Page 1

werkt

KWARTAALMAGAZINE OVER WONEN, LEVEN, GROEIEN

NR 13 | JUNI | 2011

Wijkaanpak

Jeroen Slot (gemeente Amsterdam)

‘Veel middeninkomens hebben last van de nieuwe EU-regel’

Scherpere keuzes maken New Harloheim

Prijsvraag van Ymere en NAi


voorwoord

Flexibel B

oze actievoerders in de hal bij Ymere! Dat komt zelden of nooit voor. Op 4 mei was het zover. Een groep huurders trok die dag per bus langs zes Amsterdamse woningcorporaties om te protesteren tegen het plan van minister Donner om per 1 juli 25 basispunten extra toe te kennen aan sociale huurwoningen. De actievoerders voelen zich bedonnerd. Ze zijn bang voor hogere huren en willen de steun van alle corporaties om de krachten daartegen te bundelen. Daarvoor hadden ze een levensgroot contract bij zich. Of ik dat wilde tekenen! De actievoerders kregen eerst koffie. Nu staat op al onze koffiekopjes de tekst Ymere schenkt. Hilariteit: iemand meende daaruit te mogen afleiden dat wij tot een flinke tegemoetkoming bereid zijn. De werkelijkheid was anders. Na een boeiend debat in de hal tekende de voorman van de actievoerders het contract wel, maar ik niet. Waarom niet? Allereerst dit: ik begrijp de zorgen van de huurders. Sterker, ik deel ze. Maar mijn analyse van het probleem is anders. Het is een feit dat sommige locaties meer gewild zijn dan andere. Daarmee is een hogere huur gerechtvaardigd. Ymere is die mening al langer toegedaan. Wie in de Jordaan wil wonen, zei ik in de hal, zal bereid moeten zijn daarvoor een hogere prijs te betalen. Ook voor een sociale huurwoning. (Velen zijn daartoe overigens al bereid: onlangs nog zijn drie studenten uit hun illegaal onderverhuurde sociale huurwoning in de Jordaan gezet. Ze betaalden elk een veelvoud van de huur.) Als die 25 extra basispunten eraan kunnen bijdragen dat we regionale verschillen tot uitdrukking kunnen brengen in de huurprijs, en daarmee een beter functionerende woningmarkt kunnen bereiken, dan ben ik ervóór. Uiteraard streven wij naar gemengde wijken en willen we dus ook dat er betaalbare sociale huurwoningen blijven in de Jordaan – en in andere populaire wijken in alle steden waar wij actief zijn. Natuurlijk werken we daarbij nauw samen met de gemeente en anderen. Wij blijven opkomen voor kwetsbare groepen. Daartoe behoren tegenwoordig ook de huishoudens met een middeninkomen die niet meer in aanmerking komen voor een sociale huurwoning. (Voor deze groep komen we met het Woonticket middeninkomens, een voorrangsregeling. In deze Ymere werkt kunt u erover lezen.) Ymere blijft zorgen voor een goede, betaalbare woningvoorraad. We gaan dus niet alle huren zomaar verhogen, en we gaan die extra basispunten dus ook niet overal berekenen. Maar wie een beter functionerende woningmarkt ambieert, en dat willen wij net zo goed als de actievoerders, ontkomt niet aan flexibele huren. Het zal een zoektocht zijn hoe dat precies moet, maar we moeten die zoektocht wel ondernemen. Roel Steenbeek

2 | JUNI | 2011

“Ik begrijp de zorgen van de huurders”


inhoud Midden­ inkomens Ymere helpt slachtoffers van nieuwe Europese regelgeving met een Woonticket Middeninkomens.

08

New Harloheim Ymere NAi prijsvraag pakt ‘verrommeld gebied’ aan.

24

Fusie

En verder…

Door de fusie met Goed Wonen kan Ymere verder investeren in het wonen in de noordflank van de metropoolregio.

04 Mijn wereld

14

18 De zachte atlas

De Tribune 13 Podium

Express Your Best Jan Rothuizen kijkt rond in Koedijk 20 Visitatie

Meer ruimte voor risico’s

27 Werk in uitvoering

Trainees Ymere stimuleert talent­ ontwikkeling. Een dag op reportage met twee tijde­ lijke medewerkers.

De Delft Hoog en Laag 32 Wijkaanpak

Minder doen, meer bereiken 35 Wie is waar

28

Betere Buurtprijs

Coverfoto Jeroen Slot van de dienst Onderzoek en Statistiek van de gemeente Amsterdam. werkt | 3


mijn wereld

De Tribune

“I

k had me op alles voorbereid, maar wat ik kreeg, was mooi­ er dan ik kon dromen. Met een eigen badkamer en keuken en zelfs een zonnig balkonnetje. Ideaal! Bovendien zit ik niet ergens driehoog achter weggestopt, maar heb ik gezellig contact met andere studenten.” De 21­jarige Jennifer van Gils kwam van Dordrecht naar Amsterdam om daar de horecaopleiding van het ROC te volgen. Ze woont sinds begin maart in het

4 | JUNI | 2011

eerste Amsterdamse studentencomplex voor MBO’ers. “Ontzettend goed dat er ook iets voor deze groep is. Al zitten we niet op de universiteit, wij werken ook keihard aan onze toekomst.” Jennifer weet van aanpakken. Naast haar voltijd­ studie werkt ze drie dagen in de week als serveerster in een eetcafé aan de PC Hooftstraat. “Later zo’n bedrijf voor mezelf, dat is mijn droom.” Bijzonder is de financiële bijdrage die de MBO’ers krijgen voor zelfbeheer – het

schoon, veilig en gezellig houden van het complex. In De Tribune, aan de Laan van Spartaan, komen naast het complex met 67 studentenwoningen ook nog zorgwoningen, woningen voor 140 studerende topsporters en sport­ faciliteiten. Er vlakbij komt een nieuwe vestiging van het ROC. Laan van Spartaan wordt ontwikkeld door VOF De Stadstuinen, een samen­ werking tussen Ymere en Bouwfonds Ontwikkeling.


werkt | 5


kort

HUUR OP MAAT werkt

Wat Een audiotour met negen sfeerreportages waarin bewoners, onder­ nemers en professionals hun ervaringen delen over de Marathonbuurt in Amster­ dam­Zuid. Waar Startpunt van de tour is de hoek Herculesstraat/Olympiaplein. Waarom De audiotour nodigt buurtbewo­ ners uit om door de wijk te wandelen en naar de verschillende verhalen te luisteren. Verhalen van buurtbewoners laten een buurt immers leven en verhogen de be­ trokkenheid bij de eigen woonomgeving. Meer informatie De audiotour Luister naar de Marathonbuurt is kosteloos te downloaden op www.woneninolympia.nl/buurt

6 | JUNI | 2011

Huur op Maat maakt meer sociale huurwoningen bereikbaar voor huurders met een laag inkomen, zonder dat het bij hogere inkomens tot ‘scheefwonen’ leidt. Dat blijkt uit onderzoek van de Stuurgroep Experimenten Volkshuisvesting (SEV) naar de effecten van dit experiment. Bij Huur op Maat wordt, afhankelijk van de hoogte van het inkomen, vastge­ steld of de corporatie een huurder huurkorting geeft. Wie een hoog inkomen heeft, betaalt de ‘markthuur’, wie een laag inkomen heeft, krijgt een huurkor­ ting en komt in aanmerking voor een huurtoeslag. Ymere heeft in Almere 850 woningen gelabeld voor Huur op Maat. Het draag­ vlak onder huurders voor het driejarige experiment is groot: bijna tachtig pro­ cent vindt het rechtvaardig dat de korting jaarlijks wordt aangepast aan het inkomen. De SEV biedt de minister nog voor de zomer een advies aan over een eventueel vervolg op dit experiment.

Op weg naar een Betere Buurt Ymere reikt in Amsterdam, Almere, Haarlem en Haarlemmermeer geldprijzen uit aan huurders met de beste ideeën voor een betere buurt. Ruim twintig winnaars mogen hun idee zelf uitvoeren met praktische en finan­ ciële hulp van Ymere. Met de Betere Buurtprijs werkt Ymere samen met bewoners aan de leefbaar­ heid van hun buurt. In december 2010 riep Ymere 75.000 huurders op om ideeën in te sturen. Dat leverde de corporatie eind januari 552 plannen op. Meer weten? Kijk op www.opwegnaareenbeterebuurt.nl of blader naar de rubriek Wie is waar op pagina 35.

