Page 40

Merlijn Olnon leest

‘IS IT SUSTAINABLE? NO, BY NO MEANS’

de top van de literaire tijdschriften

Terwijl het rommelt in de Nederlandse uitgeverij bezoekt Merlijn Olnon van Athenaeum Boekhandel de redacties van twee befaamde Engelstalige tijdschriften en vraagt hij zich af: hoe een goed literair bedrijf overeind te houden? ‘It’s hopeless’, glundert Nicholas Spice. We zijn met drie redacteuren van de Nederlandse Boekengids bij hem aangeschoven voor een licht ontbijt achterin het café van de London Review Bookshop. Nadat hij ons eerst een uur heeft uitgehoord over onze onderneming, vroegen we hem zojuist hoe hij als uitgever van The London Review eigenlijk aankijkt tegen de afwezigheid van toegankelijke titels, intro’s, streamers en beeld in ‘zijn’ blad. ‘… I’ve spoken with Mary-Kay [Wilmers; hoofdredacteur van de LRB] about it many times.’ Inderdaad, punt. De altijd montere Spice werkte als sales rep voor een grote Engelse uitgever toen hij de nog relatief onbekende London Review op het spoor kwam – een in 1979 als spin-off van The New York Review opgezette fold-in die het inmiddels zelfstandig probeerde te rooien. Hij besloot de titel in zijn portfolio op te nemen en werd niet lang daarna gevraagd er een uitgeverij omheen te komen bouwen. Zijn uitgeverij, een verdieping onder de redactie, blijkt later een opmerkelijk gezellige, maar daarom niet minder goed-geoliede machine, gericht op slechts één ding: zo veel mogelijk abonnees werven. Niet zonder succes, getuige 40

het feit dat de LRB er inmiddels zo’n 60.000 heeft. Dat is nogal wat voor een literair tijdschrift dat niet alleen getipt wordt als ‘the best magazine in the world’, maar dat bovendien zo weinig concessies doet aan zijn lezers en dat zo consequent goedgeschreven, highbrow en long form is – steengoede essays van 10.000 woorden zijn geen uitzondering. Het beheersen van die spanning tussen kwaliteit en toegankelijkheid, dat is blijkbaar het doel van deze uitgever. Zijn middelen? Ten eerste: geld, and lots of it. ‘Is it sustainable? No, by no means, haha. Our shareholders are very generous; they put in about a million pounds every year.’ De belangrijkste shareholders? De hoofdredacteur en haar gefortuneerde familie. Het is in belangrijke mate dat geld waarmee Spice een uitgeverij kan laten draaien die de LRB zichtbaar maakt en die ieder jaar opnieuw een verloop van maar liefst 30.000 abonnees moet zien goed te maken. Geld waarmee de abonnementsprijs zo onwaarschijnlijk laag kan worden gehouden (bij aanvang twaalf nummers voor twaalf pond) en waarmee de auteurs zo genereus en prompt beloond kunnen worden. Het is ook dat geld, en de daaruit

www.boekblad.nl

voortvloeiende verhoudingen, dat de basis vormt voor het inhoudelijke succes van de LRB: een volstrekt onafhankelijke redactie. En ze voert ver, de onafhankelijkheid en geslotenheid van dat cabal. Spice: ‘As you will notice, the editors sit in a circle. It can be quite intimidating to stand there. I manage it by just playing the fool.’ Ook LRB-auteurs van aanzien willen daarover in vertrouwen wel wat zeggen: de redactie werkt als groep anoniem en correspondeert vanaf één adres; auteurs hebben vaak geen idee met wie ze nu eigenlijk corresponderen. Blinde liefde Later, tijdens onze gesprekken boven, op de redactie, zal inderdaad voelbaar zijn hoe serieus die onafhankelijkheid genomen wordt. Alle vriendelijkheid en openheid ten spijt, alles op de redactie ademt dat men daar als het ware het liefst met de armen om elkaars schouders, voorovergebogen in een kring werkt, fluisterend en met de rug naar buiten gekeerd. Zoals bij het doorkijken en bespreken van de redactiemappen ook zal blijken hoe hard de in het redactionele vuur geharde poëtica is én de onderlinge loyaliteit.

Boekblad 10 2017  
Advertisement