Issuu on Google+

het veiligheidsbulletin voor de burgemeester

20

in de kijker Steek eens een huis in brand. Het Nederlandse Centrum voor Brandveiligheid wou weten hoelang het duurt vooraleer een klein brandje uitslaat tot een levensbedreigende woningbrand en stak een modelwoning in de fik. De resultaten zijn onthutsend: tegenwoordig heeft men slechts 3 minuten tijd om zichzelf in veiligheid te brengen, tegenover 17 minuten pakweg 30 jaar geleden. Als u bedenkt dat de brandweer er gemiddeld 12 minuten over doet om ter plekke te geraken, is het rekensommetje snel gemaakt… Deze cijfers onderstrepen nog maar eens het belang van rookmelders. Doet uw gemeente reeds mee aan de nationale rookmeldercampagne? Meer info via besafe@ibz.fgov.be.

Vrijwilligers technopreventie De technopreventieadviseurs in uw gemeente spelen een essentiële rol in de strijd tegen inbraken. Maar soms worden ze het slachtoffer van hun eigen succes en loopt het aantal aanvragen zo hoog op, dat veel burgers lang moeten wachten op advies. Vlaams-Brabant heeft dé oplossing: vrijwilligers. Lees meer op pagina 3.

Van feestbus tot fuifloket Hoe veilig is fuiven in uw gemeente? In Sint-Truiden staat het fuifloket klaar om mee te helpen bij de organisatie van allerhande feestjes, groot en klein. Jongeren in Sint-Niklaas kunnen na de festiviteiten dan weer veilig naar huis met speciale feestbussen. Lees alles over deze goede praktijken op pagina 4 en 5.

Kettingdiefstal aan (gouden) banden Wie oude metalen zoals koper wil verkopen en cash in het handje wil, moet zich bij de schroothandelaar identificeren. Dat schrijft de wet op metaaldiefstal voor. Maar wat met edele metalen, zoals goud en zilver? De diefstal van juwelen in edelmetaal is een heuse plaag geworden, vertelt commissaris Johan Berckmans van de politiezone Brussel-West. “Sinds begin dit jaar zijn er al meer dan 300 diefstallen van gouden kettingen en andere juwelen voorgevallen in onze politiezone. Die trend heeft wellicht te maken met de stijgende goudprijs.” Met hun buit stappen de dieven doorgaans naar juweliers, die niet weten dat ze op die manier meewerken aan de zwendel.

“De diefstal van juwelen in edelmetaal is een heuse plaag geworden.”

Diefstal met list voorkomen Diefstallen met list, waarbij weinig scrupuleuze huis-aanhuisverkopers via een smoesje een woning binnendringen, zijn een ware plaag in Henegouwen. De Stad Châtelet bestrijdt het fenomeen met een informatiecampagne, speciaal gericht naar… senioren. U lees meer over deze campagne op pagina 2.

“Om dit soort diefstallen tegen te gaan, zouden juweliers dezelfde regels moeten volgen als schroothandelaars”, vindt commissaris Berckmans. Binnenlandse Zaken deelt die mening en stelde meteen een KB voor. Als dat er komt, wellicht tegen eind dit jaar, zullen ook verkopers van edele metalen zich moeten identificeren. Wordt vervolgd… in de volgende BeSafe! 

1


Diefstal met list voorkomen Diefstallen met list, waarbij weinig scrupuleuze huis-aan-huisverkopers via een smoesje een woning binnendringen, zijn een ware plaag in Henegouwen. De diensten van het Strategisch Veiligheids- en Preventieplan van de stad Châtelet bestrijden het fenomeen met een campagne om burgers te informeren. Wenst u meer info over de campagne? Neem dan contact op met preventionetsecurite@ brutele.be

In het bekende sprookje kon de wolf uiteindelijk de woning van de zeven geitjes binnendringen via een list, meer bepaald door zich ‘netjes’ te gedragen. Dat smoesje is vandaag nog steeds actueel: de dief gedraagt zich ‘netjes’ door zich uit te geven voor een ambtenaar of een gemeenschapswacht en kan zo – eenmaal binnen – zijn slag slaan. Vooral bejaarden worden het slachtoffer van deze diefstallen met list. “Senioren zijn minder betrokken bij de actuele informatiekanalen zoals internet”, vertelt Frédérick Vostier, adviseur inbraakpreventie. “Daarom hebben wij ervoor gekozen om hen op een andere manier te informeren. Na de goedkeuring van het gemeentecollege hebben we eerst een lijst van alle 60-plussers opgevraagd. Vervolgens hebben we hen een brief gestuurd waarin wordt uitgelegd hoe ze fraudeurs kunnen herkennen en wat ze in dat geval moeten doen.”

