Page 60

VERGETEN

HELDEN

Vergeten helden van Brabantse grond, die meer verdienen dan een voetnoot in de cultuurgeschiedenis.

Aflevering 2:

John Lanting

E

en publiek dat naar adem hapt van de pret, vrouwen die hikkend van de lach bijna dreigen te stikken. Soms kwam de lach zo explosief, dat mensen erbij moesten gaan staan. Dat de acteurs serieus gas terug moesten nemen voordat er ongelukken zouden gebeuren. Het Theater van de Lach van John Lanting deed zijn naam eer aan. In de jaren zeventig en tachtig trok Lanting altijd uitverkochte theaterzalen met kluchten als Nee schat, nu niet!, Een scheve schaats en Een trouwring mag niet knellen. Twee miljoen theaterbezoekers zagen zijn werk, dat bovendien door de TROS – eerst in zwartwit, later in kleur – werd uitgezonden. De legendarische Koning van de Klucht, met zijn vrouw Jenneke al jarenlang woonachtig in Breda, is alive and kickin’, en werd een paar maanden geleden 85 jaar. RUGZAK Lanting ( 1930, Overveen) loopt na de oorlog – gedesillusioneerd – van huis weg en trekt met een rugzak de wereld over. Bij terugkomst doorloopt hij de Toneelschool in Amsterdam en debuteert in 1956 bij het Rotterdams Toneel. Tot 1964 speelt hij stukken van Bredero en Molière, naast acteurs als Max Croiset, Ton Lutz en Ton van Duinhoven. Hierna ‘doet’ hij Beckett bij de Nieuwe Komedie in Den Haag en heeft Lanting zijn eerste grote solosucces: De Aap van Kafka, een rol die hij tot in Japan vertolkt. Via cabaretgroep Lurelei, met Jasperina de Jong en Adèle Bloemendaal, belandt hij bij de humor. Het Theater van de Lach debuteert in 1972. Lanting sluit een exclusieve licentiedeal met de Britse toneelschrijver Ray Cooney en zet in Nederland in z’n eentje een heel genre neer: de kluchtkunst. Zelf speelt hij altijd de hoofdrol, doorgaans de stuntelende minkukel. Lanting werkt zich op tot troonopvolger van legendarische komische acteurs als Cor Ruys en Johan Kaart en krijgt in 1986 de Johan Kaart-prijs, waarmee hij zich schaart tussen Willem Nijholt en Mary Dresselhuys.

60

FOUT EN FLAUW Voor de post-Piet Bambergen-generatie: een klucht, dat is een soort soap, vol luchtige grappen en grollen, die je van mijlenver ziet aankomen. De acteurs rennen over het podium, spelen verkleedpartijtjes en verstoppertje achter klapdeuren, die constant worden geopend en dichtgesmeten, wat voor ‘hilarische’ situaties zorgt. In kunstminnende kringen klinken minachtende geluiden: fout en flauw volksvermaak is het, wat die Lanting doet. Op toneelscholen wordt nog steeds gewaarschuwd: al krijg je als serieus acteur een rol in een soap, prima, maar kom nóóit terecht in John Lanting-achtige stukken. Lanting zelf, die zichzelf een ‘bloedserieuze clown’ en ‘mediaschuwe Einzelgänger’ noemt, koestert geen wrok. Verguisd worden noemt hij zelfs een ‘goed ding’. “Het stimuleert je om nog beter te worden.” Al schiet hij wel uit z’n pantoffel als de denigrerende term ‘onderbroekenlol’ wordt gebruikt. Want er komen nauwelijks onderbroeken voor in zijn werk. Dit in tegenstelling tot sportbroekjes, tutu’s, japonnen, Schotse rokjes en maillots. DE TANGO Niets zo vergankelijk als theaterroem. Maar Lanting heeft geluk: zijn werk is sinds kort deels terug te vinden op YouTube. De verzamel-box die hij op zijn 75e verjaardag presenteerde, lijkt echter onvindbaar. Met het terugtreden van Lanting in 1996 lijkt het doek gevallen voor de Hollandse kluchtentraditie. Acteur Jon van Eerd springt in het gat, maar haalt het niveau van het onbekommerde avondje lachen, gieren, brullen van de – in zijn vak – geniale Lanting niet. Lanting zelf richt zich tegenwoordig op de tango, sinds 1949 – toen hij met z’n rugzak door Spanje trok – zijn andere grote passie.

Tekst Dieter van den Bergh Illustratie Trumpstein & De Leijer MEST nr 10

MEST #10  

Juni 2015. MEST is het tijdschrift over kunst en cultuur in Noord-Brabant. In deze editie lees je * Het Duits lijntje *De stad als een museu...

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you