{' '} {' '}
Limited time offer
SAVE % on your upgrade.

Page 1

Report Case Study 6.0

2017

Het Parkhuis Corporeal Een onderzoek naar de ruimtelijke invulling van een oud ketelhuis Corporeal/ArtEZ Master Interieurarchitectuur ArtEZ hogeschool voor de kunsten


Corporeal, ArtEz Master Interieurarchitectuur, leidt studenten in twee jaar op tot interieurarchitecten die zijn toegerust voor complexe opdrachten en samenwerkingsverbanden. Visie Bij Corporeal, de Masteropleiding Interieurarchitectuur in Arnhem en Zwolle, is het onderzoek naar de constant veranderende relatie tussen mens en ruimte de basis van waaruit gewerkt wordt met studenten. Corporeal In ‘corporeal’, de naam van de Master Interieurarchitectuur, staat ‘corpo’ voor het lichaam, en ‘real’ voor de werkelijkheid om ons heen. Merleau-Ponty, een Franse filosoof, kwam tot het inzicht dat iemands eigen lichaam (‘le corps propre’) niet enkel een ding is, maar een permanente voorwaarde voor ervaringen om onze wereld te begrijpen. Het lichaam als vindplaats voor sociale werkelijkheid en ruimtelijke waarheid. Visionaire ontwerpers en interieurarchitecten Corporeal ziet voor haar studenten een wezenlijke rol weggelegd in het werkveld als innovator, de initiatiefnemer die binnen studio’s of als zelfstandig ondernemer of middels onderzoeksprogramma’s het vakgebied ontwikkelt. Ze nemen een onderzoekende rol aan: blijven vragen stellen, zijn in staat vrij te blijven denken. Ze leren en ontwikkelen zich door voortdurend te blijven reflecteren, maar zijn ook in staat de nieuwe opgedane kennis over te brengen aan anderen. Kritische ontwerpers en interieurarchitecten Corporeal vindt dat ontwerpers en interieurarchitecten in staat moeten zijn maatschappelijke tendensen te signaleren en deze op te pakken als opdrachten binnen de interieurarchitectuur. Ze onderzoeken gedrag en onderlinge relaties in de ruimten waarin mensen leven, en ontwikkelen strategieën om daarop in te grijpen. Interieurarchitecten maken niet alleen verblijfsruimten, ze zien en begrijpen wat er in de wereld om hen heen gebeurt. En ze duiden de invloed van nieuwe fenomenen. Belangrijke recente ontwikkelingen, zoals het belang van het lokale, verandering en beweging in organisaties en het gebruik van nieuwe technologieën in ons dagelijks leven vragen om nieuwe antwoorden. www.corporeal.artez.nl

‘Rethink the way we co-operate.’ Report Case Study 6.0

Het Parkhuis

2017


Inhoud

Corporeal, de Masteropleiding Interieurarchitectuur van ArtEZ Hogeschool voor de Kunsten, verlangt van haar studenten een onderzoekende houding gedurende de studie. Om de studenten te trainen in deze houding, is het studietraject gestructureerd in drie pijlers: Bodily: Ontwerpstudio’s De kennis van ruimte en de verhoudingen van het lichaam ten opzichte van de ruimte leren kennen. Reflective: Thesis Theoretisch onderzoek, ruimte voor beschouwing, verzamelen van kennis om tot nieuwe inzichten te kunnen komen. Social: Case Study Dwarsverbanden zien en deze tot betekenisvolle relaties transformeren.

5

Voorwoord

Inleiding 9 13

1. Het Parkhuis 2. De participanten

Deze drie pijlers versterken elkaar en worden nadrukkelijk in onderlinge samenhang aangeboden. In de Case Study werken studenten aan urgente onderzoeksvragen die spelen bij reële opdrachtgevers. Het zijn vraagstukken die niet direct om een concrete oplossing vragen; de opdrachtgevers zoeken strategieën en scenario’s, die zij zelf nog niet zien. In de ervaring om als een team te werken, oefenen de studenten zich in de rol die ze later op zich kunnen nemen in een combinatie van samenwerkingen, al dan niet multidisciplinair. Ze leren hoe ze een team kunnen samenstellen, leiding kunnen geven binnen een samenwerking en hoe ze ieders kwaliteiten binnen die samenwerking kunnen herkennen. De uitkomsten van de Case Study worden na een jaar van onderzoek en ontwerp door het studententeam gepresenteerd in een symposium aan de hand van een publicatie. Beide worden, behalve met de opdrachtgever, gedeeld met het werkveld.

Observaties

2 15

Corporeal

Het gereedschap 19

4. Toolbox Het onderzoek

23 Thema’s waaraan in voorgaande jaren werd gewerkt: Atlas voor de scholenbouw van de toekomst Een atlas waarin onderwerpen en ontwerpen worden voorgedragen die schooldirecteuren, schoolbesturen, projectontwikkelaars en (interieur)architecten kunnen gebruiken als inspiratiebron bij de nieuwbouw of renovatie van schoolgebouwen; Zo normaal als mogelijk Tijdens dit project probeerden de studenten een ruimte voor dagbesteding voor mensen met een verstandelijke beperking beter af te stemmen op het gebruik door cliënten en bezoekers; Caspa Sensibus Hoe kom je er als ontwerper achter wat de behoeften zijn van de verschillende gebruikers wanneer de gebruikersgroep zeer groot en zeer divers is?; Connecting People Hoe kunnen stationsgebouwen in ruimtelijk opzicht beter worden gebruikt om duurzame verbindingen tussen station, omgeving en de reiziger te bevorderen?

