedt aan investeerders. Ook zonne-energie biedt grote kansen. Al 100.000 Nederlanders hebben zonnepanelen op hun dak. Dat aantal groeit snel, omdat zonnepanelen zich vaak al in vijf jaar laten terugverdienen. Voor eigen gebruik betaal je geen belasting meer. Dat is nog wel het geval als je zelf geen geschikt dak hebt. Daarom is het hoog tijd dat we belastingvrij stroom kunnen opwekken op een dak van een school, stal of bedrijfsgebouw in de buurt. Andere bronnen van schone energie zijn het gebruik van aardwarmte voor verwarming van gebouwen en het opwekken van gas en stroom uit restafval en plantenresten waar geen andere nuttige toepassingen voor zijn.

akkoord de ambitie opgenomen om in 2020 16 procent van de energie schoon op te wekken. Dat is vier keer zoveel als nu. Knap ambitieus dus. Het kabinet heeft aan de Sociaal Economische Raad gevraagd om hiervoor een nationaal energieakkoord te sluiten. In dat akkoord moet worden vastgelegd welke maatregelen er nodig zijn om dat doel te halen. Werkgevers, werknemers, energiebedrijven en milieuorganisaties als Greenpeace zijn druk met elkaar in gesprek over dat ’akkoord dat eind juni klaar zou moeten zijn.

SER Gelukkig staat Greenpeace niet alleen in haar overtuiging dat het hoog tijd is de omslag naar schone energie te maken. Het kabinet heeft in het regeer-

Schoon drinkwater in ontwikkelingslanden toegankelijk De Nederlandse Stichting Helder Water, die drinkwater realiseert in ontwikkelingslanden, verkoopt sinds september 2010 gebotteld water in de Nederlandse supermarkten. Van dit in België gebottelde ‘Helder Water’ wordt de totale netto winst besteed aan de aanleg van waterputten in landen waar dat het hardst nodig is.

Meer dan 1 miljard mensen in de wereld hebben geen toegang tot schoon drinkwater. Pascal van Nieulande, oprichter van Stichting Helder Water, zegt daarover: “Door dit probleem, is er heel veel kindersterfte in de Derde Wereld. De verkrijgbaarheid van schoon drinkwater bant immers ziekten uit waarvan wij in Nederland allang geen last meer hebben. De Stichting Helder Water wil dit ook in ontwikkelingslanden bereiken. Van Nieulande denkt dit juist te kunnen realiseren door de verkoop van schoon drinkwater in flessen. “Wij willen mensen

bewust maken van de noodzaak van schoon drinkwater en op die manier een bijdrage leveren aan de beschikbaarheid van drinkwater in de Derde Wereldlanden. De consument hoeft alleen maar Helder Water te drinken. Wij zorgen dat 100 procent van onze netto winst op een transparante manier terechtkomt voor de aanleg van waterputten. Daarbij maken we zoveel mogelijk gebruik van lokale partijen, wat ook weer de werkgelegenheid stimuleert en bovendien de transportbehoefte vermindert. Dat zorgt weer voor een verminderde belasting van het milieu”.

Stichting Helder Water wordt ondersteund door verschillende partners die hun kennis, expertise en middelen belangeloos ter beschikking stellen. Helder Water is te koop bij de meeste Nederlandse supermarkten. Omdat de prijs van een fles Helder Water hetzelfde is als die van ‘commerciële’ producten, zou er voor de consument weinig reden moeten zijn om dit project niet te steunen. Bovendien geeft de stichting inzage in haar activiteiten via de website zodat iedere consument precies kan nagaan hoe zijn/haar ontwikkelingsbijdrage wordt besteed.


ENERGIE & WATER

Heb ik iets aan een warmtepomp? Een warmtepompinstallatie neemt warmte op uit de lucht, water of grond, waarna deze warmte een ruimte kan worden ingeblazen, of in je bestaande verwarmingssysteem (CV-installatie) kan worden gepompt. Op deze manier verwarm je een huis duurzaam en kunnen de stookkosten tot wel 70 procent dalen. De investering in een warmtepompinstallatie is sterk afhan-

kelijk van het merk en de soort warmtepomp, en de kosten van de installateur. De installatie van een warmtepomp kost al gauw een paar duizend euro. Daar staat tegenover dat het rendement op een warmtepomp erg hoog is. Je kunt daardoor jaarlijks honderden euro’s besparen op de energierekening én je bent erg milieubewust bezig. De meest voorkomende soorten

warmtepompen zijn de lucht/ lucht warmtepompen, de lucht/ water warmtepompinstallatie en de water/water warmtepomp. Bij een lucht/lucht warmtepomp wordt de warmte uit de buitenlucht gehaald en door de warmtepompinstallatie als warme lucht verspreid. Dit systeem wordt vaak als airconditioning gebruikt, maar kan dus ook als warmtepomp worden ingezet. De prijs van dit systeem ligt

Het (drink)water raakt op

over het algemeen lager dan de overige soorten warmtepompen. Bij een lucht/water warmtepompinstallatie wordt ook de lucht gebruikt om te verwarmen. Bij dit type systeem wordt de warmte echter afgegeven aan water, waardoor dit verwarmde water in het verwarmingssysteem kan worden gepompt. Een water/water warmtepomp is ook een vaak voorkomende

Vervang asbest daken door zonnepanelen! De komende jaren wil de overheid verdergaan met het verduurzamen van de maatschappij. Daarbij speelt duurzame energie een belangrijke rol. Maar er is meer. Zo kunnen met name agrarische bedrijven met behulp van subsidies gesteund worden!

Nederland haalt veel drinkwater uit onder andere het IJsselmeer.

Moeilijk om je voor te stellen wanneer je in Nederland woont. Wij zijn gezegend met regelmatige regenval en met twee grote rivieren (Rijn en Maas), die ons land steeds weer van veel zoet water voorzien. Waarmee we onze waterleidingmaatschappijen in staat stellen te zorgen voor voldoende en vooral veilig en schoon drinkwater uit de kraan. Voor voldoende water om de wasautomaten te laten draaien en om eten te koken, de WC door te spoelen etc. Elders in de wereld – zelfs bij ons om de hoek, met name in de Zuid-Europese landen – is dat anders. Onderzoek door professor Arjen Hoekstra van de Universiteit Twente wijst uit dat er in die landen (en in andere werelddelen) zoveel water door de waterleidingmaatschappijen aan rivieren en meren wordt onttrokken, dat de beddingen daarvan droog zijn komen te staan. Het water bereikt de zee al niet eens meer. Hoe dat komt?

Doordat de wereldbevolking groeit en welvarender wordt. Een welvarendere wereldbevolking doet een groter beroep op het beschikbare voedsel waarvan de productie – met name van vlees, eieren en zuivel – zeer waterintensief is. Dat leidt tot groter waterverbruik en daarmee bijvoorbeeld tot daling van grondwaterstanden. En zoals we al zagen, tot opdrogen van binnenmeren en rivierbeddingen. Arjen Hoekstra wijst er op dat door het opdrogen van de rivierdelta’s de functie van ‘kraamkamer van heel veel leven’ opdroogt. Ook verdwijnt de mogelijkheid om andere producten op de markt te brengen. Groenten, die nu nog verbouwd worden in vruchtbare gebieden in Afrika en Zuid-Amerika, gaan verdwijnen of heel erg veel kosten om ze te blijven verbouwen. Er is water voor nodig, dat ter plekke niet meer aanwezig zal zijn. Dit moet geïmporteerd worden – aangevoerd met tankschepen – als je tenminste wil dat de landerijen bevloeid worden en dat de rijstsawa’s onder water blijven staan. Katoen wordt onbetaalbaar omdat er heel veel water nodig is voor de groei van deze plant. Terwijl katoen juist groeit in warme gebieden waar water schaars is.

Productieprocessen Daarnaast is er veel water nodig voor industriële productieprocessen. Wil je bijvoorbeeld één glas appelsap consumeren, dan is er al 110 liter water nodig geweest om dat glas van pakweg 35 centiliter vruchtensap te produceren! Professor Hoekstra schat dat de landbouw wereldwijd voor zo’n 92 procent beslag legt op zoet water. De industrie doet dat voor 4,4 procent en het consumptief verbruik ligt op 3,6 procent. De hoogleraar houdt hierbij wel een paar slagen om de arm, omdat er van het industriële gebruik niet echt volledige cijfers beschikbaar zijn. Het is bijvoorbeeld nauwelijks bekend hoe groot het waterverbruik en de vervuiling ervan in de mijnbouw is. Maar goed, er is dus reden om aan te nemen dat we de komende jaren – ook in de waterrijke Rijn- en Maasdelta – problemen zullen krijgen met zoet water. Niet direct doordat wijzelf een watertekort ervaren maar doordat we voor producten uit andere gebieden steeds hogere bedragen moeten neertellen doordat de productiekosten aldaar gaan stijgen door een hogere prijs voor (zoet) water.

warmtepomp. Dit systeem haalt warmte uit water of uit de bodem, door hier water doorheen te laten stromen. Het verwarmde water kan vervolgens worden afgegeven aan het verwarmingssysteem. Warmtepompen worden niet gesubsidieerd maar vanwege hun hoge rendement (50 tot 70 procent minder energiekosten) is de terugverdientijd betrekkelijk kort.

Voor agrarische bedrijven hebben verschillende provincies al een subsidieregeling onder de naam ‘asbest er af, zonnepanelen er op’ lopen. Deze bedrijven kunnen een vergoeding krijgen voor het vervangen van hun oude asbest daken door nieuwe daken met zonnepanelen. Het ministerie van Infrastructuur en Milieu

heeft hiervoor 20 miljoen euro vrijgemaakt. Omdat er vanaf 2024 een door staatssecretaris Atsma ingesteld verbod geldt op het bezit van asbest daken, kan met deze regeling de agrarische sector worden gestimuleerd om de asbest daken te laten verwijderen en zonnepanelen te laten installeren. Het geld hiervoor wordt verdeeld over de provincies op basis van het aantal agrarische bedrijven in de regio. De opbrengst van de door de zonnepanelen geproduceerde energie helpt landbouwondernemers aanvullend met de financiering van de sanering en daarna fors te besparen op hun energierekening.

17


18

MILIEU & AFVAL

Van gft-afval naar groen gas Groen gas heeft potentie. Er kan een flinke stap mee worden gezet in de richting van de energietransitie. Gas voorziet voor 43 procent in de totale energiebehoefte van Nederland en 60 procent van alle elektriciteit wordt opgewekt met aardgas. Doordat Nederland al een halve eeuw een grote gasproducent is, heeft het een perfecte infrastructuur en loopt het voorop in innovatie. Doordat de energiebehoeften blijven stijgen en de voorraden fossiele brandstoffen afnemen, zijn alternatieve energiebronnen essentieel. Groen gas kan worden gebruikt voor opwekking van stroom en warmte, als brandstof voor auto’s en vrachtwagens en als grondstof voor de chemische industrie.

Afval en energie Afval en energie komen bij HVC logisch samen. Iedereen produceert afval en iedereen gebruikt energie. HVC wil het

één omzetten in het ander door afval te verwerken met energieterugwinning. Zij willen inspelen op de toekomstige schaarste aan grondstoffen. Afval vormt daarbij de basis. Als bron van grondstoffen en als bron voor duurzame energie. Afvalbeheer is een activiteit waarbij zo veel mogelijk afval nuttig moet worden toegepast. Door afval te zien als grondstof is materiaalhergebruik hier een direct gevolg van. Het verwerken van groente-, fruit- en tuinafval (gft) is een concreet voorbeeld. Het ingezamelde gft-afval verwerkt men in een vergistingsinstallatie. Het gas dat bij het vergisten vrijkomt, heet biogas. Dit biogas moet worden opgewaardeerd om de kwaliteit van groen gas (aardgas) te bereiken. Via gasafvoerleidingen gaat het biogas naar een opwaardeerinstallatie voor opwaarderen tot groen gas van aardgaskwaliteit. Na opwaardering kan het groene gas worden ingevoerd in het

De vergistingsinstallatie van HVC in Middenmeer vergist jaarlijks 80.000 ton gft-afval tot bijna zes miljoen kubieke meter biogas. Dit biogas wordt opgewaardeerd tot 3,9 miljoen kubieke meter aardgas, wat gelijk staat aan het verbruik van 2400 huishoudens. Er wordt ruim 30.000 ton compost geleverd. net. Zo komt het aardgas via het reguliere aardgasnet weer terug bij een willekeurig huishouden. Het ontgaste materiaal dat overblijft na het vergistingsproces wordt vervolgens gecomposteerd. Op deze wijze levert het gft-afval ook hoogwaardig compost op.