Vertrouwde kanalen In die brief staat onder meer dat ze zich moeten informeren over het waarom van het bezoek, dat ze moeten vragen om een dienstkaart te tonen en bij twijfel de politie of betrokken diensten moeten bellen. Waakzaamheid is het beste preventiemiddel. Frédérick Vostier: “We raden de burgers ook aan om een kierstandhouder op de deur te plaatsen, kwestie van een geforceerde doorgang te verhinderen. Daarnaast hebben we ook een geplastificeerde brochure gepubliceerd met afbeeldingen van officiële dienstkaarten. Zo kunnen ze de identiteit van de bezoekers makkelijker nagaan. Om de boodschap goed over te brengen, is het belangrijk om het juiste communicatiekanaal te gebruiken. We hebben dan ook kanalen gebruikt waarmee bejaarden het meest vertrouwd zijn: de gemeentekrant, via verenigingen en op markten met de hulp van de gemeenschapswachten.” 

De wetgeving op industriegebouwen vanbinnen en vanbuiten Een echte brandweerman voelt zich meer op zijn gemak met een brandslang voor een brandende woning, dan met de neus tussen de wetboeken. En toch. De nieuwe regelgeving voor industriegebouwen is belangrijk. Laat brandweermensen een opleiding volgen in de brandweerschool van uw provincie. Binnenlandse Zaken stond in voor de training van de trainers. Wenst u meer info over de nieuwe wetgeving rond industriegebouwen? Neem dan contact op met jan.desaedeleer@ibz.fgov.be

Jan De Saedeleer

2

De nieuwe regelgeving voor industriegebouwen trad in augustus 2009 in werking. Sindsdien moeten nieuwe industriegebouwen onder meer worden ingedeeld in drie klassen, die elk een aparte set brandpreventiemaatregelen met zich meebrengen. Klinkt eenvoudig, maar in de praktijk is dat geen sinecure. Dat weet ook de Directie Brandpreventie, die datzelfde jaar nog een lessenreeks inrichtte voor trainers bij de brandweer. “Dat gebeurde volgens het ‘train-the-trainer’-principe. De trainers – een vijftiental per taalrol – werden door ons opgeleid, om dan op hun beurt andere brandweermensen te kunnen opleiden”, vertelt Jan De Saedeleer van de Directie Brandpreventie. “De lessen waren vooral theoretisch, maar de cursisten kregen ook enkele praktische oefeningen en als afsluiter een case: hoe bekijk je de plannen van een nieuw industriegebouw? Op welke

manier bepaal je de klasse van zo’n gebouw? Interessant voer voor op het terrein…” Volg een opleiding Twee jaar later is duidelijk geworden welke onderdelen van de wet nadere uitleg behoeven. Tijdens een ‘terugkomdag’ in september werden concrete probleemgevallen besproken en toegelicht. “Deze extra opleiding diende vooral om enkele courante problemen voor te stellen, kennis uit te wisselen en vragen te beantwoorden. De cursisten zijn nu klaar om hun kennis door te geven via de provinciale brandweerscholen in het hele land. We willen dan ook alle betrokken brandweermensen aansporen om zo’n opleiding te volgen. Het is immers ingewikkelde materie en het is belangrijk dat iedereen de wetgeving op dezelfde – correcte – manier toepast”, aldus Jan De Saedeleer. 


Vrijwilligers in technopreventie De technopreventieadviseurs in uw gemeente spelen een essentiële rol in de strijd tegen inbraken. Maar soms worden ze het slachtoffer van hun eigen succes en loopt het aantal aanvragen zo hoog op, dat veel burgers lang moeten wachten op advies. Waarom geen vrijwilligers inschakelen? Vlaams-Brabant geeft het goede voorbeeld. Heel wat diensten zouden niet kunnen overleven zonder vrijwilligers. Toch zijn er in ons land nog maar weinig actief in het domein van de techno­ preventie. In Vlaams-Brabant is dat wel reeds het geval: in 2006 lanceerde de provincie een pilootproject in Diest en Dilbeek. Onlangs stapte ook Sint-Pieters-Leeuw in de boot. “Elke politiezone of gemeente beschikt maar over een beperkt aantal technopreventieadviseurs, die naast inbraakpreventieadvies meestal ook nog andere taken hebben”, vertelt Loesje Van Damme (Provincie Vlaams-Brabant). “Zij kunnen de hulp van vrijwilligers dan ook heel goed gebruiken.”

