Issuu on Google+

12e jaargang | maart 2009 | nummer 1

infra actie

CitĂŠ en Route 4 Maximo automatiseert railonderhoud 8 Afzinktunnel New Tyne Crossing 12 Rotterdam duurzaam onderdak 16 Van A2 naar Beter 18


3 | Infra Actie

inhoud 3

Voorwoord Nico de Vries

4

Unieke aanbesteding in Maastricht

6

Spanning onder controle

8

BAM CO2-inspanningen wereldwijd onder de aandacht

Maximo automatiseert railonderhoud

10

Campus Maastricht

12

Afzinktunnel New Tyne Crossing

14

De nieuwe grondroerdersregeling

16

Rotterdam duurzaam onderdak

18

Van A2 naar Beter

Tijdens de veertiende internationale klimaattop die in december 2008 in Poznan werd gehouden, is aandacht besteed aan de inspanningen van BAM op het gebied van reductie van CO2 -emissie. KPMG presenteerde BAM als best practice voor haar CO2 -inspanningen. Met name de door BAM opgestelde Carbon Footprint voor de bouwsector, de BAM CO2 -desk (www.bamco2desk.nl) en de inspan­ ningen van BAM om tot meetbare vergelijking te komen met andere bedrijven zijn onder de aandacht van de bezoekers gebracht.

Multimengmachine BAM Betontechnieken (onderdeel van BAM Civiel) beschikt sinds kort over een multimengmachine. Met deze machine is het mogelijk om schuimbeton en combinatie­deklagen te produceren. De installatie is geheel zelfvoorzienend en heeft alleen een watertoevoer nodig. De machine mengt het materiaal met een maximum van 400 m3 per dag.

Nico de Vries blikt terug en kijkt vooruit

Kredietcrisis biedt ook kansen Ook bij Koninklijke BAM Groep zijn er sectoren die de gevolgen ondervinden van de financiële crisis. Het is maar de vraag of de bouw in 2009 al herstel en groei kan waarnemen. In de sector Infra is de last minder merkbaar. Bestuurslid Nico de Vries concludeert dat 2008 voor BAM op hoofdlijnen een goed jaar was. Hij blikt ook positief vooruit op 2009. Succesvol ‘In hoofdlijnen was 2008 een goed jaar. Wel speelde de fijnstofproblematiek ons parten. Gelukkig heeft de overheid nu fijnstofprocedures ontwikkeld, waardoor de realisatie van een aantal projecten in 2009 doorgang kan vinden. We kunnen daarnaast terugkijken op een bijzonder succesvol integratieproject tussen DMC en Multiconsult. De nieuwe onderneming BAM Infraconsult staat als een huis. Ook BAM Civiel bevond zich in een veranderingsproces. De directie is in aantal versterkt en de business unit Projecten is volledig opgegaan in BAM Civiel en wordt nu rechtstreeks door de directie aangestuurd. Het aanbesteden van service en onderhoud bij het spoor is een nieuw proces waar BAM Rail steeds beter op in weet te spelen. Dat is van belang, want ProRail komt met nieuwe aanbestedingen in de markt.’

Start boor Eemstunnel Eind januari is gestart met het boren van de 4,1 kilometer lange Eemstunnel van Rysum (Duitsland) naar Borgsweer. De tunnel wordt door de N.V. Nederlandse Gasunie gebruikt voor de aanleg van een nieuwe transportleiding voor aardgas. De bouw van de Eemstunnel wordt uit­ gevoerd door BAM Combinatie Eemstunnel (BCE), die bestaat uit BAM Civiel en Wayss & Freytag Ingenieurbau AG (werkmaatschappij van Koninklijke BAM Groep). Voorafgaand aan de start werd de boor Amisia - de oude naam voor de Eems - gedoopt en ingezegend door een pastoor. Ook plaatste men een beeld van de Heilige Barbara, de beschermvrouwe van tunnelbouwers. De superboormachine heeft een totale lengte van 82 meter en is speciaal voor dit project ontwikkeld. Het boorrad van de machine is aangepast aan de diverse grond­soorten: harde en zachte klei, zand en zwerfkeien. De boor­ werkzaamheden zijn naar verwachting eind 2009 gereed.

4 12

Doorgang ‘Voor 2009 staat de aanbesteding van een aantal grote infrastructuurprojecten op het programma, zoals de A15 en de A12. En ook de projecten die al een tijd in de pen zaten, maar die door de fijnstofproblematiek vertraging ondervonden, kunnen nu gelukkig van start gaan. BAM Infratechniek kent een aantal activiteiten die ondanks de economische crisis onverminderd doorgang vinden, zoals het aanleggen van glasvezelnetwerken. BAM Wegen heeft zich goed ontwikkeld in 2008, mede door uitstekende risicobeheersing en enkele grote projecten.’

6 Colofon Infra Actie informeert vier keer per jaar over de projecten van BAM Infra op het gebied van civiele beton- en industriebouw en boven- en ondergrondse infrastructuur. In BAM Infra zijn de volgende bedrijven gebundeld: BAM Civiel, BAM Infratechniek, BAM Rail, BAM Wegen en BAM Infraconsult. Redactie en vormgeving Redactieleden Fotografie/illustraties Drukwerk Contactadres ISSN 1574-9568

TTF Marketing & Communicatie, Amersfoort Kathleen Banga-Davis, Inge van Daalen-van Oers, Jeroen Kleijn, Henk Kuipers, William van Niekerk, Karin van der Tas-Pennin, Nico de Vries, Willem Weeda Rob Melchior, de Beeldredaktie en Kees Spruijt Van Amerongen, Amersfoort. BAM Infra, Postbus 2419, 3500 GK Utrecht, telefoon (030) 287 68 76, fax (030) 287 68 09

N

ico de Vries: ‘Het stormt wereldwijd in de finan­ ciële wereld. Dat heeft enorme consequenties voor de economie, ook in Nederland. We moeten er echter voor waken elkaar niet na te praten en zelf kritisch te blijven en te onderzoeken wat werkelijk gebeurt. We zien bijvoorbeeld in de markt dat overheden flink investeren in de aanleg van infrastructuur en dat ook blijven doen. Er staan weliswaar nog geen extra projecten op stapel om de crisis het hoofd te bieden, maar er ontstaat wel een beweging om de gebruikelijke procedurele vertragingen bij grote projecten op te lossen.’

