Issuu on Google+

Maandblad voor medewerkers van Rijkswaterstaat

10-2012

Versoberingen merken we buiten Relatie met de omgeving versterken

Steeds op zoek naar verbetering


Buiten gaat het werk gewoon door Bewonderenswaardig

Leermomenten

Het Nieuwe Werken

Trillende bureaus en scheefhangende schilderijen deden Rijkswaterstaat in de zomer besluiten het gebouw in Westraven te ontruimen. De rest is geschiedenis. De Rijksgebouwendienst en Rijkswaterstaat wisten in korte tijd 1.500 medewerkers een ander onderkomen te bieden. En het reguliere werk ondervond hiervan beperkt hinder. Vooral de flexibiliteit van de RWS’ers is bewonderenswaardig. Met veel begrip voor de situatie pasten zij zich aan, ook als het extra belasting als reistijd tot gevolg had.

De situatie was uitzonderlijk. Zo bleek het belangrijk om iedereen zo volledig mogelijk, tijdig en frequent te informeren. En dan alleen over zaken die niet ter discussie staan. Afspraak was om medewerkers altijd als eersten te informeren voordat het nieuws naar buiten ging. Soms lag het nieuws dan per omgaande op straat. Er loopt nu een uitgebreide evaluatie om van de ervaringen van Westraven te leren.

Opmerkelijk waren twee nieuwsitems op dezelfde dag. Het ene bericht ging over de situatie rond Westraven. Het andere bericht ging over de start van het groot onderhoud op de A27. Terwijl 1.500 RWS’ers dus niet in Westraven konden werken, ging het werk buiten gewoon door. Zo is op grote schaal ervaring opgedaan met het plaats- en tijdonafhankelijk werken: Het Nieuwe Werken. Westraven is met ingang van het nieuwe jaar weer volledig in gebruik.


december 2012

INHOUD 6 Veranderen in een uniforme en efficiënte organisatie 9 Nieuw Watermanagementcentrum Goed communiceren naar de werkvloer ‘Het onderwerp OP2015 is natuurlijk hét onderwerp dat er uitspringt en waarover iedereen zo veel mogelijk wil weten. Het is een zeer spannende en interessante tijd voor elke werknemer van Rijkswaterstaat. Zo ook voor mij. Als redelijk nieuwe werknemer, net twee jaar werkzaam binnen RWS,

10 Het moet soberder en zuiniger 14 Incidenten afhandelen: snel en professioneel 20 Sterk in de regio

vind ik het boeiend te zien hoe een dergelijke grote organisatieverandering in zijn werk gaat en wat

6

voor consequenties dit heeft voor het personeel.

9

10

14

20

Het is voor mij de eerste keer dat ik een organisatieverandering met eigen ogen van dichtbij meemaak, dus ik sta er vrij open in. De gevolgen van de organisatorische veranderingen voor de werkvloer volg ik op de voet. Sinds mei ben ik ook lid van de OR in Noord-Nederland. Op die manier probeer ik mijn steentje bij te dragen aan dit proces, voor zover mogelijk. De communicatie naar de werkvloer is zeer belangrijk in deze situatie. Ik vind dat de communicatie hierover in dit stadium goed verloopt. Werknemers hebben zeker iets aan alle informatie over OP2015 en blijven zo helemaal op de hoogte. Weinig berichtgeving maakt mensen

en verder 4 Nieuws 12 Nieuws uit de regio 16 OP2015

17 Buitenwacht 17 Op de stoel van 18 Uitgetekend

19 Podium 23 Geeltje

over het algemeen toch onzeker. Daarom spreek ik de wens uit dat we met elkaar blijven communiceren en openstaan voor een nieuwe omgeving die zeker ook kansen gaat bieden.’ Michelle Kats Jurist bij RWS Noord-Nederland

Geel! is een blad voor alle Rijkswaterstaters. Onderwerpen worden aangeleverd door collega’s uit het land. Uitspraken, meningen en citaten in dit blad weerspiegelen niet noodzakelijk de visie van het management van Rijkswaterstaat. Verschijnt tien keer per jaar. Uitgave: RWS Corporate Dienst I Opdrachtgever: Marjan Buruma, Staf DG I Projectleiding: Henk Kloosterhuis, RWS CD I Bladcoördinatie en realisatie: Bureau Karin de Lange, Den Haag I Tekst en redactie: Bureau Karin de Lange en BCP I Eindredactie: Saskia Hinssen en Susan de Louw (Bureau Karin de Lange, 070-365 44 34) I Beeldredactie: Bureau Karin de Lange, 070-365 44 34 I Illustraties en fotografie: Henri Cormont, Aleid Landeweerd, Edwin Weers, Loek Weijts, Yvette Wolterinck, www.Shutterstock. com I Voorpagina: Eric Geurtsen, weginspecteur I Oplage: 13.000 exemplaren I Vormgeving: Inpladi bv, Cuijk I Druk: drukkerij Vos, Gemert I Reacties op het blad, suggesties en onderwerpen zijn welkom via e-mail: henk.kloosterhuis@rws.nl Vragen over de bezorging kun je sturen aan het bureau HID van je dienst.

3


4

Doorlooptijd van inhuren sterk verkort

Samenwerking Vlaanderen winnaar Gouden Globe

Door KR8 is de doorlooptijd van het inhuren van personeel voor data en ICT sterk verkort. De gemiddelde aanvraag duurt 21 dagen in plaats van 33. De afdelingen pakken het nu verder op, maar het KR8-team blijft op de achtergrond als vraagbaak aanwezig.

Creëer of benut je internationaal een kans voor Rijkswaterstaat, dan kun je jaarlijks meedingen naar de Gouden Globe. Op 30 oktober reikte DG Jan Hendrik Dronkers deze prijs voor de eerste keer uit tijdens de Netwerkdag RWS-Internationaal. De winnaar werd het samenwerkingsproject met Vlaanderen voor waterkwantiteitsmodellen.

‘De doorlooptijd is de tijd van het moment van aanvragen tot de inhuur van een tijdelijk ICT-medewerker. Vier marktpartijen leveren aan Rijkswaterstaat ICT-personeel als daar behoefte aan is. De aanvraag ging traag en we hadden er geen zicht op waaraan dat nu precies lag. Door een goede registratie is dat nu aanzienlijk verbeterd’, zegt Ingrid Janssen, KR8-deskundige bij de DID. Tijdwinst ‘We hebben met alle betrokken afdelingen het hele proces uitgetekend en gekeken waar de verspillingen zaten. Er bleken allerlei omslachtige en dubbele stappen in te zitten. Zo vulden we voor elke aanvraag apart een digitaal formulier in. De algemene gegevens vertalen we nu vanuit één formulier door naar alle volgende formulieren. Een gemiddelde inhuuraanvraag duurt hierdoor nog maar 21 dagen. Dat is een enorme tijdwinst.’ Verbeterde relatie ‘Naast tijdwinst verbetert de relatie tussen de inkoopafdeling en de klant. We zien dat het uitvoeren van verbeteringen zijn vruchten afwerpt. Medewerkers ervaren dat het inhuren van personeel minder omslachtig is. We blijven scherp, want er zijn altijd acties die we kunnen oppakken en verbeteren.’

‘RWS dwingt met de internationale aanpak respect af’, zei Jan Hendrik tijdens de prijsuitreiking. ‘Onze netwerken houden niet op bij de grens en dat geldt ook voor contacten, kennis en invloedssfeer. De samenwerking met het buitenland is erg belangrijk. Ik heb deze prijs ingesteld, omdat RWS internationaal op de goede weg is en dat verder wil versterken.’ 

