Issuu on Google+

16 2OO7.JAARGANG NR65 . SEPTEMBER Toondertij d is het driemaandelijks tijdschrift voor leden van de M arten Toonder Verzamelaars Club, afgekortMrvc. Voorzitter: Henk Arens ''ií ilhelminastraat16, 2382l{8 Zoeterwoude TeI.A7L-589rM3 dickerdack@toondertijd.nl Penningmeester: Arnoud Alderlieste v. Gaesbeekestraat 47 2274RVVoorburg aws@toondertijd.nl Secretariaat:Ton Michels Goudenregenzoom120 2719HD Zoetermeer Tel: A79 - 3616343 d.nl dorknoper@toondertij Clubcuriosa:Arnoud Alderlieste v. Gaesbeekestraat4T 2274RVVoorburg grootgrut@toondertijd.nl Beurzen:Ton Macl(aaij Boomstede564 3608 BM Maarssenbroek TeI:0654613485 d.nl beurskraker@toondertij Clubblad: redactie Henk Arens opmaak Ed Bakker fanthgtoondertijd.nl $íebsite:

ceerde artikelen berust uitsluitend bij de desbetreffende. Lidmaatschap Het lidmaatschapsgeld kan worden gestort op Postbankrek. Nr. 626.IL27 t.n.v. de Marten Toonder Verzamelaars CIub, Zoetermeer en bedraagt dit lopende kalenderjaar €15,-.Leden buiten Europa betalen €20,- i.v.m. hogere verzendkosten Ruiladvertenties Elke regel bevat + 80 tekens, spaties enz. meeserekend Leden eerste 5 regels giatis, daarna € 3,50 per regel. Nietleden betalen€2,5A per regel voor de eerste 5 regels, daarna eveneens€3,5Aper regel. Advertenties voor het december nummer dienen uiterlijk woensdag 28 november in het bezit te ziin van de redactie. Copyright Niets uit deze uitgave mag zonder schriftelijke toestemming van de rechthebbende op het auteursrecht worden overgenomen. Copyright op alle illustraties berust bij Stichting Toonder Auteursrecht, tenzij anders vermeld. De ltrvc is ingeschreven bij de I(amer van l(oophandel onder nr. 46.26.42.55

www.toondertijd.nl beheer Ed Bakker prlwytzkofski6toondertijd.nl -+7,7

ih + 7

Met dank aan iedereendie ons ook dit nummer weer de nodige informatie heeftverstrekt,vragen steldeof op anderewijze medewerking verleende.Verantwoordelijkheid voor onder naam gepubli-

Stichting Het Toonder Auteursrecht . f070 E G . A msterdam Po stb u s7 6 2 5 4 mail@stichtingtoonder.nl . www.stichtingtoonder.nl


Uoorwoord Mijn voorwoord in de vorige Toondertijd voor meer kopij leverde gelukkigmeteen al een paar goedeverhalenop. Dat is erg verheugend. Ten eerstedat er nog heel veel leuke verhalenen anekdotesonder de leden rondwaren en alstweede om te bemerken dat je als clubblad nog eenbestaansrechthebt omdat leden dat met elkaarwillen delen. Ook een moment van schaamroodomdat een lid meldde dat hij me al eerdereen verhaalhad gestuurddat nog steedsniet geplaatstwas. Nou moest ik toch niet gaanzeuren.Oeps! Na enig zoekenvond het onder enige stofige digitale folianten verstopt. Het verhaal houdt u in ieder gevaltegoedin de komende rr. Ook de clubdagkomt er weer aan en de meningenhierover zijn nogal verdeeld.Sommigenvinden het prima zoalshet gaaten praten over een levendigehandel en leuke contacten.Anderen zeggendat het niet zo hoeft en dat ze op internet hun items wel kunnen vinden. Moeten we dan maar naar slechts een clubdagper jaar?Of moeten de dagenmeer gel'uld worden met andereitems zoalslezingen,films, specialiteitenoid? Suggestieszijn van harte welkom. In ieder geval hopen we als bestuur u weer op de komende clubdagte mogen verwelkomen.

HenkArens

ĂŤ


IomrnatresfiTUEHwarde006 Dit jaar wordt hij voor de vijfde keer uitgereikt: de prestigieuze Mrvc Award voor het meestindrukwekkendeToonderboek.Eerst noemen we de winnaarsvan voorgaandejaren.Yan 1994tot 2000 betrof het de onofficiële,FictieveBokaalvoor het BesteToonderboek: 1994 Uitgeverij Panda,voor de heruitgave van Metro. f 995 John Wigmans,voor Het receptvan Pinneke Proost. 1996 Stripschrift, voor de Specialbij de tentoonstelling in Teylers Museum te Haarlem. 1997 Uitgeverij Panda,voor Heer Bommel Volledige Werken De Dagbladpublikaties. 1998 de urvg voor Rommeldanl de geschiedenis van een miniatuurstadje. 1999 Uitgeverij Boumaar,voor de integrale heruitgavevan Olle Kapoen. 2000 Seb van der l(aaden, voor Een Heer van Afstand. Ervaringen van een Bommelfan. Yanaf 2007 gaaÍhet om een echteAwardr 2001 Pim Oosterheertvoor De breinbaasvan Bommelstein.Over de wereld van Marten Toonder. 2002 Uitgeverij Panda,voor Heer Bommel Volledige Werken De Dagbladpublikaties. 2003 Uitgeverij Boumaar,voor de integraleheruitgavevan Olle Kapoen. 2004 geentoekenning wegens gebrek aan kr'valiteit. 2005 Pim Oosterheertvoor Het Bommellexicon.Van Aamnaak tot Zwirls'laai Wie zijn de genomineerdenvoor 2006?Achteraf gezienis er in 2006 beslist een aardig aantal uitgaven verschenen.Alhoewel het niet zo'n topjaarwas als2005. Het aantalnominatieskomt op vijf: Wolters-Noordhoffvoor'Neem eenvoorbeeldaanmiji De eerste Bommeluitgave in de serie Toplij sters (zíe www.líjsters.nl).J eugdige Iezertjeskunnen met dit boek kennismakenmet de wonderlijkewereld van de Bommelverhalen en dat via drie kwalitatief uitstekendeverhalen (De Bouenbazen, Het BozeOogenDe Zwelbast)en voor eenlageprijs. De Bezige Bij voor'Was Tom Poesmaar hier', een hommagevan 41 tekenaarsaanMarten Toonder ter gelegenheidvan diens overlijden


in 2005. Soms intrigerend, soms flauw, soms zeer gevatmaar duidelijk blijkt de waardering van alle auteursvoor de verschillende kanten van virtuoos Toonder en voor de vele Personagesdie hij heeft geschapen' De Bezige Bij voor de vier herdrukken van oude Tom Poesverhalen, met klasiiekers als De Meesterschilder en De Laatste Markies van Carabas.Voor het ontrukken van verhalen uit de vergetelheid en voor dewljzewaarop de verhalen zijn uitgegeven:in een oblongboekje, met een harde kaft án een linnen rug en een leuke tekening op de voorkant, alhoewel deze soms niet aansluit op de inhoud. De inhoud krilgt - afgezienvan de verhalen- zware minpunten' De gebruikte afbeeldlngenzijn ongeretoucheerd,slecht en vlekkerig áud beeldmateriadlnclusief allerlei copyrights, waardoor de grafische kwaliteit van Toonder onrecht wordt aangedaan.De Bezige Bij gebruikt gewoon de oude films van de serie Oer Tom Poesvan klopt niet: logisch is om 1"iÀ h"t De volgorde van de verhalen eerst te beginnen met het oudste verhaal en te eindigen met een recenter; maar dat gebeurt niet.