Dat compost gaat grotendeels naar de land- en tuinbouw, maar wordt ook in sier- en moestuinen gebruikt en toegepast bij het maken van tuinaarde en potgrond. Tijdens de landelijke Compostdag kunnen burgers jaarlijks kosteloos compost

afhalen bij o.a. HVC. HVC maakt in opdracht van haar aandeelhouders zo’n 60 gemeenten en waterschappen de cirkel rond door het gft-afval in te zamelen met voertuigen die rijden op het groene gas dat in de vergister is geproduceerd.

Afval? Grondstoffen! milieudruk kost dan het recyclen van reeds gebruikte grondstoffen. Zo vormen afgedankte mobiele telefoons, televisies en computers een zeer rijke bron aan zeldzame aardmetalen, en bevat groente-, fruit- en tuinafval de broodnodige fosfaten en andere nutriënten die langzaam maar zeker steeds schaarser worden: Nutriënten die hard nodig zijn om de hard toenemende wereldbevolking van voedsel te blijven voorzien.

Afvalscheiding en recyclen van afval is goed voor het milieu, dat weet iedereen. Het is ook een makkelijke manier om zelf actief wat te doen aan duurzaamheid. In de meeste huishoudens worden vaak meerdere stromen zoals glas, papier, kunststof en GFT gescheiden ingezameld om vervolgens gerecycled te worden. Daarmee wordt een concrete bijdrage geleverd aan duurzaamheid. Het mooie is dat ecologie / duurzaamheid en economie hand in hand gaan. Gescheiden afvalinzameling is vrijwel altijd goedkoper dan restafval. Naast economische voordelen die de recycling van grondstoffen biedt, draagt duurzaam afvalbeheer ook bij aan het terugdringen van de CO2-uitstoot, het opwekken van duurzame energie, en het beschikbaar houden van schaarse grondstoffen voor toekomstige generaties. Afval zien als bron voor grondstoffen is nu een hot-topic, gedreven vanuit grondstoffenschaarste. Een bedrijf dat hier vol op inzet is Van Gansewinkel . Zij hebben het credo “Afval Bestaat Niet” zij zetten zo’n 60% van het afval dat zij inzamelen om in grondstoffen en bijna 35% in warmte, stoom en energie.

Verandering in afvalwereld

Afval bestaat niet Door een credo zoals “Afval Bestaat Niet” zien we nu weer de waarde in het afval van vandaag de dag. Het grappige is dat meer dan 100 jaar geleden afval eigenlijk ook niet bestond. Er was een schillenboer, een voddenboer en veel van het afval werd toen hergebruikt. Het fenomeen afval is eigenlijk pas ontstaan door verstedelijking, industrialisatie en een toenemende welvaart en consumptie. Toen ontstond er op geconcentreerde plekken steeds meer afval en werd het een probleem van hygiëne.

Gecontroleerd afvalbeheer De eerste initiatieven om aan gecontroleerd afvalbeheer te gaan doen dateren uit de 19e eeuw. Belangrijkste reden hiertoe

was dat afval in de steden en dorpskernen een bedreiging vormde voor de volksgezondheid. Toen vanaf de jaren zestig van de vorige eeuw het milieubewustzijn groeide, en het streven naar een duurzame toekomst voor latere generaties steeds belangrijker werd, had dit grote implicaties voor de eisen die werden gesteld aan het beheer van de groeiende afvalberg. Het werd steeds belangrijker de afvalverwijdering gecontroleerd te laten plaatsvinden om het milieu niet te veel te schaden. Afvalstorten werd in de loop van de jaren ‘80, ‘90 en begin van deze eeuw steeds meer vervangen door het verbranden en recyclen van afvalstoffen om het milieu zo min mogelijk te

belasten, en tegemoet te komen aan de toenemende roep om verduurzaming van het afval en grondstoffenbeheer.

Grondstoffen De toenemende bevolkingsgroei en leefdruk op onze planeet maakt grondstoffen de laatste decennia meer en meer tot schaarse goederen. Primaire grondstoffen worden duurder, en het vervangen ervan door secundaire grondstoffen wordt daardoor financieel steeds interessanter. Maar niet alleen om economische redenen is het interessant om afvalstoffen te recyclen. Innovaties in de recycling en het efficiënt hergebruik van materialen zorgt ervoor dat het winnen van zogenaamde ‘virgin’-materialen vaak meer

De focus in de afvalwereld verplaatst zich dan ook steeds meer van het verwerken van ons afval, naar het beheren van onze grondstoffen: recycleren en terugbrengen van grondstoffen in de keten. Glas bijvoorbeeld nadat het ontdaan is van kurken, deksels en andere vervuiling 100% her te gebruiken voor nieuwe flessen en potten. Gemiddeld bestaat een flesje bier voor meer dan 80% uit gerecycled glas. Waar recycling géén optie is wordt zoveel mogelijk energie opgewekt in moderne “Energy from Waste” centrales. Zo wordt elektriciteit en warmte uit het restafval gehaald door middel van verbranding met energieterugwinning. Op de energiewaarde van een gemiddelde vuilniszak kun je zo wel zeven keer douchen! In een stad als Rotterdam wordt die warmte uit afvalverbranding ook concreet teruggeleverd aan de burgers. Dat is uitstekend!


MOBILITEIT

Bussen die opladen tijdens het rijden Het openbaar vervoer in Nederland maakt gebruik van elektrische aandrijvingen bij de spoorwegen, in de trams, elektrische trolleybussen in Arnhem en dieselbussen in de rest van het land. De laatste groep heeft geen lang leven. Er komen elektrische bussen en de eerste rijden al.

Voor de energievoorziening van elektrische bussen heb je verschillende mogelijkheden. Een bus kan uitsluitend op batterijen rijden, ‘hybride’ met een dieselmotor die een generator aandrijft of op een brandstofcel (op waterstof). Die zorgt ook voor de elektrische energie voor de elektromotoren. Er is nog een mogelijkheid. Bij Proov in Utrecht werkt men namelijk aan magnetische energie uit het wegdek. Deze inductietechniek maakt het mogelijk dat elektrisch aangedreven bussen in het stadsverkeer onderweg hun batterijen opladen via onder het wegdek aangebrachte voedingskabels. Dit systeem is ook toepasbaar via lange inductiekabels in de straten. Wanner deze kabels onder het wegdek zijn aange-

bracht, dan kunnen andere voertuigen zoals taxi’s hier ook gebruik van maken. Het systeem zorgt voor ‘continuïteit in batterijcapaciteit’, die overigens volstrekt ongevaarlijk is voor alle andere weggebruikers. De kabels

geven namelijk geen stroom of straling.

Binnenkort op Schiermonnikoog Volledig elektrisch rijden met accu-bussen gebeurt binnenkort

op het Waddeneiland Schiermonnikoog. De Chinese busfabrikant BYD levert aan het OV op het eiland een aantal bussen, waarvan een ‘oudere’ uitvoering inmiddels rondrijdt op de wegen van het Schiphol-luchthavencom-

plex. Deze ‘oudere’ variant blijkt een nogal lawaaiige achteras te hebben en die wil men nou juist op het Waddeneiland niet horen! De voor Schiermonnikoog bestemde voertuigen krijgen dan ook een betere geluidsisolatie.

Siemens gaat voor duurzaam woon- werkverkeer Bij Siemens PLM Software maken de werknemers sinds kort gebruik van een full service leaseplan voor elektrische fietsen en scooters. Om een actieve bijdrage te leveren aan het verminderen van de CO2-uitstoot en het verminderen van het aantal auto’s tijdens de spits, stimuleert Siemens PLM Software medewerkers om een elektrische fiets of scooter “van de zaak” te nemen voor dagelijks woonwerkverkeer. Voor veel mensen die binnen dertig kilometer van het bedrijf wonen is het een aantrekkelijke oplossing. “Deze nieuwe oplossing voor werknemers past helemaal in ons beleid om de CO2-uitstoot terug te dringen en als bedrijf duurzamer te worden”, zegt directeur Edwin Severijn. “Als vijftig medewerkers met de elektrische fiets of scooter naar het werk komen in plaats van met de auto, betekent dit al snel een jaarlijkse CO2-emissie besparing van 44.000 kg CO2. Om deze uitstoot te elimineren zijn ruim 1700 bomen nodig. Omdat de aanschaf van een elektrische fiets of scooter voor een medewerker

vaak een te hoge investering bleek om daadwerkelijk te kiezen voor deze vorm van duurzame mobiliteit, zijn we een samenwerking aangegaan met piECObello lease. Zij leveren de elektrische fietsen en scooters in een full service lease, waardoor we helemaal ontzorgt worden. Op deze manier wordt de keuze voor duurzame mobiliteit laagdrempelig gemaakt en ons initiatief door de werknemers omarmd. Dat is een stuk meedenken van het bedrijf en past in onze secundaire arbeids-

voorwaarden. Een mooie manier om medewerkers te binden en de parkeerdruk bij ons kantoor te verminderen. Ons kantoor zit in Den Bosch en een elektrische fiets is zeer aantrekkelijk voor de collega’s die uit bijvoorbeeld Vught of Boxtel komen. De fiets of scooter is verzekerd, twee keer per jaar wordt onderhoud gedaan en reparaties zijn inbegrepen. Ook bij pech onderweg kan de medewerker rekenen op hulp en indien nodig vervangend vervoer.

Zeker ook in de ICT-sector moet de elektrische fiets of scooterlease een succes worden. Het ziekteverzuim onder werknemers die op de fiets naar het werk komen ligt per jaar bijna één dag onder het gemiddelde ziekteverzuim in Nederland. Severijn: “Lichaamsbeweging is gezond, zeker in onze business, waar mensen te weinig bewegen. Het leaseplan past bij de CO2 prestatieladder die we bij Siemens nastreven, waarin ook werknemers passen die een elektrische auto of een hybride leasen.” Coen Vermeulen van piECObello

lease vult aan “We zien dat onze dienstverlening voor veel bedrijven een prima aanvulling is op de huidige mobiliteitsoplossingen. Nederlandse werknemers wonen gemiddeld 14 kilometer van hun werk en toch neemt bijna 60% dagelijks de auto. Wij zijn ervan overtuigd dat we met het concept voor elektrische tweewielers een mooi alternatief bieden. Een alternatief dat niet alleen duurzaam is en een gezonde levensstijl van de werknemer stimuleert maar nog veel meer voordelen heeft.”

19


20

MOBILITEIT

Op water de wereld rond De auto-industrie heeft veel goede voornemens voor de introductie van auto’s met een brandstofcel. Een aandrijfsysteem waarbij waterstof binnen de carrosserie van de auto wordt omgezet in elektrisch vermogen, dat de elektromotoren aandrijft. Een enorm voordeel ten opzichte van batterijelektrisch aangedreven auto’s, die gedurende minimaal een half uur ‘aan de paal’ moeten om de batterijen weer op te laden. Een waterstoftank vul je in een paar minuten, waarna je weer zo’n zeshonderd kilometer kunt rijden.

stations en andersom precies hetzelfde’.

