Issuu on Google+

nr 78 • december 2010 • jaargang 20 Toondertijd is het driemaandelijks tijdschrift voor leden van de Marten Toonder Verzamelaars Club, afgekort MTVC. Voorzitter: Arnoud Alderlieste Tollenskade 32 2274 LV Voorburg tel. 070 3836360 aws@toondertijd.nl Bijzondere projecten: Henk Arens Wilhelminastraat 16, 2382 HE Zoeterwoude Tel. 071-5891103 dickerdack@toondertijd.nl Secretariaat: Ton Michels Goudenregenzoom 120 2719 HD Zoetermeer Tel. 079 - 3616343 dorknoper@toondertijd.nl Beurzen: Arnoud Alderlieste Tollenskade 32 2274 LV Voorburg tel. 070 3836360 beurskraker@toondertijd.nl Clubblad: redactie Bastiaan Koijck Tel. 059 2302931 opmaak Ed Bakker fanth@toondertijd.nl Website: www.toondertijd.nl beheer Ed Bakker prlwytzkofski@toondertijd.nl Met dank aan iedereen die ons ook dit nummer weer de nodige informatie heeft verstrekt, vragen stelde of op andere wijze medewerking verleende. Verantwoordelijkheid voor onder naam gepubliceerde artikelen berust uitsluitend bij de desbetreffende.

Lidmaatschap Het lidmaatschapsgeld kan worden gestort op Postbankrek. Nr. 626.11.21 t.n.v. de Marten Toonder Verzamelaars Club, Zoetermeer en bedraagt dit lopende kalenderjaar €17,50. Leden buiten Europa betalen €24,- i.v.m. hogere verzendkosten Kopij Kopij voor het maart nummer dient uiterlijk woensdag 23 februari 2011 in het bezit te zijn van de redactie. de redactie houd zich het recht voor een ingezonden stuk in te korten of te wijzigen. Copyright Niets uit deze uitgave mag zonder schriftelijke toestemming van de rechthebbende op het auteursrecht worden overgenomen. Copyright op alle illustraties berust bij Stichting Toonder Auteursrecht, tenzij anders vermeld. Voor overige illustraties zoekt de MTVC contacten met rechthebbenden om toestemming voor de publicatie te krijgen. Niet altijd zijn echter de rechthebbenden te traceren. De MTVC is sinds 1991 ingeschreven bij de Kamer van Koophandel onder nr. 40.26.02.55


Produktie Bram Ibrahim boek vertraagd ‘Hè, het december-nummer van Toondertijd in een gewone enveloppe?’ Ja, helaas moeten we u meedelen dat de produktie van Bram Ibrahim (Marten Toonder Classics deel 3) vertraging heeft opgelopen.

avonturen van Bram Ibrahim’ uit de KRO-gids voor de jeugd – De kindercourant uit 1934. Dit zijn 279 plaatjes. Alle 279 plaatjes zijn reeds ingescand. De teksten onder de plaatjes moesten opnieuw worden gezet. Dit overtypen van 26.059 woorden (dit zijn 150.900 tekens) heeft extra tijd gekost. Inmiddels zijn alle teksten klaar en gecontroleerd.

Van Bram Ibrahim bestaat maar 1 verhaal. Van 6 februari 1933 t/m 23 juni 1933 verscheen de eerste versie als ‘Bram’s avonturen’ in het kinderhoekje van ‘De Nederlander, dagblad ter verspreiding van de Ook voor dit boek heeft de heer christelijk-historische beginselen.’ Eiso Toonder weer een interessante Voor ons onderzoek heb ik alle 111 inleiding geschreven. We kunnen afleveringen met elk twee plaatjes alvast verklappen dat Bram Ibrahim gekopieerd vanaf microfiche. Bij toch echt het allereerste stripverhaal dit werk zag ik het dagelijks nieuws van Marten Toonder is. Als klap op van het eerste halfjaar 1933. Zo de vuurpijl komt in het boek een niet kopte de voorpagina van 6 maart eerder gepubliceerd zelfportret van 1933: ‘Een meerderheid voor Hitler Marten Toonder uit 1931! Het komt met Duitsch-Nationalen samen uit het schoolblad ‘Ibis’ uit 1931, behalen de Nazi’s 340 van de 648 Marten Toonder was toen 19 jaar! zetels in den nieuwen Rijksdag’ Het kinderhoekje stond meestal in de Voordat de files naar de drukker rechter bovenhoek van pagina 5, kunnen moeten de plaatjes nog dit betekende dat de datum van de geretoucheerd worden en de krant steeds mooi boven Bram’ avon- boekopmaak worden gedaan. In turen stond. Kijk daar houden wij dat proces zitten we nu. De laatste verzamelaars nou van! Op de pagina loodjes wegen het zwaarst en we hier naast ziet u plaatjes 5 en 6 uit willen de leden een mooi hardcover de Nederlander van 8 februari 1933. boek aanbieden dat geen haastwerk is geweest. We verwachten het boek De MTVC gaat echter de meest te kunnen meesturen met het maart complete versie van BI uitgeven. 2011 nummer van Toondertijd. Dit is ‘De vroolijke en griezelige Arnoud Alderlieste

2


3


Enorme respons op de MTVC enquête Het eindejaarsgeschenk leeft zeer onder de leden: 281 van de 842 leden, dus 33% van alle leden, heeft tussen 7 oktober en 15 november 2010 gereageerd op de MTVC enquête. 143 leden reageerde via het kaartje dat in Toondertijd was ingestoken en 138 leden reageerden via e-mail. Diverse leden vonden het een moeilijke keuze. 2 leden stemden blanco;

70 leden (25%) kiezen voor optie 1: alle Thijs IJs verhalen; 209 leden (75%) kiest voor optie 2 en daarmee voor diversiteit. Zeker 7 leden van de optie 2 stemmers geven zelf aan voor de 7 delenThijs IJs te willen betalen. Dit konden we u net voor de deadline van deze Toondertijd meedelen. Later volgt meer! MTVC-bestuur

De hier onder afgebeelde aquarel is in 1947 gemaakt voor het nooit verschenen boekje ‘Tom Poes en de Tooverspiegel’


Jan Kruis over zijn eerste tekenprijs en zijn relatie met Toonder ‘Japie Makreel was mijn eerste kennismaking met Toonder. Mijn broer had ze uitgeknipt en in een boekje geplakt. Die plaatjes bekeek ik eindeloos toen ik nog niet kon lezen. Ik ben van 1933 en mijn broer was 6 jaar ouder. Mijn broer kleurde de plaatjes in en op 6 december 1943 heb ik het boekje met Japie Makreel stripjes cadeau gekregen. Keurig ingekleurd met een waterverfdoosje. Na 5 bladzijden hield mijn broer dat kleuren voor gezien. Ik heb de afleveringen ook in het blad ‘Doe mee’ uit 1939. Een uitgave van het Handelsblad met zijn avonturen daarin. Ik heb die bladen nu nog!’ Jan Kruis loopt van tafel weg en blijft 5 minuten rommelen in een ruimte achter in zijn atelier. Ik hoor zwaar verzetten van dozen en geritsel en gestoot. ‘Er is een verschil tussen bewaren en zeg maar sparen… Ik bewaar dingen, dat betekent dat ik ze ergens heb, maar nooit weet waar… Es even zien, hoor,’ hoor ik hem hard roepen.

