Issuu on Google+

Fabels en onwaarheden over NutriëntenEmissieRechten (NER) … en hoe ze te weerleggen

Over NutriëntenEmissieRechten (NER) worden de zotste dingen verteld. We zetten een aantal fabels en onwaarheden op een rij en vertellen je hoe de vork wel in de steel zit.


Als ik NER wil overkopen van een landbouwer, vraag ik zijn laatste aangifte aan de VLM op. Zo controleer ik hoeveel NER hij werkelijk heeft. FOUT! In officiële documenten, zoals de VLM-aangifte, wordt enkel het bruto aantal NER vermeld. Als overnemer ben je echter geïnteresseerd in de Netto NER. De bruto NER wordt verminderd met de wettelijke reductie van 25%. Daarbovenop kan er nog een bijkomende reductie gelden voor nietinvulling met dieren, de zogenaamde slapende NER. Ook niet gerespecteerde mest-afzet kan voor minder netto NER zorgen. Een attest van 1000 bruto NER kan op die manier bijvoorbeeld zorgen voor maar 546 netto NER! Het nakijken waard dus.

Mijn dieren zijn al meer dan drie jaar weg. Mijn NER zijn dus waardeloos. FOUT! We noemen dit de ‘100% slapende’ NER. Deze zijn nog altijd verkoopbaar maar enkel in het kader van een eerste installatie of een overdracht binnen de familie. De waarde van de NER is wel kleiner dan bij actieve NER. De prijs wordt bepaald tussen koper en verkoper.

Ik heb mijn NER verkocht. Ik mag dus geen dieren meer houden. FOUT! Je mag nog dieren houden tot een maximum fosfaatemissie van 300 kg P2O5 (fosfaat). Dit komt overeen met bijvoorbeeld 10 melkkoeien of 14 paarden. Je mag uiteraard ook combinaties van dieren houden, zolang je de grens van 300 kg P2O5 niet overschrijdt. De cijfers om deze normen te berekenen vind je via de website van de VLM.

NER kosten heel wat geld. Of je nu koper of verkoper bent, je moet steeds een aantal zaken nagaan voordat je overgaat tot een transactie. Anders kan je wel eens voor onaangename verrassingen komen te staan.

Er is maar één soort NER. FOUT! Er zijn vaste NER en vrij invulbare. NER verworven via een eerste installatie of destijds rechtstreeks aan jouw bedrijf toegekende NER, zijn vrij invulbaar. Dat wil zeggen dat ze niet aan een diersoort toegewezen zijn. Je kan op die manier runderen houden met vrij-invulbare varkensNER. NER-D zijn daarentegen vast in vijf situaties • alle overgenomen NER-D waarop de reductie van 25 % wordt toegepast • alle overgenomen NER-D met mestverwerking van 25 % van de overgenomen NER-D • alle overgenomen NER-D in het kader van een melkquotumoverdracht • alle initieel toegekende NER-D van de overnemer die van dezelfde soort zijn als de overgenomen soort NER-D zoals vermeld in punt 1 tot en met punt 3 • alle tijdelijke NER-D


Als ik wil uitbreiden in varkens, moet ik varkensNER bijkopen. NIET NOODZAKELIJK! Stel dat je runderen en varkens houdt en je beschikt enkel over vrijinvulbare varkens NER. Dan moet je runderNER bijkopen bij een uitbreiding, ook al ga je uitbreiden in varkens. Koop je varkensNER bij dan worden je vrij-invulbare varkensNER vast, dit wil zeggen: enkel toegewezen aan de diersoort varkens. Je runderen komen dus zonder NER te zitten. Koop je runderNER bij dan wordt de uitbreiding van runderen ingevuld met nieuwe vaste runderNER en de huidige veestapel blijft gedekt door de huidige vrij-invulbare varkensNER. Hoewel het dus onlogisch klinkt, kan het zijn dat je runderNER moet bijkopen om uit te breiden in je varkensactiviteiten.

Als ik NER tekort heb moet ik gewoon het aantal NER bijkopen dat ik tekort heb. FOUT! Stel dat je op je jaarbalans 1000 NER tekort komt. Je ontdekt dat op 15 juni en kan een overdracht doen met overdrachtsdatum 30 juni. Je koopt 1000 NER bij. Vermits de NER enkel tellen voor de dagen in jouw bezit zullen deze NER maar meetellen voor 184 dagen, nl. van 1 juli tot 31 december. Omgerekend heb je voor het huidige jaar slechts 504 NER extra en blijf je dus met een tekort zitten. Het volgend jaar beschik je wel over de volle extra 1000 NER. Wil je de situatie voor het huidige jaar in orde maken? Dan zal je dus meer NER moeten kopen.

Beroep doen op iemand met kennis van zaken, is altijd een goed idee!

Als ik mijn dieren wegdoe moet ik direct al mijn NER verkopen. FOUT! Dat hoeft niet maar het mag natuurlijk. Best reken je eerst nog ĂŠĂŠn en ander na. Want stel dat je voor de eerste periode van het jaar NER tekort had en je verkoopt de NER bij het vertrekken van de dierenvan de dieren, dan heb je op jaarbasis nog altijd een tekort en kan je het jaar erop een boete krijgen. Zelfs al heb je op dat moment al lang geen dieren meer. Er wordt rekening gehouden met de gemiddelde niet-invulling van de voorbije drie jaren die voorafgaan aan het jaar van de overdracht en dit tot 30 september. Dus indien je een goede invulling hebt voor het huidige jaar, dan heb je een extra jaar tot 30 september om de NER zonder bijkomende reductie te verkopen. Maar hou de termijnen wel goed in het oog. Wanneer je te lang wacht, worden alle of een deel van de NER slapend en zijn ze minder waard.


Deze brochure werd gemaakt door ’t Boerenhuys, expert in landelijk vastgoed. Wil je de informatie uit deze brochure gebruiken? Dan kan dat enkel mits bronvermelding en een link naar onze website www.boerenhuys.be. Meer weten over de aan-en verkoop van NER, toeslagrechten of agrarisch onroerend goed? Bel ons voor het meest recente aanbod op 050 70 80 80.

experts in landelijk vastgoed

‘t Boerenhuys bvba Koolkenstraat 9 - 8740 Pittem - T +32 (0)50 70 80 80 - F +32 (0)50 70 81 81 - info@boerenhuys.be - www.boerenhuys.be


Fabels en onwaarheden over nutriëntenemissie rechten