Waterstoftankstations Kwaad verwacht dat Huyndai, samen met andere autofabrikanten, de overheid en energieleveranciers, aan een in de praktijk operationele infrastructuur kan gaan werken, zodat schone mobiliteit straks voor iedereen mogelijk is. ‘Het aantal waterstoftankstations in Nederland groeit. Er zijn 350 bar-waterstoftankstations in Arnhem en Amsterdam, en enkele tankstations bij waterstofproducten in Rotterdam en Apeldoorn. Eind 2013 wordt een waterstoftankstation in Helmond geopend, zo heeft staatssecretaris Mansveld aangekondigd. Verder moeten er door heel Nederland meer tankopties komen. En natuurlijk werkt de Nederlandse overheid aan een koppeling met het waterstofnetwerk in andere Europese landen. Wij verwachten daarom dat nu Hyundai de eerste waterstofauto’s levert, de ontwikkelingen in een stroomversnelling komen.’

Autofabrikant Hyundai bracht in mei de Hyundai ix35 FCEV op de markt. Het is de eerste auto met een brandstofcel, met een leaseprijs van € 2.000,- per maand (afhankelijk van de subsidie die door de Europese Unie wordt toegekend). Bij de berekening van dit bedrag gaat het om een zogeheten full operational leaseconstructie van zestig maanden. Feit is wel dat Hyundai hiermee de eerste autofabrikant ter wereld is die de volledig schone brandstofcelauto commercieel inzet.

Tienduizend waterstofauto’s

Early adopters De eerste auto’s met dit innovatieve systeem zijn bedoeld voor de zogenaamde early adopters. Denk hierbij aan innovatieve bedrijven, ministeries en gemeenten. Importeur Greenib Car zegt dat Hyundai dit jaar driehonderd auto’s kan afleveren en in 2014 zevenhonderd stuks. Vanaf 2015 worden duizend eenheden per maand geproduceerd en staan de auto’s met een brandstofcel ook prominent in de Hyundai-showrooms.

De Hyundai ix35 FCEV is de eerste auto met brandstofcel op de Nederlandse markt.

Honderd procent schoon Algemeen directeur Hans Kwaad van Greenib Car merkt op trots te zijn dat Hyundai in Nederland vooroploopt met de introductie van de auto met een brandstofcel. ‘Hyundai gelooft in het systeem. De Hyundai ix35 FCEV is een honderd procent schone

auto met slechts waterdamp als emissie. Daarmee behoort de uitstoot van CO2 of andere schadelijke stoffen definitief tot het verleden’, zegt hij.

Nederland voorop De lancering van de eerste auto met een brandstofcel is

nogal ambitieus. ‘We hebben nog een lange weg te gaan, maar het begin is er’, zegt Kwaad. Wetend dat de infrastructuur voor tankstations nog niet goed is gerealiseerd. ‘Er is behoefte aan een langjarig fiscaal kader. Zonder auto’s geen waterstoftank-

Hyundai gaat vanaf 2015 jaarlijks tienduizend waterstofauto’s bouwen, die zowel door particulieren als door bedrijven geleased kunnen worden. De focus ligt daarbij op Europa, aangezien de Europese Unie investeert in de infrastructuur voor waterstof en de bouw van waterstoftankstations ondersteunt. In Nederland trekt minister Schultz van Haegen (Infrastructuur en Milieu) een bedrag van vijf miljoen euro uit om het rijden op waterstof te stimuleren.

Hoe word ik milieuvriendelijk? Hoe krijg je een conservatieve Amerikaan zo ver dat hij zijn olieslurpende Hummer inruilt voor een zuinig model? Simpel, leg uit welke impact zijn CO2-mobiel heeft op klimaatverandering. Dit werkt dus niet, ontdekten Australische onderzoekers. In het artikel Promoting proenvironmental action in climate change deniers (Nature Climate Change, 2012) beschrijven ze wat wél werkt.

Vriendelijk door milieu In het onderzoek lazen klimaatveranderingontkenners uitspraken over de staat van de samenleving als zij meer milieuvriendelijke acties zouden ondernemen. Na het lezen maten de onderzoekers de bereidheid van de proefpersonen om milieuvriendelijke acties te doen. Het resultaat; de proefpersonen wilden het liefst in actie te komen na het lezen over een vriendelijkere samenleving door milieuacties. Ook een verhaal over economische en wetenschappelijke effecten bleek de proefpersonen aan te zetten tot milieuvriendelijk gedrag. Ten slotte werkte het huidige

klimaatverhaal amper, bijna niemand veranderde zijn gedrag hierdoor.

Vrolijk van kleine auto De moraal van dit verhaal? De volgende keer dat je probeert iemand aan te zetten tot milieuvriendelijk gedrag, onderzoek dan eerst wat die persoon aanspreekt en spring hierop in. Dus vertel die conservatieve Amerikaan hoe gezellig Amerika wordt als hij een kleinere auto koopt, dan heb je de grootste kans dat je niet aan dovemansoren spreekt. Merel Segers, communicatieexpert bij Except Integrated Sustainability

Direct besparen op uw brandstofkosten! Innovatieve applicatie Efficient rijden Registreren, controleren, rapporteren CO2-uitstoot verminderen

www.brandstofbesparingscoach.nl info@brandstofbesparingscoach.nl


Samenwerken aan duurzaamheid HVC is een afval- en energienutsbedrijf van 48 aandeelhoudende gemeenten en 6 waterschappen. Om een forse bijdrage te kunnen leveren aan de klimaatdoelstellingen van de aandeelhouders, richt HVC zich - behalve op afvalinzameling en grondstoffenmanagement - sterk op verduurzaming van de energievoorziening van de in HVC deelnemende overheden. Groene energie HVC levert haar warmte aan woningen en bedrijven. Dit resulteert in een vermindering van het aardgasgebruik en dat levert per huishouden een CO2-besparing van 75% op. Van groente-, fruit-, en tuinafval maakt HVC groen gas en compost. Het geproduceerde groene gas wordt aan het openbare gasnet toegevoegd, zodat bijvoorbeeld auto’s hierop kunnen rijden.

HVC Jadestraat 1 1812 RD Alkmaar telefoon (072) 54 11 311 fax (072) 54 11 344 info@hvcgroep.nl www.hvcgroep.nl HVC. Innovatief in duurzaam afvalbeheer en duurzame energie.

Racing Aeolus! Van 22 t/m 24 augustus 2013 in Den Helder Een uniek internationaal evenement! Voor meer informatie: I

www.windenergyevents.com verhoef@ecn.nl www.facebook.com/RacingAeolus

De showroom van energiezuinig Nederland staat in Rijswijk (ZH) Kijk voor meer informatie op:

www.rijswijkbuiten.nl


22

ECONOMIE & FINANCIEEL

Meer werk met minder en schonere energie Tot 2020 komen er in Nederland jaarlijks 53.000 banen bij als het kabinet Rutte-II fors inzet op energiebesparing in woningen en zonne- en windenergie. Het bestrijden van de klimaatcrisis en werkloosheid gaan hand in hand. Dat blijkt uit verschillende studies die zijn gedaan naar de Nederlandse werkgelegenheidseffecten van investeringen in schone energie en energiebesparing. Op internationale lijstjes bungelt Nederland steevast ergens onderaan als het gaat om de productie van schone energie.

Het huidige kabinet wil een inhaalslag maken, zodat 16 procent van ons energiegebruik in 2020 van hernieuwbare energiebronnen komt. Greenpeace liet door de University of Technology van Sydney (Australië) uitrekenen hoeveel banen het oplevert als Nederland deze doelstelling haalt door fors in te zetten op zonne- en windenergie. Uit de studie blijkt dat er dan de komende zes jaren maar liefst 27.000 banen jaarlijks bijkomen in Nederland, ten opzichte van een scenario met veel minder inzet op winden zonne-energie en waarbij Nederland uitkomt op slechts 9 procent duurzaam opgewekte energie in 2020. Een vergelijkbaar resultaat is te halen met energiebesparing in

woningen. Uit een in december 2012 gepubliceerde studie van de onderzoeksbureaus CE Delft en SEO Economisch Onderzoek blijkt dat er de komende zes jaren elk jaar 26.000 banen bijkomen als Nederland een realistisch tandje bijzet. Deze studie ging uit van 2 procent energiebesparing per jaar. Een investeringsprogramma van jaarlijks 2,5 miljard euro zou de energierekening van alle Nederlanders jaarlijks met ruim één miljard euro doen dalen. De 53.000 extra banen die Nederland elk van de komende zes jaren zou realiseren, komen vooral terecht in de gespecialiseerde bouwsector. Het betreft onder andere aannemers, installatiebedrijven, toeleveranciers van materialen en componenten, technische bureaus in de instal-

latietechniek en architecten. Het zijn stuk voor stuk banen in sectoren die lijden onder de huidige economische crisis. Het zijn niet alleen bovenstaande studies die een dergelijk grote banengroei voorspellen. Het berekende aantal van 53.000 extra banen per jaar vertoont grote gelijkenis met de uitkomsten van een studie eerder dit jaar door het Nederlandse onderzoeksbureau Ecorys, in opdracht van het Wereld Natuur Fonds. Voor windmolens op zee en zonnepanelen waren eerder studies van een verbond van bedrijfsleven, onderzoekers en maatschappelijke organisaties (de zogenoemde topteams, werkend in opdracht van het ministerie van Economische Zaken). In hun publicaties van begin 2012

schoot de Nederlandse werkgelegenheid ook omhoog. En tot slot is er natuurlijk Duitsland dat de banen in de duurzame energie al echt kan tellen. In 2012 waren daar maar liefst 378.000 banen in de sector voor hernieuwbare energie, terwijl de economie van Duitsland slechts 4,5 keer groter is dan de onze. Windenergie (118.000 banen) en zonne-energie (101.000 banen) zijn indrukwekkende banenmotoren bij onze oosterburen. Never waste a good crisis; als Nederland nu fors gaat inzetten op zonne- en windenergie en energiebesparing in woningen, dan bestrijden we zelfs twee crises: de klimaatcrisis én de economische crisis. Deze energierevolutie komt er wel, zou je denken. Het kwartje moet echter nog wel vallen in Den Haag.

IMC Weekendschool: Motivatiegericht Onderwijs De IMC Weekendschool biedt aanvullend onderwijs aan jongeren tussen de tien en veertien jaar. Leerlingen krijgen les van inspirerende vak experts die hen kennis laten maken met hun expertise. Het programma bestaat uit verschillende vakken zoals Recht, Journalistiek, Beeldende Kunst, Sterrenkunde, Geneeskunde, Techniek en Ondernemen. Leerlingen komen zo in contact met mensen uit verschillende maatschappelijke kringen. In het dagelijks leven komen zij niet snel met hen in aanraking.

inleving te bevorderen, worden er attributen uit de ‘echte’ wereld gebruikt zoals toga’s, operatiekleding, klapborden en sterrenkijkers. De nadruk ligt op uitvoeren en ervaren. Excursies naar rechtbanken en sterrenwachten maken ook deel uit van de lessen. Leerlingen doen op de weekendschool uiteenlopende ervaringen op en zien dat werk iets is waar je plezier en energie uit kunt halen. De IMC Weekendschool noemt haar onderwijs ‘motivatiegericht’. Dit vult het reguliere onderwijs aan dat voornamelijk ‘diplomagericht’ is.