Wat levert het op? ‘Iedereen was vrij om zichzelf of iemand anders aan te melden voor de Gouden Globe’, zegt Karin Holthuis, die trekker van de werkgroep is. ‘Dat resulteerde in zeventien inzendingen. Deze aanmeldingen werden langs een aantal criteria gelegd. Samengevat: welke prestatie is geleverd en wat levert het RWS op? De jury, die bestond uit de DG en Joris Al (directeur Internationaal) koos daaruit een top vijf en benoemde het samenwerkingsproject met Vlaanderen als winnaar.’  Betere kwaliteit, minder kosten ‘Ons team heeft de waterkwantiteitsmodellen voor de Maas en de Schelde/ Noordzee enorm verbeterd door een intensieve samenwerking met onze Vlaamse collega’s’, zegt Rolf van den

Noordzeeatlasapp gelanceerd Wil je weten waar de stormmeeuw vliegt of waar de concentratie zink het hoogst is op de Noordzee? Download dan de Noordzeeatlas-app. Sinds eind oktober is deze beschikbaar in de bekende smartphone-stores. Uit een enquête op www.noordzeeatlas.nl bleek behoefte aan een gemakkelijkere en meer eigentijdse manier van informatiegaring. Deze app is een eerste aanzet tot dit nieuwe medium. Uniek, want de overheid maakt momenteel nog weinig gebruik van app’s. Net als de website bevat de app specialistische data over de Noordzee. Meerdere overheidsdiensten en de meetdienst van RWS Noordzee hebben deze informatie verzameld. Vooral biologen,

Roel Muusers en Gerard Poot.

schippers, duikers en onderzoekers van universiteiten weten de website te vinden. Gerard Poot van de meetdienst startte samen met Roel Muusers van Bedrijfsvoering het project met de app. In de toekomst komt er ook een applicatie met up-to-date data over bijvoorbeeld stromingen op de Noordzee. Dit is vooral voor de scheepvaart interessant. Meer informatie op intranet, zie http://corporate.intranet. rws.nl/Collegas/Geel.


december 2012

Unieke samenwerking met Vlaanderen De Vlaams-Nederlandse Schelde Commissie is gestart met de uitwerking van het project Grote Zeesluis. De VNSC is een samenwerking tussen Nederland en Vlaanderen op het gebied van economie, veiligheid en natuur. DG Jan-Hendrik Dronkers reikt de Gouden Globe uit.

Hoek van de Waterdienst en voorzitter van de werkgroep. ‘Het gaat om het samen ontwikkelen, beheren en gebruiken van onze modellen voor de gemeenschappelijke Maas. Of het nu gaat om waterstandverwachtingen, vergunningverlening, beleidsanalyse of beheer en onderhoud: in al deze primaire processen gebruiken we straks met Vlaanderen afgestemde en ontwikkelde rekenmethodes.’ Mirjam van Roode, senioradviseur bij RWS Limburg: ‘Vroeger werkten Nederland en Vlaanderen onafhankelijk aan de Maasmodellen.

Nu bundelen we onze krachten en maken we gebruik van één gezamenlijk model. Hierdoor werken we efficiënter, is de kwaliteit van het model beter en zijn we nog goedkoper uit ook. Bovendien presenteren we dezelfde waterstanden aan onze klanten.’ Verbinding Volgens de jury heeft het winnende team, naast de verregaande samenwerking met Vlaanderen, ook de verbinding versterkt tussen de Waterdienst en RWS Zeeland en Limburg.

Renovatie van de Ketelbrug De Ketelbrug in de A6 tussen Emmeloord en Lelystad wordt tot maart ingrijpend gerenoveerd. Het is een van de stalen bruggen van Rijkswaterstaat die versterking nodig heeft. De toegenomen verkeersdrukte en het zware vrachtverkeer hebben de afgelo-

pen decennia geleid tot een steeds grotere belasting van de brug. Vermoeiing in het staal van de brugkleppen was het gevolg. Met de renovatie zorgt RWS voor een veilig rijdek en een vlotte doorstroming over de (vaar)weg. Renovatie RWS voorziet het beweegbare deel van de Ketelbrug van nieuwe stalen brugkleppen en een nieuwe technische installatie. Naar verwachting kunnen weg­ gebruikers vanaf 1 maart de brug weer gebruiken. Tot eind maart vinden aanvullende werkzaamheden plaats. Tijdens de renovatie blijft de hinder voor het weg- en scheepvaartverkeer zo veel mogelijk beperkt. Meer informatie op intranet, zie http://corporate.intranet. rws.nl/Collegas/Geel.

‘De sluis komt in het kanaal tussen Gent en Terneuzen en verleent bij Terneuzen straks toegang aan grote zeeschepen die de haven van Gent willen bereiken vanaf de Westerschelde. Ook moet de sluis toegankelijk zijn voor talrijke binnenvaartschepen die via de corridor AmsterdamRotterdam in de richting van Parijs willen varen’, zegt Rob Jongkind, projectdirecteur bij de Dienst Infrastructuur. Panamakanaal De grootte van de zeeschepen neemt toe. Daar is het Panamakanaal mede debet aan. De schepen die daar door de sluizen en kanalen varen, zetten de standaard voor de wereldvloot. Rob: ‘Als deze schepen in de toekomst ook de Europese havens willen bereiken, moeten we daarop de sluizen aanpassen. In Rotterdam bijvoorbeeld kunnen dergelijke grote schepen al komen en voor de Amsterdamse haven is de grote sluis in IJmuiden in aanbouw.’ Effecten ‘We werken een variant uit en bedenken hoe zo’n grote zeesluis er ongeveer komt uit te zien. Daarbij kijken we wat de effecten zijn van het bouwen van zo’n nieuwe sluis op het milieu en op omwonenden. Ook bepalen we de contractvorm voor de realisatiefase en bereiden we het aanbestedingsdossier voor. Kortom, dit is een prachtig project in unieke samenwerking met Vlaanderen.’

5


6

Veranderen langs twee sporen:

uniformer en efficiënter Hoe geef je vorm aan regionale verschillen binnen landelijke netwerken? Hoe benut je kennis optimaal en zet je in op bezuinigen en continu verbeteren? Jaap Slootmaker en René Gerrits van het regieteam vertellen hoe Rijkswaterstaat zich ontwikkelt naar een uniforme en flexibele organisatie. Telt Rijkswaterstaat veel smaken? Jaap: ‘Aannemers ervaren niet overal dezelfde Rijkswaterstaat. De aanpak in Groningen kan anders zijn dan die in Zeeland. Van die soms onnodige verschillen willen we af. Van een landelijk opererende organisatie als Rijkswaterstaat mag verwacht worden dat eisen, contractvormen en omgangsvormen op hoofdlijnen overal dezelfde zijn. Dat is handig voor onze partners en efficiënter voor de eigen organisatie. Ook benutten we de kennis in huis nog onvoldoende en kunnen we meer van elkaar leren. De verandering gaat daarom langs twee sporen. Verbetering van de processen door meer uniformiteit, zonder de regio-

nale verschillen uit het oog te verliezen, en werken aan een organisatiecultuur die het steeds weer beter wil doen. Deze twee sporen versterken elkaar, maakt het werken binnen Rijkswaterstaat nog leuker en het product voor de gebruiker steeds beter.’

Hoe kwamen jullie op dat spoor? René: ‘Het denken over de organisatieverandering begon ooit vanuit het idee dat de sturing binnen Rijkswaterstaat beter kon. Vaak was onduidelijk wie precies waarover ging en wie de beslissingen nam. Kortom, de sturing moest eenvoudiger, inzichtelijker en sneller. Op die manier zijn we kritisch naar de organi-

satie gaan kijken en zijn we taken helderder gaan afbakenen.’

Wat zijn de ingrijpendste wijzigingen? Jaap: ‘De verantwoordelijkheden beleggen we helder. We gaan binnen Rijkswaterstaat werken met een opdrachtgever-opdrachtnemerrelatie. De regio bepaalt binnen landelijke kaders en de politieke opdracht ‘wat’ er moet gebeuren. En doet dat vanuit kennis over de toestand van de assets, de regionale ontwikkelingen en het belang van het gehele netwerk. Als uitvoeringsorganisatie van IenM gaan wij daarbij niet alleen over infrastructuur, maar ook over gebiedsontwikkelingen en milieuvraagstukken. De landelijke uitvoering bepaalt ‘hoe’ de realisatie plaatsvindt. Dus inkopen en aanbesteden, projectmanagement en contractbegeleiding pakken we voortaan centraal op. Opdrachtgever en opdrachtnemer zijn vanuit hun eigen rol samen verantwoordelijk voor een goed resultaat. Ze hebben elkaar van begin tot het eind nodig. Zo hebben we in ons werk veel te maken met technische installaties, niet alleen voor beheer en onderhoud en projecten, maar ook voor verkeers- en watermanagement en informatievoorziening. De industriële automatisering komt vaak pas laat in het proces aan de orde. Dat zorgt voor vertraging en hogere kosten achteraf. Door informatievoorziening naar >


december 2012

Naam: Jaap Slootmaker Functie: directeur organisatieontwikkeling Uitspraak: ‘De vertaling naar de praktijk is een grote opgave’

7


8

voren te halen en vanaf het begin in het proces te betrekken, voorkomen we onplezierige verrassingen. Ook kunnen we mooiere resultaten boeken door nog meer samen te werken met onze bestuurlijke partners, zoals gemeenten, provincies en waterschappen en met andere beheerders, zoals ProRail. Uiteindelijk is alles gericht op een optimale kwaliteit.’

