Page 1

Allemaal foto's, allemaal spiegels Bianca Stigter artikel | Vrijdag 26-10-2012 | Sectie: Overig | Pagina: NH_NL01_014 | Bianca Stigter

Vandaag opent in museum Foam een tentoonstelling van de legendarische fotografe Diane Arbus. In de jaren 50 en 60 maakte ze in New York indringende portretten, van onbekenden en beroemdheden. Voor de lens van Arbus zijn ze allemaal even gewoon of gek. Diane Arbus schreef ooit in een brief: Ik wil iedereen wel fotograferen. Het is een wens die ze met andere fotografen deelt, bijvoorbeeld met August Sander, die in 1910 begon aan het grote project 'Mensen van de twintigste eeuw'. Arbus (1923-1971) pakte het minder groots aan dan Sander, maar zij had dezelfde


ambitie, ook al staat deze Amerikaanse fotografe vooral bekend als de fotografe van freaks, van reuzen, dwergen en andere op een of andere manier van een norm afwijkende mensen - travestieten, nudisten, mongolen, gekken, circusartiesten, tweelingen, drielingen. Op de tentoonstelling die nu van Arbus in het Amsterdamse museum Foam te zien is, blijkt meteen dat de indruk dat Arbus vooral freaks vastlegde vals is. Ze werd weliswaar vooral bekend vanwege zulke extremen, maar ze fotografeerde net zo veel gewone mensen. Tussen de tweehonderd foto's die het Foam op de tentoonstelling laat zien, zitten klassiekers als 'Mexicaanse dwerg in zijn hotelkamer' (1970) en 'Joodse reus thuis met zijn ouders in de Bronx' (1970), maar ook 'Kind in een nachthemd' (1957), Jongeman op een bank (1966) en zelfs 'Een vrouw die langsloopt' (1971). Mensen zonder opzienbarende afwijkingen. Geen lichamelijke en geen geestelijke, geen aangeboren en geen uitgekozen deviaties. In combinatie hebben de foto's een democratiserend, nivellerend effect. Alle mensen horen tot meerdere verzamelingen, van vrouwen bijvoorbeeld, of van rokers, of van mensen die hun haar krullen. Op de tentoonstelling zijn twee foto's te zien van mensen met krulspelden in hun haar: ��n van een man en ��n van twee vrouwen. Ze hangen niet naast elkaar, dat vonden de samenstellers misschien te makkelijk beeldrijm, maar in je hoofd vindt dat rijm toch plaats. En ook zonder beeldrijm werkt de democratie. Op ��n wand hangen bijvoorbeeld foto's van de Argentijnse schrijver Jorge Luis Borges, een blind echtpaar, een travestiet met een gescheurde kous en een tienerstelletje. Voor de lens van Arbus zijn ze allemaal even gewoon of even gek. 