Poes club e.d. Ik zat gewoon met mijn neus op de tekeningetjes. En ik keek eindeloos naar hoe het gedrukt was. Want daar had ik al vroeg belangstelling voor. Toonder, Kresse, Filo Fop… Ik was ademloos, elke week opnieuw! Je moet je realiseren dat er verder geen beeld voorhanden was. Die druktechniek, hè, dat doet het hem. Dat oranje vermengd met dat Pruisisch blauw. Het was een feest als dat blad weer was binnengekomen. Ik was er vanaf het eerste nummer bij. Waarschijnlijk had ik ergens opgevangen dat er nu ook een weekblad kwam van de zeer populaire Tom Poes. Of kwam er nu een man aan de deur met bladen die ons daarover vertelde? Ik weet het niet meer. Het was het begin van het normaal worden van alles, net na de bevrijding.’

Weer wat later aan tafel: ‘Kijk eens. En hier heb ik Zuid-Amerikaanse verhalen. En hier de Humorist, de Panorama met Sjors erin en hier het eerste nummer van Tom Poes weekNu pakt Jan een stapeltje kranten. blad. Daar was ik op geabonneerd als ‘Die ‘Doe mee’ bladen komen eigenjongetje. Die grote gekleurde voorlijk uit de koker van mijn broer, die kanten vond ik zo geweldig. Ik heb iets ouder was. Kijk, hier is Japie verder niet meegedaan aan de Tom Makreel in zijn oorspronkelijke 5


vorm. Dat heb ik ook aan Marten Toonder laten zien, en hij rolde van zijn stoel!’ Ik wil een foto nemen van het blad maar mijn batterij blijkt leeg. ‘Neem toch gewoon een camera met een rolletje, zonder al die elektriek… Je ziet de echte Toonderstijl in die Japie Makreel tekeningen. Marten was ook heel trots op dat tekenen. Hij werd ook graag aangesproken als tekenaar. Van de literaire kant kreeg hij alle belangstelling, en omdat hij een ijdeltuit was vond hij dat ook leuk, maar hij sprak graag met tekenaars over tekenstijltjes en trucjes. En hij was het zelf die mij trots zei: Ja, maar de grote gekleurde omslagen van het Tom Poes weekblad heb ik echt zelf getekend. Hij was zeer verrast het werk weer terug

6

te zien. Ik deed als 15-jarige mee aan de tekenwedstrijd van het Tom Poes weekblad. Ik kreeg daarvoor een eerste prijs voor boven de 14 jaar. Ik weet echt niet meer wat ik getekend heb. Het is misschien wel iets met Bommel… maar nadat ikzelf in het blad gelezen had dat ik een hoofdprijs had gewonnen, gebeurde er niets. Ik kreeg dus geen prijs en mijn vader zei: ‘Nou, ik zou ze maar eens een brief gaan schrijven’. Dat heb ik gedaan en wat later kreeg ik het boek ‘De jongens van de hobbyclub’ thuisgestuurd. Een ‘technische roman voor jonge mensen’ geschreven door Leonard de Vries. Het boek zei me niets omdat ik niets met techniek had. Kijk, ik heb de cover gewoon van internet gehaald.


Ik tikte ‘ jongens van de hobbyclub’ in en kreeg toen eerst wat homoerotische sites. Ha ha ha!’ Even later hebben we het over het tijdsgewricht waarin Japie Makreel een hoofdrol in zijn leventje speelde. ‘Het bombardement op Rotterdam heb ik zelf meegemaakt toen ik zeven jaar was. Ik woonde in Rotterdam-Zuid, dus ik zag de grote brand vanaf enkele kilometers. De dagen voor het bombardement hadden wel iets feestelijks voor mij. De bovenmeester zei: ‘We hebben vrij van school’ en overal zagen we Nederlandse militairen op straat. En mijn vader, die plichtsgetrouw was, bracht mij toch naar school. En de bovenmeester stuurde ons dus terug! Maar na het bombardement werd het ernst, want ik begon de zorgen van mijn ouders te delen, althans te voelen. Want hun broers en zusters woonden aan de overkant, maar ze wisten niet hoe het met hen was. Ze hebben het allemaal allemaal overleefd. Ons huis, op Zuid, is God zij dank, de hele oorlog gespaard 7

gebleven voor bombardementen. Door de oorlog heb ik een tic voor vliegtuigen overgehouden. Ik kende alle types! Ook de ‘Lancasters’ van onze liberators.’ ‘Wanneer heeft u Marten Toonder voor het eerst ontmoet?’ ‘Later, na de oorlog, heb ik geprobeerd Marten Toonder op te zoeken in Amsterdam. Ik ben eerst, nog in de oorlog, naar Wim Meuldijk gegaan, tekenaar van naderhand Pipo. Hij tekende in de oorlog Sneeuwvlok de Eskimo. Dat vond ik ook schitterend. Mijn tante kende hem, want hij woonde bij haar op een hofje, nog bij zijn ouders. Maar na de oorlog ben ik als Mulo-leerling gaan liften naar Amsterdam en heb hem aan de Regulierdwarsstraat opgezocht, zo rond 1949. Het was een oud pand met een grote trap omhoog. Er hing een volstrekt zinloze grote klok in het trappenhuis. En op het ruitje van de klok had iemand in strip lettertjes geplakt: ‘Bij brand, ruitje inslaan’. Echt voor tekenaars een studio grapje! Ha ha ha. En dat heb ik altijd onthouden. Toen ik binnenkwam was er waarschijnlijk pauze, want er was niemand. Ik durfde toen niet verder en ben afgedropen als 16-jarige snotneus. Ik heb Toonder voor het eerst ontmoet naar aanleiding van een afspraak in café ‘Pardoel’ in


