Page 1

Bio Actief 34 Jouw ontmoeting met een dynamische sector

"Het heeft geen zin om elkaar als concurrent te zien." J A K O B D EVR EES E

driemaandelijks tijdschrift verschijnt in maart

- juni - september - december


Bio Actief

Jouw ontmoeting met een dynamische sector D E CE M B ER 2 0 1 6 , EDI TI E 34 Bio Actief is een uitgave van BioForum Vlaanderen vzw. Bio Actief vind je vier keer per jaar in je brievenbus. BI O FOR U M V L AANDE R EN V Z W Quellinstraat 42 2018 Antwerpen T 03 286 92 78 E info@bioforumvl.be www.bioforumvlaanderen.be V.U . Kurt Sannen, Asdonkstraat 49, 3294 Molenstede HO O FDR EDAC T I E Tom Wouters

VOORWOORD

ONMOGELIJK Beste lezer,

E I N D R E DAC T I E Petra Tas RE D A C T I ER AAD E N I NHOUD ELI JKE EXPERT ISE Bram Fronik (voormalig coördinator Verwerking & wetgeving), An Jamart (Landbouw), Marijke Van Ranst (Verkooppunten & f­ oodservices), Esmeralda Borgo (Beleid), Paul Verbeke (Ketenmanager), Patricia De Laet (Communicatie consument), Lieve Vercauteren (Directeur) FO T O G R AF I E Kobe Van Looveren, Sophie Nuytten CO VE R F OT O Kobe Van Looveren

2016 zit er bijna op. Het was een moeilijk jaar voor ons boeren, maar wat mij vooral bij zal blijven is een gebeurtenis buiten de landbouw: de Nobelprijs literatuur voor Bob Dylan. Hoewel de zanger de laatste jaren steeds meer werd genoemd als kanshebber op deze prestigieuze prijs, leek het ondenkbaar dat een oerconservatieve instelling als het Nobelcomité een liedjesschrijver ooit tot laureaat zou uitroepen. En toen gebeurde het toch. Hier valt een belangrijke les uit te leren: iets wat in eerste instantie onmogelijk lijkt, kan plots realiteit worden, zolang er maar genoeg mensen in geloven.

VO RM G EV I NG We Make Graphics ME T DANK AAN Eddy Montignies, Peter Goethals, Jakob Devreese, Hilde Van Duffel, Elfi Laridon, Philip Vanden Abeele D RU K Zwart op wit VE RZ E NDI NG De Brug vzw A BO N NER EN Belgische marktspelers krijgen een gratis abonnement. Ben je geen marktspeler, maar wel geïnteresseerd in een jaarabonnement? Maak dan 25 euro over op bovenstaand rekeningnummer met de vermelding 'Abonnement Bio Actief'. Buitenlandse abonnees betalen 30 euro (BIC: TRIOBEBB, IBAN: BE30 5230 8012 5311). A D VE R T ER EN Wil je graag de publicitaire mogelijkheden van Bio Actief k ­ ennen? Neem contact op met Sabrina Proserpio, E sabrina.proserpio@bioforumvl.be, T 03 286 92 70. Deze publicatie kwam tot stand met de steun van het Departement Landbouw en Visserij.

Dit jaar besliste IFOAM, de internationale koepel van de biobeweging, dat bio in 2030 mainstream zal zijn. Daar wordt door tegenstanders lacherig over gedaan: wereldwijd is op dit moment maar één procent van alle landbouwgrond biologisch. Die kwatongen onderschatten de kracht van de gedachte: als we met zijn allen de schouders zetten onder deze doelstelling, dan twijfel ik er geen moment aan dat we ons doel ook zullen bereiken. Waarom ook niet? Ons landbouw- en voedingsmodel is er eentje van gezond verstand. We hebben heel wat antwoorden voor een een wereld die vraagt om een duurzamere voedselproductie. We moeten dus onze ambities elke dag opnieuw waarmaken, steeds opnieuw durven kiezen voor onze eigen weg, niet afwijken van onze koers. Laat 2017 alvast een eerste stap in die richting zijn.

KURT SANNEN

Voorzitter BioForum Vlaanderen kurt.sannen@bioforumvl.be

02

Bio Actief

34


BIO ACTIEF 34

Inhoudstafel 10

Bio en de wet

22

Meer garantie

13

Veggie, vlees en pitfruit

24

Toegevoegde waarde

21

Bio uit de kast

6 LEVENDE SECTOR

Het Jaar van de peulvrucht

LEKKERE SECTOR

14

Op een biopaddenstoel...

18 VERANDERENDE SECTOR

Biocontrole op de wereldmarkt Bio Actief

34

03


Bio Flash

People4Soil Het nieuwe burgerinitiatief People4Soil wil de Europese instellingen onder druk zetten om een bodemwetgeving te ontwerpen. Daarvoor willen ze 1 miljoen handtekeningen verzamelen in heel Europa. Draag je steentje bij en onderteken deze petitie zelf op www.people4.soil.eu/nl.

Seminarie kansen in bio 5 redenen om lid te worden Nog geen lid van BioForum Vlaanderen? Het is het overwegen waard, want als lid van onze sectororganisatie bepaal je mee de koers die wij varen. Bovendien kan je steeds bij ons terecht voor persoonlijk advies. Ontdek deze en andere voordelen van het ­lidmaatschap op www.bfvl.be/wordlid!

04

Bio Actief

34

De markt voor bioproducten groeit sterk. Op 12 januari getuigen enkele bedrijven op Agriflanders over hun ervaringen in de biomarkt. Sprekers zijn o.a. Karel Belmans (Belgische Fruitveiling), Luc Rooryck (Lutosa) en Luc Van Belleghem (VLAM). Agriflanders vindt van 12 tot 15 januari plaats in Flanders Expo Gent. Het seminarie wordt georganiseerd door Bio Zoekt Keten en Bio Zoekt Boer en begint om 13.30u. O ­ ok altijd welkom op onze stand 14402!


Boerenplatform Greenpeace Met de website Farmers2Farmers.org creĂŤerde Greenpeace een platform om de ecologische landbouw in Europa te ondersteunen. Boeren uit verschillende Europese landen kunnen er hun kennis en ervaring delen. fotografie

...

Bekijk de inspirerende verhalen op www.farmers2farmers.org.

Een eigen website bouwen Is je website dringend aan vernieuwing toe of heb je er nog geen? BioForum schreef voor jou een handleiding om snel, eenvoudig en gratis een eigen website te bouwen. De handleiding is op maat van kleinschalige ondernemers! Via www.bfvl.be/bouweenwebsite kan je de handleiding downloaden.

20 jaar Voedselteams Voedselteams bestaat 20 jaar. Dat vierde de vzw eind september niet alleen met een groot feest, maar ook met een fikse update van haar website. Ook het logo werd vernieuwd. Op naar de volgende 20 jaar! Je kan de vernieuwde website vinden op www.voedselteams.be.

Bio Actief

34

05


LEVENDE SECTOR

Het jaar van de peulvrucht 2016 loopt af en dus wordt ook het Jaar van de Peulvrucht afgesloten. We interviewden bij wijze van slot drie ondernemers die elk op hun eigen manier met peulvruchten bezig zijn.

LANGE INTERVIEWS ONLINE Je vindt een uitgebreidere versie van deze interviews op onze website. www.bfvl.be/bedrijfindekijker 06

Bio Actief

34

fotografie

Sophie Nuytten


Land, Farm & Men WIE?

Eddy Montignies en Isabelle Coupienne WAT ?

Teelt en vermarkting van akkerbouwproducten

"Meewerken aan de integratie van mensen op de arbeidsmarkt past helemaal bij de waarden van ons bedrijf", aldus Isabelle Coupienne.

Isabelle en Eddy vinden de lokale verankering van het bedrijf en het centraal stellen van mensen bijzonder belangHOEVEEL? rijk. Door uitdrukkelijk voor Belgische Ongeveer 250 ha producten te kiezen, ondersteunen ze de lokale economie. Ook zetten ze bewust in an de andere kant van de taalgrens op akkerbouwteelten voor humane conwoont Eddy Montignies, die verschil- sumptie en niet op veevoedergewassen. lende akkerbouwproducten vermarkt, De producten van Land, Farm & Men worwaaronder peulvruchten. Als technisch advi- den gecommercialiseerd onder de naam seur in de biologische akkerbouw zocht hij "Graines de Curieux". lang naar een oplossing om de typische vruchtwisseling op een biologisch akker- "Jammer genoeg moeten we voor de verbouwbedrijf (aardappelen, voedergranen, werking vaak nog uitwijken naar het grasklaver ...) uit te breiden met andere teelten. buitenland. Volgend jaar willen we samen WAAR?

Wallonië

A

Eddy: "Ik wou de bodemvruchtbaarheid op peil houden met een zo gering mogelijk gebruik van externe meststoffen. Dat kan via nieuwe teelten. Alleen botste ik bij de introductie van nieuwe gewassen vaak op de beperkte afzetmogelijkheden." Samen met Isabelle Coupienne richtte hij daarom in 2014 Land, Farm & Men op, dat zich bezighoudt met het vinden van afzet voor die nieuwe teelten. Het eerste sei-

met andere bedrijven en met de steun van het Waalse gewest een ontvangst- en verwerkingseenheid voor granen en peulvruchten in gebruik nemen." Nieuw in 2015 was de teelt van linzen. In een mengteelt met cameline zaaiden ze 10 hectare uit. Door twee gewassen gemengd te telen, is een hogere opbrengst haalbaarder dan de som van beide teelten apart. Na de oogst worden beide producten eenvoudig uit elkaar gezeefd. In België is de teelt van linzen minder gekend, maar Eddy heeft er goede ervaringen mee. Linzen hebben een hoog gehalte aan kwaliteitsvolle eiwitten en aan micronutriënten.

