Page 1

OVER GROTE EN GROOTSE PROJECTEN

Jaargang 9, december 2018

N°01

Een uitgave van Installatie Journaal & Gawalo

in Met hier en opgenom

DC Lidl voorziet in eigen energie

LicfhpatginXa 7L7) (vana

Het grootste zonnedak van Nederland

Van kazerne tot modern kantoor

Ommelander Ziekenhuis ‘‘Een energetisch efficiënte, gezonde omgeving’’

Prefabwoning in één dag verwarmingsklaar


       #  !       "           


Discover the future of Ventilation

Regels en wetgeving maken van elk bouwproject een ware opgave. Ventilatiespecialist Duco ziet de toekomst onder ogen en helpt u op weg. Tijdens BouwBeurs 2019 zal Duco via vier doordachte woonconcepten gestalte geven aan de toekomst van ventilatie waarvan u ongetwijfeld de vruchten zult plukken.

Bezoek ons in Hal 8, STAND E072 Van 4 t.e.m. 8 februari 2019


VOORWOORD

INHOUD

Vindingrijker en ambitieuzer

06

“Het prefabriceren van installaties is een eerste VWDSLQKHWHIĂ€FLsQWHUXLWYRHUHQYDQKHWWUDGLWLRQHOH ERXZSURFHVÂľ=RYDOWWHOH]HQLQHHQYDQGHSURMHFWYHUKDOHQLQGH]HQHJHQGHHGLWLHYDQ,QVWDOODWLH ;/'DDUKHEEHQZHPHWHHQGHHHUVWHWUHQGWH SDNNHQQDPHOLMNGHZHQVHQQRRG]DDNWRWRSWLPDOLVDWLHYDQGHERXZSURFHVVHQ(QPHWHHQEHHWMH JHOXNLVSUHIDERRNKHWDQWZRRUGRSKHWWHNRUWDDQ DUEHLGRSGHERXZSODDWV0DDUGHJURRWVWHWUHQG LVWRFKZHOKHWERXZHQHQUHQRYHUHQPHWHHQ ODJHUHQHUJLHYHUEUXLNDOVGRHO1RHPKHW1XO2S GH0HWHUJDVORRVDOOHOHFWULFJURHQHQHUJHWLVFK HIĂ€FLsQWRI%(1*=HKHEEHQDOOHPDDODOVKRJHU GRHOGHXLWVWRRWYDQKHWYHUPDOHGLMGH&22 aan EDQGHQWHOHJJHQHQGHRSZDUPLQJYDQGHDDUGH LQWHSHUNHQ'HYUDDJLVQDWXXUOLMNZHONFRQFHSW GDDUKHWEHVWDDQELMGUDDJW,QGHODSSHQGHNHQ DDQRSORVVLQJHQZRUGHQYHOHVRPPHQJHPDDNW HQYHOHXLWNRPVWHQEHGLVFXVVLHHUG0DDUQDQHJHQ HGLWLHVYDQGH]H,QVWDOODWLH;/LVZHOHHQGXLGHOLMNH FRQFOXVLHWHWUHNNHQZHZRUGHQVWHHGVYLQGLQJULMNHUHQDPELWLHX]HUDOVKHWRPYHUGXXU]DPLQJJDDW (HQEHHWMHJHERXZLV]HOIVFLUFXODLUUHF\FOHEDDUHQ KHHIWJHVORWHQNULQJORSHQ,NEHQQXDOEHQLHXZG KRHZHGDWLQGHWLHQGHHGLWLHYDQGH]H,QVWDOODWLH ;/JDDQRYHUWUHIIHQ

Terminal Lelystad Airport installatie-arm

Door optimaal gebruik van natuurlijke omstandigheden, is de nieuwe passagiersterminal van Lelystad Airport met zo min mogelijk installaties uitgevoerd.

10

Distributiecentrum Lidl voorziet in eigen energie

De supermarktketen Lidl heeft een naam hoog te houden als het gaat om duurzame huisvesting. Nieuwste loot aan de stam is het Lidl distributiecentrum in het Gelderse Oosterhout, dichtbij Nijmegen.

16

KiesZon ontwikkelt, ďŹ nanciert, engineert, realiseert en exploiteert pv-Installaties op grote daken van bijvoorbeeld distributiecentra. Het bedrijf leaset het dak en ontzorgt de eigenaar volledig.

20 Maarten Legius +RRIGUHGDFWHXU *DZDORHQ ,QVWDOODWLH-RXUQDDO

Het grootste zonnedak is veertien voetbalvelden groot

Knoopkazerne nu moderne kantoorlocatie

Aan de Utrechtse Croeselaan heeft de voormalige Knoopkazerne een nieuw leven gekregen als kantoor- en vergaderlocatie voor de Rijksoverheid.

Colofon

25

Installatie XL PHWGDDULQRSJHQRPHQKHWNDWHUQLicht XL) LVHHQMDDUOLMNVHJUDWLVELMODJHELM,QVWDOODWLH-RXUQDDO*DZDOR 9DVWJRHGPDUNW&RERXZHQ'H$UFKLWHFW -DDUJDQJQXPPHUGHFHPEHU 9HUVFKLMQW[SHUMDDU

’s Ochtends zijn alleen de fundamenten zichtbaar en ’s avonds draait de warmtepomp in de prefabwoning van VolkerWessels. Zie daar het voordeel van het concept MorgenWonen in een notendop.

Uitgever 9DNPHGLDQHW 3RVWEXV $.$OSKHQDDQGHQ5LMQ 7HO 5HGDFWLH,QVWDOODWLH-RXUQDDO#YDNPHGLDQHWQO ZZZYDNPHGLDQHWQO 9ROJHQVRQVRS#*DZDORHQ#,QVWDOODWLH,1Redactie +DUPHQ:HLMHU3DWULFN0DU[7LMGRYDQGHU=HH-RRSYDQ 9OHUNHQ(YL+XVVRQ0DDUWHQ/HJLXV7LHQHNH:LOPV5LFKDUG 0RRL 0DUMROHLQ(LODQGHU Hoofdredacteur 0DDUWHQ/HJLXV PDDUWHQOHJLXV#YDNPHGLDQHWQO

Advertentieverkoop -HWYHUWLVLQJ5LMVZLMN 5RE.RSSHQRO URE#MHWYHUWLVLQJQO

7 Vormgeving &RORUVFDQ Basis ontwerp 0RWLI&RQFHSW 'HVLJQ1DDUGHQ

04

Installatie XL December 2018

Prefabwoning in ĂŠĂŠn dag verwarmingsklaar

29

Vier installatieconcepten voor vier identieke woningen

Vier identieke woningen in Oss zijn in opdracht van woningcorporatie BrabantWonen voorzien van vier verschillende duurzame verwarmingsinstallaties. Het doel is om de verschillende verwarmingsopties te testen.


INHOUD

35

Energetisch efficiënt ziekenhuis in Groningen

57 Aan de A7 bij Scheemda is afgelopen zomer het nieuwe ziekenhuis van de Ommelander Ziekenhuis Groep geopend. De nieuwbouw bestrijkt een oppervlakte van meer dan 36.000 m2.

40

Gesloten kringlopen in QO Amsterdam

Duurzaamheid speelt een belangrijke rol in het hotel QO Amsterdam. Door een innovatief gevelsysteem wordt veel energie bespaard. Daarnaast worden in het hotel zoveel mogelijk kringlopen gesloten. Dat zie je terug in de kas op het dak waar de groenten, kruiden en zelfs de vis voor de keuken van het restaurant worden gekweekt.

Warmtepomp voor bestaande gebouwen zonder na-isolatie

Installatiebedrijf Linthorst Techniek scoort met een hoogtemperatuur warmtepomp voor bestaande gebouwen. De zelf ontwikkelde warmtepomp TT80 kan zonder aanpassingen de cv-ketel bij blokverwarming vervangen.

63

Openbare Bibliotheek Deventer

De nieuwe Openbare Bibliotheek Deventer aan de Stromarkt gaat fungeren als een centrale marktplaats waar vraag en aanbod van kennis, informatie en inspiratie samenkomen, en als stadsstudiehuis met prettige werk/studieplekken.

70 43

Prefab voor werktuigbouw Technische Unie is bezig met het opzetten van een prefabdienst voor werktuigbouwkundige installaties, als vervolg op de prefablevering van elektrotechnische componenten.

Sportcampus Zuiderpark Sportcampus Zuiderpark is een complex vol technisch vernuft, gerealiseerd door technisch dienstverlener Kuijpers in een bouwcombinatie met Ballast Nedam.

73

Particuliere renovaties zijn ‘Champions League’

Nul-Op-de-Meter-renovaties zijn tot nu toe vooral voorbehouden aan woningcorporaties. Eiland00 in het Utrechtse Kanaleneiland brengt daar verandering in.

50

Biosintrum in Oosterwolde

Een watervoerend VRF-systeem vormt het kloppend hart van het innovatiecentrum Biosintrum. Energiezuinig en milieuvriendelijke door de geringe hoeveelheid koudemiddel.

INHOUD

Licht

Een uitgave van Installatie Journaal & Gawalo

78

Lantaarnpalen als basis voor smart city

Alles wordt ‘slimmer’. Maar hoe ziet een slimme stad eruit? Delft experimenteert alvast volop in The Green Village. De straatverlichting heeft daarbij een centrale rol.

81

Nieuw huis voor Anne Frank

Het Anne Frank Huis is een van de belangrijkste en drukst bezochte musea van Amsterdam. Begin 2017 is gestart met werkzaamheden om het museum te vernieuwen. Een belangrijk aandeel vormde de verlichting.

85

77

Inventieve zwembadverlichting

Het sportcomplex Amerena in Amersfoort opende in april officieel haar deuren. Het gebouw telt meerdere zwembaden, een sporthal, horecagelegenheid, kleedkamers en kantoor- vergader- en technische ruimtes.

Licht XL

88

Afbreekbaar paviljoen

The Green House in Utrecht wordt mogelijk over vijftien jaar weer afgebroken en elders opgebouwd. Bijzonderheden in het gebouw zijn het gebruik de duurzame materialen, een urban farm met stellages met veertig verschillende soorten kruiden en groenten en het gebruik van circulaire verlichting.

92

Goede Doelen Loterijen

In de Amsterdamse Beethovenstraat is een leegstaand kantoorpand omgetoverd tot een duurzaam vernieuwd pand. Het gebouw wordt het onderkomen van zeshonderd medewerkers van de Goede Doelen Loterijen. De bijzondere architectuur, inrichting en verlichting zorgen voor een fenomenale uitstraling.

Licht XL December 2017

Installatie XL December 2018

77

05


VLIEGVELD Ontwerp - Modulair - Halfklimaat

Terminal Lelystad Airport installatie-arm Door optimaal gebruik van natuurlijke omstandigheden, is de nieuwe passagiersterminal van Lelystad Airport met zo min mogelijk installaties uitgevoerd. Zo wordt de ontvangsthal Plaza niet geklimatiseerd. Met de maatregel wordt veel materiaal, energie en geld bespaard. Het gebouw is bovendien exibel ontworpen, zodat het makkelijk aangepast kan worden bij stijgende passagiersaantallen. Door Joop van Vlerken

Bij de verwachte opening in 2020 kan de passagiersterminal jaarlijks ongeveer 1,5 miljoen verwerken.

6

Installatie XL December 2018


VLIEGVELD

“Bij de uitwerking van het ontwerp is gekozen voor een all-electric-installatie inclusief warmtepompen en pv-panelen. Maar de meest in het oog springende keuze is om de aankomst- en vertrekhal niet te verwarmen of te koelen. Vergelijk het maar met een stationshal, daar is ook geen klimaatbeheersing. Het is eigenlijk ook niet nodig, want je hebt je jas nog aan. Omdat de ruimte niet geklimatiseerd wordt, hebben we voor de Plaza enkel glas kunnen toepassen. Pas na de security zijn de ruimtes verwarmd en gekoeld. Op deze manier hebben we klimaatbeheersing en energiegebruik tot een minimum beperkt.” Aan het woord is Jan Boutesteijn, projectmanager bij Croonwolter&dros. Het bedrijf bouwde samen met TBI-zusteronderneming J.P. van Eesteren de passa-

Het vliegveld is modulair uitbreidbaar

giersterminal voor Lelystad Airport die in september casco is opgeleverd. De terminal heeft een oppervlakte van 12.000 m2, waarvan 3.000 m2 bagagehallen, 800 m2 stafruimtes, 1.200 m2 commercie en horeca en nog eens 7.000 m2 publieke ruimte.

Flexibel Bij de verwachte opening in 2020 kan de passagiersterminal jaarlijks ongeveer 1,5 miljoen passagiers verwerken. Op termijn wordt de terminal mogelijk nog uitgebreid. Boutesteijn vertelt dat het gebouw om die reden flexibel is ontworpen. “De eerste fase is nu opgeleverd met vier gates voor vliegtuigen, maar in het ontwerp is al rekening gehouden met de tweede fase waarin nog eens vier gates geopend worden. Een derde fase houdt in dat het gebouw gespiegeld wordt aan de andere kant waardoor Lelystad Airport zestien gates zou krijgen.” Noud Paes, architect bij Paul de Ruiter Architects heeft bij het ontwerp rekening gehouden met deze mogelijke uitbreiding. “De luchtvaartsector groeit nog altijd. Vliegvelden worden vaak uitgebreid, maar zijn daar meestal niet op berekend met als nadeel dat je bijvoorbeeld als passagier ver moet lopen om de gate te bereiken. Daarom hebben we ervoor gekozen dit vliegveld modulair uitbreidbaar te maken. Dat geldt zowel voor de bagagehal, de pieren als de terminal.”

Roltrap en lounge op de begane grond.

XL Installatiefeiten Opdrachtgever: Lelystad Airport Adviseur constructie: Aveco de Bondt Installatieadviseur: Paul de Ruiter Architects Bouwdirectie, realisatie en onderhoud: J.P. van Eesteren en Croonwolter&dros

Vloerverwarming: Magum PV-panelen: Switch Energy Warmtepompen: IBK Luchtkanalen: Vink

Self-service Lelystad Airport wordt het eerste self-servicevliegveld van Nederland, vertelt Paes. “Het ontwerp van de nieuwe terminal stelt de beleving van de passagier centraal waardoor de luchthaven onderdeel wordt van de vakantie-ervaring van de reizigers: ongedwongen en comfortabel. Door de passagier zelf zijn bagage in te laten checken, heeft hij het heft in eigen han-

De terminal heeft een oppervlakte van 12.000 m2.

Installatie XL December 2018

7


VLIEGVELD

den. Dit vergroot het gevoel van controle. Bovendien verloopt het hele proces veel sneller. De reiziger moet op dit vliegveld vanaf de parkeerplaats binnen een halfuur voor het vliegtuigtrapje staan. Na de security hebben we een lounge gemaakt waarin de mensen verblijven tot ze een kwartier voor vertrek opgeroepen worden om te boarden.” Paes vergelijkt de terminal vanwege de hoge doorloopsnelheid met een treinstation. “Daarom hebben we de terminal ook op een vergelijkbare manier ontworpen en hebben we gekozen voor een halfklimaat. Alleen de lounge, het restaurant en andere verblijfsruimtes zijn geklimatiseerd. Hierdoor verbruiken we zo weinig mogelijk energie.”

Halfklimaat Vooruitlopend op de huidige regelgeving is bij de aanbesteding van het project door de opdrachtgever de eis gesteld een gebouw te ontwerpen dat duur-

zaam is, met minimaal energieverbruik en geen direct gebruik van fossiele brandstoffen. De keuze voor een halfklimaat en een simpel gebouw sluiten daarbij aan, vertelt Boutesteijn. “Lelystad Airport wilde niet dat er voor de verwarming van de terminal fossiele brandstof gebruikt zou worden. De terminal is dus volledig gasloos. Nu vinden we dat een normale eis. Maar toen wij er in 2015 mee te maken kregen was het nog vrij uitzonderlijk.” Omdat gas als optie afviel, werd voor een warmtepompsysteem gekozen, legt Boutesteijn uit. “Het gebouw wordt verwarmd met drie warmtepompen die warmte uit de buitenlucht halen om die om te zetten in hoogwaardige warmte. Deze warme lucht wordt het gebouw ingeblazen door middel van luchtverwarming. Een paar kantoorruimtes worden aanvullend met elektrische convectoren bijverwarmd.”

Onderhoud Naast de realisatie hebben J.P. van Eesteren en Croonwolter&dros ook getekend voor het onderhoud van de passagiersterminal in Lelystad, vertelt Boutesteijn. “We hebben vijftien jaar onderhoudsverantwoordelijkheid. Daardoor ga je keuzes maken die het onderhoud zo efficiënt mogelijk maken. We hebben voor de terminal bijvoorbeeld eerst tl5-verlichting overwogen, maar we kwamen er al snel achter dat ledverlichting over de termijn van vijftien jaar een stuk goedkoper en duurzamer is, omdat je de armaturen minder vaak hoeft te vervangen. Als je het onderhoud voor vijftien jaar gaat uitvoeren, ga je niet voor het goedkoopste product bij aanschaf, maar kies je op basis van Total Cost of Ownership voor economische voordelen over een langere periode.” Om het energieverbruik te compenseren, liggen er 74 zonnepanelen op het dak van Lelystad Airport. Boutesteijn: “Dat is voldoende om te voldoen aan de LEED Gold-eisen.” De passagiersterminal heeft het LEED Gold-ontwerpcertificaat behaald. Volgens Paes is LEED een brede manier om naar duurzaamheid te kijken. “Het houdt niet alleen rekening met energieverbruik. Ook materiaal is belangrijk. Om die reden hebben we bijvoorbeeld een houten constructie gemaakt. Dat heeft een veel lagere milieubelasting dan het vaak gebruikte staal.”

Budget Dat de keuze om een groot deel van de terminal niet te verwarmen niet alleen een duurzaamheidskwestie is, vertelt Anke Matijssen, manager luchthavens bij Deerns en medeverantwoordelijk voor het installatieontwerp. “De grootste uitdaging van dit project was het budget in combinatie met de verwachtingen van de opdrachtgever. Nu is het budget natuurlijk vaker beperkt, maar in dit geval twijfelden we echt of het wel mogelijk was. Een passagiersterminal is in wezen een vrij simpel gebouw, maar je wilt toch niet teveel concessies doen op het gebied van comfort. Daarom hebben we de focus gelegd op de gebieden waar mensen echt langere tijd verblijven. De andere gebieden waar de flow plaatsvindt hebben we versoberd. Je hoeft op die plekken ook niet meer te doen dan nodig is.”

Natuurlijke omstandigheden Het installatiearme ontwerp van Paul de Ruiter Architects maakt waar mogelijk gebruik van de natuurlijke omstandigheden, legt Matijssen uit. “Door de oriëntatie van het gebouw komt er veel daglicht binnen, waardoor minder verlichting nodig is.” Paes bevestigt dat gebruikmaken van de natuurlijke omstandigheden echt een bewuste keuze is. “Je kunt bij het ontwerp van zo’n gebouw eigenlijk twee kanten op. Of je gooit het helemaal vol met machines zodat je het klimaat op alle plekken optimaal kunt beheersen. Of je kiest ervoor gebruik te maken van natuurlijke manieren van klimaatbeheersing. Je kunt echt een heleboel bereiken met weinig middelen. Volgens ons is het minimaliseren van installaties echt iets waar je over na moet denken, zeker ook in verband met duurzaamheid”, besluit hij. Q Luchtbehandelingskasten.

8

Installatie XL December 2018


Air Excellent koppelt uw woning moeiteloos aan een gezond binnenklimaat!

Maximale ontwerpvrijheid met optimaal verwerkersgemak! Het Ubbink Air Excellent luchtverdeelsysteem is een innovatief, flexibel en modulair systeem, dat geschikt is voor alle mechanische ventilatiesystemen met of zonder warmteterugwinning. • Projectbegeleiding van ontwerp tot en met uitvoeringsfase • Eenvoudige en snelle verwerking • Ontwerpvrijheid combinatiemogelijkheden ronde en halfronde kanalen • Past op iedere ventilatie-unit, ongeacht merk (ook vraaggestuurd CO2) • Verlaging energieverbruik en geluidsniveau door lagere drukverliezen • Geen kanaalaftakkingen, geluidsarm • Voldoet aan hoge luchtdichtheidseisen • In te storten, beloopbaar en vormvast • Kruisbaar, ook met andere kanalen en leidingen • Snelle en eenvoudige inbedrijfstelling

Ubbink, dat werkt wel zo makkelijk! www.airexcellent.nl

BIM


TECHNIEK Restwarmte - Warmtepomp - WKO

Distributiecentrum Lidl voorziet in eigen energie

De supermarktketen Lidl heeft een naam hoog te houden als het gaat om duurzame huisvesting. Hun supermarkten, maar zeker hun distributiecentra zijn voorbeelden van energiezuinige en duurzame gebouwen. En daarin staat het bedrijf niet stil. Nieuwste loot aan de stam is het Lidl distributiecentrum in het Gelderse Oosterhout, dichtbij Nijmegen. De opgedane kennis van eerder nieuwgebouwde DC’s - in Heerenveen en Waddinxveen - wordt in Oosterhout verder ontwikkeld en uitgebouwd. Met als einddoelen circulair bouwen en zelfvoorzienendheid. Door Harmen Weijer

Lidl plaatst ook een accu van iets meer dan 1 MW op het terrein.

10

Installatie XL December 2018


TECHNIEK

Het nieuwe bedrijventerrein Park15, gelegen vlak naast de gelijknamige rijksweg, valt direct op dankzij de nu nog vier windturbines. Dat verraadt al een duurzame omgeving, die nog eens wordt uitgebreid met nog eens vier windturbines. Daarvan levert één turbine rechtstreeks duurzaam opgewekte stroom aan het Lidl distributiecentrum. Dat is nu nog toekomstmuziek, maar op het bouwterrein van Lidl zijn de contouren van het nieuwste Lidl distributiecentrum wel volop zichtbaar. “We bouwen een distributiecentrum van ruim 54.000 m2, de grootste van Lidl in Nederland, en één van de grootste Lidl distributiecentra in Europa”, vertelt Robert Dierdorp. Hij is projectmanager DC Bouw bij Lidl. “Het DC is ook hoger dan we tot nu toe hebben gebouwd. Oosterhout wordt twintig meter hoog; dat is 4,5 meter hoger dan we tot nu realiseerden. Het levert in het centrum een extra laag in de stellingen op, dus meer opslagruimte. En we sluiten hiermee aan op de Europese standaard van Lidl voor zijn distributiecentra. Bovendien houden we met de fundering nu al rekening met een eventuele uitbreiding van het zuidwestelijke deel.” Voor warmte en koeling heeft Lidl in Oosterhout het concept verbeterd dat in 2013 in Heerenveen al is gebruikt. “In andere DC’s werkten we al met vloerverwarming, waardoor we de restwarmte uit de koeltechniek kunnen gebruiken. In Heerenveen hebben we voor het eerst warmte-/koude opslag (wko) samen met restwarmte gebruikt. Door de compressoren van de koeltechniek in de winter te gebruiken als warmtepompen voor de wko, vallen de investeringskosten mee. Alleen waren in Heerenveen de kantoren nog niet aangesloten op dit systeem. Dat hebben we voor het eerst toegepast bij het distributiecentrum in Waddinxveen, zodat we ook hier al geen gebruik meer hoeven te maken van aardgas.” De klimaatinstallatie van het kantoor draait volledig

DC in aanbouw: Op het nieuwe bedrijventerrein Park15 in Oosterhout, naast nu nog vier windturbines, bouwt Lidl zijn nieuwste distributiecentrum.

Het distributiecentrum van Lidl in Oosterhout is met ruim 54.000 m2 de grootste van Lidl in Nederland, en één van de grootste Lidl distributiecentra in Europa.

‘Spraycoolers zijn in dit soort projecten niet echt gangbaar in Nederland’

op water, vertelt Dierdorp. “Dat is ook een vereiste voor BREEAM NL-Outstanding. Dit concept hebben we verfijnd en meegenomen naar Oosterhout, waar dus ook 1.850 m2 aan kantoren wordt verwarmd met de restwarmte uit de koeling, eventueel aangevuld met warmte uit de wko.”

Lidl gebruikt ook in Oosterhout warmte-/koude opslag (wko) samen met restwarmte, waarbij de compressoren van de koeltechniek in de winter gebruiken worden als warmtepompen voor de wko.

XL Installatiefeiten Twee open wko-bronnen Net als in Heerenveen en Waddinxveen bestaat de wko in Oosterhout uit twee open bronnen van elk 120 m3/u en een 2.400 kW koelinstallatie met warmteterugwinning uit de koel- en vriescellen. De wko zorgt niet alleen voor koeling, maar ook voor de afvoer van de restwarmte van de koelinstallaties als deze overtollig is. Dierdorp: “In de zomer laden we de bronnen

Gebouw: Distributiecentrum Oosterhout Opdrachtgever: Lidl Nederland Zonnepanelen: EigenEnergie.net Accu: Alfen Compressoren: Sabroe

Koelers: Kelvion Spraycooler: Holger Andreasen & Partner Condensors: BAC Warmtewisselaars: Alfa Laval

Installatie XL December 2018

11


8"5&3*4%&#"4*4 7"/)&5-&7&/ %BUNBBLUESJOLXBUFSIZHJç…´OF POTCFMBOHSJKLTUFUIFNB

%SJOLXBUFSJTIFULPTUCBBSTUFHPFEPQEF[FBBSEF%BBSPNXBT JTFOCMJKGUEFIZHJ煴OFWBOESJOL XBUFSkkOWBOPO[FCFMBOHSJKLTUFUIFNBþT&OEVTHBBOXJKOJFUBMMFFOEFEBHFMJKLTFVJUEBHJOHFO JOEFJOTUBMMBUJFUFDIOJFLBBO NBBSOFNFOXJKPPLPO[FXFSFMEXJKEFWFSBOUXPPSEFMJKLIFJEBMT JOUFSOBUJPOBBMNBSLUMFJEFS7JFHB)煻DITUFS2VBMJU煰UWFSCVOEFO

WJFHBOM0WFSPOT


TECHNIEK

Ook het grote dak van het distributiecentrum wordt duurzaam benut: het ligt vol met zonnepanelen.

Tweehonderd kilometer leidingen verwarmen de vloeren op met de warmte uit de koeling. In de winter gebruiken we die warmte voor het verwarmen van de hal en de kantoren.” Door middel van zeker tweehonderd kilometer leidingen worden de vloeren verwarmd met zeer lage temperatuur verwarming. “We werken met maximaal 35 graden Celsius voor deze vloerverwarming.”

Zoutbal De koeltechniek in de distributiecentra van Lidl valt al sinds enkele jaren op door de redundantie, vertelt Dierdorp. “De koeling moet te allen tijde kunnen

14

Installatie XL December 2018

blijven doordraaien; dus is er reservecapaciteit ingebouwd. Het zogenoemde cascadesysteem met NH3 en CO2 als koelmiddelen, gebruiken we al sinds de bouw van DC Weert – zo’n negen jaar geleden. Nu hebben die de vervelende eigenschap dat als ze samenkomen ze een grote zoutbal vormen en dan gaat de installatie plat. Daarom gebruiken we sinds 2012 een spraycooler, aangezien hierbij de risico’s minimaal zijn door de bouwwijze - het is namelijk repareerbaar - en de geringe hoeveelheid NH3, want NH3 wordt intern op circa 1.400 CO2-leidingen gesproeid. Spraycoolers zijn in dit soort projecten niet echt gangbaar in Nederland. Voets & Donkers Koeltechniek, die het systeem voor ons hier in Oosterhout bouwt, was niet direct bekend met het systeem, maar is dermate enthousiast dat ze dit cascadesysteem vaker gaan gebruiken.” Anders dan in het distributiecentrum in Heerenveen krijgt Oosterhout voor de koeling een extra koudecircuit. “Standaard krijgen we vanuit Duitsland voorgeschreven dat we een -8 en een -36 graden Celsius

circuit moeten realiseren. We hebben er hier voor gekozen om ook een +4 graden Celsius circuit te laten aanleggen. Daardoor kunnen we energie-efficiënter de kantoren en AGF koelen; we hoeven immers niet vanuit -8 graden te gaan koelen. En we maken efficienter gebruik van de wko.” Dankzij twee tienduizend liter buffervaten voor warm en koud water kan het systeem geheel op water draaien en is glycol niet meer nodig. “Voor ons is koeling primair; dat moet altijd blijven draaien. Is er meer warmte nodig dan er geproduceerd wordt door de koeltechniek, dan is de wko-bron aan te spreken.”

Accu van 1 MW Dankzij deze maatregelen is er geen aardgas nodig in het distributiecentrum. Dat wordt verder verduurzaamd door middel van zelf opgewekte duurzame energie. “Er staan nabij Park15 al vier windturbines van elk 2,5 MW”, vertelt Mark Boots, projectmanager Bouw bij Lidl. “Men is bezig met vergunningen om dit


TECHNIEK

windpark naar acht windturbines uit te breiden. Een van die windturbines wordt rechtstreeks aangesloten op ons distributiecentrum.” Of wellicht - als er weinig stroom nodig is - voor het gebruik door anderen door middel van teruglevering aan het net. Lidl plaatst ook een accu van iets meer dan 1 MW op het terrein. Boots: “De accu wordt gebruikt om duurzame energie te bufferen en te gebruiken als er onvoldoende duurzame-energie wordt opgewekt. Daarnaast helpen we vooral in de wintermaanden om het elektriciteitsnet te balanceren.” De accu bestaat uit een vermogensconversiesysteem met vier omvormers met een totaal maximum vermogen van 1.272 kVA, en uit een compartiment met achttien Samsung Li-IONbatterijen. Die hebben een totale capaciteit van 1.233 kWh. Boots: “Deze accu wordt in een grote container geplaatst op het noordwestelijk deel van het terrein.”

