Page 1

Het verhaal van Lukas voor iedereen € 3,95

Jij bent geliefd! Geloof het of niet...

druk, druk, druk

Maar wat is echt belangrijk?

‘Ik ben een ander mens geworden’ JA, OOK JIJ KUNT VERANDEREN! LEVEN | 1


2 |

LEVEN


God spreekt tot jou Rode letters

• • • • • • • • • •

Bijbels met rode letters geven een extra accent aan de tekst. De kleur rood is gebruikt voor directe citaten van God. Je ziet als lezer onmiddellijk waar God aan het woord is. Dat maakt de andere tekst niet minder belangrijk. God laat zijn bedoelingen ook horen via mensen en via omstandigheden. Maar de rode letter geeft wel een directe duiding van een tekst. De lezer komt onmiddellijk de hoofdlijnen van een tekst op het spoor. De eerste roodletterbijbels komen uit de Verenigde Staten. Ze zijn al meer dan honderd jaar oud. Sinds kort zijn deze uitgaven beschikbaar in het Nederlands Bij Royal Jongbloed. ” Het Nieuwe Leven is onze nieuwe gezinsbijbel. Vanaf het eerste moment heeft deze Bijbel een centraal plekje in ons huis gekregen en gebruiken we hem voor de Bijbellezingen na de

”Hoe meer ik in deze bijbel lees, des te meer geniet ik. Tot voor kort las ik de bijbel ‘zwart-wit’.

avondmaaltijd. Onze kinderen lezen er met veel plezier uit en door de rode letters vallen de uitspraken van Jezus ook hun extra op.”

De Roodletterbijbel inspireert

- Henk Stoorvogel , voorganger VEZ Zwolle

om op een nieuwe manier de

en oprichter Vierde Musketier

eeuwenoude woorden van hoop tot je door te laten dringen. Aanbevolen!” - Jan van den Bosch, directeur Beter-uit en Drietoer reizen

“Een quote in rood valt op en daagt je uit om verder te lezen”

”Door de mooie beelden komt de Bijbel voor mij tot leven.” - Jane Lasonder , auteur, spreker en fotograaf

- Arie van Dijk, majoor Leger des Heils

”De Roodletterbijbel geeft een nieuwe dimensie aan bijbellezen. Je krijgt als lezer sneller zicht op de essentie van een bijbelfragment en doet allerlei nieuwe ontdekkingen.” - Klaas van der Kamp, classispredikant Overijssel/Flevoland

Verkrijgbaar in de christelijke boekhandel LEVEN | 3

www


Inhoud Hoofdstuk 1 Twee wonderlijke zwangerschappen 8 Hoofdstuk 2 Het wachten is voorbij 12 Hoofdstuk 3

Het kaf van het koren...

16

Hoofdstuk 4 Tot het uiterste getest 18 Hoofdstuk 5

‘Natuurlijk wil ik je genezen!’

22

Hoofdstuk 6 Wat is jouw basis? 26 Hoofdstuk 7

Door tranen geraakt, met olie gezalfd

28

Hoofdstuk 8 Zaaien op vruchtbare grond 30 Hoofdstuk 9

Vermenigvuldigen door te delen

34

Hoofdstuk 10 Wat is echt belangrijk? 38 Hoofdstuk 11 Onze Vader 40 Hoofdstuk 12

Er is meer dan dit leven...

Columns Jolien

Vreugde van mijn hart

11

Hans Realiteitsvervalsing 21 Moniek Echte liefde 33 Rens jan Hoopvolle toekomst 49 ruta Vertrouwen 63 4 |

LEVEN

44


Hoofdstuk 13 De hemel op aarde 46 Hoofdstuk 14

Wat mag het je kosten?

50

Hoofdstuk 15

Dwalend, maar niet verloren

53

Hoofdstuk 16 Stap over de kloof 56 Hoofdstuk 17 Helder als de bliksem 58 Hoofdstuk 18 Geloven als een kind 60 Hoofdstuk 19 Ik zie jou 64 Hoofdstuk 20

Een mond vol... tanden

68

Hoofdstuk 21 Kijk omhoog 70 Hoofdstuk 22 Het laatste avondmaal 72 Hoofdstuk 23 Van God los 76 Hoofdstuk 24

Voel maar, Ik ben het echt

80

Ik en mijn geloof marion

“Ik ben een heel ander mens geworden.”

25

Hannah & Rachel

“‘s Avonds bespreek ik mijn dag met God.” 43

Daan “God luisterde naar mij!” 55 Johannes

“Ik raakte onder de indruk van Jezus.”

67

LEVEN | 5


Colofon Medewerkers Gerard Hoddenbagh, Gerda Hoddenbagh, Emke de Jager, Iris Meijer, Frouwke Noorlander, Jaap Noorlander, Linda Schreuder

Fotografie Linda Schreuder, Emke de Jager, Jaap Noorlander, Thijs van der Heijden, Via Unsplash.com: Cameron Kirby, Jack Sharp, Jeremy Yap, Jessica Knowlden, Matt Nelson & Rui Silvestre, Shutterstock.com.

Artdirection en vormgeving Iris Meijer, Heartbeat Design Eindhoven

Druk Pieters Media BV, Groede

Uitgever St. tot Bevordering van Evangelisatie www.Godscadeauvoorjou.nu

Contact Leven@Godscadeauvoorjou.nu De tekst van het Lukasevangelie is ontleend aan: Het Boek © 2008 Biblica / Uitgeverij Royal Jongbloed (royaljongbloed.nl). Used by permission. All rights reserved worldwide. Lied: Kom tot de Vader, Originele Titel: So you would come, Tekst en muziek: Russel Fragar Ned. Tekst: Mireille Schaart © Hillsong Publishing (adm. at Smallstonemediasongs.com). All rights reserved. Used by permission.

Uitgave januari 2019. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand of openbaar gemaakt worden in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch of door fotokopieën, opname, of op enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever St. tot Bevordering van Evangelisatie.

6 |

LEVEN


voorwoord

Je leeft maar één keer... Het liefst heel lang en gezond. Jammer genoeg zien we om ons heen een hoop ellende en verdriet… ‘Carpe diem, pluk de dag.’ Geniet waar je vandaag van kunt genieten. Het kan zomaar voorbij zijn. Het leven lijkt soms een race tegen de klok: mooier, gezonder, sportiever… Maar ook gelukkiger? Jezus’ leven was één grote uitzondering. Hij is anders dan alle andere mensen. Hij wil je, in dit soms bizarre leven, hoop en toekomst geven. Wie is deze Jezus en hoe leer je Hem kennen? Al lezend waan je je 2000 jaar terug in de tijd en reis je mee met Gods Zoon die als mens op aarde leefde. Zijn keuzes, zijn antwoorden en zijn daden roepen een reactie op. Veel mensen weten zich geen raad met Jezus. Maar als je zijn hart leert kennen, ga je LEVEN op een manier die je nooit voor mogelijk gehouden had: een leven in relatie met God. Dat is leven zoals God het heeft bedoeld. Ga de uitdaging aan en ontmoet Jezus! Laat je verrassen en reis met Lukas mee naar de plaats waar het allemaal begon: het kleine dorpje Nazareth…

Emke de Jager Team Gods Cadeau

LEVEN | 7


Twee wonderlijke zwangerschappen Het is rond het jaar 60 van onze jaartelling. Lukas, een arts, kijkt terug op het leven van Jezus Christus. Nauwkeurig gaat hij alle verhalen na en beschrijft de

bijzondere gebeurtenissen die heel de omgeving hebben beziggehouden. Dankzij dit verslag kunnen wij het goede nieuws lezen dat Jezus, de Zoon van God, op aarde gekomen is als de Redder van mensen.

LUKAS 1 Beste Theofilus, er zijn al verscheidene boeken over het leven van Jezus Christus geschreven. Men is daarbij steeds uitgegaan van wat de eerste leerlingen en andere ooggetuigen hebben verteld. Toch dacht ik dat het nuttig zou zijn alles nog eens nauwkeurig na te gaan en u daarvan een geordend verslag uit te brengen. U zult zien dat het volledig overeenstemt met wat u is geleerd. Mijn verhaal begint bij de Joodse priester Zacharias, die leefde in de tijd dat Herodes koning van Judea was. Hij behoorde tot de priesterafdeling van Abia. Zijn vrouw Elisabeth kwam net als hijzelf uit het priestergeslacht van Aäron. Zacharias en Elisabeth waren goede mensen, die zich stipt aan Gods wetten hielden. Zij hadden geen kinderen, omdat Elisabeth onvruchtbaar was. Op het moment dat dit verhaal begint, waren zij allebei al erg oud. Engel van God Op een dag had Zacharias dienst in de tempel, omdat zijn afdeling aan de beurt was. Er werd altijd om geloot wie het heiligdom van God zou binnengaan om wierook te 8 |

LEVEN

branden. Deze keer was het lot op Zacharias gevallen. Terwijl hij in het heiligdom bezig was, stonden op het tempelplein vele mensen te bidden. Plotseling zag Zacharias een engel van de Here staan, rechts van het altaar waarop de wierook werd gebrand. Hij wist niet wat hem overkwam en werd bang. De engel zei: “Wees niet bang, Zacharias. Ik ben gekomen om u te vertellen dat God uw gebed heeft verhoord. Uw vrouw Elisabeth zal een zoon krijgen en u moet hem Johannes noemen. Hij zal u en vele andere mensen heel erg blij maken. Uw zoon zal een groot man zijn in de ogen van de Here. Hij mag geen druppel wijn of sterke drank drinken en al voor zijn geboorte zal hij vol zijn van de Heilige Geest. Hij zal vele Joden ervan overtuigen dat zij moeten terugkeren tot de Here, hun God. Hij zal een bijzondere man zijn, een boodschapper met dezelfde geest en kracht als de profeet Elia. Hij zal ouders en kinderen verzoenen en de ongehoorzamen weer op het pad van de rechtvaardigheid brengen. Zo vormt hij een volk dat gereedstaat voor God.” Zacharias zei tegen de engel: “Moet ik dat zomaar geloven? Ik ben immers al oud en mijn vrouw ook!” Toen zei de engel: “Ik ben Gabriël en leef heel dicht bij God. Hij heeft mij naar u toegestuurd om u dit te vertellen, maar u wilt mij niet geloven. Daarom zult u vanaf nu niet meer kunnen spreken. Pas als het kind geboren


is, zult u weer kunnen spreken. Want wat ik heb gezegd, zal precies op tijd uitkomen.” Ondertussen stonden de mensen buiten op Zacharias te wachten. Zij vroegen zich af waarom hij zo lang in het heiligdom bleef. Eindelijk kwam hij naar buiten, maar hij zei niets. Hij kon geen woord uitbrengen. Uit zijn gebaren konden zij opmaken dat hij in het heiligdom een engel had gezien. Zacharias bleef in de tempel tot zijn dienst voorbij was en ging toen naar huis terug. Kort daarna werd Elisabeth zwanger. Vijf maanden lang kwam zij niet onder de mensen. “Wat is de Here goed voor mij!” juichte zij. “Hij heeft de schande van mij weggenomen dat ik geen kinderen had.”

nog maagd.” De engel antwoordde: “De Heilige Geest zal over u komen. U zult zwanger worden door de kracht van God. Daarom zal uw Kind heilig zijn en de Zoon van God worden genoemd. Ik heb nog meer nieuws. Het is over uw oude tante Elisabeth. U weet dat zij geen kinderen kon krijgen, maar nu verwacht zij een zoon. Zij is al in haar zesde maand. Voor God is niets onmogelijk. Wat Hij zegt, gebeurt.” “Goed,” zei Maria, “de Here mag met mij doen wat Hij wil. Ik hoop dat het zo zal gaan als u mij hebt gezegd.” Daarop ging de engel weg.

De geboorte van Jezus aangekondigd Toen Elisabeth in haar zesde maand was, stuurde God de engel Gabriël naar Nazareth, een stad in Galilea. Hij moest bij Maria zijn, een jonge vrouw die verloofd was met een zekere Jozef, die nog van koning David afstamde. Gabriël kwam bij haar binnen en zei: “Ik wens u vrede toe! U bent een gelukkige vrouw. De Here zij met u!” Maria raakte daardoor in de war en werd bang. Zij vroeg zich af wat hij bedoelde. “Wees niet bang, Maria,” zei de engel, “want God heeft besloten u heel bijzonder te zegenen. U zult zwanger worden en een zoon krijgen, die u de naam Jezus moet geven. Hij zal een groot man zijn en Zoon van de Allerhoogste worden genoemd. God, de Here, zal Hem de troon van zijn voorvader David geven. Hij zal voor altijd over het volk Israël regeren en aan zijn regering zal geen einde komen.” “Maar hoe kan ik een kind krijgen?” vroeg Maria. “Ik ben

Wat een geluk! Kort daarop reisde Maria zo vlug zij kon naar het bergland van Judea om Elisabeth te bezoeken. Zij ging het huis van Zacharias binnen en groette Elisabeth. Toen Elisabeth de groet van Maria hoorde, begon het kind in haar buik te trappelen. En Elisabeth zelf werd vol van de Heilige Geest. Zij jubelde het uit en zei tegen Maria: “Jij bent de meest gezegende vrouw van de hele wereld en jouw kind draagt Gods zegen. Wat een eer dat de moeder van mijn Here bij mij op bezoek komt. Want toen je binnenkwam en ik je stem hoorde, begon het kind in mijn buik te trappelen van blijdschap. Jij hebt geloofd dat God zou doen wat Hij zei. Wat een geluk!” Maria antwoordde: “Ik prijs de Here met mijn hele hart! Ik kan mijn blijdschap niet op! God, mijn Redder, heeft aan mij gedacht. En ik ben maar een gewone vrouw. Nu zullen de mensen altijd en overal zeggen dat ik bevoorrecht ben, want de machtige, heilige God heeft grote dingen voor mij gedaan. Hij is altijd goed voor mensen, die ontzag voor Hem hebben.

“Goed,” zei Maria, “de Here mag met mij doen wat Hij wil.”

LEVEN | 9


“Ik prijs de Here met mijn hele hart! Ik kan mijn blijdschap niet op!” Hij heeft laten zien hoe groot en machtig Hij is. Hij heeft hoogmoedige mensen in verwarring gebracht en vorsten van hun troon gestoten. Maar gewone mensen zijn door Hem op een voetstuk gezet. Hij heeft hongerigen overladen met het goede en rijken met lege handen weggestuurd. Hij heeft zijn knecht Israël geholpen. Hij is zijn belofte niet vergeten, want Hij had Abraham en zijn kinderen beloofd altijd goed voor hen te zijn.”

Gewoon Maria prijst God! Ze vindt zichzelf ‘gewoon’. Maar ze is ‘bevoorrecht’! Ze is de moeder van Jezus, de Zoon van God, de langverwachte Messias. In heel de Bijbel is terug te zien dat God grote dingen doet door gewone mensen die op Hem vertrouwen.

Maria bleef ongeveer drie maanden bij Elisabeth. Toen ging zij terug naar huis. De dag kwam dat Elisabeths kind geboren werd en het was een jongen. Natuurlijk kwamen haar buren en familieleden het al gauw te weten. Iedereen was blij omdat de Here zo goed voor haar was geweest. Bijzonder kind Toen het kind acht dagen oud was, werd naar Joods gebruik zijn voorhuid weggesneden en kreeg hij zijn naam. Ieder die 10 |

LEVEN

bij deze plechtigheid aanwezig was, dacht dat het kind net als zijn vader Zacharias zou heten. Maar Elisabeth zei: “Nee! Hij moet Johannes heten.” “Johannes? Er is toch niemand in de hele familie die zo heet!” zei men. Ze vroegen de vader wat hij ervan vond. Hij maakte hun duidelijk dat hij iets wilde hebben om op te schrijven. Tot ieders verbazing schreef hij: “Zijn naam is Johannes.” Op hetzelfde moment kon hij weer spreken en begon hij God te prijzen. Dit maakte diepe indruk op de mensen. Overal in het bergland van Judea werd erover gesproken. Ieder die het nieuws hoorde, nam het ter harte en zei: “Wat zal er van dat kind worden?” Want het was duidelijk dat de Here iets bijzonders met hem voorhad. Weg van de vrede Zacharias werd vol van de Heilige Geest, die hem liet zeggen: “Prijs de Here, de God van Israël. Hij heeft zijn volk bezocht en gered. Hij heeft ons een machtige Redder gestuurd uit het geslacht van zijn dienaar David, zoals Hij lang geleden door zijn heilige profeten had beloofd. Hij heeft ons iemand gestuurd die ons zal redden uit de handen van onze vijanden, van allen die ons haten. Hij is goed voor onze voorouders geweest. Hij heeft zijn plechtige belofte aan Abraham niet vergeten. Hij heeft ons het voorrecht gegeven Hem te dienen zonder angst, bevrijd uit de handen van onze vijanden. Wij mogen bij Hem horen en doen wat Hij zegt, heel ons leven lang. En jij, kind, jij zult een profeet van de Allerhoogste God worden genoemd. Jij zult voor de Redder uitgaan om zijn volk voor te bereiden op zijn komst. Jij zult hun vertellen dat zij gered kunnen worden door de vergeving van hun zonden. Want het hart van onze God loopt over van liefde en goedheid. Een hemels licht zal op ons schijnen, zodat de mensen die in het donker en de schaduw van de dood zitten, weer kunnen zien en wij op de weg van de vrede worden gebracht.” De jonge Johannes groeide op en werd sterk gemaakt door de Heilige Geest. Hij hield zich op in dorre streken en bleef daar tot de dag dat hij in het openbaar in Israël optrad.


column

Vreugde van mijn hart Als mensen mij omschrijven, noemen ze al

waar ik zo nu en dan last van heb, wil ik

snel mijn lach. Naast het feit dat er veel tanden

getuigen van Jezus, Gods Zoon, die alles voor mij

ontbloot worden als ik in de lach schiet,

heeft gedragen en overwonnen. Hij is als baby

produceer ik daarbij ook een vrij typerend

naar de aarde gekomen, Hij was peuter, puber

geluid dat voor velen ‘uit duizenden te

en volwassene in onze wereld. Dat betekent

herkennen is’. Mijn lach is ook onderdeel van mijn persoonlijkheid, het is een deel van mijn identiteit in Jezus. Door alle zegeningen en beloften van Jezus kan de vreugde van mijn hart zich niet verbergen.

Ik leef iedere dag met Jezus, en ik wil nóóit meer anders.

Vijf jaar geleden liet ik me dopen; ik was dertien jaar toen ik besloot om mijn hele leven

dat Hij al die dingen waar jij en ik moeite mee

aan Jezus te geven. Mijn God heeft zoveel

hebben, waar we tegenaan lopen, heeft gezien,

mooie dingen voor mij gedaan! Hij heeft mij

meegemaakt en wil wegnemen: jouw zonden,

gered. Hij heeft mij gezegend en zegent mij

jouw pijn, jouw verdriet.

elke dag opnieuw. Hij heeft mij een vreugde

Het leven begint pas echt als je Jezus leert

gegeven die onbeschrijfelijk is. Leven met Jezus

kennen, en ik kan je één ding vertellen: ik wil

betekent: Hem vertellen wat je bezighoudt,

nóóit meer anders.

Hem vertrouwen en de zegen en vreugde ontvangen die Hij voor ons, gewone mensen,

In Your presence there is fullness of joy!

heeft klaarliggen.

Psalm 16:11

Ondanks de angst, de moeiten en de zorgen

Jolien

LEVEN | 11


Het wachten is voorbij In de tijd van Jezus gaat het volk gebukt onder de overheersing van de Romeinen. Voor de Joden is die bezetting extra zwaar, omdat de situatie het tegenovergestelde is van Gods belofte waar ze al zo lang op wachten: een bevrijder die vrede op aarde zal brengen, te beginnen bij Jeruzalem. In deze roerige tijd wordt Jezus, de Redder, geboren...

LUKAS 2 De geboorte van Jezus Omstreeks deze tijd gaf de Romeinse keizer Augustus bevel dat in zijn hele rijk een volkstelling moest worden gehouden. Quirinius was toen gouverneur van Syrië. Iedereen moest naar de stad of het dorp van zijn voorouders gaan om zich te laten inschrijven. En omdat Jozef van David afstamde, moest hij naar Bethlehem in Judea, want daar had David vroeger gewoond. Samen met Maria, zijn zwangere vrouw, verliet hij Nazareth in Galilea om zich te laten inschrijven. Toen zij in Bethlehem waren, moest Maria bevallen. Zij bracht haar eerste kind ter wereld, een jongen. Zij wikkelde Hem in doeken en legde Hem in een voerbak, want in de herberg van het dorp hadden Jozef en Maria geen onderdak kunnen vinden. Die nacht kwam een engel van God bij enkele herders die buiten in het veld overnachtten en op wacht zaten bij hun kudde. Door de verschijning van de engel werd de omgeving in een helder licht gezet. De herders beefden van angst, maar de engel stelde hen gerust. “Wees niet bang,” zei hij, “want ik breng u het mooiste nieuws dat u ooit hebt gehoord. Het is groot nieuws voor het hele volk.

Vandaag is in Bethlehem de Redder geboren: Christus, de Here. Ik zal u vertellen hoe u Hem kunt herkennen: het kind ligt in doeken gewikkeld in een voerbak.” Plotseling kwam bij de engel een menigte andere engelen die God loofden. Een hemels leger was het. “Ere zij God in de hoge,” zongen zij. “Vrede op aarde bij de mensen die naar zijn wil leven.” Zodra de engelen naar de hemel waren teruggekeerd, zeiden de herders tegen elkaar: “Kom! We gaan vlug naar Bethlehem. Nu de Here ons dit verteld heeft, moeten wij zien wat daar gebeurd is.” Zij liepen snel naar het stadje, vonden Maria en Jozef en zagen het kind! Het lag in een voerbak. Nadat zij het hadden gezien, gingen de herders overal vertellen wat er was gebeurd en wat de engel over het kind had gezegd. Ieder die hun verhaal hoorde, was verbaasd. Maria nam deze dingen stil in zich op en dacht er veel over na. Later gingen de herders weer terug naar hun kudde in het veld. Zij prezen God voor wat zij hadden gehoord en gezien. Het was precies zoals de engel had verteld.


Jezus aan God opgedragen in de tempel Acht dagen later werd de voorhuid van het kind weggesneden. Het kreeg de naam Jezus, zoals de engel had gezegd toen hij Maria kwam vertellen dat zij zwanger zou worden. Na de bevalling was Maria volgens de Joodse wet veertig dagen onrein. Toen die tijd voorbij was, ging zij met haar man naar Jeruzalem om het kind aan de

“Here,” juichte hij, “het wachten is voorbij! Nu ben ik gerust. U hebt uw woord gehouden.”

Puzzelstukjes

Soms kun je Gods hand zien in iets dat er gebeurt in het leven. Dan is het alsof de hemel opengaat. Zo blijkt dat God alles tot in de details onder controle heeft. Puzzelstukjes vallen op hun plek. Wat bijzonder!

Here op te dragen. In de wet stond namelijk: “Elk eerste kind dat een jongen is, moet aan de Here worden opgedragen.” Op diezelfde dag brachten zij ook het verplichte offer. Volgens de wet hoefden arme mensen maar twee tortelduiven of twee jonge duiven te geven. In Jeruzalem woonde een zekere Simeon. Hij was een eerlijk mens die leefde volgens Gods wil en hij was vol van de Heilige Geest. Hij leefde in de stellige verwachting dat God Zich over Israël zou ontfermen. Want de Heilige Geest had hem duidelijk gemaakt dat hij pas zou sterven als hij de Christus had gezien. De Heilige Geest had hem ertoe gedrongen die dag naar de tempel te gaan. Terwijl hij daar was, zag hij Jozef en Maria komen om, in gehoor-

LEVEN | 13


zaamheid aan de wet, het kind Jezus aan God op te dragen. Simeon nam het kind in zijn armen en begon God te prijzen. “Here,” juichte hij, “het wachten is voorbij! Nu ben ik gerust. U hebt uw woord gehouden. Met eigen ogen heb ik de Redder gezien die U aan de wereld gaat geven. Hij is een licht voor alle volken, de roem en eer voor uw volk Israël.” Verwonderd luisterden Jozef en Maria naar wat Simeon over hun kind zei. Simeon noemde hen bevoorrechte mensen. “Maar,” waarschuwde hij Maria, “er zal een zwaard door uw ziel gaan. Want velen in Israël zullen zich aan dit kind ergeren, tot hun eigen ongeluk. Maar vele anderen zal Hij de grootste vreugde geven. Hij zal de diepste gedachten van de mensen aan het licht brengen.” Er was in de tempel ook een profetes, Anna, een dochter van Fanuël. Ze hoorde bij de stam van Aser en was vierentachtig jaar oud. Zeven jaar na haar huwelijk was haar man gestorven. En nu kwam ze nooit buiten de tempel. Dag en nacht bleef zij daar om God te dienen met vasten en bidden. Zij kwam er net aan terwijl Simeon met Jozef en Maria stond te praten. Ook zij begon God te danken. Aan iedereen die uitkeek naar de bevrijding van Jeruzalem, vertelde zij dat de Christus was gekomen. Nadat Jezus’ ouders alles hadden gedaan wat zij volgens de wet van God moesten doen, gingen zij terug naar huis, naar Nazareth in Galilea. Jezus groeit op Daar groeide het kind op tot een flinke, sterke jongen. Hij bleek een bijzondere wijsheid te

14 |

LEVEN

hebben. De genade van God was op Hem. Het was de gewoonte van Jezus’ ouders elk jaar naar Jeruzalem te gaan voor de viering van Pesach, het Joodse Paasfeest. Toen Jezus twaalf jaar oud was, mocht Hij voor het eerst mee. Na de feestdagen gingen zij weer terug naar Nazareth, maar Jezus bleef in Jeruzalem achter. Zijn ouders misten Hem eerst niet eens, want zij dachten dat Hij ergens tussen de andere reizigers liep. Maar ‘s avonds werden zij toch ongerust en gingen Hem zoeken tussen hun familie en vrienden. Hij was echter nergens te vinden. Daarom liepen ze terug naar Jeruzalem. Na drie dagen zoeken vonden ze Hem eindelijk. Hij zat in de tempel tussen de bijbelgeleerden en was heel serieus met hen aan het praten. Ieder die Hem hoorde, verbaasde zich over zijn verstand en zijn antwoorden. Zijn ouders wisten niet wat zij moesten denken toen zij Hem daar zo zagen zitten. “Jongen toch,” zei zijn moeder. “Waarom heb je ons dit aangedaan? Vader en ik hebben je overal gezocht. Wij wisten ons gewoon geen raad.” “Dat hoefde toch niet?” antwoordde Hij. “Wist u niet dat Ik bezig moet zijn met de dingen van mijn Vader?” Maar zij begrepen niet wat Hij bedoelde. Hij ging met hen naar Nazareth terug en was gehoorzaam. Zijn moeder dacht veel over deze dingen na en nam alles goed in zich op. Hoe ouder Jezus werd, hoe meer wijsheid Hij kreeg. Hij stond in de gunst bij God en de mensen.


“HIJ ZAL DE

DIEPSTE GEDACHTEN VAN DE MENSEN

AAN HET LICHT BRENGEN.”

LEVEN | 15


LUCAS 3

koren

KAF

HET VAN HET

koren...

De Joden weten dat zij het ‘uitverkoren’ volk zijn. Uit hun midden zal immers de beloofde Messias opstaan. Dat betekent niet dat ze op hun lauweren kunnen rusten. Maar liefst 613 geboden en regels staan er in de Joodse wet, de Thora. Als je maar goed je best doet om je aan die wetten te houden, dan ben je een goed mens. Johannes de Doper gooit het ineens over een andere boeg en wijst de mensen op hun ware aard.

LUKAS 3 De boodschap van Johannes de Doper Keizer Tiberius was al vijftien jaar aan het bewind. Pilatus was gouverneur van Judea, Herodes gouverneur van Galilea, zijn broer Filippus gouverneur van Iturea en Trachonitis, en Lysanias gouverneur van Abilene. Annas en Kajafas waren de hogepriesters van de Joden. Toen Johannes, de zoon van Zacharias, in de woestijn was, hoorde hij de stem van God. Daarna trok hij de hele Jordaanvallei door en riep de mensen op zich tot God te bekeren. Door zich te laten dopen, konden zij tonen dat zij dat echt wilden. Hun zonden zouden dan ook worden vergeven. Het was met Johannes als wat de profeet Jesaja zei: “Luister! Ik hoor de stem van iemand die roept in de woestijn: baan een weg voor de Here, maak zijn wegen recht. Vul de dalen op en vlak de heuvels af, maak de bochtige paden recht

16 |

LEVEN

en zorg dat alle oneffenheden vlak worden gemaakt. Dan zullen alle mensen de Redder zien die door God gestuurd wordt.” De mensen kwamen in drommen naar Johannes om zich te laten dopen. Maar hij zei tegen hen: “Stelletje sluwe slangen! Wie heeft u verteld dat u aan het komende oordeel van God kunt ontsnappen? Laat eerst maar eens in uw leven zien dat u zich bekeerd heeft en denk niet dat u vrijuit gaat omdat u van Abraham afstamt. Want Ik verzeker u dat God zelfs deze stenen in kinderen van Abraham kan veranderen. De bijl van Gods oordeel ligt al aan de wortel van de bomen: elke boom die geen goede vruchten draagt, wordt omgehakt en in het vuur gegooid.” Vertel het ons De mensen vroegen: “Maar wat moeten wij dan doen?”