"Ik botste bij nieuwe gewassen vaak op de beperkte afzetmogelijkheden."

zoen teelden ze quinoa en cameline (of huttentut, een oliehoudend gewas) op 26 ha. Ondertussen telen ze in samenwerking met 15 à 20 biologische akkerbouwers ook haver, boekweit, eenkoorn, rogge en linzen op zo’n 150 ha. De akkerbouwers krijgen deskundig advies van Eddy. Land, Farm & Men koopt de oogst op en verkoopt die, al dan niet verwerkt tot bijvoorbeeld olie (cameline), graanvlokken of meel (rogge, haver, boekweit).

Het verwerkingsproces bestaat uit verschillende stappen, zoals drogen, reinigen, sorteren (mechanisch en optisch), pellen en tot slot malen, vlokken maken of persen. De eindproducten worden in een maatwerkbedrijf met de hand verpakt.

In de toekomst willen Eddy en Isabelle verder diversifiëren en meer nieuwe producten op de markt brengen. De nieuwe verwerkingseenheid in 2017 zal ongetwijfeld nieuwe kansen scheppen voor het bedrijf. MEER WETEN?

www.landfarmandmen.be

Bio Actief

34

07


Het Ranke Riet WIE?

vader en zoon Antoon en Jakob Devreese WAT ?

Melkvee WAAR?

Lo-Reninge A A N TA L H E C TA R E ?

115 ha BIO SINDS?

fotografie

1996

Kobe Van Looveren

I

n het West-Vlaamse Lo-Reninge ligt het Ranke Riet, het melkveebedrijf van vader en zoon Antoon en Jakob Devreese. Jakob: "Mijn ouders namen in 1982 het bedrijf over. Bio was van in het begin het doel, maar daar was destijds geen afzetmarkt voor. Pas toen de biologische kaasmakerij Het Hinkelspel in 1994 aanklopte, zijn mijn ouders omgeschakeld. Sinds de oprichting van Biomelk Vlaanderen in 2000 wordt al onze melk biologisch op de markt gebracht." Jakob kwam in 2008 van de landbouwschool en stapte mee in het bedrijf. Samen met zijn vader Antoon bouwde hij Het Ranke Riet verder uit. "Op dit moment telt de veestapel 200 melkkoeien en nog een aantal schapen, al zijn we die aan het afbouwen." "We telen 80 procent van ons voer zelf, omdat biologisch ruwvoer erg duur is om aan te

kopen." Lange tijd was dat mais, maar daar zijn ze van afgestapt: "Eigenlijk hoort mais niet thuis in bio. Je plant het in rijen en dus blijft een deel van de bodem onbedekt. Dat zorgt voor een moeilijke onkruidbestrijding. De opbrengst is bovendien te wisselvallig. Onze koeien krijgen nu grasklaver en voederbieten. Daarnaast telen we al meer dan 10 jaar granen en experimenteren we al 5 jaar met mengteelten."

meer boeren experimenteren hiermee." Toch blijft het een zoektocht volgens Jakob. "We begonnen met erwten, maar die hadden wat last van de strenge winter en van schade door duiven. Vorig seizoen hebben we dus vooral veldbonen ingezaaid, maar daar hadden we dan weer een ziekte waardoor de kwaliteit minder was." Een ander probleem is de beschikbaarheid van biologisch zaaizaad. De bestaande biologische variĂŤteiten zijn vaak minderwaardig dan de gangbare, maar tegelijkertijd wel een pak duurder.

"Het heeft geen zin om elkaar als concurrent te zien."

Mengteelten, dat betekent een combinatie van granen met peulvruchten die door elkaar gezaaid worden. Bij het Ranke Riet gaat het om triticale in combinatie met erwten of veldbonen. De peulvruchten blijken een goede vervangende eiwitbron voor de mais. "Steeds

Jakob ziet nog veel ruimte voor kennisuitwisseling. Sowieso is samenwerking voor hem cruciaal in de biosector. Dat betekent elkaar informeren, maar ook uitwisselen van machines, mest en ruwvoer. "Een slimme boer is slim genoeg om te weten met wie hij moet samenwerken. Het heeft geen zin om elkaar als concurrent te zien. Er zijn in de melkveehouderij nu bijvoorbeeld heel veel omschakelaars. Een goede zaak, want er is een groot tekort aan biomelk. Maar willen we een juiste prijs blijven krijgen voor onze melk, dan kunnen we maar beter samenwerken, bijvoorbeeld via Biomelk Vlaanderen." Hij besluit: "Bioboer is een mooie stiel. Als ik mijn koeien zie grazen of producten van mijn melk in de winkel zie, dan voel ik me enorm trots." MEER WETEN?

www.biomelkvlaanderen.be

08

Bio Actief

34

fotografie

Pinguin Foods


Beanworks Seeds & Grains WIE?

Peter Goethals WAT ?

Handelaar in biologische peulvruchten, zaden en granen WAAR?

Beveren BIO SINDS?

2009

H

andelen in biologische peulvruchten? Het was 2009 toen trader Peter Goethals er potentieel in zag. "De internationale biologische peulvruchtenmarkt was een niche in een niche. Een goede zet, want de markt is sindsdien ontzettend gegroeid." Door de groeiende markt en de aanwezigheid op voedingsbeurzen groeide Beanworks in 7 jaar tijd uit van een eenmanszaak tot een KMO met 12 werknemers. Het gamma is sindsdien verbreed met zaden, granen, rijst en superfoods. 90 procent van wat het bedrijf verhandelt is biologisch gecertificeerd.

Daar valt weinig aan te doen." In 2015 startte Beanworks met de bvba Chalo, die zich op consumenten richt. Chalo lanceerde als eerste product een lijn van 4 smaken instant Chai Latte, een drankje uit India op basis van zwarte thee, kruiden, suiker. Peter is gepassioneerd door zijn job en peulvruchten: "Peulvruchten vinden steeds meer een plek in ons veranderend voedingspatroon. Een goede evolutie, want ze zijn gezond: ze zitten boordevol eiwitten, geven energie en bieden door de snelle verzadiging een antwoord op obesitas. En ook op ­milieuvlak zijn er heel wat voordelen te halen, want ze verrijken onder meer de bodem met de broodnodige stikstof."

"Peulvruchten vinden steeds meer een plek in ons voedingspatroon."

Maar wat doet zo’n trader nu precies? "De prijzen op de internationale markt fluctueren enorm. Omdat er geen beurs bestaat, is het niet makkelijk om te weten waar je kan aankopen tegen de beste prijzen. Wij beschikken over een wereldwijd netwerk van leveranciers en kopen en leveren grondstoffen aan voor onze klanten in Europa. Dat zijn onder meer fabrikanten van diepvries- of blikgroenten, verpakkingsbedrijven en voedingsbedrijven die peulvruchten in hun producten verwerken. Ook kleine spelers kunnen bij ons terecht."

Dat enthousiasme brengt hij ook over op zijn klanten: "Wij maken onze klanten graag wegwijs in het brede aanbod, stellen hen af en toe een nieuw product voor. Zo hebben we onze eigen markt een beetje helpen ontwikkelen. Om duidelijk te maken hoezeer de vraag is gestegen: in het begin kochten wij 2 ton quinoa per jaar, nu halen we soms 100 ton per maand."

De kwaliteit van de producten garandeert Dat de VN 2016 uitriep tot het Jaar van de Goethals via het BRC-certificaat. Hij gaat Peulvrucht, kwam op het juiste moment. ook veel ter plekke kijken en Beanworks laat Internationaal zag Peter heel wat beweging: audits uitvoeren. "Peulvruchten zijn een mooi "We hebben zelf ook mee aan de kar getrokken. product, maar het is een agrarisch product Zo vroegen we een sterrenchef om een recept en dus heb je niet alle omstandigheden in de voor ons te maken met peulvruchten. Het werd tografie hand. Drie jaar geleden misluktef obijvoorbeeld iets typisch Vlaams met een twist: een garLisa Develtere de hele oogst van witte bonen in Argentinië. naalkroket met een korst van kikkererwten."

Tot slot heeft hij nog een boodschap voor Belgische bioboeren: "Peulvruchten worden hier niet zoveel geteeld. Nochtans blijkt uit het verleden dat in onze streken witte en bruine bonen goed gedijen. Als een bioboer van plan is om hier mee aan de slag te gaan: wij zijn vragende partij." MEER WETEN?

www.beanworks.eu www.chalo.eu

Bio Actief

34

09


SECTOR IN GESPREK

Bio en de wet Elfi Laridon is beleidsadviseur biologische productie bij het Departement Landbouw en Visserij van de Vlaamse overheid. Een van haar taken is de opvolging van de biologische wetgeving. Wat dat precies inhoudt, vertelt ze aan BioForum.

WIE?

Elfi Laridon, beleidsadviseur biologische productie WAT ?

Interview over hoe de wetgeving voor bio opgevolgd wordt

Welke taken heeft het team bio binnen het departement Landbouw en Visserij? Onze activiteiten m.b.t. biologische productie kan je als volgt samenvatten: 1.

WAAROM?