Elektrische muur­ verwarming Het is milieuvriendelijk, betaalbaar en comfortabel. Dat is de conclusie na een proef met elektronische muur­ verwarming in een huurwoning van Ymere in Amsterdam­ Noord. De muren van deze wo­ ning werden gedurende de proef verwarmd door matten van polymeer. Slimme bewe­ gingssensoren in alle ruimtes stelden het systeem in werking alleen daar waar iemand aan­ wezig was. De proef is zo goed bevallen, dat Ymere de moge­ lijkheden voor verdere toepas­ sing van muurverwarming gaat onderzoeken.


Een Blok Stad NIEUWE CAMPAGNE 2011

Een Blok Stad is een concept dat Ymere en ERA Contour aanbieden aan kopers van gerenoveerde woningen aan de Marnixkade, de Javastraat, de Balistraat en de Tugelawegblokken in Amsterdam. Het biedt ondernemende en creatieve kopers de kans om een volledig gerenoveerde cascowoning naar eigen smaak en wens in te delen en intern af te bouwen. De voordelen voor de koper zijn een lagere instapprijs, maximale flexibiliteit en een volledig gerenoveerd casco bij aankoop. De belangstelling voor het concept is groot. Voor het project Marnixkade, dat al van start is gegaan, hadden zich vooraf meer dan 700 belang­ stellenden aangemeld.

De nieuwe corporate campagne van Ymere gaat van start. Net als voorgaande jaren ken­ merken de uitingen zich door prikkelende uitspra­ ken en opvallende foto­ grafie. Van juni tot oktober staan de advertenties in verschillende dag­ en vak­ bladen. Nieuwsgierig? Kijk dan op de achterzijde van deze Ymere werkt.

Woonlocatie voor jong-dementerenden De Beusemaecker in AmsterdamGeuzenveld is de eerste kleinschalige woonvoorziening in Nederland voor mensen met vroegtijdige dementie. Het complex biedt plaats aan 48 bewo­ ners, die elk hun eigen kamer hebben en de woonkamer en keuken met elkaar de­ len. De voorziening is een gezamenlijk initi­ atief van Amsta en Ymere en is inmiddels officieel geopend door burgemeester Van der Laan. In De Beusemaecker heeft Ymere daarnaast ook 56 vrijesectorhuur­ woningen voor senioren gerealiseerd. werkt | 7


woonticket middeninkomens

Hulp voor midden­ inkomens

Nieuwe Europese regelgeving pakt ongunstig uit voor huis­ houdens met een midden­ inkomen. Ymere komt hen te hulp met een Woonticket.

M WOONTICKET IN HET KORT De Europese regels voor het huren van een woning zijn strenger geworden. Huishoudens met een inkomen boven de 33.614 euro komen niet langer in aanmerking voor een sociale huurwoning. Om deze groep tegemoet te komen heeft Ymere het Woonticket Middeninkomens in het leven geroepen. Dit is bedoeld voor mensen met een bruto jaarinkomen tussen de 33.614 en 43.000 euro. Zij krijgen een voorrangspositie voor woningen met een huurprijs tussen 652 en 950 euro en koop­ woningen tussen de 75.000 en 250.000 euro.

8 | JUNI | 2011

ensen met een middeninkomen hebben een lastige positie op de Amsterdamse woningmarkt. Ze verdienen te veel om in aanmerking te komen voor een sociale huurwoning en te weinig voor een hypotheek boven de 170.000 euro. Corporaties boden de afgelopen jaren soelaas door corporatiewoningen te verkopen. “In tien jaar tijd zijn veel woningen op deze manier aan die doelgroep verkocht”, zegt Jeroen Frissen, manager Advies & Innovatie bij Ymere. “Aanvankelijk liepen we tegen een taboe aan: sociale huurwoningen verkocht je niet. Later werd het een dankbaar instrument om de middeninkomens bij hun woonwensen te ondersteunen.”

Woonwaardering Maar niet iedere huurder wíl ook kopen. Nu sociale huur buiten hun bereik ligt, is de groep huurders met een middeninkomen aangewezen op duurdere woningen in de vrijesector. Commerciële


wie zoek wat? t

Vrou w (25 ) woon situa tie: b Osdo ij oud rp ers in jaarin kom en: 3 opleid 9 .000 ing: M euro bero BO ep zoek : ambten aar t: een mins eeng te ez tuin in ns drie ka inswonin g me mers A m t s e telve Halfw en, A n een gro eg mste te buur rdam tw of bij ee ensen: k nuss n win e buu kelce open rt, ntr ba prijsk ar vervoe um, groe dicht n en r lasse : 700 ­800 euro

Jeroen Frissen

“Om echt iets te veranderen moeten we over dogma’s heen stappen”

werkt | 9


woonticket middeninkomens

wie zoekt wat?

en 42 jaar), Getrouwd stel (40 kind n thuiswonend éé s, er ien rd tweeve rpark isonnette in Weste woonsituatie: ma ro eu 0 .00 rinkomen: 42 gezamenlijk jaa opleiding: VMBO beroep: DTP’er ing den­ of bovenwon zoekt: een bene ine tuin kle of n lko ba , met ruim terras lveen, kamers in Amste met minimaal drie , en arlem, Diem Badhoevedorp, Ha nd ere rm Pu of eg Halfw tie urt met veel varia buurtwensen: bu en en gro bij ht en dic in de bebouwing recreatie 700 euro prijsklasse: 650­

aanbieders bieden deze woningen vrijwel niet aan onder de 1.000 euro per maand. Woningcorporaties hebben wel woningen in een lagere prijsklasse. Om die woningen ook echt voor de middeninkomens te reserveren, heeft Ymere het Woonticket ontwikkeld. Dit geeft de doelgroep een voorrangspositie als er woningen vrijkomen met een huur tussen de 652 en 950 euro. Met nadruk op áls, want het aanbod in die huurprijsklasse is beperkt. Daar is wel wat aan te doen, zegt Frissen, die daarmee een gevoelig punt aansnijdt. Veel sociale huurwoningen worden nu te laag geprijsd, onder andere vanwege het huidige woonwaarderingsstelsel, dat vooral is gebaseerd op vierkante meters. Volgens Frissen is het veranderen van dit stelsel de cruciale factor. “De grens van een sociale huurwoning, 143 punten, is gebaseerd op vierkante meters”, legt hij uit. “Dat betekent dat een kleine woning in een aantrekkelijke buurt in Amsterdam een sociale huurwoning is. Het zou begrijpelijk zijn als je deze woningen prijst op basis van de waarde die bewoners eraan geven, bijvoorbeeld vanwege de locatie. In een hogere huurklasse worden ze toegankelijk voor bijvoorbeeld een echtpaar zonder kinderen met een middeninkomen.” Een woning in De Bijlmer kan op deze manier goedkoper worden, een woning in een gewilde buurt iets duurder. “Het stelt ons in staat om in gebieden

10 | JUNI | 2011


MIDDENINKOMENS IN KAART Een wijkagent, een beginnende lerares, een kok in een restaurant. Met hun salaris vallen zij onder de noemer middeninkomens. Een doelgroep die bij nadere bestudering zeer divers blijkt. Jeroen Slot, hoofd onderzoek en beleidsinformatie van de dienst Onderzoek en statistiek van de gemeente Amsterdam, brengt deze groep Amsterdammers in kaart.

Hoe groot is deze groep? “Ongeveer 13 tot 17 procent van alle huishoudens in Amsterdam heeft een bruto inkomen in de categorie 33.000 tot 50.000 euro. Dat zijn zo’n 50.000 tot 60.000 huishoudens.” Hoe ziet die groep eruit? “Binnen deze inkomensgroep bestaan grote verschillen, net zoals in de rest van Amsterdam. Starters en gepensio­ neerden, oud en jong, mensen zonder en met kans op stij­ ging van inkomen, met en zonder kinderen. Je kunt denken aan beroepen als leraar, politieagent, lerares, verpleegkun­ dige of zzp’er.” Heeft de maatregel veel impact op de middeninkomens? “Ongeveer een derde deel van de middeninkomens kan ne­ gatieve gevolgen ondervinden van de nieuwe EU­regel. Dit zijn gezinnen met kinderen die nu in een corporatiewoning wonen en echt op zoek zijn naar een andere woning. Deze mensen zijn vaak al wat ouder, waardoor inkomensgroei in het huishouden op korte termijn nauwelijks aan de orde is.”