Stefaan Patteau, burgemeester van Dilbeek

Op één lijn De gemeente Dilbeek kan dat beamen. Sinds 2005 kunnen de inwoners er technopreventieadvies aanvragen. Al gauw kreeg de dienst Welzijn en Preventie te kampen met een structureel probleem, aldus Marrit Volckaert, preventieambte-

Vrijwilligers nodig? Vraag ondersteuning! 2011 is het Europese jaar van de vrijwilliger. Hét ideale moment om het belang van vrijwilligers in technopreventie te onderstrepen, aldus Cathy Grimmeau van de Directie Veiligheid en Preventie. “In onze maatschappij zijn er nog maar weinig vrijwilligers actief binnen dat domein, terwijl dat in andere landen wel al goed ingeburgerd is. Vrijwilligers kunnen nochtans een sleutelrol spelen door de werklast van de technopreventieadviseurs te verlichten. De vrijwilligers moeten uiteraard dezelfde vaardigheden hebben als elke andere TPA’er. Daarvoor moeten ze eerst de opleiding TPA volgen. Bovendien worden ze te allen tijde bijgestaan door een erkend technopreventieadviseur. Zo wordt de kwaliteit van het advies gegarandeerd.” Als u zelf ook een beroep wenst te doen op vrijwilligers in de technopreventie, dan kunt u bij de Directie Veiligheid en Preventie terecht voor ondersteuning. Zo kunt u een gids opvragen met daarin alle voorwaarden rond selectie, engagement, vorming, omkadering en opvolging van vrijwilligers. Daarnaast biedt Binnenlandse Zaken u ook een pakket aan met sensibiliseringsmateriaal en ondersteuningsmiddelen voor technopreventieadviseurs. Interesse? Neem dan contact op met cathy.grimmeau@ibz.fgov.

naar en coördinator technopreventie in Dilbeek. “De toenmalige preventieambtenaar kon het aantal adviesaanvragen nauwelijks bijbenen. Extra hulp van vrijwilligers kwam dus goed van pas.” Hoe ging de gemeente te werk? “Na een oproep voor kandidaten heeft de gemeente een selectieprocedure opgestart. Zeven vrijwilligers mochten uiteindelijk een opleiding volgen, vijf daarvan gingen effectief aan de slag. Een degelijke omkadering was daarbij – en is nog steeds – zeer belang-

“Onze technopreventieadviseurs kunnen de hulp van vrijwilligers goed gebruiken.” rijk. Om iedereen op één lijn te krijgen, houden we om de twee à drie maanden een vergadering met alle vrijwilligers. Daarnaast kunnen zij uiteraard ook altijd bij mij aankloppen met al hun vragen en problemen.” Nieuw record Naast huisbezoeken worden de vrijwilligers ook ingeschakeld voor infosessies, buurtvergaderingen, opendeurdagen, enzovoort. Kwestie van het technopreventief aanbod nog meer bekend te maken. Het aantal aanvragen blijft stijgen. “Dat komt ook doordat er zo’n goede samenwerking is met de politie van Dilbeek, die na elke inbraak de slachtoffers op de hoogte brengt van ons technopreventief aanbod”, vertelt burgemeester Stefaan Platteau. “Vorig jaar waren er bijvoorbeeld meer dan 170 adviesaanvragen en dit jaar ziet het er naar uit dat we op een nieuw record afstevenen. Het project is zelfs zo’n groot succes dat de gemeente onlangs een tweede selectieprocedure hield: eind september startten vijf nieuwe vrijwilligers met een opleiding.”  Wenst u meer info over het pilootproject? Contacteer loesje.vandamme@vlaamsbrabant.be.

3


veilig fuiven

Van feestbus tot fuifloket Nu het festivalseizoen achter de rug is, zoeken feestvierders opnieuw in grote getale de fuiven op. In Sint-Truiden staat het fuifloket klaar om mee te helpen bij de organisatie van allerhande feestjes, groot en klein. Jongeren in Sint-Niklaas kunnen na de festiviteiten dan weer veilig naar huis met speciale feestbussen. Hoe veilig is fuiven in uw gemeente?

