Issuu on Google+

Een gedeelte van Toendjoengan, dat in de laatste j a r e n t o t a a l van aspect v e r a n d e r d e . Links: de n i e u w e frontgevel van het O r a n j e - H o t e l . D a n volgen naar rechts t a l van g r o o t e w i n k e l z a k e n . ( F o t o isken.)

Half 1922 w e r d definitief het standaardcontract voor eerste kosten en t e r m i j n (fraq-contract) vastgesteld. Naar A m e r i k a ging in 1922 3 1 % van den uitvoer, w i j l de Robusta daar meerdere waardeering begon t e vinden. O o k naar Frankrijk namen de rechtstreeksche verschepingen toe, t e r w i j l Singapore eveneens g r o o t e r e hoeveelheden ging afnemen ; hierdoor ging de uitvoer naar Nederland achteruit. Robusta-koffie u i t Palembang w e r d in hoofdzaak naar Frankrijk en Spanje verscheept, doch daar deze bevolkingskoffie in zeer vochtigen toestand w e r d geleverd, waren gewichtsverlies en kwaliteitsachteruitgang bij aankomst in Europa regel. O o k werden hiervan belangrijke hoeveelheden voor de binnenlandsche cons u m p t i e v e r w e r k t , hetwelk de inferieure ondernemingskoffie niet t e n goede k w a m . D o o r de wankele positie van het Braziliaansche Coffee Defence Institute, hetwelk de opgeslagen voorraden niet meer kon financieren, scheen een ineenstorting in 1929 van de k o f f i e m a r k t o n v e r m i j d e l i j k . Inderdaad zakte de Braziliaansche noteering begin October 1929 plotseling,doch van een debacle als in N e w - Y o r k was hier t e lande geen sprake, al was de m a r k t zeer onregelmatig. Slechts enkele speculatieve Chineesche f i r m a ' s zijn in moeilijkheden gekomen. H e t jaarverslag van de Vereeniging voor den Koffiehandel over 1931/1932 v e r m e l d t dan ook, dat deze branche niet zoo zwaar door de crisis w e r d getroffen en dat de o m z e t af en t o e zelfs bevredigend was, alhoewel betalingsmoeilijkheden op den omvang van den uitvoer invloed hadden. Koffie is uiterst gevoelig voor klimatologische invloeden en o m d a t een g r o o t beschot den kostprijs belangrijk doet dalen, c o r r e l e e r t deze m e t de productie. Er heeft risicoverdeeling plaats, daar de meeste ondernemingen belangrijke bijcultures hebben. H e t jaar 1932 was een goed koffiejaar, zoodat deze c u l t u u r e r in den crisistijd goed voorstaat.

236


Van het thans zeer belangrijke u i t v o e r a r t i k e l

rubber

w o r d t voor het eerst onder den naam van

gomelastiek in 1909 melding gemaakt in de jaarverslagen van de Handelsvereeniging. In 1907 en 1908 werden resp. 4.700 en 5.500 kg uitgevoerd. De verwachtingen voor de jonge c u l t u u r waren hoog gespannen en door buitenlandsch kapitaal werden enkele jonge ondernemingen aangekocht, zoomede een g r o o t aantal oude koffielanden. Aan de rubber- „ r a g e " k w a m in 1910 een t a m e l i j k plotseling einde. N a a r m a t e de boomen geschikt voor tap werden, steeg de uitvoer, zoodat in 1911 bijna 64.000 kg kon worden uitgevoerd. In 1912 w e r d de u i t v o e r t e Soerabaia gesplitst opgegeven, n.l. 52.000 kg gecultiveerde en 5 1.000 kg boschrubber. D i t laatste product ging langzamerhand achteruit en bedroeg in 1914 nog slechts ongeveer 24.000 kg. De productie van ondernemingsrubber nam belangrijk toe in verband m e t den w e r e l d o o r l o g , en aangezien niet langer alles voor plantersrekening w e r d verscheept, doch in den plaatselijken handel verkocht, w e r d het product een belangrijk u i t v o e r a r t i k e l voor Soerabaia. De geproduceerde soorten waren Hevea, Ficus, Ceara en Castilloa. O m een i n d r u k van de prijzen te geven, zij v e r m e l d , dat de m a r k t in 1917 opende op ongeveer f 1.70 per kg en in Maart t o t f 2. —opliep. Met steun van de Regeering w e r d in 1918 de Rubber-Producenten-Vereeniging opgericht, welke steun later w e r d ingetrokken. Pogingen werden aangewend deze vereeniging t e laten voortbestaan. De groote vraag in 1920 hield verband m e t de na den oorlog sterk gerezen behoefte aan auto- en m o t o r b a n d e n , waardoor begin van dat jaar de katoenfabrieken in A m e r i k a m e t orders waren overstelpt en het k a t o e n v e r b r u i k voor banden op 4 0 0 . 0 0 0 balen per jaar werd geschat. in Maart 1920 begon een kentering in te treden als gevolg van gebrek aan canvas en kolen, arbeidsmoeilijkheden en spoorwegstakingen. Overal daalden de prijzen der grondstoffen, waardoor ook de rubberprijzen gedrukt werden, in de hand g e w e r k t door de beperking der bankcredieten, waardoor gedwongen verkoopen plaats hadden. De productie w e r d in het laatst van 1920 door de Grower's Association m e t 5 " „ ingekrompen waarbij vele niet-leden, waaronder een aantal Nederlandsche ondernemingen, zich aansloten. H i e r was de toestand nog bevredigend, daar de Amerikaansche fabrikanten er steeds meer t o e overgingen rechtstreeks in de productielanden te bestellen, waardoor haven-, veem- en andere kosten werden ver, meden, t e r w i j l de directe vrachtkosten af Soerabaia lager waren. H i e r d o o r bedroeg de t o t a a l u i t v o e r naar A m e r i k a in 1921 ongeveer 13^ , m i l l i o e n kg. De prijsfluctuaties ontstonden in hoofdzaak door geruchten o m t r e n t productiebeperking. Een planBirnie beoogde stabilisatie der prijzen door gouvernementscontrole op den uitvoer, en automatische ink r i m p i n g van den uitvoer in tijden van lage prijzen. Het grootste deel der ondernemingen toonde zich hiervan niet afkeerig. Meer bedenkingen werden geopperd tegen het denkbeeld van een t r u s t voor centralen verkoop. De Regeering maakte echter bekend, dat zij niet t o t wettelijke beperking van den uitvoer zou overgaan. De General Rubber Company begon einde 1921 weder in te koopen in verband m e t een nieuw papierprocédé, waarbij

rubber

zou kunnen

worden gebruikt. O o k w e r d latex in tankschepen geregeld van

Sumatra's Oostkust verzonden. Van Russische zijde werden belangrijke aankoopen gedaan. Ned.-indië

is langzamerhand

m e t de

pro-

ductie aan de spits gekomen daar in 1924 178.000

^>

t o n werden uitgevoerd tegen uit Malakka 15 3.000

^ ^

,

i H

en van Ceylon 40.000 t o n . Aan deze uitbreiding heeft ook de bevolkingsrubber medegewerkt, waarvan de productie

in 1924 op 80.000 t o n

werd

geschat. Aan deze cultuur bleek volgens regeeringsonderzoek niet veel meer uitbreiding te kunnen worden gegeven.

!} N o g een blok winkelpanden op Toendjoengan.

. .

^

-

,

^, -^^^

'^

.

"•

237


„Seaside", waar de handel na de vermoeiende dagtaak rust en stilte vindt. (Foto Isken.)

Het reeds genoemde uitvoerrecht in 1924 afgeschaft, doch in vol[<ingsrubber

op rubber van 1921 w e r d

[925 w e r d een uitvoerrecht op be-

geheven, daar de Inlandsche eigenaren

van

rub-

bertuinen moeilijic door de inkomstenbelasting waren te t r e f f e n . In 1926 w e r d 72.000 t o n bevolkingsrubber uitgevoerd. Ten slotte heeft de crisis ook verwoestend op de rubberprijzen ingewerkt. In 1931 ging het leeuwenaandeel van de p r i m a rubber hier te lande naar Japan; de prijzen waren aan het begin van het jaar ongeveer 21 cent en aan het einde ongeveer 11 cent per kg. De Java-uitvoer was 82 m i l l i o e n kg en van Soerabaia 25^/2 m i l l i o e n . O o k v o o r d e t a b a k begon m e t 1906 een gunstige t i j d . Er w o r d t in K e d i r i , Rembang, Besoeki en Malang veel tabak aangeplant, waarvan de opbrengst soms zeer bevredigend kan zijn, waardoor de Inlandsche producenten en

Europeesche exporteurs

soms r u i m e winsten hebben behaald. Het grootste deel van deze tabak

van

geringe

vroeger

kwaliteit

ging

vroeger naar Duitschland, doch reeds in 1908 begon de uitvoer t e verminderen als gevolg van de door de Duitsche regeering ingevoerde verhooging van de invoerrechten op tabak. De tabak w o r d t in Europa voor binnengoed van sigaren en kerftabak gebruikt. De uitvoer ondervond in 1916 groote moeilijkheden als gevolg van het gebrek aan scheepsruimte, hetwelk werd verergerd door het requireeren van schepen door de Regeering voor den aanvoer van levensmiddelen. De oogst was groot en de k w a l i t e i t bevredigend, zoodat de uitvoer te Soerabaia bijna 24 m i l l i o e n kg bedroeg. De opkoopprijzen waren ongekend hoog, doch tegenover de verkoopprijzen in Europa nog winstgevend. Van deze Java-tabak werden in 1918 enkele geschikte partijen naar A m e r i k a en Australië uitgevoerd, doch u l t i m o van dat jaar waren er nog meer dan I m i l l i o e n pakken voorradig, waarvan bewaring mogelijk w e r d gemaakt door behandeling m e t zwavelkoolstof. O p aandrang der Regeering w e r d in 1918 slechts weinig tabak aangeplant m e t het oog op het zooveel mogelijk benutten van de gronden voor voedingsgewassen en ook w i j l er geen scheepsruimte voor te vinden zou zijn. In het aangehouden product r i c h t t e n de Laesioderm en w o r m groote verwoestingen aan. In 1919 kon eindelijk t o t afscheping van de oude voorraden worden overgegaan, zoodat w e r d uitgevoerd 26.827 picol bladtabak en483.3l3 pikol krossok. Hiervan ontving Nederland het grootste deel en daarna volgde België. De groote vraag naar sigaretten en de verminderde vraag naar sigaren is een van de voornaamste oorzaken, w a a r o m meer op krossok dan op bladtabak w o r d t gewerkt. Vanaf 1924 w o r d t de tabak niet meer in de jaarverslagen van de Handelsvereeniging v e r m e l d , waarschijnlijk door het feit, dat de opkoop zich voornamelijk in handen van slechts enkele kapitaalkrachtige concerns heeft geconcentreerd, waarvan enkele nauw gelieerd aan vervoerinstellingen. De uitvoeren van krossok bedroegen in duizenden k g :

1924

1925

1926

1927

1928

1929

1930

1931

14.964

34.099

15.431

14.284

11.256

13.599

12.660

18.086

Behalve voor de hiervoor behandelde voornaamste uitvoerproducten suiker, koffie, rubber en tabak, is Soerabaia tevens een belangrijke uitvoerhaven voor coprah, kapok, maïs, gaplek, t e r w i j l Java veevoerderartikelen in belangrijke mate v o o r t b r e n g t , zooals cocoskoeken, gaplekmeel, grondnotenkoeken, soyaschroot (kedele), grondnotenschroot e.d., welke ook voor een belangrijk deel over Soerabaia worden uitgevoerd. V o o r gaplekmeel zijn Japan en Barcelona de grootste koopers, welke ongeveer de helft van den uitvoer ontvangen. O o k worden via Soerabaia veel runder-, buffel-, geiten- en reptielenhuiden uitgevoerd.

H e t ligt voor de hand, dat zich hier een belangrijk veemwezen kon o n t w i k k e l e n . In het begin van het in d i t boek beschreven t i j d p e r k stond het veembedrijf nog niet op het peil van heden en het hield zich alleen bezig m e t het sorteeren van koffie en inklaren van goederen aan den ouden G r o o t e n Boom.

238


1 De pakhuizen stonden alle nog langs de Kallmas in de nabijheid van dezen douanepost, zoodat verU I

voer per prauw naar de zeeschepen noodzakelijk was. Nadat de haven van Soerabaia gereed was gekomen, kon het lossen en laden direct aan diep water geschieden. Het t r a n s p o r t van goederen van en naar de haven is geweldig toegenomen, zoodat d i t in groote mate t o t de o n t w i k k e l i n g van het vrachtautoverkeer

heeft

bijgedragen. De algemeene drang naar lager prijsniveau deed de veemen in de laatste jaren hun tarieven verlagen, L

waar tegenover door economisch werken de kosten konden worden gedrukt. Vele ondernemingen bleven

I

van de diensten van de veemen gebruik maken, t e r w i j l bezuiniging de zaken, welke vroeger de i n k l a r i n g en expeditie zelf v e r r i c h t t e n , dwong eveneens die diensten van de veemen te aanvaarden. De o m z e t van I 93 I was ongeveer gelijk aan die van 1930. O m de gevolgen van de huidige crisis tegen te gaan, is in 1932 m e t behulp van het Gouvernement een crediethulpbank

opgericht in den rechtsvorm van de stichting. Door het teekenen van de stichtingsacte

en het bijeenbrengen van een vermogen is zonder veel f o r m a l i t e i t e n deze instelling t o t stand gebracht door de Nederlandsche Handelmaatschappij (Factorij), Ned.-indische Handelsbank en Ned.-lndische Escomptomaatschappij. In het bijzonder is de hulp van d i t lichaam ingesteld op de credietbehoeften van gezonde ondernemingen,

(

welke bij gebrek aan bedrijfsmiddelen ten onder zouden moeten gaan, doch door deze hulp bij conjunctuuromslag opnieuw zullen rendeeren. N i e t alleen de cultuurlichamen worden geholpen, doch ook

andere

bedrijven. Door gebrek aan buitenlandsche deviezen zijn, behalve Rusland, ook andere landen er toe overgegaan hun bestellingen in het buitenland te financieren met hun overschot aan producten. Het denkbeeld van c o m p e n s a t i e schijnt steeds meer toe te nemen en men verwacht, dat een deel van den vroegeren wereldhandel dezen v o r m van verrekening zal gaan aannemen. Hierdoor zou het verstarde en vastgeloopen handelsapparaat weder op gang kunnen worden gebracht. Een bezwaar zal het bepalen van den verrekeningsprijs zijn. Toen o m contingenteering van den invoer van manufacturen in Ned.-lndiĂŤ w e r d gevraagd door de Twentsche industrieelen, werd een begin geschapen voor deze â&#x20AC;&#x17E; b a r t e r - " m e t h o d e .

Morgennevel op de Kalimas. De â&#x20AC;&#x17E; S a r e k a t E s l a m " varensgereed.

239


o O,

DE

INDUSTRIE.

Metaalnijverheid. — Machinefabrieiten. — Droogdokmaatschappij. — Lasscherijen. —Zuurstof- en koolzuurfabrieken. — Moeilijkheden.— Machinefabrieken. — Ica. — Vereeniging van Machinefabrikanten.— Inlandsche fabrieksarbeider. —Arbeidstoestanden enz. — Electriciteitstoepassing. — Industrieterrein Ngagel. — Verbinding Soerabaia-Batavia. — Petroleum. — Verffabrieken. — Vuurvaste steenen en dakpannen. — Bierbrouwerij. — Technische handelszaken. — Ned.-lndisch fabrikaat. — Inlandsche kleinhandel. — Dualistische economie. — Inlandsche huisnijverheid. — Kunstnijverheid. — Inlandsche takken van industrie. — Inlandsch handwerksnijverheid. — Houtschool. — Batikindustrie Regeeringssteun. — „Swadeshi."

n g e v e e r een d e r d e g e d e e l t e v a n d e s u i k e r f a b r i e k e n v a n Java v o e r e n h u n p r o d u c t n a a r d e h a v e n v a n

S o e r a b a i a af, en h e t p a s t l o g i s c h i n d e n l o o p d e r d i n g e n , d a t o n d e r m e e r d o o r d e z e o m s t a n d i g h e i d h i e r t e r s t e d e een b e l a n g r i j k e m e t a a l i n d u s t r i e k o n o n t s t a a n , w e l k e i n h e t b e g i n v o o r n a m e l i j k o p d e S o e r a b a i a o m r i n g e n d e s u i k e r f a b r i e k e n w a s i n g e s t e l d , t e r w i j l t h a n s o o k v o o r a n d e r e b e d r i j v e n en o n d e r n e m i n g e n w o r d t Eén d e r a a n w i j z i n g e n v a n d e b e l a n g r i j k e e c o n o m i s c h e o n t w i k k e l i n g v a n S o e r a b a i a s e d e r t

gewerkt. het

begin

d e z e r e e u w w o r d t g e v o n d e n i n d e o p r i c h t i n g d o o r d e n h e e r B r a a t i n h e t j a a r 1901 i n d e B o o m s t r a a t h i e r t e r s t e d e v a n een z a a k i n i j z e r w a r e n , w e r k t u i g e n en m a c h i n e s , w a a r a a n t e v e n s e e n r e p a r a t i e w e r k p l a a t s

werd

v e r b o n d e n . D i t k l e i n e begin was b e s t e m d o m u i t t e g r o e i e n t o t één van de g r o o t s t e i n d u s t r i e e l e o n d e r n e m i n g e n van den a r c h i p e l . In het gedenkboek t e r gelegenheid van het 2 5 - j a r i g bestaan van deze belangrijke

onderneming, wor-

d e n p a k k e n d e b i j z o n d e r h e d e n b e t r e f f e n d e h e t w e r k v a n d e z e i n s t e l l i n g t e S o e r a b a i a v e r m e l d , en w o r d t e e n d u i d e l i j k beeld gegeven van de m o g e l i j k h e d e n , w a a r t o e de Soerabaiasche m e t a a l i n d u s t r i e in staat

is.

Reeds v a n v r o e g e r e v e n w e l b e s t o n d e n i n S o e r a b a i a b e l a n g r i j k e m a c h i n e f a b r i e k e n , w a a r v a n d e o p r i c h t i n g m o g e l i j k was g e m a a k t d o o r het hier gevestigd zijn van overheidsindustrieën

als d e

Constructie-

w i n k e l , de D u i t e n m u n t en het M a r i n e - E t a b l i s s e m e n t , w e l k e instellingen v o o r een g r o o t deel het deze p a r t i c u l i e r e

kader en w e r k l i e d e n hebben g e v o r m d

voor

bedrijven.

V a a k w a r e n de leiders van deze o n d e r n e m i n g e n

oorspronkelijk

n i e t v o o r d e z e c a t e g o r i e v a n b e d r i j f o p g e l e i d en k w a m e n z i j n i e t g e v e s t i g d e f a m i l i e s v o o r t , d i e i n d i t o p z i c h t een z e k e r e t r a d i t i e den

uit had-

geschapen. De bekende f a b r i e k van den oud-zeeoff icier Cores de V r i e s , w a a r -

u i t de N . V . Ned.-lndische i n d u s t r i e richt („Oud-Soerabaia",

is g e g r o e i d , w e r d i n

biz. 168), t e r w i j l de in

1859 opge-

1921 g e s l o t e n f a b r i e k

„ d e V o l h a r d i n g " o o r s p r o n k e l i j k d o o r d e n h e e r F. J. H . B a / e r i n werd

1841

o p g e r i c h t . ( „ O u d - S o e r a b a i a " , b l z . 171.) D e h e e r B a y e r is e e r s t w e r k m e e s t e r b i j d e n

geweest. In 1898 w e r d d o o r

den

h e e r J. L e d e b o e r

Constructiewinkel een f a b r i e k

r i c h t , w e l k e n a 1905 w e r d g e d r e v e n o n d e r d e n n a a m • , . > > j i _ ini-i j - j j. j A m s t e r d a m , doch in 9 1 2 w e r d vereenigd m e t de ' ö K a l i m a s " ( o p g e r i c h t d o o r d e n h e e r J. C a m p b e l l )

opge-

„Machinefabriek t^ i.' r I- • t „Machinefabriek " onder den naam

„Machinefabriek Kalimas-Amsterdam". , 1 r»-irt j j j rr> /o r> j j ..• in 1920 a a n v a a r d d e de f i r m a D u C r o o & Brauns de d i r e c t i e van de f a b r i e k „ d e V o l h a r d i n g " , w e l k e in 1923 w e r d s a m e n g e b r a c h t m e t de „ M a c h i n e f a b r i e k

240

K a l i m a s - A m s t e r d a m " . Deze fusie k w a m neer op

B. Braat Jzn., die in Juni 1901 in de BoomStraat onder den naam van Braat en Co. op , „ „ U^^^U^-.A^^ O ^ I , , , I ^^^ , , , u : „ •.•.•.^!^ zeer bescheiden schaal een zaak m ijzerwaren, werktuigen en machines opende, waaraan tevens een werkplaats voor het repareeren en vervaardigen van allerlei machines en voorwerpen verbonden werd. ^ , , bijzonderheid zij vermeld, dat t o t de artikelen, die verkocht werden, behoorde ,,emaillewerk" voor de laboratoria der suikerfabrieken.


Het huis in de Boomstraat, waar in 1901 B. Braat Jzn. zijn zaal< opende. Reeds zeer spoedig bleel< de beschil<bare r u i m t e te l<lein te zijn. Hierin werd voorzien door het Inhuren in 1902 van een aangrenzend perceel. Het lawaai, dat de werkplaats veroorzaakte, hinderde de omwonenden echter in hun middagslaapje. Het regende klachten bij het Plaatselijk Bestuur, dat de gegeven vergunning introk en den heer Braat dwong te verhuizen. De woning met den „ u i t s t e k e r " behoort t o t het oudste hier nog bestaande huizentype en dateert uit den Compagnie's t i j d .

Het huis, gelegen op den hoek van de Nieuwe Gatottan en de KrembanganWesterkade, waarheen in 1903 het kantoor en de werkplaats van Braat en Co werden overgebracht. Het duurde echter niet lang, of ook daar bleken de omwonenden niet gesteld te zijn op de lawaaimakende fabriek. Het hoofd van het Plaatselijk Bestuur t r o k de vergunning t o t het drijven van een werkplaats in. De heer Braat, die zich met ondergang bedreigd zag, bleef niettegenstaande de vergunning ingetrokken was, doorwerken en begaf zich gewapend met kaarten en teekeningen naar Buitenzorg, waar hij een audiëntie aanvroeg bij den Gouverneur-Generaal. Z. E. Van Heutsz vond, dat de jonge Indische industrie in plaats van vermoord, gesteund moest worden. Een zelfstandige commissie van drie ingenieurs werd benoemd, die de opdracht kreeg de zaak te onderzoeken. Als gevolg hiervan kreeg de heer Braat in 1905 een nieuwe vergunning, welke hem tijdelijk wel eenige financieele verplichtingen oplegde, doch waarbij zijn onderneming althans niet meer van de behoefte aan een middagslaapje van de buren en het inzicht van een Schout of Controleur Kotta afhankelijk was.

Het complex fabrieksgebouwen van Braat op het industrieterrein Ngagel, gelegen tusschen de Kali Mas en het industriespoor der S.S. Van het moment, waarop —dank zij het ingrijpen van Van Heutsz — de zaak op vaste schroeven werd gezet, ging het crescendo. In de periode 1 9 0 8 - 1 9 2 0 werd bijna ieder jaar het fabrieksterrein in de benedenstad uitgebreid. In 1916 werd het terrein op N g a g e l aangekocht en m Augustus 1920 de constructieafdeeling aldaar geopend. (Meerdere bijzonderheden over de ontwikkelingsgeschiedenisder N.V. Machinefabriek ,,Braat" vindt men in het in 1921 uitgegeven herinneringsalbum.)

241


Staalgieten bij Braat.

het samenvoegen van machinerieën en outillage van „ d e V o l h a r d i n g " en „ A m s t e r d a m " bij die van „ K a l i m a s " . D i t complex w e r d door de f i r m a Du Croo & Brauns geëxploiteerd, t o t d a t in 1930 ook deze onderneming d o o r de tijdsomstandigheden moest worden gesloten. De f a b r i e k van de f i r m a Young & G i l l , oorspronkelijk d o o r A . W . R e m m e r t , ook een werkmeester van den C o n s t r u c t i e w i n k e l , ongeveer in I 8 6 0 opgericht, w e r d ongeveer 1892 omgezet in de N. V. Machinef a b r i e k Dapoean, welke in 1932 eveneens is stopgezet. Reeds in I 906 moest de kleine fabriek van A . Ceulen & Co op Moeteran (Kebalen) worden gesloten. De „ L i d g e r w o o d Manufacturing C o m p a n y " maakte in het laatst der vorige eeuw in hoofdzaak machines voor koffiebereiding, doch ging na 1900 in andere handen over, waardoor de „Machinefabriek P o l y g r a m " is ontstaan, welke in 1931 moest sluiten. De Soerabajasche Machinehandel Becker & Co heeft zijn fabriek voor ijzerconstructies e.d. reeds in 1925 moeten opheffen. De in 1920 opgerichte Constructiewerkplaats N o o r d i j k & Co. w e r d in 1926 geliquideerd en gesloten. De „ M a c h i n e f a b r i e k Vitesse", door den heer W o l f op Dapoean opgericht, v o o r n a m e l i j k t o t het bouwen van m o t o r b o o t j e s , is in 1923 t o t stopzetting overgegaan. Op het i n d u s t r i e t e r r e i n (Ngagel) van de Gemeente Soerabaia verrezen tijdens en na den oorlog verschillende machinefabrieken, zooals de N. V. Machinefabriek Eiffel, welke zich op de vervaardiging van kleine ijzerconstructies toelegt. De „ M a c h i n e f a b r i e k Phoenix" w e r d daar m e t deelneming van een belangrijke i m p o r t f i r m a opgericht en m a a k t ijzerconstructies, spoorbruggen en centrifuges. In combinatie m e t daarbijbehoorend b o u w w e r k w o r d e n d o o r „ M a c h i n e f a b r i e k V u l k a a n " overkappingen en soortgelijke ijzerwerken uitgevoerd. De f i r m a Stieltjes heeft zich gespecialiseerd op de vervaardiging van machine-onderdeelen.

242


Nadat de haven van Soerabaia was gereedgekomen, deed zich de behoefte gevoelen aan een behoorlijke reparatie-inrichting voor schepen, aangezien het Marine-Etablissement in de eerste plaats is aangewezen voor de oorlogsvloot en de schepen van de Gouvernementsmarine. In die behoefte w e r d door de overplaatsing van de Soerabaiasche Droogdokmaatschappij van Grisee voorzien, aan welke maatschappij — nadien omgezet in de Droogdokmaatschappij Soerabaia — in 1916 in de gereedgekomen haven van Soerabaia de e x p l o i t a t i e van twee dokken van 14.000 en 3.500 t o n w e r d opgedragen. De grootste binnenvallende schepen kunnen daar thans dokgelegenheid vinden, t e r w i j l de meest uitgebreide reparaties kunnen worden v e r r i c h t . In 1909 begon de Machinefabriek Braat m e t het electrisch lasschen, waartoe zij een vakkundige l i e t u i t k o m e n , die de werkzaamheden t e r plaatse uitvoerde en daartoe m e t zijn benoodigdheden naar de verschillende suikerfabrieken reisde. In 1912 r i c h t t e deze zelf een electrische iasscherij op, welke aan de N. V. Geveke & Go's Technisch Bureau is overgegaan. V o o r den o o r l o g w e r d de benoodigde zuurstof voor autogeen lasschen geleverd d o o r de zuurstoffabriek O x y g e n i u m , doch in 1915 w e r d door de N. V. W . A . Hoek's Machine-en Zuurstoffabriek te Schiedam t e Tandjong Priok een dergelijke i n r i c h t i n g geopend en na den oorlog, in 1921, te Soerabaia. Tijdens den oorlog w e r d in de behoefte aan zuurstof voorzien door een zuurstoffabriek op Patjar Keling, welke nadien door den heer A . Don te Bandoeng t e r e x p l o i t a t i e overgenomen is en sedert opgen o m e n in de N. V. Javasche Zuurstof- en Koolzuurfabrieken. Na den o o r l o g heeft een Fransch concern, hetwelk in de voornaamste plaatsen van den O r i ë n t dergelijke fabrieken bezat, nog eenigen t i j d een zuurstoffabriek te Soerabaia geëxploiteerd, doch deze is, evenals de fabriek van O x y g e n i u m , in 1924 geliquideerd. Tusschen de N. V. Javasche Zuurstof- en Koolzuurfabrieken en de N. V. W . A . Hoek's Machine- en Z u u r stoffabrieken w e r d een belangengemeenschap gesloten, waarbij de eerste alleen k o o l z u u r en de tweede u i t sluitend zuurstof fabriceert. V o o r den o o r l o g waren de machinefabrieken in hoofdzaak ingesteld op het maken van overkappingen, goedangs en het repareeren van de machines en installaties voor de suikerfabrieken. Door den o o r l o g was de industrie hier te lande gedwongen grondstoffen en machines, zooveel mogelijk, u i t A m e r i k a te b e t r e k k e n , t e r w i j l , daar d i t voor de laatstgenoemde artikelen niet mogelijk bleek, deze thans in Ned.-lndië, en wel voornamelijk t e Soerabaia, moesten worden aangemaakt. De metaalindustrie kon zich echter niet zoo snel aanpassen, vooral door gebrek aan de juiste w e r k t u i g machines en door het personeelsvraagstuk. Dat zij dan ook niet geheel aan de gestelde eischen kon voldoen, k w a m d o o r de omstandigheid, dat het Gouvernement noch de particuliere ondernemingen er aan hadden gedacht, o o i t een dergelijk beroep te moeten doen op de mogelijkheden van de metaalindustrie hier t e r plaatse en elders op Java. Men is in deze categorie van bedrijf van meening, voor 1914 n i m m e r eenigen steun van de Regeering t e hebben gehad, t e r w i j l de geschiedenis van den accijns op lucifers leert, dat de o p r i c h t i n g van een lucifersindust r i e v e r h i n d e r d w e r d , w i j l men d e o n m i d d e l l i j k e baten u i t d i t belastingobject niet voor een t i j d w i l d e laten vallen. Toch heeft de metaalindustrie t e Soerabaia na den oorlog ondanks de inzinking en de vernieuwde concurrentie, haar positie kunnen handhaven, t e r w i j l in technisch opzicht zeer belangrijke verbeteringen in outillage enz. zijn t o t stand gebracht. V o o r a l de algemeene toepassing van e l e c t r i c i t e i t als beweegkracht is belangrijk versneld en de oude stoominstallaties zijn bijna geheel verdwenen. Alhoewel hier t e r stede enkele inrichtingen zijn, welke zich op electrisch lasschen hebben gespecialiseerd is er nog een v i e r t a l ondernemingen, welke zich m e t autogeen lasschen bezig houden. De o n t w i k k e l i n g van de metaalindustrie te Soerabaia heeft niet langs lijnen van geleidelijkheid plaats gehad, en er zijn soms zeer groote bezwaren geweest, welke moesten worden overwonnen. O o k nu nog zijn er g r o o t e moeilijkheden, zooals het vraagstuk van de t r a n s p o r t k o s t e n van grondstoffen en producten, welke nog niet u i t den weg konden worden g e r u i m d . De hooge spoorvrachttarieven op Java, zoomede de interinsulaire zeevrachtkosten v o r m e n eveneens belemmeringen voor de o n t w i k k e l i n g van de industrie. Z o o w e l de spoorvrachtkosten als de zeetransport-


kosten van Soerabaia naar andere plaatsen op Java bedragen slechts weinig m i n d e r dan die van A m s t e r d a m of R o t t e r d a m naar eerstgenoemde plaats. H e t afzetgebied voor de Soerabaiasche industrie w o r d t op die wijze beperkt t o t dat deel van Java, waarvoor Soerabaia als invoerhaven fungeert. H e t Gouvernement was voor den o o r l o g practisch geen afnemer van de Soerabaiasche m e t a a l i n d u s t r i e , aangezien de leveringen van de benoodigde ijzerconstructies bijna uitsluitend via het Technisch Bureau van het Ministerie van Koloniën te Den Haag aan Nederlandsche of aan buitenlandsche ondernemingen werden opgedragen. Alleen door het D e p a r t e m e n t van de B.O.W. werden — evenwel zonder vaste lijn — geregeld bestellingen, v o o r n a m e l i j k voor de irrigatie-afdeelingen

geplaatst.

De machinefabriek Kalimas leverde ongeveer 1905 een s/phon bij Kepandjen, t e r w i j l de eerste in Indië vervaardigde Stoney-sluizen (bij Songsom in Tegal) in 1914 d o o r de Machinefabriek Braat werden geleverd. In 1913 sloten de machinefabrikanten t e Soerabaia zich aaneen, o m te pogen daardoor beter de belangen van de metaalindustrie t e Soerabaia t e kunnen behartigen bij de O v e r h e i d . Als gevolg daarvan w e r d in 1915 t e Den Haag onder voorzitterschap van den D i r e c t e u r van het reeds genoemde Technisch Bureau van het Ministerie van Koloniën een vergadering van hier gevestigde machinefabrikanten gehouden, waarbij o.m. principieel w e r d vastgesteld, dat de o p r i c h t i n g van een Bureau van voorziening in Ned.-lndië noodig moest w o r d e n geacht. H e t duurde evenwel nog t o t 1917 alvorens d i t bureau t e Batavia t o t stand k w a m . De resultaten van d i t bureau waren niet belangrijk. Na den o o r l o g w e r d het Bureau van V o o r z i e n i n g van Batavia naar Bandoeng overgeplaatst en het verkreeg den naam van Indische Centrale Aanschaffingsdienst (ica). Langzamerhand heeft de ica zich een plaats weten te veroveren en hij w o r d t thans door den handel en de nijverheid gewaardeerd als een instantie, welke o.m. het als haar taak beschouwt de nijverheid hier te lande te helpen bevorderen. Nog a l t i j d is evenwel datgene, w a t door bemiddeling van het Technisch Bureau van Koloniën in Nederland en in het buitenland w o r d t geplaatst, zeer belangrijk. Op 6 Maart 1931 w e r d aan de Vereeniging van Machinefabrikanten te Soerabaia door den Gouverneur-Generaal een audiëntie verleend, in hoofdzaak m e t het doei de Regeering in te lichten over den zorgvollen toestand van de metaalindustrie en middelen te beramen o m , meer dan t o t heden het geval was, aan deze categorie van bedrijf w e r k vanwege het Gouvernement te verschaffen. H i e r b i j w e r d onder meer gewezen op het f e i t , d a t a r t i k e l e n , welke zeer zeker van dezelfde k w a l i t e i t en t o t beduidend lagere prijzen door de inheemsche metaalindustrie zouden kunnen worden geleverd, zeer d i k w i j l s onderhands aan i m p o r t e u r s in bestelling w o r d e n gegeven. O o k constructiegoederen, als bruggen e.d., w o r d e n nog vaak door de overheidslichamen in Europa besteld. H i e r d o o r w o r d e n niet alleen de belangen van de ondernemers, doch ook die van de inlandsche fabrieksbevolking geschaad en de volkswelvaart benadeeld. U i t het sluiten van zoovele oude, gevestigde fabrieken b l i j k t w e l , dat de conjunctuur in de laatste jaren in de metaalindustrie zeer slecht m o e t worden genoemd. De nog werkende fabrieken hebben 50 a 8 0 % van haar w e r k l i e d e n ontslagen, die elders geen e m p l o o i hebben kunnen krijgen. Toch melden zich b e t r e k k e l i j k w e i n i g w e r k l i e d e n aan, wanneer er eenige vraag naar geschoolde vakarbeiders ontstaat. De oorzaak is gelegen in het feit, dat de te Soerabaia werkende arbeiders voor een belangrijk gedeelte van het platteland afkomstig zijn en de Inlander voor een deel nog aan den dessagrond is gebonden. De meeste vakarbeiders bezitten of hebben aandeel in grond, welke zij aan derden verhuren of in deelbouw doen bewerken. Bij een ongunstige conjunctuur verdwijnen zij naar de dessa's en nemen de bewerking daar dan zelf t e r hand. Bij geregelden arbeid in de industrie t e Soerabaia konden zij ruimschoots in de behoeften van zich en hun gezin voorzien, doch na ontslag konden zij niet door opmaken van reserves bet e r e tijden afwachten, en waren zij v e r p l i c h t naar de plaatsen van h e r k o m s t t e r u g te keeren. Zoodoende is thans een g r o o t gedeelte van de „ s k i l l e d " en geschoolde arbeiders u i t Soerabaia verdwenen. Bij herstel van de conjunctuur zal wel een gedeelte terugkeeren, doch een nog g r o o t e r deel zal in de dessa's achterblijven. D i t was althans de ondervinding bij de groote staking in I 926, t e r w i j l de teekenen erop wijzen, dat d i t ook thans weer zal geschieden. H e t spreekt vanzelf, dat d i t

de industrie bij

herstel opnieuw voor het probleem zal stellen de w e r k l i e d e n zelve te moeten opleiden.

eventueel


De o n t w i k k e l i n g van de metaalindustrie te Soerabaia gedurende het afgeloopen tijdvak is van b u i t e n gewone beteekenis geweest en een vergelijking van den toestand in de beginjaren van deze eeuw m e t die, v o o r de huidige crisis, doet de buitengewone vooruitgang duidelijk in het oog vallen. De algemeen werkende oorzaak is de o n t w i k k e l i n g van de techniek geweest, doch daarnaast zijn nog verschillende andere oorzaken aan te wijzen, welke een belangrijken invloed hebben gehad. EĂŠn dier oorzaken is de algemeene technische geschiktheid van den Iniandschen fabrieksarbeider van Soerabaia voor dezen arbeid. Zonder dezen aanleg zou de industrie zich niet op die buitengewone m a n i e r hebben kunnen o n t w i k k e l e n . Niettegenstaande de technische bekwaamheid van den Iniandschen arbeider, luidde in het begin van het hier beschreven tijdvak en ook daarvoor (zie o.a. de jaarverslagen van den Cons t r u c t i e w i n k e l en de Fabriek voor het Stoomwezen van de Marine) het oordeel over zijn capaciteiten als w e r k k r a c h t niet onverdeeld gunstig. Dat is begrijpelijk, o m d a t het toen nog veel op de physieke kracht aankwam, waarin de inlander zich niet kon meten m e t de arbeiders van ander ras. N a a r m a t e echter de mechaniseering en rationalisatie doordrongen, ook in de Soerabaiasche industrie, waardoor de zware arbeid machinaal konden worden v e r r i c h t , vielen die bezwaren weg, doch bleven de ongunstige k a r a k t e r t r e k k e n , voortspruitende u i t zijn bepaalde ment a l i t e i t , bestaan. Deze m i n d e r gunstige eigenschappen z i j n : Ie, tegenzin in ononderbroken, geregelden, dagelijkschen arbeid en 2e, neiging t o t verandering van w e r k k r i n g . Het levenspeil en de levensstandaard is gedurende de te beschrijven periode, ook voor de inlandsche arbeiders, beslist gestegen, doch ook de loonstandaard is toegenomen. Volgens het r a p p o r t van het K a n t o o r van A r b e i d , uitgebracht over het onderzoek naar de arbeidstoestanden in de metaalindustrie te Soerabaia, naar aanleiding van de staking in 1926, is de loonbeweging volkomen rationeel. Z o o w e l de stijging van de prijzen van levensbehoeften als de daling weerspiegelen zich in de loonschaal, zij het dan ook m e t een nahinken van I a 2 jaar. O o k w e r d in dat r a p p o r t de i n d r u k gegeven, dat het den Iniandschen w e r k m a n niet in de eerste plaats o m een hoog loon te doen is, doch dat hij een goede en welwillende behandeling op zeer hoogen prijs stelt. Verschuivingen in de opvattingen worden thans zeer sterk waargenomen en het w o r d t wel t i j d zich rekenschap t e geven van de veranderingen, welke zich in de laatste jaren in de inlandsche samenleving hebben voorgedaan. De vraag naar bekwame vaklieden is te Soerabaia altijd zeer g r o o t geweest, en het was vaak een o n d e r w e r p van bespreking in de vergaderingen van de Vereeniging van Machinefabrikanten, hoe daarin te voorzien. De in het w e r k gestelde pogingen hebben niet altijd resultaat gehad, t e r w i j l blijkbaar de a b i t u riĂŤnten van de inlandsche Ambachtsschool, welke door het Gouvernement w e r d opgericht, niet in de door de industrie gewenschte r i c h t i n g werden opgeleid. De vaklieden w o r d e n bijna geheel in de werkplaatsen zelve opgeleid, waar zij als katjong beginnen, doch na hun scholing vaak een beter betaalde b e t r e k k i n g bij concurrenten pogen te verkrijgen, waardoor de kosten van opleiding voor den oorspronkelijken werkgever vergeefsch zijn geweest. i-ioewel de inlandsche arbeiders sober zijn en rustig in hun optreden, laten zij zich door een rasgenoot die hun taal en m e n t a l i t e i t kent, gemakkelijk t o t ondoordachte dingen medesleepen, u i t welke karaktert r e k de belangrijke stakingen van 1920 en 1926 in de metaalindustrie zijn te verklaren. hHet door het Kantoor van A r b e i d gehouden onderzoek heeft laten zien, dat de arbeidstoestanden in sommige opzichten wel w a t te wenschen overlieten, doch geen ernstige redenen konden v o r m e n o m t o t de plaats gehad hebbende stakingen over t e gaan. Deze moeten dan ook meer u i t politieke oorzaken worden verklaard. Een gevolg van deze stakingen is geweest, dat de Vereeniging van Machinefabrikanten, waarvan het Marine-Etablissement buitengewoon lid is, zich heeft aangesloten bij het Dact/loscopisch Bureau van de Javasuiker-werkgeversbond. Van eiken w e r k m a n w o r d e n vingerafdrukken genomen, waardoor de mogelijkheid w o r d t geschapen o m ongewenschte elementen buiten de fabrieken te houden. Het is alleen de vraag of, als aan dergelijke personen arbeidsgelegenheid w o r d t o n t n o m e n , zij zich dan wel van de dwalingen huns weegs zullen bekeeren. Door de huidige crisis is de suikerindustrie in uiterst moeilijke omstandigheden komen te verkeeren, ofschoon het zeer de vraag is, of zonder de algemeene crisis toch niet een inzinking van deze categorie van bedrijf zou hebben plaats gehad. Het is evenwel zeker, dat door de huidige constellatie in de suikerindustrie

245


LINKS :

De eerste centrale van de Aniem op Gemblongan. In 1908 werd met de electrificatle van Soerabaia begonnen. Twee Werkspoor-dieselaggregaten, elk van 400 K. W . , vormden „ h e t h a r t " van de eerste centrale. In 1911 ving men aan met de energielevering en reeds, twee jaren later moest men t o t vergrooting van het vermogen overgaan. Dies werd gezocht naar een plaats waar een nieuwe, grootere centrale gebouwd zou kunnen worden. Zij werd gevonden aan den mond van de Kali Pegirian. RECHTS: Soerabaia's tweede centrale aan den mond van de Kali Pegirian. Onder zeer moeilijke omstandigheden, gepaard aan hooge kosten werd daar de stoomturbine-centrale Semampir als het ware uit den grond gestampt, een centrale, die door haar geïsoleerde ligging aan de meeste inwoners van Soerabaia wel niet bekend zal zijn, maar die hen toch gedurende jaren het licht in huis bracht en daarmede gezelligheid en comfort.

de machinefabrieken t e Soerabaia in critiel<e omstandigheden zijn gekomen. Reeds meerdere hebben moeten sluiten, t e r w i j l het zich laat aanzien, dat, indien de crisistoestand langer v o o r t d u u r t , nog verschillende d i t voorbeeld zullen moeten volgen. Eén van de factoren van de o n t w i k k e l i n g der metaalindustrie hier t e r

plaatse in de afgeloopen

k w a r t e e u w is de toepassing van de e l e c t r i c i t e i t als beweegkracht in de fabrieken. In 1908 is de N. V. Algemeene Ned.-lndische Electriciteitsmaatschappij (A.N.I.E.M.) begonnen m e t de electrificatie van Soerabaia, w a a r t o e een electrische centrale w e r d gebouwd op Gemblongan. Aangezien het b o u w t e r r e i n bestond u i t aangespoelden grond van de Kalimas, moest hier worden geheid, o m een stevige basis t o t bouwen t e v e r k r i j g e n . In deze centrale werden 2 werkspoor-dieselaggregaten, elk van 400 kw. geplaatst en reeds na d r i e jaren (191 I) w e r d m e t de s t r o o m l e v e r i n g een aanvang gemaakt. H e t bleek w e l , dat hier in een behoefte w e r d voorzien, want in 1913 moest t o t v e r g r o o t i n g van het productievermogen worden overgegaan. Aangezien u i t b r e i d i n g t e r plaatse van de oorspronkelijke centrale niet rationeel zou zijn, w e r d een g r o o t e r e opwekkingsinstallatie aan den mond van de Kali

Pegirian gebouwd, welke s t o o m t u r b i n e c e n t r a l e

naar de nabij-

gelegen kampong Semampir w e r d genoemd. In 1925 w e r d de N. V. Ned.-lndische W a t e r k r a c h t - E x p l o i t a t i e Maatschappij als gemengde onderneming opgericht, waarin door het Gouvernement w e r d deelgenomen, dat concessies van vallend w a t e r inbracht. De door deze onderneming aan de Kali Konto gebouwde groote w a t e r k r a c h t c e n t r a l e Mendalan w e r d in 1928 in bedrijf gesteld. Onder meer w e r d begonnen m e t het leveren van electrische energie door middel van het onderstation Sawaan aan de A n i e m t e Soerabaia, welke daardoor eigenlijk een 'distributie-onderneming is geworden. De centrale Semampir w e r d gesloten, en dient thans alleen t o t reserve in geval van storingen aan de centrale Mendalan of aan de W a a r eens Soerabaia's eerste centrale stond, werd later deze linkervleugel van het agentschapskantoor in modernen t r a n t gebouwd. Vooral 's avonds, wanneer het verlichte mozaïek der vensters schittert als de kleuren van een caleidoscoop, v o r m t het geheel een lichtbaak op Gemblongan.

246

hoogspanningskabel, welke de s t r o o m naar Soerabaia overbrengt. Van deze k r a c h t b r o n zijn thans de v e r l i c h t i n g van woonhuizen, erven, s t r a t e n , enz. en de energielevering aan fabrieken, werkplaatsen, w a t e r l e i d i n g en t r a m afhankelijk.


Het waterleidingbedrijf van de Gemeente Soerabaia is electrisch uitgerust, waardoor het mogelijl< is, ook door het droge seizoen heen, te zorgen voor een geregelde w a t e r v e r s t r e k k i n g . De in verschillende stadsdeelen

opgestelde, electrisch

aangedreven pompen zorgen ervoor, dat

in het natte seizoen het

regenwater op de snelste wijze van de straten naar elders w o r d t geloosd. H e t aantal voor s t r o o m l e v e r i n g bij de A n i e m aangeslotenen bedroeg I Juli 1932 : Europeanen Vreemde Oosterlingen Chineezen Inlanders Totaal aansluitingen

6449 759 6710 17095 32.039

V o o r hoofdzakelijk industrieele doeleinden w o r d t d o o r 4 7 7 aangeslotenen kracht b e t r o k k e n , t e r w i j l het t o t a a l vermogen voor energielevering thans ongeveer 8822.4 kw beloopt. De door de A n i e m in gebruik gegeven huurinstallaties bedroegen 27.804 stuks, welke 152.252 punten van stroomafneming o m v a t t e n . Bij den bouw van de centrale op Gemblongan w e r d tevens een winkel m e t s h o w r o o m opgericht, waar in de eerste plaats de noodige lampen te verkrijgen zijn, doch ook de w e r k i n g van huishoudelijke electrische apparaten kan worden getoond. In Augustus 1930 w e r d een nieuw hoofdkantoor voor deze maatschappij geopend in de Embong Woengoe. Op 19 October 1916 w e r d door de Gemeente Soerabaia besloten t o t het aankoopen van het particuliere land Djagir, ook genaamd Ngagel, en d i t gemeentedeel te bestemmen voor industrieterreinen. Bij de acte van koopovereenkomst, op 20 Maart 1917 voor notaris F. Eichholz te Soerabaia verleden, w e r d door den Burgemeester, Mr. A . Meyroos, van den suikerfabrikant Tjoa Tjwan Khing, het land Ngagel ten behoeve van de u i t b r e i d i n g der Gemeente gekocht. Hiervan werden 150.000 m- grond uitgezonderd, welke bij dezelfde acte aan de N.V. Machinefabriek Braat te Soerabaia werden verkocht voor f 150.000, t e r w i j l eveneens de te velde staande padi en s u i k e r r i e t , zoomede alle machinerieën of onderdeelen buiten het contract vielen. De door de Gemeente te betalen koopsom, g r o o t f 8 5 0 . 0 0 0 w e r d bij het passeeren van de acte contant betaald. Bij besluit van den Gemeenteraad van 30 Mei 1924 w e r d aan een m e t de Staatsspoorwegen gesloten overeenkomst, op 26 Maart 1924 t e Bandoeng bij onderhandsche acte geteekend, de sanctie van den Raad gehecht. H i e r b i j w e r d kosteloos een strook grond voor industriespoor t e r beschikking gesteld van genoemde Gouvernementsinstelling, waarop twee uitwijksporen langs de lijn van W o n o k r o m o en twee aftakkingen zouden worden aangelegd. De Gemeente verbond zich volgens a r t . 9 van deze overeenkomst o m langs het industriespoor in den vervolge geen gronden af te staan, dan alleen voor de uitoefening van industrieele bedrijven, aangewezen op

LINKS:

Het onderstation van de Niwem op Sawaan. In 1925 werd de N. V. Ned* Indische Waterl<racht Exploitatie Mij. opgericht, door welke vennootschap aan de Kali Konto een groote waterkrachtcentrale werd gebouwd, genaamd Mendalan. Drie jaren later ging deze in bedrijf en werd de levering van electrische energie begonnen, welke door haar aan de Aniem ter beschikking wordt gesteld in haar onderstation „Sawaan". De centrale Semampir van de Aniem kon „ t e r ruste gaan"en dient thans als reserveRECHTS: Het hoofdkantoor van de Aniem in Embong Woengoe.


een aanzienlijk vervoer per spoor, t e r w i j l aan de u i t g i f t e verder de voorwaarde moest w o r d e n verbonden, dat de gronden slechts voor industrieele doeleinden en n i m m e r voor woningbouw mochten w o r d e n gebezigd, behalve dan voor de enkele personen, die onmisbaar zijn voor bedoelde bedrijven. T o t 1912 liep de verbinding Batavia—Soerabaia alleen over Bandoeng, m e t al de risico, aan een dergelijk eenzijdige verbinding verbonden. In 1916 w e r d een opname door de Directie der Staats-Spoorwegen gelast, waarvan de bijzonderheden in het jaarverslag 1917 staan v e r m e l d , en w a a r u i t de redenen blijken, welke er toe hebben geleid aan de rechtstreeksche spoorwegverbinding Tjikampek—Cheribon via Djatibarang den v o o r k e u r te geven. in N o v e m b e r van laatstgenoemd jaar k w a m het v o o r o n t w e r p van genoemd t r a j e c t gereed, en w e r d d o o r den Minister van Koloniën een wetsvoorstel ingediend, waarbij de noodige gelden werden u i t g e t r o k k e n voor den aanleg van d i t deel van het spoorwegnet van Java. Zonder hoofdelijke s t e m m i n g w e r d d i t o n t w e r p in de Volksvertegenwoordiging aangenomen ( w e t van 14 Juni 1909, st. b l . no. 477). Op 31 Mei 1912 w e r d de nieuwe lijn door den Gouverneur-Generaal bezocht en op 3 Juni d.a.v. voor het verkeer opengesteld. H i e r m e d e was de tweede en snellere verbinding tusschen Soerabaia en Batavia t o t stand gekomen. In 1925 w e r d de eendaagsche spoorverbinding m e t Batavia door

de Handelsvereeniging in studie

genomen. Deze beschouwde d i t vraagstuk alleen u i t een oogpunt van snellere postverbinding en zond dienovereenkomstig haar advies bij den Hoofdinspecteur van Staatsspoorwegen in, die besliste, dat voorloopig van deze verbinding moest worden afgezien. Eerst in 1930 w e r d deze snellere verbinding ingevoerd. De bodem van Soerabaia bevat olie, welke bij het begin van de beschreven periode door de Dordtsche Petroleummaatschappij in haar fabriek te W o n o k r o m o (welke heden door de Bataafsche Petroleum Maatschappij w o r d t geëxploiteerd) t o t producten voor de binnenlandsche m a r k t w e r d v e r w e r k t . De Dordtsche Petroleummaatschappij had v o o r de afscheep van p e t r o l e u m

een tankinstallatie t e

Grisee gebouwd, welke echter n o o i t voor dat doel is gebruikt. Bij de hierna te beschrijven overgang aan de Bataafsche Petroleum Maatschappij w e r d zij g e b r u i k t voor de op Java in te voeren en te distribueeren buikproducten. Door de Koninklijke Petroleummaatschappij w e r d , ongeveer in 1900, p e t r o l e u m van buiten Java g e ï m p o r t e e r d door bemiddeling van de i m p o r t f i r m a ' s Geo W e h r y & Co en Pitcairn Syme & Co, welke in hoofdzaak Oost-Java van Soerabaia u i t bedienden. Nadien ging deze maatschappij maatschappij, w a a r u i t

een

belangengemeenschap

aan

met

de

Dordtsche

Petroleum-

de reeds genoemde Bataafsche Petroleum Maatschappij is ontstaan. Door

deze

samenvoeging is Soerabaia niet alleen productieplaats voor de locale m a r k t gebleven, doch is deze plaats een belangrijke afscheephaven geworden voor de meerdere productie naar elders.

Drie hoofdpersonen uit de petroleumindustrie te Soerabaia. Links J. A. Stoop, directeur der Dordtsche Petroleum Mij en oprichter van de raffinaderij te W o n o k r o m o . In het midden: A. Stoop, directeur van de „Dordtsche" en rechts: Mr. A. J. Cohen Stuart, directeur van de „ K o n i n k l i j k e " , die indertijd in het Kroesenpark woonde.

248


Z o o w e l W o n o k r o m o als Tjepoe zijn door pijpleidingen m e t de haveninrichtingen verbonden. O o k is gezorgd, dat de schepen m e t o l i e s t o o k i n r i c h t i n g terstond kunnen worden voorzien van deze brandstof. De ruwe olie als stookmiddei neemt steeds toe en het is begrijpelijk, dat de Bataafsche een belangrijke afnemer v i n d t in de Marine t e Soerabaia, zoomede in de op A u s t r a l i ë , Europa, China, Japan en A m e r i k a varende groote schepen. In het begin van de te beschrijven periode had hier ook de Shanghai-Langkat-compagnie een agent, de F i r m a Maintz & Co, door middel waarvan de D r a a k - p e t r o l e u m hier w e r d gedistribueerd. In 1910 raakte deze maatschappij evenwel in moeilijkheden, waardoor zij door de reeds genoemde Koninklijke P e t r o l e u m m a a t schappij w e r d overgenomen, welke deze soort olie u i t Sumatra bleef invoeren. De Russische p e t r o l e u m , welke op speculatie per scheepslading aan den meestbiedende w e r d verkocht, doch waarvoor — in tegenstelling m e t de andere soorten — geen vaste verkooporganisatie w e r d geschapen, k w a m na 1906 steeds m i n d e r aan, o m ten slotte geheel van de m a r k t te verdwijnen. De Amerikaansche invoer van p e t r o l e u m in kisten, bevattende 2 blikken, w e r d stopgezet, toen de Standard O i l Company zelf de beschikking over productieplaatsen in Zuid-Sumatra kreeg. Z i j r i c h t t e een gelegenheid voor buikopslag bij de haven van Soerabaia op, benevens een verpakkingsinrichting, en kon zich — ook door een goed georganiseerd afzetapparaat — hier t e r plaatse handhaven. H e t is b e t r e k k e l i j k k o r t geleden, ongeveer 1913, dat de eerste benzinepomp te Soerabaia w e r d geplaatst. In het eerst waren er nog al eens wantrouwende klanten, die overmeten in een blik eischten ; thans worden deze apparaten door het IJkwezen gecontroleerd, en is er niemand, die in d i t opzicht eenig w a n t r o u w e n meer aan den dag legt. V o o r de bekende blikken p e t r o l e u m , in hoofdzaak dienende voor verlichting, zijn thans overal, in zelfs de kleinste plaatsen, opslagplaatsen gebouwd, welke de kleinere afnemers van d i t product voorzien. De ledige blikken worden voor de meest uiteenloopende doeleinden gebruikt, zooals dakbedekking, pannen, raspen, gieters, lampjes, t r a n s p o r t e m m e r s , enz. De buitengewesten zijn m e t behulp van dwangarbeiders en p e t r o l e u m b l i k k e n bezet kunnen w o r d e n . Van de derivaten en producten van de p e t r o l e u m noemen we benzine, batikwas, kaarsen, asfalt, smeerolie, enz. In het begin van deze eeuw waren er slechts enkele straten in Soerabaia van een asfaltlaag voorzien, t e r w i j l andere steden, zooals Batavia, Bandoeng e.d., in d i t opzicht er nog bedenkelijk aan toe waren, zoodat Soerabaia daarbij gunstig afstak. H e t is nog niet zoo lang geleden, dat in Batavia nog ijverig aan wegbesproeiing w e r d gedaan o m de stofplaag te verhelpen, door welk middel evenwel niet veel baat w e r d gebracht. V o o r a l het autoverkeer maakte de stofplaag erger, zoodat de stofvrije afdekking van de wegen in de voornaamste plaatsen, m e t Soerabaia vooraan, een u i t k o m s t was, welke aan de petroleumindustrie is te danken.

LINKS:

Het eerste gebouw, waarin de voormalige sociëteit Concordia was gevestigd. Op dezelfde plaats staat thans het moderne kantoorpaleis van de B.P.M. Voor de geschiedenis van Soerabaia's oudste soos, welke na een bestaan van ruim 90 jaar, op I Februari 1935 werd opgeheven, verwijs ik naar mijn „Oud-Soerabaia" (biz. 354 e.v.). RECHTS: Het nieuwe kantoor van de B.P.M., dat in de plaats kwam van het oude soosgebouw. De verbouwing werd uitgevoerd naar een ontwerp van architect C. Citroen. De groote „ l i c h t k a p " steekt boven het gebouw uit.

249


De B.P.M.-raffinaderij te W o n o k r o m o in vogelvlucht. Deze luchtfoto van (Fotax) geeft tevens een goed beeld van het zuidelijkst gelegen deel van Soerabaia. Men ontdekt er vele bekende plaatsen op : de spoorbaan met het stationsemplacement te W o n o k r o m o , de oude Wonokromobrug en ook de Stoneysluis te Djagir. Deze monumentale sluis, waarvan al het ijzerwerk geleverd werd door de f i r m a Braat, v o r m t een onderdeel van de assaineeringswerken van Soerabaia. Het afvoerkanaal van de Kali Mas, waarvan deze sluis de afsluiting v o r m t , heeft ten doel, de stad bandjirvrij te maken.

De olie-industrie in het algemeen is niet o n t k o m e n aan de crisis, al nemen de verschillende ondernemingen dan ook nog een sterke financieĂŤle positie in. Z i j heeft te strijden tegen de onoordeelkundige oliep r o d u c t i e in de w e r e l d , en de moeilijkheden o m t o t samenwerking van de verschillende concerns te k o m e n zijn g r o o t . O o k op andere wijze w o r d t de positie van de olie-industrie v e r z w a k t . De chemische wetenschap heeft verschillende methoden gevonden o m synthetische benzine t e maken, vooral u i t steenkolen. Langzamerhand zijn de verschillende processen zoo geperfectioneerd, dat de marge tusschen synthetische en â&#x20AC;&#x17E; e c h t e " benzine niet g r o o t meer is. Ernstige concurrentie voor de olie-concerns is in de naaste t o e k o m s t t e wachten en de noodzakelijkheid van samenwerking m e t de chemische industrie ligt voor de hand. De nationalistische gedachte en het hoe langer hoe m e e r ingrijpen van den Staat in het p a r t i c u l i e r bedrijfsleven maken de k a r t e l l e e r i n g echter zeer moeilijk. H i e r b i j k o m t dan nog de ongebreidelde productie in Rusland m e t het oog op deviezen, zoodat de naaste t o e k o m s t zich niet rooskleurig laat aanzien. Sedert 1920 w e r d hier t e r plaatse de industrie uitgebreid m e t een verffabriek, t e r w i j l begin een fabriek

van een onderneming

hier

t e r plaatse ook te Batavia w e r d gevestigd. H i e r d o o r

1932

zijn

de

vrachtkosten van de producten belangrijk v e r m i n d e r d , daar Oost- en West-Java op deze wijze ieder d o o r een afzonderlijke fabriek kunnen w o r d e n bediend. O o k enkele chemische fabrieken zijn verrezen, waar schrijf- en d r u k i n k t e n worden gefabriceerd. Bovendien worden in de nabijheid van Soerabaia jodiumhoudende modderwellen gevonden, waarvan het product w o r d t gewonnen.


Te Soerabaia is het v e r k o o p k a n t o o r gevestigd van een zeer belangrijke Indische industrie, welke in het Rembangsche haar grondstoffen v i n d t en daar ook haar bedrijf, het bakken van vuurvaste steenen in verschillende v o r m e n , heeft gevestigd, t e r w i j l in het naburige Sepandjang een dakpannenfabriek van dezelfde onderneming staat. Z i j is in staat o m dezelfde k w a l i t e i t steenen te leveren als de Nederlandsche fabriek van hetzelfde genre te Geldermalsen, welke op d i t gebied een uitstekende naam geniet. Hoewel eerstgenoemde onderneming een zelfstandige naamlooze vennootschap is, bestaat er een belangengemeenschap m e t het Nederlandsche bedrijf, waardoor ervaringen kunnen worden uitgewisseld. Er worden uitsluitend inheemsche grondstoffen v e r w e r k t , zoodat men voor d i t product niet van het buitenland afhankelijk is. A l h o e w e l er nog kleinere ondernemingen op d i t gebied in Ned.-lndië bestaan, is zij het best geoutilleerd voor deze tak van nijverheid. In Sepandjang is tevens de bekende Karang-Pilang-pannenfabriek gevestigd, waarvan eveneens een v e r k o o p k a n t o o r te Soerabaia bestaat. De zeepindustrie op Java, welke in de laatste tijden belangrijk vooruitgegaan is, betreft in hoofdzaak de productie van goedkoope waschzeepen (lijmzeepen), waaronder de saboen beco ( b r u i n r o o d e harszeep) het meest w o r d t gefabriceerd. Buiten de fabricage in ongeveer 60 fabrieken w o r d t op het platteland en in de kampongs door inlandsche producenten zeep vervaardigd uit klapperolie, katjangolie, kapok- en k a t o e n p i t t e n olie, njamploenganolie, kesambiolie en hars. De hierbij benoodigde caustic soda en een deel van de hars worden u i t het buitenland ingevoerd, doch de andere grondstoffen zijn van eigen bodem. Behoudens de Europeesche zeepfabriek op Ngagel en die op Bagong, is de zeepfabricage te Soerabaia hoofdzakelijk in handen van Chineesche producenten, in 1930 liepen er 11 aanvragen t o t vergunning voor o p r i c h t i n g van dergelijke bedrijven. (Verslag der Gemeente Soerabaia 1930.) De N. V. A r c h i p e l Brouwerij Compagnie, gevestigd te A m s t e r d a m , m e t een kapitaal van 5' ^ m i l l i o e n , heeft ook te Soerabaia een b r o u w e r i j op het industrieterrein Ngagel opgericht, waarbij de modernste p r i n cipes in brouwtechniek worden toegepast en aan de hygiëne de grootste zorg w o r d t besteed. Het bier w o r d t in de gelegenheid gesteld geruimen t i j d te „ r i j p e n " , zoodat een groote plaats is ingeruimd aan de lagerkelders, waarin het 5 a 6 maanden w o r d t opgeslagen, alvorens aan den handel te worden afgeleverd. De snelle o n t w i k k e l i n g van de metaalindustrie te Soerabaia en het reeds vroegtijdig bestaan van groote technische overheidsbedrijven, o.a.

het Marine-Etablissement en vroeger de A r t i l l e r i e - C o n s t r u c t i e w i n k e l ,

gaven de stoot t o t het ontstaan van belangrijke technische handelsfirma's, hoewel de grootste o n t w i k k e l i n g dezer branche tijdens en na den w e r e l d o o r l o g viel. Reeds vroeger echter werden filialen van groote Europeesche f i r m a ' s hier gevestigd voor : Ie, verkoop van handgereedschap en ijzerwaren aan Chineesche toko's en 2e, verkoop van hang- en s l u i t w e r k , zoomede andere voor huizenbouw noodige materialen. Belangrijke orders in machines, ijzerwaren en andere bijkomende artikelen werden voor Gouvernementsdiensten, vooral voor het Marine-Etablissement, uitgevoerd. De vraag zou zoodoende kunnen rijzen, of de taak van het in voorraad houden van algemeen gangbare a r t i k e l e n , dus niet van die voor speciaal m a r i t i e m e behoeften van de oorlogsvloot hier te lande, niet door den plaatselijken handel zou w o r d e n overgenomen. De directe voordeelen voor het Gouvernement zouden z i j n : Ie, geen renteverlies;2e,geen verlies door bederf, enz. en 3e, aanschaffing van a r t i k e len steeds volgens laatste model, laatste vinding, enz. O o k de volkswelvaart zou hierdoor in belangrijke m a t e worden bevorderd, o m d a t de plaatselijke handel wordt

ingeschakeld, waardoor

de uitgaven

van

den

Lande in indië geschieden, t e r w i j l het in voorraad houden aanleiding t o t het vestigen van nieuwe industrieën zal geven, o m d a t de ondervinding geleerd heeft, dat de handel den weg voor de o p r i c h t i n g van industrieën baant. Een van de vele a r t i s t i e k o n t w o r p ^ n benzinepompstations van de B. P. M . ; de bovenafgeb'eelde Itiósk staat op het Celebesplein (Goebeng).

kunnen


LINKS:

De voorgevel van het hoofdgebouw der N . V . N e d . Indische B i e r b r o u w e r i j e n opgericht

op Ngagel. De

op 3 Juni 1929 en de koopacte van het t e r r e i n , g r o o t 2 6 . 5 6 0 m\

De bouw w e r d gegund aan de Hollandsche

Beton Mij op 2 0 Mei 1930, w a a r n a onmiddellijl< m e t

heden w e r d aangevangen. Z o o w e l de bouw als de montage der grootendeels verliep n o r m a a l en op 21 N o v e m b e r

maatschappij

1931 kon de fabriek

uit

werd

geteel<end op 2 4 O c t o b e r d. a. v. Europa ingevoerde

de w e r k z a a m machinerieën

in bedrijf w o r d e n gesteld, hetgeen gepaard ging m e t de

gebruikelijke f e s t i v i t e i t e n . De bebouwde o p p e r v l a k t e is thans 8 . 2 4 0 m~ en de productie-capaciteit 4 0 . 0 0 0 hl of w e l ca. 6

m i l l i o e n flesschen

per

jaar.

R E C H T S : Een kijkje in de b i e r b r o u w e r i j op Ngagel : de gistlagertanks (bovenzijde).

H e t vestigen van een goed geoutilleerd l a b o r a t o r i u m ten behoeve van de keuringen van den l(ndischen) C(entralen) A(anschaffingsdienst)zou van g r o o t belangvoor den handel hier t e r plaatse z i j n , o m d a t daardoor t r a n s p o r t k o s t e n zouden worden bespaard, t e r w i j l deze instantie van g r o o t nut zou zijn voor de overheidsindustrieën, o.a. het Marine-Etablissement, hetwelk practisch alle inkoopen voor de oorlogs- en civiele v l o o t verricht. Begin 1932 is de vereeniging „ H e t Ned.-lndische Fabrikaat" te Soerabaia opgericht, waartoe evenwel staande de vergadering weinig leden t o e t r a d e n , o m d a t men zich nog eerst wenschte te bezinnen. O o k de wenschelijkheid van de uitgifte van een eigen orgaan w e r d onder de oogen gezien. In hoeverre deze vereeniging kan bijdragen t o t den opbloei van den handel en industrie hier te lande, m o e t nog worden afgewacht. In den kleinhandel vinden velen van de Inlandsche bevolking hier t e r plaatse een bestaan als t o k o h o u der, waroenghouder, rondventer, wisselaar, geldschieter. De handel

voor

het overige is in handen van

Chineezen, Vreemde Oosterlingen en Europeanen. Van den Chineeschen handel in de tweede hand worden manufacturen en andere a r t i k e l e n op crediet gekocht, gewoonlijk onder voorwaarde, dat op den volgenden passerdag w o r d t betaald, waarna nieuwe voorraad op crediet w o r d t ingeslagen (ngalap njaoer). De Inlandsche bevolking w i l wel gaarne koopen en verkoopen, doch blijkbaar o n t b r e e k t het economisch besef, hetwelk voor den handel noodig is. De Oostersche gewoonte van het rustig wachten op klanten, v i n d t men ook hier. De Inlandsche vrouwen spelen in den kleinhandel een groote rol en zijn een typische verschijning op de buitenwegen en in de stad op de passers en daarbuiten. Waarschijnlijk als gevolg van de vroegere feodale periode, is de handelaar — althans buiten de steden — bij de inlandsche bevolking weinig in t e l . Er is te Soerabaia een kleine v e r m e e r d e r i n g te bespeuren van inlandsche toko's, hetwelk onder meer een gevolg is van de u i t b r e i d i n g , welke het coöperatief crediet hier t e r plaatse heeft genomen onder leiding van de Persatoean Bangsa Indonesia, waarvan de heer Dr. Soetomo v o o r z i t t e r is. Met b e t r e k k i n g t o t de industrie kunnen we m e t prof. dr. J.H. Boeke spreken van dualistische economie in deze landen, want er zijn duidelijk twee productiesferen te onderscheiden : Ie, de Westersche en 2e, de Inlandsche. De Inlandche agrarische en technische productie brengt nog voor een g r o o t gedeelte voor het gezin en de locale m a r k t v o o r t , al begint d i t te veranderen, zooals gezien w o r d t in de inlandsche r u b b e r c u l t u u r op de buitengewesten. De Westersche cultures produceeren hoofdzakelijk voor de w e r e l d m a r k t , al begint men zich thans ook op den afzet voor de binnenlandsche m a r k t (thee en koffie) toe te leggen, w a a r t o e propagandatochten m e t reclame-auto's worden gemaakt.


D i t laatste is van g r o o t belang, o m d a t daardoor de samenleving hier te lande hechter en sterker zal w o r d e n . De Inlandsche bevolking ondergaat als Oostersch volk

door

handel,

verkeer en industrie

den

invloed van het W e s t e n . Er is geen isolement meer, doch de o n t m o e t i n g dier belde cultures geeft aanleiding zoowel t o t vermenging als t o t conflicten. De Inlandsche maatschappij is nog voor een g r o o t gedeelte een eenzijdige, o m d a t een stand van nijveren zoo goed als o n t b r e e k t . Er bestaat ook een g r o o t verschil tusschen den Inlandschen stedeling en den bewoner van de dessa. Nog a l t i j d w o r d t in de dessa m e t behulp van slechts weinig contant geld geleefd in de goederenhuishouding. Met bewonderenswaardig aanpassingsvermogen heeft de inlandsche bevolking den zwaren schok der huidige crisis opgevangen en v e r w e r k t . Men is er ongeloofelijk snel in geslaagd de oude v o r m e n t e r u g t e vinden en zich daarin te schikken. H e t zou blijk van weinig inzicht geven, indien men deze bevolking t o t de niet-bezitters ging rekenen. Er zijn vele vermogenden onder de Inlandsche bevolking, doch deze hebben nog niet geleerd hun middelen in Inlandsche industrieën te beleggen. De huisnijverheid is door de tropische omgeving van de Inlandsche huishouding beperkt, w i j l de behoeften aan voeding, kleeding en woning door het k l i m a a t en het rijst-menu sober zijn. Zij w o r d t

in de eerste

plaats beoefend voor eigen gebruik, verder ook voor de aanvulling van de levensbehoeften. Naar de meening van den heer ir. J. C. van Reigersberg Versluys heeft de huisnijverheid geen t o e k o m s t . De mededinging van de Chineesche werklieden staat haar in den weg, t e r w i j l voor een stad als Soerabaia zij van geen belang meer is. Alleen de kunstnijverheid heeft een bescheiden plaats kunnen behouden door het conservatisme van de bevolking en den steun van belangstellenden van anderen landaard. Zonder aanpassing aan de kunstv o r m e n van den modernen t i j d zou zij zich niet hebben kunnen handhaven. De oude v o r m e n ondergingen daardoor wijzigingen, hetwelk duidelijk bij een beschouwing van tentoongestelde werken is te bemerken in den Kampong Pertoekangan op de Soerabaiasche Jaarmarkt. Op het Inlandsch Economisch Congres van 1925 te Soerabaia w e r d onder meer gesproken over een t a n i ( l a n d b o u w e r ) i n s t i t u u t , over proefvelden, volkscredietwezen, coöperatie en door Ir. Soerachman over de Inlandsche klapperolie-industrie. D i t congres is m e t andere waar te nemen teekenen de u i t d r u k k i n g van het streven naar de v o r m i n g en o n t w i k k e l i n g van een eigen inlandsche ondernemersgroep. De periode van het agrarische stelsel m e t het dorpscommunisme spoedt t e n einde, o m d a t de sterke

bevolkingstoeneming

de t e w e r k s t e l l i n g van

het

bevolkingsoverschot in de industrie eischt. Evenals d i t in de Europeesche maatschappij was waar te nemen, k o m t nu de fase van economische en sociale o n t w i k k e l i n g , waarin de leiding van de productie en d i s t r i b u t i e in handen van ondernemers berust. Op de belangwekkende nijverheidskaart van het Java-instituut (zie Djawa, I Ie jaargang, no's 5—6, I 9 3 i ) betreffende de inlandsche nijverheid te Soerabaia, zien we, dat daarop de volgende takken van nijverheid v o o r k o m e n : I.

v l e c h t w e r k ; 2. weverij ; 3. b a t i k k e r i j ; 4. goud- en z i l v e r w e r k ; 5. geel koperwerk ; 6. rood

k o p e r w e r k ; 7. i j z e r w e r k ; 8. blikslagerij ; 11. bamboewerk ; 12. leder, perkament, looierij ; 14. steenbewerking ; 15. p o t t e n b a k k e r i j ; 16. steen- en pannenbakkerij ; 17. kalkbranderij ; 18. conserven en koekjes e.d. ; 25. b o e k d r u k k e r i j en -binderij en 26. matrassen- en k l e e r m a k e r i j . Hageman v e r m e l d t , dat in 1859 te Soerabaia 9 kopergieterijen waren gevestigd, welke evenwel in handen van Vreemde Oosterlingen waren. Ten aanzien van de inlandsche nijverheid zegt hij : „ D e kennis der „ b e w e r k i n g van been, h o o r n , schildpad, ivoor, hout, ijzer, schelpen, de bereiding van tabak, is bij den Soe„rabaiaschen Javaan zeer ver gevorderd, en het snij- en draaiwerk, de meubelen en sigaren van Soerabaia zijn „ v o o r z e k e r in den archipel gunstig bekend. De Bataviasche tentoonstelling heeft hiervoor in 1853 voldoende „bewijzen opgeleverd. Soerabaia staat hierin op zichzelf en is daarvoor bekend, evenals Semarang voor zijn „ l i j n w a a d - en w o l v e r w e r k i n g en Soerakarta voor zijn lederwerk bekend is". (Tijdschrift voor Nijverheid in Ned.-indië, deel V, biz. 141.)