De regels waaraan een biologisch ondernemer moet voldoen, worden op Europees en Vlaams niveau bepaald. 2.

3. 4. 5.

We zorgen ervoor dat de Europese wetgeving voor bio zo goed mogelijk is aangepast aan de Vlaamse situatie. Dat betekent dus ook de opmaak van correcte en praktische regels in de Vlaamse wetgeving. We zorgen voor een correcte interpretatie en uitvoering van de biologische wetgeving. We handhaven en controleren de wetgeving voor bio. We stemmen wetgeving, onderzoek, voorlichting en advisering op elkaar af. Via het strategisch plan bio stimuleren we de biologische productie in Vlaanderen. Dat laatste betekent concreet dat we financiële steun geven aan verschillende initiatieven die landbouwers en ketenoperatoren ondersteunen in hun keuze voor bio. Zo zorgen we ervoor dat bio in Vlaanderen de plaats krijgt die het verdient.

Wat bedoel je precies met "de plaats die de biologische landbouw verdient"? Vlaanderen heeft duidelijk behoefte aan meer biologische landbouw en dus willen wij daar

10

Bio Actief

34

meer ruimte voor voorzien. Des te belangrijker is het om onderzoek, voorlichting en wetgeving goed op elkaar af te stemmen en ervoor te zorgen dat de biologische productieregels ook bij ons toegepast kunnen worden.

Hoe betrekken jullie de sector bij jullie werk? De input vanuit de sector bereikt ons via de werkgroep Wetgeving die op regelmatige basis samenkomt. Daarin zetelen de sectororganisaties (Boerenbond, ABS, VAC en BioForum Vlaanderen) en de controleorganisaties (Certisys, Tüv Nord Integra en Quality Partner). Zij brengen zelf thema’s aan en wij vragen input aan hen. Specifiek Vlaamse wetgeving voor bio of de juiste interpretatie van de Europese wetgeving ontstaat dus steeds in samenspraak met de sector. Ook voor de besprekingen op Europees niveau hebben we nood aan deze inbreng. Het is een mooie samenwerking, die bovendien leidt tot concrete resultaten. Zo hebben we bijvoorbeeld met hulp van de werkgroep de regels over de omschakelperiode van biologisch melkvee verduidelijkt. Iedereen heeft er uiteindelijk baat bij dat de regels op dezelfde manier worden toegepast.


fotografie

Kobe Van Looveren

Onze sector waardeert die ruimte voor inbreng. Toch is het soms frustrerend om te zien hoe lang het duurt voordat problemen aangepakt en opgelost worden. Hoe komt dat? Een wijziging voer je niet zomaar door: we moeten officiële procedures volgen en die kunnen soms jarenlang duren. Ik leg even uit hoe zo’n wijziging in zijn werk gaat. De Verordening (EG) nr. 834/2007 van de Europese Raad bevat de basisprincipes, productievoorschriften en de etikettering van biologische producten. Deze verordening is momenteel in herziening en de besprekingen lopen nog. Deze verordening wordt verder uitgewerkt in twee verordeningen van de Commissie. De productieregels voor bio komen in detail aan bod in verordening (EG) nr. 889/2008 (inzake biologische productie, etikettering en controle). Import wordt uitgewerkt in verordening (EG) nr. 1235/2008 (inzake invoer van biologische producten uit derde landen).

Er gebeuren regelmatig wijzigingen aan de verordeningen 889/2008 en 1235/2008 via het COP (Committee on Organic Production). In dat comité zetelen de 28 lidstaten en de lidstaten van de Europese Vrijhandelsassociatie (EFTA). De Europese Commissie zit het COP voor. Onlangs werd Verordening 889/2008 nog aangepast (inzake aquacultuur, pesticiden, diervoeder en levensmiddelen). Verordening 1235/2008 wordt tevens op regelmatige basis aangepast rond import uit derde landen, controleorganen in derde landen, en recent nog met oog op het invoeren van de elektronische certificering bij import.

"Iedereen heeft er baat bij dat de regels op dezelfde manier worden toegepast."

Naast dit soort aanpassingen kunnen lidstaten ook dossiers indienen met het oog op aanpassingen aan de bijlagen van Verordening 889/2008. Het gaat vooral over al dan niet toegelaten producten en technieken (vb. bestrijdingsmiddelen, additieven, enzovoort). Zo kregen we vanuit BioForum de vraag om een dossier in te dienen om het gebruik van

gellan gom in natriumhydroxide toe te laten in de biologische productie. In zo’n geval bezorgen wij de dossiers aan de Europese Commissie. Ingediende dossiers worden door de Europese Commissie gebundeld en indien nodig, via een mandaat doorgegeven aan de EGTOP (Expert Group for Technical advice on Organic Production). Deze groep van onafhankelijke experten geven advies aan de Europese Commissie over de dossiers en toetsen die af aan de doelstellingen en principes van de biologische productie. De EGTOP staat tevens de Europese Commissie bij om de productieregels te verbeteren en actueel te houden. Zo heeft in oktober 2014 de EGTOP onder meer advies gegeven met betrekking tot de vraag of het gebruik van gellan gom en natriumhydroxide al dan niet in lijn is met de bio-verordening. Hun advies wordt publiek gemaakt op de website van de Europese Commissie. Op basis daarvan maakt de Commissie een voorstel van wijziging van de Verordening. De COP neemt de uiteindelijke beslissing. Na publicatie in het Publicatieblad treedt de wijziging dan in werking. Zo werd in 2016 gellan gom opgenomen in Verordening 889/2008 ingevolge verordening 2016/373 van 30 april 2016. Daarnaast kunnen we ook vragen stellen

Bio Actief

34

11


over de wetgeving en suggesties tot aanpassing doorgeven. Wijzigingen aan de verordeningen worden ook voorgelegd aan het TBT (Technical Barriers to Trade), zoals de recente wijziging van verordening 1235/2008 inzake de invoering van de elektronische certificering. Het hele proces bestaat kortom uit verschillende onderdelen en neemt daardoor heel wat tijd in beslag. Bovendien hangt ook veel af van de agenda en de prioriteiten van de Europese Commissie.

Zijn er dossiers waar Vlaanderen het verschil heeft gemaakt in de COP? Dat is niet zo evident, want BelgiĂŤ heeft als klein land relatief weinig stemmen in vergelijking met bijvoorbeeld Duitsland of Frankrijk. Al kunnen die landen ook niet op eigen houtje handelen. Mijn taak bestaat er vooral uit om begrip en draagvlak voor onze besognes te creĂŤren bij anderen, in het COP en in het wetgevend proces. We vragen ook om verduidelijking wanneer we met een probleem geconfronteerd wor-

den, mede onder impuls van de sector en controleorganen die met bepaalde knelpunten en problemen geconfronteerd worden. Zo was de wetgeving rond het trekken/forceren van witlof niet duidelijk en was er nood aan Europese harmonisatie van de interpretatie. Dankzij onze vraag is nu duidelijk gesteld dat de forcerie van witlof beschouwd wordt als productie en niet als verwerking. Het directe gevolg is dat je niet meer op hetzelfde bedrijf gangbaar en biologisch witlof mag forceren. Daarnaast besliste de Europese Commissie naar aanleiding van onze vraag dat biologisch witlof zowel in de grond, op substraat als op zuiver water getrokken mag worden.

We zien vaak een verschil in interpretatie tussen de lidstaten. Nederland geeft bijvoorbeeld vaak een soepelere invulling aan de wetgeving, terwijl Vlaanderen meestal voor een strikte implementatie kiest. Vlaanderen vindt het belangrijk dat er geen grijze zones ontstaan in de wetgeving. De Europese Verordening moet klare, heldere taal bevatten en mag geen twijfel veroorzaken. Bij de opmaak van wetgeving wordt een heel proces doorlopen, met verschillende partijen en vaak ook verschillende visies, wat het niet gemakkelijk maakt. Verschillen in implementatie worden waar mogelijk aangekaart met de betrokken lidstaat en/of de Europese Commissie.

Vandaag zijn de discussies over een nieuwe verordening voor bio volop aan de gang. Hoe zie je dit evolueren? In maart 2014 lanceerde de Europese Commissie een nieuw wetgevend voorstel. Zowel de Raad (waarin de lidstaten zetelen) als het Europees Parlement hebben dat bekeken en op basis daarvan een standpunt bepaald en wijzigingsvoorstellen geformuleerd. Die worden nu besproken tijdens de zogenaamde trilogen. Daarbij buigen de drie partijen (de Europese Commissie, de rapporteur van het Europese Parlement en de Raad, vertegenwoordigd door Slovakije - voorzittend land tot eind 2016) zich samen over de tekst en gaan ze op zoek naar een gezamenlijk compromisvoorstel. De discussie is nog volop aan de gang, dus het is nog even afwachten. Het is koffiedik kijken wat de uiteindelijke resultaten zullen zijn. Ik heb er ook geen idee van hoe lang de besprekingen nog zullen duren. Ik zie vooral veel voorstellen tot aanpassingen. Er is dus nog wel wat werk aan de winkel.

fotografie

Frank Toussaint

12

Bio Actief

34


SECTOR IN BEWEGING

Veggie, vlees en pitfruit Ook in 2017 zetten we in welgerichte campagnes een aantal producten in de kijker. Consumenten komen alles te weten over biologische vlees- en zuivelvervangers, vlees en appelen en peren.

fotografie

Wout Hendrickx

VOOR WIE?

De hele biosector WAT ?