Sanomamet de herdrukvan de jaargang1957van de Donald als-'De Duck. Een jaar met schitterendeTom Poesweekstripverhalen Globetrottersclub'en'De WonderlijkeBoedellNu eenvoudigte herlezen zonderdoor de stapeloude Duck te hoevengaan.De kwaliteitvan de Ducks laat somswat te wensenover,maar het is net echt alsvroeger' Hoe kunt u uw stem (per lid één) uitbtengen? via post: kruis uwwinnaar aan op dit formulier en stuur het (voldoende gefrankeerd)retour aan Meerweg 39 2103 VB Heemstede via e-mail: stuur een mailtje met uwwinnaar naar marc.de.bruij n@wanadoo.nl

r-l


Heeft u behoefteom commentaarte gevenbij uw keuze?Ga uw gang. Wilt u uwhart luchten?Doe maar.Heeft u suggestiesvoor nieuwe uitgaven?Kom maar op. AIle formulieren of e-mails moeten uiterlijk I nov2007 binnen zijn. Uitreiking van de urvc Award vindt plaats tijdens de Clubdag op 20 mei2008. Marc de Bruiin, Heemstede

ToespraahLetterhundrgllluseuml0 nouembeÍe006. Wat goed is voor leveryis goed,de rest is ongoedi Met dezeuitspraak van de boskaboutervan het Donkere Bomenbos.PeePastinakel,zou ik u graagdeelgenootwillen maken van eenvan de hoofdthemat van Toonders levensbeschouwing. Echter,hoe overzichtelijkhet voor ons ook moge zljn om iemands levensbeschouwingin een paarwoorden samente vatten,het is vergeefsom de vele gedachtendie Toonder ons heeft nagelatenkort samente vatten.Ze reiken bovendienverder dan zijn visie op de natuur, en bestrijkenveel meer levensgebieden, dan in dit - overigens mooie - aforismedoor hem is verwoord. Een sluitende samenvattingvan zíjnlevensbeschouwing heeft Toonder zelf nooit gegeven.Dat kon ook niet. 'Stalendenkramen, daarhoud ik niet van, ze sluiten nooit'laat Toonder Kwetal zeggenin zijn bekendsteverhaaluit de Bommelsaga'DeBovenbazenl Toonder voelde zich ongemakkelijktussengeleerdendie waarheidsvinding op wetenschappelilkebasis tot hun levenswerk maakten, of dat nu alfat of bètat betrof. In'De waarzegger',een verhaalal uit 1954 laat hij Tom Poeszeggen:'De waarheidis alleenmaar nuttig voor de wetenschap,de restvan de wereld doet het altijd zonderl Het gedachtegoedvan z.g.systeembouwers, of die nu uit de filosofischeof uit de theologischehoek kwamenwerd dan ook door hem met wantrouwen bezien. Hij nam kennis van de hoofdzaken van hun stellingen en sloeg datgeneop ínzrjn creatievegeest,waar hij iets mee kon.

E


Met deze manier van kennis vergarenbegon hij al vroeg. Daartoe wil ik u eerstwat feiten geven over Toonders woegste kennismaking met levensbeschouwelijkestromingen, Toonders ouders kwamen uit een wijzinnig protestants milieu, waarin godsdienst werd gezien als nuttige culturele bagage.In het prachtige boek van Toondersvader 'ICei en zout water' beschrijft Toonder Sr. o.a.de plaatsvan de kerk aan de Noord-Groningsewaddenkusten de bittere armoedewaarin hij opgroeide.We hebbenhet dan over het eind van de 19de eeuw.'Afscheiding en Doleantie', kerkscheuringen die toen in het calvinistischeNederlandwoedden, zijn hem voorbijgegaan.De kerk was net zo vanzelfsprekendals de dokter en de notaris en de bijbelseverhalerydie op schoolwerden verteld,behoorden tot het nationaleerfgoed. Marten enJan Gerhard Toonder groeidenop in Rotterdam in een tamelijk verlicht chrlstelilk milieu, totdat De Groningse huishoudster Trientje in het gezinnetjeverscheenen -en ik citeerJanGerhard Toonder: 'zij besteeddeal haarvrije tijd aan een driftig bezoekvan gebedsstonden,bilbellezingenen kerkdiensten.' Zljbracht de broers tot een haar geliefde predikant en dezen volgden daarnade catechisatiesen dat leidde weer tot het doen van openbare belijdenis van Marten en een jaar later vanJan Gerhard, zodat zlj beiden volwaardig lidmaat werden van de Nederlands Hervormde I(erk.Jan Gerhardvervolgt in zijn boek'De dronken kanarie':'Mijn moeder heeft nooit naar de oprechtheidvan dat jawoord geïnformeerd, ze vond het wel netjeszo want je moet toch ergensbijhoren; en Trientje was tevreden, die kon nu rustig sterven,wat ze dan ook het volgendejaar op jeugdigeleeftijd deed,aan tuberculose.' Toch heeft Marten Toonder nog heel wat opgestokenvan die catechisatie.Over de door hem geconstateerde tegenstellingendie het scheppingsverhaal uit Genesisbevat,heeft hij in verschillende interviews verteld. Bescheidenals hij was meldde hij evenwel datzljn bijbelkennis nietzo groot was. Opvallend is wel dat de invloed en de diepe betekenis van mythen zijn denken belangrijk hebben beïnvloed, maar dat hij getuige zijn kÍitiek op het genesisverhaaldaar zich aan de letterlijke betekenis hield en daar zíjnkdtiek op richtte.


Op 17 -jarigeleeftijd las Toonder Dante. Hij vertelt: 'En ik ontdekte dat de hemel niet prettig was.Ik geloofdedat niet en ikwilde daarniet in geloven.' En dat laatste geeft weer aan dat Toonder zich toen al aízeLtetegen de heersendegeslotenchristelijkeleer,dichtgetimmerd door theologen. Nu zal Toonder alsjongen van l7 jaar Dante waarschijnlijknog niet op zijn waardehebben kunnen schatten.Ik kan het op mijn 63stenog steedsniet, maar ik geef direct toe, dat ik mij op geen enkele manier kan meten met Toonders capaciteiten. Ook op jeugdige leeftijd las Toonder werk van Helena Blavatsky, stichtstervan de TheosofischeVerenigingin de VS., verwant aanhet werkvan de bekendereanthroposoofRudolf Steiner. De Theosofieheeft Toonder ongetwijfeldbeïnvloed.Het gaatin de Theosofie om een diepere dan de gewone kennis. Het gaat om een innerlijk beleven,dat zich niet slechtsricht op een monotheïstisch godsbeeld,maar ook op hndere werelden',parallel aan de onze, ijlere gebieden met fijnstoffelijke lichamen. De gedachten over de zielsverhuizing spelen daarin een belangrijke rol. De theosofie is beïnvloed door het boeddhisme,het brahmanismeen het neoplatonisme. Het neoplatonismewas in de eersteeeuwenvan onze jaartellingde grootstetegenstrevervan het opkomende christendom, met belangrijkewijsgerenalsPlotinus en Celsus.Waarom ik dit hier vertel heeft te maken met Toonders ambivalente houding t.o.v.het Christendom en de overeenkomstentussenzijn ideeën en die uit het Neo-Platonisme. Het is verbazend,hoe groot de ervaringen uit onze jeugd van blijvende invloe d zíjn op de rest van ons leven. Dat geldt zeker voor de ervaringen die Toonders in zijn jeugd onderging. Vanuit zijn interessevoor de esoterischebenaderingvan zingevingswagenbestudeerdeToonder langsautodidactischeweg veel verschillende opvattingen, en zowel uit de Bommelsaga als uít zíjn autobiografie blijkt zijn grote belezenheid. Een aantalgedachtenkeert steedsweer terug in zijn werk. Laat ik een poging doen enigeaspecteneruit te lichten.


. . . . . . .