Rotterdam toen ik daar Waling Banda liep er ook rond. In het Dijkstra ontmoette. De wilde Fries, gesprek zei Toonder: ‘Ik wil wat met ja. We raakten toevallig aan de jou gaan doen’. En toen zijn we met praat en hij zei dat hij met Toonder de strip ‘Tijloos’ begonnen. Ik liep en Kresse werkte. Dus dat was een een meter boven de grond, langs de contact met DE wereld! En toen is hij grachten van Amsterdam, toen ik met mij mee gegaan, want ik had net bij de Studio’s geweest was en die een strip lopen, genaamd ‘Tommie‘ opdracht meekreeg! Ik was binnen voor ‘Oladin’. Hij heeft toen 10 bij het centrum van de Nederlandse dagen bij mij gelogeerd, omdat strips en als fanatieke tekenaar was het iemand was die niet makkelijk dat mijn doel. Ik heb nog ergens de wegging. Ik heb contact met hem brieven die Toonder mij stuurde gehouden. Het was een over dit project. De bijzonder intelligente handgeschreven teksten ‘ in Ierland hoef je man die kans zag om die Toonder maakte je accuutje op te laden. helemaal niet op een als richtlijn voor mijn Het is een vriendschap tekeningen heb ik geworden, die mij heel knop te drukken om nog ergens liggen, al veel geld heeft gekost. weet ik niet waar. Ik Want elk kind dat hij was op den duur niet de deuren open te kreeg en verwekte bij serieus genoeg en verschillende vrouwen werd te lollig. Ik ging laten gaan.’ moest betaald worden. allerlei dingen doen, En dan kwam er weer een telefoontje waarmee Marten het niet eens was. of ik zo snel mogelijk een telefoniIk heb er een half jaar aan gewerkt sche postwissel wilde sturen. Het en toen ben ik gestopt. Marten ging mij toen goed, dus het maakte is dat nooit vergeten. Voor het me niet zoveel uit. En Waling tentoonstellingboek had ik in 1995 Dijkstra heeft mij geïntroduceerd bij kunstdrukjes laten maken. Toen ik Toonder. Hij schreef scenario’s voor die hem cadeau gaf, wist hij het nog Kresse en zo. Dat was natuurlijk precies. En ik zie hem nog wegrijden een heel bijzondere gebeurtenis. Ik in de taxi, helemaal verdiept in die werd daar echt op de Herengracht stripjes ‘Tijloos’. Dat was in 1995. ontvangen. Daar was toen ook zijn Hij hield toen nu en dan hof in compagnon, de heer Back. Ik heb hotel ‘l’Europe’ in Amsterdam en toen ook kennis gemaakt met de werd begeleid door mevrouw Mens. vader van Marten Toonder. Hij had Toen ik in hotel ‘l’Europe’ de foto’s net een onderscheiding gekregen, ging maken voor zijn portret, zei voor zijn boek ‘Klei en zout water’. hij: ‘en zullen we elkaar dan nu En de jongeman Lo Hertog van maar tutoyeren?’. Voor mij was het 8


altijd ‘meneer Toonder’. Hij zei altijd ‘meneer Kruis’. Ik had speciaal een rood Tom Poes boekje meegenomen wat ik hem in zijn handen gegeven heb. Dat rooie vlakje vond ik zo mooi, binnen dat vrij monochrome schilderij! Mevrouw Mens overigens was een soort tussenpauzin, tussen zijn overleden vrouwen Phiny en Tera in. Hij vond het gewoon prettig, om als onhandige man een gezelschapsdame bij zich te hebben. Hij kon het waarschijnlijk ook wel alleen, maar het was ook een ‘causeur’ die het graag zo liet hangen... Hij kwam trouwens naar Drenthe om het schilderij te bekijken van hem dat door mij gemaakt was en later om ook de tentoonstelling ‘Jan

9

Kruis’ in Assen (enthousiaste uitroep van mij, want ik kom ook uit Assen en hoor nooit iets over die plaats)te bezoeken. Naderhand schreef hij dat hij het portret erg mooi vond… Ik zou hem op een gegeven moment ophalen voor een gezamenlijk bezoek aan die tentoonstelling. We hadden afgesproken bij het station in Beilen. Goed, de trein komt binnen, de deuren gaan open, de mensen komen er uit, en de deuren gaan weer dicht. Geen Marten Toonder! Ik bel in paniek mijn vrouw Els op en in paniek werd besloten naar station Hoogeveen te rijden, want misschien was hij daar uitgestapt. Het was in de tijd dat er nog net geen mobieltjes waren. Dus reed


ik met onverantwoorde snelheid in mijn Snoek naar het station in Hoogeveen. Maar… Geen Toonder! Weer Els gebeld en die zei dat er een mevrouw had gebeld. Want in die eerste telefooncel in Assen, waar ik zojuist had gebeld, daarvan vertelde Els: ‘’ heb je je tasje laten hangen met alles er in. Dat hangt nu in de benzinepomp ernaast. En Marten heeft gebeld, die is uitgestapt in Assen en hij komt nu met een taxi naar het station in Beilen!’ Ik stond perplex. Even later zei Marten: ‘in Ierland hoef je helemaal niet op een knop te drukken om de deuren open te laten gaan. Dat gaat vanzelf!’ Hij vergat dat gewoon, hij stond dus achter die deur maar die deur ging niet open! Hij reed zo Beilen voorbij! Ha ha ha! Het kwam dus toch goed en nadat hij bij ons aan de keukentafel een boterhammetje had gegeten, heeft hij toen het boekje ‘Japie Makreel’ gesigneerd. Toen zijn we ’s middags met zijn allen in de Snoek naar Assen gegaan voor de tentoonstelling.’ Na enig vragen blijkt dat Marten Toonder daarna nooit meer bij Jan Kruis is geweest in Drenthe. Wel bij Ben van Voorn.’We hebben een vriendschap onderhouden, niet met een briefwisseling, zoals Dick, maar gewoon door soms even te bellen. Het was gewoon oppervlakkiger dan de vriendschap die Dick Matena met hem had. Het was van mijn kant

10

uit een hoge bewondering, maar van zijn kant uit toch ook wel een waardering, hoor. Voor mijn werk. En ik ben nog twee of drie keer in het Rosa Spier huis geweest. En daar heb ik hem mijn eerste plannen voor Woutertje Pieterse laten zien, want hij kende Multatuli ook. Hij vond het heel leuk, maar werd na een tijdje vermoeid in het gesprek. Het was ook zo treurig toen hij in het begin in dat ene kamertje zat! Een soort wachtcel voor de dood. Het enige verschil van het Rosa Spier huis met een ander bejaardenhuis is dat er wat betere schilderijen op de gang hangen, maar verder niets hoor! Naderhand kreeg hij twee kamers, zodat hij wat beter bezoek kon ontvangen. Hij heeft steeds heel serieus verteld over zijn huiskabouter in Greystones. Hij was daarin echt heel serieus. Ik kon daar geen chocola van maken! Ik liet het maar voor wat het was, volgens mij was hij ook zo oud geworden dat hij op het laatst realiteit en werkelijkheid door elkaar haalde. En natuurlijk ben ik op zijn begrafenis geweest…’ Na het lange interview van zo’n drie kwartier viel er nu een wederzijdse stilte in het atelier aan de tafel waar Jan zoveel succesvolle afleveringen van Jan, Jans en de kinderen heeft getekend. Duidelijk was dat Marten Toonder een zeer belangrijk iemand voor Jan is geweest, zijn hele leven lang. Bastiaan Koijck


Erger kan het niet worden `Ollie B. Bommel in fraai linnen` kopte de Volkskrant van 6 november 2010 op de voorpagina! In het boekenkatern besprak Joost Pollmann weer een nieuw deeltje uit de De Bezige Bij-reeks. In `Erger kan het niet worden` staat het verhaal `De andere wereld` uit 1982.