3. Verbinden

5. Werken met de Toolbox Het ontwerp

37

3. Flexibele scheidingen

45

Translation


Case Study 6.0/ Het Parkhuis

Voorwoord

4

Ashley Hoekerd en Maarten Mulder, twee Masterstudenten van Corporeal, Master Interieurarchitectuur van Hogeschool voor de Kunsten, ArtEZ,onderzochten in het kader van hun Case Study van september 2016 tot september 2017, in opdracht van de stichting Parkhuis, hoe meerdere partijen gebruik kunnen maken van het oude ketelhuis dat vroeger deel uitmaakte van het Sint Elisabeth Ziekenhuiscomplex te Amersfoort. De primaire vraagstelling was, een blauwdruk te ontwikkelen op basis waarvan het Parkhuis tot een levendige werkplek gemaakt kan worden, waar mensen in gezamenlijkheid kunnen werken en elkaar kunnen ontmoeten. In plaats van strikt gescheiden ruimten ontwikkelden de studenten een plan waarin het Parkhuis een open en toegankelijke structuur krijgt. Dit plan moet de sleutel vormen tot het verbinden van mensen. Hierdoor worden contacten gelegd, verdiept en onderhouden. Deze open structuur vraagt om een ontwerpopgave waarbij de rol van de eigenaren en het gebruik door derden op een nieuwe manier moeten worden ingevuld.

Irene MĂźller Hoofddocent Case Study

Ingrid van Zanten Hoofd Corporeal/ ArtEZ Master Interieurarchitectuur

5


Case Study 6.0/ Het Parkhuis

Denkrichting De tijd versnelt en raast aan de mens voorbij. We zijn met de hele wereld verbonden via internet en de sociale media, maar kunnen deze (digitale) verbindingen de fysiek aanwezige medemens vervangen? Het instinct van de mens zegt dat hij moet samenwerken en samenleven. De mens is immers een sociaal wezen. Het Parkhuis wil een plek zijn waar mensen elkaar kunnen ontmoeten en waar ze kunnen netwerken. Een rustige plek in een hectische wereld; een toevluchtsoord voor de gehaaste stadsbewoners die je het belang van rechtstreeks contact laat ervaren. School of Thought

MIAN MIAN (Master Interior Architecture Network) is de naam waaronder Maarten Mulder en Ashley Hoekerd samenwerken. Ashley heeft in de zomer van 2016 haar Bachelor Interieurarchitectuur afgerond aan ArtEZ Hogeschool voor de Kunsten in Zwolle. Tijdens haar Master heeft zij zich beziggehouden met wat de mens nodig heeft en wat in deze tijd waarde heeft. Daarbij reageert zij op wat al aanwezig is, om zo nieuwe dingen toe te voegen die van essentiĂŤle waarde zijn. Haar interesse gaat uit naar de menselijke verbinding met de ruimte en met elkaar. Deze lichamelijkheid zit verweven in haar ontwerpen. Maarten is in 2015 afgestudeerd als productontwerper aan Hogeschool Windesheim en heeft na zijn studie een jaar werkervaring opgedaan bij een metaalbedrijf. Ter verbreding van zijn kennis en toepassing daarvan in ruimtelijk perspectief heeft hij voor de Master van Artez gekozen. In zijn ontwerpen zoekt hij naar factoren die een vertragende invloed hebben op het denken en handelen van mensen in een alsmaar versnellende maatschappij.

Time appears to accelerate and is rushing past us.

We are in touch with the entire world via internet and

social media, but can these (digital) connections

6

replace the physical presence of our fellow man?

Man’s natural instinct dictates that we work and live

together. Man is a social animal.

The Parkhuis wants to be a space enabling people to

meet and apply networking. A harmonious space in a

hectic world; a refuge for the hasty city dwellers to

experience the importance of direct contact.

7


1

Case Study 6.0/ Het Parkhuis

‘ANDERS DAN GEBRUIKELIJK WERDEN DE OMWONENDEN BETROKKEN BIJ DE PLANNEN VOOR HET PARK.’

Inleiding

1. Het Parkhuis

8

9

Metafoor

Waar harde muren stonden, komen flexibele en transparante scheidingen. Vergelijk het met het schuim in het afwaswater. De ruimten in het Parkhuis functioneren als zeepbellen in het sop. Ze gaan samen en andere splitsen zich op; ruimten voor diverse activiteiten, ruimten die participanten en gebruikers verbinden door hun flexibele en transparante karakter. Hoe dit bijzondere karakter kan worden gerealiseerd, willen we in onze Case Study laten zien.

Het gebouw waarin het Parkhuis werd gehuisvest, is ‘ontdekt’ door drie initiatiefnemers, die we de pioniers noemen. Zij hebben een crowdfunding actie georganiseerd met het doel om zoveel mogelijk wijk- en stadsbewoners mede-eigenaar te laten worden van het Parkhuis. De mensen die een bedrijf in het Parkhuis gaan uitoefenen, worden de participanten genoemd; zij zorgen voor activiteiten, diensten en beleving in het gebouw. De bezoekers van het Parkhuis, die gebruik maken van de aangeboden diensten en deelnemen aan de bezigheden, noemen we de gebruikers. In het Parkhuis komen die drie groepen, de pioniers, de participanten en de gebruikers bij elkaar. Gezamenlijk zorgen zij voor de dynamiek van het Parkhuis.