“Als u twee jassen hebt,” antwoordde hij, “geef dan één ervan aan iemand die er geen heeft. Als u eten over hebt, geef het aan iemand die honger heeft.” Er kwamen zelfs tolontvangers, berucht om hun afzetterij, die zich wilden laten dopen. “Meester, hoe moeten wij nu leven?” vroegen zij. “Wees voortaan eerlijk,” antwoordde Johannes, “en vraag niet meer tol dan voorgeschreven is.” “En wij?” vroegen een paar soldaten. “Hoe moeten wij leven?” Johannes antwoordde: “Pers niemand iets af. Gebruik geen geweld of valse beschuldigingen om meer geld te krijgen. Wees tevreden met uw soldij.” In die tijd verwachtte iedereen dat de Christus gauw zou komen. Overal vroeg men zich af of Johannes het was. Maar Johannes zei hierover tegen iedereen: “U hebt gezien dat ik in water doop. Maar na mij komt er Iemand die belangrijker is dan ik. Ik ben het niet eens waard de riem van zijn sandalen los te maken. Hij zal u dopen met de Heilige Geest en met vuur. Hij zal het kaf van het koren scheiden. Het koren zal Hij in zijn schuur brengen, maar het kaf zal Hij verbranden in een vuur dat nooit uitgaat.” Met vele van dergelijke waarschuwingen sprak hij de mensen toe.

Doe het eens anders Lukas noemt de belangrijke leiders bij hun naam. Zij zouden garant moeten staan voor rust, vrede en welvaart. De werkelijkheid is iets anders. Daarom roept God door Johannes de Doper mensen juist op om naar Hém te luisteren en een andere levensstijl te kiezen: zorg voor je naaste, wees eerlijk en tevreden. Jezus is het levende voorbeeld.

Gouverneur Herodes, die al heel wat slechte dingen had gedaan, maakte een einde aan Johannes’ optreden door hem gevangen te nemen. Want Johannes had in het openbaar gezegd dat het niet goed was dat Herodes samenleefde met Herodias, de vrouw van zijn broer. In de tijd dat Johannes nog vrij was, mengde Jezus Zich tussen de mensen om gedoopt te worden. Na zijn doop, terwijl Hij in gebed was, ging de hemel open en streek de

Heilige Geest als een duif op Hem neer. Een stem uit de hemel zei: “U bent mijn geliefde Zoon. U verheugt mijn hart.” De voorouders van Jezus Jezus begon in het openbaar op te treden toen Hij ongeveer dertig jaar oud was. Men dacht dat Jozef zijn vader was. De vader van Jozef was Eli; de vader van Eli was Mattat; de vader van Mattat was Levi; de vader van Levi was Melchi; de vader van Melchi was Jannai; de vader van Jannai was Jozef; de vader van Jozef was Mattatias; de vader van Mattatias was Amos; de vader van Amos was Naüm; de vader van Naüm was Hesli; de vader van Hesli was Naggai; de vader van Naggai was Maät; de vader van Maät was Mattatias; de vader van Mattatias was Semeïn; de vader van Semeïn was Josech; de vader van Josech was Joda; de vader van Joda was Joanan; de vader van Joanan was Resa; de vader van Resa was Zerubbabel; de vader van Zerubbabel was Sealtiël; de vader van Sealtiël was Neri; de vader van Neri was Melchi; de vader van Melchi was Addi; de vader van Addi was Kosam; de vader van Kosam was Elmadan; de vader van Elmadan was Er; de vader van Er was Jozua; de vader van Jozua was Eliëzer; de vader van Eliëzer was Jorim; de vader van Jorim was Mattat; de vader van Mattat was Levi; de vader van Levi was Simeon; de vader van Simeon was Juda; de vader van Juda was Jozef; de vader van Jozef was Jonan; de vader van Jonan was Eljakim; de vader van Eljakim was Melea; de vader van Melea was Menna; de vader van Menna was Mattata; de vader van Mattata was Natan; de vader van Natan was David; de vader van David was Isaï; de vader van Isaï was Obed; de vader van Obed was Boaz; de vader van Boaz was Selach; de vader van Selach was Nachson; de vader van Nachson was Amminadab; de vader van Amminadab was Admin; de vader van Admin was Arni; de vader van Arni was Chesron; de vader van Chesron was Peres; de vader van Peres was Juda; de vader van Juda was Jakob; de vader van Jakob was Isaak; de vader van Isaak was Abraham; de vader van Abraham was Terach; de vader van Terach was Nachor; de vader van Nachor was Serug; de vader van Serug was Reü; de vader van Reü was Peleg; de vader van Peleg was Eber; de vader van Eber was Selach; de vader van Selach was Kenan; de vader van Kenan was Arpachsad; de vader van Arpachsad was Sem; de vader van Sem was Noach; de vader van Noach was Lamech; de vader van Lamech was Metuselach; de vader van Metuselach was Henoch; de vader van Henoch was Jered; de vader van Jered was Mahalalel; de vader van Mahalalel was Kenan; de vader van Kenan was Enos; de vader van Enos was Set; de vader van Set was Adam en de vader van Adam was God.

LEVEN | 17


Tot het

uiterste getest

18 |

LEVEN


Jezus is niet gewoon een profeet met een bijzondere boodschap. Hij is één met zijn Vader God. Dankzij Hem krijgen alle mensen, ook jij en ik, de kans om een persoonlijke relatie te hebben met God, ook na dit leven. Jezus schopt met zijn radicale boodschap van liefde en vergeving tegen het zere been van de gevestigde orde. Ook de duivel, het kwaad zelf, doet er alles aan om Jezus aan te vallen.

LUKAS 4 Jezus door de duivel op de proef gesteld Jezus ging vol van de Heilige Geest uit de Jordaanvallei weg. De Geest leidde Hem naar de woestijn van Judea waar Hij veertig dagen bleef. Daar stelde de duivel Hem voortdurend op de proef. Al die tijd at Jezus niets en op het laatst kreeg Hij honger. De duivel zei: “Als U de Zoon van God bent, zeg dan tegen deze steen dat hij een brood moet worden.” Maar Jezus antwoordde: “In de Boeken staat dat eten niet het belangrijkste is.” De duivel nam Jezus mee naar een hoogvlakte en liet Hem in een oogopslag alle koninkrijken van de wereld zien. “Kijk,” zei hij, “dat zal ik U allemaal geven, met al hun roem en eer erbij. Want het is allemaal van mij. Ik geef het aan wie ik wil. Als U mij aanbidt, krijgt U het allemaal.” Jezus antwoordde: “Er staat in de Boeken: ‘Aanbid de Here, uw God, en geef niemand anders eer.’” Daarna nam de duivel Hem mee naar het dak van de tempel in Jeruzalem. “Als U de Zoon van God bent,” zei hij, “spring dan naar beneden. Er staat immers in de Boeken: ‘God zal zijn engelen sturen om U te beschermen. Zij zullen U op handen dragen en U zult niet struikelen.’” Jezus antwoordde: “Er staat ook: ‘Stel de Here, uw God, niet op de proef.’” Zo probeerde de duivel op alle mogelijke manieren Jezus om te praten. Maar zonder succes. Daarom liet hij Hem voorlopig met rust. De opdracht van Jezus Jezus ging terug naar Galilea, vol van de kracht van de Heilige Geest. Het duurde niet lang of Hij was daar overal bekend. Hij sprak in de verschillende synagogen en stond bij iedereen in hoog aanzien. Hij kwam ook in Nazareth, het dorp waar Hij zijn jeugd had doorgebracht. Op de sabbat (zaterdag, de Joodse rustdag) ging Hij naar de synagoge, dat was zo zijn gewoonte. Tijdens de dienst stond Hij op om voor te lezen. Men gaf Hem het boek van de profeet Jesaja en Hij zocht het gedeelte op waar staat: ‘De Geest

Mislukte staatsgreep De duivel is de tegenstander van God. Vroeger was hij een belangrijke engel, maar hij wilde helemaal gelijk zijn aan God. Zijn ‘staatsgreep’ mislukte. Daarom moest hij de hemel verlaten. Nu heeft hij één doel: God kwetsen. De mens is het meest waardevolle van Gods schepping. God houdt van ons, daarom vecht de duivel om onze ziel. Hij gebruikt allerlei manieren om ons in de war te brengen. Bij Jezus gebruikt hij zelfs Gods uitspraken die hij dan wel een beetje verdraait! Maar Jezus laat zich niet in de val lokken. Hij is altijd sterker dan de duivel.

van de Here rust op Mij, omdat Hij Mij heeft gezalfd tot brenger van goed nieuws aan arme mensen. Hij heeft Mij gestuurd om uit te roepen dat gevangenen zullen worden vrijgelaten, dat blinden zullen zien, dat onderdrukten zullen worden bevrijd en dat de tijd van Gods genade is aangebroken.’ Hij deed het boek dicht, gaf het aan de dienaar en ging zitten. Alle ogen waren op Hem gericht. Hij begon: “Wat Ik u zojuist heb voorgelezen, is werkelijkheid geworden.” Iedereen in de synagoge vond dat er iets heel bijzonders van Hem uitging. Wat Hij zei, was gewoon geweldig. Zij waren hoogst verbaasd. “Is dat niet de zoon LEVEN | 19


Verlosser

Al vanaf het begin van de Bijbel belooft God een Verlosser. Hij komt om de verstoorde relatie tussen God en mensen weer goed te maken. Veel profeten schrijven over Hem. En alles wat over Hem geschreven is, zien we uitkomen in het leven van Jezus. Hij is Gods beloofde Verlosser.

van Jozef?” vroegen zij. Jezus zei: “U wilt eigenlijk zeggen: ‘Dokter, genees uzelf.’ U bedoelt daarmee: ‘Wij hebben gehoord wat U in Kafarnaüm hebt gedaan. Waarom doet U dat hier niet, in uw vaderstad?’ Luister goed: een profeet wordt in zijn eigen stad niet geaccepteerd. Neem nu de profeet Elia. In zijn tijd was er hongersnood. Vele Joodse weduwen hadden niets te eten, want er was drieënhalf jaar geen druppel regen gevallen. En toch werd Elia niet naar een van hen gestuurd, maar wel naar een vreemdelinge, een weduwe uit Sarepta, bij Sidon. Of denk eens aan de profeet Elisa. Hij genas de melaatse Naäman, een Syriër. Maar van de vele Joodse melaatsen, die ook hulp nodig hadden, werd er niet één genezen.” Dat was de mensen te veel. Woedend sprongen zij op en joegen Jezus het dorp uit. Zij brachten Hem naar de rand van een afgrond even buiten het dorp. Daar wilden zij Hem vanaf duwen. Maar Hij keerde Zich om, liep ongehinderd tussen hen door en ging zijn eigen weg. Iemand met gezag Hij kwam in Kafarnaüm, een stadje aan het Meer van Galilea. Daar ging Hij elke sabbat naar de synagoge en sprak er de mensen toe. Zij waren verbaasd over wat Hij hun leerde, want Hij sprak als iemand met gezag, die wist waarover Hij het had. Op een dag was Jezus weer in de

20 |

LEVEN

synagoge. Een man die in de macht van een boze geest was, schreeuwde: “Jezus van Nazareth, ga weg! Ik wil niets met U te maken hebben. U bent gekomen om ons te vernietigen! Ik weet wel wie U bent: de heilige Zoon van God!” Jezus snoerde hem de mond. “Zwijg,” zei Hij tegen de boze geest. “Kom eruit.” De boze geest gooide de man midden in de synagoge op de grond en ging uit hem weg, zonder hem verder kwaad te doen. Vol verbazing zeiden de mensen tegen elkaar: “Nee, maar! De boze geesten doen wat Hij zegt!” Het nieuws over zijn optreden ging als een lopend vuurtje door de streek. Uit de synagoge ging Hij naar het huis van Simon. Simons schoonmoeder lag met hoge koorts in bed. Haar huisgenoten vroegen Jezus of Hij haar wilde genezen. Hij kwam bij haar bed staan en zei dat de koorts moest verdwijnen. Haar temperatuur werd onmiddellijk normaal. Zij stond op en maakte eten voor Jezus en de anderen klaar. Bij het ondergaan van de zon werden vele zieke mensen bij Hem gebracht. Hij legde zijn handen op hen en genas hen allemaal. Het deed er niet toe wat voor ziekte het was. Ook joeg Hij uit vele mensen boze geesten weg. Die schreeuwden dan: “U bent de Zoon van God!” Maar Hij legde ze onmiddellijk het zwijgen op, want de boze geesten wisten dat Hij de Christus was. De volgende morgen vroeg ging Jezus naar een stille plek. De mensen zochten Hem overal. Toen zij Hem eindelijk hadden gevonden, smeekten zij Hem niet weg te gaan. Zij wilden zo graag dat Hij bij hen bleef. Maar Hij antwoordde: “Ik moet het goede nieuws van het Koninkrijk van God ook op andere plaatsen brengen. Dat is mijn opdracht.” Daarna reisde Hij rond door Judea en sprak in de synagogen.

Hij legde zijn handen op hen en genas hen allemaal.


column

Realiteitsvervalsing Het plaatje van de loterij was me direct duidelijk:

toch? Als het niet goed zou zijn, zou iemand het

een klein visje uitwerpen om een grote vis

toch wel zeggen?’

te vangen. De grote oranje vis vertoonde een

Helaas kan ik mezelf een schijnwerkelijkheid

gelukzalige glimlach. Bij het kleine, geheel

voorhouden van succes, snel geluk en lege

uitdrukkingsloze visje was zelfs geen spoor van

relaties. Maar vroeg of laat haalt de realiteit mij

een bek zichtbaar. Geheel monddood.

in en dan is het plaatje heel anders dan ik dacht.

Ik ging voor de hoofdprijs en bezweek voor de verleiding. Ik was blij met mijn lot, totdat het lot anders beschikte. Volgende keer beter! En dat gold ook de volgende maand. En de maanden en jaren erna. Ik moest en zou deze vis vangen! De veelbelovende glimlach van de grote vis liet me niet meer los. Ik zag hem als ik over mijn schouder keek. Het leek alsof de vis me op de

Plaatjes die mij voorgeschoteld worden, lijken soms aantrekkelijk

hielen zat en ik ontdekte dat dit ook zo was. Ik ving die vis niet, die vis ving mij. Maand na

Want de realiteit is de realiteit. Onvermijdelijk.

maand. Ik gooide geen kleine vis uit, ik was

Heb ik succes of heeft het succes mij? Heb ik

de kleine vis! Ik wilde schreeuwen, maar kreeg

een baan, of heeft de baan mij? Consumeer ik of

mijn mond niet open. Toen schrok ik wakker.

word ik geconsumeerd? Leef ik of leef ik mezelf

Uitdrukkingsloos en gevangen.

dood? Jezus, die verzoeking weerstond, heeft eens

Plaatjes die mij voorgeschoteld worden in

gezegd: “de waarheid zal je vrijmaken”.

mijn leven, lijken soms logisch en aantrekkelijk. ‘Waarom zou ik dit niet doen? Iedereen doet het

Hans

LEVEN | 21


‘Natuurlijk wil ik je genezen!’ Jezus trekt het land door en duizenden mensen komen naar Hem toe: veel

zieken en mensen die nieuwsgierig zijn naar zijn wonderen. Maar ook strenge Joodse godsdienstleraren die Hem nauwlettend in de gaten houden. Jezus heeft een prachtige boodschap: “Ik ben gekomen om zondaars uit te nodigen een nieuw leven te beginnen.”

LUKAS 5 Jezus geneest zieken Op een dag was Hij bij het Meer van Galilea. De mensen drongen van alle kanten tegen Hem op, want zij wilden horen wat Hij over God zou vertellen. Hij zag twee boten liggen die half uit het water waren getrokken. De vissers stonden iets verderop hun netten schoon te spoelen. Jezus stapte in de boot van Simon en vroeg hem een stukje van de oever af te varen. Daarna ging Hij zitten om de mensen meer over God te vertellen. Toen Hij was uitgesproken, zei Hij tegen Simon: “Vaar het meer eens op naar diep water en gooi daar jullie netten uit.” “Maar Meester,” antwoordde Simon, “wij zijn de hele nacht aan het vissen geweest en hebben niets gevangen! Maar omdat U het zegt, zal ik het nog eens proberen.” Zij deden wat Jezus had gezegd en vingen zoveel vis dat hun netten begonnen te scheuren. Zij wenkten de mannen in de andere boot om hen te komen helpen. Even later was in beide boten zoveel vis dat die bijna zonken. Simon Petrus was hiervan zo onder de indruk dat hij voor Jezus op de knieën viel en

22 |

LEVEN

zei: “Ga maar van mij weg, Here. Ik ben veel te slecht om bij U in de buurt te zijn.”

Kom zoals je bent

Je bent nooit te slecht om bij Jezus te komen. Hoe doe je dat? Praat tegen Hem en vertel Hem wat je bezighoudt, zo simpel is het. Je mag komen zoals je bent. Hij geeft je zijn vrede, liefde en goedheid.

De andere mannen konden het ook bijna niet geloven dat zij zoveel vis hadden gevangen. Jakobus en Johannes, de zonen van Zebedeüs, die met Simon samenwerkten, wisten niet wat ze zagen. Jezus zei


tegen Simon: “Wees niet bang meer. Van nu af aan zul je een visser van mensen worden.” De mannen trokken hun boten op de wal, lieten alles voor wat het was en gingen met Jezus mee. In een van de stadjes waar zij kwamen, viel hun oog op een man die helemaal melaats was. Toen de man Jezus zag aankomen, viel hij voor Hem neer met zijn gezicht in het stof. “Here,” smeekte hij, “als U wilt, kunt U mij genezen.” Jezus stak zijn hand uit, raakte de man aan en zei: “Natuurlijk wil Ik dat. Wees genezen van deze ziekte.” En de melaatsheid verdween onmiddellijk. Jezus zei dat hij er met niemand over mocht praten. “Ga naar de priester en laat u onderzoeken. Doe wat in de wet van Mozes staat en breng het offer voor de genezing van melaatsheid. Dan zal niemand kunnen ontkennen dat u genezen bent.” Toch wist iedereen binnen de kortste tijd wat voor kracht er van Jezus uitging.

WAT IS MELAATSHEID?

Melaatsheid is een ziekte die regelmatig in de Bijbel genoemd wordt. Het was een huidziekte, veroorzaakt door een bacterie. In de Joodse cultuur waren melaatsen onrein en leefden afgezonderd. Als iemand in hun buurt kwam, moesten ze roepen: ‘onrein, onrein!’ Moet je je voorstellen hoe eenzaam en uitzichtloos je leven dan was. Voor Jezus is deze man een kostbaar mens. Jezus is vervuld met liefde, raakt hem aan en geneest hem.

Van alle kanten stroomden de mensen toe om te luisteren naar wat Hij zei en om genezen te worden. Maar Hij trok Zich terug. Hij wilde ergens alleen zijn om te bidden. Toen Jezus op een dag de mensen weer over God vertelde, zaten er ook Farizeeën en bijbelgeleerden te luisteren. Het leek wel of zij overal vandaan kwamen. Uit Galilea, Judea en uit Jeruzalem. Jezus was vol van Gods genezende kracht. Verlamde man door het dak Er kwamen enkele mannen met een verlamde op een draagbed. Zij probeerden hem het huis binnen te dragen tot vlak bij Jezus. Maar er stonden zoveel mensen dat het niet lukte. Daarom gingen zij het platte dak op en haalden daar enkele tegels weg. Vervolgens lieten zij de man op zijn draagbed door het gat zakken tot vlak voor de voeten van Jezus. Toen Jezus hun geloof zag, zei Hij tegen de verlamde man: “Vriend, uw zonden zijn vergeven.” “Wat denkt die man wel?” mopperden de Farizeeën en bijbelgeleerden. “Hij beledigt God! Wie kan zonden vergeven dan God alleen?” Jezus wist wel wat er in hen omging en vroeg: “Wat gaat er in uw hart om? Wat is makkelijker? Te zeggen: ‘Uw zonden zijn u vergeven,’ of: ‘Sta op en loop’? Ik zal u laten zien dat de Mensenzoon macht heeft om zonden te vergeven.” Hij zei tegen de verlamde: “Sta op, neem uw bed en ga naar huis.” Op hetzelfde moment, terwijl iedereen met grote ogen toekeek, stond de man op. Hij nam zijn bed onder de arm en liep naar huis. Hij juichte van blijdschap en prees God voor dit wonder. De omstanders wisten niet wat ze zagen. Ook zij prezen God en zeiden vol ontzag: “We hebben vandaag ongelooflijke dingen gezien.” Kort daarna reisde Jezus verder. Onderweg zag Hij Levi, een tolontvanger, voor zijn tolhuis zitten. Jezus zei tegen hem: “Kom, ga met Mij mee.” Levi stond op, liet alles achter en ging met Hem mee. Enige tijd later organiseerde Levi een grote feestmaaltijd ter ere van Jezus. Onder de genodigden waren ook veel tolontvangers. De Farizeeën

LEVEN | 23


“Weet u wie een dokter nodig hebben? Zieke mensen, maar gezonde niet.”

en bijbelgeleerden zeiden tegen Jezus’ leerlingen: “Onbegrijpelijk dat u met zulk soort mensen aan tafel gaat.” Toen nam Jezus het woord: “Weet u wie een dokter nodig hebben? Zieke mensen, maar gezonde niet. Ik ben gekomen om zondaars uit te nodigen een nieuw leven te beginnen, niet degenen die Gods wil al doen.”

Wacht niet langer

Je gaat naar een dokter wanneer je ziek bent. Soms stel je een bezoek uit, totdat je er niet meer omheen kunt. De dokter zegt dan: ‘Waarom heb je zolang gewacht?’ Jezus nodigt je uit om nu te komen. Hij wil je een nieuw leven geven. Geen wachtkamer of wachtlijsten, je bent meteen aan de beurt.

24 |

LEVEN

Jonge wijn in nieuwe zakken Zij hadden er ook kritiek op dat Jezus’ leerlingen gewoon aten en dronken in plaats van te vasten en te bidden. “Wat een verschil met de leerlingen van Johannes de Doper en die van ons!” zeiden zij. Jezus vroeg: “Wilt u dat de bruiloftsgasten vasten, terwijl de bruidegom nog bij hen is? Maar er komt een dag dat de bruidegom gedood zal worden. Dan zullen ze niet willen eten.” Om duidelijk te maken wat Hij precies bedoelde, gaf Hij hun dit voorbeeld: “Men knipt toch niet een stuk uit een nieuwe jas om er een oude mee te verstellen? Dat zou zonde zijn van die nieuwe jas. En de oude jas zou er toch niet mee gemaakt kunnen worden, omdat de nieuwe stof zou gaan krimpen. Zowel de oude jas als de nieuwe lap zouden scheuren. Men doet ook geen jonge wijn in oude leren zakken. Want door het gisten van de jonge wijn zou het oude, stugge leer gaan scheuren. Zowel de oude zakken als de jonge wijn zouden verloren gaan. Nee, jonge wijn hoort in nieuwe zakken. Als iemand van de oude wijn heeft gedronken, wil hij de nieuwe niet eens proeven. Hij vindt de oude goed genoeg.”


Ik & mijn geloof

Marion (63) ‘Was ik er maar niet meer’, dacht ik vaak. Mijn leven was helemaal beschadigd. Ik was veel gepest, voelde mij altijd vernederd en nooit geaccepteerd. Maar er was geen hulp, alles moest ik zelf uitzoeken. In 2013 sprak ik op de Senioren Expo een meneer die mij een Bijbel gaf. Ik was rooms-katholiek, maar had geen relatie met God. Ik wist überhaupt niet wie de Heer was. De Bijbel die ik kreeg las ik niet, maar ik bewaarde hem zorgvuldig. Vorig jaar zei een vriend: je moet gaan praten over je verleden. Toen heb ik hulp gezocht en gevonden. Ook ging ik met hem mee naar de kerk. Daar hing iets in de lucht en ik wist niet wat het was, maar het raakte mij heel diep.

De mensen om mij heen gunnen het mij, maar begrijpen het niet Op dat moment gaf ik mij gelijk over aan God, er was geen enkele twijfel. Hier voelde ik mij thuis. De tranen rolden over mijn wangen. Het is nu een half jaar geleden en sindsdien ga ik elke zondag naar de kerk. Het mooiste vind ik dat de Heer er altijd is. Ik bid veel én ik word gehoord. Bij Jezus ben ik geaccepteerd, Hij gaf zijn leven voor mij. Hij is voor mij als een vriend. Ik ben een heel ander mens geworden. De mensen om mij heen gunnen het mij, maar begrijpen niet wat ik geloof. Ik kan er eigenlijk niet over praten. Dat vind ik moeilijk, want het liefst wil ik mijn blijdschap en enthousiasme met iedereen delen!

LEVEN | 25


Wat is jouw basis? Waar eerder Johannes de Doper de vroomheid van de schriftgeleerden ontmaskerde, gaat Jezus nog een stap verder: Hij laat zien dat liefde een belangrijker fundament is dan welke wet of regel ook. Geen zoetsappige liefde, maar echte opofferende liefde die je iets kan kosten. Jezus zelf gaat daarin tot het uiterste.

LUKAS 6 Jezus onderwijst zijn leerlingen Op een sabbat wandelde Jezus met zijn leerlingen door de korenvelden. Onder het lopen plukten ze wat aren af, wreven die stuk tussen hun handen en aten de graankorrels op. Enkele Farizeeën zeiden: “Dat mag niet! Wat u daar doet, is graan oogsten en dat is op de sabbat verboden.” Jezus antwoordde: “Hebt u nooit gelezen wat David deed toen hij en zijn mannen honger hadden? Hij ging de tempel van God binnen, nam de offerbroden, die alleen voor de priesters bestemd waren, en at die met zijn mannen op. Ik, de Mensenzoon, beslis wat op de sabbat wel en niet mag.” Op een andere sabbat, toen Hij in de synagoge was en de mensen over God vertelde, zat daar ook een man met een verschrompelde rechterhand. De bijbelgeleerden en Farizeeën hielden Jezus goed in het oog. Want als Hij deze ongelukkige man nu, dus op de sabbat, zou genezen, zouden zij een reden hebben Hem aan te klagen. Maar Hij wist wat zij dachten. “Sta op,” zei Hij tegen de man met de verschrompelde hand. “Kom hier bij Mij staan. Dan kan iedereen u zien.” De man deed het. Jezus zei tegen de Farizeeën en de bijbelgeleerden: “Ik heb een vraag: wat moet men op de sabbat doen? Goed of slecht? Moet men een leven redden of het verloren laten gaan?” Hij keek hen een voor een aan. “Steek uw hand uit,” zei Hij tegen de man. Terwijl de man dat deed, werd zijn hand helemaal gezond. De tegenstanders van Jezus waren woedend. Zij staken de koppen bij elkaar om uit te vinden hoe zij met Hem konden afrekenen. De twaalf leerlingen Korte tijd daarna ging Hij de bergen in om te bidden. Hij bad de hele nacht tot God. Tegen de morgen riep Hij zijn leerlingen bij Zich en koos er twaalf uit die Hij zijn aposte-

len, gezanten, noemde. Het waren Simon (die Hij voortaan Petrus noemde) en diens broer Andreas, Jakobus, Johannes, Filippus, Bartholomeüs, Mattheüs, Thomas, Jakobus (de zoon van Alfeüs), Simon de Zeloot, Judas (de zoon van Jakobus) en Judas Iskariot (die Hem later zou uitleveren). Zij daalden af naar een vlak gedeelte, waar vele volgelingen van Jezus hen omringden. Van alle kanten waren de mensen toegestroomd, zij kwamen helemaal uit Judea, Jeruzalem en uit de streek van Tyrus en Sidon aan de Middellandse Zee. Al die mensen waren gekomen om naar Hem te luisteren en door Hem te worden genezen. En uit vele mensen verjoeg Hij boze geesten. Iedereen probeerde Hem aan te raken, omdat een geweldige kracht van Hem uitging. Hij maakte hen allemaal beter. Geef ook je hemd Daarna liet Hij zijn blik over zijn leerlingen gaan. En Hij zei: “Gelukkig u die arm bent, want voor u is het Koninkrijk van God. Gelukkig u die nu honger heeft, want uw honger zal worden gestild. Gelukkig u die nu huilt, want eens zal u lachen. Gelukkig u die gehaat, genegeerd, beledigd en verbannen wordt omdat u bij Mij, de Mensenzoon, hoort. Wees blij als dat gebeurt. Spring op van vreugde, want uw beloning in de hemel zal groot zijn. Met de profeten hebben zij vroeger immers net zo gedaan! Maar pas op als u rijk bent! U bent er dan slecht aan toe! Want het geld is het enige geluk dat u ten deel valt. Pas op als u in overvloed leeft, want er komt een tijd dat u honger zult hebben. Pas op als u nu plezier hebt, want eens zult u huilen van ellende. Pas op als iedereen goed van u spreekt! Want dat hebben ze vroeger van de valse profeten ook gedaan. Luister, allemaal! Heb uw vijanden lief. Als de mensen u haten, wees dan goed voor hen. Als de mensen u vervloeken, vraag God dan of Hij goed voor hen wil zijn. Als de


mensen u pijn doen, bid dan dat zij gelukkig mogen worden. Als iemand u een klap in uw gezicht geeft, laat hem dan begaan en verdedig u niet. Als iemand uw mantel afpakt, geef hem dan ook uw hemd. Als iemand u iets vraagt, geef het hem. Als u iets wordt afgepakt, probeer dan niet het terug te krijgen. Wilt u dat anderen goed voor u zijn? Wees dan zelf ook goed voor hen. Wat voor bijzonders is het te houden van mensen die ook van u houden? Dat doet iedereen. En als u goed bent voor mensen die ook goed voor u zijn, is dat zo bijzonder? Nee, dat is heel gewoon. Als u geld leent aan mensen die het u kunnen terugbetalen, wat voor bijzonders is daaraan? Iedereen wil wel geld uitlenen als hij erop kan rekenen het terug te krijgen. Weet u wat u moet doen? Uw vijanden liefhebben en goed voor hen zijn en hun iets te leen geven zonder erop te rekenen dat ze u terugbetalen. Dan krijgt u een grote beloning in de hemel. Dan zult u echte zonen van God zijn. Want Hij is vriendelijk en goed voor ondankbare en slechte mensen. Heb net zoveel liefde en medeleven als uw hemelse Vader. Spreek geen oordeel uit, dan zal er over u ook geen oordeel uitgesproken worden. Veroordeel niemand, dan zult u ook niet veroordeeld worden. Vergeef en u zult vergeven worden. Geef en u zult iets terugkrijgen, meer dan overvloedig zult u ervoor terugkrijgen. Met de maat waarmee u meet, zult ook u gemeten worden.”