Dualisme De anderewereld, De natuur De I(eltischemythologie Godsbeeldenen schuldcultuur Bezieldematerie Tljd, eeuwigheid en zielsverhuizing

Om te beginnen wil ik iets zeggenover het begrip dualisme dat in het denkenvan Toonder zo'n belangrijkeplaatsinneemt. In de wereldgodsdienstenheeft het dualismealtild een grote rol gespeeld.Daar ging het dan vooral om de begrippenparengoed kwaad, leven - dood, god - duivel, licht - duisternis. Opgemerkt zij, dat het hier steedsgaatom een strijd tussentwee tegengestelden. In Perziëontwikkelde zich het denkenvan Zoroasterof Zarathoestra Het betreft de strijd tussende god AhoeraMazda, de scheppervan de wereld en het licht tegenover de slechterikAhriman, die de tegenwereld van bedrog en duisternis vertegenwoordigt. Deze dualistischegedachtegangheeft grote invloed gehadop verschillende wereldgodsdiensten, en binnen die godsdienstveel verwarring en razie veroorzaakt.Manicheeërs, Bogomielen, Paulicanen, Albigenzen,I(atharen,zijn voorbeeldenvan geloofsgemeenschappen die het dualistischdenkenin het Christendom hebbenbeïnvloed, hoewel zij als ketterijen werden aangemerkt. Ik wil niet teveel uitweiden, het gaat erom aan te geven dat het hier steedsgaatover een strijd tussengoed en kwaad,met alsuiteindelijk doel de overwinning van het goede. Maar er is nog een anderevorm van dualisme,die in Toonders denken een veel prominentereplaatsinneemt en de moeite waard is te kennen om Toondersverhalenbeter te begrijpen. Dat dualismevindt zijn oorsprongbij de ChinesewijsgeerLao Tse, die leefdein de 6e eeuwvoor Christus.Een bundel uitsprakenvan zijn hand heet de Tao Tse Tsjing, moeilijk te vertalenbegrippen.Tsjing betekentgeschrift,klassíekwerk, maar ook uerzamelingof draad. Tao

6


wordt wel vertaald met de weg, maar het is ook rels, spoor, maar ook alswerkwoord: doorlopen,bewegen. En om de verwarring compleet te maken: ookwoorden alsgeest,oergrondof het absolutevallen onder dit begrip. Tse staatvoo r deugd, kwaliteit, waarde, geschiktheid,nut, íntegriteit. De wel erg platte vertaling is dat de Tao 'de wegvan het mídden'is. Met bovenstaandebegrippen hoop ik echter duidelijk te hebben gemaakt dat zo'n vertaling tekort schiet. De Tao gaat er namelijkvanuit dat de dualistische begrippen niet bedoeld zljn om te strijden, zodat het goede van het kwade wint, of het licht de duisternis, enz., zoalsbij Zoroaster, maar dat zij elkaar complementeren, aam'ullen. Tijdens onze levenswegkunnen wij geestelijkgroeien door kennis te nemen en de krachtente ondergaan van beide. Goed kan niet zonder kwaad, zonder duisternis is er geen kennis van licht, warmte ervaarje het best alsje het eerstkoud hebt gehad. Zo vullen begrippen als geest en materie, lÍchaam en ziel, verstand en gevoel, enz. elkaar aan.De waarheid, de weg ligt tussen de tegenstellingen.Ieder goed levert kwaad op, en ieder haraadgoed, enz.De waarheidligt dus nooit in het midden, maar het vervallenin één uitersteveroorzaakteen reactienaarhet andereuiterste.De boodschapvan Lao Tse zou dus kunnen zljn: zorgdat de uitslag naar de een of andere kant niet te heftig is, zodat je tussen die twee dualiteiten eenweg vindt, waarin matigheid en harmonie met je omgevíng (en natuurlijk de natuur) de basisvormt voor een zinvol bestaan.De weg van het zuivere midden bestaatniet, de weg bestaatniet, het gaat om de tegenstellingendie richting aan je leven geven. Veelvan dit gedachtegoedvinden we in de Bornmelsagaterug, ook al in oudereverhalenzoalsTom Poesen de gebroedersWeeromstuit, Tom Poesen vriend-vijand,Tom Poesen de herenopstand,Heer Bommel en de wilde wagen,Heer Bommel en de zwelbast.Ach er zijn er nog veel meer,te veel om op te noemen.Een verhaalwil ik er uitlichten: Heer Bommel en de zelÍkant. In dit verhaal komen verschillendeaspectenvan Toondersvisie naarvoren: het dualisme, de Keltischemythologie en de bijbel.


PeePastinakelwaarschuwtTom Poesom een bepaaldeboomkring niet binnen te gaan:Jij bent kantigi Wikker de wijsgeer, die bij de boomkring zit te filosoferenlegt Tom Poesuit, dat kantig betekent dat je in jezelf meerdere persoonlijkhedenhebt. Als je de boomkring in gaat,word je gespleten.Eenkanters(oJelementalen), zoalsleden van het kleine volkje, kunnen wel binnengaan. De zwarte magister Hocus Pas die aan komt wandelen, legt Tom Poesuit wat eenkanterszíjn:' Op school niet goed je best bedoel je, eenkanters. gedaan,meneertje?Gnomen en salamanders, Anders dan jij; jij bent van alles;een domme uitslover en een slimme guit, slecht en goed; Jij wilt met Zazel:uit één schotel eten.' Tom Poesmeent dat Hocus Pasgoed is, omdat hij een kluizenaar is. Maar Hocus Pasantwoordt: 'Ik ben alleenmaar slechtl Ondanks waarschuwingenvan Wikker de wijsgeerloopt Hocus Pasde boomkring in, overtuigd als hij is, dat hij alleen maar slecht is, en bovendien beschermddoor een amulet met het teken van ZazeI.AIsHocus Pas even later uit de boomkring treedt, staat er aan het uiteinde vanzíjn schaduween klein vrouwtje. 'De magisterstaardehaar sprakeloos aan en een akelig vermoeden maakte zich van hem meester.Dat is mijn gewetentje, mispelde hij tenslotte. Blj Azazel,het is van mij afgespletentussendie bomen. Maak dat je wegkomt! Het vrouwtje schuddeechterhet hoofd. Dat kan níet,zei ze vermanend.Jijbent immers mijn schaduw?En nu je me eindelijk kunt zien, zal je merken dat ik sterker ben dan jij. Tovenaarsals jij kunnen alleen met zwart werken, maar over wit hebben ze geen macht. Wit is sterker danzwart, want donker is de schaduw van het licht, ook al denkt zwart dat wit een schaduw is.Weleven nu eenmaal in moeilijke tijden. Onzinnige gewetenspraatjes,snauwde de grijsaard. De wereld is zwart, en wit heeft niets te betekenen.Iedereenis het liefsteslecht,en nu ik zelf mijn gewetentje kwijt ben, heb ik iedereen in mijn macht. Ik kan het bewijzen,met de eerstede bestedie langskomt. Aangenomen,gaf het vrouwtje toe, We zullen wedden.Als je de eerstevoorbijgangerslecht kunt maken, zal ik je verder met rust laten.' Het zal u niet verbazerydat die eerstevoorbijgangerheer Bommel is. Het verhaal krijgt dan eenJob-achtige teneur, maar ik zal het verhaal,

t0


voor hen die het nog niet gelezenhebben,niet verder vertellen. Maar één ding wil ik nog kwijt: behalve de leden van het kleine volkie is er nog één figuur, die de boomkring kan betreden zonder te splijten: het is Wammes Waggel. Hij kent goed noch kwaad. Hij is ook een eenkanter. Niet immoreel, maar amoreel.Aan deze,op het eerstegezicht ongelooflllk oppervlakkige fi.guuruit de Bommelsagaheeft Toondervoor de oplettendelezertjesmeer diepganggegeven q& dan wij op het eerstegezicht van deze domme gansverm Nog een aspectvan het dualismein het werkvan Toonder wil ik .ro""rn"rr.Dat is geput uit het gedachtegoedvan de Zwitserse psychiater Carl GustavJung.Maar zoalshet nu formuleer doe ik Toonder tekort. Nadat hij in aànraking kwam met het werkvanJung bemerkte Toonder dat hii intuïtiefal veel langerde gedachtenvanJung in de Bommelsagahad verwerkt. Ook hier geldt weer dat het dualismeeen grote rol speelt'Zo plaatstJungde volgendeparen tegenoverelkaar:verstand- gevoel, gewaarwording - intuïtie. Verder kennen we natuurlijk de begrippen ánimus - animà' het mannelijke in de vrouw en het vrouwelijke in de man. En natuurlijk de tegenstellingtussenhet collectiefen het persoonlijk onbewuste.Maar daaropingaanzou binnen het kader van het gekozenonderwerp van dezelezing te ver voeren' Voor ik dit gedeeltevan mijn lezing afsluit wil ik nog eventerugkomen op de woorden van Kwetal, waarmeeikbegon: Wat goed is-voor leven,is goed, de rest is ongoed.Weer dat dualisme.Maar dat woordje bngoed'is iets andersdan'slechtlHet heeft niet de ethischeladingvan ,lelht: Het is neutraal en daarin herkennen we weer de invloed van de Tao bij Toonder. Een ander aspectdat ik u wil voorhouden is Toondersbegrip 'De anderewe.elài Daarmeebedoel ik niet de titel van verhaalnr. 163 dat in het jaar 1982de grootsteoplagevan alle alsboekenweekgeschenk bommelverhalen haalde.


