Issuu on Google+

}<(l(tp$=adbcae<

Een échte Haagse krant Actueel Smit gaat toch bomen kappen

3

Vrijdag 30 november 2012

jaargang 6 nummer 290

€ 1,75

Sport Kickboksers snakken naar meer toezicht

Actueel Zeven partijen geïnteresseerd in te sluiten kerken

5

>Artist impression: Urban Properties

Eén grote bouwplaats

20

Komend voorjaar al moeten de gebruikers van Sijthoff City in de Grote Marktstraat naar elders verhuizen, want Credit Suisse AM – de eigenaar van het pand – heeft ingrijpende plannen met het kantoorcomplex. Het gebouw op de plek waar tot begin jaren tachtig de Haagsche Courant was gevestigd, wordt compleet gestript. Niet alleen op de begane grond, maar ook op de eerste verdieping komen daarna winkels. Er wordt een kantoorlaag opgeofferd om die winkelruimtes extra hoogte te geven. Het is de

bedoeling om het geheel een hoogwaardige uitstraling te geven. Onderwijl dubt men op het stadhuis nog hoe het nu toch moet met de fietsers en bromfietsers in diezelfde Grote Marktstraat. De huidige situatie wordt als levensgevaarlijk beschouwd, omdat voetgangers zich op een wandelpromenade wanen en onbewust plotseling het rijwielpad oplopen. Bij de geplande herprofilering komt er – voor veel geld – een enigszins verlaagd rijwielpad, maar het is de vraag of dat nu echt tot verbetering van de verkeers-

veiligheid zal leiden. Er zijn thans vage plannen om op alle voetgangersgebieden in het centrum rijwielen toe te staan (dus ook in bijvoorbeeld de Spuistraat, Vlamingstraat en Noordeinde), maar als ‘gast’. Met andere woorden, de rijwielers worden gedoogd, maar moeten volop rekening houden met de voetgangers. Het is nog onduidelijk hoe de gemeenteraad daarop gaat reageren. Fietsers en bromfietsers in de Grote Marktstraat blijken telkens weer een gevoelig punt. > Zie ook de pagina’s 8 & 9


2>haagse boeken Met de feestdagen in het vooruitzicht zetten alle uitgevers een tandje bij om hun boeken tijdig voor Sinterklaas en Kerst te laten verschijnen. De cadeauverkoop kan het grote verschil tussen ramsj en bestseller maken. Niet voor niets verschijnt de Michelingids sinds enkele jaren in november en niet langer in februari. Met Sint al in het land geeft Coos Versteeg op deze pagina aandacht aan een aantal Haagse boeken die recent verschenen. En aandacht voor een bijzondere Haagse kalender.

Haagse popwereld in praatjes en plaatjes Leo Blokhuis is een vlotte, enthousiaste babbelaar als het over popmuziek gaat. Iemand die dus perfect past in de oppervlakkige wereld van leuke ditjes en datjes bij de populaire Wereld Draait Door. Dat anekdotiek belangrijker is dan de historische juistheid, laat staan volledigheid, kleeft ook een beetje aan ‘Haags speelkwartier – Scènes uit de muziekwinkel’. De muziekwinkel is in dit geval muziekwinkel Servaas, aanvankelijk in de Schoolstraat 26 en vanaf mei 1968 op de hoek van diezelfde straat bij de Riviervismarkt. Voor Blokhuis is Servaas het epicentrum van de Haagse popwereld, de plek waar iedereen van Golden Earring tot Shocking Blue en van Tielman Brothers tot Motions zijn instrumenten en geluidsapparatuur koopt. Op zichzelf valt er niet zoveel af te dingen op de betekenis van Servaas. Blokhuis noemt het een baken voor muzikanten in Den Haag (in Rotterdam was die rol weggelegd voor Saris) en beschrijft hoe het kleine handeltje in bladmuziek voor bedaagde organisten gaandeweg verandert in een zaak waar de Indorockers hun eerste Fender-gitaren kopen: de Tielman Brothers, Harry Coster, de Crazy Rockers en René Nodelijk met zijn Alligators. Later wordt het ook de winkel voor de eerste Haagse popgroepen. Wat stoort is dat Blokhuis de Haagse popwereld met terugwerkende kracht bijna volledig ophangt aan Servaas en terloops Gerritsen in de Boekhorststraat en Bas van de Rest in het Westeinde noemt. Volledig onbesproken blijven Henk Suiker op de Vaillantlaan en Willy Wissink in de Koningstraat. Nu was Suiker meer een zaak waar je je goedkope eerste Spaanse gitaar kocht, maar Wissink was zelf ook nog muzikant bij Willy and his Giants, organisator van dansavonden en evenementen, en manager voor beginnende bandjes. Dat Gerritsen er zo bekaaid vanaf komt, is voor de geschiedschrijving ronduit slecht. Voor 1968 speelde de winkel in de Boekhorststraat wel degelijk een grote rol. Het was bijna zo dat je voor Gerritsen koos of voor Servaas, zoals je voor de Beat-

les was of de Rolling Stones. Elke zaak had zijn eigen aanhang en dat liep, zeker ook door alle spelerswissels, door elkaar. De mannen van de T-set kwamen zowel bij de één als bij de ander. Tot in de jaren zeventig werd het witgespoten Hammondorgel van de T-set bijvoorbeeld bijna wekelijks opgelapt door een vloekende Gerritsen die niet kon begrijpen dat die jongelui dat ding in hun shows telkens zo konden ‘verrinneweren’. Eilandje Het is wel begrijpelijk dat Blokhuis voor Servaas als rode draad heeft gekozen. Nico Servaas, de man met het uiterlijk van Kees van Kootens ‘vieze man’ is een soort raadsel geworden, nadat hij er najaar 1994 de brui aan heeft gegeven. Hij zou miljoenen hebben verdiend en een tropisch eiland hebben gekocht. Aan het eind van het boekje blijkt Blokhuis de mythische handelaar te hebben opgespoord op het Caraïbische eilandje St. Lucia iets ten zuiden van Martinique. Servaas zit er omdat hier geen inkomstenbelasting hoeft te worden betaald. Zijn huis is ontworpen door de architect die op buureiland Mustique optrekjes realiseerde voor Mick Jagger en David Bowie. Iets van die praat over zijn vele geld zal dus wel waar zijn. Maar alle aandacht in het boekje gaat natuurlijk naar de tussenliggende periode waarin Servaas gitaren per container vanuit Amerika importeerde, alle muzikanten op afbetaling liet kopen. Servaas was een soort verzamelpunt voor popmuzikanten. Blokhuis heeft zich op zijn ronde door Den Haag laten begeleiden door wat Haagse deskundigen en heeft interviews met tal van ex-rockers gevoerd. Dat maakt het boekje leuk. Maar laat dit niet de voorbode zijn van het echte standaardwerk van zijn hand over Beatstad nummer 1. Dat moet toch echt meer worden dan een vlot geschreven niemendalletje met een praatje en een plaatje. Leo Blokhuis. Haags speelkwartier – Scènes uit de muziekwinkel. Uitgeverij Ambo. Prijs: € 12,50. ISBN 978 90 263 2638 7

Den Haag Centraal > Vrijdag 30 november 2012

Louzac fladdert door het leven Jean Louzac is een fenomeen. “Hij werd geboren in Indonesië als Hans van der Meulen, daarna noemde hij zich als cabaretier-artiest Miquel Do Carmo Pinto da Cuna en toen dus in Nederland Jean Louzac, de modeontwerper. Dat is hij het langst geweest”, zo schrijft oudjournaliste Ria Schuurhuizen in haar inleiding van het boek ‘What’s in a name’. ‘What’s in a name’ is het levensverhaal van de man die nu bekend staat als Jean Louzac, succesvol couturier voor dames uit de hoogste kringen: ministersvrouwen, diplomaten, bankiersvrouwen, ondernemersvrouwen etc. Terecht staat er op het voorblad dat het

verhaal is opgetekend door Ria Schuurhuizen, want het is vooral Louzac zelf, of zo men wenst Hans van der Meulen of Miquel Do Carmo Pinto da Cuna die doorlopend aan het woord is. Dat gebeurt op de chaotische, emotionele en extravagante manier van doen die bij hem past. Louzac fladdert door het leven, springt van de hak op de tak en maakt overgangen van het ene naar het andere onderwerp die qua gedachtegang alleen voor de hoofdpersoon zelf navolgbaar zijn. Het is een verhaal van succes en van drama, want Hans van der Meulen was als kind ongewenst, op school werd hij

gepest, het was ook een verwend en onaangepast jongetje. Troost vond hij in films en tijdschriften, foto’s van filmsterren waren zijn zwijgende vriendinnen. Louzac is in welke rol ook eigenlijk altijd blijven steken in een wereld tussen fantasie en werkelijkheid en in belangrijke mate speelt dat zich af in Den Haag en Voorburg. Een warrig, maar fascinerend levensverhaal dat zich afspeelt tussen Soerabaja en Cuba, van de ene suikerplantage naar de andere. Jean Louzac/Ria Schuurhuizen. ‘What’s in a name’. Uitgever Van Stockum. Prijs: € 22,50. ISBN 978 90 7009 507 9

Elke dag een ander Haags kunstwerk Scheurkalenders zijn het helemaal. Elke dag een andere spreuk van Loesje, een tekening van Peter van Straaten, cartoon van Fokke & Sukke of kooktips en culi-weetjes van Karin Luiten & Onno Kleyn. Je kunt het zo gek niet bedenken of er is tegenwoordig wel een scheurkalender van. Een scheurkalender die niet alleen bijzonder van karakter, maar ook van formaat is, is de Grote Haagse Kunstkalender ’13. Het ding weegt drie kilo en is forser dan een telefoonboek. Na het succes van de Grote Rotterdamse Kunstkalender 2012 is er voor het komende jaar ook een Haagse versie uitgebracht. De Grote Haagse Kunstkalender 2013 toon elke dag een ander werk van een hedendaagse Haagse kunstenaar. Deze kunstkalender biedt zodoende een podium aan 365 gerenommeerde én aanstormende Haagse kunstenaars, designers, grafisch vormgevers, modeontwerpers, fotografen en architecten. Een onafhankelijke, deskundige redactie, waar wijlen Ed Annink deel van uitmaakte, heeft de werken geselecteerd en biedt hiermee een overzicht van hedendaagse Haagse kunstenaars en hun werk. We komen vertrouwde namen tegen van kunstenaars als Bob Lens, Atelier PRO, Berry Holslag, Diederik Gerlach, Gerard Holthuis, Guus Rijven, Ingrid Rollema en Susan Schildkamp, maar nog veel meer namen van volstrekt onbekende grootheden. Dat maakt de kalender wel zo verrassend. In de volgorde is geen thematiek of ordening te ontdekken. Kleur wisselt zwart-wit af, abstract volgt na figuratief en ook zijn er kunstwerken sec temidden van kunstwerken die op straat of in een park zijn gefotografeerd. Zo is er voor iedereen wat en is elke dag echt anders.

Werk van Susan Schildkamp, titel ‘Den Haag’.

Bijzonder extraatje zijn de sponsoren, die onder het motto ‘pluk je dag’ voor € 250,– hun eigen datum hebben gekocht. Zo lezen we meteen op 1 januari ‘Punt & Van de Weerdt Belastingadviseurs feliciteert Noa met zijn verjaardag’. Onwillekeurig ga je je dan toch afvragen wie Noa is. De Koninklijke Schouwburg sponsort slim de pagina van fotografe Carli Hermès die de actrices uit Drie Zusters van het Nationale Toneel vereeuwigde, maar meteen even

meepikt dat op 3 januari de kinderproductie Nijntje op de planken staat. Lang niet alle dagen zijn gesponsord, maar dat zal wellicht bij een volgende editie beter gaan. Een bijzonder leuk initiatief, al zal het straks moeilijk zijn om zo’n bladzijde rücksichtlos af te scheuren en de beeltenis bij het oud papier te gooien. Grote Haagse Kunstkalender ’13. Redactie: Ed Annink e.a. Uitgever Trichis. Prijs: € 29,95. ISBN 978 94 90608

Tweede Terugblik is gebundelde nostalgie

Van Gogh met oog voor detail

In de rubriek Terugblik in deze krant presenteren medewerkers van het Haags Gemeentearchief wekelijks een oude foto met bijpassend verhaaltje. Misschien wat sentimenteel, maar wat betekent het nieuws van nu als we het besef van ons verleden missen? Architect Richard Meier tekende in zijn eerste ontwerp voor het stadhuis op het Spui een grachtje aan de zijkant als knipoog naar de eeuwen waarin de Nieuwe Kerk zich nog in het water spiegelde. Het idee sneuvelde weliswaar reeds in de eerste bezuinigingsronde, maar Meier liet hiermee zien dat hij terdege naar de geschiedenis van het Spuikwartier had gekeken. Aandacht voor lokale geschiedenis is belangrijk en spreekt veel mensen tot de verbeelding. De serie Ach Lieve Tijd, 750 jaar Den Haag en de Hagenaars haalde in de jaren tachtig van de vorige eeuw een maandelijkse oplage van meer dan 20.000 exemplaren. Aan dergelijke getallen zal de gebundelde reeks Terugblik, 50 foto’s met verhalen

Voor de Fransen is Vincent van Gogh een Franse kunstenaar. Voor Nederland behoort hij met Rembrandt en Mondriaan tot de top 3 van onze nationale kunst. Voor Brabant is het een zoon van Zundert en voor Den Haag is hij de zoekende ziel die hier anno 1882 zijn eerste schilderlessen krijgt van Haagse School-coryfee Anton Mauve. Schilder/illustrator Teun Berserik nam die Haagse periode tot onderwerp voor een beeldverhaal over de beroemde kunstenaar. In deze krant verscheen zijn titanenwerk in weekafleveringen als het feuilleton ‘Van Gogh in Den Haag’, nu ligt het als compleet verhaal in boekvorm onder de titel ‘Vincent van Gogh - De vroege jaren’. Dat is natuurlijk een marketingopzetje van de uitgeverij, die een grotere markt zoekt dan Den Haag. Die grotere markt verdient Teun Berserik ook terdege: de krant is een mooi medium voor strips, maar dit verfijnde beeldverhaal komt toch veel beter tot zijn recht op

uit het Haags Gemeentearchief, niet komen. Maar niet voor niets heet deze uitgave Tweede Terugblik, de vorige uitgave uit 2010 vond zo gretig aftrek dat een vervolg niet uit kon blijven. Met uiteenlopende onderwerpen als De Eerste Opiumconferentie, de ontruiming van de Tsjechoslowaakse ambassade aan de Juliana van Stolberglaan (nadat de Duitsers het land zelf op 15 maart 1939 waren binnengevallen) en kapster Susan Lamet die in 1975 spontaan solliciteerde naar het ambt van burgemeester van Den Haag. Maar het mooiste zijn misschien wel de bekende revuester Josephine Baker in badpak op het Scheveningse strand voor het Grand Hotel en Duke Ellington met zijn orkest op het perron van Station Hollands Spoor, respectievelijk 1928 en 1933. Tweede Terugblik, onder redactie van Corien Glaudemans. Uitgever: De Nieuwe Haagsche/ Haags Gemeentearchief. Prijs € 10,-. ISBN 978 94 91168 36 9

mooi papier, hoogwaardig gedrukt en het allerbelangrijkste – de mogelijkheid om het in één ruk te kunnen bekijken/lezen. Teun Berserik heeft voor de wekelijkse publicatie wel degelijk geprobeerd telkens afgeronde verhaaltjes te maken, maar het levensverhaal van Van Gogh laat zich niet makkelijk als een soap in stukjes hakken. Het boek blijkt nu zoveel prettiger lezen. De tekenstijl van Teun Berserik is verbluffend, zo verfijnd; heel wat anders dan het fröbelwerk van Barbara Stok die onlangs ook een Van Goghstrip het leven liet zien. Bij Berserik is de gelijkenis van de figuren frapant, de sfeer van de tekeningen, de detaillering en het oog voor historische juistheid. Hier wordt zichtbaar dat Teun Berserik in een vroeger leven met scherpe blik antieke auto’s restaureerde. Of het nu om de kleding, het type straatlantaarns, topografische afbeeldingen of woning- en winkelinterieurs gaat, alles is met oog voor geschiede-

nis en met respect voor het kleinste onderdeel geschetst. We kenden de tekenstijl van Berserik natuurlijk al van zijn riddertaferelen voor uitgever Wolters-Noordhoff en zijn album ‘Jaap Jansen Ongewoon Soldaat’ en ‘Het Oranje Orkest’, maar in ‘Vincent van Gogh – De vroege jaren’ overtreft hij zichzelf. Wat wel opvalt, is dat naarmate het verhaal vordert, Berserik klaarblijkelijk ontdekt dat hij nog zoveel moet vertellen en er meer kleinere plaatjes op één pagina komen: soms wel twaalf stuks tegen vijf, zes in het begin. Hoe dan ook is dit een bijzonder fraaie vorm van Haagse geschiedschrijving. Dat Berserik zelf, getuige een interview in de krant, zijn hoofdpersoon maar een vervelende klier en overgewaardeerd kunstenaar vindt, is aan het boek niet af te zien. Teun Berserik. Vincent van Gogh - de vroege jaren. Uitgever: Oog & Blik - De Bezige Bij. Prijs € 19,90. ISBN 978 90 549 2370 1


3

actueel<

Vrijdag 30 november 2012 > Den Haag Centraal

Smit kapt toch bomen op Laan van Meerdervoort Door Jan van der Ven

VVD-wethouder Smit wil niet de geschiedenis ingaan als de man die de parkeerproblematiek in de Vruchtenbuurt op zijn beloop heeft gelaten. En daarom zijn de 206 parkeerplaatsen die aangelegd zullen worden op de middenberm van de aanpalende Laan van Meerdervoort gewoon nodig. “Ik word niet populair met de plannen, maar als er niets gebeurt, zullen de bewoners over pakweg vijf of zes jaar zeggen: we betalen voor betaald parkeren maar kunnen onze auto’s nergens kwijt”. De wethouder staat uitgebreid stil bij het dossier herinrichting Laan van Meerdervoort. Vorige week tijdens een eerste debat in de gemeenteraad, bleek dat de steun voor zijn plannen afbrokkelt. In december wordt het debat voortgezet. De wethouder wil van geen wijken weet. Een alternatief, zoals de fractie van de PvdA vorige week voorstelde, het faseren van het werk zodat de middenberm later aan de beurt komt, vindt in zijn ogen geen genade. Uitstel maakt het project zeker een half miljoen euro duurder. “Je krijgt met allerlei extra kosten te maken

zoals voor inzet van mensen. En vergeet niet dat de straat twee keer open moet”. Smit heeft zijn plannen in de loop van het inspraakproces aangepast. Zo wordt het aantal parkeerplaatsen op de middenberm beperkt tot 206, eerst waren het er zestig meer. Ook het aantal bomen (populieren en iepen) dat moet wijken voor de middenberm wordt minder. Zo worden er 196 iepen gekapt en niet 242 zoals was voorzien. Een aantal iepen wordt vervolgens teruggeplant. De nieuwe iepen die de gesneuvelde populieren straks gaan vervangen, zijn groter van omvang en komen wat verder van elkaar te staan waardoor de overlevingskansen groter worden. En de bodem waarin ze moeten aarden krijgt een speciale dure behandeling. Het toekomstbeeld van de Laan van Meerdervoort, zoals de wethouder dat schetst, ziet er groen uit. “Het plan heeft een groen karakter. Over drie tot vier jaar ziet de Laan er weer hartstikke groen uit. Nu zijn er drie rijen met bomen, dat worden er straks vier”. Verder krijgt de Laan vrijliggende fietspaden en wordt de weg smaller waardoor de automobilisten gedwongen worden

hun snelheid te matigen. De parkeerdruk, daar draait het allemaal op. Die is in de Vruchtenbuurt te hoog en dat zal ook zo blijven na de herinrichting van de wijk waarmee deze week is begonnen. De wethouder: “Een parkeerdruk van negentig procent is acceptabel in zo’n wijk. Dat geeft een beetje speling. We hebben er op 1 oktober een tijdelijke parkeerregeling ingevoerd, die tot gevolg heeft dat de parkeerdruk nu enigszins is afgenomen. Maar dat is ook nodig, omdat het komende jaar een tiental straten in de Vruchtenbuurt op de schop gaat, waardoor er tijdelijk minder parkeerplekken zullen zijn”. De tijdelijke regeling komt er op neer dat niet-bewoners van een wijk tussen 17.00 en 21.00 uur betaald moeten parkeren. Bewoners kunnen voor een euro per maand een parkeervergunning krijgen. Het effect is dat vreemdparkeerders verdwijnen. Dat de parkeerdruk in de Vruchtenbuurt afnam na de invoering van de tijdelijke regeling zagen ook de bewoners van de Laan, die onlangs zelf in de Vruchtenbuurt zijn gaan tellen. Maar volgens wethouder Smit loopt de parkeerdruk straks

weer op als de tijdelijke regeling wordt omgezet in betaald parkeren door vergunningen voor bewoners en als er dan geen extra parkeerplaatsen beschikbaar zijn op de Laan van Meerdervoort. “Dan gaat de parkeerdruk in de Vruchtenbuurt richting 100 procent, wat dus niet aanvaardbaar is”, aldus de wethouder. Met alle negatieve effecten van dien. Smit: “Als mensen een huis willen kopen in de populaire Vruchtenbuurt en zien dat ze hun auto nergens in de wijk kunnen parkeren, zullen ze afzien van de aankoop. Dat is dus niet goed voor de buurt, die wordt daar minder gewild door. En dat is weer niet goed voor de economie voor de stad”. Zo grijpt alles in elkaar en blijft er voor Smit niets anders over dan zijn plan voor extra parkeerplaatsen aan de Laan door te zetten. Dat er bomen omgehakt gaan worden, is onvermijdelijk. Dat heeft te maken met fouten uit het verleden. De populieren die indertijd zijn aangeplant, zijn daarna nooit gedund. Het gevolg? De iepen kregen zo de kans niet om volgroeid te raken. Ze zijn daardoor zwak geworden. Daar komt bij dat de levensduur van een populier beperkt is. “Ze

hebben nog zo’n tien jaar te gaan”, rekent de wethouder voor. De zwakke broeders vallen eerder om, zoals dit najaar gebeurde toen een populier uit veiligheidsoverwegingen gekapt moest worden tijdens een storm. Bomenkap De wethouder zegt begrip te hebben voor emoties die gepaard gaan met bomenkap, maar zegt niet anders te kunnen. Ondanks het massieve protest van de bewoners van de Laan wijkt hij niet. De actiegroep Laat de Laan de Laan wil niets weten van de plannen. De protesten raken hem. “De bewoners doen alsof we als gemeente geen bomen herplanten. Alsof we karaktermoord plegen op de Laan van Meerdervoort”. Hij vervolgt: “Als de bewoners zich aan populieren gaan vastklampen, is dat niet zakelijk van ze”. Hij vergelijkt zijn huidige positie met die van zijn VVD-voorganger Bruno Bruins. Die kreeg het indertijd met de bewoners van de Laan aan de stok over de plannen voor aanleg van Randstadrail. “Bruno had te maken met dezelfde protestbeweging. Het is echter goed dat hij er toen niet aan toegegeven heeft”.