Rots of zand

Jezus is Gods Zoon. Luisteren naar Hem en doen wat Hij zegt, verandert je hart. Dat geeft jou zekerheid en veiligheid in je leven. Jezus daagt je uit.

Huis op het zand Jezus maakte een en ander duidelijk met een paar voorbeelden: “De ene blinde kan de andere blinde niet leiden. Want als de een in een kuil valt, trekt hij de ander mee. Een leerling is niet meer dan zijn leraar. Als hij alles van hem heeft geleerd, is hij hoogstens gelijk aan zijn leraar. Waarom maakt u zich druk over de splinter in het oog van een ander, terwijl in uw eigen oog een balk zit? Hoe durft u te zeggen: ‘Kom, ik zal die splinter wel even uit uw oog halen,’ terwijl u de balk in uw eigen oog niet eens ziet? Huichelaar! Haal eerst die balk uit uw eigen oog. Dan ziet u misschien scherp genoeg om die splinter uit het oog van de ander te halen. Aan een goede boom komen geen slechte vruchten en aan een slechte boom geen goede. Een boom is te herkennen aan zijn vruchten. Aan een doornstruik komen geen vijgen en aan een braamstruik geen druiven. Zo is het ook met de mensen. Iemand die goed is, doet goede dingen. Iemand die slecht is, doet slechte dingen. Je merkt het vooral aan wat hij zegt. Waar het hart vol van is, loopt de mond van over. Hoe haalt u het in uw hoofd Mij Here te noemen? U doet niet eens wat Ik zeg. Ieder die naar Mij komt luisteren en doet wat Ik zeg, lijkt op een man die een huis bouwt en eerst diep graaft om de fundering op de rots te kunnen leggen. Als bij een overstroming golven tegen zijn huis beuken, blijft het staan, want het is degelijk gebouwd. Maar wie naar Mij luistert en niet doet wat Ik zeg, lijkt op een man die zijn huis zomaar op de grond neerzet, zonder een degelijke fundering te leggen. Als dat huis wordt getroffen door het woeste geweld van een overstroming, stort het onmiddellijk in. Er blijft niets anders van over dan een grote puinhoop.”

“Wat voor bijzonders is het te houden van mensen die ook van u houden? Dat doet iedereen.” LEVEN | 27


Door tranen geraakt, met olie gezalfd Jezus maakt keer op keer duidelijk dat Hij niet is gekomen voor de mensen die denken dat ze alles goed voor elkaar hebben, maar voor de mensen die Hem echt nodig hebben. Hij is geraakt door hun pijn en tranen en biedt hun genezing van buiten én van binnen.

LUKAS 7 Jezus geneest, vergeeft en maakt levend Nadat Jezus was uitgesproken, ging Hij het plaatsje Kafarnaüm in. Een officier van het Romeinse leger had een knecht die veel voor hem betekende. Die knecht was ernstig ziek geworden en lag op sterven. Toen de officier over Jezus hoorde, stuurde hij enkele voorname Joodse burgers naar Hem toe met de vraag of Hij wilde komen om zijn knecht te genezen. Zij kwamen bij Jezus en vroegen Hem dringend of Hij wilde meegaan om de man te helpen. “Als er één is die verdient dat U hem helpt, is hij het wel!” zeiden ze. “Hij houdt van ons volk en heeft zelfs op eigen kosten een synagoge voor ons laten bouwen.” Jezus ging met hen mee. Maar toen Hij bijna bij het huis was, stuurde de officier een paar vrienden naar Hem toe met de boodschap: “Here, ik wil het U verder niet lastig maken. Ik ben het niet waard dat U in mijn huis komt. Daarom heb ik het ook niet gedurfd zelf naar U toe te komen. Eén woord van U is genoeg om mijn knecht te genezen. Want ik moet doen wat mijn commandant zegt. En mijn soldaten moeten doen wat ik zeg. Als ik tegen de één zeg: ‘Ga,’ gaat hij. En tegen de ander: ‘Kom,’ komt hij. En zeg ik tegen mijn knecht: ‘Doe dit,’ dan doet hij het.” Jezus was verbaasd. “Hebt u dat gehoord?” zei Hij tegen de mensen die met Hem waren meegekomen. “Nergens in Israël heb Ik iemand ontdekt die zoveel geloof in Mij heeft!” De vrienden van de officier gingen het huis weer binnen en zagen dat de knecht helemaal genezen was. De volgende dag ging Jezus met zijn leerlingen naar het 28 |

LEVEN

dorp Naïn. Zoals gewoonlijk liepen er drommen mensen achter Hem aan. Bij de poort van het dorp zag Hij een lange begrafenisstoet aankomen. De dode was de enige zoon van een vrouw die ook haar man al had verloren. Toen Jezus de vrouw zag, kreeg Hij diep medelijden met haar. “Huil maar niet,” zei Hij. Hij liep naar de baar en legde zijn hand erop. De dragers bleven stilstaan. “Jongen,” zei Hij, “word weer levend.” De dode jongen ging zitten en begon te praten. Jezus zei tegen de moeder: “Hier is uw zoon weer.” Er ging een golf van ontzag door de mensen. Zij eerden en prezen God. “Wat een geweldige profeet heeft God naar ons toegestuurd! Vandaag hebben wij gezien wat God kan doen!” zeiden zij. Het nieuws over wat er gebeurd was, ging door heel Judea en de omliggende streken. Johannes de Doper De leerlingen van Johannes de Doper hoorden wat Jezus allemaal deed en vertelden het aan Johannes. Die stuurde twee van hen naar Jezus toe met de vraag: “Bent U het op wie wij hebben gewacht? Of moeten wij uitkijken naar iemand anders?” Toen de twee mannen Jezus vonden, brachten zij Hem de vraag van Johannes over. Jezus was juist bezig vele mensen te genezen van allerlei ziekten en kwalen. Uit verschillende mensen verjoeg Hij boze geesten en Hij genas de ogen van vele blinden. “Ga terug naar Johannes,” antwoordde Hij, “en vertel hem wat u hier hebt gezien en gehoord. Blinden kunnen weer zien, lammen lopen zonder hulp, melaatsen zijn genezen, doven kunnen


horen, doden zijn weer levend geworden en arme mensen horen het goede nieuws. Zeg Johannes vooral dit: u bent gelukkig als u Mij aanvaardt zoals Ik ben.” De mannen gingen naar Johannes terug. Jezus sprak met de mensen over Johannes. “Naar wat voor man zijn jullie gaan kijken daar in de woestijn? Was hij een rietstengel die door de wind heen en weer wordt bewogen? Had hij dure kleren aan? Nee! Mensen met dure kleren en een luxe leven moet u in een paleis zoeken, niet in de woestijn. Hebt u dan een profeet gezien? Ja, zelfs meer dan een profeet. Over hem werd geschreven: ‘Ik stuur mijn boodschapper voor u uit om voor u een weg te banen.’ Onthoud dit: van alle mensen die ooit geboren zijn, is niemand groter dan Johannes. Toch is de kleinste in het Koninkrijk van God groter dan hij. Allen die Johannes hoorden, zelfs de tolontvangers, hebben erkend dat Gods eisen juist waren en lieten zich dopen. Behalve de Farizeeën en de bijbelgeleerden. Die keurden het plan van God af en wilden zich niet door Johannes laten do-

zou Hij wel weten wat voor een slechte vrouw zij is. Dan zou Hij Zich niet door haar hebben laten aanraken.” Jezus gaf meteen antwoord op wat in de Farizeeër omging. “Simon,” zei Hij, “Ik moet u iets zeggen.” “Ja,” antwoordde de Farizeeër. “Ik luister.” “Iemand gaf twee mannen geld te leen, de een vijfhonderd zilverstukken en de ander vijftig. Maar geen van beiden kon hem terugbetalen. Daarom schold hij hun de schuld kwijt. Wie van de twee zal daarna het meeste van hem houden?” “Ik denk de man die hem het meeste geld schuldig was,” antwoordde Simon. “Precies,” zei Jezus. Daarna keek Hij naar de vrouw en zei tegen Simon: “Ziet u deze vrouw? Toen Ik uw huis binnenkwam, hebt u niet de moeite genomen het stof van mijn voeten af te wassen. Maar deze vrouw heeft mijn voeten gewassen met haar tranen en afgedroogd met haar haren. U hebt Mij niet begroet met een kus. Maar zo lang Ik hier binnen ben, heeft deze vrouw mijn voeten gekust. U hebt niet het gebruik in acht genomen mijn hoofd met olie te zalven.

“Iemand die voor weinig zonden vergeving heeft gekregen, geeft ook weinig liefde.” pen. Wat moet men van zulke mannen zeggen? Waarmee kan men hen vergelijken? Zij zijn net kinderen die op straat spelen en tegen de andere kinderen zeggen: ‘Wij hebben muziek gemaakt en jullie wilden niet dansen. Wij hebben begrafenisje gespeeld en jullie wilden niet treuren!’ Want Johannes de Doper leefde uiterst sober. Hij at geen brood en dronk geen druppel wijn. En u zei: ‘Hij heeft een boze geest.’ Ik, de Mensenzoon, eet en drink heel gewoon en u zegt: ‘Die Jezus is een veelvraat en een drinker! Mooie vrienden heeft Hij: tollenaars en slechte mensen!’ Maar de praktijk zal wel uitwijzen wat wijsheid is.” Tranen en kostbare olie Een van de Farizeeën nodigde Jezus uit bij hem thuis te komen eten. Jezus nam die uitnodiging aan en ging aan tafel. Er was in die stad een vrouw met een slechte reputatie, die hoorde dat Jezus bij de Farizeeër aan tafel aanlag. Ze ging naar Hem toe met een flesje kostbare parfum en knielde achter Hem neer bij zijn voeten. De tranen liepen haar over de wangen en zij vielen op de voeten van Jezus. Ze droogde zijn voeten met haar lange haren af, kuste ze en goot er de parfum over uit. De Farizeeër zag dit allemaal aan en dacht bij zichzelf: “Nee, Jezus is geen profeet. Als Hij door God was gestuurd,

Maar deze vrouw heeft mijn voeten gezalfd. Met kostbare parfum nog wel. Zij had veel zonden, maar die zijn haar vergeven. Dat blijkt wel uit haar grote liefde. Iemand die voor weinig zonden vergeving heeft gekregen, geeft ook weinig liefde.” Jezus zei daarop tegen de vrouw: “Uw zonden zijn u vergeven.” De andere mannen aan de tafel zeiden tegen elkaar: “Wie is Hij, dat Hij denkt zonden te kunnen vergeven?” Maar Jezus ging er niet op in en zei tegen de vrouw: “U bent gered door uw geloof. Ga in vrede.”

Aan zijn voeten Vrij van schaamte knielt de vrouw neer. Ze hoeft zich niet mooier voor te doen dan ze is. Jezus weet alles van haar, maar Hij geeft vergeving in plaats van afwijzing. Zijn liefde geneest haar beschadigde hart. Haar dankbare tranen en kostbare parfum zijn haar antwoord op Jezus’ liefde.

LEVEN | 29


Zaaien op vruchtbare grond Er komen veel mensen op Jezus af die geĂŻnteresseerd zijn in wat Hij doet, maar Jezus zoekt mensen die geĂŻnteresseerd zijn in wat Hij zegt. Mensen die Hem echt willen volgen. Hij gebruikt gelijkenissen om zijn boodschap te illustreren.

30 |

LEVEN


LUKAS 8 Gelijkenissen van Jezus Enige tijd later maakte Hij een reis langs alle steden en dorpen in dat gebied. Overal bracht Hij het goede nieuws dat het Koninkrijk van God was gekomen. De twaalf en verscheidene vrouwen gingen met Hem mee. De vrouwen zorgden voor hun eten en drinken en betaalden dat allemaal uit eigen middelen. Jezus had deze vrouwen uit de macht van boze geesten bevrijd en van allerlei ziekten genezen. Onder hen waren Maria van Magdala, uit wie Hij zeven boze geesten had weggejaagd, Johanna, de vrouw van Chusas die een belangrijke funktie had in de regering van Herodes, en Susanna. Op een dag, toen uit verschillende steden mensen waren samengestroomd om Hem te horen, vertelde Hij deze gelijkenis: “Een boer ging naar zijn land om graan te zaaien. Bij het uitstrooien viel wat zaad op een pad, waar het werd vertrapt. De vogels kwamen het oppikken. Er viel ook zaad op ondiepe grond met harde rotsbodem eronder. Het kwam wel op, maar verdorde ook weer vlug omdat het te weinig vocht kreeg. Ander zaad kwam tussen de distels terecht. Het verstikte daar omdat de distels veel sneller groeiden. Het overige zaad viel op vruchtbare grond. Het kwam mooi op en gaf een rijke oogst, wel honderd keer zoveel als was gezaaid.” Hij wilde dat de mensen goed zouden luisteren en zei: “Als u oren hebt, luister dan goed.” Zijn leerlingen vroegen wat Hij met de gelijkenis bedoelde. Hij antwoordde: “Jullie mogen weten wat het geheim van het Koninkrijk van God is, maar aan andere mensen vertel Ik er over met behulp van gelijkenissen. Hun ogen zitten dicht en hun oren zijn doof. Daarom zullen zij niets zien, horen of begrijpen. Nu, dit is de betekenis ervan: het zaad is het woord van God voor de mensen. Het zaad dat op het pad terechtkomt, zijn de mensen die wel het woord van God horen, maar het meteen weer vergeten. De duivel neemt Gods woord weg, omdat hij niet wil dat de mensen erin geloven en daardoor worden gered. Het zaad dat op steenachtige grond terechtkomt, zijn de mensen die het woord van God horen en meteen erg enthousiast zijn. Maar het schiet geen wortel bij hen, zij zijn oppervlakkig. Een poosje geloven zij erin, maar wanneer zij op de proef worden gesteld, moeten zij er niets meer van hebben. Het zaad dat tussen de distels terechtkomt, zijn de mensen die het woord van God horen en er ook in geloven. Maar door de zorgen, de overvloed en aller-

lei genoegens van het leven krijgen die woorden niet de kans in hen iets goeds te bewerken. Maar het zaad dat in goede, vruchtbare grond terechtkomt, zijn de mensen die met een goed, oprecht hart naar de woorden van God luisteren en zich eraan houden. Het zaad brengt vrucht voort in hun leven, omdat zij volhouden. Als men een lamp aansteekt, wordt er toch niet iets overheen gezet om het licht te verbergen? Nee, men zet de lamp ergens neer waar iedereen die binnenkomt, het licht goed kan zien. Zo zal ook alles wat geheim of verborgen is, aan het licht komen. Het hangt er dus van af hoe u luistert. Want wie iets heeft, zal er veel bij krijgen. Maar wie niets heeft, zal ook nog kwijtraken wat hij meent te hebben.” Zijn moeder en zijn broers kwamen Hem opzoeken, maar zij konden niet bij Hem komen omdat het huis overvol was. Toen Hij hoorde dat zij buiten stonden te wachten en Hem wilden spreken, zei Hij: “Mijn moeder en mijn broers zijn zij die de woorden van God horen en in praktijk brengen.” Wind en water gehoorzamen Jezus Op een dag stapte Hij met zijn leerlingen in een boot en zei: “Kom, wij gaan naar de overkant van het meer.” Tijdens de overtocht viel Hij in slaap. Plotseling stak een vreselijke storm op. De golven werden zo woest dat het water de boot insloeg. Het werd heel gevaarlijk. De leerlingen maakten Jezus wakker. “Meester! Meester,” schreeuwden zij, “wij vergaan!” Jezus bestrafte de wind en het woeste water en onmiddellijk werd het bladstil. “Hebben jullie geen vertrouwen in Mij?” vroeg Hij zijn leerlingen. Zij keken Jezus bang aan. Vol ontzag en verbazing zeiden zij tegen elkaar: “Wat voor man is Hij? Zelfs de wind en het water doen wat Hij zegt!”

No worries

In paniek? Wees gerust: hoe je situatie ook is, Jezus wil betrokken zijn bij jouw leven. Hij is groter dan jouw omstandigheden.

LEVEN | 31


“Ga naar uw familie,” zei Hij, “en vertel hun wat God voor u heeft gedaan.”

Jezus toont zijn macht over geesten, ziekte en dood Zij voeren verder en legden aan in het gebied van de Gerasenen, aan de overkant van het Meer van Galilea. Toen Hij uit de boot stapte, kwam uit de stad een man op Hem af die een boze geest in zich had. Hij liep al een hele tijd zonder kleren rond en woonde niet in een huis, maar in de rotsgraven. Zodra hij Jezus van dichtbij zag, schreeuwde hij het uit en viel voor Hem neer. “Wat wilt U van mij, Jezus, Zoon van de Allerhoogste God!” schreeuwde hij. “Doe mij alstublieft geen pijn!” Jezus had namelijk tegen de boze geest gezegd dat hij uit de man moest weggaan. De boze geest had zich vaak van de man meester gemaakt. Dan was hij niet meer te houden, rukte zijn boeien stuk en rende de woestijn in, volledig in de macht van de boze geest. “Hoe heet je?” vroeg Jezus. “Legioen,” was het antwoord. Want de man zat vol boze geesten. Zij smeekten Jezus dat Hij hen niet naar de onderwereld zou sturen. Niet ver daarvandaan liep op een berghelling een kudde varkens eten te zoeken. De boze geesten smeekten Jezus of ze in die varkens mochten gaan en Hij vond dat goed. Zij verlieten de man en gingen in de varkens. De hele kudde stormde de helling af, het meer in en verdronk. De varkenshoeders sloegen op de vlucht en vertelden in stad en land wat er was gebeurd. Het duurde niet lang of er kwamen van alle kanten mensen aanlopen om het met eigen ogen te zien. Zij zagen de man die van de boze geesten bevrijd was, aan de voeten van Jezus zitten. Hij had kleren aan en was volledig bij zijn verstand. Zij werden bang. Degenen die het hadden zien gebeuren, vertelden hoe de man was genezen. De mensen vroegen Jezus weg te gaan en hen met rust te laten. Dus ging Hij weer in de boot en voer terug naar de overkant van het meer. De man uit wie de boze geesten waren weggegaan, smeekte of hij mee mocht. Maar Jezus wilde dat niet. “Ga naar uw familie,” zei Hij, “en vertel hun wat God voor u heeft gedaan.” De man ging overal in de stad vertellen wat Jezus voor hem had gedaan. Aan de overkant van het meer ontvingen de mensen Hem met open armen. Zij hadden op Hem gewacht. Er kwam 32 |

LEVEN

een man naar Hem toe die voor Hem neerviel. Het was Jaïrus, de leider van een synagoge. Hij smeekte of Jezus wilde meegaan naar zijn huis. Zijn enig kind, een meisje van twaalf jaar, lag op sterven. Jezus ging met hem mee en baande Zich een weg door de opdringende mensenmenigte. Onderweg slaagde een vrouw erin bij Hem te komen en Hem van achteren aan te raken. Twaalf jaar lang had zij voortdurend bloed verloren. Niemand had haar kunnen genezen. Maar zodra zij de kwast van Jezus’ mantel aanraakte, hield het bloeden op. “Wie heeft Mij aangeraakt?” vroeg Jezus. De mensen zeiden allemaal dat ze Hem niet hadden aangeraakt. “Maar Meester,” protesteerde Petrus, “De mensen dringen immers van alle kanten tegen U op!” Maar Jezus hield vol: “Er is iemand die Mij opzettelijk heeft aangeraakt, want Ik voelde dat er kracht uit Mij wegstroomde.” Toen tot de vrouw doordrong dat Jezus het wist, kwam zij naar voren. Bevend viel zij voor Hem neer en vertelde waarom zij Hem had aangeraakt en dat zij nu genezen was. Allen die erbij stonden, hoorden het. “U bent genezen door uw geloof,” zei Hij. “Ga in vrede.” Iemand uit het huis van Jaïrus kwam vertellen dat het zieke kind al gestorven was. “Het heeft geen zin de Meester nog langer lastig te vallen.” zei hij. Jezus hoorde wat er was gebeurd en zei tegen de vader: “Wees niet bang! Blijf geloven, want het meisje zal weer gezond worden.” Zij kwamen bij het huis aan en Jezus wilde niet dat iemand met Hem mee naar binnen ging behalve Petrus, Jakobus en Johannes en de ouders van het meisje. Er waren allemaal mensen aan het huilen en jammeren om de dood van het kind. “Maak toch niet zoveel lawaai!” zei Jezus. “Houd op met huilen. Zij is niet dood, ze slaapt alleen maar.” De mensen lachten Hem in zijn gezicht uit, want zij wisten zeker dat het meisje dood was. Jezus ging naar haar toe, nam haar bij de hand en riep: “Sta op, meisje!” Op dat moment keerde het leven in haar terug en stond zij op. “Geef haar wat te eten,” zei Hij. De ouders wisten niet wat zij zagen. Jezus wilde niet dat zij iemand zouden vertellen wat er gebeurd was.


column

Ware liefde Snikkend zit ze tegenover me. Een volwassen

moeilijke omstandigheden toch veilig was. Maar

vrouw, als een klein hoopje ellende. ‘Ik weet

wat kan ik op zulke momenten ook dankbaar

niet hoe het verder moet’, zegt ze, en ik zie de

zijn voor het belangrijkste wat mijn ouders mij

wanhoop ik haar ogen.

hebben bijgebracht: Gods liefde. Een Liefde

Ze is, zoals zovelen, in moeilijke omstandig-

die niet voorwaardelijk is, een Liefde die mee

heden opgegroeid en heeft nooit geleerd

lijdt, een Liefde die troost en bemoedigt en

wat liefde is. De liefde in haar leven was altijd

een Liefde die alles voor mij over heeft gehad.

voorwaardelijk, altijd met een dreigende ondertoon. En nu ze zelfstandig is, heeft ze moeite om haar leven vorm te geven. Wat moet je zeggen als iemand zo wanhopig is? Ik heb geen antwoord op haar verdriet, geen

Wat zou Jezus doen, vraag ik mijzelf af, als Hij naast haar zat?

troostende woorden die nu afdoende zijn. Wat zou Jezus doen, vraag ik mijzelf af, als Hij

Door een ernstige ziekte is mijn leven niet

naast haar zat? Hij zou haar echt begrijpen. Hij

gemakkelijk, maar het is die Liefde die me er

zou meevoelen in haar verdriet. Hij zou troosten

altijd weer bovenop helpt, altijd weer hoop

en zijn liefde geven.

geeft, altijd weer troost.

Ik zucht, geef haar een knuffel en er valt een

Ik knuffel haar nog eens en kijk haar in de ogen.

geladen stilte. ‘Laat die stilte er maar zijn’, denk

‘Gaat het weer?’ vraag ik. Ze snuft en knikt dan.

ik en laat haar uithuilen op mijn schouder.

Voor nu kan ze er weer even tegenaan.

Wat kan ik op zulke momenten dankbaar zijn voor mijn eigen jeugd. Een jeugd die ondanks

Moniek

LEVEN | 33


Vermenigvuldigen door te

delen Jezus stuurt zijn twaalf leerlingen op pad om het goede nieuws overal te vertellen en in zijn naam zieken te genezen. Ondertussen wordt Jezus steeds bekender en veel mensen komen op Hem af. Hij heeft bijna geen rust, maar toch stuurt Hij nooit iemand weg; Hij blijft geven.

LUKAS 9 De twaalf leerlingen door Jezus eropuit gestuurd Op een dag riep Jezus de twaalf bij elkaar. Hij gaf hun macht en gezag om boze geesten uit te drijven en ziekten te genezen. Daarna stuurde Hij hen eropuit om iedereen over het Koninkrijk van God te vertellen en zieken te genezen. “Maar jullie mogen niets meenemen voor onderweg,” zei Hij. “Geen wandelstok, geen tas, geen eten, geen geld, zelfs geen extra mantel. Word je in een huis uitgenodigd, blijf daar dan logeren tot je verdergaat naar de volgende plaats. Als ze in een stad niets van je willen weten, moet je daar meteen weggaan. Schud het stof van je voeten af.” De leerlingen gingen de dorpen langs. Ze vertelden overal het goede nieuws en genazen de zieken. Gouverneur Herodes hoorde over de geweldige dingen die Jezus deed en hij wist niet wat hij ervan moest denken. Sommigen zeiden: “Het is Johannes de Doper die 34 |

LEVEN

weer levend is geworden.” Anderen zeiden: “Het is Elia of in ieder geval een van de oude profeten die is teruggekomen uit de dood.” Er deden allerlei geruchten de ronde. “Zou het Johannes zijn?” vroeg Herodes zich af. “Maar die heb ik laten onthoofden. En toch hoor ik steeds verhalen over een man die wonderen doet. Wie zou dat toch zijn?” En hij probeerde Jezus te zien te krijgen. Vijf broden en twee vissen Na verloop van tijd kwamen de twaalf apostelen bij Jezus terug. Zij vertelden wat ze allemaal hadden gedaan. Omdat Jezus met hen alleen wilde zijn, trokken ze zich terug en gingen op weg naar de stad Betsaïda. Maar de mensen begrepen wel waar Hij naartoe ging en liepen achter Hem aan. Jezus bleef vriendelijk en vertelde hun over het Koninkrijk van God en genas degenen die ziek waren. Tegen


de avond kwamen de twaalf bij Hem staan en zeiden: “U moet de mensen nu toch laten gaan! Dan kunnen zij nog eten kopen en onderdak vinden in de dorpen en boerderijen in de omtrek. Want in deze verlaten streek is niets te krijgen.” “Geven jullie hun te eten,” antwoordde Jezus. “Hoe dan?” vroegen zij. “Wij hebben hier maar vijf broden en twee vissen. Of moeten wij voor al deze mensen eten gaan kopen?” Want er waren maar liefst vijfduizend mannen! “Zeg tegen de mensen dat zij op de grond gaan zitten,” zei Hij. “In groepen van vijftig.” De leerlingen deden wat Hij had gezegd. Jezus nam de vijf broden en de twee vissen, keek omhoog naar de hemel en dankte God ervoor. Daarna brak Hij er stukken af, gaf die aan zijn leerlingen en zij brachten ze naar de mensen. Er was genoeg voor iedereen. Er bleven nog heel wat brokken over, wel twaalf manden vol.

Vermenigvuldigen Delen is vermenigvuldigen, dat laat Jezus op bijzondere wijze zien. Denk niet te klein van jezelf: dat wat jij kunt en hebt is waardevol. Geef wat je hebt aan Jezus en Hij maakt er iets groots van.