Jeroen Slot

“We hebben niets aan mensen die weer snel vertrekken”

Hoe groot is het probleem van de woonsituatie van middeninkomens? “Het probleem van de stad Amsterdam is het tekort aan kwalitatief goede, betaalbare woningen voor starters en nieuwkomers op de arbeidsmarkt. Als stad willen we nieuw­ komers aantrekken en vasthouden. Dat is belangrijk voor onze economie en het draagvlak voor voorzieningen. We hebben niets aan mensen die weer snel vertrekken.” Wat is volgens u de oplossing? “In Amsterdam moeten meer kwalitatief goede, niet te dure huur­ en koopwoningen komen. Er is de afgelopen jaren al veel gebouwd, maar het is nog onvoldoende. Voor de mid­ deninkomens zijn daardoor onvoldoende alternatieven. Scheefwoners willen wel weg, maar kunnen niet. Dit kunnen we op gang brengen door meer smaken aan te brengen in de stad, meer te differentiëren in huur­ en koopprijzen.”

werkt | 11


woonticket middeninkomens

binnen de ring de woningprijzen langzaam te laten groeien. Zo komen er meer woningen beschikbaar voor de middengroepen. Het verhogen van huren leidt altijd tot kritiek, maar een stad als Amsterdam heeft voorlopig nog ruim voldoende goedkope woningen, en huishoudens met een middeninkomen verdienen ook een plek. Om echt iets te veranderen in de woningmarkt moeten we over dogma’s heen stappen.”

Almere Met een ander stelsel komen mensen met een middeninkomen meer aan hun trekken binnen de ring van Amsterdam. Dat er vraag is naar deze woningen blijkt wel uit het grote aantal mensen dat bij Ymere het Woonticket heeft aangevraagd. “We hebben duidelijk een markt aangeboord”, constateert Frissen. “Een groep mensen die bereid is iets meer te betalen, omdat een bepaalde wijk in de stad voor hen dat waard is.” Niet alle woonwensen zijn realistisch, voegt hij er direct aan toe. Grotere betaalbare huuren koopwoningen vind je nauwelijks binnen de ring.

wie zoekt wat?

12 | JUNI | 2011

“Tegen een gezin met drie kinderen en een beperkt budget dat bijvoorbeeld een woning in Oud-West wil, moeten we eerlijk zeggen: sorry, dat kan niet. Mensen moeten daarvoor echt kijken naar Almere of de Westelijke Tuinsteden. Daar vind je woningen met meer vierkante meters in de prijsklasse voor deze doelgroep.”

Missie Met het Woonticket laat Ymere zien zich behalve voor de lagere inkomensgroepen ook verantwoordelijk te voelen voor de grote groep mensen met een middeninkomen. Als regionale woningcorporatie kán ze ook iets betekenen. Frissen: “We hebben voldoende aanbod buiten de ring. We willen daarbij meer optreden in de rol van makelaar tussen vraag en aanbod en onze klanten adviseren. Dat past ook in onze missie: we zijn er voor mensen die zich moeilijk zelf kunnen redden op de woningmarkt. Oorspronkelijk waren dat mensen met een laag inkomen, maar in deze regio gaat het ook om mensen met een middeninkomen.”

Vrouw (23) ouders in woonsituatie: bij rd oo Amsterdam­N .500 euro jaarinkomen: 36 O opleiding: MB istent beroep: teamass ­ééngezins­ uw bo zoekt: nieuw kamers in woning met vier Amsterdam aal 800 euro prijsklasse: maxim

wie zoek wat t ?

Man (22) woo n De P situatie: ijp stud ente jaari nwo nkom ning ople in iding en: 36.0 00 e bero : WO u ro ep: a zoek dvoc a t Ams : tweeka at terda mera p m buur twen met da parteme k n een hipp sen: in d terras of t in e e t en o penb buurt, d binnens uin ich ta a prijs klas ar vervo t bij win d in e se: 8 kels 00­9 r 00 e uro


podium

O

nder de noe­ mer Express Your Best worden jongeren uit de Reimerswaalbuurt (Osdorp), Buurt 5 (Slotermeer) en De Punt (Osdorp) uitge­ daagd om de komen­ de maanden tal van creatieve workshops te volgen. Er worden fotografieworkshops aangeboden, er is een korte cursus radio­ maken, en wie dat wil kan een middag dj zijn of les krijgen in rappen. Ymere vindt het belangrijk dat jon­ geren hun talenten ontdekken en zichzelf ontplooien. Vandaar dat Ymere deze acti­ viteiten ondersteunt.

werkt | 13


fusie goed wonen

Steeds meer één metropoolregio

14 | JUNI | 2011


Door de fusie met Goed Wonen kan Ymere verder investeren in het wonen in de noordflank van de metropoolregio. De twee voormannen van Ymere in Noord­Kennemerland, Ton Snijders en Hans de Visser, over het verhaal achter deze fusie.

E

en metropoolregio is een netwerk van sterke steden met gevarieerde woonmilieus met veel groenruimte. Mensen reizen dagelijks binnen de metropoolregio om een optimale mix te vinden tussen wonen, werken en recreëren en de prijs die ze daarvoor kunnen en willen betalen. De zoektocht naar een woning houdt niet op bij de gemeentegrens. “Dit geldt bij uitstek voor de regio Alkmaar”, vertelt Hans de Visser, tot voor kort directeur-bestuurder van Goed Wonen en nu programmamanager Ymere locatie Noord-Kennemerland. “Al in de jaren zeventig en tachtig gold Alkmaar als een belangrijk overloopgebied voor Amsterdam, waar gezinnen die in de stad woonden in een flat drie hoog achter, zich een doorzonwoning met tuin konden veroorloven.” Ondanks de beperkte ontsluiting van de regio Alkmaar, een regio die bovendien door files wordt geplaagd, is het altijd een belangrijk overloopgebied gebleven. Niet alleen voor wonen, maar ook voor bedrijven die zich in de buurt van Amsterdam willen vestigen. De regio groeit en bloeit, in weerwil van de economische teruggang van de afgelopen jaren. “Met de aanleg van de West-Frisiaweg, die Alkmaar gaat verbinden met Zwolle en Duitsland, met de bouw van de tweede Coentunnel en met de invoering van de nieuwe NS-dienstregeling waardoor er werkt | 15


fusie goed wonen

Goed Wonen Alkmaar, 627 woningen bestaand 50 Alkmaar Centrum 575 Koedijk en Daalmeer

Stad van de Zon

627 woningen, vooral grondgebonden gezinswoningen uit de jaren ’80, waarvan: 575 in de wijken Koedijk en Daalmeer, 50 in centrum Alkmaar

Langedijk (Sint Pancras), 390 woningen bestaand

in aanbouw

326 gezinswoningen 45 appartementen

19 woningen

19 woningen in aanbouw, 371 bestaande woningen, uiteenlopend van gebouwd in de jaren ’60 tot nieuwbouw, waarvan: 326 grondgebonden gezinswoningen, 45 appartementen

Heerhugowaard, 140 woningen bestaand

in aanbouw

1 woonzorgcomplex 33 gezinswoningen 87 appartementen

19 appartementen

19 appartementen in aanbouw (na de zomer nog eens 84 grondgebonden gezinswoningen in aanbouw), 1 woonzorgcomplex met 3.000 m2 maatschappelijk vastgoed, 120 bestaande woningen, waarvan: 33 grondgebonden gezinswoningen, 87 appartementen

16 | JUNI | 2011

tussen Alkmaar en Amsterdam elke tien minuten treinen rijden, wordt dit gebied nog aantrekkelijker voor mensen en bedrijven die zich in de regio Amsterdam willen vestigen”, aldus De Visser. “Dit wordt nog eens versterkt door het ‘nieuwe werken’.” En dus raakt Alkmaar steeds hechter verbonden met de metropoolregio Amsterdam en wordt het een steeds belangrijker werkgebied voor Ymere.