IJsvogel splijt Haagse Stads Partij

De bedelaars hebben volgens de burgemeester ‘duidelijk zichtbare beperkingen’. >Foto: Thomas Vahé

Van Aartsen: herkansing bedelverbod centrum Door Jan van der Ven

Burgemeester Jozias van Aartsen wil een herkansing van zijn plan om in het centrum van de stad een bedelverbod in te stellen. Anderhalf jaar geleden leed hij tot twee keer toe een smadelijke nederlaag in de Haagse gemeenteraad. De raad vond zijn voornemen toen niet urgent en veegde het idee daarom van tafel. Nu probeert hij het opnieuw. En de kans dat hij deze keer zijn zin krijgt, lijkt groter nu de twee coalitiefracties die zich aanvankelijk verzetten, zich coulanter opstellen. Vorige week stuurde Van Aartsen een brief naar de gemeenteraad waarin hij pleit voor een gericht bedelverbod in het centrum van de stad. Om dit doel te bereiken moet de Algemene Politie Verordening worden aangepast. De burgemeester vraagt de gemeenteraad vriendelijk mee te denken over een doeltreffende aanpak van het probleem. Omdat bedelarij bij wet niet verboden is, kiest de VVDburgemeester voor een andere route. Hij schrijft: “Een regeling in de APV, naar analogie van de regelgeving voor straatmuzikanten, waarin de burgemeester de bevoegdheid krijgt om plaatsen en tijden aan te wijzen waar en waarop het niet is toegestaan om te bedelen, kan uitkomst

bieden”. Het bedelprobleem wordt groter, stelt de burgemeester. Er zijn vijftig bedelaars actief, waarvan dertig dak- en thuislozen. Steeds meer oude vrouwen houden hun hand op tussen het winkelend publiek. Het vermoeden bestaat dat het hier gaat om een georganiseerde groep die na gedane bedelarbeid het geld afstaat aan een meerdere die, vaak keurig in het pak gestoken, de dagopbrengst int. De bedelaars hebben volgens de burgemeester ‘duidelijk zichtbare beperkingen’. Om te voorkomen dat de gemeenteraad opnieuw zijn voornemens doorkruist, stelt Van Aartsen in zijn brief met nadruk dat een bedelverbod tijdelijk zal zijn. Indien het gewenste resultaat is bereikt, wordt het verbod weer ingetrokken. Drukker Maar er is meer aan de hand in het steeds drukker wordende hart van de stad, dat zich tegelijkertijd transformeert tot uitgaanscentrum. Zo zijn er de straatmuzikanten die tot ergernis van veel centrumbewoners vaak urenlang dezelfde noten produceren. Voor de straatmuzikanten gelden inmiddels regels, zo mogen ze in bepaalde straten niet spelen, zoals de Vlamingstraat en de Spuistraat. Dan zijn er

de zogenoemde marketeers die dagbladen en het lidmaatschap voor een omroep in de drukke winkelstraten aan de man proberen te brengen. Van Aartsen treedt hierover in overleg met de beroepsorganisatie van marketeers. De coalitiefracties van PvdA en D66 zijn nu milder gestemd over een voorgenomen (tijdelijk) verbod op het bedelen in het centrum. Was de PvdA-fractie anderhalf jaar geleden nu mordicus tegen, nu klinkt een meegaander geluid. Woordvoerster Marieke Bolle: “Er zijn groepen bedelaars die bebloede verbanden omwikkelen en dan aan de slag gaan. Dat kan wel eens overlast en problemen opleveren voor bezoekers en bedrijven. Ik kan me voorstellen dat je daar iets aan wilt doen”. Ze waarschuwt wel dat de bedelaars die hulp nodig hebben van de GGZ niet uit het centrum mogen worden opgejaagd naar een andere wijk, want dan worden ze onbereikbaar voor hulpverleners. Ook de fractie van D66 steekt de hakken nu niet in het zand. Woordvoerder Bordewijk zegt: “Er is nu beter over nagedacht, het probleem is urgenter geworden”. Bordewijk wil eerst alle problemen uitvoerig met Van Aartsen bespreken voordat hij een definitief standpunt inneemt.

De uiterst zeldzame ijsvogel blijkt een splijtzwam te zijn voor de Haagse Stads Partij (HSP). De tweekoppige fractie van de HSP denkt wisselend over de vraag hoe de rust in het park Sorghvliet gewaarborgd moet worden. De drempel voor een bezoek ligt nu hoog. Jaarkaarten kosten 6,50 euro en zijn alleen te koop bij de VVV. Een lange omweg, vindt VVD-wethouder Boudewijn Revis. Hij gaat daarom in gesprek met het Rijk, de eigenaar van het 25 ha grote park. De liberaal hoopt dat het park meer bezoekers kan trekken,zonder afbreuk te doen aan de natuurhistorische waarde ervan. “Dus geen hondenuitlaatplekken of barbecues. “En ook geen busladingen met mensen die even willen gaan voetballen in het park”. Wel toonde hij zich erg enthousiast over de gesprekken met het Rijk om het natuurgebied extra toegankelijk te maken. Feitelijk vindt de wethouder de gehele gemeenteraad tegenover zich. Want donderdagavond stemde de raad unaniem voor een voorstel van de Haagse Stads Partij waarin staat dat er geen maatregelen genomen mogen worden

die ertoe leiden dat het bezoekersaantal toeneemt. Maar met het aannemen van dit voorstel was de kous nog niet af. Er lag ook een motie van de fractie van de VVD die minder stellig is en die uitgelegd kan worden als uitnodiging voor wethouder Revis om in gesprek te gaan met het Rijk over een verruimd bezoekersaantal. Deze motie kreeg steun van een meerderheid van de raad, inclusief die van het HSPraadslid Gerwin van Vulpen. HSPvoorman Joris Wijsmuller stemde echter tegen de VVD-motie. Wijsmuller verklaarde: “Ik heb tegen gestemd omdat ik veel terughoudender ben in het openstellen van het park. Ik wil dat de ijsvogel er ongestoord kan blijven broeden”. Van Vulpen verklaart zijn stemgedrag achteraf als uiting van het dualisme binnen zijn fractie. Bij de Haagse Vogelbescherming maakt voorzitter Frederik Hoogerhoud zich niet echt veel zorgen over de pogingen van VVD-wethouder Revis om meer bezoekers naar Sorghvliet te lokken “Er staat niet voor niets een hoge muur om het park. Ze moeten er dus vanaf blijven”.

Ingezonden mededeling

Exclusieve brilmode

Hoogstraat 37 2513 AP Den Haag www.hofstede-optiek.nl


4>varia

Den Haag Centraal > Vrijdag 30 november 2012

stadsmens

Vrouwen in townships Zuid-Afrika krijgen hulp van Karin Bloemen Het bevlogen verhaal van Sonja van Proosdij maakt duidelijk: The Dreamcatcher Foundation is een organisatie die steun verdient. De stichting die vrouwen in de townships van Zuid-Afrika helpt om zelfstandig ondernemer in het toerisme te worden, wil veel meer van deze zogenaamde Kamamma’s opleiden. Maar de geldpot van de non-profit organisatie is zo goed als leeg. Daarom schiet Karin Bloemen te hulp. Zij is sinds kort ambassadeur van The Dreamcatcher Foundation. De cabaretière, zangeres en performer zal zich inzetten om de stichting onder de aandacht van een breder publiek te brengen. Acties in zowel Nederland als Zuid-Afrika zijn in voorbereiding. “Wij zijn dolblij dat zij dat wil doen”, zegt Sonja van Proosdij. Bij de Dreamcatcher Kamamma’s gaat het om twee projecten. Logeren bij een familie in een township in Zuid-Afrika (Homestay) is een mogelijkheid. De andere is samen met de gastvrouw een traditionele maaltijd klaarmaken en daar dan met elkaar van genieten (Cook-up). Steeds meer westerse reizigers kiezen voor deze vorm van vakantie houden, die door de Zuid-Afrikaanse Anthea Rossouw werd bedacht. ‘Sociaal-toerisme’ wordt dat genoemd en het is bedoeld

Anthea Rossouw (midden) met Karin Bloemen en Sonja van Proosdij >Foto: Hans Mooren

om de zwarte en gekleurde Zuid-Afrikaanse bevolking te helpen de armoede te overwinnen. Daartoe werd in 1984 de ‘Dreamcatcher Foundation South Africa’ opgericht. Deze stichting richt zich vooral op vrouwen in de townships. Sonja van Proosdij, actief in Dreamcatcher Foundation Nederland: “De vrouwen, onze Kamamma’s, zijn de sterkste personen. Zij tillen hun gemeenschap op naar een beter niveau en worden door

hun omgeving enorm gerespecteerd. De hele gemeenschap heeft profijt van hun werk; alles wordt lokaal ingekocht en ook het vervoer wordt lokaal geregeld”. Over de Homestay en Cook-up zegt ze: “Dit soort toerisme is de mooiste en zuiverste manier om de Zuid-Afrikaanse bevolking daadwerkelijk te ontmoeten en te leren kennen”. Verspreid over het hele land zijn tot nu toe 50 Kamamma’s actief. Zij volgden

een driejarige opleiding, daarbij geholpen door zelf leer- en instructieboeken. Anthea Rossouw, die management, pr en marketing studeerde en onder meer in de toeristensector werkte, ontwikkelde de boeken. “Na de opleiding worden de Kamamma’s niet losgelaten door Dreamcatcher. Het contact blijft om te motiveren en bij te scholen”, weet Sonja van Proosdij. Als journaliste maakten zij en fotografe Jacqueline Beckers in 2000 kennis met de Kamamma’s. Beiden besloten iets voor deze vrouwen te doen. Zij keerden terug naar Zuid-Afrika om workshops te geven. Bij terugkomst in Den Haag schreven zij uitgebreide rapporten en ‘na het nodige lobbyen’ besloot ontwikkelingsorganisatie Cordaid om de Dreamcatcher Foundation te ondersteunen met 250.000 euro. Het bedrag werd verdeeld over drie jaar, tot eind 2009. Voorwaarde was wel dat een Nederlandse stichting zou worden opgericht. “Na 2009 was het geld van Cordaid op. Dreamcatcher moest – en moet – op zoek naar nieuwe financieringsbronnen”, vertelt Sonja. “Wij hebben nu een klein enthousiast bestuur. Ons doel is financiële partners te vinden om de continuïteit van hulp te garanderen, zodat ze in Zuid-Afrika kunnen doorgaan met het

zelfstandig maken van onze Kamamma’s en nieuwe kunnen opleiden”. De driejarige cursus, die 3000 euro kost, is gedegen. Dreamcatcher wil proberen per jaar 5 tot 8 nieuwe vrouwen op te leiden. “Zij leren hoe zij het thuis moeten organiseren, hoe zij met hun gasten moeten omgaan en er zijn lessen over financiën en het verzorgen van publiciteit”. Met nadruk: “Er zijn intussen kapers op de kust. Vakantiegangers moeten wel weten dat onze Kamamma’s allemaal geregistreerd zijn. Als er bij aanmelding geen Dreamcatcher bij staat, kom je niet bij de authentieke Kamamma’s uit”. Diverse organisaties, waaronder Wilde Ganzen, zijn intussen benaderd. Karin Bloemen is een aanwinst voor de stichting, verzekert Sonja van Proosdij. “Zij begreep meteen waar het om ging. Bovendien is zij gegrepen door het land. Zij spreekt Zuid-Afrikaans en zingt liedjes in die taal”. Onlangs ontmoette de cabaretière Anthea Rossouw, die in Nederland op bezoek was. Sonja: “De energie spatte er bij beiden vanaf. De twee zouden zusjes kunnen zijn”. Joke Korving www.dreamcatcherfoundation.nl

Ingezonden mededeling

De Europese Wandelroute E11

De Europese Wandelroute E11 is één van de twaalf wandelroutes van de Europese Wandelvereniging. Wat deze route zo bijzonder maakt is dat Den Haag het startpunt is. Het wandelpad brengt je via een lange reis naar de grens van Polen en Litouwen. Een echte aanrader voor de fervente wandelaar, omdat de reis van 2560 kilometer maar liefst 100 dagen duurt. De reis, over de E11 van Den Haag naar de grens met Polen en Litouwen, start in Scheveningen. Het eerste gedeelte van

Wethouder Henk Kool Nederlanders zijn altijd al reislustig geweest. Duizenden jaren geleden werden dan ook

de E11 heet het Marskramerpad. De route loopt via de stadsparken van Den Haag, naar het koninklijk landgoed ‘De Horsten’ in Wassenaar, verder via Voorschoten naar het Groene Hart. Naarmate de tocht vervolgt naar het Duitse Nedersaksen worden bosachtige gebieden doorkruist. Ook Polen bestaat overwegend uit bosgebied. Markant aan de E11 is dat deze door eeuwenoude Europese steden loopt waar Europese geschiedenis is geschreven en gemaakt. Den Haag met de eerste Europese conferentie in 1948. Utrecht, van waaruit de kerstening van Noordwest Europa in de Middeleeuwen begon. De Vrede van Westfalen van 1648 in Münster en Osnabrück. De demilitarisatie en de-nazificatie-conferentie van Potsdam van 1945. De naoorlogse verschuivingen van de Poolse grenzen naar het westen, waardoor het Duitse Pozen het Poolse Poznan werd. De opstanden van Warschau

grote afstanden afgelegd - ook al waren er toen nog lang geen auto’s of vliegtuigen. Kooplieden, soldaten of avonturiers. Niets weerhield hen ervan om het wijde Europa in te trekken. Dat gold ook voor veel Hagenaars. De reis vertrok vanuit Scheveningen en ging via Duitsland en Polen naar Litouwen. Om zaken te doen of gewoon om andere landen te ontdekken. Wat veel mensen niet weten is dat die route die toen werd afgelegd nog steeds bestaat. De E11 is

2560 kilometer lang en duurt honderd dagen. En het traject is prachtig! Hij voert langs veel natuurgebieden, maar er zijn ook veel historische plekken te bewonderen. Het is dan ook jammer dat de wandelroute E11 zo weinig bekendheid geniet. Want dit bijzondere wandelpad zet Den Haag - als startpunt - letterlijk op de kaart. Maar de E11 laat ook een hele andere kant van Europa zien, die zeker de moeite waard moet zijn.

Europa in Den Haag in 1943 en 1944 en tenslotte de opname van de Baltische staten in de Europese Unie in 2004. Voor wie meer van kustroutes en Zuid-Europese bestemmingen houdt, is de E9 een goed alternatief. Deze Europese wandelroute loopt van Portugal naar het Russische Kaliningrad en doet tijdens de route ook Den Haag en de Haagse kustlijn aan. Via de kustlijn en de Waddenkust eindigt de E9 in de Poolse Oostzeekust. Maar je kan ook fietsend door Europa reizen. Zo is het mogelijk om van Den Haag naar Berlijn te fietsen via de internationale fietsroute LF4 MiddenNederland. In Duitsland is deze route aangeduid als ‘Radweg 1 LF40’. Ook deze route gaat door mooie natuurgebieden, zoals de bossen van de Utrechtse Heuvelrug, de Veluwe en de Achterhoek in Twente. Er zijn kortom veel bijzondere manieren om Europa te ontdekken. En u zult versteld staan van de verrassingen die u tegenkomt.

Volgende week deel 3: Het Huis van Europa Bron: Stichting Wandelnet

Het Europa Direct Centrum is het centrale punt voor Europese activiteiten in Den Haag. Het centrum hoort bij een groot Europees netwerk van Europa Direct Centra en wordt mede mogelijk gemaakt door de Europese Unie. Het centrum is gevestigd in het Haagse stadhuis en heeft als doel om Europa dichter bij de Haagse burger te brengen.

Meer informatie: www.denhaag.nl/europa

275x192,5 mm DHC

Al duizend jaar geleden werden via wandelpaden contacten gelegd tussen wat we nu Europeanen noemen. Het waren toen vooral handelaren, soldaten en avonturiers die de wereld introkken. Eén van deze paden bestaat vandaag de dag nog steeds onder de moderne Europese naamaanduiding E11. Dat dit pad in Den Haag begint, weten helaas maar weinig mensen.

Deel 2


5

actueel<

Vrijdag 30 november 2012 > Den Haag Centraal

Al zeven belangstellenden voor te sluiten kerken Vorige week werd bekend dat acht kerkgebouwen hun deuren moeten sluiten. Inmiddels hebben zich al zeven belangstellende partijen gemeld. Onder hen winkelcentra, religieuze gebedshuizen, maar ook particulieren. Door Annerieke Simeone

De Valkenboskerk is een van de acht Protestantse kerken die volgend jaar zijn deuren moet sluiten. > Foto: Thomas Vahe

Begin volgend jaar kondigt de Algemene Kerkenraad van de Protestantse Gemeente te ’s-Gravenhage (PGG) en het College van Kerkrentmeesters aan wie de kopers dan wel huurders worden van de acht kerken die medio 2013 hun deuren moeten sluiten. Zeven partijen, waaronder winkelcentra, andere religieuze gebedshuizen, maar ook particulieren hebben reeds hun belangstelling getoond. Namen kan het hoofd kerkelijk bureau, Ben Siebelink, op dit moment nog niet geven. “De één doet het anoniem, de ander via een makelaar en over de partij waar wel een naamkaartje aanhangt, wil ik nog niks zeggen. Eerst maar eens kijken hoe serieus iedereen is”. Over het soort religieuze gebedshuizen dat zich heeft gemeld, wil

Siebelink ook geen uitspraken doen. “Naar dat soort zaken vraag ik niet”. De kerken worden op dit moment getaxeerd. Het huren van de panden zou volgens Siebelink een optie zijn, maar hij verwacht dat de meeste partijen meer aandacht hebben voor de grond dan voor de panden zelf. De PGG die met een groot financieel tekort kampt, probeert de komende jaren weer zwarte cijfers te draaien. Daarvoor is het noodzakelijk acht van de achttien kerkgebouwen af te stoten. De keuze voor deze acht deed de PGG, die eigenaar is van de kerken, op basis van een onderzoek naar bereikbaarheid, functionaliteit, exploitatie, cultuurhistorische waarde en geografische spreiding. Het gaat om de Ontmoetingskerk (Loosduinen), de Bethelkerk (Muziekbuurt), de Thomaskerk (Leyenburg), de Bethelkapel aan de Thomas Schwenckestraat (Valkenbos), de Laakkapel, de Valkenboskerk (Loosduinsekade) en het Kruispunt (Mariahoeve). Drie daarvan, de Valkenboskerk, de Bergkerk/Bethelkapel en de Thomaskerk zijn debet aan 65 procent van alle tekorten.

Voorzitter van de Algemene Kerkenraad, IJjo Akkerman, betreurt de situatie, maar zegt dat de sluitingen absoluut nodig zijn. “Het terugbrengen van vijftien predikantsambten naar acht levert niet genoeg op”. Ook de vergrijzing speelt de Haagse kerken parten. Slechts een enkele wijk in de stad kent een nieuwe aanwas van kerkgangers onder de zestig jaar. En van de 15.000 geregistreerde Haagse huishoudens betalen slechts 5.500 personen mee aan de kerk. “Dat genereert te weinig geld om de christelijke gebedshuizen overeind te houden”. De meeste kerkgangers zijn vanaf medio volgend jaar genoodzaakt om bij een nabijgelegen kerk te gaan buurten. Voor bezoekers van de Valkenboskerk, die vorig jaar nog voor een bedrag van 600.000 euro ingrijpend is verbouwd, is geen naburige plek aanwezig. Voor hen wordt naar een alternatieve ruimte gezocht. Daartoe hebben ze de tijd met een uitloop tot september 2013. Ook het Kruispunt en de Vredeskapel hoeven niet per 1 juli, maar per 1 januari 2014 hun deuren te sluiten.

Gemeente blaast ingetrokken H.J. Oolbekkink (1935-2012) Journalist die liever schrijver wilde zijn Vestia-projecten nieuw leven in Door Coos Versteeg

De Haagse schrijver Henk Oolbekkink is deze week op 81-jarige leeftijd thuis overleden. De in Amsterdam geboren H.J. Oolbekkink was vele jaren als journalist en columnist aan de Haagsche Courant verbonden. Eerder schreef hij voor Het Parool, waar hij in 1949 – reeds op zijn 18de dus – als sportredacteur aan de slag kon. Zelf zei hij daarover: “Op mijn negende wilde ik al journalist worden. Dat lukte. Daarna wilde ik mijn geld verdienen met boeken schrijven”. Dat lukte in beginsel ook, want in 1953 debuteert hij met een indringend verhaal over de Hongerwinter getiteld ‘Met lege handen’. Daarna volgen twee romans, maar vervolgens geeft hij de literatuur op en stort zich op het schrijven van thrillers. Hij achtte zichzelf minder dan Hermans, Mulisch en Claus. “Wat zal ik me nou in een onbeduidende concurrentie storten”, motiveerde hij zijn koerswijziging. Zijn reeks over geheim agent Glotz is aanvankelijk zo succesvol, dat hij ervan denkt te kunnen gaan leven. Tussen 1966 en 1968 verschijnen elk jaar twee titels, daarnaast publiceert hij elk jaar twee titels over zijn schakende avonturier Tim Spender. Oolbekkink stopt bij de krant en vestigt zich – in navolging van veel andere Nederlandse kunstenaars – begin 1968 met zijn vrouw Marja op het Spaanse eiland Ibiza. Het is de tijd dat Simon Vinkenoog en Jan Cremer daar ook resideren. Na twee jaar – een tijd waarin de drank rijkelijk vloeit – keert hij gedesillusioneerd terug. De verkoop van zijn boeken valt tegen en hij moet zich staande houden met vertaalwerk

Henk Oolbekkink, op het hoogtepunt van zijn succes, november 1966. >Foto: Ron Kroon/Anefo, collectie Nationaal Archief

vanuit het Engels dat hij thuis in een flat in de gloednieuwe Bijlmer doet. Eind 1973 zegt hij noodgedwongen het vrije leven vaarwel en treedt in loondienst als redacteur bij de Haagsche Courant. Helemaal op zijn plaats zal hij zich daar nooit voelen. Oolbekkink voelt zich duidelijk de miskende kunstenaar die zich als broodschrijver staande moet houden, onder meer met televisierecensies. Zijn huwelijk is gestrand en de veelvuldige nieuwe relaties die daarop volgen zijn doorgaans van korte duur. Hij loopt vaak zuchtend en steunend over de redactie en elke middag schuift hij als eerste aan de toog in café De Luifel in de Grote Marktstraat. Poëzie Het zal tien jaar duren voordat hij weer een boek schrijft, ‘In plaats van

kaarten’: het gaat over een thrillerschrijver die zelf bij een moord betrokken raakt. Het blijkt een eenmalige terugkeer naar het genre. Oolbekkink legt zich erbij neer dat kassuccessen geen deel uitmaken van zijn leven. Hij richt zich voortaan, net als in zijn jonge jaren, op poëzie en vertaalt nog wel eens een toneelstuk. In zijn nadagen bij de Haagsche Courant legt hij zich vooral toe op het (razendsnel) bespreken van belangrijke (Engelse/Amerikaanse) boeken. Hij blijkt in staat om de dikke pil binnen een dag tot een lekker leesbaar krantenverhaal – een soort combinatie van samenvatting en recensie – om te werken. Na zijn vut keert hij de krant volledig de rug toe. Hij zal nooit meer terugkeren op de verfoeide redactie in de Plaspoelpolder in Rijswijk. Met enkele oud-collega’s, mannen die gekscherend zijn naam omdraaien tot Knikkebloo, houdt hij nog schaars contact. Maar hij zoekt zijn sociale leven voornamelijk in de kroegen van de Haagse binnenstad, op de Denneweg en in de kunstenaarssociëteit Pulchri. Op zijn oude dag gaat hij – veelzijdig als hij is – nog schilderen. Zijn laatste boekuitgave dateert van 1995, een bundeltje in een oplage van 400 exemplaren voor Wijk- en Dienstencentrum De Kronkel in Den Haag, getiteld ‘De kleine wereld van Simon Carmiggelt. Een beetje wrang wel, omdat zijn columns in de Haagsche Courant vaak tot zijn ongenoegen werden vergeleken met die van de succesvolle collega bij Het Parool. Een niet weg te cijferen wapenfeit blijft echter dat Oolbekkinks creatie geheim agent Glotz als vraag in het spel Triviant voorkomt.

De gemeente is bereid maximaal € 80 miljoen in Zuid-West te financieren, zodat de eerder afgeblazen projecten van de noodleidende woningcorporatie Vestia toch doorgang kunnen vinden. De komende tien jaar worden alsnog 1000 woningen gesloopt om plaats te maken voor 750 nieuwe. De overige 250 woningen worden grootschalig gerenoveerd. Wethouder Norder (Volkhuisvesting) en bestuurder Thielen van Vestia hebben deze week een intentieovereenkomst getekend. In die overeenkomst staat ook de oprichting van een Wijk OntwikkelingsMaatschappij (WOM), waarbij Vestia 2.000 woningen inbrengt en de gemeente 80 miljoen euro. Vestia ontbreekt het op dit moment aan financiële middelen. Norder is blij dat nu een eerste goede stap is gezet om de herstructurering van Zuid-

West op de rails te zetten. “De klap die bij Vestia is gevallen kwam hard aan bij veel Hagenaars. Er was veel onzekerheid wat dit ging betekenen voor de stad”. Toch houdt Norder nog een slag om de arm: “We moeten de zaken nog verder uitwerken maar kunnen weer vooruit kijken”. De gemeente en de woningcorporatie hebben al afspraken gemaakt over het aantal door Vestia te verkopen woningen. Vestia, die een schuld van € 1,3 miljard aan de banken moet voldoen, heeft berekend dat – om tot aflossing van haar schuld te komen – zij in tien jaar 15.000 woningen moet verkopen, waarvan 3.000 in Den Haag. Om de kernvoorraad sociale woningen niet onnodig onder druk te zetten, is afgesproken dat de corporatie vooralsnog 1.350 eengezinswoningen gaat verkopen over een periode van tien jaar.

Dood Rishi (17) is ‘zeer ernstig’ Het schietincident waarbij zaterdag in de vroege ochtend de 17-jarige Hagenaar Rishi door een politiekogel dodelijk werd getroffen is’ zeer ernstig’. “De fatale afloop van het incident betreur ik”. Dit schrijft burgemeester Van Aartsen in een brief aan de gemeenteraad. De precieze oorzaak van de schietpartij wordt nog onderzocht door de rijksrecherche. Zaterdag zullen naar verwachting ruim 800 mensen in het Zuiderpark deelnemen aan een manifestatie tegen politiegeweld. De 17-jarige Rishi werd dit weekeinde in zijn hals geraakt door een politiekogel. Later overleed hij aan zijn verwondingen in het ziekenhuis. Die ochtend kreeg de politie melding dat in het station Hollands Spoor sprake was van een bedreiging door een 17-jarige jongen die een vuurwapen bij zich zou hebben. Op perron 4 gaf de politie de jongen instructies om zijn handen

te laten zien. Daar zou hij volgens het Openbaar Ministerie niet aan hebben voldaan. Daarna loste de politie een schot. Later bleek de jongen ongewapend te zijn. De dood van de jongen leidde bij leeftijden schoolgenoten tot veel emoties. In de vestiging van ROC Mondriaan aan het Leeghwaterplein werd een stiltecentrum ingericht. Op het station werden tegels voorzien van boodschappen aan de overleden Rishi. Het onderzoek naar de gang van zaken rond het dodelijk schietincident richt zich onder meer op de mogelijkheid dat de kogel is afgeketst op een stoeptegel van perron 4 en zo in de halsstreek van Rishi terecht kwam. In dit verband zijn twee tegels voor onderzoek meegenomen. Beelden van veiligheidscamera’s worden in dit verband eveneens bestudeerd. Probleem is dat het die ochtend mistig was.