Tijdens de lessen kruipen leerlingen in de huid van bijvoorbeeld advocaten, journalisten, kunstenaars, ingenieurs en ondernemers. Om de

Affiniteit Het doel van motivatiegericht onderwijs is dat leerlingen goed geïnformeerd in het leven staan, beeld krijgen van wat de

maatschappij te bieden heeft en welke mogelijkheden er voor hen zijn. Het laat leerlingen ontdekken waar ze affiniteit mee hebben en wat hun eigen vermogen is. Het moedigt leerlingen aan de wereld met een open en actieve houding tegemoet te treden en zich te ontplooien. Deze kennis en houding vormen de basis voor het maken van zelfstandige, gemotiveerde en verantwoordelijke keuzes op gebied van opleiding en beroep. Overigens maakt motivatiegericht onderwijs ook gebruik van een gemotiveerde levenshouding. IMC Weekendschool nodigt bevlogen gastdocenten uit en trekt begeesterde medewerkers aan. Bovendien laat de week-

Foto: Diane van der Marel endschool leerlingen starten met dit type onderwijs als ze tien, elf jaar zijn, wat de leeftijd is waarop kinderen van nature nieuwsgierig en gemotiveerd zijn om de wereld te ontdekken. Deze kinderen zijn meestal ook enthousiast over aanvullende

pggm.nl

PGGM: Een waardevolle toekomst met respect voor mens en omgeving

PGGM is een coöperatie die mensen aan elkaar verbindt: samen leven, samen werken, elkaar helpen. Zorgen voor elkaar. Dat doen we zonder winstoogmerk, want we richten onze aandacht expliciet op het creëren van waarde voor onze klanten en leden. PGGM gelooft in duurzaamheid en handelt dan ook altijd met respect voor mens en omgeving. Niet alleen voor de huidige generatie, maar ook voor toekomstige generaties. Duurzaamheid voor PGGM gaat over het besef dat je vandaag moet investeren in een waardevolle toekomst voor later. En dat doe je samen, want als ieder voor zich zelf gaat, heb je samen minder.

activiteiten naast hun schoolbestaan, zoals de weekendschool. Ze zien op de middelbare school hun toekomst over het algemeen minder onbevangen tegemoet en dat maakt motivatiegericht onderwijs heel zinvol voor deze groep.


DUURZAME BOUW & VASTGOED

De renaissance van stadsontwikkeling wijken die door heel Nederland steeds meer onder druk staan? Al sinds lange tijd zijn pioniers wereldwijd bezig met slimme nieuwe vormen van wijkvernieuwing, bijvoorbeeld in de sloppenwijken in Zuid-Amerika en de sociaaleconomische problematiek in Azië.

Overal in Nederland kraken wijken en steden in hun voegen; ongeschikt voor de hedendaagse samenleving en niet in staat om zichzelf aan te passen. Een patroon dat al langer zichtbaar is in economieën als Frankrijk, India en Brazilië. Probleemwijken, leegstaande kantoren door faillissementen en arme populaties nemen toe.

Er is maar één conclusie: het oude vastgoedmodel is failliet. Urban Renaissance is een methode waardoor energieneutrale, gezonde en veerkrachtige gebouwen en gebieden realiteit worden. Met het falen van de economie en het financiële bestel is de laatste pilaar van de traditionele wijkontwikkeling onderuit. En dat is eigenlijk maar goed ook. Dit fossiel van de wederopbouw heeft maar één doel gehad: geld verdienen met grondexploitatie. Goed voor een naoorlogse groeispurt, maar vrijwel waardeloos voor het realiseren van waar-

DGBC-plein op PROVADA Van 4 t/m 6 juni 013 vindt de 9e editie van hét vastgoedplatform PROVADA plaats in de RAI in Amsterdam. Dit jaar hebben zijn er een aantal nieuwe initiatieven opgezet waaronder de manier waarop PROVADA en de participanten van de DGBC duurzaamheid op de beursvloer brengen. Deze krijgt in 2013 een andere invulling én uiterlijk. PROVADA heeft in samenwerking met de Dutch Green Building Council een nieuwe, verbeterde vorm gevonden om de samensmelting van stand deelnemers aan de PROVADA Green Market en het inhoudelijke programma van het PROVADA Green Forum te verwezenlijken. Onder de naam, het DGBC-plein. Op een flexibele manier presenteren

participanten van de DGBC zich gezamenlijke op dit open plein. De deelnemers aan het plein zorgen voor de invulling van het forum wat geresulteerd heeft in een aantrekkelijk programma met een grote diversiteit aan onderwerpen op gebied van duurzaamheid. Een aantal van de bijeenkomsten zullen aansluiten bij de PROVADA dagthema’s. De thema’s zijn ‘Herontwikkelen, herbestemmen of transformeren?’, ‘De creatieve stad’ en ‘Zorg (voor) vastgoed’. PROVADA start iedere dag met een kort inspirerend mini-congres om het dagthema te introduceren. De standhouders zullen vervolgens in eigen bijeenkomsten de verdieping qua inhoud aanbrengen.

destijging en sociaaleconomische veerkracht in bestaande gebieden en gebouwen. Het oude model is traag en gestoeld op de regels van grootkapitaal. In dat model is altijd te zien geweest dat sloop en daarna nieuwbouw winstgevender zou zijn dan renovatie. Het idee was dat elke vorm van groei goed was voor de economie, en dus voor iedereen.

Groei is niet per se waarde Niets blijkt minder waar als we de rijen van leegstaande kantoorgebouwen en zielloze industrieterreinen aan de rand van de stad zien. Hier en daar wordt nog een dommekracht van een kantoorgebouw uit de grond gestampt, drijvend op het oude model. Waar is de waarde van die ‘groei’ gebleven? In ieder geval niet in onze samenleving. Die gebieden voegen weinig culturele, sociale en zelf economische waarde toe. Vaak brengen ze wel ecologische schade toe en zijn ze integraal gezien negatief in waarde. Het oude model had

nooit oog voor het energievraagstuk, milieu, gezondheid en welzijn, de kleine ondernemer en de steeds grotere ecologische problemen. Deze ontwikkeling stimuleerde dus niet zozeer groei maar uitputting.

Nieuwe ontwikkeling is niet te stoppen Met het ineenvallen van het kaartenhuis van de banken en fondsen, en het daarop gestoeld beleid, valt ook het oude vastgoedmodel. Daarmee is de staart van de ideologie van de maakbare samenleving overboord. Ondertussen kruipen de waardes van nieuwe oplossingen door alle kieren van de samenleving. Stadslandbouw, coöperatief opdrachtgeverschap, adaptieve renovatie en groene krimptactieken bewijzen hun integrale waarde voor de samenleving. De accountants met de oude modellen protesteren, maar ook zij moeten toegeven dat het oude systeem heeft gefaald.

Tijd voor iets anders Hoe nu verder met de steden en

Ook in Nederland zijn er onder de radar al decennia innovatieve wijkvernieuwingsprojecten gaande. De succesvolle projecten hebben één gemene deler: ze richten zich op maximalisering van de sociaaleconomische waarde van de gemeenschap. Door het stimuleren en begeleiden van het ‘systeem’ van een gemeenschap, voedt zo’n aanpak de waardes die al aanwezig zijn in een gebied en laat die groeien. Het financiële gewin ontstaat daar vanzelf uit; een gezonde wijk trekt meer mensen en dat verhoogt de waarde van wat er al is. Verschillende van die aanpakken zijn nu verenigd in Urban Renaissance, een helder en krachtig proces dat met verschillende partners in de vastgoed, sociale ontwikkeling en innovatiesectoren wordt uitgevoerd.

Kracht komt van binnenuit De kunst van Urban Renaissance, ontwikkelt door Except, is om de krachten van een gebied in te zetten als motor van transformatie. Op deze manier veranderen wijken van binnenuit, gevormd door de eigen gemeenschap. Het brengt het systeem van een gebied in kaart, inclusief energie en afvalstromen, potentie van bewoners en vastgoed, ecologische bronnen en culturele aspecten. In deze systeemkaarten worden verbanden gevonden die waarde toevoegen. Daarbij horen ook ecologische kansen als stadslandbouw en adaptief hergebruik van leegstaand vastgoed. Dit zijn veelal investeringen op kleine schaal die ook op korte termijn renderen.

Zelfvoorzienende wijken Grotere verbanden worden op de middellange termijn gerealiseerd, waarbij hele wijken energieneutraal kunnen worden. Zo zijn korte, snelle en voordelige cycli die binnen enkele maanden effect hebben de basis en drijfveer van grotere fysieke ontwikkeling. Gezamenlijk zorgen de nieuwe ontwikkelingen dat het MKB weer gaat bloeien. Met behulp van een ecologisch ontwerp ontstaan wijken die zelfvoorzienend zijn in energie, water, afvalverwerking, voedsel en meer. Momenteel worden in verschillende steden in binnenen buitenland met succes Urban Renaissance-trajecten uitgevoerd.

23


24

MAATSCHAPPELIJK & SOCIAAL

Stokstaartjes, giraffen en olifanten: samen een duurzaam DierenPark Amersfoort In DierenPark Amersfoort leven wel 150 verschillende diersoorten en het park ontvangt jaarlijks zo’n 700.000 bezoekers. Dit maakt het DierenPark een grote energiegebruiker en daarom staat duurzaam ondernemen centraal in het bosrijke park. In februari 2011 ontving het DierenPark de gouden Green Key. De natuur en DierenPark Amersfoort zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Daarom streeft het park naar een duurzame samenleving met ruimte voor mens en dier. In 2007 heeft het park het GreenTeam opgericht. Een team dat maandelijks bij elkaar komt om acties rondom de verduurzaming van het park te bespreken. Laura Jeuster is KAM-coördinator van het park en één van de leden van het GreenTeam. Duurzaamheid zit bij haar in het hart. “Als het om duurzaamheid gaat, willen wij voorop lopen en onze omgeving inspireren dit voorbeeld te volgen’’. Het DierenPark onderneemt verschillende acties waarin duurzaamheid centraal staat.

Duurzame dieren Sinds november 2010 kopen alle Nederlandse dierentuinen duurzame soja in voor de voeding van hun dieren. ‘’Giraffen eten dagelijks heel wat soja en daarom staan deze dieren symbool voor deze duurzame inkoop’’, vertelt Jeuster. Ook de olifanten dragen hun steentje bij. De olifantenkudde van DierenPark Amersfoort woont in het Rijk der Reuzen. ‘‘Tijdens de bouw van dit verblijf is alleen gebruik gemaakt van FSC-hout. Er hangen ook speciale flappengordijnen; zo kunnen de olifanten naar binnen of buiten lopen zonder teveel warmte te

verliezen.’’ De stokstaartjes houden erg van warmte en liggen regelmatig onder de warmtelamp. Om geen energie te verspillen, zorgt de bewegingssensor ervoor dat de lampen alleen aanstaan als de stokstaartjes eronder zitten.

Energiebesparing Op Restaurant de Olifant staat een zonneboiler waarin water wordt verwarmd door de zon. Het voorverwarmde water zorgt dat de cv-ketel minder energie nodig heeft om het water op temperatuur te krijgen voor bijvoorbeeld de vaatwasser. Een heel groot gedeelte van de verlichting in het park is al vervangen door LED- en/of spaarlampen. Op den duur zal alle verlichting zijn verduurzaamd, vertelt Jeuster enthousiast. ‘‘Een andere manier voor energiebesparing gaat via onze daglichtkoepels. Via deze koepels komt er veel natuurlijk licht

binnen. Hier wordt bijvoorbeeld in de veterinaire ruimte, en de toiletgebouwen gebruik van gemaakt.’’