In 2008 won het consortium, waarvan Ymere deel uitmaakte, al de aanbesteding van de herontwikkeling van het voormalige bedrijventerrein Overstad in hartje Alkmaar. Ton Snijders, regiodirecteur Noord-Kennemerland: ”Dus toen er een brief van Goed Wonen bij ons op de mat viel, waarin de corporatie aangaf op zoek te zijn naar een fusiepartner, was dat voor ons een logische stap.” Goed Wonen is in zes jaar tijd gegroeid van 945 naar 1200 woningen in Alkmaar, Heerhugowaard en Sint Pancras. ”En er is nog steeds behoefte aan veel nieuwe woningen. Maar wij hadden als kleine corporatie onvoldoende investeringscapaciteit voor zo’n groeiopgave. Wij vonden dat daarmee onze zelfstandigheid eindig was geworden”, legt De Visser uit. De fusie van Ymere en Goed Wonen biedt veel perspectief. Snijders: “Ymere kon wél investeringsafspraken maken met de gemeenten en heeft afgesproken om de komende jaren het aantal woningen in onze regio uit te breiden van 1.200 naar 4.000. Een belangrijke opgave ligt in Heerhugowaard. Die snelgroeiende gemeente heeft veel behoefte aan woningen en heeft – anders dan de omringende gemeenten – nog de ruimte om uit te breiden.” Aan de zuidzijde van Heerhugowaard is een bijzondere wijk in aanbouw: Stad van de Zon. Deze wijk is ingebed in een recreatiegebied en is de grootste emissieneutrale wijk ter wereld. Hier had Goed Wonen al 33 woningen en nog eens negentien in aanbouw. Na de zomer bouwt Ymere daar nog eens 84 woningen bij. Net als elders in Nederland is er ook in de Alkmaarse regio vooral schaarste aan woonruimte voor één- en tweepersoonshuishoudens. Verder spelen er dezelfde vraagstukken als in de rest van het land: hoe verduurzamen we het wonen en wat doen we met de vergrijzing en de toenemende vraag om zorg thuis? Snijders: ”We zijn nu strategische en tactische keuzes aan het maken voor de aanpak van deze vraagstukken. Wat voor ons voorop staat: we willen het niet alleen doen, maar in samenwerking met lokale en regionale


Ton Snijders

Hans de Visser

“Gemeenten en zorgen welzijnsinstellingen zijn blij met onze komst”

“We hadden als kleine corporatie onvoldoende investeringscapaciteit”

partijen, zoals andere woningcorporaties, zorgpartijen, welzijnsorganisaties en gemeenten.”

We zullen onze bewoners daarom vaak om hun mening vragen. Wat voor de huurders ook belangrijk is: Ymere heeft het KWH-label en staat dus garant voor een goede dienstverlening.” Belangrijk voor Ymere is de lokale verankering. De Visser: ”Wij behouden de locatie in NoordKennemerland dicht bij onze huurders, onze samenwerkingspartners en andere belanghouders.” Over het algemeen hebben de partijen in de regio positief gereageerd. “Gemeenten en zorg- en welzijnorganisaties zijn blij met onze komst, want met een sterke samenwerkingspartner kunnen zij ook vooruit”, vertelt Snijders. “In de loop van de fusiebesprekingen waren de andere plaatselijke woningcorporaties wel wat sceptisch; wat komt grote broer uit Amsterdam hier doen? Het is nu aan ons om te laten zien dat onze investeringskracht toegevoegde waarde heeft en dat we in onderlinge samenwerking een bijdrage kunnen leveren aan de groei en bloei van Alkmaar en omgeving.”

Op de Ymere­fiets Ymere richt zich ook nadrukkelijker op de leefbaarheid en het perspectief van de wijken en buurten in de regio Alkmaar. De Visser: “Nou zijn het hier allemaal goede wijken, hoor. Maar Ymere vindt het belangrijk om in de wijken waar wij veel bezit hebben, óók te investeren in de woonomgeving en daarmee de leefbaarheid in de wijk voor onze huurders te vergroten. Nieuw voor deze regio is dat Ymere een fulltime consulent gebiedsbeheer in dienst heeft. Op de Ymere-fiets of in de Ymere-auto zal zij regelmatig in wijken als Koedijk en Daalmeer of in Sint Pancras te vinden zijn.” Bewoners kunnen haar aanspreken, hun wensen neerleggen, maar omgekeerd zal ze ook bewoners aanspreken.” Snijders: “In goed overleg met de bewoners willen we wijken verbeteren, zodat de wijken voor onze huurders perspectiefvol blíjven.

werkt | 17


de zachte atlas

Koedijk Beeldend kunstenaar Jan Rothuizen ontmoet beken足 de en minder bekende mensen en schetst hun leef足 wereld. Dit keer neemt hij een kijkje in Koedijk. Van Jan Rothuizen is De zachte Atlas van Amsterdam verschenen, waarin ook plattegronden zijn opgeno足 men die eerder in Ymere werkt zijn gepubliceerd. Meer informatie: www.janrothuizen.nl

18 | JUNI | 2011


werkt | 19


visitatie en wijkaanpak

20 | JUNI | 2011


PER ONGELUK SCOREN is ook gewoon raak

Paul Iske, hoogleraar Innovatie aan de Universiteit van Maastricht en ‘Chief Dialogues Officer’ van ABN AMRO, houdt ervan als mensen en organisaties buiten de gebaande paden treden. Een visitatie zou daar óók op moeten letten, vindt hij. “We moeten de strijd aangaan met risicomijdend gedrag en met het teveel aan regels.”

werkt | 21


visitatie en wijkaanpak

LEREN, INSPIREREN EN VERBETEREN Bij een visitatie kijken externe deskundigen kritisch naar de prestaties van een organisatie en de resul­ taten van beleid. Dat geeft inzicht, maar visitatie­ resultaten mogen niet worden verabsoluteerd, vindt René Scherpenisse. Hij is lid van de visitatiecom­ missie die half mei het langverwachte rapport over de wijkaanpak naar buiten bracht. “Ons rapport ligt na pas drie jaar wijkaanpak op tafel. Als je bedenkt dat die aanpak nog jaren zal doorgaan, moet je nu geen harde resultaten willen zien. Het is in dit stadium ook nog niet mogelijk om resultaten precies te koppelen aan doelen”, zegt Scherpenisse. “Het gaat nu vooral om leren, inspire­ ren en verbeteren. We kijken naar goede en minder goede voorbeelden, en trekken daar lering uit. We moedigen ontwikkelingen aan en stellen kriti­ sche vragen.” Uit de visitatie van Ymere kwam naar voren dat Ymere soms min of meer ‘per ongeluk’ scoort bij de wijkaanpak. Er wordt iets in gang gezet, met een bepaald doel, maar dat leidt vervolgens tot een an­ der – onvoorzien – positief effect. Hoe gaat een visi­ tatiecommissie daarmee om? Scherpenisse: “We zien dat veel van die zogenoemde bijvangsten wor­ den gedaan. Die tellen voor ons net zo goed mee. Al was het maar omdat de relatie tussen inspanning en effect in de wijkaanpak niet zo duidelijk is. Er zijn geen enkelvoudige oorzaak­gevolgrelaties, hoe graag we dat misschien ook zouden willen.” In elke aanpak zitten volgens Scherpenisse ‘werkzame stoffen’. In welke mate ze werkzaam zijn, is moeilijk te voorspellen. Dat ontslaat ons overigens niet van de plicht er zo goed mogelijk over na te denken, vindt hij. Scherpenisse zou het goed vinden als de relatie tussen input en output duidelijker wordt. “Op den duur zou je daarop zelfs moeten visiteren, maar die manier van werken is nog vers.” Daarmee zullen de ‘bijvangsten’ teruglopen, maar worden de resultaten wel beter identificeerbaar.