Samenwerking ‘In een tijd van crisis geldt meer dan ooit dat onze werkmaatschappijen door met elkaar samen te werken een sterkere positie kunnen innemen in hun markten. Niet alleen bij de uitvoering, maar ook bij het traject van aanbieden. Het is een uitdaging om de prioriteiten die de werkmaatschappijen voor zichzelf stellen goed op elkaar af te stemmen. Hiervoor hebben we het projectmanagement systeem infra ontwikkeld, waarmee het mogelijk is om projecten die de werkmaatschappijen samen uitvoeren integraal aan te sturen.’


4 | Infra Actie

5 | Infra Actie

Consortium BA2M toont plan voor A2 Maastricht aan publiek

Unieke aanbesteding in Maastricht Voor de openbare aanbesteding van de ondertunneling van de A2 in Maastricht is een uitzonderlijke procedure gevolgd. Het publiek, en daarmee ook de deelnemende consortia, konden tussentijds kennisnemen van de afzonderlijke plannen. Dat is nieuw in Nederland.

I

n 2007 heeft Koninklijke BAM Groep het consortium BA2M opgericht voor de openbare aanbesteding van het project A2 Maastricht. Hierin werken BAM Civiel, BAM Wegen, BAM Infratechniek, BAM Vastgoed en AM Ontwikkeling (onderdeel BAM) samen, ondersteund door BAM Infraconsult en ingenieursbureau Royal Haskoning. Gezamenlijk kwamen zij tot de oplossing Cité en Route (zie kader). Van 16 november 2008 tot 16 januari 2009 kon het publiek kennis­nemen van de voorlopige plannen van de drie consortia die nog in de race zijn. ‘Het is vooral voor het publiek bijzonder dat men kan zien wat de drie consortia hebben ontwikkeld’, meent Robert Bos, projectdirecteur van BA2M. ‘Ook wij waren benieuwd naar de ideeën van de anderen. Cherry picking is overigens niet toegestaan: exceptionele

vondsten in de uitwerking horen onlosmakelijk bij jouw plan, daar mag een ander niet mee aan de haal gaan.’

Slimme oplossing Gedurende twee maanden kon het publiek in Maastricht twee middagen per week in discussie treden met de specialisten van BA2M op het gebied van geluid- en luchtkwaliteit, stadsontwikkeling, verkeer, de situatie tijdens de bouw en natuur & milieu. ‘Het was voor ons ook een hele belevenis’, vertelt Robert Bos. ‘Onze specialisten hebben zich honderd procent ingezet om alle aspecten van het plan goed te belichten. Cité en Route is een goed doordacht, solide en slimme oplossing die verder gaat dan de eisen van de opdrachtgever. Vooral waar het gaat om het verbinden van natuurgebieden en het terugbrengen van groen in de stad.’

Positieve reacties Het publiek kon via een website zijn voorkeur laten blijken. Doorslaggevend is die stem niet. Het is uiteindelijk de gunningcommissie die op basis van zes objectieve criteria bepaalt wie de opdracht krijgt. Ondanks het feit dat het publiek geen directe invloed heeft, waren de reacties over de hele linie bijzonder positief. ‘En dat is mooi’, zegt Robert Bos.

Blij ‘De mensen in Maastricht zijn blij dat er eindelijk iets gaat gebeuren. De verkeersproblematiek rondom de A2 dateert immers al van voor 1995.’ De informatiedagen hadden niet alleen tot doel te informeren over de inhoud van Cité en Route, maar ook over wat uiteindelijk de gevolgen zijn. ‘Dat was vaak het lastigst om uit te leggen’, sluit Robert Bos af. ‘Voor de mensen is het moeilijk voor te stellen dat er geen verkeer meer bovengronds rijdt. Nu zien zij dagelijks duizenden auto’s voorbij komen die je ruikt en hoort. Straks is er opeens een park midden in hún stad.’

Robert Bos licht het plan van BA2M toe.

Cité en Route, dé oplossing voor verbinden en doorstromen De opdrachtgevers Rijkswaterstaat, de provincie Limburg en de gemeenten Maastricht en Meerssen, verenigd in het Projectbureau A2, hadden een duidelijke opdracht: bedenk het beste plan om de problematiek op te lossen die het verkeer op de A2 in Maastricht veroorzaakt. Het Projectbureau A2 stelde daarbij twee belangrijke voorwaarden: het plan moet voorzien in een tunnel met twee keer drie rijstroken én er moet een stadsboulevard op maaiveld komen. Zo ontstond Cité en Route, de oplossing van BA2M voor verbinden en door­stromen. De kern van het idee is een dubbel­laagstunnel. Elk tunneldeel bestaat uit twee keer twee rijstroken, in totaal dus acht rijstroken. De onderste tunnel is voor het doorgaande snelwegverkeer, de bovenste voor het regionale- en bestemmingsverkeer. De bovenste tunnel completeert de stadsring Maastricht. Op maaiveldniveau ligt geen weg meer, daar komt een stadspark. Het verkeer wordt volledig door de tunnels geleid. Dit betekent dat de wijken die door de A2 gescheiden werden, weer met elkaar verbonden zijn. Naast BA2M nemen nog twee consortia deel. Avenue2 bestaat uit de partners Strukton en Ballast Nedam. Hun plan De groene loper kent net als de oplossing van BA2M een dubbellaagstunnel met acht rijstroken. Maar op maaiveld­ niveau ligt nog wel een stadsboulevard: de wijken zijn nog steeds van elkaar gescheiden door een weg. Het derde consortium is de Unie van Maastricht, gevormd door Volker Wessels Stevin en Heijmans. Hun oplossing Verrassende verbindingen voorziet in een enkellaagstunnel van twee keer drie rijstroken en een stadsboulevard op maaiveld.

De dubbellaagstunnel met acht rijstroken.

De keuze voor het beste plan wordt rond 1 juli 2009 verwacht. Daarna is nog een lange weg te gaan: in 2017 wordt de tunnel opgeleverd.