Stroom opwekken met zonnebloemen In het DierenPark wordt niet alleen achter de schermen over duurzaamheid nagedacht, ook bezoekers krijgen het op een speelse manier te horen. ‘’Wij proberen te laten zien dat wij respect hebben voor de natuur zonder belerend over te komen’’, vertelt Jeuster. ‘‘Bij de Savanne staat bijvoorbeeld een

fiets waarop kinderen fietsend stroom opwekken en grote zonnepanelen in de vorm van zonnebloemen laten op een leuke manier zien hoe je duurzaam aan energie kunt komen.’’ Het Amersfoorts park maakt zelf volledig gebruik van duurzame stroom. Bezoekers kunnen hun dagje uit nog duurzamer maken door oude mobieltjes of cartridges in te leveren bij het park. Het geld dat ermee wordt opgehaald, komt geheel ten goede aan het Wildlife Fund. Dit fonds werd jaren geleden door het park opgericht om ook

internationaal duurzame steun te kunnen bieden aan natuur- en soortbehoud-projecten. Het DierenPark Amersfoort Wildlife Fund biedt steun aan natuurbeschermingsprojecten verspreid over de hele wereld. Naast fondsen en materialen stelt de stichting ook kennis en expertise beschikbaar.‘‘Zelfs de poep van onze olifanten kan worden hergebruikt!’’ Jeuster wijst naar een emmertje met grote olifantenkeutels. ‘‘Eén olifant poept zo’n tachtig kilo per dag, erg goed voor de tuin!’’


Uw afval wordt grondstof J. Verheggen Elektrotechniek, in 2004 begonnen als eenmanszaak, maar al snel uitgegroeid tot een team van experts dat graag voor u klaar staat en weet wat ze doen. Wij werken in de woningbouw, utiliteitsbouw, beveiliging en renovatie. Maar wij zijn ook benieuwd naar uw specifieke plannen om samen tot een juiste uitwerking te komen. Aanleg, reparatie, inspectie of onderhoud: voor al uw elektrotechnische werkzaamheden staat J. Verheggen Elektrotechniek voor u klaar!

Duurzame Energie Energie besparende TL verlichting (relighting) Relighting kan in het Nederlands vertaald worden door her-verlichting. Hierbij wordt in de bestaande verlichtingsinstallatie een energiezuinige licht oplossing geplaatst waarbij een optimale combinatie wordtgemaakt van de drie elementen Ecologie, Ergonomie en Economie. Een relighting is dus een nieuwe verlichtingsinstallatie ontworpen en geĂŻnstalleerd met het doel energie te besparen (Ecologie), een hoog gebruik comfort te bieden (Ergonomie) en rendabel (Economie) te zijn.

Zonnepanelen Op het gebied van zonnepanelen en omvormers bestaan er vele aanbieders uit Europa, Japan en China. Modellen en prijzen wijzigen regelmatig en de vermogens van de diverse panelen nemen nog steeds toe. Belangrijk bij zonnepanelen is natuurlijk de opbrengst per vierkante meter maar die neemt in de loop der jaren af en dat verschilt per fabrikant/type. Belangrijk is dan ook de vermogensgarantie na bijvoorbeeld 10, 20 of 25 jaar omdat het wel de bedoeling is dat de panelen dan nog steeds behoorlijk blijven produceren. Aangezien dat sterk samenhangt met de kwaliteit van de panelen leveren wij alleen zonnepanelen van gerenommeerde fabrikanten met een lange staat van dienst zodat hier ervaringsgegevens van bekend zijn. Daarom treft u bij ons vooralsnog alleen optimizers van Solar Edge en panelen van Trina aan.

Of u nu als particulier een puincontainer, hijskraan of bouwstoffen nodig hebt voor uw verbouwing, of dat u zakelijk gebruik wilt maken van logistieke diensten, afvalinzameling, recycling of grond- en sloopwerken: u kiest het liefst voor een duurzame oplossing. Baetsen biedt u een compleet dienstenpakket, maatoplossingen en ketensamenwerking. Onze aanpak is volledig gericht op terugwinning van grondstoffen uit afvalstromen door innovatieve recycling. Zo is uw keuze voor Baetsen een keuze voor duurzaamheid!

www.baetsen.com - 040 - 205 44 00 gemeentelijke en bedrijfsafvalinzameling - sorteren bouwen sloopafval - containerverhuur - afvalmanagement houtrecycling - kunststofrecycling - beheer milieustraten puinrecycling - grondstoffen - bouwstoffen grond- en sloopwerken - afvaltransport - nationaal en internationaal transport - kraanverhuur - industriĂŤle verplaatsingen - gladheidsbestrijding - op- en overslag

De sleutel tot duurzaamheid

www.jv-elektro.nl - mail@jv-elektro.nl - Tel: 040 - 2051753

Oneplanetcrowd.nl is een crowdfundingplatform voor duurzame en maatschappelijke innovatie. Iedereen kan investeren en krijgt daar mooie tegenprestaties voor terug. Doe mee, draag een steentje bij aan een betere planeet en maak duurzame innovatie mogelijk!

Wij verwerken metaal op

een duurzame manier!

IMEX Metaal uw professionele en vakkundige verwerker van metaalafval! Wil jij bijdragen aan de ontwikkeling van een baanbrekende innovatieve windenergie-technologie en ook nog mede-eigenaar worden?

Bekijk de video van Ampyx Power! Invest and Enjoy! www.oneplanetcrowd.nl

I:

www.hardmetaalafval.nl info@imex-metaal.nl


26

WattIS ZAKELIJK

Duurzame ICT is haalbaar Miljoenen computers, mobieltjes en tablets zwerven over de hele wereld. Thuis, op kantoor, in broekzakken en handtassen. Gebouwd van kunststoffen en edelmetalen als zilver, platina, koper en zeldzame aardelementen (cerium, scandium, yttrium en andere soorten). Deze elektronische hardware heeft niet het eeuwige leven en belandt voor een deel op vuilnisbelten in de Derde Wereld. Daar halen voornamelijk vrouwen en kinderen onder erbarmelijke omstandigheden de bruikbare metalen en aardelementen uit de kunststoffen behuizingen, waarna de rest wordt verbrand en voor forse lucht- en bodemvervuiling zorgt. ‘Dat kan anders’, dacht ICT’er Ron Vuur. Hij richtte de Stichting ICT voor Morgen op.

managers in de leeftijdscategorie 25 – 45 jaar omtrent de gevolgen van het niet-handelen rond softwaretoepassingen en hardware-afvalstromen.

Mobieltjes recyclen Vuur geeft lezingen en werkt samen met wetenschappers en bedrijfsdirecties met dezelfde ideeën. Hij ziet inmiddels gelukkig ook aandacht voor de oplossingen vanuit de Europese Unie en het ministerie van Economische Zaken ontstaan. Samen met Agentschap.nl wordt nu door hem een voorlichtingscampagne opgezet. Dat heeft inmiddels ook geleid tot de oprichting van een hardware recyclebedrijf in Alkmaar, waar op een verantwoorde manier alle herwinbare stoffen uit computers en mobieltjes worden hergebruikt.

Toekomstbeschermer Vuur is een bevlogen ‘toekomstbeschermer’. Hij ziet hoe de vorige en huidige generatie de aarde uitput door alle grondstoffen uit de bodem te halen en die op te maken. Vervolgens worden restanten achteloos weggegooid en de aarde opgezadeld met bergen onverwerkbaar afval. Vuur ziet tegelijkertijd

zijn kleindochter opgroeien en vraagt zich af of er straks voor haar, haar kinderen en kleinkinderen nog mogelijkheden zijn om te genieten van de producten van de aarde. Hij nam de uitdaging aan binnen het vakgebied dat hem vertrouwd is; ICT. Een sector waar tot op heden weinig

gedaan wordt aan het beheersen van hardware-afvalstromen, of van de ongebreidelde softwaregroei en -toepassingen. Zijn inzicht in de problematiek zette Vuur om in een concreet en hanteerbaar idee: het informeren van de jeugd – met name middelbare scholieren – en

Bovendien worden de kunststofrestanten via herverwerkingsbedrijven omgezet in granulaat, waaruit weer nieuwe kunststoffen worden vervaardigd. ‘Op die manier putten we de natuurlijke grondstoffenbronnen niet meer uit en kunnen we toch steeds nieuwe apparatuur maken’, zegt Vuur.

Oneindige opslag En dan is er het fenomeen van de ongebreidelde groei van computerbestanden, die worden opgeslagen in grote servers. Ze worden vaak na eenmalig gebruik oneindig lang onnodig bewaard en zorgen door hun aanwezigheid voor alsmaar uitdijende opslagcapaciteit. Wat op zijn beurt weer voor enorme hoeveelheden energieverbruik zorgt, die onnodig is wanneer we regelmatig onze bestanden opschonen. ‘Bovendien’, zegt Vuur, ‘kunnen we de gebruikers van computersystemen weleens beter bewust maken van hun verantwoordelijkheid in deze.’ Een oplossing is het fysiek zichtbaar maken van opslagcapaciteit door lokale serverruimtes te bouwen. Wanneer die dan uit hun jasje groeien, kun je lokale gebruikers de vraag voorleggen of nieuwe opslagruimtes noodzakelijk zijn – inclusief de bijbehorende investeringen – of dat je met de bestaande kunt volstaan na het opschonen van al die ongebruikte archiefbestanden. Al met al hebben we zowel in Nederland als internationaal nog een lange weg te gaan.

Advertorial

Een schoner milieu met ICT Op ICT-gebied liggen er ontzettend veel kansen op een duurzamer werkproces. AXIANS Eindhoven loopt hierin voorop. Door dure, energievretende servers te vervangen voor een private cloud, zorg je voor een aanzienlijk lager energieverbruik, minder grondstoffenverspilling en dus een lagere CO2uitstoot. AXIANS toont aan dat je door een duurzame ICT-omgeving de milieuimpact van je bedrijf op de wereld reduceert en tegelijkertijd geld bespaart. De private cloud-diensten van AXIANS Eindhoven maken niet alleen servers overbodig, ze zorgen er meteen voor dat al het ver- en gebruik goed meetbaar wordt. Door slim om te gaan met ICT vermindert het verbruik een stuk. Zo draaien stroomverslindende servers dag en nacht en vergen ze een hoop onderhoud. ‘Een cloud is een beveiligde online omgeving, die alleen gebruikt wordt wanneer dat nodig is. Vanaf een kantoorruimte met vijf werkplekken is het al zinvol voor het milieu en de portemonnee om over te

stappen op de duurzame ICT-oplossingen van AXIANS’, aldus Hans Mekking, Business Unit Manager van AXIANS Eindhoven.

Private cloud Een private cloud kan misschien wat abstract klinken, maar is goed te definiëren. Het is een eigen schaalbare, overzichtelijke en beheersbare ICT-omgeving, die op een virtuele server draait. De omgeving kan zo klein of groot zijn als je zelf wilt. Optimaal functionerende ICT is voor elke organisatie van belang. Deels wordt dit bepaald door de juiste hardware en software, maar nog veel meer door het op een juiste manier beheren en onderhouden van de ICT-omgeving. AXIANS heeft een private cloud gebouwd met als uitgangspunt dat organisaties en haar gebruikers zorgeloos kunnen werken en verzekerd zijn van een up-to-date omgeving. Hierin kan een eigen virtuele server draaien of een complete ICT-omgeving. ‘Welke je ook kiest, je betaalt alleen voor datgene wat je gebruikt’, legt Mekking uit. ‘Dat geeft altijd inzicht in de kosten.’

besteden aan hun klanten. Door kennis en ervaring in diverse marktsegmenten is AXIANS breed inzetbaar. Ze brengen rationele vraagstukken in kaart en zetten die om in doelen om de juiste oplossingen aan te dragen. Heldere communicatie en duidelijk taalgebruik zijn essentieel voor AXIANS. Wanneer de klant en zij elkaar begrijpen, zorgt dat voor een betrouwbaar partnerschap. Dat maakt een relatie duurzaam, en zoals bekend bespaart duurzaamheid op de langere termijn.