Dat is een mooi doel. Welke weg is daarvoor afgelegd? Jaap: ‘We keken bewust eerst naar de processen en dan pas naar de structuren. Met mensen uit heel de keten is hard gewerkt om alle primaire processen van begin tot het eind onder de loep te nemen. Hoe loopt het proces nu? Wat gaat daarin goed en wat niet? Waar zijn verbeteringen mogelijk en hoe realiseren we daarmee de taakstellingen? Pas als je weet hoe de processen moeten lopen kun je een organisatie bouwen die bijdraagt aan het realiseren van verbeteringen. Zeven processen zijn afgerond: Aanleg en onderhoud, Informatievoorziening, Verkeersmanagement, Sterk in de regio, Crisismanagement, Bedrijfsvoering en Kaderontwikkeling. Op 2 november ging het Bestuur akkoord met hoe de organisatiestructuur er in detail uit ziet, voor Scheepvaartverkeer- en watermanagement en Kennis en Kwaliteit, Water en Wegen (KW) gebeurt dat in januari. De komende tijd overleggen we hierover met de groepsondernemingsraad.’

Hoe luidt het vervolg? René: ‘Op 1 april gaat de organisatie om. Dan breekt een periode aan waar we, indien nodig, het een en ander bijschaven. Uiteindelijk leggen we de verandering vast in organisatie- en formatierapporten. Ook daarna zijn we niet klaar. We gaan verbeteringen in de praktijk brengen en blijven voortdurend op zoek naar optimaliseringen.’

Wat levert dit Rijkswaterstaat op? Jaap: ‘Betere en betrouwbaardere prestaties voor onze klanten, opdrachtgevers en partners. Een organisatie die steeds zoekt naar verdere verbetering en waarin het nog leuker werken is dan nu al het geval is.’

Waar wringt de schoen? Jaap: ‘Nergens. De organisatieverandering is op papier vastgelegd. Hoe en met wie we het concreet van dag tot dag gaan doen en hoe de verbetermaatregelen in de praktijk vorm krijgen, is nog niet tot in detail bekend. Dat kan ook niet, daarin moeten we reëel zijn. De vertaling naar de praktijk is een grote opgave. Dit is slechts het begin. Behalve met een uniformere en efficiëntere aanpak ligt er ook een taakstelling: hetzelfde werk op een slimmere manier met minder mensen. Als organisatie moeten we krimpen, daar ontkomen we niet aan. We denken dat dat kan met de verbetermaatregelen.’

Waar kun je als medewerker het verschil maken? René: ‘Met dienend leiderschap gaan leidinggevenden RWS’ers anders aansturen dan voorheen. Er is meer ruimte voor creativiteit, voor het inbrengen van ideeën. Veel suggesties zijn morgen op te pakken. Andere ideeën raken meerdere processen en kunnen de nieuwe standaard worden. Verbeteringen leggen we niet van hogerhand op, maar dragen de medewerkers zelf aan. Dat zorgt voor meer betrokkenheid bij het werk. Het barst hier van de goede ideeën. Het is zonde om daar niets mee te doen.’

Wanneer is de verandering geslaagd? Jaap: ‘Als de beschikbaarheid van de netwerken toeneemt en we ervaren worden als een betrouwbare partner. Maar ook als de politiek ziet dat we dat met minder mensen realiseren en onze partners merken dat we écht een uitvoeringsorganisatie van IenM zijn, die openstaat voor samenwerking. En als medewerkers merken dat ze het beste van zichzelf kwijt kunnen binnen Rijkswaterstaat en werken in een organisatie die elke dag beter presteert.’


9

Prins Willem-Alexander en minister Melanie Schultz van Haegen openen het WMCN.

Watermanagementcentrum Nederland krijgt vleugels Op 7 november ging in het Smedinghuis in Lelystad de vlag Bezoekerscentrum Nieuw is ook het bezoekerscentrum. Paul: uit. Onder grote belangstelling van de pers openden prins ‘We krijgen veel buitenlandse delegaties Willem-Alexander en minister Melanie Schultz van Haegen op bezoek. Onlangs kwamen op één dag de Army, Zuid-Koreanen en Scandinaviërs – die sinds kort water in haar portefeuille heeft – op feeste­ US langs. We kunnen hun echt wat laten zien. lijke wijze de nieuwe huisvesting van het Watermanagement­ Tijdens de uitleg over het waterbeheer in Nederland en de rol van het WMCN maken centrum Nederland (WMCN). we gebruik van interactieve methoden, Het hart van het nieuwe onderkomen is de Waterkamer. Vanuit deze grote ruimte stuurt het WMCN berichten uit over water­ standen, overstromingsgevaar, storm­ situaties, waterkwaliteit en ijsvorming. In crisissituaties komen hier de crisisadvies­ groepen van het WMCN bij elkaar. Ruim veertig personen beschikken dan over alle faciliteiten om samen de waterbeheerders te kunnen helpen.

Elkaar zien Wat is de reden om in een tijd van ICT-novi­ teiten en ‘het nieuwe werken’ één centrale ruimte in te richten? Projectmanager reali­ satie WMCN Paul de Graaf is daar duidelijk over: ‘Soms moet je elkaar zien. Bij over­ stromingsgevaar bijvoorbeeld is het de taak van het WMCN om de autoriteiten een accu­ raat en actueel beeld te geven van de situa­ tie van het watersysteem. We moeten dan ook risico’s duiden en onzekerheden aange­ ven. Dan is het handig dat de adviesgroepen

bij elkaar zitten. En soms zijn daar ook des­ kundigen van buiten bij. In de Waterkamer zijn vier aparte werkplekken ingericht voor bijvoorbeeld het KNMI, de waterschappen of het RIVM.’

Crisisadvisering, training en innovatie Het nieuwe WMCN beschikt ook over enkele crisisruimtes voor de drie Landelijke Coördi­ natiecommissies voor overstromingsdrei­ ging, watertekort en milieu-incidenten. Als één van die commissies in crisisberaad is, kunnen camera’s de gang van zaken regis­ treren. Paul: ‘De opnames zijn vooral be­ doeld voor evaluatie van het proces van crisisafhandeling. Niet om elkaar de zwarte piet toe te spelen, maar om van te leren. Wij willen meer aandacht voor opleiding, training en oefening. Ook bieden we be­ drijfsleven en kennisinstituten een platform voor innovatie op het gebied van crisis­ management in het waterbeheer.’

zoals interviews en animaties. De bezoekers krijgen bijvoorbeeld scenario’s voorgescho­ teld waaruit ze keuzes kunnen maken. Als ze advies willen, roepen we er deskundigen bij en gaan we in de innovatieruimte dieper op hun vragen in.’

Helpdesk Water Maar dat is nog niet alles: de Helpdesk Water – hét loket voor vragen over zoet- en zoutwaterbeleid en beheer – heeft ook een plek in het nieuwe centrum. RWS werkt daarin samen met het Informatiehuis Water van de waterschappen. Ook de Helpdesk Marien is hier ondergebracht, een samen­ werking van de ministeries van IenM, EZ en Defensie. Kortom, het WMCN is dé plek waar alle belangrijke informatie over ons water bij elkaar komt, zoals de prins van Oranje in zijn openingstoespraak zei. Meer informatie op intranet, zie http://corporate.intranet. rws.nl/Collegas/Geel.