22 | JUNI | 2011

P

aul Iske is een van de initiatiefnemers van Het Instituut voor Briljante mislukkingen. Dit instituut wil met een website (www.briljantemislukkingen.nl), interactieve workshops en roadshows een positieve houding ten opzichte van mislukkingen bevorderen. Iske houdt van uitvinders, doorzetters en ontdekkingsreizigers. Zij nemen risico (zoals Columbus, de bekendste briljante mislukkeling), ze doen ontdekkingen (Amerika), terwijl ze zochten naar iets anders (Azië). Ze scoren per ongeluk, maar zo’n doelpunt telt wel. Een visitatie onderzoekt doorgaans of een organisatie de gestelde doelen heeft bereikt. Werkt dat risicomijdend gedrag in de hand? “In het slechtste geval wel. Veel organisaties maken afspraken met hun medewerkers over de prestaties die ze moeten leveren. Vervolgens komt een visitatiecommissie die prestaties beoordelen. Het nadeel daarvan is dat mensen strategisch kunnen gaan opereren. Ze gaan hun handelen afstemmen op het realiseren van haalbare targets, niet op doelen die origineel zijn of onmogelijk lijken. Ze laten kansen liggen, omdat die simpelweg niet onder hun doelstellingen vallen. Mensen zijn nu eenmaal geneigd risico’s te beperken of te vermijden. Je ziet dat al bij de werving en selectie. Meestal wordt iemand aangenomen ‘die goed bij de organisatie past’. Terwijl je misschien juist iemand moet aannemen die dat niet doet. Een ‘rare’ man of vrouw met een originele inbreng.” Een woningcorporatie moet toch vooral een betrouw­ bare, maatschappelijk gewaardeerde prestatie leveren? Goede woningen tegen een betaalbare huur? “Klopt. Bij het primaire proces zit dan ook niemand te wachten op risico’s. Maar bij andere thema’s is dat anders. Daar is vooral durf nodig, vernieuwingsdrang. Bij de wijkaanpak bijvoorbeeld. Ja, dat brengt de kans op mislukkingen met zich mee, maar is dat erg? Ik vind van niet. Net als bij Columbus zijn dan ook verrassende ontdekkingen mogelijk. Een visitatie zou daar rekening mee moeten houden. Of sterker: daarop moeten beoordelen.


V I S I TAT I E

Waardeer alle pogingen waarin mensen hun best doen waarde te creëren, en accepteer daarbij succes én mislukking.” Doen visitatiecommissies dat? “Ik heb zo mijn twijfels. In elke grote organisatie lopen verschillende processen. Het is onzin om die allemaal op dezelfde manier te auditen, maar in de praktijk gebeurt dat vaak wel. De visitatie volgt daarin het denken van veel managers. Die vatten hun taak te smal op: ze willen alles beheersen en controleren. Ik zet me daartegen af. Het gebied waar je geen fouten mag maken, wordt daardoor onnodig opgerekt. Dat is gevaarlijk, want er is dan geen ruimte voor vernieuwing en onverwachte successen.” Waarom is die vernieuwing zo belangrijk? “Een woningcorporatie zoals Ymere opereert in een complexe werkelijkheid. Die werkelijkheid vergt de kunst van het navigeren meer dan die van het controleren. Vernieuwingsdrang en ondernemerschap zijn nodig. Grote organisaties opereren vaak nog niet zo. Er wordt vooral naar de risico’s gekeken. Maar goed risicomanagement is iets anders dan risico’s mijden. Het is snappen wat je risico’s zijn en ze op een intelligente manier toch durven nemen.” Zou het een idee zijn om organisaties zoals Ymere daarop te laten beoordelen? “Ja. Bij zo’n visitatie kun je dan beoordelen in hoeverre de organisatie adaptief is. Anders gezegd: hoe goed kan – bijvoorbeeld – een woningcorporatie inspelen op onzekerheden en veranderende omstandigheden? Hoe scherp zien ze wat er in de samenleving aan de hand is? Hoe groot is het navigerend vermogen? Hoe gaan ze om met risico’s, met gemiste kansen? Dit soort vragen zou je kunnen koppelen aan scores of indicatoren voor een visitatie. Maar dat is dan wel een ander soort visitatie. Die lijkt me zeker de moeite waard als aanvulling op de bestaande praktijk.”

In 2010 heeft een onafhankelijke KWH­visitatiecom­ missie een oordeel geveld over de maatschappelijke prestaties van Ymere. De belangrijkste conclusies: – Ymere levert in voldoende mate maatschappelijk gewaardeerde prestaties. – De belanghouders zijn redelijk tevreden over die prestaties. – De contacten met bewonersorganisaties zijn goed verankerd. – Ymere presteert naar vermogen. – Het intern toezicht is goed ontwikkeld. – Ymere kan ruim voldoende leren en zichzelf verbeteren. – De verbinding tussen visie, doelstellingen en activiteiten mag sterker. Dat brengt meer focus aan in de activiteiten en maakt duidelijker zichtbaar of doelstellingen worden gehaald. – De invloed van andere belanghouders dan bewonersorganisaties op het beleid en de activiteiten kan beter. Ymere herkent het beeld dat de visitatiecommissie schetst en is intussen al begonnen met de uitvoering van verbeteracties. Voor het volledige rapport: www.ymere.nl/visitatie

W I J K A A N PA K Ook de wijkaanpak is onderzocht door een landelijke visitatiecommissie. In mei 2011 zijn de bevindingen neergelegd in een rapport. Voor Amsterdam, een belangrijk werkterrein van Ymere, komt de commissie met een aantal adviezen. Een selectie: – Er wordt nog onvoldoende gewerkt vanuit één visie. Er is meer focus nodig in de activiteiten en een duidelijk streefbeeld: waar gaan we naartoe? – De samenwerking tussen corporaties en de gemeen­ te kan worden verbreed naar andere stakeholders. – Gemengde wijken zijn geen doel op zich. Het is beter om concentraties van kansarmoede aan te pakken. – De individuele kracht van bewoners kan beter worden benut. De visitatiecommissie stelt per gemeente een eindrapportage op. De rapporten zijn te vinden op www.kei-centrum.nl/visitatiecommissie

werkt | 23


ymere nai prijsvraag

24 | JUNI | 2011


Een identiteit voor Haarlem-Oost Ze liggen aan de oostkant van het Spaarne en lijken niet bij de stad Haarlem te horen: de Waarderpolder, de Zomerzone en Schalkwijk. Hoe laten we dit ‘verrommelde gebied’ beter aansluiten op de stad, zodat dit de positie van Haarlem in de regio ver sterkt: dat is de opdracht van de Ymere NAi prijsvraag New Harloheim.

D

e opdracht is zeer naar de smaak van Roel Steenbeek, bestuursvoorzitter van Ymere. “Haarlem-Oost is erg in beweging en moet zich herdefiniëren. Dan kun je ervoor kiezen chirurgisch allerlei plekjes te gaan bewerken, maar uiteindelijk moet er een totaalvisie aan ten grondslag liggen. Van de noordpunt Waarderpolder tot de zuidpunt Schalkwijk lijkt het nu een verrommeld gebied. Maar het bevat veel meer kwaliteit en waarden dan je ziet. De vraag is hoe we Haarlem-Oost een identiteit kunnen geven, het gebied verbinden met de rest van de stad, én hoe we Haarlem-Oost kunnen positioneren in de regio: naast Schiphol en Amsterdam. Voor die uitdaging zien overheden en gebiedontwikkelaars zich gesteld.” Hij krijgt bijval van Max van Aerschot, stadsbouwmeester van Haarlem. “De drie stadsdelen van Haarlem-Oost zijn elk sectorale wijken in een gebied dat ook nog eens wordt doorsneden door twee grote

toegangswegen. Maar dankzij deze prijsvraag staan ze integraal op de kaart.” Tegelijkertijd constateert Van Aerschot dat de financiële middelen schaars zijn en de gemeente voor indringende keuzes staat ‘die het lokale overstijgen’. “Wij zijn op zoek naar ideeën, naar visies voor Haarlem-Oost. Een prijsvraag waarbij je architecten en stedenbouwkundigen probeert te verleiden tot nadenken over het gebied, is dan een subliem idee.”

Onvergelijkbaar De ontwikkeling van Oost is meer dan een Haarlems dilemma, legt Van Aerschot uit. “Het is minimaal een vraagstuk van ruimtelijke ordening op regionaal niveau: van de metropoolregio Amsterdam. En misschien ook wel op nationaal niveau. Het gaat om tienduizenden woningen, om de bereikbaarheid van de noordwestflank van de Randstad, om groenblauwe zones.” Hij hoopt op spraakmakende toekomstvisies en dito oplossingen van prangende kwesties. “Hoe komen

werkt | 25


ymere nai prijsvraag

werknemers van multinationals vanaf Schiphol binnen tien minuten in hun riante onderkomen in de duinen? Dat zijn vragen die wij graag beantwoord zien.” De complexiteit van de opdracht gecombineerd met de vraag naar visie vraagt de inzet van multidisciplinaire teams. Minimaal drie disciplines binnen één team is dan ook een randvoorwaarde voor deelname aan New Harloheim: de architect naast de socioloog en de kunstenaar. Of de stedenbouwkundige naast de filosoof en de demograaf. Door verschillende disciplines te laten samenwerken, hoopt de jury op verrassende inzichten. De schaal van de opdracht maakt deze editie van de tweejaarlijkse prijsvraag onvergelijkbaar met eerdere prijsvragen, legt Ole Bouman van het Nederlands Architectuurinstituut uit. “Bij de vorige Ymere NAi prijsvraag Open Fort 400 vroegen we om een icoon voor de kop van de Grasweg in Amsterdam-Noord. Twee jaar eerder – in 2007 – was de prijsvraag gericht op het creëren van een kwalitatief duurzame leefomgeving voor Heesterveld in Amsterdam-Zuidoost. Maar bij New Harloheim gaat het om stadsontwikkeling, sociale en culturele infrastructuur, en om een mobiliteitsvraagstuk. Die opdracht is van een andere orde. Een goede visie voor dit gebied zal de stedelijke ontwikkeling van Haarlem versnellen.”