6 | Infra Actie

7 | Infra Actie

Aanleg converterstations nodigt uit tot innovaties

Spanning onder controle Bij de bouw van twee converterstations voor de BritNed-hoogspanningsverbinding tussen Engeland en Nederland past BAM Civiel op de Maasvlakte een drietal innovatieve technieken toe: grondverdichting, glijbekisting en vezelbeton. Deze toepassingen zijn kostenbesparend en dragen bij aan de kwaliteit en de veiligheid.

‘B

innen de EU is het gewenst om alle hoogspanningsnetten aan elkaar te koppelen’, legt Jaap de Vries uit, projectmanager bij BAM Civiel. ‘Zo kun je pieken en dalen in de verschillende gebruiks­g ebieden afvlakken en tekorten opvangen.’ BAM Civiel neemt deel in het BritNed Converter Consortium waarin zij met Siemens samenwerken. Op Britse bodem is BAM Nuttall, het Engelse zusterbedrijf, partner. BritNed is opdrachtgever voor de bouw van de twee converter­ stations. In deze stations wordt 380 kilovolt wisselstroom omgezet naar 450 kilovolt gelijkstroom en vice versa. Siemens is verantwoordelijk voor het ontwerp van beide converterstations, inclusief alle elektrische componenten, en BAM Civiel voor het ontwerp en de realisatie van het betonwerk. BAM Techniek is eveneens bij de opdracht betrokken en voorziet de installaties van

elektrotechnische en werktuigbouwkundige systemen. De converterstations moeten in december 2010 operationeel zijn.

Grondverdichting De energie wordt als gelijkstroom door de onderzeese kabel getransporteerd, waardoor het rendement veel hoger is. Daarvoor zijn specifieke voorzieningen nodig, die Siemens in een eisenpakket heeft vervat. Jaap de Vries: ‘Er komt een controlegebouw, twee valve-hallen waar van gelijkstroom wisselstroom wordt gemaakt, twee gelijkstroomhallen en een reserveonderdelengebouw. Van een aantal gebouwen ligt de fundering er al. In het ontwerp is bepaald dat grondverdichting toegepast moest worden op basis van de vibratiemethode. Dat kan alleen op een

natte zandondergrond, zoals hier op de Maasvlakte. Grondverdichting is een stille methode die heien overbodig maakt en bovendien het risico uitsluit om ondergrondse hoogspanningsleidingen te raken.’

Gebouwen Jaap de Vries: ‘De uitvoering van de valve-hallen is bijzonder. Deze moeten met staal worden beplaat, zodat de elektromagnetische straling niet kan ontsnappen. Om dezelfde reden wordt de wapening in de vloeren aan elkaar gelast. In de gelijkstroomhallen bevinden zich de aansluitpunten voor de kabel uit Engeland en diverse meters. Verder is er een gebouw waar reserveonderdelen worden opgeslagen, zodat vervanging direct kan plaatsvinden. Uit milieuoverwegingen hebben we de - verplichte - bluswatertank onder het gebouw gesitueerd. Deze wordt gevuld met regenwater. Leiding­water gebruiken we alleen als we de tank moeten bijvullen. De inhoud bedraagt 360 m3. Dat is voldoende om twee uur lang te blussen en, indien nodig, de transformatoren te koelen.’

Glijbekisting ‘Buiten de gelijkstroomhallen staan grote transformatoren van 250 ton per stuk. Deze zijn opgesteld voor een twintig meter hoge wand die

brandwerend en explosieveilig is. De wand dient tegelijkertijd als buitenmuur van de gelijkstroom­­hallen. Bij het bouwen van deze wand gebruiken we glijbekisting. Dit is een continuproces van betonstorten waarbij de bekisting langzaam met het beton mee omhoog kruipt met een snelheid van drie à vier meter per dag. Dat is mogelijk dankzij geleiders in het beton, de zogenoemde hydraulische vijzels’, legt Jaap de Vries uit.

Vezelbeton Op het buitenterrein komt een groot aantal losse fundamenten. Jaap de Vries: ‘Het gaat om kleine betonelementen waarop weerstanden, condensatoren en elektrische spoelen staan. Vanwege de veiligheid worden deze op hoge poten geplaatst. De spanning kan de wapening verhitten, uit het beton doen springen of in het ergste geval doen smelten. We kunnen de wapening wel isoleren, maar dat is duur. Een alternatief is om voor deze fundamenten vezelbeton te gebruiken. Dan is er helemaal geen wapening meer nodig, omdat er kunstvezels aan het beton worden toegevoegd. Hiervoor zijn nog geen wettelijke normen. Daarom hebben we uitvoerige tests bij de TU Delft laten doen. Het ziet ernaar uit dat we aan alle voorwaarden voldoen om dit beton hier te mogen toepassen.’


8 | Infra Actie

9 | Infra Actie

BAM Rail Services lanceert met succes ‘Maximo’

Automatiseren van het onderhoudsproces Tot 2012 vindt in fases de aanbesteding plaats van het gehele onderhoud op het spoor. Met het nieuwe onderhoudmanagementsysteem Maximo kan BAM Rail Services zich optimaal richten op nieuwe contractvormen. Kwaliteit en efficiency staan daarbij voorop.

‘H

et systeem is begin januari zonder noemenswaardige problemen geïmplementeerd’, meldt Fred Jansen, vestigingsmanager bij BAM Rail Services in Rotterdam. ‘Met Maximo kunnen we het hele onderhoudsproces, de contractvormen en eventuele afwijkingen inzichtelijk maken. Bovendien optimaliseert het de communicatie tussen de

verschillende disciplines, zoals Baan, Seinwezen en Bovenleidingen en de communicatie met de opdrachtgever. Die kunnen we snel benaderen met concrete voorstellen voor de interne bewaking van inspectie- en onderhoudscycli. De afdeling Onderhoudsmanagement kan dankzij Maximo precies bepalen waar en hoe we onderhoud moeten verrichten.’

‘We krijgen daardoor een helder beeld hoe we zo efficiënt mogelijk kunnen werken en wat we daadwerkelijk aan installaties hebben gedaan’, voegt Peter van Hamond toe, intern projectleider bij BAM Rail Services. ‘We kunnen bovendien elke gewenste managementrapportage uit het systeem halen. Dat is uitermate belangrijk nu we naar nieuwe contractvormen

en meer prestatiegericht onderhoud gaan. Onze vestigingen in Eindhoven en Rotterdam lopen dankzij dit systeem synchroon en ook als we elders een vestiging opzetten, kan die direct uniform functioneren.’