10

Meeste effect Grenzen van het toelaatbare opzoeken Tot 2020 in totaal 1,64 miljard euro bezuinigen op beheer en onderhoud. Rijkswaterstaat komt met een flink pakket aan versoberings- en efficiencymaatregelen. ‘We hebben de grenzen van het toelaatbare opgezocht en de winst en risico’s goed afgewogen’, zegt programmamanager Hans van der Togt. ‘Vluchten kan niet meer. In het nieuwe jaar start de uitvoering en op termijn gaan we het buiten allemaal merken.’

Een jaar geleden sprak CFO Richard van Breukelen hier in Geel! al over. ‘Rijkswaterstaat staat voor een pittige, maar realiseerbare opgave, die pijn gaat doen.’ Pijn doet het zeker. Toch is Hans positief gestemd en van mening dat Rijkswaterstaat het goed doet als de schade tot dit pakket beperkt blijft. ‘Voor elke maatregel is in kaart gebracht wat het oplevert en wat de risico’s en effecten zijn. Opvallend is dat elke maatregel is verweven met allerlei werkwijzen en instructies. Pas als dat allemaal uit de knoop is, kunnen we een onderdeel loskoppelen. Dus behalve de

maatregel gaan we ook de kaders en richtlijnen aanpassen, want dat is onlosmakelijk met elkaar verbonden.’

Weerstand Het licht uit op de rijkswegen tussen 21.00 en 05.00 uur, het minder vaak maaien van bermen en een langere hersteltijd van storingen zijn maatregelen die er niet om liegen. ‘Versoberen heeft negatieve gevolgen. Daar kunnen we niet omheen’, zegt Hans. ‘De grenzen van veiligheid en doorstroming zijn afgetast. Hoe kunnen we het meeste effect behalen en de

minste schade bewerkstelligen? Vooral het versoberen op dynamisch verkeersmanagement stuit intern op weerstand. Als een weggebruiker bij een rijstrookafzetting niet om de één, maar om de twee kilometer een bord ziet, kan dat gevolgen hebben voor de veiligheid en doorstroming op de weg. En dat is juist waar RWS’ers zich altijd voor hebben ingezet.’

Afstoten Nu gaan de plusstroken open als het druk is. Straks zijn ze permanent open. De plusstrook


december 2012

minste schade Sober en zuinig 1 Verlichting uit waar dat kan 2 Minder voorzieningen voor binnenvaartschippers 3 Minder groenonderhoud langs wegen en vaarwegen 4 Minder communicatie bij werkzaamheden 5 Verwijderen van DRIP’s, toeritdoseerinstallaties en camera’s waar het kan 6 Minder rijstrooksignaleringen op drie trajecten 7 Permanent openstellen van plusstroken 8 Langere hersteltijd van storingen 9 Verruimen van werkvensters 10 Minder vaak baggeren van zeetoegangen en binnenvaarwegen 11 Gladheidsbestrijding optimaliseren 12 Efficiënter omgaan met zandsuppleties 13 Efficiënter aanbesteden van contracten

is daarmee een normale rijstrook, wat extra technieken overbodig maakt. Ook komen er ruimere werkvensters. ‘Wat niet betekent dat we overdag gaan werken en de files toenemen, zoals de kranten kopten’, reageert Hans. ‘Door de tijd te verruimen kan een aannemer effectiever en goedkoper werken.’ Een andere besparing is het beter voorspellen en inschatten van gladheid op de weg. ‘Het scheelt nogal of we bijvoorbeeld 80 of 120 gram zout strooien. Afstoten doen we ook. Zo voorzien we de aangemeerde binnenvaartschippers in de toekomst bijvoorbeeld niet

meer van stroom. Wellicht nemen gemeenten, provincies of marktpartijen deze taken op zich.’

Onherroepelijk Efficiënter kan het vooral in de contracten en landelijke taken. Zo maken de losse contracten voor beheer en onderhoud plaats voor grotere langlopende contracten. Dit geeft de aannemer meer zekerheid voor de langere termijn waardoor de prijs naar beneden kan. En het kost Rijkswaterstaat minder inspanning om nieuwe contracten te maken. Naar

schatting levert dit in tien jaar een besparing op van 515 miljoen euro. Een efficiëntere aanpak van de landelijke taken, zoals het verrichten van onderzoek, levert nog eens 200 miljoen euro op. Hans: ‘Afscheid nemen van zaken waaraan we gehecht zijn, is lastig. Toch is het besluit onherroepelijk en de uitvoering van alle maatregelen onomkeerbaar. We zetten alles op alles om de negatieve effecten binnen de perken te houden.’

11


12

Dienst Infrastructuur

Kennis Panamasluizen in Nederland toegepast

De kennisuitwisseling tussen Rijkswaterstaat en Autoridad del Canal de Panamá (ACP) werpt zijn vruchten af. Momenteel zijn twee grote zeesluizen bij IJmuiden en Terneuzen in de planstudiefase. De afmetingen van deze sluizen zijn vergelijkbaar met die van de twee zeesluizen die in het Panamakanaal worden gebouwd. De kennis en ervaringen die RWS sinds 2007 heeft opgedaan van de Panamese bouwtechniek en project- en contractmanagement is nu dus direct toepasbaar. Zo wordt gebruikgemaakt van het Panamese schaalmodel dat beschikbaar is bij het Waterloopkundig Laboratorium in Antwerpen om de berekeningen voor de Nederlandse sluizen te controleren. Ook wordt kennis van het vul- en ledigsysteem en van de roldeuren in Panama gebruikt voor de sluizen in IJmuiden en Terneuzen. Tot slot leren we ook van de manier waarop ACP omgaat met ontwerp, risico’s, het contract en de aansturing van de aannemer.

Ruimte voor de Rivier

VolkerakZoommeer beschermt

De kans dat een zware storm op zee – waarbij de stormvloedkeringen dichtgaan – samenvalt met zeer hoge rivierafvoeren is berekend op een keer per 1400 jaar. Bij Rijkswaterstaat is veiligheid van alle tijden. Om NoordBrabant en Zuid-Holland in deze unieke situatie te beschermen tegen overstromingen richt RWS het VolkerakZoommeer in als tijdelijk waterbergingsgebied. Deze maatregel van Ruimte voor de Rivier verlaagt de waterstanden in het Hollandsch Diep en het Haringvliet tot aan Dordrecht en Barendrecht. Bij extreem hoogwater kan het VolkerakZoommeer zo’n 200 miljard liter extra water bergen. Mocht deze waterberging in de toekomst nodig zijn, dan gebeurt dat volgens een zorgvuldig geregisseerd protocol.

Dienst Verkeer en Scheepvaart

Time to Maintain

Het congres ‘Time to Maintain’ markeerde op 11 oktober de officiële overgang van het Programma Assetmanagement naar de lijnorganisatie. Zowel RWS’ers als collega’s van onder meer provincies, gemeenten, ProRail, TU Delft en internationale partijen waren daarbij aanwezig. Met elkaar werd besproken hoe je met assetmanagement het proces van beheer en onderhoud kunt professionaliseren. Programmamanager Bert de Wit licht toe wat binnen RWS belangrijke resultaten zijn: ‘Van de areaalgegevens is 95 procent voor de SLA-sturing op orde, hebben we duidelijke Service Level Agreements gesloten met onze secretarisgeneraal en zijn we in staat de life cycle costs mee te nemen bij belangrijke beslissingen.’ Daarnaast stond op het congres het uitwisselen van kennis en ervaringen centraal, dat nodig is om assetmanagement door te ontwikkelen naar een hoger niveau.