“Het fuifloket pikt ook signalen op voor beleidsmakers.”

Het weekend staat weer voor de deur! Tijd om de stress van de school- of werkweek er helemaal af te schudden op een goeie party. Maar dat zit er voor de organisatoren niet echt in: een fuif op poten zetten kost veel moeite en organisatie. Bovendien kennen jonge fuiforganisatoren niet altijd de juiste regelgeving inzake fuiven. Het centraliseren van alle informatie en een administratieve vereenvoudiging vormen dan ook dé beweegredenen voor het fuifloket in Sint-Truiden. “Met ons fuifloket spelen we in op een grote behoefte”, vertelt Peter Kinnaert van de Jeugddienst. “Feestvierders moeten de kans krijgen om – op een verantwoordelijke en veilige manier – te feesten en op deze manier kunnen wij de organisatoren daarin ondersteunen, zowel financieel als infrastructureel. Bij de jeugduitleendienst kunnen ze allerlei materiaal en ‘fuifkoffers’ ontlenen.” Bijsturen en bemiddelen Het fuifloket komt niet enkel tegemoet aan de noden van fuiforganisatoren, ook de gemeente zelf ondervindt er de voordelen van. “De organisator heeft één aanspreekpunt en hoeft niet bij verschil-

4

lende diensten aan te kloppen. Zo heeft de gemeente een beter zicht op de evenementen en kan ze indien nodig sneller optreden of voldoende veiligheidsinterventies voorzien. Een goede samenwerking met alle veiligheidsdiensten zoals brandweer en politie, is zeker bij grotere evenementen geen overbodige luxe.” Het fuifloket informeert overigens niet alleen organisatoren maar ook het beleid. Het pikt signalen op en kan de beleidsmakers bijvoorbeeld wijzen op een overdaad aan reglementeringen. Vijf fuifboxen In 2009 breidde de Jeugddienst van Sint-Truiden het fuifloket uit met vijf fuifboxen. Daarin zit onder meer een draaiboek over veilig fuiven. Het doel? Een optimale ondersteuning bieden aan jongeren die een feest willen organiseren. “We hameren vooral op preventie”, zegt Peter Kinnaert. “We maken organisatoren bijvoorbeeld wegwijs in de actuele wetgeving. Denk maar aan het rookverbod. We krijgen dan ook regelmatig de vraag van organisatoren hoe ze het drank- en rookgebruik van jongeren op een verantwoorde manier kunnen aanpakken. Daarom zijn we in het fuifloket gestart met een campagne rond alcohol- en rookgebruik, samen met de betrokken veiligheidsdiensten. Ook het maximum aantal toegelaten bezoekers in de verschillende zalen komt aan bod. Dat laatste punt kan immers nefaste gevolgen hebben bij eventuele noodsituaties.” Eerst fuiven, dan slapen Naar analogie met het fuifloket, biedt Sint-Truiden sinds kort ook een slaaploket aan. “Jeugdverenigingen vragen steeds vaker of ze kunnen overnachten in jeugdaccommodaties of parochiezalen van de gemeente”, zegt burgemeester Ludwig


Brandveilig fuiven Een belangrijk aspect van veilig fuiven is natuurlijk de brandveiligheid. Die bestaat uit twee luiken: de wetgeving over brandveiligheid zelf en de wettelijk verplichte objectieve aansprakelijkheidsverzekering in geval van brand en ontploffing. “Die eerste wetgeving wordt doorgaans geregeld via gemeentelijke politieverordeningen voor publiek toegankelijke inrichtingen”, legt Randy Maenhout (AD Veiligheid en Preventie) uit. Ternat, Blankenberge, Zele, Diepenbeek en Antwerpen bijvoorbeeld, hebben al een dergelijk reglement. Vaak is het echter niet van toepassing op tijdelijke inrichtingen zoals tenten of op openluchtfuiven. Wanneer moet de verplichte verzekering van foutloze aansprakelijkheid in geval van brand en ontploffing afgesloten worden? “Voor echte fuifzalen, dancings en alle openbare gelegenheden waar gedanst wordt, op voorwaarde dat de plaats regelmatig opengesteld wordt voor het publiek”, zegt Jan Laarmans (AD Veiligheid en Preventie). “De burgemeester moet controleren of de uitbater wel degelijk de verzekering heeft afgesloten. Is dat niet het geval, dan mag de inrichting niet opengesteld worden voor het publiek.” Meer uitleg vindt u in de omzendbrief van 3 maart 1992 aangaande het KB van 28 februari 1991.