Elektrisch rijden Het zijn niet de enige duurzame maatregelen die Lidl hier treft. Want geheel in het kader van steeds meer

‘We kijken goed wat VDL en DAF doen op het gebied van elektrisch aangedreven vrachtauto’s’ elektrische mobiliteit worden er tien laadpalen voor elektrische auto’s geplaatst. Boots: “Dat is voorlopig wel voldoende, maar er is ruimte voor nog meer laadpalen. We houden overigens heel goed in de gaten wat VDL, DAF en andere vrachtautofabrikanten doen op het gebied van elektrisch aangedreven vrachtauto’s. Dat kan namelijk interessant zijn; al gaat het dan om ritten in de directe omgeving, denk aan Arnhem of Nijmegen. Dat vraagt wel om snelladers, waarmee je binnen een half uur de accu van de vrachtauto’s weer opgeladen kunt hebben. We hebben al even gekeken naar zo’n snellader, maar dat is een stevige jongen van

De binnenkant van een geschroefde platenwarmtewisselaars (TSA) van de WKO.

300 kW. Dat is nu nog niet haalbaar, maar we blijven er goed naar kijken.” “Zeker als de windturbine er is”, vult Dierdorp hem aan. “Want hoe mooi zou het zijn als we zowel het distributiecentrum als onze logistieke keten op lokaal opgewekte, duurzame warmte en stroom kunnen laten draaien.” Al met al leveren deze en nog veel meer maatregelen het nieuwe distributiecentrum van Lidl een BREEAM NL-certificaat Outstanding op. Althans, daar streeft men wel naar. Na Heerenveen (Excellent) en Waddinxveen (Outstanding) is dat Lidl’s derde DC met een hoog BREEAM NL-certificaat. “Circulair bouwen en zelfvoorzienend zijn voor ons de einddoelen op dit moment. Waarbij we op enkele punten, zoals de accu, verder gaan dan het moederbedrijf van ons verlangt. Voor wat betreft circulair bouwen kijken we vooral nu al naar het hergebruik van materialen, zoals beton en metaal. Dat onderzoeken we met hulp van de TU Delft volop en we houden nieuwe technieken goed in de gaten”, aldus Dierdorp. Q

Hoewel niet gangbaar bij DC’s, gebruikt Lidl sinds 2012 een spraycooler, omdat hierbij de risico’s minimaal zijn door de bouwwijze.

Installatie XL December 2018

15


DISTRIBUTIECENTRUM Installatie - Veiligheid - PV-panelen

Het grootste Nederlandse zonnedak is veertien voetbalvelden groot KiesZon ontwikkelt, ďŹ nanciert, engineert, realiseert en exploiteert pv-Installaties op grote daken van bijvoorbeeld distributiecentra. Het bedrijf leaset het dak en ontzorgt de eigenaar volledig. Veiligheid is een groot goed bij het plaatsen van de installatie. De opgewekte elektrische energie komt ten goede aan de eigenaar en het openbare net. Door Patrick Marx

Het dak telt veertienduizend panelen.

16

Installatie XL December 2018


DISTRIBUTIECENTRUM

Ruim acht hectare meet het dak van een distributiecentrum in Venlo. Wie via één van de drie tijdelijke traptorens het dak op klimt, ziet een zee aan zonnepanelen. De overkant van het dak is haast niet te zien. Genoeg ruimte voor het plaatsen van 28.000 pv-panelen en dat is precies waarmee een groep installateurs bezig is. Sommigen rollen de in totaal vele kilometers kabel af, anderen sjouwen pv-panelen en weer anderen maken frames voor het bevestigen ervan. Overal op het dak heerst bedrijvigheid.

Belastbaarheid dak Al bij de bouw van het distributiecentrum in 2016 werd rekening gehouden met het plaatsen van zonnepanelen. KiesZon installeerde zelfs al een eerste serie die nodig was voor het behalen van een Excellent BREAAM-certificaat. In nauw overleg met Etriplus uit Venlo heeft de eigenaar van het pand besloten het dak zo te bouwen dat het plaatsen van pv-panelen mogelijk is. KiesZon kreeg ook deze opdracht. Hoewel het distributiecentrum ontworpen is om pvpanelen te dragen, houdt de belastbaarheid van het dak niet over. Het staal constructie dak kan gemiddeld slechts 13 kg/m2 dragen. “Een doorsnee dak draagt 20-30 kg/m2, afhankelijk van de constructie. De 13 kg/m2 van het dak is dus aan de lage kant, we moesten ons best doen om onder dit gewicht te blijven”, zegt Joost de Vogel, projectleider bij KiesZon. De oplossing vonden de engineers door de brandmuren, die het enorme pand in acht gelijke stukken verdelen, te gebruiken. Deze muren steken een klein stuk boven het dak uit en van dit gedeelte maakt KiesZon dankbaar gebruik. De Vogel: “We lussen de pv-panelen door tot strings van 23 exemplaren. Vanuit elke string lopen twee kabels naar een omvormer. Al met

‘We installeren niet te dicht bij de rand omdat daar de windbelasting het hoogst is’ In dit project is ongeveer dertigduizend kilogram kabel gebruikt.

XL Installatiefeiten al ligt er op dit dak circa dertigduizend kg kabel. Via kabelgoten geleiden we de kabels naar de brandmuren. Daaraan hangt een groot gedeelte van de kabels. Langs de brandmuren leiden we de kabels op zestien plaatsen naar binnen naar de 154 omvormers die inpandig gemonteerd zijn.” Verdere gewichtsreductie van de installatie zit volgens de Vogel vooral in de keuze van de draagconstructie en de ballast. “We installeren niet te dicht bij de rand omdat daar de windbelasting het hoogst is en er dus meer ballast nodig is. Dit is één van de manieren waarop we het gewicht van de installatie beperken.”

Veiligheid KiesZon besteedt veel aandacht aan de veiligheid van

Installatieontwerper, eigenaar en beheerder: KiesZon uit Rosmalen. Installateur: dr. Metje Consulting - Hamburg

installateurs, daarvoor is uitvoerder Huub van Boven gedurende de gehele bouw van het project voor verantwoordelijk. De veiligheid begint al ‘s ochtends vroeg. “Voordat we beginnen met werken worden de hijskranen en traptorens gecontroleerd. Pas als ze in orde bevonden zijn mogen er mensen het dak op.” Rondom het dak en daklichten staan bouwhekken. Bij elke traptoren staat een vlag en een toilet die de locatie van de traptoren aangeven. Dat is geen overbodige luxe want wie midden op het veertien voetbalvelden

PV-panelen: GCL 275 Wpiek Omvormers: Huawei Piekvermogen: 7 MW

grote dak staat kan de traptoren onmogelijk zien. Op het dak staan ook veiligheidskisten met materialen voor noodgevallen. Van Boven: “We werken nauw samen met de beveiliging van het distributiecentrum zodat we van elkaar weten als er in of op het gebouw iets gebeurt. Stel dat er in het gebouw brand uitbreekt, dan wil ik iedereen meteen naar beneden kunnen halen en niet pas als er rook door het dak omhoogkomt.” De installatie van de pv-panelen duurt ongeveer

Installatie XL December 2018

17






  

 !'%"#!%!  !#"!#% !!   #%



    ! !

!( ! &%()  $%"" " %  '## '!!# #$!)!%#(!  #!"!&( ! $  !(%)#%(!  '!!% ! %!# $  "% !"( !( !%$%"" "  $($%"" !%  ! #$!)! %#(!  % #!& #%)%%    ! 


DISTRIBUTIECENTRUM

twaalf weken. Van Boven: “We hebben een week voorbereiding nodig voor het inrichten van de bouwplaats, tien weken bouwtijd en een week om de bouwplaats weer af te breken en de installatie in gebruik te nemen.” Ook het laatste gebeurt veilig. “We hanteren een streng veiligheidsprotocol dat precies aangeeft wie in welke volgorde panelen mag aansluiten aan de omvormers en aan het net. Voordat de installatie actief wordt, zijn alle panelen, strings, omvormers en kabels gecontroleerd.”

Leasen Ontzorgen van de klant is één van de sterke punten van KiesZon, een honderd procent dochter van Greenchoice. Het bedrijf leaset daken van de eigenaars van gebouwen zoals distributiecentra en zorgt vervolgens voor alles. De Vogel: “Wij, ontwikkelen, financieren en realiseren de installatie en voeren vervolgens ook de exploitatie uit. Ook de aansluiting op het net en de contacten met de netbeheerder verzorgen we. Het enige wat er, simpel gezegd, van de eigenaar nodig is, is de wil om pv-panelen op zijn dak te leggen en de bereidheid om in het gebouw ruimte te maken voor de omvormers en aansluitingen op het

net. We leasen het dak voor een periode van zestien jaar. Daarna kan de eigenaar van het gebouw ervoor kiezen om de installatie te kopen of het leasecontract te verlengen. Tot die tijd zijn wij de eigenaar van de pv-installatie.” De eigenaar van het distributiecentrum neemt

Wie midden op het dak staat kan de traptoren onmogelijk zien ongeveer de helft van de opgewekte energie af. Zo’n centrum heeft dus de energie van veertienduizend panelen nodig. Die elektrische energie gaat vooral naar de klimaatbeheersing, de elektrische voertuigen die in het pand rijden en een serverpark waarmee het bedrijf zijn Europese vestigingen aanstuurt. De eigenaar wil overigens niet met naam en toenaam

genoemd worden omdat dit niet in zijn marketingstrategie past.

Piekvermogen KiesZon ziet kansen op alle daken. “Op voorhand sluiten we nooit een dak uit”, zegt de Vogel. “Op ieder dak is wel een pv-installatie aan te leggen. In het ergste geval moeten we het dak versterken, bijvoorbeeld met extra steunen. Ook dat nemen we dan voor elkaar te krijgen. Het enige wat soms vertraging oplevert, is de capaciteit van het openbare net. We moeten ons piekvermogen wel aan het net kunnen leveren. Vooral in het noorden van het land is dat soms lastig omdat het net daar zijn maximale capaciteit bereikt. De netbeheerder is overigens wel verplicht om de capaciteit te vergroten maar daarvoor heeft hij enkele jaren de tijd.”Dit jaar installeert KiesZon 120.000 zonnepanelen. Ondanks deze grote aantallen ligt nog maar een paar procent van de Nederlandse bedrijfsdaken vol met pv-panelen. “Ik denk dat het nog tientallen jaren duurt voordat wij en onze collega’s alle daken vol kunnen leggen. Het grootste voordeel van pv-panelen op een plat dak is dat er dubbel gebruik wordt gemaakt van de anders loze ruimte.” Q

Het pv-dak op de foto is ongeveer een achtste van het totaal.

Ballast frame en kabelgoot.

Installatie XL December 2018

19


RIJKSKANTOOR Klimaatplafond - Luchtbehandeling - Stadsverwarming

Het bestaande gebouw aan laten sluiten op de nieuwbouw vormde de grootste uitdaging bij de herontwikkeling van de voormalige Knoopkazerne in Utrecht.

Knoopkazerne getransformeerd naar moderne kantoorlocatie Aan de Utrechtse Croeselaan heeft de voormalige Knoopkazerne een nieuw leven gekregen als kantoor- en vergaderlocatie voor de Rijksoverheid. In de oude atoomkelder van de kazerne staan nu de luchtbehandelingskasten, zodat er op het dak meer ruimte is voor zonnepanelen. De grootste uitdaging van het project was het casco van het oude kantoorgebouw aan te laten sluiten op de nieuwbouw. Door Joop van Vlerken

20

Installatie XL December 2018


RIJKSKANTOOR

“Het bestaande gebouw aan laten sluiten op de nieuwbouw.” Dat was volgens Ruben Molendijk, architect bij Cepezed, de grootste uitdaging bij de herontwikkeling van de voormalige Knoopkazerne in Utrecht. “Tijdens de analyse van het programma kwamen we er al snel achter dat de lage verdiepingshoogte van 2,85 meter van het oude kantoorgebouw een behoorlijke uitdaging vormde. Het was om die reden bijvoorbeeld niet mogelijk de vergaderzalen die het Rijksvastgoedbedrijf wilde in dit gebouw te krijgen. Daarom hebben we een nieuw vergadercentrum tegen het gebouw aan geplaatst en wordt het oude gebouw volledig als kantoorruimte gebruikt.” Doordat de hoogte van de verdiepingen beperkt is, zijn verlaagde plafonds in de kantoortuinen geen optie, legt Molendijk uit. “De hoogte is in het kantoorgedeelte maar 2,85 meter. We hebben daarom gebruik gemaakt van hybride klimaatplafondeilanden die alle benodigde installaties voor verwarming, koeling en ventilatie bevatten.” Doordat in de nieuwbouw werd gekozen voor een ruimere plafondhoogte passen vier oudbouw-verdiepingen in drie nieuwbouw-verdiepingen. Molendijk: “We hebben dat opgelost door de vides in de oudbouw middels een trap te verbinden met de nieuwbouw. Het verschil in verdiepingshoogte geeft een mooi effect. We hebben op verschillende plekken in het gebouw doorkijkjes gemaakt, zodat je schuin omhoog of omlaag op een verdieping kunt kijken.”

Geen traditionele kazerne Rijkskantoor De Knoop werd eind maart 2018 opgeleverd. Het gebouw is een herontwikkeling van de voormalige Knoopkazerne aan de Croeselaan in Utrecht. Na de oplevering beschikt de Rijksoverheid er over een gecombineerd kantoor- en vergadercentrum van 30.000 m2. De Knoopkazerne was voor de herontwikkeling geen traditionele militaire kazerne, vertelt Molendijk. “Het was een standaard kantoorgebouw van het ministerie van Defensie waar onder meer dienstplichtigen gekeurd werden. Wel was er atoomkelder onder het gebouw. Die hebben we gestript en die doet nu dienst als installatieruimte. Hier bevindt zich een groot gedeelte van de luchtbehandelingskasten, waardoor we meer ruimte op het dak van het gebouw overhouden voor zonnepanelen.” Het gebied rond De Knoop is onderdeel van het masterplan Utrecht voor de vernieuwing van het centrum die in 2030 afgerond moet zijn.

Gescheiden werelden Leon van Berkom, projectmanager bij Strukton Worksphere, vertelt dat het oude gebouw tot op het betonskelet gestript is. “We hebben ongeveer vijfentwintig tot dertig procent van het gebouw afgehaald. Vervolgens hebben we het een nieuwe gevel gegeven en hebben we het gebouw helemaal opnieuw afgewerkt. En we hebben nog een stuk nieuwbouw tegen het oude gebouw aan geplaatst. Uiteindelijk is het bruto vloeroppervlak toegenomen van 25.000 m2 naar 30.000 m2.” In het bestaande kantoorgedeelte van het pand is nu de Belastingdienst met al haar

In het nieuw gebouwde atrium zijn verschillende vergaderzalen gevestigd.

XL Installatiefeiten Opdrachtgever: Rijksvastgoedbedrijf, Den Haag Architect: Architectenbureau cepezed, Delft E-installaties: De Groot Installatiegroep Koelmachine: Trane PV-panelen: 1539 (439.155Wp)

afdelingen gevestigd. In het nieuw gebouwde atrium zijn verschillende vergaderzalen gevestigd, legt Molendijk uit. “Het kantoor- en het vergadergedeelte zijn twee gescheiden werelden. De kantoren zijn nu bezet door de Belastingdienst en de vergaderruimtes zijn door alle ambtenaren in Nederland te reserveren. Dat betekent dat je niet zomaar van het ene gedeelte naar het andere gedeelte kunt lopen.” Van Berkom legt uit dat het gebouw niet specifiek voor de Belastingdienst ontworpen is. “Het gebouw

De voormalige atoomkelder doet nu dienst als installatieruimte

voldoet aan alle eisen voor een Rijkskantoor en is te gebruiken door welk ministerie dan ook. In principe is het mogelijk dat de Belastingdienst over vijf jaar vertrekt en er een heel andere overheidsdienst voor in de plaats komt. Je zet een ander logo op de gevel en

Luchtbehandelingskasten: Weger Droge koelers: Güntner Klimaatplafonds: SolidAir

er kan een andere dienst in. Alle verdiepingen zijn in flexibel in te delen. Door het verplaatsen van wanden kan zo een andere indeling worden gemaakt.”

Functionaliteit Voor het project werd de contractvorm Design, Build, Finance, Maintain and Operate (DBFMO). Dit heeft belangrijke gevolgen gehad voor de bouw en het beheer van het gebouw, licht Van Berkom aan de hand van een voorbeeld toe. “In het hele gebouw hoeft de komende twintig jaar in principe geen verlichtingsarmatuur vervangen te worden. Dat hebben we bereikt door een hoger vermogen verlichting te installeren dan eigenlijk nodig is. Door gebruik te maken van een lichtregelsysteem hebben we het licht gedimd tot de gewenste verlichtingssterkte. Daardoor kunnen we de levensduur van de armaturen verlengen van vijftien naar twintig jaar. Je ontwerpt en bouwt dus op basis van de functionele eisen. We hadden bijvoorbeeld goedkopere verlichting kunnen plaatsen, maar die moet na tien jaar vervangen worden.” Die vervangingsactie veroorzaakt overlast voor de gebruiker. Die krijgt daardoor niet de functionaliteit die vooraf beloofd is. Van Berkom: “Aangezien elke verstoring van de functionaliteit korting op de betaling aan ons betekent, willen we dat zo veel mogelijk voorkomen. Die verstoring betreft alle aspecten van

Installatie XL December 2018

21


De meest duurzame oplossing voor warm tapwater zonder in te leveren op comfort en veiligheid

"+"$#+&+&+#$++"++%!+&!+&#!+#+$ +%+%#%+#+ +!" !+ ""+!+)+!"+# !#$!+##+ * ++!#+##+ + ++'+!$+%+$$!)+!!+)"++)++!+#+#+         ++ #+#+$+%!)+++!#+!+++"#!+# !#$$!+ )+)+"("#+)!+"#++#!%!+#+#++)#+%!+   +&!#+%!

!+&# ++ +++&&&"#

w w w. a o s m i t h . n l


RIJKSKANTOOR

Op het kantoor van Strukton liggen nog eens 750 zonnepanelen het gebouw. Als er bijvoorbeeld te weinig personeel in het bedrijfsrestaurant staat, worden we ook gekort.” Deze contractvorm dwingt bouwpartijen dus om goed na te denken over welke materialen ze gebruiken en wat de levensduur van die materialen is. Van Berkom: “Als je voor de komende twintig jaar zo min mogelijk kosten wilt maken, kijk je heel anders naar een gebouw dan dat je direct na oplevering weg bent. Je maakt heel andere keuzes op het gebied van ontwerp, materiaal en diensten.”

Bron geen optie Het gebouw is met energielabel A+++ erg zuinig, maar energieneutraliteit was geen optie stelt Van Berkom. “Dat komt eigenlijk doordat we aangesloten zijn op de stadsverwarming van Utrecht. Als we wko-bronnen hadden kunnen boren, was energieneutraliteit wel binnen bereik geweest. Maar je kunt niet zomaar even in het centrum van Utrecht een enorme bron gaan boren.” Molendijk vult aan dat alles is gedaan om het gebouw zo energiezuinig mogelijk te maken. “Het gebouw heeft nieuwe hoogwaardig geïsoleerde gevels gekregen en ook de hybride klimaatplafonds dragen bij aan een efficiënt energiegebruik.” Op het gebouw liggen bovendien ongeveer 750 zonnepanelen om het energieverbruik te compenseren vertelt Van Berkom. “En daarnaast liggen er nog eens 750 zonnepanelen op het kantoor van Strukton in

Utrecht. Omdat die binnen een straal van vijf kilometer van De Knoop liggen, mogen we ze meerekenen in de EPG-berekening van het gebouw. Dat we deze extra faciliteit konden bieden, heeft ons behoorlijk geholpen in de aanbesteding.”

BIM Een leerpunt voor de partijen in het project was het samenwerken met verschillende partijen in BIM. “We kwamen erachter dat je ook in BIM moet werken met fase-afsluitingen. Dat betekent dat als de ontwerpfase voorbij is dat die ook echt afgesloten moet worden, om te kunnen beginnen met bouwen. Anders gaat de installateur bijvoorbeeld wijzigingen aanbrengen in het ontwerp, die ook gevolgen hebben voor het bouwproces, terwijl je al aan het bouwen bent”, besluit Van Berkom. Q

The Green House In de opdracht voor de herbestemming van de Knoopkazerne vroeg het Rijksvastgoedbedrijf ook om een oplossing voor de ruimte tussen de Knoopkazerne en het naastgelegen Rabobank-hoofdkantoor. De dienst was op zoek naar een tijdelijke bestemming voor dit gebied. Ruben Molendijk, architect bij Cepezed: “De vernieuwing van het centrumgebied duurt nog tot 2030. In de uitvraag werd daarom gevraagd naar een tijdelijke invulling voor deze ruimte, omdat ze het niet tot die tijd braak wilden laten liggen. De vraag was om een paviljoen van 500 tot 1000 m2 van twee verdiepingen te ontwerpen met een publieks- of horecafunctie. Daaruit is The Green House voortgekomen, een horecavoorziening met vergaderfaciliteiten.” Het paviljoen is in zijn geheel demontabel legt van Berkom uit. “Het paviljoen kan makkelijk weggehaald worden en elders opnieuw geplaatst worden. Circulariteit is zelfs tot en met de fundering meegenomen. Die bestaat uit betonblokken die we makkelijk weer mee kunnen nemen naar een andere locatie.” Molendijk beaamt dat circulariteit in The Green House breed doorgevoerd is. “Het tweelaagse paviljoen is ontworpen als generiek bouwpakket met een demontabel staalskelet van gegalvaniseerde profielen. De maatvoering is afgeleid van die van de rookglazen gevelpanelen van het voormalige kazernegebouw; deze zijn namelijk hergebruikt voor de tweede huid en de kas van het paviljoen. Voor het interieur van het restaurant zijn zoveel mogelijk gerecyclede materialen gebruikt. Omdat

het gebouw tijdelijk is, moet het bovendien demontabel zijn. Dat betekent dat we droge verbindingen hebben gebruikt in de constructie, zodat we het makkelijk uit elkaar kunnen halen en elders weer opnieuw kunnen toepassen. Want het gebouw blijft eigendom van het consortium. Albron is de exploitant van het horecaconcept, maar zij huren het gebouw. Dit betekent dat we het hele gebouw op een andere plek weer kunnen opbouwen en een nieuwe functie kunnen geven.” Circulair horecaconcept Ook in het restaurant spelen circulariteit en duurzaamheid een belangrijke rol vertelt Molendijk. “Op de verdieping van het paviljoen is naast de vergaderzalen prominent een kas geplaatst. Hierin worden groenten en kruiden voor de restaurantkeuken geteeld.” Ook exploitant Albron heeft circulariteit in het horecaconcept doorgevoerd, vult Van Berkom aan. “De servetten en menukaarten zijn van hergebruikt materiaal. Daarnaast wordt er stekkerloos gekookt. Het paviljoen heeft geen gasaansluiting, waardoor er niet op gas gekookt kan worden. In plaats daarvan wordt een grote houtoven gebruikt die gestookt wordt op houtpellets. Door verder zo weinig mogelijk elektrische apparatuur te gebruiken, wordt er in de keuken behoorlijk wat energie bespaard.”

Installatie XL December 2018

23


INSTALLATIE VOLGENS ATTEMA:

INSTALLATIE VOLGENS ATTEMA:

Een nieuw geluid in de markt: de nieuwste generatie HaloX INSTALLATIE VOLGENS ATTEMA:

NIEUW: AK2-RD kabeldozen

Ruimte voor licht en geluid in betonnen vloeren en wanden

Met HaloX® verwerkt u alle soorten en maten spots en speakers in betonnen wanden en vloeren. Voor, tijdens én na de bouw. Creëer de sfeer die u wilt en maak elk ontwerp werkelijkheid. De nieuwe generatie HaloX® • Geschikt voor betonfabriek, gietbouw en montage achteraf • Eenvoudige verwerking • Modulair en flexibel voor inbouwdiameters en -dieptes • Geschikt voor LED-armaturen Dat is installeren volgens Attema.

download de Attema app

Meer info? Kijk op www.attema.com/halox

Vernieuwende ideeën voor ’n veranderende wereld.

®


WONINGBOUW Leidingschacht - NOM - Monitoring

Prefabwoning in één dag verwarmingsklaar

Geveldeel wordt op zijn plaats getakeld.

’s Ochtends zijn alleen de fundamenten zichtbaar en ’s avonds draait de warmtepomp in de prefabwoning van VolkerWessels. Zie daar het voordeel van het concept MorgenWonen in een notendop. “Het prefabriceren van installaties is een eerste stap in het efficiënter uitvoeren van het traditionele bouwproces.” Door Richard Mooi

Installatie XL December 2018

25


WONINGBOUW

een verticale leidingenschacht naast de trap. Op zolder komt die schacht uit in de - geprefabriceerde - technische ruimte met de wtw-unit, binnenunit van de warmtepomp met ingebouwde boiler en pv-omvormer. Vanuit de technische ruimte gaan de cv- en warmtapwaterleidingen, en ventilatiekanalen naar beneden. In de vloer, die bestaat uit open ribben, lopen de horizontale leidingen en kanalen naar de waterkranen, maar ook naar de inblaas- en afzuigventielen van het gebalanceerde ventilatiesysteem.

Elk vloerdeel een vloerverwarmingsgroep De prefab-afwerkvloer met de ingestorte vloerverwarming leidingen is op de ribbenvloer gelegd. Een verdieping- of beganegrondvloer bestaat uit drie afzonderlijke delen om ze te kunnen vervoeren. Elk vloerdeel vormt een vloerverwarmingsgroep. In de fabriek zijn de uiteinden van zo’n groep al voorzien van insteekfittingen. Homij werkt met het leidingsysteem Tece en de insteekfittingen Tecelogo.

Leidingwerk op lengte De schacht oftewel de aorta van de woning. Rechts onder de lasdozen waarop de installatiekabels uit de vloer worden aangesloten.

Elke dag verrijzen er in Nederland twee complete prefabwoningen van VolkerWessels. In één dag gebouwd van de beganegrond tot het dak. MorgenWonen is het meest verregaande fabrieksmatige bouwconcept waarbij installatiebedrijf Homij, dochter van VolkerWessels, een belangrijke rol speelt. Directeur Ronald Hennekeij van Homij Duurzame Energie Concepten (Homij DEC) legt de werkwijze, in de fabriek en op de bouw uit.

Twee productielijnen voor huizen Het project dat we bezoeken is in Holten waar elf huizen, bestemd voor de commerciële verhuur, bijna letterlijk uit de grond worden gestampt. “Elke dag één, gisteren stond deze woning er nog niet”, zegt Hennekeij terwijl hij de woning binnen stapt. Van het huis ernaast ontbreekt tijdens het middaguur alleen nog het dak, alle wanden en vloeren zijn die ochtend geplaatst. Van de woning daarnaast is alleen de fundering zichtbaar, inclusief horizontale riolering in de kruipruimte en de meterkastbochten, maar over een dag is ook op die fundamenten een complete woning verrezen, verduidelijkt Hennekeij. Op een andere bouwlocatie in Nederland komt diezelfde dag nog een woning gereed. “We hebben twee productielijnen voor twee verschillende huizen.”

Antwoord op faalkosten en handjestekort MorgenWonen is het antwoord van VolkerWessels op de hoge faalkosten in de bouw. Tegenwoordig speelt ook sterk het tekort aan handen een belangrijke rol bij de zoektocht van bouwbedrijven naar prefabmogelijkheden. Het ‘prefabben’ is door de repeterende handelingen prima te uit te voeren door minder geschoolde medewerkers en is niet afhankelijk van

26

Installatie XL December 2018

het weer. VolkerWessels is met ruim duizend opgeleverde woningen, veelal bestemd voor sociale en commerciële verhuur, het verst met de geprefabriceerde rijtjeswoning.

Prefabinstallaties De fundering is het enige dat ter plaatse wordt gemaakt, alle vloeren en verticale delen komen uit de eigen fabrieken van VolkerWessels. De meeste verticale delen worden in de fabriekshal van Homij DEC in het Limburgse Ittervoort gemaakt, én meteen

Een beganegrondvloer bestaat uit drie afzonderlijke delen

voorzien van de technische installaties. Niet alleen de bouwdelen worden zoveel mogelijk geprefabriceerd, ook de verwarmingsinstallatie, sanitaire leiding, ventilatiekanalen, rioolverzamelleidingen en elektrische installaties zijn allemaal al in de fabriek aangebracht. Ook de badkamer, toiletruimte en techniekruimte op zolder zijn compleet geprefabriceerd en worden vanaf de vrachtwagen op de beganegrond- en verdiepingsvloer getakeld.

Hoe werkt de technische infrastructuur? Het hart van de technische infrastructuur is de installatiekast op zolder die gekoppeld is aan de aorta,

De verticale schachten bevatten al het kunststof leidingwerk op lengte. Tijdens vervoer zijn de leidinguiteinden teruggebogen in de betonnen schacht, maar eenmaal geplaatst buigt de monteur ze in de vloer en sluit ze met één klik aan op de uiteinden van de vloerverwarming. Datzelfde geldt voor de waterleidingen naar de keuken en het toilet. De elektrische installatie is compleet opgebouwd uit kabels. PVC-buizen met VD-draden ontbreken. De kabels lopen vanuit de vloer naar de verticale schacht, waar ze in grote lasdozen worden gekoppeld aan de juiste groepen naar de meterkast. Op de verdiepingsvloer komen er wat meer leidingen uit de vloer omhoog ter plaatse van de verticale schacht. Hier komen namelijk ook de ventilatiekanalen uit de verdiepingsvloer. De afzuigpunten bevinden zich in de keuken en in het toilet en in de inblaasventielen in de woonkamer.