Historie ‘De ontwikkeling van Maximo was een hele klus’, weet Peter van Hamond. Hij is sinds 2000 bezig met het optimaliseren van het onderhoudsproces in de vestiging Eindhoven. ‘Uit onderzoek bleek indertijd al dat er meer integraal moet worden gewerkt - met samengestelde teams uit verschillende techniekvelden - en objectgericht. Daarom zijn we meer naar de functie van een object gaan kijken en naar de onderhoudsinspanning die daarvoor nodig is. Juist hiervoor is het softwareprogramma Maximo ingericht. Dat programma is vervolgens geïmplementeerd bij de vestiging Eindhoven voor de techniekvelden Baan en Seinwezen. Met name het daadwerkelijk technisch inrichten en testen van het programma is veel werk geweest. We praten over honderdduizenden werkorders, tienduizenden objecten en duizenden standaard activiteiten.’

Mobiel ‘Bij de ontwikkeling van Maximo hebben we ook een mobiele applicatie gemaakt die naadloos op Maximo aansluit’, vervolgt Peter van Hamond. ‘Daardoor hebben we, wanneer we buiten aan het werk zijn, ook toegang tot de meest actuele gegevens in Maximo. Zo kunnen we de complete workload in onze centrale database raadplegen. De monteur beschikt daarmee over alle relevante informatie over het object, volledige informatie over eerdere meldingen en hij heeft bovendien de mogelijkheid om ter plekke een nieuwe melding in te voeren. Mocht er een team aanwezig zijn dat zowel inspecties als kleine herstelwerkzaamheden uitvoert, dan kan de betreffende werkorder onder bepaalde voorwaarden zelfs meteen worden afge­ handeld.’


10 | Infra Actie

11 | Infra Actie

BAM Civiel Zuidoost werkt aan unieke studentenhuisvesting

Visitekaartje voor modern Maastricht Campus Maastricht wordt met een opvallende 64 meter hoge (woon)toren en groene gevelbekleding van gepatineerd koper een opvallend complex. De manier waarop het project tot stand kwam, is bovendien bijzonder: een bouwteam waarin een aantal partners samenwerkt onder de vleugels van een woningbouwstichting. BAM Civiel Zuidoost is één van deze partners.

‘C

ampus Maastricht moet zich in kwaliteit en architectuur onderscheiden van andere studentenhuisvesting’, vindt Leks Verzijlbergh, algemeen directeur van Woningcorporatie Servatius Wonen & Vastgoed. ‘Toen de Universiteit Maastricht ons in 1999 vroeg om een plan te maken voor studentenhuisvesting in Randwyck, tegenover het Academisch Ziekenhuis, wilden we het concept van meet af aan breed neerzetten. Het complex moest niet alleen huisvesting bieden aan studenten, maar ook kantoor- en bedrijfsruimtes voor startende ondernemers en een sporthal bevatten. Het moest een campus worden die onder-

houdsarm is en die een onderscheidende architectuur heeft, zodat het iets toevoegt aan de stad Maastricht.’

Hoog risicoprofiel Servatius benaderde in 2000 de vermaarde Spaanse architect Santiago Calatrava voor het ontwerp. Leks Verzijlbergh: ‘We beseften dat we hiermee niet de makkelijkste weg kozen om binnen budget te blijven en toch creatieve vrijheid te geven. Het huidige ontwerp, gebaseerd op kubussen, voldoet echter hele­ maal aan wat we tien jaar geleden voor ogen hadden.’ De plannen voorzien in 96 guesthouses, 402 studio’s en

22 appartementen, plus ruimte voor kantoren en sportfaciliteiten. Het uitzonderlijke bouwwerk moet in 2012 gerealiseerd zijn. ‘Bij het begroten van de bouwkosten ondervonden we dat aannemers een zeer hoog risicoprofiel voorzagen. Daarom hebben we de bouw in een vijftal percelen opgedeeld en apart aanbesteed: beton, installaties, staal, bouwplaats­ inrichting en gevels. BAM Civiel Zuidoost verzorgt het beton, GTI de installaties, Victor Buyck Steel Construction het staal en het Spaanse Grupo Folcra de geveldichting met de groene gevelbekleding. Samen vormen zij een bouwteam. In dit model doet Woningcorporatie Servatius zelf de coördinatie vanuit de dochter­onderneming Bouw en Exploitatiemaatschappij Campus Maastricht, die ook de formele opdrachtgever is.’ ‘Nog iets nieuws is dat de bouwplaatsinrichting en -beveiliging uit de begroting van de deelnemende partijen is gehaald’, vult Ruud Deckers aan, directeur bij BAM Civiel Zuidoost. ‘Normaal gesproken verzorgt ieder zijn eigen bouwplaatsvoorzieningen en al het materieel. Nu is dat bij één partij gecentraliseerd. Dat zorgt voor extra kostenefficiency.’

Hoogste punt Ruud Deckers: ‘De moeilijkheidsgraad van de beton­ constructie zorgt voor een fantastische uitdaging voor zowel de medewerkers op de bouwplaats als de technische staf. De constructies zijn uitzonderlijk qua zwaarte en wapening. Elke kubus heeft zijden van veertien meter en bestaat uit een mix van kamers, appartementen en studio’s. De 64 meter hoge kern, waarin trappenhuis en liftschacht zijn opgenomen, moet dat allemaal ondersteunen. Na de eerste paal op 15 september 2008 zijn er inmiddels 757 gevolgd. In het voorjaar 2010 bereiken we het hoogste punt. De toren is dan meteen de hoogste toren in Maastricht.’ ‘Ook zijn er nog veel afbouwwerkzaamheden voordat de eerste student in 2011 z’n intrek kan nemen’, vervolgt Leks Verzijlbergh. ‘Voor alle onderkomens, de kantoren en de sporthal komt er nog een tweede aanbestedingsronde. Het project sluit goed aan bij de inzet van de Universiteit Maastricht op een groei met 4000 studenten.’ De Campus vormt een nieuw landmark voor Maastricht en geeft een impuls aan de economie in Zuid-Limburg.