Ook in 2017 voeren we een productgerichte campagne WAAROM?

Aan de hand van producten vertellen we wat onze sector zo sterk maakt.

I

n 2016 organiseerden we voor het eerste onze nieuwe campagne. Niet meer 1 keer per jaar, maar op vraag van de sector gespreid in verschillende golven over het jaar. In juni ging alle aandacht naar zuivel en eieren, in september lag de focus op groenten en aardappelen. Tegen 2018 willen we elke productgroep de nodige aandacht gegeven hebben. In 2017 en 2018 vinden er telkens drie campagnes plaats. De campagnes voor 2017 stellen we je hier al kort voor.

Plantaardige producten Uit de reacties die we via Bio Mijn Natuur en Lekker Bio krijgen, blijkt dat een behoorlijk deel van onze volgers interesse heeft in vegetarische en zelfs veganistische producten. Het aanbod aan vlees- en zuivelvervangers in bio is heel groot ĂŠn gevarieerd. Dat willen we de geĂŻnteresseerde consument duidelijk maken. Meteen vertellen we ook waarin de meerwaarde van bio zit. Deze golf, die loopt van 18 tot 26 februari, komt zeer ten goede aan winkeliers, verwerkende bedrijven en foodservices met een plantaardig aanbod.

Vlees Dat de gemiddelde vleesconsumptie naar beneden moet, daar zijn we ook in de biosector van overtuigd. We pleiten graag voor minder maar beter vlees. In deze campagnegolf brengen we de boodschap dat biologisch vlees een duurzame keuze is. We zullen het belang van de veeteelt voor de landbouw en de rol van landbouwdieren voor natuurbeheer onder de aandacht brengen. En ook de verwerking tot vleeswaren komt aan bod. Deze campagnegolf vindt plaats van 3 tot en met 12 juni en zal gesmaakt worden door veetelers, vleesverwerkende bedrijven, slagers en winkeliers met een aanbod aan vlees(waren).

Appelen en peren Tot slot trekken we in oktober 2017 de boomgaarden in. Wat maakt biologische appelen en peren zo bijzonder? We vertellen de consument hoe fruit telen zonder pesticiden kan en welke bijzondere rassen er bestaan. Ook sappen, siropen en andere fruitbereidingen met appel en peer krijgen de nodige aandacht. Fruittelers, fruitverwerkers en verkopers, markeer alvast 21 tot en met 29 oktober.

Onze website www.biomijnnatuur.be zal bij elke golf volledig in het teken van de gekozen productgroep staan met aangepaste ondernemersportretten, recepten, activiteiten... en uiteraard uitgebreide productinfo. Onze Facebook-pagina Lekker Bio en onze digitale nieuwsbrieven zullen consumenten informeren en doen likkebaarden. Aarzel niet om onze berichten over te nemen en verder te verspreiden naar jouw klanten. We organiseren voor de campagnegolf plantaardige producten opnieuw een verkiezing waarbij mensen hun favoriete veggie of vegan product kunnen kiezen. En we nodigen je natuurlijk weer van harte uit om tijdens de campagnegolven een activiteit te organiseren om jouw bedrijf te tonen aan de consument. Dat blijft immers de beste manier om iemand te overtuigen van de meerwaarde van bio.

Wat blijft hetzelfde?

Onze persmedewerker zorgt voor media-aandacht. Bedrijven die perstips willen, zijn zeer welkom met hun vragen. Aarzel niet om ons te contacteren met je opmerkingen of plannen. Hoe meer we samenwerken, hoe meer ruchtbaarheid we kunnen geven aan bio.

We brengen opnieuw voor elke productgroep een BV in stelling want dat blijkt een sterke troef om media-aandacht te krijgen. We kiezen waardige opvolgers voor Wim Lybaert!

Hou zeker de nieuwsbrieven van BioForum Vlaanderen in de gaten om helemaal mee te zijn met de laatste ontwikkelingen!

We zorgen voor informatief campagnemateriaal: voor elke productgolf maken we een of meerdere productaffiches. Daarop leest de consument welke voordelen bio heeft. We brengen bij elke golf een thematische receptkaart uit die de winkeliers kunnen verspreiden.

MEER WETEN?

Wil je meer weten over de campagne of heb je opmerkingen? Laat het weten aan Patricia De Laet patricia.delaet@bioforumvl.be. Bio Actief

34

13


LEKKERE SECTOR

Op een biopaddenstoel... In de herfst duiken overal in de natuur paddenstoelen op. Een aantal biologische telers telen deze lekkernij het hele jaar door.

14

Bio Actief 30 34


VOOR WIE?

De hele sector WAT ?

Teelt- en verkoopinformatie over paddenstoelen WAAROM?

Paddenstoelen zijn een dankbaar product in de keuken

P

addenstoelen zijn de zichtbare vruchtlichamen van een ondergrondse schimmel met een wijdvertakt netwerk van schimmeldraden, het mycelium. Paddenstoelen bevatten geen chlorophyl en kunnen dus niet leven van zonlicht. Ze halen hun energie en voedingstoffen uit dood plantaardig materiaal en zorgen voor de afbraak ervan. Van de duizenden soorten eetbare paddenstoelen zijn er maar zo’n vijftal die op een rendabele manier gekweekt kunnen worden. De bekendste is de witte champignon of ‘champignon de Paris’. In de biologische teelt is de bruine kastanjechampignon nog net iets populairder: hij lijkt qua grootte en vorm op de witte champignon, maar heeft een eerder nootachtige smaak. Hij bevat minder vocht, waardoor hij minder slinkt tijdens de bereiding. Andere courante soorten in bio zijn shiitakes en oesterzwammen.

Champignonteelt De teelt van champignons gebeurt in gangbaar en bio grotendeels op dezelfde wijze, al gelden er wel enkele specifieke voorwaarden voor bio (zie verder). De productie verloopt algemeen als volgt: champignons teelt men in productiecellen met een gecontroleerd microklimaat op substraat. Dat substraat bevat in essentie paardenmest, tarwestro, water en gips. Soms wordt ook kippenmest toegevoegd. Het mengsel wordt in speciale bunkers aeroob (dus met zuurstof) gecomposteerd. Daarna volgt een pasteurisatie om alle ongewenste ziektekiemen te doden. Vervolgens wordt het substraat geënt met de gewenste schimmel door het inmengen van het ‘broed’ (met schimmeldraden doorgroeide graankorrels). Deze met mycelium doorgroeide voedingsbodem komt in een laag van 28 centimeter in voedingsbedden. Voor de productie van 1 ton champignons is zo’n 3 tot 4 ton substraat nodig. De voedingsbedden worden in 4 à 5 verdiepingen boven elkaar geplaatst.

Daarbovenop komt een deklaag van ongeveer 5 centimeter die de temperatuur en het vochtgehalte van het substraat stabiel moet houden. Zo’n deklaag bestaat uit veen en schuimaarde, een restproduct uit de suikerbietenindustrie waarmee je organische stof aan de bodem kan toevoegen. In een productiecel is geen licht en houdt men de luchtvochtigheid en temperatuur onder controle. De ideale temperatuur ligt tussen 16 en 22°C. De eerste drie dagen loopt de temperatuur van het substraat op, als gevolg van myceliumgroei. Bij een te hoge temperatuur riskeert het mycelium af te sterven. Na enkele weken is de myceliumgroei deels uitgewerkt en wordt de temperatuur verlaagd. In dat stadium zijn witte schimmeldraden en champignonkopjes zichtbaar. Per vierkante meter substraat is 16 tot 22 liter water nodig. Champignons groeien snel. Na 3 weken is de eerst ‘vlucht’ oogstklaar. Uit het mycelium groeien daarna telkens nieuwe paddenstoelen. Doorgaans oogst men 2 à 3 vluchten uit één substraat. Om continu te kunnen oogsten heeft een teler doorgaans verschillende productiecellen, elk in een verschillend productiestadium. Voor de versmarkt worden champignons met de hand geplukt. Machinaal geoogste champignons zijn bestemd voor de conservenindustrie. Op het einde van het proces wordt de productieloods leeggemaakt en grondig gereinigd met stoom. Op die manier krijgen ongewenste schimmels geen kans.

Shiitake en oesterzwammen De meeste oesterzwammen worden geteeld op een substraat van stro. Een composteringsbedrijf verhakkelt het stro, bevochtigt het en mengt het. Na pasteurisatie wordt het mengsel geënt met het broed, in blokken geperst en met een plastiekfolie overtrokken. Deze pakketten komen ook terecht in productiecellen met een speciaal afgesteld klimaat. Ook de shiitaketeelt gebeurt steeds meer op deze manier. Het stromengsel bevat dan ook houtzaagsel van bv. beuk of eik. Traditioneel worden shiitakes immers geteeld op dode stammetjes van eikenhout. Shiitakes zijn duurder dan klassieke champignons, omdat de groeitijd veel langer is.

Extra voorwaarden voor bio Voor biologische paddenstoelen is de teelt op substraat uitzonderlijk toegelaten. Dat substraat moet wel aan een aantal voorwaarden voldoen. Zo moet de gebruikte dierlijke mest afkomstig zijn van biologische bedrijven. Is er te weinig biologische mest beschikbaar, dan mag de teler mest gebruiken van gangbare, grondgebonden veehouderijen voor maximaal van 25 procent van het totale substraatgewicht (voorafgaand aan compostering en exclusief afdekmateriaal en toegevoegd water). Ook andere gebruikte agrarische producten zoals stro moeten afkomstig zijn van biologische bedrijven. Chemisch onbehandeld turf en hout mogen ook gebruikt worden. De biowetgeving laat ook een beperkt aantal minerale producten toe (zie kaderstukje).