Het gaatom Toondersgedachtedat er een gebiedis, parallelaan onze wereld, waar wezensleven die een sterke binding hebben met de natuur, en natuurwetten eerbiedigen,bekend onder verschillende namen: kabouters, elfen, feeĂŤn,goblins, trollen, leprechauns, kobolden, harpies, sirenes,gnomen. De westersewereld heeft zich van dezeanderewereld vervreemd,volgensToonder, en is daardoorhet contact met dit gebied en haar bewoners kwijtgeraakt. Toonder heeft.in zĂ­jn autobiografie,maar ook in verschillende interviews verteld hoe hij ervaren heeft dat dezewereld bestaat.In de Bommelsagakrijgt deze'anderewereld'gestaltein de vorm van het KleineVolkje. Met dit onderwerp zrjnwe beland bij de I(eltische mythologie, die zo belangrijkwas in het levenvan Toonder en in zijn oeuvre een grote rol speelt. I(enmerkend voor de Keltische mythologie in het algemeenen voor de Iers-Keltischemythologie in het bijzonder is het leven in harmonie met de natuur. De mens maakt deel uit van die natuur. De natuur in zijn geheelis overweldigend.Jemag haar niet bestrijden;het is de bedding van je bestaan.De natuur is het wezenlijkebestanddeelvan het goddelijke.Als je wijs wilt worden, d.w.z.wijs voor God, dan moet je naar de natuur gaan,niet naar de mens.Wie de natuur vernietigt, vernietigt zichzelf. In Toondersleven heeft de natuur van jongs afaan een grote rol gespeeld.Bekend is zljnverhaal dat hij het Ierse landschap al tekende voor hij er ooit geweestwas. Maar zljnliefde voor bomen en bossen stamt al uit de tijd dat hij verloofd was met Phiny Dick en wandelingen maaktein het Baarnsebos.Zijnliefde voor bomen straaltvan zijn tekeningen af. In een van zijn laatsteinterviews gafhij te kennen een grote hekel te hebben aan het begrip milieu. Natuur, daar ging het om. De natuur is bezield en de Ieren erkennenook nu nog dat er in hun land bezieldeplaatsenzijn: heilige bossen,open plaatsen,waterbronnen, opgerichte stenen,boomkringen, de fairy-rings. Ierse mythen verhalen van het volk van Dana (eengodin) dat in oude tijden in Ierland woonde. Toen de l(elten binnendrongenvolgde een

le


bloedige strijd, die niet tot een overwinning leidde.Moegestreden werd het Dana volk gedwongen ondergronds te gaan.De Kelten (aangeduidalsdezonenvanMil of deMilesiĂŤrs))namen het land, en het volk van Dana moest de situatie accepteren.Als compromis werd beslotendat er bepaaldeplaatsenin het land zoudenworden aangemerkt, waar het Danavolk bovengronds zou kunnen komen. Dit zijn de heilige plaatsen in Ierland, de fairy-rings, en hoewel langzameĂ?hand ook in Ierland de vooruitganggenadeloostoeslaat,is er nog veel geloof in dezemythen te vinden. Bekend is het waargebeurdeverhaal van een Akzofabriek in Cork, die op zo'n heilige plaatswerd gebouwd.Deze schennisleidde ertoe dat Ierse bouwvakkers weigerden op dezeplaats te bouwen, zodat arbeidersvan eldersmoestenworden aangevoerd.Toen in 1975 de directeur van deze fabriek door een splinterbeweging van de rne werd ontvoerd, was het voor de gelovige Ieren duidelijk wie de werkelijke aanstichtersvan deze daad waren. De fabriek leverde qeenwinst en is na enigejaren gesloten,zo gaathetverhaal. Niet los van deze mythische benadering staat het begrip 'shee',een soort natuurkracht, verbonden met het volkvan Dana, die zichzowel alsgeesten alspersoon kan manifesteren.Sheeis zo'n begrip uit de 'anderewereld'.Het is om ons heen,kan ons gunstig of ongunstig gezind zijn. Vanuit je ooghoeken zieje ze somslangsflitsen, aldus de Ieren en Toonder vertelt in zijn autobiografie verschillende verhalen, waarin hij met de sheein aanraking komt. In BV 142 De krookfilm komt die sheeuitgebreid aan de orde. Heer Bommel, die een film wil maken maakt op aangename,maar ook op onaangenamewljze kennis met de krachtenvan dezegeesten. Een ander kenmerk van de Keltische cultuur is: verandering; het leven is niet statisch,maar een proces van veranderingen. Vastschrevelen is uit den boze.De natuur met zijn seizoenenwijst ons daarbij de weg. De I(elten kenden dan ook geen schrift, hooguit voor religieuze zaken.Met geschreventaal leg je dingen vast, die kun je niet meer veranderen en dat werk remmend op de voortgang van het bestaan.Toonder heeft in het verhaal de wisselschat'(BVI I 2 ) de dwerg Monkel Oor ten tonele gevoerd.Hij is de enige dwerg die het lezenmachtig is en verdoetzljntljdmet het uit het hoofd leren van eenwoordenboek. De bedoelingvan het schrift ontgaathem geheel.

t3


De dwerg is in het verhaalgevorderdtot de letter'U', daarmeeverwijzend naarde vorderingen bii Het Woordenboek der Nederlandse Taal van De Vries en te Winkel, dat in het jaat 1963, toen dit verhaal geschrevenwerd, ook de letter'U'bereikte. Een rechtstreekseverwijzing naar de I(eltische mythologie vinden we in BV 160 'De uitvalsels'.Daarin spreektToonder over een wisselkind. Uit de Ierse mythologie kennen we een verhaal, waarin leden van het I(leine Volkje stiekembabiesomruilen met die van lieden boven de grond. Zo'n wisselkind gedraagtzich onaangepasten dat leidt tot allerleiproblemen. In'De uitvalsels'vertelt eenbibliothecaresseaan Tom Poes:'Mijn grootmoeder is geborenin de Zwarte Bergenen bovendienwas ze eenwisselkindi Aan het begin van mijn toespraakheb ik iets verteld over Toonders vrijzinnig protestantsejeugd.Dat hii het in die kringen heersende godsbeeldal gauw losliet,weten we. Het dogmatische,wettische Christendom,waarin de bedoelingvan bijbeluitleg niet anderswas dan het overtuigen van leerlingen van een rationalistisch heilsplan voor de wereld,was voor hem niet bevredigend.Maar er speeldenog iets anders: zeer dominant was in de twintigste eeuw in de kerken het begrip 'schuld' of, voor de kenners 'zonde'.'Onbekwaam tot enig goed en geneigd tot alle kwaad' - om deze tekst van Paulus eensvan stal te halen -, leverde een zwaarmoedigekijk op het leven op, die tot nog lang daarna in de jaren zeventigen in sommigegemeenschappen mij zelf nog de Ik herinner een grote domper legden op het bestaan. Die Bovenmeesterl boekjesvanWG. v.d.Hulst getiteld'Niekvan de best deed hij ook zijn Niek zat altild ln de narigheid,en hoe goed eenvoorbeeldigleven te leiden, de zonde drukte hem steedster neer. Menig psychiater of schrijver heeft later een tweede huis verdiend aanh贸ibegeleiden of beschrijven(aI oJniet autob铆ografsch)van deze getraumatiseerdefiguren met een moeilijke jeugd. Sommige schrijvers boffen toch maar met zo'n jeugd. Dat Toonder bekendwas met dezesomberezwartkijkersen er een behoorlljke hekel aan had, laat zich raden. En erover geschreven heeft hii ook' u raadt het al: 'De ZwarteZwadderneel', een figuur met demonische trekken, die als boeteprediker rondwaart, in het zwart gekleed.Waar hij gaat,regent het.