Jezus was ergens alleen geweest om te bidden. Toen Hij bij zijn leerlingen terugkwam, vroeg Hij: “Wie ben Ik volgens de mensen?” “Sommigen zeggen dat U Johannes de Doper bent,” antwoordden zij. “Anderen Elia of een van de oude profeten die uit de dood is teruggekomen.” “En jullie?” vroeg Hij. “Wie ben Ik volgens jullie?” “U bent de Christus, die door God gestuurd is,” antwoordde Petrus. Jezus

verbood hun daar met iemand anders over te praten. Hij begon hun te vertellen over de verschrikkelijke dingen die Hij, de Mensenzoon, zou moeten doormaken. Hij zei dat de verantwoordelijke oudsten, priesters en bijbelgeleerden Hem zouden veroordelen, dat men Hem zelfs zou doden en dat Hij na drie dagen weer levend zou worden. Daarna zei Hij tegen allen die bij Hem waren: “Wie bij Mij wil horen, moet zichzelf niet belangrijk vinden. Hij moet iedere dag zijn kruis opnemen en Mij volgen. Want wie zijn leven wil behouden, zal het verliezen. Maar wie zijn leven vanwege Mij verliest, zal het behouden. Wat hebt u eraan de hele wereld te winnen en uzelf te verspelen of schade toe te brengen? Wanneer Ik, de Mensenzoon, kom in de schitterende majesteit van mijn Vader, Mijzelf en de heilige engelen, zal Ik Mij schamen voor ieder mens die zich nu voor Mij en mijn woorden schaamt. Eén ding is zeker: sommigen die hier bij Mij staan, zullen niet sterven voordat zij het Koninkrijk van God hebben gezien!” Jezus, Gods geliefde Zoon Acht dagen later nam Hij Petrus, Jakobus en Johannes mee de berg op om te bidden. Terwijl Hij aan het bidden was, begon zijn gezicht te glanzen. Zijn kleren werden verblindend wit. Ineens stonden twee mannen met Hem te praten. Het waren Mozes en Elia! Zij waren gekomen in een hemels licht en spraken er met Hem over dat Hij zijn levenseinde te Jeruzalem zou volbrengen. Petrus en de anderen die in slaap waren gevallen, schrokken wakker. Ze zagen Jezus in het hemelse licht staan met de twee mannen bij Zich. Toen Mozes en Elia op het punt stonden te vertrekken, zei Petrus tegen Jezus: “Meester, het is maar goed dat wij hier zijn! Wij zullen drie tenten opzetten. Eén voor U, één voor Mozes en één voor Elia!” Hij was zo in de war dat hij niet wist wat hij zei. Maar hij was nog niet uitgesproken of er vormde zich een wolk boven hen die hen overschaduwde. Zij werden vreselijk bang toen zij zagen dat de mannen in de wolk werden LEVEN | 35


Er kwam een stem uit de wolk: “Dit is mijn Zoon! Hem heb Ik uitgekozen! Luister naar Hem!”

opgenomen. Er kwam een stem uit de wolk: “Dit is mijn Zoon! Hem heb Ik uitgekozen! Luister naar Hem!” Ineens was Jezus weer alleen met zijn leerlingen. Tot lang na die tijd vertelden zij niemand wat ze gezien hadden. Jezus verjaagt een boze geest Terwijl zij de volgende dag van de berg afdaalden, kwam een grote menigte mensen hen tegemoet om Jezus te zien. Er was een man bij die luidkeels riep: “Meester! Kom toch kijken naar mijn jongen! Het is mijn enig kind. Hij heeft zo’n last van een boze geest. Als die hem de baas wordt, begint hij ineens te krijsen, krijgt hij stuiptrekkingen en staat het schuim hem op de mond. Die geest laat hem bijna niet los en doet hem veel kwaad. Ik heb uw leerlingen gevraagd die geest te verjagen. Maar dat konden zij niet.” “Wat bent u toch harde en ongelovige mensen,” zei Jezus. “Hoelang moet Ik nog bij u blijven? Hoelang moet Ik nog geduld met u hebben? Breng uw zoon maar bij Mij.” Nog voordat de jongen bij Hem was, sloeg de boze geest hem tegen de grond. Hij bleef hevig stuiptrekkend liggen. Jezus joeg de boze geest uit de jongen weg, genas hem en gaf hem aan zijn vader terug. Bij het zien van de macht van God werden de mensen met ontzag vervuld. Terwijl iedereen nog een en al verbazing was over alles wat Hij deed, zei Jezus tegen zijn leerlingen: “Onthoud dit goed: binnenkort zal Ik, de Mensenzoon, verraden worden en in handen van de mensen vallen.” Maar de leerlingen begrepen niet wat Hij ermee bedoelde. Het was hun een raadsel. Toch durfden zij Hem er niet naar te vragen. Zij begonnen zich af te vragen wie van hen de belangrijkste was. Jezus wist wel wat er in hen omging en liet een kind bij Zich komen. “Luister,” zei Hij. “Wie zo’n kind namens Mij met open armen ontvangt, ontvangt Mij. En wie

36 |

LEVEN

Mij ontvangt, ontvangt God die Mij gestuurd heeft. Want wie het meest nederig is, is pas werkelijk groot.” Johannes, een van de leerlingen, zei: “Meester, wij hebben iemand gezien die uw naam gebruikte om boze geesten te verjagen. Wij hebben het hem verboden. Hij hoort immers niet bij ons?” Jezus antwoordde: “Dat hadden jullie niet mogen doen. Want wie niet tegen jullie is, is vóór jullie.” De tijd van zijn terugkeer naar God kwam steeds dichterbij. Jezus was vastbesloten naar Jeruzalem te gaan. Op een dag stuurde Hij enkele mannen vooruit naar een Samaritaans dorp om onderdak voor Hem te zoeken. Maar de mensen daar wilden niets te maken hebben met iemand die naar Jeruzalem ging. Toen Jakobus en Johannes dit hoorden, vroegen zij Jezus: “Meester, vindt U het goed dat wij vuur van de hemel laten komen om die mensen te verbranden?” Jezus keerde Zich om en zei dat zij zich moesten schamen. Daarna ging Hij verder naar een ander dorp. Onderweg kwam iemand naar Jezus toe. “Ik wil U volgen,” zei hij. “Het doet er niet toe waarheen.” “De vossen hebben een hol om in te wonen en vogels een nest, maar Ik, de Mensenzoon, heb geen plaats om mijn hoofd neer te leggen,” antwoordde Jezus. Jezus nodigde iemand anders uit met Hem mee te gaan. De man wilde wel, maar vroeg of hij eerst zijn vader mocht begraven. Jezus zei: “Laat het begraven van de doden maar over aan hen die geestelijk dood zijn. Wat u moet doen, is met Mij meegaan en de mensen vertellen dat God van hen houdt.” Weer iemand anders zei: “Here, ik zal U volgen. Maar mag ik eerst naar huis gaan om afscheid te nemen van mijn familie?” Jezus antwoordde: “Wie gaat ploegen en steeds achterom kijkt, is niet geschikt voor het Koninkrijk van God.”


DAGELIJKS LEVEN Bakkie troost Geen flauwe automaatkoffie, maar je eigen koffie van thuis. Met deze thermosfles van ecomaterialen help je ook meteen iemand anders, want voor elke verkochte fles wordt 1000 keer de inhoud aan drinkwater gedoneerd aan ontwikkelingslanden. 19,95 verkooppunten via retulp.nl

Nieuw leven Op de Recycle & Re-use afdeling van Dille & Kamille is veel moois te vinden dat nog een leven lang meekan. Zoals dit mooie notitieboekje van gerecycled leer en papier. Onmisbaar als je af en toe gedachten, gebeurtenissen of mooie uitspraken aan het papier kwijt wilt. 12,95 via dille-kamille.nl

Daily reminder Canvas tasjes vervangen gelukkig steeds vaker de plastic variant en dat is goed voor het milieu. Daarnaast is dit exemplaar ook nog eens goed voor je zelfvertrouwen. Win-win! 7,95 via zijlacht.nl

Weet je nog? Relaties bestaan vaak uit gedeelde herinneringen. Herinneringen die misschien al in een hoekje lagen te verstoffen. Duik in je geheugen en verras een vriend, geliefde of familielid met deze gepersonaliseerde poster. 24,95 via radbag.nl

Zullen we samen spelen? I Love Speelgoed biedt kinderen speelgoed waar nĂŠt iets meer aandacht aan is besteed. Speelgoed met leuke designs en van goede en duurzame kwaliteit. Zoals deze esdoornhouten speelgoedbeesten van Holztiger; met de hand beschilderd met verf op waterbasis. Vanaf 6,95 via ilovespeelgoed.nl

LEVEN | 37


Wat is echt belangrijk? Jezus is soms pijnlijk eerlijk. Hij prikt zo door mensen heen. Dat is ook zijn boodschap voor zijn leerlingen: verspil geen kostbare tijd. Niet aan mensen die niet willen luisteren, maar ook niet aan zaken die niet belangrijk zijn. Dan zie je misschien iets over het hoofd wat écht waarde heeft.

LUKAS 10 De zeventig leerlingen Jezus wees nog zeventig andere leerlingen aan. Hij stuurde hen twee aan twee vooruit naar de dorpen en steden waar Hij langs zou komen. Hij zei tegen hen: “Vraag God meer arbeiders te sturen om de oogst binnen te halen. Want er moet veel geoogst worden, maar er zijn te weinig arbeiders. Ga dan en vergeet niet dat Ik jullie eropuit stuur als lammeren tussen de wolven. Neem geen geld mee, geen tas en zelfs geen extra sandalen. Laat je niet ophouden door iemand te groeten. Breng vrede in elk huis dat je binnengaat. Woont daar een vredelievend man, dan zal je vrede over hem komen. Zo niet, dan komt die vrede bij je terug. Wanneer je in een dorp komt, ga dan niet van het ene adres naar het andere. Blijf logeren in hetzelfde huis en eet en drink wat je wordt voorgezet. Een arbeider moet zijn loon hebben. Als jullie in een stad gastvrij worden ontvangen, moet je dit doen: eet zonder bezwaar wat je wordt voorgezet. Genees de zieken. En zeg tegen de mensen dat het Koninkrijk van God heel dichtbij is gekomen. Maar als ze in een stad niets van jullie willen weten, ga dan door de straten en zeg: ‘Kijk, dit is stof van jullie stad! Wij schudden het van onze voeten! Het is afgelopen met jullie! Vergeet nooit hoe dicht het Koninkrijk van God bij jullie is geweest!’ Op de vreselijke dag van het grote oordeel zal het voor zo’n stad erger zijn dan voor het beruchte Sodom. Och, Chorazin! Och, Betsaïda! Hoe verschrikkelijk is het! Want als de steden Tyrus en Sidon de geweldige wonderen hadden gezien die Ik bij u heb gedaan, dan zouden zij zich al lang van de zonde hebben afgekeerd. Van berouw over hun slechte leven zouden zij in zak en as zitten. Nee, voor Tyrus en Sidon zal het op de dag van het grote oordeel niet zo zwaar zijn als voor u. En wat moet Ik van Kafarnaüm zeggen? Zal het worden verheerlijkt tot in de hemel? Nee, het zal verzinken in het dodenrijk.” Tegen zijn leerlingen zei Hij: “Wie naar jullie luistert, hoort Mij. Wie jullie negeert, negeert Mij. En wie Mij negeert, negeert God die Mij heeft gestuurd.” 38 |

LEVEN

Na verloop van tijd kwamen de zeventig leerlingen weer bij Hem terug. “Here,” zeiden zij opgetogen, “als wij uw naam gebruiken, doen zelfs de boze geesten wat wij zeggen!” Hij antwoordde: “Ik zag Satan als een bliksemschicht uit de hemel vallen. Ik heb jullie macht gegeven over al de krachten van de vijand. Jullie zullen slangen en schorpioenen vertrappen. Niets, werkelijk niets, zal jullie kwaad doen. Maar jullie moeten niet zozeer blij zijn dat de boze geesten doen wat jullie zeggen. Waar jullie vooral blij om moeten zijn, is dat jullie namen in de hemel geregistreerd staan.” Op dat moment bracht de Heilige Geest in Jezus een geweldige blijdschap teweeg. Hij sprak: “Vader! Heer van hemel en aarde! Dank U wel dat U de waarheid hebt verborgen voor wijzen en geleerden, maar aan kleine kinderen hebt bekendgemaakt. Dank U, Vader, zo hebt U het gewild. Mijn Vader heeft Mij alles toevertrouwd. Niemand weet wie Ik ben, behalve de Vader. En niemand weet wie de Vader is, behalve Ik en de mensen aan wie Ik het wil bekendmaken.” Daarna keek Hij zijn leerlingen aan en zei: “Het is een enorm voorrecht dat jullie dit allemaal mogen zien. Vele profeten en koningen hebben ernaar verlangd te zien wat jullie zien en te horen wat jullie horen. Maar zij konden het niet.”

“Wie jullie negeert, negeert Mij. En wie Mij negeert, negeert God die Mij heeft gestuurd.”


Het verhaal van de Samaritaan Op een dag was er een bijbelgeleerde die wilde onderzoeken of Jezus’ ideeën wel zuiver waren. “Meester,” vroeg hij, “wat moet ik doen om eeuwig leven te krijgen?” Jezus vroeg: “Wat zegt de wet van Mozes daarover?” Hij antwoordde: “Heb de Here, uw God, lief met heel uw hart, met heel uw ziel, heel uw kracht en heel uw verstand. En heb uw naaste net zo lief als uzelf.” “Goed!” zei Jezus. “Doe dat en u zult eeuwig leven krijgen.” De man voelde zich aangesproken. Om zich te rechtvaardigen, vroeg hij: “Wie is eigenlijk mijn medemens?” Als antwoord gaf Jezus hem dit voorbeeld: “Een man reisde van Jeruzalem naar Jericho. Onderweg werd hij door rovers overvallen. Zij rukten hem de kleren van het lijf, sloegen hem bont en blauw en lieten hem halfdood langs de weg liggen. Toevallig kwam er een priester langs. Maar toen hij de man zag liggen, ging hij aan de overkant van de weg voorbij. Een tempeldienaar die voorbijkwam, deed hetzelfde en liet de man gewoon liggen. Gelukkig kwam er ook iemand langs die medelijden kreeg toen hij hem daar zag liggen. Het was een Samaritaan, een vijand van de Joden. De Samaritaan knielde naast hem neer, verzorgde zijn wonden met olie en wijn en legde er verband om. Daarna tilde hij hem op zijn ezel en ging er zelf naast lopen. Zij kwamen bij een herberg, waar hij hem verder verzorgde. De volgende morgen gaf hij de herbergier twee zilveren munten en zei: ‘Zorg goed voor hem. Mocht dit geld niet genoeg zijn, dan betaal ik de rest de volgende keer wel.’ Wat denkt u? Wie van deze drie was de medemens van het slachtoffer van de roofoverval?” “De man die medelijden met hem had,” was het antwoord. “Precies,” zei Jezus. “Volg zijn voorbeeld dan.” Martha en Maria Tijdens hun reis naar Jeruzalem kwamen Jezus en zijn leerlingen in een dorp waar zij gastvrij werden ontvangen door een zekere Martha. De zuster van deze vrouw, Maria, ging meteen bij Jezus zitten om naar Hem te luisteren. Maar Martha had het veel te druk met het klaarmaken van het eten. Op een gegeven ogenblik werd het haar te veel. Zij kwam bij Jezus staan en zei: “Here, hoe kunt U het goed vinden dat mijn zuster hier maar zit en ik al het werk moet doen! Zeg toch tegen haar dat zij mij moet helpen.” Martha, Martha,” antwoordde Jezus. “Wat maak je je toch druk! In het leven heb je niet zoveel nodig. Eigenlijk maar één ding. Maria heeft dat ene ontdekt en het zal haar niet worden afgenomen.”

Volle agenda

Druk, druk, druk! Je haast je naar een afspraak, een deadline hijgt in je nek, nog snel even stofzuigen... Onze kostbare tijd wordt besteed om alle ballen in de lucht te houden. Maar wat is echt belangrijk? Maria heeft het meteen in de gaten...

LEVEN | 39


Onze vader Bidden, doe jij het wel eens? Als schietgebedje of als laatste ‘redmiddel’ in een moeilijke tijd? Bidden wordt vaak, ook door christenen, gezien als God ergens om vragen. Jezus leert ons dat bij bidden niet ons wensenlijstje centraal hoort te staan, maar Gods grootheid en zijn plan.

LUKAS 11 Jezus onderwijst zijn leerlingen Op een keer was Jezus ergens aan het bidden. Toen Hij daarmee ophield, kwam een van zijn leerlingen bij Hem en vroeg: “Here, wilt U ons leren bidden? Johannes de Doper heeft het zijn leerlingen ook geleerd.” Jezus zei: “Als u bidt, zeg dan: ‘Onze Vader in de hemel, laat uw naam alle eer ontvangen. Laat uw koninkrijk komen. Geef ons elke dag opnieuw het voedsel dat wij nodig hebben. Vergeef ons onze zonden, want wij vergeven ook de mensen die ons iets hebben aangedaan, en breng ons niet in beproeving.” Jezus leerde hun nog meer over het gebed. “Stel 40 |

LEVEN

dat je midden in de nacht naar een vriend gaat om drie broden te lenen. Je maakt hem wakker en zegt: ‘Er is een vriend bij ons aangekomen. Hij heeft een hele reis achter de rug. En nu heb ik niets voor hem te eten.’ De man roept vanuit zijn slaapkamer: ‘Laat me nou toch slapen! De deur is op slot en we liggen allemaal in bed! Ik kom er nu niet uit om je te helpen.’ Ik verzeker jullie, ook als hij niet opstaat vanwege jullie vriendschap, dan nog zou hij opstaan vanuit zijn schaamteloosheid en je alles geven wat je nodig hebt. Luister, zo gaat het ook bij het bidden. Vraag en je zult ontvangen. Zoek en je zult vinden. Klop en


de deuren zullen voor je opengaan. Want ieder die bidt, ontvangt. Wie zoekt, vindt. En voor wie klopt, gaat de deur open. Velen van jullie hebben kinderen. Als je zoon je om een vis vraagt, geef je hem dan een slang? Of als hij om een ei vraagt, geef je hem dan een schorpioen? Natuurlijk niet! Dus, al ben je slecht, je geeft je kinderen toch wat zij nodig hebben. Hoeveel te meer zal je hemelse Vader de Heilige Geest geven aan wie Hem daarom vragen?” God of de duivel? Op een keer verjoeg Jezus een boze geest uit iemand die niet kon spreken. Zodra de geest weg was, begon de man te praten. De mensen stonden perplex. Maar sommigen zeiden: “Geen wonder dat Hij boze geesten kan wegjagen. Hun leider, Beëlzebul, heeft Hem die macht gegeven.” Anderen zeiden dat Hij maar eens moest bewijzen dat Hij de Christus was en zij probeerden Hem over te halen een teken uit de hemel te doen. Hij wist wel wat er in hen omging. “Een land waar burgeroorlog is, verwoest zichzelf,” zei Hij. “Een gezin waar altijd ruzie is, valt uiteen. Als het waar is wat jullie zeggen, dan vecht de duivel tegen zichzelf. Hoe kan zijn koninkrijk dan blijven bestaan? Als Beëlzebul Mij de macht geeft boze geesten te verjagen, hoe staat het dan met uw eigen volgelingen? In wiens naam verjagen zij boze geesten? Zij zullen over u oordelen! Maar als Ik door de kracht van God boze geesten verjaag, is dat een teken dat het Koninkrijk van God gekomen is. Zolang iemand goed bewapend is en zijn terrein streng bewaakt, hoeft hij zich niet ongerust te maken. Maar als er iemand op hem afkomt die sterker is en hem overwint, dan neemt die ander hem zijn wapens af waar hij op vertrouwde, en geeft zijn buit aan anderen. Wie niet vóór Mij is, is tegen Mij. Wie niet met Mij meewerkt om de mensen bijeen te brengen in mijn koninkrijk, jaagt ze uiteen. Als een boze geest uit iemand is weggegaan, zwerft hij door dorre streken op zoek naar rust. Maar hij vindt geen rust en besluit naar die persoon terug te gaan. Als hij daar aankomt, ziet hij dat zijn oude woning helemaal schoongemaakt en op orde is. Dan haalt hij zeven andere geesten, die nog slechter zijn dan hijzelf. En met z’n allen trekken ze erin en gaan daar wonen. Zo iemand is er daarna nog veel erger aan toe dan daarvoor.”

Terwijl Jezus nog aan het woord was, riep een vrouw: “Wat moet uw moeder gelukkig zijn! U bent uit haar schoot geboren en hebt aan haar borsten gedronken!” “Weet u,” antwoordde Jezus, “wie nog gelukkiger zijn? Alle mensen die de woorden van God horen en zich eraan houden.” Zij drongen hoe langer hoe meer tegen Hem op. “De mensen van deze tijd zijn slecht,” zei Jezus. “Zij doen niets anders dan vragen om een teken uit de hemel. Zij willen een bewijs dat Ik de Christus ben. Maar het enige bewijs dat zij zullen krijgen, is het teken van Jona. Zoals Jona voor het volk van Nineve een teken was dat God hen wilde redden, zo zal Ik, de Mensenzoon, een teken zijn voor het volk van deze tijd. Op de dag van het grote oordeel zal de koningin van Scheba tegelijk met de mannen van deze tijd levend worden en hen veroordelen. Want zij maakte een lange, moeilijke reis om zelf de wijsheid van Salomo te horen. Maar let op! Ik ben meer dan Salomo! Op die dag zullen de mannen van Nineve ook levend worden en dit volk veroordelen. Want zij luisterden naar de waarschuwingen van Jona en keerden zich af van het kwaad. Maar Ik ben meer dan Jona! Niemand doet een lamp aan en zet die ergens onder, waar hij niet te zien is. Nee, hij zet hem op een verhoging. Ieder die de kamer binnenkomt, heeft dan licht. Het oog is de lamp van het lichaam. Als uw oog zuiver is en alleen op het goede gericht, leeft uw hele lichaam in het licht. Maar als uw oog boosaardig is, leeft u geheel in het donker. Laat uw oog niet verduisteren door het op het kwaad te richten. Als u vanbinnen licht bent, zonder een spoortje duisternis, zult u geheel in het licht staan, alsof een heldere lamp u verlicht.”

“Zoek en je zult vinden. Klop en de deuren zullen voor je opengaan.” LEVEN | 41


“U eist het onmogelijke van de mensen, maar doet zelf niets om hen te helpen.”

Jezus waarschuwt de schriftgeleerden Hij was nauwelijks uitgesproken of een Farizeeër nodigde Hem uit mee te gaan eten. Jezus nam de uitnodiging aan. Toen Hij aan tafel ging zonder zijn handen te hebben gewassen, was de Farizeeër verbaasd, want Joden vergeten dat nooit. Jezus zei tegen hem: “Jullie Farizeeën wassen alleen de buitenkant. Maar vanbinnen zijn jullie nog vuil, vol hebzucht en boosaardigheid. Dwazen! Heeft God niet de buitenkant én de binnenkant gemaakt? Uw innerlijke zuiverheid blijkt het beste uit de mildheid waarmee u geeft. U geeft tien procent van wat u heeft aan munt en andere kruiden aan de tempel, maar u denkt er niet aan rechtvaardig te zijn en God lief te hebben. En daar komt het nu juist op aan. U moet het ene doen en het andere niet nalaten. Wat ziet het er voor u slecht uit, Farizeeën! U vindt het heerlijk in de synagogen op de voornaamste plaatsen te zitten. U voelt zich gestreeld als de mensen op straat u eerbiedig groeten. Maar u bent net verborgen graven in het veld. De mensen lopen eroverheen, zonder te weten wat eronder zit. “Meester,” zei een bijbelgeleerde die stond te luisteren, “door dit allemaal te zeggen, hebt U ook ons zwartgemaakt.” “Ja,” antwoordde Jezus. “Ook u staat iets vreselijks te wachten. U eist het onmogelijke van de mensen, maar doet zelf niets om hen te helpen. U bouwt wel heel mooie graven voor de profeten. Maar u bent net als uw voorouders, die hen hebben gedood. U bent het volledig eens met wat uw voorouders hebben gedaan. U zou precies hetzelfde doen. God zegt over u: ‘Ik zal hen profeten en apostelen sturen, maar ze zullen sommigen van hen vermoorden en anderen wegjagen.’ Als mannen van deze generatie zult 42 |

LEVEN

u verantwoordelijk worden gesteld voor de moord op al Gods dienaren, van de moord op Abel tot de moord op Zecharja, die gedood werd tussen het altaar en het tempelhuis. Het zal u allemaal worden aangerekend. Slecht bent u, bijbelgeleerden! U houdt de sleutel tot de ware kennis voor de mensen verborgen. U hebt zelf de deur daartoe niet geopend en u houdt ook anderen tegen binnen te gaan.” De Farizeeën en bijbelgeleerden waren woedend. Van die tijd af begonnen ze Hem strikvragen te stellen om te proberen Hem op een of ander woord te vangen.

Teleurgesteld

Ben je teleurgesteld in mensen die elke zondag naar de kerk gaan en die jou pijn hebben gedaan? Er is in de hemel een Vader die op je wacht en met Wie jij mag spreken.


Ik & mijn geloof

Rachel (14) Gods naam is ‘Ik Ben’. Dat betekent voor mij dat ik nooit alleen ben geweest, niet alleen ben én nooit alleen zal zijn. Ik koos bewust voor God toen ik een toespraak hoorde over de eindtijd. De spreker zei: ‘Kies vandaag voor God, morgen kan het te laat zijn.’ En toen dacht ik: ‘Wat houdt me eigenlijk nog tegen?’ Ik heb toen tijdens het gebed mijn hart aan God gegeven. Ik geloof dat ik op Hem mag vertrouwen elk moment van mijn leven, op mooie momenten maar ook op moeilijke momenten. In de avond bespreek ik mijn dag met God. Dan vertel ik Hem waar ik Hem voor wil bedanken en dan bid ik voor dingen die vervelend zijn gegaan. Als ik bijvoorbeeld ruzie heb gehad met iemand, vraag ik of Hij me helpt om het op te lossen.

God maakt me vrolijk en hij helpt me bij alles wat ik doe HAnnah (14) God betekent alles voor me! Hij maakt me vrolijk en helpt mij bij alles wat ik doe. Als ik ergens mee zit kan ik altijd naar Hem toegaan en Hij heeft altijd tijd voor mij. Het moment dat ik echt dacht: ‘Ja, ik wil bij God horen’, was toen er allerlei dingen fout gingen en ik niet gelukkig was met mijn keuzes zonder God. Dat was voor mij het keerpunt. Mijn geloof heeft veel invloed op mijn leven. Ik scheld en vloek niet; dit is iets wat nog wel eens opgemerkt wordt. Vaak vraag ik aan mensen die vloeken of ze er alsjeblieft mee willen stoppen. Links Rachel, rechts Hannah

LEVEN | 43


Er is meer dan dit leven... Het is makkelijk om je te laten meeslepen door de zorgen van het leven, maar je zorgen maken is het tegenovergestelde van op God vertrouwen. Jezus moedigt zijn leerlingen en de mensen die Hem volgen aan om verder te denken dan dit leven alleen.

LUKAS 12 Lessen en waarschuwingen Ondertussen verdrongen zich duizenden mensen om Hem heen. Jezus had eerst zijn leerlingen iets te zeggen. “Ik waarschuw jullie niet zoals de Farizeeën te worden, het zijn huichelaars! Het zal vanzelf wel blijken hoe het werkelijk zit; wat verborgen is, zal aan de dag komen. Alles wat jullie in het donker zeggen, zal in het licht gehoord worden. Wat jullie stiekem fluisteren, zal van de daken rondgebazuind worden. Jullie zijn mijn vrienden. Wees niet bang voor de mensen die je willen vermoorden. Zij kunnen alleen maar je lichaam doden, maar hebben daarna geen macht meer over je. Weet je voor wie je een heilige vrees moet hebben? Voor God, die macht heeft te doden en daarna in de hel te gooien. Wat kosten vijf mussen? Bijna niets. Toch vergeet God er niet één van. Hij weet zelfs hoeveel haren je op je hoofd hebt! Wees dus nooit bang. Je bent Hem veel meer waard dan een hele zwerm mussen. Onthoud dit: als je er bij de mensen openlijk voor uitkomt dat je bij Mij hoort, zal Ik, de Mensenzoon, dat ook doen bij de engelen van God. Maar als je voor de mensen doet of je Mij niet kent, zal Ik voor de engelen van God doen of Ik jou niet ken. Wie kwaadspreekt over Mij, de Mensenzoon, zal daarvoor nog vergeving kunnen krijgen. Maar voor wie de Heilige Geest willens en wetens belastert, is vergeving uitgesloten. Als jullie moeten terechtstaan in de synagogen en voor de autoriteiten, maak je dan niet ongerust over wat je moet zeggen om je te verdedigen. De Heilige Geest zal je op dat moment de juiste woorden ingeven.”

44 |

LEVEN

Iemand uit de mensen riep: “Meester, zeg toch tegen mijn broer dat hij mij het deel van de erfenis geeft waar ik recht op heb!” Jezus antwoordde: “Beste man, hoe komt u erbij dat Ik rechter over u wil zijn? Met erfeniskwesties houd Ik Mij niet bezig.” “Dat is nou iets waarvoor u moet oppassen,” zei Hij tegen de mensen. “Verlang niet steeds naar dingen die u niet hebt. Want het leven bestaat niet uit het hebben van veel spullen.” Hij maakte dit duidelijk met een gelijkenis. “Een rijk man had heel vruchtbaar land en de oogst was zo groot dat die niet in de schuren kon. De man vroeg zich af waar hij alles moest laten. Ineens wist hij het. ‘Ik breek mijn schuren af en zet er grotere voor in de plaats,’ zei hij. ‘Dan heb ik ruimte genoeg om alles op te slaan. Als het klaar is, zal ik tegen mezelf zeggen: Je hebt voor jaren genoeg. Rust eens lekker uit, eet, drink en geniet.’ Maar God zei tegen hem: ‘Dwaas! Vannacht zult u sterven. En wie krijgt nu alles wat u achterlaat?’ Zo gaat het met iemand die altijd maar meer wil hebben, maar in Gods ogen een armoedzaaier is.”

“Wat kosten vijf mussen? Bijna niets. Toch vergeet God er niet één van.”