In de

Amersfoortse wijk Randenbroek verheft zich boven het hectische straatbeeld

een bakstenen pijp. Het is de schoorsteen van het ketelhuis van het voormalige Sint Elisabeth Ziekenhuis dat hier in 1969 zijn deuren opende. Het Sint Elisabeth Ziekenhuis Het eerste ziekenhuis in Amersfoort was van 1578 tot 1907 gevestigd aan Muurhuizen 33. Het ‘Gasthuys’ bood opvang aan maximaal drie zieken: ‘(…)een ofte meer ellendighe bedtlegers. Die met geen aenslaende syeckte besmeth waren.’ 1 In 1906 betrekt het Sint Elisabeth Ziekenhuis een nieuw gebouw aan de Sint Andriesstraat en in 1969 verhuist het ziekenhuis naar de locatie aan de Heiligenbergerweg. In 1980 fuseerde het Sint Elisabeth Ziekenhuis met een aantal andere Amersfoortse ziekenhuizen en ging op de locatie aan de Heiligenbergerweg verder onder de naam Meander Medisch Centrum. Aan het eind van de vorige eeuw werd bekend gemaakt dat het Meander Medisch Centrum ging verhuizen; van de Heiligenbergerweg naar de aan de noordkant van Amersfoort gelegen Maatweg.2 De toekomst van het complex aan de Heiligenbergerweg bleef lang onduidelijk. Al snel richtten betrokken burgers de Stichting Heiligenbergerbeekdal op. Dit heeft er uiteindelijk toe geleid dat er een ‘groen’ bestemmingsplan kwam; alleen het ketelhuis, inclusief schoorsteen, en de ‘witte villa’ zouden behouden blijven. De rest van het terrein, dat grenst aan Park Randenbroek, Vosheuvel en – aan de andere kant van de snelweg – Landgoed Lockhorst, zou worden omgetoverd tot een groen stadspark. Zo zou het zuiden van


Case Study 6.0/ Het Parkhuis

Inleiding/ 1. Het Parkhuis

Amersfoort worden verrijkt met een groen-blauwe long: ‘Het Beekdal’.3 Anders dan gebruikelijk, werden de omwonenden betrokken bij de plannen voor het park. In samenwerking met hen is een ontwerp gemaakt voor het park. Daar bleef het echter niet bij; naast de inrichting wordt namelijk ook het beheer aan de omwonenden toevertrouwd. Als het plan is uitgevoerd, zal het oude ketelhuis met zijn monumentale schoorsteen als enige in het park zijn overgebleven. Dit ketelhuis zal na de herbestemming en grondige verbouwing onder de naam ‘Parkhuis’ gaan functioneren. Het moet het kloppende hart van de omliggende wijken en een toevluchtsoord voor de gehaaste stadsbewoners worden. 1. http://hetgasthuys.blogspot.nl/p/geschiedenis.html 2. http://www.elisabethgroen.nl/achtergrond/verhaal-elisabeth-groen/ 3. http://www.elisabethgroen.nl/achtergrond/verhaal-elisabeth-groen/

10

11


Case Study 6.0/ Het Parkhuis

2

Inleiding/

‘ZIJ ZULLEN HET PARKHUIS IN GEBRUIK GAAN NEMEN.’

2. De participanten

12

De initiatiefnemers

zijn Marc, Ilse en Michiel, zij zijn de

bedenkers van het Parkhuisconcept. Deze drie pioniers hebben een aantal partners om zich heen verzameld. Deze partners hebben een eigen bedrijf, organisatie of club; een kinderdagverblijf, een horecavoorziening, een zeefdrukatelier, een muziekstudio, een kerk, een yogastudio, een buitenschoolse opvang en een bridgeclub. Zij zullen het Parkhuis in gebruik gaan nemen. De partners zullen voortaan hun activiteiten onder de ‘vlag’ van het Parkhuis uitdragen.

13


3

Case Study 5.0/ Mapping Nomadic Work

‘HET PARKHUIS IS DE PLEK WAAR STADSBEWONERS SAMENKOMEN. VERBINDEN IS HET SLEUTELWOORD.’

Observaties

3. ‘Verbinden’ ‘Toekomstige trends en ontwikkelingen zullen het werklandschap beïnvloeden. Er wordt op steeds meer verschillende plekken gewerkt in de stad, bijvoorbeeld door de opkomst van het nieuwe werken. Dat levert onvoorziene werklocaties en gebruikspatronen op, verspreid over de stad. Deze passen niet altijd in de vooraf geplande infrastructuur. Wonen en werken gaan bovendien steeds meer in elkaar over. Forensen verplaatsen zich in toenemende mate kriskras door en tussen steden.’ (Planbureau voor de Leefomgeving, 2016) 14

15

Elke dag

worden er 150 duizend mensen in Amersfoort wakker. De stad komt in

beweging. Een vader zet zijn kind af bij het kinderdagverblijf in het Parkhuis en rijdt door naar zijn werk. Een oude man verlaat wat later zijn huis, drinkt een kopje koffie in het ‘Parkcafé’ en ontmoet daar zijn stadsgenoten. Een moeder stapt op de fiets en gaat naar het Parkhuis, een nieuwe werkdag als kinderleidster breekt voor haar aan. Het Parkhuis is de plek waar stadsbewoners samenkomen. De plek waar zowel jong als oud elkaar ontmoeten en waar van alles valt te ontdekken en te beleven. Verbinden is het sleutelwoord. Het Parkhuis ligt in de wijk Randenbroek. In deze zuidoostelijk gelegen wijk wonen meer dan 7.000 mensen.4 Hiervan is 21 procent onder de 20 jaar, 62 procent volwassen (20-64 jaar) en 17 procent valt in de categorie ouderen (vanaf 65 jaar). Om een goede indruk te krijgen van de bewoners en hun dagelijkse handelingen stellen we ons een aantal personages voor. Ieder personage vertegenwoordigt een gebruikerscategorie. Verbeelding Een gewone vrijdagmiddag aan de Heiligenbergerweg. Vanaf de hoek van de straat nadert een bus. Uit de bus stappen een oudere man en zijn vrouw. Hij kijkt op naar de grote schoorsteen die boven het gele bakstenen gebouw uittorent. Ze lopen naar de ingang van het Parkhuis. Eenmaal binnen, ziet hij veel vaders en moeders, het lijkt wel spitsuur. De man volgt zijn vrouw naar het kinderdagverblijf, waar zij hun kleindochter ophalen omdat haar ouders een weekend weggaan. De man raakt in gesprek met een oude bekende die aan een tafeltje zit en hem voorstelt om volgende week een keer te komen kijken bij de bridgeclub. De twee mannen schrikken op, krijsend komt er een hongerige baby met een knuffel in zijn vaders armen voorbij. Het doet ze denken aan toen ze zelf net vader waren geworden. De oude man kijkt op en