Irl


Citaat: 'Heer Bommel keekverrastachterom.Achter hem stond een in het zwart gestoken gedaante,die met de ene hand een paraplu en met de andereeenwijsvinger opstak.Het leven is vol bekommernis, sprak hij. Maar klagen helpt niet. Men moet geduldig dragen en nederig blijven.' Ik kan het niet laten iets van Zwadderneel quasi-bijbeltaal te citeren, ook al behoort dit niet tot mijn onderwerp: hovaardij,ijdel gezwets lichtzinnig vermaak, schertsen en tabakskruid smoren, tranendal, zondig geslemp,winderigheid, kwasterij, hoogvaardigheid, hoogborstigheid en voosheid.Het ontbreekt nog maar aanhet beroemde 'wening en knersing der tanden uit de Statenvertaling.In ieder geval is duidelijk dat Toonder op zljnminst de Statenvertalingbestudeerd heeft om dezeprachtige woorden in zijn verhaal te verwerken. Volgensheer CornelisZwadder, eldersZwadke Cornelisz.genoemd, is rampspoedhet gevolgvan ijdelheid. In nederigheiden boetebereidheid zal de mensheidhaar leven moeten doorbrengen.Want het lijden is slechtsbeproevingen beproevingleidt tot loutering. Heer Bommel, die in eersteinstantiein dezeboetepredikereen medestanderziet om de wereld te verbeteren,biedt zijn diensten grootmoedig aan,maar het duurt een heel verhaal voor hij begrijpt wat de werkelijke boodschap van deze zwartkijker is. In BV 131 'De blijdschapper'komt het dualismevan Toonder weer om de hoek zetten. Heer Zwadder heeft de volgende theorie ontwikkeld: 'Pasin het ongeluk merkt men hoe gelukkigmen ervoor was, want terwijl men het is, weet men niet, dat men het is. De kunst is dus om iedereenongelukkigte maken.Dat geefthelder inzicht in het wezen van geluk.'Dat deZwarte Zwadderneel in ditzelfde verhaal een verbond sluit met Hocus Pas,is wel heel luguber.De vrome fundamentalist,die eenverbond sluit met de duivel. Of gaatdeze vergelijking te ver? Dat Toondershouding t.o.v.het Christelijk geloof ook nog een andere kant heeft blijkt uit de volgende uitspraak: 'Ik wil een lans breken voor het geloof,het katholicisme,hoe vreemd dat ook moge klinken. Ik ben namelijk van oordeel dat elk geloof,whateverit is, beter is dan geengeloof.Er is niets rampzaligerdan een maatschappijdie alle

IE


geloof heeft verloren. Zo'n samenlevingheeft geen cultuur meer. Wat is eenwereld zonder moraal?Om onszelfte bevrijden worden alle taboes opgeruimd. Dat is erg onverstandig, warrt ze zljn de oervorm van alle godsdiensten.Daar het leven uit veranderingbestaat,heeft de mens nu eenmaalrichtlijnen nodig om zich staandete houden. Van belang is dat een gemeenschapafsprakenmaakt over de vraag wat goed en fout is. Als dat niet gebeurt, vervalt het vertrouwen in de medemensen daarmeede mogelijkheid tot samenleven.' Om nog een aspectvan de schuldcultuurin de Bommelsagaaan de orde te stellen,moet ik eveneen zĂ­jwegrn.In de antropologie, de socialepsychologieen in de geschiedeniswetenschappen is er de laatstejaren veel gepubliceerd over de vergelijking tussen de schaam-en schuldcultuur.In de schaamcultuurzijn anderenormen en waarden dan in de schuldcultuur. De schaamcultuur stelt als belangrijke norm: de eer. Gezichtsverlies,lafheid, zwakheid worden afgestraft.Eerwraak is een deugd. Wie zich wel eensgewaagdheeft aan het lezenvan de Ilias en zich niet bewust is van dezeschaamcultuur, ontdekt verbijsterddat de hoofdrolspelersuit dit verhaalvoor ons, mensenuit een schuldcultuur,totaal onbegrijpelijkewezenszijn. In de Europesecultuur is door toedoen van deJoods-Christelijke traditie meer de nadruk komen te liggen op de schuldcultuur. Wie zich misdraagt,is schuldig.Zeker,er is vergeving,verzoeningmogelijk, maar de misdragingmoet erkendworden. Dat levert een geheelander normen- en waardenstelselop. DeZwarte Zwadderneelis een vertegenwoordigervan een tot het hysterischdoorgevoerdschuldbese{, maar daarhebbenwe het al over gehad.Op zich is er niets mis met de schuldcultuur. IJitwassen ervan wel. Die schuldcultuur zit diep in ons westersedenken. Zo diep zelfs, dat als er een ramp plaatsvindtde neigingbestaatnog eerderde schuldvraagte stellendan de ramp op te lossen.Let u maar eensop bij de berichtgeving van rampen in de media. Waarom deze(te)korte uitleg? Dat heeft te maken met Toonders karakter-beschrijving van het Kleine Volkje. Toen ik met bovenstaandegedachtegangin aanraking kwam, heb ik in de Bommelsaga gezochtnaar schuld- of schaamcultuurbij het Kleine Volkje. Het is er niet. Schuldigof onschuldigspeeltgeenrol. Deze eenkanterszijn.

t6


Punt. Natuurlijk is Kwetal wel eensboos, geïrriteerd of argwanend, maar schuldig voelt hij zich niet, en sterker nog het Kleine Volkje verklaart anderen niet schuldig. Als Pee Pastinakelen Kwetal bezorgd toezien hoe door de verl'uiling vanuit de stad Rommeldam het Donkere Bomenbos naar de verturving gaat,wTjzenzíj nietbeschuldigend naar de boosdoeners, maar zíj gaan aan het werk om te redden wat er te redden valt. Die levenshouding van het Kleine Volkje komen we telkens weer in de verhalen tegen. Het feit dat Toonder ons geen perfect sluitend wereldbeeld heeft nagelaten,beschouwik alseen verdienste.Geen sluitendedenkramen. Het gevolg is wel dat mijn toespraak een wat encyclopedisch karakter heeft.Dat geeftmij de moed om nog één aspectvan Toondersvisie op godsdienst aan u voor te leggen. Een van Toonders wrangste verhalen uit de Bommelsaga is BV 157 'De grote onthaler',waarin ons een godsbeeldwordt voorgehouden van een god die ellendeen rampen doet voltrekken met het doel plezier te beleven aan de lijders ervan en nieuwsgierig te observeren hoe de mensenin doodsnood op rampen reageren. Een rijke, zeercorpulenteoliesjeikAli en Abel ben Alias heeft een stukje grond gekocht via burgemeesterDickerdack, bij een verlaten stationnetje,waarheenhij mensenlokt. De sjeik organiseertdaar overstromingen, enge gedrochten en meer onaangenaams.Vanuit een hoge positie ziethlj neer op de rampspoeden, onderwijl genietend van roomvlonders,broosflappen,lickmedicks,bolussen,zoettoeters, roomdromels, zoetzwoelers,klambolen en sukralijnen. (uergeefmij dezeonnodigeopsomming,íkkonhet níetlaten).Het is niet mijn bedoeling u het verhaal verder te vertellen. Dat leest u zelf wel. Het beeld van een god, die op de aardeneerkijkt en tsunami's,aardbevingen en andererampen stuurt om eenste kifken hoe de mensheid daarop reageert,zal misschien niet zo'n grote aanhangonder gelovigen hebben, maar de gedachtedat een god opzettelijk beproevingen stuurt om de mens te louteren, of te wijzen op zijn almacht vindt zeker aanhangbij verschillende godsdiensten. Opvallend is dat het stationnetje, waar de bevolkingvan Rommeldam naartoe gelokt wordt naamloos is in de dagbladafler-ering,maar pas