Bio Actief 29 34

15


Biopaddenstoelen in Vlaanderen

MIN E R AL E N In onze publicatie Bio & De Wet, Plantaardige productie op www.bfvl.be/bioendewet kan je in bijlage 2, tabel 3 de lijst met toegelaten mineralen vinden. Vooral schuimaarde, een restproduct uit de suikerbietenindustrie, wordt gebruikt om de zuurtegraad van de deklaag op een pH van 7 à 8 te houden.

Champignons kunnen nogal last hebben van de champignonmug. Om deze te vermijden worden de productiecellen in overdruk gehouden, waardoor er in de cel een hogere druk is dan buiten. Ook worden aaltjes ingezet om de champignonmug op een natuurlijke manier te bestrijden. Om te desinfecteren, wordt het substraat op het einde van de productie 6 uur lang op 70° C verwarmd. Zo kunnen ziektekiemen zich niet verspreiden en zijn er minder chemische desinfectiemiddelen nodig.

16

Bio Actief

34

In Vlaanderen zijn momenteel zo’n tiental telers van biologische paddenstoelen actief. Samen telen ze op ongeveer 15.000m2 teeltbedden. Tomabel, de telerscoöperatie met het gelijknamige kwaliteitsmerk, is een belangrijk handelskanaal voor zowel gangbare als biologische paddenstoelen. De vermarkting gebeurt in samenwerking met REO Veiling. Volgens An Beyne van Tomabel neemt de vraag naar biologische paddenstoelen jaarlijks toe en is er momenteel zelfs een tekort. Alleen is dat tekort net niet groot genoeg om gangbare champignontelers te doen omschakelen. Ook Veiling BelOrta verhandelt zowel gangbare als biologische paddenstoelen, vooral oesterzwammen.

Voedingswaarde van champignons Champignons zijn een belangrijke bron van voedingsstoffen, zoals vitamine B2, foliumzuur en van het mineraal fosfor. Bovendien zijn ze rijk aan vezels en koper. Tegelijk zijn champignons

arm aan calorieën en vet. Champignons passen dus zeker in een gezond voedingspatroon.

Zelfkweek Enkele bedrijven, zoals Le Champignon de Bruxelles en Permafungi, bieden pakketten aan waarmee consumenten zelf biologische champignons kunnen kweken. Permafungi brengt kweekkits op de markt voor witte of gele oesterzwammen op basis van een mengsel van zaagsel en koffiedik. In een warme omgeving (20°C), moet het substraat regelmatig worden bevochtigd. Na 10 à 20 dagen beginnen de eerste oesterzwammen te groeien. Een aantal van hun producten zijn herbruikbaar na de oogst. Bij Le Champignon de Bruxelles worden zelfkweekkits verkocht voor shiitake. Deze kits zijn op basis van bierdraf, een nevenproduct van het brouwen. MEER WETEN?

Op www.biobedrijvengids.be kan je alle Vlaamse paddenstoelkwekers en handelaars snel terugvinden.


TÜV NORD INTEGRA

Certificatie in landbouw en voeding

Laat je inspireren! 5-daagse

Inspiratiecursus Agro-Ecologie Basisprincipes & actuele ontwikkelingen in de Vlaamse biolandbouw Corporate Branding Guidelines Document for BRC Trading

2 x per jaar: lente / herfst Lente-editie 2017: 10 & 24/03 – 21/04 – 5 & 19/05

BRC Certification Body Logo

BE-BIO-02

Below are examples of the Certification Body logo.

Pantone 2592

Pantone 2592

en vele andere...

Info & aanmelden op: http://www.landwijzer.be/cursussen Black

Black

White

White

Statiestraat 164 2600 Berchem - Antwerpen T + 32 3 287 37 60 F + 32 3 287 37 61 www.tuv-nord-integra.com

Specialisatiecursus

adv_96x136mm_03_2016.indd 1 Project: BRC Corporate Branding Guidelines Date: July 2011

www.nacvzw.be

Startdata Biolandbouw: Diest

Ma 19/12/2016

Ninove

Woe 04/01/2017

Zemst

Do 05/01/2017

Zwijnaarde

Ma 16/01/2017

www.nacvzw.be Met steun van Vlaamse Overheid en EU

BIOLANDBOUW info@nacvzw.be 051/26 08 36 0477/37 16 42

Ruim aanbod aan agrarische opleidingen op diverse locaties in Vlaanderen: o.a. starterscursussen in de landbouw, praktijkopleiding zuivelverwerking, KI, klauwverzorging, ...

16/11/16 1


VERANDERENDE SECTOR

Biocontrole op de wereldmarkt Welke gevolgen heeft een steeds internationalere markt op de controle op bio? Hilde Van Duffel van Tüv Nord Integra vertelt het ons.

VOOR WIE?

Hilde Van Duffel, Tüv Nord Integra, section manager organic food processing WAT ?

Controle in de lange (internationale) keten WAAROM?

Omdat een zorgvuldige controle in de hele keten in ieders belang is

Laten we beginnen bij het begin: hoe verloopt controle binnen de Europese Unie? Hilde Van Duffel: In de Europese wetgeving staan een aantal verplichtingen wat controle betreft. Zo moet een bedrijf minstens één keer per jaar een controleur over de vloer krijgen. Daarnaast zijn ook onaangekondigde controles mogelijk en mag de controleur stalen nemen als hij iets wil onderzoeken. In de Europese wetgeving staan deze minimale basisregels omschreven. De lidstaten bepalen zelf of ze hier nog bijkomende voorwaarden aan willen koppelen of niet. Zo krijgt de helft van de Vlaamse marktdeelnemers jaarlijks ook een onaangekondigde controle. De Vlaamse overheid vraagt ons ook om bij minstens 50 procent van de markt-

18

Bio Actief 34

deelnemers stalen nemen. Er zijn maar weinig andere landen waar die frequentie zo hoog ligt.

Ondanks de EU-wetgeving kunnen producten die voor het ene land OK zijn, in het andere toch voor problemen zorgen. Hoe kan dat? Dat komt door interpretatieverschillen. Wij hebben bijvoorbeeld sinds vorig jaar een protocol waarmee we pesticideresidu’s op een eenduidige manier kunnen interpreteren. Nederland bijvoorbeeld werkt op dat vlak anders. En dus kan een lot bij ons worden gedeclasseerd, terwijl het in Nederland wel door de controle komt. In grensoverschrijvende dossiers met betrekking tot pesticideresidu’s, nemen we steeds contact op met de controleorganisatie van het andere land. Eventueel kan de overheid ook bemiddelen. Sowieso wil de Vlaamse overheid op de hoogte zijn van alles wat er speelt over de grenzen heen.

Grensoverschrijdende dossiers kaart de Vlaamse overheid aan binnen Europa. Dat is een goede zaak, want het zorgt dat de Europese Commissie zicht krijgt op alles wat er speelt omtrent pesticideresidu’s. Dat kan op termijn voor meer harmonisatie binnen de EU zorgen. Europa kan waar nodig landen aanmanen om hun acties omtrent pesticidedossiers bij te sturen.

Hoe gebeurt de controle op producten die van buiten Europa komen? Je hebt twee systemen. Ten eerste zijn er de equivalente landen: landen met een eigen lastenboek dat de EU als ‘gelijkwaardig’ beschouwt aan de Europese biowetgeving. In die landen bestaat er dus een systeem van controle, waar de bevoegde autoriteit over waakt.

"De helft van de Vlaamse marktdeelnemers krijgt jaarlijks een onaangekondigde controle."

Daarnaast heb je niet-equivalente landen, de zogenaamde ‘derde landen’. In die landen bestaat geen uitgebouwd systeem en dus moeten controleorganisaties zelf een lastenboek opmaken dat nauw aansluit bij


de EU-verordening. Ze krijgen dan een erkenning van Europa om in dat land volgens dat lastenboek te controleren en te certifiëren. Het is trouwens Europa die toezicht houdt op de controleorganisaties en af en toe audits organiseert. De controleorganisaties zijn in de meeste gevallen Europese controleorganisaties die geaccrediteerd zijn om in zo’n derde land controle uit te voeren. Wij doen bijvoorbeeld controle in een aantal niet-Europese landen.

Wat gebeurt er als op een product van buiten de EU een probleen worden vastgesteld? Stel: Een Vlaams bedrijf koopt bijvoorbeeld zonnebloempitten bij een Nederlandse verdeler. Wij stellen na staalname een probleem van pesticideresidu’s vast. Dat probleem werd veroorzaakt eerder in de keten. In dat geval nemen wij contact op met SKAL, de Nederlandse controleorganisatie. Wij rapporteren over ons onderzoek en op basis daarvan gaan zij zelf onderzoek voeren en eventueel een nieuw staal nemen.

reacties, maar iedereen heeft zijn eigen prioriteiten en dus kan een antwoord wel eens lang op zich laten wachten. Die afhankelijkheid van anderen is af en toe lastig.

is, in een ander toch voor problemen kan zorgen. En dan moeten ze ook nog eens rekening houden met normen die hun klanten kunnen opleggen. Dat maakt het extra complex.

Met de lastenboeken van equivalente landen duiken soms nuanceverschillen op. Zo laat de VS bepaalde ingrediënten wel toe. Hoe ga je daar mee om?