De handwerkslieden woonden in k a m pongs bijeen, zooals de ivoor-, houtbeendraaiers op Boeboetan, werkers

en

schoenmakers

de in

en

lederbekampong

Toekangan, de meubelmakers en waschbazen in kampong Tambakgringsing, de smeden

in

Pandaan,

de

pottenbakkers

dei vo« no WO

do

in

kampong Kepoetran, enz. Van deze belang-

de

rijke Inlandsche handwerkconcentraties zijn er niet veel meer overgebleven. Eendeels is d i t t o e t e schrijven aan de oorzaken, welke ook handwerk opkomst menhang K a n t o o r , showrooms en werkplaatsen van

Lindeteves-Stokvis.

deden van met

de

in

verdwijnen,

Europa

de o n t w i k k e l i n g

technisch-juridische

constructie

het de

op

in

sa-

te

van

de

Ir.

van

de

zooals

grootindustrie

ze Re

naamlooze vennootschap, doch anderdeels aan de bijzondere verhoudingen en gespletenheid van de Indische samenleving, welke — v o o r a l vroeger — niet in het voordeel van de Inlandsche nijverheid w e r k t e n , en, onder meer d o o r

de u i t b r e i d i n g van de

stad, deze bedrijfjes niet in de binnenstad konden laten voortbestaan. V o o r t s s t o r t t e zich, aldus Prof. Dr. J. H. Boeke, het massaproduct van de Westersche nijverheid op de Oostersche m a r k t en vaagde hier de inheemsche volksnijverheid, den inheemschen handel en het inheemsche verkeerswezen weg. Van de draaierijen van hout, ivoor, been, enz. op Boeboetan en Kawattan is niet veel meer te bespeuren, de weverijen voor songkets en inrichtingen voor naaldwerk zijn verdwenen, evenals de kopergieterijen, t e r w i j l de smederijen het ook niet lang meer zullen maken, nu door de malaise de Europeesche constructiewerkplaatsen ook kleinere orders entameeren, en door hun uitnemende outillage beter en goedkooper w e r k e n , vooral bij belangrijke bestellingen. Vroeger waren de Inlandsche Kepoetranpannen bekend en werden gaarne afgenomen door de huizenbouwers, doch thans is die taak overgenomen d o o r een belangrijk Europeesch bedrijf nabij Soerabaia. Van de geheele, eens zoo belangrijke pottenbakker!) is in kampong Kepoetran niets meer te bespeuren en het geheele bedrijf van vervaardiging van m e t s e l m a t e r i a l e n , zooals tegels e.d. is grootendeels door Chineesche ondernemers overgenomen. Hiertegenover staat, dat verschillende Inlandsche reparatiewerkplaatsen voor auto's en onderdeelen zijn verrezen, welke zich hebben gespecialiseerd op bepaalde onderdeelen, doch boven een zekere grens schijnen die bedrijfjes zich niet te kunnen verheffen, daar men zich m e t een bepaalden o m z e t tevreden stelt. O o k in de meubelnijverheid is meer leven te bespeuren, en w o r d t het n a t u u r l i j k e monopolie van de Chineesche meubelmakers aangetast. De g r o o t e moeilijkheid is ook hier het t e k o r t aan bedrijfskapitaal, waarin evenwel door de groeiende credietcoöperaties zou kunnen worden voorzien. U i t Banjoewangi, hetwelk voor een g r o o t deel de houtskoolwinning en -handel in Java's Oosthoek in handen heeft, w o r d t alleen naar Soerabaia voor ongeveer f 25.000 per maand aan houtskool, u i t kesambihout gebrand, verzonden. H i e r d o o r werden

de vroegere t a l r i j k e Inlandsche houtskoolbranderijen hier

t e r plaatse t o t verdwijnen gebracht. Ondanks de moordende concurrentie van de ingevoerde doeken u i t T w e n t e , heeft de Inlandsche bat i k i n d u s t r i e zich hier te lande gehandhaafd. D i t is toe t e schrijven aan de v o o r k e u r voor echte batik bij de Inlandsche bevolking, welke in wezen kunstzinnig is. N i e t alleen te Soerabaia, doch ook in het naburige Grisee heeft echter de bevolking (volgens het bat i k r a p p o r t van den heer De Kat Angelino) het batikbedrijf voorgoed vaarwel gezegd. D i t v i n d t zijn oorzaak daarin, dat de Inlandsche batikkers niet kunnen rekenen en nog te veel het s e n t i m e n t als richtsnoer nemen bij het vestigen of sluiten van bedrijven.

254

ge' cr« lar be


In 1904 verscheen als het resultaat van een onderzoek door den heer Abendanon, directeur van O n derwijs, Eeredienst en N i j v e r h e i d , het bekende Nijverheidsrapport; de Regeering kon evenwel op het daarin voorgesteld systeem van bescherming niet ingaan. De r i c h t i n g , waarin de hulp moest w o r d e n verleend, stond nog niet vast. Moest een Inlandsche nijverheid onder Inlandsche leiding m e t Inlandsch kapitaal in het leven worden geroepen, dan wel een Westersche nijverheid onder

Westersche leiding en Westersch

kapitaal,

doch m e t Inlandsche w e r k k r a c h t e n ? Practisch is in de laatste r i c h t i n g beslist, doch de in de laatste jaren u i t Inlandsche kringen oprijzende pogingen t o t stichting van een zuiver Inlandsche industrie op kapitalistischen dan wel coöperatieven grondslag w o r d e n door de Regeering gesteund. In zijn openingsrede van den Volksraad op 15 Juni 1932 zeide de Landvoogd, dat de bevordering der weefnijverheid (dus ook de Inlandsche) de belangstelling der Regeering had. V o o r w a t Soerabaia b e t r e f t , zij v e r m e l d , dat de bezuiniging het niet mogelijk maakte de voorgenomen o p r i c h t i n g van een filiaal hier t e r plaatse van de t e x t i e l i n r i c h t i n g te Bandoeng ten uitvoer te leggen. Daarentegen w e r d een consultatiebureau voor de nijverheid opgericht. T o t leider van deze instelling is benoemd Ir. D a r m a w a n . De „swadeshi"-beweging, waarover men in den laatsten t i j d in Inheemsche kringen zooveel h o o r t spreken, beteekent niet alleen het doen opleven van de Inlandsche weefnijverheid door het dragen van eigen geweven kleeding, doch de economische u i t b o u w van de Inlandsche maatschappij door het oprichten van credletinstellingen — in vennootschaps- en coöperatievorm — en het op allerlei wijze bevorderen van den Inlandschen handel en industrie. De beweging w o r d t dus voor een g r o o t deel gedragen door den wensch naar betere economische verhoudingen, in samenhang m e t sociale en politieke idealen.

Een kijkje op de binnenplaats van Lindeteves-Stokvis.


Een prachtige tegenlichtopname o p g e t r o k k e n in scheepsvorm,

256

(van Isken) van h^t vroegere

als symbool

houten

van het c e n t r u m van

secretariaatsgebouw,

Handel

en

Scheepvaart.


0DE

JAARMARKT.

De eerste drie jaarmarkten (l90S-'08). — Oprichting van de „Soerabaiasche Jaarmarkt-Vereeniging" (1908). —Omzetcijfers.—De 4e t o t en met de Be Jaarmarkt (1915). —De passers malem ( l 9 l 8 - ' 2 3 ) . — Herleving der oude Vereeniging (Maart 1923) De 9e (of Ie gereorganiseerde) Jaarmarkt. — Het garantiefonds.—De terreinkwestie.—Het terrein op Ketabang-Noord. —Gebruik van tijdelijk of van permanent materiaal. —Het schipmotief. — De indeeling van het terrein.—De resultaten van de 9e Jaarmarkt.—De Kampong Pertoekangan. —Goederenloterij De lOe Jaarmarkt De inzendingen in verschillende afdeelingen ondergebracht. — De vermakelijkheden en de reclame. — Keten van jaarmarkten.— De I Ie t o t en met de 16e Jaarmarkt. — De bomaanslagen op 2 October 1926.— De tentoonstelling

D

van het „Java Instituut". —Het overlijden van Burgemeester Ir. G. J. Dijkerman.

e eerste j a a r m a r k t in Nederlandsch-Indië w e r d in 1905 te Soerabaia georganiseerd door den t o e n m a -

iigen C o n t r o l e u r J. E. Jasper, daartoe in staat gesteld d o o r financieele hulp van de Regeering . hoofddoel was daarbij de bevordering van de Inlandsche nijverheid. Deze j a a r m a r k t was een succes en leidde t o t een belangrijk g r o o t e r e n opzet in het daarop volgende jaar, w e d e r o m m e t financieelen steun van de Regeering. Deze tweede j a a r m a r k t in 1906 leverde verlies op, doch m e t de daarop volgende in 1907, welke op w a t kleinere schaal w e r d gehouden, w e r d een zoodanig overschot verkregen, dat behalve terugbetaling aan de Regeering van het bedrag der d o o r haar v e r s t r e k t e n steun, nog een a a n m e r k e l i j k saldo in kas overbleef. De vierde j a a r m a r k t w e r d in 1908 gehouden en was de eerste der reeks van j a a r m a r k t e n , die georganiseerd werden d o o r de „Soerabaiasche J a a r m a r k t - V e r e e n i g i n g " , t e r verwezenlijking van : ,,het t e l k e n j a r e t o t stand brengen en houden van een t e n t o o n s t e l l i n g van voortbrengselen van Nederlandsch-Indische Landbouw, N i j v e r h e i d en Kunstnijverheid, van voortbrengselen van uitheemsche N i j v e r h e i d , m e t b e t r e k k i n g t o t en t e n dienste van den Landbouw en de Industrie van Nederlandsch-Indië en verder van alles, w a t in nauw verband staat m e t handel en verkeer in Nederlandsch-Indië." Genoemde Vereeniging verkreeg rechtspersoonlijkheid bij Gouvernements Besluit van 9 Maart 1910 N o . 31. De 4e Soerabaiasche J a a r m a r k t (1908) behoefde, dank zij de gunstige resultaten van haar voorgangster, geenerlei financieele hulp, noch van de Regeering noch van p a r t i c u l i e r e n ; ook m e t de 5e in 1909 was zulks het geval, zoodat reeds toen op niet al t e bescheiden wijze aan steunverleening kon w o r d e n gedaan. H e t Bestuur van de Vereeniging „Inlandsche Meisjesschool" o n t v i n g voor de e x p l o i t a t i e der te Soerabaia geopende school „ M a r d i K e n j o " ('t Geluk der V r o u w ) een bedrag van f 10.000.—, zoodat deze school u i t s l u i t e n d haar o p r i c h t i n g t e danken heeft aan de j a a r m a r k t t e n t o o n s t e l l i n g e n . De vooruitgang der verschillende j a a r m a r k t e n b l i j k t ten duidelijkste u i t de omzetcijfers van Inlandsche en Kunstnijverheids-producten, welke van 1905 t o t 1909, in ronde getallen

u i t g e d r u k t , stegen van

f 15.000 t o t f 8 0 . 0 0 0 , In 1910 l i e t de gezondheidstoestand der bevolking zooveel te wenschen over, dat de 6e J a a r m a r k t uitgesteld moest w o r d e n , t e r w i j l ook in 191 1 de plannen niet volvoerd konden worden in verband m e t het veelvuldig v o o r k o m e n van „ s u r r a h " op Java. Daarna had in 1912 de 6e J a a r m a r k t plaats, waarvan de resultaten zeer bevredigend genoemd w e r d e n . In 1914 en '15 werden de resp. : 7e en 8e J a a r m a r k t gehouden, t e r w i j l daarna v o o r l o o p i g niet aan het houden van j a a r m a r k t e n kon w o r d e n gedacht, in verband m e t de buitengewone omstandigheden, ontstaan d o o r den w e r e l d o o r l o g . Van 1918 t o t 1921 werden echter wel passers m a l e m georganiseerd te Soerabaia, v o o r n a m e l i j k onder leiding en t e n behoeve van Chineesche liefdadigheidsvereenigingen. De financieele resultaten hiervan waren over het algemeen gunstig, doch die van 1922 gaf aanleiding o m , in overleg m e t de Chineesche p r o m o t o r s daarvan, t e t r a c h t e n die passers m a l e m in het vervolg meer in den geest van de Soerabaiasche J a a r m a r k t Vereeniging o m t e w e r k e n t o t een j a a r m a r k t .


J / I »

'" f

e,'

^ 1.

"

, -.«

De toegangspoort t o t de 3e Jaarmarkt, gehouden in 1907 in den Stadstuin. Het bouwsel van bamboe en doel< werd ontworpen door een notaris. Lieden van allerlei slag kuieren onder de poortjes in Moorschen stijl naar binnen en naar buiten. De gekaftande Arabieren praten er met hun handen even luidruchtig als in het kamp. Chineezen, die toen veelal nog staarten droegen, doen er zaken of gaan met moeder de vrouw uit. Verder ziet men er Inlanders — Javanen, Maleiers, Madoereezen en Soendaneezen — flaneeren in hun elegante, kleurige pakeans en — ik zou het haast vergeten — het jolige Soerabaiasche fuifpubliek.

*

De Jaa fla bu lus het va de

In September van dat jaar w e r d dan ook besloten de oude Vereeniging te doen herleven en elk v o l gend jaar weer een j a a r m a r k t t e houden, die, zoo mogelijk, in de t o e k o m s t t o t een „ j a a r b e u r s " zou w o r d e n

ge

uitgebreid.

ge

Evenwel werden eerst in M a a r t 1923 de plannen d e f i n i t i e f vastgesteld voor de 9e J a a r m a r k t : van 28 Juli t o t en m e t 12 Augustus ; diverse commissies werden benoemd, maar het duurde nog een volle maand voor aan de u i t v o e r i n g der reorganisatie-plannen begonnen w e r d .

ve

O v e r geld beschikte de Vereeniging niet en dat was in de eerste plaats noodig. H u l p van personen en

en

instellingen t e Soerabaia w e r d dus ingeroepen en het resultaat was, dat een garantiefonds van een kleine Hong Swie, Dunlop en Kolff, Go H o o Swie, K w i k Bok A y , Kho Swie Yang, Kwee Yan Khing, Lie D j i n g H a n ,

d te

Ned. Ind. Handelsbank, N j o o Sik Liang, Go Khip, Gijselman en Steup, Han T j i o n g Khing, Hap Thay & Co,

en

t o n gouds bijeengebracht w e r d d o o r onderstaande f i r m a ' s en personen : Be Biauw T j w a n Bankverg., Djie

Oei Swie Pik, O n d e r l i n g Belang, Schaffer, Tan Siok H o o , Bank voor Indië, D j i t H i n T j a n , Fraser Eaton & Co, Handel Mij Hap Eng, Ko Han Lie, Ko Lie, K w i k H o o T o n g , Mitsui Bussan Kaisha, N j o o Khee Hong, N i o Sioe Yang, Go Sam Seng, Han Kong Gie, Handel Mij Kian Gwan, Oei W i e Khee, San L i e m Kongsie, Sien

te

Soen Sing, Tan Boen T j h i n g , The Ing Bian, Tjoa T j w a n Djie, T i o W a n Kie en Yoe W i n g . U i t deze lijst van namen b l i j k t duidelijk, dat vooral de Chineezen bijzonder veel belang stelden in het streven der Vereeniging en begrepen, dat de J a a r m a r k t een goede t o e k o m s t t e g e m o e t ging. In deze ververwachtingen w e r d men niet teleurgesteld. Belangrijk was de t e r r e i n k w e s t i e . De eerste j a a r m a r k t e n werden in den Stadstuin en de latere op het Missigitplein gehouden, t e r w i j l de daarop volgende reeks van passers m a l e m op Boeboetan werden geor-

h

ganiseerd. Maar al deze t e r r e i n e n w a r e n , mede in verband m e t het plan o m de J a a r m a r k t voortaan weer

D

geregeld en op r u i m e r e schaal te doen plaats hebben, vanwege de ligging en de g r o o t t e niet geschikt. De Gemeenteraad van Soerabaia stond gratis, t o t wederopzeggens t o e , een r u i m t e r r e i n af, gelegen in de zoogenaamde „ U i t b r e i d i n g K e t a b a n g - N o o r d " . D i t t e r r e i n w e r d op kosten der Gemeente opgehoogd en in o r d e gebracht. Van de t o t a l e o p p e r v l a k t e van

66.000 m^ m e t

een

hiervan,

naar

87.000

de stad gekeerd

m-, w e r d front

van

j a a r m a r k t t e r r e i n , t e r w i j l het kleinere daar naast gelegen stuk van tot

s p o r t t e r r e i n ; later

worden

258

getrokken.

zou

dit

een eventueel noodige

een 210 m

langwerpig

stuk, t e r

grootte

bestemd voor het eigenlijke

SC

21.000 m- ingericht zou w o r d e n

u i t b r e i d i n g bij

het

jaarmarktterrein

kunnen ge


D e gemoderniseerde Javaan uit het jaar Jaarmarkt

bezoekend.

Z i e t hij e r

1 9 0 7 , in z'n Zondagsche plunje de

niet dandy-achtig uit

met

zijn

bruinen

f l a m b a r d boven zijn hoofddoek, zijn hemd en gestreepte das a a n , zijn groenen buikband o m , w a a r b o v e n een d o u b l é - h o r l o g e k e t t i n g bengelt, m e t zijn

zwart

lusteren jasje en g e u r m a k e r i g e t r o m p a ' s ?! De parapluie en de sigaar m a k e n het beeld volledig. H e t geheel v o r m t een vroeger veel gehekelde van W e s t e r s c h e en

Oostersche

combinatie

kleeding en is t e beschouwen als de eerste

d e m o n s t r a t i e v e uiting van het zich toenmaals ontplooiend Inheemsch i n t e l l e c t .

Toen k w a m de vraag aan de o r d e , of de op t e gevoerd

in t i j d e l i j k

m a t e r i a a l , dan w e l , of ze

r i c h t e n gebouwen geheel

geheel

of

gedeeltelijk

zouden worden uit-

permanent

zouden

worden

gemaakt. T i j d e l i j k m a t e r i a a l zou het voordeel hebben, dat het aanzien van de J a a r m a r k t telken jare zou kunnen w o r d e n veranderd, doch zou tevens het nadeelige gevolg m e t zich brengen van een zeer belangrijk jaarlijksch verlies ; de Passer G a m b i r te Batavia b.v. offert 28 t o t 35 m i l l e op, door het telkens weer geheel afbreken en o p r u i m e n der gebouwen na afloop der t e n t o o n s t e l l i n g . Ten s l o t t e , w e r d v o o r n a m e l i j k u i t economische overweging, besloten, o m de hoofd- en zij-ingangen, de restaurants, de dancing benevens de g r o o t e hoekstands en de m u z i e k t e n t e n in djatihout-constructie op t e t r e k k e n , t e r w i j l het geraamte der exploitatieloodsen in i j z e r w e r k w e r d uitgevoerd en voor de wanden en dakbedekking v o o r l o o p i g t i j d e l i j k materiaal zou w o r d e n

benut.

H e t f r o n t m e t een breedte van 210 m naar de stad gekeerd, m e t in het midden de hoofdingang en t e r weerszijden de uitgangen. H e t geheele f r o n t kreeg een m o n u m e n t a a l aanzien door de o p r i c h t i n g van pylonen, in den v o r m van een gestyleerden voorsteven van een schip, d i t naar aanleiding van het f e i t , dat Soerabaia de voornaamste handels- en tevens marinehaven van Ned. Indië is. D i t schipmotief v i n d t men in den geheelen opzet der Jaarm a r k t , voor zooverre in hout uitgevoerd, v e r w e r k t . Als men het t e r r e i n betreedt, door den hoofdingang, staat men voor een g r o o t e n en breeden weg, die het geheel in tweeën verdeelt, t e r w i j l in het midden van dien weg het C o m i t é - of hoofdgebouw zich verheft. D i t gebouw, hooger gelegen dan de andere vaste opstallen, v o r m t het c e n t r u m , van w a a r u i t vier breede wegen loopen, waaraan de groepen stands zijn gebouwd. H e t m i d d e n t e r r e i n w o r d t o m z o o m d door kleinere randstands, waarvan de eentonigheid gebroken w o r d t , d o o r d a t tusschen deze stands tooneeltenten zijn gebouwd, in Menangkabouwschen s t i j l . In a a n m e r k i n g genomen den k o r t e n t i j d van v o o r b e r e i d i n g en het samenvallen van deze 9e Soerabaiasche J a a r m a r k t m e t de Jaarbeurs te Bandoeng, kunnen de resultaten van de eerste op het nieuwe t e r r e i n gehouden J a a r m a r k t zeer zeker gunstig genoemd w o r d e n . 192.216 betalende bezoekers brachten aan entreegelden f 93.325,25 binnen, t e r w i j l bij de in 1915 gehouden 8e J a a r m a r k t de entreegelden slechts f 23.064,76

bedroegen.

De Kampong Pertoekangan zal steeds een belangrijk deel van de J a a r m a r k t u i t m a k e n .

259


De Weensche dameskapel op de 3e Jaarmarkt in 1907. Het was er — volgens oud-Soerabalanen — wat gezellig, als die juffers van de blauwe Donau streken, of je het hart weer jong maakten met een „Sourire d ' a v r i l " .

Pogingen o m toekangs

van

werkelijk

interessante

bewegen hun dessa's t e verlaten o m op de J a a r m a r k t

Inlandsche

Nijverheid

en Kunstnijverheid

te

demonstraties van hun arbeid t e geven, eischen

veel geduld en t i j d . De afdeeling Pertoekangan van de 9e J a a r m a r k t

werd

druk

bezocht,

nl. door

circa

24.000

personen. G r o o t e steun w e r d ondervonden, d o o r d a t bij besluit van den D i r e c t e u r van Onderwijs en Eeredienst van 28 A p r i l 1923 N o . 19275 V aan de Vereeniging w e r d vergund een goederenloterij t e houden t o t een bedrag van f 100.000.— Een dergelijke goederenloterij is d a a r o m

van zooveel belang, o m d a t

de prijzen w o r d e n

aange-

kocht bij de aspirant-deelnemers aan de J a a r m a r k t , die daardoor t e g e m o e t g e k o m e n w o r d e n in

hun

expositie-kosten. De lOe J a a r m a r k t 1924 w e r d t w e e maanden later in het jaar gehouden, n.l. van 27 September t o t 12 O c t o b e r 1924, zulks in verband m e t tentoonstellingen in andere plaatsen en m e t het einde van den m a a l t i j d der suikerfabrieken. O p deze lOe J a a r m a r k t werden v o o r het eerst de inzendingen naar haar aard in verschillende afdeelingen ondergebracht en aldus onderscheiden in Technische Afdeeling, I m p o r t , Detailhandel, Buitenlandsche deelname en Inheemsche Industrieën. Deze indeeling is op de volgende J a a r m a r k t e n , dank zij haar practischen aard, v r i j w e l ongewijzigd gebleven. V e r m e l d d i e n t nog t e w o r d e n , dat door verschillende maatschappijen reducties van 15% t o t

50%

op vracht en passage w o r d e n toegestaan voor personen, die op de J a a r m a r k t exposeeren. O o k bij deze J a a r m a r k t was een goederenloterij toegestaan, en wel t o t een bedrag van f 200.000.—, waarvan de hoofdprijs bestond u i t een b r i l l a n t e n c o l l i e r t e r waarde van f 4 0 . 0 0 0 . — . Vanzelfsprekend w e r d op de verschillende j a a r m a r k t e n er ook voor gezorgd, dat voldoende a t t r a c t i e s en vermakelijkheden aanwezig w a r e n , t e n einde zooveel mogelijk publiek t e t r e k k e n ; doch de v e r m a k e l i j k heden blijven slechts m i d d e l , o m het doel t e bereiken. De Soerabaiasche J a a r m a r k t is in de eerste plaats reclame-instituut. N u bestaan er verschillende manieren o m reclame t e m a k e n , doch geen enkele s o o r t reclame heeft z u l k een n u t t i g effect, als die van directe aanraking tusschen kooper en a r t i k e l . Bij de Me J a a r m a r k t , dus de derde gereorganiseerde, w e r d gehouden van 26 September t o t en m e t I I O c t o b e r 1925. Reclame, die op doeltreffende wijze l i e t beoordeelen, hoe de a r t i k e l e n w a r e n , of die d o o r oorspronkelijkheid de aandacht t r o k en boeide, w e r d nog te veel gemist.

260


Men, kon evenwel tevreden zijn m e t het succes, blijkende u i t het f e i t , dat op het m i d d e n t e r r e i n alleen w e r d deelgenomen d o o r : a. 29 Technische Z a k e n ; b. 19 I m p o r t z a k e n ; c. 36 D e t a i l z a k e n ; d . 12 Diversen en e. 7 Inheemsche Industrieelen, t o t a a l dus 103 deelnemers. V e r d e r werden 15 kiosken ingericht, m e t een t o t a l e oppervlakte van 283 m - . V o o r d i e n s t r u i m t e , secretariaat en kassiers, werden 9 randstands in gebruik genomen, t e r w i j l h e t zoogenaamde comité-gebouw, in h e t midden van het t e r r e i n , w e r d v e r h u u r d . V a n de overschietende randstands werden er 109 v e r h u u r d . H e t financieel succes voor de S.J.V. w e r d nog verhoogd, d o o r d a t w e d e r o m een goederenloterij w e r d toegestaan van f 200.000. O o k de Kampong Pertoekangan, waarvoor t e r v e r k r i j g i n g van een meer intensieve behartiging der belangen een permanente commissie was ingesteld, bleek w e d e r o m een succes. Tijdens deze J a a r m a r k t werden verder gehouden een hondententoonstelling en een p l u i m v e e t e n t o o n stelling, t e r w i j l als e i n d a t t r a c t i e een „ k a r a p a n sapi" (Madoereesche stierenrennen) w e r d georganiseerd. Ten opzichte van de verhouding t o t de zustervereenigingen op Java kan worden medegedeeld, d a t daarmede besprekingen plaats vonden, teneinde langzamerhand t e komen t o t een s o o r t van keten van jaarm a r k t e n en tentoonstellingen, waardoor het voor buitenlandsche exposanten, vooral voor de Nederlandsche f a b r i k a n t e n , m e t niet al t e hooge kosten mogelijk zou w o r d e n o m het voornaamste deel van Java t e bewerken. Die

mogelijkheid bestond reeds gedeeltelijk d o o r d a t Bandoeng expositiegelegenheid gaf van eind

Juni t o t begin Juli, Batavia m e t zijn Pasar G a m b i r van eind Augustus t o t begin September, de Soerabaiasche J a a r m a r k t van eind September t o t begin O c t o b e r . Met het houden van een Semarangsche J a a r m a r k t van eind Juli t o t begin Augustus, zou dan een keten t e v o r m e n zijn, welke voor Nederlandsche exposanten buitengewoon veel waarde moest hebben. Bij de organisatie van het bovenstaande w e r d uitgegaan van de gevestigde meening, dat reclame t e r v e r k r i j g i n g van buitenlandsche deelneming in het algemeen niet aan t e bevelen was, daar de kosten daarvan n i m m e r behoorlijk gedekt zouden kunnen w o r d e n .

vms:

^rwi'^^%^ •s^tf^r^^^^^p*' - »

Een luchtfoto van het tegenwoordige

Jaarmarktterrein

op Ketabang met het daarnaast gelegen sportveld.


*Mê^*

m **•• • -

^gHiw De

hoofdpoort

bij

avond

in

feesttooi. Als de honderden l a m pions in de hooge t j e m a r a ' s zijn ontstoken en de stralenbundels van de zoeklichten over de stad z w a a i e n , d a n biedt de J a a r m a r k t met

„stands"

en v e r m a k e l i j k -

heden z w i e r i g e gezelligheid aan d u i z e n d e n S o e r a b a l a n e n van alle landaarden.

Daar echter onder den drang der omstandigheden verschillende Hollandsche ondernemingen zich een plaatsj'e t r a c h t e n t e veroveren onder de van ouds g e r e n o m m e e r d e hier op Java, w e r d behoefte gevoeld aan gelegenheid o m in Nederlandsch-Indië reclame t e m a k e n , doch vooral ook aan behoorlijke v o o r l i c h t i n g , alvorens daaraan t e beginnen. Met het hiervoren v e r m e l d e v o o r oogen w e r d aan de v o o r b e r e i d i n g van de 12e J a a r m a r k t , t e houden van 25 September t o t en m e t 10 O c t o b e r 1926, begonnen. H i e r b i j deden zich reeds spoedig g r o o t e moeilijkheden gevoelen, waarvan de tegenslag bij het o r g a n i seeren der jaarlijksche goederenloterij wel de voornaamste was. Eenschrijven van den D i r e c t e u r van Justitie, dd.7 Januari 1926 deelde mede, dat de jaarlijksche goeder e n l o t e r i j , waarop door de S.J.V. steeds was gerekend, voortaan niet meer of alleen op geheel andere voorwaarden zou w o r d e n toegestaan. Een audiëntie bij Z. E. den Gouverneur-Generaal, Mr. D. Fock, verleend aan eenige afgevaardigden der Vereeniging, waarbij de g r o o t e wenschelijkheid w e r d betoogd van het behoud van de goederenloterij der S.J.V. in haar oorspronkelijken v o r m , m o c h t geen effect sorteeren. Bij die bespreking w e r d gewezen op den financieelen toestand der Vereeniging, de wenschelijkheid o m binnen afzienbaren t i j d alle schulden, der Vereeniging bij den opzet der eerste gereorganiseerde J a a r m a r k t

in 1923 opgelegd, af te lossen

en op

de statuaire bepaling

inzake het

afstaan

van een belangrijk deel der overschotgelden aan vereenigingen, welke zich bewegen op het gebied der liefdadigheid. Daartegenover stelde echter de Landvoogd de wenschelijkheid van de g r o o t e jaarlijksche g e l d l o t e r i j e n , w a a r d o o r f e i t e l i j k een einde w e r d gemaakt aan de eenigszins belangrijke g o e d e r e n l o t e r i j . Z . E. stelde echter de mogelijkheid in u i t z i c h t , dat der S.J.V., wanneer noodig, van Regeeringswege steun zou kunnen w o r d e n verleend door m i d d e l van een aandeel in een der g r o o t e

geldloterijen,

wanneer althans de Gemeente Soerabaia blijk zou geven, prijs te stellen op het voortbestaan

der

Jaarmarkt. D i t laatste geschiedde, d o o r d a t de Gemeente een subsidie v e r s t r e k t e van f 10.000.—, v o o r l o o p i g alleen voor het jaar 1926, t e r w i j l bij wijze van overgangsmaatregel d o o r de Regeering t o e s t e m m i n g verleend werd

voor

een

goederenloterij

daarbij uitgesloten

262

was.

groot

f 50.000.— , doch

op v o o r w a a r d e , dat het

maken van

winst


H e t financieele voordeel was hiermede vervallen en singen aan c r e d i t e u r e n en kunnen

daardoor

was t e v o o r z i e n , dat de aflos-

obligatiehouders v o o r t a a n wel niet in het overeengekomen

tempo

zou

geschieden.

Echter ook l i c h t p u n t e n w a r e n t e v e r m e l d e n , bij de v o o r b e r e i d i n g van deze 12e J a a r m a r k t , en w e l , dat, ondanks het f e i t , dat d o o r de S.J.V. op geenerlei wijze reclame in het buitenland was gemaakt, steeds meer verzoeken binnenkwamen van buitenlandsche handelszaken o m inlichtingen betreffende de J a a r m a r k t , t e r w i j l als eerste gevolg van deze buitenlandsche belangstelling een officieele Japansche afdeeling op deze J a a r m a r k t w e r d ingericht. Een goed geleide acquisitie-campagne had t o t resultaat, dat 294 stands werden v e r h u u r d aan 152 deelnemers, benevens 17 g r o o t e r e en kleinere kiosken. De t o t a l e verhuur beliep r u i m f 64.000.—, w a t hoopvol stemde voor de t o e k o m s t . Dat men m e t exposeeren op de Soerabaiasche J a a r m a r k t succes heeft, b l i j k t lijk d a a r u i t , dat

de meeste

nieuwe deelnemers

exposanten t e l k e n jare t e r u g k e e r e n , t e r w i j l men

ook

ook

wel

duide-

elk jaar

enkele

opmerkt.

H e t bezoekersaantal was voor deze J a a r m a r k t m i n d e r dan het voorgaande jaar en d i t m o e t in de eerste plaats geweten w o r d e n aan bomaanslagen op Zaterdag 2 O c t o b e r ' 2 6 in de Dancing, waarbij gelukkig slechts enkele personen onbeduidend gewond w e r d e n , doch welke vanzelfsprekend nadeeligen invloed u i t oefenden op het bezoek van de daarop volgende dagen. In

den

plaats, doch van Java

Kampong deze

en

Pertoekangan

afdeeling

Madoera,

werd

de

belangrijke

tentoonstelling

Javaansche

en

in dat

het

van

bronzen

niet

de

van

Java

„Java-Instituut",

interieurkunst,

prauwmodellen,

jaar

medewerking

Zelfbestuurders van

Madoereesche

wapensmeedkunst,

had door

gewone

en

vele

en

voorwerpen

het

Inlandsche ingericht

houtsnijwerk,

weefkunst, uit

en

particulieren

omvattende

batik-

Nijverheidstentoonstelling

Europeesche

goud-

Bestuur tot

onderdeelen

en

een der

zilversmeedkunst,

H i n d o e t i j d p e r k , m o d e r n Javaansch

k o p e r w e r k , enz. V e r d e r vond w e d e r o m een d r u k bezochte hondententoonstelling plaats, t e r w i j l de p l u i m v e e t e n t o o n stelling achterwege moest blijven tengevolge van het heerschen van een ernstig ziekte onder de gevederde huisdieren. Ondanks overschot niging

van

alle

opgesomde

ruim

f

32.000.—

remmende

factoren

bogen, wat

wel

kon op

de

de

12de

Jaarmarkt

levensvatbaarheid

toch der

nog

een

wijst.

^ """"'_V.

S^^^^^^^^^B M \aMHaraiKw«iJI^HE^M.<i

lÜ"-^ N o g een avondfoto van een deel van het u i t g e s t r e k t e J a a r m a r k t terrein:

op

Jaarmarktveree-

het vroegere

secreta-

riaatsgebouw, thans r e s t a u r a n t , in het c e n t r u m van de g r o o t e middenallee.

PWW" —-

v'-^ï^ ^t^

^-

'


De verlichte sierlijke toegangspoort t o t den Kampong Pertoekangan, waarin de Inheemsche nijverheid ieder jaar haar voortbrengselen exposeert.

De 13e J a a r m a r k t , gehouden van 24 September t o t een dergelijk

en m e t 9 October

succes op en zulks ondanks het f e i t , dat aan de eigenlijke

1927,

leverde eveneens

voorbereiding

eerst

vrij

laat begonnen w e r d . Gebleken was namelijk in den loop van 1926, dat de

Chineezen, o m d a t de w i n s t e n , bestemd

die bij de instelling van de gereorganiseerde

voor

een zeker gevoel van onbehagen bestond bij

uitkeering

aan

liefdadigheidsvereenigingen,

Jaarmarktvereeniging

in

1923

in v o o r u i t z i c h t

zooals waren

gesteld, maar steeds uitbleven en nog jaren — n.l. t o t d a t aan alle verplichtingen zou zijn voldaan — zouden

uitblijven.

W e l i s w a a r w e r d jaarlijks u i t de kas der Vereeniging een bedrag van f 5 . 0 0 0 . — t e r beschikking gesteld t e r verdeeling onder liefdadigheid uitoefenende vereenigingen, maar d i t was veel te weinig, o m aan

de

behoeften van die vereenigingen te kunnen voldoen. Een bespreking m e t afgevaardigden van de verschillende Chineesche vereenigingen leidde er t o e , dat voortaan 4 0 ' „ der netto-overschotten van de J a a r m a r k t e n , na aftrek van f 40.000.— w e r k k a p i t a a l , t e n bate zou k o m e n van de bedoelde liefdadigheidsvereenigingen en 60",, voor aflossing van de c r e d i t e u r e n en obligatiehouders der Jaarmarktvereeniging zou dienen. Tevens w e r d besloten, dat jaarlijks door de plaatselijke Chineesche vereenigingen vier leden voor het hoofdbestuur der S.J.V. zouden w o r d e n aangewezen, waarvan twee zouden w o r d e n gekozen o m z i t t i n g te nemen in het dagelijksch bestuur. Nadat c r e d i t e u r e n en obligatiehouders in een daartoe belegde vergadering m e t het dagelijksch bestuur hun i n s t e m m i n g m e t een en ander hadden betuigd en een daarop volgende vergadering van het bestuur der S.J.V. deze maatregelen had goedgekeurd, kon eindelijk m e t k r a c h t aan de

hoofd-

voorbereiding

der 13e J a a r m a r k t w o r d e n begonnen. Een goederenloterij w e r d noode gemist en steun van Regeeringswege bleef u i t , ondanks het f e i t , dat de Gemeente Soerabaia de S.J.V. m e t f 10.000.— subsidieerde en daarmede zeer duidelijk te kennen gaf, „ p r i j s t e stellen op het voortbestaan der J a a r m a r k t " . De Vereeniging was dus, behalve op bovenvermelden steun der Gemeente op eigen krachten aangewezen, doch deze bleken gelukkig voldoende te zijn, o m weer haar

264

levensvatbaarheid aan t e t o o n e n .


O o k de 14e J a a r m a r k t van 22 September t o t en m e t 7 October

1928 verliep v l o t en succesvol.

Genoot de 13e J a a r m a r k t de eer van een bezoek van Zijne Hoogheid den Soesoehoenan van Solo, het daarop volgende jaar t o o n d e de Zelfbestuurder van D j o k j a k a r t a , Z. H. Hamengkoe Boewono, zijn belangstelling in het streven der S.J.V. Dat de bezoeken dezer beide vorsten m e t hun gevolg werden gewaardeerd, behoeft geen betoog. De financieele resultaten van deze beide j a a r m a r k t e n waren zoodanig, dat de S.J.V. aan al haar v e r p l i c h t i n g e n kon voldoen en dat aan liefdadigheidsvereenigingen na de J a a r m a r k t in 1927 een

bedrag

van f 12.442,36 en na die in 1928 zelfs f 15.630,70 kon worden afgestaan. De 15e J a a r m a r k t in 1929 leverde als resultaat een m i n d e r

bedrag aan huur op dan het daaraan

voorafgaande jaar, welk verschil van r u i m f 4.0C0 evenwel aan de belangrijkheid van de J a a r m a r k t als zoodanig

blijkbaar

niets afdeed, aangezien

het aantal bezoekers m e t bijna 50.000 steeg, hetgeen een

v e r m e e r d e r i n g van ontvangsten tengevolge had van r u i m f 12.000. O o k de zoogenaamde Kampong Pertoekangan deelde in dien vooruitgang, t e r w i j l de verkoop in deze Nijverheidsafdeeling tijdens de 16 dagen dezer J a a r m a r k t steeg t o t een bedrag van

ruim

f 29.000 of

ongeveer f 7.000 meer dan het vorige jaar. H e t g r o o t e succes van deze J a a r m a r k t w e r d evenwel w a t het financieele gedeelte b e t r e f t , g e t e m p e r d d o o r het f e i t , dat in d i t jaar belangrijke bedragen

moesten w o r d e n opgeofferd voor zeer noodzakelijke

herstellingen en verbeteringen, zooals het opvijzelen en te lood zetten van bijna alle in hout o p g e t r o k k e n t o r e n l i c h a m e n , aanbrengen van nieuwe fundeeringen, vernieuwing van de bamboe komedieloods e t c , t e r w i j l op herhaaldelijk aandringen der standhouders in d i t jaar een oppervlakte van Âą 550 m ' t r o t t o i r w e r d aangelegd langs de stands, gelegen aan de hoofdallee m e t de bedoeling, elk volgend jaar door t e gaan m e t p a r t i e e l e v o o r z i e n i n g in d i t opzicht. V e r d e r moesten in den loop van d i t jaar, m e t het oog op de bedrijfszekerheid, de electrische grondkabels v e r z w a a r d , het geheele bovengrondsche net nagezien en degelijk verbeterd worden in verband m e t de j u i s t gestelde nieuwe eischen van den dienst van W a t e r k r a c h t en E l e c t r i c i t e i t .

Een zeer gevoelig verlies t r o f de vereeniging door het aftreden van haar v o o r z i t t e r , den heer Ir. G.J. D i j k e r m a n , Burgemeester van Soerabaia, wiens zetel in het Jaarmarktbestuur w e r d ingenomen door den Resident t . b . J. F. V e r h o o g . De heer D i j k e r m a n koesterde het voornemen voor goed naar Europa t e r u g t e keer e n , doch d i t laatste heeft niet zoo mogen zijn, want op den 28sten Januari 1929 bracht het bericht van zijn

De

voormalige

g r o o t e dancing

op

het

a c h t e r t e r r e i n van de J a a r m a r k t , ingericht als

â&#x20AC;&#x17E;Japanese

(Foto

cherryblossom - g a r d e n " .

Furukawa.)


overlijden diepe o n t r o e r i n g in de harten van de leden der S.J.V., van welke vereeniging hij gedurende jaren het v o o r z i t t e r s c h a p bekleed had. Als h e r o p r i c h t e r en v o o r z i t t e r van de Soerabaiasche J a a r m a r k t v^as Ir. Dijkerm a n de m a n , die w i s t , v o o r u i t z a g , leidde en bezielde. De S.J.V. h e r d e n k t hem m e t zeer g r o o t e e r k e n t e l i j k h e i d . O o k de 15e J a a r m a r k t van 28 September t o t en m e t 12 O c t o b e r 1929 had een gunstig v e r l o o p en kenm e r k t e zich, zooals boven reeds w e r d medegedeeld, d o o r steeds groeiende belangstelling. Deze J a a r m a r k t genoot de eer van een bezoek van Z . H. Prajadhipok en H. M. Rambaidarni, Koning en Koningin van Siam, die m e t hun gevolg een reis over Java en Bali maakten en, t e Soerabaia vertoevende, eenige uren op het J a a r m a r k t t e r r e i n d o o r b r a c h t e n . A l het tentoongestelde w e r d m e t g r o o t e belangstelling in oogenschouw genomen, t e r w i j l verscheidene s t u k k e n , die e x t r a de aandacht van het hooge gezelschap t r o k ken, werden aangekocht en, hetzij als curiosa, hetzij als specimen onzer Nederlandsch-indische industrieĂŤn, hun weg vonden naar het Paleis t e Bangkok. H i e r o p volgde de 16e J a a r m a r k t in 1930, die in het teeken stond der malaise, welke zich reeds begin 1930 deed gevoelen. De verwachtingen van deze t e n t o o n s t e l l i n g waren in verband m e t de a b n o r m a l e tijdsomstandigheden niet erg hoog, doch, daar de heerschende opinie is, dat j u i s t in t i j d e n van depressie op alles en nog w a t bezuinigd b e h o o r t t e w o r d e n , behalve j u i s t op reclame, bleek, dat men in handelskringen

het n u t van

deelname aan de J a a r m a r k t wel inzag. H e t gevolg daarvan was, dat de technische afdeeling van de 16e J a a r m a r k t , die eerst op 26 September 1930 geopend zou w o r d e n , reeds begin A p r i l geheel v e r h u u r d was, t e r w i j l ongeveer vijf weken v o o r den aanvang dezer J a a r m a r k t geen enkele stand meer o n v e r h u u r d was. O o k de Kampong Pertoekangan was vol en meerdere aspirant-deelnemers moesten w o r d e n afgewezen, t e r w i j l aanvragen voor het huren van open grond en het plaatsen van reclameborden

binnenkwamen

t o t zelfs na de opening der J a a r m a r k t . W a s aldus de v e r h u u r v o o r deze J a a r m a r k t bijzonder voorspoedig geweest, gedurende de J a a r m a r k t zelve w e r d ook d o o r de S.J.V. de invloed der malaise gevoeld, hetgeen zich o.a. u i t t e door een v e r m i n d e r i n g van het aantal bezoekers m e t

50.000.

Toch waren de eindresultaten, dank zij een v o o r z i c h t i g en zuinig beheer, voldoende, o m aan alle verplichtingen t e kunnen voldoen, zoodat ook onder ongunstige omstandigheden de J a a r m a r k t haar levensvatbaarheid heeft bewezen.


NIEUW SOERABAIA

AFDEELING

5

HET VERKEERSWEZEN

HOOFDSTUK 1

DE NED. INDISCHE SPOORWEG MIJ

HOOFDSTUK

2

DE

HOOFDSTUK

3

HET

TAXIVERKEER

HOOFDSTUK

4

HET

AUTOBUSVERKEER

„E LECTR I S C H E"


I

0 D E NED.-IND. SPOORWEG MIJ. Het ontstaan van de lijn Soerabaia—Goendih. — De geschiedenis van deze lijn is nauw gekoppeld aan die der Solovallei-werken. — Uitbreiding van de lijn. — Opvoering van de treinsnelheid. — Uitbreiding van de werkingssfeer. — Vervoercijfers en tariefsmaatregelen. — Reizigersvervoer. — De N.I.S. in de spoorwegplannen van Soerabaia.

^ ^

poor „ L a m o n g a n " zoo d u i d t van oudsher

de inheemsche reiziger hier t e r

stede de Goendih —

Soerabaia-lijn aan, en deze populaire benaming zal haar oorsprong wel hebben in het f e i t , dat het vervoerstraject zich oorspronkelijk ook niet verder u i t s t r e k t e dan van Passer T o e r i e t o t Lamongan (41 k m ) . D i t oudste gedeelte van de later zoo belangrijk geworden N o o r d e l i j k e spoorverbinding tusschen Soerabaia en de W e s t e l i j k daarvan gelegen residenties w e r d op I A p r i l 1900 in e x p l o i t a t i e genomen. Enkele maanden later volgde de verlenging t o t Babat (21 k m ) , zoodat toen in t o t a a l een baanlengte van 69 k m voor het algemeen verkeer was opengesteld. Successievelijk, doch niet eerder dan Maart 1902, zijn aansluitende baangedeelten voor het reizigersen goederenvervoer geopend, t o t op den l e n Februari 1903 de geheele S t o o m t r a m Goendih —Soerabaia (229 k m ) m e t een z i j l i j n t j e Soemari—Grisee (14 k m ) in volledige e x p l o i t a t i e was (totaal 243 k m ) . Te Goendih w e r d aansluiting gegeven op de t r e i n e n van den breedspoorweg Semarang—Vorstenlanden (spoorwijdte 1.435 m). De t r a m l i j n zelf bezit de op Java als normaalspoor aangemerkte s p o o r w i j d t e van 1.067 m (die ook de S.S. bezit), zoodat te Goendih overstappen van reizigers en overlading van goederen noodzakelijk is. Bezat hiermede de streek, die t e n opzichte van andere oorden op Java zoolang van ijzeren wegen verstoken gebleven was, eindelijk haar vervoerslijn, een snelle reisgelegenheid w e r d er niet d o o r verkregen, en het zou nog vele jaren duren alvorens de voor deze t r a m toegelaten rijsnelheid van 30 k m per uur *) verhoogd w e r d . Bij een dergelijke lage treinsnelheid was de reis Soerabaia—Semarang zonder overnachting niet mogelijk. V o o r d e n lange-afstandsreiziger had de Goendih—Soerabaia-verbinding dan ook practisch geen waarde. V o o r het goederenverkeer

was het spoorwegcontact tusschen

de twee g r o o t e

kuststeden

wel

De N.I.S.-tram in het toenmalige stadium was echter in de eerste plaats van locale beteekenis.

Met

van belang. den aanleg ervan w e r d beoogd de benedenvlakte van Java's grootste r i v i e r (Solo-rivier of Kali

Benga-

wan) t o t meerdere w e l v a a r t te brengen. De concessie voor een t r a m v e r b i n d i n g Soerabaia—Goendih w e r d verleend in het jaar 1896, in den t i j d , dat de u i t v o e r i n g der kostbare Solovallei-werken r u i m e perspectieven bood. De door de Solovallei-werken te bevloeien oppervlakte zou in t o t a a l 223.000 bouw beslaan, waarvan 7 1 . 6 0 0 bouw in het Rembangsche en 151.000 bouw in de Residentie Soerabaia w a r e n gelegen. D o o r het grootsche plan zouden voordeelen te bereiken zijn, welke op een stijging van 8 6 % der i n k o m s t e n van de in de streek gevestigde Inlandsche bevolking werden geschat. Men achtte t o e n t e r t i j d , dat de gronden van de Solovallei in vruchtbaarheid niet behoefden onder t e doen voor die van de welvarende en d i c h t b e v o l k t e Brantasdelta (Sidoardjo), en de verwachting bestond, dat

eerstgenoemd

gebied, zoo d i t gebracht w e r d

in een toestand van geregelde

w a t e r i n g , een der meest productieve streken van Java zou kunnen w o r d e n ,

bevloeiing en

af-

en wel in het bijzonder

ten aanzien van de r i j s t c u l t u u r . *)

268

Van 1900- 1905 was deze snelheid slechts 25

km per

uur volgens het Algemeen Tramwegreglement van 1893.


Spoorwegen m Oostelijk-Java. Schaal t.z.ooa.oao. J a V

ee Jjahrogo

llerak Oerak _ \f1gii/on

proemboe»

Lamongaa ^ nedoeng Djal-he .

,

rorakan y^onoiobo

^

Wilicml

^ ^ \

\Qoettdih

Bod/onegon

r^ y

OSa/ahga

TSel-jong

\Hagelang Bq/ö/a/i

Ojocja

In d i t verband heeft de gedachte destijds voorgezeten, dat de streek door den aanleg der Solovalleiw e r k e n voldoende rendeerend zou kunnen worden o m op bevredigende wijze een spoorweg te voeden. A a n den anderen kant heeft men de nadeelen van de aanwezigheid van een grootendeels aan den spoorweg evenwijdig loopende en over het algemeen goed bevaarbare r i v i e r ook reeds vroeg beseft, w a n t v o o r m a l i g e concessieaanvragers (die de concessie niet toegewezen kregen) hadden de u i t v o e r i n g hunner voornemens afhankelijk gesteld van de i n w i l l i g i n g van hun verzoek, dat de Regeering gedurende 20 jaar het verkeer m e t h o u t v l o t t e n en goederenprauwen op de Solorivier zou verbieden. De

geraamde

kosten

der

Solovalleiwerken

volgens

het

voorloopige

plan

in

1893

hebben

f 19.000.000.— bedragen, doch niet lang na den aanvang der werken b e m e r k t e m e n , dat de r a m i n g veel te laag was. Een latere begrooting sloot op f 3 8 . 0 0 0 . 0 0 0 . — . De jaarlijksche uitgave van 3 a 4 m i l l i o e n gulden ten

behoeve van den bouw w e r d al spoedig

als een bezwaar voor de Nederlandsche koloniale financiën gevoeld en het gevolg was, dat er in 1897 begonnen w e r d een m i l l i o e n per jaar te bezuinigen. Er was reeds f 10.5 m i l l i o e n v e r w e r k t , t e r w i j l van de onderscheidene werken nog niets als volt o o i d kon w o r d e n beschouwd. Nog voor de opening van de Goendih —Soerabaialijn w e r d de u i t v o e r i n g van het op last

Solovallei-plan

van Zijne Excellentie, den Minister van Koloniën geschorst (1898), o m d a t het zich liet aan-

zien, dat v o o r t w e r k e n d e , de aanvankelijk noodig geraamde kosten van f 19.000.000.—

belangrijk

zou-

den worden overschreden en o m d a t er intusschen t w i j f e l was gerezen o m t r e n t het nut, de doelmatigheid en de economische resultaten van een belangrijk

onderdeel

der

ontworpen

werken.

Latere onderzoekingen naar de wenschelijkheid de vroegere werken te hervatten, dan wel

op

andere wijze in de bevloeiing te voorzien, hebben geleid t o t het toepassen van den bouw van wadoeks


I

LINKS:

RECHTS:

Een g r o o t e knaap en een kleine van t e m p o - d o e l o e . De kleine locomotief w e r d in 1873 op de lijn Batavia—Buitenzorg tusschen Babat en T o e b a n .

in dienst gesteld en rijdt nu nog dagelijks

O u d en nieuw m a t e r i e e l . De nieuwe 17 tons goederenwagen, geheel van ijzer en staal gebouwd, is het nieuwste op d i t gebied. De r e m m e r is beschut tegen w e e r en w i n d .

( k u n s t m a t i g e water-reservoirs). Z o o oppervlakte

van 6.000

bouw

is in 1918 de wadoek Pridjetan t o t stand gekomen, welke

van w a t e r

voorziet

(Zuidelijk

van Babat)

en in

1923, na

een

voltooiing

der d i s t r i b u t i e w e r k e n , in volle e x p l o i t a t i e w e r d gesteld. Daarna heeft

men de wadoek in de Patjal-vallei gebouwd, welke ongeveer f 3.000.000.—

gekost

heeft en die 20.000 bouw bevloeit ( Z u i d e l i j k van Bodjonegoro), t e r w i j l nog op het p r o g r a m m a staat de u i t v o e r i n g van den bouw

van de wadoek Gondang ( Z u i d e l i j k tusschen Babat

en

Lamongan)

met

een bevloeiing van 20.000 bouw en die van de wadoek Kertjo-Tjawak-Lamong (ten Zuiden van Lamongan) m e t een bevloeiingsoppervlakte van 4 0 . 0 0 0 bouw. De opening van andere lijngedeelten had eerst vele jaren later plaats. Door den tegenvaller in verband m e t de schorsing van de Solovallei-werken gaven de omstandigheden u i t e r a a r d weinig aanleiding t o t het entameeren van nieuwe verbindingen, t e r w i j l verder de v e r t r a g i n g in de opening van aansluitende lijnen ook toegeschreven m o e t w o r d e n aan den invloed van den w e r e l d o o r l o g . N a een lange rustperiode in den bouw van nieuwe ijzeren wegen werden t e n s l o t t e de navolgende zijt a k k e n aan de Goendih-Soerabaialijn toegevoegd : Opening

op:

Van het lijngedeelte :

Lengte

I Mei

1919

Bodjonegoro—Djatiroto

49 k m

I Aug.

1920

Babat—Toeban Merakoerak

47 k m

3 Jan.

1924

Kandangan—Grisee

3 Jan.

1924

Semarang-Gambringan

Reeds in e x p l o i t a t i e T o t a l e lengte van de in e x p l o i t a t i e zijnde baanlengte

13 k m 60 k m 169 k m 243 k m 412 k m

Zooals u i t het bovenstaande t e constateeren v a l t , is het nog niet zoo lang geleden, dat een plaats als Toeban (belangrijk handelscentrum v o o r Inlandsche producten) u i t haar landelijk isolement verlost w e r d . Een reis van Toeban naar Soerabaia en t e r u g geleek t e voren een a v o n t u u r l i j k e onderneming. Ingezetenen van Toeban w e t e n nog levendig t e verhalen, hoe zij v o o r zoo'n uitstapje v e r p l i c h t w a r e n in het holst van den nacht reveille t e houden, o m daarna m e t het in die streek zoo bekende l i g k a r r e t j e (tjikar-veer of „ t j e n o e n o e k " *)

op het pad t e t i j g e n , Babat-waarts, alwaar zij den eersten t r e i n naar Soerabaia gereed

vonden staan. Eerst laat in den avond bracht hetzelfde vehikel hen na het „ p l e i z i e r r e i s j e " half-ziek thuis. De snelheid, w a a r m e d e de t r e i n e n zich op de Goendih—Soerabaialijn mochten bewegen, bedroeg eenige jaren 25 en daarna 30 k m per uur. W e r d d i t in het begin der e x p l o i t a t i e geen bezwaar geacht, op den duur t r a d de noodzaak t o t opvoering der snelheid naar voren. In de eerste plaats was h i e r v o o r noodig, dat de baan v e r s t e r k t w e r d . *)

270

H e t Javaansche w o o r d voor „ t r a a g " .


LINKS:

De brandstofvoorraad op het locomotiefdepot te Soerabaia-Passer Toerie (djati-brandhout V, m gekloofd). De locomotieven vyorden uitsluitend met hout gestookt.

RECHTS:

Massieve treinen vertrekken dagelijks van Soerabaia-Passer Toerie. Links de twee loodsen voor te verzenden, en te ontvangen goederen.

Bij besluit vanden D i r e c t e u r van Gouvernements-Bedrijven w e r d in December 1910 vergunning verleend o m de snelheid op te voeren t o t 40 k m , t e r w i j l in December 1911 vergunning t o t de snelheid van 45 k m volgde, t o e n de wijziging van het „ A l g e m e e n reglement op den aanleg en e x p l o i t a t i e van t r a m w e g e n m e t machinale beweegkracht, bestemd voor algemeen verkeer in Nederlandsch-Indië" (Staatsblad 1905) d i t t o e l i e t . In 1912 is de verhoogde rijsnelheid van 45 k m per uur op de Goendih-Soerabaialijn in toepassing gebracht. Ofschoon toen de reis Soerabaia—Semarang ook langs de N o o r d e l i j k e r o u t e mogelijk was, bleef de belangstelling van het publiek voor deze reisrichting nog zeer lang afwezig en prefereerde men de reis m e t de S.S. over Madioen. Eerst op I Mei 1928 sloeg de balans over in het voordeel van de N.i.S., toen in doorgaande t r e i n e n zonder overstappen 2 x daags in elke r i c h t i n g Soerabaia—Semarang of omgekeerd kon w o r d e n gereisd. W e l was op 3 Januari 1924 de lijn Semarang—Gambringan voor algemeen verkeer opengesteld, doch daar er niet sneller dan m e t 30 k m m o c h t worden gereden, had het geen zin den reisduur tusschen G a m bringan—Semarang t e verlengen m e t als eenig voordeel, dat onderweg niet behoefde t e w o r d e n overgestapt. De verrassing bestond h i e r i n , dat er door het Gouvernement wel vergunning was verleend t o t den aanleg van een zware baan voor g r o o t e r e snelheden, doch dat daarin nog geen t o e s t e m m i n g was opgesloten o m de snelheid van 45 k m in toepassing te brengen. De N.I.S. was derhalve v e r p l i c h t haar t r e i n e n m e t 30 k m per uur te doen vervoeren in afwachting van de t e verleenen vergunning. De v e r t r a g i n g in het t o t standkomen van de verbinding d o o r middel van doorgaande t r e i n e n tusschen Soerabaia—Semarang, welke dus duurde van 1924 t o t 1928, is hiermede toegelicht. Gaandeweg heeft de Goendih—Soerabaialijn, die in den aanvang een overwegend locaal k a r a k t e r droeg, zich geschaard onder de lijnen welke hun werkingssfeer verder u i t s t r e k k e n dan het eigen gebied, en zoo werden langzamerhand goederen van Soerabaia naar de Vorstenlanden v e r v o e r d . D i t was het begin van den concurrentie-strijd In

April

vervoers-

en

1926

werd

tusschen

S. S. en

m e t de S.S., welke vele jaren geduurd heeft.

N. I. S. het z.g. „ C o m p r o m i s "

vrachtverdeeling

grootste en zwaarste

w e r d vastgesteld, die aan de concurrentie een einde maakte.

te

outillage

van

noemd station niet de moeilijkheid

of v e r t r a g i n g . De

vervoeren

zijn, w o r d e n

te

den smal- naar den breedspoorwagen

evengeminste

machine-

Goendih snel en zorgvuldig van

Goendih

l e i d t , o n d e r v i n d t door de uitnemende

een

deelen, welke op een spoorwagen

H e t vervoer naar de V o r stenlanden, dat over

gesloten, waarbij

Oude en nieuwe waardigheidsteekenenvan den stationschef.

of

omgekeerd

getrans-

p o r t e e r d door middel van speciale hef-bokken.


a I d z

d z g LINKS:

De Kali Bengawan of Solo-rivier, die bij Tjepoe (gelegen op 140 k m van Soerabaia) nog goed bevaarbaar is en aldaar een b r e e d t e b e z i t van 152 m bij laag en 2 0 4 m bij hoog w a t e r . De spoorbrug bestaat uit 4 spanningen van elk 45 m .

RECHTS:

Tjenoenoek of l i g k a r r e t j e . spoor- en m o t o r v e r k e e r .

Het

vervoermiddel

voor langen afstand in het

Rembangsche

bij

afwezigheid

van

O o k naar de zijde van de B a b a t - D j o m b a n g - s t o o m t r a m had de N.I.S. haar invloed u i t g e b r e i d , hetgeen aanleiding is geweest, dat die lijn in 1916 d o o r het Gouvernement w e r d overgenomen. H e t rollend m a t e r i e e l dezer t r a m was ingevolge de overeenkomsten van 1903, 1909 en 1913 in het bezit gekomen van de N.I.S. en v e r h u u r d aan de B a b a t â&#x20AC;&#x201D; D j o m b a n g - t r a m . Bij de overname w e r d bedoeld m a t e r i e e l weder t e r beschikking van genoemde t r a m gesteld. H e t concurreerende r i v i e r t r a n s p o r t op de kali Solo heeft a l t i j d veel aandacht van de N.I.S. gevergd. In 1910 w e r d het noodzakelijk geacht o m tariefmaatregelen t e t r e f f e n , welke succes hadden en de g r o o t e vervoerders weder aan den ijzeren weg koppelden. In de jaren 1925 en 1926 waren er v o o r t d u r e n d pogingen gedaan o m het houtvervoer

langs de Solo-

r i v i e r te o n t w i k k e l e n . In het begin van 1927 had het afvlotten van hout belangrijke afmetingen aangenomen. Van Tjepoe werden door den Dienst van het Boschwezen omvangrijke h o u t v l o t t e n van 100 m^ (40 x 5 x ^ g) de r i v i e r afgezonden. Bij de sluis te Boengah (nabij Sidajoe) werden de v l o t t e n u i t elkaar gehaald en het hout m e t prauwen d o o r de kali Mireng (oude m o n d i n g der Solorivier) en over zee naar Tandjong-Perak en Kalimas g e t r a n s p o r t e e r d . Na onderhandeling m e t het Boschwezen w e r d een lager t a r i e f door de N.I.S. vastgesteld en kon de afvoer van het hout weder op de rail w o r d e n gebracht. H e t t r a n s p o r t van tabak u i t de bekende tabaksstreek Tjangaan, dat steeds per prauw naar Soerabaia plaats vond, kon in het begin van 1929 voor het eerst naar den t r e i n g e t r o k k e n w o r d e n in verband m e t de v e r b e t e r i n g van den landweg Tedjoâ&#x20AC;&#x201D;Tjangaan in aansluiting op den weg naar het station Soemberredjo. Deze wegherstelling is d o o r bijzondere omstandigheden geschied op kosten der Maatschappij en is als het w a r e t e vergelijken m e t den aanleg van een zijspoor in den v o r m van een verharden weg. In den loop der jaren zijn verschillende goedkoope tarieven ingevoerd voor het t r a n s p o r t van Inlandsche voedingsgewassen en producten. De concurrentie m e t het zeetransport tusschen Toeban en Soerabaia maakte het noodig, dat er een buitengewoon laag t a r i e f moest w o r d e n geheven v o o r : copra, gaplek, kapok, k a p o k p i t t e n , katjang, kedele, ma'is, rijst en suiker. Van de zijde van de vrachtauto w e r d nog geen noemenswaardige concurrentie ondervonden, hetgeen v o o r n a m e l i j k te danken is aan de reeds over het algemeen zeer b i l l i j k e r a i l t a r i e v e n , die gericht zijn tegen de actie der mededingende sappie-karren. H e t reizigersvervoer, dat v o o r t d u r e n d een jaariijksche stijging vertoonde was in de tweede helft van 1921 minderende, en is de volgende jaren geleidelijk blijven terugloopen, niettegenstaande diverse tariefsmaatregelen. De auto's en de autobussen waren op het t e r r e i n van den strijd verschenen en hebben zich sedert dien een blijvende plaats onder de v e r v o e r m i d d e l e n v e r o v e r d .

272

d h


In

de tweede helft van 1929 waren

symtomen

aanwezig, welke er op wezen, dat de teruggang zijn laagste punt b e r e i k t dat

de

had.

vervoersverdeeling

zich automatisch had malaise

Geacht

is

het

kon

tusschen

toen w o r d e n , spoor

ingesteld. Door

reizigersvervoer

de

toert

en

auto

ingetreden

toch

blijven

dalen. Te Soerabaia-Passer T o e r i e bestaat een bijzonder d r u k forensenverkeer

van

inheemsche

reizigers. Een

zestal „ v r o e g - t r e i n e n " bevatten g r o o t e aantallen passergangers, en naar den aard der aangevoerde passerwaren

De sneltrein langs de Noordelijke verbinding tusschen Soerabaia en Semarang.

zijn de populaire namen ontstaan van : gras-trein, toew a k - t r e i n , k i p p e n - t r e i n , enz. De d r u k t e bij aankomst m a a k t het noodig, dat deze t r e i n e n ontvangen w o r d e n in een omheinde r u i m t e of z.g. „ k o e r o e n g a n " , waarbij

poortcontröle wordt

toegepast.

De maatregel is noodzakelijk, niet alleen o m behoorlijk c o n t r o l e te kunnen

uitoefenen op de hoeveelheid

der

meegevoerde passerwaren (elke reiziger heeft een pikolanvracht v r i j ) , maar ook o m de plaatselijke koelies bij de aankomst van den t r e i n op een afstand te

kunnen

houden, daar anders de uitstappende passergangers t e veel last ondervinden van de hen opwachtende Madoereesche

„pakjesdragers",

die hun

diensten op i n t i m i -

deerende wijze opdringen, welk gedoe voor de r i n g van den

maatregel

vaak t o t

Olie-vervoer der B.P.M.

invoe-

vechtpartijen aan-

leiding gaf. N i e t zoodra is de t r e i n t o t

stilstand gebracht, of

iedereen haast zich naar de markt-wagens (speciale voertuigen ingericht voor

het t r a n s p o r t der

passerwaren),

en t r a c h t m e t den meesten spoed in het bezit te k o m e n van zijn goederen. Z i j n de manden aan den stok gehangen en heeft de passerganger zijn pikolan eenmaal op den schouder, dan kan hij ongestoord de „ k o e r o e n g a n " verlaten. H e t „ v a et v i e n t " van de massa's koelies, die er noodig zijn voor

het havenbedrijf en de

industrieele

ondernemingen, is mede een v o o r n a m e oorzaak van de

Dagelijksche intocht te Soerabaia-Passer Toerie van de palmwijnverkoopers uit Grisee met den „toewak-trein". De bezetting van de rijtuigen bestaat hoofdzakelijk uit toewak-verkoopers.

dagelijksche reizigersdrukte. Een interessante vergelijking leveren de volgende cijfers, w a a r u i t b l i j k t , dat het reizigersvervoer t e Soerabaia-PasserToerie

g r o o t e r is

dan

op de

drie

S.S.-

stations t e z a m e n : Totaal aantal reizigers

(in

„vertrek"-richting) :

Wonokromo, Soerabaia-Goebeng

Soerabaia-

Soerabaia-Kotta

Passer Toerie

1928

690.996

809.301

1929

698.330

750.349

De terreinen der houthandelaren rijen zich t o t lange straten op het emplacement te Soerabaia-Passer Toerie. Hier wordt het beste djatihout van lava verhandeld.


De oplossing van het vraagstuk der spoorverbindingen in en o m Soerabaia, dat in 1916 in het brandpunt der algemeene belangstelling stond, heeft voor de Goendih — Soerabaialijn geen bijzondere veranderingen gebracht. H e t bezit eener rechtstreeksche N.I.S.-verbinding m e t de haven heeft a l t i j d wel op het verlanglijstje van de Maatschappij gestaan, doch moest ook bij deze gelegenheid t o t de v r o m e wenschen blijven behooren. H e t eerste streven naar een rechtstreeksche zeeverbinding d a t e e r t u i t den t i j d der o p r i c h t i n g van de l i j n . H e t N.I.S.-jaarverslag van 1899 zegt h i e r o m t r e n t het volgende : „ D e pogingen, aangewend o m het stationsemplacement onzer Maatschappij t e Soerabaia op eenvoudige wijze m e t de Kali Mas en zoodoende m e t den w a t e r w e g naar de reede aldaar in verbinding t e b r e n gen, waren tevergeefsch . H e t stationsemplacement t e Soerabaia kan niet anders w o r d e n aangelegd, dan op eenigen afstand van den w a t e r w e g . Daar in de naaste t o e k o m s t een directe verbinding tusschen het vervoer per t r a m en het zeetransp o r t onmisbaar is v o o r de o n t w i k k e l i n g van het goederenverkeer langs den t r a m w e g , w e r d aan Zijne Excellentie den Gouverneur-Generaal van Nederiandsch-lndië vergunning gevraagd v o o r den aanleg en de exp l o i t a t i e van een zijtak Soemari —Grisee, lang ongeveer 15 k m , aansluitende t e Soemari op den S t o o m t r a m weg Goendih —Soerabaia". De verbinding S.S.—N.i.S. te Soerabaia bleef bij de u i t v o e r i n g der Soerabaiasche spoorwegplannen m e t een geringe verplaatsing van het aansluitingspunt op het overgangsstation Missigit-S.S. gehandhaafd. De bouw dezer nieuwe verbinding, welke van oudsher slechts bedoeld is als een doorvoerweg ten behoeve van het goederentransport, k w a m in 1926 t o t stand. In de Soerabaiasche spoorwegplannen is een oogenblik plaats geweest voor een verhoogd C e n t r a a l s t a t i o n „ S o e r a b a i a - H o o g " ongeveer in het verlengde van de Djoharlaan aan de overzijde der kali, waar S.S.en N.I.S.-reizigerstreinen

zouden samenkomen.

Daar aan deze oplossing geen u i t v o e r i n g w e r d gegeven, liggen de eindpunten van het reizigersverkeer m o m e n t e e ! nog t e Soerabaia-Kotta respectievelijk te Soerabaia-Passer T o e r i e m e t een tusschenafstand van ongeveer I k m . De uitwisseling van reizigers tusschen de beide stations biedt een gewilde verdienste aan het d o o r middel van dogcarts en taxi's bewerkstelligde plaatselijke vervoer. Na het u i t de t r e i n e n s t r o o m e n der reizigers is het een „ g e t a w a r " van belang tusschen passagiers en vervoerders. Te Passer T o e r i e k l i n k t het gewoonlijk „ P i g i Malang, t o e a n ! " en te Soerabaia-Kotta „ S p o o r Lamongan, mas !". En niet zoodra is de prijs van het r i t j e wederzijds geaccepteerd, of de wedloop naar het nevenstation n e e m t een aanvang. A a n de snelheid van het vehikel o n d e r k e n t men den volksaard van den koetsier. De „ v l i e g e n d e " karretjes bezitten ongetwijfeld een Madoerees als paardenmenner, v e r z o t als hij is op wedloopen, waaraan hij reeds als jongen placht mee te doen, zij het dan ook m e t een ploeg sappies als t r a c t i e . Van g r o o t voordeel mag het geacht w o r d e n , dat de afstand van het N.i.S.-emplacement t o t d e T a n d j o n g Perak-haven (station Kalimas-S.S.) slechts enkele k i l o m e t e r s bedraagt, als gevolg van het f e i t , dat de haven W e s t e l i j k van de r i v i e r m o n d i n g is gebouwd. De weg naar de andere zijde der Kali Mas leidt over het verdeelemplacement Sidotopo-S.S. naar het station Prins H e n d r i k . De kosten voor het vervoer van goederen tusschen N.I.S. eenerzijds en de beide S.S.-kuststations Kalimas en Prins H e n d r i k anderzijds zijn gelijk, zoodat er in d i t opzicht geen v o o r k e u r behoeft te bestaan bij de keuze van het punt van afscheep of i m p o r t van goederen. Dat zich de goederenbeweging zienderoogen naar de W e s t z i j d e van de Kali Mas verplaatst, is t o e t e schrijven aan het voordeel van den k o r t e r e n weg daarheen, doch in het bijzonder aan de mogelijkheid van de directe verplaatsing der goederen: schip —wagon De opstelling van dogcarts en auto's te Soerabaia-PasserToene, welke een snelle ontruiming van het stationsplein toelaat. of omgekeerd.


e

DE „ELECTRISCHE". De toename van het reizigersvervoer en de daardoor noodzakelijk geworden uitbreiding der t r e i n formatle van de stoomtram vormden een belemmering van het overige straatverkeer. — Plannen voor den aanleg van een electrisch tramnet. — De aankoop van Darmo. — Aanleg stoomtramlijn en W o n o kromo — Koepang —Stadstuin. — De openstelling op 2 Maart 1916. — De zijtak naar de haven in Augustus 1920 in bedrijf genomen. — De lijnen I, II, III en IV der „electrische" in 1923 in exploitatie genomen. — De baanaanleg. — Het woningpark op Sawaan. — Een nieuw tijdperk op verkeersgebied.

M.

leer dan t w i n t i g jaren geleden had het stadsverkeer t e Soerabaia reeds een zoodanigen omvang aan-

genomen, dat de bediening daarvan door de s t o o m t r a m geen bevrediging meer schonk. De nauwe straten hadden slechts aanleg van een enkelsporige baan m e t een gering aantal wisselsporen toegelaten, w a a r d o o r de dienstregeling als het ware aan banden was gelegd en de t r e i n e n l o o p niet boven een bepaalde frequentie kon w o r d e n opgevoerd. O o r s p r o n k e l i j k bestond hiertegen geen enkel bezwaar, doch toen het reizigersvervoer zich in den loop der jaren meer en meer o n t w i k k e l d had, deden zich g r o o t e moeilijkheden voor. D o o r d a t het aantal t r e i n e n niet kon worden v e r m e e r d e r d , moest, teneinde het reizigersvervoer zooveel mogelijk te beheerschen, u i t breiding worden gegeven aan de t r e i n f o r m a t i e . De u i t 5 a 6 (soms zelfs8) rijtuigen bestaande t r e i n e n veroorzaakten overlast aan de bewoners en b e l e m m e r i n g voor het overige straatverkeer, dat m e t de o n t w i k k e l i n g van het reizigersvervoer gelijken t r e d gehouden had. Bovendien liet de bediening van het reizigersvervoer, tengevolge van de geringe t r e i n f r e q u e n t i e (een halfuur-dienst) te wenschen over. U i t het verslag over het jaar 1911 b l i j k t , dat de stoomtram-maatschappij zich toen reeds geruimen t i j d had bezig gehouden m e t het vraagstuk, hoe in de verkeerstoestanden te Soerabaia v e r b e t e r i n g zou moeten w o r d e n gebracht. Aangezien de oplossing hiervan echter noodzakelijk verband moest houden m e t de beslissing, welke o m t r e n t de verbetering der haveninrichtingen zou worden genomen, kon eerst in genoemd jaar, nadat de onzekerheid, w a a r i n men op d i t gebied sedert 1898 had verkeerd, was opgeheven, t o t de u i t w e r k i n g van een plan t o t verbetering van het t r a m v e r k e e r w o r d e n overgegaan.

A. Terkuhie, die van 1912 tot 1933 werkzaam was als ingenieur bij de Zustermaatschappijen (Semarang-Joana.SemarangCheribon, Serajoedal- en Oost-Java Stoomtram Mij) en o.m. •- . • . ^ j u j^ I *«.. ^»» A^„ belast IS geweest met de voorbereiding en later met den aanleg der electrische lijnen te Soerabaia.