12 | Infra Actie

13 | Infra Actie

Nederlandse ervaring meer dan welkom in Engeland

Afzinktunnel New Tyne Crossing Onlangs is gestart met de werkzaamheden voor de afzinktunnel New Tyne Crossing in Newcastle, de derde afzinktunnel in Groot-Brittannië. De ervaring in afzinktunnelbouw en -ontwerp vanuit Nederland is dan ook meer dan welkom. BAM Civiel en BAM Infraconsult bieden een unieke synergie van theorie en praktijk op dat gebied.

H

et contract omvat de bouw en het afzinken van vier tunnelelementen van elk negentig meter lang. De breedte van de tunnel is vijftien meter. ‘Het subcontract is onderdeel van een groot PPS-pro-

ject ter verbetering van de doorstroming op de ring van Newcastle’, vertelt Nhut Quang Nguyen, senior constructeur bij BAM Infraconsult en chief engineer van het project. ‘Als de nieuwe tunnel klaar is, wordt de oude

tunnel onder de Tyne gerenoveerd. Elke tunnel gaat één richting van de verkeersstroom verwerken.’ De werk­ zaamheden worden uitgevoerd door een combinatie van Volker Stevin Construction Europe en BAM Civiel. Het ontwerp van de afzinktunnel is gemaakt door het Engelse High-Point Rendel.

Synergie ‘Een project over onze landgrenzen is vrij uniek voor BAM Civiel’, legt Wesley de Jong uit, werkvoorbereider bij BAM Civiel. ‘In Groot-Brittannië heeft men relatief weinig ervaring met afzinktunnels. BAM Infraconsult heeft veel kennis en ervaring met betrekking tot afzinktunnels.’

De mond van de Tyne bij Newcastle. ‘In de loop der jaren is er een hechte samenwerking op dat gebied ontstaan tussen BAM Civiel en BAM Infraconsult’, vult Nhut Quang Nguyen aan.

Bouw ‘Behalve voor de bouw is de combinatie ook verantwoordelijk voor het ontwerp van de tijdelijke afzinkvoorzieningen’, vertelt Wesley de Jong. ‘Voor de bouw van de elementen is een voormalig scheepsdok beschikbaar. Het is krap, maar het ligt wel dichtbij het afzinkpunt.’ Nhut Quang Nguyen beaamt dit: ‘Het past net. De afstand van de zijkant van de tunnel tot de dokwand is maar anderhalve meter en in de lengte hebben we ongeveer vijf meter over.’ ‘Elk element is opgebouwd uit vier segmenten‘, vervolgt Wesley de Jong. ‘Van elk segment wordt eerst de vloer gestort en later de wanden en het dak. In oktober zijn we begonnen met de vloeren van de eerste twee elementen, die nu grotendeels gereed zijn. Eind januari zijn we gestart met het storten van de wanden en het dak van het eerste segment.’

Afzinken

Wesley de Jong (links) en Nhut Quang Nguyen.

‘Bij het vervoer en het afzinken komt veel kijken’, sluit Nhut Quang Nguyen af. ‘Bij het uitvaren moet de waterstand hoog genoeg zijn, omdat de diepte bij het dok slechts acht meter is. Het transport moet met de stroom mee plaatsvinden en precies bij de kentering van het tij moet de tunnel dwars op de rivier worden gelegd en worden afgezonken. Ook moet er ruimte voorhanden zijn voor het geval het afzinken niet kan plaatsvinden. Bovendien moet tijdens dit proces alle scheepvaart stil worden gelegd.’ De bouw van de tunnelelementen zal september 2009 gereed zijn, waarna gestart wordt met het afzinken. Eind 2010 kan het verkeer gebruik maken van de nieuwe Tyne-tunnel.


14 | Infra Actie

15 | Infra Actie

Grondroerdersregeling brengt onderwereld in beeld

Nieuwe wet moet graafschade voorkomen Jaarlijks veroorzaken graafwerkzaamheden zo’n 40.000 incidenten. Dat betekent een schade van zeker 75 miljoen euro aan kabels en leidingen. Daar komt nog een veelvoud aan kosten bovenop, bijvoorbeeld door werk dat stil ligt of ongemak voor burgers die afgesloten zijn van water, gas en elektriciteit. De Wet Informatie-uitwisseling Ondergrondse Netten (WION), ook wel grondroerdersregeling genoemd, heeft tot doel graafincidenten zo veel mogelijk te voorkomen.

V

oordat een bouwonderneming met graven start, wil zij natuurlijk goed geïnformeerd zijn over de precieze ligging van kabels en leidingen. In de oude situatie, voor de invoering van de WION, meldde de bouwonderneming de voorgenomen werkzaamheden bij het Kabel en Leidingen Informatie Centrum (KLIC) dat deze melding registreerde en vervolgens doorstuurde aan de relevante netbeheerders. Deze zonden op hun beurt kaart-

materiaal rechtstreeks aan de bouwonderneming die de informatie in plukjes binnenkreeg. ‘In de huidige situatie is de functie van het KLIC overgenomen door het Kadaster’, vertelt André Kukolja, bedrijfsleider van Headline Consultants, onderdeel van BAM Infratechniek. ‘Maar er is nog meer veranderd. In de oude situatie had een melding een vrijwillig karakter. Vanaf 1 oktober 2009 zijn de netbeheerders verplicht hun materiaal naar het Kadaster

te sturen. Als het Kadaster alle informatie verzameld heeft en opgestuurd heeft naar de gravende partij, kan het werk beginnen.’

Uniforme beschrijving Willen de netbeheerders en het Kadaster onderling elektronisch gegevens kunnen uitwisselen, dan moet er op ICT-gebied nog heel wat gebeuren. De netbeheerders hanteren vaak verschillende systemen. Zonder dataconversie kan er niet met het Kadaster worden gecommuniceerd. Voorheen konden netbeheerders naar keuze analoge of digitale data aanleveren in een verschijningsvorm die vele variaties kende. In de nieuwe situatie zijn alle netbeheerders verplicht hun kabel- en leidinggegevens volgens hetzelfde format aan te leveren. ‘De streefdatum om met een compleet elektronische uitgifte te starten is 1 oktober 2009. Het zal er om spannen of dat wordt gehaald’, aldus André Kukolja. BAM Infratechniek kan netbeheerders adviseren en eventueel het totale beheer verzorgen met betrekking tot de WION wetgeving. ‘Wij houden ons al jaren bezig met digitale leidingregistratie, dus we weten waar we het over hebben’, stelt André Kukolja vast. ‘De WION is echter niet alleen een aanleiding voor extra inzet op ICT-gebied. Het leidt ook tot diverse innovaties. Op het gebied van opzoeken detectieapparatuur zijn diverse ontwikkelingen gaande. Dit is een markt die BAM Infratechniek op de voet volgt en wij beschikken dan ook over de modernste apparatuur op dit gebied. Ook worden er andere uitvoeringsmethoden toegepast om te graven in drukke ondergrondse gebieden. Denk aan het opzuigen van de grond in plaats van graven of het toepassen van no-dig of relining technieken.’