Case Study 6.0/ Het Parkhuis

Observaties/ 3. ‘Verbinden’

Het kinderdagverblijf Voor de locatie van het kinderdagverblijf werd een analyse gemaakt van de behoeften van het kind. Op basis van de aandachtspunten die hierbij naar voren kwamen, werd een ontwerp gemaakt voor een ruimte voor kinderen. Kinderen zijn nieuwsgierig en houden van ontdekken, dat is iets om te stimuleren. Daarnaast is het goed om ze structuur te bieden en functies in de ruimte te scheiden. Voor kinderen moeten interessante hoekjes gecreëerd worden, zij ervaren de wereld op een heel ander schaalniveau. Ze hebben behoefte aan meubelen op schaal; verhogingen of verlagingen in de ruimte helpen ze bij het leren kennen van deze wereld op hun eigen wijze.

16

17

ziet zijn kleindochter en zijn vrouw druk bezig in een speelkeukentje, misschien wordt ze later wel kok. Naast hen spelen basisschoolkinderen met technisch speelgoed; de toekomst kan ook zo weer veranderen. Plots gaat de telefoon. Een medewerker neemt op. Het klinkt onrustig aan de andere kant van de lijn. De medewerker bladert snel door de agenda en reageert opgelucht, ze heeft voor de zakenman een vergaderruimte kunnen reserveren. Het is dinsdagochtend, gillend rennen de kinderen door de gymzaal terwijl de leraar aanwijzingen geeft vanaf de zijlijn. De deur bovenaan de grote stalen trap aan de zijkant van het Parkhuis komt uit in een gang waar kinderjasjes aan de kapstokken hangen. Aan weerszijden van de gang bevinden zich deuren. Achter de ene deur zitten kinderen in een kringetje te zingen, achter de andere deur kruipen peuters rond. Doordeweeks wordt deze ruimte door kinderdagverblijf Bzzzonder gebruikt. In het weekend transformeert de ruimte in een vergaderplek voor onder andere het bestuur van de voetbalvereniging CJVV Amersfoort. De kinderstoeltjes en poppenhoeken van het kinderdagverblijf maken dan plaats voor vergadertafels en een biertap.

4. https://amersfoort.buurtmonitor.nl//jive/report?openinputs=true&id=wijkatlas


4

Case Study 5.0/ Mapping Nomadic Work

Het gereedschap

‘BEGEEF JE DOOR DE RUIMTE EN OEFEN INVLOED UIT OP ELKAAR.’

4. DeToolbox

18 18

19

Verbinden

staat in het concept voor het Parkhuis centraal. Het Parkhuis onder-

scheidt zich van andere werkplekken door de wijze waarop gebruikers samenwerken. Voorafgaand aan de ontwerpfase hebben we een zogenaamde ‘Toolbox ontwikkeld waarmee we de verschillende aspecten van de ruimte en toekomstige gebruikers konden onderzoeken. De tools in de box kunnen gebruikt worden om zicht te krijgen op positionering, houding, zichtbaarheid, beweging en indeling. Positionering Neem de kaarten uit de Toolbox. Kies één persoon die de leiding neemt. Deze persoon moet de rest van de groep positioneren. Hij of zij plaatst de groep ten opzichte van zichzelf. Wie staat het dichtstbij, wie staat het verst weg? De volgende stap is het verbinden van de mensen door middel van het touw. Er worden lijnen getrokken naar de drie mensen die het dichtstbij staan. Wat verbindt de mensen uit de groep?


Case Study 6.0/ Het Parkhuis

Het gereedschap/ 4. De Toolbox

20

21

Houding

Zichtbaarheid

Voor het onderzoeken van de houding van mensen ten opzichte van elkaar, haal je de boven-

Neem de frames uit de Toolbox. Plaats het frame ter hoogte van je hoofd. Loop door de

en onderkant van de Toolbox van elkaar af. Ga tegenover elkaar zitten, staan of liggen.

ruimte, vergroot en verklein de afstand tot andere mensen en objecten. De volgende stap is

Verander van hoogte en verander van positie. Wat voelt gelijkwaardig, wat is intimiderend,

om een partner te kiezen die plaatsneemt aan de andere kant van het frame. Wat zie je, wat is

wanneer straal je macht uit en hoe komt deze houding over?

(on)zichtbaar en wanneer ben jij (on)zichtbaar?

Beweging

Indeling

Neem de objecten uit de Toolbox. Schuif aan elke hand één ring om je vinger. Kies nu een

Deze tool wordt gebruikt om de verhoudingen tussen het individu en het collectief zichtbaar

partner die de andere ring omdoet. Bij deze Ruimte Tool staat beweging centraal. Begeef je

te maken. Neem het bord en de spelelementen uit de Toolbox. Plaats de mensfiguren, muren

door de ruimte en oefen invloed uit op elkaar. Beweeg je armen en voeten, vergroot en

en blokken op het bord, creëer ruimten. Maak een globale indeling. Welke structuren ontstaan

verklein de afstand tussen elkaar. Wie neemt de leiding en wie volgt? Wanneer ontstaat er

er? Wie staat waar en hoe worden de ruimten van elkaar gescheiden?

spanning?