t7


een naam krijgt in de boekuitgaven. De naam is Limbus, een begrip dat de afgelopen maanden bekendheid verwierf, toen de paus er ruchtbaarheid aan gaf. Limbus is in de I(atholieke leer het voorgeborchte, waar gestorven, doch ongedoopte babyt moeten verblijven alvorensten hemel te varen.Dit leerstukwil de pausschrappenzodat deze Katholieke kinderopvang op zíjn gezagzal komen te vervallen. Toonder heeft waarschijnlijk het begrip Limbus iets ruimer opgevat: een soort vagel'uur,eenplekvan pijniging. Als we dan ook nog lezen dat een van de medewerkersvan de sjeik vleugeltjes heeft en Gabius heet (Gabriël) is wel duideliikwat Toonder met dit verhaalheeft bedoeld. Dan nog iersoverToondersvisieop tijd en eeuwigheid. In veel interviews getuigt Toonder van zijn geloof in reïncarnatie. Daarbij speeltziln dualistischevisie een rol. Lichaam enzrelzl)nte onderscheiden.In de laatstejaren van zijn leven heeft Toonder zijn oude lichaam als een last ervareryzo vertelt hij ons.Dit oude karkas. Maar de geestwordt niet ouder, die is tijdloos, eeuwig,die gaatniet verloren, De gangbaregedachtebij gelovigen in reïncarnatie deelt hij niet geheel.Het is voor hem de vraagof bij de geboortevan een kind weer dezelfdegeestoptreedt als in eenvorig leven.Het gaatom een oergeest,waar wij allen deel aan hebben. In elk individu heerst een deel van die oergeest.Het individu evolueertzo in verschillende levens,maar kan in ieder leven ander parten van die oergeestbezitten. Het is volgens hem daarom de vraag of herinneringen uit vorige levens wel mogelijk zijn. Zokanieder individu via verschillende levens evolueren en een geestelijke groei doormaken,maar een evolutievan de totale mensheid, daaroveris Toonder somber.'De geschiedenisgeeftmeer aanwijzingenvoor een repeterenderondgangvan dezelfdeelementen,religie, macht, drift, eg9 in een telkens veranderend decor.' Toonders open benaderingvan zoveelverschillendelevenswagen moge ons behoedenstalendenkramente krijgen. Hij was als creatief denker een uniek kunstenaar,boordevol originele gedachten,fantasieënen beelden en met een sterkehang naar

t6


Ievensbeschouwelilkevraagstukken.Zijn verbluffende intuïtieve kennis leidde hem een leven lang op wegen van magie en mystiek en dat wij daar, dankzlj de Bommelsaga deelgenoot van mochten zijn, is een groot voorrecht. ln dezewereld van ratig analyse,empirie en digitalisering is hij zijn eigen eenzameweg gegaan,gelukkig wel gesteund door familie en rrienden, die ruimte schiepenvoor hem om zijn gedachtenop papier te zetten. Zljnbenaderingvan de werkelllkheid is naar mijn mening van grote betekenis,hoewel zijn definitieve en blijvende bijdrage aan de Nederlandsecultuur op dit moment nog niet is te peilen. Mocht dezelezing u aansporenom weer eenseen of enkeleverhalen uit de Bommelsagate lezen,dan heb ik mijn doel bereikt. In de zekerheid dat u dan veel beter begrijpt wat hij bedoelt dan ik u kan uitleggen stel ik voor dezelezing direct weer vergeten.

Pim Oosterheert

Een beer uán gíote Íaem Jaarlijks verschijnt rond de Kerstdagen een specialeuitgave van "Grafisch Nederland", uitgegeven door de Koninklijke Vereniging van GrafischeOndernemingen.Deze traditie gaatterug tot 1911 en illustreert daarmeebijna honderd jaar collectievepromotie, samenwerking, grafischetechniek en vormgeving. Bij het opruimen van een oud archiefstuitte ik op het Kerstnummer 1986 dat als thema Mensenwereld-Dierenwereld draagt. Het gaat over het dier als symbool, vanaf de plaats in oude godsdiensten,in de kunst van de renaissancetotaan de commercie van vandaag de dag. Daarbij treedt ook onze tweeslachtlgheld ten aanzienvan dieren duidelijk aan het licht: bewonderd en verheven tot bron van magie en kracht tot genadelozeexploitatie en uitroeiing. In één van de hoofdstukken laat journalistJanvan Lieshout ons kennis maken met "Het sprekende mens-dier".Vanaf de slang in het scheppingsverhaalverl'ullen dieren wonderlijke rollen in verhalen, mythes en sagen.Dieren blijken in mensentaalte kunnen communiceren.Het gaatin dit hoofdstuk om dieren alsmenselijkverzinsels.Vermenselijktedieren gevormd naar het evenbeeldvan hun schepper.De auteurmerkt op dat dieren met

t9


de hoogste aaibaarheidsfactor- depou en de beer -het meest r-eelvuldig voorkomen in (lcinder)verhalen,strips en tekenÊlms. En wij kennen de verhalen waar ze zelfssamen optreden! Uiteindelijkblijkt de beer het meest aaibaaren daarom spitst de auteur zijn verhaal toe op drie beren die grote faam hebben verworven: Bruintje Beer,Winnie the Pooh, en de meest r-ermenselijkte beer van Hollandse komaf: heer Ollie B.Bommel. Flieronder volgt watJan van Lieshout over deze drie beren schriift Q.20e2H): Er zijn drie beren die grote faam hebben yerworven en zich toegang hebben weten te verschaffentot de grote-mensen-cultuur, ia zelts tot de officiële letterkunde en universiteitsbibliotheken. Beren rraar wetenschappelijke,literaire analysesvan zijn gemaakt,over r,rie zelfs bibliografieën zijn geschreven,ook al hebben zij nooit in werkelijkheid geleefd. De oudste van de drie is Rupert Bear,in Nederland bekend onder de naam Bruintje Beer. Hij stamt van 1920 en alsvermenseliflte dieren ouder zouden kunnen worden, dan zou hij nu ruim gepensioneerd zijn. In Engeland is hij echter op dit moment nog steedszo'n jaar of vijf, schat ik; in Nederland wordt hij nog maar zelden waargenomen, in elk geval de laatste 35 jaar niet meer in stripvorm in de kranr Ik heb hem nauwelijks gemist. Persoonlijk heb ik nooit iets met dat Bruintie gehad, ikvind hem eerlijk gezegdeen hoogst vervelend knaapie. Waarschijnlijk omdat hij als het meest van alle vermenseliikte dieren zijn afkomst lijkt te verloochenen. Elk beer-achtigsis hem vreemdHij heeft de houding en het postuur van een gewoon fongetie en een saaigezichtje. Toch kan ik niet om Bruintje heen-\'eel generatieszijn wel dol op hem geweesten menige volwasseneis nog steedsdoor hem gefascineerd. en bestaatsinds kort een heusebiografie hem: Rupert, Á Beart Life, geschrer-endoor eorge Perry. In het Cultureel Supplement Qarlel, f) van Nnc-Handelsblad van l1-*'8ó ruim aandacht aan deze uitgave b€ste€d im vijftien jaar eerder heeft alweer Kousbroek beschouwingen aan Bruintie Beer genijd-