26 | JUNI | 2011

In de kijker Wat zijn de baten van een prijsvraag als deze? Ten eerste levert het een aantal innovatieve visies op voor Haarlem-Oost. Bouman (NAi): “Een breed scala aan talent gaat zich over de opgave buigen, en iedereen zet z’n beste beentje voor.” Bovendien kunnen jonge architecten en stedenbouwkundigen zich in de kijker spelen. “Want zelfs als een winnend ontwerp of idee niet wordt gerealiseerd, dan komen de finalisten in ieder geval in beeld bij een belangrijke woningcorporatie.” Stadsbouwmeester Van Aerschot rekent eveneens op een berg aan ideeën. “Goed ontwerpend onderzoek zal vervolgens leiden tot goede strategische besluiten”, redeneert hij. “Want uiteindelijk is het de politiek die de besluiten neemt over de visies die door de prijsvraag en andere initiatieven en onderzoeken worden gegenereerd.” De prijsvraag legt ook het NAi geen windeieren. Bouman: “Voor ons is het belangrijk te tonen dat het NAi in de hedendaagse maatschappelijke werkelijkheid staat en niet alleen bezig is met de stad van de verre toekomst of met het koesteren van bestaand erfgoed.” En wat is de winst voor Ymere? Van Aerschot: “Ymere kan laten zien dat zij het projectniveau ontstijgt en ook belang hecht aan ontwikkeling van de publieke ruimte. Dat is een pre in gesprekken met overheden.”

De opgave De prijsvraag bestaat uit twee rondes en is bestemd voor teams die uit minimaal drie verschillende disciplines zijn samengesteld. In ieder team moet ten minste één architect of stedenbouwkundige zitten. In de eerste ronde vraagt de jury om een visie op de rol van Haar­ lem­Oost in relatie tot Haarlem, en hoe deze relatie de positie van Haarlem in de metropoolregio Amsterdam kan versterken. Deze visie moet bestaan uit een essay en drie referentiebeelden. In de tweede ronde wordt bekend welke teams zijn uitgenodigd voor een tweede ronde. Hierin wordt gevraagd om de visie uit te werken in een ontwerpend onderzoek met een schriftelijke inhoudelijke toelichting, sfeer­ impressies en plannen op ver­ schillende schaalniveaus. Een onafhankelijke jury selecteert maximaal drie prijswinnaars. Deze worden in de week van 26 september bekendgemaakt. De winnende ontwerpen zijn vanaf december te zien bij het NAi.


werk in uitvoering

Wonen tussen stad en strand. Dat kan binnenkort in zes nieuwe woontorens aan de Haarlemse Delftlaan. Je fietst gemakkelijk naar het centrum van Haarlem, maar ook naar het strand en de Kennemerduinen. En moet je met de auto op pad, dan zit je zo op de A9 en de A22. Project De Delft Hoog en Laag. Wat Zes woongebouwen met in totaal 183 woningen en halfverdiepte parkeergara­ ges. Van de appartementen zijn er 123 te huur en 60 te koop.

Waar In Delftwijk in Haarlem­Noord. De nieuwbouw maakt deel uit van het herstructureringsplan ‘Delftwijk 2020’. Ontwikkelaar Ymere Architect Marge Architecten uit Rotterdam. Bijzonder De appartementen liggen aan de rand van de stad met uitzicht over weilanden en – in de verte – de duinen. Uitgangspunt van de architecten was dat de bewoners zo veel mogelijk kunnen genieten van het bijzondere vergezicht. Ze hebben de gebouwen versprin­ gend neergezet en ook op andere manieren gezorgd voor open zichtlijnen. Zo hebben veel woningen een huiskamer met een groot hoek­

raam of een balkon op de hoek, van waaruit je twee kanten op kunt kijken. De tien pent­ houses zijn voorzien van dakterrassen. Wanneer Op de plek waar de woontorens verrijzen, stonden voorheen 86 portieketage­ woningen. Die waren zo oud, dat ze in 2009 gesloopt zijn. In 2010 is gestart met de nieuw­ bouw, en de verwachting is dat de eerste appartementen in de herfst van 2011 worden opgeleverd. Medio 2013 moeten alle zes de torens af zijn. Meer informatie www.wonenindedelft.nl

werkt | 27


talentontwikkeling

Trainees van Ymere Wesley Groefsema (25) en Rick Jansen (26) zijn trainee bij Ymere. De trainees, afgestudeerden met een vastgoedkundige HBO- of academische opleiding, werken drie keer acht maanden op een van de locaties of centrale afdelingen van Ymere. We lopen een dag mee met Wesley en Rick. “Ik kom vanavond later. Ik heb een bewonersavond.”

08.15 uur Presentatie verfijnen Het wordt een lange dag. Wesley begint vandaag extra vroeg. “Ik moet nog een paar zaken in mijn presentatie verwerken. Vanavond houdt Ymere een bewonersavond in Haarlem. We gaan daar een complex opknappen. Mijn taak als projectsecretaris is het ondersteunen van de procesmanager. In het begin las ik alleen de stukken door en schoof aan bij besprekingen. Inmiddels neem ik steeds meer taken over. Ik regel een zaal en koffie voor de bewonersavond, schrijf de uitnodiging en maak nu dus ook de presentatie”, zegt Wesley. Nee, dit soort ‘organisatorische zaken’ had hij zich niet direct voorgesteld na zijn HBO-studie Bouwtechnische Bedrijfskunde. “Het hoort bij het werken voor een corporatie. Ik leer ervan. Maar ik verheug me ook op een meer bouwkundig inhoudelijke functie binnen Ymere.” 28 | JUNI | 2011


09.25 uur

Bespreking bij Rochdale

Rick stalt zijn fiets bij collega-corporatie Rochdale. Hij heeft een bespreking met iemand die veel ervaring heeft met het beheer van gebouwen. “Ymere onderzoekt de mogelijkheden voor standaardisering van haar woningcartotheek en de eventuele integratie daarvan met complexbeheerplannen. Door de fusies is de omvang van het bezit van Ymere de afgelopen jaren toegenomen en verschilt het beheer en gebruik van gebouwdata sterk per locatie. Een van mijn taken is het opstellen van een projectvoorstel voor eenvormig, efficiënt databeheer. Een andere taak is het maken van werkinstructies voor SAP, het nieuwe automatiseringssysteem van Ymere. Dit systeem sluit goed aan bij de ambitie om het gebouwbeheer te uniformeren. De meeste grote corporaties zoals Rochdale, maar ook de Alliantie en Eigen Haard, kampen door de omvang van hun bezit met het probleem van datamangement. Wij proberen door interne en externe interviews inzichtelijk te krijgen waar de bottlenecks in het informatiebeheer zitten en hiermee een kwaliteitsslag te maken”, zegt Rick. Hij studeerde, net als Wesley, Bouwtechnische Bedrijfskunde. Na zijn HBO-opleiding deed hij een Master Vastgoedkunde in Groningen.

Leerdoelen definiëren Wesley heeft een afspraak met zijn manager. Samen gaan zij zijn leerdoelen definiëren. “Dat is onderdeel van mijn Persoonlijk Ontwikkel Plan. Alle trainees hebben een ontwikkelassessment gedaan. Zo leer je jezelf en je eigen potentieel beter kennen en managen. In elk blok van acht maanden doorlopen wij een vaste cyclus van start-, functionerings-, beoordelings- en exitgesprek.”

11.25 uur

Smakelijk! Samen met collega’s van de afdeling Planning & Procesmanagement gaat Wesley lunchen bij het restaurant Magazzino. “Ha Wesley. Smakelijk.”