Data-ICT-Dienst

Monitoren vanuit de ruimte

De workshop ‘Monitoren van droge infrastructuur met InSar’ was het sluitstuk na zestien jaar pionieren met het inwinnen van informatie via satellieten. ‘De tijd is aangebroken dat we deze satelliettechnologie echt gaan integreren in onze primaire processen’, zegt Pieter van Waarden, die inwintechnologie binnen het innovatiecluster van de DID trekt. ‘Via de InSar-satelliet zien we al in een pril stadium of kunstwerken dreigen te verzakken en wanneer voegovergangen te groot worden. Omdat de beelden tot op de millimeter nauwkeurig zijn, kunnen we onze inspecties aan wegen, gebouwen en kunstwerken gerichter laten uitvoeren.’


december 2012

Zuid-Holland

Zeeland

Life CYCLE Cost Tour

‘High trust, high penalty’

Op 8 november is in Rotterdam de start voor de Life CYCLE Cost (fiets)tour gegeven. Doel van de route is om de deelnemers op een actieve wijze kennis te laten maken met de principes van Life Cycle Cost (LCC), een van de pijlers van Asset Management. De route, die start bij gebouw De Maas, bedraagt zeven kilometer en leidt langs markante punten in Rotterdam. Bij de diverse punten worden vragen gesteld. Aan de hand daarvan kunnen de deelnemers met elkaar van gedachten wisselen over het veelzijdige onderwerp Life Cycle Cost (LCC).

Het beheer en onderhoud van sluizen en beweegbare bruggen in de Zeeuwse Delta staat garant voor veel werk. Voor een zo efficiënt mogelijke uitvoering daarvan werkt het Integraal Project Managementteam Vaarwegen Zeeuwse Delta (IPM VZD) vanaf volgend jaar met het Model Prestatie Contract (MPC, versie 3.0). Bij deze contractvorm brengt RWS Zeeland al het vaste en variabele onderhoud onder bij één opdrachtnemer. Die is naast de uitvoering ook verantwoordelijk voor de signalering. Hij geeft aan wanneer objecten aan vervanging toe zijn en doet zelf verbetervoorstellen. Voordelen zijn minder communicatieverliezen en oponthoud bij werkzaamheden én een kleinere, efficiëntere overheid. Daarnaast daagt RWS de opdrachtnemer uit om innovatieve oplossingen te bedenken die leiden tot nog meer efficiency. Om te weten of een opdrachtnemer aan zijn verplichting kan voldoen, voert RWS elk kwartaal een prestatiemeting uit.

IJsselmeergebied

Oost-Nederland

Stap dichter bij hogere waterkwaliteit

Automatische registratie voor sneeuwploegen

De luwtedam in het Eemmeer gaat de waterkwaliteit verder verbeteren. Het is een van de maatregelen van de Kaderrichtlijn Water. De circa 260 meter lange stalen luwtedam staat in een deel van het Eemmeer waar schippers niet mogen varen. De aannemer heeft in de luwte van de dam laaggroeiende kranswieren aangebracht. Deze belangrijke laaggroeiende en grondbedekkende waterplanten zorgen voor helder water, vormen een paaiplaats voor vissen en zijn een voedselbron voor watervogels. Dit kranswier versterkt de natuur: de schadelijke blauwalgen en het hinderlijke fonteinkruid krijgen minder kans. Rijkswaterstaat volgt het project drie jaar. Daarna wordt de damwand verwijderd en zijn de waterplanten sterk genoeg om zelfstandig verder te groeien.

Van handmatige naar automatische urenregistratie voor ingehuurde vrachtwagens voor sneeuwploegen tijdens de gladheidsbestrijding. In samenwerking met de markt ontwikkelde Harry Jans, coördinator Operationeel Beheer en Verkeer, een zogeheten PasPoort-applicatie. ‘Dat werkt als volgt. Zowel de ingehuurde vrachtwagens als alle sneeuwploegen zijn voorzien van twee transponders. Speciale lees-zendapparatuur, bij elke toegangspoort van een steunpunt, registreert de in- en uitrijtijden van vrachtwagens automatisch. Dit systeem is eerst lokaal getest in Wolfheze en daarna uitgerold binnen Oost-Nederland. Wegens succes gaan we dit systeem ook bij andere diensten implementeren. Andere overheidsorganisaties tonen ook belangstelling.’

Meer informatie op intranet, zie http://corporate.intranet. rws.nl/Collegas/Geel.

Strooiwagens met sneeuwschuivers rijden op de A28.

13


14

Het lukt

Incidentmanagement De plek van het incident professioneel beveiligen, adequaat hulp verlenen aan slachtoers en het verkeer snel weer laten doorstromen.


december 2012

sneller en professioneler incidenten afhandelen Na een incident de weg sneller vrijmaken voor het verkeer. Dat is het doel van het programma Incidentmanagement (IM). In 2015 moet de afhandelings­­duur van incidenten gemiddeld 25 procent korter zijn dan in 2008. ‘Dat gaan we halen’, voorspelt programma­manager Eeltje Hoekstra, ‘want het lukt ons al steeds beter.’ In het programma werken VWM, DVS en DID samen met de politie, brandweer en ambulance, maar ook met organisaties van weggebruikers, alarmcentrales, bergers en het Verbond van Verzekeraars. Het programmabureau is ondergebracht bij Rijkswaterstaat Verkeer- en Watermanagement.

Weten wat je aan elkaar hebt Bij de start zijn verbetermaatregelen benoemd die dit jaar moeten zijn gerealiseerd. Wat is daarvan terechtgekomen? Eeltje: ‘Het belangrijkste tussentijdse resultaat is dat de werk­ processen van de diverse hulpdiensten bij een incident veel beter op elkaar aansluiten. In gezamenlijke opleidingen maken we de hulpverleners bekend met de manier van werken bij de andere diensten. Als ze bij een ongeval komen, weten ze precies wat ze aan elkaar hebben en kunnen ze efficiënter samenwerken. Tel uit je winst.’

Toegang tot C2000 Een mijlpaal in het programma is de deelname van Rijkswaterstaat aan C2000, het communicatiesysteem van het ministerie van Veiligheid en Justitie. Dankzij C2000 kunnen de coördinatoren van de hulpdiensten bij een groter ongeval een-op-een met elkaar communiceren. Vanaf het einde van dit jaar hebben ook

de Officieren van Dienst van RWS toegang tot het systeem. Hun opleiding is net afgerond. Eeltje: ‘RWS is lang bezig geweest om op C2000 te worden toegelaten en het is fantastisch dat het is gelukt.’

Vlugger op de motor Een ander project is de weginspecteur op de motor. Eeltje: ‘Op trajecten waar vluchtstroken ontbreken – bij spitsstroken en kunstwerken – is het voor weginspecteurs lastig om met de auto snel bij een incident te komen. Dan biedt een collega op de motor uitkomst. Hij kan wél snel ter plaatse zijn om de eerste maatregelen te nemen. Lichtere incidenten kan hij ook zelf afhandelen. En hoe sneller hij er is, hoe minder files ontstaan.’ Na een succesvolle pilot zijn begin oktober 34 weginspecteurs op de motor met hun werkzaamheden begonnen.

Snellere afhandeling De ketenpartners maken gebruik van de nieuwste technieken. Eeltje: ‘Eind dit jaar is een 3D-camerasysteem gereed, waarmee de politie na een ongeval vlug de sporen kan vastleggen. Het onderzoek gebeurt dan verder op kantoor. TNO ontwikkelt deze camera samen met de politie in opdracht van RWS. Want ook wij hebben er belang bij dat de politie haar onderzoek op locatie snel kan afronden.’

Informatie delen en eCall Focus ligt de komende jaren op het efficiënter en vlugger informatie delen tussen hulpdiensten. Eeltje: ‘Je hebt pas betrouwbare informatie over een ongeval als een hulpverlener ter plaatse gegevens doorgeeft aan zijn meld­ kamer. Het gaat er nu om die informatie ook zo snel mogelijk bij de andere hulpdiensten te krijgen. Daarmee kunnen we een minuut of tien winnen. Dat is best veel.’ Dit sluit aan op de ontwikkeling van eCall. Het is een in de auto ingebouwd systeem dat bij een ongeval automatisch zélf alle relevante gegevens doorgeeft aan het 112-alarmnummer. Hierna komt tussen 112 en de inzittenden een spraakverbinding tot stand. De incident­ informatie gaat ook direct door naar de wegbeheerders. De EU verplicht de lidstaten om per 2015 hun alarmcentrales en mobiele netwerken geschikt te maken voor eCall. Autofabrikanten moeten het systeem dan toepassen in alle nieuwe auto’s. Nederland is een van de negen lidstaten die vooroplopen bij de invoering ervan.