i{ij adoreerthem: 'Bruintje Beer heeft alles.Wie Bruintje Beer leest, hoeft niets andersmeer te lezen.Of overdrijf ik misschien?Laat ik mri meeslependoor mijn geestdrift?Heb ik niet de neiging om de proporties uit het oog te verliezenen zou men hieruit -wat de hemel r erhoede- misschienkunnen lezen dat ik Bruintje Beer gelijk stel met het meestgigantischewat er bestaat,te groot om door het menselijke brein volledig bevat te worden, te weten Mickey Mouse?' Kousbroek raakt bij het denken aan Bruintje in bijna religieuzevervoering en spreektover'het Mysterie van zijn Geruite Broek, vanzrjn Geruite Das,het Mysterie vanzíjn Onnozele Snuit, en het Mysterie vanzljn Ronde Oortjes.' Ilr mis het geloof in Bruintje en derhalvezljn dezewoorden voor mij aan een heiden gezegd,alsKousbroek in 'Onschuld en Boete' (opgenomen ín de bundelEenIQil om in te snikken,1971 ThomasRap) spreektover het mysterievan Bruintje Beers'VerborgenLichaam: 'trVatzou er aan het licht komen als hij zich uitkleedde? Is hij helemaal van beer,met alleenhanden en voeten van een mens,of is hil een jongetje met berekop?'De waarheidzalwel nooit worden bloot gelegd,maar ik heb sterk het gevoeldat het om een braafettertjevan eenjongetje gaat,die eenberekop -net als de rest van zljn familie -gebruikt om zijn ware aardte verhullen.Dat is ook precieswat ik op Bruintje tegenheb. Hij is te weinig beer.Er moet tenminste iets dierlijks en aaibaarsoverblijven.Bij beren is dat beest-achtigetoch al eenprobleem.Wat gebeurt er als een pratendebeer gewond raakt? Komt er bloed uit of zaagsel? Met anderewoorden; hoe zit het met de afstamming? Bij de tweedebeer die het in de letterkundever heeft geschopt,bestaat over die oorspronggeenmisverstand.Dat is Winnie the Pooh, daterend uit 1926 en dus zesjaar jonger dan Bruintje. Een Pooh-beeris van oorsprong speelgoed.Is Bruintje typische een exponent van de categorie'braven Winnie-the-Pooh hoort tot de'sullen',is onbetwist de kampioen van de dompies,en daarmeede aandoenlijkstevan alle beren.Misschien moet je zelf wel heel wijs zijn om zo dom te kunnen zijn alsWinnie-the-Pooh; hij is tot beer gewordenpoëzie,hij kijkt verder dan naar de banalebetekenisvan woorden, maar neemt ze in de meestletterlijke zin en onzin. AIs hij zegt: 'tut, tut, it looks like rain', lijkt hii de natuur te


kunnen bezweren en zíjn zelfverzonnen liedjes zijn juwelen van experimentele dichtkunst.Winnie-the-Pooh en zlln scheppe.A. A. Milne worden in letterkundigestudiesdan ook zeerserieusgenomen. Pooh of Poeh is een literair verschijnselvan onmetelijkeproporties. Kinderen en volwassenenadorerenhem. Zijn bos in Sussexis een bedevaartsoord.Hil heeft een Iezerspubliekvan miljoenen. Zíjn teksten kent de liefhebber uit het hoofd. Poeh is knuffeldier, dichter en afgod tegelijk.Aan hem zijn dissertatiesen congressengewijd, maar naar ons gevoel is hij niet in een raamwerk te vatten. Wat hem zo uniek en ontroerend maakt is de kleinheid van zijn wereld, de eenvoud van zijn karakter, waarin simpele wensen en foutjes breeduit worden uitgemeten.Eindeloos getob over de Heffalump of Flapperdeflap,over een Expeditie of Expotitie naar de Noordpool, over het storendenieuwkomertje Roe, in de buidel van moeder Kanga, gewichtige zaken over een Uil die kan Schrijven, een cadeau aan de ezellejoor. Gebeurtenissendie ook in ons bestaanvoorkomen en daarin een zucht worden afgedaan,krijgen bij Poeh zeerveel aandachten groeientot de Evenementen,die zij bij ons ook zouden moeten zljn;blj ons zou het bestaaner saaien traagvan worden, bij Poeh krijgt het juist rust, tijdeloosheid en diepgang.Poeh is de ware zalige,eenvoudigevan geest.Hij is het Geluk zelve,zijn bestaanis overzichtelijlgen een klimpartij in een boom is eenAvontuur. Poeh maakt ons duidelijk dat ookwij zouden terug willen naar Het spelletje Poeh-takje,op eenbrug boven eenbeek, en dat we het larvaaivan dezetijd eigenlijkniet aankunnen. Maarwaarom Poeh-beer,en niet Poeh-konijn ? Of Poeh-kat? Die gedachteis onverdraaglijk:alleenin het beertje kunnen wij immers onszelfprojecterenals onschuldig,maar niettemin als onszelf.In ieder ander dier is dat ondenl<baar.De beer-godinArth of Arduin leeft in ons collectief onbewustevoort, zij is niet voor niets ooit door ons alszodanigbedacht -3000,4000 jaar geleden. De meestcomplete en tegelijk ook meestcomplexe van alle vermenselijkteberen is van Nederiandse afkomst: de heer Ollie B. Bommel. Hij is de jongste van de hier genoemdedrie -hij kwam in i94l in de


openbaarheid-maaris tegelijk ookverreweg de oudste en de meest ontwikkelde. Heer Bommel is zo'n figuur apart,dat bij balanceert op de grens van wat nog aanvaardbaaris als vermenselijkt dier. In hoeverre is in de Bommelverhalen nog sprakevan dieren als figuren? Toegegeven,als je alleen naar de tekeningen kiikt, blijkt Rommeldam -Bommelt woonplaats-op een enkeleuitzondering na, zoalsde mens\schilderTerpen Tijn en de boze tovenaarHocus Pas,bevolkt met aangeklede,rechtop lopende beesten.Maar in de tekst is het beest-achtigenauwelijksmeer terug te vinden. Het lijken bijna echte, levendemensen.Deze opvattingwordt gedeelddoor de bommoloog Henk R. Mondria die in zijn Bommelbiografre(1974, 2e druk) gretig een uitspraakaanhaaltdie Marten Toonder,scheppervan Heer Bommel en Tom Poes,deed in eenvraaggesprekin de Volkskrant in 1949.Toonder zegtdaar: 'Eenszal ik een boek schrijven:De mens in al zijn vormen. 'Bommelbiograaf Mondria voegt daar aantoe: 'Dat boek schrijft Marten Toonder nu al meer dan dertig jaar lang!' Het zouden er meer dan vijfenveertigworden voordat Toonder in 1986 met zijn dagelijksestrip in Nnc-Handelsbladzou stoppen.Kan een dierenverhaaltegelijkertijdhet boek zijn'over de mens in al zijn vormen'?Een dierenverhaalis immers een dierenverhaalomdat de figuren die er in spelengeenmensenin al hun vormen zijn, maar juist gesimplificeerde,incomplete karakters.Gereduceerdemensbeelden aishet ware.Maar de som der karaktersin de Bommelstriosbiedt wel degelijkeen heel rijk geschakeerdmensbeeld.Volgenssommige Bommelkennerszouden Tom Poesen FleerBommel afsplitsingen zijn van ĂŠĂŠn en dezelfdepersoonlijkheid.Mondria neemt inzljn Bommelbiografieeenbelangwekkendebeschouwingop over deze theorie, onder de titel'Symbiose van een heer en een poesl Hij schrijft: 'De symbiosevan heer Bommel en Tom Poeslevert een geheel op dat sympathiek aandoet,hoezeer Tom Poes apartzljn vervelendekanten heeft en hoezeerBommel apart een parvenuachtige schertsfiguuris met wie maar weinig mensenpuur voor hun genoegen omgangzoudenhebben,behalvedan juffrouw Doddeli Hoewel heer Bommel weinig menselijksvreemd is- zelfszonder dat er sprakeis yan een symbiosemet Tom Poes-hij blijft een incompleet mens, en daardoor nog wel aanvaardbaarals vermenselilkt dler. Er zljn een paar menselijketrekken die Bommel niet lijkt te kennen.De mogelijkheid om ouder te worden bijvoorbeeld.Dat heeft hij gemeenmet alle ander r-ermenselijktedieren.Bruintje Beer is bijvoorbeeld op vijf jaar blijven