V o o r het stadsverkeer w e r d een electrische t r a m m e t dubbel spoor geacht het verkeersmiddel t e zijn, dat aan de eischen des tijds ten volle zou beantwoorden. H e t plan voor d i t stadsnet o m v a t t e de volgende lijnen : I. een lijn van W o n o k r o m o naar het W i l lemsplein via de Palmenlaan. „ ^^^ ,.. ^ ^ ^ Goebeng via Simpang, op . . . ^. • . „ • het k r u i s p u n t Simpang-hoek Palmenlaan, r r 6 a a n s l u i t e n d e op lijn I.

>


Het aspect van Simpang tijdens den baan-aanleg voor de „electrische". De rails zijn reeds gelegd, maar de straat is nog opengebroken. Werklieden r i j n bezig om de bovengrondsche telefoonleidingen onder den grond te werken. Rechts ziet men den leelijken blinden muur (later afgebroken) van de Automobiel Mij Verwey en Lugard. Op den achtergrond : de SimpangApotheek. W a t is het uiterlijk van dit stadsdeel thans enorm verbeterd !

I I I . een lijn, aansluitende op lijn I van Toendjoengan naar de w o o n w i j k IV.

Sawahan.

een lijn van het W i l l e m s p l e i n door de Heerenstraat, ongeveer t e r hoogte van den W e s t e r b u i t e n -

weg aansluitende op de hierna t e noemen o n t w o r p e n lijn naar het nieuwe havengebied, behoorende t o t het

stoomtramnet. Men meende v o o r t s , dat het belangrijke verkeer van de landstreek t e n Zuiden van W o n o k r o m o m e t

de stad Soerabaia — in hoofdzaak m a r k t v e r k e e r — niet door de stad zou moeten w o r d e n geleid en dat d i t verkeer het best door een s t o o m t r a m zou w o r d e n bediend. In

verband

bestaande

lijn

loopende,

door de

sluiten.

Bovendien

de Kalimas, hiervoor

hiermede

zou

werd

afbuigen

Regentstraat werd

een

een

lijn

langs

aan de

zijlijn

waarbij de bedoeling

genoemde

stoomtramlijn

en verder

bestaande

geprojecteerd

voorzat

ontworpen,

Koepang

daarop

en

Passer

stoomtramlijn naar ook

het

welke

te

Toerie, naar

Wonokromo

westelijk

den

om

Oedjoeng

nieuwe havengebied t e n

electrische

tractie

toe

te

van

de

de

stad

zou

aan-

Westen

van

passen (vgl. de

IV).

4 Mei 1911 w e r d concessie aangevraagd voor de geprojecteerde s t o o m t r a m l i j n e n en 6 N o v e m b e r d.a.v. v o o r het electrische stadsnet. De deling der

concessie

voor

de

electrische lijnen

stoomtramlijn zou

echter

werd

veel

worden teruggekomen. intusschen werden voor

den aanleg van

s t o o m t r a m l i j n e n en van het electrisch reeds voorbereidende

de

tramwegnet

maatregelen getroffen,

6

meer

meer

in het bijzonder t e r zake van de onteigening van de voor den t r a m a a n l e g benoodigde gronden.

De aanleg van wissels op het Willemsplein. Links, voor het voormalige gebouw van de „ I n t e r n a t i o " , staat een oude kantoorwagen, die men thans niet meer ziet. Rechts : de nieuwe centrale „ N o o r d " .

Januari tijd

1913

vorderen,

verleend;

de

concessiebehan-

waarop hieronder

nader

zal


Een van de eerste proefritten van de „electrische", waarvoor de jongensweezen werden uitgenoodigd. De beide t r a m wagens zijn feestelijk versierd

De vele

moeilijkheden, daarbij ondervonden, zijn voor

de Maatschappij aanleiding gev\^eest t o t

aankoop van het geheele p a r t i c u l i e r e land D a r m o , t e r g r o o t t e

van 2,8

m i l l i o e n m-. Deze aankoop

heeft den stoot gegeven t o t den aanleg van geheel nieuwe woonwijken in het meest Z u i d e l i j k der Gemeente. Door den ingenieur Maclaine Pont w e r d een uitnemend

deel

plan opgemaakt voor de bebou-

w i n g van bedoeld land en in aansluiting daarop w e r d een bouwplan gemaakt voor het land Koepang, dat gelegen was tusschen D a r m o en de t o e n t e r t i j d meest rond de

Zuidelijk

gelegen w o o n w i j k van

Soerabaia

Palmenlaan.

Sindsdien is v o o r t d u r e n d aan de v o l t o o i i n g van die plannen g e w e r k t , zoodat het grootste deel d i e r gronden thans reeds is bebouwd en een geheele nieuwe stadswijk is verrezen. Nadat de concessie van de s t o o m t r a m l i j n was verkregen (6 Jan. '13) w e r d overgegaan t o t den aanleg van de hoofdlijn

Wonokromo—Koepang—Stadstuin.

De t a l r i j k e onteigeningsmoeilijkheden, in het bijzonder daar waar de lijn de Chineesche begraafplaatsen moest doorsnijden, belemmerden echter in ernstige m a t e den voortgang van het w e r k , zoodat de lijn eerst den 2en Maart 1916 voor het verkeer kon worden opengesteld. Z i j heeft een lengte van 7,4 k m en is in dubbel spoor geheel op vrije baan aangelegd, opdat een zoo snel mogelijke bediening van het buitenverkeer zou worden verkregen. De aanleg ging gepaard m e t den aanleg van een r u i m ennplacement te W o n o k r o m o . In t o t a a l hebben de kosten rond een m i l l i o e n gulden bedragen. Daar in de meeste gevallen bij den aankoop der voor de t r a m b a a n benoodigde gronden de eisch gesteld w e r d , dat d o o r de Maatschappij langs de t r a m b a a n een weg voor gewoon verkeer zou w o r d e n aangelegd, k w a m m e t de t r a m l i j n buiten de stad o m tevens een groote verkeersweg tusschen W o n o k r o m o en het cent r u m der stad t o t stand, waardoor de nauwe stadswegen, zooals Toendjoengan, Gemblongan en Passer Besar, van het buitenverkeer ontlast werden, hetgeen u i t e r a a r d voor het stadsverkeer een groote v e r b e t e r i n g beteekende. De aanleg van den zijtak naar het nieuwe Havengebied ondervond nog meer s t r e m m i n g , voornamelijk als gevolg van de vertraging, welke de aanleg der havenwerken ondervond en verder als gevolg van het f e i t , dat de bouwplannen voor de t e r r e i n e n tusschen den Griseeschen weg en den Stadstuin, welke t e r r e i n e n door de nieuwe t r a m b a a n zouden worden doorsneden, niet d e f i n i t i e f konden vastgesteld. In verband m e t buitenweg gekozen.

dit

laatste w e r d voor de t r a m

een t i j d e l i j k

tracé

langs den

worden Wester-


De eerste „electrische" rijdt over Passer Besar. Links en rechts zijn de afsluithekken zichtbaar van den spoorovergang, die, toen de „hooge baan" nog niet was aangelegd, daar den straatweg kruiste.

Deze zijlijn w e r d in Augustus 1920 in bedrijf genomen. Aanvankelijk enkelsporig aangelegd, w e r d het bij de u i t v o e r i n g der electrificatieplannen tusschen den Griseeschen weg en Tandjong Perak verdubbeld o m een g r o o t e frequentie van den dienst m e t electrische t r a c t i e mogelijk te maken. De t o t a l e lengte van deze zijlijn bedraagt 5,6 k m , waarvan 4,2 k m dubbelsporig. De kosten van deze zijlijn hebben rond f 500.000 bedragen. W a t de electrische lijnen b e t r e f t , w e r d — zooals hiervoor reeds is medegedeeld —6 N o v e m b e r 1911 een concessieaanvrage ingediend. Met het o n t w e r p der concessievoorwaarden verklaarde de Gemeente zich 23 October 1912 te kunnen vereenigen. Toch zou de concessie nog geruimen t i j d op zich laten wachten, als gevolg van een hinderpaal van eigenaardig k a r a k t e r . De concessievoorwaarden waren n.l. gebaseerd op een K o n i n k l i j k Besluit (van 27 September 1910), waarbij de bevoegdheid t o t het verleenen van concessies voor t r a m w e g e n binnen het gebied eener gemeente aan den gemeenteraad w e r d toegekend. D i t Besluit w e r d afgekondigd, evenwel w e r d de d a t u m van i n w e r k i n g t r e d i n g niet bepaald, zoodat de gemeenten nog niet in de gelegenheid waren zoodanige concessies t e verleenen. O m redenen, welke hier buiten beschouwing kunnen blijven, was de Regeering niet voornemens een d a t u m van i n w e r k i n g t r e d i n g vast t e stellen en d a a r o m w e r d aan de concessie een zoodanigen v o r m gegeven, dat zij d o o r den Gouverneur-Generaal kon w o r d e n verleend d o o r u i t het oorspronkelijke o n t w e r p , dat bestemd was o m te dienen voor een door de Gemeente te verleenen concessie, de bepalingen t e v e r w i j d e r e n , welke een verbintenis behelsden tusschen de Gemeente en de stoomtram-maatschappij en deze bepalingen over te brengen naar een overeenkomst, bestemd o m tusschen de Gemeente en de stoomtram-maatschappij afzonderlijk te w o r d e n gesloten, tegelijk m e t het aanvaarden der concessie. De Gemeenteraad hechtte den I5en A p r i l 1914 aan deze overeenkomst zijn goedkeuring, waarna de concessie door den Gouverneur-Generaal bij Besluit van 25 N o v e m b e r 1915 w e r d verleend. Intusschen waren nog eenige wijzigingen in de overeenkomst noodig gebleken, zoodat deze eerst op 20 Februari 15 Maart 1917 w e r d geteekend ; de concessie w e r d den I9en N o v e m b e r d.a.v. aanvaard. De kaarten voor den aanleg van de electrische lijnen werden in dezelfde maand bij den Gemeenteraad ingediend. Sedert de indiening der concessieaanvrage was d o o r vorengenoemde omstandigheden g e r u i m e n t i j d verstreken en bij de b e t r o k k e n a u t o r i t e i t e n was ernstige t w i j f e l ontstaan o m t r e n t de doelmatigheid der in de concessie opgesomde lijnen. H e t vraagstuk w e r d d a a r o m op verzoek van den Gouverneur-Generaal ond e r w o r p e n aan het oordeel van den in 1918 op Java vertoevenden t r a m s p e c i a l i t e i t Van Eelde, die t e r z a k e

278


een advies u i t b r a c h t , dat d o o r de Gemeente en de Maatschappij w e r d aanvaard. H e t in de concessie omschreven lijnennet bleef daarbij onveranderd ; slechts de ingediende kaarten moesten w o r d e n o m g e w e r k t . Nadat d i t was geschied, werden zij 27 Augustus 1919 door de Gemeente goedgekeurd, waarna t o t bestelling der benoodigde materialen kon w o r d e n

overgegaan en de aanleg m e t kracht t e r

hand

kon w o r d e n genomen. W a r e n bijna 8 jaren noodig geweest o m de zaak op papier t e regelen, de aanleg zelve zou belangrijk k o r t e r e n t i j d in beslag nemen. Nadat de lijnen tusschen W o n o k r o m o en Palmenlaan gereed gekomen w a r e n , w e r d m e t ingang van I Juli 1922 vergunning verkregen o m t i j d e l i j k

van d i t

baanvak voor het s t o o m t r a m b e d r i j f gebruik t e

maken, zoodat vanaf genoemden d a t u m de lijn langs Groedo buiten gebruik kon w o r d e n gesteld. Den 15en Mei 1923 w e r d lijn f, loopende van W o n o k r o m o naar het

W i l l e m s p l e i n in e x p l o i t a t i e

genomen; daags daarna volgden lijn i l , het gedeelte tusschen de toen in aanbouw zijnde brug over de Soerabaia-rivier en de Palmenlaan, en lijn l i l , loopende van Toendjoengan naar Pesawahan. Lijn i V , loopende van het W i l l e m s p l e i n langs de iHeerenstraat, den Griseeschen weg en verder naar de haven Tandjong Perak, k w a m den I2en Juli d.a.v. in e x p l o i t a t i e . Na het gereedkomen van de brug bij Kajoon, waarvan de kosten door de Gemeente en de s t o o m t r a m maatschappij elk voor de helft gedragen werden, w e r d op 11 Februari 1924 ook het gedeelte van lijn l i op den rechteroever van de kali Mas in e x p l o i t a t i e genomen, zoodat op laatstgenoemden d a t u m het geconcedeerde net van electrische lijnen geheel in e x p l o i t a t i e was. De kosten van aanleg (met inbegrip van gebouwen en de w o n i n g w i j k te Sawahan) hebben 5 a 6 m i l l i o e n , die voor het rollend materiaal 1,2 m i l l i o e n gulden bedragen. Teneinde de dienst zoo v l o t mogelijk te doen verloopen en het andere verkeer zoo m i n mogelijk te hinderen w e r d overal, waar zulks mogelijk was, de t r a m op een eigen baan aangelegd; zoo liggen de lijngedeelt e n W o n o k r o m o — P a l m e n l a a n en Griseesche weg—Tandjong Perak geheel op vrije baan. Gebruik is gemaakt van het gewone vignolaspoor op dwarsliggers, waarbij rails van resp. 33,4 kg en 25,7 kg per m zijn gebezigd. in de stad moest het spoor evenwel in de straten worden gelegd; toegepast w e r d het ook in H o l l a n d gebruikelijke groefspoor m e t spoorstaven van 56 kg per m. Alles bijeen w e r d door de Mij in de aanlegjaren 59.000 m^ wegverharding m e t asfalteering in de stad gemaakt. Ondanks de vele moeilijkheden, die zich bij een zoodanigen aanleg in een d r u k k e stad voordoen —

Nog een foto van Passer Besar met de „electrische". Links : het voormalige taartjespaleis van G r i m m , waarin later de Dunlop Banden Co. v^erd gevestigd. Rechts, waar nu het Luxor-theater staat, hetgebouw van den inmiddels opgeheven machinehandel J. F. Hellendoorn. Op den voorgrond : een tweetal dogears.


gewezen moge w o r d e n op de t a l r i j k e diensten daarbij

betrokken

zijn — had die aanleg een

die vlot

v e r l o o p : in het najaar van 1921 w e r d de eerste spa in den grond gestoken in de Princesselaan, in Mei 1923 kon het bedrijf geopend w o r d e n . H e t rijdend personeel (Inl.) voor de electrische lijnen bestaat u i t 93 conducteurs en 71 wagenbestuurders. Ten behoeve van d i t personeel w e r d t e Pesawahan een w o n i n g p a r k gebouwd, bestaande u i t : 27 woningen, bevattende voorgalerij, 2 kamers en I keuken. 28 woningen, bevattende 2 kamers en I keuken. Het hoofdbureau van de Oost-Java Stoomtram Wonokromo.

Mij. te

1 commensalenhuis, bevattende 14 kamers en I gemeenschappelijke keuken. 2 paviljoens, elk bevattende 5 kamers. Bovendien beschikt de Maatschappij over 4 0 Inl.

zi

woningen t e W o n o k r o m o — e l k bevattende een voor-

d

galerij m e t 2 kamers —, waarvan een gedeelte eveneens voor

personeel der electrische

lijnen

bestemd

is.

m

De huur der woningen bedraagt voor de kleinere typen f 4 . — p.m. en voor de g r o o t e r e f 6 . — p.m., t e r w i j l voor een k a m e r in het commensalenhuis f 2 . — p.m. verschuldigd is. Dat de dienstwoningen in een behoefte v o o r z i e n ,

in

b l i j k t u i t de omstandigheid, dat het slechts hoogst

st

zelden v o o r k o m t , dat er een leeg staat. Met de invoering van het electrisch t r a m b e d r i j f brak t e n aanzien van het verkeer te Soerabaia een nieuw t i j d p e r k aan. De lange en voor het d r u k k e gewone verkeer vaak zeer h i n d e r l i j k e s t o o m t r a m s verdwenen u i t de nauwe s t r a t e n , t e r w i j l verschillende stadsgedeelHet station Wonol<romo, der O.J.S., waar zoowel de electrische als de stoomtramlijnen haar begin en eindpunt hebben.

t e n , die tevoren van t r a m v e r b i n d i n g e n verstoken waren geweest, in het t r a m w e g n e t werden opgenomen. De invoering k w a m echter op een zeer ongunstig t i j d s t i p . T e r w i j l m e t den aanleg een aanvang w e r d gemaakt in een t i j d p e r k van hoogconjunctuur, had bij de opening de malaise haar intrede gedaan. Onder alle lagen van de bevolking was de w e i v a a r t sterk v e r m i n d e r d . Daarbij k w a m , dat de t a x i als concurrent was komen opdagen en een deel van het vervoer t o t zich t r o k . H e t electrisch bedrijf ondervond van deze beide factoren in r u i m e m a t e de nadeelige gevolgen. Van welken

invloed desondanks de g r o o t e r e f r e q u e n t i e

en het meerdere c o m f o r t op het vervoer w a r e n , is zeer duidelijk gebleken op lijn IV, waarop de exploit a t i e practisch eerst den I9en Mei 1924

uitsluitend

electrisch w e r d gevoerd. Hoewel zonder u i t z o n d e r i n g het

reizigersvervoer

op alle spoor- en

tramwegen

was teruggeloopen, nam op deze lijn in De remise der ,,electrische" op Sawaan.

280

jaar de opbrengst v r i j belangrijk toe.

genoemd


0HET

TAXIVERKEER.

H e t aantal taxi's n e e m t na 1921 sterk t o e . — De vinnige concurrentiestrijd tusschen t r a m en t a x i . —

V

Requesten van den Sobova (1922 e n ' 2 4 ) . — D e gemeenteverordening van 1 9 2 5 . — V e r p l i c h t e keuring van alle taxi's en van de chauffeurs (1926). — De t a x i - t a r i e v e n .— „'I H i s t o i r e se r é p è t e " . —

oor en tijdens de hausse-jaren (1919—1921) waren s t o o m t r a m , dogcar en kossong v r i j w e l de eenige

publieke middelen van vervoer. H e t aantal taxi's was toen nog b e t r e k k e l i j k gering. D i t nam eerst na de jaren der hoogconjunctuur s t e r k toe. Hadden n.l. in laatstbedoelde jaren vele p a r t i c u l i e r e n zich de luxe van een eigen auto kunnen vero o r l o v e n , toen de tijdsomstandigheden m i n d e r gunstig w e r d e n , zag menig a u t o b e z i t t e r zich genoodzaakt zich van zijn auto t e ontdoen dan wel te t r a c h t e n er w a t bij te verdienen, hetgeen veelal geschiedde d o o r de auto gedurende de uren, waarop zij niet door den eigenaar w e r d g e b r u i k t , t a x i te laten rijden. O o r s p r o n k e l i j k waren de tarieven v r i j hoog en was de concurrentie, welke de t r a m van d i t vervoerm i d d e l ondervond, niet van zoo g r o o t e beteekenis. Met het toenemen der malaise vermeerderde echter ook het aantal taxi's, waardoor t e n s l o t t e een hevige onderlinge c o n c u r r e n t i e s t r i j d ontketend w e r d , welke o.a. tengevolge had, dat d o o r de chauffeurs m e t abnormaal lage tarieven genoegen genomen w e r d en de t a x i ook een geduchte concurrent w e r d voor de t r a m . In 1922—dus voor de electrificatie—bedroeg het reizigersvervoer op de stadslijnen in de I e klasse 3 7 % en in de 2e kiasse25% m i n d e r dan in 1921 ; het toenemend gebruik van taxi's had hiertoe belangrijk bijgedragen. V o o r de t a x i - v e r h u u r d e r i j e n was de toestand er door de veel te lage t a r i e v e n , waartoe de concurrenties t r i j d geleid had, ook niet rooskleuriger op geworden, hetgeen o.a. b l i j k t u i t de omstandigheid, dat door den Soerabaiaschen Bond van A u t o v e r h u u r d e r s , „ S o b o v a " , den lOen November 1922 aan den Gemeenteraad van Soerabaia een request w e r d ingediend, waarbij een d r i e t a l tarievenschema's w e r d overgelegd en w a a r i n het verzoek w e r d gedaan, die tarieven in den v o r m van gemeentelijke verordeningen in w e r k i n g te w i l l e n doen stellen. Als motieven hiertoe voerde de „ S o b o v a " o.m. aan : Ie. dat de m o e i l i j k e tijden zwaar op het taxi-bedrijf d r u k t e n , 2e. dat de ongebreidelde concurrentie, den taxi-eigenaren van de zijde van niet beroepsverhuurders aangedaan, zoodanige afmetingen had aangenomen, dat hun bestaan daardoor ernstig w e r d bedreigd. 3e. dat het gemis aan w e t t e l i j k gesanctionneerde tarieven steeds sterker d o o r hen w e r d gevoeld, storend op hun nering w e r k t e en onderbetaling door het t a x i r i j d e n d publiek ongestraft aanmoedigde, waartegenover de t a x i v e r h u u r d e r i j e n v r i j w e l machteloos stonden. Een door den Burgemeester aan den Raad ingediende ontwerp-regeling w e r d reeds bij de behandel i n g van het eerste a r t i k e l , in verband m e t een hierop door den Raad aangenomen amendement, ingetrokken, zoodat de ongebreidelde concurrentie v o o r t d u u r d e , waarvan ook de electrische t r a m in r u i m e m a t e de nadeelige gevolgen ondervond. In 1924 diende „ S o b o v a " opnieuw een request aan den Gemeenteraad van Soerabaia in. In de naar aanleiding hiervan aan den Raad overgelegde ontwerp-verordening waren niet alleen bepalingen betreffende de t a r i e v e n , doch ook aangaande maximum-belasting en regelmatige keuring der taxi's opgenomen. De meerderheid van den Raad was echter van meening, dat het vaststellen van een t a r i e f en van m a x i mum-belasting geen overwegend publiek belang was en besloot de ontwerp-verordening niet in behandeling t e nemen. Burgemeester en W e t h o u d e r s lieten zich hierdoor echter niet ontmoedigen en dienden den 22en Augustus 1925 w e d e r o m een concept „ V e r o r d e n i n g voor het personenvervoer m e t huurautomobielen (taxi's) binnen de Gemeente Soerabaia" bij den Gemeenteraad i n .


In de aangeboden verordening w e r d e n slechts regels gesteld v o o r die auto's, w a a r v o o r als t a x i een vergunning was aangevraagd en die als zoodanig in het daartoe bestemde register waren ingeschreven. Een v e r p l i c h t i n g t o t inschrijving was niet opgenomen, zoodat het v r i j e t a x i v e r k e e r kon blijven bestaan en d o o r de verordening niet w e r d b e l e m m e r d . De verordening moest dan ook als overgangsmaatregel w o r d e n beschouwd t o t geleidelijken tegengang van het v r i j e t a x i v e r k e e r ,

terwijl

de p r a k t i j k zou

moeten

u i t w i j z e n , of

optreden na verloop van t i j d gewenscht zou zijn. (Gemeenteblad 1925 N o

een meer

dwingend

183.)

Deze verordening, welke bepalingen bevatte betreffende k e u r i n g der taxi's, tarieven en belasting, w e r d d o o r den Gemeenteraad aangenomen en t r a d den l e n N o v e m b e r 1925 in w e r k i n g . Den I7en Juni 1926 b e r e i k t e den Raad een voorstel t o t wijziging der v e r o r d e n i n g , dat n e e r k w a m op verplichte k e u r i n g van alle taxi's en van de chauffeurs. Deze wijziging w e r d den 7en Juli 1926 aangenomen en t r a d den I9en Augustus 1926 in werking.^) De t a r i e v e n , vastgesteld d o o r een commissie, bestaande u i t de leden van het college van Burgemeester en W e t h o u d e r s en t w e e d o o r B. en W . aan t e wijzen vergunninghouders, waren als v o l g t : T A X I - T A R I E V E N TE U u r - t a r i e f ^) Klass der t a x i f Klasse 1 ( m a x i m u m vervoer van 5 personen) Klasse II ( m a x i m u m vervoer van 7 personen)

Per uur 3.-

f

J^'' Va uur 1.50 f

3.50

1.75

SOERABAIA^) K m - t a r i e f «)

Per 1/4 uur

Per

km

, ,

^^f

"•'•*

,

(minimum)

! '*^''

T'"""*

wachten

0.75 f

0.20 f

0.40 f

0.021/2

0.90

0.25

0.50

0.021/2

Dat d o o r bovenbedoelde verordening, in verband m e t de v e r p l i c h t e keuring van taxi's en chauffeurs, een belangrijke v e r b e t e r i n g w e r d gebracht in de veiligheid van het verkeer t e Soerabaia behoeft geen betoog. H e t vaststellen der tarieven heeft echter niet het gewenschte resultaat opgeleverd, aangezien het publiek zich over het algemeen niet aan die tarieven hield. Blijkbaar ziet men d a a r o m thans het nut van op de hierboven omschreven wijze vastgestelde tarieven niet meer in. Er is althans geen u i t v o e r i n g gegeven aan een bepaling, die w i j z i g i n g der t a r i e v e n beoogde en die in de gewijzigde verordening van 4 December 1929 v o o r k w a m . Deze bepaling luidde als v o l g t : „ V o o r t a x i ' s , geen autobussen zijnde, w o r d t d o o r een commissie van 7 leden, bestaande u i t de leden van het College van Burgemeester en W e t h o u d e r s van Soerabaia en d r i e d o o r Burgemeester en W e t h o u d e r s aan t e w i j zen t a x i v e r h u u r d e r s , een t a r i e f o n t w o r p e n en d o o r den Gemeenteraad vastgesteld, w e l k t a r i e f de taxibestuurder v e r p l i c h t is in een lijstje m e t r u i t mee t e voeren en op eerste aanvrage aan zijn passagier t e v e r t o o n e n " . „ I ' H i s t o i r e se r e p è t e " , ook de t a x i v e r h u u r d e r w o r d t d i t thans gewaar. De verschijnselen, die zich destijds gedurende de malaise voordeden, kan men bij de huidige depressie opnieuw w a a r n e m e n . Verscheidene a u t o b e z i t t e r s zijn er reeds t o e overgegaan hun auto als t a x i t e laten rijden.^) Een felle c o n c u r r e n t i e s t r i j d is w e d e r o m o n t k e t e n d ; onderbetaling is aan de orde van den dag. O o k de tramwegmaatschappij o n d e r v i n d t hiervan zeer nadeelige gevolgen. V o o r a l degenen, die u i t s l u i t e n d van hun t a x i o n d e r n e m i n g moeten bestaan, klagen sterk over de zeer slechte bedrijfsuitkomsten en zien u i t naar middelen o m aan de onderbetaling paal en perk t e stellen. Reeds ging er in den Gemeenteraad een stem of o m t e k o m e n t o t invoering van t a x i m e t e r s . Zoolang t e n aanzien van de tarieven geen afdoende maatregelen zijn genomen, zal de mogelijkheid blijven bestaan v o o r een c o n c u r r e n t i e s t r i j d , zooals die zich thans v o o r d o e t en die op den d u u r ook het algemeen belang m o e t schaden, aangezien een dergelijke s t r i j d t e n s l o t t e m o e t leiden t o t verwaarloozing van het

materieel. ^) ^) ^) *) ^)

D e g e m e e n t e l i j k e keuringsdienst w e r d in 1934 opgeheven en bij de Provincie Oost-Java ondergebracht. De t a x i - t a r i e v e n w e r d e n d o o r B. en W . van Soerabaia in 1926 voor het eerst vastgesteld. V a n 6 uur 's morgens t o t 11 uur 's avonds. V a n 11 uur 's avonds t o t 6 uur 's morgens 25°/^ vt rhooging. V o o r elke 1 / , k m m e e r f 0,05 m e t een m i n i m u m van f 0 . 4 0 per r i t . V o o r w i n k e l - en visite-wagens k a n , m i t s t e voren bij den eigenaar telefonisch besteld, een speciaal t a r i e f w o r d e n o v e r e e n g e k o m e n . H e t aantal taxi's steeg volgens opgave van het gemeentelijk bureau van Statistiek van 8 4 3 in 1 9 2 9 t o t 9 0 4 in 1 9 3 0 .


0HET

AUTOBUSVERKEER.

H e t gebruik van bussen voor stadstransport. — D e eerste proef m e t

een busdienst

op het

traject

W i l l e m s p l e i n — K a l i o n d o (15 Sept. 1924—18 N o v . 1925). — De o o r z a k e n d e r ongunstige bedrijfsresultaten. — V e r w o e d e concurrentiestrijd. — Kostbare e x p e r i m e n t e n . — De gemeentelijke (ingesteld bij besluit van 27 M a a r t 1929). — D e conclusies van haar r a p p o r t . — D e

verkeerscommissie ontwerp-autobus-

verordening aangenomen ( 2 6 A u g . 1931). — D e buslijnen d e r O.J.S. — Soerabaia's v e r k e e r s n e t .

I \ e e d s b e t r e k k e l i j k k o r t e n t i j d na het t o t stand k o m e n van de electrificatie had het vraagstuk van bussen v o o r stadstransportbedrijf de aandacht van de tramwegmaatschappij. De aanleg van een dubbelsporige t r a m b a a n in de bestrating brengt zoo hooge kosten m e t zich, dat r e n d a b i l i t e i t alleen verkregen kan w o r d e n bij een verkeer van zoodanigen omvang, dat nog maar enkele der overschietende verkeersaders voor verdere e x p l o i t a t i e in a a n m e r k i n g k o m e n . Verdere electrificatie zal zich dan ook wel beperken t o t de z.g. buitenlijn (Wonokromo—Koepang—Stadstuin) en de Oedjoenglijn. N i e t t e m i n vroegen belangrijke complexen in Soerabaia o m een goedkoop en behoorlijk v e r k e e r s m i d d e l . De tramwegmaatschappij zag i n , dat het t o t haar taak behoorde daarin t e voorzien en nam reeds op 15 September

1924 een proef m e t een busdienst op het t r a j e c t Willemsplein—Kaliondo. De resultaten waren

onbevredigend. Slechts gedurende een gering aantal uren w e r d een behoorlijke bezetting verkregen. Den I8en N o v e m b e r 1925 moest deze busdienst in verband m e t de ongunstige bedrijfsresultaten w o r d e n stopgezet. De oorzaken der onbevredigende u i t k o m s t e n waren : Ie.

geringe frequentie, welke vooral bij vervoer over k o r t e afstanden een belangrijke r o l speelt, en

2e.

de constructie van de bussen, welke in de p r a k t i j k niet bleek te voldoen. U i t de proefneming w e r d de conclusie g e t r o k k e n , dat, hoewel het vervoer op het t r a j e c t W i l l e m s -

plein—Kaliondo niet aan de verwachtingen had b e a n t w o o r d , de u i t k o m s t e n toch niet zoo teleurstellend waren, dat t.z.t., wanneer de tijdsomstandigheden zich zouden hebben gewijzigd en er technisch meer bekend zou zijn o m t r e n t de meest economische wijze van busexploitatie, niet opnieuw ernstig in overweging zou kunnen w o r d e n genomen de e x p l o i t a t i e op genoemd t r a j e c t d e f i n i t i e f t e r hand t e nemen en ook op andere t r a j e c t e n buslijnen t e openen. V o o r d a t de tramwegmaatschappij h i e r t o e echter kon overgaan k w a m een concurrent opdagen, die op 24 September 1927 een busdienst opende op het t r a j e c t Oedjoeng— Roode b r u g — W o n o k r o m o , v r i j w e l parallel m e t de s t o o m t r a m b a a n en voor een belangrijk deel ten koste van het reizigersvervoer, dat d o o r de O.J.S. op genoemd t r a j e c t w e r d bediend. Met dezen concurrent w e r d na verloop van k o r t e n t i j d overeenstemming verkregen, waarna de buslijnen zoodanig werden omgelegd, dat de tramwegmaatschappij daarvan m i n d e r zware concurrentie ondervond. N i e t lang d a a r n a — d e n I7en September 1 9 2 8 — g i n g de O.J.S. opnieuw over t o t busexploitatie in de s t a d ; op genoemden d a t u m opende zij een dienst tusschen Passer T o e r i e en Kaliondo (via het W i l l e m s p l e i n ) . W e d e r o m waren de resultaten onbevredigend m e t het gevolg, dat het t r a j e c t meermalen

moest

w o r d e n gewijzigd. Dergelijke e x p e r i m e n t e n zijn kostbaar, zoodat het de Maatschappij al heel slecht gelegen toen

den 5en Januari 1929 een tweede concurrent

kwam,

verscheen en een busdienst opende op het t r a j e c t

W i l l e m s p l e i n — Tandjong Perak, dus rechtstreeks in concurrentie m e t de electrische t r a m . H e t gevolg hiervan is geweest, dat ook door de O.J.S. een busdienst op genoemd t r a j e c t geopend w e r d en een zeer felle t a r i e v e n s t r i j d o n t s t o n d .


to

ge Autobussen

van

de

O . J. S.

Met de rustige o n t w i k k e l i n g , welke de O.J.S. zoozeer behoefde, was het plotseling gedaan. De opbrengsten op de electrische lijn W i l l e m s p l e i n â&#x20AC;&#x201D; T a n d j o n g Perak werden onbevredigend, t e r w i j l de busexploitatie op genoemd t r a j e c t verliesgevend was. Dat het den concurrent ook niet naar den vleeze ging bleek u i t den

to

e r b a r m e l i j k e n toestand, w a a r i n diens bussen verkeerden. Na verloop van r u i m een jaar k w a m d o o r opheffing van den concurreerenden dienst een einde aan den verwoeden s t r i j d , waarmede geen enkel belang gediend was geweest. Intusschen was wel afdoende aangetoond, dat van

het verleenen

van vergunningen

voor

de t e

het doen

Soerabaia bestaande

rijden van autobussen

noodzakelijk wijziging behoefde, w i l d e men gevrijwaard blijven

regeling t e n aanzien

niet meer voldeed

van ongebreidelde concurrentie

en

en al

den aankleve van dien. Volgens

artikel 6

van

de betreffende

verordening

was

â&#x20AC;&#x17E;het

op

wegen,

gelegen

binnen de

bebouwde k o m , gebruik maken van m o t o r r i j t u i g e n , ingericht voor het vervoer van meer dan sonen, verboden, tenzij noodig geachte

10 per-

ce

m e t schriftelijke t o e s t e m m i n g van den burgemeester en onder de d o o r dezen

voorwaarden".

Deze verordening w i j l het hierboven dat als volgt

ee

was echter gebaseerd

aangehaalde a r t i k e l

op eenige

betrekking

bepalingen van

het

motorreglement,

had op a r t i k e l 3 lid a van

het

ter-

motorreglement,

luidt:

va e.

â&#x20AC;&#x17E; B i j of krachtens locale verordening, of, waar een locale raad o n t b r e e k t , bij reglement of keur van p o l i t i e van het hoofd van gewestelijk bestuur kan het berijden van wegen, hetzij in elke, hetzij in een bepaalde r i c h t i n g , w o r d e n verboden : a.

in

het belang

motorrijtuigen,

van de v r i j h e i d en veiligheid van het verkeer op die wegen, hetzij v o o r hetzij

voor

welke bij de v e r k l a r i n g

284

voor

het

doorgaand

open

blijven".

te

bepaald bepalen

verkeer

met

aangewezen

afmetingen

te

motorrijtuigen

motorrijtuigen, boven

gaan ;

vereischte

en

hetzij met

voor

dien

geschikte

alle

n.l da

motorrijtuigen,

verstande dat de wegen

daarvoor

bu pr


D o o r d a t in laatstbedoeld a r t i k e l uitsluitend sprake is van vrijheid en veiligheid van het verkeer, o n t stond er meeningsverschil over de vraag, of de Burgemeester op grond van a r t i k e l 6 der Gemeenteverordening de bevoegdheid had o m maatregelen te treffen in het belang van de verkeerseconomie. Dat de overheid h i e r o m t r e n t zeggenschap t o e k o m t , is duidelijk. In Nederland was deze kvyestie reeds opgelost d o o r de aanvulling, welke de w e t op de openbare v e r v o e r m i d d e l e n van 23 A p r i l 1880 d o o r de w e t van 31 Juli 1926 had ondergaan. Bij deze aanvulling w e r d o.a. bepaald, dat voor het vervoer van personen in autobussen een vergunning van Gedeputeerde Staten vereischt is.

Nadat de kwestie meermalen van 27

Maart

en autobus

te

in den Gemeenteraad t e r

1929 een verkeerscommissie

ingesteld, w i e r

sprake was gebracht, w e r d bij besluit

taak het was de verhouding

bestudeeren en den Raad van advies t e dienen

van

inzake een meer afdoende

tram

regeling

van het autobusverkeer. D i t advies is uitgebracht in een â&#x20AC;&#x17E; R a p p o r t van de commissie inzake de regeling van het

auto-

busverkeer". Na uitvoerige uiteenzettingen t e hebben gegeven o m t r e n t de o n t w i k k e l i n g van den thans bestaanden toestand

gaat de

commissie

na, welke gebreken zich daarbij hebben voorgedaan o m vervolgens een

oplossing aan de hand t e doen, teneinde daarin t e v o o r z i e n . H e t spreekt vanzelf, dat het concurrentievraagstuk een der belangrijkste onderwerpen is geweest, w a a r m e d e de commissie zich had bezig te houden. Na d i t vraagstuk van alle kanten te hebben bekeken, k o m t de commissie t o t de conclusie, dat als a l gemeen beginsel de mogelijkheid van concurrentie tusschen t r a m en autobus, alsmede tusschen buslijnen o n d e r l i n g dient t e w o r d e n gehandhaafd. Op

grond

van

de omstandigheid

echter, dat de t r a m voor Soerabaia onmisbaar is, hetgeen op

duidelijke wijze w o r d t aangetoond, stelt de commissie zich op het standpunt, dat alles, w a t aan de t r a m schade b e r o k k e n t , zooveel mogelijk dient t e w o r d e n vermeden. In d i t verband wijst zij erop, dat de s t o o m t r a m in de bebouwde

Gemeentekom

niet

langer

toelaatbaar is, doch dat wel niet t o t verdere electrificatie zal kunnen w o r d e n overgegaan, als de O.J.S. haar bedrijf in het algemeen niet op een gezonden financieelen basis zal kunnen o n t w i k k e l e n m.a.w. niet tegen een al t e zware concurrentie op haar stadslijnen gevrijwaard w o r d t . V o o r de t r a m

schadelijke

concurrentie acht

de commissie

dan

ook

ontoelaatbaar,

d a a r d o o r het voortbestaan van de t r a m , welke een g r o o t algemeen belang dient, kan worden

aangezien bedreigd.

D a a r o m stelt zij m e t b e t r e k k i n g t o t het verleenen van vergunningen voor buslijnen voor, aan de O.J.S. een recht van v o o r k e u r t o e te kennen. Een dergelijke oplossing brengt tevens mede, dat het bustransport in de stad practisch w o r d t geconc e n t r e e r d in ĂŠĂŠn hand, hetgeen o . m . m e t het oog op de veiligheid van g r o o t belang is.

Den 26sten Augustus 1931 nam de Gemeenteraad de d o o r de Commissie bij het r a p p o r t gevoegde ontwerp

autobus-verordening in behandeling. De Raad had bezwaar tegen het verleenen van een recht

van v o o r k e u r aan de O.J.S. en wijzigde d i t in een recht van v o o r r a n g , w a a r d o o r de beslissing o m t r e n t e.v. t e verleenen vergunningen steeds in handen blijft van B. en W . V e r d e r w e r d de o n t w e r p - v e r o r d e n i n g nagenoeg ongewijzigd aangenomen. Met deze verordening is het doel, waarmede de verkeerscommissie w e r d ingesteld v o l k o m e n b e r e i k t , n.l. een zoodanige regeling t e treffen, speciaal voor het autobusverkeer binnen de Gemeente Soerabaia, d a t daaraan de hoogste graad van efficiency kan w o r d e n gegeven.

Intusschen had de O.J.S. zij het ook ten koste van zware offers (in 1930 w e r d op de e x p l o i t a t i e der buslijnen een verlies geleden van f 85.000) haar busbedrijf sterk uitgebreid en zich langs vrije banen practisch van een m o n o p o l i e in de stad v e r z e k e r d .


In N o v e m b e r 1931 waren de volgende buslijnen in e x p l o i t a t i e : bus

5 Tambangbojo—Kendjeran—Willemsplein

3,6 k m

6 Wonokromo—Stadstuin

9,3

7 Simpangplein—Willemsplein

4,9

8 Patjarkling—Willemsplein

4,8

9 Kepoetran—Babaan

7,3

10 Babaan—Tandjong Perak

5,1

H e t aantal in bedrijf zijnde bussen, bedroeg S l . i ) G e m i d d e l d werden per dag 15000 reizigers per autobus v e r v o e r d . V o o r haar busbedrijf had de O.J.S. 81 chauffeurs en 55 conducteurs in dienst, voor wie dezelfde bepalingen golden als v o o r het personeel der electrische lijnen. Volgens de statistische berichten van de Gemeente Soerabaia, j a a r n u m m e r 1930, telde de Gemeente Soerabaia 336.814 inwoners. De lengte van het s t a d s t r a m n e t der O.J.S. is :

^''''

electr. lijnen

18

stoomtram

13,2

km „

35

De lengte van de buslijnen der O.J.S. bedroeg tezamen

66,2 k m

Dat geeft voor elke 10.000 inwoners 1.9 k m verkeerslijn. In vergelijking m e t Europeesche steden m a a k t het verkeersnet te Soerabaia geen slecht figuur, vooral als men in a a n m e r k i n g neemt, dat : Ie. 2e.

men hier t e doen heeft m e t een w e i n i g draagkrachtige bevolking en de oppervlakte van een Indische gemeente in verhouding t o t het bevolkingscijfer veel g r o o t e r is dan die van een Europeesche stad m.a.w. dat de dichtheid van de bevolking veel geringer is, w a a r u i t n o o d zakelijk de consequentie v o o r t v l o e i t , dat de kosten van het verkeersnet veel hooger zijn. ^)

O p 30 Sept. 1933 w e r d vanwege de slechte u i t k o m s t e n de v e r d e r e e x p l o i t a t i e van het autobusbedrijf

stopgezet.


NIEUW SOERABAIA

A F D E E LI N G

6

GEZONDHEIDSZORG HOOFDSTUK 1

ORGANISATIE

HOOFDSTUK

PEST E N

2

EN

INRICHTINGEN

CHOLERA

HOOFDSTUK 3

TYPHUSABDOMINALIS

HOOFDSTUK

MALARIA

4

HOOFDSTUK 5

POKKEN

HOOFDSTUK

6

DE

HOOFDSTUK

7

DE GEMEENTELIJKE VEEARTSENIJKUNDIGE DIENST

HOOFDSTUK 8

EN

DYSENTRIE

STERFTE

D E WATERLEI D I N G


ORGANISATIE EN INRICHTINGEN.

w,

De stadsgeneesheer. — Splitsing der werkzaamheden. — Instelling van den Dienst der Volksgezondheid (D.V.G.) in 1911. — Instelling van een Plaatselijken Gezondheidsdienst (P.G.D.) in 1916. — Zijn taak. — Het Stadsverband. — De verhuizing in 1906 van de beneden- naar de bovenstad. — Opheffing M i l i t a i r Hospitaal in 1923. — Uitbreiding Stadsverband. — Moeilijke oorlogsjaren. — Het Stadsverband werd in 1915 omgedoopt in : Centrale Burgerlijke Ziekeninrichting (C.B.Z.). — Particuliere instellingen voor ziekenzorg. — Opname besmettelijke zieken. — Het doorgangshuis voor krankzinnigen. — De leprozerie te Semaroeng. — De poliklinieken. — De Ned. Ind. Artsenschool, opgericht in 1913. — De Stovit (1928). — Het Gewestelijk Laboratorium. — Het pestlaboratorium (opgeheven in 1919). — De malariabestrijding. — Het Assaineeringskantoor.

ie de toestanden op medisch-hygiënisch gebied in het begin van deze eeuw v e r g e l i j k t m e t

die

van nu, kan niet o n t k e n n e n , dat er een e n o r m e vooruitgang t e bespeuren valt. Vroeger was de z o r g v o o r de volkshygiëne in Soerabaia, evenals in de andere g r o o t e Indische steden, t o e v e r t r o u w d aan een t w e e t a l stadsgeneesheeren. De eene droeg den t i t e l van oudstaanwezend stadsgeneesheer en de andere dien van tweede stadsgeneesheer. Beiden waren manusje-van-alles en o v e r k r o p t m e t bezigheden. In deze functie van stadsgeneesheer waren t w e e geheel verschillende deelen van de overheidstaak op medisch-hygiënisch gebied gecombineerd, n l . de algemeene z o r g v o o r de volksgezondheid en de individueels ziekenbehandeling. Twee belangrijke feiten hebben het echter noodzakelijk gemaakt o m de werkzaamheden van de stadsgeneesheeren t e splitsen. In de eerste plaats nam de kennis o m t r e n t de oorzaken der tropische z i e k t e n d o o r t a l van proefnemingen en ontdekkingen t o e . H i e r d o o r w e r d het langzamerhand mogelijk meerdere en betere voorzorgsmaatregelen tegen deze z i e k t e n t e nemen. Bovendien v e r m e e r d e r d e het aantal patiënten in de stadsverbanden en ook dat van de on- en m i n v e r m o g e n d e kranken op onheilspellende w i j z e . A a n verdeeling van de werkzaamheden was niet meer t e o n t k o m e n . Bij de instelling van den Dienst der Volksgezondheid ( D . V . G . ; v r o e g e r : B.G.D., Burgerlijke Geneeskundige Dienst) in 1911 zag de oudstaanwezend stadsgeneesheer zich de functie van d i r e c t e u r van het Stadsverband toebedeeld. V e r d e r was hem de k e u r i n g van de iandsdienaren opgedragen. Twee geneesheeren in v r i j beroep werden — n a t u u r l i j k tegen een bepaalde vergoeding — aangewezen v o o r de behandeling van alle

De voorgevel met het slanke torentje van het hospitaal der „Soerabaiasche Ziekenverpleging" op Darmo. De Vereeniging is opgericht in 1897. Het bestuur werd toen voor de eerste maal gevormd door de heeren: Dr. H.J. Offerhaus(voorzitter), E.Fabius (vicevoorzitter),J. Reysenbach (secretaris), R. van Lennep (penningmeester, tevens adjunctsecretaris),Dr.G.L. Mens Fiers Smeding, Dr. P.A. Platteeuw, Dr. C. W i n k l e r Prins en Mr. J. W . Ramaer (commissarissen). In 1898 werdin eengebouwencomplex op Ngemplak (thans geoccupeerd door Hotel Ngemplak) de eigenlijke ziekenverpleging gevestigd. Als eerste directrice trad op Mej. M. F. Bönnekamp ( ^ 6 Maart 1903 te Tosari), die een der pioniers van de ziekenverpleegsters in indië is geweest. Einde 1922 werd het huidige gebouw op Da:rmo betrokken, dat is opgetrokken naar het ontwerp van architect C. Citroen. (Foto Isken.)


LINKS:

Het voortnalige gebouw van het R. K. Ziekenhuis „St. Vincentius a Paulo" op Oendaan. (Voor de geschiedenis van dit gebouw verwijs il< o.a. naar het onderschrift bij de foto op biz. 180 in „Oud-Soerabaia".)

RECHTS:

Het front van het nieuwe gebouw van het R.K. Ziekenhuis „St. Vincentius a Paulo" aan den Reinierszboulevard. De officieele opening had plaats op Zondag, 28 October 1934. Het gebouw is ontworpen door het architectenbureau Fermont Cuypers. (Foto Theobald.)

burgerlijke rechthebbenden op vrije geneeskundige verpleging, zoowel Europeanen als Inlanders. Enkele j a r e n later echter waren deze beide artsen nog alleen maar w e r k z a a m voor Europeanen. A a n een Gouvernements Indisch arts w e r d de behandeling der inheemsche rechthebbenden opgedragen. De inspecties van den Dienst der Volksgezondheid, welke voor West-, Midden- en Oost-Java w a r e n ingesteld, werden belast m e t de zorg voor de hygiëne in haar gewest en m e t die in de g r o o t e steden. Dan ziet men dus voor het eerst een principieele splitsing in een dienst voor de individueele ziekenverzorging en in een specialen hygiënischen dienst. Deze organisatievorm beteekende weliswaar reeds een stap in de goede r i c h t i n g , maar ideaal was hij nog n i e t . In de g r o o t e r e steden, waar de bevolking dicht opeengepakt bijeen woonde, werden speciale eischen gesteld aan den zorg voor de volksgezondheid. Een organisatie diende in het leven te w o r d e n geroepen, welke in staat zou zijn o m de puntjes op de i's t e zetten en intensief t o e z i c h t te houden op de stipte naleving der bestaande voorschriften en bepalingen op hygiënisch gebied. Z o o ontstonden de speciale gezondheidsdiensten in de g r o o t e gemeenten. In September 1913 kreeg eerst Batavia zijn Plaatselijken Gezondheidsdienst. Toen volgde Soerabaia, waar bij G.B. van 24 N o v e m b e r 1916 een dergelijke organisatie w e r d ingesteld. Deze v o r m d e een onderdeel van den hygiënischen dienst voor Oost-Java en stond onder leiding van den inspecteur van den D.V.G. Z i j

LINKS:

De operatiekamer van het R.K. Ziekenhuis aan den Reinierszboulevard. Op den voorgrond: de electrische sterilisator. (Foto Theobald.)

RECHTS:

'n Kijkje in de kapel van het nieuwe R.K. Ziekenhuis met het fraaie altaar op den achtergrond. (Foto Theobald.)


iV'^W "<•»!-"••«•

-ir-S-"'

• "7'"-'. ""y'*-""»'H/iW"j'iny<yj)";'!.-

.«rf.^^^HH^H

«--4::iysL'!-iM i w^M i p w p i ^ - -^"^

H e t nieuwe gebouw van de Vereeniging „Soerabaiasche Oogheelkundige

Kliniel<"

op O e n d a a n . O p 2 9 officieele

opening

April

1933

had

plaats.

Het

gebouw

de

w e r d o n t w o r p e n door het A . I . A . Bureau. O p V r i j d a g , 8 O c t o b e r 1915 w e r d de V e r eeniging

opgericht

Terburgh, Dr. A.

door

Dr.

J.

Th.

D e u t m a n en P. Egas.

In O c t o b e r 1917 was de Vereeniging zoo-

H

ver, dat m e t het eigenlijke w e r k kon w o r -

z'

den begonnen, en dat de kliniek, loopig

gevestigd

in

een

voor-

huurhuis

op

O e n d a a n 3 6 , kon w o r d e n geopend. ( F o t o

di kli

Isken.)

was en is u i t s l u i t e n d w e r k z a a m in het belang van de openbare gezondheid binnen de gemeente Soerabaia en heeft o . m . t o t taak : Ie.

BI

het opsporen en bestrijden van besmettelijke z i e k t e n , de z o r g v o o r d e u i t v o e r i n g der w e t t e l i j k voorgeschreven maatregelen en het vervoer van besmettelijke zieken ;

2e.

het onderzoek naar de overbrenging van besmettelijke zieken over zee en het verordenen der maatregelen t o t tegengaan daarvan ;

3e.

het verzamelen van gegevens o m t r e n t m o r b i d i t e i t en m o r t a l i t e i t , het opsporen van de o o r z a k e n daarvan, het nagaan van de invloeden, welke de volksgezondheid bedreigen en het aangeven van de middelen t e r v e r b e t e r i n g ;

4e.

g b

het doen van speciale onderzoekingen, teneinde t o t de kennis t e geraken van de meest doelmatige wijze van bestrijding van volksziekten ;

5e.

het bestudeeren van de k i n d e r s t e r f t e onder de Inlandsche bevolking en het aanwijzen van middelen t o t beperking daarvan, en

6e.

het u i t v o e r e n van speciale opdrachten m e t b e t r e k k i n g t o t de Volksgezondheid, d o o r den hoofdinspec-

VIJ

t e u r of den inspecteur van Oost-Java gegeven. d= Naast dezen dienst, welke belast was m e t de openbare gezondheidszorg en m e t het g o u v e r n e m e n t s t o e z i c h t op de v o l k s gezondheid binnen de gemeente

di

Soerabaia, bleef

Stadsver-

d

band bestaan. D i t was vroeger,

b

het

va

bi

De l e p r o z e r i e in

S e m a r o e n g van het

Leger des Heils, geopend in

Februari

1918. H e t landschap d o e t i e t w a t H o l landsch aan. ( F o t o Isken.)

290

H


Het William Booth Vrouwen-en Kinderziekenhuis aan den Reinierszboulevard, dat in Januari 1925 werd geopend. Door dit ziekenhuis worden verschillende poliklinieken verzorgd, n.l. dieop Boeboetan, Wonokromo en Darmo. (Foto Fotax.)

evenals de

meeste

gouvernementsgebouwen, in de benedenstad

gevestigd;

de

straatnaam

„Djalan

Blakang Stadsverband" getuigt daar nog van. In 1906 w e r d de i n r i c h t i n g overgebracht naar Simpang, waar de gebouwen werden b e t r o k k e n , w a a r i n t e v o r e n het doorgangshuis voor krankzinnigen was gevestigd ; d i t lag naast het M i l i t a i r e Hospitaal. Toen het laatste in 1923 w e r d opgeheven, werden de vrijgekomen gebouwen bij het Stadsverband g e t r o k k e n , waard o o r het een belangrijke u i t b r e i d i n g onderging. Deze v e r m e e r d e r i n g van r u i m t e was dringend noodig, aangezien de toevloed van patiënten steeds g r o o t e r w e r d . In de zalen lagen de patiënten als sardines in een blikje. Zelfs de zijgalerijen moesten in geb r u i k w o r d e n genomen ; daar stonden de bedden der zieken in dubbele rijen opgesteld. O o k v e r b a n d r u i m t e k w a m men te k o r t , zoodat onder de afdaken van de barakken provisoire verbandplaatsen moesten w o r d e n ingericht o m de gewonden nog zoo goed mogelijk te kunnen helpen. Daarbij k w a m , dat d r i e lokalen aan de Artsenschool en t w e e aan het Gewestelijk L a b o r a t o r i u m w a r e n afgestaan. Deze l o k a l i t e i t e n k w a m e n pas in 1919 v r i j . H e t L a b o r a t o r i u m kreeg toen zijn eigen gebouw, t e r w i j l vijf jaar later, in 1924, de Artsenschool naar het nieuwe complex op Karangmendjangan verhuisde. De oorlogsjaren, vooral het lichtlooze jaar 1918, leverden g r o o t e moeilijkheden op voor de personen, die belast waren m e t de individueele ziekenzorg. De scheepvaart was lamgeslagen. De aanvoer van m e d i cijnen en verbandstoffen u i t Europa stond s t i l . Toch moest er hulp w o r d e n geboden aan de patiënten

met

talrijke

beenwonden. V i n -

d i n g r i j k e geneesheeren k w a m e n op de gedachte o m gedroogde en voorbehandelde pisangbast geschikt t e maken voor het leggen van verbanden. N a t u u r l i j k waren deze v e r r e van ideaal en zij voldeden slechts m a t i g , maar men behielp er zich mede ; de hoofdzaak was, dat de binnenkomende patiënten

konden

w o r d e n geholpen.

De quarantaine-inrichting op Het hoofdgebouw.

Pegirian.


De polikliniek van „Mohammadijah".

Deze toestand duurde ongeveer t o t 1919 v o o r t . Door het beëindigen van den w e r e l d o o r l o g t r a d langz a m e r h a n d weer een n o r m a l e periode i n . V i e r jaar later, in 1923, werden de gebouwen van het M i l i t a i r e Hospitaal overgenomen en er k w a m een einde aan het nijpend gebrek aan p l a a t s r u i m t e . V o o r d a t ik de organisatie van de C.B.Z. behandel, dien ik nog even te v e r m e l d e n , dat bij het o v e r b r e n gen van het Stadsverband u i t de benedenstad naar Simpang de naam behouden bleef. In 1915 w e r d de instell i n g echter o m g e d o o p t in Gouvernements Centrale B u r g e r l i j k e Z i e k e n i n r i c h t i n g , bij a f k o r t i n g : C.B.Z. O o k k w a m de naam Simpang Hospitaal in gebruik. in de C.B.Z. kunnen thans ongeveer 860 patiënten w o r d e n opgenomen, in d i t aantal is de Marine-afdeeling ( m e t 100 t o t 150 bedden) begrepen. Deze afdeeling staat onder leiding van haar eigen Officieren van Gezondheid. De patiënten, die in de C.B.Z. w o r d e n opgenomen, w o r d e n over verschillende afdeelingen verdeeld. V e r d e r is het van belang t e w e t e n , dat de instelling beschikt over aparte barakken v o o r de opname van b e s m e t t e l i j k e zieken. in deze z i e k e n i n r i c h t i n g w o r d t geregeld cursus gehouden t e r opleiding van inlandsch verplegend personeel en van inlandsche v r o e d v r o u w e n . De C.B.Z. is t e vergelijken m e t de academische ziekenhuizen in Nederland, daar de studenten van de N e d . Indische Artsenschool en der Ned. Indische Tandartsenschool er hun klinische (theoretische en practische) opleiding ontvangen. De leeraren in de klinische vakken aan de Artsenschool staan aan het hoofd der afdeelingen en vinden er hun les- en s t u d i e m a t e r i a a l . Naast het Simpang Hospitaal t r e f t men nog verschillende andere ( p a r t i c u l i e r e ) instellingen aan, die zich belasten m e t de zorg en verpleging van zieken o.a. het Darmo-ziekenhuis (vroeger op Ngemplak gevestigd en d a a r o m Ziekenhuis Ngemplak, of k o r t w e g „ N g e m p l a k " genoemd) m e t 78 bedden, het R.K. Ziekenhuis op Oendaan^) (36 bedden), het W i l l i a m Booth-hospitaai van het Leger des Heils aan den Reinierszboulevard (132 bedden), de Oogheelkundige k l i n i e k op Oendaan (60 bedden) en t e n s l o t t e het kleine ziekenhuis van de Chineesche vereeniging Soe Swie T i o n g H w a

ie W a n in

de

benedenstad m e t 12 bedden.

De onderzoekkamer in het ziekenhuis, annex polikliniek, van „Soe Swie Tiong Hwa Ie W a n " op Kaliondo.

^) Eind 1934 werd deze ziekeninrichting overgebracht naar een nieuw gebouwencomplex aan den Reinierszboulevard.


Een foto van „ t e m p o doeloe", welke een beeld geeft van de overvolle Centrale Burgerlijke Ziekeninrichting op Simpang In vroeger jaren. Zelfs In de open zijgalerijen lagen de patiënten in dubbele rijen.

Deze i n r i c h t i n g , die de Chineesche inwoners dichtbevolkte

b u u r t hebben

opgezet, geeft

van Soerabaia

gelegenheid

tot

m e t bescheiden middelen

opname

van

minvermogenden

in

een

en

van

o p i u m p a t i ë n t e n van alle landaarden. De zieken worden er door de Chineesche d o k t o r e n (specialisten) kosteloos behandeld. Van de genoemde ziekenhuizen bezit alleen het W i l l i a m Booth-hospitaal, dat u i t s l u i t e n d bestemd is voor de opname van v r o u w e n en kinderen, een opleidingscursus t o t v r o e d v r o u w v r o u w e n en

Besmettelijke terwijl

voor

voor

Europeesche

meisjes. zieken kunnen t o t nu toe slechts w o r d e n opgenomen in de barakken der C. B. Z.,

contactpersonen,

indien

dit

r u i m d in de g r o o t e quarantaine-inrichting

noodig

blijkt

te

zijn,

een

plaatsje

op Soekolilo op Madoera of in het

kan

worden

kleinere

inge-

quarantaine-

s t a t i o n op Pegirian. V o o r krankzinnigen en gekrenkten van geest w e r d in 1929 eveneens op Pegirian een doorgangshuis ingericht, waarin alleen Inlanders en Chineezen t i j d e l i j k kunnen w o r d e n opgenomen, in afwachting van hun opzending naar het Lawangsche gesticht. Tenslotte noem ik nog de leprozerie van het Leger des Heils, waarin de opname v r i j w i l l i g geschiedt. Deze i n r i c h t i n g is ondergebracht in een oud m i l i t a i r gebouw op Semaroeng, een dessa dichtbij de zeekust gelegen. Naast deze inrichtingen voor verpleging van zieken zijn, vooral in het laatste decennium, t a l r i j k e p o l i k l i n i e k e n opgericht, waar velen o m raad op geneeskundig

gebied kunnen

aandoeningen worden behandeld. Toch steeg het aantal poliklinische

aankloppen

en

patiënten in de C.B.Z.

kleinere

belangrijk.

In 1928 bedroeg het aantal consulten in die i n r i c h t i n g 97.001; in 1929 steeg het t o t 112.719, t e r w i j l in 1930 het

recordcijfer van 136.082 w e r d b e r e i k t . W e l een

bewijs hoe zeer de verleende poliklinische hulp aan een gevoelde behoefte voldoet. Indien men de ligging van de bestaande klinieken en p o l i k l i n i e k e n op een kaartje van de stad zou aangeven, dan zou blijken dat die inrichtingen op een logische wijze over de stad zijn verdeeld. Tevens zou men dan kunnen o p m e r k e n , dat de ziekenhuizen v o o r opname van patiënten v r i j ver van de d i c h t b e v o l k t e

In de oorlogsjaren heerschte te Soerabaia een groot gebrek aan verbandmateriaal. Op bovenstaande foto ziet men, hoe in die jaren verbandstof werd vervaardigd uit pisangbast.

293


Een luchtfoto van het gebouwencomplex der Ned. Indische Artsenschool op Karang Mendjangan. Op den voorgrond rechts : een voetbalterrein. Op den achtergrond : de zee en, flauwtjes afgeteekend, de kustlijn van Madoera.

benedenstad liggen. H e t is j u i s t de kleine k l i n i e k van de vereeniging Soe Swie T i o n g H w a ie W a n op Kaliondo, die aan d i t inconvenient t e g e m o e t

komt.

Behalve de verschillende cursussen t o t opleiding van m a n t r i - v e r p l e g e r en -verpleegster en t o t v r o e d vrouv/, bestaat hier sinds 1913 een onderwijsinstelling, welke haar leerlingen o p k w e e k t t o t een a m b t m e t een hoogere bevoegdheid, n l . t o t dat van Indisch arts. Ik doel op de N e d . Indische Artsenschool (N.I.A.S.). O m t o t de Nias te w o r d e n toegelaten, m o e t men in het bezit zijn van het e i n d d i p l o m a eener Muloschool. Na een zevenjarige opleiding kunnen de a b i t u r i ë n t e n Indisch arts w o r d e n . Z i j bezitten dan, althans in Indië, dezelfde bevoegdheid t o t het uitoefenen van de genees-, heel- en verloskunde als de artsen, die afgestudeerd zijn aan een der hoogescholen in N e d e r l a n d . H e t aantal leerlingen der Nias bedroeg in de j a r e n 1929, '30 en '31 respectievelijk 286, 291 en 317. U i t deze gestaag groeiende cijfers b l i j k t , dat de instelling o p n e e m t en aan de behoefte aan d i t soort van medisch onderwijs voldoet. In 1928 w e r d de School t o t O p l e i d i n g van Indische Tandartsen (S.T.O.V.i.T.) opgericht. Z i j m a a k t v o o r zoover mogelijk gebruik van de l o k a l i t e i t e n en de i n r i c h t i n g van de Nias, doch de practische opleiding v i n d t plaats in de tandheelkundige p o l i k l i n i e k van de C.B.Z. De toelatingseisch is : e i n d d i p l o m a Mulo B. De opleiding d u u r t 5 j a a r ; het aantal leerlingen, dat de S t o v i t in 1931 bezocht, bedroeg 54. Soerabaia, de g r o o t s t e stad van Oost-Java en de zetel van de bestuursorganen v o o r d i t gewest, is de standplaats van den inspecteur van den D.V.G. Er is een gewestelijk l a b o r a t o r i u m gevestigd, dat in 1917 w e r d opgericht. De artsen kunnen in d i t l a b o r a t o r i u m al hun m a t e r i a a l van besmettelijke z i e k t e n gratis laten onderzoeken. O o k v e r r i c h t deze instelling alle serologische en chemische reacties. Tevens b e z i t zij een speciale afdeeling v o o r w a t e r o n d e r z o e k . Deze afdeeling staat onder leiding van het Proefstation voor W a t e r v o o r z i e n i n g te Manggarai en geeft adviezen over nieuwe en reeds bestaande w a t e r l e i d i n g e n , niet alleen in Oost-Java, maar in de geheele oost e l i j k e helft van den A r c h i p e l . Z i j c o n t r o l e e r t zoo geregeld mogelijk het afgeleverde w a t e r op zijn hoedanigheid en de w e r k w i j z e der w a t e r l e i d i n g e n . O o k de c o n t r o l e op het w a t e r der Gemeentelijke W a t e r l e i d i n g ( b r o n w a t e r en gezuiverd r i v i e r w a t e r ' ) is aan deze instelling opgedragen. 1) Sedert de aansluiting van de Oemboelanbron op het Stadsnet gehouden. (Zie ook het hoofdstuk „ D e Waterleiding".)

In 1932 w o r d t de Ngagel-installatle in reserve


Het monumentale frontgebouw van de Nias op Karang Mendjangan.

De vooruitgang van de medische wetenschap, vooral der parasitologie, bacteriologie en serologie, maal<te de o p r i c h t i n g van het L a b o r a t o r i u m noodzakelijk. Het kan gegevens verschaffen, welke baar zijn, niet alleen voor

het stellen

van een zuivere diagnose, m a a r o o k voor

de

onmis-

epidemiologie

van vele z i e k t e n . In vroeger jaren bestond naast het Gewestelijk L a b o r a t o r i u m nog een speciaal

pest-laboratorium

onder een eigen leider. In 1919 is deze instelling echter opgeheven ; voortaan werden de onderzoekingen in pestgevallen in het Gewestelijk L a b o r a t o r i u m

verricht.

In d i t l a b o r a t o r i u m is nu tevens gehuisvest de Dienst der Malariabestrijding v o o r de oostelijke helft van den A r c h i p e l . Deze dienst v e r z a m e l t gegevens, v e r r i c h t onderzoekingen en brengt adviezen u i t over de voor iedere landstreek noodige wijze van malariabestrijding.

Tenslotte

memoreer

ik

nog

de

oprichting

in 1928 van in

het

Assaineeringskantoor,

het leven w e r d geroepen,

Assaineering van het naar

het

nadat

Departement

hoofdbureau

van

den

dat

hier

de

afdeeling

der

B. O. W .

D. V. G.

was

overgegaan. Het Assaineeringskantoor over van

gezondmakingswerken waterleidingen,

brengt adviezen

(assaineering,

rioleeringen,

uit

aanleg

volkshuisvesting,

enz.) en stelt daartoe de noodige plannen op. Behalve

het

Gemeente dit

gewest Oost-Java valt

Soerabaia

kantoor.

ook, voor Het Gewestelijk Laboratorium op Karang Mendjangan. (Foto Fotax.)

geheele Het

zoover

onder

de werkingssfeer

Gemeentebestuur het

de

ook

pleegt

gesubsidieerde

makingswerken b e t r e f t , geregeld leider van het Kantoor.

de van dan

gezond-

overleg m e t den

295


Aspirant-tandartsen van de Stovit practisch aan het werk. (Foto Isken.)

Z o o zien we dus u i t één organisatie (de stadsgeneesheer), w a a r i n vereenigd waren de functies voor openbare gezondheidszorg, individueele ziekenbehandeling en opleiding van hulppersoneel, langzamerhand ontstaan een complex van organisaties, dat het steeds o m v a n g r i j k e r wordende gebied der medischhygiënische v e r z o r g i n g der bevolking geheel b e s t r i j k t . In de volgende

hoofdstukken zal ik eenige

volksziekten

en den

algemeenen

gezondheidstoe-

stand beschouwen en dan tevens enkele belangrijke hygiënische maatregelen bespreken, welke d o o r het G o u v e r n e m e n t en de Gemeente zijn getroffen in het belang van de volksgezondheid.

296


0PEST

EN CHOLERA.

De eerste pestgevallen (1910). — Oprichting en weri<zaamheden van het Pestbestrijdingscomité. —Zijn taak en personeel overgenomen door den Dienst der Pestbestrijding. — Enkele hygiënische maatregelen der Gemeente. — De strijd tegen de krotwoningen. — Verbetering van de goedangs. — De cholera voor 1900 endemisch. — Gebrekkige afv^eermiddelen. — De Overheid grijpt in. — Het binnendringen der ziekte van buiten af. — Een machtig vyapen : de cholera-vaccinatie. — Na de epidemieën in 1902 en '08 komt de ziekte niet meer endemisch voor. — De laatste aanval (in 1918) afgeslagen. —Daarna is

D

Soerabaia cholera-vrij.

e pest heeft in den loop der jaren ook hier, evenals in andere kustplaatsen op Java, een g r o o t aantal

slachtoffers gemaakt. Z i j v e r o o r z a a k t e echter nooit zulke uitgebreide epidemieën als in het binnenland. D i t moge v r e e m d k l i n k e n , maar is een f e i t , v/aarvoor zelfs de geleerden nog geen afdoende v e r k l a r i n g hebben w e t e n te vinden. De omstandigheden voor het u i t b r e k e n van een ernstige epidemie waren en zijn te Soerabaia nog t o t op zekere hoogte gunstig. Toch is het aantal dooden hier, als gevolg van het o m zich heen g r i j pen der gevreesde z i e k t e , n o o i t zoo hoog gestegen als b.v. in sommige bergstreken. D i t is voor een deel te danken aan de krachtige maatregelen, die oogenblikkelijk werden getroffen na het v o o r k o m e n en bekend w o r d e n van de eerste pestgevallen. Bij de verdere, intensievere bestudeering der pestepidemiologie k w a m men weliswaar t o t de conclusie, dat enkele van die maatregelen overbodig w a r e n , doch d i t bleek pas later. In 1910 werden hier de eerste pestgevallen geconstateerd. De burgerij k w a m in het geweer en r i c h t t e een Pestbestrijdingscomité op, dat in k o r t e n t i j d een aanzienlijk bedrag bijeenbracht. De kosten van t a l r i j k e hygiënische maatregelen werden d a a r u i t bestreden. De huizen, w a a r i n pestgevallen w a r e n v o o r g e k o m e n , w e r d e n , na verkregen t o e s t e m m i n g van de bewoners en eigenaren, v e r b e t e r d . Z o o w e r d van alles gedaan o m de ziekte in den k o r t s t mogelijken t i j d den kop in te d r u k k e n . Zooals in zoovele andere gevallen, w e r k t e het p a r t i c u l i e r e i n i t i a t i e f ook hier stimuleerend op de Overheid. H e t G o u v e r n e m e n t stelde den Dienst der Pestbestrijding i n , welke dienst t e Soerabaia de taak van het C o m i t é o v e r n a m . O o k het personeel ging in zijn geheel over. Uitzwavelingsposten aan de toegangswegen t o t de stad werden opgericht. ( Z o o ' n post is o.a. jarenlang gevestigd geweest op Goenoengsarie. A l l e van en naar de stad komende prauwen, t j i k a r s , enz. werden m e t inhoud en al uitgezwaveld.) W o n i n g e n en goedangs werden op gezette tijden geïnspecteerd. Bleken zij pestgevaarlijk te zijn, dan gaf het hoofd van plaatselijk bestuur, de assistent-resident op advies van de artsen der

Pestbestrijding

noods te

last

om

de

w o o n - en opslagruimte

uit

te

zwavelen,

te

verbeteren

of

des-

ontruimen.

Periodiek w e r d een g r o o t e schoonmaak gehouden in die kampongs, welke als pestgevaarlijk werden beschouwd. H i e r t o e behoorden o.a. de kampongs Kepoetran, Njamploengan, A m p e l , Sidodadi, Kembang Djepoen, Pengampon en Djagalan. Meer dan 12.000 woningen stonden onder v o o r t d u r e n d t o e z i c h t en werden minstens éénmaal per week door daartoe aangestelde m a n t r i ' s bezocht. Op de zindelijkheid in de huizen en op de erven heeft deze inspectie een uitstekenden invloed gehad. N a a r m a t e het aantal pestgevallen v e r m i n d e r d e , werden deze maatregelen geleidelijk i n g e t r o k k e n . Ook

het

tevoren

de internationaal en prauwen)

over.

speciaal

opgerichte

voorgeschreven

Pestlaboratorium

maatregelen

werd

(betreffende

opgeheven. Tenslotte

de p e r i o d i e k e

uitzwaveling

bleven van

alleen schepen


Hoe s o m m i g e m e n schen in ons „ M o o i Indie" wonen. Stulpjes te Songojoedan. Dieren krijgen betere hokken. (Foto Gleysteen.)

Mèt de o n t w i k k e l i n g der Gemeente en de toename van haar bemoeienis op velerlei gebied k w a m e n de algemeene verordeningen in de plaats van de t a l r i j k e maatregelen, speciaal tegen de pest genomen ; deze hadden een b e p e r k t t e r r e i n o m v a t , t e r w i j l de verordeningen een u i t g e s t r e k t e r gebied bestreken. Ik denk b.v. aan de bouw- en w o n i n g v e r o r d e n i n g , de vuilnisverordening en aan sommige a r t i k e l e n van de Bakkersv e r o r d e n i n g . O o k de systematisch aangevangen en uitgevoerde kampongassaineering en de woningverbet e r i n g , zoowel door de Gemeente zelf als door de N.V. Volkshuisvesting geëntameerd, w e r k t e n alle in één zelfde r i c h t i n g , n l . in die van meerdere en betere hygiënische toestanden. N a t u u r l i j k heeft de afkondiging dier verordeningen niet dadelijk aantoonbare resultaten opgeleverd. Toch zijn er in den loop der jaren heel w a t verbeteringen d o o r ontstaan. Toestanden, die men vroeger ,,gew o o n " vond, zou men nu, indien men ze aantrof, als abnormaal kwalificeeren. Een van de gemeentelijke verordeningen, waarvan de afkondiging in het bizonder heeft meegewerkt o m het pestgevaar te Soerabaia te v e r m i n d e r e n , is de vuilnisverordening. O o k in de kampongs w o r d t nu het vuil opgehaald. D i t heeft tengevolge, dat er geen vuilnishoopen meer in de Inlandsche wooncentra ontstaan. H e t afval en de etensresten blijven niet lang in de huizen of op de erven, doch w o r d e n snel naar de belten afgevoerd. O o k m e t de systematische kampongsassaineering b e r e i k t m e n , dat de zindelijkheid in de kampongs t o e n e e m t , w a n t ziet de omgeving van het huis er schoon en netjes u i t , dan k o m t men er vanzelf t o e o m ook de w o n i n g beter t e onderhouden. Op het uitstekende w e r k , dat in het belang van de Volkshuisvesting is v e r r i c h t , heb ik reeds eerder gewezen. Toch is een ideale toestand nog lang niet b e r e i k t . Vele complexen k r o t w o n i n g e n , die veelal pestgevaarlijk en mede d a a r o m onbewoonbaar zijn, moesten eigenlijk w o r d e n afgebroken. Z i j blijven echter gehandhaafd o m de eenvoudige reden, dat er een e n o r m e woningnood

bestaat. Bij de w o n i n g t e l l i n g der

Gemeente in 1929 bleek, dat van de 43.800 woningen, die er in t o t a a l in Soerabaia w a r e n , 12.500 van permanent, 7.600 van semi-permanent en 23.700, dus het meerendeel, van t i j d e l i j k m a t e r i a a l waren o p g e t r o k k e n . T o t het laatstgenoemde aantal behoorden de 22.000 k r o t w o n i n g e n . Een getal, dat voor zich zelf s p r e e k t ! T e n s l o t t e vestig ik nog de aandacht op een maatregel, welke er ongetwijfeld eveneens t o e heeft bijgedragen o m de v e r b r e i d i n g van de pest tegen te gaan, n l . de v e r b e t e r i n g van de goedangs der g r o o t e s t o o m vaartmaatschappijen en veemen op het h a v e n t e r r e i n . Toen d i t t e r r e i n pas was opgespoten en de grond nog n a w e r k t e , was men wel genoodzaakt o m o p s l a g r u i m t e n van een lichte constructie op te t r e k k e n . Deze goe-

298


dangs m e t hun gebarsten aarden vloeren waren soms verzamelplaatsen van rattennesten. Later, toen de grond zich gezet had, werden de van licht m a t e r i a a l o p g e t r o k k e n pakhuizen afgebroken en vervangen d o o r stevige d e f i n i t i e v e goedangs m e t een uitstekende

vloerconstructie.