5

Case Study 5.0/ Mapping Nomadic Work

Het onderzoek

‘ER ZIJN MENSEN DIE DE LEIDING NEMEN EN MENSEN DIE VOLGEN.’

5. Werken met de Toolbox 22

Tijdens de workshop

met de participanten kwam er een aantal

interessante dingen naar voren. Zo bleek dat tijdens een aan de groep voorgelegde casus – namelijk het toelaten van een groep Marokkaanse jongens om te ‘chillen’ in het gebouw – door sommigen direct gereageerd werd, terwijl anderen zich op de achtergrond hielden. De een reageerde enthousiast, de andere afwachtend en anderen gingen met elkaar in discussie. Dit doet zich in elke groep voor; sommige mensen nemen het voortouw en anderen zijn afwachtend. Er zijn mensen die leiding nemen en mensen die volgen. Dit gaat nooit zonder slag of stoot; men moet leren om met frictie om te gaan. Deze wrijving neemt af wanneer mensen elkaar beter leren kennen en begrijpen hoe de ander in elkaar steekt. Dit proces is van cruciaal belang voor de onderlinge relaties. Tijdens het tweede deel van de workshop werd er gekeken naar de onderlinge relaties binnen de groep. Bij de vraag wie als eerste de leiding wilde nemen, kwam de reactie later dan verwacht. Zeker binnen een groep waarbij er eerder mensen het voortouw hadden genomen. Eén van deze personen werd gevraagd om de groepsleden te plaatsen, gebaseerd op de verbinding tussen de mensen en de eigen positie binnen de groep. Deze oefening leverde een hecht gestructureerde groep op. Dit werd ook door de groep als positief ervaren. Tijdens het proces werd er, door mensen die vonden dat ze niet op de juiste positie stonden, gewisseld. In de meeste gevallen werd er gewisseld om een stap dichterbij een persoon te komen die men minder goed kende, maar met wie men een sterkere band wilde opbouwen. Dit was al een stap in de richting naar de volgende opdracht; het maken van nieuwe verbindingen. Om de bestaande verbindingen te verbeelden, werden deze gevisualiseerd door een touw. De samenwerking verliep hierbij soepel. Vervolgens werd gevraagd om een persoon te zoeken die voor je gevoel het verst van je weg stond. Met deze persoon werd de volgende opdracht

23


Case Study 6.0/ Het Parkhuis

Het onderzoek/ 5. Werken met de Toolbox

26

g n i r e n o i t i Pos

27

uitgevoerd waarbij instrumenten uit de Toolbox als communicatie-hulpmiddel werden ingezet. Zo werd het gesprek aangegaan en werden de onderlinge verhoudingen zichtbaar. Wie nam de leiding en wie volgde? De inzet van de instrumenten bleek goed te werken. Elk duo, trio of kwartet zonderde zich tijdelijk af van de rest en creĂŤerde een eigen zone aan de randen van de ruimte. In het nagesprek kwamen de deelnemers tot een conclusie: de groep heeft een open karakter, maar is wel enigszins afwachtend. Men reageert op de anderen binnen de groep, mensen zijn immers kuddedieren. Er zijn triggers van anderen nodig om tot actie te komen. In het Parkhuis zal het belangrijk zijn dat de activiteiten tot op zekere hoogte zichtbaar zijn voor iedereen. Wanneer de mensen in een groep op elkaar zijn ingespeeld, resulteert dit in effectieve communicatie. Het is van belang om bij de activiteiten constant de samenwerking op te zoeken. De meerwaarde van het Parkhuis ligt in deze samenwerking.


Case Study6.0/ Het Parkhuis

Het ontwerp/6. Flexibele scheidingen

26

27


Case Study 5.0/ Mapping Nomadic Work

Het onderzoek/ 5. Werken met de Toolbox

28

g n i d u o H

29


Case Study 6.0/ Het Parkhuis

Beweg ing

Het onderzoek/ 5. Werken met de Toolbox

32

33


Case Study 6.0/ Het Parkhuis

Het onderzoek/ 5. Werken met de Toolbox

34

35

d i e h r a a b t h c i Z


Case Study 6.0/ Het Parkhuis

Het onderzoek/ 5. Werken met de Toolbox

36

Indelin g

37


Case Study 6.0/ Het Parkhuis

6

Het ontwerp

‘HET PARKHUISCONCEPT VRAAGT OM GELEIDELIJKE OVERGANGEN.’

6. Flexibele scheidingen 36

37

Het Parkhuis

onderscheidt zich van andere werklocaties door de wijze

waarop participanten en gebruikers er samenwerken. Aangezien ‘verbinden’ een belangrijk uitgangspunt van het Parkhuisconcept is, vraagt het ontwerp niet om harde grenzen, maar om geleidelijke overgangen. De flexibele scheidingen geven de gebruikers de mogelijkheid om sneller met elkaar in contact te komen. Daarnaast blijft het mogelijk elkaar in aparte ruimten te ontmoeten en zijn de ruimten afsluitbaar. De participanten kunnen de ruimten indien gewenst openen en afsluiten. Het onderzoek om een ontwerpvisie voor het Parkhuis te ontwikkelen, richtte zich uitsluitend op de begane grond. De voorgaande analyses in combinatie met het onderzoek naar de gebruikers, de functies en de conclusies lagen ten gronslag aan dit ontwerp. De twee voorzieningen die zich op de begane grond zullen vestigen zijn een kinderdagverblijf en een café-restaurant. Het kinderdagverblijf zal aan de rechterkant gesitueerd worden en de horecavoorziening links. De relatie tussen binnen en buiten is van groot belang. Het park komt uiteindelijk uit bij het Parkhuis, dat een plek om te zitten, wat te drinken en een hapje te eten biedt. Bij mooi weer is de gevel geopend en lopen de binnen- en buitenruimte vloeiend in elkaar over.