Vandenhove. Om deze aanvragen transparant en eenvormig te laten verlopen, werd het slaaploket opgericht. “We proberen maximaal tegemoet te komen aan deze vragen. Uiteraard laten we de brandweer eerst grondige veiligheidscontroles uitvoeren vooraleer we onze toestemming geven.”

rit. De organiserende vereniging betaalt een waarborg van 50 euro. “De fuifbus zelf wordt betaald door het stadsbestuur. De kostprijs is natuurlijk afhankelijk van het aantal personen dat de bus kan vervoeren, maar de prijs ligt nooit hoger dan 500 euro.”

Veilig naar huis Ook Sint-Niklaas wil ervoor zorgen dat feestvierders na het fuiven veilig in hun bed geraken. Dat doet de Stad door speciale feestbussen in te leggen. “De inzet van bussen door De Lijn is op ons grondgebied ontoereikend”, vertelt jeugd­ evenementenwerker Jürgen Naudts. “Na elf uur ’s avonds geraken feestvierders vanuit de stadskern niet meer naar deelgemeenten als Nieuwkerken, Sinaai of Belsele.” Vanuit die nood ontstond het idee om extra feestbussen in te leggen. De stad wedt daarbij op twee paarden. “Enerzijds werken we nauw samen met De Lijn. Zij voorzien ofwel een versterking van de bestaande ritten of zetten nachtbussen in. Dit doen we enkel bij grotere fuiven en evenementen. Anderzijds kan het stadsbestuur ook een feestbus van een privévervoersmaatschappij inschakelen. Jeugdverenigingen kunnen drie maanden voor het evenement een aanvraag indienen. In onderling overleg wordt dan een mobiliteitsplan opgemaakt: zowel de fuiflocatie als de haltes moeten vlot bereikbaar zijn voor de feestbus.” Er zijn natuurlijke enkele voorwaarden om in aanmerking te komen voor zo’n bus. “De aanvrager moet een erkende jeugdvereniging van onze stad zijn en de fuif moet plaatsvinden op ons grondgebied. Ook moet de organisator een busbegeleider voorzien: die is aanwezig van de eerste tot de laatste rit én is het aanspreekpunt voor de chauffeur.” De gebruikers van de feestbus betalen 1 euro per

Lock out-policy Binnenlandse Zaken volgt reeds een tijdje de zogenaamde ‘lock-out policy’ in het buitenland, dat overlast moet tegengaan. “Concreet betekent dit dat je vanaf een bepaald uur niemand meer binnen laat”, vertelt Jeroen De Stercke van de Algemene Directie Veiligheid en Preventie. “Intussen gaat het feest gewoon door, maar eenmaal je vanaf een bepaald uur naar buiten gaat, kom je er niet meer in. In combinatie met een uitdoofscenario op een fuif (eerst de muziek stiller, wat later geen drank meer serveren en uiteindelijk de lichten aan) kan de burgemeester ook beter zijn politiemensen inzetten om eventuele incidenten op te vangen. Ook overlast in de uitgaansbuurt wordt op deze manier ingeperkt. Maar een doordachte aanpak is noodzakelijk. Je kunt als burgemeester, in overleg met de horeca, bijvoorbeeld een ‘flow’ creëren: de uitgaansactiviteit moet geleidelijk aan verschuiven van restaurant naar praatcafé en tot slot naar de discotheek of de fuif. De maatregel kan ook invloed hebben op het aantal verkeersslachtoffers, aangezien feestvierders vanaf een bepaald uur slechts één traject meer afleggen: naar huis.” Vooraleer zo’n lock out-policy realiteit wordt in ons land, zal dit eerst grondig worden geëvalueerd met onder meer een proefproject, in overleg met alle partijen.  

Ludwig Vandenhove, burgemeester Sint-Truiden

Meer info over het fuifloket van Sint-Truiden vindt u op www.jeugddienst-sint-truiden.be/fuifloket.