e3


stekenen dat is heel wat ergerdan de mooie rijpe herenleeftijdvan Bommel. Een ander kenmerkend gemis is het ontbreken van sexualiteit en erotiek. Over dit punt is veel te doen geweest.Heeft heer Bommel een geslacht?Mondria meent van niet, al kan niet ontkend worden dat Bommel zo nu en dan verliefd is. Maar vrouwen speleneen zeer ze komen ondergeschikterol in de Rommeldamsegemeenschap, Doddeltje voor nauwelijks voor. Ja, natuurlijk is daar de buurvrouw Maar uit de verf echt wie heer Bommel regelmatiggenegenheidtoont. vriendschap komt het saaie,bravevrouwtje niet. Anderen zien in de tussenBommel en Tom Poeseen homofiele relatie; er wordt zelfs besmuikt gesprokenover pedofilie.Ferdinandusseontwikkelde in de \Dtr-bijlage'Afscheid van Bommel' (3 mei 1986) de theorie dat Tom PoesenJuffrouw Doddel één en dezelfdepersoon zouden zijn en dat Heer Bommel uiteindelijk dus met Tom Poesin een soort homohuwelijk is getredenJanHein Donner schreefal ín 1967 met grote stelligheid in zijn opstel'Het menselijkteveelen de paradoxvan de identíteít' (íJitleidingbíjdeBezígeBij-uitgaue' Alsje begrijptwat ik bedoel'): 'Heer Bommel heeft een geslacht.'Integenstellingtot wat wel eens besmuikt lachendis opgemerkt over zijn verhouding tot Tom Poes, bliikt hij ook in zijn gedragmetJuffrouw Doddel ook in geslachteliik opzicht een heer te zíjn. Ook Ferdinandussehaalt dezeuitspraakmet instemming aan.Ik geloof er niks van. F{eerBommel heeft het vijfenveertig jaar zonder primaire lichamelijkesexuelekenmerkenmoeten doen. Het feit dat hij wel een jas aanheeft maar geenbroek draagt, duidt daar op. Hij heeft immers niets te verbergen.Juistdit menselijke tekort maakt Bommel tot een geloofwaardige stripfiguur. Een serieuzereaanwijzingdat Bommel geengeslachtheeft(had, moetik zeggen),is het feit dat hij door al die jaren heen nooit ouder geworden is. Ouder worden, dood gaan,geborenworden en sexualiteitzijn onlosmakelijkmet elkaarverbonden.Wie het tijdloze en tegelijk eeuwigebezit, heeft geenvoortplanting nodig. In dit opzicht zijn sex en voortplanting inderdaadonlosmakelijk.Heer Bommel is nooit geborenen was nimmer voorbestemdte sterven.Ook al beroept hij zich regelmatigop het hebben van een stamvader,die overigensniets Teddy-achtigs heeft, zoals zljn vermeende nazaal,maar lijkt oP een beer van berevlees.(Waarschíjnlijkjokt Bommeloverdezestamboom, wat wegte mofelen.) aI washet maar om zijn sexlozeonsterJelijkheid Toen Marten Toonder voorgoed een einde wilde maken aan de iange

eq


verhalenreeks,heeft hij er dan ook iets geniaalsop gevonden: hij laat Bommel toch in het huwelijk treden metJuffrouw Doddel. Daarmee wordt het enigedat aanBommel nog ontbrak toegevoegd:een sexuele relatie.Het einde van alle onzekerheid:Bommel moet nu ook in erotisch opzicht met de billen bloot. En dat betekent,dat hij voortaan ook een broek zal moeten dragen.Dit is het definitieve einde van een vermenselilkte dierenfiguur. Bommel is volledig mens geworden' - Dierenwereld door issamengesteld 7986Mensenwereld GrafscbNed.erland uanGrafscbe enWouteruanDieren.Koninkhlk'Wrbond TinekeWierenga 1986'1M blz',31x 23,5cm.Rtlbgeillustreerd. Amstelueen Ondernemingen, alsKerstnummer bekend wasdeuitgave rcxN9A7A896 A44. In hetverleden in deperiode1952'1968uanDrukkersweekblad uanbetDrubkersweekblad, Het wordt u6,nGrafschNeàerland. enAutolijnendaarnaalshetKerstnummer vandeKoninklykeWr' onderdeel Cukuurstlchting doordeGrafsche uitgegeuen vangrafsche Het bladisuoorlieJhebbers Ondernemingen. entging vanGrat'sche zqn Ouderenummers uerzamelobject. eengeliet'd endruktechniek vormgeving www't'ransmelk'.n1. antiquariaat Ze bt1u. teuerkrtlgen. noganttquarisch Peter Geudeke

Elubdagzáteídàg ê6 ohtober ongeveer14.00h Zoals aangekondigdwilden we de tweedeclubdagvan 2007 ergensin het zuiden van het land houden. Onze enthousiaste beurscoórdinatorTon Mackaaij heeft ruimte gevondenin Eindhoven. De clubdag vindt plaatsin de aulavan het StedeliikCollege Henegouwenlaan 2 Eindhoven De ingangisaan de achterkqnt uan hetgebouw. Opbouwenvanaf 09.00h en de beurs opent om 10.00h einde

Aanmelden voor tafels kan zoals gewoonlijk bii de beurscoórdinator Ton Mackaaij.Leden hebben een meter gratis en elke volgende meter kost slechts 5 euro. In de aulavan de school is ruimte voor 60-70 meter tafel. Normaal gesprokenhebben we daargenoegaan.Voor de toewijzing geldt deze keer echter wel: vol is vol en toewiizing vindt plaats op volgorde van aanmelding.Wil je ruimte reserverendoe dat danbij Ton 06- 54613485 of mail naar: beurskraker@ to ondertii d.nl

e5


Uerhnrpten uerstrrpt In de reeksavonturenvan Zaagje Honderdduizend bommen en granaten!Wat nu weer?Gedichten verknippen en verstrippen? Alsof een gelukt' gedicht, met alle varianten die uiteindelijk geen vorm vondery al niet verknipt genoeg is. Voor Verknipt en Verstript zetten dichters, striptekenaarsen beeldend kunstenaarsde (denkbeeldrge)schaarin eigen en elkaarswerk. Strip en sloop zo veel alsje kunt was het devies,uiteraardom er een geheel eigen gedicht of strip van te maken. Wie denkt met dit album een hieuwe' Kuif e te kopen komt bedrogen uit. Verknipt en Verstript toont ons een wereld die niet kinderlilk onschuldig maar chaotisch en gewelddadig is. Schanullekeuit Suske en Wiske draagt een rode burqa en bij de baard van Allah blaast Kuif e, hoera, hoera, geluktl, zichzelf op.Achter vrolijke kleuren en dito striptaal gaan apocalyptischevoorstellingen schuil. Het verstrippen van literatuur raakt de laatstetijd steedsmeer in de belangstelling. Terecht,zoalsdit album in allerleitoonaardenen gedurfde'vertaalexperimenten'laat zien. (aldusde achterJlap) De verhalen en gedichten in het boek zijn daadwerkelijk verknipt enzijn een mooie puzzeltocht voor de liefhebbers van vooral Kuif e verhalen.Op één bladzijdeherkendeik al een stuk ofzeven verhalen, maar hoe ze preciesheten?Uiteraardkomt MT ook in dit album voor. Op pagina60 staathet gedicht Sermoen,met aan de tegenoverliggende bladzijde een Tom Poes die verdwaald lijkt rn een Kuif everhaal. De paddestoelendoen erg denken aanhet verhaalvan 'de geheimzinnige sterl Voor liefhebbersvan poëzie en verknipte verhalenis het een leuk album. Voor MT liefhebbers is er weinig te genieten. Het is net zoietsals spinazie,je moet er van houden.

+

Hoe oud is Bommel? Op welke dagzagBommel het levenslichtf Dat lijkt een simpele vraagmaar het antwoord licht verborgen aldus een van onze leden. Stuur uw antwoord naar de redactie. Onder de goede inzenders verloten we een leuk priisi

ë6


D,r|,

gedoerÀert à,e àaar ieqerii ,Rap:ei,Ltriend Ce,unll 'n

ï i-.l '.a ii I '-,-


Sermoen Ach! Hoe weiland snakt naar herten dorstend door de jakkerjacht waterklaters stromen herend door de fijne schrift - belerend al wat blazert in haar pracht. Doc[ gedoemdendie daarlegert! Rapselbuilend in de goot! Foeisel van een ongenade die haar kwalm drijft tot tornade bekereweer- want grom is rood! Naar de droezel zult glj klerren! Blikken gruwel, grol en fijl! Bler pardoen en gil verkorven, gij die vaal zijt en gestorven gij die guichelt naar het geil! Haast gij allen, mijne lammen zijt gedroendenvan een pen! Allen zult gij krijnen, zwaten! Hogig zult ge echter taten als ge giegegakt...Namen! Marten Toonder

HenkArens

ĂŞ0


Mtvc nr 065