Duurzame klantrelaties

De wereld draait op mensen

Naast aandacht voor het milieu, vindt AXIANS Eindhoven het ook belangrijk om aandacht te

Sinds 1993 is AXIANS actief voor bedrijven en instellingen. Ze weten als geen ander dat elke

oplossing op een unieke omgeving toegespitst moet worden, door gebruik te maken van de juiste technologieën. Ze kiezen hun ondersteunende partners door continu de markt te onderzoeken naar nieuwe ontwikkelingen. Hoezeer er ook

wordt gedigitaliseerd, AXIANS is zich ervan bewust dat de wereld blijft draaien op mensen. Het zijn de mensen die het verschil maken en AXIANS voelt zich thuis in zo’n duurzame wereld. Voor meer informatie kunt u kijken op www.axianscloud.nl

The human value in ICT Solutions.


WattIS ZAKELIJK

Duurzaam in de keten: de Baetsen-Groep Wat ooit als een kolenhandel en een lokaal transportbedrijf begon, is uitgegroeid tot een grote speler in de markt van logistiek en milieu. De Baetsen-Groep in Veldhoven, Son, Veghel en het Limburgse Echt treedt namelijk op als ‘totaaloplosser’ met diensten in transport, hijswerk, grond- en sloopwerken, bouwstoffen en het hele traject van afvalinzameling, recycling en grondstoffen. Deze diensten grijpen als schakels in elkaar om die totaal oplossing te realiseren en tegelijk werkt men samen met gemeente en kring-

loopwinkel om een afval loze samenleving na te streven. Commercieel directeur Stephan Kuijken legt uit dat de groep als echt familiebedrijf intern korte lijnen kent. “We nemen snel beslissingen zodat we onze tijd en aandacht kunnen besteden aan datgene wat we het belangrijkst vinden: de klant”, zegt hij. En daarvoor zet de Baetsen-Groep elke dag bijna 300 medewerkers in, 24 uur per dag en 7 dagen per week. Maatschappelijk verantwoord ondernemen is daarbij een onderdeel van de bedrijfsstrategie. “Cradle to cradle, groen ondernemen en een beter milieu zijn begrippen die bij ons centraal staan”,

aldus Kuijken. “Wij hanteren een gesloten kringloopsysteem, waarin reststromen via recycling weer terugkomen via herwonnen grondstof als nieuw product. Kortom, wij zetten afval om in een grondstof”. Dat daarbij de zorg voor kwaliteit hoog in het vaandel staat, is een logisch gevolg. Samen met een gespecialiseerd bureau werkt men aan voortdurende verbetering van kwaliteit, zorg voor arbeidsomstandigheden, veiligheid en milieu. “Onderdeel hiervan is onze bedrijfscultuur in te richten op "zero accidents", dus alleen nul ongevallen is acceptabel”, legt Kuijken uit. Om dit te bereiken zijn diverse

De nieuwe sorteerrobot

procedures en werkvoorschriften vastgelegd in het zogeheten KAM-handboek en beschikken zij over diverse certificaten.

Duurzaamheid “Wij zetten ons in om het milieu te ontlasten door reststromen te scheiden en geschikt te maken voor hergebruik. We bevorderen het welzijn van onze omgeving door de uitstoot van emissies te minimaliseren en zo veel mogelijk gebruik te maken van groene energiebronnen. We gaan nog verder en kiezen, zeker met het oog op het welzijn van toekomstige generaties, sterk voor innovatie. Duurzaamheid komt namelijk niet vanzelf. Daar moet je in willen investeren”.

Na het succes van de puinbreek installatie die leidt tot grondstoffen voor onder andere nieuw beton, investeert de Baetsen-Groep dit jaar fors in vernieuwing van de sorteerlijn voor pvc, zodat men ook pvc-recycling verder kan professionaliseren en ontwikkelen. “Zo kunnen wij pvc-reststromen verwerken tot toeslagmateriaal voor de productie van een nieuwe generatie pvc”. Daarnaast heeft de Baetsen-Groep 's werelds eerste sorteerrobot voor het scheiden van afval aangeschaft. Deze robot zorgt voor een uitermate accurate scheiding van de enorme diversiteit aan afval dat wordt ingezameld.

De puinbreekinstallatie

Advertorial

‘Ik wil de klein zakelijke markt maatschappelijk verantwoord laten ondernemen zonder investering’ Leendert Florusse (49) verwezenlijkt zijn droom om een duurzaam en lokaal energiebedrijf te stichten. Met ‘Rooftop Energy’ in Waddinxveen wil hij de Nederlandse energiesector veranderen.

‘Enkele jaren geleden begon er iets te knagen. Toen ik begon in de energie business was het grote thema liberalisering. Ik heb een aantal grote doorbraken bereikt. In Nederland met het ZeBra project en de aardgasopslag van Essent in Epe. Ook in het buitenland (Parijs en Londen) heb ik voor energiebedrij-

ven belangrijke en innovatieve projecten gedaan. Het werd me echter duidelijk dat lokale duurzame stroomopwekking vanwege zowel maatschappelijke als technologische druk de volgende doorbraak moet worden. Het opzetten van een bedrijf met lokale duurzame energieopwekking leek mij maatschappelijk relevant en leuk. Inmiddels heeft Florusse samen met Raymond Steenvoorden een vakkundig team opgebouwd waarmee hij de klein zakelijke markt aan het veroveren is. ‘Maatschappelijk verantwoord ondernemen is tegenwoordig een must. Maar er zijn veel cowboys in dit veld. Het aanbod is enorm en mensen zien door

de bomen het bos niet meer.’ aldus Florusse. De recente berichten van het ‘jokkebrokken” over groene stroom maken dat nog eens pijnlijk duidelijk. Steenvoorden is verantwoordelijk voor de financiële kant van het plaatje. Door middel van particuliere investeerders, community-funding en een financieringsfaciliteit van Triodos Groenfonds is het mogelijk de zonnepanelen zonder investering aan te bieden. Het aanbod van Rooftop Energy is dan ook duidelijk. Rooftop Energy wordt uw stroomleverancier, plaatst panelen op het dak van uw pand en financiert de panelen. Het enige dat u doet is overschakelen van uw huidige leverancier naar Rooftop Energy. Het mooie

is dat daarmee uw energierekening de komende jaren gegarandeerd constant blijft. Ondanks de stijgende energieprijzen. Bovendien is de stroom die u gebruikt voortaan duurzaam opgewekt. Totale ontzorging is het concept: geen rompslomp omtrent kwaliteit, terugverdientijden, onderhoud en verzekering. Vanaf het eerste contact met Rooftop

Energy wordt u alle zorg uit handen genomen. U als ondernemer plukt dubbel de vruchten: een gegarandeerd lagere stroomprijs en gratis maatschappelijk verantwoord ondernemen. Een uniek concept in Nederland, waarmee Rooftop Energy terecht tweede is geworden bij de verkiezing Groene Ondernemer 2013.

27


WattIS ZAKELIJK

Toets uw bedrijfsfundament

Het onzichtbare zichtbaar Het begint met de diagnose. De duurzame prestatie van uw organisatie is het resultaat van veel en soms onbekende factoren die elkaar beïnvloeden. Dit heeft betrekking op uw energieverbruik, de optimalisatie van kennisuitwisseling tot uw sociale investering. Deze factoren kunnen elkaar versterken maar

60

Energy and Materials Species and Ecosystems

!

281.000 Litres

Culture and Economy

70

30

Fossil fuel extraction

Promotion of consumer culture

Health and Happiness

!

!

Purpose and Utility

!

+

20

!

Training and personal development Promoting a culture of maintenance

80

!

Indirect land use 2,9 ha

Metal production 3 million MJ

10

Oil refinery

$

Production materials

3 million MJ

Increased lifespan and performance

105.000 kg

Electricity 3.600 kWh

Indirect water use

3.000 m3

Enhanced performance of vehicles

Fuels 48.500 kg

Product

+

L.C.U.

0

100

“Hoe blijf je competitief, hoe vergroot je je flexibiliteit om in te springen op nieuwe ontwikkelingen en hoe draag je bij aan een vitale samenleving”? vraagt Tim Horsten van Except, medeontwikkelaar van de Integrale Quickscan voor Duurzaamheid (IQS), zich af. “Dit doen we feitelijk via een structurele diagnose en het opstellen van een passend behandelplan.”

50

40

90

Waarom ben ik er eigenlijk, waar sta ik en wat voeg ik toe? Nee, dit is geen filosofische overpeinzing, het is in een snel veranderende wereld een strategische vraag voor veel bedrijven. Except Integrated Sustainability ontwikkelde een methode om deze vraag ‘letterlijk’ voor bedrijven in kaart te brengen. Het resultaat is een compleet inzicht in uw duurzame prestatie.

Services Water 70 m3

biolo gical reso urce mana avoid geme ed wa nt ter str atmo sphe ess ric im pact trans critic port al ma teria ls huma n rig hts labor creati know on ledge shar ing socia l inv custo estm mer ent enga resp geme onsib nt le so strate urcin gic pa g stake rtner hold ships er en gage ment comp any cons cious empl ness oyee happ ines empl s oyee healt h innov empl ation oyee enga geme comp nt any gove know rnan ledge ce mana geme finan nt cial outlo comp ok any perce ptio n

28

Net sales

Taxes

€4.78 million

Social investment

Donations

31% income from “Skills Foundation”

2% of profit

Partners 2

ld e Wor

Knowledge sharing

Th

Performance tuning and maintenance

Employees 90

ders

ehol Stak airs al Aff

lo c

Intern

al i

Avoided spills and environmental damage

off-site waste processing

mp

a c ts

Emissions

460.000 kg

reg ion al im pact s

Hazardous waste

28.000 kg

Landfilled waste

1,6

energy use (15.300 GJ)

9,6

material use (961.000 kg)

1,4

3 water use (4.070 m )

2,3

land use (29 ha)

29 %

81,115

indirect

Energy and Materials

days of service Species and Ecosystems

waste (41.900 kg)

1,3

emissions (891.000 kg)

2,2

Slimme keuzes Wat kun je met deze gevisualiseerde data? Bedrijven kunnen geïnformeerde en onderbouwde keuzes maken vanuit dit onderzoek. Het onderzoek vormt het fundament voor uw duurzame agenda, waarbij een brede afweging gemaakt kan worden tussen deze complexiteit aan factoren en hun onderlinge relaties en invloeden. Dit leidt tot het identificeren van kansen die op

Health and Happiness

71%

glo bal imp acts

indirect

Overzicht van een duurzame bedrijfsprestatie, uitgedrukt in een waaier van indicatoren waarvan het effect een toenemende maatschappelijke reikwijdte heeft.

ook tegenwerken. In dat laatste geval kan een prestatieverbetering deels op een ander vlak weer teniet worden gedaan. Door dit samenspel te analyseren en op een visuele manier te ordenen wordt het concreet zichtbaar.

Recovered waste Culture and Economy

Perspectief op de impact van een onderneming, vanaf de eigen directe bedrijfsvoering in het centrum tot en met de daarmee samenhangende indirecte effecten op de maatschappij als geheel, in de buitenste cirkel.

korte termijn resultaat boeken, zoals bijvoorbeeld reductie in energie- of materiaalkosten. En kansen die op langere termijn effect sorteren, zoals het versterken van de band met uw personeel en klanten. Uniek aan de methode is dat relaties in kaart worden gebracht. Hierdoor komen dilemma’s aan de oppervlakte of bedrijfsrisico’s. Tim Horsten: “Door innovatie binnen het bedrijf kan de werkgelegenheid teruglopen.” Met dat inzicht kan de beslisser een goed afgewogen keuze maken. Die afweging kan later, met onderbouwing, worden verantwoordt.” Het geeft een tastbaar advies over waar de organisatie het beste

zijn aandacht op kan richtten. Het product van deze methode is een heldere rapportage die een bedrijf kan inzetten om zijn belanghebbenden te informeren en met hen de dialoog te voeren. De vraag vanuit verschillende belangengroeperingen naar dergelijke informatie en het verlangen middels bewustere keuzes het verschil te maken, groeit. De medewerkers zijn tenslotte de beste ambassadeurs mits er een duidelijk beeld is waar een organisatie voor staat en waarmee men zich verbonden voelt. Stakeholders kiezen gezien hun inkoopbeleid en duurzaamheidscriteria steeds meer voor bedrijven die een duurzame strategie hebben. Als organisatie moet je transparent

kunnen zijn over je duurzame prestaties, ook voor mogelijke of huidige investeerders. Wat zijn bijvoorbeeld de bedrijfsrisico’s op lange termijn? Door middel van dergelijke inzichten stelt een bedrijf zich in staat on de agenda op het gebied van duurzaamheid verder aan te scherpen en gezamenlijk tot duurzame innovaties te komen. Naast een weergave van de huidige status op het gebied van duurzaamheid worden toekomstige verbeteringen in de prestaties van het bedrijf aantoonbaar gemaakt.