Weginspecteur op de motor ‘Ik zit nu een kleine maand op de motor en het is nog even wennen’, zegt Eric Geurtsen, één van de 34 weginspecteurs op de motor. ‘Ik heb al gemerkt dat de aanrijtijd naar een incident vijf à tien minuten korter is, doordat ik gemakkelijker door het verkeer kan manoeuvreren en bij verkeerslichten vooraan sta.’ Eric rijdt ook privé motor. ‘Maar op de rijopleiding van de politieacademie heb ik toch nog veel geleerd. Als professioneel motorrijder moet je het voorbeeld geven: goed kijken, goed inhalen, veilig rijden en afstand houden.’

15


16

Eén RWS, één leer­ programma OP2015 Aanbod gericht op OP2015 Managers zijn met hun afdelingen al volop aan de slag met ‘Door de leertrajecten gezamenlijk aan te OP2015. Om hen daarbij te helpen is er een breed aanbod van bieden’, vervolgt Sjan, ‘maken we het aanbod instrumenten op het gebied van leren en ontwikkelen. Vanaf toegankelijk en overzichtelijk. We geven de inhoud van de leertrajecten vorm op basis januari starten de verticale leertrajecten en vanaf april de van de kennis die bovengenoemde partners leertrajecten voor afdelingshoofden en teamleiders. Zij kun- al hebben op het gebied van leren en ontwik­ kelen. En we spreken daarover met proces­ nen dit programma gebruiken om te plannen welk vraagstuk eigenaren, die aangeven welk onderwerp ze op welk moment met hun medewerkers willen aanpakken. ze in een leertraject met de betrokken mede­ Nieuwe werkprocessen en sturingsmodellen, dienend leiderschap,KR8 en elke dag beter. Het zijn de vier hoofdthema’s uit het OP2015 die helpen de operationele doelen van Rijks­ waterstaat te bereiken. Iedereen krijgt er in meer of mindere mate mee te maken. Om ervoor te zorgen dat de medewerkers er op de goede manier mee kunnen werken, biedt RWS aan leidinggevenden een geïntegreerd leerprogramma aan.

Afdelingen centraal ‘Door de handen ineen te slaan, kunnen we de inhoud van de leertrajecten gericht af­ stemmen op de behoeften van afdelingen’, vertelt Sjan Arts, manager Programmateam Leertrajecten OP2015. ‘In de eerste plaats is

ons aanbod gericht op afdelingshoofden en teamleiders, in de tweede plaats op proces­ eigenaren. Met het programma bieden we ze aanknopingspunten om samen met hun me­ dewerkers bij te dragen aan de implementatie van OP2015.’ Wil je eerst aan teambuilding doen, de nieuwe sturing onder de knie krijgen of wil je als afdeling eerst werken volgens KR8 aan de operationele doelen en het continu verbeteren? Alles tegelijkertijd kan nu een­ maal niet. Sjan: ‘We ondersteunen afdelingen in de route die ze zelf willen volgen. Samen met Bureau Adviseurs, het LEF, het KR8 Ont­ wikkelteam en het Corporate Learning Center zorgen we voor begeleiding en passende mid­ delen. Daarbij werken we nauw samen met het team Transitiemanagement.’

werkers in het werkproces willen oefenen aan de hand van concrete casuïstiek. Het is ver­ volgens onze taak als team om het beschik­ baar instrumentarium te laten aansluiten op de te behalen resultaten. De komende twee jaar kijken we in elk geval met elkaar waaraan de organisatie behoefte heeft en met welk opleidingsaanbod we daarop kun­ nen anticiperen.’

Meer informatie? Wil je meer informatie over het geïntegreerde leerprogramma OP2015 of wil je weten wat het aanbod voor jou kan betekenen? Neem dan contact op met leertrajecten@rws.nl. Meer informatie op intranet, zie http://corporate.intranet. rws.nl/Collegas/Geel.


december 2012

Groeien op inhoud

Wie: Peter van den Berg Wat: Sector-directeur Delta Infrastructure Waar: Deltares

Vijf jaar geleden besloot Rijkswaterstaat om specialistische kennis over water, ondergrond en infrastructuur in de deltagebieden te bundelen bij het kennisinstituut Deltares. Zo kunnen RWS’ers zich beter focussen op het primaire proces. Grootste aandachtspunt op dit moment: weten RWS’ers ook echt waarvoor ze bij Deltares terecht kunnen?

beschikken over een breed nationaal en internationaal netwerk. Op het gebied van water en het Deltaprogramma weten veel RWS’ers ons inmiddels te vinden. Dat komt ook omdat veel oud-medewerkers van de Waterdienst bij Deltares werken. Dat versoepelt de samenwerking. Wat RWS’ers minder goed weten is dat we ondersteuning kunnen bieden op meer terreinen. Op het gebied ‘Kennisontwikkeling, overdracht van infrastructuur gaat bijvooren specialistische advisering zijn beeld veel geld naar het herstellen van problemen tijdens aanonze corebusiness, waarbij we

legprojecten. In samenwerking met de hele grond-, weg-, en waterbouwsector ontwikkelen we een vernieuwde werkwijze die geotechnische risico’s, zoals verzakking en lekkages, halveren. Kenniscirculatie, samenwerkingsverbanden en interdisciplinair teamwork staan aan de basis van een efficiëntere werkwijze. Tijdens bijeenkomsten met RWS willen we gezamenlijk uitzoeken waar de kennisleemten precies liggen en hoe we daaraan kunnen werken. Kortom, groeien op inhoud.’

Weten waarover je het hebt Wie: Nathalie Jonkers Wat: Teamleider Operationeel Beheer en Verkeer Waar: RWS Limburg Waarde: Duidelijkheid

What’s in a name? Hoofdingenieur-directeur. Als ik de afkorting HID google, krijg ik Human Interface Device, ofwel toetsenbord. Bij Rijkswaterstaat staat de HID aan het hoofd van een landelijke of regionale dienst. Als ik op deze stoel zou zitten, wat is dan belangrijk? Op welke toetsen van het toetsenbord moet ik dan drukken? Ik begin met een andere naam voor HID. Ik vraag mij werkelijk af of iedere RWS’er weet wat het betekent. Net als de honderden andere afkortingen die we gebruiken. Vanuit OP2015 ontstaan alweer nieuwe meesterwerkjes. Momenteel verandert er veel bij RWS. De nieuwe organisatieonderdelen hebben allemaal een werknaam. Vervolgens ontstaan er direct nieuwe afkortingen. Veel medewerkers hebben tijd en uitleg nodig bij deze afkortingen en weten niet wat het betekent. We leven in

een digitale tijd en daarin is snelheid geboden. Het scheelt veel toetsen op je toetsenbord of smartphone, maar weten we straks nog wel waar we het over hebben? Op dat vlak lijkt het net alsof RWS zich in een andere wereld begeeft dan de rest van bv Nederland. Het tegendeel is echter waar en gelukkig weten onze partners en collega weg- en waterbeheerders dat ook. Dus weg met al die afkortingen en wat mij betreft wordt HID gewoon directeur.

Weg met afkortingen Reageer op intranet, zie http://corporate.intranet. rws.nl/Collegas/Geel.

17


18

Toekomst met BIM In het Bouwwerk Informatie Model (BIM) kunnen opdrachtgevers en opdrachtnemers informatie over een bestaand of toekomstig bouwwerk opzoeken en toevoegen. Zo komt alle informatie over bouw, onderhoud, kosten en veiligheid samen in één systeem. Aanleg, beheer en onderhoud van infrastructuur wordt hierdoor nog efficiënter.

1

Gegevens over een bouwwerk worden éénmalig ingewonnen, zoals: definities; functies en prestaties; areaalgegevens; objecttypen.

2

De informatie wordt beschikbaar gesteld in een digitale maquette.

3

Met al deze informatie kun je bijvoorbeeld gemakkelijker zien wanneer voor een bepaald onderdeel van de infrastructuur onderhoud nodig is.

ONDERHOUD NODIG

Juiste informatie Betrokken partijen beschikken tegelijk en op het juiste moment over correcte, actuele informatie.