'Ze' lijkt soms zelfs 'we' te worden, omdat iedereen zich wel tot een van de verzamelingen van Arbus kan rekenen, en meestal, nee altijd, tot meerdere verzamelingen; die van vrouwen, rokers, weleens naakt, weleens een gescheurde kous, armen, benen, ogen, jong geweest. Allemaal foto's, allemaal spiegels. Opvallend is dat de wereld van Arbus, vooral New York in de jaren vijftig en zestig, zo'n witte wereld is. Reuzen, tweelingen, jongens die op banken zitten of vrouwen die oversteken, ze zijn allemaal blank, op twee zwarte jongens na. Zouden zij voor haar onzichtbaar zijn geweest? Maar een fotograaf als de door Arbus bewonderde Robert Frank zag ze wel. Hij fotografeerde zwarte cultuur en subcultuur voor zijn boek The Americans (1955). Ook valt op dat Arbus mensen op filmdoeken in de bioscoop heeft gefotografeerd, ze besefte toen al dat we mensen steeds vaker niet echt maar via een of ander medium tegenkomen, toen vooral op een scherm in de bioscoop. Ook die mensen horen bij iedereen. Ze fotografeerde bijvoorbeeld een kussend echtpaar in de film Baby Doll, vanuit de bioscoopzaal in 1956. Ook de paar landschappen op de tentoonstelling zijn niet 'echt' maar al eerder door anderen gefotografeerd, zoals bergen in de lobby van een hotel in Florida. Het enige gebouw dat door Arbus is gefotografeerd is een kasteel uit Disneyland. Ook Arbus zelf is lid van verschillende verzamelingen, soms heel algemene, soms heel specifieke. Vrouwen, moeders, kunstenaars, kunstenaressen die zelfmoord pleegden (Sylvia Plath, Virginia Woolf), fotografen, fotografes, fotografes die zelfmoord plegen - ja zelfs in die verzameling zit ze niet alleen, maar samen met Francesca Woodman. Het unieke van haar werk is in de loop der jaren minder zichtbaar geworden omdat haar aanpak zoveel navolging heeft gevonden. Toch zijn haar foto's altijd als de hare te herkennen, zwart-wit, meestal vierkant, een beetje van onderaf genomen, volledig en onbewerkt afgedrukt, zelfs de rand van het negatief is te zien. Het zijn geen snapshots. De geportretteerden poseren en kijken meestal in de lens, ze zijn niet betrapt. De foto is iets dat zij ook willen. Toch valt er op zo'n indruk wel wat af te dingen. Neem bijvoorbeeld 'Kind met een speelgoedhandgranaat in Central Park, N.Y.C., 1962'. Dit kind ziet er nogal raar uit. Het trekt een gekke bek en het verkrampt een hand; alsof hij niet helemaal goed snik is. Je kunt nog veel meer in de foto lezen: Een iconische foto die de spanning tussen kinderspel en oerdrang tot geweld laat zien, zegt bijvoorbeeld het Metropolitan Museum in New York, dat nu het archief van Arbus beheert. Het Metropolitan gaat nog