Als er veel problemen zijn met een bepaald land, worden vaak verscherpte controles uitgevoerd. Dat is nu bijvoorbeeld het geval met Oekraïne. Hoe komt dat tot stand?

Europa beschouwt de Amerikaanse biowetgeving als gelijkwaardig, en dus kan je als controleorganisatie niet anders dan die producten aanvaarden, zelfs als ze stoffen bevatten die hier misschien niet toegelaten zijn. Maar dat zorgt op zich voor weinig problemen. Lastiger is het als landen – binnen of buiten Europa – verschillende normen anders gaan interpreteren. Ik gaf al het voorbeeld van ons protocol voor pesticideresidu’s. Bedrijven snappen niet hoe met één Europese wetgeving een product dat in het ene land in orde

Vorig jaar was er vanuit Oekraïne een geval van fraude met zonnebloempitkoek. Europa heeft toen beslist om granen en zaden van Oost-Europa scherper te controleren. Concreet betekent dat producten in quarantaine gaan en bemonsterd worden voor ze naar Europa komen. Is alles in orde, dan komt het product naar hier. Het gaat opnieuw in quarantaine en wij nemen ook stalen. Die dubbele staalname is nodig omdat er soms verschillen blijken te zijn tussen de analyseresultaten van ginder

Wij hebben alleen zicht op de vorige schakel, maar SKAL stelt vast dat de zonnebloempitten uit China komen en dat het probleem daar ontstond. Zij nemen dan contact op met de lokale controleorganisatie, die op zijn beurt de zaak bekijkt. Zo kan een probleem snel enkele maanden aanslepen, want misschien zijn er nog andere schakels waar onderzoek nodig is: lokale traders, boerengroepen, noem maar op.

En hoe werkt dat bij rechtstreekse import uit een derde land? Wat als de controleorganisatie daar geen problemen ziet? De Europese Unie heeft met OFIS een communicatiesysteem om meldingen en incidenten centraal te beheren. Wij melden een probleem aan de overheid, en die kan de betrokken controleorganisatie in het derde land vragen om dat te onderzoeken. De uitkomst van dat onderzoek moet aanvaard worden door de vraagsteller. Zegt in dit geval de controleorganisatie in China bijvoorbeeld dat ze geen problemen vinden, dan kan de Vlaamse overheid vragen om de zaak diepgaander te onderzoeken. In de praktijk komt dat zelden voor. Het grootste probleem is tijd. Wij vragen soms snelle

fotografie

Kobe Van Looveren

Bio Actief

34

19


en die van hier. Vinden wij een probleem, dan zoeken we naar oorzaken. Het kan altijd gaan om onvermijdelijke contaminatie die onder het niveau van declassering zit. Dan wordt het lot alsnog vrijgegeven.

menten die de certificatie bevestigen en pols eventueel naar vorige schakels. Natuurlijk is dat soms gevoelige commerciĂŤle informatie en dus kan het zijn dat je hier op een muur botst.

Het verscherpt toezicht toont dat controle werkt, en dat ook de controle op de controle werkt. De landen van herkomst voelen zich met deze maatregel wel wat geviseerd, want het probleem wordt niet altijd in het land van herkomst veroorzaakt. Een tussentijdse opslag waar wij geen zicht op hebben kan ook voor contaminatie zorgen.

In de praktijk zien we dat bedrijven die al problemen hebben gehad, stalen laten overkomen om die dan zelf te analyseren. Op basis daarvan laten ze het product wel of niet verschepen. Je kan als ondernemer ook het product importeren en een staal nemen voor gebruik.

Ook dat is het gevolg van de internationale markt: ketens worden ondoorzichtiger en dus neemt het risico op contaminatie of zelfs fraude toe. Meer staalnames zijn dus mogelijk een goede strategie.

Ik besef dat dat geen goedkope manier van werken is, dus het is slim om op basis van risicoanalyse te kijken welke stappen er nodig zijn. Er is bijvoorbeeld meer risico bij schaarse producten, zeker als die van buiten de EU komen. Ook nieuwe leveranciers vormen een groter gevaar.

Hoe kan je jezelf als biologisch ondernemer het best indekken tegen dit soort problemen in de lange keten?

Wat als een bedrijf tijdens een eigen staalname een probleem ontdekt?

Hoe korter je de keten kan houden, hoe beter. Bouw een vertrouwensrelatie op met je rechtstreekse leverancier. Dat gaat natuurlijk niet altijd. Vraag je leverancier dan naar docu-

Bedrijven zijn verplicht om dat aan ons te melden. Wij gaan dan op onderzoek en blokkeren het product in tussentijd formeel. Vaak hebben bedrijven dat zelf ook al gedaan.

20

Bio Actief

34

Slim, want zo vermijd je veel kosten. Want wat als je plots een heel lot eindproducten moet terugroepen, omdat het ingrediĂŤnten bevat die door ons gedeclasseerd worden? Het is ook een deel de verantwoordelijkheid van de marktspeler. Als een niet-bioproduct als bio op de markt verschijnt, is dat op lange termijn nefast voor de geloofwaardigheid van de hele biosector. Daar wint niemand bij. MEER WETEN?

Je vindt het protocol over pesticideresidu’s op www.bfvl.be/publicatiessector.


COMMUNICERENDE SECTOR

Bio uit de kast Je kiest als ondernemer voor bio, maar weet de buitenwereld dat ook? Vertellen waarom je voor bio kiest en er juist over communiceren: ook dat is belangrijk.

WIE?

De hele biosector WAT ?

Juist communiceren over bio WAAROM?

Er zijn sterke argumenten om voor bio te kiezen en die moeten we als sector samen uitspelen.

G

een pesticiden, geen kunstmest: verder komen de meeste consumenten niet als je vraagt wat zij onder bio verstaan. Op zich hebben ze gelijk, maar bio is natuurlijk veel meer dan dat. Het belang van de bodem, het sluiten van kringlopen, het vermijden van ggo’s en overbodige additieven: al die elementen kunnen een consument ervan overtuigen dat bio wel degelijk een waardevolle keuze is.

Communicatie naar de consument speelt dus een sleutelrol in het succes van bio. BioForum Vlaanderen biedt aan de geïnteresseerde consument info over bio via haar consumentenwebsite www.biomijnnatuur. be, via de campagnegolven en de Facebookpagina Lekker Bio. Wanneer ook jij als ondernemer helder communiceert over de meerwaarde van bio, dan bereiken we samen meer mensen, ook via verpakkingen. Enkele tips.

Online klanten bereiken Heb je een website of Facebook-pagina? Voorzie een luik waarin je uitlegt wat bio is en waarom jouw bedrijf daarvoor kiest. Je kan je daarvoor laten inspireren door de informatie op www.biomijnnatuur.be, en dan meer bepaald wat je bij de productinformatie of de FAQ’s vindt. Volg onze Facebook-pagina Lekker Bio en abonneer je op onze consumentennieuwsbrief. Neem de berichten die je zinvol vindt over in jouw eigen communicatie.

duct: een vrije uitloop voor je kippen, koeien in de wei, geen ggo’s, geen chemische smaakversterkers... Bekijk wat andere producenten vermelden en durf je eigen meerwaarde helder te verwoorden. Zo geef je op de winkelvloer belangrijke info mee aan potentiële klanten. Organiseer je een opendeurdag, voorzie dan communicatiemateriaal over de meerwaarde van de biologische productie. Algemene affiches en folders kan je bij ons bekomen. Specifiek materiaal voor jouw bedrijf lezen we graag even na. Want correcte informatie over bio voor je klanten is heel belangrijk.

BOUW EEN WEBSITE MEER WETEN?

Op www.bfvl.be/publicatiessector vind je een handleiding om snel en gratis een eenvoudige website te maken, speciaal op maat van de kleinschalige ondernemer.

In 2017 wil BioForum Vlaanderen jou nog meer helpen om juist te communiceren over bio. Hou de volgende nummers van Bio Actief in de gaten!

Uitgaan van je eigen sterkte Je hoort het misschien zelf ook af en toe: bio is toch alleen maar marketing? Laat het nu net onze sterkte zijn dat bio duidelijke standaarden heeft. Voorzie je een nieuwe verpakking? Benoem dan concreet op je verpakking waarin de meerwaarde zit van jouw biologische pro-

Bio Actief

34

21


EERLIJKE SECTOR

Meer garantie Biogarantie is het Belgische biolabel. Om het label relevant te houden naast het verplichte Europese label, zetten we samen met de sector de afgelopen tijd een aantal stappen.

WIE?

Biogarantie-houders WAT ?

De toekomst van Biogarantie WAAROM?

Biogarantie wil ook in 2017 een label zijn dat vertrouwen uitstraalt

D

e Belgische biosector blijft groeien: er komen steeds meer spelers bij en biobedrijven vinden elkaar alsmaar beter. Ook bij de consument groeit de belangstelling voor biologische producten.

Als label wil Biogarantie mee groeien met die veranderende sector en tegelijkertijd beantwoorden aan de verwachtingen van de consument over wat bio moet zijn. Er is natuurlijk het Europese lastenboek, maar private labels zorgen ervoor dat de sector zich blijft ontwikkelen. Biogarantie bevat bijvoorbeeld normen voor producten of toepassingen die in de bestaande wetgeving voor bio geen of weinig aandacht krijgen. De ontwikkeling van een lastenboek is een voortdurend proces. In 2010 voegden we

22

Bio Actief

34

nieuwe criteria toe aan het lastenboek van Biogarantie. Die moesten de transparantie en traceerbaarheid van producten garanderen en inspelen op globale duurzaamheidsnormen. Alleen bleek het in de praktijk niet altijd makkelijk om aan die nieuwe criteria te voldoen.