Jezus zei tegen zijn leerlingen: “Maak je geen zorgen over je levensonderhoud, over wat je zult eten of aantrekken. Want het leven is meer dan voedsel en kleding alleen. Kijk eens naar de kraaien. Die zaaien en oogsten niet en ze hebben geen voorraadkamers of schuren. Toch gaat het hen goed, want God geeft ze te eten. Wel, jullie betekenen toch veel meer voor Hem dan die vogels! Waar zijn zorgen trouwens goed voor? Kun je je leven erdoor verlengen? Natuurlijk niet. Als je dat nog niet eens kunt, waarover zul je je dan zorgen maken? Kijk eens naar de lelies: die spinnen niet en weven niet. Toch zijn zij mooier dan koning Salomo in al zijn pracht en praal. Als God de planten die vandaag in het veld staan en morgen verbrand worden, zo mooi aankleedt, zal Hij jullie dan geen kleren geven? Bange twijfelaars! Denk toch niet altijd aan eten en drinken. Ik wil niet dat jullie je daarover ongerust maken, zoals de andere mensen. Je hemelse Vader weet heel goed wat je nodig hebt. Wees dus in de eerste plaats bezig met het Koninkrijk van God, dan zorgt Hij wel dat je die andere dingen ook krijgt. Wees niet bang, al vormen jullie maar een klein groepje. Want jullie Vader is zo goed geweest zijn koninkrijk voor je open te stellen. Verkoop je bezittingen en geef de opbrengst aan wie te kort hebben. Zorg dat je een beurs krijgt die nooit opraakt, waar dieven niet bij kunnen en waar de mot niet aan vreet. Want waar je schat is, daar zullen ook je hart en gedachten zijn. Verwacht Jezus’ terugkomst Sta altijd klaar om in actie te komen, zorg dat jullie lamp brandt en wees als dienaars die wachten op hun heer tot die van de bruiloft terugkomt. Als hij aanklopt, kunnen ze meteen opendoen. Wie klaarstaan en hem verwachten, zijn oneindig gelukkig, want de Here Zelf zal hun dienaar worden. Hij zal hen aan tafel nodigen en bedienen. Of Hij nu ‘s avonds komt of na middernacht, voor degenen die klaarstaan, zal het een heerlijk moment zijn. Jullie begrijpen wel dat iemand niet in zijn huis zou laten inbreken als hij wist wanneer de dief zou komen. Het beste wat je dus kunt doen, is altijd klaar te zijn. Want Ik, de Mensenzoon, kom op een moment dat niemand Mij verwacht.” Petrus vroeg: “Is dit voor iedereen bestemd? Of alleen voor ons?” Jezus antwoordde: “Ik heb het over de betrouwbare en verstandige rentmeester die van zijn heer opdracht heeft gekregen voor de andere arbeiders te zorgen. Als de heer terugkomt en ziet dat de man zijn werk goed heeft gedaan, zal hij hem belonen en hem zijn hele bezit toe-

vertrouwen. Maar de rentmeester kan ook denken: ‘Mijn heer komt voorlopig niet terug.’ Hij kan de arbeiders en de werksters beginnen te slaan. Hij kan erop los leven en dronken worden. Maar als dan onverwacht zijn heer terugkomt, zal die hem ontslaan en behandelen als een misdadiger. Hij zal zwaar gestraft worden. Want hij wist wat hij moest doen, maar heeft het niet gedaan. Maar wie zich er niet van bewust is dat hij verkeerd heeft gedaan, zal een lichte straf krijgen. Als iemand veel heeft ontvangen, zal ook veel van hem worden geëist. Hoe meer je is toevertrouwd, hoe groter je verantwoordelijkheid is. Ik ben gekomen om vuur op de aarde te brengen. Was Ik daar maar mee klaar! Ik moet een zware beproeving ondergaan en Ik zie er erg tegenop. Denken jullie soms dat Ik ben gekomen om vrede op de aarde te brengen? Dat is niet zo! Ik breng juist strijd en verdeeldheid. Van nu af aan zal in gezinnen onenigheid zijn. Drie mensen zullen voor Mij zijn en twee tegen, of omgekeerd. Vader en zoon zullen onenigheid krijgen over Mij. Moeder en dochter ook. En schoonmoeder en schoondochter zullen elkaar niet begrijpen.”

Een ander leven Jezus heeft je iets te vertellen, soms heel persoonlijk. Voor Jezus kiezen, geeft je vrede in je hart. Maar voor de mensen om je heen kan jouw keuze heel lastig zijn om te begrijpen en te accepteren.

Jezus zei tegen de mensen: “Als u in het westen wolken ziet opkomen, zegt u: ‘Daar komt een bui aan.’ En dat is juist. Als een zuidenwind opsteekt, zegt u: ‘Het wordt heet.’ En ook dat is juist. Huichelaars! U ziet dus aan de lucht wat voor weer het wordt. Maar de tekenen des tijds ziet u niet. U weet zelf wat goed en rechtvaardig is! Als u met uw tegenpartij onenigheid hebt, moet u proberen het zo vlug mogelijk met hem in orde te maken. Anders sleurt hij u nog voor de rechter en krijgt u gevangenisstraf. En u komt de gevangenis niet uit, voordat u de laatste cent betaald hebt.”

LEVEN | 45


de hemel op aarde Jezus roept mensen vaak op om te ‘leven zoals God het wil’: handelen uit liefde en niet uit eigenbelang. Hoe meer we dat doen, hoe meer de hemel een beetje op aarde komt. Of zoals Jezus het noemt: het Koninkrijk van God.

LUKAS 13

46 |

Een oproep tot bekering In diezelfde tijd hoorde Jezus dat Pilatus een paar Joden uit Galilea had laten doden, terwijl ze in de tempel van Jeruzalem hun offers brachten. “Denkt u dat zij slechter waren dan de andere mensen uit Galilea vanwege hetgeen hun is overkomen?” vroeg Hij. “Nee, zeg ik u! Maar het zal met u allemaal net zo slecht aflopen, als u niet gaat leven zoals God wil. En de achttien mannen die verongelukten toen de toren van Siloam op hen viel? Waren die soms slechter dan de anderen in Jeruzalem? Nee! Als u niet gaat leven zoals God wil, loopt het met u net zo slecht af.” Om een en ander duidelijk te maken, vertelde Hij hun een gelijkenis. “Iemand had een vijgenboom in zijn tuin geplant en ging regelmatig kijken of er al vijgen aan kwamen. Maar, nee, er was geen vijg te zien. Ten slotte zei hij tegen zijn tuinman: ‘Hak die boom om. Ik wacht nu al drie jaar en heb nog steeds geen vijg gezien. Ik heb er genoeg van. Die boom neemt alleen maar plaats in. Wij kunnen die grond beter voor iets anders gebruiken.’ ‘Laat hem nog één jaar staan,’ antwoordde de tuinman. ‘Ik zal hem extra goed verzorgen en mest geven. Stel u voor dat er volgend jaar vijgen aan komen. Als het niet helpt, moeten we hem inderdaad omhakken.”

mensen. “Dan kunt u komen om genezen te worden. Maar niet op de sabbat!” “Huichelaar!” antwoordde Jezus. “U werkt nota bene zelf op de sabbat! Maakt u soms niet op de sabbat uw vee los van de voerbak om het buiten te laten drinken? Mocht Ik deze gelovige vrouw dan niet verlossen uit de greep van Satan, die haar achttien jaar gevangen heeft gehouden? Enkel en alleen omdat het sabbat is?” Zijn tegenstanders schaamden zich. Maar de andere mensen waren heel blij over de geweldige dingen die Hij deed.

Een genezing op de sabbat Toen Jezus op een sabbat in een synagoge sprak, viel zijn oog op een vrouw die helemaal krom liep. Zij had deze ziekte al achttien jaar en kon helemaal niet rechtop lopen. Jezus riep haar bij Zich en zei: “U bent van uw ziekte verlost.” Hij legde zijn handen op haar en op hetzelfde moment werd haar rug recht. De vrouw loofde en dankte God. Maar de leider van de synagoge was boos, omdat Jezus de vrouw op de sabbat had genezen. “De week heeft zes dagen om te werken!” zei hij tegen de

Je kunt zoveel ellende meemaken in je leven dat je letterlijk gebukt gaat; er gebeurt zo veel dat je het niet meer ziet zitten. Dan roept Jezus je bij Zich en wil Hij dat je weer rechtop gaat staan. Hij weet als geen ander wat je aan ellende kan overkomen. Daarom roept Hij, geneest Hij, geeft nieuw perspectief en hoop. Jezus wil graag dat je kiest voor Hem.

LEVEN

Gelijkenissen over het Koninkrijk van God Hij zei tegen de mensen: “Hoe kan Ik u duidelijk maken wat het Koninkrijk van God is? Ik zal het doen aan de hand van een vergelijking. Het Koninkrijk van God is als een mosterdzaadje dat door iemand in de tuin wordt gezaaid. Het begint te groeien en wordt ten slotte een grote boom waarin de vogels kunnen nestelen.” Hij gaf

Hoopvolle toekomst


nog een vergelijking. “Het Koninkrijk van God is als gist. Je doet een beetje in een hoop meel en na een tijdje is het deeg door en door gegist.” Wacht niet tot het te laat is Hij reisde verder naar Jeruzalem. Onderweg, in de steden en dorpen, sprak Hij met de mensen. Iemand zei tegen Hem: “Here, er komen zeker niet veel mensen in Gods koninkrijk?” “De deur naar de hemel is smal,” antwoordde Jezus. “Doe uw uiterste best er binnen te komen. Want vele mensen zullen het tevergeefs proberen. Nadat de huiseigenaar de deur gesloten heeft, zal het te laat zijn. Dan zult u buiten blijven staan. En als u aanklopt en smeekt: ‘Here, doe de deur voor ons open,’ zal Hij zeggen: ‘Ik ken u niet.’ ‘Maar we hebben samen met U gegeten en gedronken. U hebt in onze straten gesproken.’ En Hij zal antwoorden: ‘Ik zeg het nog eens: Ik weet niet waar u vandaan komt. Ga weg! U hebt niet willen doen wat God zei.’ U zult huilen en knarsetanden als u ziet dat Abraham, Isaak en Jakob en alle profeten in het Koninkrijk van God zijn, maar u zelf niet. Uit alle delen van de wereld zullen mensen plaatsnemen in het Koninkrijk van God. En let op: sommigen die nu vooraan staan, zullen dan met de laatste plaats genoegen moeten nemen.” Op dat moment kwamen enkele Farizeeën bij Hem en zeiden: “Ga hier zo vlug mogelijk vandaan, want Herodes wil U laten doden!” Jezus antwoordde: “Zeg maar tegen die vos dat Ik vandaag en morgen gewoon doorga met het wegjagen van boze geesten en het genezen van zieken. Het duurt niet lang meer tot Ik klaar ben. Hoe dan ook, Ik moet nog een paar dagen verder reizen. Want het is niet mogelijk dat een profeet van God ergens anders wordt gedood dan in de stad Jeruzalem. Och, Jeruzalem, Jeruzalem! De stad die de profeten vermoordt. De stad die stenen gooit naar de mannen die gestuurd zijn om haar te helpen. Hoe vaak heb Ik uw kinderen bijeen willen brengen als kuikens onder de vleugels van de moeder? Maar u wilde niet. Daarom wordt u nu aan uw lot overgelaten. En Mij zult u niet meer zien. U zult Mij pas weer zien op de dag dat u zegt: ‘Gelukkig is Hij die namens de Here komt.’” LEVEN | 47


BOEKEN De vreemdeling

This changes everything

John R. Cross

Jaquelle Crowe

De Bijbel is wel ‘het meest verkeerd begrepen boek uit de geschiedenis’ genoemd. Uit naam van de Bijbel zijn in het verleden oorlogen gevoerd. Politici hebben er beleid op gemaakt, en dit beleid ook weer veranderd. Theologen hebben de Bijbel zowel verdedigd als veracht. Sceptici hebben dit boek op de korrel genomen. Gewone mensen hebben elkaar met de inhoud om de oren geslagen. En misschien heeft alle ophef rond de Bijbel ook u wel eens versteld doen staan. De vraag blijft: wat zegt de Bijbel nu eigenlijk echt?

Voor tieners

Vanaf het eerste Bijbelboek, Genesis, neemt John Cross je mee en legt hij het grote thema van de Bijbel overzichtelijk en helder uit. Hij beschrijft de gebeurtenissen vanuit het perspectief van de mensen die er bij waren toen er geschiedenis werd geschreven. Als je dit boek uit hebt, geloof je misschien wel in ‘het Boek’ zoals je nooit eerder hebt gedaan. Of je besluit tot het tegendeel. De objectieve benadering van de auteur laat die beslissing aan jou over.

Josh McDowell & Sean McDowell

Voor onderzoekers

Lezer: ‘Hoewel ik al 30 jaar naar de kerk ging had ik nooit iets van de Bijbel begrepen. Het was niet meer dan een bundel losse verhalen. Nu past de Bijbel op een duidelijke, logische manier in elkaar.’

Voor voelers

Jezus leven

Lezer: ‘Ik heb als tiener superveel aan dit boek! Het spreekt me heel erg aan hoe Jaquelle, die zelf ook tiener is, over het geloof praat. Moeite met het besteden van tijd aan waardevolle dingen en relaties hebben we allemaal, niet alleen tieners. Maar het is belangrijk om deze basis al op jonge leeftijd mee te krijgen. Ik kan iedereen, jong en oud, dit boek aanbevelen.

Meer dan een Timmerman In zijn verzet tegen het christendom ontdekte Josh McDowell argumenten die hij niet kon weerleggen en die voor hem het bewijs leverden dat Jezus leeft. Lees de argumenten en het antwoord op de vragen: is Jezus echt God, zoals Hij beweerde en hoe kun je dat zeker weten? Josh en Sean McDowell willen jou helpen om tot een weloverwogen keuze te komen over wie Jezus is: een leugenaar, een zot of God. Ontdek zelf dat Jezus Christus veel meer is dan een Joodse timmerman!

Voor denkers

Henk Stoorvogel

Tijdens het lezen van dit boek, kruip je in de huid van Jezus. De belichaming van het goede en een man met een missie: Jezus maakte het allemaal waar. Maar hoe zag een gewone werkdag voor Jezus eruit? Wat was er nou zo bijzonder aan Hem, dat duizenden mensen Hem volgden? Henk Stoorvogel is nieuwsgierig en slaagt erin een nieuw licht op het leven van Jezus te werpen, door het stellen van creatieve vragen.

48 |

LEVEN

In dit boek ontdek je dat het Evangelie en het volgen van Jezus alles verandert. Het heeft impact op je tijd, gewoontes, relaties, plannen en geweten.

Maar dit boek is meer dan een beschrijving; het is een oproep tot het leven van een ‘Jezus Leven’. Hoe kunnen wij vandaag de dag zó leven, dat het lijkt op dat van Jezus Christus? Samen met de schrijver gaan we op zoek naar het hart van Jezus en de manier waarop we dat in ons eigen leven kunnen toepassen. Jezus Leven, een interessant boek met praktische tips voor je eigen leven.


column

hoopvolle Toekomst Op een mooie zaterdagmiddag werd Maikel* (7)

de groene judoband. Ook onze eigen kinderen

bij ons gebracht. Hij had een iets te krap blazertje

hebben veel van hem geleerd. Ze verbazen zich

aan dat niet bij zijn oorbel paste, keek bang naar

niet zo snel meer, en weten wanneer ze hem

de grond en zei weinig. We gingen snel aan

even met rust moeten laten. Soms lijken ze net

tafel en gaven hem pizza. Hij keek er met een

professionele hulpverleners. Onze oudste dochter

kennersoog naar, nam snel een paar happen,

wil zelfs in de jeugdzorg gaan werken. Ik begrijp

likte wat aan de bovenkant en zei ineens: “Ik ken een paar trukens op de trampo”. Zijn eerste woorden bij ons. We keken elkaar opgelucht aan. Het volgende moment stond hij met ons zoontje in de tuin te springen en met een stoer koppie zijn kunsten te vertonen. Nu is het vijf jaar, honderden woedeaanvallen en ontelbare andere onprettige verrassingen van Maikel later, maar hij is er nog steeds. Sterker nog, van een

Ik Heb gezien hoe Maikel en zijn lotgenootjes opknappen als je ze uit de sociale ellende haalt.

tamelijk onhandelbaar kind is hij een leuke kerel geworden, met alleen hier en daar nog wat

het. Ik heb gezien hoe Maikel en zijn lotgenootjes

krassen uit het verleden. Sommige lijken blijvend.

opknappen als je ze uit de sociale ellende haalt.

Maar er is heel veel goeds te vertellen. Maikel

Hij is een levend bewijs dat God bestaat en

houdt nu van God. Die heeft hem vertrouwen

verandering van binnen mogelijk is als je met

gegeven in hemzelf en in mensen. Maikel wil in

de buitenkant begint. Dat belooft wat voor de

de bouw later; niet meer in de sloop. Ook het

toekomst. Misschien zelfs voor zijn kinderen straks.

leger trekt hem wel. “Om vrede te stichten”, haast hij zich erbij te zeggen. En hij heeft inmiddels

* De naam Maikel is gefingeerd

rens jan

LEVEN | 49


Wat mag het je

kosten?

De FarizeeĂŤn zitten zo vastgeroest in hun eigen ideeĂŤn over de Messias, dat ze Hem niet herkennen als Hij voor hun neus wonderen doet. Makkelijk om achteraf over hen te oordelen, maar wat doen wij vandaag? Hebben wij niet ook snel een oordeel over iemand die niet aan onze standaarden voldoet?

50 |

LEVEN


LUKAS 14 Een confrontatie met de Farizeeën Op een sabbat ging Hij bij een vooraanstaande Farizeeër thuis eten. Zij hielden Hem daar goed in het oog, want er was iemand bij Hem komen staan die last van waterzucht had. Jezus vroeg aan de Farizeeën en bijbelgeleerden in dat huis: “Mag men volgens de wet van Mozes iemand op de sabbat genezen of niet?” Zij zwegen in alle talen. Jezus nam de zieke man bij de hand, genas hem en liet hem gaan. Daarna keek Hij hen weer aan en zei: “Als uw zoon op een sabbat in een put valt, haalt u hem er toch ook uit? En een koe laat u er ook niet in liggen.” Ze wisten niet wat ze moesten antwoorden. Het was Hem opgevallen dat de gasten allemaal op de beste plaatsen wilden zitten. Daarom gaf Hij hun deze raad: “Als iemand u uitnodigt op een bruiloft, ga dan niet op de beste plaats zitten. Stelt u zich voor dat de gastheer iemand heeft uitgenodigd die belangrijker is dan u. Dan zal hij naar u toekomen en vragen: ‘Wilt u alstublieft plaats maken voor deze gast?’ Dan staat u voor schut en moet u genoegen nemen met een plaatsje dat nog over is. U kunt het beste de minste plaats uitzoeken. Misschien zegt de gastheer dan wel: ‘Vriend, u kunt deze plaats nemen. Die is veel beter.’ Dan maakt u voor al de andere gasten een goede beurt. Want ieder die zichzelf meer eer geeft dan hem toekomt, zal worden vernederd. En wie zichzelf heel gewoon vindt, zal eer ontvangen.” Jezus zei tegen zijn gastheer: “Wanneer u mensen uitnodigt bij u thuis te komen eten, vraag dan niet uw vrienden, broers, familieleden of rijke buren. Want die kunnen u op hun beurt ook weer uitnodigen. Nodig in plaats daarvan de armen, kreupelen, lammen en blinden uit. Die mensen kunnen u niets teruggeven. Daarom zal God u belonen als de rechtvaardigen weer levend worden.” Iemand bij Jezus aan tafel hoorde dit en zei: “Wat moet het heerlijk zijn in het Koninkrijk van God te komen!” Jezus antwoordde: “Iemand organiseerde een groot feest

Onbaatzuchtig Jezus volgen is een andere manier van leven. Het is geven wat de ander nodig heeft, zonder dat je verwacht iets terug te krijgen. Een uitdaging.

en nodigde vele mensen uit. Toen alles klaar was, stuurde hij zijn knecht bij hen langs om te zeggen dat ze konden komen. Maar zij hadden allemaal een excuus om niet te komen. De een zei dat hij een stuk land had gekocht en daar nodig moest gaan kijken. Hij verontschuldigde zich dat hij niet kon komen. De ander zei dat hij net vijf paar ossen had gekocht en die zou gaan keuren. Ook hij kon niet komen. Weer een ander was pas getrouwd en daarom verhinderd. De knecht ging terug en vertelde het allemaal aan zijn heer. Die was hevig verontwaardigd. Hij gaf de knecht opdracht vlug naar de achterbuurten van de stad te gaan om de armen, kreupelen, lammen en blinden uit te nodigen. Maar toen die er waren, bleek er nog plaats over te zijn. ‘Goed,’ zei de heer. ‘Ga de stad uit. Ga de wegen en de paden op en zoek nog meer mensen. Doe je uiterste best ze hierheen te brengen. Want mijn huis moet vol worden. En die ik eerst had uitgenodigd, krijgen niets van alles wat ik had klaarstaan.’” Een leerling van Jezus Er kwamen heel veel mensen naar Jezus toe. Op een gegeven ogenblik draaide Hij Zich om en zei: “Wie bij Mij wil horen, moet meer van Mij houden dan van zijn vader, moeder, vrouw, kinderen, broers en zusters. Ik moet hem zelfs meer waard zijn dan zijn eigen leven. Anders kan hij mijn leerling niet zijn. Niemand kan mijn leerling zijn als hij niet zijn kruis draagt en Mij volgt. Maar begin er niet aan als u niet eerst hebt berekend wat het u gaat kosten. Want wie laat nu een toren bouwen zonder eerst prijsopgave te vragen? Hij moet weten of hij genoeg geld heeft om alle rekeningen te betalen. Anders komt hij misschien niet verder dan de fundering. Iedereen zou lachen en zeggen: ‘Heb je dat gezien? Die man begon te bouwen en moest halverwege ophouden, omdat hij niet genoeg geld had!’ En welke koning zal het in zijn hoofd halen tegen een andere koning oorlog te voeren zonder eerst de legers te hebben vergeleken? Hij zal eerst nagaan of zijn leger van tienduizend man in staat zal zijn het vijandelijke leger van twintigduizend man te verslaan. Als hij ziet dat hij geen kans maakt, zal hij de vijand, zolang die nog ver weg is, een delegatie tegemoet sturen om over vrede te onderhandelen. Daarom kunt u, als u geen afstand kunt doen van al uw bezit, nooit mijn leerling worden. Zout is goed. Maar als het zijn kracht verliest, hoe moet je het dan smaak geven? Zulk zout is waardeloos. U kunt het niet meer gebruiken, zelfs niet als mest. Het is alleen nog geschikt om weggegooid te worden. Onthoud dit goed.” LEVEN | 51


Een sportieve uitdaging, op extreme locatie, met een significante bijdrage in de strijd voor gerechtigheid.

Maak jij verschil in de levens van anderen?

Loop een Muskathlon in 2020! Ga de strijd aan en meld je direct aan!

Oeganda

Indonesië

Tanzania

Filipijnen

17 t/m 25 april 2020

4 t/m 13 juni 2020

16 t/m 24 oktober 2020

15 t/m 24 oktober 2020

Meld je aan op muskathlon.com/maakhetverschil 52 |

LEVEN


dwalend, maar niet verloren Als Jezus één ding duidelijk maakt in zijn jaren op aarde en ook nu, is het dit: er is niemand te slecht, te ziek of te verloren om bij Hem te komen. En wie Hem nog niet gevonden heeft, die zoekt Hij op.

LUKAS 15 Gelijkenissen van Jezus De tolontvangers en andere mensen met een slechte reputatie kwamen vaak naar Jezus luisteren. Dat lokte de kritiek van de Farizeeën en de bijbelgeleerden uit. Zij vonden het een schande dat Hij Zich met zulk soort mensen bemoeide. Hij ging zelfs met hen eten! Om hun duidelijk te maken waarom Hij dat deed, zei Hij: “Als u nu eens honderd schapen had en één ervan raakte verdwaald, wat zou u dan doen? Het zoeken! Net zo lang tot u het vond. De andere negenennegentig zou u gewoon laten grazen. Als u het verdwaalde schaap dan vond zou u uw vrienden en buren bij elkaar roepen en zeggen: ‘Luister. Mijn schaap was verdwaald en ik heb het teruggevonden. Zijn jullie ook niet blij?’ Zo is ook in de hemel meer blijdschap over één zondaar die bij God terugkomt dan over negenennegentig anderen die niet verdwaald waren. Of denk eens aan een vrouw die tien zilveren muntjes had en één ervan verloor. Zou ze niet een lamp aansteken en overal zoeken en het hele huis aanvegen tot ze de munt vond? Ze zou haar vriendinnen en buurvrouwen bij elkaar roepen en zeggen: ‘Zijn jullie ook niet blij dat ik de zilveren munt die ik kwijt was, weer heb gevonden?’ Ik zeg u dat er bij de engelen van God grote blijdschap is als één zondaar bij God terugkomt.” Gelijkenis van de verloren zoon Jezus vertelde nog een gelijkenis. “Een man had twee zonen. Op een dag zei de jongste: ‘Vader, ik wil mijn deel van de erfenis nu al hebben.’ De vader verdeelde zijn bezit tussen zijn twee zonen. Een paar dagen later pakte de jongste zoon zijn bezittingen en ging op reis naar een ver land. Daar verbraste hij zijn hele hebben en houden. Juist toen hij niets meer over had, werd het land getroffen door een vreselijke hongersnood. Het zag er heel slecht voor hem uit. Hij wist een baantje te krijgen bij een boer en moest naar het land om op de varkens te passen. Hij had zo’n honger dat hij graag wat van het varkensvoer had gegeten, maar dat mocht niet. Eindelijk kwam hij tot bezinning

en dacht bij zichzelf: ‘Bij mijn vader thuis hebben zelfs de knechts meer dan genoeg te eten. En kijk mij hier nu eens zitten! Ik sterf bijna van de honger. Ik weet wat! Ik ga naar mijn vader en zal hem zeggen: ‘Vader, ik heb gezondigd tegen God en tegen u. Ik ben het niet waard nog langer uw zoon genoemd te worden. Wilt u mij aannemen als knecht?’ Zo ging hij op weg naar het huis van zijn vader. Die zag hem al in de verte aankomen en had erg met hem te doen. De man holde hem tegemoet, viel hem om de hals en kuste hem. ‘Vader,’ zei de zoon, ‘ik heb gezondigd tegen God en tegen u. Ik ben het niet langer waard uw zoon genoemd te worden...’ Maar de vader liet hem niet eens uitspreken en zei tegen de knechten: ‘Vlug! Haal de mooiste kleren die we in huis hebben en geef hem die om aan te trekken. Geef hem een ring voor zijn vinger en een paar sandalen. Slacht het kalf dat we hebben vetgemest. Wij gaan feestvieren. Want mijn jongste zoon was dood en is weer levend geworden. Ik was hem kwijt en heb hem weer terug.’ En zij vierden feest. Ondertussen was de oudste zoon op het land aan het werk. Toen hij thuiskwam, hoorde hij dansmuziek. Hij riep een knecht en vroeg wat er aan de hand was. ‘Uw broer is terug,’ antwoordde de knecht, ‘en uw vader heeft het mestkalf laten slachten. Hij is zo blij dat uw broer weer gezond en wel thuisgekomen is.’ De oudste broer werd kwaad en wilde niet naar binnen gaan. Zijn vader kwam naar buiten en probeerde hem mee te krijgen. Maar hij antwoordde: ‘Luister, vader! Al die jaren heb ik mij voor u uitgesloofd. Ik heb altijd gedaan wat u zei. Maar u hebt mij nog nooit een bokje gegeven om te slachten en feest te vieren met mijn vrienden. Nu komt die zoon van u thuis, hij heeft eerst uw geld er bij de hoeren doorgejaagd en wat doet u? U slacht voor hem het beste kalf dat we hebben!’ ‘Maar jongen,’ zei de vader, ‘jij en ik zijn altijd samen. Alles wat van mij is, is van jou. Wij kunnen niet anders dan feestvieren. Het is je eigen broer. Hij was dood en is weer levend geworden. We waren hem kwijt en hebben hem nu terug.’” LEVEN | 53


Kom tot de Vader Nog voordat je bestond, kende Hij je naam. Hij zag je elk moment, en telde elke traan. Omdat Hij van je hield, gaf Hij zijn eigen Zoon. Hij wacht alleen nog maar totdat je komt. En wat je nu ook doet, zijn liefde blijft bestaan. Ook niets wat jij ooit deed, verandert daar iets aan. Omdat Hij van je houdt, gaf Hij zijn eigen Zoon. En nu is alles klaar wanneer jij komt.

Kom tot de Vader, kom zoals je bent. Heel je hart, al je pijn is bij Hem bekend. De liefde die Hij geeft, de woorden die Hij spreekt, daarmee is alles klaar wanneer jij komt. En wat je nu ook doet, zijn liefde blijft bestaan. Ook niets wat jij ooit deed, verandert daar iets aan. Omdat Hij van je houdt, gaf Hij zijn eigen Zoon, en nu is alles klaar wanneer jij komt. De liefde die Hij geeft, de woorden die Hij spreekt. Hij wacht alleen nog maar totdat je komt.

Lied: Kom tot de Vader, Originele Titel: So you would come.