engigheden. Gelukkig heeft Tom Poes de toespraak in het geheim herschreven, zodat Bommels speech veel verdraagzamer overkomt dan bedoeld. Eind goed al goed, maar nogal zwak aan het verhaal is dat het geworstel met de asielzoekers uit Apoka een visioen van Bommel blijkt te zijn geweest tijdens de paar minuten “In datzelfde jaar kwam Janmaat in dat hij in het Zompzwin dreef. de Tweede Kamer met Het was maar een zijn Centrumpartij, De bange Bommel droom. Gelukkig die de ‘massakomen we ook nog wat immigratie’ hoog op interessante dingen voelt er niks voor: de politieke agenda te weten, bijvoorbeeld zette. Toonder pikte ‘Het grauw kent zijn dat bediende Joost op de tijdgeest fijntjes de PVV zou hebben op en wijdde zijn gestemd. In een plaats niet boekenweekgeschenk vrijpostige bui zegt aan de landverhuizing van een hij over de Apoka’s: ‘Er zijn te veel pandaberenvolk uit Apoka, een lieden, dat is de moeilijkheid. Als onherbergzame natie die wordt mijn partij het voor het zeggen had, geteisterd door een wildgroei van zou de overheid krachtig ingrijpen.’ verstikkende wringerdplanten. In De dienstbare Joost vertegenwoorhet land van Olie Boemel, zoals de digt De Kleine Man die bang is allochtone beren zeggen, zouden voor De Buitenlander, en sinds daarentegen ‘dubloemen aan de kort weten we dat hij niet alleen struiken groeien’ en dus wordt van in Oostenrijk, België, Frankrijk, onze Heer van Stand verwacht Duitsland en Nederland woont, dat hij de gelukzoekers onderdak maar ook in Zweden. In deze verschaft. De bange Bommel welvaartstaat haalde de anti-immivoelt er niks voor: ‘Het grauw gratiepratij Zweden Democraten kent zijn plaats niet’, moppert onlangs een hoog percentage van hij en voor de televisie houdt de stemmen en in Malmő loopt een hij een toespraak over vreemde sluipschutter rond die mensen met smetten, vluchtelingen en andere een donkere huidskleur neerschiet.” Joost Pollmann (citaten uit zijn Volkskrant-recensie van 6-11-10) 11


advertentie De afgelopen vier decennia zijn Heer Olivier B. Bommel en zijn Bommelstein verbonden geweest aan diverse vinologische merchandising projecten. Op zich niet zo verwonderlijk als men beseft dat Bommel vaak, met een goed glas wijn in de hand, een toost brengt op de goede afloop van een verhaal. En, zeg nu zelf, een heer van stand hoort zijn eigen wijnhuis te hebben. Toch? Het MTAheeft een restpartij verworven, bestaande uit een aantal doosjes originele “Bommelwijn” en “Bommelrosé”, afkomstig uit Heer Bommel’s wijnhuis. Het betreft; • rode wijn (“Olivier rouge”) • ·rosé (“Chateau Bommelstein Bommel’s Rosé”) Beide flessen zijn voorzien van een etiket met fraaie tekeningen van Marten Toonder waardoor we kunnen concluderen dat De Grote Meester een zwak voor dit project (en/of voor het product) moet hebben gehad. Wij zijn zo vrij geweest om alvast een flesje te ontkurken en warempel; het is prima te drinken... Voor de Bommelliefhebber natuurlijk hartstikke leuk om in de donkere en koude wintermaanden de fraai gedekte tafel mee te sieren. Of gewoon als decoratie in uw (vitrine-)kast met Bommelcuriosa, of als pakje onder de kerstboom, of gewoon als kado. Een set van beide flessen is nu te koop voor 35,=, inclusief verzendkosten en een goede beschermende verpakking. U kunt ook een doosje (6 flessen) bestellen, de prijs is dan 85,=, inclusief verzendkosten. Indien u wilt bestellen, dan kunt u dat doen door een e-mail te sturen naar martentoonderarchief@ gmail.com of r.vanuden001@planet.nl waarbij geldt dat deze aanbieding van kracht is zolang de voorraad strekt.


De hand van de meester regeert Maandag 1 november werd in het Bethaniënklooster te Amsterdam de vierde boekenveiling van Vincent Zwiggelaar gehouden. Een zaal vol enthousiaste bieders dreef de temperatuur tijdens de veiling op tot tropische hoogten. Onder de 194 kavels van het segment ‘strips’ bevonden zich 50 interessante Toonder kavels. Deze kwamen pas aan het einde van de veiling aan bod, maar gelukkig was de veilingmeester zeer rap, soms zelfs te rap voor de medewerkers die de telefonische bieders moesten helpen. Drukwerk was goed vertegenwoordigd. De eerste 8 nummers van Tom Poes Weekblad uit 1947/48 in mottige staat werden afgehamerd op €248,- (hamerprijs inclusief opgeld van 24%). Een uitschieter was de mini Donald Duck uit 1966 met het korte verhaaltje ‘Tom Poes

13

en de doe-het-zelver’. Ondanks ezelsoren had een verzamelaar hier €322,- voor over. Verder bracht Tom Poes en de vliegende kalief uit 1953 €198,- op, vijf Duitstalige Panda boekjes uit 1966 €136,-, de complete reeks van 48 gebonden Bommel boekjes van de Bezige Bij + bronzen Bommel beeldje €372,-, en de 21 delen herdrukken uit het weekblad Donald Duck €620,-. Bij de originelen trad een duidelijk verschil op in opbrengst naar gelang een tekening door een studiomedewerker of door de meester zelf was getekend. Twee originele tekeningen voor de Concordia campagne uit 1986 en 1987 van de hand van Marten Toonder brachten ieder €3224,- op, terwijl artwork van studiomedewerkers voor Tom Poes Weekblad of Ons Vrije Nederland werd geschat op


enkele honderden euro’s en vaak onverkocht bleef. Een pagina uit Tom Poes en de tere heer voor de albumuitgave in 1977 bracht bijvoorbeeld €223,- op. Een schitterende voorplaat voor Tom Poes Weekblad met de tronie van Sickbock tegen een scharlakenrode achtergrond bracht echter wel een gezonde €3100,- op.