Evolutie van Biogarantie Wil Biogarantie als privaat label relevant blijven, dan moeten de criteria duidelijk en werkbaar zijn voor de Belgische bedrijven. Dat betekent ook dat bijkomende lasten en extra controlekosten zoveel mogelijk beperkt moeten blijven. In maart 2015 hadden we hierover een breed overleg met de gebruikers van Biogarantie. Uit die ontmoeting kwamen 3 prioriteiten naar voor: transparantie binnen Biogarantie, Belgisch karakter en eerlijke prijs. Een jaar later organiseerden we een eerste overleg over de twee eerste thema’s, gevolgd door 2 werkgroepen. In december 2016 volgt nog een workshop over eerlijke prijs. Uit de werkgroepen kwamen een aantal voorstellen voor verbetering. Die zijn nog niet definitief, maar we geven je ze graag al mee.

Transparantie Voor Biogarantie moet de merkeigenaar gecertificeerd zijn en, sinds 2012, ook de onderaannemers, loonwerkers e.d. die het Biogarantie-label aanbrengen op een product in opdracht van de merkeigenaar. Deze zogenaamde indirecte gebruikers zijn zeer divers: het kan de producent van een product zijn, maar ook een versnijder of verpakker. Dat indirecte gebruik slaagt er echter niet in om transparantie in de keten te creëren. Bovendien bestaat het enkel voor Belgische bedrijven. En dus stelde zich de vraag: moet de transparantie en certificatie uitgebreid worden tot de hele keten of beperkt Biogarantie zich voortaan tot de certificatie van de merkeigenaar? In de praktijk blijkt transparantie over de hele keten erg moeilijk voor verwerkte producten met veel ingrediënten. Op de laatste werkgroep transparantie werd daarom voorgesteld om het indirecte gebruik af te voeren. Dan is alleen de merkeigenaar verantwoordelijk voor het voldoen aan de criteria van Biogarantie. De controleorganisatie kijkt na of dat ook effectief het geval is.


De Raad van Bestuur van Biogarantie neemt hierover in december een definitieve beslissing. Daarna communiceren we de beslissing via onze website en de nieuwsbrieven.

Welke producten dat precies zijn, bekijken we op dit moment samen met de organisaties die met eerlijke handel bezig zijn. Begin 2017 communiceren we dit aan de gebruikers.

Eerlijke handel Op de werkgroep werd ook het fairtradecriterium besproken. Er bestaat een lijst van landen met onvoldoende sociale bescherming. Momenteel stelt Biogarantie de volgende eis: komt meer dan 10 procent van de grondstoffen van je verwerkt product uit een van die landen, dan ben je verplicht om grondstoffen met een certificaat van eerlijke handel te gebruiken.

Belgisch karakter

Ook hier botsen idealen met de realiteit. In verwerkte producten zitten vaak verschillende ingrediënten. Ten eerste is het niet altijd eenvoudig om de herkomst ervan te bepalen, ten tweede bestaat er niet voor alle ingrediënten een fairtradecertificaat.

De Belgische land- en tuinbouwers willen graag dat Biogarantie meer Belgisch is: niet alleen in de betekenis ‘geproduceerd/verwerkt door een Belgisch bedrijf’, maar ook in de betekenis ‘met Belgische grondstoffen’. Een eerste voorstel was dat enkel in België geteelde verse groenten en vers fruit Biogarantie zouden mogen dragen.

Biogarantie vindt het belangrijk dat producten ook aan sociale voorwaarden voldoen, maar wil dat doen op een haalbare manier. Het fairtradecriterium zal dus vanaf 2017 beperkt zijn tot een aantal veel gebruikte ingrediënten die in voldoende mate beschikbaar zijn met een eerlijke handelscertificaat.

Dat stootte op twee bezwaren: bij de producentenorganisaties zijn vaak ook buitenlandse telers aangesloten, waardoor die geen Biogarantie meer zouden kunnen gebruiken. Bovendien kan van de meeste groenten en fruit bij een herkomstbeperking geen continuïteit aan de klanten gegarandeerd worden.

Producenten zien Biogarantie graag evolueren naar een echt Belgisch label voor producten met Belgische grondstoffen. Verwerkers en retailers zien daar weinig voordelen in. Wel vindt iedereen het een goed idee om Belgische producten meer in de kijker te zetten en er zo voor te zorgen dat Belgische landbouwproducten sneller gebruikt worden voor Biogarantie-producten. Aangezien Biogarantie het label is van de hele sector, streven we naar voordelen voor iedereen en onderzoeken we deze piste. We zullen kijken of en hoe we binnen Biogarantie kunnen inspelen op de Belgische herkomst van grondstoffen. We zouden een Belgische vlag aan het Biogarantie-logo kunnen toevoegen. In het buitenland bestaat er al een goed voorbeeld van een dergelijke labeling: Zwitserland heeft zowel een algemeen biolabel als een Biosuisse-label.

MEER WETEN?

Heb je zelf ideeën voor Biogarantie, wil je meedenken in de werkgroep rond eerlijke prijs of Belgisch karakter, laat het weten aan Annick Cnudde annick.cnudde@bioforumvl.be.

Bio Actief

34

23


VERANDERENDE SECTOR

Toegevoegde waarde Flink wat biowinkels hebben voedingssupplementen in hun assortiment. Hoe zit het met het bio-aanbod in winkels?

aminozuren en vetzuren. Ze worden verkocht als tabletten, poeders, druppels of drankjes. Supplementen kunnen wel of niet biologisch gecertificeerd zijn.

VOOR WIE?

Winkeliers WAT ?

Inzicht in de markt van voedingssupplementen WAAROM?

Voedingssupplementen vormen een vast onderdeel van het aanbod in de biowinkel

Waarom supplementen? In principe heeft een mens geen supplementen nodig. Een gezond, gevarieerd en evenwichtig voedingspatroon zou alle behoeften aan voedingsstoffen moeten kunnen dekken.

B

iowinkels hebben al jaren voedingssupplementen in hun assortiment. Dat geldt zeker voor winkels die uit de reformtraditie komen, maar ook in nieuwe winkels worden ze verkocht, al is het aanbod vaak minder prominent uitgestald. Hun aanwezigheid in de biowinkel heeft te maken met de eeuwige zoektocht naar meer gezondheidsartikelen en met het feit dat supplementen een belangrijk aandeel vormen in het inkomen van een winkelier.

Maar in de praktijk blijken mensen vaak toch bepaalde stoffen niet genoeg via hun voeding binnen te krijgen. Het Belgisch nationaal Voedings- en Gezondheidsplan vermeldt een aantal tekorten die vaak voorkomen: • • • •

Een supplement is een geconcentreerde bron aan voedingsstoffen. Ruwweg zijn er vier groepen: vitamines, mineralen & oligo-­elementen,

24

Bio Actief

34

Jodium bij de algemene bevolking IJzer en foliumzuur bij zwangere vrouwen IJzer, calcium en vitamine D bij zuigelingen, jonge kinderen en adolescenten Calcium en vitamine D bij bejaarden

Sommige mensen nemen te weinig voedingsstoffen op als gevolg van een eenzijdige,

onvoldoende gevarieerde of ontoereikende voeding. Bij een veganistisch voedingspatroon kunnen supplementen soms nodig zijn. Andere mensen hebben ten gevolge van ziekte, herstel of levenswijze een grotere behoefte aan bepaalde voedingsstoffen. Supplementen zijn echter niet risicoloos. Een overdosis aan vitamines kan tot gezondheidsklachten leiden. In het ideale geval gebeurt de inname van supplementen uitsluitend onder medische begeleiding.

Gangbaar versus bio Supplementen bestaan uit nutriënten, die onder meer gewonnen worden uit planten of plantbereidingen. Bij de gangbare variant worden deze nutriënten via verschillende bewerkingen gedistilleerd en uiteindelijk geïsoleerd. Een vitamine A-supplement bevat met andere woorden niets anders dan vitamine A. Zo’n ver doorgedreven aantal bewerkingen om bepaalde voedingsstoffen te isoleren zijn in bio niet toegelaten. Biologische


­ upplementen hebben daarom een coms plexere samenstelling en liggen dichter bij wat je functionele voeding kan noemen. Voor de klant is dat een sterk verhaal: het product sluit immers dichter aan bij hoe voedingsstoffen in de natuur voorkomen. Bij sommige nutriënten verloopt de opname ook beter wanneer die in natuurlijke vorm ingenomen wordt. Supplementfabrikanten vinden de regels voor bio vaak net een drempel, omdat ze daardoor een deel van hun aanbod niet in biologisch gecertificeerde vorm kunnen aanbieden.

Winkelaanbod Ondanks het feit dat biologische supplementen minder bewerkt zijn, blijft het aandeel biologische supplementen in biowinkels beperkt. In de praktijk is vaak maximaal de helft van het aanbod in een biologisch winkel ook effectief biologisch. Nochtans neemt het biologisch aanbod toe: je kan als winkel vandaag een divers assortiment samenstellen met enkel gecertificeerde biologische supplementen. Belangrijke Belgische spelers op deze markt zijn Martera, KeyPharm, BioVita, BioVer, Oce-Bio, Ortis en Bio-Life.

