Issuu on Google+

Het gebruik van het elektronisch antwoordsysteem in de derde graad van het lager onderwijs: al dan niet pedagogisch verantwoord? Probleemstelling en doelstellingen Informatie- en communicatietechnologie is niet meer weg te denken in onze huidige maatschappij. Ook het onderwijs voelt zich verplicht in te spelen op het voortdurend groeiend aanbod van deze nieuwe technologieĂŤn. Technologische hulpmiddelen zoals gsm, mp3-speler en pc zijn de laatste jaren meer toegankelijker en goedkoper geworden waardoor kinderen er reeds op jonge leeftijd met in contact komen. Deze technologische hebbedingen worden als een must beschouwd door het jonge volk in hun dagelijks doen en laten. Hierdoor wordt het in de lagere school steeds moeilijker om leerlingen te boeien met de klassieke onderwijsvormen. Het vraagt dus aan leerkrachten, op alle niveaus in het onderwijs, extra inspanning, voortdurende bijscholing en een waaier van creativiteit om deze klassieke onderwijsvormen te verrijken met of te vervangen door technologische vaardigheden. In het universitair en hoger onderwijs in Amerika is momenteel een communicatieproject1 lopende, waarbij men gebruikt maakt van elektronisch antwoordsystemen. Hierbij worden er vragen geprojecteerd op een scherm waarop studenten kunnen antwoorden aan de hand van een stembakje. Hierna worden de resultaten van de vragen van alle deelnemers grafisch weergegeven. In het lager onderwijs, meer bepaald in de 3de graad, wil ik de leerlingen laten kennis maken met dit Amerikaans elektronisch systeem. Door de invoering van dit systeem wil ik in de eerste plaats onderzoeken welke vooropgestelde verwachtingen leerkrachten hebben over deze onderwijsvorm. Biedt dit systeem een meerwaarde aan onze klassieke onderwijsvorm? Welke voor- en nadelen verleent deze nieuwe manier van lesgeven wat betreft betrokkenheid, interesse en concentratie van de leerling? Wat ik zeker nog verder wil opvolgen in dit systeem is het optimaal gebruik ervan in de klas. Hiermee bedoel ik of het toegepast kan worden tijdens elk lesuur of leent het zich enkel tot een aantal specifieke lesonderwerpen? Kan, bij het gebruik ervan, een vast stappenplan opgemaakt worden met bepaalde aandachtspunten waardoor het gebruiksvriendelijk wordt, zowel voor leerling als leerkracht?

Literatuurstudie/verkennend onderzoek Uit het onderzoek van Stijn Van Lokeren1 blijkt dat er weinig geweten is over het gebruik van deze soorten elektronische systemen binnen het lager onderwijs. Globaal gezien zou er toch een zeer positief effect waarneembaar zijn op de leerlingen in de lagere school bij het gebruik van ICT algemeen. Verschillende artikels in Klasse2 en Volgens Bartjens3 bevestigen dit. 1

VAN LOKEREN, S. (2011). Goed gestemd! Activerende interactie in de klas: onderzoek naar het optimaal gebruik van elektronisch antwoordsystemen in het lager onderwijs, niet gepubliceerd afstudeerscriptie, universiteit Antwerpen, BelgiĂŤ, Academiejaar 2011-2012. 2 (2011), Tablets in de klas? Geen speeltjes!, Klasse, pagina 15

X

3LOA

1


De heer Van Lokeren, docent in de Katholieke Hogeschool Sint Lieven Sint-Niklaas, vermeldt in zijn onderzoek naar het optimaal gebruik van elektronisch antwoordsystemen in de lager school, verschillende benamingen die verwijzen naar de draadloze afstandsbedieningen, met name: voting machine, clickers, zappers,.... Hij bespreekt verschillende vraag- en antwoordtypes in dit systeem zoals meerkeuzevragen, juist/fout-, waar/niet waar- antwoorden, antwoorden met een getal of met korte tekst, enz. De bron1 vermeldt een grotere actieve betrokkenheid van de leerling tijdens een elektronische les. Het elektronisch antwoordsysteem wordt bestempeld als een aangenaam leersysteem: leerlingen zijn aandachtiger en enthousiaster tijdens het lesgebeuren. Er is dus een positieve invloed op de motivatie en concentratie van de kinderen. Er zijn ook negatieve effecten bij dit systeem op het lesgebeuren zoals het element ‘tijd’ (bv. het klaarzetten van het materiaal, de lestijden respecteren en de vragen uitdenken). Daarnaast is het voor een lector pedagogischdidactisch en organisatorisch gezien, niet altijd gemakkelijk om klassieke lessen te vertalen naar lessen met een kliksysteem. Ten slotte worden enkele punten van twijfel aangehaald in deze bron1. Het is o.a. moeilijk om de invloed van elektronisch hulpmiddelen te bepalen op de leerprestaties van de leerlingen.