André Kukolja

Met de grondradar worden ondergrondse leidingen in kaart gebracht.

De rol van het Kadaster De meeste mensen kennen het Kadaster als leverancier van gegevens bij de aan- of verkoop van hun huis. Maar het Kadaster houdt zich met meer zaken bezig, zoals het verstrekken van geografische informatie. Verder is de topografische dienst van Defensie onderdeel van het Kadaster. Daarnaast exporteert het Kadaster kennis en expertise naar landen waar kadastrale activiteiten nog in de kinderschoenen staan en ten slotte adviseert de organisatie over grote vraagstukken op het gebied van landinrichting, zoals de aanleg van de HSL. ‘Wij hebben namelijk alle instrumenten in huis om exact te bepalen waar het tracé komt te liggen’, legt Dorine Burmanje, bestuursvoorzitter van het Kadaster, uit. ‘En vervolgens kunnen we meteen zien wie de eigenaren van de grond zijn.’ Sinds oktober 2008 vallen ook de activiteiten van het Kabel en Leidingen Informatie Centrum onder de verantwoordelijkheid van het Kadaster.

Intermediair Het KLIC is ooit opgezet door de netbeheerders als een plaats waar bouwondernemingen op vrijwillige basis melding konden doen van hun graafwerkzaamheden. In 2003 en 2004 deden zich in Nederland twee graafincidenten voor die desastreus hadden kunnen aflopen. De politiek achtte de tijd rijp om de activiteiten van het KLIC tot een publieke taak te maken en verder te reguleren. ‘Toen die discussie gaande was, heeft het Kadaster zich opgeworpen om die rol op zich te nemen’, vertelt Dorine Burmanje. ‘We zijn een onafhankelijke instelling en beschikken over een landelijke dekking. We hebben geen registrerende functie, we zijn primair intermediair in de uitwisseling van gegevens tussen grondroerders en netbeheerders. Na een melding zorgen wij dat alle relevante data verzameld en doorgestuurd worden naar de grondroerder. Verder bewaken we de kwaliteit door erop toe te zien dat grondroerders zich aan hun terugmeldingsplicht houden: als de ligging van kabels of leidingen in de praktijk anders is dan op de kaart, dan moeten wij dat weten.’

Dorine Burmanje

Intussen is het KLIC volledig geïntegreerd in de organisatie van het Kadaster. ‘Het KLIC is een compacte en slagvaardige club. Het Kadaster is misschien wat logger, maar biedt een bijzonder professionele ICT-omgeving. De optelsom van die factoren resulteert in een sterke combinatie die wij koesteren’, sluit Dorine Burmanje af.


16 | Infra Actie

17 | Infra Actie

Groen dak Eind vorig jaar startte de bouw van tramremise Beverwaard, gelegen in de Rotterdamse wijk IJsselmonde (zuidoost Rotterdam). Het werk wordt uitgevoerd door BAM Civiel Zuidwest en de remise wordt in 2010 opgeleverd. Met de bouw is een bedrag van ruim 40 miljoen euro gemoeid, de aanneemsom voor BAM Civiel Zuidwest bedraagt circa 21 miljoen euro. Het gebouw wordt uitgerust met energie­palen, warmte-/koudetechniek en mogelijk ook met windturbines en zonnepanelen. Ook wordt gedacht aan een ‘groen’ dak. Water­management en interne watersystemen moeten tot besparingen leiden. Bij de bouw zijn duurzame materialen voorgeschreven, zoals gerecycled betongranulaat.

Wethouder Jeannette Baljeu over toekomstig Rotterdam

Duurzaam onderdak Rotterdam profileert zich graag als duurzame stad. Een milieuvriendelijke en multifunctionele infrastructuur is daarbij één van de sleutelbegrippen. Onlangs werd de eerste paal geslagen voor een tramremise die in alle opzichten duurzaam mag worden genoemd. Verantwoordelijk wethouder Jeannette Baljeu licht aan de hand van deze casus toe hoe bestuur en bedrijfsleven een alliantie vormen voor grootstedelijke duurzaamheid.

O

p 2 december vorig jaar sloeg Jeannette Baljeu, wethouder Verkeer, Vervoer en Organisatie van de gemeente Rotterdam, de eerste heipaal voor de milieuvriendelijke tramremise Beverwaard (zie kader). Een project dat een voorbeeld genoemd mag worden voor modern besturen en bouwen. Duurzaamheid en multifunctionaliteit zijn daarbij de kernbegrippen. Deze nieuwe tramremise fungeert ook als werkplaats en het dak ervan biedt parkeerruimte aan 500 auto’s. Automobilisten kunnen zo makkelijk met het openbaar vervoer naar de stad. Dankzij slimme voorzieningen wordt het regenwater opgevangen, zodat het gebruikt kan worden in de wasstraat voor de trams. De plannen voor deze tramremise dateren van lang voor het aantreden van Jeannette Baljeu, maar ze sluiten naadloos aan bij haar ambities op bestuurlijk vlak, waarin met name het woord bereikbaarheid centraal staat. En dat uiteraard in combinatie met leefbaarheid en zorg voor het milieu.

‘Wij gaan voor duurzaamheid’, zegt Jeannette Baljeu, ‘maar we doen dat vanuit een realistisch perspectief. Niet kijken naar technieken die pas over een aantal jaren beschikbaar zijn, maar gebruiken wat we nu al kunnen inzetten.’