Ingezonden mededeling

Op de fiets naar de stad? Plek zat in je fietskrat! Fietskratje.com levert compleet gemonteerde houten fietskratten, voorzien van leuke prints. Maak een keus uit verschillende modellen of je eigen ontwerp.

•SINCE 2011•

Mooi meegenomen!


6>Varia terugblik

Den Haag Centraal > Vrijdag 30 november 2012

foto’s uit het haags gemeentearchief

See You Later, Alligator… De titel van de Rock-’n-Roll-hit ‘See You Later, Alligator’ van Bill Haley & His Comets was eind 1959 voor de Haagse gitarist René Nodelijk de inspiratiebron voor de naam van de door hem in dat jaar opgerichte Rock-’n-Roll-band The Alligators. De groep trad voor de eerste keer op tijdens een talentenjacht in Vlaardin-

‘Op de foto zijn wel vijf ‘alligators’ te zien’ gen en won bij die gelegenheid meteen de eerste prijs. Bij een tweede optreden, kort daarna, werd de naam al gewijzigd in René and his Alligators. In de periode van 1960-1964 bracht deze instrumentale groep zestien succesvolle platen uit. Vanaf 1962 wisselde de groep regelmatig van samenstelling. Op de foto zijn wel vijf ‘alligators’ te zien. De drie gelijknamige passagiers op de scooter van René, één speelgoedkrokodil voorop en één witte op het hek op de achtergrond. Dit laatste vindt zijn verklaring in het feit dat de foto is genomen voor het hek van het Dierenpark Wassenaar. De foto uit 1961 is een publici-

Ingezonden mededeling

teitsfoto van het platenlabel Fontana en toont van links naar rechts Richard van der Kraats, Ruud Schoonewelle, Ton van de Graaf en René Nodelijk. De bekendste single van het gezelschap is Guitar Boogie met, op de B-kant, In The Mood uit 1962. Elke woensdag-, zaterdag- en zondagavond in de periode 1963/64 speelden ze in het Paviljoen van het Zuiderpark. Die avonden waren, hoe toepasselijk, georganiseerd door dansvereniging The Alligators. In 1967 was dit ook voor een korte periode opnieuw de naam van de band, die een jaar later werd omgedoopt in Toby Collar. Met wisselende bandleden en zijn vrouw Anja Exterkate vormde René Nodelijk in 1978 de groep Renée. In 1991 veranderde de naam in Renée and the Alligators. Zoals bij vele bands in die tijd begon het met oude radio’s die als versterkers dienst deden. Via zelfgemaakte gitaren en theekistbassen kwam het dan tot de aanschaf van een Egmond-elektrische gitaar van Nederlands fabricaat. Op de foto blijken voor René and his Alligators inmiddels betere tijden aangebroken, want de heren zijn alle voorzien van Framus-gitaren, tweemaal een Hollywood en één van het type Star Bass. Framus was een Duitse fabriek die vanaf 1946 elektrische gitaren, basgitaren, steelgita-

De groep ‘René and his Alligators’ in 1961. >Foto: Rob Bosboom

ren en banjo’s maakte. In 1975 ging het bedrijf failliet. René and his Alligators bevonden zich met dit instrumentarium in het goede gezelschap van bekende musici als Paul McCartney, John Lennon en Bill Wyman. Het gebruik van Framusgitaren was voor de groep van korte duur, want al in 1962 maakte de groep de overstap naar gitaren en versterkers van het merk Fender. De scooter op de foto is nu eens geen Vespa maar een Lambretta. De Lam-

bretta was ook Italiaans en kwam uit de fabriek van Innocenti in Milaan. In 1947 kwam de eerste Lambretta op de markt. De Lambretta dankte zijn naam aan de rivier de Lambro die langs de Innocentifabriek liep. Het credo van Innocenti was dat mobiliteit voor de grote massa bereikbaar moest zijn. Innocenti heeft dat met de Lambretta ook waar kunnen maken, want in de jaren vijftig van de vorige eeuw genoot de scooter als vervoermiddel een enorme populariteit. Dit gold zo-

wel voor Lambretta als voor concurrent Vespa. In totaal verlieten een kleine twee miljoen Lambretta’s de fabriek. En nu? Lambretta-scooters worden al sinds 1971 niet meer gemaakt. Dierenpark Wassenaar sloot de deuren in 1985. Framus-gitaren zijn sinds 1995 onder de paraplu van het Duitse Warwick GmbH weer verkrijgbaar. En Renée and the Alligators zijn ‘still rocking’. Henk Duits


7

regio<

Vrijdag 30 november 2012 > Den Haag Centraal

Tegenprestatie bij bijstandsuitkering Door Gilles Boeuf

LEIDSCHENDAM-VOORBURG - Op aandringen van de VVD zal het onderwerp van de tegenprestatie voor een bijstandsuitkering op de gemeentelijke agenda van Leidschendam-Voorburg komen te staan. De gemeente heeft in haar kaartenbak ongeveer 1500 personen met een bijstandsuitkering die om allerlei redenen een kleinere of grotere afstand hebben tot de arbeidsmarkt. Dat vraagt om maatwerk van de gemeente en nu het budget slinkt, is de VVD van mening dat het beschikbare budget vooral de kansrijke groep ten goede moet komen. Daarnaast zou voor iedereen een

tegenprestatie een verplicht karakter moeten krijgen. Ton Overmeire(VVD): “Natuurlijk moet je kijken naar de psychische en medische mogelijkheden van mensen maar het moet wel gewoon van twee kanten komen”. Bijdrage Ton Overmeire: “We hadden een flink budget waardoor we iedereen een aanbod konden doen. Nu we worden gehalveerd door het Rijk en moeten we keuzes maken”. Hoe kansrijk iemand is, wordt bepaald door een participatieladder en belemmerende factoren op de weg naar werk zijn meestal het ontbreken van werkervaring bij jonge mensen, sociale problemen of juist

weer de hoge leeftijd die iemand niet aantrekkelijk maakt voor een werkgever. Deze mensen zouden wat de VVD betreft wel een nuttige bijdrage kunnen leveren aan de samenleving. Ton Overmeire: “Met een tegenprestatie blijven mensen aan de slag, komen ze buiten en ontmoeten ze weer andere mensen. Maar met de tegenprestatie zeggen we ook: ‘De gemeenschap kan uw inzet goed gebruiken’. Met dat eerlijke verhaal is niets mis”. Taken De tegenprestatie kan bestaan uit incidenteel werk zoals sneeuwschuiven maar ook uit hand- en spandiensten bij een sportclub of koffie schenken in

een verzorgingstehuis. Het is uitdrukkelijk niet de bedoeling dat het lijkt op een reguliere baan want dat zou oneerlijke concurrentie betekenen en ook mag de tegenprestatie een participatietraject dat kansrijk is niet in de weg staan. Het onderwerp van de tegenprestatie speelt al jaren in allerlei gemeenten in heel Nederland een rol. Nu de overheid steeds meer taken naar de gemeenten overhevelt, is de druk op de gemeenten toegenomen. Half december zal het door het college overgenomen voorstel besproken worden in de gemeenteraad. In 2013 zou een pilot van start kunnen gaan.

Onderzoek stelt budgetoverschrijding Den Deijl vast

Projectbewaking liet te wensen over WASSENAAR- Een onafhankelijke accountant heeft de afgelopen weken vastgesteld dat bij het project Den Deijl een budgetoverschrijding heeft plaatsgevonden van naar schatting 1,8 miljoen euro. Bij het opstellen van de najaarsnota was het vermoeden van een mogelijke overschrijding bij het herinrichtingsproject gerezen. Belangrijkste oorzaak is volgens het rapport dat zowel bij de gemeente als bij het projectmanagement sprake was van het opdelen van verantwoordelijkheden. Het overzicht over het gehele project is daarmee gaandeweg verloren geraakt. Het verkeersproject ‘Herinrichting Den Deijl’ is op dit moment in een afrondende fase. Het project bestaat uit een groot aantal deelprojecten waaronder de aanleg van een fiets- en voetgangerstunnel onder de N44 in Wassenaar en de aanleg van een snelfietsroute tussen Leiden en Den Haag. Sinds de start van de besluitvorming in 2007 heeft het project te kampen gehad met tegenslagen. Zo zijn er veel juridische kosten gemaakt voor rechtszaken aangespannen door omwonenden. Om aan wensen van burgers tegemoet te komen, heeft er bovendien werk ’s nachts plaats moeten vinden en tijdens de werkzaamheden bleken leidingen en kabels soms op heel andere plekken te liggen dan verwacht. Deze tegenslagen zijn mede de oorzaak van de overschrijding. Beheer Het omvangrijke project is in opdracht van de gemeente beheerd door een extern adviesbureau. Voor specialistische adviezen zijn vervolgens weer andere gespecialiseerde bureaus ingeschakeld. Om een indruk te geven: voor dit project zijn in 2011 en 2012 30 opdrachten gegeven met een totale waarde van 2,9 miljoen euro. Het niet voldoende vastleggen en bewaken van al die verschillende opdrachten is in het beheer van het totale project een groot knelpunt gebleken. Het adviesbureau heeft volgens het rapport

Fiets- en voetgangerstunnel ter hoogte van Den Deijl in Wassenaar.> Artist impression: PR

onvoldoende de financiële consequenties overzien van dit woud aan opdrachten en de gemeente heeft op haar beurt het bureau niet aangesproken op haar verantwoordelijkheid. Het rapport voorziet tenslotte in een aantal aanbevelingen voor de gemeente. De belangrijkste aanbeveling is om

in het vervolg niet meer te afhankelijk te worden van één adviesbureau en daarbij ook grenzen te stellen aan de bevoegdheden van een externe partner. Het project dat in z’n totaliteit 9,2 miljoen euro aan kosten met zich meebrengt, is één van de ingewikkeldste

herinrichtingprojecten van de gemeente Wassenaar gebleken, concludeert de gemeenteraad na het bestuderen van het rapport. De fietstunnel onder de N44, onderdeel van dit omvangrijke project, is inmiddels gereed en zal vrijdag 30 november om 11 uur officieel geopend worden.

Geluidsoverlast RandstadRail wordt gemeten LEIDSCHENDAM-VOORBURG - Op aandringen van de gemeenten Leidschendam-Voorburg, Zoetermeer en Pijnacker-Nootdorp komt er een onderzoek naar de geluidsoverlast die bewoners ervaren door de RandstadRail. Nog dit jaar wordt er door het Stadsgewest Haaglanden, beheerder van de spoorweg, een onderzoeksbureau gekozen dat begin 2013 met metingen zal beginnen.

In het onderzoek wordt gekeken wat de invloed is van onderhoudstechnieken, zoals de wijze van slijpen van de rails en het smeren van de wielen. Een jaar lang wordt voortdurend het geluid gemeten tijdens verschillende weersomstandigheden. Op basis van de uitkomsten van het onderzoek kijkt het Stadsgewest of een andere manier van onderhoud of het op andere momenten uitvoeren van onderhoudswerkzaam-

heden het ‘zingen’ en piepen waar bewoners over klagen kan verhelpen. Al eerder is gebleken dat bij onvoldoende onderhoud aan de rails het geluid van de RandstadRail de wettelijke norm overschrijdt. Het permanent onderhouden van het spoor is een dure aangelegenheid. De betrokken gemeenten vragen daarom tevens aan het Stadsgewest te onderzoeken of het plaatsen van een scherm

verreck

voldoende soelaas biedt voor de bewoners. De meeste klachten komen van bewoners aan de Laan van Leeuwensteijn in Voorburg. Volgens de planning is het onderzoek begin 2014 klaar. Dan moet duidelijk zijn welke manier van onderhoud aan rails en RandstadRail-voertuigen effect hebben op het geluid. Het meten levert volgens de opdrachtgevers overigens geen overlast op voor omwonenden.

Ostinato

In 1979 verliet ik Den Haag om aan de VU in Amsterdam Nederlands te gaan studeren. Mijn leven herbegon. Ik ontmoette veel nieuwe mensen. Het was een turbulente tijd. Krakers, de Kroning, mijn eerste (en enige) oorlogservaringen op 30 april 1980. Zo scheen er een vredig oranje zonnetje over het Rokin, zo scheurden er 20 ME-busjes over de rijbaan en moest ik rennen voor mijn leven. Aan het eind van de dag was Amsterdam een puinhoop waar de traangasdampen vanaf sloegen. De jaren tachtig waren begonnen! Ik raakte bevriend met Anton, een buitengewoon aardige, aparte jongen uit Waalwijk. We schreven verhaaltjes voor het subfaculteitsblad, speelden gitaar (hij hield van snarenfreak Robert Fripp) en liftten naar Texel. Kwamen tot Anna Paulowna, namen toch maar het laatste stukje de trein. Hadden lang genoeg met de duim omhoog gestaan. Waren we trouwens beiden zeer geoefend in. Anton liftte het hele land rond, ik vooral op het traject Den Haag-Amsterdam. Bij het Willem Witsenplein nabij het Haagse Bos was je zo weg. Vanaf Amsterdam duurde het soms wat langer. Memorabele ritjes heb ik gemaakt, onder andere met de schrijver Heere Heeresma (die ik in eerste instantie niet herkende). Op Texel gingen we na aankomst onmiddellijk wandelen, een andere gedeelde passie. Voor we het wisten hadden we vanuit De Koog de Slufter bereikt. Toen begon het te onweren. Dat voelde niet fijn. Een dilemma: loop je over het harde zand, dat gaat sneller maar is wel gevaarlijker, of zoek je het zachte zand en de beschutting van de duinen op. We waren opgelucht toen we een strandtent bereikten, waar we een lift kregen naar het dorp. Even later stonden we verdwaasd in een discotheek, waar Anton met zijn wandelschoenen aan nog heel wild is gaan dansen. Er werd onmiddellijk ruimte voor hem gemaakt. Op een winterdag zijn we naar Marken gefietst. Eerst las ik op Anton’s piepkleine studentenkamertje Nescio’s prachtige verhaal ‘BuitenIJ’ voor en toen gingen we de witte wereld in. Op de terugweg (met sneeuwstorm tegen) hebben we in Uitdam Beerenburgjes gedronken en een oude Telegraaf onder onze kleren gestoken. Later is Anton wandelgids in de Himalaya geworden. Een enthousiaste, koppig levenslustige onderzoekende man. Ik zeg koppig omdat hij mij in de vroege jaren 80 al kennis liet maken met de troostrijke, hypnotiserende klanken van de Canto Ostinato (Koppig Lied) van de onlangs overleden componist Simeon ten Holt. Dankjewel Anton. Marcel Verreck www.marcelverreck.nl


8>economie

Den Haag Centraal > Vrijdag 30 november 2012

Grote Marktstraat wacht een Het was de eerste straat in Nederland waar warenhuizen vanaf 1922 naast en tegenover elkaar verrezen: Bijenkorf, C&A, Vroom en Dreesmann, Peek & Cloppenburg en Hema. Het was de straat met de eerste roltrap en – meer van deze tijd – de eerste Shopping Night. Maar elke voorloper raakt een keer achterop. Nu is het tijd voor een extreme make-over van de Grote Marktstraat. Door Marc Konijn

De Grote Marktstraat maakt zich op voor een opmerkelijke wedergeboorte, een Renaissance, een nieuwe bloeiperiode. De drukste winkelstraat van Den Haag verandert de komende jaren in één van de grootste bouwplaatsen van Nederland. Op vier plekken worden lelijke en/of verouderde panden gestript, gesloopt en vervangen door nieuwbouw. Er komt maar liefst 25.000 vierkante meter nieuwe winkelruimte bij, voorgevels krijgen een nieuw jasje en bovenop enkele nieuwe winkels verrijzen 82 woningen. In totaal investeren marktpartijen ruim tweehonderd miljoen in hun vastgoed in de belangrijkste winkelstraat van Den Haag. De liefhebbers van het winkelen komen straks ruimschoots aan hun trekken. In de nieuwe winkels trekken vooral ook internationale winkelketens, waaronder het Engelse warenhuis Marks & Spencer met twee verdiepingen, en een nog veel grotere Primark (drie etages), een bekend Iers modewarenhuis dat een uitgebreid assortiment heeft ‘voor de kleine portemonnee.’ Ook gerenommeerde modewinkels – zoals Hollister, Forever 21 en Topshop – landen straks in de Grote Marktstraat. Deze winkels richten zich meer op de modegevoelige jeugd en zijn populair in Amerika en Engeland. Opvallend is verder dat meeste etalages van de nieuwe winkels zich straks over twee verdiepingen uitstrekken. Wethouder Marjolein de Jong (D66, binnenstad) is zeer tevreden over de voortgang van het project. “In de bouwwereld is het grote crisis. Maar daar merk je in de Grote Marktstraat helemaal niets van. Dat zegt wat over de potentie van deze winkelstraat, en over de kracht van onze plannen”. De eerste plannen om de Grote Marktstraat nieuw leven in te blazen dateren van eind jaren negentig van de vorige eeuw, licht De Jong toe. “De tramtunnel ligt er nu, de straat is afgesloten voor autoverkeer, er ligt beleid om een prachtige, internationale modeboulevard te maken. Dat betaalt zich nu uit. Van een crisis in de bouwwereld is hier geen sprake”. Ambitieus De Grote Marktstraat wordt verlost van vier gedateerde gebouwen. De bouwers van Multivastgoed en AM zijn daarin het verst; zij hebben onder meer het voormalige pand van Zara gesloopt, en bouwen aan een ambitieus plan om Ingezonden mededeling

De Markies: klassieke stijl Waar de meeste projecten een grote omvang hebben, daar valt de Markies op door zijn ingetogen en klassieke stijl. Het nieuwe gebouw bestaat eigenlijk uit twee delen: in de Wagenstraat, waar de oude historische gevel blijft staan. Het tweede deel beslaat de nieuwbouw, die de hoek ‘omslaat’ naar de Grote Marktstraat, tot aan het oude Zeemanpand. In totaal behelst het plan 15.300 vierkante meter aan winkels, met ruimte voor drie grote retailers. Op de bovenste verdieping komen zes woningen. De Markies is gemaakt door een consortium van drie bedrijven uit Den Bosch, met Jan van Geffen van Movement Real Estate als projectleider. En die wilde per se geen schreeuwerige, opvallende

de Passage door te trekken naar de Grote Marktstraat, met winkels en een hotel. Op twee andere plekken zwaait inmiddels al de sloophamer. Naast het oude Zeemanpand – schuin tegenover de Media Markt – gaat het oude kantoor van de reclassering tegen de vlakte. Dit zielloze gebouw maakt plaats voor de ingetogen en klassieke nieuwbouw dat de naam De Markies heeft gekregen. Op de hoek van het Spui en de Kalver-

nieuwbouw. “We hebben heel scherp gekeken naar de Champs Elysees in Parijs. Daar leer je dat het heel belangrijk is om het ritme in de winkelstraat niet te doorbreken. We hebben daarom aansluiting gezocht bij de buren. Het pand moest vooral stijlvol worden, iets wat decennia lang mooi wordt gevonden. De mensen moeten graag naar de winkels toe willen komen”. De nieuwbouw moet eind 2013 klaar zijn. Van Geffen zegt inmiddels twee internationale retailers gevonden te hebben. De gemeente Den Haag meldt op de website dat één van de twee Marks & Spencer is. Dat kan Van Geffen niet bevestigen. Mijn huurders hebben aangegeven zelf met het nieuws naar buiten te willen komen”.

markt wordt binnenkort de oude Marca en Albert Hein – met daarboven de zeer gedateerde kantoren van Defensie – afgebroken. Daar gaat Provast de Amadeus bouwen, een statig complex waar de Primark komt, met daarboven 76 woningen. Over een half jaar volgt de laatste ‘extreme makeover’, naast de Bijenkorf. Het witte Sijthoff City – alweer een kantoorpand dat niet bepaald bekend staat om zijn uiterlijke kwaliteiten – wordt volledig gestript. De gevel krijgt een fraaie uitstraling, en op de eerste twee verdiepingen kan straks gewinkeld worden. Aan de zijkant komt een fietsenstalling. De gemeente Den Haag pakt op haar beurt de openbare ruimte aan. De Grote Marktstraat wordt omgetoverd tot een soort immense balzaal, met statige betonnen tegels op de grond, met fraai vormgegeven zitbanken en prullenbakken als meubilair, en verlichting die als kroonluchters in het rond hangen. Bij de twee entrees komt een grote kroonluchter met een driepoot op de grond.

Verlichting De gemeente wil niet te lang wachten met de inrichting van de balzaal. Die wordt gefaseerd aangelegd. Als een project klaar is met de sloop- en kraanwagens, dan wordt daar alvast begonnen met het ophangen van de verlichting. De Jong: “We hebben steeds gezegd: voor de kerstinkoop van 2013 moet de grootste ellende voorbij zijn”. Als alle nieuwbouw over twee jaar klaar is en de balzaal schittert, dan zal een aantal panden flink dissoneren. De eigenaren van het oude Zeemanpand en de ‘betonnen’ Hema zeggen vooralsnog niets te ondernemen. De woordvoerder van de V&D wil alleen kwijt dat er geen concrete plannen zijn. Maar wethouder De Jong zegt goede hoop te hebben op een sneeuwbaleffect. “We hebben een paar gesprekken gehad met de V&D en ik weet dat ze er zwaar over nadenken iets te gaan doen. Het is afwachten. Maar ik heb goede hoop. Deze winkels hebben er uiteindelijk zelf ook veel belang bij om een goede uitstraling te hebben”.


9

economie<

Vrijdag 30 november 2012 > Den Haag Centraal

n ware Renaissance

Amadeus en Primark Op de hoek van het Spui en de Kalvermarkt – de entree van de Grote Marktstraat – bouwt de Haagse projectontwikkelaar Provast aan Amadeus: een complex van ruim vijftig meter hoog, waar op de eerste drie verdiepingen een grote winkel van 8000 vierkante meter is gepland: de Primark. Daarbovenop worden 76 appartementen gebouwd, waarvan er veertig zijn bestemd voor de huur. Volgens Frank van der Weide van Provast liggen de plannen al enige tijd in de kast. “Op verzoek van de gemeente hebben we gekeken of we hier het Huis van de Democratie konden aanleggen, en later weer het Nationaal Historische Museum. Toen dat laatste in 2009 werd afgeblazen, hebben we

met grote kracht en energie dit plan gemaakt”. De naam van het project heeft alles te maken met Wolfgang Amadeus Mozart, die als jongetje enige tijd op deze plek in Den Haag heeft gewoond. Van der Weide: “Het mooie is: als we klaar zijn, dan is dat precies 250 jaar geleden. De oude plaquette komt terug aan de muur”. Nog deze maand wordt begonnen met de sloop van de Marca en het kantoor van Defensie; de naastgelegen Vijf Poortjes zijn al verdwenen. In de planning staat dat de bouw in februari volgend jaar een aanvang neemt. Eind 2014 zal de Primark zijn deuren kunnen openen. De woningen worden begin 2015 opgeleverd.

Sijthoff City Deze maand kwam een nieuw bouwplan voor de Grote Marktstraat naar buiten. Het gaat om Sijthoff City, het witte kantoorgebouw op de hoek van de Wagenstraat. De opdrachtgever is Urban Properties, namens eigenaresse Credit Suisse AM. Het gebouw wordt volledig gestript, en krijgt een compleet nieuwe gevel met een grote moderne uitstraling, die wat opbouw betreft sterk aansluit bij de architectuur van omliggende panden als de Bijenkorf. In deze gevel is ook de vorm terug te vinden van een bronskleurige ooievaar, het symbool van Den Haag. Het huidige Sijthoff City telt zeven verdiepingen, met alleen op de begane grond winkels en daarboven kantoorruimte. In de nieuwe plannen komt daar nog een tweede winkellaag

bij, die bovendien ook nog eens extra hoog wordt gemaakt door een extra kantooretage op te offeren. ‘‘Op deze manier creëer je de nodige ruimte voor winkels met een zeer hoogwaardige uitstraling’’, licht Bregtje Nagtzaam van Urban Properties toe. In totaal komt er 4.750 vierkante meter winkels en 6.300 hoogwaardige kantoorruimte. De etalages van het nieuwe Sijthoff City strekken zich uit over bijna twee verdiepingen. Opmerkelijk is verder dat er een fietsenstalling met ruim tweehonderd plaatsen komt, die aan de zijkant van het gebouw wordt opgehangen. De plannen zijn deze maand gepresenteerd; de zoektocht naar huurders is dus nog in volle gang. De verbouwing is gepland voor de zomer van 2013. De oplevering staat gepland voor eind 2014.