Aansluiten van leidingen Het aansluiten van de horizontale cv- en drinkwaterleidingen, rioolaansluitleidingen en ventilatiekanalen (alleen verdiepingsvloer) en kabels uit de drie vloerdelen op de verticale leidingschacht is vergemakkelijkt omdat een deel van de vloer nog open ligt. De dekvloer van de hal beneden en de overloop ontbreekt namelijk, zodat het uitrollen een aansluiten van de al op lengte gemaakte leidingen en kabels snel is gefikst. Als alle leidingen zijn aangesloten wordt de dekvloer, in verschillende delen, met een speciaal tilwagentje geplaatst.

Een W-monteur en een E-monteur Voor de w-monteur zit dan dezelfde dag het meeste werk erop. Hij kan dan de warmtepompinstallatie vullen en in gebruik nemen. Dat vindt de afwerkploeg wel aangenaam, een verwarmd huis, weet Hennekeij. De E-monteur moet nog een paar keer terugkomen als de afbouwploeg de tussenwanden hebben geplaatst.


WONINGBOUW

De binnenwanden zijn ook al geprefabriceerd en worden voordat de gevelelementen als laatste de woning dicht maken naar binnen geschoven. De wandcontactdozen en schakelaars zitten voornamelijk in de tussenwanden. De woningscheidende muur bevat wandcontactdozen. De beide buitengevels bevatten geen installaties. Doordat de binnenwanden direct na het plaatsen van de prefab-bouwelementen nog ontbreken, hangen de grijze installatiekabels de eerste dagen nog uit het plafond. In de afbouwfase, laat de elektricien ze netjes in de wand zakken en in de installatiedozen uitkomen. Wandcontactdoos of schakelaar erop en klaar. Op de bouw is één w-monteur en één E-monteur aanwezig. Het pre-monteren van de kabels in de fabriek gebeurt door niet-technisch geschoolde medewerkers. Per discipline is er wel een als installateur opgeleide voorman aanwezig.

en biedt ook de mogelijkheid om apparatuur te schakelen. Homij verwacht dit binnenkort te kunnen aanbieden aan bewoners. Bewoners krijgen een bundel toegewezen voor verwarmen, tapwater en huishoudelijk gebruik. Via een app hebben ze inzage in het actuele verbruik. De bundels zijn afgestemd op een jaarverbruik van nul. Uiteraard is meerverbruik mogelijk, de kWh-meter loopt gewoon door, maar de eindafrekening van het energiebedrijf spreekt dan ook boekdelen.

Onderhoud buitenunit warmtepomp De buitenunit van de lucht-waterwarmtepomp bevindt zich vrijwel direct boven het energiehuisje. Van buitenaf is de buitenunit onzichtbaar weggewerkt in een

prefabschoorsteen. Ook de retourlucht van de wtwunit komt hierin uit, zodat de warmtepomp de laatste energie eruit kan halen. Als onderhoud adviseert Homij DEC een jaarlijkse inspectie. “Insteek is dat dit middels het monitoringsysteem (One Smart Control), red.) en bewaking op afstand terug kan naar een tweejaarlijkse inspectie.” Eens per drie jaar is er een visuele inspectie van de buitenunit nodig, adviseert Homij Dec. Dat kan alleen door met een hoogwerker een monteur het dak op te sturen. De meeste woningen die verhuurd worden, hebben via Homij een onderhoudscontract afgesloten. Dat adviseert Hennekeij ook de particuliere kopers, maar het staat hen vrij om een andere installateur in te schakelen. Q

Energieprestaties monitoren In een NOM-woning is het belangrijk om de prestaties te monitoren. Woningcorporaties zijn dat zelfs verplicht als ze de energieprestatievergoeding (EPV) doorberekenen aan huurders. In 2014 ging het monitoren nog redelijk eenvoudig, met de welbekende plugwise-stekkers met kWh-bemetering. Een voor de warmtepomp, een ander Plugwise-stekker registreerde het verbruik van de wtw-unit en tenslotte werd één Plugwise ingeschakeld om de teruglevering van de 24 zonnepanelen te meten en door te geven aan de cloud. Hennekeij merkt dat met verbruiksmonitoring forse stappen zijn gemaakt.

Monitoringssoftware Sinds vorig jaar heeft Homij DEC gekozen voor het uitgebreide opbrengstplatform One Smart Control. Dat is uitgebreide monitoringsoftware die rechtstreeks relevante gegevens uit de wtw-unit, pvinverter en warmtepomp haalt. Ook worden vanuit de wtw-unit de CO2-gehaltes van de twee sensoren doorgestuurd naar One Smart Control. In de verdeelkast bij de warmtepomp is op din-rail de controller van One Smart Control gemonteerd, net zoals in de bescheiden meterkastverdeler beneden in de hal. Doordat de automaten voor de klimaatinstallatie boven in een onderverdeler zijn gemonteerd, kon de verdeler beneden in de meterkast kleiner blijven, waar eveneens een kastje van One Smart Control op dinrail is gemonteerd en meteen de kWh-meter uitleest. Via kabeltjes is er vanuit de controller van One Smart Control contact met de toestellen.

Dakdoorvoer naar de prefabschoorsteen met buitenunit.

Energiebundel One Smart Control is eigenlijk gericht op domotica

De afwerkploeg vindt een verwarmd huis wel aangenaam

Installatiekast op zolder met links de wtw-unit en rechts de binnenunit van de warmtepomp van Mitsubishi.

Installatie XL December 2018

27


ACHTER ELKE SLIMME INSTALLATIE STAAN UITMUNTENDE TECHNICI

WIJ ZIJN Croonwolter&dros. We ontwerpen, realiseren en onderhouden slimme systemen en installaties die de wereld om ons heen intelligenter maken. We zijn een hecht team van vakmensen. Professionals die met passie voor techniek werken. WIJ ZOEKEN (LEIDINGGEVEND) MONTEURS, SERVICE TECHNICI, PROJECTLEIDERS, ENGINEERS EN CALCULATOREN E en W voor onze divisies Industrie en Utiliteit. WE BIEDEN niet alleen een plek bij een sterke werkgever waar je met een warm hart gewaardeerd en beloond wordt voor wat je doet. Met goede voorwaarden en veel mogelijkheden om verder te groeien als expert. IETS VOOR JOU? Aarzel dan niet en neem contact op met Ton Arends, 06 81 45 55 87, ton.arends@croonwolterendros.nl of reageer via www.croonwolterendros.nl/vacatures


THEMA: RIOLERINGWONINGEN / POMPEN Energieverbruik - Monitoring - Energiecoach

De vier woningen zijn gemaakt in een voormalig ontmoetingscentrum dat bij een verzorgingshuis hoorde.

Vier installatieconcepten voor vier identieke woningen Vier identieke woningen in Oss zijn in opdracht van woningcorporatie BrabantWonen voorzien van vier verschillende duurzame verwarmingsinstallaties. Het doel is om de verschillende verwarmingsopties te testen. Hierbij wordt niet alleen gekeken naar de meetgegevens, ook de ervaringen van de met zorg geselecteerde bewoners spelen een belangrijke rol. Brabant Wonen, Kemkens Installatieburo en Caspar de Haan onderhoud & renovatie willen zo bekijken welke impact en resultaten de verschillende verwarmingsopties hebben om dit toe te passen in toekomstige renovatieprojecten. Door Joop van Vlerken

Installatie XL December 2018

29


      *&)!%+) ',*' ,*11)!$ %%) 01 #,) 0+#&+&'(-)),!#+&+),.'&&&&)! 0()+)!*+)*-'')-)),!#+&+),.'&&&&)! 0+'&)&) # #

0%##$!"#!&!& 0'#.$!+!+,* %&&)&+!

     *&)!%+) ',*' ,*11)!$ %%) 1 #,)0 +#&+&'(-)),!#+&+),.'&&&&)!0 ()+)!*+)*-'')-)),!#+&+),.'&&&&)!0 +'&)&) # # 0 '#-)#)!")-'')!&!)+%+!&-!+)''%+)&*')%+')&0 %##$!"#!&!&0

        

 #$&+&#,&&&$+!"!&&%)#!&#'%&-'')#')+!&&'(),+'()!"/&.$#'('&/.*!+   YHUPHOGVWDDQ9UDDJHHQYULMEOLMYHQGHR΍HUWHRSYLD   


WONINGEN

“We kunnen nu echt zien wat de verschillende installaties doen en hoe de bewoners daarmee omgaan.” Dat is volgens Benny Goossens van Kemkens Installatieburo de belangrijkste reden om vier identieke woningen uit te rusten met vier verschillende installaties.Het installatiebedrijf verbouwde het voormalig ontmoetingscentrum De Brink in Oss samen met Caspar de Haan onderhoud & renovatie tot vier extreem energiezuinige nul-op-de-meter(NOM)-woningen in opdracht van woningcorporatie BrabantWonen. De nieuwe huurders zijn inmiddels in de woningen getrokken en worden zorgvuldig gemonitord in hun energieverbruik. De vier woningen zijn een soort living lab om nieuwe technieken uit te proberen in huizen waar echt geleefd wordt. Goossens: “Omdat de gegevens over de woningen gemonitord en geregistreerd worden, kunnen we precies zien wat de installaties doen. Met die gegevens kunnen we de bewoners bewust maken van hun gedrag en kunnen wij dingen leren over de installaties.” De eerste resultaten uit de monitoring laten in ieder geval een goed resultaat zien voor de zonnepanelen die geplaatst zijn op De Groene Brink. “We zijn enorm aan het salderen”, vertelt Goossens lachend.

Bouwkundig De vier woningen zijn gemaakt in een voormalig ontmoetingscentrum dat bij een verzorgingshuis hoorde. Frans Brouwers van Caspar de Haan onderhoud & renovatie legt uit dat er veel bouwkundige aanpassingen nodig waren. “Om het gebouw zo energiezuinig mogelijk te maken, hebben we het helemaal moeten strippen. Nieuwbouw was waarschijnlijk goedkoper geweest, maar met het oog op circulariteit wilde de woningcorporatie het gebouw toch hergebruiken. Nadat we het gebouw tot de kern hadden gesloopt,

Het belangrijkste van de pilot is dat alle partijen er iets van leren hebben we de vloeren dichtgestort en nageïsoleerd.” Vervolgens zijn de gevels losgemaakt en verstevigd met een staalconstructie. Ook de gevelindeling is aangepast met nieuwe kozijnen die voorzien zijn van triple HR+++ glas en sponningen met een dubbele kierdichting om lekkage van lucht te voorkomen. Brouwers: “De nieuwe gevel bestaat uit een isolatiepakket van 23 centimeter dik. Deze moest precies aansluiten op de bestaande constructie, omdat er geen lucht of ruimte mag zijn tussen de muur en de panelen. Aan de buitenkant hebben we vervolgens steenstrips geplaatst die esthetisch goed bij het oorspronkelijke gebouw ernaast passen.”

Bewonerservaringen Uniek in Oss is dat ook de bewonerservaringen uitgebreid geregistreerd worden. Goossens: “Je kunt

De vier woningen zijn gemaakt in een voormalig ontmoetingscentrum dat bij een verzorgingshuis hoorde.

allerlei theoretische berekeningen maken over een installatie, maar wat de bewoner ervaart, is minstens even belangrijk. Daarom hebben we een identieke situatie gecreëerd met verschillende technieken zodat we beter kunnen vergelijken.” ‘Beter’, want hij realiseert zich maar al te goed dat ook de vier bewoners van het project in Oss niet hetzelfde zijn. “Er zit er één die zo geïnteresseerd is in de techniek dat hij alle apps al op zijn telefoon heeft en bijna meer weet dan ons. Terwijl andere, wat oudere, bewoners toch echt meer uitleg en aandacht nodig hebben.” Dat de invloed van bewoners heel groot is, wordt bevestigd door Brouwers. “De uiteindelijke resultaten zijn een combinatie van de gebruikte installaties en het gerief van de bewoner. Die combinatie bepaalt ook wat we met de resultaten gaan doen. Want we willen deze ervaringen uiteindelijk natuurlijk gebruiken bij andere renovatieprojecten.”

Energiecoach Om de ervaringen van de bewoners te objectiveren is door woningcorporatie BrabantWonen een energiecoach aangesteld, vertelt Goossens. “Die is echt alleen met de bewoners bezig, houdt interviews en vertelt ook hoe de installaties beter gebruikt kunnen worden. Als iemand te veel stroom verbruikt, kan de

woningcorporatie er zo snel op inhaken.” Brouwers vult aan: “Dit zijn echt NOM-woningen pur sang. De huurder betaalt dan ook een energieprestatievergoeding aan de woningcorporatie. Hiervoor krijgt hij een energiebundel per jaar van 2.300 kWh voor ruimteverwarming, 856 kWh voor verwarming van tapwater per persoon en 1.800 kWh per woning voor huishoudelijk gebruik. Als ze daar overheen gaan, moeten ze bijbetalen. Dus het is belangrijk om dat goed in de gaten te houden en mensen voor te lichten als er wat mis gaat. Kemkens Installatieburo heeft een prestatiegarantie afgegeven waarin is vermeld dat er achttien jaar geen elektriciteit hoeft te worden afgerekend aan de energieleverancier, mits de installaties op een normale manier gebruikt worden.”

Interesse Het belangrijkste van de pilot is dat alle partijen er iets van leren, vindt Brouwers. “We hebben met de bewoners afgesproken dat we de komende drie jaar regelmatig op bezoek mogen komen om dit project aan andere geïnteresseerde partijen te laten zien. We merken nu al dat er veel interesse is, met name ook bij woningcorporaties.” Wat nu al duidelijk is geworden in het project, is dat de moderne installaties relatief veel ruimte in beslag nemen, legt Goossens

Installatie XL December 2018

31


Design Hoogste kwaliteit, eenvoudige installatie

Hager designserie Serie 1930 Niet alleen het geboortejaar 1919 verbindt berker en Bauhaus, maar ook de gedeelde voorliefde voor het samenspel van vorm en functie. Tegenwoordig is de op Bauhaus geĂŻnspireerde designserie berker Serie 1930 zowel in tÄłdloos-klassieke als radicaal eigentÄłdse objecten te vinden. hager.nl/1930


WONINGEN

uit. “Zeker in kleine woningen waar weinig ruimte is, is dat natuurlijk wel een punt. Maar die ruimte heb je wel echt nodig om de installaties te kunnen plaatsen en onderhouden. Dat was voor ons een belangrijke voorwaarde om deel te kunnen nemen in het project.” Een ander punt van aandacht bij moderne woningen is de uitleg over de installaties. Brouwers: “Vroeger zou je een nieuwe bewoner de sleutel geven van zijn woning en hem veel geluk wensen, maar dat kan nu niet meer. De instructie naar huurders moet veel

duidelijker. Je hebt hier te maken met complexe systemen. De bediening is relatief eenvoudig, maar vraagt wel om toelichting. Bij de moderne installaties is het bijvoorbeeld niet slim om de thermostaat in de nacht terug te zetten, maar dat zijn bewoners wel zo gewend. Dit soort dingen willen we graag delen, want waarom zou iedereen opnieuw het wiel uit moeten vinden. We staan aan de vooravond van een enorme opgave en moeten dus niet meer afwachten, maar aan de gang”, besluit hij. Q

‘De bediening is relatief eenvoudig, maar vraagt wel om toelichting’

De toegepaste installaties in de vier woningen Luchtverwarming op nummer 45 De woning op huisnummer 45 is met luchtverwarming uitgerust. Een Stork Comfo air Q600 WTW-unit haalt de warmte uit de woning door het afzuigen van lucht. Dit systeem brengt opnieuw voorverwarmde lucht de woning in. Als de buitentemperaturen lager worden, wordt de ingeblazen lucht eerst nog extra verwarmd met een zogenaamde naverwarmer. Deze haalt de warmte uit het warm tapwatervat. Daarin bevinden zich twee spiralen: de ene haalt warmte uit het vat voor de naverwarmer. De andere is aangesloten op de luchtwaterwarmtepomp AWB Genia Air in de tuin die warmte produceert voor het warm tapwatervat. Als er teveel warm tapwater uit het vat wordt gehaald, ondersteunt een elektrisch element het verwarmingsproces, zodat het water in het vat weer op temperatuur komt. Het warme water voor de douche en de keuken komt ook uit dit vat. De ventilatiewarmtepomp op nummer 45a De woning op huisnummer 45a heeft een ventilatiewarmtepomp: de Inventum Ecolution Combi 50. De warmte wordt uit de geventileerde lucht gehaald en naar de lagetemperatuurradiatoren gebracht. De warmte die de ventilatiewarmtepomp levert, kan de woning tot een buitentemperatuur van ongeveer 7°C verwarmen. Als het kouder is, wordt het water voor het cv-systeem met een elektrisch element bijverwarmd. Als de woning op de gewenste temperatuur is, blijft de ventilatiewarmtepomp warmte uit de woning halen om het warm tapwatervat op temperatuur te brengen. Als de vraag naar warm tapwater te groot is, springt een elektrische boiler bij voor de verwarming van warm tapwater. De bodemwarmtepomp op nummer 45b Een bodemwarmtepomp verwarmt de woning op huisnummer 45b en voorziet in warm tapwater. Buiten de woning is een leiding 65 meter diep in de grond geboord. Het water in deze buis haalt de warmte uit de bodem. De Alpha Innotec WZSV 62K3M-warmtepomp zet deze warmte vervolgens om in warm cv- en tapwater. De warmtepomp voorziet de woning van een lagetemperatuurwarmte. De woning is daarom uitgerust met lagetemperatuurverwarming. De woning wordt met een CO2-gestuurde Renson afzuigunit geventileerd. Er is in deze woning dus geen warmteterugwinning uit ventilatielucht toegepast. De ventilatielucht wordt rechtstreeks naar buiten gebracht. De luchtwaterwarmtepomp op nummer 45c De warmte voor huisnummer 45c wordt met een Nefit Enviline 3kW luchtwaterwarmtepomp opgewekt. Deze haalt warmte uit de buitenlucht met behulp van een buitenunit in de tuin. Het systeem werkt met lagetemperatuurwarmte, daarom is de woning uitgerust met lagetemperatuur vloerverwarming. Het warm tapwater voor de woning wordt gemaakt met de Inventeum Optima 120L warmtepompboiler die ventilatielucht uit de woning gebruikt voor het opwarmen van water. Als de vraag naar warm water te hoog is, wordt de boiler elektrisch naverwarmd.

Installatie XL December 2018

33


Complete oplossing voor datanetwerk én installaties. Voor datanetwerken en gebouwgebonden installaties heeft HOMIJ een allesin-één oplossing. We installeren niet alleen de netwerkvoorzieningen zoals databekabeling, maar ook alle componenten en systemen die aan het netwerk komen te hangen. Eén integrale aanpak, die efficiency én veiligheid oplevert.

Het project Goede Doelen Loterijen heeft een nieuw kantoor in Amsterdam. Het bestaande pand is compleet gerenoveerd. De ruim 500 werknemers van de drie loterijen (Nationale Postcode Loterij, VriendenLoterij en BankGiro Loterij) komen in het vernieuwde pand te werken. Het ontwerp is van architectenbureau Benthem Crouwel, de bouw lag in handen van J.P. van Eesteren, HOMIJ realiseerde de gebouwgebonden installaties incl. datanetwerk.

Veilig en efficiënt

Cybersecurity Optimale bekabeling

Breeam-NL Outstanding Het gebouw is gerenoveerd volgens de laatste beoordelingsmethode van BreeamNL 2014. Alle eco-, milieu- en energiemaatregelen die genomen zijn, hebben geresulteerd in een Breeam-NL Outstanding certificering. Het betekent dat niet alleen het pand duurzaam is, maar ook het hele bouwproces en de bedrijfsvoering. Zo is er gekeken naar de reistijd van de werknemers, de luchtkwaliteit in het pand, wc’s doortrekken met regenwater, (her-) gebruik van duurzame materialen maar ook het betrekken van medewerkers bij het bouwproces.

Gecertificeerd


ZIEKENHUIS THEMA: RIOLERING / POMPEN Watervraag - Elektrisch - Legionellavrij

Energetisch efficiënt ziekenhuis in Groningen Aan de A7 bij Scheemda is afgelopen zomer het nieuwe ziekenhuis van de Ommelander Ziekenhuis Groep geopend. De nieuwbouw bestrijkt een oppervlakte van meer dan 36.000 m2 en herbergt zestig poliklinische spreek- en onderzoekkamers, 260 bedden en een hotfloor met zes operatiekamers, intensive care, spoedeisende hulp en radiologie. Voor elk van de gebouwen werd een installatieplan gemaakt dat rekening houdt met de specifieke behoeften van dat gebouw. Door Joop van Vlerken

Installatie XL December 2018

35


ZIEKENHUIS

“Centraal in de eisen van de opdrachtgever stond de healing environment. Dat betekent dat je een gezonde omgeving creëert voor patiënten zodat ze sneller beter worden. Daarvoor is veel daglichtintreding en een groene omgeving nodig.” Zo’n concept is prettig voor de patiënt maar stelt de installatie-adviseur wel voor uitdagingen, legt Mark Visser, adviseur bij Deerns, uit. “Er liggen bijvoorbeeld geen pv-panelen op het dak, omdat er patiënten op het dak uitkijken. Die zien liever een groen dak met mossedum dan een rij zonnepanelen. De keuze om geen zonnepanelen te plaatsen was hier dus puur een esthetische kwestie. We hebben het opgelost door zonnecollectoren in de ramen te gebruiken, zodat we toch nog zonne-energie kunnen gebruiken. Het rendement daarvan is wel een stuk lager.”

Ontwerpfase Het Ommelander Ziekenhuis Groningen (OZG) is op dertig juni in gebruik genomen, terwijl de ontwerpfase startte op vijftien maart 2013. Dat is een zeer korte doorlooptijd, legt Robbin Leeuwenkamp van Leeuwenkamp Architecten uit. “Voor we begonnen was hier nog een weiland. Dus eerst moest de bestemming gewijzigd worden en de omgevingsvergunning aangevraagd. Na het ontwerp is de bouw in januari 2016 begonnen. Iets meer dan twee jaar later hebben we het gebouw opgeleverd.” De ontwerpfase van het gebouw was bijzonder, legt Leeuwenkamp uit. “De zorgorganisatie heeft ervoor gekozen geen bouwbureau op te richten, maar de volledige verantwoordelijkheid voor het ontwerp bij het ontwerpteam van Leeuwenkamp Architecten, Pieters Bouwtechniek en Deerns Nederland neer te leggen. Ze hebben ons de businesscase en het Plan van Eisen voorgelegd, zodat we daarmee aan de slag konden. OZG heeft echt de kracht neergelegd bij de partijen die er het meeste verstand van hebben. Wij hebben ze vervolgens de opties voorgelegd, zodat de organisatie de beste afweging kon maken.” Doordat de belangrijkste partijen al snel om tafel zaten, waren er bovendien weinig concessies in het ontwerp nodig,

Installatieontwerp voor een ziekenhuis is echt een aparte tak van sport

stelt Leeuwenkamp. “Deerns zat al vroeg in het ontwerpteam dus we konden al snel samen kijken hoe we bepaalde installatietechnische uitdagingen in het ontwerp konden inpassen.”

Energie-intensief Energieneutraliteit voor een ziekenhuis is nog een stap te ver, legt Visser uit. “Je hebt te maken met een zeer energie-intensief gebouw en een hoge aansluitcapaciteit door de grote hoeveelheid medische appa-

XL Installatiefeiten Opdrachtgever: Ommelander Ziekenhuis Groep Architecten: Leeuwenkamp Architecten Installatieontwerp- en advies en bouwfysica: Deerns

ratuur. Deze apparaten verbruiken veel stroom. Maar ook in de medische wereld wordt daaraan gewerkt. Ook medische apparatuur heeft een energielabel. Hierdoor is het verbruik in de afgelopen decennia afgenomen en kunnen nu drie mri-scanners draaien met hetzelfde verbruik als vroeger twee. Daarnaast drukken ook ventilatie en verlichting aanzienlijk op het verbruik.” Om toch slim naar het energieverbruik te kunnen kijken, was het bouwkundige ontwerp erg belangrijk, licht Leeuwenkamp toe. “Het OZG bestaat eigenlijk uit vijf gebouwen. Door in het ontwerp rekening te houden met de typologieën van die gebouwen, hebben we op een duurzame manier kunnen ontwerpen. We hebben bijvoorbeeld de poliklinieken en de kantoren bij elkaar gezet. Die hebben hun functie overdag, waardoor het gebouw na zeven uur ’s avonds ‘uit’ kan. De kliniek heeft een hoge watervraag dat om specifieke voorzieningen vraagt. Daar hebben we het installatieontwerp ook rekening mee gehouden door lokaal in de warmwaterbehoefte te voorzien met elektrische doorstroomtoestellen.”

Trias Energetica 2.0 Visser benadrukt de voordelen van elektrisch verwarmd tapwater in de kliniek. “Er is geen gas nodig voor het verwarmen van water en er zijn ook geen distributieverliezen. Bovendien is legionella geen factor, omdat we niet werken met boilers.” Het installatieconcept van het OZG is gebaseerd op de trias energetica 2.0., vertelt Visser. “Dit betekent dat we naast het beperken van de energievraag, het toepassen van

Hoofdaannemer: Dura Vermeer Installateur: Kropman Installatietechniek

hernieuwbare energie en het minimaal inzetten van fossiele energie ook de energieverliezen uit reststromen beperken. Zo wordt lucht alleen gebruikt voor ventilatie waardoor de luchthoeveelheden beperkt zijn. Warmte en koude worden door watergedragen systemen afgegeven. Hierdoor kunnen we de luchtbehandeling buiten bedrijfstijden afschakelen en kan er toch warmte en koude worden geleverd. Daarnaast winnen we warmte terug uit de ventilatielucht. We gebruiken nog wel gasketels om bepaalde pieken in de warmtevraag snel op te kunnen vangen.” Bijzonder is dat alle ledverlichtingsarmaturen in het Ommelander Ziekenhuis uitgerust zijn met Dali-drivers, vertelt Visser. “Hierdoor kunnen de armaturen met elkaar communiceren en kunnen lichtniveaus makkelijk aan de activiteit of doelgroep worden aangepast. Dat kan in de ruimtes zelf, maar ook op afstand.”

Specialisme Installatieontwerp voor een ziekenhuis is echt een aparte tak van sport, licht Visser toe. “Je hebt te maken met een uitzonderlijk gebouw van een hoge dichtheid en complexiteit. Er wordt hoogwaardige duurzame techniek toegepast, er is afstemming nodig met de gebruikers en producenten van de apparatuur en dan is er nog de ICT die erg complex is. Dat alles moet ook nog eens met een zeer hoge mate van betrouwbaarheid uitgevoerd worden in verband met de veiligheid. Dat heeft gevolgen voor de aanleg van de installaties en de instructie aan de gebruikers.

Installatie XL December 2018 2016

37


CANALIT SYSTEEM25 NU OOK IN HET ZWART  Een compleet plattebuissysteem met een uitscheurbare bodem voor het installeren van zo wel draad als kabel

Met een compleet assortiment hulpstukken  Altijd voorzien van folie op de deksel voor een schone oplevering zoals je van Canalit gewend bent

 Leverbaar in wit, crème, bruin & zwart

canalit.nl

KKI - KABELKANAAL MET INSTALLATIEMOGELIJKHEDEN  Lichtgewicht kunststof kabelkanaal  Dubbelwandig voor het kaarsrecht houden van lange

afstanden

 Accessoires voor het klikbaar inbouwen van wandcontactdozen of data-aansluitingen  Altijd per lengte verpakt en voorzien van plakfolie voor een schone oplevering  Verkrijgbaar in 130 x 70mm & 170 x 70mm

canalit.nl

DAT SCHIET OP! UNIVERSEEL SCHIETBARE KLEMBEUGEL  Stofvrij volgens de nieuwe norm Schroefbaar & schietbaar Geschikt voor 16 & 19 mm buis Uitbreidbaar & koppelbaar Leverbaar in grijs, crème & transparant Geschikt voor hout, beton & staal

Mepac.nl

De nieuwe generatie bundelband

40% MEER TREKKRACHT

MEER FLEXIBILITEIT

MINDER GEWICHT

Mepac.nl


ZIEKENHUIS

Alles moet bovendien blijvend getest worden, zodat de veiligheid gegarandeerd kan worden.” Volgens Visser is het ontwerpen van ziekenhuisinstallaties dan ook een specialisme. “Binnen ons bedrijf is het aparte afdeling, omdat bepaalde aspecten bijzonder zijn. Je hebt bijvoorbeeld te maken met medische gassen, dat is echt een nichemarkt. Er moeten in operatie- en patiëntenkamers afnamepunten beschikbaar zijn, zodat het gas op een veilige manier aan de patiënt kan worden toegediend. Een ander bijzonder aspect dat je weinig in andere gebouwen terugziet, is stoom. Dat wordt gebruikt voor de bevochtiging van speciale ruimtes, maar ook voor ontsmetting, reiniging en sterilisatie.”

Helder en overzichtelijk Het ontwerp van het OZG heeft veel voordelen opgeleverd, benadrukt Leeuwenkamp. “We hebben het gebouw van binnen naar buiten ontworpen. We zijn dus eerst gaan kijken naar de behoeftes en welke

processen op welke plekken plaats vinden. Vervolgens zijn we aan de slag gegaan met een helder en overzichtelijk ontwerp. Door rekening te houden met de dagelijkse praktijk kun je het gebouw zo inrichten dat patiënten weinig hinder ondervinden van logistieke processen. Bijvoorbeeld door een directe verbinding te maken van de spoedeisende hulp naar de operatiekamer. Maar ook door ervoor te zorgen dat de afvalstromen voor het personeel goed bereikbaar, maar voor de patiënten onzichtbaar zijn.” Deze integrale manier van ontwerpen levert bovendien pluspunten op het gebied van duurzaamheid op, vindt Leeuwenkamp. “Duurzaamheid is niet alleen energie. Je kunt bijvoorbeeld energiezuinige ledverlichting toepassen, maar je kunt er ook voor zorgen dat het licht niet aan hoeft door voldoende daglichtintreding. En je moet ook kijken naar materiaalgebruik en een gebouw zo ontwerpen dat het over twintig jaar nog prettig is om naar te kijken.”

