Issuu on Google+

Werkstuk Onderzoek en Multimedia HOE GA JE OM MET FAALANGST IN DE KLAS?

Joke Smekens en Astrid Loncke


1. Kiezen van het onderwerp Wij hebben gekozen om het onderwerp “Hoe ga je om met faalangst in de klas?” verder uit te diepen. We kozen hiervoor omdat het een actueel psychisch probleem is die zeer aanwezig is in de maatschappij van vandaag. De maatschappij legt steeds meer druk op de jongeren om te presteren, waardoor sommigen faalangst ervaren. Zelf mochten we dit van dichtbij ervaren bij een vriendin en ook op stage. Hierbij leggen we ook de link naar “Rode Neuzen Dag”. Hoe meer we over psychische problemen nadenken, hoe meer we stellen dat dit probleem zich ook situeert op vlak van onderwijs. In dit werkstuk gaan we aan de hand van bepaalde verkenningstechnieken iets dieper ingaan op dit onderwerp.

2. Verkenningsfase a.d.h.v. een mindmap Prestatiedruk door maatschappij

Scores

Voorstellingen voor de klas

Extreme faalangst?

Stress

Angst voor falen

Faalangst

Perfectionistisch

Goed imago behouden

Niet gelukkig Verschillende signalen

Druk van ouders, school, zichzelf...


3.

Literatuurverkenning

Titel Type bron Korte inhoud Reflectie op de bron en de bruikbaarheid Martin, J. A., & Marsh, W. H. (2003, maart). Fear of Failure: Friend or Foe? Opgehaald van http://eds.b.ebscohost.com/: http://eds.a.ebscohost.com/eds/pdfviewer/pdfviewer?sid=0be2ed4a-1e3d-46a0-89b8-e2a0f93e4d1f%40sessionmgr4010&vid=8&hid=4113 Elektronische bron: online paper In dit artikel gaan ze vanuit andere theorieën en data, leggen ze alles samen en komen dan uit op vier “soorten” personen met faalangst (the optimist, the overstriver, the self-protector and the failure accepter) en een watervalmodel van het vermijden van mislukkingen (a Cascading Model of Failure Avoidance). Nadien gaan ze verduidelijken hoe je wel tot een succesvolle oriëntatie gaat met verschillende factoren. Het is een zeer abstract artikel met weinig tips. Het geeft je wel meer inkijk in de wetenschappelijke kant van de faalangst. Door de verschillende soorten mensen met faalangst, het watervalmodel en de factoren tot succesvolle oriëntatie te illustreren, wordt het wel heel duidelijk dat faalangst uit meerdere aspecten bestaat en verschillende stadia. Het is geschikt om de nodige achtergrondinfo te vinden. Klasse. (sd). Faalangst. Opgehaald van www.klasse.be: https://www.klasse.be/archief/faalangst/ Elektronische bron: artikel uit magazine Klasse legt eerst uit hoe je eventuele faalangst kan “spotten”. Je zal bij een leerling met faalangst meestal eerst de lichamelijke reacties zien. Nadien wordt de nadruk gelegd op wat faalangst en angst is en worden er een paar tips meegegeven aan de leerkrachten hoe ze hierop moeten reageren, op individueel niveau, klasniveau, schoolniveau en met de ouders. Ten slotte worden tips meegegeven om faalangst te voorkomen. Het is niet omdat de bron al redelijk oud is, dat het niet meer relevant of bruikbaar is. Faalangst is een begrip die al heel lang speelt en dit artikel geeft perfect weer hoe en wat. Het is ook een enorm voordeel dat het makkelijk leesbaar is, zodat het door iedereen te verstaan is. 1.1 Vervaeck, V. (2005, februari). Hoe faalangst aanpakken? Opgehaald van www.arteveldehogeschool.be: http://www.arteveldehogeschool.be/info/download/C2ScVervaeck.pd 1.2


Elektronische bron: e-book Eerst worden de verschillende soorten angsten uitgelegd en legt men uit tot welke groep faalangst behoort. Faalangst komt frequenter voor dan we denken, één op twaalf leerlingen in het basisonderwijs heeft er last van en zelfs één op tien in het middelbaar. Er bestaan verschillende soorten van faalangst maar uiteraard overlappen deze vormen. De oorzaken voor faalangst worden ook uitgelegd. Deze bron is heel toepassingsgericht. Er staat uitgebreide uitleg over de oorzaken en de gevolgen van faalangst met enkele concrete voorbeeldsituaties. Daarnaast staan er tips bv. hoe je als leerkracht duidelijk kan zien of een kind al dan niet met faalangst kampt. Prinsen, H. (2012). Help! Mijn kind heeft faalangst : Gids voor ouder en kind bij het omgaan met faalangst en examenvrees. Opgehaald van http://eds.a.ebscohost.com/: goo.gl/uKcpsv

