Page 1

K Portretfotografie

Door Sandra Zuiderduin

Hellen van Meene fotografeert vaak met vlinders in haar buik

‘Alsof ik door de bliksem wordt getroffen’ Ze geldt op dit moment misschien wel als de meest populaire fotografe van deze tijd. Beroemd om haar puberportretten. Geroemd om haar gevoel voor lichtval, poses, het wonderlijke kledinggebruik en achtergronden. Als bijna heldervoelende fotografe weet dit Nederlandse talent haar onderwerpen en hun omgeving op een haast surrealistische manier weer te geven. Alsof de foto’s geschilderd zijn. Alsof de modellen zichzelf overstijgen. Alsof Hellen van Meene puur en alleen op haar gevoel afgaat.

Untitled (St. Petersburg, Russia, 2004)

Ze is een vrouw van de principes. Altijd haarzelf gebleven en trouw aan haar eigen gevoel. Misschien is het juist daarom dat Van Meene zo succesvol is. Zelf denkt ze daar overigens niet zo over na. “Ik blijf gewoon graag bij mezelf en laat me leiden door mijn intuïtie. Doe ook geen dingen waarvan ik denk dat ik ze niet kan en maak alleen foto’s van mensen die goed voelen, anders niet. Mijn ervaring

is dat dan ook alles op zijn plek valt, dat alles klopt. En ik denk dat dit voor mij heel belangrijk is. Want als ik mijn energie goed bij me weet te houden, dan kan ik ook op de energie van anderen inspelen. Anders werkt het voor mij niet. Ik ga op mijn gevoel af en zie wel wat er komt.” Ze denkt even na en bekent dan: “Zo kom ik eigenlijk helemaal niet graag mijn huis uit. Tenzij ik zo geïnspireerd ben, dat

Hellen van Meene. Foto Inga Powilleit.

ik vleugels krijg. Dan vlieg ik er zonder moeite uit.” Sommige dingen moeten zo zijn Zo gaat het ook als ze op reis gaat en daarbij haar man en twee dochters meeneemt. Zelfs al was haar jongste dochter pas tien weken oud toen ze naar Tokyo in Japan vertrokken. “Niet te lang over nadenken, zoiets moet je gewoon doen”, lacht ze als ze eraan terugdenkt. “Weet je, je kunt daar wel heel gestrest en krampachtig over doen, maar dan werkt het niet. Ik heb haar gewoon meegenomen en op een gegeven moment zelfs borstvoeding op een druk kruispunt staan geven, zo onder mijn lange jas. Dat is wel hoe ik ben. Heel makkelijk. Ik geloof heel erg in dat sommige dingen zo moeten zijn. En als je je daar voor openstelt, dan ontmoet je ook de juiste mensen. Daar ben ik van overtuigd.” Dat is ook één van de redenen waarom ze zo graag met jonge mensen werkt. “Jonge mensen zijn nog zo open, flexibel en fris dat ik ze veel meer kan leiden. Met jonge mensen werken is zo anders dan met volwassenen of oudere mensen. Oudere mensen weten vaak al precies wat ze willen in het leven, waardoor het moeilijker is om in hun ziel te komen, om een gevoel bij iemand te krijgen. Voor jonge mensen ligt alles nog open in het leven en dat inspireert me altijd heel erg. Bovendien zijn deze mensen van een generatie, waar ik me verantwoordelijk voor voel. Daarom wil ik ze leiden en

7


Untitled (Donaldsonville, LA, USA, 2007) From the series “Going My Own Way Home”

Untitled (Donaldsonville, LA, USA, 2007) From the series “Going My Own Way Home”