Aardbevingsbestendig Omdat OZG Scheemda in Groningen ligt, was aardbevingbestendig bouwen een van de eisen van de opdrachtgever. Dat had niet alleen een bouwkundige, maar ook een installatietechnische impact, vertelt Visser. “Er zijn extra bevestigingen gemaakt voor de installaties, zodat ze niet zo snel losraken. Daarnaast zijn er in plaats van vaste leidingen op bepaalde plekken flexibele slangen ingezet”, besluit hij. Q

“Duurzaamheid is niet alleen energie’

Sedumdak van het Ommelander ziokenhuis.

In veel ruimten is energiezuinigie ledverlichting toegepast.

Er is goed nagedacht over voldoende daglichttoetreding.

Er moeten in operatie- en patiëntenkamers afnamepunten beschikbaar zij voor het toedienen van medische gassen.

Installatie XL December 2018

39


FLATGEBOUW Hoogtemperatuur - Tapwater - Warmtenet

Warmtepomp voor bestaande gebouwen zonder na-isolatie

TT80 - volgens Linthorst - een volwaardige vervanger voor cv-ketels van bijvoorbeeld blokverwarming in atgebouwen.

Installatiebedrijf Linthorst Techniek scoort met een hoogtemperatuur warmtepomp voor bestaande gebouwen. De zelf ontwikkelde warmtepomp TT80 kan zonder aanpassingen de cv-ketel bij blokverwarming vervangen. Twee atgebouwen in Leiden met vijfhonderd appartementen hebben de primeur. De burgemeester draaide zelf de gaskraan dicht. Door Richard Mooi

40

Installatie XL December 2018


FLATGEBOUW

Een warmtepomp moet toch eigenlijk aan een laagtemperatuurafgiftesysteem worden geknoopt? Pas dan is er een goed rendement, want bij temperaturen boven de 55 graden stort de COP toch in? Dat is de basisregel voor het goed functioneren van een warmtepomp en geldt eigenlijk nog steeds. Maar Linthorst Techniek heeft nu in eigen beheer een hoogtemperatuur warmtepomp ontwikkeld die voor grotere verwarmingsinstallaties de één op één vervanger voor de gasketel kan zijn. Een ontwikkeling die al in 2010 in gang is gezet, vertelt directeur Gijs Linthorst. “Je ziet dat de bouw erg op isoleren zit, maar dat heeft veel impact voor bewoners en voor relatief nieuwe gebouwen is het niet nodig. We zochten naar een warmtepomp die met hoog rendement, zodat je het bestaande afgiftesysteem kunt laten voor wat het is en in één keer naar elektrisch kunt overstappen.” In eerste instantie ging de eigen R&D-afdeling van Linthorst aan de slag met een warmtepomp die 68°C kon halen. Linthorst: “In het begin hebben we gefocust op tapwaterbereiding van 65 graden met een warmtepomp van 68 graden. Maar we halen nu al 80 graden. Het is heel hard gegaan de afgelopen jaren.” Op de website noemt Linthorst de warmtepomp nog steeds TT68, maar in het recente woningbouwproject in Leiden moet het apparaat eigenlijk TT80 heten, zegt Linthorst.

Meertraps Hoe werkt deze wonder-warmtepomp nu eigenlijk? Maken de technici van Linthorst gebruik van een afwijkend koudemiddel? Dat blijkt niet het geval. Het is eigenlijk een meertrapswarmtepomp die met verschillende circuits de watertemperatuur van een WKO-bron van 10°C opvijzelt naar 70 of 80 graden. “Het zijn andere schema’s, zowel hydraulisch als koudemiddeltechnisch.” Het koudemiddel R134a is daardoor bij een goede COP een hoge temperatuur te halen. Bij heel grote systemen wordt soms ammoniak toegepast. R290, propaan, dat volgens deskundigen energetisch gezien het beste koudemiddel voor warmtepompen is, vindt Linthorst niet geschikt. “Je zit in een gebouwde omgeving. Het luistert allemaal heel nauw. Propaan is heel brandbaar.” De crux van het hoge rendement zit ‘m in de deltaT tussen aanvoer- en retourtemperatuur. Bij een normaal warmtepompsysteem is de aanvoer maximaal 45°C, bij een retour van 35°. Dat verschil voert Linthorst fors op om toch een goede COP te kunnen halen. Bij 80°C aanvoer, wordt de installatie gedimensioneerd op 50°C retour. In sommige situaties zelfs 70/30°C. Dat vereist wel een nauwkeurige inregeling van de radiatoren.

TKI Topsectoren Als eerste zette Linthorst de TT68 in bij nieuwbouwhotels van Van der Valk waar een hoge temperatuur vereist is voor van het tapwatercirculatienet. Al snel kwamen ook bestaande gebouwen in beeld. Zoals twee flatgebouwen en woonzorgcentrum in Leiden. Twee warmtepompen, totaal 1,5 MW, zijn daar aan het

Al veertig jaar warmtepompervaring Dat een installatiebedrijf en niet een toeleverancier aan het ontwikkelen is gegaan, is vrij uniek. Maar als we in de geschiedenis duiken van Linthorst is het niet zo gek. Want wat blijkt? Al in 1980 trok vader Henk Linthorst met een energiewagen door Apeldoorn. In die aanhanger waren niet alleen de allereerste HR-ketels te bewonderen, maar ook toestel voor gebalanceerde ventilatie met warmteterugwinning, en een heuse warmtepomp. Een mooi compact blauwkleurig compact toestel. Een toestel van Waterkotte die Linthorst uit Duitsland importeerde, herinnert zoon Gijs Linthorst. Het denken in energiebesparing zit het bedrijf in de genen, vertelt hij. “In de oliecrisis (die in 1973 uitbrak, red.) werkte mijn vader voor Centraal Beheer en was hij verantwoordelijk voor de techniek in het vastgoed. Hij ontwikkelde warmteterugwinning uit een datacentrum die hij met een hoge temperatuur inbracht in de kantoren. In het midden na de oliecrisis is hij voor zichzelf begonnen met advisering in energiebesparing en het aanleggen van duurzame installaties. Voor woningen die niet op het gasnet aangesloten waren, importeerde hij een warmtepomp om elektrisch te kunnen verwarmen. De rode draad door het bedrijf is bezig zijn met techniek en concepten.” Bij Linthorst werkt een vast R&D-team van vier à vijf personen aan nieuwe ontwikkelingen zoals de TT-warmtepomp en KAT, een techniek om vette keukendampen zonder vervuiling door een warmtewiel te leiden. Linthorst techniek verkoopt de TT68/TT80 vooralsnog niet aan derden.

bestaande afgiftesysteem gekoppeld. Aan het gebouwen vonden geen bouwkundige aanpassingen plaats, zegt Linthorst. Een gasketel is blijven staan voor de winterse piekvraag. De nieuwe installatie vergde een investering van zo’n vijfduizend euro per woning, die de esco-dochter van Linthorst voor zijn rekening kwam. De installatie kwam in aanmerking voor demonstratiesubsidie van het TKI Topsectoren. “De HT-warmtepomp was in 2016 als eerste gerankt in de sector ‘Gebouwde Omgeving”, vertelt Linthorst. Ondanks het feit dat de energievraag van 25 GJ per woning is gelijk gebleven, zijn de energielasten voor de bewoners aanzienlijk gedaald. In de oude situatie betaalden de bewoners aan Nuon de maximale tarieven volgens de warmtewet. De energiedochter van Linthorst rekent met lagere vastrecht- en GJ-prijzen. Dat is mogelijk door de subsidie van TKI Topsectoren. “Dat is eenmalige geste”, verduidelijkt Linthorst. Voor vervolgprojecten in bestaande flatgebouwen is geen enkel potje beschikbaar. De warmtepompinstallatie in Leiden is gekoppeld aan een WKO. Omdat het gebouw in de zomer niet gekoeld kan worden (dat kan immers niet met bestaande radiatoren) brengen drycoolers warmte in de bodem zodat er geen onbalans ontstaan. Na de primeur in Leiden is Linthorst in meer bestaande projecten met de TT68/TT80 aan de slag gegaan. Om bewoners een zo laag mogelijke energierekening te bieden, zijn alle warmtepompinstallaties van Linthorst gekoppeld aan een smart grid. De warmtepompen draaien op bij een laagtarief op vol vermogen en de warmte wordt opgeslagen in grote buffers.

onderzoeken of de warmtepompen van Linthorst kunnen invoeden op het warmtenet. Een concreet voorbeeld daarvan is Wageningen dat door de overheid is aangewezen als proefproject voor het van aardgas losmaken van 450 woningen. “Het is een manier dat je snel van het gas af kunt zonder overlast in huizen.” Doordat via het warmtenet ook tapwater moet worden gemaakt, is een hoge aanvoertemperatuur noodzakelijk. “Als wij met een warmtepomp op 70/30°C draaien, doen we dat met een COP van 4. Dat haalt een individuele lucht/waterwarmtepomp niet.” Of al die projecten kiezen voor een all-electric warmtepomp, waagt Linthorst te betwijfelen. De nieuwe SDE+-regeling is erg gunstig voor warmtenetten met biomassa of afvalverbranding en de overheid strooit dan rijkelijk met subsidie. Voor een warmtenet met warmtepomp is helemaal geen overheidsbijdrage beschikbaar. “Voor de echte doorbraak van deze techniek is het noodzakelijk dat er een gelijk speelveld komt.” Q

Leidens burgemeester Henri Lenferink draait de gaskraan symbolisch dicht. Rechts directeur Gijs Linthorst van Linthorst Techniek.

Invoeden warmtenetten

XL Installatiefeiten

De laatste maanden merkt Linthorst van een ander front interesse voor de hoogtemperatuur warmtepomp, namelijk van (grootschalige) warmtenetten. Die hebben een minder goed imago doordat ze draaien op biomassa, vuilnis of restwarmte uit fossiele bronnen. Bij Linthorst hebben zich zo’n vijftien beheerders van (bestaande) stadsverwarmingsnetten gemeld. Ze

Opdrachtgever: VVE/woningcorporatie Warmtepomp: Warmtepompsysteem: TT80, totaal vermogen 1,5 MW HR-ketel: 1,5 MW (bestaand) Buffer ondergronds: 200 m3 WKO: Twee bronnen

Installatie XL December 2018

41


   ! 

 !  !  !  ! !! !! ! ! !!     ! ! !      

   (&('#!'&%"&""'% $ '#%!*%!  &,&'!""(&-# &)% '")%*%!" )"' '-#"*%"!(-""#) !%!'  %)%"'")"..""'% $ "' ##! #"'%# &-#0"$ '#%!'#'(-" '%*%""!'-#!#%' %) %" HIÀFLsQWHU6RQRV%RVH5HQVRQHQ9(/8;]LMQPDDU " * ''&!%"!#' ##&!'# #! #"'%# #$$ '""'% ("'""

&RQWURO1,%(HQ6PDSSHHODDWMHNODQWHQWRHRP -#) !# &'%##!)"("-#""$" "-  '%("'&#)##%'! (.")##% ("$#%'!#"""'!'##! #"'%#  %("- '%'')"("-#""$" " !+! *%!'*%!*'%#$#$ !#!"'"'%%'&-#"""%&%&

   

   6PDSSHHHQ1,%(NRSSHOHQ"(HQ6PDSSHH HQHUJLHPRQLWRUYHUELQGMHPHWKHWZLÀQHWZHUNLQ *#"""& ('!'&'%##! !!""" GHHOHNWULFLWHLWVNDVW$OOHZDUPWHSRPSHQPHW1,%( 8SOLQN]LMQFRPSDWLEHOPHW1LNR+RPH&RQWURO-H NRSSHOW1,%(PHW1LNR+RPH&RQWUROGRRUKHW ")( ")"%(%&"!"*'*##%#$ "&$ %)##%"%'$"# JHHQH[WUDKDUGZDUHQRGLJRP1,%(DDQWHVWXUHQ-H -' '#$$ ")"* ''&!%"&-/(%       





      0HWGHHQHUJLHPRQLWRUYDQ6PDSSHHHQ ZDUPWHSRPSHQYDQ1,%(EHVSDUHQMHNODQWHQRRN #$(""%)%%(##%'"%!#"'#%  ((%$% "$%*'"%)%%( !'-"-#$''#(&%")"##! #"'%# #("' '#&!%'$#"+'#)   '#&' "(&)%%('"-"'%' PHW1,%(NXQQHQ]HHURRNYRRU]RUJHQGDWKHW "%)%%()"*%!'$#!$)"' '# # %-# !#  '

   &''!  )"&'%##! #$*'!'-#""$" "'%() #'"%'  '%''&"' #!"')"##!

 

  


SPORTCAMPUS Klimaatneutraal - Luchtbehandeling - WKO

Elk shuttletje moet wel de goede kant op vliegen Nederland kan deze zomer een week lang genieten van maar liefst drie volleybaltoernooien op topniveau: het WK Zitvolleybal, de EK U20 en het EK Beachvolley. En alle ďŹ nales vinden plaats op Sportcampus Zuiderpark. Een uniek complex vol technisch vernuft, gerealiseerd door technisch dienstverlener Kuijpers in een bouwcombinatie met Ballast Nedam. Door Foka Kempenaar Beeld Arjen Schmitz

Het sportcomplex wordt verwarmd via WKO-bronnen, elk met een capaciteit van 120 m3/uur, gecombineerd met twee warmtepompen.

Installatie XL December 2018

43


SPORTCAMPUS

Duurzaamheid en CO2-neutraliteit waren belangrijke uitgangspunten bij de bouw van de nieuwe campus.

Het ‘Papendal van de Randstad’, zo wordt het Haagse complex nu al vaak aangeduid. Niet zo gek, gezien alle grote events die de Hofstad sinds de oplevering van de sportcampus in maart 2017 naar zich toe weet te trekken. De campus heeft een topsporthal waar circa 3.500 toeschouwers verdeeld over vier tribunes comfortabel van duels op wereldniveau kunnen genieten. Daarnaast zijn er twee breedtesporthallen, een hal voor beachvolleybal en -soccer, een turnhal en een danszaal. Maar dan zijn we er nog niet, want je vindt er bovendien een dojo, diverse gymzalen en de collegezalen en project- en onderzoeksruimten van de Haagse Hogeschool en ROC Mondriaan.

Klimaatneutraal Omdat de gemeente Den Haag de ambitie heeft om in 2040 klimaatneutraal te zijn, waren duurzaamheid en CO2-neutraliteit belangrijke uitgangspunten bij de bouw van de nieuwe campus. Bovendien moest het complex, dat door al zijn functies maar liefst zo’n 30.000 vierkante meters telt, voldoen aan de strenge normen van de NOC*NSF. Denk hierbij aan onder andere ventilatie, beveiliging en verlichting. Een flinke installatietechnische uitdaging dus. Volgens installatietechnisch projectleider Sander Vonk zat de uitdaging om te beginnen in de hoge plafonds - soms meer dan acht meter - en de enorme loze ruimtes daarboven. Als voorbeeld noemt hij de immense luchtkanalen bovenin het complex. “Die hebben een diameter van ongeveer twee bij twee meter. Zo groot dat je er doorheen kunt lopen.” Qua logistiek betekende dit dat deze voor het aanbrengen van het dak moesten worden gemonteerd,

inclusief de bedachte hulpconstructies. “We hebben alles er met een kraan in moeten hijsen, net als de ringleidingen voor de cv en het gekoeld water. Ook die hebben een behoorlijke diameter en bevinden zich heel hoog boven het verlaagde plafond.”

weer andere eisen gelden. Denk bijvoorbeeld aan een badmintonwedstrijd. Daarbij wil je niet dat je shuttletje de verkeerde kant op waait, en moet het systeem de roosters dus helemaal af kunnen sluiten.”

WKO in de bodem Bijzondere luchtbehandeling Om het C02-gehalte te kunnen controleren, in combinatie met de juiste vochtigheidsgraad en temperatuur, is ervoor gekozen om de grote hallen (topsporthal, breedtehallen, beachhal en turnhal) allemaal te voorzien van een eigen luchtbehandelingskast met frequentieregeling. Met CFD-simulatie heeft Kuijpers van tevoren in beeld gebracht hoe de luchtpatronen in het gebouw zich zouden verhouden. Daarbij was de selectie van de juiste roosters heel belangrijk. “Vooral in de zeer hoge topsporthal. Daar moet je terdege rekening houden met tocht en je realiseren dat er bij elk sportevent

Voor de verwarming van de diverse ruimten wordt gebruikt gemaakt van warmte- koudeopslag (WKO) in de bodem. “Bronnen die elk een capaciteit hebben van 120 m3/uur, gecombineerd met twee warmtepompen.” De cv-installatie is voorzien van een piekketel, mede gezien de omvang van het complex en de energetische eisen van de opdrachtgevers. Het hele complex wordt verwarmd via de vloer: door vloerverwarming, in combinatie met laag temperatuurverwarming (LTV) en hoog temperatuurkoeling (HTK). “Zo ondervang je de verticale temperatuurgradiënt en ontstaat er geen temperatuurgelaagdheid. De mensen bevinden zich immers op de eerste

XL Installatiefeiten Opdrachtgevers: Gemeente Den Haag, Haagse Hogeschool en ROC Mondriaan Ontwerp: FaulknerBrowns Architects Bouwkundige aannemer: Ballast Nedam W- en E-installaties: Kuijpers Installatieadviseur: Deerns

Belangrijkste componenten: Luchtbehandeling: Twaalf Luchtbehandelingskasten met frequentieregeling & warmteterugwinning. WKO: Twee WKO-bronnen in combinatie met twee warmtepompen, vloerverwarming en -koeling, zonnecellen en vacuümbuis zonnecollectoren. Sanitair:: Waterbesparend sanitair en automatisch spoelsysteem.

Installatie XL December 2018

45


   *  

 (# $ ( % %$% (#  (# '  (%     $ (%  ( % $    # &$ ! #$%&  (!"# # !!&((## &#%  $%"%% 

$ '$  %&&#%$%"#!&% '!!#'#(# ' %% !(# (

% !%!%!%  %(#& %  )!#!!$& %$" 

        

          

#


SPORTCAMPUS

paar meter; daarboven is de temperatuur van minder belang. En bovendien kun je door de grote oppervlakten met een lagere temperatuur uit de voeten.”

Sprinklers voor beachvolleybal Een van de meest opmerkelijke zalen in het gebouw is de indoor beachhal. In Nederland de enige in zijn soort. Vonk: “Ook daaronder zit vloerverwarming, met er bovenop een speciaal zandpakket van een 0,5 meter dikte. Op de wanden is een beregeningsinstallatie bevestigd, die ervoor zorgt dat het zand in de juiste conditie blijft.” Een methode die is afgekeken van de paardenbakken in de hippische wereld. De gelijkmatige bevochtiging is noodzakelijk voor optimale spelcondities, maar ook om te voorkomen dat het zand gaat verstuiven en zich door het gehele pand verspreid. Na gebruik van de beachhal kunnen de spelers douchen met water dat op temperatuur wordt gebracht door vacuümbuis zonnecollectoren. Deze zijn op het dak gemonteerd, naast maar liefst duizend zonnepanelen van elk 250 wp. De zonne-energie wordt vervolgens omgevormd via dertien omvormers die aan een monitoringssysteem zijn gekoppeld.

Het dak is bovendien waterbesparend gemaakt, doordat het voor meer dan de helft (bijna 16.000 m²) is bedekt met een mossedumvegetatie. “En ook het sanitair in dit complex is waterbesparend. Daarbij zijn de vele douches voorzien van warmteterugwinning en beveiligd tegen legionella met een automatisch

De indoor beachhal heeft vloerverwarming met er bovenop een zandpakket van een 0,5 meter dikte spoelsysteem. Dat treedt in werking zodra het alarm van het complex is aangeschakeld.”

RWA-installatie Voor de beveiliging zijn er trouwens in het complex nog veel meer maatregelen getroffen. Een van opvallendste is volgens Vonk de RWA-installatie. “Normaal gesproken beveilig je grotere gebouwen met een

brandmeldinstallatie. Maar vanwege het grote aantal gebruikers en de hoogte van de ruimten in dit complex, is er hier gekozen voor grote ventilatoren op het dak gecombineerd met gevelroosters. Deze gaan bij brand automatisch open en zorgen er in combinatie met een afzuiginstallatie voor dat vluchtwegen langer vrij blijven van rook.” Qua verlichting bood dit project ook de nodige uitdaging. Want alleen al voor een topsporthal van dit formaat heb je licht nodig met de functionaliteit en capaciteit van stadionlicht. Toen het complex werd ontworpen, waren er echter nog geen led-armaturen die dat konden bieden. Met hulp van Philips zijn deze vervolgens speciaal voor de sportcampus ontwikkeld. Vonk: “Met de verlichting die er nu hangt kan elk punt van het veld apart worden uitgelicht.” Bovendien kan de verlichtingssterkte op het speelveld worden aangepast, van 300 naar 500 of 700 lux tot zelfs 1.500 lux. En er is vrijwel geen sprake van hinderlijke schaduwwerking, laat staan van verblinding. Dus naast het feit dat je shuttletje niet wegwaait, zie je het als het goed is ook nog eens uitstekend aankomen. Q

De verlichtingssterkte op het speelveld kan worden aangepast, van 300 naar 500 of 700 lux tot zelfs 1.500 lux.

Installatie XL December 2018

47


A winning team

HRC ECOMAX BALANSVENTILATIE MET WARMTETERUGWINNING  Hoogste EPG winst in Uniec 2  Tot 99,7% thermisch rendement  Energieklasse A+  100% modulerende bypass  V  raaggestuurde regeling tot 1% nauwkeurig  Standaard geschikt voor RF-bediening

T. +31 (0)318 544 700 www.orcon.nl


De toekomst van wonen is all-electric, zonder gas, met een minimaal energieverbruik en een maximaal comfort. .FU IFU CBMBOTWFOUJMBUJFTZTUFFN WBO 0SDPO FO EF XBSNUFQPNQFO WBO 'VKJUTV "UMBOUJD LVOU V EJU JO FFO IBOEPNESBBJ CFXFSLTUFMMJHFO 4BNFO bereiken XJK JNNFST ongeëvenaarde resultatenPQIFUHFCJFEWBOUIFSNJTDISFOEFNFOUFO&1$

Tot

€ 2.300

ISDE subsidie

ALFEA LUCHT-WATER WARMTEPOMP EPC 0,31 zonder pv-panelen 2000 à 3000 kg/j minder CO2-uitstoot Energieklasse A++ voor verwarming (35°C) COP tot 4,52 Coaxiale warmtewisselaar Ook koeling mogelijk Bedienbaar via smartphone

T: +31 (0)318 544 670 www.fujitsuclimate.nl


KENNISCENTRUM VRF - Ventilatie - Energieneutraal

Innovatief innovatiecentrum

Voorzijde van Biosintrum.

Een watervoerend VRF-systeem vormt het kloppend hart van het innovatiecentrum Biosintrum in het Friese Oosterwolde. Energiezuinig en milieuvriendelijke door de geringe hoeveelheid koudemiddel. En zie daar: Breeam-label Outstanding. Door Richard Mooi

50

Installatie XL December 2018


KENNISCENTRUM

Het is een bijzonder gebouw in Oosterwolde, de hoofdplaats van de Friese grensgemeente Ooststellingwerf, bij velen bekend om het Drents-Friese Wold en het toeristische Appelscha. Maar wellicht binnenkort ook door het op de ‘biobased economy’ gebaseerde gebouw Biosintrum als kenniscentrum voor het ecologisch bedrijventerrein Ecomunitypark. Het innovatiecentrum is een initiatief van de gemeente en een plaatselijk ondernemer. Het wordt een multifunctioneel gebouw met kantoren, leslokalen, restaurant en theaterzaal. Het gebouw zelf moest zo duurzaam mogelijk worden, Breeam Outstanding, en zo goed als volledig recyclebaar. Dat betekent weinig beton, en veel hout. Al in het ontwerpteam nam directeur Edwin Walstra van installatiebedrijf Bakker een prominente rol. De gemeente vroeg lokale ondernemers om mee te denken bij de totstandkoming van een recyclebaar innovatief gebouw. Tja wat doe je dan als installatiebedrijf met de leuze ‘uw meedenkend installateur’ op de internetsite? Dan pak je de telefoon en bel je de gemeente. Walstra: “Als het zover is, wil ik graag meedenken. Mag dat?” En ja dat mocht. Sterker nog, installatiebedrijf Bakker nam het complete werktuigbouwkundige- en elektrotechnische concept op zich. Geen dure adviseur uit de grote stad, geen lijvige haal-

Installatiebedrijf gespecialiseerd in banenrijpkasten Installatiebedrijf Bakker (opgericht in 1903) staat sinds 2003 onder leiding van Edwin Walstra. Hij nam het Zuid-Friese bedrijf op dertigjarige leeftijd over. In 2007 lijfde Bakker elektrotechnische installateur Jitze Hofstra in en daarmee werd het een totaalinstallatiebedrijf. In 2012 nam Bakker de failliete Koelgroep Dorenbos over. In afgeslankte vorm verhuisde het koeltechnische installatiebedrijf via Groningen, destijds een blikvanger langs de A28 bij Assen, naar Oosterwolde onder de naam Cooling Service Holland. Het specialisme, banenrijpkasten, wordt sindsdien verder uitgebouwd. Sinds 1 januari 2018 is het Asser bedrijf TCB, leverancier van Warmte afleverset over. TCB werkt aan een compacte binnenopstelling genaamd ‘de Monotec’, geschikt voor alle soorten en merken warmtepompen. Totaal werken er in de groep 65 mensen.

‘Als het zover is, wil ik graag meedenken. Mag dat?’

baarheidsonderzoeken, maar de lokale installateur sleutelde een complete, zuinige installatie in elkaar dat mede bijdraagt aan de hoogst mogelijke Breeamscore, Outstanding dus. Natuurlijk ook in combinatie met hoge Rc-waardes, triple glas en zoveel mogelijk natuurlijke materialen die herbruikbaar zijn.

Koudemiddel Dat laatste was geen gemakkelijk zoektocht, herinnert Walstra zich. Voor installatiematerialen lukte dat grotendeels. Kunststofleidingsystemen (van Rehau) of PVC-afvoerbuizen (van Dyka) met recyclegarantie zijn al gangbaar, compleet met certificaat. Staal als basismateriaal voor luchtkanalen is ook prima te recyclen. Daar waar niets voorhanden is, zijn normale installatiematerialen gebruikt. Voor het kloppend hart koos Walstra voor een ‘watervoerend VRF-systeem’. Een ‘echt’ VRF-systeem vond hij niet passen in het concept duurzaam/biobased. Bij een lekkage ontsnapt uit een VRF-systeem al het koudemiddel. En in het voorbeeld van Oosterwolde zou het om zo’n veertig kg gaan. Het gebruikelijke R410a kent een hoog GWP-getal, dat aangeeft hoe sterk milieubelastend het middel is. Europa wil daarom het gebruik van synthetische koudemiddelen en heeft een quoteringsregeling bedacht. In 2030 mag nog maar zo’n dertig procent van de huidige hoeveelheid HCK-koudemiddel

XL Installatiefeiten Opdrachtgever: : Gemeente Ooststellingwerf Architect: Paul de Ruiter E- en W-installaties: Installatiebedrijf Bakker BV Bouwdirectie: 4TheCity Aannemer: Natuurlijk Bouwen Bouwdirectie: 4TheCity PV-panelen: 120 stuks 360 Wp

Bouwkosten: 3,5 miljoen euro Warmtepomp: Coolmark 68 kW Afgiftesysteem: Fancoil-units Coolmark Triple Aqua Luchtbehandelingskasten: Nordair 8460 m3/h Bouwkosten: 3,5 miljoen euro

Installatie XL December 2018

51


NIEUW

De elektrische woonhuisinstallatie Nu en in de toekomst De verduurzaming van het woningbestand is een belangrijk thema. Zowel voor nieuwe woningen waar al een norm ligt voor de energieprestatie, als voor de verduurzaming van het bestaande woningbestand, ligt de lat hoog.

Het boek De elektrische woonhuisinstallatie - Nu en in de toekomst geeft u een overzicht van de eisen die worden gesteld aan een woonhuisinstallatie op dit moment en in de toekomst.

Het boek gaat in op de classificaties van onder andere: de “All-electric” woning, “nul-energie” en de “autonome” woning.

In het boek vindt u alles over: Q

Comfort in en rondom de woning

Q

Benodigde basiskennis en basisvoorzieningen

Q

Veiligheid in en rondom de woning

Q

De (toekomstige) energievoorziening in een woning

Q

Nieuwe apparatuur en toepassingen in de woning

Q

Slimme meet- en schakeltechnieken

Auteur: Prof. dr. ir. J.F.G. (Sjef ) Cobben

Deze uitgave is bedoeld voor iedereen die betrokken is bij de bouw en het ontwerp van woonhuizen.

Bestellen of meer informatie: Ga naar www.vakmedianetshop.nl/woonhuisinstallatie of bel (088) 58 40 888.

Prijs: € 49,95 excl. btw ISBN: 9789492610027 108 pagina’s


KENNISCENTRUM

worden gebruikt. Dat drijft langzaam maar zeker de prijs op. “Die gaat straks sky high”, voorspelt Walstra.