Elektronische bron: e-book Voor men de diagnose van faalangst kan stellen, moeten er eerst een hele reeks onderzoeken gebeuren waarbij men alle signalen reflecteren. Daarna kan men op zoek gaan naar aangepaste en persoonlijke begeleiding. Een persoonlijke training of therapie kan dan helpen om te werken aan het lage/beschadigde zelfvertrouwen. Ouders spelen niet de enige rol in de ontwikkeling van het kind, ook school, aanleg, omgevingsfactoren, gezin, buurt en vrienden spelen een rol bij de vorming van de persoonlijkheid van het kind. Er worden tips opgesomd hoe je als ouder er mee moet omgaan. Het is een heel uitgebreide bron met veel uitleg voor ouders. Het verklaart vooral wat faalangst precies is en geeft enkele mogelijke oorzaken aan. Er staan ook praktische tips in die vooral naar ouders zijn gericht, minder naar leerkrachten of de kinderen zelf. De Maat, S. e.a. (2011, februari). Verminder faalangst, verbeter het leerklimaat. Opgehaald van file://C:/Users/Gebruiker/Downloads/Artikel_faalangst_PGO_final.pdf Elektronische bron: online paper over onderzoek van universiteit van Utrecht Het artikel gaat over een onderzoek van de universiteit van Utrecht. Drs. Nieuwenbroek heeft enkele aanbevelingen bedacht voor leerkrachten om ook in de les om te gaan met faalangst in de klas. Men onderzoekt de leerlingenwaardering bij het toepassen van die aanbevelingen, wat in vele gevallen een positief effect was. Ze bekijken dus de impact van het lerarengedrag in de klas bij faalangst. Het is zeker een nuttige bron waar veel informatie staat zoals 10% van de leerlingen die lijdt aan faalangst en wat faalangst in de klas net betekent. Ook staan er vele tips in hoe je je als leerkracht moet gedragen voor de klas om die faalangst zoveel mogelijk te beperken.


4.

Faalangst

Faalangst is een heel groot probleem in onze huidige maatschappij. Door onze prestatiegerichte maatschappij, komt de druk vooral op de jongeren terecht. Dit heeft onder andere invloed op de schoolloopbaan van de jongeren. Namelijk één op twaalf leerlingen uit het basisonderwijs tot één op tien leerlingen uit het secundair onderwijs, heeft last van faalangst, maar zelfs in het hoger onderwijs komt het voor [ CITATION Ver05 \l 2067 ]. Hier moet dus dringend meer aandacht aan besteed worden. Maar hoe ontstaat dit fenomeen nu precies? Het probleem vormt zich door angstgedachten, vooral om te mislukken en daarop beoordeeld te worden. Iedereen komt het wel eens tegen: wanneer je je rijexamen aflegt, een presentatie moet voorbrengen, een examen maakt of je examenresultaten gaat bekijken. Het wordt echter problematisch wanneer die angsten een langdurige en negatieve invloed hebben op iemand. De personen zijn zo bang om te falen dat ze tilt slaan en dat ze geen controle meer hebben over zichzelf in bepaalde situaties. De faalangst kan zich op twee manieren uiten: op een actieve manier (veel te veel werken) of op een passieve manier (vermijden van situaties om te mislukken en erg gedemotiveerd zijn). Hoe je faalangst kan ontwikkelen? Om faalangst te kunnen ontwikkelen, moet het kind weten wat falen is. Het kind moet om wat voor reden dan ook een keer gefaald hebben. (Gedragsproblemenkinderen.info, 2016). Er zijn verschillende oorzaken waardoor het kind denk te falen. Natuurlijk hangt dit af van persoon tot persoon en van situatie tot situatie. Enkele voorbeelden zijn de culturele of schoolse invloeden (competitieve schoolsfeer, om er bij te horen), opvoeding (de druk van de ouders), gebrek aan zelfvertrouwen, druk om te presteren/ om erbij te horen, gepest worden, erfelijkheid… Faalangst heeft vooral een uitwerking op schools vlak. Dit kan zich uiten in verschillende vormen: sociale, cognitieve en lichamelijke faalangst. In het ergste geval worden ze studenten letterlijk ziek en kunnen ze niet meer normaal functioneren. Bij de eerste vorm is de leerling bang om afgewezen te worden of negatief beoordeeld te worden. Dit is een zeer belangrijk punt bij jongeren omdat erbij horen een groot deel vormt van hun identiteit. Wanneer ze geen goede sociale vaardigheden bevatten, kan sociale faalangst opkomen. Bij de tweede vorm, de cognitieve faalangst, gaat het om het verwerven en gebruiken van kennis. Wanneer een student bang is om aan een deel leerstof te beginnen omdat hij/zij bang is voor een negatieve beoordeling of ervaring, dan spreek je van cognitieve faalangst. Hetzelfde zien we bij lichamelijke faalangst, behalve dat het hier gaat om leerlingen die schrik hebben om fouten te maken tijdens het uitvoeren van iets. De gevolgen van faalangst hangen af van persoon tot persoon. In een ver gevorderd stadium, kan het ontaarden in een sociaal isolement en kan het zelfs tot een depressie leiden. Niet enkel voor de leerling is dit een zwaar proces, ook andere betrokken spelen hierin een rol. Op school moeten de jongeren een goede begeleiding krijgen qua studeren en studietips, maar ook vooral de ouders moeten de jongeren thuis ondersteunen. Leerlingen die niet kampen met faalangst weten nog te weinig wat faalangst inhoudt. Als er een leerling in de klas zit met faalangst en de anderen begrijpen dit niet, kunnen zij hun onbegrip uiten tegenover die leerling met uitspraken zoals “Waarom krijg jij meer tijd voor die toets/opdracht?”. Een oplossing daarvoor is dat het algemene schoolteam een pedagogische studiedag kan houden rond het probleem. Nog veel te weinig leerkracht weten hoe ze moeten omgaan met faalangst en gaan dus veel te snel over in het negeren van het probleem of zeggen dat het wel over zal gaan. Leraren spelen een heel belangrijke rol in het ontwikkelingsproces van jongeren, dus hierbij is het belangrijk dat ze weten hoe je het kan herkennen en wat je moet doen om het aan te pakken. Ook infoavonden voor ouders rond het probleem zou interessant zijn. Ook binnen de les kunnen leraren helpen, want leerlingen met faalangst zien heel moeilijk samenhang, orde en structuur in cursussen. Een leerkracht kan dus de leerstof samen overlopen en