14

Curiosa en merchandising lijken wat uit de gratie te zijn, zo bleef een Tom Poes spel in goede staat onverkocht bij een alleszins redelijke inzetprijs van €130,-. Ook de bekende series puzzels brachten geen topprijzen op, de voorheen zo gezochte NRC puzzel bracht maar €173,- op. Maar de meer zeldzame en gezochte voorwerpen deden het onverminderd goed. Een complete


set van zes wandplaten uit 1943 bracht €1488,- op. Een terechte prijs, deze platen waren in prachtige staat, absoluut onverkleurd en twee van de zes (het bootje op zee en het eiland van Grim, Gram en Grom) zijn heel moeilijk te vinden. Een ongestanste puzzelplaat van de puzzel ‘No fishing allowed’ bracht

15

€272,- op, toch zeker tien keer het bedrag dat de puzzel zelf opbrengt. Al met al een mooie veiling met een divers en afwisselend aanbod. Ook voor de volgende editie in april 2011 blijken nu al een aantal zeldzame items ingebracht te zijn, dus dat belooft ook weer een succes te worden. Hans Crezee


Rehabiliteren of blameren? Heer Bommel gaat zijn eigen eenzame waterweg

Griffoen-ei’, dat ook op het thema van een verzonken schat berust. Maar daarmee houdt de gelijkenis op; temeer omdat dit het enige avontuur in de Bommelsaga is waar Tom Poes ontbreekt. Kapitein Walrus speelt er daarentegen een grote rol in. En voor de eerste en enige keer in zijn optreden, en wel op het einde van dit verhaal, spreekt hij de achternaam van heer Ollie goed uit.’

Moet ik dan alles alleen doen? klaagt een in de flarden van zijn geruite jas voortjakkerende heer Bommel op de omslag van een van de drie diepblauw gerugde oblongdeeltjes die de Bezige Bij in april 2010 uitbracht. Een goede titel, want de bundel begint met Het Griffoen-ei (1976), het enige van de 177 avonturen waarin Tom Poes niet Die Tom Poes is eigenlijk alleen maar zichtbaar figureert. Kunsthandelaarvervelend. ‘Rehabiliteren’? Waarom? schrijver-Tom Poeshater Adriaan Zijn medewerkers hadden Venema raakte geheel ‘de zeebodem’ toch geplot, buiten adem bij het Die Tom Poes is getekend en geschreven? idee dat heer Olivier B. Bommel het nu allemaal eigenlijk alleen maar Eerder is sprake van ‘blameren’... Het alleen mocht gaan doen Griffoen-ei is het ultieme en publiceerde op vrijdag vervelend bewijs dat je zonder Tom 27 februari 1976 op de Achterpagina van NRC Handelsblad een Poes geen stap kunt verzetten. Dat is de enige verdienste van dit zwakke onsmakelijk artikel onder de wankele kop ‘De Heer van stand eindelijk bevrijd verhaal. Helemaal ontbreekt Tom Poes intussen niet: op bladzijde 45 murmelt van de witte kater’. Hij kreeg ongelijk, een versufte en stevig geboeide heer Ollie de vileine Venema. op een vulkaanrichel bij opkomende De inleiding bij het nu verschenen Het vloed: ‘L-laat d-dat, T-tom P-poes! En Griffoen-ei begint met: ‘Tijdens de wat vond Marten Toonder tien jaar later oorlog werd Marten Toonder geveld (22 januari 1986) van Het Griffoen-ei?: door een longontsteking. Daardoor ‘Iedereen zei:’Die Tom Poes is eigenlijk moest hij het plotten, schrijven en alleen maar vervelend; is het niet tekenen van enkele Bommelverhalen mogelijk een verhaal te maken met overlaten aan zijn medewerkers. Een Bommel alleen?’ Ik hoorde daar zoveel van die verhalen was ‘Tom Poes en de over, er werd zoveel over geschreven, schat op de zeebodem’. Misschien in dat ik dacht, nu, dat ga ik maar eens een late poging om zich te rehabiliproberen, Bommel zonder Tom Poes, teren, maakte hij 33 jaar daarna ‘Het dat is een aardige opgave. Dat werd het 16


Griffoen-ei, maar het viel niet mee, want dan heb je alleen maar die emotionele Bommel, waar geen verstand in zit. Dan heb je geen listen meer, dan moet je het helemaal van het toeval hebben; en een

verhaal met alleen toeval, dat bevredigt niet. Dus het is een probeersel geweest, maar ik ben daar niet mee doorgegaan.’ (De Groene Amsterdammer, Max Arian.)

Twee brieven Nog eens tien jaar later - 11 juli 1996 schreef ik Marten Toonder onder meer het volgende: ‘De overeenkomsten tussen

‘Griffoen-ei’ en ‘Schat op de zeebodem’ zijn opvallend: - een zeekaart met een vulkaaneiland waarop/waarbij een schat; -heer Bommel duikt als eerste en vindt natuurlijk niets; -net als Tom Poes wordt hij in eerste instantie bedreigd door een octopus; -in ‘Schat op de zeebodem’ wordt de luchttoevoer tot heer Ollie’s duikpak doorgesneden door een zaagvis,

in ‘Griffoen-ei’ heet die vis Bul Super (die niet ‘zaagt’, maar de luchtslang dichtknoopt...) -eenmaal onder water kan heer Bommel het in 1976 (net als in 1943 in ‘zeebodem’) niet meer alleen af, hij moet geholpen worden: Tom Poes treedt op in de gedaante van Triton Trieston, de haaienhoeder; -heer Bommel wacht in zee tussen een reeks haaienvinnen angstig op de komst van Trieston, Tom Poes sprong in 1943 over de neuzen van diezelfde haaien naar het eiland van Hocus Pas...’ Marten Toonder antwoordde met onder meer: ‘Uw brief heb ik met belangstelling gelezen, hoewel ik het niet eens ben met uw conclusies.(...) De enige overeenkomst die het (= zeebodemavontuur) heeft met het Griffoen-ei verhaal, is dat beide zich grotendeels onder water afspelen. Als u ze nog eens overleest, zult u zien wat ik bedoel.’ (17 juli 1996)

Twee staaltjes van wreedheid Het Griffoen-ei heb ik net opnieuw nog eens gelezen en voor een deel moet ik 17

de grote meester gelijk geven: het is een ander verhaal. Wat niet wegneemt dat


ik het idee blijf koesteren dat Marten Toonder het door hem zo verfoeide Tom Poes en de schat op de zeebodem is gaan doorbladeren met de gedachte: hoe kan het anders, beter? Voor die gekoesterde idee pleiten de hier bovengenoemde overeenkomsten en ook de volgende vergelijking: Op de rand van een hoge rotswand spartelt Hocus Pas scheel van angst met zijn gillende hoofd boven zee. Hij ligt op zijn rug en is zo stijf als een plank door zijn eigen magische tovercocktail. Tom Poes houdt hem met zijn rechterhand aan zijn hand vast en denkt: ‘Het is wel heel lelijk wat ik nu ga doen’, (...) Maar Hocus Pas is zelf zo gemeen, dat het niet zo erg is. Als hij die vismensen maar weer gewoon maakt, geeft het niet op welke manier ik hem daartoe krijg.’ (schat op de zeebodem’) Dit staaltje van wreedheid ging Toonder te ver en in ‘Griffoen-ei’ komt hij met een variant: Hiep Hieper krijgt van Bul Super opdracht de met een eind hout bewusteloos geslagen heer Bommel ‘over boord te zetten’, en zo dus waarschijnlijk te laten verdrinken. Daar zit de angsthaas Hieper over in, maar gelukkig, zijn gevoelige karakter ‘weet wat anders’... Hij bindt heer Ollie aan handen en voeten, verzwaart de ongelukkige met een kei die zelfs Super nauwelijks had kunnen tillen, laat hem achter op het strand en denkt hijgend 18