Van de pest naar de cholera il n'y a qu'un pas. Beide gevreesde ziekten w o r d e n vaak in één adem genoemd. Z i j hebben, o p p e r v l a k k i g beschouwd, dan ook

enkele punten van overeenkomst. De patiënten

lijden k o r t maar hevig. De ziekten kunnen zich snel verbreiden en een zeer g r o o t

aantal dooden maken.

T o c h zijn er ook t a l r i j k e verschilpunten. De cholera was hier veel e e r d e r d a n de pest. V o o r 1900 was eerstgenoemde ziekte te Soerabaia v r i j w e l epidemisch. Z i j heerschte echter niet het geheele jaar door even sterk, maar wel v e r o o r z a a k t e deze gevaarlijke en zeer infectieuse b u i k z i e k t e t e l k e n m a l e opnieuw epidemieën. D i t epidemisch optreden begon in den Oostmoesson. De ziekte woedde dan soms in hevige mate. In den Westmoesson, na het invallen van de regens, nam zij in hevigheid af o m vervolgens, al dan niet schijnbaar, geheel te verdwijnen. De cholera heerschte hier niet elk jaar even sterk. Soms k w a m e n er slechts weinige gevallen voor, andere jaren weer zeer vele. V o o r a l 1902 is voor oud-Soerabaianen een berucht cholerajaar geweest, w a a r i n de z i e k t e hevig woedde en t a l r i j k e slachtoffers eischte. In den t i j d , dat de vaccinatie tegen cholera nog niet bestond, althans hier in indië nog niet w e r d toegepast, en ook de h/giënische toestanden t e Soerabaia nog geheel anders waren dan tegenwoordig, was een doeltreffende bestrijding der ziekte u i t e r m a t e m o e i l i j k , zoo niet geheel onmogelijk. W e l isoleerde men de zieken, vaak ook de contactpersonen, maar wij weten nu, dank zij den vooruitgang van het bacteriologisch onderzoek, dat er ook bij cholera naast de klinisch duidelijke gevallen t a l van lichte gevallen v o o r k o m e n . Nog s t e r k e r : het gebeurde meer dan eens, dat geheel gezonde bacillendragers de ziekte o m zich heen verspreidden zonder dat men bevroedde hoe d i t kon geschieden. Pas veel later, toen de wetenschap het ziektev e r l o o p had bestudeerd, vond men de oplossing van het raadsel. Reeds spoedig na het optreden van de eerste choleragevallen greep de ziekte zoo snel o m zich heen, dat het geringe aantal d o k t o r e n en verplegers v r i j w e l machteloos stond. Het eenige w a t het Europeesche publiek kon doen, was het nemen van persoonlijke voorzorgsmaatregelen. De geneesheeren raadden aan o m het d r i n k w a t e r t e koken, alleen gekookte en nog w a r m e spijzen te nuttigen en onopengesneden vrucht e n t e eten, maar het behoeft geen betoog, dat de breede lagen der bevolking dergelijke maatregelen niet namen, soms ook niet konden nemen. Het infectiegevaar bleef dus bestaan en maakte onder de Inheemsche b e v o l k i n g t a l r i j k e slachtoffers. V o o r de Overheid w e r d het t i j d o m krachtig in te grijpen, o m aan de cholera den gunstigen voedingsbodem t e o n t n e m e n en zoodoende te b e l e m m e r e n , dat de ziekte zou v o o r t w o e k e r e n . Er w e r d voor gezorgd, dat b e t r o u w b a a r d r i n k w a t e r in overvloed verkrijgbaar was, dat een goed functionneerende faecaliënafvoer o n t s t o n d , dat het v u i l t r a n s p o r t snel geschiedde, waardoor het weer mogelijk w e r d o m het vliegengevaar

Een pestgevaarlijk v e r k l a a r d e woning.

299


te bestrijden. V e r d e r w e r d de schier eindelooze k a m p aangevangen tegen de v e r v u i l i n g van huis, erf en k a m pong. O o k w e r d de assaineering intensief aangepakt. Op deze wijze kon men v o o r k o m e n , dat de cholera in de stad epidemisch bleef voortbestaan.

Maar al deze maatregelen beschutten de bevolking echter niet tegen het binnendringen van de ziekte van buiten af. O m d i t te v o o r k o m e n d i e n t er streng t o e z i c h t te w o r d e n gehouden op alles w a t het binnenk o m e n der cholera bevordert. W o r d e n , niettegenstaande deze c o n t r o l e , toch nog ziektegevallen geconstateerd, die kennelijk d o o r invloeden van buiten de stad zijn ontstaan, dan blijft er nog over den verkoop en het gebruik van levensmiddelen nauwlettend na te gaan en daarbij al het schadelijke voor de volksgezondheid te w e r e n . O o k de cholera-vaccinatie is een machtig wapen, waarmee men den individueelen weerstand der bevolking tegen het infectiegevaar kan verhoogen, want de gevaccineerden loopen de ziekte niet op en kunnen haar dus niet helpen verspreiden.

Na de ernstige epidemieën in 1902 en 1908 is de cholera, mede dank zij de getroffen maatregelen, u i t Soerabaia verdwenen, d.w.z. zij heerscht hier niet endemisch. W e l i s w a a r ontstond in 1918 nog een kleine epidemie, maar het is v r i j w e l zeker, dat zij van buiten af, n l . van Sidoardjo, waar de ziekte toen heerschte, w e r d ingevoerd. T e r s t o n d werden t a l van ingrijpende maatregelen getroffen. Men had in den loop der jaren leergeld betaald, dus w e r d er streng opgetreden. De verkoop van voedingsmiddelen en dranken ( s t r o o p , ijs, enz.) op straat w e r d verboden en radicaal stopgezet. Zieken — ook de lichte gevallen — en de contactpersonen w e r den snel en streng geïsoleerd. De massale vaccinatie van een zeer g r o o t deel der bevolking, die zich daartoe in g r o o t e getale aanmeldde, heeft er eveneens t o e meegewerkt, dat de cholera in k o r t e n t i j d weer u i t de stad verdween. Z i j nestelde zich nog een poos in het Oosten en Noord-Oosten van het v o o r m a l i g gewest Soerabaia, maar t o e n zij ook daar w e r d geattaqueerd, sloeg zij v o o r goed op de vlucht. H i e r heeft men dus een prachtig voorbeeld, hoe door isolatie van patiënten, het nemen van hygiënische maatregelen en massale vaccinatie een optredende epidemie kan w o r d e n bestreden. Na 1918 is in Soerabaia geen cholera meer v o o r g e k o m e n .

PESfGEVALLE>

TE

SOERiBilV

|TWEE-MA.V>DELYKS )

f SS 100

1

?^ '',.iir~>9\:

i"ii

i-n'i

I'll."'

i^Mi.- " M ,

Een interessante grafiek, aangevende tijdvak 1911 - '31.

ii>,T 1 "> i'T'd <",i

I-.:

het

het aantal

verloop

van

''

' ' ' ' ' I i'''::* i " ° t ' i-'^r

pestgevallen

te

'••"-•°' H)x'')~^<)ifi

i^si

Soerabaia in

het


o

TYPHUS ABDOMINALIS. Typhus, de ziekte der onzindelijkheid. — De „lichte gevallen" en de bacillendragers. — De typhusmorblditeit. — Onbetrouwbare cijfers. — Een statistiekje van den typhus te Soerabaia en te A m sterdam. — Mortaliteitcijfers. — De typhusbestrijding. — Drinkwatervoorziening. — Bestrijding van het vliegengevaar. — Het vraagstuk van den faecaliënafvoer. — De rol van de melk. — Het zoeken naar bacillendragers. — Het doordringen van hygiënische begrippen.

I

y

e bestrijding van den typhus abdominalis onder een vrijlevende bevolking is een der moeilijkste

opgaven, welke de hygiënist zich kan stellen. Men zou de genoemde k r a n k h e i d als „ d e ziekte der onzindelijkheid par excellence" kunnen b e t i t e l e n . Ik doel m e t het w o o r d onzindelijkheid niet alleen op een v e r v u i l den toestand van huis en erf m e t al den aankleve van dien (zooals onrein badwater, slechte faecal iënafvoer, vuilnishoopen en vliegen), maar ook op de onzindelijkheid van gezin en huisgenooten (huisjongen, k o k k i e , enz.). De typhus-frequentie in een stad of in een landstreek geldt dan ook m i n of meer als een w a a r d e m e t e r voor den graad van zindelijkheid, waartoe de heele bevolking zich heeft weten op t e w e r k e n . Tal van fact o r e n en maatregelen moeten er toe meewerken, teneinde deze frequentie t o t zoo gering mogelijke afm e t i n g e n t e r u g te brengen. Verschillende maatregelen kunnen door de Overheid alléén worden getroffen, voor andere is het echt e r noodig, dat de bevolking m e d e w e r k t en juist d i t f e i t maakt de bestrijding der ziekte onder een v r i j levende bevolking t o t een p r o b l e e m . De grootste m o e i l i j k h e i d der typhus-bestrijding schuilt in het bestaan van de t a l r i j k e lichte gevallen en van de bacillendragers. Zonder dat deze het zelf weten — zij zijn overigens i m m e r s geheel gezond — kunnen zij vele jaren lang, soms gedurende hun geheele verdere leven, de ziekte ( d o o r contact of door besmett i n g van voedingsmiddelen, d r i n k w a t e r , m e l k , enz.) helpen verspreiden. Men kan nu wel van overheidswege tal van hygiënische maatregelen voorschrijven en u i t v o e r e n , maar het is eenvoudig ondoenlijk o m alle lichte gevallen van typhus en de bacillendragers onder een vrijlevende bevolking op te sporen. V o o r a l deze laatste groep van besmetters kunnen er alleen dan toe medewerken o m de ziekte niet verder te v e r b r e i d e n , indien zij zelf hun gevaarlijkheid kennen en bovendien genegen zijn bij v o o r t d u r i n g allerlei desinfectie-maatregelen toe te passen. Als m e n d i t alles weet en de toestanden kent, welke onder de bevolking van Soerabaia heerschen, dan k o m t men vanzelf t o t de conclusie, dat de typhus hier, evenals trouwens in andere Indische steden, m o e t v o o r k o m e n en dat de s t r i j d tegen deze ziekte een m o e i l i j k e en langdurige is. Laten wij nu eerst de frequentie van den typhus, de typhusm o r b i d i t e i t , in de gemeente Soerabaia beschouwen.

Een hoekje van den ouden, thans afgebroken passer Genteng. De toestanden, die er heerschten, spotten met elk begrip van hygiëne. Vliegenvrij waren dergelijke passers niet te maken; zij vormden dan ook een voortdurenden besmettingshaard van typhus.


In het begin van deze eeuw meende m e n , dat de typhus niet in Indië v o o r k w a m . Men nam eenvoudig aan, dat de patiënten aan andere ziekten leden. Betere onderzoekmethoden en het onbevangen klinisch onderzoek m a a k t e n , dat de ziekte herkend w e r d . H e t is v o o r n a m e l i j k aan den vooruitgang der bacteriologie t e danken, dat men geleidelijk aan t o t de o v e r t u i g i n g k w a m van het veelvuldig v o o r k o m e n van typhusgevallen in de t r o p e n . Z o o ook t e Soerabaia. In de jaren 1918 —'31 werden de volgende aantallen typhusgevallen officieel g e r a p p o r t e e r d . (In de laatste k o l o m is het sterftepercentage opgenomen.)

Typhus abd.

1918 1919 1920 1921 1922 1923 1924 1925 1926 1927 1928 1929 1930 1931

302

— — 66 81 115 114 183 188 347 164 153 181 195

Para-typhus.

— — II 10 7 6 21 23 5 10 24 23 28

Totaal.

151 145 209 77 91 122 120 202 211 352 174 177 204 223

Sterfte in "'(,.

20.32.21.18.2 20.9 14.8 20.8 19.8 26.1 19.9 16.7 24.9 20.1 21.1


Deze cijfers zeggen, zooals ik hieronder nader uiteen zal z e t t e n , weinig, maar één conclusie kan men veilig t r e k k e n . In 1927 ziet men het aantal typhusgevallen plotseling a a n m e r k e l i j k stijgen. Aan d i t f e i t w e r d door tusschenkomst van de dagbladen bekendheid gegeven. Een ieder w e r d aangespoord o m zich t e laten vaccineeren (drievoudige vaccinatie). Van deze gelegenheid w e r d een zeer r u i m gebruik gemaakt en daarna daalde het aantal typhusgevallen, t o t het n o r m a l e peil weer was b e r e i k t , maar beneden de gewone cijfers zakte de frequentie echter niet. Een van de eersten, die na den oproep in de Pers o m advies k w a m vragen, was de beheerder van een internaat voor Inheemsche studeerenden, een Javaan. De aan zijn zorgen t o e v e r t r o u w d e jongens werden gevaccineerd en toen k w a m de s t r o o m los. A l l e scholen, ook de Inlandsche, k w a m e n zich v o o r de drievoudige vaccinatie aanmelden. Ruim 27.000 personen werden gevaccineerd. In d i t opzicht valt sedert het

begin

van deze eeuw een e n o r m e vooruitgang te constateeren. Ik w i l nog even t e r u g k o m e n op de eerder genoemde o n b e t r o u w b a r e cijfers. De t o t a l e n der beginjaren van de officieele lijst zijn in het algemeen lager dan later. Indien men h i e r u i t t o t een v o o r t d u r e n d e stijging van het aantal typhusgevallen zou concludeeren, zou men verkeerd doen. Men m o e t niet vergeten, dat de bevolkingsaanwas in de periode 1920—'30 zeer belangrijk was en het dus zeer logisch is, dat ook het aantal typhusgevallen t o e n a m . Daar k o m t nog bij, dat g r o o t e r e groepen van de bevolking, welke daar vroeger niet aan zouden hebben gedacht, medische hulp gingen inroepen. De weerzin tegen de behandeling in een ziekenhuis begon t e v e r m i n d e r e n , t e r w i j l als bijkomend o p m e r k e l i j k verschijnsel het polikliniekbezoek vermeerderde. D i t zijn belangrijke f e i t e n , waardoor de stijging verklaarbaar w o r d t , zonder te meenen, dat zij aan een toename der onzindelijkheid is t o e te schrijven. Bernard en Debré hebben het in hun „ C o u r s d ' H y g i è n e " zoo k o r t en duidelijk neergeschreven : „Plus les enquêtes sont menés avec soin, plus grand devient Ie n o m b r e des cas qu'on découvre". Zoo is het ! Hoewel er van officieele zijde tal van statistieken zijn opgesteld, o.a. betreffende het v o o r k o m e n van den typhus onder

de

verschillende

bevolkingsgroepen, publiceer

cijferlijsten hier niet, o m d a t

zij o m de hooger

ik

die

genoemde

redenen v o l k o m e n onbetrouwbaar zijn en men er dus t o t a a l verkeerde gevolgtrekkingen u i t zou kunnen p u t t e n . Ik w i l slechts één u i t z o n d e r i n g maken. H i e r o n d e r volgen cijferreeksen, aangevende het aantal typhusgevallen (per 10.000 Europeanen) in Soerabaia en in Nederlands hoofdstad. JAAR

SOERABAIA

AMSTERDAM

1925

43

2,2

1926

40,8

1.2

1927

si.i

1,3

1928

28,3

1,5

1929

22,7

1930

22,1

U i t bovenstaand statistiekje b l i j k t duidelijk, dat de typhusfrequentie te Soerabaia, gelijk waarschijnlijk in alle Indische steden, belangrijk hooger is dan in Nederland. W e l i s w a a r is de vergelijking niet geheel zuiver, maar toch zuiver genoeg o m een algemeene conclusie te w e t t i g e n . Men houde er echter rekening mee, dat t o t de Europeesche bevolkingsgroep

in

Eén van de voorwaarden voor een bevredigende typhusbestrijding is het leveren van bacterlevrij drini<- en badv/ater aan de kampongbevollcing. Het nevenstaande grafiekje geeft aan het totaal aantal geplaatste muntmeters (voornamelijk in de kampongs). W a t een stijging in luttele jaren i

? 3- 4' I" ? J •

, S ^ S ' ^ ^ ^

|, 2 ' 5< 4 ' !• £> J' 4. !• 2 ' 3" 4 ' 1' 2' 3' V

/ ^ Z S ' " ^ "

> 9 i 0 ' ^ ^ '

I


Een oude merkwaardige foto van de „sluis" op Goebeng. Op den achtergrond : de vroegere Goebengbrug.

Soerabaia ook gerekend moeten w o r d e n de Indo-Europeanen, van wie velen in k o m m e r v o l l e omstandigheden leven in kamponghuisjes t e m i d d e n der Inheemsche bevolking. H i e r d o o r w o r d t het verhoudingscijfer natuurlijk gedrukt. Als vergelijkingsobject w e r d de t / p h u s f r e q u e n t i e van A m s t e r d a m genomen, o m d a t slechts de cijfers van deze stad verkrijgbaar w a r e n . Billijkheidshalve zij hier echter v e r m e l d , dat A m s t e r d a m w a t zijn hygiënische en sociale voorzieningen b e t r e f t v r i j w e l aan de spits der Nederlandsche steden staat. Een vergelijking m e t andere g r o o t e plaatsen zou dus voor Soerabaia heel w a t gunstiger u i t v a l l e n . Sinds 1927 bewegen de cijfers voor Soerabaia zich in dalende lijn. De periode t o t en m e t ' 3 0 is echter t e k o r t , dan dat men zou mogen concludeeren : „ E r is een blijvende v e r b e t e r i n g " . Had men aan de m o r b i d i t e i t s c i j f e r s weinig houvast, de zaak v e r a n d e r t , zoodra w i j de m o r t a l i t e i t s cijfers beschouwen. In onderstaande tabel plaats ik naast elkaar de aantallen geconstateerde t/phusgevallen ( i n de jaren 1921 t o t en m e t 1931) onder de Europeanen en Inheemschen zoomede het percentage der sterfte. H i e r d o o r w o r d t het treffen van een vergelijking t o t op zekere hoogte mogelijk.

Europeanen

inheemschen

Jaar

1921 1922 1923 1924 1925 1926 1927 1928 1929 1930 1931

Aantal

Sterfte in *'„

Aantal

Sterfte in "^

57 47 59 63 97 91 118 57 55 58 62

12.3 10.6 10.2 17.5 11.3 17.6 11.2

15 28 49 44 74 93 164 47 61 89 93

46.7 32.1 18.4 25.26.31.2 28.23.4 44.3 23.6 24.7

3.5 10.9 19.11.3

De sterfte onder het aantal geconstateerde typhusgevallen bij de Inheemschen is dus t w e e d r i e m a a l g r o o t e r dan die onder de Europeanen.

tot


Op welke wijze nu kan het typhusgevaar v o o r de bev o l k i n g van een g r o o t e stad v e r m i n d e r d w o r d e n , en w a t is er te Soerabaia in d i t opzicht gedaan? O m d i t na te gaan, is het noodig t e w e t e n , hoe typhus w o r d t overgebracht. D i t kan n l . op de volgende t w e e wijzen geschied e n : Ie. door een d i r e c t e faecale b e s m e t t i n g b.v. van het d r i n k w a t e r u i t den bodem ( p u t ) , d o o r m i d d e l van vliegen, of tengevolge van een slechten afvoer van de faecaliën, enz. en 2e. d o o r d a t lijders, verplegers of bacillendragers besmet zijn, in aanraking k o m e n m e t het voedsel en den drank van gezonden en zoodoende de bacillen

Binnenzijde pompstation Simolawang.

overbrengen. H e t v o o r k o m e n van de onder Ie genoemde besmettingswijze vereischt de z o r g voor goed en zuiver d r i n k w a t e r . In d i t opzicht heeft men in Soerabaia niet te klagen. Reeds in eigen

drinkwaterleiding, terwijl

in

1906 kreeg de stad

haar

1927 de capaciteit v e r g r o o t w e r d d o o r de verdubbeling van

de

hoofdaanvoerleiding. Sedert dien zijn de bronnen te Oemboelan gecapteerd, waarvan het w a t e r eveneens naar Soerabaia w o r d t geleid. O n d e r w i j l w e r d het t e k o r t aangevuld m e t stallatie te

Ngagel. ( I n het

hoofdstuk

over de W a t e r l e i d i n g

treft

behulp

van

de

zuiveringsin-

men de noodige details aan.)

Juist d i t t e k o r t , dat soms vooral op het einde van den Oostmoesson v r i j g r o o t e afmetingen aannam, is de g r o o t e m o e i l i j k h e i d geweest, welke men bij de d o o r v o e r i n g van de w a t e r v o o r z i e n i n g in de kampongs heeft moeten overwinnen. V e r d e r heeft het heel w a t geduld, t i j d en tact gekost o m bij de kampongbevolking den bestaanden weerstand te o v e r w i n n e n , teneinde het ideaal te kunnen verwezenlijken : „ l e d e r kamponghuis zijn eigen w a t e r l e i d i n g " . U i t de toename van het aantal geplaatste m u n t w a t e r m e t e r s b l i j k t nu w e l , dat die weerstand practisch gesproken is opgeheven. O o k u i t het f e i t , dat in de periode van 1921 t o t 1930 het w a t e r v e r b r u i k in de kampongs m e t niet m i n d e r dan 93 '^ is toegenomen en d i t , niettegenstaande

men

deze toename als gevolg van het reeds gememoreerde gebrek aan w a t e r heeft moeten r e m m e n . De bestrijding van het vliegengevaar is hier eveneens f l i n k aangepakt, dank zij de d o o r den Reinigingsdienst o n t w i k k e l d e a c t i v i t e i t . Sinds 1928 heeft men de vuilnisverordening geleidelijk aan, maar systematisch in alle kampongs van Soerabaia ingevoerd. Ook

daar

w o r d t thans, evenals in de andere deelen van de stad, v u i l en afval huis aan huis opgehaald. A l l e plaatsen, w a a r v u i l (o.a. stalvuil) zich kan ophoopen, w o r d e n geïnspecteerd, t e r w i j l overigens aan het vliegenvrij houden van de passers en vuilnisbelten zooveel mogelijk de hand w o r d t gehouden. ( V o o r verdere bijzonderheden o m t r e n t den

Reinigingsdienst verwijs

ik naar het

betreffende

hoofdstuk, biz. 148 e.v.)

j

H e t vraagstuk van den faecaliënafvoer in de kampongs, bewoond d o o r een hygiënisch zoo ongeschoolde bevolk i n g , is een der moeilijkste o m op te lossen. Reeds j a r e n l a n g is de Gemeente op d i t gebied w e r k z a a m . ( B i j . zonderheden h i e r o m t r e n t kan men vinden in het hoofdstuk

„Afwatering

ideaaltoestand zal

en

R i o l e e r i n g " , bIz. 143 e.v.).

pas b e r e i k t zijn, indien elk

De huis,

g r o o t of k l e i n , langs de hoofdwegen of in de kampongs gelegen, èn een afvoer van faecaalstoffen door een goed

Een l<ampongprivaat, 'n schamel afgeschut plekje, zonder dak, boven een kleine aarden afvoerleiding. Over deze leiding die in den Oostmoesson droog staat, hier en daar planken, die vaak de toegangswegen vormen t o t de huisjes en vooral door de kinderen ook als W . C. worden gebruikt.


LINKS:

Trap langs den kalikant op Njamploengan nnet de daar sinds jaar en dag liggende en steeds vernieuwde faecaalhoopen, een infectiebron voor de typhusverspreiding.

RECHTS:

Dezelfde trap na de aangebrachte verbetering. Aan het einde van den weg een openbare W . C. en badplaats.

functionneerende r i o l e e r i n g , èn d r i n k - en badwater u i t

de leiding bezit,

maar

het

is t e

begrijpen,

dat deze situatie niet op k o r t e n t e r m i j n t e v e r k r i j g e n is. T e n s l o t t e stip ik hier nog even aan, dat ook het b a n d j i r v r i j maken van de stad (zie biz, 145 en 146) een belangrijk bestrijdingsmiddel van het typhusgevaar is geweest. Melk speelt bij de verspreiding van de ziekte te Soerabaia een b e t r e k k e l i j k kleine r o l . D i t k o m t , o m d a t m e l k hier in Indië v r i j w e l

algemeen g e k o o k t w o r d t gedronken, t e r w i j l voor de bereiding van

verschillende ijssoorten ( s t r a a t v e r k o o p ) meestal b l i k k e m e l k w o r d t g e b r u i k t . D i t neemt niet weg, dat de gemeenteveearts op den gang van zaken bij de m e l k e r i j e n v o o r t d u r e n d t o e z i c h t uitoefent. De k w a l i t e i t van de „ d r a n k j e s " , snoeperijen en levensmiddelen, welke op straat t e n v e r k o o p w o r d e n aangeboden, zijn u i t een bacteriologisch oogpunt bezien, gewoonlijk zeer slecht. H e t zoeken naar bacillendragers heeft slechts zin bij de Europeesche bevolking en dan alleen nog maar bij de b e t r e k k e l i j k kleine groep der beter gesitueerden, die de instructies van de medici betreffende desinfectie van handen, lijfgoed, enz. v r i j g e t r o u w opvolgen. Bij de overige bevolkingsgroepen s t u i t men in d i t opzicht op o n o v e r k o m e l i j k e bezwaren, hetgeen niet t e verwonderen is, indien men rekening houdt

met

haar geringe hygiënische o n t w i k k e l i n g . Beschouwt men de beschikbare typhusstatistieken, vooral de Europeesche en Amerikaansche, dan k o m t men t o t de conclusie, dat de typhus in de landen m e t de hoogste c u l t u u r o n t w i k k e l i n g meer en meer afneemt. Rosenau c o n c l u d e e r t : „ T y p h o i d fever is m o r e or less endemic in all countries. The a m o u n t of t h e disease, however, varies greatly. It is clearly a disease of defective c i v i l i z a t i o n " . Seligmann v e r k l a a r t : „ D i e T y p h u s m o r t a l i t a t eines Landes ist gewissermaszen ein W e r t m e s s e r seiner hyginiësche

Kultur".

H e t d o o r d r i n g e n van hygiënische begrippen bij de geheele bevolking èn de overheidsmaatregelen vormen tezamen de bestrijdingswijze van den typhus. Maar aan beide eischen is in een stad als Soerabaia m e t haar heterogene bevolkingssamenstelling buitengewoon m o e i l i j k te voldoen. O m de hygiënische begrippen, waaronder begrepen moeten w o r d e n het inroepen van vroegtijdige medische hulp, opname (reeds in het beginstadium) van besmettelijke zieken in de hospitalen en hygiëne in het huisgezin, ingang te doen vinden, moeten de m e t d i t w e r k belaste personen beschikken over een g r o o t e m a t e van t a c t en geduld. H e t doordringen van die begrippen t o t in de laagste lagen der bevolking geschiedt zeer langzaam. Forceeren kan m e n d i t w e r k niet, hoogstens s t i m u l e e r e n o.a. d o o r een doeltreffende propaganda. Maar aanwijsbare resultaten zijn slechts na vele j a r e n onvermoeiden en onverflauwden arbeid in een tropische stad als Soerabaia t e bereiken.

306


0 MALARIA. De toestand voor eerste onderzoek zoekingen. — De teerde gebieden. overlaat.

1900. — Baanbrekende ontdekkingen. — Het aangrijpingspunt der bestrijding. — Het op uitgebreide schaal door Dr. Terburgh, aangevangen in 1911. — Verdere onderte Soerabaia voorkomende anophelessoorten en haar broedplaatsen. — De geïnfec— Een typisch verschijnsel. — Maatregelen. — Resultaten. — W a t nog te v/enschen

V,

oor 1900 was de wijze, waarop de m a l a r i a w o r d t overgebracht, nog niet bekend. Van welke zijde pre-

cies het gevaar dreigde, wist men toen nog niet, maar wel was men er van o v e r t u i g d , dat laaggelegen, moerassige streken bevorderlijk waren voor het verbreiden der ziekte. Daarom achtte men de stadsuitbreiding naar w a t nu de „ b o v e n s t a d " w o r d t genoemd gunstig voor het tegengaan van de m a l a r i a m o r b i d i t e i t . In de benedenstad echter, welke als het ware d o o r een gordel van moerassen en vischvijvers omsloten was, bleef het malariagevaar o n v e r z w a k t bestaan. In 1907 m e l d t de officier van gezondheid J. H. A . T. Tresling, dat de m a l a r i a m o r b i d i t e i t in de stad zelve — bedoeld w e r d de huidige „ b e n e d e n s t a d " — zeer g r o o t was. De m o r t a l i t e i t was in bepaalde perioden van dat jaar zesmaal g r o o t e r dan in dezelfde maanden van het voorafgaande jaar. In 1909 was deze malariaepidemie nog niet uitgewoed. D i t b l i j k t o.a. uit berichten van de stadsgeneesheeren. in een kampong m e t 820 inwoners, gelegen t e m i d d e n der t a m baks (waarschijnlijk w o r d t

de

vroegere kampong Morokrembangan be-

doeld), waren op een bepaald oogenblik 589 personen ziek. Deze berichten illustreeren in welke hevige m a t e de m a l a r i a kan o p t r e d e n . Jarenlang kan deze sloopende en afmattende z i e k t e den gezondheidstoestand van een bevolking gestadig ondermijnen. T o t aan het begin van deze eeuw was de kennis o m t r e n t het ontstaan en de v e r b r e i d i n g van de m a l a r i a nog een hoogst p r i m i t i e v e . W e l was men ervan o v e r t u i g d dat de ziekte samenhing m e t moerassen, maar hoe die samenhang was, wist men nog niet. Men meende, dat de m a l a r i a veroorzaakt w e r d d o o r de miasmen, door de „slechte l u c h t " , w e l k e boven de moerassen hing. Vandaar ook de naam : mal-aria. In de v o o r de bacteriologie en protozoölogie zoo belangrijke j a r e n tusschen 1880 en 1900 werden ook voor de kennis der m a l a r i a

en haar

bestrijding baanbrekende ontdekkingen gedaan. In 1880 vond Lavéran te Algiers de malariaparasiet in het bloed van de patiënten. Hij wees aan als de veroorzaakster der malaria. Ronald

haar

Ross in Engelsch-lndië

bouwde op deze gegevens en op die, d o o r Patrick Manson verzameld, v o o r t . H i j o n t d e k t e den ontwikkelingsc/clus der analoge vogelmalaria in muskiet e n (culex). Toen zocht hij naar de o n t w i k k e l i n g s v o r m e n van de mensche-

Dr. J. Th. Terburgh (inspecteur B. G. D. van A p r i l 1911 t o t en met Mei 1917), die het eerste onderzoek op uitgebreide schaal instelde, teneinde juiste gegevens te verkrijgen over de malaria-morbiditeit in de stad.


Malaria-onderzoek in den kampong ; bepaling van milt- en parasietenindex.

lijke malaria in muskieten, vond ze niet in de culex-soorten, maar wees de anophelinen (sported wings) aan als de muskietensoort, welke de malaria op gezonde personen kan overbrengen. Deze ontdekking deed hij in 1896. Daar deze anophelinen overal voorkomen waar stilstaand water is, was met deze wetenschappelijke vondst het geheim van den door malaria gemfecteerden mensch reeds ten deele ontsluierd, doch op het gebied van de succesvolle malariabestrijding was nog niet veel bereikt.

Beter dan met woorden mogelijk is, geven deze drie kaartjes van Soerabaia aan, wat op het gebied der malaria-bestrijdmg is bereikt. De kampongs in Noord- en Oost-Soerabaia zijn uit een oogpunt van malaria-bestrijding steeds zorgenkinderen geweest van den D.V.G. Men vergelijke nu eens de getallen, betrekking hebbende op den miltmdex, respectievelijk in de jaren 1917, 1922 en 1929, en constateere dan den grooten vooruitgang, welke t o t uitdrukking komt in de steeds meer „ g e d r u k t e " getallen. Zelfs een leek op hygiënisch gebied m e r k t in één oogopslag op, dat zegenrijk werk is verricht.

f S S E R * B A

A

92 3

80.0 81.6

97 0 83.0

S3.9 46.1 83.0

r

^ j

308


ff— 1922

Ook deze beide kaartjes met getallen, betreffende parasietenindex in 1922 en 1929, spreken voor zich zeK. Duidelijk blijkt, dat de malaria in dit zevenjarige tijdvak in Noord- en Noord-OostSoerabaia sterk is teruggedrongen.

-.Wvt'-)'i

In d i t opzicht heeft de lijdende menschheid veel te danken aan den Italiaanschen onderzoeker Grassi, die bewees, dat van de zoo t a l r i j k e en overal v o o r k o m e n d e anophelinen slechts enkele soorten de m a l a r i a kunnen overbrengen. V o o r elk land, ja zelfs voor iedere landstreek zijn het meestal slechts één of t w e e anophelinensoorten, die de z i e k t e v e r b r e i d e n . Deze o n t d e k k i n g bracht de malariabestrijding een f l i n k e n stap v o o r u i t . Bij voortgezet onderzoek bleek n.l. al spoedig, dat iedere anophelessoort zijn eigen bepaalde broedplaatsen heeft. D i t f e i t nu is het aangrijpingspunt der bestrijding. Men gaat daarbij ongeveer als volgt te w e r k . Eerst w o r d t naar de plaatsen gezocht, waar de m a l a r i a het sterkst v o o r k o m t . D i t geschiedt door bepaling van m i l t - en parasietenindex bij de bewoners. ( I k zal hier niet nader op ingaan, o m d a t de techniek daarvan op speciaal medisch t e r r e i n ligt.) Dan gaat men na, welke anophelinensoorten besmet zijn. In de huizen w o r d e n de anophelinen gevangen. Daarna w o r d t onderzocht, welke soorten m e t m a l a r i a besmet zijn. Vervolgens zoekt men naar de broedplaatsen van de schuldige muskieten en m a a k t de diertjes onschadelijk. Men b l i j f t v o o r t d u r e n d controleeren of de speciale soort anophelinen, die de m a l a r i a overbrengt, wegb l i j f t . O o k gaat men doorloopend na of het aantal malarialijders afneemt. Is d i t het geval, dan b l i j k t de strijd succesvol t e zijn

geweest.

W a t is er nu t e Soerabaia voor de malariabestrijding gedaan ? In 1911 stelde de toenmalige inspecteur van den Burgerlijk Geneeskundigen Dienst Dr. T e r b u r g h het eerste onderzoek op uitgebreide schaal i n , teneinde juiste gegevens t e verkrijgen over de m a l a r i a - m o r b i d i t e i t in de stad. V i j f jaar later, in 1916, w e r d de Plaatselijke Gezondheidsdienst ingesteld, welke o.m. t o t taak had onderzoekingen te v e r r i c h t e n o m t o t de kennis t e geraken van de meest doelmatige wijze van bestrijding van volksziekten. Daar de m a l a r i a hier een der meest verbreide volksziekten was, vond in het genoemde en het daaropvolgende jaar een uitgebreid m i l t o n d e r z o e k en in bepaalde gedeelten van de stad een bloedonderzoek plaats. D i t was noodig mede in verband m e t de in 1917 optredende malaria-epidemie. De gouvernements-arts Van Breemen en het t o e n malige hoofd van den Gezondheidsdienst C i t r o e n , die samenwerkte m e t D r . — thans professor — Swellengrebel, hebben in d i t opzicht verdienstelijk w e r k v e r r i c h t . In 1917 w e r d het w e r k van Van Breemen, inzake de opsporing van de eigenlijke malaria-overbrengers, v o o r t g e z e t . D i t was noodig, o m d a t men eerst moest w e t e n , welke anophelinensoorten hier de ziekte vero o r z a a k t e n , o m daarna de broedplaatsen te kunnen zoeken en vernietigen. Gelukte d i t , dan kon men de bes t r i j d i n g aanvangen. O o k van Marine-zijde bestond voor de oplossing van het moeilijke vraagstuk g r o o t e belangstelling. Begrijpelijk, o m d a t de gezondheid van de t a l r i j k e Marine-menschen aan den Oedjoeng op het spel stond. Daar w e r d dan ook een uitgebreid en systematisch opgezet onderzoek ingesteld naar de malaria-overbrengende anophelinen.


LINKS:

Anophelinenvangst in den kampong.

RECHTS:

Proefvangst van muskieten in een karbouwenstal

in k a m p o n g Boelaksari. H e t onderzoek

van de

vangst

wijst

u i t , w e l k e muskietensoort de z i e k t e v e r o o r z a a k t .

Daarbij bleek, dat de m a l a r i a , in de kampongs aan brak w a t e r gelegen (aan de kust en nabij de vischvijvers), v e r o o r z a a k t w e r d d o o r de A . L u d l o w i en in veel m i n d e r e m a t e door de A . Rossi誰. Beide anophelessoorten hebben haar broedplaatsen in brak w a t e r . De dieper landwaarts in gelegen kampongs, zooals Ketabang en Goebeng, werden m e t m a l a r i a ge誰nfecteerd d o o r de A . Aconitus. Deze kiest t o t broedplaats een helder s t r o o m e n d w a t e r liefst m e t begroeide oevers. Z i j k o m t ook voor op pas geoogste sawahs ( i n het Z u i den en Zuid-Oosten van Soerabaia). H e t is typisch, dat deze anophelessoort jarenlang voor de malaria-overbrenging geheel onschadelijk kan zijn, maar dan plotseling helpt zij de ziekte in hooge m a t e v e r b r e i d e n . Hoe d i t mogelijk is, staat t o t nu t o e nog niet vast. H e t onderzoek leverde echter nog meerdere positieve feiten op. Er kon n.l. w o r d e n vastgesteld, dat de gebieden, die het sterkst en chronisch door m a l a r i a ge誰nfecteerd w a r e n , in het N o o r d - W e s t e n , N o o r d e n en Noord-Oosten van de stad lagen. In de kampongs Krembangan, Njamploengan en Kapasan k w a m de m a l a r i a endemisch voor. Een hooge m i l t i n d e x bij volwassenen

en k i n d e r e n , gepaard

aan

een hooge parasietenindex, in het bijzonder bij de kinderen op jongen leeftijd, waren aanwijzingen, dat

hier

de

malaria

in sterke

m a t e chronisch-endemisch

heerschte en in sommige gedeelten

nog

heerscht. Naast deze endemische m a l a r i a ontstaan af en t o e acute o p f l i k k e r i n g e n der z i e k t e , soms tengevolge van het seizoen, soms door t o t nog t o e onbekende oorzaken, w a a r d o o r de anophelinen betere bestaansvoorwaarden krijgen. Dan zijn bij een m i n of meer belangrijk deel der bevolking plotseling ernstige ziekteverschijnselen w a a r t e nemen ; het sterftecijfer kan soms s t e r k stijgen. Z o o was 1907 voor N o o r d - W e s t - en Noord-Soerabaia een berucht malaria-jaar. O o k in M a a r t 1921 t r a d de m a l a r i a t e Tandjong Perak ( N . W . Soerabaia) en aan de Oedjoeng (N.O.Soerabaia) epidemisch op. D i t verschijnsel v i n d t zijn v e r k l a r i n g in het ontstaan van t a l r i j k e brakwaterplassen op het toen pas opgespoten h a v e n t e r r e i n . In Augustus van dat jaar breidde de epidemie zich u i t over de N o o r d e l i j k e kampongs van Krembangan, grenzende aan het havenemplacement. Juist een jaar later, n.l. in de maanden Augustus en September 1922, sloeg de epidemie over naar de S i d o t o p o - b u u r t ( i n N.O. Soerabaia), waar de z i e k t e , welke acuut o p t r a d , vooral onder het daar wonend S.S.-personeel hevig woedde. A l deze epidemie谷n ontstonden meestal in de maanden Juli (soms reeds in Mei) t o t September en verdwenen weer, z o o d r a de regens i n t r a d e n . D i t o p m e r k e l i j k e f e i t had men ook theoretisch kunnen afleiden u i t het aantal gevangen Ludlowi-anophelinen in de verschillende maanden van het jaar. H e t ondervolgend staatje geeft aan w a t ik bedoel. T e r Poorten m e l d t n.l., dat in 1924 op iedere 100 A . Rossi werden gevangen i n :

310


LINKS :

O p deze foto ziet m e n tegen de k l a m b o e van een karbouwenstal — het gefotografeerde bedraagt ± '

oppervlak

, m^—tientallen m a l a r i a m u s k i e t e n z i t t e n . M e n kan zich d o o r d i t beeld een voorstelling

m a k e n van de intensiteit der nnalaria in den kampong Boelaksari. RECHTS :

Een broedplaats van de Aconitus-muskiet op W o n o k r o m o .

D e z e muskietensoort t r e f t m e n vooral

aan in de m e e r landwaarts gelegen kampongs ; zij kiest t o t

broedplaats helder s t r o o m e n d w a t e r ,

liefst m e t begroeide oevers.

Januari

25

Februari

109

Maart

279

April

582

Mei

1198

Juni

1034

Juli

1371

Augustus

1035

September

720

October

November

December

A. Ludlowi

Ik herinner aan het hierboven vastgelegde f e i t , dat het v o o r n a m e l i j k de Ludlowi-anopheles is, die de m a l a r i a

in de kustkampongs veroorzaakt. Geheel anders is de toestand in de overige deelen

van de stad, waar

de A . Aconitus

de

ziekte

verspreidt.

Daar

mist

men de malaria-endemie, de

v o o r t d u r e n d e infectie, waaraan de bevolking b l o o t staat. In de dieper landwaarts gelegen kampongs, zooals b.v. in 1919 op Ketabang, traden alleen de echte

malaria-epidemieën op. Z i j verschenen op

raadselachtige wijze o m b e t r e k k e l i j k plotseling bij het intreden van den regentijd t e verdwijnen en dan ook meestal in jaren niet t e r u g t e keeren. A l l e e n d o o r een v o o r t d u r e n d e controle der anophelinen (vangst en onderzoek naar soorten en percentage der besmette exemplaren), gepaard aan een gestadig zoeken naar de broedplaatsen, kan men ingelicht w o r d e n over een te verwachten u i t b r e i d i n g der m a l a r i a . Men kan dan t i j d i g zijn maatregelen t r e f f e n , teneinde het u i t b r e k e n eener epidemie zooveel mogelijk tegen te gaan. D i t gebeurt hier dan ook sedert 1917. Dank zij de geregelde bepaling van den m i l t - en parasietenindex heeft men bovendien een v r i j j u i s t inzicht gekregen in de resultaten van de maatregelen, welke in de verschillende deelen der stad zijn genomen t e r bestrijding van de ziekte. Laten w i j

nu

nagaan

welke

die

maatregelen

waren.

n a d r u k k e l i j k op w i j z e n , dat vele van die voorzorgen niet

Om

te beginnen

moet

alleen de m a l a r i a - m o r b i d i t e i t

vloed, maar ook den algemeenen gezondheidstoestand ten goede zijn gekomen. Daarbij

ik

er

echter

hebben beïnk o m t nog, dat


zij

in

sommige

gevallen g r o o t

opgeleverd, aangezien

economisch

belangrijke

nut

hebben

t e r r e i n e n daardoor

be-

woonbaar werden g e m a a k t . De maatregelen, welke moesten en t e n deele nog moet e n w o r d e n genomen, betreffen in hoofdzaak : Ie.

H e t b a n d j i r v r i j maken van de stad en de o m s t r e k e n ; daarbij dient gezorgd t e w o r d e n voor een goede afwat e r i n g , zoodat geen poelen of plassen ontstaan en het w a t e r overal snel afvloeit.

2e.

a.

H e t ongevaarlijk maken van de vischvijvers in N . W .

Soerabaia t o t t e n Z. van de Doepakleiding ;

Hoe men door het opspuiten van tambaks en het zorgen voor een goed functionneerende afwatering van het opgespoten terrein een door malaria geteisterde streel< (Noord-Soerabaia) in een gezonde woonwijl< l<an herscheppen.

b.

i d e m van het moeras, gelegen tusschen de Kali Mas

en de Kali Pegirian in N. Soerabaia en c.

i d e m van de moerassige t e r r e i n e n t e n O. van de

Kali Pegirian ( N . O . Soerabaia).

W^ *9K

( i n vele der vorige hoofdstukken, o.a. van afdeeling 3 „ D e G e m e e n t e " , t r e f t men o m t r e n t deze uitgevoerde of nog -^ X 4r

^.^.y^

^mk

MA

.sakx. . i^^^

.,

1 ^J

u i t t e voeren w e r k e n de noodige bijzonderheden aan.)

,

W e l k e resultaten hebben deze maatregelen nu opgele-

•pv««||^pf!» ^ ^ ? 1

'""'mi..

MM

verd? Beter dan m e t veel w o o r d e n , kan ik de e n o r m e verbetering in den malariatoestand hier duidelijk maken

met

behulp van de t w e e op de volgende bladzijde v o o r k o m e n d e •i

.

Het Priokplein op Perak. Waar eens tambaks vaaren, ligt nu een uitgestrekte v^oonvi^ijk op het Haventerrein.

grafiekjes. H e t beruchte

eerste b e t r e f t

de sterfte in het m a l a r i a -

o n d e r d i s t r i c t Krembangan, het

sterftelijnen

aan

tweede

geeft de

in de geheele stad. Teneinde de g r o o t e

daling van het sterftecijfer ( u i t g e d r u k t in pro

mille-cijfers

per maand) zoo opvallend mogelijk t e doen zijn, heb ik de t w e e uiteenliggende perioden 1907 —'15 en 1932—'30 onder de loupe genomen, i k m e r k verder nog op, dat de „ t o p p e n " in de sterftelijnen, welke de maandelijksche sterfteaangeven, v e r o o r z a a k t werden d o o r

explosies van infectieziekten. Be-

halve de cholera, heeft v o o r a l o o k de m a l a r i a op deze toppen een zeer g r o o t e n invloed gehad. ( M e n l e t t e op den typischen Augustus-top, v e r o o r z a a k t d o o r

malaria-epidemieën.)

U i t het v e r l o o p van deze lijnen kan geconcludeerd w o r De omgeving van de kampongs Wonokerto en Wonoasih (in Noord-Soerabaia) voor en na de verbetering.

den t o t : i e . een algemeen-dalende tendenz en 2e. de v e r d w i j ning van den, voor het v o o r k o m e n van m a l a r i a zoo typeerenden Augustus-top van

nog t a l van andere

niet in herhalingen komt

in latere j a r e n . D o o r

men

te

de

bestudeering

cijferreeksen, die ik echter,

vervallen, achterwege m o e t

om

laten,

steeds weer t o t de verblijdende conclusie, dat

de m a l a r i a

in

verdwijnen

is.

Soerabaia

hoe

langer

hoe

meer

aan

het

De economische gevolgen van d i t , v o o r den gezondheidstoestand in de stad zoo belangrijke f e i t , b e g r i j p t

men

het best, indien men weet, dat bij de Marine in k o r t e n t i j d het

aantal

ziektedagen

m e t alle kosten daaraan Deze foto geeft de verbetering in de afwatering aan, tengevolge waarvan alle broedplaatsen verdwenen.

312

Europeesche schepelingen sche t o t

op

l/g.

wegens

malaria

per

100

man,

verbonden, v e r m i n d e r d e v o o r de tot

op \

en v o o r de i n h e e m -


Ö i i è èiitttclr c3ï»t<;m6an<3an . ^M^* i.»«nEt' ,r^«a««3

Qflwc-cvitc o o c c a o a i a ; SuiiUfu,mdu,i^nio.a.Hè t S l ! - isse

• ^ htA toMA'

tl

5»»^a*^

Ji^

/Tïvif

y,

/?M*~

^^U«

J^

<U^

4<^

m^

A*v

A^

*r

Niettegenstaande deze prachtige resultaten, zou men er toch verkeerd aan doen, voldaan en t e v r e d e n , alles v e r d e r m a a r aan het l o t over t e laten. N.O.Soerabaia m e t zijn slechte afwatering en b r a k w a t e r b l i j f t z o r g en t o e z i c h t eischen. Maar ook de opgespoten en gedraineerde t e r r e i n e n in N . W . en N. Soerabaia m e t hun b o d e m , die practisch geen verval heeft, daardoor m o e i l i j k kan afwateren en nog v o o r t d u r e n d aan „ i n k l i n k i n g " onderhevig is, moeten hygiënisch nauwlettend bewaakt w o r d e n . D i t k l e m t t e meer, daar op die t e r r e i n e n (vroeger vischvijvers) woningen v e r r i j z e n . Een geheel nieuw stadsgedeelte is daar ontstaan in de streek in het N o o r d - W e s t e n der stad, die eens voor de gezondheid zoo fataal was. Hoe meer men de volkskracht verhoogt en het vroeger onbewoonbare stadsdeel bewoonbaar m a a k t , hoe meer het mogelijk zal w o r d e n o m de gelden, besteed aan het opspuiten en draineeren van den g r o n d , in m i n d e r e of meerdere m a t e rendabel t e maken.

De kampongs Wonokerto en Wonoasih (in Noord-Soerabaia) voor en na de verbetering, tengevolge waarvan een A. Ludlowi-broedplaats, midden in den kampong gelegen, is verdwenen.

Wijze van afwatering op het opgespoten haventerrein. Zoowel de groote hoeveelheden water in den Westmoesson, als de geringere in den Oostmoesson kunnen zonder stagnatie worden afgevoerd.

313 I


0

POKKEN EN DYSENTERIE. In de groote steden in Indië komen meer pokkengevallen voor dan in liet binnenland. — De oorzaken. — Het aantal pokkengevallen, sedert de instelling van den Plaatselijken Gezondheidsdienst. — De epidemie van 1924. — Haar verklaring. — Bacillaire dysenterie. — Het vliegengevaar. — Veel verbeterd. — Statistische gegevens.

n de Europeesche landen, waar een goede vaccinatie en revaccinatie plaats vinden, zijn de pokken een v r i j w e l onbekende ziekte g e w o r d e n . Deze toestand w o r d t in Indië het meest benaderd in die s t r e k e n , waar

men m e t de k o e p o k i n e n t i n g een belangrijk percentage der bevolking b e r e i k t . D i t is in de g r o o t e

steden helaas niet het geval. H i e r v o o r zijn verschillende oorzaken aan te w i j z e n . Aangezien het dessaverband niet bestaat, bezitten de kamponghoofden w e i n i g gezag over de bevolk i n g . A a n den o p r o e p v o o r vaccinatie w o r d t niet of slecht voldaan. O o k d o o r de t a l r i j k e verhuizingen is het, ondanks de m o e i t e , die gedaan w o r d t , m o e i l i j k eenig bevredigend resultaat te bereiken. W a n n e e r dan tengevolge hiervan de p o k z i e k t e af en t o e opleeft, k r i j g t de bevolking weer angst, niet alleen v o o r de z i e k t e , maar ook voor de noodzakelijke gedwongen isolatie. Gedurende een k o r t e n t i j d hebben t a l r i j k e vaccinaties plaats, maar z o o d r a het gevaar, tengevolge van de inenting op g r o o t e schaal, weer geweken is, volgt een i n z i n k i n g . Een geringer percentage van de bevolking begeeft zich naar de inentingsplaatsen. L'histoire se repète ! V e r d e r m o e t men in a a n m e r k i n g nemen, dat de t o e n a m e der bevolking i n d e g r o o t e Indische steden en zeker in een stad als Soerabaia zeer g r o o t is. D i t k o m t niet alleen d o o r het hooge geboortecijfer, maar ook d o o r d a t velen, voor wie in de dessa geen plaats meer is, naar de stad t r e k k e n o m er w e r k t e vinden. V o o r Soerabaia bedroeg de t o e n a m e van de Inlandsche bevolking in de periode van 1920—'30 (volgens de gehouden volkstellingen in die jaren) ongeveer 8 0 " „ ; het aantal Inheemschen steeg in dien t i j d n.l. van 147.841 t o t 265.872. Binnen het dessaverband zorgen de hoofden e r v o o r , dat de bewoners op de inentingspunten verschijnen, maar w i e doet hetzelfde v o o r de „ t r e k k e r s " ? Ais die eenmaal in de g r o o t e stad zijn aangekomen, moet e n zij v r i j w e l van den beginne af op eigen beenen staan. Maar dan is het ook n i e t t e verwachten, dat zij zich plotseling geheel v r i j w i l l i g tegen pokken laten inenten en daarvoor een t o c h t naar de opgegeven plaats overhebben. Hoe staat het nu m e t het aantal pokkengevallen, dat hier w e r d geconstateerd? D i t aantal bedroeg, sedert de instelling van den Plaatselijken Gezondheidsdienst in 1919 16, in 1920 3 en in 1921 slechts I. Einde 1921 en in den loop van het daaropvolgend jaar hadden hier een algemeene vaccinatie en revaccinatie plaats. Deze inentingen werden als voorzorgsmaatregel noodzakelijk geacht, daar te Semarang t a l r i j k e pokkengevallen w a r e n w a a r g e n o m e n . De resultaten bleven echter beneden v e r w a c h t i n g . Niettegenstaande de g r o o t e m o e i t e , welke men zich g e t r o o s t t e , b e r e i k t e de revaccinatie 66''o der volwassen bevolking en slechts 3 6 % van het aantal kinderen ; in t o t a a l werden 116.178 personen ingeënt. In 1922 werden 27.480 personen gevaccineerd ; het aantal pokkengevallen steeg t o t I I . H e t daaropvolgend jaar w e r d geen enkel geval g e r a p p o r t e e r d , doch in 1924 constateerde men niet m i n d e r dan 746 gevallen, waaronder 548 m e t doodelijken afloop. In t o t a a l hadden dat jaar 146.033 vaccinaties plaats gehad.


Deze epidemie w e r d o n t d e k t bij de invoering van de v e r p l i c h t e doodschouvy. In de laatste maanden van 1923 k w a m e n n.l. 10 pokkengevallen aan het licht, welke niet als zoodanig waren g e r a p p o r t e e r d . In de eerste helft van 1924 breidde de epidemie zich u i t . W e d e r o m had een algemeene vaccinatie plaats, waard o o r 123.375 inwoners m e t pokstof werden behandeld. Als gevolg van de gedurende de volgende j a r e n v o o r t g e z e t t e massa-inentingen, luwde de epidemie o m t e n s l o t t e practisch gesproken geheel t e v e r d w i j n e n . De volgende statistische gegevens wijzen d i t duidelijk u i t :

Aantal

Aantal

pokkengevallen

vaccinaties

1925

44

38.980

1926

20

28.248

1927

21

4.309

1928

17

11.166

1929

4

25.430

1930

1

26.821

Jaar

O p p e r v l a k k i g beschouwd mag het misschien v e r w o n d e r i n g w e k k e n , dat in 1924 nog 746 pokkengevallen konden v o o r k o m e n , niettegenstaande in 1922 zoo'n g r o o t percentage der Inheemsche bevolking was gerevaccineerd. Maar zoo heel v r e e m d is d i t niet. De beide jaren 1921 en '22 waren â&#x20AC;&#x17E; m a l a i s e j a r e n " . Einde 1922 t r a d er een opleving in het economische leven in. D i t had t o t gevolg, dat vele Inlanders u i t het binnenland naar de stad t r o k k e n . De g r o o t e toename der Inheemsche bevolking, welke door de hierboven afged r u k t e u i t k o m s t e n van de volkstellingen in 1920 en '30 w o r d t aangegeven, viel in de jaren 1923 en '24. Juist die bijzondere t o e n a m e van personen buiten de stad a f k o m s t i g , veroorzaakte het g r o o t e aantal pokkengevallen. T e n s l o t t e w i l ik deze reeks beschouwingen over de t e Soerabaia meest v o o r k o m e n d e volksziekten besluiten m e t de bacillaire dysenterie. V o o r deze infectieuse b u i k z i e k t e gelden ongeveer dezelfde o p m e r kingen als v o o r den typhus, echter m e t d i t verschil, dat o m de verspreiding van de dysenterie tegen te gaan men het vliegengevaar m e t nog g r o o t e r e intensiteit dient t e bestrijden ; de bacillendragers zijn evenwel v o o r hun omgeving m i n d e r

gevaarlijk.

Op het gebied van de v u i l v e r w i j d e r i n g in de kampongs is na 1900 reeds heel w a t v e r b e t e r d . H e t aspect van vele stadskampongs is e n o r m veranderd. W a a r vroeger vuilnishoopen en modderpoelen, vaak m e t een d i k k e n algengroei bedekt, de wegen versperden, heerschen nu zindelijkheid en reinheid. Overal verrijzen de d o o r de Gemeente gebouwde bad- en privaatgebouwtjes, waarvan steeds meer gebruik w o r d t gemaakt. Toch b l i j f t er nog heel w a t te doen. In vele kampongs verkiest de bevolking nog steeds in de vrije nat u u r t e defaeceeren in plaats van behoorlijk gebruik te maken van de openbare W.C.'s. V o o r a l in de Madoereesche kampongs t r e f t men d i t euvel aan. O o k hier zal men t e n s l o t t e moeten geraken t o t den aanleg van een stadsrioleering m e t huisaansluitingen en eenvoudige kampongprivaten. A l is het aantal sterfgevallen aan bacillaire dysenterie niet hoog ( I I in 1924), het aantal lichte gevallen, dat aan de w a a r n e m i n g ontsnapt, is veel g r o o t e r . De beteekenis van deze ziekte, vooral voor jonge k i n d e r e n , m o e t dan ook niet w o r d e n onderschat. H e t ondervolgende staatje geeft het aantal aangegeven gevallen van bacillaire dysenterie ( i n de jaren 1922 t m 1930) en het aantal aan die ziekte overleden personen. Men houde echter goed voor oogen, dat het w e r k e l i j k e aantal veel g r o o t e r is, dan dat der gerapporteerde gevallen.

Gevallen Overledenen

1922

1923

1924

1925

1926

1927

1928

1929

1930

31

22

66

22

44

53

29

21

31

7

4

II

2

6

8

5

4

9


0 D E STERFTE. Kindersterfte. — Moeilijkheden bij het verzamelen van betrouwbaar vergelijkingsmateriaal. — Babyverzorging. — Zuigelingensterfte vrij hoog. — Voornaamste oorzaken. — Bestrijding in organisatorisch verband. — Drie instellingen. — De kindersterfte beïnvloedt de algemeenc sterfte. — Volkstellingen en sterftecijfers.— De algemeene sterfte teruggebracht van 56 , i n l 9 l 9 t o t 2 l in 1931.—De toppen in het ie kwartaal, voornamelijk veroorzaakt door : Ie de zuigelingen- en kleutersterfte en 2e door die van ouden van dagen. — Oorzaken. — Balans,

n d i t hoofdstuk zullen de sterftecijfers onder de loupe w o r d e n g e n o m e n ; eerst zal ik de k i n d e r s t e r f t e en daarna de algemeene sterfte behandelen. W a n n e e r m e n het s t e r f t e p r o c e n t van de k i n d e r e n en zuigelingen der Inheemsche bevolking w i l vaststellen, s t u i t men op g r o o t e

moeilijkheden.

D i t is niet zoo heel v r e e m d , als men weet, dat v o o r deze bevolkingsgroep nog geen b u r g e r l i j k e stand bestaat. W e l i s w a a r m o e t e n de geboorten bij de Inlandsche hoofden w o r d e n aangegeven en deze behooren haar weer t e r a p p o r t e e r e n , maar bij onderzoek bleek meerdere m a l e n , dat deze w i j z e van geboortenaang i f t e v r i j stroef w e r k t . Bovendien zijn de verkregen gegevens lang niet a l t i j d b e t r o u w b a a r . V r i j algemeen w o r d t het aantal geboorten per jaar, dus o o k het aantal zuigelingen ( k i n d e r e n beneden I jaar) op 4 ° o van de bevolking geschat. Let wel : geschat. De p r a k t i j k heeft echter uitgewezen, dat d i t percentagecijfer v r i j zuiver is. Aangezien

m e n , tengevolge van de v e r p l i c h t e doodschouw, het aantal

sterfgevallen nauwkeurig weet en de zuigelingensterfte kan r a m e n , beschikt men t e n m i n s t e over meer of m i n d e r b e t r o u w b a a r vergelijkingsmateriaal, dat des t e waardevoller w o r d t , naarmate het over een langere tijdsruimte loopt. Dat de zuigelingensterfte t e Soerabaia v r i j hoog is, behoeft geen v e r w o n d e r i n g t e baren, als men bekend is m e t de wijze, waarop de Inlandsche moeder van iageren stand haar baby v e r z o r g t . Na eenige dagen of weken van borstvoeding w o r d t overgegaan t o t bijvoeding, w a a r t o e gebruik w o r d t gemaakt van b l i k k e m e l k — goede k o e m e l k is meestal t e d u u r — of van rijstepap m e t een stuk pisang. Als lepel voor de pap d o e t de ongewasschen hand van de moeder dienst. De voeding zelf is een s o o r t van s t r i j d tusschen de baby, die daarbij op den rug liggend tusschen de knieën van de moeder, de pap m e t de t o n g u i t zijn mondje t r a c h t t e duwen, en de moeder, die deze teruggeduwde pap m e t haar vingers steeds weer in het m o n d j e w u r m t . Eindelijk is de pap v e r w e r k t en w o r d t de „ h a p " m e t een nieuwen aangevuld. Dat h i e r b i j noch van een goede voeding, noch van een hygiënische voedingswijze gesproken kan w o r d e n , is d u i d e l i j k . Bij de meer bemiddelde volksklassen is het m e t de z o r g v o o r den baby echter heel anders gesteld ; zij staat w e i n i g bij die der overeenkomstige Europeesche bevolkingsklassen t e n achter. Bij de Chineesche en Arabische bevolkingsgroepen evenwel laat de zuigelingenzorg eveneens nog veel t e wenschen over. O o k daar heerschen nog m e t h o d e n , welke m e t een hygiënische voeding en v e r z o r g i n g van den zuigeling in s t r i j d z i j n . Deze i n g e w o r t e l d e gewoonten kunnen, evenals bij de Inheemschen, slechts m e t veel m o e i t e en na langen t i j d d o o r betere w o r d e n vervangen. Ik laat n u , v o o r d a t ik de oorzaken van de v r i j hooge zuigelingensterfte

bespreek, eerst

eenige

cijferreeksen volgen. Z i j hebben b e t r e k k i n g op de zuigelingensterfte ( i n procenten u i t g e d r u k t ) onder de verschillende bevolkingsgroepen in het t i j d v a k van 1924 t , m 1930.


Zuigelingensterfte in % .

Bevoll<ing :

Inheemsche

Chineesche

Arabische

Europeesche

')

')

')

')

1924

30.2

19.0

20.7

7.1

1925

18.9

17.2

21.1

7.8

1926

21.6

20.2

23.4

8.1

1927

21.0

22.3

18.2

7.0

1928

21.2

19.3

14.1

6.1

1929

22.3

19.1

18.6

5.7

17.4

17.8

18.5

7.2

1930 0

^) Het aantal zuigelingen, berekend naar 4 % van de bevolkingssterl<te, ^) Berekend naar de cijfers van de volkstelling 1930.

Naast de slechte hygiënische v e r z o r g i n g en de z i e k t e n , welke

het organisme van den zuigeling

verzwakken (o.a. m a l a r i a ) , moeten als de voornaamste oorzaken van de g r o o t e zuigelingensterfte worden a a n g e m e r k t : voedingsstoornissen, aandoeningen der

luchtwegen

(bronchitis,

broncho-pneumonieën

en

angina), b e r i - b e r i , enz. De bestrijding van de zuigelingensterfte kan niet incidenteel geschieden. Daar is een organisatie v o o r noodig. Deze o v e r t u i g i n g v i n d t haar grond in de hierboven genoemde oorzaken en in het f e i t , dat de m a l a r i a , die de zuigelingensterfte sterk beïnvloedde, t o t geringe p r o p o r t i e s is teruggebracht. De organisatie, welke men h i e r v o o r geprojecteerd en ook reeds aanvankelijk t o t u i t v o e r i n g gebracht heeft, o m v a t : huisbezoek, v r o e d v r o u w h u l p , v o o r l i c h t i n g , poliklinische c o n t r o l e der zuigelingen (consultatiebureau), melkkeukens, ziekenhuiszorg en algemeene propaganda. Men is uitgegaan van de gedachte, dat het p a r t i c u l i e r i n i t i a t i e f in deze organisatie een bepaalde taak heeft t e vervullen, t e r w i j l de overheid regelend, zoo noodig steunend en aanvullend w e r k v e r r i c h t . D r i e organisaties zijn hier reeds in de boven aangegeven r i c h t i n g w e r k z a a m : Ie de Inheemsche Vereeniging voor K i n d e r z o r g ; 2e de Chineesche Vereeniging Soe Swie Tiong H w a ie W a n en 3e de Vereeniging W i j k v e r p l e g i n g „ M a r d i Santosa". A a n de eerstgenoemde vereeniging is een v r o e d v r o u w verbonden, die s a m e n w e r k t m e t de zuigelingen- en k i n d e r p o l i k l i n i e k van den Gezondheidsdient en m e t de Chineesche p o l i k l i n i e k op Kaliondo. Soe Swie Tiong H w a Ie W a n heeft speciaal een v r o e d v r o u w in dienst

voor het

w e r k buiten de p o l i k l i n i e k , t e r w i j l de Vereeniging W i j k v e r p l e g i n g , welke uitgaat van de Zending, beschikt over een Europeesche verpleegster (tevens v r o e d v r o u w ) en t w e e Inlandsche verpleegsters. Dat de v r i j hooge k i n d e r s t e r f t e (0—5 jaar) de algemeene sterfte beïnvloedt, is logisch. O o k in Europa is d i t het geval. Daar dankt menig land zijn geboorte-overschot zelfs nog alleen aan de daling van de kindersterfte. H e t eigenaardig verloop van de sterftelijn hier ( m e t toppen in het voorjaar) is voor een belangrijk deel t e w i j t e n aan de zuigelingensterfte in de regenmaanden en v o o r een geringer deel aan de in dien t i j d geconstateerde g r o o t e r e sterfte van ouden van dagen. De plotselinge temperatuurswisselingen, de hooge vochtigheidsgraad, de k r o t t e n , w a a r i n velen moeten wonen, en de onvoldoende kleeding van een deel der bevolking zijn daar mede schuldig aan. Als logische afsluiting tevens samenvatting van deze reeks van hoofdstukken, w a a r i n o . m . w e r d gewezen op de vele maatregelen, welke in den loop der jaren werden genomen t e r bestrijding van de verschillende infectieziekten, laat ik hier nog het een en ander volgen over de algemeene sterftecijfers. Daaru i t zal dan tevens blijken, dat de genomen maatregelen doel hebben getroffen. H e t is echter een g r o o t e m o e i l i j k h e i d o m over juiste cijfers de beschikking te krijgen. Vroeger t a s t t e m e n d a a r o m t r e n t v r i j w e l in het duister, daar er v o o r de meeste bevolkingsgroepen nog geen burgerlijke


,—

_

Baby-contröledag van de Inheemsche vereeniging „ K i n d e r z o r g " in de polikliniek van den P.G.D. aan de Hcerenstraat.

.

Stand bestond. N u is in dezen toestand v e r b e t e r i n g

gel<omen d o o r

de

invoering van

de

verplichte

doodschouw. De sterftecijfers zijn tinans nauwi^eurig bel<end, t e r w i j l de r e g e l m a t i g terugkeerende volkstellingen c o r r e c t i e der bevolkingscijfers mogelijk

maken.

Deze bevolkingscijfers waren vroeger niet nauwkeurig bekend. Z i j werden meestal t e laag opgegeven, maar ook de sterftecijfers werden ( v o o r de invoering van de doodschouw) t e laag gesteld, zoodat d i t elkaar eenigszins compenseerde bij de berekening van de promille-cijfers. Daarna k w a m de doodschouw juiste i n l i c h t i n g e n over de absolute sterfte verschaffen. Daar de bevolkingscijfers onnauwkeurig en blijkens de volkst e l l i n g e n t e laag w a r e n geschat, ontstonden perioden m e t t e hoog getaxeerde sterftecijfers. De periodieke volkstellingen maakten het mogelijk een w e l k o m e c o r r e c t i e aan te brengen. In het ondervolgend grafiekje van de sterftelijnen b l i j k t deze c o r r e c t i e duidelijk u i t de plotselinge dalingen in de jaren 1920, 1925 en 1930, in welke j a r e n n.l. volkstellingen plaats vonden. Aangezien de b u r g e r l i j k e stand voor Europeanen reeds sedert lang bestaat, kunnen de sterftecijfers van deze bevolkingsgroep dus m e t die van vroegere jaren vergeleken w o r d e n . U i t de volgende cijferreeksen, b e t r e k k i n g hebbende op de groepen Europeanen en Inlanders, moge de e n o r m e v e r b e t e r i n g van de getroffen maatregelen voor de sterfte blijken.

Sterfte O 00

Jaren

E U R O P E A N E N . 1905 t m 1910

22

1925 t m

11,7-11,2-

1930 1931

- 24,2 - 30,21) _ 25,4 - 26.2 - 30,6 9,4

-

7,8-

8,2-10,2

9,2

I N L A N D E R S . 1905 t m

1910

36

-41,8-60,31)-53,8-48

1925 t m

1930

28,3 - 29,3 - 28

1931

21

27.7 -

-57,3

35,2 -

24,3

De onderstaande curve o m v a t een langer tijdsverloop en geeft, zoowel de k w a r t a a l s t e r f t e als de jaarsterfte aan van 1919 t o t 1931. ')

1907 was een nnalariajaar. De sterfte in 1929 is door de volkstelling 1930 gecorrigeerd.


m m m 60

-^'V

'40

m »

1 ISg!

!

1 IIZS.

<

1 I9SS

'

I ]'Hit

I

I

!9S9

'

! t»J6

I

I ISït

I

! !9?a

I

f I9S»

I

I9Ï0

W a t in deze lijnen opvalt, is de schol<sgewijze daling in de jaren 1920, 1925 en 1930. Deze daling is t e danken aan de hierboven bedoelde correcties op de sterftecijfers tengevolge van de volkstellingen, in 1920 en '30 d o o r het G o u v e r n e m e n t en in 1925 door de Gemeente gehouden. U i t het bovenstaande grafiekje b l i j k t dus, dat men er in geslaagd is o m de algemeene sterfte t e r u g t e brengen van 56 /

in 191 9 t o t 24

in I 930 en zelfs t o t 21 / ^ in 1931.

Er is echter nog meer u i t het grafiekje op te maken. Beschouwt men n.l. de lijn der k w a r t a a l s t e r f t e , dan valt als eigenaardigheid op de telkens terugkeerende „ t o p p e n " in het Ie k w a r t a a l van elk jaar, t e beginnen bij 1924. H i e r v o o r is de volgende v e r k l a r i n g te geven. In 1923 waren de malariabestrijdingsmaatregelen in N.O. en N. Soerabaia reeds zoover gevorderd, dat er in de volgende jaren geen epidemieën meer o n t s t o n den. Deze konden dus voortaan geen speciale tendenz meer geven aan den loop der sterftelijnen, welke haar g r i l l i g v e r l o o p v e r l o o r en een v r i j vasten v o r m ging aannemen. Maar de „ t o p p e n " in het eerste kwartaal bleven bestaan. Hoe k o m t d i t ? O m d i t na te gaan, heb ik ondervolgend grafiekje laten samenstellen. De bovenste lijn geeft aan de t o t a l e sterfte in verschillende jaren en wel kwartaalsgewijze, niet in promille-cijfers u i t g e d r u k t , doch in absolute getallen. H i e r d o o r komen de toppen van het Ie k w a r t a a l nog beter u i t .

2600 J»#öö /

Zsoo

1

2008 fSöO

^

/soo

/ \

/

\

i

/•tao

/

7

/C^a-rA,-/

-/«»-

1 i

I

I

t'

S'

*'

t'

/9Z5

%

— —- ^' X /

-

1'

i'-

^"

r: 1

19 26

&'

''

^'

/SZ7

3'

<"

«"•

U )w

-

i /•

xl»i

/•

V •

" ~^

_1

\ \,---

^'

f^ZS

'••

t,c

^<-

/<-

^'

T

4'^

f'

S'

3"

Y*

*••

/92P

/930

/93/

Bij nadere beschouwing van die grillige lijn b l i j k t , dat de sterfte in het 4e kwartaal een o n r e g e l m a t i g v e r l o o p heeft. Nu eens is de sterfte dan het laagst van alle k w a r t a l e n , soms gelijk aan die van het 3e k w a r t a a l .

319


maar ook kan wel eens een aanloop t o t de stijging in het Ie k w a r t a a l w o r d e n geconstateerd. Regelmatig is echter de verhoogde sterfte ( w e l k e den beruchten Januari-top v e r o o r z a a k t ) in het Ie k w a r t a a l van elk jaar. D i t f e i t b l i j f t niet alleen b e p e r k t t o t enkele o n d e r d i s t r i c t e n , doch s t r e k t zich u i t over de geheele gemeente. H i e r u i t b l i j k t dus, dat de meer of m i n d e r goede hygiënische toestand in het een of andere o n d e r d i s t r i c t géén invloed u i t o e f e n t op het ontstaan van dien bewusten „ t o p " . Maar w a t is daar dan w è l de oorzaak van ? O m die oorzaak op t e sporen, zullen w i j thans ook de overige curven van het grafiekje in beschouwing nemen. O n d e r de lijn van de t o t a l e sterfte z i e t men er een g e t r o k k e n waar (rechts) 0—5 jaar bij staat. Deze curve geeft niet alleen de sterfte onder de zuigelingen (O—I j a a r ) , maar ook die van de kleuters (1—5 jaar) aan. Deze sterftelijn (0—5 jaar) v e r t o o n t in haar loop een typische overeenkomst m e t de t o t a l e s t e r f t e l i j n ; zij l o o p t daar zelfs geheel parallel mee. De scherpe 1 e-kwartaal-toppen k o m e n in beide lijnen voor. Indien w i j nu de sterfte onder de zuigelingen en kleuters u i t de t o t a l e s t e r f t e l i j n e l i m i n e e r e n , krijgen w i j een curve, aangevende de sterfte onder de menschen van 5 jaar en ouder. Deze curve v e r t o o n t , zij het dan o o k in veel geringere m a t e , t o c h nog kleine t o p p e n ; zij l o o p t echter lang niet meer zoo evenwijdig aan de totale sterftelijn. U i t de op de hierboven aangegeven wijze verkregen l i j n , welke de sterfte aangeeft onder de menschen boven de 5 jaar, e l i m i n e e r e n w i j t e n s l o t t e nog het aantal sterfgevallen van de 40-jarige en oudere personen. Blijft over de sterfte onder de menschen van 5—40 jaar. En deze curve heeft, vergeleken m e t de andere sterftelijnen, een t o t a a l onafhankelijk verloop. Z i j v e r t o o n t weliswaar zeer geringe verheffingen in den regen- en k e n t e r i n g s t i j d , maar heeft overigens een b e t r e k k e l i j k vlak v e r l o o p . Er is w e i n i g of geen gelijkenis m e t de t o t a l e s t e r f t e l i j n . W i j kunnen nu dus veilig concludeeren, dat het de zuigelingen- en k l e u t e r s t e r f t e is, welke in de eerste plaats de t o p p e n v e r o o r z a a k t in de Ie k w a r t a l e n op de curve der algemeene sterfte. Vervolgens w o r d t het ontstaan van deze t o p p e n ook nog, zij het in geringe m a t e , beïnvloed d o o r de sterfte van de ouden van dagen. Deze conclusie w o r d t v o l k o m e n gedekt d o o r de gegevens van de v e r p l i c h t e doodschouw. A l s oorzaak van deze verhoogde sterfte, die elk jaar gedurende een bepaalde periode t e r u g k e e r t , v i n d t men nog steeds ziekten van de ademhalingsorganen opgegeven. V o o r a l in de oudere leeftijdsklassen t r e f t men ook de longtuberculose als doodsoorzaak aan. Indien w i j nu de balans opmaken van de resultaten der g r o o t e hygiënische maatregelen, dan k o m e n w i j in het k o r t t o t de volgende conclusie : De malaria- en choleraëpidemieën, w e l k e vele slachtoffers en de zeer hooge t o p p e n in de s t e r f t e l i j n v e r o o r z a a k t e n , zijn thans practisch gesproken verdwenen. W i l men de sterfte nog meer doen dalen en ook de voorjaarstoppen v l a k k e r laten w o r d e n , dan zullen de „ g r o o t e " maatregelen, welke t o t nu t o e alle aandacht opeischten, plaats moeten maken v o o r den meer geduldigen en langz a m e r inwerkenden arbeid, besteed aan zuigelingenzorg, typhus- en tuberculosebestrijding. Naast het directe medisch-hygiënische w e r k zal men zich in de naaste t o e k o m s t meer dienen t o e t e leggen op de propaganda en de volksopvoeding in hygiënisch o p z i c h t .