Opdrachtgever (RWS) Informatie analyst

Het grote geheel Naast informatie over de hele levenscyclus van een bouwwerk bevat het BIM ook informatie over de omgeving en ondergrond. Op termijn ontstaat er een digitale maquette van de gehele Nederlandse infrastructuur. Actuele informatie over verkeersbelastings- en verkeersstromen wordt zichtbaar.

Aannemers

Ingenieursbureau

Betere samenwerking Dankzij het BIM wordt de communicatie tussen de verschillende partijen beter. Dat levert veel op: minder transactiekosten; minder faalkosten; meer kwaliteit.


december 2012 RWS’ers aan het woord. Podium is een broedplaats voor innovatieve ideeën, uitwisseling en interactie. En biedt ruimte voor kritische geluiden en dialoog. Heb je suggesties of ideeën? E-mail ze naar de redactie: geel@karindelange.nl.

Veel RWS’ers hebben er al eens een kijkje genomen: Yammer. Dit is hét interne sociale medium dat zich richt op de vraag: ‘waar werk je aan’? Het aantal medewerkers dat Yammer gebruikt als middel om kennis en ervaringen uit te wisselen groeit. In Geel! maak je kennis met een aantal fans en hun favoriete groepen.

Arbeidsovereenkomsten Laat twee Waterstaters met elkaar praten en al snel komt de vraag op tafel: werk jij binnen nat of droog? Het is blijkbaar een onderscheid dat we graag maken. Net als aanleg of onderhoud, planstudie of realisatie, landelijk of regionaal. Maar vooral nat en droog. Hele theorieën en verhandelingen om aan te geven dat deze werelden vooral niet met elkaar te vergelijken zijn. Terecht? Zeker niet. Maar in plaats van de overeenkomsten worden vooral de verschillen geduid. Laatst hoorde ik een districtsmedewerker uit de natte hoek roepen dat het woord houtskoolschets vervangen zou moeten worden door aquarel. Dat paste beter bij zijn dagelijkse werkzaamheden op het water. Ook een projectleider van een wegenproject vertrouwde me heel droogjes toe, dat hij bij de voorbereiding van zijn project liever niet bij de Raad van State nat wilde gaan. Zo worden dagelijks de verschillen in stand gehouden, maar veel vaker nog vergroot. Meestal als legitimatie om het toch vooral anders te doen en juist niet uniform. En die verschillen leiden tot het opnieuw uitvinden van weer een wiel. Verloren energie! Energie die beter gestoken kan worden in de écht unieke zaken door eerst op zoek te gaan naar de overeen­ komsten in ons werk. Arbeidsovereenkomsten. Pas dan worden we één RWS. Of zijn we dat nog niet? Deels, maar er is ook nog veel te doen. Ik zou zeggen: maak je borst maar vast droog. Daar moeten we niet morgen mee beginnen, maar vandaag. Wat zeg ik, gisteren! En dat kan met terugwerkende KR8. Freek Wermer

Column

Ida Spronk, Adviseur specialistisch medewerker/ Procesbegeleider van de afdeling Ontwerp en Inrichting bij DVS, heeft 1858 volgers en is aangesloten bij 49 groepen. Ze is handig met sociale media. Door #yam achter haar tweets te plaatsen, maakt ze haar berichten ook automatisch zichtbaar in de livestream van Yammer. Deze manier van werken past in het concept bring ­your own device, waarbij ze de behoefte om haar eigen tijd in te delen combineert met de wens om met eigen vertrouwde apparaten te werken. Lichtkogel ‘De Lichtkogel valt onder het pro­ gramma strategische verkenningen en is een eigen project. Op Yammer is de Lichtkogel dé digitale plek waar trends uit de samenleving en de betekenis daarvan voor RWS’ers samen­ komen. We gebruiken Yammer vooral om aandacht te genereren door interviews met spraakmakers van buiten die we publiceren in de Lichtkogel op intranet. Vervolgens vindt het gesprek daar­ Meer informatie op intranet, over plaats in zie http://corporate.intranet. rws.nl/Collegas/Geel. de groep.’ iPadiPhone Gebruikersgroep RWS ‘Zelf ben ik een enorme fan van Apple en zou ik graag mijn werk doen via deze apparaten. Hoewel ik al standaard met mijn iPhone en iPad ben ingelogd op Yammer, kan ik er nog niet mee in mijn RWS-werkomgeving. Via deze groep krijg ik de ultieme tips en trucs waarmee ik gemakkelijker op mijn iPad kan werken en antwoord krijg op mijn vragen.’ (hobby) fotografen RWS ‘Fotografie is al jaren­ lang een hobby. Dat geldt voor meerdere colle­ ga’s in deze groep. Af en toe bekijk ik beelden van anderen of plaats ik eigen foto’s. De ge­ plaatste foto’s van de RWS (hobby)fotografen zijn meestal gekoppeld aan het werk van RWS.’

19


Ste Naam: Ineke van der Hee Functie: HID en proceseigenaar Uitspraak: ‘Zorgen dat we de afspraken met onze regionale partners echt uitvoeren.’


december 2012

Met elkaar rk in de regio In de regio, dáár komen weg, water en scheepvaart samen en krijgen de netwerken hun betekenis voor gebruikers en omgeving. Daar wil Rijkswaterstaat beter herkenbaar, bereikbaar en aanspreekbaar zijn en de kwaliteit van de dienstverlening verhogen. Vanaf 1 april wordt het proces Sterk in de regio ingebed in de nieuwe organisatie. Een interview met HID en proceseigenaar Ineke van der Hee.

Wat is de ambitie van Sterk in de regio? ‘Met het proces Sterk in de regio willen we de verbinding met onze omgeving verder versterken. Zeker in de regio merk je dat onze netwerken in nauwe samenhang functioneren met de regionale en lokale netwerken, zowel bij de wegen als het water. Daarom zoeken we die samenwerking verder op met onze partners in de regio. We brengen het hele aanbod van RWS naar onze omgeving toe en de hele regionale omgeving naar onze organisatie. Daarmee functioneren we als één Rijkswaterstaat. Met andere woorden: als je met mij praat, praat je met de hele Waterstaat. Daarnaast mag de rest van de organisatie erop rekenen dat we binnen Sterk in de regio ons areaal en het gebruik daarvan goed kennen. Dit is belangrijk, omdat veel van ons werk daarvan afhangt.’ >

21


22

Twee werelden bij elkaar brengen Hoewel het proces Sterk in de regio nog in de papieren stijgers staat, hebben de Infraproviders nat en droog zich verenigd in een landelijke adviesgroep. Joëlle Verstraelen, infraprovider Nat en Arjan Heesters, infraprovider Droog, werken nu al samen over de netwerken heen. De infraproviders zijn de smeerolie tussen de landelijke eenheden en de regio. Het is zaak om deze meerwaarde te behouden. ‘Verbinden kost tijd en vergt een grote investering in de onderlinge relatie’, vindt Joëlle. ‘Binnen regio Zuid-Nederland zijn we alvast gestart met de integrale benadering zoals OP2015 die voorschrijft. Naar ons idee zal realisatie in de nieuwe organisatie meer op afstand staan en de regie van de landelijke diensten op de programmering veranderen.’ Regionaal realisatieteam ‘Verbinden en netwerken worden nog belangrijker. Bij projecten werken we daarom nu al nauw samen met het regionale realisatieteam. Zo denken we in de voorfase al na of de programmering van het werk ook echt realistisch is voor de toekomst en blijven we in elke projectfase aangehaakt bij de landelijke projectorganisatie.’ Geïntegreerd overleg Binnen de adviesgroep is ook uitgebreid aandacht besteed aan het creëren van meer samenhang tussen de natte en droge netwerken. Arjan: ‘Zo hebben we kritisch gekeken naar de overlegstructuur. Veel processen nat en droog zijn hetzelfde. Door deze overleggen samen te voegen komen de werelden van nat en droog dichter bij elkaar. Daardoor leren we snel en veel van elkaar.’ Voor vragen over het proces Sterk in de regio kun je terecht bij het Informatiepunt Mijn Werk OP2015, 088-797 07 77, of via OP2015@rws.nl.