Methode van onderzoek Voor het praktijkonderzoek van start ging, heb ik een enquête4 afgenomen bij de directie en de leerkrachten uit de derde graad van de lagere school “De Klimop”. Hiermee wou ik weten hoe de school tegenover het gebruik van technologie en de elektronische antwoordsystemen staat. Drie leerkrachten uit de derde graad namen deel aan dit onderzoek. Uit deze resultaten kon ik volgende aspecten afleiden: 

 

Men gebruikt op de school “De Klimop” momenteel weinig technologie. Enkel de computer of laptop wordt sporadisch gebruikt. Slechts één leerkracht gebruikt een beamer. Vaak werkt deze technologie niet optimaal, ook is het internet vaak niet aanwezig of werkt het gebrekkig. De verschillende drempels voor leerkrachten zijn: het gebrek aan technologische kennis, de kostprijs en de tijdsbesteding. De wil om de technologie in de lessen te gebruiken is aanwezig, maar dit brengt altijd extra werk met zich mee: een omslachtig aanvraagsysteem voor het gebruik van de computers, het bedenken van een plan B wanneer technologie faalt, … Iedereen is voorstander om meer technologie te gebruiken omdat: het de lessen boeiender maakt, leerlingen werken dan graag mee, …

Ik verwacht dat het werken met de elektronische stembakjes een positief effect zal hebben om de motivatie, de betrokkenheid en de concentratie van de leerlingen.

3 4

VAN GALEN, F., JONKER, V. (2010), Plofsommen op het Rekenweb, Volgens Bartjens, pagina 8 ROMBAUT,B., Enquêtes: het gebruik van ICT in de lagere school De Klimop, 2011

X

3LOA

2


Samen met vijf andere studenten volg ik een workshop met betrekking tot het gebruik van SMART response. We maken elk twee lessen voor een bepaalde graad, dit is bij mij de derde graad, die we kunnen realiseren in onze stageperiode. Na deze lessen nemen we een bevraging af bij zowel de leerlingen als bij de leerkrachten. Nadien komen we weer samen om deze bevragingen te verwerken en onze eigen ervaringen samen te brengen. Gedurende het jaar gaan wij een antwoord zoeken op vier vragen: - Wat zijn positieve effecten bij het gebruik van stembakjes in het lager onderwijs? - Wat zijn drempels bij het gebruik van stembakjes in het lager onderwijs? - Hoe kunnen stembakjes optimaal ingezet worden in het lager onderwijs? - Hoe kunnen leerkrachten ondersteund worden bij het gebruik van stemsystemen?