Een nieuwe Haagse Passage Het plan van Multivastgoed en AM voor een nieuwe passage zal een stempel drukken op het winkelklimaat in de binnenstad. Aan de Grote Marktstraat herrijst een opvallend complex, met daarin 10.500 vierkante meter aan winkels. Daarbovenop komt een internationaal suitehotel met 118 kamers. Maar het belangwekkendste onderdeel is volgens projectleider Arjen Seckel (Multivastgoed) het plan om de Passage door te steken naar de Grote Marktstraat. “Als je van de Vlamingstraat naar de Grote Marktstraat wilt, dan kan dat alleen via wat vieze steegjes, het Spui en de Wagenstraat. Dat is niet optimaal. Met de nieuwe doorsteek verbind je de Grote Marktstraat op een hele mooie manier met de Passage en de

Hoogstraat. De loopstroom zal heel anders worden”. In oktober vorig jaar is de sloop van het oude Marks&Spencergebouw van start gegaan. Achter de hoge witte schuttingen wordt nu gewerkt aan de kelder van het complex – een uiterst secuur werkje omdat er niets mag gebeuren met de naastliggende tramtunnel. Die is bijna klaar. In het voorjaar zal het nieuwe gebouw boven de schutting uitkomen. De verwachting is dat het project eind 2014 gereed is. De winkels komen in de kelder, de begane grond en de eerste verdieping. Een deel daarvan is al verhuurd aan Sting, Miss Etam, parfumerie Douglas en Intertoys. Op de vijf verdiepingen boven de winkels en de Nieuwe Passage vestigt zich het Novotel Suitehotel.


Ondernemen Adressen & Informatie Rabobank Den Haag Dennis Werkman Directeur Grootbedrijf (06) 22 73 28 14 E-mail: D.Werkman@DenHaag. rabobank.nl Henk Werlemann Directeur MKB (06) 10 68 84 59 E-mail: H.C.Werlemann@DenHaag. rabobank.nl Zakelijk loket Telefoon (070) 371 88 00 Maandag-donderdag 8-20 uur Vrijdag 8-18 uur Zaterdag 9-13.30 uur Bezoekadressen: Bezuidenhoutseweg 5 2594AB 's-Gravenhage Korte Vijverberg 2 2513AB 's-Gravenhage

Ernst & Young Wassenaarseweg 80 2596 CZ 's-Gravenhage Tel: 070 - 88 40 71000

ScheerSanders advocaten ScheerSanders Advocaten Nassauplein 36 2585 ED 's-Gravenhage Tel: 070-3659933 info@scheer.nl www.scheer.nl

Werkgeversservicepunt Rob de Rooij (06) 52 02 6277 Rob.derooij@denhaag.nl www.werkgeversservicepuntdenhaag.nl

Wethouder Kool maakt zich hard voor Haags ondernemerschap Europese wet- en regelgeving is geen gesneden koek. Ook veel Haagse ondernemers hebben te maken met een wirwar van wetten, regels en richtlijnen, wat ondernemen niet gemakkelijker maakt. De Haagse wethouder Henk Kool (Sociale Zaken, Werkgelegenheid en Economie) maakt zich hard voor meer duidelijkheid en eenvoud in Europese regelgeving voor ondernemers. Zo stelde hij als rapporteur van het Comité van de Regio’s adviezen op over nieuwe Europese wetten.

Geen papieren rompslomp en vriendjespolitiek Het Comité van de Regio’s is een bont gezelschap van burgemeesters en wethouders uit alle lidstaten van de Europese Unie. Het Comité telt 344 leden en is het officiële adviesorgaan van de Europese Commissie. Henk Kool, wethouder Economie van de gemeente Den Haag: “Lokale bestuurders staan dicht bij de bevolking en weten dus goed wat er speelt. Ik heb als rapporteur van het Comité voor de Regio’s onlangs een advies over aanbestedingen en concessies opgesteld. Aan de hand hiervan wordt het voor ondernemers eenvoudiger om opdrachten te verwerven zonder overbodige papieren rompslomp en vriendjespolitiek. Omdat mijn advies voldoende draagvlak kreeg binnen het Comité heeft de Europese Commissie dit verwerkt in de nieuwe concessie- en aanbestedingsrichtlijnen. Deze worden begin volgend jaar in

aanbesteding. Met dit paspoort hoeven zij slechts één keer per jaar een stapel documenten te overleggen in plaats van steeds opnieuw. Het aanbestedingspaspoort hadden we in Den Haag al en heb ik ook in mijn advies verwerkt. Dit heeft als resultaat dat het straks in heel Europa wordt ingevoerd.”

wethouder Henk Kool.

Rob de Rooij, Werkgeversservicepunt Den Haag

de plenaire vergadering van het Europees Parlement behandeld, waarna in februari naar verwachting de twee nieuwe wetten in werking treden.”

se ondernemers voordelig. “In de praktijk moet de nieuwe aanbestedingswet het MKB in onze stad meer kansen bieden om opdrachten te genereren. Een mooi voorbeeld hiervan is het aanbestedingspaspoort. Dit paspoort is bedoeld voor ondernemers die zich willen inschrijven op een gemeentelijke

Aanbestedingspaspoort De nieuwe richtlijnen voor concessies en aanbestedingen zijn ook voor Haag-

Meer werkgelegenheid De nieuwe aanbestedingswetgeving maakt het in de toekomst voor Haagse ondernemers eenvoudiger een grote opdracht in de wacht te slepen. Een bijkomend voordeel is dat hierdoor meer werkgelegenheid kan worden gecreëerd en daarmee is ook het Werkgeversservicepunt Den Haag gebaat. Rob de Rooij, manager markt, projecten en innovatie van het Werkgeversservicepunt Den Haag: “Door deze mogelijke toename kunnen wij meer werkzoekenden aan het werk helpen. Samen met de betreffende ondernemers gaan onze accountmanagers dan op zoek naar geschikte kandidaten, waarbij we kunnen putten uit een zeer groot en divers kandidatenbestand. Overigens kunnen ondernemers met ál hun personeelsvraagstukken bij ons terecht. Samen met de wethouder maken we ondernemen zo gemakkelijker en kunnen we werkzoekenden ook nog aan een baan helpen.” Voor meer informatie over de dienstverlening van het Werkgeversservicepunt Den Haag zie www.werkgeversservicepuntdenhaag.nl

Internationaal privaatr

‘Het is ec je doet he Het aantal internationale huwelijken neemt toe en dus ook het aantal internationale scheidingen. Die hebben, naast veel verdriet, ook veel juridische voeten in de aarde. Gelukkig weet Annemarie Braun van ScheerSanders Advocaten raad.

Dit is een initiatief van Den Haag Centraal. Alle hierop geplaatste artikelen vallen buiten de redactionele verantwoordelijkheid van de redactie.

Den Haag is een internationale stad. Mensen van diverse nationaliteiten maken de stad kleurrijk. Expats, migranten, seizoensarbeiders, allemaal hopen ze in de Hofstad hun geluk te vinden. Er worden in Den Haag veel internationale huwelijken gesloten en ook reeds getrouwde stellen uit het buitenland vestigen zich in de Residentie. Er zijn daarnaast veel Nederlanders die voor hun werk naar het buitenland gaan en daar de liefde van hun leven ontmoeten. Liefde die grenzen overstijgt, heeft iets extra romantisch omdat er grote afstanden afgelegd én cultuurverschillen overbrugd moeten worden. Niet voor niets zijn er televisieprogramma’s over exotische huwelijken gemaakt. Het spreekt letterlijk tot de verbeelding. Per jaar worden er ongeveer driehonderdduizend internationale huwelijken gesloten in de Europese Unie. Maar helaas, ook deze huwelijken kunnen stuk lopen. En dat heeft, naast al het verdriet, vaak heel wat juridische voeten in de aarde.

Annemarie Braun, advocaat ScheerSanders advocaten. Foto: Mylène Siegers

Gespecialiseerd En dan is het fijn dat er mensen zijn als Annemarie Braun. Zij is als familierechtadvo-


d Den Haag nd Uniform btw-stelsel moet administratieve lasten reduceren

Ernst & Young brengt btw kansen en risico’s in kaart Bijna iedere ondernemer heeft er mee te maken: btw. Het innen en afdragen ervan kan een behoorlijke klus zijn waar ondernemers niet altijd op zitten te wachten. Toch is het zaak om de administratie op orde te hebben. Zeker als er sprake is van internationale handel is dossiervorming voor ondernemers essentieel. Willem Ruizendaal, senior manager bij Ernst & Young, legt uit waarom. Dossiervorming Sinds 1993 mogen ondernemers bij export van goederen naar andere lidstaten van de EU het 0% btw-tarief hanteren. Er hoeft dus geen btw te worden betaald bij internationale handel. Ondernemers moeten in dit geval echter wel kunnen aantonen dat deze goederen ook daadwerkelijk ons land hebben verlaten. Willem Ruizendaal: “Deze administratieve verplichting blijkt in de praktijk nog wel eens een issue. Een stukje bewijsvoering door de ondernemer is namelijk noodzakelijk, anders krijgt hij of zij alsnog een fikse naheffing van de Belastingdienst. Dit kan zelfs tot vijf jaar na dato en loopt dan gigantisch in de papieren. Dossiervorming is dus van groot belang.” Btw-scan Ernst & Young helpt ondernemers hun

men. We maken ze wegwijs in de complexe wet- en regelgeving en zorgen dat hun administratie voldoet aan de eisen die de Belastingdienst daar aan stelt.”, aldus Willem Ruizendaal.

Willem Ruizendaal, Ernst & Young.

dossiervorming op orde te krijgen. Aan de hand van een zogenaamde btw-scan wordt voor de betreffende ondernemer in kaart gebracht waar de risico’s en kansen liggen als het gaat om btw. “Met behulp van onze btw-scan kunnen we voor een ondernemer naheffingen en boetes van de Belastingdienst voorko-

Eén uniform btw-stelsel Het huidige btw-stelsel in de EU is zeer complex en de voortdurende wijzigende wetgevingen in de 27 lidstaten maken de complexiteit alleen maar groter. Dit stagneert regelmatig de handel op de markt en maakt het voor ondernemers niet eenvoudig om internationaal zaken te doen. Willem Ruizendaal: “Het zou mooi zijn als er in de toekomst een uniform btw-stelsel komt. Als het aan de Europese Commissie ligt, komt dit er ook en krijgt Europa één loket waar je als ondernemer terecht kunt voor alle Europese btw-verplichtingen: van aangifte tot betalingen. Het voornemen is om hiermee met ingang van 2015 eerst te beginnen voor e-commerce, omroepen telecommunicatiediensten. Dit zou de administratieve lasten van ondernemers aanzienlijk kunnen reduceren. Desalniettemin wil ik ondernemers meegeven dat dossiervorming en het hanteren van de juiste tarieven essentieel is. Ernst & Young helpt ondernemers hier graag bij, zodat zij niet voor vervelende verrassingen komen te staan. Nu en in de toekomst!”

recht in het familierecht

cht een specialisme, et er niet even bij’ caat gespecialiseerd in internationaal privaatrecht. En heeft veel ervaring met het begeleiden van internationale echtscheidingen. “Het is echt een specialisme. Het reguliere echtscheidingsrecht kan al behoorlijk gecompliceerd zijn. Een internationale echtscheiding geeft extra complicaties. Dat kun je er niet zomaar even bij doen. Daar moet je ècht induiken om mensen goed van dienst te kunnen zijn.” Na haar studie ging Annemarie in 2003 bij ScheerSanders aan de slag. Ze begon heel breed, maar ontdekte gaandeweg dat het familierecht toch het beste bij haar past. “In een internationale stad als Den Haag krijg je dan al gauw te maken met internationaal privaatrecht. Ik ben me daar de afgelopen jaren helemaal in gaan verdiepen. Ik houd ervan om dingen uit te pluizen.” Annemarie is regelmatig te vinden in de bibliotheek van de rechtbank Den Haag. En haar kantoor is aangesloten bij het IAML, het internationale netwerk van familierecht advocaten. “Ik kan mijn vraag per mail aan een advocaat uit het betreffende land voorleggen. Gister heb ik zo nog contact gehad met een collega uit Canada. Heel handig.” Bevoegd Zo is een van de eerste vragen die Annemarie zichzelf stelt, of de Nederlandse rechter wel bevoegd is om de echtscheiding uit te spreken en een beslissing te nemen over de echtscheidingsgevolgen, zoals alimenta-

tie, gezag over de kinderen en omgang. “Of moeten partijen één of meer van hun verzoeken toch aan een buitenlandse rechter voorleggen? Vervolgens is dan de vraag welk recht de Nederlandse rechterzal toepassen. Dat kan per onderwerp verschillend zijn . Welk huwelijksvermogensrecht is van toepassing? Hoe zit het met de buitenlandse pensioenen?”De derde vraag betreft de erkenning van Nederlandse beslissingen in het buitenland en buitenlandse beslissingen in Nederland. Annemarie: “Stel dat er een Nederlandse echtscheidingsbeschikking is uitgesproken, is de echtscheiding dan ook in het buitenland rechtsgeldig?” Met name bij de verdeling dan wel verrekening van vermogen komen echtgenoten nogal eens voor verrassingen te staan. Buitenlanders die in Nederland gaan scheiden worden soms geconfronteerd met het Nederlandse stelsel van de algehele gemeenschap van goederen, terwijl volgens hun ‘eigen’ recht een totaal verschillend huwelijksgoederenregime geldt. Nederlanders die in het buitenland wonen hebben er vaak geen idee van hoe het er daar aan toegaat. “Nederland is op het gebied van huwelijksvermogensrecht een vreemde eend in de bijt. Afgezien van Suriname kent geen enkel ander land het stelsel van de algehele gemeenschap van goederen.” Gecompliceerd Ook de grond waarop een scheiden kan

worden uitgesproken verschilt per land en per cultuur. In sommige niet westerse landen kan een van de partners de ontbinding van het huwelijk vragen als er volgens hem of haar iets mis is met de geslachtsdelen van zijn of haar partner. Annemarie: “Dat heeft alles te maken met de mogelijkheid om zich voort te kunnen planten en met de strenge regels van geen seks voor het huwelijk. Dan kun je tijdens de eerste huwelijksnacht onaangenaam verrast worden.” De positie van de kinderen is helaas vaak een bron van potentiële grote problemen. Ouders claimen beiden evenveel rechten. “Als iemand de kinderen bij zich wil houden en ze meeneemt naar een ander land zonder instemming van de andere ouder met gezag, is er volgens het Haags Kinderontvoeringsverdrag sprake van internationale kinderontvoering.” Dat zijn schrijnende zaken, die Annemarie niet onberoerd laten. “Bij elke scheiding is het prettig als je het tot een goed einde brengt. Maar door alle mogelijke complicaties rond een internationale scheiding, is de voldoening als het allemaal lukt nog groter.” Ze is door haar werk gelukkig niet cynisch geworden over de liefde. “Ik zal niemand afraden om te trouwen, ben zelf ook gelukkig getrouwd, maar als je met een buitenlandse partner in het huwelijksbootje stapt, kan het geen kwaad je van te voren goed te laten informeren. Dan kom je later niet voor verrassingen te staan.”

Dennis Werkman directeur Grootbedrijf, Rabobank Den Haag en omgeving

Henk Werlemann directeur MKB Rabobank Den Haag en omgeving

Rabo Podium:

Kwaliteitszorgbedrijf Kiwa

De garantie voor de beste kwaliteit Met een decennia lange historie is Kiwa een gevestigde naam op het gebied van hoogwaardige certificeringen gecombineerd met inspectie, technology, training en data services. Een internationaal onafhankelijk kwaliteitszorgbedrijf met de juiste expertise om de kwaliteit van producten, diensten en organisaties te verbeteren. George Mentjox, sinds 1990 corporate communicatiemanager bij Kiwa, neemt ons mee in de wereld van internationale kwaliteitsverbetering.

Kiwa & Den Haag “Onze band met Den Haag gaat terug naar eind jaren ’40 toen Kiwa werd opgericht in Den Haag. Inmiddels is ons hoofdkantoor gevestigd in Rijswijk, hebben we zeven vestigingen in Nederland, kantoren door heel Europa en zijn we actief in ruim veertig landen. Toch is de band die we hebben met Den Haag hecht en gaat die verder dan alleen de vestigingsplaats. Twee jaar geleden heeft de Inspectie voor Leefomgeving en Transport Kiwa in de hand genomen als partner voor het uitvoeren van handhavings- en vergunningverlenende taken. De focus ligt met name op het aanvragen en de afgifte van waardedocumenten zoals vliegbrevetten, taxivergunningen, vaarbevoegdheidsbewijzen en andere vergunningen uit de publieke sector.” Kiwa & Europese wet- en regelgeving “Elk land heeft zijn eigen wetten en eisen, waardoor diensten, producten en organisaties ook op verschillende manieren getest worden. Van origine is Kiwa gespecialiseerd in de watersector waarvoor het Kiwa keurmerk in het leven geroepen is. Het keurmerk zegt iets over de kwaliteit van watergerelateerde producten en voorzieningen. Neem bijvoorbeeld het drinkwater in Nederland. Wij hebben de garantie dat het water dat bij ons uit de kraan komt geen chloor bevat. In sommige landen is deze standaard anders. Er zit een verschil tussen Noord- en Zuid-Europese landen over hoe er tegen kwaliteit wordt aangekomen. Wij zitten met Kiwa in diverse Europese commis-

“Het ondernemerschap kreeg ik in mijn jeugd al met de paplepel ingegoten, aangezien mijn vader een groentewinkel had in Den Haag” sies om goed zicht te houden op de geldende regels en wetten en waar mogelijk eenduidige richtlijnen te maken die voor landen binnen de EU gelden. Dit vergemakkelijkt het voor bedrijven en instellingen om hun product of dienst buiten de landsgrenzen aan te bieden zonder te maken te krijgen met wetten en regels die dit in de weg staan. Daarnaast bepaalt de Europese Unie ook een groot deel van de wetten en regels. Een goed voorbeeld hiervan is de CE-markering. Deze markering geeft aan dat een product of dienst aan essentiële eisen voldoet op het gebied van veiligheid, gezondheid en milieu. Dit keurmerk bevordert de vrije handel binnen Europese landen. In Nederland zijn de eisen vaak strenger dan in andere landen maar door dit keurmerk worden de regels en eisen gelijk getrokken. Goede wet- en regelgeving is essentieel als het gaat om internationale kwaliteitsverbetering van producten en diensten.” Kiwa & de Rabobank “In deze economisch magere tijden staan de meeste banken niet spontaan te springen om geld te verstrekken. De Rabobank deed ons het beste aanbod. We hebben een fikse groeidoelstelling waardoor er veel behoefte is aan financiering voor bijvoorbeeld acquisitie. De Rabobank denkt graag mee in die strategie en is bereid om onze groei te financieren. Kiwa is een internationaal onafhankelijk opererend bedrijf maar wel vanuit onze Hollandse roots en daar past de Rabobank goed bij. Wij begrijpen elkaar!”


12>interview Vilan

Den Haag Centraal > Vrijdag 30 november 2012

Hans van den Boom van Stella Den Haag, straks bij NT Jong

‘We zijn met open armen ontvangen’

Wat xxxxx de politie schreef

Die ochtend stond er een politieVilan van de kleine Loo straat. Niks wagen in mijn aan de hand, dacht ik toen nog, zeker even naar de videotheek. Want de heilige Hermandad doet niet aan illegaal downloaden. Even later was de wagen weg. Ja, ik hou de dingen in de gaten. Maar niet goed genoeg. Een paar uur later klepperde de brievenbus. Een fotokopietje. Afzender: de politie. Een lang epistel waarin mij in kraakheldere bewoordingen werd verteld dat er om de hoek was ingebroken de afgelopen nacht. Ook stond erin, dat ik thans een verhoogd risico liep op inbraak. Want de dieven wisten nu hoe de sloten van de huizen werkten. Ik moest vooral opbellen als ik iets merkte, alertheid was meer dan ooit geboden, met de hartelijke groeten van de politie. Dat fotokopietje heb ik na het lezen verborgen onder een stapel kranten, bang als ik ben. Over de bewoners van het huis om de hoek had ik niets gelezen. Hoe zou het met ze zijn? Misschien waren ze met vakantie. Of ze lagen te slapen, net zoals ik de afgelopen nacht. ’s Middags ging ik expres een pak melk kopen, zodat ik op weg naar de supermarkt langs de deur van dat ene huis kon lopen. Het zag er gewoon uit. Op de terugweg keek ik weer. Wat ik verwachtte, kan ik niet zeggen. De deur leek hetzelfde en toch weer niet. Daarachter was het immers gebeurd. De hele verdere dag voelde ik me zenuwachtig. Om de inbraak, om dat fotokopietje en omdat ik die komende nacht zou moeten slapen. Het liefste bleef ik wakker om te luisteren of er inbrekers aan de gang waren. Maar hoeveel nachten zou ik dat volhouden? En die inbrekers konden toch ook overdag komen? Om half één sliep ik nog niet. Mijn kleine rode kater Tim wel. Ik lag in bed en dacht eraan hoe dom het was om een pyjama te dragen. Wanneer ze kwamen, kon ik toch beter erop gekleed zijn. Onder het bed had ik een mes gelegd, in het droevige besef dat elke inbreker me daarmee kon doodsteken. Ook sneu, met je eigen mes. En wie moest Tim dan te eten geven? ’s Nachts is alles erger. Dan is elke angst normaal. De ochtend na deze nacht bleek alles er nog te zijn. De computer stond op de vaste plek en Tim at van zijn brokjes. Een grote opluchting, maar ik moest er toch even van bijkomen. Vilan van de Loo

Hans van den Boom stapt na bijna een kwart eeuw als artistiek leider van jeugdtheatergroep Stella Den Haag op 1 januari over naar NT Jong. “We zijn met open armen ontvangen”, blikt hij terug. Hij vertelt over de pioniersjaren in Kampen en Den Haag, over de jaren daarna en gunt een blik in de toekomst. “Ik wil graag jaarlijks een grote productie maken in samenwerking met het Residentie Orkest”.