Het ontwerp/6. Flexibele scheidingen

Case Study 6.0/ Het Parkhuis

Centraal in het Parkhuis is de keuken, die vanuit alle kanten zichtbaar is. Naast een grote open zitruimte zijn er meerdere multifunctionele, afsluitbare ruimten. Zo kan de begane grond onder meer gebruikt worden als kinderdagverblijf, maar ook om kinderfeestjes of kookworkshops of vergaderingen te houden. Zo kun je in het Parkhuis makkelijk in contact komen (en blijven) met andere bezoekers. Het kinderdagverblijf moet compleet afgesloten kunnen worden, om de veiligheid van de kinderen te kunnen waarborgen. Overdag zijn de ruimten daardoor ook gescheiden, hoewel er altijd doorkijkjes zijn. Wanneer het kinderdagverblijf niet in gebruik is, kunnen de ruimten

Ontwerpproces: relatie binnen/buiten

Ontwerpproces: expositieruimte

worden opengezet waardoor deze toegankelijk worden en een horecafunctie kunnen krijgen.

38

39

Ontwerpproces: zichtbaarheid

Ontwerpproces: fietspad

Ontwerpproces: keukenblok

Ontwerpproces: tunnel

Ontwerpproces: flexibele wanden

Ontwerpproces: variabele wanden


Case Study 6.0/ Het Parkhuis

Het ontwerp/6. Flexibele scheidingen

40

41


Case Study 6.0/ Het Parkhuis

Het ontwerp/6. Flexibele scheidingen

42

Kinderdagverblijf

43

CafĂŠ-restaurant


Case Study6.0/ Het Parkhuis

Translation PREFACE Ashley Hoekerd en Maarten Mulder, two of the Master students at Corporeal Master Interior Architecture at the ArtEZ University, researched, within the framework of their Case Study from September, 2016 through September, 2017, and as commissioned by the Association Amersfoortse Parkhuis, how multiple parties could make use of the old boiler house which in the past used to be a part of the Saint Elisabeth Hospital complex in the city of Amersfoort. The primary task was to develop a blueprint based upon which the Parkhuis could be transformed into an active workspace for people to work and meet together. Rather than strictly separated rooms, the students created a plan which offers an open and accessible structure. The idea for this plan is to create a key to connect people, thereby laying the basis for, intensifying and keeping contacts among them. This open concept demands a design task with which the role of the owners and the utilization by third parties are completed in a new manner.

44

Ingrid van Zanten Principal Corporeal/ ArtEZ Master Interior Architecture Irene Müller Senior Lecturer MIAN Ashley Hoekerd and Maarten Mulder work together under the name MIAN (Master Interior Architecture Network) In the summer of 2016 Ashley obtained her Bachelor’s Degree in interior architecture from the ArtEZ Art Academy in Zwolle. During her master’s study she concentrated on man’s needs and what is valued in today’s world. She looks at what is already available so as to introduce new elements of essential value. Her interest focuses on the human interaction with the space and with each other. This physical element is an interwoven part of her designs. After graduation in 2015 from the Windesheim Academy with a degree in product design, Maarten gained one year working experience in a metal plant. To expand his knowledge and to apply his skills in spatial perspective he chose the Master’s program of ArtEZ. In his designs he searches for factors of that have an inhibitory effect on the human thought and action process in this constantly accelerating society.

INTRODUCTION 1.The Parkhuis In the Randenbroek section of the city of Amersfoort a brick smokestack rises above the busy street scene. It is the chimney of the boiler house of the former St. Elisabeth Hospital which opened its doors there in 1969. The St. Elisabeth Hospital The first hospital in Amersfoort was located from 1578 to 1987 at Muurhuizen 33. The so-called ‘Gasthuys’ (Guest House) could accommodate up to three patients: ‘(…) one or more miserable bedridden people who did not suffer from any contagious ailment.’ In 1906 the St. Elisabeth Hospital moves into a new building located in the Sint Andriesstraat and in 1969 the hospital relocates

to the Heiligenbergerweg. In 1980 it merges with a number of other regional hospitals and it continues in its location in the Heiligenbergerweg under the new name of ‘Meander Medisch Centrum’. At the end of the last century it was announced that the Meander Medical Centrum was going to relocate: from the Heiligenbergerweg to the Maatweg, situated on Amersfoort’s north side. The future of the building complex in the Heiligenbergerweg remained unclear for a long time. Soon concerned citizens established the Foundation ‘Heiligenbergerbeekdal’ which ultimately led to a ‘green’ destination plan; the only pieces left untouched were the boiler house with its impressive smoke stack. The remainder of the grounds, bordering Park Randenbroek, Vosheuvel and – on the opposite side of the highway – the Lockhorst Estate, would be transformed into a green city park. Thus, Amersfoort’s south side would be enriched with a green-blue lung: ‘Het Beekdal’. Although not customarily practiced, this time those citizens living in the surroundings were invited to be involved in the development plans for the park. Together with them a concept for the park was put together. This is, however, not all, because not only the installation of the park, but also the responsibility for its management lies with the local population. Once the plan has been executed, the old boiler house with its monumental chimney will be the only thing left in the park. After being repurposed and reconstructed the boiler house will function under the name ‘Parkhuis’. It will be the heart of the surrounding city districts and a refuge for the hasty city dwellers. Metaphor Where once there were impenetrable walls, now are flexible dividers. Compare them with the foam in your dishwater. The spaces in the Parkhuis have the same function as bubbles in soapy water. They go together and others divide themselves; spaces for various activities; spaces connecting participants and users because of their flexible and transparant character. To show how this extraordinary character can be realized, we present our Case Study. The building in which the Parkhuis has been established, was ‘discovered’ by three promoters to whom we refer as the pioneers. They organized a crowd funding initiative with the intention to make as many citizens of the district and the city co-owners of the Parkhuis. The people who will have a business in the Parkhuis are called participants; they are in charge of activities, services and whites going on in the building. The visitors of the Parkhuis are those who avail themselves of the services and take part in the activities, and we call them the users. In the Parkhuis these three groups come together, the pioneers, the participants and the users. Together they are responsible for the dynamic of the Parkhuis. 2. The Participants The initiators are Marc, Ilse and Michiel, who are the founders of the Parkhuis. These three pioneers have gathered a number of partners. These partners, in turn, own their own business, organization or club; a day care center; a restaurant entity; a screen print workshop; a music studio; a church; a yoga studio an after-school care center; and a bridge club. They will start using the Parkhuis and the partners will from now on carry out their activities and services under the Parkhuis ‘brand’.