^ p

DE GEMEENTELIJKE VEEARTSENIJKUNDiGE DIENST. De noodzaak om toezicht uit te oefenen op vleesch en mell<. — Vleeschvergiftigingen. — Bezoedeling door pathogene en apathogene kiemen. — Voorzorgsmaatregelen. — De toestand voor 1912. — Aanstelling van een gemeenteveearts en een opzichter-keurmeester In 1913. — Het oude slachthuis, een wanhoop. — Terreinkeuze, kosten en Ingebruikname (in Maart 1927) van het nieuwe abattoir. — Ligging en indeeling. — Moeilijkheden. — Uitbreidingen. — Een koelhuis voor Soerabaia niet dringend noodig. — Het meeste vee komt van Madoera. — De slacht. — De halssnede : geen dierenmishandeling en zeker niet slechter dan de Europeesche methoden. — De vleeschkeuring. — De varkens van Bali. — De Slachtverordening. — De vleeschverkoop. — De walidjo's. — De lage vleeschprijzen en het gevolg daarvan. — Grafische voorstelling van het aantal geslachte dieren (1920—'31).— De Melkverordening.— De keuring van het melkvee. — De tuberculose en haar bestrijding. — Mond- en klauwzeer. — Febris undulans. —

K

Het melkonderzoek. — De melkerijen. — De stalhouderijen en het keuren van paarden.

o r t na de instelling van de Gemeente Soerabaia w e r d de behoefte gevoeld, toezicht u i t

op eenige voedingsmiddelen, waarvan het bekend is, dat het nuttigen ervan onder

te oefenen

bepaalde omstandig-

heden ernstig nadeel voor de gezondheid van den consument kan veroorzaken. T o t deze voedingsmiddelen, welke bij uitstek geschikt zijn, ziekten of vergiftigingen te v e r w e k k e n , behooren t w e e belangrijke van d i e r l i j k e n oorsprong, n l . vleesch en melk. H e t gebruik van vleesch afkomstig van zieke dieren kan aanleiding geven t o t ernstige z i e k t e n , welke niet zelden den dood van den consument tengevolge kunnen hebben. Vele van dergelijke vergiftigingen zijn in den loop der jaren in de medische en veeartsenijkundige l i t e r a t u u r beschreven, waarbij het verband tusschen het zieke dier en de consumptie van het vleesch m e t absolute zekerheid kon w o r d e n vastgesteld. De meeste vleeschvergiftigingen door bacteriën v e r o o r z a a k t k o m e n op rekening van de paratyphusk i e m e n , welke men als v e r w e k k e r van verschillende ziekten bij den mensch en onze huisdieren kent. Ber u c h t en gevreesd is het gebruik van vleesch afkomstig van zoogenaamde noodslachtingen, waaronder men verstaat het slachten van dieren, welke zoo ernstig ziek zijn geweest, dat voor het leven w e r d gevreesd en waarbij getracht w e r d het vleesch door t i j d i g slachten van het zieke dier nog voor de consumptie geschikt te maken. H e t spreekt vanzelf, dat dergelijk vleesch zeer streng m o e t worden onderzocht, waarbij een bacteriologisch onderzoek van vleesch en organen m o e t plaats vinden, opdat het geheel w o r d e afgekeurd, indien maar de minste afwijking of geringste kiemhoudendheid van het vleesch w o r d t geconstateerd. Hetzelfde geldt v o o r vleesch, w a a r i n parasitaire aandoeningen w o r d e n gevonden, zoodat niet zelden heele dieren naar de verbrandingsoven w o r d e n gebracht, waar het ondeugdelijk bevonden vleesch t o t vleeschen beendermeel, vet en l i j m w o r d t v e r w e r k t . Niettegenstaande de strengste keuring

kan vleeschvergiftiging toch nog plaats vinden, als n l . de

infectie pas o p t r e e d t na den dood van het slachtdier. Men spreekt dan van de zoogenaamde p o s t m o r t a l e infecties. Bezoedeling van het vleesch m e t pathogene (ziekteverwekkende) kiemen is dan de oorzaak. N i e t zelden

zijn In zulke gevallen de ziekteveroorzakende kiemen

a f k o m s t i g van smetstofdragers u i t

de

bedrijven of zelfs u i t het huisgezin van de consumenten. Doch ook bezoedeling m e t apathogene (niet-ziekteverwekkende) kiemen mag niet als geheel ongev a a r l i j k w o r d e n beschouwd. Berderf t r e e d t daardoor veel sneller op, t e r w i j l het gebruik van dergelijk bedorven m a t e r i a a l niet onschadelijk is. In de l i t e r a t u u r zijn verschillende gevallen van vergiftigingen d o o r het gebruik van bedorven h a m m e n en gehakt beschreven, hetgeen toch ook geenszins t e verwonderen is, daar vleesch als een u i t e r s t gunstige voedingsbodem v o o r de meeste bacteriën is t e beschouwen, zoodat deze, vooral bij de hier heerschende hooge t e m p e r a t u u r en g r o o t e n vochtigheidsgraad, zich snel kunnen v e r m e e r d e r e n .


H e t is dan ook van het g r o o t s t e belang, in het bijzonder in de t r o p e n , dat veel zorg w o r d t besteed aan de wijze van slachten. D i t d i e n t t e geschieden op plaatsen, waar b e s m e t t i n g van buiten niet zoo gemakkelijk kan geschieden. Vliegen moeten o m die reden buiten w o r d e n gehouden. H e t t r a n s p o r t van het vleesch van het slachthuis naar de verkoopplaatsen d i e n t op doelmatige wijze te geschieden en t e n s l o t t e , het bewaren en het verkoopen van het vleesch b e h o o r t plaats te vinden in zindelijke, luchtige en gemakkelijk te reinigen lokaliteiten. W a t heeft de Gemeente Soerabaia nu op d i t gebied in den loop der jaren t o t stand gebracht ? V o o r 1912 was de runderslacht reeds gecentraliseerd op een zeer p r i m i t i e f ingerichte

slachtplaats

te Kapasan, gelegen in de Chineesche k a m p . Deze i n r i c h t i n g w e r d o o r s p r o n k e l i j k geëxploiteerd door een p a r t i c u l i e r (Chinees). Keuring van vee en vleesch vond niet of onvoldoende plaats. W e l bestond er eenig t o e z i c h t van Gouvernementswege — de t e r plaatse aanwezige Gouvernementsveearts was, naast zijn andere werkzaamheden, tevens belast m e t het t o e z i c h t op de k e u r i n g — maar van een intensief onderzoek van vee en vleesch kwam

niets t e r e c h t , zoodat f e i t e l i j k

alleen c o n t r o l e

werd

uitgeoefend

op de inning

der

slachtbe-

lasting. De behoefte aan een eigen veearts w e r d d a a r o m begrijpelijkerwijze zeer sterk gevoeld, m e t het gevolg, dat de Gemeente in 1913 besloot t o t het aanstellen van een eigen veeartsenijkundig ambtenaar, die, behalve m e t het t o e z i c h t op de slacht, ook belast w e r d m e t de k e u r i n g van m e l k , inspectie van m e l k e r i j e n , wagenverhuurderijen, vleeschhouwerijen, enz. Tevens w e r d een opzichter-keurmeester voor het slachthuis aangesteld en voorts w e r d een aanvang gemaakt m e t de opleiding van veemantri's t o t keurmeester van vee en vleesch. In hetzelfde jaar besloot de Gemeente het slachthuis in eigen beheer te nemen. Niettegenstaande de Gemeente dus nu de beschikking had over eigen personeel, k w a m van een goede keuring nog weinig t e r e c h t . De oorzaak hiervan was de u i t e r s t gebrekkige i n r i c h t i n g van het t o e n m a l i g e slachthuis. H e t g r o o t aantal d i e r e n , dat dagelijks w e r d geslacht, en de buitengewoon slechte accomodatie maakten een goede k e u r i n g en c o n t r o l e t e n eenenmale o n m o g e l i j k . De ligging van de slachtplaats voldeed daarbij in geen enkel opzicht aan den geringsten eisch van zindelijkheid,

integendeel, zij spotte m e t ieder begrip van hygiëne. De slachtplaats grensde aan en stond

in open verbinding m e t een k a m p o n g t e r r e i n , waarop al het vuil van de bewoners en ook het afval van de slacht w e r d gedeponeerd. Deze toestand, w a a r i n m o e i l i j k en dan nog slechts m e t g r o o t e kosten eenige verbeteringen zou zijn t e brengen, was onhoudbaar. Daarbij k w a m , dat de slachtplaats niet eens het eigendom van de Gemeente was. Z i j w e r d gehuurd van een Chinees, zoodat men tegen het aanbrengen van kostbare verbeteringen, niet t e n onrechte, opzag. De nieuw benoemde veearts kreeg dan ook k o r t na zijn in dienst t r e d e n de opdracht plannen v o o r den bouw van een geheel nieuw slachthuis in t e dienen. Men had reeds uitgekeken naar een geschikt t e r r e i n v o o r het t o e k o m s t i g e a b a t t o i r , doch de keuze daarvan v e r o o r z a a k t e nog al eenige m o e i l i j k h e d e n . U i t den aard der zaak d i e n t men hier m e t verschillende factoren rekening te houden. De ligging ten opzichte van den veeaanvoer en de

vleeschverkoopplaatsen, de mogelijkheid t o t afvoer van v u i l , en

spoelwater zijn hiervan wel de voornaamste, t e r w i j l

het t e r r e i n daarbij zoo r u i m m o e t zijn, dat er v o l -

doende en op g e m a k k e l i j k e wijze mogelijkheid t o t u i t b r e i d i n g bestaat. Na lang overleg viel de keuze op een t e r r e i n gelegen aan de kali Pegirian, waar zich vroeger een oud k r u i t h u i s bevond. De ligging niet ver van de Kali Mas, de aanlegplaats van de Madoeraboot en de vele prauwen, tevens v r i j w e l

in het

c e n t r u m van de meeste

vleeschverkoopplaatsen,

passers, was wel de voornaamste reden, welke t o t deze keuze leidde, t e r w i j l een goede afvoer van het spoel- en afvoerwater kon w o r d e n v e r z e k e r d .

vleeschwinkels

d o o r de

Kali

en

Pegirian


Een gedetailleerd plan w e r d ingediend, doch de inmiddels o n t b r a n d e w e r e l d k r i j g was oorzaak, dat deze plannen n o o i t werden uitgevoerd. H e t duurde tot

1923 v o o r d a t een nieuw plan w e r d ingediend.

D i t plan kon echter geen genade vinden in de oogen van de leden van den toenmaligen

Gemeenteraad,

i ^ l É & M I ' "^•'iHP'<ü''MBBP"*^'i %slfc*^v-t^%«V-.^''"f # - r 1 / . ^ - .

o m d a t het t e d u u r (f 300.000.—) was. In 1924 w e r d een eenvoudiger plan van f 120.000.— goedgekeurd en in 1926 m e t den bouw een aanvang gemaakt. In Maart

1927 kon het nieuwe

U g-*<^».

slachthuis in gebruik

w o r d e n genomen. D i t w e r d gebouwd op een t e r r e i n oppervlakte Noordzijde

van ongeveer 100 ligt

het

x

met

130 m. Aan

runderslachthuis

en

aan

een de de

Oe groote slachthal in het moderne gemeentelijke abattoir

Zuidzijde het varkensabattoir. Tusschen beide is een

aan de l<ali Pegirian. In deze hal kunnen tegelijkertijd 31

open r u i m t e gelaten t e r breedte van 43 m, welke

'"""''«••e" ^°^'^^"

geslacht. (Foto H. Gieysteen.)

r u i m t e beschikbaar b l i j f t v o o r u i t b r e i d i n g (o.a. voor het bouwen van een b e s t e r f r u i m t e

met

of zonder

koelhuis). Beide slachthuizen zijn gescheiden d o o r een 2 m hoogen m u u r , zoodat aan den Mohammedaanschen r i t u s , welke een strenge scheiding van runder- en varkensslachthuis voorschrijft, is voldaan. Aan den ingang, tusschen beide slachthuizen i n , bevindt zich het administratiegebouw m e t l a b o r a t o r i u m . H e t geheel is o p g e t r o k k e n in gewapend beton en gebouwd door de Hollandsche Betonmaatschappij. De technische i n r i c h t i n g is geleverd door de N.V. Geveke en Co. H e t runderslachthuis bestaat u i t een g r o o t e slachthal, waarin t e g e l i j k e r t i j d 31 runderen geslacht kunnen w o r d e n , t e r w i j l een afgesloten r u i m t e is bestemd voor het slachten van ziek of van ziekte verdacht vee. V o o r elk slachtrund is een r u i m t e van 3 x 5 m gereserveerd, zoodat de lengte van de g r o o t e slachthal bedraagt 16 x 3 is 48 m. A a n deze hal grenst aan de voorzijde de a f n e e m r u i m t e , aan de achterzijde de darmwasscherij. Deze is 18 x 15 m g r o o t , de a f n e e m r u i m t e b e t r e k k e l i j k k l e i n , n l . 6 x 15 m. A f n e e m r u i m t e , slachthal en darmwasscherij zijn zoo gebouwd, dat

v e r g r o o t i n g en

uitbreiding

op eenvoudige wijze kan plaats vinden. A c h t e r de darmwasscherij ligt een gebouwtje, waarvan de eene helft gereserveerd w o r d t voor huidenloods, t e r w i j l de andere voor goedang en k a m e r voor opzichter en keurmeesters is bestemd. De slachthal van klein vee is 14,30 x 12 m g r o o t en zeer eenvoudig ingericht. Er staan 4 slachttafels. A a n den wand is een hakenrij aangebracht v o o r het ophangen en keuren der d i e r e n . A a n de Oostzijde van het t e r r e i n is een r u i m e stal ingericht. Van dezen vierrijïgen 4 0 m langen stal is een gedeelte afgeschoten voor het stallen van klein vee. H e t gebouw biedt r u i m t e voor een 160tal runderen. H e t varkensabattoir is belangrijk kleiner en 1 3 x 2 0 m g r o o t . Een 8-tal stallen is op 1,30 m hoogte aangebracht. Van daar kunnen de varkens in de s t e e k r u i m t e worden gedreven. V e r d e r is er een darmwasscherij m e t waschbakjes en schraptafels, t e r w i j l een mengkraan voor w a r m en koud w a t e r niet o n t b r e e k t . Aan de slachthal grenst een a f n e e m r u i m t e , welk g r o o t genoeg is o m als besterfruimte te worden gebruikt. H e t a d m i n i s t r a t i e g e b o u w bevat een k a m e r voor het Hoofd van het slachthuis, een k a m e r voor de a d m i n i s t r a t i e , beide 6 x 5 m g r o o t , een l a b o r a t o r i u m voor vleesch-en melkonderzoek van 1 0 x 5 m, een keuken voor het bereiden van voedingsbodems en een kleine goedang. De afvoer van het spoel- en afvalwater is gescheiden van dien van het hemelwater en heeft plaats door een stelsel van open goten. H e t vaste vuil w o r d t zooveel mogelijk tegengehouden door roosters. A l het afvalwater k o m t samen in een g r o o t e n bezinkbak, waar zich het meeste zwevende v u i l afzet, dat van t i j d t o t t i j d kan w o r d e n v e r w i j d e r d . Het afvalwater kan, zoo noodig, m e t behulp van een chloorapparaat in het

bezinkbassin

w o r d e n gedesinfecteerd. Ten slotte k o m t het afvalwater

kali Pegirian u i t m o n d t .

in een r i o o l , dat in de


Bij het in g e b r u i k nemen van het nieuwe slachthuis deden zich t a l van m o e i l i j k h e d e n v o o r . Den Inlandschen en Chineeschen slagers, gewend aan hun p r i m i t i e v e wijze van slachten, moest geleerd w o r d e n zich aan de Europeesche slachtmethoden aan t e passen. De bij hun van ouds in zwang zijnde m e t h o d e van slacht e n op den g r o n d m e t de daarbij steeds plaats hebbende bezoedeling van het vleesch m e t den d a r m i n h o u d moest vervangen w o r d e n door het slachten aan spreiders en het gebruik van het luchtspoor moest hun w o r d e n bijgebracht. De Inlandsche slagers maakten zich in k o r t e n t i j d de nieuwe wijze van slachten eigen, doch van de zijde der Chineezen w e r d in den beginne nogal t e g e n w e r k i n g ondervonden. Op een bepaald oogenblik legden zij hun slagersmes neer en gingen t o t staking over, zoodat gedurende eenige dagen geheel Soerabaia van varkensvleesch verstoken was. H e t spreekt vanzelf, dat de Chineesche slagers hiermede hun eigen belang wel in de laatste plaats dienden en na eenige dagen maar weer o m toegang vroegen. Daarna pasten zij zich snel aan al het nieuwe aan. H e t nieuwe slachthuis heeft in de j a r e n , dat het nu in gebruik is, geheel aan de verwachtingen voldaan. Z o o w e l ligging als i n r i c h t i n g bleken goed gekozen te zijn. De geheele opzet was een u i t e r s t eenvoudige. Met het beschikbare bedrag had d i t ook m o e i l i j k anders gekund. Toch bleek al spoedig, dat eenige uitbreidingen noodzakelijk w a r e n . O m van t o e z i c h t ook na de siachturen v e r z e k e r d t e zijn, was het wenschelijk een w o n i n g v o o r den hoofdopzichter te bouwen. Later ontstonden plannen v o o r het o p r i c h t e n van een veepasser, welke in 1929 gereed k w a m . H e t o o r s p r o n k e l i j k plan deze in eigen e x p l o i t a t i e t e nemen, faalde, zoodat t o t verpachting moest w o r d e n overgegaan. In 1930 w e r d aan het slachthuis verbonden een r u i m e varkenskraal, bevattende verschillende varkensstallen, welke g r i f aan de Chineesche slagers konden w o r d e n v e r h u u r d . Z o o w e l veepasser als varkenskraal werden eveneens in gewapend beton o p g e t r o k k e n ; zij voldoen in alle opzichten. V o o r t s w e r d de oude draadomheining vervangen d o o r een betonnen m u u r , hetgeen de cont r o l e t e n goede

kwam.

Tusschen het runder- en varkensslachthuis w e r d een r u i m t e open gehouden voor den bouw van een koelhuis. De vraag d r i n g t zich nu naar v o r e n , of het noodzakelijk is in de t r o p e n aan een m o d e r n ingericht slachthuis ook een koelhuis te verbinden. Deze vraag w o r d t door de deskundigen verschillend b e a n t w o o r d . Zelfs in Nederland en in andere landen van Europa is men het hierover nog lang niet eens. O o k in IndiĂŤ bestaan h i e r o v e r verschillende meeningen. De b e a n t w o o r d i n g van d i t vraagstuk is in de eerste plaats afhankelijk van de geografische ligging van het slachthuis. In de g r o o t e r e bevolkingscentra, waar de aanvoer van vee niet dagelijks kan plaats vinden, z o o d a t de slagers genoodzaakt zijn steeds veel vee in v o o r r a a d t e houden, heeft een koelhuis zeker reden van bestaan. De slager is dan in de gelegenheid het aangevoerde vee d i r e c t t e slachten en het vleesch in het koelhuis op t e slaan, zoodat hij de benoodigde hoeveelheden voor zijn klanten dagelijks t e r beschikking heeft. D i t geldt echter niet v o o r een stad als Soerabaia, welke v o o r een dagelijkschen invoer van vee al zeer gunstig is gelegen. H e t veerijke Madoera, dat ongeveer 7 0 % t o t 7 5 % van de t o t a l e slacht l e v e r t , ligt n l . in de o n m i d d e l l i j k e nabijheid. Veegebrek is er t o t nu t o e dan o o k niet geweest. Integendeel. De slagers kunnen zich dagelijks op de passers in voldoende m a t e van

vee v o o r z i e n .

Hiermede

vervalt

voor

hen

de

noodzakelijkheid o m steeds vee of vleesch in v o o r r a a d t e hebben en tevens de voornaamste reden voor de o p r i c h t i n g van een koelhuis. H e t meeste vee, dat hier w o r d t geslacht, k o m t van Madoera, via K a m a l . H e t belangrijkste deel k o m t u i t de naaste omgeving van deze plaats en w o r d t reeds 's nachts naar de inladingsplaats gedreven o m naar den overwal verscheept t e w o r d e n of per Madoeraboot, of per sampang. Een kleiner gedeelte w o r d t u i t Bankalan en zelfs van nog v e r d e r aangevoerd m e t de M a d o e r a s t o o m t r a m en per boot naar Soerabaia gebracht. H e t w o r d t in de vroege m o r g e n u r e n rechtstreeks naar den veepasser geleid en daar handeld.

ver-


W o r d t het vee nog denzelfden dag geslacht, dan m o e t het reeds o m 8 uur 's morgens in de stallen van het slachthuis zijn. De g r o o t e slacht vangt o m ongeveer I uur 's middags aan, zoodat het vee ongeveer gedurende vijf uren in de stallen staat. V o o r d a t het vee t e r slachting v^ordt toegelaten w o r d t het „ l e v e n d " gekeurd. Gedurende het v e r b l i j f in de stallen krijgen de dieren geen voedsel meer. Z i j zijn in de gelegenheid voldoende u i t te rusten. D i t laatste is van zeer g r o o t belang. U i t g e r u s t e dieren bloeden n l . bij het slachten veel beter en vollediger u i t , w a a r d o o r het vleesch a a n m e r k e l i j k aan houdbaarheid w i n t . H e t dooden der dieren geschiedt d o o r middel van de halssnede. De Mohammedaansche r i t u s — ook de Joodsche godsdienst eischt zulks — houdt hieraan streng vast. H e t gebruik van pistool, percureur of welke verdoovende middelen ook, kunnen dus u i t religieuse overwegingen niet w o r d e n g e b r u i k t . H e t r i t u e e l slachten m a a k t , het zij toegegeven, een zeer onaangenamen i n d r u k , doch, indien het op goede wijze w o r d t v e r r i c h t , zooals hier door den penghoeloe aangestelde personen, de zg. , , m o d i n s " , dan kan van dierenmishandeling geen sprake zijn. Bij het slachten volgens de ritueele methode heeft het uitbloeden beter plaats, zoodat het invoeren van de Europeesche slachtwijzen zeker geen v e r b e t e r i n g zou zijn. D i r e c t na het slachten v i n d t het onthulden plaats, waarna m e t de eigenlijke vleeschkeuring een aanvang kan w o r d e n gemaakt. Deze keuring geschiedt door Inlandsche keurmeesters, die daartoe zijn opgeleid en onder leiding en t o e z i c h t staan van den daarvoor in 1927 aangestelden indischen veearts. De vleeschkeuring bestaat m i n d e r u i t een onderzoek van het eigenlijke vleesch, dan wel van de organen i n b o r s t - en b u i k h o l t e . A l l e organen, en als d i t noodig is ook het vleesch, w o r d e n aan nauwkeurige inspecties o n d e r w o r p e n ; de

inwendige

deelen

worden

eveneens door het maken van verschillende

insnijdingen geëxamineerd. Ditzelfde geschiedt bij de keuring der varkens en kleine herkauwers. De meeste varkens, die hier w o r d e n geslacht, zijn a f k o m s t i g van Bali en w o r d e n tweemaal per week d o o r een K.P.M.-schip aangevoerd. O o k hier geschiedt het dooden der dieren nog d o o r den hartsteek. De C h i neezen zijn h i e r i n zeer bedreven. D i r e c t na den dood w o r d e n de varkens gebroeid, geschrapt (van de borstels ontdaan) en vervolgens op de reeds beschreven wijze gekeurd. Nadat de dieren zijn goedgekeurd, w o r d t het vleesch m e t voor de gezondheid van den mensch onschadelijke groene meenemen.

Voor

inkt

van goedkeuringsstempel

voorzien. De slagers

mogen daarna het

vleesch

het t r a n s p o r t m o e t gebruik w o r d e n gemaakt van gesloten wagens, welke aan de

binnenzijde m e t zink zijn bekleed. O m het beroep van slager te kunnen uitoefenen, w o r d t een vergunning van den Burgemeester vereischt. De eischen, waaraan de slagerijen en de vleeschverkoopplaatsen moeten voldoen, zijn bij verordening (de Soerabaiasche slachtverordening, welke alle voorschriften, de slacht betreffende, regelt) vastgesteld. In het k o r t k o m e n deze hierop neer, dat de gebouwen voldoende r u i m en goed geventileerd moeten zijn. V e r d e r moeten zij voorzien zijn van een o n d o o r d r i n g b a r e vloer en gemakkelijk te reinigen wanden en m u r e n , t e r w i j l een aansluiting op de w a t e r l e i d i n g verplichtend is gesteld. Een klein gedeelte van de dagelijksche slacht w o r d t reeds in de avonduren verkocht. Het resteerende gedeelte w o r d t den volgenden morgen naar de passers gebracht. Aan de i n r i c h t i n g van de vleeschpassers is eveneens de noodige zorg besteed. O o k hierbij w o r d t gestreefd naar licht, lucht en zindelijkheid, ledere passer w o r d t door het personeel van den Veeartsenijkunkundigen dienst 's morgens tijdens de verkoopuren tweemaal bezocht, zoodat er gelegenheid bestaat eventueel bedorven of v e r o n t r e i n i g d vleesch aan de consumptie te o n t t r e k k e n . Behalve den v e r k o o p in de winkels en op de passers kent men hier nog de vleeschrondventers of w a l i djo's. A l l e rondventers zijn geregistreerd en als bewijs daarvan zijn ze voorzien van door den gemeenteveearts geteekende identificatiebewijzen, voorzien van p o r t r e t en vingerafdruk van den houder.


Het

vleesch

mag alleen

rondgevent

worden

In goed gesloten, zindelijke manden, w e l k e

voor-

zien zijn van een r e g i s t r a t i e n u m m e r . Tevens

moet

iedere

geijkt

walidjo

in

het

bezit

zijn

van

een

weegtoestel. Het zal dus duidelijk zijn, dat niet alleen aan de k e u r i n g , doch ook aan het t r a n s p o r t en den v e r k o o p de noodige aandacht w o r d t besteed en dat daarop steeds strenge c o n t r o l e w o r d t uitgeoefend. De vleeschprijzen t e Soerabaia zijn, vergeleken m e t die van andere plaatsen, zeer laag. D i t is wel de

Runderstal en reinigingsinstallatie voor afvalwater. (Foto H. Gleysteen.)

reden, dat het slagersbedrijf bijna geheel in

handen

is van Inlandsche en Chineesche slagers. Europeesche slagerijen kunnen h i e r o m niet in g r o o t e getale bestaan. Deze kunnen de concurrentie tegen hun Inlandsche en Chineesche collega's niet g e m a k k e l i j k volhouden. T o t slot van d i t gedeelte nog iets over het aantal d i e r e n , dat hier dagelijks w o r d t geslacht. Onderstaande grafische v o o r s t e l l i n g geeft het aantal geslachte dieren aan gedurende het tijdvak van 1920 t o t en m e t 1930. Hieruit

55000

f

SOOOO

dtu*ÂŤ >iun^

4S00Q

Eind 1930 waren hier 56 rundvleeschhouwe-

/

3S000

rijen, 12 varkensvleeschhouwerijen vleeschhouwerij.

^

/

30000

1

W i j zijn nu aan het tweede

^

ISOOO

van d i e r l i j k e n

melkveehouder

1922

1923

een

I924

1925

1926

1927

1928

1929

dezelfde

voedingsmiddel

het o p r i c h t e n van slagerijen,

w o r d t ook v o o r het uitoefenen van het beroep van

1930

eerste

waaraan

de m e l k e r i j e n

melkverordening

kwam

loop der jaren zijn in deze verordening wel vrijwel

totaal

vergunning van den Burgemeester vereischt.

De v o o r s c h r i f t e n , vastgesteld. De

in

oorsprong gekomen, dat van niet

Evenals voor I92J

hier

geiten-

m i n d e r belang is v o o r de t r o p e n : de m e l k .

1

I

waren

I

ingeschreven 321 vleeschrondventers (walidjo's).

3U iu^

10000

Verder

en

30000

q^ 10000

de

van de veeprijzen.

_-

3S000

in

o.m. is t o e te schrijven aan de belangrijke daling

-i

-'

runderslacht

SOOOO

/

45000

b l i j k t , dat de

j a r e n 1929 en ' 3 0 a a n m e r k e l i j k is gestegen, hetgeen

moeten te

kleine

voldoen, werden

Soerabaia in Augustus veranderingen

eveneens bij 1921 t o t

verordening

stand.

gebracht, doch in

In

den

wezen is zij

gebleven.

In de verordening v i n d t men in de eerste plaats voorschriften v e r m e l d over stallen en vee. W a t het vee b e t r e f t , d i t m o e t vanzelfsprekend gezond zijn. D a a r o m is k e u r i n g v e r p l i c h t e n d gesteld. H e t is noodzakelijk, dat alle aanwezige m e l k r u n d e r e n geregistreerd w o r d e n . V o o r deze r e g i s t r a t i e zijn de koeien van o o r n u m m e r s v o o r z i e n , t e r w i j l de veehouder v e r p l i c h t is van m u t a t i e s onder zijn veestapel binnen d r i e dagen t e n k a n t o r e van den veearts kennis te geven. De k e u r i n g van het vee geschiedt jaarlijks. V o o r r u n d e r e n , die voor de eerste maal aan d i t onderzoek zijn o n d e r w o r p e n , w o r d t een r e t r i b u t i e geheven van f 2,50, t e r w i j l v o o r iedere volgende keuring het keurloon f I.â&#x20AC;&#x201D; bedraagt. V e r d e r is de veehouder v e r p l i c h t van alle ziektegevallen onder zijn vee kennis te geven.

326


D i t alles m a a k t het mogelijk afdoende c o n t r o l e u i t t e oefenen, zoodat d i e r e n , waarvan de m e l k ongeschikt is v o o r de consumptie, bijtijds van de productie kunnen w o r d e n uitgesloten. H e t verkoopen van m e l k van zieke dieren is n a t u u r l i j k strafbaar gesteld. Behalve keuring van Gemeentewege, heeft een geregeld t o e z i c h t plaats op het melkvee d o o r den Provincialen Veeartsenijkundigen Dienst. H e t v o o r k o m e n en de bestrijding van besmettelijke veeziekten b e h o o r t t o t de taak van het G o u v e r n e m e n t , i.e. de Provincie. T o t de grootste plagen onder het melkvee behoort de tuberculose, welke o m hygiënische redenen voor den mensch, maar ook o m besmetting van den tuberculose-vrijen inlandschen veestapel te v o o r k o m e n m e t g r o o t e energie w o r d t bestreden. De tuberculose van het rund w o r d t v e r o o r z a a k t door den zoogenaamden bovine t u b e r k e l b a c i l , die van den mensch d o o r het zg. humane t y p e . Tusschen beide bestaan wel eenige verschillen, doch deze zijn niet zoo g r o o t dat besmetting van den mensch door den bovine tuberkelbacil uitgesloten is. Integendeel, het d r i n k e n van rauwe m e l k afkomstig van tuberculose runderen, kan t o t ernstige ziektegevallen aanleiding geven. Een belangrijk percentage van de tuberculose bij jonge kinderen w o r d t dan ook op rekening geschreven van de rundertuberculose. H e t spreekt d a a r o m vanzelf dat deze ziekte den vollen aandacht m o e t hebben en d a a r o m ook heeft en dat d i e r e n , lijdende aan open v o r m e n van tuberculose (dus waarbij smetstof w o r d t verspreid), van de productie m o e t e n w o r d e n uitgesloten. Een jaarlijksch onderzoek v i n d t d a a r o m plaats, t e r w i j l — zoo noodig — d i t tusschentijds w o r d t herhaald. H e t opsporen van zieke dieren geschiedt door middel van tuberculine (een e x t r a c t van t u b e r k e l b a c i l len), w a a r m e d e specifieke reacties kunnen w o r d e n opgewekt. Is de reactie positief uitgevallen, dan v i n d t een uitgebreid klinisch onderzoek plaats. Eenige jaren geleden werden alle reactordieren naar de slachtbank verwezen. D i t bracht g r o o t e financieele offers m e t zich mede, zoowel voor de schatkist als voor de beurzen van de melkveehouders, die slechts t o t de helft der geschatte waarden der onteigende dieren vergoed kregen. H e t is dan ook best te begrijpen, dat de tuberculosebestrijding bij de veehouders v e r r e van populair is en nog al eens t o t verzet van deze zijde aanleiding heeft gegeven, te meer daar het nut van een rationeel doorgevoerde tuberculosebestrijding onder hun vee nog lang niet door alle melkerijhouders w o r d t ingezien. Een z i e k t e , welke zelden ernstige offers eischt, is het m o n d - en klauwzeer. Ofschoon sterfgevallen weinig w o r d e n waargenomen, b e r o k k e n t deze ziekte den eigenaren toch veel schade en overlast. De dieren gaan tijdens de ziekte in den regel sterk in m e l k p r o d u c t i e a c h t e r u i t , t e r w i j l de naziekten (ernstige klauwaandoeningen, dampigheid) de dieren veel nadeel kunnen berokkenen. H e t is bekend, dat het m o n d - en klauwzeer d o o r het d r i n k e n van rauwe m e l k van het rund op den mensch kan overgaan. De smetstof is echter tegen v e r h i t t e n weinig bestand, zoodat deze door koken geheel onschadelijk w o r d t gemaakt. De laatste jaren heeft een zeer specifieke aandoening van het rund groote belangstelling, zoowel van v e t e r i n a i r e als van geneeskundige zijde. Deze aandoening is het besmettelijk verwerpen der runderen. H e t k o m t voor dat in een bedrijf meerdere m e l k r u n d e r e n in een k o r t tijdbestek aborteeren. Als v e r w e k k e r van deze ziekte w e r d d o o r Bang ( t e Kopenhagen) reeds in 1896 een bacterie o n t d e k t , welke naar hem w e r d genoemd en die in de laatste jaren ook als z i e k t e v e r w e k k e r bij den mensch w e r d vastgesteld. Z i j is oorzaak van een langdurige i n t e r m i t t e e r e n d e k o o r t s . De ziekte staat bekend als febris undulans en w o r d t wel geïdentificeerd m e t de M a l t a k o o r t s , een analoge ziekte, het eerst op het eiland Malta geconstateerd en v e r o o r z a a k t d o o r het d r i n k e n van ongekookte g e i t e n m e l k . Gevallen van overbrenging van de bovengenoemde Bangsche ziekte van rund op mensch zijn reeds in verschillende landen van Europa beschreven. De ziekte, het besmettelijk v e r w e r p e n , k o m t hier in indië eveneens voor ; ook gevallen bij den mensch worden v e r m o e d , doch het s t r i k t wetenschappelijk bewijs van het v o o r k o m e n van de febris undulans bij menschen is hier nog niet geleverd. G e l u k k i g geldt hier hetzelfde als voor de m o n d - en k l a u w z e e r s m e t s t o f ; door v e r h i t t i n g w o r d e n de bacteriën snel v e r n i e t i g d , zoodat m e n , indien men de m e l k voldoende lang k o o k t , niet voor besmetting behoeft te vreezen.

327


Naast de c o n t r o l e op vee en stallen is het eigenlijke m e l k o n d e r z o e k een onmisbare factor v o o r de melkhygiëne. Van iedere m e l k e r i j w o r d t , indien d i t mogelijk is, t w e e m a a l per maand een m e l k m o n s t e r onderzocht. Laten de resultaten t e wenschen over, dan kan proces-verbaal w o r d e n opgemaakt en bij herhaling de verleende vergunning w o r d e n i n g e t r o k k e n . H e t spreekt vanzelf, dat de m e l k k e u r i n g zoowel preventief als repressief w e r k t , zoodat het publiek voldoende garantie heeft, dat het een v o l w a a r d i g p r o d u c t k r i j g t ,

iets

w a t van de g e ï m p o r t e e r d e b l i k k e m e l k niet a l t i j d kan w o r d e n gezegd. Binnen de Gemeentegrenzen zijn 23 m e l k e r i j e n gelegen, t e r w i j l aan 13 m e l k e r i j e n buiten de Gemeente vergunning is verleend t o t invoer van m e l k . O o k deze bedrijven staan onder c o n t r o l e van den Veeartsenijkundigen dienst. O n d e r beide categorieën zijn enkele m e t een g r o o t aantal m e l k d i e r e n (100 t o t 160 stuks), t e r w i j l daar naast eenige kleine bedrijven zijn ( m e t 5 t o t 10 dieren). De meeste m e l k e r i j e n zijn in het bezit van Europeanen ; eenige kleinere w o r d e n gedreven d o o r Chineezen. De dagelijksche consumptie van versche m e l k kan geschat w o r d e n op ongeveer 5.000

liter.

Ongetwijfeld zou deze o m z e t v e r g r o o t kunnen w o r d e n , indien de verschillende melkerijhouders meer begrip van coöperatief o p t r e d e n zou kunnen w o r d e n bijgebracht. Z o o zou het o p r i c h t e n van een m e l k centrale, van waar alle m e l k zou kunnen w o r d e n g e d i s t r i b u e e r d , zoowel v o o r consument als producent van g r o o t voordeel

zijn.

Een poging door den gemeente-veearts in 1926 gedaan, m i s l u k t e j a m m e r genoeg tengevolge van d i t ontstellend gemis aan coöperatief inzicht en o n d e r l i n g w a n t r o u w e n van de belanghebbende melkveehouders. T o t de taak van den v e t e r i n a i r e n dienst b e h o o r t t e n s l o t t e ook nog het t o e z i c h t op stalhouderijen en het keuren van de paarden. O v e r het algemeen

laat de toestand van deze bedrijven veel t e wenschen

over. De g r o o t e c o n c u r r e n t i e , welke de wagenverhuurders de laatste j a r e n t e duchten hebben van de t r a m , auto's en bussen, maken het bedrijf niet meer rendabel, zoodat het den vergunninghouders ( o o k voor het uitoefenen van d i t bedrijf is het bezit van een vergunning noodig) hoe langer hoe m o e i l i j k e r w o r d t o m aan hun verplichtingen te voldoen, laat staan kostbare v e r b e t e r i n g e n aan t e brengen. D a a r o m v e r w o n d e r t het des te meer, dat nog zoo vele bedrijven het hoofd boven w a t e r weten t e houden. Er zijn hier n l . nog 59 w a g e n v e r h u u r d e r i j e n . H e t zou alleszins wenschelijk zijn, dat de verschillende paardenstallen u i t de dichte bevolkingscentra verdwenen ; een besluit o m ze daartoe op den d u u r te v e r p l i c h t e n w e r d reeds d o o r den Gemeenteraad genomen. Toch zal het nog wel eenige j a r e n duren v o o r d a t alle bedrijven naar den rand van de stad zijn overgebracht. H e t stalhoudersbedrijf w o r d t in den regel uitgeoefend d o o r A r m e n i ë r s en A r a b i e r e n , doch daarnaast ook d o o r Europeanen, Chineezen en enkele inlanders. H e t zijn meestal v r i j g r o o t e bedrijven, t o t 300 paarden t o e . Paard en dogcar w o r d e n v e r h u u r d aan koetsiers. H e t spreekt vanzelf, dat het gehuurde d o o r het r u w e en meestal onoordeelkundige optreden van deze menschen zeer veel te lijden heeft. Niettegenstaande al deze ongunstige factoren n e e m t het aantal v e r h u u r d e r i j e n en daarmede het aantal paarden en dogcarren b e t r e k k e l i j k weinig af. In de Europeesche w i j k e n ziet men de dogcarren nog maar sporadisch, in de Chineesche k a m p en in de omgeving van de passers daarentegen echter veel meer.

328


e

DE WATERLEIDING. De overdracht op I Juli 1906 van de G o u v e r n e m e n t s w a t e r l e i d i n g aan de G e m e e n t e . — De periode der doorloopende w a t e r t e k o r t e n ( i 1910—'32). — Inbedrijfstelling van het pompstation W o n o t j o l o in 1916 en van het p o m p s t a t i o n t e Sidoardjo in 1 9 2 0 . — D e waterzuiveringsinstallatie t e N g a g e l in 1922 gereed. — V a n k a l i w a t e r t o t zuiver d r i n k w a t e r . — Invoering nieuwe, het w a t e r v e r b r u i k nauwkeuriger aanwijzende m e t e r s . — Tegengaan der w a t e r v e r m o r s i n g . — V o o r s t e l - V a n Kleef t o t gedeeltelijke verdubbeling der hoofdaanvoerleiding door den G e m e e n t e r a a d aangenomen ( 2 9 Juli 1925). — De O e m b o e l a n w e r k e n in 1932 gereed. — De w a t e r v o o r z i e n i n g in de kampongs m e t behulp van den m u n t m e t e r van V a n Kleef.

n m i j n „ O u d - S o e r a b a i a " ^) heb ik beschreven, hoe de stad aan haar w a t e r l e i d i n g kwann. Begin O c t o b e r 1903 w e r d het grootsche plan v e r w e z e n l i j k t , w a a r v o o r velen hadden geijverd. V o o r de w a t e r v o o r z i e n i n g van Soerabaia brak een nieuwe periode aan, welke aanving m e t de o v e r d r a c h t op I Juli 1906 van de G o u v e r n e m e n t s w a t e r l e i d i n g aan de Gemeente. H e t t i j d v a k , dat in d i t boek beschreven w o r d t , zou men het best kunnen karakteriseeren als ,,de periode der doorloopende w a t e r t e k o r t e n " . In 1910 was het v e r b r u i k per etmaal gestegen t o t ± 7.800 m ' en reeds g r o o t e r dan den inhoud van het bestaande hoogreservoir (6.200 m''). D a a r o m stelde de toenmalige w d . d i r e c t e u r der W a t e r l e i d i n g , R. van Laar, v o o r o m een tweede hoogreservoir te bouwen. H i e r t o e w e r d echter pas veel later besloten. Inmiddels nam het w a t e r g e b r e k steeds t o e . T a l van adviezen en nota's werden ingediend, nieuwe plannen beraamd en w e e r t e r zijde gelegd, aangezien te tijdroovend vormen

de verwezenlijking daarvan of t e kostbaar,

zou zijn geweest. Er moest snel w o r d e n gehandeld, w a n t het t e k o r t

aan. T e n s l o t t e besloot men o m te W o n o t j o l o een p o m p s t a t i o n

of

nam

dreigende

in de bestaande

leiding te

schakelen, w a a r d o o r meer w a t e r naar de stad zou kunnen w o r d e n gejaagd. D i t p o m p s t a t i o n , dat thans buiten w e r k i n g is, k w a m LINKS :

in 1916 t o t stand.

H e t idyllisch oord bij O e m b o e l a n , vanwaar Soerabaia een deel van zijn d r i n k w a t e r b e t r e k t . In de v e r t e het

bron-

gebouw, overschaduwd door l o m m e r r i j k g e b o o m t e , dat donkere reflexschaduwen w e r p t op het koele r i m p e l l o o z e w a t e r . ( F o t o M . J. van B e n t h e m Jutting.) RECHTS :

1)

H e t brongebouw T o j o - A r a n g . ( F o t o E. Liddle.)

Z i e biz. 2 3 2 en 2 3 3 .

329


LINKS : RECHTS :

Het pompstation Gempol. (Foto E. Liddle.) Een kijkje in het pompstation Gempol, waar de machtige pompaggregaten staan, die het water Soerabaia-waarts stuwen. (Foto E. Liddle.)

met

kracht

H e t m i d d e l baatte slechts voor k o r t e n t i j d . De w a t e r v o o r z i e n i n g bleef t e n eenenmale onvoldoende, vooral in de jaren 1918,'19 e n ' 2 0 . In laatstgenoemd jaar w e r d de bron Plintahan II ( K l o e w e k ) gecapteerd. Nog meerdere bronnen w i l d e men capteeren. Teneinde de wassende hoeveelheid w a t e r stadswaarts te kunnen voeren, was het noodig o m even buiten Sidoardjo een tweede p o m p s t a t i o n t e bouwen. D i t w e r d in September 1920 in bedrijf gesteld. Inmiddels was ook het tweede hoogreservoir gebouwd, dat een inhoud heeft van 15.000 m'*. Door de ingebruikname van d i t hoogreservoir verzekerde men zich een g r o o t e r e reserve. V e r d e r t r a c h t t e men het v e r b r u i k te beperken d o o r den prijs van het w a t e r van f 0,25 t o t f 0,30 per m^ t e verhoogen, w a n t —zoo was de redeneering, die later juist bleek te zijn — hoe meer het w a t e r kost, hoe zuiniger men er mee is. Ondanks

deze

maatregelen, bleef

het

totaalverbruik

stijgen. Men moest dus u i t z i e n naar een

u i t b r e i d i n g van het wingebied. Dr. Ir. J. Versluis, de t o e n m a l i g e d i r e c t e u r der W a t e r l e i d i n g , diende een voorstel in t o t het bouwen van een installatie voor de zuivering van r i v i e r w a t e r t e Ngagel, benedenstrooms van de sluis in het bandjirkanaal te W o n o k r o m o . De teekeningen en begrootingen werden op 20 Juni 1920 d o o r den Gemeenteraad goedgekeurd. Na verkregen t o e s t e m m i n g van den Irrigatiedienst w e r d m e t het w e r k begonnen. D i t bestond u i t den bouw van resp. een inlaatsluis, een open aanvoerleiding, een bezinkbassin, een snelfilter, twee r e i n w a t e r k e l d e r s , een ozonisatie-inrichting en twee kelders voor geozoniseerd w a t e r . H e t spreekt vanzelf dat een p o m p s t a t i o n van v r i j g r o o t e capaciteit moest w o r d e n ingeschakeld o m het w a t e r naar de verschillende instanties te persen. De ozonisatie-inrichting w e r d vervangen d o o r een c h l o o r i n r i c h t i n g , o m d a t

deze beter

water

leverde en de e x p l o i t a t i e k o s t e n veel geringer w a r e n . De w a t e r z u i v e r i n g s i n s t a l l a t i e , die een capaciteit bezit van 90 I per sec. of bij een continu-bedrijf van ± 7.800 m^ per e t m a a l , w e r d op 28 Nov. I 922 feestelijk in gebruik genomen. Z i j heeft in den loop der jaren uitstekend voldaan. Sinds de aansluiting echter van het stadsnet op de Oemboelan-leiding w o r d t

de

installatie in reserve gehouden.

De beide bruggen over de Porrongrivier ; de voorste voor het gewone verkeer, de achterste voor de treinen der Staatsspoorwegen. Aan weerszijden van de brug op den voorgrond liggen de groote buisleidingen, waardoorheen het aangevoerde drinkwater van de brongebieden bij Kasri en Oemboelan naar Soerabaia wordt gejaagd. (Foto E. Liddle.)

330


De weg, die het k a l i w a t e r aflegt, is de volgende. H e t w o r d t bovenstrooms van de sluis

in het

bandjirkanaal

te

W o n o k r o m o , op ongeveer I m onder de o p p e r v l a k t e , afgetapt. V i a de inlaatsluis v l o e i t het d o o r de open, niet-bemetselde aanvoerleiding naar het bezinkbassin. V o o r d a t het d i t bassin b e r e i k t , w o r d t een oplossing van a l u m i n i u m s u l f a a t toegevoegd t e r bevordering van de bezinking. Het water

uit

het bezinkbassin w o r d t d o o r

een ge-

metselde goot naar het p o m p s t a t i o n geleid, ook weer onder toevoeging van a l u m i n i u m s u l f a a t . Van het bassin u i t w o r d t

^n^SM,sm.;M^^^M^ii^mm&^ssmmm!ii^'^

De kabelbrug te W o n o k r o m o over de Soerabaiarivier. De brug draagt de beide hoofdaanvoerleidingen der Soerabaiasche drinkwatervoorziening. (Foto E. Liddle.)

het w a t e r op het f i l t e r gepompt en daar m e t behulp van een gotenstelsel over de verschillende vakken verdeeld. Nadat het w a t e r d o o r de lagen g r i n d , grof en f i j n zand is gesijperd, s t r o o m t het d o o r een g r o o t e buisleiding en onder toevoeging

'•""•"IIÜGRESERVDIR

van vloeibaar chloor naar de reinwaterkelders. In deze kelders b l i j f t het w a t e r 5 a 7 uren staan. Daarna w o r d t het d o o r pompen in het d i s t r i b u t i e n e t geperst, echter niet v o o r d a t een a n t i c h l o o r m i d d e l ( v o o r het binden van het vrije chloor) is toegevoegd. De f i l t e r v a k k e n ,

die

vervuilen, moeten

op

gezette

tijden gereinigd w o r d e n . D i t ,,wasschen" geschiedt in omgekeerde r i c h t i n g . H e t waschwater w o r d t n l . u i t de

reinwater-

kelders onder in de f i l t e r v a k k e n g e p o m p t . H i e r d o o r ontstaat een reinigende woeling in het zand, t e r w i j l het waschwater ingang t o t het lioogreservoir te (Foto E. Liddle.)

Wonokitri.

langs daartoe aangebrachte gootjes w o r d t

verwijderd.

Tijdens den bouw der installatie bleef het w a t e r v e r b r u i k stijgen. Op voorstel van meentebestuur

Dr. i r . Versluis besloot

o m de oude meters

het

te verwisselen

Getegen

nieuwe, die het w a t e r v e r b r u i k nauwkeuriger zouden aangeven. H i e r m e e w e r d in Maart 1922 begonnen. H e t geregist r e e r d e v e r b r u i k der consumenten steeg aanmerkelijk, m e t het gevolg: hoogere rekeningen. D i t was voor vele consumenten aanleiding o m hun w a t e r v e r b r u i k t e beperken. H e t v o o r t d u r e n d w a t e r t e k o r t was ook te w i j t e n aan de e n o r m e verspillingen bij de hydranten en tijdelijke Een hoekje in hetgebouvtr van het hoogreservoir, waar de zelfregistreerende meetinstrumenten en de afsluiters staan. (Foto E. Liddle.)

aftap-

pingen en in de openbare bad-, wasch- en p r i v a a t i n r i c h t i n g e n . Men liet de kranen noodeloos openstaan. Het eerste euvel bestreed men door de hydranten en tijdelijke aftappingen o m t e zetten in waterverkoopplaatsen. H e t w a t e r w e r d v o o r t aan verkrijgbaar gesteld tegen 2 cent per pikoelan ( 2 p e t r o l e u m b l i k k e n ) . H i e r d o o r w e r d een eind gemaakt aan een grove watervermorsing. Tegen het m i s b r u i k van w a t e r in de bad-, privaat- en waschinrichtingen w e r d getracht op vele manieren het hoofd te bieden, doch niets hielp, t o t d a t de toenmalige chef-exploit a t i e , J. van Kleef, er in slaagde o m in 1926 een practische muntwatermeter

te

vervaardigen.

Met behulp

van deze

automaat was het niet alleen mogelijk o m een afgepaste hoeDe groote filterinstallatie van de waterzuiveringsinrichting te Ngagel. (Foto E. Liddle.)

veelheid w a t e r t e verkoopen, maar tevens o m c o n t r o l e u i t t e oefenen op de opbrengst.

331


Intusschen bleef het w a t e r v e r b r u i k t o e n e m e n . Toen stelde de heer Van Kleef het Gemeentebestuur voor o m de bestaande hoofdaanvoerleiding gedeeltelijk te verdubbelen. Bij Raadsbesluit van 29 Juli 1925 w e r d h i e r t o e besloten. H e t g r o o t e voordeel, aan d i t w e r k verbonden, was, dat deze verdubbeling zich zelf binnen k o r t e n t i j d betaald had d o o r besparing op de bedrijfskosten der pompstations. Bovendien was een deel van de t o e k o m s t i g e u i t b r e i d i n g der w i n n i n g gereed. T e n s l o t t e bood deze oplossing ook nog een g r o o t e r e bedrijfszekerheid. H e t wachten was nu slechts op de t o e s t e m m i n g t o t

het capteeren van de

nieuwe bronnen in het Kasrische. Debietmetingen hadden plaats, het w a t e r w e r d bacteriologisch en scheikundig onderzocht en voor de consumptie v o l k o m e n in orde bevonden ; het Gemeentebestuur vroeg vergunning aan t o t capteering, maar de Regeering beschikte afwijzend op het verzoek ; zij adviseerde het w a t e r aan de O e m b o e l a n b r o n t e o n t t r e k k e n . A l het w e r k en de uitgaven w a r e n dus vergeefs gedaan. H e t was intusschen einde 1929 geworden. Met de g r o o t s t mogelijke haast moest het Oemboelanplan w o r d e n u i t g e w e r k t . Bij besluit van den Gemeenteraad van9 A p r i l 1930 no. 108 w e r d het plan goedgekeurd en de noodige fondsen werden gevoteerd. V o o r de levering van het m a t e r i a a l en de pompaggregaten w e r d een openbare aanbesteding gehouden, t e r w i j l de u i t v o e r i n g van het w e r k in eigen beheer plaats had. De emplacementen t e Oemboelan en G e m p o l verrezen, buizen werden gelegd, kunstwerken gebouwd en zoo k w a m , na een koortsachtigen arbeid, in 1932 de aansluiting gereed van het stadsnet op de Oemboelan-capteering, van waar sedert 1916 ook Pasoeroean zijn w a t e r

betrekt.

V o o r Soerabaia is nu eindelijk een w a t e r v o o r z i e n i n g geschapen, welke voor de eerstkomende jaren voldoende zal blijken t e zijn. Ik zou deze historische opteekeningen bij d i t hoogtepunt in de o n t w i k k e l i n g s geschiedenis van het Soerabaiasche w a t e r l e i d i n g b e d r i j f kunnen beĂŤindigen, indien niet een belangrijk vraagstuk, dat ik ook reeds elders ') aanstipte, nog even de aandacht vroeg. Dank zij de u i t v i n d i n g van den heer J. van Kleef, n l . zijn m u n t m e t e r , was het voortaan

mogelijk

o m ook in de kampongs w a t e r te v e r s t r e k k e n . Deze wijze van levering w o n al spoedig de sympathie der bevolking. Geen wonder, want men kon naar draagkracht w a t e r koopen, zonder aanlegkosten te betalen en een w a a r b o r g s o m t e s t o r t e n . De kosten van aanleg, aanschaffing van den m u n t m e t e r en de bedrijfskosten w a r e n i m m e r s in den eenheidsprijs verdisconteerd. In den beginne werden bij de invoering van d i t distributie-systeem g r o o t e moeilijkheden ondervonden, doch thans kan v e r k l a a r d w o r d e n , dat t o t dusver deze verstrekkingswijze van zuiver d r i n k - , bad- en waschwater aan den kleinen man de meest practische is en van g r o o t hygiĂŤnisch belang.

M Zie biz. 305.


NIEUW SOERABAIA

AFD EE LI N G

7

ONDERWIJS, WETENSCHAP EN KUNST

HOOFDSTUK 1

HET

HOOFDSTUK 2

DE O P E N B A R E LEESZAAL EN BIBLIOTHEEK

HOOFDSTUK 3

DE

DIERENTUIN

HOOFDSTUK 4

DE

KUNSTKRING

«

ONDERWIJS


0

HET ONDERWIJS. Het

Europeesch

Lager

Onderwijs. — Particuliere

lagere

scholen. — K a t h o l i e k e

scholen. — H e t

Christelijk onderwijs. — De „Soerabaiasche Schoolvereeniging". — De G o u v e r n e m e n t s Europeesche kweekschool. — H e t onderwijs

aan

Chineesche, Inheemsche

en

Arabische k i n d e r e n . — H e t

voort-

gezet onderwijs. — H e t vakonderwijs. — De K.E.S.— De Ambachtsschool voor inheemschen. — De BurG

g

e

r

Ambachtsschool. — Nias en Stovit. — De Zaalbergschool. — De Suikerschool. — De Soerabaiasche Huishoud- en Industrieschool. — De school voor buitengewoon, individueel onderwijs,

elegenheid t o t het ontvangen van Europeesch Lager Onderwijs w o r d t in de eerste plaats v e r s t r e k t d o o r het G o u v e r n e m e n t . Naast 5 z.g. eerste scholen zijn er n o g 4 niet-eerste scholen. Behalve u i t b r e i d i n g van de Europeesche bevolking heeft er in den loop der laatste jaren ook een zekere verschuiving van die bevolking plaats gehad, w a a r d o o r de Gouvernementsscholen niet alle even gunstig gelegen zijn. Z o o is er b.v. voor de geheele Ketabangwijk geen enkele openbare eerste school, t e r w i j l er v o o r de g r o o t e w i j k D a r m o geen openbare niet-eerste school is. Van de beide openbare meisjesscholen is er in verband m e t de „ b e z u i n i g i n g " een opgeheven. Een g r o o t aantal p a r t i c u l i e r e lagere scholen, zoowel confessioneele als neutrale, v o o r z i e t verder in de behoefte aan lager onderwijs. De meeste van die scholen zijn opgericht in den t i j d , dat de subsidieregeling bijzonder gunstig was, zoodat een aantal van deze onderwijsinstellingen beter ingericht zijn en in fraaier gebouwen zijn ondergebracht dan de openbare scholen. Katholieke z.g. Broeder- en Zusterscholen v i n d t men in de benedenstad, maar ook in de nieuwere w i j k e n . Z o o staan er aan den C o e n - ( v r o e g e r A n i t a - ) Boulevard en aan den D a r m o (vroeger gedeeltelijk Koepang-) Boulevard kapitale gebouwen, die zeer bijdragen t o t de schoonheid van het stadsbeeld. In het gebouw aan den Coenboulevard zijn een lagere en een Mulo-jongensschool ondergebracht en dat aan den D a r m o b o u l e v a r d huisvest o . m . een lagere school, een Meisjes H.B.S.-5, een idem-3, een kweekschool voor onderwijzeressen en een fröbelschool. H e t Christelijk onderwijs (Europeesch) is eveneens goed v e r t e g e n w o o r d i g d , ook ondergebracht in gebouwen, die er zijn mogen. Men zie b.v. de keurige, practisch ingerichte Nassauschool aan de Van Riebeecklaan en het mooie gebouw naast het H o o f d k a n t o o r van de A n i e m in Embong W o e n g o e , in welk gebouw de Christelijke Muloschool is gevestigd. De Vereeniging t o t bevordering van Gereformeerd scholen:

Onderwijs

heeft t w e e

een op Tegalsarie

Europeesche

lagere

en een aan den A m -

benganweg. In „ O u d Soerabaia"^) noemde ik de z.g. Gentengschool en vermeldde daar enkele bijzonderheden over deze i n r i c h t i n g . Thans is het scholencomplex van de vereeniging „ d e Meisjesschool", sedert enkele jaren omgedoopt in „Soerabaiasche Schoolvereeniging", u i t gebreid m e t een f r ö b e l - en lagere school in de Speelmanstraat ( D a r m o ) en een Kweekschool voor onderwijzeressen. BBHHHHIHHH^HHHHHI^HHBHHHH^^H 1)

Z i e biz. 263 en 2 6 4 .

De Zusterschool aan den Darmoboulevard.


H i e r moge tevens de aandacht w o r d e n

geves-

t i g d op de Gouvernements Europeesclie Kweekschool voor onderwijzers

en onderwijzeressen, de

eenige

openbare i n r i c h t i n g van dezen aard in geheel Indië. Aanvankelijk ondergebracht

in de H.B.S., kreeg de

school later een eigen „ h o m e " in het s e m i p e r m a n e n t e gebouw

op Kepandjen, dat eerst had gediend als

filiaal van de H.B.S. Deze Kweekschool is, nu ik d i t schrijf, weer aan het verdwijnen. Er zijn nog maar zoo weinig leerlingen, dat men de zaak opnieuw heeft laten verhuizen naar de H.B.S. De laatste j a r e n zijn er geen nieuwe leerlingen meer toegelaten, t e r w i j l v o o r een aantal p a r t i c u l i e r e kweekscholen de subsidie successievelijk wordt ingetrokken. De Christelijke Muloschool aan Embong Woengoe, gebouwd naar een ontwerp van Bruno Mobile de Vistarini. Dit is het eerste moderne schoolverdiepingsbegouw in Indië met een vrije en een overdekte gymnastiek- en speelruimte boven in het gebouw. Aan de buitenzijde zijn de muren beschermd tegen overmatige zonnebestraling door doorgaande luifels, die een element vormen van de geheele architectuur.

De ingrijpende bezuinigingsmaatregelen, op den Onderwijsdienst toegepast, maken de opleiding van personeel bijna overbodig, t e r w i j l de uitzending van personeel u i t Nederland al jaren lang stop staat.

H e t spreekt vanzelf, dat ook op het gebied van Onderwijs aan Chineezen

en

Inheemsche kinderen

particulier

onderwijs

naast

tot ontwikkeling

het

openbaar

onderwijs

is gekomen, zoodat we

het naast

de openbare Hollandsch-Chineesche, Hollandsch-lnlandsche en Inlandsche scholen

ook

Christelijke

en

Katholieke

inrichtingen

van

denzelfden

aard aantreffen. Heel w a t m i n d e r dan de Gemeente Batavia, heeft de Gemeente Soerabaia zich de z o r g voor het onderwijs in het algemeen aangetrokken. N i e t alleen van Christelijke en Katholieke zijde

heeft men zich geïnteresseerd

voor het Chineesche en het Inheemsche k i n d , ook Chineesche en Inheemsche schoolvereenigingen hebben zelf de hand aan den ploeg geslagen. Zoo

vinden we naast de bovenbedoelde lagere scholen o.a. een

„ N a t i o n a l e H.C.S.", opgericht d o o r de Theosofische Vereeniging en een aantal Taman-Siswo-scholen, ook voor

Mulo-onderwijs. Op deze laatste

scholen w o r d t een bijzonder van andere scholen sterk afwijkend opvoedingssysteem gevolgd.

Bruno Mobile de Vistarini, de ontwerper van vele architectonischbelangrijke bouwwerken te Soerabaia. Hij werd 8 A p r i l 1891 te Marburg a.d. Drau In Stiermarken (Oostenrijk) geboren en behaalde zijn diploma voor bouwkundig ingenieur aan de Technische Hoogeschool te Graz. Zijn voornaamste werken te Soerabaia zijn : Christelijke Muloschool aan Embong Woengoe, Christ. Holl. Chineesche School te Boeboetan, kantoorgebouw van de Droogdok Mij te Tandjong Perak, Deutscher Verein op Genteng (verbouwing) met eerste draaitooneel in Indië, details en architectonische verzorging van „Modderlust" (ontw. is van Ir. Muller), stratenplan en geheele bebouwing van Ketabang-Oost (als adviseur der N.V. Volkshuisvesting), Noorderkerk aan den Grisseeschen weg en tokocomplex te Songojoedan. (Foto Theobald.)

Deze scholen hebben geen subsidie: ze wenschen die ook niet, zoodat ze geheel v r i j zijn in de samenstelling van hun leerplan. H e t zou m i j te ver voeren, als ik dieper op de beginselen van Taman-Siswo inging, al was het alleen maar, o m d a t d i t o n d e r w e r p niet speciaal Soerabaia raakt. H e t spreekt vanzelf dat ook de Arabische gemeenschap zijn onderwijsinrichtingen heeft, voor zoover m i j bekend alleen door die Arabische gemeenschap gesticht en in stand gehouden. ^) V o o r zoover hierboven nog niet t e r sprake gekomen, w i l ik hier een enkel w o o r d zeggen over het voortgezet onderwijs. H e t

Gouvernement

had t e Soerabaia t w e e g r o o t e Muloafdeelingen der Algemeene Middelbare School, k o r t w e g Muloscholen genoemd. Een daarvan is opgeheven, niet

1)

Zie ook biz. 77 en 78.

335


LINKS:

Meisjes krijgen gymnastiekles. ( F o t o Isken voor de Soerabaiasche Schoolvereeniging.)

RECHTS:

H e t i n t e r i e u r van een m o d e r n Indisch klaslokaal, n.l. van de Darmoschool aan de Speelmanstraat.Slechts éénpersoonsbanken zijn in gebruik. H e t lokaal is r u i m en luchtig. ( F o t o Isken.)

u i t gebrek aan leerlingen, maar u i t „bezulnigingsoverwegingen". H e t verlaten gebouw is thans v e r h u u r d aan een Particuliere H.B.S. En zoo k o m ik vanzelf op de Soerabaiasche Gouvernements H.B.S., die thans gevestigd

is in een

m o d e r n gebouw op Ketabang. D i t j a a r ( 1 9 3 5 ) v i e r t deze school haar 60- j a r i g bestaan.^) De i n k r i m p i n g van onderwijsgelegenheid op Gouvernements- of gesubsidieerde scholen heeft in de laatste j a r e n t a l van z. g. „ w i l d e - s c h o l e n " in het leven geroepen, zoowel lagere scholen, als inrichtingen voor voortgezet onderwijs. in het bovenstaande gaf ik een zeer globaal o v e r z i c h t van w a t men n o e m t het Algemeen V o r m e n d Onderwijs. N i e m a n d zal daarbij verwacht hebben een droge o p s o m m i n g van allerlei scholen, i m m e r s d i t boek is geen adresboek of Baedeker. Op dezelfde wijze w i l ik thans nog een o v e r z i c h t geven van w a t Soerabaia biedt aan gelegenheid t o t opleiding in een bepaalde r i c h t i n g , voor een goed deel „ v a k o n d e r w i j s " . En dan denk ik in de eerste plaats aan de K.E.S., de Koningin-Emma-School in de w i j k Sawahan, sedert k o r t een „ M i d d e l b a a r Technische School". De i n r i c h t i n g d a t e e r t van 1912. De toelatingseischen zijn in de laatste jaren gelijk gemaakt aan die voor de Muloscholen. Bouwkunde, w e r k t u l g k u n d e , electrotechniek en aanverwante vakken vinden een plaats op het leerplan. De school mag zich in een v o o r t d u r e n d e n bloei verheugen. O o k het lager technisch onderwijs is niet vergeten. Sedert [ 9 0 9 bestaat de Ambachtsschool v o o r Inheemschen. IJzer- en h o u t b e w e r k i n g benevens auto-techniek w o r d e n

hier onderwezen. H e t

behoeft

geen betoog, dat een i n r i c h t i n g als deze in een industriestad als Soerabaia zeer gewaardeerd w o r d t . O p d i t gebied heeft ook de Gemeente zich niet onbetuigd gelaten. De Burger-Ambachtsschool is een gemeentelijke instelling m e t subsidie van het Gouvernement. H e t onderwijs gaat hier verder dan op een gewone ambachtsschool. Teekenen en t h e o r i e vinden een plaats op het leerplan. Aanvankelijk was deze B.A.S. een Burger-Avond-School.^) O o k hier mag ik constateeren, dat de school in een behoefte v o o r z i e t : het aantal leerlingen — ook van Europeeschen landaard — is zeer g r o o t . Geheel bulten het d r u k k e stadsverkeer l i g t op een t e r r e i n van dertigduizend v i e r k a n t e m e t e r de N.I.A.S., de Nederlandsch-indische Artsenschool'^), m e t zijn schitterend ingerichte l a b o r a t o r i a , leslokalen, p r a c t i c u m l o k a a l , musea en de prachtige aula, waar 4 0 0 personen een plaats kunnen vinden. D i t gebouwencomplex d a t e e r t van 1923. De N.I.A.S., geopend in 1913 was te voren gehuisvest op Kedongdoro, thans gelegen schuin tegenover de sportvelden van Karang Mendjangan. H i e r w o r d e n jongelui opgeleid, zoowel jongens als meisjes en van ')

V o o r uitvoerige bijzonderheden o m t r e n t deze school verwijs ik naar m i j n „ O . S." biz. 2 6 9 e. v.

')

Z i e „ O . S . " bIz. 2 6 7 en 2 6 8 .

»)

Z i e ook bIz. 2 9 4 .


LINKS: RECHTS:

De jeugd op het voorerf van de Darmoschool gedurende het vrije kwartier. Links : de lagere school, rechts op den achtergrond : de frobelschool. (Foto Isken.) Voorzijde van een deel van het gebouv\rencomplex der Koningin Emma School op Sawaan. Rechts: het administratiegebouw, links : een vleugel.

alle landaarden t o t arts m e t volledige bevoegdheid t o t het uitoefenen van genees- en verloskundige prakt i j k in Nederlandsch-Indië en in haar geheelen omvang, gedurende een studietijd van ongeveer 8 jaar. De eischen van het eindexamen zijn voor de verschillende vakken gelijk aan die van de Hoogeschoolartsexamens. Men ziet dus : een opleiding, die voor een universitaire niet hoeft onder te doen. O o k de opleiding v o o r t a n d a r t s aan de Stovit, School t o t opleiding van Indische tandartsen, mag er zijn. A a n de andere zijde van de bovenstad, aan den Reinierszboulevard valt al heel gauv^ de I.E.V.-Zaalbergschool in het oog, gebouwd v/elisv/aar naar een s o o r t bezuinigingsnormaalproject in denzelfden geest als de Openbare Ie School A , maar toch een gebouv/, dat het in die omgeving goed doet. De school is een instelling van het I.E.V. en draagt den naam van den bekenden v o o r m a n van d i t verbond

Karel

Zaalberg, journalist

met

een wel versneden pen, in leven hoofdredacteur

van

het

„Bataviaasch N i e u w s b l a d " . Men zou deze i n r i c h t i n g kunnen noemen een Muloschooi m e t een handelsprogramma. De Gemeente heeft op royale wijze medegewerkt aan de t o t s t a n d k o m i n g van deze school, mede als gevolg van de g r o o t e belangstelling die zij ondervond van de zijde van wijlen Ir. G. J. D i j k e r m a n , burgemeester van Soerabaia. I Juli 1928 w e r d de school geopend, v o o r l o o p i g ondergebracht in de lokalen van de B.A.S. De Heer H. Bach K o l l i n g , de tegenwoordige wethouder, maakte de bouwplannen voor het nieuwe gebouw, dat op 20 September 1930 officieel w e r d geopend door den Heer F.H. de Hoog, thans nog v o o r z i t t e r van het I.E.V. O o k deze school is een bloeiende o n d e r w i j s i n r i c h t i n g geworden en neemt een voorname plaats in onze stad i n . Schuin tegenover de Zaalbergschool ziet men het, thans verlaten, gebouw van de Suikerschool van den Suikerbond. Deze bond van geëmployeerden in de suikerindustrie had grootsche plannen m e t deze school, m a a r de malaise heeft helaas de sluiting van deze nuttige i n r i c h t i n g ten gevolge gehad. Een zeer oude instelling, m e t een geschiedenis, die ik hier slechts k o r t bespreek, is „ D e Soerabaiasche H u i s h o u d - e n Industrieschool", opgericht in 1901 op i n i t i a t i e f van „ d e Loge". O o r s p r o n k e l i j k heette de school „Industrieschool voor Meisjes", vermoedelijk in navolging van een dergelijke i n r i c h t i n g te 's Gravenhage. Meerdere malen is deze school verplaatst, veel heeft ze te tobben gehad m e t financieeie en andere moeilijkheden, t o t d a t ze na veel beraadslagen m e t het Gemeentebestuur een gebouw kreeg aan de Kembodjastraat. Er w o r d t thans onderwijs gegeven in allerlei voor aanstaande huisvrouwen en moeders nuttige kundigheden. Er kunnen ook diploma's w o r d e n behaald. V o o r de Europeesche Indische maatschappij is de opleiding van de kinderen in vele gevallen nog steeds een p r o b l e e m . Z o o langzamerhand is bij de Europeesche bevolking de overigens onjuiste o p v a t t i n g ontstaan, dat men allereerst de H.B.S. m o e t probeeren en, zoo dat niet l u k t , achtereenvolgens Mulo, K.E.S., B.A.S., of

337 .^i'


Huishoudschool. V e r m o e d e l i j k

is d i t de oorzaak van de vele

moeilijkheden, die deze school in vroegere j a r e n heeft m o e t e n d o o r m a k e n . G e l u k k i g mag ze zich thans verheugen in g r o o t e r e belangstelling van het Soerabaiasche publiek. I k w i l hier den naam van de tegenwoordige d i r e c t r i c e Mej. M. E. Mewe v e r m e l den, als een blijk van waardeering v o o r haar buitengewone t o e w i j d i n g en d o o r z e t t i n g s v e r m o g e n , w a a r d o o r de i n r i c h t i n g geworden i s : een volwaardige Huishoud- en Industrieschool

voor

meisjes ! Als vanzelf k o m e n m i j n gedachten h i e r d o o r op den naam van een andere v r o u w : M e v r o u w Levy-van Ravesteyn, die hier een school heeft gesticht, zooals er nog maar w e i n i g in Indië zijn. Ik bedoel een i n r i c h t i n g v o o r k i n d e r e n , die het gewone klassikale onderwijs niet kunnen volgen, in d i t geval, een „School v o o r b u i tengewoon, individueel o n d e r w i j s " . Dat in een g r o o t e stad een dergelijke i n r i c h t i n g op haar plaats is, behoeft geen betoog. De steden in Nederland hebben t i e n t a l l e n van z u l k e scholen. Ik zal me niet verdiepen in de oorzaken, w a a r d o o r deze school m i n d e r leerlingen t e l t dan ze zou m o e t e n hebben. O o k onze Gemeenteraad heeft het nut van deze i n r i c h t i n g ingezien en subsidie toegekend. H i e r m e d e ben ik aan het einde gekomen van m i j n notities betreffende het onderwijs in onze stad. Ik ben er van o v e r t u i g d , v e r r e van volledig t e zijn geweest. Er zijn nog t a l van p a r t i c u l i e r e scholen en cursussen v o o r onderwijs in t a l e n en a l l e r l e i kundigheden, die men in meerdere of m i n d e r e m a t e dient te bezitten o m den s t r i j d o m het bestaan m e t succes t e kunnen voeren en volhouden. W e l meen ik, dat de belangstellende lezer aan het einde van d i t hoofdstuk g e k o m e n , den i n d r u k heeft gekregen, dat de stad ook m e t b e t r e k k i n g t o t het „ o n d e r w i j s " een g r o o t e stad is.