54 |

LEVEN


DAAN (30) Op mijn 9e rookte ik voor het eerst een paar hijsen van een jointje van mijn broers. In de brugklas rookte ik tien jointjes per dag, dronk elke dag sterke drank en begon te experimenteren met harddrugs. Later ontdekte ik het gokken. Om mijn verslavingen te bekostigen begon ik fietsen te stelen, maar ik ontdekte al snel dat drugs dealen veel meer opleverde. Mijn wereld werd steeds kleiner. Vrienden die het beste met me voor hadden, ging ik uit de weg omdat ik me schaamde. Door de drugs raakte ik steeds meer paranoia en de werkelijkheid was één grote waan geworden. Hele nachten was ik aan het drinken, snuiven en gokken en ‘s ochtends, als de zon ging schijnen, durfde ik mijzelf niet meer te vertonen. Ik voelde me vies en waardeloos.

Vrienden die het beste met me voor hadden, ging ik uit de weg Tijdens de bruiloft van mijn broer gedroeg ik me totaal niet en het liep uit de hand. Mijn vader schreeuwde: “jij bent onverantwoordelijk!” Dat sneed in mijn ziel. De volgende dag ben ik thuis in mijn kamer op mijn knieën gevallen en heb ik gehuild. Ik heb God gesmeekt mij te helpen, mij weer aan te nemen als zijn kind. Op dat moment voelde ik een blijdschap in mijn binnenste komen; God luisterde naar mij! De volgende dag was alles anders. Ik had geen verlangen meer naar coke, drank en gokken. Ik heb daarna nog drie keer een terugval gehad, maar met God aan mijn zijde ben ik nu helemaal gestopt, zelfs met sigaretten. Mijn relatie met mijn ouders en familie is hersteld en ik heb veel nieuwe vrienden terug gekregen. Ik heb nu een eigen bedrijf in steigerbouw en heb mensen in dienst; wie had dat ooit gedacht. Mijn leven krijgt steeds meer kleur en ik LEEF weer! God is goed!

LEVEN | 55


Stap over

Door middel van illustraties maakt Jezus duidelijk hoe (rijke) mensen de kloof vergroten. Zijn oproep is duidelijk: maak nu een goede keuze. Hijzelf zal de grootste stap gaan zetten door zijn leven te geven voor ons.

LUKAS 16 Meer gelijkenissen van Jezus Jezus vertelde zijn leerlingen nog een gelijkenis. “Een rijke man had een beheerder in dienst die er op zekere dag van werd beschuldigd dat hij diens bezittingen verkwistte. De rijke man riep hem bij zich en zei: ‘Wat hoor ik allemaal over u? Lever de boeken maar in voor controle. U bent ontslagen.’ De beheerder dacht bij zichzelf: ‘Wat moet ik nú doen? Nou zit ik zonder werk! Spitten en graven kan ik niet. Ik zou me schamen om te gaan bedelen. Ik weet al wat! Natuurlijk! Daardoor krijg ik veel vrienden. Die zullen voor me zorgen, als ik op straat word gezet.’ Hij liet de mensen die bij zijn heer in de schuld stonden een voor een bij zich komen. ‘Wat bent u mijn heer nog schuldig?’ vroeg hij aan de eerste. ‘Honderd vaten olie,’ antwoordde de man. ‘Hier is uw schuldbekentenis,’ zei de beheerder. ‘Verscheur die en schrijf een nieuwe voor vijftig vaten. ‘En wat bent u mijn heer schuldig?’ vroeg hij aan de volgende. ‘Honderd zakken tarwe,’ was het antwoord. ‘Hier is uw schuldbekentenis,’ zei de beheerder. ‘Verscheur die en schrijf een nieuwe voor tachtig zakken.’ De heer moest vol bewondering toegeven dat die sluwe beheerder zijn eigen zaken heel goed had behartigd. Ja, de mensen van deze wereld zijn in hun omgang met de medemensen vaak veel handiger dan de mensen die bij God horen. U moet verstandig met geld omgaan. Maak er vrienden mee. Als u het eens moet achterlaten en in Gods eeuwige woning komt, zal Hij u liefdevol opnemen. 56 |

LEVEN

Wie betrouwbaar is in kleine dingen, is het ook in grote. Wie onbetrouwbaar is in kleine dingen, is het ook in grote. Als u niet eens eerlijk met geld omgaat, wie zal u dan de ware rijkdom toevertrouwen? En als u de spullen van een vreemde niet goed behandelt, hoe zullen wij dan onze spullen aan u toevertrouwen? U kunt niet twee heren dienen. Want u zult de ene haten en de andere liefhebben, of omgekeerd. Zo kunt u ook niet God dienen en tegelijk uw hart op het geld zetten.” De Farizeeën, die als gierig bekendstonden, lieten duidelijk merken dat zij dit bespottelijk vonden. Jezus zei tegen hen: “U wilt graag dat de mensen u voor rechtvaardig houden, maar God weet wat er in uw hart omgaat. Wat de mensen zo belangrijk vinden, daar gruwt God van. Voordat Johannes de Doper kwam, moest u zich houden

“Wie betrouwbaar is in kleine dingen, is het ook in grote.”


de kloof

aan wat Mozes en de profeten hadden gezegd. Johannes kwam met het goede nieuws dat het Koninkrijk van God dichterbij was gekomen. En iedereen probeert uit alle macht er een plaatsje te krijgen. Betekent dit nu dat de wet van Mozes niet meer geldig is? Helemaal niet! Want nog eerder zullen de hemel en de aarde verdwijnen, dan dat één letter uit de wet zou vervallen. Wie van zijn vrouw scheidt en met een ander trouwt, pleegt overspel. En wie met een gescheiden vrouw trouwt, pleegt ook overspel. De kloof Er was eens een rijke man die altijd de mooiste kleren droeg. Hij woonde in een groot, duur huis en leidde een luxe leven. Op een dag werd een bedelaar, Lazarus, bij de poort van zijn grote villa neergelegd. Zijn lichaam zat onder de zweren. Hij hoopte zijn honger te stillen met wat bij de rijke man van tafel afviel. Hij was er zelfs zo erg aan toe dat de honden zijn zweren kwamen likken. Ten slotte stierf de bedelaar. Hij werd door de engelen bij Abraham gebracht. De rijke man stierf ook. Hij werd begraven en ging naar het dodenrijk, waar men van God gescheiden is. Terwijl hij daar grote pijn leed, zag hij in de verte Lazarus, die bij Abraham was. ‘Vader Abraham!’ kermde hij. ‘Heb toch medelijden met mij! Stuur Lazarus hiernaartoe. Laat hij zijn vinger nat maken en daarmee mijn tong ver-

koelen. Want het is verschrikkelijk hier in deze vlammen.’ Maar Abraham zei tegen hem: ‘U bent zeker vergeten dat u tijdens uw leven alles had wat uw hart begeerde en Lazarus had niets dan ellende. Nu wordt hij hier getroost en u lijdt pijn. Bovendien is tussen u en ons een enorme kloof. Wie van hier naar u toe wil, komt er niet overheen.’ Daarop zei de rijke man: ‘Vader Abraham, ik smeek u Lazarus dan naar het huis van mijn vader te sturen, want ik heb vijf broers. Laat hij hen ernstig waarschuwen voor de pijn en ellende hier. Want ik zou het verschrikkelijk vinden als zij ook hier moesten komen.’ Abraham antwoordde: ‘In de boeken van Mozes en de profeten staan waarschuwingen genoeg. Uw broers kunnen die zo vaak lezen als zij willen.’ Maar de rijke man bleef aanhouden. ‘Nee, vader Abraham. Die lezen ze toch niet. Maar als iemand uit de dood terugkomt en hen waarschuwt, zullen ze hun leven zeker beteren.’ ‘Dat is niet waar,’ zei Abraham. ‘Als zij niet naar Mozes en de profeten luisteren, zullen zij ook niet luisteren naar iemand die terugkomt uit de dood.’”

Keuze

Jezus maakt duidelijk dat je een keuze moet maken. Je kunt het voor je uitschuiven, maar dan kan het opeens te laat zijn. Jezus is uit de dood opgestaan en overbrugde daarmee de kloof die tussen ons en God is ontstaan. Je kunt er meer over lezen op www.Godscadeauvoorjou.nu

LEVEN | 57


Helder als de

BLIKSEM

Soms lijken de uitspraken van Jezus raadselachtig. De mensen vragen zich af wat Hij precies bedoelt. Pas later zullen puzzelstukjes op hun plek vallen. Maar vaak is Jezus heel duidelijk: “Wanneer Ik terugkom, zal dat zo duidelijk zijn als de bliksem die door de lucht schiet�.

58 |

LEVEN


LUKAS 17 Jezus over vergeving en geloof Op een dag zei Jezus tegen zijn leerlingen: “Verleidingen zullen er altijd zijn. Dat is onvermijdelijk. Maar degene die de verleidingen veroorzaakt, zal het slecht vergaan. Hij zou beter af zijn als hij met een zware molensteen om zijn nek in de zee werd gegooid, dan wanneer hij een van deze eenvoudige mensen tot zonde bracht. Ik waarschuw jullie. Als je broer zondigt, wijs hem dan terecht. Als hij spijt heeft, moet je hem vergeven. Zelfs als hij zeven keer per dag tegen je zondigt. Als hij je telkens komt zeggen dat het hem spijt, moet je hem telkens opnieuw vergeven.” De apostelen zeiden tegen de Here: “Geef ons een groter geloof.” “Als jullie geloof zoveel kracht had als een mosterdzaadje,” antwoordde Jezus, “zouden jullie tegen die boom zeggen dat die zich moet ontwortelen en zich in de zee moet planten. Hij zou direct gehoorzamen. Wanneer een knecht thuiskomt van het land, waar hij heeft geploegd of de dieren heeft verzorgd, gaat hij niet meteen zitten eten. Nee, hij maakt eerst het eten voor zijn heer klaar en bedient hem. Pas dan kan hij zelf gaan eten. Zijn heer bedankt hem niet, want de knecht heeft niet meer dan zijn plicht gedaan. Voor jullie geldt hetzelfde. Als je doet wat je moet doen, mag je niet op een compliment rekenen. Je hebt niet meer dan je plicht gedaan.” Op weg naar Jeruzalem kwam Jezus bij de grens tussen Galilea en Samaria. Toen Hij een dorp binnenging, liepen tien melaatse mannen Hem tegemoet. Ze bleven op een afstand staan en riepen: “Meester! Jezus! Heb medelijden met ons!” Hij keek hen aan en zei: “Ga naar de priester om te laten zien dat u genezen bent.” Terwijl ze gingen, verdween hun melaatsheid. Een van hen kwam bij Jezus terug en juichte: “Wat is God goed! Ik ben genezen!” Hij viel uit eerbied languit voor Jezus neer, met zijn gezicht in het stof. En hij dankte Hem voor wat Hij had gedaan. Deze man was een Samaritaan. Jezus vroeg: “Zijn niet al die tien mannen genezen? Waar zijn de negen anderen? Is alleen deze man teruggekomen om God te prijzen en te danken? En hij is niet eens een Jood!” Jezus zei tegen de man: “Sta op. U kunt gaan. U bent gered door uw geloof.” De Farizeeën vroegen Jezus: “Wanneer komt het Koninkrijk van God?” Jezus antwoordde: “Het Koninkrijk komt niet zo dat u het kunt zien. U zult niet kunnen zeggen: ‘Kijk, hier is het,’ of ‘daar is het.’ Want het Koninkrijk van God is onder u.” Jezus over de toekomst Hij zei tegen zijn leerlingen: “De tijd zal komen dat jullie ernaar verlangen Mij, de Mensenzoon, te zien, al was het maar één dag. En toch zullen jullie Mij niet zien. Jullie zullen wel geruchten horen dat Ik hier of daar ben. Maar ga

niet kijken. Loop niemand achterna. Want als Ik, de Mensenzoon, terugkom, zal er geen enkele twijfel over bestaan. Het zal zo duidelijk zijn als de bliksem die door de lucht schiet. Maar eerst moet Ik vreselijk lijden. Ik zal door de mensen van deze tijd worden verworpen. Tegen de tijd dat Ik, de Mensenzoon, terugkom, zal men net zo onverschillig tegenover God staan als de mensen in de tijd van Noach. Die aten en dronken en trouwden. Alles ging z’n gewone gang tot op de dag dat Noach in de ark stapte en de grote overstroming de aarde teisterde. Iedereen kwam daarbij om het leven, behalve de mensen die in de ark waren. Het zal ook net zo zijn als in de dagen van Lot. Iedereen had het druk met zijn dagelijkse bezigheden. Eten en drinken, kopen en verkopen, planten en bouwen. Tot op de morgen dat Lot uit Sodom vertrok. Toen regende het vuur en zwavel en alle mensen in de stad kwamen om. Zo zal alles zijn gewone gang gaan tot de dag dat Ik, de Mensenzoon, terugkom en door iedereen gezien word. Wie dan op het platte dak van zijn huis zit, moet niet naar binnen gaan om zijn spullen mee te nemen. Wie op het veld is, moet niet naar huis teruggaan. Denk eens aan wat met de vrouw van Lot gebeurde! Wie zijn leven niet wil loslaten, zal het verliezen. Wie zijn leven loslaat, zal het mogen behouden. Die nacht zullen twee mensen in één bed slapen. De een zal worden meegenomen om bij Mij te zijn. De ander zal achterblijven. Twee vrouwen zullen samen in huis aan het werk zijn. De een zal worden meegenomen om bij Mij te zijn. De ander moet achterblijven. Twee mannen zullen op het land werken. De een zal worden meegenomen om bij Mij te zijn. De ander moet achterblijven.” “Waar zal dit allemaal gebeuren?” vroegen de leerlingen. Jezus antwoordde: “Waar het lijk ligt, daar komen de gieren.”

Wat is jouw reactie op Jezus’ boodschap? Ik haal mijn schouders op en leef verder. Ik stel wat interessante vragen, maar doe niets met de antwoorden. Ik geloof zijn woorden, dank Hem en ben gered.

LEVEN | 59


Geloven als een kind

Het verhaal van Jezus die de kinderen bij Zich laat komen is niet zomaar een ontroerende anekdote. Het is een onderstreping van Jezus’ hele boodschap: wees bescheiden en vol vertrouwen in God, net als kinderen. Zij zijn voor Hem het ultieme voorbeeld.

LUKAS 18 Gelijkenissen van Jezus Jezus vertelde zijn leerlingen een gelijkenis om duidelijk te maken dat men altijd moet blijven bidden, net zo lang tot het antwoord komt. “In een stad was een rechter,” begon Hij, “een goddeloze man die zich van niemand iets aantrok. Een weduwe uit die stad kwam telkens bij hem. Zij vroeg hem uitspraak te doen in een conflict tussen haar en haar tegenpartij. In het begin wilde hij lange tijd niets doen. Maar ten slotte begon ze op zijn zenuwen te werken. ‘Voor God ben ik niet bang,’ dacht hij bij zichzelf. ‘En ik trek me van niemand iets aan. Maar ik heb schoon genoeg van die vrouw! Ik zal zorgen dat ze haar recht krijgt. Straks doet ze mij nog wat!’ Als die onrechtvaardige rechter zoiets kan zeggen, zal God zeker recht doen aan zijn kinderen die Hem er dag en nacht om smeken! Zal Hij hen laten wachten? Nee! Hij zal hen vlug antwoorden. Maar het is de vraag of Ik, de Mensenzoon, bij de mensen geloof zal vinden als Ik terugkom.” Daarna vertelde Hij een gelijkenis speciaal bedoeld voor degenen die opschepten over hun eigen goedheid en die op al de anderen neerkeken. “Twee mannen gingen naar de tempel om te bidden. De ene was een Farizeeër die erg met zichzelf was ingenomen. De andere was een tolontvanger. De Farizeeër stond rechtop en zei dit gebed: ‘Dank u, God, dat ik niet zo ben als alle zondaars. En zeker niet zoals die tolontvanger daar! Ik bedrieg niemand. Ik pleeg geen overspel. Ik vast tweemaal per week. En ik geef 60 |

LEVEN

U tien procent van alles wat ik verdien.’ Maar de tolontvanger stond helemaal achter in de tempel. Hij durfde niet eens omhoog te kijken, terwijl hij aan het bidden was. Hij sloeg zich van berouw en verdriet op de borst en zei: ‘God, ik ben een zondaar. Wilt U mij in genade aannemen?’ Onthoud dit goed: die tolontvanger had vergeving van God ontvangen, toen hij naar huis ging. Maar die Farizeeër niet! Want wie eropuit is meer eer te krijgen dan hem toekomt, zal worden vernederd. Maar wie nederig is, zal eer ontvangen.” Jezus zegent de kinderen Op een dag brachten enkele mensen hun kleine kinderen bij Hem. Zij wilden graag dat Hij ze zou aanraken en zegenen. De leerlingen zeiden echter dat ze moesten weggaan. Maar Jezus riep de kinderen bij Zich en zei tegen zijn leerlingen: “Laat die kinderen toch bij Mij komen!

“Houd ze niet tegen. Want het Koninkrijk van God is voor wie is zoals zij.”


LEVEN | 61


“Wat bij de mensen niet kan, kan wel bij God.”

Houd ze niet tegen. Want het Koninkrijk van God is voor wie is zoals zij. Het is zelfs zo dat wie niet het eenvoudige geloof van een kind heeft, niet eens in het Koninkrijk van God kan komen.”

Wees als een kind Kinderlijk geloof brengt je bij Jezus. Kinderen leven bij de dag en zijn snel tevreden. Hoe meer je op je geld vertrouwt, op jezelf of juist op de mening van anderen, hoe moeilijker het is om oprecht Jezus te volgen.

Het eeuwige leven Een vooraanstaande Jood kwam bij Hem met de vraag: “Goede Meester, wat moet ik doen om het eeuwige leven te krijgen?” “Beseft u wel wat u zegt, als u Mij goed noemt?” vroeg Jezus. “Er is toch niemand goed behalve God? En wat uw vraag betreft, u weet best wat u moet doen. U mag geen overspel plegen. U mag niemand doodslaan. U mag niet stelen. U mag anderen niet vals beschuldigen. Heb eerbied voor uw vader en moeder.” De man antwoordde: “Van jongs af aan heb ik mij aan al die voorschriften gehouden.” “Toch is er iets dat u nog niet hebt gedaan,” zei Jezus. “Verkoop alles wat u hebt en geef het geld aan de armen. Daardoor krijgt u een schat in de hemel. Kom daarna terug en ga met Mij mee.” Toen de man dat hoorde, ging hij heel verdrietig weg, want hij was erg rijk. Jezus keek hem na en zei: “Wat is het voor rijke mensen moeilijk om in het

Koninkrijk van God te komen! Het is voor een kameel gemakkelijker om door het oog van een naald te gaan, dan voor een rijke om het Koninkrijk van God binnen te gaan.” “Maar wie kan dan wel gered worden?” vroegen de mensen die het hadden gehoord. Hij antwoordde: “Wat bij de mensen niet kan, kan wel bij God.” Petrus zei: “U weet dat wij alles hebben verlaten om U te volgen.” “Ja,” antwoordde Jezus. “En wie huis, vrouw, broers, ouders of kinderen verlaat ter wille van het Koninkrijk van God, zal nu al vele malen meer terugkrijgen. En in de toekomst krijgt hij het eeuwige leven.” Jezus voorspelt zijn dood en opstanding Hij nam de twaalf apart en zei: “Zoals jullie weten, gaan we naar Jeruzalem. Alles wat de profeten over Mij, de Mensenzoon, hebben geschreven, zal in vervulling gaan. Ik zal in handen van de ongelovigen vallen. Ze zullen Mij bespotten, mishandelen en in mijn gezicht spugen. Ze zullen Mij afranselen en doden. Maar op de derde dag zal Ik weer levend worden.” Ze konden dit niet begrijpen en hadden geen idee wat Hij ermee bedoelde. Niet ver van de stad Jericho zat een blinde man langs de weg te bedelen. Toen hij zoveel mensen hoorde voorbijgaan, vroeg hij wat er aan de hand was. “Jezus van Nazareth komt eraan,” zei men. De man begon onmiddellijk te roepen: “Jezus! Zoon van David! Heb medelijden met mij!” De mensen die voor Jezus uit liepen, zeiden tegen hem dat hij zijn mond moest houden. Maar hij trok zich er niets van aan en begon nog harder te schreeuwen: “Zoon van David! Heb medelijden met mij!” Jezus bleef staan. “Breng die blinde man eens bij Mij,” zei Hij. Hij vroeg hem: “Wat wilt u van Mij?” “Here,” zei de man. “Ik wil zo graag weer zien.” En Jezus zei: “Goed. Nu kunt u weer zien. Door uw geloof bent u genezen.” De man kon op dat moment weer zien. Hij ging met Jezus mee en prees God. De mensen die het hadden gezien, begonnen ook God te prijzen.


column

Vertrouwen: met zekerheid hopen Vertrouwen in ons eigen kunnen, vertrouwen

motiveren en adviseren of bekritiseren op een

in onze partner, vrienden... In het woordenboek

liefdevolle manie. Van wie je weet dat ze om je

lees ik bij vertrouwen ‘met zekerheid hopen’ en

geven en het beste met je voor hebben.

daarin ligt een sleutelwoord: zekerheid! In deze wereld vol onzekerheden verlangen we naar zekerheid. Helaas, vertrouwen is niet te koop of op afroep verkrijgbaar. We moeten het ‘winnen’. Niet als prijs in een wedstrijd, maar door te

Door met God te leven heb ik ervaren hoe betrouwbaar Hij is.

laten zien wie wij zelf zijn; hoe we omgaan met personen en omstandigheden, waar onze

Zo zie ik ook het vertrouwen dat ik heb in God.

prioriteiten liggen en hoe eerlijk, liefdevol en

Van jongs af aan heb ik over Hem gehoord,

betrouwbaar we zijn.

maar door samen met Hem te leven heb ik ook ervaren hoe betrouwbaar Hij was en is; dat Hij

Als ik kijk naar de mensen om mij heen in

doet wat Hij belooft. Dat Hij wil geven wat ik

wie ik vertrouwen heb, dan zijn dat personen

nodig heb als ik Hem daarom vraag. Dat Hij, als

waar ik al langere tijd mee optrek. Met wie in

ik zijn regels in acht neem, zijn zegen daaraan

de loop van de tijd een band is ontstaan van

verbinden wil. Dat Gods wil doen mij rust geeft

genegenheid en wederkerigheid, en van wie

omdat ik zeker weet dat zijn wegen de beste

ik zeker weet dat ik op mijn vragen een eerlijk

voor mij zijn, altijd.

antwoord krijg. Al is dat soms niet datgene wat ik het liefst zou horen. Vertrouwen geeft een goede basis voor een relatie met mensen om je heen, die je

Vertrouwen… God zal dat nooit beschamen!

Ruta

LEVEN | 63


Ik zie jou

64 |

LEVEN


Jezus trekt richting Jeruzalem. ‘Als Hij echt door God gezonden is, dan zal de bevrijding van de Romeinen wel snel plaatsvinden’, denken de mensen. Maar Jezus heeft een andere volgorde: Hij wil eerst hun hart vrij maken. Ook van de mensen die denken dat Hij hen niet ziet. Niemand is te ‘klein’ om Jezus te ontmoeten.

LUKAS 19 Jezus op bezoek bij Zacheüs Jezus kwam in Jericho, maar bleef er niet. Hij trok meteen verder. Een zekere Zacheüs, een hoofdtolontvanger, die schatrijk was, probeerde Jezus te zien te krijgen. Maar hij kon niet over de mensen heen kijken, omdat hij klein was. Daarom liep hij hard vooruit en klom in een wilde vijgenboom om Hem toch te kunnen zien. Toen Jezus daar langskwam, keek Hij omhoog. Hij riep Zacheüs bij zijn naam. “Zacheüs! Kom vlug uit die boom! Want Ik moet vandaag in uw huis zijn!” Zacheüs liet zich snel uit de boom zakken en ontving Jezus gastvrij in zijn huis. Wat was hij blij! Maar dat was niet naar de zin van de andere mensen. “Nu is Hij nota bene bij die slechte man op bezoek gegaan,” mopperden ze. Ondertussen was Zacheüs voor de Here gaan staan. “Here,” zei hij, “ik zal de helft van mijn rijkdom aan de armen geven. En als ik iemand te veel

TOLLENAARS Zacheüs is een tollenaar. Tollenaars inden belasting voor de Romeinen. Dat maakte hen al niet geliefd, maar ze werden het meest gehaat omdat ze vaak meer belasting vroegen dan nodig was en de rest in hun eigen zak staken. Zulke oneerlijke mensen, daar wilde niemand iets mee te maken hebben.

belasting heb laten betalen, zal ik hem vier keer zoveel teruggeven.” Jezus zei tegen hem: “Er is vandaag redding gekomen in uw huis. Nu bent u echt een zoon van Abraham. Ik, de Mensenzoon, ben gekomen om afgedwaalde mensen te zoeken en te redden.” Rijkdom in bewaring gegeven Omdat Jezus niet ver meer van Jeruzalem was, dachten velen dat de bevrijding van Israël nu wel vlug zou komen. Daarom vertelde Jezus een gelijkenis. “Een edelman werd weggeroepen naar een ver land om tot koning te worden gekroond. Na de kroning zou hij weer terugkomen. Voordat hij vertrok, riep hij tien van zijn medewerkers bij zich. Hij gaf ieder van hen tien goudstukken om daarmee handel te drijven. Maar er waren mensen in zijn land die een hekel aan hem hadden. Die stuurden een delegatie achter hem aan met de mededeling dat ze in opstand waren gekomen. Ze zouden hem niet als koning erkennen. Nadat hij tot koning was gekroond, kwam hij in zijn land terug. Hij riep de mannen aan wie hij het geld had gegeven, bij zich. Hij wilde weten wat ze ermee hadden gedaan en hoeveel winst ze hadden gemaakt. De eerste had enorme winst gemaakt. Wel tien keer het bedrag dat hij had gekregen. ‘Fantastisch!’ riep de koning uit. ‘Je bent een goede medewerker. Je hebt het weinige dat ik je heb toevertrouwd, goed beheerd. Ik maak je gouverneur over tien steden.’ De volgende man had ook veel winst gemaakt. Vijf keer het bedrag dat hij had gekregen. ‘Prima,’ zei de koning. ‘Jij wordt gouverneur over vijf steden.’ Maar de derde man bracht alleen maar het geld terug waarmee hij was begonnen. ‘Ik heb het in een doek gedaan en goed bewaard,’ zei hij. ‘Ik was bang dat ik mijn winst aan u zou moeten afdragen. U bent immers een LEVEN | 65


“Gezegend is de Koning, Hij die komt in de naam van de Here! Vrede in de hemel!”

hard man. U neemt wat u niet hebt verdiend. U laat anderen voor u werken.’ De koning antwoordde: ‘Ben ik hard? Nu, dat zul je dan ook merken! Je bent een slechte medewerker. Als je zo goed weet hoe ik ben, waarom heb je het geld dan niet op de bank gezet? Dan zou ik het nog met rente hebben teruggekregen.’ Tegen de lijfwacht zei hij: ‘Neem hem het geld af en geef het aan de man die de meeste winst heeft gemaakt.’ ‘Maar koning,’ antwoordden ze, ‘die heeft toch al genoeg.’ ‘Ja,’ zei de koning, ‘zo is het nu eenmaal. Wie veel heeft, krijgt er meer bij. Wie weinig heeft, raakt ook dat beetje nog kwijt. En breng nu mijn vijanden, die in opstand zijn gekomen, hier en dood hen voor mijn ogen!’” Jezus komt in Jeruzalem aan en bezoekt de tempel Nadat Hij dit verhaal had verteld, ging Jezus met zijn leerlingen verder naar Jeruzalem. Toen Hij in de buurt van de Olijfberg kwam en bijna bij de dorpen Bethfage en Bethanië was, stuurde Hij twee van zijn leerlingen vooruit. “Ga naar het dorp daar,” zei Hij. “Als jullie er binnenkomen, zullen jullie een ezelsveulen vastgebonden zien staan waarop nog nooit iemand heeft gereden. Maak het los en breng het hier. Misschien vraagt iemand waarom jullie dat doen. Zeg dan alleen maar: De Here heeft het nodig.” Zij gingen op weg en vonden het veulen, precies zoals Jezus had gezegd. Ze maakten het dier los. Daar kwamen de eigenaars al aan. “Wat moet dat?” vroegen ze. “Waarom maken jullie ons veulen los?” “De Here heeft het nodig,” antwoordden de leerlingen. Ze brachten het veulen bij Jezus en legden hun jassen erover, zodat Hij erop kon zitten. De anderen spreidden hun jassen voor Hem uit op de weg. Toen Hij de helling van de Olijfberg op ging, begonnen al zijn volgelingen te zingen en te jubelen. Zij prezen God voor de geweldige wonderen die zij Jezus hadden zien doen. “Ge66 |

LEVEN

zegend is de Koning, Hij die komt in de naam van de Here! Vrede in de hemel! Prijs Hem tot in de hoogste hemelen!” Maar enkele Farizeeën die tussen de mensen liepen, zeiden tegen Jezus: “Meester, zeg toch tegen uw volgelingen dat zij hun mond houden.” “Als zij hun mond houden,” antwoordde Jezus, “zullen de stenen gaan roepen!” Jeruzalem was nu niet ver meer. Zodra Jezus de stad zag liggen, begon Hij te huilen. Hij zei: “Jeruzalem! Kon juist u vandaag maar inzien wat er nodig is voor vrede, maar u ziet het niet. Nu is het te laat. Straks zullen uw vijanden u belegeren, u omsingelen en van alle kanten tegen u opdringen. Ze zullen u en uw inwoners vertrappen. Zij zullen geen steen op de andere laten. Want God heeft u de kans gegeven, maar u hebt die laten voorbijgaan.” Toen Hij in de tempel kwam, joeg Hij de handelaars eruit. “Er is geschreven: ‘Gods huis moet een huis van gebed zijn.’ Maar wat hebben jullie ervan gemaakt? Een rovershol!” Daarna sprak Hij elke dag in de tempel. De mannen van de Hoge Raad wilden niets liever dan Hem uit de weg ruimen. Maar zij wisten niet hoe. Want het volk hing aan zijn lippen.