Praktische instelling De wethouder - die zelf in hartje Rotterdam woont, in Crooswijk - is sinds 2002 actief in het bestuur van de havenstad. Eerst, van 2002 tot 2005, als deelraadslid voor de VVD in Kralingen-Crooswijk en sinds 2006 als wethouder. In die hoedanigheid is zij tevens voorzitter van de SkVV, de samenwerking van de zeven stadsregio’s op het gebied van verkeer en vervoer. Een taakgebied waarbij een hands-on mentaliteit onmisbaar is. Jeannette Baljeu: ‘Ik ben zelf heel praktisch ingesteld en vraagstukken op het gebied van goede bereikbaarheid, de samenhang met leefbaarheid en zorg voor het milieu zijn onderwerpen

die je zowel vanuit praktische oplossingen voor het hier en nu, als met het oog op een visie voor de lange termijn moet kunnen beantwoorden.’ En plannen zijn er te over, bijvoorbeeld om Rotterdam uit te rusten met allerlei vormen van E-vervoer, waarbij de E staat voor elektrisch. Denk aan E-fietsen, E-bussen, E-scooters en zelfs E-tuk-tuks (gemotoriseerde riksja’s). Maar om dat te kunnen realiseren ‘moet je er wel voor zorgen dat je strategische allianties aangaat met het bedrijfsleven, bijvoorbeeld voor het plaatsen van voldoende oplaadpunten voor dat elektrisch vervoer.’ Bestuur en bedrijfsleven hebben elkaar dus hard nodig? ‘In mijn optiek zet het bestuur de kaders uit: wat wil je met de stad en de regio? Je zet als bestuur, als college, de lijnen uit en je hebt het bedrijfsleven nodig om de plannen te realiseren. Bij de aanleg van wegen kijken we steeds meer naar samenwerking met of medefinanciering door het bedrijfsleven. Zo hebben de bedrijven in de haven een onderzoek laten doen naar een tweede oeververbinding over de Nieuwe Waterweg en ook een aanbod gedaan voor medefinanciering.’

Openbare aanbestedingen Van tramremise Beverwaard wordt wethouder Jeannette Baljeu naar eigen zeggen ‘helemaal blij’. Want zij beschouwt dit project als een lichtend voorbeeld van allianties die bestuur en bedrijfsleven kunnen aangaan. ‘Het klinkt misschien afgezaagd, maar in Rotterdam blijven we voorop lopen en zijn we innovatief.’ Maar bij zo’n innige band tussen bestuur en bedrijfsleven rijst

natuurlijk wel de vraag hoe groot de invloed van - in dit geval wethouder Jeannette Baljeu - nog is bij het ontwerp en de realisatie. ‘We gaan steeds meer naar openbare aanbestedingen toe. De verhouding tussen prijs en kwaliteit, maar ook aspecten als duurzaamheid zijn daarbij belangrijke criteria. Als gemeente hebben we ook eigen ontwerpers in huis, ook heel bekende, zoals Maarten Struijs die onder andere de Hartelkering, het metrostation Beurs én de ondergrondse stations van RandstadRail heeft ontworpen. Ontwerpers moet je de ruimte geven, maar ik vind het wel van belang dat ontwerpen functioneel zijn. Tegelijkertijd moet je als bestuur oog houden voor de financiële kaders waarin je het project moet realiseren.’

Klimaatprogramma Desgevraagd vertelt Jeannette Baljeu wat haar persoon­ lijke missie in dit leven is: ‘Niet vasthouden aan zekerheid. In de uitdagingen van nieuwe stappen zitten veel meer verrassingen.’ En dat devies geldt net zo zeer voor haar­zelf als voor ‘haar’ stad. ‘Rotterdam profileert zich als duurzame stad met onder meer een ambitieus klimaatprogramma (Rotterdam Climate Initiative) en de aanpak van de luchtkwaliteit. De komende jaren zullen er steeds nadrukkelijker eisen worden gesteld aan duurzaamheid. In Rotterdam nemen diensten nu al bij alle aanbestedingen milieueisen of milieucriteria op in de opdrachtomschrijvingen. Rotterdam is hiermee landelijk koploper.’ Een koploper die weldra een duurzame en multi-­ functionele tramremise binnen de stadsgrenzen heeft.


18 | Infra Actie

19 | Infra Actie

BAM Infra bedrijven werken samen van noord naar zuid

Van A2 naar Beter De A2 is de belangrijkste noord-zuidverbinding van Nederland. Al jarenlang stagneert de doorstroming door files en vertraging. Reden voor Rijkswaterstaat om de weg aan te passen en te verbreden. Met name het terugdringen van verkeershinder speelt een belangrijke rol bij aanbestedingen. Dankzij de synergie tussen haar werkmaatschappijen kan BAM Infra daar creatieve oplossingen voor aandragen.

D

e trend binnen Rijkswaterstaat is om te werken met EMVI: Economisch Meest Voordelige Inschrijving, waarbij niet alleen de laagste prijs, maar ook de kwaliteit bepalend is. BAM Infra heeft hiermee inmiddels veel ervaring opgedaan. Dankzij haar slimme oplossingen is BAM Infra op heel het tracé aan het werk. Zo is bij de spoorkruising Den Bosch een versnelling van een half jaar gerealiseerd, zijn bij Everdingen tijdelijke verbindingsbogen ontwikkeld, wordt op het traject Zaltbommel-Maasbrug het werk van achttien maanden teruggebracht tot twaalf maanden en is de verzorgingsplaats Bosserhof - inclusief een verbreding in de A2 - in een onmogelijk geacht tijdsbestek van vijf maanden ontworpen, voorbereid en uitgevoerd.

Everdingen-Everdingen (1) De combinatie BAM Infra/Arcadis realiseert de verbreding van de A2 tot 2x4 rijstroken tussen knooppunt Everdingen en afrit Everdingen. In totaal worden vier viaducten over de A2 vervangen, waarvan twee met een lengte van 120 meter bij knooppunt Everdingen. Door de aanleg van tijdelijke verbindingsbogen kan een groot deel van de werkzaamheden van BAM Wegen, BAM Civiel en Van den

1 2 3

Berg Infrastructuren (onderdeel BAM Infratechniek) zonder hinder voor het verkeer worden uitgevoerd. Mark van Dord, projectmanager bij BAM Wegen Regio Midden, legt uit: ‘Via de verbindingsbogen rijdt het verkeer tijdelijk om het knooppunt heen.’ BAM Infraconsult draagt bij aan het risicomanagement.