BOVEN :

Ingang t o t de Burger-Ambachtsschool op Boeboetan.

MIDDEN

Het

ONDER:

gebouw

van de

F r o n t van „ D e Soerabaiasche Huishoud- en Industrieschool" in de Kembodjastraat

RECHTS:

338

Zaalbergschool aan den Relnierszboulevard.

(Ketabang).

Kookles in de Soerabaiasche Huishoudschool.


o

DE OPENBARE LEESZAAL EN BIBLIOTHEEK. O p r i c h t i n g op 9 Februari 1920. — Eerste huisvesting in t w e e lokalen der oude H.B.S. (1921 —'27). — H e t begin d e r b o e k e r i j . — De stand van zaken in 1922. — K a a r t c a t a l o g i , de eerste g e d r u k t e catalogus en de „ M e d e d e e l i n g e n " . — Heffing waarborgsom (1923) had een v e r m i n d e r i n g van het ledental tengevolge. — T w e e d e behuizing in het voormalige Stadstuinrestaurant ( 1 9 2 7 — ' 2 9 ) . — Afschaffing waarborgsom (1927). — H e t eigen gebouw b e t r o k k e n (1929).— N i e u w e ledenkring. — De kinderbibliotheek gesticht (1931). — N i e u w e catalogi in afdeelingen. — Opening d e r beide filialen (1932). — D e buitenleden. — W a t de Vereeniging den leden biedt. — Cijfers, die den groei illustreeren.

n 1919 ontstonden de eerste

plannen t o t

o p r i c h t i n g van een openbare

leeszaal en bibliotheek

te

Soerabaia. De t o e n m a l i g e burgemeester Mr. A . M e / r o o s nam het initiatief. In December van genoemd jaar v o r m d e zich tijdens een vergadering t e zijnen huize een v o o r l o o p i g c o m i t é . Twee maanden later, n l . op 9 Februari 1920, w e r d de Vereeniging opgericht. In het eerste bestuur werden gekozen Mr. A . Meyroos ( v o o r z i t t e r ) , mevr. I. G. W e s t r i k - W e s t e r s en de heeren Mr. K. Derx, J. C. de Haan, J. G. Slothouwer en H. Moed H e l m i g (leden). Van verschillende zijden werden hulp en steun ontvangen. De Gemeente schonk een bedrag van f 15.000.— t e r bestrijding van de eerste kosten. Bovendien kende zij de nieuwe vereeniging een jaarlijksche subsidie t o e . Bij G.B. van 20 Augustus 1921 v e r w i e r f de „ O p e n b a r e Leeszaal en B i b l i o t h e e k " rechtspersoonlijkheid. O n d e r w i j l had het bestuur niet stil gezeten. H e t was op zoek gegaan naar een geschikte l o k a l i t e i t , welke echter vanwege den e n o r m e n huizennood in de jaren '21 en '22 niet gemakkelijk was te vinden. Tenslotte viel het oog op een t w e e t a l o n g e b r u i k t e lokalen van het H.B.S.-gebouw, dat toenmaals nog stond op de plaats, waar nu het nieuwe p o s t k a n t o o r is verreden. De vereischte t o e s t e m m i n g , o m de lokalen in gebruik t e nemen, w e r d verkregen. Medio September werden zij o n t r u i m d , In de daarop volgende maanden ingericht en op 31 Maart 1921 konden Leeszaal en Bibliotheek m e t eenige feestelijkheid w o r d e n geopend. De Vereeniging begon haar werkzaamheden m e t een kleine boekerij. De d i r e c t e u r van O. en E. stond n l . een 1500-tal boeken en tijdschriften u i t de H.B.S.-bibliotheek in b r u i k l e e n af, echter onder

Front der O p e n b a r e Leeszaal op Ketabang.

v o o r w a a r d e , dat deze niet uitgeleend,

doch slechts

in de Leeszaal

geraadpleegd

mochten w o r d e n . De eerste u i t b r e i d i n g had plaats door aankoop van een p a r t i c u l i e r e bibliotheek van plusminus 1200 deelen (grootendeels r o m a n l e c t u u r ) . V e r d e r stonden het Algemeen Nederlandsch

Verbond

en

de

Theosophische

Vereeniging geheel of gedeeltelijk hun bibliotheken af, zoodat bij de opening de boekerij u i t ongeveer 5.000

deelen

bestond.

Door

schenkingen van kleine, soms van ook groot e r e collecties en d o o r geregelde aankoopen breidde de B i b l i o t h e e k zich gestadig u i t . V o o r de Leeszaal stonden de directies

339 _jU


der plaatselijke dagbladen en van de „ L o c o m o t i e f " gratis abonnementen af. V e r d e r abonneerde de Vereeniging zich op eenige belangrijke periodieken en geïllustreerde

tijdschriften, terwijl

andere week-

en maandbladen

gratis

werden toegezonden. In 1922 bedroeg het aantal leden ongeveer 4 0 0 ; de gemiddelden per maand van het aantal bezoekers der Leeszaal en van die der uitgeleende boeken konden respectievelijk w o r d e n vastgesteld op plusminus 400 en r u i m 2.600. De m i n i m u m - c o n t r i b u t i e bedroeg f I,—, rechtgevend op 2 boeken per dag. De leestijd voor romans was bepaald op 4 weken, die voor wetenschappelijke w e r k e n op 6 weken. De secretaris r i c h t t e de bibliotheek geheel in volgens het

kaartsysteem,

w a a r d o o r beter c o n t r o l e kon w o r d e n uitgeoefend op de uitgeleende boeken. Kaartcatalogi werden aangelegd voor de wetenschappelijke w e r k e n volgens Wijlen w . Itallie, een der meest actieve ijveraars der Vereeniging, die bijna van de oprichting af tot zijn overlijden in 1928 de

het decimaals/steem van Melvil Dewey en een alphabetische catalogus op , .. schrijversnaam. Spoedig verscheen Ook een g e d r u k t e catalogus van de belletristische

functie van penningmeester be-

. . . .

,

.

...

,nt^

• .

••

J

L

I

J

i^-

w e r k e n , t e r w i j l na 1926 de aanwinsten geregeld werden bekend gemaakt in de zg. „ M e d e d e e l i n g e n " m e t een k o r t e v e r m e l d i n g van den inhoud der boe-

ken. H e t jaar daarvoor zag ook een g e d r u k t e catalogus der wetenschappelijke werken het licht. Langzamerhand steeg het aantal uitgeleende boeken, maar ook het aantal der niet-terugbezorgde en dat der beschadigde boeken nam in zoodanige m a t e t o e , dat het bestuur

genoodzaakt

was, ingrij-

pende maatregelen te nemen. Aangezien aanmaningen t o t betaling van schadevergoeding alleen t o t gevolg hadden, dat de leden, zonder daaraan t e voldoen, als l i d bedankten, besloot het bestuur in Maart 1923 van de leden een v e r p l i c h t e s t o r t i n g van een waarborgsom van f 5 , — t e eischen. O n m i d d e l l i j k na de i n w e r k i n g t r e d i n g van dezen maatregel nam het ledental sterk af. In hetzelfde jaar zag de Vereeniging zich nog voor andere g r o o t e moeilijkheden geplaatst. De H.B.S. verhuisde n l . naar Ketabang en de vrijgekomen r u i m t e w e r d bestemd voor den bouw van het Postkantoor. V o o r Leeszaal en Bibliotheek moesten nieuwe l o k a l i t e i t e n w o r d e n gezocht. Dank zij de hulp en m e d e w e r k i n g van den hoofdcommissaris kon de Vereeniging de beschikking over de d o o r haar geoccupeerde lokalen blijven behouden t o t A p r i l 1927, waarna de instelling w e r d overgebracht naar het v o o r m a l i g e

Stadstuinrestaurant.

Deze maatregel kon slechts van t i j d e l i j k e n aard zijn, o m d a t het houten gebouw weinig r u i m t e bood en op den d u u r niet geschikt was o m er de zich steeds uitbreidende bibliotheek in onder te brengen. De gunstige ligging van het nieuwe gebouw deed haar invloed gelden. Het

aantal

leden, dat

der

uitgeleende boeken, maar ook het aantal bezoekers der Leeszaal stegen in belangrijke m a t e . Hoewel deze feiten t o t verheuging stemden, deden zich weer andere moeilijkheden voor. in de plaatselijke bladen gingen in dien t i j d s t e m m e n op o m den eisch der v e r p l i c h t e s t o r t i n g van een waarborgsom t e laten vervallen, daar deze s t o r t i n g voor velen een bezwaar v o r m d e voor de t o e t r e d i n g als l i d . H e t bestuur der Vereeniging ging op deze aanwijzingen in en schafte in 1927 de v e r p l i c h t e s t o r t i n g der waarborgsom af. De c o n t r i b u t i e w e r d echter t o t f 1,25 verhoogd, teneinde u i t het geringe meerdere bedrag van f0,25 een fonds te v o r m e n , w a a r u i t de kosten van vervanging der weggeraakte, beschadigde en d o o r m i n der goede zorg gehavende boeken, bestreden konden w o r d e n , nu geen d i r e c t verhaal meer mogelijk was. Deze maatregel had als bijna o n m i d d e l l i j k gevolg een steeds toenemend ledental. O o k de j a a r t o t a l e n der uitgeleende boeken v e r t o o n d e n een belangrijke stijging. O n d e r w i j l vroeg een ander vraagstuk weer o m een oplossing. H e t v o o r m a l i g e Stadstuinrestaurant, een houten gebouwtje, bleek steeds m i n d e r aan de eenvoudigste eischen t e voldoen. Bovendien begon het c e n t r u m der stad zich hoe langer hoe meer naar het Z u i d e n te verplaatsen. Statistische gegevens wezen dan o o k u i t , dat de B i b l i o t h e e k niet meer in het c e n t r u m der woonplaatsen van de leden was gevestigd. H e t w e r d dus t i j d o m naar* een ander gebouw o m t e zien.


Nadat het bestuur der Vereeniging tevergeefs op zoek was geweest naar geschikte l o k a l i t e i t e n , besloot het in 1928 op Ketabang een t e r r e i n te koopen aan den Ondomohenweg, gelegen schuin tegenover het Raadhuis. Leeszaal en B i b l i o t h e e k zouden een eigen „ h o m e " krijgen. De financieele positie der Vereeniging stond echter niet toe den bouw geheel u i t eigen middelen t e bekostigen. Men moest

dus t r a c h t e n o m een hypotheek te vestigen. D i t l u k t e , doch de

eisch w e r d

gesteld, dat het gebouw ook voor andere doeleinden zou zijn te bezigen. H i e r d o o r w e r d de a r c h i t e c t in zijn plannen beperkt. Niettegenstaande

deze b e l e m m e r i n g

verrees

een gebouw,

dat

aan

redelijke eischen voldeed.

H e t bevat t w e e g r o o t e zalen. Een daarvan w e r d d o o r een houten afscheiding verdeeld in een wachtlokaal en in een r u i m t e v o o r de uitleening, de a d m i n i s t r a t i e en de boekbinderij. De andere zaal w e r d ingericht als leeszaal, welke plaats bood voor een 30 t o t 40-tal bezoekers. A c h t e r deze zaal ligt een zeer r u i m e opslagplaats v o o r de boeken. Nadat het eigen gebouw in September 1929 was b e t r o k k e n , moest de Vereeniging zich w e d e r o m gedeeltelijk een nieuwen ledenkring scheppen, o m d a t een aantal leden den afstand van hun woning naar de bibliotheek te g r o o t vond. Langzamerhand werden echter weer nieuwe leden geworven. Oud-leden, die waarschijnlijk hun lectuur m i s t e n , werden w e d e r o m l i d . H e t aantal uitgeleende boeken steeg, na een kortstondige daling, v o o r t d u r e n d ; het b e r e i k t e in 1931 zelfs het recordcijfer van 77.65 I deelen. H e t aantal bezoekers echter daalde

eerst

belangrijk

o m d a t de oude leeszaal vaak door inge-

schrevenen bij de nabij gelegen arbeidsbeurs als wachtlokaal w e r d g e b r u i k t . Toch vond de leeszaal spoedig een voldoend aantal t r o u w e bezoekers, ernstige lezers, t e r w i j l ook velen de r u i m e l o k a l i t e i t begonnen t e gebruiken o m het een of andere w e r k te bestudeeren, dan wel u i t de vele, vaak kostbare en zeldzame w e r k e n , welke de Bibliotheek bezit, de gewenschte gegevens t e p u t t e n . In September 1931 w e r d een afzonderlijke k i n d e r b i b l i o t h e e k gesticht, waarvoor de c o n t r i b u t i e f 0,35 per maand bedraagt, recht gevend op twee kinderboeken per week ( i n de vacanties v i e r ) . Ook deze stichting had succes en toonde levensvatbaarheid te b e z i t t e n . H e t blijft echter een moeilijkheid o m voor voldoende geregelde aanvulling t e zorgen. De g r o o t e aanwas van boekwerken der hoofdbibliotheek maakte het uitgeven van nieuwe catalogi noodzakelijk. Bij de samenstelling daarvan w e r d van het

beginsel uitgegaan de naam- en t i t e l l i j s t e n in

afdeelingen u i t t e geven, zoodat de leden zich niet steeds een completen catalogus zouden behoeven aan t e schaffen. Opgezet op wetenschappelijke basis volgens Dewey's decimaal-systeem, w a a r d o o r men een beter overzicht kreeg, verschenen reeds de catalogi voor de afdeelingen „ L e t t e r k u n d e " ( m e t supplement), „Geschiedenis, Land- en V o l k e n k u n d e " en „ S o c i o l o g i e " ; die voor de andere afdeelingen zijn nog in bewerking. O n d e r w i j l deed zich w e e r een nieuw vraagstuk voor. De langgerekte v o r m der stad en de daarmee verband houdende g r o o t e afstanden verhinderden nog te velen, van de bibliotheek gebruik te maken. O m aan d i t ongerief tegemoet t e k o m e n , besloot het bestuur t o t het stichten van een t w e e t a l filialen over te gaan. De Stadstuinvereeniging stelde gratis r u i m t e in den Stadstuinkoepel, het bestuur van de Zaalbergschool een lokaal in die o n d e r w i j s i n r i c h t i n g beschikbaar, zoodat in Februari 1932 de filialen konden w o r d e n geopend. V o o r l o o p i g zouden daar tweemaal 's weeks de boeken kunnen worden ingewisseld. De c o n t r i b u t i e w e r d o m te beginnen op f 0,75 per maand vastgesteld. N i e t alleen in de stad, maar ook daar b u i t e n , op ondernemingen en in kleine steden, t e l t de Vereeniging haar leden. Deze buitcnieden, die vaak vereenigd zijn in combinaties, kunnen tegen een lage c o n t r i b u t i e , doch verplichte s t o r t i n g van een w a a r b o r g s o m , eveneens geregeld boekwerken in leen ontvangen. Steeds r u i m e r w o r d t de werkingssfeer van Leeszaal en Bibliotheek. De Vereeniging heeft er steeds naar gestreefd — voor zoover de geldmiddelen d i t toelieten — haar leden niet alleen de nieuwste waardevolle r o m a n l e c t u u r , maar ook de laatst verschenen wetenschappelijke


werken, mits niet streng tot vakliteratuur behoorend, te kunnen aanbieden. De Bibliotheek bezit, dank zij de vele schenkingen en de in bruikleen afgestane collecties, belangrijk materiaal voor speciale studies. Tenslotte doe ik nog, ter illustratie van den uitgroei in de afgeloopen jaren, een greep uit het cijfermateriaal, loopend over het tijdvak van 1922 tot en met 1931. Het aantal leden klom in die periode op van plusminus 400 aan het eind van 1922 t o t 758 op het eind van 1931 (exclusief de 89 leden van de kinderbibliotheek). Niettegenstaande onderwijl de in bruikleen ontvangen bibliotheken van den Kunstkring en van de H.B.S., respectievelijk geheel en gedeeltelijk waren teruggevraagd, was het totaal boekenbezit in 1931 gestegen tot rond 16.000 deelen. Er werden uitgeleend in :

Jaar 1922 1923 1924 1925 1926 1927 1928 1929 1930 1931 ')

Wetenschappelijke werken

624 1303 4616 5926 6496 5477 5527 7665

Belletristische werken

24865 25565 29239 34453 48836 45779 56147 69986')

Totaal 31978 28009 25489 26868 33855 40379 55305 51256 61674 77651

Inclusief de uitgeleende kinderboeken in de vier maanden van het bestaan der Kinderbibliotheek (3.792 din.).

Dat ook de Leeszaal de belangstelling van het publiek heeft getrokken, moge uit de navolgende cijfers blijken :

Jaar

Aantal bezoekers

Jaar

Aantal bezoekers

1922 1923 1924 1925 1926

4891 6603 7154 7867 9468

1927 1928 1929 1930 1931

13524 14595 12435 II 195 15479


0

DE DIERENTUIN. De geboorte der Vereeniging op 31 Augustus 1916. — De lijdensweg van de collectie van den heer H . F. R. K o m m e r . — Begin 1918 : verhuizing van die v e r z a m e l i n g van Kaliondo naar G r o e d o . — M o e i l i j k h e d e n . — Verhuisplannen. — De „beau geste" der O.J.S. — S t a t u t e n h e r z i e n i n g

en nieuwe moeilijkheden. —

„ H e i l i g I n d i ë " . — V a n een Soerabaiaschen V o r o n o f f en een herboren beweging. — H e t G e m e e n t e l i j k subsidieplan ad f 106.000.—. — De verhuizing naar D a r m o . — Steun en m e d e w e r k i n g . — H o o g bezoek. — Openstelling a q u a r i u m (1927). — Eenige belangrijke gebeurtenissen.

I _ > ^ e geschiedenis van deze instelling begint m e t den lijdensweg van de collectie van den heer H. F. R. K o m m e r , die op Kaliondo een dierenverzameling bezat, welke tegen een kleine vergoeding t e bezichtigen was. Dat het streven van den heer K o m m e r gesteund moest w o r d e n , stond velen voor den geest en zeker zal menig d i e r e n v r i e n d u i t dien t i j d onze tegenwoordige instelling in een d r o o m hebben aanschouwd. O m een p a r t i c u l i e r e collectie van den steun der overheid t e doen genieten, is een officieel erkende vereeniging, als kanaal v o o r de gelden u i t de openbare kas, onmisbaar. De Vereeniging Soerabaiasche D i e r e n t u i n is geboren bij het verleenen van de rechtspersoonlijkheid op 31 Augustus 1916 no. 40. V o o r d i e n was zij v o o r l o o p i g geconstitueerd en het naaste doel was dus : de dierencollectie van den heer K o m m e r aan te koopen, naar een beter t e r r e i n over t e brengen en het publiek daar op meer gerieflijke wijze t e ontvangen. Z o o w e r d dan op 14 Mei 1916 m e t den heer K o m m e r een o p t i e - c o n t r a c t voor den t i j d van zes maanden gesloten. De p r o m o t o r s van deze plannen waren ; M r . J. P. M o o y m a n , Edw. H. Soesman, A . H de W i l d t , P. Egas, Ir. F. C. Frumau en M. C. Valk. De overeenkomst m e t den heer K o m m e r noemde een koopprijs van f I,—, de eerste gulden, waarvan in de geschiedenis van den T u i n sprake zou zijn. Er k o m t nog zulk een m e r k w a a r d i g e gulden in voor, waarover straks

nader.

V e r d e r bepaalde d i t c o n t r a c t , dat de dieren zouden w o r d e n overgebracht naar een t e r r e i n van de Bouwmaatschappij Koepang op Groedo. De Vereeniging had het gehuurd voor f 7 5 , — per maand m e t een opzeggingstermijn van d r i e maanden. Er waren gebouwen en een woning aanwezig, en in ieder geval was de situatie daar beter dan op het erf van K o m m e r op Kaliondo. K o m m e r zou d i r e c t e u r w o r d e n en eventueel de verzameling weer voor f I,— t e r u g kunnen koopen. Bij zijn onverhoopt overlijden zou zijn huishoudster H a r m a Satbina minstens f 2 5 , — per maand

voor

levensonderhoud ontvangen. Toen het d e f i n i t i e f c o n t r a c t op 21 December

1917 was geteekend, begon de verhuizing van dieren

en kooien van Kaliondo naar G r o e d o . In A p r i l 1918 w e r d de verzameling tegen entree v o o r het publiek toegankelijk. Reeds het eerste jaar (1917—'18) bedroegen op Groedo de uitgaven f 31.000,— en de inkomsten ongeveer f 10.500,—. G e l u k k i g stond de d i r e c t e u r van Onderwijs en Eeredienst een l o t e r i j t o e , w a a r u i t ongeveer f 4 7 . 0 0 0 , — w e r d verkregen. H e t verlies van r u i m f 2 0 . 0 0 0 , — kon dus gedekt w o r d e n . In het vereenigingsjaar 1918—'19 waren de moeilijkheden niet m i n d e r e n definancieele resultaten bedroevend. De r a m p e n bereikten een record. H e t aantal contribueerende leden daalde t o t 38. Er waren slechts 12.799 betalende bezoekers, die f 8 . 6 9 0 , 4 0 in het laatje brachten. De Gemeente kreeg aan vermakelijkheidsbelasting f 1.644,52, doch het verlies bedroeg f 11.153,42, zoodat het kapitaal van de l o t e r i j het volgende jaar zeker v e r b r u i k t zou z i j n .

343


Maar de s t r o o m van moeilijkheden hield aan. De g r o o t e h i t t e had een sterfte onder de papagaaien tengevolge. H e t personeel was zeer nalatig en ongeschikt voor de verzorging der collectie, want het liet de deurtjes der volières vaak open staan, zoodat de Koningsparadljsvogel, sinds 1914 in gevangenschap, in Juni 1919 de r i c h t i n g van Nieuw-Guinea koos. De Rosella-parkiet t r a c h t t e A u s t r a l i ë weer t e bereiken, vergezeld van een N y m p h p a r k i e t , die echter nog w a t verder moest, n l . naar Tasmanië. Verschillende andere uitheemsche vogels zochten hun vaderland weer op. Den

13den

Januari des

morgens

om

half

vijf, wist

de

gevlekte Javapanter

verbreken o m het erf onveilig te maken, doch een der bestuursleden, de heer

zijn

boeien

te

M. C. V a l k , toenmaals

leeraar in de plant- en dierkunde aan de H. B. S., schoot het vrijheidlievende dier neer, waarschijnlijk m e t loopers, w a n t ook de g r o o t e der

Hindoes, w e r d

heid en

tot

python w e r d doodelijk getroffen. De

zijn vaderen

verzameld en t r o k

naar

de

Hanoman-aap, de heilige aap eeuwige oerwouden

van

vrij-

overvloed.

De gele Kuifkakatoe w e r d gestolen èn d r i e papagaaien èn de g r o o t e Paradijsvogel, maar die kon vier dagen later van een Chinees te Bongkaran w o r d e n teruggekocht v o o r f 5 . — ; dat was b i l l i j k , v o o r een vogel van f 150.— inkoop. Dakijzer w e r d gestolen, doch de dief w e r d gepakt en kreeg 20 dagen k r a k a l . O o k 70 glazen dakpannen van de t i j g e r k o o i werden meegevoerd d o o r iemand, die blijkbaar iets w i l d e gaan kweeken onder glas. Een jeugdig n a t u u r o n d e r z o e k e r w e r d in den T u i n d o o r een aap gebeten ; d i t kostte f 2 7 , — aan den

dokter,

enz.

H e t was duidelijk voor het b e s t u u r : er moest meer t o e z i c h t zijn en W . A . Hompes, vroeger in A r t i s w e r k z a a m , daarna in dienst bij de Genie, v e r b r a k deze verbintenis en v a t t e zijn oude bezigheid weer op. H i j zou K o m m e r , die oud w e r d , t e r zijde staan. Men schreef t o e n reeds 1920. H e t t e r r e i n op Groedo zou binnen k o r t e n t i j d moeten w o r d e n verlaten en zoo moest de Vereeniging naar een beter, g r o o t e r en d e f i n i t i e f t e r r e i n u i t z i e n . De a d m i n i s t r a t e u r der O.J.S. bood een stuk grond op D a r m o aan, g r o o t 30.400 m- en t o e n de Vereeniging op het punt stond een c o n t r a c t betreffende den grond aan t e gaan, k w a m de vergadering van 12 Januari 1921, w a a r i n de Gemeenteraad van Soerabaia vertegenw o o r d i g d was d o o r Mr. A . van Gennep en D r . R. Soerjatin. De Gemeente gaf van 23 plannen m e t

Juli

1920 af een subsidie van f 1.500.— per maand en had g r o o t e

den D i e r e n t u i n . De heer Faubel, ook

G e m e e n t e - a u t o r i t e i t , tevens

lid van het

bestuur


„Raak 'm niet aan !" Mama-orangoetan en de baby. (Foto F. F. Schoenmakers.)

IJV»* -p^

der Vereeniging, opperde reeds het p l a n ' o p dien grond tevens een dansgelegenheid enz. te stichten ; hij

zag m e t

een

zijn geestesoog

eierenbroederij, een m u z i e k t e n t , in de toel<omst

op

Darmo

een

geweldig c e n t r u m van a t t r a c t i e ontstaan. Z o o ging dan de O.J.S. m e t de Gemeente Soerabaia in zee en t r a d de tweede gulden op, die een g r o o t e r o l zou spelen in de geschiedenis van den T u i n . Deze m e r k w a a r d i g e gulden w e r d d o o r de Gemeente Soerabaia uitgekeerd aan de O.J.S. in r u i l van bovengenoemden lap grond m e t de bepaling, dat op dien grond een diergaarde

zou

w o r d e n geëxploiteerd. De Vereeniging zou dat doen ; en thans begon het maken van

plannen en berekeningen o m t r e n t het overbrengen der dieren. Een o n t w e r p van f 4 0 0 . 0 0 0 , — w e r d opgemaakt en als te grootsch v e r w o r p e n . Een m i n i m u m o n t w e r p van f 235.000. — v o l g d e ; daar w e r d

ernstig over

gedacht.

Men

zou voorloopig voor een bedrag van

f 106.000.— gaan u i t v o e r e n , maar nu begonnen de moeilijkheden eerst recht. De Gemeente eischte een herziening van de statuten der Vereeniging, waarin moest worden opgenom e n , dat het bestuur v o o r de helft plus een, u i t leden van den Gemeenteraad of hoofdambtenaren der Gemeente Soerabaia moest bestaan. D i t was niet een, t w e e , d r i e in orde en dus w e r d de eerste tranche van de f 106.000.— geweigerd en de subsidie van f 1.500.— per maand w e r d I Januari 1922 opgezegd. N u was zelfs de heer F. C. Frumau strijdens moede. Men kon voor- noch a c h t e r u i t . Men stelde alles in het w e r k o m de zaken op te heffen en de vereeniging te ontbinden. Men liet per I Januari I92i2 w a t e r en l i c h t op Groedo afsluiten, gaf Hompes m e t ingang van I Februari d.a.v. eervol ontslag, zegde per I A p r i l het t e r r e i n op Groedo op en t r a c h t t e zonder kleerscheuren van den heer K o m m e r af te komen door hem restanten u i t de kas t e beloven. Alles slaagde op w o n d e r b a a r l i j k e wijze, maar nu zou men de Vereeniging opheffen. V r i j d a g , 10 Februari 1922,'s middags o m half zeven zou d i t g e b e u r e n ; het m i s l u k t e , w a n t de vergaderden konden niet geacht w o r d e n een algemeene ledenvergadering t e zijn. H e t zou 21 Juli 1922 nog eens beproefd w o r d e n ; het m i s l u k t e o m dezelfde reden. H i e r mag men dan wel eens u i t volle borst het „ H e i l i g i n d i ë " doen schallen, want een vereeniging is in deze gewesten niet op te heffen, aangezien een algemeene ledenvergadering, waarschijnlijk door de d r u k k e werkzaamheden der leden op andere t e r r e i n e n dan dat der op te heffen vereeniging, niet bijeen kan k o m e n .

345


Varanen koesteren zich in den zonneschijn.

Hompes lectie

werd

schadeloos

Jumbo en de baby nennen een bad.

gesteld. K o m m e r

kreeg

een

tegemoetkoming, verkocht

naar Melbourne en s t i e r f in 1923. De oudste geschiedenis

van den Soerabaiaschen

zijn

col-

Dierentuin

was afgesloten. Middeleeuwen en Nieuwen T i j d liepen, w a t deze thans inderdaad belangrijke stichting b e t r e f t , ineen De overgang was een aaneenschakeling van toevallige bestieringen. Hompes woonde op het t e r r e i n te D a r m o in een alles behalve r i a n t e behuizing en hield daar enkele d i e r e n . Hij had een g r o o t e roep als d i e r e n v r i e n d en d i e r e n t e m m e r en k w a m in de k r a n t vanwege het k a l m medevoeren van een

grooten

p y t h o n , die de benedenstad ergens onveilig m a a k t e ; een aanwinst voor zijn kleine collectie. Z o o was de s i t u a t i e , toen

D r . S. V o r o n o f f

de geheele

w e r e l d (in

de eerste j a r e n alleen de

wetenschappelijke wereld) in verbazing bracht d o o r zijn t r a n s p l a n t a t i e p r o e v e n , bij verschillende dieren en bij den mensch, van jong weefsel der mannelijke geslachtsklieren o m oudere exemplaren te verjongen. Ook

in Soerabaia was toenmaals een officier van gezondheid, die deze geniale denkbeelden nader w i l d e

uitwerken. H i j hoorde van Hompes en zocht contact m e t de bedoeling, van dezen iets te vernemen o m t r e n t de apen-fauna van den Oosthoek van Java, teneinde na te gaan, of proefdieren voor deze menschlievende bewerkingen zouden zijn te v e r k r i j g e n . H e t bleef deze

kunstbewerkingen

worden gebruikt,

een d r o o m b e e l d ; de anthropoïde apen, die voor

k o m e n op Java

niet voor, doch de geschiedenis van den

Soerabaiaschen D i e r e n t u i n kan het tweede hoofdstuk inluiden. Hompes maakte een excursie m e t den bedoelden medicus naar een bekende slangengrot. Dr. S. W . de W o l f f hoorde van het geval en zocht den heer Frumau op, die weer moed v a t t e en I I

Mei 1923 was

de beweging h e r b o r e n , w a n t de Vereeniging was niet opgeheven, alleen de kas was leeg. Een eeresaluut voor deze beide heeren moge hier een plaats vinden. Ir. F. C. Frumau en Dr. S. W . de W o l f f hebben den D i e r e n t u i n gemaakt t o t w a t hij thans is. N u begon een t i j d van ernstige w e r k z a a m h e i d en van een v o o r t d u r e n d aandringen bij de Gemeente o m subsidie. Dat ging niet zoo v l o t . Den 26sten Mei 1924 wees de Gemeenteraad m e t 8 s t e m m e n voor en 14 tegen, die aanvrage af. In 1926 k w a m er een k e n t e r i n g t e n goede. H e t oude subsidieplan w e r d te voorschijn gehaald en in 1931 zou de laatste f 20.000.— van d i t plan van f 106.000.— w o r d e n v e r w e r k t . W a t daarmede b e r e i k t is, kan iedere bezoeker op D a r m o zien. In deze periode o n t v i n g men van vele zijden steun en m e d e w e r k i n g . De K.P.M., de S t o o m v a a r t maatschappij „ N e d e r l a n d " , de Rotterdamsche L l o y d , de S.S. en de N.I.S. en andere spoor- en t r a m w e g e n gaven v r i j vervoer v o o r de d i e r e n , die voor den T u i n bestemd w a r e n , eventueel m e t geleide. Een paar gezagvoerders der K.P.M., de heeren Esser en K r o e f brachten de zeldzaamste dieren aan en steunden den T u i n


op de meest o n b e k r o m p e n wijze. Gouverneurs, Residenten en Assistenten-Resident

gaven

belangrijke

geschenken in natura. De Regenten van Toeloengagoeng en Ngandjoek lieten zich niet o n b e t u i g d . Miss Riboet schonk haar lievelingsbeertje en gaf een d o o r l o o p e n d toegangsbewijs v o o r haar

voorstellingen

aan den d i r e c t e u r en zijn echtgenoote. H e t r u i l v e r k e e r m e t R o t t e r d a m , A m s t e r d a m , Sydney, Melbourne, enz. was in vollen gang. H e t G o u v e r n e m e n t weigerde de aangevraagde subsidie ; maar ook niet alles kon v o o r den w i n d gaan. De Gouverneur-Generaal Jhr. Mr. A . C. D. de Graeff bezocht den T u i n . O o k den Koning van Siam m o c h t het bestuur der Vereeniging o n t v a n g e n ; Z . M . schonk f 2 0 0 . — v o o r de kas. De Soesoehoenan van Soerakarta en de Sultan van D j o k j a k a r t a bezichtigden de verzameling. H e t Pan Pacific Science Congres wijdde de noodige aandacht aan de collectie en was zeer voldaan, het Ned. Ind. Natuurwetenschappelijk Congres eveneens. De D i e r e n t u i n heeft zich, dank zij het subsidieplan van de Gemeente van f106.000.—, b e t r e k k e l i j k snel kunnen o n t w i k k e l e n t o t een instelling, die ook d o o r de g r o o t e r e zusterinstellingen v o o r vol w o r d t aangezien. Er is veel gedaan voor de verfraaiing en u i t b r e i d i n g van den T u i n . Alles w e r d op degelijke wijze o p g e t r o k k e n , zij het dan ook, dat de gelden niet t o e r e i k e n d waren o m de verblijven der dieren o m t e scheppen t o t een meer n a t u u r l i j k m i l i e u . H e t A q u a r i u m w e r d een g r o o t succes (1927) en het gelukte, daarin verschillende dieren der koraalriffen, die in geen enkel ander a q u a r i u m t e r w e r e l d t o t nog t o e werden v e r t o o n d , in het leven t e houden en v o o r t d u r e n d t e r bezichtiging t e stellen. De koraalbank „ Z w a a n t j e s d r o o g t e " m e t de omringende riffen gaf steeds nieuwe vondsten, die dan in !de zoutwater-afdeeling de bewondering en verbazing der t a l r i j k e bezoekers van alle landaarden gaande m a a k t e n . O o k de zoetwater-afdeeling is goed voorzien van een aantal bezienswaardige soorten. H e t doel der Vereeniging is : de fauna van den O . i . A r c h i p e l en van de nevengebieden in haar collectie t e laten zien. De Paradijsvogels zullen een specialiteit moeten w o r d e n , evenals de Komodo-varanen. De Koningsparadijsvogel (Cicinnurus regius) heeft reeds gebroed. Dat was een zeldzaam eitje en dan nog wel onder d i r e c t en deskundig t o e z i c h t gelegd Er is nog een ei van dezen vogel bekend en wel in de collectie van een der Rothschilds. Het bestuur gaf d i t zeldzame exemplaar, dan ook aan het Museum t e B u i t e n z o r g . Nog een andere belangrijke gebeurtenis w i l ik t o t besluit v e r m e l d e n . Op den 29sten December 1930, 's middags o m half zes, bracht een Orang Oetan-wijfje een welgeschapen jong t e r w e r e l d . Een klasse teergierige meisjes m e t haar leerares was bij d i t zeldzame natuurtafereel aanwezig en heeft d i t kleine dierenkind als het w a r e ten doop gehouden. Zoo ziet men de Soerabaiasche Dier e n t u i n , ondanks de vele moeilijkheden, die overwonnen moesten w o r d e n en nog te overwinnen zijn, een goede t o e k o m s t

te-

gemoet gaan.

„ W a t zeg-je van deze houding?"

Papa-orangoetan

laat zich p o r t r e t t e e r e n .

347


0DE

KUNSTKRING.

H e t „ K u n s f ' - l e v e n vroeger en nu. — O p r i c h t i n g op 9 O c t . 1911 van de „ V e r e e n i g i n g t o t bevordering van Kunst en Schoonheidsgevoel", in 1915 o m g e d o o p t in : „Soerabajasche Kunstl<ring". — H e t fusieplan. — Opening op 2 M e i 1925 van het Kunstkringhuis aan Embong Malang en op 5 Sept. d.a.v. van het O p e n l u c h t t h e a t e r . — V e r h u i z i n g naar Simpang en feestelijke i n g e b r u i k n a m e van het nieuwe Kunstkringhuis op 15 Mei 1933. — „Kunst is geen Regeeringszorg". — W a t de Kunstkring zijn leden bood.—De Orkestvereeniging, opgericht in 1925. — De Officiers-Tooneel-Vereeniging ( O . T . V . ) — Beoefening der

I

y

e taak van den Bond van Ned. Indische K u n s t k r i n g e n , waarvan de Soerabaiasche K u n s t k r i n g deel

u i t m a a k t , is in de eerste plaats het brengen van Westersche Kunst aan de in Indië verblijvende Europeanen. De Bond t r a c h t zijn doel te bereiken d o o r het organiseeren van concerten, tooneelvoorstellingen, t e n t o o n stellingen, lezingen enz. Hoewel veelal kunstenaars u i t H o l l a n d of het buitenland w o r d e n aangezocht v o o r Indische tournees, zal het vaak mogelijk zijn, belangrijke a r t i s t e n en belangrijke kunstwerken in Indië zelf t e vinden. O o k dan is de K u n s t k r i n g daar o m het contact m e t het publiek t o t stand te brengen. W i j verbazen ons t e g e n w o o r d i g dan ook niet meer, wanneer in enkele maanden tijds een aantal a r t i s ten van w e r e l d n a a m voor ons o p t r e d e n , ja, we klagen zelfs wanneer er een maand v e r l o o p t , zonder dat we in de gelegenheid zijn gesteld o m een of andere belangrijke kunstprestatie bij t e wonen. N a t u u r l i j k heeft Indië, ook v o o r d a t de Kunstkringen werden opgericht, zijn prestaties op Kunstgebied gehad. H e t waren echter u i t z o n d e r i n g e n , evenementen in de Europeesch-lndische samenleving en men was heel w a t eerder tevreden m e t het gebodene dan thans. De t i j d , dat we alles best en alles prachtig vonden, is thans voorgoed voorbij ! Te Soerabaia w e r d op 9 O c t o b e r 1911 d o o r den heer M. J. Drechsler opgericht de „ V e r e e n i g i n g t o t bev o r d e r i n g van Kunst en Schoonheidsgevoel", welke naam eerst in 1915 w e r d veranderd in „Soerabajasche Kunstkring".

Eigenaar-

dig is het, dat het doel van de Vereeniging

348

beginne

in

1

I

den

1

V

geen ander was dan de

eigenlijk


Het voormalige Openluchttheater, gelegen achter het Kunstkringhuis aan Embong M a l a n g ; er w o r d t nu niet m e e r in gespeeld.

belang zijn

voor de leden, zich ook

op ander

gebied zal hebben te bewegen, zoodat

in 1916 een

speciale afdeeling v o o r m u z i e k w e r d opgericht, welke onder leiding van Maestro Mario Paci, eertijds d i r i gent van St. Caecilia ' ) , den K u n s t k r i n g t o t b e t r e k k e l i j k grooten bloei bracht. Deze bloei duurde t o t 1919 (het ledental bedroeg toen 382), waarna de jaren 1920 1922 een inzinking vertoonden, zoodat het aantal leden aan het einde van het jaar 1922 slechts 283 bedroeg. H e t t o e n optredend Kunstkringbestuur heeft daarop het zg. „ f u s i e p l a n " doorgevoerd. Men was van meening, dat er t e Soerabaia naast den K u n s t k r i n g nog t e veel vereenigingen bestonden, welke aan „ K u n s t " deden.

Men had de

Officierstooneelvereeniging, een Vereeniging voor

K a m e r m u z i e k , een c o m i t é dat

lezingen organiseerde, enz. en het t o e n m a l i g Kunstkringbestuur oordeelde, dat men door

samenwerking,

m e t behoud van zelfstandigheid der verschillende vereenigingen, een veel s t e r k e r positie zou kunnen innem e n , zoodat al deze verschillende vereenigingen als onderafdeelingen bij den Soerabaiaschen K u n s t k r i n g w e r d e n ingelijfd. H e t resultaat was verbluffend. H e t ledental steeg van 283 in 1922 t o t 900 in l924,om zich daarna na verschillende schommelingen op een b e h o o r l i j k peil te blijven handhaven. Als gevolg van deze e n o r m e toename

Een tafereel uit den

in 1930 in het O p e n l u c h t t h e a t e r opgevoerden „ D r i e k o n i n g e n a v o n d " .

' ) Z i e „ O u d - S o e r a b a i a " biz. 3 4 9 e. v.

349


van leden en de d a a r d o o r ontstane uitgebreide a d m i n i s t r a t i e , w e r d al spoedig dringend

kantoorruimte

noodzakelijk, t e r w i j l het

onmogelijk

w e r d , zonder betaald personeel de e x p l o i t a t i e t e blijven v o e r e n . De n o o d l o t t i g e omstandigheid, dat Soerabaia na den v e r k o o p van den Schouwburg in de benedenstad geen behoorlijke zaal bezat, geschikt o m concerten t e geven, deed t e n s l o t t e besluiten t o t de o p r i c h t i n g van het K u n s t k r i n g huis, w a a r i n een voor t e n t o o n s t e l l i n g e n , kamerm u z i e k en kleine kunst bij uitstek geschikte zaal w e r d ingericht, echter m e t beperkte p l a a t s r u i m t e . V o o r tooneelvoorstellingen was men aangewezen op de tooneelzaal van de sociëteit ConH e t huidige Kunstl<ringliuis aan S i m p a n g . V r o e g e r w a r e n gebouw

bioscooptheaters

en

dancings

in

gevestigd. Beneden

g r o o t e t h e a t e r z a a l , boven ligt de t e n t o o n s t e l l i n g s r u i m t e .

het is de

cordia. 2 Mei 1925 w e r d aan Embong Malang het Kunstkringhuis geopend en op 5 September van

hetzelfde jaar in den achter het Kunstkringhuis gelegen t u i n het O p e n l u c h t t h e a t e r , dat plaats bood aan 900 personen. Gedurende zeven jaren heeft de Soerabajasche K u n s t k r i n g het gebouw aan Embong Malang geoccupeerd, doch in den loop der jaren bleek ook d i t gebouw niet meer aan het gestelde doel te beantwoorden. D o o r het steeds t o e n e m e n d ledental bleek de p l a a t s r u i m t e te beperkt, t e r w i j l het f e i t , dat de sociëteit Concordia, aan Tegalsarie gelegen, d o o r de tijdsomstandigheden w e r d gedwongen t e sluiten, t o t gevolg had, dat er te Soerabaia geen geschikte r u i m t e meer beschikbaar was o m tooneelvoorstellingen t e geven. Daar deze voorstellingen een belangrijk deel van het K u n s t k r i n g p r o g r a m m a v o r m d e n , was de vereeniging genoodzaakt maatregelen te nemen, welke het mogelijk maakten Soerabaia in het bezit te stellen van een gelegenheid o m tooneel te spelen. W a s de toenmaligen toestand blijven

bestaan, dan zou niet alleen de tooneelafdeeling van den

K u n s t k r i n g (de O.T.V.) de verdere werkzaamheden

hebben moeten staken, doch Indië bereizende t o o -

neelgezelschappen hadden Soerabaia moeten m i j d e n , o m d a t er nergens een behoorlijke zaal was, w a a r i n voorstellingen mogelijk w a r e n . D o o r toevallige o m standigheden was het bioscoopgebouw aan Simpang ( C i t y T h e a t e r ) leeg k o m e n t e staan en er scheen, na de droeve ervaringen geen bioscoopexploitant t e vinden, die daarin geluk Hoewel

wilde het

zijn f i l m probeeren.

daarin

ge-

bouwde tooneel voor alle

De d i r i g e n t e M e v r o u w Jos V i n c e n t - W o l d e n d o r p en executant e n tijdens het concert, gegeven op 15 M e i 1933 t e r van de feestelijke

gelegenheid opening

het nieuwe Kunstkringhuis.

350

van


tooneelvoorstellingen

v o l k o m e n ongeschikt was, zag het t o e n m a l i g Kunstkringbestuur de mogelijkheid

o m d i t bioscooptheater, na v e r b o u w i n g , t o t een nieuw Kunstkringhuis in t e r i c h t e n , dat vele voordeelen boven het oude zou bieden, n l . een veel g r o o t e r aantal beschikbare plaatsen en een afzonderlijke expositiezaal, welke tijdens voorstellingen tevens als foyer zou kunnen

dienst doen en voor alles een zaal,

w a a r i n een behoorlijke tooneelvoorstelling gegeven kon w o r d e n . Vele Kunstkringleden werden bereid gevonden de noodige verbouwingen t e financieren, een huurcontract op langen t e r m i j n kon w o r d e n gesloten, zoodat m e t kracht de verhuizing w e r d aangepakt. V e r b o u w i n g en i n r i c h t i n g hadden onder leiding van Ir. B. de V i s t a r i n i in den r e c o r d t i j d van ongeveer 6 weken plaats en toen op 15 Mei 1933 het nieuwe Kunstkringhuis w e r d opengesteld, vonden de

leden

een zaal, zoowel geschikt voor tooneel als voor concertuitvoeringen, een r u i m e expositiezaal en r u i m e k a n t o o r local i t e i t e n . Ter gelegenheid van de feestelijke opening had een concert plaats onder leiding van Mevrouw Jos V i n c e n t — W o l d e n d o r p en den heer Loo Vincent, t e r w i j l den daaropvolgenden avond het tooneel in gebruik w e r d genomen door de O.T.V., welke in de nieuwe omgeving onder regie van Co Balfoort de p r e m i è r e gaf van een serie voorstellingen van ,,Vader des Vaderlands", heldendrama van Eduard V e t e r m a n , waarmede het bewijs w e r d geleverd, dat het nieuwe tooneel voldeed aan de eischen van snelle en veelvuldige decorwisseling. Door het openen van het nieuwe gebouw van den K u n s t k r i n g w e r d Soerabaia een schouwburg r i j k , welke zeer zeker m e t eere mag w o r d e n genoemd. H e t is wel w o n d e r l i j k , dat het Gemeentebestuur zich over het f e i t dat Soerabaia schouwburgloos was, n o o i t ongerust heeft gemaakt. Men achtte dat blijkbaar een zeer overbodige luxe. Als de K u n s t k r i n g t e r z a k e niet het i n i t i a t i e f had genomen, dan had Soerabaia nog steeds geen schouwburg. In Indië geldt nog wel heel sterk Thorbecke's uitspraak : „ K u n s t is geen Regeeringszorg". W a t heeft de K u n s t k r i n g zijn leden in den loop der jaren alzoo gebracht? Concerten, tooneelvoorstellingen, lezingen en causerieën gehouden door bekende personen, kindervoorstellingen, lichte kunstprogramma's ! W i e t r a d e n er t e Soerabaia op ? Van de m u s i c i noemen w e : Sven Scholander, Kathleen Parlow, Godowsky, Z i m b a l i s t , Francis Koenen, I t u r b i , G e r a r d H e k k i n g , H e t Dresdener-, Budapester-, Kendalle-, en G u a r n e r i S t r i j k k w a r t e t , W e i n g a r t n e r A n n a El T o u r , Andres Segovia, Van Leeuwen B o o m k a m p , Maurice Maréchal, Ignaz Friedman, Andries Roodenburg, Paul S c h r a m m , A r t h u r Tooneelgezelschappen:

Rubinstein, e.a. H e t gezelschap Ruys, dat verschillende tournees door Indië maak-

t e , het gezelschap Verheyen m e t H u b e r t Laroche, het gezelschap Jan Musch, t e r w i j l ook het artistenpaar Jeanne van Rijn — Co Balfoort succesvolle opvoeringen gaf. Danskunst de Sakharoffs.

brachten ons o . m . The Denisshawn Dancers, G e r t r u d Leistikow, Niddy Impekoven,


Voordrachtkunstenaars: Sprekers:

C h a r l o t t e Kohier, V i c t o r Chenkine.

Dr. Berlage, Rabindranath Tagore, Luc D u r t a i n , Prof. B r o m , Ds. van H o l k ,

Huizinga, Ds. Spelberg, Ds. W e g e r i f f , de K a r a k o r o e m - o n d e r z o e k e r

Prof.

Ph. Chr. Visser, Jan Fabricius.

O o k heeft de K u n s t k r i n g Soerabaia er steeds naar gestreefd t o t een eigen sterk plaatselijk Kunstleven t e geraken en heeft daarbij krachtigen steun ondervonden van zijn verschillende onderafdeelingen m e t name vooral van de Orkestvereeniging, welke u i t Soerabaiasche musici bestaande, t w e e a d r i e concerten per jaar geeft en de O.T.V. m e t ongeveer een gelijk aantal uitvoeringen per seizoen. De Orkestvereeniging w e r d in 1925 opgericht en heeft van den dag van o p r i c h t i n g af t o t op heden onder leiding gestaan van den Heer J. C. Madlener. Na het v e r t r e k van Meastro Paci w e r d te Soerabaia geen orkestm u z i e k v e r t o l k t , zoodat het nieuwe o r k e s t het w e d e r o m mogelijk maakte o m op geregelde tijden van een o r k e s t u i t v o e r i n g t e genieten. Een greep u i t de t e n gehoore gebrachte

p r o g r a m m a ' s is zeker belangrijk. Van Beethoven werden

u i t g e v o e r d : de ouvertures „ C o r i o l a n " en „ E g m o n t " en de symphonieën no. I, no. 3 (Eroïca), no. 5, no. 7 en no. 8. Van M o z a r t de ouvertures „Figaro's H o c h z e i t " , en , Die Z a u b e r f l ö t e " benevens de symphonie in G-mineur en „ E i n e kleine N a c h t m u s i k " . Van Von W e b e r de ouvertures „ F r e i s c h i i t z " en „ O b e r o n " . V o o r t s werden t e n gehoore gebracht Mendelssohn's o u v e r t u r e s ; „ M i d s u m m e r n i g h t s d r e a m " en „Meeress t i l l e " en W e b e r ' s o u v e r t u r e „ P r e c i o s a " . A a n symphonieën werden nog uitgevoerd : van Haydn de D-majeur symphonie en Schubert's „ U n v o l l e n d e t e " . V e r d e r treffen we op de p r o g r a m m a ' s aan W a g n e r , Josef Suk, Tschaikowsky, Grieg (Peer Gynt Suite), T a r t i n i . Bij de in 1929 en 1930 in het o p e n l u c h t t h e a t e r

te

Soerabaia d o o r

de O.T.V. gegeven

Shakespeare-voorstellingen verzorgde het orkest de m u z i k a l e i l l u s t r a t i e . H e t doel van de Officierstooneelvereeniging is o m , gedurende den t i j d , dat geen belangrijk tooneelgezelschap t e Soerabaia voorstellingen geeft, het publiek in kennis t e brengen m e t t o o n e e l w e r k e n , w e l k e meestal niet d o o r een beroepsgezelschap in Indië kunnen w o r d e n gebracht, hetzij tengevolge van de aan een opvoering verbonden kosten, hetzij d o o r de t e g r o o t e r o l b e z e t t i n g der stukken. H e t O p e n l u c h t t h e a t e r , achter het oude Kunstkringhuis gelegen, heeft de leiders van de O . T . V . v e r l o k t t o t een paar Shakespeare-voorstellingen en wel t o t de opvoering van de „ V r o o l i j k e V r o u w t j e s van W i n d s o r " in 1929 en „ D r i e k o n i n g e n a v o n d " in 1930. W e l heel duidelijk is bij deze gelegenheden gebleken, hoe g r o o t de belangstelling v o o r het t o o n e e l , niettegenstaande alle sombere voorspellingen, niettegenstaande f i l m , cabar e t , dancing, in Indië was! Honderden personen u i t naburige plaatsen hadden er een a u t o t o c h t (vaak van ongeveer 100 k m ) voor over o m deze Shakespeare-voorstellingen bij t e wonen. O o k de opvoeringen van Pieter Langendijk's „ W e d e r z i j d s H u w e l i j k s b e d r o g " in het O p e n l u c h t t h e a t e r hadden een g r o o t e belangstelling. Van het m o d e r n e w e r k noem ik „ H e t proces van Mary D u g a n "

van Bayard V e i l l e r ,

„Journey's

E n d " , „ V a d e r des Vaderlands", „ C e t t e n u i t l a " en nog in 1935 de opvoering van „ D e B 21 vliegt o m de w e r e l d " , s t u k k e n , die zeer veel belangstelling t r o k k e n . O o k de beoefenaars van de beeldende kunsten hebben thans gelegenheid elkander te o n t m o e t e n en te w e r k e n in het Kunstkringhuis. Een atelier w e r d bijgebouwd, waar zij te samen k o m e n o m te schilderen en te teekenen en, samenwerkende, elkanders w e r k kunnen beoordeelen en d o o r opbouwende c r i t i e k elkander steunen. W a n n e e r we t e r u g z i e n op de afgeloopen j a r e n , dan zien we dat het Kunstleven te Soerabaia aan i n t e n s i t e i t heeft gewonnen. Steun, behalve van zijn leden en zijn

„wer-

k e n d e " leden, heeft de K u n s t k r i n g niet. Hij zal moeten t r a c h t e n m e t eigen middelen zijn taak te volbrengen. Ik hoop van h a r t e , dat het der Vereeniging gegeven zal zijn, haar cultureele taak in onze

stad

te

blijven

vervullen. Een scène uit „ I n 't huis van den d u i v e l " , opgevoerd door het marionettentheater „De Kakatoe". Het marionettentheater w e r d hier m e d i o 1931 op initiatief van de heeren Bruno de V i s t a r i n i en Robert Deppe als onderafdeeling van den Kunstl<ring opgericht. N a het v e r t r e k van Deppe, die de ziel en den leider van het m a r i o n e t t e n t h e a t e r was, w e r d e n geen voorstellingen m e e r gegeven.


NIEUW SOERABAIA

AFDEE L I N G

8

GODSDIENSTIG EN MAATSCHAPPELIJK WERK

HOOFDSTUK 1

DE PROTESTANTSCHE KERK

HOOFDSTUK

DE GEREFORMEERDE KERK

2

HOOFDSTUK 3

DE ROOMSCH-KATHOLIEKE KERK

HOOFDSTUK 4

PHILANTROPISCH EN MAATSCHAPPELIJK WERK

35?


o

DE PROTESTANTSCHE KERK. Het kenmerkende in de periode na 1900 : terugtrekken op zuiver kerkelijk terrein. — Verzwaring van den arbeid. — Veel wisseling van predikanten, soms om het andere jaar alle drie nieuw. — Het Weeshuisbestuur zelfstandig (1910). — De Wijkzusters (1914—'17). — Oprichting van Diaconiehuis (1916) en van „ K e r k b o d e " (1912). — Opkomst en bloei van de Maleische gemeente. — Godsdienstleeraar W . Akkerman (1902 —'25). — Twee Inlandsche leeraren (1927).— De Zending in Soerabaia.— Geestelijke verzorging van de Vloot (1925). — Het Oedjoengkerkje (gesticht 1913; gerestaureerd 1930).— De oude stadskerk en pastorie verkocht (1917). — De Boeboetan-kerk gebouwd (1920—'22).— Het voorlezers-instituut opgeheven. — De Kapel in de „bovenstad" (1930). — Arbeid in de kerk.

n de periode na 1900 hebben de predikanten ook hier t e r stede zich meer en meer moeten t e r u g t r e k k e n van allerlei maatschappelijk w e r k o m zich te bepalen t o t geestelijken arbeid. W e l zat steeds een der p r e d i k a n t e n in het bestuur van een der t a l r i j k e vereenigingen en ging soms k r a c h t i g i n i t i a t i e f u i t van een der voorgangers der Protestantsche gemeente, zoo bij voorbeeld van Ds. H. J. Offerhaus voor de o p r i c h t i n g van een vereeniging voor ziekenverpleging (thans D a r m o , onder de oud-Soerabaianen bekend als Z i e k e n verpleging N g e m p l a k ) . De sterke groei van de stad gaf een g r o o t e n aanwas van scholen, w a a r d o o r het aantal lesuren voor het godsdienstonderricht a a n m e r k e l i j k v e r m e e r d e r d e , zwaardere eischen werden gesteld aan huis- en ziekenbezoek. H e t aantal godsdienstoefeningen w e r d verdubbeld. Helaas, dat een concentratie van de linie op Soerabaia alleen niet mogelijk was, doch d i t hangt samen m e t het geheel van de Protestantsche k e r k in Nederlandsch-Indië. H e t getal ambtsdragers w e r d niet v e r g r o o t in al die j a r e n , w a a r i n de toename van arbeid verdubbeling

van

werkkrachten

minstens

noodzakelijk

een had

gemaakt. Z o o behoorde in 1931 bij het a m b t s w e r k van de predikanten van Soerabaia ook nog de zorg de

westelijke

helft van Madoera,

voor

Sidoardjo, Grissee

en door de langdurige vacature t e M o d j o k e r t o , practisch ook M o d j o k e r t o

en

omgeving, Lamongan, Toeban en

Bodjonegoro. De lijst van predikanten en hun t i j d van arbeid in Soerabaia wijst op een veelvuldige wisseling. H i e r u i t zou men meenen t e mogen o p m a k e n , dat de dominees hier niet gaarne w a r e n , doch deze gedachte w o r d t t e r s t o n d gelogenstraft d o o r een nauwkeuriger b l i k op de naamlijst, welke ons doet zien, dat sommigen hunner tweemaal

er op v o o r k o m e n , een enkele zelfs vier

malen

(Ds. J. F. V e r h o e f f ) . De m o e i l i j k h e d e n , welke zij d o o r den groei van hun w e r k ondervonden, werden nog v e r g r o o t , d o o r d a t vaak in één jaar tijds alle d r i e predikantsplaatsen door nieuwe functionarissen werden bezet. D i t gebeurde soms o m het De Protestantsche kerk te Boeboetan, welke op 24 Dec. 1922 werd ingewijd. (Foto M. J. van Benthem Jutting.)

354

andere jaar, in het geheel wel vijf malen tusschen 1908 en 1929.


O o k de kerkeraad heeft gevoeld, dat specialisatie noodzakelijk was, w a n t het Protestantsche richt

Meisjesweeshuis

(opge-

1835) was in den beginne geheel

onder

zijn

beheer,

maar

de

beslom-

m e r i n g e n , daaraan verbonden, w e r d e n dusdanig o m v a n g r i j k , dat de kerkeraad in

1866 een geheel eigen, zelfstandig

bestuur instelde. Zoo

w e r d hijzelf

ontheven

van

de

z o r g voor die onnoemelijk vele kleinigheden, welke

bij zulk

een

zich voordoen. D o o r d a t de der bleef

bestuursleden

bij

den

inrichting benoeming kerkeraad

berusten, alsmede de supervisie

over de financiën, is er een nauwe band De Darmokapel aan het Merkusplantsoen, gesticht in 1930 als een tweede middelpunt voor het gemeentewerk. (Foto M. J. van Benthem Jutting.)

blijven bestaan tusschen Protestantsche Kerk en Meisjesweeshuis. Een andere t a k van a r b e i d , de kerke-

lijke a r m e n z o r g , is steeds m e t enthousiasme d o o r een onderdeel van den k e r k e r a a d , het college van diakenen, b e h a r t i g d . De maandelijksche huisbezoekcommissie bracht aan het licht, hoe noodig een tehuis voor ouden van dagen was, speciaal voor v r o u w e n . Reeds in 1912 w e r d er in den kerkeraad over gesproken; maar zijn de p r o m o t o r s w e l l i c h t k o r t daarna v e r t r o k k e n ? Z o o vaak blijven allerlei plannen in Indië d o o r de vele mutaties langen t i j d onuitgevoerd. Zooveel is zeker, pas in 1916 treffen w i j in de notulen de gedachte weer aan. W e l had de kerkeraad reeds in 1914 iets anders gedaan voor de ouden van dagen en voor de zieken thuis. Een w i j k z u s t e r was aangesteld. Achtereenvolgens hebben de zusters Ingenohl, Fehr en Kooy haar m o e i l i j k en vaak ondankbaar w e r k m e t t o e w i j d i n g v e r r i c h t . In 1917 lag echter d i t w e r k weer s t i l , maar intusschen had de kerkeraad niet stil gezeten. In 1916 kon een pand aan de Krembangan W e s t e r k a d e , tegenover de m i l i t a i r e cantine, in gebruik genomen w o r d e n als diaconiehuis. Dat hier m e t bekwamen spoed is g e w e r k t , mag blijken u i t het f e i t , dat het huis in Juni te huur k w a m en reeds I Juli door 15 oudjes kon w o r d e n b e t r o k k e n . Dat Zuster Kooy in die a c t i v i t e i t e e n belangrijk aandeel heeft gehad, mag gerust w o r d e n aangenomen. Een brochure m e t foto's, uitgegeven t e n bate van het tehuis, bracht f400.— in kas. Aan maandelijksche bijdragen voor het doel w e r d f 160.— toegezegd.

Sedert

„liep"

het. Van het weeshuisbestuur w e r d een stuk grond achter het meisjesweeshuis overgenomen. H i e r verrees het tegenw o o r d i g e gebouw op een rustige plaats in de stille Van Geunsstraat, waar

het

29 Februari 1920 w e r d geopend. Doorloopend w o r d t er een 20-tal oudjes v e r z o r g d . Daar zij n a t u u r l i j k niet meer zoo gemakkelijk kunnen uitgaan, w o r d t er wekelijks voor hen tehuis een godsdienstoefening g e h o u d e n .

Oude vrouwtjes uit het diaconiehuis te Boeboetan poseeren voor fotograaf. (Foto M.J. van Benthem Jutting.)

den

355


De groeiende gemeente maakte het hoe langer hoe m o e i l i j k e r o m contact t e houden tusschen predikanten en gemeenteleden. De behoefte aan een k e r k e l i j k blad, v o o r het doen van allerlei mededeclingen, deed zich gevoelen. Een in 1906 g e d r u k t „ k e r k b r i e f j e " had een begin kunnen zijn, maar deze uitgave is al heel spoedig gestaakt. Oorzaak onbekend. In 1912 werden serieuse besprekingen gevoerd o m een „ p r e d i k b e u r t e n b l a d " op te r i c h t e n . H e t bleek, dat de kerkeraad de onkosten niet kon dragen. Een der leden echter was een zoo enthousiast voorstander, dat hij de helft van de kosten v o o r zijn rekening w i l d e nemen. Toch s t u i t t e het plan van uitgave af en wel op t w e e bezwaren. A l l e r e e r s t w i l d e geen der p r e d i k a n t e n , vooral Ds. D. J. Leepel niet, de redactioneele vera n t w o o r d e l i j k h e i d dragen voor een weekblad, t e r w i j l de kerkeraad geen maandblad wenschte. Vervolgens vreesde men het richtingsverschil. D r i e jaren later is de k e r k e r a a d , blijkbaar d o o r een heel andere constellatie, te vinden voor het plan van Ds. Leepel. Sedert beleefde de „ K e r k b o d e " reeds zijn 21 en jaargang als maandblad. Bevatte het eerst u i t s l u i t e n d mededeelingen over p r e e k b e u r t e n , catechisatie's, geldmiddelen, enz., in 1918 „ w a a g d e " men het ook een stichtelijk stuk op te nemen, m e t het gevaar van het richtingsverschil voor oogen. Verschillend geluid w e r d er in v e r n o m e n , maar steeds klonk er h a r m o n i e . Steeds w e r d vastgehouden aan de bedoeling : opbouwend w e r k te v e r r i c h t e n voor het gemeentelijk leven. De verschillende redacteuren, die in den loop der jaren het blad vulden, volgden niet steeds eenzelfde p r o g r a m . Soms stond a c t u a l i t e i t op den v o o r g r o n d , dan weer bestrijding van on-Protestantsche ideeën, of ook opbouw van eigen Protestantsch geloofsleven. Langen t i j d verleende de „ K e r k b o d e " gastvrijheid aan a r t i k e l e n in de Maleische t a a l . In den I5en jaargang w e r d de daarvoor gereserveerde r u i m t e in een apart bijvoegsel m e t eigen kop t e r beschikking gesteld. Z o o w e r d de weg gebaand t o t een eigen orgaan in het Maleisch, h e t w e l k in 1931 w e r d opgezet. Dat het m o gelijk was, is te danken aan de o p k o m s t van dat deel der gemeente. D i t heeft m e r k w a a r d i g e schommelingen meegemaakt. In 1849 was het aantal leden ervan en hun belangstelling zoo gering, dat de Maleische godsdienstoefeningen werden stopgezet. V o o r degenen, die een weinig m e t de m e n t a l i t e i t van de Christenen uit de G r o o t e Oost bekend zijn, kan het geen v e r w o n dering baren, dat zij h i e r m e e niet tevreden w a r e n . Langs welken weg de opbloei weer is g e k o m e n , is niet m e t zekerheid vast te stellen. H e t schijnt, dat de invloed van den in zendingskringen bekenden h o r l o g e m a k e r „ V a d e r E m d e " hieraan niet v r e e m d is, w a n t zijn leerling G a m b a r

heeft den ouden Inlandschen Leeraar Sopacua, die in het begin dezer eeuw

hier

w e r k t e , zeer veelvuldig in diens ziekte vervangen. In 1902 w e r d het w e r k van zooveel belang geacht, dat er een Godsdienstleeraar w e r d benoemd. Als zoodanig heeft hier gestaan de heer R.

Akkerman.

Voor

Menadoneesche

Amboneesche,

en andere

militairen

r i c h t t e hij een tehuis op, dat

tevens

dienst deed als vergaderlokaal voor den Bond van Evangelisatie. De Maleische burgergemeente is haar ^v > u i m ^ ^ V ' ^ ^ ^ ^ ^ H H P ^ " ^ ' ^ "

^^l^H'PISn'^Mi^HikS^^K'

bloeiperiode begonnen, toen, tijdens het buitenlandsch v e r l o f van den heer A k k e r m a n , de gepensionneerde zendeling Schwarz er in het bijzonder krachten

aan

wijdde.

zijn

Langzamerhand

w e r d de arbeid voor één man t e veel. Bij het v e r t r e k van den heer A k k e r m a n w e r d dan ook de vacature nog

maar

v o o r 'n paar jaren d o o r een EuropeeHet vriendelijk uitziende en In 1930 geheel gerestaureerde Oedjoengkerkje. (Foto M. J. van Benthem Jutting.)

356

schen Godsdienstleeraar v e r v u l d , doch daarna

kwamen

er

twee

Inlandsche


Leeraren. De eerste bekleeders van deze functie in onze stad waren O. F. Patty en J. W .

Rumbajan.

W a s de bediening der Sacramenten eerst nog opgedragen aan een der predil<anten, sedert eenigen t i j d geschieden Doopsbediening en A v o n d m a a l s v i e r i n g , bevestiging van ambtsdragers en van nieuwe l i d m a t e n door de Inlandsche voorgangers zelf. Een w i j k i o k a a l aan den Grisseeschen weg, d o o r Ds. R. W . F. Kijftenbelt

persoonlijk gehuurd, w e r d later overgenomen d o o r den

kerkeraad. H i e r is gelegenheid voor het houden van weekgodsdienstoefeningen

en voor de repetities van zangvereenigingen en f l u i t o r -

kesten, die vaak hun medewerking

verleenen

bij

de diensten

op

Zondagen en hoogtijden. De Zending

onder de Javanen in Soerabaia, ongeveer in het

midden der vorige eeuw uitgegaan van de kerk, w e r d na k o r t e n t i j d overgenomen d o o r

het

Nederlandsch Zendeling Genootschap. D i t

had zijn c e n t r u m in M o d j o w a r n o . Van hier u i t bezocht de zendeling o . m . de „ p o s t " Soerabaia. De toenemende belangstelling b l i j k t u i t het f e i t , dat een eigen k e r k w e r d gesticht aan de Viaductstraat. °

,

°

.

_,

^.

j

,

,

Interieur van de z.g. Noorderkerk

Zooveel o m v a n g r i j k e r en belangrijker w e r d het w e r k , dat er in de stad zelf een persoon moest k o m e n , die ook

leiding

aan

den Grisseeschen weg.

zou

kunnen geven aan de groeiende jeugdbeweging onder de Christen-Javanen. Daartoe w e r d hier geplaatst Ds. S. A . van H o o g s t r a t e n . De Protestantsche Gemeente zelve heeft intusschen voor haar rekening gekregen de zorg van een der zendingsvelden van de Indische k e r k , en wel op C e r a m . O o k is, geheel los van de kerk, als een aparte tak van arbeid gekomen de geestelijke verzorging van de Marine. In 1925 t r a d Ds. D.F. B a r t l e m a op als eerste v l o o t p r e d i k a n t . Z i j n helper voor het Maleisch sprekende deel w e r d de v l o o t p e n d i t a J. W e s t p l a t . Deze beide functionarissen behooren niet t o t de f o r m a t i e van de Protestantsche k e r k . W e l bestaat er een band d o o r wederzijdsch hulpbetoon in geval van ziekte of verlof. Voor

de godsdienstoefeningen m e t de Inheemsche Christenen

heeft de v l o o t p e n d i t a

behoefte aan een passend gebouw. De kerkeraad gaf hiervoor de beschikking over het

natuurlijk

Oedjoengkerkje.

D i t was i n d e r t i j d (1913) door Ds. P. Nieuwenhuis gesticht o m in dat v e r r e deel van de stad een geschikte plaats voor gemeentesamenkomsten te hebben. V o o r d i t doel w e r d de oude

Pyrotechnische

W e r k p l a a t s gekocht, en op een andere plaats herbouwd als bedehuis. Z o o was het dus niet meer noodig t e vergaderen. Kerstfeest t e houden, enz. op de zg. „ m a l l e n z o l d e r " of in de cantine. V o o r de Europeesche gemeentenaren w e r d het kerkje echter van m i n d e r belang, toen men d o o r de snellere verkeersmiddelen gemakkelijk de hoofdkerk kon bereiken. Het was dus uitsluitend t e n behoeve der Marine, dat de kerkeraad in 1930 het kerkje geheel liet restaureeren. De stichting en vernieuwing van het Oedjoengkerkje is in de laatste kwarteeuw

niet de

eenige

verandering, welke vermeldenswaard is op het gebied van k e r k b o u w . H e t is in dien t i j d ook noodzakelijk gebleken de h o o f d k e r k W i l l e m s p l e i n (waar

te verplaatsen. De oude stadskerk op den hoek van de Heerenstraat en

nu het gebouw

van de

I n t e r n a t i o p r i j k t ) en ook de pastorie, welke

het

daarnaast

heeft gestaan, werden bouwvallig. Laatste bewoner van d i t huis, waar zoovelen bij de vroegere predikanten steun en t r o o s t hebben gezocht, was de godsdienstleeraar A k k e r m a n . H i e r o n t v i n g hij zijn m i l i t a i r e n , hier werden ook weeksamenkomsten van de Evangelisatie-vereeniging gehouden. Toen onderhandsche aanbiedingen kwamen o m die t e r r e i n e n t e koopen, heeft de kerkeraad in menige vergadering beraadslaagd. Noode kon men scheiden van de plek, waar velen van ouder op kind in t i j d e n van vreugde en van leed als gemeente, Gods aangezicht hadden gezocht. De hoop echter, o m van de opbrengst t w e e kerken t e kunnen bouwen, één in de bovenstad en één meer in het c e n t r u m , benevens de overweging,


dat deze oude k e r k d o o r het v e r l o o p van de bevolking in de r i c h t i n g van de bovenstad hoe langer hoe meer buiten het c e n t r u m zou k o m e n t e staan, deed in 1917 de kerkeraad besluiten t o t v e r k o o p . V o o r de centrale nieuwe k e r k w e r d grond gezocht op Goebeng, Genteng, Ketabang, en elders. V r i j onverwachts w e r d de hand gelegd op een t e r r e i n aan Boeboetan. 29 Juni 1920 kon de eerste steen gelegd w o r d e n , waarbij Ds. J. M. Coops het w o o r d voerde. 24 December

1922

had

de

moeilijkheden bij den bouw Schetsontwerp van het nieuwe Protestantsche Jongensweeshuis. Architect Ing. B. de Vistarini.

Gouvernement

inwijding

plaats.

en daarna

zijn

De vele

geweest. Door vereende krachten van kerkeraad en gemeente zijn deze overwonnen. De hulp van

het

in den v o r m van een aandeel in de l o t e r i j moge g e m e m o r e e r d w o r d e n .

Van de oude stadskerk was weinig meer de m o e i t e van het meenemen w a a r d . H e t wapenbord en de grafzerk van den s t i c h t e r vonden piëteitshalve n a t u u r l i j k een plaats in het nieuwe gebouw. Dezelfde l u i d k l o k doet zich nog steeds hooren en het orgel d o o r de organiste Mejuffrouw M. G a m b a r sedert 1902 bespeeld, bleef nog t o t 1930 in gebruik. Een deel der banken w e r d in de Boeboetankerk geplaatst. W a a r zij vroeger vele kerkgangers in het deftige z w a r t tusschen haar rijen zagen doorschrijden o m de eigen plaatsen in te nemen, dragen zij thans de belangstellenden in het luchtiger

wit.

W a t niet mee overging was het i n s t i t u u t van voorlezer. V o o r dezen functionaris was geen plaats gereserveerd. Z o o is deze figuur ook u i t de Soerabaiasche gemeente verdwenen. D e m o r t u i s ( o o k over de afgestorven gebruiken) n i l n i s i b e n e . De hoop o m voor de verkoopsom van de oude k e r k en pastorie één k e r k t e kunnen bouwen aan Boeboetan en één in de bovenstad, is ijdel gebleken. H e t w o o r d „ b o v e n s t a d " is in den loop der jaren op een heel ander stadsdeel van toepassing geworden. Als men in de notulen van 1906 leest, dat Ds. R. W . F. Kijftenbelt in de bovenstad een l o c a l i t e i t huurde voor catechisaties en godsdienstoefeningen, dan heeft men te denken aan de omgeving Simpang—Toendjoengan en niet aan de D a r m o - b u u r t . H i e r is in 1930 dank zij de v o o r t d u r e n d e actie van den kerkeraad de Darmo-Kapel gesticht, als een tweede m i d d e l p u n t v o o r gemeentewerk. Aan het Merkusplantsoen ligt d i t gebouw centraal ten opzichte van het geheele nieuwe stadsdeel, dat zich in den loop der laatste jaren o n t w i k k e l d e en zelfs van u i t de benedenstad g e m a k k e l i j k t e bereiken is per electrische, zoowel als per s t o o m t r a m . W a t het gemeentelijk leven aangaat mag niet o n v e r m e l d blijven, dat de Protestantsche k e r k t e Soerabaia zich gelukkig mag prijzen een aantal i n i t i a t i e f nemende voorgangers en leden in haar midden gehad te hebben. Hiervan spreekt de o p r i c h t i n g van C h r i s t e l i j k e scholen, van Zondagscholen, waar vele toegewijde gemeenteleden hun krachten aan geven, alsmede de bouw van de „ N o o r d e r k e r k " (Grisseesche W e g 50), de o p r i c h t i n g m e t nieuwbouw van een Jongensafdeeling van het Protest. Weeshuis, van een JeugdhuisOost-Java (voor verwaarloosde kinderen) te Malang, van een W i j k g e b o u w op T a m b a k s a r i , enz. Liturgische diensten werden het eerst gehouden d o o r Ds. E. J. B. Janzen; Wijdingssamenkomsten georganiseerd waar vocale- en i n s t r u m e n t a l e muziek de i n d r u k van het gesproken w o o r d t r a c h t t e n t e versterken. Jeugdsamenkomsten, begonnen d o o r Ds. B a r t l e m a , t r e k k e n aandachtige hoorders en hoorderessen. U i t den kerkeraad van Soerabaia is de stoot gekomen t o t het houden van gewestelijke vergaderingen. Telken jare k o m e n de kerkeraden van geheel Oost-Java samen in de „ O o s t h o e k - C o n f e r e n t i e " , waar allerlei gemeenschappelijke belangen en moeilijkheden w o r d e n besproken. Er mag gewaagd w o r d e n van herlevende belangstelling in a l l e r l e i kringen v o o r religieuse vragen. T i e n t a l l e n , die den weg naar de k e r k hebben v e r l e e r d , beginnen haar gemis als een leegte t e voelen. Sedert jaren heerscht er tusschen de predikanten en de kerkeraadsleden o n d e r l i n g en wederkeerig een geest van waardeering en eensgezindheid, v e r t o l k t d o o r het k e r k e l i j k e zegel. D i t v e r t o o n t in het midden een kruis, het C h r i s t e l i j k symbool v o o r het Geloof, geflankeerd d o o r een anker der Hoop en een h a r t m e t uitslaande v l a m m e n der Liefde. T e r v e r d u i d e l i j k i n g staat er onder g e d r u k t I C o r i n t h . 13 : 13. ( Z o o blijven dan Geloof, Hoop en Liefde.)