en opgelucht: ‘Wat er nu verder gebeurt, kan ik ook niet helpen’, (...) ‘Straks komt de vloed op, en die zal doen wat ik liever niet doe. Dat ben ik aan mijn fatsoen als zakenman verplicht. En als ik nu in de richting vaar die Super onder water genomen heeft, hoef ik er ook niets van te zien.’ Hiep Hieper bereikt hier de donkerste krochten van zijn in de kindertijd verwoeste karakter: hij deinst er niet voor terug een machteloze,

goedaardige beer naar de eeuwige jachtvelden te sturen, als ie het maar niet hoeft te zien. Tom Poes daarentegen brengt een duivelse tovenaar tot aan de rand van een akelige verdrinkingsdood en worstelt daarbij zonder enige hypocrisie met de kwaadaardigheid van zijn handelen. En dit laatste lijkt het grootste bezwaar van Toonder tegen de wijze waarop zijn medewerkers ‘Tom Poes en de schat op de zeebodem’ uitwerkten. De manier waarop Tom Poes magister Pas eerst dwingt een verzonken vulkaaneiland omhoog


te toveren en daarna van vismensen weer eilandbewoners te maken, zou in strijd zijn met zijn karakter. Maar het bijzondere van ‘schat op de zeebodem’ is nu juist dat Tom Poes werkelijk alles uit zijn niet geringe katerkast haalt om zijn vriend Bommel te redden: eerst zet hij zijn eigen leven op het spel en vervolgens doet hij zijn karakter zoveel geweld aan dat zelfs zijn Schepper er van schrikt. Tom Poes ten voeten uit: onverschrokken, ontegenzeglijk en trouw tot voorbij de Voorzienigheid. Er is maar één schat en die ligt op de zeebodem! Gebrand in het geheugen staat de tekening van een bijna dubbel scheel kijkende Tom Poes, die ontzet staart naar de stuk gezaagde luchtslang van de op de zeebodem wandelende heer Bommel en mompelt: ‘Die arme, brave heer Ollie, hij moet nu wel verdrinken! En het ergste is, dat ik hem niet meer kan helpen.’ Maar hij doet het toch, Tom Poes. Hij trekt een simpele duikhelm over zijn hoofd met een

duikflesje er aan voor misschien een uur. Visser Wobbe Wier zegt: ‘Slecht duikweer! (...) Weet je wel zeker dat je het doen wilt? Hoe wil je weer naar boven komen zonder kabel? Ik zou...’ Tom Poes antwoordt: ‘Ik zal wel zien hoe ik dat doe, (...). Ik zal geen rust hebben voor ik heer Bommel gevonden heb, hoe dan ook! In ieder geval, wel bedankt voor de moeite en de hulp, en tot ziens!’ En de ontroerende tekening van een diep treurige Tom Poes: zittend op de zeebodem, zijn gebogen, gehelmde hoofd steunend in zijn handen, starend naar de lege, luxe duikhelm van heer Ollie. En Tom Poes die op de zeebodem met grote ogen vanuit zijn duikhelmpje naar de vastgebonden, puilogende en luchtbellen blazende Hocus Pas kijkt en denkt: ‘Als hij nu niet vlug zijn toverspreuk zegt, moet ik hem losmaken en boven water trekken, (...). Dan is alles voor niets geweest en ik geloof trouwens zelf niet, dat ik dat doen kan, want er zit haast helemaal geen lucht meer in mijn cilinder. Ik zal...’ En tenslotte de al eerder genoemde scène met een stijf getoverde Hocus Pas op de rand van een rotswand, zijn leven heel letterlijk in één hand van Tom Poes. Tom Poes en de schat op de zeebodem blijft naar mijn smaak, zelfs na meer dan 65 jaar, een schitterend verhaal waarvoor Marten Toonder zich niet hoefde te rehabiliteren en al helemaal niet met Het Griffoen-ei.

H.M Boscher

19


Oud boekennieuws In voorgaande nummers van Toondertijd zijn onderstaande boeken aan onze aandacht ontglipt. Ze zijn nog wel nieuw in de boekhandel verkrijgbaar. Het eerste boek is een autobiografie van de ‘pleegzoon’ van Marten Toonder Paul Hellmann Mijn grote verwachtingen - herinneringen Paperback 280 pagina’s ISBN:9789045703190 Amstel Uitgevers, 22,50 EUR Verschijningsdatum: 21-11-2009 Beschrijving In Mijn grote verwachtingen verhaalt Paul Hellmann over zijn onderduiktijd op de Veluwe, over de naoorlogse jaren in het gezin van Marten Toonder, over zijn tante Ilse, psychoanalytica in Londen, zijn moeder Clarissa en zijn vader Bernhard Hellmann, die in Sobibor werd vermoord – hetzelfde lot dat zijn grootmoeder Irene trof in Auschwitz. Voor zijn vader, boezemvriend van de wereldberoemde bioloog Konrad Lorenz tot die de nazi-ideologie omhelsde, richt hij een monumentje op. Zoals voor de sterren van Hollywood, Doris Day, Lauren Bacall en vele anderen, wier optimisme en Schwung een onweerstaanbare aantrekkingskracht uitoefenden.

De halfjoodse moeder (Clarissa) van Paul Hellmann (Rotterdam, 1935) was het nichtje van Phiny Dick. Zij was verstoten door haar vader omdat ze met een voljood was getrouwd. Door dit huwelijk was zij namelijk ook voljoods geworden en daardoor een gevaar voor 20

de familie. Die vader was een Rus en voljoods en hij was getrouwd met Phiny’s tante die een Groningse was. Daardoor werd hij in de oorlog met rust gelaten. Na de oorlog had Clarissa geen huis en bezittingen meer. Ze vond met haar zoontje Paul onderdak bij Phiny en Marten aan de Amerfoortse Straatweg 93 in Bussum (woonadres van Toonder van 1946-1954) en Achterom 13 in Blaricum (woonadres van Toonder


van 1954-1965). Foto’s van Paul Hellmann zijn te zien op pagina’s 84 en 261 van de autobiografie ‘Onder het kollende meer Doo’. De heer Hellmann

was de eerste spreker tijdens de uitvaart van Marten Toonder, hij refereerde aan de fijne tijd in Achterom 13, een huis dat warmte en gastvrijheid uitstraalde. Arnoud Alderlieste

Een eenvoudige doch voedzame maaltijd

Uitgeverij Ton Paauw heeft weer een nieuwe prent voor uw wand uitgebracht. zwart-wit prent in een eenmalige serie van 1000 genummerde exemplaren.

een prachtig tafeltafereel met Olivier   B. Bommel, Tom Poes en andere tafelgenoten. Vervolgens ziet u hoe Joost alles afruimt, struikelt en zijn jas aantrekt om Bommelstein te verlaten.