Door Eric Korsten Als op 31 december aan het eind van de middag de deur in het slot valt, staat de Haagse jeugdtheatergroep Stella Den Haag niet langer op eigen benen. Na een verblijf van 22 jaren aan de Nobelstraat en daarna de Kerkstraat, sluit Stella de poorten. De accommodatie en de inboedel worden gratis overgedaan aan het Nationale Toneel (NT), waar Stella met ingang van 1 januari wordt omgesmeed tot NT Jong, hét nieuwe jeugdtheatergezelschap van de Hofstad. Op 22 en 23 december speelt Stella de allerlaatste voorstellingen op eigen benen, in Theater Dakota: ‘Niemand weet, niemand weet’. “Kampvuur, gitaar spelen en meiden versieren”, zo vat Hans van den Boom zijn jongensjaren in het Brabantse Vught en de studententijd in Utrecht graag samen. Jaren waarin zijn muzikale voorliefde haar beslag kreeg: “Neil Young, Rolling Stones, The Beatles, Frank Zappa’s Mothers of Invention. Ook jazz, al was het maar ter onderscheiding van wat door anderen ‘langharig tuig’ werd genoemd . Ik was gefascineerd door Willem Breuker, en concerten in het Amsterdamse Bimhuis droegen steeds mijn warme belangstelling”. Hij ontdekte ook dat hij ‘handig’ was met muziekinstrumenten: “Het liefst wou ik dirigent worden”. Uiteindelijk is het de toneelschool geworden. “Regisseur zit er niet veel naast”. Zijn theaterhart ging medio jaren 70 sneller stromen toen hij de nu legendarische voorstellingen zag van Tadeusz Kantor (Dodenklas) en Robert Wilson’s Einstein on the beach, op de iconische muziek van Philip Glass. “We vochten tegen de dictatuur van het verhaal”, opent Hans van den Boom. “We waren anarchistisch en associatief en zochten naar een nieuw soort jeugdtheater waarin ook plaats kon zijn voor ongerijmde poëzie”. Van den Boom heeft het over De Blauwe Zebra, de roemruchte jeugdtheatergroep die hij in de

tweede helft van de jaren 80 vormde met onder meer Cees Debets, Jur van der Lecq, Wim Selles, Alize Zandwijk, Anneke Blok, Paul R. Kooij en Marieke Heebink. “En we zochten manieren om muziek en theater bij elkaar te brengen, eigenlijk zoals theatergroep Hauser Orkater en De Mexicaanse Hond dat toen ook al lieten zien. Een voorstelling moest zijn als een droom, je moest er in kunnen verdwalen net zoals dat kon in de machinale bouwwerken van beeldend kunstenaar Jean Tinguely”. Maar nog vóór De Blauwe Zebra was er theatergroep Lijn 9. “Die begonnen we nadat we waren afgestudeerd aan de toenmalige Akademie voor Expressie door Woord en Gebaar in Utrecht. We gingen toeren door het land, aanvankelijk met straattheatervoorstellingen en educatieve projecten, later ook met volwaardige theatervoorstellingen”. ‘Fanfare’ en ‘Het Orkest’ werden geheide hitvoorstellingen. Toen de provincie Overijssel bij een subsidieronde eind jaren 70 het beste aanbod deed, kozen ze daar min of meer op goed geluk ook een standplaats. Het werd het christelijk georiënteerde Kampen. Uit intern gekissebis over de artistieke koers ontstond een schisma, waaruit vervolgens De Blauwe Zebra als boreling te voorschijn kwam. Het nieuwe gezelschap ontleende zijn naam aan één van de eerste voorstellingen die het uitbracht en onderscheidde zich door een aansprekende vorm van beeldend muziektheater waarin klassieke muziek een prominente plaats kreeg. Van den Boom: “Meerstemmig

‘Kampvuur, gitaar spelen en meiden versieren’

live zingen en het gebruik van klassieke muziek in jeugdtheatervoorstellingen, dat was een primeur”. De groep stapelde, ook internationaal, succes op succes: De Blauwe Zebra, De Stenen van Moutsouna, Een Half Tuinhuis en Matthäus. Impasse Uit vrees niet in staat te zijn om de reeks successen te kunnen evenaren, besloot de groep, deels uit tegendraadsheid, het bijltje erbij neer te gooien. Aldus leek het avontuur te eindigen en was op 1 januari 1990 op erg abrupte wijze een einde gekomen aan de vernieuwingsdrang die juist door Van den Boom en consorten in het Nederlandse jeugdtheater was ingezet. Juist op dat moment verkeerde het jeugdtheatergenre in Den Haag in een impasse. Daar streden op dat moment theatergroep Peter Pan, Pssst en het NJT onder veel gebakkelei en public om de vacante, nieuwe titel van stadsensemble voor jeugdtheater. Toen de toenmalige beleidsmakers in het Haagse in hun zoektocht naar succes verrassenderwijze kozen voor ‘buitenlander’ Van den Boom, was een doorstart van De Blauwe Zebra alsnog een feit. Stella Den Haag werd de naam. “Naar het legendarische personage uit Tennessee Williams broeierige toneelstuk Tramlijn Begeerte, maar ook, natuurlijk, naar het bekende biermerk”, lacht Van den Boom zijn tanden bloot. En inderdaad was de eerste daad om zonder enig affiche of brochure maar mét een eerlijk kratje bier in de Stella-stand te verschijnen op het Voorhout Festival, de voorloper van het Haags Uit Festival. Onderscheidingen Alras wist Stella Den Haag ook in de Hofstad evenals op toonaangevende festivals in binnen- en buitenland de successen aan elkaar te rijgen: Antigone, Carmen (met Erna van den Berg), Seppan (met onder andere Monic Hendrickx), Van onder uit de zak, Brasso. Met de trilogie Storm (1993),

>Foto: Piet Gispen

Venetië (1995) en Tom (1997) benadrukte Van den Boom nog eens zijn gevestigde reputatie. Vele voorstellingen werden genomineerd en/of bekroond met (internationale) jeugdtheaterprijzen, waaronder de 1000 Watt-prijs voor ‘Bianca en de Jager’ en de nominatie voor dezelfde prijs voor ‘Jaar van de Haas’. De jury van het Nederlandse Theaterfestival selecteerde in 2008 ‘Carmen’ als één van de belangwekkendste voorstellingen van het seizoen en actrice Anniek Pheifer werd genomineerd voor de Gouden Krekel (indrukwekkendste podiumprestatie) voor haar vertolking van de hoofdrol. ‘Niemand weet, niemand weet’ en ‘Shaffy voor kinderen’ werden door recensenten uitgeroepen tot beste voorstelling van het seizoen. Stella Den Haag speelde het buitenland plat: Australië, Rusland, Bosnië, Denemarken, Frankrijk, Oostenrijk, Zwitserland, Duitsland, Polen, Italië, Spanje, en Portugal, Suriname, Zwitserland, Portugal, de Verenigde Staten en Canada. Tot op de dag van vandaag is dat succes blijven aanhouden: ook Igor, Vuil Kind, ‘Werner eet zijn schoen op’ en In de Nesten waren stuk voor stuk memorabele voorstellingen die de kwaliteiten van Van den Boom als artistiek leider, toneelschrijver en regisseur optimaal tot uitdruk-


13

interview<

Vrijdag 30 november 2012 > Den Haag Centraal

‘Meerstemmig live zingen en het gebruik van klassieke muziek in jeugdtheatervoorstellingen, dat was een primeur’

king brachten. Het belang van zijn voorstellingen voor de ontwikkeling van het jeugdtheater in Nederland is dan ook onomstreden. Kenmerkend voor zijn handschrift zijn een grote muzikaliteit, een voorliefde voor de poëzie van de taal, en invoeling voor de hoofdbrekens die kinderen op hun pad vinden. Tezelfdertijd hebben voorstellingen van Stella de naam voor kinderen moeilijk te zijn. Verliefd, verlies, verlangen, verleden, verlaten, verdriet, verlegen, geloven, verloochen, verwerken, verbeelden en fantasie: zo vatte een recensent eens Van den Booms geliefde thema’s samen. “Ik tart graag de grenzen van het waarschijnlijke”, zegt Van den Boom verklarend. Evenmin schuwt hij het om zware thema’s aan te pakken. Zo gloeit vaak een onderhuidse, ontluikende erotiek: in Geitenjong en Het Jaar van de Haas staan kinderen centraal die de seksualiteit van hun ouders niet willen accepteren en reageren hun woede en frustratie vervolgens af op hun beste vriendjes. Maar Van den Boom put ook uit ingrijpende persoonlijke getuigenissen. Zo verloor hij in het oprichtingsjaar van Stella zijn vrouw, Stella-actrice Willeke Hieminga. “Die ochtend was er ogenschijnlijk nog niets aan de hand. Opeens moest ze naar het ziekenhuis overgebracht worden.

Hersenvliesontsteking. Aan het einde van de middag overleed ze”. Tijden was hij terneergeslagen, maar later bleek haar dood ook een grote bron van inspiratie te zijn en tot een groot inlevingsvermogen voor wie een rampzalig verlies te verwerken krijgt. Terugkerend in zijn teksten voor theater, in zijn regies en in zijn voorstellingen is het begrip saamhorigheid. “Bij Stella waren en zijn we altijd één grote familie. Tijdens repetities lunchen de acteurs gezamenlijk met het ondersteunende team”. De laatste jaren heeft hij zich in theatraal opzicht vooral toegelegd op het bewerken en vertellen van sprookjes: “Alle thema’s zitten er in vervat, klassieke oerthema’s, Bijbelse taferelen, broederliefde, noem maar op”. Jong “Het is ons domweg overkomen. We lazen het in een bijzinnetje, anderhalf jaar geleden, in de voorstellen voor een nieuw kunstenplan in Den Haag van wethouder De Jong”, zegt Van den Boom over de manier waarop hij concluderend moest vernemen dat Stella dat niet zou overleven. Al snel daarna ontstond het plan om Stella onder te brengen bij het Haagse stadsgezelschap, het Nationale Toneel. “Al hadden wijzelf voordien vastomlijnde ideeën ontvouwd om

zoiets per 1 januari 2013 te gaan doen in samenwerking met het Delftse jeugdtheatergezelschap Max, dat zelf al van plan was met enkele Rotterdamse jeugdtheatermakers te gaan samenwerken”. Toch besloten hij en het bestuur van Stella de overstap naar het NT te wagen. “Ik ben van mening dat we met open armen ontvangen zijn door Theu Boermans, de artistiek directeur van het NT. Vergeet niet dat we eind 2008 met het NT samenwerkten in Carmen. Deze samenwerking kan dus zeker tot iets moois leiden”. Als bruidsschat bracht hij niet alleen de wereldwijde reputatie van Stella mee, maar ook de campus aan de Kerkweg. “In ruil krijgen we een eigen filiaal, NT Jong, dat onder leiding komt te staan van Noël Fischer. Zij heeft de afgelopen jaren flink aan de boom geschud met opmerkelijke jeugdtheatervoorstellingen”. Een tikkeltje ironisch is de opvolging wél: juist de voorvrouwe die het nieuwe Haagse stadsgezelschap moet gaan leiden laat in Almere De Bonte Hond achter en volgt de man op die 20 jaar eerder De Blauwe Zebra in Kampen achterliet. What’s in a name. “Noël gaat straks haar eigen gang en dat is ook haar opdracht. Ik zie dat zij het jeugdtheater heel anders tegemoet treedt dan wij. Dat is goed, dat deden wijzelf indertijd ook.

Ik zie dat een nieuwe stroming zich aandient. Een nieuwe generatie moet zelf het wiel mogen uitvinden en moet het van ons overnemen”. Nu de ineenvlechting tot NT Jong voor de deur staat, ziet hij geen enkele reden om in wrok om te kijken: “Ik wil me dienstbaar opstellen”. Ambities Hij haalt herinneringen aan Donald Duck op. “Als een eenzaam kind, binnen zittend onder een tafel, in een zelf gebouwde tent van oude lappen, in het donker, naast mij een stapel stripboekjes, mijn eigen werelden scheppend, genietend van het alleen zijn”. Veel is er sinds die tijd niet veranderd. “Ik onder een tafel zittend, met mijn hoofd vol muziek en de nog te maken voorstelling, me in het donker proberend iets voor te stellen. Mooi woord is dat, voorstelling”. Hij ziet in dankbaarheid om. “Ik heb steeds geluk met de mensen die me omringen. Vroeger Willeke, nu Erna, mijn twee zoons. Zakelijk leider Cees Debets stond me toe om als een kunstenaar op zolder te kunnen zijn, van Willy Smits mocht ik ongegeneerd naar buiten kijken. Uit die laatste dromerij is de samenwerking met het Residentie Orkest voortgekomen: In de Nesten, De Jonge Matthaus, en, nog onlangs, De Vuurvogel”. Die laatste

voorstelling was trouwens zijn laatste première in dienst van Stella. “De Dr Anton Philipszaal was afgeladen en na afloop mooie reacties. Opspelende emoties? Daar had ik nauwelijks last van. Ik ben op zulke momenten primair op de voorstelling gericht. Misschien komen de emoties later nog om de hoek kijken”. Juist terwijl zijn gezelschap zogezegd kopje onder ging besloot het gemeentebestuur van Den Haag tot de nieuwbouw van een slordige 180 miljoen euro kostend theatercomplex aan het Spui. “Ik vind het mooi dat de stad ambities durft uit te spreken en die ter hand te nemen. Het kost inderdaad wat, maar dan heb je ook wat”. Ook de kandidaatstelling van Den Haag tot Culturele Hoofdstad omarmt hij van ganser harte. “Zo ontstaat meer reuring in de stad, bovendien kan het voornemen dienen om nieuwe plannen uit te lokken. Het Spuiforum is daar straks wellicht een voorbeeld van”. Vooralsnog richt hij zich op een goede start bij NT Jong. Hij heeft zich niet willoos laten uitleveren: straks treden daar ook Erna van den Berg en zijn vaste technicus technicus Gerco Kolthof aan. De toekomst ziet hij dan ook blakend van vertrouwen tegemoet, ook in persoonlijk opzicht. De overgang naar het NT ontneemt hem geenszins de ambities die hij koesterde. Aan plannen dan ook geen gebrek. “Ik wil graag jaarlijks een grote productie maken in samenwerking met het Residentie Orkest. Stravinsky’s Le Sacre du Printemps bijvoorbeeld, Romeo en Julia op de muziek van Prokofiev, Der Tod und das Mädchen met het Couperus Kwartet of Schuberts Winterlieder met het Asko/Schönberg Ensemble. Het zou geweldig zijn om aan de hand van deze composities muziektheater voor kinderen te kunnen maken”.


14>opinie

Den Haag Centraal > Vrijdag 30 november 2012

Spuigat, kroonjuweel van D66-raadsleden

gevoegd voor een derde zaal dan zou het huidige budget kunnen dalen tot 60 miljoen, inclusief de renovatie- en uitbreiding het Koninklijk Conservatorium.

Door Jan Ledderhof

Nu het pricipebesluit voor het Spuiforum genomen is, wordt vanuit de coalitie naarstig gezocht naar een stevig draagvlak onder de bevolking. Dit werd een paar weken geleden in Den Haag Centraal aangekondigd of, om met D66-raadslid Bordewijk te spreken: ‘We moeten beter en meer de boer opgaan’. Een vreemde opmerking en waarom zou je nog zoeken naar draagvlak als de teerling al geworpen is. Cynisch gezien komt dat vlak er wel, namelijk op het moment dat de zalen worden gesloopt, ook al is sloop bij velen door de strot geduwd. Op het moment dat vrijwel iedere Hagenaar vol onbegrip staat te kijken naar de vernietiging van de complete daaronder liggende parkeerkelder en tenslotte naar een gapende onacceptabele krater, een letterlijk Spuigat. Komen er dan mensen als Bordewijk, in schaapskleren, met de blijde boodschap dat de verlossing in zicht is? De felle voorstanders van de gekozen burgemeester, die daarna de betrokkenheid van de burger laten varen en de protesten op het Spuiforum plaatsen in een denkbeeldig kamp van ‘voor!’ of ‘tegen!’. Eraan toevoegend dat dit geen recept is voor een groter draagvlak, die komt vanzelf na wat meer onderbouwing en uitleg. De verantwoordelijk wethouder zegt het daarom op te nemen voor de grote, stille meerderheid en Martijn Bordewijk voegt eraan toe ‘omdat men de investering op waarde schat’. Toe maar, welk een minachting voor het protest. Echter: weet die meerderheid wel waarover het gaat als de raadsleden dat zelf niet goed weten. Martijn Bordewijk schrijft dat de gemeente de renovatie van de bestaande zalen heeft begroot op 70 miljoen. Dit bedrag, dat hardnekkig rond gaat, doet alle betrokken deskundigen in verbijstering verkeren. Deze idioot hoge geldsom kan gewoon niet waar zijn, doch hoe moeten deze vakmensen een begroting controleren als die vertrouwelijk is, alleen toegankelijk voor raadsleden. Het zou een kroonjuweel waard zijn als die onzinnige, ouderwetse vertrouwelijkheid werd opgeheven, want dan kon er ook niet het misverstand ontstaan, dat de renovatie geen 70 maar 40 miljoen kost. Bovendien geeft die openheid ook inzicht in hoe die 40 miljoen is opgebouwd of waarop die is gebaseerd. Nu weet niemand het en waarschijnlijk is dat ook de uitdrukkelijke bedoeling. Politieke mist. Naar verluidt, de vertrouwelijkheid

Spuiplein. > Foto: C&R

trotserend, slaan die 70 miljoen niet op de renovatie van de zalen maar op de nieuwbouw van het Koninklijk Conservatorium. Dit gebouw komt vanwege het zwaartepunt van de discussie op de zalen nauwelijks aan de orde. D66-raadslid Bordewijk heeft hoge verwachtingen van de plaats van het Koninklijk Conservatorium ‘in de binnenstad in plaats van weggestopt achter snelweg en spoor’. Maar hij vergist zich deerlijk. Het is de gemeente zelf die het accent van de binnenstad deed verschuiven naar het Bezuidenhout. Het Muzenkwartier werd gesloopt en verdicht met forse hoogbouw richting Centraal Station, evenals het gebied daarachter tot en met het totaal omgebouwde en nog om te vormen Beatrixkwartier. Turfmarkt De nieuwe Turfmarkt is dé verbinding van het Centrum met dit stadsdeel.

uw mening

Haagse Harry

Niet Blei Zo zo werkt het marktmechanisme”. En wie gaat die voorwaarde handhaven? Niemand. Dit Haagse gemeentebestuur behartigt van nauwelijks één burger de belangen. Het wordt; na de 5e eeuw v. Chr. in Athene, tijd voor een nieuw schervengericht in Den Haag; de methode gebroeders de Witt is minder democratisch en te gewelddadig. Een Factory Outlet Center? FOC! Niek Heering Den Haag Centraal verwelkomt ingezonden brieven van maximaal 200 woorden. De redactie behoudt zich het recht voor deze te redigeren. Vermeld altijd uw adres (en liefst ook uw telefoonnummer), ook wanneer u e-mailt.

© Marnix Rueb

De twee vertegenwoordigers van het Haagse college van B&W in het bestuur van stadsgewest Haaglanden, burgemeester Jozias van Aartsen en wethouder Peter Smit, stemden in met de komst van Factory Outlet Center (FOC) Bleizo tussen Bleiswijk en Zoetermeer. Onder voorwaarde dat in minstens 50 % van de winkels alleen overjarige merkkleding wordt verkocht, een eis waarvan de initiatiefnemers zeggen dat zij er de eerste tien jaar niet aan kunnen voldoen. Heel onverwacht en vreemd dat deze twee Haagse VVD-stadsbestuurders tegen de belangen van de Haagse middenstand ingaan! Zoals Bleizo adviseur Huib Lubbers zegt: “Dat ondernemers daarmee een concurrent erbij krijgen is een feit. De markt groeit niet en de bevolking in het verzorgingsgebied ook niet. En ja dat zal pijn doen, maar

Als een brede avenue gaat deze dwars door de sterk vergrote stationshal naar het nieuwe Anna van Buerenplein en voorts via de eveneens nieuwe Grotiusplaats naar een compleet omgebouwd stuk Theresiastraat en verder het Beatrixkwartier in. Centraal in dit volwaardige stadsdeel ligt het Koninklijk Conservatorium, totaal niet weggestopt en geïsoleerd van de binnenstad. Het isolement betreft uitsluitend de twee zalen, die bij openbare uitvoeringen voor het publiek inderdaad wat afzijdig liggen ten opzichte van het centrum. Maar school en een eventuele, extra (derde) zaal kunnen los van elkaar bestaan en als bovendien de twee zalen aan het Spui worden gerenoveerd, zijn of blijven die zalen vanwege de veel lagere kosten voor het conservatorium betaalbaar. Waarom zou het Koninklijk Conservatorium dan zijn eigen huis met volledige zeggenschap op elke vierkante

meter, zijn bijna afgeloste eigendom, zijn identiteit opgeven voor een cultuurjumbo, waar ze weinig of niets hebben in te brengen. En dit voor de genoemde 70 miljoen, terwijl de school van de snoeischarende regering te horen heeft gekregen 20% te moeten krimpen. Raadsleden kunnen onderbouwen tot ze een ons wegen, maar iedere Nederlander zal zeggen dat deze voorgenomen verhuizing van het Conservatorium knettergek is, verre van koninklijk. Een bekend architectenbureau heeft een paar jaar geleden een renovatieplan gemaakt voor deze school, verbouwingskosten drie miljoen. Ruim geactualiseerd en uitgebreid met een flinke post onvoorzien een bedrag van zeven miljoen, één tiende van 70 miljoen, waarvan je nog maar moet afwachten of het daarbij blijft. Zou aan de 40 miljoen kostende renovatie- en uitbreiding van de zalen aan het Spuiplein 13 miljoen worden toe-

Duurzaamheid Den Haag zou minimaal 120 miljoen overhouden, let wel: minimaal, omdat het huidige budget van 181 miljoen ruim zal worden overschreden. De bewering van Martijn Bordewijk : ‘omdat men de investering op waarde schat’ gaat empirisch helaas niet op voor stadsbesturen. Bij elders gelegen projecten als het Spuiforum worden geraamde budgetten absoluut niet waar gemaakt en zijn de uiteindelijke kosten vele malen hoger. Tenslotte komt het begrip duurzaamheid er zeer bekaaid van af. De slechts 25 jaar oude zalen en het 35 jarige conservatorium zijn bij ons gemeentebestuur ‘noodgebouwen’, ‘versleten en verouderd’ en ‘low-budget’. Het nieuwe Spuiforum moet ‘minimaal 40 jaar meegaan’. Gezien de sloop van menig eigentijds overheidsgebouw (de opsomming kortheidshalve weglatend) met pas geleden de Zwarte Madonna en gelet op de bovenvermelde uitspraken zijn juist de opvattingen van de overheid omtrent duurzaamheid blijkbaar versleten en verouderd. De tijdgeest die D66-raadslid Bordewijk bedoelt, betreft de huidige economische crisis. Het gaat echter zeer waarschijnlijk om een culturele crisis, waarin het ongebreideld slopen en weggooien van van alles en nog wat, gevolgd door expansieve productie absoluut niet meer passen in onze uiterst kwetsbare wereld. Eén van de voorstanders van het Spuiforum was de Kamer van Koophandel. Sloop en nieuwbouw zijn goed voor de werkgelegenheid is hun credo. Dat is niet de opvatting van de 70% geënquêteerde Hagenaars of de bijna 7.000 mensen, die reageerden op de petitie ‘Geen Spuiforum, maar hergebruik Philipszaal en Danstheater’. Om dat laatste gaat het uiteindelijk, dat is de kern van het protest, een lange termijn duurzaamheid voortkomend uit een toekomst-tijdsgeest met een daarbij passende werkgelegenheid. Het is al met al onbegrijpelijk dat D66 het protest van een grote groep sterk gemotiveerde mensen ongelooflijk kleineert, terwijl juist deze partij een groot voorstander is van medezeggenschap, het houden van referanda en het kiezen van een burgemeester, het kroonjuweel. Jan Ledderhof is architect.


15

cultuur<

Vrijdag 30 november 2012 > Den Haag Centraal

Michael Varekamp voor sfeer en stemming

Trompet in ‘Tramlijn Begeerte’ Door Bert Jansma

En dan loopt er opeens een jazztrompettist door de scènes van ‘Tramlijn Begeerte’. Geen personage uit de koker van schrijver Tennessee Williams, geen poging om er muziektheater van te maken. Maar een keuze van Theater Oostpool en regisseur Marcus Azzini voor sfeer en stemming van het stuk. “Ik word steeds meer een karakter”, vindt die trompettist zelf. Je zou het met een beetje goede wil dus het acteerdebuut van Hagenaar Michael Varekamp kunnen noemen. Want hij is het die op trompet of flügelhorn accenten zet tussen de theaterpersonages van Stanley Kowalski, Stella en Blanche Dubois in het New Orleans van Tennessee Williams. “Het begon met componist Jan Kooper die muziek voor de voorstelling gemaakt heeft”, vertelt Varekamp. “Hij en de regisseur zochten naar iemand die dat New Orleans-gevoel zou kunnen meebrengen en kwamen bij mij terecht. Tijdens het repetitieproces werd het gebruik van de gecomponeerde muziek steeds minimaler. Er bleven ideeën en thema’s over, ik voelde dat die trompet steeds meer een karakter werd, dat het improviseren belangrijker werd dan melodieën. Al speel ik dan één keer een song, St James Infirmary”. Het is de eerste maal dat Varekamp dit werk doet. Al had hij bij Toneelgroep Amsterdam al eens in de band van Eef van Breen op het toneel gestaan. “Dat was een Antonioni-project, dat speelde tijdens een feestje en wij waren de band die de hele avond op het toneel stond en speelde. Bij ‘Tramlijn Begeerte’ was ik vanaf de eerste lezing van het stuk betrokken. Ik wilde er zo dicht mogelijk bovenop zitten. Ik wilde niet dat de muziek er een beetje bij zou komen te hangen”. Kwetsbaarder Een vergelijking met zijn werk als muzikant in een band ligt voor de hand: “Zo’n theatergroep is een soort orkest. Het omgaan met tekst, daarbij is muzikaliteit een belangrijk aspect. Leuk om te zien hoe de acteurs dan naar de juiste frasering zoeken, de juiste ‘timing’. Net als jazzmuzikanten. Een groot verschil is dat er hier een regisseur is, en dat acteurs veel meer praten dan muzikanten. Maar ze zijn in bepaalde opzichten ook kwetsbaarder. Wij hebben dat instrument waarmee we spelen, zij zijn zelf het instrument”. Soms is het pure ‘illustratie’ wat Varekamp in ‘Tramlijn Begeerte’ doet, soms loopt hij als een ‘zichtbare onzichtbare’ sfeermaker Ingezonden mededeling

Scène uit Tramlijn Begeerte, Michael Varekamp op de achtergrond.> Foto Sanne peper

door de scènes heen, af en toe zie je dat de acteurs hem door een kleine aanraking binnen hun spel halen. Varekamp: “We hebben er over gediscussieerd of ik nu een naam moest hebben of niet. Ik had het zelf wel prettiger en duidelijker gevonden. Nu loop ik er min of meer als mezelf of als een abstractie. Ik heb een soort vrijheid ontwikkeld in de keuzes die ik maak. Per avond kan dat een beetje verschillen. Dan weer verplaats je je in de figuur van Stella, dan weer in Stanley. Elke avond probeer je het perspectief een beetje te veranderen. Mijn gevoel zegt me af en toe wel dat het publiek het eerst een beetje raar vindt. Ik ben geslaagd wanneer aan het eind van de

avond er niemand meer over nadenkt”. Werken met een theatergroep is voor hem wel een ervaring die er toe doet. “Het zou eigenlijk in je muziekopleiding moeten zitten”, vindt hij zelfs. “Omdat je anders muziek maakt dan normaal. Je bent niet bezig vanuit de muziektechnische kant en dat is wel eens goed. Het is puur emotioneel, het gaat om die emotionele kracht. Bovendien ben je alleen en dat is heel naakt”. Theater als nieuw werkgebied voor jazzmusici? Varekamp lacht, maar gaat er wel serieus op in. “De muziek heeft het moeilijk. Alles is al min meer gedaan. Crossovers binnen de muziek, India, Midden Oosten, melodie of geen melodie, wel of niet abstract,