45


Case Study 6.0/ Het Parkhuis OBSERVATIONS ‘Future trends and developments will make their influence be felt on the scene of the workplace. Work is being carried out in steadily changing places in the city, for instance, because of the erection of new buildings. This results in unexpected work locations and employment patterns, spread across the city. They do not always fit into the planned infrastructure. Furthermore, living and working are more and more melding together. Commuters move are increasingly criss-crossing through and between cities.’ (Planbureau voor de Leefomgeving, 2016) 3. Connect Every day 150 thousand people wake up in Amersfoort. The city comes to life. A father drops off his child at the day care center in the Parkhuis after which he continues to drive to work. An old gentleman leaves his house a bit later, goes for a cup of coffee to the ‘Park Café’ meeting up with his fellow citizens. A mother gets on her bicycle and leaves for the Parkhuis to start a new work day as child care giver. The Parkhuis is the place where citizens convene. The place where both young and old meet and which holds many elements to discover and experience. The key is to connect. The Parkhuis is situated in the Randenbroek district. This southeast section of the city houses over 7 thousand people, 21 percent of whom are younger than twenty years; 62 percent are adults between the ages of 20 and 64 years; and 17 percent are elderly (65 years and older). To gain a good impression of the inhabitants and their daily activities we are imagining a number of characters. Each character represents a user category. The Children’s Day Care Center For the location of the children’s day care center we analyzed the needs of a child. Based on the points of interest that were derived from the study, a concept for a children’s room was created. Children are curious and like to discover, which is something to stimulate their senses. Aside from that they should be offered structure and separate functional rooms should be created. Children need interesting little nooks because they see the world from a differently scaled perspective. They need small-scale furniture; increased or decreased heights in the room help them teach about their surroundings in their own way. Imagination An average Friday afternoon at the Heiligenbergerweg. From the street corner a bus approaches. An elderly man and his wife get out of the bus. He looks up at the big chimney rising above the yellow brick building. They walk together to the entrance of the Parkhuis. Once inside, he notices many fathers and mothers – it appears to be rush hour. The man follows his wife to the child care center where they are going to pick up their grand daughter because her parents are going out of town for the weekend. The man starts a conversation with and old acquaintance sitting at a table who suggests that he come back next week to take a look at the bridge club. The two men look up startled when a father passes by them with in his arms a screaming and hungry baby, clutching a stuffed toy. It reminds them of the days when they were new fathers themselves. The old man looks up and sees his grand daughter and his wife busy in a toy kitchen – maybe she is going to be a cook when she grows up. Next to them elementary school age children are playing with technical toys; the future may change again unexpectedly.

Translation

Suddenly the telephone rings. An employee answers. On the other side of the phone it is noisy. The employee quickly turns the pages of the calendar and lets out a sigh of relief because she has been able to reserve a meeting room for the businessman. It is Tuesday morning. Squealing children run into the gymnasium while the instructor gives directions from the side lines. The door at the top of the big steel staircase on the side of the Parkhuis gives access to a hallway revealing children’s coats on the coat hooks. On either side of the hallway there are doors. Behind one of them children are seated in a circle, singing songs; behind another door toddlers are crawling. On work days this space is being used by the child care center Bzzzonder, but on the weekend it transforms into a meeting place for, among others, the administration of the soccer club CJVV Amersfoort. The children’s chairs and doll corners of the child care facility are on those days replaced by meeting tables and a beer tap.

Grouping This tool serves to visualize the relationship between the individual and the group. Take the game board and game pieces out of the Tool Box. Place the people figures, walls and blocks on the board and create rooms. Make a global division. Which structures are created? Who is standing where and in which way are the rooms divided from each other?

THE RESEARCH

THE TOOLS 4. The Tool Box Connection is the focal point of the Parkhuis concept. The Parkhuis distinguishes itself from other work spaces through the manner in which its users work together. Prior to the design phase we developed a so-called ‘Tool box' with which we enabled ourselves to research the different aspects of the space and its future users. The tools contained in the box we used to understand positioning, behavior, visibility, movement and grouping. Positioning Take the cards depicted above from the Tool box. Chose one person as a leader. This person needs to position the remainder of the group. He or she positions the group vis-à-vis him or herself. Who is nearest – who is furthest away? The next step is to connect the people with the rope. Lines are drawn to the three nearest people. What is it that connects the people from the group? Behavior To research the behavior of people with respect to one another one removes the top and bottom of the Toolbox. Sit, stand or lie across from each other. Change the height and the position. Which position gives the impression of being equal, which one is intimidating, when do you project power, and what is the response to this behavior? Visibility Take the frames out of the Tool Box. Place the frame at the height of your head. Walk through the space, increase and decrease the distance to other people and objects. The next step is to choose a partner who should be located at the other side of the frame. What do you see; what is (in)visible and when are you (in)visible? Movement Take the depicted objects out of the Tool Box. Put a ring on one finger of each hand. Now choose a partner who puts on the other ring. Movement is the focal point of this Space Tool. Move through the room and affect each other by moving your arms and feet and increasing and decreasing the distance between each other. Who is leading and who is following? When is tension created?