Warmte-uitwisseling De technische installatie dus. Dat wordt een volledig op lucht gebaseerd verwarming- en koelsysteem. Een VRF-systeem, legt Walstra uit, maar dan anders. “Een

’We gebruiken een VRFsysteem, maar dan anders’

watervoerend VRF-systeem, zonder koudemiddel in het gebouw.” Een VRF-systeem heeft als kenmerken een goede regelbaarheid op ruimteniveau en warmte-uitwisseling tussen ruimtes onderling. Kantoren op de zonzijde kunnen ’s winter al behoefte krijgen aan koeling,

terwijl werkruimtes op het noorden de verwarming nog uitbundig moet branden. Bij een VRF-systeem waar koudemiddel naar de afgifte-units in het gebouw stroomt, is warmte-uitwisseling gemakkelijk te realiseren. Maar ja, er is altijd veel koudemiddel nodig. Fabrikanten van VRF-systemen zoeken naarstig naar alternatieven. Coolmark heeft een goede oplossing, zegt Walstra. Al twee jaar geleden plaatste hij het TripeAqua-systeem principe, een water/waterwarmtepomp die is gekoppeld aan een driepijps-distributienet in het gebouw met fancoilunits aan het plafond. “Als eerste in Europa.” Watervoerend, dus alleen in de warmtepomp zit een beperkte hoeveelheid koudemiddel. Dankzij het driepijps-systeem is tegelijkertijd koelen en verwarmen mogelijk. “Onafhankelijk van elkaar, net als bij VRF.” De plafondcassettes zijn vervangen door fancoilunits. Door de lage watertemperaturen is het een energiezuinig warmtepompsysteem. Walstra verving de lucht/water-warmtepomp uit TripleAqua door een bodemwarmtepomp. De bron heeft in de winter een hogere temperatuur, dus beter rendement. Bovendien is de koeling passief. Die gaat buiten de compressor

om. Koud bodemwater wordt direct uit de 175 met diepte bronnen getapt. Met het complete ontwerp volgde de fase van realisatie. Het was geen automatisme dat Bakker ook de installateur zou worden, maar het bedrijf rolde als winnaar door de prijsvorming. En sinds dit voorjaar wordt er met man en macht gewerkt aan het gebouw, zo bleek tijdens ons bezoek in oktober. De fancoilunits hangen al, de driepijpen zijn duidelijk zichtbaar. De eerste ventilatiekanalen zijn aan de fancoilunit gekoppeld. Die verse lucht wordt bijgemengd met recirculatielucht die de fancoilunit uit de ruimte aanzuigt om zo te verwarmen of te koelen. Via een luchtrooster komt die luchtstroom in de vertrekken terecht. Als afzuiging is een gaatjesplafond onder de fancoilunit gemonteerd. De ventilatie is voorzien van een CO2sensor per ruimte.

Ventilatie Het gebouw kende nog een uitdaging: de ventilatievoorziening. De drie gebruiksfuncties stellen het ventilatiesysteem op de proef. In de werkruimtes met lage bezetting is niet zoveel aan de hand. Bij de leslo-

Dankzij het driepijps-systeem is tegelijkertijd koelen en verwarmen mogelijk in het Biosintrum.

Installatie XL December 2018

53


    ( 

!$ " "' !!"!! !%"%"! #! ! "# %    "!!"!"#$  !"$"! $!# ! !" ""!"!&!"!!"$#" !""#"!"%%" $"#% "$ !%** #"

 

           

          


KENNISCENTRUM

De luchtkanalen komen uit in de technische ruimte.

kalen met een hoge bezettingsgraad komen al meer luchthoeveelheden om de hoek kijken. Helemaal lastig is de congreszaal met sterk wisselende bezetting. Het ene moment zit er geen kip, korte tijd later kunnen er opeens 110 ijverig CO2-uitstotende congresgangers naar binnen stuiven. De luchtbehandelingskast (met warmtewiel) is berekend op de maximale ventilatiehoeveelheden. Tijdelijk knijpen van de luchttoevoer omdat er een CO2-piek in de collegezaal weggewerkt moet worden (max 5.600 m3/h), is een mogelijkheid om de hoeveelheid lucht in te perken. Daar is niet voor gekozen, verduidelijkt Walstra. Dat levert strafpunten op in Breeam, dat juist hoge eisen stelt aan frisse lucht voor de gebruikers. Nog een las-

tig dingetje om te tackelen. in de collegezaal wordt de ventilatielucht gescheiden ingeblazen, en niet zoals in de kantoren via de fancoilunits van het klimaatsysteem. Dat laatste heeft als voordeel dat de ventilatielucht niet gekoeld of naverwarmd hoeft te worden. De ventilatielucht in de collegezaal naar de fancoilunits aan het plafond brengen zou een enorme spaghetti van luchtkanalen opleveren. En dat terwijl de technische ruimte met luchtbehandelingskast onder de oplopende tribune is gesitueerd. Appeltje-eitje om de ventilatielucht vanuit de technische ruimte van achter de collegebanken in te blazen. Een plenum zorgt voor zo’n goede verspreiding van de ventilatielucht die met lage snelheid in de collegezaal terecht komt. “Verdrin-

gingsventilatie.” Om tochtklachten te vermijden moet de lucht wel voorverwarmd worden.

Energieneutraal De ontwerpeis was een volledig energieneutraal gebouw wat betreft de gebouwgebonden installaties. En vijftig procent voor de niet-gebouwgebonden apparaten. Daartoe zou het dak volgelegd worden met pv-panelen met een vermogen van 280 Wp. Door panelen met een hogere opbrengt te plaatsen (360 Wp) bleek alle energie op jaarbasis te compenseren. “Met een kleine extra moeite zijn we nu honderd procent energieneutraal.” Q

Installatie XL December 2018

55


 (  ( '(  !!!( $( ( !!( "!( #(  ( # ( !( ( (((!((#("" &( % !( $/0( 0"&)0 0'0 0 %*,0**' /#0$'&'% )$0+%%'0%0,%$$%*,0$0!"$0 RQFIFQBFQ • -LH• J>HBK• TB• DB@BOQFȳ@BBOAB• ?BOBHBKFKDBK• +%%'0 %#%$$0 ,'#)&%#&(.()#$0 (%0 FP• /*•  • DB@BOQFȳ@BBOA• BK• FKDBP@EOBSBK• FK• AB• )$!0 %#0 +$0 0 %+'0 $(0  

 !!""!( 0)0'!$0%&"$$0%#0 0 +!!$$(0)0+''%)$0/%"(00 0'%$%$$0 ,'#)&%#&$0 0 0 "*),)','#)&%# &$0$0$0(($0%&"$0+%%'0'%$)%$$0$0 ,'#)&%#&$0)00()0 0)0%$(0 (( ( !"0"0 '$"$0$0-&'$0$)'0#)0**' /#0$'&'%*)$0+%%'0!"$)$0(0$0)0,0'0 "0  $0 0 /%!'(0 %$)+$$0 $ 0 '0 $%'#)0 %+'0 )0 0 ( %0  ( ( ( !" 0#0$0%$))0%&0#)0 ( ( #(0%0#"0$'0! $ 


HOTEL THEMA: RIOLERING / POMPEN Gevel - Room Control Box - Biomassa

Het gevelsysteem is zo ontworpen dat de positie van de 1638 afzonderlijk beweegbare gevelpanelen reageert op de gewenste kamertemperatuur en het buitenklimaat.

Gesloten kringlopen in QO Amsterdam

Energie besparen met slimme gevel Duurzaamheid speelt een belangrijke rol in het hotel QO Amsterdam. Door een innovatief gevelsysteem wordt veel energie bespaard. Daarnaast worden in het hotel zoveel mogelijk kringlopen gesloten. Dat zie je terug in de kas op het dak waar de groenten, kruiden en zelfs de vis voor de keuken van het restaurant worden gekweekt. Daarnaast wordt ingezamelde bio-olie gebruikt voor een bio-wkk die het hotel van elektriciteit en warmte voorziet. Een wko zorgt voor aanvullende warmte- en koudebehoefte voor de gasten van het luxe hotel. Door Joop van Vlerken Beeld Ronald Tilleman

Installatie XL December 2018

57


HOTEL

Zo wordt ook nog eens 65 procent op verwarming bespaard. Mulder: “Bovendien is het gebouw zo ontworpen dat de lichtinval ook de gangen voor een groot gedeelte van de dag verlicht, zodat we ook hier energie besparen.” Om het gebouw energieneutraal te maken was zonne-energie geen optie, vertelt de architect. “We hebben de mogelijkheden van zonne-energie op de gevel wel onderzocht, maar het rendement daarvan was op deze plek zo laag dat het de investering niet rechtvaardigde. En ook op het dak leverde zonne-energie amper iets op, omdat het een gebouw met een beperkt grondoppervlak van grote hoogte is.”

Algoritme

Het gebouw beschikt over een eigen kas op het dak waarin verse kruiden en groenten worden gekweekt.

Aan de basis van het gevelsysteem ligt een algoritme, legt de Vaan uit. “Elke ruimte heeft zijn room control box, dat het klimaat regelt. Dit systeem bepaalt wat de beste stand van de gevelpanelen is. Als de gast de kamer verlaat, wordt het systeem zo ingesteld dat er in de kamer geen energie meer wordt gebruikt. Doordat we niet vierentwintig uur per dag de kamers op temperatuur hoeven houden, maar alleen als de gast op de kamer is, besparen we heel veel energie.” Andre Praat, projectleider van Croonwolter&dros, legt uit hoe de room control box werkt. “Iedere kamer heeft zijn eigen box die data verzamelt over aanwezigheid, verlichting, klimaat, of de televisie aan of uit staat en of de douche is gebruikt. Deze data gebruiken we om de gasten een zo optimaal mogelijke beleving te kunnen geven.”

Slimme unit “Een gemiddelde gast in een groot hotel is maar dertig procent van de dag op zijn kamer en het grootste deel valt in de avond en nacht. Maar de kamers worden in alle hotels ter wereld wel vierentwintig uur per dag op temperatuur gehouden. Dat wilden we tackelen. Daarom hebben we voor het QO een gevel ontworpen die beweegt. Als de gast niet aanwezig is op zijn kamer, kunnen de geïsoleerde gevelpanelen gesloten worden, komt er geen zonnestraling de kamer in en blijft de warmte zoveel mogelijk binnen. Op het moment dat de gast wel in de kamer is, wordt het klimaat aangepast en de gevel zo nodig geopend.” De mogelijkheid om de gevel open en dicht te maken op basis van de aanwezigheid van gasten, is een van de bijzonderste aspecten van het QO, vertelt Robert Mulder, directeur van Mulderblauw architecten. Hij

ontwierp het hotel samen met Paul de Ruiter van Paul de Ruiter Architects. Het gevelsysteem is zo ontworpen dat de positie van de 1638 afzonderlijk beweegbare gevelpanelen reageert op de gewenste kamertemperatuur en het buitenklimaat.

Energiebalans Het bijzondere gevelsysteem zorgt voor een afzonderlijke energiebalans op elke kamer, vertelt Christa de Vaan, projectmaner bij Arup. “Omdat de gevel van het gebouw voor een groot deel uit glas bestaat is het risico van oververhitting namelijk significant. De beweegbare gevel neemt dit nadeel op een bijzonder efficiënte manier weg.” In de winter is er juist weer de mogelijkheid om de gevel open te laten om het gebouw met behulp van zonlicht op te warmen.

XL Installatiefeiten Opdrachtgever: Amstelside BV, Amsterdam Architecten: Mulderblauw Architecten en Paul de Ruiter Architects Interieurarchitecten: Tank en Conran & Partners Installateur: Croonwolter&dros Adviseur duurzaamheid, installaties en brandveiligheid: Arup Aannemer: J.P. van Eesteren

58

Installatie XL December 2018

Praat vertelt dat elk apparaat in de kamer op de box is aangesloten, waardoor alle devices met hetzelfde platform slim worden gemaakt. “Elk apparaat op zich is niet smart, maar doordat ze slim aangestuurd worden door de room control box zijn ze dat wel. Door de aansturing met één apparaat is er bij problemen ook makkelijk service te verlenen. We kunnen vanuit een cassette in de schacht de box vervangen of resetten.” Door de room control box is elke hotelkamer zijn eigen slimme unit binnen het 288 kamers tellende hotel. Praat: “Als een gast incheckt, wordt het klimaat van de kamer al naar een comfortabel niveau gebracht. Vervolgens ontgrendelt de gast de kamer via de kaartlezer en treedt het welkomstscenario in werking. Hij wordt als het ware welkom geheten door de openschuivende gevelpanelen. De verlichting gaat naar een aangename stand en de klimaatregeling detecteert de gast in de kamer en past zich aan.”

Kringlopen Toegepaste producten WKO Installatie: monobron, 35 m3/h Warmtepomp: Carrier, 30HX Koelmachine: Carrier, 30WG Bio-WKK: ecoGEN75SH Luchtbehandelingskasten: Trox, X-cube Droge koelers: Droge koelers: Cabero, type GCDS

QO Amsterdam is een van de duurzaamste hotels van Europa en doet er volgens Mulder alles aan om de kringlopen te sluiten. Zo beschikt het gebouw over een eigen kas op het dak waarin verse kruiden en groenten worden gekweekt. Daarnaast wordt in de kas ook vis gekweekt waarvoor het hotel samenwerkt met de Universiteit van Wageningen. In totaal herbergt het 21 verdiepingen tellende hotel 288 kamers, waaronder twaalf suites en nog eens 482m2 meter aan evenementen- en vergaderruimte. Op de 21e verdieping is een rooftopbar gevestigd. De hoge duurzaamheidsdoelstellingen mogen in


            

alles l? nog hee

Tuurlijk! Die installateurs weten echt wel wat ze met ons aan moeten!

             $!"(&!%""#)$+ !" !$%""$"(! #!!$ &'$!($ "!%)&!! #!!$ &'$!#$&&)"$!!+ !%($!&)""$$*! ($#&"!"$ )&&

 !"$ !*'!&'+$&%!($!&)""$&!("$! $!"$ &)*!%""#$(!

  !""$  !" "  "  #"  

"&%"" !$ $ % $"" ! "  &#"$%""# $ "  $# " #" !

            '&'!&&! &$! (""$ $!"$ &"#&$!! "##$"'!&! #"$&'$%! !


‘SMART BUILDING VRAAGT OM FLEXIBEL EN OPEN GEBOUWBEHEERSYSTEEM’ In de woningbouw wordt het al heel normaal: door temperaturen, verlichting en zonwering variabel en persoonlijk in te regelen en te bedienen, wordt voor iedere bewoner een optimaal binnenklimaat bereikt. Een trend die we anno 2018 ook steeds meer zien in de utiliteitsmarkt, waar Smart Buildings sterk in opkomst zijn. “Waar gebouwbeheersystemen tot voor kort eenmalig en statisch werden ingeregeld, op basis van de gewenste specificaties, groeit vandaag de dag de vraag naar flexibele systemen én slimme sensoren die anticiperen op de gebouwgebruikers, het milieu en de Internet of Things (IoT) ontwikkelingen”, vertelt Rolf Huijssen, Algemeen Directeur van Webeasy BV. “Om hier optimaal invulling aan te geven, zijn open systemen die alle ICT-technieken kunnen adapteren, onontbeerlijk. Eisen waaraan de systemen van Webeasy perfect voldoen. Aan de basis van onze systemen ligt steevast een hardwareonafhankelijk besturingsplatform, dat is ontwikkeld in de Verenigde Staten en is voorbereid op huidige én toekomstige IoT-ontwikkelingen.” Aan het systeem kunnen eenvoudig gebouwapplicaties worden toegevoegd, vertelt hij. “Denk bijvoorbeeld aan applicaties voor de klimaatregeling, cv-ketel, warmtepompen, WKO-bronnen, verlichting, zonwering en beveiliging. De modulaire opbouw maakt ons systeem niet alleen zeer flexibel, maar ook geschikt voor elk project. Ongeacht de omvang.” Extra flexibiliteit wordt bereikt doordat de Webeasy software niet alleen op een regelaar in de technische ruimte maar ook op de centrale computerserver (VMware) kan draaien, vertelt Huijssen. “Hierdoor kunnen niet alleen IoT-ontwikkelingen nóg eenvoudiger geïntegreerd worden, maar worden ook het beheer en onderhoud van het gebouwbeheersysteem aanzienlijk vereenvoudigd. Geen overbodige luxe in een tijd dat gebouwbeheersystemen snel verouderen omdat er steeds meer gevraagd wordt van een gebouwbeheersysteem doordat de gebruiker invloed uit kan oefenen op het gebouwbeheersysteem dankzij allerlei IoT toepassingen.” Voor de toekomst verwacht hij dat steeds vaker voor Software as a service (Saas) oplossingen wordt gekozen, waarbij gebruikers een vaste maandelijkse vergoeding betalen. “In ruil hiervoor zorgen wij ervoor dat systemen continu up-to-date zijn en beschikken over de nieuwste functionaliteiten en security-patches.” Ook verwacht Huijssen dat cloud-oplossingen een vlucht zullen nemen. “Ook hier is Webeasy op voorbereid. In de toekomst zullen wij steeds meer diensten in de cloud beschikbaar maken. Denk bijvoorbeeld aan de gebouwrapportages, waarmee gebouweigenaren, beheerders en facility managers 24/7 eenvoudig – ook op afstand – de gebouwprestaties kunnen inzien, analyseren en beheren. Zodat niet alleen energieverbruik en CO2-uitstoot tot een minimum worden beperkt, maar ook het werkcomfort wordt verhoogd, het een gezond gebouw wordt én blijvend aan de normeringen (energielabels, BREEAM) wordt voldaan.” Met de Webeasy systemen kunnen activiteiten, verbruik én afwijkingen eenvoudig en snel inzichtelijk worden gemaakt, op basis waarvan de gebouwtechniek proactief geoptimaliseerd kan worden. Voor de bouw & installatiebranche biedt dit kansen. In plaats van projectmatig een gebouw ontwikkelen, neerzetten en opleveren kan nu een langdurige relatie aangegaan worden met de gebouweigenaar of gebruiker tijdens de exploitatie van een gebouw. De bouw & installatiebranche kan allerlei diensten aanbieden om hun klanten te ontzorgen door als “digitale gebouw & installatie beheerder” op te treden. Denk bijv. aan het gebouw adaptief te maken op bezettingsgraden per afdeling, verdieping of bouwdeel. Benieuwd wat Webeasy voor uw gebouw kan betekenen?

www.webeasy.nl


HOTEL

het hotel niet ten koste gaan van het comfort van de gasten, benadrukt Mulder. “Daar doen we absoluut geen concessies in. We willen waanzinnig presteren op het gebied van energiebesparing en duurzaamheid, maar de klant moet er niks van merken tenzij hij er zelf meer over wil weten.” Het sluiten van zoveel mogelijk kringlopen op het gebied van energie, water, afval en materiaalgebruik is een van de speerpunten van het hotel. Grijs water wordt bijvoorbeeld gebruikt voor het spoelen van de toiletten en regenwater wordt ingezet voor irrigatie van de kas op het dak. Het hotel wordt waarschijnlijk beloond met het LEED platinum-certificaat, maar moet daarvoor moest wel aan strenge eisen voldoen. Zo is minimaal twintig procent van de materialen afkomstig uit recyclebare grondstoffen. Ruim vijftig procent van de grondstoffen is binnen een actieradius van achthonderd kilometer betrokken en er zijn bij de bouw geen vluchtige organische stoffen zoals purschuim of lijm gebruikt.

Bio-olie Om te kunnen voldoen aan de strenge duurzaamheidseisen van de opdrachtgever, wordt in het hotel elektriciteit gewonnen uit biomassa.

Lokaal ingezamelde bio-olie gaat naar de wkk

Deze elektriciteit wordt geproduceerd uit een lokaal beschikbare afvalstroom; gerecyclede bio-olie. De Vaan: “We wilden zoveel mogelijk kringlopen sluiten. Dat hebben we onder meer gedaan door lokaal ingezamelde bio-olie te gebruiken in een wkk. Met de energie die daaruit ontstaat, maken we warm tapwater en elektra die we weer in het gebouw gebruiken.” Het hotel heeft dan ook geen gasaansluiting, vertelt De Vaan. “Voor koeling en lagetemperatuurverwarming is het hotel aangesloten op een zeventig meter diepe wko. Warm water uit het hotel wordt hierin ondergronds opgeslagen totdat het weer nodig is en wordt dan terug het hotel ingepompt.” Hetzelfde gebeurt met koud water als het hotel koude nodig heeft. De koude en warmte worden afgegeven door in het beton gestorte klimaatmatten. Ook in de keuken wordt geen gas gebruikt, vertelt De Vaan. “De koks koken op inductie. Wel hebben we nog een kleine aansluiting voor stadsverwarming, zodat we eventuele pieken op kunnen vangen. Maar het is niet de doelstelling om daar niet veel van te gebruiken, omdat we de warmte- en koudevraag zoveel mogelijk zelf willen oplossen binnen de grenzen van het hotel.” Q

Het systeem bepaalt wat de beste stand van de gevelpanelen is.

Installatie XL December 2018

61


Testinstrumenten voor PV-installaties

             Elektro Lijn PV Check S

                           +9$&5LQVWDOODWLH KHOH VSHFL´HNH HLVHQ KHHIW                                                                

Elektro Lijn I-V500w



Op onze website euro-index.nl vindt u een compleet overzicht van testinstrumenten voor PV-installaties, inclusief instructievideo’s

www.linum.eu LINUM EUROPE BV JOosterparkweg 35H - 2985 SX Ridderkerk ™0180 46 35 88 Óinfo-nl@linum.eu Eigen studiedienst voor Big Foot Systems projecten op maat.


BIBLIOTHEEK THEMA: RIOLERING / POMPEN All-electric - Nieuwbouw - Monument

Technische ruimte in de kelder.

Openbare Bibliotheek Deventer

Mix van middeleeuws en modern De nieuwe Openbare Bibliotheek Deventer aan de Stromarkt gaat fungeren als een centrale marktplaats waar vraag en aanbod van kennis, informatie en inspiratie samenkomen, en als stadsstudiehuis met prettige werk/studieplekken. Door Marion de Graaff

Installatie XL December 2018

63


BIBLIOTHEEK

De ambitie was hoog: de opdrachtgever bepaalde dat de OBD gasloos en dus all-electric zou worden. Ook de architect legde de lat hoog met een keramische gevel en grote glasoppervlakken. Installatieadviesbureau EWZ Adviseurs ging op basis van het plan van de architect aan de slag. Piter Braaksma van EWZ: “De grote lijnen waren duidelijk: het moest duurzaam worden en er strak uitzien. Maar over de details moesten we knopen doorhakken. Wat doen we met de hemelwaterafvoer? Waar situeren we de schachten voor al het leiding- en buizenwerk? Hoe verwerken we verlichting en ventilatieroosters onzichtbaar in het plafond, zodat het plafond niet rommelig wordt? Al met al was dit een project met een grote complexiteit.”

Bestaande bouw en nieuwbouw De bestektekeningen van EWZ werden door installatiebedrijf Van Dorp Deventer vertaald in werktekeningen. Daar ging aardig wat tijd in zitten, vertelt Marco Berghuis, bedrijfsleider klimaat bij Van Dorp. “We hebben alles met Revit in een BIM-model gezet. Maar omdat het project deels bestaande bouw en deels nieuwbouw is, synchroniseerde het niet helemaal goed. Het was een hele uitdaging om dat allemaal kloppend te krijgen.” Na driekwart jaar waren de voorbereidingen klaar en kon de bouw beginnen. Daarvoor moest eerst het oude bankgebouw uit de jaren zeventig dat er stond, gesloopt worden. Net na de start daarvan werd vastgesteld dat er asbest aanwezig was. Berghuis: “Dat heeft de hele bouw zo’n drie maanden vertraagd, maar omdat het in het begin van het traject was, konden we dat wel weer inhalen. Maar het was al met al een hele klus.”

Kelders

De sprinklerinstallatie heeft een ondergronds betonnen buffervat waar zo’n 23 kuub water in kan.

XL Installatiefeiten Adviseur installaties: EWZ Adviseurs Adviseur bouwfysica: LBP/Sight Adviseur constructie: JVZ Raadgevend Ingenieursburo Adviseur bouwkosten: De Roo Architect: BiermanHenket Aannemer: PHB Deventer Bouwbegeleiding: Centraal Bureau Bouwbegeleiding Installatiewerk E en W: Van Dorp Installaties

64

Installatie XL December 2018

Toegepaste producten Luchtbehandelingskasten: Verhulst, type: VKT 1005 en VKT 0303 Warmtepomp: Hidros warmtepompen, type: WZT1002/P2U 4 pijps en 2 pijps Zonnepanelen: Independent Solar Systems, zonnepanelen, type: Solar Perc 285-300 W

Van het bankgebouw bleef alleen de kelder in tact. Daarop verrees de nieuwbouw van de Openbare Bibliotheek. Dat nieuwe gedeelte grenst aan een pand met de monumentenstatus en beide gedeeltes zijn met een glazen tussendeel en loopbruggen met elkaar verbonden. Hennie Hobert, senior projectleider klimaat, geeft aan: “Een van de bijzondere dingen van dit project is dat alle installaties in de kelders zijn gesitueerd, tot en met de luchtbehandelingskasten aan toe. Beide kelderdelen zijn bestaande ruimtes en het was enorm passen en meten om alles erin te krijgen. Hier en daar is het wat aan de krappe kant, want om onderhoud te kunnen plegen heb je eigenlijk iets meer ruimte nodig. Maar het voldoet. Vanuit de kelders moet je vervolgens met allerlei buizen en kanalen het gebouw in en zorgen voor een adequate verdeling. Twee van de drie verdiepingen bestaan uit een enorme open ruimte met wat kantoor- en studieruimtes. In die open ruimtes zijn geen muren en dat zorgde ook voor het nodige gepuzzel.” Installatieadviseur EWZ loste die puzzel op en liet de kanalen door vloeren en plafonds lopen.

Monument Dat het middeleeuwse pand onderdeel van de nieuwe bibliotheek ging uitmaken, kostte het nodige denk-


                                                                            

    

                               2TKLUNQUŹŠŢ 2TKLUCDQPPGOGPVŹŠŢ

    

              

             2TKLUNQUŹŠŢ 2TKLUCDQPPGOGPVŹŠŢ

                                  

              



         

 

Gira E2 Zwart mat, het nieuwe oppervlak. Aansprekend uiterlijk, heel eenvoudig gemonteerd. Het beproefde schakelaarprogramma Gira E2 is nu uitgebreid met een nieuw eigentijds oppervlak: zwart mat. Deze schakelaarvariant past niet alleen in elk hoogwaardig interieur, maar is ook zeer flexibel te installeren. Met het Gira System 55 in standaard inbouw- of hollewanddozen of in de Gira apparaatdozen en inbouw-apparaatdozen. Meer informatie: www.gira.nl/e2


VLOERVERWARMING. VOOR IEDERE SITUATIE. RENOVATIE

MAGNUM Mat (4mm)

MAGNUM TubeMat (9mm)

MAGNUM SlimFit (12mm)

NIEUWBOUW

MAGNUM Cable (7mm)

MAGNUM Tacker (30-40mm)

MAGNUM Noppenplaat (20-40mm)

HOUTEN VLOEREN

MAGNUM Foil (0,4mm)



    

MAGNUM DryFloor (25mm)

THERMOSTATEN

MAGNUM X-treme Control

MAGNUM W-Controller

Gebruiksvriendelijke aansturing

   !       

HELDER IN KWALITEIT EN SERVICE

!    !

Met de huidige bouwtechnische ontwikkelingen, stelt de consument steeds meer belang bij een comfortabel en gezond woonklimaat. Wij produceren en leveren voor elke verwarmingsvraag een passende oplossing.

#       "    ! #"" "      

Kijk voor meer informatie op magnumheating.nl of bel tijdens kantooruren naar 0166-609 300.

!""$  !#%## !" $#"$ Onze producten worden uitsluitend geleverd via de technische groothandel.

$ !$!! ""%%%#!#"


BIBLIOTHEEK

werk. Braaksma: “Op bepaalde plekken mocht nog geen gaatje geboord worden. In dat gedeelte zijn eigenlijk alle onderdelen erop gericht om het pand in de toekomst ooit weer in zijn oude staat te kunnen herstellen. De ventilatiekanalen zijn in het zicht geplaatst, de vloer met vloerverwarming ligt op een soort korrellaag over de oude vloer heen. Deels omdat dat gemakkelijk uitvlakt, maar ook omdat de vloer dan uitneembaar is.” Hobert wijst later tijdens een rondgang: “Kijk, hier is het installatiewerk deels zichtwerk geworden. De oude gebinten geven het geheel enorm veel sfeer. Sommige muren in dit oude deel mochten niet afgewerkt worden, je kijkt op stenen en metselwerk dat eeuwenoud is.”