Resultaten/bevindingen en conclusie In totaal deden er 112 leerlingen en 78 leerkrachten mee aan de bevraging5 over de elektronische stembakjes. De resultaten uit de bevragingen en onze eigen ervaringen zijn terug te vinden op een gemeenschappelijke website samengesteld door enkele studenten van de Katholieke Hogeschool Sint-Lieven6. Op deze website wordt onder andere uitgelegd wat elektronische stembakjes zijn, wat de opzet van dit onderzoek is, wat de meerwaarde en drempels zijn van SMART response. Daarnaast wordt er uitgelegd hoe we het programma kunnen gebruiken, het programma met bijhorende programma’s kunnen installeren, een klas en vragen kunnen aanmaken in SMART Notebook of in Power Point en hoe men de stembakjes optimaal kan gebruiken in de les. De antwoorden die aan de onderzoeksvragen gekoppeld zijn, kan u men ook op deze website consulteren. Algemeen kunnen we besluiten dat er heel wat positieve effecten zijn bij het gebruik van de stembakjes in de lagere school. Zo vindt 82% van de bevraagde leerlingen dat de les met een stembakje sneller leek te gaan dan een les zonder stembakje. 88% van de bevraagde leerlingen zou graag elke dag (en zelfs elke les) met de stembakjes aan de slag gaan en 95% van de bevraagde leerlingen vinden de stembakjes (super)leuk. 92% van de bevraagde leerkrachten verwacht dat de motivatie bij de leerlingen hoger zal zijn, enz. Daarnaast moeten we toch rekening houden met enkele drempels. Toch zien we opmerkelijke cijfers: 94% van de bevraagde leerkrachten voelt zichzelf in staat om met de toepassing te leren werken mits de juiste opleiding en ondersteuning, 70% van de bevraagde leerkrachten zou graag investeren in deze stemsystemen indien er een budget aanwezig is. Tijdens dit onderzoek kwamen een aantal gegevens naar boven waar we voor dit onderzoek niet onmiddellijk bij stilstonden. Zo leek het ons beter om tijdens het lesgeven een grote afbeelding van het SMART response systeem te gebruiken bij de klassikale uitleg, te controleren of elk stembakje werd teruggeven, enz. Ten slotte kunnen we besluiten dat er veel leerkrachten aan de slag willen gaan met deze stembakjes. Qua ondersteuning zouden ze wel graag bijstand krijgen van iemand die er vlot mee kan werken, een bijscholing volgen of een cursus gebruiken. Om meer te weten over de elektronische stembakjes wil ik u graag doorverwijzen naar onze website6. 5

GOOSSENS, T., ROMBAUT, B., STUER, J., L’ECLUSE, N., VAN LANDEGHEM, J., VAN LOKEREN, S., VERSCHOOREN, Y., Enquêtes: Stembakjes in de lagere school, 2012. 6 VAN LOKEREN, S. (2012), Stembakjes, Geraadpleegd op 2012, https://sites.google.com/site/stembakjes/home.

X

3LOA

3


Bronnen Afstudeerscriptie -

VAN LOKEREN, S. (2011). Goed gestemd! Activerende interactie in de klas: onderzoek naar het optimaal gebruik van elektronisch antwoordsystemen in het lager onderwijs, niet gepubliceerd afstudeerscriptie, universiteit Antwerpen, België, Academiejaar 2011-2012.

Artikels -

Klasse: Tablets in de klas? Geen speeltjes!, november 2011, nr. 219, pagina 15 VAN GALEN, F., JONKER, V., Volgens Bartjens: Digitaal rekenen: Plofsommen op het Rekenweb, jaargang 30, 2010, nr. 3, pagina 8; WIJERS, M., JONKER, V., VAN GALEN, F., Volgens Bartjens: Digitaal rekenen: Bouwen met blokken, jaargang 30, 2010/2011, nr. 5, pagina 12; WIJERS, M., JONKER, V., VAN GALEN, F., Volgens Bartjens: Digitaal rekenen: Geld, jaargang 31, 2011/2012, nr. 5, pagina 12.

Enquêtes -

ROMBAUT,B., Enquêtes: het gebruik van ICT in de lagere school De Klimop, 2011 GOOSSENS, T., ROMBAUT, B., STUER, J., L’ECLUSE, N., VAN LANDEGHEM, J., VAN LOKEREN, S., VERSCHOOREN, Y., Enquêtes: Stembakjes in de lagere school, 2012.

Website

-

X

VAN LOKEREN, S. (2012), Stembakjes, Geraadpleegd op 2012, https://sites.google.com/site/stembakjes/home.

3LOA

4


Bijlagen -

Bijlage 1: Eindwerk: Goed gestemd! Activerende interactie in de klas: onderzoek naar het optimaal gebruik van elektronische antwoordsystemen in de lagere school. Bijlage 2: Enquête 1 Bijlage 3: Enquête 2 Bijlage 4: Enquête 3 Bijlage 5: Enquête leerkrachten Bijlage 6: Enquête leerlingen

X

3LOA

5


SMART Response PE