Wat zegt de wet? Bedrijven die in België een voedingssupplement willen produceren en verkopen, moeten daarvoor een erkenning krijgen. Dat betekent dat ze hun product op voorhand in detail moeten "notificeren" bij de overheid. Als het goedgekeurd wordt, krijgt het product een notificatienummer. Erkende voedingssupplementen moeten daarnaast voldoen aan de voedingsmiddelenwetgeving. Dat betekent dat de producerende bedrijven, net als bij andere voedingswaren, in orde moeten zijn ten aanzien van de regelgeving over autocontrole, traceerbaarheid en meldingsplicht.

Geen geneesmiddel Consumenten kiezen supplementen vooral omwille van hun eigen gezondheid. Supplementen zijn echter geen geneesmiddelen. Ze mogen op hun verpakking geen medische beweringen vermelden en een Europese richtlijn zegt dat ze niet gepresenteerd mogen worden alsof ze in staat zijn een ziekte te voorkomen, te behandelen of te genezen. Daar hou je als winkelier dus best rekening mee.

Gezondheidsclaims zijn toegelaten, maar alleen als ze wetenschappelijk onderbouwd zijn. Voorbeelden van zulke claims zijn: "Calcium is nodig voor de instandhouding van normale botten" of "Roggevezels dragen bij tot een normale darmfunctie". Zo’n gezondheidsclaim moet goedgekeurd zijn door Europa en de bevoegde experts kennen zo’n erkenning niet licht toe. Op dit moment zijn 2287 claims over gezondheid toegelaten op voedingswaren en supplementen. Ook als verkoper moet je je houden aan deze wetgeving en mag je dus niet zomaar gezondheidsadvies geven.

WA T V R A A G T B I O G A R A N T I E ? Biogarantie-winkels moeten binnen hun voedingssegment minstens 80% biologische producten aanbieden. Voedingssupplementen gelden als voeding. Hoewel het aanbod supplementen in veel biowinkels niet bio is, is hun aandeel binnen het totale voedingssegment beperkt: er wordt immers gekeken naar het aantal ‘schapmeters’ dat een product inneemt. Voor supplementen gaat het vaak om kleine verpakkingen die dus weinig oppervlakte innemen.

Bio Actief

34

25


Van horen zeggen " "Over 30 à 40 jaar zouden alle landbouwers in Wallonië volledig moeten overstappen op biologische landbouw. 100 procent biologische landbouw in Wallonië is geen utopie."

D R I ES D EL A N OTE B I O L O GI S C H B O ER D E TI J D, 2 9 O K TO B ER 2 0 1 6

RENÉ COLLIN WAALS MINIS T E R VA N LA N D B OU W WEEKEND KN ACK, 21 SE PT E MBE R 2016

" "

"Schaalverandering betekent niet per definitie schaalvergroting. Verschillende innovatieve landbouwers bewijzen dat nichemarkten en korteketeninitiatieven soms beter bestand zijn tegen marktschommelingen." JELLE ENGEL B OSCH PARLEMENTS LID OPE N V LD VILT.BE, 1 2 O KT OBE R 2016

"

"De provincie Limburg wil klimaatneutraal zijn in 2050 en tegen 2020 een CO2-reductie van -30% tegen 2020. Biologische teelt kan een belangrijke bijdrage leveren aan een klimaatvriendelijke landbouw." INGE MOORS GEDEPU TEER D E L A N D BOU W PROV IN CIE LIM B U R G BIO MIJN NAT U U R, 21 SE PT E MBE R 2016

26

Bio Actief

34

"Vlaanderen zou een oase van ecologische landbouw voor lokaal verbruik moeten zijn, waar de Chinezen naar komen kijken. Maar wat doen wij? Wij subsidiëren massaal de export van goedkoop varkensvlees, waarmee we de boeren in het Zuiden doodknijpen."

"In Vlaanderen is er zowat 600.000 hectare landbouwgrond. Er zou, ruw geschat, 800.000 hectare nodig zijn om iedereen in Vlaanderen eten te geven. Toch voeren we massaal uit. Dat is toch niet logisch? De enige die beter worden van zo'n handelsverdrag zijn de haven van Antwerpen en de grote multinationals." LU C H O L L A N D S B I O L O GI S C H M EL K B O ER D E M O R GEN , 2 5 O K TO B ER 2 0 1 6

Eind oktober werd het vrijhandelsakkoord CETA tussen Canada en de Europese Unie goedgekeurd. Dat verliep niet zonder slag of stoot: de Waalse regering wilde eerste garanties voor zijn landbouwers. Bioboer Luc Hollands trok mee het verzet tegen CETA. De vrijhandelsakkoorden zijn volgens hem voor kleine boeren geen goede zaak: ze verstoren in zijn ogen een al erg fragiele markt.


Adverteren? B2C BIOMIJNNATUUR.BE BIOCAMPAGNE IN FEBRUARI, JUNI EN OKTOBER 2017 B2B BIO ACTIEF BIOFORUMVLAANDEREN.BE BIOBEDRIJVENGIDS.BE STEM UIT DE SECTOR

Zero tolerance

B

iologische granen, zaden, peulvruchten, groenten en fruit: allemaal worden ze geteeld zonder gebruik te maken van chemische middelen als pesticiden of herbiciden.

Kortingen * 15% korting als lid van BioForum * 5% extra korting voor directe Biogarantie®houders met volledig lidmaatschap.

www.bfvl.be/adverteren T +32 (0)3 286 92 70

We kiezen voor zero tolerance en dus moeten we elk jaar grondstoffen en producten weigeren. Nochtans is de aanwezigheid van residu’s niet altijd het gevolg van het gebruik van pesticiden. In de meeste gevallen wijst het op contaminatie in de keten. Dat kan gebeuren op het veld, tijdens de verwerking, de opslag, het verpakken of het transport.

©foto: Lisa Develtere

Residuvrije producten afleveren is niet alleen voor telers een uitdaging, maar ook voor de verwerkers. Al meer dan 30 jaar analyseren wij alle aangeleverde grondstoffen of producten op de aanwezigheid van pesticideresidu’s. In die tijd is niet alleen de analysetechniek verfijnd, maar nam ook het bestand aan moleculen fors toe. We streven ernaar om concentraties van minder dan 10 microgram per kg (10 ppb) te detecteren.

We leveren ons roomijs ook Ik ken enkele bioboeren aan winkels en zij vinden het persoonlijk. heel belangrijk dat we dat Biogarantie®-voeding kopen is label hebben. mijn manier om hen te steunen en tegelijkertijd het Rina, Biogarantie®-verwerker, systeem te veranderen.

De Trommelhoeve

René, consument

Er bestaat veel verwarring bij consumenten, maar met een Biogarantie®-winkel ben je zeker.

Kathleen, Biogarantie®-winkelier Biotoop

Contaminatie is meestal het gevolg van onoplettendheid of ondoordacht te werk gaan. Soms liggen er ook onvoorspelbare omstandigheden aan de basis. Maar elke overschrijding van de norm stimuleert ons om het nog beter te doen.

Bio op volle kracht Kiezen voor zero tolerance is meer dan kiezen voor producten die niet bespoten zijn. Het is ook streven naar zo min mogelijk contaminatie. Een product dat met de grootste zorg en liefde werd geteeld verdient niets minder dan dat.

P H I L I P VA N D E N A B E E L E

Lima nv.

De biosector streeft naar een duurzame wereld, hier en nu, elders en later. Bedrijven die kiezen om het Belgische label Biogarantie® te behalen, gaan voor bio op volle kracht. Ze hebben extra aandacht voor ecologische, sociale en economische duurzaamheid. Biogarantie®-producten garanderen voor de consument de link met een Belgische producent of verwerker. Logisch dus dat consumenten het meeste vertrouwen hebben in Biogarantie®.

www.biogarantie.be Bio Actief

34

27


RECHT VOOR DE RAAP. Steeds meer gezinnen willen, naargelang het seizoen, lekker vers en natuurlijk voedsel op tafel zetten. Groenten, fruit, honing, zuivel, vlees, bier, brood, in alle hoeken van Vlaanderen zorgen bezielde producenten voor gezonde producten van de hoogste kwaliteit. Daarbij geldt: hoe korter de keten, hoe eerlijker de prijs. Da’s pas recht voor de raap. En daar ijvert Voedselteams nu al 20 jaar lang voor. Samen zetten wij producenten, gebruikers en vrijwilligers ons in voor voeding die duurzamer, evenwichtiger en eerlijker is. Waar onze kinderen én de aarde beter van worden, jawel, maar ook eenieder die graag lekker eet.

Zin om meer te weten of om een handje toe te steken? Surf dan naar voedselteams.be

Heb je voedseloverschotten? Schenk ze gemakkelijk aan een sociale organisatie via

www.schenkingsbeurs.be  Bespaar op je afvalverwerkingskosten  Schenk in enkele muisklikken  Met handige smartphone app  Je maatschappelijk engagement wordt zichtbaar  Kwaliteit en vertrouwen voorop!  Begeleiding op maat

Schrijf je bedrijf vandaag nog in! Alle info: www.schenkingsbeurs.be schenkingsbeurs@komosie.be - 03 281 03 30 Een initiatief van:

Met steun van:

Profile for BioForum Vlaanderen

Bio Actief 34  

Jouw ontmoeting met een dynamische sector

Bio Actief 34  

Jouw ontmoeting met een dynamische sector

Advertisement