26

Dag in de Branding Festival voor Nieuwe Muziek

electronica geen electronica. Bovendien zijn er steeds minder podia in Nederland waar je kunt spelen. Dus ja, het is wel logisch wanneer muzikanten wat meer uitkijken naar andere dingen zoals theater. Ik zou dit ieder jaar wel een keer willen doen”. Na de tournee met Theater Oostpool gaat Michael Varekamp voor een aantal optredens naar Israel. “Zoveel mogelijk in het buitenland spelen”, is zijn wens, “in Nederland wordt de markt alleen maar kleiner”. Hij werkt aan muziekprojecten waarin jazzfiguren en stijlen aan bod komen. Zoals hij meermalen deed – onder andere in Israël – rond het fenomeen Louis Armstrong. “We hebben laatst in Baarn zo-

iets gedaan. In de stijl van het Town Hall Concert van 1947. Met een Duitse trombonist, met Bernard Berkhout en zangeres Mirjam van Dam. Cees Schrama die het presenteerde zei: ‘Hier staat zoveel kwaliteit, dit zou de wereld rond moeten kunnen’. Aan de ene kant is het woord jazz populairder dan de muziek. Maar anderzijds is er een groep mensen die wild is van die muziek. Ik denk ook dat er ruimte is voor het uitdragen van historisch besef van de jazz. Er zijn steeds minder mensen die er iets van af weten”. Koninklijke Schouwburg: Theater Oostpool met ‘Tramlijn Begeerte’ van Tennessee Williams. Op 6 december (20.15). www.ks.nl

Guus Janssen Nieuw Amsterdams Peil Mondriaan Kwartet Het Pianoduo Hauschka en meer ... za 8 dec 2012 Den Haag

info / tickets: www.dagindebranding.nl


16>cultuur

Den Haag Centraal > Vrijdag 30 november 2012

Remco Ekkers wint Hofvijver Poëzieprijs Sinds vorig jaar kent onze stad de jaarlijkse Hofvijver Poëzieprijs. De enige prijs in ons taalgebied die toegekend wordt aan een gedichtencyclus. Het thema van dit jaar was ‘grenzen’. Er was een longlist van twintig cycli, een shortlist van drie. En nu dus een winnaar. Door Thijs Kramer

De Hofvijver Poëzieprijs is in 2011 ingesteld door de stichting Vrienden van de Hofvijver. Een burgerinitiatief dat zich tot doel stelt om ‘de schoonheid en veelzijdigheid van de Hofvijver en omgeving te belichten en het organiseren van culturele activiteiten rond de Hofvijver’. De prijs is niet voorbehouden aan Haagse dichters. Vorig jaar won de Amsterdammer Maurice Levano. Het is een cyclusprijs over een opgegeven thema. De dichters mogen alleen niet eerder gepubliceerd werk inzenden. De prijs bestaat uit de publicatie van een bundel en een kunstwerk. Dit jaar waren er twintig inzendingen. De jury, bestaande uit Ruud Hisgen, Theo Monkhorst, Will van Sebille en Eelco van der Waals, heeft de inzendingen beoordeeld zonder de naam van de auteur te kennen. Dat om te voorkomen dat de reputatie van de deelnemers mee zou spelen. In een eerste selectie zijn de inzendingen van drie dichters overgebleven: Inge Boulonois (Alkmaar, 1945) is van oorsprong beeldend kunstenares. Sinds 2000 is ze overgestapt op de dichtkunst. Ze publiceerde in diverse literaire tijdschriften en in enkele bloemlezingen. Ze schrijft vooral serieuze poëzie maar ook ‘light verses’. Van haar hand verschenen drie dichtbundels in eigen beheer. Sinds 2011 is Boulonois stadsdichter van Heerhugowaard. Yolande de Kok (Eindhoven, 1960) woont en werkt sinds drie jaar in Den Haag. Ze is als psychiater verbon-

den aan Parnassia en publiceerde vanuit haar vakgebied een aantal artikelen in het Tijdschrift voor Psychiatrie, onder meer over erotomanie en over de relatie tussen katten en patiënten met schizofrenie. Ze woonde eerder in het Friese Tzummarum en publiceerde surrealistische verhalen in Friestalige tijdschriften. Winnaar Remco Ekkers (Bergen (NH), 1941) is de meest gevestigde dichter van de drie. Hij publiceerde gedichtenbundels bij Meulenhoff, Leopold en Kleine Uil. Hij is redacteur van ‘De Poëziekrant’ en schreef over poëzie in onder meer ‘De Gids’ en Leeuwarder Courant. Hij is werkzaam als freelance letterkundige. De Jury over zijn inzending: “In de cyclus ‘Voorbij de grens, Ultima Thule’ wordt op verschillende manieren gepoogd met taal grenzen te overschrijden. De geografische grens, zoals blijkt uit de titel: Ultima Thule, de naam uit de oudheid voor het uiterste noorden, waarvan niemand weet waar het precies ligt. Maar ook de tijdgrens, zoals in het gedicht over de kindmummie, ingepakt in een huid van een stinkrob, en zelfs de grens van licht en donker in de vorm van het Noorderlicht. Het is een cyclus, deels in verhalen, deels in compacter poëtischer vorm, die beschrijft en soms ook ontroert. Het geheel is een spannend verslag van een grensverleggende ervaring”. Fragment: Vannacht kwam je na lang wachten naar me toe en je mond raakte de mijne. Je zei: ik ben terug, stofzilver stijgend In de lucht. Wat strooit dit uit? Dansend in brede vlagen. Was je daar ook? De hemel werd vol fakkels, maar langzaam Verdween je licht, sneller dan een komeet Boven de ijskoude bergen. Je blijft Mijn verlangen voeden, zo lang ik hier ben.

Remco Ekkers. > Foto: Antje van Slooten

Grimaces of the weary village, 1998. >Foto: Rimaldas Vikstraitis

Wonderlijke beelden Litouwse fotograaf

Leven op het land als op een andere planeet

schien dat het in Nederland makkelijker is, dat is toch zo vrijgevochten ? Ieva vertaalt de plagerige vraag onbewogen.

Rimaldas Vikstraitis (1954) is een vreemde verschijning. Aan zijn ogen, alert en vaak blijk gevend van plezier, zie je zijn intelligentie af. Tijdens een gesprek, dat ik met hem had in Heden, neemt hij kennelijk routineus een foto met zijn grote analoge Canon-camera. Maar zijn motoriek is eigenaardig en hoewel zijn Litouws mij net zo vreemd in de oren klinkt als dat van zijn tolk Ieva, heb ik de indruk dat hij moeilijk spreekt. Rimaldas, zoals de tolk van de Litouwse fotografen-associatie hem vertrouwelijk noemt, is wat je noemt: anders. Hij reist tegenwoordig samen met Ieva naar Engeland, China, Spanje en nu voor zijn eerste Nederlandse tentoonstelling naar Den Haag. Al te opgeruimd, vindt hij het hier. Hij had, op zoek naar onderwerpen voor zijn foto’s, gevraagd waar hij de daklozen kon vinden, maar die kon men hem niet aanwijzen. Het einde van het Sovjet-tijdperk heeft de vrienden van Vikstraitis in nog diepere armoede gedompeld dan ze al kenden. Eenvoudige boeren, die met het verdwijnen van hun kolchoze hun eigen lot niet anders konden vormgeven dan met

wodka, humor en het eigen kleine bedoeninkje. Zij zijn het onderwerp van Rimaldas. Hij heeft heel veel foto’s uit wat hij de Brezjnev-periode noemt (naar de leider van de Sovjet-Unie van 1964 tot 1982) maar hij acht de tijd nog niet rijp om die te laten zien. “Ik heb een hard leven gehad”, zegt hij, “veertig jaar heb ik moeten wachten tot ik mijn werk kon tonen”. Voorschrift was dat kunst een positief beeld van de Sovjet-maatschappij zou moeten laten zien. De instelling die in de Sovjet-tijd publicatie van fotografie overzag, waarschuwde langs ambtelijke weg tegen het tonen van zijn foto’s. Rimaldas Vikstraitis zou een pornograaf zijn. “Terwijl ik nog nooit ook maar één pornografische foto heb gemaakt”, vertaalt Ieva, “alleen gezonde erotiek”. Het is de beroemde fotograaf Martin Parr geweest, die zijn werk bredere aandacht bracht met zijn voorwoord bij de uitgave ‘Grimaces of the weary village’. Die was gewijd aan Vikstraitis’ min of meer documentaire foto’s. Gruizige beelden, met heel veel flessen wodka, keukengerei en een boertig soort naakt. Die foto’s zijn zorgvuldig geënsceneerd, lijkt het. Volgens Rimaldas denkt hij daar echter niet zo over na. Het is zaak te improviseren; hij heeft een instinct voor compositie ontwikkeld. Hoe krijgt hij die mensen zo ver zich in soms behoorlijk genante poses bloot te geven? Dat is gemakkelijk, antwoordt hij met een twinkeling in zijn ogen. Hij is opgegroeid tussen de vrouwen, hij kent ze. Met mannen is het wat moeilijker. Mis-

zo heel lang geleden het podiumtrapje op begeleiden in het Kurhaus. Vederlicht steunde ze op mijn arm, ze leek me voor het eerst kwetsbaar en frêle, maar een paar tellen later stond ze weer als de First Lady of Jazz ijzersterk te wezen achter de microfoon. Dik in de tachtig is ze nu, ik ben de tel kwijt, maar als zij een Ouderen Partij zou leiden denk ik dat die ook in het parlementsgebouw een volle bak haalt. Ze wordt uiteraard begeleid door het superieure trio van Peter Beets (piano), Ruud Jacobs (bas) en Joost Patocka (drums). De Regentenkamer komt een dag later (zondag 2 december) met nog een oude bekende uit Den Haag: fluitist Chris Hinze. Ik had laatst bezoek van Kees Ruys die bezig is een boek over Hinze te schrijven. En ik mocht hem vertellen hoe ik Hinze voor het eerst ontmoette, er-

gens begin jaren zestig. Hij studeerde nog, was toen barpianist in de Haagse YoYo bar, en als hij even weg moest, mocht ik tot mijn verbijstering achter de piano zitten. “Doe maar een bluesje, ze horen het verschil toch niet”, zei hij. Ik zou hem blijven volgen. Een kronkelweg die van pure jazz naar verjazzte klassiekers ging, en later over de halve wereldbol zou leiden. Overal vond hij musici die met hem wilden spelen. Japan, India, China, Afrika. En hij werd Neêrlands eerste Wereldmusicus. Overal filmde en fotografeerde hij, tot bij de Dalai Lama thuis, en maakte hij muziekopnames. In de Regentenkamer brengt Chris zijn solo-programma Van Tibet tot Tanger en daarin balt hij dat flamboyante levensverhaal samen. Met beelden, met fluitsolo’s en met verhalen.

Deze week kwam de uitslag van het Prinses Christina Jazz Concours binnen. In de categorie 16 tot en met 21 jaar won de Haagse pianist Floris Kappeyne (16 jaar) de eerste prijs, in de categorie Big bands ging die naar de Festival Youth Big band van jongeren uit Zuid-Holland, geleid door ex-Hagenaar, bassist Johan Plomp. Ze zijn te horen en te zien op www.youtube. com/christinaconcours. En hopelijk binnenkort op Haagse podia??

De Litouwse fotograaf Rimaldas Vikstraitis is met zijn wonderlijke beelden in zwart-wit, pijnlijk zowel als geestig, de Baltische Fellini. Lang konden alleen vrienden zijn werk zien, maar nu gaat het de wereld over. Ook in galerie Heden aan de Denneweg. Door Egbert van Faassen

Lente-uitjes Foto’s uit zijn eerste boek hangen in de tentoonstelling. Maar Rob Knijn van Heden, die ook een mooie nieuwe publicatie samenstelde, heeft de nadruk gelegd op meer recente foto’s. Deze zijn echt niet meer documentair te noemen – wel: speels. Een liggende vrouw met een paar zwarte werkschoenen op haar blote huid. De edele delen van een man frontaal, geflankeerd door twee glazen potten, waarin een ui uitbot. Strak symmetrisch. Heel gewoon op het Litouwse platteland, die ui dan. Wanneer je de wortels in het water zet, kan je steeds het groen gebruiken als lente-uitjes. Dan zijn er foto’s van mensen, uitgedost met pannen en ander keukengerei. De fotograaf gebruikte de requisiten die voorhanden waren. Op enkele foto’s figureert een enorme, door twee man te bewegen zaag. Grappig is de foto van een blote vent, die lachend wijst naar de zaag, die aan een juk zou doen denken wanneer hij niet net iets boven de schouders werd gehouden. Dit beeld staat symbool voor de Sovjet-mens, verklaart Rimaldas met alweer een twinkeling. En dat het er grappig uitziet – ach, het is een krankzinnige wereld. Heden, Denneweg 14a. Woensdag tot en met zaterdag 12-17 uur, tot en met 12 januari 2013. ‘Naked’ ISBN 9789078203261, € 25,–

jazz

Oude bekenden: Rita en Chris

Rita Reys in de Regentenkamer. Geen gekheid. La Reys, nog altijd de succesvolste jazzangeres die we hebben gehad komt echt naar het voormalige kerkgebouw voor een concert op zaterdag 1 december. Niet zo gek als het lijkt want Rita Reys wil gewoon zingen. Ik herinner me een optreden op ook al zo’n klein podiumpje in Den Haag, in Theater in de Steeg. Stampvol was het er, Rita kwam na afloop uit een nauwsluitend kamer-

tje dat tot kleedkamer was benoemd. Een paar dagen nadat ze nota bene verwend was in een vol Amsterdams Carré. “Nee jongen”, zei ze me met een blik van hoe-kom-je-erbij, “het kan mij niet schelen in wat voor zaal ik optreed. Maar ik móet één of twee keer per week zingen. Ik word door een chauffeur keurig opgehaald en weer thuis gebracht. Ik zal het blijven doen zolang ik kan. Dan maar in het harnas sterven”. Ik mocht haar niet

Bert Jansma


17

Boeken<

Vrijdag 30 november 2012 > Den Haag Centraal

Nieuwe roman ’t Hart: over Hitchcock en gebouwen als spiegelingen van de ziel ‘Ik wist niet zeker of hij dit allemaal meende of dat dergelijke opmerkingen er in de filmwereld gewoon bij hoorden’. Dit is nou een typische romanzin van de Haagse schrijver Kees ’t Hart. Hij komt uit Hotel Vertigo, zijn nieuwe roman. Over Hitchcock en gebouwen als spiegelingen van de ziel. Door Thijs Kramer

Zoals wel vaker plaatst ’t Hart de held van zijn verhaal in een omgeving die hij niet begrijpt. In zijn hoofd gaat hij er vervolgens verschrikkelijk mee aan de haal. Met alle gevolgen vandien. Er zijn opvattingen en codes die voor de held onbekend zijn, maar die een grote aantrekkingskracht voor hem hebben. Hij wil erbij horen, er deel van uitmaken. (Lees: niet langer eenzaam zijn.) Hij koestert verwachtingen en verlangens. Hij slaat aan het dagdromen. De seksuele fantasie is nooit ver weg. De romans van ’t Hart gaan vaker over bewondering en de ontsporende werking ervan. ‘Een eerbetoon aan Alfred Hitchcock’ staat er op de achterflap. ’t Hart kan er zelf namelijk ook wat van. In Hotel Vertigo draait het allemaal om de Nijmeegse scholier Vincent van Zandt, die via een uitwisselingsprogramma een tijdje in een gastgezin in San Francisco doorbrengt. Hij wordt bij toeval loopjongen van een filmploeg van Alfred Hitchcock. Het is 1957, de film Vertigo is in de maak. Vincent maakt deel uit van de ‘second unit’, de filmploeg die alleen opnames maakt van gebouwen en stadsgezichten,

nooit van acteurs. Die ziet hij nooit, zelfs Hitchcock zelf ontmoet hij alleen als hij niet weet wie hij voor zich heeft. Ook van het gezin waar hij terechtkomt, snapt hij weinig. Zijn gastouders zijn betrokken bij de oprichting van een zelfhulpgroep voor verslaafden, Synanon. Ook een besloten wereldje met heel eigen mores. Ze hebben eigenlijk helemaal geen tijd om Vincent op te vangen. Ze staan op het punt te verhuizen. Hij hangt er maar wat bij. Er ontgaat hem veel. In de buurt van San Francisco waar hij tijdelijk woont ‘barstte het van jazz en literatuur’. Jack Kerouac, Alan Ginsberg, William Burroughs, noem maar op, woonden er allemaal, maar Vincent heeft er geen weet van. Ja, hij ziet een stel dichters met elkaar op de vuist gaan in een kroeg, maar heeft geen idee wie het zijn. Dat hoort hij pas veel later. Hij wordt opgeslokt door zijn eigen besognes. Natuurlijk is er een meisje. En dus ook het verlangen naar seks. Hang-ups Vincent heeft wel eens een film van Hitchcock gezien en was er niet bijzonder van onder de indruk. Maar nu raakt hij in de ban. Voornamelijk door de aanwijzingen die Hitchcock in het script heeft gekrabbeld. ‘The city should look like a deserted temple’, staat er, of: ‘The light in this place should be religious’. De rest van de crew scheldt op Hitchcock vanwege deze vage instructies, maar Vincent begrijpt (denkt te begrijpen) dat Hitchcock gearticuleerde opvattingen heeft over architectuur en film. Het gaat over leegte en verlatenheid. En seks natuurlijk. Hitchcock was niet voor niets op zijn beurt een bewonderaar van Freud. Vin-

cent zou zich later diepgravend met de ‘woonopvattingen’ van Hitchcock bezighouden. Dat verwaterde in de loop der jaren, maar hij werd wel een soort architect. Dit gejongleer met opvattingen en de ideeën daar weer over is bijna een handelskenmerk van ’t Hart. Gelukkig neemt hij het allemaal niet al te serieus. Er is altijd wel iemand die ‘bullshit!’ roept. Bovendien, een architect die Van Zandt heet, dat zegt al genoeg. Er zitten meer van ’t Harts hang-ups in dit boek: de wereld van de zogenaamde ‘pulpboeken’ bijvoorbeeld. Stuiverromans spelen een cruciale rol in het verhaal. De liefde voor de Amerikaanse cultuur is er ook één. Hij geeft een overtuigende beschrijving van het San Francisco van de late jaren 50. Bewonderend (daar heb je ’t weer) maar nooit nostalgisch. Hotel Vertigo is óók een knap geconstrueerd verhaal, dat gewoon lekker wegleest. Alles klopt en valt op z’n plaats. Er zit warempel suspense in. Waarom werd Vincent voortijdig de Verenigde Staten uitgezet, vraag je je als lezer al aan het begin af. We komen het pas op het eind te weten. En vindt hij, als hij later naar San Francisco terugkeert, zijn toenmalige vriendin weer terug? En ’t Hart schrijft ook over levensechte pijn en angst. Over ouder worden en het verlies van een levenslange geliefde. Het slot van het boek is een stuiverroman waardig. Alles wordt de held opeens duidelijk. En het gevaar voor eenzaamheid is plots voorbij: ‘Oh, I see’, zeg ik, ‘I know, I see, I see. I know’. ‘Ik trek haar naar me toe’. Kees ’t Hart, Hotel Vertigo. 304 blz. Uitgeverij Querido. ISBN 9789021443126. Prijs: € 15,99

Wilhelmina. >Archieffoto

Historicus Fasseur met nieuw boek over Wilhelmina Met het klimmen der jaren wordt historicus Cees Fasseur steeds kribbiger, lijkt het wel. ‘Simplistisch, naïef, onnozel’, noemt hij de twijfel aan het heldhaftige optreden van Wilhelmina in de Tweede Wereldoorlog. Collega-historici krijgen er van langs. Waarom eigenlijk? Door Thijs Kramer

Boekomslag Hotel Vertigo.> Foto: PR

De Leidse emeritus hoogleraar Cees Fasseur heeft een handzaam boek gepubliceerd, getiteld: Een dame van IJzer. Het is te lezen als aanvulling op zijn tweedelige biografie van Wilhelmina. Echt grote wijzigingen in zijn beeld van de vorstin heeft hij niet aangebracht. Ze komt er nog steeds goed vanaf. Het grootste deel van het boek gaat over Wilhelmina tijdens de Tweede Wereldoorlog. Dat was dan ook haar ‘finest hour’. Niet gehinderd door het parlement, kon ze in haar ballingsoord Londen min of meer doen wat ze wilde. De Engelandvaarders ontvangen bijvoorbeeld en radiotoespraken houden. Plannen maken voor een nieuw politiek bestel voor na de bevrijding, met veel macht voor het staatshoofd, beduidend minder voor de ministers en zo min mogelijk voor het parlement. En de defaitistische minister-president De Geer de laan uitsturen en vervangen door de wat flinkere Gerbrandy. Over De Geer is niet zo lang geleden een proefschrift geschreven waarvan ook een handelseditie is verschenen. De auteur, Meindert van der Kaaij, komt daarin wél met de nodige bijstellingen. De zeer negatieve reputatie na de oorlog van De Geer was volgens hem ten dele een moedwilloge constructie van zijn tegenstanders. Die waren al langer aan zijn stoelpoten aan het zagen. Van der Kaaij doet in zijn dissertatie een poging dat beeld minder eenzijdig te maken. Fasseur moet daar niets van weten. Hij en Van der Kaaij hebben er al eerder de degens over gekruist. Nu schrijft Fasseur: ‘Deze witwasserij was geen gemakkelijke taak voor de promovendus. Zelfs ervarener historici zouden er een harde dobber aan hebben gehad’. Onder de gordel? Lijkt me wel. Fasseur suggereert dat Van der Kaaij geen objectiviteit betrachtte in

dit onderzoek, maar dat hij het vooropgezette plan had om De Geer zo veel mogelijk vrij te pleiten. Evenmin is de kwalificatie van gebrek aan ervaring als historicus erg fraai. Ook andere historici worden op deze manier weggezet. Chris van der Heijden, auteur van ‘Grijs verleden’, Geert Mak en natuurlijk Nanda van der Zee, die hij eerder op de korrel heeft genomen vanwege haar zeer kritische boek over het vertrek van Wilhelmina naar London in 1940. Fasseur beperkt zich nooit tot argumenten, er moet altijd ook een sneer en een veeg uit de pan bij. Wie kritiek heeft op Fasseur wordt door hem óf als wetenschapper gediskwalificeerd, óf zijn of haar integriteit wordt in twijfel getrokken. Het maakt dit in beginsel aardige en toegankelijke boek tot een wat verzurende leeservaring. Autoriteit Fasseur heeft dit op de man spelen helemaal niet nodig. Hij is de onbetwiste autoriteit op zijn vakgebied. Zijn publicaties over Wilhelmina en prins Bernhard zijn alom gewaardeerd en hebben ook nog eens een groot publiek bereikt. Wel was er kritiek van vakgenoten. Is Fasseur in zijn boeken wel kritisch genoeg over Wilhelmina? En is het wetenschappelijk wel in de haak dat hij voor zijn boek Juliana & Bernhard, dat de Greet Hofmansaffaire beschrijft, als enige toestemming kreeg om het Koninklijk Huisarchief te raadplegen. Dat maakt zijn bevindingen toch oncontroleerbaar? Een dame van IJzer heeft de ondertitel ‘Koningin Wilhelmina en de nationale gedachte’. Met een beetje goede wil is die rode lijn inderdaad te onderscheiden. Fasseur vergelijkt de positie van staatshoofd van Wilhelmina met die Elizabeth II van Engeland. Het beknopte slothoofdstuk is gewijd aan een vergelijking tussen Wilhelmina en Charles de Gaulle. Generaal in de oorlog, vervolgens president van Frankrijk. Fasseur ziet wel enige parallellen: “Evenals De Gaulle redde Wilhelmina in de Tweede Wereldoorlog de eer en het prestige van haar land”. Cees Fasseur: ‘Een dame van ijzer. Koningin Wilhelmina en de nationale gedachte’.Uitgeverij Balans. ISBN9789460035951. Prijs: € 12,95


De Haagsche tijd van Vincent van Gogh in een schitterende beeldroman!