5


Brandpreventie aan het loket In België zijn er ongeveer 10.000 branden per jaar. Omgerekend zijn dat er bijna 30 per dag. Dit cijfer zegt veel over de veiligheidsbehoeften in privé-woningen. In Charleroi werd een nieuw preventieloket opgericht om de bevolking te sensibiliseren. Op openbare plaatsen moeten strikte brandpreventiemaatregelen nageleefd worden. En goed ook. Maar thuis doet iedereen wat hij wil. Christian Renard, coördinator BPA OPZ HenegouwenOost, vond het dan ook hoog tijd om de burgers beter te sensibiliseren. Daarvoor richtte hij – in samenwerking met zijn dienst – een nieuw informatieloket op, toegankelijk voor iedereen. Noodzakelijke bewustwording Alles speelt zich af op de dienst Brandpreventie in Charleroi. Het project werd in september opgestart en is sedert begin november operationeel. Christian Renard : “We zullen in de lokalen van de dienst Brandpreventie aanwezig zijn om de mensen te informeren over brandrisico’s, maar ook om hen inlichtingen te geven over mogelijke oplossingen zoals rookmelders, brandblussers, enzovoort. Deze dienst is de ideale plaats om zowel architecten als het grote publiek aan te treffen.” Mensen zijn zich minder bewust van gevaren als ze thuis zijn. “Er is sprake van een zeker

‘beschermingscocon’-effect, waardoor ze minder letten op de potentiële gevaren. We moeten hen dus in de eerste plaats overtuigen dat die er wel degelijk zijn.” Doelgerichte communicatie Om de burgers te sensibiliseren, maakt Christian Renard graag gebruik van de koffer van Binnenlandse Zaken. Deze Fire Trolley is een demonstratiekoffer en bevat onder meer rookmelders, een branddeken, een brandblusser en informatiefiches. “Er zijn uiteraard nog andere manieren om met de bevolking in contact te komen. Die kunnen we inzetten om hen het informatieloket te leren kennen. Gerichte acties kunnen zeer positief zijn.” Een tip om de boodschap goed over te brengen? “Gebruik zoveel mogelijk de bestaande communicatiekanalen, zoals het krantje of evenementen in de gemeente. Kies ook het goede moment om te communiceren. Een mededeling doen tijdens een andere informatiecampagne heeft geen enkele zin. Timing is belangrijk!” 

Respect United voor meer diversiteit Het Belgisch voetbal verwelkomt een nieuwe club: Respect United! Maar in plaats van ballen te schoppen, hebben de elf ‘spelers’ een ander doel: respect voor diversiteit stimuleren bij iedereen. Dat doen ze via een charter met, jawel, elf regels. Wenst u meer info over diversiteit in het voetbal? Download de brochure ‘Supporteren voor Diversiteit’ via www.de8.be

‘Niemand is meer waard dan een ander, iedereen verdient evenveel respect.’ De tweede regel in het charter en meteen de hoofdboodschap van de campagne: respect voor iedereen. Want dat blijft een heikele kwestie in het Belgisch voetbal, aldus Heidi Deridder van de Voetbalcel. “Zelfs voor het oog van de camera’s zijn er veel supporters die spelers met een andere huidskleur, geaardheid, enzovoort, ronduit beledigen. Dat doen ze bijvoorbeeld door kwetsende slogans te scanderen, oerwoudgeluiden te maken of zelfs spelers te destabiliseren door te verwijzen naar wereldschokkende rampen. Een totaal gebrek aan respect… Maar ook naast het voetbalveld is er nog te weinig verdraagzaamheid. De actie ‘Respect United’ moet daar verandering in brengen.” Klaar en duidelijk De campagne werd gelanceerd tijdens de FAREweek (Football Against Racism in Europe) begin

6

oktober. De elf ambassadeurs, waaronder ook bondscoach Georges Leekens en enkele topvoetballers, gaven eind september het startschot door het charter van Respect United te ondertekenen. De eersteklasseclubs toonden hun steun in het weekend van 1 en 2 oktober, en ook onze Rode Duivels gaven tijdens de match BelgiëKazachstan op 7 oktober het goede voorbeeld. “De boodschap is klaar en duidelijk: het Belgisch voetbal neemt radicaal een positie in tegen discriminatie en vóór diversiteit. En nu maar hopen dat iedereen hun voorbeeld volgt…” Hebben de spelers en supporters in uw lokale voetbalclubs ook voldoende respect voor diversiteit? Stimuleer hen om mee te supporteren op de virtuele tribune van Respect United (www.respectunited.be) of om fan te worden op Facebook. Of meer nog: werk samen met lokale instanties een diversiteitcharter uit. De plaatselijke sportverenigingen zijn alvast vragende partij… 