Zaltbommel-Maas (2) BAM Infra realiseert ook de verbreding van de A2 tot 2x3 rijstroken tussen Zaltbommel en de brug over de Maas. Roger Boogert, projectmanager BAM Wegen Projecten: ‘BAM Wegen Regio Midden, BAM Civiel Zuidwest en Van den Berg Infrastructuren hebben een versnelde openstelling aangeboden. Dit jaar is het de uitdaging om tachtig procent van het totale werk in twaalf maanden te realiseren. Dat gebeurt in een strakke planning waarbij ook de verkeersdoorstroming op de A2 gegarandeerd moet blijven. De A2 wordt gedeeltelijk verlegd en het project voorziet in de vernieuwing en uitbreiding van de verzorgingsplaatsen De Lucht Oost en West, aan weerszijden van de snelweg.’

Spoorkruising A2 Den Bosch (3) De A2 Rondweg Den Bosch moet in 2010 verbreed zijn van 2x3 naar 2x4 rijstroken. In de tweede fase van de aanleg van de spoorkruising realiseert BAM Civiel in opdracht van ProRail een nieuwe onderdoorgang en een aanpassing aan het resterende deel van de oude onderdoorgang. De werkzaam­ heden van BAM Civiel moeten eind juli 2009 gereed zijn. ‘Dat is nodig, omdat goed weer een vereiste is bij het aanbrengen van het asfalt en de verdere afbouw’, vertelt Martin Bakker, projectleider bij BAM Civiel. ‘We moesten een half jaar goedmaken doordat we vertraging hadden opgelopen door het aantreffen van een grondwater­ verontreiniging. We hebben de eerste fase - het verhogen van het spoor en het aanleggen van de parallelbanen ook versneld uitgevoerd. Met onder meer BAM Grondtechniek voor het funderingssysteem en BAM Wegen Regio Zuidoost voor het grondwerk is gestart met de bouw van de nieuwe onderdoorgang. Bovendien wordt een drietal betonnen funderingsstroken aangelegd voor mogelijke toekomstige bebouwing rondom en over de A2.’

Bosserhof (4) Everdingen-Everdingen (1)

Zaltbommel-Maas (2)

4

Spoorkruising A2 Den Bosch (3)

Bosserhof (4)

‘Bij de aansluiting op de A73 is vlak voor Kerst 2008 een nieuwe verzorgingsplaats, ‘Bosserhof’, in gebruik genomen. Op de A2 is daarvoor ook een verbreding over 1.500 meter gerealiseerd.’ Aan het woord zijn Wilko Hommes, werk­ voorbereider, en Hans Leenders, bedrijfsleider bij BAM Wegen Regio Zuidoost. ‘In het oorspronkelijke plan was geen rekening gehouden met de verbreding. Omdat wij ook het aansluitende tracé van de A73 hadden gerealiseerd, is op het laatste moment een beroep op ons gedaan. We hebben de opdracht met dezelfde combinatie uitgevoerd: BAM Wegen, BAM Civiel, BAM Infraconsult, VTN Verkeers- & Besturingstechniek, Diractive (beide onderdeel van BAM Infratechniek) en de onderdelen van BAM Wegen, HOKA, Redubel en BAM Geleiderail. Uniek is de toepassing van vezelmixbeton voor de vrachtwagenparkeerstrook door BAM Betonwegen (onderdeel BAM Wegen). Deze betonverharding, die in samenwerking met Betonac (Belgisch zusterbedrijf) is aangebracht, bevat kunststof- en staalvezels in plaats van een wapening. Dit is sterker en duurzamer, waardoor veel minder onderhoud nodig is.’


Directiewijzigingen bij BAM Civiel De raad van bestuur van Koninklijke BAM Groep nv heeft Erik Staps per 1 januari 2009 benoemd tot directeur van BAM Civiel. De directie van BAM Civiel wordt nu gevormd door ir. Wouter Remmelts (voorzitter), ir. Erik te Duits, Cor van ’t Hoog en ir. Erik Staps. Ook de directie van BAM Grondtechniek (onderdeel van BAM Civiel) is gewijzigd. Deze wordt per 1 januari 2009 gevormd door Jan Willem Carton en ing. Hjalmar Helmink.

Eigen Loket Gelderland In Gelderland is een Eigen Loket ingericht waar private partijen initiatieven kunnen indienen voor maatschappelijke problemen. Het landelijke loket IdeeVenW van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat heeft model gestaan voor het Gelderse loket. Bas Schultze, directeur BAM Wegen Regio Oost, licht toe: ‘Met de steun van BAM is het Eigen Loket bij de provincie geïntroduceerd. Wij hebben een Eigen initiatief ingediend, de aanleg van een vrije busbaan langs het bestaande spoortracé vanaf het station Arnhem CS richting Oosterbeek. Onze oplossing ontlast het verkeer in de stad en voorziet het bedrijventerrein Arnhems Buiten van een snelle busverbinding. Het ontwerp is vormgegeven in een artist impression die we tijdens een symposium ter gelegenheid van de oprichting van Eigen Loket aan gedeputeerde Marijke van Haaren van de provincie Gelderland hebben aangeboden.’

Regenwater opvangen in SouterRain BAM Wegen heeft een innovatieve methode ontwikkeld om regenwater op te vangen in de fundering van de weg. Het systeem, SouterRain genaamd, voorkomt overlast tijdens stortbuien. De gemeente Dongen had de primeur. ‘Doel is het regenwater tijdelijk in het gebied vast te houden’, zegt Nico van Dijk, planontwikkelaar van BAM Wegen Regio Zuidwest. ‘We hebben een funderingslaag ontwikkeld op basis van asfalt met veel holle ruimten, zonder verlies aan sterkte en draagvermogen. Op deze funderingslaag kan een normale wegverharding worden toegepast met traditionele gootsystemen.’ Het systeem is in staat het eerste regenwater met eventuele verontreinigingen af te voeren naar het rioolstelsel, voordat het schone water naar de holle ruimte in de fundering van de weg wordt geleid. De belangstelling voor het systeem is groot, met name van de kant van gemeenten en projectontwikkelaars. Zeker in gebieden met weinig ruimte biedt SouterRain uitkomst.


BAM INfra Actie