Teun Berserik illustreerde Van Goghs beginjaren als kunstenaar in Den Haag. Zijn eerste schilderlessen krijgt hij van zijn neef Anton Mauve, die hem introduceert bij zijn collega’s van de Haagse School. Als hij een affaire begint met Sien, een van zijn modellen, raken zijn leven en werk nog meer met elkaar verweven. Ondertussen moet hij steeds vaker een beroep doen op de gulheid van zijn broer Theo, want het lukt hem maar niet van zijn werk te leven. Teun Berserik toont de volharding van de beginnende schilder, zijn worsteling om zijn eigen stijl te vinden, en de eerste tekenen van de krankzinnigheid die hem later zou opslokken.

nu in de boekhandel

€ 19,90

RODE WIJNEN

Ketel 1 graanjenever Wat valt er nog te zeggen over dit kwaliteitsproduct? We gaan u dubbeldik verwennen; een mooi product voor een zeer aangename prijs. NU €11,95 Ballantines finest Scotch De enige distilleerderij die wordt bewaakt door ganzen. Ze zijn niet gevaarlijk maar maken wel een heleboel lawaai. Deze finest Scotch doen we nu in de aanbieding; een hele liter €23,95 NU €16,95 Esbjerg Vodka (ijsberg op z’n Fries) 1L €14,50 NU €11,95 (eigenlijk ken het net). Jack Daniels Black Label 0,7L Geen haast bij Jack Daniels. Bij Drinkland hebben we dat ook niet. We halen rustig €7,00 van de prijs af. NU €18,95 Licor 43 0,7 U heeft hier een uniek product met een vast lage prijs en bij elke fles ontvangt u ook nog een Bolero Keukenschort cadeau. Sinterklaas weet dat ze bij Drinkland aanwezig zijn. Het hele pakket voor €16,95 zolang de voorraad strekt.

www.drinkland.nl

ACTIES

Cardhu Speyside Single Malt Vrouwen van de eigenaars van deze distilleerderij speelden een grote rol. Eerst Helen Cummings en later haar schoondochter Elizabeth stookten de whisky, deden de boekhouding, deden de gesprekken met de douanebeambten, het huishouden en voedden de kinderen op. Kortom echte wijven. Deze 12 jarige Cardhu-Malt heeft het typisch grassige, een lichte toon van sinaasappel terwijl de afdronk kort is met een duidelijke chocoladehint. Wat vrouwen niet allemaal kunnen! Cardhu gaan wij u aanbieden VOOR €29,98 (normaal €37,90)

SupERAANBIEDINg RODE WIJN

Chateau Haut-Balastard Bordeaux A.C. 2006 €7,95 nu €6,50 per fles; per doos a 6 flessen €35,-

WITTE WIJNEN

CAdEAuTIp

Spanje, Rueda – Casa del Monte, Droge frisse iets kruidige wijn. 100% Verdejo. €6,25 nu €4,95 per fles Frankrijk-Loire – Muscadet sur Lie – Chateau la Foliette, meer dan uitstekende muscadet. €10,20 nu €7,98. Waanzinnig veel wijn voor deze Actieprijs! Spanje-penedes – Cava Cum Laude Brut Natur. Deze Cava gemaakt volgens de regels van de ‘methode traditionelle’ doet Drinkland éénmalig in de aanbieding voor €9,98. Alvast voor eindejaar?

Bailey Irish Cream 0,7L €15,95 of Lagar de pedra Spanish Cream 0,7L €14,80 beiden nu met gratis likeur glaasje bij elke fles. Bailey gemaakt met Ierse Whiskey; Lagar gemaakt met Aquardiente.

den haag Prinsestraat 57 070 364 29 25

noordwijk * oegstgeest * Voorhout * Jacoba van Beierenhof 28 Maarten Kruytstraat 24 Lange Voort 19 071 364 93 37

Bordeaux Moulis-en-Medoc, Chateau Duplessis Fabre 1999. Mooi gerijpte Medoc zacht en soepel €19,90 nu €14,90 Rioja Arviza Reserva 2001. Typische ronde Rioja met rijke vanilletonen €19,85 nu €14,98 Cyan Toro Crianza 2004 – Volrode krachtige wijn; 14 maanden gerijpt op Franse en Amerikaanse fusten. Met 14,5% alcohol is deze Toro voor geen enkel gerecht bang. €17,85 nu €13,50 Ridgeback wines staat bekend om zijn Merlot en Cabernet Sauvignon. Topklasse Zuid-Afrikaans met smaken van zwart fruit, zwarte olijf, mint en drop. €12,50 per fles

071 361 21 82

071 301 55 83

SupERAANBIEDINg WITTE WIJN

OP veler verzoek verlengen wij de aanbiedingstermijn voor Culemborg Chenin Blanc: 3 flessen €10,-


19

cultuur<

Vrijdag 30 november 2012 > Den Haag Centraal

De bijvangst van een promotieonderzoek

Serge ter Braake schrijft twintig Haagse geschiedenissen De wereld van Erasmus, de grote theoloog en filosoof, besloeg zo ongeveer heel Europa, maar hij had ook heel wat vrienden in Den Haag. Vooral onder de ambtenarij. ‘De hoge heren op het Binnenhof’ noemt historicus Serge ter Braake die in zijn boek ‘Rond het Binnenhof ‘. Wie waren dat? Door Thijs Kramer

Het afscheidsvierluik ‘Landslide’ is gemaakt door drie generaties moderne choreografen. > Foto: Daan Brand

Een zwanenzang met goudsnippers

‘Alles draait om de liefde voor de dans’

Drie choreografen, vier stukken, dertien dansers en nog een laatste keer applaus. Noord Nederlandse Dans is de zoveelste culturele instelling die de kabinetsbezuinigingen niet heeft overleefd. Met de voorstelling ‘Landslide’ neemt het dansgezelschap van het Noorden, na vijftien jaar afscheid van haar publiek. Door Saskia van der Togt

Voor choreograaf en artistiek directeur Stephen Shropshire is het niet alleen een einde. Het is ook een vertrekpunt, een weg naar iets nieuws. “Natuurlijk is het triest maar wij dansers zijn zigeuners, continu in beweging. Zo gaat het nou eenmaal. En wat ik hier heb gemaakt en geleerd zal mijn eigen toekomst vormen. Het was een geweldige tijd”. De strijd om de overheidssubsidies is dan wel gestreden maar druk heeft de Amerikaanse Stephen Shropshire (39) het nog steeds. Met de afscheidsvoorstelling ‘Landslide’, een landelijke tournee en met de organisatie van een groot afscheidsgala over een paar weken in de Groningse Stadsschouwburg. “ Het is leuk om oud werk weer op te halen en ik geniet van de huidige tournee. Maar het zijn gemengde gevoelens natuurlijk. Het grote zwarte gat?” Hij lacht. “Daar heb ik bijna een beetje zin in. De afgelopen tijd was mooi, rijk maar ook wel erg stressvol. Ik merk dat ik tijd nodig heb om bij te komen. Om alles te laten bezinken. Te verwerken”. Bakermat Noord Nederlandse Dans werd in 1997

opgericht door de Israëlische choreograaf Itzik Galili. Onder zijn leiding en later die van Shropshire ontwikkelde het gezelschap een eigen bewegingstaal waarin fysieke spanning, technische precisie en sterke muzikaliteit centraal stonden. Het afscheidsvierluik ‘Landslide’ is gemaakt door drie generaties moderne choreografen. Alledrie zijn ze verweven met Noord Nederlandse Dans. Itzik Galili, de jonge choreograaf Roy Assaf en Stephen Shropshire zelf. “Het is echt bijzonder om deze mensen bij elkaar te hebben”, vertelt Shropshire, “toen ik artistiek directeur werd, had ik als doel om nieuwe talenten de kans te geven zich te ontwikkelen binnen een gezelschap met een rijke historie. Talenten zoals Roy. Hij heeft bij ons zijn eerste stukken gemaakt. Pas nu hij weer even terug was, konden we van elkaar zien hoeveel we waren gegroeid. Dat is prachtig. En Galili die aan de bakermat van het gezelschap stond, heeft mij natuurlijk altijd enorm gesteund. Wat is er dan mooier om hem uit te nodigen weer een stuk te komen maken. Deze choreografen maken ‘Landslide’ bijzonder. Er zitten verdrietige momenten in maar ook hele vrolijke. Geen boosheid, we proberen ook geen laatste punt te maken. Eigenlijk is het een hele normale voorstelling geworden, precies wat het publiek van Noord Nederlandse Dans kan verwachten”.

ny in C was een stuk wat ik altijd al wilde maken en elk jaar kwam ik weer een stukje dichterbij. Nu was de tijd rijp. Nu had ik het gevoel dat ik de dansers mijn ideeën kon overbrengen en dat zij konden voelen wat ik bedoelde. Mythology was een gek experiment wat ik wilde doen nu ik nog een gezelschap had om het uit te voeren. Voor deze groepschoreografie heb ik geprobeerd om niet vanuit gevoel maar volkomen rationeel en methodisch te werken. Mathematisch bijna. En dan maar zien wat er gebeurt”.

Experiment Shropshire maakte zelf twee choreografieën; ‘The Symphony in C Variatons (Golden)’, geïnspireerd op de muziek van Georges Bizet, en ‘Mythology’. “Sympfo-

‘Landslide’is donderdag 6 december te zien in de Veste te Delft (20.15 uur) en op 7 december in Theater aan het Spui (20.30 uur). Voorafgaand aan de voorstelling in Den Haag is er een inleiding.

“Rationeel”. Hij denkt even na. “Ik denk dat ik het einde van Noord Nederlandse Dans ook zo benader. Je kunt in wezen niets anders dan rationeel zijn. Het ene houdt op en dan ga je weer naar iets anders. Dat is het leven van een danser. ‘Sympfony in C’ eindigt met goudsnippers die uit het plafond komen vallen. Dat is wel symbolisch. Je kunt zo analytisch zijn als je wilt maar als puntje bij paaltje komt, gaat het erom dat ik zo ontzettend van dans hou. Het klinkt misschien raar maar ik heb deze voorstelling gemaakt voor de dansers. Ik wilde hen laten zien dat alles draait om de liefde voor de dans. Dat dát de reden is waarom we het allemaal doen. En als het publiek hetzelfde gevoel ook mee naar huis neemt, dan is dat mooi meegenomen”.

De schets die Ter Braake geeft van de contacten die Erasmus in Den Haag onderhield, biedt een mooi inkijkje in het Haagse bestuurskringetje omstreeks 1520. Het was de tijd van vóór de Opstand van de Nederlanden tegen Spanje. In Duitsland was Maarten Luther flink aan de weg aan het timmeren, maar de echte scheuring in de kerk moest nog plaatsvinden. Den Haag telde 7.000 inwoners. In Nederland was nagenoeg iedereen nog Katholiek. Erasmus had weliswaar ook kritiek op de Roomse kerk, maar vond dat Luther veel te ver ging. Hij bleef de moederkerk trouw. Dat nam niet weg dat het vrome Roomse publiek Erasmus ketterse ideeën toedichtte. En dat had weer gevolgen voor zijn vrienden in Den Haag. Zou het volk ook hen in de hoek van de ketterij plaatsen? Het zou hun lucratieve posities als ambtenaar in gevaar kunnen brengen. Ter Braake voltooide in 2007 zijn proefschrift Met recht en rekenschap. Daarin doet hij onderzoek naar Haagse ambtenaren aan het begin van de zestiende eeuw, de periode voorafgaand aan de Opstand. Dat is een tijd waar doorgaans niet zo veel belangstelling voor is. Historicus Ter Braake betoogt dat het Nederlandse streven om los te komen van Spanje echter niet goed te begrijpen is zonder inzicht in de bestuurspraktijk daarvóór. Ongetwijfeld heeft hij daarin gelijk. Aanvulling Zijn huidige boek is een aanvulling op die studie. In de inleiding vertelt hij dat hij tijdens het archiefonderzoek voor zijn proefschrift op veel interessante verhalen is gestuit, die hij niet in zijn proefschrift kon opnemen. Te mooi om ze onvermeld te laten, heeft hij ze nu alsnog bijeengebracht, ‘ter lering, vermaak en memorie’. Het zijn vooral menselijke geschiedenissen en juist daardoor geven ze kleur aan het politieke bedrijf rond het Binnenhof. De legendarische driftaanvallen van Anton van Lalaing bijvoorbeeld. Lalaing was stadhouder van Holland en Zeeland tussen 1522 en 1540. Hij stond op zeer vertrouwelijke voet

met landvoogdes Margaretha van Oostenrijk. In zijn onderhandelingen met Amsterdam om geld voor de landsverdediging was hij niet altijd even diplomatiek. Hij kreeg nogal eens een driftbui, die door een ijverige (Amsterdamse) secretaris breeduit in de verslagen werd opgenomen. Ter Braake verzuimt niet om à la Herman Pleij even stil te staan bij het tonen van emotie in historische context. Hij haalt er zelfs de beschavingssocioloog Norbert Elias bij. Dat blijft echter bij een vingeroefening. Zo diepgravend zijn deze twintig anekdotes nou ook weer niet bedoeld. Steevast begint hij ieder

verhaal met een parallel in het heden. Zo ook de geschiedenis van een zilveren tonnetje. Wat we nu corrupt vinden, hoefde dat in de zestiende eeuw niet te zijn, wil hij maar zeggen. Cornelis Suys was raadsheer in Den Haag en werd ervan beschuldigd ten onrechte geschenken aan te nemen. Verklapte hij in ruil daarvoor geheimen? Hij liep tegen de lamp door een kostbaar zilveren tonnetje met toebehoren; zoutvaatjes, kroezen en dergelijke. Dat was ooit aan de stad gegeven, maar was nu in zijn bezit. De manier waarop Suys dat probeerde recht te praten doet erg modern en menselijk aan. Niet alle twintig verhalen die Ter Braake in dit boek vertelt zijn even sterk. Maar wel vermakelijk, deze parade van schandalen, buitenechtelijke kinderen, huiselijk leed en ander menselijk ongemak. In de archieven moet nog veel meer verborgen zitten. Serge ter Braake, Rond het Binnenhof. Twintig Haagse geschiedenissen uit de zestiende eeuw. 160 blz. isbn 978-90-8704-316-2, Prijs: €19, 00


20>sport Marcella

Den Haag Centraal > Vrijdag 30 november 2012

Kickbokswereld snakt naar toezicht

Nadal

Hoe is het toch met Rafael Nadal en gaat hij weer tennissen binnenkort? De Spanjaard speelde zijn laatste toernooi op Wimbledon en verloor verrassend in de tweede ronde. Daarna deed zijn knie pijn en nam hij rust. Eind december zal hij weer een demonstratietoernooi gaan spelen, dus laten we hopen dat hij ook tijdens de Australian Open weer in actie komt. Na een memorabel tennisjaar met de prachtige revival van Roger Federer, die Wimbledon won en de nummer één positie overnam van Novak Djokovic, blijft het gemis van Rafael Nadal groot. Natuurlijk hadden we Andy Murray met zijn grote doorbraak. Eindelijk won hij een Grand Slam-toernooi, pakte hij goud bij de Olympische Spelen en bereikte hij de finale op Wimbledon. Je zou zeggen kandidaat voor Sportman van het jaar in Engeland. Maar ja, dopingsport- beoefenaar Bradley Wiggings schijnt favoriet voor die titel te zijn. Toch eindigde de Serviër Novak Djokovic, na winst bij de World Tour Finals, net als vorig jaar op de eerste plaats van de ranglijst en spreken we nog steeds over de Big Four in het mannentennis. Nadal’s status is dus zo groot dat hij zelfs zonder een half jaar tennis nog in één adem met de favorieten wordt genoemd. De vraag is echter hoe sterk komt Nadal terug? Hoe lang duurt het voordat hij weer op zijn normale niveau zit? Normaal gesproken moet je de blessuretijd verdubbelen om te weten wanneer je weer goed kan zijn. In het geval van Nadal dus een jaar. Tevens kunnen we ons afvragen of hij ooit weer de nummer één positie op de wereldranglijst zal bereiken. En of de concurrentie van de jongere Djokovic en Murray en misschien ook wel van de nog jongere Juan Martin del Potro niet te heftig voor hem wordt. In sport is stilstand achteruitgang, terugkomen op zijn oude niveau is niet genoeg voor Nadal. Hij zal zich ook weer moeten verbeteren, want dat hebben Federer, Djokovic en Murray het afgelopen jaar stuk voor stuk gedaan. Dat het moeilijk zal worden, moge duidelijk zijn. De Spanjaard zal moeten leren leven met zijn fysieke beperking in de vorm van een slechte knie. Maar heeft hij dat niet altijd al gedaan? En als iemand dat kan, is het wel Nadal, de mentaal sterkste speler ter wereld. Ik geloof heilig in zijn terugkeer en verwacht hem top tijdens Roland Garros.

Marcella Mesker Gastspreker voor bedrijven en organisaties, www.marcellamesker.nl

Niet altijd gaat alle aandacht naar de kickboksers.>Foto: C&R

Kickboksers komen voortdurend negatief in het nieuws. Gevechten op een terras, getrokken pistolen op een gala, de sensatieberichten nemen toe. Deze week publiceerden kickboksscholen een gezamenlijk manifest. Tijd voor zelfregulering, was de kern. Kickboksstad Den Haag reageert. Door Vilan van de Loo

Kickboksen is populairder dan ooit, ook in de Hofstad. Wie de sport wil beoefenen, kan op veel adressen terecht. Hoevéél adressen er zijn, kan niemand zeggen. Iedereen mag een school beginnen, want er is geen vergunning voor nodig. De gevestigde scholen zijn gemakkelijk te vinden, maar er bestaan ook veel pandjes waar beunhazen wedstrijdvechters opkweken. Die verdienen zo snel geld. Toezicht op de wildgroei ontbreekt. De controle die daar nodig is, wil het kickboksmanifest instellen. En meer. Er dient één bond te komen, in plaats van de huidige talloze bondjes. De kickboksgala’s moeten vervangen worden door sportieve toernooien. Agressievelingen uit de sport weren, de jeugd stevig onder controle houden, wangedrag bestraffen. Daarbij komt een sterkere nadruk op de grote rol die de sport kan hebben bij karaktervorming. Kickboksen behoort immers tot de martial arts, die een traditionele cultuur bezitten van protocol en respect. Geen enkele kickbokser mag een trainer begroeten met ‘Hoi Henk’. Een kleine rondvraag in Haagse kickbokskringen leverde een interessant beeld op, ver van de mediasensatie. Het dagelijks leven op een sportschool bestaat uit discipline, al is elke trainer zich bewust van de problemen. Bij Thaiboxing Den Haag werkt Jerry Jokhoe met moeilijke jongeren, die hij wegstuurt als dat nodig is. Gediplomeerd kickboksleraar Gerard Gordeau (Kamakura) wijst op de organisatie in het buitenland: het systeem van licentieverlening werkt daar uitstekend, dus waarom bij ons niet? Satisch Jhamai (Shaolin Ryu) steekt zijn nek uit door voor de derde keer een vechtsportgala te organiseren, met alle risico’s van dien.

‘Er moet een kweekvijver zijn’ Aan de Beeklaan zit de sportschool van Satisch Jhamai. Bij Shaolin Ryu gaat het om full contact, en daar zit ook kickboksen bij. Hij is nu druk met de organisatie van zijn derde vechtsportgala, dat op Hemelvaartsdag zal plaatsvinden. Met kickbokswedstrijden. Bewust. “De ringsporten hebben een kweekvijver nodig”. “Ik ben bijna tienduizend euro kwijt aan de beveiliging. De gemeente wil alleen een vergunning verlenen als we vijftien man security inhuren. Dat is dus een hele dure grap. Maar het is iets wat ik op de koop toe neem. Gelukkig heb ik sponsoren gevonden voor een deel van de

kosten. Geen coffeeshops, maar het hogere segment bedrijfsleven. Die ken ik uit mijn studietijd. Ze weten dat ik geen gekke dingen doe. Dat is vertrouwen”. “Persoonlijk vind ik het belangrijk dat Den Haag vechtsportgala’s heeft. Ook in de ringsporten moet er een talentenkweekvijver bestaan. Anders gaat er een nieuwe generatie vechtsporters verloren. Die kunnen dan nergens terecht. Ik voel me aangesproken om die continuïteit te helpen waarborgen. Het is mijn passie”. “Alcohol schenken we niet. Het scheelt inkomsten, maar ik kijk liever naar de kwaliteit van het gala dan naar de winst.

Die is er trouwens niet. Er valt geen droog brood meer te verdienen met gala’s, en daarom trekken veel promotors zich terug uit de sport. Ik moet er zelf geld op toeleggen”. “Veiligheid staat voorop. Iedereen die straks in- en uitloopt wordt gefouilleerd. Elke keer. VIP-tafels hebben we niet meer. De VIP-stoelen zijn vorig jaar afgeschaft. Het is nu gelijke monniken, gelijke kappen. Horen we dat er iemand op een ander gala problemen heeft veroorzaakt, dan komt die er bij ons niet in”. http://shaolin-ryu.hyves.nl/

‘Laat zien dat je serieus bezig bent’

Trainer en oud-vechtsporter Gerard Gordeau (Kamakura) zet het kickboksen in internationaal perspectief. Hij vergelijkt het met savate, de vechtsport die in Frankrijk nummer één is. In die sport behaalde hij in 1991 de wereldtitel. “Zoals het daar gaat, kan het hier ook”. “Kickboksgala’s moeten verboden worden. Voorlopig. Want nu mag iedereen een kickboksbond beginnen en een gala organiseren. En je ziet het, daar komt van alles op af. Dat ligt niet aan de sport. Bij het publiek gaat het vaak mis. Wat je zonder wedstrijden over houdt, zijn degenen die van het spelletje houden. Die komen twee, drie avonden trainen”.

“In Frankrijk is savate de volkssport. Daar hebben ze één bond, die licenties verstrekt op naam van de vechter. Misdraag jij je? Jammer vriend, dan ben je jouw licentie kwijt. Je kunt dan nergens meer in Frankrijk wedstrijden doen. Dat is goed geregeld. Maar wanneer je in Nederland bij het ene kickboksbondje eruit gezet wordt, kun je dezelfde dag nog terecht bij het andere kickboksbondje. Die hebben allemaal eigen gala’s”. “We moeten één bond hebben, aangesloten bij NOC*NSF. Die bond moet eisen stellen aan trainers. Nederlands spreken. Kennis van zaken hebben, dus een diploma van de bond. En een licen-

‘Anders wijs ik ze de deur’

Thaiboxing Den Haag bestaat sinds 1992. Oprichter Jerry Jokhoe wilde naar Nederland brengen wat hij als jonge thaibokser in Thailand had ervaren: het familiegevoel. “Kansloze jongens die op straat leefden, kregen dankzij het trainingskamp wèl een kans”. In Den Haag werkt Jokhoe met moeilijke jongeren die hij behoorlijk in de hand weet te houden. Hoe doet hij dat? “We hebben hier jong-volwassenen vanaf 8 tot 22, 23 jaar, met een lastige achtergrond. Dat kunnen kinderen zijn die uit huis werden geplaatst, in hun pleeggezin niet begrepen werden en

agressieproblemen ontwikkelden. De oudere groep kan bijvoorbeeld al jong in de gevangenis terecht zijn gekomen, een beschermde omgeving waar ze zelf geen beslissingen hoeven te nemen. Na hun vrijlating moeten ze dat wel. Daarbij bieden we begeleiding in de vorm van sport en opvoeding. Hebben ze getraind, dan zijn ze hun agressie kwijt”. “Zoals er bij jou thuis regels zijn, zijn die er bij ons ook. Er mag alleen Nederlands en Engels gesproken worden, anders krijg je aparte groepjes. We nemen niet Jan en Alleman aan. Jongeren tot zeventien jaar moeten met hun ouders langs-

tie gesteld op naam van de school. Gaat er iets mis, dan is het meteen einde verhaal. Zo eenvoudig kan het zijn”. “Sportscholen moeten ook zonder subsidie kunnen draaien. Het mag alleen eenmalig een steuntje in de rug zijn. Ja, dan krijg je een hogere contributie. Kwaliteit kost geld. Wil je leren kickboksen? Dan moet je er iets voor over hebben. Verkoop je IPod of neem een krantenwijk. Je hoeft er alleen iets voor te laten: verkoop je IPod of je Burberrypet. Laat zien dat je serieus bent”. http://www.dojokamakura.com/

komen, zodat ze weten dat hun kind daadwerkelijk sport. Trouwens, als er dingetjes thuis zijn, helpen we graag daarbij”. “Komt het toch voor, dat iemand van ons last veroorzaakt, dan hoor ik dat snel van de buurt of de wijkagent. Ik ga met die leerling praten. Uitleggen, respect bijbrengen. Daarna kunnen ze zelf kiezen. Maar ik ga mijn goede naam niet opofferen aan iemand die niet wil luisteren. Die wijs ik de deur”. http://www.tbdenhaag.nl


21

sport<

Vrijdag 30 november 2012 > Den Haag Centraal

Voetbalencyclopedie stelt dat Den Haag dé voetbalstad van Nederland is

‘Jopie Lankhaar was mijn held’ Binnen twee weken werden er ruim duizend exemplaren verkocht van de Grote Haagse Voetbalencyclopedie. Een onverwacht succes voor schrijver Martin van Zaanen die ruim 15 jaar werkte aan zijn persoonlijke standaardwerk over het Haagse voetbal. “Stiekem is Den Haag gewoon de voetbalstad van Nederland”. Door Bert Tielemans