het belangrijkste in dat hoofdstuk aanduiden. Een blad met een schema of skeletstructuur van de cursus zou ook al veel hulp bieden, niet alleen bij de leerling met faalangst, maar ook bij alle andere leerlingen. De laatste jaren is er op sommige scholen een nieuw systeem bedacht, dat elke leerling een groene leerkracht kan kiezen dat zjin/haar vertrouwenspersoon is. Op die leerkracht kan de leerling dan rekenen en kan hij/zij de leerkracht alles vertellen. Het gaat bij die leerkracht dus niet over oplossingen of afspraken, maar om het feit dat ze even hun hart kunnen luchten. Deze vertrouwenspersonen hoeven niet enkel de groene leerkracht te zijn, maar kunnen even goed vrienden zijn, ouders, klastitularis, CLB... Klasse geeft de volgende tips mee om faalangst te voorkomen: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11.

Geef zo duidelijk mogelijk les Geef vertrouwen Hou rekening met leertempo’s Focus op de inspanning Verbeter toetsen zo snel mogelijk Geef duidelijke feedback Vermijd competitie in de les Spreek positieve verwachtingen uit Begin met een gemakkelijke opdracht Geef schouderklopjes Wees voorzichtig met snelle conclusies

[ CITATION Kla \l 2067 ]

5.

Taakverdeling 5.1

Astrid

Vorming van de doorlopende tekst 5.2

Joke

Perspectiefwisseling + conceptmapping + enkele tips + opmaak 5.3

Samen

Mindmap Literatuurverkenning


6.

Bibliografie

Gedragsproblemen-kinderen.info. (2016). Faalangst. Opgehaald van www.gedragsproblemenkinderen.info: http://www.gedragsproblemen-kinderen.info/faalangst Hendriks, R. J. (2013, mei 5). Faalangst deel 1: Oorzaken en vormen van faalangst. Opgehaald van www.optimalegezondheid.com: http://www.optimalegezondheid.com/faalangst-deel-1oorzaken-en-vormen-van-faalangst/ Klasse. (sd). Faalangst. Opgehaald van www.klasse.be: https://www.klasse.be/archief/faalangst/ Koppen. (2012, december 20). Faalangst: 1 op de 10 studenten kampt ermee. Opgehaald van deredactie.be: http://deredactie.be/cm/vrtnieuws/videozone/archief/programmas/koppen/2.25845/2.25846/1.1 508966 Martin, J. A., & Marsh, W. H. (2003, maart). Fear of Failure: Friend or Foe? Opgehaald van http://eds.b.ebscohost.com/: http://eds.a.ebscohost.com/eds/pdfviewer/pdfviewer? sid=0be2ed4a-1e3d-46a0-89b8-e2a0f93e4d1f%40sessionmgr4010&vid=8&hid=4113 Prinsen, H. (2012). Help! Mijn kind heeft faalangst : Gids voor ouder en kind bij het omgaan met faalangst en examenvrees. Opgehaald van http://eds.a.ebscohost.com/: goo.gl/uKcpsv Swaen, B. (2016, maart 22). Citeren volgens de APA-regels. Opgehaald van www.scribbr.nl: https://www.scribbr.nl/apa-stijl/citeren-volgens-de-apa-regels/ UHasselt. (2014). Faalangst. Opgehaald van www.uhasselt.be: https://www.uhasselt.be/Documents/studie-studentenbegeleiding/Printversie%20Faalangst.pdf Vaneechoutte, A. (2015, april 27). Voorkom faalangst in je klas: 11 tips. Opgehaald van www.klasse.be: https://www.klasse.be/655/voorkom-faalangst-in-je-klas-11-tips/ Vervaeck, V. (2005, februari). Hoe faalangst aanpakken? www.arteveldehogeschool.be: http://www.arteveldehogeschool.be/info/download/C2ScVervaeck.pdf

Opgehaald

van


Onderzoek faalangst