Vrede of onrust? Is Jezus de beloofde vredekoning? Durven ze Hem te vertrouwen en te volgen? Of… willen ze Hem uit hun leven laten verdwijnen omdat Hij hen steeds confronteert met hun eigen hart?


Ik & mijn geloof

Johannes (Mustafa, 31) Ik ben opgegroeid in Irak als Mustafa. Als kind leerde ik dat ik mijn vijand moet haten, kwaad met kwaad moet vergelden en wraak moet nemen op iedereen die mijn eer aantast. Toen ik ouder werd, had ik het gevoel dat ik in duisternis leefde en besloot niet meer in een God te geloven. Ik was eenzaam en had ook geen doel in mijn leven. Toen ik als vluchteling naar Nederland kwam, ontmoette ik een stel dat mij een Bijbel gaf. Ik had overdag weinig te doen en dus ben ik gaan lezen. Ik raakte onder de indruk van de persoon en de leefwijze van Jezus. Het was nieuw, verrassend en vol van genade en liefde. Het botste met alles wat ik van kinds af aan meegekregen had vanuit mijn islamitische opvoeding. Een God die de mensen zo liefhad dat Hij bereid was Zichzelf op te offeren, dat was nieuw voor mij.

De bijbel botste met alles wat ik als islamitisch kind geleerd had Ik heb nu vrede in Jezus Christus gevonden. Jezus is mijn verlosser, Hij heeft mij het leven en hoop gegeven. Mijn vrienden uit de islamitische wereld keuren dat af, maar een aantal goede vrienden heeft het gelukkig geaccepteerd. Mijn lievelingsverhaal uit de Bijbel is het bekeringsverhaal van Paulus. Ik vind het prachtig dat hij als een voormalige vijand van Christus de grootste apostel is geworden. Verder vind ik het evangelie van Johannes erg mooi. Johannes is ook mijn nieuwe naam. Ik vind het helemaal niet moeilijk om een christen te zijn, het is voor mij juist een vreugde. Het is het leven zelf. Ik voel mij thuis bij Jezus. Ik heb een levende relatie met God. Ik ben opnieuw ‘geboren’ en dat maakt mij gelukkig.

LEVEN | 67


Mond vol...

tanden

Verschillende groepen onder de Joden (ambtsdragers en aanhangers van godsdienstige en politieke partijen) proberen Jezus in verwarring te brengen en lokken Hem uit om iets verkeerds te zeggen. Het tegendeel gebeurt. Jezus’ waarheid zet hen met hun mond vol tanden...

LUKAS 20 De gelijkenis van de verhuurde wijngaard Terwijl Hij op een van die dagen de mensen in de tempel het goede nieuws vertelde, kwamen de mannen van de Hoge Raad naar Hem toe. Ze vroegen Hem: “Mag U dit alles wel doen? Wie heeft U daar de bevoegdheid voor gegeven?” “Ik heb eerst een vraag voor u,” antwoordde Hij. “Van wie kreeg Johannes de bevoegdheid om te dopen? Van God of van de mensen?” Ze bespraken deze vraag onderling en zeiden tegen elkaar: “Als we zeggen dat God hem die bevoegdheid had gegeven, zetten we onszelf klem. Want dan zal Hij vragen: ‘Waarom hebt u hem dan niet geloofd?’ Maar als we zeggen dat mensen hem die bevoegdheid hadden gegeven, zal het volk ons vermoorden, want dat is ervan overtuigd dat Johannes een profeet was.” Ten slotte zeiden ze dat ze het niet wisten. Jezus antwoordde daarop: “Dan geef Ik ook geen antwoord op uw vraag.” Hierna vertelde Jezus de mensen een gelijkenis. “Een man legde een wijngaard aan en verhuurde die aan enkele boeren. Daarna ging hij voor lange tijd naar het buitenland. In de oogsttijd stuurde hij een knecht naar de boer68 |

LEVEN

derij om zijn deel van de oogst op te halen. Maar de boeren gaven hem een pak slaag en stuurden hem met lege handen terug. De eigenaar stuurde een andere knecht, maar die kwam er niet veel beter af. Ook hij werd geslagen en uitgescholden. Ze stuurden hem met lege handen terug. Daarna stuurde de eigenaar een derde man en die werd nog slechter behandeld. De boeren joegen hem zwaargewond het erf af. ‘Wat nu?’ vroeg de eigenaar zich af. ‘Ik weet het al. Ik zal mijn geliefde zoon sturen. Hem zullen ze wel ontzien.’ Maar toen de boeren zijn zoon zagen aankomen, zeiden ze tegen elkaar: ‘Dit is onze kans! Die jongen erft al het land als zijn vader sterft. We zullen hem vermoorden, dan is het land van ons.’ Ze sloegen hem het erf af en vermoordden hem. Wat zal de eigenaar nu doen? Reken maar dat hij die boeren hun verdiende loon zal geven. Hij zal hen doden en de wijngaard aan anderen verhuren.” “Zoiets zouden die boeren nooit doen!” protesteerden de mensen die stonden te luisteren. Jezus keek hen aan en vroeg: “Wat betekent deze zin uit de Psalmen dan: ‘De steen die door de bouwers was afgekeurd, is juist de hoeksteen gewor-


den.’” Hij voegde eraan toe: “Wie over die steen valt, zal te pletter slaan. En wie onder die steen terechtkomt, zal vermorzeld worden.” De bijbelgeleerden en leidende priesters zouden Hem graag meteen gevangennemen. Want zij begrepen heel goed dat deze gelijkenis op hen sloeg. Zij waren die misdadige boeren! Maar ze durfden Hem nog niets te doen, omdat ze bang waren voor het volk. Wel of geen belasting? Daarom probeerden ze Hem iets te laten zeggen waarvoor de Romeinse gouverneur Hem gevangen kon nemen. Zij hielden Hem goed in de gaten en stuurden enkele handlangers op Hem af die zich voordeden als rechtvaardige mensen. “Meester,” zeiden die tegen Jezus, “wij weten dat U eerlijk bent. Wat U de mensen leert, is de waarheid. U laat Zich niet beïnvloeden door wat anderen denken, maar zegt ronduit wat God wil. Is het toegestaan de keizer belasting te betalen of niet?” Hij had hen echter door en zei: “Laat me eens een geldstuk zien. Wiens afbeelding staat erop?” “Van de Romeinse keizer,” antwoordden zij. “Welnu,” zei Hij. “Geef dan aan de keizer wat van de keizer is en aan God wat van God is.” Daar wisten ze niets op te zeggen. Hun plan om Hem in het bijzijn van de mensen op een woord te vangen, was op niets uitgelopen. De Sadduceeën over de opstanding Wat later kwamen enkele Sadduceeën naar Hem toe. Volgens hun leer bestaat er geen opstanding uit de dood. “Meester,” zeiden ze, “in de boeken van Mozes staat: ‘Als een getrouwde man sterft zonder kinderen na te laten, moet zijn broer met de weduwe trouwen. Die kan er dan voor zorgen dat zijn overleden broer toch nageslacht krijgt.’ Nu weten wij van een familie met zeven broers. De oudste trouwde en stierf zonder kinderen na te laten. Zijn broer trouwde met de weduwe en hij stierf ook. Er waren nog steeds geen kinderen. En zo ging het verder. De een na de ander trouwde met de vrouw en stierf zonder kinderen na te laten. Ten slotte stierf de vrouw ook. Nu is onze vraag: wie zal bij de opstanding uit de dood haar man zijn? Want ze is met alle zeven getrouwd geweest.” Jezus antwoordde: “Trouwen is iets voor de mensen van deze wereld. Maar de mensen die het waard zijn in Gods

nieuwe wereld te komen, zullen opstaan uit de dood. In die nieuwe wereld zullen zij niet meer trouwen. Zij kunnen niet meer sterven. Wat dat betreft lijken zij op engelen. Zij zijn kinderen van God, kinderen die uit de dood zijn opgestaan. Dat de doden weer levend worden, staat overigens duidelijk in de boeken van Mozes. Als hij vertelt hoe hij God in de brandende braamstruik zag, spreekt hij over ‘de God van Abraham, de God van Isaak en de God van Jakob.’ De Here is niet een God van doden, maar van levenden. God beschouwt iedereen als levend.” “Dat hebt U goed gezegd, Meester,” merkte een bijbelgeleerde op. Van toen af durfde niemand Jezus nog iets te vragen. Daarna had Hij een vraag voor hen: “Waarom wordt gezegd dat de Christus rechtstreeks van David zal afstammen? Want David schreef in een van zijn Psalmen: ‘God zei tegen mijn Here: Kom naast Mij zitten, aan mijn rechterhand, totdat Ik uw vijanden aan U onderworpen heb.’ Hoe kan de Christus nu Davids zoon zijn en tegelijk zijn Here?” Alle omstanders konden het horen toen Hij tegen zijn leerlingen zei: “Ik waarschuw jullie voor de bijbelgeleerden. Ze vinden het heerlijk om in deftige gewaden rond te lopen en op straat eerbiedig te worden gegroet. Zij hechten er veel waarde aan in de synagogen en bij de feestmaaltijden op de voornaamste plaatsen te zitten. Maar houd ze in de gaten! Zij maken de weduwen zelfs hun huis afhandig. En voor de vrome schijn zeggen zij lange gebeden op. De straf die zij krijgen, zal daarom zwaarder zijn.”

Eeuwig leven Iedereen sterft. Maar zoals Jezus weer levend werd nadat Hij gestorven was, zo zal ieder mens die in Hem gelooft, opstaan uit de dood en met Jezus leven in Gods nieuwe wereld.

LEVEN | 69


Kijk g o omho Jezus spreekt over de toekomst. Oorlogen, natuurrampen en vervolging zullen zich op aarde voltrekken voordat Hij terug zal keren. Als jij niet direct wordt blootgesteld aan dergelijke verschrikkingen, kun je toch overstuur zijn door je persoonlijke zorgen. Ook dan geldt Jezus’ uitspraak: “Ga rechtop staan en kijk omhoog!”

70 |

LEVEN


LUKAS 21 Jezus over de toekomst Hij keek op en zag hoe de rijken hun gaven in de collectekist gooiden. Er kwam ook een arme weduwe. Zij deed er twee koperen muntjes in. “Kijk,” zei Hij, “die arme weduwe heeft meer gegeven dan al de anderen bij elkaar. Want de rijken hebben vanuit hun rijkdom gegeven, maar deze vrouw gaf van haar armoede alles wat nodig was voor haar levensonderhoud.” Enkele van zijn leerlingen wezen op de mooie, grote stenen van de tempel en de prachtige versieringen op de muren. Maar Jezus zei: “Er komt een tijd dat al deze dingen die jullie zo mooi vinden, vernietigd worden. Geen steen zal op de andere blijven. Er zal niets van overblijven dan één grote puinhoop.” “Wanneer gebeurt dat, Meester?” vroegen ze Hem. “En hoe kunnen we weten dat het zover is?” Hij antwoordde: “Laat je niet misleiden. Want er zullen velen komen die van zichzelf zeggen dat zij de Christus zijn en die beweren dat het einde er bijna is. Maar geloof hen niet! Wanneer jullie horen over oorlogen en opstanden, raak dan niet in paniek. Die dingen moeten wel gebeuren, maar het einde komt dan nog niet. Het ene volk zal tegen het andere worden opgehitst. En het ene koninkrijk tegen het andere. Er zullen geweldige aardbevingen komen, hongersnoden en epidemieën. Nu hier en dan weer daar. In het heelal zullen verschrikkelijke dingen gebeuren. Vervolging en verwoesting Maar er zal eerst een tijd van bijzonder zware vervolging komen. Jullie zullen naar de synagogen en gevangenissen worden gesleurd. Jullie zullen voor koningen en andere hoge autoriteiten moeten verschijnen, ter wille van mijn naam. Het zullen allemaal kansen zijn om over Mij te vertellen. Ga niet van tevoren bedenken wat je zult zeggen om je te verdedigen. Onthoud dat goed! Ik zal jullie de juiste woorden in de mond leggen. Ik zal jullie een wijsheid geven waar je tegenstanders niet van terug hebben. Zelfs je ouders, broers, familie en vrienden zullen je verraden en laten arresteren. Sommigen van jullie zullen gedood worden. Iedereen zal jullie haten, omdat jullie bij Mij horen. Maar geen haar op je hoofd zal gekrenkt worden. Door stand te houden, zullen jullie je leven redden. En als je ziet dat Jeruzalem wordt belegerd, is dat het teken dat de verwoesting van de stad nadert. Laten de mensen die dan in Judea zijn, naar de bergen vluchten. En wie op het platteland zijn, moeten niet naar de stad gaan. Want in die dagen zal God zijn oordeel voltrekken. De woorden van de profeten zullen dan in vervulling gaan. Het zal een vreselijke tijd worden voor vrouwen die zwanger zijn of een baby hebben. Er zal een diepe ellende over dit land komen. God zal zijn toorn op dit volk koelen. De

mensen zullen afgeslacht of als krijgsgevangenen over de hele wereld verstrooid worden. Vreemde volken zullen Jeruzalem overwinnen en vertrappen tot aan hun tijd een einde komt. Er zullen vreemde verschijnselen in het heelal zijn: waarschuwingen en tekenen van de zon, maan en sterren. De volken op aarde zullen in paniek raken. Ze zullen helemaal overstuur raken door het gebulder van de zee en de branding. De mensen zullen het besterven van angst, omdat ze denken dat de wereld vergaat. Want de machten van het heelal zullen door elkaar worden geschud. En dan zal iedereen Mij, de Mensenzoon, zien komen in een wolk, met macht en schitterende majesteit. Dus als deze dingen beginnen, ga dan rechtop staan en kijk omhoog! Want je verlossing is niet ver meer!” Verwacht Mij Hij maakte het hun duidelijk met deze gelijkenis: “Let eens op de vijgenboom of op een andere boom. Wanneer je de blaadjes ziet uitkomen, weet je dat het bijna zomer is. Wanneer je ziet gebeuren wat Ik zojuist heb gezegd, kun je er van op aan dat het Koninkrijk van God er bijna is. Ik verzeker jullie: al deze dingen zullen gebeuren, nog voordat deze generatie voorbij is. De hemel en de aarde zullen verdwijnen, maar mijn woorden zeker niet. Pas op! Laat je niet door mijn plotselinge komst overrompelen, laat je niet bedwelmen door allerlei uitspattingen en door te veel te drinken, laat je niet in beslag nemen door de zorgen van het leven. Want voor alle bewoners van de aarde zal die dag van mijn komst komen. Wees daarom voortdurend op je hoede, bid steeds dat je veilig door de komende verschrikkingen heen zult komen en dat je daarna bij Mij, de Mensenzoon, mag zijn.” Elke dag ging Jezus naar de tempel om onderwijs te geven. De mensen kwamen al vroeg in de morgen naar Hem luisteren. En elke avond ging Hij de stad uit om ergens op de Olijfberg de nacht door te brengen.

Geen paniek Je zou er bang van worden als je leest wat er allemaal in dit hoofdstuk staat. Zo lang geleden geschreven en zo actueel vandaag en in de toekomst. Maar… geen paniek! Als je Jezus volgt, mag je zeker weten dat Hij bij je zal zijn, voor altijd!

LEVEN | 71


Het

laatste avondmaal Jezus is Gods Zoon, maar Hij is ook ‘gewoon’ mens. Zijn liefdevolle houding en rechtvaardigheid doen je dit soms bijna vergeten. Nu het lijden dat Hij moet ondergaan dichterbij komt, gaan er veel emoties in Hem om. Blijdschap om zijn vriendschap met zijn leerlingen, maar ook diepe angst voor wat er gaat komen. Toch legt Hij zijn leven in de handen van zijn Vader.

LUKAS 22 Het laatste Paasmaal Ondertussen was het bijna Pesach, het Joodse Paasfeest, geworden. Tijdens dat feest eten de Joden alleen brood dat zonder gist gebakken is. De leidende priesters en bijbelgeleerden probeerden een manier te vinden om Jezus uit de weg te ruimen, zonder het risico te lopen dat het volk zich tegen hen zou keren. Satan kwam in Judas Iskariot, een van de groep van twaalf. Daarop ging Judas naar de leidende priesters en de tempelwachters om met hen te overleggen hoe hij hen kon helpen Jezus gevangen te nemen. Die waren daar natuurlijk blij mee. Zij besloten hem er geld voor te geven. Judas vond dat best en begon uit te kijken naar een gelegenheid om Jezus te laten gevangennemen zonder dat de mensen er iets van zouden merken. Op de eerste dag van Pesach, het Joodse Paasfeest, moest in ieder gezin een lam of een geitje worden geslacht. Toen die dag aanbrak, stuurde Jezus Petrus en Johannes eropuit om het Paasmaal klaar te maken. “Waar moeten we dat doen?” vroegen ze. “Zodra jullie de stad binnenko72 |

LEVEN

men,” antwoordde Hij, “zul je een man zien die een kruik water draagt. Volg hem en ga hetzelfde huis binnen als hij. Zeg tegen de huiseigenaar: ‘De Meester vraagt of u ons de kamer wilt laten zien waar Hij en zijn leerlingen het Paasmaal kunnen eten.’ Hij zal jullie meenemen naar boven, naar een grote, compleet ingerichte kamer. Maak daar het Paasmaal klaar.” Ze gingen naar de stad en alles was precies zoals Jezus had gezegd. Daar maakten ze het eten klaar. ‘s Avonds kwam Jezus met de andere apostelen en ze gingen allemaal aan tafel. Hij zei: “Ik heb er geweldig naar verlangd dit Paasmaal met jullie te eten. Nog even en dan breekt voor Mij een tijd van groot lijden aan. Ik zeg jullie dat Ik het Paasmaal beslist niet meer zal eten tot het Koninkrijk van God volle werkelijkheid is geworden.” Hij nam een beker wijn, dankte God ervoor en zei tegen zijn leerlingen: “Neem deze beker en drink er allemaal uit, want Ik zal geen wijn meer drinken tot het Koninkrijk van God is gekomen.” Daarna nam Hij een brood, dankte God ervoor,


“Ik heb er geweldig naar verlangd dit Paasmaal met jullie te eten.“

brak het in stukken en gaf het zijn leerlingen. “Dit is mijn lichaam dat voor jullie wordt gegeven,” zei Hij. “Eet het ter herinnering aan Mij.” Na het eten gaf Hij hun de beker en zei: “Deze beker wijn is het teken van Gods nieuwe verbond met jullie. Een verbond dat wordt bekrachtigd door mijn bloed, dat zal vloeien als een offer voor jullie. Maar hier bij ons aan tafel zit de man die Mij zal uitleveren. Het is duidelijk dat Ik, de Mensenzoon, moet sterven. Het is een onderdeel van Gods plan. Maar het lot van de man die de Mensenzoon uitlevert, is afschuwelijk.” De leerlingen vroegen zich af wie van hen zoiets zou kunnen doen. Zij kregen ook een meningsverschil over de vraag wie van hen de belangrijkste in het Koninkrijk van God zou zijn.

De minste zijn

Haantjesgedrag en ellebogenwerk, we zien het om ons heen. Hoe zou de maatschappij eruitzien als we het voorbeeld van Jezus dagelijks in praktijk zouden brengen?

LEVEN | 73


Hij liep op Jezus toe en groette Hem met een kus. “Judas,” zei Jezus. “Hoe kun je dit doen?”

Jezus kwam tussenbeide en zei: “In deze wereld doen de koningen en heersers met hun onderdanen wat ze willen. En de onderdanen moeten het maar goedvinden. Maar onder jullie mag dat niet zo zijn. Wie van jullie het meeste dient, zal je leider zijn. In de wereld zit de meester aan tafel en laat zich door zijn knechten bedienen. Maar hier is het anders. Ik ben jullie Dienaar. Jullie zijn Mij in deze vreselijk moeilijke dagen altijd trouw gebleven. Daarom zullen jullie mogen eten en drinken aan mijn tafel in het koninkrijk dat mijn Vader Mij heeft gegeven. Jullie zullen op tronen zitten om recht te spreken over de twaalf stammen van Israël. Simon, Simon, let op. Satan heeft gesmeekt of hij jullie door elkaar mag schudden als tarwe in een zeef. Maar Ik heb gebeden dat je geloof je niet in de steek zal laten. Wanneer je van je verkeerde weg bent teruggekomen, sterk dan je broeders in hun geloof.” Simon zei: “Here, ik ben bereid met U de gevangenis in te gaan en zelfs de dood.” Maar Jezus antwoordde: “Ik wil je één ding zeggen, Petrus: voordat de haan kraait, zul je drie keer hebben gezegd dat je Mij niet kent.” 74 |

LEVEN

Daarna vroeg Jezus zijn leerlingen: “Ik heb jullie eens zonder geld, tas of extra kleren eropuit gestuurd om de mensen het goede nieuws te brengen. Kwamen jullie toen iets tekort?” “Nee, niets,” antwoordden ze. “Maar,” ging Hij verder, “neem nu een beurs mee als je er één hebt en een tas. Als je geen zwaard hebt, verkoop dan je mantel. Dan kun je een zwaard kopen. Want het is bijna zover dat deze profetie zal uitkomen: ‘Hij werd beschouwd als een misdadiger.’ Alles wat de profeten over Mij hebben geschreven, zal uitkomen.” “Meester, kijk,” zeiden ze. “We hebben hier twee zwaarden.” “Dat is genoeg!” antwoordde Hij. De arrestatie van Jezus Jezus en zijn leerlingen verlieten de kamer en gingen zoals gewoonlijk naar de Olijfberg. Daar zei Hij tegen hen: “Bid God dat jullie niet in verleiding komen.” Hij ging een meter of dertig bij hen vandaan en liet Zich op de knieën vallen. “Vader,” bad Hij, “neem deze beker alstublieft van Mij weg. Maar wat U wilt zal gebeuren en niet wat Ik wil.” Op dat moment kwam een engel uit de hemel om Hem


kracht te geven. En Hij begon vuriger te bidden. Hij was zo verschrikkelijk bang geworden dat het zweet Hem uitbrak en als grote druppels bloed op de grond viel. Ten slotte stond Hij op en ging terug naar zijn leerlingen. Hij zag dat ze in slaap waren gevallen, uitgeput van verdriet. “Hoe is het mogelijk?” zei Hij. “Slapen jullie? Bid God dat jullie niet in verleiding komen.”

Eenzaam

Jezus ziet op tegen het verschrikkelijke lijden dat over Hem gaat komen: de Godverlatenheid. De straf die wij verdiend hebben, zal Hij op Zich nemen en dat beangstigt Hem.

Hij was nog niet uitgesproken of er kwam een troep mannen aan. Judas, een van de groep van twaalf, ging voor hen uit. Hij liep op Jezus toe en groette Hem met een kus. “Judas,” zei Jezus. “Hoe kun je dit doen? Mij verraden met een kus!” Toen de andere leerlingen zagen wat er ging gebeuren, riepen ze: “Meester, zullen we erop los slaan? We hebben zwaarden bij ons!” Een van hen zwaaide met zijn zwaard en sloeg de knecht van de hogepriester het rechteroor af. “Houd op!” zei Jezus. Hij raakte het gewonde oor aan en genas het. Daarna zei Hij tegen de leidende priesters, de tempelwachters en de voorname burgers die met Judas waren meegekomen: “Ben Ik een misdadiger? Waarom hebt u die zwaarden en stokken meegenomen? Had u Mij niet in de tempel kunnen oppakken? Daar was Ik elke dag. Maar dit is uw moment. De kans van de duivelse macht.” Petrus liegt Nadat ze Hem hadden gegrepen, brachten zij Hem naar het paleis van de hogepriester. Petrus volgde Hem op een

afstand. De soldaten maakten op de binnenplaats een vuur en gingen eromheen zitten. Petrus kwam er ook bij. Een dienstmeisje zag hem in het licht van het vuur zitten en keek hem eens goed aan. “Kijk eens,” zei ze, “die man hoorde ook bij Jezus’ leerlingen!” “Hoe kom je erbij,” antwoordde Petrus. “Ik ken Hem niet eens.” Even later keek iemand hem aan en zei: “U bent wel een van zijn leerlingen!” “Welnee, man!” was Petrus’ antwoord. Ongeveer een uur daarna begon er weer iemand over. “Die man is een leerling van Jezus. Absoluut! Hij komt ook uit Galilea.” Maar Petrus antwoordde: “Man, ik weet niet waar je het over hebt.” Op dat moment kraaide ergens een haan. Jezus keerde Zich om en keek Petrus aan. Petrus herinnerde zich wat Hij had gezegd: Huilend liep Petrus de binnenplaats af. Hij was er kapot van. Jezus bespot en ondervraagd De soldaten die Jezus moesten bewaken, begonnen een gemeen spel met Hem te spelen. Zij blinddoekten Hem, sloegen Hem met hun vuisten en zeiden spottend: “Wel, profeet, zeg eens: wie heeft U geslagen?” Zij beledigden Hem op de meest grove manier. Bij het aanbreken van de dag kwam de Hoge Raad bijeen. Jezus werd voorgeleid en moest zeggen of Hij de Christus was of niet. Hij antwoordde: “Als Ik het u zeg, gelooft u Mij toch niet. U wilt zelfs geen antwoord geven op mijn vragen. Maar vanaf nu zal Ik, de Mensenzoon, zitten aan de rechterhand van de almachtige God.” “U bent dus de Zoon van God?” vroeg de Hoge Raad. Hij antwoordde: “Nu u het zelf zegt: ja, dat ben Ik.” “Waarom zouden we er nu nog getuigen bij halen?” schreeuwden ze. “We hebben het uit zijn eigen mond gehoord!”

Zij zeiden spottend: “Wel, profeet, zeg eens: wie heeft U geslagen?” LEVEN | 75


Van God

76 |

LEVEN


los Jezus wordt niet gekruisigd omdat Hij iets verkeerds heeft gedaan, Hij wordt gekruisigd omdat Hij ervoor kiest om zijn leven te geven. Meerdere malen heeft Jezus de kans om voor Zichzelf op te komen, maar Hij zwijgt. Hij weet dat Hij de strijd niet hoeft te voeren met deze mensen die niet beter weten. De echte strijd moet nog komen. Een doodsstrijd die wij nooit hoeven te voeren, omdat Hij het voor ons deed.