Toen oud-FC Den Haag-trainer Theo Verlangen tijdens een interview de term een Jan-pak-de-leuning-voetballer gebruikte om daarmee voetballers die van aanpakken houden te duiden, wist sportjournalist Martin van Zaanen het zeker. Den Haag is anders dan alle andere steden en verdient een eigen voetbalnaslagwerk dat precies in kaart brengt waarom de Hofstad zo’n belangrijke rol speelt in het Nederlandse voetbal. “Stiekem is Den Haag gewoon de voetbalstad van Nederland”, zegt Martin van Zaanen zonder ook maar een greintje overdrijving. “De schaarbeweging is uitgevonden door Law Adam van HVV, Hagenaar Beb Bakhuys van HBS scoorde, weliswaar in het Olympisch Stadion in Amsterdam, de befaamde vliegende kopbal, de grootste scheidsrechters komen uit Den Haag en op Houtrust in 1913 won het Nederlands elftal voor het eerst van de onverslaanbaar geachte Engelsen waarmee ‘het wonder van Houtrust’ een feit was”. Sportsignaal Martin van Zaanen, enkele jaren terug nog sportcoördinator van Den Haag Centraal, bezocht als freelance sportjournalist Champions League finales, maar zijn hart slaat pas echt een keertje over als aandachtig toeschouwer langs de lijn bij pak-hem-beet VUC – GDA in de tweede klasse op zondag. “Den Haag met z’n Hagenaars en Hagenezen, chic en volks, HVV en ODB heeft zo’n enorme eigen voetbalcultuur, die kom je echt nergens tegen. Door de omvang van het Haagse amateurvoetbal is ADO nooit een toonaangevende betaald voetbalclub geweest. En welke stad heeft een sportverslaggever als Kees te Gussinklo die met overslaande stem, alsof zijn leven ervan afhangt, commentaar geeft voor Sportsignaal bij BMT tegen TAC’90. Schitterende live radio waar ik voor thuis blijf. Ik hang aan die man zijn lippen”. Monnikenwerk Aan de Haagse Voetbalencyclopedie werkte Van Zaanen (40), met tussenpo-

zen en vooral razend veel plezier, ruim vijftien jaar. “Een monnikenwerk. En een kwestie van luisteren in kantines, verzamelen van informatie, mensen spreken, archieven raadplegen, schrijven en vooral heel veel schrappen. De eerste boze mailtjes en telefoontjes heb ik al gekregen. ‘Waarom sta ik niet in je boek? Weet je niet hoe belangrijk ik ben geweest voor het Haagse voetbal’. Maar dat zie ik als een compliment. Je hoort er kennelijk in Den Haag niet bij als je geen plekje in de encyclopedie hebt veroverd”. De lezersreacties leverde Van Zaanen ook weer nieuwe interessante informatie op. “Een advocaat belde me over voetbalclub PDK uit Kijkduin. Ik kon me deze vereniging vaag herinneren. Een heel klein

‘De eerste boze mailtjes en telefoontjes heb ik al gekregen’ clubje van ‘procureurs en deurwaardersklerken’ die begin jaren 80 de ambitie had om in korte tijd vanuit de Haagse voetbalbond op te klimmen naar de top van het amateurvoetbal. Daarvoor hadden ze zelfs, de toen nog voetballende, oudscheidsrechter Dick Jol aangetrokken. Zo’n verhaal intrigeert me dan. Hoe zat het precies? En waarom bestaat PDK niet meer? Dat ga ik uitzoeken en misschien levert het een prachtig verhaal op voor een volgende editie”. De Grote Haagse Voetbalencyclopedie is verkrijgbaar bij Van Stockum aan de Herengracht en via www.haagsevoetbalencyclopedie.nl

Martin van Zaanen (rechts) overhandigt het eerste exemplaar van de Haagse Voetbalencyclopedie aan held Jopie Lankhaar. >Foto: Bert Tielemans

ADO’s laatste international Het eerste exemplaar van de Haagse Voetbalencyclopedie werd overhandigd aan oud FC Den Haag verdediger Joop Lankhaar. Held van Martin van Zaanen, die in 1987 nog eenmalig het Nederlands elftal wist te bereiken. Van Zaanen: “Voor mij was het Jopie Lankhaar, met zijn matje in de nek en zijn borstelige snor. Toonbeeld van onverzettelijkheid, spijkerhard als het nodig was, maar ook gewoon een hele goede voetballer. Op de middelbare school heb ik voor Frans nog een spreekbeurt over hem gehouden, waar anderen voor Jean-Paul Sartre kozen, koos ik Jopie Lankhaar. Mijn docente luisterde hoofdschuddend. Het jaar erop zat ik op een andere school”.

De held zelf voelde zich vereerd met het eerste exemplaar in zijn handen. ”Prachtig, dat mensen jaren later toch nog waarderen wat je hebt betekent voor een club en nu ik begrijp zelfs voor het hele Haagse voetbal. Veel van mijn vier jaar bij FC Den Haag kan ik me nog herinneren. Een prachtige tijd met een geweldig elftal met Martin Jol, Remco Boere en René Stam. Ik kwam van ARC uit Alphen aan de Rijn en veroverde onverwacht snel een plek in de basis. En dat ging lekker, waardoor ik een uitnodiging voor Oranje kreeg van Rinus Michels”. Bij een debuut in Oranje op het vakantie-eiland Rhodos tegen Griekenland bleef het ook. Dat debuut had overigens dramatisch kunnen eindigen. “Al na een paar minu-

ten kreeg ik een geweldige charge te verwerken van een van de Griekse spelers die me met een vliegende tackle probeerde te raken. Als ik toen niet was opgesprongen, had ik misschien wel een Marcel Peeper blessure opgelopen en misschien wel nooit meer kunnen voetballen”. Lankhaar, die na vier jaar FC Den Haag nog uitkwam voor Racing Mechelen, Lierse SK en Dordrecht ’90, weet niet waarom hij uiteindelijk niet werd opgenomen in de selectie van het Nederlands Elftal die in 1988 de Europese titel veroverde. “De trainer koos voor Wim Koevermans van Fortuna Sittard. Dat is zijn goed recht natuurlijk. Ach, misschien had er meer in gezeten, maar een eenmalig optreden in Oranje vind ik ook heel mooi”.

Ingezonden mededeling

Op de fiets naar de stad? Plek zat in je fietskrat! Fietskratje.com levert compleet gemonteerde houten fietskratten, voorzien van leuke prints. Maak een keus uit verschillende modellen of je eigen ontwerp.

•SINCE 2011•

Mooi meegenomen!

SUBLIEM GELUID IN EEN PRACHTIGE VORM!

Marantz MER-603 De Melody Media is een hoogwaardige Radio/CD/versterker/Streaming combi. De streaming mogelijkheden zijn zeer uitgebreid met o.a. Apple Airplay en internet-radio.

Focal Dôme speakerset Deze luidspreker combinatie bestaat uit de compacte Dôme 2-weg luidsprekers en de Dôme subwoofer. fer. Deze set staat borg voor een fantastische geluidskwaliteit. Marantz MCR-603 Melody Media Focal Dôme 2.1 speakerset Setprijs:

Audio/video centers

€ 699,= € 1049,= € 1748,=

Door een gratis beschikbaar Marantz-app is de Melody Media is volledig te bedienen met de GRATIS Samsung Galaxy TAB!

IS NU ME T GR AT ) LA XY TA B2 (7” SA MSUN G GA TW V € 249,=

Theresiastraat 151-157 | 2593 AG Den Haag - Tel. 070-347 42 59 / 070-322 22 73 Appelstraat 133-143-145 | 2564 ED Den Haag - Tel. 070-368 47 10 / 070-368 49 22

www.praalder.nl


22>varia

Den Haag Centraal > Vrijdag 30 november 2012

stadsgroen

financieel

Aan het einde van het jaar

Het einde van 2012 nadert. Hieronder staan enkele algemene suggesties voor 2012 of 2013. Binnen onze bank hebben we er meer, maar daarvoor is deze column veel te kort. Schenken aan kinderen en kleinkinderen: Schenken kan een goed idee zijn. U doet degene die de schenking ontvangt namelijk veel plezier rond deze tijd van het jaar. Ook vermindert u meestal de belastingdruk over uw erfenis. Jaarlijkse vrijstelling: In 2012 kunt u tot 5.030 euro aan uw kind schenken en tot 2.012 euro aan uw kleinkind en/of aan een ander, zonder schenkbelasting en zonder belastingaangifte. Eenmalig verhoogde vrijstelling: U kunt in plaats van 5.030 euro eenmalig een hoger bedrag belastingvrij schenken aan uw kind in de leeftijd van 18 tot en met 34 jaar. Dit kan in 2012 tot 24.144 euro. Maar dan moet er wel een aangifte schenkbelasting worden ingediend waarin een beroep wordt gedaan op deze vrijstelling.

2013 vrijgestelde bedrag in box 3. Het totale belastingvoordeel kan daardoor oplopen tot 1,9%. Hiervoor is het nodig dat u deze fondsen op 1 januari 2013 (peildatum) in bezit hebt. Andere beleggingsfondsen waarvoor deze voordelen in 2012 nog gelden, raken deze per 2013 kwijt. Eenmalig extra verhoogde vrijstelling: Wilt u een eigen huis (hoofdverblijf) schenken aan uw kind in deze leeftijdscategorie? Of wilt u hem/ haar helpen met de aankoop, onderhoud of verbetering van het huis of de aflossing van de eigenwoningschuld? Dan kunt u daarboven in 2012 nog eenmalig een bedrag van 26.156 euro belastingvrij schenken. In plaats daarvan kan deze verhoogde vrijstelling ook worden gebruikt als u uw kind een dure studie laat doen die minimaal 20.000 euro (exclusief levensonderhoud) per jaar kost. Voor deze vrijstelling moet een aangifte schenkbelasting worden ingediend waarin een beroep wordt gedaan op deze extra verhoogde vrijstelling. Alleen voor de schenking voor de studie moet de notaris een akte opstellen. Beleggen in groenfondsen: Als u vóór 2013 gaat beleggen in groenfondsen kunt u in 2013 profiteren van belastingvoordelen. Tot een maximum van 56.420 euro per persoon is de waarde van groene beleggingsfondsen namelijk vrijgesteld in box 3. Een voordeel van 1,2%. Daarnaast geldt hiervoor een heffingskorting van 0,7% over het op 1 januari

Dividenduitkering uitstellen: Als uw eigen BV of VBI (vrijgestelde beleggingsinstelling) wacht met het doen van een dividenduitkering aan u tot 2 januari 2013 kunt u 1,2% inkomstenbelasting besparen. Het netto dividend behoort dan namelijk nog niet tot uw vermogen in box 3 op de peildatum 1 januari 2013. Levensloopregeling afwikkelen of voortzetten?: Als u een levenslooprekening/-verzekering hebt, kunt u in 2013 gebruikmaken van de mogelijkheid om het saldo van deze rekening dan wel verzekering geheel op te nemen en deze te laten opheffen. Dan wordt 80% van de waarde van het tegoed op 31 december 2011 belast met inkomstenbelasting. Daarnaast moet u over de hele opgebouwde aanspraak die u in 2012 hebt opgebouwd inkomstenbelasting betalen. Als het bedrag op 31 december 2011 3.000 euro of hoger was, kunt u ook overwegen uw levenslooprekening/-verzekering voort te zetten en/of verder te sparen tot en met 2021 en bedragen belast en bestedingsvrij op te nemen. Ellen Bossink kantoordirecteur ABN AMRO MeesPierson Den Haag

Oprichter Dierenambulance overleden Eric Louwrier, de oprichter en oud-directeur van Stichting Dierenhospitaal en Ambulancedienst Den Haag e.o. is afgelopen weekeinde op 69-jarige leeftijd plotseling overleden aan een hartstilstand. Louwrier richtte de stichting, die bij het publiek bekendheid geniet als ‘Dierenambulance Den Haag’, op in 1972. Kort tevoren was hij gestopt als stuurman op de grote vaart. Louwrier nam destijds het initiatief tot de Dierenambulance, nadat hijzelf getuige was geweest van een ongeval met een dier waarbij geen adequate hulp voor handen was. Dit greep hem zo aan dat hij daar zelf verandering in besloot te brengen. In het begin werkte hij vanuit zijn huis in Nootdorp, met één oude auto en beperkte opvangmogelijkheden tot zijn beschikking. Dankzij de steun van donateurs kon het werk voor dieren in nood

worden uitgebreid. Zijn activiteiten kwamen in 1985 in een stroomversnelling terecht toen hij zijn werkterrein van Nootdorp naar de Zijdeweg in Wassenaar kon verplaatsen. De organisatie groeide echter zo snel dat na vijf jaar de beschikbare ruimte daar alweer te klein was. Met overheidssteun kon in 1993 de bouw beginnen van een geheel nieuw complex op Landgoed Oosterbeek aan de Benoordenhoutseweg. Een mooi onderkomen dat op een efficiënte manier ruimte bood aan een hospitaal annex asiel, een dierenartsruimte, kennels, een quarantaineafdeling, stallen, weilanden voor huisvesting van buitendieren en ruimten waarin vogels onderdak vonden. Eric Louwrier zelf ging in 2008 met pensioen. Hij had zich toen 36 jaar voor het dierenwelzijn ingezet.

Eric Louwrier. > Foto: Jos van Leeuwen

Albright schrijft dat je op de achtergrond ‘the rolling thunder of the German tanks’ kon horen. Lange tijd was Tsjecho-Slowakije een toevluchtsoord voor intellectuelen en kunstenaars. Het land lag er open en bloot bij in het hart van Europa. Steeds meer als een getroffen dier omsingeld door roofdieren als fascistisch Hitler-Duitsland en de Sovjet-Unie van Stalin. De democratie Tsjecho-Slowakije met z’n hoogwaardige industrie, vruchtbare landbouwgronden en rijkdom aan grondstoffen was een onweerstaanbare prooi voor de hongerigen naar nog meer macht. In de slappe geest van

München hadden westerse partners als Engeland en Frankrijk wel hulp beloofd bij agressie maar uiteindelijk gingen zij en Tsjecho-Slowakije onder in een zee van passiviteit. Met de internationale trein reisde kleine Madeleine helemaal naar Griekenland om daarvandaan met haar diplomatengezin naar Engeland te vluchten. Daar hoorde de Tsjechische regering in ballingschap de vreselijke verhalen van het dorpje Lidice waar alle mannen op een dag door de nazi’s werden vermoord, de vrouwen naar concentratiekampen werden gestuurd en de losgerukte kinderen als ‘cadeautjes’ werden weggegeven aan nationaal-socialistische en dus ‘betrouwbare’, raszuivere gezinnen. Uiteindelijk belandde Albright in Amerika en werd ze zelfs minister van Buitenlandse Zaken. Afgelopen dinsdag was ze even in Den Haag in een bomvol theater Diligentia. Madeleine is warm, wijs en uiterst kordaat. Wij hangen aan haar lippen. Zij noemt de 20e eeuw de bloedigste uit de geschiedenis. “Leren

Winterkuisen

Je krijgt een ‘ollander’ in december echt de tuin niet meer in. Wij verkeren qua wintertuinieren nog steeds in het tijdsgewricht van het ‘winterklaar’ maken. Zodra de propere plastic hoes over de teakhouten tuinset is gevouwen, is het genoeg. Na het winterkuisen geven we de brui aan de tuin. We hebben gedweild tot er geen blaadje meer dwarrelde, gezwabberd tot er geen twijgje meer overeind stond. Uitgebloeide bloemstengels en rijpe zaaddozen liggen in de gft-container, struikjes zijn bruusk afgesneden tot zo’n tien centimeter boven de grond. Maar eigenlijk hadden we veel liever

Ze zitten op hun fijne veranda en kijken hoe de spreeuwen de laatste druifjes opsnoepen nog de hele tuin om willen spitten tot er alleen nog maar ‘zwarte grond’ te zien zou zijn. Biologisch gezien is dat allemaal tamelijk maf. Immers, als je de natuur de vrije loop laat dan dienen die uitgebloeide bloemen en rottende bladeren als voeding voor wat er komend voorjaar allemaal weer kan groeien en bloeien. Een excellent proces dus. Maar daar doen wij niet aan. Nee, dan de buren in de onderste helft van Europa, vanaf ten zuiden van Stramproy, zeg maar. Misschien komt het door de ‘joie de vivre’ in

hun dna, het ‘morgen is er nog een dag’. Wanneer de buren de wintertuin induiken zijn ze niet aan het hakselen en bladblazen of andersoortig knetteren, nee, ze zijn daar voor hun plezier. Natuurlijk halen ze ook de uitgebloeide dahlia’s naar binnen, maar verder doen ze lekker niks. Ze zitten op hun fijne veranda en kijken hoe de spreeuwen de laatste druifjes opsnoepen. Hoe de wind met de bladeren speelt. Hoe de verdroogde bloemschermen staan te wiegen. Hoe de laatste hommel op het allerlaatste bloemetje landt. Ondertussen wordt er een stammetje op het knus knapperende vuurtje in de royale tuinkachel gelegd. Maar het is niet alleen maar jouïsseren, er is ook een plan. Men raapt nog iets en kuilt wat in. Toelichting: men graaft een gat, gooit er wat stro in en legt daar de laatste oogst winterpeen, aardappelen, knolraap, knolselderij, bieten, mierikswortelen, pastinaken en rammenas op. De boel wordt afgedekt met zo’n 20 centimeter aarde. Daar bovenop wordt lupine, gele mosterd of bladrammenas gezaaid, prima groenbemesters die je niet oogst, maar in het voorjaar gewoon onderschoffelt. Fijn een beetje prutsen in de decemberkou. Onthaasten. Lanterfanten. Hier in Holland kunnen we dat niet. De tuin is immers al winterklaar. Wij zitten binnen. Lezen tuinboeken. En wachten op het voorjaar. Wendy Hendriksen >Meer columns en een boek op www.wendyhendriksen.nl

internationaal

Albright als ‘moeder’ van internationaal Den Haag Zij was even in Den Haag. Op uitnodiging van goede vriend Jozias van Aartsen. De twee waren rond de eeuwwisseling minister van Buitenlandse Zaken. Het moet voor deze indrukwekkende Madeleine als thuis komen zijn geweest. In haar recente boek ‘Praagse Winter’ schrijft zij openhartig over haar leven ‘on the move’. We zien haar als tweejarig kind op een volgepakt perron op het centrale treinstation in Praag. Duizenden zwaaien hun dierbaren uit als de Orient Expres zich in beweging zet. Vluchtelingen die als laatsten ontsnappen uit hun gerespecteerde land van vrede en recht.

wij dan nooit als mensheid ‘Madame Secretary’? Je zou er pessimistisch van worden”. Albright repliceert meteen. In haar betoog wijst zij op de hoop die er altijd is. Zij wijst op het grote goed van de Haagse tribunalen waar zij als één van de eersten een groot voorstander van was. “Als een soort revanche werden de Sudeten-Duitsers die in Tsjecho-Slowakije soms al generaties woonden, teruggedeporteerd naar Duitsland. Dat was moreel onjuist. De rechtbanken, de tribunalen toen, gingen uit van collectieve schuld. Dat bestaat niet. Onrechtvaardig. De

Steeds meer als een getroffen dier omsingeld door roofdieren als fascistisch Duitsland

Haagse tribunalen roepen oorlogsmisdadigers individueel ter verantwoording. Zo hoort het en daar ben ik trots op. Een echte, hoopvolle vooruitgang!” En en passant wijst zij nog even op het belang van individuele leiders. Dat had het verschil kunnen maken: de Britse ‘appeasement premier’ Neville Chamberlain die vertrouwde op ‘Herr Hitler’, of de moedige Winston Churchill. Madeleine geeft het toe: Den Haag is haar ‘city of peace and justice’. Zij is de voorzitter van de adviesraad van het ‘The Hague Institute for Global Justice’. Luisteren naar Albright werkt verslavend. Hadden we er daar maar meer van, bedenk ik me. Wijsheid en charisma. Trots op de ‘rule of law’. Albright is ‘met recht’ de moeder van het moderne internationale Den Haag. Dinsdag droeg zij dan ook één van haar befaamde broches, te weten een grote vredesduif. ‘It says it all!’. Willem Post


23

society<

Vrijdag 30 november 2012 > Den Haag Centraal

vilan, renate & de residentie

Wij zijn beautiful people Nauwelijks hadden we de mode-bijlage van vorige week uit, of de uitnodiging voor het grote openingsfeest arriveerde. Een fashion-borrel in gallery store Le Magasin de la Mode. Zo stond dat erin. Engels en Frans vrolijk door elkaar. Origineel, dat moet je wezen. We telden de uren af eer het begon. Van de weeromstuit waren we weer de eersten ter plekke, wat tot voordeel had dat de andere gasten goed te bestuderen waren. Maar eerst: waar waren we precies? In een ‘pop-up modewarenhuis’. Dat is een tijdelijke winkel, die niks te maken heeft met kinderboeken waarvan de pagina’s op-poppen. Deze winkel lag tussen Lush en C&A in geklemd. Een grote ruimte, waarin kledingrekken stonden en vitrines hingen, deze laatste aan het plafond bevestigd. In het midden stond een soort bar, waarin we de kassa aanwezig dachten. Daar zouden later op de avond wat sushi worden neergezet, als verrijking van de schaaltjes rauwkost. Er waren ook kaasstengels, die het evenwel niet haalden bij de kwaliteitsstengels van de Kunstkring. Achterin de ruimte lagen plastic tassen op de grond, dat waren de goodiebags. Alles maakte een even goedkope als artistieke indruk, behalve de kleding dan. Een wit pak kostte zo’n kleine vierhonderd euro. Een crème jurk met wat glitter, geïnspireerd op de garderobe van Nijntje, deed ruim honderd. Om de kleding ging het op de fashion-borrel natuurlijk niet. Wel om de mensen. De beautiful people, welteverstaan. We kunnen naar tevredenheid melden, dat aan alle verwachtingen werd voldaan. Er arriveerden jongens en meisjes die met een cameraatje overal foto’s van maakten, zodat ze volmaakt voldeden aan het beeld van de jonge modeblogger. Een eervolle vermelding verdient hier de jonge Japanse androgyne verschijning, die met een schooltas in de hand zich decoratief wist op te stellen, met daarbij een schuwe oogopslag. Daarnaast zagen we enkele forty something mannen, kaal met bril, of hip geruit pak met puntige schoenen. De vrouwen waren veelal blond en gekleed in een zwarte tuniek. Er waren excentriekelingen, die buiten het Magasin ongetwijfeld werden nagescholden, maar die binnen doorgingen voor modieus. Hier en daar poseerde een meisje met bestudeerde verveeldheid, in de hoop ontdekt te worden, alleen was niet geheel duidelijk door wie. Iedereen was er voor zichzelf. U heeft nu een beeld van het Magasin. En van de mensen die het Magasin vulden. Voor de compleetheid doen we er geluid bij: opgewekte achtergrondmuziek en een steeds luider wordend gezoem van stemmen. ‘Hé, jij ook hier!’ ‘Wat enig!’ ‘Wat zie je er goed uit!’ Met kleine variaties op deze drie zinnen verliep het eerste uur. De gehele fashion-borrel had gemakkelijk op dezelfde wijze verder kunnen gaan, want beautiful people hebben hieraan genoeg, ware het niet dat er toespraken gehouden moesten worden. Het mooie van toespraken is, dat niemand ernaar hoeft te luisteren. Dat schept altijd een band en ook deze keer was dat zo. Er werden blikken

Die letters op de neus en het voorhoofd van Ellen Burke staan er niet altijd. >Foto's: Otto Snoek

Modebloggers alom.

Gelukkig hing er ook wat confectie in de uitverkooprekken.

van verstandhouding gewisseld. Degenen die het verst van de toespraak stonden, begonnen een zacht geroezemoes te verspreiden. De jonge Japanse persoonlijkheid begon voorzichtig te integreren. Er werd een filmpje vertoond. Daarna kwam er weer een toespraak, waarvan we woorden opvingen als ‘uitleggen’ en ‘toelichten’. Zo onmodieus. Daarom wilden we weg. Bij de uitgang werden de goodiebags voor ons

gehaald. Door het raam zagen we de Japanse verschijning op straat staan roken en lachen. Het hele mysterie was weg, droevig genoeg. In de tas vonden we veel oud papier bestaande uit folders en tijdschriften, een oudpaarse nagellak met oogschaduwdoosje, iets dat we moeten gebruiken als haarlak of superlijm en een gloednieuwe editie van onze krant, met de superieure bijlage. De cirkel was rond. Vilan van de Loo

Modieuze oorwarmers voor de koude dagen.


De zekerheid van uitvaartsparen

met het depositofonds van Ad Patres uitvaartondernemingen

Voorletters:

Steeds meer mensen kiezen ervoor om te sparen voor hun uitvaart. Dit in plaats van een uitvaartverzekering, omdat depositosparen diverse voordelen biedt:

Wilt u meer informatie? Vul dan onderstaande gegevens in en wij nemen, geheel vrijblijvend, contact met u op.

Achternaam:

 Vrijheid bij de opbouw van uw uitvaartkapitaal;  U kunt zodoende uw uitvaart zelf samenstellen;   Een hoog rendement op uw spaargeld; 

Adres:

Depositosparen bij Ad Patres uitvaartondernemingen biedt u zekerheid, zodat uw nabestaanden straks alleen bij u stil hoeven te staan.

Stuur deze coupon zonder postzegel naar Ad Patres uitvaartondernemingen, Antwoordnummer 891, 2501 WK Den Haag.

Postcode:

Woonplaats:

Telefoon:

E-mail:


dhc-290