Biografie Hellen van Meene Hellen van Meene wordt geboren in Alkmaar in 1972. Als ze vijftien wordt, krijgt ze van haar moeder een kleine camera cadeau waarmee ze haar vrienden begint te fotograferen. Als ze 18 wordt, besluit ze naar de Rietveld Academie in Amsterdam (1992) te gaan en voor de richting fotografie te kiezen. Deels vanuit haar hobby, maar deels ook omdat ze vindt dat ze met fotografie sneller haar doelen kan bereiken en direct resultaat ziet. Deze snelle manier van werken past bij haar. Ze heeft het geduld niet om te schilderen. Op de Academie zit ze helemaal op haar plek; de leraren moedigen haar aan om haar eigen pad te kiezen en haar eigen ideeën te ontwikkelen. Ze rondt haar opleiding in 1996 met succes af, nadat ze in 1995 een uitstapje heeft gemaakt naar het College of Art in het Schotse Edinburgh. Van Meene is dan al druk bezig met fotograferen en maakt haar debuut tijdens een groepstentoonstelling in het Stedelijk Museum in Amsterdam. In 1998 heeft ze haar eerste solotentoonstelling bij Paul Andriesse in Amsterdam. Haar talent blijft niet onopgemerkt en levert haar een jaar later de Charlotte Köhlerprijs voor jonge kunstenaars op. In datzelfde jaar geeft de gerenommeerde Photographers Gallery in Londen haar de ruimte voor haar eerste buitenlandse solotentoonstelling.

8

In 2000 wordt Van Meene als eerste buitenlandse kunstenaar ooit gevraagd was om met het Japan paviljoen voor de architectuur biënnale mee te doen. Het is haar eerste ervaring met het maken van foto’s in het buitenland. In datzelfde jaar heeft ze een solotentoonstelling in Nederland in De Kabinetten van De Vleeshal. Ze laat hierin foto’s zien van meisjes die geen kind meer zijn, maar ook nog geen volwassene. De modellen zijn jonge pubers. Hun lichamen beginnen vrouwelijke vormen aan te nemen, maar tegelijkertijd hebben de meisjes nog duidelijk herkenbare kinderlijke trekken. De meisjes nemen een volwassen houding aan, maar door hun onervarenheid krijgen hun poses iets onhandigs. Dit onderwerp in haar fotografie levert haar de bijnaam ‘de vlinderkundige van de puberteit’ op. Haar werk begint nu echt op te vallen en in 2001 wordt ze genomineerd wordt voor de hoog aangeschreven Citibank Private Bank Photography Prize. Een jaar later verschijnt haar eerste boek: Japan Series en in 2004 wordt haar boek Portretten uitgegeven. Haar buitenlandse avontuur is zo goed bevallen, dat ze op eigen initiatief naar Riga, Letland en Rusland reist, weg uit de vertrouwde omgeving en bekende modellen van Alkmaar. Ook deze portretten zet ze zorgvuldig in scène, hoewel ze daarbij sneller en doelgerichter te werk gaat. Deze spontane manier van

fotograferen leidt tot nieuwe portretfoto’s, die de interactie tussen fotograaf en model veel prominenter laten zien. Voor het eerst is er direct oogcontact tussen model en fotograaf. Van Meene is hard op weg om nationaal en internationaal naam te maken en in 2005 plaatst het Amerikaanse blad Village Voice haar boek in de top-25 van beste fotoboeken. In 2006 stelt Huis Marseille in Amsterdam een overzicht van haar werk, waaronder dit nieuwe werk, tentoon. Het jaar daarop eindigt ze op de vierde plaats bij de jaarlijkse Elsevierranglijst van succesvolle kunstenaars. In 2007 trekt ze per camper door de Verenigde Staten. Voor het eerst gebruikt de fotografe ook een panoramische fotocamera, waardoor de omgeving nog meer een rol gaat spelen en kaders schept. Daarnaast benadrukt het haar toegenomen belangstelling voor de omgeving van de mens. Een jaar later reist Van Meene naar Rusland af en in verlaten, armoedige, grijze gebieden legt zij jonge mensen vast, die met een soort afstandelijke blik poseren, soms fragiel, soms krachtig. Ook zet ze een nieuwe stap door naast de portretten van adolescenten ook intrigerende stillevens in Sint Petersburg te maken waarin ze het natuurlijke licht wederom op fascinerende wijze weet te vangen. Haar derde boek Tout va disparaitre (2009) laat