Warmtepompen in split-opstelling De nieuwe Openbare Bibliotheek Deventer is een all-electric gebouw. Berghuis: “Voor de energieopwekking maken we gebruik van 250 PV-panelen op het dak met een opgesteld vermogen van 73.750 Wp. Vier warmtepompen van elk 70 kW CV en 93 kW GKW vermogen zorgen voor de energieafgifte. Ze zijn in een zogenaamde split-opstelling geïnstalleerd. Dat betekent dat de condensors op het dak staan en de compressoren/verdampers beneden in de kelder. We zitten hier in een stedelijke omgeving, daarom schreef de architect voor dat er niets boven de dakrand uit mag komen. De condensors zijn in een verdiepte put aangebracht, zodat ze als het ware verzonken zijn in het dak. Zo’n split-opstelling ben ik in de praktijk nog maar zelden tegen gekomen.” Hobert: “De warmtepompen verwarmen met lagetemperatuursverwarming en koelen met hogetemperatuurskoeling. De verwarming en koeling in

dit gebouw is grotendeels weggewerkt in klimaatplafonds die in totaal 2.550 m2 beslaan. Die plafonds bestaan uit aluminium lamellen met een totale lengte van vijftig kilometer waar vijftig kilometer kunststof buizen doorheen lopen. In de kantoorruimtes en in de studieruimtes zijn plafonds met inductie-units geïnstalleerd. Afhankelijk van de temperatuur wordt de primaire lucht verwarmd of gekoeld. In een aantal zones is ook vloerverwarming aangebracht.” De ledverlichting op basis van het Dali-protocol is in de aluminium lamellen van het klimaatplafond

Het installatiewerk is deels zichtwerk geworden

geïntegreerd. Berghuis: “Het werkt autonoom en automatisch, maar kan ook lokaal en/of centraal worden gestuurd. De automatische lichtwering is geheel geïntegreerd in dit systeem. Bijzonder is verder dat de noodverlichting centraal is uitgevoerd en grotendeel geïntegreerd is met de ‘normale’ verlichtingsarmaturen. Met de speciale sturing is geborgd dat de dimbare verlichting in een noodsituatie het vereiste lichtniveau afgeeft. Andere installaties, zoals de klimaat- en beveiligingsinstallaties, zijn geïntegreerd dan wel gekoppeld met de verlichting.”

Lucht en water De luchtbehandelingskasten die het hele gebouw van frisse lucht voorzien, staan ook in de kelder. Hobert

licht toe: “Ze zijn uitgerust met een warmtewiel. De capaciteit voor de nieuwbouw is 20.500 m 3/h. Via de gevel komt de lucht naar binnen, en wordt in basis vanuit het plafond ingeblazen. Om in de winter koudeval vanaf de hoge ramen te voorkomen, wordt in de winter warme lucht vanuit spleten onder de ramen ingeblazen. Elke ruimte heeft een eigen na-regeling met een VAV-box. Het oude - monumentale - gedeelte van de bibliotheek heeft zijn eigen luchtbehandelingskast met een capaciteit van 3.400 m3/h en eigen vloerkoeling en -verwarming. In de kantoren zijn nozzle-kanalen aangebracht.” Omdat ook het water vanuit de technische ruimte in de kelder komt, is voor een goede werking van de sanitaire voorzieningen een pompinstallatie nodig. Voor de keuken is een vetvangput geïnstalleerd. Dan is er nog een sprinklerinstallatie met een ondergronds betonnen buffervat waar zo’n 23 kuub water in kan. Regenwater wordt afgevoerd en opgevangen in een flink aantal infiltratiekratten. Alle installaties worden met een gebouwbeheersysteem aangestuurd en gemonitord.

Verhuizing EWZ Adviseurs kwam gedurende het hele bouwproces regelmatig kijken. Braaksma: “We zijn verantwoordelijk voor de kwaliteit en aan het einde van de rit doen we de oplevering. Dat moment is bijna aangebroken. De lange zomerperiode wordt benut voor de verhuizing.” Berghuis besluit: “Het was pittig, het was een uitdaging, maar ik vind het meer dan geslaagd. De ‘oude’ bibliotheek zat precies honderd jaar aan de Brink in Deventer en kan hier minstens zo lang vooruit. Het is echt een mooi gebouw, in meerdere opzichten.” Q

Totaalmodel Openbare Bibliotheek Deventer.

Installatie XL December 2018

67


Blijf volledig op de hoogte met de twee boeken over klimaatbeheersing Nu ook online!

VOOR EEN TOCHTVRIJ

BINNENKLIMAAT Klimaatbeheersing 1 Warmtetechnieken

Klimaatbeheersing 2

Ontwerp, aanleg, onderhoud en beheer

Luchtbehandeling, ventilatie en koeling

In het full colour praktijkboek Klimaatbeheersing 1 Warmtetechnieken krijgt u een duidelijke uitleg van de theorie en de praktijktoepassingen van warmtetechnieken.

Dit full colour praktijkboek maakt de theorie van luchtbehandeling, ventilatie en koeling duidelijk en legt de toepassing hiervan uit.

Prijs € 135,– (exclusief btw)

Prijs € 135,– (exclusief btw)

Nu ter kennismaking 3 maanden gratis toegang tot de online Vakbase W-Installatie. U vindt hier de online versies van de 2 klimaatboeken: www.vakbasew-installatie.nl

NU BOEK 1 EN BOEK 2 VOOR € 199,– (exclusief btw) De boeken zijn onmisbare naslagwerken voor iedereen die in de praktijk met klimaatbeheersing te maken heeft. Ga voor meer informatie of uw bestelling naar www.vakmedianetshop.nl/klimaatbeheersing

WWW.PLAFAIR.NL ADVERTORIAL

             *9**3455*7;1&09*9*7,74499*;&3;./+;4*9'&1;*1)*3.8-*9 $8>89**245-*9)&0;&3)*6:.7.8<&9*7?:.;*7.3,8.389&11&9.* )*,744989*.3?./384479.3*1,.@42'.3*7'4=*3;&3$*.)2B11*7?47,*3*7;447)&9)*,*A389&11**7)*+494;419&A8(-* 24):1*82**7)&3 $945349(-;*724,*3,*3*7*7*3 * (.7(&   2.1/4*3 .3<43*78 ;&3 )* 7:88*18* -44+)89&) 574):(*7*343,*;**7 2.1/4*31.9*7&+;&1<&9*75*7)&,7.8 /&&71./08$-34).,42).9<&9*7;41:2*9*'*-&3)*1*3.3 )*6:.7.8?:.;*7.3,8.389&11&9.*2*7;4479*?47,*3)&9)*?* *3*7,.* <47)9 ,*,*3*7**7) .3 )* 2**89 2.1.*:;7.*3)*1./0* 2&3.*724,*1./0?./3<&9*707&(-9*3)*574):(9.*;&3'.4,&8 431&3,8 &&3,*;:1) 2*9 **3 +494;419&A8(-* .389&11&9.* 45 -*9 )&0 ;&3 )* &+;&1<&9*7?:.;*7.3,8.389&11&9.* *?* )7.* 9*(-3414,.*@342;&99*33:**30<&79;&3)*949&1*897442 ).*34).,.8;447-*9'*-&3)*1*3;&3-*9&+;&1<&9*7     7.*  $ 42;472*78 ;&3 )* .38* +&'7.0&39 #C ?47,*3;447**38(-43*1*;*7.3,;&3*3*7,.*.3-*93&9.43&1* *1*097.(.9*.983*9 *3 '*1&3,7./0 ;447)**1 .8 -*9 F:19.2&89*7E (43(*59<&&72**#C;*7?*0*79)&9-*9+494;419&A8(-* 8>89**2 &19./) )* -44,89* 4:95:9 ,*3*7**79 4;*7**304289., 2*9)*.39*38.9*.9;&3)*?4345.*)*7242*39&30?./7*249* 243.947.3,*3(422:3.(&9.*;.&4)':8!!"0&3)*

$*.)2B11*7.8*7.3,*81&&,)9*;41)4*3&&3#C*.8*32*9 ;447,*89*00*7)*(42'.3*7'4=*3

RSHUDWRUKHWRXWSXWSUR¿HORQOLQHYROJHQHQRQWYDQJWPHOGLQJHQ ;&3)*1&&989*439<.00*1.3,*3;.&  '*7.(-9*3 9.189&3)9./)*3 NXQQHQGHUKDOYHHI¿FLsQWZRUGHQJHPLQLPDOLVHHUG        3 -*9 0&)*7 ;&3 )*?* 243.947.3, 85*1*3 )*  (42'.3*7 '4=*3 ).* #C -**+9 &+,*342*3 ;&3 $*.)2B11*7 **3 '*81.88*3)*741*A389&11**7)9:88*3)*?433*5&3*1*3*3)* 42;472*7;*7'.3)*3?*)*45,*<*09**1*097.(.9*.9.*7)447 0&3)*;*724,*38.39*38.9*.9;&3&+?43)*71./0*897.3,8'*<&&09 <47)*3 ;447 ).&,3489.8(-* )4*1*.3)*3 ?4)&9 1&,*4:95:9 VWULQJVVQHONXQQHQZRUGHQJHwGHQWL¿FHHUGHQRQGHUKRXGHQ F5'&8.8;&3)*9*7:,0*7*3)**.8*3;&3)*01&39-*''*3<* DOYHOHEHSURHIGHFRQ¿JXUDWLHVYRRUIRWRYROWDwVFKHLQVWDOODWLHV 439<.00*1) %4 ?./3 <* *7.3 ,*81&&,) 42 &&3 )* #C *.8*3 )* ;41)4*3 2*9 ;447,*89*00*7)* '4=*3E &1):8 :). #&3)*7897&*9*33):897>&3&,*7'./$*.)2B11*7).*#C KHHIWJHDGYLVHHUGWLMGHQVKHWSURMHFWÃ&#x201E;'DQN]LMGHFRQ¿JXUDWLH ;&3(42543*39*3;4474;*785&33.3,8'*;*.1.,.3,*3-*9897.3, PRQLWRUHQSUR¿WHUHQRQ]HNODQWHQYDQGHYRRUGHOHQYDQHHQ -41.89.8(-* 8>89**2451488.3, ).* './?43)*7 **3;4:)., .8 9* LPSOHPHQWHUHQLQGHEHVWDDQGH6&$'$WRSRJUD¿H

0<&1.9*.98*.8*3).*<*89*11*3&&3)*439<.00*1.3,*3574):(9.* ;&3 43?* +494;419&A8(-* 451488.3,*3 *9 ;*7;41,'*?4*0 &&3*1,.@).*3)*&11**3429*1&9*3?.*3)&943?*3472*3 ;4479):7*3)<47)*3,*-&3)-&&+)'./94*5&88.3,F1*,91&:8 +|OWHUKRII KRRIG YDQ GH $SSOLFDWLRQ 6SHFL¿F 6ROXWLRQV .;.8.*F5-*9)&0;&3)*<&9*7?:.;*7.3,8.389&11&9.*1&,)* '*1&3,7./089*+4(:845)*,*A389&11**7)*(42'.3*7'4=*3).* ZH KHEEHQ RQWZRUSHQ YROJHQV GH VSHFL¿HNH HLVHQ YDQ GH .389&11&9.**3)*'./?43)*7*14(&9.*E

       *3<&9*7?:.;*7.3,8>89**2)&945)7.*2&3.*7*3?*1+.3?./3 *3*7,.*'*-4*+9*;447?.*9.8?*0*7.*9885*(.&&18*9-**+9.3 .*)*7,*;&1?*0*7.3)7:0,*2&&0945)*&5&38*01&39*3;&3 $*.)2B11*7).*)*+494;419&A8(-*.389&11&9.*.3*1,.@'*?4(-9 -*''*3F!./)*38**3'*?4*0&&343?*574):(9.*+&(.1.9*.9*3 *3.3-4:8*1&'47&947.:2<&7*3<*.389&&94243?*,&89*3 :.9 &5&3 **3 &&7)., ,4*) '**1) 9* ,*;*3 ;&3 )* -4,*

:.)*1./0 ,*A385.7**7) )447 )* )447 -*3 43)*7?4(-9* +494;419&A8(-*451488.3,*3-*''*3)*$*.)2B11*7,&89*3:.9 &5&3?*1+&1**3&&39&13.*:<*574/*(9*345,*89&79.3&5&3 *9F&3);&3)*./?*3)*%43E.8**3;&3)*'*1&3,7./089* 2&709*3 ;447 ?433* *3*7,.* * 45<*00.3, ;&3 ?433* *3*7,.*.8**3?**77*1*;&393&9.43&&1574/*(9;447)*45;.*7 3& ,744989* ;*7'7:.0*7 ;&3 $*.)2B11*7 .8 *7 .3 ,*81&&,) 9* ;41)4*3&&3#C*.8*32*9*3*7,.*.3)*<*7*1)


BOUWBEURS Ventilatie - Passief Huis - Active House

Vier doordachte woonconcepten tijdens de Bouwbeurs 2019 Duco geeft tijdens de bouwbeurs gestalte aan vier woonconcepten.

“Door vier woonconcepten te demonstreren, bewijzen wij de bezoekers tijdens BouwBeurs dat wij voor ieder nieuwbouw- of renovatieproject een oplossing bieden”, vertelt Hendrik Dejonghe, marketingmanager bij Duco. “Ongeacht of de wens wordt uitgesproken om actief of passief te bouwen. In elk van deze uitgewerkte woonconcepten wordt nauwgezet beschreven welke producten er het best geïmplementeerd kunnen worden, gaande van toevoer tot afvoer, om een optimaal comfort van de bewoner te verzekeren. Met de ontwikkeling van deze slimme woonconcepten brengt Duco een klimaat in huis waar het zowel ’s zomers als ‘s winters aangenaam vertoeven is. Dit alles in harmonie met de leefomgeving én in combinatie met een laag energieverbruik. “ Het succesvolle ventilatieverhaal startte zo’n vier jaar geleden met de komst van de DucoBox: een mechanische ventilatiebox”, vervolgt Dejonghe. “Duco’s sterkte schuilt zich in het feit dat ze via vier totaalconcepten kan inspelen op elke bouwbehoefte. Een

ventilatieoplossing voor renovatie- en vervangingsprojecten? Dan raden we de budgetvriendelijke en fluisterstille DucoBox Silent aan. Voor nieuwbouw kan dan de DucoBox Focus als ‘slimste ventilatiebox van Europa’ ingezet worden.” Het Duco at Home concept werd compleet met de komst van ventilatiewarmtepomp DucoBox Eco en de slimme WTW-unit DucoBox Energy voor de woning van de toekomst.

Passieve en actieve woningen “Het paradepaardje DucoBox Energy speelt perfect in op de aangescherpte energienormen” legt Dejonghe uit. “Deze vraaggestuurde balansventilatie-unit met warmteterugwinning kan immers toegepast worden in de energieneutrale woning van vandaag. De 2-zoneregeling zorgt voor een optimaal energetisch rendement en maakt van dit toestel de stilste in de markt. Dat de automatische inregeling van de unit een besparing van vijftig procent op de inregeltijd kan opleveren, biedt een sterke meerwaarde voor de

installatiemarkt.” Een tweede blikvanger op de stand is de ventilatiewarmtepomp DucoBox Eco, inzetbaar in de actieve woning van morgen. “Deze unit beschikt over een geïntegreerde 2-zoneregeling met vraagsturing, met een minimaal geluidsvermogen en een maximale energiezuinigheid als resultaat”, gaat Dejonghe verder. “Een A++ Ecodesign-label garandeert een gunstige subsidieregeling. Zo sluit deze unit naadloos aan bij de BENG-ambitie.” In combinatie met het all-electric pakket is de DucoBox Eco een complete oplossing die de installateur honderd pront ontzorgt. De kwaliteitsonderdelen zijn perfect op elkaar afgestemd en vormen de perfect match met de huidige en toekomstige wensen en eisen vanuit de markt.” Q

Ontdek hoe de energiezuinige systemen voor een optimale luchtkwaliteit zorgen in elke woning op de stand van Duco (Hal 8, stand E072).

Installatie XL December 2018

69


GROOTHANDEL Just In Time - W-installatie - Omslag

Prefab voor werktuigbouw Technische Unie is bezig met het opzetten van een prefabdienst voor werktuigbouwkundige installaties, als vervolg op de prefablevering van elektrotechnische componenten. W-groothandel Rensa gooit het over een andere boeg en werpt zich op als logistiek ontzorger. Door Richard Mooi

De prefabwerkwijze is in de elektrotechniek behoorlijk ingeburgerd. Elektrotechnische grossiers kunnen veel componenten zoals inbouw-wandcontactdozen, bewegingmelders en lichtsensoren al compleet met de bedrading op lengte leveren. Ook ďŹ&#x201A;exibele pvc-buis met daarin het installatiedraad, netwerk- of cai-kabel is al een vorm van prefab. Groothandels leveren de prefab elektrocomponenten op het juiste moment op

70

Installatie XL December 2018

de juiste plaats aan op het bouwproject. Netjes gelabeld en precies op het goede moment. Just-in-time, om er maar even een hippe term uit de logistieke wereld in te gooien. Dat logistieke proces heeft een groothandel vaak beter op orde dan een installatiebedrijf die het allemaal in containers op de bouw moet opslaan. Voor werktuigbouw is prefab voor groothandels nog een

braakliggend terrein. Niet dat prefaben van riolering of het drinkwatersysteem niet gebeurt. Grote landelijke installatiebedrijven hebben een eigen prefabcentrale waar voor (repeterende) woningbouw naar hartenlust wordt geprefabt. Ook bij fabrikanten van met name rioleringssystemen kun je geprefabte delen bestellen. En zelfs vloerverwarming kan al kant-enklaar op matten worden aangeleverd op de bouw.


GROOTHANDEL

Kavellevering

Denkwijze

Rensa ‘assembleren’

Technische Unie (TU) gaat nu de prefabricage van elektrotechnische componenten doorzetten naar de w-installatie. Het bedrijf is bezig om een wtbprefabdienst op te zetten, vertelt John Bloemendaal. Inmiddels telt de prefabcatalogus zo’n zestig elektrotechnische componenten. Bij wtb staat het nog aan het begin. Eenvoudige montagehandeling zoals de montage van een kraan op een wastafel, of afsluiter aan een wc-inbouwreservoir zijn inmiddels onderdeel van het leveringsprogramma. De volgende stap is het prefaben van leidingen en afvoersystemen. De kleine

Het prefab laten uitvoeren van de riolering of het leidingsysteem voor verwarming en/of tapwater, vereist wel een omslag in de denkwijze van de werkvoorbereiders bij installatiebedrijven, geeft Bloemendaal aan. Vanuit Autocad is het heel eenvoudig om materiaallijsten te printen, maar: “Je moet weten waar het op wordt aangesloten. Denk bij elektrotechniek aan een hotelkamer met roomcontroller. Je moet dan de installateur erop aanspreken hoe de controller geprogrammeerd wordt. Dat bepaalt hoe de bedrading aangesloten wordt. Bij w-installaties speelt hetzelfde bijvoorbeeld met kleppen.” Daarnaast moeten werkvoorbereiders wennen aan het opgeven van exacte lengtes van de leidingen. Bij montage in het werk wordt vaak alleen het aantal koppelingen exact bepaald en de leidingen komen op rol aan, waarbij vaak een extra rol wordt besteld. Bij prefabmontage moeten ook de lengtes tussen de koppelingen of lijmstukken nauwkeurig zijn vastgelegd. Bloemendaal: “Er is wel een beetje tolerantie, maar niet meer dan vijf centimeter. Daar moet de werkvoorbereider een omslag in denken maken.” Het gebrek aan vaklui is meestal de belangrijkste reden om te gaan prefaben, weet Bloemendaal. “Het handjestekort en het ontbreken aan vakkennis. Er zijn steeds minder mensen die een technische opleiding doen. Met al die persfittingen moet je precies weten welke tang je moet gebruiken. Als je met een verkeerde tang afperst, kan het misschien over een half jaar wel gaan lekken. En de ontwikkelingen gaan zo snel, dat het bijna niet te doen is om de kennis up-to-date te houden. Een prefabcentrale heeft alle gereedschappen in huis om het goed te doen.” De zwakke schakels zijn nu de doorkoppelingen op de bouw. “Precies, de monteurs moeten echt weten wat ze doen. Maar dat zijn er wel veel minder.”

Rensa, de grootste wtb-groothandel van Nederland, gooit het over de andere boeg, verduidelijkt Rick Hammink. “Wij hebben prefab niet als een losse activiteit maar we kijken wel samen met een installateur naar zijn project. Als blijkt dat er winst is door te prefaben kijken we wat de mogelijkheden er zijn.” In het centrale magazijn in Doetinchem heeft Rensa een werkplaats waar op verzoek prefab mogelijk is. Alhoewel, Hammink spreekt liever over assembleren. “Je moet denken aan thermostaatkranen op radiatoren draaien, wat leidingwerk inkorten en simpele verbindingen maken. Prefaben gaat nooit verder dan assembleren. We gaan niet installeren.” Volgens Hammink is het meestal beter om het prefabwerk in de werkplaats bij de installateur te laten doen. Dan doemt er een probleem op. “Hoe krijg je het op de bouw? Vaak is het niet meer met een busje te vervoeren, maar heb je voor omvangrijk geprefabte delen een partner nodig.” Rensa werpt zich steeds meer op als logistiek partner. “Wij zetten in op logistieke ontzorging.” Deze dienstverlening, door Rensa logistiek 2.0 genoemd, is toegepast bij een appartementsgebouw in Spijkenisse. Rensa maakte de blauwe kunststof slangen van het ventilatiesysteem Hybalans op maat. Installateur H.E.K prefabte in zijn werkplaats een deel van de installatie. De prefabinstallaties haalde Rensa eerst bij de installateur op, vervoerde het naar het distributiecentrum in Doetinchem om daar in de juiste rolcontainers te stoppen, samen met het door derden geleverde E-materiaal. Precies op de juiste dag. De kant-en-klare levering was pure noodzaak door het bouwproces. Al het leidingwerk op de breedplaatvloer moest vlak voor de stort worden gemonteerd. Een dag later verdwenen de leidingen al onder een laag beton. Van deze gebundelde levering gaat Rensa een speerpunt maken en niet het prefaben op zich. Hammink: “Onze primaire taak is om goederen te distribueren en niet om goederen in elkaar te zetten.” Q

Het gebrek aan vaklui is de belangrijkste reden om te gaan prefaben handelingen doet TU zelf, maar het grotere werk wordt uitbesteed aan een grote installateur met eigen prefabhal. “Wat we vooral doen is het hele proces er achter, want daar zijn we goed in. Niet alleen de logistiek, maar ook het orderproces daarachter, compleet met werktekeningen en de goedkeuringen. De verantwoording is van A tot Z geregeld.” Naast prefabs die uit voorraad voor alle klanten leverbaar zijn, richt TU zich op project- en specifieke prefabs. “Bij kleinere klanten en zzp’ers kom je dit niet zo snel tegen.” Maar ook een lokale installateur die een woningproject met vijftien rijtjeshuizen heeft gescoord, kan er veel tijd mee winnen. “Bij elektro maken we pakketten waarbij alle elektrocomponenten zich veelal in één pakket bevinden, zodat de klant maar één artikelnummer hoeft te bestellen. We gaan engineeren, prefaben en samenbouwen zodat het als een kavellevering voor één woning uitgeleverd wordt. Vandaag woning een en morgen woning twee.”

Naast prefabs die uit voorraad voor alle klanten leverbaar zijn, richt TU zich op project- en specifieke prefabs.

Geen last van schaarste? Is bij prefaben niet hetzelfde probleem waarneembaar als bij installateurs, schaarste aan medewerkers? Stijnie Boertje-Riedijk, teamleider bij Technische Unie. “In een goed geoutilleerde werkplaats, kun je onder deskundige leiding en juiste controle, uiteraard afhankelijk van het type prefab, personen met een (beperktere) technische achtergrond een (parttime) baan aanbieden voor wie vijf dagen werken op een bouwlocatie niet aantrekkelijk klinkt.”

Installatie XL December 2018

71


#  $#& "%! 

' 

  

$#$!   



" ! 

!       

        

!#  '    

     


WONINGEN NOM - CPO - Warmtepomp

Particuliere renovaties zijn ‘Champions League’

De jaren zestig-woningen met energielabel G zijn in één keer getransformeerd naar energielabel A++ .

Nul-op-de-meter-(NOM)renovaties zijn tot nu toe vooral voorbehouden aan woningcorporaties. Eiland00 in het Utrechtse Kanaleneiland brengt daar verandering in. Hier is een groep bewoners samen met Alliantie+ aan de slag gegaan om hun woningen te renoveren naar Nul-Op-de-Meter. Particuliere renovaties zijn volgens Yuri van Bergen, directeur van Alliantie+ echt Champions League vanwege de vele vragen en wensen van bewoners die zich vaak zelf al verdiept hebben in de diverse oplossingen. En dat is ook de belangrijkste reden waarom aannemers nog niet in het gat van de particuliere renovaties zijn gesprongen, denkt hij. Door Joop van Vlerken

Installatie XL December 2018

73


WONINGEN

‘Eenheidsworst is niet mogelijk als je werkt met particulieren’

In de Utrechtse wijk Kanaleneiland heeft Alliantie+ samen met verschillende partners en een bewonerscollectief tien kluswoningen tot energieneutrale woningen volgens het NOM-concept gerenoveerd. De jaren zestig-woningen met energielabel G van het project Eiland00 zijn in één keer getransformeerd naar energielabel A++ en voorzien van de modernste technieken, vertelt Yuri van Bergen, Algemeen directeur van Alliantie+ en BouwhulpGroep. “Het is een bijzonder project. Ik ken geen ander project in Nederland waar een groep particulieren hun woningen zo vergaand renoveert.” NOM was de eis die de bewoners meekregen van de gemeente Utrecht toen ze de woningen voor een zacht prijsje kochten, vertelt Van Bergen. “De bewoners hebben elkaar gevonden en samen een Collectief Particulier Opdrachtgeverschap (CPO) opgericht. Vervolgens zijn ze op zoek gegaan naar een aannemer die de opgave voor hen wilde invullen. Dat is twee keer mis gegaan, waardoor het erom spande of het project nog wel door kon gaan. Toen zijn wij in december 2016 gaan kijken en in januari 2017 mochten we aan de slag. In april 2017 zijn we daadwerkelijk begonnen met renoveren en de woningen zijn in april opgeleverd.”

Bodemwarmtepompen Van Bergen licht toe dat de standaardoplossing die gekozen is voor het renovatieproject op Kanaleneiland ongeveer 75.000 euro kost. “Gevel, dak en vloeren worden daarvoor vervangen en er komt een complete nieuwe installatie in, bestaande uit een bodemwarmtepomp en zonnepanelen. De installatie bepaalde hier ongeveer een derde van het budget.” In Kanaleneiland was er een complicerende factor voor het toepassen van de bodemwarmtepompen, vertelt hij. “We konden vanwege de hoge grondwaterstand in dit gebied niet te diep boren. Daarom was het nodig extra putten te slaan. In totaal zijn er 38 putten geslagen voor deze rij woningen. Dat was zoveel dat het nauwelijks nog op de percelen paste. Om het energieverbruik van de warmtepomp te compenseren, zijn er bovendien 213 zonnepanelen op de daken geplaatst in een oost-west-opstelling.” Dat het renoveren van particuliere woningen heel anders is dan de renovatie van corporatiewoningen, merkt Alliantie+ aan de vragen over de installaties. “We krijgen van bewoners heel veel vragen over van alles. Je merkt in dit project heel duidelijk dat de bewoners aan de knoppen staan. Ze willen bijvoorbeeld precies weten hoe die warmtepompen werken. Je merkt dat het voor bewoners nog nieuwe techniek is en dat ze er huiverig voor zijn. Gelukkig kunnen we hun zorgen wegnemen en zijn de prestaties van de warmtepompen gegarandeerd.”

Gat in de markt? De problemen die de bewoners van Eiland00 ervaren hebben met aannemers zijn exemplarisch, stelt Van

Aandachtspunten bij particuliere renovaties 1 Er zijn 7,5 miljoen woningen in Nederland, waarvan vijf miljoen in particulier bezit. Deze woningen zijn voor het overgrote deel niet energieneutraal, een gigantische markt dus. 2 De rol van bouwende partijen verandert met de komst van renovatieconcepten. Zij worden steeds vaker monteurs van een van tevoren bedacht concept en moeten om te overleven hun dienstenpakket uitbreiden. 3 Door de garanties die op renovatieconcepten gegeven worden, worden er ook eisen gesteld aan beheer en onderhoud van bijvoorbeeld installaties. Hier ligt een markt voor installateurs en andere partijen. 4 Doordat bewoners zich verenigen, ontstaat meer massa en wordt het toepassen van renovatieconcepten meer rendabel. Voor het toepassen van Alliantie+ geldt bijvoorbeeld een ondergrens van vijf woningen. 5 Door de gezamenlijke aanpak van woningen, wordt verpaupering bestreden en worden wijken leefbaarder. 6 Elke partij in het bouwproces kan het initiatief nemen voor de renovatie. Omdat aannemers weinig brood zien in particuliere renovaties kan dat bijvoorbeeld ook de installateur zijn. 7 Bij particuliere renovaties zit de bewoner echt aan de knoppen. Particulieren zijn veeleisend en willen tot in de details op de hoogte gehouden worden. Daar moet je op voorbereid zijn. 8 Elke particulier wil iets anders. Maar door het aanbod van verschillende componenten is er toch voor (bijna) elke woning een geïndustrialiseerde oplossing mogelijk. 9 Weinig particulieren hebben voldoende vermogen voor een volledige energieneutrale renovatie. Zij zullen dus eerder kiezen voor een stap-voor-stap-renovatie. Het is aan de markt om dit te faciliteren. 10 Ondanks de grote verscheidenheid in woningen, zijn er een beperkt aantal typen gevels, daken en casco’s. Er zijn daardoor maar een aantal componenten nodig om de gehele Nederlandse woningvoorraad te verduurzamen.

74

Installatie XL December 2018

Bergen. “Waarom aannemers dit soort projecten niet willen? Ze gaan liever voor makkelijke projecten. Bij particulieren renoveren is echt Champions League, want ze willen allemaal wat anders en ze hebben weinig geld. Tel daarbij op het vasthouden aan het oude bij de aannemers en je snapt waarom ze hier niet voor kiezen. Als ze al voor bestaande bouw kiezen, beginnen ze liever bij een woningcorporatie, omdat ze denken dat dat makkelijker is.” Een gebrek aan particuliere woningen die gerenoveerd moeten worden, is er in ieder geval niet, rekent Van Bergen voor. “Er zijn in Nederland 7,5 miljoen woningen, waarvan er vijf miljoen in particulier bezit zijn. Het overgrote deel van die woningen komt niet in de buurt van energieneutraal. Een gigantische markt dus. Maar we constateerden dat er weinig aannemers zijn die in dit gat willen springen, dus zijn we het met Alliantie+ zelf maar gaan doen. Tegelijkertijd proberen we aannemers die wel innovatief willen denken naar ons toe te trekken.”