LUKAS 23 De veroordeling van Jezus Ze stonden op en brachten Hem met z’n allen naar gouverneur Pilatus. Ze begonnen Hem meteen te beschuldigen. “Deze man hitst ons volk op tegen de Romeinse bezetters. Hij zegt dat we de keizer geen belasting hoeven te betalen. Hij beweert dat Hij de Christus is, de koning.” Pilatus vroeg Hem: “Bent U de koning van de Joden?” En Jezus antwoordde: “U zegt het!” “Wel,” zei Pilatus tegen de leidende priesters en de andere mensen, “dat is toch geen misdaad!” Maar zij protesteerden: “Met zijn toespraken heeft Hij de mensen opgehitst, eerst in Galilea, daarna in Judea en nu zelfs hier in Jeruzalem.” “Komt Hij dan uit Galilea?” vroeg Pilatus. Toen Pilatus hoorde dat Jezus daar inderdaad vandaan kwam, stuurde hij Hem door naar Herodes, die juist in Jeruzalem was. Want als Galileeër viel Jezus onder het gezag van Herodes. Herodes was erg blij Jezus te zien. Hij had al veel over Hem gehoord en hoopte reeds lang dat Jezus eens een wonder zou doen waar hij zelf bij was. Hij vroeg Jezus van alles en nog wat, maar kreeg geen antwoord. Ondertussen stonden de leidende priesters en de bijbelgeleerden fanatiek

allerlei beschuldigingen te schreeuwen. Ten slotte begonnen Herodes en zijn soldaten Jezus te bespotten en uit te lachen. Ze deden Hem een schitterende koningsmantel om en stuurden Hem naar Pilatus terug. Herodes en Pilatus waren altijd elkaars vijanden geweest, maar op die dag werden ze de beste vrienden. Pilatus riep de Joodse leiders en de andere mensen weer bij elkaar en zei: “U hebt deze man bij mij gebracht op beschuldiging van opruiende activiteiten tegen de staat. Ik heb Hem daarover duidelijk ondervraagd en ben tot de conclusie gekomen dat Hij onschuldig is. Herodes vond

“U moet Hem kruisigen!” “Maar waarom dan?” vroeg Pilatus. “Wat voor kwaad heeft Hij gedaan?” LEVEN | 77


“Vader,” zei Jezus, “vergeef het deze mensen. Zij weten niet wat ze doen.”

dat blijkbaar ook en heeft Hem naar ons teruggestuurd. Nee, de man heeft niets gedaan waarop de doodstraf staat. Ik zal Hem zweepslagen laten geven en daarna in vrijheid stellen.” Hij was namelijk verplicht iemand vrij te laten op het feest. Maar de mensen begonnen allemaal luidkeels te schreeuwen: “Hij moet dood! Laat Barabbas vrij!” Barabbas zat in de gevangenis, omdat hij in Jeruzalem een opstand tegen de regering had geleid en daarbij een moord had gepleegd. Pilatus ging ertegenin. Hij wilde Jezus vrijlaten. Maar zij schreeuwden: “Kruisigen! U moet Hem kruisigen!” “Maar waarom dan?” vroeg Pilatus voor de derde keer. “Wat voor kwaad heeft Hij gedaan? Ik zie niet in waarom Hij ter dood veroordeeld moet worden. Ik zal Hem zweepslagen laten geven en in vrijheid stellen.” Maar zij bleven schreeuwen dat Jezus moest sterven. Zij hielden gewoon niet op. Ten einde raad besloot Pilatus hun maar hun zin te geven. Hij liet Barabbas, de moordenaar, vrij. Maar Jezus leverde hij aan hen uit. Ze mochten Hem laten kruisigen. De kruiziging van Jezus Zij brachten Jezus naar de plaats van terechtstelling. Onderweg dwongen de soldaten een zekere Simon van Cyrene, die net van het land kwam, het kruis achter Hem aan te dragen. Er liep een hele massa mensen achter Jezus aan. De vrouwen huilden en weeklaagden. Jezus keerde Zich om en zei tegen hen: “Vrouwen van Jeruzalem, huil niet om Mij. Huil om uzelf en om uw kinderen. Er komt een tijd dat de vrouwen die geen kinderen hebben gehad, benijd zullen worden. In die dagen zullen de mensen tegen bergen roepen: ‘Val op ons neer,’ en tegen de heuvels: ‘Bedek ons.’ Want als ze dit Mij, het groene hout, aandoen, wat zal er dan wel niet met het dorre hout gebeuren?” 78 |

LEVEN

Twee misdadigers werden samen met Hem naar de plaats van terechtstelling gebracht. Schedel of Golgotha heette die plaats. Daar werden ze alle drie gekruisigd. Jezus in het midden en de twee misdadigers aan weerszijden van Hem. “Vader,” zei Jezus, “vergeef het deze mensen. Zij weten niet wat ze doen.” De soldaten verdeelden zijn kleren onder elkaar door erom te loten. De mensen stonden toe te kijken. En de Joodse leiders deden niets dan Hem bespotten en uitlachen. “Hij heeft anderen gered,” hoonden ze. “Laten we nu eens kijken of Hij Zichzelf kan redden, of Hij werkelijk de Christus is.” De soldaten lachten Hem ook uit en gaven Hem zure wijn te drinken. Ze zeiden: “Zeg, koning van de Joden! Red Uzelf!”

Vermoorde onschuld Jezus is onschuldig. Niemand kan Hem van iets beschuldigen. Toch wordt Hij veroordeeld en gekruisigd. Hij, de Zoon van God, laat het toe.

Boven zijn hoofd hing een bordje met de woorden: “Dit is de koning van de Joden.” Een van de misdadigers die naast Hem hing, zei spottend: “Zo, U bent dus de Christus? Bewijs dat eens. Red Uzelf en ons.” Maar de ander snoerde hem de mond. “Heb je geen ontzag voor God, terwijl je hetzelfde vonnis hebt gekregen? En wij krijgen ons verdiende loon, maar deze man heeft niets verkeerds gedaan.” Hij zei tegen Jezus: “Jezus, denk aan mij als U in uw Koninkrijk komt.” Jezus antwoordde: “Vandaag zult u met Mij in het paradijs zijn. Daar kunt u zeker van zijn.”


Tegen de middag werd het in het hele land donker. Dat duurde tot een uur of drie. Het zonlicht was weg. Plotseling scheurde het zware gordijn in de tempel doormidden. Op dat moment riep Jezus: “Vader, in uw handen leg Ik mijn geest!” En met die woorden blies Hij zijn laatste adem uit. De Romeinse officier begreep dat God de hand in dit alles had en zei vol ontzag: “Deze mens was werkelijk rechtvaardig.” De vele mensen die naar de kruisiging waren komen kijken, gingen naar huis nadat ze dit allemaal hadden gezien. Ze sloegen zich op de borst van berouw en verdriet. Jezus’ vrienden en ook de vrouwen die met Hem uit Galilea waren meegekomen, stonden op een afstand te kijken. Jezus wordt in een graf gelegd Een zekere Jozef, die lid was van de Hoge Raad en uit de stad Arimathea kwam, was het helemaal niet eens geweest met de beslissing en het optreden van de andere Joodse leiders. Hij was een goed en rechtvaardig man, die verwachtte dat het Koninkrijk van God zou komen. Hij ging naar Pilatus en vroeg of hij het lichaam van Jezus mocht hebben. Nadat hij het lichaam van het kruis had afgenomen, wikkelde hij het in een lang stuk linnen. Daarna legde hij het in een nog niet eerder gebruikt graf dat in de rotsen was uitgehakt. De vrijdagmiddag was bijna voorbij. De sabbat zou beginnen. De vrouwen die met Jezus uit Galilea waren meegekomen, gingen mee naar het graf en zagen hoe het lichaam erin werd gelegd. Daarna gingen ze naar huis en maakten speciale kruiden en olie klaar om Hem te balsemen. Op de sabbat namen ze rust. Dat is volgens de Joodse wet verplicht.

Op dat moment riep Jezus: “Vader, in uw handen leg Ik mijn geest!”

LEVEN | 79


Voel maar Ik ben het echt

80 |

LEVEN


Intens verdrietig en teleurgesteld komen Jezus’ leerlingen bij elkaar. Niemand denkt nog aan de woorden die Hij eerder tegen hen gesproken heeft, totdat... Hij ineens in hun midden staat en, nadat ze van de schrik bekomen zijn, alle puzzelstukjes op hun plek vallen. Hun Heer is opgestaan uit de dood. Jezus leeft!

LUKAS 24 Jezus leeft weer! Op zondagmorgen vroeg gingen ze meteen naar het graf. Ze hadden de speciale kruiden bij zich. Maar ze ontdekten dat de steen voor de ingang was weggerold. Toen ze naar binnen stapten, zagen ze dat het lichaam van de Here Jezus er niet meer was. Ze wisten niet wat ze daarmee aan moesten. Plotseling waren er twee mannen bij hen, in blinkende kleren. De schrik sloeg de vrouwen om het hart en ze bogen zich diep neer. De mannen vroegen: “Waarom komt u in een graf zoeken naar de Levende? Hij is hier niet. Hij leeft weer! Herinnert u zich niet wat Hij heeft gezegd toen u nog met Hem in Galilea was? Hij zei immers dat Hij, de Mensenzoon, door verraad in de handen van slechte mensen zou vallen en door hen gekruisigd zou worden. Maar ook dat Hij op de derde dag uit de dood zou opstaan.” Zij herinnerden zich dat Hij dat inderdaad had gezegd. Ze holden terug naar Jeruzalem om aan de elf apostelen en al de anderen te vertellen wat er gebeurd was. Maar toen de vrouwen – het waren Maria van Magdala, Johanna, Maria (de moeder van Jakobus) en verschillende anderen – het aan de apostelen vertelden, wilden die het niet geloven. Ze zeiden dat het onzin was. Petrus liep toch vlug naar het graf om eens te kijken. Hij bukte zich voorover, keek naar binnen en zag alleen de lege windsels liggen. Op weg terug vroeg hij zich verwonderd af wat er gebeurd kon zijn. Jezus verschijnt aan zijn leerlingen Diezelfde dag waren twee van Jezus’ leerlingen op weg naar het dorp Emmaüs, tien kilometer buiten Jeruzalem. Ze spraken met elkaar over alle gebeurtenissen. Terwijl ze zo liepen te praten, haalde iemand hen in en liep met hen mee. Het was Jezus Zelf! Maar zij herkenden Hem niet. Ze waren verblind. “Waarover loopt u zo druk te praten?”

vroeg Hij. Ze bleven stilstaan en een van hen, Kleopas, zei: “U bent zeker de enige in heel Jeruzalem die niet weet wat voor verschrikkelijke dingen er de afgelopen dagen zijn gebeurd!” “Wat voor dingen dan?” vroeg Jezus. “Wel,” zeiden ze, “wat ze hebben gedaan met Jezus van Nazareth. Die man was een profeet. Hij deed ongelooflijke wonderen en was een geweldige leraar. Hij stond in hoog aanzien bij God en de mensen. Maar de hogepriesters en leiders van ons volk hebben Hem gevangengenomen en uitgeleverd aan de Romeinen. En die hebben Hem gekruisigd. Wij dachten nog wel dat Hij de Christus was, de bevrijder van Israël. Maar het is nu al de derde dag sinds ze Hem hebben gedood. Een paar vrouwen van onze groep kwamen vandaag met een wonderlijk verhaal. Ze vertelden dat ze vanmorgen vroeg bij Jezus’ graf waren geweest en dat zijn lichaam weg was. Ze hadden ook engelen gezien die zeiden dat Hij leeft. Een paar van ons gingen er onmiddellijk heen om te kijken. En inderdaad, het lichaam was weg, zoals de vrouwen hadden gezegd. Maar Jezus zagen ze niet.” Jezus zei tegen hen: “Wat bent u toch dom! Wat hebt u moeite om alles te geloven wat door de profeten is ge-

“Waarom komt u in een graf zoeken naar de Levende? Hij is hier niet. Hij leeft weer!” LEVEN | 81


“Luister: Ik zal de Heilige Geest sturen. Hij zal over jullie komen, zoals mijn Vader heeft beloofd. “

zegd. De Christus moest immers al die vreselijke dingen doormaken voor Hij zijn heerlijkheid zou binnengaan?” Hij herinnerde hen aan allerlei gedeelten uit de boeken van Mozes en de profeten. Hij legde hun uit wat ze betekenden en wat ze over de Christus zeiden. Ondertussen waren ze bijna bij het dorp gekomen waar ze moesten zijn. Jezus deed alsof hij verder wilde lopen, maar zij lieten Hem niet gaan en zeiden: “Blijf vannacht bij ons. Het is al te laat geworden om nog verder te reizen.” Hij ging met hen mee naar huis om er de nacht door te brengen. Terwijl ze met elkaar aan tafel zaten, nam Hij het brood, dankte God ervoor, brak het in stukken en gaf het hun. Plotseling gingen hun ogen open en herkenden zij Hem. Op hetzelfde moment was Hij verdwenen. Ze zeiden tegen elkaar: “Weet je nog hoe diep we in ons hart geraakt werden, toen Hij met ons liep te praten en ons een glasheldere uitleg gaf over wat in de Boeken staat?” Ze stonden onmiddellijk op en liepen vlug terug naar Jeruzalem. Daar vonden ze de elf leerlingen van Jezus en zijn andere volgelingen allemaal bij elkaar. Zodra die hen zagen, zeiden ze: “Het is toch waar! De Here is weer levend geworden! Simon heeft Hem gezien!” De twee mannen uit Emmaüs vertelden dat zij Jezus ook hadden gezien. Dat Hij met hen was meegelopen en dat ze Hem pas hadden herkend toen Hij het brood brak. Geen geest maar mens Terwijl zij nog aan het vertellen waren, stond Jezus plotseling bij hen. Ze schrokken allemaal en dachten dat Hij een geest was. “Waarom zijn jullie zo van streek?” vroeg Hij. “Waarom twijfelen jullie eraan of Ik het werkelijk ben?

82 |

LEVEN

Kijk maar eens naar mijn handen en mijn voeten. Ik ben het echt. Voel maar, een geest heeft geen vlees en botten en Ik wel, zoals jullie zien.” Terwijl Hij dit zei, liet Hij zijn handen en voeten zien. Hoewel ze heel blij waren, leek hun dit te mooi om waar te zijn. Ze konden het gewoon niet geloven. Om hen te overtuigen, zei Hij: “Hebben jullie hier iets te eten?” Ze gaven Hem een stuk geroosterde vis en zagen dat Hij het opat. Hij zei: “Herinneren jullie je niet meer wat Ik heb gezegd, toen Ik nog bij jullie was? Ik heb gezegd dat alles wat over Mij in de boeken van Mozes en de profeten en in de Psalmen staat, werkelijkheid moet worden.” Hij legde hun uit wat in die boeken stond, zo duidelijk dat ze het ineens helemaal begrepen. “Dus,” zei Hij, “het was al lang voorzegd dat de Christus zou lijden en sterven. En op de derde dag zou Hij weer levend worden. Van Jeruzalem uit zou dit bericht over de hele wereld uitgaan: ‘Ieder die zijn zonden aan Christus belijdt, krijgt vergeving.’ Jullie hebben nu zelf gezien dat deze woorden zijn uitgekomen. Luister: Ik zal de Heilige Geest sturen. Hij zal over jullie komen, zoals mijn Vader heeft beloofd. Blijf hier in de stad wachten tot jullie kracht uit de hemel hebben ontvangen.” Jezus naar de hemel Toen nam Jezus hen mee naar Bethanië. Hij hief zijn handen op en zegende hen. Terwijl Hij dat deed, werd Hij opgenomen in de hemel. Zij vielen in aanbidding voor Hem neer. Daarna gingen zij met grote vreugde terug naar Jeruzalem. Ze bleven voortdurend in de tempel om God te eren en te danken.


Ontmoeten Vragen Ontdekken

Meer weten over het christelijk geloof? Welkom op Alpha!

alphacursus.nl

LEVEN | 83


Je hebt het magazine ‘LEVEN’ in je handen. Dit magazine geeft je een stukje uit de Bijbel, het verslag van Lukas over het leven van Jezus. Heb je het in één ruk uitgelezen? Heb je het doorgebladerd en bleef je oog af en toe haken aan iets wat je aansprak? Raakte het je hart, of zit je juist met een heleboel vragen? Of kijk je altijd eerst achterin, en kwam je zo hier terecht? We zijn blij dat je ‘LEVEN’ in handen hebt, omdat jij een kostbaar mens bent.

“En als je Mij zoekt met heel je , zul je Mij vinden”.

hart

Gods cadeau voor jou Jij bent één van de ruim zeven miljard mensen op deze aarde. En toch kent God jou persoonlijk. Hij heeft je lief en Hij weet dat je gelukkig zult zijn als je Hem vertrouwt. Daarom vertellen we je graag over Gods cadeau voor jou. In de Bijbel lees je dat God zegt: “Want ik weet welke plannen Ik voor u heb, zegt de Here. Met deze plannen heb Ik voor u het goede op het oog en niet het kwade. Ik wil u weer een toekomst en nieuwe hoop geven. Als u tot Mij bidt, zal Ik luisteren. U zult Mij vinden als u Mij zoekt en het oprecht van Mij verwacht”. (Jeremia 29:11-13) 84 |

LEVEN

Wat vind je hiervan? Weet jij hoe je God kunt vinden? Jezus is Gods cadeau voor jou. Hij brengt je bij God. Jezus, Gods Zoon, heeft het zo verteld: “Want Gods liefde voor de mensen was zo groot, dat Hij Zijn enige Zoon gegeven heeft. Iedereen die in Hem gelooft, zal niet sterven, maar voor altijd leven”. (Johannes 3:16) Hoe is het tussen jou en God? En hoe ontvang jij Zijn cadeau?


Hoe het begon Toen God Adam en Eva gemaakt had, was alles goed. God genoot van het contact met hen en trok met hen op. God zorgde voor hen. Een warme en kostbare relatie! Maar Eva en ook Adam, wilden net zo belangrijk zijn als God Zelf en luisterden naar het advies van de duivel – de vijand van God, die Gods plan wil vernietigen. Zij vertrouwden niet op God en deden wat God niet wilde. Ongehoorzaam zijn aan God, noemt de Bijbel ‘zonde’. Zonde betekent: je doel missen. Adam en Eva verbraken hun open relatie met God en misten zo hun doel: een leven samen met hun God. Zo ontstond er een grote en niet te overbruggen afstand tussen God en mensen, tussen God en jou.

De Bijbel zegt daarover: “Door één mens is de zonde in de wereld gekomen en door de zonde de dood en de dood is het lot van alle mensen geworden, omdat ze allemaal zondaars zijn”. (Romeinen 5:12)

relatie verbroken We zijn allemaal ‘kinderen’ van de eerste mens. Ook jouw relatie met God is daarom verbroken. Op allerlei manieren hebben mensen geprobeerd zelf die grote afstand te overbruggen om zo de relatie met God te herstellen. We proberen religieus en goed te leven en hebben onze eigen ideeën waarom God met ons (mij) tevreden kan zijn. En toch lukt het niemand om de afstand naar God te overbruggen. Waarom niet?

God is hierover in de Bijbel heel duidelijk: “Het probleem is echter dat onze zonden ons gescheiden houden van God. Vanwege de zonde heeft Hij Zijn gezicht van ons afgekeerd en wil Hij niet meer luisteren”. (Jesaja 59:2) God vindt dat heel erg en wil zó graag dat het weer goed komt tussen Hem en jou. Hij maakte de mensen juist om dicht bij Hem te zijn en verlangt naar relatie met jou.

de norm van god Misschien denk je bij jezelf: ‘Ik leef goed en ga weleens naar de kerk. Ik ben goed voor anderen’. Het is absoluut een compliment waard als je netjes leeft en goed bent voor de mensen om je heen. Maar niet wat wij vinden is uiteindelijk belangrijk, het gaat om de norm van God, jouw Maker. Hij is zo heilig, dat zelfs een klein leugentje of een onaardige gedachte al maakt dat we schuldig staan voor Hem (Markus 7:2123). Wie gaat er dan nog vrijuit?! God zegt hierover in de Bijbel: “Iedereen die zondigt, komt in opstand tegen God. Want zondigen is hetzelfde als tegen God in opstand komen”. (1 Johannes 3:4) “Niemand heeft een excuus voor zijn slechte gedrag. Iedereen is schuldig tegenover God”. (Romeinen 3:19)

“Wie gehoorzaam is aan de zonde, krijgt als beloning de dood”. (Romeinen 6:23) Dat zijn heftige uitspraken. Het klinkt alsof niemand dan ooit bij God kan komen. Als God zo denkt, is er dan nog een oplossing?

LEVEN | 85


Jezus herstelt de relatie Ja, die is er! De oplossing die God biedt, is een Persoon: Zijn Zoon Jezus Christus. Hij is de Enige Die deze grote afstand kon overbruggen en Hij heeft dat ook gedaan! Jezus werd als mens geboren, zoals iedereen. Als volwassen man van rond de dertig liet Hij zien hoe groot God is en hoe geweldig veel God van mensen houdt. En dus ook van jou! Hij deed wonderen en vertelde over God, Zijn Vader. Jezus vertelde over Gods liefde voor mensen, Hij vertelde hoe Hij verlangt naar een open

relatie met hen en met jou. De mensen konden die goedheid van God niet verdragen. Ze wilden dat Jezus zou sterven. Hij werd gemarteld en ze hingen Hem aan een kruis. God zegt hierover in de Bijbel: “...Christus is voor ons gestorven toen we nog leefden als slechte mensen. Dat is het bewijs dat God van ons houdt!” (Romeinen 5:8)

“Jezus stierf uit voor de mens en overwon de dood.”

liefde zijn leven voor jouw leven “God heeft ons laten zien hoe groot Zijn liefde voor ons is, door Zijn enige Zoon naar deze slechte wereld te sturen. Door Hem wilde God ons nieuw leven geven”. (1 Johannes 4:9) Jezus deed dit vrijwillig, omdat Hij, terwijl Hij nooit iets verkeerds gedaan had, jouw straf wilde dragen. Daarom gebeurde met Hem het ergste wat een mens kan overkomen: Hij werd door God verlaten. Hij stierf uit liefde voor de mensen en overwon de dood. God accepteerde het offer van Jezus. Met het sterven én de opstanding van

86 |

LEVEN

Jezus is de prijs voor de zonden betaald. Ook voor jouw zonden, als je Zijn offer wilt accepteren. God kijkt dan naar jou en ziet een volmaakte mens, omdat Jezus jouw straf betaalde met Zijn eigen leven! Alleen Jezus kon de grote afstand tussen ons en God overbruggen en Hij wil je brengen bij het hart van God, zijn Vader. Daarom zegt Jezus: “Ik ben de Weg, de Waarheid en het Leven. Niemand komt tot de Vader dan door Mij”. (Johannes 14:6)


JEZUS IS DE ENIGE WEG Je leest ook in de Bijbel: “Hij is onze Redder. Hij wil dat alle mensen gered worden en dat iedereen de waarheid leert kennen. Dit is de waarheid: Er is maar één God. En de Enige die mensen bij God kan brengen, is de mens Jezus Christus. Hij gaf Zijn leven om alle mensen te redden”. (1 Timotheüs 2:4-6)

Jezus Christus

Goed doen Eigen ideeën

Jezus zegt ook: “Het is zoals Ik zeg: Wie naar Mijn woorden luistert en gelooft in Hem Die Mij gestuurd heeft, heeft eeuwig leven. Zo iemand wordt niet veroordeeld, maar is overgeplaatst uit de dood in het leven”. (Johannes 5:24) God wil graag weer een open relatie met jou. Alles heeft Hij ervoor gedaan. Hij nodigt je uit om Hem te geloven. Dat betekent: erop vertrouwen dat wat God zegt en wat Jezus gedaan heeft, waar is. Geloof dat Jezus ook voor jou zijn leven gaf, en dank Hem dat Hij stierf in jouw plaats.

God

Religie

ZONDE

Je gaat dan horen bij de familie van God de Vader. Jij wordt Zijn kind. Jij zult Zijn vrede, Zijn hulp en Zijn liefde gaan ervaren in je leven. Hij wil je vergeving, vrede, rust, geborgenheid en nieuwe kwaliteit van leven geven. Met Zijn leven en zorg wil Hij er voor jou zijn! Nu én straks na dit leven.

ACCEPTEER JIJ HEM? Jezus zegt: “Ik roep jullie alsof ik voor jullie deur sta. Als jullie Mij horen en binnenlaten, zal Ik altijd bij jullie zijn”. (Openbaring 3:20)

dat dit leven in Zijn Zoon is. Wie dus de Zoon van God heeft, heeft het leven, maar wie de Zoon van God niet heeft, heeft het leven niet”.

In 1 Johannes 5:11 en 12 lees je: “En wat heeft God dan wel gezegd? Dat Hij ons eeuwig leven heeft gegeven en

Wil jij Gods Cadeau voor jou aannemen? Hij wacht op jou! Je vraagt je misschien af: ‘Wat moet ik dan doen?’

WAT JIJ Kunt DOEN Het is niet moeilijk. Je mag gewoon met God praten. Als jij Jezus wil toelaten in je leven, kun je het gebed hieronder bidden, maar je mag het ook met je eigen woorden zeggen. Hij luistert, waar je ook bent. Heer Jezus, ik heb fouten gemaakt en geleefd zonder U. Ik miste mijn doel en kan de afstand naar U niet zelf overbruggen. Het spijt mij dat ik U verdriet heb gedaan door voor mijzelf te kiezen. Ik begrijp dat dit zonden zijn. Dank U dat U de straf voor mijn zonden hebt gedragen door in mijn plaats te sterven aan een kruis. Heer Jezus, kom in mijn leven. Dank U, dat U zoveel van mij houdt en mij gered hebt. Dank U dat ik voor altijd bij U mag horen en dat God nu ook mijn Vader is. Help Mij om met U te leven. Amen.

Heb je dit gebed uitgesproken? Geweldig! Welkom thuis bij God de Vader.

LEVEN | 87


redding

“Gods voor jou staat vast!�

EEN NIEUW LEVEN De zekerheid van je nieuwe leven ligt niet in wat jij wel of niet voelt of ervaart. In de Bijbel zegt God dat het zo is. Daar mag je op vertrouwen, ook al voelt het soms niet zo en maak je nog wel eens fouten. Gods redding voor jou staat vast! Je nieuwe relatie met God mag groeien door samen met Hem op te trekken. Vertel Hem wat je bezighoudt en lees in de Bijbel.

Misschien heb je nog vragen of wil je iets vertellen? Mail ons dan. We helpen je graag verder op je levensweg met God. Het goede van God wensen wij jou toe! Lees meer op www.Godscadeauvoorjou.nu of stuur je mail naar: leven@Godscadeauvoorjou.nu Team Gods Cadeau

Jaap Noorlander

88 |

LEVEN

Emke de Jager


Jouw toekomst Mijn plan met jullie staat vast – spreekt de HEER. Ik heb jullie geluk voor ogen, niet jullie ongeluk:

Ik zal je een hoopvolle

toekomst geven. Jeremia 29:11

LEVEN | 89


Christelijke winkels Voor boeken, Muziek & cadeaus Groningen ’t Kruispunt Albertsbaan 27 9301 KS Roden hetkruispunt.net Friesland Evangelische boekwinkel Drachten Houtlaan 61 9203 AP Drachten ebdrachten.nl Ljocht Kelders 11 8911 JC Leeuwarden ljochtleeuwarden.nl Drenthe De Fakkel Van Echtenstraat 5 7902 EK Hoogeveen Overijssel Joy Bookcafé Bermerstraat 15A 7731 CZ Ommen Levend Water Vechtstraat 72 8021 AZ Zwolle Noord-Holland Josia Middenweg 77 1619 BN Andijk boekshopjosia.nl

90 |

LEVEN

De Oase Johannes Poststraat 58 1624 CD Hoorn oasehoorn.nl

Ichthusboekhandel Zoetermeer Dorpsstraat 74 2712 AM Zoetermeer ichthusboekhandel.nl

Christelijke boekhandel Alkmaar Laat 111 1811 ED Alkmaar christelijkeboekhandelalkmaar.nl

De Kandelaar Sint Jorisstraat 10 2981 GA Ridderkerk de-kandelaar.nl

Bijbel-In Gasthuisvest 17a 2011 ET Haarlem bijbelin.nl

Flevoland Het Baken Het Ruim 27 8251 EL Dronten cbmwhetbaken.nl

Zuid-Holland De Fakkel Kerkstraat 6 4141 AW Leerdam

Utrecht Sjofar Korte Elisabethstraat 7 3511 JG Utrecht sjofar.nl De Fakkel Soesterbergsestraat 74 3768 EK Soest Noord-Brabant De Fakkel Schootsestraat 69 5616 RB Eindhoven Limburg De Link Molenpoort 13 6001 HB Weert nieuwlevenweert.nl

advertentie chr. boekenwinkels ’t Lichtpunt Kerkstraat 15 2411 AA Bodegraven lichtpuntboeken.nl Ichthusboekhandel Alphen a/d Rijn Prins Hendrikstraat 145 2405 AJ Alphen aan den Rijn ichthusboekhandel.nl Ichthusboekhandel Den Haag Korte Poten 42 2511 EE Den Haag ichthusboekhandel.nl Ichthusboekhandel Leiden Nieuwstraat 27 2312 KA Leiden ichthusboekhandel.nl

De Fakkel Lange Nering 106B 8302 EG Emmeloord De Fakkel Weversstraat 5 8223 AB Lelystad

Gelderland Pelgrim Boekwinkel Koers Hoofdstraat 146 8162 AR Epe pelgrimonline.nl De Fakkel Koningstraat 46 6811 DH Arnhem De Plek Van der Duyn van Maasdamstraat 20 6951 DP Dieren

Ezra Kouvenderstraat 160 6431 HH Hoensbroek bijbelwinkelezra.nl Zeeland Oase Zandstraat 7 4531 ES Terneuzen boekwinkeloase.nl Afslag 29 Nieuwe burg 29 4331 AG Middelburg afslag29.nl


Wanneer ging jij voor het laatst

een avondje uit met je partner?

marriagecourse.nl LEVEN | 91


Lukas? Wie is dat? Lukas is afkomstig uit Antiochië, in Syrië; het Parijs van de antieke wereld aan de Middellandse Zee, vlak bij Israël. Zijn opleiding als arts lag op een hoog niveau en het vaststellen van een diagnose zit hem in zijn bloed. Zo’n 25 jaar na het leven van Jezus schrijft Lukas zijn verslag, zijn evangelie. Als arts wil Lukas zieke mensen een beter en goed leven geven. De verhalen die hij hoort over Jezus, wellicht in zijn dokterspraktijk, raken hem. Hij wil er méér over weten. Je herkent zijn bewondering voor Jezus in de verhalen en gebeurtenissen die hij beschrijft. Jezus, die Zich met alles wat Hij had, inzette voor het leven en het welzijn van mensen. Ik stel me voor dat Lukas als arts ook graag zulke genezingen zou zien bij zijn patiënten. Zoals Jezus met mensen omging, zijn soms directe vragen, zijn warmte en betrokkenheid raken ook mij. Jezus is ook met mijn leven begaan. Maar Hij gaat verder waar de kennis en mogelijkheden van Lukas stoppen. Jezus geeft alles; Hij gaf en geeft Zichzelf, om jou eeuwig leven te geven. Naast innerlijke genezing biedt Jezus ook vandaag een kwaliteit van leven die ik ook jou toewens.

Jaap Noorlander Team Gods Cadeau

92 |

LEVEN

Profile for LEVEN

LEVEN  

Het verhaal van Lukas voor iedereen.

LEVEN  

Het verhaal van Lukas voor iedereen.

Advertisement