Op deze prent met als titel ‘Een eenvoudige doch voedzame maaltijd’ ziet u Joost als trouwe bediende de gerechten serveren. In het midden

Prijs van de prent, ingelijst met passepartout in een zilverkleurige of houten lijst. € 245,Te bestellen op www.olivierbbommel.nl Ton Paauw

Heer Bommel nu vergezeld door Tom Poes op de stripdagen.

Een stripstrook van de Elsje stond op zaterdag 25 september 2010 in het Noordhollands Dagblad. In tegenstelling tot de afbeelding in het vorige Toondertijdnummer die in maart 21

2010 in het Noordhollands Dagblad stond, is heer Ollie nu vergezeld door zijn jonge vriend Tom Poes op de stripdagen in Breda. Henk Bom


Aankondiging van de Tom Poes tekenfilm ‘het geheim van de grot’ Bij een recente speurtocht op internet trof ik onder de overige advertenties van een aanbieder een advertentie aan met de titel ‘smalfilm’ met de afbeelding van twee boekjes die ik uit nieuwsgierigheid bekeek. Beide boekjes bleken van de firma ‘Degeto’ en leken uit de jaren 30 of 40 te stammen. Nu heeft Marten Toonder in opdracht van deze firma zijn fameuze oorlogstekenfilm ‘Tom Poes en het geheim van de grot’ vervaardigd, dus er was een kleine kans dat deze in één van beide boekjes aangeboden zou worden. De aanbieder daarop gemaild met een redelijk bod, maar zonder te vragen naar de exacte inhoud. Een klein gokje. Dus toen ze enkele dagen later binnenkwamen was ik toch wel nerveus bij het openen van de envelop. Beide bevatten het aanbod aan 16 mm films van de Duitse firma Degeto op de

Nederlandse markt. De eerste catalogus bleek inderdaad een verwijzing naar Tom Poes te bevatten, en de tweede ook! De eerste catalogus is nog op glanspapier gedrukt en zal van eind 1942 dateren, er is namelijk een los inlegvel met alle titels van de Degeto wereldspiegel films (een soort bioscoopjournaal) en de laatste titel is ‘de slag bij Stalingrad (1942)’. Onder de kinderfilms staat vermeld:

TOM POES EN HET GEHEIM VAN DE GROT Een teekenfilm in vier gedeelten. A 104 I. De toovenaar Tom Poes, de kater, komt op zijn tochten bij een geheimzinnige grot. Hier huist de dwerg Pikkin, een booze toovenaar, die de kunst verstaat met zijn tooverkracht vele schatten bijeen te brengen. A 105 II. De roof in het slot De toovenaar heeft vier reuzen geschapen. Ter bevrediging van zijn matelooze hebzucht moeten zij het slot van den Markies leegplunderen. Doch Tom Poes, de wreker, nadert. 22


A 106 III. De ontdekking van het geheim Tom Poes is in het rijk van den toovenaar binnengedrongen; hij ontsluiert het geheim omtrent de schepping van de reuzen en maakt ze onschadelijk. A 107 IV. De toovenaar wordt gestraft Tom Poes heeft den boozen dwerg door een list de tooverstaf afhandig gemaakt; nu moeten de reuzen de geroofde schatten weer terugbrengen. De toovenaar wordt zelf in den kerker van het slot gevangen gezet en voor altijd onschadelijk gemaakt.

Met verder nog een afbeelding van Tom Poes met knapzak. Deze vier filmdelen staan aangekondigd als te verschijnen ‘in den loop van 1943’, en de eerste twee delen zijn inderdaad gesignaleerd en werden verkocht in Duitstalige doosjes. De laatste twee delen zijn waarschijnlijk niet gereedgekomen, ze zijn althans nog niet gesignaleerd.

De tweede catalogus is op houthoudend papier gedrukt en is tevens gericht op het verhuren van 16 mm films, het aanbod bevat daarom ook geluidsfilms. En onder de geluidsfilms worden niet vier losse filmdelen, maar één Tom Poes film aangekondigd:

804. Tom Poes en het geheim van de grot (Tom Poes und das Geheimnis der Grotte) Een teekenfilm van Marten Toonder. 1 deel, 120 M. ca. 11 min. In een geheimzinnige grot huist de dwerg Pikkin, de booze toovenaar, die zijn kunsten gebruikt om zich vele schatten te vergaren. Hij heeft tot dat doel vier reuzen geschapen, die het kasteel van den markies moeten plunderen. Maar Tom Poes ontdekt bijtijds zijn booze listen: de reuzen moeten de geroofde schatten weer terugbrengen en de booze dwerg wordt in het kasteel gevangengezet en voor altijd onschadelijk gemaakt. Met de opmerking dat deze film aan het eind van 1943 zal uitkomen en dat alle geluidsfilms van Nederlandse titels zijn voorzien. Deze korte films konden voor ƒ2,50 per dag of voor ƒ3,- per weekend

23

gehuurd worden. Verderop staat trouwens ook een film van Toonder’s voormalige compagnon Joop Geesink:


807. Jan Klaassen’s reis naar de maan (Kasparle Larifari’s Mondfahrt) Een poppenfilm van Joop Geesink. 1 deel, 120 M. ca. 11 min.

voor zover bekend niet maar hij was tegen het eind van de oorlog waarschijnlijk wel vrijwel af want op 1 november 1945 kondigde Marten Toonder in een interview met ’Filmwereld’ aan dat de Tom Poesfilm binnenkort De beschrijving van het verhaal van in première zou gaan. Dus waar is de master tape gebleven? In dat de Tom Poesfilm lijkt me in beide catalogi adequaat, maar wellicht uit interview vertelt Toonder overigens het Duits vertaald. De schrijver van ook dat hij kort voor dolle dinsdag desperate afgevaardigden van het eerste stuk vond het kennelijk Degeto uit Berlijn, die nu eindelijk nog nodig te specificeren dat Tom de complete film wilden krijgen, in Poes een kater is, we kunnen plaats daarvan ‘per ongeluk’ een dat feit niet ontkennen maar in filmblik had meegegeven met een Nederland was deze toevoeging oude spoorwegfilm tamelijk overbodig. Verder treden ‘stap vóórin IN in de film toch echt meer dan vier en achteruit boze reuzen op en de schepping en rol van de klompenreuzen ontbreekt UIT’. Een leuke truc, maar het in de beschrijving van het laatste is wel jammer deel, de schrijver denkt kennelijk dat zodoende dat de boze reuzen de schatten een exemplaar terugbrengen. De korte duur van van de vroege de totale film is ook opvallend, de eerste berichten over de oorlogsfilm Geesink-Toonder productie ‘Pierus deden het voorkomen alsof hier Peddelaar’ sprake was van een avondvullende naar Berlijn is film, en dan valt 11 minuten toch wat tegen. De belangrijke vraag is of verdwenen. de film als geheel is gereedgekomen, Hans Crezee