Renovatieconcepten We moeten Alliantie+ zien als een winkel met renovatieconcepten, legt de directeur uit. Van Bergen denkt dat met het concept negentig procent van de woningen aangepakt kan worden. “We hebben met BouwhulpGroep 35 jaar onderzoek gedaan naar de bestaande woningvoorraad. Toen we dat analyseerden kwamen we erachter dat er maar negen dakfamilies, zeven gevelfamilies en vijf cascofamilies zijn. Daar hebben we ons aanbod op afgestemd, zodat we tot een IKEA-achtig pakket komen voor negentig procent van de woningen in Nederland. Daar is een aanbod uitgerold van kant-en-klare, herhaalbare oplossingen met voldoende keuzes en opties voor een op maat gemaakt eindproduct.” Dat een concept niet hoeft te leiden tot eenheidsworst is op Eiland00 inmiddels duidelijk zichtbaar. De gevels hebben een uniforme uitstraling gekregen maar dat betekent niet dat ze hetzelfde zijn. “De bewoners konden zelf kiezen hoe ze de gevel ingedeeld wilden hebben met ramen en deuren. Hierdoor is een gevarieerd beeld ontstaan, dat er niet fabrieksmatig uitziet”, legt hij uit.

Stap voor stap Eenheidsworst is sowieso niet mogelijk als je werkt met particulieren, zegt Van Bergen. “We hebben tien contracten afgesloten voor Eiland00 en dat leidt uiteindelijk tot tien verschillende oplossingen. Want hoewel het in principe allemaal om dezelfde woningen gaat, willen de mensen allemaal iets anders. De één wil bijvoorbeeld een aanbouw en de andere niet. En er is ook een bewoner die alleen de gevel en het dak afneemt. Die doet niet mee met het installatiepakket.” Hoewel bijna alle bewoners in dit project voor het complete renovatiepakket kozen, is het volgens Van Bergen ook heel goed mogelijk om je woning stap voor stap te renoveren. “In dit geval ging het om kluswoningen die de bewoners voor een mooie prijs hebben gekocht, maar die wel echt flink gedateerd waren. Dus was het logisch om in ieder geval het dak en de


WONINGEN

Bijna alle bewoners in dit project kozen voor het complete renovatiepakket.

gevel aan te pakken en de installaties te vervangen.” Bewoners kunnen dus ook kiezen voor een renovatie in componenten. Daarmee onderscheidt Alliantie+ zich van andere renovatieconcepten, die meestal in één keer uitgevoerd worden. De belangrijkste reden om het stap voor stap te doen zijn de kosten, legt Van Bergen uit. “De meest mensen hebben geen 75.000 euro op de bank staan om hun woning in één keer aan te pakken en als ze het wel hebben, geven ze het liever aan iets anders uit.”

Installatieservice Voor het renoveren van de woningen werkt Alliantie+

samen met lokale partijen, legt de directeur uit. “We zoeken echt naar partijen die het concept willen uitvoeren. In Utrecht werken we bijvoorbeeld samen met Martin Dusenka Bouw uit Soesterberg. Je moet ons concept eigenlijk zien als een boekenkast die je bij IKEA koopt. Je kunt hem zelf in elkaar zetten, maar je kunt er ook een installatieservice bij kopen. We leveren een instructie en vaste pakketjes per woning. Voor bewoners is het te hoog gegrepen, maar wie het in elkaar zet, maakt in principe niet zoveel uit.” Van Bergen verwacht dat met de komst van dit soort concepten ook de rol van de installateur verandert. “Voorheen maakte een installateur de installaties en

als hij een gat in het dak wilde dan vroeg hij dat aan de aannemer. Wij zorgen er in dit concept voor dat de instructie zo helder is dat de installateur zelf dat gat kan maken.” Hoewel het concept door verschillende partijen wordt uitgevoerd blijft Alliantie+ eindverantwoordelijk. “We zijn in het proces ontwerpregisseur, bouwregisseur en we doen ook de borgen en de aftersales. Zo is er gedurende het gehele bouwproces een verantwoordelijke. We geven bovendien tien jaar garantie op het concept”, besluit hij. Q

Installatie XL December 2018

75


LUMIKOâ&#x20AC;&#x2122;S BIKKEL LED DIMMER 890300: DE KAMELEON ONDER DE DIMMERS.

 Past zich aan op de aangesloten LED verlichting  Onzichtbaar achter elke bestaande of nieuwe schakelaar te installeren

 Minimale belasting van slechts 1W  Voorzien van fase afsnijding

klemko.nl


INHOUD

Licht

Een uitgave van Installatie Journaal & Gawalo

78

Lantaarnpalen als basis voor smart city

Alles wordt â&#x20AC;&#x2DC;slimmerâ&#x20AC;&#x2122;. Maar hoe ziet een slimme stad eruit? Delft experimenteert alvast volop in The Green Village. De straatverlichting heeft daarbij een centrale rol.

81

Nieuw huis voor Anne Frank

Het Anne Frank Huis is een van de belangrijkste en drukst bezochte musea van Amsterdam. Begin 2017 is gestart met werkzaamheden om het museum te vernieuwen. Een belangrijk aandeel vormde de verlichting.

85

Inventieve zwembadverlichting

Het sportcomplex Amerena in Amersfoort opende in april officieel haar deuren. Het gebouw telt meerdere zwembaden, een sporthal, horecagelegenheid, kleedkamers en kantoor- vergader- en technische ruimtes.

88

Afbreekbaar paviljoen

The Green House in Utrecht wordt mogelijk over vijftien jaar weer afgebroken en elders opgebouwd. Bijzonderheden in het gebouw zijn het gebruik de duurzame materialen, een urban farm met stellages met veertig verschillende soorten kruiden en groenten en het gebruik van circulaire verlichting.

92

Goede Doelen Loterijen

In de Amsterdamse Beethovenstraat is een leegstaand kantoorpand omgetoverd tot een duurzaam vernieuwd pand. Het gebouw wordt het onderkomen van zeshonderd medewerkers van de Goede Doelen Loterijen. De bijzondere architectuur, inrichting en verlichting zorgen voor een fenomenale uitstraling.

Licht XL December 2018

77


LIVING LAB Verlichting - Veiligheid - Geluidsensoren

Lantaarnpalen vormen een ideale basis voor een smart city

Tegen 2020 zullen er volgens een aantal rapporten tussen de dertig en vijftig miljard apparaten op de markt zijn die de mogelijkheid hebben om met andere apparaten te worden verbonden. Digitalisering verandert hoe producten worden gepland en gebouwd, het verandert businessmodellen en ook hoe mensen leven. Geleidelijk aan wordt alles â&#x20AC;&#x2DC;slimmerâ&#x20AC;&#x2122;. Maar hoe ziet een slimme stad eruit? Delft experimenteert alvast volop in The Green Village. De straatverlichting heeft daarbij een centrale rol. Door Evi Husson

78

Installatie XL December 2018


LIVING LAB

In juni 2016 werd het startschot gegeven van The Green Village. Het doel van The Green Village is systeeminnovaties voor een duurzame toekomst te versnellen door een intense samenwerking tussen bedrijven, overheden, kennisinstellingen, gebruikers en andere belanghebbenden. Op die manier kan een slimme stad of smart city worden gerealiseerd. Het terrein is privéterrein, opgezet door de TU Delft en uitgebaat door een stichting, waardoor aan minder strenge regelgeving moet worden voldaan dan in normale openbare ruimtes. Hierdoor wordt het een soort proeftuin waar slimme stadsinfrastructuur snel kan worden aangelegd, ontwikkeld en getest.

Lantaarnpaal als basis “Lantaarnpalen vormen een ideale basis voor een smart city. Ze zijn in steden overal te vinden, worden voorzien van stroom en ze hebben een bepaalde hoogte waardoor ze een perfecte drager kunnen zijn van meerdere sensoren en apparatuur”, stelt Maurits de Boer, hoofd business development bij Sustainder. Sustainder ontwikkelt slimme openbare verlichting en smart city-oplossingen en komt voort uit de combinatie van de voormalige armaturenfabriek van Philips / Industria en het bedrijf Dazzletek, dat gespecialiseerd is in intelligente besturingssystemen voor openbare verlichting.

Lantaarnpalen zijn een perfecte drager voor sensoren en apparatuur.

Vervangbare cassette Geleidelijk aan ontstond het idee om een smart city hub te ontwikkelen. “Samen met Eneco, Huawei, Bouwfonds en Luminext bedachten we een concept waarbij op basis van straatverlichtingsarmaturen een open en organisch uit te breiden platform zou kunnen worden ontwikkeld. Informatie over bijvoorbeeld luchtvervuiling, verkeersoverlast, publieksstromen, weersomstandigheden en dergelijke wordt via één centraal platform beheerd waardoor hierop kan worden geanticipeerd.” Led-armatuur Anne, ontwikkeld door Sustainder bleek de oplossing. De Boer: “Anne is een led-armatuur van de nieuwe generatie. Vroeger bestond een armatuur uit een behuizing, een lamp, en een aanstuurmodule (driver) voor de lamp. De lamp was het onderdeel dat om de paar jaar moest worden vervangen als de lamp zijn maximale aantal branduren had bereikt. De nieuw ontwikkelde armatuur is modulair opgebouwd.” Ze bestaat uit een led-deel (verlichting), een communicatiedeel (connectivity, om de armaturen draadloos te laten communiceren met elkaar en met een Back Office Systeem) en een sensordeel. In het geval van de Anne Smart City-armatuur is de ledverlichting het enige stabiele element in de armatuur, met zeker 100.000 branduren, oftewel ruim 22 jaar licht. De aansturing van de led’s, inclusief standaard sensoren en connectivity is in een zogenaamde cassette geplaatst. De Boer: “Wij verwachten namelijk dat de technologie de komende jaren nog wel eens zal moeten worden vervangen, omdat er of andere sensoren in de cassette moeten worden geplaatst, of dat de communicatietechniek moet worden aangepast.” In de huidige Anne zitten standaard zes sensoren,

Overzicht van The Green Village.

Brokerage layer: slimme data uit de buitenomgeving opvangen Alle slimme armaturen verzenden hun gegevens naar de gateway. De armatuur met de gateway wordt centraal in het mesh-netwerk van armaturen geplaatst voor een optimale dekking. De sensordata wordt opgevangen in de brokerage layer, waar gecheckt wordt of de data één keer per week correct en op tijd wordt verstuurd. De data gaat hierna naar het dataplatform van partners waar het wordt geanalyseerd en eventueel verrijkt om zo nuttige en gebruiksvriendelijke informatie aan de gemeente te bieden.

Deze technologie is gebaseerd op een open standaard, waardoor deze via een API is te koppelen aan verschillende backoffice systemen. Alle data die de sensoren uit de slimme armaturen leveren, kunnen worden gebruikt om nieuwe toepassingen en diensten te ontwikkelen voor specifieke gebieden en behoeftes.

Installatie XL December 2018

79


LIVING LAB

variërend van GPS - bepaling exacte locatie - tot temperatuur, kompas, beweging en tiltsensor, energiemeter en omgevingslichtsensor.

Open De armaturen beschikken standaard over een geïntegreerde OLC (Outdoor Lighting Control), een draadloze controller die data vanuit het armatuur communiceert met de andere armaturen via een Mesh-netwerk. Vanuit dit Mesh-netwerk zorgt een gateway (geplaatst in één van de armaturen) voor communicatie met de Brokerage Layer (een dataplatform, zie kader) en een Back Office Systeem. Vanuit daar wordt alle verlichting gemonitord en bestuurd. In het back office systeem kunnen instellingen, zoals dimschema’s of de gewenste lichtopbrengst worden aangepast en kan data uit de sensoren worden uitgelezen. “De data van de sensoren die in het dataplatform terechtkomt, wordt verwerkt tot informatie en biedt gebruikers via applicaties advies.” De gebruiker, bijvoorbeeld een gemeente, kan bijvoorbeeld overzicht ontvangen over de installed base. Meteen wordt duidelijk welke armaturen functioneren en wat het energieverbruik is. Deze functionalitei-

ten zitten in de armaturen zelf, net als GPS-locatie, omgevingslicht, temperatuur, opgenomen vermogen, accelerometer (beweging en scheefstand), en een kompas om te zien welke zijde moet worden gedimd als een bewoner last heeft van inschijnend licht in de slaapkamer.

Geluidssensoren Ook het plaatsen van geluidssensoren en geluidscamera’s is mogelijk, vertelt De Boer. “Daarvoor zijn we een samenwerking aangegaan met Sorama uit Eindhoven. Het ontwerp van de geluidscamera’s zit in de armatuur, zonder videocamera. We passen speciale technieken toe om de onderdelen te sealen. We leggen de microfoontjes achter een membraam, waardoor ze akoestisch gezien nog wel gevoelig zijn, maar geen last hebben van weersomstandigheden. We schalen de functionaliteit op van een klein product in een lab naar een hele straat. Meerdere systemen werken samen om een beeld van de omgeving te creëren.” De geluidscamera heeft net als een gewone camera een kijkhoek. “Met een kijkhoek van 120 graden, en een lichtpunthoogte van vier tot tien meter kun je al

snel tot een radius van tientallen meters observeren. De techniek is zelfs in staat om aan te geven uit welke richting het geluid komt. Doordat je meerdere meetpunten hebt in een straat, kun je door middel van kruisbepalingen heel nauwkeurig inzichtelijk maken waar het geluid vandaan komt. En dat maakt de koppeling met verlichting interessant. Als je weet waar het geluid vandaan komt, dan kun je de lichtsterke op bepaalde locaties opschalen.” De Boer geeft een voorbeeld. “Als ergens een autoalarm afgaat, dan kan de verlichting die er het dichtst bij staat feller gaan branden of laten knipperen. Dat kun je dan direct koppelen aan een meldkamer, die dan actie kan ondernemen. Maar je kunt het ook gebruiken om agressie, knallen of brekend glas te detecteren in uitgaansgebieden of geluidsoverlast van vrachtverkeer.”

5G Tot slot is het mogelijk dat telecombedrijven de lantaarns kunnen voorzien van small cells om bijvoorbeeld 5G te creëren. “We kunnen verschillende providers faciliteren om hun small cell op te hangen. Sustainder is bijvoorbeeld verbonden met de 5G challenge van KPN, waarbij het terrein van Amsterdam Arena wordt voorzien van 5G in combinatie met sensoren die de omgeving aftasten.

Huidige situatie Op dit moment zijn er twaalf smart hub-lantaarns met het Anne-armatuur geplaatst in The Green Village. “We hebben in de Green Village onze armaturen en de connectivity goed kunnen testen, en ook enkele bugs uit het systeem kunnen halen. Ervaring met het vrij programmeren en additionele sensoren zijn we momenteel aan het opdoen, maar daar zullen we pas over een paarmaanden resultaten van kunnen tonen. Momenteel wordt er druk gewerkt aan de ontwikkeling van DC-voeding op het terrein, wat betekent dat er constant stroom voorradig is voor armaturen en dat je daardoor ook overdag allerlei metingen kan uitvoeren. Daarnaast hebben we de intentie om videoen geluidsanalyse vanuit onze armaturen op GreenVillage samen met partners Sorama en Axis Communications toe te passen.”

De Anne-armatuur is modulair opgebouwd.

100110101

Luchtkwaliteit

011010010 101001011 REC Geluid

GPS

Camera

Sensor naar keuze

De armaturen kunnen worden gebruikt om agressie, knallen of brekend glas te detecteren.

80

Installatie XL December 2018

Slimme armaturen zijn inmiddels ook geplaatst bij een aantal early adopter-steden zoals Hilversum, Woensdrecht en enkele Duitse steden. “Daarnaast zijn we samen met het RIVM bezig een cassette te ontwikkelen waarin luchtkwaliteitssensoren zitten, waardoor het armatuur de luchtkwaliteit (fijnstof, NO2, luchtdruk, luchtvochtigheid en temperatuur) kan meten en automatisch kan doorgeven aan www. luchtmeetnet.nl van het RIVM. Als steeds meer lantaarnpalen van sensoren worden voorzien die de luchtkwaliteit meten, kan het RIVM de luchtkwaliteit in Nederland steeds beter in kaart brengen. We blijven op zoek naar nieuwe mogelijkheden en toepassingen.” Q


THEMA: RIOLERING / MUSEUM POMPEN Armaturen - Entree - Accentverlichting

Anne Frank Huis vernieuwd Het Anne Frank Huis is een van de belangrijkste en drukst bezochte musea van Amsterdam. Begin 2017 is gestart met werkzaamheden om het museum te vernieuwen. Een belangrijk aandeel vormde de verlichting. Door Evi Husson Beeld Anne Frank Stichting â&#x20AC;&#x201C; Cris Toala Olivares

Installatie XL December 2018

81


MUSEUM

XL Installatiefeiten Gebouw: Anne Frank Huis Opdrachtgever: Anne Frank Stichting Architect: BiermanHenket Uitvoering entreegebied: Salverda Bouw Ontwerp museale route: Dagmar von Wilcken Uitvoering museale route: Bruns bv Lichtontwerper entreegebied aangrenzende publieke gebieden: Deerns Lichtontwerper museale route: Hans Wolff & Partners Installateurs: SDR Elektrotechniek Start renovatie: maart 2017 Oplevering: 2018

Het Anne Frank Huis wil met de verbouwing bezoekers meer context en verdieping op Anne Franks levensverhaal bieden. Verder krijgen bezoekers meer faciliteiten, zoals een nieuwe entree, garderobe en educatieve ruimten. Voor de verlichting werd het centrale bedieningspaneel verplaatst naar een andere ruimte. Geen eenvoudige opgave als je weet dat het Anne Frank Huis gedurende de werkzaamheden open bleef voor het publiek.

Nieuwe entree Om de doorstroming te verbeteren, was onder andere een nieuwe entree met nieuwe verlichting nodig. Mathijs Sommeijer, lichtontwerper bij Deerns geeft uitleg. De nieuwe entree is het hart van het gebouw dat zo open en toegankelijk mogelijk moet zijn. Daarnaast is het belangrijk dat bezoekers zich goed kunnen oriënteren. Het plafond is in deze ruimte erg laag, waardoor het een behoorlijke uitdaging was om het op een prettige manier te verlichten. We hebben in eerste instantie onderzocht of het mogelijk was met gependelde armaturen net onder het plafond direct en indirect licht te creëren, maar dit had niet het gewenste effect. Daarom hebben we ervoor gekozen om de plafonds zo hoog mogelijk aan te brengen en relatief platte spots te plaatsen die iets dieper liggen. Op die manier zijn ze minder verblindend en zorgen ze

82

Installatie XL December 2018

voor een rustgevend beeld.” Harry Kunst, werkzaam bij SDR Elektrotechniek, verantwoordelijk voor de installatie van de verlichting geeft uitleg over de installatie. “Doordat de plafonds zo hoog mogelijk werden geplaatst, was er weinig werkruimte over om de bekabeling weg te werken. De spots waarvoor werd gekozen hadden een kleine inbouwhoogte zodat het toch mogelijk was. Daarnaast kregen we in het entreegebied te maken met een bestaande installatie. Het was een knooppunt waar alle bekabeling samenkwam. Veel van de installatiedelen moesten daarom worden omgelegd zodat we ze konden wegwerken in een ander gedeelte

‘De grootste uitdaging was het wijzigen van de infrastructuur’

van het museum waar het geen probleem opleverde. Op die manier kon in het entreegebied een zo open mogelijk karakter worden gecreëerd.”

Accentverlichting Bijzonder is ook de relatie tussen entree en het museale deel dat wat donkerder is en waar met accentverlichting is gewerkt. Sommeijer: “De overgang naar het museale gedeelte moest subtiel gebeuren. Belangrijk is dat je ogen niet lang hoeven wennen aan de museumruimte terwijl de bezoekers op een logische manier de looproute kunnen volgen. Daarom hebben we erop gelet dat de verlichting de logica van de looproute volgt. De verlichting is sober en bijna onzichtbaar uitgevoerd. Vanuit het entreegebied, kom je via de serre, waar ook lichtwering tegen het daglicht wordt gebruikt, in het museale gedeelte. In de profielen waar het glas van de serre in zit, is een lijnarmatuur opgenomen van een paar centimeter breed. Deze lichten de vloer aan zodat bezoekers niet worden verblind en zich kunnen voorbereiden op het museale gedeelte.”

Museum In het museum heeft het dagboek van Anne Frank een prominente plek. Kunst: “In samenspraak met de architect en aannemer is per museumstuk bekeken hoe we de verlichting konden aanleggen om het gewenste resultaat te bereiken. Hans Wolff & Partners tekende voor het ontwerp in dit deel van het museum. Daarbij werd ook steeds overlegd hoe de bekabeling zo subtiel mogelijk kon worden weggewerkt,


MUSEUM

bijvoorbeeld door het gebruik van een bepaalde kleur bekabeling. Dat is heel goed gelukt.” Er is in het museale gedeelte voornamelijk gekozen voor lichtrails met spots. Kunst: “Dit zorgt voor een hogere flexibiliteit aangezien de ruimtes in de toekomst mogelijk ook qua indeling nog veranderen. De aansluitingen van de rails zijn onzichtbaar weggewerkt achter de wanden, onder de vloeren, tussen de plafonds en waar nodig zijn bouwkundige voorzieningen getroffen om de bekabeling zo onopvallend mogelijk te maken.”

Infrastructuur Het installeren van de armaturen was niet bijzonder moeilijk, geeft Kunst aan. “De grootste uitdaging was

het wijzigen van de infrastructuur. Niet alleen moest het knooppunt in de entreehal worden omgelegd, ook het centrale bedieningspaneel is verplaatst naar de andere kant van het pand waardoor heel de infrastructuur moest worden veranderd.” Het Anne Frank Huis bleef echter gedurende de gehele verbouwperiode open voor het publiek. Kunst: “Het project werd opgedeeld in vier fasen. Elke fase werd er een gedeelte afgesloten voor het publiek zodat de werkzaamheden hier konden worden uitgevoerd. Wanneer één fase werd opgeleverd, werd de nieuw geplaatste verlichting in eerste instantie nog aan het oude bedieningspaneel gekoppeld. Tegelijkertijd gebeurde de aanleg van de bekabeling in het gedeelte dat niet in gebruik was. Na sluitingstijd

konden de systemen aan elkaar worden gekoppeld. In de laatste fase van het project is ook het centrale bedieningspaneel verplaatst en in gebruik genomen. Dat hebben we in de voorafgaande fases voorbereid zodat het oude paneel probleemloos kon worden afgekoppeld. Het werken in een pand dat tijdens de verbouwing is opengesteld voor publiek maakt het tot een uitdagend project. “Planning en communicatie zijn dan heel belangrijk. De samenwerking tussen de verschillende partijen verliep gedurende het hele project erg goed en het eindresultaat is op zijn minst bijzonder te noemen. Dat we daarvoor af en toe buiten de reguliere werktijden moesten werken, nemen we er graag bij.” Q

Bookshop

Kantoorruimtes

In onder andere de bookshop is een systeem met een verzonken rail geplaatst met veel spotjes erin waaraan een Dali-systeem is gekoppeld zodat iedere armatuur afzonderlijk kan worden aangestuurd. Sommeijer: “Om plafondhoogte te besparen leek het ons interessant om een platte rail te plaatsen die je op 48 volt kon voeden waardoor er geen trafo in de spots nodig is. De spotjes zouden daardoor ook een kleinere afmeting kunnen hebben. Echter, de fabrikant die deze spot tijdens een beurs had gepresenteerd, bleek deze oplossing niet zoals beloofd in de catalogus te hebben opgenomen. We hebben daarom voor een iets andere oplossing moeten kiezen. De verlichting is daardoor net iets minder subtiel dan gehoopt, echter door de integratie in de plafondsleuven valt deze grotendeels weg in het totale beeld.”

Het Anne Frank Huis heeft naast het publieke gedeelte ook kantoorruimtes. Sommeijer: “Op de kantoorverdiepingen werd dezelfde lichtlijn doorgezet als in de publieke ruimtes, hetzij wat strakker. Om kosten te besparen is in de niet-publieke gangen voor een andere armatuur gekozen dan initieel was bedacht. Bij oplevering bleek dat de lichtoutput echter te hoog was. Het ging om een lichtlijn van acht centimeter breed die als doorlopende lijn werd bevestigd, waardoor deze als een erg felle lichtlijn werd ervaren. Dit is opgelost door de driver in de ledarmatuur op een andere manier in te stellen waardoor er tegelijkertijd meer energiebesparing werd gerealiseerd en een normale output kon worden gegenereerd.” In de kantoorruimtes zelf werden de armaturen voorzien van een daglichtregeling zodat de armaturen dimmen als er voldoende buitenlicht aanwezig is.

Installatie XL December 2018

83


Samen gaan we voor de beste ĂŠn zorgeloze veiligheid

INFO

o Voor elke situatie (brand of koolmonoxide) de juiste oplossing o Voorspelbare onderhoudsplanning door uitleesmogelijkheden o Ondersteuning op alle facetten uit de keten van brandveiligheid

Weten hoe andere corporaties omgaan met brand- en koolmonoxideveiligheid? Lees het onderzoek op onze site www.eielectronics.nl/rapportcorporaties

ADVERTEERDERSINDEX AO Smith Water Products Company BV

22

Hemmink BV

84

SLV Nederland B.V.

ABB

18

Homij Technische Installaties BV

34

Ubbink BV

Attema BV

24

Intergas Verwarming BV

BLT Luchttechniek BV

68, bijsluiter

Klemko Techniek BV

2, 36 38. 95

Unilin Beheer BV Vakmedianet BouwCommunities B.V.

96 9 66 52, 68, 72

Croonwolter & Dros BV Afd.CTB

28

Linum Europe BV

62

VIEGA Nederland BV

DUCO Ventilation & Sun Control

3

Magnum Heating

66

Wasco Holding BV

56

42

Webeasy BV

60

Wecycle

59

Weidmuller Benelux BV

68

E&S Electrading

30

Niko Nederland

Euro-Index BV

62

Orcon BV

Famostar Emergency Lighting BV

94

Remeha BV Afd.Crediteurenadministratie

GIRA Giersiepen GmbH & Co. KG

65

Rensa BV Technisch Handelsbureau

Hager Electro BV

32

Renson Ventilation NV

Advertentie-exploitatie Jetvertising, Rijswijk Rob Koppenol (rob@jetvertising.nl) 070-3990000

84

Installatie XL December 2018

48, 49 76 46, 54 44

12, 13


ZWEMBAD Water - Chloor - Warmte

Inventieve zwembadverlichting

De verlichting hangt hier op zestien meter hoogte, op waterniveau moeten de juiste luxwaardes worden behaald.

Het sportcomplex Amerena in Amersfoort opende in april dit jaar officieel haar deuren. Het gebouw telt meerdere zwembaden, een sporthal die aan de NOC*NSF-eisen moet voldoen, horecagelegenheid, kleedkamers en kantoor- vergader- en technische ruimtes. Bijzonder is vooral de zwembadverlichting. Niet alleen moet hier rekening worden gehouden met meerdere factoren zoals warmte, vocht en chloordampen. Ook tijdens de installatie bleek enige inventiviteit nodig. Door Evi Husson Beeld EVA Optic

Installatie XL December 2018

85


ZWEMBAD

Het zwemcomplex van Amerena heeft een duiktoren, een wedstrijdbad met tien banen van vijftig meter en een multifunctioneel bad. Wedstrijdbaden hebben hoge verlichtingseisen. “Omdat er op topniveau moet kunnen worden gezwommen (Klasse I), is een verlichtingsniveau van minimaal 600 lux vereist voor de startblokken en keerwanden. Dit om de tijd en het aantikken met de vingers goed te kunnen registreren. Ook moet er een hoge gelijkmatigheid zijn boven het zwembad. Dit geldt ook voor de duiktoren. De verlichting hangt hier op zestien meter hoogte, terwijl op waterniveau nog de juiste luxwaardes moeten worden behaald”, zegt Jan van Loon, directeur van EVA Optic. Het bedrijf ontwikkelt high-end Led verlichtingsoplossingen voor veeleisende omgevingen en leverde armaturen voor de zwembaden en sporthal van het Amerena sportcomplex. Daarnaast moeten de armaturen in zwembaden goed bestand zijn tegen vocht, chloordampen en warmte. Van Loon: “RVS mag als materiaal bijvoorbeeld niet worden gebruikt. Er kan spanningscorrosie ontstaan waardoor het zonder uiterlijk zichtbare onregelmatigheden ineens kan knappen. Voor de verlichting boven de zwembaden hebben we daarom gebruik gemaakt van geanodiseerd aluminium. Op deze manier is de aluminium behuizing bestand tegen chemische chloridedampen en een hoger vochtgehalte. De bevestigingsmaterialen - denk aan alle moertjes, boutjes en dergelijke - is voorzien van een duplex coating. Deze coating is opgebouwd uit een elektrolytische basislaag in combinatie met een organische topcoat. Het garandeert een extreem hoge corrosiebescherming met chemische weerstand waardoor de bevestigingsmaterialen geschikt zijn voor zwembaden en voldoen aan de NPR 9200:2015.”

Drijver

Armaturen in zwembaden moeten goed bestand zijn tegen vocht, chloordampen en warmte.