naast deze stillevens uit Rusland ook dromerige portretten van jong mensen in hun natuurlijke omgeving zien. In het boek zijn drie series opgenomen: Pool of Tears, portretten van kinderen en stillevens in Nederland, Going my own way home, dat kinderen en jonge volwassenen in de VS laat zien, en St. Petersburg, ­Russia, met portretten, interieurs en buitenfoto’s. De presentatie van dit boek gaat gepaard met een tentoonstelling in de Yancey Richardson Gallery in New York. Haar werk is inmiddels overal te wereld in magazines, catalogi en verschillende galerieën terug te vinden. Vooraanstaande musea als het Guggenheim, Stedelijk Museum, MOCA Los Angeles, Victoria en Albert Museum en Museum of Modern Art in New York hebben werk van haar in hun collectie. Ze wordt geroemd om haar gevoel voor de lichtval, het wonderlijke, vervreemdende kledinggebruik in combinatie met de achtergronden en de poses van het model - alsof de foto’s geschilderd zijn. Van Meene woont momenteel in Heiloo met haar man Frank en haar twee dochters Veda en Noa. Haar werk wordt vertegenwoordigd door galerie Sadie Coles in Londen, door gallery Koyanagi in Tokio en door galerie Yancey Richardson in New York. m

9


goede foto’s van ze maken. Zodat ze niet onzeker hoeven te zijn over zichzelf. Ik wil ze helpen trots te zijn op de foto die we samen gemaakt hebben.”

Untitled (Japan, 2000) Untitled (St. Petersburg, Russia, 2008)

Een goede kop Het is dan ook niet verwonderlijk dat Van Meene haar fotografie als een vorm van energie-uitwisseling ziet. “Tijdens een fotosessie kan ik zoveel te weten komen van iemand. Juist omdat je onbekend met elkaar bent. Want op dat moment delen we iets met elkaar en zij leggen hun ziel compleet bloot. Je kunt als fotograaf mensen heel snel laten groeien en daarom begeleid ik mijn modellen ook altijd. Omdat ik het heel spannend vind om iemand boven zichzelf uit te laten stijgen. Om meer uit iemand te halen dan dat er misschien wel inzit. Datzelfde heb ik als ik op straat iemand met een goede kop zie lopen. Als ik een goede kop zie, dan wil ik hem ook vangen. Dat gevoel komt dan uit mijn tenen en dan weet ik dat ik een killer heb. Ik ben daar heel intuïtief in.” Maar die intuïtieve manier van werken heeft ook een keerzijde. “Ik ben altijd compleet bekaf nadat ik gefotografeerd heb. Heel maf, maar dan kan ik bij wijze van spreken uren slapen. Dat komt, denk ik, omdat het fotograferen voor mij een soort van liefde is. Elke keer weer lijkt het alsof ik er voor het eerst een film in doe. Alsof ik mijn eerste foto maak. Dat is wel wat mij typeert, ja. Ik ga altijd af op de vlinders in mijn buik als ik aan het fotograferen ben. Als er geen hoogtepunt in mijn buik is, dan komt er een kater. Maar krijg ik vlinders in mijn buik, dan weet ik dat ik een goede foto heb geschoten. Alsof ik door de bliksem getroffen wordt. Vergelijk het maar met een vorm van liefde. Hoe weet je dat je verliefd bent? Ik denk dat het chemie is. En zo is het ook bij mijn foto’s: ik voel dat er chemie is.”

Meer informatie: www.vk.nl/grotefotografen

10

M


Hellen van Meene Volkskrant Grote Fotografen  
Advertisement
Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you