Hoe wil je dit bereiken? ‘We zorgen voor een gestructureerd regioproces dat duidelijk maakt wat, wanneer in de regio op het hoofdwegennet, het hoofdvaarwegennet en het hoofdwatersysteem moet gebeuren. En zorgen we voor de inzet van onze gebiedskennis voor heel IenM. Daarmee geven we ook vorm aan onze ambitie om uitvoeringsdienst voor IenM te zijn. ‘Wat’ er moet gebeuren bepalen we in het deelproces Netwerkontwikkeling en ‘wanneer’ we onze werkzaamheden volgens de regio moeten plannen in het deelproces Vraagprogrammering. In het deelproces Realisatie Productie op de netwerken vindt ons regionale assetmanagement plaats en de interne opdrachtverlening naar realisatie aanleg, onderhoud, verkeers-en watermanagement en informatievoorziening. Een belangrijke plaats daarin krijgen samengestelde teams, bestaande uit medewerkers uit de regio en de landelijke eenheden. Overigens realiseert de regio zelf ook productie, onder andere op het gebied van planstudies en vergunningverlening en handhaving. Ook richten we het deelproces Netwerkmonitoring in, zodat we voortdurend kunnen volgen of er ontwikkelingen zijn die om bijsturing vragen van de productie, programmering of visie. Daarmee is de plan-do-chack-act-cirkel rond.’

Hoe zien de regionale organisatieonderdelen er op hoofdlijnen uit? ‘Er komen zeven evenwichtige, daadkrachtige RWS-regio’s. De nieuwe organisatiestructuur van de regionale onderdelen ondersteunt het continu verbeteren van de werkprocessen met de KR8-filosofie. Hierdoor kunnen we efficiënter en effectiever werken, invulling geven aan de taakstelling, namelijk 10 procent besparen door efficiency en 7,5 procent door vermindering van taken, en meer klantwaarde realiseren. In de nieuwe werkwijze vormen assetmanagement en omgevingsmanagement de ruggengraat van de regio. Tot nu toe was omgevingsmanagement vooral vertegenwoordigd in de projecten en assetmanagement gekoppeld aan beheer en onderhoud. In de toekomstige situatie vindt omgevingsmanagement, of relatiebeheer, in alle deelprocessen van Sterk in de regio plaats. Daarbij staat niet alleen het managen van de omgeving centraal, maar vooral goed relatiebeheer en klantencontact met onze partners in de regio. Daarnaast richten we het assetmanagement strate-

gischer en meer risicogestuurd in op basis van de hele levenscyclus van de assets. Kortom: het zijn twee met elkaar verweven basistaken die in alle hoofdprocessen van de regio als regionaal netwerkmanager terugkomen.’

Welke veranderingen zijn het ingrijpendst? ‘We veranderen van projectmatig werken naar netwerkcontinu werken. Dit betekent dat projecten deel uitmaken van de integrale netwerkvisie en -programmering. Belangrijk is daarbij dat de regio’s eenduidig en transparant gaan werken vanuit een corporate visie en landelijke kaders. Daarnaast moet de kennis van zowel de omgeving als de assets in de genen gaan zitten van iedere RWS’er die werkzaam is in de regio. Sámen met de centrale eenheden, zoals de regionale- en landelijke projectorganisaties, verkeersmanagement en informatievoorziening, moeten we zorgen dat we de afspraken die we met onze regionale partners maken ook echt uitvoeren. We zijn één RWS en moeten dus ook leren om vanuit die helikopterview en onderlinge gelijkwaardigheid te denken. Dat is misschien wel de grootste omschakeling.’

Meer informatie op intranet, zie http://corporate.intranet. rws.nl/Collegas/Geel. Sterk in de regio


december 2012

n en Mails schrijveannen’ ‘M praten met m

I teke wan (7) van z nde het w ijn v erk Stou ader Joha ten (4 team n 2), leide r Behe Planmati g er en Onde bij RWrhoud (PB O) S Zee land.

lek getekend papa’s werkp Iwan: ‘Ik heb t om mails zijn bureau zi waar hij aan or staan een In zijn kanto te schrijven. raat met en waar hij p tafel en stoel werk. Op nen van zijn andere man en die ik ngen tekening papa’s kast ha staat er k o b gemaakt. O voor hem he p. Papa o er et een schip een tafeltje m de auto.’ in ns ver weg ee el w k o o moet

Johan: ‘Als teamleider Planmatig Beheer en Onderhoud (PBO) ben ik met mijn team verantwoordelijk voor het planmatige beheer van alle objecten, waaronder de Oosterscheldekering (waterdis trict Zeeuwse Delta). Het is de taak van onze afd eling om het onderhoud van ons areaal op de middellange en lange termijn vorm te gev en. Dat doen we met een goed onderbouwde planning en programmering naar aanleiding van een goede inspectiestrategie. Gegevensbeh eer, beheerplanning, verkeersmanagement, ins pectie en het algemene beheer van ons are aal zijn de belangrijkste taken van de afdeling PBO.’

dat t thuisfront Wat denkt he S-vakterm RW een typische ze keer: betekent? De

BLEVE n Marianne niet ltes, man va o h Sc d er komt ook ar er G n gehoord en va it o s no g nd erla ‘Ik heb er no lijkt geen Ned in me op. Het ts gt het me ie ze n ee an d et m , maar ook ls kge En kt in g is met betre woord en kl t een afkortin he at d ed an o d rder niets. Ik verm alleen niet ve gheid. Ik kom ili id. Ik vind ve he t en to se ng er ki e Verke em tr Ex e ig st r een leek.’ Bijzonder La rd, zeker voo o o w af m n het maar ee   n Boden, Marianne te d bij DVS our rne veilighei panding Vap adviseur exte ng Liquid Ex ili o B r rdt, o o w vo t it lpg verh ‘BLEVE staa nkwagen met ta n e d ee e ls ez  A d deert als Explosion. e tank explo D . gp ili o k ve e ru d ur extern bouwt de n. Als advise ka en. n m aa o r sk ee ng lmatig la druk niet m ge  re rm te e  zie ik dez vooral in een heid bij DVS pscenario dat m ra n ee m nnel grote Het gaat o ving of een tu ge m o e d uw dichtbebo n hebben.’ gevolgen ka

Een sleepje do

en

Oorspronkelijk zo redenen volled u de Oosterschelde om veili gheidsig afgesloten w ord jaren zestig op veel verzet bij d en. Dit stuitte in de e mossel- en o in Zeeland. Volg estervissers en waterstaat sind s Andries Jumelet, opzichte rb s 1965 en werkz aam bij de Oost ij Rijkswerken, een bijz erscheldeondere tijd. ‘De vissers zage n door de afslui ting hun inkom leidde uiteraar sten verdwijnen d tot protesten . Dit en bleef niet onop meerderheid in gemerkt. Een ni de Tweede Kam pte er w ist de afsluiting Daarmee kwam te voorkomen. het werk voor RW S tijdelijk stil te lig herinner ik me gen. Uit die tijd een vletterschi pper uit Arnem een visserijtuigj uiden nog goed e aan boord. W . Hij had e maakten van het werk het to de nood een de eliet, deden we ugd. Als sn el een paar sleepj we een visje va es, oftewel ging ngen. Ook in de en dr uk ke periode waa kering werd ge rin de stormvloe bouwd bleven dde ze sl eepjes bestaan. Becu kneep da Onze baas Leen n altijd een oogj e di ch t. Het bracht ge sfeer. Bovendie zelligheid en n hield hij zelf oo k wel van een vi sje.’

23


Netwerken, zaken doen en kennis uitwisselen over infratechniek?

15 tot 18 januari Ahoy Rotterdam

Kom naar

Infratech dĂŠ ontmoetingsplaats voor infrastructuur

Meld je aan via www.infratech.nl

Rijkswaterstaat lanceert tijdens de Infratech officieel www.rws.nl/zakelijk, de zakelijke website over het uitbesteden van werk. Want wat het bedrijfsleven net zo goed of beter kan, laat RWS graag aan hen over. Ook nodigt Rijkswaterstaat opdrachtnemers uit om op de Marktdagen, die tijdens de Infratech plaatsvinden, met elkaar in gesprek te gaan.


Geel10 dec2012 web