verder: Amerika's overgang van het voldaan isolationisme van de jaren vijftig naar de sociaalpolitieke beroering die naar boven zou komen in de late jaren zestig en in de jaren zeventig lijkt te kolken onder het oppervlak van de afbeelding, en onderstreept Arbus' vooruitziendheid en intu�tieve begrip van haar tijd.'' Nogal een zin, en nogal een claim. Wie de contactvellen bij deze foto bekijkt, die staan afgedrukt in de catalogus bij de vorige reizende Arbustentoonstelling, Revelations (2003-2006), ziet dat het jongetje, een zoon van de toen beroemde tennisser Colin Wood, er op andere foto's veel liever uitziet. Hij kreeg genoeg van het fotograferen, dat is wat hij Arbus duidelijk probeert te maken op het door haar gekozen beeld. Doen deze feiten af aan de foto? Ik denk het niet. In Foam is wel geprobeerd dit soort informatie ver van de foto's te houden, alsof het hen zou kunnen aantasten. Journalistiek in plaats van kunst, dat is het gevaar, waarschijnlijk. Er wordt wel veel informatie gegeven, maar in drie aparte studieruimtes, opdat de reactie op de foto's 'puur' kan zijn. In die ruimtes wordt Arbus' levensverhaal verteld, hangen camera's en andere parafernalia, zijn citaten uit haar brieven en andere teksten groot op de muur geschilderd. Dan blijkt dat sommige foto's toen ze in tijdschriften en kranten verschenen, geen korte titels hadden maar lange bijschriften. En de geportretteerden hadden namen. Op de tentoonstelling staat alleen bij mensen hun naam vermeld, die het eigenlijk niet nodig hebben, zoals schrijvers Jorge Luis Borges en Susan Sontag. Waarom zijn alle anderen anoniem geworden? Wordt de foto er slechter van als we weten dat de Joodse reus Eddie Carmel heet, de Russische dwerg Andrew Ratoucheff, de 'Mad Man from Massachusetts' Walter L. Gregory? Wat maakt het uit, zou je kunnen denken. Ik ken die mensen toch niet. Maar door hun namen weg te laten, ontneemt Arbus de geportretteerden een deel van hun individualiteit. Ze maakt er types van. De titels, die niet beschrijven maar interpreteren, ook al zijn ze nog zo kort en proza�sch, maken het werk minder documentair. Dat is ook een manier om fotografie tot kunst te verheffen. Ik had liever gezien dat kunst meer op fotografie was gaan lijken. Maar de traditie won ook in het geval van Arbus. Bij haar laatste serie foto's ontbreekt een titel helemaal. De werken zijn Untitled. Het zijn onder meer foto's van een groep vrouwen die door een soort park lopen. Ze zijn verkleed of dragen een pyjama. Sommigen dragen maskers of hebben een snor opgeschilderd. Het zijn geestelijk gehandicapten. Zou Arbus dat in haar titel hebben verteld? Ze stierf voor ze aan het geven van een titel was toegekomen. Ze had over de gekken wel een heel boek willen maken. En zou ze ook hebben verteld dat ze zijn gefotografeerd met Halloween, het Amerikaanse feest waarvoor mensen zich angstaanjagend uitdossen? Voor Amerikaanse kijkers is dat misschien meteen duidelijk, voor Nederlanders misschien niet. Een foto is een geheim van een geheim, schreef Arbus ooit. Dat geheim blijft bestaan. Kennis kan het niet verraden. Ook als we heel goed weten waar we naar kijken, blijft alles een raadsel. Diane Arbus (1923-1971) Diane Arbus werd in 1923 in New York geboren als Diane Nemerov. De Nemerovs waren een rijke Joodse familie van Russische komaf met artistieke aspiraties. Haar vader was eigenaar van Russek's, een bontzaak op Fifth Avenue. Na zijn pensioen werd hij schilder. Haar oudere broer was de dichter Howard Nemerov. Arbus studeerde schilderkunst en fotografie aan Fieldston School. In 1941 trouwde ze met Allan Arbus, met wie ze twee dochters kreeg. Samen runden ze een fotostudio, waar vooral modefoto's werden gemaakt voor bladen als Glamour en Vogue. Diana deed daarvoor de art direction. In 1956 stopte ze bij de studio en nam ze les bij fotografe Lisette Model. Haar eerste fotografische essay, The Vertical Journey, verschijnt in 1959 in Esquire. Daarna werkt ze nog vaak in opdracht voor Esquire, The Sunday Times Magazine en andere tijdschriften. In 1967 is haar werk voor het eerst in een museum te zien, op de tentoonstelling New Documents in het Museum of Modern Art in New York. Arbus lijdt haar leven lang aan depressies. In 1971 pleegt ze zelfmoord. Een jaar later is haar werk te zien op de Biennale van Veneti� en organiseert het Museum of Modern Art in New York het


eerste retrospectief van haar werk. Ook verschijnt in 1972 haar eerste fotoboek, Diane Arbus: An Aperture Monograph, dat zou uitgroeien tot een klassieker. Info: Diane Arbus. T/m 13 januari 2013. Foam, Keizersgracht 306, Amsterdam. Ma t/m vr 9-21u, za en zo 10-18u. Inl. foam.org Foto-onderschrift: Deze foto's maakten alle deel uit van A Box, het enige fotowerk van Arbus dat tijdens haar leven versscheen. A Box bevatte 10 foto's, een lijst en handgeschreven teksten van Arbus. Het werd voor haar dood vier maal verkocht. Persoon: Diane Arbus Op dit artikel rust auteursrecht van NRC Handelsblad BV, respectievelijk van de oorspronkelijke auteur.


Allemaal foto's, allemaal spiegels Diane Arbus Photography  

Allemaal foto's, allemaal spiegels Diane Arbus Photography

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you