Toekomst Except ziet een toekomst met een welvarende maatschappij, gezond op sociaal, cultureel, ecologisch en economisch vlak. Met daarin alle benodigde middelen voortdurend en in voldoende mate aanwezig. Een maatschappij die zichzelf continu vernieuwd en waarin de kwaliteit van leven voor iedereen is toegenomen. Dit instrument concretiseert dit en brengt dit dichterbij. Zeker als we allen ons steentje bijdragen. “Uiteindelijk gaat het om het vergroten van het positieve verschil tussen wat een onderneming van de maatschappij neemt en wat het aan waarde toevoegt. Zo zijn we weer terug bij de vraag waar dit artikel mee begon”, aldus Tim Horsten.

Green Business Club boekt resultaten De Green Business Club laat zien dat samenwerking tussen ondernemers, gemeenten, provincies en kennisorganisaties op het gebied van duurzaamheid goede resultaten kan opleveren. Nieuwsgierig geworden, vroegen we Annemarie van Doorn, de initiatiefneemster van GBC hoe het komt dat zo’n club mooie resultaten boekt. “Een Green Business Club is een stichting , waar lokale ondernemers en lokale overheden in participeren. Participanten zijn gevestigd in dezelfde stad of in hetzelfde gebied en delen dezelfde ambitie; het verduurzamen van het gebied waarin zij gevestigd zijn en het verduurzamen van het eigen bedrijf. Een lokale GBC, zoals GBC Zuidas, is een ontmoetingsplek waar ondernemers, overheden en kennisorganisaties samenwerken in projecten. Samen kunnen zij grote stappen zetten om gebieden in Nederland te verduurzamen en zij kunnen elkaar adviseren over individuele

vraagstukken. En, legt Annemarie van Doorn uit, “natuurlijk gaat het hierbij om de relatie tussen kosten en opbrengsten. Duurzaam ondernemen vraagt om een duidelijke business case waarin investeringen zorgvuldig moeten worden afgewogen tegen financieel rendement maar ook tegen maatschappelijke winst. Gelukkig zien we in toenemende mate dat de maatschappelijke waarde van investeringen ook wordt meegenomen in de keuze om al dan niet te verduurzamen.

Praktijkvoorbeelden Er zijn inmiddels drie Green Business Clubs in Nederland actief en er vinden momenteel op 10 locaties gesprekken plaats over de oprichting van nieuwe GBC’s. Wat zijn voorbeelden van succesvolle en veelbelovende projecten? “We zijn momenteel bezig een ZuidKas met stadslandbouw te ontwikkelen in de Zuidas. Ook is GBC Zuidas enige tijd geleden gestart met de projectgroep Water die al tijdens de eerste bijeenkomst een concreet project opleverde, het Polderdak. Het Polderdak biedt een oplossing voor het

opvangen van hemelwater in een zwaar verstedelijkt gebied. Het creëert bovendien een prachtig groen dak. De business case voor het project kan interessant zijn omdat de onderhoudskosten van het dak vele malen lager zijn dan wanneer men deze waterbergende functie in de openbare ruimte moet realiseren”. Ook andere GBC’s in Nederland boeken resultaten. GBC Groene Hart is gestart met projecten op het gebied van energielandschappen en leegstand en GBC Rotterdam richt zich de komende tijd op het verduurzamen en het ‘verlevendigen’ van het centrumgebied door, in samenwerking met de Gemeente Rotterdam, een aantal zichtbare groene maatregelen te nemen in de openbare ruimte. Hoewel lokale GBC’s ieder hun eigen programma hebben worden zij in de opstartfase ondersteund door de landelijke organisatie Green Business Club Nederland. GBC NL biedt lokale GBC’s o.a. een 0-meting die de duurzaamheid van bedrijven en gebieden op een praktische wijze inzichtelijk maakt. Door deze

0-meting kan een lokale GBC ook haar ambities vaststellen en bepalen wat er nodig is in het gebied om daadwerkelijk te verduurzamen. Mijn ervaring is dat zowel bedrijven als overheden wel de wil hebben om te verduurzamen maar dat

er sprake is van een gebrek aan kennis en aan structurele samenwerking’. Beide zaken worden door GBC opgepakt, wij brengen vraag en aanbod bij elkaar en zorgen ervoor dat partijen structureel met elkaar gaan samenwerken.

Will2Sustain

Van principes naar praktijk

Uw partner in verduurzaming www.will2sustain.com


WattIS ZAKELIJK

Vooral MKB kan steun krijgen van Stichting ATO Het is al weer bijna 20 jaar geleden dat Hans Bais samen met een aantal deskundigen de Stichting ATO oprichtte. Inmiddels is het ‘ATO Sustainable Business Engineers’ geworden.

Stichting ATO was in 1994 het antwoord op de steeds sterker wordende behoefte aan hoogwaardige kennis voor het MKB inzake duurzaamheid. In de loop der jaren groeide de behoefte uit naar een specifieker doel, namelijk het bundelen van kennis, kunde en kapitaal om daarmee innovatieve duurzame producten, technologie en diensten in de markt te zetten. Daarbij specialiseerde ATO zich tot ‘windenergie’, ‘biomassa’, ‘composieten’, ‘zonne-energie’ en de toepassing van de verschillende methoden en technieken in de ‘gebouwde omgeving’. Oprichter en directeur van ATO, Hans Bais, kan inmid-

dels bogen op een flink aantal begeleide projecten. “We zijn bijvoorbeeld sinds 2006 bezig geweest met het begeleiden van de ontwikkeling van de vijf Megawatt Offshore Windturbine van Darwind”, vertelt hij. De windmolen werd verkocht aan

Econcern en is inmiddels verder ontwikkeld door XEMC Darwind. “Vanaf dat moment zijn wij op een groot aantal gebieden actief geweest”, vervolgt Bais. Zo zijn kennis-partnerships aangegaan met onder andere ECN, TNO, de TU Delft, het VKCN, diverse

bedrijven in de MKB-sector en – meer recent – de Maritieme Campus Nederland.

Gratis advies De samenwerking met de Maritieme Campus Nederland (MCN) maakt het mogelijk om startende

en/of doorstartende ondernemers met een geografische binding met Noord-Holland en met de focus op maritieme en/ of offshore activiteiten gratis te adviseren en ondersteunen. Bais: “Wij bieden een meedenkende sparringpartner die samen met de ondernemer strategische vraagstukken aanpakt. We helpen bij de realisatie van het businessplan en we ondersteunen het oplossen van financieringsvraagstukken. Voor dat laatste hebben we als ATO zelfs de mogelijkheid om financieel te participeren of om dat via het Ontwikkelingsfonds Duurzame Energie Noord-Holland te doen. Bovendien beschikken we met het Synergy Centre over kantoor- en vergaderruimten, productieruimten en kunnen we gebruikers van dit bedrijfspand allerlei aanvullende diensten verlenen”. Eén van de belangrijkste bijkomende aspecten is dat ATO de ondernemer in contact kan brengen met zowel klanten als toeleveranciers en met bedrijven en instellingen die hem of haar op kennisgebied verder kunnen helpen.

Een certificaat maakt een bedrijf nog niet duurzaam Een certificaat kan helpen om duurzame resultaten te communiceren. Maar als die resultaten niet gebaseerd zijn op een bredere strategische visie en handelen binnen het bedrijf, betekent een certificaat weinig. Een certificaat kan helpen om duurzame resultaten te communiceren. Maar als die resultaten niet gebaseerd zijn op een bredere strategische visie en handelen binnen het bedrijf, betekent een certificaat weinig. MKB-ondernemers die investeren in duurzaamheid, zien graag dat hun investering iets oplevert. Niet alleen financieel maar ook op het gebied van marketing en communicatie. Een MVO-certificaat lijkt voor hen een ideale keuze: “Kijk eens hoe duurzaam mijn bedrijf is!” Dit is de ondernemer niet kwalijk te nemen. Zorgelijk is dat de echte stappen om een bedrijf te verduurzamen door deze marktbeweging worden tegengehouden. Want draagt een MVO-certificaat daadwerkelijk bij aan een duurzame bedrijfsvoering?

Duurzaamheid en certificaten Duurzaamheid gaat om het maken van een veerkrachtige maatschappij en bedrijven die in eigen middelen kunnen voorzien en daarmee eerlijk omgaan. Iets dat veerkrachtig is, is ook

flexibel. Het beweegt mee met zijn tijd, past zich snel aan bij veranderingen en anticipeert op de toekomst. Certificaten meten dat aanpassingsvermogen niet en zijn genoodzaakt om altijd een klein onderdeel te meten van de veelheid aan aspecten die relevant zijn voor duurzaamheid. Ondernemers krijgen zo een vertekend beeld van wat duurzaamheid is en hoe daar mee om te gaan.

Duurzaamheid als strategie Duurzaamheid komt met name tot uitdrukking in de strategie van een bedrijf en heeft door de jaren heen haar positieve effect. Het begint dus niet met zaken die met een certificaat worden gemeten als energie, afval, biodiversiteit en ethisch handelen, maar zij zijn uiteindelijk het resultaat ervan. Een certificaat kan helpen om resultaten naar buiten toe te communiceren. Maar als deze niet gebaseerd zijn op een bredere strategische visie en handelen binnen het bedrijf, zegt en doet een certificaat weinig. Omdat certificaten alleen de fysieke aspecten meten, komt daar de nadruk op te liggen, terwijl de factoren die niet worden meegenomen geen aandacht krijgen. Wat we zien is dat daardoor juist die factoren voor onverwachte milieuschade,

sociale problemen of onstabiliteit in het bedrijf kunnen zorgen. Omdat ze niet gemeten worden in het certificaat, weet de ondernemer dat niet en kan een bedrijf met het beste label ‘slecht’ zijn voor de maatschappij en zomaar geconfronteerd worden met hoge kosten. Daar zit ook de winst. We zien dat bedrijven die duurzaamheid integreren in hun langetermijnstrategie sterker in de markt staan. Met meer gemotiveerde werknemers en innovatiekracht en minder ziekteverzuim. Dat zijn niet de typische zaken waar duurzaamheidscertificaten over gaan, maar het is wel waar het om draait voor het voortbestaan van de onderneming.

TOM BOSSCHAERT EN ROEL VOS Tom Bosschaert (links) is directeur van Except Integrated Sustainability en Roel Vos (rechts) is directeur van Duurzaam Groep Nederland. Samen werken zij aan een daadkrachtige verduurzaming van MKBbedrijven.

Koplopers Een MVO-certificaat is dus niet zinloos. De MVO Prestatieladder is een positief voorbeeld. “Waar ga ik naar toe met mijn bedrijf?” Het is echter niet goed om duurzaam ondernemen in een hokje te stoppen en af te vinken waar je wel of niet aan voldoet, met als doel een certificaat. Ga integraal aan de slag met duurzaamheid om daadwerkelijk een verschil te maken. Welke bedrijven in het MKB durven deze stap te zetten en worden koplopers in hun branche op het gebied van duurzaam ondernemen? Zij plukken straks de vruchten.