12.45 uur

werkt | 29


talentontwikkeling In de ‘boxring’ Rick zit achter zijn bureau. Hij neemt stukken door. “Ik ben projectleider van een nieuw op te richten Innovatieplatform binnen Ymere. FabrYque, conceptontwikkelaar en denktank van Ymere, faciliteert de oprichting. Ik vind het heel leuk om iets nieuws neer te zetten. Het doel is om praktische initiatieven op het gebied van innovatie een plek te geven in de organisatie. Daarom heb ik een brainstormbijeenkomst in de ‘boxring’ van fabrYque gepland. Maar eerst nog even mijn innovatiedocument doornemen voor ik het aan de projectgroep ga voorleggen.”

13.25 uur

14.55 uur

17.55 uur

Vraag uit Almere

Toevallige ontmoeting

Wesley krijgt een telefoontje uit Almere. Vanuit de locatie is er een vraag over de onderhoudsplanning van woningen in De Wierden. “Ik duik er morgen direct in. Is dat oké? Ik ben nu namelijk de bewonersavond voor vanavond aan het voorbereiden!”

Rick en Wesley nemen samen – “Toevallig, we komen elkaar nauwelijks tegen” – de lift naar beneden. Rick gaat naar huis, Wesley naar Haarlem. “Ik ben vanavond wat later in het café. Ik heb een bewonersavond.”

30 | JUNI | 2011


Zenuwachtig De bewonersavond begint. Gelukkig is er voldoende koffie. Wesley is toch nog wat zenuwachtig. “Een presentatie is altijd spannend. Op school ken je de studenten en docenten, maar ik heb nog nooit voor bewoners gesproken…”

Talentontwikkeling Ymere voelt zich verantwoordelijk voor de persoonlijke en maatschappe­ lijke groei van jongeren. Zeker in tijden van economische crisis moet ook een corporatie hun kansen bieden om werkervaring op te doen zodat hun arbeidsmarktpositie verbetert. Dat gebeurt in de vorm van snuffel­ stages, leerwerk­ en stageplekken en traineeships.

19.30 uur 20.30 uur

Studentencafé Skik

In studentencafé Skik wacht Rick op zijn collegatrainees. Momenteel heeft Ymere er zes in dienst. Hij bestelt een biertje. Dan komen Simone en Priscillia binnen. Even later druppelen Farhad en Pieter binnen. Rick: “Op het werk komen we elkaar nauwelijks tegen. Niet dat je elkaar nodig hebt, maar het is wel leuk om te weten waarmee iedereen bezig is. Wesley en ik zitten in Huys Azië. De rest is verdeeld over de locaties. Ik vind het leuk om te horen wat voor soort werk de andere trainees doen. Zij zitten meer in de dagelijkse praktijk van het ontwikkelen en beheren van vastgoed.” Dan komt Wesley binnen. Hij zit vol verhalen over de bewonersavond. Een zaal regelen en een presentatie houden heeft hij wel onder de knie. “Maar bewonersvragen beantwoorden en je niet laten meeslepen door hun emoties vragen weer om totaal andere vaardigheden.” Hij neemt een biertje.

00.55 uur

Flexibele tijden De trainees gaan naar huis. Morgen is het weer vroeg dag. Rick: “Hoewel je bij Ymere wel flexibele tijden hebt. Als ik er maar voor zorg dat mijn werk af is.” Wesley kan wat uitslapen. “Dat is het voordeel van een bewonersavond. De volgende dag check je gewoon wat later in…”

Door stageplekken te bieden, helpt Ymere jongeren aan ervaring waarmee ze hun kansen aanzienlijk vergroten. Zo worden bij renovatie­, sloop­ en ook bij nieuwbouwprojecten in overleg met aannemers leerwerkplekken gecreëerd. Soms is het verplicht om te werken met leerlingbouwplaatsen. Zo moeten ook de buurtbeheerbedrijven werken met leerlingplaatsen. Bij het onderhouds­ bedrijf Ymere Service neemt Ymere ook starters aan die niet direct aan alle functie­eisen voldoen. Door een intern ‘leerling­gezeltraject’ worden deze mensen opgeleid. Talentontwikkeling heeft een prominen­ te plek in de ondernemingsstrategie van Ymere. Zowel in aantallen, als in aanpak. Ymere wil duidelijk aanjager zijn en ook partners en belanghebben­ den betrekken bij de leerwerkplekken en stages. Dat gebeurt al bij diverse projecten. Bovendien kan het bieden van stageplekken en – begeleiding een aanbestedingseis zijn. Dat deze energie en moeite niet on­ opgemerkt blijft, bleek onlangs bij de Almeerse verkiezing van Ymere als Stagebedrijf van het jaar 2010 in de non­profit sector. werkt | 31


wijkaanpak

MINDER DOEN,

MEER

BEREIKEN Minder doen in aandachtswijken betekent niet automatisch dat we een stap terug doen. Dat stelt René Scherpenisse, lid van de visitatiecommissie én directeur van de Tilburgse woningcorporatie Tiwos. Volgens hem komt het nu aan op ‘scherpere keuzes maken’.

S

32 | JUNI | 2011

tadssocioloog Arnold Reijndorp vindt dat de wijk als plek ‘waar je gewoon woont’ de laatste jaren naar de achtergrond is verdwenen. De wijk is het domein geworden van de politiek, het beleid en de wijkaanpak. Daardoor dreigt een opeenstapeling van programma’s, projecten en agenda’s, stelt hij in een spraakmakend essay in het recente boek De alledaagse en de geplande stad. Te veel professionals en te veel instituties zijn met de wijk bezig. Professionele obesitas, wordt dat ook wel genoemd. Ze lopen elkaar en de bewoners voor de voeten. Hun geplande stad staat soms ver af van de alledaagse stad, die zich aan maakbaarheid onttrekt.

Als we dat doen, kunnen we meteen veel schrappen, vindt Heinz Schiller, directeur van de Utrechtse welzijnsstichting Doenja. Er gebeurt nu te veel. “In Utrecht lopen 75 projecten, waarvan zo’n tachtig procent niet werkt. Het is beter om minder te doen, en dat dan beter.” Volgens Schiller is meer te bereiken als we mensen helpen kleine stapjes vooruit te zetten. Kinderen met een taalachterstand naar een goede voorschool laten gaan, bijvoorbeeld. Liever dat, dan met inburgeraars door de wijk wandelen. “Je moet het schaarse geld in de goede dingen steken.” Er was veel bijval voor die stelling.

Op het (zeer druk bezochte) debat over de wijkaanpak onder de titel Van geen wijken weten, half april door Ymere georganiseerd in Pakhuis De Zwijger in Amsterdam, hing dit geluid ook in de lucht. Mark Frequin, directeur-generaal Wonen, Wijken en Integratie (Ministerie van BZK) zei letterlijk dat de wijkaanpak de komende jaren zal doorgaan. Minister Donner heeft dat aangegeven. Maar een belangrijke voorwaarde is: beter aansluiten op wat bewoners écht willen.

Na vier jaar van aanpakken, met vallen en opstaan, staat de wijkaanpak in deze economische crisis op een kruispunt. Er is veel bereikt, maar hoe nu verder? Wat werkt wel en wat niet? De integrale aanpak werkt wél, vindt Pieter de Jong, bestuurder van Ymere, ook al gaat dat dan (soms) gepaard met veel overleg. Alleen woningen verbeteren, dat werkt niet. Er is méér nodig. Maar woningverbetering is belangrijk, want kinderen maken hun huiswerk echt beter in een goede woning. Ook De Jong vindt dat we scherp

Op een kruispunt


René Scherpenisse

“Elke wijk vraagt om een eigen aanpak”

moeten kijken naar wat we (nog) moeten doen, en dus ook naar wat mensen écht willen. Originele opties zijn er genoeg: zo geeft Ymere studenten gratis onderdak in leegstaande flats in Osdorp, in ruil voor hun inzet bij vrijwilligerswerk voor wijkbewoners. Het rapport van de visitatiecommissie Wijkaanpak wijst intussen in dezelfde richting: in de wijken gaat veel goed, maar vaak zijn te veel instituten aan het werk met de beste bedoelingen. De komende tijd moeten we dus minder verschillende dingen doen, maar dan wel goed. Waar mensen zelf initiatieven nemen, komen we het verst. Volgens René Scherpenisse, lid van de visitatiecommissie én directeur van de Tilburgse woningcorporatie Tiwos, betekent ‘minder doen’ in de wijken niet per se een stap terug. Terugkijkend op het debat zegt hij: “Je kunt best minder doen en toch meer bereiken. Bijvoorbeeld door scherpere keuzes te maken. Elke wijk vraagt om een eigen aanpak. In de éne wijk is meer aandacht nodig voor jeugdzorg, elders is dat werkgelegenheid of verbetering van woningen.”

