Page 1

HISTORISCHE RUBRIEK Februari 2013, nr. 2 INFORMATIE VAN HISTORISCHE VERENIGING BAKKEVEEN

Overlijden Jaap de Zee Op donderdag 24 januari 2013 hebben we in een intieme bijeenkomst in Opeinde afscheid genomen van Jaap de Zee. Jaap was vijf jaar geleden een van de oprichters van de Historische Vereniging Bakkeveen. Het is vooral in die hoedanigheid waarin ik hem wil herdenken. Ik heb het plezier gehad om ook vijfentwintig jaar geleden al een tijd met hem te mogen samenwerken, tijdens het maken van het fotoboekje Bakkeveen 1888 – 1988, dat ter gelegenheid van het honderdjarig bestaan van Plaatselijk Belang en het vijftigjarig bestaan van het VVV is uitgegeven. Dat was voor mij een verwarrende ervaring. Aan iedere plek in Bakkeveen en ieder beeld waren voor hem herinneringen verbonden, die hij graag vertelde. En hij wist zo veel. Hij verzamelde het fotomateriaal en ik schreef de verbindende teksten. Zo raakte ik een beetje thuis in Bakkeveen. We kwamen opnieuw in contact in de periode van de oprichting van de Historische Vereniging. Jaap was een belangrijk bestuurslid, omdat hij niet alleen een enorme kennis over de historie van Bakkeveen had, maar omdat hij die kennis ook graag wilde delen. Tientallen groepen vakantiegangers hebben in de laatste jaren deelgenomen aan door Jaap begeleide historische wandelingen. Aan hem danken we heel wat levendige, en intieme beschrijvingen van het leven in Bakkeveen. Daarbij was een ontroerend verhaal over zijn herinneringen aan het leven van zijn ouders, dat in het eerste nummer van Ald Bakkefaen is verschenen. Maar daarna volgde een reeks van korte verhaaltjes over allerlei plaatsen en gebeurtenissen

40

waaraan Jaap herinneringen had. Die verschenen meest in deze historische rubriek. Jaap de Zee heeft de contouren van de oude Schans ontdekt en blootgelegd. Hij had een heel scherp oog voor wat ongewoon of bijzonder was in het landschap, en rustte niet voor hij begreep, waarom het was zoals het was. Hij was ook graag buiten en in de natuur. Op talloze zondagmorgens als ik mijn rondje ging hardlopen, kwam ik hem in het gebied rond de ingang van de duinen tegen, waar hij met tang en plasticzak rondliep om wat achtergebleven papiertjes en andere rommel weg te ruimen. Hij zag ook iedere ongerechtigheid. Ik stopte even. We wisselden wat indrukken over het leven, het weer, de omgeving of wat nieuwtjes uit. Ik besef dat voor heel veel mensen zo’n gemakkelijk, vriendelijk aanspreekpunt geweest moet zijn. We zullen hem ook in die hoedanigheid missen, zo’n herkenbaar profiel in het landschap. Maar met zijn overlijden verdwijnt ook een van de pijlers, waarop de historische vereniging rust. Zijn overlijden op 18 januari kwam niet onverwacht. Het was goed om tot het laatst toe met hem in contact te kunnen blijven, te merken hoe rustig en moedig hij toeleefde naar het einde van zijn leven, maar ook om te zien dat zijn liefde voor Bakkeveen onverflauwd was. Ook in onze laatste contacten vroeg hij nog aandacht voor zaken die verbetering en aandacht behoefden. Bij het afscheid werd hij liefdevol herdacht door zijn zoon en schoondochter, die Jaap met al zijn bijzondere trekken heel mooi wisten te schetsen. We wensen Luikje en de familie veel sterkte. Fred Hoogenboom


Streel die krant en proef de historie Soms lees je een krantenartikel, dat je vooral doet glimlachen. Dit was er zo een. Dit artikel is vooral voor bestuurders en leden van Historische Verenigingen. Het gaat over de eindeloosheid en de grenzeloosheid van de geschiedenis. Maar het gaat ook over passie en gedrevenheid. Wie kan zich een stapel oude kranten voorstellen van tweeduizend kilo? Wie heeft de moed om die systematisch op te slaan, en toegankelijk te maken? Wie genieten ervan om al die kleine en grote nieuwsfeiten die daarin beschreven staan te lezen en te delen? En wie kan het eigenlijk helemaal niets schelen dat niemand buiten hun eigen kring belang stelt in wat zij doen? Dat zijn de echte liefhebbers. Een kilometer buiten het Utrechtse dorp Waverveen, 800 inwoners, zitten zes oude mannen in een grote schuur over een oude krant gebogen. Het tafeltje is er net groot genoeg voor. Ze zijn lid van de Vereniging van Kranten- en Tijdschriftenverzamelaars (VKTV). Opgewonden lezen ze het nieuws van honderdvijftig jaar geleden aan elkaar voor. Om hen heen ligt een enorme verzameling oude kranten en andere drukwerken, allemaal van Jan Compier (70). Ze komen voor een historische schat die sinds een paar maanden in de schuur van Compier te vinden

is. Het is het bijna complete archief van de NRC en diens voorlopers, Algemeen Handelsblad en Nieuwe Rotterdammer Courant. Het ligt in een bijgebouwd hokje. Gratis overgenomen van het Stadsarchief Deventer, zes keer heen en weer rijden. Het Poldermuseum, zoals Compier zijn schuur heeft gedoopt, ligt vol. De tweeduizend kilo oud papier is slechts de nieuwste aanwinst van de hobbyhistoricus, die al dertig jaar een scherp oog heeft voor alles wat oud is. Geen gebrek aan liefde voor het oud papier, ook niet bij de andere aanwezige verzamelaars. Toch is de opkomst laag. “Jammer”, vindt Gerard Raven (58), conservator in een museum in Amersfoort. Met secretaris Paul Klein (63) schrijft Raven voor het verenigingsblad van de VKTV dat vier keer per jaar uitkomt. Hij moet er hard aan trekken om de ingedutte vereniging nieuw leven in te blazen. De fanatieke hobbyisten deert het niet dat de vereniging is ingedut. Het is vooral gezellig, ook met zijn zessen. “Je kunt wel oude kranten inkopen, maar daar is weinig aan”, zeg Raven. “Hier ontmoet je elkaar, bewaar je kranten voor anderen , vertel je elkaar verhalen.” (Uit NRC-media, donderdag 24 januari 2013. Door Jan-Willem Hordijk.)

41

2013 02  
2013 02  
Advertisement