O D E GEREFORMEERDE KERK. InstitueeringvandeKerkop I I Sept. I 881.—Overdracht van het Zendingswerk in 1923 aan het N.Z.G.— Vorming van kringen van Gereformeerden. — Het zelfstandig virorden van den kring Malang in 1931. — Behoefte aan een tweeden predikant. — Eigen Zendingsterrein in Zuid-Celebes (1933). — Evangelisatiewerk. — Oprichting in 1927 van de Vereeniging tot Christelijk Hulpbetoon. — Gereformeerd onderwijs. — De predikanten. — De groei der kerkelijke gemeente.

L x

e G e r e f o r m e e r d e Kerk te Soerabaia dankt haar eerste ontstaan, evenals die te Batavia, aan het

Zendingswerk in eigen k r i n g . Haar eerste predikanten waren dan ook geen dominees maar zendelingen. De zendeling-leeraren A . Delfos en A . Bolwijn waren van Nederland u i t hierheen gezonden o m Zendingsw e r k t e v e r r i c h t e n onder de Inheemsche bevolking en daarnaast eenige geestelijke verzorging t e geven aan de hier wonende Europeesche Christenen. Z o o w e r d deze Kerk den H e n September 1881 geïnstitueerd. H e t Zendingswerk is hier steeds van geringen omvang gebleven, t e r w i j l de Hollandsche gemeente allengs groeide. In 1908 was deze Hollandsche gemeente reeds zoover uitgegroeid, dat zij D s . W . Pera, die hier van 1900 af v o o r n a m e l i j k voor de Zending w e r k t e , kon beroepen t o t haar eigen p r e d i k a n t . T o t het laatst t o e heeft deze p r e d i k a n t zijn arbeid moeten verdeelen tusschen Zending en K e r k . Toen hij in 1920 echter v e r t r o k , viel het de gemeente steeds m o e i l i j k e r haar Zendingswerk te onderhouden, o m d a t er geen krachten voor in de gemeente waren. Z o o is men er in 192 3 t o e g e k o m e n , d i t w e r k over t e dragen aan de Zendingscorporatie, die ook Soerabaia t o t haar arbeidsveld had : het

Nederlandsch Zendeling Genootschap.

Dat was toen de beste

z o r g , die Soerabaia voor haar Zendingswerk kon dragen. intusschen groeide de Kerk t e Soerabaia gestadig en w i e r p zich nu m e t alle kracht op haar eigenlijke taak als Hollandsche K e r k : de geestelijke verzorging van haar eigen leden, m e t

name ook die op haar

u i t g e s t r e k t en m o e i l i j k te bearbeiden t e r r e i n van v e r s t r o o i d wonende leden, want alle Gereformeerden in Oost-Java, in de Z u i d e r - en Oosterafdeeling van Borneo en verder in heel de G r o o t e Oost behoorden t o t de Kerk van Soerabaia. O n d e r de energieke leiding van t w e e p r e d i k a n t e n , Ds. A . Ringnalda en Ds. P. van der Spek breidde de gemeente zich steeds u i t . Geregeld maakten zij de v e r r e reizen, die noodig waren o m het contact m e t alle G e r e f o r m e e r d e n t e bewaren. Door hun arbeid werden overal kringen van Gereformeerden g e v o r m d , o.a. t e Malang, K e d i r i , Makasser, Menado en Balikpapan. U i t den k r i n g t e Malang is in 1931 een zelfstandige Gereformeerde Kerk ontstaan, die, toen het t o t het beroepen van een eigen predikant kon overgaan, van de m o e d e r k e r k t e Soerabaia als „ v e r s t r o o i d e n t e r r e i n " heeft ontvangen geheel Oost-Java en de Kleine Soenda-eilanden. D o o r de o v e r d r a c h t van d i t belangrijke „ v e r s t r o o i d e n g e b i e d " aan de Kerk van Malang, waaraan reeds was voorafgegaan de overdracht van West-Borneo aan de K e r k van Batavia in 1925, o m d a t

het

van die plaats u i t veel gemakkelijker t e bereiken is, heeft de Kerk van Soerabaia sinds Augustus 1932 nog slechts een p r e d i k a n t . Ds. P. Veenhuizen. De gemeente bestaat, sinds de Kerk van Malang geïnstitueerd is, u i t bijna 700 leden, waarvan er meer dan 400 t e Soerabaia woonachtig zijn. Door de vele reizen naar buiten doet zich dan ook weer sterk de behoefte gevoelen aan een tweeden p r e d i k a n t .


Toen meer

het eigen kerkelifk leven door den arbeid van de p r e d i k a n t e n Ringnalda en Van der Spek

en meer geconsolideerd

w e r d , voelde de Kerk

van Soerabaia zich ook

weer gedrongen

tot

Zendingswerk. H e t verrassende resultaat van de Zendingsactie binnen de gemeente is geweest, dat de Kerk van Soerabaia, al is het dan ook m e t behulp van b u i t e n , de eerste en eenige Kerk in IndiĂŤ is, die zelfstandig een missionair-predikant voor d i t w e r k heeft kunnen uitzenden. Als Z e n d i n g s t e r r e i n w e r d , na veel overleg, Zuid-Celebes gevonden m e t als centraal punt de stad Makasser ; d i t t e r r e i n w e r d nog door geen enkele Zendingscorporatie bearbeid. W a n n e e r men bedenkt, dat Makasser de sleutel is van het omliggend gebied en tevens het o n t m o e t i n g s - en uitgangspunt van de geestelijke s t r o o m i n g e n in de G r o o t e Oost gevoelt men de belangrijkheid van d i t Z e n d i n g s t e r r e i n . Sinds Februari 1933 w o r d t hier d o o r Ds. H. van den B r i n k , missionair-predikant van de Gereformeerde Kerk van Soerabaia, gearbeid. Dank zij zijn bemoeienissen zijn reeds enkele Zendingsscholen t o t

stand

gekomen, t e r w i j l hij in de stad Makasser bij zijn arbeid gesteund w o r d t d o o r een Evangelist. H e t spreekt vanzelf, dat Ds. Van den B r i n k geregeld voorgaat in den Dienst des W o o r d s voor den k r i n g van G e r e f o r m e e r d e n t e Makasser. D i t geschiedt in het bekende, historische kerkgebouw in het Fort Rotterd a m . In de andere kringen k o m t men geregeld des Zondags s a m e n ; dan w o r d t door een der leden een p r e d i catie gelezen. Langzamerhand heeft de Kerk van Soerabaia naast het gemeentelijk w e r k in engeren zin en het Zendingswerk, zich ook georiĂŤnteerd naar het Evangelisatiewerk. Geregeld w o r d e n goed bezochte Evangelisatiesamenkomsten gehouden ; van het bekende Evangelisatieblad ,,De Z a a i e r " w o r d e n bijna 1.000 exemplaren verspreid, t e r w i j l tevens een Christelijke bibliotheek w e r d aangelegd. Twee Zondagsscholen gaan van de Kerk u i t , die tezamen door ongeveer 100 kinderen w o r d e n bezocht. Behalve dat, gelijk vanzelf spreekt, de Kerk voor zijn eigen a r m e n z o r g t , heeft de Kerk van Soerabaia ook gevoeld de b a r m h a r t i g h e i d van Christus t e moeten uitdragen t o t de a r m e en lijdende bevolking van Soerabaia, die in geen enkel contact m e t de een of andere Kerk staat. T o t dat doel is in 1927 een Vereeniging t o t C h r i s t e l i j k H u l p b e t o o n opgericht, die vooral in dezen t i j d van crisis zeer gezegend w e r k t .

De G e r e f o r m e e r d e kerk aan Pregolan Boender. D e z e k e r k , gebouwd in de j a r e n 1920 e n ' 2 1 door het architectenbureau Rijksen en Estourgie, werd in gebruik genomen op Z o n dag 26 Juni 1 9 2 1 , m e t een p r e d i k a t i e door den consulent dezer k e r k , Ds. D. Bakker, docent aan de opleidingsschool t e Djokja Vroeger kwam de gem e e n t e samen m het kerkgebouw aan de Djoharlaan, welk kerkgebouw, en vooral de plaats, w a a r het gebouw gevestigd was, langzamerhand niet m e e r geschikt was o m geregeld en rustig sam e n t e k o m e n . De bouw van het viaduct, alsmede andere omstandigheden in de naaste omgeving, m a a k t e n het op den duur niet m e e r mogelijk, rustig te vergaderen, zoodat, mede in verband m e t de uitbreiding van Soerabaia naar het Z u i d e n , door den k e r k e r a a d w e r d besloten, het nieuwe kerkgebouw t e bouwen in de t o e n m a l i g e â&#x20AC;&#x17E;bovenstad". ( F o t o T h e o bald.)


In nauw verband m e t de Gereformeerde Kerk staat tenslotte nog de Vereeniging t o t bevordering van G e r e f o r m e e r d onderwijs te Soerabaia. Van deze Vereeniging gaan u i t twee Europeesche scholen en d o o r de energieke leiding van het bestuur dezer Vereeniging ook sinds 1933 een Chr. H o l l . Chin. School. Achtereenvolgens w e r d de Gereformeerde Kerk bediend d o o r de volgende predikanten : Ds. A . Delfos (1881 - ' 8 7 ) ; Ds. A . Bolwijn ( 1 8 8 7 - ' 9 6 ) ; Ds. W . Pera ( l 9 0 0 - ' 2 0 ) ; Ds. A . Ringnalda ( 1 9 2 3 - ' 3 2 ) en Ds. P. van der Spek ( 1 9 2 6 â&#x20AC;&#x201D; ' 3 2 ) , t e r w i j l thans Ds. P. Veenhuizen deze Kerk dient. O m eenig idee te geven van den groei dezer kerkelijke gemeente moge de volgende opgave van het aantal leden der Kerk in de achtereenvolgende jaren dienen : 1918 3 6 2 ; 1924 441 ; 1928 6 8 0 ; 1931 8 6 5 ; en 1933 656. H i e r b i j moge w o r d e n o p g e m e r k t , dat de achteruitgang in 1932 v e r o o r z a a k t w e r d , d o o r de

insti-

t u e e r i n g van een zelfstandige Gereformeerde Kerk te Malang, w a a r d o o r vele verstrooid-wonende

leden

afgeschreven werden als lid van de Kerk van Soerabaia en ingeschreven in Malang. T o t 1920 werden de Kerkelijke samenkomsten gehouden in een gebouw gelegen aan de Djoharlaan, t e r w i j l in dat jaar het tegenwoordige kerkgebouw in gebruik genomen w e r d , gelegen

Pregolanboender

26, een gebouw, dat in Oosterschen stijl w e r d o p g e t r o k k e n .

De Pastorie ; zij werd In 1916 gebouwd en betrokken door Ds. W . Pera, den toenmaligen predi kant der Gereformeerde Kerk. (Foto Theobald.)


e

DE ROOMSCH-KATHOLIEKE KERK. H e t succesvolle einde van Pastoor P. J. van Santen's w e r k t e Soerabaia ( 1 9 0 6 ) . — T w e e j a r e n (1907 en ' 0 8 ) . — Benoeming van F . W . M . J. Fleerakkers t o t hoofdpastoor ( 1 9 0 9 ) . — D e j a r e n der hoogconjunctuur. — Inwijding van de nieuwe k e r k in de bovenstad : 31 Juli 1 9 2 1 . — De groei der R.K. bevolking in de periode : 1906—'22. — De uitbreiding der kerkelijke instellingen naar b u i t e n . — H e t ontstaan en de groei d e r Katholieke sociale en andere vereenigingen. — H e t K a t h o l i e k onderwijs. — De komst der Lazarist e n in 1923. — De eerste acht Zusters van Steyl ( 1 9 2 5 ) . — Pastoor Fleerakkers, de eerste V l o o t a a l m o e zenier ( 1 9 2 5 — ' 2 7 ) . — S o e r a b a i a bij pauselijke breve van 6 Juni 1928 t o t zelfstandige apostolische prefectuur verheven. — O p r i c h t i n g van de Johannes G a b r i e l Stichting ( 1 9 2 5 ) . — De huidige situatie.

T,

oen in 1906 de Gemeente w e r d ingesteld, was ool< voor de Katholiel<en van Soerabaia een periode

afgesloten. Na vele j a r e n van tegenspoed en t e l e u r s t e l l i n g , was het eindelijk aan Pastoor P. J. van Santen gelukt den bouw van zijn Godshuis, de stijlvolle O.L. V r o u w e Kerk op Kepandjen, t e v o l t o o i e n . D i t was een prestatie v o o r het Indië van die dagen. Er bleef alleen nog w a t schuld aan t e zuiveren. D i t w i l d e het Kerk- en A r m b e s t u u r t r a c h t e n te doen d o o r m i d d e l van een aan t e vragen l o t e r i j van f 500.000.— b r u t o , waarvan de zuivere opbrengst voor 2 5 zou k o m e n aan het R.K. Kerk- en A r m b e s t u u r

van Soerabaia, 2 5 aan de

Loge

L'Union

Frederic Royal t e Soerakarta en I ,5 aan de Ziekenverpleging van Dr. Van Buuren te S e m a m p i r ( K e d i r i ) . Bij G.B.-besluit van 3 Augustus 1906 w e r d de gevraagde l o t e r i j toegestaan, t e r aflossing van de schulden der O.L. V r o u w e Kerk. Met de aflossing der schulden in het nabije verschiet had de Pastoor schoon schip. H i j kon

gaan

en wel naar Bandoeng, toen nog een nauwelijks o p k o m e n d e R.K. gemeente. Een g r o o t aantal zorgvuldig opgeleide, goed-Katholieke gezinnen l i e t hij als begeerenswaardig erfdeel aan Pastoor C. A . M. Laane, zijn opvolger, na. Er v a l t v o o r de j a r e n 1907 en 1908 w e i n i g t e signaleeren in het rustige leven der Katholieke Kerk te Soerabaia. A l l e e n w a t nazorgen aan het kerkgebouw, noodzakelijk gemaakt d o o r de verzakking der biechtkamers en het h i n d e r l i j k w e r k e n van het plafond boven het p r i e s t e r k o o r , welke laatste kwaal thans nog niet radicaal schijnt genezen t e z i j n . Een plechtige bidstond en Te D e u m , welke gehouden w e r d t e r gelegenheid der geboorte van Prinses Juliana in 1909 en waarbij alle a u t o r i t e i t e n t e g e n w o o r d i g w a r e n , doen zien, dat ook toen Soerabaia's Katholieken gaarne blijk gaven van oprechte vaderlandsliefde en van gehechtheid aan het Oranje-Huis. De benoeming van Pastoor F. W . M. J. Fleerakkers t o t hoofdpastoor in datzelfde jaar 1909 was voor de Katholieke gemeente van beteekenis. In 1911, een t i e n t a l j a r e n slechts na de i n w i j d i n g der g r o o t e k e r k op Kepandjen, m a a k t e hij het idee levendig, o m maar spoedig t e streven naar een nieuwe

kerk

in

de zg. bovenstad. Een t e r r e i n , g r o o t 2.633 m^, gelegen op den hoek van Kaliasin en Embong W o e n g o e , w e r d in Mei 1911 aangekocht. De K e r k kreeg vier huizen in eigendom, maar, zooals het meer gebeurt, w e r d ook hier het spreekwoord

bewaardheid : Huizen zijn k r u i z e n ! Vele onaangenaamheden en verliezen ontstonden d o o r

wanbetaling van enkele huurders. Intusschen w e r d uitgezien naar een ander stuk g r o n d , dat nog beter was gelegen en w e l aan de overzijde op Tegalsari, w a a r later de v o o r m a l i g e Sociëteit Concordia haar t e n t e n heeft opgeslagen. H e t ijverige bestuurslid van het Hulpfonds van den H. Vincentius a Paulo, de heer F. Geelen, legde namens het Kerkbestuur beslag op dien g r o n d , v o o r den prijs van f 23.000.—, t e r w i j l de huizen aan Embong Woengoe als b r o n van i n k o m s t e n v o o r de K e r k behouden bleven.

362


Steeds

^B^fcsi^

T'F^ tkh 1 J. f 1

l^^g^ ^

meer

bleek

Soerabaia's

Hoofdpastoor ook een gelukkige financier t e zijn, die van de gunstige t i j d s o m -

M

% mw]

«H»

WÊÊIK9.

standigheden zeer handig p a r t i j w i s t te t r e k k e n . Van 1914 af werden vele ver-

gaderingen

• 1. l«3iB«S*

//

vooral

besteed aan f i n a n -

cieele besprekingen, teneinde te geraken JM.

tk.

l».

t o t den bouw van een nieuwe k e r k .

*«JM

«. « # ^

De volgende jaren

Ki ( W

de

hoogconjunctuur. Daarvan dacht de R.K.

"e. jrf fa n ^ M Kfi n Kt K«^w i««A»l b.r^.V!« «iK l™rf» l*(4 «ri « ^ - i ™

Ml*- i ^ l u «d hm'

brachten

gemeente ook te mogen

s™i .-WW

^ T l t H I K H ^ È ^ n U l itnW « • W

profiteeren.

Eerst w e r d besloten t o t den verkoop der ^•>«^

...

U^ liii

gronden op Tegalsari en t o t aankoop van f^g^

een ander perceel aan den A n i t a (thans :

i

Coen)-Boulevard,terwijl bovendien w e r d

Een m e r k w a a r d i g oud d o c u m e n t , een oproep uit 1898 aan de leden van de K a t h o l i e k e g e m e e n t e Soerabaia o m een bedrag van f 7 5 . 0 0 0 . — bijeen t e brengen voor den bouw van de O.L. V r o u w e K e r k op Kepandjen.

aangeraden o m u i t te kijken naar een g r o o t en geschikt t e r r e i n voor een R.K. Ziekenhuis.

H e t m o e t erkend w o r d e n , dat de transacties in die weelderige tijden voor het Kerkbestuur buitengewoon gunstig en voordeelig u i t k w a m e n . In de vergadering van I I Februari 1919 w e r d een ernstig voornemen besproken : het aankoopen van een t e r r e i n , bestaande u i t twee perceelen, het eene gelegen aan den A n i t a - B o u l e v a r d , het andere aan de Van den Boschlaan, samen g r o o t 7.200 m^. Tijdens de vergadering van 30 Maart 1919 bleek, dat die grondaankoop voor k e r k b o u w reeds een voldongen f e i t was. Ingevolge besluiten en volmachten der vergadering van 6 Juni 1919 w e r d in October d.a.v. een g r o o t t e r r e i n aan den Reinierszboulevard van de Oost-Java S t o o m t r a m Mij gekocht tegen den prijs van f59.200.—. Deze grond w e r d bestemd v o o r den bouw van een R. K. Ziekenhuis. In December 1919 w e r d het t e r r e i n op Tegalsari van de hand gedaan aan de Sociëteit Concordia voor een som van f 132.360.—. O o k de huizen en erven aan Embong Woengoe werden voor een bedrag van f 125.000.— aan de Bouwmaatschappij „ K a l i W o e n g o e " verkocht. D i t geschiedde op 15 A p r i l 1920. De Katholieke gemeente stond w e d e r o m klaar o m den bouw van een nieuwe kerk, thans in de bovenstad, te e n t a m e e r e n . Plannen werden o n t w o r p e n door het Bureau H u l s w i t - F e r m o n t , doch besloten w e r d het w e r k in eigen beheer te nemen. De u i t v o e r i n g v a n het b o u w w e r k w e r d opgedragen aan den heer M. H. Voets. Op 11 Augustus 1920 had de eerste steenlegging der nieuwe kerk plaats en nog geen jaar nadien, medio Juli 1921, w e r den k e r k en pastorie door den bouwer aan Kerk- en A r m b e s t u u r opgeleverd. Op 31 Juli 1921 had, in tegenwoordigheid van alle a u t o r i t e i t e n , de inwijding m e t groote plechtigheid plaats. Z i j w e r d v e r r i c h t door Z . D . H . Monseigneur S. Luypen S.J., Apostolisch Vicaris van Batavia. Blijven w i j een oogenblik stilstaan bij de o n t w i k k e l i n g der Katholieke bevolking in Soerabaia, dan zien wij die jaarlijks langzaam groeien van 2.840

in

1906 t o t

3.400 einde 1922. De statistieken waren al

die jaren heusch niet opgedreven. Z o o was er b.v. geen rekening gehouden

m e t de vele zg. c r y p t o -

Katholieken. D i t zou in latere jaren meer en meer u i t diepere nasporingen b l i j k e n . Aangezien de m o e d e r k e r k te Soerabaia de z o r g had over de omliggende plaatsen, t o t in den uitersten Oosthoek van Java en nog even daarbuiten, zou bij d i t b r o k geschiedenis eenigszins aan de billijkheid te k o r t w o r d e n gedaan, indien niet m e t enkele w o o r d e n de verdiensten werden v e r m e l d van haar w e r k e n en u i t z w e r m e n naar b u i t e n . Z o o valt te signaleeren, dat de kerk van Soerabaia t o t in Banjoewangi en op Borneo t o e de Katholieken liet bezoeken en geestelijk verzorgen, o.a. door Pastoor H. Fisscher. Reeds in 1907 vroeg Pastoor T h . H. van H o u t aan het R.K. Kerk- en A r m b e s t u u r van Soerabaia geldelijken bijstand v o o r de te bouwen kerken te M o d j o k e r t o en Djombang. De Pastoor had het genoegen, nog voor


zijn v e r t r e k naar Magelang, zijn kerkje te Djombang aan de Heerenstraat, in 1908 gereed te zien ; de f a m i l i e Evrard van de suikerfabriek D j o m b a n g voorzag het gebouw r i j k e l i j k van kerkgewaden en benoodigdheden. De v e r m e l d i n g van het kerkje t e M o d j o k e r t o vinden w i j in 1916 volgenderwijs gedaan : „ I n h e r i n n e r i n g w e r d gebracht het ijverig streven van Pastoor H. J. Vaal, w a a r d o o r een fraai en practisch kerkje kon verrijzen voor f 8 . 5 0 0 . — , op een t e r r e i n van 2.200 m-, gelegen te M o d j o k e r t o " . Z o u Probolinggo, sinds 1923 ressorteerend onder de Eerwaarde C a r m e l i e t e n van Malang, t o t 1924 op zijn kerkje en pastorie moeten wachten, Soerabaia had de verdienste, reeds eind 1913, voor dat doel beschikbaar t e stellen een bedrag van f 1.500.—, waarmede alvast een stuk grond aan de Heerenstraat v o o r een t e bouwen k e r k w e r d gekocht. H e t is verleidelijk, maar niet doenlijk in het k o r t bestek van d i t hoofdstuk, melding te maken van de o p r i c h t i n g en de u i t b r e i d i n g van alle Katholieke vereenigingen te Soerabaia, tijdens de periode 1906—'23. Toch mag een w o o r d over het ontstaan en den eersten groei van den Bond v o o r Katholieken hier

niet

achterwege blijven, al was het alleen maar o m den invloed te kenschetsen, die van den Bond uitging bij het t o t stand brengen of t o t stand k o m e n van andere Katholieke vereenigingen t e r plaatse. De Bond v o o r Katholieken w e r d opgericht in 1909, op een vergadering geleid d o o r den Overste der Broederschool, den Eerwaarden Broeder W . Keens. De Vereeniging stelde zich t e n doel : „ H e t gemeenschapsleven onder de Katholieken te verhoogen, zoowel d o o r bespreking en behartiging hunner belangen, als d o o r het bevorderen van een gezellig o n d e r l i n g v e r k e e r " . Die doelstelling w e r d in 1914 als volgt nader g e w i j z i g d : „ D e Vereeniging stelt zich t e n doel volgens de Katholieke beginselen mede te w e r k e n t o t de socialen bloei van Nederlandsch-Indië." De eerste jaargang van het nieuwe „ O r g a a n van den Bond van K a t h o l i e k e n " draagt in zijn redactiestaf de nog bekende namen van J. Suys, L. J. M. Feber en J. C. V e r m e u l e n . In 1912 w e r d in en d o o r den Bond opgericht „ H e t Ondersteuningsfonds voor onze Jeugd", ook een eigen spaarbank. H e t eerste denkbeeld van een afzonderlijke Katholieke onderwijzersorganisatie ging u i t van het Bestuur van den Bond v o o r Katholieken te Soerabaia, u i t w e l k denkbeeld eerst volgde het u i t t r e den u i t het N.I.O.G. en de o p r i c h t i n g , in 1913, van den Katholieken Onderwijzersbond, die thans meer dan 6 0 0 leden t e l t . H e t Ondersteuningsfonds v o o r Onze Jeugd, een sociale instelling aan het i n i t i a t i e f van den Bond v o o r Katholieken o n t s p r o t e n , hielp een goed aantal Katholieke jongens en meisjes, na de Lagere School hun verdere studie d o o r te z e t t e n , teneinde zich een behoorlijk bestaan in de maatschappij te veroveren. Aan het i n i t i a t i e f van den Bond was ook t e danken de o p r i c h t i n g van de R.K. M i l i t a i r e Vereeniging St. Michael, in 1925 gevolgd door de w e r k e n , ontstaan onder invloed van het i n s t i t u u t van den V l o o t a a l moezenier. Pastoor F. W . M. J. Fleerakkers, thans Pastoor G. W . Litjens. V o o r t s nog in 1925 de

R.K.

Sportvereeniging m e t eigen t e r r e i n op K e t a b a n g - O o s t ; de Tooneelclub D i l i g e n t i a en andere w e r k e n en pogingen, o m het contact onder de Katholieken levendig t e houden. In 1914, na een vijfjarig t i j d v a k van den Bond voor Katholieken t e Soerabaia, w e r d de Vereeniging aangesloten bij den „ C e n t r a l e n Raad van Katholieke Sociale Bonden in Nederlandsch-Indië", maar t e r e c h t m o c h t de bond voor Katholieken hier de nestor der Katholieke Sociale Bonden in Ned.-lndië w o r d e n genoemd. Sindsdien heeft de Katholieke Sociale Bond periodiek zijn voorspoedige m e t m i n d e r welvarende vereenigingstijden zien wisselen. Bij de k o m s t der Lazaristen t e Soerabaia in 1923 leed hij een kwijnend bestaan. Nadien heeft hij dagen gekend van goeden v o o r u i t g a n g en bloei en was hij steeds de aangewezen bond t o t bevordering der saamhoorigheid onder de Katholieken t e r stede. Nadat het denkbeeld van een ziekenverpleging onder leiding van R.K. Religieuze Zusters m e e r m a l e n naar voren was gebracht en een g r o o t stuk grond v o o r dat doel op D a r m o was aangekocht, w e r d 2 Mei 1920 besloten t o t o p r i c h t i n g eener vereeniging, genaamd „ R . K . Ziekenhuis te Soerabaia" ; de statuten der nieuwe vereeniging werden goedgekeurd bij Besluit van den G.G. van 9 September 1920.

364


In 1920 gaven de zeven dagen lang schitterend gevierde feesten t e r gelegenheid van het 50-jarig j u b i l e u m der Broeders van St. Louis, Oudenbosch, aanleiding o m de belangrijkheid van hun w e r k e n te doen u i t k o m e n in cijfers en in de algemeene waardeering der ingezetenen van stad en gewest. Zoo ook voor de zusters Ursulinen. De feestelijke viering van het gouden j u b i l e u m der Zusters viel in

1913.

Vanzelfsprekend werden bij de feestviering der Eerw. Broeders, in het bijzonder de buitengewone verdiensten van den d i r e c t e u r der scholen. Broeder W i l l i b r o r d Keens, tijdens zijn 35-jarenlangen arbeid» mede op velerlei sociaal gebied te Soerabaia, geprezen en speciaal door Resident J. Einthoven (1908—'13) onderstreept d o o r het u i t r e i k e n eener K o n i n k l i j k e onderscheiding. W a r e n de Broeders hoofdzakelijk naar Soerabaia gekomen voor de opleiding en opvoeding der m i n der bedeelde Indo-jongens, bij hun gouden j u b i l e u m had hun i n r i c h t i n g zich geleidelijk o n t w i k k e l d in t w e e afdeelingen : een eerste en een tweede school, die beide in 1913 bloeiden en ieder jaar gelukkige resultaten bij de examens opleverden.

i

Tien jaren later, in 1923, w e r d een nieuwe Broederschool geopend in de statige gebouwen aan den

I

A n i t a - b o u l e v a r d . Bijna gelijktijdig ( n l . in 1922) was een deel der Zusterschool van Kepandjen naar den

I

Koepang-boulevard verhuisd. Daar was overgebracht de

hieisjes-H.B.S., evenals de Kweekschool voor

Onderwijzeressen ; er w e r d voorts een Lagere Meisjesschool m e t Fröbelschool geopend. Resident J. van Aalst (1913—'18) constateerde als volgt den groei der Z u s t e r s c h o o l : „ D e n 3en N o v e m ber 1863 had de opening plaats der eerste school der Zusters m e t slechts 21 leerlingen. D i t aantal is thans (1913) gestegen t o t 240. In 1907 w e r d de tweede school geopend m e t 7 leerlingen; ook d i t aantal is thans geworden t o t 240. In die 50 jaren hebben in het geheel 95 Zusters aan de o n d e r w i j s i n r i c h t i n g gearbeid, van wie 31 te midden van haar arbeid zijn overleden. Op de eerste school zijn in de registers ingeschreven

. i

4.000 leerlingen, op de tweede r u i m 2.000 leerlingen."

»'

H e t g r o o t e w e r k w e r d in 1923 door 43 Zusters t r o u w voortgezet v o o r r u i m 800 leerlingen, die op dat t i j d s t i p de Lagere Scholen en de andere inrichtingen der Zusters bezochten. Met het vorenstaande is in algemeene t r e k k e n de o n t w i k k e l i n g van het Katholicisme in Soerabaia weergegeven, t o t aan de k o m s t , in 1923, der nieuwe Missionarissen : de Lazaristen. Er is een opvallende overeenkomst waar te nemen tusschen het werken en heengaan der beide Hoofdpastoors van Soerabaia: Pastoor van Santen in 1906 en Pastoor Fleerakkers in 1923. Toen het fraaie godshuis op Kepandjen in gebruik was genomen en voor de t o e k o m s t van zwaar drukkende financieele lasten bevrijd, w e r d Pastoor Van Santen naar elders geroepen. De H. H a r t - K e r k aan den Anita-boulevard was nauwelijks in gebruik genomen, de nieuwe stichtingen der Eerwaarde Zusters Ursulinen en der Eerwaarde Broeders in dat stadsgedeelte waren pas t o t stand gebracht, of ook voor Pastoor Fleerakkers was de t i j d aangeb r o k e n , thans tevens voor zijn Orde-medeleden, o m naar elders te v e r t r e k k e n . Echter niet dan

nadat

d o o r heel Katholiek en andersdenkend Soerabaia van hen op hartelijke wijze afscheid was genomen. V o o r zijn heengaan w e r d Pastoor Fleerakkers op Jubilee-Koninginnedag van 1923 tenslotte nog begiftigd m e t het Ridderkruis van Oranje-Nassau. 's Anderen daags v e r t r o k hij onder enorme belangstelling m e t de N.I.S. naar Semarang.

j ^

Den 6en Juli 1923 kwamen de vijf eerste Heeren Lazaristen te Soerabaia aan, o m er den arbeid van de

|

Eerw. Paters Jezuïeten over te nemen. H e t Missie-gebied, o m v a t t e n d e de toenmalige Residenties Soerabaia,

\

K e d i r i en Rembang, was hun in 1922 door de H. Congregatie der Propaganda Fide toegewezen.

j

Vele gebeurtenissen in de Katholieke wereld hier t r o k k e n spoedig de aandacht. In 1924 w e r d de Zus-

i

ters-H.B.S. aan den Koepang-Boulevard afgebouwd. In Januari 1925 ging de „ K l i n i e k van Oendaan" over in

1

handen van de bestuursleden der Vereeniging „ R . K . Ziekenhuis t e Soerabaia". Begin Mei van het zelfde jaar a r r i v e e r d e n de eerste acht Zusters van Steyl, o m als ervaren en goedgeschoolde krachten de ziekenverpleging

I

t e entameeren en daarmede al dadelijk een stijgend succes te bereiken t o t zegen van de zeer gemengde bevolking van Soerabaia en o m m e l a n d e n . Intusschen was ook weer te Soerabaia teruggekomen de nauwelijks v e r t r o k k e n Pastoor Fleerakkers, die inmiddels t o t majoor-Vlootaalmoezenier der K o n i n k l i j k e Marine in Ned.-lndië was benoemd. De geest e l i j k e verzorging van het R.K. Marinepersoneel w e r d d o o r hem op actieve wijze ingezet.

j


f;\

h» W:^..

h m ÊiM

1 f

WÊÊL^^^^^^^^^^^^M

^ Het linterieur der Vrije Katholieke kerk, Serajoestraat I I .

m ANDERE GODSDIENSTIGE INSTELLINGEN.

^•^"'^m^

Het kerkgebouw der Vrije Katholieke G« meente. Het ligt in een rustgevende sfeei werd een tiental jaren geleden gebouw door de Nedam, volgens ontwerp van Jo en Sprey, en op 9 Mei 1926 ingewijd doo den toenmallgen regionairen Bisschop va Ned.-lndle, Mgr. J. L. Mazel.

De co-ma^onnieke Loge „St. Germain", Serajoestraat 9. De eerste steen van het gebouw werd gelegd op 3 Aug. 1929 door den Z. V. Br. C. W . Leadbeater. De inwijding had plaats op 23 Augustus 1930 door den V. Br. A. G. Vreede, gemachtigde van den Opperraad voor Ned. Indie.

BOVEN

Het gebouw van de ,,Pinkster-Gemeente" aan den Westerbuitenweg. Het werd 4 juni 1933 ingewijd. De „Pinkster - Gemeente" is hier sinds 1923 gevestigd en groeide door middel van tentzending uit van huiselijke bidstonden t o t een gevestigde gemeente te Kawattan. Reeds na korten tijd bleek de zaal daar te klem te zijn ; men verhuisde eerst naar een woning aan Embong Malang, later naar het eigen kerk gebouw. (Foto Isken.)

RECHTS Gebouw der Theosofische cesselaan 13. LINKS

Loge,

Advent-kerk aan Gang Butteweg.

Prln-


Dank

zij eenigen

financiëelen

steun van de Regeering, w i s t Pastoor Fleerakkers de beschikking te krijgen over een huis op Soeloeng ; het w e r d v o o r l o o p i g als ingezegend.

R. K.

De

M i l i t a i r Tehuis

nieuwe

instelling

stond op een betere basis dan

de

Vereeniging „ S t . M i c h a e l " , w i e r

Te-

huis in de G a t o t t a n bij

aan

gebrek

financiën einde 1923 gesloten was. De eerste V l o o t a a l m o e z e n i e r in Indië, in 1927 opgevolgd door Pastoor G. W .

Litjens, had een zware taak.

Beiden boekten echter, ondanks de vele m o e i l i j k h e d e n , die overwonnen moesten w o r d e n , zoo veel succes, dat langzamerhand kon w o r d e n

overge-

gaan t o t den bouw van een nieuw, ruimer

R.K.

Marine-Tehuis, gelegen

D e k e r k in de „bovenstad", gebouwd d o o r M . H . V o e t s , naar een o n t w e r p van het Bureau H u l s w i t - F e r m o n t , en ingewijd op 31 Juli 1921 door

Z.D.H.

Monseigneur S. Luypen S. J., Apostolisch Vicaris van Batavia.

op Tembaan. Naast het i n s t i t u u t

van

den V l o o t a a l m o e z e n i e r en het R.K. Marine-Tehuis zijn te v e r m e l d e n de

t e Soerabaia opgerichte Vereeniging „ S t e r r e der Z e e " , die o p k o m t voor de belangen der R.K. schepelingen, evenals de Katholieke Vereeniging St. C h r i s t o p h o r u s , bedoeld als vakbond van het R.K. Marinepersoneel beneden den rang van officier. Terugkeerend

tot

1925, vallen t w e e gebeurtenissen van beteekenis te m e m o r e e r e n : in de eerste

plaats de opening van de Katholieke Mulo-school der Broeders aan den A n i t a - B o u l e v a r d en t e n tweede de o p r i c h t i n g van de eerste K a t h o l i e k e Hollandsch-lnlandsche Jongensschool te W o n o k r o m o . V e r d e r v a l t voor N o v e m b e r 1925 nog aan te stippen de verhuizing der Broeders naar hun nieuw klooster en naar de g r o o t e scholen aan den A n i t a - B o u l e v a r d . Einde 1925 bracht een o n p r e t t i g e verrassing. H e t bleek, dat g r o o t e restauratiewerken

aan de

H.

Hart

Kerk

noodig waren geworden ; zij

werden

in

1926

uitgevoerd.

In Maart 1926 verlieten de K a t h o l i e k e weesmeisjes, een v e e r t i g in g e t a l , haar bouwvallige woning in de G a t o t t a n . Z i j verhuisden naar het gebouwen-complex der Broeders op Kepandjen, dat omgedoopt w e r d in Ursulaschool, een Tehuis voor studeerende Katholieke meisjes. De Broeders lieten op het v o o r m a l i g e t e r rein van het weeshuis aan de G a t o t t a n een nieuwe jongensschool bouwen, de St. Alo/sius-school, welke thans bezocht w o r d t d o o r ongeveer 300 jongens. Ruime lokalen waren v r i j gekomen tengevolge van het v e r h u i z e n van een der t w e e lagere scholen der Zusters naar de v o o r m a l i g e Broederschool op Kepandjen in 1926. H e t daaropvolgend jaar werden die lokalen in gebruik genomen v o o r de huisvesting van een nieuw opgerichte Hollandsch-lnlandsche meisjesschool m e t voorklasse. Die o n d e r w i j s i n r i c h t i n g w o r d t nu reeds door r u i m 250 Inlandsche kinderen bezocht. In 1927 brachten de Eerwaarde Broeders voor de laatste maal hun vacantie d o o r te Nongkodjadjar. Tegen de Juni-vacantie van 1928 w e r d voor de Broeders te Batoe een vacantieoord gebouwd. T o t in 1928 was Soerabaia verbonden m e t het apostolisch vicariaat van Batavia. Bij pauselijke breve van 6 Juni van dat jaar w e r d eerstgenoemd missiegebied verheven t o t zelfstandige apostolische prefectuur, m e t Soerabaia als zetel van den k e r k v o o g d . Bij de nieuwe prefectuur w e r d gevoegd de oude residentie Madioen, zoodat de missie van Soerabaia thans o m v a t de v o o r m a l i g e gewesten Soerabaia, K e d i r i en Madioen in de provincie Oost-Java en de regentschappen Rembang en B l o r a in de provincie Midden-Java. W i j kunnen den groei van het Katholicisme te Soerabaia in de laatste jaren ook op een andere wijze nagaan.

366


In O c t o b e r 1925 w e r d hier in het leven geroepen de Johannes Gabriël-Stichting, die als doel heeft scholen op t e r i c h t e n , k e r k e n , zelfs ziekenhuizen, enz. te bouwen. K r a c h t i g heeft deze organisatie g e w e r k t aan de v e r b r e i d i n g van het Katholieke onderwijs, zoowel in als buiten de stad. In 1926 opende de Johannes G a b r i e l Stichting haar eerste Hollandsch-lnlandsche School op eigen t e r rein t e B l i t a r . Daarna volgden andere scholen van verschillend t y p e en voor verschillenden landaard. Van h i e r u i t w e r d o.a. in 1930 buiten de stad, hoofdzakelijk in Z u i d - K e d i r i , een t w i n t i g t a l inrichtingen geopend voor Inlandsch Onderwijs ; ook t w e e Hollandsch-Chineesche scholen werden geopend : één te Kertosono en één t e Paree. Te Soerabaia zelf k w a m de Stichting energiek op voor de belangen en de u i t b r e i d i n g van het Katholiek Onderwijs, speciaal v o o r Europeesche kinderen. Z o o r i c h t t e zij in 1928 op Ketabang een Europeesche Lagere school op, welke sinds 1929 is ondergebracht

in de Theresia-school, gebouwd op een g r o o t perceel te

Ketabang-Oost, v o o r de Gouvernements Mulo. Daar is bereids de schoolbevolking gegroeid t o t 370 k i n deren, zoodat in 1931 moest worden overgegaan t o t splitsing en nieuwbouw van een aparte jongensschool, annex het begin van een Hollandsch-Chineesche school. Z o o nam ook in 1930 de Johannes-Gabriël Stichting v o o r haar rekening de o p r i c h t i n g van een nieuwe R.K. Europeesche Lagere School aan den Grisseeschen weg, evenals de eerstgenoemde aanvankelijk door de Regeering erkend en goedgekeurd als filiaal van de Broederschool G a t o t t a n . Die o n d e r w i j s i n r i c h t i n g w o r d t bezocht d o o r 150 k i n d e r e n . Veelvoudig is het w e r k der R.K. Sociale en Liefdadigheidsinstellingen. De van oudsher bestaande St. Anna-Vereeniging v o o r hulpverschaffing in den v o r m van kleeren en anderszins moest haar w e r k z a a m h e i d , vooral in de laatste jaren van economischen achteruitgang, zeer u i t b r e i d e n . T a l r i j k e r werden de schoolgaande kinderen en ook de ouden van dagen, die aan kleeren en andere benoodigdheden werden geholpen. Het werk

wordt

v e r r i c h t d o o r een klein damescomité onder bijstand en aanmoediging van een

pastoor. In 1930 kregen 162 kinderen o m de drie maanden een stel nieuwe kleeren en schoenen. Even na de instelling van den Voogdijraad in 1927 w e r d t e r stede de Don Bosco Stichting opgericht. Zij

heeft t e n doel onderstand te verschaffen aan onverzorgde, m i n d e r j a r i g e

R. K. kinderen en die in

gestichten of bij p a r t i c u l i e r e n te huisvesten. In t w e e

jaar t i j d plaatste Don Bosco 90 kinderen in gestichten of gezinnen. Z i j heeft in

de

periode van 1929—'31 de voogdij aanvaard over 65 minderjarigen, t e r w i j l het aantal der verzorgde en geplaatste kinderen in laatstgenoemd jaar m e t een d e r t i g t a l was v e r m e e r d e r d . O o k het „ R . K . Studiefonds Soerabaja", eveneens in 1927 in het leven geroepen, verdient een k o r t e v e r m e l d i n g . In

het verslagjaar 1930 konden door d i t Fonds 138 kinderen van 99 diverse families bij

hun studies, te Soerabaia of elders, b.v. aan de R.K. A.M.S. te Batavia t e r z i j d e w o r d e n gestaan. de o p r i c h t i n g van die Stichting ( t o t medio 1931) beteekent dat een getal van

Sinds

r u i m 250 kinderen.

Het

jaarverslag van 1929 m a a k t zelfs melding van het verstrekken van 5 fietsen, laatste m o d e l . Boven vermeldde ik de aankomst, op 31 Mei 1925, van de eerste Zusters v o o r het R.K. Ziekenhuis. Men k r i j g t een idee van den vooruitgang der Katholieke Ziekenverpleging, als enkele cijfers

worden

vergeleken. O v e r 1926 bedroeg het aantal verpleegde patiënten 504; in 1930 w e r d het aantal van 1521 bereikt. De ongehoorde nooden van onzen t i j d waren aanleiding t o t de o p r i c h t i n g in 1930 van de Vincentius-Vereeniging, die zich den e r b a r m e l i j k e n toestand der armsten a a n t r e k t . Door persoonlijk bezoek en het inwinnen van informaties krijgen de Heeren van Vincentius een beeld der diepe ellende. Z i j helpen naar vermogen, niet alleen m a t e r i e e l , doch ook m o r e e l en geestelijk. H u n edel streven was mede aanleiding, o m het w e r k van de St. Anna Vereeniging, dat door dames w o r d t volbracht, eveneens in denzelfden geest te v e r r u i m e n . V o o r de behartiging der belangen van het Inlandsche meisje en der Inlandsche v r o u w kreeg Soerabaia in 1928 zijn afdeeling van het St. Melaniawerk. Deze damesvereeniging heeft onder haar leiding staan een standaardschool voor Inlandsche meisjes, de Melania-School op Ketabang-Oost en een dubbele cursus voor


n u t t i g e en fraaie handwerken : één bij de Zusters Ursulinen op Kepandjen en één aan haar eigen schooi verbonden. Op dien cursus l<unnen getrouwde Javaansche v r o u w e n , zoowel als g r o o t e r e meisjes zich verder bekwamen in de huishoudelijke vakken. Rust na werken is zoet en in de t r o p e n dringend noodig. Er zijn te Soerabaia Zusters, die meer dan 50 Indische jaren tellen en nooit naar het vaderland terugkeerden. De Zusters Ursulinen van Kepandjen hebben haar rust- en vacantieoord te Kasri, nabij Pandaan. V o o r de Zusters van Koepang k w a m in 193 I te Patjet een schilderachtig op de hellingen van het Ardjoeno-gebergte gelegen buitenverblijf in gereedheid. Alles in enkele cijfers samenvattend, kan ik het best de tegenwoordige positie der Katholieke Kerk te Soerabaia als volgt weergeven. Aan den lagen kant genomen en voor zoover de getallen eenigszins te controleeren zijn, bedraagt het aantal Katholieken in de stad o m de I 1.000. Die groei van

4 . 0 0 0 t o t 11 .000 in r u i m 7 jaren is aan

verschillende factoren t o e te schrijven: o.a. aanwas door geboorten, speciaal bij de

Indo-Europeesche

bevolking, overgang, i m m i g r a t i e , nauwkeuriger registratie door mogelijk geworden g r o o t e r contact. In plaats van 5 priesters, zijn er thans 10 in Soerabaia w e r k z a a m . Het aantal Broeders en Zusters is overigens sinds eind 192 3 respectievelijk van 10 en 40 toegenomen t o t 27 en 80. H e t aantal Katholieke scholen t e Soerabaia bedraagt m o m e n t e e l : 9 Lagere Scholen en 5 Fróbelscholen m e t ongeveer 2700 leerlingen ; een Jongens-Mulo m e t 120 leerlingen; een Meisjes-Kweekschool volgens het nieuwe leerplan in 3 klassen m e t 50 leerlingen en een Meisjes H.B.S. m e t rond I 60 leerlingen. V o o r t s is er een R.K. Meisjes Weeshuis m e t 85 pupillen en een nieuwbouw, die plaats biedt voor nog 100 kinderen meer. Er is echter daarop plaats gereserveerd voor een groep studeerende Katholieke meisjes, die te Soerabaia inrichtingen van voortgezet onderwijs, zooals H.B.S., Kweekschool en Mulo bezoeken. Tenslotte stip ik nog even aan, dat p o l i t i e k de Katholieken van Soerabaia

georganiseerd

zijn in de Indische Katholieke P a r t i j , welke hier in 1931 rond 750

leden

telde.

Interieur van de Heilige Hart-kerk aan den Coenboulevard.


^ZFa

Het linterieur der Vrije Katholieke kerl<, Serajoestraat I I .

" ^

ANDERE GODSDIENSTIGE INSTELLINGEN.

•m

i^

>•''

w Wm--

^M^. •^^^B

Het kerkgebouw der Vrije Katholieke G( meente. Het ligt in een rustgevende sfeei werd een tiental jaren geleden gebouw door de Nedam, volgens ontwerp van Jo en Sprey, en op 9 Mei 1926 ingewijd doo den toenmaligen regionairen Bisschop va Ned.-lndie, Mgr. J. L. Mazel.

•'t' •'

4 •1

'^

- •., „1

-r

' V-jJIgl

\ f

,\

^K.K

U -^^--r

• !'1 .,.t^

èÊ&md '

-

^

^

• -

'

':> f •

a.

^

^

M De co-ma^onnieke Loge „St. Germain", Serajoestraat 9. De eerste steen van het gebouw werd gelegd op 3 Aug. 1929 door den Z. V. Br. C. W . Leadbeater. De inwijding had plaats op 23 Augustus 1930 door den V. Br. A. G. Vreede, gemachtigde van den Opperraad voor Ned. Indie,

BOVEN

Het gebouw van de „Pinkster-Gemeente" aan den Westerbuitenweg. Het werd 4 Juni 1933 Ingewijd. De „Pinkster - Gemeente" Is hier sinds 1923 gevestigd en groeide door middel van tentzending uit van huiselijke bidstonden t o t een gevestigde gemeente te Kawattan. Reeds na korten tijd bleek de zaal daar te klein te zijn ; men verhuisde eerst naar een woning aan Embong Malang, later naar het eigen kerk gebouw. (Foto Isken.)

RECHTS Gebouw der Theosofische cesselaan 13. LINKS

Loge,

Advent-kerk aan Gang Butteweg.

Prin-


©

PHILANTROPISCH EN MAATSCHAPPELIJK WERK. V a n een georganiseerd maatschappelijk werl< t o t voor k o r t geen sprake. — M o l i a m m e d a n i s m e t r o k de A r m e n v e r z o r g i n g binnen de grenzen van den K o r a n . — A a n t a l Chineesche philantropische vereenigingen gering.— De v e r m e n g i n g der rassen m a a k t e de o n t w i k k e l i n g en de organisatie van het maatschappelijk v/erk m e t W e s t e r s c h e n inslag noodig. — K e r k en O v e r h e i d . — I n w e r k i n g t r e d e n der A r m e n z o r g - O r d o n n a n t i e op I Juni 1934. — V e r e e n i g i n g e n , instellingen en stichtingen.

H e t philantropisch en maatschappelijk w e r k , zooals dat in Westersche landen t o t u i t d r u k k i n g k o m t , was t o t dusver in Indië zoo goed als geheel onbekend. N i e t , dat in Ned.-lndië geen p h i l a n t r o p i e w e r d beoefend. Integendeel. Maar het maatschappelijk w e r k , zooals men dat in Europa kent, kon onder de sterk v l o t tende Europeesche bevolking geen w o r t e l schieten. M.a.w. : van een georganiseerd maatschappelijk w e r k was dan ook t o t v o o r k o r t in indië geen sprake. Later, en vooral tengevolge van de crisis, welke in 1930 inzette en die ook op de Indische samenleving zijn stempel d r u k t e , w e r d d i t anders. •

De Inheemsche bevolkingsgroepen daarentegen hebben het vraagstuk der onderlinge hulpverleening van oudsher op haar p r i m i t i e v e wijze o p g e l o s t ; het stamverband en vooral het dessa- en familieverband zorgen voor de behoeftigen en noodlijdenden. Deze o p v a t t i n g w o r d t nog a l t i j d gehuldigd en kan ais een voorbeeld van c o m m u n a a l bezit w o r d e n geacht. De Mohammedaansche godsdienst heeft het vraagstuk der A r m e n v e r z o r g i n g ' g e t r o k k e n binnen de grenzen van den K o r a n . De geloovigen w o r d e n daarin v e r p l i c h t t o t het opbrengen van een t w e e t a l a r m e n belastingen : de zg. „ Z a k a t " ( d j a k a t ) en „ Z a k a t a l - f i t r " ( p i t r a h ) . A l moge d i t v o o r s c h r i f t in de p r a k t i j k veelal t o t een bloote l e t t e r zijn gebleken, in het algemeen kan men zeggen, dat de Mohammedaansche w e t getracht heeft t e bereiken, dat de a r m e n b e h o o r l i j k zouden w o r d e n v e r z o r g d . De Chineezen, die zich in Ned.-lndië hebben gevestigd, of daar geboren w e r d e n , strekken de weldadigheid veelal niet v e r d e r u i t , dan t o t hun o n m i d d e l l i j k e f a m i l i e . N i e t t e m i n w o r d t de ondersteuning van den a r m e , de z o r g voor den noodlijdende en verlatene, als een plicht van de leidende personen genoemd. H i e r v o o r behoeft men slechts de boeken van Confucius, Mensius of andere Chineesche philosofen op t e slaan. T a l r i j k e uitspraken wijzen daar op. Toch is het aantal der philantropische instellingen dezer bevolkingsgroep in indië, niettegenstaande haar uitgebreidheid in zielental, b e t r e k k e l i j k gering ; in hoofdzaak werden enkele weeshuizen opgericht. in het algemeen kan men zeggen, dat het sociaal gevoel in Oostersche landen, ook in indië, onder de niet-Europeesche bevolkingsgroepen nog weinig o n t w i k k e l d is, althans gemeten naar Westerschen maatstaf. V o o r de o n t w i k k e l i n g van het maatschappelijk w e r k m e t Westerschen inslag, heeft ongetwijfeld ook bijgedragen de vermenging der rassen in vorige eeuwen, als gevolg van een gebrek aan Europeesche v r o u w e n , w a a r d o o r de indo-Europeesche volksgroep o n t s t o n d , die in de Europeesche maatschappij w e r d opgenomen en in tegenstelling m e t de „ t r e k k e r s " een constant deel der Indische samenleving v o r m d e . N a a r m a t e deze bevolkingsgroep in aantal t o e n a m , w e r d de behoefte gevoeld voor de zwakken en noodlijdenden, i n r i c h t i n gen in het leven t e roepen, w a a r i n zij konden w o r d e n v e r z o r g d en verpleegd. O o k de Protestantsche Kerk en de R.K. Geestelijkheid t r o k k e n zich het l o t der behoeftigen aan. Daar de k e r k e l i j k e

fondsen veelal niet t o e r e i k e n d bleken t e zijn o m in den nood t e v o o r z i e n , w e r d

in 1829 door de Regeering steun

verleend.


In dat jaar

n l . werden

bij Staatsblad

de „ C e n t r a l e Commissiën van W e l d a d i g h e i d " in

het leven geroepen, die t o t taak

hadden

de ondersteuning van Christelijke armlastigen. In 1886 w e r d de w e r k k r i n g dezer commissies, waarvan de naam voortaan luidde „ C o m m i s s i e t o t ondersteuning van Behoeftige C h r i s t e n e n " , nader

geregeld; de commissies

waren ge-

vestigd te Batavia, Semarang, Soerabaia en Padang. Het

was haar taak o m de Christen-

a r m e n , die niet of niet in voldoende u i t de fondsen van andere

mate

instellingen

van

liefdadigheid werden bedeeld, te ondersteunen. De

middelen

dezer

commissies

bestonden

u i t een heffing van één pro m i l l e van openbare verkoopingen, verhuringen en l o t e r i j e n , een

Het voormalige „Tehuis voor Socialen Arbeid" van het Leger des Hei Is op Oendaan Wetan. (Foto Fotax.)

gedeelte van de opbrengst der loterij-belasting en de a r m e n g i f t e n , door de ambtenaren van den Burgerlijken Stand gecollecteerd. De zg. A r m e n g e l d e n werden reeds ten tijde der Oost-Indische Compagnie geheven. In de generale resolutie van het Kasteel Batavia van 22 Februari 1745 k o m t daarover v o o r : „ V a n alle publieque vendutiën, zullen de a r m e n één per m i l l e genieten, wordende van deze belasting geëximineerd d'insolvente boedels, i t e m die van Wees- en Boedelmeesteren, benevens den c u r a t o r ad l i t e s " . Het armengeld is reeds van de vroegste tijden af bestemd geweest, uitsluitend voor de behoeftige Christenen, o m d a t d o o r de Landsoverheid steeds het standpunt w e r d ingenomen, dat de Inlandsche en m e t deze gelijkgestelde bevolking „ m i d d e l s hare volkinstellingen gehouden was, voor hare eigene a r m e n en gebrekkigen te zorgen".*) Bij de vaststelling der A r m e n z o r g - O r d o n n a n t i e (Staatsblad 1934 no. 26), in w e r k i n g getreden op I Juni 1934, werden de verouderde „Commissies voor Behoeftige C h r i s t e n e n " opgeheven. De A r m e n z o r g w e r d aan de locale gebiedsdeelen opgedragen. Als gevolg hiervan w o r d t geen onderscheid gemaakt tusschen Christenen en niet-Christenen. A l l e bevolkingsgroepen komen thans volgens de hiervoor vastgestelde n o r m e n , gelijkelijk voor ondersteuning van de Overheid in a a n m e r k i n g , een beginsel, dat ook meer in deze tijden past. Na deze beknopte inleiding zal ik achtereenvolgens een k o r t overzicht geven van het philantropisch en maatschappelijk w e r k te Soerabaia, zooals d i t zich in den loop der tijden heeft o n t w i k k e l d . Ik begin m e t : Armenzorg.

Behalve de Kerkelijke A r m e n z o r g , die in de voorafgaande hoofdstukken w o r d t be-

schreven, w o r d t hier ook de p a r t i c u l i e r e A r m e n z o r g beoefend. Verschillende vereenigingen hebben zich die taak gesteld. De oudste vereeniging op d i t gebied is de N e u t r a l e A r m e n z o r g , welke in 1906 onder den naam van „Meisjesvereeniging A r m e n z o r g " w e r d opgericht. V e r d e r noem

ik de I.E.V.-Armenzorg ( 1 9 2 8 - ) en de

St. Vincentius Vereeniging. Van Inheemsche zijde werden in 1931 eveneens pogingen gedaan o m te komen t o t een georganiseerde Inheemsche A r m e n z o r g . V e r d e r w e r d in 1933 een Chineesche Armenzorgvereeniging opgericht onder den naam „ T i o n g Hoa Tjee Pien H w e e " . O m t r e n t haar arbeid en resultaten is echter weinig bekend. Bijzondere v e r m e l d i n g verdient de Gemeentelijke A r m e n z o r g . In 1925, na het intreden der malaise, als gevolg van den w e r e l d o o r l o g , w e r d door den Gemeenteraad een post ad f 2.000.— op de begrooting gebracht, w a a r u i t aan hulpbehoevenden een klein bedrag voor levensonderhoud kon w o r d e n toegekend. ') Zie hieromtrent de instructie der Regenten en die der Residenten. (Staatsblad 1867 No. I 14.) ^) Het oprichtingsjaar.


V i e r jaar later waren de werkzaamheden d e r m a t e toegenomen, dat besloten w e r d t o t de instelling van een Gemeentelijke A r m e n z o r g c o m m i s s i e . Van den aanvang af heeft deze commissie er naar gestreefd, een goede samenwerking t o t stand t e brengen m e t de verschillende plaatselijke instellingen op hét gebied der A r m e n z o r g , w a a r d o o r het w e r k der commissie beter t o t zijn recht k w a m . Steeds meer k w a m de commissie t o t de o v e r t u i g i n g , dat v o o r een behoorlijke uitoefening der A r m e n zorg, een goed w e r k e n d bureau onder deskundige leiding noodzakelijk was. D i t Bureau w e r d dan ook m e t Ingang van I A p r i l 1930 ingesteld. In 1934 bedroegen de uitgaven rond f 100.000.—. Twee belangrijke feiten u i t de geschiedenis der Gemeentelijke A r m e n z o r g mogen hier nog aangestipt w o r d e n . Op I Mei 1930 w e r d m e t de „ C o m m i s s i e t o t ondersteuning van Behoeftige C h r i s t e n e n " overeengekomen, dat voortaan d o o r de Gemeentelijke A r m e n z o r g alle betalingen v o o r Soerabaia ten behbeve van gemeld Fonds zouden geschieden. Deze maatregel beteekende v o o r de Overheids-armenzorg een g r o o t e verbetering. Op 9 Maart 1932 stelde de Gemeenteraad de Soerabaiasche A r m e n z o r g - v e r o r d e n i n g in. Men ging daarbij van het principe u i t , dat de Overheids-armenzorg slechts suppleerend w e r k t . T e n s l o t t e zij er op gewezen, dat t e Soerabaia geleidelijk aan een streng onderscheid w e r d gemaakt tusschen W e r k l o o z e n z o r g en A r m e n z o r g . W a s vroeger de w e r k l o o z e u i t s l u i t e n d aangewezen op de hulp van de A r m e n z o r g , na de instelling in 1931 van het Plaatselijk Steuncomité voor W e r k l o o z e n veranderde deze toestand. Het besef groeide, dat de w e r k l o o z e , die d o o r de algemeene economische oorzaken, dus niet d o o r zijn schuld, werkloos is geworden, buiten de A r m e n z o r g m o e t blijven. Zorg

voor

voeding

en

k l e e d ing.

V o o r zoover ik kon nagaan, maakte de

Vriendschap" te Soerabaia het eerst ( n . l . in 1886) een aanvang m e t

Loge „ D e

het v e r s t r e k k e n van kleeding en

schoeisel aan onvermogende schoolkinderen. D i t Schoolkleerenfonds w e r d echter

omstreeks 1920 opge-

heven, aangezien inmiddels op andere wijze voldoende in deze behoefte w e r d v o o r z i e n . Thans zijn op d i t gebied nog w e r k z a a m de ( K a t h o l i e k e ) St. A n n a Vereeniging (goedgekeurd bij G.B. d d . 3 Dec. 1888 N o . 13) en het Soerabaiasche Kieedingfonds (opgericht in 1 9 3 0 ) ; verder bestaat hier een Chineesch Kieedingfonds. Brokkenhuiswerk.

H e t Soerabaiasch Brokkenhuis, opgericht in 1930 en officieel geopend op

26 Juni 1931, is een instelling, hoofdzakelijk bestemd voor minvermogenden, dus lieden, die nog iets kunnen missen. H e t bestuur stelt zich daarbij op het standpunt, dat de verleende hulp een opvoedend k a r a k t e r m o e t dragen. D a a r o m w o r d e n de goederen, welke het publiek voor d i t doel afstaat, aan daartoe in a a n m e r k i n g komende personen u i t s l u i t e n d a contant en tegen m i n i m a l e prijzen v e r k o c h t . Voedselverstrekking.

In d i t verband dient vooral genoemd te w o r d e n de „ W e l d a d i g h e i d s -

vereeniging C h a r i t a s " , welke jaarlijks aan ca. 200 schoolkinderen eens per dag een stevig bord eten v e r s t r e k t De Gemeente opende op I Januari 1935, resp. te Tambaksarie, Dapoean, Kapassarie en Krembangan, een v i e r t a l volksgaarkeukens. Na een „ p r o e f " van slechts 10 dagen werden zij echter weer opgeheven. Arbeidsbemiddeling.

Deze w o r d t hier van officiëele zijde behartigd d o o r het Gemeentelijk

Bureau voor A r b e i d s b e m i d d e l i n g , dat op 15 A p r i l 1925 zijn werkzaamheden aanving. H e t bureau heeft t e n doel werkzoekenden en werkgevers m e t elkaar in contact te brengen. O o k van p a r t i c u l i e r e zijde w o r d t in die r i c h t i n g g e w e r k t . Werkloozensteun.

In Januari 1931 w e r d hier, evenals in vele andere Indische steden, een plaat-

selijk C o m i t é t o t steun aan W e r k l o o z e n opgericht, dat d o o r bemiddeling van het Centraal C o m i t é t e Batavia van de Regeering een financieele bijdrage o n t v i n g ; deze bedroeg 5 0 % van de eigen i n k o m s t e n . H e t w e r k van het (plaatselijk) Steuncomité is verdeeld over een aantal subcomité's. V o o r v r o u w e l i j k e ondersteunden bestaat er samenwerking m e t de stichting „ V r o u w e n - en K i n d e r b e s c h e r m i n g " . V e r d e r staat het C o m i t é in verbinding m e t het Leger des Heils, welke stichting o.a. belast is m e t het beheer over het Sociaal Tehuis voor Europeesche W e r k l o o z e n op O e n d a a n . ' ) 1)

Werd op I Aug. 1935 opgeheven.


Werkverschaffing.

O o k de werkverschaffing had de aandacht van het Steuncomité, dat in

Juni 1933 zijn medewerking verleende t o t de o p r i c h t i n g van de Indische Maatschappij voor Individueele Werkverschaffing ( I . M . i . W . ) , welke Mij hier reeds verschillende werkzaamheden heeft geëntameerd.

Zoo

bestaat er o.a. een w i t k a l k b e d r i j f , een t o k o b e d r i j f , een t u i n b o u w b e d r i j f , een speelgoedwerkplaats, enz. Vele w e r k l o o z e n hebben er reeds nuttigen arbeid in gevonden. O o k voor geestelijke o n t w i k k e l i n g w o r d t z o r g gedragen d o o r het instellen van cursussen, lectuurverschaffing, enz. Zorg

voor

ouden

van

dagen,

slechthoorenden

en

zwakzinnigen.

Hetgeen

hier door de Diaconie der Protestantsche Gemeente voor de zorg voor ouden van dagen w e r d gedaan, heb ik in het betreffende hoofdstuk') toegelicht. V o o r de behartiging der belangen van slechthoorenden bestaat hier een vereeniging, die in 1932 w e r d opgericht. H e t zwakzinnige kind kan een speciale opleiding genieten aan de in 1930 opgerichte ,,School voor buitengewoon en individueel o n d e r w i j s " . Ziekenfondswezen.

Over de individueele ziekenzorg en de wijkverpleging v i n d t men gege-

vens in hoofdstuk I, Organisatie en i n r i c h t i n g e n , der 6e Afdeeling : Gezondheidszorg-). Aangezien op die plaats niets w e r d vastgelegd o m t r e n t het ziekenfondswezen, mogen hier nog enkele gegevens volgen. Op i n i t i a t i e f van eenige medici en andere belangstellenden w e r d in 1928 het Soerabaiasch Ziekenfonds opgericht, dat op I Maart van dat jaar zijn werkzaamheden aanving en daarbij geassisteerd w e r d door een 9-tal artsen voor de huispractijk en een lO-tal specialisten. Niettegenstaande de laag gestelde eischen en de g r o o t e medewerking der medici, moest het Fonds, na een t w e e t a l jaren te hebben bestaan, worden opgeheven. Thans worden opnieuw pogingen in het w e r k gesteld o m t o t een dergelijke instelling te geraken'), en wel van twee zijden. Op 25 Januari 1935 w e r d d o o r het I.E.V. een ziekenfonds opgericht, t e r w i j l ook van Roomsch Katholieke zijde terzelfder t i j d t o t de instelling van een dergelijk fonds w e r d besloten. Het

Roode

Kruis-werk.

Op 28 Juni I 934 k w a m hier een onderafdeeling t o t stand van het

Nederlandsche Roode Kruis. In Oct. d.a.v. ving de onderafdeeling haar werkzaamheden reeds aan door een begin te maken m e t de cursussen voor „Eerste hulp bij O n g e l u k k e n " . Het doel dezer cursussen is o m mannen ten behoeve van te v o r m e n transport-colonnes op te leiden, en vrouwen t o t helpsters van zieken. Tuberculose-bestrijding.

Medio I 9 3 4 w e r d , nadat van medische zijde daartoe propaganda

was gevoerd, een plaatselijke afdeeling van de Centrale Vereeniging t e r

bestrijding van de

Tuberculose

opgericht. Op 17 Dec. d.a.v. kon de afdeeling reeds een consultatiebureau op Peneleh openen. Kinderzorg.

Op d i t gebied zijn te Soerabaia verschillende instellingen w e r k z a a m . O m slechts

de voornaamste te noemen : Consultatie-bureau voor Zuigelingen, uitgaande van de Huisvrouwenvereeniging (1934 ' ) , de Inheemsche Vereeniging voor Kinderverzorging „ D h a r m o Hoesodho" (1930^), Kinderzorg der St. Melania-Vereeniging ( 1 9 3 4 ^ ) , het „ C h a r i t a s " , enz. ;

deze laatste

Kleuterhuis van de R.V.V. ( 1 9 3 0 ' ) , de

liefdadigheidsvereeniging

stelt door haar vacantiekolonie te Lawang honderden kinderen in de

gelegenheid, jaarlijks van de frissche berglucht te genieten. Medisch

schooltoezicht.

D i t w e r d door den Plaatselijken Gezondheidsdienst t e r hand

genomen. H e t onderzoek beperkt zich hoofdzakelijk t o t de Inheemsche schoolgaande jeugd. Behalve het verleenen van medische hulp, het behandelen van lichte trachoomgevallen, beginnende beenzweren, huidaandoeningen, enz. bestaat de w e r k z a a m h e i d der schoolartsen ook in het onderkennen van besmettelijke ziekten en het beschermen der kinderen tegen een mogelijke besmetting op school. I nternaten.

Het

oudste en meest bekende internaat is dat der Particuliere Meisjesschool op

Genteng, dat in 1899 w e r d gesticht. Het is een neutrale instelling. V e r d e r zijn er nog verschillende kleinere 1) Zie biz. 355. ') Zie bIz. 288 e.v. ^) Inmiddels is het plan verwezenlijkt. ') Het oprichtingsjaar.

373


internaten,

op

neutralen, Protestantschen en R.K. grondslag. O o k

van

Inheemsche

zijde

werd

een

t w e e t a l i n t e r n a t e n gesticht. Tenslotte meen il< nog te moeten aanstippen, dat er eenige comité's bestaan, die zich belasten m e t het t o e z i c h t op de k o s t k i n d e r e n , t e r w i j l vanwege de Soerabaiasche Huisvrouwenvereeniging bemiddeling w o r d t verleend bij huisvesting, enz. S t u d i e f o n d s e n . Er zijn hier verschillende fondsen v o o r steun aan studeerenden ; o m er enkele te noemen : het Schoolfonds Soerabaia, uitgaande van de Loge „ D e Vriendschap", het R.K. School- en Studiefonds, het Studiefonds van het I.E.V., enz. O o k vanwege de Gemeente w o r d e n studiebeurzen toegekend. P a d v i n d e r ij.

Deze heeft t e Soerabaia vele v e r t a k k i n g e n ; zoowel door Europeanen, Chineezen

(Chung H w a H u i ) , als Inheemschen w o r d t zij beoefend. Zorg

voor

weezen

en h a l f w e e z e n .

V o o r de verzorging van weeskinderen t e l t Soerabaia

een vijftal i n r i c h t i n g e n , t . w . : het Weezengesticht der Protestantsche Gemeente t e Soerabaia, thans meer bekend onder den naam van Meisjes Weeshuis ( I 8 3 5 i ) , de Jongens-Weezen-Inrichting ( 1 8 5 8 ' ) , R.K. Meisjes Tehuis „ S t . U r s u l a " (I 9 2 6 i ) , het Chineesche Meisjes- en Jongensweeshuis „ T h a y Tong Bong Y a n " (1921 ' ) en het Inheemsche Weeshuis „ R o e m a h Pemiliharaan A n a k J a t i n " (1931'). Ik volsta m e t deze o p s o m m i n g , daar

meerdere

gegevens

over de

belangrijkste dezer

instelling

elders in d i t boek en ook in m i j n „Oud-Soerabala" te vinden zijn. „Pro

J u V e n t u t e " - w e r k.

Op 15 Juli 1917 w e r d besloten t o t de o p r i c h t i n g van de „ P r o Juven-

t u t e V e r e e n i g i n g " t e Soerabaia. Hoewel bij de o p r i c h t i n g de bedoeling v o o r z a t alleen onder Europeesche minderjarigen w e r k z a a m t e zijn, w e r d d i t beginsel reeds zes maanden na de stichting verlaten en sedert w e r k t de vereeniging voor jeugdige personen, ongeacht ras of afkomst. Steeds evenwel hield zij vast aan a r t i k e l 2 harer s t a t u t e n , luidende : „ D e Vereeniging heeft t e n doel de bestrijding van de c r i m i n a l i t e i t

van

jeugdige personen in Ned.-lndië". In

Mei

1920

werd

te

Klakah, waar de Vereeniging beslag had weten te leggen op

t e r r e i n e n , de eerste steen gelegd voor een Landbouwkolonie, welke reeds in het kon

worden

opengesteld.

Naast

het eigenlijke

landbouwbedrijf

bezit

geschikte

daaropvolgend

de kolonie

b l o e m e n t u i n , een varkens- en g e i t e n f o k k e r i j , een steenbakkerij en sedert k o r t ook

jaar

een groenten- en een

eenvoudigen

ambachtscursus. Naast de Landbouwkolonie bezit de Vereeniging te Soerabaia een doorgangshuis, waar de aan haar zorgen t o e v e r t r o u w d e pupillen een v o o r l o o p i g onderdak vinden, alvorens naar aard en aanleg hun definitieve b e s t e m m i n g te volgen. De

Roemer

Visscher

Vereeniging.

Deze d a t e e r t van 1905. Z i j stelt zich ten doel : Ie

het steunen in den meest uitgebreiden zin van het w o o r d van v r o u w e n en meisjes, die zich een zelfstandig bestaan zoeken t e verwerven en 2e het bevorderen van vakopleiding voor die vrouwen en meisjes. De R.V.V. verkreeg op 14 A u g . 1905 rechtspersoonlijkheid en van dat oogenblik af begon haar arbeid. De Vereeniging bezit thans over heel indië haar v e r t a k k i n g e n . Te Soerabaia beheert de R.V.V. het „ T e h u i s voor W e r k e n d e V r o u w e n en Meisjes" op P l a m p i t a n , een bloeiende naaiafdeeling en het Kleuterhuis in Embong Kenongo. „Vrouwen-

en

K i n d e r b e s c h e r m i n g".

De vereeniging van dezen naam w e r d hier in 1932

opgericht. Z i j v o r m t een t r a i t d'union tusschen andere vereenigingen, zooals Steun-Comité, R.V.V., Pro Juv e n t u t e , enz. Reclasseering

voor

volwassenen.

Aangemoedigd door de gunstige resultaten, v e r k r e -

gen in West-Java, w e r d in 1929 van Regeeringswege ook voor Oost-Java t e Soerabaia een landsambtenaar ')

374

Het oprichtingsjaar.


geplaatst^), nadat tevoren bij G.B. dd. 5 A u g . 1927 No. 19 het Centrale College voor de Reclasseering was ingesteld. Daar de reclasseeringsarbeid zonder hulp van het p a r t i c u l i e r i n i t i a t i e f vrijviel onmogelijk zou zijn, werden verschillende sociale instellingen als reclasseeringsvereeniging Zorg

voor

militairen

en z e e v a r e n d e n .

erkend.

In een havenstad als Soerabaia, waar tevens

de Marine is gevestigd, kon men op den d u u r niet zonder instellingen, waar den zeevarenden een vriendelijk tehuis w o r d t geboden en d o o r v e r s t r e k k i n g van goede lectuur als anderszins in hun geestelijke behoeften voorzien w o r d t . Op d i t gebied zijn hier de volgende reeds elders in d i t boek besproken vereenigingen w e r k zaam : het Christelijk Marinetehuis in de Hoffmanstraat ( I 9 2 4 - ) , R.K. Marine-Tehuis op Tembaan, M i l i t a i r Tehuis van het Leger des Heils aan de Lange G a t o t t a n , Nieuw Christelijk M i l i t a i r Tehuis aan den Reinierszboulevard ( I 9 3 5 - ) en het N e u t r a l e Zeemanshuis te Tandjong-Perak ( I 9 3 3 - ) . Woekerbestrijding.