XL Installatiefeiten Project: Sportcomplex Amerena, Amersfoort Opdrachtgever: Gemeente Amersfoort Ontwerp: VenhoevenCS architecture+urbanism Aannemer: OLCO Sportsphere (Combinatie Remmers Bouwgroep, Heerkens van Bavel), Zeist Adviseur constructie: Bartels Consulting Engineers, Utrecht

86

Installatie XL December 2018

Installatie-advies: INNAX, Veenendaal Adviseur akoestiek bouwfysica en brandveiligheid: DGMR, Arnhem Installateur e-installaties: Linthorst techniek, Apeldoorn

Bert Beekman, projectleider van de elektrotechnische installaties van het complex, geeft uitleg over de installatie van de zwembadverlichting. “Het wedstrijdbad van vijftig meter lang en tien zwembanen breed heeft een spanplafond dat schuin omhoogloopt en om de zoveel meter van helling verandert. Omdat je in een spanplafond achteraf geen extra gat meer kunt boren, hebben we vooraf de ophangpunten bepaald en werd de bekabeling door het plafond heen geprikt. De pendels die in de dakconstructie zijn bevestigd, moesten worden verlengd zodat ze op de juiste hoogte kwamen. Met behulp van een laser en touwtje hebben we vervolgens de volledige lichtlijn perfect uitgelijnd zodat de armaturen erin konden worden gemonteerd.” Om bij iedere ‘knik’ of verandering van hellingsgraad de lichtlijn te kunnen laten doorlopen, werden armaturen op maat gemaakt. “Veel voorbereidend werk was nodig, maar de installatie verliep nog vrij eenvoudig. Het zwembad was leeg en nog niet betegeld waardoor we gebruik konden maken van hoogwerkers.” In een later stadium nam de complexiteit van de installatie toe. “Bij het aanbrengen van de rugslagverlichting was het zwembad al gevuld met water. De rugslagverlichting is een blauwe doorzichtige plaat die


ZWEMBAD

onder de verlichting wordt gemonteerd, wat rugzwemmers gebruiken als hulpmiddel om de positie in de baan te kunnen volgen. Om deze platen te installeren, hebben we een drijver in het zwembad geplaatst. Daarop bouwden we een steiger. Twee mensen aan de kant hebben de drijver in de juiste positie begeleidt terwijl twee monteurs bovenop de steiger de blauwe vlakjes onder de armaturen hebben gemonteerd. Het was een bijzondere manier van werken, maar het zorgde niet voor problemen.” De onderwaterverlichting moest uiteraard waterbestendig zijn. Van Loon legt uit: “Niet alleen de led moet in een behuizing worden geplaatst die waterdicht is, ook de bekabeling moet honderd procent waterdicht zijn. Vooral de plek waar de bekabeling de armatuur in gaat, is erg gevoelig. Onze verlichting hebben we daarom voorzien van een pershuls die om de kabel heen zit en met een hydraulische pers aan de kabel wordt geperst. Op die manier zijn ze honderd procent waterdicht.”

Warmte Naast vocht/water en chloor moet in zwembaden rekening worden gehouden met warmte. Van Loon: “Er kunnen zich altijd onvoorziene situaties voordoen waardoor de temperatuur gaat stijgen. Denk aan een luchtbehandelingsstoring die invloed heeft op de verlichting boven het zwembad, of een beweegbare bodem die precies voor een armatuur wordt geplaatst onder water. De temperatuur kan in beide gevallen snel stijgen. Daarom wordt de temperatuur van alle bovenwater- en onderwaterverlichting gemonitord. Stijgt de temperatuur, dan gaat de verlichting automatisch dimmen zodat

ze niet doorbranden. Daar zijn ze tegen beveiligd. Dit gebeurt automatisch, zonder dat de klant het merkt.” Beekman: “Alle zwembadverlichting werd gemonteerd door onze monteurs die veel zwembadervaring hebben. Zij komen uit de zwembadtechniek zodat ze alle regels heel goed kenden. Ze hebben er ook op toegezien dat de onderaannemers eveneens de regels volgden.”

een dimstand nog blijven branden. Dit wordt wel vaker in projecten toegepast, maar het sportcomplex is dusdanig groot dat er sprake is van veel vermogen. Er is een speciale noodverlichtingskast met andere bekabeling gebouwd, met groepen van 63 ampère met 3 fasen, om de ledlijnen die ermee zijn verbonden in noodsituaties te kunnen laten branden.”

EN 12193

Vast plafond versus systeemplafond

Naast de zwembadverlichting moest ook de verlichting in de sporthal aan specifieke eisen voldoen. “Het gaat om een NOC*NSF sporthal, van klasse I (competitieniveau). De internationale norm (NEN-EN 12193) wordt gevolgd. De sporthal is daarom verlicht met 750 lux, er is een lage verblindingsfactor (UGR <19) en een zeer lage flicker index (flikkeringsvrije verlichting) en een kleurweergave-index Ra van minimaal 60”, aldus Van Loon. Beekman: “De installatie verliep vrij soepel. Omdat we niet met een hoogwerker mochten werken, hebben we twee steigers gebouwd met een hoogte van veertien meter met bruggen ertussen zodat de monteurs zes meter lengte hadden om armaturen te monteren.” De verlichting in zowel de sporthal als de zwembaden kan worden gedimd. “Het dimmen tot dertig, vijftig en honderd procent is voorgeprogrammeerd zodat met één druk op de knop kan worden gedimd.”

Eveneens uniek in dit project bleek de installatie van de bekabeling in de gangen en kleedruimtes. Beekman: “Doorgaans wordt in kleedruimtes een vast plafond en in de gangen waar de leidingen en dergelijke liggen, een systeemplafond geplaatst. Bij dit sportcomplex was dit omgekeerd: een systeemplafond in de kleedruimtes en een vast plafond in de gangen. Dit vergde een andere manier van denken. Extra luiken zijn nodig op tactische plaatsen om toch bij de installatie te kunnen, contactdozen moeten slim worden geplaatst. Een goed overleg tussen de engineer en leidinggevend monteur zorgde ervoor dat steeds de passende oplossing werd bedacht.” Q

Noodverlichting Alle ledlijnen in het zwembad en de sporthal fungeren overigens als noodverlichting. Beekman: “Een externe noodverlichtingsunit met batterijen is gekoppeld aan deze ledlijnen zodat bij calamiteiten deze ledlijnen in

‘Bij het aanbrengen van de rugslagverlichting was het zwembad al gevuld met water’

De sporthal voldoet aan alle eisen van de NOC*NSF.

Installatie XL December 2018

87


RESTAURANT Pay Per Use - Lichtmanagement - Kas

Afbreekbaar paviljoen In april 2018 werd The Green House in Utrecht geopend. Een duurzaam gebouw vol circulariteit. Doel was om duurzaam paviljoen te plaatsen dat over vijftien jaar weer kan worden afgebroken en mogelijk elders kan worden opgebouwd. Bijzonderheden in het gebouw zijn het gebruik de duurzame materialen, een urban farm met stellages met veertig verschillende soorten kruiden en groenten en het gebruik van circulaire verlichting. Door Evi Husson Beeld Cepezed

88

Installatie XL December 2018


RESTAURANT

Het horecapaviljoen The Green House is vijftien jaar lang in hartje Utrecht te bezoeken. Over vijftien jaar wordt het gebouw weer ontmanteld. Vanaf de bouwfase tot de ingebruikname voeren duurzaamheid en circulariteit daarom de boventoon. Zo bestaat de fundering weliswaar uit nieuwe grondstoffen, maar deze zijn eenvoudig te verwijderen. Op het dak liggen zonnepanelen. Voor de isolatie is gekozen voor kunststof omdat dit bij ontmanteling veel eenvoudiger is te verwijderen en hergebruiken dan regulier isolatiemateriaal. De betegeling op de begane grond komt van een kade, de glazen pui is afkomstig van de voormalige Knoop Kazerne, een pand naast The Green House dat volledig is gerenoveerd. In de groene kas worden de groenten en kruiden die in het restaurant worden gebruikt, met regenwater bewaterd en ga zo maar door. Bijzonder is ook dat voor het meubilair - gemaakt van gerecycled materiaal - alleen voor het gebruik wordt betaald. Dit business model, pay per use, is eveneens toegepast op de verlichting. De armaturen blijven in het bezit van de producent.

Meten is weten “Pay per use” is een vrij nieuw concept, zegt Willem Dammers, managing director van Trilux, producent van professionele verlichting uit Duitsland. “In 2017 klopte Albron, de exploitant van het gebouw, bij ons aan. Omdat het gebouw er slechts vijftien jaar staat en circulariteit centraal staat, speelden ze met het idee om een vergoeding te betalen voor het gebruik van licht gedurende die periode in plaats van armaturen in te kopen.” Dat klinkt eenvoudig, maar in de praktijk vergt dit heel wat nadenkwerk. “We zijn van huize uit producent van verlichting. Armaturen komen doorgaans via de groothandel en de installateur bij de eindgebruiker terecht. Nu blijven we eigenaar, de groothandelaar valt weg en we staan in nauw contact met de installateur én eindgebruiker. Er moest een nieuw business model worden opgesteld om pay per use voor alle betrokken partijen aantrekkelijk te maken. Belangrijke voorwaarde om een business case op deze wijze in te richten, is het registreren van onder meer de branduren van de armaturen. Op basis van het gebruik kun je vervolgens een tarief bepalen.” Alle armaturen die in The Green House werden geplaatst, werden uitgerust met een intelligente driver. Een koppeling met het zogenoemde LiveLink

‘Energie-efficiëntie is een belangrijk uitgangspunt’

lichtmanagement systeem van Trilux zorgde ervoor dat de realtime-gegevens in de cloud konden worden uitgelezen. Het systeem registreert informatie over branduren, dimstand, omgevingstemperaturen en onderhoudsbehoeften. De gegevens kunnen via een app worden uitgelezen en individueel definieerbare

De glazen pui van The Green House is afkomstig van de voormalige Knoop Kazerne.

XL Installatiefeiten Gebouw: The Green House Opdrachtgever: Rijksvastgoedbedrijf Architect: Architectenbureau cepezed Aannemer: Consortium R-Creators, samenwerking van Strukton, Facilicom en Ballast Nedam

ruimten kunnen ermee worden geconfigureerd en aangestuurd. “Zo is het mogelijk om bepaalde scènes te kiezen. Wordt het restaurant schoongemaakt, dan zal voor een meer functionele setting worden gekozen. Samen met de eindgebruiker en installateur hebben we de scènes geprogrammeerd en ingeregeld zodat het voor hen heel eenvoudig is het licht aan te passen.”

Meerdere ruimtes In The Green House zijn er meerdere ruimtes: een keuken, het restaurant, vergaderzalen, de serre. Iedere ruimte heeft een ander type verlichting. Dammers: “In het restaurant is gekozen voor custom made kroonluchters waarbij gebruik is gemaakt van oude koperen buizen. Het hergebruik van materialen laat goed de circulariteit zien. De verlichting wordt wel aangestuurd door het lichtmanagementsysteem, om het aantal branduren te kunnen registreren. De andere armaturen zijn nieuwe standaard armaturen uit ons assortiment omdat we ze eenvoudig kunnen aansturen met het lichtmanagementsysteem. Dit zijn richtbare Canilo Led spots in het restaurant op rails; Loreto Led pendelaramtuur in de vergaderruimten en de E-line Led lichtlijn in ‘de kas’. Aan de hand van de hoeveelheid daglicht zal de verlichting tot een bepaald lichtniveau worden teruggedimd om zo

E&W installaties: Strukton Worksphere Lichtproducent: Trilux, Parus-Europe Lichtmanagementsysteem: LiveLink op basis van Dali

energie-efficiënt mogelijk te zijn.”

Incentive “Energie-efficiëntie is een belangrijk uitgangspunt”, stelt Dammers. “We meten per armatuur precies hoeveel uur ze hebben gedraaid, vragen daarvoor een bedrag en betalen zelf de energierekening. Dat betekent dat we kiezen voor energie-efficiënte verlichting, maar dat betekent ook dat als er de komende jaren een innovatieve technologie is die ervoor kan zorgen dat het project energie-efficiënter is, wij zelf ook een incentive hebben om het toe te passen in het project. Tegelijkertijd weten we dat we de armaturen over vijftien jaar terugkrijgen. Aan de hand van de gegenereerde data kunnen we zien hoeveel branduren een armatuur heeft en wat voor effect dit heeft op de materialen die in het armatuur zijn gebruikt. In toekomstige projecten kunnen we de robuustheid van de armaturen daardoor nog beter aanpassen aan het specifieke doel en de periode waarvoor ze worden gebruikt. Misschien kunnen bepaalde onderdelen goedkoper of moeten we voor andere onderdelen hoogwaardigere materialen toepassen zodat ze nog langer meegaan en niet hoeven worden te vervangen.” Nog een uitdaging is het circulaire aspect. “Over vijftien jaar komt het armatuur bij ons terug en kunnen we de armatuur mogelijk inzetten bij een ander pro-

Installatie XL December 2018

89


RESTAURANT

ject of de grondstoffen hergebruiken voor volgende producten. Wat we dankzij dit project kunnen leren is producten te ontwikkelen die beter of goedkoper zijn te recyclen zodat we onze grondstoffenbehoefte in de toekomst voor een groot deel kunnen afdekken door het hergebruik van onze eigen producten. Hiervoor zal ook een retourlogistiek moeten worden ingericht.”

Rol installateur Zowel voor de klant als voor de producent is het een interessant project. Ook voor de installateur biedt het kansen. Dammers: “Fabrikanten en installateurs werken in dit soort projecten veel nauwer samen. Het installeren zelf besteden wij uit aan installateurs waarmee we een samenwerking aangaan om onderhoud voor een lange periode, in dit geval vijftien jaar, uit te voeren. En zijn er in die innovatieve energie-efficiëntere verlichtingsoplossing die we in het project willen implementeren, dan doen we wederom beroep op de installateur. Een goed partnership is ontzettend belangrijk.”

Kas The Green House heeft ook een urban farm, een kas met gewassen en kruiden welke het restaurant serveert aan zijn klanten. Als de kruiden zijn opgeknipt of niet meer zijn te gebruiken, worden de gewassen opge-

haald door HRBS, de bedenker van het concept. Deze composteert de oude plantjes en brengt meteen een nieuwe lading, indien mogelijk afkomstig van lokale telers. Belangrijk is dat de gewassen lang houdbaar zijn. Ze staan daarom in 26 drielaagse karren, voorzien van specifieke verlichting. Sandro van Kouteren, managing director bij Parus Europe legt uit hoe de verlichting functioneert. “Per kar hebben we boven iedere tray een lineaire groeilamp geplaatst van 30 watt. Deze heeft 140 graden reflectie, wat betekent dat hij heel de laag voldoende kan verlichten om de planten in leven te houden of licht te laten groeien. Deze lampen geven visueel wit licht om de kruiden goed te kunnen bekijken. Het spectrum van de groeiverlichting bestaat uit ongeveer 15 procent blauw licht en 85 procent rood licht.” Het spectrum is naast de intensiteit en het klimaat erg belangrijk om de gewassen lang in leven te houden. “Bovenin de kast is een balustrade geplaatst met kleur dimbaar licht waarin we de kleur naar wens kunnen afstellen en de verhouding tussen blauw en rood kunnen wijzigen om te zorgen voor een optimaal spectrum om de planten te laten groeien.”De bovenste balustrade geeft op dit moment een roze licht. “Er is voor dit spectrum gekozen om een bijzonder lichteffect te creëren terwijl het ook functioneel is. In de bovenste laag van de kas is het bovendien mogelijk meer licht

Bezoekers van het restaurant worden een warm welkom geheten door sfeervolle pendelarmaturen.

90

Installatie XL December 2018

en intensiteit te geven waardoor ook bijvoorbeeld een aardbeienplant weer in bloei kan worden gezet.” De intensiteit van de verlichting speelt naast het spectrum eveneens een belangrijke rol bij groeiverlichting. “Groeilicht is niet hetzelfde als gewoon licht en wordt uitgedrukt in μmol in plaats van kelvin of lux. In The

‘Door meer licht en intensiteit te geven, kan een aardbeienplant weer in bloei worden gezet’ Green House is minimaal 50 μmol nodig om de plant licht te laten groeien en in leven te blijven. Parus Europe heeft de drielaagse kar voor The Green House op maat gemaakt en de verlichting erop gemonteerd. De stroomvoorziening is bovenop de kar geplaatst en kan voor iedere kar afzonderlijk geschakeld worden. Ook is het mogelijk de verlichting te dimmen als dat nodig is. Q


THEMA: RIOLERING /KANTOOR POMPEN Downlighters - Plafonds - Logistiek

Het nieuwe gebouw van de Goede Doelen Loterijen ademt duurzaamheid.

Lichtlijnen op maat voor Goede Doelen Loterijen In de Amsterdamse Beethovenstraat is een leegstaand kantoorpand omgetoverd tot een duurzaam vernieuwd pand met een BREEAM ‘outstanding’ certificering. Het nieuwe gebouw wordt het onderkomen van zeshonderd medewerkers van de Goede Doelen Loterijen (Nationale Postcode Loterij, VriendenLoterij en BankGiro Loterij). De bijzondere architectuur, inrichting en verlichting zorgen voor een fenomenale uitstraling. Door Evi Husson Beeld Jasper Juinen

In oktober werd het nieuwe gebouw van de Goede Doelen Loterijen officieel opgeleverd. Een prachtig staaltje architectuur dat duurzaamheid uitademt. Benthem Crouwel Architects nam de uitbreiding en de renovatie van het nieuwe kantoor voor zijn rekening. Doel was om een duurzaam, open en toegankelijk

gebouw te creëren dat niet alleen door het personeel wordt gebruikt, maar waar ook een breder publiek terecht kan. Het gebouw heeft naast kantoor- en vergaderruimtes ook een openbaar restaurant, een tv-studio, een atrium en een auditorium die kunnen worden gebruikt voor exposities en lezingen.

Plafonds zo hoog mogelijk plaatsen Het Goede Doelen Loterijen-gebouw is grotendeels een bestaand gebouw, dat dateert uit de jaren zeventig. Oude gebouwen zijn in de regel wat minder hoog dan nieuwe gebouwen. Om toch een ruimtelijk effect te krijgen is ervoor gekozen de plafonds zo

Installatie XL December 2018

91


KANTOOR

die bij dit project erg uitdagend was, zegt de Lange. “In doorsnee kantoorpanden wordt met strakke lijnen en eenzelfde type lampen gewerkt in de kantoorruimtes. Bij dit project werd de verlichting eclectisch aangebracht.” De Lange: “Er zijn veel verschillende armaturen gebruikt die op verschillende manieren in het plafond moesten worden gepositioneerd. Omdat er zo weinig repeteerfactor in zat, heb ik daarom een specifieke man aangewezen om de logistiek in goede banen te leiden.”

Lichtlijnen met leds

In de kantoorruimtes is gekozen voor ronde diffuse downlighters van verschillende groottes die in een random patroon zijn geplaatst.

XL Installatiefeiten Gebouw: Beethovenstraat, Amsterdam Opdrachtgever: Goede Doelen Loterijen Architect: Benthem Crouwel Interieurarchitect D/Dock design studio Lichtontwerper en -advies: Robert Jan Vos

hoog mogelijk plaatsen en is de ruimte om alles weg te werken beperkt. Onder andere in de kantoorruimtes zijn de plafonds om de installatie uit te voeren beperkt. Een goede coördinatie en engineering was hier van groot belang, te meer omdat naast de verlichting ook andere systemen - luchtverversing, cv en koeling, kabelgootstructuren voor elektro- en databekabeling - moesten worden aangelegd.

Diffuse downlighters “Kruisingen van systemen moesten we voorkomen terwijl het lichtplan pas in een laat stadium volledig

De basisverlichting geeft diffuus licht

klaar was. Dat heeft enigszins voor wat hoofdbrekens gezorgd”, vertelt René de Lange, projectleider bij Homij Technische Installaties. In de kantoorruimtes is gekozen voor ronde diffuse downlighters van verschillende groottes die in een random patroon zijn geplaatst. Lichtontwerper Robert Jan Vos licht toe: “De basisverlichting geeft diffuus licht. Met aanvullende bureauverlichting kan het lichtniveau tot op het gewenste niveau worden gebracht. Zo kan een meer huiselijke sfeer worden gecreëerd. In combinatie met de keuzes die de interi-

92

Installatie XL December 2018

Installatieadviseur: Halmos Adviseurs Installatie e + w: HOMIJ Technische Installaties Start constructie: Oktober 2016 Oplevering project: Oktober 2018

eurarchitect maakt, ontstaat een warme aangename werksfeer en een mooi samenspel.”

Atrium De benedenverdieping van het pand heeft een open karakter. Het atrium of centrale binnenplein moest een plek worden waar men zich thuis zou kunnen voelen, kan werken en ontspannen en elkaar kan ontmoeten. Vos: “De medewerkers van de Goede Doelen Loterijen werkten voorheen verspreid op meerdere locaties aan het Vondelpark in Amsterdam. Om de monumentaliteit van deze panden op een bepaalde manier in de binnenruimte van het pand weer te geven, zijn grafisch silhouetten van grachtenpanden op de binnenwanden ontworpen door de architect.” De vormen van de gevels zijn naar idee van de medewerkers zelf. Vos: “De gevelstructuren die de medewerkers voorstelden, zijn geselecteerd en grafisch verwerkt aan de binnenzijde van het atrium. Heel genuanceerd werd hier verlichting aangebracht door middel van spotjes. In de gevels zelf is eveneens decoratieve verlichting verwerkt, zoals deurverlichting die kan worden gedimd.” Technisch gezien konden er geen drivers worden geplaatst. “De verlichting wordt via Dali aangestuurd terwijl de voeding van de armaturen centraal op een andere plek wordt geregeld. Op die manier is het mogelijk te zorgen voor verfijning.”

Logistieke voorbereiding Iedere armatuur an sich plaatsen, was niet heel moeilijk. Het was vooral de logistieke voorbereiding

Ook de bouwplaats was relatief klein. “In goed overleg met de bouwkundige aannemer, die zelf ook veel materiaal moest aanvoeren en verwerken, hebben we een plan bedacht hoe de bouwplaats het beste kon worden ingericht. Steeds konden we voor ongeveer een week productie, materiaal op de bouwplaats neerleggen. Dit legde ook weer druk bij de leveranciers. In totaal zijn ongeveer 2.500 armaturen, 150 noodverlichtingsarmaturen en heel wat meters lichtlijnen met leds geïnstalleerd.” Lichtlijnen werden onder andere geplaatst in de leuning van de iconische trap in het atrium. Dit atrium is een vrij grote, open ruimte met bijzondere trap en bordessen met bloemen en planten die mensen het gevoel geven dat ze zich op een mediterraan dorpsplein bevinden. Deze bijzondere stalen trap, ontworpen door architect D/Dock, is een essentieel onderdeel van het atrium.

Lichtlijnen op maat De lichtlijnen in de trapleuningen zijn op maat gemaakt. Daarvoor moest veel afstemming gebeuren met de producent om dit erin te krijgen. Roel Meijer, managing director bij Q-CAT Lighting geeft uitleg over deze verlichting: “De installateur heeft de segmenten van de balustrade exact opgemeten en aan ons doorgegeven. De toegepaste lichtlijn is de Venus IQ White sideview van het fabricaat Led Linear. De productielengtes van de lichtlijn wordt in de fabriek op lengte geproduceerd. De toegepaste Venus IQ white lichtlijn is voorzien van een tunable white ledstrip (2500K-4800K) en is ingegoten in polyurethaan. Hierdoor ontstaat een puntvrij lichtbeeld.”

Lichtlijn plaatsen De plaatsing van de verlichting bleek uiteindelijk moeilijker dan gedacht. De Lange van Homij: “Bij het plaatsen van de lichtlijn in de leuning bleken deze in eerste instantie niet te passen. Omdat alle componenten naadloos op elkaar aansluiten zorgt een minieme afwijking al voor moeilijkheden. Alles was goed opgemeten, maar de verflaag bleek dikker te zijn aangebracht dan waarop was geanticipeerd in de berekeningen. De dikkere verflaag zorgde ervoor dat de armatuur net niet in de nis paste. Als oplossing hebben we de bevestigingsstrip die om de verlichting heen zat - een schroefbevestiging - gedemonteerd zodat we met een tweecomponentenlijmoplossing de lichtlijnen konden bevestigen. Met deze oplossing konden we de lichtlijn probleemloos plaatsen.”


KANTOOR

Meer trapverlichting

Lichtshow

Traptredeverlichting

In een andere trap in de centrale hal is eveneens gewerkt met lichtlijn. Dit keer niet in de trapleuning maar in de overgang tussen de treden en de stootborden. Meijer: “De tredes van deze functionele trap zijn negentig centimeter breed. In het ontwerp van de trap is een uitsparing gemaakt tussen het verticale stootbord en de trede. De wens van lichtontwerper Robert Jan Vos was om het stootbord te accentueren met een minimalistische lichtlijn. Hiervoor is de Amor van het fabricaat Led Linear gebruikt met slechts een breedte van vijf millimeter en een hoogte van dertien millimeter. Voor deze lichtlijnen is een installatieprofiel op maat gemaakt waarin de lichtlijnen zijn ingewerkt.” In totaal is er ongeveer tweehonderd meter lichtlijn gebruikt om de trappen te verlichten. Vos: “Het strijklicht dat door middel van deze lichtlijnen van onderaf het verticale stootbord van de trap aanlicht, zorgt voor een bijzonder effect.”

Als aanvulling, vanuit het bordes van de trappen werd verlichting met nauwe bundels aangebracht die een theatraal beeld geven in de avond. Het atrium kan ook als feestruimte worden gebruikt, geeft Vos aan. “Er zijn voorzieningen voor theaterverlichting aangebracht. De theaterverlichting kan net als de buitenverlichting worden gekoppeld aan eenzelfde KNX-installatie. Op die manier kan een lichtshow worden gedraaid waarbij ook een deel van de gebouwverlichting is aangesloten.” Blikvanger van het gebouw is het symbolische bladerdak. Dit dak bestaat uit 6.800 aluminium ‘bladeren’. Zeven verschillende spiegelende panelen zijn kruiselings ingesneden en onder verschillende hoeken gevouwen waardoor ze op verschillende manieren daglicht doorlaten. Dit zorgt voor een bijzonder licht en schaduwspel op de wanden en vloeren.

Vos: “Om het bladerdak boven de entree te accentueren, is traptredeverlichting aangebracht die vervolgens door reflectie ervan subtiel het dak aanstraalt. Waar openingen zitten, straalt het licht verder naar boven toe. Omdat het gebouw BREAAM gecertificeerd is, moest het licht onder een bepaalde grenswaarde blijven. Dit om te voorkomen dat er lichtvervuiling zou zijn. Ook met deze parameter moet rekening worden gehouden.” “Er spelen een aantal extra zaken een rol om aan de BREAAM -eisen te kunnen voldoen. De complexiteit neemt toe, maar uiteindelijk verbetert ook de kwaliteit. Dergelijke aspecten bespreek ik met de opdrachtgever en architecten die zich vooraf niet altijd bewust zijn van dit soort zaken. De communicatie met de opdrachtgever verliep echter gedurende het gehele project goed. Steeds als het nodig was, werd overlegd wat leidde tot een mooi eindresultaat.’ Q

Bij dit project werd de verlichting eclectisch aangebracht.

BREAAM-certificering Het gebouw heeft een BREEAM ‘outstanding’ certificering. Het gebouw werd beoordeeld op diverse categorieën: management, gezondheid, energie, transport, water, materiaal, afval, landgebruik en ecologie en vervuiling. Om hoog te scoren moeten al deze categorieën afzonderlijk goed scoren. Er is met duurzame materialen gewerkt, aan de zuidkant zijn zonnepanelen op het dak geplaatst, overal is met ledverlichting gewerkt, regenwater wordt gebruikt om de wc’s door te spoelen en de daktuinen te besproeien. Robert Jan Vos: “Een voordeel van BREAAM is dat al in een vroege fase duidelijk moet zijn hoe een gebouw wordt ingericht. Waar de vaste en waar de flexwerkplekken moeten komen en welke ruimte voor welke functie wordt

gebruikt moet al vroeg worden vastgelegd om te kunnen berekenen hoe aan de BREAAM-eisen kan worden voldaan. Dat creëert mogelijkheden om al in een vroeg stadium het lichtontwerp hierop nauwkeurig af te stemmen.” De Lange: “Er zijn in het gebouw ook allerlei energiemeters voorzien. Op die manier kunnen bepaalde grotere gebieden worden gemonitord zodat men bijvoorbeeld weet welke verdieping meer of minder energie verbruikt. Men kan onder de werknemers bijvoorbeeld ook competities uitschrijven om zo weinig mogelijk energie te gebruiken. Dit biedt een extra stimulans om slim om te gaan met energie.”

Installatie XL December 2018

93


Jouw kennis is goud waard!

Wauw, Bert heeft net succesvol zijn training bij het Kenniscentrum Noodverlichting afgerond! Hij heeft nu alle kennis in huis om zijn installatiewerkzaamheden nรณg beter uit te voeren. Wil jij, net zoals Bert, ook je klanten van een veilig advies voorzien? Bezoek dan onze website!

Famostar, werkt aanstekelijk


Zijn ze nou helemaal van gas los?! Nee, maar onze warmtepompen zijn dat wel! Ga naar remeha.nl/ warmtepompen en ontdek wat wij allemaal in huis hebben.

n een Wij hebbe voor uw g in s s lo p o vraagstuk e m a z r u u d niveau: ie it b m a lk op e

c ĂŠn i r t c e l e l l a hybride

remeha.nl/warmtepompen


UW B IG W H IT E 2 019

NIE

YE AR S OF SLV

Profile for B+B Vakmedianet

Installatie XL een uitgave van Installatie Journaal & Gawalo  

Over grote en grootse projecten

Installatie XL een uitgave van Installatie Journaal & Gawalo  

Over grote en grootse projecten