Laten we niet doorslaan in onze afkeer van professionele obesitas, voegt hij eraan toe. “Natuurlijk, bewoners moeten het zelf doen. Wij zijn er voor de bewoners, niet andersom. En we hebben in de loop van de tijd misschien te veel dingen van ze overgenomen. Bewoners zijn klant geworden, in plaats van mede-eigenaar van hun probleem. Anderzijds: voor veel mensen moet er nog veel gebeuren voordat ze echt kunnen meekomen. Bij multiprobleemgezinnen moet je niet aankomen met participatietrajecten of ‘duurzaamheid in de wijk’. Achterdevoordeurprojecten zijn daar veel meer op hun plaats.” Voor Scherpenisse is er een wereld te winnen als de samenwerking tussen alle partijen verder verbetert. Dan zal ook die ‘obesitas’ verminderen, denkt hij: “We moeten af van de verkokering. Institutionele belangen staan vooruitgang nog steeds in de weg. Maar het gaat niet om ons, maar om de bewoners.”

werkt | 33


service Colofon Ymere werkt is het magazine voor relaties van Ymere. Het verschijnt vier keer per jaar. Hoofdredactie Saskia Somberg Eindredactie Margot Franssen Coördinatie Onno Hogenaar

Hier zijn we te vinden

Aan dit nummer werkten mee Ilse Ariëns, Esther Barfoot , Rosalie de Boer, Helene de Bruin, Ineke Brunt, Pieter Jan Datema, Jeroen Frissen, Edwin Lucas, Robin Ouwerkerk, Irene Ponec, Margreet Steiner, Anje Romein Fotografie René den Engelsman, Maarten van Haaff, Frank Ruiter, Martijn Steiner Lovisa, Milan Vermeulen, Edwin Weers Illustraties Bureau MET (Podium), Jan Rothuizen (De zachte Atlas) Job Wouters (Ymere NAi prijsvraag) Art direction en vormgeving Atelier van GOG Redactie en productie Eric Went, Went Werkt Journalistiek Druk Tussen de bedrijven door (TDBD), Nijkerk Redactieadres Ymere Postbus 2412 1000 CK Amsterdam ymerewerkt@ymere.nl Dit is een uitgave van Ymere. Dit magazine is met zorg samen­ gesteld. U kunt er geen rechten aan ontlenen. Kopiëren of overne­ men van (delen van) de inhoud is toegestaan in overleg met Ymere. Abonneren Mail uw adres­ en e­mailgegevens naar ymerewerkt@ymere.nl. Dan ontvangt u Ymere werkt en tevens de digitale nieuwsbrief.

34 | JUNI | 2011

Huys Azië

Amsterdam-Centrum

Jollemanhof 8, 1019 GW Amsterdam

Mauritskade 17a, 1091 GC Amsterdam Postbus 94480, 1090 GL Amsterdam

Raad van Bestuur, Concernstaf en Waardesturing, Financiën & Ondersteuning Postbus 2412, 1000 CK Amsterdam Gebieds- en Projectontwikkeling Postbus 2961, 1000 CZ Amsterdam ontwikkeling@ymere.nl Wonen, Markten & Innovatie Postbus 94278, 1090 GG Amsterdam

Almere

Haarlem Oorkondelaan 65, 2033 MN Haarlem Postbus 2332, 2002 CH Haarlem

Haarlemmermeer Burgemeester Pabstlaan 10 2131 XE Hoofddorp Postbus 197, 2130 AD Hoofddorp

Noord-Kennemerland Bovenweg 180A, 1834 CJ Sint Pancras

Rentmeesterstraat 32, 1315 JS Almere Postbus 10187, 1301 AD Almere

Amsterdam-Noord Floraweg 200, 1032 ZG Amsterdam Postbus 37005, 1030 AA Amsterdam

Amsterdam-Oost Muiderstraatweg 19, 1111 PS Diemen Postbus 12380, 1100 AJ Amsterdam

Amsterdam-West Anderlechtlaan 200, 1066 HL Amsterdam Postbus 90465, 1006 BL Amsterdam

algemeen telefoonnummer

Via dit nummer verbinden onze mede­ werkers u door naar de afdeling of persoon die u zoekt. Tenzij anders vermeld, kunt u ons mailen op klantenservice@ymere.nl (voor huurders) of info@ymere.nl (voor zakelijke relaties).


wie is waar Opstap naar een socialere maatschappij Onder bulderend gelach presenteerde Margreet Dolman op 15 mei de uitreiking van de Betere Buurtprijs voor de wijken van Amsterdam Centrum. De uitreiking vond plaats in het Betty Asfalt Complex, in Amsterdam.

Wie Darwin Schraven. Is consulent gebiedsbeheer Ymere. Aanwezig omdat hij mede­organi­ sator is van de Betere Buurtprijs Amsterdam Centrum. Vindt dat wijkbewoners tegen­ woordig vaak langs elkaar heen leven, terwijl de meesten eigenlijk op zoek zijn naar sociale cohesie.

Wie Frank Groot. Is vrijwilliger bij het wijkcentrum Jordaan & Gouden Reael. Aanwezig omdat hij is uitgeno­ digd door Ymere. Als het project­ plan uit zijn buurt wint, dan ondersteunt het wijkcentrum de uitvoering. Vindt de bijdrage van Ymere aan de sociale cohesie binnen de wijk ‘goed’, en dat het wijkcentrum daarbij betrokken wordt ‘nog beter’.

Wie Bianca Poppen. Is een van de winnaars van de Betere Buurtprijs met het project ‘Winkel op de Hoek’. Aanwezig omdat ze genomineerd was. Vindt het nog veel leuker om in de Tellegenbuurt te wonen nu ze heeft gewerkt aan het project ‘Winkel op de hoek’, een wandelroute langs de verdwenen buurtwinkels.

Wie Anke Huntjens. Is regio­directeur Amsterdam­ Centrum van Ymere. Aanwezig omdat de uitreiking van de Betere Buurtprijs belangrijk is. Het gaat immers over leefbaar­ heid in de ogen van bewoners. Vindt het opvallend dat alle genomineerde projecten tot doel hebben ‘elkaar ontmoeten’ en ‘elkaar leren kennen’.

Wie schoonzussen Loes Fokker en Hetty Scheeve. Zijn winnaars van de Betere Buurtprijs met het project ‘Woongroep De Jordaan’. Aanwezig met een delegatie van zo’n twintig bewo­ ners van de woongroep. Vinden het geweldig dat ze nu, dankzij de Betere Buurtprijs, een barbecue en parasols voor de woon­ groep kunnen kopen. Nu kunnen ze in de zomer gezellig naar buiten.

Wie Mayra Paula. Is opbouwwerker wijkcentrum Ceintuur in De Pijp. Aanwezig omdat een van de projecten uit de wijk is genomi­ neerd voor de Betere Buurtprijs. Vindt het rampzalig dat het wijk­ centrum vanwege bezuinigingen gaat verdwijnen. Wijkprojecten voor de leefbaarheid zullen dan moeilijker van de grond komen.

Wie Margreet Dolman. Is levensdeskundige. Aanwezig omdat ze de prijs­ uitreiking presenteert. Vindt de Betere Buurtprijs een goed voorbeeld van hoe mensen gestimuleerd kunnen worden tot samenwerking op weg naar een socialere maatschappij waarin begrip, ruimdenkendheid en liefde centraal staan.


Waarom er van onze 77.985 woningen slechts 61 heilig zijn verklaard. Simpel. Er zijn maar 61 Heilige Huisjes. En die staan in Haarlem. In 2010 zijn ze stuk voor stuk tot monument verklaard. Dat schept verplichtingen. Daarom zijn de huisjes in 2011 volledig gerenoveerd. Wat de huisjes zo bijzonder maakt zijn de gevelstenen van Heiligen. Elk huis heeft zijn eigen steen, niet een is hetzelfde. Voor Ymere zijn onze overige 77.924 woningen natuurlijk net zo bijzonder.

Ymere Werkt nr 13  

Ymere Werkt magazine van Juni 2011

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you