48

5. The Practical Use of the Tool Box During the workshop with the participants a number of interesting things came to light. For instance, it turned out that when a case was presented to allow a group of Moroccan youngsters to chill in the building. One reacted with enthusiasm, another with reservation and others started a discussion. This phenomenon manifests itself in every group; some people take the lead and others wait and see. There are leaders and followers. It never just happens smoothly without confrontation; one needs to learn to deal with friction. This friction decreases when people start to know each other better and gain understanding of what makes the other person tick. This is a crucial part of mutual relationships. During the second part of the workshop the mutual relationships within the group were observed. When asked who wanted to be the first to take charge, the reaction came later than anticipated. In particular within a group where earlier people had taken the lead. One of these persons was asked to position the members of the group based on the relationship between the other people and his own position within the group. This exercise produced a tightly structured group and this was a positive experience for the group. During the process people changed places because they did not feel they were in the correct position. In most cases the changes were made to get closer to a person they did not know very well but with whom they wanted to bond. This was already a step in the direction to the next task, which was to form new liaisons. To picture the connections they were visualized with a rope. The cooperation went smoothly. Subsequently they were asked to find a person who they felt was furthest away from you. With this person the next task was executed which required the use of the instruments from the Tool Box as communication devices. Thus the conversation was started and mutual interactions became visible. Who took the lead and who followed? The use of the instruments turned out to work well. Every twosome, threesome or foursome temporarily isolated itself from the rest and thus made its own zone near the boundaries of the space. during the concluding talk the participants came to the conclusion that the group had an open character, but is somewhat standoffish. One reacts to the others within the group because after all people are herd animals. They need triggers from others to spring into action. In the Parkhuis it will be important to make actions transparent for everyone, to a certain extent. Effective communication will be possible once the people in a group are mailer with one another. It is important to constantly seek cooperation for the activities. The added value of the Parkhuis lies within this cooperation.

THE DESIGN 6. Flexible dividers The Parkhuis distinguishes itself from other work spaces through the manner in which participants and users work together. Because ‘connection’ is an important starting point of the Parkhuis concept, the design does not require firm boundaries, but rather wants gradual transitions. The flexible dividers provide the users with the possibility to quicker contact each other. In addition, it remains possible to meet each other in separate rooms which can be closed. The participants can open and close the rooms as desired. The research to develop a design vision for the Parkhuis only focused on the ground floor. The above analysis combined with the research of the users, the functions and conclusions were the basis of this design. The two entities that will be established on the ground floor are a children’s day care center and a café. The day care center will be located on the right side and the restaurant facility on the left. The relationship between inside and outside is of great importance. The park ends up at the Parkhuis, which offers a place to sit, have a drink and eat a snack. When the weather is nice the facade will be open and the inside and outside spaces transition fluidly into one another. The kitchen is centrally located in the Parkhuis and is visible from all directions. In addition to a large, open seating area, there are various multi-functional rooms which can be closed. This way the ground floor can, among other things, be used as a children’s day care center, but also for children’s parties or a cooking class, or to have meetings. This way one can easily make and maintain contact with other visitors. The children’s day care center needs to have the capability to be closed off entirely in order to ensure the safety of the children. Thus, during the daytime the rooms are separated, although there are areas to peek through. Whenever the day care center is not in use, the rooms can be opened up and made accessible for restaurant functions.

49


Case Study 6.0/ Het Parkhuis

Colofon 2017 Report Case Study 6.0/ Het Parkhuis Corporeal/ArtEZ Master Interieurarchitectuur Case Study 6.0 kwam tot stand in samenwerking met het Parkhuis, Amersfoort Begeleidend docent Irene MĂźller Opdrachtgever Marc van Leent, Ilse Kamphuis, Michiel van Rennes Illustraties Ashley Hoekerd Maarten Mulder Fotografie Ashley Hoekerd Maarten Mulder Grafisch ontwerp Office for Design, Loek Kemming Redactie/ tekstcorrectie Office for Design, Noudi SpĂśnhoff Vertaling Veronique Sarofeen Productie Drukkerij Loor, Varsseveld

ArtEZ Hogeschool voor de Kunsten Rhijnvis Feithlaan 50 8021 AM Zwolle www.corporeal.artez.nl www.artez.nl

ArtEZ hogeschool voor de kunsten

50


Ashley Hoekerd en Maarten Mulder, twee Masterstudenten van Corporeal, Master Interieurarchitectuur van Hogeschool voor de Kunsten, ArtEZ,onderzochten in het kader van hun Case Study van september 2016 tot september 2017, in opdracht van de stichting Parkhuis, hoe meerdere partijen gebruik kunnen maken van het oude ketelhuis dat vroeger deel uitmaakte van het Sint Elisabeth Ziekenhuis complex te Amersfoort. In dit report doen ze verslag van hun bevindingen en presenteren ze hun verrassende oplossingen.

Profile for Corpo-real ArtEZ archives

corpo-real Case study 6.0 parkhuis 2017  

Ashley Hoekerd en Maarten Mulder, two of the Master students at Corpo-real Master Interior Architecture at the ArtEZ University, researched,...

corpo-real Case study 6.0 parkhuis 2017  

Ashley Hoekerd en Maarten Mulder, two of the Master students at Corpo-real Master Interior Architecture at the ArtEZ University, researched,...

Advertisement