Inbraak voorkomen in jeugdlokalen Jeugdlokalen zijn vaak een makkelijk doelwit voor dieven of vandalen: ze liggen dikwijls ver van de bewoonde wereld, zonder buurtbewoners die een oogje in het zeil houden. Wat doet u om inbraak en vandalisme in jeugdlokalen tegen te gaan? Steunpunt Jeugd, het kennis- en expertisecentrum voor de jeugdsector in Vlaanderen, geeft enkele tips. Een derde van de Vlaamse jeugdverenigingen vindt dat er extra maatregelen nodig zijn om hun lokalen te beschermen tegen inbraak en vandalisme. Duidelijke cijfers, die boven kwamen drijven uit een grootschalig jeugdbewegingonderzoek in 2010. Uit een onderzoek door Chirojeugd Vlaanderen in 2005 bleek eerder al dat meer dan de helft van de chirogroepen de laatste vijf jaar het slachtoffer werd van inbraak. Inbraak in jeugdlokalen voorkomen vergt dan ook een specifieke aanpak, aldus Joke Laukens van Steunpunt Jeugd. “Van een jeugdlokaal hebben bijvoorbeeld veel meer mensen de sleutel, wat het moeilijker maakt om de ‘rechtmatige’ gebruikers te onderscheiden van de ongewenste. Dat geeft dieven uiteraard meer mogelijkheden.” Tips bij nieuwbouw Locatie is hét sleutelwoord in de vastgoedsector. Maar de ligging van een pand kan ook gevolgen hebben voor het veiligheidsverhaal. “Lokalen van jeugdbewegingen liggen vaak buiten het centrum van de stad of de gemeente”, zegt Joke Laukens. “Dat is dikwijls een bewuste keuze: zonder buren komen er ook geen klachten van geluidsoverlast.

Tips op maat van jeugdlokalen Binnenlandse Zaken heeft een ruim actieplan rond inbraakpreventie. Ook op jeugdlokalen kan dit een impact hebben. “Wij voorzien onder meer opleidingen voor technopreventieadviseurs”, zegt Marijke Deroover van de Directie Veiligheid en Preventie. “Dit zijn mensen van de politie of van de gemeente die de bevolking adviseren en sensibiliseren rond inbraak. Uiteraard vergt het voorkomen van inbraak en vandalisme in jeugdlokalen een andere aanpak dan in gewone woningen. We gaan in de eerste plaats niet op zoek naar dure oplossingen als beveiligingscamera’s en alarmsystemen, maar reiken eenvoudige en vooral praktische alternatieven aan. Een goed sleutelplan bijvoorbeeld: hoeveel leiders hebben een sleutel van het lokaal en wat gebeurt hiermee als die leider de groep verlaat? De adviseurs geven ter plaatse praktische tips, op maat van jeugdlokalen.”

Maar het verhoogt natuurlijk wel de kans op inbraak: naarmate een gebouw verder van de bewoonde wereld ligt, zijn er ook minder buren die in de gaten kunnen houden of er iets verdachts te zien is.” Vooral wanneer een nieuw jeugdlokaal gebouwd wordt, doet er zich een uitgelezen kans voor om de inbraakpreventie op te voeren. “Het aantal buitendeuren bijvoorbeeld: minder deuren betekent minder mogelijkheden voor de dief om binnen te geraken. Nog meer tips vind je in onze brochure ‘Jeugdlokalen en inbraakpreventie’.” Pakkans vergroten Om het probleem efficiënt aan te pakken, kan u als lokale overheid een belangrijke rol spelen. “Heel wat koepels van jeugdorganisaties organiseren reeds vormingen of publiceren folders en brochures om inbraken tegen te gaan. Een goed begin, maar om echt goede resultaten te halen, is een integrale aanpak noodzakelijk. Burgemeesters en politiediensten kunnen bijvoorbeeld samen met de jeugdverenigingen bespreken hoe ze het probleem het best kunnen aanpakken. Daarnaast is het ook belangrijk dat de politiediensten de klachten van jeugdverenigingen altijd serieus nemen. Is dat niet het geval, dan verliezen de verenigingen de moed om telkens opnieuw klacht neer te leggen. En dat verkleint dan weer de kans dat politiediensten een patroon ontdekken en uiteindelijk de dader te pakken krijgen. Een vicieuze cirkel…”, aldus Joke Laukens. Politiediensten kunnen overigens ook preventief te werk gaan. “Tijdens vakantieperiodes houden patrouilles burgerwoningen bijvoorbeeld extra in de gaten. Misschien kunnen ze dit ook doen in de buurt van jeugdlokalen?”  Wenst u nog meer tips? Bekijk of bestel de brochure ‘Jeugdlokalen en inbraakpreventie’ op www.jeugdlokalen.be > publicaties of contacteer joke.laukens@steunpuntjeugd.be.