WattIS MVO? Een leefbare wereld, ook voor de volgende generaties Dat is MVO! voor inspiratie en motivatie

www.mvoloont.com

de slimme manier van ondernemen

29


30

WattIS ZAKELIJK

De kracht van samenwerking Drie vrouwen die samen het bedrijf MVO4Holland vormen. Alle drie met veel kennis en ervaring in duurzaamheid. Drs.ing. Birgit van Oijen is gericht op het brede gebied van kwaliteit, arbo en milieu waarbij zij voor alle drie de aandachtsgebieden audits en trainingen verzorgt en het management adviseert omtrent de stand van zaken en de vorderingen op duurzaamheidsgebied. Saskia van der Werff Ma Msc benadert hedendaagse uitdagingen op de arbeidsmarkt vanuit een wijsgerige visie. Ze ondersteunt zowel werkgevers als werknemers in het zinvol vormgeven van arbeidsprocessen en samenwerkingsvormen. Adviseur Jolien van der Werff springt vanuit haar eigen kennis en ervaring als KAM- en HR-adviseur in op kansen binnen ondernemingen en ondersteunt vanuit die invalshoek zowel bedrijfsleiding als medewerkers

Het drietal MVO4holland-vrouwen: Saskia van der Werff, Birgit van Oijen, Jolien van der Werff (vlnr) maatschappelijk verantwoord te werken. Het drietal laat hun inspanningen zien aan de hand van praktijkervaringen. Birgit van Oijen is bijvoorbeeld als auditor betrokken bij het lopende verduurzamingsproces (naast het evolueren van de veiligheid in de arbeidsomstan-

digheden en de kwaliteitsprestaties) bij de Baetsen-Groep in Veldhoven. Saskia van der Werff draagt bij aan het zogenoemde Vijf Procent-concept. Daarover vertelt ze: “Vijf Procent is een samenwerkingsverband tussen ondernemers, die willen bijdragen aan een werkzaam

leven voor iedereen. Vijf procent staat voor het percentage dat overheden in hun inkoopbeleid opnemen. Ze verplichten opdrachtnemers om minimaal 5 procent van de aanneemsom te besteden aan de inzet van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, zoals gehandicapten, langdurig werklozen, ouderen die uit het arbeidsproces zijn gevallen, etc.”. Veel werkgevers hebben moeite om deze mensen in hun organisatie op te nemen. “Wat wij, de groep ondernemers van Vijf Procent daarom doen, is samen met werkgevers kijken wat we kunnen doen om deze groep mensen wel inzetbaar te maken bij een bedrijf of instelling. Diversiteit en persoonlijke ontwikkeling zijn daarbij kernwaarden. We zetten ons eigen netwerkkracht in om de afstand tussen bedrijven en werkkrachten te overbruggen”.

Zichtbaar maken en verbinden In het verlengde van deze aanpak liggen de adviezen van Jolien van der Werff. Zij vertelt over de organisatie Certwell

die opleidingsgegevens en kwalificaties van werknemers valideert en digitaal registreert. “Hiermee worden HR-processen vereenvoudigd, personeelsdossiers opgeschoond en worden de opleidings- en kwalificaties op een duurzame wijze toegankelijk”. Een ander voordeel is dat werkzoekenden laten zien waar hun prestaties liggen en werkgevers kunnen beter inschatten of een bepaalde kandidaat in hun bedrijfscultuur past. Het voordeel is, aldus Jolien van der Werff, “dat deze manier van registreren bijvoorbeeld mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt zelfstandiger en flexibeler maakt”. Het product van Certwell is één van de voorbeelden waarvoor deze drie adviseurs concrete toepassingen zien bij andere organisaties. Zij zetten het netwerk van MVO4Holland in om andere opdrachtgevers en belanghebbenden hierover te informeren. “Wij zien onze toegevoegde waarde in het doorgeven van deze kennis en het verbinden van organisaties die samen hun MVO prestaties willen versterken.”.

Dijkman is fsc® gecertificeerd drukt waterloos op een milieuvriendelijke manier produceert 100% klimaatneutraal gebruikt uitsluitend 100% groene stroom Dijkman is milieu zorg systeem gecertificeerd Wij drukken op alle formaten zoals bijvoorbeeld het 1,66 meter brede Superpanorama

Dijkman houdt rekening met onze natuur en voldoet daarom aan de hoogste kwaliteitsnormen en is FSC gecertificeerd. DIJKMAN OFFSET | VISSERINGWEG 40 | 1112 at DIEMEN | 020-398 08 19 | OFFERTE@DIJKMAN.NL | WWW.DIJKMAN.NL


COLOFON

COLOFON UITGEVER/VORMGEVING: Bootspat Spetterende Media B.V. (0229-745020) info@bootspat.nl HOOFDREDACTEUR: Jan van de Nes (0223-643070) janvandenes@wattis.nl REDACTIEADRES: redactie@wattis.nl COMMERCIEEL ADVIES: Roel Vos (06-34226468) roel@wattis.nl Dax Beukers (06-33176926) dax@wattis.nl Maikel van Mierlo (06-84018709) maikel@wattis.nl Orin Erick de Waard (06-34226468) orin@wattis.nl Advertentiemateriaal sturen naar studio@wattis.nl (zie www.wattis.nl voor aanleverspecificaties) REDACTIONELE BIJDRAGE: Merel Segers Henri Bontenbal Inge Koekkoek Mark Biemans Tom Bosschaert Roel Vos Tim Horsten Edwin Wekking Karin Postma Jan van de Nes Frits Buijs Robbert-Jan van Ijzendoorn Joris Wijnhoven, Greenpeace Albert ten Kate, Greenpeace

WattIS

is een uitgave van Bootspat Spetterende Media B.V. en Duurzaam Groep Nederland B.V.

ABONNEMENTEN: Wie WattIS op zijn/haar huis- of werkadres wil ontvangen, kan op www.wattis.nl zijn/haar contactgegevens invullen. Om een editie te ontvangen betaal je € 2,50 per editie. Voor het opzeggen van abonnementen of het wijzigen van adres gegevens stuur je een e-mail naar info@wattis.nl

Volg ook het laatste nieuws op het gebied van duurzaamheid en MVO op WattIS.nl

DISCLAIMER: WattIS is gratis verkrijgbaar op diverse locaties in Nederland. 20.000 exemplaren worden verstuurd naar eindbeslissers in het bedrijfsleven & overheid/gemeente. 180.000 exemplaren worden verspreid op locaties als stations, horeca, winkelcentra, bedrijven terreinen en locaties waar grote groepen consumenten komen. WattIS is bedoeld als bewaarnummer. Hoewel redactie en uitgever hun uiterste best hebben gedaan de juiste informatie in de krant te plaatsen, is het altijd mogelijk dat die informatie door nieuwe ontwikkelingen is achterhaald en dus is gewijzigd. Aan de inhoud van dit blad kunnen dan ook geen rechten worden ontleend. Redactie en uitgever zijn niet aansprakelijk voor de inhoud van berichten, aangeleverd door derden en als zodanig herkenbaar aan de opmerking “advertorial” of door het vermelden van de naam van de auteur.

COPYRIGHT: WattIS brengt nieuws vanuit vele bronnen omtrent verschillende terreinen die iets te maken hebben met duurzaamheid. Artikelteksten mogen niet worden overgenomen en in voorkomend geval - wanneer toestemming is verleend door de uitgever of de hoofdredactie- met bronvermelding. Gevraagde toestemming kan in de meeste gevallen worden verleend, onder voorbehoud van de intellectuele eigendom van derden-auteurs. Foto’s, tekeningen en grafieken kunnen eigendom zijn van derden. Overname of kopiëren daarvan dient vooraf te worden aangevraagd bij de uitgever. WattIS wordt tevens elektronisch opgeslagen en geëxploiteerd. Alle auteurs van tekstbijdragen en alle leveranciers van artikelen, brieven, foto’s en ander materiaal worden geacht hiervan op de hoogte te zijn en er mee in te stemmen. Uitgever en auteurs aanvaarden geen enkele aansprakelijkheid voor schade, van welke aard dan ook, die het gevolg is van handelingen en/of beslissingen die gebaseerd zijn op informatie uit dit blad.

.nl De eerstvolgende editie van de WattIS krant zal in september verschijnen

MIS HEM NIET!

4 5 6 JUNI aMsTerDaM rai

www.provada.nl

2013

Programma DGBC Plein DinsDag 4 juni

WoensDag 5 juni

DonDerDag 6 juni Organisator: AgenschapNL Tijdstip: 10:00 – 12:00 Titel: EIA + E SCo helpen de

voorraad verduurzamen. Een klusje van 12 miljard! Locatie: Zaal E107 Organisator: HEVO Tijdstip:10:30 – 12:00 uur Titel: Succesvolle transfor-

maties van Maatschappelijk Vastgoed Locatie: Green Forum, DGBC Plein Hal 11 Organisator: CBRE Global In-

vestors i.s.m de Groot & Visser Tijdstip: 13:30 – 15:00 uur Titel: De metamorfose van NieuwAmsterdam: van leegstand naar levendig Locatie: Green Forum, DGBC Plein Hal 11 Organisator: Arcadis Tijdstip: 14:00 – 15:00 uur Locatie: Zaal E105 Organisator: DGMR Tijdstip:15:30 – 17:30 uur Titel: BREEAM Locatie: Green Forum, DGBC

Plein Hal 11

Deel De inspiraTie!

Organisator: Platform

Duurzame Huisvesting Tijdstip: 10:30 – 12:30 uur Titel: De groene dialoog tussen huurder en verhuurders Locatie: Green Forum, DGBC Plein, Hal 11 Organisator: DGMR Tijdstip: 12:30 –14:30 uur Titel: Stedenbouwfysica in een

duurzame open ruimte Locatie: Green Forum, DGBC Plein Hal 11 Organisator: Arcadis Tijdstip: 14:00 – 15:00 uur Titel: Een Inspirience over

waardekringen als motor voor gebiedsontwikkeling Locatie: Zaal E105 Organisator: DGBC i.s.m.

Oeverzaaijer architectuur en stedenbouw Amsterdam Titel: BREEAM-NL Masterclass Outstanding: kantoorgebouw Deloitte/AKD Tijdstip: 14:00 – 15:00 Locatie: Hal 11, stand 45 Organisator: De Groene Zaak Tijdstip: 14:45 – 16:15 uur Locatie: Green Forum, DGBC

Plein Hal 11

Saai hè, geen tekst? www.textsells.nl

Organisator: De Groene Paal Tijdstip: 16:30 – 17:30 uur Titel: BALQ introduceert “de

Groene Paal” Locatie: Green Forum, DGBC Plein Hal 11

Organisator: DGMR Tijdstip: 10:30 – 12:30 uur Titel: Duurzaamheid in de zorg Locatie: Green Forum, DGBC

Plein Hal 11

Organisator: HEVO Tijdstip: 13:00 – 14:30 uur Titel: Zorgvastgoed: Zorg of

kans?

Locatie: Green Forum, DGBC

Plein Hal 11

Organisator: Valstar Simonis Tijdstip: 12:00 – 14:00 uur Titel: Lunchbijeenkomst

(besloten) Locatie: DGBC Plein Hal 11

Organisator: Velux Tijdstip: 15:00 – 16:00uur Titel: De Poorters van Mont-

foort, het eerste Active House renovatieproject in Nederland Locatie: Green Forum, DGBC Plein Hal 11 Organisator: DGBC Tijdstip: 15:30 – 16:15 Titel: Duurzame Innovator Pitch Locatie: ABN AMRO hal 9,

stand 13

Organisator: Architecten-

bureau Paul de Ruijter/DWA

Tijdstip:16:00 – 18:00 uur Titel: Uitreiking BREEAM-label

Nature’s Pride Centraalop DGBC Plein Locatie: DGBC Plein Hal 11

31


uw wereld?

www.wattis.nl


WattIS editie 01