Op 13 Maart 193 I w e r d de Soerabaiasche A n t i - W o e k e r v e r e e n i g i n g op-

gericht, welke van den beginne af een g r o o t e a c t i v i t e i t aan den dag legde en verschillende wantoestanden signaleerde, zoodat de a u t o r i t e i t e n moesten ingrijpen, teneinde aan de gewraakte misstanden een einde te maken. Naast het succes, dat de Vereeniging kon boeken, ondervond zij ook veel tegenstand. De woekeraars die zich door het optreden der S.W.V. bedreigd zagen, stelden vele pogingen in het w e r k o m de Vereeniging onschadelijk t e maken. Ned. Arbeid.

Ind.

Genootschap

Bovenstaande

opsomming

voor

Philantropischen

wil

beëindigen

ik

door

nog

en met

Maatschappelijken enkele

woorden

gewag

te

maken van deze in 1930 t o t stand gekomen stichting. H e t Genootschap stelt zich ten d o e l : „ b e v o r d e r i n g op neutralen grondslag van samenwerking op het gebied van het philantropisch en maatschappelijk w e r k , t o t meerdere bekendmaking, u i t b r e i d i n g en v e r b e t e r i n g

van dezen a r b e i d , in den r u i m s t e n

zin

van

het w o o r d " . K o r t na de o p r i c h t i n g w e r d het t i j d s c h r i f t „Maatschappelijk H u l p b e t o o n " uitgegeven. Vervolgens w e r d een „ B o e k e r i j voor Maatschappelijk W e r k " samengesteld, welke reeds meer dan 2500 deelen bevat. Van de overige werkzaamheden van het Genootschap m e m o r e e r ik nog de instelling van het Brokkenhuis in 1931, de uitgifte

van

het „ H a n d b o e k

lantropisch en Maatschappelijk W e r k en

West-lndië"

in

de „Opleidingsschool

1932 voor

en

de

voor

Phi-

in Ned. Oostoprichting

Maatschappelijk

van

Werk"

in 1933.

Het „Tehuis voor Werkende Vrouwen en Meisjes" der Roemer Visscher Vereeniging op Plampitan.

1) Zijn kantoor werd inmiddels wegens de malaise opgeheven. ^) Het oprichtingsjaar.


^


NIEUW SOERABAIA

A F D E E LI N G

9

SPORT EN ONTSPANNING

SPORT

HOOFDSTUK

HOOFDSTUK

2

ONTSPANNING EN V E R M A A K


0SPORT ) Voetbal. — Lichamelijke opvoeding. — Athletiek. — Tennis. — Korfbal. — Hockey. — Golf. — Motorsport. — De vliegsport. —Wielrennen. — Hippische sport. — Zwemmen. — Roeien. — Schieten. — Boksen krachtsport. — Schaken.

V V

o et bal.

O m s t r e e k s 1900 begon deze s p o r t zich t e Soerabaia in t e burgeren. Voetbal nam spoedig

de voornaamste plaats i n . In 1896 ontstonden hier de eerste t w e e echte voetbalvereenigingen „ S p a r t a " en „ V i c t o r i a " , v o o r n a m e l i j k dank zij het i n i t i a t i e f van de heeren P. Swens, A . Mesrope en de gebroeders A . C , J. en E. W . Edgar. O p het Missigitplein verrezen de eerste goalpalen en speelden de Spartanen en de V i c t o r i a nen hun w e d s t r i j d e n . Sedert dien werden t a l r i j k e clubs opgericht. De oudste, nog bestaande zijn : „ T . H . O . R . " ( T o t H e i l Onzer

Ribbenkast), opgericht op 2 M a a r t 1902, „ E x c e l s i o r " (I

April

1906), „ T i o n g

H w a " (1908) en

„ H . B . S . " (19 Januari 1913). Nog tal van andere vereenigingen zijn hier in den loop der j a r e n ontstaan ; s o m m i g e zijn al weer van het tooneel verdwenen. Er is bijna geen bevolkingsklasse of belangrijke groep van w e r k n e m e r s , of zij bezit haar eigen e l f t a l . Reeds in het beginstadium van de v o e t b a l s p o r t t e Soerabaia w e r d de behoefte gevoeld aan een bond, die dan ook in 1899 onder den naam „Soerabaiasche V o e t b a l b o n d " w e r d opgericht. Deze eerste „ S . V . B . " heeft slechts d r i e jaar bestaan. Daarop volgde de „Oost-Java Voetbal B o n d " , die omstreeks 1903 bestond en t o t 1910 in het leven is gebleven. In laatstgenoemd jaar r i c h t t e n de u i t den „ O . J . V . B . " getreden vereenigingen den thans nog bestaanden „Soerabaiaschen V o e t b a l b o n d " op, die tegen de v e r d r u k k i n g in groeide en nu steviger dan o o i t in het Soerabaiasche voetballeven staat. Er zijn hier steeds meer vereenigingen geweest, dan goede v o e t b a l t e r r e i n e n . „ T i o n g H w a " beschikt over de beste accomodatie, dan volgen de „ A r m e n i a n S p o r t i n g C l u b " , „ T h o r " ( m e t l i c h t i n s t a l l a t i e ) , „ E x c e l s i o r " , „ H . B . S . " , „ Z e e m a c h t " en „ M . L . D . " , die ook over behoorlijke velden beschikken, maar de overige t e r r e i n e n — misschien m e t u i t z o n d e r i n g van het „ A . D . O . " - v e l d op D a r m o —zijn niet bepaald up-to-date te noemen. Lichamelijke

opvoeding.

H e t is een verheugend verschijnsel, dat in den laatsten t i j d op verschillende scholen enkele uren per week besteed w o r d e n aan de lichamelijke o n t w i k k e l i n g der lingen. Sommige onderwijsinstellingen op v r i j e dagen onderlinge

organiseeren

wedstrijden, terwijl

enkele demonstraties van leerlingen op het Hwa"-veld

op een

leer-

bevredigend

peil

de

„Tiong

stonden.

De

eerste, die hier de lichamelijke opvoeding der jeugd op m o d e r n e wijze in j u i s t e banen leidde, was G. van Zoonen. Athletiek.

In

1921 w e r d

hier de „ N e d .

Ind. A t h l e t i e k B o n d " opgericht, welke als zelfstandige organisatie slechts enkele maanden heeft bestaan o m daarna, nog Geen doodgravers, maar voetbalenthousiasten uit „ A n n o dazumal".

in

hetzelfde jaar, in

( N e d . i n d . A t h l e t i e k Unie)

de

te w o r d e n

„N.I.A.U." opgenomen.

' ) Slechts de belangrijkste h i s t o r i s c h e feiten zal ik aanstippen. Beschouwingen, toelichtingen, eventueel zijn in een geschiedkundig werk als dit niet op hun plaats.

critiek,


Sinds genoemd is

de

atliletiel<

hier

oprichtingsjaar met

groote

sprongen vooruitgegaan. Jaarlijl<s w o r den eniceie athletiekdagen

gehouden

(o.a. tijdens de J a a r m a r l t t ) , w a a r v o o r het publielc wel belangstelling bezit. O o k het lange-afstand-loopen d o o r de stad, over afstanden van :± 10 k m , k o m t er meer en meer i n . Belangrijk u i t een propagandistisch oogpunt ties

V o e t b a l bij avond in den lichtschijn van krachtige stralenbundels.

van

den

waren de d e m o n s t r a Duitschen

kampioen

Dr. Peltzer en het s t a r t e n van den Hollandschen kampioen Jan Zeegers. Toen bleek echter duidelijk, dat de Soerabaiasche athleten nog lang n i e t het Hollandsche — o m maar niet t e spreken van het i n t e r n a t i o n a l e — a t h l e t i e k p e i l benaderen, doch de a n i m o stijgt en er is geen enkele reden o m aan t e nemen, dat men het hier, ook in de a t h l e t i e k , niet nog een heel eind zal brengen. Tennis.

In 1905 w e r d de nog bestaande „Soerabaiasche C r i c k e t en Lawn Tennis C l u b " opgericht,

die haar banen — toen nog aan den rand der stad gelegen — aan Embong Sawoe heeft. Sinds dien is het aantal beoefenaren van tennis e n o r m toegenomen en ook het spelpeil is sterk v e r b e t e r d . De Japansche Club levert verreweg het grootste contingent spelers van klasse. Tennis is de sport, die de Japanners het beste „ l i g t " . De jaarlijksche wedstrijden op de Japansche banen achter het Gemeentehuis, op Ketabang v o r m e n dan ook steeds een hoogtepunt in het Soerabaiasche tennisseizoen. Behalve de reeds genoemde banencomplexen, n l . aan Embong Sawoe en op Ketabang, bezit de stad nog diverse andere, waar m i n d e r bekende clubs beslag op hebben gelegd. O o k op de banen t e Kajoon, Ketabang Kali en in den Stadstuin w o r d e n jaarlijks wedstrijden georganiseerd. Korfbal.

D i t spel w o r d t hier nog b e t r e k k e l i j k weinig beoefend. Als de meest bekende club noem

ik „ E . D . O . " V e r d e r bezit de voetbalclub „ T h o r " een korfbalafdeeling, t e r w i j l ook de Padvinders het spel hebben geadopteerd. Tegenwoordig w o r d e n al stedenwedstrijden georganiseerd, welke gedurende de Kerstdagen van 1933 voor de eerste maal t e Soerabaia plaats hadden. Hockey.

Evenals k o r f b a l , is ook hockey een sport in o p k o m s t . O o r s p r o n k e l i j k w e r d zij bijna uit-

sluitend beoefend d o o r de Engelsche en Armenische ingezetenen van Soerabaia, doch sinds de komst van Ir. A n k e r m a n , die zelf in Holland de o r a n j e t r u i droeg, doen ook de Nederlanders mee. Golf.

Soerabaia bezit twee uitstekende golflinks. Op

Goenoengsarie

spelen de Engelschen, in

den laatsten t i j d ook vele Hollanders, op Karangmendjangan de A r m e n i ë r s .

De jaarlijksche

tournooien,

welke beide clubs organiseeren, v o r m e n een u i t m u n tende propaganda en al zal golf n i m m e r een volkss p o r t w o r d e n , het aantal beoefenaren van deze, juist v o o r de t r o p e n zoo geschikte sport, b r e i d t zich langzaam maar zeker u i t . Motorsport.

Niets heeft de o n t w i k k e l i n g

van het a u t o m o b i l i s m e in d i t land der voor het toerisme onbegrensde mogelijkheden kunnen

remmen.

Z o o k w a m het, dat ongeveer een k w a r t eeuw geleden Massa-demonstratie van sciioolkinderen.

379


hier de autohandel begon op t e k o m e n . De f i r m a Bouman m e t de „ R e n a u l t " , V e r w e y en Lugard m e t de „ F i a t " , de „ S p i j k e r " en de „ V l a m " , V e l o d r o m e m e t de „ R e o " en de „ H u m b e r " , L ' A u t o m e t de „ F o r d " ,

I

^iJMl^^^^^^^^^^^^^^^B^ÊÊÊÊt^JSÊHBÊM Ê, Ï^^^^^^^^WPB^^^W^PwIwIpwBIBBl

de „ M a x w e l l " en later de „ F . N . " en in de

daarop

volgende jaren nog diverse andere

gingen

firma's

^*^^ °P ^^'^ v e r k o o p van auto's toeleggen ; sommige uitsluitend m e t Europeesche, andere m e t A m e r i kaansche „ w a g e n s " . W i j l e n de heer C. J. J. H a b n i t , een belangrijke f i g u u r in de Indische a u t o w e r e l d en o p r i c h t e r ( i n 1909) van

„Het

Sportblad" (later

M o t o r " ) , organiseerde

toen

omgedoopt

in :

„De

al t o c h t e n , b.v.

naar

Malang, Poedjon, W e n d i t , Blauwwater, enz. Op die H e t clubhuis van de „Soerabaiasche C r i c k e t en Lawn Tennis C l u b " , w e l k e haar banen heeft aan Embong Sawoe.

ritten

hadden

de

autohandelaren

gelegenheid

de

capaciteiten van hun wagens t e toonen en bovendien, men kon elkaar zoo noodig helpen, zoodat men er zeker van was weer t i j d i g in de stad t e r u g t e zijn. De t o c h t e n , die men t o e n m a a k t e , hebben nu niets meer t e beteekenen, doch destijds plaatsten zij de deelnemende bestuurders voor bijna o n o v e r k o m e l i j k e moeilijkheden. Ik denk o n w i l l e k e u r i g aan dien eersten r i t naar Tosari in 1908. V e r d e r aan dien eersten a u t o t o c h t in 1910 naar Nongkodjadjar d o o r den heer Bouman Sr. O o k die eerste r i t in 1908 van den heer P. A . de Bont, over Malang en Poedjon (daar eindigde de weg) naar Paree, is het boekstaven w a a r d . Dat waren prestaties, welke nog w o r d e n geaccentueerd, als m e n , behalve de onvolkomenheid

der

m o t o r e n , ook de slechte wegen in a a n m e r k i n g neemt en bedenkt, dat op hulp der kampongbevolking niet viel t e rekenen, aangezien bij de nadering van een auto elk levend wezen zich op g r o o t e n afstand in veiligheid bracht. W e stappen, als we nu de stad in gaan, in een t a x i of d r i e w i e l e r , zonder te w e t e n , dat reeds in 1910 pogingen w e r d e n aangewend, o m een t a x i - o n d e r n e m i n g op t o u w t e z e t t e n , of dat er in 1909 reeds driewielers ( a u t o l e t t e n ) reden. V o o r de auto en v o o r de m o t o r f i e t s is op Java, dus ook in Soerabaia, nog een g r o o t e t o e k o m s t weggelegd. Devliegsport.

Te Soerabaia is v o o r het eerst „ g e v l o g e n " in

1909 en wel op Goenoengsa-

r i e , echter niet lang, o m d a t het toestel spoedig in onzachte aanraking k w a m m e t Moeder A a r d e . Daarmede was het m e t de „ v l i e g e r i j " v o o r l o o p i g gedaan. De eerste, die zich hier w e r k e l i j k in de lucht verhief, was Kuiler, Hij was op eigen gelegenheid naar Indië gekomen m e t Bouwmeester Jr. als manager en impressario. De noodige garantiesom van f 15.000.— bracht de Soerabaiasche burgerij bijeen, het c o n t r a c t m e t Bouwmeester w e r d geteekend en op Woensdag, 22 Maart 1911 des middags even over vieren v o l b r a c h t Kuiler zijn eerste goedgeslaagde vlucht boven het s c h i e t t e r r e i n t e Passer T o e r i e . O o k ballontochten werden hier omstreeks dien t i j d o n d e r n o m e n . Zelfs w e r d georganiseerd, waarbij

een

achtervolgingsrit

automobilisten

een, in de

ochtenduren opgestegen ballon, zoo goed en

zoo

kwaad als dat ging, over land moesten volgen. Bij een dezer

t o c h t e n viel

de ballon in Straat

Madoera;

een der i n z i t t e n d e n was de reeds eerder genoemde heer P. A . de Bont. H e t ongeval liep, wonder boven wonder, goed af. A u t o m o b i l i s m e uit den tijd van stofjassen en - b r i l l e n . Excursisten m a k e n een t r i p naar T o s a r i . ( F o t o - a t e l i e r O . K u r k d j i a n uit 1907.)

380


H e t duurde echter, zooals eigenlijk o v e r a l , t o t na den wereldbrand

eer

de vliegsport

werkelijk

vlucht n a m . Hilgers en Koppen, die

een

hooge

in 1927 m e t de

„ P o s t d u i f " naar Indië k w a m e n , behoorden t o t de voornaamste gangmakers. Er kwamen toestellen, waarmede m a a k t . Poulet een aardige

berekende

som, die

buitenlanders

passagiersvluchten voor

werden

een vlucht

niettemin

grif

f

werd

met ge-

125.—, betaald.

Chanteloup k w a m en waagde het in de Zandzee t e dalen. O o k hij nam passagiers mee, maar

de prijzen

waren t o e n al heel w a t bescheidener. Er werden vele pogingen gedaan; sommige m i s l u k t e n , andere slaagden, doch deze pogingen, welke ook m e n Het eerste zweeftoestel in Indié, even voor de eerste opstijging te Goenoengsarie In 1909.

schenlevens k o s t t e n , waren niet hebben

de basis gelegd

voor

vergeefsch, want de huidige Ned.

Vliegclub, waarvan in Februari 1933 een afdeeling t e Soerabaia w e r d opgericht. N u t e l t

zij Ind.

de stad reeds

enkele vliegenthousiasten, die men af en t o e door de klare luchten boven onze veste kan zien r o n d c i r k e l e n . Wielrennen.

Soerabaia is vroeger een wielerbaan r i j k geweest. W a a r nu Tegalsari l i g t , reden

in het begin van deze eeuw de „ p e d a a l r i d d e r s " r o n d . Deze bloeiperiode heeft echter niet lang geduurd en b e h o o r t nu weer t o t het verre verleden. Er worden thans soms weliswaar wegwedstrijden georganiseerd — v o o r n a m e l i j k d o o r rijwielhandelaren, die een bepaald m e r k propageeren — en de t i j d e n , welke d o o r de vooraanstaande renners w o r d e n gemaakt, zijn ook zeer behoorlijk, maar het wachten is toch op een, volgens de eischen des tijds ingerichte baan. Hippische

sport.

Er w o r d t hier al sinds 1874 — ik d u r f echter niet m e t zekerheid t e zeggen,

dat d i t het eerste jaar was —aan paardensport gedaan. Op 3 en 4 Juli werden wedrennen gehouden op een „ b a a n " , welke overal beter geschikt v o o r was, dan v o o r het bestemde doel. U i t de vele kuilen en gaten van het schietterrein op Pegirian kropen krabben te voorschijn, die zich aan de paardenstaarten vastklampten en zoodoende den ren, ten ongerieve van de hardloopende dieren, gratis meemaakten. Op dergelijke kleinigheden w e r d echter niet gelet. De rennen slaagden dan ook boven verwachting, zoodat al spoedig de „ R i j c l u b Sawaan" w e r d opgericht, welke, zooals de naam trouwens aangeeft, zich in genoemd stadsdeel installeerde. In 1878, tijdens het Landbouwcongres, hadden de eerste races op Sawaan plaats, alweer onder zeer g r o o t e belangstelling. Als

jockeys fungeerden v o o r n a m e l i j k

bereden wapens. Slechts een enkele Cresus kon zich v e r o o r l o v e n , zijn paarden door

officieren

der

buitenlandsche

jockeys t e laten r i j d e n . O p de „ R i j c l u b Sawaan" volgde de „Soerabaiasche jockey C l u b " , welke in 1879 rennen uitschreef op het schijfschietterrein te Simo. Daarna k w a m een lange periode, waarin te Soerabaia in het geheel geen races werden gehouden. Thans berust de organisatie op het gebied der paardensport sinds 1925 bij het bestuur der Soerabaiasche H a r d d r a v e r i j - en Renvereeniging, welke een up-to-date baan op Sawaan bezit. Zwemmen.

T o t 1924 had Soerabaia geen z w e m i n r i c h t i n g . In dat jaar bouwde N. J. Avoocaat

het bad „Soerabaia H a v e n " . O p de opening der i n r i c h t i n g volgde p r o m p t de o p r i c h t i n g van de Soerabaiasche

Het toestel van Kuiler, even nadat het op 22 Maart 1911 uit de bamboe hangar was gereden om de eerste vlucht in Indié te maken. Militairen verleenden daarbij hulp, terwijl het publiek op grooten afstand werd gehouden. Deze historische eerste opstijging had hier plaats op het Passer Toerle-terrein en werd naar schatting bijgewoond door tienduizend toeschouwers van verschillende landaarden. Küller's vliegmachine was een ééndekker met een 8-cyllnder-motor In V-vorm.

381


LINKS : RECHTS :

De tribunes van de Soerabaiasche Harddraverij- en Renvereeniging op Sawaan. Een gedeelte van de moderne renbaan op Sawaan.

Z w e m - en Polo-Club „ D e K r o k o d i l l e n " ' ) , t e r w i j l w e l d r a ook de damesvereeniging „ D e W a t e r j u f f e r s " - ) het levenslicht aanschouwde. Nog w a t later^) r i c h t t e n enkele ex-leden van „ D e K r o k o d i l l e n " de S. Z . en P.C. „ N e p t u n u s " op. In 1925 had Avoocaat het zwembad „ B r a n t a s " op Goebeng gebouwd, dat ongeveer in het c e n t r u m der w o o n w i j k e n l i g t en een g r o o t e aantrekkingskracht op de zwemliefhebbers uitoefent. In dien t i j d t r a d e n op den v o o r g r o n d N. R. S t u r k o p (de Hollandsche springkampioen) en J. Snoek. Beiden namen in

1927 het

i n i t i a t i e f t o t de o p r i c h t i n g van den „Oost-Java Z w e m - B o n d " , die niet alleen te Soerabaia, doch in den geheelen Oosthoek u i t n e m e n d propagandistisch w e r k heeft v e r r i c h t . In de laatste jaren zijn de gelederen der z w e m m e r s zeer v e r s t e r k t . O o k de Marine kreeg haar eigen z w e m b a d aan den Oedjoeng. D i t was het derde in de stad en t e r w i j l ik d i t schrijf, is reeds het vierde z w e m bassin op Tegalsari In aanbouw. Roeien.

Te Soerabaia w o r d t reeds sinds ongeveer 30 jaar geroeid. In den beginne gebeurde d i t op

p r i m i t i e v e wijze. Mevrouw W i l s o n , die aan de Kali Brantas w o o n t , stond in 1904 een oude w h e r r y in bruikleen af aan eenige roei-enthousiasten, waarschijnlijk niet vermoedende, dat zij daarmede den grondslag legde v o o r het roeileven in Indië. Hoewel

de w h e r r y

niet bepaald

Brantaswaardig was, beoefende men er hardnekkig de roeisport mee.

W e l ontstond — en d i t kon m o e i l i j k anders — het verlangen naar betere booten. In 1907 k w a m de leiding van de inmiddels opgerichte „Roeivereeniging B r a n t a s " * ) in goede handen. De oud Njord-Henley-roeier M r . J. B. A . Vreede^) nam de teugels van het bewind over en sinds dien bewoog het roeileven zich in opwaartsche lijn. De O o r l o g was voor de Roeivereeniging een voordeel, want t e r w i j l

het niet

indirect

mogelijk was,

nieuwe booten t e laten u i t k o m e n , was het zeer goed mogelijk de c o n t r i b u t i e te incasseeren, w a t dan ook naarstiglijk geschiedde. Z o o had „ d e Brantas" na den wereldbrand een aardige som in kas, w a a r v o o r nieuwe booten konden worden aangeschaft. Tevens w e r d een begin gemaakt m e t de v o r m i n g van een fonds voor den bouw van een nieuw clubgebouw, dat op 19 September 1925 officieel in gebruik genomen w e r d . W a t betreft het aantal booten in verhouding t o t het aantal leden, kan „ d e Brantas" de vergelijking

Het oude roeihuisje aan Kajoon.

1) Opgericht op 14 April 1924. ^) Opgericht op 13 April 1925 en ontbonden in 1933. 4 n.l. op 2 Maart 1926. *) De statuten der Vereeniging werden goedgekeurd bij Besluit van den Gouverneur-Generaal van 8 Februari ^) Hij trad op 10 Sept. 1917 als voorzitter der Vereeniging af.

382

1908.


m e t Hollandsche vereenigingen glansrijk doorstaan en ook de roeiprestaties, welke in de jaarlijksche wedstrijden w o r d e n geleverd, zijn lang niet

slecht,

wat

ook wel begrijpelijk is, als men weet, dat de kern van de Roeivereeniging u i t ex-universiteitsroeiers bestaat. De w o o r d e n , waarmede in 1908 het eerste jaarverslag eindigde, mogen ook thans nog gelden: „ V i v a t crescat, f l o r e a t ad a e t e r n u m " . S c h i e t e n . De „ K r o o n p r i n s der N e d e r l a n d e n " , in welke vereeniging de Soerabaiasche schutters hun schietvaardigheid m e t e n , is een der grootste en oudste schietclubs in Indië. Z i j w e r d in 1871 opgericht. Twee jaar later w e r d het eerste concours ge_

Een kijkje over het roeiwater, gezien van het platte dak van

houden, onder leiding van de heeren Bouricius en De ^et stijlvolle nieuwe clubgebouw der „Roeivereeniging BranGraaf, toen respectievelijk v o o r z i t t e r en secretaris. *»='"• (P°t° ^ J . van Benthem Jutting.) Behalve door de Soerabaianen, was door de schietvereeniging „ W i l l e m I I " u i t Grissee en „ S t H u b e r t " u i t Toeban ingeschreven, t e r w i j l uiteraard ook Land- en Zeemacht vertegenwoordigd waren. In 1876 verhuisde de „ K r o o n p r i n s " naar de thans nog bestaande schietbanen op Tembaan, waar nu evenwel nog slechts m e t kleine wapens mag worden geschoten. V o o r concoursen op zware wapens maakt men gebruik van de m i l i t a i r e schietbanen op Goenoengsarie. H e t praedicaat „ K o n i n k l i j k e " , dat t e r gelegenheid van het 50-jarig bestaan w e r d verleend, was een waardige belooning voor de juiste wijze, waarop deze vereeniging steeds w e r d geleid en t o t bloei gebracht. B o k s - e n k r a c h t s p o r t . De bokssport is hier niet jong meer. Z i j l i j d t echter sinds haar geb o o r t e een kwijnend bestaan en er is geen reden o m aan te nemen, dat in dezen toestand binnen afzienbaren t i j d verandering zal komen. In één adem m e t de bokserij kan de k r a c h t s p o r t worden genoemd, welke — ook niet georganiseerd — haar aanhangers voornamelijk heeft in enkele Chineesche vereenigingen. Schaken. Tenslotte nog iets over schaken. De „Soerabaiasche Schaakclub" is de oudste en de grootste der nog bestaande schaakvereenigingen in indië. Z i j w e r d opgericht op 18 November 1896 m e t 14 leden, als gevolg van de in December 1894 aangevangen wekelijksche samenkomsten van de drie schaakvrienden : F. C. E. Bousquet, destijds hoofdredacteur van de „ B i n t a n g Soerabaja" ( o v e r l . te Soerabaia in 1905), S. J. Veenstra, ingenieur, later h o o f d i n g e n i e u r van het Marine-Etablissement (overleden te 's Gravenhage in 1925) en ir. M. F. Onnen, leeraar aan de H.B.S. Bij G.B. van 30 Januari 1917 no. 50 werd de Vereeniging als rechtspersoon erkend.

Een kijkje in een der Soerabaiasche zwembaden.

383


0

ONTSPANNING EN VERMAAK. Een karakteristiek. — Drie perioden. — Drie hoogtepunten uit de derde periode : bioscoop, dancing en radio. — Een opsomming t o t slot.

f

oo a r m als Soerabaia is aan cultureele instellingen, zoo r i j k en gediffentieerd is het vermaaksleven hier.

De stad ontleent haar beteekenis en opbloei aan Handel en Cultures, aan Scheepvaart en Industrie. Er w o r d t geploeterd, gesjouwd en gesjacherd, van 's morgens vroeg t o t vaak laat in den middag gezwoegd o m de materieele

belangen der verschillende f i r m a ' s te behartigen. Daarna w i l men even uitblazen o m zich

dan te v e r z e t t e n . D. C. M. Bauduin beschrijft in zijn boek „ H e t Indische L e v e n " ^) die s t e m m i n g na sluiting der kantoren op de volgende rake wijze : „ V i j f uur in den middag. Een eindelooze s t r o o m van auto's schiet u i t den nauwen t r e c h t e r , die de slokd a r m is van de benedenstad, m e t veel meer dan maximum-snelheid naar boven over het weeke asfalt. Daaronder zijn luxe-wagens, prachtstukken van Europeesche fabrieken, maar ook rammelende A m e r i k a n e n en m e t ijzerdraad bijeengehouden taxi's. Maar in elk dier voortijlende voertuigen liggen of hangen een of meer bleeke en amechtige wezens moe, bezweet, suf, groezelig, m e t doffe hersens, k l a m , kapot

De handel

gaat naar huis ! „ E n al die bleeke verfomfaaide wezens koesteren onder het voortjachten in hun moede hersens naast het t o t obsessie geworden gepieker over suiker, koffie, tabak en wisselkoersen een bot en i n s t i n c t m a t i g verlangen naar een kop thee, een pyjama, een bad en ook naar

slaap. N i e t slechts de visch w o r d t

duur

b e t a a l d ! En in duizend huizen speelt zich dan over een poos hetzelfde tooneel af: de huisheer in p/jama loopt v o o r z i c h t i g op zijn sloffen over het g r i n d en v l i j t zich in een langen stoel bij de theetafel in zijn t u i n . Daar wacht hem zijn f a m i l i e . A l r a s bengelt nu een pantoffel aan een blooten teen en gaan t w e e moede oogen dicht. De beste echtgenoot, de braafste vader praat nu niet m e t v r o u w en kirrderen. Een poos is hij lamgeslagen, de k r a n t o n t g l i p t zijn slappe hand, zijn thee blijft onaangeroerd. Eerst als de schemering k o m t en de eerste muskieten beginnen t e steken, herleeft in hem genoeg energie v o o r een slag naar den kwelgeest en v o o r een leelijk w o o r d . Dat is Soerabaia. „Soerabaia, stad van leven en van licht. N i e t als Batavia, dat

in zijn ontzaglijke uitgestrektheid

en

m e t zijn bevolking van een half m i l l i o e n o m acht uur 's avonds

reeds

uitgestorven

in Indische

donkerte

neerligt o m t e rusten van den langen, w a r m e n dag. In Soerabaia weet men nog van geen ophouden. H i e r v l a m m e n nu overal de lichtreclames en knipperen m e t

Het feestgebouw der Simpangsche Sociëteit. De uitbreiding werd uitgevoerd door de H o l l . Beton Mij naar een ontwerp van Job en Sprey. (Foto Fotax.)

1) Uitgave van : H. P. Leopold's Uitg.-Mij, 's Gravenhage, 1927.

384


hun vurige oogen,hier stralen nu de w i n k e l kasten ook tingstijd

na

slui-

nog in een

zee van licht. H i e r is het ook 's avonds nog volle, volle d a g . " Dan vangt het vermaaksleven aan. In de ontwikkelingsgeschiedenis van het amusementsleven Soerabaia perioden kennen. vangt

zijn

te drie

te

onder-

De

eerste

ongeveer hon-

derd jaar geleden aan. Ontspanning en vermaak

concentreer-

den zich toen nog in den huiselijken k r i n g . De knusse, moderne eetzaal der Simpangsche Sociëteit. (Foto Fotax.)

Men k w a m bij elkaar op

bezoek,

doodde

t i j d en verveling m e t praten, dansen, d r i n k e n , kaarten en musiceeren. Daarop volgde de tweede periode, w a a r i n het vermaaksleven zich hoofdzakelijk afspeelde in soos en schouwburg^). De laatste is verdwenen, ten offer gevallen aan de handen van sloopers ; een handelspaleis is er voor in de plaats gekomen. O o k het soosleven heeft een f l i n k e n knauw gekregen. Soerabaia's oudste sociëteit ,,Concordia" w e r d , na een kwakkelend bestaan gedurende een lange reeks van j a r e n , begin 1935 o n t b o n den. „ M o d d e r l u s t " en de „Simpangsche Sociëteit" bestaan nog, zijn zelfs in fraaie gebouwen gehuisvest, doch beider glansperioden liggen in het verleden. N a a r m a t e de stad zich uitbreidde en het aantal inwoners t o e n a m , het leven in al zijn lagen gecompliceerder en gedifferentieerder w e r d , wijzigden zich ook soort en aard van het vermaak. Veel veranderde in naam, w a t in wezen gelijk bleef, maar eveneens verrezen t a l van nieuwe inrichtingen-van-plezier

Steeds

kleiner w o r d t de klove, welke de vermaaksmogelijkheden hier scheidt van die in het buitenland. Soerabaia behoeft in d i t opzicht zeker niet onder te doen voor welke stad ook m e t een gelijk aantal (Europeesche) ingezetenen. Deze derde periode is hier een jaar of 10, 15 geleden ingetreden. Als ik de chaos van feiten en namen, b e t r e k k i n g hebbende op het vermaaksleven u i t de laatste d e r t i g j a r e n , in gedachten doorzoek, dan doemen drie punten voor me op. Bioscoop, dancing en radio hebben aan vele tienduizenden personen van verschillenden landaard, aan rijken en m i n d e r gesitueerden, aan jong en oud, afleiding en ontspanning bezorgd. Z i j hebben het b e t r e k k e l i j k vlakke, inhoudlooze vermaaksleven in het begin van deze eeuw een diepere, w a r m e r e kleur geschonken, het op een hooger peil en een breedere basis gebracht. Het vermaak, dat vroeger slechts voor een b e t r e k k e l i j k kleine categorie van personen was weggelegd, is nu, v o o r n a m e l i j k dank zij de u i t v i n d i n g en verdere o n t w i k k e l i n g van f i l m en radio, v r i j w e l gemeengoed geworden. De f i l m w e r d hier het eerst

ingevoerd door een Britsch-lndiër,

een

zekeren Joesoef, die

in

1905 en '06 m e t een zeildoeksche t e n t , een simpel projectie-apparaat en een serie k o r t e „ t r i l b e e l d e n " van plaats t o t plaats d o o r den Indischen archipel t r o k . Veel is er van den man niet t e v e r t e l l e n . Z i j n ') Voor uitvoerige bijzonderheden verwijs ik naar de tiende afdeeling (Kunst en Vermaak) van mijn „Oud-Soerabaia", biz. 333 e.v.

385


„ g a m b a r i d o e p " ^), welke gevestigd was onder een g r o o t e n djoewetboom^) op het t e r r e i n langs de tegenw o o r d i g e „ h o o g e b a a n " , t e n N o o r d e n van het gebouw van den Raad van Justitie, w e k t e lederen avond de g r o o t e belangsteliing van de ingezetenen, vooral van de Inheemschen. De oud-Soerabaiaan C. J. U m b g r o v e wist me te v e r t e l l e n , dat die Britsch-lndiër de eerste, misschien ook wel de eenige opnamen van den Japansch-Russischen o o r l o g vertoonde. Na hem k w a m Salzwedel, die m e t Etty samendeed en op de zelfde plaats in een bamboeloods zijn r o l p r e n t e n afdraaide. Lang heeft d i t

niet geduurd. H e t compagnonschap w e r d ontbonden. Salzwedel

v e r t r o k naar Semarang en w e r d opgevolgd, eerst d o o r Johannes, later d o o r V a r d o n . O n d e r w i j l was U m b g r o v e in een zinken loods — e r zat c l i m a x in de

wijze van behuizing

der

f i l m o n d e r n e m i n g e n — de Oost-Java Bioscoop begonnen. Die loods, waarnaast na eenigen t i j d de SireneBioscoop verrees, stond op een t e r r e i n , gelegen tegenover het gebouw van den Raad van Justitie, waar nu het Gouverneurskantoor ligt. Daar werden de eerste A s t a Nielsen-films v e r t o o n d , die het publiek prachtig vond. U m b g r o v e m a a k t e zulke goede zaken, dat hij besloot, mede in verband m e t de ondervonden moeilijkheden bij den inhuur van den gouvernementsgrond, o m een permanent t h e a t e r te stichten. Hij koos daartoe de Bierhal van Oei Moo L i e m u i t , gelegen aan het Bultzingslöwenplein. In 1913 w e r d in het geheel gerestaureerde gebouw de Oost-Java Bioscoop gevestigd. H e t t h e a t e r , dat g r o o t , r u i m en luchtig was en een goed gebouwd tooneel bezat, viel bij het publiek bijzonder in den smaak. Hoe g r o o t het w e l was, kan men opmaken u i t het f e i t , dat er 1001 zitplaatsen in waren. Behalve f i l m v e r t o o n i n g e n , werden er o . m . ook variété- en operetteopvoeringen gegeven. H e t DuitschIndische Operettegezelschap, dat in 1914 voor de Koloniale T e n t o o n s t e l l i n g t e Semarang uitgekomen en hier was blijven hangen, vierde er t r i o m f e n . De namen van Hanna Mund, A r t h u r Elstorf en Franzel w e k k e n bij oud-Soerabaianen nog steeds herinneringen op aan avonden van j o l i j t en a r t i s t i e k genot. Dr. A . J. A . Prange, die van 1907—'16 d i r e c t e u r van de H.B.S. was, b e w e r k t e eens voor een speciale f i l m de m u z i k a l e begeleiding. De m u z i e k w e r d op den avond der v e r t o o n i n g d o o r meer dan 100 executanten u i t gevoerd. N i m m e r tevoren en ook n i m m e r daarna is een f i l m door zulk een g r o o t en uitstekend ingespeeld orkest muzikaal geïllustreerd. De baten werden afgestaan aan het „Studiefonds Oost-Java", dat naar aanleiding van de v i e r i n g van hét 40-jarig bestaan der H.B.S. t e Soerabaia, op i n i t i a t i e f van D r . Prange, opgericht en bestemd was o m „ o n b e m i d d e l d e jongelieden van aanleg en van goed gedrag bij hunne verdere studie in Europa t e ondersteunen". in 1918 t r o f den eigenaar een g r o o t e r a m p . H e t geheele gebouw brandde uit. Meer dan IOOJOOO meters f i l m gingen v e r l o r e n . D i t was het einde van de Oost-Java Bioscoop, doch spoedig verrezen weer nieuwe theaters. E. V. Hélant Muller schiep in 1919 op den hoek van Kranggan en Boeboetan een v e r m a a k s c e n t r u m , in hoofdzaak bestaande uit een d r i e t a l

bioscopen, waarvan één was ingericht als openluchtbioscoop voor

Inlanders en een ander tevens als theater.

Aloon-Aloon Tjontong, t w i n t i g jaar geleden, toen de stoonntram nog door de stad reed. Rechts: liet Bultzingslöwen-monument. In liet midden : de Oost-Java bioscoop, annex restaurant, dat in 1918 uitbrandde.

^) Levende beelden = bioscoop. ^) Djoewet (Jav.) = Eugenia Jambolana, is een dikke boom met korte stam. De donkerpaarse langwerpige, vaak gekromde vruchten ter grootte van een olijf, smaken zoet en worden gegeten.

386


•m^

LINKSRECHTS:

Een reeks versierde auto's, welke deelnam aan het bloemencorso tijdens de Jubileumfeesten (30 Aug. t o t 6 Sept. 1923). Versierde prauwen op de Kali Mas tijdens de Jubileumfeesten.

In d i t t h e a t e r gaf de „ O r i g i n a l W i e n e r O p e r e t t e " ( d i r e c t e u r J. van W i j k ) tal van uitstekend geënsceneerde opvoeringen o.a. van „Das Hollandweibchen", „ D i e Czardasfürstin" en „ D i e Blaue M a z u r " . Bijna avond aan avond traden de a r t i s t e n , onder vyie RosI Schack, Hans Steilau, O t t o

Beek, Bobby N e l t o n en K u r t

W i t t e l s bijzondere v e r m e l d i n g verdienen, m e t g r o o t succes op. Van W i j k maakte goede zaken, doch was een slecht financier. Toen hij zijn a r t i s t e n niet of zeer ongeregeld betaalde, ontstond er zoo'n hevige ruzie, dat het operettegezelschap u i t elkaar spatte. Er zijn hier in den loop der jaren vele gebouwen geweest, waarin f i l m s werden v e r t o o n d , o.a. in het Stadstuin-, Concordia- en Simpang Theater. Naast laatstgenoemd theater, dat na een langen t i j d gesloten te zijn geweest, in „ M a x i m " w e r d omgedoopt, lag i n t e r t i j d — tegenwoordig is er een winkelgalerij — het Simpang Restaurant. H e t zou v o l k o m e n misplaatst zijn, o m in een w e r k als d i t , waarin de historische o n t w i k k e l i n g van verschillende Soerabaiasche instellingen slechts in groote lijnen w o r d t beschreven, de namen op te sommen van de vele hier geopende

en vaak

reeds lang weer gesloten bioscopen. Ik volsta daarom m e t

te

constateeren, dat deze stad thans een aantal moderne, luchtige bioscooptheaters bezit, die alle voorzien zijn van geluidsfilm-installaties. Dezelfde o n t w i k k e lingsgang, die de f i l m elders heeft gevolgd, heeft zij ook h i e r d o o r loopen,

slechts

met

d i t kleine verschil, dat het stadium van den expl icateur w e r d overgeslagen. De muzikale begeleiding

van

de

reeks van beelden op het w i t t e doek stond echter, op een enkele uitzondering na, niet op hetzelfde peil als

Interieur van Soerabaiasche

een der dancings.

387 2£aaii£fe_


in

Europa, maar

dit

onderscheid l<wam in begin I 930 m e t de invoering van de „sprel<ende" f i l m

te

ver-

vallen. Een

andere

soort

vermaaksgelegenh e i d , die men hier in de vorige eeuw niet kende, is de dancing. Gedanst w e r d er ook vroeger

veel,

maar

slechts in den men

kring

intie-

van

het

huisgezin, of in de sociëteiten. werkelijke

De

. ^

eerste

dancing

w e r d hier pas medio

Het in 1930 geheel omgebouwde complex van het voormalige Simpang-restaurant, Boven : een dancing (eerst de „Cercle A r t i s t i q u e " , nu „Cercle Hellendoorn"), beneden : een winkelgalerij.

1923 geopend. De p r o m o t o r s van de „ C e r c l e A r t i s t i q u e " — zoo heette die dancing — waren de veelzijdige Dick van Driest en mevr. J. Ie Rutte. Na dien heeft Soerabaia nog vele andere dancings zien verschijnen en verdwijnen. De voornaamste zijn wel geweest : „ H o l l y w o o d " , „ G a i e t é " , „ C e r c l e I n t i m e " , „ C h a n t e c l a i r C l u b " , en niet t e vergeten het cabaret „ M o u l i n Rouge" annex de dancing „ F l o r i d a " , waar „ R o o i e Sien" m e t krachtige hand regeerde en men zijn geld en huwelijksgeluk vlot kon verliezen. Sommige van die inrichtingen beconcurreerden elkaar f e l , vinnig, lang niet altijd op eerlijke wijze. Kapitalen werden verspild, die voor n u t t i g e r doeleinden besteed hadden kunnen w o r d e n . Tegenwoordig is de „ C e r c l e H e l l e n d o o r n " , die een tweetal dancings e x p l o i t e e r t , oppermachtig. „ D e r D r i t t e i m Bunde" is de radio. Z i j bezit een interessante voorgeschiedenis, die omstreeks 1921 aanvangt. In dien t i j d was de liefhebberij in Indië voor de radio te Soerabaia het sterkst

ontwikkeld.

V o o r l i c h t i n g op het gebied der radio bestond er nagenoeg nog niet, zoodat het begrijpelijk is, dat de amateurs er behoefte aan hadden o m hun ervaringen en gedachten u i t te wisselen. D i t kan het best geschieden in vereenigingsverband en zoo ontstond de Ned.-Indische Vereeniging voor Radiotelegrafie (N.I.V.v.R.). De moeilijkheden, welke de amateurs hadden te overwinnen, waren legio. Slechts zij, die over een g r o o t e dosis energie beschikten en volharding aan handigheid paarden, konden in hun liefhebberij geheel opgaan. Onderdeelen kon men nog niet koopen, zoodat men afstemcondensatoren, t r a n s f o r m a t o r e n e.d. zelf moest maken. De eerste lampen, welke de amateurs in handen kregen, waren afkomstig van radio-installaties van schepen en van de Marine. Later werden zij door Radio-Holland bij A k i z verkrijgbaar gesteld, in 1922 ontstond hier de eerste radiozaak in Indië, n l . de N. V. Electrotechnisch V e r k o o p k a n t o o r (Elveka). Het w e r d toen voor de

radio-amateurs reeds

heel w a t

gemakkelijker o m hun eigen toestellen te bouwen.

Het voormalige^Simpangrestaurant in 1924. Rechts: de „Gartenlaube", waar het 's avonds gezellig zitten was. Links in den hoek : het voormalige Simpang(bioscoop)theater, dat na verbouwd en gemoderniseerd te zijn, in Maxim-Theater werd omgedoopt.

388


Behalve op technische, s t u i t t e men spoedig ook op juridische rroeilijl<heden.

Er bestond nl. een luisterverbod, waarbij het

verboden v/as, een radio-ontvangtoestel eerste n u m m e r

van het op 15

te

November

b e z i t t e n . In 1923

het

verschenen

maandblaadje „ O n z e A n t e n n e " , der N.I.V.v.R. v/erd d i t verbod becritiseerd. In samenwerking m e t de Soerabaiasche dagbladpers en de Handelsvereeniging w e r d al het mogelijke in het w e r k gesteld o m het opgeheven te krijgen. V o o r d i t doel w e r d zelfs een deputatie naar den Gouverneur-Generaal gezonden. Het

resultaat der actie was, dat er een testcase w e r d inge-

steld. H. J. de Ruyter, mededirecteur van de N.V. „ D e Indische Courant", werd

op Donderdag, 23 December

1923 voor den

Raad van Justitie gedagvaard. H e m w e r d ten laste gelegd : „ h e t aanleggen van een telegraaf of telefoon, waarbij de toestellen op de eindpunten niet

onderling door draden of geleidingen

zijn

v e r b o n d e n " . „ D e Indische C o u r a n t " ving namelijk in die dagen (buiten „ A n e t a " o m ) de door het

station Nauen uitgezonden

persberichten op en publiceerde ze. Het dagblad w e r d t o t een boetebetaling van f 100.— veroordeeld, t e r w i j l het inmiddels in beslag genomen toestel w e r d

Verlichte stadsgedeelten tijdens de Jubileumfeesten. Beneden: de voormalige Wilhelminatoren op de Oedjoeng, boven : een deel van het verlichte Kroesenpark.

vrijgegeven.

In hooger beroep w e r d de boete teruggebracht op f 2 5 . — e n bepaald, dat zij was opgelegd, w i j l er door den P.T.T.-dienst geen vergunning was verleend. Een nieuwe actie w e r d ingezet, o m die

vergunningen t e verkrijgen. De eerste w e r d officieel in 1925 v e r s t r e k t tegen een r e t r i b u t i e van f 8.—'s jaars. O n d e r w i j l had de N.I.V.v.R. een propagandacampagne ingezet. Op het 1923 m e t t o e s t e m m i n g van den Gouverneur-Generaal volgend jaar w e r d

het eerste telefoniezendertje

een zend- en

gebouwd

j a a r m a r k t t e r r e i n w e r d in

ontvangstation

opgesteld. In het

en in 1925 voor de eerste maal eenigszins

genietbare muziek uitgezonden. W e e r een jaar later w e r d de vereenigingszender overgebracht

naar het Kunstkringgebouw

thans de N i r o m

is gevestigd.

in Embong Malang,

Met behulp van den

waar

inmiddels

sterk verbeterden zender werden dagelijks programma's uitgezonden. De radio o n t w i k k e l d e zich in een snel t e m p o . Op 10 November 1927 gelukte het F. W e y r i c h , een van de pioniers in Indië op het gebied van het radio-amateurisme, o m een geregeld telefoongesprek t o t stand te brengen tusschen den vereenigingszender 3 A . N. en den amateurszender P. K. I. D i t

„wapenfeit"

w e r d door de N.I.V.v.R. beloond m e t een fraaien beker. in 1928 ontstond een groote o m m e k e e r . De N.I.V.v.R. viel in een aantal plaatselijke radiovereenigingen uiteen. Zoo w e r d hier op 15 Januari van genoemd jaar de Soerabaiasche Radiovereeniging

(S.R.V.)

opgericht,

welke

op 6 Juli

Embong Malang naar Simpang verhuisde studio

d.a.v.

van

en daar een nieuwe

opende. Sprongsgewijze maakte de radio-omroep vorderingen. In

Augustus

1929 w e r d

een

bezoldigde

omroeper

aangesteld.

Orkesten speelden in de studio, zangeressen traden voor de microfoon op, zelfs een elftal operavoorstellingen w e r d uitgezonden. H e t aantal leden nam e n o r m toe. in 1934 k w a m het v r i j abrupte einde der S.R.V., die op 29 Maart haar werkzaamheden aan de Ned. ind. Radio O m r o e p Mij

389


( N i r o m ) overdroeg.^) H i e r m e e zijn w i j in de jongste periode van de ontwikkelingsgeschiedenis

der

radio

te Soerabaia beland. Moest men zich een jaar of t i e n geleden m e t wat

klankengesputter

en

muziekflarden

uit

zijn

eigengemaakt toestel tevreden stellen, nu draait men maar aan een knopje en haalt de wereld in huis. De radio heeft Indië u i t zijn isolement helpen verlossen en het aantal vermaaks- en ontspanningsmogelijkheden aanmerkelijk vergroot. Ik zou nog vele andere facetten van het Soerabaiasche leven van ontspanning en vermaak kunnen

H e t Luxor-theater,

toonen en o.m. wijzen :

copen,

— op de

vele

eetgelegenheden

in

de

gebouwd

een d e r

in

1927.

moderne

Een

Soerabaiasche

bios-

magnesiumopname op den

openingsavond van het t h e a t e r .

stad,

waar gastronomen aan Inlandsche, Chineesche, Japansche Hongaarsche

en w a t

al kostjes

meer

zich

kunnen verzadigen ; — op het knusse „ Z e e z i c h t " te Perak, gelegen aan het einde van de lange donkere „ l o v e r s l a n e " , aan zee, nabij het piertje en zijn „ l a m p o i d j o " ^), een baken voor de scheepvaart en verliefde paartjes ; — op de gezellige

weekendtrips

naar de koele bergoorden, mogelijk geworden d o o r de snelle

o n t w i k k e l i n g der a u t o m o b i e l i n d u s t r i e en de verbetering van het wegenstelsel ; — op de interessante excursies, georganiseerd d o o r de N«d. Ind. Natuur-Historische

Vereeniging

of door het Stedelijk Historisch Museum, naar de bezienswaardigheden van den Oosthoek ; — op het optreden voor eigen rekening van artisten als Anna Klaasen, Louis Davids, A n t o n Verheyen en „ D e spelers van Stad en Lande", Poldi — „ d e r

schone P o l d i " — Reiff, G e e r t r u i d a

van

Vladeracken

en Jan Poortenaar, Jan Mulder en Elly van Stekelenburg e.a. ; — op de i n t i e m e bridge-avondjes thuis of in de soos ; — op de taptoe's door de stad, waaraan oud en jong deelnemen ; — op de tailooze andere, nog ongenoemde vermakelijkheden (circussen, modeshows, pleiziervaarten, enz.), maar ik meen m e t het bovenstaande voldoende te hebben aangetoond, dat Soerabaia niet alleen kan bogen op zijn handel en nijverheid, op zijn havens en fabrieken, op zijn weelderige winkels en schoone gebouwen, maar dat Soerabaia zich ook daarop kan beroemen, dat het een stad is, die het leven weet t e veraangenamen, die v e r s t r o o i i n g biedt zoo velerlei

manier, dat

een ieder zich

op

eigen wijs en naar

op

eigen

aanleg kan v e r m a k e n .

^

Een tafereel van de in M a a r t 1911 door de z a n g - e n orkestvereeniging „ D i l i g e n t i a " opgevoerde o p e r e t t e „ D e r G r a f von L u x e m b u r g " . „ D i l i g e n t i a " w e r d hier op initiatief van Constant van de W a l l opgericht op I O c t o b e r 1907. Er w e r d een koor g e v o r m d van 2 4 dames m e t den H e e r John Edgar als accompagnateur. O p 3 M a a r t 1908 gaf de vereeniging haar eerste uitvoering in den voormaligen Schouwburg. L a t e r w e r d het k o o r t j e een gemengd koor, waaraan een klein orkest w e r d verbonden, dat een enkele maal zelfstandig o p t r a d , zelfs eens— in samenwerking m e t b e r o e p s k r a c h t e n — een uitvoering gaf van Beethoven's „Eerste S y m p h o n i c " , T a l r i j k e concerten w e r d e n het publiek aangeboden. V e e l belangstelling genoten de opgevoerde o p e r e t t e n : „ T h e Geisha", f r a g m e n t a risch, ging voorop ; dan volgden „Ein W a l z e r t r a u m " , „ A b u Hassan" en „ D e r G r a f von L u x e m b u r g " . N a het v e r t r e k van den i n i t i a t i e f n e m e r stierf de vereeniging, wegens gebrek aan nieuwe levenssappen, op de bekende Indische wijze.

I

1)

Volledigheidshalve stip ik nog aan, dat hier op 12 Juli 1934 w e r d opgericht de ,,Algemeene Radio-Vereeniging Oost-Java ( A r v o ) , die nu dagelijks m e t haar nieuwen s t e r k e r e n 7 5 - W a t t z e n d e r in de lucht is.

^)

390

Groene

lamp.


SLOT EN NIEUW BEGIN. Overwonnen moeilijkheden. — Eere wien eere toeJtomt. — H e t doel der beide boeken. — De v o o r t z e t t i n g ervan in Stehimu en P r o m u . — N u t en mogelijkheden van een museumorganisatie. — Grondslagen. — W a t b e r e i k t w e r d . — Van onbewoonbare t o t aangenaam bewoonbare stad.

N u belde boeken „ O u d Soerabaia" en „ N i e u w Soerabaia" er zijn en v e r r e w e g het belangrijl<ste deel van de stedelijl<e historie is vastgelegd, nu mijn jeugdideaal in den v o r m van boel<en en van het Provinciaal en Stedelijl< Historisch Museum verwezenlijl<t is, zie il< m e t genoegen en — laat ik het eerlijk bekennen — ook m e t een tikje t r o t s op de achter mij liggende periode van t i e n jaren t e r u g . O m s t r e e k s 1925, eigenlijk al iets e e r d e r , begon ik, niet w e t e n d e w e l k e moeilijkheden overwonnen moesten w o r d e n , m e t het systematisch v e r z a m e l e n van geschiedkundige

gegevens.

T a l van f e i t e n , n a m e n , data moesten bijeengegaard, gezift, gerangschikt en b e w e r k t w o r d e n . H e t duurde soms ettelijke maanden en het kostte een hoop geschrijf, v o o r d a t een belangrijk hiaat kon w o r d e n

aangevuld.

Een stedelijk archief, w a a r u i t m e n de oude geschiedenis der stad kan p u t t e n , is er niet. O o k de oude archieven — of w a t daarvoor door m o e t gaan — van particuliere f i r m a ' s en instellingen laten alles t e wenschen over. Belangrijke documenten zijn zoek g e r a a k t , of door de berucht e w i t t e m i e r e n verslonden, zonder dat ook m a a r een bescheiden poging w e r d gedaan, ze voor het nageslacht t e redden. D a a r voelde m e n blijkbaar niet de m i n s t e behoefte aan. Moesten de meeste gegevens en ook een belangrijk deel van het i l l u s t r a t i e m a t e r i a a l voor „ O u d Soerabaia" dus elders bijeengegaard w o r d e n , bij de samenstelling van „ N i e u w Soerabaia" s t u i t t e ik w e e r op andere moeilijkheden. W e l i s w a a r waren de gegevens voor de geschiedschrijving van de laatste k w a r t eeuw t e r plaatse ruimschoots aanwezig, doch in vele gevallen w a r e n de m o d e r n e archieven voor mij als buitenstaander niet toegankelijk. Ik was genoodzaakt, een beroep t e doen op de hulpvaardigheid van t e r z a k e kundige insiders en alleen dank zij hun belangelooze

m e d e w e r k i n g , welke

ik

hoogelijk

w a a r d e e r , kon

„ N i e u w Soerabaia" t o t stand k o m e n . Ik laat hieronder volgen de n a m e n van de v o o r n a a m s t e m e d e w e r k e r s ' ) en de titels van de hoofdstukken, w a a r v o o r — in een of anderen v o r m — een bijdrage w e r d

geleverd.

EERE W I E N EERE T O E K O M T . B A C K E R E , Mgr. T H . E. : De Roomsch-Katholieke K e r k . B E T H E , J. T . : A f w a t e r i n g en Rioleering, De Reinigingsdienst, De K a m p o n g v e r b e t e r i n g , De Volkshuisvesting, H e t Grondbedrijf, H e t Passerbedrijf, De S t r a a t v e r l i c h t i n g , De Begraafplaatsen. C O L I J N , A. W . : Sport. E R P E C U M , L. V A N : De N e d . Ind. Spoorweg M i j . F O O Y , D r . J. P. : De G e m e e n t e l i j k e Veeartsenijkundige

Dienst.

G R A A F L A N D , N . B. P. : De A r a b i e r e n . H A R K I N K , E. T H . : Inrichtingen van Onderwijs. H E I D A , Ir. R. : De Stadsuitbreiding. H O E N E V E L D , G. : Instelling en G r o e i der

Gemeente.

H O R S T , J. V A N DER : De Stadsbebouwing. EEN VOLK DAT ZIJN GESCHIEDENIS NIET EERT, IS GEEN GESCHIEDENIS W A A R D . HET BLIJFT OP HET PEIL V A N D E N P R I M I T I E V E N M E N S C H , DIE SLECHTS IN HET HEDEN LEEFT. HET KENMERK V A N EEN CULTUURVOLK DAARENTEGEN IS, DAT HET WELBEWUST NAAR EEN TOEKOMST STREEFT, HARMONISCH O P G E B O U W D OP HET HEDEN EN HET VERLEDEN. HOE Z O U DIT MOGELIJK ZIJN Z O N D E R DIEPERE KENNIS, Z O N D E R LIEFDERIJK DOORDRINGEN IN ZEDEN EN GEBRUIKEN V A N HET VERLEDEN ?

K E M P E N , T H . W . V A N : H e t A l g e m e e n Bestuur. K L E E F , J. V A N : De

Brandweer.

K O S T E L I J K , Ds. K. : De Protestantsche

Kerk.

K O S T E R S , N . : Sociaal en Maatschappelijk

Werk.

L I E P I N G A N : De Chineezen. M I S S E T , I. H . : De Stadspolitie en haar Organisatie. P L A N T E N , M r . H . M . : De Kunstkring. Q U I S P E L , H . V . : De

Marine-basis.

R E N A U D , J. J. T H . : De

Waterleiding.

S A N D K U Y L , K. H . : De „Electrische", H e t T a x i v e r k e e r , H e t S O E P A R T O , R. : De

Inheemschen.

S T I E L , C . F. : H a v e n en Scheepvaart. V E E N H U I Z E N , Ds. P. : De G e r e f o r m e e r d e Mr. W . H. V A N HELSDINGEN, BURGEM E E S T E R V A N S O E R A B A I A , BIJ DE OPENING V A N HET „STEHIMU".

VISSER S M I T S , D r . D. DE : De 1)

Kerk.

Dierentuin.

In alphabetische volgorde.

Autobusverkeer.


LINKS

RECHTS

Bij de opening van het „ S t e h i m u " op 20 Oct. 1934. Op de voorste rij van linl<s naar rechts : de Marine-commandant, l<ap. t.z. H. Jolles ; de burgemeester, Mr. W . H. van Helsdingen; het Hoofd van den Oudheidkundigen Dienst, Dr. F. D. K. Bosch en de directeur der Haven, Ir. K. K. J. L. Steinmetz. (Foto Theobald.) Met het Stedelijl< Historisch Museum op excursie. (Foto M. J. van Benthem Jutting.)

VRIES, W . J. DE : De Jaarmarl<t. W A T E R , A. DE : De Handel, De Industrie. WOLFF, Dr. S. W . DE : Organisatie en Inrichtingen der Pokken en Dysenterie, De Sterfte.

Gezondheidszorg, Pest en Cholera, Typhus Abdominalis, Malaria,

Deze lijst geeft de hoofdmedewerkers aan. Mocht ik echter misschien — natuurlijk onopzettelijk — een naam niet hebben vermeld, dan bied ik bij voorbaat mijn verontschuldiging aan. Nog vele andere personen, hebben, hetzij door het verschaffen van inlichtingen, hetzij door het afstaan van foto's als anderszins, een steentje bijgedragen t o t het t o t stand komen van dit werk. Ook hun ben ik dank verschuldigd. De ontvangen bijdragen liepen wat vorm en inhoud betreft zoozeer uiteen, dat ik genoodzaakt was, ter bevordering van de eenheid in den opzet van het boek, vele ervan geheel om te werken, teneinde ze zooveel mogelijk te doen aansluiten bij de overeenkomstige hoofdstukken van „O.S." Dat aan beide boeken fouten kleven'), daar is niemand meer van overtuigd dan schrijver dezes. Het doel, dat ik me stelde, nl. om de hoofdmomenten vast te leggen uit de stedelijke geschiedenis, sinds de komst der eerste Hollanders te Soerabaia, meen ik echter bereikt te hebben. De belangrijkste feiten, namen, jaartallen en hun onderling verband zijn thans genoteerd en voor een ieder toegankelijk. Beide boeken zijn als algemeen naslagwerk tevens als basis voor de verdere verbreiding en populariseering van de kennis der geschiedenis van Oost-Java's grootste centrum bedoeld. Met deze doelstelling houden vorm en opzet der werken nauw verband. Een naslagwerk blijft echter een naslagwerk en daarom, althans door ,,de groote massa", veelal ongelezen. Tijdens de samenstelling van „ N i e u w Soerabaia" werd begin 1933 een organisatie in het leven geroepen (nl. Het Stedelijk Historisch Museum, afgek o r t : Stehimu), welke zich

Bezoek van kweekelingen aan het ,,Stehimu". (Foto Isken.) ') Het zetduiveltje b.v. heeft, niettegenstaande wij doorloopend op hem letten, ons menigmaal parten gespeeld.

392


t o t taak stelt om op eenvoudige, algemeen begrijpelijke wijze te bevorderen „de kennis omtrent de geschiedenis van de stad Soerabaia in den ruimsten zin des woords", of k o r t e r en populairder gezegd om een plaatselijk bewustzijn aan te kweeken. In 1934 werd het Provinciaal Museum Oost-Java (Promu) opgericht, dat, voortbouwende op de basis van het Stehimu, een veel grooter gebiedsdeel omvat. Beide museumvereenigingen zullen worden samengesmolten.') Een van de middelen, welke der Vereenigingen ten dienste staan, is het Museum, het blijvende, toonbare gedeelte, waaraan de instellingen haar namen ontleenen. Op het groote belang van een goed ontwikkeld museumwezen behoef ik hier niet te wijzen. Dit is bekend. Men kan er zijn geschiedenis, zijn zeden en gewoonten en tradities mee vastleggen. Verder kan een modern-ingericht en efficient-beheerd museum — mits men het als middel niet als doel beschouwd — een belangrijk en waardevol hulpmiddel zijn o.a. voor het Onderwijs, voor het stimuleeren van het binnenlandsch en buitenlandsch toerisme en voor de bevordering der Inheemsche kunstnijverheid.

Een gedeelte van het groote diorama, voorstellend de petroleumwinning nabij Soerabaia. (Foto Theobald.)

Een hechte museumorganisatie biedt, behoorlijk „uitgenut", nog talrijke andere mogelijkheden. Men kan er een bibliotheek (met werken over Indie) en een inlichtingenbureau aan verbinden. Zij kan advies uitbrengen in alle zaken, betreffende het in stand houden van historische gebouwen, monumenten, begraafplaatsen, enz. Om kort te gaan, zij moet, diep wortelend in het heden, een practische schakel vormen tusschen de gewezen en de toekomstige maatschappij en daarbij trachten een zekeren band te leggen tusschen de verschillende cultuurstroomingen, die in den loop der eeuwen haar stempel hebben gedrukt op het openbare leven in den Archipel. De basis moet een wetenschappelijke zijn, de bovenbouw een populaire, anders bereikt men slechts een te geringe groep personen, nooit „de groote massa". N i m m e r mag de organisatie, zooals ik me die denk, ontaarden in een doode verzameling oudheden, want het kapitaal, dat daarin in den loop der tijden wordt gestoken, levert een onvoldoende „ r e n t a b i l i t e i t " . Ook zal het wenschelijk en noodzakelijk zijn om aansluiting te zoeken met andere, eveneens op cultureel gebied werkzame organisaties. Het is verleidelijk om het door mij gedachte organisatieschema nader uit een te zetten, doch ik kan daarover hier niet uitweiden.-) W e l wijs ik er nog even op, dat men m.i. bij de inrichting van nieuwe cultuurhistorische musea het beste doet, met de kleine geografische eenheid, de stad, te beginnen, om daarna de werkingssfeer der organisatie geleidelijk aan naar behoefte uit te breiden over grootere omringende gebiedsdeelen. Studie en opteekening van de plaatselijke geschiedenis dienen echter of aan het verzamelwerk vooraf te gaan, of er parallel mee te loopen, doch mogen zeker niet, wil de arbeid tenminste nuttig en vruchtbaar zijn, achterwege blijven. Op deze grondslagen zijn het Stehimu en het Promu opgericht. Voor het Stehimu diende de collectie foto's, kaarten, teekeningen en enkele voorwerpen, welke voor „ O . S." en ,,N.S." werden bijeengebracht, als kernverzameling. De verzameling is inmiddels sterk uitgegroeid en ondergebracht in twee ruime lokaliteiten van het voormalige ,,Concordia"-gebouw op Tegalsari. Plannen bestaan om op een door het Gouvernement aan de vereenigingen in bruikleen afgestaan terrein op Simpang, gelegen naast de Gouverneurswoning, een permanent museum op te trekken.

Het diorama van de Soerabaiasche drinkwatervoorziening. (Foto Theobald.)

Een hoekje uit „de oude zaal" in het „ S t e h i m u " . Het ameublement dateert uit de eerste helft der vorige eeuw. (Foto Theobald.)

Hoewel de huidige museumruimte betrekkelijk beperkt is, kan het bezoek van personen, vereenigingen en scholen zeer bevredigend worden genoemd. Het is bemoedigend, een steeds toenemende belangstelling voor stad en ommelanden te kunnen constateeren. Deze interesse wordt ook door het houden van excursies, waaraan gemiddeld door 40 a 80 personen wordt deel-

^) En dan misschien een anderen naam krijgen, aangezien het woord „ M u s e u m " bij velen verkeerde gedachtenassociaties wekt. -) Mijn ideeën hieromtrent zijn vastgelegd in „ H e t Museumwezen in Indie — Een organisatiesysteem" door G. H von Faber. (Publicaties no. I, uitgave van het Prov en Sted Hist Museum, Jan. 1936.)

Ouderwetsch slaapkamerameublement uit de vorige eeuw. Opzij van het alkoofachtige bed: een „samp i r a n " (kleeren- en sloffenrak en een) „krossi-males" (luierstoel met opendraaibare voetsteunen). (Foto Theobald.)

393


g e n o m e n , d o o r vertooningen van f i l m s , d o o r v o o r d r a c h t e n en lezingen a a n g e w a k k e r d . V e r d e r w e r d e n m e t succes reeds enkele opgravingen v e r r i c h t , adviezen v e r s t r e k t , enz. N o g vele andere m i d d e l e n t e r b e r e i k i n g van het gestelde doel p r o g r a m m a , o.a. het oprichten van een

staan

op

het

populair-wetenschap-

pelijk tijdschrift en het houden van cursussen. H e t is t e hopen, dat de O v e r h e i d het volle nut van het streven zal inzien en het in de t o e k o m s t k r a c h t i g zal steunen. H e t bestudeeren der interessante Oost-Javasche geschiedenis, het opteekenen der verschillende l e e r r i j k e c u l t u u r s t r o o m i n g e n , het bewaren van haar belangrijkste voortbrengselen, het bekend m a k e n van de vele bezienswaardigheden in den Oosthoek

kan

en m a g ook hier een zaak der O v e r h e i d w o r d e n . Z o o k o m ik als vanzelf t o t

het

o p m a k e n van de balans.

In w o o r d en beeld heb ik aangetoond hoe de stad van een c o m plex kampongs N o g een hoekje

uit

„de

oude

zaal"

in

het

„Stehimu".

V.O.C.-l<anonnetjes en de eerste „ s t o o m f i e t s " in Indië.

Aan

is geworden t o t een

modern-

en een belangrijke t o e k o m s t . De plaats was vroeger ongezond en bijna

de wanden : foto's uit „ O u d - S o e r a b a i a " . ( F o t o Theobald.)

in de m o d d e r

Oostersche handelsstad m e t een krachtigen W e s t e r s c h e n inslag onbewoonbaar.

Hygiënisten vingen hun zegenrijken arbeid aan. V o l h a r d e n d w e r d de strijd gestreden tegen de sloopende z i e k t e n . De gevreesde cholera en pest v e r d w e n e n . De a f m a t t e n d e m a l a r i a w e r d teruggedrongen naar de p e r i p h e r i e van de stad, de heerschappij van typhus, dysenterie en pokken b e k n o t . M e n zorgde voor a f w a t e r i n g en r i o l e e r i n g . Een w a t e r l e i ding w e r d aangelegd, een reinigingsdienst ingesteld, kampongs w e r d e n v e r b e t e r d s t r a t e n geasfalteerd en 's avonds goed verlicht. Er zijn verschillende onderwijsinstellingen, die de jeugd t a l r i j k e opleidingskansen bieden. H e t f l a k k e r e n d licht van het godsdienstig leven v l a m d e hooger op. Maatschappelijke w e r k e r s lenigden den ergsten licham e l i j k e n nood. S p o r t en v e r m a a k volop. Een begin van cultureel leven is t e bespeuren. M e n staat aan het eind van het t w e e d e t i j d v a k . D e stad is b e w o o n b a a r g e w o r d e n . D e derde periode zal aanvangen als, na de algemeene malaise. H a n d e l , Scheepvaart en Industrie opnieuw opbloeien en onder wijs beleid van de O v e r h e i d de stad a a n g e n a a m bewoonbaar w o r d t . M o d e r n e ideeën zullen ingang vinden. Steeds g r o o t e r e groepen van personen zullen hier voor langeren tijd m o e t e n blijven en hoogere eischen aan het leven in de t r o p e n stellen. H e t aan intensiteit en snelheid winnend v e r k e e r zal den aanleg van m e e r d e r e , b r e e d e r e hoofdverkeersaders noodzakelijk m a k e n . Soerabaia zal „ l o n g e n " krijgen in den v o r m van plantsoenen, parken en kinderspeeltuinen. Men zal m e e r aandacht gaan schenken aan het aspect van de stad. „ Z o n d e n " van het voorgeslacht, dat hier als in een doorgangshuis leefde, zullen uitgebannen w o r d e n . O o k aan de huisvesting van beter- en m i n d e r g e s i t u e e r d e n zal m e e r aandacht w o r d e n besteed. De woningen en k a n t o r e n zullen practischer w o r d e n ingedeeld en ingericht, de vindingen der m o d e r n e wetenschap (o.a. der koeltechniek) m e e r en beter w o r den toegepast. Snelle, goedkoopere verkeersmogelijkheden m e t de bergoorden zuilen de inwoners in staat stellen o m op g e z e t t e tijden nieuwe krachten op t e doen. Alles w a t

het

H e t „ d u i z e n d j a r i g " a n k e r , opgegraven

leven v e r a a n g e n a a m t en daaraan

door het

„Stehimu". ( F o t o Theobald.)

een dieperen inhoud geeft, zal

w o r d e n g e ë n t a m e e r d . T e z w a r e lasten zullen w o r d e n g e d r u k t . Kapitaalsvorming

in d i t

land zal a a n g e w a k k e r d . Kunst en Wetenschappen zullen g e s t i m u l e e r d , cultuuruitingen opgewekt

worden.

Dan .

zal de v e r v l a k k e n d e „ t r e k k e r s " - m e n t a l i t e i t vervagen en

blij zijn hier t e mogen blijven samenwerkend

met

bevolkingsgroepen

de

zullen velen

om

andere

aan den cultu-

reelen opbouw van het land m e d e t e arbeiden.

Dan

.

zal

weer

een nieuw t i j d p e r k aanvangen.

Eere-plaquette M o e d e r v.d. Steen, o n t w o r p e n door J . W , H a a s m a n n , in den a c h t e r k a n t van de plaat is de volgende tekst gegraveerd : „ D e z e plaquette

van verdienste schenkt

de Vereeniging „ H e t Stedelijk Historisch

Museum t e Soerabaia"

H . G . M . L. van den

aan

haar stadgenoote

Steen-Gersom op haar tachtigsten

m e v r , de verjaardag

wed als

blijk van erkentelijkheid voor de vele genoeglijke en kunstvolle avonden aan Soerabaia geschonken. Soerabaia, I O c t o b e r

1934". ( F o t o

Isken.)

Een

oude

reiskoets

uit

eeuw. ( F o t o

het

begin der

Theobald,)

vorige


INHOUDSOPGAVE') BLADZIJDE

INLEIDING *

VII

Ie AFDEELING. DE STAD

HOOFDSTUK ,, ,, ,, „

*

1. 2. 3. 4. 5. 6.

De De De De De De

*

INWONERS.

Stadsuitbreiding Stadsbebouwing Europeesche Gemeenschap Inheemschen Chineezen Arabieren

2e AFDEELING.

HOOFDSTUK

EN HARE

BESTUUR

EN

1 17 29 43 61 74

OVERHEIDSZORG.

1. Het Algemeen Bestuur 2. Instelling en Groei der Gemeente

87 95

3. De Stadspolitie en haar Organisatie

107

4. De Marine-basis

115

3e AFDEELING. DE GEMEENTE.

HOOFDSTUK ,, ,,

*

1. Afwatering en Rioleering

143

2. 3. 4. 5.

De Reinigingsdienst De Kampongverbetering De Volkshuisvesting Het Grondbedrijf

148 155 163 171

6. 7. 8. 9.

Het Passerbedrijf De Straatverlichting De Begraafplaatsen De Brandweer

178 183 186 193

4e AFDEELING. DE ECONOMISCHE ONTWIKKELING DER STAD.

HOOFDSTUK

*

1. Haven en Scheepvaart

198

2. De Handel 3. De Industrie 4. De Jaarmarkt

222 240 257

5e AFDEELING. HET VERKEERSWEZEN.

HOOFDSTUK

„ 1)

1. 2. 3. 4.

De Ned.-lnd. Spoorweg De „Electrische" Het Taxiverkeer Het Autobusverkeer

Mij

268 275 281 283

De korte inhoud van elk hoofdstuk is op de aangegeven bladzijde onder den t i t e l vermeld.

395


BLADZIJDE

* óe. AFDEELING. GEZONDHEIDSZORG. HOOFDSTUK

..

1. Organisatie en Inrichtingen

288

2. Pest en Cholera

297

3. Typhus abdominalis

301

4. Malaria

307

5, Pokken en Dysentrie

314

6. De Sterfte

316

7. De Gemeentelijke Veeartsenijkundige Dienst

321

8. De Waterleiding

329

* 7e. AFDEELING. ONDERWIJS, WETENSCHAP EN KUNST. HOOFDSTUK ,,

,,

1. Het Onderwijs

33-4

2. De Openbare Leeszaal en Bibliotheek

339

3. De Dierentuin

343

4. De Kunstkring

348

* 8e. AFDEELING. GODSDIENSTIG EN MAATSCHAPPELIJK WERK. HOOFDSTUK

1. De Protestantsche Kerk

354

2. De Gereformeerde Kerk

359

3. De

362

Roomsch-Katholieke Kerk

4. Philantropisch en Maatschappelijk Werk

370

* 9e. AFDEELING. SPORT EN ONTSPANNING. HOOFDSTUK

1. Sport

378

2. Ontspanning en Vermaak

384

Slot en Nieuw Begin

391

Inhoudsopgave

395


tk_ J

%



NIEUW SOERABAIA II G. H. VON FABER