Colofon • Abonnement en redactieadres: FOD Binnenlandse Zaken, Algemene Directie Veiligheid en Preventie, Ann Cossement, Waterloolaan 76, 1000 Brussel, ann.cossement@ibz.fgov.be 02 557 33 05 • Verantwoordelijke uitgever: Jérôme Glorie, Directeur-generaal Veiligheid en Preventie, Waterloolaan 76, 1000 Brussel • Redactieraad: Sabrina Buelens, Stefaan Saey, Anneleen Van Cauwenberge, Johan Meulders, Anne Laevens, Caroline Atas, Danielle Dewit, Timmy Dewaele, Ann Cossement, Dieter Geernaert • Teksten en realisatie: www.f-twee.be • Foto’s: Bart Cloet, Shutterstock, Belga, Istock • Website: www.besafe.be

7


doen

Een rookmelder laat je niet stikken En u? De rookmeldercampagne ‘Een rookmelder laat je niet stikken’, die in september door Binnenlandse Zaken werd gelanceerd, is een groot succes: reeds 213 gemeenten hebben zich ingeschreven en zetten elke eerste donderdag van de maand – ‘de rookmelderdag’ – de rookmelder in de kijker. Een rookmelder is dan ook het preventiemiddel bij uitstek om grote brandschade tegen te gaan. Wenst u ook deel te nemen aan de campagne? Dat kan nog steeds! Stuur een mailtje naar besafe@ibz.fgov.be en vraag het gratis campagnemateriaal aan.

Gratis campagnemateriaal De Sint tegen schoorsteen­branden Wie kent schoorstenen beter dan Sinterklaas? De goede, oude man prijkt dan ook binnenkort op de affiches en folders van Binnenlandse zaken die burgers wijzen op de gevaren van een schoorsteen. Schoorsteenbranden zijn immers één van de belangrijkste oorzaken van woningbrand. Het is dan ook van groot belang uw burgers aan te sporen om geregeld hun schoorsteen te vegen. Vanaf eind november kunt u het gratis campagnemateriaal aanvragen bij Binnenlandse Zaken. Houd onze mailing in de gaten…

Word BeSafe-vriend op Facebook BeSafe heeft sinds kort een eigen Facebook-pagina! Daar vindt u alle meest recente nieuwtjes, campagnes, interessante cijfers, foto’s, video’s en nog veel meer. Daarnaast kunt u er ook zelf informatie delen met al onze connecties. Word dus snel BeSafe-vriend op www.facebook.com > Besafe Ibz.

Laat van u horen Heeft u een leuk preventieproject? Gebruikt u onze folders op een originele manier? Laat het ons weten op besafe@ibz.fgov.be en we sturen onze redacteurs op pad. Uw voorbeeld kan immers nuttige inspiratie opleveren bij de collega’s in andere gemeenten.

Al uw nieuwtjes naar BeSafe Wilt u dat wij op de hoogte blijven van al uw meest recente nieuwtjes rond het thema veiligheid? Neem dan ons e-maildres besafe@ibz.fgov.be op in de perslijst van uw stad of gemeente. Bij interessante veiligheidsprojecten en campagnes, die als goed voorbeeld kunnen dienen voor andere lokale overheden, nemen wij met u contact op voor een interview… in deze nieuwsbrief!

Abonnement ? Kent u mensen die veiligheid in hun takenpakket hebben? Ook zij kunnen zich op deze nieuwsbrief abonneren. Besafe richt zich in de eerste plaats op burgemeesters en andere lokale beleidsverantwoordelijken en preventiewerkers. Besafe verschijnt vijf keer per jaar en is gratis. abonneren kan via besafe@ibz.fgov.be

8


BESAFE_20_NL