24


Thé Tjong-Khing Thé Tjong-Khing won alle denkbare prijzen voor zijn illustraties. Op 23 september 2010 ontving hij de ‘PC Hooftprijs’ voor illustratoren: de Max Velthuijsprijs. De citaten uit navolgend stukje komen uit een interview dat Pjotr van Lenteren hield met Tjong-Khing (Volkskrant 18-9-10). Thé Tjong-Khing werd op 4 augustus moest ik terug naar Indonesië en dat 1933 geboren in Puworedjo op was een nachtmerrie.’ Hij kende de Midden-Java. Hij studeerde aan naam Toonder van de Tom Poesde tekenacademie in Bandoeng stripjes uit een Indonesische krant en kwam in 1956 naar Nederland en vond hem in het telefoonboek en om hier verder te studeren aan de solliciteerde bij de Toonder Studio’s, Kunstnijverheidsschool en misschien maar werd in eerste instantie niet nog wel meer omdat hij alles wat hem aangenomen. Omdat hij per se rond niet beviel aan zichzelf achter zich tekenaars wilde verkeren, bood hij aan wilde laten. ‘Ik was een om kosteloos te komen extreem verlegen kind. Dat ‘Kijk, dit plaatje is werken, al was het heeft mijn leven verpest. maar als schoonmaker. Ik verborg me achter de geweldig. Zoals die Onder de indruk van sarong van mijn moeder en dit aanbod, nam Cees zei het liefst helemaal niets. twee net niet naar van de Weert, toenmalig Ik uitte me in tekeningen.’ chef van de tekenafdeErger was dat zijn vader het ling, hem aan als elkaar kijken ...’ enige waar hij wél goed in tekenaar/volontair voor was niet serieus nam. Het is dus goed zestig gulden in de week. voor te stellen hoe belangrijk het voor hem moet zijn geweest dat zijn ouders ‘Op een dag riep Marten me naar jaren geleden, op bezoek bij hun zoon boven. Hij zat achter zijn bureau met in Nederland, zijn leermeester Marten een aantal van mijn tekeningen. ‘Kijk, Toonder de hand hebben geschud. ‘Die dit plaatje is geweldig. Zoals die twee man heeft mijn leven gered.’ net niet naar elkaar kijken. Je ziet zo dat er iets niet klopt, dat er iets ergs De Kunstnijverheidsschool had nog gebeurd is. Maar wat? Dát is tekenen.’ geen echte illustratieafdeling. Om Na 25 jaar lang gehoord te hebben onduidelijke redenen kwam hij niet dat ik niets kon, zei eindelijk iemand bij de beroemde modeltekenaar Piet met gezag dat wat ik maakte wél iets Klaasse terecht, maar bij de sectie voorstelde. Ik zat zo in de knoop reclameontwerpers. Daar was hij met mezelf. Dat heb ik toen allemaal doodongelukkig. ‘Maar als ik stopte achter me gelaten.’ 25


Bommel hoorspelen deel 3 Een volwaardige Bommel-belevenis. Ruim 9 uur luisterplezier

negen uur luisterplezier op deze cd uitgave. Inhoud 8 cd’s en een booklet.

Een nieuw deel in de bijzonder vermakelijke reeks hoorspelen die de NPS maakte op basis van de vijfenzeventig Bommelverhalen die Toonder zelf als de beste beschouwde.

Een must voor alle Bommelliefhebbers en voor liefhebbers van het betere hoorspel.

Op deze derde audio uitgave staan 6 hoorspelen van klassiekers als ‘De Aamnaak’ en ‘Een Bommelding’ maar ook van minder bekende pareltjes als ‘De Liefdadiger’. Ruim

Prijs 29,95 Verschijningsdatum eind september 2010. Ook deel 1 en deel 2   zijn nog leverbaar.

Te bestellen op www.olivierbbommel.nl

Marten Toonder krijgt een eigen straat in Duiven. Aan de noordwestkant van Duiven, op de voormalige locatie van Intratuin aan de Rijksweg, verrijst de nieuwe woningbouwlocatie de Ploen Zuid. De bestaat uit een zestal terpen. Op iedere terp wordt een kleine en eigenzinnige woonbuurt gerealiseerd. Tussen de terpen liggen lager gelegen open groenzones: de wadi’s. Op de vijfde terp (de Iepen) komt de Marten Toonderstraat te liggen. Ook naar striptekenaar Jean Dulieu wordt

een straat vernoemd. Dulieu is de schepper van Paulus de Boskabouter. Dulieu is een pseudoniem, zijn werkelijke naam is Jan van Oort Niet alleen in Duiven maar ook in in de meest oostelijke wijk van Almere Buiten vindt u een Stripheldenbuurt. Hier vindt u de Marten Toonderlaan, het Oliver B. Bommelhof, de Tom Poesstraat, het Tom Poespad.

Redactie 26


Beeld van Bommel en Tom Poes in Rozenburg Ik wil u laten weten dat er een betonnen speelplastiek van de heer Bommel &Tom Poes in een parkje in Rozenburg (ZH) staat. Het staat er al sinds 1963 en is enigszins vervallen. Het is van mijn vader en staat in mijn geboortedorp. De heer Toonder had er indertijd geen pro-blemen mee. Ik hoop dat dit nog lang zal blijven staan!

Martijn Haas Tom Poes op snelle boot Bij Toondercompagnie kocht ik een door mij gewenste afbeelding van Tom Poes voor op mijn Cap

Camarat bootje. In september 2010 vond de doop plaats. Nu vaar ik, zoals ik altijd al gewenst heb‌ Maurits Campert Gezocht: foto’s van Marten Toonder tijdens het festival Story International januari 1993 in Rotterdam. Reactie naar: aws@toondertijd.nl / 070 38 36 36 0.

27


MTVC voorjaarsbeurs 2011 De MTVC voorjaarsbeurs vind plaats op Zaterdag 21 mei 2011 De Lindenboomzaal (in schoolgebouw) Raadhuisstraat 57, Koog a/d Zaan 10:00 tot 13:15 beurs 13:15 algemene ledenvergadering Gratis parkeergelegenheid in straat tussen school en AH. Opbouwen vanaf 9:25 uur. Tafels voor leden de eerste meter gratis, vervolgens 5 EUR per meter. Reserveren bij Arnoud Alderlieste 070 38 36 36 0 of mail naar beurskraker@toondertijd.nl

Gevraagd voor Museum De Bommelzolder Tom Poes diastroken van Clairofilm, als genoemd in de curiosacatalogus onder SV 165 en wel: • 165-5 Het monster van Loch Ness deel 2 (nr. 263) • 165-6 De partenspele deel 3 (nr. 267) • 165-8 H.B. stuit de vooruitgang alle delen (nrs. 271 – 273)

Ook in diastroken van Panda en Kappie ben ik geïnteresseerd. Graag uw bericht naar info@bommelzolder.nl of een telefoontje 071 5804812 Pim Oosterheert

28


Mtvc nr 078